Page 1

Prachtige & krachtige plekken Over het maken van aantrekkelijke

Jos Sentel

en succesvolle plekken in steden

Jeroen Mensink (redactie)


Al jaren loop ik rond met het idee een boek te schrijven. Het zou over mijn werk en opgedane ervaring moeten gaan, maar vooral over mijn passie voor publieke plekken. Het kwam er echter nooit van; ik had te weinig tijd of de tijd was nog niet

DERDE

rijp. Begin 2013 heb ik mezelf, bijna zeven jaar na oprichting van mijn bedrijf ThirdPlace, een mini-sabbatical gegund. In die periode heb ik het idee opgevat om dan eindelijk eens te starten. Maar in zo’n korte tijd red je het nooit om iets op papier te zetten, althans niet in je eentje. Daarom heb ik Jeroen

PLEKKEN

Mensink als redacteur gevraagd om met me mee te doen. Dat is een heel leuk proces geworden en heeft langer in beslag genomen dan we aanvankelijk van plan waren. Het proces dat ik met Jeroen heb doorgemaakt is belangrijk geweest ter bepaling van mijn gedachten en mijn positie in het vakgebied. We hebben onze gesprekken - geheel in stijl - elke keer op een andere ‘derde plek’ gevoerd. Jeroen heeft achterin uiteindelijk dit magazine geworden, want zo moet dit heten. De ambitie om ooit nog een boek uit te brengen, blijft gewoon staan. Ik heb met dit magazine geen hoogdravende pretenties of bedoelingen. Het is met niets te vergelijken, anders dan mezelf misschien. Beschouw dit magazine daarom als een kijkje in mijn hoofd. Ik denk en praat graag, vooral over mijn werk en zaken die daarmee - soms slechts zijdelings - te maken hebben. Na zeven jaar vertellen en filosoferen vind ik het mooi om te merken dat winkelcentra en binnensteden, maar ook universiteitscampussen of (stads)pleinen door steeds meer mensen als derde plekken worden beschouwd.

Voorwoord

deze publicatie onze ‘road trip’ beschreven. Het resultaat is

— I N T E RV I E W M E T —

JOS SENTEL door JEROEN MENSINK

Dit magazine trapt af met een interview van Jeroen met mij over derde plekken en vervolgt met een essay van mijn hand over prachtige en krachtige plekken. De praktische handvatten

info @ third-place.nl

www.third-place.nl

die mij bij de advisering over derde plekken ter beschikking staan, komen in het hoofdstuk ‘ingrediënten’ aan bod, als een beeldende checklist voor een geslaagde plek. Het magazine eindigt met een profiel van mij, de persoon Jos Sentel, en het bedrijf ThirdPlace. De verschillende onderdelen worden afgewisseld met een vel ouderwetse ansichtkaarten. Op deze kaarten staan plekken

7.214

SOEST

1.138

die ik prachtig en krachtig vind. Je kunt ze uitscheuren en verzenden, op je prikbord plakken of desnoods je kind ermee laten knutselen. Met dit magazine hoop ik mijn kennis te delen, inspiratie te bieden en duidelijk te maken waar ik voor sta. Vragen of meer weten? Neem gerust contact op! Jos Sentel — ThirdPlace

karakters

MM,XIII.

woorden


Dit interview is gebaseerd op een eerder gesprek dat is gepubliceerd op www.gebiedsontwikkeling.nu

In #nrc gelezen over Metropol Parasol in Sevilla, een prachtige paddestoelachtige constructie in het openbaar gebied: mustsee #thirdplace

briljante oneliner @BorisvanderGijp tijdens workshop #ruimteconferentie: ‘bij leegstand hebben we nog wel wat meters te maken!’

“We moeten af van de term winkelgebieden”, zegt Jos Sentel. “Het draait steeds meer om multifunctionele, publieksgerichte domeinen. Winkels zijn in economische zin natuurlijk een belangrijk onderdeel, maar vlak het belang van horeca, cultuur en vooral de openbare ruimte niet uit.” Zelf ziet Jos meer in de term derde plekken, een begrip door Ray Oldenburg opnieuw geïntroduceerd in The Great Good Place (1999). Derde plekken zijn (bijna) zo oud als de beschaving. De Romeinen maakten al onderscheid naar eerste plekken – daar waar je woont– , tweede plekken – daar waar je werkt– en derde plekken voor al het andere verblijven tussen woning en werk. Mensen hebben de behoefte aan een andere plek dan thuis of de werkplek. Daar zijn mensen gebonden aan een keurslijf van formele, vaak ongeschreven regels. Om hieraan te ontkomen zoeken mensen openbare plekken op waar ze volledig zichzelf en op een informele manier onder de mensen kunnen zijn, dat zijn derde plekken. Een park, een plein, een winkelstraat, een koffiebar, een bibliotheek of een campus kan zo’n derde plek zijn. “Het zijn vooral de binnensteden die zich positioneren als plekken waar je niet alleen je dagelijkse boodschappen kan doen en kan winkelen, maar vooral ook recreatief kunt verblijven. Het zijn plekken waar je graag wilt zijn. Het zijn die ‘coole plekken’ of ‘plekken met een X-factor’ in de stad die op de keper beschouwd door vrijwel iedereen gewaardeerd worden. Deze waardering vertaalt zich vervolgens vaak in bestedingen van consumenten.”

PL AC E TO BE “Tot begin jaren negentig werd heel functioneel en doelgericht gedacht over publieke plekken en de programmering ervan. Als bereikbaarheid en parkeren optimaal waren, vond men het al snel goed. Maar dat leverde geen plekken op waar je echt voor je plezier naartoe ging.” “Eind jaren negentig woonde ik in New York een seminar van het Urban Land Institute bij over urban entertainment centers en realiseerde me dat Amerikanen met dat concept het wiel dachten te hebben uitgevonden, maar eigenlijk probeerden ze onze historische Europese binnensteden te kopiëren. Wat ze dachten nodig te hebben, was bij wijze van spreken in de Middeleeuwen in Europa al gemeengoed: een multifunctioneel programma in een enerverende omgeving. Op dat moment besefte ik me dat het in mijn vak vooral om plekken moet gaan. En daarbij is een breder perspectief nodig dan alleen kijken naar locatie, gebouw of programma. Mijn visie op derde plekken begon vorm te krijgen.”

Webwinkel Coolblue investeert ‘fors’ in fysieke winkels; dat is een goed bericht. http://www. nu.nl/internet/3539466/webwinkel-coolblue-investeert-fors-in-fysieke-winkels.html …

IN TER NET De opkomst van verkoop via internet maakt het belang van het maken van aantrekkelijke derde plekken alleen maar groter. “Ik schrik als ik hoor hoeveel mensen bijna alle inkopen op internet doen. Heel vaak is dat omdat het alternatief in de fysieke wereld ze onvoldoende aanspreekt. Veel aankoopplaatsen en ondernemers hebben gewoon geen goed verhaal. Shoppen (als geaccepteerde term voor het recreatief verblijven in winkelgebieden) zou in de ‘physical reality’ namelijk veel leuker moeten zijn dan in de ‘virtual reality’. Maar fysiek en virtueel kunnen ook goed samengaan, getuige het feit dat de beste webretailers het in de fysieke wereld ook heel goed doen”. “Een hoge belevingswaarde werkt verkoopbevorderend en die beleving ontbreekt op internet. Het is interessant om te zien hoe de komende tijd – onder meer door de crisis, maar ook door technologische ontwikkelingen – allerlei online en offline innovaties zullen plaatsvinden die juist de beleving van consumenten weer centraal stellen.”

N I EU W E T I JDE N “Er is een transitie gaande die consequenties heeft voor onze dagelijkse leefomgeving en de manier waarop we die moeten ontwikkelen, dan wel herontwikkelen. Die verandering vraagt vooral om professioneel opdrachtgeverschap bij ontwikkelaars, corporaties, de overheid en beleggers. Je moet weten waarover je spreekt, los van het kunnen managen van een proces.” De economische crisis, die begon in 2008, markeert een keerpunt. “Daarvoor was nauwelijks sprake van goed opdrachtgeverschap, want er was altijd haast en de afzet van projecten leverde nauwelijks problemen op. Een kritische toets vanuit – bijvoorbeeld – wensen en verwachtingen van consumenten of een goed beargumenteerde ruimtelijk-functionele visie vond domweg niet plaats.” De belangrijkste gebruiker van voorzieningen zoals winkels is en blijft de consument. Als een bepaalde plek voor de klant gewoon goed voelt, dan volgt het gewenste programma vanzelf.”

