Werken aan verbinding in de wijk

Page 1

juli 2014

Werken aan verbinding in de wijk Sociale wijkteams en samenwerking

Meer inzicht in sociale wijkteams Een onderzoek naar kenmerken, werkwijzen en knelpunten

Samen zorgen voor een veilig thuis ‘Veiligheid is een vak’

Sociale wijkteams op maat Hoe twee verschillende wijkteams van elkaar kunnen leren

Op eigen kracht vooruit! Iedereen actief in het DOE-centrum

Met een video over samenwerking in de wijk


Voorwoord Eén sociaal wijkteam voor alle leeftijden, roept de één. Een specifiek team voor de jeugd, dat is echt nodig, vindt de ander. Bij het ene team voert de gemeente op afstand de regie, terwijl een andere gemeente de teugels strak in handen wil houden. De visies en ideeën over de samenstelling en verantwoordelijkheden van sociale wijkteams, jeugdteams of gebiedsteams lopen uiteen. De samenstelling van een sociaal wijkteam is maatwerk, daar zijn we het ondertussen wel over eens. Het doel is gemeenschappelijk: het bieden van de beste ondersteuning aan kwetsbare bewoners van een wijk of gebied. Op maat en dichtbij de burger én met inzet van eigen kracht en netwerk. Na een fase van pilots staan veel gemeenten nu voor beleidskeuzes voor de inrichting en implementatie van sociale wijkteams. De pilots leveren praktijkkennis over sociale wijkteams, maar maken ook inzichtelijk dat we er nog lang niet zijn. Juist door in de praktijk verder aan de slag te gaan, komen dilemma’s en vraagstukken naar voren die richting geven voor verdere ontwikkeling. JSO voerde samen met het Tympaan Instituut een quickscan uit onder sociale wijkteams in Zuid-Holland. De vragenlijst werd door 21 gemeenten ingevuld. De uitkomsten schetsen de stand van zaken van 17 sociale wijkteams in deze provincie. Wij willen de meest kenmerkende resultaten uit deze quickscan graag met u delen. Naast de resultaten uit de quickscan kunt u in dit magazine lezen over de ervaringen van de pilots sociale wijkteams in Pijnacker-Nootdorp en Zoetermeer. Twee gemeenten die nauw samenwerken en ook van plan waren om tijdens de pilot intensief samen op te trekken. De lokale verschillen bleken te groot, maar ze konden wel van elkaar leren. Ook namen we een kijkje in Leiden waar wordt gewerkt aan de opzet van een DOE-centrum, een centrum waar eigen kracht en het vergroten van sociale netwerken centraal staan. Daarnaast ziet u een filmpje over samenwerking. Is huiselijk geweld in uw gemeente al geborgd in een sociaal wijkteam? Marjanne van Esveld vertelt in dit magazine over het belang van samenwerking met regionale partners bij de preventie van huiselijk geweld en kindermishandeling. Wij hopen dat dit magazine u inspireert en (nieuwe) inzichten geeft die u verder helpen bij de ontwikkeling van sociale wijkteams in uw gemeente. Programmaregisseurs, Jan Temmink Nita van Veluw

2


Inhoud Voorwoord

2

Meer inzicht in sociale wijkteams Een onderzoek naar kenmerken, werkwijzen en knelpunten

4

Samen zorgen voor een veilig thuis ‘Veiligheid is een vak’

6

Sociale wijkteams op maat Hoe twee verschillende wijkteams van elkaar kunnen leren

8

Op eigen kracht vooruit! Iedereen actief in het DOE-centrum

10

Hoe staat het met de ontwikkeling van sociale wijkteams in uw gemeente? Klik op onderstaande afbeelding en maak inzichtelijk welke ontwikkelvragen en dilemma’s er in de komende tijd voor uw gemeente nog liggen.

st

soc

i

al

eams t k

e c kl h i c

3

e wij


Meer inzicht in sociale wijkteams Een onderzoek naar kenmerken, werkwijzen en knelpunten

