Page 1

Duurzaamheid & Innovatie

Juul Martin, HIER OP DE PLEK WAAR ZIJN ZOGEHETEN HUIS VAN OVERVLOED WORDT GEBOUWD, VINDT DAT WE SAMEN zo veel ideeën en spullen HEBBEN, dat we door die te verbinden bergen kunnen verzetten.

Heerlijk zullen we alles delen De economische crisis leidt tot nieuwe ruilnetwerken. Juul Martin over de voordelen van de ‘deeleconomie’: zo besparen we geld, vergroten onderlinge verbondenheid en verlagen de milieudruk. door Linda Vermeulen

G

eld doet iets met de dyna miek tussen mensen’, legt Juul

Martin uit. Om dit te illustreren vergeleek hij tijdens een presentatie bij TEDx in Wageningen het lenen van tijd en geld met elkaar. Hij vroeg de aanwezigen wie wel eens 3 euro had uitgeleend en wie dat bedrag later had teruggevraagd. ‘Vrijwel iedereen stak zijn hand op’, vertelt hij lichtelijk verbaasd. Maar toen hij vroeg wie een dag tijd had teruggevraagd aan een vriend die ze hadden

4 0 www. o d e .nl oktober 2012

g­ eholpen met verhuizen, bleven de handen in de schoot. Het bewijst volgens Martin dat ‘geld handig is om de boodschappen en je hypotheek mee te betalen, maar dat het ook een hoop gedoe geeft’. We hebben allemaal spullen in overvloed: de auto die de helft van de week ongebruikt voor de deur staat en een oud kinderbedje dat op zolder staat te verstoffen. Evenmin ontbreekt het ons aan contacten en kennis: vrienden helpen verhuizen, raad vragen aan familie en ­advies

geven hoe je een fiets kunt repareren. Martin heeft een term voor die overvloed: ‘sociale overwaarde’. In een zogeheten deeleconomie wordt deze overwaarde volgens hem opnieuw verdeeld. De voordelen? Goede ideeën kunnen goedkoop worden gerealiseerd, problemen kunnen snel worden verholpen en spullen kunnen door anderen worden gebruikt. Zelfstandig ondernemer en voorvechter van de deeleconomie Juul Martin ­ontmoet regelmatig mensen met een idee

foto: Piet Heijsen; illustratie: Samy .g/Dreamstime.com

De deeleconomie die allerlei obstakels zien bij de uitvoering van hun plannen. ‘Ze denken dat ze toestemming nodig hebben van de gemeente of dat ze veel geld nodig hebben,’ vertelt de energieke Martin, ‘maar niets is minder waar.’ Moeiteloos somt hij een reeks projecten op waarbij hij op de een of andere manier betrokken was en waar zaken werden verbeterd zonder dat er geld aan te pas kwam. In Duiven regelden buurtbewoners zelf dat de bussen voortaan

langzamer langs hun school rijden door borden te plaatsen en scholieren met de chauffeurs te laten praten. De gemeente Utrecht en duurzaam consumentenplatform Nudge maakten in een paar uur een compleet marketing- en communicatieplan om autodelen te promoten. En leden van de Facebookgroep ‘Ikgeefweg’ ­bieden hun overtollige spullen, zoals boeken, kleding of konijnenhokken, aan om gratis af te halen. Ofwel: Martin, die zichzelf omschrijft als ‘spreker en

­ aarmaker’, kent als geen anw der de kracht van deze overvloed en de energie die vrijkomt als deze overwaarde wordt gedeeld. Martin gebruikt hierbij de methode Durftevragen, waarbij iemand een gerichte hulpvraag stelt. Dat kan aan een vriend of kennis, maar ook aan een onbekende, bijvoorbeeld via Twitter. De meeste mensen zijn niet zo gewend om anderen om hulp te vragen, maar het is volgens ­Martin toch echt de ­gemakkelijkste ­manier om oktober 2012 www.o de .nl 4 1