‘Met webwinkel alleen bouw je geen relatie op’ http://www.nuzakelijk.nl/ mkb/3536273/met-webwinkel-alleenbouw-geen-relatie-op.html …

At the core of the Power of 10 is the idea that any great place itself needs to offer at least 10 things to do or 10 reasons to be there. These could include a place to sit, playgrounds to enjoy, art to touch, music to hear, food to eat, history to experience, and people to meet. Ideally, some of these activities are unique to that particular spot and are interesting enough to keep people coming back.

(The power of 10 — Project for Public Spaces — www.pps.org)

Tegenwoordig wordt gelukkig steeds vaker co-creatief gewerkt, gebaseerd op een helder geformuleerde visie. “Hoe halen we het beste uit dat gebouw op die specifieke plek? Hoe zou de plint eruit moeten zien? Is de plek geschikt voor winkels of voor andere voorzieningen? In welke variëteit en welke branches?”

LEESTIPS ¶ The great good place, Ray Oldenburg (1999) ¶ Why?, what happens when people give reasons… and why, Charles Tilly (2006) ¶ Een dag bij ElBulli, Ferran Adrià (2009) ¶ A whole new mind, Daniel Pink (2006)


Vanavond in #dwdd item over authentieke barbershop in VS als #thirdplace! Emotionele transactie = financiele transactie! #internetniet

“Dit vraagt om nieuwe methoden en technieken zoals ‘straat-o-logie’ (de straat op om ter plekke indrukken op te doen en de analyses te vertalen naar praktische aanbevelingen) en ‘verhalen vangen’ (een lang en oprecht geïnteresseerd gesprek met enkele klanten). Dat geeft onvoorstelbaar veel energie en levert nieuwe inzichten op.“

A M BI T I E

Starbucks wil 3000 nieuwe winkels openen http://bit.ly/SG1RY6 bakkie doen op echt elke straathoek ter wereld? Local heroes doe het anders!

“Met die kennis wil ik graag inspireren en inzichten leveren om het (ruimtelijk-economisch) functioneren van publieke plekken te verbeteren. Mijn drijfveer is om te begrijpen hoe zo’n plek waarde heeft voor consumenten en ondernemers, vanuit een bottom-up aanpak. Ik ben overtuigd van de specificiteit van plekken en heb een afkeer van generieke dooddoeners. Met de expertise die ik heb opgebouwd wil ik die specificiteit van plekken verder uitbouwen door te adviseren over programmering, doelgroepen en de wijze waarop gebouw en openbare ruimte een bijdrage kunnen leveren. En dat met oog voor het lokale ‘dna’.” “Als geen ander besef ik dat we te midden van een enorme transitie zitten en juist dat sterkt me om mijn visie op prachtige en krachtige plekken verder uit te dragen. Daar waar ik bij de start van mijn bedrijf toch vooral bezig was met allerlei nieuwe concepten, is mijn rol tegenwoordig ook vaak een andere. Ik word nu dikwijls gevraagd om als ‘derde persoon’ te bemiddelen in een proces waar twee partijen niet meer helemaal op dezelfde lijn zitten. Het lukt me dan vaak om op basis van inhoudelijke argumenten een ‘derde weg’ te vinden.”

Cornelis Schuytstraat in Amsterdam (NL) 5th Avenue in New York (US)

Het zijn soms de speldenprikken die als katalysator voor de ontwikkeling van een plek fungeren. Je hoeft niet met miljoenen te smijten, soms creëer je een hefboom in een buurt door – vanuit een gedragen visie – een specifiek gebouw of plek aan te pakken.

“Ik vind het fantastisch om medeverantwoordelijk te zijn voor plekken die er toe doen en waar mensen zich op hun gemak voelen. Dat is wat ik ook opsnuif tijdens allerlei trips (zowel zakelijk als privé). Ik ben dol op de ‘coole plekken’ in een stad die bijna iedereen kent en waar iedereen het over heeft. Waar de ziel van een buurt, wijk of hele stad afleesbaar is. Deze plekken vind je in elke stad en je hoeft meestal niet lang te zoeken: just follow the crowd. Ik heb oog voor details plus een fotografisch geheugen waardoor ik intussen over een enorme verzameling van dat soort plekken beschik.”

Piazza Giuseppe Garibaldi in Verbania (IT) Strandvägen in Västervik (SE)

“Mijn advies is daarom: neem de tijd om tot een duidelijke visie te komen, dan is het veel eenvoudiger om een ruimtelijk-functioneel programma van eisen te destilleren. Gebruik maximaal één a4-tje om je droom te omschrijven. Stimuleer vooral goed ondernemerschap en geef het vervolgens de ruimte. Want dat trekt nog meer goed ondernemerschap aan en resulteert uiteindelijk in een aantrekkelijke derde plek.”


Strandvägen in Västervik (SE) Aantrekkelijke openbare ruimte omringd door water en bebouwing, waar gedurende het jaar telkens andere evenementen worden georganiseerd.

Piazza Giuseppe Garibaldi in Verbania (IT) Maximale multifunctionele mix: wonen, horeca met terras, groen, water en veel mensen. Mooi weer is een pre.

5th Avenue in New York (US) Conditio sine qua non voor een succesvolle plint: een façade met een dubbele verdiepingshoogte. In dit geval ook nog eens met Amerikaanse maatvoering.

Cornelis Schuytstraat in Amsterdam (NL) Voor het ultieme stadsleven: een winkel op de hoek gecombineerd met wonen erboven, voldoende loopruimte voor de deur en plek om een fiets neer te zetten.

ESSAY

PRACHTIGE & KRACHTIGE PLEKKEN


NL

Plekken zijn prachtig als de diverse belanghouders er trots aan ontlenen en plekken zijn krachtig als ze daarbij ook in economische zin een waardevolle bijdrage leveren aan het functioneren van de stad. Prachtige plekken zijn de plekken die belevingswaarde hebben, waar authenticiteit een kernwaarde is en waar de openbare ruimte onlosmakelijk onderdeel uitmaakt van het totaal. Krachtig worden deze plekken wanneer zich een passend en gevarieerd programma presenteert, waar innovatie hoogtij viert en waarbij de transactionele waarde is geoptimaliseerd. Kortom, plekken waar in economische zin waarde wordt gerealiseerd. De kernbegrippen die aan de basis staan van prachtige en krachtige plekken, hebben voor mij de in dit essay beschreven betekenis.

BELEVINGSWAARDE

OPENBARE RUIMTE

PROGRAMMA

‘’Een plek met veel oorspronkelijke belevingswaarde is de binnenstad van Den Bosch. Daar is niets gekunstelds aan. Vrijwel zonder uitzondering betitelen bezoekers deze binnenstad als ‘gezellig’ en het mooie is, dit heeft voor iedereen weer een andere lading.’’

Het begrip belevingswaarde lijkt het nieuwe adagium te worden voor winkelcentra en binnensteden die niet meer zo goed functioneren. Althans, een groeiende groep deskundigen roept nu te pas en te onpas dat beleving het ultieme middel is om de malaise in de winkelvastgoedmarkt op te lossen. Dat zou inderdaad mooi zijn, maar zo eenvoudig is dat niet. In de zomer van 1992 deed ik voor mijn afstudeeronderzoek naar zogenaamde ruimtelijk-functionele deelgebieden in binnensteden zelf het veldwerk in twee binnensteden, die van Amersfoort en die van Maastricht. Per binnenstad drie lange dagen op straat enquêtes afnemen. Dat heeft me enorm veel geleerd. En eerlijk gezegd vooral omtrent het begrip belevingswaarde, al heette het toen nog gewoon ‘gezelligheid’. Want daar draait het om voor verreweg het grootste

AUTHENTICITEIT

INNOVATIE

deel van de bezoekers van een binnenstad, leerde ik van de vraaggesprekken. Dat werd later, in diverse andere onderzoeken die ik heb gedaan, meerdere malen bevestigd. Gezelligheid is echter een containerbegrip dat zich maar moeilijk laat definiëren. In deze tijd zouden we het misschien wel de X-factor moeten noemen. En dat heb je of je hebt het niet. Het is onmogelijk om dat bij besluit toe te voegen.

