Issuu on Google+

100 j aar Kam p o ng S.V. Kampong 1902 - 2002

1902 - 1920

1920 - 1930

1930 - 1940

1940 - 1950

1950 - 1960

1960 - 1970

1970 - 1980

1980 - 1990

1990 - 2002


Hoe dit boek te lezen?

Wat is de overeenkomst tussen de jaren 1922, 1952 en 1982 en 2002? Het goede antwoord luidt dat Kampong in elk van deze vier jaren een lustrumboek publiceerde. Drie maal eerder is de geschiedenis van Kampong dus al op papier gezet, telkens vanuit een andere invalshoek. Nu inmiddels weer twintig bewogen jaren voorbij zijn, leek het eeuwfeest van 2002 de ideale gelegenheid voor een eigentijdse synthese van wat vooraf is gegaan. 'Eigentijds'. Dat is zowel qua vormgeving als qua inhoud het uitgangspunt geweest bij het maken van dit boek. Geen ellenlange beschouwingen met een enkel fotootje als illustratie, maar een levendige en kleurrijke afwisseling van 'het grote verhaal' met puntige citaten, trefzekere karakteriseringen, lichtvoetige terzijdes en veel beeldmateriaal. Om de lezer in deze ogenschijnlijke wirwar houvast te bieden, is gekozen voor een strikt chronologische opzet in negen hoofdstukken, die behalve het eerste en het laatste hoofdstuk telkens een decennium beslaan. Bij wijze van inleiding begint elk hoofdstuk met een pagina tekst, waarin de grote lijn van die periode wordt samengevat. Vervolgens worden gebeurtenissen beschreven, die in sportief opzicht opmerkelijk of vanuit maatschappelijk oogpunt typerend waren voor de betreffende tien jaar. Bij het selecteren van materiaal is veelvuldig gebruik gemaakt van eerder gepubliceerde artikelen en interviews. Alle uit andere bronnen overgenomen teksten zijn in dit boek cursief afgedrukt. Enkele leden speciaal voor dit eeuwboek ge誰nterviewd. Hun citaten staan op de volgende bladzijden tussen aanhalingstekens. Om de samenhang tussen verleden en heden te accentueren komen dwars door het historische verhaal heen 15 Kampongers van nu aan het woord. In mini-interviewtjes verwoorden zij hun Kampong-gevoel en noemen zij hun ultieme Kampong-moment. De negen hoofdstukken worden elk afgesloten met een pagina waarop, deels in grafische vorm, diverse ontwikkelingen binnen Kampong tussen 1902 en 2002 op een rijtje worden gezet.


Het Kamponglied

Wanneer het gerenommeerde Kampong-

Kita orang, dari Kampong, la, la, la, la,

En aangezien de Kampong hoe langer

Kom Kampongvrinden, wij blijven getrouw,

strijkje op de clubavonden de eerste

tra, la, la, la. Dit schoone vers is in zijn

hoe minder Indische leden telt, in Indië

De club die wij allen zoo zijn genegen,

tonen van ons clublied inzet, staat ieder

geheel als volgt:

zelf zitten er genoeg en allemaal goeie,

De naam op 't voetbalveld verkregen,

helaas, heeft een jeugdig enthousiast

De frissche kleuren, het wit en blauw.

der aanwezigen van zijn stoel op om met volle borst te zingen het… Ja, wat eigen­

Kita orang, dari Kampong,

in bovenvermelde magere jaren een

lijk? Het Kamponglied? Dat weet de

Tida soeka minta ampong.

vertaling gegeven, die volgens de

Het is de trouw die ons clubleven siert,

fanatieke Kamponger zelf niet, of 't

Soeka menang serang kali,

menschen die 't weten kunnen, buiten-

Dat is de trots in de moeilijke dagen,

'Het Kamponglied' is of een surrogaat uit

Djangan Kali Bansak brani.

gewoon vrij is. Wat jullie dan zingen

Dapper zullen wij ze dragen,

op de clubavonden is, als ik 't goed

Totdat de Kampong weer zegeviert.

de mobilisatie, dus uit de slechte jaren. Niemand weet het eigenlijk. Wat zongen

Djangan tjoba main mentjoerang,

ze dan vroeger, heb ik eens aan een der

Begitoe Kita tida mau menang.

ouderen gevraagd. Antwoord:

Byan Kampong djadi besar, Londas Kita baroe senang.

Kampongclublied in het handschrift van Dits Sakkers

gehoord heb, het volgende: (Kampongblaadje, 13 februari 1922)


Woord vooraf

Toen ik in 1970 ongeveer een jaar voorzitter van Kampong was, drukte het toenmalige clubblad de Kraton de trucage-foto van mij af die ook in dit eeuwboek is terug te vinden. Op die foto droom ik over tennis op Kampong. Uit de manier waarop ik erbij lig, kun je als lezer concluderen dat dat geen onaangename droom was, maar de bedoeling van de Kraton-redactie was anders: Die voorzitter van ons is een wereldvreemde dromer. Tennis op Kampong, hoe komt hij op de gedachte? Een jaar eerder had ik voor het eerst mijn ideeën ontvouwd over Kampong als omnivereniging, als moderne sportorganisatie voor het hele gezin. Dat was in die tijd bepaald geen onomstreden gedachte en op Kampong was er naast steun voor mijn ideeën ook flink wat verzet. In lange vergaderingen werden de voors en tegens met grote heftigheid bediscussieerd en een tijdlang was het zelfs de vraag of de omnivereniging er zou komen. Dit voorjaar liep ik op een mooie avond langs de tennisbanen naar het clubhuis. Er werd enthousiast geserveerd en gevolleyd en verderop wandelden een paar squashers het clubhuis binnen. Opeens moest ik weer denken aan die oude foto en aan de tijd waarin hij werd afgedrukt. Even werd ik filosofisch. Stel dat de tegenstanders indertijd hun zin hadden gekregen. Hoe zou het honderdjarige Kampong er dan uit hebben gezien? Zou de club nog wel hebben bestaan? Maar als snel won de realist in mij het van de filosoof. Wat heeft het voor zin om vragen te stellen waarop toch niemand antwoord kan geven? Ik keek om me heen, zag tevreden sporters op een geweldig complex, en kon maar één ding concluderen: de omnivereniging leeft en bruist en is kerngezond. Hebben wij in de jaren zeventig dus de goede keuze gemaakt? Daar gaat het niet om. We hebben gekozen. In dit eeuwboek wordt de geschiedenis van honderd jaar Kampong beschreven als een bonte mengeling ‘faits divers’. Maar die grote reeks kleine gebeurtenissen ontleent zijn samenhang aan een aantal keuzes. Zo is uit de dwerg van 'de Driehoek' gaandeweg de sportreus van Maarschalkerweerd gegroeid. Had het ook anders kunnen gaan? Natuurlijk had dat gekund, alleen zullen wij het nooit weten. Wat wij weten is hoe het is gegaan, want dat staat in dit boek beschreven. Ook nu Kampong honderd jaar bestaat, ziet het bestuur zich weer gesteld voor ingrijpende keuzes. Er moeten beslissingen worden genomen, die bepalend zullen zijn voor de toekomst van de club. Dit eeuwboek kan het bestuur daarbij niet van nut zijn. Wat het wel kan, is tonen dat Kampong altijd Kampong blijft, welke richting ook wordt ingeslagen. Zo was het in het verleden en zo zal het in de toekomst zijn. Ik wens de lezer veel leesplezier en 'de Kampong' een goede en sportieve toekomst. Willem F. Cornelis, erevoorzitter van de SV Kampong


Inhoud

1. Een goed begin

7

De kouwe aardappelenbuurt krijgt een voetbalclub

2. Naar Welgelegen

27

Het verenigingsleven groeit en bloeit

3. Nieuwe dimensies

49

Dames en hockeyers in de Kampong

4. Oorlog en vrede

69

Vijf zware jaren en een nieuw begin

5. De grijze jaren ‘50

89

Op het kalme ritme van rust en traditie

6. Landskampioen

109

De eerste hockeysuccessen en andere gewichtige zaken

7. Van dwerg tot sportreus

129

Twee ‘angry young men’ en de omnigedachte

8. De groei gaat door

149

Kampong boekt zijn grootste scuccessen

9. Club of bedrijf? Roerige jaren op de drempel van het millennium

169


1902

1920


Het eerste elftal rond 1910

1. Een goed begin

De kouwe aardappelenbuur t krijgt een voetbalclub

Jongens waren we, maar aardige jongens. Het kan bijna niet

eerste bange jaren en krijgt in 1904 zelfs een heus bestuur. Na

anders of de schrijver Nescio heeft bij het neerpennen van de

drie jaar is echter duidelijk dat ook deze club geen lang leven

beroemde openingszin van Titaantjes in 1915 de spelers van

beschoren zal zijn als zij niet beslag weet te leggen op een

Kampong voor ogen. Al een paar jaar voordat de club wordt

eigen veld. Veel Kampongleden zijn ook lid of in ieder geval

opgericht, komen lagere scholieren bij elkaar op de weilanden

supporter van Hercules, de grote club in Utrecht, en hoe gezellig

achter ’t Ooglijdersgesticht om goaltje te sjotten. Een van die

het ook is in de Zeeheldenbuurt en hoe vaak Kampong ook wordt

schooljongens, ‘lange Bernhard’ Remmers, heeft een mooie

uitgenodigd voor vriendschappelijke wedstrijden, zonder eigen

lederen bal en dat is voor een paar oudere jongens uit de buurt

veld is de club ten dode opgeschreven.

een goede reden om een voetbalclub op te richten. Als naam

In 1905 wordt dan ook besloten om een stuk weiland aan de

wordt UVV Victoria gekozen en vanwege zijn bal mag Remmers

Blauwkapelseweg te huren. Bijna recht tegenover dat veld ligt

voorzitter worden. Zo aardig zijn die oudere jongens trouwens

een café met achter het biljart een luik dat naar een vochtige

niet, want korte tijd later nemen zij de macht over. Niet alleen

kelder voert, gestoffeerd met lege biervaten. Ideaal is het niet,

zetten zij Remmers af, zij pikken ook zijn bal in, als zijnde

maar behalve een veld heeft de jonge club nu zelfs een eigen

materiaal van Victoria.

kleedkamer met uitzicht op het Zwarte Water.

De vreugde is so-wie-so van korte duur, want al na enkele maan-

De keuze voor competitievoetbal blijkt een goede greep, want

den vertrekt een deel van de leden naar concurrent Hercules,

al in het eerste seizoen wordt het kampioenschap van de tweede

dat immers over een heus voetbalveld beschikt en daardoor kan

klasse der Utrechtse Provinciale Voetbalbond behaald. In hoog

uitkomen in de officiële competitie. De bal gaat mee en, meldt

tempo stomen de voetballers door naar de (dan nog niet

het allereerste Kampongblaadje in 1906: ’t werd weer stil op de

Koninklijke) Nederlandse Voetbalbond, waar zij in 1910 een kort

landen achter ’t Ooglijdersgesticht. De achterblijvers buigen

moment op de rand van de landelijke eerste klasse balanceren.

echter niet voor dit verraad en gaan op zoek naar een nieuwe

In de zomermaanden wordt veelal onderling gecricket, maar in

bal. Zodra die is gevonden, richten zij de club in 1900 opnieuw

1912 wordt door Kampong voor het eerst in competitieverband

op, nu onder de naam Unitas (Eenheid). Maar ook deze prille club

met het wilgenhout gezwaaid.

gaat na korte tijd ter ziele. Een zelfde lot treft JEMKA

De club lijkt een grote toekomst tegemoet te gaan. Maar dan

(Jeugd En Moed Kunnen Alles) dat in 1901 de geest geeft.

keren de kansen. Niet alleen lopen de prestaties terug, ook de

Doorzettingsvermogen kan onze voorgangers niet ontzegd worden.

verhuizing naar het verre Zuilen doet Kampong geen goed. Tussen

Zij blijven voetballen en ‘s zomers ook cricketen op een drie-

1916 en 1920 gaan regelmatig stemmen op om de club maar

hoekig grasveldje in de Zeeheldenbuurt, en op 29 september

helemaal op te heffen. Een klein clubje getrouwen onder leiding

1902 wordt weer een club opgericht. Viermaal is kennelijk

van Tinus Welle weet de moed er echter in te houden. En hoewel

scheepsrecht, want de Utrechtse Voetbal en Cricket Vereeniging

Kampong in 1920 naar de derde klasse degradeert, staat de club

Kampong zoals de club deze keer wordt genoemd, overleeft de

dan aan de vooravond van een nieuwe bloeiperiode.

7


De naam Kampong

Over de oorsprong van de naam Kampong doen twee verschil­

Een en ander wordt onderstreept door een passage in één van de

lende verhalen de ronde. De meest gehoorde verklaring is dat

eerste, handgeschreven Kampongblaadjes uit 1906, waaruit blijkt

de jongens die de club oprichten, uit families komen die nauwe

dat spelers van buiten de nieuwe wijk in eerste instantie niet

banden onderhouden met Nederlands-Indië. Niet voor niets

welkom waren.

heeft het eerste clublied een Maleise tekst. In die families wordt vaak met weemoed gesproken over het grote saamhorigheids­

Ook waren er verscheidene ‘groote geesten’ die iedereen die niet

gevoel dat de bewoners van de kampongs in Indië kenmerkte.

in de Kampong woonde, en zich opgaf als lid, eruit stemden; en

Dat alles maakt op de romantische ‘knapen’ zoveel indruk dat

waarom? Wel, was het antwoord dezer groote geesten, die kerel

de naam Kampong zich na eerdere Latijnse probeersels als

woont niet in de Kampong, dus eruit.

vanzelf opdringt als naam voor de nieuwe club.

Alle fraaie bedenksels ten spijt is de naam Kampong dus niets

Een al even romantische verklaring wordt in het jaar 2000 in

meer of minder dan de roepnaam van een wijk, vergelijkbaar

de Volkskrant gegeven door G. Blom, zoon van één van de

met de naam Sterrenwijk.

Kampongers van het eerste uur. Volgens Blom is zijn dan pas dertienjarige vader, net als diens vriendjes, zeer onder de indruk van het verzet van de bewoners van de kampongs in Atjeh tegen de gewelddadige acties van het Nederlandse leger. Uit bewondering voor de moed van de slechts met krissen bewapende dorpelingen kiezen zij voor de naam Kampong.

Soedara’s

Het lijkt er echter op dat geen van deze twee verklaringen klopt,

8

al komt de eerste het dichtst bij de waarheid. Aan het eind van

‘Kita orang dari Kampong’. Dat waren zoowat de eenige

de negentiende eeuw worden verschillende families (Doorman,

maleische woorden, die ik kende, toen ik te Priok aan wal

Van Dijk, Smits) uit Indië gerepatrieerd en krijgen huizen in

stapte. ‘Wij zijn menschen van één Kampong’. Gij,

een ‘nieuwbouwwijk’ aan de rand van de stad. Omdat die

Hollandsche Jongens, weet gij wel, wat dat in Indië wil

Zee-heldenbuurt - die in de volksmond al snel de kouwe aard­

zeggen? ‘Menschen van één Kampong’, ofwel soedara’s, dat

appelen­buurt gaat heten - nog niet door een brug over de Biltse

wil zeggen steeds voor elkaar leven, helpen waar te helpen

Grift met de rest van Utrecht is verbonden, heeft zij voor de

valt, aan elkaar hangen als klitten (in de goede beteekenis

nieuwe bewoners de besloten sfeer die ook de hun bekende

van het woord). Wat blijde gezichten wanneer een

Indische kampongs kenmerkt. Vandaar dat zij hun buurt al snel

Kamponger na jaren weer een van zijn soedara’s tegenkomt.

de Kampong gaan noemen.

(Lou Ragay over zijn aankomst in Indië)


’n Fleschje spuit

20 jaar geleden al dat we jongens waren nog, ’n kluitje

Plusminus 30 cent

jongens, die samen om een bal wriemelden, die van de lange Bernhard was…en waaromheen we samen een clubje

Maar geld dat was er niet, en toen de bal stuk was, ja, velen

oprichtten, waarvoor we samen alles deden toen…. in den

zullen ’t zich nog herinneren, toen hebben we een loopwedstrijd

Driehoek waar toen nog gras groeide, en langs ’t Breede

gehouden om de driehoek, voor de groote lui, en de winnaar

Water…samen ‘vergaderden’ onder ’t genot van ’n fleschje

mocht een collecte houden, welke plusminus 30 cent heeft

‘spuit’ en duimpjesdrop en tooverballen…..de commissaris

opgebracht. Nu werd de bal gelapt en er werd weer gespeeld.

van materieel prefereerde zoethout.

Later betaalde ieder lid 2 cent per week.

(John Smits, speler van het eerste Kampongteam)

(Uit het eerste Kampongblad over de bal van Remmers)

1902

De Driehoek, bakermat van Kampong 9


Welke sporten werden in de begintijd op Kampong beoefend?

Naast voetbal en cricket is rugby de derde sport die vrijwel vanaf de oprichting op het programma staat, overigens alleen bedoeld als extra vorm van training op donderdagmiddag, de vrije middag van de Rijks HBS. Kennelijk telt Kampong veel HBS’ers onder zijn leden. In het blaadje van 1911 vinden we voorts deze opmerking: Veel meer is door de Kampong beoefend: snelloopen, wielrijden (denk maar aan de fietstochten), worstelen en schaatsenrijden. Als vanaf 1911 in Zuilen

wordt gespeeld, wordt op warme dagen waterpolo in de Vecht de volgende nieuwe Kampong-sport. En al snel komt ook atletiek in beeld als goede manier om de conditie te verbeteren. Voegen we daar nog ping-pong en het kaartspel whist op de clubavonden aan toe en het zal duidelijk zijn dat hockey en tennis zo ongeveer de enige sporten zijn waarvan in die eerste jaren op Kampong geen sprake is.

Aan den Blauwkapelschenweg

In 1904 werd ik lid van Kampong en speelde meteen in ’t eerste elftal als linksbuiten. Waar we speelden? Uit dien tijd herinner ik mijn optreden op het Hoogeland, den Driehoek en een terrein aan de Bleyenburgkade. Later gingen we naar den Blauwkapelschenweg. Over een sloot die het terrein van den weg scheidde, sloegen we zelf een brug - die later bezweken is - thuis maakten we de goalpalen schoon, wij schaafden en verfden ze opnieuw. De toegang tot ons terrein voerde door een hek over een aan een anderen boer behoorend terrein, waarop schapen graasden. Om dit te mogen passeeren, moesten we per jaar tien of vijftien gulden tolgeld betalen. We beschikten natuurlijk niet over veel zakgeld en de club kon zonder financiën niet bestaan. Zoodat ieder op middelen peinsde om zijn inkomsten te vergrooten. Ik verrichtte thuis allerlei werkjes: lijmde een kopje voor 2,5 cent en knipte tegen eenzelfde bedrag het gras. Kampong domineerde in al je handelingen. (Erelid Carel van Alphen in het Kampongblaadje, december 1931) 10


Een blutte kas

Financieel lijdt de nieuwe club in zijn eerste jaren een buitengewoon sober bestaan.

Herinner jelui die eerste tentoonstelling, schrijft John Smits in een herinnering, geniale

De contributie bedraagt twintig cent per maand, maar dat is niet voldoende om alle

vinding ter stijving van onze blutte kas, waar we ’s nachts waakten bij de geleende schatten,

onkosten te betalen. Vandaar dat in de zomer van 1904 wordt besloten om een

de ‘luier van Adam’ en ‘het geweer van Buffalo Bill’ en vele Indische curiosa? Ook Piet Blom

tentoonstelling te organiseren. Van her en der worden exotische curiosa bij elkaar

kijkt tevreden terug: Wat waren wij niet trotsch dat er in de echte krant een artikeltje stond

gehaald, en een zekere heer Josef wordt bereid gevonden om zijn schuur aan het

over onze tentoonstelling, dat er behalve vaders, moeders, zusters, broers en verwanten ook

eind van de Admiraal van Gentstraat beschikbaar te stellen. In die schuur worden

heel vreemde menschen kwamen kijken. Met welk een voldaan gevoel leidden wij die

‘s middags voorwerpen uit Nederlands- en Engels-Indië, uit Perzië, China en Zuid-Afrika

bezoekers rond, hun toonend dat wat de zoontjes thuis in de vorm van krissen, messen, kogels,

tentoongesteld. ‘s Avonds kan het publiek er genieten van voorstellingen van goochelaars

wajangpoppen, skeletdeelen hadden kunnen bemachtigen. O, humor was er ook. Als een echt

en andere artiesten. En, o wonder, in de pauze klinkt de phonograaf, terwijl zusjes

Chinees hemd, door Pa zelf uit Peking meegebracht, werd een ding vertoond dat wij thans met

van de spelers en hun vriendinnen thee schenken. Het initiatief heeft succes, want de

het woord nethempie zouden betitelen, maar ‘men’ vond dat toch wel heel mooi. Er was ook

tentoonstelling levert de lieve som van 100 gulden op, en wordt de volgende twee

een strijkje, alleen had dat maar één nummer op het programma, nl. De Hampelmann, maar

jaren dan ook herhaald.

dat eene stukje werd dan ook steeds gespeeld als er weer een heusche nieuwe gast was.

1904

De deerne uit de taveerne

Het was nog in de goeie ouwe voetbaltijd dat je als kippen naar ’t hok op handen en voeten over een plank naar de clubvestiaire kroop, te weten de kelder van een landelijke taveerne, waarin biervaten als stoelen fungeerden, ’n lekke petroleumlamp ’n kostelijk haargroeimiddel opleverde en onze altijd beminlijke praeses Cees Jan het op ’n accoordje met de deerne uit de taveerne had gegooid, om z’n voetbalkousen te stoppen. (Herinnering van een oud-speler aan het eerste ‘Kampongclubhuis’)

Voorzitter Cees Jan van Leeuwen met de krans voor het eerste kampioenschap

11


Kampioen der tweede klasse

Hoewel op 28 augustus 1905 de huur van het terrein aan de

kleine meerderheid valt de keuze op spelen in de tweede klasse

Blauwkapelseweg wordt beklonken, is het nog allerminst zeker

van de Utrechtse Provinciale Voetbal Bond.

dat Kampong ook competitie zal gaan spelen. Het voorafgaande jaar zijn - doorgaans op doordeweekse dagen - vriendschap­

De grote vraag is nu of Kampong daar wel wat te zoeken

pelijke wedstrijden gespeeld, tegen onder meer Hellas (Stedelijk

heeft. Maar al snel blijkt de club schier onverslaanbaar. Slechts

Gymnasium), Donar (Christelijk Gymnasium) en Presto (omgeving

twee keer wordt in dat eerste seizoen verloren, met als gevolg

Sterrenbos), en veel spelers willen daar liever mee doorgaan.

dat de blauw-witten met 18 punten uit 12 wedstrijden en met

De jongeren omdat hun ouders het niet goedvinden dat zij op

een doelsaldo van 58 -12 naar de eerste klasse promoveren.

zondag gaan spelen, de ouderen omdat die liever op woensdag

Een belangrijk aandeel in de successen heeft de nieuwe, van

en zaterdag blijven spelen. Op 2 september wordt de zaak in

Presto overgenomen, keeper Tinus Welle, die zijn doel gekleed

een emotionele algemene vergadering besproken en slechts met

in stropdas verdedigt.

1906

12

Schooljongens

Van een verschil tussen senioren en junioren heeft in 1906 nog

De foto van het kampioenselftal van 1906 laat zien dat het op

niemand gehoord. In navolging van de Engelse schoolsporten

enkele uitzonderingen na jongens zijn die in die beginjaren de

dient sportbeoefening ook in ons land in de eerste plaats het

blauw-witte kleuren verdedigen. In de stukken wordt regelmatig

pedagogisch ideaal van het opvoeden van de jeugd in de

melding gemaakt van spelers die van hun vaders niet mogen voet-

gedachte van ‘fair play’ en van het aloude ‘mens sana in corpore

ballen vanwege een slecht schoolrapport. Zelfs in 1920 domineren

sano’ (een gezonde geest in een gezond lichaam). Niet toevallig

de jongeren de club nog, getuige althans de opmerking van Joop

is het een zekere A. Knottnerus, leraar aan het Christelijk

Bax over een ledenvergadering in dat jaar: Ik geloof niet dat één

Gymnasium en bewoner van de Van Speijkstraat, die de jongens

van de aanwezige bestuursleden toen reeds met zijn studie klaar

in de eerste jaren begeleidt en die dan ook in 1904 tot ere-

was. Als de gemiddelde leeftijd van de andere aanwezigen zeven-

voorzitter wordt benoemd.

tien en een half jaar was, dan ben ik aan de hoge kant.


Wat voor boetes werden in de eerste jaren geheven?

1 gulden:

- Voor het houden van de bal voor een paar dagen na de wedstrijd. 50 cent:

- Voor wie zonder voorafgaande schriftelijke kennis geving niet op een algemene vergadering aanwezig is (geldt niet voor ereleden). - Voor aanvoerders die niet binnen 24 uur na een competitiewedstrijd de uitslag, de namen van spelers, scheidsrechter en grensrechter aan de secretaris melden. - Voor spelers die niet binnen 24 uur na de oproeping schriftelijk en met opgave van gegronde redenen afschrijven. - Voor het spelen met 'de Kampongbal' op een ander terrein dan het Kampongterrein. 25 cent:

- Voor spelers die niet spelen in het voorgeschreven clubkostuum. - Voor spelers die vervelend zijn op de training. (De training wordt zo druk bezocht dat als er al 22 spelers aanwezig zijn, nieuwkomers pas mee mogen doen als een van de al aanwezige spelers ermee ophoudt.) - Voor het wegblijven van de algemene vergadering zonder geldige reden. Het eerste elftal in 1906: Jongens waren we‌.

10 cent:

- Voor het verlaten der vergadering zonder voorkennis van de voorzitter. Wat een tijden, zeker als je bedenkt dat niet alleen het bestuur maar ook alle aanvoerders hun spelers een boete mogen opleggen.

13


Leukgezellig lustrum

In 1907 bestaat de club vijf jaar. De feestelijkheden van Zondag, schrijft een zekere Philo, och grootsch waren zij niet, maar leukgezellig, zoo geheel passend in het kader van onze leden. De dag begint met een onderlinge wedstrijd, waarna in een tent aan

het Breede Water de lunch klaarstaat. Nu begon de eetmatch en werd er gespeecht op zooveel verschillende onderwerpen en personen, dat men bijna uitgepraat raakte, behalve de rechterwing, die beschikte over ’n enorme flux de bouche en als we niet hadden moeten opbreken, was zij misschien nog aan ’t opsnijden.

’s Middags werd er weer gevoetbald, waarna ’s avonds een gondeltocht op het programma stond. Hierna een leuke bijeenkomst in het bezeildoekte verblijf, besluit Philo, waarbij de gramaphoon lustig zijne platen aftrilde, en diverse heeren voor ’t voetlicht traden om de gemeente te vermaken. Zoo-doende werd het al aardig laat, en langzamerhand dunde het auditorium, tot op het laatst slechts enkelen achterbleven. Zij spraken lang over het verleden en over wat komen zal.

1907

De secretaris onthalst zich

Dat Kampong in de begintijd een soort

Ook de rest van het bestuur treedt nu af.

studentenvereniging is, blijkt uit de

Vijf hoofden buigen zich statig voorover,

bestuurscrisis van 1907, die wordt ver-

vijf scheidingen glinsteren in het helle

oorzaakt doordat de ledenvergadering

lamplicht en ritselend vallen vijf bestuurs-

een extra bestuurslid wil benoemen.

fluwelen op het groene kleed.

In het verslag lezen wij: Toen stond de

Nu er geen bestuur meer is, heerst er

secretaris op en terwijl hij met weemoed

verwarring in de vergadering, maar dan

keek naar het mooie bestuurslint, door

blijkt dat alles niet meer dan een spel is.

lieve dameshanden gemaakt, zeide hij

Tinus Welle vindt het genoeg en verwijt

de historische woorden: "Ik bedank",

de vijf een gebrek aan clubliefde. Dat is

onthalsde zich van zijn teken van

teveel voor de getergde bestuursleden,

waardigheid en zette zich, in plaats

die hun linten onder daverend applaus

van achter, voor de groene tafel.

weer omhangen.


…een soort studentenvereniging….

1908

Het redelooze competitievee

De elftalcommissie, ’n illuster gezelschap van zeven genieën met een paar mislukten erbij, is dit seizoen met bewonderenswaardige handigheid opgetreden. Er heerschte in het begin ’n heftig enthousiasme tot vergaderen, dat langzaam overging tot een verzamelkoorts; de heeren waren gewoon niet van en uit elkaar te krijgen. Eilacie, de koude dagen van December en Januari doofden dit knusse kletsvuur: toen werden zij zoo hokvast, dat ieder op zijn eigen kamer maar vergaderingetje speelde. Mijne heeren, dat alles zoo netjes marcheerde is, behalve aan Uw naamloos geluk, enkel geheel te danken aan het dierlijk instinct van de elftalspelers, ‘het redelooze competitievee’. (Voorzitter Tinus Welle in 1908 in het Kampongblaadje)

Lunch in een tent aan het Breede Water

15


Een voorlopig hoogtepunt

Na het kampioenschap van 1906 volgt in 1907 een al bijna even succesvol jaar, waarin Kampong na een voortvarend begin nipt als tweede eindigt achter rivaal Hercules 3. In dat jaar wordt besloten om gebruik te maken van de mogelijkheid om naar de Nederlandsche Voetbal Bond (NVB) te promoveren. Dat blijkt andere koffie, want gerenommeerde tegenstanders als Olympia (Gouda) en Quick (Den Haag) 2 zijn te sterk voor de Utrechtse nieuwkomer. Overigens smaakt Kampong nu wel het genoegen om Hercules 3 achter zich te houden. Dat eerste jaar blijkt echter slechts een tussenstop, want in de twee volgende seizoenen bereikt Kampong het voorlopig hoogtepunt uit zijn geschiedenis. In 1909 worden alle drie competitieteams kampioen van hun afdeling. Het eerste promoveert naar de tweede klasse, waarin onder meer UVV, Alcmaria Victrix en het Amsterdamse RAP uitkomen, Die laatste club wordt het seizoen erna de grote 1910

concurrent voor Kampong en wint in Amsterdam afgetekend met 3-0. Maar in Utrecht, op het nieuwe veld, op de plaats waar nu het Wilhelminapark ligt, gaat het anders. RAP is niet alleen met enkele honderden supporters naar Utrecht gekomen, maar ook met het RAP-kanon, dat altijd bij elk Amsterdams doelpunt wordt afgeschoten. Maar in Utrecht wordt het kanon niet gehoord. Kampong wint met 5-0 en behaalt uiteindelijk na een bloedstollend slot van de competitie opnieuw het kampioenschap. Daarmee staat het team op de drempel van de eerste klasse, het walhalla van het Nederlandse voetbal, waarin gerenommeerde clubs als HFC, HVV, HBS en Sparta spelen. Dan volgt echter de deceptie, want VOC uit Rotterdam, kampioen van de andere westelijke tweede klasse, blijkt over twee wedstrijden veel te sterk (2-5 en 0-6). Kampong blijft tweedeklasser en zal later nooit meer zo dicht bij de eerste klasse komen. Hoe sterk het voetbal dan leeft in Utrecht, blijkt uit het feit dat van de wedstrijd in Rotterdam een film wordt gemaakt, die zelfs in bioscoop Vreeburg wordt vertoond.

16


Blauw en wit

In de eerste algemene ledenvergadering van 3 september

De jonge leden, van wie er veel van hun ouders niet op

1904 wordt bepaald dat Kampong gaat spelen in een blauw

zondag mogen voetballen, protesteren. Een modderig wit

shirt met een witte band van de linkerschouder naar de

overhemd valt in de was niet op als een voetbalshirt, maar hoe

rechterheup en in een blauwe broek. Later speelt men echter

thuis een modderige blauwe trui uit te leggen? In het blaadje

jarenlang geheel in het wit, met een blauwe riem om het

van 13 augustus 1920 wordt het nieuwe tenue overigens

middel. Op 8 juni 1920 wordt vastgesteld dat het clubkostuum

omschreven als: donkerblauwe jersey of shirt met witte kraag

voortaan zal bestaan uit een donkermarine blauwe jersey

en mouwomslagen, witte broek. De jersey is dus toch niet zo

(en dus geen shirt met knopen). Bestuurslid Han Morhaus legt

heilig. Maar van de kleuren blauw en wit wordt vanaf dat

tijdens de vergadering uit dat een shirt een ding is dat je in

moment niet meer afgeweken. Wel wordt in 1922 bepaald

je broek stopt en een jersey een ding dat er overheen hangt.

dat voortaan ook blauwe kousen tot het officiĂŤle tenue horen.

Tegen welke van de huidige profclubs speelt Kampong in de loop van honderd jaar zoal?

Vitesse (1905), Beerschot (1910), Gent en Kortrijk (1911), Ajax (1915-1916), Veendam (1921), HSV Hamburg (1922), ADO Den Haag en FC Utrecht (eind jaren zeventig). De meeste tegenstanders ontmoet Kampong in vriendschappelijke wedstrijden, terwijl tegen Ajax en ADO in competitieverband wordt gespeeld. Ruim vijftig jaar later maakt FC Utrecht dankbaar gebruik van het nieuwe kunstgras voor oefenwedstrijden tegen voetbal en een feestwedstrijd tegen hockey 1. In een gedenkwaardige ontmoeting wordt FC Utrecht C met een jonge Jan Wouters in de gelederen rond 1980 door het eerste voetbalelftal met 4-1 van de mat geveegd. Kampong - Blauw Wit aan de Blauwkapelseweg

17


Cricket speelt competitie

Hoewel Kampong is opgericht als Utrechtse Voetbal- en Cricket

In het lustrumboek van 1922 staat over de zomer van 1907:

Vereeniging, is de cricketsport aanvankelijk niet veel meer dan

De zomer bracht weer de gewone cricketgenoegens, oefenen

een vorm van ontspanning op mooie zomerdagen, vergelijkbaar

in de buurt, onderlinge wedstrijden en twee heusche cricket-

met een fiets- of boottochtje. Getraind wordt op een veldje bij de

wedstrijden in Hilversum. Ook in 1908 is Hilversum de voor-

Van Brakelstraat, terwijl voor onderlinge wedstrijden wordt uitge-

naamste tegenstander. Dan wordt gespeeld op de velden van

weken naar een exercitieterrein in Bilthoven en later naar een

de ‘Utrechtse Hockey Club’, het huidige SCHC. Ook wordt

door Baron van Boetzelaer ter beschikking gesteld terrein achter

dan gespeeld tegen Rood en Wit en Hercules, welke laatste

station De Bilt (het station van de stoomtram naar Zeist). In het

partij met innings (ofwel: dik) wordt verloren. Pas in 1912

Kampongblaadje van 13 april 1911 schrijft een zekere K.:

wordt voor het eerst deelgenomen aan de competitie van de

Kampong is steeds voetbalvereeniging geweest: voetbal is

Amsterdamse cricketbond. Er wordt weer gespeeld op het

hoofdzaak; wel is waar noemt zij zich ook cricketvereeniging,

exercitieterrein in Bilthoven en Kampong beëindigt de competitie

maar dat cricket van Kampong heeft, in vergelijking met voetbal,

keurig als tweede.

al zeer weinig te beteekenen.

1912

11 jaar: Floris Verkuil (hockey)

Mijn Kamponggevoel is lekker veel sporten, zoals tennissen en hockeyen. Ik ben via een vriendje lid geworden van Kampong en kan het best goed. Volgend seizoen ga ik misschien naar de D1. Ik was eerst keeper, maar dat vond ik niet zo leuk. Toen werd ik gewoon speler en heb ik vijf doelpunten gemaakt. Mijn team heeft honderd doelpunten gemaakt en toen kregen we een schaal. 18

How's that, photograaf?


Magere jaren

In de zomer van 1911 ziet Kampong zich gedwongen te verhuizen naar de

Ook het onderhoud van het veld, waarvoor de leden zelf verantwoordelijk

Laan van Chartreuse. In de Wilhelminaparkbuurt wordt gebouwd, waardoor

zijn, dreigt in het gedrang te komen. Als in 1914 dan ook nog de oorlog

het veld ‘aan de Minstroom’ niet langer beschikbaar is. Aanvankelijk lijken

uitbreekt en veel Kampongers gemobiliseerd worden, komt de klad in het

de vooruitzichten in de nieuwe omgeving gunstig. UVV, Hercules en Kampong,

clubleven. In 1915 zijn er nog maar tachtig leden en kan Kampong niet

de drie toonaangevende Utrechtse clubs, strijden met elkaar om het kampioen-

meer dan twee elftallen op de been brengen. Vanaf dat moment tot 1920

schap van de 2e klasse B. UVV wint afgetekend, maar Hercules blijft Kampong

is het misère. Met een zekere regelmaat gaan er stemmen op om de zaak

slechts op doelgemiddelde voor.

maar op te heffen en die optie wordt ook in het bestuur serieus overwogen.

Al snel blijkt echter dat het nieuwe veld voor veel leden wel erg ver weg

Op 8 oktober 1916 wordt in het Haagsche Koffiehuis over de kwestie een

ligt. Het was haast niet mogelijk de spelers uit de Kampongbuurt weg te

ledenvergadering houden. De ruime meerderheid besluit om door te gaan.

krijgen om op het terrein te gaan oefenen, meldt voorzitter Welle in 1922.

Onze vrienden van Hercules

In Utrecht zijn Kampong, Hercules en UVV in de beginjaren van het voetbal

Wij waren spelers uit het eerste, zij uit het derde, maar... van Hercules.

de toonaangevende verenigingen. Vooral met Hercules, dat een veld heeft

Wij meenden dat Kampong een soort recht had vele spelers uit Hercules III

aan de Willem Barentszstraat, is de relatie echter bij tijd en wijle gespannen,

voor haar op te eischen, want de menschen hoorden bij ons, waren onze

zoals blijkt uit een verslag van de wedstrijd Hercules 3 - Kampong (1-0),

vrienden - geweest. Wat juist zoo den naijver aanwakkerde, was dat er

die in 1907 zou beslissen over het kampioenschap. ’t Was niet een gewone

‘overloopers’ waren... dat gaf hem de groote wrijving, daar zat ‘m de heele

wedstrijd om de hoogste plaats, de ontmoeting had voor ons allen de

boel. En dan met die menschen in de klas te zitten! O ja, op school was er

geheimzinnige aantrekking en de huivering brengende emotie, dat de tegen-

spanning genoeg: de heele klas leefde mee, was in twee kampen verdeeld.

standers onze groote concurrenten op elk gebied waren. En meer. Wat was

Door een 1-0 nederlaag moet Kampong het kampioenschap aan Hercules

er spanning in die dagen tusschen de Kampongers en de menschen die,

laten, en besluit het verslag: We hadden verloren. Zwijgend verlieten we

zooals wij het smalend noemden, Kampong te min vonden en daarom in de

in de invallende duisternis het veld. We stonden twee.

groote club in het derde speelden. 19


g

Ra

din

rn

dre

1911-1919

Ma

Eyk

TUINDORP

ille

ixl

aa

Bra

n

ma

Bil

nla

tse

an

ZUILEN

VOORDORP

ef

B la u w

kape

ls e w e

Savador Allendeplein

TUINDORP OOST

eg

ONDIEP

rda

ms

est

raa

tw

VOGELENBUURT Oud

PIJLSWEERD

ijne

Koninklijke Nederlandse Jaarbeurs

an ba lie

Rei

ger

stra

at

Ma

lie

sin

ge

l

esl

aa

n

RIJNSWEERD-ZUID

eg

tie Na

ew

nig

de

lini ter

STERRENWIJK

den Ou

ot

ap

sstr

Stadion Galgenwaard

aat

n Kon

in g s

A2 7

w e e rd

Anne Frankplein

gt

ch

an

weg

a a rs ch

an

n-

Gan

Briljan tlaan

xla

RIVIERENWIJK

Ko nin gs we

1936-heden

g

Eu ro pa la

KANALEN-EILAND NOORD

ingi

n

Rijnlaa n

elu

Kon

in al aa W ilh el m

We

ns

a lk e r

n

Ben

Ba lij el aa

u le s la

t r.

n

Alb

laa

Herc

ete

oss

laa

del

astr

den

Vo n

Rub ens laa n

an

van M

TRANSWIJK

u s la

W de

Laan

rste

Ve n

Ost ade laa n

Ove

DICHTERSWIJK

Wa

ere

ed

SCHILDERSBUURT

van

gv

eV

him

Leuvenlaan

n

We

d an

P

Arc

iaa

n

an

DE UITHOF

Adr

s

rg.

1910-1911

el

laa

a s la

sing

per

agor

an ba lie Ma

lein

stp Graa

har

Pij

Bu

MUSEUM K WA R T I E R

Cat

WELGELEGEN

P y th

OUDWIJK

OOG IN AL

1921-1936

at

an

We

tra

d e s la

a

als

CENTRUM

Centraal Station

dt v

ega

im e

n

eg

cht

Dom

baa

enw

A27

Arch

ijne

ogg

eg

RIJNSWEERD-NOORD

in ie w eg

har

nR

we

BUITEN WITTEVROUWEN

Stadhuis

Cat

Hoog Catharijne

weg

Bilts traa t

Na

LOMBOK

st ra a tw

c h ts e

Wa te rl

Stadsschouwburg

ew eg

B il ts e

Sa rt re

n si n g e

WITTEVROUWEN

Wit te v r o u w e

WIJK C

el

U tr e

Ma

a

nn

1919-1921

g

Da

Vl eu te ns

tu lse

s in g

l

ord

MAJELLAPARK

erd

g

1899-1905

eno

We

.Z. el W

Radin

Kardinaal Alfrinkplein

1905-1910

Draa iweg

eg

B il ts e

l d e Jong weg

an

Ben

TOLSTEEG

elu xla an

te Wa

rli

ne

we

g Š KartLab FRW/UU |6019

0

N

500 m

Univ ersit eitsw eg

ste

K ar d in a a

B lau wkap e l se w e g

Am

Eykman plein

TUINWIJK

Universiteitsweg

Ca

Talm alaa n

rte

siu

sw

g


Zaagsel en zand De begroting voor 1916

Door de oorlog is het ook financieel een moeilijke tijd voor Kampong. Zo kan terreinknecht De Koning in december 1916 nergens meer kalk krijgen om de lijnen te trekken. Hij krijgt

Inkomsten:

Uitgaven:

van het bestuur toestemming om in plaats van kalk zaagsel of

Contributies (80*6)

Terreinhuur

zand te gebruiken. De ingezonden stukken kunnen niet op tijd

Donateurs

50

Contributie voetbalbond

80

worden beantwoord door de secretaris vanwege de gas­

Entrées

70

Boetes

30

rantsoenering. Vanwege de hoge kosten van het veld wordt

Materiaal

70

Administratie

50

even overwogen om alleen nog maar uitwedstrijden te spelen.

Belasting

30

Vooral voor de lagere elftallen wordt de Laan van Chartreuse

Cricket

30

te duur. Gelukkig slaagt het bestuur erin om voor die elftallen

Diversen

30

480

250

van november 1916 tot mei 1917 een veld elders te huren voor 35 gulden, heel wat anders dan de 250 gulden die voor

de Laan van Chartreuse moet worden neergeteld.

600

570

1916

Onvoldoende

Klachten over een slecht bestuur en lakse leden zijn kennelijk

Zij hebben aan ’t veld geploeterd, de omrastering hersteld, de

van alle tijden. Zij lopen als een rode draad door de Kampong-

brug opgeknapt, het kleedlokaal ingericht, met hun ongeoefenden

geschiedenis. In februari 1916 doet een zekere Quibus in het

vingers ruiten ingezet. Wie heeft getracht het oefenen

blaadje een aanval op het bestuur, onder de titel Wat is Kampong

te verbeteren? Het bestuur!

voor hare leden? Het antwoord van de schrijver is kort maar

krachtig: Op ’t oogenblik niet veel. Voor leden is er een slecht

Resultaat:

veld, zelden voldoende menschen om te oefenen of een wedstrijd

Geregeld uitkomen op wedstrijden onvoldoende

te spelen; voor donateurs een onherbergzaam veld en een weg

Tijdig afschrijven onvoldoende

die vuil is.

Clubavondbezoek onvoldoende

Kaart van Utrecht

Dat laat voorzitter Welle niet op zich zitten. Een week later kaatst

Contributie betalen onvoldoende

met alle velden

hij de bal hard terug naar de leden. Wie hebben getracht het

Belangstelling in clubzaken onvoldoende

waar Kampong

onherbergzame veld gezellig te maken? Bestuursleden!

Vergadering bezoeken onvoldoende

heeft gespeeld

21


Koeien

Aat Wijt en ik waren toen jongste Kampongers en dat wilde toen heel wat zeggen. Je voetbalgoed was ter beschikking van andere spelers, je fiets dito. Zondagsmorgens trokken we gewapend met een schop naar de Laan van Chartreuse, waar we na eerst de koeien van het veld te hebben gejaagd, hun onvermijdelijk daaraan verbonden resten gingen wegscheppen. Dan werd het veld gekalkt en netten gespannen. (Joop Bax over het jaar 1915)

Met de trein naar Ajax

Als Kampong degradeert

De meeningen loopen nogal uiteen:

De oorlogsjaren waren wel de crisis in het bestaan van onze

1e Laten wij Kampong opdoeken, nou is de aardigheid er af.

club. Toch zijn er oogenblikken van sportief succes, zelfs in

2e Niet opdoeken, maar ik ga voor ‌.. spelen.

die jaren geweest. Moesten wij niet eens als hekkensluiter

3e Niet opdoeken, maar ik schei er uit, ik speel niet meer,

der tweede klasse No.1 van onze afdeeling (Ajax) gaan

bekampen en stonden wij niet met rust met 2-1 en even

ik zou er trouwens toch mee hebben opgehouden.

4e Met Kampong is het toch gedaan, laten we ons

later met 3-2 voor. Gij had de snuiten moeten zien van de

verwonderde appelsiene-kooplui, die Zondags de tribunes

combineeren met‌

5e Natuurlijk in de derde klasse spelen en over een jaar

in Amsterdam plegen te bevolken.

(Adriaan van der Velde)

weer in de tweede.

6e Als we eens gingen rugby spelen. (Kampongblaadje, 1916)

22

Tegen Ajax


Nog meer magere jaren

17 jaar: Anna van Sas (hockey)

In 1916 is de club op het nippertje voor opheffing behoed,

Wanneer je gezellig met vrienden sport

maar vier jaar later is er kennelijk nog weinig verbeterd.

en lekker buiten bent, dat is Kampong

Weliswaar telt Kampong in het seizoen ‘19 -’20 alweer vijf

voor mij. Het gaat dan niet eens om de

elftallen, maar het eerste degradeert naar de derde klasse en

prestatie, maar meer om de combinatie

de laagste drie teams kampen met veel afschrijvingen en

van vriendschap en sport.

spelers die zo maar wegblijven. Voor de competitiewedstrijd

We zijn met mijn team het afgelopen

van het vierde tegen het vijfde komen op 18 januari 1920 niet

seizoen kampioen geworden, voor de

meer dan tien spelers opdagen. Een algemene vergadering

eerste keer en met maar drie doelpunten

wordt uitgeschreven in hotel ‘De Liggende Os’ op het Vreeburg

tegen. Geweldig, alle ouders die langs

met als belangrijkste agendapunt: moet de club worden

de kant stonden en de champagne

opgeheven? Weer trekken de optimisten aan het langste eind.

lieten knallen.

1920

Over wat niet vaak voorkomt

Een Kamponger die op tijd zijn contributie betaalt. Een Kamponger die nog nooit heeft afgeschreven. Een Kamponger die zelf een paar voetbalschoenen heeft. Een Kamponger die nooit te laat komt. Een Kamponger die nooit kankert gedurende een wedstrijd. Een Kamponger die de woorden van zijn clublied kent. Een volledig eerste elftal. Een Kampong voorhoede die doelpunten kan maken. Een zondagochtend met voor ieder elftal elf spelers. Een bestuursvergadering waar alle leden aanwezig zijn. De terreincommissie die het terrein in orde heeft gemaakt. (Kampongblaadje, 1920) 23


Contributieontwikkeling 1923-2001 6000 5000 4000

2000 1000

Prijsindex Bieruitgaven

0 1993

1983

1973

1963

1953

1943

1933

Voetbalcontributie 1923

Index 1923 = 100

3000

Voetballen op Kampong is langzamerhand een behoorlijke prijzige zaak. Kon men in 1923 voor slechts 7 gulden per jaar een heel seizoen tegen een bal trappen. Inmiddels is dat al opgelopen tot 375 gulden. De contributie steeg duidelijk sneller dan het algehele prijspeil en zelfs dan de gemiddelde uitgaven aan bier. Daar tegen over staat dat men zich vroeger in de sloot moet wassen en er nu douches, maaltijden en kinderopvang zijn.

Een gehectografeerd Kampongblaadje 24


1920

1930


2. Naar Welgelegen

Het verenigingsleven groeit en bloeit

Op 21 maart 1920 degradeert het eerste voetbalelftal naar

elftalspeler Alma ze zich herinnert, en het veld aan de Vosse-

de derde klasse van de Nederlandsche Voetbal Bond. Hoewel

gatsedijk achter de Kromhoutkazerne, waarop in 1919 en 1920

door sommigen wordt gevreesd voor de ondergang van de club,

wordt gespeeld, is het nieuwe complex - met goals waarin echte

blijkt de 5-1 nederlaag tegen Olympia in Gouda juist een nieuwe

netten hangen - een grote stap voorwaarts. Bovendien meldt zich

bloeiperiode in te luiden. Een jaar eerder is de situatie veel

in dat jaar de student André le Fèvre aan als lid. Kampong heeft

penibeler, herinnert Joop Bax zich. Hadden wij toen niet het

er een rasvoetballer bij en in 1923 keert het eerste na een 7-1

tweedeklasserschap behouden, dan weet ik niet of het luttel aantal

overwinning op Neerlandia in Amsterdam ongeslagen terug in

resterende leden van Kampong zich had kunnen handhaven.

de tweede klasse.

Volgens voorzitter Welle wordt de kiem van de wederopstanding

Dat niveau blijkt echter, ondanks de aanwezigheid van de inmiddels

gelegd op de druk bezochte clubavonden op zaterdagavond in

tot international gekozen Le Fèvre te hoog gegrepen. De volgende

hotel ‘De Liggende Os’ aan het Vreeburg. Ook de Sinterklaas-

jaren verkeert Kampong vrijwel permanent in degradatiegevaar.

viering en de leerzame lezingen met lantaarnplaatjes trekken

Als Le Fèvre voor zijn werk naar Curaçao vertrekt, is er dan ook

veel leden. Die lezingen gaan onder meer over moderne land-

geen houden meer aan. In 1927 zakt Kampong terug naar de

bouw, vloeibare lucht (door André le Fèvre), Engeland in de

derde klasse; in 1929 volgt degradatie naar de vierde klasse,

achtiende eeuw, het slopen van schepen en Vlaanderen en het

waarmee de top van het Nederlandse voetbal definitief uit het

verwoeste gebied (door Oscar Tijtgat). In 1920 wordt het eerste

zicht verdwijnt. De frustratie is groot en sommige leden suggereren

Kampongkamp in Kootwijk gehouden, een nieuwe traditie die tot

zelfs hardop om maar te gaan hockeyen.

in de jaren zestig zal standhouden. Om de conditie op peil te

Terwijl het op het voetbalveld bergafwaarts gaat, begint de

houden, doet een clubje enthousiastelingen in de zomer aan

cricketafdeling juist aan een opmars. Vanaf 1921 is Welgelegen

atletiek. ’s Winters zijn er schaatstochten naar Loosdrecht met

de thuisbasis van de cricketers. Aanvankelijk spelen zij in de

bij aankomst snert met spliterwten.

Amsterdamse Bond, maar in 1924 treedt Kampong toe tot de Nederlandse Cricket Bond, waar de eerste jaren onopvallend

De Kampong lustrumrevu

Ook sportief gaat het Kampong voor de wind. Dat is niet in de

wordt gepresteerd. In 1928 wordt echter het kampioenschap van

laatste plaats te danken aan de verhuizing in 1921 naar het

de tweede klasse behaald en een jaar later volgt promotie naar

pas geopende sportpark Welgelegen, waar Kampong, Utrecht en

de overgangsklasse. Rond 1930 telt Kampong vijftig cricketleden,

Voorwaarts van de gemeente elk een veld huren. Na de Laan van

vrijwel allemaal voetballers die in de zomer het cricketbat ter

Chartreuse, de Bilthovense woestijnvelden, zoals oud-eerste

hand nemen. 27


Waar speelde het clubleven zich af?

Een nieuwe pathéfoon

De ‘roaring twenties’ geven een impuls aan het clubleven. Kampong heeft een eigen strijkje dat elke zaterdagavond op de clubavonden speelt. Op die avonden wordt veel 1909

Het metalen kruis, Domplein

gekaart, maar er worden ook regelmatig ‘jazzplaten’ gedraaid. Nu is de Kampong-

1910

La Station, Stationsplein

pathefoon al een oud beestje, maar het toeval wil dat het sigarettenmerk Miss Blanche

1914 - 1922

Hotel De Liggende Os, Vreeburg

in 1923 een actie start. Voor drieduizend punten kun je een nieuwe pathefoon krijgen.

1922 - 1924

De Vereeniging, Mariaplaats

Overal op Kampong wordt opeens Miss Blanche gerookt en al in mei zijn de benodigde

1924 - 1925

La Station*, Stationsplein

punten bij elkaar gepaft. Vaste onderdelen van de clubcultuur vormen de educatieve

1925 - 1929

Hotel Witjens, Vreeburg

lezingen, de Sinterklaasviering en de kienavond in de herfst met grote hoeveelheden wild. Als midden jaren twintig de belangstelling voor de clubavonden afneemt,

*In La Station kreeg men goeie Hollandsche Sherry, groote glazen,

waarschuwt voorzitter Welle: Er behooren op Kampong geen twee leden te zijn die

perfecte bediening, gezellig strijkje, lekkere zoute stengels.

elkaar niet kennen. Laat ieder zich voornemen zoo geregeld mogelijk onze clubavonden te bezoeken. Houdt met dit voornemen vooral rekening zoodra de dansclub vergadert, indien schouwburg- of concert-abonnementen moeten worden genomen, enz.

Boterham met ei

Want of het nu vergaderingen of clubavonden waren, wij hadden plezier, waren bij elkaar, en als we niet beboet waren wegens te laat op het veld komen, het oefenen met een nieuwe bal, of niet op de vastgestelde dag oefenen, dan hadden we van ons pas gekregen weekgeld nog geld over om een gebakken boterham met ei te bestellen. En dan liepen we na afloop naar de Kampongboom en bleven nog een poosje nakletsen tot de families Spree, Fijn van Draat of Van der Hurk er last van kregen. (Joop Bax)

...wij hadden plezier… 28


De Kampongboom

Veel Kampongactiviteiten spelen zich aanvankelijk af in de

In dat jaar is de boom er dus nog, maar in 1926 staat in het

Zeeheldenbuurt. Uiteindelijk wonen daar voorzitter Welle en

blaadje dat de deelnemers aan het Kampongkamp moeten

tal van andere leden. Maar bovendien staat in de Cornelis

verzamelen bij de Kampongboom die er niet meer is, doch bij

Houtmanstraat op de hoek met de M.H. Trompstraat en de Van

zoo’n gelegenheid denkbeeldig altijd weer even geplant wordt.

Speijkstraat de boom waaronder Kampong is opgericht. Daar

Kennelijk is de boom intussen gesneuveld. Ook in 1932 lezen

wordt verzameld voor uitwedstrijden en voor de fietstocht naar

we weer dat de boom er niet meer is. Later is er echter toch

het Kampongkamp; daar ook verzamelen de leden zich op

weer sprake van een boom, wellicht een door de gemeente

Oudejaarsavond na twaalven om elkaar gelukkig nieuwjaar

geplant nieuw exemplaar. Die blijkt in 1937 echter te lijden

te wensen. Zondagnacht half één stond de kern van onze leden

aan de iepenziekte en wordt door de gemeente omgehakt.

om den boom verzameld, ieder met een Bengaalsche flambouw

Tijdens de reünie voorafgaand aan de viering van het 35-jarig

in de eene hand, de hoed in de andere, meldt het Kampong-

bestaan, deelt voorzitter Tinus Welle stukken van een tak van

blaadje begin 1922.

die boom als souvenir uit aan de aanwezige oud-leden.

1920

Een eigen tram

De echte Kampongsfeer verdwijnt al in 1920 uit de buurt als er een brug over de Biltse Grift wordt aangelegd richting Poortstraat en als tramlijn 4 door de buurt gaat rijden. De Utrechtse Courant meldt: Uit is ’t nu met die ellende, Kampong heeft zijn eigen tram! En in het blaadje van 17 december 1920 schrijft Kampongkijker: De buurt niet langer geïsoleerd, en in plaats van het rustige dorpsche, echt stadsgewriemel met autogetoeter en tramgebel. Geen buurt meer voor Wim Gispen om in kimono en onder een pajong op een handkar te worden rondgereden als reclame voor de Kampongtentoonstelling zaliger nagedachtenis. Niet iedereen is even gelukkig met de vernieuwingen. Joop Bax schrijft in

een herinnering: Wij beschouwden dit als een rechtstreekse aanval op de Kampongbuurt, die zo gezellig geïsoleerd lag achter het ‘ooglijersgasthuis’. Verzamelen bij de Kampongboom


Kampong bestaat twintig jaar

De twintigste verjaardag vindt plaats op een moment dat het Kampong in alle opzichten voor de wind gaat. Alle reden dus voor een groot feest, waarvoor uiteraard ook de reünisten worden uitgenodigd. Zij arriveren op vrijdagavond 7 oktober 1922 in De Vereeniging voor een diner, waarna een speciale clubavond wordt gehouden. Op zaterdagochtend speelt het Domcarillon het Kampong-clublied. Ontroerd zingen de leden het in de Kloostergang mee. Die avond wordt de door Tinus Welle geschreven Kampongrevue opgevoerd in Tivoli, dat dan nog aan de Kruisstraat staat en Utrechts grootste schouwburgzaal is. Aansluitend is er een groots bal, waarna het lustrum op zondag wordt besloten met een veteranenwedstrijd op Welgelegen. Met dit programma is de toon gezet voor komende lustra, die tot ver na de oorlog volgens dit ijzeren stramien zullen verlopen.