Meer inzicht in de kenmerken en werkwijzen van sociale wijkteams helpt bij beleidskeuzes en doorontwikkeling. Om een beeld te krijgen van de stand van zaken van sociale wijkteams in Zuid-Holland voerden JSO en Tympaan Instituut een quickscan uit onder gemeenten in deze provincie. Daarin werd projectleiders gevraagd naar doelen en doelgroepen, structuur en werkwijze, monitoring en evaluatie, knelpunten en tips. De eerste resultaten van de quickscan werden gepresenteerd tijdens de kennisbijeenkomst ‘Sociale (wijk)teams onder de loep’ op 23 juni 2014. Hier leest u de belangrijkste uitkomsten. Achtergrondcijfers • 25 projectleiders van sociale

wijkteams uit 21 verschillende gemeenten vulden de vragenlijst in. In 8 van deze gemeenten zijn nog geen sociale wijkteams actief. De resultaten van de quickscan hebben daardoor betrekking op 17 sociale wijkteams. Aan 11 projectleiders werden daarnaast telefonisch een aantal verdiepende vragen gesteld.

Motieven Als belangrijkste motieven om met een sociaal wijkteam te gaan werken worden genoemd: de ondersteuning meer op maat en dichter bij de burger organiseren (9 keer) en de ondersteuning integraler en efficiënter organiseren (7 keer). Taken van sociale wijkteams De taken die aan een wijkteam verbonden worden, verschillen erg per wijkteam. Taken die het vaakst door sociale wijkteams worden uitgevoerd zijn: het maken van een plan of arrangement, het coördineren van ondersteuning en vraagverheldering. Het minst vaak worden genoemd: het proactief benaderen van burgers, het faciliteren van vrijwillige inzet en het organiseren van collectieve arrangementen.

4

Lees meer over het inzetten van eigen kracht op pagina 10

Verbindingen in de wijk Alle sociale wijkteams geven aan verbindingen te hebben met bestaande organisaties of structuren in de wijk. Wel is daar kennelijk nog ‘ontwikkelingswerk’ nodig, omdat 10 respondenten aangeven dat die verbindingen nog in ontwikkeling zijn. Het doel van die verbindingen is om signalering, toeleiding te vergemakkelijken en op- en afschaling te vergemakkelijken.

Renske Hoogeveen, projectleider wijkzorg Dorrestein, gemeente Zuidplas: “Het is lastig om de nieuwkomer wijkteam goed aan te laten sluiten op bestaande structuren zoals vrijwilligerswerk, welzijn en bij de huisartsen. In het begin was het wijkteam erg intern gericht, dit kwam ook omdat zij ineens in een nieuw team moesten gaan samenwerken. Nu is de blik meer naar buiten gericht en zie je dat het netwerk gaat groeien.”


Mieke Martens, beleidsadviseur maatschappelijke ontwikkeling, gemeente Alphen aan den Rijn: “In gezinnen die kampen met meerdere problemen is inkomensproblematiek vaak een knelpunt. Daarom is verbinding met een collega met expertise op het gebied van schuldhulp, werk en inkomen heel belangrijk.”

Inzet van instrumenten 14 van de 17 sociale wijkteams gebruiken de zelfredzaamheidsmatrix.Daarnaast

Aanpak huiselijk geweld De aanpak van huiselijk geweld en kindermishandeling is in 7 van de 17 sociale wijkteams geborgd.

Monitoren van resultaten In 11 gemeenten worden de resultaten en (gewenste) maatschappelijke effecten op onafhankelijke wijze gemeten en vastgesteld. Daarvan geven 7 gemeenten aan dat er sprake is van monitoring van resultaten, maar dat dit beter kan.

Lees meer over de aanpak huiselijk geweld op pagina 6

gebruiken de wijkteams instrumenten zoals het ecogram, de domeincheck, het format leefplan/gezinsplan, de participatieladder, het ernsttaxatie­ model en het leefbaarheidsonderzoek.