TRANSACTIONELE WAARDE

Wel is het mogelijk het door wat extra aandacht beter tot zijn recht te laten komen; als de belevingswaarde in potentie aanwezig is, maar nog onvoldoende uit de verf komt.


DK

Twee belangrijke ervaringen hebben mijn denken over de open-

bare ruimte gevormd. De eerste was een samenwerking met architecten van the Jerde Partnership uit Californië en het tweede betrof mijn betrokkenheid bij het deelproject Mahler 4 op de Zuidas te Amsterdam. Om met het laatste te beginnen; ik ben nooit meer zo verbaasd geweest als toen. Ik moest adviseren over de invulling van de plinten en op een zeker moment moest ik de stand van zaken toelichten in de werkgroep openbare ruimte. Mijn verbazing betrof vooral het feit dat het in die werkgroep om duur, duurder of nog veel duurder natuursteen als plaveisel ging. Die discussie ging totaal langs mij heen, omdat er geen enkele blijk werd gegeven van het waarom en voor wie doen we het eigenlijk? Natuurlijk moet het openbaar gebied een smoel krijgen en mag het wat kosten, maar voor mij moet het startpunt zijn hoe je het zo goed mogelijk kan “Manhattan New York City en openbare ruimte, need I say more? In deze stad zie en voel je de perfecte symbiose tussen programma, mensen en de openbare ruimte. Alles klopt en het mooie is dat het elkaar over en weer weet te beïnvloeden. Sterker nog, ze kunnen niet zonder elkaar.”

doen, in relatie tot de mensen die er lopen en het programma dat zich aan de openbare ruimte presenteert. Terug naar de architecten van Jerde. Ik heb ze eind jaren negentig voor het eerst ontmoet en bij het aannemen van hun visitekaartje viel mij een klein zinnetje op de achterkant op: “placemakers since 1977”. Ik werd daardoor getriggerd - omdat ik het ongewoon vond - en vroeg wat ze precies bedoelden. In het uiterst relaxte Amerikaans kreeg ik te horen: “Son, it’s not the building but the space between the buildings that makes a place.” Tsja, en dat moest ik horen van een architect. Het leek een waarheid als een koe; mijn ogen waren geopend!

“Kopenhagen is voor mij een plek met een hoge mate van authenticiteit. Deze stad heeft een sterk eigen karakter en laat zich eigenlijk maar nauwelijks met andere steden vergelijken. De stad heeft weliswaar iets weg van Amsterdam, maar is minder uitbundig en uiterst ontspannen.”

Authenticiteit is niets anders dan eigenheid, een specifiek en nauwelijks te kopiëren karakter. Ik ben opgegroeid in de Dorpsstraat van de groeikern Zoetermeer. Dat is het oorspronkelijke hart van het tweelingdorp Soetermeer-Zegwaard en de historie gaat terug tot in de vroege Middeleeuwen. Vrijwel in onze achtertuin zijn in de jaren tachtig van de vorige eeuw de restanten gevonden van het Huys te Palensteijn, een kasteel uit die vroege periode. Ik heb tijdens mijn studietijd (Planologie aan de Universiteit van Amsterdam) vaak verontschuldigend moeten bekennen dat ik uit Zoetermeer kom. Zeker voor de planologen-in-de-dop was het toch vooral een groeikern en daarmee gelijk aan het beeld dat men van Almere had: zonder historie, laat staan authenticiteit. Maar ik wist natuurlijk beter. De Dorpsstraat – als hart van het dorp – was de plek waar mijn familie al generaties lang handel dreef. Het dorp vormde lange tijd een cruciaal knooppunt op de routes tussen Delft, Leiden, Gouda en Den Haag. Maar er was in ruim 700 jaar veel meer gebeurd, waardoor het naast het hart ook de ziel van de plaats was geworden. Veel import-Zoetermeerders kregen op den duur natuurlijk wel iets mee van dat authentieke Zoetermeer en dat zorgde ervoor dat ze toch een beetje trots werden op de plek die in de media als slaapstad werd afgeschilderd.

US


NL

“Het gebied aangeduid als de ‘9 Straatjes’ in de Amsterdamse grachtengordel is een goed voorbeeld van een plek met een zeer gevarieerd en nauwelijks te beredeneren programma. Deze functiemix komt tot stand doordat ondernemers een kans zien en hun creativiteit aanwenden om er daadwerkelijk een bedrijf van te maken. Dat maakt de kracht van de plek alleen maar groter, waardoor andere ondernemers op hun beurt weer gestimuleerd worden om hetzelfde te doen.”

Vernieuwing, conceptontwikkeling, dyna-

besteed is, dan gun ik het zonder meer een

miek en dus ook innovatie zijn begrippen

paar momenten van mijn tijd. Mijn grootste

die er in essentie op zijn gericht om telkens

ergernis is wanneer er alleen een pui te zien

opnieuw te zoeken naar onderscheidend

is waarop met kapitalen geschreven staat:

vermogen. Stand out from the crowd. Dat

VISIT OUR ONLINE STORE, WE’RE OPEN

hoeft lang niet altijd met grote gebaren, maar

24/7. Natuurlijk is dat het goed recht van een

kan ook in kleine dingen verborgen zitten.

cross channel retailer om deze boodschap

Waar het voor de plekken die er toe doen om

uit te zenden. Maar mijn vader zou verbijs-

gaat, is dat hier telkens iets anders te doen

terd zijn als winkeliers niet eens meer moeite

of te zien is, waardoor de aantrekkingskracht

doen om klanten met hun etalage te verlei-

telkens opnieuw wordt geladen. Mijn ouders

den naar binnen te komen, maar ze in plaats

hadden een kleine speciaalzaak in een

daarvan wegsturen naar internet.

‘ouderwets’ winkelpand. Mijn vader was aan

De kern van mijn boodschap is dat innova-

het begin van elke maand standaard een dag

tie, op alle schaalniveaus, eigenlijk neer zou

of drie bezig met het maken van een nieuwe

moeten komen op het continu bezig zijn om

etalage. Het was letterlijk het platform waarin

jezelf te verbeteren en dat ook uit te dragen.

hij kon laten zien wat voor nieuws hij in zijn

Mijn pleidooi is niet alleen gericht op onder-

winkel te bieden had. En reken maar dat

nemers, maar ook winkelstraten, winkelcen-

het effect had op de klandizie. Dat moti-

tra, pleinen en gebouwen, dorpen en steden.

veerde hem om zichzelf iedere keer weer te

Als maar duidelijk wordt richting je publiek of

overtreffen. Ik merk dat ik – niet alleen uit

je doelgroep dat je je uiterste beste doet om

nostalgische overwegingen – vandaag de

hun wensen en behoeften zo goed mogelijk

dag die bijzondere etalages mis. Als ik er nog

te bevredigen.

