Page 1

Visie #14 Blad met visie op bescherming van innovaties

Stopaq: Ook onder druk wordt IP niet vloeibaar FinanciĂŤle ondersteuning voor innovatieve ondernemers IE bij samenwerking: Glasheldere afspraken van vitaal belang


Inhoud

Colofon

Voordelig

Voorwoord

Visie, Relatiemagazine van Nederlandsch Octrooibureau over de bescherming van intellectueel eigendom verschijnt twee keer per jaar en wordt gratis toegezonden aan relaties. De inhoud komt tot stand onder verantwoordelijkheid van de afdeling PR & Communicatie.

4

Stopaq: Ook onder druk wordt IP niet vloeibaar

Nederlandsch Octrooibureau is één van de grootste Europese adviesbureaus gespecialiseerd in Intellectuele Eigendom, met bijna 125 jaar ervaring (in 2013).

Innovatieve bedrijven - zoals Stopaq (p. 4) – merken nauwelijks iets van de crisis en blijven gewoon innoveren. Voor goede ideeën is immers altijd plek.

8

IE bij samenwerking: Glasheldere afspraken van vitaal belang

Redactie: Judith Hofstra-Denissen (hoofdredacteur), Caroline Pallard, Bas Verschoor, Loes Scheffer, Willem Niesing, Eveline Debrichy, Nina Rang

Maar als het geld op is, is het natuurlijk ook op voor innovatie. Gelukkig biedt de overheid financiële ondersteuning voor innovatieve ondernemers. Visie had een gesprek met innovatieambassadeur Robert van Haaften. Vanaf pagina 10 leest u meer over een aantal interessante ondersteuningsregelingen van Agentschap NL.

3

10

Financiële ondersteuning voor innovatieve ondernemers

Aan dit nummer werkten mee: Frits Doddema, Jeroen Cornelis, Hans Hutter, Kees van Balen, Robert van Haaften, Kayin Pang, Yvonne Noorlander, Bureau Lorient Communicatie

14

Apple vs Samsung: registreer ook uw nieuwste model

Fotografie: Sjoerd van der Hucht, Jeroen Bouwman, Stopaq BV

16

Eerst komt, eerst maalt? Oudere handelsnaam tegenover jonger merk

19

Nieuwe domeinnaam-extensies en uw merk

20

Octrooiverleningsprocedures: het ene land is het andere niet

22

Nieuwe partners bij Nederlandsch Octrooibureau

Vormgeving en illustraties: Yordi@Goedinvorm.nl, Boulogne Jonkers Drukwerk: Kapsenberg van Waesberge bv Redactieadres: Afdeling PR & Communicatie J.W. Frisolaan 13 2517 JS Den Haag Postbus 29720 2502 LS Den Haag visie@octrooibureau.nl

Deze Visie staat in het teken van slimme bescherming van intellectuele eigendom. Door goed beheer van octrooien, merken en modellen kun je kansen creëren en risico’s voorkomen. Juist nu het economisch even wat minder gaat. Zodat je daarvan kunt profiteren zodra de markt weer aantrekt.

Innovatie vindt niet meer alleen plaats in R&D-laboratoria, afgesloten van de buitenwereld. Door samenwerking kunnen innovaties sneller, beter en goedkoper op de markt worden gebracht. Daarmee blijf je de - steeds meer internationale – concurrentie voor. Maar wat als je een samenwerkingsverband aan wilt gaan, maar je wilt niet dat anderen met je product, dienst of idee aan de haal gaan? Geld verdienen aan uw octrooi-, merken- of modellen portefeuille heeft dan ook alles te maken met goede contracten. Op pagina 8 en 9 geven onze experts advies voor de bescherming van intellectuele eigendom bij samenwerking. Omdat ook wij investeren in goede ideeën en vernieuwing hebben wij twee topprofessionals als partners verwelkomd in onze vennootschap. Mari Korsten en Caroline Pallard zullen de komende tijd onze toonaangevende positie in de chemie en life sciences verder versterken (p. 22). In deze Visie leest u ook meer over het belang van registratie van nieuwe uitvoeringen van producten (p. 14), het belang van het vastleggen van een merk naast de handelsnaam (p. 16), het vastleggen van domeinnaam-extensies (p. 19) en internationale verschillen in octrooiverleningsprocedures (p. 20). In deze tijden van crisis sluiten wij af met tips voor kostenbesparing en waardevermeerdering van uw intellectuele eigendomsportefeuille (zie achterkant).

Artikelen uit Visie verschijnen ook op www.octrooibureau.nl (nieuws en publicaties > artikelen)

Doe er uw voordeel mee.

© 2012 Nederlandsch Octrooibureau

Judith Hofstra-Denissen Hoofdredacteur hofstra@octrooibureau.nl

Alle rechten voorbehouden Wilt u een exemplaar van Visie opvragen of u aanmelden voor een gratis abonnement? Stuurt u dan een mail naar de redactie op visie@octrooibureau.nl.

Visie

3


Aantrekkelijke combinatie Oprichter van Stopaq Frans Nooren startte in 1988 met waterafdichtingssystemen voor kabeldoorvoeren in de civiele bouw, bijvoorbeeld voor telefoonkabeldoorvoeren. De huidige bedrijfsnaam komt voort uit deze activiteiten: Stopaq(ua). Aan de basis staan polyisobuthylene polymeren, die niet met zichzelf of andere polymeren kunnen verbinden. Het geheim zit hem in de combinatie van koude vloei bij het aanbrengen en vervolgens blijvende hechting aan het oppervlak waarop het is aangebracht. De polymeer gedraagt zich onder invloed van plotseling optredende kracht van buitenaf als vaste stof, terwijl het zich onder trage kracht gedraagt als hechtende, taaie vloeistof. Die combinatie zorgt voor beschermende eigenschappen zonder dat een aparte grondlaag nodig is.

