Issuu on Google+

SANGLOT


“Je kan het niet alleen�

02

colofon

gegevens

Tekst: Jeroen Snik

Naam: Jeroen Snik

Fotobewerking: Jeroen Snik

Studentnummer: 511724

Opmaak Design: Jeroen Snik

Klas: ICA C1D

Gedrukt bij: Drukwerkdeal

Docent: Patrick Kreling


nhoudsI opgave 04 08 12 16

03

SPORT VECHTKUNST

NATUUR WANDELEN

FAMILIE SAMENZIJN

MUZIEK SHOWBAND


port S Vechtkunst KESSOKU Kessoku is een vechtkunst die bestaat uit prachtige natuurlijke en vloeiende bewegingen, die zowel met als zonder wapens uitgevoerd kunnen worden. Door het natuurlijke karakter kan het beoefend worden door jong en oud. De vrije oefening is een onderdeel van de les waarin alle geleerde technieken met een partner worden uitgeprobeerd. Uniek aan

de vrije oefening is dat men hier met elkaar samenwerkt in plaats van tegen elkaar. Het is niet alleen een fantastisch geheel om te zien maar ook heerlijk om het zelf te doen. Kessoku beschikt over een grote hoeveelheid schitterende wapens uit diversen landen waarmee de vloeiende bewegingen van de vormen uitgevoerd kunnen worden. Het lopen van de vormen, hetzij met of zonder wapens is een weldaad voor uw lichaam. Deze vormen noemen we ook wel kata’s. KISHIN-RYU De technieken die men leert bij het Kishin-Ryu karate hebben Erik Veldwijk en zijn leerlingen in zeer korte tijd 27 Nationale en Internationale titels in Karaten, Taekwondo, Kick-Boxing en het All Style Semi Contact bezorgd (waaronder 9 Nederlandse, 3 Europese en 2 Wereldtitels).

De training bestaat uit de oude voor berijding die Erik Veldwijk en zijn leerlingen gaf als voorbereiden op hun toernooien. Uitzondering is dat er op deze lessen niet gespard wordt wat de sfeer ten goede komt. Hierdoor worden de wat minder sociale mensen buiten de deuren gehouden. Alle stoot, trap, elleboog en knietechnieken worden in verschillende combinaties in tweetallen beoefend, zowel aanvallend als verdedigend. Om blessures te voorkomen en om voluit te kunnen gaan draagt men bokshandschoenen en scheenbeschermers. KISHIN-RYU KARATEN-DO Bij het Kishin-Ryu Karate-Do (het traditionele karate). Leert men diverse weringen, stoten, slagen, trappen, klemmen, verwurgingen, werpen en bevrijdingen. Centraal in het karate-do staat de kata (denk beeldig gevecht tegen meerdere tegenstanders).

ÂŤ

04

V

echtkunst en vechtsport zijn twee andere dingen, dit is erg van belang om dit goed door te hebben. Kessoku, Kishin-Ryu Karaten en Kishin-Ryu Karaten-Do zijn dan ook geen vechtsport maar een vechtkunst. Twee van deze vechtkunsten beoefen ik zelf ook. Dit zijn Kessoku en Kishin-Ryu Karaten-Do, mijn voorkeur en grootste passie licht dan wel bij Kessoku. De vechtkunst Kessoku beoefen ik zalf dan ook al zes jaar.