Tips van projectleiders aan andere gemeenten met sociale wijkteams: • Betrek de lokale partijen en ontwikkel samen. • Zorg voor een lerende organisatie. • Sluit aan bij de vorm waar lokaal draagvlak voor is. • Houd de bestaande (werkende) structuren zo veel mogelijk in stand en werk daarnaast aan nieuwe initiatieven. • Zorg voor een goed plan van aanpak, opgesteld in nauwe samenwerking met partners en voldoende voorbereidingstijd. • Zorg voor een directe verbinding met de gemeente met name op het gebied van schuldhulp en werk en inkomen. • Zorg dat medewerkers buiten gebaande paden durven treden, goed kunnen coachen en sturen op motivatie. • Zorg voor een duidelijke procesleiding binnen de gemeente. • Zorg ervoor dat de lokale politiek goed is geïnformeerd en is aangehaakt.

Niek Zwinkels, adviseur Wmo a.i., gemeente Westland: “Het knelpunt ‘niet uitgekristalliseerde werkwijzen’ is inherent aan ‘lerend ontwikkelen’. Al werkend kom je erachter hoe bepaalde zaken werken. Dit geldt voor de taken binnen de sociale teams, maar ook voor de bedrijfsvoering bij de gemeente en de financiering.” Maaike van der Scheer, projectcoördinator sociale teams, gemeente Pijnacker-Nootdorp: “De professionals is gevraagd acht uur per week beschikbaar te zijn voor de pilot. Dit was te weinig, het was voor de medewerkers schipperen tussen tijd en prioriteiten. Verder voelden medewerkers zich klem zitten tussen de pilot en de eigen moederorganisatie.”

Interesse in het uitgebreide rapport van de quickscan? Meld u dan via www.jso.nl aan voor onze nieuwsbrief en u ontvangt het rapport binnenkort per mail.

5


Samen zorgen voor een veilig thuis ‘Veiligheid is een vak’

Iedereen heeft recht op een veilig thuis. Wetgeving legt gemeenten op om zorg te dragen voor een veilig thuis voor haar inwoners. In het nieuwe sociaal domein wordt ook de aanpak van huiselijk geweld en kindermishandeling ondergebracht bij gemeenten. Hoe kunnen gemeenten deze aanpak succesvol implementeren in de wijk?

“In veel gemeenten moeten sociale wijkteams zorg gaan dragen voor een sluitende aanpak van huiselijk geweld en kindermishandeling. Veiligheid is een vak. Om veiligheidsrisico’s zo goed mogelijk in te kunnen schatten en problemen zo dicht mogelijk bij de burgers op te kunnen lossen, moet je partners in de regio opzoeken en zaken op elkaar afstemmen”, aldus Marjanne van Esveld, adviseur JSO.

6

Gemeenten laten zich voor de aanpak van huiselijk geweld leiden door de notitie van de G4: ‘Voor een veilig thuis’. De aanpak bestaat globaal uit de volgende stappen: voorkomen (voorlichting en preventie), (vroeg)signalering, stoppen (hulpverlening – opvang – vervolging) en de schade beperken (herstel en nazorg) van de gevolgen van huiselijk geweld. Van Esveld: “Veiligheid heeft een belangrijk verschil ten


opzichte van andere beleidsterreinen. De zorg voor veiligheid van bewoners heeft altijd prioriteit. De beoordeling of een situatie veilig is en de hulpver­lening bij onveiligheid gebeurt vaak door regionale partners als politie, justitie, het veiligheidshuis en het Advies- en Meldpunt Huiselijk geweld en Kindermishandeling (AMHK).”

“De lokale infrastructuur zorgt voor voldoende kennis over veiligheid en risico in het lokale veld en het vaststellen van de criteria voor opschaling.”

