Issuu on Google+

Australië Leven in de outback

Berlijn

bordelen voor de

kunst

RUSLAND het land van de kansen

Anke ‘de wereld

€ 5.00

1 | Hallo

juni 2013

ligt aan mijn voeten’


9

12

13

42

35

49

Inhoud

18 sint-petersburg

4 edinburgh

23 Reportage

10 Kameroen

34 moskou

met geld kan je alles hiv-patiĂŤnten helpen

schoonheid en corruptie

Vlamingen zijn f lexibel

Wilrijk als tweede thuis


Edito Beste wereldburgers,

65

66

Belmonde is het resultaat van drie studenten Journalistiek die gepassioneerd zijn door mensen in andere culturen en de wereld in zijn geheel. Met een beperkte voorkennis maar een open geest zijn we aan dit avontuur begonnen en hebben de verschillende indrukken op ons laten afkomen. Geen enkele stad is vergelijkbaar met een andere en zo zijn ook Vlamingen in andere landen niet te vergelijken met elkaar. Zo werden we in Edinburgh hartelijk ontvangen met een etentje, in Sint-Petersburg met een rondleiding en in Berlijn kregen we een beter zicht op Vlaamse kunstenaars. De ervaring die we opdeden is onuitwisbaar maar de indruk die sommige Vlamingen nalieten, is nog groter. Het zijn geen poesjes maar echte doorbijters en als er één ding zeker in hun reistas zit, is het wel zelfzekerheid. De allergrootste onder hen worden dan weer getypeerd door een grote bescheidenheid. Het best zijn ze te omschrijven als een cultuur op zichzelf, waar we het bestaan niet van wisten. Op deze manier werden we ook rijker in onze kennis. We bedanken graag onze docenten en iedereen die heeft meegewerkt aan dit magazine. Veel leesplezier Yoika, Jelien & Jolien

46 australië

schapen scheren en merken

52 berlijn

gevecht met een octopus

66 sri lanka

cobra’s en weeskinderen

Colofon Eindredactie en vormgeving Yoika De Koninck (yoikadeko@hotmail.com) Jolien Torfs (jolien_torfs@hotmail.com) Jelien Wauters (jelienwauters@hotmail.com) Coverbeeld © Jolien Torfs (Sri Lanka) Reclame Edufax NMBS Europe Vlamingen in de Wereld Drukkerij Universitas

Druk Universitas Website http://www.journo.be/wordpress4/ In opdracht van Thomas More Mechelen Niets van de inhoud mag worden verveelvoudigd en/of openbaar gemaakt op om het even welke wijze zonder voorafgaandelijk schriftelijke toelating van de eigenaars van dit magazine.


Gentenaar woont al zeven jaar in Edinburgh

‘Ik ben nog geen echte Schot’ Philippe De Wilde (54) woont sinds 1989 in het Verenigd Koninkrijk. Hij leefde zestien jaar in Londen en nu al zo’n zeven jaar in Edinburgh, Schotland. De Gentenaar trouwde met een Engelse en zijn kinderen zijn zowel Schot als Belg. Deze combinatie van nationaliteiten maakt hun kerstperiode niet eenvoudig. ‘Mijn vrouw haar moeder en zus wonen in Kent, haar vader in Coventry. Mijn ouders wonen in Gent, maar ze willen ons allemaal zien.’

Philippe studeerde wiskunde en informatica in zijn thuisstad Gent. Hij werkte als researchassistent aan de KU Leuven en IMEC (Interuniversitair Micro-Elektronica Centrum). In 1989 verhuisde hij naar het Verenigd Koninkrijk omdat hij de positie van docent wou. Daar waagde hij zijn kans als lecturer aan het Imperial College in Londen. Momenteel is de Schotse Belg head of school, ofwel decaan, aan de Heriot-Watt University. ‘Ik heb ongeveer 70 docenten en 2.000 studenten onder mij in de departementen wiskunde, informatica en verzekeringswiskunde.’ Zo’n zes keer per jaar keert Philippe terug naar zijn moederland. Drie keer rijdt hij met de auto naar België: in de zomervakantie, met Pasen en op Kerstdag. ‘Ik breng dan wijn en bier mee want hier is alcohol heel duur. Ook speculoos en peperkoek brengen we mee omdat het lekker is.’ Hoewel hij in de kerstperiode naar België probeert te komen, zijn de feestdagen voor de Vlaming

Het is duidelijk te zien wie Schot is en wie niet © Jolien Torfs

4 | Philippe in Schotland


in Schotland niet makkelijk. ‘Mijn vrouw haar moeder en zus wonen in Kent, haar vader in Coventry. Mijn ouders wonen in Gent, maar ze willen ons allemaal zien. Ik haat die kerstvakantie, het is altijd een probleem. Daarom heb ik liever dat deze periode van het jaar niet bestaat.’ De decaan trouwde met een Engelse en zijn kinderen hebben de dubbele nationaliteit. ‘Ze zijn Schot en Belg, maar ze spreken enkel Engels. Echte Belgen kan je ze niet noemen. Als we naar België gaan, kijken ze altijd naar de Engelse tv.’ Ook Sinterklaas vieren zijn kinderen niet. ‘In Schotland is er geen Sint, maar Father Christmas. Mijn ouders sturen op zes december chocolade op, maar verder heeft dat voor mijn kinderen geen betekenis. Als ik hier vertel over black pete (zwarte piet) zijn de mensen horrified. Het klinkt als een scheldwoord en lijkt heel racistisch.’ Philippe wil steeds op de hoogte blijven van wat er in België gebeurt. ‘Ik lees deredactie.be en voor het gewone nieuws luister ik soms naar Andere Feiten op Radio 1. Dat programma behandelt de ongewone nieuwsitems.’ Volgens de Gentenaar zijn er heel wat verschillen te merken tussen België en Schotland. ‘De verschillen zijn te wijten aan het feit dat Groot-Brittannië omringd wordt door water. Schotland is binnen Groot-Brittannië dan nog eens geïsoleerd. Het is duidelijk te zien wie Schot is en wie niet. Na zeven jaar voel ik me nog niet ingeburgerd. Het is een te korte periode om een echte Schot te kunnen zijn. De inwoners zien duidelijk dat we buitenlanders zijn, ze behandelen ons anders. We hebben al enkele Schotten uitgenodigd voor een diner, maar we wachten nog steeds op een uitnodiging van hen. Ik draag ook geen kilt, dat is een stapje te ver voor mij.’ (lacht)

De stad Edinburgh Edinburgh is het financiële centrum van Schotland. Hier zijn de drie grote banken gevestigd. Er is de Royal Bank of Scotland, Bank of Scotland en de Clydesdale Bank. ‘Alle banken drukken hun eigen biljetten.’ Aan het luxueuze Balmoral Hotel, zijn enkele leuke anekdotes verbonden. ‘J.K. Rowling, de schrijfster van Harry Potter, schreef hier het laatste hoofdstuk van haar laatste Potterboek. Ze heeft er ook haar handtekening op een vaas gezet. Het hotel is vlakbij het Waverley Station. Daarom staat de klok van het hotel vijf minuten vroeger om de mensen te helpen op tijd te zijn.’ Ook Edinburgh Castle (foto) is de moeite waard om te zien. Het is gebouwd op het afval van een oude vulkaankegel. De oudste stukken van het gebouw zijn zo’n 1.000 jaar oud. Er zijn verschillende toeristische plaatsen in de stad die veel bezoekers trekken. Er is het standbeeld van David Hume (foto). ‘Hume was een filosoof in 1700 en was één van de eersten die de religie in vraag stelde en de wetenschappelijke methode verkondigde. Hij wordt hier afgebeeld als een Griekse god, dat was in die tijd mode. Vele mensen komen aan zijn teen. De reden ken ik niet, maar ik vermoed dat het geluk brengt.’ Ook de Saint Giles High Kirk is populair. ‘Het is de kathedraal van Edinburgh. Hier worden de politici begraven. Het gebouw heeft een specifieke koepel die langs boven open is en de vorm van een kroon heeft’, besluit Philippe.

Een ander groot verschil is de protestantse religie. ‘Ze leven hier volgens de leer van de predestinatie. Sommigen zijn uitverkoren om naar de hemel te gaan, anderen niet. Er is een attitude van maar enkelen zullen het maken in het leven. Ze hebben daardoor een heel andere kijk op sociale solidariteit. Een ander voorbeeld daarvan zijn de treinlijnen. Engeland heeft geen highspeed, ze vinden het niet nodig te investeren in treinen of public transport.’ Of Philippe in Edinburgh blijft, is lang niet zeker. ‘We zijn hier terechtgekomen omdat mijn vrouw en ik hier allebei werk hadden. Ondertussen is dat al veranderd. De kans bestaat dat we terugkeren naar Londen. Dat is een grote stad en dat maakt het gemakkelijker om samen werk te vinden. Maar het is moeilijk te voorspellen waar we juist zullen terechtkomen. Edinburgh is een aangename en mooie stad. Er zijn de Highlands en er is de zee. Als we verhuizen gaan we naar een leuke plek. Bijvoorbeeld niet naar Birmingham want daar is het saai.’

© Yoika De Koninck

Tekst Jelien Wauters

Philippe in Schotland | 5 


Vier jaar lang pendelde Kathleen tussen Londen en haar man in Edinburgh

‘Ik voel mij overal thuis’ Kathleen Dewandeleer (45) belandde door puur toeval in Edinburgh. Na het volgen van een taalcursus in de Schotse hoofdstad en er vervolgens vier jaar te werken, leerde ze haar Australische man Parker Hood kennen waarmee ze twee zonen heeft. Nu werkt ze voor het Nederlandse bedrijf Kempen Capital Management uk Ltd. ‘Het idee dat ik de rest van mijn leven in België zou blijven, stond mij niet aan. Of ik voor altijd in Edinburgh blijf, weet ik niet. Maar naar België of Australië verhuizen zit er niet in. Zwitserland kan mij meer bekoren.’

6 | SCHOTLAND

‘Mijn moeder stuurt elk jaar een kaartje naar de kinderen voor de Sint.’


Oorspronkelijk had Kathleen Dewandeleer het idee om slechts één jaar in Schotland te blijven. Tijdens haar studies handelsingenieur aan de Vrije Universiteit Brussel (VUB) besloot ze haar Engels bij te schaven in de Schotse hoofdstad. ‘Die taalcursus is enorm meegevallen. Ik vond Edinburgh een mooie stad en wou hier graag een jaar komen werken na mijn studies. Voor mijn twaalf jaar heb ik in Duitsland gewoond. Eerst in de buurt van Bonn en daarna in Aken. Ik was het gewoon om mij aan te passen aan een andere locatie. Die mentaliteit van je overal thuis te voelen, zat in mij. Wat ik zeker wist, was dat ik niet meteen in België wou gaan wonen om mij te settelen.’ Na vier jaar Edinburgh krijgt Kathleen de kans om in Londen te werken. Net voor de verhuis leert ze haar huidige Australische man Parker Hood kennen. ‘Dat was een goede test. Als onze relatie die afstand overleefde, wisten we dat het

conferentie in Amsterdam en eens een paar dagen naar Zwitserland. Het is soms wel vermoeiend om opnieuw het vliegtuig te nemen, vertragingen te hebben, bedrijven te gaan bezoeken. Het is tof en interessant, maar je bent voortdurend aan het werk.’

‘De meeste Vlaamse artiesten ken ik niet meer.’

Rompslomp

In Schotland geldt de traditie dat de vrouw de familienaam van haar man overneemt. In de school van Kathleen haar kinderen kennen ze haar onder de naam Kathleen Hood. Maar voor het gemak heeft ze de Belgische nationaliteit behouden en zo ook haar meisjesnaam. Zolang je in Europa woont, maakt je nationaliteit immers niet zoveel uit. Hun huwelijk vond plaats in Edinburgh. België zou een te grote rompslomp geweest zijn doordat haar man van Australische afkomst is en dus geen Europese nationaliteit bezit. ‘We zouden eerst naar het stadhuis moeten gaan en dan hang je af van Brussel. Dat kan een hele tijd duren en je moet er allerlei papieren invullen. Tegenover hier in Schotland trouw je in de kerk, teken je een papier en is het opgelost.’

Als onze relatie de afstand overleefde, wisten we dat het goed zat goed zat.’ Vier jaar lang pendelde Kathleen maandelijks tussen Londen en Edinburgh. Het besef dat Londen geen ideale plek is voor kinderen, zette de verhuis naar haar man in Schotland in. ‘Het is een beetje door omstandigheden dat ik hier ben terechtgekomen. Had ik die taalcursus hier niet gevolgd, wou ik hier misschien helemaal niet blijven. Nu werk ik voor het Nederlandse bedrijf Kempen & Co N.V. dat hier een dochteronderneming heeft. Maar mijn collega’s in Edinburgh zijn allemaal Engelstaligen.’ Kathleen is beslist geen huismus. Voor haar werk moet ze heel veel reizen, al is dat niet altijd zo plezant als iedereen denkt. ‘Vorig jaar was ik elke maand ergens anders. Een dagje Londen, een

Er zijn verschillende manieren om te trouwen. Je kan in een hotel huwen zodat de kerk er niet meer aan te pas komt. Velen trouwen voor de wet en vieren daarna een feest. Kathleen koos ervoor om traditioneel te trouwen in een kerk en een feest te houden in een universiteit. ‘We hadden een zaal gehuurd in de rechtenfaculteit waar mijn man werkt.’

Aspe

De Belgische roots zijn nog duidelijk terug te vinden bij Kathleen. ‘Frietjes kan ik altijd smaken. Hier worden ze in de oven gezet in plaats van in de friteuse. In de betere supermarkten, zoals Waitrose, Sainsbury’s en Morrisons, kan je Hoegaarden

en Leffe vinden zowel in blikjes als in flesjes. Als ik mijn moeder ga bezoeken, neem ik steeds chocolade mee. Ik luister daar ook naar de radio, maar de meeste Vlaamse artiesten ken ik niet meer, enkel nog die vanuit mijn studententijd. Als ik bij mijn moeder ben en een televisieserie mij interessant lijkt, bijvoorbeeld Aspe, probeer ik dat wel te volgen. Via de Standaard online volg ik de Belgische politiek. De traditie van Sinterklaas proberen wij voort te zetten. Mijn moeder stuurt elk jaar een kaartje naar de kinderen voor de Sint. Ze kennen het verhaal wel, maar in de Schotse cultuur wordt het niet gevierd. Bij een voetbalmatch waarbij België tegen Schotland speelt, zal ik sowieso voor België supporteren. Voor andere sporters maakt de nationaliteit ons niet uit. De kinderen supporteren voor diegene die ze het tofste vinden. Zo zullen ze in het tennis liever hebben dat de Zwitserse Federer of Spaanse Nadal wint van de uit Schotland afkomstige Murray.’

Prijskaartje

Een rechtstreekse vlucht van Edinburgh naar Zaventem duurt twee uur en het prijskaartje dat eraan hangt, valt goed mee. Een verhuis naar Australië zit er daarom niet meer in. ‘Als je in Australië woont, kan je niet voor een weekend terug naar Brussel. En de cultuur is er toch wel anders. Had ik naar daar willen verhuizen, zou ik twintig moeten zijn, zodat ik me volledig kan aanpassen. Soms denk ik wel als het alleen van mij zou afhangen dat ik al naar een ander land zou verhuisd zijn. Maar naar België terugkeren is geen echte optie. Zwitserland kan mij meer bekoren. Of ik voor altijd in Edinburgh blijf? Wie weet. Open mind.’ Tekst Yoika De Koninck Foto’s Kathleen Dewandeleer

KATHLEEN IN SCHOTLAND | 7


Goedkope ge zondheidszorg met l ange wacht tijden

Kathleen Dewandeleer: ‘Twee jaar wachten voor afspraak specialist’ An apple a day keeps the doctor away. Was het maar zo simpel. In Schotland geldt de regel dat je eerst de goedkeuring van een huisarts nodig hebt vooraleer je een specialist kan raadplegen. De National Health Service (NHS) zorgt ervoor dat je niets betaalt bij een bezoek aan de huisdokter. Maar als de NHS oordeelt dat een bepaalde aandoening niet dringend is, kom je op een wachtlijst te staan. En dan wordt er niet gesproken over een paar maanden, maar over een jaar of twee. ‘Hier wachten ze af tot het probleem zich ontwikkeld heeft om het dan op te volgen. In België moet je om de twee jaar verplicht naar de gynaecoloog voor een uitstrijkje. Hier krijg je om de drie jaar een oproepingsbrief waarin je wordt gevraagd een uitstrijkje te laten doen, maar dat wordt dan gedaan door de assistent van de vroedvrouw, bij wijze van spreke. Voor je veertig jaar moet je niet gaan want de kans op een probleem is heel klein vinden ze’, zegt de Vlaamse Marilyn Chevalier (32). Maar je kan ook een private verzekering nemen. ‘Via mijn werk word ik zelf Kathleen: ‘Je betaalt meer voor een private school, maar dat zijn verzekerd. Als je de familie erbij wil verzekeren, moet je betalen. Maar dan kosten die je moet inrekenen.’ denk je, kijk ik betaal ervoor. Dikwijls is het ook dezelfde specialist die je in het ziekenhuis ziet, die je ook privaat kan zien. En waar je normaal een jaar voor moet wachten, kan het via een private verzekering binnen een maand’, zegt Kathleen Dewandeleer.

Private discipline versus gratis publieke school

Marilyn Chevalier: ‘Als je geld hebt, kan je alles doen’ In België telt het diploma dat je hebt behaald. In Schotland ligt dat anders. Daar kijken ze naar de school waaraan je hebt gestudeerd. Marilyn Chevalier: ‘Grote bedrijven zoals de BBC willen alleen maar mensen van private scholen en bekende universiteiten. Als je kiest om je kinderen naar een publieke school te sturen, moet dat naar de school die het dichtst bij je in de buurt ligt. Private scholen worden gesponsord door winkels en tv-zenders en beschikken over een betere infrastructuur en een uitgebreider aanbod aan sport.’ Kathleen Dewandeleer: ‘In Edinburgh gaat 25 procent van de kinderen naar een private school. Daar betaal je zo’n 9.500 euro voor per jaar. Als je in een goede buurt woont, kan je veel geluk hebben met een publieke school, die gratis is. Maar als dat niet zo is, kan je je kinderen best naar een private school sturen.’ ‘De mentaliteit van de Schotse tieners hier is: we zijn achttien jaar en moeten zo ver mogelijk weg van huis gaan wonen. Ze gaan een paar jaar naar de universiteit en dan hangt het ervan

8 | SCHOTLAND

af waar ze gaan werken. Als dat Londen is, gaan ze enkele jaren naar Londen en doen ze aan flatshare. Als ze het hun daarna kunnen permitteren van een huis te kopen, bepaalt de plaats waar ze hun vriend of vriendin ontmoeten waar ze juist gaan wonen. Dus het is niet zo dat ze maar twintig kilometer weg van de ouders gaan wonen. Dat zit er niet in’, zegt Kathleen. Kathleen Dewandeleer koos voor een private school voor haar kinderen. ‘Oké, je betaalt meer. Maar langs de andere kant zijn dat kosten die je moet inrekenen. Dan doe je het met minder op andere vlakken, zodat je kinderen een goede opvoeding kunnen krijgen. School is belangrijk.’ In private scholen is er meer aandacht voor discipline. Er zijn de verplichte uniformen en als je haar te lang is als jongen moet je naar de kapper. Kathleen: ‘We krijgen een wekelijkse e-mail waarin bijvoorbeeld wordt gemeld dat meisjes met lang haar een staart moeten dragen. In de zomer mogen ze dit dragen, in de winter dat en niets anders. Ik vind dat niet slecht.’ Tekst & foto Yoika De Koninck


BEZOEK

met Jolien Torfs

Glen Coe vallei

Deze vallei is gelegen in de Schotse Hooglanden op 191 kilometer van Edinburgh. Haar naam heeft ze te danken aan de rivier de Coe die er doorheen stroomt. De Glen Coe is omgeven door vele heuvels en lochs.

Ness Of jeLoch nu gelooft in de mythe of niet, een bezoekje aan Loch Ness is zeker de moeite waard. Een boottocht op het loch maakt je verblijf in Schotland compleet en met een beetje geluk vang je een glimp van Nessie op. Loch Ness is gelegen op 270 kilometer van Edinburgh.

Glasgow

Naast Edinburgh is deze industriële stad, gelegen op 74 kilometer van Edinburgh, het kloppende hart van Schotland. Het is de tweede grootste stad in het Verenigd Koninkrijk en na Londen the place to be om te winkelen.

Westkust

Dit gedeelte van Schotland is het dunst bewoond van heel het Verenigd Koninkrijk. Het ruige landschap was getuige van de invallen van de Vikingen rond 1000 n.Chr. De imposante verzameling aan eilandjes die zich voor de kust bevinden, kunnen al eilandhoppend verkend worden.

O1 Glen Coe vallei

© Yoika De Koninck

Royal Botanic Garden

Deze botanische tuinen in het hartje van Edinburgh zijn ideaal om tot rust te komen. Honden en spelende kinderen zijn niet toegelaten.

Do’ s

O2

s s e N Loch

Don’ ts

* Voor mannen: draag een kilt bij officiële gelegenheden. Schotten appreciëren dat enorm!

* Stuur je kind niet naar school in casual kledij. Enkel in uniform ben je welkom.

* Neem je kind overal mee naartoe. In Schotland is school verplicht vanaf vijf jaar, waardoor de steden zich enorm kindvriendelijk ontwikkeld hebben. Elk restaurant heeft hoge stoelen en buggy’s zijn overal welkom. Kinderen worden werkelijk behandeld als koningen!

* Steek niet voor aan de bushalte. Er wordt gewacht in een rij. Wie eerst staat, stapt eerst op de bus.

* Studeren in Edinburgh. De stad heeft zowel goede universiteiten als goede ontspanningsmogelijkheden voor studenten.

* Wees niet te hard of direct tegen een Schot. Zelf houden ze hier ook niet van en gebruiken vaak de woorden we will mention it later of we will talk about it later. * Noem een loch nooit een lake. Schotten zijn hier heel gevoelig voor.


10 | Hallo


Lieve doceerde verpleegkunde in Kameroen

‘Meisjes poseerden voor mijn zonen’ Tekst Jolien Torfs Foto’s Lieve Dewinter

Als lector verpleegkunde aan de KHLeuven trok Lieve Dewinter (39) in november vorig jaar samen met een verpleegkundige en anesthesist naar Kameroen om les te geven aan de Catholic School of Health Sciences in de stad Shisong. ‘Het is zo’n fantastisch land. De mensen zijn heel vriendelijk en relax en hebben een zee van tijd. Toen ik terugkwam in de KHLeuven was ik nog zodanig in Afrikaanse sfeer dat ik mijn academisch kwartier uit het oog verloor’, vertelt een enthousiaste Lieve.

lieve in kameroen | 11


Na haar middelbaar onderwijs startte Lieve Dewinter een opleiding verpleegkunde in Leuven. Ze behaalde haar bachelor diploma en besloot een bachelorna-bachelor spoedgevallen en intensieve zorgen te volgen. Ze ging van start op de afdeling intensieve zorgen in Gasthuisberg in Leuven. In 2008 besloot ze het roer om te gooien en schoolde ze zich om tot lector verpleegkunde. Zo kreeg ze vorig jaar in juli de vraag om via de Leuvense Universitaire Medische Ontwikkelingssamenwerking (LUMOS) haar koers richting deze voormalig Duitse, Britse en Franse kolonie te zetten.