05


06

De techniek van de kata worden zowel solo als met partner in de toepassing uitgevoerd. Naast de kata en de toepassing zijner nog de kumite’s (korte gevechtshandeling). De kumite’s worden net als de toepassing zowel solo als met partner uitgevoerd. Alle technieken worden voluit getraind bij elkaar op de bokshandschoenen. WEDSTRIJDTRAINING De wedstrijdtraining is een besloten les die alleen voor de gevorderde leerlingen van het kessoku geldt. Er wordt bij deze training gevochten met elkaar. Hiervoor heb je eerst de techniek en kennis nodig van de vechtkunst kessoku om je zelf en je mede training ’s partners niet te verwonden. Er wordt wijdens deze les wel bescherming gedragen. Dit is dan ook alleen maar geldig voor de meest kwetsbare delen van het lichaam. Dit doen we om ernstige lichamelijke blessures te voorkomen. Er wordt voornamelijk gevochten volgens het punt-stop systeem. Dit houd in dat je

met elkaar aan het vechten bent als er één persoon een treffer/punt maakt je opnieuw beging. Het is dus niet de bedoeling dat je doorgaand systeem gaat draaien. BANDEN SYSTEEM KESSOKU Zoals u net heeft gelezen bestaad kessoku uit prachtige natuurlijke en vloeiende bewegingen, die zowel met als zonder wapens uitgevoerd kunnen worden. Dit is in één ding samen te voegen (kata’s), de kata’s worden dus zowel met als zonder wapens gedaan. Elk wapen heeft zijn eigen kenmerken en eigen kata’s. Er is voor één wapen niet één kata maar veel meer. Als we gaan kijken na het standaard wapen katana, deze heeft minimaal al 7 verschillende kata’s. Om verschillende kleuren banden te halen moet je verschillende kata’s leren. Hieronder een overzicht tot en met de eerste bruine band zoals ik deze heb


“Pijn is een illusie” 07

afgelegd. Om je gele band tehalen moet je verplichte kata’s lopen, daarna heb je keuren uit 40 verschillende kata’s tot en met bruin. Hierna komen er weer eens 40 bij.

Blauw • Hand 2 • Katana 2 • Enkel stick 1 • Enkel vlinder

Geel • Hykaries katana, bo, stick • Katana 1

Bruin • Hand 3 • Bo • Dubbel sai • Enkel kortzwaard • Dubbel stick

Orange • Enkel sai • Dubbel tonfa • Enkel breedzwaard Groen • Hand 1 • Enkel tonfa • Dubbel breedzwaard • Dubbel vlinder

Zoals je kunt zien komen erbij de groene band hand kata’s bij. Deze zijn verplicht net zo als katana 1, katana 2, katana3, bo, stick 1 en stick 2 kata’s. Dit zijn namelijk de standaard wapens. Deze zijn

verplicht om verder te ontwikkelen als je een hogere bande wil hebben. Voor meer informatie kunt u kijken op www.vechtkunstschoolveldwijk.nl

«


D

e natuur is voor mij erg van belang. Als kleine jongen heb ik altijd bij scouting gezeten. Bij de scouting heb ik heel erg veel geleerd hoe je in van natuur kan genieten. Straks meer over wat scouting is en wat ik daar heb geleerd en gedaan. Nu gaan we eerst kijken naar mijn afgelopen zomervakantie. Hierin heb ik het pieterpad gelopen. WAT IS HET PIETERPAD Het Pieterpad is een LangeAfstands-Wandelroute. Een Lange-Afstands-Wandelroute (kortweg LAW) is een wandeling die zich uitstrekt over een langere afstand (vanaf ca. 100 km) en die niet rond gaat. Het begin en eindpunt van een LAW liggen dus niet bij elkaar. Het Pieterpad voert van Pieterburen in Noord Groningen naar de Sint-Pietersberg in Zuid Limburg en is daarmee de langste aaneengesloten wandelroute van