1922

Welgelegen

Op den weg naar Welgelegen kom je haast geen sterv’ling tegen. ’t Ligt in de prairie van Ouden Rijn. Uren moet je daar vaak wachten. Twintig stoombooten en jachten Moeten het kanaal door, voor je door kan gaan! Toen de dag der dagen daar was, dat ons Welgelegen klaar was. Hielden z’een groote wedkamp in athletiek. En toen ’t programma eind’lijk af was, en van hitte ieder paf was, Moest onze burgervader ’t veld nog openen gaan. Voor je op de tribune wilt gaan vitten, ga d’r eerst es zelf op zitten. Je waait ’t kanaal in voor je ’t weet. (Liedje uit de Kampongrevue)

30


Een Indisch vilinstrument

Op Vrijdag 6 October moet het bekende zaaltje weer versierd worden. Wij doen nogmaals een beroep op de medewerking van alle leden: ieder lid één sarong en de kegelbaan is veranderd in een lakenhal, ieder lid een klewang of ander Indisch vilinstrument en er heersche een genoeglijke, vreedzame stemming. Het Kampongbestuur met zittend tweede van links voorzitter Welle

(Oproep in het Kampongblaadje voorafgaand aan het lustrum)

Rondedansen

De reünisten nemen in de jaren twintig een zeer prominente plaats in de club in. Tijdens de lustrumviering is het reünistendiner dan ook een belangrijk evenement. Pas als de heren zijn uitgetafeld, kan de clubavond echt beginnen, zoals blijkt uit dit verslag in het Kampongblaadje. En toen eindelijk de laatste hap naar binnen was, de feestsigaren en feestcigaretten waren opgestoken, toen ging het in optocht daarheen, waar jong Kampong stond te roepen, toen geen officieel gedoe, toen geen 'even voorstellen', toen werden rondedansen gedaan, toen werd plechtig het Kamponglied gezongen, toen was iets samengevloeid, iets wat eigenlijk al één was, jong en oud Kampong, en te midden van dit alles stond trots om zich kijkend, even aangedaan, Tinus, de groote man van de groote Kampong.

31


32


33


Naar Welgelegen

In 1921 wordt in Utrecht een gemeentelijk sportpark geopend.

en ijskoude winters die Nederland dan kent, is het wassen na

Kampong, Voorwaarts en Utrecht gaan spelen op ‘Welgelegen’

afloop van de wedstrijd geen onverdeeld genoegen.

aan de overkant van het Merwedekanaal. Je komt er door bij

De onderlinge verhoudingen op Welgelegen zijn niet geweldig.

de Munt het kanaal over te steken en dan linksaf te slaan.

Vooral tussen de sjieke studentenclub Kampong en de volksclub

Er is blijdschap over de nieuwe velden, maar ergernis dat

Utrecht botert het niet. Al snel vormen de voor de begroting

Voorwaarts op het hoofdveld met tribune mag gaan spelen.

onmisbare entreegelden een steen des aanstoots. Kampong stelt

Kampong wordt aanvankelijk verbannen naar veld C dat geen

voor om elk weekend te tellen hoeveel toeschouwers op elk van

enkele accommodatie voor toeschouwers heeft. Ook verder zijn

de drie velden staan en de inkomsten zo te verdelen. Utrecht, dat

de omstandigheden primitief. Zo heeft elke club welgeteld één

lager speelt en dus minder toeschouwers trekt, is voor een vast

kleedlokaal, terwijl er geen stromend water is. Wel is er een

percentage per club. Omdat men er niet uitkomt, blijft elke club

waterpomp en een stel email waskommen, maar in de lange

apart kaartjes verkopen.

1923

Volkscluppen

Op 21 oktober 1923 speelt Kampong thuis tegen Hercules. Die derby trekt altijd veel publiek en de Kampong-verkoper heeft het dan ook druk, totdat opeens een paar Utrecht-mannen zich voor zijn hok opstellen en daar hun eigen kaartjes gaan verkopen onder het uitroepen van: Steunt de volkscluppen! Denk aan de vereeniging van den werkman! Kampong is niet tevreden met de helft van de ontvangsten!

De Kampong-kaartverkopers zien machteloos toe hoe hun Utrecht-collega’s het geld in hun zak steken. In het blaadje constateert een grimmige voorzitter Welle later: Als Hercules scoort, juichen de ‘steunt den volkscluppers’. Moraal: Alles voor de volkscluppen, de anderen geen punt en geen cent.

Het entreehok op Welgelegen 34


Cricket: een nieuwe mat

In 1920 wordt voor het eerst sinds de oorlog weer door Kampongers gecricket. Omdat de club op dat moment geen eigen terrein heeft, stelt Hercules bereidwillig zijn veld ter beschikking. Voorwaarde is dat Herculesleden die willen cricketen, met Kampong kunnen meespelen. In mei zijn er twintig cricketleden, die f 2.50 per seizoen betalen. Hercules-leden spelen gratis. Een jaar later verhuist men naar Welgelegen, waar uiteraard een cricketmat moet komen. Maar zo’n mat kost 125 gulden, waarbij dan nog eens 25 gulden maakkosten komen. Pas als de Amsterdamsche Cricket Bond Kampong honderd gulden subsidie geeft, durft het bestuur het aan om de bestelling te plaatsen.

1923

De eerste century

21 jaar: Erik Welle (hockey)

Op 5 juli 1923 maakt Wim van der Lee in de vriendschappelijke wedstrijd tegen Te Werve 101 runs. Het is de eerste century van een Kampongspeler in de geschiedenis. Hoewel de honderd al

Ik kom al van jongs af aan op Kampong en het is

nadrukkelijk in zicht is, wordt bij 96 runs eerst uitgebreid gestopt

hier voor mijn gevoel één grote familie. Er heerst

voor de lunch. Daarna slaat een doodnerveuze Van der Lee echter

een rustige sfeer en het is altijd gezellig.

alsnog de benodigde vier runs bij elkaar. De eerste Kampong-

Ik heb gehoord dat ik op m'n tweede bij mijn

century in competitieverband laat nog even op zich wachten. Die

vader naar het cricket zat te kijken en toen een

komt op naam van Jan Helleman, die op 12 juli 1931 in Nijmegen

glas bier in één teug naar achteren sloeg. Thuis

tegen Quick 102 not out scoort. Het gebeurt overigens wel in de

ben ik knock-out gegaan. Daar kan toch geen

follow-on, nadat Kampong de wedstrijd voordien al met 243 voor

Kampongfeest tegenop?

6 tegen 86 heeft verloren. 35


Beroepsvoetbal

Aanvankelijk is voetbal vooral een scholieren- en

verenigingen, een plan voor een eigen competitie

studentensport. De komst van de 48-urige werkweek

om de voetbalsport weer te beoefenen op meer

in het begin van de 20e eeuw maakt het echter ook

gemoedelijke wijze. De besturen van onder meer

arbeiders mogelijk om aan sport te gaan doen.

Sparta, HVV, HFC en UVV ondersteunen het plan,

Vanaf pakweg 1910 worden steeds meer volksclubs

maar ook dit initiatief komt niet verder dan de

opgericht, die het wat minder nauw nemen met de

vergadertafel. Op de velden gaat het intussen van

klassieke regels van sportsmanship. Niet alleen wordt

kwaad tot erger. Naar aanleiding van het gedrag

het spel ruwer, ook de toeschouwers gaan zich steeds

van supporters van Zeist tijdens Kampong-Zeist (2-0)

fanatieker gedragen.

adviseert Welle de Kampongleden om hun club liever

Regelmatig verschijnen in het Kampongblaadje

niet aan te moedigen en om direct na afloop een

klaagzangen over praktijken die ‘vroeger’ op de

cordon te vormen om de scheidsrechter naar de kleed-

velden ondenkbaar zouden zijn geweest. Bestuurslid

kamer te begeleiden. Daarna eventueel politiehulp om

Makkink laat weten dat verschillende jongens van thuis

aanranding op den openbaren weg te voorkomen.

geen toestemming meer krijgen om te voetballen, alleen nog om hockey te spelen. De voetbalwereld is

Als de competitiewedstrijd tegen Hercules sportief

ziek, roept voorzitter Welle en in 1920 pleit hij zelfs

verloopt, is dat voor secretaris Makkink aanleiding

voor een eigen competitie voor clubs zoals Kampong,

voor de verzuchting: Dat alleen: twee ploegen netjes

waarin geen plaats is voor knotsende volksclubs, niet

te zien spelen is tegenwoordig een gang naar een

uit klasseoverwegingen, zoals hij met nadruk stelt,

wedstrijd waard: het vormt een uitzondering op de

maar om het ware amateurisme te redden. De

onsmakelijke vertooningen die ons in bondswedstrijden

volksclubs zien dat anders en beschouwen zich, niet

worden te zien gegeven. Heel wat anders, vindt

zonder demagogie, als vertegenwoordigers van de

Makkink, dan een week eerder toen van Baarn werd

onderdrukte en vertrapte arbeidersklasse.

verloren. Voor clubs zooals de onze is tegen dat soort vereenigingen niet te spelen. Die behooren bij elkaar

Een remedie die door de oude clubs serieus wordt

in één afdeeling en wij met clubs zooals de onze,

overwogen, is het invoeren van beroepsvoetbal

ook in één afdeling.

voor de volksclubs. In 1922 stelt de Voetbalbond

36

een commissie in om de mogelijkheden daartoe

Hoe de oude clubs met elkaar omgaan, blijkt als

te bestuderen, maar tot teleurstelling van veel

VUC in Utrecht op bezoek komt. Omdat aanvoerder

Kampongers levert dat niets op. In 1923 lanceren

Le Fèvre de doctorstitel heeft behaald, nemen de

de ‘Corinthians’, topspelers uit de traditionele

Hagenaars bloemen voor hem mee.


Kampong en Hercules: ons soort clubs

Het Kampongblaadje, 1923

1923

Sportsmanlike

Beschaving

Gemeentewerkman

Na het in België gebruikelijke stukje citroen,

Vereenigingen waarin men niet tracht zooveel

Een gemeentewerkman zal zich prettiger voelen in een club van

wordt het spel hervat; beide partijen zijn

mogelijk gelijksoortige leden bijeen te brengen,

gemeentewerklieden dan in een club van artsen en omgekeerd

even sterk. Bij een van de Sporting aan­

zijn ondingen, men kan er over vechten of de lei-

precies hetzelfde. De stelling: wanneer een gemeentewerkman een

vallen speelt V.d. Drift volgens oordeel

draad daarbij moet zijn de graad van welstand,

fatsoenlijk man is, en hij voetbalt daarbij goed, dan kan hij best ter

van den scheidsrechter wat ruw, waarvoor

dan wel van ontwikkeling of beschaving: maar

versterking in de artsen-club opgenomen worden, is in strijd met het

een strafschop gegeven wordt. Deze

slechts een stands-organisatie in dezen geest kan

boven geformuleerde amateuristische axioma en heeft bovendien met

wordt door den Belgischen aanvoerder

een behoorlijke vereeniging zijn. Zet men zijn

democratie niets te maken. Het is kortzichtig en dom om terwille van

geweigerd. Hulde voor dit sympathieke

poorten open voor ieder die wenscht te voet­

‘spelpeilverbetering’ en ‘publieke belangstelling’ het amateuristische

en sportsmanlike optreden.

ballen, dan brengt men het niet verder dan een

principe nog verder in een hoekje te willen duwen dan het al zit.

(Verslag van Sporting Kortrijk - Kampong in 1911)

‘maatschappij tot exploitatie van voetbalbeenen’.

Daarom tot heil van de sport om de sport: ‘Leve de kliekjes!’

(Voorzitter Welle in het Kampongblaadje, 1923)

(Columnist Hemmse Goedhart in het Kampongblaadje, 1931)

37


André ‘Ster ’ le Fèvre, zeventien interlands

Begin jaren twintig meldt een zekere André le Fèvre

bedankte voor het Nederlands elftal, omdat hij niet

zich bij Kampong aan als lid. Al snel blijkt de nieuwe-

genoeg geld had om de reis te betalen.

ling een rasvoetballer. De capaciteiten van André

Ondanks zijn roem is Le Fèvre een Kamponger in

zijn zo onomstreden en zijn solo's zo gevreesd dat

hart en nieren. Hij slaat verschillende lucratieve aan-

iedereen hem simpelweg aanduidt als ‘Ster’. Het

biedingen van eerste klasse clubs af en voelt zich als

verbaast niemand in Utrecht dat hij in 1922 voor het

international niet te groot om het Kampongkamp in

Nederlands elftal wordt uitgenodigd voor de wedstrijd

Kootwijk mee te organiseren. Ook nadat de inmiddels

tegen Zwitserland. In 1924 maakt hij deel uit van het

tot doctor gepromoveerde Le Fèvre zich in 1926 op

nationale team dat meedoet aan de Olympische

Curaçao vestigt, blijft hij de gebeurtenissen in Utrecht

Spelen in Parijs.

nauwgezet volgen, zoals blijkt uit een groot aantal

Hoe betrekkelijk sportroem in die dagen nog is, blijkt

brieven in het Kampongblaadje. Zo groot is zijn

bij zijn terugkeer uit de lichtstad. Hoewel Nederland

reputatie dat hij in maart 1939 bij zijn terugkomst in

in Parijs vierde is geworden, staat er slechts een klein

Nederland meteen weer in het eerste wordt opgesteld.

ontvangstcomité op het station, terwijl noch het

De basis van zijn succes legt Le Fèvre op straat. Zelf

gemeentebestuur noch vertegenwoordigers van het

weet `Ster’ het in 1952 nog precies: voetballen had

Utrechtse bedrijfsleven acte de présence geven. Hij

hij geleerd in de Dondersbuurt met een tennisballetje.

zelf is overigens bepaald blij en verrast met die ont-

Of zoals hij schrijft: Wat was dat eigenlijk eenvoudig.

vangst, want schrijft hij in het Kampong lustrumboek

De straatkeien waren hard en het balletje stuitte erg.

(1902-1952): Ik weet nog heel goed dat ik uit Parijs

Dus wat deden wij? Dat balletje onder de voet stop-

terugkwam aan het station te Utrecht. Ik stapte uit de

pen. Net zoveel en altijd weer opnieuw, totdat wij het

derde klasse en daar stonden allemaal heren met hoge

helemaal onder contrôle hadden. Ja, wat hebben wij

hoeden om mij af te halen. Het was de Senaat van het

geoefend op ons Hellas veldje en ook op de kampen

Utrechtsch Studenten Corps. In de wachtkamer werd

in Kootwijk waar altijd de ploegen van ‘de Brute

gespeecht en daar was Tinus Welle ook, Tinus Welle

kracht’ en de `Braintrust’ tegen elkaar in het strijdperk

van mijn Kampong. En hij heeft verder de hele avond

traden. De laatste wonnen echter altijd, constateert

meegefeest op de Sociëteit, want ik was van Kampong

Le Fèvre opgelucht.

en Kampong was Tinus.

38

Het voetballeven is geen vetpot, herinnert Willem,

In het lustrumboek van 1952 schrijft hij nog vol liefde

de jongere broer van André, zich in 1996: Dan zei

over de vriendschap en de trouw tussen Kampongers,

André bijvoorbeeld tegen me, “sorry Willem je kan

waarvoor de basis op het voetbalveld werd gelegd.

nu niet mee, want ik heb geen geld”. Ze moesten toen

Maar de tijden veranderen snel. Bij de begrafenis van

trouwens alles zelf betalen, reiskosten, hotelkosten,

André in 1977 is volgens broer Wim niemand van

drankjes etc. Het kwam regelmatig voor dat iemand

Kampong aanwezig.


Hoe vaak scoort André le Fèvre in het oranje shirt?

In 17 wedstrijden treft André le Fèvre slechts één maal doel en wel tegen Zweden tijdens de wedstrijd om de derde plaats op de Olympische Spelen van Parijs. Die wedstrijd eindigt in 1-1. De replay de volgende dag gaat met 3-1 verloren. Een week later vertelt ‘Ster’ op de algemene ledenvergadering van Kampong over zijn Olympische ervaringen. Het wordt een genoeglijk babbeltje meldt het Kampongblaadje, onder andere over de tegenstanders van Nederland, de Roumenen, de Ieren en de Uragueezen, welke ieder oogenblik na 't maken van goals elkaar stonden te zoenen of 't kostschoolmeisjes waren. Een serie keurige foto's gaven ons een kijkje op de diverse wedstrijden. Een hartelijk applaus aan 't einde van zijn zeer leuke causerie was dan ook zeer verdiend.

1924

Keurige dribbels

Ineens op de slof

De bal gaat naar voren, Snouck zet voor,

Ons eerste kwam in het veld tegen

een der Zweden kopt de bal neer en daar

Amsvorde en won met 8-0. Het mede-

draait Le Fèvre handig om een tegenstander

spelen van de Ster werd door onze

heen en scoort (1-1)! Le Fèvre toont na

spelers merkbaar op prijs gesteld; ieder

plaatswisseling met Brouwer zijn uitmun-

zwoegde dat het een lieve lust was. De

tende kwaliteiten. Niet alleen zijn dribbels

Ster zelf, hoewel aan snelheid ingeboet,

zijn keurig maar hij zet ook menigmaal

bleek het spel nog lang niet verleerd,

Snouck en vooral Sigmond aan het werk.

was nog even listig als vroeger, scoorde

Le Fèvre speelt boven alle lof.

twee goals, de laatste ineens keihard

(Uit het gedenkboek ‘Honderd jaar KNVB’ over de

op de slof uit een voorzet.

wedstrijd Nederland - Zweden 1-1)

(Kampongblaadje, 25 maart 1939)

39


Op naar Kootwijk

Al in 1915 gaat een aantal leden samen kamperen,

afwisselend een vossenjacht, atletiek, zwemmen in

maar in 1920 wordt voor het eerst een officieel

het Uddelermeer, een avondoefening, een nachtelijke

Kampongkamp gehouden. Men verzamelt op 11

sluipoefening, een wandeling met de boswachter en

augustus om acht uur ’s ochtends bij de Kampong-

een voetbalwedstrijd tegen een club uit de omgeving

boom, waarna de fietstocht naar Kootwijk begint.

op het programma. Elke avond wordt de voetbal-

Onderweg komt Carel van Alphen langs om Tinus

wedstrijd tussen ‘kracht’ en ‘intellect’ verspeeld.

Welle een grote kantkoek te brengen, en meldt het

In de beginjaren maakt vrijwel elk lid het kamp

blaadje: heel voorzichtig sjorde hij het pak op de

geheel of gedeeltelijk mee. Later daalt de belangstel-

zak met worteltjes, waaronder zijn bagagedrager al

ling, zodat er in 1927 nog maar vijftien deelnemers

dreigde te bezwijken. Om half vier wordt na een fors

zijn die de 25 gulden kampgeld willen neertellen.

aantal lekke banden het beukenboschje in Kootwijk

Toch gaat het kamp ook de daaropvolgende jaren

bereikt. Het kamp duurt tien tot twaalf dagen

gewoon door, totdat in 1936 het doek valt.

en naast veel onderling voetbal en cricket staan

Waar komt de Kampongyell vandaan? Af en toe hoor je hem nog wel eens: Hé Kampong, hé Kampong, hé Kampong, vat’m, vat’m, vat’m, joue, joue, joue, heeeee. Maar waar komt de Kampong-yell nu eigenlijk vandaan? De oorsprong ligt in het Kampongkamp. Elk jaar wordt in Apeldoorn gevoetbald tegen Robur et Velocitas. In 1932 meldt het verslag: Het is hier gebeurd dat de Kampong-yell geboren werd! Enkele onzer menschen speelden naar de meening van Hans Dutoit te laks. Jij Kampong, vat ‘m! was zijn strijdkreet, en als één kreet klonk het over het veld in het bekende rythme: Jij Kampong! Jij Kampong! Jij Kampong, vat ‘em, vat ‘em, vat ‘em! 40

Ha, worteltjessoep


Atletiek

Behalve aan voetbal en cricket wordt in de jaren twintig in Kampong-

Een tijdlang groeit ook op Kampong het enthousiasme. Op wedstrijden in

verband ook serieus aan atletiek gedaan om de conditie op peil te houden.

1923 komt Kampong uit met 2 senior- en 3 juniorploegen van elk zes man.

Dat is vooral nuttig voor de voorhoede, zo meent men, want die jongens

Het programma omvat de 100, 400 en 1500 meter, discus- en speerwerpen,

kunnen wel wat extra snelheid gebruiken. In 1921 wordt Kampong lid van

kogelstoten, ver- en hoogspringen met aanloop en polsstokhoogspringen.

de Utrechtse Provinciale Atletiek Bond. In die tijd is dat overigens normaal

Dat atletiek vooral wordt gezien als nuttige training voor voetballers, blijkt

voor voetbalclubs. Ook Hercules, UVV en Voorwaarts doen ’s zomers aan

uit het feit dat bij latere wedstrijden ook het onderdeel dribbelen op het

atletiek. De spelers van alle Voorwaarts elftallen zijn stuk voor stuk sneller

programma staat. Geleidelijk verflauwt de belangstelling echter en als in

dan de onzen, constateert het blaadje, en dit komt, omdat Voorwaarts de

1927 het lidmaatschap van de KNAU wordt opgezegd, is het op

lichte atletiek ’s zomers ernstig beoefent.

Welgelegen gedaan met de atletieksport.

1925

De geest des tijds

Kampong heeft zooals ieder jaar een kamp voor z'n jongens georganiseerd. Het is uitstekend geschikt om elkander te leeren waardeeren, kleine opofferingen voor elkaar over te hebben; in één woord, om de clubgeest in onze vereeniging te verbeteren. Een vijftal Kampongers heeft het plan opgevat om gedurende het kamp op een andere plaats te gaan kampeeren. Zooiets is in onze vereeniging nog nooit voorgekomen. Deze jongelui schijnen de woorden vriendschap, clubgeest, eensgezindheid niet te kennen. Zij wenschen NIET met hun Kampongvrienden te gaan kampeeren. Het oordeel over deze Kampongleden wordt aan den lezer overgelaten. (Een zekere Opmerker in het Kampongblaadje, juli 1925) Eindstand van de Utrechtse junioren atletiekcompetitie in 1927 41


Jan Oost

Wie de Kampongblaadjes uit de jaren twintig en dertig doorleest, komt bijna elke maand wel een verwijzing tegen naar leden die voor hun werk naar Indië zijn vertrokken. Veel van die leden corresponderen met het Kampong-bestuur en verschillenden doen in het blaadje uitvoerig verslag van hun belevenissen in ‘Jan Oost’. Jan Somer verzorgt in het voorjaar van 1925 zelfs een uitgebreide serie Rimboe-impressies. Hoe belangrijk de band met het thuisland is, blijkt uit de reactie op het plan van het bestuur om de verzending van Kampongblaadjes naar Indië stop te zetten: Doe dat niet. Een KampongAfscheid van

blaadje beteekent zooveel voor ons hier. Ontneem ons dat

een Indië-ganger

14-daagsche half uurtje Holland niet.

42

Dubbel van ‘t lachen

Mopperaars

’t Lolligst is nog om te gaan voetballen bij de compagnie; ik zit

Wat vonden we dat Welgelegen toch altijd ver en wat een

bij een compagnie met uitsluitend inlanders en je laat dan 15

mopperaars als er 2 maal achtereen naar buiten de stad

man tegen 15 spelen, zoo ongeveer allemaal op bloote voeten.

getrokken moest worden. Nu, die heeren moeten maar eens

Zelf doe je dan ook mee natuurlijk, maar je moet oppassen dat

naar Indië komen. Zaterdagmiddag kreeg ik bericht dat er een

je niet dubbel slaat van ’t lachen. Ze spreken natuurlijk Engelsch.

ernstige patiënt in Banggaai zou zijn. Ik bofte erg, want juist

Voor corner zeggen ze ‘koronel’, zoo noemen ze den kolonel

kwam er een boot binnen. Het werd een kalm Zondagsuitstapje,

ook. Ze zitten doorlopend met 23 man voor één goal te mod­

d.w.z. slechts 32 uur onderweg om 10 minuten de patiënt te

deren en als je dan de bal eens een eind laat verhuizen naar

zien en mijn verpleger daar aanwijzingen te geven. Stuur

’t midden van ’t veld, dan stuift als een lawine de heele bende

de spelers die voor een uitwedstrijd afschrijven maar eens

weer er achter aan. Werkelijk amusant.

hierheen, dan zijn ze snel genezen.

(Jan Somer)

(Piet Bakker)


27 jaar: Peter Truggelaar (voetbal)

Lage totalen In de jaren twintig zijn de krachts-

Hét Kamponggevoel is voor mij: vriend­

verschillen soms bizar. In 1927 is

schap. Als je er komt, kom je altijd

het eerste team van Hercules veel te

mensen tegen. Er hangt een vertrouwde

zwak voor het tweede van Kampong.

en goede sfeer. Na mijn studie kwam ik

In totaal maken de Herculanen in drie

weer in mijn oude vriendenteam en we

innings 20 runs. In de eerste innings

gaan nu zelfs af en toe een weekeindje

op 21 augustus krijgt Kampong 2

samen weg.

het laagste aantal runs tegen uit de

Mijn team verloor altijd alles. Eén keer

Kamponggeschiedenis.

wonnen we een toernooi, we waren toen heel trots, vooral omdat we een beker

6 juni: Kampong 81, Hercules 10.

wonnen. Dat was een mooi moment.

21 aug.: Kampong 66, Hercules 3 en 7.

1929

Cricket wordt kampioen In 1924 gaat Kampong in de Nederlandse Cricket Bond spelen. Aanvankelijk houden de resultaten niet over, maar in de zomer van 1928 gebeurt, waarop iedereen heeft gehoopt: Kampong wordt kampioen in de zuidelijke tweede klasse. Helaas blijkt die afdeling een stuk minder sterk dan de noordelijke, zo blijkt uit de promotiewedstrijden tegen het tweede van Rood en Wit. Op 5 augustus wordt in Haarlem dankzij een langdurige regenbui nog een draw uit het vuur gesleept: Rood en Wit 169 voor 7; Kampong 97 voor 9. Op 26 augustus maken de Haarlemmers op Welgelegen duidelijk hoe de verhoudingen liggen: Rood en Wit 230 voor 7; Kampong 77 all out. Omdat in die jaren nog geen sprake is van automatische promotie, spelen beide teams in 1929 gewoon weer in de tweede klasse. Rood en Wit wordt weer kampioen en verliest alleen van Kampong dat als vierde eindigt. Ondanks dat promoveert de cricketbond niet alleen de Haarlemmers maar nu ook Kampong naar de overgangsklasse. 43


Voetbal, een zinkende schuit

Op 7 februari 1926 bereikt de voetbalafdeling een historisch dieptepunt. De vier teams scoren die

Voetgebrek

dag samen ĂŠĂŠn keer, terwijl de keepers 33 maal moeten vissen. Het tweede redt de Kampong-eer en speelt met 1-1 gelijk tegen Hercules 3. Maar het eerste, derde en vierde laten het er bij liggen en verliezen met respectievelijk 0-6, 0-12 en 0-14. De Kampongblaadjes uit die jaren staan bol van de

De degradatie naar de vierde klasse in 1929 is

klaagzangen over spelers - ook van het eerste - die niet komen trainen, die om het minste of geringste

het gevolg van twee nederlagen in de promotie /

afschrijven, en die soms gewoon wegblijven. Meermalen moet het eerste een wedstrijd met tien man

degradatiewedstrijden tegen BEC uit Delft. Op 16 juni

beginnen, soms verschijnt men alleen volledig op het veld dankzij een jeugdige supporter die zijn

verliest Kampong thuis onverwacht met 4-1. Daarna

spullen bij zich heeft. Voorzitter Welle weet waar het aan ligt. Niet alleen physieke maar ook geestelijke

gelooft niemand er meer in. Met acht reserves trekt

minderwaardigheid. Daar zit hem de kneep. Geen liefde voor de voetbalsport. Kijk maar eens naar

men naar Delft, waar BEC nu met 3-1 wint. Redenen

de allerschandelijkste toestand van de voetbalschoenen met scheuren en gaten, weinig of geen klosjes,

om af te schrijven zijn: voetgebrek (3), op handen

rotte veters, maar na afloop wel correcte scheidingen, droomen van sweeters, pull-overs etc. Wij

zijnd examen (3), doktersadvies (1), onbekend (1).

noemen ons amateurs, maar we zijn slappelingen. Het bestuur voert een boete van 50 cent

in voor het niet in orde zijn van het clubkostuum tijdens wedstrijden. In 1927 degradeert Kampong naar de derde klasse, maar ook daar gaat het niet beter. In 1928 noteert het blaadje: Onze club zakt als voetbalclub steeds meer af. De maatregelen om te trachten deze zaak iets te verbeteren, hebben volkomen gefaald. Verschillende bestuursleden zien de toekomst zeer donker in, zelfs bleek dat enkele bestuursleden voornemens zijn er het bijltje bij neer te leggen, indien onze leden hun zeer laksche houding niet laten varen. Ook Welle ziet het niet meer zitten: Het lijkt mij dat het Kampongbestuur uit krachtiger figuren moet bestaan dan de thans zittende leden om de zo noodige activiteit in de gelederen te brengen. Waar is onze Mussolini, waar is de Kampong-Primo? Het zal mij een genoegen zijn hem de teekenen mijner waardigheid te mogen overdragen. Waarlijk, het is niet aangenaam een zinkende schuit te besturen als de bemanning werkeloos toekijkt.

Niet iedereen deelt het pessimisme van het bestuur. Een week later schrijft een zekere Optimist in het blaadje: Er wordt goed getraind, het cricket loopt prima, er is veel belangstelling voor het Kampongkamp. Weg dus met die Kampong-Primo, die Mussolini. Maar in 1929 degradeert Kampong opnieuw: We zijn uitgeworpen uit de 3e klasse. Ook met veel andere oude verenigingen gaat het slecht en niet

zonder zelfspot organiseert het Leidse ASC in 1930 het Toernooi der vervallen grootheden. Behalve ASC en Kampong doen Concordia (Delft) en VOC (Rotterdam) mee.


Het spel met den krommen wandelstok

Als gevolg van de slechte resultaten in 1929 worden de geruchten steeds

voetbalclub te behouden. De bloei van de voetbalsport moet bevorderd

sterker dat Kampong zal overstappen op hockey. In een krant verschijnt zelfs

worden, hockey hoort er niet bij. Het moment voor hockey komt eerst als wij

het bericht dat Kampong NIET ophoudt met voetballen. Op 11 mei komt de

‘s winters heelemaal niets anders meer weten. Bovendien gelooft Welle dat

‘hockeykwestie’ voor het eerst ter sprake in de algemene ledenvergadering.

wij ons met den krommen wandelstok ook niet in het leven kunnen houden.

Hemmie Goedhart bindt de kat de bel aan en zegt dat hij de naam Kampong de laatste tijd in verband heeft horen brengen met hockey. Hij

Goedhart deelt mee voldaan te zijn. Hij heeft niets meer aan het gesprokene

vindt het zelf te belachelijk om over te praten, maar vraagt of er liefhebbers

toe te voegen. Ragay antwoordt dat het hem spijt dat er in de vergadering

zijn die willen gaan hockeyen. Lou Ragay staat dan op en deelt mee dat hij

geen hockeyers zijn, want wat Welle gezegd heeft, is een afbrekende kritiek

voor hockeyen is. Hij is echter de enige.

die niet juist is. Om kwart over tien sluit Welle de vergadering.

Voorzitter Welle beklemtoont dan dat Kampong in de eerste plaats als voet-

Ogenschijnlijk is de hockey-discussie probleemloos verlopen. Pas later zal

balclub is opgericht en dat het de taak is van elk lid, alleen al als gevolg

blijken dat deze vergadering de kiem heeft gelegd voor een hardnekkig

van zijn lidmaatschap, te doen wat in zijn vermogen ligt om Kampong als

conflict dat Kampong de daaropvolgende jaren in twee kampen zal verdelen.

1929

Alles is volgebouwd

Zwijg toch, fantasten

Op de ALV van september 1929 laait de discussie opnieuw op. De

Naarmate de geruchten dat Kampong zal stoppen met voetbal sterker worden,

Graaf legt uit waarom er tegenwoordig minder animo is om te voet­

windt voorzitter Welle zich meer op. Toch gaan zelfs thans de geruchten

ballen. Vroeger kon je altijd ergens schoppen, als je uit school kwam,

nog hardnekkig: Kampong zal den voetbal opbergen, Kampong gaat alleen

voor het eten enz. maar tegenwoordig is alles volgebouwd. Voetballen

cricket beoefenen, Kampong werpt zich op de hockeystick. Nog een dezer

leer je te hooi en te gras. Als je niet voetballen kan, leer je dat ook niet

dagen kwam de vader van een onzer adspiranten met de vraag of het waar

op Welgelegen. Het is daar veel te koud. Beukers vraagt zich af: is er

was dat het voetballen gestaakt zou worden en hij keek zeer verwonderd

nog genoeg animo? Wordt het geen tijd dat men de beoefening van

toen hem werd medegedeeld dat hierover zelfs niet met één woord was

een andere sport onder oogen ziet?

gerept. De geruchten waren toch zoo hardnekkig. Zwijg toch, fantasten!

45


Hockeyniveau heren vanaf 1946

Hockeyniveau dames vanaf 1946

eerste

eerste Hoofdklasse

laatste eerste

laatste eerste e

1 Klasse laatste eerste

laatste eerste Overgangsklasse

laatste eerste

laatste eerste e

2 Klasse

De heren hockeyers zijn eigenlijk altijd tamelijk succesvol geweest, maar vooral

De opmars van de dames-hockeyers startte in het midden van de jaren

in de periode 1972-1976 en 1985-1990 reikten zij tot grote hoogte. Alleen in

zeventig en kende zijn hoogtepunt in de periode 1993-1997 toen de dames

de jaren ’90 kon Kampong geen gelijke voet houden met zijn concurrenten.

maar liefst drie tweede plaatsen en twee landskampioenschappen behaalden.

2001

1996

1991

1986

1981

1976

1971

1966

1961

1956

1951

1946

2001

1996

1991

1986

1981

1976

1971

1966

1961

1956

laatste

1951

1946

laatste

Sinterklaas en zijn twee Pedro's 46

in het clubzaaltje in hotel Witjens


1930

1940


3. Nieuwe dimensies

Dames en hockeyers in de Kampong

Na de kalm verlopen jaren twintig ondergaat Kampong in het

datzelfde jaar verhuist Kampong naar Maarschalkerweerd. Voor

nieuwe decennium een aantal ingrijpende veranderingen. Dat

het eerst sinds ruim vijftien jaar heeft de club weer het rijk alleen

begint met een groepje donatrices (dames kunnen dan nog geen

op een eigen complex. Men krijgt in Utrecht Oost de beschikking

Kamponglid worden) dat nadrukkelijk aan de deur rammelt van

over twee voetbalvelden, één hockeyveld en veel kleedruimte.

de Kampongburcht. Ontevreden met louter kijken en aanwezig

Alleen een eigen ‘home’ ontbreekt nog. Aan dat gemis komt in

zijn willen de dames ook zelf aan sport gaan doen. Zij vragen

1939 een einde als in oktober het eerste, deels zelfgebouwde

voorlopig alleen om een veld om af en toe te kunnen cricketen,

Kampong-clubhuis wordt geopend.

maar zelfs die bescheiden wens veroorzaakt zoveel consternatie bij de heren Kampongers dat een bestuurscrisis ternauwernood

Met de snelle groei van het aantal leden neemt ook het clubleven

kan worden afgewend.

een grote vlucht. De jaren dertig worden gekenmerkt door tal van nieuwe initiatieven, zowel in als buiten het veld. In de cricket-

De dames houden voet bij stuk en in de zomer van 1932 slaan

afdeling markeert de wedstrijd Getrouwden-Ongetrouwden vanaf

zij hun eerste runs. Aangemoedigd door dit succes willen zij

1930 de start van het seizoen, terwijl het voetbaljaar met ingang

ook gaan hockeyen. Weer krijgen zij hun zin, zij het dat zij

van 1931 wordt afgesloten met een studententoernooi. Eind 1931

de eerste jaren alleen vriendschappelijk en buiten Kampong-

ontwerpt Lou Ragay de eerste van een lange reeks Kampong-

verband spelen. Hoe belangrijk hun initiatief is, blijkt een jaar

kalenders, terwijl op zondag 5 februari 1933 na afloop van de

later. Terwijl het woord ‘hockey’ in 1933 nog volstrekt taboe is,

wedstrijd Kampong - Amersfoortse Boys het eerste thé-dansant

wordt de sport met de kromme wandelstok op 19 oktober 1935

plaatsvindt in hotel Terminus. Ondanks de 4-1 nederlaag en de

door de algemene vergadering zonder enig voorbehoud als derde

constatering dat Kampong in geen tijden zo weinig hoopvol heeft

Kampongsport geaccepteerd. In 1936 gaan zowel de dames- als

gespeeld, is het thé-dansant volgens het Kampongblaadje een

de herenhockeyers met twee elftallen de competitie in.

groot succes. Tot en met 1939 groeit en bloeit de club. Dan zet

De hockeyafdeling kan zich geen betere start wensen, want in

de mobilisatie een domper op het clubleven.

Lien Rutgers aan bat op Welgelegen

49


Een studentenclub

Op 16 mei 1931 wordt met het eerste studentenvoetbaltoernooi een nieuwe Kampong-traditie geboren. Medici, juristen, tand­ heelkundigen en een ‘rest’elftal binden voortaan na afloop van het voetbalseizoen de strijd met elkaar aan. Het eerste toernooi wordt gewonnen door de juristen, die vervolgens worden uitgedaagd door de ‘oeb-ers’ (ons eigen brood-ers). De mannen met een baan trekken aan het langste eind en zullen ook de volgende jaren telkens te sterk blijken voor de studentenkampioen. Het Kampongbestuur is ingenomen met de nieuwe traditie, want de laatste jaren keren studenten zich steeds meer van de voetbalsport af. En dat is vooral voor een studentenclub als Kampong zorgelijk. In een interview ter gelegenheid van het zesde lustrum meldt voorzitter Welle trots: Van onze 87 spelers zijn er 55 1931

student, 12 afgestudeerd en 20 scholier, van de negen bestuurs­ leden zijn zes student.

Patiënten

Visschen

Men is dan ook helemaal niet blij als rector Loudon van het Utrechtsch Studenten Corps bij het 50-jarig bestaan van Hercules

Daar had je het elftal van de aanstaande

Op 30 oktober 1932 worden bijna alle

zegt dat ieder voetballend Corpslid Herculeslid behoort te zijn.

dokters, de overwinnaars van het toernooi.

velden afgekeurd vanwege de hevige

Afgesproken wordt dat Buijs, corpslid en voetballer bij Kampong,

Heil den overwinnaars! Booze tongen

regenval. Velox 6 - Kampong 5 gaat wel

met Loudon zal gaan praten. Nog belangrijker: hij zal er voor

lispelen wel dat ze getracht hebben vast

door en eindigt in 11-7. Droog (!)

zorgen dat de uitspraak van Loudon niet in officiële

patiënten te fokken voor hun latere praktijk

constateert het blaadje: Het bleek dus

Corpsmededelingen wordt afgedrukt. Kennelijk doet Buijs zijn

en dat dit de reden is van hun succes.

geen sprookje dat het bij regenachtig

werk goed, want als Corpsvereniging Sphaerinda in 1934 met

(Uit het verslag van het studententoernooi van 1931)

weer goed visschen is.

een voetbalelftal competitie wil gaan spelen, wordt besloten om dat niet onder de vlag van Hercules maar onder die van Kampong te doen.

50


19 -0

32 jaar: Leslie Dijkstra (cricket)

In het seizoen 1930-1931 vestigt het derde voetbalteam een uniek record. Binnen 32 dagen wordt twee maal met 19-0 gewonnen.

Ik sport al mijn hele leven, maar heb

14-12-’30:

Kampong 3 - Voorwaarts 4

19-0

bij Kampong voor het eerst echt ervaren

15-01-’31:

Kampong 3 - Hercules 4

19-0

dat sport en gezelligheid samengaan.

Tot april blijft het elftal zonder puntverlies, maar dan wordt met 3-1 van

Ik nodig nu zelfs speelsters uit mijn team

Velox 5 verloren. Kampong staat nu weer gelijk met Hilversum 5, maar op

uit voor mijn verjaardag.

6 juni wordt men dankzij een benauwde 3-2 overwinning op deze concurrent

Het mooiste is om op een zondag-

toch nog kampioen. Het Kampongblaadje meldt dat voorzitter Tinus Welle

middag voor de crickettent te zitten en

aanvoerder Theo Boesman die avond op ’t zaaltje met een krans huldigt.

gewoon te genieten. Na de verhuizing

Het was voor Kampong werkelijk een wereldschokkende gebeurtenis.

met de cricketafdeling kregen we die

Ik weet niet hoeveel jaren ik terug moet gaan in de Kamponggeschiedenis

tent. Nu is er ook een clubhuis, alleen

om aanteekeningen over een behaald voetbalkampioenschap te vinden.

dat moet nog geverfd worden.

1931

Grimmige werkers

0- 0

Er was een tijd dat de ‘heeren studenten’ vrijwel het monopolie van beoefening der

Een unieke prestatie leveren de Kampong-

voetbalsport bezaten, zooals ze dat eigenlijk bezaten van alle dingen die buiten het

junioren in mei 1932 door het UPVB-toernooi

‘burgermans-natje-en-droogje’lagen. Wel zijn de tijden veranderd. Ter eener zijde het

te winnen zonder ook maar één keer te

bereikbaar worden van al die begeerlijkheden des levens voor de breede lagen des

scoren. Alle vier wedstrijden eindigen in

volks, ter anderer zijde, de democratiseering der studentenmaatschappij. Een helaas al

0-0, waarna de junioren de penalty's telkens

te groot deel der studeerende jeugd bestaat uit ‘grimmige werkers, op niets belust dan

beter nemen dan hun tegenstanders. Een

afstuderen en een baan bemachtigen’, aldus de Groene Amsterdammer van 14 maart.

bravourestukje dat nog wel 'nie dagewesen'

Trek van de rest nog diegenen af, die zich niet met ‘volksvoetballers’ willen encanail-

is, aldus het blaadje.

leeren en om deze en andere redenen ‘de kromme wandelstok’ ter hand hebben genomen en ge houdt het schamele maar dappere troepje voetballende studenten over. (Hemmie Goedhart in het Kampongblaadje, 1931)

51


Cricket: De onvermijdelijke overgangsklasse

In 1931 nemen zes Kampongteams aan de competitie deel.

tweede klasse. Maar het bestuur is fel tegen, omdat men de positie

Hoewel de sfeer goed is, laten de resultaten te wensen over, meldt

als meest vooraanstaande Utrechtse club in de cricketwereld niet

het blaadje in 1931: Een cricket-overzicht schrijven of ’t opsommen

op het spel wil zetten. Door in de 2de klasse te gaan spelen

van onze serie nederlagen zijn momenteel bijna twee volkomen

komen we gelijk te staan met Hercules en UVV, waarschuwt

identieke handelingen. Ook als ir. L. Schilthuijzen, een der beste

voorzitter Welle. Als enkele belangrijke spelers vertrekken, kiest

bats van HTTC in Eindhoven, Kampong komt versterken, verandert

het bestuur er in 1936 toch voor om naar de tweede klasse terug

dat niet. De overgangsklasse is eigenlijk te hoog gegrepen en

te gaan. Veel helpt dat niet. In 1937 wordt men kampioen en is

in 1933 vragen de cricketers om te worden teruggezet naar de

Kampong weer terug in de onvermijdelijke overgangsklasse.

Een betaalde trainer

Al jarenlang worden de Kampongspelers in het blaadje opgeroepen om te komen oefenen. Maar dat is wat anders dan trainen, zo blijkt als de cricketers in 1931 een betaalde trainer willen aanstellen. Tijdens een ledenvergadering stellen niet alleen verschillende leden, maar zelfs twee bestuursleden dat het betalen van een trainer indruist tegen de amateurgedachte. De gewenschte sportieve vaardigheid worde bereikt door ernstige eigen oefening, bij voorkeur onder leiding der meer geoefende clubleden. Een meerderheid is echter voorstander van een cricket-trainer en wel omdat vereenigingen die een cricket-coach kunnen betalen ons over de geheele linie vooruit zijn en dat voornamelijk het batten en bowlen bij ons niet de minste variatie biedt.

De vooruitstrevenden winnen het pleit en vanaf 1931 geeft de zwarte Zuid-Afrikaan Oliviera elke vrijdagavond crickettraining. Het kampioensteam van 1937 met ir. Schilthuizen in donker jasje


Voetbal: Een zespuntenwedstrijd

In 1932 heeft het eerste voetbalelftal voor het eerst sinds 1922 weer serieuze kampioenskansen. Op 23 februari vindt op Welgelegen de wedstrijd tegen buurman EAC plaats. Bovendien moet door Kampong nog een strafschop worden genomen tegen diezelfde club vanwege een toegekend protest uit de uitwedstrijd. Het is een unieke kans om een concurrent voor de titel uit te schakelen, maar de kans wordt niet gegrepen. Niet alleen gaat de wedstrijd verloren, ook de penalty wordt gemist, zodat EAC op één middag zes punten op Kampong uitloopt en uiteindelijk kampioen wordt. Dat is des te dramatischer omdat Kampong later een protest wint, waardoor de uitslag APWC - Kampong verandert van 1-1 in 1-2. Waren de drie punten tegen EAC binnengehaald, dan was Kampong met Quick gedeeld eerste geworden en had de ploeg een gerede kans gehad op het kampioenschap en promotie naar de derde klasse.

1932

Voetbalvlegelclubs

Vergok hebbe ze ‘t

Dat het op de voetbalvelden in de jaren dertig nog altijd niet pluis is, bewijzen tal van incidenten.

Op een Zondagavond liep ik langs een sigarenwinkel waar

Helemaal mis gaat het in 1933 tijdens en na afloop van APWC - Kampong (1-3). Tijdens de harde

voetbaluitslagen hingen, toen ik plotseling de woorden opving:

wedstrijd moedigt het Amersfoortse publiek de eigen spelers herhaaldelijk aan om tegenstanders het

‘Kampong!! Zel ik je nou es zegge werom die lui der niet

ziekenhuis in te trappen. Als één van de APWC-spelers na een opstootje uit het veld wordt gestuurd,

uitkomme? Ze speulen te veul met dat kleine rooie ballegie en

komt het publiek het veld op om mee te vechten. Diezelfde speler bewerkt Kamponger Van der Born na

die stokkies. Asse dat knikkeren hadde late staan, dan hadde

afloop zodanig met een voetbalschoen en met zijn vuisten, dat die er een kaakfractuur door oploopt.

ze nou nog in de tweede bij Herkeles gezete. Dat knikkere is

Kampong meldt de zaak aan de KNVB, die de betrokkenen straft. In het Kampongblaadje schrijft

de pes voor ze gewees.’

Welle echter: Het kwaad zit dieper. De voetbalvlegels zitten niet in voetbalclubs, maar in voet­­

’t Heet geen knikkeren, ’t heet krikkeren.’

balvlegelclubs. En die clubs moet men aanpakken, al het andere is lapwerk. Om nieuwe problemen te

‘Pijn amme hoof, knikkeren of krikkeren, vergok hebbe ze ‘t.

voorkomen, vraagt Kampong overplaatsing aan naar de Amsterdamse afdeling. Hoe juist de keuze

Nou jij en dan ik.’

is, blijkt uit de uitwedstrijd tegen PVC, de enige andere Utrechtse club in de nieuwe afdeling. In die

(Kampongblaadje)

wedstrijd verzorgt PVC een intensieve demonstratie van de Utrechtse speelwijze, aldus het cynische commentaar van een toeschouwer.

53


De Kampongdames in 1934

De dames komen!

Op 10 juli 1932 wordt voor het eerst in ons land een damescricketwedstrijd gespeeld. In Overveen spelen Rood en Wit (Haarlem) en ACC (Amsterdam) tegen elkaar. Tien dagen eerder meldt het bestuur van Kampong 1932

dat ook de Utrechtse donatrices, waaronder veel zusters en verloofden van prominente Kampongers, op 12 juni een club hebben opgericht en nu willen gaan cricketen. De zaak is in het bestuur besproken en besloten is om bij voldoende deelname voor de donatrices der club de gelegenheid open te stellen op enkele tijdstippen, waarop geen of zoo goed als geen gebruik van onze terreinen wordt gemaakt, de cricketsport te beoefenen.

Op maandagavond, vrijdagmiddag en zaterdagavond zijn de terreinen en kleedlokalen voortaan voor de dames gereserveerd. De plannen vallen niet bij iedereen in goede aarde. Er bestaat vooral weerstand bij een groepje vrijgezellen dat bang is dat de dames voortaan na afloop van de wedstrijden ook in Terminus zullen komen, waardoor zij daar niet meer ongestoord kunnen drinken. Een zekere Staal ziet andere problemen. Hij is vooral bang dat vrouwen nu ook werkend lid zullen worden. Het bestuur is bereid in het reglement vast te leggen dat uitsluitend mannelijke personen werkend lid kunnen worden. Ook krijgt de damesafdeling niet het recht om haar eigen bestuur te kiezen. Dat wordt aangewezen door het Kampongbestuur, opdat wij de Afdeeling geheel in eigen handen hebben. Staal verklaart onder deze omstandigheden geen bezwaar tegen damescricket te hebben.

Hoe snel de dames geaccepteerd zijn, blijkt uit een opmerking in het blaadje over de ontvangst na afloop van een wedstrijd in hotel Terminus aan het Stationsplein: Typisch gezicht overigens als je Terminus binnen54

komt en er niets dan dames zitten, geflankeerd door eenige Kampongers, destijds fel anti-damescricket.


Dameshockey

Als damescricket eenmaal als sport is geaccepteerd, besluiten de dames het niet

Een gevaar voor de organisatie

bij dit ene succesje te laten. Eind 1932 verzoeken zij het bestuur om op zondagmorgen het tweede veld te mogen gebruiken voor dameshockey. Het bestuur

Veel medewerking hadden we van onze mannelijke sportbroeders helaas niet. Men

deelt hen mee dat wij de naam hockey niet aan Kampong kunnen verbinden,

stond nogal cynisch tegenover de ontwikkeling van een damescricketafdeling, maar na

maar de dames geven niet zo gemakkelijk op. Een jaar later meldt secretaresse

veel heen en weer gepraat mochten we de stap dan wagen indien de afdeling streng

Wilten van de damescricketafdeling het bestuur dat de dames ’s winters willen

gescheiden zou worden gehouden. Over dameshockey viel helemaal niet te praten.

gaan hockeyen. Zij kunnen op Welgelegen voor veertig gulden per jaar een

Dat was lijnrecht in strijd met de Kampong-traditie. Toen echter duidelijk was dat de

middag per week een veld huren, zij zullen de kosten zelf dragen, en zij

beoefening van iedere andere sport voor dames in de winter niet goed mogelijk was,

verzoeken het bestuur alleen om dameshockey toe te staan, desnoods geheel

was men bereid dameshockey toe te staan met dit voorbehoud dat op een neutraal

los van Kampong en onder een andere naam. Inmiddels zijn de geesten

terrein zou worden gespeeld en alle hieruit voortvloeiende kosten uit eigen kas zouden

kennelijk rijp voor dameshockey, want nog diezelfde avond geeft het bestuur

worden bestreden.

telefonisch groen licht.

(Uit een interview met Annie Biegelaar in het UN van 28 september 1962)

Trousered

Een kwestie die in de begintijd van het damescricket voor dis­ cussie zorgt, is de vraag ‘kort rokje’ of ‘lange wijde pantalon’. In Engeland spelen de dames in rok, maar Nederland kiest voor de broek. Wij aarzelen niet de pantalon aan te bevelen, vooral omdat wij de combinatie ‘rok en legguards’ esthetisch zoowel als sportief (met het oog op de L.B.W.-beslissingen) ten eene male onaanvaardbaar achten, aldus een van de bestuursleden van de

damescricketbond. Als een Nederlands bondselftal in 1937 tegen een team van Kent uitkomt, weten de Engelsen niet wat ze zien. Kampongspeelster en wicketkeeper Lien Rutgers haalt met haar pantalon zelfs de cover van de Sunday Graphic. By golly, look at those trousers

55


Krijgsraad

Een vertrouwenscrisis

Als het bestuur de leden in het blaadje van eind juni 1932

overlopen. Het bestuur roept op 16 juli 1932 een bijzondere

meedeelt dat het heeft ingestemd met de komst van damescricket

ledenvergadering bij elkaar en stelt de vertrouwenskwestie.

op Kampong, schrijft redacteur Guy Zaalberg in een naschrift:

Welle maakt duidelijk dat ook het bestuur zelf geen propagandist

Mijns inziens kon de Algemeene Vergadering wel eens enkele

is van damescricket, maar noemt het niet redelijk om de donatrices

argumenten aanvoeren, waaruit zou blijken dat met de invoering

een veld te weigeren als dat wel aan andere ‘buitenstaanders’,

van damescricket het Kampongbelang niet in alle opzichten is

zoals studentenvereniging Unitas ter beschikking wordt gesteld.

gebaat. Met die opmerking haalt hij zich niet alleen de woede van

Dan vraagt hij de vergadering of men bereid is om damescricket

het bestuur op de hals, hij maakt er een controverse mee zichtbaar

een faire kans te geven. In een schriftelijke stemming verklaren

die Kampong meer dan een jaar lang verdeeld zal houden. Er

37 aanwezigen zich voor; één lid stemt blanco. Welle zegt te

blijkt forse kritiek te bestaan op het bestuur en met name op voor-

hopen dat tenminste dertig jaar zullen verlopen voordat zich

zitter Welle. Diens eigenmachtige besluit om damescricket toe te

opnieuw een dergelijke crisis in het clubbestaan zal voordoen,

staan, is voor de oppositie de druppel die de emmer doet

waarna het Kamponglied wordt ingezet.

1932

Een oorlogsverklaring

Kampong is niet alleen een vereeniging voor de leden, maar ook voor de families van de leden, en het bestuur meende juist in het belang van Kampong te handelen door de dames naar aanleiding van een verzoek, dat bleek van verscheidene kanten te worden gesteund, in de gelegenheid te stellen te cricketen. Deze dames kregen geen rechten, geen invloed op het clubleven of cluborganisatie enz, zij kregen zelfs nog minder rechten. Zoo werd haar gezegd dat, wanneer zij cricketen hun aanwezigheid op een algemene vergadering niet op prijs zou worden gesteld, hoewel het reglement dit aan donatrices toestaat. Nadat het bestuur overwogen had dat aan damescricket een kans moest worden gegeven, heeft het zich de noot van de redactie als een oorlogsverklaring voorgesteld. (Voorzitter Welle in een verklaring tijdens de ALV van 16 juli 1932)


All-Kampong-show

Het lustrum van 1932 geldt als één van de hoogtepunten uit het

door het publiek staande meegezongen werden. Dan beschrijft

vooroorlogse clubleven. Zoals in die tijd gebruikelijk pakken de

de krant de inhoud van de revue met onder meer de scène

dagbladen uit met een verslag over meerdere pagina’s. Het

‘Sportuitdrukkingen in beeld’. Laatstgenoemde scène toonde op

Utrechtsch Dagblad is vooral zeer enthousiast over de door Tinus

de meest letterlijke wijze o.a. de volgende vaktermen: ‘De keeper

Welle geschreven revue ‘Wij zijn weer thuis bij de Kampong’.

liet fraaie staaltjes zien’; de achterhoede zuiverde het terrein

Het komt dikwijls voor dat feestvierende verenigingen een revue in

(met flit, Hoover en bezem); de tegenpartij kon het doel niet

elkaar zetten, maar slechts zelden zal het gebeuren dat daarmee

vinden (zelfs niet met een loupe of een verrekijker); de midden-

zulk een succes wordt behaald als met deze ‘all-Kampong show’

linie domineerde; de voorhoede was voortdurend aan het woord.

het geval was. Alle hulde aan voorzitter Welle, die met het ver­

Heel geestig gevonden. Wildenthousiast is de verslaggever over

vaardigen ervan een buitengewoon goede inval heeft gehad. Aan

het stelletje allerliefste revue-girls dat op uitmuntende wijze een

het begin van de avond speelde de muziek eerst het Wilhelmus,

aantal dansen opvoert, om te besluiten met: Het resultaat was

daarna het Io Vivat en tenslotte het Kamponglied, welke liederen

Kampong waardig.

1932

Nachtpermissie

Het lustrumprogramma kent lang een vast stramien.

Zaterdag

Zondag

In 1932 luidt het aldus:

10.00: Reünisten veramelen in Witjens voor koffie

13.00: Voetbalwedstrijden op Welgelegen.

Vrijdag

11.00: Beiaardier Wagenaar speelt op het

17.00: Thé-dansant in het Jaarbeursrestaurant,

18.30: Reünistendiner in café Witjens aan het Vreeburg.

waarna tegen een billijke prijs kan

20.30: De leden verzamelen in ’t Kasteel van Antwerpen

16.30: Receptie van het Kampongbestuur in Hotel

worden gedineerd.

aan de Oudegracht bij de Bakkersbrug en

21.00: Slotfeest in de Jaarbeurs.

trekken in optocht naar Witjens om de rond

20.15: Revue ‘Wij zijn weer thuis’ in de Stadsschouw-

vijftig reunisten op te halen. Dan, zingend en

burg, na afloop bal in de congreszaal van

yellend, terug naar ’t Kasteel voor een

het Jaarbeursgebouw aan het Vreeburg.

Buitengewone Algemene Ledenvergadering.

02.00: Tijdens de pauze kan er gesoupeerd worden.

Aansluitend: vertoning van een Kampong-film

Het bestuur heeft van de gemeente nacht-

en clubsouper.

permissie gekregen tot 5.00 uur.

Domcarillon het Kamponglied. Terminus op het Stationsplein.

57


De bom barst opnieuw

In maart 1933 bedankt oud-penningmeester Willem van Benthem als

door de harde opstelling van Welle en zijn supporters. Men stelt weliswaar

Kamponglid. Directe aanleiding is een dispuut over een crickettoernooi,

een eigen kandidaat voor een vacante bestuursfunctie, maar als de voorzitter

maar duidelijk is dat de rol van voorzitter Welle de eigenlijke aanleiding

duidelijk maakt het lukraak stellen van kandidaten niet te accepteren, trekt

vormt. Diens dominante positie in de club is verschillende leden een doorn

deze zich haastig terug. Als na een boze interruptie van oud-bestuurslid

in het oog en tijdens de ledenvergadering van 30 september barst de bom

Frans van Rijn ook Ragay zich weer achter het bestuur opstelt, is duidelijk dat

opnieuw. Lou Ragay zegt het gevoel te hebben dat Kampong door maar één

de aanval op Welle mislukt is.

persoon geleid wordt, omdat Welle behalve voorzitter van Kampong ook lid is van iedere commissie die de club kent.

