Issuu on Google+

OverDWARS #2 / 2009


Hoofdredactioneel

2

Door Harmen van der Veer Nu Barack Obama president is van de Verenigde Staten lijkt er een eind gekomen aan de politiek van angst en terreur. Een Romeinse politiek denker heeft ooit gezegd dat ten tijde van oorlog de wetten stilvallen. Nu het wapengekletter over is (sterker nog: de Verenigde Staten gaan zich weer volop inzetten voor nucleaire ontwapening), lijkt er ook een eind gekomen aan de wetteloosheid waarmee het Amerikaanse militaire apparaat zich bediende. Eindelijk – verandering! Binnen de OverDWARS gaan er ook een aantal zaken veranderen. Toegegeven, nucleaire ontwapening spreekt iets meer tot de verbeelding dan veranderingen binnen het ledenblad van DWARS, maar de OverDWARS is een blad dat veel teweeg brengt. Dat bleek eens te meer tijdens de verhitte strijd rond het hoofdredacteurschap (zie “Voorjaarscongres”) dat uiteindelijk met een unicum beslecht werd: door het opgooien van een muntje. Niet een unicum waar ik trots op ben, want een meer overtuigend mandaat van het congres geeft een positieve stimulans. Toch ga ik me het komend jaar inzetten voor een nog mooier, nog beter en nog DWARS’er blad. Wat gaat er veranderen? De meest in het oog springende verandering zal de opmaak van het blad zijn. Met onze ontwerper, die zich al bijna twee jaar geheel belangeloos inzet, gaan we wederom een sprong voorwaarts maken. Maar dat is niet het enige. We willen toe naar een meer dynamisch platform waarbij leden meer betrokken zijn bij de inhoud en de discussie. Om de discussie aan te wakkeren zullen we de mogelijkheden die het internet biedt beter inzetten, meer artikelen plaatsen van leden en gaan werken met een groter team van verslaggevers. Een verslaggever voor de OverDWARS schrijft met enige regelmaat artikelen, maar komt niet standaard naar de redactievergaderingen. Lijkt het je wél leuk om te schrijven maar heb je niet genoeg tijd om tweewekelijks te vergaderen? Reageer dan nu om lid te worden van het verslaggeversteam. Het congres van DWARS is in Rotterdam gehouden. Graag wil ik deze hoofdredactioneel dan ook gepast eindigen: Ik heb er zin an! Op onze website, die binnenkort geheel aangepakt wordt, verschijnt een uitgebreider beleidsplan voor 2009. Volg ‘m op www.OverDWARS.org! harmen@overdwars.org


inhoud en colofon

Gezocht: vrolijke, jonge, groene en sociale idealist (m/v) DWARS zoekt nieuwe bestuursleden met groene en sociale idealen. Ben jij bereid een jaar lang een bestuursfunctie te vervullen en je in te zetten voor een groene en sociale wereld? Stuur dan een korte motivatie met daarin wie je bent, wat je wil doen en waarom je dat wil doen naar kaci@dwars.org. Wil je eerst wat informatie hebben over de te verdelen functies, wat ze precies inhouden en wat wij van jou als bestuurslid verwachten kijk dan op www.dwars.org of stuur een e-mail naar kaci@dwars.org voor een informatiefolder.

Politiek en cultureel tijdschrift OverDWARS is een uitgave van DWARS. OverDWARS verschijnt circa zes maal per jaar en wordt gratis verstuurd aan DWARS-leden en donateurs. Voor het aanvragen van een verslaggever, het insturen van artikelen of ideeën kun je contact opnemen met Harmen van der Veer (harmen@overdwars.org). De redactie: Harmen van der Veer (hoofdredacteur): harmen@overdwars.org / Reinout Schreuders (adjunct): reinout@overdwars.org / Foeke Noppert (eindredacteur): foeke@overdwars.org / Walter de Boer: walter@overdwars.org / Suzan van der Vlies: suzan@overdwars.org. De gehele redactie is in één keer bereikbaar via redactie@overdwars.org. Vormgeving: Johan Nijhoff: johan.nijhoff@gmail.com Verder werkten aan dit nummer mee: Niels van den Berge: niels.vandenberge@wur.nl / Vincent Kagie: vincentkagie@online.nl / Jesse Klaver: jesse@dwars.org / Judith Meinetten: judith.meinetten@gmail.com / Simon Otjes: simon@dwars.org / Tara Scally: tarascally@hotmail. com / Socrates Schouten: socrates@endoria.nl / Esther Tienstra: esther@dwars.org / Mieke van der Vegt: mieke@dwars.org / Richard van de Westen: richardwesten@gmail.com

3

4 van de voorzitter 5 Voorjaarscongres 6 De NAVO eruit en mensenrechten, democratie en vrede erin 10 de overdwars top x 12 Deel 2: hoe word ik raadslid? 14 bas eickhout 17 Hoe werkt het Europees Parlement echt? 20 duitsland 22 column 23 beeldcolumn 24 voorstellen: bestuur 28 waarom wij tegen ons verkiezingsprogramma stemden 30 no to war! no to nato 34 adressengids

Kopij voor nummer 3-2009 dient voor 15 juli 2009 binnen te zijn. Dit kan zowel via ons postadres als via ons emailadres. DWARS, GroenLinkse Jongeren Oudegracht 229 3511 NJ Utrecht 030-2333263 De redactie heeft getracht van alle beeldmaterialen de rechthebbenden te achterhalen. In gevallen waarin dit niet is gelukt, alsmede gevallen waarin gepubliceerde artikelen u onrechtmatig voorkomen, wordt u verzocht contact op te nemen. OverDWARS behoudt zich uiteraard het recht voor om ingezonden artikelen in te korten en/of te wijzigen, of publicatie te weigeren. De artikelen geschreven door redactieleden en bestuursleden op titel worden verspreidt onder de Creative Commons AttributionShare Alikelicentie. Dit houdt onder meer in dat het werk gekopieerd, verspreid en bewerkt mag worden. De volledige, juridisch bindende, voorwaarden zijn te vinden op http://creativecommons.org/licenses/by-sa/3.0/nl/. Aan artikelen, foto’s, illustraties en overige uitingen die niet gemaakt zijn door bestuur- of redactieleden vallen de auteursrechten onverminderd deel aan de auteurs.


VAN DE VOORZITTER

4

Door Jesse Klaver In het weekend van 28 en 29 maart hield DWARS haar traditionele voorjaarscongres. Dit jaar in Rotterdam. Het was voor mij om twee redenen een bijzonder congres. Het eerste punt is vrij persoonlijk. Ik was herkiesbaar als voorzitter en ben erg blij en dankbaar dat de leden hun vertrouwen in mij bevestigd hebben. Het was ook mijn laatste voorjaarscongres als bestuurslid, omdat ik heb aangegeven over een half jaar plaats te maken voor vers bloed. Het tweede punt betrof de opkomst. Er waren veel nieuwe gezichten te zien. Evenzo opvallend: veel jonge GroenLinksers, die dat weekend lid zijn geworden van DWARS. Als voorzitter van de jongerenorganisatie van GroenLinks, doet dat mij uiteraard goed. Vervult het me zelfs met trots. Nieuwe leden die niet alleen de sfeer komen proeven of hun mening komen uiten, maar die boven alles bepaalde talenten met zich meedragen. De jongeren die ik op het congres gesignaleerd heb, zijn daarom bij DWARS op de juiste plaats. Ruwe kristallen krijgen bij ons de mogelijkheid zich te slijpen tot glanzende stenen. Om later binnen of buiten de politiek te excelleren en de kennis en vaardigheden te benutten die ze bij DWARS hebben opgedaan. Om al hun dromen en idealen te verwezenlijken. Vervolgens is het aan GroenLinks om deze talenten ook de kans te geven een wezenlijke bijdrage te leveren aan GroenLinks. Om hen de partij mede vorm te laten geven. Het is goed om te zien hoe dit wordt opgepakt. Onze moederpartij verdient hiervoor een groot compliment. Zij herkent jonge talenten snel en geeft hen ook de mogelijkheid om zich verder te ontwikkelen. Dankzij het jong

en actiefprogramma worden jongeren geschoold en geholpen en kan tevens van hun kwaliteiten, netwerk en capaciteiten gebruik gemaakt worden. Een win-winsituatie. Het is geweldig om te zien dat de talenten die DWARS aflevert niet in het niets verdwijnen. Steeds meer DWARSers duiken op binnen de partijorganisatie van GroenLinks. Of op andere sleutelposities, bij bijvoorbeeld de overheid of NGO’s. In het campagneteam voor de Europese verkiezingen bijvoorbeeld, zitten maar liefst drie DWARSers. Mieke van der Vegt, Toine van de Ven en Niels van de Berge. Deze laatste is tevens de nummer vier op de lijst voor de Europese verkiezingen, en vormt samen met Rogier Elshout op nummer zes een sterke DWARSe tandem, op een lijst die sowieso al de jongste is van alle Nederlandse partijen. Met een gemiddelde leeftijd van 32 jaar in de top tien, volgen het CDA (48), SP (38) en de PvdA (52) op respectabele afstand. Deze positieve ontwikkelingen maken dit DWARSbestuur nog vastbeslotener om door te gaan met het uitbouwen van het scholingsaanbod en ontwikkelingskansen voor haar leden. Dit jaar zijn de workshops en masterclass van de DWARS-academy aangevuld met bezoeken aan inspirerende organisaties en bedrijven. Zo staat er voor 10 mei weer een scholingsweekend op het programma, waarin deze keer er de focus zal liggen op de gemeenteraadsverkiezingen van 2010. Heb jij lokale ambities of ben je gewoon nieuwsgierig? Meld je dan snel aan via de site. We zien je graag terug bij DWARS. jesse@dwars.org