Stopaq: Ook onder druk wordt IP niet vloeibaar

De hars kan op elk oppervlak vrijwel zonder voorbehandeling worden aangebracht. Het vormt zich rond complexe en moeilijk bereikbare vormen zoals afsluiters en bout-moerverbindingen. De eigenschappen zijn een gevolg van het zorgvuldig samenstellen en mengen van de harsen en vulmiddelen. “We hebben daarop internationale patenten uit 1994, 2004 en 2006”, vertelt Doddema. “Je beschrijft iets eerst breed, dan smaller en dieper en vervolgens richt je je op blokkering van concurrenten met een ‘blocking patent’.”

Lange weg De technologie bleek al snel meer mogelijkheden te bieden dan waterafdichting alleen; de anticorrosieve isolatie-eigenschappen boden mogelijkheden voor coating van olie- en gasleidingen. De offshore-wereld erkent Stopaq inmiddels als de uitvinder van de Visco-elastische

Technologie. Daarbij staan de zelfherstellende eigenschappen van het materiaal, waar het derde Stopaq-patent over gaat, nadrukkelijk in de aandacht. Die eigenschappen zorgen voor automatisch herstel bij kleine coatingbeschadigingen gedurende de levensduur. Het succes kwam niet vanzelf. De olie- en gasindustrie gaat niet bepaald over één nacht ijs bij acceptatie van nieuwe technologie. Jaren van uitvoerig testwerk gingen vooraf aan het verkrijgen van toelatingscertificaten en orders. Inmiddels heeft Stopaq een groot aantal certificaten binnen, onder andere van de Gasunie, Shell en van de Saudische nationale oliemaatschappij Saudi Aramco. Ook wordt de viscoelastische coating binnenkort opgenomen in de nieuwe ISO 21809-3 norm voor veldverbindingen in pijpleidingen.

Stopaq in Stadskanaal heeft anticorrosie-technologie waar concurrenten jaloers op zijn. Zo jaloers, dat ze inbreuk plegen op het intellectuele eigendom. Op 16 maart won Stopaq de rechtszaak tegen de Canadese wereldmarktleider Canusa / Shawcorr. Stopaq is optimistisch over zaken in SaoediArabië, de Verenigde Staten en China.“Het winnen van deze zaak bewijst de waarde van het patent in termen van goodwill voor ons bedrijf”, aldus CEO Frits Doddema. Stopaq in Stadskanaal gaat ver om de prestaties van zijn anticorrosie-technologie te tonen. Op de Pemex Conferentie en Expo in Juadalajara, Mexico, stond een waterbassin op de stand. Voor de ogen van het beurspubliek brachten duikers onder water de coating aan op een pijp-configuratie. Zo kon Stopaq de hechtingseigenschappen en de gemakkelijke applicatie nog eens benadrukken. Zelfs 4

Visie

gerobotiseerde applicatie van de coating is mogelijk. “In totaal gaat vier procent van het BNP van een land op aan corrosiebestrijding in al zijn verschijningsvormen”, zegt Stopaq-CEO Frits Doddema. “Die markt is gigantisch. Wij richten ons daarbinnen op de allerzwaarste toepassingen, vooral in de offshore. Extreme temperaturen, zout en water komen daar samen. Zowel bij -200 ºC voor

LNG-leidingen als bij hoge woestijn-temperaturen voor hete oliepijpleidingen voldoet onze oplossing uitstekend.” De aanleg van pijpleidingen is kostbaar. Het verlengen van de levensduur van olie- en gaspijpleidingen door corrosiepreventie is daarom de moeite waard. Stopaq geeft een gefundeerde garantie van dertig jaar op de water- en gasdichte coatings die het bedrijf aanbrengt. Visie

5


Kapers

“Je kunt een patent schrijven, maar het moet wel overeind blijven in de rechtszaal”

6

Visie

Nu Stopaq de lange weg naar succes in de offshore heeft afgelegd, komen er kapers op de kust. Traditionele coatings stellen hoge(re) eisen aan voorbehandeling van het oppervlak, temperatuur en vochtigheid bij de applicatie. Enkele concurrenten zien de aantrekkelijkheid van de technologie in en passen deze ook toe, waarbij ze inbreuk plegen op de rechten van Stopaq. Op 16 maart 2012 won Stopaq een zaak in het Duitse Mannheim tegen wereldmarktleider Canusa / Shawcorr Inc. Net na de overwinning is Doddema dolblij: “De uitspraak van de rechter liet aan duidelijkheid niets te wensen over. Of het nu een homo-polymeer of een co-polymeer betreft, als de (vloei)eigenschappen hetzelfde zijn, is het inbreuk. Hetzelfde geldt voor de glasovergangstemperatuur, de zelfherstellende eigenschappen en de corrosiewerende werking. Canusa is dan ook veroordeeld voor directe inbreuk én voor de handel en wandel bij de verkoop van het eigen product op de Duitse markt. Het bedrijf is

gedwongen dat product van de markt te halen.” Het is een belangrijk signaal. “Je kunt een patent schrijven, maar het moet wel overeind blijven in de rechtszaal. Het winnen van de rechtszaak bewijst de waarde van het patent in termen van goodwill voor ons bedrijf”, geeft Doddema aan. Stopaq zal Canusa ook in Saudi-Arabië dagen. Doddema: “Het bedrijf met anderhalf miljard omzet dacht dat wij het als kleiner bedrijf toch niet zouden volhouden. Ik heb zelf, gezien de proceskosten, gedurende tweeënhalf jaar zelf ook weleens getwijfeld aan de goede afloop. Dat maakt deze uitkomst nu dubbel mooi.” In Houston in de Verenigde Staten voert Stopaq een proces tegen Amcorr en ook in China komen rechtszaken tegen inbreuken.