Nu rest alleen nog de (her)verkiezing van de voorzitter. De oppositie slaagt erin een mondelinge stemming af te dwingen, maar moet constateren dat er

Die verklaring is het startsein voor een felle discussie, waarin voor- en

nog maar drie tegenstemmers zijn. Twee van hen bedanken ter plekke als lid

Frans van Rijn

tegenstanders elkaar niet ontzien. Maar al snel wordt duidelijk dat de

en verlaten de vergadering, waarna de overige aanwezigen om kwart voor

in 1947

oppositie geen gesloten front vormt en zich gemakkelijk laat overbluffen

twaalf eendrachtig het Kamponglied inzetten.

1933

De oude garde spreekt

Van Rijn memoreert het feit dat hij, ondanks zijn 25-jarig lidmaatschap, waarvan 15 jaar bestuurslid, nog nooit meegemaakt heeft wat wij op het ogenblik beleven. Vindt dit in één woord verschrikkelijk en de geest van Kampong onwaardig. Nog erger is het dat zij die vanavond hier Kampong trachten te redden, niet weten wat de Kampong is. Het zijn geen mensen die in Kampong zijn opgegroeid. Wanneer men goed Kamponger is moet men niet op deze manier het Bestuur met kandidaten te hooi en te gras bestrijden. Kampong is toch geen gewoon voetbalclubje maar een vriendenkring? Spreker vindt het gemeen en onder-gronds om op deze manier het bestuur te ondermijnen. Van Rijn spreekt hier namens de oude garde, die niet wil dat dit in Kampong gebeurt. Zij, die op deze manier bij ons optreden, moeten er uit. (applaus). (Uit het verslag van de ALV van 30 september 1933)


59


19-10-‘35, 21.40 uur: Kampong gaat hockeyen

Na de aanvankelijke weerstand tegen de komst van een hockeyafdeling op Kampong, verloopt de introductie van de nieuwe sport tamelijk geluidloos. Het Kampongblaadje van 2 november 1935 meldt nuchter dat de voetballers op 13 oktober met 7-1 van PVC hebben verloren en dat een bijzondere algemene ledenvergadering zes dagen later om 21.40 uur precies met algemene stemmen heeft besloten dat Kampong ook gaat hockeyen. Ook, want wordt nadrukkelijk gesteld:voetbal, cricket en hockey zijn drie volwaardige gelijke sporten, geenszins aan elkander ondergeschikt, al moge men bedenken dat de voetballerij en cricketerij uit hoofde der traditie de oudste papieren hebben. Voornaamste argument om met

hockey te beginnen is de vrees dat anders een andere club Kampong

1937

voor zal zijn. De komende verhuizing naar Maarschalkerweerd, waar Kampong drie velden krijgt, is in dat verband een uitgelezen moment. Daar komt bij dat de club inmiddels een begrotingstekort heeft van

Ons kranige elftal

bijna zevenhonderd gulden. Uit financieel oogpunt is de introductie van hockey min of meer een noodsprong. In 1936 gaan zowel de dames

Glorieus is ons eerste dameshockey-elftal kampioen van haar afdeling geworden en dat

als de heren met twee elftallen meedoen aan de competitie.

nog wel ongeslagen. (Zoo zoo, nestkuikentjes! Red.) Een bijna niet te gelooven resultaat

En zowaar, de nestkuikentjes zoals ze spottend door de voetballers

in onzen eersten hockey-winter. Gelukkig hadden wij Zondag j.l. tijdens het thĂŠ dansant

genoemd worden, boeken van meet af aan succes. De dames worden

in Pays Bas de gelegenheid ons kranige elftal te complimenteren. Wij allen hebben de

in hun eerste seizoen zelfs ongeslagen kampioen. Na het winnen van

huldiging van het Kampongbestuur, waarbij onze speelsters een herinnering aan het

de promotiecompetitie promoveren zij in 1937 naar de derde klasse.

kampioenschap mochten ontvangen, zeer op prijs gesteld. 't Was een dag, dien we niet

De heren moeten dat eerste seizoen nog hun meerdere erkennen in het

licht zullen vergeten. We wenschen hun nogmaals veel succes in de komende promotie-

sterke Gooi 5. Maar in het seizoen 1937-1938 volgen de Kampong-

wedstrijden. Jammer dat de regen, die ons veld dikwijls zeer ongeschikt maakt, het

mannen het goede voorbeeld van de vrouwen. Na een marathon-

geregelde oefenen niet in de hand werkt. Houden jullie toch vooral den Woensdag- en

wedstrijd tegen Amersfoort 3 zetten ook zij de eerste succesvolle stap

Zaterdagmiddag vrij, om zoo gauw het weer het toelaat een balletje te slaan. Jullie moeten

op de lange weg naar de top.

nog heel wat presteren voor we aan het cricketen gaan. (Voorzitter Esther Welle van de damesafdeling in het Kampongblaadje, februari 1937)

60


Wat is de grootste overwinning van hockey heren 1 in een competitiewedstrijd?

Langs de ploerterijen

Het was bovendien zo ontzettend gezellig om zo enigszins mogelijk per auto naar de wedstrijd te gaan en dan liefst met z’n achten in één auto. Bovendien bood dit vervoermiddel ons de

Op 18 november 1937 wint Kampong met 26-1 van SCHC 6. In de

gelegenheid vanaf het punt van verzamelen, alwaar gemeenlijk niet meer dan 7 spelers

afdeeling van het eerste zitten vele zeer zwakke elftallen, constateert het

waren verschenen, de diverse ploerterijen (studentenhuizen) aan te doen, ten einde bij de

Kampongblaadje en dat blijkt ook later in de competitie. Zo wordt

veelal nog in staat van ontkleding verkerende elftalgenoten enige belangstelling voor de

Schaerweyde 3 in januari 1938 met 7-1 verslagen, hoewel Kampong met

komende wedstrijd te wekken. Het lukte in deze tijd reeds om een uitwedstrijd voor de beker

maar acht spelers aantreedt. Die grote overwinning is mede te danken aan

te organiseren. De tocht naar Helmond leverde niet het zoet der overwinning op. Het is nog

het hobbelige Utrechtse veld, waarmee de Zeister spelers zich geen raad

altijd een vraagteken of de spanning van de autotocht - met een handrem die gedurende de

weten. In Zeist heeft Kampong het veel moeilijker en wint slechts met 4-2.

gehele reis krampachtig vast moest worden gehouden - of de met dennengroen gewatteerde

Het Kampongblaadje weet wel hoe dat komt: Het valt ook niet mee om op

telefoonpaal zo maar midden op het veld oorzaak van deze nederlaag is geweest.

een prachtig glad en snel loopend terrein te spelen als je altijd min of meer

(Nico ten Bokkel Huinink, aanvoerder hockey 1)

in de klei of tusschen de heuvels moet hockeyen.

1938

Tongen van leer

De promotie van Heren 1 in 1938 is het resultaat van een enerverende nek-aan-nek race met Amersfoort 3. Nadat men in de competitie gelijk is geëindigd, brengt ook een beslissingswedstrijd in Bilthoven geen uitkomst (2-2 na verlenging). Op 27 maart op het veld van Schaerweijde staat het na 70 minuten weer gelijk (1-1). Pas na zo’n drie uur spelen valt de beslissing zoals aanvoerder Nico ten Bokkel Huinink beeldend beschrijft: Toen diverse spelers ternauwernood kracht over hadden om de bal een tik te geven of om de stick op te tillen, met monden en tongen van leer, en het geheel ernstig op een roes begon te lijken, slingerbeende Geurt Oldenziel op de hem eigen wijze voor de zoveelste maal naar de rand van de cirkel en suizend vloog de bal van zijn stick in een zeer scherpe hoek het doel in.

61


Tinus Welle, de ziel van Kampong

Als de spelers van Kampong in 1905 aan de dan zestienjarige keeper van Presto vragen of hij zin heeft om het doel van Kampong te komen verdedigen, hebben ze waarschijnlijk geen idee dat ze een speler binnenhalen, die bijna vijftig jaar lang een onuitwisbaar stempel op het clubleven zal drukken. Al op 2 mei 1908 wordt Tinus Welle voor het eerst tot voorzitter gekozen, zij het dan nog slechts voor vier maanden. Ook tijdens de Eerste Wereldoorlog is Welle een tijdlang voorzitter, een taak die hij na de plotselinge dood van zijn opvolger Jan Correljé in 1918 voor de derde maal op zich neemt. In 1936 vindt hij het genoeg geweest, maar als zijn opvolger Jan Plette al na een paar maanden naar Den Haag vertrekt, is Tinus niet zo goed of hij neemt de Tinus wordt zeventig, Imada en Joop Biegelaar kijken toe

voorzittershamer weer ter hand. Pas in 1952 gooit hij het bijltje er definitief bij neer. Meer dan alleen voorzitter is Welle gedurende lange jaren het gezicht van Kampong. Als auteur en producent van een groot aantal lustrumrevue’s, als Sinterklaas en als regelmatig schrijver in het Kampongblaadje is ‘Tinus’ de ziel van het door hem zo belangrijk gevonden clubleven. Maar ook de prestaties op het veld gaan hem zeer aan het hart. Als het in 1926 met de voetballers bergafwaarts gaat, besluit Welle, in het dagelijks leven werkzaam op het hoofdkantoor van de Nederlandse Spoorwegen, om hen hoogstperoonlijk training te gaan geven. In het seizoen 1945-1946 verzorgt hij elke vrijdagavond bij hem thuis een ‘mental training’ voor de voetballers van het eerste elftal. De moeilijkste periode uit zijn Kampongloopbaan beleeft Welle in de jaren 1932 en 1933. Onduidelijk blijft of het uit machtshonger is, of omdat niemand anders in de club het vuile werk wil opknappen, feit is dat Welle geleidelijk zoveel vingers in de pap heeft gekregen, dat verschillende leden hem zijn gaan beschouwen als een dictator wiens wil wet is. Vooral zijn - ongetwijfeld door zijn wilskrachtige echtgenote Imada gestimuleerde - besluit om de dames op het sportveld toe te laten, wordt hem kwalijk genomen. De kritiek is zo heftig dat hij zelfs aanbiedt om af te treden, maar zijn medebestuursleden overreden hem te blijven en de oppositie het hoofd te bieden. Dat hij daar glansrijk in slaagt, bewijst zijn benoeming in 1936 tot Kampongs eerste erevoorzitter.

62


Verzot op kaarten

Ik herinner mij dat de bestuursvergaderingen om de veertien dagen werden gehouden en onder het bewind van Tinus was dit meer een feestelijk gebeuren dan een strikt zakelijke bijeenkomst. Hij stelde met betrekking tot een probleem nimmer zijn eigen mening of opvatting op de voorgrond, doch liet zijn medebestuursleden uitvoerig naar een oplossing zoeken en langdurig discussiëren, waarna hij met één enkele opmerking een richting aangaf welke in het voorafgaande debat nog niet was gekozen. Tinus had de meest merk­ waardige jeneverkruik in huis, gedurende zijn voorzitterschap heb ik hem nooit leeg gezien. Zijn das was dan wel geen staalkaart van de wekelijkse consumptie, maar bepaald niet vlekkeloos. Hij had een warme belangstelling voor zijn medemensen, zijn gevoelens kabbelden duidelijk zichtbaar aan de oppervlakte en hij was dus een open boek. Hij was verzot op kaarten en sleurde zijn gasten terstond bij binnenkomst naar de canasta-tafel. (Oud-secretaris Lex van Loon, 1952)

Het aftreden van M. Welle

De pers over Welle

Ik ben niet meer geschrokken dan toen ik hoorde dat mijnheer Welle had bedankt

Wat Welle voor Kampong is geweest valt niet in enkele regels neer te schrijven.

als voorzitter van de Kampong! Wie kan zich de Kampong voorstellen zonder

Welle is met Kampong ouder geworden, heeft zijn club haar cachet doen bewaren

mijnheer Welle? Welke jongere kan zich een Zaterdagmiddag voorstellen zonder

en is erin geslaagd Kampong te doen worden een der meest sympathieke voetbal-

dat onze Voorzitter er was? Of dat hij op een jongeren-avond niet zijn gebruikelijke

vereenigingen uit den lande, zij het ook dat het thans ‘maar’ een derde klasser is.

woordje sprak? Wie kan zich voorstellen dat mijnheer Welle niet meer op zijn

(Utrechts Sportblad, 1927)

rustige doch besliste wijze de Algemeene Vergaderingen zal leiden? Mijnheer Welle: volgens mij bent U en de Kampong één; U zult over Uw heengaan wel rijpelijk

Een geboren leider, een rasechte clubman.

gedacht hebben, maar we kunnen U zeer noode missen. En als wij U weer eens

(Utrechts Nieuwsblad, 1932)

noodig hebben, hoop ik dat we dan geen vergeefs beroep op U zullen doen! (Ton Rutgers in het Kampongblaadje, augustus 1936)

De ziel van Kampong gedurende een menschenleeftijd. (NRC, 1939)

63


Naar Maarschalkerweerd

Op 13 september 1936 worden de nieuwe velden van terreinencomplex ‘De groote kuil’ in gebruik genomen,

Het nieuwe complex wordt geopend met een ere-

al snel herdoopt in Maarschalkerweerd. Op 2 mei schrijft het Kampongblaadje: Waar de nieuw geprojecteerde

wedstrijd tussen HBS uit Den Haag met record-

weg van Ostadelaan naar Koningsweg op deze laatste uitkomt, hebben wij de beschikking gekregen over een

international Bep Bakhuys in de gelederen en Ajax

prachtig complex terreinen. Behalve de veel betere outillage, zoals een keurig verzorgd kleedlokaal van zeer

uit Amsterdam. De uitslag van de wedstrijd is in

behoorlijke afmeetingen en inrichting en douches, en het feit dat de drie velden voor veel leden aanzienlijk

de mist der tijden verloren gegaan, maar

dichter bij huis liggen, noemt het bestuur het ook een groot voordeel dat wij dan geheel afgesloten van

het feest na afloop mag er wezen, vertelt terrein-

collega’s komen te zitten, niet om ons te isoleren maar uitsluitend om de traditionele Kampongsfeer te doen

knecht Janus veertig jaar later in het Utrechts

bestendigen en waar gewenscht uit te breiden. Vooral voor de hockeyers is er veel werk aan de winkel. Zij

Nieuwsblad. Bep Bakhuys was erbij en Anton

moeten zelf hun veld uitzetten, hockeygoals aanschaffen en vooral de terreinknecht instrueren hoe met een

van der Vegt, en er was een leuk feest na afloop.

hockeyveld om te gaan.

Bakhuys stond achter de tapkast.

Te weinig velden

36 jaar: Frank Soesbergen (voetbal)

De jaarwisseling biedt een gunstige gelegenheid de balans over het afgeloopen jaar op te maken. De belangrijkste gebeurtenis hierin is wel de ingebruikneming van onze nieuwe velden. Het gemis aan een eigen huis

Mijn hemel, het Kamponggevoel, moeilijk te

is nu verdwenen. De kleine tekortkomingen aan onze velden zullen lang-

beantwoorden. Ik vind het wel gezellig dat alles

zamerhand verdwijnen. Het grootste gebrek echter is, dat de nieuwe velden

hier door elkaar heen loopt, het is geen koude-

nu al veel te klein gebleken zijn. Is dit aan den eenen kant verheugend dat

kakclub meer zoals vroeger.

door den geweldigen groei van het aantal sport-, en vooral hockey

Het allereerste jaar dat mijn team met het Cary

beoefenende leden, de velden te klein zijn geworden, aan den anderen

Tijtgattoernooi meedeed, werden we kampioen,

kant zal het misschien moeilijk zijn tot uitbreiding in de onmiddellijke

dat had niemand verwacht. Voor een dertiende

nabijheid te geraken. Het bestuur heeft hieromtrent reeds besprekingen

team hadden we best goede spelers.

gehouden. Hopenlijk zal het nieuwe jaar een gunstige oplossing brengen. (Voorzitter Jan Plette in het blaadje van 1 januari 1937) 64

Bep Bakhuys


Een eigen buffet

Hoewel het spelen op het nieuwe complex goed bevalt, is er al in 1938 sprake van een veldentekort. Ook begint men een eigen clubhuis met een ‘buffet’ te missen. In de zomer van 1938 koopt Kampong voor dat doel een ‘huisje’ op het terrein, maar omdat dat maar een handvol mensen kan bevatten, worden plannen gemaakt voor de bouw van een eigen ‘paviljoen’. In oktober wordt een paviljoenfonds in het leven geroepen en in februari 1939 hebben 130 leden al bijna 1300 gulden bij elkaar gebracht. Eerste-elftalspeler Bob van der Woord krijgt de opdracht om een eenvoudig gebouw te ontwerpen en nog diezelfde zomer wordt het paviljoen gebouwd met de bedoeling om het op 10 september feestelijk in gebruik te nemen. De mobilisatie die op 28 augustus wordt afgekondigd, gooit echter roet in het eten. Pas op 21 oktober vindt de officiële opening plaats. Het modern opgetrokken gebouwtje, dat een fleurigen indruk maakt en overal de zon laat toetreden, biedt aan 80 personen gelegenheid om te zitten, aldus de NRC.

Van der Woord krijgt als dank voor zijn toewijding veel lof en een gouden vulpotlood.

1939

Intussen in het bestuur

- Voorgesteld als adspirant werkend lid Desta, zoon onderofficier. V.d. Woord is langs geweest, oordeel luidt gunstig. Gezien beroep van zijn vader voelt het Bestuur er echter niet voor, hetgeen V.d. Woord hem zal mededeelen. - Voorzitter heeft vernomen dat na de laatste thé dansant eenige jeugdige Kampongmeisjes met een aantal Kampongers naar Modern zijn geweest. Uit cluboogpunt is dit volkomen fout. Voortaan zal getracht worden herhaling te voorkomen. - P.J. van Beest ter vergadering ontboden n.a.v. de geruchten dat hij naar Hercules zou gaan. Deelt mede dat hij reeds vast besloten is, waarop de voorzitter hem verzoekt zich bij ons niet meer te willen vertoonen. (Notulen van de bestuursvergadering van 15 februari 1939)

Het eerste paviljoen


Oprichtingsdatum van de zes afdelingen 29 september 1902

Voetbal en Cricket

12 juni 1932

Damesafdeling Cricket

19 oktober 1935

Hockey

1 april 1978

Squash

18 mei 1979

Tennis

1 juni 1987

Jeu de Boules

66

Kampongvoorzitters

Ereleden

P. Willems

1904-1905

Willem Cornelis

B. ter Haar Romeny

1905

Dick van Boven

C.J. van Leeuwen

1905-1906

Dirk Brauckman

M.L. van Winsen

1906-1908

Tom van 't Hek

M. Welle

1908

Henk van Hoof

J.J. Boswijk

1908-1910

Imbert Jebbink

H.J. Makkink

1910-1915

Dora Lambregts-Schuckink Kool

M. (Tinus) Welle

1915-1917

Paul Litjens

J.H. (Jan) CorreljĂŠ

1917-1919

Naud Naeff

M. (Tinus) Welle

1919-1936

Huub van de Pavert

J.G. (Jan) Plette

1936-1937

Frits Schilthuizen

M. (Tinus) Welle

1937-1952

Fenneke Schutte-Wttewaal

C.A. (Kees) Wagenvoort

1952-1954

Klaas Taselaar

J.B.P. (Joop) Biegelaar

1954-1969

Lien Veen-Witteveen

W.F. (Willem) Cornelis

1969-1974

Charles Verheyen

D.J.W. (Dick) van Boven

1974-1978

A. (Naud) Naeff

1979-1989

I.M. (Imbert) Jebbink

1989-1995

N. (Klaas) Taselaar

1995-1998

R. (Ruud) Keulen

1998-2000

J. (Jan) Hagen

2000-.......


1940

1950


4. Oorlog en vrede

Vijf zware jaren en een nieuw begin

Als in Nederland op 28 augustus 1939 de mobilisatie wordt

komt het sportleven compleet stil te liggen, onder meer omdat de

afgekondigd, betekent dat een aanslag op het clubleven. Van

meeste spelers uit angst voor treinbeschietingen niet meer naar

de ruim vierhonderd Kampongleden worden er 62 onder de

uitwedstrijden durven te reizen.

wapenen geroepen. Omdat ook andere clubs veel spelers moeten

Vrijwel meteen na de bevrijding komt er weer leven in de

missen, worden noodcompetities ingesteld. Vooral in de voetbal-

brouwerij. De Utrechtse cricketclubs moeten zich bij gebrek aan

wereld leidt dat tot beroering, omdat de clubs nu minder publiek

reismogelijkheden nog beperken tot een onderlinge competitie,

trekken en dus inkomsten derven. Het Kampongbestuur reageert

maar de hockey- en voetbalcompetities draaien vanaf september

tevreden. Misschien zal dit voor de betalende clubs een argument

op volle toeren. Voor Kampong wordt het een buitengewoon

zijn om weer te kiezen voor de zuivere amateursport, hoopt

succesvol seizoen. De drie standaardteams worden in 1946

voorzitter Welle.

kampioen van hun afdeling, een reeks successen waarbij de

De Duitse inval op 10 mei komt voor veel leden als een schok.

cricketers die zomer uiteraard niet kunnen achterblijven. Zowel

Op 4 mei hebben de studenten nog zo genoeglijk gevoetbald.

de heren als de dames hockeyers promoveren naar de pro足

Dat het nog geen week later oorlog is, kunnen velen maar moei-

motieklasse, de een na hoogste afdeling in de hockeywereld.

lijk bevatten. Toch herneemt het sportleven al snel zijn vertrouwde

De voetballers hebben minder succes en laten het er in de

loop. In de zomer van 1940 wordt er druk gecricket en nu vrijwel

beslissende promotiewedstrijd bij zitten.

alle gemobiliseerden veilig thuis zijn gekomen, kunnen ook de

Het Kasteel van Antwerpen is een paar jaar lang de spil van het

hockey- en voetbalcompetities weer normaal van start gaan. De

clubleven en nadat in 1947 het 45-jarig bestaan uitbundig is

sport tiert in de eerste oorlogsjaren zelfs weliger dan ooit. Voor

gevierd, bereikt Kampong twee jaar later een nieuwe mijlpaal.

velen vormt het sportveld de ideale plek om even te ontsnappen

Hoewel vrouwen al sinds 1932 niet meer uit de club zijn weg te

aan de dagelijkse ellende.

denken, kunnen zij nog steeds geen lid worden. Zij hebben de

Op Kampong zetten de heren hockeyers in 1941 met hun promotie

status van donatrices en vormen een soort club in de club met een

naar de tweede klasse een nieuwe stap op weg naar de hoogste

apart damesbestuur en een eigen Sinterklaasavond, waar niet Sint

hockeyregionen. Een jaar later is er feest vanwege het achtste

Nicolaas maar Sint Nicolientje de cadeautjes uitdeelt. Uiteraard

lustrum en het tienjarig bestaan van het damesbestuur. Vanaf

zijn de donatrices niet welkom op ledenvergaderingen. In 1949

1943 wordt het leven echter ook op Maarschalkerweerd moei-

zijn de geesten rijp om aan deze curieuze toestand een einde te

lijker. In de kantine is nauwelijks meer iets te krijgen en de mannen-

maken. Na een strijd van ruim zeventien jaar worden de dames

teams moeten steeds meer spelers missen die onderduiken om

op 28 mei als volwaardige Kampongleden geaccepteerd. Na 47

aan de Arbeitseinsatz te ontsnappen. In het najaar van 1944

jaar is Kampong een gemengde vereniging. 69


Oorlogsjaren

Hoewel het leven op Kampong na de capitulatie aanvankelijk zijn vertrouwde

Vanwege de benzineschaarste kan ook de automatische motorgrasmaaier

loop herneemt, wordt de schaarste steeds voelbaarder. Als gevolg van de

niet meer worden gebruikt. Vandaar dat wordt teruggegrepen op de onvol-

invoering van de distributie, waardoor de eerste levensbehoeften alleen

prezen ‘Kampong-gras-hand-machine-maaier’, ofwel een aantal van thuis

nog op de bon zijn te krijgen, is het niet meer mogelijk om onder andere

meegebrachte tuinrollers. Als het gras te lang wordt, neemt terreinknecht

petroleum, benzine, thee, koffie en suiker voor het buffet te kopen. Gelukkig

Janus van Ede de zeis ter hand. Alleen de eerste hockeyelftallen krijgen nog

hebben veel leden zelf nog flinke voorraden thuis en ook worden bonnen

nieuwe ballen. De lagere teams moeten het doen met gebruikte exemplaren

aan Kampong afgestaan, waardoor men zich nog lange tijd kan redden.

die tot vijf keer worden opgeverfd. Ook sportkleding wordt schaars. Vandaar

Warme dranken kunnen echter vanaf 1942 niet meer worden geschonken

dat op Kampong een depot wordt ingericht. Leden die bedanken, wordt

bij gebrek aan brandstof voor het benzinefornuis. Ook zijn vanaf dat jaar

gevraagd om hun sportkleding af te staan voor nieuwelingen die niet over

geen koeken meer te koop. De clubavonden gaan gewoon door, maar

de juiste uitrusting beschikken. Bij gebrek aan eigen vervoer moeten tegen-

vanwege het door de Duitsers afgekondigde dansverbod vinden er vanaf

standers vanaf het midden van de oorlog met paard en wagen van en naar

1941 geen thé-dansants meer plaats.

de stad worden gebracht.

42 jaar: Alphons Bosch (squash)

Bij squash is het een klein, hecht clubje met gezellige clubavonden. Het maakt dan niet uit of je tegen een goede of een slechte tegenstander speelt. Ooit heb ik eens de clubkampioenschappen gewonnen voor 35-plussers, alhoewel ik op dat moment in een andere categorie thuishoorde. Dat winnen vond ik zelf wel heel leuk, de hoofdprijs was een Kampong-trui.

70


Honderd gram vlees

In 1942 wordt op bescheiden schaal herdacht dat Kampong

bestaan van de damesafdeling wordt gevierd.

veertig jaar bestaat. Wij deelen U hierbij mede, dat wij

Dat wil niet zeggen dat de dames nu opeens volledig geaccep-

gemeend hebben onder de huidige omstandigheden te moeten

teerd worden. Een voorstel om de dames lid te laten worden van

afzien van het houden van feesten en deze voor onbepaalden

de hockeyafdeling wordt verontwaardigd van de hand gewezen.

tijd hebben uitgesteld, schrijft het bestuur in een circulaire aan

Daarmee zouden de dames volwaardig Kamponglid worden en

de leden. In plaats van de gebruikelijke festiviteiten vindt een

dat is in die tijd voor velen nog een vreselijke gedachte. Op

plechtige bijeenkomst plaats, gevolgd door een diner. Maar

clubavonden moeten mannen onder elkaar kunnen zijn, vinden

schraalhans is keukenmeester, want per persoon is maar honderd

met name de oudgedienden. Als zelfs maar wordt geopperd dat

gram vlees en vijftien gram boter beschikbaar. Ook verder wordt

de re端nisten in 1943 tijdens het diner zullen worden bediend

het clubleven steeds soberder. Vanwege de rantsoenering en

door dames, tekent bestuurslid Nico ten Bokkel Huinink al scherp

de hoge prijzen komt men niet meer in Pays-Bas. De nieuwe

protest aan. Hij voelt er niets voor, omdat hij vreest dat de

pleisterplaats is boerderij Mereveld, waar in 1942 het tienjarig

stemming er ernstig onder zal lijden.

1942

Een dame als scheidsrechter

Voorzitter deelt mede dat het feit dat Mej. Berdenis van Bellekom een wedstrijd van Kampong I zou fluiten nogal stof heeft doen opwaaien. Wij kunnen het den tegenpartij niet aandoen, dat een dame het eerste heeren-hockey elftal fluit; dit mag alleen in het alleruiterste geval voorkomen. Voorzitter zal gaarne zekerheid hebben dat dit niet meer kan voorkomen ook ten aanzien van de jeugdige fluitisten; beter zou men Biegelaar bijvoorbeeld kunnen laten fluiten. (Bestuursnotulen 1 maart 1944)

71


Joden niet

In maart 1941 worden tijdens de dameshockeywedstrijd

mogen zij geen lid meer zijn van sportverenigingen. Een

Gooische 4 - Kampong 4 twee joodse Kampongspeelsters

paar weken eerder heeft het joodse lid Lout Cohen het

door de politie van het veld gestuurd. In Hilversum mogen

Kampongbestuur wegens de omstandigheden verzocht

joden dan al niet meer aan sportwedstrijden meedoen.

om contributieverlaging. Op 21 oktober 1941 wordt dat

De andere Kampongspeelsters zijn verbijsterd en willen de

verzoek gehonoreerd, maar cynisch genoeg krijgt Cohen

wedstrijd staken, maar op aandringen van ‘t Gooi wordt

diezelfde dag het verzoek om zich tot nader order niet

uiteindelijk toch doorgespeeld. Het bestuur van Kampong

op de velden te laten zien. Negen dagen later bedankt

is verbolgen, maar doet niets. Op 15 september bepalen

hij als lid, evenals de gebroeders Clarenburg en de dames

de Duitsers dat joden ook elders in het land in het openbaar

Funke en Van Weenen, vermoedelijk omdat ook zij van

geen sport meer mogen beoefenen. Vanaf 1 november

joodse afkomst zijn.

1944

Een NSB-er wel

In 1944 doet zich een nieuw probleem voor, als de familie Kempers haar zoon als lid aanmeldt. Grote consternatie want het betreft prominente leden van de NSB, de beweging die heult met de Duitsers en die op de Utrechtse Maliebaan zijn landelijke hoofdkwartier heeft. Nadat tevergeefs is geprobeerd om de zaak op de lange baan te schuiven, kan het bestuur in juli niet meer onder een beslissing uit komen. Uit de notulen van de bestuursvergaderingen uit die periode blijkt opnieuw een weinig principiĂŤle houding van de Kampongbestuurders. Op de jongen zelf is niets aan te merken: hij heeft geen vriendjes uit NSB-kringen en moet van politiek ook niets hebben. Het aannemen van deze knaap kan echter tot onaangenaamheden leiden, bijv. het voorstellen van nieuwe leden, die wij ook niet graag zouden willen hebben. Het niet aannemen kan voor Kampong onaangename gevolgen hebben indien zijn ouders een zekere agressiviteit gaan tonen. Het komt het bestuur dan ook als raadzaam voor in Kampongbelang hem aan te nemen en als zodanig in het Blaadje te melden.


Onderduikers

Als de Duitsers jonge mannen beginnen op te pakken om ze in

deel daarvan ruilde ik op boerderij Mereveld voor melk, kaas en

het kader van de Arbeitseinsatz in Duitsland te werk te stellen,

eieren. Ik kende die mensen goed, omdat we er op zondag na

zien veel Kampongers zich genoodzaakt onder te duiken. Binnen

de wedstrijd vaak kwamen. Ook brood hadden we voldoende.

de hechte vriendenclub die Kampong dan is, spreekt het vanzelf

Dat dankten we onder meer aan Bram Bosschaart, een Kamponger

dat de leden elkaar waar mogelijk helpen. Kampongers die in

die toen burgemeester van Houten was. In het laatste oorlogsjaar

dat kader een heel actieve rol spelen, zijn bestuurslid Joop

mocht ik elke week op de fiets vijf broden bij hem komen halen

Biegelaar en zijn vrouw Annie Biegelaar-Boogaerdt, in 1932

voor ons en voor onze onderduikers. Dat maakt duidelijk hoe

een van de oprichtsters van de damesafdeling.

belangrijk Kampong in die tijd voor ons was.

Annie Biegelaar: "Wij woonden in die tijd in een groot huis aan

Je kon elkaar als Kamponger blind vertrouwen. Op een dag

de Wolter Heukelslaan, die toen nog Mengelberglaan heette.

kregen we een briefje van de broers Van der Wiele. Ze zouden

We hadden daar twee ruimtes om mensen te verbergen en we

die dag met de trein op transport gesteld worden en hadden dat

hebben vrijwel de hele oorlog onderduikers in huis gehad, vooral

briefje bij het Maliebaanstation aan een voorbijganger weten

Kampongjongens, zoals Bob van der Woord. Die bleven een

mee te geven. Er stond in dat ze zouden proberen pal voor ons

tijd bij ons, maar na een paar huiszoekingen hebben we ze

huis van de trein te springen. Dat is ze gelukt en die nacht zijn

doorgestuurd naar andere adressen. We moesten wel oppassen,

ze bij ons gebleven. De volgende ochtend zijn ze om zes uur in

want het grafische bedrijf van mijn man lag direct achter ons

vrouwenkleren vertrokken naar een onderduikadres. Gevaarlijk?

huis, dus overdag mochten die jongens zich niet vertonen. Pas

Misschien wel, ja, maar daar dacht je niet over na. Voor een

als het personeel naar huis was, kwamen ze te voorschijn.

Kamponger deed je zulke dingen gewoon.

‘s Avonds zaten we bij een waxinelichtje te kaarten, enig

Ook de bevrijding was een echt Kampongfeest. Van alle kanten

was dat. Ik zette op het dressoir altijd bordjes klaar met voor

kwamen Kampongers naar ons huis toe om de vrijheid te vieren.

iedereen een boterham met basterdsuiker voor het slapen gaan.

Ik weet nog goed dat Jopie de Bruin kwam aanzetten met drie

Daar kon je je heel erg op verheugen.

Engelse militairen, die hij van een tank had afgeplukt omdat ze

We hebben overigens nooit echt honger gehad. Dat kwam

drank bij zich hadden. Die jongens vonden het zelf ook prachtig.

onder meer omdat mijn man voor de drukkerij alcohol kreeg

Het leuke is dat we met ze bevriend zijn geraakt en dat we altijd

toegewezen. Met essence die Jan Kuiper, ook een Kampong-

contact hebben gehouden. Ik krijg nog steeds elk jaar met Oud

bestuurslid, tot zijn beschikking had, maakten we drank. Een

en Nieuw een kaartje van ze."

73


Bevrijding en zuivering

Nog geen week na de bevrijding komt het bestuur op 9 mei voor het eerst bij elkaar. Besloten wordt om de leden een teken van leven te sturen en hen uit te nodigen voor een bijeenkomst in het paviljoen. Op 19 mei verschijnt het eerste Kampongblaadje, met een verklaring van voorzitter Welle. Zoals overal in Nederland rijst ook op Kampong de vraag wat te doen met leden die in de oorlog ‘fout’ zijn geweest. In de bestuursvergadering van 26 juni 1945 komt het thema ‘zuivering’ voor het eerst aan de orde. Omdat het bestuur geen bevoegdheid in deze heeft, zal een ledenvergadering moeten beslissen wat er met N.S.B.-leden moet gebeuren, constateert het bestuur.

Een maand later komt de kwestie opnieuw ter sprake, onder meer naar aanleiding van een artikel in de Sportkroniek. Inmiddels is wel duidelijk dat voor NSB-ers en leden van andere Duits-gezinde organisaties geen pardon zal gelden. De vraag is echter wat te doen met bijvoorbeeld studenten die in 1942 de door de Duitsers geëiste loyaliteitsverklaring hebben getekend, maar die zich verder nooit actief pro-Duits hebben opgesteld. Het Kampongbestuur volgt het advies in de Sportkroniek en wacht voorlopig af wat de officiële richtlijn van de sportbonden zal worden. Op 6 augustus spreekt het bestuur de angst uit dat uit al te strenge zuiveringen allerlei nare en meestal onnodige heibeltjes voort kunnen komen. Zelfs de Overheid heeft nog geen beslissing genomen: studenten die getekend hebben, zijn voor dienstneming niet uitgesloten; ook de studentenzuivering zal wellicht niet zo streng gaan als de studenten zelf willen. Het is daarom verstandig de richtlijnen van de bonden te blijven afwachten ook al kan dit iets langer duren.

Omdat in de bestuursnotulen na 6 augustus geen sprake meer is van zuiveringen, lijkt het aannemelijk dat de kwestie op Kampong verder weinig aandacht heeft gekregen. Alleen leden die met de Duitsers hadden gecollaboreerd en daarvoor ook waren gestraft, worden voor enige tijd als lid geroyeerd. Om hoeveel leden het gaat is niet bekend.

74


Een sober monument

In de eerste maanden na de oorlog bestaat grote onzekerheid over het lot van Kampongleden die in de oorlog zijn opgepakt en in Duitse kampen terecht zijn gekomen. Ook van veel leden die in Indië geïnterneerd zijn geweest, ontbreekt nieuws. Geleidelijk sijpelt informatie binnen en in 1945 en begin 1946 wisselen overlijdensberichten en mededelingen over leden die nog in leven zijn elkaar in het Kampongblaadje met grote regelmaat af. Al kort na de bevrijding wordt van verschillende kanten geopperd om een gedenkteken te plaatsen ter nagedachtenis van de oorlogsslachtoffers. Allengs wordt duidelijk dat in totaal 24 Kampongleden zijn omgekomen en in mei 1946 besluit het bestuur dat er een gedenkteken zal komen. Men vraagt de leden vijf gulden bij te dragen. In de loop van 1947 ontwerpt de Utrechtse architect Jan de Haas een sober monument van baksteen dat op zaterdag 27 september met een korte plechtigheid in aanwezigheid van 200 leden wordt onthuld.

1945

Een goede burgemeester

Een van de merkwaardigste oorlogsverhalen in Kampongverband betreft voetballer Bram Bosschaart. Als lid van de NSB wordt hij in de oorlog burgemeester van Houten. “Maar”, zegt Jan Ritmeester, in die tijd speler van het eerste voetbalelftal, ”desondanks had Bram het hart op de goede plaats. Hij was een goede Nederlander en bovendien een echte Kamponger. Hij heeft ons geholpen waar hij maar kon. Hij heeft ons meer­ malen gewaarschuwd als er een razzia op komst was en hij heeft zelfs Kampongers die een onderduikadres zochten bij hem thuis verborgen. Na de oorlog is hij een paar jaar geroyeerd geweest als Kamponglid. In zekere zin begrijpelijk, want hij was NSB-er geweest. Maar toch heb ik zijn royement altijd onrechtvaardig gevonden, gezien de Herdenking in de jaren zeventig

manier waarop hij zich in de oorlog heeft gedragen."

75


De voetballenpositie

Hoewel de sportbeoefening weer snel op gang komt, gaat lang niet alles in de eerste maanden van een leien dakje. Zo meldt het Kampongblaadje op 7 juli dat de jeugdtraining nog niet kan beginnen omdat de Canadezen de velden nodig hebben om softball te spelen. Erger is dat zij in het toch al slechte doelgebied de thuisplaat hebben ingegraven. Bovendien hebben zij een ruit van het paviljoen aan diggelen geslagen. Enigszins hulpeloos reageert het bestuur op verwijten van leden. Deze in gebruikneming is buiten onze voorkennis geschied. Zelfs de Stichting van Lichamelijke Opvoeding kan er niet achter komen hoe de vork in de steel zit. Maarschalkerweerd is domweg tot sport­ centrum geproclameerd.

In het paviljoen is het nog erg behelpen. Omdat er maar mondjesmaat eten te krijgen is, waarschuwt de hockeycommissie de leden dat het niet mogelijk is om tijdens het mixed-hockeytoernooi, zoals gebruikelijk, koude vleesschotels en sandwiches te serveren. Of men maar een lunchpakket mee wil nemen. Ook servies is schaars. In den loop der tijden is de inventaris van het buffet zeer gedund, meldt het blaadje. Limonade wordt zelfs al uit jampotten gedronken. Indien alle leden één beker of stevig glas willen afstaan, zouden we in één slag uit den nood zijn.

Luie stoelen

Met het sportmateriaal is het niet veel beter gesteld. Groot is de dankbaarheid als erelid Van Alphen, die de club tijdens festiviteiten ook regelmatig kisten met appels stuurt, de club een voetbal cadeau doet. Hiermee heeft hij de voetballers een buitengewone dienst

76

Een nieuwe lente, een oud geluid! Weer komen de luie stoelen

bewezen, schrijft de redacteur van het Kampongblad, want de voetballenpositie begint

uit het paviljoen naar de luwe zijde buiten en oud en jong

zeer precair te worden. De hockeyballenpositie is niet veel rooskleuriger. Bij de aanvang

neemt lui liggend zijn zonnebad, laat tegen zonsondergang

van het seizoen 1945-’46 bezit Kampong precies drie wedstrijdballen en tien oefenbal-

de stoelen buiten staan in de verwachting dat de een of

len. Gelukkig heeft de club te horen gekregen dat er vanuit Brits-Indië een zending van

andere onnozele bloed die wel voor hen naar binnen zal

drieduizend hockeysticks en duizend ballen naar Nederland onderweg is. Voor wie in

brengen. Lex verzocht mij de zonnebaders mede te delen dat

de oorlog alles is kwijtgeraakt, is dat een schrale troost. De leden wordt dan ook

hij er in de toekomst voor past bij de onnozele bloeden te

gevraagd om zoveel mogelijk extra schoenen, sticks en andere kleding mee te nemen.

worden ingedeeld. Gelijk heeft-ie. Genoeg, volgende keer

Maar ook verder is alles welkom, meldt het Kampong-blaadje van 21 juli 1945.

misschien meer, misschien ook niet, want bij het zonnende

Wij roepen onze leden op alles wat zij missen kunnen zoo spoedig mogelijk te willen

volk zag ik ook onze voorzitter zitten en die wil ik nog even

inleveren bij de Familie Biegelaar. Zelfs de kleinste voorwerpen als vorken, lepels, messen

te vriend houden.

zijn van harte welkom. Helaas baat dat niet iedereen. In oktober bedanken W. Slee,

(Columnist Kampongkijker in het blaadje, 1949)

J. Budding en mej. J. Verhoef als lid, respectievelijk omdat zij geen sportschoenen, geen kamer en geen fiets hebben.


Vreugde, trots en weemoed

Cricket: Kampioen van Utrecht

Aan het predicaat ‘geslaagd’ zijn enkele bezwaren verbonden.

De cricketers zijn er als de kippen bij om weer

alles als gastheren moeten laten welgevallen, want

Het is wat afgezaagd. Vooral echter geeft het wel zeer

aan de slag te gaan. Ondanks gebrek aan goed

wij kunnen nog niets doen met het buffet, zucht het

onvoldoende weer de feestelijke sfeer van deze eerste reünie

materiaal staan zij op 27 mei al weer voor het eerst

bestuur vol berusting.

na de bevrijding. Uit alle deelen van het land kwamen ze, de

in het veld voor een wedstrijd tegen de Hallamshire

Een maand later gaat de competitie weer van start,

reünisten, om te getuigen van hun aanhankelijkheid aan hun

Battalion Polar Bears, een team van Engelse

zij het dat bij gebrek aan treinen een lokale

club. Vreugde was er bij het vernemen van gunstige berichten

officieren. De Britten vragen Kampong om een niet

competitie wordt georganiseerd met in de hoofd-

over velen, hier en in Indië, trots om uitstekende verrichtingen

al te sterk elftal op te stellen omdat zij in jaren niet

poule Kampong 1 en 2, UVV en SCHC. Kampong

van Kampongers op het gebied van verzet en hulpverleening,

meer hebben gespeeld en bovendien niet meer zo

1 presteert voortreffelijk, maar dankt dat mede aan

bezorgdheid ook omtrent diegenen in Indië, over wier lot nog

jong zijn. Dat is geen probleem. Erger vindt men het

enkele Engelsen die regelmatig meespelen. In de

onzekerheid bestaat, weemoed tenslotte wegens hen, die de

dat Kampong de tegenpartij geen fatsoenlijke lunch

slotwedstrijd tegen UVV behaalt Kampong het

Kampong ontvielen.

kan aanbieden, maar dat de Engelsen voor de thee

‘kampioenschap van Utrecht’ onder meer dankzij

(Kampongblaadje, 16 november 1945)

en de broodjes zorgen. Helaas zullen wij ons dit

een zes van de Engelse sergeant Swinden.

1945

Een wereldbroersrecord

In de ‘tweede’ poule moeten Kampong 3 en 4 het opnemen tegen Hercules, UVV 2 en SCHC 2. Het gelouterde derde en het jeugdige vierde houden de spanning er tot hun laatste onderlinge wedstrijd in. Het derde lijkt de eerste plaats niet meer te kunnen ontgaan, maar dan krijgen de broertjes Hardebol uit het vierde het als bowlers op hun heupen. Op 25 augustus maakt Herman zes slachtoffers voor twaalf runs, terwijl Dick de andere vier wickets neemt ten koste van slechts zes runs. Dankzij dit wereldbroersrecord (of namen ooit ergens twee broers in een competitiewedstrijd tien wickets voor minder dan 18 runs?) wint het vierde en eindigen Kampong 3 en 4 gelijk bovenaan. Omdat een week later de voetbalcompetitie begint, moet de beslissing die middag nog vallen. Om half vijf betreden de twee teams het veld opnieuw. Het derde is gewaarschuwd en laat Dick Hardebol (midden) met teamgenoten Ad en Frits de Waard op Liverpool Street Station

zich niet nog eens verrassen. In de schemering winnen de routiniers, zij het nipt,

in Londen bij het begin van de toer van een Utrechts cricketteam naar Willesden.

met 61-56 van de aanstormende jeugd.

77


Hockey: Een gloriejaar

Sportief komt Kampong na de oorlog vliegend uit de startblokken. Het jaar 1946

46 jaar: Marianne van BlijenburghHardebol (squash)

wordt een van de succesvolste uit de Kamponggeschiedenis. Mede dankzij de komst van de latere international Jules Ancion promoveren de hockeyheren al vroeg in het

Tja, gewoon thuis, dat is Kampong voor

voorjaar naar de promotieklasse. Op 26 mei veroveren zij in het Amsterdamse

mij. Ik loop er al ontzettend lang rond,

Wagenerstadion bovendien de Treslingbeker door Leiden 2 te kloppen. In Kampong

zelfs toen ik nog niet geboren was, in

begroeten we een promotieklasser die goede verwachtingen wekt. Het is in technisch

mijn moeders buik.

opzicht een ploeg die met de beste promotie-klassers op één lijn gesteld kan worden.

Het moment dat ik als voorzitter van

De tactische spil, de linksbuiten en de rechtsbinnen (Gerrit Dun, Jules Ancion en Ad

Kampong Squash het Algemeen Bestuur

Verbeek, red.) waren de uitblinkers, doch het was bovenal het goede ensemble, dat

meekreeg bij de op een taxatie

ons van deze zeer correct spelende Utrechtenaren imponeerde, schrijft het blad

gebaseerde waardebepaling van Squash

Hockey Sport. In de volgende jaren doet Kampong wanhopige pogingen om de

was geweldig. HIerdoor had de afdeling

eerste klasse te bereiken. Maar ondanks drie achtereenvolgende kampioenschappen

weer toekomst en kon ze haar wederop-

(in 1948, 1949 en 1950) vormen de promotiewedstrijden een te groot struikelblok.

bouw inzetten.

1946

Ongezouten kritiek

In de eerste jaren na de oorlog is men niet bang om spelers in het clubblad met naam en toenaam de grond in te boren. Zo lezen we in een wedstrijdverslag uit oktober 1947 onder meer deze ongezouten kritiek op een zekere Bark Bless uit het vijfde: Ik zou het zeer op prijs stellen, wanneer we voor Bark Bless een andere rechtsbinnen kregen, want hij voert niet veel uit en bij elke vrije slag gaat hij op z’n gemak een praatje maken met iemand. Nog erger moet keeper

Van der Heyde van het zesde zich dat najaar gevoeld hebben bij het lezen van de blaadjes. - 7 december: V.d. Heyde moet de ballen recht in de ogen durven aanzien. Het is jammer

als een keeper bang is voor ballen. Toch zal van hem nog wel een keeper te maken zijn,

als hij zich wat oefent.

- 14 december: Wanneer de hockeycommissie misschien voor een volgende wedstrijd een

78

andere keeper heeft, dan zou dit zeer welkom zijn. V.d. Heyde n.l. begon al in de trein

Dick Sangster in actie. Het Kampongblaadje schreef bij deze foto: Dit is Dick, met zijn stick.

te klagen dat hij niet goed kon zien (en daardoor natuurlijk naast de bal trapt).

Hij toont hier kort en goed, hoe je niet hockeyen moet.

- 4 januari: V.d. Heyde was deze keer iets beter, maar het bleef toch slecht.


Voetbal: De zoon van Janus

De voetballers doen niet voor de hockeyers onder en behalen op 26 mei het kampioenschap van de vierde klasse M. Om te promoveren moet in een nacompetitie worden afgerekend met Zwaluwen Vooruit en MSV. Na twee overwinningen lijkt de ploeg uit Montfoort moeiteloos op promotie af te stevenen, zeker als Zwaluwen - Kampong daarna in 0-0 eindigt. Dan keren de kansen. Zowel Zwaluwen als Kampong verslaat MSV, zodat de wedstrijd Kampong Zwaluwen de beslissing moet brengen. Drieduizend betalende toeschouwers omzomen het veld op Maarschalkerweerd voor wat een regelrechte thriller wordt. Jan Ritmeester speelt in die wedstrijd rechtshalf. Ritmeester: “Volgens de statuten mocht Kampong om het amateurisme te bewaren geen entree heffen. De promotiewedstrijden trokken echter zoveel toeschouwers dat in overleg met de politie was besloten om het publiek wel te laten betalen en de opbrengst aan het Rode Kruis te schenken. Zo kon de stroom belangstellenden nog enigszins worden ingedamd. Toen we tegen MSV speelden, kwamen de supporters uit Montfoort op boerenkarren naar Utrecht. Door daar op te gaan staan konden ze precies over de schutting kijken. Maar tegen Zwaluwen stond het rond het veld zwart 1946

van de mensen. Het was een heel vreemde wedstrijd. In de eerste helft werden wij volledig weggespeeld. Zwaluwen kwam met 3-0 voor, waarna wij nog tot 3-2 terugkwamen, helaas net één doelpunt te weinig. Extra pikant was dat de spits van Zwaluwen Vooruit de zoon was van Janus van Ede,

Drie dagen kapot

die al sinds 1936 onze velden verzorgde. Janus was in die tien jaar een echte Kampong-man geworden, die bij feesten en partijen regelmatig lange toespraken hield. Vooraf had hij tegen

Ik had nog gezegd dat ze die jongen van mij in de

zijn zoon gezegd: als je tegen Kampong scoort, breek ik je benen. Achteraf had hij dat beter

gaten moesten houden. Eén van die mijnheren zegt: die

niet kunnen zeggen, want die jongen speelde fantastisch en scoorde de goal, waarmee hij

laten we gewoon lopen. Mijn zoon maakte één goal en

Zwaluwen naar de derde klasse schoot.

bereidde een andere voor. Eén van die mijnheren zegt

Voor onze linksbuiten heeft die wedstrijd nog een staartje gehad. Wij hadden afgesproken

tegen me: dat die jongen die goal gemaakt heeft, vind

zaterdagavond niet te drinken. Maar de ochtend voor de wedstrijd merkten we dat hij de hele

ik niet erg, dat Janus die zoon gemaakt heeft, wel. De

nacht feestend had doorgebracht, nota bene ook nog met Herculanen. Na die nederlaag is hij

dag daarna liep ik ’s maandags op het veld te huilen

door het bestuur geroyeerd als lid.

omdat ze verloren hadden. Daar ben ik twee, drie

Volgens mij was dat eerste elftal trouwens het beste dat Kampong ooit heeft gehad. Dat

dagen kapot van geweest.

klinkt misschien vreemd voor wie de successen onder Cienus van Kooten heeft meegemaakt,

(Janus in de Lustrumkrant 1972)

maar vergeet niet dat we in 1946 maar drie klassen verwijderd waren van de top. Als we gepromoveerd waren, hadden we op een nievau gespeeld dat je kunt vergelijken met de huidige hoofdklasse. Zo ver is Kampong daarna nooit meer gekomen.”

79


Hockey: Een gloriejaar (2)

Al even bloedstollend als bij de voetballers is de ontknoping van de damescompetitie in de 2e klasse D. Met nog drie wedstrijden te gaan heeft Kampong twee verliespunten meer dan Voordaan, terwijl Amersfoort op één punt volgt. Dat zegt echter niets, want de hockeybond heeft voor een spectaculair slot van de competitie gezorgd. Alle drie ploegen ontmoeten elkaar nog een keer. Op 14 april 1946 wint Kampong met 1-0 van Voordaan en komt dus gelijk met de concurrent uit Groenekan. Dat is mooi, maar om de kans op het kampioenschap in eigen hand te houden, moet ook de laatste competitiewedstrijd worden gewonnen. Op 5 mei fluiten de scheidsrechters in Amersfoort voor de beginbully van een wedstrijd die volgens het Kampongblaadje met ietwat sombere gevoelens tegemoet wordt gezien. De uitblinkende Hetty Heirsch-Mahler brengt Kampong echter al voor de rust op 0-2, door een mooie goal en een hoog schot in volle ren, meldt het verslag. Na rust 1946

komt Amersfoort terug door een afschuwelijke misser van de keepster, maar Heirsch-Mahler stelt de winst veilig met haar derde goal. Na afloop vloog iedereen elkaar om de hals, zodat de captaine eenzaam en verlaten op het veld drie cheers op de tegenpartij uitbracht, zonder steun van haar medespeelsters die niet meer in staat waren nog een woord te zeggen, herinnert aanvoerder Lous Joppe zich later.

Kampong is nu uitgespeeld, maar Voordaan kan nog langszij komen. Vandaar dat een grote Utrechtse delegatie op 12 mei langs de lijn staat bij Amersfoort - Voordaan. Hoewel de thuisploeg geen kans meer heeft, doen de Amersfoortse dames hun sportieve plicht en rollen Voordaan met 5-1 op. Kampong is kampioen en promoveert naar de promotieklasse. Na dezen wedstrijd werden door beide concurrenten van Kampong spontaan drie cheers op onze dames uitgebracht. Een prettige en sympathieke geste, vindt het Kampongblaadje. De promotie-

klasse blijkt nog iets te hoog gegrepen voor de Kampongdames. In 1948 degraderen zij naar de tweede klasse. Een jaar later zijn zij echter al weer terug op het één-na-hoogste niveau. 80


Hetty Heirsch-Mahler, drie interlands

Een grote rol in de snelle opmars van het eerste

dan deed ik snel een stap opzij. Omdat zij daar niet

dameshockeyteam speelt midvoor Hetty Heirsch -

op rekenden, schrokken ze, en zo had ik genoeg

Mahler. Op 30 maart 1947 wordt zij geselecteerd

ruimte om uit te halen. Ik kreeg daardoor wel eens een

voor de wedstrijd van het Nederlands elftal tegen

tik, ja, maar dat hinderde niet, want ik droeg als enige

België. Een unieke prestatie voor een speelster van

van ons elftal scheenbeschermers. Die had ik van mijn

een promotieklasser.

broer gekregen.

Hetty Heirsch: "In 1937 ben ik gaan hockeyen op

Dat ik in 1947 in het Nederlands elftal werd gekozen,

advies van meneer Doorman, een van de oprichters

heb ik mede te danken aan Imada Welle, die toen in

van Kampong. Ik was met mijn broertjes en zusje al

de keuzecommissie zat. Ik heb overigens maar drie

jong vanuit Indië naar Nederland gekomen. Wij waren

interlands gespeeld. Toen ben ik een tijd ziek geweest

echt van die Indische kostkinderen en hij dacht dat wij

en daarna ben ik nooit meer uitgenodigd. Van die

ons op een Indische club als Kampong wel thuis zouden

wedstrijden kan ik me nog maar weinig herinneren.

voelen. Ik ben vrijwel meteen in het eerste terecht

We hebben uit tegen België en Engeland gespeeld en

gekomen en heb daar bijna twintig jaar gespeeld.

Denemarken. Wat ik nog wel weet is dat we de trein-

Veel techniek had ik niet, maar ik kon enorm hard

reis pas vanaf de grens vergoed kregen. Het eerste

lopen, vandaar dat ik zoveel heb gescoord. Ik liep

stuk moest je zelf betalen.

ze allemaal voorbij. Als we tijdens de training wel

Niet alle internationals waren overigens even blij met

eens gingen hardlopen, dan moest ik met de mannen

mij. Sommigen probeerden me er echt een beetje uit

meedoen. De Bock, de trainer van het Nederlands

te werken. ‘Als die erin komt, doe ik niet mee’, zei

elftal, heeft me zelfs gevraagd of ik niet wilde

een speelster van Rood Wit uit Haarlem. Waarom

proberen om me voor de Olympische Spelen te

ze zo reageerden? Het dameshockey werd toen

kwalificeren, maar dat zag ik niet zitten. Zonder

gedomineerd door clubs uit Noord- en Zuid-Holland.

balletje vond ik hardlopen niet leuk.

Kampong was een onbeduidend clubje uit de provincie

Vanwege mijn snelheid ben ik midvoor geworden.

dat ze niet kenden. Ze vonden het maar gek, zo’n

Ik heb geen idee hoeveel doelpunten ik heb gemaakt,

speelster uit Utrecht die niet eens in de eerste klasse

maar het waren er wel veel, ja. Op een gegeven

speelde. Gelukkig stond de leiding achter me, zodat

moment begonnen de tegenstanders mij natuurlijk te

ik gewoon werd opgesteld. Ja, ik heb wel aanbiedingen

kennen. Bij een corner stormde iedereen meteen op

van een paar eersteklasseclubs gehad, maar daar

mij af. Maar daar had ik wat op gevonden. Ik had

heb ik nooit serieus over nagedacht. Ik was een

met mijn broer vaak gevoetbald, dus ik wist wat een

Indisch meisje en Kampong was mijn club, zo simpel

schouderduw was. Als die meisjes op me afkwamen,

was dat." 81


792 consumpties

Direct na de bevrijding ontstond er in het Kasteel van Antwerpen een bijzonder gezellige sfeer en werden er op alle fronten sportieve prestaties geleverd, waaraan wij nu nog met een zeker ontzag terugdenken. De naam Kampong was op aller lippen en er was op dansavonden een scherpe controle nodig om vele Utrechtenaren, welke de geroemde Kampongvreugde ook eens aan den lijve wilden ondervinden, de toegang te ontzeggen.

Zo beschrijft het bestuur in 1950 de sfeer in de eerste na-oorlogse jaren. Het Kasteel van Antwerpen aan de Oudegracht is het centrum van het clubleven, dat nog bruisender wordt als het Kampong-bestuur in 1946 het gewaagde besluit neemt om gemengde clubavonden in te voeren. Begin 1947 wordt Het Kasteel bovendien regelmatig toneel van een thé- of soirée-dansante. Tijdens een feestavond in Het Kasteel zijn 792 consumpties gebruikt, meldt het Kampongblaadje dat jaar vol ontzag. Dat die feestavonden in Utrecht populair zijn, blijkt uit de volgende waarschuwing: Alleen Kampongleden hebben toegang, zoodat introductie niet is toegestaan. In zeer bijzondere gevallen kan het bestuur op deze regel een uitzondering maken; de introduceerende leden moeten zich dan echter minstens 3 dagen voor den avond in verbinding stellen met den Secretaris. Indien dit niet is geschied, zal aan alle niet-leden

Nachtdienst

den toegang worden geweigerd.