“Shoreditch in Oost-London is voor mij op dit moment het epicentrum van innovatie. Op het eerste gezicht ongelofelijk rommelig, schuilt achter de gevels een enorme dynamiek. Op de markten en op straat gebeurt van alles. Op het vlak van retail, horeca en hospitality kom je hier de meest vernieuwende concepten tegen. Het lijkt dan ook niet meer dan logisch dat juist hier momenteel het ‘Silicon Valley van Europa’ tot bloei komt.”

een tegenkom waar oprecht aandacht aan

GB

In de afgelopen twintig jaar is er gelukkig veel veranderd

distributieplanologisch onderzoek helemaal niet bestaat.

in de benadering van functies die zich op plekken in

Daar moet vaak worden aangetoond wat de economi-

de stad kunnen manifesteren en de (economische) kracht

sche, maatschappelijke en vaak ook sociale meerwaarde

die daaraan ontleend kan worden. Vroeger ging het

is. Oftewel, hoeveel beter wordt de plek, de buurt en de

vooral om distributie-planologisch onderzoek als middel

stad ervan? Dit soort vragen triggert om integraal over

om vooral het functioneren van de detailhandel te duiden

het totale pakket van functies na te denken. Bovendien

op basis van toonbankbestedingen, koopkrachtbinding

is de groep detailhandel te divers om over een kam te

en vloerproductiviteit. Tot voor kort werd maar weinig

scheren. Tussen de dertien-in-een-dozijn-filiaalbedrijven

gerept over de andere functies, hooguit als normatieve

en de superspecialisten die zich op 35 vierkante meter

opslag bovenop het winkelvloeroppervlak. Zeker in grote

manifesteren bestaat een wereld van verschil. Horeca

binnensteden is detailhandel echt maar een deel van het

is minstens even divers, restaurants zijn er immers ook

totale verhaal. De veelzijdigheid zit hem toch juist in de

in allerlei soorten en het is sterk afhankelijk van de plek

andere functies zoals horeca, cultuur, dienstverlening en

waar wat wel of niet werkt.

de onderlinge wisselwerking? Het stelselmatig vermijden van juist dat deel is wat mijn verbazing bleef wekken. Zeker toen ik meer in het buitenland actief werd, waar


“De transactionele waarde –zowel emotioneel als financieel – is hoog in de Cornelis Schuytstraat in Amsterdam-Zuid. Qua winkel- en verblijfsomgeving klopt vrijwel alles. Zowel in maat en schaal als uitstraling, maar ook de verdeling van commerciële ruimte en publieke ruimte. Daarnaast zijn hier zeer diverse ondernemers gevestigd – niet enkel zelfstandigen – die gewoonweg goed zijn in hun vak en daardoor klanten aan zich weten te binden. Met elkaar geven ze deze plek ongelofelijk veel meerwaarde.”

In het al eerder genoemde distributie-

combinatie van factoren werd ik in

planologisch onderzoek is een van

de verleiding gebracht om een stukje

de sterk richtinggevend factoren de

kaas te proeven. Na enige tijd liep ik

omzet per vierkante meter, de zoge-

de winkel uit met een tas vol met kaas

naamde vloerproductiviteit. Door-

en andere lekkernijen. Het was welis-

gaans worden normatieve waarden

waar niet mijn bedoeling, maar blijk-

vastgesteld om onderzoeken onder-

baar was er op emotioneel niveau een

ling vergelijkbaar te maken. Helaas

‘klik’ met de ondernemer waardoor ik

bestaat in een normatieve wereld

moeiteloos de portemonnee trok. Dit

geen mogelijkheid om onderscheid

voorbeeld illustreert hoe onzinnig het

te maken naar de kracht van een

eigenlijk is om met normen te werken.

unieke plek. Ik vind het geweldig om

En dat ondernemerschap en aan-

in een omgeving te zijn die aanzet tot

dacht gelukkig niet in modellen, maar

besteden. Het is nog beter wanneer

wel in overtuiging te vatten zijn. Dat

de ondernemer je daartoe verleidt.

geldt op het niveau van de individuele

Immers, het krijgen van oprechte aan-

winkel, maar ook voor straten, gebie-

dacht zet aan tot gunnen en dus tot

den en winkelcentra. Als de emotio-

besteden. Ik noem dat de emotionele

nele transactie klopt, dan volgt vrijwel

transactie. En bij succes heeft die

automatisch de financiële transactie.

emotionele transactie een financiële transactie tot

De hoogte daarvan ontstaat in de

gevolg. Zo heb ik dat zelf ervaren

klant.

tijdens een ongepland bezoek aan een kaaswinkel in Alkmaar. Door een

interactie tussen ondernemer en de

Berenstraat (9 straatjes) in Amsterdam (NL) Retailer Jo Malone in Londen (GB)

Brushfield Street (Shoreditch) in Londen (GB) Victoria Quarter in Leeds (GB)

NL


Brushfield Street (Shoreditch) in Londen (GB) Pure harmonie in het straatbeeld: alles klopt en je wordt zelfs nieuwsgierig naar wat er op de verdieping te doen is.

Victoria Quarter in Leeds (GB) Beleving is heus niet iets van het laatste decennium, al meer dan een eeuw geleden was dat ook zeer zeker aan de orde.

Ingrediënten voor derde plekken Doelstellingen 1 1 verrassen 2 verwennen 3 laten ontdekken

De belangrijkste doelstelling van een derde plek is om bezoekers te verrassen, te verwennen en te laten ontdekken, telkens opnieuw. Om dat te bereiken moeten de drie cruciale elementen plek, programma en partijen worden geoptimaliseerd. Dat moet per plek leiden tot maatwerk. Blauwdrukken zijn uit den boze, want die ontkennen per definitie het eigene van die plek.

Berenstraat (9 straatjes) in Amsterdam (NL) Ondanks de krappe en haast beknellende maatvoering van de straat een aantrekkelijke en zeer gewaardeerde plek in de stad; het unieke programma en de ligging pal in het centrum maken dus een boel goed.

Retailer Jo Malone in Londen (GB) Etalages spelen een belangrijke rol in de verleiding van (potentiële) klanten; maak de connectie en lok ze naar binnen.

Basisingrediënten

2a

Een aantrekkelijke derde plek kent een aantal basisingrediënten. In de eerste plaats moeten bereikbaarheid en parkeren op orde zijn; vroeger ontstonden marktplaatsen (waar vraag en aanbod

1 bereikbaarheid en parkeergelegenheid

elkaar ontmoeten) immers ook al op kruispunten van belangrijke routes.

2 ruimte voor goed ondernemerschap 3 multifunctioneel

Een derde plek biedt ruimte aan goed ondernemerschap dat gebruik wil maken van de kwaliteiten van de plek om diensten of producten te verkopen die passen bij de behoeften en verwachtingen van de mensen die a priori voor de plek zelf komen. Een goede derde plek is bovenal multifunctioneel, want monofunctionaliteit is killing omdat er dan geen stapeling mogelijk is van verschillende bezoekmomenten en –motieven van de diverse doelgroepen. Een derde plek dient een groot deel van de dag aantrekkelijk te zijn voor wisselende groepen gebruikers. De functiecombinatie verschilt per derde plek en vraagt aandacht voor locale behoeftes en de specifieke doelgroepen die er gebruik van maken.


Ingrediënten —vervolg—

Werkzame bestanddelen

Programma & ruimte De openbare ruimte moet kloppen. Dit vraagt om een groot inlevingsvermogen in het gedrag van de (potentiële) bezoekers.

2b 4 goede openbare ruimte 5 openbaar en toegankelijk 6 aanwezigheid basisfuncties 7 zitgelegenheid

Hoe gebruiken zij de openbare ruimte, hoe liggen de verbindingen met de omgeving en waar is ruimte voor verrassing? Het publieke domein en de verbindingen met de context zijn daarbij net zo belangrijk als het programma in de gebouwen. Derde plekken beogen namelijk transacties tot stand te brengen, zowel in financiële als in emotionele zin; het moet een feel good factor hebben. Derde plekken kenmerken zich door een hoge mate van

3 1 passende programmatische elementen 2 ruimtelijke kwaliteiten 3 gewenste interactie

Een ultieme derde plek krijgt vorm door een combinatie van passende programmatische elementen en ruimtelijke kwaliteiten. De zo gewenste interactie vindt immers plaats bij fysieke samenkomst (openbare ruimte) en bij gedeelde interesses (programma). Derde plekken zijn de plekken waar het leven van de gemeenschap zich afspeelt. Wat deze gemeenschappen met elkaar delen,

openbaarheid en toegankelijkheid - bij voorkeur primair voor

is een netwerk van straten, paden, parken en pleinen die de buurt

voetgangers - omdat interactie tussen bezoekers, publieke domein

bij elkaar houden en die samen het podium vormen waarop het

en het programma zo optimaal mogelijk moet zijn. Het gaat bij de

openbare leven zich afspeelt. De plinten profiteren van een sterke,

ontmoetingsfunctie vaak meer om het onder de mensen zijn, dan

symbiotische relatie met de openbare ruimte, een naadloze over-

om werkelijk contact tussen mensen.

gang tussen binnen- en buitenwereld.