Ik hoop dat er ooit een paus komt die zegt dat condooms gebruiken een vorm van preventie is

‘Ik had nog nooit vrijwilligerswerk gedaan en was nog nooit in Afrika geweest’, vertelt Lieve. ‘Ondanks LUMOS ons goed probeerde voor te bereiden en ik mijzelf ook goed voorbereid had, was de cultuurshock toch wel groot. Daar toekomen en die kloof zien tussen arm en rijk, dat was niet normaal. Na de landing op Douala, de culturele hoofdstad van Kameroen, moesten we nog een reis maken van dertien uur met een busje. En de dingen die je dan ziet langs de weg. De eerste uren geraak je niet uitgekeken. Je wilt al die beelden vastleggen. Zo moeilijk om dat te kunnen vatten, nu nog altijd eigenlijk. In Douala is het dan nog verstedelijkt, maar hoe verder we daarvan wegreden, hoe landelijker het werd. Ik wist dat de gezondheidszorg er zeker niet zo is als bij ons dus ik had een gericht programma uitgewerkt om te voorkomen dat ik daar les ging geven over iets dat niet aansloot bij hun leefwereld. Want dat was voor mij het belangrijkste. Voor de tijd dat ik daar was, wilde ik nuttig werk doen. Naast de lessen aan de zusters, heb ik ook geprobeerd om in het ziekenhuis te werken en mijn lessen daar te implementeren. Want in theorie leer je alles, maar in de praktijk moet het uiteindelijk gebeuren.

Acha

Het eerste onderwerp waarover ik les gaf, was wondzorg en een bepaald protocol rond honingzalf. Dat is een mengsel van honing en vaseline en heeft een goede werking op wonden. Ik heb de eerste dag aan de lokale apotheker gevraagd om dat mengsel te maken en ben dan na de les met mijn pot op stap gegaan door alle afdelingen van de kliniek. Ze zagen effectief het verschil tussen de wonde voor en na de zalf en zo heb ik hen overtuigd om die honingzalf te blijven gebruiken. Want je moet weten, pijn is voor hen acha. Dat is hun woord voor sterkte. Als ze iemand zien die pijn heeft en afziet dan zeggen ze acha. En dan denk ik nee, perdolan of dafalgan! De studenten rukken daar soms kompressen uit een wonde en zeggen dan acha. Ik heb hen geleerd dat ze honingzalf moeten aanbrengen op de wonde.

12 | lieve in Kameroen


Twee dagen voor ik vertrok, stond er in het ziekenhuis een grote bidon vol met honing. Of ze daar nog altijd staat, weet ik niet. Of ze er zalf van gemaakt hebben, weet ik niet. Of ze het hebben opgegeten weet ik ook niet maar dat zou wel is kunnen. De studenten vroegen me namelijk of het ook zou helpen om de honing op te eten voor de wonden… Naast wondzorg, vond ik het belangrijk om hen iets bij te brengen over handhygiëne. Handalcohol kennen ze daar niet, dat bestaat er niet. Op 200 kilometer van Shisong ligt een ander hospitaal waar ze handalcohol wel kennen en het zelfs maken. Maar de aankoop- en transportkosten zijn te hoog. Met die boodschap zijn we aangekomen bij Lumos en zij gaan er nu voor zorgen dat die handalcohol tot in het ziekenhuis in Shisong geraakt. Ik wilde hen wel al meegeven hoe ze die moeten aanbrengen op de handen, goed tussen de vingers en de duimen, een heel speciaal protocol. Het zou gek zijn als ik daar niet over praat want in andere ziekenhuizen hebben ze dat al wel en dan moeten ze weten hoe ze het moeten doen. Als ik overdag passeerde in de school, riepen de studenten naar mij: Madam Lieve, we know how to do it now! En dan stonden ze daar uit te beelden hoe je handalcohol moet gebruiken zonder ze het echt hadden. Heel schrijnend want het enthousiasme en de leergierigheid is er.

Gratis hiv-medicatie

Tot slot heb ik nog les gegeven over decubitus of preventie van doorligwonden. Ze doen te weinig aan preventie op alle vlakken. Om een voorbeeld te geven, condooms kennen ze daar niet. Dat wordt daar niet gebruikt. De preventie tegen hiv bestaat eruit om geen voorhuwelijkse seks te hebben. We vroegen waarom er geen condooms verdeeld worden, maar toen spraken we over iets heel delicaat. Dat kon echt niet. Naast het hospitaal was ook een dagcentrum gevestigd. Daar staan enkel hiv-patiënten geregistreerd en een keer per maand komen ze hun medicatie halen. Elke dag komt er een nieuwe patiënt

Kinderen komen op je toestel kijken hoe ze op de foto staan. bij. Maar hiv is daar zo’n taboe dat ze aan die mensen zeggen dat het dagcentrum niet enkel voor hiv-patiënten is, maar ook voor mensen met te hoge bloeddruk, diabetes, enzovoort. Ze denken dan allemaal: mijn buurman zal van mij wel denken dat ik hier ben voor suikerziekte, maar dat is natuurlijk niet zo. Het woord hiv mag er ook niet uitgesproken worden. In het dossier van de patiënten staat IS geschreven wat immunosuppressie betekent. En als je dan vraagt wat dat is, dan fluisteren ze hiv, heel stil met de hand voor de mond. Het taboe kan zelfs nog groter.

Het woord hiv mag niet uitgesproken worden Ik ontmoette een jonge vrouw van 24 jaar die in een vergevorderd aidsstadium zat. Ze kwam aan in het ziekenhuis en zou gaan overlijden binnen een paar dagen. Ik vroeg haar waarom ze haar medicatie niet nam, waarop ze me antwoordde dat ze niet wilde dat haar familie wist dat ze hiv had. De medicatie wordt nochtans gratis aangeboden door de overheid. Maar mensen zijn daar ook zo katholiek. Zolang de paus blijft beweren dat condooms slecht zijn, zal er spijtig genoeg niets aan de situatie veranderen. Erger nog. Mensen zeggen soms dat dit de uitroeiing van Afrika betekent. Ondanks veel mensen ziek en arm zijn, blijven ze toch lachen. Zo liep er een meisje van achttien met

lieve in kameroen | 13


een kleine baby op de arm, beiden hiv-positief. Ze was altijd heel vriendelijk en zei dag tegen mij. Na enkele dagen vroeg ik aan de zusters waarom dat meisje daar liep. Haar zoontje was opgenomen voor malaria maar ze kon de rekening van 45 euro niet betalen. Ze liep daar al twee weken want ze kon niet vertrekken, tenzij gaan lopen, maar dan ging ze nooit meer kunnen terugkomen. Samen met de andere vrijwilligers hebben we haar rekening betaald en kleren gegeven voor haar en haar zoontje. Ook hebben we een taxi betaald naar haar dorp, 200 kilometer verderop. Het was de mooiste dag van haar leven, zei ze. De zusters, patiënten, familie van de patiënten en mensen in het dorp waren allemaal heel hartverwarmend. Ik voelde mij daar heel welkom. Alle mensen kwamen naar de white lady en vroegen: Hoe lang ben je hier al, hoe lang blijf je hier nog, het is fantastisch dat je hier bent, waarom ga je dan al naar huis? Dat was zowat de standaardzin die je van iedereen te horen kreeg. Ook mijn studenten waren heel vriendelijk en vooral respectvol. Die hebben daar allemaal een gsm, echt allemaal. Zo een heel eenvoudig toestel, ongelofelijk. Heel de tijd zijn ze aan het bellen en sms’en, maar tijdens de les gaan die allemaal uit. En na de les stellen ze hun vragen. Ze steken dan hun hand op en gaan kaarsrecht achter hun tafel staan om heel officieel hun vraag te stellen, heel kritische vragen vaak. Ze hebben daar echt over nagedacht.

Lieve betaalde de ziekenhuisrekening van het zoontje van deze hiv-patiënte.

Ziekenhuisbedden

Een laptop hebben ze daar wel niet. Ik had in iedere klas een usb-stick voorzien met mijn presentaties op, maar daar waren ze niet zo blij mee. Ze wilden veel liever de uitgeprinte versie, maar ik had er maar 25 voorzien per klas van 50 studenten. De eerste dag heb ik geprobeerd om ze te verloten, maar dat werd een chaos omdat iedereen zo belust was om er eentje te hebben. Ze werden helemaal nijdig en dan heb ik beslist om ze aan de directeur te geven zodat hij ze kan uitdelen aan degenen die ze het hardst nodig hebben. Ik had ook balpennen uitgedeeld en die waren echt gegeerd. Ze vonden het fantastisch om hun balpen aan elkaar te laten zien. Dat zijn studenten van twintig jaar. Je kan dat niet vatten, zo blij voor een balpen… Na de les wilden ze graag met mij op de foto. Ze hadden me gevraagd of ik zonen had en of die

14 | lieve in kameroen

huwbaar waren. Ze zouden dan met mij meegaan om met hen te trouwen. Op de foto namen ze een zo verleidelijk mogelijke pose aan om toch maar in de smaak te vallen bij de jongens. Je moest foto’s vaak opnieuw trekken omdat ze vonden dat ze er niet goed opstonden. Ook kindjes in het straatbeeld staan graag op de foto. Ze roepen dan van heel ver snap me en dan gaan ze in een houding staan, stokstijf, met hun ogen wijd opengesperd. Nadien komen ze op je afgelopen om op je fototoestel te kijken hoe ze er op staan.

Ik zou enorm graag teruggaan naar Kameroen om te kijken hoe het daar nu is. Wordt er gewerkt met de honingzalf en wordt die handalcohol effectief aangekocht en gebruikt? Voor ons vertrek is een hele grote container met ziekenhuisbedden, bloeddrukmeters en anesthesiemateriaal van het UZ Leuven naar daar vertrokken. Dit zijn bijvoorbeeld manuele bloeddrukmeters die nog in perfecte staat zijn, maar aangezien wij overschakelen op elektronische, hebben we die op overschot. We hebben daar ook een materiaallijst gemaakt waar wij van vonden dat er de grootste nood aan was. Zo


Teruggaan naar Kameroen is mijn grootste wens hebben we gezien dat er geen infuusstaanders zijn. De eerste patiënt waar ik tegenaan liep, had die zak op zijn hoofd. Zo konden ze mobiel zijn. Een ander aandachtspunt op onze lijst is de ontwaakkamer. Na een operatie krijgen patiënten postanesthesie zorgen waar ze gemonitord worden en toegekeken kan worden op hun situatie. In dit ziekenhuis gaan de patiënten meteen van de operatiekamer naar een gewone kamer waar vaak niet goed meer wordt toegekeken. Vorig jaar had mijn collega, die toen de missie deed, op de materiaallijst geschreven dat er nood was aan krijtborden. Er werden tien borden geleverd, maar er was maar één set haken om ze omhoog te hangen. En dan vraag je, waarom hangen die niet omhoog? Maar daar hebben ze geen Brico of Hubo om haken te kopen. Het is heel moeilijk te begrijpen voor iemand die in Leuven aan zijn bureau zit, wat al dat materiaal teweeg brengt bij die studenten. Voor ons is dat wat materiaal in een doos gooien, maar voor hen is dat een wereld van verschil.

African time

Wat ik het meeste mis uit Kameroen is de Afrikaanse mentaliteit en rust. Letterlijk niemand is er gehaast. Is het nu niet dan is het later. Mijn les begon om acht uur ’s morgens. Ik stond daar dan op tijd maar pas tegen kwart na acht begonnen de studenten langzaamaan binnen te sijpelen. Maar de beamer die ik gebruikte voor mijn presentatie stond altijd achter slot en grendel in het kantoor van de directeur. Ik al op zoek naar het gsm-nummer van die directeur maar die was onbereikbaar. Om half negen komt die langzaam binnengewandeld. Dus ik, oh, de directeur! Maar dan moest ik nog een verlengdraad hebben want die zat daar niet meer bij. Ik vroeg dan iemand om een verlengdraad te halen en op een heel relaxte manier ging die man daar naar zoeken. Ik wilde starten met mijn les. Om kwart voor negen kwam hij op zijn dooie gemak terug met een draad en begon ik aan een speedtempo les te geven. Om kwart voor tien stond de volgende docent al in mijn lokaal, maar die zei dat de white lady zolang mocht lesgeven als ze wilde. Tot tien uur, elf uur, twaalf uur, ik mocht dat kiezen. Groot applaus van de studenten natuurlijk en die bleven dan heel de voormiddag komen en gaan. Als ze moe zijn, vertrekken ze en als ze terug binnen willen, is dat geen probleem. De deur staat hier open want het zonnetje schijnt altijd. Je leert jezelf wel snel aanpassen aan die African time. Dat ritme, dat tempo, alles gaat daar wat trager. Het enige wat de mensen hebben, is tijd. Als die mensen een afspraak hebben in het ziekenhuis om negen uur dan kan dat zijn dat die hier om kwart

na negen nog niet zijn. Als die er dan toch doorkomen en er zit tien man voor hen, dan is er niemand die zich opjaagt. Heel relaxt allemaal, al moeten ze tot de middag wachten. In België zouden ze direct zeggen: Ik had wel een afspraak om negen uur, hé! Maar daar niet, ze hebben tijd. Toen ik thuiskwam, was ik dan ook heel relax. Het frappantste was, ik moest de volgende dag op school zijn. Ik kwam een collega tegen en ik was pas terug dus ik liep over van de verhalen. We staan te babbelen en het werd vijf na negen, tien na negen. Ik dacht tja, dat is niet erg. Tot die van het onthaal op de ruit klopte en zei: uw academisch kwartier is bijna voorbij! Ik dacht echt, nog in Afrikaanse sfeer, dit kan toch niet? Terwijl je uit een maatschappij komt waar de mensen niets hebben maar ongelofelijk hartelijk zijn, dankbaar omdat je daar bent. Altijd aanspreken met good morning, good evening. Nooit grimmig zijn en dan terug in het koude België komen, uw academisch kwartier is bijna voorbij. Ik dacht, ik wil terug! Maar er zijn nog collega’s die graag eens internationaal willen gaan en uiteraard moeten zij ook een kans krijgen.’

Do’ s * Proef een van de traditionele gerechten, fu fu en yama yama. Het is een soort deegbal op basis van maniok en groene stengels. Wanneer je bij een lokaal gezin gaat eten, krijg je ongetwijfeld dit op je bord want hier zijn ze heel trots op. * Laat je kleren op maat maken. Voor maar vijf euro ontwerpen kleermakers een perfect gegoten jurk of pak in de stof die je wilt. De maat wordt genomen door heel kort naar je te kijken. * Trek met een lokale boer de natuur in. Kameroen heeft prachtige plaatsen waar je hele dagen kan doorbrengen, maar verwacht geen toeristische uitstapjes. Entreegeld of toerisme bestaat hier niet echt. * Bezoek de culturele hoofdstad Douala met een lokale gids, maar loop er nooit alleen op straat. Mensen bekijken je heel erg en vanaf je stopt, bestormen ze je om geld.

lieve in kameroen | 15


Kijk niet in de ogen van de gid gi !

Don’ ts * Trek nooit foto’s van mensen vooraleer toestemming te vragen. Ze zijn bang dat je die foto’s in het Westen gaat verdelen en misbruiken om geld in te zamelen. * Loop niet met blote schouders en knieën. * Geef geen fooi wanneer je ergens iets eet of drinkt. De mensen kennen dat daar niet en ze wantrouwen dat enorm. * Reis niet als het donker is. Kameroenezen die ‘s nachts op straat zijn, hebben meestal niet zo’n goede bedoelingen.

In het dorp Sh ishong heb je de palace waar de van burgemeest fon, een soor t er, woont met zijn gezin. Elk de vooraansta e dag komen ande gepensio neerden van he palmwijn dr in t dorp gratis ken. Ze lopen in traditionele en hebben ee kl ederdracht n traditioneel A fr ikaans mes Wan neer ieman bij zich. d van de pala ce overlijdt, ko buiten. Dat is m t de gidgi een verk leed zw ar t monster da st raten loopt. t door de De cultuur zegt dat wan neer je de ogen kijk t, de gidgi in je binnen kort zal ster ven. De ing loopt dan lokale bevolkgeschmin kt ro nd in bloot bo soor t van rokj venlijf met een e en een spee r waarmee ze gen. Wan neer de gidgi uitdaje aan de men sen vraagt wat moeten ze lach dat is, dan en en zeggen ze dat het een naval is. Voor soor t van carhet Westen is di t het cliché beel d van A fr ika.

* Praat nooit over hiv. Dit is een verschrikkelijk taboeonderwerp in Kameroen.

Kleren worden op maat gemaakt.

16 | kameroen

De authentieke natuur in Kameroen.

Traditioneel gerecht: fu fu en yama yama.


Doelgericht advies in alle fasen van de expatriëring

Da n i s h et o n d e rwi j s a g oed g e re g l e l d! Deskundig advies bij vertrek én bij terugkeer Een goede voorbereiding op vertrek én deskundige begeleiding bij terugkeer zijn noodzakelijk voor een succesvolle expatriëring. Op gebied van onderwijs is Edufax dan de beste adviseur. De doelgerichte adviesgesprekken scheppen duidelijkheid voor bedrijf, ouders en kinderen! Tijdens het verblijf in het buitenland houden kinderen hun kennis van de Nederlandse taal op peil met NTC-online. Dit kan op elk gewenst niveau, van zowel het Nederlandse als Vlaamse onderwijs.

De voordelen van

• unieke online lesmethode voor de Nederlandse taal • ontwikkeld op basis van ruim 20 jaar ervaring met afstandsonderwijs • toonaangevend en altijd up-to-date • volledig veilige webbased omgeving • werken waar en wanneer het uitkomt • persoonlijke ondersteuning door specifiek getrainde docenten • vanaf peuterleeftijd tot eindexamenjaar van middelbaar / secundair onderwijs • erkend door de minister van OCW

Wilt u hierover meer weten, neem dan contact met ons op.

T +31 (0)40 204 74 70 • E info@edufax.nl

www.edufax.nl


In Café Singer op de Nevski Prospekt, de hoofdstraat van Sint-Petersburg, maken we kennis met de 63-jarige Carl Van Biervliet. In 1991 vertrok hij naar Rusland op vraag van scheepvaartbedrijf Ahlers. Drie jaar later trouwde hij met zijn zeventien jaar jongere Russische vriendin, waarmee hij een zoon heeft. Zij is de reden dat hij in deze grootstad gebleven is en er nooit zal vertrekken. Ondanks de corruptie houdt hij van de pure schoonheid in zijn streek.

Deze Europese universiteit met Mariabeeldjes vindt Carl prachtig.

Carl betaalde 170 euro voor een brood Tweeëntwintig jaar geleden maakte Carl Van Biervliet de grote stap naar Rusland. Hij was reeds in dienst van hoofdbedrijf Ahlers in Antwerpen. Daar vroegen ze hem om een scheepsagentuur op te starten in Rusland. Zo maakte hij kennis met het – toen nog – min of meer communistische land. Momenteel is Carl werkloos, maar hij verdient een centje bij als adviseur voor een Russische firma. Dat geld komt goed van pas, aangezien de politie hier naar zijn zeggen veel doordachter te werk gaat dan in België. ‘Drie jaar geleden werd mijn auto op een zondagavond rond acht uur weggesleept. Ik wou parkeren, maar

18 | carl in rusland

er lag hout vooraan de parkeerstrook. Dus plaatste ik mijn auto daar net achter. Het probleem was dat ik op die manier net op het einde van een bushalte stond en dat mag natuurlijk niet. De politie zat te wachten totdat dit zou gebeuren, ze hadden dit voorval georkestreerd.’ Wanneer Carl een bakkerij binnenstapte, zijn brood kocht en weer buiten kwam, zo’n vijf minuten later, zag hij zijn auto al op de takelwagen staan. ‘Daar stond ik dan met mijn broodzakje’, lacht Carl. ‘Ik moest naar het politiekantoor gaan, wat aan de andere kant van de stad lag. De taxi’s stonden natuurlijk al klaar om mij daar te brengen. Aangekomen op het politiekantoor zag ik dat het gesloten was. Als je

hen een beetje geld geeft, zijn ze wél open. Om één uur ’s ochtends was ik weer thuis, vijf uur later dus. Dat grapje heeft me in totaal 170 euro gekost.’

Gewetensbezwaar

In dit geval was er geen ontkomen aan, maar meestal kan een geldboete afgesproken worden. Zo vertelt Carl dat ze hier niet zo’n groot gewetensbezwaar hebben. ‘Als ze bijvoorbeeld zeggen dat ze jou geen bouwvergunning kunnen geven en je vraagt hen uitdrukkelijk hun best te doen en je geeft hen een cadeautje, dan denken ze er nog eens over na. Dat vinden ze niet verkeerd hier.’ De overheid wil daar nu officieel tegen optreden. Langs de wegen


hangen borden op met Взядка не подарок ofwel Geld toestoppen is geen geschenk, met een illustratie van een cadeauverpakking achter tralies. Niet enkel voor het verminderen van corruptie is er hoop, ook het toekomstperspectief van de gemiddelde mens ziet er rooskleuriger uit in Rusland. Ondertussen gaat Europa gebukt onder de slechte cijfers in verband met werkloosheid. Carl: ‘Vroeger zijn verschillende Russen naar Canada vertrokken. Nu blijven de mensen bewust hier.’ Europeanen zouden misschien beter af zijn in Rusland, maar de bureaucratische regels schrikken velen af. ‘Het land is vragende partij voor het afschaffen van de visumplicht, maar Europa zegt nee. Ik zou niet weten waarom ze dwarszitten’, zegt Carl.

Jaarvisum

Het verkrijgen van een visum is een probleem van alle tijden, dat kon Carl al meermaals ondervinden: ‘Op een bepaald moment maakte Rusland een wederkerigheidsverdrag met Europa, waardoor een Rus die een jaarvisum had maar 180 dagen in Europa mocht blijven. En de Russische overheid antwoordde daarop: als Europa dat doet, doen wij dat ook. Maar ik had net een jaarvisum van 800 euro! (lacht) Ik ben toen gewoon hier gebleven zonder buiten te gaan. Het probleem is dat wanneer je beslist toch over de grens te gaan, ze kunnen zien dat je te lang gebleven bent. En dan betaal je een boete van 30 euro.’ Nu woont Carl officieel in een residentie, waardoor hij zijn visum niet meer hoeft te verlengen.

Dat de samenwerking tussen Rusland en Europa niet altijd op wieltjes loopt, blijkt ook uit de nummerplatenaffaire. Carl: ‘Vroeger reden wij in Rusland rond met een Belgische nummerplaat. Maar in België vroegen ze om de nummerplaten terug te sturen, omdat zij de taksen en verzekeringen moesten betalen. Dus ik stuur mijn nummerplaat terug en merk

beide landen op de hoogte. In zijn vrije tijd leest hij veel in het Nederlands, Frans en Duits. Niet in het Russisch, want dan moet hij teveel in zijn woordenboek kijken. ‘Ik ben pas op mijn 42ste de taal beginnen leren. Dat is veel te laat. Mijn vrouw heeft Duits geleerd aan de universiteit en kreeg daardoor het Nederlands snel onder de knie’, zegt Carl.

Een goede trappist mis ik wel eens dan dat ik mijn auto hier niet kon inschrijven. Voor vreemdelingen gaf dat een probleem. Daarom reden wij rond zonder nummerplaat. En als de politie ons stopte, betaalden we een boete en reden we opnieuw door.’

‘Kortrijk uit mijn kinderjaren’

Er is voor Carl nog een connectie tussen België en Rusland: ‘De eerste keer dat ik naar Sint-Petersburg kwam, deed het mij denken aan het Kortrijk uit mijn kinderjaren. In de straten zag je hier en daar een lampje aan een draad, oude trams en praktisch geen auto’s.’ Een goede trappist mist hij wel eens. Maar die kan je hier gelukkig ook vinden. Het Belgische nieuws volgt hij afwisselend met het Russische, zo blijft hij van

Wij moesten rondrijden zonder nummerplaat

Het Rusland van nu is zeker niet hetzelfde als vroeger. ‘Ik heb het volk enorm zien veranderen. Voor mij zijn de relaties tussen mensen nu zelfs veel slechter. Vroeger was iedereen je vriend en werd je overal uitgenodigd. Vergeet het nu, tegenwoordig is het ieder voor zich.’ Carl ziet meer gelijkenissen tussen Russen en Italianen dan met Scandinaviërs. Hij zegt dat Russen veel zin voor humor hebben. Wanneer in 1994 bleek dat het contact tussen Carl en zijn vrouw perfect goed zat, besloten ze te trouwen. Voor vreemdelingen gebeurde dat toen waar nu de residentie van de vertegenwoordiger van de president gevestigd is. Carl: ‘Na de ceremonie volgde een toer van de bekendste plaatsen in Sint-Petersburg. Overal werden foto’s genomen.’ ‘Tsentralnyy, de buurt waar ik woon aan het water, vind ik zeer mooi. Je hebt er een pleintje en een prachtige academie. De Europese universiteit, een roze gebouw met Mariabeeldjes, vind ik prachtig. Sint-Petersburg is een wandelstad. Ik steel hier dan ook nog elke dag met mijn ogen’, glundert Carl. Tekst Yoika De Koninck Foto Jolien Torfs

CARL IN RUSLAND | 19


Stefan is verantwoordelijk voor Rusland bij logistiek bedrijf Ahlers

‘Onze vrachtwagens worden bewaakt met Kalasjnikovs’ Antwerpenaar Stefan Van Doorslaer (41) werkt sinds 2008 in Rusland en heeft er heel wat verantwoordelijkheid bij Ahlers. Het logistiek bedrijf transporteert vrachtwagens met goederen die een waarde kunnen hebben tot een half miljoen euro. Ze worden dan ook beveiligd en bewaakt met wapens. Dat is nodig want de afstanden zijn lang en daardoor zijn er meer kansen op diefstal.