De deeleconomie projecten te laten slagen. ‘Vaak onderschatten mensen hoe graag anderen hen willen helpen zonder dat ze daar direct iets voor terug hoeven’, legt Martin uit, die zelf ook regelmatig Durftevragenbijeenkomsten begeleidt. De eerste keer dat Martin samen met Nils Roemen een evenement organiseerde zonder geld was in 2009, tijdens de Dag van de Dialoog in zijn woonplaats Nijmegen. ‘We hadden immers geen geld nodig, maar tafels, stoelen en koffie. Daarom vroegen we mensen en bedrijven of zij ons daarmee konden helpen’, ­vertelt hij. De dag werd een succes, er kwamen zo’n honderdvijftig mensen op af. Sindsdien is de activiteit ieder jaar gegroeid.

We zitten in de Waarmakerij, een cowerkplek in Nijmegen. Martin is casual gekleed en biedt mandarijntjes bij de koffie aan. Deze plek is tot stand gekomen dankzij het talent van Martin om onverwachte verbindingen tussen mensen, ideeën en organisaties te leggen – en dat is ook weer het doel van de ­Waarmakerij. Door te vragen wat hij zocht, kreeg Martin het pand gratis in bruikleen van de woningbouwcorporatie. De voormalige autohandel was ‘behoorlijk smerig’, maar nadat ze een week flink geklust hadden, was het gebouw omgetoverd tot een prettige werkplek, waar iedere dag tientallen zzp’ers aanschuiven om samen te werken, te brainstormen of samen te

voorstellen’ te bouwen. De groep vrijwilligers is divers: een middelbare scholier die bij het Huis een maatschappelijke stage volgde, regelde dat zijn buurman met een graafmachine een dag kwam helpen en ook asielzoekers namen de schep ter hand om het terrein bouwklaar te maken. ‘Asielzoekers,’ vertelt Martin, ‘vervelen zich vaak kapot: ze mogen nergens heen en mogen niet werken, maar bij ons konden ze zo aan de slag. Wij zijn geen bedrijf, geen stichting, we bouwen gewoon een huis.’ Vooraf heeft Martin geen plan gemaakt voor het Huis van Overvloed, want ‘wat weet ik nou van bouwen?’ In plaats daarvan concentreerde hij zich op het ontmoeten en verzamelen van mensen die enthousiast waren over zijn idee. Zo maakte Van Tongeren ongeveer twee jaar geleden de eerste ontwerpen. Van Tongeren: ‘In eerste instantie was het voor mij meer een soort denkoefening: hoe veel houten pallets en hoe veel stoeptegels heb je nodig om een huis te bouwen?’ Wat de architect op dat moment niet vermoedde, was dat hij een week later samen met Martin bij de Nijat de mogelijkheden van de meegse wethouder Jan van der Meer op deeleconomie vaak nog veel ver- bezoek zou gaan en dat ze een stuk grond der gaan dan wij ons op dit mo- aangeboden kregen. Van tevoren had Van Tongeren niet gement kunnen voorstellen, bewijst Martin met de komst van het Huis van Overvloed. dacht dat ze zo ver zouden komen. ‘We Deze werk- en ontmoetingsplek wordt op rolden echt van het een in het ander’, verdit moment aan de rand van Nijmegen ge- telt de bouwkundige, die gemiddeld twee bouwd met materialen die zijn gedoneerd dagen per week aan het project besteedt. door mensen en organisaties die iets over- Nadat ze de wethouder gesproken hadden, hadden, en de honderdvijftig ‘meebouwers’ kreeg het project steeds meer aandacht in van het huis zetten zich belangeloos in om de publiciteit en boden meer meebouwers ‘de mooiste werkplek die zij zich kunnen hun hulp aan. Nadat het merendeel van