Een derde plek hoeft zeker geen afgebakende locatie te zijn. De aanwezigheid van één of enkele basisfuncties, zoals een kiosk

Waarschuwing

of een terras zorgen voor een extra aanleiding om er naartoe

Plinten zijn vaak restruimten in gebouwen met een andere hoofdfunctie, meestal kantoren of woningen. Daar is de focus van de ontwikkelaar vaak op gericht. Maar met die mooie entree met receptie op de begane grond is de best gelegen ruimte vaak al weggeven. Vervolgens is het heel makkelijk om de overblijvende ruimte te benoemen als ’bedrijfsruimte’. Papier is geduldig, maar de realiteit is vaak anders. Te vaak blijkt de ruimte onverhuurbaar. En dan is de cruciale vraag, waarom wordt de ruimte niet verhuurd? Het antwoord is dat de ‘waarom-vraag’ niet is gesteld bij de start van de ontwikkeling. Als er geen steekhoudende onderbouwing is, durf er dan ook vanaf te zien. Als we minder van die ondoordachte restruimtes maken, krijgen we ook andere gebouwen die zich bovendien anders manifesteren in de openbare ruimte. Dit geldt niet alleen voor plinten, maar ook voor gebouwen in het algemeen.

te komen en natuurlijk voor verhoging van de verblijfskwaliteit. Overigens kan dat ook zoiets simpels zijn als een richel om op te zitten of een grasveld om even in de zon te liggen. In de moderne samenleving wordt meer en meer actief gezocht naar deze derde plekken, omdat ze een belangrijk bindmiddel voor sociale interactie zijn. Via een derde plek kan een ieder zich bovendien snel een beeld vormen van de gemeenschapszin en de leefkwaliteit in een buurt, wijk of zelfs stad. Door de toenemende oriëntatie (van jongeren en ouderen) op digitale interactie, onder meer via online netwerken, sociale media en games, zal de behoefte aan goede derde plekken alleen maar toenemen. Want behoefte aan menselijk contact blijft bestaan en derde plekken bieden over het algemeen een laagdrempelige manier om andere mensen te ontmoeten.


Afbeelding: SNO — Kaapstad

Programma, Gebouw & Publiek domein

12

6 Vaak houd ik me bezig met de program-

8

mering van zogenaamde plinten. Dat is de begane grond van een gebouw bestaande uit meerdere lagen. Niet zelden is het gebouw al ontworpen en zelfs al gerealiseerd als mij de

11 9

vraag gesteld wordt. Het bedenken van een

7

programma is dan vaak geen sinecure. Een

5

succesvolle programmering is namelijk afhankelijk van de fysieke mogelijkheden die het gebouw biedt om verschillende typen functies

10

te kunnen huisvesten, maar ook de functie en inrichting van het publieke domein voor dat

4

gebouw en de omringende context. Op basis van de diverse vraagstukken waar

1

2

3

ik in het verleden mee bezig ben geweest —en de daarin opgedane ervaringen— heb ik een eigen ‘plinttheorie’ geformuleerd. Deze theoretische vertaalslag van mijn werk in de praktijk haakt natuurlijk aan bij de wens om plekken prachtig en krachtig te maken. Het schema hiernaast toont een versimpelde weergave van een ‘typische plintsituatie’ en in deze dwarsdoorsnede zijn vrijwel alle zaken

1 De looproute voor het gebouw moet altijd van iets naar iets gaan en dus niet van niets naar niets. Een passantenstroom is onmisbaar om voorzieningen in de plint te kunnen laten functioneren. 2 Het trottoir moet breed genoeg zijn om in beide richtingen twee personen naast elkaar te laten passeren, plus nog wat extra breedte om elkaar ook wat ruimte te geven. Het plaveisel moet aantrekkelijk, maar vooral comfortabel zijn. Duur natuursteen met brede voegen ertussen maakt dames op hoge hakken niet blij. 3 Er moet ruimte zijn om fietsen te kunnen parkeren. Simpele ‘fietsnietjes’ voldoen om het in stedelijke gebieden zeer populaire vervoermiddel voor korte tijd te stallen en even een winkel binnen te lopen.

4 Straatmeubilair moet niet worden vergeten en goed worden uitgevoerd. Een bank van beton is niet comfortabel, wel hufterproof. Het ideale bankje is gedurende een groot deel van het jaar comfortabel om op te zitten (en hufterproof natuurlijk). 5 De auto is, net als de fiets, belangrijk voor de bereikbaarheid door klanten. Plinten functioneren het best in een omgeving waar de auto te gast is en dus met gematigde snelheid passeert. Dat geeft een aangename reuring en de kans is aanwezig dat automobilisten dan mogelijk ook in de verleiding komen. Die kans wordt vergroot als ook nog sprake is van een blauwe zone, want dat biedt mensen de mogelijkheid om ook een kort en efficiënt bezoek te brengen.

6 Openbaar groen vormt een belangrijk onderdeel van een geslaagde plek. Met name volwassen bomen dragen bij aan een harmonieus beeld en zorgen voor schaduw en beschutting.

9 De façade is het gezicht van het gebouw, de vormgeving van de begane grond —het gebouw op ooghoogte — moet onderscheidend zijn en de functie herkenbaar.

7 Terrasjes her en der mogen niet ontbreken. Horeca is immers vaak in plinten te vinden. Als verlengstuk van dergelijke functies zijn terrassen een uitstekend idee. Ze moeten niet te dominant zijn of passantenstromen blokkeren, maar de passant vooral verleiden om plaats te nemen.

10 Voorzieningen in de plint dienen een duidelijk gemarkeerde entree te hebben en wel zodanig dat er geen verwarring ontstaat met entrees tot bovengelegen woningen of kantoren.

8 ‘Signing’ aan de gevel moet een goede plek krijgen, zodat voorbijgangers al op enige afstand kunnen zien welke functies er zijn. Het spreekt vanzelf dat die niet overdreven groot moet zijn, wel zichtbaar en duidelijk leesbaar.

11 De overgang tussen binnen en buiten dient zo vloeiend mogelijk te verlopen. Interieur en openbare ruimte lopen naadloos in elkaar over.

12 In de plint van het gebouw is bij voorkeur voldoende verdiepingshoogte aanwezig. Die hoogte zorgt ervoor dat de ruimte flexibel is in het gebruik en maakt bijvoorbeeld een entresol mogelijk.

De hier afgebeelde functie is puur imaginair en nogal hybride, het heeft kenmerken van zowel horeca, detailhandel als dienstverlening. De invulling is vooral ter illustratie van de mogelijkheden. Het programma in de plint is meestal een commerciële functie gericht op het verrichten van transacties, in welke vorm dan ook. Dit is een belangrijke reden om de hiervoor genoemde randvoorwaarden kloppend te krijgen. Als die niet in orde zijn, moet een functie wel een enorme autonome aantrekkingskracht hebben om toch te kunnen functioneren.

verwerkt die helpen om zo’n plint beter te laten functioneren. Dit kan voor bestaande situaties werken, maar liever nog wanneer de eerste schetsen voor een gebouw nog moeten worden gemaakt. Het schema is dan te gebruiken als checklist onder het motto ‘bezint eer ge begint’.


Checklist

voor het maken van aantrekkelijke en succesvolle plekken in de stad

Ondernemerschap

Openbare ruimte

¨ Innovatie

¨ Bereikbaar

¨ Inlevingsvermogen

¨ Toegankelijk

¨ Samenwerking

¨ Symbiose binnen/buiten ¨ Leesbaar

Multifunctionaliteit

¨ Logische routing ¨ Verknopen ¨ Vertragen ¨ Oriënteren

¨ Keuzemogelijkheden

¨ Ontmoeten

¨ Aanbod dat men verwacht ¨ Aanbod dat verrast ¨ Winkels

Verblijfskwaliteit

¨ Horeca In de nevenstaande checklist staan alle aspecten die in mijn visie van een plek een

¨ Diensten

derde plek maken. Het zijn zowel harde als zachte factoren, maar allen vormen ze de

¨ Cultuur

¨ Uitnodigend

ingrediënten om te komen tot een geslaagde derde plek.