Stefan Van Doorslaer studeerde voor ingenieur aan de Internationale Hogeschool Antwerpen Mechelen (IHAM). Hij werkte onder andere bij SGS-Qualitest en Katoennatie. Hij leerde er veel, maar zocht naar een nieuwe uitdaging. Christian Salvesen, een logistiek bedrijf, werd zijn volgende werkgever. Hij werkte er in de Italiaanse en Spaanse vestigingen. ‘Ik reisde drie tot vijf dagen, ging naar België en reisde terug drie tot vijf dagen. Dat was een boeiende maar vermoeiende periode want ondertussen deed ik een tweejarige opleiding bedrijfskunde in Diepenbeek. Op vrijdagavond ging ik van de luchthaven rechtstreeks naar de universiteit. En op zaterdag had ik ook een hele dag les, dat was intensief.’

Logistiek

Later werkte Stefan voor Komatsu in Vilvoorde waar hij logistiek directeur was van Europa, Afrika en het MiddenOosten voor reserveonderdelen. ‘Ik had daar voor de eerste keer een lijnverantwoordelijkheid, ik had plotseling enkele honderden mensen onder mij. Het was een Japans bedrijf en de baas zou altijd een Japanner zijn. Zo had ik geen echte doorgroeimogelijkheden en besloot ik na vier leerrijke en succesvolle jaren om er weg te gaan.’ Stefan moest niet lang zoeken naar een nieuwe job want hij kreeg een aanbieding bij Kuehne + Nagel. Maar doordat de Duitse structuur en cultuur

20 | stefan in rusland


met allerlei procedures en regeltjes niets voor hem was, hield hij het na tien maanden voor gezien. In 2006 ging Stefan aan de slag bij Ahlers, de Belgische firma van Christian Leysen. ‘Ik begon voor dit bedrijf te werken in Gent en was verantwoordelijk voor het Europese distributiecentrum. Hiervoor moest ik af en toe naar Sint-Petersburg om daar onze magazijnen te optimaliseren. Ik was in 1989 al eens in Moskou geweest maar het was daar toen nog een andere wereld. Er stonden amper verkeerslichten en in de winkels moest je lang aanschuiven en veel verschillende producten waren er niet. Ik trok dan ook in 2006 met een koffer vol eten naar Rusland. Maar toen ik in Sint-Petersburg aankwam, was alles er gelukkig helemaal anders. Gedurende anderhalf jaar ging ik een week naar Rusland en was ik vier à vijf weken in België.’

Verantwoordelijk

Eind 2007 veranderde het leven van Stefan. De lokale directeur in Rusland stopte ermee en Stefans baas vroeg: wat moet er nu gebeuren? ‘Ik zei meteen dat ik niet echt iemand uit de Russische organisatie als kandidaat zag. Mijn baas bedoelde dat ik geschikt was, maar dat had ik niet meteen door. (lacht) Ik sprak geen Russisch en daar spreken ze bijna geen Engels. Ik had toen ook een vriendin in België en binnen mijn huidige taak nog veel opportuniteiten en werk. Mijn baas zei op vrijdagmiddag: denk er eens over na, maandag wil ik het weten. Ik ben op zijn aanbod ingegaan. Ik was drie weken in Rusland en één week in België. Maar in België hadden ze nog geen vervanger dus was ik ook heel die week dag en nacht aan het werken. Mijn relatie is na drie maanden geëindigd en eind 2008 ben ik definitief naar Rusland verhuisd. Ik werd verantwoordelijke van Rusland en we hebben ondertussen 45.000 vierkante meter magazijnen en kantoren.’ Ahlers zorgt voor douaneformaliteiten, opslag, transport van goederen en alles wat daarbij komt kijken. Dit doen ze voor klanten zoals Philip Morris. ‘We zorgen bijvoorbeeld voor het transport van siga-

Chauffeurs worden soms al rijdend beroofd retten. Op zich kost een pakje maar enkele euro’s maar een hele vrachtwagen vol is ongeveer een half miljoen euro waard. Op de vrachtwagens staan beveiligingssystemen met satellieten. Op die manier kunnen we een vrachtwagen de hele rit volgen. De deuren zijn extra beveiligd en als ze ongepland open gemaakt zouden worden, krijgen wij daar een melding van. Naargelang de eindbestemming is er een begeleidende auto bij met een bewaker met Kalasjnikov. Maar die mag met zijn wapen de grens niet over, dus staat er in het andere land iemand klaar om verder mee te gaan. Dat is een bijzondere situatie.’ Het is een complex systeem maar het is nodig want criminele organisaties worden ook steeds inventiever. ‘Toen een vrachtwagen bergop, en dus trager, begon te rijden, reed er een wagen achter op heel korte afstand. De personen kropen uit de wagen via het open dak en zo werden de deuren opengebroken. Zo konden ze er enkele dozen uithalen en via het dak van de auto overladen. De chauffeur kreeg wel een melding toen zijn deuren opengingen, maar hij was aan het rijden en alles gebeurde achter hem, hij zag er niets van. Als ze een doos stelen, verliezen we al snel enkele duizenden euro’s. We hebben nu extra sloten geplaatst die niet zo maar kunnen doorgeknipt worden.’

laat mijn medewerkers ook af en toe voor het werk naar Europa reizen. Zo kunnen ze kennis maken met onze cultuur.’ Een ander verschil met Rusland is dat bijvoorbeeld de pensioenen klein zijn. De mensen moeten daardoor rekenen op familie en vrienden. ‘Dat is aan alles te merken. Als een vriend een platte band heeft, wordt die meteen geholpen. Het kan zijn dat ze daardoor te laat op hun werk komen, maar vrienden gaan voor. Er is hier ook veel corruptie, wat ik niet aanvaard. Je betaalt hier maar dertien procent belastingen. Maar als je iets nodig hebt van een overheid moet je die wel geld geven. Dat is indirecte belasting zoals de Russen het noemen.’

Werk op tweede plaats

Sinds 2011 is Stefan niet enkel verantwoordelijk voor Rusland, maar ook voor Oekraïne, Centraal-Azië en de Baltische staten. Hij moet daarvoor vaak reizen. ‘Ik ben nu ongeveer tien dagen in Rusland en een week in een van die landen. Om de vier à vijf weken ben ik voor een week in het hoofdkantoor in België.’

De manier waarop Stefans bedrijf te werk gaat, is westers. ‘Wij geven de mensen hier inspraak. In het begin was dat moeilijk want ze zijn gewoon om alles te doen wat hun baas zegt. Als ik zou zeggen: we komen morgen allemaal in het roze, zouden ze dat goed vinden. Gewoonweg omdat het de baas zijn idee is. (lacht) Ik

Er zijn ook grote prijsverschillen op te merken tussen verschillende winkels. ‘Doordat ze een laag salaris hebben, zijn de normale dingen zoals Russische kleren goedkoop. Maar ga je naar Zara dan betaal je veel meer dan in diezelfde winkel in België. Ze gaan ervan uit dat je kan overleven met een laag salaris als je de gewone dingen koopt. Maar dan heb je natuurlijk een lagere levenskwaliteit. Het zit raar in elkaar. Want werknemers worden wel enorm beschermd. Iemand ontslaan is niet makkelijk, er moeten heel grondige redenen zijn.

Weinig vrije tijd

stefan in rusland | 21


Moskou betaalt beter dan Sint-Petersburg ‘Moskou is een andere wereld. Er is veel nieuwe hoogbouw, de oude gebouwen worden allemaal afgebroken. Het verkeer is er een ramp, het is daar dag en nacht file. De mensen zijn er ook heel onpersoonlijk en het is er dubbel zo duur als hier in Sint-Petersburg. Ik heb ook een kantoor in Moskou en de mensen hebben er hogere salarissen dan die hier, dat is wel raar want ze doen dezelfde job’, vertelt Stefan.

Ahlers is lid van SPIBA (Saint-Petersburg International Business Association). Dat is een organisatie met meer dan honderd leden zoals onder andere General Motors, Unilever en British American Tobacco. Stefan is voorzitter van de organisatie. ‘Ik ben nu vier jaar lid van de raad van bestuur en drie jaar voorzitter.’ Veel vrije tijd heeft Stefan dus niet. Maar in het weekend laat hij het werk toch even los. ‘Ik probeer af en toe te sporten. Regelmatig ga ik iets eten met vrienden, bijvoorbeeld met voetballer Nicolas Lombaerts die bij Zenit Sint-Petersburg speelt. Ik heb niet zo’n familieband dus die mis ik niet zo hard. Ik heb wel een petekindje dat ik niet zo vaak zie, dat is jammer. Maar uiteindelijk: hoeveel echte vrienden heb je? Je hebt vooral kennissen, mensen waar je eens iets mee gaat drinken. En nu ik in Rusland woon, heb ik geen tijd om daar nog mee af te spreken. Ik ben zo weinig in België dat ik moet kiezen. Met die kennissen ben ik nog bevriend op Facebook maar verder gaat dat contact niet.’ Voor zijn Belgische vrienden is het ook niet makkelijk om Stefan te bezoeken. ‘Als ze naar hier willen komen, moeten ze een visum aanvragen en een geldig paspoort hebben. Samen met de vlucht

22 | stefan in rusland

kost dat al gauw meer dan 500 euro.’ De uitgeweken Belg maakte ook vrienden in Rusland zelf. Maar ook deze vriendschappen zijn moeilijk te onderhouden. ‘Verschillende vrienden hebben een tijdelijke opdracht, ze zijn na een paar jaar terug weg. Door de moeilijke business omgeving en bijzondere levensomstandigheden is de band meestal toch intens. Een Belg die hier werkte, zit nu in Warschau. Ik was daar getuige op zijn trouw, maar nu zie ik hem niet vaak meer. Ik heb wel een aantal Russische vrienden die gelukkig Engels spreken.’

‘Ik spreek geen Russisch’

Door de weinige vrije tijd heeft de Antwerpenaar geen tijd om Russisch te leren. ‘Het is een moeilijke taal, de grammatica is heel ingewikkeld. Ik zou het graag leren maar heb geen tijd. Ik kan natuurlijk wel mijn plan trekken in het dagdagelijkse leven. Ik moet elke dag een berg documenten tekenen die ik eigenlijk niet kan lezen. We hebben een procedure waarbij alles wordt nagekeken, van commentaar voorzien en getekend wordt door accounting legal finance. Dat geeft mij garantie. Het is heel belangrijk dat alles in orde is want in Rusland ben je als directeur persoonlijk aansprakelijk.’ Hoelang Stefan nog in Rusland blijft, is onduidelijk. ‘De uitdagingen zijn hier

groot. We gaan weer 200 mensen aanwerven want ons bedrijf groeit elk jaar minstens met twintig procent. Dus qua business moet je hier zijn en niet in Europa. Op het vlak van levensomstandigheden is het hier minder leuk: in de winter is het hier snel donker en koud met sneeuw. En als je lekker wil eten, moet je de juiste plaatsen kennen. Dus ik denk niet dat ik hier oud wil worden ondanks dat het een prachtige, bruisende stad is met vele mooie plaatsen en gebouwen. Als ik op pensioen ben, wil ik graag naar Italië. Of ik terug ga naar België dat weet ik niet. Maar zeg nooit nooit want ik was ook niet van plan om naar Rusland te verhuizen. (lacht) Ondanks de afstand tussen het land waar hij woont en zijn thuisland wil Stefan op de hoogte blijven van wat er in België gebeurt. ‘Ik herbekijk Het Journaal via deredactie.be. Ik heb ook satelliettelevisie, maar door een of andere reden heb ik enkel Duitse en Nederlandse zenders. Dat ga ik eens laten aanpassen. Ik heb nog steeds een Humo abonnement in België. Als ik in België ben geweest keer ik altijd met Humo’s terug naar Rusland.’

Tekst Jelien Wauters Foto’s Yoika De Koninck


Bart Saerens (29)

woont sinds acht maanden in Bloemfontein, de juridische hoofdstad van Zuid-Afrika. Hij is leerkracht en onderzoeker aan het departement Werktuigkunde van de Central University of Technology.

Welke link is er nog tussen jou en België?

Ik ben hier samen met mijn vriendin, die ook Belgische is. Zij doet hier een jaar van haar opleiding als arts en ik ben haar gevolgd. Aangezien ik hier nog maar een half jaar ben, voel ik me nog volop Belg. Buiten e-mail en Skype hebben we ook een blog waarop je onze avonturen kan volgen. Ondanks de vele beloftes zal enkel de familie ons komen bezoeken.

Welke cultuurverschillen merk je op?

© Bart Saerens

De eetcultuur is hier eerder Amerikaans: veel fastfood en meeneemkoffie. Zuid-Afrika is ook het braai- of barbecueland bij uitstek. De doorsnee Zuid-Afrikaan zal minstens een keer per week braaien, zelfs in de winter. De meest opvallende outfits zijn die van de boeren. Zij dragen een hemdje met korte mouwen in safarikleuren en stoppen deze strak in een veel te korte short met daaronder een soort van bottines zonder veters.

Wat is handig om weten voor toeristen?

De boeren spreken Afrikaans. Als Vlaming duurt het niet lang om die taal te begrijpen en te praten, want het is een grammaticaal simpele versie van het Nederlands. Wanneer je iemand tegenkomt zeg je niet hallo, maar vraag je hoe het gaat. Je verwacht enkel een goed en met u? Het wordt niet gezegd met de bedoeling van een gesprek te starten.

Blijf je voor altijd in Zuid-Afrika?

Nee, eind augustus keren we terug naar België. De kans bestaat dat we nog eens voor enkele maanden of een jaar in het buitenland gaan werken en wonen. Maar ik denk niet dat we ooit definitief naar het buitenland zouden verhuizen.

Sofie Moreels (29) woont anderhalf jaar in Singapore. Momenteel is

ze de lokale manager van Active Global Specialised Caregivers. Dit bedrijf specialiseert in het opleiden en plaatsen van zorgkundigen.

Welke band heb je nog met België?

Zowel mijn man als ikzelf hebben de Belgische nationaliteit behouden. Ik voel me alleszins geen Vlaming. En het Belg zijn weegt niet door op het ruimere gevoel. Met mijn dichte familie bel ik wekelijks via telefoon of Skype. We hebben hier al bezoek gehad, maar omdat we hier nog maar kort zijn, is die nood er nog niet.

Wat zijn de grootste cultuurverschillen?

© Sofie Moreels

De meerderheid van de bevolking heeft Chinese wortels. Daardoor hebben ze hier een sterk groepsgevoel en volgen ze zeer nauwgezet de regels (lijfstraffen worden hier nog toegepast). Bij het zakendoen moet je eerst een goede relatie opbouwen met je klant, pas daarna kan je een deal sluiten. Ze kennen hier weinig etiquette in lokale restaurants. Je vindt hier invloeden van de Chinese, Indische en Japanse keuken. Het eten wordt gedeeld: de bestelde schotels worden centraal op tafel geplaatst en iedereen neemt van alles wat. Korte shortjes dragen is hier dagelijkse kost. En doordat mannen vrij respectvol zijn tegenover vrouwen is dat ook mogelijk.

Blijf je voor altijd in Singapore?

Zolang het uitdagend is voor ons beiden blijven we hier. Maar op lange termijn is er nog niets definitief.

Tekst Yoika De Koninck

wereld | 23


Vlamingen passen zich snel aan Volgens Vlamingen in de Wereld (VIW) zijn Vlamingen die in een ander land wonen flexibel. Ze willen direct deel uitmaken van de plaatselijke gemeenschap. Ze voelen zich snel ergens thuis en Chinatowns voor Vlamingen zijn er dus nergens te vinden.

Vlamingen in de Wereld is een belangenorganisatie voor Vlamingen die in het buitenland (willen) wonen. Inge Roggeman is er hoofd interne relaties en helpt de mensen met allerhande vragen die er bij het verhuizen naar het buitenland rijzen. Maar ook Vlamingen die nu al in het buitenland wonen en vragen hebben, kunnen bij VIW terecht. Naast de vragen beantwoorden wil de organisatie ook meer aandacht vanuit Vlaanderen voor hun leden. Hoeveel Belgen er in het buitenland verblijven als expat of emigrant is moeilijk te achterhalen. ‘Volgens Buitenlandse Zaken zouden het er een 300.000 à 400.000 zijn. In hoeverre dat correct is, weet je niet. De databank van VIW bevat zo’n 30.000 fiches van Vlamingen wonend in het buitenland. Maar ook hier is het

Inge Roggeman, creatief diensthoofd VIW Inge Roggeman (47) werkt al 23 jaar voor VIW. Ze klom binnen de organisatie op tot diensthoofd interne relaties en helpt mensen bij alles wat er bij de verhuis naar en het leven in het buitenland komt kijken. Van opleiding is ze regentaat plastische opvoeding en werkte een aantal jaren als leerkracht. Omdat ze niet in een vaste school les gaf, werkte ze elke dag ergens anders. Dat was geen ideale situatie en ze zocht een job buiten het onderwijs. Bij VIW kwam er een job op de administratieafdeling vrij en Inge waagde haar kans. Ze maakt ook jongeren warm om naar het buitenland te gaan omdat ze het belangrijk vindt dat jongeren op de hoogte zijn van welke kansen ze daar hebben. Bovendien is in het buitenland studeren een meerwaarde. Inge geeft uitleg op internationale dagen die georganiseerd worden door hogescholen in Antwerpen, Leuven en vooral Gent. Naast haar job is ze nog steeds creatief bezig in haar vrije tijd. Ze geeft workshops en is verbonden aan een academie.

24 | wereld


Belgen worden Vlamingen Vlamingen in de Wereld bestaat 50 jaar. De organisatie ontstond als Belgen in de Wereld en werd gesplitst, de naam werd Vlamingen in de Wereld. Oorspronkelijk was het een ontwikkelingssamenwerking voor Belgen die naar Congo gingen. Nu is de organisatie uitgegroeid tot een groot netwerk voor mensen die België verlaten, mensen die al in het buitenland wonen en mensen die terugkeren naar Vlaanderen. Op 4 juli wordt het 50-jarig bestaan gevierd in Antwerpen met een expatparlement en een avondfeest. In het expatparlement wordt in de vorm van een parlement de noden van de uitgeweken Vlamingen besproken. Iedereen kan lid worden van VIW. Je betaalt pas 50 euro als je van de dienstverlening gebruik maakt en een dossier laat opstellen zodat je begeleid wordt van begin tot eind.

moeilijk om te weten hoeveel het er exact zijn want niet alle landgenoten contacteren VIW’, zegt Inge Roggeman. Voor de media zijn contactgegevens van Vlamingen die leven in het buitenland belangrijk. ‘Wekelijks is er wel een vraag naar Vlaamse contacten in een bepaalde stad. Wanneer er ergens iets gebeurt en er is geen correspondent in dat land zoeken ze een Vlaming die er woont om te getuigen. Ook het televisieprogramma Grenzeloze Liefde contacteerde veel personen via ons. Als je ergens iets leest over Vlamingen in het buitenland is de kans heel groot dat dat via ons ging’, legt Inge uit. Maar over het algemeen is VIW niet zo bekend. ‘Ons budget is beperkt en reclame maken kost geld. Het is eerder door mond-totmondreclame of door te googlen dat Vlamingen onze organisatie leren kennen.’ Om het onbekendheidsprobleem op te lossen, probeert VIW de hulp in te schakelen van steden en gemeenten. ‘Als mensen naar het buitenland verhuizen, worden ze geacht zich uit te schrijven bij de bevolkingsdienst. Wanneer ze dat niet doen, blijven ze belastingen betalen. We trachten er voor te zorgen dat wanneer ze zich uit schrijven, de dienst hen op de hoogte brengt van ons bestaan. We zien dat meer en meer steden en gemeenten deze mensen informeren.’ Als mensen beroep doen op Vlamingen in de Wereld stellen ze vaak vragen over zaken die voor hen niet duidelijk zijn. ‘Wij fungeren als doorgeefluik. De vragen die ze hebben zijn vaak persoonsgebonden en bij iedereen anders. Maar ze gaan dikwijls over pensioenen omdat daar, eens verhuisd naar het buitenland, een deel van wordt afgehouden. Er komen ook soms vragen over belastingen. Wij contacteren de juiste mensen die gespecialiseerd zijn in fiscale zaken. We krijgen ook vragen over erfenisregelingen want het is niet altijd eenvoudig als iemand overlijdt in het

buitenland. Ondertussen weet ik zelf al heel wat door de jarenlange ervaring. Maar door de vraag te stellen aan een expert kunnen onze leden zeker zijn van juiste informatie’, legt Inge uit.

Expat of emigrant?

Je kan op verschillende manieren naar het buitenland gaan. Als werknemer kan je door je Belgisch bedrijf tewerkgesteld worden in een ander land, meestal is dat voor een beperkte periode. Dan blijf je geregistreerd in België, maar woon je in een ander land. Deze mensen blijven in loondienst van hun bedrijf en behouden zo hier hun sociale zekerheid en ziekteverzekering. Daarnaast zijn er de expats, mensen die uit eigen beweging naar het buitenland gaan om er te werken voor een internationaal bedrijf en meestal door dat bedrijf betaald worden. Vaak is dat in Azië. Deze mensen schrijven zich normaal uit in België, althans dat is de bedoeling. ‘Sommigen behouden hier hun ziekteverzekering, maar dat is niet logisch. In principe kan dat niet want je draagt dan niet meer bij tot de sociale zekerheid. Via achterpoortjes zijn er toch mensen die erin slagen’, weet Inge. De derde categorie zijn de emigranten, de mensen die in België alles verkopen en een nieuw leven beginnen in een ander land. Australië, Nieuw-Zeeland en Canada zijn populaire emigratielanden. Maar waarom zou iemand nu verhuizen naar een ander land? Inge Roggeman: ‘Vaak omdat ze vinden dat het leven in een ander land makkelijker is, voor het goede klimaat, om minder belastingdruk te hebben of om meer vrijheid te hebben. Sommigen gaan weg uit België voor een carrièresprong, anderen om

Het is belangrijk dat expats onze cultuur uitdragen de kwaliteit van hun leven te verbeteren.’ Als emigrant is het niet altijd makkelijk want in vele landen is een visum vereist. ‘Sommige mensen hebben meer kans dan anderen. Als je een diploma hebt met een meerwaarde, zoals die in de medische sector bijvoorbeeld. Je moet een werkvisum aanvragen want met een toeristenvisum kan geen enkel bedrijf een buitenlander in dienst nemen.’

Familie wordt (niet) gemist

De mensen die beslissen om lange tijd of voor altijd naar het buitenland te verhuizen, geven het gemis van hun familie een plaats. ‘Natuurlijk missen ze hun familie en vrienden maar die mensen zijn zo gericht op hun nieuwe leven dat ze dat een plaats geven. Bovendien is het tegenwoordig makkelijker om contact te houden, Skype is het ideale medium. Rechtstreeks contact is er

wereld | 25


Kinderen kunnen niet onvoorbereid naar het buitenland gaan niet en dat merk ik wel bij jonge gezinnen, die missen hun ouders voor de zorg.