Teamprestatie De ontwikkelingen hebben ervoor gezorgd dat het IP-denken inmiddels is verweven in de organisatie. Doddema: “Onze IP-manager Nathan Knight coördineert de activiteiten van de Sales en

Ontwikkelingsafdelingen, van ons advocatenkantoor Jones Day in München en van Nederlandsch Octrooibureau. Wanneer een nieuw idee opkomt, zorgen we eerst voor een goed geschreven en verdedigbaar patent.” Nieuwe ideeën zijn er voldoende: “Vooral ‘splashzone’-toepassingen in de offshore”, zegt Doddema, “zoals offshore platforms en windmolens. Verder gaan we pijpen aanbieden die aan land al zijn voorzien van onze coating. We coaten ook al lantaarnpalen en doorvoeren voor stadsverwarmingsbuizen.” Doddema geniet nog na van de overwinning. “Dat is een een teamprestatie van onze IP-manager, van Jones Day en Henk de Boer van Nederlandsch Octrooibureau. Henk schrijft niet alleen patenten, maar leidt onze mensen ook op in IP-denken. Hij heeft veel kennis van anticorrosiemateriaal en brengt met zijn Shell-achtergrond waardevolle praktijk- en marktkennis mee. Daarmee voorzag hij de advocaten van Jones Day van munitie tijdens het proces.” Visie

7


IE bij samenwerking: Glasheldere

afspraken van vitaal belang

Wie een biertje koopt in de supermarkt, zal er niet bij stilstaan dat er een wereld aan intellectueel eigendom schuilgaat achter het product. Hij zal al helemaal niet beseffen dat dit intellectueel eigendom meestal in handen van verschillende partijen is, die strikte afspraken hebben gemaakt over hoe ze ermee omgaan. Het regelen van die samenwerking is specialistenwerk.

Een bierbrouwer hoeft geen verstand te hebben van het ontwerp of de productie van flesjes. Net zoals een producent van computergames niet zelf de software hoeft te schrijven. Samenwerking tussen personen, bedrijven, kennisinstellingen en stichtingen is aan de orde van de dag. Ze leidt tot producten en processen die anders niet zouden hebben bestaan en schept kansen voor alle partijen. Wordt bij de samenwerking gezamenlijk intellectueel eigendom ontwikkeld, dan stelt dat de partijen ook voor vragen. Hoe gaan ze om met dit intellectueel eigendom? Vragen ze een (gezamenlijk) octrooi aan, of niet? Deponeren ze een model of merk? En: hoe exploiteren ze hun gezamenlijke product, nu en in de toekomst? De bierbrouwer wil tenslotte zijn bier wel in precies dat bruine flesje kunnen blijven aanbieden, net zoals de ontwikkelaar van een app zijn technologie misschien ook wel aan derden wil kunnen aanbieden.

Goed en vroegtijdig regelen Hans Hutter is Nederlands en Europees Octrooigemachtigde en partner van het Nederlandsch Octrooibureau. Hij ondersteunt bedrijven bij het uitstippelen van hun IE-strategie en begeleidt hen bij het aanvragen en valideren van (inter)nationale octrooien. Hutter: “Bij intellectueel eigendom gelden altijd strategische overwegingen, want het raakt de bedrijfsvoering. Het aanvragen 8

Visie

van een octrooi of het deponeren van een model of merk zijn daar onderdeel van, maar het gaat er zeker ook om hoe partijen vervolgens omgaan met dat intellectuele eigendom. Het is belangrijk om glasheldere afspraken te maken over de rechten en verplichtingen van beide partijen en die vast te leggen in een overeenkomst. Zo borgen partijen dat ze krijgen waar ze recht op hebben en voorkomen ze problemen in de toekomst. Wie zijn vinding wil beschermen en de werkrelatie goed wil houden, moet zaken rond intellectueel eigendom goed en vroegtijdig regelen.”

Verbeteringen mogelijk Zijn collega Jeroen Cornelis, Europees merk- en modellengemachtigde, jurist en partner bij Nederlandsch Octrooibureau, is het daar van harte mee eens. Hij constateert dat er nog het nodige te verbeteren is. Zo komt het regelmatig voor dat er niets of weinig is vastgelegd over het intellectuele eigendom, waardoor bij een conflict de verhoudingen onduidelijk zijn en er een lange juridische strijd ontstaat. Ook komt het voor dat er wel een overeenkomst is, maar dat die onvoldoende rekening houdt met veranderende situaties, bijvoorbeeld wanneer één van de partijen een andere visie op de exploitatie krijgt. Soms bevoordelen overeenkomsten één partij boven een andere. Hutter: “Vooral kleine partijen zijn zich soms onvoldoende bewust van hun rechten en ondertekenen argeloos

overeenkomsten waarin alle intellectuele eigendom toevalt aan de grote partij. Dat hoeft niet erg te zijn, wanneer de kleine partij daarvoor in voldoende mate wordt beloond. Maar het kán wel erg zijn, bijvoorbeeld wanneer het kerntechnologie voor de kleine partij betreft en die zijn eigen vinding buiten de samenwerking niet verder kan exploiteren. Bedrijven zetten soms te makkelijk hun handtekening. Een goed advies vooraf maakt inzichtelijk wie welk deel van het intellectuele eigendom toekomt en welke aspecten daarbij aandacht verdienen. Wat natuurlijk niet wil zeggen dat de kleine partij direct een gelijkwaardige positie inneemt; de onderhandelingsruimte blijft vaak beperkt.”