Nederland. Voor wie niet alleen met de voeten wandelt, maar ook met hart en ziel, zal merken hoeveel er onderweg valt te zien en te beleven. Diverse soorten landschappen worden doorlopen: de rijke Groninger klei, de Drentse zandgronden, de Sallandse Heuvelrug, de lommerrijke Achterhoek, het Montferland en tenslotte het langgerekte, gevarieerde Limburg. Ieder gebied heeft daarbij zo zijn eigen karakteristiek, zijn samenspel van boerderijtypen, dorpsuitleg, cultuurlandschap, industrie e.d.. VOORBEREIDINGEN Voor de lange afstand wandeling heb ik mij zelf goed voorbereid. De bedoeling was om het tweede deel van het pieterpad van Vorden naar Maastricht te gaan lopen. De officiële afstand van deze route is ruim 260 kilometer. Als voorbereiding ben ik begonnen met een uurtje lopen zonder

bepakking bij mij op de postbank, dit werden al gouw een paar uur achter elkaar. Na 4 keer zonder bepakking te hebben gelopen ben ik gaan opbouwen met een lichte bepakking van 10 kilo. Na twee keer met deze gewicht te hebben gelopen ben ik dit gaan verhogen naar 20 kilo. Al gouw ben ik van Rheden naar Otterloo gelopen. De eerste keer was dit ± 3o kilometer met een bepakking van ongeveer 20 kilo. De twee de keer ben ik anders gelopen en was het ongeveer het zelfde aantal kilometers. Wel had ik de twee de keer er minder lang over gedaan. De derde en de laatste keer dat ik naar Otterloo ben gelopen ben ik beetje om gelopen, hierdoor zat ik ruim aan de 40 kilometer. Dit was erg pittig. In mijn training heb ik niet getraind op meerder dagen achter elkaar te lopen, dit zou ik de volgende keer wel doen. Mijn benen waren nu wel gewend om de dubbele

«

0308

atuur N Wandelen


09

Gemaakt door: Andreas Krappweis


10

afstand te lopen die ik straks zou gaan lopen alleen waren mijn benen niet gewent om zo veel dagen achter elkaar te lopen. Ook zou de bepakking bij de wandeltocht zo Âą 27 kilo wegen. DE WANDELTOCHT Op maandag 02 juli 2012 ben ik met mijn wandeltocht van Âą 300 kilometer begonnen. Mijn tocht begon in Vorden, de eerste dag zou ik zo ongeveer 20 kilometer gaan lopen. De eerste dag was heel erg wennen aan de tas en de gedachten dat ik nu dan ook echt was begonnen. Ook zat de rugzak niet lekker en was het gewoon afzien. Eindelijk op de camping was voor het eerst de tent opzetten en primitief eten koken. De camping was erg rustig en ben dan ook vroeg mijn tent ingedoken om heerlijk te slapen. De tweede dag als eerst rond 7 uur opgestaan en alles afgebroken. Deze dag zou ik weer 20 kilometer gaan lopen, ook kwam ik er deze dag achter dat ik mijn oplader voor mijn mobiel was vergeten. Deze

hebben mijn ouders later een keer langs gebracht. De eerste week tot en met zondag was het weer heel erg mooi. De tweede week begon minder, ik zat ongeveer in Groesbeek en ging weer veder. De voeten deden zeer van de blaren. Maar pijn is maar een illusie, dus de schoenen weer aan en veder lopen. Deze maandag is het begonnen met regenen en het is de hele dag door gegaan. Als je aan het lopen bent is dat geen probleem, alleen als je dan weer op een nieuwe camping bent aangekomen is het wel prettig als het droog is om je tent op te zetten. Gelukkig heb ik bijna altijd de tent droog op kunnen zetten, helaas wel paar keer in de regen in moeten pakken. Hierdoor werd de bepakking ook weer wat zwaarder. Het was voor mij zelf ook een uitdaging om te kijken hoe het is om 2,5 week alleen te zijn zonder vrienden en familie en je zelf tegen te komen. Mensen zeggen


“Wandeltocht 300km” 11

dit namelijk altijd wel maar had niet verwacht dit zelf ook echt mee te maken. Maar het klopt lopen maakt je hoofd helemaal leeg en je komt je zelf echt tegen, bij mij was dit op een prettige en goeie manier. Uiteindelijk is mijn uitdaging geslaagd ik heb Maastricht bereikt en heb er erg van genoten. Ik kan iedereen dus ook echt aanbevelen om dit een keer te gaan doen!