“Het clubleven was de eerste tien jaar na de oorlog heel intens”, herinnert voetballer Kees Reisen zich, ”maar ja, je had toen ook niet veel anders. Je had Kampong en je had de

Na de wedstrijden gingen we altijd naar Pays-Bas

sociëteit, meer was er niet. Misschien was het ook wel een beetje een inhaalslag na de

voor het thé-dansant. Dat was wel leuk voor ons jonge

oorlog. Het gezelligst was het op zondag na de wedstrijden, eerst in het Kasteel, later in

meiden, want verder was er in Utrecht weinig te

Pays-Bas. Soms regelden we een klein orkestje, maar meestal kroop Dits Sakkers, die in

beleven als je niet studeerde. Ik werkte in het zieken-

het tweede voetbalde, achter de piano. Die avonden duurden zonder uitzondering tot in

huis en om te kunnen hockeyen had ik het zo geregeld

de kleine uurtjes. Het leuke was dat je toen bijna alle Kampongers kende. Dat kwam

dat ik op zaterdag en zondag nachtdienst had. Vanuit

mede door het jaarlijkse mixed hockeytoernooi, waaraan ook de voetballers meededen.

het ziekenhuis ging ik dus altijd rechtstreeks naar het

Dat was geweldig voor het onderlinge contact.”

veld, daarna naar Pays-Bas en dan meteen weer de

Ook het bestuur realiseert zich het belang van kleinschaligheid. In het Jaarverslag 1948-

nachtdienst in. Op maandag was ik kapot, maar zo

1949 lezen we dat men het met uitzondering van onze jeugdafdeling, niet gewenst acht

deden we dat voor Kampong.

om het ledental, dat tussen 500 en 600 schommelt, door middel van speciale wervings-

(Hockeyster Hetty Heirsch-Mahler)

acties te vergroten. Het is gewettigd te veronderstellen, dat bij een gestadige groei afbreuk wordt gedaan aan de typische Kampongsfeer en gezelligheid, welke factoren immer hun

82

stempel op de Kampong hebben gedrukt.


Een briefkaartje met uitslagen

Wij bouwen

Hoewel de nasleep van de oorlog in 1947

in het openingslied. En ook verder wordt de

Hoezeer Kampong door de leden wordt ervaren als één grote

nog duidelijk voelbaar is, wordt het eerste na-

aanwezigen duidelijk gemaakt wat Welle van ze

familie, blijkt uit de moeite die gedaan wordt om oud-leden

oorlogse lustrum op de gebruikelijke grootse

verwacht. Een goede clubman of hij uitblinkt of

die buiten de stad wonen op de hoogte te houden van de

manier gevierd. Voorzitter Tinus Welle zet zich

niet, die zwoegt voor zijn kleuren op ieder

belangrijkste uitslagen. Dat is nodig, meldt het Kampong-

voor de zoveelste keer achter zijn schrijftafel en

gebied. En tegen de mannen die nog steeds

blaadje in januari 1946, daar de Nieuws- en Sportbladen de

produceert een nieuwe revue met het voor die

niet verzoend zijn met de aanwezigheid van

uitslagen van de lagere klassen niet vermelden. Indien een oud-

tijd zeer toepasselijke thema ‘Wij bouwen’.

een damesafdeling laat Welle een vrouwenkoor

lid prijs stelt om elke Maandag de uitslagen van de gespeelde

Zoals gebruikelijk behandelt de revue het wel

zingen: De vrouw kan in de Kampong beslist

wedstrijden te weten, gelieve hij dit te berichten aan B.H.

en wee van Kampong en ook deze keer door-

niet meer worden gemist. Liefst negenhonderd

van der Woord Jr. Deze zal een speler verzoeken betreffend

spekt Welle zijn teksten met een flinke portie

toeschouwers in Tivoli zijn volgens het

oud-lid elke Zondagavond een briefkaartje met uitslagen

moralisme. Wie waarlijk van zijn clubje houdt,

Kampongblaadje laaiend enthousiast over

te schrijven. Verdere regelingen (porto-kosten e.d.) kunnen

stelt er eer in dat hij mede bouwt, zingt het koor

het gebodene.

onderling worden getroffen.

1947

De blijde gebeurtenis

Groot is in die tijd de verbondenheid tussen Kampong en het koningshuis. Als prinses Juliana begin 1947 haar vierde kind verwacht, meldt het Kampongblaadje: In geval de geboorte van een Oranjetelg bekend wordt na 6 uur ’s avonds, zal er den volgenden avond een feestelijke Kampongbijeenkomst in het Kasteel van Antwerpen plaats vinden. In geval deze voor 6 uur ’s avonds bekend wordt, geschiedt dit nog dienzelfden dag. Als de reünisten later dat jaar voorafgaand aan het negende lustrum

hun traditionele diner hebben, is koningin Wilhelmina ernstig ziek. Onder luid applaus sturen de reünisten hun vorstin het volgende telegram: De UVCV Kampong, in Utrecht ter gelegenheid van haar 45-jarig bestaan met haar reünisten bijeen, betuigt Uwe Majesteit haar gevoelens van aanhankelijkheid en trouw en wenst U een weldadige rust en een spoedig algeheel herstel van gezondheid toe. 83


Een gemengde vereniging

Als Annie Biegelaar in oktober 1948 terugtreedt als damesvoorzitter, vinden

afdeling zal verzwakken. Maar als groot voorstander van de gemengde

de dames dat het tijd wordt dat ook zij volwaardig Kamponglid worden.

vereniging wuift Welle deze bezwaren weg. Uiteindelijk wordt een compromis

Zij heffen het aparte damesbestuur op. Tijdens de eerstvolgende (alleen voor

gevonden. In het besluit wordt opgenomen dat de damesleden niets met voetbal

mannen toegankelijke) algemene ledenvergadering gooit een zekere Van

van doen zullen hebben, zodat niet tegen de wil der voetballers besluiten

Bonzel de knuppel in het hoenderhok door voor te stellen ook dames in het

doorgedreven kunnen worden.

Kampongbestuur op te nemen. Hoewel een enkel bestuurslid volgens secretaris

Voordat de kwestie aan de leden wordt voorgelegd, wordt de Raad der Ouden

Lex van Loon naarstig naar drogredenen zoekt teneinde aan deze ongehoorde

geraadpleegd. Als dit gezelschap van elf ereleden unaniem voor stemt, neemt

emancipatie paal en perk te stellen, kan niemand een redelijk en doorslag-

een buitengewone algemene ledenvergadering op 28 mei 1949 het historische

gevend argument vinden om de integratie nog langer te verhinderen.

besluit om de dames de rechten van het werkend lidmaatschap te verlenen en

Als enige bestuurslid voert Joop Biegelaar namens de voetbalafdeling

standaard twee dames in het bestuur te benoemen. Wel wordt bepaald dat een

bezwaren aan. Hij is bang dat de KNVB dwars zal gaan liggen, want die

vrouwelijke voorzitter niet gewenst wordt geacht. Dat de kwestie nauwelijks

bond wenst geen Damesbestuursleden. Bovendien voorziet hij een grote

omstreden is, blijkt wel uit het feit dat van de ongeveer tweehonderd stem-

opkomst van dames bij ledenvergaderingen, wat de positie van de voetbal-

gerechtigde leden er maar 28 op komen dagen.

Kampong anno 1947


Cricket: Aan de ouwe klare ruiken

In mei 1947 arriveert Michael Forbes die door Kampong en SCHC tegen een salaris van duizend gulden, vergoeding van reiskosten en gratis kost en inwoning, gedurende 14 weken als cricketcoach is aangetrokken. Zijn kwaliteiten in deze branche, speciaal wat zijn enthousiasme betreft, vielen wel wat tegen, meldt het jaarverslag. Maar desondanks worden de cricketers die zomer,

net als een jaar eerder, kampioen in de tweede klasse A. De hoop dat hiermee de eerste klasse is bereikt, wordt in december wreed verstoord door een mededeling van de NCB. De cricketbond vindt alsnog geen aanleiding om Kampong naar de eerste klasse te promoveren. Teleurstelling in

Utrecht. Daar ga je met je goeie gedrag, verzucht het Kampongblaadje. Een jaar later wordt een nieuwe poging gewaagd, maar nu blijkt Excelsior een taaie concurrent. Eén wedstrijd voor het eind van de competitie gaan de Schiedammers aan de leiding. Kampong moet de onderlinge confrontatie op 22 augustus 1948 winnen om kampioen te worden. In Schiedam volgt een ongekend spannende partij waarin de kansen voortdurend keren. Kampong gaat eerst fielden en dat lijkt een goede keuze, want aanstaand international Henk van der Bijl neemt zes wickets voor slechts twee runs. Na dat geslaagde begin stokt de Kampong1948

aanval echter. Excelsior komt terug en pas op 126 valt het laatste Schiedamse wicket. Toch lijkt dat totaal niet onoverkomelijk, maar als Jan Offerman, die eerder in het seizoen een century heeft gemaakt, voor één naar de kant moet, schrikken de Utrechtse supporters. Guus Eikelboom (51) en Herman Wagenvoort (20) tillen de Utrechtse score echter naar een riante 102 voor 6.

Landskampioen

Er lijkt geen vuiltje meer aan de lucht. Alsof zij duidelijk willen maken niet voor niets als Weer kantelt de wedstrijd dan, want korte tijd later meldt het scorebord: 113 voor 9. De laatste

werkend lid te zijn geaccepteerd, boeken de Kampong-

twee Utrechtse batsmen, Jan Ufkes en Gijs van der Wiele, moeten het dus doen. Voorzichtig

dames in 1949 opmerkelijke successen. Nadat het

sprokkelen zij de runs bij elkaar en tot 126 gaat dat vlekkeloos. Nog één run. Het kampioenschap

eerste hockeyelftal begin mei onder de bezielende

kan Kampong bijna niet meer ontgaan. Dan slaat het noodlot toe. Ufkes vertrekt te snel en gaat

leiding van Hetty Heirsch ongeslagen naar de promotie-

bijna run out. Net op tijd is hij terug bij zijn wicket, maar kennelijk is hij zijn concentratie kwijt.

klasse is gepromoveerd, besluiten de cricketsters dat

Met een wilde slag mist hij de volgende bal, die tot afgrijzen van al wat Kampong is, zijn

zij niet achter kunnen blijven. In de eerste na-oorlogse

wicket verbrijzelt. Eindstand 126-126: Excelsior is kampioen, een gebeurtenis die blijkens het

competitie, die overigens maar drie teams telt, toont

wedstrijdverslag door de twee teams op typisch Schiedamse manier gevierd wordt.

Kampong zich sterker dan ACC uit Amsterdam en

Kennelijk geïmponeerd door de Utrechtse prestaties besluit de cricketbond dat Kampong nu wel mag

Kieviten uit Wassenaar. In de beslissende wedstrijd

promoveren. Op 15 mei 1949 wordt tegen VOC de eerste Kampongbal in de eerste klasse gebowld.

wordt ACC overtuigend verslagen, waarmee het eerste

Om die primeur te vieren heeft captain Wagenvoort de bal vooraf even aan de ouwe klare laten

landskampioenschap in de Kampong-geschiedenis

ruiken, een patent middel, want de wedstrijd eindigt in een Utrechtse inningsoverwinning.

een feit is.

85


Cricketniveau heren vanaf 1922

Cricketniveau dames vanaf 1922

eerste

eerste Hoofdklasse

laatste eerste

laatste eerste e

1 Klasse laatste eerste

laatste eerste Overgangsklasse

laatste eerste

laatste eerste e

2 Klasse

86

De heren cricketers kennen een geschiedenis van pieken en dalen. Voorlopig

Na een zeer langzame en moeizame aanvangsperiode gingen de dames

hoogtepunt was de periode 1988-1992 waarin men maar liefst driemaal het

cricketers halverwege de jaren 70 als een komeet omhoog, met als hoogte-

algeheel Nederlands cricketkampioenschap werd binnengehaald.

punt het algemeen kampioenschap in 1982.

1992

1982

1972

1962

1952

1942

1932

1922

1992

1982

1972

1962

1952

1942

laatste

1932

1922

laatste


1950

1960


5. De grijze jaren ‘50

Op het kalme ritme van rust en traditie

Wie de jaren vijftig op Kampong vergelijkt met de meeste andere decennia,

de leden voor die tak van sport, die men zelf niet beoefent. Vooral de

moet concluderen dat in 1950 één van de rustigste perioden uit de club-

hockeyers moeten het ontgelden. Indien bij wijze van uitzondering de hockey-

geschiedenis aanbreekt. Na de oorlog en na de euforie van de eerste na-

ers de hand eens in eigen boezem steken, dan zal men ruiterlijk dienen te

oorlogse jaren hervindt het leven op Kampong al snel zijn normale ritme.

erkennen dat onze dappere voetballers zonder enige morele steun hun strijd

De seizoenen gaan naadloos in elkaar over, feesten en reünies worden

om het bestaan dienen te voeren. De ervaring van de laatste jaren heeft ons

volgens de traditie gevierd en de maatschappelijke verhoudingen hebben

gelukkig geleerd dat onze voetballers door hun gedragingen het bewijs leveren

in vergelijking met de vooroorlogse jaren nog maar nauwelijks wijzigingen

daadwerkelijk met hun clubgenoten mee te leven, getuige de grote schare

ondergaan. Dat Kampong zijn leden uitsluitend uit de betere milieus recru-

trappisten, welke het 1e hockeyelftal op zijn kruistocht heeft vergezeld.

teert, is een vrijwel onomstreden uitgangspunt, dat pas twintig jaar later

Van de velden komt deze tien jaar weinig opwekkend nieuws. Na hun snelle

serieus ter discussie wordt gesteld.

opmars in de jaren veertig hebben de dameshockeysters een soort natuurlijk

Ook de twee voorzitterswisselingen in deze periode zorgen niet voor grote

evenwicht bereikt. Tot en met 1967 eindigen zij in de promotieklasse van acht

veranderingen. Het is natuurlijk een gebeurtenis voor de club als Tinus

teams steevast op één van de plaatsen vier tot en met zeven. Ook de voet­

Welle in 1952 de voorzittershamer neerlegt, maar onder zijn opvolgers,

ballers en de cricketers vertoeven in deze tien jaar voornamelijk in de onderste

Cees Wagenvoort (1952-1954) en Joop Biegelaar (1954-1969), vinden

regionen van de ranglijst. De meest zwarte bladzijde vormt de degradatie van

geen dramatische koerswijzigingen plaats. Wel kent de club in deze periode

het eerste voetbalelftal in 1952. Dat het eens zo trotse Kampong na meer dan

een verdere groei van het ledental. Vooral het aantal jeugdleden stijgt met

veertig jaar afscheid moet nemen van de KNVB, doet vooral de reünisten pijn.

sprongen, waardoor Kampong geleidelijk begint te veranderen van de

De hockeyheren zorgen voor de lichtpuntjes door zowel in 1953 als in 1958

typische studentenclub van voor de oorlog in een grote familievereniging

naar de eerste klasse te promoveren. Maar de ploeg van international Thom

voor jong en oud. Er komen jeugdcommissies voor de diverse sporten en

van Dijck mag dan te groot zijn voor het servet van de promotieklasse, men is

Jaap Icke begint een apart blaadje voor de jeugd, het Kampongertje.

nog duidelijk te klein voor het tafellaken van de vaderlandse top. Na beide

Gevolg van de ledenaanwas is een steeds nijpender veldentekort. Pas in

promoties volgt een jaar later al weer degradatie.

1960 zal de aanleg van vier nieuwe hockeyvelden op het land van boer

Eén grote schok verstoort het vriendelijk voortkabbelende clubleven in deze

De Haan over de sloot voor soelaas zorgen.

tien jaar. Na een wilde cricketavond brandt in een zomernacht van het jaar

Een ander gevolg van de groei is een toenemende verwijdering van de

1955 het clubhuis af. Het bestuur zit echter niet bij de pakken neer. Er was

hockeyers en de voetballers. Onze club is zo langzamerhand zo groot

toch al behoefte aan een nieuw en groter clubhuis en dit is de kans om van

geworden dat er niet zoveel persoonlijk contact meer is als vroeger, schrijft

de nood in snel tempo een deugd te maken. Voorzitter Biegelaar zet met

dameshockey-voorzitter Lous Joppe in 1952 en een jaar later spreekt het

grote daadkracht zijn schouders onder het project en ruim een jaar later

bestuur zijn zorg uit over het volslagen gebrek aan belangstelling bij

kan een fraai nieuw paviljoen in gebruik worden genomen. 89


Met een fles Bokma onder de vloer

Nog geen half jaar nadat Kampong in 1936 de nieuwe velden van Maar-

secretaris Van Loon: Als bijzondere attractie kan nog worden vermeld, dat

schalkerweerd heeft betrokken, klaagt voorzitter Plette al over een veldentekort.

na het inwerpen van enige dubbeltjes af en toe warm water verschijnt, tenzij

In 1950 is de situatie nog nijpender, meldt het blaadje. Veertien hockey-

toevallig de gasfles leeg is.

elftallen op drie velden en zeven voetbalelftallen op één veld geven elk jaar

Het buffet in het paviljoen wordt aanvankelijk door clubleden gerund.

weer de nodige problemen. Zo worden wij wellicht gedreven naar een ‘numerus

Legendarisch is volgens Schilthuizen barkeeper Henk Ruzius. “We hadden

clausus’, een maximum aantal actieve leden. Dat zou dan betekenen dat in de

uiteraard geen vergunning voor sterke drank, dus de fles Bokma werd onder

stad Utrecht nieuwe hockeyers niet terecht kunnen. Wij kunnen zelfs zeggen

de bar bewaard. Nu kwam er af en toe een veldwachter op de fiets langs

dat er in Utrecht géén hockeyvelden zijn! Maarschalkerweerd is door de

om even een praatje te maken. Niks bijzonders dus, maar Ruzius was als

Gemeente immers aangelegd en verhuurd als voetbalterrein.

de dood dat hij betrapt zou worden, dus zodra hij die man zag aankomen,

Een winstpunt in 1950 is de komst van warme douches in alle kleedkamers.

dook hij via een luik met fles en al de kelder in. De oudere leden hielden

De warmwaterinstallatie zal volautomatisch functioneren gedurende twee

die agent vaak tijden aan de praat en intussen hadden wij de grootste

volle minuten, indien u 1 dubbeltje in de gleuf laat vallen, meldt het blaadje.

lol bij de gedachte aan Ruzius, die daar maar in het donker zat te wachten

Dat het apparaat niet altijd vlekkeloos werkt, blijkt uit het commentaar van

met zijn fles.”

1950

Hoe het hoort

Wuft vermaak

Als Frits Schilthuizen in 1948 lid van Kampong wordt, is hij het negende

Het is de opvatting van het Bestuur

jeugdvoetballid. De sfeer in de vroege jaren vijftig staat hem nog helder

dat wij ons in deze tijd van geestelijke

voor de geest. “Op mijn eerste zaterdag was ik door de familie die mij had

ontreddering en verwording van

voorgesteld, meegenomen naar het veld. Daar kwam een grote vent met een

onze beschaving ernstig dienen

bril op me af. "Zo ventje, zegt hij, ben jij nieuw? Kom maar mee naar de

te bezinnen op de meer zedelijke

kleedkamer." Het was Bob van der Woord, voorzitter van de jeugdcommissie

waarden in onze levenssfeer, uit

en spil in het eerste voetbalelftal. Ik liep heel timide achter hem aan en zocht

hoofde van welke instelling het wuft

een plekje tussen een paar mannen die zich aan het omkleden waren. Het

vermaak binnen redelijke grenzen moet

bleef een tijdje stil tot iemand zonder mij aan te kijken zei: "Is dit een nieuw

worden gehouden.

lid dat niet weet hoe het hoort?" Dat was Jopie de Bruin, de aanvoerder van

(Jaarverslag 1953)

het tweede. Wat bleek? Ik had me aan de aanwezigen moeten voorstellen. Zo werd je in die tijd als nieuweling hardhandig duidelijk gemaakt hoe je 90

je op Kampong had te gedragen.”


Cricket: innerlijke beschaving

In de jaren vijftig speelt cricket een belangrijke rol in het clubleven. Cricket leefde nog veel meer dan nu, zegt aanvoerder Jopie de Bruin van het tweede

elftal in het Lustrumboek van 1982. Als je in de periode na 1 mei wilde voetballen, dan ging je maar ergens anders heen. De cricketwedstrijden duurden meestal ook langer, vaak tot een uur of zeven, half acht. Iedereen had meer tijd; er was geen televisie. Je had geen haast om thuis te komen. Er heerste zelfs een soort wedijver tussen het eerste en het tweede wie het laatst naar huis ging. Waaraan Kees Reisen toevoegt: Het derde ging soms zelfs helemaal niet naar huis.

Ondanks het belang van de ‘derde innings’ spreekt Kampong vanaf 1950 ook in het veld een woordje mee. Na de promotie in 1949 komt het eerste enige tijd uit in de hoogste afdeling van het Nederlandse cricket. Daaraan lijkt met een laatste plaats in 1954 een einde te komen, maar omdat de cricketbond geen automatische degradatie kent, is het bestuur optimistisch. In het jaarverslag lezen we: Aangezien in de NCB niet alleen prestaties maatgevend zijn doch ook op innerlijke beschaving en behoorlijke omgangsvormen acht wordt geslagen, is het niet uitgesloten dat ons team als uitvloeisel van het streven naar cultuurspreiding toch in de eerste klasse zal

Henk van der Bijl, één interland

blijven uitkomen.

Inmiddels heersen in de cricketbond echter andere opvattingen over cultuur,

De Kampong-successen in deze periode zijn vooral te danken aan de

zo blijkt uit de jobstijding die rond de jaarwisseling bij secretaris Lex van

prestaties van Henk van der Bijl, die al vanaf 1932 in het eerste speelt.

Loon op de deurmat ploft. In het Kampongblaadje heeft hij moeite om

In augustus 1949 speelt hij zijn enige interland, een tweedaagse wedstrijd

beleefd te blijven. Niet zonder ontzag en respect hebben wij in het verleden

tegen het internationale touringteam The Free Foresters. Het is de bekroning

gewaagd van de voortreffelijke stijl en etiquette, welke de cricketsport

van langdurige, ernstige beoefening van onze mooie zomersport, aldus het

kenmerken, doch in deze kringen schijnt ook iets aan het veranderen te zijn,

Kampongblaadje. In meer dan twintig jaar slaat Van der Bijl 4527 runs bij

getuige de laconieke mededeling, dat met Kampong ook VOC en Excelsior

elkaar en neemt hij 865 wickets. Zijn beste prestatie levert hij op 14 mei

uit de eerste klasse werden verwijderd. Onze vrienden van VOC ontvingen

1950 als hij bij het Amsterdamse VRA 8 wickets neemt voor 12 runs. Dat

ter gelegenheid van het 60-jarig bestaan van de NCB een schriftelijke geluk-

de aanwezigheid van Van der Bijl geen garantie is voor succes blijkt twee

wens, waarin tevens de mededeling van de degradatie tactisch was verwerkt.

jaar later als VOC het eerste voor slechts 30 runs aan de kant zet.

In het najaar wordt de verbanning van de drie clubs door de ledenvergade-

Daarmee staat Kampong volgens het standaardwerk ‘Nelson on the Board’

ring van de cricketbond ongedaan gemaakt. Kampong keert echter niet terug

op nummer negen in de top tien van slechtste battingprestaties in de

op het hoogste niveau, maar wordt in de eerste klasse B ingedeeld.

Hoofdklasse sinds 1945.

91


1952

92

Voetbal: Degradatie naar de afdeling

Het noodlot wil dat de voetballers precies in het jaar

PVW in het verlaten doel werd geplaatst, aangezien keeper

waarin Kampong vijftig wordt, de moeizame strijd om zich

Moerkoert heel gezellig bij Van Esveld was gaan staan om

in de KNVB te handhaven, verliezen. Na het kampioen-

te zien hoe hij dat deed.

schap van 1946 gaat het bergafwaarts en in 1952 is er

De spelers zelf lijkt het gebrek aan succes niet te deren.

geen houden meer aan. Kampong degradeert naar de

Een feestje op zaterdagavond laat men niet lopen, zo

afdeling Utrecht. In Amsterdam weet men precies hoe

blijkt in 1953 op de zondag na de jaarlijkse reünie. Voor

dat komt. Kampong opende destijds een hockeyafdeling,

de ogen van een groot aantal reünisten krijgt Kampong

schrijft de AFC-schakel verwijtend. De voetballeiders van

met 9-0 klop van Celeritudo. Tijdens de eerstvolgende

Kampong hadden met hun klompen aan kunnen voelen

ledenvergadering zijn verschillende oudere leden ‘not

dat de grote zuigkracht van hockey op de jongelui, die

amused’. Gijs van der Wiele verwijt de voetbalcommissie

zich bij Kampong aanmelden, Kampong als voetbalclub

een gebrek aan toezicht en wil volgend jaar na de

ten dode zou doemen.

reünie een alcoholvrij eerste elftal zien. Hij wenst een

De Amsterdammers lijken gelijk te krijgen, want terwijl

stop op de fles en geeft de voorkeur aan jongeren, welke

de hockeyers naar de landelijke top sluipen, vertoeven

zich uitsluitend met limonade vermijen, aldus het verslag.

de voetballers in de jaren vijftig zonder enig uitzicht op

Maar voorzitter Biegelaar voelt zich niet aangesproken.

betere tijden in de afdeling Utrecht. Dat is koren op de

Hij acht het niet de taak van de commissie om de spelers

molen van diegenen die de spelers al jaren verwijten

te matigen.

dat ze onvoldoende oefenen. Wij trainden één keer in

Ook het Kampongblaadje geeft commentaar: De tijd is

de week, herinnert verdediger Bob Bekooij zich, maar

al lang voorbij dat een elftal het best op genever loopt,

dat was alleen voor de jongeren. De ouderen, Hans van

en dat was deze middag bij diverse spelers beslist het

Ameijde bijvoorbeeld en Dick Hardebol, waren soms in

geval. Die opmerking schiet sommige oudere leden in

burger aanwezig. Dat werd al als heel positief ervaren.

het verkeerde keelgat. Niet vanwege de strekking ervan,

Moe ben ik van zo’n training nog nooit geworden.

maar vanwege het openlijk noemen van het woord

Zoals wel vaker in de Kamponggeschiedenis gaan de

‘genever’. Op de algemene ledenvergadering erkent

slechte resultaten vergezeld van een voortdurend gemopper

Biegelaar dat in het blaadje uitlatingen zijn gedaan welke

in beschouwingen en wedstrijdverslagen. Vooral de

als ongelukkig moeten worden beschouwd. Maar de leden

lamentabele instelling van de spelers moet het ontgelden

kunnen gerust zijn. Het bekende Nederlandse drankje

in stukjes waar het cynisme vanaf druipt. In het verslag

zal uit onze rubrieken verdwijnen. Hoewel redacteur

van PVW-Kampong (2-1) lezen we bijvoorbeeld: Na

Oomkens de zaak niet van groot belang acht, laat hij

de rust haalde Van Esveld bij een uittrap net de rand

via een spotprent wel even merken hoe hij over deze

van het strafschopgebied, waarop de bal prompt door

ingreep van hogerhand denkt.


Hottentotten zonder hersens

Wat jullie ons voorgeschoteld hebben was een partijtje

lager zakken en straks op de stoppelvelden van Loenersloot,

primitief hollen achter een bal, zoals Hottentotten zonder

Loosdrecht, Vinkeveen of Abcoude in de 2e klasse het laatste

hersens dat zouden doen in het eerste stadium van hun

restantje van de eens zo gevreesde Kampong te grabbel

voetbalopleiding. Waarde Kampong-blues: het was beneden

gooien? Vijf-nul! Weten jullie wat er nodig moet gebeuren?

elk peil. Alles ontbrak aan dit voetbal. Was dit een elftal

Er moet iemand van het bestuur of van de voetbalcommissie

van mensen, van wie verondersteld wordt dat zij een portie

met de zweep achter jullie aan op Maarschalkerweerd om te

hersens onder het schedeldak dragen? Is het dan toch inder-

trainen tot de tong uit jullie gebit hangt. En dan vroeg naar

daad zo dat onze Kampong geen elf jonge kerels meer kan

bed en de volgende dag weer trainen. Hardlopen, sprinten,

opbrengen, die in staat zijn in de 1e klasse van de Afdeling

schieten leren, koppen en vooral: hersens gebruiken.

een dragelijk figuur te slaan? Moeten wij dan beslist nog

(Een re端nist in november 1953 na het zien van Actif-Kampong 5-0)

Een verzameling wauwelende sportlieden

Wij zijn geworden tot correcte en keurige sportlieden, die met een vriendelijke glimlach nederlagen incasseren, onmiddellijk bereid de superioriteit en betere teamgeest van de tegenstander te erkennen. Indien wij niet bijtijds beseffen welke gevaren deze geestesgesteldheid aankleven, zullen wij op de lange duur verworden tot een verzameling wauwelende en op oude glorie terende sportlieden, geacht en geprezen om onze gemoedelijke en sportieve spelopvattingen, doch tegelijk minachtend beschouwd als futloze en onvolwaardige tegenstanders, welke in prijzenswaardige bescheidenheid en slapheid doende zijn hun vereniging zoetekens en pijnloos te liquideren. (Bestuursnotulen 1950)

Kampong 1, anno 1950 93


Welke clubs komen Kampong gelukwensen met het gouden jubileum?

'Goochelaar Boeddha'

Ook in de jaren vijftig vormen gezamenlijke activiteiten zoals de Sinterklaasviering, thé-dansants en kienavonden een belangrijke bindende factor. Tijdens strenge winters, zoals die van 1950, vinden op Loosdrecht gezamenlijke schaatstochten plaats. Het spreekt vanzelf dat het gouden jubileum in 1952 groots wordt gevierd. Omdat de jeugd een steeds belangrijker plaats in de club gaat innemen, is er voor het eerst een speciale

- Voetbal: AFC, Ajax, DEV, DWSV, En Avant,

clubavond voor de jeugdspelers, die in de voorafgaande maanden oud papier hebben ingezameld. Op

’t Gooi, HBS, Hercules, HFC, Holland, HVC,

maandag 29 september 1952 krijgt voorzitter Welle een spaarbankboekje aangeboden met daarop 501

HVV, KDS, Laren, Minerva, Olympia, Quick,

gulden. Aansluitend wordt de jonge Kampongers een gevarieerd programma voorgeschoteld met onder meer

Saestum, Sparta, Stichtse Boys, UVV, Victoria,

praatjes van sportverslaggever Dick van Rijn en vice-voorzitter Hopster van de KNVB. Volgens het verslag

Vitesse, VOC, VSK, ZAC, Zwaluwen Vooruit

geeft deze laatste de jeugd de opdracht mee om Kampong weer omhoog te voeren. Hij vertelt dat ieder het

- Cricket: ACC, Ajax, Arnhem, Cric, HBS, HCC,

in zich heeft om het hoogste op sportgebied te bereiken, maar dat goede training en doorzetten de doorslag

Quick, Rood en Wit, Sparta, VRA, VOC, VVV

geven. Na de pauze treedt goochelaar Boeddha op. Vooral zijn openingsnummer - het knippen van ’50 jaar

- Hockey: Asvion, HDM, Hilversum, Hurley,

Kampong’ uit een krant - was de moeite waard. De jeugd vindt het prachtig, getuige de verzuchting van een

zevenjarige ‘welp’ om elf uur ‘s avonds: "Is het nu al afgelopen?"

Leiden, Schaerweyde, SCHC, Voordaan

1952

50 jaar: Hans Mackaij (voetbal)

Ik heb eigenlijk helemaal geen Kamponggevoel. Als kind vond ik het altijd een ballenclub, de enige reden dat ik erbij kwam was omdat het team dat mij vroeg gewoon spelers nodig had. Mooie momenten zijn de barbecues bij Hans Créton thuis. Dan gaan we altijd zingen met z'n allen, dat maakt het extra leuk.

94

Op Loosdrecht


Ach jochie

Zo’n twintig jaar geleden, toen ik lid werd van Kampong, kreeg ik een trap tijdens

Wie in de doelen traint kan op een snauw rekenen en hij ziet er geen been in om

een voetbalwedstrijd, diende even later van repliek en hoorde een wat oudere man

jongetjes die over het gesloten hek zijn geklommen, met een hooivork van het veld

met een sigaar langs de lijn zeggen: "Dat doen ze bij Kampong niet, jochie." Een

te jagen. Ook de latere voorzitter Wim Cornelis krijgt die behandeling.

week later, tijdens een onderlinge hockeywedstrijd raakte ik keeper Gijs van der

Janus is geen gemakkelijk heerschap. Op 29 december 1955 staan meer dan

Wiele met een hard schot op een pijnlijke plaats en diezelfde vreemdeling-met-

honderd deelnemers aan het jeugd mixed hockeytoernooi drie kwartier in de kou

sigaar zei: "Veel te onbeheerst." Toen het cricketseizoen begon en ik als batsman

voor een gesloten hek. Janus had griep, zodat hij de voorkeur gaf aan zijn bed

gevangen werd na een harde slag, stond verdorie opnieuw die man daar en gaf

en het hek gesloten bleef, meldt het Kampongblaadje lakoniek. Pas als jeugdcom-

als commentaar; "Je moet niet meteen slaan, je moet meer geduld hebben." Wie

missielid Piet Rietveld tussenbeide komt, gaat de poort alsnog open. Maar Janus

is die snuiter, een vroegere trainer?, vroeg ik aan teamgenoot Jopie de Bruin.

is ook een Kamponger in hart en nieren, die op alle feesten van de partij is.

"Welnee", lachte hij. "Dat is ons aller Janus. Die zorgt hier voor de terreinen."

Beroemd zijn zijn ellenlange toespraken, die altijd rond een paar vaste thema’s

Aldus verslaggever Frans Henrichs in het Utrechts Nieuwsblad over één van de

draaien: de spelverruwing, het verderfelijke betaalde voetbal en zijn onvoor­

meest kleurrijke figuren uit de geschiedenis van Kampong. Van 1936 tot 1965

waardelijke liefde voor Kampong. Ach jochie, zegt hij in 1982 in een interview,

zwaait Janus van Ede met ijzeren hand de scepter over Maarschalkerweerd.

Kampong was vroeger één grote familie.

De hele keuken leeggegeten

In 1950 op de dag dat mijn vrouw jarig was, was er een

en ach, jochie, daar groei je in. Ik ging gewoon staan en

cricketwedstrijd en een voetbalwedstrijd van de veteranen.

zei wat er in me opkwam. Anderhalf jaar voordat ik gepen-

Eén van de heren nam de sleutels van mij over om te sluiten.

sioneerd zou worden, zei Sinterklaas dat ik niet meer zo veel

Toen ik naar huis ben gegaan, hebben ze vlaggetjes op het

aan mijn werk deed. Ik was daar kwaad over en vroeg wie

cricketveld uitgezet en zijn ze op dat veld een autorally gaan

dat gezegd had. De grote baas zei: kom laten we geen ruzie

houden. Daarna zijn ze met 30 à 40 auto’s naar mijn huis

maken en een borrel drinken. Maar ik wilde dat er eerst excuses

gereden en ze stonden daar met zijn allen te claxoneren, de

aangeboden werden. Ik ben op het podium geklommen en

hele wijk liep uit. Ze hadden een boeket bloemen voor mijn

heb een toespraak gehouden. Toen ik het podium afkwam,

vrouw bij zich. Ze klommen met zijn allen door het raam naar

zei iedereen: nou nou, Janus, hoe heb je dat kunnen zeggen?

binnen, mijn familieleden wisten niet waar ze kruipen moesten.

Ik ben weer het podium opgegaan en we hebben met zijn

Er waren ook een paar Belgen bij, die hebben de hele keuken

allen gezongen: ‘Wij zijn weer thuis bij de Kampong’.

leeggegeten... Ja, dat speechen, daar had ik een gave voor,

(Janus in een interview in 1972) 'Ach jochie'

95


Hockey: Eerste klasser

Elf kostelijke bloemslingers, speciaal door één onzer bestuursleden uit Noordwijk

met 20 punten uit 14 wedstrijden gelijk bovenaan. Een beslissingswedstrijd in

meegebracht, verdwenen op 3 mei 1953 ergens tussen Den Haag en Utrecht in een

het Amsterdamse Wagenerstadion moet op Hemelvaartsdag uitmaken wie naar de

sloot. Dit simpele feit symboliseert wel treffend de golvingen van hoop en wanhoop,

westelijke eerste klasse zal promoveren.

die ons eerste hockeyelftal haar talloze supporters het afgelopen seizoen heeft

Ruim honderd Kampong-supporters wachten in angstige spanning op de dingen die

bezorgd. Zo beschrijft voorzitter Cees Wagenvoort in het Kampongblaadje van

komen gaan, vooral omdat Jules Ancion tot kort voor de wedstrijd spoorloos is. Pas

23 mei het wel en wee van het team dat het seizoen in de promotieklasse zoals

een kwartier voor aanvang komt de Kampong-vedette op zijn gemak het stadion binnen-

gebruikelijk beroerd is begonnen. Ons gevoel voor amateurisme wordt steeds zo op

wandelen. Kennelijk is dat geen slechte manier van voorbereiden, want als SCHC een

de spits gedreven dat iedere oefening en conditietraining uit den boze wordt geacht.

strafbully krijgt toegewezen, is het Ancion die een achterstand met speels gemak weet

Dus komt de goede vorm eerst na vele maanden.

te voorkomen. Nog voor rust brengen Van Esveld en Sangster de stand op 2-0, en

Maar als die goede vorm er eenmaal is, blijkt de ploeg niet meer te stuiten. Met een

hoewel international Hooghiemstra de spanning kort voor tijd terugbrengt (2-1), houdt

punt voorsprong op SCHC vertrekt men op 3 mei voor de laatste competitiewedstrijd

de blauw-witte verdediging stand. Angstig lang duurden de laatste minuten, doch toen

naar Delft, maar de studenten uit die stad blijken taaier dan gehoopt en houden

klonk het verlossende eindsignaal en dol van vreugde stormde de Kampong, met Janus

Kampong op 0-0. Omdat SCHC zijn laatste wedstrijd wint, eindigen de twee rivalen

met de vlag in het midden, het veld op. Na 17 jaar is Kampong eersteklasser.

1953

Wanneer wordt het eerste kampioensdubbeltje uitgereikt?

Precies vijftig jaar geleden vraagt cricketer Frits Verzijl zich af hoe oud het gebruik is om spelers uit kampioenselftallen als aandenken een dubbeltje te geven. Hij stelt de vraag in 1952 tijdens een algemene ledenvergadering, maar krijgt volgens de notulen geen eenduidig antwoord. Het blijkt dat dit niet zomaar te zeggen is. Er is nooit een archiefstuk van bijgehouden zodat het ook moeilijk zal zijn na te gaan wie er ooit één gekregen hebben. Volgens Biegelaar is het dubbeltje ingesteld na de wedstrijd Kampong 6 tegen Hercules 6 in 1933. Volgens Bennink is het in 1928 ook reeds uitgereikt. Welle herinnert zich dat werd voorgesteld in het Bestuur om een huldeblijk te creëren dat zo goedkoop was, dat het ook in de slechtste dagen nog kon worden uitgereikt. 96

Kampong-SCHC in het Wagener Stadion


Jules Ancion, vijfendertig interlands

Zoals voetballer André le Fèvre in de jaren twintig Oranje haalt als lid van een club die niet tot de gevestigde eerste klassers behoort, zo slaagt hockeyer Jules Ancion daar rond 1950 in. Kort na de oorlog wordt Ancion, samen met zijn broer Kees, lid van Kampong. De goede resultaten van het eerste hockeyelftal, met de promotie naar de eerste klasse in 1953 als kroon op het werk, zijn niet in de laatste plaats te danken aan de technisch vaardige Ancion die net zo gemakkelijk voor als achter speelt. Begonnen als binnenspeler verhuist hij later naar de spilplaats. Maar, vertelt medeinternational Thom van Dijck, als we tien minuten voor tijd met 1-0 achter stonden en Jules kwam naar voren, dan kon je er donder op zeggen dat het nog 1-1 werd.

Al snel worden de capaciteiten van Ancion door de hockeybond op waarde geschat. In 1948 vervult hij tijdens de Olympische Spelen in Athene nog de merkwaardige rol van ‘thuisblijvend reserve’. Een jaar later haalt hij de eerste van in totaal 35 ‘caps’ in de wedstrijd tegen Ierland. Een hoogtepunt in zijn loopbaan vormen de Olympische Spelen van 1952 in Helsinki, waarvandaan hij met een zilveren medaille naar Utrecht terugkomt. Ancion, de meest veel­zijdige van onze ploeg, die op alle plaatsen excelleert door zijn voortreffelijke techniek en zijn esprit, schrijft de Hockey Sport in 1953 na

Nederland-België (4-1). Net als Le Fèvre is ook Ancion een echte Kamponger, die onder meer jarenlang lid is van de hockeycommissie. In 1954 vertrekt hij uit Utrecht omdat hij in Den Haag gaat werken. Bij zijn afscheid krijgt hij een asbak aangeboden met daarop de namen van de eerste elftal-spelers. Drie jaar later is hij even terug op Maarschalkerweerd, nu als laatste man van het Wassenaarse Kieviten. Bij een 3-1 voorsprong voor Kampong leek de strijd beslist, schrijft het Utrechts Nieuwsblad. Maar, zoals hij vroeger bij Kampong deed met een achterstand, zo ging ook nu Ancion naar voren en toen duurde het niet lang of hij had met twee goede doelpunten de balans in evenwicht gebracht, 3-3.

Uiteindelijk wint Kampong met 4-3, onder meer dankzij drie goals van Herman van Veen, maar Ancion heeft zijn oude ploegmaten laten zien dat hij het hockeyen nog niet verleerd is. Kampong 1 met gehurkt links voor Jules Ancion

97


Smeulende resten

En zo stonden wij dan in de prille morgen van 20 juni 1955 aan de groeve van ons

Maar tegelijk heeft hij oog voor het humoristische detail: Uit de leidingen van de

paviljoen en aanschouwden wij met droefheid in het hart de nog smeulende resten

douches vloeide nog rijkelijk het water en wij beseften niet zonder ironie, dat deze

van een bouwwerk, hetwelk in al zijn eenvoud en sobere opzet in ons clubleven

installatie althans in de laatste uren van haar bestaan getracht heeft ons met haar

een onmisbare en bindende functie heeft verricht. Met gevoel voor drama beschrijft

warmte te verkwikken. Niet alles is verloren gegaan. Tijdens een speurtocht door de

secretaris Lex van Loon in het Kampongblaadje het effect van de rampzalige brand die

smeulende puinhoop komt men een vork en enige flessen gekookte worst tegen, die

na een zonnige cricketdag het 16-jaar oude paviljoen in de as legt. Het vuur grijpt die

de hitte glansrijk hebben doorstaan. Ook ziet Van Loon een half verbrand krat met

nacht zo snel om zich heen, dat de brandweer niets kan uitrichten. De club is daarmee

colaflessen, nog keurig in het gelid, doch als gevolg van stoomvorming alle op gelijke

niet alleen zijn buffet kwijt, maar ook vrijwel zijn hele cricketuitrusting en tal van

hoogte onthalsd, alsof een zeis in één krachtige veeg ons statiegeld had verwoest.

be­kers, foto's en andere historische relikwieën. Van Loon schetst een welhaast apo­

Hoe groot de verslagenheid ook is, voorzitter Biegelaar zit niet bij de pakken neer.

calyptisch beeld van de ravage. Wij zagen allereerst de contouren van onze haard

Terwijl voor kantinebeheerster Nollie Mol in de voetbalkleedkamers een noodbuffet

en schoorsteen, welke tegen een achtergrond van somber jagende wolken in haar nog

wordt ingericht, ontwikkelt hij in snel tempo een plan voor een nieuw clubhuis. Via

betrekkelijke ongereptheid een belofte inhield van ongebroken kracht en weerstand,

een speciaal noodfonds wordt de benodigde veertigduizend gulden bij elkaar

aan haar boezem koesterend de ongeschonden marmeren naamplaat van onze club.

gehaald en al in het voorjaar van 1956 gaat de nieuwbouw van start.

1955

Luxepaardjes

Op de vraag naar de oorzaak van de brand noemt de brandweer de kachel die door de cricketers is gebruikt om natte plunje te drogen. Aanvankelijk wordt deze verklaring als volstrekt belachelijk van de hand gewezen, maar geleidelijk dringt bij het bestuur het besef door dat de brandgasten wel eens gelijk zouden kunnen hebben. Hoewel andersdenkenden hun natte sportkleding zonder meer plegen te verpakken tot de volgende wedstrijd, schrijft Van Loon, was het niet geheel uitgesloten dat deze luxepaardjes (de cricketers, red.) zich voor het bovenomschreven doel van kunstmatige warmte zouden hebben bediend. De zaak zal nooit opgehelderd worden, maar zeker

is dat het de avond voor de brand in het clubhuis een dolle boel is geweest. Zoals wel vaker na de wedstrijden tronen de aangeschoten cricketers terreinknecht Janus van Ede en barvrouw ‘tante’ Nollie voor een paar gulden mee naar het veld, waar Janus tot algemene hilariteit op Nollie bowlt. In die sfeer lijkt het niet onwaarschijnlijk 98

dat men is vergeten bij het weggaan de kachel afdoende te doven.


Pa Bieg

Na de schier eindeloze ‘regeerperiode’ van Tinus Welle krijgt

staan, want ‘er mag wel worden gepraat maar mijn beslissing

Kampong in 1954 - na een tweejarig bewind van ‘tussenpaus’

is genomen’. Terwijl de gevoelens van Welle in de woorden

Cees Wagenvoort - met Joop Biegelaar opnieuw een voetballer

van Van Loon duidelijk zichtbaar aan de oppervlakte kabbelden,

als voorzitter. Net als Welle is ‘Pa Bieg’ een geboren leider,

moest Joop eerst worden opengemaakt. Enkele coulissen moesten

maar qua karakter verschilt hij nogal van zijn beminnelijke

worden verwijderd alvorens de ware mens te mogen aanschouwen.

voorganger. Gemakkelijk in het oplossen van menselijke en

Er zijn echter ook overeenkomsten tussen de twee legendarische

andere moeilijkheden, snel in het nemen van beslissingen, niet

Kampong-voormannen. Beiden beschikken over een diep

overmatig soepel. Zo typeert een niet bij naam genoemd ‘voor-

geworteld Kampong-gevoel en, schrijft Van Loon: Beiden hadden

aanstaand Kamponger’ de nieuwe voorzitter in 1969 bij diens

ook gemeen hun afzien van uiterlijk vertoon; zij hadden weinig

afscheid. Ook Lex van Loon, die onder beiden secretaris is,

belangstelling voor hun kleding en ik herinner mij één van

herinnert zich in 1982 die combinatie van doortastendheid en

de vele recepties of begrafenissen waarbij Joop zoals

stugheid. Als voorzitter legde Joop terstond zijn mening op tafel.

destijds gebruikelijk verscheen in zwart jacquet doch met

Hij was zo aimabel zijn medestanders een discussie toe te

bruine schoenen.

Gast in de paleistuin

Joop Biegelaar wordt in 1923 als veertienjarig jochie lid van Kampong. Net als Tinus Welle is hij keeper, al brengt hij het niet verder dan de lagere voetbalteams. Meer talent heeft hij voor het scheidsrechtersvak. In 1933 neemt hij de fluit ter hand, waarna een snelle carrière volgt die hem tot in de top van het Nederlandse voetbal brengt. Na de invoering van het betaalde voetbal fluit hij een paar jaar eredivisiewedstrijden. Hoogtepunten in zijn carrière vormen de Bevrijdingswedstrijd op 12 mei 1945 in Galgenwaard tussen een Utrechts elftal en een team van Engelse bevrijders en zijn optreden als grensrechter tijdens de wedstrijd Engeland - Bulgarije in 1956 in het Wembleystadion. Nadat hij een wedstrijd van het personeel van paleis Soestdijk tot een goed einde heeft gebracht, is hij voortaan een graag geziene gast in de paleistuin, waar ook komiek Max Tailleur vaak van de partij is. Joop en Max op Soestdijk

99


Een behaaglijk paviljoen

Op 30 april 1956 leggen de drie jongste Kampongleden, Jan Willem Biegelaar, Monique van Loon en Toto Schutte met een met blauw-wit lint versierde troffel de eerste steen voor een nieuw clubhuis. Nog geen half jaar later opent het nieuwe paviljoen zijn deuren, nauwelijks vijftien maanden na de brand. Dat is te danken aan het voortvarende optreden van voorzitter Biegelaar. Niet alleen zet hij daadkrachtig zijn schouders onder het project, hij heeft tevens het geluk dat hij de hand weet te leggen op het ontwerp voor een nooit gebouwde kantine van wasmiddelenfabrikant Persil. Daardoor wordt kostbare ontwerptijd uitge-spaard. Omdat dan al sprake is van het aanleggen van vier nieuwe hockeyvelden, kiest men voor een nieuwe lokatie voor het paviljoen. Als de nieuwe velden in 1959 in gebruik worden genomen, blijkt hoe verstandig die keuze is geweest. Het paviljoen staat nu precies in het hart van het complex. Op 6 oktober 1956 wordt het nieuwe ‘Kampong-home’ geopend. Dit clubhuis is het bewijs dat ook een amateurvereniging tot grote prestaties in staat is, zegt wethouder Derks bij die gelegenheid. Lex van Loon is vooral blij met de moderne gedurfde bar, die is aangepast aan de omvang van barmoeder Nollie. Het Utrecht Nieuwsblad

roemt het behaaglijk verwarmde paviljoen, waarop menige voetbalclub in de eredivisie bar trots zou zijn.

1955

Welke cadeaus krijgt Kampong voor het nieuwe clubhuis?

Verbrijzelde beglazing

Naast alle voordelen heeft de nieuwe plaats van het paviljoen één groot nadeel. Het ligt met zijn grote glazen ramen precies achter een van de doelen van het

100

- Een Kampongvlag (van de voetbalclubs AFC, HBS en VOC)

eerste hockeyveld. De gevolgen laten zich raden. In het eerste jaar na de inge-

- Een sjoelbak (van de oudere VOC’ers)

bruikname bedragen de kosten voor het vervangen van gebroken ruiten al twee-

- Een radio met pick-up (van de dames-reünisten)

honderd gulden. Als de cricketers een jaar later serieus overwegen om ’s winters

- Vijftien rotanstoelen en -tafels (van de reünisten)

in het paviljoen te gaan trainen, laat Lex van Loon zijn cynisme in het blaadje de

- Drie Cor du Buy-tafeltennistafels (van de jeugdspelers,

vrije loop: De enige positieve gedachte die aan deze geestelijke afwijking ten

die hiervoor een jaar lang elke wedstrijd vijf cent hebben betaald)

grondslag ligt, is de zekerheid dat thans ook de ruiten eens van binnenuit worden

- Twee sierlijke Indonesische souvenirs (van de heer Vellinga)

doorboord. Dit is inderdaad een welkome afwisseling op het dagelijks menu van

- Een mat om de vloer van het clubhuis zuiver te houden

verbrijzelde beglazing, ontstaan door een volkomen gebrek aan tucht en respect

(van mevrouw Mol, beheerster van het buffet)

voor het gemene eigendom van onze hockeyers.


Allemaal lieverds

Begin jaren vijftig wordt het buffet in het paviljoen verpacht aan de familie Mol. Moeke Mol

Dank je wel, tante Nollie

beheert het ‘loket’ in stadion Galgenwaard; haar zoon staat in het clubhuis van Hercules, pal naast de Kampongvelden; en het Kampongbuffet komt nu in (de zachte) handen van haar dochter

Er was iets feestelijks en dat kwam omdat ons aller Tante Nollie de

Nollie. Al snel ontwikkelt Nollie zich tot een soort clubmoeder, met wie volgens Frits Schilthuizen

volgende dag jarig zou zijn. En daarom kreeg Tante Nollie een

niemand ooit ruzie kon krijgen. “Iedereen was een lieverd voor haar. Als een kind gevallen was,

cadeautje van de hele jeugd. Een tas en een reiswekker. De wekker

kreeg het een koek op de pijnlijke plek en ook verder gaf Nollie gemakkelijk dingen weg. Het

had bij het overhandigen af moeten lopen (wat hij ook deed), maar

moet handenvol geld hebben gekost, maar voor de sfeer was zij geweldig.”

iedereen schreeuwde zo van Hoera dat hij er niet bovenuit kwam.

Oud-voorzitter Wim Cornelis herinnert zich Nollie van de flesjes Groli en de stroopkoeken. En

Maar dat was niet erg, want er kwam een andere klap op de

ook van de erwtensoep die zij voor toernooien maakte. “Ik denk inderdaad dat er niet veel winst

vuurpijl voor in de plaats. Wij dachten dat wij voor een verrassing

is gemaakt, maar ach, geld speelde toen nog niet zo’n grote rol in de club. Ik weet nog dat ik als

hadden gezorgd, zij had er ook een. Of er maar een paar meisjes

jong bestuurslid penningmeester Gert Schutte kwam helpen met het schrijven van rekeningen voor

mee wilden komen om haar te helpen. En toen kregen we allemaal

de leden. We begonnen bij de A, maar bij de U zei Gert opeens: laten we maar stoppen, zo

een gebakje. Mmmmm, heerlijk, dank je wel, tante Nollie.

hebben we voorlopig weer geld genoeg, de rest komt later wel.”

(Bowina Wansink van de Jeugdraad in het blaadje, 1956)

Hoeden(halsdoek)dansen

Vrijdag was er een avond van de jongeren in ons nieuwe clubhuis. Er was een film over de Tour de France, een tekenfilmpje, een over apen en tot slot twee voetbalfilms. Die laatsten sloegen in op een reuze manier. Bij iedere goal ging er een luid gejuich op en sloeg men elkaar met de meegebrachte kussens. Op het laatst had iedereen een beurs hoofd. Meneer Rietveld heeft er nog een wedstrijd van gemaakt. Jan Willem Biegelaar (hij was zo sterk) moest al de anderen verslaan. Maar ook deze dappere man moest het loodje leggen. Als je ook zo lek geslagen bent, is het wel te begrijpen. En nu Zaterdag. Ook deze avond was zeer geslaagd. De jeugdraad had zich echt uitgesloofd. De met crèpe-papier omwonden lampen verspreidden een gezellig licht (niet te donker) en de slingers deden het ook erg goed. Het dansen begon pas tegen achten. Maar toen was het ook meteen goed dankzij de platen, die verscheidenen hadden meegebracht en de pick-up van Herman. De avond verliep verder gezellig met bezemdansen, hoeden(halsdoek)dansen, rock-and-rolls en het eten van nibbits. Om 12 uur werd iedereen weggestuurd. (Bowina Wansink) 101

Tante Nollie in de keuken


Thom van Dijck, zestig interlands

Na het vertrek van Jules Ancion in 1954 is tandheelkundestudent Thom van Dijck de nieuwe ster van het eerste hockeyelftal. De linkshalf neemt het elftal op sleeptouw en maakt in tien jaar tijd vier kampioenschappen, drie promoties en twee degradaties mee. Bij een terugblik op zijn loopbaan in 1982 zegt hij: Dat vond ik één van de aantrekkelijke dingen bij Kampong, je speelde altijd wel promotie- of degradatiewedstrijden.

In 1954 speelt Van Dijck tegen Wales de eerste van in totaal 60 wedstrijden in het oranje shirt. Maar internationals genieten in die tijd weinig privileges. Net als de andere Kampong-spelers krijgt Van Dijck regelmatig oude hockeyballen mee naar huis om ze op te verven op een speciaal daartoe vervaardigd plankje met drie spijkers. Naast zijn hockeycapaciteiten zegt Van Dijck zijn prestaties vooral te danken te hebben aan het feit dat hij twee keer in de week traint. Op Kampong was trainen een onbekend begrip. Ik herinner me nog goed dat we het er op een gegeven moment over hadden en dat Peter de Laive toen zei: ‘Trainen? Ik ben toch geen sportprol?’ Zo was de sfeer in die tijd. Het enige dat wij deden was op zaterdagmiddag een balletje slaan. Kampong 1 met op de middelste rij, tweede van links Thom van Dijck

Systemen kenden we niet; een coach, een trainer, daar werd niet over gepraat.

1956

102

Een heftig manneke

Vrij elitair

Onze Tommy, ster van de vierkante meter, briljant

Kampong werd in mijn tijd nog echt als een provincieclubje beschouwd. Je telde niet

technicus en spelleider van de kudde. Deze routinier

helemaal mee voor de grote clubs. We werden enigszins neerbuigend bejegend. Ik denk

heeft inderdaad de allure van een doorkneed

nog steeds dat dat ook wel iets te maken had met de aanwezigheid van de voetbal­

international, hetgeen men terstond kan vaststellen

afdeling, waar trouwens ook verschillende Kamponghockeyers moeite mee hadden.

wanneer de scheidsrechter naar zijn mening ten

Van voetbalkant was de belangstelling voor de hockeyers veel groter dan omgekeerd.

onrechte de fluit roert. Het lichaam wordt dan snel

Dat werd van hockeyzijde ook bewust tegengehouden, moet ik zeggen. De voetballers

gestrekt, de wenkbrauwen gaan even vragend

waren in die tijd de echte Kampongers.

omhoog en in zijn blik ontstaat een innig medelijden

De hockeyafdeling was nog vrij elitair. Ik zat als student op kamers, net als Erik

met de ongelukkige, welke zijn ingreep heeft durven

Wagenmaker. We zijn wel verschillende keren thuis geweest bij de familie Biegelaar,

afkeuren. Ondanks zichzelf een heftig manneke en

maar denk maar niet dat wij ooit zijn uitgenodigd bij de De Laive’s, de Baart de la

geen kwezelaar.

Faille’s. In die huizen kwamen wij niet.

(Secretaris Lex van Loon in het Kampongblaadje, 1956)

(Thom van Dijck in 1982)


De goklust aanwakkeren

Eén van de rode draden die door de geschiedenis van Kampong lopen, is de permanente strijd voor het behoud van de amateurgedachte. Als in 1954 het beroepsvoetbal in Nederland wordt ingevoerd, spreekt het Kampongbestuur van een tragische ontwikkeling en van de verdere destructie van het amateuristische bolwerk. Men stuurt de afdeling Utrecht een brief waarin waarborgen worden gevraagd voor het handhaven van een competitie tussen elftallen, welke evenals wij de sport uitsluitend voor hun ontspanning en genoegen bedrijven.