Congres

5

Voorjaarscongres Door Anthony van Broekhuizen Op zaterdag 28 en zondag 29 maart organiseerde DWARS haar halfjaarlijkse congres, ditmaal in Rotterdam. Traditiegetrouw heeft elk congres een thema en was dit keer gekozen voor het thema vrijheid. Hoe ziet zo’n congres eruit? De twee dagen worden gevuld met een mix van serieuze zaken, zoals de bestuursverantwoordingen en moties, en met leuke activiteiten als een actie en interessante debatten. Binnen DWARS wordt veel waarde gehecht aan een zo horizontaal mogelijke organisatie. Dit betekent dat elk lid, ongeacht hoe lang al actief, zijn mening kan uiten en vragen kan stellen. Dat de bestuursverantwoordingen daarom steevast uitlopen, wordt door weinig congresbezoekers als vervelend ervaren. Na de verantwoordingen was er tijd voor de lunch en de actie: een weggeefwinkel in de bekende “koopgoot” (ondergronds winkelcentrum) van Rotterdam. Nadat een hoop spulletjes gratis van eigenaar was gewisseld, moest er weer serieus gepraat worden over moties. Een motie is een uitspraak van het congres waarin het bestuur gevraagd wordt over te gaan tot handelen, bijvoorbeeld om meer aandacht te vragen voor bepaalde onderwerpen of om iets te verdedigen bij GroenLinks. Na een veganistische maaltijd brak de tijd aan voor het inhoudelijk debat. Helaas kon Tweede Kamerlid Fred Teeven (VVD) niet aanwezig zjin, maar dat mocht de pret niet drukken. GroenLinks-senator Tineke Strik beantwoordde vragen uit de zaal over privacy en vrijheid. Na een voordracht van dichter Sieger kon het feest losbarsten. Toen brak de zondagochtend aan in de jeugdherberg waar een kleine veertig DWARS’ers verwoede pogingen deden om wakker te blijven – met veel koffie en een stevig ontbijt. Een uur later dan gepland (zou

dit komen door de wisseling naar de zomertijd?) kwamen we weer aan in het Poortgebouw waar het congres georganiseerd werd. Na een aantal formele zaken brak het belangrijkste moment voor veel bezoekers aan: de bestuursverkiezingen. Op één bestuurspost na wist de kandidatencommissie een prachtig nieuw team van bestuursleden voor te stellen. Alle kandidaten zijn dan ook met overweldigende meerderheid verkozen voor hun posten. Zij stellen zich verderop in deze uitgave van OverDWARS voor. Er was nog één post onverkozen: die van hoofdredacteur van dit blad. Na een felle, scherpe maar vriendelijke discussie tussen de twee kandidaten werd er op vragen uit de zaal gereageerd. Centraal bij de vragen stond het gebruik van internet om de leden meer bij het blad te betrekken. Na de vragen was het tijd om te gaan stemmen. Dit leidde tot de situatie waarbij geen van de kandidaten voldoende stemmen wist te halen, waardoor een herstemming nodig was. Dit leidde tot een voor DWARS unieke situatie: gelijkspel. De statuten zeggen dat in dit soort gevallen de winnaar via het lot aangewezen moet worden. De beide kandidaten trokken zich voor een paar minuten terug om te kijken of samenwerken een mogelijkheid was, maar dit bleek niet voldoende het geval te zijn om samen door te gaan. Dagvoorzitter Simon Otjes gooide hierop een Italiaanse euromunt op waarbij de keuze was tussen de filosoof Dante of de Europa-zijde van de munt. Op deze manier werd Harmen van der Veer, zittend hoofdredacteur, opnieuw benoemd. Na deze unieke gebeurtenis brak de tijd aan om te gaan borrelen en de dag door te spreken. Het congres was weer een geslaagde dag om nieuwe en oude leden met elkaar in gesprek te laten gaan. Alle nieuwe leden kan ik aanraden om bij het volgende congres langs te komen, het is echt een bijzondere en leuke ervaring!


Internationaal

6

De NAVO eruit en mensenrechten, democratie en vrede erin: Een toekomst voor de Europese veiligheidsorganisatie Door Toine van de Ven

De Noord-Atlantische Verdragsorganisatie (NAVO) werd in 1949 opgericht als tegenkracht tegen de Sovjet-Unie en de staten in diens invloedssfeer. Het belangrijkste onderdeel van dit bondgenootschap is artikel 5 van het Verdrag van Washington, waarin wordt verklaard dat een aanval op een van de leden zal worden beschouwd als een aanval op allen. Aangezien de doctrine van de NAVO zich in de praktijk enkel richtte op het rode gevaar uit het oosten, is met de val van de Berlijnse Muur in 1989 de belangrijkste reden van bestaan verdwenen. Voor de NAVO begon een moeizaam proces van verandering, een zoektocht naar een nieuw doel en taken. Hierbij werden politieke en diplomatieke taken aan de organisatie toegevoegd, maar het militaire karakter blijft voorop staan. Daarmee is de NAVO nog steeds een relikwie van de Koude Oorlog dat is gebaseerd op een sterk militair apparaat in plaats van op diplomatie.Voor een betere toekomst zou de NAVO moeten worden ontmanteld en de politiek-militaire tak van de Europese Unie (EU) moeten worden versterkt.

De NAVO als dominante veiligheidsorganisatie Uitgangspunten van zowel DWARS als GroenLinks zijn solidariteit en internationale rechtsorde. In het Politiek programma 2025: DWARSE voorstellen voor de toekomst wordt de prioriteit gelegd bij mensenrechten, armoedebestrijding en vredeshandhaving. En dan wel op een vreedzame wijze. Daarmee wordt nadrukkelijk niet gekozen voor wat GroenLinks het ‘nieuw militarisme’ noemt: militair optreden verborgen achter termen als wederopbouw en humaniteit. Gewapend optreden kan alleen als alle andere middelen zijn ingezet en geen resultaat hebben gehad. Als je net als DWARS en GroenLinks ervoor kiest om de nadruk te leggen op mensenrechten, democratie en vrede, dan kies je voor Europa. Hét wapen van de EU is soft power. Als handelsblok is de EU één van de grootste spelers in de internationale handelsbetrekkingen en tevens de grootste gever van ontwikkelingshulp ter wereld. Deze middelen kunnen worden ingezet om hervormingen af te dwingen. Het wapen van de NAVO is nog steeds het sterke militaire apparaat.


7


8 Organisaties hebben het talent om, als ze eenmaal bestaan, te blijven overleven en perfect uit te leggen waarom ze nog een functie hebben, maar het aanpassen van een organisatie aan een nieuwe realiteit is ingewikkeld. Uitgangspunt van de NAVO blijft hard power. Maar ondanks dat de NAVO een overblijfsel van een andere tijd is, kan nog steeds worden gesteld dat het de dominante veiligheidsorganisatie van Europa is. Decennialang heeft het bestaan van de NAVO een serieuze politiek-militaire samenwerking in EU-verband in de weg gestaan. Hoewel de lidstaten al sinds 1957 samenwerken op economisch, sociaal en juridisch vlak, kwam de politieke samenwerking pas in 1993 echt op gang. Pas tijdens de intergouvernementele conferentie, afgesloten met het Verdrag van Maastricht, ontstond een nieuwe pilaar: het gemeenschappelijk buitenlands en veiligheidsbeleid (GBVB). Eerdere initiatieven zoals de Europese Politieke Samenwerking (EPS) waren passief en weinig succesvol. De verdere ontwikkeling van het GBVB is echter tot op de dag van vandaag een moeizaam proces, waarbij elke stap het resultaat is van het invullen van kleine politieke ruimtes na nieuwe onderhandelingen en interne en externe gebeurtenissen. Veel Europese regeringen – waaronder zeker ook de Nederlandse – zijn bang de Atlantische band te beschadigen. Hoewel van de oude spreuk ‘De Russen eruit, de Amerikanen erin en de Duitsers eronder’ enkel de ‘Amerikanen erin’ nog echt van toepassing lijkt te zijn, blijven vele regeringen vasthouden aan de NAVO. De lidstaten van de EU kunnen dan ook worden ingedeeld in drie groepen: de neutralen, de Atlantici en de Europeanen. De neutralen – onder andere Ierland, Finland, Zweden en Oostenrijk – zijn zeer terughoudend voor politiek-militaire samenwerking. Dat zijn de Atlantici ook, maar om andere redenen. De Atlantici – onder andere GrootBrittannië en Nederland – plaatsen de trans-Atlantische band met de VS boven Europese militaire samenwerking. Europese initiatieven moeten de NAVO versterken en niet dienen als een alternatief voor de NAVO. De Europeanen – voornamelijk Frankrijk – staan daar lijnrecht tegenover. Ondanks de recente herintreding van Frankrijk in de militaire structuur van de NAVO, willen de Fransen het liefst dat de EU op zijn eigen benen kan staan zonder dat noodzakelijk moet worden samengewerkt of geconsulteerd met de NAVO.

Het Europese alternatief Sinds 1993 is het GBVB geleidelijk ontwikkeld. Het belangrijkste onderdeel voor conflictpreventie is de ontwikkeling van het Europees Veiligheids- en Defensiebeleid (EVDB). In het Verdrag van Amsterdam uit 1997 werden verschillende peacekeeping operaties – de zogenaamde Petersberg taken – overgeheveld van de West-Europese Unie naar het EVDB. Een jaar later gaven Frankrijk en Groot-Brittannië in een gezamenlijke verklaring

op St. Malo aan belang te hechten aan de versterking van het EVDB. In 2003 zag de eerste Europese Veiligheidsstrategie het licht. Begin jaren negentig kon de EU nog worden gekarakteriseerd als “(…) an economic power, a humanitarian Goliath, a political dwarf and a military worm.” Midden jaren 2000 is de EU nog steeds geen militaire gigant, maar is het ook niet langer een dwerg of worm. Door militaire middelen toe te voegen aan de economische en diplomatieke middelen van de EU, ontwikkeld de EU een meer alomvattend kader voor externe relaties. Om met de woorden van voormalig secretaris-generaal van de Verenigde Naties (VN) Kofi Annan te spreken; “You can do a lot with diplomacy, but of course you can do a lot more with diplomacy backed up by firmness and force.” De EU werkt dus ook aan zijn hard power, waarom dan toch de keuze voor de NAVO? Zelfs met het versterken van het GBVB met militaire middelen, blijft de EU in zijn civiele traditie staan. De EU voelt zich nog steeds het meest op haar gemak bij het gebruiken van economische en diplomatieke middelen en blijft voorzichtig met het gebruik van hard power. Dat heeft vanzelfsprekend ook deels te maken met het gat tussen de verwachtingen en de capaciteit, maar in de huidige operaties is de civiele insteek goed zichtbaar. Nadat het EVDB in december 2001 operationeel is verklaard in de verklaring van Laken, heeft de EU in de periode van 2002 tot eind 2007 besloten over te gaan twintig vredesoperaties. Zo is de EU onder andere actief in Bosnië-Herzegovina, Kosovo, de Palestijnse Gebieden, Irak, de Democratische Republiek Congo en Afghanistan. In al deze twintig operaties opereert de EU op basis van een (internationaal)


9 Deze gegevens versterken het idee dat de EU in een civiele traditie staat. Ook is die civiele traditie veel beter gewaarborgd bij de EU. Een omissie in het GBVB/EVDB is de minimale rol van het Europees Parlement, maar in zowel de organisatiestructuur als de besluitvorming zijn militaire adviseurs ondergeschikt aan burgerdeskundigen en vertegenwoordigers van de lidstaten. Een zeer duidelijke uiteenzetting van de instituten en de besluitvorming binnen het EVDB is het rapport van Bjรถrkdahl en Strรถmvik van het Danish Institute for International Studies (2008).