¨ Leisure

¨ Comfortabel ¨ Verleiding

Derde plekken worden gesteund door

Door de checklist te gebruiken wordt

een achttal pijlers: Ondernemerschap,

duidelijk op welke aspecten extra aandacht

Multifunctionaliteit, Sociale interactie, Cool

noodzakelijk is. Vaak gaat alle aandacht uit

factor, Belevingswaarde, Openbare ruimte,

naar slechts een beperkt aantal aspecten en

Verblijfskwaliteit en Menselijke maat. Per pijler

wordt de ‘big picture’ uit het oog verloren. En

¨ Ontmoeting

is telkens een aantal begrippen benoemd die

dat raakt wederom aan mijn pleidooi: probeer

¨ Gedeelde interesses

functioneren als nadere verdieping, die soms

zo integraal mogelijk te kijken. Dan blijkt er

¨ Gemeenschap

ook als een meetbare indicator kunnen dienen.

vaak nog een wereld te winnen.

¨ Doelgroepen

Het is lastig te beweren dat deze pijlers van

Sociale interactie

¨ Quality of life ¨ ‘Om te zijn’ ¨ Aanleidingen

¨ Toerisme

Menselijke maat ¨ Architectuur

gelijk belang zijn. Dat is immers afhankelijk van

¨ Stedenbouw

de plek. Maar het koppelen van normen en

¨ Straten

gewichten gaat voorbij aan de bedoeling van

Cool factor

¨ Parken ¨ Pleinen

deze mindmap. Het is eerder een ‘awareness

¨ Gebouwen

tool’ dan een feitelijk meetinstrument. Het nut is vooral om te tonen dat er vele aspecten zijn

¨ Identiteit

¨ Artefacten

die medebepalend zijn voor het al dan niet

¨ Authenticiteit

¨ Straatmeubilair

succesvol functioneren van een plek.

¨ Historie

¨ Primaat bij voetganger ¨ Auto te gast

Belevingswaarde ¨ Gezelligheid ¨ Opwinding ¨ Continue vernieuwing ¨ Verstilling ¨ Dynamiek ¨ Etalages ¨ Façades ¨ Podiumfunctie ¨ Evenementen ¨ ‘Om te doen’

¨ Parkeren


Andere perspectieven Wat een plek tot een derde plek maakt, is afhankelijk van het samenspel tussen mensen, gebouwen (vooral het daarin aanwezige

als mensen ergens van genieten. Verdiepen

“Programme is taking

in de fysiologie helpt om de focus meer op de

over the responsibility of

emotie van een plek te krijgen.

civic places. It is about making a place that

programma) en het publieke domein tussen de

Stadssociologie draait om het

gebouwen. Dit samenspel wordt in de praktijk

stedelijk leven en de (mogelijke) sociale inter-

te vaak alleen vanuit een stedenbouwkundig

acties in relatie tot de gebouwde omgeving.

en architectonisch perspectief bekeken.

Oftewel (het mogelijk maken van) leven en

Mijn pleidooi is om ook ruimte te bieden

dynamiek op straat. In relatie tot het denken

voor inzichten vanuit andere disciplines.

over derde plekken gaat het dan om de vraag

Met name de fysiologie, stadssociologie en

wat belangrijk is om mensen zich ergens thuis

omgevingspsychologie bieden bruikbare

dan wel op hun gemak te laten voelen. Te vaak

aanknopingspunten. De vertaling van aspecten

wordt hoofdzakelijk de insteek gekozen om

die betrekking hebben op hoe het menselijk

in stedelijke ruimtes stromen te faciliteren en

lichaam werkt, hoe mensen zich gedragen

mensen te begeleiden van A naar B. En na-

en hoe onze geest te beïnvloeden is naar

tuurlijk wordt over straatmeubilair nagedacht,

hoe plekken werken en worden beleefd,

maar het zou veel verder moeten gaan dan dat.

is verhelderend en motiverend. Voor veel

Plekken krijgen een veel bredere lading op het

(vastgoed-)partijen is sprake van een terra

moment dat juist ook verschillende groepen

incognita of men vergeet dat een plek meer is

mensen een ander motief hebben om de plek

dan een optelsom van te verhuren vierkante

te gebruiken en er willen uitrusten, zich willen

meters.

oriënteren of gewoon even verpozen.

can have an emotional connection with the customer. We no longer consume products, we consume experience.” —

Tunes Restaurant by Schilo (Conservatorium Hotel) in Amsterdam (NL) Postelstraat in Den Bosch (NL)

Andere middelen

Jos Sentel tijdens zijn college op het Sandberg Instituut te Amsterdam

meer, de werking van de stofwisseling en het

gaat over het op verantwoorde wijze beïnvloe-

zenuwstelsel in het menselijk lichaam bestu-

den van het gedrag van mensen. Het draait om

deerd. Het raakt het denken en doen over der-

de vraag op welke wijze mensen zich (onbe-

de plekken als ik het vertaal naar de vraag wat

wust) laten sturen om (delen van) een plek

belangrijk is voor het welbevinden van mensen

te bezoeken en te gebruiken. Er zijn tal van

in de fysieke omgeving. Over het algemeen zijn

manieren om gewenst gedrag in de stedelijke

mensen graag buiten (zeker als het aangenaam

ruimte te stimuleren of juist ongewenst gedrag

weer is), staan ze open voor ontdekkingen en

te voorkomen. Dat kan door ruimtelijke ingre-

worden graag verrast en gestimuleerd. Sim-

pen of aanpassingen, maar ook door gebruik

pelweg omdat we daar gelukkig van worden.

van kleuren, materialen en verlichting. Het is

Het zou de ambitie van een derde plek moeten

in essentie een subtiele vorm van manipulatie

zijn om het gelukshormoon endorfine in ons

om de derde plek goed tot zijn recht te laten

lichaam vrij te maken. Dat komt immers vrij

komen.

Prince Street (SoHo) in New York (US) Mint mini Mall, Runstraat Amsterdam (NL)

Fysiologie is de wetenschap die, onder Omgevingspsychologie


Tunes Restaurant by Schilo (Conservatorium Hotel) in Amsterdam (NL) Een place to be and to be seen kun je creëren door een betekenisvol gebouw met spraakmakende horeca te programmeren en uit te rusten met dito interieur.

Postelstraat in Den Bosch (NL) Verstilde gebieden zijn vaak perfecte dwaalmilieus op steenworp afstand van de drukke(re) winkelstraten; voor de totaalbeleving van een (binnen-)stad echter cruciaal.

Over Jos Sentel

Plekverbeteraar Adviseren hoe plekken prachtig(er) en krachtig(er) te maken, dat is de dagelijkse praktijk van Jos Sentel. Hij baseert zich daarbij altijd op de specifieke context waarin de plek zich bevindt en maakt gebruik van inzichten verkregen door het analyseren van actuele ontwikkelingen en trends. Dit resulteert in een concrete vertaling naar ruimtelijke en programmatische randvoorwaarden. Je zou Jos een ‘plekverbeteraar’ kunnen noemen, met een passie voor bijzondere plekken en oog voor het plannen en organiseren van ondernemerschap. Met de paplepel heeft Jos Sentel het binnengekregen, dat gevoel voor de kansen voor ondernemerschap en de maakbaarheid van geslaagde plekken. Want hij is geboren en getogen boven de winkel van zijn ouders in de Dorpsstraat in Zoetermeer, de oorspronkelijke hoofdwinkelstraat in de latere groeikern. Studies bedrijfskunde en planologie hebben dat alleen maar versterkt. Hij heeft als ‘plekkenprofessional’ inmiddels over talloze projecten mogen adviseren. Op heel veel verschillende plaatsen in Nederland, maar ook in het buitenland. Rode draad is zonder uitzondering de uitdaging om telkens de pracht en kracht van een plek te definiëren. Als gedreven adviseur is zijn belangrijkste doel het delen van kennis over prachtige en krachtige plekken. Daarom werkt hij altijd vanuit een integrale aanpak die leidt tot een goed onderbouwde en robuuste visie.

Prince Street (SoHo) in New York (US) Het straatleven wordt ook in de VS natuurlijk gereguleerd met vergunningen, toch is het resultaat een soort chaos die prettig aanvoelt.

Mint mini Mal, Runstraat Amsterdam (NL) Achter een traditionele façade in een fysieke winkelomgeving gaat een eigentijds winkelconcept schuil waarin online en offline één zijn.