Twee jaar later krijgen sommige oudere leden een nieuwe schok als wordt voorgesteld om ook op Kampong de voetbalpool te introduceren. Het Kampongbestuur, dat maar met moeite geld bij elkaar weet te halen voor het nieuwe clubhuis, ziet in de pool een aardige manier om het bouwfonds aan te vullen. Tijdens een ledenvergadering in het najaar van 1956 maken enkele oudere leden bezwaar. Slechts 350 van de 750 leden hebben aan het bouwfonds bijgedragen en het bestuur weet nu niet anders te doen dan te speculeren op de goklust van het publiek. Dit is beneden de waardigheid

1956

van Kampong. Het bestuur wijst echter op de financiële nood van de club en op de afgenomen zelfwerkzaamheid. Waar is de tijd dat wij ons sportveld in alle vroegte speelklaar maakten, de maaimachine hanteerden en eigenhandig de kalklijnen

56 jaar: Dirk Brauckmann (jeu de boules)

trokken? Hoe lang is het geleden dat wij ons in een café in de bierkelder omkleedden en verheugd waren over het gemis aan waswater? De leden zijn

veeleisender geworden, is de stilzwijgende conclusie, en om hun eisen in te

Kampong is een gezellige familieclub voor jong

willigen, is geld nodig. De voetbalpool is daarvoor een probaat middel.

en oud, ondanks dat het enorm gegroeid is, ook

Het bestuur is overigens wel bereid tot een concessie. Men doet niet mee met de

met studenten. Ik heb zelf eigenlijk meer bestuurd

sporttoto, maar organiseert een eigen pool. Wij zullen er voor waken dat deze

op de club dan gesport.

formulieren uitsluitend aan Kampong-leden worden uitgereikt en derhalve niet bij

Pinksteren 1986, de Europa Cup hockey, was

sigarenwinkeliers e.d. verkrijgbaar zijn. Wij speculeren dus nadrukkelijk niet op

voor mij een hoogtepunt. De spanning op de

de goklust van onze leden, welke de persoonlijke bezitsvorming beoogt, doch

tribune en hoe die zich ontlaadde. De finale

uitsluitend op Uw clubliefde. Wij durven zelfs te beweren dat vele Kampongers

van de heren tegen Uhlenhorst, bloedspannend,

het als een daad van de hoogste bevrediging zullen beschouwen de gewonnen

en dan winnen hè!

prijs instantelijk aan de penningmeester af te dragen. 103


Ballotage: zwaartepunt op het milieu

Tot ver na de oorlog is Kampong een elitaire vereniging, waarvan alleen jongens

Een kakclub

en meisjes uit de betere kringen lid kunnen worden. Om dat te garanderen maken nieuwkomers alleen kans als ze door twee leden worden voorgesteld.

Lid worden van Kampong, dat ging niet zo maar. Je moest door maar liefst twee

In veel gevallen legt een commissielid bovendien een huisbezoek af om te zien

leden worden voorgedragen en er volgde ook nog een huisbezoek, dat ik nooit zal

wat voor vlees men in de kuip heeft. Maar geleidelijk begint er maatschappelijk

vergeten. Toen wij op een avond, zo rond acht uur naar onze flat wandelden, stond

een andere wind te waaien. Uit het jaarverslag van 1958 blijkt dat het bestuur

daar een heer. Hij stelde zich voor als Bob van der Woord van Kampong en stak

het er niet gemakkelijk mee heeft. Het is ons opgevallen dat zich de laatste jaren

meteen van wal tegen mijn moeder. Of acht uur niet een beetje laat was voor zo'n

meer kandidaten aanmelden, welke niet aan onze door traditie gevestigde,

jonge jongen? Mijn moeder mompelde iets over een verjaardag en deze verklaring

ongeschreven ballotage-eisen kunnen voldoen. Ondanks de verder voortschrijdende

was blijkbaar afdoende, want ik mocht lid worden. Maar bij mijn moeder kon de

democratisering zal dit bestuur niet toestaan dat bij het beoordelen van een aan-

club sinds die tijd geen goed meer doen. Opgegroeid als ze was met de Utrechtse

vrage van een kandidaat-lid het milieu, de maatschappelijke positie en de huiselijke

volksclub DOS en aangetast in haar eer als opvoeder vond ze Kampong maar een

verhoudingen buiten beschouwing worden gelaten.

kakclub, en dan bovendien nog ĂŠĂŠn met een zeer smerige kantine.

Maar ja, hoe ga je in deze moderne tijden om met een afwijzing? Het formuleren

(Ton van Rietbergen in de Lustrum-Klapperboom van 2002)

van een antwoord op die vraag kost het bestuur zichtbaar moeite, want om zo maar in iemands gezicht te zeggen dat zijn of haar milieu ons niet aanstaat, 1958

dat zou wat al te pijnlijk zijn. Nogal eerlijk schrijft het bestuur in het jaarverslag dat wij in dergelijke gevallen de weg van de minste weerstand bewandelen door als reden van weigering te vermelden dat wij als gevolg van een tekort aan speelvelden helaas een ledenstop hebben moeten afkondigen, waarbij de navolgende argumenten afwisselend worden gehanteerd: a) het invoeren van een wachtlijst b) het niet accepteren van leden of oud-leden van bevriende plaatselijke

verenigingen, welke bepaling speciaal bij de beoordeling van voetballers

van belang is

c) de toekenning van het lidmaatschap uitsluitend aan die personen,

waarvan de familienaam reeds in ons ledenregister voorkomt

d) het inschrijven van uitsluitend die liefhebbers, welke zich reeds in een

bepaalde tak van sport hebben bekwaamd.

Hoewel steeds meer leden vraagtekens beginnen te zetten bij de ballotage, raakt de keuring van het milieu van nieuwe leden pas in de woelige jaren zeventig in onbruik. Officieel wordt zij echter nooit afgeschaft. Nog in 1972 wordt een voorstel tot wijziging van artikel 10 van de statuten, waarin de ballotage wordt 104

geregeld, door de ledenvergadering met grote meerderheid verworpen.


Meester-kleermaker

“Toen ik een paar weken lid was, nam ik op een zaterdag Leo, een vriendje van me mee, naar Kampong. De week daarop werd ik bij het jeugdbestuur geroepen: of ik Leo niet meer wilde meenemen. Een half jaar later gebeurde exact hetzelfde met een ander vriendje van me. Ik begreep er niets van. Om een voor mij duistere reden hadden ze geen bezwaar tegen een derde vriendje. Pas later ben ik gaan beseffen wat het probleem was. De vader van Leo was ‘maar’ meester-kleermaker, terwijl de ouders van die andere jongen gescheiden waren. Dat kon toen op Kampong niet. Cees was de zoon van een kolonel, dus dat was geen probleem. Je kunt je nu niet meer voorstellen hoe groot de standsverschillen in die tijd nog waren. Toen begin jaren zestig een aantal nieuwe spelers in het eerste elftal kwam, werd ik in het vijfde geplaatst. Dat was een studententeam en die jongens zeiden aanvankelijk keihard dat ze mij er niet bij wilden hebben, omdat ik maar een schoolmeester was.” (Erelid Frits Schilthuizen, 2002)

Nasserziekte

In 1956 stelt een zekere heer Drijver

maar weer meenemen. In een boze brief

Kampong een cricketkooi met netten ter

uit Drijver zijn frustraties over dit opmerke-

beschikking, waarvan de hele zomer -

lijke besluit. Wat betreft uwe afwijzing

ook door hemzelf - gebruik wordt gemaakt.

voor het lidmaatschap, wensch ik U mede

Als hij echter meedeelt lid te willen

te delen dat het voor mij eene aangename

worden, krijgt hij een keihard ‘nee’ te

gedachte is, dat Uw besluit slechts ont­­­

horen. Hij is niet afkomstig uit het juiste

sproten is aan de monocratische neigingen

milieu. Aan het geven van de kooi met

van Uwen voorzitter, terwijl de overige

netten en het feit dat hij al een heel

Bestuursleden blijkbaar niet immuun waren

seizoen tot ieders genoegen heeft mee-

voor diens Nasserziekte. De cricketleden

gespeeld, kan hij wat het bestuur betreft

worden door mij allerminst aansprakelijk

geen rechten ontlenen. Als het besluit hem

gesteld voor uw onvriendelijk en ondank-

niet zint, moet hij zijn kooi en zijn netten

baar gebaar."


Voetbalniveau vanaf 1907

Aantal leden KNVB

Zolang voetbal nog een elitesport was, met zeer weinig leden, kon Kampong zich nog redelijk handhaven. Maar naarmate voetbal meer een volkssport werd en betaling en commercie zijn intrede deed, zakte Kampong steeds verder weg. Al beleefde men in de periode 1975-1982 met vier promoties nog een kleine opleving.

106

1994

1984

1974

1964

1954

1937

0 1927

laatste

1917

20

1994

laatste eerste

1984

40

1974

laatste eerste

1964

60

1954

6e

laatste eerste

1907

Klasse

5e

80

1937

4e

laatste eerste

1927

3e

100

1917

2e

laatste eerste

1907

120

eerste

1e

(x 10.000)


1960

1970


6. Landskampioen

De eerste hockeysuccessen en andere gewichtige zaken

Net voor het begin van 1960 is het duizendste Kamponglid ingeschreven

de geschiedenis zich, zij het dat de voetballers in 1960 zelfs wegzakken

en vooral de hockeyafdeling groeit als kool. Staat men in 1957 qua

naar de tweede klasse van de afdeling Utrecht. Op hockeygebied daar-

ledental nog op de twintigste plaats in hockeyend Nederland, drie jaar

entegen verovert Kampong in 1961 definitief een plaats tussen de groot-

later speelt op Maarschalkerweerd met acht heren-, negen dames- en

machten. Onder leiding van trainer Gerard Stroes en coach Wim

vijftien jeugdelftallen de grootste hockeyclub van het land. Gelukkig

Cornelis wordt vervolgens de basis gelegd voor het team dat tussen

heeft de gemeente Utrecht gehoor gegeven aan de smeekbede om meer

1968 en 1976 vijf landskampioenschappen in de wacht sleept. Nooit

ruimte, want de velden kunnen de grote hoeveelheid teams allang niet

eerder is het contrast tussen de prestaties van hockey en voetbal zo

meer bergen. In 1960 worden op de strook grond tussen het paviljoen

groot geweest.

en de bosrand vier nieuwe hockeyvelden in gebruik genomen.

Even lijkt het alsof het eerste voetbalelftal geïnspireerd is door de prestaties

Daarmee is weliswaar de meest acute ruimtenood opgelost, maar

van de hockeyers. Al in 1963 keert het terug in de eerste klasse. Ook het

noch hockey noch voetbal is erg tevreden. Hoewel beter dan de oude

volgende seizoen begint voorspoedig en de hoop groeit dat het team in

accommodatie, zijn de nieuwe ‘hoge’ hockeyvelden bepaald niet van

één keer zal doorstoten naar de KNVB, waar Kampong-voetbal volgens

topkwaliteit. Tot de opknapbeurt voor de Europa Cup in 1974 blijft het

iedereen thuishoort. Maar de eerste plaats kan niet worden vastgehouden

klachten regenen. Ook de voetballers zijn niet onverdeeld gelukkig. Ze

en vanaf dat moment is het gedaan met de successen. Opnieuw volgt een

hebben er met het voormalige eerste hockeyveld weliswaar een tweede

reeks jaren van vrijwel permanente strijd tegen degradatie. Tussen 1968

veld bij gekregen, maar zowel in de lengte als in de breedte mist dat de

en 1971 heeft de ploeg zelfs drie maal een beslissingswedstrijd nodig -

minimaal vereiste voetbalmaten. Omdat er geen ruimte is om daar wat

tegen Actif, Soesterberg en Patria - om het vege lijf te redden.

aan te doen, moeten de lagere voetbalelftallen hun kunsten meer dan

Buiten het sportveld vormen de jaren zestig een typische overgangsperiode.

tien jaar vertonen op een soort veredeld pupillenveldje. Tussen de twee

Met de groei van het aantal leden en de pensionering van Janus en

doelgebieden is maar nauwelijks plek voor een fatsoenlijke middencirkel.

Nollie verdwijnt de gemoedelijkheid die zo kenmerkend was voor het

Ook het paviljoen kreunt onder het toegenomen aantal leden. In 1961

kleine clubje dat Kampong in de jaren vijftig nog was. Janus wordt

wordt daarom besloten tot een verdubbeling van de ruimte aan de kant

opgevolgd door Toon Rommes en na het afscheid van Nollie wordt de

van de nieuwe hockeyvelden. Hoewel de leden drie jaar lang een

bar in eigen beheer genomen. Als Joop Biegelaar in 1969 als voorzitter

bouwheffing van tien gulden moeten betalen, oogst het besluit algemene

wordt opgevolgd door ‘angry young man’ Wim Cornelis, gaat ook op

bijval. Het clubhuis in zijn oorspronkelijke versie heeft wel erg veel van

bestuurlijk gebied een nieuwe wind door de club waaien. In clubblad

de fabriekskantine waarvoor het ontwerp oorspronkelijk ook was

de Kraton (ook al een nieuwe ontwikkeling) doet de pas aangetreden

bedoeld, vinden de leden.

voorzitter het revolutionaire voorstel om Kampong te veranderen in

Op sportief gebied lijkt het begin van het nieuwe decennium bijna een

een grootschalige sportorganisatie voor het gehele gezin met een

kopie van de periode tien jaar eerder. Toen degradeerde het eerste

sociëteit en met tal van nieuwe sporten. Daarmee breekt hij radicaal

voetbalelftal in 1952 naar de afdeling Utrecht en promoveerden de

met de weg der geleidelijkheid die de ontwikkeling van de club tot

hockeyers een jaar later naar de eerste klasse. Acht jaar later herhaalt

dan toe heeft gekenmerkt.

109


Het geboortecijfer der pieren

Als de gemeente Utrecht zich bereid toont om de strook grond tussen de velden en het bos van Amelisweerd aan het complex toe te voegen, is het optimisme groot. Eindelijk krijgt Kampong de accommodatie, waarop het gezien zijn omvang recht heeft. Maar dan begint een lange lijdensweg. De aanleg van de nieuwe velden is financieel haalbaar dankzij een subsidie van het rijk in het kader van een project om de werkloosheid te bestrijden. Helaas is de gemeente niet in staat om voldoende werklozen te vinden, waarmee ook de subsidie vervalt. Als vervolgens machines worden ingeschakeld, blijken die de klei zodanig in te klinken, dat het regenwater niet meer wordt afgevoerd. In zijn jaarverslag meldt de immer montere secretaris Van Loon dat alle hoop nu is gevestigd op een snelle verhoging van het geboortecijfer der pieren. Maar uitgerekend die zomer is zo droog, dat de pieren zich geen raad weten met de harde grond. Gevolg is dat Kampong in september 1959 maar twee van de vier nieuwe velden mag gebruiken en dat dan nog voor maximaal drie wedstrijden per weekend. Pas een seizoen later worden de velden volledig vrijgegeven, maar de mooie, egale grasvlaktes waarvan het bestuur heeft gedroomd, zijn het niet geworden. De diverse instanties zijn er nog steeds niet van doordrongen dat een goed hockeyveld een andere wijze van verzorging behoeft dan een goed voetbalveld, klaagt de hockeycommssie in haar jaarverslag.

De hele jaren zestig door blijven de velden een probleem. Als voorzitter Wim Cornelis in de zomer van 1970 in het Utrechts Nieuwsblad zijn plannen voor een hockeystadion ontvouwt, kan verslaggever Frans Henrichs het dan ook niet laten om cynisch te reageren. Ik kan deze wens van de heer Cornelis wel begrijpen. Maar ik persoonlijk geloof dat er momenteel meer behoefte bestaat aan een echt goed, egaal hockeyveld dan aan een stadion. Ik ben zondag eens over het veld gelopen waarop Kampong over twee weken moet aantreden voor de eerste competitiewedstrijd tegen Amsterdam. Wel, dat terrein vertoonde in de omgeving van de slagcirkel een opvallende gelijkenis met een 110

Zo hang je mooi, Tinus

motorcrosscircuit na de start van de zijspanklasse.


Voetbal: Het draadje is door

Hoe droevig de stand van zaken in de voetbalafdeling is, kan worden afgeleid uit het feit dat in 1960 zelfs de eerste klasse van de afdeling Utrecht voor Kampong te hoog gegrepen is. Na de dans een paar jaar op het nippertje te zijn ontsprongen, is de lang verwachte degradatie in april 1960 een feit. Het Kampongblaadje presenteert de volgende analyse: Het is gebeurd. Bijna acht volle jaren hebben we onszelf op de schouders geklopt en geconstateerd dat we die voorlaatste plaats dan toch maar weer bereikt hadden. Mijne vrienden, nu hebben we hem, de laatste. Wat als een zwaard van Damocles reeds jaren boven onze hoofden heeft gezweefd, is gebeurd: het draadje is door; de valbijl is gevallen; de storm is geoogst; (en wij leggen het moede hoofd in onze schoot). De jarenlange strijd tegen het degradatiespook heeft onze krachten gesloopt, wij zijn bezweken onder de druk van een kolossaal minderwaardigheidsgevoel. De verklaring van de degradatie van zeker niet het zwakste elftal zou eigenlijk moeilijk te geven moeten zijn. Niets is minder waar! Eén punt uit 5 wedstrijden en dan het hele seizoen verder vechten tegen de rode lamp. Dat moest eens mislukken.

1960

1961

59 jaar: Loes van Hoffen (hockey)

Hockey: Het sportieve evenwicht

Terwijl de voetballers steeds verder wegzakken, treden de hockeyers in het voorjaar van 1961 voor de derde keer de westelijke eerste klasse binnen. Kampong, da's fijn en gezellig, oergezellig.

Hoewel trainen niet langer taboe is, staat de geest van het amateurisme ook in

Gezellig team hebben we, echte oude hap.

de hockeywereld nog recht overeind, zo blijkt uit het relaas in het Algemeen

Mooie momenten zijn er als je met elkaar

Handelsblad over de eerste thuiswedstrijd op 4 september 1961 tegen Laren.

meeleeft, als er ernstige dingen gebeuren. Dan

Langs de kant van het Utrechtse hockey-veld lagen een paar voetballers,

steun je elkaar en ben je echt één. De meeste

die onder elkaar discussieerden over de conditie, die bij voetballers in het

momenten zijn wel leuk. Als je ruzie hebt in de

algemeen veel beter zou zijn dan bij de hockeyers. We zouden hierin

wedstrijd, dan drink je daarna gewoon een

generaliserend geen stelling durven nemen. Een feit was echter wel dat de

glaasje sherry en is het weer goed.

tweede helft erbarmelijk slecht was, vooral nadat De Lanoy Meyer wegens een ooglid-blessure moest uitvallen, Laren geen invallers bij de hand had (fout!), en Kampong daardoor zo vriendelijk moest zijn Pim Dieperink weg te sturen om het sportieve evenwicht te handhaven.

111


Jaap Icke, een vader voor de jeugd

Wie de moeite neemt de archieven door te bladeren die betrekking hebben op de jeugdkampen, zal niet alleen een glimlach moeten onderdrukken over het financiële aspect ervan (kosten dertig gulden per jeugdlid voor een week kamperen), maar komt onder de indruk van de gigantische werkkracht en het organisatietalent van de man achter dit initiatief: Jaap Icke, ofwel Ome Jaap.

Aldus voormalig jeugdcommissielid Bob Bekooij in 1982 over de man die tot ver na de oorlog zijn stempel drukt op het jeugdvoetbal op Kampong. Als overtuigd PvdA’er, pacifist, niet-autorijder en niet-drinker gelooft Jaap Icke onvoorwaardelijk in de opvoedende waarde van sport. "Hij was een soort vader voor de jeugd," zegt Frits Schilthuizen die lang met Icke in de jeugdvoetbalcommissie zit. "Hij was daar heel trots op. Je mocht hem ook geen Oom Jaap noemen, je moest Ome Jaap

De jeugdcommissie met

zeggen. Ik heb enorm veel van hem geleerd. In de jeugdhockeyafdeling weet tegen-

in het midden Jaap Icke

woordig iedereen dat een rode kaart betekent: op rapport komen en een excuusbrief schrijven aan de tegenpartij. Maar ze weten niet dat ik dat heb overgenomen van Ome Jaap. Ik weet nog goed dat Jan Willem Lokerman na een blessurebehandeling niet

1962

ingooide naar de tegenstander die de bal had uitgetrapt. Hij werd meteen uit het veld gehaald, kreeg twee wedstrijden schorsing en moest bij Jaap op het matje komen." Als adspirant heeft Icke (1917) de Kampongkampen in Kootwijk meegemaakt en in

Geen galajurk

1958 maakt hij reünist Cees Vaandrager warm voor het idee om de traditie nieuw

112

leven in te blazen op een deel van diens landgoed ‘Kampong’ in Wezep. Het

Als archiefmedewerker bij Staatsbosbeheer is Jaap Icke in de jaren vijftig een

bestuur is niet enthousiast, maar Icke zet door en organiseert een zeer succesvol

buitenbeentje in het elitaire Kampong. Ook zijn hobby, het gepassioneerd sparen

kamp. In het jaarverslag over 1958 geeft het bestuur zijn vergissing ruiterlijk toe.

van lucifermerken, wordt met verbazing bekeken. Het feit dat zijn verzameling in

Wij kunnen niet zonder schaamte erkennen dat de verwezenlijking van het initiatief

totaal ruim honderddertigduizend exemplaren telt, doet daar niets aan af. Toch

van Jaap Icke ondanks de tegenwerking van het bestuur tot stand is gekomen.

kunnen ook de hockeyers in het bestuur niet ontkennen dat Icke van onschatbare

Gaarne verklaren wij nu dat onze pessimistische verwachtingen volledig werden

betekenis is voor de organisatie van het jeugdvoetbal op Kampong. Met ieders

gelogenstraft en dat dankzij de ervaren leiding van kampeerder Icke van een

instemming wordt hij dan ook benoemd tot lid van verdienste. Dan blijkt opnieuw

bijzonder geslaagd evenement kan worden gesproken.

hoe elitair Kampong nog is, aldus Frits Schilthuizen. "In tegenstelling tot de echt­

Vier jaar lang zijn de kampen een groot succes, maar in 1962 is het feest voorbij,

genoten van de andere nieuwe leden van verdienste, kreeg mevrouw Icke geen

omdat de jeugdcommissie en bloc aftreedt. Ook die actie is typerend voor Icke.

uitnodiging. Dames werden op de receptie namelijk in het lang verwacht. Omdat

De reden is dat de ambitieuze seniorencommissie te gemakkelijk junioren in

het bestuur er vanuit ging dat mevrouw Icke niet beschikte over een galajurk, was

seniorenteams laat spelen. Fout en verwerpelijk, vindt Icke die, principieel als

haar maar geen uitnodiging gestuurd. Ze was zo diep beledigd dat ze nooit meer

hij is, onmiddellijk voor de jeugdcommissie bedankt.

een voet op de velden heeft gezet."


Een wonderdoelpunt

De geschiedenis van Kampong kent veel bijzondere doelpunten. Meestal zijn dat

Schilthuizen: "Al sla je me dood, ik weet niet meer welke wedstrijd het was, alleen dat

goals die de club een kampioenschap brengen of die een elftal op het nippertje voor

we thuis speelden en al dik achter stonden. Op een gegeven moment trapte de keeper uit

degradatie behoeden. Maar het meest legendarische Kampongdoelpunt aller tijden is

en de bal kwam mijn kant op. Ik stond halverwege onze eigen helft en ik had er een

voor het resultaat van de wedstrijd totaal irrelevant. Als het gemaakt wordt, staat het

beetje genoeg van. Dus in plaats van die bal te stoppen om een aanval op te zetten, gaf

eerste voetbalelftal al ver achter en uiteindelijk verliest het ruim. Dat het doelpunt toch

ik hem een enorme roei naar voren. We hadden wind mee en ik raakte de bal vol op de

de status van ‘het ultieme Kampongdoelpunt’ heeft bereikt, is naast zijn unieke ont-

Quick Vitesse. Ik keek niet wat er gebeurde, maar liep terug om me weer op te stellen

staansgeschiedenis vooral te danken aan het verteltalent van de doelpuntenmaker,

voor de volgende aanval, toen ik opeens gejuich hoorde en medespelers op me af zag

Frits Schilthuizen. "Ik was nog geen paar weken Kamponglid of ik had het verhaal al

komen. Ik begreep er niets van tot ik omkeek en zag dat de keeper de bal uit het net

meerdere malen gehoord", vertelt hockeyer Cees Tuip. "Ik heb niet bijgehouden hoe

haalde. Wat bleek? Ik had die bal van zeventig meter afstand precies in de kruising

vaak het sindsdien in mijn bijzijn verteld is, maar neem maar van mij aan dat in het

gejaagd. Ik weet nog goed dat Cary Tijtgat, die langs de kant stond, het niet goed kon

clubhuis over geen goal in de Kamponggeschiedenis vaker wordt gesproken. Vertel

hebben dat ik gescoord had. Die keeper wordt nooit meer opgesteld, zei hij een tikkeltje

nog eens over die wondergoal van je, Frits."

jaloers. Wacht maar af, zei ik, later zal blijken dat hier historie is geschreven."

Wanneer en tegen wie scoorde Schilthuizen zijn wondergoal?

Wim Schoonhoven: "Het moet begin jaren zestig

me toekwam. Sorry, zei hij, zo had ik het echt

zijn geweest, want we stonden langs de kant met

niet bedoeld."

de supportersclub die was opgericht door Jaap Icke junior. Volgens mij was het de wedstrijd

Joop de Bruijne: "Ik weet bijna zeker dat het tegen

tegen Voorwaarts."

Voorwaarts was, want Frits stond op Jan van Capellen, de voormalige prof van DOS, die net

Bob Bekooij: "Het was in 1957 en we speelden

door Voorwaarts was aangetrokken. Natuurlijk

tegen PVC of tegen Utrecht. Ik stond die wedstrijd

schoot hij die bal niet echt vanaf zijn eigen helft -

rechtsback achter Frits en ik herinner me nog goed

dat heeft de legende er later van gemaakt - maar

dat hij na dat doelpunt een beetje beduusd naar

hij stond wel een heel eind van de goal af." Kampong 1 met staand links: Frits Schilthuizen

113


Koopt lucifers!

Om het lustrum van 1962 te financieren, heeft voorzitter Biegelaar iets nieuws bedacht.

tien kleine doosjes ook grote dozen lucifers (met grote foto’s) verkocht. Bovendien

Al twee jaar voordat het zover is, wordt de jeugd ingeschakeld om pakken luciferdoosjes

worden repen chocola voor 25 cent aan het assortiment toegevoegd. Ook over het

te verkopen, die zijn voorzien van foto’s van Kampongelftallen. Op ruim twintig adressen

resultaat van deze tweede actie zijn geen gegevens bewaard gebleven.

in en rond Utrecht worden depots ingericht, waar jeugdspelers de lucifers kunnen

In 1962 volgt een derde actie, nu met dozen suikerklontjes. Vele jeugdleden staan

ophalen. Daar krijgen zij ook adressen van seniorleden aan wie zij hun handel moeten

op de foto’s die op de suikerklontjes-dozen geplakt zijn, meldt Lustrumbulletin nr. 12,

zien te slijten. Een pak kost vijftig cent en wie meer dan twintig pakken verkoopt, dingt

dus is dit een mooi artikel om te verkopen. Een prachtfoto met 120 klontjes en dit voor

mee naar verschillende prijzen. Wie meer dan vijftig pakken verkoopt, krijgt het

slechts f 1.50. Maar inmiddels is Kampong een beetje actiemoe. Bulletin nr. 14 klinkt

Kampongplakboek dat speciaal is vervaardigd voor verzamelaars van de complete serie

althans niet erg optimistisch: Dat niet iedereen bezocht is, komt omdat we niet genoeg

foto’s. Het drukwerk wordt gratis verzorgd door drukkerij Biegelaar en Jansen.

verkopers hebben en dat de lijsten waarover de verkopers(sters) beschikken, zijn

Het streven is om 50.000 pakken luciferdoosjes te verkopen. Uit de archieven kan

samengesteld vanaf een kaartsysteem dat zo’n twee jaar oud is, dus de nieuwste leden

niet worden opgemaakt of dat aantal gehaald is, maar de actie slaat kennelijk aan,

staan daar niet op. Er worden ook verkopers weggestuurd, waarbij blijkt dat men nog

want in september wordt een vervolg aangekondigd. Nu worden naast pakken van

niets van onze actie afweet.

Welke prijzen kon je winnen?

- Een paar prachtige hockeyschoenen - Een hockeystick van de beste kwaliteit - Een Kamponguitrusting bestaande uit hemd, broek en kousen - Een Kampongpet met pluim - Een zuiver wollen Kampongdas - Een grote maat broek met versterkte pijpen - Een paar Kampongkousen met dubbele hiel - Een paar kousen een maatje kleiner, maar krimpvrij - Een paar scheenbeschermers in plastic verpakt - Een paar scheenbeschermers zonder plastic (winnaar: Wim Schoonhoven) 114

- Een echte ronde hockeybal


Zwieren en zweven

In 1962 wordt voor het laatst in de geschiedenis van de club een lustrum-oude-stijl gevierd, dat wil zeggen met een revue van de hand van Tinus Welle, die wordt opgevoerd in de Stadsschouwburg. Als extra attractie treedt dit keer Kampong-hockeyer Jaap Fischer op, die korte tijd later landelijke bekendheid zal krijgen met zijn liedje ‘De nozem en de non’ en die ook tegenwoordig nog optreedt, nu onder de naam Joop Visser. De NRC (dan nog niet gefuseerd met het Algemeen Handelsblad) is zeer te spreken over de festiviteiten. In de grote veilinghallen van Bunnik had zaterdagavond het grote feest van dit twaalfde lustrum plaats. Op de muziek van drie bands zwierde en zweefde men, stemmig gekleed, door de met de hulp van militairen versierde hallen. Als voorproefje van dit grote bal werd vrijdagavond in Esplanade een Kampongshow, welke door de leden verzorgd werd, gegeven. De bekende zanger Jaap Fischer zong er zijn liedjes. (NRC, 1 oktober 1962)

1962

115


Voetbal: Kampioen in een kwaadaardige wereld

Na de degradatie in 1960 is Kampong-voetbal weer terug in de

Kampongblaadje, dat na afloop van de wedstrijd wordt uitgedeeld.

afdeling, waarin het 55 jaar eerder allemaal begon, de tweede

Het is verboden de spelers langer dan een kwartier op de schouders

klasse van de afdeling Utrecht. Toen werd men al in het eerste het

te dragen, waarschuwt de anonieme auteur, om vervolgens te

beste jaar kampioen. Nu duurt het drie jaar voor het zover is.

constateren dat het laatste kampioenschap al weer van 1946 dateert.

Op 19 mei 1963 wordt DWSM thuis met 4-0 verslagen, onder meer

Zeventien jaar zijn sindsdien voorbijgegaan. Zeventien jaar waarin

dankzij een hattrick in de eerste helft van midvoor Rik Willemsen.

Kampong zich krampachtig trachtte te handhaven in een steeds

Een wilde boel wordt het na afloop niet, als we het wedstrijdverslag

kwaadaardiger wereld. Waarin iedereen beter ging voetballen

van aanvoerder Koeno Brouwer moeten geloven. Enigszins tot rust

behalve Kampong, totdat zelfs Kampong in ging zien dat het zo niet

gekomen in de kleedkamer werd op het behaalde kampioenschap

langer ging. Vandaag zien we daar de eerste resultaten van. Het

een glas champagne gedronken, meldt hij nuchter. Daarna rijdt

brave DWSM, dat nog zo lang tegenstand wist te bieden, moest het

men per Jan Plezier naar Esplanade aan het Lucas Bolwerk, waar

trotse hoofd buigen en ziet, Kampong is kampioen van de tweede

wordt gegeten. Heel wat lyrischer is de speciale editie van het

klas onderbond.

1963

Snoeiharde verdedigers

Het succes van 1963 is vooral te danken aan wedstrijdsecretaris Hans CrĂŠton. Hij constateert na de degradatie in 1960 dat Kampong zonder versterking van buiten het verloren terrein niet snel zal herwinnen. Als leraar aan het Bonifatiuslyceum kent hij veel spelers van andere verenigingen, en hij haalt onder meer middenvelder Henny de Rijk en verdediger Jan Arler over om naar Kampong te komen. Het optreden van CrĂŠton wordt op Kampong met scepsis gevolgd. Niet alleen zijn De Rijk en Arler jongens die normaal niet snel door de ballotage zouden zijn gekomen, maar bovendien brengen zij een portie hardheid mee die niet bepaald des Kampongs is. Bijna iedereen gooide de beuk erin, aldus verdediger Ebo Boerema in 1987 in clubblad De Hoekvlag. Je stond tussen een stel snoeiharde verdedigers, dus dan ging je vanzelf wel meedoen. Jacques Koole, mijn eerste trainer, trapte je rustig tegen de vlakte, als je hem passeerde op het gravelveld. Rudy Brest van Kempen, onze keeper, was een jongen die, in tegenstelling tot alle andere keepers die ik heb gekend, een speler die hem had geraakt, de volgende keer moedwillig overhoop sloeg. De enige die zich tegen die aanpak verzette was Koeno 116

Rik Willemsen in duel

Brouwer, maar die was veel te bescheiden om iets te bereiken.


Alcohol in het bloed

Hengelose veteranen

In het midden van de jaren zestig bereikt de kunst van het

De hockeyers blijven in hun verslagen meestal dichter bij

schrijven van wedstrijdverslagen in de voetbalafdeling een

de feiten. Een uitzondering vormt dit in zijn beknoptheid

hoogtepunt. Het Kampongblaadje van 15 oktober 1964 bevat

bijna volmaakte, uiterst beeldende verslag van een expeditie

maar liefst vier verslagen van de wedstrijd Kampong 3 - Holland

van de veteranen naar Twente in oktober 1964: Vanuit de

3 2-2. De bijdrage van vaste verslagschrijver Gabriël is een

alcoholische nevelen van het gastvrije Twente is het praktisch

typerend voorbeeld van de stijl die in het derde wordt gehanteerd.

onmogelijk een nauwkeurig verslag van de veteranenwedstrijd Hengelo-Kampong over te brengen. Gelukkig wist onze Jeugd

Jan Ouwehand is een bikkelharde jongen. Waar hij gelopen

(Kampong 2) de eer hoog te houden. Laat niemand

heeft, kan geen gras meer groeien. Als hij een bal zou raken, zou

Hengelose veteranen onderschatten. De Heer sta ons bij

die gezeten hebben, als hij een tegenstander zou kraken, zou die

voor een bezoek van Hengelose Veteranen.

het geweten hebben. Om dit te voorkomen deed Jan Ouwehand

PS. Wij hebben verloren.

deze wedstrijd niets. René had last van hoogtevrees, wat we wel meer zien met jongens van zijn leeftijd. Holland zag het ook en probeerde met hoge schoten van achter de bosjes René te 1964

verschalken. Hetgeen lukte. Peter Hart was weer dronken. Pip is een goede jongen, handig voor in de bergen, maar in de vlakke etappes net zo’n turfvaart als Jan Arler en die moet in het bestuur, nee, in het eerste. Het bestuur zou het bestuur niet wezen als het niet bij vlagen de

65 jaar: Elly Rurup (tennis)

contributie verhoogde. Wij van Kampong, wij weten wel beter en op de Algemene Vergadering zullen we het ze wel vertellen. Créton moet in het bestuur en ‘de Kuiper, de Kuiper’ moet in de

Kampong voelt rustig en prettig aan. Het is heel

cricketcommissie. Wat wel een goed ideetje is, om pasfoto’s van

vrij omdat je de binding zelf kunt bepalen. Er

de wanbetalende leden in het paviljoen op te hangen. Bravo! Over

wordt geen druk op je uitgeoefend om meer te

de wedstrijd kunnen we alweer kort zijn. Louis Kerkhoffs moet één

doen dan je zelf wilt.

ding voor zichzelf uitmaken. Als hij wil voetballen zal hij wat

Toen ik op een zondagmiddag een keer een prijs

aan zijn conditie moeten doen of zaterdag op tijd naar bed.

won, gaf dat een heel prettig gevoel. Het was

(De redactie kan het standpunt van aanvoerder Peter Hart goed

geen poedelprijs, ik had echt iets goeds verricht.

begrijpen: Wie twee zondagen achter elkaar het meeste alcohol in het bloed heeft, wordt automatisch aanvoerder. Er waren ditmaal wel erg veel kandidaten. Er is niet meer tegen op te drinken.) 117


Rode en blauwe bonnen

Hoe gezellig het ook achter de bar mag zijn, geleidelijk begint de zaak barvrouw

populaire sherry (twee gele bonnen). De jeugd wordt kennelijk nog vertrouwd, want

Nollie boven het hoofd te groeien. Rekeningen blijven openstaan, en steeds vaker

de dertig cent voor een glaasje limonadegazeuse mag wel contant worden afgerekend.

komen leden voor het gemak zelf maar even een kratje halen, dat ze vervolgens

In de zomer van 1967 wordt proefgedraaid met de nieuwe bonnen. Dat niet iedereen

‘vergeten’ te betalen. In 1967 wordt besloten om het beheer van het buffet weer in

enthousiast is blijkt uit de mededeling in het Kampongblaadje over actiegroepen met

eigen hand te nemen. Om Nollie niet zo maar aan de kant te zetten, geeft voorzitter

leuzen als ‘Geen bonje op Kampong’, ‘Geef Kampong de bons’ en ‘Ban de bon’.

Biegelaar haar een baantje in de kantine van zijn drukkerij.

Maar erg serieus is de weerstand niet.

Voor de bediening in het clubhuis worden barploegen van leden gevormd die elk

Wel blijft het lastig om voldoende barploegen te vinden. In 1969 klaagt de paviljoen-

een weekend dienst hebben. Ook het assortiment wordt uitgebreid, want de keuze

commissie: Wie volgende week ploegbaas zal zijn, wie volgende week de bar zullen

tussen een zakje chips (met extra zout in een apart blauw bolletje) en een portie door

bemannen, het is nog een groot raadsel. Zouden de oude, misschien dan toch ook

Nollie gesneden Kips leverworst wordt wel erg beperkt gevonden. Om nieuwe financiële

heel wijze Kampongers gelijk krijgen met hun ‘het duurt niet langer dan een jaar’?

problemen te voorkomen, wordt een systeem van bonnen ingevoerd. Alle drankjes

In oktober wordt een vergadering belegd om te bezien of wel moet worden

krijgen de eenheidsprijs van zestig en later zeventig cent (gele bon), met uitzondering

doorgegaan met het eigen beheer van de bar. Net op tijd melden zich vijf nieuwe

van koffie (een blauwe bon van vijftig cent) en de ook in die tijd op Kampong al

barploegen aan.

1967

118

Grolsch of Bavaria

Onder Nollie worden in het paviljoen flesjes

blinde test van de gangbare Nederlandse merken.

Grolsch verkocht, maar als in 1968 een tap wordt

Voorzitter Joop de Bruijne van de paviljoencom-

geïnstalleerd, is de grote vraag welk bier daaruit

missie herinnert zich de verbazing nog als de

moet vloeien. De paviljoencommissie heeft een

dag van gisteren. "Ik meen dat Oranjeboom als

lucratief aanbod van Bavaria op zak, maar bij de

beste uit de bus kwam, maar voor ons was vooral

erkende drinkers geniet Heineken de voorkeur.

van belang dat Bavaria beter scoorde dan

Men besluit de zaak te beslechten door een bier-

Heineken, ook bij mensen die hadden geroepen

proefwedstrijd te houden. Onder leiding van voet-

dat Bavaria slootwater was en dat we per se

baller en cricketer Marnix Hellemans worden de

Heineken moesten gaan tappen. Daar was het

grootste drinkers van Kampong op kosten van

ons uiteraard om te doen." Vanaf dat moment

Bavaria in het paviljoen onderworpen aan een

schenkt Kampong Bavaria.


Lange haren, korte rokken

In de buitenwereld is het in de tweede helft van de jaren zestig

In dit geval ging het om het haar van enkele Herculanen, maar

stevig gaan gisten. Tot schrik van veel oudere leden is ook

ook op Kampong zelf, met name in de voetbalafdeling, laten

Kampong zelf niet immuun voor love, peace and understanding.

steeds meer spelers hun haar groeien. Hoe de voetbalcommissie

De haren worden langer, de rokken korter en van goede

daarover denkt, blijkt uit de noodkreet die in de zomer van

manieren is in de ogen van velen nu helemaal geen sprake

1967 in het Kampongblaadje verschijnt: Leden die zich in het

meer. Niet zonder leedvermaak beschrijft Hermes - achter welk

afgelopen seizoen zeer lauw hebben betoond of zich weinig

pseudoniem Erik Hardeman zich in die tijd verschuilt - hoe de

gelegen lieten liggen aan de - met het lidmaatschap verbonden -

heer Biegelaar in 1967 na afloop van een cricketwedstrijd tegen

verplichtingen, hebben in mei een brief ontvangen met het

Hercules zijn eminente wenkbrauwen fronste bij het zien van de

advies: óf verbeteren óf bedanken. De commissie prefereert

hoeveelheden lang haar per hoofd in zijn dierbare paviljoen.

een kleinere, maar goed functionerende afdeling boven een

Toen hij ons passeerde hoorden wij hem zachtjes in zichzelf

grotere afdeling met vele halfslachtige figuren. Langharige

mompelen met de donkere blik in de ogen, die verraadt dat het

knapen worden ook onder deze laatste categorie gerekend

allerminst pais en vree is in des mensen interne behuizing.

en kregen derhalve ook een brief.

1967

Tussen knie en enkel

Wat is de hit van het lustrumfeest?

In de jaren zestig is correcte kleding binnen Kampong een zaak van groot belang. Zelfs het Kampongblaadje houdt zich bezig met kledingvoorschriften. Twee weken voor het lustrumfeest van 1967 verschijnt de volgende mededeling:

De absolute tophit van het lustrumfeest in 1967 is het nummer

Bij de galavoorstelling en het soirée in de schouwburg op vrijdag is avondkleding

‘Even the bad times are good’ van de Engelse groep ‘The Tremeloes’,

zonder meer vereist. Bij het zaterdagavondfeest in Bunnik is avondkleding ook

dat op 30 september op nummer 15 in de Engelse hitparade staat.

vereist, maar voor diegenen waarvoor het onoverkomelijke bezwaren oplevert

In de top twintig staan verder onder meer: Flowers in the rain - Move (3),

om twee dagen in avondkleding te verschijnen, bestaat de mogelijkheid om dit

Hole in my shoe - Traffic (5), Itchycoo Park - Small Faces (6),

gebeuren bij te wonen in een bijzonder net pak of cocktail-dress. Avondkleding

Let’s go to San Francisco - Flowerpot Men (7), San Francisco

voor de heren bestaat uit rok of smoking (eventueel uniform), voor de dames uit

(be sure to wear some flowers in your hair) - Scott McKenzie (10),

een lange of korte jurk, japon, kleed, dress. Dit kort slaat niet op mini-mode,

The letter - Box Tops (12) en We love you - Rolling Stones (18).

maar eindigt ergens halverwege de knie en de enkel. 119


Feest!

Na de promotie in 1961 speelt Kampong aanvankelijk geen rol van betekenis in de westelijke eerste klasse. Dat verandert in 1965 als men achter het dan ongenaakbare Amsterdam, maar ruim voor rivaal SCHC, als tweede eindigt. Dat succes is vooral te danken aan de komst naar Utrecht van ‘talenten uit de provincie’ zoals Rob en Klaas Westdijk en Harmen Naeff (Arnhem), Sebo Ebbens (Zwolle) en Heiko van Staveren (Eindhoven). Niet zonder leedvermaak herinnert Naud Naeff zich in 1982 hoe het hautaine Stichtse zich te goed voelde voor zulke tweederangs spelers. In die tijd was SCHC de topclub. Zij hebben bijvoorbeeld Theo van Vroonhoven voor onze neus weggekaapt. Maar die oostelijke

Rob Westdijk in actie

jongens waren subtoppers, daar had Stichtse geen belangstelling

tegen Laren

voor. Niet slim van de Bilthovenaren, want met name vedediger 1967

Van Staveren, middenvelder Ebbens en spits Rob Westdijk hebben een groot aandeel in de Utrechtse opmars. In 1967 wordt Kampong kampioen van de westelijke eerste klasse. Weliswaar moet men het landskampioenschap dat jaar nog aan Venlo laten, maar een jaar later is het raak. Na een hernieuwd westelijk kampioenschap blijft Kampong in de kampioenspoule ongeslagen. Op 5 mei wordt in Groningen dankzij een 2-0 overwinning

kampioenen op perron 2 waren binnengereden. Ongelofelijk,

op HMC het eerste landskampioenschap behaald. Die prestatie

alles wat Kampong was, stond op het station om ons af te halen:

krijgt extra glans omdat het tweede (met een zekere Paul Litjens)

jeugdleden met rinkelende fietsbellen, toeterende auto’s, het

diezelfde dag, ook al in Groningen, landskampioen wordt bij de

Stationsplein was totaal geblokkeerd. Alle spelers werden in

reserve-elftallen. De treinreis terug naar Utrecht wordt één groot

landauers gehesen en na een rit door de stad volgde de receptie

feest met als hoogtepunt de aankomst in Utrecht, aldus Rob

in Pays-Bas. Daar aangekomen vonden Bolle (Bolhuis) en Tiet

Westdijk in een terugblik in het Lustrumboek 1982.

(Weidema) het nodig in één van de hotelkamers een bad te

De absolute climax was het binnenrijden in Utrecht CS, dat

nemen en brutaal aan een van de bedienden badschuim en hand-

voor deze gelegenheid totaal in Kamponghanden was. Via

doeken te vragen. Enkele ‘echte’ Kampongers vonden het nodig

de omroepinstallatie werd iedereen die het nog niet mocht

ons elftal ‘niet echte Kampongers’ het vreemdelingenlegioen te

weten, geïnformeerd over het feit dat de nieuwe Nederlandse

noemen, maar niets was minder waar. 121


Sebo Ebbens, 45 interlands

Sebo Ebbens was een volstrekt unieke figuur in ons eerste. Hij had een

weinig deed, zei hij volstrekt oprecht: ‘ja maar dat is toch helemaal niet

fabelachtige timing en een basistechniek om te zoenen. Elke bal viel

nodig, jullie gaan al zo goed.’ Ook verder was Sebo een beetje een

dood op zijn stick. Het probleem was alleen dat je Sebo niet zag als

buitenbeentje. Hij kreeg eind jaren zestig al snel heel lang haar

het elftal goed draaide. Misschien was hij te veel een individualist

en was ook maatschappelijk veel linkser dan wij. Op een gegeven

om in een hecht collectief te functioneren. Feit was dat hij beter ging

moment, net voor de grote successen, had hij het er allemaal niet meer

spelen naarmate het met de rest slechter ging. Dan werd hij sterker

voor over en is hij gestopt. Heel jammer, want hij was echt een uniek

en sterker. Hij heeft ons er verschillende keren in zijn eentje doorheen

talent, samen met André Bolhuis de beste en meest technische hockeyer

De kampioenen met Sebo

gesleept, maar als het elftal goed draaide, dan was hij meer een

waarmee ik op Kampong heb samengespeeld.

Ebbens in burger

soort toeschouwer in het veld. Als ik hem dan vroeg waarom hij zo

(Aanvoerder Heiko van Staveren)

Rijst met sigaar

Wie het slechtst tegen zijn verlies kon was onze keeper Bill Derks, die altijd in een oude Lincoln naar de wedstrijd kwam rijden en die graag een sigaar mocht roken. Hij kon na een nederlaag echt uren zitten mokken. We hadden een keer verloren vanwege een aantal dubieuze beslissingen van de toen beste Nederlandse scheidsrechter, Piet Lathouwers. Na afloop kregen scheidsrechters op Kampong altijd een hap eten van tante Nollie, de barvrouw. "Moet je dat nou zien", kankerde Bill, "zit die vent nog van mijn geld te eten ook." "Hou nou je vervelende mond eens dicht", riep Lathouwers, waarop Bill ontplofte, de brandende sigaar uit zijn mond trok en hem middenin het bord rijst van Lathouwers plantte. (Heiko van Staveren in de Klapperboom, 2001)

122


Cricket: Catches win matches

Van het cricketfront valt in de jaren zestig weinig nieuws te melden. Op

Juist in dat jaar tekent de ommekeer zich af. De jeugdafdeling begint uit

het areaal van de vier nieuwe hockeyvelden beschikken de cricketers vanaf

zijn as te herrijzen en de jeugdspelers die naar de senioren overstappen,

1960 over een welhaast perfect gesitueerd eerste cricketveld. Op het

blijken forse versterkingen, die de cricketafdeling in hoog tempo een nieuw

schaduwrijke terras kunnen de toeschouwers niet alleen van de wedstrijd

ĂŠlan bezorgen. In de tweede helft van het decennium verwerft Kampong

genieten, maar ook van de majestueuze bosrand van Amelisweerd. In die

zich vooral een reputatie als niet te onderschatten fielders. Onze leus was

aangename entourage speelt Kampong echter een volstrekt ondergeschikte

'catches win matches', vertelt Rob Zurlage in het Lustrumboek van 1982.

rol in de tweede klasse A. Vooral het gebrek aan jeugd stemt somber. De

Voor het seizoen werd een prognose gemaakt over het aantal slachtoffers

algemene malaise heeft toegeslagen, constateert commissielid Frits Verzijl

dat iedereen voor zijn rekening zou nemen. Voor een gemiste vang moest

Marnix Hellemans

in 1964 in zijn jaarverslag. Voor ons staat vast dat er een lacune is

een gulden, voor een gemiste 'sitter' zelfs een rijksdaalder worden gedokt

(zittend tweede van

ontstaan in een naoorlogse periode, toen een zeer homogene vriendenclub

in de pot. Wat fielden betreft hadden we een team waar nu nog menige

links) overdenkt

van talentvolle spelers de blauw-witte kleuren van Kampong verdedigde.

hoofdklasser jaloers op zou zijn, maar dat was ook wel nodig, want als

zijn zonden

Maar deze mensen hebben verzuimd nieuw talent op te leiden.

het op batten aankwam, schoten de tranen je soms in de ogen.

1967

De Hellemans-show

Eind jaren zestig beschikt Kampong met voetballer Marnix Hellemans over een batsman waarvoor de toeschouwers op het puntje van hun stoel plaatsnemen. Gedenkwaardig is zijn optreden in de thuiswedstrijd tegen ACC 2 op 7 juli 1968. Kampong heeft aan 128 runs voldoende voor de overwinning, maar met al zes man uit staan er pas 79 Kampongruns op het bord. Onder de kop Sensatie bij Kampong, schrijft het Utrechts Nieuwsblad de volgende dag: Toen begon een show die de vele toeschouwers nooit meer zullen vergeten. In slechts 10 klappen besliste Hellemans de wedstijd en wel door vier zessen, drie vieren en drie maal twee runs. In totaal 42 not out, een prestatie die uniek is te noemen, waarvoor spelers en toeschouwers hem terecht een ovatie brachten. Dankzij de zeven runs

die Joep Winters in de tussentijd aan het totaal toevoegt, passeert Kampong het Amsterdamse totaal: 128 voor 6.

123


Naar een omnisportvereniging

Als Joop Biegelaar in 1969 als voorzitter plaats maakt voor de dan pas 31-jarige

pa gaat cricketen, voetballen of hockeyen, ma gaat tennissen en de kinderen gaan

Wim Cornelis, beseffen de leden niet dat hun club aan de vooravond staat van een

zwemmen. Allemaal in dezelfde club. Het is een visionair project, waarmee Cornelis

ware revolutie. Maar dat verandert als de nieuwe man in clubblad de Kraton zegt dat

de leden uitdaagt om groot te denken. Uiteraard past in zijn visie ook een goed

hij tennis, rugby, squash, bowling en golf aan de drie bestaande sporten wil toevoegen.

uitgerust paviljoen. In het Utrechts Nieuwsblad droomt hij van een soort sociëteit, die

Een jaar later licht Cornelis zijn ideeën nader toe. Hij heeft in Spanje kennis gemaakt

de hele week als een trefpunt van de leden kan dienen. Zij moeten er op elk moment

met het fenomeen omnisportvereniging en meent dat in die opzet ook voor Kampong

van de dag terecht kunnen voor een drankje, een lunch of een diner, maar ook om

een gouden toekomst ligt. Wat mij voor ogen staat is een ‘familie recreatie vereniging’,

televisie te kijken of te biljarten. Er moet eersteklas bediening zijn en wat Cornelis

althans zo noem ik het maar even. Dit is een club die aan het hele gezin iets te bieden

betreft komt er naast dit clubhuis een bowling green, waar de leden net als in Engeland

heeft. Zo’n club zou een basislidmaatschap moeten kennen met toeslagen per sport.

bowls op gras kunnen spelen. Omdat er op Maarschalkerweerd onvoldoende ruimte

Maar die opzet is alleen aantrekkelijk als de keuze groot en gevarieerd is. Ik zou

is, speelt de voorzitter met de gedachte de golflinks en de rugbyvelden aan te leggen

daarom ook graag een sporthal verwezenlijkt zien en eventueel een zwembadje. Voor

op landgoed Oud-Amelisweerd of op de voormalige paardenrenbaan Mereveld. Al

de kleintjes zal er een soort speeltuin moeten komen. Het voordeel van zo’n club is dat

snel wordt echter duidelijk dat dat een brug te ver is.

1969

De Utrechtse sociëteits- en sportvereniging

Met een profetisch oog voorziet Cornelis dat de afdelingen in zijn omnivereniging steeds losser van elkaar zullen komen te staan, maar dat deert hem niet in het minst, zegt hij in het Kampongblaadje. Het clubleven zal zich meer binnen de afdelingen gaan afspelen en kan daar net zo floreren als vroeger. Is daar trouwens nu ook al geen sprake van? Er ontstaan dan als het ware kleine clubjes, die kunnen profiteren van de accommodatie van het grote geheel, en ook de naam daarvan dragen. Overigens is het best mogelijk dat er een nieuwe naam zal komen. Ik zit niet zo vast aan die naam Kampong. Als het nodig is, moeten we die rustig overboord durven gooien.

Die laatste gedachte bevalt erelid Co Welle in het geheel niet. In de Kraton herinnert hij aan de vele leden en reünisten die de afgelopen zeventig jaar hebben gesport onder de naam Kampong. Wanneer men zal horen dat de Utrechtse sociëteits- en sportvereniging 124

De plannen van Cornelis,

heeft gewonnen van Amsterdam zal dit hen onberoerd laten. Geheel anders zal het zijn

volgens de Kraton

als men verneemt dat Kampong weer heeft gezegevierd.


Een progressief clubblad

In 1969 wordt opnieuw duidelijk dat de revolutionaire wind

verhandelingen over de ballotage en de spelverruwing.

die op dat moment door Nederland waait, ook Kampong niet

Dat het blad in de smaak valt, blijkt onder meer uit een lovende

onberoerd laat. Voor het eerst in zijn geschiedenis krijgt de

brief van het Ministerie van Cultuur, Recreatie en Maatschappelijk

club een kritisch clubblad met journalistieke pretenties. De

Werk aan het Kampongbestuur. Gaarne wil ik U een compli-

Kraton, zoals het blad door hoofdredacteur Glenn Karamat

ment maken voor de opmaak en de inhoud van uw clubblad

Ali wordt gedoopt, ergert oudere leden niet alleen door

van januari 1971, schrijft hoofd Lichamelijke Vorming en Sport

zijn opvallende rode omslag, maar ook door progessieve

J. Nieuwenhuyzen Kruseman. Ik ontvang clubbladen van vele

ingrediënten als de volstrekt onleesbare ‘hippe pagina’.

verenigingen. Daar zijn uiteraard ook goed verzorgde onder die

Onder invloed van een illuster drietal uit het vierde voetbal-

ik met genoegen lees. Dat ik reageer op de toezending is echter

elftal, Erik Hardeman, René Mentink en Joop van Schijndel,

een uitzondering. Het compliment mag echter niet baten. Nog

verschijnen in de Kraton geleidelijk steeds uitgebreidere

geen vier maanden later blaast de Kraton, geplaagd door

interviews en beschouwingen, met als hoogtepunten ellenlange

geldzorgen, zijn laatste adem uit.

1969

Informatieve kommunikaatsie

Hoogtepunt uit de eerste jaargang van de Kraton vormt een interview met vertegenwoordigers van De Kargadoor over sport. De Kargadoor is het Utrechtse jongerensentrum voor informatieve kommunikaatsie, en in het artikel krijgt staflid Willem Hoogendijk alle ruimte om de Kamponglezers te bekeren tot een geheel nieuwe visie op sport: Wij stellen ons een maatschappij voor ogen waarin het competitie-element ontbreekt. Deze gelukkige gemeenschap, Nieuw Babylon, zal ook in haar sportbeoefening de samenwerking centraal stellen. Dit komt doordat de mentaliteit van de mens daar anders zal zijn. Zo hockeyden wij bijvoorbeeld vaak op school, en daar werden de doelpunten niet geteld. Doelpunten zijn niet belangrijk, het gaat om het spel. Als je voelt dat je lekker gespeeld hebt, wat kan het je dan schelen of je verloren hebt? Dat betekent niet dat de Kargadoor sport verwerpt. Ook in onze opvatting is plaats voor sport. Maar voor ons is niet het wedstrijdelement wezenlijk, maar het samenwerken in teamverband, het verkennen van de mogelijkheden van je lichaam, het opdoen van zintuiglijke ervaringen. Op deze manier kan ook yoga sport worden genoemd. Wij verwerpen de sport niet, wij verwerpen de huidige maatschappijstructuur, en dus de manier waarop sport wordt beoefend. 125


500

0

0

De ontwikkeling van dwerg tot sportreus is in deze figuur goed te zien.

hockey

Vooral sinds de jaren zestig gaat het hard met de ledengroei. De introductie

voetbal

van tennis en squash, maar ook de blijvende populariteit van hockey en

tennis

voetbal stuwen het ledenaantal op tot inmiddels ruim 3500.

squash cricket jeu de boules

126

2002

500

1997

1000

1992

1000

2000

1500

1990

1500

1980

2000

1970

2000

1960

2500

1950

2500

1940

3000

1930

3000

1920

3500

1910

3500

1987

Leden per afdeling sinds 1982

1982

Aantal Kampongleden 1910-2002


1970

1980


7. Van dwerg tot sportreus

Twee ‘angr y young men’ en de omnigedachte

Afgezien van enkele korte maar hevige crises, zoals de bestuurscrisis in

Maar de jaren zeventig zouden de jaren zeventig niet zijn als alles van

de jaren dertig, kent de geschiedenis van Kampong tot ver na de oorlog

een leien dakje zou gaan. De veelomvattende plannen van het bestuur

een nagenoeg rimpelloos verloop. Maar parallel aan de stormachtige

stuiten op een nooit eerder in die omvang vertoonde weerstand bij de

ontwikkelingen in de omringende wereld raakt ook Kampong rond 1970

leden. Gevolg is dat deze tien jaar behalve als het decennium van de

in een stroomversnelling. Vooral aan de bestuurstafel volgen de ontwik­

sportieve successen ook de geschiedenis ingaan als het tijdperk van de

kelingen elkaar razendsnel op, met als gevolg dat de jaren zeventig tot

emotionele ledenvergaderingen die soms tot diep in de nacht duren.

een van de meest bewogen decennia uit de clubgeschiedenis uitgroeien.