Een visie voor de toekomst Kortom, de NAVO is een relikwie dat met veel moeite probeert om civiele middelen toe te voegen aan zijn krachtige hard power, terwijl de EU sterk is in soft power, in een civiele traditie staat en voorzichtig is met het gebruik van militaire middelen. Mensenrechten, democratie en vrede leg je niet op met militaire middelen, maar met civiele middelen. Soms zijn militaire middelen daarbij noodzakelijk, maar dan moet wel de juiste weg worden bewandeld. Het forum voor vraagstukken over militair optreden is de VN. Uni- of multilateraal optreden zonder een VN-mandaat moet veroordeeld worden. Ook is het kiezen voor een Europese veiligheidsorganisatie in plaats van voor de NAVO geen keuze tegen de VS. Het is zeer verstandig om als Europese veiligheidsorganisatie goede banden te onderhouden met de VS, maar zeker ook met de Afrikaanse Unie en andere veiligheidsorganisaties. Het is een keuze om internationale samenwerking op te bouwen met andere regionale veiligheidsorganisaties die civiele middelen hoog in het vaandel hebben staan.

vredesverdrag (75%), een resolutie van de VN Veiligheidsraad (75%) of toestemming en/of op verzoek van het gastland (85%). De EU heeft in deze periode nooit geopereerd zonder een VN resolutie en/of toestemming van het gastland. Bij de zes militaire operaties scoort de EU zelfs honderd procent bij de variabele resolutie van de VN Veiligheidsraad.

Voor een betere toekomst zou de NAVO moeten worden vervangen door een Europese veiligheidsorganisatie. De erfenis van de Koude Oorlog moet worden afgeschud en vervangen door het civiele alternatief. Mensenrechten, democratie en vrede moeten centraal komen te staan. Dat zijn idealen die je niet bereikt door te focussen op militaire middelen. Dat deze idealen niet zo maar af te dwingen of op te leggen zijn, zien we nog elke dag in Afghanistan en Irak. toine@dwars.org Illustratie: Floris Schrama / florisschrama@gmail.com


TOP X

10

De OverDWARS TOP X Genomineerde kandidaten:

#1 Joris Luyendijk

#2 Garry Kasparov

#3 Al Gore

#4 Aung San Suu Kyi

Door Reinout Schreuders In elke uitgave van de overDWARS lichten we een persoon of een aantal personen kort toe die uiteindelijk samen een lijst moeten vormen. Deze lijst kent geen beperkingen wat aantal personen betreft en is ook niet gekoppeld aan een bepaalde rangorde. Het is de bedoeling dat de TOP zo veel mogelijk wordt samengesteld door middel van lezersinbreng. Er zijn wel enkele voorwaarden aan mogelijke kandidaten verbonden: de persoon moet nog leven, moet de nominatie te danken hebben aan werk dat hij of zij de afgelopen jaren heeft verricht of voortgezet en moet belangrijk zijn geweest op het gebied van milieu, vrede, groene ontwikkeling, armoedebestrijding, bewustwording of andere typische DWARSe waarden. Kortom, mensen die de wereld mooier, vrediger, groener, socialer en meer gelijk maken.

“Ik ben ervan overtuigd dat niets goeds en blijvends kan voortkomen uit geweld.�

#5 Yvo de Boer

#6 Jan Pronk

#12 Shirin Ebadi

#7 Daniel Cohn-Bendit

#8 Desmond Tutu

#9 Nelson Mandela

#10 Lech Walesa

#11 Naomi Klein


11

Shirin Ebadi werd in 1947 in Hamadan (Iran) geboren als dochter van een professor in de rechten. Nadat haar familie in 1948 naar Teheran verhuisde, mocht zij in 1965 gaan studeren aan de rechtenfaculteit van de universiteit van deze stad. Na een korte loopbaan als rechter werd zij in 1975 de eerste vrouwelijke voorzitter van een rechtbank in Iran. Vanaf het moment dat Ayatollah Ruhollah Khomeini tijdens de Iraanse revolutie in 1979 de sjah verdreef en de macht overnam, werd de vrijheid voor vrouwen in Iran fors ingeperkt. Ebadi merkte hier al vrij snel de gevolgen van, toen conservatieve geestelijken beweerden dat de Islam het vrouwen verbood om rechter te worden. Bij dezelfde rechtbank die zij tot dan toe als president had voorgezeten, werd zij nu gedegradeerd tot een klerkenfunctie. Protest van haar en andere

vrouwelijke rechters hiertegen zorgde nog wel voor een kleine opwaardering van hun functie tot ‘rechtexpert,’ maar het zou tot 1993 duren voordat Ebadi haar beroep als jurist weer uit mocht oefenen. In de tussentijd had zij met enkele boeken en talloze artikelen in Iraanse media al naam gemaakt als mensenrechtenactiviste. Als advocate kenmerkte Ebadi zich vooral door haar interesse in zaken van liberalen en dissidenten. Twee van haar cliënten, de liberale intellectuelen Daryoush and Parvaneh Forouhar, werden doodgestoken tijdens een serie moorden op dissidenten in 1998, die, naar later bleek, gepleegd waren door ‘elementen’ binnen het Ministerie van Inlichtingen. In 2003 kreeg Ebadi de Nobelprijs voor de Vrede vanwege haar inzet voor democratie en mensenrechten, voornamelijk die van vrouwen en kinderen. Volgens Ebadi is het onzin te veronderstellen dat de democratische waarden van het westen niet passen binnen de cultuur van landen als Iran en SaoediArabië: “Democratie maakt geen onderscheid tussen oost of west; democratie is de wil van het volk. Daarom erken ik niet dat er verschillende democratische modellen zijn; er is enkel democratie zelf.” De aan de Koran ontleende ongelijkheid tussen man en vrouw wijst zij eveneens fel van de hand: “Mensenrechten zijn een universele standaard. Het is een onderdeel van elke religie en elke beschaving.” Hierover heeft ze ook eens gezegd: “Het idee van cultureel relativisme is niets anders dan een excuus om de mensenrechten te schenden.” Hoewel Ebadi sindsdien in het westen op handen gedragen wordt, is ze in eigen land haar leven niet zeker. Voor vervolging door de staat hoeft ze door haar wereldwijde bekendheid niet te vrezen, maar bedreigingen door kleinere Islamitische facties zijn flink toegenomen. Zelf zei ze over deze constante dreiging: “Hoe kun je angst weerstaan? Angst is een deel van het menselijk instinct, net als honger. Of je het nu leuk vind of niet, je krijgt honger. Dit werkt hetzelfde met angst, maar ik heb mijzelf geleerd om met deze angst te leven.” Ondanks alle westerse steun is Ebadi tegen buitenlandse inmenging in Iran. Zij heeft zich in toespraken en interviews meermaals verzet tegen Westerse druk op Iran: “Geen enkele Amerikaanse soldaat mag een voet zetten op Iraanse bodem, ongeacht de kritiek die we op de Iraanse regering hebben.” reinout@overdwars.org


In de Raadszaal

12

Deel 2: hoe word ik raadslid? Door Vincent Kagie In de vorige OverDWARS schreef ik over hoe je raadslid kunt worden. Natuurlijk allemaal leuk en aardig, maar waarom zou je eigenlijk raadslid willen worden? Kun je echt wat bereiken en beslissen in een raad of ga je slechts over stoeptegels? En je moet vaak veel stukken lezen, die ook soms wel wat saai zijn. Je moet veel vergaderen waar de wet van klets (iedereen moet over alles hoe onbenullig ook zijn mond opendoen) de overhand voert. En voor het geld hoef je het ook al niet te doen. Toch kun je als raadslid wel iets bereiken en zijn er veel interessante besluiten die je in meer of mindere mate kunt beïnvloeden. Er zijn dus zeker redenen om raadslid te worden. De redenen waarom mensen, en misschien ook jij, raadslid willen worden zijn in mijn ogen in drie categorieën in te delen. De eerste groep is om de stand van zaken in de gemeente te verbeteren. De tweede is de categorie van de idealisten en wereldverbeteraars, die vooral onder GroenLinks raadsleden populair is. De derde reden betreft mensen die het om persoonlijke motieven doen. Als raadslid kun je in theorie, en als je het goed doet en soms een beetje geluk hebt ook in de praktijk, best veel veranderen. Invloed alleen is al een goede reden om je eens met de besluitvorming in de gemeenteraad bezig te houden. Het is toch geweldig om na een aantal jaren te zien dat die ene weg toch iets anders en beter loopt doordat jij daar iets over hebt gezegd. Natuurlijk moet je dan wel een meerderheid voor je ideeën vinden. Een aantal voorbeelden van waar je invloed op kunt hebben, zal ik bespreken bij het afgaan van de drie categorieën. Ook kan je als raadslid indirect dingen bereiken. Met dank aan het podium in de raad kun je bewustwording creëren en het publieke debat beïnvloeden. Op welk gebied je dat nastreeft hangt natuurlijk ook af van waarom je het doet. Dan de eerste categorie. Diegenen die raadslid worden omdat ze hart voor de gemeente hebben. Dit zijn meestal mensen die al lang in een gemeente wonen en vele punten voor verbetering zien. Veel kleine en grotere dingen komen aan de orde in een raad, zoals inspraak van bewoners, bouwplannen, het legaliseren van een kraakpand of infrastructurele projecten.