Dat bestaat nooit alleen uit oneliners. Wel levert hij een genuanceerd beeld over de volle breedte van een opgave. Als ware verbinder neemt hij mensen aan de hand en neemt ze mee in zijn denkwijze.

Hij

geeft,

als

een

kompas,

richting

aan

(her)ontwikkeling

van (binnen-)stedelijke locaties met multifunctionele programmering. Publieksgerichte functies (zoals winkels en horeca) zijn vaak de belangrijkste onderdelen van deze gebieden. Daar ligt dan ook zijn belangrijkste expertise. Hij schroomt niet om als een ware kennisexhibitionist alle relevante kennis van zichzelf, maar ook van anderen, te ontsluiten. Een flinke dosis nieuwsgierigheid – van nature alles willen weten, alles begrijpen en zoveel mogelijk zelf ervaren – helpt hem hierbij. Empathie is misschien wel zijn belangrijkste eigenschap. Communiceren met allerlei verschillende mensen die iets hebben met de plek is zijn sterke kant. Dat is cruciaal om de potentiële pracht en kracht ervan te begrijpen. Methoden zoals verhalen vangen, straat-o-logie en stadsjutten helpen daarbij. Jos zoekt oplossingen heel dicht bij de eindgebruiker, ‘hands on’ en als het nodig is buiten de gebaande paden. Jos is perfectionistisch. Net als zijn vader, die dagen kon besteden aan het inrichten van de perfecte etalage van zijn winkel. Een goede etalage verleidt immers de passant om binnen een kijkje te komen nemen en dat leidt niet zelden tot een transactie. Van Jos kan je altijd maatwerk


verwachten. Dit betekent niet stoppen tot alle details kloppen en het

Over ThirdPlace

verhaal compleet is. Werken met Jos brengt energie, kwaliteit, inspiratie

Bureau voor plekverbetering

en op punten verrassing in een project.

“Ik pak de inspiratie op en maak een plekgerichte vertaling.”

‘Third places’ zijn multifunctionele plekken in de stad met een hoge

Veel projecten beginnen bij een grondige analyse van de bestaande con-

belevingswaarde gericht op meerdere doelgroepen. Het bureau ThirdPlace

text en resulteren in een gedegen visie op de toekomst voor een bepaalde

heeft het denken over publieksgerichte plekken vanuit de gebruikers en

plek. De visie moet wel haalbaar zijn, want Jos heeft een broertje dood

de belevingswaarde vertaald naar een filosofie over de ontwikkeling en

aan luchtfietserij. Om met de metafoor van de giraffe te spreken: met je

programmering van (binnen-)stedelijke plekken.

hoofd in de wolken, maar met de benen op de grond.

ThirdPlace is continu bezig om via advies over programmering, openba-

Jos helpt vastgelopen projecten soms door niet meteen met antwoorden te

re ruimte en ontwerp diverse soorten publieksomgevingen prachtiger en

komen, maar eerst de juiste vragen te stellen. Hij helpt het team dan om

krachtiger te maken. Daarbij wordt altijd een connectie gezocht met de

een stapje terug te doen en van een afstand nog eens naar een project

(latent) aanwezige belevingswaarde, authenticiteit en ondernemerschap,

te kijken. Is de context van een plan in de tussentijd veranderd? Is

de factoren die intrinsiek bepalend zijn voor de pracht en kracht van

echt overal aan gedacht, zijn alle opties bekeken? Soms is het wenselijk

een plek.

om input van buitenaf te krijgen, als reality check of een extra boost inspiratie. Als motivator kan Jos op zo’n moment een team prikkelen om

ThirdPlace heeft een gevarieerd profiel qua diensten en producten om

opnieuw na te denken, te helpen dromen en hen weer in een andere groef

deze filosofie verder uit te dragen. Uitgangspunt is altijd een heldere

te krijgen.

visie op het functioneren en programmeren van, vaak bijzondere, plekken en gebouwen (o.a. binnensteden, winkelgebieden, campussen, high traffic

Om goed op de hoogte te blijven en veel prachtige en krachtige plekken

locaties zoals grotere stations e.d.). Meestal in Nederland, maar regel-

zelf te ervaren, reist Jos de hele wereld af op zoek naar plekken die hem

matig ook daarbuiten.

verrassen, maar vooral ook aan het denken zetten. De voorbeelden die in deze publicatie de revue passeren laten slechts een greep zien uit die

De werkwijze van ThirdPlace laat zich typeren als inhoudelijk gedreven,

reizen. Al die inspiratie neemt hij mee in zijn dagelijkse adviespraktijk.

analytisch en gericht op het leveren van vernieuwende inzichten. Visionair, conceptueel en innovatief zijn de kernwaarden van het bureau.

Netwerk ThirdPlace is geen traditioneel advies- of marktonderzoeksbureau, niet qua aanpak noch qua manier van rapporteren. In plaats daarvan is er — — — — — — — — — — — — — —

— — — — — — — — — — — — — —

— — — — — — — — — — — — — —

— — — — — — — — — — — — — —

— — — — — — — — — — — — — —

“Wat Jos uniek maakt, is dat

“Ik ken Jos al sinds het

“Jos is zorgvuldig en

“In het geval van Jos werk je

hij (al heel vroeg) besefte

einde van zijn studie en werk

integer. Hij is betrokken en

niet samen met een bureau,

dat het gaat om placemaking,

sindsdien op verschillende

empatisch en heeft een grote

maar met een persoon. Iemand

plekken creëren waar mensen

manieren met hem samen,

kennis van retail, met een

met veel kennis en ervaring,

— — — — — — — — — — — — — —

graag verpozen.”

als collega, concurrent,

zeer sterke internationale

maar ook iemand met wie het

Linda Kruit,

— — — — — — — — — — — — — —

— — — — — — — — — — — — — —

Jan Willem Weissink,

Arno Ruigrok, adjunct

CEO Corio Nederland

directeur Multi Vastgoed

— — — — — — — — — — — — — —

geloof in de kracht van het netwerk. Daarom is het mogelijk om – met inzet van partners – altijd maatwerk te leveren. Dit wordt de ‘best team approach’ genoemd waarbij elkaar aanvullende kennis en expertise tot de beste resultaten voor de opdrachtgever leiden.

— — — — — — — — — — — — — —

— — — — — — — — — — — — — —

— — — — — — — — — — — — — —

Pim van den Berg,

opdrachtgever of als

scope door zowel zijn

ontzettend prettig werken is.

oud-directeur NRW

+ + +

medebestuurder. We hebben

praktijk- als reiservaring

En dat laatste niet alleen

— — — — — — — — — — — — — —

— — — — — — — — — — — — — —

— — — — — — — — — — — — — —

— — — — — — — — — — — — — —

“Jos is per definitie een

onze ideeën en opvattingen

en een internationaal

omdat hij zo klantgericht

optimistisch en positief

aan elkaar kunnen scherpen;

netwerk. Jos heeft grote

is, maar ook gewoon aardig!

“Jos’ innovatieve ideeën

“Geen luchtfietserij, maar

“Jos is leergierig en een

we werken niet alleen samen,

Iemand met wie je kennis kunt

over aantrekkelijke

haalbare, maakbare planologie

“Jos is een vriend van me.

mens. Hij kiest ervoor om

affiniteit met stedelijke

enthousiasteling. Hij is

de positieve kant van het

maar hebben elkaar ook

vraagstukken en het gedrag

delen, zodanig dat die kennis

winkelomgevingen hebben

die past bij een moderne

We gaan ook samen op reis

geïnspireerd in ons werk.

van consumenten in de

zich vermeerdert en er extra

wereld waarin mensen graag

altijd op zoek en dat vind

verhaal te tonen, al ziet hij

mede richting gegeven

om bijzondere plekken te

ik heel goed! Hij beschikt

heus wel de bedreigingen. Hij

Bijzonder in de houding

resultaat ontstaat.”

besteden, maar dan ook wel

bekijken. Morgen stappen we

gebouwde omgeving. Hij weet

aan een andere manier van

waar voor hun geld willen

over tomeloze energie. Jos

benadrukt dat dingen moeten

van Jos is onder meer zijn

de brug te slaan tussen

denken over winkelcentra en

in het vliegtuig naar Detroit

winkelgebieden.”

en gaan we in vijf dagen

is emotioneel en gevoelig

veranderen, maar laat vooral

persoonlijke betrokkenheid

‘consument/bezoeker’,

hebben.”

vijf steden in de Verenigde

en tegelijk zeer ter zake

heel veel kansen zien in

en daar maakt hij ook

‘omgeving/vastgoed’ en

+ + +

Staten bekijken. Zo is Jos

kundig. Eigenlijk beschikt

plaats van de bedreigingen.”

geen geheim van. Door die

‘retail’.”