specialistenwerk. Cornelis: “Het kan bijvoorbeeld gaan om een samenwerkingsovereenkomst, een licentieovereenkomst, een co-existentieovereenkomst of een geheimhoudingsovereenkomst. Alle typen overeenkomsten hebben hun eigenaardigheden en juridische valkuilen. Maar regel je het niet goed, dan kan dat grote gevolgen hebben voor je bedrijfsvoering.” Een goed contract over gezamenlijk intellectueel eigendom legt vast welke partij welke aanspraak heeft op de uitvinding en hoe daarmee nu en in de toekomst wordt omgesprongen. Er ligt dan bijvoorbeeld vast of een partij zijn deel van de uitvinding aan derden kan licentiëren en of een partij zijn octrooi kan overdragen aan een derde. Het gaat in op hoe

Jeroen Cornelis cornelis@octrooibureau.nl

Hans Hutter hutter@octrooibureau.nl

“Investeer niet alleen in het samen ontwikkelen van een nieuw product, maar ook in de samenwerking zelf” Afspraken maken én vastleggen Cornelis adviseert om al bij de start van een gezamenlijk ontwikkeltraject in een non-disclosure statement afspraken over de aard van de samenwerking en de geheimhouding die de partijen in acht moeten nemen te maken en vast te leggen. Vervolgens stellen ze een contract op dat de rechten en plichten rond IE vastlegt. Dat is

en door wie conflicten worden beslecht en hoe partijen omgaan met inbreuk. Cornelis: “Ga je samenwerken en ontwikkel je daarbij intellectueel eigendom, oriënteer je dan goed. Investeer niet alleen in het ontwikkelen van een nieuw product of proces, maar ook in de samenwerking zelf. Het kan veel ellende besparen en van levensbelang zijn voor je onderneming.” Visie

9


Financiële ondersteuning voor innovatieve ondernemers Ondernemen is innoveren. Zeker in economisch mindere tijden is het voor ondernemers belangrijk niet stil te blijven staan, maar zich te onderscheiden in hun markt. Maar innoveren kost geld en dat is er niet altijd voldoende. Om ondernemers toch in de gelegenheid te stellen hun innovaties op de markt te brengen, biedt de overheid een uitgebreid instrumentarium aan ondersteuningsregelingen. Visie had een gesprek met innovatieambassadeur Robert van Haaften van Agentschap NL: “Alle innovatieve ondernemers zijn welkom”.

Robert van Haaften

Agentschap NL, onderdeel van het Ministerie van Economische Zaken, Landbouw en Innovatie, is de uitvoeringsorganisatie van de Nederlandse Rijksoverheid op het gebied van duurzaamheid, innovatie en internationaal ondernemen. “Voor innovatie zijn onze belangrijkste doelgroepen ondernemers (bedrijven), onderzoekers (kennis instellingen) en soms non-profit organisaties”, vertelt Van Haaften. “Of het nu gaat om producten, productieprocessen of programmatuuur, innovatietrajecten kosten vaak veel geld. Daarom leveren wij (financiële) ondersteuning aan partijen die zo’n traject ingaan.” 10 Visie

Financiering en kredieten Daarvoor heeft het agentschap een uitgebreid instrumentarium in huis. Dat bestaat uit een aantal regelingen, vervolgt Van Haaften: “De eerste categorie regelingen zijn subsidies, financiële ondersteuning die niet terugbetaald hoeft te worden. De hoogte van deze bedragen kan variëren, net als de toepassingen waarvoor ze verstrekt worden. Vaak zijn ze afgestemd op bepaalde fasen in ontwikkelingstrajecten, bijvoorbeeld om samenwerking met andere partijen te stimuleren.” Naast subsidies zijn er kredieten: leningen die met een marktconforme

rente moeten worden terugbetaald. “Ze zijn interessant, omdat veel hightech-projecten hoge technische en financiële afbreukrisico’s kennen en dan kan het lastig zijn om de financiering volledig in de markt rond te krijgen”, legt Van Haaften uit. “Wij mogen geen projecten voor honderd procent financieren, maar ons krediet maakt het vervolgens wel mogelijk om aanvullende financiering bij een bank te krijgen. Dit gaat vaak om grote projecten, van anderhalve ton tot enkele miljoenen euro’s.”