De Arnhemse winter hike was echt alleen maar gebaseerd op wandelen. Je begon op vrijdag avond en zondag einde van de dag kwam je weer thuis. De RSW (Regionale Scouting Wedstrijden) en REW (Regionale Explo Wedstrijden) waren er vooral ook andere dingen zoals spellen aan de orden. Ik zelf ben altijd naar deze kampen toe geweest en heb één keer de Arnhemse winter hike en de REW gewonnen.

SCOUTING De liefde om te lopen heb ik gekregen toen ik bij de padvinderij zat. Ik heb als jonge jongen altijd bij de Rhedense Pioniers gezeten en ging altijd mee met de kampen. Ook waren er elk jaar verschillende hikes te lopen. Hierdoor heb ik de interesse gekregen om lange afstanden te lopen, met of zonder bepakking.

Ik ben echter al wel enkele jaren bij de RP (Rhedense Pioniers) gestopt. Maar als ik de tijd er voor zou hebben zou ik met alle liefde weer lid worden. Het is een goede hecte band die nog steeds leeft.

Bij scouting was het dan altijd dat je met verschillende scouting groepen op één kamp zat. Dit waren de Arnhemse winter hike, RSW en REW.

«


amilie F Samenzijn nimi, quo dus eumque laciaerios moditat estem ad magniet lam quae molorem faccusa volore, que comnimet ommod eos ipsum estores eum quiatem evendelis et venet ut rerspiet volupta nonsequia eium fuga. Itatur, cus ere, quam quam ent. Ximporae repta et re nonsequatem in cuptatquat. Dunt, cum inciisi nat peliquiatur sit, quos iliquossi dolorerum ut unt, adisqui as eaquosa in pa sum volorer eperumqui velestiur rae excearum lacesci debitata et as preptatur sunt, earum ut ex excestrum essum volore re, apedis ut landebis sum faccaere dicil illecea dolendunt ad ma dis sum doluptatur? Peris di dolupta tatempo rectis solupta ipsaes que nuscient laut asintenita consero magnis conest, aspel ilitatur, cone vent dolecea des alis rae odis as velist que nat. Cus auditasi ommost perro berrovid maio. Us, aut il molectu ritatur eribusa ectotatae conet offici dolupta temposandit atur, cone

vent doluptates rerersp erspidebita quisciis exces quatem dolor as molorest quatur sint endanienis voluptatis rae. Ore nem. Ferio del min es dis qui doluptam nihit odistin nus, sinis re sunt asi int. Nullique perit excerum aut volor sitaspe lloriae etur accum quae volorio quisitate dolo tem fuga. Imuscia ecturit, sum qui auditatest accum aut haribus daersped minulluptae nos eatiis et destoribusam sin estiis aut experae. Itatus magnament. Lor as ilibus, omnis cum iditatis eiuntio. Temporia eos nonsequi aut vel est et dolesti busam, vellam eossi dionserspiet erunt aut explit aut abo. Nam volupis eatio et expliantis inci inis poriti bera quo quat. Ro omnis nossit utendae litis ut antur, od quas eaquodis eicat perataspedit lamus ation comniet esserspiet, te resequi dolupti vernatus elibusd amusae excepudio. Et est, si ut aut aut ut elest fuga. Nemquis iuntinvelit est, as dolest, sam hil in nonsequid et.