13 Daarnaast komen ook onderwerpen als het aanleggen van parken, daklozenopvang en sluitingstijden van kroegen aan bod. Kortweg gezegd, veel onderwerpen worden uiteindelijk lokaal besloten. Je kunt als raadslid besluiten beïnvloeden die de directe levensfeer en leefbaarheid van je gemeente veranderen en zo de gemeente beter maken. Een grote groep GroenLinks raadsleden denkt echter groter als het op gemeentepolitiek aankomt. Die wil niet alleen de stad verbeteren, maar eigenlijk de hele wereld te beginnen met hun gemeente. Nu lijkt dat onzinnig, want hoe zorg je vanuit Haarlem of Winsum nou voor een betere wereld. Er zijn echter mogelijkheden genoeg. Zo kan je als gemeente het sociaal beleid ruimhartiger maken of aan internationale samenwerking doen door middel van stedenbanden. Veel regelingen worden namelijk op lokaal niveau verder ingevuld en ook lokaal kun je via gemeentelijke belastingen nog een beetje aan inkomenspolitiek doen. Ook op milieugebied is er veel te doen. Veel gemeente doen meer aan het klimaatprobleem dan het rijk door isolatie te stimuleren of windmolens te plaatsen, de uitstoot van fijnstof aan te pakken door middel van een goed verkeersplan of het verbieden van varkensflats binnen de gemeentegrenzen. Denk ook aan onderwerpen als zorg voor zwakkeren of emancipatie van minderheidsgroepen. Niet voor niets is een slogan van veel groenen ‘think global, act local’. Op lokaal niveau kan je dus de ellende van de kabinetten Balkenende nog een beetje repareren. Deze derde categorie is de minst interessante. Dit zijn mensen die het raadswerk doen voor hun cv en enkel hun carrièrekansen willen verbeteren, het geld graag op hun bankrekening krijgen of de status wel leuk vinden. Als je overweegt vooral om deze reden raadslid te worden, kan ik je maar twee adviezen geven. Doe het niet, en kies in ieder geval niet voor GroenLinks. Je cv kun je makkelijker opleuken door in een bestuur te gaan. Dit kost vaak maar één jaar en wordt vast ook zeer gewaardeerd. Voor het geld is ook geen goede reden. In Leiden verdien je als je het goed doet misschien net 15 euro per uur. Een leuk loon, maar als je echt rijk wil worden, kan je beter iets anders gaan doen. In kleinere gemeente verdien je trouwens nog minder. Dan de status. Natuurlijk, ‘raadslid’ klinkt leuk, maar wat groupies betreft valt het wat tegen – en alhoewel raadsleden een bescheiden salaris verdienen, ligt de term zakkenvuller bij veel mensen op het puntje van de tong. Er zijn dus vele goede en een aantal slechte redenen waarom je raadslid zou kunnen worden. Ik denk dat er hier belangrijkste in grote lijnen staan, maar als je andere redenen hebt, laat je dan niet door deze opsomming weerhouden (als ze maar niet in de derde categorie vallen). Als je geïnteresseerd bent geraakt en graag meer wilt weten over de activiteiten van een raadslid, lees dan in de volgende OverDWARS deel drie in deze reeks. Vincent Kagie is tijdelijk raadslid in Leiden. Zie zijn website op www.vincentkagie.nl vincentkagie@ziggo.nl


DWARSGeweest

14

Bas Eickhout


15 Door Walter de Boer Een rubriek waarin oud-DWARSers aan het woord komen en terugblikken op hun tijd bij de GroenLinkse Jongerenorganisatie. Bas Eickhout (32) woont in Utrecht. Hij werd geboren in Groesbeek en deed het vwo in Tilburg. Studeerde schei- en milieukunde in Nijmegen en liep stage in de Verenigde Staten. Werkzaam bij het Milieu- en Natuur Planbureau. Hij is op 4 juni verkozen op plek twee van de GroenLinks-lijst voor het Europees Parlement Enthousiast, kundig en motiverend noemt hij zichzelf. Enkele jaren is hij lid geweest van DWARS. Hoewel hij binnen DWARS weinig actief is geweest een interview met deze actieve, ambitieuze en vooral op Europa gerichte GroenLinks politicus.

Wat is jouw verbinding met DWARS? “Formeel heel weinig. Begin jaren negentig ben ik lid geworden van GroenLinks en DWARS. Ik zat nog op de middelbare school, ergens in de vierde of vijfde klas op het vwo. Ik wilde lid worden van een politieke partij en dat werd GroenLinks. Toen ik in 1994 ging studeren, ben ik in het Nijmeegse Studentenleven actief geraakt en slapend lid geweest van zowel GroenLinks als DWARS. Ik kan me niet herinneren dat ik in die tijd veel post kreeg of aanmaningen om eens wat actiever te worden binnen DWARS. In die zin kreeg ik ook niet het gevoel dat me iets kwalijk werd genomen.” Waarom wilde je eigenlijk lid worden van een politieke partij? “Daar zijn twee redenen voor. De ene was echt het milieu. Op de basisschool al hield ik spreekbeurten over bedreigde diersoorten en over de geschiedenis van Greenpeace. Op die basisschool dacht ik ook dat ik zou eindigen op zo’n rubberbootje van Greenpeace. Uit een beroepskeuzetest op school bleek later dat ik boswachter zou worden. Ik was altijd heel erg met natuur bezig. Eigenlijk was ik altijd geïnteresseerd in het milieu en biologie.” Dat is een reden. Wat was de andere? “De val van de Berlijnse Muur in 1989. Ik was dertien en begon net een beetje breder te kijken dan mijn eigen leven. Toen de muur viel heb ik echt gekluisterd aan de televisie gezeten. Ik vond

het onroerend en raar tegelijk. Ik kende die muur alleen maar uit de geschiedenislessen. Het was heel mooi om te zien hoe mensen letterlijk door die muur braken van Oost naar West-Berlijn. Als ik die beelden nu nog zie, kan ik het eigenlijk niet droog houden. Die periode was voor mij erg belangrijk en ik begon me toen ook heel erg in geschiedenis te verdiepen. Het optimisme van die jaren heeft er bij mij voor gezorgd dat ik heel erg geïnteresseerd raakte in politiek. In diezelfde tijd ontstond GroenLinks. Een partij die aansloot bij mijn idealen. Het groene en politieke kwam bij elkaar. Een logische stap om me bij die club aan te sluiten.” Hoelang heb je bij Dwars gezeten? “Ik ben altijd lid geweest van DWARS, maar dus nooit echt actief. Toen ik afstudeerde in 2000 en in Utrecht kwam wonen, besloot ik toch wel dat ik actief wilde worden in de politiek. Het was toen logischer om meteen naar GroenLinks te gaan en niet meer naar DWARS. Ik was op dat moment 24 en vond dat het weinig zin had om op dat moment nog iets te gaan doen bij de jongerenclub. Daarnaast kon ik me meteen oriënteren bij GroenLinks omdat het landelijk bureau zich in Utrecht bevond. Wel ben ik nog donateur van DWARS en lees het blad ook. Een jongerenpolitieke partij vind ik gewoon een prachtig iets. Maar echt actief ben ik dus niet geweest.” Heb je daar achteraf spijt van? “Nee, Ik denk dat de sfeer van het huidige DWARS dichter bij mij staat dan het DWARS van vroeger. Vroeger waren ze toch iets radicaler en dat ben ik nooit geweest. In die zin heb ik daar geen spijt van. Ik ben lid geweest van de studentenraad in Nijmegen, en dus een politiekorgaan. Dat was toen voldoende.” Toch was je er op de basisschool van overtuigd dat je zou eindigen in een bootje van Greenpeace? “Ja, absoluut. Maar in de loop der tijd, tussen basisschool en dat ik ging studeren is dat ideaal steeds verder weggezakt. Ik merkte dat ik beter was in het denkwerk dan in het doe werk. Ik ben erg onhandig. Het beeld in zo’n rubberbootje raakte steeds verder weg.”


16 Je zegt dat DWARS nu een beetje milder is geworden. Is dat wel een goede ontwikkeling voor een jongerenorganisatie? “Ik vind wel dat DWARS echt DWARS moet zijn. De jongerenorganisatie moet blijven prikkelen. Ze moeten vooral niet te dicht in de buurt komen bij GroenLinks. Ik heb het gevoel dat DWARS

“Op die basisschool dacht ik ook dat ik zou eindigen op zo’n rubberbootje van Greenpeace.” wat meer de links liberale kant opgaat. Prima als ze dat doen, maar dan moet je het debat wel steviger voeren en oppassen dat je niet te veel bij GroenLinks blijft hangen. Je kunt DWARS zijn op verschillende manieren.” Je had ook wel lijsttrekker willen worden. Waarom is dat niet gelukt? “Te weinig politieke ervaring. Ik kan natuurlijk zeggen dat ik in de Europa werkgroep van GroenLinks heb meegedraaid en dat ik al vele jaren politiek geïnteresseerd ben, maar serieus. Dat zijn natuurlijk heel veel mensen. Judith Sargentini daarentegen was medewerker in de Tweede Kamer, wethouder in Wageningen en zit nu voor GroenLinks in de Eerste Kamer. Tegen die politieke ervaring kan ik niet opboksen. Ik ben zeer tevreden met plek twee. Absoluut. Hoewel ik er van overtuigd was dat ik plek één ook prima had gedaan. Het was ook wel even schrikken toen ik het niet werd.” Is Europa belangrijk voor jongeren? “Europa is net zoveel voor jongeren als het is voor ouderen. Dat is een flauw antwoord. Ik word altijd een beetje moe van die discussie. Is Europa belangrijk of niet? Voor mij is Europa, en dat geldt ook voor jongeren, gewoon één van de verschillende bestuurslagen. Net zoals de gemeente, provincie en nationale overheid. Dat er daarboven nog een Europees niveau is, is voor mij ook volstrekt logisch. Als mensen dan vragen is Europa belangrijk? Ja, op de onderwerpen zoals klimaatproblematiek en energievoorziening doet Europa veel. Dus als jij

die onderwerpen belangrijk vind, dan vindt je Europa ook belangrijk. Het zijn de wat abstractere thema’s waar Europa zich mee bezig houdt omdat het op een hoger bestuursniveau werkt. Het zou heel slecht zijn als ze zich bezig gingen houden met de bestrating hier, dat wil je niet, dat is onzin.” Is Europa door die abstracte thema’s onzichtbaarder voor jongeren? “Ik denk wel dat de thema’s waar Europa zich mee bezighoudt ver van jongeren af staan en dus minder sexy zijn. Toch is het te makkelijk om het alleen maar af te schuiven op de onderwerpskeuze. Wat ik ook echt een probleem vind van Europa is dat er te weinig politieke strijd te zien is. In Nederland kennen we de personen uit de Tweede Kamer en vinden we het leuk dat de coalitiepartij onderling aan het kibbelen is. Wij vinden het leuk als Wouter Bos in gevecht raakt met Balkenende. Als het strijdt, is dan wordt het interessant. Het Europees Parlement is het heel lastig voor de media om te doordringen. Zo worden er geen open debatten gehouden, er wordt niet geïnterpelleerd en iedereen geeft zijn standpunt in de eigen taal. Echt sprake van een spannend debat is er dus niet. Een meer open debat zou ten goede komen aan de zichtbaarheid en herkenbaar.” Tot slot. Wie is jouw Europese held? “De Duitse politicus Joschka Fischer. Een man die zeer begaan is met het Europees debat. Hij heeft altijd durven dromen over de toekomst van Europa, tegen alle stromingen in. Als voorbeeld: In een aflevering van Buitenhof heeft hij ten tijde van de Grondwetcampagne aangegeven waarom je vóór de grondwet moest zijn. Geen enkele Nederlandse politicus heeft hem dat nagedaan. Ik heb veel respect voor het soort politici die dwars tegen de stroming in gaat en gewoon een eigen verhaal houdt. Voor mij is Fischer wel een icoon gebleken. Een politicus naar mijn hart en in het Europese debat een voorbeeld.” walter@overdwars.org