Borgstellingen en fiscale voordelen Via borgstellingen staat Agentschap NL garant voor bancaire leningen als er onvoldoende zekerheden zijn. “Dat gaat ook altijd om een deel van de financiering”, vertelt Van Haaften. “Voor startende ondernemers kan dat oplopen tot tweederde van de lening.” De vierde categorie regelingen bestaat uit fiscale voordelen. “De WBSO bijvoorbeeld vermindert de loonkosten bij de uitvoering van R&D-werkzaamheden”, verklaart Van Haaften. “Dat gaat om 42 procent over de eerste 110.000 euro van de S&O-loonsom, voor startende ondernemers zelfs 60 procent. Over de

resterende loonsom, met een maximum van 14 miljoen euro, bedraagt de afdrachtvermindering 14 procent. Daar is onlangs de RDA bijgekomen, een aftrekregeling voor investering- en exploitatiekosten. Ook hebben we regelingen met fiscale voordelen voor investeringen in milieuvriendelijke en energiezuinige productiemiddelen.” Tot slot staat Agentschap NL innovatieve ondernemers bij met voorlichting en advies. “Samen met collega-organisaties”, zegt Van Haaften. “Onze collega’s van ‘Antwoord voor bedrijven’, de Postbus 51 voor het bedrijfsleven, hebben bijvoorbeeld veel informatie over vergunningen

en wet- en regelgeving. Bij het NL Octrooicentrum, een divisie van Agentschap NL, weten ze alles over octrooien. Het Enterprise Europe Network, een regeling die wij uitvoeren, brengt de vraag naar en het aanbod van kennis binnen Europa samen. Ondernemers kunnen daar een call uitzetten als ze kennis nodig hebben die niet in Nederland beschikbaar is. En voor ondernemers die hun product in het buitenland op de markt willen brengen en willen weten hoe die markt er precies uitziet, kunnen we een marktscan maken.”

Visie 11


Ondersteuningsinstrumentarium innoveren en ondernemen Subsidies

Fiscale voordelen

* I nnovatieprestatiecontracten: subsidie voor samenwerkende mkb-bedrijven in dezelfde regio, keten of branche die een meerjarig innovatietraject uitvoeren. * Verkenning Internationale Samenwerking: subsidie voor het verkennen van de mogelijkheden om een collectief onderzoek te laten uitvoeren door een buitenlandse onderzoeksorganisatie.

* Wet Bevordering Speur- en Ontwikkelingswerk (WBSO): vermindering van de afdracht van de loonheffing over de loonkosten die worden betaald voor ‘speur- en ontwikkelingswerk’ (S&O, vergelijkbaar met R&D). Dit vermindert de loonkosten aanzienlijk. *R  esearch & Development Aftrek (RDA): aftrekpost voor de aangifte inkomstenbelasting of vennootschapsbelasting, bedoeld om de financiële lasten (kosten en uitgaven) voor speur- en ontwikkelingswerk te verlagen. * I nnovatiebox: de innovatiebox biedt belastingvoordeel (5%) voor innovatieve ondernemers.

Tips & Tricks De meeste regelingen van AgentschapNL zijn toegankelijk voor alle ondernemers, van eenmanszaak tot multinational. “Sommige instrumenten zijn toegesneden op een bepaalde doelgroep”, vult Van Haaften aan. “Omdat we economische bedrijvigheid willen stimuleren, bevatten enkele regelingen bijvoorbeeld extra faciliteiten voor starters.” Vooral die groep vindt de indieningsprocedures soms complex. “Ik hoor dat ook wel eens als ik één-op-één gesprekken voer met ondernemers”, zegt Van Haaften. “Maar het is een kwestie van gewoon een keer doen en dan blijkt het het allemaal wel mee te vallen.” Van Haaften heeft nog meer tips voor ondernemers die van een regeling gebruik willen maken: “Neem eerst contact op met onze mensen van de betreffende regeling. De WBSO bijvoorbeeld heeft een eigen helpdesk. Als je daar je project voorlegt, krijg je alle mogelijke informatie over hoe je het het best kunt aanpakken. Bellen dus!” Nog een 12 Visie

handige tip: wees altijd open en eerlijk tegenover de contactpersonen van een regeling, want anders krijg je in een later stadium onherroepelijk het deksel op je neus. “En mischien wel het allerbelangrijkst: blijf je eigen ding doen en schrijf je project niet naar een bepaalde regeling toe. Als het door jou gekozen pad niet past in één van onze regelingen, dan is dat jammer, maar niet onoverkomelijk. Het geloof verliezen in je eigen project is dat wel. Blijf dus op je pad!”

Kredieten * I nnovatiekrediet: risicodragend krediet voor de financiering van veelbelovende innovatieve projecten die een hoger technisch risico kennen, maar een uitstekend perspectief in de markt hebben. Het Innovatiekrediet richt zich op de technische ontwikkeling van nieuwe producten of processen en is onderdeel van het Innovatiefonds MKB+.

Borgstellingen Wie meer wil weten over het instrumentarium ter ondersteuning van innoveren en ondernemen, kan contact opnemen met de Unit KlantContact van AgentschapNL op 088-6029000.

*B  orgstelling MKB Kredieten (BMKB): de overheid staat borg tot één miljoen euro voor een lening bij de bank. Voor startende en innoverende bedrijven gelden extra gunstige voorwaarden.

Voorlichting & advies *M  arktscan: geeft een overzicht van mogelijke zakenpartners in de buitenlandse doelmarkt. Dat kunnen agenten of distributeurs zijn, maar ook productiepartners. De marktscan wordt uitgevoerd in samenwerking met de handelsmedewerkers van Nederlandse ambassades, consulaten en Netherlands Business Support Offices (NBSO’s). Zij gaan aan de hand van een vastgesteld profiel op zoek naar potentiële zakenpartners.

Dit is een greep uit het totale pakket aan financieringsmogelijkheden dat Agentschap NL biedt. Een volledig overzicht staat op agentschapnl.nl/ondernemingsfinanciering.