Zowel het voorstel van het bestuur-Cornelis voor de uitbreiding van het

Maar ook op het veld worden de bakens geleidelijk verzet. Aanvankelijk

complex als de plannen van het bestuur-Van Boven voor een nieuw club-

lijkt het daar nog niet op. De voetballers zijn na een korte opleving in

huis roepen fel verzet op. Maar de heftigste emoties worden veroorzaakt

1963 weer teruggezakt in de lethargie van eind jaren vijftig en degraderen

door Charles Verheyen, een relatieve nieuwkomer op Kampong, die in

in 1972 - net als twaalf jaar eerder - naar de tweede klasse van de

1974 de euvele moed heeft om zich te presenteren als tegenkandidaat

afdeling Utrecht. Maar in datzelfde jaar worden de hockeyers voor de

voor het Kampong-voorzitterschap. Hoewel hij niet wordt gekozen, legt

tweede keer landskampioen en keren de cricketers na jaren van malaise

hij met zijn actie de groeiende spanning bloot tussen enerzijds de voet-

terug in de overgangsklasse. Geleidelijk wordt een nieuwe geest over

ballers en de cricketers en anderzijds de steeds ambitieuzere hockeyers.

Kampong vaardig en vanaf 1972 gaat geen jaar voorbij zonder dat

Kenmerkend voor de andere wind die op Kampong gaat waaien, is de

minstens één van de standaardelftallen kampioen wordt. Zelfs het dames-

sobere manier waarop de twee lustra in deze periode worden gevierd.

cricketelftal wordt in deze periode heropgericht. Als in 1980 de balans

Er is niet veel geld en met de vrijgevigheid van leden en reünisten is het

van het decennium wordt opgemaakt, staan bij de vijf standaard-elftallen

gedaan. Daarom geen dure revues en geen indrukwekkend galabal met

(voetbal, dames- en herenhockey, dames- en herencricket) tegenover drie

in elke zaal een andere band, maar een gezellig feest voor iedereen.

degradaties liefst veertien kampioenschappen en twee tweede plaatsen in

In de ter gelegenheid van het veertiende lustrum uitgegeven ‘Jubelkrant’

Europa Cup toernooien.

zegt Joop de Bruijne in 1972: We hebben 4000 gulden uitgetrokken,

Aan de bestuurstafel zijn de ontwikkelingen zo mogelijk nog specta-

waarvan alle aktiviteiten betaald moeten worden. We hebben bewust

culairder. Onder leiding van de daadkrachtige voorzitters Wim Cornelis

gekozen voor een beperkte opzet omdat het nu het belangrijkste is dat

en Dick van Boven verandert Kampong binnen tien jaar van een

Kampong financieel gezond blijft. Terwijl de ooit zo omstreden ballotage

be­trekkelijk traditionele sportclub in een ambitieuze omnisportvereniging.

geluidloos van het toneel verdwijnt, wordt op het terrein van de emanci-

Niet alleen komen er met tennis en squash twee nieuwe sporten bij. Ook

patie in deze periode het laatste struikelblok voor vrouwen uit de weg

krijgt Kampong in 1976 als eerste Nederlandse (hockey)club een kunst-

gehaald. In 1974 schrapt de ledenvergadering uit artikel 16 van de

grasveld tot zijn beschikking. Met de opening van een spiksplinternieuw

statuten de volgende zin: ‘de voorzitter kan uitsluitend uit de mannelijke

clubhuis wordt de metamorfose van dwerg tot sportreus in september

leden worden gekozen’. Toch zullen ook alle volgende voorzitters tot

1978 afgerond.

2002 van het mannelijk geslacht zijn. 129


Voetbal: Jeetje wat is dit slecht

Zondag 17 mei 1970: In Zeist maken Kampong en Soesterberg uit wie naar de tweede klasse van de afdeling Utrecht zal degraderen. Nadat Ebo Boerema de stand pas vijf minuten voor tijd met een kopbal op 3-3 brengt, zorgt Rob Zurlage in de tweede helft van de verlenging voor de winnende treffer met, volgens het wedstrijdverslag, een boogbal à la Van Hanegem. Een van de toeschouwers is Charles Verheyen, oud-hockeyer bij HGC, die bij die club een bloeiende jeugdafdeling heeft opgebouwd. Na zijn verhuizing naar Utrecht gaan zijn zoons bij Kampong voetballen en als nieuwe supporter is Verheyen in Zeist getuige van de zoveelste ‘narrow escape’ van het eerste. "Pa Bieg had mij benaderd met de vraag of ik op Kampong niet iets met de jeugd wilde gaan doen, maar na die wedstrijd dacht ik: jeetje wat is dit slecht, het wordt hoog tijd dat er een Technische Commissie komt om het voetbal op een hoger peil te brengen."

Voetbal 1 met Ebo Boerema, gehurkt links

Voetbalvoorzitter Van der Woord geeft Verheyen de vrije hand om in Utrecht het HGC-recept toe te passen: jeugd opleiden en intussen het wrakke scheepje drijvende 1970

zien te houden. Dat eerste lukt prima, zoals nog geen vijf jaar later zal blijken; het laatste gaat mis. Nadat de ploeg zich in 1971 - voor de derde keer in vier jaar tijd via een beslissingswedstrijd - weet te redden, kan degradatie een jaar later niet meer worden voorkomen. Net als in 1960 zakt Kampong terug naar de

De dukdalven van het team

tweede klasse van de afdeling Utrecht, nog maar één afdeling boven de absolute

130

kelder van het amateurvoetbal.

In het begin van de jaren zeventig was het chaos troef in de voetbalafdeling. Mijn

Wie denkt dat het dieptepunt nu wel bereikt is, heeft het echter mis. Na acht

eerste trainer was Ries Kraan. Dat was de man van de mooie woorden. Hij wilde zich

wedstrijden staat men met nul punten onderaan. Voetbalcoryfee Cary Tijtgat en

graag op ons niveau begeven. ‘Iedere speler heeft een maarschalkstaf in zijn ransel’,

eerste elftal speler Charles Otterloo bellen daarop oud-commissievoorzitter Hans

zei hij altijd, en ‘de verdedigers zijn de vier dukdalven van het team’. Dat sloeg

Créton. Kan hij niet, net als in 1960, proberen het tij te keren? De fanatieke

natuurlijk totaal niet aan. Toen kwam Emile Binkhuizen. Die had een draaiboek. Hij

regelaar met het uiterlijk van Paulus de Boskabouter neemt de uitdaging aan,

begroette je altijd met: ‘Veel succes in je sportleven’. Hij was een goede conditie-

op voorwaarde dat hij voortaan de opstelling mag maken.

trainer, maar geen goede coach. Onder hem zijn we in 1972 gedegradeerd naar

Op de allerlaatste competitiedag behoedt Créton het team voor degradatie. Maar

de tweede klasse van de afdeling Utrecht. Toch is dat, afgezien van de resultaten,

hij doet meer. De hockeyers hebben een paar jaar eerder met succes hun vroegere

mijn leukste tijd op Kampong is geweest. Het was toen een heel hechte club met een

coach Gerard Stroes teruggehaald. Créton besluit datzelfde recept toe te passen

goede sfeer en niet dat grote verschil dat je nu ziet tussen de hockey- en de voet-

op Cienus van Kooten, die ook in 1964 al trainer was. De oud-Veloxkeeper zegt

balafdeling. In mijn ogen was dat het laatste moment dat Kampong echt één club was.

ja en daarmee begint een van de meest opmerkelijke succesverhalen uit de

(Eerste elftalspeler Ebo Boerema in de Hoekvlag, 1987)

Kampong-geschiedenis.


Voetbal: Nieuwe velden

Als buurman Hercules in 1970 verhuist naar Tuindorp-

een uithoek van het complex. Doordat voetbal dan ver

Oost, krijgt Kampong de twee vrijkomende velden

van het paviljoen af speelt, zal de belangstelling van de

toe-gewezen. Eindelijk zijn de lagere voetbalelftallen

hockeyers voor de voetbalafdeling afnemen. Nu is deze

verlost van het tweede veld met zijn pupillenmaten. Maar

belangstelling thans al niet overmatig groot en het lijkt mij

als de voetballers merken dat het bestuur hen in ruil voor

dan ook waarschijnlijk dat de huidige verdeling van de

de twee Hercules-velden ook het eerste veld wil afnemen,

velden zal leiden tot een splitsing tussen voetbal en hockey.

is de vreugde snel voorbij. Die ruil is nodig omdat het

Tijtgat stelt voor de Herculesvelden aan de hockeyers te

bestuur-Cornelis in het hart van het complex het hevig

geven, maar daar voelt het bestuur niet voor. Tenslotte

geambieerde hockeystadion-plus-sporthal wil neerzetten.

gaan de voetballers akkoord en als acht jaar later het

In een extra editie van de Kraton reageert voetbalcom­

nieuwe clubhuis wordt geopend op een meer richting stad

missielid Cary Tijtgat als gestoken. Een verhuizing naar de

gelegen plek, blijkt de ligging van hun nieuwe velden zo

Herculesvelden betekent in zijn visie een verbanning naar

slecht nog niet.

1970

Hoogmoed

Deep Purple, Poco, Dylan, Faces, Wishbone Ash, Cream, Stones

Eind september 1971 verliest jongens D1 (hockey) met 3-2 van Voordaan D1. Aan-

Onder deze intrigerende titel verschijnt begin 1972 de volgende oproep in het

voerder A. van der Does schrijft over die wedstrijd: Ik vond het een fijne wedstrijd

Kampongblaadje: Vrijdag 10 maart zal in het paviljoen de lang verwachte popavond

die we tegen Voordaan hebben gespeeld. Alleen een paar jongens moesten iets feller

gehouden worden. Iedere Kampong(st)er van 14 jaar en ouder is dan van harte

spelen en kijken waar ze staan (dat geldt ook voor mij). En niet te veel praten op het

welkom als om ongeveer acht uur ontzettend goeie progressieve muziek gedraaid

veld. En als een jongen van Voordaan of van een andere club de bal van je afpakt,

gaat worden. Er zullen ongeveer 150 LP’s aanwezig zijn. Ook kan een ieder eigen

moet je hem niet staan nakijken, maar proberen de bal weer terug te pakken. En

LP’s meenemen, mits er echte muziek op staat (dus geen Middle of the Road). Tot ziens

als er een doelpunt wordt gemaakt door ons, moet je net zo spelen als voor het

lieve vrienden en vriendinnen.

doelpunt en geen hoogmoed krijgen.

Het pamflet is ondertekend door het ‘undergroundcomité ErJoReDo’, een reïncarnatie van de ter ziele gegane redactie van de Kraton, die een vergeefse poging doet om Kampong op te stuwen in de dan heersende psychedelische vaart der progressieve volken. In diezelfde periode is ook het ‘comité van Mat en Pat’, dat in de winter­ maanden schaakcompetities in het paviljoen organiseert, kort maar hevig actief. 131


Een rumoerige ledenvergadering

In het voorjaar van 1971 gaat er een schok door de vereniging. Voor-

verhoging van de contributie met maar liefst veertig gulden aan te kondi-

zitter Wim Cornelis heeft zijn ideeën voor een omnivereniging nader

gen. Het zoemt van de geruchten dat leden en zelfs hele elftallen zullen

uitgewerkt en presenteert de ledenvergadering van 23 april een plan

bedanken vanwege deze verdubbeling van de contributie (van negentig

voor een forse uitbreiding van het paviljoen. Oud-Amelisweerd, golf en

naar honderdtachtig gulden). Het bestuur voelt nattigheid. Een - nota

rugby zijn weliswaar van de baan, maar daarvoor in de plaats komt een

bene op verzoek van het bestuur geschreven - commentaar van de

biljartzaal, een kegelruimte, een tweede verdieping voor de squashclub

Kratonredactie in de speciaal voor de vergadering uitgegeven Bouwkrant

Utrecht en een nader te bestemmen ruimte voor bijvoorbeeld een kinder-

wordt te kritisch bevonden en op het laatste moment, zonder de auteurs in

crèche. Op de plaats van het oude eerste voetbalveld is een hockey-

te lichten, vervangen door een positief ‘perscommentaar’. Na een felle

stadion geprojecteerd. De kosten worden geraamd op vier ton, een

discussie stemt de vergadering onder sterke druk van het bestuur en de

bedrag dat deels door een extra heffing van vijftig gulden per lid moet

oud-bestuurders Biegelaar en Kuiper in met de plannen. Korte tijd later

worden opgebracht.

blijkt alle commotie voor niets te zijn geweest. De aanleg van Rijksweg

In de club stuit het plan op veel weerstand. Het verzet wordt nog extra

27, die Kampong drie velden gaat kosten, zorgt voor een geheel nieuwe

gevoed door de weinig strategische keuze om op datzelfde moment een

situatie. Het plan-Cornelis verdwijnt in de prullenmand.

1971

Ik als ondernemer

Wat me erg tegengestaan heeft, is dat de vergadering een weinig zakelijk karakter had. Zo waren er wat oudere heren die geen tegenspraak duldden. Zo iemand stond op en zei dan: "Ik als ondernemer vind dit een mooi plan." De andere aanwezigen moesten het dan ook maar een mooi plan vinden. Teleurstellend was tenslotte ook dat alles uit de zaal door het bestuur genegeerd werd. Over alternatieven werd niet serieus gesproken. Ik denk dat ik nu bedank als lid, waarschijnlijk bedankt mijn hele elftal voor Kampong. Tachtig procent van de studenten is lid geworden met als enig motief om een zondagje te hockeyen. Je bent niet lid van Kampong om daar ook nog andere aktiviteiten te verrichten. Ik zou misschien nog twee jaar lid zijn geweest. Die vijftig gulden zouden voor mij geen enkel nuttig effekt hebben gehad. (Marianne Holst, speelster van dames 7, in de Kraton, voorjaar 1971) Kampong in 2002 132

volgens de Kraton


Een effectieve brief

Zeer geachte dames en heren, Namens het bestuur van de

Rijksweg, om het bos te sparen, waarschijnlijk deels over onze

Utrechtsche Sportvereniging Kampong wilde ik U - naar aan-

velden zou gaan lopen, hebben we meteen actie ondernomen en

leiding van de nieuwe plannen voor rijksweg 27 - de aandacht

een brief geschreven. Dankzij die brief en het feit dat wethouder

vragen voor het veldencomplex onzer vereniging. Zo begint

Pot positief stond tegenover onze sportieve ambities hebben we

Wim Cornelis de brief die hij op 15 juli 1971 naar de Utrechtse

het ijzer kunnen smeden toen het heet was. In 1974 is een werk-

gemeenteraad stuurt. Grammaticaal kan het schrijven de toets

groep gevormd waarin Dick van Boven en ik samen met een paar

der kritiek misschien niet in alle opzichten doorstaan, maar qua

gemeenteambtenaren zaten. In datzelfde jaar heeft Dick een

effect is het de beste brief die ooit door een Kampong-bestuur

uiterst gedegen Nota Accommodatie Kampong op tafel gelegd.

is verstuurd, vindt de auteur 31 jaar later.

Het resultaat was dat we niet alleen qua ruimte zouden worden

Cornelis: "We hadden net die ledenvergadering achter de rug

gecompenseerd, maar dat de gemeente ook nog met 130.000

waarin het plan voor een nieuw clubhuis was aangenomen.

gulden over de brug kwam, waarmee wij in 1976 het eerste

Maar dat plan had, vooral vanwege de kosten, voor veel

kunstgrasveld in Nederland hebben kunnen aanleggen. Geen

onrust gezorgd. Toen die zomer duidelijk werd dat de nieuwe

slecht resultaat voor een kort briefje, dacht ik."

1971

De eerste sponsor

72 jaar: Henk Veltman (tennis)

In de jaren zeventig komt de sportsponsoring - voorzichtig - om de hoek kijken. Wim Cornelis herinnert zich nog hoe dat op Kampong in zijn werk ging: "In 1973 vroeg Pa Bieg of hij een keer bij een bestuursvergadering het woord mocht voeren. De

Een sporter bij Kampong heeft al snel binding

hockeyclub Amsterdam had net een contract afgesloten met Paribas en hij vond dat

met mensen van andere afdelingen, het is een

Kampong niet achter mocht blijven. Of hij ons namens drukkerij Biegelaar en Jansen

echte omnivereniging en een familieclub.

voor de volgende drie jaar voor 75.000 gulden mocht sponsoren. Dat was voor die

Zonder twijfel was de Europa Cup mijn mooiste

tijd een zeer fors bedrag, maar ik was zo verbluft dat ik heel afstandelijk reageerde.

Kampongmoment. Het was zo'n feest dat

Financieel ging het Kampong op dat moment niet slecht, dus ik zei: Goh bedankt,

Kampong kampioen werd, dat was echt klasse.

we zullen er eens over denken. Bieg liet niets merken, maar achteraf hoorde ik

De goede organisatie die erachter zat, al die

dat hij vreselijk in zijn wiek was geschoten. Later hebben we de zaak uitgepraat,

tenten, ik heb er weinig van gemist.

en dat geld bleken we uitstekend te kunnen gebruiken voor een lichtinstallatie op het halfverharde trainingsveld." Dat was het begin van de sponsoring op Kampong. 133


Hockey: De grote successen

Twee open vingers

Met het landskampioenschap van 1968 begint het eerste ‘gouden tijdperk’ van de

Hoewel Paul Litjens de meeste publiciteit voor zich opeiste, was André Bolhuis

hockeyers. Na een paar jaar in het derde en het tweede alle vijandelijke keepers

volgens alle kenners de absolute topper uit het gouden team. Ook Tom van t Hek

angst te hebben aangejaagd, maakt Paul Litjens in 1969 zijn entree in de hoofdmacht.

is die mening toegedaan."Bolhuis is de beste speler met wie ik heb samen-

Samen met Heiko van Staveren, Sebo Ebbens en André Bolhuis zal hij de volgende

gespeeld. Hij had een feilloos gevoel voor het stichten van gevaar bij een

jaren de motor worden achter de successen. Aanvankelijk moet Kampong zich na de

tegenstander en maakte nooit een essentiële fout. Juist in topwedstrijden kon

uitschieter van 1968 tevreden stellen met tweede plaatsen, maar in 1972 is men

hij beslissingen forceren. Naar buiten toe maakte hij de indruk een echte

opnieuw te sterk voor de verzamelde concurrentie. Een beslissingswedstrijd tegen

gentleman te zijn, maar in het veld was hij keihard. Hij had de grenzen

HHIJC in Den Haag levert het tweede landskampioenschap op. De jaren daarna is

duidelijk wat verder gesteld dan de meeste andere hockeyers. Toen ik zestien

de blauw-witte machine niet te stuiten. Onder leiding van coach Gerard Stroes is

was, speelden we een keer met het Nederlands jeugdelftal tegen het nationale

Kampong ook in 1973 en 1974, nu in de nieuw gevormde hoofdklasse, oppermachtig.

team. Ik liep in de spits en Bolhuis was voorstopper bij Oranje. Na een paar

In 1976 is het onder leiding van bondscoach Wim van Heumen nog een laatste keer

minuten scoorde ik 1-0. Een minuut of acht later had ik na een duel met hem

raak. Maar dan is het afgelopen. Het zwaartepunt van hockeyend Nederland

opeens twee open vingers. Toen dacht ik nog dat dat toeval was, maar inmiddels

verplaatst zich naar Den Haag, waar HCKZ tot 1985 ongenaakbaar is.

weet ik beter. Hij wilde me gewoon even waarschuwen."

Bepaald geen eliteclub

Onze grote kracht was dat niemand in het elftal tegen zijn verlies kon, we waren bloedfanatiek. Dat was in die tijd nieuw en het werd ons niet overal in dank afgenomen. De vloeken vlogen op volle kracht over het veld en bij een chique club als Laren wendden de dames soms gechoqueerd het hoofd af, wat wij natuurlijk prachtig vonden. Nee, Kampong was toen bepaald geen eliteclub. Vooral Paul en André konden er wat van. Die sloegen er zo bovenop als het nodig was. Maar naast hun fanatisme hadden Bolhuis en Litjens ook uitzonderlijke kwaliteiten. Je kunt die twee het best vergelijken met Nilis en Van Nistelrooij in hun toptijd bij PSV. Litjens was poepsnel op de eerste meters en had zowel een dodelijk schot als een knalharde push. Bolhuis was de man die optimaal van Litjens’ aanwezigheid profiteerde. Hij had een fabelachtig oog voor de ruimte die ontstond doordat Paul zoveel aandacht opeiste, en stond daardoor vaak precies op de goede plek. Vandaar dat niet alleen Paul, maar ook André veel scoorde. Litjens en Marree: Ken jij dat merk? 134

(Aanvoerder Heiko van Staveren in de Klapperboom, 2001)


Gerard Stroes, ongekend fanatisme

Een groot aandeel in de successen heeft de onverstoorbare Gerard Stroes. De oud-judoka wordt in 1966 aangetrokken als conditietrainer, maar ontpopt zich al snel als de ideale coach voor het gezelschap supersterren. Waar Stroes en de spelers elkaar met name vinden, is in een voor die tijd ongekend fanatisme. Wij trainden twee keer in de week, aldus Heiko van Staveren in de Klapperboom. Bij andere clubs vond men dat belachelijk veel, maar wij vonden het prima en Gerard had elke dag wel willen trainen. Ook Paul Litjens

herinnert zich Stroes als een uitermate geschikte coach voor de groep die wij toen hadden. Hij wist misschien niet zoveel van hockey, maar hij voelde door zijn eigen sportverleden perfect aan hoe je met topsporters om moest gaan.

Over de bijzondere psychologische aanpak van Gerard Stroes doen tal van anecdotes de ronde. In de Klapperboom vertelt Heiko van Staveren in 2001: In die tijd kon vooral Paul Litjens het bier maar moeilijk laten staan. Gerard ergerde zich daar behoorlijk aan, maar hij wist wel dat het geen zin had om Paul te verbieden na de wedstrijd een pilsje te drinken. Dus wat deed hij? Op een woensdag in maart zei hij met dat Utrechtse accent van hem: vanavond is het na de training verplich’ drinken. Wij snapten er niets van, maar wat bleek? Tijdens de looptraining had hij onze tijden geklokt en de volgende avond liet hij ons precies hetzelfde programma afwerken. We hadden hem woensdag stevig geraakt, dus op donderdag waren de tijden een stuk minder. Gerard keek naar Paul en het enige dat hij zei was: Kijk jochie, als je d’r niet tegen ken, dan mot je niet drinke’.

André Bolhuis, keihard

Gerard Stroes, psycholoog

Buitenspel bij Ajax

"Op een gegeven moment liep de strafcorner van

Ook met Tom van ’t Hek kon Gerard prima over weg.

Paul Litjens niet zo best. Gerard besloot Paul een

Tommie kwam altijd heel trouw trainen, maar op een

beetje te prikkelen. Hij ontnam hem de corner, maar

woensdagavond had hij afgeschreven omdat hij voor een

zei tegelijk tegen Heiko dat hij Paul toch gewoon de

tentamen zat, of zoiets. Die avond speelde Ajax een

volgende corner moest laten nemen. ‘Zeg maar tegen

belangrijke wedstrijd en tijdens de elftalbijeenkomst de

Paul dat jij de verantwoording neemt want dat die

zondag daarop, zei Gerard terloops: ‘Zeg Tom, dat

Stroes er geen bal van begrijpt’, zei hij tegen Heiko.

doelpunt woensdag, was dat nou wel of geen buitenspel?’

Bij de volgende corner was Paul er zo op gebrand om

‘Geen sprake van’, zegt Tom spontaan, ‘ik zat precies op

het ongelijk van zijn coach te bewijzen, dat hij de bal

de hoogte van….’ Toen werd het even heel stil. Gerard zei

dwars door het houtwerk sloeg, precies zoals Gerard

niets, maar Tom werd zo rood als een Ajax-shirt."

verwacht had.

(Wim Cornelis)

135


Europa Cup: Net niet

Als Kampong in 1973 voor de derde keer landskampioen wordt, is het

strafcorner van Paul Litjens zal ongetwijfeld zijn werk doen. Maar de

bestuur er als de kippen bij om het toernooi om de Europa Cup naar

slimme Duitsers beschikken over een geheim wapen in de vorm van

Utrecht te halen. Ook de gemeente Utrecht is enthousiast en binnen

56-voudig international Horst Dröse. Door consequent te vroeg uit te lopen,

enkele maanden slaagt zij erin om een grasmat, die volgens NRC

voorkomt hij dat Litjens ook maar één keer kan aanleggen. Groot is de

Handelsblad eind maart nog op een knollentuin leek, om te toveren in

kater bij spelers en publiek als de Duitsers er een kwartier voor tijd wél in

een wedstrijdcentrum van internationale allure dat kan wedijveren met

slagen om Kampongkeeper Dio Hermens uit een strafcorner te passeren.

de beste hockeyvelden ter wereld.

Uiteraard wordt de nederlaag door de zwaar aangeslagen Kampong­

Aanvankelijk loopt het toernooi voor Kampong gesmeerd met eenvoudige

spelers geweten aan scheidsrechter White, die Dröse niet heeft

overwinningen op Lyon en Pembroke (twee maal 6-0). Maar in de halve

terug­gefloten. Alleen Heiko van Staveren doet niet mee aan het

Kampong wint de

finale is een verlenging nodig om het verzet van de Belgen van Royal

zoeken naar een zondebok. Geklets, zegt hij in het Utrechts Nieuws-

Utrechtse sportprijs

Leopold te breken (4-2). Toch verwacht niemand problemen in de finale,

blad, we hadden er gewoon een paar in moeten schieten. We hebben

in 1973

opnieuw tegen drievoudig Cupwinnaar Frankfurt. De dodelijke

de kansen gehad.

1973

Ballenmeisje

Ik zat volgens mij in 1974 in de C1 en ik was een tamelijk verlegen meisje, dat altijd overal rondhobbelde met stick en bal. Voor mij was Kampong al een naschoolse opvang avant la lettre. Twee keer per week trainen, eerst op het zwarte gravelveld waarvan ik de restanten vrijwel wekelijks uit mijn knieën moest peuteren, later op het allereerste kunstgrasveld van Nederland met brandwonden. Op zaterdag eerst zelf spelen en dan tot sluitingstijd in het clubhuis en op zondag idem dito. Bij het Europa Cup toernooi was ik ballenmeisje. Het was dé manier om aan een passe-partout te komen en dat had ik er graag voor over. Paul Litjens, André Bolhuis, Heiko van Staveren het waren mijn helden. De finale was een drama. Kampong was beter, maar de scheids was een uitfluiter en hij heeft Kampong de titel onthouden. Ik heb gehuild en ervan wakker gelegen. Het heeft een onuitwisbare indruk achtergelaten. (Oud-staatssecretaris Margo Vliegenthart in het lustrumnummer van de Klapperboom)


Geen team

Het missen van de slag op eigen veld heeft de Kampong-gemeenschap nooit kunnen verteren. Het ging ervan uit het beste team van Europa te hebben met vedetten als Paul Litjens, AndrĂŠ Bolhuis, Heiko van Staveren, Imbert Jebbink, Martijn Nolet, Wibo Weidema en Rob Westdijk. Internationals die garant moesten staan voor succes. Maar ondanks de sterren was Kampong geen team, Weidema, Bolhuis

maar een verzameling van individuele

en Litjens in actie

kwaliteitskrachten.

tegen HGC

(Jan Boerop in het Utrechts Nieuwsblad, mei 1986)

1974

Geen rundvlees

Het eten kwam uit militaire keukens. Ik heb het geproefd en het was uitstekend. Op het terrein kreeg sergeant I kok van de marine Van Huissteden (Maarn) veel lof toegezwaaid voor zijn nasi goreng (tja, bij een club die Kampong heet) en in de Kromhout-kazerne was het niet minder. Bijna alle teams aten in de Kromhout (de Polen niet, burgers van oostblok-landen mogen in Nederland niet op militair terrein komen) en het moet voor sergeant Sanders en zijn collega's niet meegevallen zijn om iedere dag op ongeregelde tijden voor zo'n 150 man lunch en diner klaar te maken en er dan ook nog rekening mee te houden dat bijvoorbeeld de Indiase spelers in de ploeg van Napels geen rundvlees mochten eten. Aan alles moest bij deze Europa Cup gedacht worden. Het is fantastisch gedaan door de 400 mannen en vrouwen van de organisatie. Zoals mijn Duitse collega Fassbender zei: "Het best georganiseerde hockeytoernooi dat ik ooit heb meegemaakt. Formidabele club, dat Kampong!" (journalist Frans Henrichs in het Utrechts Nieuwsblad) 137


De strijd om het voorzitterschap

Op 20 september 1974 wordt Kampong geconfronteerd met een unieke situatie. Wim Cornelis treedt af als voorzitter en draagt zijn rechterhand Dick van Boven voor als zijn opvolger. Maar in de voetbalafdeling bestaat weinig steun voor weer een nieuwe ‘hockey’voorzitter. Zelfs erevoorzitter Biegelaar ziet Van Boven niet zitten. Tot woede van Cornelis vraagt een aantal voetballers Charles Verheyen om zich kandidaat te stellen. Na enige aarzeling stemt deze toe. "Aanvankelijk voelde ik er niet veel voor, omdat ik nog maar kort op Kampong was. Maar toen gingen de voetballers handtekeningen ophalen, en bovendien zei oud-voorzitter Biegelaar dat ik het moest doen. Dat gaf voor mij de doorslag." De vergadering zelf staat Verheyen nog helder voor de geest. "Ik dacht dat ik geen schijn van kans zou maken, maar al snel bleek dat ik op veel steun kon rekenen. Daardoor werd de sfeer er niet beter op. Vooral de oudere leden namen mij mijn kandidatuur kwalijk. Ik herinner me nog dat erelid Co Welle het een schandaal

Charles Verheyen: net geen voorzitter

noemde en een vurig pleidooi hield voor Van Boven. Hij ging letterlijk achter de bestuurstafel staan om te laten zien hoe een echte Kamponger zich hoorde te 1974

ge­dragen. Iedereen verwachtte toen van Biegelaar een krachtig tegengeluid, maar hij beperkte zich tot de mededeling dat hij een tegenkandidaat zo slecht nog niet vond. "Ook Van Boven is de bijeenkomst nog niet vergeten. "Charles en ik moesten allebei voor de microfoon uitleggen wat we voor plannen hadden, heel genant, het leek wel een verkiezingscampagne. Ik herinner me dat Willem zeer emotioneel was." Wim Cornelis: "Ik heb in mijn leven verschillende keren boos gedaan als

Wie steunden de kandidatuur van Verheyen?

ik dacht dat ik de zaak daarmee kon helpen. Maar deze keer was ik echt boos. Ik vond Dick de meest geschikte kandidaat en ik vond het schandelijk dat hij zo

De steun voor Verheyen komt vooral uit de voetbalafdeling. Op de lijst

werd gedwarsboomd."

staan 49 handtekeningen waaronder die van Piet van Ameijde, Flip de

Na een verhitte discussie volgt de stemming, die Van Boven nipt wint met 64 tegen

Ronde, Frits Schilthuizen, Cary Tijtgat, Henk van Hoof, Koeno Brouwer,

57 stemmen. Meteen stapt Verheyen op de nieuwe voorzitter af om hem zijn steun toe

Ebo Boerema, Dick Hardebol, Bob van der Woord, Huub van de Pavert

te zeggen. Wim Cornelis: "Het was een ‘narrow escape’. Dick heeft alleen gewonnen

en Willem Schoonhoven. Maar ook binnen de hockeyafdeling en met

omdat het bestuur in die tijd nog mee mocht stemmen. Ik moet overigens zeggen dat

name in het eerste elftal was van Van Boven niet onomstreden getuige

Verheyen zich een goed verliezer heeft getoond." Verheyen: "Of ik het jammer vond

de handtekeningen van Rob Claassen, Rob Toft en een zekere Paultje

dat ik niet was gekozen? Integendeel. Vandaar dat het me geen enkele moeite kostte

Lith op de lijst.

om Dick te feliciteren. Hij heeft het zelf trouwens ook goed opgevat. Diezelfde week belde hij me. Of ik de cricketafdeling op poten wilde zetten." 138


Een pittige nederlaag

Op zondag 22 april 1979 verliest het zesde voetbalelftal met 33-1 van Holland 6. Vanwege wegblijvers staan er maar negen Kampongers in het veld, die er al snel de brui aan geven en de tegenstander geen strobreed in de weg leggen. Wij betreuren het dat de negen spelers van het zesde afgelopen zondag niet de instelling op konden brengen iets van hun wedstrijd te maken en de naam van onze vereniging te grabbel gooiden, is de boze reactie van de voetbal-

commissie. Wie echter denkt dat dit het absolute dieptepunt uit de Kamponggeschiedenis is, vergist zich. DrieĂŤneenhalf jaar eerder, op 28 september 1975 gaat het vijfde, ook al met te weinig spelers, op bezoek bij MSV. Daar maken de Kampong-spelers het zo bont dat zij de voorpagina van de Telegraaf halen. Twee spelers saboteren hun medespelers openlijk en worden dan ook voor de rest van het seizoen geschorst. Het vijfde wordt nog diezelfde week uit de

Cary Tijtgat: Redelijk

competitie genomen. De reden? MSV 5-Kampong 5 eindigt in 46-1!!!

snel en geen techniek

1975

Geen houden aan

Geen sterk punt

Een van de spelers in de wedstrijd tegen MSV is Rob Schonk: "Ik was op dat moment nog junior

Een van de meest markante Kampongleden uit de naoorlogse periode is

en ik werd die zondag opgebeld of ik mee kon doen, omdat ze te weinig mensen hadden. Toen

Cary Tijtgat. Gedurende zijn lange loopbaan bekleedt hij een ontelbaar

ik aankwam, bleek dat we met tien man waren, waarvan er een stuk of drie nog behoorlijk aan-

aantal functies in de voetbalafdeling. In 1977 wordt hij benoemd tot

geschoten rondliepen. MSV had een team van allemaal oud-eerste elftal spelers en bij de rust

erelid en bij die gelegenheid kijkt hij in voetbalblad de Dieptepaas met

stonden we al met 17-0 achter. Maar daarna begon het pas echt. Rudy Meerstadt en keeper Ben

een forse dosis zelfspot terug op zijn voetballoopbaan. Ik was redelijk

Borgart hadden er geen zin meer in, dus wat deden ze? Ze trapten af en zodra ze de bal kwijt

snel en had geen techniek. Als back was mijn sterkste punt de sliding. Als

waren, gingen ze op de middenstip in het zonnetje zitten wachten tot ze weer moesten aftrappen.

buiten had ik eigenlijk geen sterk punt. Ik ben gestopt vanwege achtereen-

Daar kwam nog eens bij dat de spelers van MSV steeds fanatieker werden. Als ze gescoord

volgens een blessure, een hersenschudding en een enkelbreuk. Bij de bank

hadden, haalden ze de bal zo snel mogelijk uit het net en renden terug naar de middenstip alsof

begonnen ze een beetje somber te worden, ik lag meer thuis of in het

ze de Europa Cup konden winnen. Wij deden met zijn achten ons best om er nog iets van te

ziekenhuis dan dat ik werkte. Het waren allemaal voetbalblessures en alle

maken, ik heb nog een tijdje op doel gestaan en op een gegeven moment scoorden we zelfs,

drie heb ik ze opgelopen zonder dat er een tegenstander in de buurt was.

maar er was geen houden aan. Dat exemplaar van de Telegraaf? Nee, dat heb ik zo snel mogelijk weggegooid, dat was niet iets om trots op te zijn."

139


Kunstgras

Nadat Wim Cornelis in 1969 het idee heeft gelanceerd van de omnivereniging,

Kampongvoorzitter het nieuwe kunstgras met een genereus gebaar aan als oefenmat

neemt de 31-jarige Dick van Boven in 1974 niet alleen de voorzittershamer maar

voor het Nederlands elftal, dat tijdens de Olympische Spelen van 1976 in Montreal

ook de visie van zijn hockeymaatje over. Een fraai staaltje strategie spreidt hij ten

gaat spelen op kunstgras. Directeur Duinker van de hockeybond is zo gecharmeerd

toon als het erom gaat toestemming van de hockeybond te krijgen voor het spelen

van het aanbod, dat hij de formulering van Van Boven bijna letterlijk overneemt.

op kunstgras. Met de 130.000 gulden die Rijkswaterstaat Kampong heeft

Ook de gemeenteraad moet echter nog instemmen. Op een avond wordt bestuurslid

toegezegd als compensatie voor de ‘morele schade’ vanwege de aanleg van

Naud Naeff gebeld door een raadslid van de Politieke Partij Radicalen (PPR). Naeff:

rijks-weg 27, kan de club het felbegeerde kunstgras aanleggen. Maar die

"Zij vroeg me of dat kunstgras er niet uitsluitend voor de topteams werd neergelegd.

investering heeft alleen zin als dat nieuwe veld ook voor competitiehockey mag

Ik heb haar omstandig uitgelegd dat kunstgras juist voor de jeugd heel belangrijk

worden gebruikt. Omdat hij weet dat de concurrentie het gebruik niet zal toestaan

was. Na afloop van dat gesprek zei mijn moeder: Naud, je had de politiek in

voor selectieteams, suggereert Van Boven de hockeybond vriendelijk om een

moeten gaan. Die mevrouw van de PPR was helemaal overtuigd. Maar, zei ze,

principeuitspraak te doen, op voorwaarde dat Kampong het kunstgras voorlopig

vanwege het milieu stemmen we toch maar tegen. Wethouder Pot was echter een

alleen zal gebruiken voor jeugd- en districtswedstrijden. Bovendien biedt de

fervent voorstander en hij heeft het er in de raad uiteindelijk doorgedrukt."

1976

Wim en Dick, een gouden koppel

Zoals gebruikelijk in hun onderlinge samenwerking heeft Wim in 1971 de toekomstvisie op tafel gelegd en mag Dick de plannen uitvoeren. Zo werken Wim en ik al dertig jaar, zegt Van Boven in 2002 in de Klapperboom. Meestal heeft Wim de ideeën en ben ik degeen die ze uitwerkt. In 1982 ziet hij het zo: Wim is informeler, fantasierijker, enthousiasmerend. In positieve zin een rommelaar. Ik ben formeler, kan mensen minder dan Wim enthousiast voor iets maken. Ik heb meer aandacht voor procedures, ben iemand om regels en afspraken te maken met verschillende karakters. Het gekke is dat het al zo werkt vanaf het moment dat we samen in de hockey­ commissie zaten. We hebben aan heel weinig woorden genoeg. Even vijf minuten praten, tak tak, tak, klaar.

De omnivereniging in optima forma


Squashen of klootschieten

Op 13 juni 1975 presenteert het bestuur de leden een plan voor een grootschalige renovatie van het complex, inclusief de aanleg van kunstgras en de bouw van een nieuw clubhuis. De werkzaamheden moeten in 1977 beginnen en de bouwcommissie zal ook kijken naar de mogelijke introductie van tennis en squash. Dat laatste klinkt zo vaag dat de vergadering zonder problemen akkoord gaat. Maar als voorzitter Dick van Boven een jaar later met een voorstel komt voor een clubhuis met twee squashbanen, is de opwinding groot. Tijdens een druk bezochte ledenvergadering verwoordt hockeyer Paul Litjens de weerzin tegen de komst van nieuwe sporten het meest welsprekend door zich hardop af te vragen waarom we op Kampong niet gaan klootschieten. Om de onrust te bezweren stelt zijn teamgenoot Martijn Nolet voor om een enquête te houden over de wenselijkheid van nieuwe sporten. Uit dat onderzoek blijkt dat het enthousiasme

Kijk Dick, een leuk aquarelletje

voor squash niet overhoudt. Dat is een tegenvaller voor Van Boven, maar met behulp van alle trucs uit de hoge hoed slaagt hij er begin 1977 in om zijn ideeën in een rumoerige ledenvergadering aanvaard te krijgen. Op 30 september

1978

1978 wordt het clubhuis, inclusief squashbanen, in gebruik genomen. Er is in die jaren heel wat afvergaderd, schrijft Van Boven in 1988 in een lustrum-

boekje van de squashafdeling, ook - en dat kun je je tegenwoordig nauwelijks meer indenken - in overvolle ledenvergaderingen. Tot diep in de nacht werden de

Paviljoen of clubhuis?

verschillende plannen als volkomen mesjogge van tafel geveegd, geamendeerd of - als het bestuur geluk had - overgenomen. In de beslissende vergadering kwam het agendapunt ‘clubhuis met squashbanen’ pas om middernacht aan de orde.

Omdat het clubhuis van 1939 er uitziet als een klein paviljoen, wordt die

Het bestuur overspoelde de vergadering met cijfers om te laten zien dat er geen

benaming al snel gemeengoed. Maar in de gedemocratiseerde jaren zeventig

betere beslissing te nemen zou zijn dan het ontwikkelen van squashbanen (de

kan zo'n elitaire term niet meer, vindt Van Boven. In een officieel bestuurs­

plannen waren immers al gereed!). Maar de tegenstanders bleken onvermurwbaar.

besluit wordt in 1978 vastgelegd dat het pas geopende gebouw uitsluitend

Welke idioot was op de krankzinnige gedachte gekomen op Kampong te gaan

'clubhuis' mag worden genoemd. 'Paviljoen' is voortaan taboe. In het Utrechts

squashen? Het aantal - deels geronselde - leden dat zijn loyaliteit aan het

Nieuwsblad vertelt Van Boven wat voor soort 'home' het zal worden. Geen

bestuur wilde bewijzen, bleek echter groter. Om half vier in die woelige nacht

pluche of hoogpolig tapijt, maar simpel grindbeton. Functioneel voor een sport-

ging de vergadering in meerderheid mee met het voorstel van het bestuur.

club, geen prestige-object. Ik wil mijn mensen binnen hebben, zoals ze zijn. Op sportschoenen, morsend met hun pilsje, zittend op de banken desnoods. Dat is Kampong. Wie dat niet wil, meldt zich maar ergens anders aan.


Cricket: Op weg naar de top

Na zijn bemoeienis met de voetballers raakt Charles Verheyen in 1974 betrokken

aan een bliksemactie van Charles Verheyen. In het Kampongblaadje vertelt Elferink:

bij de cricketafdeling. Het eerste elftal is zowel in 1971 als in 1972 kampioen

Ik had er geen flauw idee van dat in Nederland cricket werd gespeeld, tot de heer

geworden, maar de spelers zijn al wat ouder en als zij afhaken, is er niemand

Verheyen bij me langs kwam. Daardoor viste Hercules achter het net, want een dag

om hen op te volgen. Na twee degradaties is men in 1976 dan ook weer terug

later stond Barend Stel op de stoep. Maar toen had ik al ja tegen Kampong gezegd.

bij af. Verheyen zet daarom allereerst de schouders onder de opbouw van een

De entree van Elferink, die meteen ook keeper van het eerste voetbalteam wordt,

jeugdafdeling. Hij benadert jonge hockeyers en voetballers met de vraag om

is overdonderend. In zijn eerste competitiewedstrijd in 1978 maakt hij een century.

’s zomers te komen cricketen, en maakt onder meer de latere internationals

Drie jaar lang is hij de steunpilaar van het team en de schrik is groot als hij in 1980

Floris Jansen en Fred Verzijl warm voor de cricketsport.

in een geruchtmakend interview in het Utrechts Nieuwsblad aankondigt

Eenmaal in het eerste bezorgt die nieuwe lichting Kampong tussen 1978 en 1980

naar hoofdklasser VOC te vertrekken. In het Kampongblaadje geeft hij dat najaar

drie kampioenschappen op rij. Een grote bijdrage aan dat succes leveren de

de volgende toelichting. Een paar jongere spelers gunden het mij kennelijk niet dat

Australische coach Jimmy Cameron en Ronnie Elferink, die eind 1977 met zijn familie

het goed ging. De sfeer werd steeds slechter en dat was voor mij de reden om de

uit Zuid-Afrika naar Utrecht komt. Dat hij op Kampong komt spelen, is te danken

cricketcommissie te schrijven dat ik weg zou gaan.

1978

Van een andere planeet

Ronnie was een vreselijk goede captain. Hij las het spel en iedereen luisterde als hij wat zei. We keken echt onze ogen uit toen Ronnie ineens met ons kwam meetrainen. Hij kwam net uit Zuid-Afrika en speelde cricket van een andere planeet. Hij was zo gefocust op cricket dat hij niet kon begrijpen dat anderen wel eens aan iets anders dachten. De avond voor een wedstrijd sliep hij nooit, want dan speelde hij de wedstrijd altijd voor. Hij maakte een ‘game plan’ en wist hoe je tegenstanders aan moest pakken. Alles liep ook altijd volgens dat plan. De avond na de wedstrijd sliep hij ook niet, want dan speelde hij de wedstrijd nog een keertje na in zijn hoofd. (Floris Jansen en Fred Verzijl in de Klapperboom, 2001)

Ron Elferink: hij sliep niet veel 142


Tennis: Geen competitie

Eind 1978 besluit de algemene ledenvergadering om na de squashafdeling

Wie dat wilde, ging maar naar Rhijnauwen. Er is in die begintijd nog

‘in principe’ ook een tennisafdeling op te richten. Voorwaarde is dat de

even discussie geweest over de plaats van de banen. Aanvankelijk was

afdeling zichzelf volledig kan bedruipen, maar dat is geen probleem zo

naast het clubhuis een sporthal gepland. Maar het was al snel duidelijk

blijkt al snel. De aanmeldingen voor de 170 beschikbare plaatsen stromen

dat het bestuur daar geen geld voor had en dat op die plaats onze twee

binnen. Nadat bestuursleden Dick van Boven en Naud Naeff de kar op

tennisbanen konden komen. De eerste twee banen lagen overigens negentig

de rails hebben gezet, wordt Kees Metz begin 1979 de eerste voorzitter.

graden gedraaid ten opzichte van de huidige ligging. Op zich was dat

Metz: "Het besluit om tennis op Kampong te introduceren was geïnspireerd

logisch, omdat je vanaf het terras een prachtig uitzicht had op baan 1.

door de gedachte van de familievereniging. Vooral Naud Naeff was daar

Maar helaas werd dat uitzicht vooral gebruikt door voetballers en hockeyers

heel duidelijk in. Het moest geen prestatief gerichte afdeling worden, het

die met een biertje in de hand flauwe opmerkingen naar de spelers gingen

ging er vooral om dat een aantal vrouwen van hockeyers en voetballers

staan roepen. Op een gegeven moment wilde bijna niemand meer op baan

Kees Hage

ook wat te doen had. Vandaar dat heel lang is vastgehouden aan het

1 spelen. Daarom hebben we de banen bij de eerste renovatie maar een

geeft squashles

uitgangspunt dat we op Kampong geen competitie zouden gaan spelen.

kwartslag gedraaid."

1979

Squash: Arrogante ballen

Terwijl veel tennissers ook een andere sport op Kampong

Kampong en we betalen ook contributie. Men vindt squash

bedrijven, komen de squashleden voor het merendeel van

op Kampong een sport van arrogante ballen. De anderen

buiten, onder meer van de Utrechtse Squash Racket Club

kunnen nu wel katten, maar ze vergeten dan toch dat er

die net zijn accommodatie is kwijtgeraakt. Even later heft

weinig is dat de de squashspelers aan Kampong bindt. Dit

die club zich zelfs op en draagt haar batig saldo aan

is nu eenmaal de enige accommodatie in Utrecht. Als er nog

Kampong over. In de begintijd wordt de squashafdeling

eens een handige zakenman komt die elders in Utrecht een

daarom beschouwd als een vreemde eend in de bijt,

goede squashaccommodatie opent, dan moet ik nog zien

die bovendien wel erg veel noten op zijn zang heeft. In

hoeveel mensen er op Kampong blijven squashen. En dan

het Kampongblaadje klaagt voorzitter Coen Beusekamp

staan er twee banen leeg.

begin 1980 zijn nood met in zijn stem een lichte toon van

Maar de soep wordt niet zo heet gegeten. Eind 1980 heeft

dreiging. Men vindt het niet nodig de bar open te houden

squash 230 leden die zich, blijkens uitspraken van de nieuwe

voor een stuk of acht squashers, maar wij zijn ook lid van

voorzitter Kees Hage, prima op Kampong thuisvoelen. 143


Voetbal: Met de jeugd naar de top

Vanaf 1975 gaat het roer om in de voetbalafdeling. Op instigatie van voetbalvoorzitter Frits Schilthuizen wordt nadrukkelijk gekozen voor de eigen kweek, een recept dat hij twintig jaar later ook in de hockeyafdeling zal toe­ passen. De aanpak blijkt succesvol. Weliswaar eindigt het drastisch verjongde eerste in 1976 nog op de tweede plaats in de tweede klasse van de afdeling Utrecht, maar een jaar later is het raak. In 1977 grijpen de blauw-witten niet alleen het kampioenschap maar ook de daaraan verbonden dubbele promotie naar de nieuw gevormde hoofdklasse. Dat is het begin van een uiterst succesvolle periode, die Kampong in 1979 terugbrengt naar de KNVB en een jaar later zelfs naar de derde klasse. Het team drijft vooral op de individuele klasse van de gouden driehoek Piet van Ameijde, Ton van Rietbergen en Paul de Ronde, voor welke laatste zelfs de profclubs NEC en FC Amsterdam interesse tonen. Maar ook de rol van spits Henk Hassing mag niet worden onderschat. Niet alleen werkt en sleurt hij van de eerste tot de laatste minuut, ook verbaal raast en tiert hij aan één stuk door. Legendarisch is de keer dat hij helemaal uit de spits terugkomt om aanvoerder Ebo Boerema de huid vol te schelden, waarop de al even felle Het kampioenschap van 1977

Boerema hem een dreun verkoopt. Het zijn staaltjes van fanatisme waar eerdere Kampong-generaties van gruwden.

Eenvoudige afkomst

78 jaar: Jan Ritmeester (jeu de boules)

Toen ik op mijn dertiende lid van Kampong werd, was ik qua milieu een vreemde eend in de bijt, omdat mijn vader een eenvoudige spoor­ wegambtenaar was. Maar rond het midden van de jaren zestig heeft zich

Het echte Kamponggevoel, dat is de vriendschap,

een omslag voorgedaan. Vanaf dat moment werd opeens een ander soort

de kern waar alles om draait, een enorme band.

jongens Kamponglid. Als je kijkt naar het eerste elftal, waarmee we eind

Maar ja, van die vrienden zijn er niet zo veel

jaren zeventig de grote successen hebben behaald, dan zie je daar nauwe­

meer over.

lijks jongens uit de wat elitaire families, die je vroeger met Kampong

Mijn vrouw en ik zijn allebei lid van Kampong. Het

associeerde. Die zijn op een bepaald moment vrij plotseling van Kampong

moment dat ik mijn vrouw ontmoette op Kampong

verdwenen. Het zou best kunnen dat de successen die wij behaald hebben,

was voor mij heel bijzonder en belangrijk.

iets te maken hebben gehad met de wat eenvoudiger afkomst van de spelers. Uiteindelijk is voetbal toch gewoon een straatjongenssport. (Ebo Boerema in de Hoekvlag, 1987) 144


Cienus van Kooten, een rasartiest

Een trainer is een passant, zo luidt een overbekend cliché. Maar Cienus

reservebeurt of een pijnlijke knie, mompelde Cienus iets over het eten van

van Kooten is in de eerste plaats clublid. Niet alleen traint hij Kampong

bloembollen. Of hij vertelde beeldend hoe hij zich terugknokte toen hij op

meer dan twaalf jaar, ook staat hij met zijn vrouw Riet jaren achter de bar.

29-jarige leeftijd uit het eerste van Velox werd verwijderd, omdat men de

Cienus is een rasartiest. Terwijl hij je een denkbeeldige whisky inschenkt,

toenmalige keeper van het Nederlands jeugdelftal, Gert Bals, niet in het tweede

gaat zijn kunstgebit zo snel op en neer dat je echt denkt een Johnny Walker

durfde te zetten. Elke dag toog hij vanuit zijn sigarenzaak naar het trainings-

on the rocks te krijgen. Imitaties van wurgmoorden of van komiek Tommy

veld om via extra trainingsarbeid zijn plaats terug te winnen. En hij won."

Cooper, niets gaat hem te ver. Trainingsavonden eindigen zelden voor

De mythe rond Cienus neemt zulke vormen aan dat zelfs Voetbal ’80, het

01.00 uur, waarna Cienus zigzaggend op zijn brommer vertrekt. Voor al

televisieprogramma van Harry Vermeegen en Felix Meurders, voor hem naar

deze activiteiten wil hij geen cent hebben. ‘Geld maakt alles kapot’ zegt

Kampong komt. Als Vermeegen met zijn camera naar het hockeyveld gaat

hij, en dan staan er tranen in zijn ogen.

en aan toeschouwers vraagt of ze niet naar het verkeerde veld staan te

"Cienus staat voor een generatie die altijd heeft moeten knokken", zegt

kijken, geeft de moeder van voetballer Rob Schonk het legendarische

Ton van Rietbergen. "Telkens als er bij ons iemand zat te mokken over een

antwoord: Ik heb een ‘Kampong-nek’, ik kijk naar allebei de velden.

Een ontiegenlijk EQ

Cienus had niet zoveel verstand van voetbal. Uiteindelijk was zijn voornaamste tactische opdracht: jongens, de beuk erin en lange ballen op Hassing. Dat het al die jaren zo goed ging, kwam omdat het elftal min of meer per ongeluk goed uitgebalanceerd was. Tonnie van Rietbergen en Paul de Ronde speelden blind met elkaar en Henk Hassing liep constant te klagen dat hij geen bal kreeg, maar schoot er wel 25 in. Een belangrijke kwaliteit van Cienus was dat hij een haarfijn gevoel had voor het vermijden van conflicten. En ach, het was natuurlijk een gouden kerel voor de sfeer. Hij zei altijd: jullie hebben een ontiegenlijk EQ, maar voetballen kunnen jullie niet. Dat EQ is hij zijn leven lang blijven zeggen. Ik geloof dat niemand hem ooit heeft durven vertellen dat het IQ moest zijn. (Ebo Boerema in de Hoekvlag, 1987) Cienus: 'Geld maakt alles kapot' 145


Kamponginternationals Wedstrijden

Periode

Doelpunten of runs

Kamponginternationals Wedstrijden

Periode

Tom van ´t Hek

221

1976-1992

106

Minou Toussaint (c)

2001-heden

Paul Litjens

177

1970-1982

267

Donald Drost

10

9

1986-1987

28

2

André Bolhuis

128

1969-1980

6

Isabel van Zenderen

5

1990

0

René Klaassen

126

1984-1990

3

Rob Westdijk

4

1965

0

114

1990-1998

12

Rob Toft

4

1976

0

94

1994-1998

32

Hetty Heirsch-Mahler

3

1949

1

1987-1996

284

Jeannette Lewin

Ellen Dubbeldam-Kuipers

Doelpunten of runs

Floris Jansen (c)

93

Wibo Weidema

3

1976

0

Nicola Payne (c)

70

1987-1998

1529

Willemijn Schuur

3

1987

0

Cor van der Flier (c)

65

1968-1986

496

Niels Brandsen (c)

3

1995

0

Peter Cantrell (c)

64

1992-1997

2422

Anouk Verhaegh

3

1997

0

Thom van Dijck

60

1954-1961

6

Jan Benninga

2

Sebo Ebbens

45

1965-1970

0

Hanne Meihuizen (c)

2

Heiko van Staveren

43

1968-1971

1

Henk van der Bijl (c)

Machteld Derks

39

1993-1995

0

Jules Ancion

35

1949-1954

6

Eefke Mulder

35

1997-2000

5

Hilone Dinnissen (c)

33

1985-1992

834

Internationals die maar een deel van hun interlands als Kamponglid hebben gespeeld:

Mieke Penning-Keizer (c)

31

1968-1978

355

Jacques Brinkman

337

Jean-Pierre Pierie

1967

0

1982

5

1

1949

32

Fred Verzijl (c)

1

1989

0

Yvonne Rommes (c)

1

1983

9

1987-2000

84

31

1988-1991

0

Carole Thate

168

1989-2000

40

Paul-Frederik van Esseveldt

30

1999-2001

1

Arno den Hartog

109

1979-1985

17

Imbert Jebbink

29

1976-1978

0

Liesbeth Vernout (c)

81

1977-1995

Barbara Meihuizen (c)

29

1982

Ron Elferink (c)

54

Marlies Vossen

27

1994-1996

5

Godfrey Edwards (c)

25

1989-1997

54

Opmerkingen:

Lieke van Noortwijk (c)

25

1979

Bart van Kersbergen

24

1985-1987

Rik Volkers

22 18

Stella de Heij

André le Fèvre (v)

188

42

1980-1988

1308 1240

*

Behoudens de spelers met een c (cricket) of v (voetbal) achter hun naam betreft het

0

vertegenwoordigers van de hockeyafdeling

1984-1987

4

**

De damescricketinternationals worden pas vanaf 1977 als zodanig geregistreerd

1995-1997

0

*** Mede door diverse bondsfusies is de lijst van vrouwelijke cricketinternationals helaas niet volledig.

1

Naast de bovengenoemde personen speelden ondermeer voor Oranje: Tine de Ruiter (vele caps

17

1922-1925

Johannes v. Boele Hensbroek 13

1984

0

tussen 1946 en 1969), Ingrid van der Elst (vanaf 1977), Jiska Howard (19 wedstrijden), Inge Kure

0

(15 wedstrijden tussen 1993-1996), Teun de Boer (1999-2000), Evelien Jansen (2 wedstrijden)

Simone van Haarlem

12

1989

Martijn Nolet

10

1969-1970

0

en Jacqueline Pashley (2 caps).