EUROPEES PARLEMENT

Hoe werkt het Europees Parlement echt? Door Niels van den Berge, met inbreng van Foeke Noppert Ervaringen uit de praktijk Ruim twee jaar geleden ging ik als beleidsmedewerker milieu en transport aan de slag voor Joost Lagendijk en Kathalijne Buitenweg. Voordat ik naar Brussel ging was ik al erg geïnteresseerd in de Europese politiek en ik volgde de debatten zoveel mogelijk via de Nederlandse media en de website van GroenLinks. Eerder had ik ook al een jaar rechten als tweede studie gedaan en in theorie wist ik heel goed hoe de Europese Unie werkt. Eenmaal in de Europese arena aangekomen, ging er toch nog een wereld voor me open. Ook voor Europa geldt dat er grote verschillen zijn tussen theorie en praktijk. Het belangrijkste wat je niet uit een boekje kunt leren, is het belang van goede contacten. Dat had ik als bestuurslid van DWARS en als duo-raadslid in Wageningen al geleerd, maar in het centrum van de Europese macht, het Europees Parlement, is dat niet anders. Medewerkers van de Groene fractie, medewerkers van andere partijen,

17 vertegenwoordigers van milieuorganisaties, bedrijfsleven en de EU-landen, uiteindelijk moet je het allemaal samen doen. Dan helpt het als je samen goed door één deur kunt. Lang heb ik ‘netwerken’ een vies woord gevonden. Het komt de transparantie van besluitvorming niet ten goede als je bepaalde contacten nodig hebt om aan informatie te komen of om resultaten te boeken. Echt democratisch is het ook niet, want niet iedereen met goede ideeën heeft de kans om een goed netwerk op te bouwen. Hoewel ik dat nog steeds vind, ben ik toch genuanceerder tegen het begrip ‘netwerken’ aan gaan kijken. Eigenlijk is het ook een logisch verschijnsel. Uiteindelijk kun je in persoonlijke contacten vaak meer gedaan krijgen, dan via de formele weg. Dat was bij mijn studentenvereniging en mijn rugbyclub zo, en in de politiek is het niet anders. Een ontspannen gesprek is toch altijd fijner dan een formele brief of e-mail. Wel vind ik dat je als politicus altijd open moet zijn over je keuzes en over de afwegingen die je hebt gemaakt. Daar ontbreekt het nogal eens aan. Ik ben ook nog steeds groot voorstander van volledig transparante besluitvorming, maar daar zijn we helaas nog ver vandaan. Maar wat heb je dan in de praktijk aan die persoonlijke contacten? Laat ik als voorbeeld de Europese richtlijn over CO2-opslag nemen. Allereerst bepaal je als fractie of je de rapporteur voor dit onderwerp wil leveren. De rapporteur stelt een rapport op als voorzet voor het standpunt van het Europees


18

Parlement. Andere fracties kunnen natuurlijk wijzigingsvoorstellen indienen en uiteindelijk beslist een meerderheid, maar een rapporteur heeft wel grote invloed op het standpunt van het Europees Parlement. Bovendien speelt de rapporteur een belangrijke rol in de onderhandelingen met de Raad van ministers. Elke fractie heeft afhankelijk van de grootte een bepaald aantal punten te besteden. Richtlijnen en verordeningen worden achter de schermen geveild, waarbij fracties punten bieden. De hoogste bieder wint. In het geval van CO2-opslag wilden we de rapporteur niet leveren omdat we onze punten liever uit wilden geven aan andere onderwerpen, zoals duurzame energie en nationale doelstellingen voor het terugdringen van de CO2-uitstoot. Naast de rapporteur, zijn er de zogenaamde schaduw rapporteurs. Elke fractie mag één of meer schaduwrapporteurs aanwijzen. Die onderhandelen namens hun fractie met de rapporteur en dienen meestal de belangrijkste amendementen namens hun fractie in. Binnen je eigen fractie moet je ook knokken om zo’n rapport te krijgen. Zeker bij de groene onderwerpen is het vaak dringen geblazen. Dan zijn goede persoonlijke verhoudingen met de collega’s onmisbaar. Uiteindelijk is Kathalijne erin geslaagd om samen met fractiegenoot Jill Evans schaduwrapporteur voor de richtlijn over CO2-opslag te worden. Daar is het nodige gelobby bij collega-assistenten en fractienoten aan vooraf gegaan.

Als de taken verdeeld zijn dan begint het parlementaire proces. Het is van belang om de rapporteur en de schaduwrapporteurs al in een vroeg stadium te overtuigen van je belangrijkste punten. Dat vergroot de kans dat je voorstellen het uiteindelijk ook halen. Kathalijne en ik hebben het in deze fase bijvoorbeeld voor elkaar gekregen om een meerderheid te halen voor ons voorstel om een bindende emissienorm voor energiecentrales in te stellen. In deze fase starten ook de lobbyisten met hun werk. Zij komen langs om je te overtuigen van specifieke voorstellen en hebben vaak hun eigen onderzoeksrapporten en gelikte brochures. De lobbyisten gaan in elk geval langs bij de rapporteur en de schaduwrapporteurs en vaak ook bij andere Europarlementariërs. In het geval van CO2-opslag kregen we vooral bezoek van energiebedrijven en milieuclubs. Tijdens deze eerste fase van het politieke proces vinden er ook één of meer discussies in de milieucommissie plaats. De rapporteur komt met een voorstel voor een standpunt van het Europarlement en de milieucommissie stemt daar uiteindelijk ook over. Daarna stemt het complete Europarlement erover. Uiteindelijk werd een groot deel van onze voorstellen over CO2-opslag aangenomen. Daarna nemen ook de EU-landen een standpunt in en beginnen de onderhandelingen tussen het Europees Parlement en de EU-landen. In principe is het de rapporteur die namens het Parlement spreekt.


19 Het is dus van groot belang dat je als schaduwrapporteur en als medewerker goede contacten hebt met de rapporteur en het team dat hij/zij om zich heen heeft staan. Uiteindelijk moeten er compromissen gesloten worden en het gewicht dat de rapporteur toekent aan bepaalde punten uit het Parlementsstandpunt is vaak bepalend voor het eindresultaat. In het geval van CO2-opslag hadden we te maken met een rapporteur waar niet echt mee samen te werken viel. Erg vervelend, want tijdens de onderhandelingen met de Raad probeerde hij vooral zijn eigen stokpaardjes binnen te slepen en liet hij een aantal van onze punten te gemakkelijk vallen om met de Raad tot overeenstemming te komen. Uiteindelijk ligt er na lang onderhandelen een compromis. Als het Europees Parlement en de lidstaten daarmee instemmen, dan is de richtlijn of de verordening daarmee een feit. Onze fractie heeft uiteindelijk tegen de richtlijn over CO2-opslag gestemd, omdat er geen limiet wordt gesteld aan de uitstoot van kolencentrales. Dat terwijl een meerderheid van het Europees Parlement voor ons voorstel had gestemd om dat wel te doen. Democratie? De Raad van ministers vergadert in veel gevallen helaas achter gesloten deuren. Met het Verdrag van Lissabon komt daar verandering in, maar nu zitten we er nog mee. Om je werk in het Europees Parlement goed te kunnen doen, is het vaak handig om te weten wat er zich achter die gesloten deuren afspeelt. Het is daarom belangrijk om ervoor te zorgen dat je op cruciale momenten wel aan de noodzakelijke informatie komt. Dat lukt alleen als iemand die wel bij die vergaderingen mag zitten, informatie aan je doorspeelt. Daarvoor heb je contacten bij de Raad nodig. Gezellige mensen Contacten met je collega’s leggen en onderhouden doe je niet alleen in het Europees Parlement. Het is belangrijk om ook regelmatig de kroeg in te gaan. Met mensen van je eigen politieke kleur, maar ook met mensen van andere partijen. In Brussel is het vooral met PvdA’ers, CDA’ers en VVD’ers gezellig borrelen. Niels van den Berge was kandidaat-Europarlementslid voor GroenLinks op de vierde plek van de lijst. Met drie behaalde zetels is hij net niet op het Europese pluche beland. nielsvandenberge@yahoo.com foeke@overdwars.org

Het Europees Parlement in een notendop door Foeke Noppert Van vier tot zeven juni vonden in de 27 lidstaten van de EU de verkiezingen plaats voor het Europees Parlement. Er lagen 785 zetels voor het oprapen, waarvan 27 voor Nederland. Het parlement is jarenlang het ondergeschoven kindje van de Europese Unie geweest, wat eens te meer blijkt uit de opkomst in juni. Al met het Verdrag van Rome van 1957, waarmee de Europese Economische Gemeenschap gesticht werd waar de Europese Unie heden ten dage op voortbouwt, werd in Straatsburg de voorloper van het huidige Europees Parlement opgericht. Aanvankelijk nog de ‘Gemeenschappelijke Vergadering’ geheten, werden de leden niet gekozen maar afgevaardigd door nationale parlementen. Het meeste werk verrichten de leden sindsdien in parlementaire commissies, die Europese wetsvoorstellen behandelen en er hun mening over uitbrengen alvorens er in de plenaire vergadering over gestemd wordt. In 1962 besluiten de Europese regeringsleiders de instelling om te dopen tot ‘Europees Parlement’, hoewel het op dat moment enkel nog een adviserende rol heeft en geen enkele invloed kan uitoefenen. Daar blijft het bij tot 1979, wanneer de leden voor het eerst direct gekozen worden door de Europese bevolking. Pas zeven jaar later introduceert de Europese Akte enige beslissingsbevoegdheid voor het Parlement die niet zomaar door de raad van regeringsleiders van de lidstaten genegeerd kan worden, en deze bevoegdheden zijn sindsdien flink uitgebreid. Tegenwoordig hebben europarlementariërs bindende inspraak op vele terreinen, waaronder milieu, mededingingsbeleid, toetreding van nieuwe lidstaten en de benoeming van de Europese Commissie. Waar het het parlement nog altijd aan ontbreekt, in tegenstelling tot vrijwel elk parlement in westerse democratieën, is het recht van initiatief: het is niet bevoegd zelf wetsvoorstellen te doen, maar kan alleen oordelen over voorstellen van de Europese Commissie of raad van regeringsleiders.