Cultuur

Vlamingen in de Wereld ijvert ervoor dat Vlamingen in het buitenland niet enkel mogen stemmen op federaal niveau, maar ook op Vlaams niveau. Voor VIW is het belangrijk dat de mensen die het land verlaten België en Vlaanderen niet vergeten. ‘Het is belangrijk dat de expats in een ander land onze cultuur uitdragen. Er is bijvoorbeeld in Madrid een groep Vlaamse jongeren die regelmatig iets organiseert, zoals een filmfestival met Belgische films. Ze betrekken op die manier hun Spaanse vrienden die zo kennis maken met de Belgische cultuur. Het is leuk om te zien dat Vlaanderen en België op die manier gekend zijn in het buitenland’, vertelt Inge. Maar Vlaamse films tonen in een ander land is niet altijd mogelijk omdat het niet makkelijk is om de juiste ondertitels te verkrijgen. ‘Vlaanderen wil zichzelf promoten in het buitenland maar door zo’n soort zaken lukt dat niet. Wij verzamelen de problemen van onze leden en geven die door aan de bevoegde instanties. Hoe meer mensen zich bij ons aansluiten, hoe groter de groep en hoe sterker we staan om iets te kunnen doen. Vlaams minister-president Kris Peeters begrijpt deze problematiek en ziet het belang ervan in. Toch is er nog een lange weg te gaan. We krijgen soms aanbevelingen over wat Vlamingen zouden moeten doen in het buitenland. Maar waarom zouden ze die aanbevelingen volgen als Vlaanderen niets voor hen doet? De overheid zou moeten kunnen garanderen dat er bijvoorbeeld niets van hun pensioen wordt afgetrokken wanneer ze verhuizen. Dat kunnen we alleen bereiken door de Vlamingen die in het buitenland wonen regionaal stemrecht te geven.’

Vlamingen passen zich aan

Een Vlaming is iemand die zijn best doet om er snel bij te horen. Bovendien pikken ze snel de taal op. Ze klitten niet per se samen maar willen deel uitmaken van de lokale gemeenschap. ‘Uiteraard is dit een algemeen beeld, zoiets hangt af van je karakter. Maar we zien vaak dat ze zich snel integreren. Een soort van Chinatowns voor Vlamingen zijn er niet. Soms is het zelfs zo dat er Vlamingen dicht bij elkaar wonen in een vreemd land en ze het niet weten van elkaar. Een paar jaar terug kreeg ik een vraag van een Vlaamse vrouw die in China woonde. Haar man werkte daar als expat en ze voelde zich heel eenzaam en wou graag wat bijpraten met een Vlaming. Toen bleek dat er om

26 | wereld

de hoek een Vlaams gezin woonde, maar ze wisten het niet van elkaar. Dat vond ik een beetje triest. Ik zeg niet dat ze moeten samenklitten en een Vlaamse club moeten starten. Maar het is aangenaam als je af en toe kan praten met iemand van dezelfde afkomst’, vertelt Inge. Ook de kinderen van mensen die verhuizen naar het buitenland passen zich in het algemeen snel aan. ‘Hoe jonger ze zijn, hoe beter dat gaat.’ Maar Inge Roggeman stelt duidelijk dat kinderen niet zomaar zonder voorbereiding hun thuisland kunnen verlaten. ‘Ouders moeten steeds in het achterhoofd houden dat er een kans is dat ze terugkeren. Als dat het geval is dan is het beter dat de kinderen naar een internationale school gaan of naar een school waar het mogelijk is dat ze enkele uren Nederlands krijgen. Vaak kan dat ook via afstandsonderwijs. Het is ook altijd goed als de kinderen, wanneer ze bijvoorbeeld op vakantie zijn in België, op kamp gaan. Zo worden ze weer ondergedompeld in hun eigen taal en cultuur.’ Als ouders hier geen rekening mee houden, kunnen hun kinderen wel eens minder leuke ervaringen hebben wanneer ze terug in België komen wonen. ‘Ze kunnen vaak niet meer volgen op school omdat ze de taal niet meer machtig zijn. Soms moeten ze hierdoor hun jaar opnieuw doen terwijl ze eigenlijk al veel meer inhoud hebben dan de anderen door in een ander land gewoond te hebben. Dat is jammer. Wij van VIW vinden dat scholen, met een leerling die een tijd in het buitenland gewoond heeft, de kans moeten grijpen om de leerling zijn ervaringen te integreren in de leerstof. Wij werken aan een handboek voor scholen over hoe ze met zo’n kinderen moeten omgaan.’ Ook volwassenen hebben soms problemen als ze terug in België zijn. ‘Ze hadden in het buitenland een boeiende job, hebben interessante mensen ontmoet en zijn heel wat ervaringen rijker. Als ze terug zijn, vinden ze toch vaak hun draai niet. Soms integreren ze zich hier dan wel weer, maar het gebeurt ook vaak dat ze terug naar het buitenland gaan.’ Tekst & foto Jelien Wauters

VIW-vertegenwoordigers De organisatie Vlamingen in de Wereld werkt in België vanuit Brussel. Maar in heel wat landen verspreid over de hele wereld heeft VIW vertegenwoordigers. Deze zijn heel handig voor potentiële expats en emigranten. Als zij vragen hebben over een bepaald land waar VIW geen antwoord op weet dan contacteren ze een vertegenwoordiger. Wanneer iemand zich kandidaat stelt om vertegenwoordiger te worden, neemt VIW contact op met de ambassade van het desbetreffende land om te vragen of ze die persoon kennen. Zo kunnen ze nagaan of de persoon geschikt is. Het aantal vertegenwoordigers wisselt vaak. Nu zijn er twee nieuwe, in Congo en Milaan.


Dany Deraymaeker (41)

woont sinds vier jaar in Suzhou, wat op een uur rijden ligt van de grootste Chinese stad Shanghai. Hij gebruikt zijn opleiding van bakkerij, banket en chocolade om zijn job als algemeen directeur van Eden Chocolates uit te oefenen.

Hoe groot is het Belgische gevoel nog?

Ik voel mij zowel Belg als Vlaming. Mijn vrouw is geboren in Duitsland, maar haar ouders zijn Italiaans-Spaans. Onze kinderen zijn geboren in België en zijn dus ook Belg. Ik zal altijd voor de volle honderd procent voor België supporteren op sportief vlak. We houden via Skype contact met onze vrienden en familie. Vorig jaar zijn er vrienden overgevlogen en om de twee jaar komt er familie op bezoek.

Welke aanpassingen heb je ondergaan?

De laatste vijf jaar kent China een ongelofelijke groei en verschijnen er meer en meer Westerse restaurants. Als wij Chinees eten, dan is dat altijd met stokjes, ook thuis. Westers eten wordt wel © Dany Deraymaeker overal met bestek gegeten. Het grappige is dat sommige mensen in het bedrijf met een vork eten, terwijl ik mijn stokjes gebruik. We blijven ons kleden zoals in Europa. Hier zijn veel winkels die Europese merken verkopen. Aan de Chinezen zie je dat ze Westerse landen proberen te kopiëren. Tijdens de werkuren is er een hele goede omgang met de Chinezen. Maar in de vrije tijd blijft er een grote afstand tussen Chinezen en buitenlanders. Alle vreemde inwoners trekken dan met elkaar op.

Overweeg je om terug naar België te keren?

We hebben net de belofte gemaakt om nog vijf jaar langer in China te blijven. Daarna komen we normaal gezien terug naar België. Maar dat zal een heel moeilijke aanpassing worden!

Stefaan Van Puymbrouck (48)

woont sinds oktober 2011 in Lima, de hoofdstad van Peru. Hij werkt als systeemingenieur voor het bedrijf Aminpe.

Hoeveel Belg zit er nog in jou?

Mijn vrouw en twee dochters wonen in België. Zelf heb ik de Belgische nationaliteit behouden. Maar ik voel me in eerste plaats Vlaming, daarna wereldburger en dan pas Belg. Op Facebook en Skype houd ik contact met mijn familie. Via internet supporter ik voor de Belgische sporters.

Wat typeert Peruanen?

Peruanen zijn heel vriendelijke mensen. Ze zullen je alles aanbieden, van eten tot slapen. Maar van zodra je over geld praat, is het andere koek. Peruanen laten het investeren over aan buitenlandse zakenlui en vragen © Stefaan achteraf hun deel. Ga daarom geen professionele relatie aan met een Peruaan, tenzij buitenlandse vennoten Van Puymbrouck betrokken zijn. Het lijkt ook alsof er net een burgeroorlog geweest is, de chaos zit nog in de genen van de mensen. Spanjaarden worden minachtend bekeken. In Lima kan je terecht voor lekkere tiramisu, Argentijnse steak en buffelmozzarella. In het binnenland eten ze bijna elke dag rijst met kip, pikante saus en linzen. Alcoholisme en overgewicht is een groot probleem door het zoete eten en drinken. In het Andesgebied eten ze cuy of gegrilde cavia, dat is wel lekker. De traditionele klederdracht is heel kleurrijk met hun grote, bonte hoeden.

Heeft Peru je hart gestolen?

Peru is een mooi land en is zeker het overwegen waard om te blijven, maar dan moeten de omstandigheden goed zijn. De afstanden zijn hier ook heel groot. Naar België terugkeren zou ik ook enkel als toerist doen. Het Groothertogdom Luxemburg is rustig en lijkt me leuk om te gaan wonen.

Tekst Yoika De Koninck

wereld | 27


Hadewych Van Vaerenbergh (40) woont sinds 2010 met haar Belgisch

gezin in Bountiful, Utah. Door haar voorlopig visum mag ze niet op een loonlijst staan en is ze huismoeder. Zo is ze vaak thuis om te zorgen voor haar twee zonen. Ze is nog niet helemaal aangepast aan de Amerikaanse gewoontes, want sport volgt ze nog steeds via Sporza en Radio 1.

Wat zijn de grootste cultuurverschillen?


Er wordt hier heel weinig zelf gekookt, de mensen eten vaak afhaalmaaltijden. Ik heb hier wel de Mexicaanse keuken ontdekt en die is heerlijk.Om kleren te kopen © Hadewych Van Vaerenbergh ga ik meestal naar Salt Lake want daar vind je Europese kledij. Het is duidelijk dat we in de Far West wonen want de mensen zijn hier veel minder opgetut dan in België. De inwoners zijn enorm gedisciplineerd, ze gaan in de rij staan om hun beurt af te wachten. Ze zijn hier veel minder gestresseerd dan in België. Dat heeft te maken met het verkeer. Voor een Vlaming bijna niet te geloven, maar hier zijn bijna nooit files. Een ander groot verschil is dat wij meteen zeggen wat we denken, hier winden ze overal doekjes om. Soms snap je niet meer waar het over gaat. Ook op religieus vlak zijn wij anders. Er zijn zo veel kerken dat ze het niet begrijpen als iemand niet gelovig is.

Heb je nog vaak contact met familie in België?

Ik skype en mail regelmatig, ik gebruik ook meer en meer Facebook. Meerdere keren per jaar krijgen we Belgisch bezoek, dat is altijd een beetje vakantie voor ons. Want of we hier ons hele leven blijven, hangt af van mijn zonen. Als zij zich hier settelen dan blijf ik waarschijnlijk ook. Hoewel, hier oud worden schrikt me af want dan ben ik ver weg van de goede Belgische ziekteverzekering. Het kan ook zijn dat we verhuizen naar een ander land maar dan moet het wel een warm zijn met mooie natuur en niet te ver van België.

Hanna Vandenbulcke (30)

komt uit Roeselare, woont sinds 2004 in New York en verhuisde naar de wijk Bedford-Stuyvesant, waar ze in 2009 haar huidige man, met Puerto Ricaanse roots, Pedro ontmoette. Ze ging naar New York als au pair en bleef er studeren. Nu werkt ze als juridisch medewerkster.

Wat zijn de grootste cultuurverschillen?

Je vindt hier bijna alleen fast food. Daarom kopen we vaak organisch eten, tot zover ons budget dat toelaat. Als mijn mama op bezoek komt, brengt ze een koffer met lekkere dingen mee die hier niet te vinden zijn. Als ik heimwee krijg, ga ik naar een Belgisch restaurant. Ze eten hier ook rare dingen zoals kip met wafels als ontbijt. New York is een multiculturele stad dus je vindt hier veel verschillende kledingstijlen. Het duurde een tijdje voor ik winkels naar mijn smaak vond. De mensen zijn hier ook opener en verwelkomen toeris- © Hanna Vandenbulcke ten met open armen. Ze schudden hier geen handen maar geven een knuffel en een kus.

Heb je nog vaak contact met familie in België?

In het begin belde en mailde ik vooral. Maar alles neerschrijven kost veel tijd en die had ik niet. Zo verloor ik contact met mijn familie. Dan ontdekte ik Facebook en Skype. Via Skype zie je ook echt je familie, ideaal als je heimwee hebt. Ik spreek op die manier wekelijks met mijn mama. Zij komt, sinds 2009, ook elk jaar naar hier. Ze houdt van de stad. Mijn broers, neven en nichten zijn ook al langs geweest.

Blijf je daar voor altijd of keer je terug naar België?

We denken er over na om naar België te komen. We willen een gezin stichten en dat kost hier heel wat geld en dat hebben we niet. Het onderwijs is er ook beter en de gezondheidszorg is er zo goed als gratis. Ik wil mijn eigen bedrijf starten in België en mijn man zou graag een eigen bar openen.

28 | wereld


Rik De Smet (49) woont zeven jaar in Nieuw-Zeeland en werkt nu drie jaar en half in het

Midden-Oosten als algemeen directeur in IT-bedrijf Indeff. Onlangs besliste hij om te stoppen met zijn nomadenleven en in Nieuw-Zeeland te gaan werken.

Voel jij je nog Belg?

Ik voel me eerder Europeaan of wereldburger. Mijn kinderen en ik hebben de Belgische nationaliteit, mijn vrouw is Finse. Maar sinds de Belgische wetgeving het toelaat, hebben we de procedure gestart om een Nieuw-Zeelandse identiteit te verkrijgen. Ik supporter voor België en Nieuw-Zeeland bij voetbal, triatlon en wielrennen. Bij rugby en cricket supporter ik voor Nieuw-Zeeland. Maar bij het zwemmen moedig ik dan weer de Australiërs aan. Bij Formule 1 supporter ik voor Finland. © Rik De Smet

Wat zijn de grootste cultuurverschillen?

De mensen zijn meer relaxed, er is Maori cultuur. Er is hier heel wat internationale diversiteit en status op gebied van auto’s, huizen en kleren zijn hier niet belangrijk. Heel veel mensen lopen blootsvoets rond: kinderen op weg naar school of mensen die aan het shoppen zijn.

Heb je nog vaak contact met familie in België?

Eén keer per maand heb ik contact via Skype. Ik sta ook met iedereen in contact via Facebook. Het tijdsverschil van 12 uur maakt het contact niet gemakkelijk. Elke twee jaar komt er familie op bezoek. De afstand is een grote drempel.

Blijf je daar voor altijd ?

Naar België zal ik nooit terugkeren, hoewel, zeg nooit nooit. Ik denk dat het Nieuw-Zeeland, Australië of een warm Europees land zal worden. Tekst Jelien Wauters

Paul Vandegard (46) woont al 11 jaar in het Midden-Oosten, afwisselend 1 maand in Iran en 1 maand in Dubai. Hij werkt als product verantwoordelijke en reist hiervoor naar Saudi-Arabië, Oman, Koeweit en Verenigde Arabische Emiraten.

Hoe nauw ben je nog verbonden met België?

Na zolang tussen de Arabieren te wonen, ben ik in de eerste plaats van Brussel, de hoofdstad van Europa. Vervolgens ben ik Belg en nadien ben ik Vlaming. Ondanks ik niet sportief ben aangelegd, voelde ik toch mijn Belgische fierheid opkomen voor Kim Clijsters en Justine Henin.

Wat zijn de grootste cultuurverschillen?

© Paul Vandegard

Iraans eten is niet gebaseerd op aardappelen maar op rijst. Het cliché van de kebab klopt totaal niet. Met noten en fruit is de Iraanse keuken veel gezonder dan de Belgische. Schapenvlees staat wel centraal. Thee is de nationale drank en alcohol is verboden. Op vlak van kledij zijn de verschillen enorm. Vrouwen dragen buitenshuis alleen broeken, geen blote armen, geen decolleté, een vestje tot aan de knie en een doek rondom hun hoofd. Hun figuur komt zeer mooi uit en ze zien er aantrekkelijker uit omdat het vlees niet te koop staat zoals in Europa. Mannen dragen altijd donkere kleuren. Het dragen van een brieventas is ook zeer gebruikelijk. Tot de dag van vandaag vraag ik me af wat ze er in steken.

Blijf je voor altijd in het Midden-Oosten?

Nee. Hoogstwaarschijnlijk zullen we op een dag terug naar België komen. Hopelijk niet te snel. Maar indien mijn zoon Oscar aan de universiteit wil studeren, doen we dat liever niet hier. Oscar is echter nog maar vijf, dus we hebben nog wat tijd. Nu onmiddellijk teruggaan naar België is onze allerlaatste optie. Tekst Jolien Torfs

wereld | 29


Maarten Bogaerts heeft grote steden nodig

‘Ik deed mijn deur open en dacht: wat doe ik hier nog?’ Maarten Bogaerts (29) is het best te omschrijven als ambitieus. Voor zijn dertigste wil hij iets bereikt hebben in zijn leven. Zijn bedrijf MB Corporate Services Bogarts Butlers in Sint-Petersburg moet draaien. ‘Op een netwerkevent begin april vertelde een mevrouw dat mijn bedrijf succesvol zal worden in juni, de maand waarin ik verjaar’, aldus Maarten. Eind 2014 zal hij te zien zijn in een programma van de VRT. Daarin komt zijn etiquetteboek voor kinderen aan bod, maar ook een evenement van de familie Poesj-kin, zijn project Young Motivated Professionals en een event in Monaco.

30 | MAARTEN IN RUSLAND


‘Vorig jaar realiseerde ik mij: als ik nu niet naar Rusland verhuis, dan ga ik het nooit doen en ga ik gefrustreerd zijn voor de rest van mijn leven. Ik respecteer België, maar heb grote steden nodig, drukte, veel mensen. Begin juli vorig jaar kwam ik in mijn appartement in Schaarbeek, ik deed mijn deur open en dacht: wat doe ik hier nog? Ik verspil mijn tijd gewoon in België. En van de ene seconde op de andere heb ik beslist dat ik zou vertrekken. Het weekend daarna vroeg ik aan mijn vader om een camionette te lenen voor het weekend dat volgde. Ze wisten meteen hoe laat het was. Ik had ze jarenlang voorbereid op dit moment’, vertelt Maarten. Daarna begon hij met de boekhouding voor zijn bedrijf en met het verkrijgen van een werkvergunning voor Rusland om er legaal te kunnen verblijven. Want het zal niet bij dit ene bedrijf blijven. Terwijl zijn bedrijf Bogarts Butlers (naam van zijn Russische bedrijf, nvdr) nu alles doet, zou hij het liefst vele verschillende bedrijven hebben in de toekomst. Als de zaken goed blijken te gaan, is het zijn bedoeling om te gaan pendelen tussen Sint-Petersburg en Moskou.

Ik kende vijf woorden Russisch Eén van de zaken waar Maarten zich nu mee bezighoudt, is Young Motivated Professionals. Het woord Young slaat niet op de leeftijd op je paspoort maar over de mentaliteit van een persoon. Volgens Maarten voelen vele mensen dat er iets meer is. Dat ze ergens staan te werken en dat misschien wel leuk vinden, maar dat ze op zoek zijn naar iets extra. Die mensen probeert hij samen te brengen door het organiseren van seminaries. ‘Young Motivated Professionals is een verzamelnaam van iedereen die gelijk wat doet, maar een jonge mentaliteit heeft en vooruit wil. Rusland is in een positieve zin aan het evolueren, maar dat kan je enkel zien als je hier bent’, vertelt Maarten.

Verliefd

Maarten studeerde eerst zes jaar hotelschool en deed er een specialisatiejaar hotelmanagement in Koksijde bij. Hij begon zijn carrière in De Karmeliet in Brugge, werkte daarna voor het Conrad Hotel in Brussel en voor de Koninklijke familie van België. In 2007 startte hij zijn bedrijf op, waarvoor hij veel naar het buitenland reisde. Hierna werkte hij voor de Amerikaanse ambassadeur in Brussel. ‘Het Belgisch koningshuis en de Amerikaanse ambassade waren de twee plaatsen waar ik absoluut wou gewerkt hebben. Nu dat gelukt was, hield niets mij nog in België. Ik had mijn plafond bereikt en begon mij te vervelen’ zegt Maarten. Een jaar eerder, in 2006, was hij voor de eerste keer naar Moskou gekomen. Maarten: ‘Ik ben verliefd geworden op het land, de mensen en de cultuur. Wanneer ik hier aankwam kende

32 | MAARTEN IN RUSLAND

ik vijf woorden Russisch met behulp van een assimil cursus die ik gekocht had. Het alfabet kon ik lezen en absolute basiswoorden zoals spasibo (dank u, nvdr) en pozhalusta (alstublieft, nvdr) kon ik ook zeggen.’ Zes jaar geleden zette Maarten de stap naar Sint-Petersburg om zijn bedrijf voor te bereiden. Op het moment dat het ballet van de Notenkraker in de Hermitage speelde, leerde hij zijn huidige vriendin kennen. ‘Haar leren kennen betekende nog meer motivatie om terug te komen’, lacht Maarten.

Troetelnaam

Een vooruitgang in het contact tussen mensen kan je merken aan de manier van aanspreking. ‘Als iemand enkel je familienaam gebruikt, dus in mijn geval Bogaerts, is dat een goed teken’, zegt Maarten. Verder vertelt hij dat de beleefdheidsvorm anders is in Rusland. Zo wordt er geen meneer of mevrouw gezegd, maar de voornaam van de persoon plus een verbuiging van de vadersnaam. Die vadersnaam is er omdat in Rusland heel veel mensen dezelfde naam hebben. Als je vader Alexander heet, wordt je tweede naam als man Alexandrovich. Als vrouw krijg je de tweede naam Alexandrova. De officiële naam van een persoon hier is dus altijd in drievoud: de familia of familienaam, de imya of voornaam en de otchestva of vadersnaam. In het Russisch heeft elke naam ook zijn troetelnaam. Zo wordt Sergey bijvoorbeeld Seryoga en verandert Maria in Masha. Maarten: ‘Ik ben Belg, geen Rus, dus bij mij is het niet echt nodig dat mijn naam zo gebruikt wordt.’ Russen zouden door de ogen van buitenlanders als triestig of onvriendelijk ervaren kunnen worden. Maar dat is slechts schijn. ‘Een Rus zal de eerste dag niet naar je lachen. Maar naarmate de gesprekken vorderen en ze zich meer op hun gemak voelen, vermindert het wantrouwen. Als een Rus in Rusland naar je lacht, kan je er zeker van zijn dat het oprecht is’, besluit Maarten.

BELGIAN CLUB Bijna elke maand organiseren de Belgen in Sint-Petersburg de Belgian Club. ‘We gaan samen een pint pakken. Hier zijn heel veel Vlamingen en een paar Walen. Je hebt hier vier Belgische biercafés in de stad en daar gaan we naartoe. Ze hebben bijna zeventig Belgische bieren op de kaart staan en je kan er frieten met tartaarsaus bestellen. Nederlands, Frans of Duits spreken ze er wel niet’, zegt Maarten. ‘In het Belgisch biercafé dicht bij het consulaat zijn de frieten niet wat ze moeten zijn. Samen met de consul-generaal zullen we daar binnenkort verbetering in proberen te brengen. Want zij vertegenwoordigen toch het imago van ons land. Daarom moeten de frieten van hele goede kwaliteit zijn.’


Etiquette voor kinderen ‘Maria en Alexander Poesjkin hebben aan mij gevraagd om een etiquettecursus te maken voor kinderen. De bedoeling is dat de Poesjkinstichting daarmee een instrument geeft aan die kinderen om een betere toekomst uit te bouwen. Voor elke opbrengst die wij krijgen uit de lessen, zal een zeker percentage naar de stichting gaan’, legt Maarten uit.