Maatwerk in samenwerking In de samenwerking met regionale partners liggen kansen om beleidsterreinen te koppelen en te integreren. “Bijvoorbeeld door de inrichting van de lokale infrastructuur en de inrichting van het AMHK op elkaar af te stemmen”, zegt Van Esveld. ”Op basis van een wijkanalyse werken ze meer of minder met elkaar samen. Dit is per wijk verschillend. Samen staan ze borg voor de aanpak bij onveiligheid. De lokale infrastructuur zorgt voor voldoende kennis over veiligheid en risico in het lokale veld en het vaststellen van de

criteria voor opschaling.” Het AMHK ondersteunt organisaties met advies en deskundigheid en is 24 uur per dag bereikbaar. In geval van een crisis of bij hulpweigering, kan het AMHK een onderzoek instellen, hulp inzetten of een dwangmaatregel opleggen.

“Veiligheid is een vak. Om veiligheidsrisico’s zo goed mogelijk in te kunnen schatten, is samenwerking met partners in de regio nodig.”

Bekijk hier de video over samenwerking in de wijk.

Afspelen

7


“Door de intensieve samenwerking leren de professionals veel van elkaar en ontwikkelt hun blikveld zich breder.”

Marphy van Elsen, projectcoördinator sociale wijkteams en wijk(zorg)netwerken, Zoetermeer

Sociale wijkteams op maat Hoe twee verschillende wijkteams van elkaar kunnen leren Het ene sociaal wijkteam is het andere niet. Elke gemeente vraagt om een team op maat, afgestemd op de lokale omstandigheden. Daar kwamen Zoetermeer en Pijnacker-Nootdorp achter toen ze afgelopen januari tot en met mei onder begeleiding van JSO deelnamen aan de pilot Sociale wijkteams. Hoewel ze aanvankelijk van plan waren om tijdens de pilot intensief samen op te trekken, voeren ze al snel hun eigen koers. De verschillen bleken te groot. Eén-huishouden-één-plan Zo was Zoetermeer al een heel eind op weg in het wijkgericht werken, terwijl dat bij Pijnacker-Nootdorp nog in de kinderschoenen stond. Volgens Marphy van Elsen, projectcoördinator sociale wijkteams en wijk(zorg)netwerken Zoetermeer, is de stad vijf jaar geleden al begonnen met investeren in ‘wijkzorgnetwerken’, die het contact en de samenwerking tussen diverse professionals moeten versterken. “Zoetermeer is een grote stad met een groot werkveld, waarin veel gespecialiseerde professionals een eigen stukje voor hun rekening namen. Daar was meer afstemming in nodig en dus hebben we destijds de gedachte één-huishouden-één-plan geïntroduceerd. Daaruit voort kwamen de wijkzorgnetwerken, en de

8

sociale wijkteams hebben we hierbij laten aansluiten.” Pijnacker-Nootdorp had niks wijkgerichts om op voort te borduren. “Wij werkten tot nu toe meer doelgroepgericht”, aldus projectcoördinator Sociale teams Maaike van der Scheer. “Pijnacker-Nootdorp kent ook geen wijken, maar drie oude dorpskernen. Wij zijn dus een ander soort gemeente en hebben er in de pilot voor gekozen om één team te vormen dat alle drie de kernen bedient.” Generalisten vs. specialisten Doordat Pijnacker-Nootdorp er zo fris instond, konden ze een vernieuwende manier van werken introduceren in hun wijkteam. Van der Scheer: “Het team bestaat uit generalisten


die niet langer werken vanuit hun moederorganisaties, maar echt vanuit het team. Dat zorgt voor veel ruimte en vrijheid, omdat de kaders wegvallen die horen bij hun oorspronkelijke functies. Dat was in het begin spannend, maar bleek een enorme meerwaarde. De teamleden moeten het echt met elkaar doen, waardoor de lijnen heel kort worden en ze meer voor elkaar krijgen.” Zoetermeer zet in het licht van de wijkzorgnetwerken juist meer in op samenwerking vanuit moederorganisaties. “Wij vinden het belangrijk dat iedereen zijn eigen specialisatie en expertise behoudt en daar investeren wij dus in”, zegt Van Elsen. “Maar door de intensieve samenwerking leren de professionals veel van elkaar en ontwikkelt hun blikveld zich breder.”