DWARS door grenzen

20

Duitsland Door Simon Otjes Links is in Duitsland verdeeld tussen drie partijen: de sociaaldemocratische SPD, een van de oudste en invloedrijkste sociaaldemocratische partijen van de wereld, de Bündnis ‘90/Die Grünen, een van de succesvolste groene partijen van Europa, en Die Linke, een socialistische partij van de oude stempel. De SPD is een van de oudste sociaal-democratische partijen van de wereld. De partijen is een model geweest voor veel sociaaldemocratische zusterpartijen. De Nederlandse SDAP (een voorloper van de PvdA) vertaalde de programma’s van de SPD en gebruikte die zelf in verkiezingstijd. Als de SPD bewoog, bewogen de SDAP en later de PvdA mee. De geschiedenis van de SPD staat vol van de ideologische twisten tussen rechtlijnige en flexibelere socialisten. Bij een van die twisten splitste de Socialistische Duitse Studentenbeweging (SDS) zich af van de SPD. De SPD bewoog langzaam naar het politieke midden, terwijl de SDS een klassiek linkse, dogmatische koers bleef voorstaan. Gedurende de jaren ’60 begon de SDS ook te bewegen: het werd een van belangrijkste groeperingen in de studentenbeweging, de “Buitenparlementaire Oppositie”. De SDS werd de woordvoerder van een anti-autoritaire, ondogmatische linkse stroming. Deze verbond linkse politiek met betrokkenheid voor de derde wereld, tegenstand tegen kernwapens, basisdemocratie en feminisme. In de jaren ’70 kwamen veel mensen uit de Buitenparlementaire Oppositie terug in de milieubeweging. Via de milieubeweging kwamen veel mensen uit de SDS uiteindelijk bij Die Grünen, een partij die gevormd is eind jaren zeventig. Die Grünen verbonden linkse politiek met betrokkenheid voor milieu en andere nieuwe vraagstukken. Nadat ze in de jaren ‘80 electoraal succesvol waren geweest kwamen die Grünen in zwaar weer terecht. De hereniging tussen West- en Oost-Duitsland eiste veel aandacht op. De groene thema’s werden naar de marges van de agenda geschoven. Die Grünen dreigden uit het parlement verstoten te worden. De hereniging bood echter ook kansen. In Oost-Duitsland, dat langzaam een open samenleving werd, ontstonden allerlei kleine groene en democratische bewegingen. Samen vormen die in Oost-Duitsland Bündnis ’90, een progressieve formatie. Na de voor de West-Duitse Grünen dramatisch verlopen verkiezingen van 1990 fuseren de West-Duitse Grünen met de OostDuitse Bündnis ’90 en vormen ze Bündnis ‘90/Die Grünen.


21 In 1998 vormde Die Grünen samen met de SPD een centrum links kabinet. De SPD was in de laatste jaren nog meer naar het politiek centrum geschoven, waarbij de partij de neo-liberale kant op is gegaan. “Das Neue Mitte” wordt deze koers genoemd. Dit is de Duitse equivalent van New Labour in het Verenigd Koninkrijk en de paarse PvdA in Nederland. Samen met die Grünen voerden ze een gematigd links programma uit gecombineerd met een nadruk op groene politiek. Met name de SPD zet in op hervorming van de te grote Duitse verzorgingsstaat. Binnen die Grünen, dat toch de linksere van de twee partijen was, leidden deze hervormingen nauwelijks tot opstand. Voor Die Grünen draait linkse politiek niet meer per se om het verdedigen van de belangen van de arbeidersklasse thuis, maar is linkse politiek veel breder. Het gaat hen om eerlijke kansen voor iedereen, nu en in de toekomst, in het Noorden en het Zuiden. In de SPD breekt echter over de hervorming van de verzorgingsstaat wel een strijd uit, opnieuw tussen de meer rechtlijnige linkse flank en de meer rekkelijke op het centrum gerichte flank. Het centrum wint en de linkse partijleden druipen af. Samen met Partij voor het Democratische Socialisme, een post-communistische partij die een opvolger is van de Socialistische Eenheidspartij die in de DDR regeerde, vormen ze Die Linke. Die Linke doen het sterk in de laatste verkiezingen in 2005, en kosten daarmee de SPD de verkiezingen. Die Linke is een tegenpool van Die Grünen. Waar Die Grünen staan voor linkse politiek die verder gaat dan de belangen van de huidige arbeidersklasse in het Westen, richten Die Linke zich juist op hun belangen. Waar die Grünen kiezen voor Europa, zijn Die Linke sterk anti-Europees. Waar Die Grünen het met name goed doen in het rijkere West-Duitsland, zijn Die Linke sterk in het armere Oost-Duitsland. De geschiedenis van links in Duitsland is getekend door de bijzondere Duitse geschiedenis van verdeling en hereniging. Toch is de verdeling van links in Duitsland tekenend voor links over heel Europa. De gematigde sociaal-democraten zijn ingesloten tussen twee partijen: een progressief, nieuw links en groen en een oud links. Illustratie: Sacha van den Haak sachavandenhaak@gmail.com

simon@dwars.org


Column

Het verschil tussen Obama en mij

22

Door Mieke van der Vegt Terwijl ik deze column schrijf, bevind ik me nog steeds in Ghana. Ik heb mezelf nooit als een curiositeit beschouwd, maar als blanke ben je dat hier wel. Kleine kinderen roepen “Obruni” (witte), zwaaien naar je en komen naar je toegerend (maar niet te dichtbij want een blanke is best eng). Van die kinderen kan ik dat nog wel begrijpen: ze zien zelden een blanke en verwonderen zich over je bleekheid. Maar volwassenen doen het ook. Ze roepen “Obruni”, sissen naar je, vragen hoe het gaat en de meest opdringerige raken je aan of pakken je vast. Alsof dat geluk zou brengen. Maar goed, dat is allemaal overkomelijk met een beetje assertiviteit en de kinderen zijn ronduit schattig. Het doet me echter wel beseffen dat je je huidskleur niet kan verbergen. En hoe lastig het moet zijn om zwart te zijn in bijvoorbeeld de Verenigde Staten. Mijn gastmoeder hier leende me het boek van Obama over zijn leven (“Dreams from my father”). Hij beschrijft dat hij eindelijk niet meer het gevoel heeft altijd bekeken te worden als hij op zijn vijfentwintigste voor het eerst naar Kenya gaat. Zwart zijn is daar normaal en al spreekt hij de taal niet, hij valt er niet op. Grappig hoe ik precies dezelfde ervaring andersom heb. Nou ja, ergens is het helemaal niet grappig. Want waar iedereen vrienden met me wil worden of met me wil trouwen omdat ik blank ben, kregen en krijgen zwarte mensen juist negatieve reacties op hun huidskleur. Ik voel me hier misschien elke keer ongemakkelijk als mensen zeggen dat ze vrienden met me willen worden omdat ik blank ben, simpelweg omdat het eigenlijk heel racistisch is. Maar als ik zwart was geweest waren de racistische reacties niet zo onschuldig geweest. Daarom is het verhaal van Obama eigenlijk helemaal niet hetzelfde. Hier in Ghana op straat voel ik me altijd bekeken, in Nederland nooit. Maar ik vraag me nu wel af hoe het moet zijn voor mensen in Nederland die niet blank zijn. Voor Marokkanen of Turken, van wie bij veel mensen een negatief beeld bestaat. Ik voel me hier vaak ongemakkelijk, maar ga straks gewoon weer naar huis, naar Nederland. Voor hen is Nederland hun thuis. Ik kon me toen ik naar Ghana ging niet voorstellen hoe het zou zijn om de enige blanke te zijn op straat. Ik kan me nu nog niet voorstellen hoe het is om in je eigen land altijd die ervaring te hebben. Mieke is op dit moment in Ghana voor een mensenrechtenorganisatie. mieke@dwars.org


BEELDColumn

23

Home is where the heart is Door Sander Polderman / www.sanderpolderman.com


Voorstellen

24

Voorstellen: bestuursleden Door Harmen van der Veer Een nieuw lente, een nieuw bestuur. Gedeeltelijk, althans. Onze nieuwe bestuursleden stellen zich via een kort interview voor.

Giel van der Steenhoven (19, Driebergen) Wie ben je? “Communicatiedeskundige bij de Nederlandse Vereniging voor Pleeggezinnen (NVP), regio Zuid-Holland. Tevens ex-student psychologie en als het goed is weer opnieuw student vanaf september 2009. Ik ben leuk, openminded, koffieverslaafd en na de vroege ochtenduren meestal heel gezellig.” Waarom politiek secretaris? Wat zijn je speerpunten? “Om dingen te veranderen, om het verschil te maken. Ik ga me inzetten voor de rode portefeuilles; op het moment betekent dat concreet het aanpassen van de hypotheekrente-aftrek, maar ook het hoger onderwijs toegankelijk en kwalitatief goed houden.” Hoe ziet DWARS er na jou uit? “Natuurlijk is het moeilijk om dat precies te voorspellen, maar als ik kijk naar waar ik op het moment aan werk, zou ik graag zien dat na mijn bestuursperiode de hypotheekrente-aftrek weg is en het hoger onderwijs voor alle groepen in de samenleving betaalbaar en toegankelijk is, en dat de kwaliteit van ons onderwijs niet langer ter discussie staat.”


25

Gerrit Duits (25, Groningen) Wie ben je? “Student technologie-management aan de RUG. Ik ben rond 2002 lid geworden van GroenLinks en eind 2003 woonde ik de oprichtingsvergadering bij van DWARS Amsterdam; daarna ben ik bij DWARS Groningen actief geworden. Daar heb ik alle posten al eens meegemaakt, waaronder de kandidatuur bij de gemee nteraadsverkiezingen. Vanuit GroenLinks ben ik in contact gekomen met de Groninger Studentenbond, waarna ik actief ben geworden bij de progressieve studentenfractie VOS.” Het penningmeesterschap is niet de meest spannende post, waarom heb je je ervoor kandidaat gesteld? “Mijn studie is aan de faculteit bedrijfskunde; als je alleen maar gaat lopen boekhouden is het echt heel saai, maar met gezond financieel beleid wil ik graag heel veel leuke dingen mogelijk maken. Ik ben niet het soort penningmeester dat alleen maar de penningen gaat doen.” Waar staat DWARS over een jaar? “DWARS heeft dan een aantal hele leuke acties kunnen uitvoeren en we zijn veel beter geworden in het betrekken van kleine clubjes van minder actieve leden.”