Dushka en Mishuk

De Poesjkinstichting wil kinderen een betere toekomst bieden © The International AS Pushkin Foundation

Er zal voor de jongste groep een boek verschijnen over de avonturen van Dushka en Mishuk. De theorie komt van Maarten, maar het schrijven zelf gebeurt door een Russische dame die naar zijn eigen zeggen hele mooie kinderverhaaltjes maakt. Na elk verhaaltje kan je lezen hoe je het idee erachter kan gebruiken om je kind verschillende dingen aan te leren. Zo steekt Mishuk zijn tong uit naar alles en iedereen, waarop hij onplezierige reacties terugkrijgt. Ouders kunnen hun kinderen na dit verhaal leren dat je je tong niet mag uitsteken, omdat dit onbeleefd is.

Voor de cursus wordt samengewerkt met kinderpsychologen. In principe zijn de lessen voor de vier leeftijdsgroepen dezelfde, maar de manier waarop ze gebracht worden is helemaal anders. Elke groep heeft een ander interessegebied, een ander aandachtsveld en daaraan wordt elke cursus aangepast. Voor de kinderen tussen vijf en zeven jaar zijn alstublieft, dank u en excuseer de drie belangrijkste woorden die ze moeten leren. Deze woorden leren ze ook in het Engels en daarnaast in het Frans of Duits als algemene ontwikkeling. In totaal zijn er 36 lessen gepland, gespreid over het hele schooljaar.

TROUWEN IN RUSLAND Bij een huwelijk in Rusland wordt heel veel show verkocht. De bruidegom haalt de bruid ’s morgens af bij haar thuis met een stretchlimousine. Maar voor hij binnengaat, moet hij enkele proeven afleggen. Hij moet zijn weg naar boven kopen met andere woorden. Dat kan zijn met geld, drank of door opdrachten uit te voeren. Zo kan het zijn dat de bruidegom zijn getuige op de rug naar boven moet dragen. Eens de man bij zijn toekomstige vrouw geraakt, gaan ze naar buiten en rijden ze naar een soort gemeentehuis. Dat is een zaal waar je beneden op je beurt wacht, precies of je een nummertje moet trekken. Als het aan jou is, krijg je twintig minuten de tijd om te trouwen en daarna moet je naar buiten.

Wodka Hierna rijdt het koppel door de stad om foto’s te nemen op bepaalde plaatsen, zoals de Kerk op de Verlosser van het Bloed. Tegelijkertijd drinken ze wodka, bier en champagne. Het diner is in een restaurant samen met twintig à dertig mensen. Het aantal hangt af van hun budget. ‘Tijdens het eten moeten er opdrachten gedaan worden of praat een master of ceremony de boel wat aaneen door scheve moppen te vertellen’, vertelt Maarten. De getuigen moeten samen geld inzamelen door een blauwe en roze luier rond te dragen. De mensen mogen wedden of het eerste kindje van het pasgetrouwde koppel een jongen of een meisje zal worden. Tegen middernacht hebben de meesten een beetje te diep in het glas gekeken en gaan ze naar huis. Tekst Yoika De Koninck Foto’s Jolien Torfs

maarten in RUSLAND | 33


‘Als je met Rusland te maken hebt, moet je iets van de literatuur kennen’ De Belgische Lieve Cornet ontvangt ons in Chisty Prudy. ‘Ik vind dit het echte centrum van Moskou. Hier hebben we een vijver, een grote boulevard en de mix van architecturale stijlen is enorm. Moskou heeft dan ook een geschiedenis van 800 jaar’, vertelt Lieve. Als achtjarige droomde ze er van om naar Rusland op reis te gaan. Dat was niet zo voor de hand liggend in de jaren zestig. In 1993 kwam ze een eerste keer hier en ondanks de taalbarrière vond ze dat fantastisch. ‘Het was niet zo mooi en modern als het nu is, maar ik voelde me goed.’

Aleksandr Sergejevitsj Poesjkin

I

n 2002 verhuisde ze definitief van Antwerpen naar Moskou en vandaag loopt haar leven op wieltjes. Lieve spreekt vloeiend modern Russisch, maar dat was ooit anders. ‘Ik heb Russisch gestudeerd in de avondschool in Antwerpen, maar toen ik hier in 1993 aankwam, verstond ik niks en de mensen verstonden mij niet. Ze keken me zelfs heel verbaasd aan en vroegen of ik een actrice was zoals in De Meeuw van Anton Tsjechov’, vertelt ze. ‘Een van de

34 | lieve in rusland

leraren in de avondschool had het Russisch nog geleerd van zijn grootmoeder die geëmigreerd was tijdens de revolutie, met als gevolg dat het heel literair klonk. Je kunt het vergelijken met het Nederlands van Guido Gezelle. Niemand spreekt nog zo’, verduidelijkt ze. De Russische literatuur is iets wat Lieve heel hoog in het vaandel draagt. ‘Als je met Rusland te maken hebt, moet je toch iets van de literatuur kennen. Tsjechov, Gogol, Dostojevski, Tolstoj, Poesjkin, dat zijn allemaal namen die je moet kennen.’


© Yoika De Koninck

Taal is de sleutel tot een inhoud, een cultuur en een geschiedenis. En ook daar heeft Lieve de toegang tot gevonden. ‘Russen zien er wel Europees uit, maar ze hebben een heel andere geschiedenis. Dat zie je nu bijvoorbeeld in hun manier van reageren. Het is de gewoonte van op straat niet te lachen. Thuis met vrienden en familie kan dit wel. Ik heb mij aangepast en doe dat ook niet meer. Dat hoort gewoon niet’, zegt ze. Rusland is gelegen tussen Europa en Azië, maar waartoe behoren ze nu? ‘Wij behoren tot niemand. Wij zijn gewoon Rusland. Dat is een cultuur op zich. Het is een gigantisch land met enorm veel lokale talen en culturen. Je moet weten, de Verlichting zoals we ze in Europa kennen, hebben we in Rusland niet gehad. Het is tsaar Peter de Grote die in de achttiende eeuw beslist heeft dat enkele zaken moesten aangepast en hervormd worden. Men spreekt van democratie maar dat is hier niet eigen. De mensen zijn gewoon

dat iemand zoals een tsaar de baas is en overal voor zorgt’, legt ze uit. Maar stilaan vindt de Westerse cultuur zijn weg naar Rusland. ‘Toen ik hier aankwam in de jaren negentig waren er geen cafés en restaurants. Die zebra’s op straat? Dat bestond hier niet. Ik stop altijd voor een zebrapad, maar kijk eerst in mijn achteruitkijkspiegel om te zien dat ze niet in mijn gat zitten. Want ze weten wel dat ze moeten stoppen, maar doen dat niet altijd. Het rijden zelf is ook compleet anders gestructureerd. Je kunt hier geen bochten naar links nemen. Je moet altijd een heel klaverenblad rijden en dat is overal in Rusland zo’, vertelt Lieve. Sorteren van afval is een ander paar mouwen. ‘Vlaanderen is wereldkampioen sorteren maar hier vind ik dat iets vervelend. Ik dwing mijzelf wel om de zakjes van de supermarkt te hergebruiken en ik probeer zo goed mogelijk mijn afval te scheiden, maar die cultuur

lieve in rusland | 35


Russen komen waar, wanneer en hoe ze willen bestaat hier niet. Je moet heel ver rijden om je glas te sorteren. Zo vervuil je het milieu en moet je benzine betalen. Wat brengt het dan nog op? Plus, wat gebeurt er met dat glas. Voor hetzelfde geld gebeurt er helemaal niets mee. Vroeger verzamelden de daklozen het glas en kregen daar dan een cent voor, maar dat hebben ze afgeschaft.’ Russen gooien al hun afval bij elkaar, waarna het door vrachtwagens wordt opgehaald en vervoerd naar afgelegen plekken. Daar zorgen bulldozers ervoor dat de afvalberg niet te hoog wordt. Wanneer dit toch het geval is, beginnen ze een nieuwe naast de vorige. ‘Als de Russen vinden dat er een probleem is, dan zullen ze het wel oplossen. Je moet respect hebben en rekening houden met het feit dat ze alles doen op hun eigen manier. Als ze vinden dat iets goed is, is het goed. Je hoort al eens van mensen: Ze zullen er wel komen. Ik vind het heel betuttelend en denigrerend als je dat zegt. Dat is geen respect hebben voor hun leefwijze. Russen komen waar ze willen, wanneer ze willen en hoe ze willen. Als je hier als buitenlander komt en zegt neen, je moet dat zo of zo doen, dan heb je hier niets verloren’, argumenteert Lieve.

Omgang met Russen

Verzadigde markt

Lieve lijkt volledig aangepast aan de Russische cultuur, maar heeft nog steeds de Belgische nationaliteit. ‘Ik ben een echte Belgische. Ik ben tweetalig opgevoed en sprak al snel Engels, Duits, Russisch en Spaans er bovenop. Taal is de sleutel tot een cultuur. Hoe meer je ervan hebt, hoe beter. Soms is het ook nuttig om buitenlander te zijn. Het geeft een zekere status. Als de politie mij tegenhoudt, spreek ik wat moeilijker Russisch of vind ik mijn papieren niet meteen. Je mag er geen misbruik van maken, maar soms is het gemakkelijk’, zegt ze. Ook haar voorkomen is aangepast aan de standaarden van de Russische cultuur. ‘Vrouwen moeten vrouwelijk zijn want hun status hangt hiervan af. Hoge hakken, veel make-up, manicure en een verzorgd kapsel. Het hoort erbij als je als vrouw respect wil krijgen in Rusland.’ Ondanks de normen op vlak van uiterlijk, biedt Rusland kansen voor iedereen. ‘In België zijn veel markten verzadigd, maar hier staan ze nog in kinderschoenen. Als je weet wat je wilt en hard kan werken, dan kan je heel veel bereiken. Je moet hier niet noodzakelijk een diploma hebben om hogerop te geraken en ook voor jongeren zijn er veel kansen. Je moet wel eerst de taal leren natuurlijk. Rusland heeft mij veel gegeven. Niet materieel maar wel op vlak van mogelijkheden. Ik weet niet of ik het leven dat ik hier heb in Europa of Amerika had kunnen waarmaken’, besluit Lieve. Tekst en foto Jolien Torfs 

Rusland is het land van de kansen

Laat dat nu net haar bezigheid zijn, buitenlandse bedrijven adviseren hoe ze, wat ze in hun eigen land doen, het best in Rusland kunnen doen. ‘Ik werk als consultant en ben een link tussen Europa en Rusland. Omdat er toch wel heel wat culturele verschillen zijn, leg ik hen uit hoe ze alles moeten organiseren. Hoe moet je negotiëren, hoe gaan Russen met elkaar om. De aanpassing duurt gemiddeld twee jaar en ik ondersteun hen daarbij. Ook omgekeerd, Russen die naar Europa willen, kunnen ook op mij rekenen. Spijtig genoeg gebeurt dat niet heel vaak want door

36 | lieve in rusland

de vooroordelen is het voor hen heel moeilijk. De Russen gaan België opkopen of waar komt dat Russisch geld vandaan. Er is heel veel wantrouwen. Het is pas wanneer je bij elkaar op bezoek gaat, dat je beter begrijpt hoe de dingen in elkaar zitten’, vertelt ze.


NMBS Europe, uw internationale treintickets en nog veel meer … Amsterdam De leukste CITYTRIPS

vanaf 1u48

Londen

Keulen

in 2u

vanaf 1u47

Rijsel

Brussel

vanaf 32 min.

Frankfurt vanaf 2u59

Luxemburg vanaf 2u51

Parijs in 1u22

CULTUUR voor iedereen De mooiste VAKANTIES

  

Info en reservering: www.nmbs-europe.com Mobiele applicatie m.nmbs-europe.com

Tickets voor uw treinreizen in Europa en de wereld

Contact Center NMBS Europe > 070 79 79 79 (€ 0,30/min)

Thalys, Eurostar, ICE, TGV en andere internationale treinen

NMBS stations met internationaal aanbod

Boek ook uw hotel, uw vervoer ter plaatse en allerlei toeristische attracties op www.nmbs-europe.com

Door NMBS Europe erkende reisagentschappen

Hallo | 37


38 | RUSLAND


GREET PENDELT TUSSEN BELGIË EN RUSLAND

‘Ik kan in Wilrijk geen tweede Moskou maken’ De energieke Greet van Haelst (68) brengt tegenwoordig evenveel tijd door in Antwerpen als in Moskou. Dertien jaar geleden besefte ze dat er meer was dan haar job in de toerismesector en waagde ze zich aan de Russische hoofdstad. Haar man Andrey Pashkevich, die twee jaar geleden overleed aan kanker, leerde ze drie weken na haar aankomst in Moskou kennen. Hij was een kunstenaar en liet haar kennis maken met de schoonheid van het schilderen. Andrey liet haar net zoveel van Moskou houden als zichzelf. Hoe zeer Greet ook zou willen, de sfeer van haar appartement in België zal nooit dezelfde zijn als die van in Rusland.

GREET IN RUSLAND | 39


Op aandringen van haar man is Greet ook beginnen schilderen.

I

n haar appartement in Antwerpen heeft Greet niet veel kunst hangen van haar man. ‘Ik heb nog maar weinig overgebracht vanuit Rusland. Alles wat Russisch is, ligt daar. Binnenkort zal ik stilletjes aan zaken beginnen te verhuizen, maar de oudste dingen kan je bijna niet exporteren. Zo heb ik in Moskou een samowar staan (een grote, koperen ketel waarin water verwarmd wordt om thee te zetten, nvdr). Die is meer dan 50 jaar oud, dus moet je heel veel moeite doen en betalen om dat naar België over te brengen. De sfeer van mijn appartement in Moskou naar hier brengen gaat niet. Ik kan hier geen tweede Moskou maken’, vertelt ze.

‘Toen Andrey en ik elkaar pas leerden kennen, heeft hij een portret van mij geschilderd en het vreemdelingen genoemd. Toen ik het kreeg, had hij daar net een hartje op geschilderd dat nog niet opgedroogd was’, zegt Greet. Tijdens de ziekte van haar man is ze, op zijn aandringen, ook kunst beginnen maken. Enkele maanden na zijn overlijden, schilderde Greet onder andere zijn portret en haar grote verdriet. Ze zette ook haar levensverhaal om in beeld: als klein kindje in de duinen aan zee, het kerkje van het dorp waar ze geboren is, haar eerste auto en de brug via welke ze in Rusland belandde. En haar zonnetje van een man mocht uiteraard ook niet ontbreken. Maar Greet voelt zich zowel in Antwerpen als in Moskou thuis. Op de vraag waar ze het liefst is, moet ze het antwoord schuldig blijven. ‘Ik kan Rusland niet loslaten. Mijn man is daar begraven

40 | GREET IN RUSLAND

en ik weet hoe zeer hij aan het land gehecht was. Tijdens zijn ziekte verbleven we in België. Het gaf hem telkens opnieuw een kick als hij terug naar Moskou mocht. Dan kon hij nog eens goed eten, zei hij. Die liefde voor Moskou is overgeslagen op mij’, glimlacht Greet. In 1990 verhuisde Greet naar Moskou. Daarvoor gaf ze haar job als medewerker in een reisbureau na vijftien jaar op. Voor dat reisbureau had ze al groepsreizen naar Sint-Petersburg, Moskou en Siberië verzorgd. Het was dus geen complete sprong in het duister waardoor ze wist dat het in de nasleep van de Sovjet-Unie of het Gemenebest van Onafhankelijke Staten (GOS) (los samenwerkingsverband tussen ex-Sovjetstaten exclusief Estland, Letland, Litouwen en later ook Georgië, nvdr) allemaal niet zo gemakkelijk was. Greet: ‘Ik was het beu om in de toerismesector te werken en gaf mijn job op zonder te weten wat de toekomst zou brengen. Een vriendin vertelde mij dat er een plaats vrij was in Moskou en ik stemde meteen in.’ Greet schreef zich in Moskou in bij een International Women’s Club. ‘Ik ben daar tweemaal naartoe gegaan. In die tijd kon je niets vinden in de winkels en die dames deden niets anders dan daar steen en been over klagen’, zegt Greet. Ze realiseerde haar dat ze gewoon met de Russen moest meeleven, omdat het anders geen zin heeft om in een ander land te zijn.

Natuurlijke schoonheid

Russische vrouwen worden meermaals als mooiste vrouwen ter wereld bestempeld. Greet: ‘De vrouwen daar doen enorm hun best om er mooi en elegant uit te zien. Het gebeurt zelfs dat ze


Zijn hand,

mijn hand: wij samen, 2011

hun pasfoto bewerken en mooier maken.’ Maar volgens Greet komt de natuurlijke schoonheid door de enorme mengeling van verschillend bloed. ‘Als in een dorp teveel mensen met elkaar trouwen, krijg je op lange termijn dorpsidioten. In Finland was dat het geval en hebben ze aangedrongen op immigratie. Rusland is een enorm groot land met verschillende rassen en volkeren. De mengeling van verschillend bloed is hier geen enkel probleem’, legt Greet uit.

Andrey was een veel betere kok dan ik. Mijn favoriete Russische gerecht is ukha, dat is een vissoep met steur. Fantastisch! Hij kon dat heel lekker maken. En de tweede dag smaakt het nog beter als de eerste, omdat de vis en groenten meer doordrongen zijn’, vertelt Greet. ‘Als mijn man thuis mensen ontving, kocht hij zeven keer meer dan nodig was om zeker niets te kort te komen. Volgens hem kon je bijvoorbeeld geen koffie geven zonder er een hele maaltijd bij te serveren.’

Drie weken na haar aankomst in Rusland leerde Greet haar man kennen. ‘Ik woonde in een appartement dat veel te groot was voor mij alleen. Mijn baas besliste daarom het in twee stukken te scheiden en er binnendeuren te plaatsen. De man die de deuren kwam brengen en plaatsen was mijn Andrey. Om de kost te verdienen, knapte hij appartementen op. Het was meteen bingo!’, lacht Greet. Andrey is geboren en getogen in Moskou. De Russische stad betekende alles voor hem. ‘Wanneer ik met hem naar België kwam, was zijn eerste reactie dat ons land veel te klein is. Mijn man is shedrost, dat bekent gul, maar ook een brede visie hebben. Zo zag hij alles globaal en vitte hij nooit op kleine details. Dat is een eigenschap die ik heel hard apprecieerde bij hem. Hij zou alles weggeven en nooit ergens spijt van hebben’, zegt ze.

Die eigenschap is eigen aan de Russische bevolking. Vroeger was er niets en daarom genieten ze er nu ten volle van. Tijdens de Sovjetperiode konden vreemdelingen zoals Greet terecht in berjozka’s of valutawinkels. Daar kon je wél alles krijgen, van levensmiddelen tot schoonmaakproducten, kortom alles wat in het Westen voorhanden was. ‘Je paspoort werd niet gecontroleerd

Geen koffie

Voor haar man kookte Greet regelmatig Russisch, maar dat neemt heel veel tijd in beslag. ‘Russische soepen zijn met alles erop en eraan: aardappelen, groenten en vlees.

 Ze konden aan je gezicht zien of je een vreemdeling was GREET IN RUSLAND | 41


Vreemdelingen, 1991

Hartzeer, 2011

Kids’ plays, 1994

als je daar iets kocht, ze konden zo aan je gezicht zien of je een vreemdeling was of niet’, zegt Greet. Maar als buitenlander liep niet alles op wieltjes. ‘Voor de firma waarvoor ik in Moskou werkte, reed ik met een Westerse auto. Om die te controleren of een groot onderhoud te geven, moest ik naar Finland. In Rusland hadden ze de onderdelen en knowhow daar niet voor. Zo ben ik enkele keren tot in Helsinki en terug moeten gaan’, vertelt Greet. ‘Dat waren spannende tijden. Ik heb ook meegemaakt dat de tanks Moskou ’s avonds binnenrolden tijdens de staatsgreep. Mijn baas belde mij de volgende morgen op om te zeggen dat ik niet moest thuisblijven. Dat gebeurt wel meer, zei hij. Die tanks waren door mijn straat gekomen en de volgende morgen zag ik de sporen van hun banden in het asfalt staan.’

Menselijker afbeelden

Beelden zoals die van een staatsgreep zorgen voor een negatief imago van Rusland. Daar wou Greet verandering in brengen. ‘Ik ben begonnen met artikeltjes te schrijven en het zoeken naar een samenwerking met een krant. Op die manier wou ik de mensen duidelijk maken dat ze niet zo’n schrik moeten hebben van Rusland en wou ik het land menselijker afbeelden. Maar jammer genoeg ben ik geen schrijfster en is het op niets uitgedraaid’, lacht Greet. ‘Toch probeer ik nog steeds mensen een ander inzicht te doen krijgen. Het regime is onaanvaardbaar, maar de mensen zeker niet.’ Niet enkel Westerlingen, maar ook de jongere generatie in Rusland heeft de geschiedenis niet zo goed onder de knie. Daarom speelt er tijdens de tentoonstellingen van Andrey een video af, waarin hij zegt waarover zijn kunstwerken gaan, wat hij uitdrukt en hoe hij de kunst ziet. ‘De kunstwerken zijn heel diepgaand en je kan er verschillende interpretaties aan geven. Ik heb enorm veel respect voor hetgeen mijn man gepresteerd heeft. Hij heeft een hele brok geschiedenis in zijn werk gestoken’, zegt Greet.

Het regime is onaanvaardbaar, maar de mensen niet 42 | GREET IN RUSLAND

Onvoorspelbare wereld

Op dit ogenblik houdt Greet zich bezig met het organiseren van tentoonstellingen die bestaan uit de werken van politecology, een serie schilderijen gemaakt door haar man. In deze verzameling bracht Andrey zijn gedachten over de overgangsperiode


Russen zijn hulpvaardig, zelfs als ze je niet begrijpen.

Do’s Moya Ljoebov - Mijn geliefde, 2011

in Rusland op het canvas, beginnende bij de perestrojka. In totaal staan drie evenementen op het programma: eentje in Vladimir (ten oosten van Moskou, nvdr), in Kaluga (ten zuidwesten van Moskou, nvdr) en in Sint-Petersburg. Greet: ‘Ik denk nog minstens drie jaar in Rusland te blijven, maar dat zal afhangen van mijn energie en gezondheid. In België is het veel rustiger, terwijl je in Moskou meteen wordt ondergedompeld. Alles verandert daar voortdurend. Het is een onvoorspelbare wereld. En dat vind ik leuk, dat geeft je veel energie. In België kan je makkelijker indommelen. Hier gaan ze kaarten, petanquen en naar de cinema. In Rusland ken ik niemand die dat doet. Er zijn daar altijd verrassingen. Maar eens je het gewoon bent, wen je daar wel aan.’ Tekst & foto’s Yoika De Koninck

Don’ts

* Als man geef je geen hand aan een Russische vrouw. En door bijgeloof schud je nooit iemand de hand boven de drempel van zijn of jouw huis. * Sorteren is iets wat de Russische bevolking niet kent. Hier is één vuilnisbak waarin je papier, restafval en glas samen weggooit. Glazen potten uitkuisen hoeft dus ook niet.

* Wees goed voorbereid. Buiten het verkrijgen van je visum dien je (bij een bezoek langer dan drie dagen) deze ook binnen de drie werkdagen te registreren bij de Russische immigratiedienst. Hou hiervoor de migratiekaart die je op het vliegtuig invult heel goed bij. Als je deze verliest, moet je langsgaan bij de migratiedienst. De werknemers daar spreken enkel Russisch, zorg dus voor een tolk. Anders zullen ze je vragen later terug te komen. * Russisch leren op korte termijn is niet makkelijk, zeker niet omdat deze net zoals het Duits gebruik maakt van naamvallen. Het Cyrillische alfabet leren gaat daarentegen wel. Dat bestaat uit 33 tekens en met behulp van deze kennis kan je de straatnamen en metrohaltes lezen (die enkel in het Russisch vermeld staan). * Ook al zijn weinig Russen de Engelse taal machtig, deins niet terug om hulp te vragen. Zij zijn ondanks het taalverschil toch bereid te helpen. * Voor souvenirs in Moskou ga je best niet naar het bekende Arbat, maar naar Park Kultury. Hier vind je dezelfde souvenirs, maar voor een meer schappelijke prijs. * De metro is niet enkel het meest handige vervoermiddel, maar ook hier kan je goedkope souvenirs vinden. Het eten dat ze hier verkopen is goedkoop, lekker en handig als snelle hap. * Als je als man met een vrouw uit eten of drinken gaat, betaal je alles. Vrouwen zullen geen krimp geven, zelfs geen dank u zeggen, maar dat is normaal.