verschillen de sociale wijkteams van de gemeenten ook in functie. Het team in Zoetermeer heeft binnen het wijkzorgnetwerk vooral een adviserende en coördinerende rol, terwijl het team van Pijnacker-Nootdorp meer een ‘doe-team’ is. Van der Scheer: “Onze team­leden gaan er zelf op af en bieden zoveel mogelijk zelf ondersteuning. Ze zetten zo min mogelijk andere hulpverleners in.” En ook de doelgroep van de teams is verschillend. Aanvankelijk zetten ze beiden in op zowel jeugd en gezinnen als volwassenen en ouderen, maar daar kwam in Pijnacker-Nootdorp al snel verandering in. “In onze gemeente bleken vooral gezinnen met kinderen behoefte te hebben aan hulp vanuit het wijkteam”, zegt Van der Scheer. “Dus daar zijn we ons uitsluitend op gaan richten.”

Doe-team Als gevolg van het verschil in keuze tussen generalisten of specialisten,

Van elkaar leren Hoe verschillend de gemeenten ook zijn, er valt natuurlijk altijd van elkaar

Maaike van der Scheer, projectcoördinator Sociale teams Pijnacker-Nootdorp

”De teamleden werken echt vanuit het team. Hierdoor zijn de lijnen kort en krijgen ze meer voor elkaar.”

te leren. Van der Scheer roemt bijvoorbeeld de investering van Zoetermeer in wijkzorgnetwerken. Iets wat PijnackerNootdorp in de toekomst ook wil gaan doen. “Vanaf 1 januari 2015 willen wij gaan werken met kernteams die, net als in Zoetermeer, dicht aansluiten bij de lokale situatie in de verschillende woonkernen. Het huidige wijkteam blijft daarnaast bestaan als ‘regieteam’ dat zich volledig richt op multiproblemgezinnen.” Zoetermeer wil volgens Van Elsen niet alleen van Pijnacker-Nootdorp leren, maar van heel Nederland. “Overal vinden op dit moment pilots plaats en worden verschillende soorten wijkteams gevormd. Voor al die waardevolle expertise, oplossingen en successen houden wij onze ogen open. En als het bij ons past implementeren we het in onze eigen aanpak. Zo hebben we straks, op 1 januari 2015, een goed dekkende structuur van teams door de hele stad, op maat gemaakt voor Zoetermeer.”


Repaircafé

Op eigen kracht vooruit! Iedereen actief in het DOE-centrum

In Leiden streeft welzijnsorganisatie Libertas naar ‘inclusieve wijken’, waar iedereen tot zijn recht komt en op een gelijkwaardige manier deelneemt aan de maatschappij. In wijk De Kooi opent daarom binnenkort een DOE-centrum, waar het sociaal wijkteam idealiter ook een rol in speelt. In de inclusieve wijk maakt het niet uit wat voor culturele achtergrond, gender, leeftijd, talenten of beperkingen iemand heeft. Iedereen doet mee. De buurtbewoners worden aangesproken op hun mogelijkheden in plaats van hun beperkingen. Hun ‘eigen kracht’ (talenten, interesses en capaciteiten) staat centraal. Inclusieve wijken Welzijnsorganisatie Libertas in Leiden is druk bezig de wijken in de stad om te

10

vormen tot deze inclusieve wijken. Met name de wijk De Kooi in Leiden-Noord staat hoog op het lijstje. Met hulp van JSO wil de organisatie een van de twee buurtcentra in de wijk omvormen tot een DOE-centrum. Buurtadviseur Ruud Arnoldi legt uit wat dit inhoudt: “Het belangrijkste kenmerk van een DOEcentrum is dat iedereen die er binnenkomt actief wordt, en op die manier werkt aan zijn individuele ontwikkeling. We brengen mensen met elkaar in contact en stimuleren hen om vanuit

hun eigen wensen en mogelijkheden in actie te komen.” Samen klussen in de wijk Het DOE-centrum is er in principe voor iedereen in de wijk, maar richt zich vooral op mensen met een afstand tot de samenleving, zoals Arnoldi het formuleert. “Dat zijn bijvoorbeeld mensen met een bijstandsuitkering of een verstandelijke of psychische beperking. Zij hebben wat ondersteuning nodig om weer volledig deel te kunnen nemen