26

Rik van der Laan (21, Den Haag) Wie ben je? “Ik werk bij de Raad voor Rechtsbijstand, waar ik advocaten betaal. Ik ben sinds 2006 lid van; toen ben ik actief geworden bij zowel DWARS als GroenLinks. Ik heb daar met het promotieteam meegedraaid, later ook bij DWARS lid geworden bij de werkgroep internationaal. Met een groepje hebben we de afdeling Den Haag opnieuw tot leven gewekt.” Wat voor activiteiten kunnen we van je verwachten? “Meer scholing vind ik heel belangrijk, dat is één van de dingen die we al onze leden kunnen bieden. Daarnaast verschillende excursies en uitwisselingen, bijvoorbeeld naar de Eerste en Tweede Kamer en het Europees Parlement, maar ook naar idealistische organisaties of juist heel andere instellingen zoals de Amerikaanse ambassade of het Ministerie van Defensie.” Heb je nog plannen voor de Europese verkiezingen in juni? “Het promotieteam waar ik ook in zat tijdens de Provinciale Statenverkiezingen komt weer bijeen, daar wil ik me weer voor gaan inzetten. Daarnaast wil ik met de afdeling Den Haag jongeren gaan aanspreken om hen aan te sporen te gaan stemmen (maar niet op Wilders!).”


27

Jaap van der Heijden (22, Utrecht) Wie ben je? Student rechten. Sinds oktober 2007 ben ik bestuurslid van DWARS. Tot afgelopen congres was ik penningmeester en sinds kort dus secretaris. Naast mijn werk voor DWARS ben ik ook actief binnen GroenLinks. Waarom secretaris? “Ik vind dat op de post van secretaris iemand moet zitten die al een tijdje meeloopt binnen de organisatie, iemand met ervaring. Toen Jochem halverwege stopte, vond ik dat ik een logische opvolger was, aangezien ik het afgelopen jaar al veel met hem samen heb gewerkt.” Wat wil je bereiken? “Dat de interne communicatie in de organisatie verbeterd wordt: tussen bestuur en leden, en tussen afdelingen onderling. Ik wil bij mensen en afdelingen langsgaan, om zo contacten te leggen; op die manier hebben leden makkelijker toegang tot het bestuur met vragen of opmerkingen. De administratie kan wel wat beter, bijvoorbeeld dat goed geregistreerd moet worden of iedereen zijn of haar contributie betaald heeft. Ook wil ik kijken of de Raad van Advies wel een zinvol orgaan is: misschien moeten we kijken of we de Raad nog wel moeten behouden.” Wat zijn jouw drijfveren? “Dat klinkt wel heel idealistisch, maar ik wil dat de wereld nog groener, socialer en toleranter word. Ik vind dat iedereen die dat kan, er een steentje aan bij moet dragen. Ik denk dat ik dat op deze manier kan doen.”


GroenLinks

28

Waar m wij tegen ns verkiezingspr gramma stemden


29 Door Richard van der Westen en Joep Langeveld Tijdens het afgelopen GroenLinks-congres is het Europees verkiezingsprogramma bijna unaniem vastgesteld. Na de behandeling van de ruim honderd amendementen waren er tegen het uiteindelijke document een zeer klein aantal tegenstemmers, waaronder bovengetekenden. Waarom hebben wij tegengestemd? Laten wij voorop stellen dat wij wel degelijk achter de principes van GroenLinks staan. Natuurlijk staan er zaken in het verkeizingsprogramma waar je persoonlijk je twijfels bij kunt hebben, maar dat is normaal. Met dit stuk is an sich niet veel mis. Toch wilden we een signaal afgeven en er waren twee zaken zo doorslaggevend dat we uiteindelijk tegen het programma hebben gestemd.

Grenzeloze liefde Het eerste betreft de afwijzing van het amendement over huwelijksmigratie van Niels van den Berge en DWARS. De originele, aangehouden tekst betreft: “de enige voorwaarde voor gezinshereniging is dat de aanvrager in de EU voldoende inkomen heeft om het gezin te onderhouden”. Niels en DWARS pleitten voor een ander principe: liefde en dus het gezin kennen geen grenzen, maar berusten, zoals Michel Klijmij het al omschreef, op ‘echte grenzeloze liefde’. Dit heeft onze hartelijke steun. De procedures van gezinshereniging duren al lang, en wanneer iemand zijn baan verliest door een economische crisis kan hij of zij weer van voren af aan beginnen. Daarnaast heeft in dit voorstel de financiele en maatschappelijke bijdrage van de migrerende partner amper meer waarde. Juist een partij als GroenLinks zou zich moeten uitspreken voor het recht op gezinshereniging, ongeacht het inkomen van de partner; liefde kent geen grenzen. Gezinsvorming en -hereniging zijn een recht voor elk mens.

Rode Lijn Daarnaast is bij ons ergernis ontstaan over een zichtbare rode lijn in het verkiezingsprogramma. Onder leiding van de verschillende diversiteitsgroepen zijn verscheidene amendementen ingediend waarvan er relatief veel zijn aangenomen. Onze felicitaties aan de indieners, maar wij vragen ons af of deze gedetailleerde amendementen

ook helderheid scheppen bij de kiezer. Voor de duidelijkheid: het werk dat Kathelijne [Buitenweg, europarlementariër voor GroenLinks, red.] in Brussel heeft verricht waarderen wij enorm en we zijn heel blij met de kroon op haar werk in de vorm van de kortgeleden aangenomen discriminatierichtlijn. Wij vragen ons alleen af wat het nut is van specifieke financiële ondersteuning van cultuurproducties door homo-, bi- en transseksuelen wanneer je algehele innovatie nastreeft. Of waarom er aandacht moet zijn voor bescherming tegen discriminatie en seksueel misbruik in een Europees Handvest voor digitale rechten, wanneer dit reeds in de privacyparagraaf wordt genoemd. Een verkiezingsprogramma moet gaan over hoofdlijnen, doelstellingen en de maatschappij waar je op hoopt. Herhalingen of een te gedetailleerde weergave van zaken komt de kwaliteit niet ten goede. De inhoud van de diversiteitsamendementen hebben onze steun vaak ook wel, maar we zouden liever zien dat ze niet in een milieuparagraaf worden opgenomen.

“Vooruitkijkend” Daarom hopen we dat amendementen en voorstellen omtrent emancipatie en diversiteit de volgende keer gerichter worden ingediend. Laten wij samen ons best doen de homo-, bi- en transgender- en overige rechten juist terug laten komen in de delen over discriminatie en minder in delen over klimaatverandering. Op deze manier werken we aan een zeer sterke diversiteitsparagraaf, wat veel aansprekender is voor de kiezer. Dat is voor later. Nu gaan wij verenigd en met ontzettend veel enthousiasme campagne voeren om zoveel mogelijk GroenLinksers in het EP te krijgen. En met deze diverse, jonge lijst, moet dat zeker lukken! richardwesten@gmail.com joeplangeveld@gmail.com


Actie

30

No to war! No to NATO! Door Axel Boomgaars

In het eerste weekend van april vierde de NAVO haar 60-jarig bestaan in Straatsburg. De andersglobaliserende beweging kwam hiertegen demonstreren. Axel Boomgaars ging met een groep Amsterdammers mee en hield voor OverDwars een dagboek bij. Woensdag 1 april: Socialistic Lowlands. Om 19.30 komen we aan. We zijn ’s ochtends met zijn vieren uit Amsterdam vertrokken, werden aangehouden door de douane die onze spullen doorzocht heeft, en nu zijn we hier. Het kamp ligt net buiten Straatsburg en doet op het eerste gezicht wat Lowlands-achtig aan. Op het tweede gezicht blijkt dit totaal niet te kloppen. Op dit kamp wordt niet geprobeerd winst te maken door de aanwezigen uit te kloppen. Nee, we zijn er allemaal voor één doel: het gezamelijk stoppen van de NAVO. Het kamp is zelfvoorzienend en onbaatzuchtig ingesteld. Er is kinderopvang, een medisch team, een tent waar men kan internetten, een juridisch team, douches, allemaal gerund door vrijwilligers. Verder zijn er de volkskeukens die tegen donatie overheerlijk veganistisch, biologisch koken en waar men vrijwillig helpt bij het bereiden van het voedsel en de afwas achteraf. Tot slot zijn er nog mensen die ’s avonds veiligheidsrondes om het kamp maken, toiletten en douches schoonmaken en mensen die informatie verzamelen bij de infopoints. De sfeer op het kamp is fantastisch en zal de rest van de week ook zo blijven. We horen over het strenge beleid aan de Duitse grens. Veel mensen komen Frankrijk niet in.

Dranghekken staan al klaar. We hebben een PACE-vlag bij ons (regenboogvlag met het woord PACE erop, wat vrede betekent in het Italiaans). Deze trekt veel bekijks, ook van de politie die ons wegstuurt uit het centrum. Eenmaal terug in het kamp, gaan we de rest van de middag helpen bij de volkskeuken met het bereiden van het avondmaal. Vanaf dit moment cirkelen de eerste helikopters boven ons kamp. Aan het eind van de middag komt een andere auto van onze groep aan. Nadat we hen geholpen hebben met het opzetten van hun tent, wordt er hard gefloten. Dit betekent alarm. Iedereen rent naar het uiteinde van het veld. Hier gaan een stel van onze kampgenoten de confrontatie met de ME aan. We zijn bang dat ze het kamp komen ontruimen. Wij lopen richting het strijdtoneel om te kijken wat er aan de hand is, maar na een kwartier is de politie alweer weg. Die middag gingen er mensen demonstreren in het centrum tegen de repressie aan de Duitse grens, omdat zoveel mensen zijn tegengehouden. Waarschijnlijk is dit uit de hand gelopen en de politie de betogers in het kamp wil terugdringen. De politie blijft in de buurt en de rest van de avond blijft het wat onrustig. Er zijn geruchten dat de politie het kamp in de avond alsnog gaat ontruimen en daarom worden er uit voorzorg wat blokkades opgeworpen, maar de geruchten worden niet bewaarheid.

Donderdag 2 april: Big brother is watching. Vrijdag 3 april: Yes we can … make a fist. Een warme, fijne, zonnige dag. Er zijn nog geen demonstraties gepland, dus wij gaan naar het centrum van Straatsburg, om het alvast uit te checken voor de blokkade van zaterdag. Er lopen veel politieagenten rond, zelfs wat militairen.

De geplande demonstratie bij het gala in het Duitse Baden-Baden die avond wordt afgelast. De kans is te groot dat we, eenmaal in Duitsland, Frankrijk niet meer in komen. Er wordt veel vergaderd over de


31


32 blokkades en demonstratie in het centrum, morgen. Er worden verschillende groepen, zogenaamde vingers, gevormd. Er zijn vijf vingers, om een spreekwoordelijke vuist van verzet te kunnen maken. Het is de bedoeling dat deze vingers morgen het centrum ingaan om de straten te blokkeren. Op die manier kunnen we voorkomen dat de NAVO bijeenkomt. Verder is er later op die dag nog een grote, officiële demonstratie, buiten het centrum. Wij besluiten ons aan te sluiten bij de gele vinger, die vreedzaam verzet wil leveren met het lichaam als enige middel. Deze zal vannacht vertrekken. We vormen koppels van mensen binnen onze eigen groep die op dezelfde lijn zitten wat betreft hoe ver ze willen gaan in het demonstreren. Zo heb je een beetje verantwoordelijkheid voor elkaar. Verder zijn we die dag nog naar de tegentop geweest, een officiële conferentie in het teken van de negatieve aspecten van de NAVO (zoals de Amerikaanse overmacht) en hoe het verder moet. Ik ben behoorlijk gespannen. Traangas, klappen van ME, arrestaties, ik weet niet hoe goed ik dat aan kan. Het werd een korte nacht.