* In sommige toiletten wordt expliciet gevraagd om toiletpapier niet in het toilet, maar in de vuilbak te gooien (omdat deze niet krachtig genoeg doorspoelt). * Geef nooit twintig rozen aan je Russische geliefde, enkel als deze dood is. Als je iemand een bos bloemen wil geven, zorg er dan voor dat het aantal oneven is.

GREET IN RUSLAND | 43


n Torfs © Jolie

O2 Paleisplein

d e o l B t e h p er o s s o l r e V e d 1 Kerk van Jo

lien

To rfs

O

©

© Jolien Torfs

O3 Pete

r de

©J

Gro te

olien s Torf

in e l P e od R t 7 He

O

O9 Christus Verlosserkat

hedraal


BEZOEK Sint-Petersburg Kerk van de Verlosser op het Bloed

Deze orthodoxe kerk ligt aan het Gribojedovkanaal in een zijstraat van de Nevski Prospekt, de hoofdstraat van Sint-Petersburg waar je vele restaurants en kledingwinkels zoals Zara en H&M vindt. Op de plaats van deze kerk werd tsaar Alexander II vermoord. Na zijn dood is dit stukje architectuur verrezen. Binnenin zijn alle muren bekleed met religieuze mozaïeken.

2 Hermitage

Peter de Grote

Het Rode Plein

Je kan niet naar Moskou gaan zonder het Rode Plein te hebben gezien. In en rond dit plein vind je de Sint-Basiliuskathedraal, het Kremlin (de zetel van de regering), het Nationaal Historisch Museum, het Mausoleum van Lenin en vele andere.

Kosmonautenmuseum

Joeri Gagarin was de eerste mens in de ruimte. In dit museum zie je de authentieke objecten waarmee hij en andere kosmonauten naar de ruimte reisden. Dit museum is makkelijk bereikbaar vanuit het metrostation VDNKh.

Het enige echte Poesjkinmuseum staat in Sint-Petersburg. Alexander Poesjkin was een Russische auteur uit de Romantiek en wordt door velen beschouwd als de grootste Russische dichter aller tijden. Hij was een vernieuwende schrijver en liet zich niet doen door de heersende censuur. Zijn vocabularium bestaat uit 21.000 woorden, wat gigantisch is. In dit Poesjkinmuseum kan je zien waar hij leefde en zijn laatste adem uitblies.

Belgisch cafe

6

Voor een stukje Vlaanderen kan je terecht in een van de vier Belgisch cafés. Zo is er de KwakInn waar je een Van Damme burger met frietjes en zelfgemaakte tartaarsaus kan bestellen en keuze hebt uit bijna 70 Belgische bieren. De porties die je hier krijgt zijn groot waardoor je niet met honger zal buitengaan.

Christus Verlosserkathedraal

9

Deze orthodoxe kathedraal haalde het nieuws door het optreden van de feministische punkband Pussy Riot. Verder is dit ’s werelds grootste en hoogste Russisch-orthodoxe kerk.

Novodevit sjiklooster

10

8

Dit is het oudste museum van Rusland en stelt de verzameling van Peter de Grote openbaar. Je kan er exotische, natuurhistorische, wetenschappelijke en oudheidkundige werken bewonderen. Ook kunstzinnige objecten vinden er hun plaats: uitzonderlijke wezens, baby’s, hoofden en baby’s met twee hoofden op sterk water.

Poesjkinmuseum

Peter de Grote was tsaar van Rusland tussen 1682 en 1725. Hij wou het land moderniseren en verwesteren. Sint-Petersburg benoemde hij daarbij tot de nieuwe hoofdstad. Hij had ook nauwe banden met onze noorderburen waardoor hij een aardig mondje Nederlands sprak. Zijn standbeeld is te vinden op het Senatskaya plein.

Moskou

Op het paleisplein staat de Alexanderzuil en de Hermitage. Deze laatste is ontstaan uit de verzameling van Catharina de Grote en omvat meer dan drie miljoen kunstwerken. Hier staat de grootste collectie aan schilderijen tentoongesteld. Er zijn verschillende kamers met verschillende collecties waaronder prehistorische kunst, oosterse kunst en die van Vlaamse kunstenaars uit de zeventiende en achttiende eeuw.

Kunstkammer

Dit kloostergebied ligt in het zuidwesten van de stad aan de Moskvarivier. Ingang is gratis, maar voor het binnengaan van de kloosters betaal je wel. Naast dit gebied ligt nog een extra begraafplaats met bekende Russen, waaronder Nikita Chroesjtsjov (leider van de Sovjet-Unie na Jozef Stalin) en Boris Jeltsin (eerste president van Rusland). Tekst en foto’s Yoika De Koninck

RUSLAND | 45 Hallo | 45


46 | Hallo


‘Door het merken van lammetjes hingen we vol bloed’ Miriam verbleef als backpacker in Australië miriam in Australië  | 47


Miriam Vandenbulcke (24) zit in haar laatste jaar communicatiemanagement aan de Arteveldehogeschool in Gent. Ze koos er voor om haar stage te doen in Australië. Omdat het een unieke kans is om naar zo’n ver land te gaan, besliste ze om daarna samen met haar vriend Koen Vanmoortel (29) in Down Under rond te trekken.

‘Via een Nederlandse site die stages regelt in het buitenland kwam ik terecht bij Niche Marketing Group, waar ik met twee Nederlandse studentes op de marketingafdeling samenwerkte. Ik verbleef in Darling Harbour, een wijk in het centrum van Sydney. Mijn keuze voor Australië kwam er omdat ik de kans om naar de andere kant van de wereld te reizen niet wou laten liggen en het goed staat op je cv. Mijn stageplaats, reis en verblijf regelde ik bijna helemaal zelf. Een zelfstandige student, daar houden bedrijven van. Ik wou ook mijn Engels verbeteren en het was de perfecte kans om verder rond te reizen op het mooie en warme continent.’

Hoe is het om rond te reizen? Mag dat zomaar in Australië?

Als je onder de 30 jaar bent, kan je een vakantiewerkvisum aanvragen waarvoor je moet betalen. Je mag hier dan twaalf maanden rondtrekken waarvan je er zes mag werken, maar niet steeds in dienst van dezelfde persoon of hetzelfde bedrijf. Je moet ook een Australische bankrekening openen en een belastingdossiernummer aanvragen. Dan vind je als backpacker vrij makkelijk werk.

Je reist samen met je vriend. Is hij daar al van toen je stage deed?

Nee, ik deed stage van september tot november en eind november kwam Koen naar Sydney. Oorspronkelijk was het de bedoeling dat hij vier weken zou blijven, hij had zijn verlof opgespaard. Maar hij had in België maar een contract van bepaalde duur in de sociale sector en dat werd door een tekort aan investeringen niet verlengd. We hebben dan beslist om hier samen nog een half jaar rond te trekken. Ik moest toen niet thuis zijn en ik

Australiërs zijn enorm vriendelijk en gastvrij kan afstuderen in juni. Koen gaat naar werk zoeken als we terug zijn. Het was een unieke kans die we met beide handen moesten grijpen. Eens je vast werk hebt, is het moeilijk om een paar maanden naar een ver land te gaan.

Is de hele reis financieel haalbaar?

Omdat ik een stage buiten Europa deed, kreeg ik geen financiële steun van mijn school of de overheid. Ik betaalde alles voor mijn stage uit eigen zak. Ik heb hiervoor vele uren aan de kassa van de Delhaize doorgebracht. (lacht) Nadien, tijdens het rondtrekken, zullen we van de zes maanden in totaal twee maanden gewerkt hebben om het te bekostigen. We wilden niet te veel aan onze spaarcenten zitten, want als we terug zijn, willen we graag gaan samenwonen en dat kost veel geld. Alles is hier wel duur. Een brood kost bijvoorbeeld ongeveer vier Australische dollar (3,16 euro, nvdr). De mensen verdienen hier gelukkig meer dan in België. Maar voor ons was het toch soms schrikken. van die hoge prijzen. We hebben enkele

48 | miriam in australië

plaatsen niet bezocht omdat het anders te duur werd.

Wat voor werk hebben jullie gedaan?

Ons eerste werk was bomen planten in de nationale parken van de staat New South Wales. Dat betaalde goed maar het was niet leuk om te doen omdat het fysiek zwaar was. Daarna hebben we knoflook geoogst in het dorp Hay. Dat was ook zwaar werk maar wel in een leuk dorpje. Daar zijn we in contact gekomen met een plaatselijke boer die een schapenboerderij had. De wolindustrie in Australië is enorm groot. Er is altijd een boer die aannemer is en die wordt opgebeld door een schapenboer met de vraag om zijn schapen te komen scheren. Wij waren in dienst van die aannemer en gingen met een team wolbehandelaars naar de schapenboer. Zo zijn wij op verschillende boerderijen gaan werken zowel in New South Wales als in Victoria. Dat was een fantastische ervaring omdat we zo het echte Australië leerden kennen. In de outback waar we werkten, konden we echt van de wilde natuur genieten.


Wat was jouw taak op die boerderijen?

Een team bestaat uit mensen die de schapen scheren, anderen rapen de wol op en brengen die samen om het vuil eruit te halen en te sorteren. Er zijn er ook die lammetjes merken. Bij de jonge lammetjes wordt ook de staart afgeknipt omdat anders de uitwerpselen blijven plakken in de wol. Rond de aars knippen ze vel weg zodat dat littekenweefsel wordt en daar geen wol meer groeit en de uitwerpselen er dus niet in kunnen blijven hangen. Bij lammetjes doet dat minder pijn. Maar we moesten dat ook doen bij schapen en dat was pijnlijk omdat de botjes in hun staart al volgroeid zijn. We hingen dan vol bloed en moesten een hele dag werken in een temperatuur van 45°C, gelukkig duurde die job maar twee dagen.

Waar overnachten jullie?

Tijdens het werk met de schapen sliepen we bij de desbetreffende boeren. Buiten dat werk niet natuurlijk. We hebben in Sydney een busje gekocht waar we in kunnen slapen. We hebben dat overgekocht van andere backpackers, zo zijn er hier veel. Die aankoop ging vrij gemakkelijk. Je moet gewoon de auto op jouw naam laten registreren. Garagisten profiteren er van want je moet de auto laten nakijken en in totaal heeft dat een 600 Australische dollar (469,48 euro, nvdr) gekost. Het is kostelijk, maar eens je er mee rondtrekt, kan je het niet meer missen. Twee weken voor we hier vertrekken gaan we terug naar Sydney om ons busje door te verkopen aan andere backpackers.

Wat hebben jullie zoal gezien tijdens de rondreis?

We zijn vertrokken in Sydney en we zullen in totaal drie van de zes staten van Australië gezien hebben: New South Wales, Victoria en Queensland. Het is heel makkelijk met ons busje: we stappen uit waar we willen en blijven zo lang we willen. Als je bijvoorbeeld met een toeristenbus meereist, is dat moeilijker. Er zijn hier veel kampeerplaatsen langs de weg en veel openbare toiletten. Het is hier dus echt geschikt om rond te reizen.

miriam in australië | 49


Bezoek

Nationale parken

Australië telt meer dan 500 nationale parken, goed voor meer dan 28 miljoen hectare. Deze parken worden beschermd vanwege hun ongerepte natuur. Enkele voorbeelden zijn The Blue Mountains, The Grampians, Fraser Island en Whitsunday Islands. De natuur is hier heel divers, er zijn stranden, rotsen, bossen met rivieren, maar ook woestijnen.

The Great Barrier Reef

Dit is het grootste koraalrif ter wereld en is maar liefst 2.000 kilometer lang. Het strekt zich uit langs de kust van Queensland. Dit prachtig stukje natuur is werelderfgoed. Deze plek is the place to be voor waterratten. Je kan er zwemmen, snorkelen, duiken en zeilen. Maar ook vanuit een boot met glazen bodem kan je het prachtige koraal aanschouwen.

Miriam: ‘De natuur in de outback is echt genieten.’ 

Jervis Bay

Ligt in New South Wales. Je vindt er de witste stranden ter wereld met een azuurblauwe zee waar je dolfijnen voor de kust ziet zwemmen. Je kan er ook walvissen spotten tijdens hun jaarlijkse trektocht. De prachtige natuur maakt dat het er ideaal is om te wandelen, fietsen en om aan watersport te doen.

Sydney

Het bekendste beeld van Sydney is ongetwijfeld dat van de opera. Maar er is veel meer te beleven. Op heel wat plaatsen wordt ook aandacht besteed aan de cultuur van de Aboriginals. Dat is zo in heel wat musea, maar ook in de theaters en zelfs in de Koninklijke Botanische Tuinen.

Great Ocean Road

Dit is een weg van zo’n 250 kilometer langs de zuidkant van Australië, van Geelong naar Portland. Langs deze route zie je een prachtige kustlijn met surfstranden, nationale parken en gebergtes. Er zijn ook heel wat wilde dieren te zien, zoals koala’s, kangoeroes, watervogels, dolfijnen en walvissen.

50 | miriam in australië

Tasmanië

Dit eiland ligt op zo’n 250 kilometer van het Australische vasteland. Een groot deel ervan is onaangeroerde natuur. Daardoor is er unieke fauna en flora te bewonderen. Heel wat gebieden kregen de titel van nationaal park en staan ook op de lijst van werelderfgoed.

Do’s

* Zorg ervoor dat je altijd water bij je hebt, de hitte is drukkend. * Schud steeds je schoenen uit voor je ze aandoet. In Australië zitten veel giftige spinnen. * Loop nooit op je blote voeten in de outback, er zitten veel slangen. * Let in de zee op voor kwallen en in sommige staten voor zoutwaterkrokodillen.


Ik wil terug naar hier komen om heel het land te zien We hebben al van alles gezien. Uiteraard de typische Australische dingen zoals kangoeroes en koala’s. Maar ik vind alle aspecten van de natuur hier mooi en kan daar echt van genieten. Er zijn hier overal kleine exotische strandjes langs heel de kustlijn. Twintig meter in het water kan je dan gewoon dolfijntjes zien zwemmen. Heel leuk. De natuur wordt hier onderhouden. Ze hebben respect voor het groen en de riffen in het water. Aan vervuiling doen ze hier niet. Je zal nooit papiertjes langs de weg vinden zoals dat in België bijna overal het geval is.

Eten ze hier speciale dingen die je bij ons niet vindt?

Zijn er nog opvallende verschillen tussen Australië en België?

Je bent ver weg van huis, mis je jouw familie en vrienden niet?

De mensen zijn hier ontzettend vriendelijk en gastvrij. Iedereen is bijzonder open tegenover elkaar, ze hebben een open geest. Vlamingen kunnen er iets van leren. (lacht) We hebben met ons busje eens gekampeerd in een woonwijk omdat de kampeerplaatsen volzet waren. ’s Morgens kwamen de inwoners meteen vragen of we niets nodig hadden: water, een warme douche, … Ook met kerstmis, we waren aan het koken op ons gasvuurtje en ze kwamen ons onmiddellijk vragen of we iets nodig hadden en of we genoeg geld bijhadden. Ze zijn echt zo vriendelijk, dat kan je je als Vlaming bijna niet voorstellen. Bij ons zouden ze je heel raar bekijken. De mensen die we leerden kennen via ons werk namen ons in het weekend mee op hun boot, want dat hebben ze hier veel. Het is hier warm dus de Australiërs leven vaak op het water. Tijdens het paasweekend kwamen we terecht bij een boer die we nog nooit gezien hadden en die man nodigde ons meteen uit om te blijven eten. Dat is een groot verschil met hoe we in België met vreemden omgaan. Belgen zijn veel gereserveerder en terughoudender. Hier komen ze naar je toe en willen je per se helpen. Bij ons mag je al blij zijn als ze goedendag zeggen. Het verschil is dat er hier meer een communitygevoel is, iedereen kent hier elkaar. Vooral in de outback leven de mensen samen. Ze staan dichter bij de natuur en ze zijn iets harder. De kinderen gaan bijvoorbeeld tijdens het weekend op varkensjacht, op konijnen schieten of vissen.

Nee, het eten is hier ongeveer hetzelfde. Wat ze hier wel heel veel hebben, zijn Aziatische restaurants. Hier zijn veel Aziaten omdat Azië het dichtste continent is. Dat was in het begin even wennen. (lacht) Ze eten hier bijna nooit varkensvlees en meer schapenvlees. Maar voor mij is dat allemaal hetzelfde. Men eet hier ook gewoon aardappelen en groenten zoals bij ons. Wij eten dikwijls spaghetti omdat dat goedkoop is. (lacht)

Dat valt best mee. We proberen elke dag onze Facebook te checken en zo contact te houden. We hebben een draadloos systeem voor internet waarbij we voor 50 Australische dollar (39,12 euro, nvdr) twee gigabyte hebben. Dus we moeten spaarzaam zijn, want we kopen bijna elke week al een nieuw kaartje. (lacht) Daardoor kunnen we niet veel skypen. Af en toe gaan we daarvoor is naar een bibliotheek, maar het is hier tien uur vroeger dan in België, dat maakt het niet evident. Doordat ik met mijn vriend rondreis, valt dat gemis wel mee.

Kom je nog terug naar Australië of heb je al andere reisplannen?

Ik had nog niet echt een band met dit land voor ik vertrok. Maar nu heb ik dat wel. Ik zou hier ook ooit graag nog eens terug komen om de andere delen van het land te zien en de vrienden die we hier maakten te bezoeken. Maar ik wil nog zo veel doen. (lacht) Het lijkt me bijvoorbeeld heel leuk om een soort van vakantie vrijwilligerswerk te doen en dan zeeschildpadden te helpen in Mauritius of in een olifantenreservaat te helpen in Mozambique of Thailand. Ook Nieuw-Zeeland, Azië, ZuidAmerika, Canada en Alaska zou ik graag bezoeken. Tekst Jelien Wauters Foto’s Miriam Vandenbulcke 

miriam in australië | 51


‘Ik mis niets uit België, ik ben heel blij als we terug naar Berlijn vertrekken’ Patrick Peeters woont een viertal jaar in de Duitse hoofdstad Berlijn en Vlamingen: dat gaat goed samen. Sommigen spreken er af en toe af met landgenoten. Anderen troepen een keer per maand samen om Vlaamse herinneringen op te halen. Dat doen ook Patrick Peeters (49) en Isabelle Vandepitte (43). Samen zitten ze met zo’n vijftig anderen in de vereniging Belgier in Berlin. ‘De meeste koppels hier zijn Belgisch-Duits’, vertelt Patrick Peeters. ‘Maar ik en mijn vrouw Katia zijn allebei Belg. Er zijn ook twee Nederlanders lid. Iedereen is welkom zolang je maar sympathiek bent.’ We ontmoeten Patrick en Isabelle in de kunstgalerij in Berlin-Schöneberg waar de maandelijkse bijeenkomst plaatsvindt.

Patrick Peeters verhuisde zo’n vier jaar geleden naar Berlijn samen met zijn Belgische vrouw Katia (49). ‘Mijn eerste kennismaking met Duitsland was in mijn legertijd. In 1986-87 werkte ik in Arolsen. Ik was chauffeur van de commandant. Dat was interessant omdat wij het eerste bataljon waren achter het IJzeren Gordijn. Nadien was ik beroepshalve ongeveer 30 procent van de tijd in Duitsland. In 2004 verhuisde ik gedeeltelijk naar Karlsruhe in de buurt van Stuttgart, Duitsland, waar ik gedurende de week werkte. Aangezien mijn vrouw in België bleef werken, reed ik voor het weekend steeds terug naar huis. Maar dat was een tijdelijke oplossing. Toen ik in 2009 een aanbieding kreeg uit Berlijn twijfelden we niet lang en verhuisden we beiden van Antwerpen naar hier.’ De Brugse Isabelle Vandepitte woont al twintig jaar in de Duitse hoofdstad. ‘Ik studeerde eerst toerisme aan de hogeschool in Brugge maar ik wou nog iets bijstuderen. Via kennissen in Duitsland schreef ik me in aan de Johannes Gutenberg Universität als gastschüler. Ik leerde dan mijn man, een Duitser, kennen en toen was het kiezen tussen België of Berlijn. Ik besliste om hier te blijven. Nu werk ik bij Berliner Glas als receptioniste en travelmanagerin. Voordien heb ik diezelfde functies uitgeoefend in hotels.

over België en we haalden herinneringen op over producten die je bijvoorbeeld hier niet kan kopen. Heel leuk en ik ben blijven komen. Patrick: Iedereen is hier welkom, je moet enkel sympathiek zijn. (lacht) Het is hier geen exclusieve club voor Belgen. Er zitten hier evenveel Duitsers als Belgen. Er zijn zelfs twee Nederlanders lid van Belgier in Berlin. Wat vinden jullie tof aan Berlijn? Isabelle: Je kan hier alles doen. Je hebt hier activiteiten, sport, cultuur,... Zelf doe ik aan tapdansen. Ik zou niet weten waar je daarvoor terecht kan in België. Hier zijn speciale scholen die dit aanbieden. Ook musea zijn hier talrijk aanwezig. Ik ben geïnteresseerd in kunst uit de negentiende en twintigste eeuw en die vind je hier.

Hoe zijn jullie bij Belgier in Berlin terechtgekomen? Isabelle: Lang geleden werd ik uitgenodigd. Ik had enkele Belgen leren kennen en die vertelden over deze club. Ik ben er eens naartoe gegaan omdat ik mijn eigen taal wilde horen. Want je hoort aan mijn Nederlands dat ik hier al lang ben. (lacht) We praatten

52 | patrick en isabelle in duitsland

ISABELLE

Je kan hier alles doen


Het valt ons op dat de Vlamingen in Berlijn vaak bezig zijn met kunst. Patrick: Dat klopt. Berlijn is een hippe stad. Toch één van de creatiefste steden van Europa. Op gebied van mode heb je de traditionele, klassieke kledij in Parijs, Londen en Milaan. Hier vind je de alternatieve, progressieve mode en de kleinere merken. Bij Belgier in Berlin zitten ook verschillende mensen die werken in de kunstsector, zoals stadsgidsen, schrijvers, schilders, … Het is hier een creatieve stad maar dat zie je vooral in de zomer. Wat is er dan allemaal te doen? Isabelle: Er zijn hier heel veel activiteiten. Je kan naar gratis concerten. Ik hou er van om in het weekend naar Englischer Garten te gaan en daar een jazzconcert mee te pikken, volledig gratis. Er zijn vaak toffe bands, niet altijd gekend, maar wel goed. Er is in Köpenick, in het Rathaus ook een festival dat zeker de moeite waard is.

