Page 1

2. Wie is Jezus (serie 1) Niveau: 6-9 jaar


1. Een wondermaal


les 1

1. Een wondermaal Hart

HethartvanJezus:Daarzitjijin!Hijisgekopje. Jouwhart:DaarwoontJezusin,zodatjijnooitalleenbent. Gek?Nee,wantopdezemanierkunjesupergelukkigzijnènkunjeallereuzen verslaan.

Deze les

-DekinderenwetendatJezusGodis.Hijlostproblemenop,hoegrootzeook zijn.EndatdoetHijopdeGodmanier. -DekinderenwetendatdeJezusuithetverhaalvantoen,nogsteedsdezelfdeis nu.Hijisonveranderlijk. -DekinderenwetendatJezushunvriendis.

Voorbereiding

B

1. inleiding

* Benodigdheden:Petmetdaarop‘jeeigennaam’,Pet metdaarop‘Jezus’,cd-spelerenkidsworship-cd. Indezeinleidinglegjeeenmooiebouwsteen:Jezus isonveranderlijk,wantHijisvandehemel.Daaromis hetzo’ngoedevriend.

-

“Deuitwerkingvan dezeleswaswaanzinnig.Vooralhet rollenspelendebrief vanGodnaarde kinderen.” Fanny,kinderwerker

2. Verhaal

* Benodigdheden:Verhaalplaat1,evtzoekzelfeenplaatjemetheelveelmensen(bijvoorbeeldeenvolvoetbalstadium). Vertelhetverhaal.ZorgervoordatdekinderendereactiesvandevriendenvanJezus goedbegrijpen.EnbelangrijkisdeproefbaresfeertussenJezusenzijnvrienden,want zezíjnvrienden! Doorbewusttijdenshetverhaaltegaanzittenenstaanbewust,brengjezonder moeitemeerdynamiekinjeverhaal.Probeermaar! Deplaatlaatjezienopmomentdatdebroodjesenvisjesinhetverhaalnaarvoren komen.Zorgdatdekinderendeplaattijdenshetverhaalblijvendkunnenzien.Dus:als jehemuitgeprinthebt:hanghemop.Dus:alsjeeenbeamergebruikt,laatdeplaat staan.

Wieisjezus(1),Niveau:6-9jaar,pagina2


* Benodigdheden: geen

Vragen die de kinderen helpen het verhaal te kunnen vertalen naar hun leven. Jezus is nog steeds dezelfde. Kort maar krachtig.

m

4. Verwerking De voor-als-ik-boos-of-verdrietig-ben brief

 ndersteunende informatie voor . 5. Okinderwerker * Matteüs 14 vers 14-21 * Marcus 6 vers 34-44 * Lucas 9 vers 11-17 * Johannes 6 vers 1-14 (Dit verhaal staat in alle vier de evangeliën) In deze eerste les van de serie Wie is Jezus, focussen we op het feit dat Jezus nu nog steeds dezelfde is als toen Hij op aarde was. Want Jezus is altijd dezelfde. Dat staat ook letterlijk in de Bijbel in Hebreeën 13 vers 8: Jezus Christus blijft dezelfde, gisteren, vandaag en tot in eeuwigheid.

“Twee kinderen door dwarse/stoere houding wat lastig waren, hebben uiteindelijk een hele gave brief van Jezus aan zichzelf geschreven met precies dat probleem wat hun zelf belemmerd in hun genieten. Echt gaaf om te zien wat je zaait nu gelijk al werd geoogst.”  Karen, kinderwerker

Sfeertip

Jezus neemt de kinderen heel serieus. Tip: Maak geen gebruik van sarcasme/grappen die de kinderen niet kunnen begrijpen.

De kinderen zullen de komende weken verhalen over Jezus gaan horen. Ze leren Hem zo kennen uit de Bijbel. Omdat ze weten dat Jezus NU nog steeds leeft èn dezelfde is, blijven de verhalen niet verhalen, maar zullen ze ook in hun dagelijkse leven Hem steeds meer zien en betrekken. Uiteraard is die koppeling maken topprio. In deze eerste serie van Wie is Jezus zal vooral benadrukt worden dat Jezus God is EN hun vriend. Als je dit allebei diep van binnen weet, ben je zo sterk als Jezus zelf. In deze serie worden de discipelen van Jezus dan ook steevast de vrienden van Jezus genoemd.