lunchen. Vaste bezoekers omschrijven de sfeer in het pand als geconcentreerd en ongedwongen. ‘Het is gemakkelijk om hier nieuwe contacten op te doen en ­samen te werken’, vertelt architect Ralf van Tongeren. Een andere manier om de sociale overwaarde beter te benutten is co-consumptie. Er zijn immers producten die we af en toe wel gebruiken, maar die we niet elke dag nodig hebben. Welke spullen dit zijn, is voor iedereen anders, maar je kunt ­denken aan een grasmaaier en een tent, maar ook aan een auto of een bakfiets. In Canada brengt de website Jointli.com potentiële co-consumenten met elkaar in contact en helpt hen om de ­administratie

te regelen. In Nederland zijn via de ­Facebook-groep Koopdelen ook de eerste gezamenlijke aankopen gedaan. Serge van de Meent uit Hazerswoude heeft daar ervaring mee. ‘Mijn eerste gedeelde aankoop was een boek samen met Juul Martin’, vertelt Van de Meent enthousiast. ‘Ik wilde graag eens kijken hoe koopdelen werkt.’ Daarna was de gezamenlijke aanschaf van een camcorder – met Chiara van den Berg uit Leiden – een logisch vervolg. ‘Een videocamera vergt iets meer logistieke planning, maar ik heb het er graag voor over’, aldus de interimmanager. Het liefst zou Van de Meent leven in een maatschappij waarin geld niet meer bestaat, maar hij beseft dat zoiets nog onmogelijk is. Koopdelen is daarom voor hem een goede tussenweg. Martin ziet in koopdelen nieuwe kansen om de sociale overwaarde te benutten. Niet alleen voor consumenten, maar ook voor verkopers. Als voorbeeld noemt hij een fabrikant van grote sprinkussens. Die zal hij niet snel kunnen verkopen aan een gezin met één of twee kinderen, maar misschien wel aan een hele straat.

Ruilen, ruilen, niet kopen De Trade School inspireert mensen wereldwijd tot handel zonder geld.

4 2 www. o d e .nl oktober 2012

D

durfde Juul Martin voor dit interview alles te vragen.

Linda Vermeulen

De deeleconomie

foto: Bibi Veth/BibiVeth.nl

met Juul Martin

foto: trade school

Megan Snowe, een New Yorkse werkzaam in de kunst - ­vrijwilligers regelt l­eslokalen, docenten promoten hun lessen via de sector en gepassioneerd Rusland-liefhebber, leert u de basis van het website Tradeschool.coop en vermelden welke dingen ze zouden Cyrillische alfabet in ruil voor een handballes, grijze of zwarte sokken willen krijgen, en studenten geven zich op door toe te zeggen iets van (maat 38) of glutenvrij bier. Interactieve kunstenares Barbara Ann Mideze lijst mee te brengen. chaels accepteert biologische sla of een ‘leuke, Hoe simpel ook, het ruilen van kennis tegen spulkleurrijke riem’ als vergoeding voor een les in len kan vérgaande gevolgen hebben, zoals het verde meditatieve krachten van jongleren. Heeft binden van studenten en leraren op een meer u een paar bioscoopkaartjes of badkamergelijkwaardige, persoonlijke manier en het haakjes over? Strategieconsultants Karina stimuleren van een klimaat van gezonde Portuondo en Joshua Teixeira ruilen ze afhankelijkheid, waarin mensen leren graag voor tips over hoe een opvalprofijt te trekken van het werk dat ze lend social media-profiel te maken. verrichten voor hun gemeenschappen. Nu is lesgeven nooit iets geweest ‘Hopelijk spoort het mensen aan na te waar je rijk van werd, maar is het denken over datgene tussen gratis en inmiddels zo erg dat leraren hun betaald, dat schemerige middengetoevlucht moeten nemen tot ruilbied van uitwisseling dat veel potenhandel om te overleven? Nee, nog tieel heeft om mensen te verbinden’, niet in ieder geval. Maar het concept zegt Caroline Woolard, mede-oprichter wint wereldwijd aan populariteit dankvan Trade School. Dit gevoel van verzij de inspanningen van Trade School, bondenheid gaat vaak verloren als geld een vrijwilligersnetwerk van experimeneen rol speelt, stelt Christopher Robbins, Chef monique bourgea gaf een tele scholen waar docenten in goederen die af en toe lesgeeft. ‘Mede door geld is een les boter maken voor worden uitbetaald in plaats van in geld. Trade dissociatieve samenleving ontstaan, en ruilhantrade school. School, dat in 2010 in New York ontstond, heeft del stelt mensen in staat opnieuw de verbinding aan inmiddels vestigingen buiten de Verenigde Staten, zoals te gaan’, zegt hij. ‘Je moet iemand leren kennen om met Singapore, Londen, Milaan en Keulen. Ook Amsterdam heeft sinds hem te kunnen ruilen, zien wat hij jou te bieden heeft, en omgekort een Trade School; de eerste lessen beginnen in oktober. keerd. Ruilhandel brengt het menselijke aspect terug in handel.’ | Jan Stojaspal | meer informatie: tradeschool.coop/amsterdam Het idee van Trade School is eenvoudig: een groep lokale