Als je ergens naartoe wilt waar een massa mensen is, kan dat. Wil je ergens rustig op je gemak zitten, ook geen probleem. Dan kan je terecht in verschillende groene parken. Maar je moet weten waar je naartoe moet voor welke sfeer. Na twintig jaar weet ik dat wel. (lacht) Nochtans, Berlijn is heel groot en soms ontdek ook ik nog nieuwe plekjes. Isabelle, jij bent hier dus al twintig jaar. Vier jaar na de val van De Muur ben je naar hier gekomen, hoe was de sfeer hier? Isabelle: Ik heb de sfeer niet gekend toen De Muur hier nog stond, dus ik kan dat niet vergelijken. Ik merkte het wel aan een deel van het personeel toen ik begon te werken in een hotel in het Oosten, aan de Alexanderplatz. Dat was een echte kliek. ’s Avonds na het werk gingen die altijd samen uit, je hoorde nooit echt bij hen. Ik heb daarna gewerkt in een hotel in het Westen. Zo zag ik duidelijk het verschil tussen Ossies en Wessies. Degenen die in het Oosten woonden, kregen na de val van De Muur

Patrick & Isabelle in duitsland | 53


Belgier in Berlin De vereniging Belgier in Berlin bestaat vijftien jaar en bestaat grotendeels uit gemengde Duits-Belgische koppels. Maar ook Belgische en Nederlandse koppels kunnen er terecht. Elke woensdag van de maand organiseren ze een bijeenkomst, hun Jour Fixe. Er worden activiteiten georganiseerd in het kunstforum dat ze afhuren. Af en toe is het theater- en filmavond met bijvoorbeeld Rundskop. In april stond een thema-avond rond Tim und Struppi (Kuifje) op de agenda. De avond van ons bezoek was het kaas- en wijnavond. De tafels waren mooi gedekt en de mensen genoten van hun wijntje, zo ook Pieter Smessaert (foto).

alleszins geen obstakel, dat is gewoon een communicatiemiddel. Het enige grote verschil met België is dat ze hier nauwkeuriger zijn. Isabelle: Ja, Duitsers zijn bekend voor hun bureaucratische aard. Patrick: Er is minder een grijze zone in Duitsland. In België leven we daar constant in. Het is nooit wit en nooit zwart. We maken het altijd een beetje grijs, zodat we altijd gelijk hebben en dat het altijd klopt. In Duitsland is dat niet, het is zwart of wit, daartussen is niets. Maar ik vind dat eerder een voordeel. Alles gaat hier ook heel snel. We waren verbaasd toen we ons hier inschreven hoe vlot alles verliep. Zo te horen voelen jullie je hier thuis. Gaan jullie nog vaak terug naar België? Isabelle: Natuurlijk ga ik op bezoek maar daar zit geen regelmaat in. Er zijn jaren dat ik drie à vier keer ga. Andere jaren is dat één keer. Mijn zoontje is altijd heel blij dat hij zijn neefje terug ziet. Mijn zus en ouders komen ook af en toe naar hier. Ik houd ook contact via Facebook, telefoon en ik schrijf ook brieven. Patrick: Wij gaan sowieso met kerstmis en Pasen naar ons thuisland. De andere momenten hangen van de gelegenheden af. Mijn

Ik zag duidelijk het verschil tussen Ossies en Wessies

ISABELLE

Begrüßungsgeld. Een honderd Mark om hen te verwelkomen en als gebaar om te zeggen, we zijn weer één. Ze vertelden vaak over hoe het was, wat ze bijvoorbeeld niet konden kopen. Dat waren interessante verhalen. Patrick: We hebben hier bij Belgier in Berlin een lid dat 90 jaar is en hij was vroeger consul in Berlijn. Een ander lid leefde hier al toen De Muur er nog stond. Hij woonde in Oost-Berlijn en heeft in de gevangenis gezeten omdat hij mensen hielp vluchten naar het Westen. Zo’n mensen vertellen heel interessante dingen over hoe het er hier toen aan toe ging. Zijn er grote cultuurverschillen tussen België en Duitsland? Patrick: Ik denk dat je moet kijken naar de dingen die gemeenschappelijk zijn, de dingen die ons kunnen verbinden. De taal is

schoonouders zijn in juli 50 jaar getrouwd. Dan gaan we natuurlijk naar België. Het is altijd een leuke gelegenheid om de hele familie nog eens te zien. Het is ook vrij makkelijk om naar daar te gaan. Met de auto ben je er relatief snel. En met easyJet kan je voor 50 euro heen en terug vliegen. Zijn er dingen die jullie missen uit jullie thuisland? Isabelle: Missen is een groot woord. Maar Côte d’Or chocolade vind je hier toch niet overal. Patrick: Ik mis eigenlijk niets uit België. Uiteraard zien we onze vrienden en familie niet zo dikwijls meer. Dat is eerder een ongemakje. Het is natuurlijk leuk om ze terug te zien, maar ik ben echt blij als we terug thuis, in Berlijn, zijn. Voelen jullie zich dan al Duitser? Patrick: Nee dat is iets anders. Ik voel mij echt nog Belg. Ik heb de Belgische nationaliteit dus dat Belgisch gevoel zal nooit ver-

54 | Patrick & Isabelle in duitsland


Mijn Belgisch gevoel zal niet verdwijnen PATRICK dwijnen, al laat ik me naturaliseren. Isabelle: Ik voel me hier ook thuis want mijn man is Duitser. Maar ik blijf Belg. Met mijn kinderen, een dochter die zestien wordt en een zoon van tien, spreek ik enkel Nederlands. Ze hebben de dubbele nationaliteit. Dat is automatisch zo, ze nemen de nationaliteit van de ouders over. Supporteren jullie dan voor België bij sportevenementen? Isabelle: Oei, sport. (lacht) Patrick: Moeilijke vraag, ik ben geen fanatieke Belg op dat gebied. Ik keek bijvoorbeeld vroeger veel voetbal maar ik erger mij eigenlijk aan het feit dat voetballers zo overbetaald worden. Ik heb duizend keer meer respect voor sporters op de Olympische Spelen die uit zichzelf ver geraken zoals een Hans Van Alphen.

Ik supporter niet echt voor personen omdat ze Belg zijn. Ik kijk meer naar het karakter en de persoonlijkheid. Soms heb ik graag dat een Belg wint, soms een Duitser. Ik heb het enkel niet zo graag als er een Nederlander wint. (lacht) Denken jullie voor altijd in Berlijn te blijven? Isabelle: Ik alleszins wel, de kinderen zijn hier en het is hier aangenaam wonen. Er is niet alleen Berlijn, ook de omliggende steden zijn leuk. Patrick: Inderdaad, die plekjes zijn in België niet bekend. Maar wel heel mooi om naar toe te gaan. Mochten we hier niet gewoond hebben dan zouden we die steden nooit gekend hebben. Tekst Jelien Wauters Foto’s Jolien Torfs

Do’ s

Don’ ts

* Verplaats je met de U- en S-Bahn (metro en tram). Deze zijn heel handig en je hoeft er nooit langer dan vijf minuten op te wachten.

* Neem de U-en S-bahn niet zonder ticket, vergeet het ook niet te entwerten (ontwaarden). Anders loop je het risico een boete te krijgen die kan oplopen tot 60 euro.

* Ga eens naar een speciaalzaak. De stad heeft naast grote ketens ook verschillende kleine winkeltjes waar je alternatieve dingen kunt kopen.

* Verwacht geen, of toch niet veel, Belgische bieren of chocolade. Duitsers zijn fier op eigen brouwsels en verkopen vooral Zwitserse chocolade.

Patrick & Isabelle in duitsland | 55


Steve Schepens We ontmoeten de Belgische kunstenaar Steve Schepens (34) in het kunstcafé / winkel van me Collectors Room Berlin, waar internationale privécollecties tentoongesteld worden. Samen met zijn vrouw schreef hij de gids Berlin… aber sexy waarvoor hij nachtenlang op pad was. Deze gids voor bordelen stelde hij voor in het kunstcafé tijdens een tentoonstelling van de Amerikaan William Copley. Zijn kunstgids Berlin Contemporary Art werd in diezelfde winkel verkocht. Deze ligt in de Auguststrasse, dichtbij de Alexanderplatz in Mitte. ‘Ik woon hier om de hoek samen met mijn vrouw Ekaterina Rietz Rakul (35) en onze dochter van drie. Mijn zoontje van negen woont in Gent, waar ik tot vijf jaar geleden altijd gewoond heb.’

‘Een paar jaar terug was er in een straat parallel aan deze (Auguststrasse, nvdr) een Oekraïense galerie. Daar heb ik mijn vrouw Ekaterina Rietz Rakul leren kennen. Zij kwam hier tien jaar geleden om te studeren. Haar familie woont in Lviv in Oekraïne. We zijn daar ook getrouwd in 2008. Fantastisch! Geen idee hoe het in Berlijn zou zijn, maar ik denk zeer stijf. Ik wou alleen daar trouwen en had een prachtige, wijze kerk gezocht. We waren nog geen jaar samen, maar hoe lang moet je wachten om te trouwen? De eerste date had ik haar gezegd: We gaan naar Vegas en we trouwen daar. Maar ze liet haar niet beïnvloeden door mij.’

Zou je ooit overwegen om naar Oekraïne te verhuizen?

‘Totaal niet. Mijn vrouw zou dat ook niet zien zitten. Het is moeilijk om daar te leven, echt waar. Moeilijk in verschillende opzichten. Je inkomen is zeer laag en je moet op een bepaalde manier met mensen omgaan die niet zo leuk is. Ik heb in Donjetsk een tentoonstelling georganiseerd samen met een vriend van mij en verschillende internationale kunstenaars. We zijn daar twee weken geweest en ik was zowat de bad cop en hij de good cop. Iedere dag was er wel iets dat de organisatoren verkeerd deden. En ze deden het verkeerd omdat ze te laks zijn. Als je jezelf in Oekraïne niet presenteert als zijnde de baas, als je over je laat heen lopen, ben je verloren. Het is zeer vermoeiend om daar te werken. Na die twee weken was ik echt uitgeteld. Als ik terug

56 | STEVE IN duitsland

‘Ik heb geprobeerd om te verdwijnen, maar dat is niet gelukt.’ © Jolien Torfs naar België zou gaan, zou ik voor Brussel kiezen. Maar niet terug naar Gent.’

Hoe kwam je in Berlijn terecht?

‘Ik wou hier altijd al naartoe komen. Ik heb schilderkunst gestudeerd aan de Koninklijke Academie voor Schone Kunsten (KASK) in Gent. Mijn atelier was in Nieuwland, dicht tegen


bezocht bordelen voor de kunst de Vrijdagmarkt in Gent. Dat was een zeer mooi atelier en zeer goedkoop. Jan Hoet, die toen directeur was van het MARTa Herford, inviteerde mij om een performance te doen voor Deutschland – Land der Ideen. Over heel Duitsland werden bepaalde plaatsen uitgezocht om culturele projecten voor te stellen. Ik heb toen een metalgroep van Gent meegenomen in het museum. Heel het gebouw stond te daveren. Dat was heel intens. Toen heb ik de eerste keer Berlijn beleefd. Ik vond die atmosfeer ongelooflijk wijs en daarom ben ik blijven terugkomen. Elke keer was ik een maand hier en een maand in België. Je kan niet blijven over en weer gaan, want op de duur word je schizofreen. Dus koos ik ervoor om in Berlijn te blijven.’

Ik heb iedereen een kus met lippenstift gegeven

toonstelling plaatsvond, is een dansacademie geweest en stond vol met spiegels. Ik had een werk met lippenstift getekend op die spiegels en heb lippenstift aangedaan op de vernissage. Toen de mensen binnenkwamen, heb ik iedereen een kus gegeven. Dan werk ik met bouwstenen die ik daar vind. Daar was het nodig om zo close te gaan. In Oekraïne is veel minder hedendaagse kunst aanwezig. Daar moet je ook directer naar de mensen toegaan. In Berlijn en België ga je eerder vanuit een afstand werken.’

Zijn er ook verschillen tussen de kunstscène in België en Berlijn?

‘De kunstwereld is hier anders dan in België . Officieel wonen hier 6.000 mensen die ingeschreven zijn als kunstenaar. Berlijn heeft weinig geld. Enkel cultuur is ons grote kapitaal. De stad leeft op muziek, beeldende kunst en theater. Voor de rest is er geen grote industrie. Maar we mogen niet vergeten dat België de grootste concentratie van kunstenaars heeft en daar kennen de kunstenaars elkaar. Hier in Berlijn zijn er niet zoveel Vlamingen in de kunstscène. Ik ken er een paar zoals Andy Wouman en Toon Leen. Maar ik ken meer Duitsers en Russen.’

Spreek je dan ook Russisch?

‘Een beetje. (lacht) Mijn vrouw en ik spreken Engels tegen elkaar. Het is meestal zo dat wanneer je een taalrelatie begint, je diezelfde taal blijft spreken. I love you vind ik mooier om te zeggen

En je voelde je hier meteen thuis?

‘Je moet minstens iemand kennen die hier al woont en je meeneemt naar de juiste plaatsen, de leuke cafés of uitgaansmogelijkheden. Bij mij waren dat de vernissages. Berlijners zijn zeer open mensen. Ik heb samen met mijn vrouw twee boeken geschreven: Berlin Contemporary Art dat gaat over de hedendaagse kunstscène en Berlin… aber sexy dat de erotiekscène weergeeft. Dat zijn een soort van gidsen voor galeries en musea en voor de bordelen. Ik ben nachten met de taxi onderweg geweest en heb verschillende bordelen bezocht samen met mijn vrouw. Mijn schoonouders waren hier juist en die hebben op onze dochter gelet. Wij zeiden dan: Sorry, wij moeten nu bordelen gaan bezoeken. (lacht) Dat was een beetje moeilijk, maar enfin. Ik ben geen pornoacteur of zo, het was voor een boek.’

Hoe ver ga je met je kunst?

‘Je werkt als kunstenaar sowieso met je omgeving. Bij een tentoonstelling in San Juan in Puerto Rico heb ik een werk gemaakt met lippenstift. Eén van die wijken is volledig overwoekerd met drugs en travestiet-prostituees. Het huis waar de ten-

‘Met een octopus van vier à vijf kilo zwaar sloeg ik tegen die deuren.’


dan ik hou van jou. Misschien zou ik het zelfs niet zo snel zeggen in het Nederlands. Maar ik was altijd wel geïnteresseerd in de Russische cultuur, omdat het de groten van de literatuur zijn. Nu meer, omdat ik een extra push heb door mijn vrouw. Zo kan ik haar achtergrond beter leren kennen. Ik lees veel van de Russen, zoals Dostojevski. Omgekeerd geldt het ook. Zij leest Louis Paul Boon. Ik duw haar dan ook een beetje in die richting. Onlangs heb ik Matroesjka’s bekeken, een goede serie. Het woord paljas had ik al lang niet meer gehoord. En nu gebruiken mijn vrouw en ik dat constant.’ (lacht)

Heb je nog andere Belgische gewoontes?

‘Belgische chocolade is fantastisch! Iedere keer dat ik naar België ga, neem ik een hele resem kaas, chocolade en Ardense worst mee. Soms houden ze me tegen bij de douane. Want als een kaas te lopend is, beginnen ze lastig te doen.

‘Ik heb Hitler zijn berghut met een ironische inslag nagemaakt.’

Mijn vrouw en ik gebruiken het woord paljas constant Ik kook nog altijd Belgisch. Het is ook deel van mijn kunst. Ik heb kookperformances gedaan onder andere met Bo Bech, sterrenchef van het Deense restaurant Geist. We hebben samen mosselen gemaakt. Ik baseerde mij op de mossel als schelp en moule van Marcel Broodthaers. (Belgisch dichter en beeldend kunstenaar, nvdr) Vorig jaar in november heb ik voor de vrienden van het museum Dhondt-Dhaenens gekookt als performance. Mijn menu was toen gebaseerd op een schilderij uit 1926 die in de verzameling van het museum zat: Stilleven met twee roggen van Albert Saverys.’

Waar komen jouw kunstwerken terecht?

‘De meeste zitten in musea of privécollecties. De galerie slaat enkele werken op. Die worden tentoongesteld als iemand die wil tentoonstellen. Bij mijn moeder staan ook oudere werken. Als iemand iets wil uitlenen, kunnen ze makkelijk naar daar gaan in plaats van het uit Berlijn te vervoeren. De sculptuur The Bermuda Triangle is a Fraud is een groot werk en ligt bijvoorbeeld opgeslagen in een stock.’

Wat is het verhaal achter dat werk?

‘Tussen 2007 en 2009 was ik veel in Amerika. Daar ben ik met een klein vliegtuigje over de Bermudadriehoek gevlogen vanuit Puerto Rico, Miami en Bermuda. Ik heb geprobeerd om te

58 | STEVE IN DUITSLAND

verdwijnen, maar dat is dus niet gelukt. (lacht) Vanuit die ervaring heb ik mijn sculptuur gemaakt dat een zeer grote, driehoekige, architecturale structuur heeft. Het zijn drie deuren die naar binnen openen en elkaar blokkeren, zodat je nooit echt naar binnen kan gaan. Met een octopus van vier à vijf kilo zwaar sloeg ik tegen die deuren.

Als de octopus vijanden ontdekt, gaat hij inkt spuiten en verdwijnt hij achter die wolk van inkt. Het toxische van die inkt heb ik pas ontdekt toen ik hem tegen de sculptuur sloeg. Die is heel giftig, mijn handen waren aan het branden. (lacht) Voor mij was dat een metafoor voor de kunstenaar die zijn werk maakt en daarachter verdwijnt. Het gevecht met die octopus is opgenomen op video in de Galerie Van De Weghe in Antwerpen zonder publiek. Die afstand heb ik graag, het scherm tussen mezelf en het publiek. De persoon is niet belangrijk voor mij. Vandaar dat ik vroeger performances heb gedaan met een kartonnen doos op mijn hoofd. Daarbij was ik met die kartonnen doos tegen een muur aan het slaan.’

Wat voor kunst maak je nu?

‘Ik ben nu vooral bezig met sculpturen of grote installaties. Vorig jaar heb ik de sculptuur Chez Wolf vertoond in De Garage in Mechelen. Ik had de originele delen van de oude theaterloge van Hitler in het Admirals Palast theater in de Friedrichstraße in Berlijn gevonden. Die stukken van zijn theaterlogo heb ik opgekocht en verbouwd in een soort van tuinhuis. En met de rest van de stukken heb ik Entartete Kunst gemaakt, hetgeen Hitler altijd gehaat heeft. Bij dit kunstwerk refereerde ik naar de berghut van Hitler. Hij had een retraitehuis in Obersalzberg, tegen Oostenrijk, waar hij altijd naartoe ging en waar je familiebeelden van hem kan zien. Dat heb ik in het klein nagemaakt, met een ironische inslag. Want natuurlijk ben ik niet voor Hitler. (lacht) En ik schrijf ook voor het Belgische cultuurmagazine HART samen met mijn vrouw. Tekst Yoika De Koninck Foto’s Steve Schepens


Hallo | 59


Waar bevinden zich Niet Niet enkel enkel particuliere particuliere Vlamingen Vlamingen maar maar ook ook Vlaamse Vlaamse bedrijven bedrijven wagen wagen hun hun kans kans in in het het buitenland buitenland Jolien Torfs Jolien Torfs

60 | Hallo


Vlaamse bedrijven? $$

Financiële Financiële instellingen instellingen Belfius Belfiusen enKBC KBCworden wordenvertegenwoordigd vertegenwoordigdin inmaar maarliefst liefst38 38 verschillende verschillendelanden landenverspreid verspreidover overvier viercontinenten continenten

Brouwerij Duvel-Moortgat – Breendonk Onafhankelijke die focust op–speciaalbieren Brouwerijbrouwerijgroep Duvel-Moortgat Breendonk

Alfacam – Lint Levert tv-facilitaire diensten

AB Inbev – Leuven Grootste brouwerijketen ter wereld

Onafhankelijke brouwerijgroep die focust op speciaalbieren

Bekaert – Zwevegem Wereldmarktleider in staaldraad

Van de Wiele – Kortrijk Machines voor productie van textiel, kleding en leer

Colruyt - Halle Supermarktonderneming

Sipef - Schoten Ontwikkelt en beheert agro-industriële ondernemingen

Aantal AantalVlaamse VlaamseBedrijven Bedrijven

Versele-Laga – Deinze Producent van dierenvoeding en –snacks

Sea-Invest - Gent Brengt goederen, overzee, naar hun eindbestemming

Jan De Nul Group - Aalst Eén van de grootste baggermaatschappijen ter wereld

Lotus Bakeries – Lembeke Producent van speculoos, cake, gebak en wafels

Zenitel – Zellik Levert communicatieapparatuur aan maritieme markt

Sarens – Meise Wereldleider op vlak van liften van installaties

Sioen-Industries – Ardooie Spinnen, weven en kleuren van textiel

SCHOTLAND | 61


BEZOEK

met Jelien Wauters

Brandenburger Tor

De oude stadspoort van Berlijn is te vinden aan het einde van een van de grootste lanen van de stad, Unter den Linden. De stadspoort werd gebouwd in 1788 naar het model van de Propyleeën, de toegang tot de Akropolis. Vroeger moest er tol betaald worden als je de stadgrens naar het centrum over wou. Bovenop het mooie bouwwerk staat een beeld van de Griekse godin Victoria. Ze rijdt met een vierspan en houdt een ijzeren kruis met adelaar vast.

Berlijnse Muur

In heel de stad is duidelijk te zien waar De Muur stond. Dit wordt aangegeven door speciale tegels op de grond. Het stuk dat er nog staat, werd beschilderd door een twintigtal kunstenaars en werd de EastSide Gallery. Momenteel zijn er geruchten dat ook dat deel zou worden afgebroken.

Musea

In de Duitse hoofdstad vind je meer dan 150 musea. Voor elk wat wils, met historische info over de oorlog en de Oost-West verdeling. Zoals bijvoorbeeld het Deutsches Historisches Museum, het DDR Museum en het Jüdisches Museum. Maar er is ook heel wat kunst te bewonderen, van oude tot hedendaagse zoals in Hamburger Bahnhof en de Gemäldegalerie. Je vindt er ook de klassiekers zoals het Museum für Fotografie en Madame Tussauds.

Checkpoint Charlie zoals het vroeger was.

62 | Hallo 62 | duitsland

Olympisch stadion

Voor de sportliefhebbers, een indrukwekkend gebouw in stadsdeel Westend. In 2006 werd het wereldkampioenschap voetbal hier gehouden. In 2009 het WK atletiek. Het is het thuisstadion van voetbalploeg Hertha BSC Berlin die in de Bundesliga speelt. Ook American football-team Berlin Thunder speelt hier zijn thuiswedstrijden.

Reichstag

Het parlement van Duitsland is niet zomaar een zaal met stoeltjes. Het is zowel langs buiten als langs binnen de moeite waard om te zien. Middenin het gebouw is er een koepel gemaakt uit spiegels. De parlementszaal zelf is modern met paarse zitjes en met een grote adelaar die omhoog hangt. De toegang is gratis en bovendien heb je van op het dak een prachtig uitzicht over de stad.

Checkpoint Charlie

De meest beroemde grensovergang in Berlijn voor de val van De Muur. Als toeristische trekpleister staan er valse soldaten waar je tegen betaling mee op de foto kan. Maar de openluchttentoonstelling met grote foto’s die er getoond worden van de situatie voor 1989 is gedeeltelijk gratis en moet je gezien hebben.

Checkpoint Charlie zoals het nu is.  Foto’s © Jolien Torfs


‘Als je uit beleefdheid knikt, vinden ze dat heel vreemd’ Kunstenaar en Vlaams vertegenwoordiger Toon voelt zich Europeaan Toon Leen (31), afkomstig uit Kontich, werkt bij Flämischen Repräsentanz in Berlin en combineert dat met zijn passie voor kunst. ‘Mijn vriendin is van Singapore en studeert in Amerika, er zijn dus heel wat factoren die meespelen bij de keuze of ik al dan niet in Berlijn blijf. Ik voel me dan ook eerder Europeaan.’

Toon Leen woont bijna vijf jaar in de Duitse hoofdstad. Hij studeerde schilderkunsten aan de Sint-Lucas Hogeschool in Antwerpen. Zijn toenmalige vriendin, die hij leerde kennen in Antwerpen, was Duitse en zo leerde hij Berlijn kennen. ‘Ondanks dat ik niet meer samen was met die vriendin ben ik toch naar hier gekomen. Ik had me voorbereid op de verhuis, een appartementje gekocht en mijn job in Antwerpen opgezegd.’ Toon had geen problemen om zich aan te passen

aan de Duitse stad. ‘Ik merk wel enkele verschillen op maar ik voelde me hier snel ingeburgerd. Ik leerde mezelf bijvoorbeeld Duits door naar films te kijken.’

Gesloten Duitsers

Volgens de Antwerpenaar zijn Berlijners gesloten mensen. ‘Ze kunnen nors zijn. Als ze een opmerking hebben, zullen ze die rechtuit geven. Maar als je hen op straat tegenkomt, zijn ze terughoudend. Soms knik je op straat naar mensen die

je niet echt kent, gewoon uit beleefdheid. Maar als ik dat hier deed, zag ik hen raar kijken en denken: hunk, staat er iemand achter mij? Ze zijn het niet gewoon dat je dat doet. Het is ook moeilijker om met Duitsers contact te onderhouden omdat ze je niet snel zien als vriend. Het is misschien een veralgemening want ik heb ook Duitse vrienden die zijn zoals jij en ik. Maar ik heb toch vooral buitenlandse vrienden.’ Toon heeft nog veel contact met zijn thuisland. ‘Tweemaandelijks ga ik terug naar huis en blijf ik een tweetal dagen. En natuurlijk bel en e-mail ik ook veel.’ De afstand die er tussen hem en zijn familie en vrienden is, vindt de Antwerpenaar geen probleem. ‘De wereld is open, ik denk niet dat ik eeuwig in Berlijn zal blijven. Mijn vriendin is afkomstig van Singapore en studeert in Amerika dus er zijn heel wat factoren die meespelen.’ Toon Leen voelt zich dan ook geen Duitser. ‘Doordat ik werk bij de Vlaamse Vertegenwoordiging ben ik me bewust van de Vlaamse zaken. Maar laat ons zeggen dat ik me dan eerder Europeaan voel.’ De kunstenaar vindt het belangrijk op de hoogte te blijven van wat er in zijn thuisland aan de gang is. ‘Ik blijf natuurlijk be-

De Belgische Ambassade in Berlijn kleurt63 | duitsland oranje.


zig met wat er in België gebeurt. Ik lees de Standaard online en kijk af en toe naar Het Journaal of Terzake op deredactie.be.’