Wie is jezus (1), Niveau: 6-9 jaar, pagina 3

les 1

X

3. Verwerkingsvragen


B

1. Inleiding Start

Als je de les gaat starten kijk je de kinderen even goed aan. Vertel ze dat je het fijn vindt dat zij er zijn. Zeg: “En niet alleen ik vind het leuk, maar Iemand die altijd bij me is… vind dat het ook heel leuk dat jij er bent… (druk je hand tegen je hart). Dat is Jezus die in mijn hart woont.” Zet de muziek aan (of speel zelf) en zet een vrolijk beweegnummer in. Bijvoorbeeld Spring op en zing halleluja.

Rollenspel

Vertel de kinderen dat deze les het eerste verhaal verteld wordt van een nieuwe serie. Wijs naar de PLAAT Wie is Jezus 1 die op een mooie VASTE plek ergens hangt. Vertel: “We gaan de komende tijd luisteren naar verhalen over …. JEZUS. Jezus kan alles. Hij is God! Wat kan Hij bijvoorbeeld allemaal?” (praat er met de kinderen over) “Er is nog iets dat heel erg bijzonder is aan Jezus/ aan God. Iets dat heel erg anders is. Wij, ik, jij zijn van de aarde. Jezus is van de hemel. Dat is een enorm verschil! Dat ga ik je laten zien” Wijs een kind aan om je te helpen. Als het kind naast je staat begin je. Zeg: “HET IS OCHTEND.” Doe vervolgens een pet op met daarop [je eigen naam]: “Hé! Goedemorgen! Ik heb zo lekker geslapen! En wat ben jij een leuke gast zeg. Doe vervolgens een pet op met daarop Jezus. En zeg: “Hé! Goedemorgen! Wauw, wat ben jij geweldig.” Doe de pet weer af. Zeg: HET IS MIDDAG. Doe de pet op met je eigen naam. “Goedemiddag… ik heb net een onvoldoende gehaald… wat sta jij nou irritant te kijken! Doe normaal man!” Wissel de pet weer met daarop Jezus. En zeg: “Hé Goedemiddag! Wauw, wat ben jij een toffe gast zeg! Doe de pet weer af. Zeg: “HET IS AVOND. Doe de pet op met je eigen naam.” “Hé, ben je daar weer. JA sorry hoor van straks. Ik baalde gewoon. En dat reageerde ik af op jou. Terwijl jij gewoon een leuke gast bent. Ik ben nu wel weer wat meer blij. Goede avond!” Wissel de pet weer. En zeg: “Hé Goede avond! Wauw, wat ben jij gaaf! Vraag de kinderen: “Nou, wie heeft het verschil gehoord?”. Wie is de meest relaxte vriend om te hebben. > Laat kinderen reageren. Concludeer: “Aha… Jezus is altijd hetzelfde: blij met jou. En ik verander nogal eens. Dan weer blij, soms even verdrietig of boos.”

Wie is jezus (1), Niveau: 6-9 jaar, pagina 4

les 1

De Les


Tijdvoorhetverhaal!Jezusisnogsteedsnietveranderd,dusluistergoed…want zoalsHijtoenwasopaarde,zoisHijnunogsteeds!

- 2. Verhaal Wondermaal

Moetjeeenskijken!Watzijnerveelmensen!DevriendenvandeHereJezuskijken naardeenormegrotegroep.Eventellen:1,2,3,4,….Algauwzijnzedetelkwijt. Hetzijnwelmeerdan1000mensen!Ja,welmeerdan10.000. DeHereJezuszietdemensenook.Enoh,wathoudtHijverschrikkelijkveelvanze. BlijwandeltHijtussendemensendoor.Hetisgezelligenfijn.EnondertussenverteltHijdemensenoverPappaGodindehemel.JezusverteltdatdeHereGodwildat iedereenweetdatHijvandemensenhoudtengoedvoorzewilzorgen.Enhoegroot ofhoekleindemensenzijn,allemaalzijnzeverrastdatGodzogoedis.Dathaddenze nognooitzogehoord.Ja,Jezusverteltzeechtwatnieuws. OpeensbuigtJezusnaareenmeisjetoe.Iedereenwordtstil,wantwatzouJezustegen datmeisjezeggen…“SSSST,stil!”roepeneenpaargrotejongens.Jezuszegtzachtjes:“LieveSara,Godvindtjouzomooienzolief!”Saraspringtvrolijkop!Zeiser helemaalblijvan! Kijk,daarkruiptiemandnaarJezustoe…Oh,waterg…Zijnbeenislam,Hijkanniet lopen!Jezushelptdemanovereindenzegt:“Wordgezond!”EnWOW!Kijk,demande kanopeensweerlopen!Wow…Jezusmaakthemgezond.DatkanHij,wantJezusis nietzomaarIemand.JezushoortbijGod.JezusisGod. EnzolooptJezusdeheledagtussenaldieduizendenmensendoor.Iedereeniszo graagbijJezus…datzedetijdhelemaalvergeten.Maargelukkigzijndevriendenvan Jezusdatnietvergeten.ZegevenJezuseveneenseintje:“Jezus,hetislaataanhet worden.Alsdemensenmoetennunaarhuisgaan,wantanderskunnenzegeeneten meerkopenenkoken.”Jezuskijktvrolijkom,“weetjewat,”zegtHij,“westurenze nietweg.Latenwe‘samen’eten!” DevriendenvanJezuskrijgengroteogen.WatzegtJezusnu.HeeftHijsomsnietdoor hoeverschrikkelijkveelmensenerzijn.EnJezuszegt:“Ja,datgaanwedoen.Gaan