Visie 13


Apple versus Samsung: Registreer ook uw nieuwste model Wie een model registreert, beschermt de vormgeving van dat model. Van dat specifieke model, om precies te zijn. De bescherming strekt zich niet uit tot andere of latere uitvoeringen. En daar gaat het nog wel eens mis. Bedrijven verzuimen soms nieuwere uitvoeringen van een product te registreren als model. Of ze registreren een conceptmodel, in plaats van het model dat ze uiteindelijk op de markt brengen. Dit kan grote gevolgen hebben.

14 Visie

Apple en Samsung vechten wereldwijd legendarische procedures uit met betrekking tot octrooi- en modelrecht. Apple meent dat Samsung met de Samsung Galaxy Tab inbreuk maakt op het modelrecht op de Apple iPad. Volgens de Rechtbank Den Haag is dat niet zo. Op 24 januari 2012 oordeelde ze dat de vormgeving van de Samsung Galaxy Tab geen inbreuk maakt op het geregistreerde model van de Apple iPad. De rechtbank is mede tot deze conclusie gekomen omdat ze vindt dat de algemene indruk van de Galaxy Tab voldoende afwijkt van de algemene indruk van het geregistreerde model van de iPad. Bovendien wordt de minimalistische vormgeving van de iPad in feite bepaald door de techniek en ergonomie. Als Samsung zich niet zou mogen bedienen van zo’n minimalistische vormgeving, dan zou dat het bedrijf dwingen tot minder optimale keuzes. En dat zou Apple een ongeoorloofd concurrentievoordeel bieden.

Modelinbreuk niet aangetoond

Modelinbreuk bestrijden

In het geding is het model van de in 2004 geregistreerde Apple iPad vergeleken met de Samsung Galaxy Tab 10.1. De rechter oordeelde dat deze twee modellen niet voldoende overeenstemmen om modelinbreuk aan te tonen. De in 2010 op de markt gebrachte iPad van Apple vertoont naar alle waarschijnlijkheid meer overeenkomsten met de Samsung Galaxy Tab 10.1. Ondanks pogingen van Apple kon deze iPad niet succesvol worden ingeroepen tegen de Galaxy Tab 10.1. De Samsung Galaxy Tab 10.1 mocht volgens de rechter alleen maar vergeleken worden met de modelregistratie van Apple van 2004, en niet met de niet-geregistreerde vormgeving van de iPad uit 2010.

Dit voorbeeld laat zien hoe belangrijk het is om ook nieuwe modellen te registreren. De vormgeving van producten verandert voortdurend. Doorontwikkeling is aan de orde van de dag. Wilt u uw nieuwe vormgeving zo goed mogelijk beschermen en modelinbreuk succesvol aan kunnen tonen in een geschil? Dan moet u, indien mogelijk, nieuwe uitvoeringen van producten registreren als model. Wilt u hierover meer informatie, dan zijn wij u uiteraard graag van dienst.

Yvonne Noorlander noorlander@octrooibureau.nl Visie 15


Eerst komt, eerst maalt? Oudere handelsnaam tegenover jonger merk

Kun je op basis van een handelsnaam succesvol optreden tegen een merkregistratie van latere datum? Dat hangt er maar net van af. Onlangs besliste de Europese Cancellation Division dat er sprake moet zijn van gebruik van een handelsnaamrecht van meer dan plaatselijke betekenis, wil je op die basis kunnen optreden tegen een latere merkregistratie.

Meer dan plaatselijke betekenis?

Het Amerikaanse bedrijf Innovadex LLVC diende een verzoek in tot registratie van het merk INNOVADEX in de Europese Unie. De merknaam INNOVADEX had betrekking op een online database voor onder andere ruwe materialen, chemicaliën, voedsel, dranken en farmaceutische producten. Het Nederlandse bedrijf Innova Market Insights B.V. maakte bezwaar tegen de merkaanvraag. Volgens Innova kwam het merk INNOVADEX zo sterk overeen met hun – oudere – handelsnaam, dat het tot verwarring zou leiden. Bovendien wordt de handelsnaam INNOVA gebruikt voor een online database voor de voedselindustrie. Innova Market Insights B.V. was van mening dat de diensten soortgelijk 16 Visie

waren aan de diensten waarvoor het merk INNOVADEX werd geregistreerd.

In gebruik Innova heeft geen merkregistratie, maar alleen een handelsnaam. Het bedrijf vroeg daarom om nietigverklaring van het merk INNOVADEX op grond van artikel 5 van de Nederlandse Handelsnaamwet. Dit artikel bepaalt dat je als rechthebbende op basis van een oudere handelsnaam kunt optreden tegen een jongere handelsnaam, als dit tot misleiding van het publiek kan leiden. Daarvoor moest Innova wel aantonen dat de eigen handelsnaam in gebruik was op de datum van aanvraag tot registratie van

het merk INNOVADEX, evenals op de dag dat Innova het verzoek om nietigverklaring indiende. Het gebruik van de handelsnaam moest bovendien van meer dan plaatselijke betekenis zijn. Dit laatste houdt in dat de geografische omvang van het gebruik zich verder uitstrekte dan gebruik op slechts lokaal niveau. Innova moest dus aantonen dat de handelsnaam substantieel gebruikt werd in Nederland. Innova gaf aan, dat uit eerdere jurisprudentie bleek dat gebruik van een handelsnaam op het internet als gebruik in het gehele land wordt opgevat. Ook overlegde Innova een grote hoeveelheid bewijsstukken om aan te tonen dat de handelsnaam INNOVA echt in gebruik was.