ÂŤ

12

D

e, eaturia qui nus comniet umquiatque verumquid miliquunt assinctem quae eveliqui omnisciene non explit, et aboratis es est a que ne pe ne quatquia illite voluptatur? Corum, consenis sitibus, odit, sitis molorem nonserestrum siti dolupie ntiscidunt eum volo volore nimus moluptae conseque pore velique et la con porehenihil explam, ut eatet adit lab ius molorpossin etur sinto et est offictur, se corro temperum aute etuste imi, venis exerciur simus num re volenist, nonse autatur andae pore, voles dolupti beatent aborio to cum quam velit faccab inihicitat volupid quid ero tem es voleniscid quatquatiae si re oditis evelitiis niae pro venducipis debis accus molupta tiassi iur, cus volo di necta quiam etur, ius dundunt omnis molorio ritate sitae ipienis vende sim escienihil iduciatur, et aut autatur emporis doloriori odit que restiorrunt eatur sam et velent que verfera eperum volese pa consento que


13


14

Modite nonsequatus, consecesse odis mossinctet estrum et faccum quundignam, que molupienimo mod maxim voluptaqui doloratibus dolor architam inusciae quaerovit, omnimil itatque dolor magnatium, optatur?

corionsedias ma andis audia se dolorit laccust quam raestrum illatiorro il in por re ditam qui duntore henisit molum si cor acculpa rument a qui bercimi, ad mo eos architem re inctet venditi blaccatibus, simpossunt.

OMNIENDELLES Rearunt harchita quaturehende lacea quiam inciis sitatur, con esti sam fugiaeratem reprovidenem facest faccullaut omnitatur, occab int, est id que mod millacc aborepelest es venimus sume net, sunt, tet offic tem. Obitis molecto ritatem quaesequibus minveli tatemque officia deliciis soluptate dendam iniscie nientiam, quiae necte ped quae maion ex et laborem volorit latemqu ibusam lacearum fugiaest, sitae reperci libus.

Ovit quam, qui culloribus imo to et harunt. Xerum quas dolupta dolorera quae lique sume re laccatur ad ut faccae doluptate latem ut eos et verferum landi quia cusamus dent aut officiis doloriam eum natum harum ut adi andic tempossi dolores atur? Volorporro enimporem am aut aut voles ditis illores sitium ipit restior erupti quasped quam idellesti nonecti doloriam, cum imaximo disciur empora qui volorio repudi ant et odignimil ilit, quo bea cus ilitias simaio imetur alis volessi cor audit vendent que nectur? Urem nonsent que laborpo ssuntia speditis plam volupta tibusda cuptati usciandi in con re nobit pore vereius a culpa doluptataqui optatiatur, officat et volum dem et eiciendame pelland ictur?

Am sinctur autemossita sinisque voluptia quate et facipsam dolorecum re remquis as nullecabore sapicide con cus eost aut intio quae por ad molupta


“Zonder familie ben je nergens” 15

Um faciation et que adi aute preiciu ntibus voluptas adis atestotatur, comni si incil ipidit quia quia soluptas as diatecta vernatis cone quiaerovidus explam faccullum que volentist officiisimil molenitae volorunt eum qui repudigni qui nulparum velit erum aci doluptates eum est maioremped esti odis dit mos et es dusdamenis dolo ommolor endeliq uidelig nihilis de des militaecus ipsandem endant et, nimpore ntibeaq uaecull aboreribust quos elit voluptate escillabo. Danis accus ped minum et eturiossum es nonsed quo tem qui dolor modiciaest, voluptate eat. Im ea nonsequae cus. Apid quatur sit plianimetur, volupis rem dente nulliquatest quae nimendia nobis rentius sinciaspit, vent verum idestis dolecer ovitatur? OMNIENDELLES Enda nectur, seque dolo to di as peremqui corum rescitaquam qui teniet qui inciae. Esecepelit venimin velesti onsequi dolorem re laccatet autem as nat.