Wieisjezus(1),Niveau:6-9jaar,pagina5

les 1

“Datiseenmegabelangrijkverschildus:Mensenzijnvandeaarde…dieveranderen deheletijd.Jezusisvandehemel…dieisaltijdhetzelfde.” “WaaromishetdanzofijnomJezusalsvriendtehebben?”>Laatkinderenreageren: Omdatdiealtijdblijmetjeisendatverandertnooit.


Na een tijdje zoeken, komen ze allemaal terug. Ze Laat de plaat zien. laten hun handen zien. “Nee, wij hebben niks.” Alleen Andreas heeft een jongetje gevonden die wat eten bij zich had. Het zijn vijf broodjes en twee vissen om precies te zijn. De mannen kijken ernaar en Filippus mompelt: “Hmmm, tja, dat is echt veel te weinig.” Maar Jezus… Die is er blij mee. Hij knikt naar zijn vrienden en zegt: “Doe maar wat Ik zeg,” zegt Jezus. “Laat iedereen op het gras gaan zitten in groepen van ongeveer vijftig mensen.” De vrienden gaan aan de slag. Wat zou Jezus gaan doen? Ze zijn nieuwsgierig. De here Jezus kan alles. Dat weten ze. Jezus is God. Maar wat zou Jezus kunnen doen met maar vijf broodjes en twee visjes?... Na een tijdje zit iedereen in groepjes. Jezus staat op en pakt de broodjes en de visjes. Iedereen wordt stil en kijkt naar Jezus. Hij houdt het eten omhoog en kijkt naar hemel en dankt Papa God voor het eten. Hij zegent het en dan breekt Hij een stuk brood af. En nog een stuk. En nog een stuk… en nog een stuk… en huh…nog een stuk?… Ja! Nóg een stuk… en, en nog een stuk! Jezus blíjft maar breken! En ook de vis verdeelt Hij. Maar hoe kan dat nou?! Het lijkt wel alsof het niet opgaat! De vrienden van Jezus brengen de stukken brood en vis naar de mensen toe. Ze zijn er helemaal beduusd van. Want… Hun vriend Jezus zorgt zomaar eventjes… dat ‘10.000 mensen’ heel lekker kunnen eten… En dat terwijl Hij veel te weinig eten had! Maar vijf broodjes en twee visjes! Filippus zegt tegen Andreas: “Sjonge, Jezus heeft iets gedaan wat alleen God kan.” Andreas is het met hem eens: “Ja, het is een heus wondermaal geworden.” Maar het wordt nog mooier… Want na een tijdje als iedereen zijn buik vol heeft, zegt Jezus: “Hey vrienden, halen jullie het eten op dat over is?” Andreas roept: “Het eten dat ‘over’ is?” De mannen springen op. Zou er ook nog eten over zijn? Even later komen ze heel hard lachend terug. Ze hebben twaalf grote volle manden met brood en vis bij zich. HAHAHA, Jezus heeft meer dan tienduizend mensen te eten gegeven! En mer is nog heeeel veel over! Jezus ziet ze lachen, en lacht ook mee. Tjonge jonge…. Wat hebben zij een bijzondere dag beleeft. Jezus zorgde voor een wondermaal… Tjonge jonge…