“Jos is een bron van kennis

en zo ben ik. Als we van die

hij over alles wat je

persoonlijke betrokkenheid

en altijd op de hoogte

reis terugkomen, zijn we

nodig hebt voor een goede

+ + +

op te diepen en expliciet

van de nieuwste trends en

bekaf. Maar we hebben dan ook

samenwerking.”

“Jos is altijd op tijd,

te maken, ontstaat extra

ontwikkelingen.”

duizenden beelden verzameld,

levert kwaliteit en is heel

diepgang en vertrouwen.”

gedreven.”

straatoloog, Perspectives

indrukken opgedaan en heel veel mensen ontmoet.”


Redactionele road trip langs derde plekken Tijdens de samenstelling van dit magazine, zijn Jos en ik telkens op een andere plek bij elkaar gekomen om de voortgang van het werk te bespreken. Die zogenaamde derde plekken zouden we aan den lijve gaan ondervinden.

ThirdPlace als adviseur

Richting Geven

[14 november 2012, Archibald Schimmelpenninck] De start van het project vond plaats onder het genot van een diner, niet ver van het station van Bussum. Daar stippelden we de globale route uit van ons gezamenlijke avontuur.

Vanwege de specifieke opvatting over het (commercieel) functioneren van plekken wordt ThirdPlace regelmatig gevraagd een professionele beoordeling te geven. Op basis van een breed (internationaal) referentiekader en uitgebreide kennis, wordt een gefundeerd oordeel geformuleerd over bestaande of nog te ontwikkelen projecten. In dergelijke trajecten gaat

[20 december 2012, De Wasserette] De eerstvolgende ontmoeting was in de Pijp in Amsterdam, een bewezen derde plek. Iedereen wil hier verpozen en als het even kan ook in deze buurt wonen en werken. De Wasserette is de wat merkwaardige naam voor een hele hippe koffiebar. We liepen nog een rondje door de buurt en het magazine begon vorm te krijgen.

het deels om kwantitatieve onderbouwing, maar het accent ligt dikwijls op het formuleren van een kwalitatieve visie. De ingrediënten voor prachtige en krachtige plekken, zoals gepresenteerd in hoofdstuk 3, vormen de basis voor het beoordelingskader.

ThirdPlace als conceptor Zoeken & Vinden ThirdPlace

combineert

ondernemerschap

en

creativiteit

met

[15 januari 2013, De Jopenkerk] Middenin de sabbatical van Jos vormt De Jopenkerk in Haarlem het decor voor een interview. Het fenomeen ‘micro brouwerij’ is in opkomst. Een plek voor de productie van bier, horeca (overdag en ’s avonds) en ontmoeting.

specifieke

marktkennis om haalbare vastgoedoplossingen te creëren gebaseerd op een gebouw, een locatie, een doelgroep of zelfs een thema. Het concept is van de stakeholders. Het is daarom belangrijk om conceptontwikkeling vooral als een proces te zien, waarin verschillende conceptuele scenaContact ThirdPlace / Jos Sentel T +31 35 7074500 / M +31 6 4633 2620 www.third-place.nl / info@third-place.nl twitter @ThirdPlace_REC

rio’s worden vervaardigd. Conceptontwikkeling is een zoektocht die moet leiden tot één of meer - haalbare - oplossingen. Denken buiten de kaders, inspiratie uit trends en discussie over alternatieve denkrichtingen zijn daarbij noodzakelijk. Het leiden van deze zoektochten is de ‘core business’ van ThirdPlace.

ThirdPlace als coach Delen & Leren ThirdPlace voelt zich als een vis in het water als gesprekspartner voor individuele professionals, teams of organisaties met ruimtelijk-economische opgaven. Kennis delen is één van de drijfveren van ThirdPlace, omdat juist door interactie tussen professionals de beste ideeën ontstaan. Via groepsgerichte - in company - sessies of individuele coachingstrajecten helpt ThirdPlace (jonge) vastgoedprofessionals te begrijpen wat visie, conceptontwikkeling en haalbaarheid met elkaar te maken hebben. Een bijzondere vorm van training en coaching vormen de (internationale) studiereizen. Deze reizen zijn altijd grotendeels inhoudelijk geprogrammeerd, maar wel met interactieve onderdelen zodat men gedwongen wordt een eigen

ThirdPlace als moderator Verbinden & Versnellen In projecten wordt dikwijls gewerkt via interactieve sessies, zoals work-

Voor een uitgebreid

shops en brainstormsessies. Het doel van dergelijke sessies is dat ze

portfolio en

een versnelling in de ideevorming teweeg brengen. Ze helpen ook om via

referentie-

de verbinding tussen de diverse stakeholders draagvlak te creëren voor de

projecten, kijk op

visie en de conceptuele scenario’s voor een specifieke plek. ThirdPlace

www.third-place.nl

neemt daarbij de verantwoordelijkheid voor de voorbereiding en stelt, op inhoudelijk vlak, kennis en expertise beschikbaar.

Colofon Tekst: Jos Sentel en Jeroen Mensink Samenstelling en redactie: Jeroen Mensink Fotografie: Jos Sentel, Tessa Sentel Ontwerp: Enchilada Druk: Pantheon Drukkers November 2013

beeld van de stad en zijn plekken te vormen.

Road trip

een resultante, afhankelijk van context, marktomstandigheden en ambities

[5 februari 2013, Le Pain Quotidien] In de Cornelis Schuytstraat (Oud-Zuid) dronken we koffie tussen de BN-ers. Langs de stoep alleen maar chique auto’s. Het etablissement blijkt deel van een buitenlandse keten, maar voelt toch authentiek. OudZuid maakt van alles en iedereen een succes, zo lijkt het. [12 maart 2013, IJ-kantine] Op vijftien minuten met de pont vanaf centraal station, in een volkomen andere wereld, troffen we elkaar in de IJ-kantine. Pal naast MTV Networks Benelux en de NDSM-werf in Amsterdam-Noord. Deze ochtend enkel zakelijk overleg aan de tafeltjes om ons heen. [17 mei 2013, Espressofabriek] Ook in de Vinexwijk IJburg hielden we overleg, niet alleen in de oude stad. Bij de Espressofabriek aan de IJburglaan staan enkele kleine koffietafeltjes, een grote leestafel en een paar luie stoelen. De barista is werkelijk vaardig, maar rechtvaardigt niet dat een cortado hier vier keer meer kost dan in Spanje (waar koffie drinken een verworven recht lijkt, onlosmakelijk verbonden is met het openbare leven en op iedere hoek van de straat voorhanden is). [14 juni 2013, Bagles & Beans] De Bijlmer mocht op deze redactionele trip niet ontbreken. Het werd Bagles & Beans in de Amsterdamse Poort. Een eye opener. Een aantrekkelijke openbare ruimte gecombineerd met een uniek winkelaanbod, waar we – met de kennis van nu – misschien niet bij een koffieketen hadden moeten neerstrijken, maar bij een authentieke plek ergens in de Shopperhal (de plaatselijke bazaar). Derde plekken zijn de plekken die je te binnen schieten als je de vraag stelt, waar zullen we afspreken? Je kan op derde plekken overleggen, je kan er even wachten of uitblazen. Of gewoon van een kopje koffie genieten en kijken naar de mensen die aan je voorbij trekken. Door deze inspirerende redactionele reis, heeft Jos mij anders naar mijn eigen stad laten kijken. Jeroen Mensink


www.third-place.nl

ThirdPlace Magazine #1  

In het afgelopen jaar heb ik samen met Jeroen Mensink [JAM*] gewerkt aan deze publicatie. Het is een hybride geworden: bedrijfspresentatie...