Kunst

Naast een link met Simon Van Renterghem heeft hij er ook een met Steve Schepens. Toon Leen maakt kunstwerken in Berlijn. ‘Vroeger maakte ik vooral schilderwerken. Nu spits ik me toe op een ander project, ik maak namelijk een film over andere kunstenaars. Onder andere over Belg Steve Schepens.’

Ik maak een film over andere kunstenaars De favoriete plaats van Toon in Berlijn is niet toevallig de Gemäldegalerie aan Potsdammer Platz. ‘Dat museum moet je zeker gezien hebben. Er is een fantastische collectie te zien van oude schilderkunst van in de middeleeuwen tot de achttiende eeuw. De renaissancekunst die ze daar hebben vind ik heel mooi.’

Simon woont twee jaar in Berlijn

‘Frieten kunnen ze hier niet bakken’ Simon Van Renterghem (26) woont twee jaar in Berlijn en zoekt voor Flanders Investment & Trade Duitse bedrijven die zaken willen doen met Vlaanderen en België. De Duitse stad maakte veel indruk op hem en hij bleef er plakken. Niet omwille van de Berlijners want die zijn nors. ‘Ze zijn unhöflich en komen vaak grof uit de hoek.’

De West-Vlaamse Simon Van Renterghem studeerde slavistiek aan de Universiteit van Gent met als minorvak Duits. Omdat die talen leuk waren deed hij er nog een jaar Duits-Russisch bij als vrije student aan de Hogeschool Gent. Daarna studeerde hij aan diezelfde school nog een jaar extra. Dit keer geen taal maar Internationaal Bedrijfsmanagement. In het kader van die studie liep hij stage in Berlijn. De stad maakte indruk op hem en ondertussen woont hij hier twee jaar. ‘Ik heb Berlijn altijd interessant gevonden. De stad ademt geschiedenis. Toen ik hier net woonde, viel dat hard op.’ Simon werkt in het ambassadegebouw bij Flanders Investment & Trade (F.I.T.)

waar hij Investment Deputy is. ‘Ik ga in Duitsland actief op zoek naar bedrijven die interesse hebben om business te doen met België of Vlaanderen. Wij zitten hier in het ambassadegebouw maar behoren daar niet echt bij, wij zijn een deel van de Vlaamse Overheid. Minister-president Kris Peeters is eigenlijk mijn baas.’

Niet vriendelijk

Voor de Berlijnse bevolking kwam Simon niet naar hier. ‘Berlijners hebben in Duitsland nogal een slechte naam. Ze zijn soms unhöflich en komen vaak grof uit de hoek. Ze zijn niet op hun mondje gevallen. Dat is in andere steden in Duitsland anders. In München zeggen ze wel eens: van Berlijners moeten we niet weten.’ Maar van hun

De Belgische ambassade kleurt oranje In 1998 werd het ambassadegebouw vernieuwd. Een wedstrijd maakte uit wie het gebouw mocht veranderen. Architecte Elisabeth Rüthnick werd de winnares en richtte het gebouw in. Ze is een Duitse en daardoor behoort België tot een van de weinige landen waarvan de ambassade niet vernieuwd werd door een eigen inwoner. Het gebouw van de Belgische ambassade kreeg een oranje kleur. Deze kwam er omdat de ontwerper dacht dat oranje de kleur van België was. En de kleur werd dan maar behouden.

64 | toon & simon in duitsland


gedrag trekt de West-Vlaming zich niet veel aan. ‘Ik pas mij aan. In het begin liet ik dat allemaal wat over mij komen, maar nu durf ik een gepast antwoord te geven. (lacht) Ik voel me Vlaming, ik denk niet dat ik mij ooit een Duitser zal voelen.’ Contacten leggen doet hij eerder met buitenlanders dan met de lokale bevolking. ‘Ik ken hier veel Vlamingen. De gemeenschappelijke taal en de opvoeding schept een band, daardoor leg ik gemakkelijker contact met landgenoten of andere buitenlanders.’

Gevarieerd eten

Naast die norsheid is het verschil met Berlijn en België niet zo groot vindt Simon. ‘Het blijft hier West-Europa, behalve de taal is er niet veel anders. Het eten is hier zeer gevarieerd. Je vindt hier alle soorten restaurants zoals in België, ik eet hier goed. Hoewel, frieten kunnen ze hier echt niet bakken.’ (lacht) Doordat er niet zo’n groot onderscheid is, mist hij buiten zijn vrienden en familie niet veel. Drie à vier keer per jaar gaat hij terug naar zijn thuisland. ‘Met kerstmis en Pasen ben ik niet thuis geweest, eind april ben ik wel in België geweest. Het is niet altijd even gemakkelijk. Ver is het niet, maar het vliegtuig nemen kost geld.’ Daarom houdt Simon op verschillende andere manieren contact. ‘Skype is een heel mooi medium. Ik stuur ook brieven, de post wordt vaak onderschat maar ik vind het heel leuk om een brief te schrijven. Het gsm-verkeer binnen Europa is betaalbaar, vooral vanuit Duitsland dan. Ik betaal vijf cent per minuut om naar een vaste lijn te bellen, daar kan je niet voor sukkelen.’ (lacht) Ondanks hij niet zo vaak terugkeert, probeert hij op de hoogte te blijven van wat er in zijn thuisland gebeurt. ‘Ik surf regelmatig naar Belgische krantenwebsites. Ook de Belgische muziekbands probeer ik te volgen. Er zijn vaak concerten in Berlijn. Het voordeel hier is dat een concert van bijvoorbeeld dEUS niet zo snel uitverkocht is als bij ons. In deze stad is het aanbod aan concerten overweldi-

gend. Er zijn veel concertgebouwen en drie opera’s waar ik af en toe naartoe ga. Ik zag al stukken van Händel, Wagner en Janacek.’

Veilige stad

In zijn vrije tijd houdt Simon zich niet alleen met muziek bezig, hij kan genieten van rustige momenten. Deze beleeft hij dan bijvoorbeeld op de oude luchthaven.

De sfeer is daar leuk en het is tof om de mensen daar bezig te zien. Ook de parken zijn hier leuk. Het is een veilige stad, je kan ’s avonds nog in een parkje gaan zitten zonder je ongemakkelijk te voelen. Iets drinken op een terrasje is in de zomer ook leuk. Berlijners zijn daar bijzonder in, ze zetten gewoon hun meubilair van binnen op het voetpad en zo hebben ze een terras.’

De post wordt vaak onderschat ‘Flughafen Tempelhof is een gigantisch groot leeg veld met startbaan en een mooi gebouw. Het is in nazistijl gebouwd, dus bombastisch groot en dat heeft iets. Als het goed weer is, zie je daar veel mensen die bijvoorbeeld aan het vliegeren zijn.

Simon Van Renterghem voelt zich duidelijk goed in de Duitse hoofdstad. ‘Maar of ik ooit terug ga naar België is een vraag die ik niet kan beantwoorden.’ Tekst & foto’s Jelien Wauters 

simon in duitsland | 65


‘Ik stond oog in oog met een cobra’ Anke opent haar hart voor weeskinderen Na één dag vrijwilligerswerk bij de Grabbelpas had Anke Verhelpen (21) de smaak te pakken. Ze wilde meer, langer en ver weg van hier. Zo gezegd, zo gedaan. Via een organisatie boekte ze samen met een vriendin een reis, nam haar spullen en vertrok voor drie maanden naar Sri Lanka. Vanwaar de keuze voor deze Aziatische parel? ‘Ik had niet echt een specifieke voorkeur, maar Azië was precies wel goedkoper.’ (lacht)

66 | Hallo


‘We waren nog maar net geland op de luchthaven van Colombo en de miserie begon al. De man die ons moest oppikken, om ons naar onze verblijfplaats in de culturele hoofdstad Kandy te brengen, kwam niet opdagen. Daar stonden we dan, moederziel alleen. Uiteindelijk kwam hij toch aandraven met het goede nieuws dat we nog twee uur moesten wachten op een Nederlandse jong-en waarvan het vliegtuig vertraging had. Vier uur later werden we met twaalf mensen en tien grote koffers in een minibusje geduwd dat naar mijn mening goed was voor de schroothoop. Daar gingen we dan.

een warme douche en een warme gastheer, Mohan, stond dag en nacht ter onzer beschikking. Maar net als in alle sprookjes was ook hier een gruwelijk kantje aan. Mohan was eigenlijk een arme, Sri Lankaanse man met een vrouw en twee kinderen aan de andere kant van het eiland die, om het zacht uit te drukken, uitgebuit werd door de organisatie. Hij kookte, kuiste en deed zelfs de vuile was van verschillende vrijwilligers. Need something? Ask Mohan! was het motto dat gehanteerd werd. Ik vond hem aardig en probeerde hem in mijn vrije tijd zoveel mogelijk te helpen met allerlei zaken.

Rijst en curry

Witches

Ik had mij in België al mentaal voorbereid om 90 nachten op de grond te slapen, 270 keer rijst en curry te eten en het douchen met ijskoud, druppelend water te beperken tot een minimum. Maar onze verblijfplaats was bijna de hemel op aarde. Of toch de hemel op aarde in een arm, Aziatisch land. Een warm bed,

In dat geval, of wanneer we te laat vertrokken, moesten we een tuktuk tegenhouden. Deze gemotoriseerde driewielers zijn een

Officieel rijden Sri Lankanen aan de linkerkant van de baan, maar dat was mij soms toch niet helemaal duidelijk. Terwijl iedereen, uitgeput van de lange vlucht, met zijn ogen gesloten zat, de chauffeur soms ook had ik het gevoel, kreeg ik de eerste indrukken van het land op mijn netvlies geprojecteerd. Het verkeer was zo druk en chaotisch dat ik gewoonweg te bang was om te slapen. Na een uurtje was ik gekalmeerd en besloot ik de prachtige natuur in mij op te nemen. Hier kreeg ik uitgebreid de tijd voor aangezien we nog bijna vier uur moesten rijden over een afstand van 115 kilometer. Autosnelwegen kennen ze daar niet.

Uiteraard moest er ook gewerkt worden. Samen met drie andere vrijwilligers ging ik aan de slag in een babyweeshuis. Dit was gelegen in een afgelegen dorpje in de bergen waardoor we anderhalf uur onderweg waren met de bus. Bussen in Sri Lanka zijn trouwens iets heel eigenaardigs. Wanneer de bus stilstaat, krijgen arme of gehandicapte mensen de mogelijkheid om op te stappen en aan de inzittenden hun verhaal te vertellen. Veel van hen hebben medische documenten bij zich die ze dan hoog in de lucht steken om aan te tonen dat ze niet liegen. Na hun uiteenzetting wandelen ze door de bus om geld op te halen. Het gebeurde eens dat een man vooraan zijn rok omhoog trok en zijn ontstoken been met valse heup showde. Ik werd misselijk en moest van de bus stappen.

Do’ s

Don’ ts

* Neem wc-papier mee want Sri Lankanen gebruiken hun linkerhand om hun poep af te vegen.

* Loop niet met blote schouders of knieën over straat. De inwoners bekijken je als vuil.

* Doe je schoenen uit in een tempel. Dit als teken van respect voor de God.

* Rook niet op straat. De zwaarste straf die hierop staat, is een nachtje in de gevangenis.

* Geef geld aan bedelaars. Sri Lankanen zijn vrijgevig, niet enkel naar toeristen maar ook naar hun eigen bevolking. Ze verwachten van toeristen hetzelfde.

* Drink geen alcohol in het openbaar. Ook consumptie onder de 21 jaar is verboden. Winkels met alcoholische dranken sluiten om 21 uur en zijn zeer streng beveiligd met tralies.

* Stop voor een overstekende koe. Ze wordt aanschouwd als een heilig dier en heeft altijd voorrang.

* Ga ’s avonds of ’s nachts nooit alleen buiten. Niet iedereen heeft dan even goede bedoelingen.

* Proef verschillende rijstgerechten. Ze kunnen op honderden verschillende manieren klaargemaakt worden.

* Let op voor mannen in de bus. Ze durven vrouwen te bepotelen. Wie als vrouw naast een man gaat zitten, geeft het signaal dat ze interesse heeft.

* Probeer altijd af te dingen. Sri Lankanen zetten een extra hoge prijs voor toeristen. Je kunt de prijs gemakkelijk halveren.

* Aai geen zwerfhonden. Ze zijn met veel en durven al eens uithalen als ze zich bedreigd voelen.

anke in sri lanka | 67


BEZOEK verkorting aan mijn leven geweest. De drivers willen per dag zoveel mogelijk mensen vervoeren en rijden daarom als wildemannen door de straat. Er gebeuren dan ook immens veel ongevallen. Ik weet eigenlijk niet goed waarom we telkens opnieuw ons leven riskeerden om op tijd in het weeshuis te komen. Het personeel, of de witches zoals we ze uiteindelijk noemden, was niet echt geïnteresseerd in ons komen en gaan. De baby’tjes des te meer. Aan hun non-verbale communicatie zag je hoe zeer ze ervan genoten om eens opgepakt en geknuffeld te worden. Wanneer er geen vrijwilligers aanwezig waren, waren de kleintjes volledig aangewezen op zichzelf. De meesten droegen geen luiers waardoor ze vaak rolden in hun eigen uitwerpselen. Ze moesten zelf hun papflesje drinken. De witches duwden de papfles in het babymondje en lieten hen al drinkend op hun rug liggen. De papfles zakte dan vaak weg of kwam op het hoofdje van de baby terecht waardoor ze begonnen te wenen. Zo bleven ze dan verscheidene minuten liggen tot de zuster zin had om recht te staan en alle flesjes goed te steken. Vaak kregen de baby’tjes dan ook nog een tik omdat de zuster niet goed tegen al dat gekrijs kon. De communicatie met deze zuster liep niet van een leien dakje. Naar haar mening waren we te bemoeiziek met de baby’s en moesten we ze gerust laten als ze weenden. We werden voor enkele dagen verbannen uit de babyafdeling en naar de naburige peuter- en kleuterafdeling gestuurd. Ook daar was een cultuurverschil te merken. Bij etenstijd werden alle peuters samen in een kribbe gezet. Een zuster voedde de kinderen met de hand maar dit werkte niet echt. Ze propte de rijst in de mond van de kinderen waardoor die al snel begonnen te huilen. De zuster deelde dan tikken uit waardoor de kindjes nog harder begonnen te schreeuwen. Daarop werd de zuster nog bozer. Op een dag mocht ik de kinderen voeden. Ik haalde een lepel uit mijn tas en begon eraan, maar dat was buiten de opperwitch gerekend. This is not how we do it, snauwde ze me toe. En ze nam de rijstschotel uit mijn handen.

68 | anke in sri lanka

Unawatuna Beach

Dit kleine vissersdorpje, op 227 kilometer van Kandy, bezit zowat het mooiste strand aan de zuidkust van Sri Lanka. Naast het witte zand, de wuivende palmbomen en de helblauwe zee is dit ook de perfecte plaats om de typisch Sri Lankaanse fishermen aan het werk te zien. Iedere avond zakken de mannen af met hun vislijn om vanop een houten constructie in het water vissen te vangen.

Nuwara Eliya

Deze op 2.100 meter hoogte liggende stad in het hartje van Sri Lanka is de bakermat van de Ceylonthee. Met zijn uitgestrekte theeplantages is dit de ideale plaats om tot rust te komen. Nuwara Eliya ligt op zo’n 76 kilometer of vier uurtjes rijden van Kandy.

Trincomalee

Deze stad, op 184 kilometer van Kandy, waarborgt de mooiste stranden in het oosten van het land. Het hemelsblauwe water is er heel rustig en de stranden zijn parelwit. Maar ooit was het anders. Bij de tsunami in 2004 lieten 35.000 mensen het leven. Het toerisme is nog niet op gang getrokken waardoor dit de ideale plaats is om te genieten van de rust.

Island DitPidgeon kleine paradijs bevindt zich op 10 minuutjes met de speedboot vanuit Trincomalee. Wie gekleurde vissen, mooie koralen en zelfs haaien wil zien, moet zeker zijn snorkel meebrengen.

Boeddha

Uit de tijd die ik doorbracht bij de baby’s, heb ik enorm veel voldoening gehaald. Het contact met de jonge kinderen was iets minder. Ze spreken Singalees dus ik verstond ze nooit goed. Door het permanente aandachtstekort, was het ook heel moeilijk om met hen om te gaan. Iedereen wilde tegelijk op mijn schoot of mijn hand vasthouden. Dat was soms heel schrijnend. Ze noemen je ook allemaal ama, wat mama betekent. Zeker op de laatste dag had ik het emotioneel wat

Sigiriya

Deze oude stad, gebouwd in de vijfde eeuw na Christus, wordt door de Sri Lankanen het achtste wereldwonder genoemd. Naast de prachtige tuinen, die omgeven zijn door grachten, staat er in het midden van de stad een grote rots met daarop een citadel. Deze citadel, die diende als paleis voor toenmalig koning Kassapa I, is bereikbaar via 1.200 trappen. Het totaalplaatje bevindt zich op 71 kilometer van Kandy.

Tempel van de Tand

Deze tempel, in het Singalees Dalada Maligawa, bevindt zich in het centrum van Kandy en is de ware trots van de Boeddhistische inwoners van Sri Lanka. Sinds de vierde eeuw na Christus zou de hoektand van Boeddha hier bewaard worden. Ieder jaar vindt in Sri Lanka de Perahera plaats. Dit is het grootste boeddhistische feest ter wereld. Gedurende tien dagen wordt de hoektand door de stad gereden op de rug van een met goud versierde olifant.

Pinnawela

De Pinnawela Elephant Orphanage is het grootste olifantenweeshuis ter wereld, gelegen in het westen van het land. Zowel babyolifantjes die verstoten zijn van hun moeder als volwassen gehandicapte olifanten worden er opgevangen. Ze leven vrij op een land van 10 hectare en gaan twee maal per dag naar de Ma Oya rivier om zich te wassen. De toegangsprijs bedraagt 2.000 roepie of 12 euro.


a y i r i g i S 1

O

O2 Unawatuna Beach lee a m o inc r T 4

O

O

6 Tempel van de Tand

O7 Pinnawela sri lanka | 69


moeilijk. Normaal konden we tot morgen zeggen, maar dat ging die dag niet meer. Veel kindjes zijn het resultaat van een verkrachting of hebben een te jonge mama die niet voor hen mag zorgen. Van anderen is de moeder gestorven in het kraambed en sommigen onder hen verloren hun beide ouders in een ongeval. Deze gedachte maakt het nog moeilijker om afscheid te nemen.

De wereld ligt aan mijn voeten Ik zou die kindjes nog wel eens willen zien maar in het project zelf ben ik wat teleurgesteld. Op de website zag het er allemaal mooi uit maar in realiteit was het wel anders. We moesten zelf maar zien wat we deden met die kindjes en voelden ons soms nutteloos. Gelukkig was er naast het weeshuis nog de ontspanning. We moesten maar werken tot 14 uur dus hadden een hele dag voor ons. Het tropische klimaat in Sri Lanka zorgt voor warme temperaturen wat ons de perfecte gelegenheid gaf om te zonnen en zwemmen. In een naburig vijfsterrenhotel konden we, tegen een kleine vergoeding, gebruik maken van het zwembad. Ook de stad Kandy was groot genoeg om drie maanden tijd te spenderen. Het is daar al Boeddha wat de klok slaat en dat zullen we geweten hebben. Er is geen tempel in de stad die we niet bezocht hebben. De mooiste en bekendste is de Tempel of the Tooth. Hier zou volgens de legende de hoektand van Boeddha bewaard worden.

Koeien, olifanten en apen

Tijdens de weekends hadden we de mogelijkheid om andere plaatsen in het land te bezoeken. Utopische stranden Unawatuna Beach, Ambalangoda en Trincomalee prijken op mijn palmares. Uiteraard geen bezoekje aan Trincomalee zonder een tussenstop op snorkelparadijs Pigeon Island. Ook culturele kuststeden Negombo en Galle hebben geen geheimen meer voor mij. Tot slot is Sigiriya, bijgenaamd de lionrock, ondanks mijn onaangename ervaring zeker een bezoekje waard. Na de beklimming kwamen we terug beneden aan de voet van de rots. We besloten wat uit te rusten en ik ging op zoek naar een toilet. Daar kwam ik oog in oog te staan met een cobra. Achteraf bleek het twee meter lange serpent een babyslang te zijn maar de indruk die ze naliet was groot. Enkele uren voordien hadden we ons tegoed gedaan aan

70 | anke in sri lanka

een olifantensafari maar dat is echt geen aanrader. Het was heel spannend op voorhand en ik keek er enorm naar uit. Tot ik het uitgemergelde dier zag afkomen. Ik had meteen spijt en wilde niet meer, maar alles was betaald en ik kon niet alleen achterblijven. Wanneer ik terugdenk aan mijn ervaring in Sri Lanka, denk ik niet spontaan aan het weeshuis maar eerder aan het landschap, de gastvrijheid van de mensen en de koeien, olifanten en apen die je overal ziet lopen. Ik heb geen plannen meer om vrijwilligerswerk te doen maar wil wel graag grote reizen maken. Ik heb gemerkt dat ik mijn familie en vrienden niet echt gemist heb. Af en toe e-mailde ik eens naar huis vanuit een internetcafé maar dat was het dan ook. Nu ik weet dat ik het aankan om ver en lang van huis te zijn, ligt de wereld aan mijn voeten.’ Tekst & foto’s Jolien Torfs 


Vol   

a l n e v e l n e g n i Vlam

a t i v od lce

Rondreis in Italië

Nape

Firenze

Siena

Rome

ls


gende maand n e t s e e f n e n e k r e W panje in S Lloret vs

Salou © Jolien Torfs

Tekst Jolien Torfs Foto’s Yoika De Koninck

Dagelijks genieten 400 Amerikanen van Belgische wafels


Yoika De Koninck is een twintigjarige studente journalistiek aan de Thomas More hogeschool in Mechelen. Ze zet graag letterlijk een stapje in de wereld. Ze houdt van het ontdekken van de buitenlandse cultuur en de leerrijke praatjes met lokale inwoners. Voor een etentje in een Aziatisch of Italiaans restaurant mag je haar altijd storen. Haar hart gaat uit naar comedy- en realityshows. Grote fan van droge humor. In de toekomst wil ze zelf op pad gaan om reportages te maken.

Jelien Wauters is een gedreven 21-jarige studente journalistiek aan de Thomas More hogeschool Mechelen. Ze behaalde in 2012 haar bachelordiploma commerciĂŤle communicatie aan de Arteveldehogeschool Gent. Alles wat sport is, interesseert haar met wielrennen als lieveling. De wereld vindt ze fascinerend en ze houdt van de verhalen achter de mens. Ook televisie en entertainment kunnen haar boeien. Af en toe komt ze grappig uit de hoek om de sfeer er in te houden.

Jolien Torfs studeert journalistiek aan de Thomas More hogeschool in Mechelen. Ze werkt als studente eindredactie bij Gazet van Antwerpen, als promo meisje bij Square Melon en als kleutermonitor bij de gemeente Zaventem. Ondanks haar 21-jarige leeftijd bezocht ze al verschillende delen in de wereld, als toerist, maar ook als vrijwilliger en student. Ze droomt er van bij te dragen aan de buitenlandjournalistiek en zich zo te verdiepen in verschillende culturen en internationale politiek en media.


Belmonde