“Het sociaal wijkteam gaat net als wij uit van de eigen kracht en mogelijkheden van mensen.”

aan de samenleving. Dat is ook waarom het DOE-centrum hier in De Kooi komt te staan. Er wonen hier relatief veel mensen met een uitkering.” Naast mensen die iets nodig hebben, gaat het DOE-centrum op zoek naar buurtbewoners die iets te bieden hebben. “En die mensen koppelen we dan aan elkaar, zodat ze samen dingen kunnen ondernemen. Bijvoorbeeld klussen in de wijk onder begeleiding van een buurtbewoner die in de bouw werkt, of conversatieles Nederlands met iemand die goed is in taal. We kijken waar behoefte aan is en laten mensen het vervolgens zelf oppakken.”

“We brengen mensen met elkaar in contact en stimuleren hen om samen in actie te komen.”

Sociaal wijkteam Op dit moment zitten de professionals van het sociaal wijkteam van De Kooi tijdelijk bij het toekomstige DOE-centrum in en als het aan Arnoldi ligt blijft dat zo. Hij ziet hen als een belangrijke schakel in de wijk. “Ik vind het heel prettig dat ze hier zitten, want zo kunnen we goed bij elkaar aansluiten. Zij komen veel mensen tegen die baat zouden hebben bij het DOEcentrum en kunnen hen mooi naar ons doorverwijzen.” Ook de manier van werken van de organisaties is op elkaar afgestemd.

Buurtrestaurant

“Iedereen die binnenkomt wordt actief en gaat vooruit” “Zij gaan net als wij uit van de eigen kracht en mogelijkheden van mensen. Ze vragen bijvoorbeeld meteen bij de intake al wat mensen kunnen en wat ze leuk zouden vinden om te doen in de wijk. Dat is waardevolle informatie voor ons. Zo lig je in elkaars verlengde en werk je samen aan de vooruitgang van mensen.”

Arnoldi zou graag zien dat het DOEcentrum na de zomer open gaat. “We zijn alvast begonnen met wat activiteiten die door buurtbewoners zelf zijn opgezet en draaiend worden gehouden. Zoals een repaircafé, buurtrestaurant en Nederlandse conversatieles. Dus de eerste stappen zijn gezet.”

11


Meer weten?

Neem voor een oriënterend gesprek contact op met: Marleen Okma, adviseur Vincent Kokke, adviseur Marjanne van Esveld, adviseur/trainer

Wat doet JSO op het gebied van sociale wijkteams? • • •

Colofon

JSO geeft inhoudelijk advies en procesbegeleiding bij de ontwikkeling en implementatie. JSO helpt bij de monitoring en evaluatie van sociale wijkteams. JSO verzorgt deskundigheidsbevordering en intervisie voor professionals, teamleiders, gebiedsmanagers en kwartiermakers van sociale wijkteams. JSO ondersteunt bij de implementatie en borging van de aanpak huiselijk geweld en kindermishandeling in sociale wijkteams. JSO organiseert bijeenkomsten voor inspiratie en uitwisseling van kennis en ervaring.

Redactie Lydia Straver Tekst Marjanne van Esveld, Marijn Klok, Lydia Straver Vormgeving Monique Dessing Fotografie Jaco Taal (www.wasgoedonline.com) Video Issa Shaker, Femke Noordink Met dank aan: Ruud Arnoldi, Filiz Dilmeci, Marphy van Elsen, Vincent Kokke, Marleen Okma, Louis Pronk en Maaike van der Scheer

inspireert en verbindt Nieuwe Gouwe Westzijde 1, 2802 AN Gouda Postbus 540, 2800 AM Gouda T 0182 547 888 - F 0182 547 889 - E info@jso.nl - www.jso.nl

12


Millions discover their favorite reads on issuu every month.

Give your content the digital home it deserves. Get it to any device in seconds.