1980

1990


8. De groei gaat door

Kampong boekt zijn grootste scuccessen

In het najaar van 1980 zegt voorzitter Naud Naeff in de ledenverga-

Kampongvelden een vrolijke happening, waaraan honderden Kampong-

dering gekscherend dat hij net zo lang aan zal blijven totdat de Europa

leden als vrijwilligers hun bijdrage leveren. Niet alleen hockeyleden,

Cup in Utrecht staat. Hij heeft dan nog geen idee dat het zes jaar later

maar ook vertegenwoordigers van de andere sporten geven op een

inderdaad zover is. In 1986 wint Kampong in Utrecht onder aanvoering

unieke manier invulling aan het begrip omnivereniging. In totaal zijn

van Tom van ’t Hek de grootste prijs uit zijn honderdjarige geschiedenis,

ruim driehonderd vrijwilligers voor en gedurende het toernooi in touw.

een prestatie die overigens negen jaar later door de dames zal worden

Dat Kampong het toernooi wint en dat de dappere Sardijnen uit Cagliari

geëvenaard. Maar net zo bijzonder is het feit dat Naeff in 1986 nog

zevende worden, vormt de kroon op hun werk.

steeds voorzitter is. Als Dick van Boven in 1978 zijn aftreden aankondigt,

Het zijn echter niet alleen de hockeyhéren die de jaren tachtig kleur

gaat het bestuur tevergeefs op zoek naar een nieuwe voorzitter. Naud

geven. De dames besluiten dat het tijd wordt om in het voetspoor van

Naeff is bereid om zo lang de honneurs waar te nemen, maar piekert er

Litjens en Bolhuis te treden. In het Europa Cup-jaar 1986 is het dubbel

niet over om zelf voorzitter te worden. Na een half jaar is echter nog

feest, omdat dameshockey de hoofdklasse bereikt. Ook de cricketers laten

steeds geen geschikte opvolger voor Van Boven gevonden. Schoorvoetend

zich niet onbetuigd. De cricketvrouwen zijn in 1982 de besten van

verklaart de interim zich bereid om de kar dan maar zelf te gaan trekken.

Nederland, de mannen doen er iets langer over, maar laten in 1988 en

Merkwaardig genoeg houdt de derde hockeyer op rij het vervolgens tien

1989 de rest van Nederland achter zich. Alleen de voetballers moeten

jaar uit op het pluche, waarmee hij na Tinus Welle en Joop Biegelaar

vijf jaar na hun promotie een stapje terug doen. Net als in het eerste

de langst zittende voorzitter van de eerste honderd jaar is.

hockeyelftal wordt de gouden generatie een dagje ouder, maar hier staat

Al meteen maakt Naeff duidelijk dat Kampong na de turbulente jaren

geen Tom van ’t Hek klaar om de vlag over te nemen. Desondanks vormen

onder zijn twee voorgangers nu maar even pas op de plaats moet maken.

de jaren tachtig in sportief opzicht één van de succesvolste perioden uit

Weliswaar krijgt de hockeyafdeling in deze periode een tweede kunst­

honderd jaar Kamponggeschiedenis.

grasveld en worden twee nieuwe tennisbanen aangelegd, maar verder

Niet onvermeld mag tenslotte blijven dat in deze periode jeu de boules

kenmerken de jaren tachtig zich op het bestuurlijke vlak door rust,

als zesde sport zijn opwachting maakt op Maarschalkerweerd. Ook

continuïteit en stabiliteit. Niet verwonderlijk onder een voorzitter die er

worden de eerste plannen gesmeed voor de aanleg van een golfbaan op

geen geheim van maakt dat hij liever langs de lijn staat bij Jongens B2

het terrein van Mereveld. En dan is er nog de sponsoring die langzaam

dan een vergadering voorzit.

maar zeker haar intrede in de vereniging doet. Voor het eerst in zijn

Zowel in sportief opzicht als uit het oogpunt van het verenigingsleven

bestaan krijgt Kampong een hoofdsponsor, terwijl te beginnen bij de

Arno den Hartog:

vormt het Europa Cup-toernooi van 1986 in deze periode een hoogte-

standaardteams ook de shirtreclame oprukt. Meer en meer raakt de

Prima merk

punt. Onder leiding van Dick van Boven wordt het toernooi op de

club in de greep van het geld. 149


Voetbal: Naar de derde klasse

In het voorjaar van 1980 worden de voetballers voor de derde keer

niet voor ons onderdeden, maar die op één belangrijk punt een

in vier jaar kampioen, met als gevolg promotie naar de derde klasse

voorsprong hadden. Zij waren beter georganiseerd, zij konden een

KNVB. Daarmee is voor velen binnen de club het voornaamste doel

wedstrijd met 1-0 winnen. Wij zijn uiteindelijk al die jaren nooit

bereikt. Eindelijk speelt Kampong weer tegen gerenommeerde Utrechtse

een goed georganiseerd elftal geweest, alleen een impulsief en heel

clubs als Velox en Hercules. Tegen UN-verslaggever Ton de Ruiter

doeltreffend elftal.

verklaart Cienus van Kooten het succes vooral uit de saamhorigheid.

Op 9 mei 1983 redt Kees van Dam Kampong nog door in de

De jongens hebben nog iets voor elkaar over.

allerlaatste minuut tegen CDW de bevrijdende gelijkmaker te scoren.

Het eerste seizoen in de derde klasse eindigt Kampong als derde.

Maar de neerwaartse spiraal is niet te keren. De dood van Cienus van

Maar al snel wordt duidelijk dat het team met zijn romantische en

Kooten in 1983, de wat ongelukkige coaching van diens opvolger

zeer aanvallende speelstijl voor dit niveau net wat te kwetsbaar is.

Joop Lith en het vertrek van topschutter Henk Hassing dragen alle hun

Ton van Rietbergen

Eenmaal in de derde klasse, zegt verdediger Ebo Boerema in 1987

steentje bij aan het verval. In april 1985 valt het doek. Kampong is

controleert

in de Hoekvlag, kwamen we tegen teams te spelen die kwalitatief

terug in de vierde klasse KNVB, waar het ook in 2002 nog speelt.

Paul de Ronde soleert,

1980

Acht minuten

Onze laatste competitiewedstrijd in het seizoen ‘82-’83 was uit bij CDW. Voor hen stond er niets meer op het spel, maar wij moesten per se een punt halen. Na 90 minuten stonden we met 1-0 achter. Terwijl iedereen verwachtte dat er zou worden afgefloten, liep de scheidsrechter naar Frits Schilthuizen, onze grensrechter, en zei: Mijn horloge is stil blijven staan. Hoe lang is het nog, grens? Frits antwoordde zonder blikken of blozen: nog acht minuten. En laat Kees van Dam nou in die acht minuten de gelijkmaker scoren. Een van de eerste wedstrijden van het volgende seizoen troffen we toevallig diezelfde scheidsrechter, nu bij UVV uit. We kwamen met 2-1 voor, maar stonden de laatste tien minuten verschrikkelijk onder druk. Volgens ons was het al lang en breed tijd, maar die man liet maar doorspelen, dus wij naar hem toe: Scheids, zou je je horloge niet eens nakijken? Nee hoor, zei hij, mijn horloge loopt deze keer prima. Maar die acht minuten hadden jullie nog van me tegoed. (Verdediger Floris Schneemann in de Hoekvlag, 1995) 150


Een schandelijke vorm van koppelverkoop

De amateur-voetbalclubs zijn de afgelopen dagen met een geheel andere problematiek

motie in, waarin Kampong de KNVB verzocht om af te zien van deelname." Tot ver­

gekonfronteerd dan de gebruikelijke, schrijft de Volkskrant in november 1980. De krant

bazing van de initiatiefnemers wordt de motie met ruime meerderheid aangenomen,

doelt op de door een aantal Amsterdamse amateurvoetballers ontketende actie tegen

maar al snel blijkt er een adder onder het gras te zitten. Er wordt een tweede motie

de deelname van het Nederlands elftal aan het zogeheten mini-WK in Uruguay.

ingediend, waarin de vergadering gevraagd wordt uit te spreken dat Kampongspelers

De actievoerders willen dat Nederland afziet van deelname uit protest tegen de

zich van verdere acties dienen te onthouden. Bij aanname van die motie is dus ook de

militaire dictatuur in dat land. Zij roepen 29 en 30 november uit tot nationaal

deelname van het vijfde aan de aangekondigde staking taboe. "Ik was woedend",

stakingsweekend. Twee scheidsrechters en 107 amateurelftallen zullen dat weekend

herinnert Joop van Schijndel zich. "Nu begreep ik waarom onze motie zo gemakkelijk

na het eerste fluitsignaal van het veld stappen. Op Kampong doet het vijfde

was aangenomen. Voor de meeste voorstemmers was het een volstrekt vrijblijvend

voetbalelftal aan de actie mee.

gebaar geweest. Ik ben opgestaan, heb de hele zaak een schandelijke vorm van

"Maar we wilden het niet bij een dag staken laten", zegt René Mentink die met

koppelverkoop genoemd, en gezegd dat ik me niet aan die tweede motie zou storen."

Joop van Schijndel en Erik Hardeman het intiatief neemt. "We wilden de hele club

Ook die motie wordt vervolgens aangenomen, maar gevolgen zal de uitspraak niet

bij onze actie betrekken. Daarom dienden we in de algemene vergadering een

hebben, omdat de staking uiteindelijk niet doorgaat.

1980

Verregend

Hoe benauwd de voetbalcommissie het krijgt bij de gedachte aan een staking van Kampong 5 blijkt uit de gang van zaken rond de stakingsdag. Volgens het programma moet het vijfde uit tegen Ares, een tegenstander met niet al te veel sympathie voor politieke actie. Maar in de week voor de staking is de wedstrijd opeens uit het programma verdwenen. Wat blijkt? Informeel heeft het voetbalbestuur te horen gekregen dat als de spelers van het vijfde hun actie zouden doorzetten, de mannen van Ares wel zouden ‘helpen’ door hen van het veld te schoppen. Tot woede van de spelers heeft de voetbalcommissie daarom bij de KNVB uitstel geregeld. Dat weekend wordt echter alles afgelast, zodat een week later alsnog problemen dreigen, nu van de kant van tegenstander DSO. Maar ook die zondag zijn de velden onbespeelbaar, net als op 14 en 21 december. Een week later vindt het toernooi in Uruguay plaats. Met het Nederlands elftal als deelnemer. 151


Damesvoetbal: Onbereikbaar paradijs

Als de vrouw in 1932 begint aan haar onweerstaanbare opmars in Kampong, zijn het zusters en verloofden van de voetballers die het voortouw nemen en gaan cricketen. Bijna vijftig jaar later herhaalt de geschiedenis zich, met dien verstande dat het nu over zaalvoetbal gaat. Onze voetballende heren waren in die tijd erg aantrekkelijk om te zien, maar in plaats van ons aan de heren te vergapen, besloten we om het spel zelf te gaan spelen, schrijven Jin Koenen en Martien Boland

in 1982 in het Lustrumboek. De eerste wedstrijden blijft het vijandelijk doel een onbereikbaar paradijs, vaag zichtbaar aan de einder. Maar al snel gaat het beter en twee seizoenen acteren de Kampongdames niet zonder succes in de competitie. De uitblinker van het gezelschap is Vera Pauw, die echter al snel de overstap maakt naar Saestum en daar uitgroeit tot een gerespecteerd international. Na het vertrek van hun vedette zetten de meeste dames een streep onder hun korte voetballoopbaan. Het zal tot 2002 duren voordat weer een damesvoetbalteam in Kampongverband actief wordt. Leon de Wit en zijn dames

1982

Damescricket

In de jaren zestig is het damescricket in ons land op sterven na dood. Pas in

Am Himmelfahrtstag startete die Jugendabteilung des FC Mengen zu einem mehrtägigen

1976 vatten negen teams de draad weer op. Fletiomare uit Vleuten wordt de

Aufenthalt nach Holland zum FC Utrecht, der mit seiner Fussballabteilung SV Kampong

eerste landskampioen, maar in feite is dat de tweede landstitel voor Kampong,

1902 ein internationales Fussballtournier ausrichtete. Schon bei der Ankunft in der

want in het Vleutense elftal spelen voornamelijk Utrechtse dames, die vanwege

grosszügigen Sportanlage des gastgebenden Vereins wurde man in helle Begeisterung

de renovatie van het complex niet op Maarschalkerweerd terecht kunnen. Zodra

versetzt, denn die Grösse und Ausstattung der Sportanlagen mit ihrer Vielseitigkeit war

de Vleutense ballingschap voorbij is, nemen de Kampongdames in 1978 het bat

für die meisten der Ankommenden ein Erlebnis für sich. Nach dem Turnier gab es für die

op eigen veld weer ter hand. Na een snelle opmars naar de eerste klasse wordt

teilnehmenden Mannschaften ein gemeinsames Abendessen im Clubheim des gastgebers.

1982 een topjaar. Nu wordt Kampong officieel voor de tweede maal in haar

Hier genossen die Gäste nochmals die Grosszügigkeit der Gastgeber, die während beider

bestaan landskampioen. Na dat jaar nemen de dames even gas terug, maar

Tage vorherrschte.

belangrijker dan de resultaten is het feit dat damescricket in de door mannen

(Schwäbische Zeitung, 28 mei 1982)

gedomineerde cricketwereld eindelijk als serieuze sport wordt erkend. Als de dames lid van de KNCB mogen worden, kan de Nederlandsche Dames Cricket 152

Bond in 1984 na vijftig jaar worden opgeheven.

Helle Begeisterung


Van dwerg tot sportreus

Na de twee sober gevierde lustra in de jaren zeventig kiest het bestuur-

discoklanken en (energiebesparende?) aan en uit lichteffecten van de

Naeff in 1982 onder het motto ‘Van dwerg tot sportreus’ voor een

Disco Explosion Road Show, zoals het Kampongblaadje met nauw

grootsere aanpak. Het motto wordt kracht bijgezet door een manshoge

verholen afschuw meldt. Het vuurwerk dat de lustrumcommissie op de

‘beeldengroep’ in het clubhuis, dat voor het feest wordt versierd door

velden laat ontsteken, is een groot succes, maar het cabaret van Peter

studenten van kunstopleiding ‘Artibus’. Want nu de club voor het eerst

van Boven en Jaap Koningsberger valt alleen op de eerste rijen te

een geschikt ‘home’ heeft, spreekt het voor zich dat daar ook het lustrum-

volgen. Verderop in de zaal zijn de cabaretiers onverstaanbaar omdat

feest plaatsvindt. De studenten zijn zeer precies. Om zeker te zijn dat

veel feestgangers er zonder pardon doorheen praten. In tegenstelling

de door hen bedachte versiering past bij de ruimte, bouwen zij het

tot 1953 blijkt het feesten de spelers nu wel te inspireren. Alle standaard-

clubhuis vooraf in miniatuurformaat na. Dat werkt, want op zaterdag

teams winnen de volgende dag hun wedstrijd. De voetballers van het

2 oktober komen de leden binnen in een sprookjespaleis, waar voor

tweede maakten het helemaal bont, schrijft Frans Henrichs in het Utrechts

de ouderen prettig in het gehoor liggende muziek wordt gemaakt. In

Nieuwsblad. Die stonden tegen Schalkwijk 2 met 3-1 achter en wonnen

een tent op de hockeyvelden gaat de jeugd intussen los op explosieve

met 6-3. Net op tijd wakker geworden, waarschijnlijk.

1982

Een speelweide met echt gras

Na dertig jaar verschijnt in 1982 voor het eerst weer een lustrumboek, dit keer met de nadruk op de naoorlogse geschiedenis. In een voorwoord vraagt voorzitter Naeff zich af hoe Kampong er over twintig jaar zal uitzien. Hoewel hij laat doorschemeren zijn twijfels te hebben over de enorme groei van de club, realiseert hij zich dat de ontwikkeling onomkeerbaar is. Met vooruitziende blik voorspelt hij dat er in 2002 waarschijnlijk sprake zal zijn van een Sportpark Maarschalkerweerd met vier kunststofvelden voor hockey, twee kunststofvelden voor voetbal en een speelweide met echt gras, waar in de weekeinden cricket gespeeld wordt. Wie wil weten hoe Kampong er in 2022 uitziet, moet Naeff dus maar snel bellen. 153


Hockey: Veertig vrouwen

In de schaduw van de successen van de heren spelen de dames lange tijd

Van Bommel, die dacht naar een hockeywalhalla te verhuizen, komt be-

een bescheiden rol in de lagere regionen van het Nederlandse hockey. In

drogen uit. Voor de heren is op Kampong alles tot in de puntjes geregeld,

1975 promoveren ze weliswaar naar de tweede klasse, maar dat valt in

maar de dames moeten niet alleen in alle vroegte hun wedstrijden spelen,

alle Europa Cup-geweld nauwelijks iemand op. Zelfs Janny Koornneef van de

ook wat de training betreft komen zij er bekaaid vanaf. Eind 1980 klaagt

clubhuiscommissie vroeg pas aan me: Wie ben jij? En dat na vijf jaar in het

Van Bommel in het blaadje zijn nood. Dit jaar hebben we tijdens de training

eerste, zegt Eus Hes in 1980 in het Kampongblaadje. In 1979 wordt met

geen enkele keer het hele kunstgrasveld. Ik kan dus nooit oefenen op lange

Dick van Bommel een coach aangetrokken die voor een professionelere

kombinaties en dat soort dingen. Dat is een erg grote handicap. Wat zulke

aanpak moet zorgen. Gemakkelijk heeft hij het niet. Voor de dames, vertelt

zaken betreft, moet je hier echt knokken om je zin te krijgen. Maar Van

hij twintig jaar later in de Klapperboom, was er gewoon helemaal niets. Er

Bommel zet door. Hij smeedt uit het beschikbare spelersmateriaal een hecht

stonden veertig vrouwen en dat was het. Ik moest zelf achter ballen, pionnen

team en staat daarmee aan de basis van de snelle opmars van de dames

en hesjes aan. En dan bedoel ik niet de materiaalman bellen en vragen om

naar de landelijke top. Via kampioenschappen in 1982 en 1986 bereikt

ballen. Nee, ik moest ze zelf bij de fabrikant bestellen.

Kampong de hoofdklasse, waar de ploeg sindsdien een vaste waarde is.

De Lilly Waller show

Twee weken voor het begin van het Europa Cup toernooi van de heren is het ook al feest op het kunstgras van Maarschalkerweerd. Dankzij een 5-2 overwinning op Union promoveren de hockeydames op 4 mei 1986 naar de hoofdklasse. De winnende coach is Roy van Heumen, maar de hoofdpersoon op deze zonnige middag is de van Bloemendaal afkomstige Lilly Waller. Met een naam die op Broadway niet zou misstaan, zorgt de Kampongspits voor een echte show door alle vijf doelpunten voor haar rekening te nemen. Ik kan me niet herinneren dat ik er ooit vijf in ĂŠĂŠn wedstrijd heb gemaakt, zegt zij na afloop tegen het Utrechts Nieuwsblad.

Haar verklaring voor de promotie? We zijn fysiek sterker geworden. Ik ram

154

Dick van Bommel

nu ook vaak maar door. Ellenbogen uit en desnoods door de tegenstanders

en zijn dames

heen. Je moet wel, anders krijg je zelf de tikken.


Jeu de Boules: Het begon in Capbreton

In de zomer van 1985 vertrekken zo’n veertig Kampongers met aan het hoofd de

zou het besluit vallen. Ik heb daar toen het beroemde verhaal met het magneetje gehouden.

families Van de Pavert en Schoonhoven met vakantie naar Capbreton, een badplaats

Ik had een magneet en een paar boules meegenomen om de aanwezigen te laten zien hoe

ten noorden van Biarritz, waar jeu de boules een populaire sport is. Al snel worden

je de boules kunt oppakken zonder te bukken. Maar ik had niet in de gaten dat er in mijn

verschillende Kampongers, onder wie Huub van de Pavert, gegrepen door de elegante

jaszak een gulden aan die magneet was gaan zitten. Ik bleef het proberen, maar er

eenvoud van het spel. Waarom spelen wij op Kampong eigenlijk geen jeu de boules,

gebeurde helemaal niets. Ik geloof dat ze daarom maar ja op ons voorstel hebben gezegd."

vragen zij zich af. De vraag stellen is haar beantwoorden. Terug in Utrecht krijgt Van

Al snel ontwikkelt jeu de boules zich tot een afdeling, waar gezelligheid de boventoon

de Pavert het bestuur zover dat men tijdens de aanleg van het tweede kunstgrasveld

voert en waar tradities het ritme van de seizoenen markeren. In het najaar is er de tocht

een veldje geschikt maakt voor jeu de boules.

naar Schiermonnikoog; rond midwinter speelt men jeu d’olieboule; en de zomer wordt

"Op dat veldje stonden we af en toe te boulen", vertelt Van de Pavert, "tot iemand

steevast ingezet met een pittig partijtje boules culinair. De origine van de afdeling blijkt

een jaar later opeens zei: waarom maken we er geen afdeling van? Ik vond dat wel

uit de Franse titels voor bestuursfuncties. Het bureau van de afdeling bestaat uit een

een goed idee, maar in het Kampongbestuur was er veel weerstand tegen. Vooral de hoc-

président, een secrétaire, een secrétaire des concours en een trésorier. Henk Taheij is

keyers zagen zo’n kleine nieuwe afdeling niet zitten. Op een ledenvergadering in 1987

zowel commissaire technique als technicien consultant.

Gekonfijte eendenbout

Waar de prioriteiten van veel jeu de boules spelers liggen, kan niet alleen afgeleid worden uit de grote belangstelling voor het jaarlijkse boules culinair, maar ook uit het verslag dat Lex van Beurten in 1999 maakt van het Vrijthoftoernooi in Maastricht. "François had een werkelijk geweldig diner besproken met de daarbij behorende wijn. Na de gekonfijte eendenbout en ganzenleverpaté, gegrilde zeebaars met jus van tomaat en saffraan, gebraden runderlende met rodewijnsaus en sjalotten, aardbeien met gebrande mousse en caramelijs en een slokje Grand Ardèche 1996 en Campillo Crianza 1995, afgesloten met koffie met likeur. Zo’n diner brengt de echte bouler in vervoering met als gevolg: te veel zelfvertrouwen. We zouden ze morgen eens een Gezelligheid voert de boventoon

poepie laten ruiken en dat was het enige dat lukte." 155


Hockey: De tweede gouden eeuw

Na het afscheid van de generatie Bolhuis-Litjens treedt onder leiding van Tom van ’t Hek een nieuwe veelbelovende lichting aan. Maar in Den Haag beschikt Klein Zwitserland over talenten als Ties Kruize en Tim en Ron Steens. Zij bezorgen de fusieclub tussen 1977 en 1984 acht landskampioenschappen op rij en dwingen Kampong genoegen te nemen met tweede en derde plaatsen. Ook in het seizoen 1984-1985 dreigt Kampong de boot te missen. Coach Hans Jorritsma is zo boos over de slechte instelling van zijn spelers, dat hij in maart besluit zijn contract niet te verlengen. Hoe anders is de situatie twee maanden later. Na een hard gesprek zijn de gelederen gesloten. In de volgende zeven wedstrijden verliest Kampong nog maar één punt. In diezelfde periode morst Klein Zwitserland zeven punten, zodat de wedstrijd tussen de twee rivalen op de slotdag van de competitie de beslissing moet brengen. ‘Opgenaaid’ door laatdunkende opmerkingen uit het Haagse kamp gaat Kampong zo furieus van start dat het bij rust al met 1985

3-0 voor staat. Uiteindelijk wordt het 7-2. Het zal niet vaak voorkomen dat een club waarvan de coach én het veld verdwijnen, kampioen wordt, schrijft

de Volkskrant. Met dat laatste doelt het blad op het feit dat de inmiddels historische mat uit 1976 die zomer zal worden verwijderd in ruil voor twee gloednieuwe kunstgrasvelden. Volgens alle kranten is Van ’t Hek tegen KZ de absolute uitblinker. Hij dirigeerde zijn ploeggenoten op magistrale wijze langs Klein Zwitserland, schrijft Het Vrije

Volk. Tekenend voor het zelfvertrouwen van Van ’t Hek was het praatje dat hij nota bene tijdens de wedstrijd maakte met radioverslagever Gerhard de Grooth. Hij vroeg de radioman naar de stand van zaken bij Ajax-Feijenoord. In het

Haarlems Dagblad maakt ‘Tommie’ duidelijk een echte clubman te zijn. De Tom van 't Hek: Hoe staat het bij Ajax?

spelers, het bestuur, maar ook de mensen achter de bar hebben een aandeel in dit succes. Dat is ook het mooie van een clubkampioenschap. Het is veel leuker dan een prachtig resultaat met het Nederlands elftal. Ik geniet hier echt van.

De mooiste quote komt uit de Telegraaf. Als het bij rust 3-0 staat, kan Van ’t Hek het niet laten om de leiding van KZ een beetje te jennen: We hebben hier telefoon. Vergeet de muziek in Den Haag niet af te bellen, roept hij coach 156

Dalhuisen toe.


Europa Cup: nu wel

Wat Kampong hier organisatorisch op poten heeft gezet, is een compliment

Omdat er geen kruisfinales worden gespeeld en omdat de twee andere

waard. Het was voor spelers en publiek een fantastische happening. Het is

teams in de poule - Belfast en Suboticanka - voor spek en bonen meedoen,

maandagavond 19 mei 1986 als Jörg Schäfer, vertegenwoordiger van de

moet per se van de Russen worden gewonnen. Groot is de opluchting als

Internationale Hockey Federatie, deze woorden uitspreekt. In het clubhuis

die klus relatief gemakkelijk wordt geklaard (3-0). Na twee ‘walk-overs’

en het promodorp is het groot feest, omdat zowel de mannen van Kampong

(14-0 en 8-0) volgt de finale tegen Uhlenhorst. Na een 1-0 achterstand

als de vrouwen van HGC de Europa Cup 1 hebben gewonnen. Ook de

scoort Arno den Hartog voor zevenduizend dolenthousiaste toeschouwers

driehonderd Kampongleden die dit Pinksterweekend vier dagen en nachten

nog voor rust de gelijkmaker. Tien minuten na rust schiet Rick Volkers

onafgebroken in touw zijn geweest voor het eerste Europa Cup toernooi

de Cup naar Utrecht. Volgens de Volkskrant is de 35-jarige Rob Toft

voor mannen én vrouwen, kunnen eindelijk uit hun dak gaan.

na afloop de gelukkigste speler van Kampong. Vijf maal maakte de

Het door 17.000 toeschouwers bezochte toernooi is voor de organisatie

Utrechtse hockeydoelman deel uit van de selectie die Europese clubglorie

vooral op vrijdag een spannende aangelegenheid. Al op de eerste dag

nastreefde. Steeds weer greep hij naast de beker. Bij de zesde poging

staat de wedstrijd van Kampong tegen Alma Ata op het programma.

was het eindelijk zover.

1986

Tom van ’t Hek

Tom van ’t Hek is de vaandeldrager van het nieuwe Kampong. Als technicus pur sang brengt hij een beetje ‘Haagse’ brille in de zakelijke ‘Utrechtse speelstijl’. Toen ik bij Kampong kwam, kon je me vergelijken met Vanenburg, zegt hij in 1986 in Vrij Nederland. Ik kon veel met de bal, balletje hooghouden, mannetje omspelen, dat kostte me allemaal geen moeite. Dankzij Litjens en Bolhuis kreeg ik een veel grotere winnaarsmentaliteit. Alles wat ze deden, die twee, deden ze maximaal. Ze wilden elk jaar kampioen worden. Als die kerels er op trainen niet waren, was het partijtje veel slapper dan normaal. Als ze scholden, hadden ze gelijk, dan pik je het.

Van ’t Hek luistert goed naar zijn illustere voorgangers. Rick Visscher, die in 1984 naar Kampong verhuist, zegt in 1985 in het Utrechts Nieuwsblad: Ik heb gespeeld bij KZ en Amsterdam. Het grote verschil met Kampong is het karakter. Als je bij Amsterdam op de training op een leeg doel schoot, hoefde de bal er niet in. In Utrecht krijg je een scheldkannonade over je heen als je mist. Je moet permanent op scherp staan, zowel op de training als in het veld. Tom van ’t Hek kan je de huid helemaal vol schelden.

Het clubhuis vermomd als AMEV-stadion

157


Radioactiviteit

De opstelling van de scoreborden had gisteren nogal wat voeten in de aarde. Hoe toernooibaas Dick van Boven ook op het volautomatische toetsenbord drukte, de cijfers bleven hem stom aanstaren. In wanhoop liep Van Boven met zijn antennekastje het veld op, waar op dat moment de dames van Kolos Borispol uit Kiev trainden. Verbaasd stopte de trainer met zijn programma en vroeg of het nu echt nodig was om zijn ploeg uitgerekend op dit moment op radioactiviteit te onderzoeken. (Europa Cup nieuws 1)

Een vlaggenincident

De Technical Delegate werd donderdagavond meteen al overspoeld met protesten. De Joegoslaven en de twee Noord-Ierse ploegen reageerden verontwaardigd op de omslag van het programmaboekje, waarop de vlag van JoegoslaviĂŤ ontbreekt en waarop de vlag van de Ierse republiek te zien is. De TD, de hoogste baas op het toernooi, reageerde lakoniek. De vlaggen moeten worden beschouwd als een symbool voor de internationale geaardheid van de hockeywereld en hoeven absoluut niet representatief te zijn voor de deelnemende landen. Het protest werd afgewezen. (Europa Cup nieuws 1) 158


Blaren in mijn handen

Volgens kenners is het grote verschil tussen de verliezende Kampong-finalisten van 1974 en de winnaars van 1986 het verschil tussen een verzameling briljante individualisten en een hecht collectief. Gerard Stroes is in staat gebleken zestien ‘eigenheimers’ te doordringen van de noodzaak hun sterke eigenschappen te gebruiken en de moeilijk uitvoerbare acties over te laten aan andere specialisten, schrijft Jan Boerop in het Utrechts Nieuwsblad. Op die manier smeedde hij een ploeg waarin elke pion uitsluitend die zet mocht doen, die hij aankon. Niet meer, niet minder.

Daar komt bij dat hij Donald Drost, Bart van Kersbergen en Arno den Hartog zover krijgt dat ze iedere woensdag strafcorners komen oefenen. Den Hartog: We hebben er duizenden geslagen tot de blaren in mijn handen stonden. Variaties geoefend en steeds maar weer herhaald. Maar het heeft gewerkt. Als je de twee doelpunten in de finale bekijkt, zijn het regelrechte voortvloeisels van onze extra arbeid. Eén kegel ik er rechtstreeks in, de tweede komt uit een variatie met Rick Volkers.

Jack Brinkman dolt een Duitser

1986

Wie scoorden voor Kampong?

Arno den Hartog

8

Tom van ’t Hek

7

Donald Drost

5

Rick Volkers

2

William Blijham

2

Jack Brinkman

1

Johannes Boele van Hensbroek

1

Gerard Smeekes

1

René Klaassen werd uitgeroepen tot beste speler. 159


Voetbal: Een beleidsplan

In 1986 neemt de voetbalafdeling met Ruud Wetzel een ambitieuze

je dat je altijd ondergeschikt zult blijven aan de hockeyers.

trainer in dienst. De oud-prof van SC Amersfoort verbaast de

Al na twee jaar vertrekt Wetzel, stukgelopen op de Kampong-

voetballers met een beleidsplan onder de fraaie titel ‘Voetbal

mentaliteit. In de Hoekvlag zegt leider Klaas Taselaar van het

of Vergetelheid’. Met een goede organisatie moet Kampong over

tweede: Ruud hing altijd stenciltjes op en dan gingen de jongens

een jaar of tien in de hoofdklasse kunnen spelen, zegt hij in de

eerst al zijn taalfouten verbeteren. En als hij drie deftige woorden

Hoekvlag, het blad van de voetbalafdeling. Wat mij is opgevallen

verkeerd uitsprak, lagen ze dubbel. Dat hij rapportcijfers aan

bij Kampong, is dat de voetballers tamelijk gelaten accepteren dat

spelers ging uitdelen, vond ik echt bezopen. Maar aan de andere

hockey op niveau speelt en voetbal niet. Ik mis een geprofileerde

kant heeft hij veel enthousiasme overgebracht. Hij heeft laten

voetbalafdeling. Daarom wil ik graag een eigen voetbalhoek in

zien wat de mogelijkheden zijn om trainingen te verbeteren en

het clubhuis met een bord voor de tactische bespreking. En daarom

om jeugdkampen te organiseren. Wetzel wordt opgevolgd door

Nico Bleijerveld in zijn

wil ik ook dat de voetballers volgend seizoen op dinsdag- en donder-

de relaxte Bram Huisman. De kop boven het interview met de

Van Dillen-shirt

dagavond gaan trainen. Als je zulke eisen niet stelt, accepteer

nieuwe trainer? Een beleidsplan, dat is leuk als je bij Ajax werkt.

1987

Van Dillen-shirts

Hoe omstreden een professionelere aanpak is, blijkt uit een verslag van de voetballedenvergadering van april 1987 in de Hoekvlag. Daar ontstaat commotie over de post ‘kosten selectie’ van 2500 gulden. Van dat geld worden niet alleen etentjes betaald, maar worden tot ergernis van enkele aanwezigen ook de shirts van het eerste elftal gewassen. "Alle verenigingen doen het", riep het bestuur uit en algemeen Kampong-voorzitter Naud Naeff mengde zich in het koor met: "De hockeyers doen het ook". Maar de oppositie hield voet bij stuk. Jaap Icke schetste beeldend hoe het verval was ingetreden met het bekende biefstukje op zondagmorgen en riep pathetisch uit: "Als we tassen en kleding beschikbaar gaan stellen, kunnen we de club beter opheffen." Joop van Schijndel vroeg zich af waarom toch altijd die vergelijking met andere clubs wordt getrokken, waarop voetbalvoorzitter Edsel Brandsen uitlegde dat we op Kampong wel een eigen stijl hebben, maar dat we de ogen niet meer kunnen sluiten voor de buitenwereld. Moe van de discussie beet Winfried Derks de opposanten toe: "Waarom gaan jullie de was zelf niet doen?" Op een dergelijke frontale aanval had niemand gerekend. De oppositie probeerde het zich voor te stellen: waslijnen vol Van Dillen-shirts in de achtertuin, wat zouden de buren daarvan zeggen? En zo kwam er een abrupt einde aan de polemiek.


Rijkeluiskinderen

Filosoof Jan Vorstenbosch kwam in 1982 naar Kampong. Maar zijn twijfel was groot, herinnert hij zich. "Mijn wordingsgeschiedenis als voetballer begon ik als jeugdig talent bij de volkse onderafdelingsclub Broekhoven, het Sterrenwijk van Tilburg. Ik sloot ze af met drie jaar Kampong één. Over deze transfer heb ik lang getobt. De stap van Broekhoven naar Kampong was voor mij meer dan een eenvoudige overgang naar een andere club. Het was een passage van de arbeidersklasse naar de middenklasse en hoger, een overgang van een omgeving van werkvoetbal en boerenslimheid naar een omgeving van combinatievoetbal en échte intelligentie, naar een omgeving waar wel eens een boek werd gelezen, naar een minder gespannen, relativerender benadering van voetbal. Kampong was immers vooral hockey, en hockey dat was polo maar dan zonder paarden, een elitesport die de zich vervelende Engelsen in de kolonie hadden uitgevonden omdat er niet genoeg paarden waren. Het was een sport van en voor rijkeluiskinderen, van toekomstige accountants, medisch specialisten en hun blasé echtgenotes. Hoe zou de voetbal­ afdeling van zo’n omnisportvereniging, waar ook een paar tennisbanen lagen, eruit zien? Zouden de voetballers immuun blijken voor het virus dat zich via de bekakte praat (‘Druk een punt, Kampong’!) en de poriën van de zonverbrande huid nestelt in harten en nieren van de sporter en daar de echte voetbalpassie aanvreet? Het is allemaal, in retrospectief, erg onheus tegenover die kromgebogen mannen en vrouwen met hun stokkies, maar het hield me destijds wel uit de slaap. Moest ik me associëren met zo’n club? Het ging om veel meer dan hetzelfde partijtje voetbal maar dan bij een ander kluppie. Het ging om een existentiële keuze, een klimtocht op een maatschappelijke ladder, waarvan ik niet wist of de sporten het zouden houden. Het bleek geweldig mee te vallen.

In de serie 'Neerlands voetbalcrisis in een notendop' in voetbalblad De Hoekvlag

Sterker nog. Het werd geen sportief, maar wel een sociaal succes. Het voetbal bleek van

geeft het zesde voetbalelftal zich in 1987 maximaal bloot.

deze door welvaart en carrière bedreigde jongens juist echte mensen te kunnen maken, met weinig verantwoordelijkheidsgevoel, een hang naar gezelligheid, veel dorst en een ontspannen manier van in het leven staan. De confrontatie van getalenteerde, zelfbewuste sterren in de dop als Paul de Ronde en Piet van Ameijde, die zowel op als naast het veld hun eigen gang gingen, met de zenuwachtige, gedreven, volkse en humorvolle Cienus van Kooten was elke week weer een belevenis. In tegenstelling tot waar ik bang voor was, betekenden die drie jaar op Maarschalkerweerd voor mij kortom een gedenkwaardige en succesvolle botsing van twee culturen." 161


Weinig ‘exposure’

In het midden van de jaren tachtig doet de sponsoring haar intrede in de hockeywereld. Kampong is een van de eerste hockeyclubs met shirtreclame en Dr. Pepper is de eerste sponsor. In 1987 wordt met computerfabrikant Wang een nieuwe sponsor aangetrokken, die jaarlijks honderdduizend gulden in de club steekt. Voorzitter Naud Naeff tekent het contract op het eerste kunstgrasveld en spreekt af dat Kampong al tijdens het Europa Cup-toernooi in Barcelona met Wang op de shirts zal spelen. Aanvankelijk zijn Wang en Kampong blij met elkaar, maar al snel klaagt de directie dat men voor haar goede geld nogal weinig ‘exposure’ krijgt. Wat blijkt? Men is ervan uitgegaan dat het toernooi om de Europa Cup hockey net zo verloopt als in de voetbalwereld. Als blijkt dat het feest beperkt blijft tot één vierdaags toernooi per jaar, voelt men zich bekocht. Men wil de sponsoring zelfs stopzetten, maar Kampong houdt het bedrijf aan het voor twee jaar gesloten contract.

René Klaassen: Wat een mooie beker

1987

De Vrienden-gedachte

Na deze twee ervaringen en na mislukte pogingen om een nieuwe sponsor te vinden, kiest het bestuur in 1989 voor een andere aanpak. In plaats van één hoofdsponsor wordt een pool van kleinere sponsors gevormd, die door het leven gaat als de ‘Vrienden van Kampong’. Via een verloting wordt vastgesteld welke drie vrienden gedurende het volgende seizoen shirtsponsor worden van respectievelijk heren 1, dames 1 en voetbal. Imbert Jebbink, die Naud Naeff in 1989 opvolgt als voorzitter, zet het Vrienden-beleid met kracht voort. In de Klapperboom zegt hij in 1999: Oorspronkelijk was ik nogal optimistisch over het binnenhalen van echt grote sponsors. Ik ging ervan uit dat Utrechtse bedrijven als Douwe Egberts en Rabo zich graag met zo’n succesvolle club als Kampong zouden verbinden. Maar dat viel nogal tegen. Voor Douwe Egberts is het Utrechtse hockey toch te regionaal, en met de Rabobank hebben we ook altijd weinig gehad. We moeten het meer van het grote aantal sponsors hebben en in dat verband is die Vrienden-gedachte 162

Proost!!

een gouden vondst geweest.


Honderd uur squash

Het is dinsdagmiddag 27 september 1988, vijf uur Nederlandse tijd. Op een baan in Seoul beginnen oud-Kampongvoorzitter Wim Cornelis en hockey-international René Klaassen aan een onderling partijtje squash. De heren zijn in Zuid-Korea als chef de mission respectievelijk deelnemer aan de Olympische Spelen, maar hun uitstapje naar de squashbaan is meer dan zo maar een half uurtje ontspanning. Met hun partij, waarvan beelden worden overgeseind naar het Kampong-clubhuis, geven zij het startsein voor een unieke recordrace ter ere van het tweede lustrum van de squashafdeling. Klokslag half zes stappen in Utrecht de volgende twee van in totaal bijna tweehonderd spelers de baan op. Samen zijn zij van plan om honderd uur onafgebroken squash te spelen. De hoop van voorzitter Paul Anton Hoogendoorn is dat het record zal worden opgenomen in het Guinness Book of Records. Helaas voor Kampong bevat 1988

dat boek al een squash-duurrecord voor twee spelers, en doet de redactie niet aan ‘variaties’. Maar voor de deelnemers mag dat de pret niet drukken. Vooral tijdens de nachtelijke partijen stijgt de stemming tot grote hoogten. De marathon wordt zaterdagavond afgesloten door oud-trainer Barry Whitlock en Hoogendoorn die volgens de Squash Revue in het laatste uur demonstreren hoe je squash ook kunt spelen.

In een verslag van het lustrum schrijft hockeyer William Blijham: Alle leden van de vereniging mochten aan de recordpoging meedoen. Omdat ik nog nooit had gesquashed, leek het mij een mooie gelegenheid daar nu eens kennis mee te maken. Ik had die suqashers wel eens bezig gezien en heb altijd gedacht dat het een mal spelletje was. Dat werd nog versterkt door die squashers zelf. Altijd met zijn tweeën en altijd maar frisdrank drinken. Ik vond ze een beetje apart, maar ik had het niet bij het rechte eind. Op het Lustrumfeest heb ik ze beter leren kennen. Net echte mensen, zo gezellig als die squashers kunnen zijn. O ja, die honderd uur hebben Hoe lang nog?

we trouwens gehaald.

163


De grote cricketsuccessen

Een aantal jaar geleden heeft ons onvolprezen erelid Charles

wedstrijden is het ongekend druk aan de boundary. Cricket

Verheyen getracht van het cricketspel binnen Kampong

is binnen Kampong altijd wat stiefmoederlijk bedeeld geweest,

cricketsport te maken. Met voldoende talent en voldoende

zegt Jan Kees Koreneef in 1985 tegen het Utrechts Nieuws-

etterigheid van spelers heeft hij bij Kampong de cricket-

blad. Maar langzaam maar zeker merken we dat er meer

afdeling tot een echte sportafdeling omgebouwd, voorwaar

interesse ontstaat. Cricket wordt op Kampong niet meer beschouwd

geen sinecure. Aldus het Midwinter-cricketpotje, een eenmaal

als het ouwewijvenspelletje. De inventieve Verheyen maakt gretig

per jaar verschijnend blad van de cricketafdeling, rond 1990.

gebruik van de toegenomen belangstelling. Voor 25 gulden

Dankzij twee landskampioenschappen op rij heeft Kampong

zijn supporters het hele seizoen verzekerd van een vaste, door

zijn naam als cricketgrootmacht inmiddels definitief gevestigd.

Verheyen persoonlijk schoongemaakte, stoel aan de

De spectaculaire opmars is eind jaren zeventig ingezet en kri-

rand van het veld.

jgt in 1983 een vervolg met de langverwachte promotie naar de hoofdklasse. Echt leuk wordt het in Utrecht als Peter Cantrell een jaar later als coach wordt aangesteld en als Ronnie Elferink in 1985 op het oude nest terugkeert. Op slag geldt Kampong als kanshebber voor de landstitel. Met Ron Elferink erbij komt niet ĂŠĂŠn hoofdklasser zonder angst in de benen naar Utrecht, zegt eerste-elftalspeler Sven Heskes in

het Utrechts Nieuwsblad. De eerste drie jaar moet Kampong nog zijn meerdere erkennen in HCC, Quick en VOC. Maar in 1988 en 1989 kan niemand de op volle toeren draaiende ElCa (Elferink/ Cantrell)-machine tegenhouden. Een aardverschuiving noemt NRC Handelsblad de Utrechtse machtsgreep op 22 augustus 1988, een dag na het eerste landskampioenschap. Kampong is met mannen als Elferink, Jansen en Verzijl een regelrechte bedreiging voor de gevestigde orde. Dat een tweetal buitenlanders (Cantrell en Khanolkar) een hoofdrol speelden, kan niet door de verslagenen als excuus worden gebruikt. Ook zij moeten erkennen dat in Utrecht goed en gedreven wordt gespeeld en dat Kampong zijn buitenlandse inbreng effectief heeft gebruikt om de eigen jeugd op te leiden. De successen 164

hebben hun weerslag op de belangstelling, want bij thuis-

Landskampioen 1988


Peter Cantrell, vierenzestig interlands

Met Peter Cantrell heeft Kampong vanaf 1984 een Australiër in de gele-

Tot en met 1991 speelt Cantrell ook in Australië. Dan krijgt hij het aanbod

deren, die vooral als batsman een aanwinst van formaat is. Spectaculair

om zakelijk leider te worden van de op Mereveld te openen golfcourse.

is zijn spel niet. Cantrells batten heeft voor het publiek één nadeel, vindt de

Omdat hij cricket en golf al jarenlang combineert als broodwinning, vestigt

Volkskrant in 1988 na de wedstrijd tegen Hermes DVS. Het woord ‘risico’

hij zich definitief in Utrecht en speelt nog tot 1997 voor Kampong. Hij kan

kent hij niet. Maar degelijk is het wel. In het eerste kampioensjaar laat hij

dan ook worden geselecteerd voor het Nederlands elftal en speelt in totaal

Nederland versteld staan door in achttien wedstrijden 1244 runs bij elkaar

64 wedstrijden in Oranje. De lakonieke Australiër heeft een bizar gevoel

te slaan. In 1993 stelt hij dat record zelfs op 1643. Peter was op dat

voor humor. De week nadat TV-verslaggever Ian Chappell hem tijdens een

moment absoluut de beste cricketer van Nederland, zeggen Fred Verzijl

Australische competitiewedstrijd heeft verweten wel erg voorzichtig te

en Floris Jansen in 2001 in de Klapperboom.

batten, slaat hij een paar vieren en een zes. Na die zes kruipt hij op zijn

Hij was ongelofelijk gedreven en een enorme detaillist. Hij kon uren trainen

knieën naar de camera die onderaan het wicket is bevestigd, en zegt,

op één facet. Op een gegeven moment is hij zelfs als rechtshandige met links

duidelijk hoorbaar voor alle TV-kijkers, in de microfoon: Are you there, Ian.

gaan schrijven, omdat hij dacht dat hij dan beter kon batten.

Did you see that one?

1990

Wie scoorden voor Kampong een century op hoofdklasse-niveau? Ondanks drie landskampioenschappen zijn er slechts drie Kampongers die in de hoofdklasse in één wedstrijd 100 of meer runs scoorden. Peter Cantrell scoorde er 30, met als hoogste score 161 tegen Quick op 21 juli 1990. Ron Elferink kwam tot tien century’s, terwijl Jeremy Bray er drie op zijn naam bracht. Cantrell is de absolute topscorer voor Kampong. In 310 innings scoort hij 14855 hoofdklasseruns. Met 60,63 heeft hij nog steeds het beste gemiddelde aller tijden in Nederland. Tweede op deze ranglijst staat overigens Ron Elferink met 8019 runs in 239 innings. Als bowler is Floris Verheyen en Cantrell:

Jansen de beste Kamponger ooit op hoofdklasseniveau. In totaal neemt hij

nice to meet you

653 wickets voor 12840 runs; een gemiddelde van 19,66 runs per wicket.

165


Prijzen

1941 Louis Ragay Prijs (cricket): voor het beste gedrag van een cricketer, zowel op als buiten het veld 1948 J.G. de Bruin prijs (cricket): voor de beste eenmalige prestatie tijdens het seizoen 1952 Mr. H. Wagenvoort beker (hockey): Kampong Jeugd Hockey Tournooi 1964 Tinus Welle prijs (Kampong algemeen): ereprijs voor een of meer leden, die bijzonder veel voor

Kampong gedaan heeft/hebben

1966 Hockeypul, later hockeykrat (hockey) 1967 Damesprijs (Kampong algemeen) 1968 J.K. Kuiperprijs (voetbal) 1969 Marnix Hellemansprijs (cricket): jeugdcricketprijs 1988 Sportman of -vrouw van het jaar 1988 Kees Metz prijs (tennis): voor vrijwilligers die zich hebben ingezet voor de tennisafdeling

Sportman of -vrouw van het jaar

1988 Ron Elferink (cricket)

1995 Jeannette Lewin (hockey)

1989 Peter Cantrell (cricket)

1996 Leo Klein Gebbink (hockey)

1990 Tom van 't Hek (hockey)

1997 Chantal de Bruijn (hockey)

1991 Paul de Ronde (voetbal/tennis)

1998 Ellen Dubbeldam-Kuipers (hockey)

1992 Nicola Payne (cricket)

1999 Paul Frederik van Esseveldt (hockey)

1993 Paul Litjens (hockey)

2000 Paul Robert Lankhorst (hockey)

1994 Simone van Haarlem (hockey)

2001 Joop Koppen (voetbal)

Paul Kooy en Naud Naeff leggen het tweede kunst足 166

grasveld aan


1990

2002


We hebben de cup!!

9. Club of bedrijf?

Roerige jaren op de drempel van het millennium

Na de succesvolle jaren tachtig moet Kampong in de laatste periode

van de accommodatie. In 2001 stelt de club tenslotte de vurig gewenste

voor het eeuwfeest ogenschijnlijk een stapje terug doen. De hockeyers,

verenigingsmanager aan. Het eerste wapenfeit van Jan Hagen, die voor

de cricketers en de voetballers hebben hun grootste successen achter

sportclubs een belangrijke maatschappelijke functie ziet weggelegd, vormt

zich. Maar wie zo naar de geschiedenis kijkt, doet haar geen recht.

de ingebruikname van een ruimte in het clubhuis voor naschoolse opvang.

Vanuit het perspectief van de vrouw is de periode 1990-2002 de

Ook in een ander opzicht is het in het midden van de jaren negentig

succesvolste van de afgelopen honderd jaar. Tegen één landskampioen-

gedaan met de rust van de periode daarvoor. In de zomer van 1996

schap bij de mannen (cricket), staan er in deze periode liefst zeven

barst in de club een discussie over de toekomst los, die Kampong tot

bij de vrouwen. De cricketdames tonen zich tussen 1992 en 1997 vier

aan de viering van het honderdjarig bestaan in zijn greep zal houden.

maal ’s lands beste, de hockeysters zijn in 1994 en 1995 onverslaan-

De polemiek vertoont opmerkelijke overeenkomsten met de debatten die

baar, terwijl in 2002 de opmerkelijke Toowoomba-sisters zorgen voor

de plannen van het duo Van Boven/Cornelis 25 jaar eerder hebben

de eerste landstitel van de afdeling squash. Voeg daar nog de drie

uitgelokt. Ook dit maal is de groeiende ruimtenood van zowel de

Europa Cups van de hockeysters bij en duidelijk wordt dat de jaren

hockey- als de voetbalafdeling de aanleiding. En weer zijn het Van

negentig in sportief opzicht beslist niet onderdoen voor welk eerder

Boven en Cornelis die de kat de bel aanbinden.

decennium dan ook.

Er is echter één groot verschil tussen toen en nu. Terwijl in de andere

Achter de bestuurstafel zijn het nog steeds vooral mannen die de dienst

vijf afdelingen nog met even weinig pretenties wordt gesport als 25 jaar

uitmaken. Veel verschillende mannen, want nadat Kampong - afgezien

eerder, kiest de hockeyafdeling nu onomwonden voor het bedrijven van

van de chaotische beginjaren - in bijna tachtig jaar slechts zes voor-

topsport, met alle financiële consequenties vandien. Voor die ambitie

zitters heeft versleten, hanteren tussen 1990 en 2002 liefst vier heren

heeft de afdeling, zowel qua ruimte als beleid, meer expansiemogelijkheden

voor kortere of langere tijd de voorzittershamer, te weten Imbert Jebbink,

nodig dan het keurslijf van de omnivereniging haar volgens sommige

Klaas Taselaar, Ruud Keulen en Jan Hagen. In dit decennium wordt

hockeyers biedt. De ruimtediscussie verbreedt zich dan ook snel tot een,

duidelijk dat Kampong in snel tempo verandert van een sportclub in

soms zeer fel gevoerd, debat over de vraag of de omnivereniging niet

een bedrijf dat niet meer zonder professionele organisatie kan. De

meer nadelen dan voordelen voor hockey met zich meebrengt.

hockeyers nemen het voortouw door met Gerold Hoeben de eerste

Verschillende malen wordt in deze periode het einde van de vereniging

betaalde trainingscoördinator aan te stellen. Taselaar en zijn opvolger

in zijn huidige vorm aangekondigd, maar met de nodige diplomatie en

Keulen nemen de handschoen op en voeren ook op andere gebieden

inschikkelijkheid van verschillende kanten kan een scheuring vooralsnog

in hoog tempo vernieuwingen door.

worden voorkomen. Vooral bij cricket en voetbal blijft echter wantrouwen

Zo worden de zes afdelingen zelfstandige stichtingen, wordt de bar

heersen jegens het jonge ambitieuze broertje. Hoewel Kampong het

verpacht, komt er een full-time administrateur en neemt Kampong

eeuwfeest ingaat als trotse omnivereniging, is de discussie nog alles-

met Henk Taheij voor het eerst iemand in dienst voor het onderhoud

behalve verstomd. 169


90 jaar: Annie Biegelaar (algemeen)

Cricketdames

Vrijwel onopgemerkt door de rest van de vereniging domineert Vriendschap, klaar staan voor elkaar,

Kampong in de jaren negentig lange tijd het damescricket.

in het bijzonder tijdens de Tweede

Onder leiding van captain Nicola Payne worden de dames

Wereldoorlog. Het is dat warme gevoel

in 1992, 1994, 1996 en 1997 kampioen van Nederland. De

dat vriendschap voor eeuwig blijft,

van oorsprong Canadese Payne draagt het team en scoort in die

je kende elkaar allemaal.

periode 15 centuries. Na afloop van het seizoen 1997 emigreert

Ik heb mijn man leren kennen na een

ze naar Nieuw-Zeeland waar ze als 12e ‘man’ mét en ín Nieuw-

gewonnen cricketwedstrijd in Groningen.

Zeeland wereldkampioen wordt. Hun beste prestatie leveren de

Dat was het eerste kampioenschap voor

dames op 25 mei 1991 tegen HBS met een totaal van 349 runs.

Kampong. Inmiddels spelen mijn zoon,

Hoezeer de heren ook hun best doen, op 17 mei 1992 brengen

kleinzoon en kleindochter ook bij

ze hun wedstrijdrecord tegen VRA op 328 runs. Op 28 mei van

Kampong.

dat jaar blijven ze tegen VCC op 325 runs steken.

1992

Hoeveel koppen thee hebben de Kampong-cricketers de afgelopen 100 jaar gedronken?

Uitgaande van een voorzichtige schatting van gemiddeld vier teams per weekend komen we uit op 88 spelers. Inclusief umpires en supporters zitten we vervolgens al snel op 106 theedrinkers per weekend. Uitgaande van anderhalf kopje per persoon en 15 speelbare weekenden komen we uit op 2385 koppen van het nobele cricketvocht. De onvermijdelijke vermenigvuldiging maal 100 leidt tot 238.500 koppen. Tijdens het georganiseerde geluier van de Kampong-cricketers is derhalve toch al snel een kleine 80.000 liter naar binnen geklokt. 170

Landskampioen 1992


Waarom wordt cricket in gebroken wit gespeeld en speelt Kampong sinds een paar jaar in korenblauw?

De klassieke cricketdracht laat zich simpelweg verklaren door de kleurenleer. Cricket wordt als zomersport pur sang buiten Engeland vooral gespeeld in verzengend hete landen als India, Pakistan en Australië. Precies de plekken waar de witte reflectie van zon en warmte bijzonder welkom is. Bijkomend voordeel is het goede contrast van wit met de rode bal (sinds 1774 tussen de 5 1/2 en 5 3/4 ounce) en het groene gras. De gekleurde kleding is een uitvinding van de Australiër Gary Packer. Deze Bernie Ecclestone van het cricket introduceert de tegenhanger van het archaïsche gebroken wit in een serie avondwedstrijden. Kampong kiest in 2000 voor korenblauw om de cricketsport nog attractiever te laten te lijken en om voor buitenstaanders voor eens en voor altijd duidelijk te maken wie er eigenlijk tegen wie speelt.

Blauw is Kampong

Cricket: Groen gras, blauwe shirts De jaren negentig beginnen goed voor de cricketheren. Weliswaar moet het

voetbal- en cricketcomplex blijkt namelijk ideaal om de droom van een echt

landskampioenschap in 1990 en 1991 aan UD en Excelsior worden gelaten,

‘Engels’ graswicket te verwezenlijken. Als een volleerd politicus buigt Erné

maar in 1992 slaat Kampong voor de derde keer in vijf jaar toe. Daarna

het emotionele nadeel van de verhuizing om in een materieel voordeel. In

keren de kansen. Zoals wel vaker in de geschiedenis van Kampong blijkt

het Algemeen Bestuur is hem toegezegd dat Kampong alle kosten van de

de jeugd in de succesperiode verwaarloosd. Als Elferink, Cantrell en Jansen

verhuizing zal dragen, vertelt hij in de Klapperboom. Ik heb toen gevraagd:

afhaken, staan er niet meteen opvolgers klaar, met als gevolg een vrije val,

kan die kwalitatieve vergoeding niet worden omgezet in cash, zodat we een

die Kampong als cricketclub in snel tempo terugstoot in de anonimiteit.

diepte-investering kunnen doen in een graswicket met een eigen accommodatie?