Zaterdag 4 april: No to NATO Om 4 uur ’s ochtends vertrekken we met vierhonderd man richting het centrum. Al snel komen we het eerste peloton ME’ers tegen. In principe blokkeren ze alleen de weg, tenzij je te dichtbij komt; dan zetten ze namelijk traangas in. Aan het begin van de dag zijn we een kat-en-muis-spel met ze aan het spelen. Dan weer komen we er langs, dan weer blokkeren zij de weg en vangen wij wat traangas, maar uiteindelijk komen we steeds dichterbij het centrum. Op een gegegeven moment komen we echter echt niet verder. Alles is geblokkeerd. We merken dat onze blokkade niet zal lukken en besluiten dan met de officiële demonstratie mee te gaan, die iets buiten het centrum ligt. Om hier te komen moeten we echter een brug over, die afgesloten is door de ME. Vreemd, ze willen ons niet in het centrum, er is een officieel georganiseerde demonstratie, maar daar mogen we ook niet naartoe. We zijn nog vroeg en aan de andere kant van de brug is ook het fotomoment met Merkel en de leiders, dus we wachten. Na twee uur is het fotomoment al lang voorbij, maar blokkeert de ME de brug nog steeds. In de verte komt een groep demonstranten echter al aangelopen. De groep bestaat uit zo’n 8000 man, bestaande uit


33 communisten, christenen, groenen, het queerblock, partizanen en vele andere vredesactivisten. Ook zij willen de brug over, maar worden direct zonder pardon met traangas bestookt. De voorste linie staat vast en vangt al dat traangas. Een half uur lang blijft het vredig en laat men het over zich heenkomen, maar hierna komt het zwarte blok in verzet. Dit is een groep mensen die het niet erg vindt om de confrontatie met de ME aan te gaan, wat ze nu ook doen. We hebben recht op onze demonstratie en dat eisen we desnoods met geweld op. Vanaf de ene kant worden stenen en molotov-cocktails gegooid en worden er blokkades opgeworpen en in brand gestoken. De andere kant zet traangas, geluidsbommen en rubberkogels in. Een uur lang wordt er heftig slag geleverd tussen het zwarte blok en de ME. Hierna gebeurt iets opmerkelijks: de ME trekt zich terug en maakt de brug vrij. Dit geeft ons de ruimte om naar onze demo-plek te gaan. Het zwarte blok blijft hierna doorgaan met haar agressie. Bushokjes, reclameborden, een tankstation en later een hotel moeten het allemaal ontgelden. Wij zeggen er iets van, maar onder het mom van ‘dankzij ons zijn jullie hier gekomen, dan moet je nu niet zeuren’ worden wij buitenspel gezet. De sfeer wordt hierdoor grimmig. Eenmaal bij onze plek aangekomen, zijn er wat sprekers voordat we met 10.000 man gaan lopen. De demonstratie zelf verloopt vreedzaam, maar eenmaal bij een andere brug aangekomen die bezet is door de ME, proberen sommigen deze brug weer met geweld in te nemen. Wij Amsterdammers gaan terug naar het kamp. Onze boodschap voor een vredige wereld is in dit geweld verloren gegaan.

There’s only one thing worse than being talked about… Al met al heb ik vijf dagen in een soort droomwereld geleefd. De sfeer op het kamp deed aan als een soort van socialistische commune die echt werkte. Ik was totaal onbekend met deze sfeer en levenswijze en ik was erg onder de indruk. Na mijn terugkomst merkte ik dat men het idee had dat de demonstratie alleen uit idiote geweldsliefhebbers bestond. Dit beeld klopt volgens mij niet. Iedereen, inclusief mezelf, is opgegroeid met het idee dat je geweld moet afkeuren en dat het nooit een doel dient. In Straatsburg ben ik dit beeld echter gaan nuanceren. Het gebruik van geweld draagt zowel

voor- als nadelen met zich mee. Kijk bijvoorbeeld naar de brug die wij overmoesten om op onze demo-plek te komen. Zonder overleg te plegen, of aan te geven hoe lang we anders nog zouden moeten wachten, begint de ME verschrikkelijk veel traangas te schieten op een in eerste instantie vreedzame menigte. Als we wisten dat we moesten wachten, en de ME geen traangas had gebruikt, maar ons slechts tegenhield, was de kans groot dat er niets was gebeurd. Nu werd het echter een principe-punt. Wij hebben het recht om te demonstreren, dat wordt ons gewelddadig onthouden; dan vind ik het terecht dat wij de ME van de brug verdreven hebben. Hierin zullen sommigen nog met mij meegaan, maar wat er gebeurde nadat we de brug over waren: die vernielingen dienen toch geen enkel nut? Moreel gezien staan we daar inderdaad niet sterk (niet dat de NAVO zelf overal wel zo moreel met geweld omgaat), maar praktisch gezien levert het wel wat op. Stel dat we altijd gedwee de autoriteiten zouden volgen, wat zou er dan gebeuren? Dan worden we altijd ergens in een hoekje geplaatst om te demonstreren en zal niemand ons horen. Nu zijn wij qua fysieke kracht een gelijkwaardigere onderhandelingspartner. Als de politie niet wil dat geweld gebruikt wordt, zal ze ons ook op bepaalde punten tegemoet moeten komen. Verder is het nog zo dat, om een goed signaal naar de wereld af te kunnen geven, men tegenwoordig niet zonder de media kan. Er was bijna overal waar wij waren ook pers aanwezig. Ook hier geldt hetzelfde: als we brave burgers zouden zijn geweest, had ons protest geen nieuwswaarde. Doordat geweld niet uit de weg wordt gegaan, krijgen we wel media-aandacht. Positief is dit natuurlijk geenszins, maar wat is erger, negatieve publiciteit, of überhaupt geen aandacht? Ik wil absoluut geen geweld propageren, maar het absolutistische schrikbeeld daaromtrent wel iets nuanceren. Iedereen moer hierin zijn persoonlijke afwegingen maken en zijn geweten volgen. Wij als groep hebben geen geweld gebruikt en ik zal dat in principe ook nooit doen, maar het heeft ons op bepaalde punten wel geholpen. axelboomgaars@gmail.com


INFORMATIEF

34

Adressengids Bestuursleden

Afdelingen

Voorzitter Jesse Klaver / 23 jaar / Den Bosch E-mail: jesse@dwars.org

Amsterdam amsterdam@dwars.org Jochem Douw

Secretaris Organisatie Jaap van der Heijden / 22 jaar / Utrecht E-mail: jaap@dwars.org

Breda & Tilburg breda@dwars.org Richard van de Westen

Penningmeester Gerrit Duits / 24 jaar / Groningen E-mail: gerrit@dwars.org

Den Haag denhaag@dwars.org Rik van der Laan

Internationaal Secretaris Diederik ten Cate / 19 jaar / Nijmegen E-mail: diederik@dwars.org

Maastricht maastricht@dwars.org Gert-Jan Krabbendam

Politiek Secretaris “groen”: milieu, ruimtelijke ordening, huisvesting, energie en verkeer Joep Langeveld / 21 jaar / Wageningen E-mail: joep@dwars.org

Groningen groningen@dwars.org Lotte Willemsen

Politiek Secretaris “rood”: cultuur, onderwijs, sociale zaken, welzijn en volksgezondheid Giel van der Steenhoven / 19 jaar / Driebergen-Rijsenburg E-mail: giel@dwars.org Politiek Secretaris “blauw”: binnenlandse zaken en koninkrijksrelaties, justitie, economische zaken en financiën Layla de Jong / 23 jaar / Utrecht E-mail: layla@dwars.org Bestuurslid Activiteiten Rik van der Laan / 21 jaar / ‘s-Gravenhage E-mail: rik@dwars.org

Eindhoven eindhoven@dwars.org Menno Slaats Friesland fryslan@dwars.org Marcia Dijkstra Nijmegen nijmegen@dwars.org Diederik ten Cate Utrecht utrecht@dwars.org Folko de Haan


35

Lidmaatschapsbon / Aanvraag infopakket

Werkgroepen

Ik word lid van DWARS, en O ik machtig DWARS jaarlijks 5 euro van mijn rekening af te schrijven O Dwars stuurt mij jaarlijks een acceptgiro (3 euro administratiekosten extra)

Werkgroep Internationaal Contactpersoon: Tara Scally (tara@dwars.org)

O Ik wil een gratis infopakket

Ben jij internationaal georiĂŤnteerd en wil je een bijdrage leveren aan de standpunten, acties, bijeenkomsten en politieke lobby die Dwars voert? Word dan actief binnen de werkgroep internationaal!

Naam

Werkgroep Groen Contactpersoon: Joep Langeveld (joep@dwars.org) Het onderwerp Milieu is zonder twijfel een van de bakermatten van DWARS. Een onderwerp waar bij DWARS veel over nagedacht en gesproken wordt. En terecht. Nu de rest van de wereld nog!

Congreswerkgroep Contactpersoon: Jochem Douw (secretaris@dwars.org) Elk half jaar organiseert DWARS een congres. Op dit congres vindt een algemene ledenvergadering (ALV) plaats, waar een bestuur gekozen wordt en moties en amendementen ingediend kunnen worden. Daarnaast zijn er op dit tweedaagse evenement spraakmakende sprekers, interessante debatten, wordt er actiegevoerd en is er natuurlijk een feest. Wil jij meehelpen het volgende congres tot een succes te maken? Laat van je weten!

Adres

Postcode

Plaats

Telefoon

E-mail

Geboortedatum

O Bank

Landelijk Secretariaat

O Giro

Medewerker Lina Titulaer lina@dwars.org

Datum

Oudegracht 229, 3511 NJ Utrecht 030-233 3263

Handtekening

Het kantoor is bereikbaar: Woensdag 9.00u-17.00u Vrijdag 9.00u-14.00u

Deze bon ingevuld opsturen naar: DWARS, Antwoordnummer 51272, 3501 DB Utrecht. Postzegel mag wel, hoeft niet.


Politiek & cultureel tijdschrift OverDWARS is een uitgave van DWARS, de onafhankelijke politieke jongerenorganisatie van GroenLinks.


OverDWARS2009no.02