Volgens de Cancellation Division moesten de bewijsstukken aantonen dat INNOVA in Nederland gebruikt wordt als handelsnaam voor een database in de voedselindustrie. Na bestudering van alle bewijsstukken was de Cancellation Division van mening dat Innova inderdaad wel wat bewijsstukken heeft kunnen overleggen van INNOVA als handelsnaam voor databases. Maar, oordeelde de Cancellation Division, de bewijsstukken toonden onvoldoende aan dat dit gebruik van meer dan plaatselijke betekenis was. De database kan gevonden worden op een .com website en zowel de website als de daarop aangeboden database zijn in het Engels. Volgens de Cancellation Division toonde dit onvoldoende aan dat er sprake was van gebruik van meer dan plaatselijke betekenis in Nederland van de handelsnaam INNOVA. Het was waarschijnlijk gunstiger geweest voor Innova als het bedrijf in ieder geval de website en de database ook in het Nederlands had aangeboden. Visie 17


Nieuwe domeinnaamextensies en uw merk Sinds 2012 kunnen bedrijven en organisaties een eigen domeinnaamextensie aanvragen. Zo zijn de extensies .apple, .canon, .coke, .music en .hotel al aangevraagd. Sinds 1 mei 2012 is het mogelijk daartegen bezwaar te maken, bijvoorbeeld op grond van uw merkrecht. Voor u een extra reden om uw merken goed te beschermen. Heeft u uw merken al geregistreerd en wilt u voorkomen dat een derde een domeinnaam-extensie aanvraagt die verwarring kan wekken? Dan kunt u uw merken door Nederlandsch Octrooibureau laten bewaken. Wij brengen u dan tijdig op de hoogte van een aanvraag voor een domeinnaam die voor u bezwarend kan zijn.

Kayin Pang pang@octrooibureau.nl

Bescherm handelsnaam als merk Het is Innova dus niet gelukt om gebruik van meer dan plaatselijke betekenis aan te tonen. Daardoor kon het bedrijf het merk INNOVADEX niet nietig laten verklaren. De registratie voor INNOVADEX blijft in stand en Innova moest een kostenveroordeling van â‚Ź 450 betalen. Uit de beslissing blijkt maar weer hoe belangrijk het is om naast een handelsnaam ook een merk vast te leggen. Bij een verzoek om nietigverklaring op basis van een merkregistratie had Innova namelijk niet hoeven aantonen dat er sprake is van gebruik van meer dan plaatselijke betekenis, maar had zij kunnen volstaan met het aantonen van gebruik van het merk in Nederland. In de praktijk komt het regelmatig voor dat 18 Visie

cliĂŤnten hun producten goed beschermen, maar minder belang hechten aan het beschermen van hun handelsnaam. Toch is er in de loop der jaren vaak een zekere reputatie en goodwill opgebouwd voor deze handelsnaam. Een derde zou op basis van merkregistratie een verbod op het gebruik van deze handelsnaam kunnen afdwingen. Met een merkregistratie vestigt u aanzienlijk sterkere rechten dan met een handelsnaam. In de Benelux kunt u bovendien geen rechten ontlenen aan enkel het gebruik van een (handels)naam. Mocht u uw handelsnaam nog niet hebben geregistreerd als merk, dan is dit zeker het overwegen waard. Wij adviseren u graag nader.

Visie 19


Octrooiverleningsprocedures: het ene land is het andere niet Gaat het om octrooiverleningsprocedures, dan is het ene land het andere niet. De verschillen tussen landen of regio’s kunnen groot zijn. Dat geldt niet alleen voor het verloop van de procedures, maar ook voor de uitkomsten. In deze Visie nemen we enkele belangrijke verschillen tussen de octrooiverleningsprocedures in Europa, de Verenigde Staten en Japan onder de loep.

Europa Allereerst de situatie dicht bij huis: in Europa (en Nederland). Een octrooiconclusie moet inventief zijn om verleend te kunnen worden. Dat beoordelen we aan de hand van de zogeheten ‘probleem-oplossingsbenadering’. Daarbij wordt de octrooiconclusie met een actuele wetenschappelijke of octrooipublicatie binnen hetzelfde vakgebied vergeleken. Biedt zo’n publicatie in combinatie met een publicatie op datzelfde vakgebied een oplossing voor hetzelfde vraagstuk als de octrooiconclusie, dan is de octrooiclonclusie niet inventief en wordt dus niet verleend. Datzelfde geldt wanneer iemand die goed thuis is in het vakgebied met zijn vakkennis de oplossing betrekkelijk eenvoudig zou kunnen bedenken. Vloeit de oplossing voort uit een document uit 20 Visie

een ander vakgebied en is er geen directe aanleiding om beide publicaties te combineren, dan is de kans groot dat de octrooiconclusie het stempel ‘inventief’ krijgt. Dat geldt ook wanneer er drie of meer publicaties nodig zijn om tot een nieuwe oplossing voor een technisch probleem te komen.

Verenigde Staten In de Verenigde Staten geldt een ander criterium voor inventiviteit: dat van ‘obviousness’ ofwel ‘voor-de-hand-liggendheid’. Dat wil zeggen dat de materie van een octrooiconclusie niet inventief is als die voor de hand ligt uit de combinatie van twee of meer publicaties. Een Amerikaanse Examiner mag dus gerust drie, vier, vijf of meer publicaties combineren om een gebrek aan

inventiviteit aan te tonen. Ook hoeft er geen aanleiding te zijn om die publicaties te combineren, omdat de vakgebieden verschillen. Verder kan het gebeuren dat een Amerikaanse Examiner tijdens de procedure ‘vanuit het niets’ nieuwe schadelijke publicaties tevoorschijn tovert. Tenslotte kan een Amerikaanse Examiner middels een ‘FINAL Office Action’ besluiten dat de verleningsprocedure wordt afgesloten, waarna vervolgens weer kosten gemaakt moeten worden om de procedure voort te zetten. Voor Europeanen/Nederlanders is dit vaak moeilijk te begrijpen: een octrooi kan in Europa al verleend zijn, terwijl de procedure in de Verenigde Staten doormoddert, met alle bijbehorende kosten en frustraties.