In 1997 valt het doek van de hoofdklasse; in 2001 volgt zelfs degradatie

Het bestuur zegt ‘ja’, en met die toezegging plus 160.000 euro aan subsidies

uit de eerste klasse.

kunnen de cricketers aan de gang. In 2001 wordt het derde graswicket in

Toch is er geen sprake van een crisis, zelfs niet als de ledenvergadering

Nederland in gebruik genomen. Om het nieuwe elan kracht bij te zetten, breekt

van Kampong de cricketers in 1998 naar de militaire velden ‘verbant’. Onder

Kampong ook in ander opzicht met een lange traditie. In de zomer

leiding van Willem Erné wordt van de nood een deugd gemaakt. Het nieuwe

van 2000 treedt het eerste team aan in een compleet blauwe outfit. 171


Dameshockey: effe drie punten halen

Na de promotie van 1986 draaien de Kampong-dames onopvallend mee in de hoofdklasse. Dat verandert als Tom van ’t Hek in 1992 coach wordt. Rond Jeannette Lewin en Ellen Kuipers bouwt hij een team op dat al meteen de play-offs bereikt. HGC is dan nog te sterk, maar in het seizoen 1993-1994 is het raak. Hoewel in de competitie achter MOP geëindigd, wint Kampong in de play-offs zowel uit als thuis van de ploeg uit Vught. Eindelijk zijn ook de dames van Kampong landskampioen. Vriend en vijand zwaait Van ’t Hek lof toe. In het U-blad analyseert de vader van een speelster: Tom heeft ze zelfvertrouwen gegeven door voortdurend uit te gaan van hun positieve kwaliteiten. Dat is bij die meiden belangrijk. Zij kunnen er slecht tegen als je kritiek op ze hebt. Maar je moet ze ook weer niet te veel ophemelen, want dan denken ze meteen dat ze rijp zijn voor het Nederlands elftal. Ach, eigenlijk is het allemaal psychologie en daar is Tom wel goed in. Tom had mentaal kampioenen van ons gemaakt, zegt verdediger Mariëlle

Hoogen-doorn in 2002 in de Klapperboom. Onder hem was alles gericht op winnen. Een onderling partijtje verliezen was een schande, maar niet weten hoeveel het in dat partijtje stond, was zo mogelijk nog erger. Tom haalde de liefheid eraf en daardoor kregen we al snel de naam een harde ploeg te zijn, een beetje de rauwdouwers van het hockey. Overal waar we kwamen, straalden we onverzettelijkheid uit. Een van Tom die klassiek is geworden: ‘Goeiedáág, we komen hier effe drie punten halen.’

Het seizoen 1994-1995 wordt een hoogtepunt. Twee overwinningen op HGC in de finale van de play-offs bezorgen Kampong het tweede landskampioenschap op rij. Twee weken later wordt op eigen terrein de Europa Cup 1 veroverd. Dan vertrekt Van ’t Hek. In 1996 toont Kampong zich, nu onder coach Jan Willem van Hall, in Frankfurt opnieuw Europa’s sterkste ploeg. Maar in de competitie moeten de dames hun meerdere erkennen in HGC. In 1997 wordt op eigen terrein nog de Europa Cup 2 veroverd, maar daarna is het gedaan met de successen. 172


v.l.n.r.: Kampioen in 1994, American party in het clubhuis, Mariëlle Hoogendoorn aan de bal

1995

De wedstrijd van Stella

Ik had het hele toernooi nog geen tien ballen te verwerken

finale wil het voor liefst 3500 toeschouwers niet lukken.

gekregen. Ik was er helemaal klaar voor. Het is maandag 5 juni

Ondanks elf strafcorners komt Kampong na zeventig minuten

1995, laat in de middag, als Stella de Heij deze tekst toever-

plus verlenging niet verder dan 1-1. Strafballen moeten dus

trouwt aan een verslaggever van de Telegraaf. Een uur eerder

de beslissing brengen. De eerste Duitse inzet eindigt op de lat,

is de Kampong-keepster uitgegroeid tot de heldin van het derde

maar daarna mist ook Mariëlle Hoogendoorn. Dan begint de

Europa Cup toernooi op Maarschalkerweerd, door na de gelijk

Stella de Heij-show. Drie maal achter elkaar ranselt zij de bal

geëindigde finale tegen de Berliner HC drie van de vier strafbal-

op onnavolgbare wijze uit het doel. Omdat Chantal de Bruijn

len te stoppen. Kampong is de eerste Nederlandse club die zowel

intussen op de paal pusht en Jeannette Lewin scoort, kan

bij de mannen als bij de vrouwen de Europa Cup 1 binnen-haalt.

Marlies Vossen de wedstrijd beslissen. De laatste ‘man’ van

De finale is bereikt door drie gemakkelijke overwinningen op

Kampong kent geen zenuwen en pusht koel raak, waarna het

Swansea, Stade Français en Glasgow Western, maar in de

feest kan beginnen.

Maar wij hebben Stella

173


Weer een nieuw clubblad

Klaas Taselaar: Een pragmatische doordouwer

Als Imbert Jebbink in 1995 als voorzitter wordt opgevolgd

stelt voor om de zes afdelingen om te vormen tot financieel

door Klaas Taselaar, krijgt Kampong na vier hockeyers weer

zelf-standige stichtingen. Aanvankelijk stuit zijn voorstel bij

een voetballer als leidsman. Behalve een onverbeterlijke

de voorstanders van de omnivereniging op weerstand. De

clubman-met-jaren-zeventig-trekjes, zoals de Hoekvlag hem

voorgestelde nieuwe structuur zou gemakkelijk kunnen leiden

noemt, is Taselaar ook een pragmatische doordouwer van

tot het uiteenvallen van de vereniging. Maar als duidelijk

het no-nonsense type. Die laatste eigenschap komt hem als

wordt dat de toekomst van Kampong niet in het geding is,

voorzitter goed van pas. De vereniging is snel gegroeid,

gaan de afdelingen akkoord. Ook verder neemt het bestuur

maar op financieel terrein viert het amateurisme nog hoogtij.

een aantal krachtige maatregelen. In 1995 wordt de bar ver-

Om de financiën te reorganiseren neemt Taselaar daarom het

pacht, en drie jaar later komt na meer dan 85 jaar een einde

opmerkelijke besluit om met Ruud Keulen een penningmeester

aan het bestaan van het geldverslindende Kampongblaadje.

te benoemen die weliswaar veel verstand heeft van geld,

In plaats daarvan verschijnt met de Klapperboom voor het

maar die geen lid is van Kampong. De nieuwe man

eerst sinds de Kraton (1969-1971) weer een inhoudelijk

constateert dat een rigoureuze aanpak onvermijdelijk is. Hij

clubblad. Erik Hardeman wordt de eerste hoofdredacteur.

1995

174

Een kleine gemeenschap

Historisch vernis

Ik ben misschien een beetje ouderwets, maar voor mij moet

Dankzij onze omvang en de verscheidenheid aan sporten kunnen wij er een

een vereniging een soort kleine gemeenschap zijn, waar

goed geoutilleerd clubhuis op na houden, hebben hele families de mogelijkheid

mensen open voor elkaar staan en elkaars mooie en minder

om binnen een en dezelfde organisatie actief te zijn, en hebben wij een gunstige

mooie momenten meebeleven. Ik denk dat verenigingen een

onderhandelingspositie met de gemeente en met sponsors. Dat zijn voor mij

hele belangrijke rol kunnen spelen bij het bestrijden van

belangrijke redenen om vast te houden aan het omnisport-concept. Nu gebeurt

allerlei maatschappelijke problemen. Ik geloof daar heilig in.

dat nog binnen de ene vereniging Kampong. Maar stel dat een of meer afdelingen

Al die professionele organisaties die tegenwoordig ingezet

zouden vinden dat ze beter kunnen functioneren als aparte vereniging, dan

worden om probleemgroepen te begeleiden. Dat kost han­d-

zou ik daar geen moeite mee hebben. Ik heb niet de indruk dat veel leden nog

­envol geld. Terwijl ik het gevoel heb dat een goed georgani-

lid worden van de vereniging Kampong. Zij kiezen voor die-en-die sport. De

seerde vereniging in veel gevallen wel zo effectief kan zijn.

vereniging als bindend element is een historisch laagje vernis.

(Klaas Taselaar als voetbalvoorzitter in de Hoekvlag, april 1993)

(Ruud Keulen in de Klapperboom, oktober 1998)


De bar wordt verpacht

Wie sinds de zomer geen voet meer in het clubhuis heeft gezet en er nu voor het

een deel kwam dat omdat er wel erg royaal rondjes werden weggegeven. Maar er was

eerst weer binnenkomt, moet bijna steil achterover slaan van verbazing. In plaats van

ook sprake van veel goedbedoeld amateurisme. Ik herinner me nog hoe iemand die een

lege glazen en kleffe kringen treft hij een schone bar aan; het zo nostalgisch ogende

worst moest kopen voor een lunch, heel trots aan kwam zetten met tien worsten, want

prijzenbord met de scheve plastic cijfers is vervangen door een eigentijds exemplaar;

per tien waren ze voordeliger. Dat was natuurlijk leuk bedacht, maar er was die dag

en achter de bar werken voor het eerst in de geschiedenis van Kampong mensen die

maar één worst nodig. De andere negen hebben ze moeten weggooien.

weten hoe het achter een bar werkt.

Hoe slecht de bar is beheerd, blijkt uit het feit dat Bonenkamp niet alleen de pachtsom

Zo beschrijft de Hoekvlag in november 1995 de metamorfose die de bar dat najaar

en het salaris van zijn medewerkers, maar ook zijn eigen inkomen uit de omzet kan

heeft ondergaan. Aanstichter van dit fraais is barman Piet Bonenkamp. Het bestuur

betalen. En dat zonder de prijzen noemenswaard te verhogen. De nieuwe man kijkt

heeft ingezien dat het met de bar nooit wat zal worden, zolang de leden er zelf achter

trouwens wel zijn ogen uit. Als ik eerlijk ben, ziet het er hier overal even smerig uit, zegt

staan. Als in 1994 blijkt dat er een verlies van 75.000 gulden is geleden, is de maat

hij in de Hoekvlag. Kijk eens naar die stoelen. Het is toch niet te geloven dat mensen

vol. Besloten wordt om in zee te gaan met Piet Bonenkamp, een ervaren horecaman,

daarop zitten te vergaderen en te eten? Binnen korte tijd verandert de bar onder Bonen-

die de bar met betaald personeel gaat runnen. Het clubhuis was in financieel opzicht

kamp en diens opvolger, oud-voetballer Wouter Raymakers, van een ouderwetse kantine

zo lek als een mandje, zegt voorzitter Ruud Keulen in 1998 in de Klapperboom. Voor

in een goed lopend horecabedrijf waar op weekdagen zelfs warm kan worden gegeten.

1998

Citruskliever

Als Wouter Raymakers Piet Bonenkamp opvolgt, is een van zijn eerste daden de aanschaf van een sinaasappelpers voor verse jus d’orange. De Klapperboom-redactie is wildenthousiast. Wie dit wonder van technisch vernuft een tijdlang aan het werk ziet, kan niet ontkomen aan de gedachte dat de wereld alleen maar zo moeilijk in elkaar zit, omdat wij het onszelf niet net zo gemakkelijk maken als deze wonderpers. In feite is met de aanschaf van dit magische apparaat elke activiteit op de groene velden overbodig geworden. Een kwartiertje mediteren voor de onnavolgbare citruskliever en je kunt weer maanden tegen de hectiek van het leven. Wouter en zijn magische apparaat

175


Hockey versus cricket

Haalt Kampong het jaar 2002? Onder die onheilspellende titel verschijnt in 1996 in

de Hoekvlag een artikel over de groeiende ruimtenood. Met name de ereleden Dick van Boven en Wim Cornelis maken zich zorgen en in vergelijking met 1971 lijkt er dus weinig nieuws onder de zon. Een verschil is echter dat in hockeykringen voor het eerst openlijk wordt gesuggereerd dat de cricketers en de voetballers hun heil maar elders moeten zoeken. Het eerste cricketveld is nodig voor de aanleg van een vierde kunstgrasveld en de twee voetbalvelden liggen op de meest geschikte plek voor een hockeystadion. Het kan niet zo zijn dat twee amateuristisch geleide afdelingen de ambitieuze topsportplannen van de hockeyers nog langer dwarsbomen. Dan maar geen omnivereniging. Voorzitter Klaas Taselaar beseft dat alleen een snelle ingreep de eenheid kan redden. Hij brengt de controverse in de openbaarheid om de hockeyers voor het blok te zetten. Hij is druk in onderhandeling met de gemeente over de huur van de ‘militaire velden’ en vraagt de afdelingen in afwachting van de uitkomst van de gesprekken trouw te blijven aan de omnigedachte. Aanvankelijk lijkt die aanpak te werken, want de hockeyers zetten hun claim in de ijskast. Maar als bekend wordt dat de velden van Velox aan de Mytylweg vrijkomen, barst de bom een jaar later alsnog. Het hockeybestuur eist dat de cricketers verhuizen, zodat op de hoge hockeyvelden kunstgras kan komen. Het cricketbestuur weigert zich te laten verbannen naar een veld dat achthonderd meter van het clubhuis ligt. Taselaar realiseert zich dat het einde van de omnivereniging nabij is, als de hockeyers hun zin niet krijgen. Als een waar diplomaat knutselt hij een compromis in elkaar. Cricket moet verhuizen - hopelijk naar de dichterbij gelegen militaire velden - maar krijgt alle kosten vergoed. De cricketers weigeren echter akkoord te gaan. Op 17 maart 1998 wordt het voorstel daarom voorgelegd aan een algemene ledenvergadering. Het wordt een uiterst emotionele bijeenkomst met een op Kampong nog niet eerder vertoonde Klaas Taselaar, een waar diplomaat

opkomst. Vader en zoon Verheyen en mevrouw Biegelaar doen een dramatische oproep om de cricketafdeling niet te laten vallen. Maar de vele hockeyers onder de aanwezigen hebben geen boodschap aan sentimenten. Het bestuursvoorstel haalt het dan ook ruim, met 282 stemmen voor en 139 tegen. Al snel wordt duidelijk dat de grote opkomst het gevolg is van ronselpraktijken van beide partijen. De hockeyers halen hele elftallen van

176

het trainingsveld met als enige opdracht: ‘ja’ stemmen.


Voorzitter voor twee jaar

Ik vrees dat niet te voorkomen is, dat de hockeyers zich op termijn zullen afscheiden en - hopelijk wel op ons complex - als zelfstandige vereniging verder zullen gaan. Op wat voor termijn? Het zou me niet verbazen als dat al binnen de komende vijf jaar gebeurt. Het is oktober

1998 als de net aangetreden Kampong-voorzitter Ruud Keulen deze voorspelling laat optekenen in het nieuwe clubblad de Klapperboom. Na de clash tussen hockey en cricket eerder dat jaar, lijkt de rust in de vereniging weergekeerd. Maar Keulen is niet voor niets drie jaar penningmeester geweest. Hij kent zijn pappenheimers. Het is duidelijk Ruud Keulen,

dat de hockeyers met hun topsportambities voortdurend meer zullen

hij kent zijn

willen, meer geld, meer ruimte, meer faciliteiten, is zijn analyse.

pappenheimers

Hoewel de hockeyafdeling zijn ambities geen moment onder stoelen of banken steekt, ontkennen vertegenwoordigers van de afdeling bij elke gelegenheid dat zij de omnivereniging de nek willen omdraaien. 1998

Integendeel, verschillende prominenten uit die afdeling verwijten Keulen juist dat hijzelf tegenstellingen in de hand werkt. Hij is een te techno­

Een zak geld

kratische voorzitter zonder duidelijke visie op de toekomst van Kampong als omnivereniging. Zonder zo’n visie, waarin het oplossen van de veldennood en het genereren van meer inkomsten centraal dient

Het is duidelijk dat de hockeyafdeling voor haar ambitieuze plannen

te staan, zou zijn profetie over het einde van de omnivereniging wel

meer ruimte nodig heeft dan op het huidige complex beschikbaar is.

eens een self-fulfilling prophecy kunnen worden, zo waarschuwen zij.

Tot nu toe was de gedachte van Kampong als omnisportvereniging

Daar komt bij dat de nieuwe voorzitter naar de mening van veel

het onomstreden uitgangspunt van alle toekomstdiscussies. Maar de

leden meer een kille manager is dan een warme, aimabele persoon

hockeyers hebben mij duidelijk gemaakt dat het gros van hun leden niet

die voortdurend op de club rondloopt, iedereen kent en veel inspirerende

in het omnisportconcept is geïnteresseerd. Hockey is in snel tempo een

toespraken houdt, zoals de Klapperboom het beeldend uitdrukt. Als de

professionele afdeling geworden, die heeft gekozen voor topsport.

afdelingen hockey en jeu de boules het bestuur in november 1999 ter

In de andere afdelingen heeft men nagelaten om zich net zo sterk te

verantwoording roepen, en het bestuur daarop besluit af te treden,

maken als de hockeyers hebben gedaan. Dat dreigt nu in hun nadeel te

slaagt voetbalvoorzitter Hans Créton er nog in de brokken te lijmen.

werken. Het is denkbaar dat de omnivereniging zijn langste tijd gehad

Maar een half jaar later trekt Keulen zijn conclusies en dient hij zijn

heeft en dat voetbal straks een zak geld meekrijgt met het verzoek om

ontslag in. Hij wordt opgevolgd door Jan Hagen, de vierde voorzitter

elders als zelfstandige vereniging verder te gaan.

binnen zes jaar en opnieuw een buitenstaander in Kampong.

(Klaas Taselaar in de voetballedenvergadering, november 1996)

177


Fenneke Schutte

Tennis: Stilte of lawaai

Na de oprichting in 1979 besluit de tennisafdeling al snel om toch

voordelig voor ons is. Veel nieuwe leden komen hier via een hockeyer

maar competitie te gaan spelen. Maar de teams acteren nog lange

die ze kennen. Vandaar ook dat wij nog steeds groeien, in tegenstelling

tijd op een bescheiden niveau. Dat maakt de aantrekkingskracht van

tot veel andere tennisclubs."

Kampong er echter niet minder om. Al tien jaar na de oprichting heeft

Wat Schutte wel zou willen, is iets meer privacy voor de tennissers. "Het

de afdeling behoefte aan meer ruimte. Omdat de voetballers inmiddels

komt geregeld voor dat als we onze hoek in het clubhuis na een wed-

op kunstgras trainen, krijgt de tennisafdeling toestemming om op het

strijd netjes hebben opgeruimd, er een uur later weer allemaal rommel

halfverharde veld twee nieuwe banen aan te leggen.

ligt. Een ander punt is het lawaai tijdens competitiewedstrijden, vooral

Fenneke Schutte, sinds 1946 lid van Kampong en al vanaf de oprichting

als heren 1 hockey thuis speelt. Tijdens een tenniswedstrijd hoort het stil

nauw bij de afdeling betrokken, noemt de omnivereniging van groot

te zijn, vind ik. Maar ja, dat is niet iedereen met me eens. Tom van 't

belang voor de tennisafdeling. "In het begin associeerde iedereen

Hek zit me vaak te stangen, als ik weer eens klaag over het lawaai.

ons met hockey, maar inmiddels zijn wij ook bekend als tennisclub.

Ach, zegt hij dan, ga maar eens naar een tenniswedstrijd in Amerika.

Ik doe de ledenadministratie en ik merk dat de omnivereniging heel

Dacht je dat het publiek daar stil is?"

1999

Meer prestatiesport

Een hoogtepunt in het bestaan van de afdeling tennis vormt de viering van het vierde lustrum in 1999. Bij die gelegenheid wordt Fenneke Schutte - Wttewaall benoemd tot Ridder in de Orde van Oranje Nassau. Een van de redenen voor die eer is haar langdurige activiteit in de tenniswereld. Zij is jarenlang actief als lijnrechter bij Davis Cup-wedstrijden en grote internationale toernooien, en kent toppers als Bjรถrn Borg, Arthur Ashe en Bob Hewitt persoonlijk. Schutte roemt de sfeer in de tennisafdeling, maar zou graag wat meer nadruk op prestaties willen zien. Met een knipoog naar squash en hockey zegt ze: "Als wij dankzij een sponsor goede spelers zouden kunnen aantrekken, zou ik daar meteen voor zijn. Nu komen we nog uit in de districtscompetitie, maar ik zou heel graag willen dat Kampong als tennisclub landelijk ging spelen. Dan krijg je als afdeling binnen Paul de Ronde nu 178

als tennisser

Kampong toch wat meer erkenning."


Tennis: De kerstdroom wordt een nachtmerrie

Bijna nooit wordt er in een jaar meer gecommuniceerd met de tennisleden

Een goede maand later ligt er een nieuwe Netpaal in de bus. Het bestuur

dan in 1999. Niet alleen over allerhande feestelijke activiteiten ter ere van

legt uit dat voor een grondige aanpak is gekozen en dat dit de nodige

het 20-jarig bestaan of de succesvolle vrijwilligerslobby, maar ook over de

vertraging heeft opgeleverd: de drainagesystemen zijn vervangen, water­

renovatie van de banen, die maar niet wil opschieten. Aanvankelijk is het

punten zijn aangelegd en ook het hekwerk en de lichtmasten zijn vervangen.

de bedoeling om de tennisbanen, na acht jaar trouwe dienst, in de zomer

Die zijn zo gammel dat er een hoogwerker aan te pas moet komen om

van 1999 te vervangen. Maar begin september is er nog niets gebeurd.

een lamp te verwisselen omdat niemand zijn leven wil wagen door erin te

In haar bestuurscolumn in tennisblad de Netpaal meldt voorzitter Carla

klimmen. Laatste nieuws: Waarschijnlijk kan er vanaf 27 november weer

Remmert geruststellend dat de hele operatie 4 weken gaat duren. Er kan

gespeeld worden.

in die periode beperkt vrij gespeeld worden. Maar op 4 oktober 1999

Op 11 december staat de officiële opening van de nieuwe banen op het

meldt het bestuur in een nieuwsbrief dat de aannemer is begonnen, dat

programma, maar tot overmaat van ramp valt het regenwater die dag met

het werk 4 à 5 weken gaat duren en dat er in het geheel niet vrij kan

bakken uit de lucht. De kerstdroom wordt een nachtmerrie. Pas in de tweede

worden gespeeld.

helft van januari wordt zand ingestrooid en de verlichting aangelegd.

1999

2000

Grote bulten

Als het zand in januari 2000 is ingestrooid, moet er eigenlijk veel gespeeld worden om al het zand netjes tussen de grassprietjes te krijgen. Maar dat gebeurt niet, want het is slecht tennissen op een baan waarop de bal niet stuit! De achterste banen zijn wel bespeelbaar, maar niemand die zich daarop waagt, zo staat in de Netpaal van januari 2000. Tot overmaat van ramp vertonen de voorste banen grote bulten, met een doorsnee van ongeveer een meter. Nader onderzoek wijst uit dat dat te maken heeft met het zand en niet met de onderlaag, meldt de Netpaal. De oneffenheden, vooral 'de stok' onder de mat op baan 1, hebben te maken met lijmopeenhopingen. Opnieuw komt de aannemer in actie om ook dit euvel te verhelpen. Dan hebben de tennissers eindelijk hun vurig gewenste, mooie accommodatie en hun vijfde baan. Dit ontgaat ook veel hockeyleden op Kampong niet. Zij besluiten om zich massaal aan Een baan met een bult

te melden als lid. In korte tijd weet een aantal van deze nieuwe leden de finale van de clubkampioenschappen te bereiken.

179


Hockey: Het hatelijke rechterrijtje

Na een succesperiode van meer dan twintig jaar gaat het in de jaren negentig met het herenhockey op Kampong bergafwaarts. De leiding bleef erop vertrouwen dat het allemaal vanzelf wel goed zou komen, analyseert redacteur Bas Bruin in de Klapperboom. Kampong

was immers een topclub en de goede spelers zouden vast wel weer komen. Maar het komt niet goed en in 1994 degradeert Kampong naar de overgangsklasse. Een jaar later is men weer terug in de hoofdklasse, maar daar blijft men hangen in het hatelijke ‘rechter-rijtje’. Vandaar dat in 1999 een commissie topsport in het leven wordt geroepen, waarvan ook Tom van ’t Hek en Paul Litjens deel uitmaken. Het gaat erom dat Kampong terug moet naar de plaats waar het thuishoort en dat is bij de top-vier van Nederland, zegt voormalig

eerste-elftalspeler Erik Versnel in de Klapperboom. Fraaie ambities, maar als de volgende drie seizoenen opnieuw teleurstellend verlopen, valt in juni 2002 het lang verwachte besluit: Kampong gaat betalen.

180

Voortschrijdend inzicht

De Wheely's

Stoelvaardigheid

Wim Cornelis, oud-voorzitter: Op Kampong is nooit betaald, geronseld of wat dan

In 1999 voegt Kampong opnieuw een sport toe aan het al zo

ook, en ik denk ook niet dat dat ooit zal gebeuren. (September 1982, Lustrumboek)

gevarieerde assortiment. Met de voormalige Speedy Wheelys is de

Bob Boerma, topsportcoördinator: Kampong is niet bereid om spelers te betalen.

club een afdeling rolstoelhockey rijker. De spelers van de Kampong

(December 1999, Klapperboom)

Wheelys zoals ze nu heten, zijn voor het merendeel afkomstig van de

Siegfried Aikman, aanstaand coach heren 1: De hockeyafdeling van Kampong piekert

naburige Mytylschool, maar zijn weinig in Utrecht te zien omdat de

er gelukkig niet over om tot betaling over te gaan. (Juni 2001, Klapperboom)

competitie op een beperkt aantal zaterdagen in sporthallen overal in

Willem Vermeulen, hockeyvoorzitter: Als we serieus op de play-offs mikken, kan dat

het land wordt verspeeld. Via een reportage in de Klapperboom

inhouden dat we vroeg of laat moeten gaan betalen. (Oktober 2001, Klapperboom)

wordt de nieuwe sport aan Kampong voorgesteld. Voorzitter Berry

Paul Litjens, commissie topsport: Kampong gaat spelers betalen.

van Manen waarschuwt veldhockeyers voor onderschatting van

(Juni 2002, Utrechts Nieuwsblad)

de rolstoelvariant. Mensen die ook gewoon hockey spelen, zullen

Lex van Loon, secretaris: Een betaalde speler is een contractkoelie, welke de parel

waarschijnlijk beter kunnen schieten dan wij. Maar daar staat

zijner onafhankelijkheid volledig in het azijn zijner verplichtingen heeft opgelost.

tegenover dat onze ‘stoelhandling’ veel beter is. En zonder goede

(Oktober 1954, Kampongblaadje)

stoelvaardigheid ben je bij rolstoelhockey nergens.


Een potsierlijke vertoning

Na een aantal magere jaren wordt bij de start van het seizoen 2000-2001 voor het eerst weer voorzichtig over plaatsing voor de play-offs gepraat. Maar het pakt anders uit. In de winterstop staat Kampong, gehandicapt door een slepende blessure van international Paul Frederik van Esseveldt, op een degradatieplaats. Als de resultaten ook na zijn terugkeer niet ver­beteren, neemt de topsportcommissie zijn toevlucht tot een beproefd voetbalrecept: coach Reinoud Wolff wordt ontslagen. Tom van ’t Hek en Paul Litjens nemen de leiding over. De strenge aanpak van het vermaarde duo werkt. Na een zege op Hurley en een nederlaag tegen Pinoké volgt een groot aantal gelijke spelen tegen topclubs, waarna voor een enorme hoeveelheid enthousiast meelevende supporters in Bilthoven een 2-1 zege 2001

op SCHC uit het vuur wordt gesleept. Nog is men niet veilig, want ook concurrent Hurley is punten gaan pakken. Als op 13 mei de laatste competitieronde begint, staat Kampong gelijk met Hurley en een punt achter op SCHC. In Utrecht komt het al gedegradeerde Rotterdam op bezoek, maar pas in de tweede helft slaagt Kampong erin om via 2-2 uit te lopen naar 5-2. Dan begint het wachten, omdat de wedstrijden van Hurley (uit tegen KZ) en SCHC (uit tegen Den Bosch) later zijn begonnen. Nerveus drentelen de spelers over het veld, terwijl tegenstrijdige berichten worden rondgefluisterd. Dan wordt bekend dat SCHC heeft verloren en degradeert. Uitzinnig bespringen spelers en begeleiders elkaar, waarna zij een euforische buikschuiver richting publiek maken. Een potsierlijke vertoning van spelers die zich moeten schamen dat ze het zover hebben laten komen, oordeelt NRC Handelsblad een dag later

streng. Maar daar heeft in Utrecht even niemand een boodschap aan.

Paul Frederik van Esseveldt: dolblij met het behoud

181


Voor het eerst zoenen

Alle 400 kaarten voor het A/B feest zijn ruim voor de dag van het

Maar door alert optreden van de bewaking (op het dak!) en de

feest verkocht. Ze kosten een tientje per stuk, maar op het Boni wordt al

politie worden ze opgepakt, voordat ze schade kunnen aanrichten.

50 gulden geboden. De leden van de jeugdraad zijn fors in populariteit

Binnen is het feest in volle gang. Geen orgie, zegt jeugdraadlid

gestegen. Zelfs nog op de dag van het feest staan hun mobieltjes niet

Bart, maar het is wel zo dat de aanwezigen op een Kampongfeest

stil: iedereen wil erbij zijn. Zo begint de Klapperboom zijn verslag van

vaak voor het eerst zoenen. Dat blijkt als zich voor de verbaasde

het feest op 13 januari 2001. Jeugdfeesten op Kampong zijn ‘in’. In

ogen van Ellen Quarles het volgende tafereel afspeelt: Een meisje -

1998 worden er zelfs valse kaarten in omloop gebracht en de orga-

noem haar Anne - dat een uur lang met - noem hem - Jan op een

nisatie kan niet meer zonder ordedienst om de rust te bewaren. Rond

bank heeft gehangen, staat nu, pal voor Jans neus met - noem hem -

middernacht komt er ineens een groep van tien jongens om het clubhuis

Kees te zoenen! Terwijl zich in Jans armen weer een ander type

heen rennen, noteert verslaggever Ellen Quarles in de Klapperboom van

heeft genesteld. Na een korte onderbreking wordt het geheel hervat,

maart 2001. Ze zijn echter weg, zodra de bewaking naar buiten komt.

terwijl Anne tussen de benen van Jan staat. Snapt u het nog? vraagt

Later hoor ik dat ze om een uur of twee nog zijn teruggekomen.

Quarles in opperste verwarring.

2001

182

Wat zijn deze jaren de hits op de jeugdfeesten?

Artiest

Nummer

7. Road to Mandalade

Robbie Williams

1. Hey baby

Cooldown Cafe (DJ Stefan)

8. Whenever Wherever

Shakira

2. Like a prayer

Mad’house

9. Angels

Robbie Williams

3. Eye of the tiger

Survivor

10. Grease Mega Mix

Grease

4. 4 my people

Basement Jaxx & Missy Eliot

11. Escape

Enrique Inglesias

5. So glad you made it

Kane

12. Lethal Industry

DJ Tiësto

6. Hot in here

Nelly

Artiest

Nummer


A place to be

Kort nadat Jan Hagen in september 2000 is aangetreden als Kampong-

over de financiële haalbaarheid, zet Hagen door. Hij haalt een leuk

voorzitter, geeft hij in een interview met de Volkskrant zijn geloofs­

bedrag aan subsidie binnen, waarmee niet alleen de naschoolse opvang

brieven af. Terwijl steeds meer leden vraagtekens zetten bij de functie

van start kan gaan, maar waarmee ook een, op Kampong inmiddels

van de omnivereniging, beklemtoont Hagen juist de rol van de club als

node gemiste, verenigingsmanager kan worden aangesteld.

bindend element in een geïndividualiseerde samenleving. Kampong

De daadkracht van Hagen werpt zijn vruchten af. Nog geen jaar na

wil een tweede huis zijn, waar je je kind in het volste vertrouwen kunt

zijn aantreden gaat de naschoolse opvang voor kinderen van 8 tot 12

achterlaten en waar je ’s avonds met vrienden terecht kunt om een

van start, officieel geopend door staatssecretaris Vliegenthart. De voor-

hapje te eten. Kampong wil ‘a place to be’ zijn.

malige C&E-lounge is voor dat doel verbouwd tot een gezellig ‘kinder-

Een van de eerste prioriteiten van de nieuwe voorzitter is het starten

home’, waar spelletjes, computers en sport- en schilderspullen klaar

van naschoolse opvang in het clubhuis. Al in 1999 heeft de hockeybond

staan. Een paar maanden later introduceert het bestuur een tweede

Kampong benaderd voor een pilotproject en Hagen zet daar enthousiast

nieuwtje. In de persoon van Karin Horsting neemt Kampong voor het

zijn schouders onder. Hoewel binnen de club forse twijfels bestaan

eerst in bijna honderd jaar een betaalde manager in dienst.

Zoveel leuke dingen

Een jaar na de opening maken ongeveer twintig kinderen gebruik van de naschoolse opvang. In de Klapperboom vertellen zij waarom. Iris: "Je kan hier doen wat je wilt en je kan vooral veel sporten. Ik vind het hier heel leuk."

Carlijn: "Je kunt hier heel veel doen. Ook kan ik hier andere sporten zoals hockey en voetbal leren."

Yke: "Je kan hier veel meer doen dan op de andere NSO’s. Daar moet je altijd binnen blijven en hier kan je alles doen."

Sander: "Je kan hier gewoon vrij sporten." Renske: "En ook schilderen." John wist het even niet en zei toen: "Er zijn hier zoveel leuke dingen, ik kan er geen uitkiezen!" 183


Topsportcentrum Utrecht-Oost

Het Utrechts Nieuwsblad laat de complete Kampong-incrowd in het seizoen

Resultaat is een rapport, waaruit blijkt dat Kampong in 2005, gezien de

2001-2002 twee maal versteld staan. In juni 2002 maakt Paul Litjens op de

verwachte toename van het aantal leden, recht heeft op vier extra kunstgras-

sportpagina bekend dat de hockeyafdeling spelers gaat betalen. Ruim een

hockeyvelden, twee nieuwe voetbalvelden, twee extra tennisbanen en

half jaar eerder verneemt Kampong uit de krant dat Wim Cornelis en Dick

een derde cricketveld.

van Boven weer ambitieuze plannen hebben. Ruim dertig jaar na hun gerucht-

Snelle actie is nu vereist, vindt het drietal, en na overleg met het Kampong-

makende voorstel om Oud-Amelisweerd aan het Kampong-complex toe te

bestuur bieden zij sportwethouder Spekman in februari 2001 hun plan aan.

voegen, benaderen zij - nu samen met Henk van Hooff - de gemeente Utrecht

Zij doen dat niet als vertegenwoordigers van Kampong, zoals zij met nadruk

met een plan om een groot gebied rondom stadion Galgenwaard, inclusief

stellen, maar als ge誰nteresseerde burgers van Utrecht. Hun voornaamste

alle Kampong-terreinen, om te vormen tot topsportcentrum.

motief is liefde voor de sport, zegt Dick van Boven in maart 2002 in de

De hernieuwde activiteit van de twee oud-voorzitters en Van Hooff komt niet

Klapperboom. Maar, voegt hij daaraan toe, als we met een plan als dit ook

uit de lucht vallen. In 1998 heeft voorzitter Ruud Keulen hen gevraagd om met

de huidige veldennood van Kampong kunnen oplossen, dan is dat natuurlijk

enkele gemeenteambtenaren de ruimtenood van Kampong te inventariseren.

mooi meegenomen.

2002

1 Stadion Galgenwaard 2 Sporthallen

Geheime agenda

3 Transferium 4 Wielerstadion

In voetbal- en cricketkringen wordt de plannenmakerij van Van Boven en

5 Woontoren

Cornelis gezien als een nieuw bewijs dat de hockeyers er een geheime

6 Atletiek/Rugbystadion

agenda op na houden en de omnivereniging willen opblazen. Maar Van

7 Wedstrijdzwembad

Boven noemt die beschuldiging tijdens een ledenvergadering in november

(met schuifdak)

2001 volstrekt ongegrond. Hij ziet alleen met lede ogen aan hoe Kampong

8 Hockeyvelden

in steeds grotere ruimtenood komt, zonder dat opeenvolgende besturen daar

9 Hockeystadion

adequaat mee omgaan. In de Klapperboom zegt hij: Wie wat wil bereiken,

10 Tennisstadion

kan niet zonder ambitie. Dat is ook wat wij het huidige Kampongbestuur

11 Tennisvelden

verwijten en in feite vrijwel alle besturen van de laatste 25 jaar. Klaas Taselaar

12 Voetbalvelden

uitgezonderd is hier door alle andere voorzitters alleen maar op de winkel

13 Trainingscomplex

gepast. Anders was de zaak toch nooit zo in de versukkeling geraakt?

FC Utrecht 184

14 Cricketstadion


Squash: landskampioen dat in 2000 met de Australische Rachael Grinham en de Amsterdamse

Nadat de squashafdeling zich twintig jaar lang in betrekkelijke

Daphne Albada Jelgersma twee nieuwe professionals hun entree maken.

anonimiteit heeft ontwikkeld, komt het ambitieuze bestuur in 1999

Met dit hoog aangeslagen gezelschap slaagt Ordina/Kampong er

met opzienbarend nieuws. De dames zijn voor de tweede maal in

inderdaad in om de play-offs te halen, maar in de halve finale gaat

hun bestaan naar de eredivisie gepromoveerd en om daar een rol

men onderuit tegen Amstelpark. Onder het motto drie maal is scheeps-

van betekenis te spelen is Kate Allison gecontracteerd, een Engelse

recht wordt de wat tegenvallende Kate Allison in 2001 vervangen door

prof, die op de wereldranglijst bij de eerste vijftig staat. Met finan-

Nathalie Grinham, de zus van Rachael. Met de nummers 9 en 14 van

ciële steun van ICT-bedrijf Ordina zal zij voor driehonderd gulden

de wereldranglijst in de gelederen kan het bijna niet meer misgaan.

per wedstrijd plus reis- en verblijfkosten een aantal keren naar

Dat blijkt, want eind april worden de dames na een gemakkelijke

Nederland vliegen. Als tegenprestatie gaan de dames de competitie

overwinning op Meersquash landskampioen. Daarmee is Kampong

in onder de naam Ordina/Kampong.

de eerste vereniging in Nederland die in drie verschillende sporten

De opzet slaagt maar gedeeltelijk, want er moeten degradatiewedstrij-

het landskampioenschap behaalt.

den aan te pas komen om het eredivisieschap te behouden. Vandaar

2002

Het pittoreske Toowoomba

Hoewel ook de hockeyers van Kampong rond de millenniumwisseling al lang niet meer voor een reep chocola het veld opgaan, zijn Kate Allison en de gezusters Grinham de eerste full-profs in Kampong-shirt. Alleen al hun manier van leven spreekt boekdelen. Als de Klapperboom de twee zussen uit ‘het pittoreske’ Toowoomba in december 2001 interviewt, is Rachael juist verhuisd van Amsterdam naar Caïro, terwijl Nathalie net terug is van een toernooi in Macao. De aanwezigheid van twee profs uit de top-twintig van de wereld zorgt overigens niet voor veel opwinding in de vereniging. De competitiewedstrijd tegen Amstelpark wordt bekeken door welgeteld zes toeschouwers, en wel de spelers van heren 1, die die avond ook thuis spelen. Maar Rachael, wier favoriete popgroep Powderfinger is, begrijpt dat wel: Het is hier toch meer een hockeyclub. Ze weten waarschijnlijk niet eens wat er aan de hand is. Dat blijkt als in Amsterdam de

landstitel wordt behaald. Naar schatting vijftien Utrechtse supporters zijn getuige van dit unieke moment in de clubgeschiedenis.

Rachael en Nathalie: Oh, to go back to Toowoomba

185


In de laatste paar jaren voor het eeuwfeest wordt steeds duidelijker dat de traditionele

opstelling van voetbal 8, maar formeel zou dat binnen de huidige structuur kunnen,

verenigingsstructuur op Kampong haar langste tijd gehad heeft. Nadat in 1998 van

omdat we op dit moment nog één vereniging zijn. Dát soort dingen willen we

de zes afdelingen financieel onafhankelijke stichtingen zijn gemaakt, zet voorzitter

absoluut veranderen. Leg de zeggenschap en de bevoegdheid bij diegene die

Jan Hagen in het voorjaar van 2002 de welhaast onvermijdelijke volgende stap.

er verantwoordelijk voor is, is ons uitgangspunt.

Op 26 juni presenteert hij de ledenvergadering een voorstel voor een revolutionair

Het heetste hangijzer in de discussie over de nieuwe structuur blijkt de stemverhouding

nieuwe structuur, waarin de zes afdelingen worden omgevormd tot zes zelfstandige

binnen het federatiebestuur. De hockeyafdeling eist dat de invloed van elke vereniging

verenigingen binnen de federatie Kampong. Zonder noemenswaardige discussie gaat

overeenkomt met haar omvang. Gevolg is dat de hockeyers met 51% van de stemmen

de vergadering akkoord en wordt het bestuur gemachtigd om voor het najaar een

de absolute meerderheid zouden krijgen. Na harde onderhandelingen gaan de

statutenwijziging voor te bereiden.

hockeyers akkoord met het uitgangspunt dat besluiten alleen met tweederde meerder-

Dat Kampong voor een federatie kiest, motiveert Hagen in de Klapperboom met een

heid genomen kunnen worden. Voor een statutenwijziging en de benoeming van een

verwijzing naar het bedrijfsleven. Daar leg je verantwoordelijkheden ook zo laag

nieuwe voorzitter is een meerderheid van 75% vereist. Een herverdeling van de velden

mogelijk in de organisatie. Het Algemeen Bestuur heeft zich nooit bemoeid met de

kan alleen worden doorgevoerd met instemming van alle zes afdelingen.

186

Structuur...

... en visie

Tijdens de algemene ledenvergadering van 27 november 2001 doet erevoorzitter

In het artikel zet de voorzitter op een rijtje wat er tijdens zijn aantreden zoal is

Dick van Boven een opmerkelijke aanval op het Kampongbestuur en op voorzitter

gebeurd. Hij wijst op het miljoen aan subsidie dat is binnengehaald, op de geplande

Jan Hagen. Ik maak mij grote zorgen over de toekomst. Zowel ten aanzien van de

en inmiddels gestarte verbouwing van het clubhuis, op de voorgenomen nieuwbouw

accommodatie en het clubhuis als op het gebied van de financiën en de verhouding

van een aantal kleedkamers en op de verwachte komst van een kunstgrasveld voor

tussen de zes afdelingen is mij onduidelijk wat de visie van dit bestuur is. Van Boven

voetbal, waardoor hockey kunstgras 6 kan realiseren. Daarnaast is er sinds zijn komst

eist dat het bestuur binnen vier maanden en duidelijke visie op de toekomst van

een verenigingsmanager aangesteld, gaat de professionalisering verder, heeft

Kampong op tafel zal leggen.

Kampong als eerste Nederlandse sportclub kinderopvang en wordt er hard gewerkt

Hagen zegt dit toe, maar laat in de Klapperboom weten het niet met Van Boven eens

aan de website. Natuurlijk weet ik dat er aan de basics nog een hoop moet gebeuren.

te zijn. Zijn opmerking dat ons bestuur aan beleidsarmoede lijdt, vond ik niet terecht.

Maar daar zijn we dan ook hard mee aan de slag. Alles overziende kun je volgens mij

Ik waardeer hem zeer en ik vind het prima dat hij af en toe wat roept, dat houdt de

absoluut niet zeggen dat er de afgelopen paar jaar niets is gebeurd. Integendeel, zou

boel levendig, maar hij was slecht op de hoogte van waar we allemaal mee bezig zijn.

ik zeggen.

Jan Hagen


Elftalopstellingen

Blz. 52: Staand: P. Wilten. Henk van der Bijl, Lou Ragay, Tinus Welle,

Blz. 93: Staand: Meyer, Van Esveld, Jan de Leeuw, Van der Vaart,

Ben Moerkoert, Jan Plette, L. Schilthuizen

Herman Hardebol, Martin Moorrees

Gehurkt: A. Rutgers, D. ten Bosch, Bob van der Woord, B. van Raalten

Gehurkt: ?, Aarts, Jaap Haima van der Wal, Henk de Ruiter,

Dick Hardebol Blz. 54: Greetje Ruys, Imada de Ru, Kootje Wilten, ?, Esther Welle, Annie Boogaerdt, Fasia Tholen, ?, Leny Wilten, Jet Koert, Emy Moerkoert

Blz. 97: Staand: 'Pinos' van Esveld, Rob de Rijke, Dick Sangster, Herman van Veen, Fischer

Blz. 60: Dameshockey 1936: Staand: L. Rutgers, D. Fontein, Koster,

Bukkend: Huug de Waard, Cees Leibbrandt, Thom van Dijck

Moerkoert, van Ekeren, Baudet, E. van den Berg, van de Blom, van Beek.

Gehurkt: Jules Ancion, Jan Wilten, Henk Krediet

Gehurkt: De Groot, Böschen

Blz. 104: Jan Kanters, Eilard Naeff, Erik Wagenmaker, Blz. 79: Staand: Tinus Welle, Henk de Ruiter, Jan Ritmeester,

Herman van Veen, Thom van Dijck, Hans van Dijck, Naud Naeff,

Benny Moerkoert, Tube Kramer, Bob van der Woord, Hans van Ameyde,

Jaap Baart de la Faille, Peter de Laive, Guus van Eijk,

Herman Hardebol, Nico Veenendaal, Jan de Leeuw

Constant Lunsingh Scheurleer

Gehurkt: Frans van der Vaart, Werner de Smit, Martin Moorrees,

Daan Wachter

Blz. 108: Dora Lambregts, Mart Oomkens, Fenneke Schutte, Jan van de Ben, Gert Schutte, Nico de Voogd

Blz. 80: Sonja Oosterbaan, Onkie Vermeulen, Joan Howard, Hetty Heirsch-Mahler, Fenneke Wttewaal, Sabine Deelken, Lous Joppe,

Blz. 112: Staand: Frits Schilthuizen en Herjan Bennink,

Koosje de Groot, Dieuwke Plugge, Firi Brandenberg, Willeke de Leeuw

Zittend: Huug Malsch, Jaap Icke en Cary Tijtgat

Blz. 91: Staand: ?,?, Herman Wagenvoort, Frits de Waard, Bob van der

Blz. 113: Staand: Frits Schilthuizen, Hans Tapperman, Herman Hardebol,

Woord, Ad de Waard

Jaap Icke, Theo Dubois, Juliën, Bob van der Giessen

Zittend: Henk van der Bijl, Gijs van der Wiele, Lou Ragay, Jopie de Bruin

Gehurkt: Dick Hardebol, Charles Otterloo, Jan Wildbergh, Pip Aussems,

Hans van Ameyde

188


Blz. 119: Staand: Maarten Renes, Wim van de Meerendonk, Marcel Mentink,

Blz 145: Staand: Frits Schilthuizen, Rob van Tienhoven, Ies Wiechers,

Jan Emmens, Michel Lapoutre, Erik Hardeman, Jan Jacob Bijkerk

Ton van Rietbergen, Rob Tamminga, Piet van Ameyde,

Gehurkt: Floris Schneemann, Fred Verzijl, Kees van Dam, Kees Dirksen,

Ronnie van der Meent, Eric Pouw

Marc Reisen

Gehurkt: Cienus van Kooten, Hans Leyns, Marcel Slijpen, Herbert Lieman,

Ebo Boerema, Ronald van As, Paul de Ronde Blz. 119: De Jeugdraad '68-'69 met staand: K. Janssen, H. Hendriks. P. Rutgers Zittend: M. van Heerdt, M. Slijpen, A. Westerman

Blz 154: Staand: Dick van Bommel, Oka Meijsing, ?, Henne de Kruijk, Monique Bastiaanse, Eus Hes, Annemarie de Vries Reilingh, Netteke den Boer,

Blz. 122: Staand: Hans van Eck, André Bolhuis, Rob Westdijk,

Gehurkt: ?, Christien Dorhout Mees, ?, Caroline Algie en Edith Brocker

Dirk-Jan Bender, Aart Vos, Frank Marree, Sebo Ebbens Gehurkt: Jan Benninga, Pieter Vos, Bill Derks, Heiko van Staveren,

Blz 161: Boven: Egbert Rotscheid, Dietmar Griep, Sander Honingh, Roel Buys

Cees van Schie

Onder: Arjen van Harskamp, Erik Hansen, Fons Boelens, Gert Bogers,

Roeland Böcker Blz 123: Staand: John Bell, Bert Hageman, Jan Willem Heshusius, Fred Reman, Cock de Vries, Rob Zurlage, Rik Willemsen

Blz 164: Staand: Fred Buré, Barry Plant, Deepak Khanolkar,

Zittend: Frits Voermans, Marnix Hellemans, Jan Voermans,

Cees Verstraaten, John Mulder, Albert van Rijn, Marten Wallinga,

Fred Meijer, Rob Bitter

Floris Jansen, Jan-Willem Biegelaar, Charles Verheyen junior Zittend: Hette Buitenrust Hettema, Jan-Kees Koreneef, Peter Cantrell,

Blz 130: Staand: Henk van Hooff, Rob Hansen, Rob Stigter, Dick van Beest,

Ron Elferink, Carel Boonen, Fred Verzijl, Godfrey Edwards

?, ?, Jan Voermans, Chris den Daas, Peter van der Starre (?), Ries Kraan Gehurkt: Ebo Boerema, Rik Willemsen, Bert Groenman, Charles Otterloo,

Blz 170: Staand: Charles Verheyen, Evelien Jansen, Jiska Howard,

Hein Goossens, ?, Piet Dijkers

Maartje Köster, Betty Timmer, Fedra Valk, Marion van Oorschot, Inge Kure, Hilone Dinnissen, Cor van der Flier Zittend: coach Ken Healy, Nancy Dinnissen, Nicola Payne,

Jacqueline Pashley, Teun de Boer

189


190

Met dank aan

Met dank aan degenen die

Leonard van Boven

Mapje van Ginkel

Constantijn Jonker

hebben ingetekend, ruim voor het

Edsel Brandsen

Thomas Groot

Eby Kessing

verschijnen van dit eeuwboek

Albert en Mirian Brecheisen

Paulies, Rolf, Christiaan, Ernestine

Ferdinand Berend Keulen

De hockeyende Breugeltjes:

en Arnout de Groot-van Dijken

Lodewijk M. Keulen

Zorana Ahmed

Tessa, Nicky, Lennart, Steffi

Sander Haaijer

R.J. Keijser

P.J. van Ameijde

Frédérique Broeders

O. van Haaren

Fred Koekoek (rackettrekken)

Sebastian Archbold

Joop C. de Bruijne

Annemarie Poorterman

R. Koole

Gijs Bakker

Hanke Bruins Slot

J. Hagen

Nico Kooij

S.P.M. Banning

Maarten, Ruben, Emilie, Peter Burbach

Heleen van Hall

Jan Kees Koreneef

Ruben, Rosalie, Rafaël Bayer

Fred Buré

E. van Hall

Dora Lambregts-de Biet

Stan Beelen

Rik Burger en Marieke Dijkstra

A.C. van der Hammen-Hardon

Piet Lambregts

I. Beerman

Max J.M. Claassen

Familie Hardebol

Paul Robert Lankhout

Ron Beerens

Nico Claassen

A.T. van Harskamp

Gert van Leusden

Patrick van Bergen

Pim Claassen

Arno den Hartog

Paul Litjens

Susanne Berkers

Rob Claassen

Pieter van Hassel

R.H.M. Luijckx

Lex van Beurten

W. Cornelis

Mark Heijmeijer

Hugo Malsch

A.M. Biegelaar-Boogaerdt

Jennifer van Dijk

Tom van ’t Hek

Marieke Mars

Els en Jan Willem Biegelaar

Roeland van Dijk

Mirjam v.d. Helm

Diederik Mars

Annet en Jaap Biegelaar

Eline van Dijk

Dio Hermens

Douwe Jan Mars

W.J. Bijleveld

Paul van Dongen

C. Heutink

Oka Meijsing

Sjam Sjamsoedin

C.T. van Doorn

Sam Hoeben

P.A. Meijer

Emmy Bitter en Louis Mars

Gemma, Reinier, Catherina van Duijn

Mariëlle Hoogendoorn

F.F. Meijer

T.J. Blauw-Siemens

Jan, Beppie, Lyke, Daan Dullemeijer

J.A. Hornsveld-Surinear

Kees Metz

William Blijham

J.A.A. van Duren

Karin Horsting

J.J. Meuter

Familie van Blijenburgh-Hardebol

Mark Düthler

Wendy Huisman

Tessa Meyboom

Piet Blom

Adèl Edrissi

A.M. van der Hulst

Mr. L.H.J.M. van Mierlo

C.A.P. Boender

Bridgina van Elk

Familie D. Ikkersheim

M.A.T. Mulder

Thomas Boerma

Robert Fetter

Familie Jans-Houten

Reinier Naafs

Familie Boerma

Drs. J.M.J. Fokkens

Pieter Janse

Anton van Oirschot

P. Bonenkamp

F.B.L. Gerretsen

A.A. de Jong

Tim van Oostrum

R. Boomsma

Bep en Hans van Ginkel

Camiel en Aloys de Jonge

Paulien Oskam

Camiel Boutens

Auke van Ginkel

Frederik Jonker

E.J.A.M. van der Pas


Henk Pasveer

Floris Schneemann

Carlita Vis

Color Utrecht

Huub van de Pavert

Willem Schoonhoven

A.G.W. Vollebergh

Drukkerij Zuidam & Uithof

Ron, Ellen, Carin van de Pavert

Theo Schouten

C.M.T.E.M. de Vreeze-v.d. Kroft

Eijdenberg

Valentijn Peute

Fenneke Schutte-Wttewaal

Eelco de Vries

Ernst & Young Accountants

Nicole Pikkemaat

Teau Schutte

Walter, Mieke, Sjoerd de Waal

Eyk Sport

Elise van Pinxteren

Erik, Lotte, Thomas Schuurs

Familie Wakkie

Forbo Tapijt

Nelly Ploeg

Robert Segers

Gert-Jan Wallinga

Galgenwaard

Floortje, Anne, Pieter Christiaan

Siegfried

Eelco Wassenaar

Gemeentelijk Vervoersbedrijf Utrecht

Plokker

Daan Simons

N.E. Waterbolk

Grontmij N.V.

Josephine Pronk en Tjerk

L.L. van Spengler

H. Welle

In Dutch

van Herwaarden

Rosanne en Annebel Steenbeek

Karin Welle

Interpay Nederland

Maarten Pronk

Wilma en Harrie Steinbusch

M.E.A. van der Wiele-Verbeek

J.H. Ritmeester B.V.

Ellen en Albert Quarles van Ufford

Bart Stockmann

H.B.J. Willemars

KOOIJ+PARTNERS Accountants B.V.

Sanne en Jeroen Quarles van Ufford

Jaap Stockmann

L.W. de Wit

Lawine grafisch ontwerp

H. Rademakers

Maarten Hendrik Stolk

Bart van der Wolf

Medicort

Marieke Ramshorst

Adriaan Johannes Stolk

A.S. van der Wulp

Newport Blue Utrecht

Willem Ravenhorst

B.J.M. Stolk

Philippe de Wijkerslooth

Van Overhagen Pickkers Luger

W.R. Raijmakers

Rob Tamminga

Guy de Wijkerslooth

PricewaterhouseCoopers

H.T.E. Reisen

E. Taselaar-Moed Helmig

Elisabeth de Wijkerslooth

Red Bull

Carla Remmert

N. Taselaar

Jan de Wijkerslooth

ROSTRA Congrescommunicatie

Ton van Rietbergen

D. Taselaar

Laurens Wijkstra

Schoonhoven-Buytendijk B.V.

Jochem, Vivienne, Floor Rijpma

Arend Timmermans

Michel van Wijngaarden

Schouten Financieel Advies

Marja de Ronde

P. Vanhouten

Paul de Ronde

L. Veen-Witteveen

Sponsors Eeuwfeest Kampong

Snowtrex

Rob van Rooij

Anouk Verhaegh

(stand van zaken juli 2002)

Sportzaak 211

Mientje Ritmeester-Sakkers

Emilie Verheyen

Roos Ritmeester

Ch.H.J.M. Verheyen sr.

Albron Catering

Terberg Leasing B.V.

Tim Rutten

Charles Verheyen jr.

Ans de Wijn makelaars

Trans>FOR>>Motion B.V.

Ben Rutten

Michelle Verheyen

Bavaria

United Softdrinks B.V. / AA-drinks

Vivian Rutten

Stephan Vermeulen

Berkhout Grafisch Ontwerpen

Verkerk Volvo

Dits Sakkers

Klaas Vermeulen

BTTS Racketshop

Wegener Uitgeverij MN B.V.

Vaste scheidsrechter Kampong

Eline Vermeulen

Cap Gemini Ernst & Young

Wijn & Stael Advocaten

Shell

Steppin Out

191


Colofon

Het maken van een eigentijds eeuwboek. Hoe doe je dat? Allereerst moet er een goed concept komen. Onder het genot van behoorlijk wat koppen buitengemeen zwarte koffie tekenen Erik Hardeman, Ton van Rietbergen en Hugo de Haas van Dorsser hier uiteindelijk voor. Vervolgens gaan de enthousiaste ontwerpers Sylvia de Bruin-Wink en Eddy Stolk van Lawine met het ontwerp aan de slag. Daarna volgt het noeste werk. Erik Hardeman doet onderzoek, neemt interviews af en scharrelt zelfs zijn mottige zolder af. Met als resultaat: vele, vele pagina’s ambachtelijk schrijfwerk van zijn hand. Minstens zo noest is het zoeken naar passend en nog niet eerder vertoond beeldmateriaal. Schier ontelbaar zijn de uren die Erna Stolk-Verweij en Roosje Keyser in ’s lands archieven doorbrengen. En dan is er nog het werk van Ton van Rietbergen (statistieken en grafieken), Patrick van Bergen (scanwerk), Hugo de Haas van Dorsser (tegenlezen), Klaas Taselaar (eindredactie) en Ingrid van der Elst (tekstcorrectie). Verder met veel dank aan Ron Hendriks (fotografie), Brigitte Hirdes (KNHB), Margot Stoete, Kartlab, faculteit Ruimtelijke Wetenschappen, Universiteit Utrecht, drs. J.T.J. Jamar (Utrechts Archief), G.J. Röhner (Utrechts Archief). De inmiddels ‘blauwdoorbloede’ ontwerpers van Lawine geven de uitgave zijn uiteindelijke vorm. O ja, Ellen Quarles van Ufford zorgt als zakelijk leider dat al dat schoons ook nog een beetje haalbaar en betaalbaar blijft. Het maken van een eigentijds eeuwboek. Goed beschouwd is het eigenlijk zo simpel.

Scanwerk: Color Utrecht Tekst: Erik Hardeman Druk: Drukkerij Zuidam & Uithof Grafisch ontwerp: www.lawine.nl ISBN 90 - 901 60 35-3

192


Honderd jaar Sportvereniging Kampong in tweehonderd

Van 1902 tot 2002. Een eeuw vol korenblauwe kampioen-

Honderd jaar Kampong beschrijft op een eigentijdse

pagina’s. Begonnen als voetbal- en cricketvereniging en

schappen, vol diepe dalen, vol ferme beleidsbeslissingen

manier de historie van de grootste omnisportvereniging

uitgegroeid tot een echte omnisportvereniging, waarvan

en vol sportplezier. Met nog nooit eerder vertoond

van Utrecht.

vooral hockey landelijke bekendheid krijgt.

fotomateriaal, met nog ĂŠĂŠn keer dat geweldige verhaal, met aangrijpende interviews en met vlammende citaten.