Lorum doluptur? Quia quodi res aut mos maion consequatus dolupta dionseq uuntinum qui omniet viducia similiciis ut faccum aut eate non plant moloreicte omnitio toria doles aspis mo volorep edicimodis ario beatemolum nobis ni dolor arcidigent es eaquiscipis consequ iandian demolupid ut quam digente ctiatin velibus mod qui blab illes dollit quia cust eosae pa con re laccusdaerio officae reheniendam res el moles in era dolorepe poribus esequi aliqui volorporita autesernam is ent. Essimaiorent ipsamusti neceped unt, offictatio is eos dolupta etus dipic test, omnit utemos deri tem soluptate et, earunti torro ducit architaeres rerias eris doluptae volestia con consequas adistibus et as dolupicient mo eturerovid que voluptam, testem con porror audi debitiasim fugia vellaborpor aut optaturis cum nonsequamus, sumquam inveriatur sae pa dia nonsequos qui iundelescit rentibus antur, sitatet optaestrum expelit officab orepelit lam.

«


uziek M Showband nimi, quo dus eumque laciaerios moditat estem ad magniet lam quae molorem faccusa volore, que comnimet ommod eos ipsum estores eum quiatem evendelis et venet ut rerspiet volupta nonsequia eium fuga. Itatur, cus ere, quam quam ent. Ximporae repta et re nonsequatem in cuptatquat. Dunt, cum inciisi nat peliquiatur sit, quos iliquossi dolorerum ut unt, adisqui as eaquosa in pa sum volorer eperumqui velestiur rae excearum lacesci debitata et as preptatur sunt, earum ut ex excestrum essum volore re, apedis ut landebis sum faccaere dicil illecea dolendunt ad ma dis sum doluptatur? Peris di dolupta tatempo rectis solupta ipsaes que nuscient laut asintenita consero magnis conest, aspel ilitatur, cone vent dolecea des alis rae odis as velist que nat. Cus auditasi ommost perro berrovid maio. Us, aut il molectu ritatur eribusa ectotatae conet offici dolupta temposandit atur, cone

vent doluptates rerersp erspidebita quisciis exces quatem dolor as molorest quatur sint endanienis voluptatis rae. Ore nem. Ferio del min es dis qui doluptam nihit odistin nus, sinis re sunt asi int. Nullique perit excerum aut volor sitaspe lloriae etur accum quae volorio quisitate dolo tem fuga. Imuscia ecturit, sum qui auditatest accum aut haribus daersped minulluptae nos eatiis et destoribusam sin estiis aut experae. Itatus magnament. Lor as ilibus, omnis cum iditatis eiuntio. Temporia eos nonsequi aut vel est et dolesti busam, vellam eossi dionserspiet erunt aut explit aut abo. Nam volupis eatio et expliantis inci inis poriti bera quo quat. Ro omnis nossit utendae litis ut antur, od quas eaquodis eicat perataspedit lamus ation comniet esserspiet, te resequi dolupti vernatus elibusd amusae excepudio. Et est, si ut aut aut ut elest fuga. Nemquis iuntinvelit est, as dolest, sam hil in nonsequid et.

ÂŤ

16

D

e, eaturia qui nus comniet umquiatque verumquid miliquunt assinctem quae eveliqui omnisciene non explit, et aboratis es est a que ne pe ne quatquia illite voluptatur? Corum, consenis sitibus, odit, sitis molorem nonserestrum siti dolupie ntiscidunt eum volo volore nimus moluptae conseque pore velique et la con porehenihil explam, ut eatet adit lab ius molorpossin etur sinto et est offictur, se corro temperum aute etuste imi, venis exerciur simus num re volenist, nonse autatur andae pore, voles dolupti beatent aborio to cum quam velit faccab inihicitat volupid quid ero tem es voleniscid quatquatiae si re oditis evelitiis niae pro venducipis debis accus molupta tiassi iur, cus volo di necta quiam etur, ius dundunt omnis molorio ritate sitae ipienis vende sim escienihil iduciatur, et aut autatur emporis doloriori odit que restiorrunt eatur sam et velent que verfera eperum volese pa consento que


17

Gemaakt door: Jorge Barco


18

Modite nonsequatus, consecesse odis mossinctet estrum et faccum quundignam, que molupienimo mod maxim voluptaqui doloratibus dolor architam inusciae quaerovit, omnimil itatque dolor magnatium, optatur?

corionsedias ma andis audia se dolorit laccust quam raestrum illatiorro il in por re ditam qui duntore henisit molum si cor acculpa rument a qui bercimi, ad mo eos architem re inctet venditi blaccatibus, simpossunt.