Wie is jezus (1), Niveau: 6-9 jaar, pagina 6

les 1

jullie dat maar regelen,” Huh! Maar dat kan toch niet! De ogen van de vrienden worden nog groter. En zelfs hun mond valt even open. Ze kijken naar elkaar en dan daar al die duizenden mensen… Dan moeten ze lachen. “Hahaha! Wat een goeie grap van Jezus!” Filippus kijkt Jezus ook lachend aan: “Jezus, U maakt toch een grapje?! Want, we hebben best wat geld bij ons, maar dat is nooit genoeg om voor al die mensen eten te kopen!” Maar Jezus zegt: “Nee, we gaan het ook anders doen. Gaan jullie maar eens kijken of er mensen zijn die eten hebben meegenomen” De mannen moeten nog steeds een beetje lachen, maar toch doen ze wat Jezus zegt. “Zou Jezus echt al deze mensen te eten kunnen geven?”


1. Wat een bijzonder verhaal hè! Zou jij ook gelachen hebben net zoals de vrienden van Jezus?

1. Laat de kinderen reageren.

2. Waarom denk jij dat Jezus niet wilde dat de mensen met een lege maag weg gingen?

2. Omdat Jezus goed voor mensen wil zorgen. Hij houdt van mensen.

3. Hoe kan het, dat Jezus van maar 5 broodjes en 2 visjes zoooooooveeeeeel mensen te eten kon geven? Dat is toch onmogelijk voor mensen?

3. Omdat Jezus God is!

4. Jezus zorgt ook voor ons. Voor jou. Want Hij vindt jou ook geweldig! Wat denk je, zou Hij jou ook helpen als er een probleem is? Of iets anders?

4. Ja! Want Jezus is nog steeds  dezelfde!

5. Even een checkvraagje. Vindt Jezus jou over 1 jaar nog steeds geweldig? En over 5 jaar? En over 20 jaar? En als je opa of oma bent?

5. Ja, ja, ja, ja, ja‌ Want Jezus  verandert nooit!

Wie is jezus (1), Niveau: 6-9 jaar, pagina 7

les 1

X 3. Verwerkingsvragen


De voor-als-ik-boos-of-verdrietig-ben brief * Benodigdheden: Pennen, mooi schrijfpapier, enveloppen. Zorg altijd dat je les niet hoeft te haperen vanwege organisatorische * Voorbereiden:  puntjes. Dus zorg dat alles klaar staat en je in een beweging door kunt. Zo heb en hou je alle aandacht voor de kinderen. “Schrijf een brief (of als je nog niet kunt schrijven: maak een tekening op * Opdracht:  de brief) van Jezus aan jou. Als je een probleem hebt, waardoor je verdrietig bent of boos, dan kun je deze brief pakken. En je zult merken dat je dan vanzelf weer blij wordt.” “Bedenk je dus: Wat zou Jezus tegen jou zeggen als je verdrietig bent? Of als je boos bent? Schrijf het zo netjes mogelijk. Ben je klaar maak dan de envelop ook mooi en schrijf er op: ‘Voor als ik boos of verdrietig ben…’ EN je naam.” “Plak de envelop niet dicht, want dan gaat de envelop stuk als je hem openmaakt. Je wilt hem vast vaker gebruiken.” Zijn de kinderen klaar en is er nog tijd om wat anders te doen? Verzamel de enveloppen dan. Check dan zeker even of de naam van het kind erop staat.

5. Sluit de les af Sluit de les af rustig in de kring. Pak de stapel enveloppen en bespreek met de kinderen wat een goede plek is om de brief te bewaren. In je eigen kamer, onder je bed bijvoorbeeld. Daarna doe je je handen zegenend omhoog en zeg je: “Kinderen, jullie zijn kinderen die nooit alleen zijn. Want je hebt een vriend die altijd bij je is. Niet zomaar een vriend… maar eentje die alles aan kan! Grote problemen of kleine problemen. Want jouw vriend is Jezus. Ik zegen jou dat als je vanavond op bed gaat liggen even bedenkt in je hart… Ja, Mijn vriend Jezus is ook nu bij mij. En dat je zo een hele gave week in gaat!”

Wie is jezus (1), Niveau: 6-9 jaar, pagina 8

les 1

m

4. Verwerking

Schitter - Wie is jezus 1 (6-9) jaar  

Nieuwe kinderwerkmethode, ontwikkeld door Stichting Jong en Vrij. Dit is een sample les van de leeftijdsgroep 6-9 jaar.

Advertisement