Japan In Japan kan de taal voor moeilijkheden zorgen. Zo zijn in de Japanse vertaling van een tekst de oorspronkelijke bedoelingen soms minder duidelijk. Het komt voor dat de Japanse Examiner niet begrijpt wat er bedoeld wordt met de vertaling van een bepaalde Engelse term in de octrooiaanvraag, of dat hij een dergelijke term verkeerd interpreteert. Dat kan leiden tot vertraging en extra kosten in de octrooiverleningsprocedure. Daarnaast is Japan een technologisch vooruitstrevend land. Het heeft een grote schat aan octrooiliteratuur die alleen in het Japans beschikbaar is. Dit brengt met zich mee dat bij de verleningsprocedure in Japan nog niet eerder gevonden schadelijke literatuur kan opduiken. Aanvragers met een reeds verleend Europees of Amerikaans

octrooi moeten zich dan afvragen wat hun octrooi waard is, in het licht van de nieuw gevonden literatuur.

Lokale agenten Het verloop en het resultaat van een octrooiverleningsprocedure kunnen dus per land of regio verschillen. Onze octrooigemachtigden proberen met behulp van lokale agenten de rimpels in de octrooiverleningsprocedure zoveel mogelijk glad te strijken, maar uiteindelijk geeft het oordeel van de Examiner in het betreffende land of de betreffende regio de doorslag. In de volgende Visie gaan we in op de octrooiverleningsprocedures in Brazilië, China en Rusland. Heeft u vragen? Neem gerust contact met ons op.

Kees van Balen vanbalen@octrooibureau.nl Visie 21


Nieuwe partners bij Nederlandsch

Octrooibureau “Sterke positie in life sciences verder uitbouwen”

Mari Korsten, partner sinds 1 november 2011 korsten@octrooibureau.nl

“Op 1 januari 2012 ben ik partner geworden van Nederlandsch Octrooibureau. Ik voel me sterk betrokken bij het bureau en zijn cliënten en hoop onze sterke positie in met name de life sciences verder uit te bouwen. Ik heb gestudeerd aan het Institut National Agronomique Paris Grignon (INAPG) in Parijs. Dat is een zogeheten ‘grande école’, waarvoor je een strenge nationale selectieprocedure moet doorlopen. Vervolgens heb ik zes jaar fundamenteel onderzoek gedaan. Eerst bij het Institut Cochin de Génétique Moléculaire in Parijs, daarna bij het Nederlands Kanker Instituut in Amsterdam. Ik heb me daar gespecialiseerd in biochemie en hematologie. Bij DSM in Delft heb ik de opleiding gevolgd tot Europees en Nederlands Octrooigemachtigde. Met mijn kennis van biotechnologie en in het bijzonder de moleculaire biologie, genomics, biochemie, hematologie, immunologie en microbiologie, kan ik onze cliënten het best mogelijke IE-advies bieden voor hun biotechnologische innovaties.”

“Een uitstekende match” “Sinds 1 november 2011 ben ik vennoot bij Nederlandsch Octrooibureau. Ik heb voor Nederlandsch Octrooibureau gekozen, omdat het al jaren toonaangevend is op het gebied van chemie en life sciences. Bovendien heeft het een indrukwekkend klantenbestand in mijn specialisaties, levensmiddelentechnologie en farma. Ik ben afgestudeerd in de levensmiddelentechnologie aan de Wageningen Universiteit. Ook heb ik rechten gestudeerd aan de Radboud Universiteit in Nijmegen. Na het behalen van mijn Nederlandse en Europese kwalificatie als octrooigemachtigde, ging ik bij Norvartis Pharma in Zwitserland aan de slag. Daar heb ik verschillende pan-Europese octrooizaken gecoördineerd en was ik verantwoordelijk voor de octrooiportefeuille van de ‘special products’-groep. Een volgende stap in mijn loopbaan bracht me naar Bird & Bird in Den Haag, waar ik me vooral richtte op octrooirechtszaken en het beheren van octrooiportefeuilles van food- en farmabedrijven. Na nog ruim een jaar actief te zijn geweest voor octrooibureau Patentwerk, heb ik de stap naar Nederlandsch Octrooibureau gezet, waar ik vennoot ben geworden. De match is uitstekend.” 22 Visie

Caroline Pallard, Partner sinds 1 januari 2012 pallard@octrooibureau.nl

Visie 23


10 tips voor IE-management

Door goed beheer van uw octrooien, merken en modellen kunt u kansen creÍren en risico’s voorkomen. Juist nu het even wat minder gaat. Beschouw IE-kosten als investeringen in de bescherming van vitale innovaties van uw organisatie. Ga voor slimme tips naar www.octrooibureau.nl/tientips of scan de QR-code.

24 Visie

Visie #14  

Relatiemagazine van Nederlandsch Octrooibureau 'Visie' nummer 14

Read more
Read more
Similar to
Popular now
Just for you