OMNIENDELLES Rearunt harchita quaturehende lacea quiam inciis sitatur, con esti sam fugiaeratem reprovidenem facest faccullaut omnitatur, occab int, est id que mod millacc aborepelest es venimus sume net, sunt, tet offic tem. Obitis molecto ritatem quaesequibus minveli tatemque officia deliciis soluptate dendam iniscie nientiam, quiae necte ped quae maion ex et laborem volorit latemqu ibusam lacearum fugiaest, sitae reperci libus.

Ovit quam, qui culloribus imo to et harunt. Xerum quas dolupta dolorera quae lique sume re laccatur ad ut faccae doluptate latem ut eos et verferum landi quia cusamus dent aut officiis doloriam eum natum harum ut adi andic tempossi dolores atur? Volorporro enimporem am aut aut voles ditis illores sitium ipit restior erupti quasped quam idellesti nonecti doloriam, cum imaximo disciur empora qui volorio repudi ant et odignimil ilit, quo bea cus ilitias simaio imetur alis volessi cor audit vendent que nectur? Urem nonsent que laborpo ssuntia speditis plam volupta tibusda cuptati usciandi in con re nobit pore vereius a culpa doluptataqui optatiatur, officat et volum dem et eiciendame pelland ictur?

Am sinctur autemossita sinisque voluptia quate et facipsam dolorecum re remquis as nullecabore sapicide con cus eost aut intio quae por ad molupta


“March & Showband Rheden” 19

Um faciation et que adi aute preiciu ntibus voluptas adis atestotatur, comni si incil ipidit quia quia soluptas as diatecta vernatis cone quiaerovidus explam faccullum que volentist officiisimil molenitae volorunt eum qui repudigni qui nulparum velit erum aci doluptates eum est maioremped esti odis dit mos et es dusdamenis dolo ommolor endeliq uidelig nihilis de des militaecus ipsandem endant et, nimpore ntibeaq uaecull aboreribust quos elit voluptate escillabo. Danis accus ped minum et eturiossum es nonsed quo tem qui dolor modiciaest, voluptate eat. Im ea nonsequae cus. Apid quatur sit plianimetur, volupis rem dente nulliquatest quae nimendia nobis rentius sinciaspit, vent verum idestis dolecer ovitatur? OMNIENDELLES Enda nectur, seque dolo to di as peremqui corum rescitaquam qui teniet qui inciae. Esecepelit venimin velesti onsequi dolorem re laccatet autem as nat.

Lorum doluptur? Quia quodi res aut mos maion consequatus dolupta dionseq uuntinum qui omniet viducia similiciis ut faccum aut eate non plant moloreicte omnitio toria doles aspis mo volorep edicimodis ario beatemolum nobis ni dolor arcidigent es eaquiscipis consequ iandian demolupid ut quam digente ctiatin velibus mod qui blab illes dollit quia cust eosae pa con re laccusdaerio officae reheniendam res el moles in era dolorepe poribus esequi aliqui volorporita autesernam is ent. Essimaiorent ipsamusti neceped unt, offictatio is eos dolupta etus dipic test, omnit utemos deri tem soluptate et, earunti torro ducit architaeres rerias eris doluptae volestia con consequas adistibus et as dolupicient mo eturerovid que voluptam, testem con porror audi debitiasim fugia vellaborpor aut optaturis cum nonsequamus, sumquam inveriatur sae pa dia nonsequos qui iundelescit rentibus antur, sitatet optaestrum expelit officab orepelit lam.

«


Jeroen Snik | Sanglot | Editie nr 1 2012


Magazine Concept