de bouwmaterialen was verzameld, ging de bouw een half jaar g­ eleden van start. Door mee te werken aan het Huis van Overvloed heeft Van Tongeren geleerd anderen meer te vragen. ‘Mensen reageren over het algemeen heel positief op dit initiatief en dat maakt het gemakkelijker om hulp te vragen. Op dit moment zoeken we bijvoorbeeld nog een aantal houten balken voor de dakconstructie’, zegt de bouwkundige lachend. Collega-waarmaker Nils Roemen ziet in Martin ‘een van de grootste Durftevragen-talenten in Nederland’. Volgens Roemen is Martin flexibel, bereid om ‘nee’ te incasseren en vraagt hij zelden iets voor zichzelf. ‘De Waarmakerij en het Huis van Overvloed dienen beide een maatschappelijk doel’, legt hij uit. Hoewel Martin de initiatiefnemer van het Huis van Overvloed is, laat hij anderen zo veel mogelijk beslissen over hoe het huis eruit komt te zien en wanneer ze het werk verrichten. ‘Op die manier voelen ze zich verantwoordelijk, worden ze creatiever en gaan ze geweldige dingen doen’, licht Martin zijn werkwijze toe. Hij maakt de vergelijking met een picknick met vrienden, waarbij iedereen zijn eigen verantwoordelijkheid neemt en zonder geld of masterplan iets moois ontstaat. ‘Je nodigt een groep mensen uit, iedereen neemt wat mee en je hebt samen een gezellige middag’, zegt Martin. ‘Het is mijn droom dat onze maatschappij iets meer op die manier wordt georganiseerd. Daar worden mensen gelukkiger van.’

Hoe kunnen we met minder geld meer voor elkaar krijgen? Hoe leren we om hulp te vragen? Juul Martin, voorvechter van de deeleconomie, weet er alles van en deelt zijn lessen graag met u. Tijdens dit interactieve evenement in Rotterdam – voorafgegaan door een optionele lunch om 12 uur – legt Martin uit hoe we slimmer en sneller onze wensen kunnen uitvoeren. In de pauze is er een Ikgeefweg-markt. Daarna leidt Martin een Durftevragen-sessie met het publiek, waarbij u uw vraag kunt voorleggen aan anderen. Oplossingen gegarandeerd.

Onderdeel van dit evenement is een Ikgeefweg-markt. Neem een item mee waarmee u een ander plezier wilt doen, en wie weet welk leuk of handig artikel u zelf nog tegenkomt!

Datum: vrijdag 23 november Locatie: Rotterdam en online Prijs: 35 euro (24,50 voor Ode-abonnees) aanmelden via: www.ode.nl/evenement

oktober 2012 www.o de .nl 4 3


Millions discover their favorite reads on issuu every month.

Give your content the digital home it deserves. Get it to any device in seconds.