Issuu on Google+

UNE PROPOSITION POÉTIQUE PAR DES SIỀCLES DU MOYEN ẤGE AU 20ME SIẾCLE POUR 6 VWO de madame Schwarze MA

1


ENTRE SENTIMENT ET SUBCONSCIENT, ENTRE RẾVE ET RÉALITÉ

A] de Middeleeuwen Nog even samenvattend: De Middeleeuwse samenleving berust op het feodale stelsel. In het maatschappelijk leven is de invloed van de kerk zeer groot. De wereld staat in dienst van God, die het middelpunt is van alle denken en handelen. De literaire werken zijn meestal anoniem, omdat het individu niet zo’n belangrijke rol speelt. Niet de schoonheid, maar de godsdienstige moraal staat voorop. De “Serments de Strasbourg” uit 842 Heiligenlevens zoals “la Séquence de Sainte Eulalie” eind 9e eeuw De ridderromans – chansons de geste – zoals “la Chanson de Roland” 11e eeuw

In “Lancelot”van Chrétien de Troyes, [hierin is de ridder de slaaf van de beminde vrouw] in “Tristan et Iseut” van Thomas of Béroul, [ zien we het trieste verhaal van een fatale ongewilde liefde] in de “Lais” van Marie de France [ zien we liefdesgeschiedenissen met een vaak fatale ontknoping] vanaf de 12e eeuw, ontstaat de hoofse literatuur – littérature courtoise Theater in de Middeleeuwen: “la Farce du maître Pierre Patelin” [klucht]

Eerste geschreven document in het Frans, natuurlijk geen literatuur Eerste literaire teksten, in het Frans Deze ontstaan in de 11e eeuw en nemen 3 eeuwen een belangrijke plaats in, in de Franse literatuur. Ze tonen het ridderideaal: dapperheid in de strijd, trouw aan de leenheer en een onwankelbaar geloof in God. Vrouwen spelen geen belangrijke rol. Onder invloed van de kruistochten wordt de positie van de vrouw steeds belangrijker. De kruisridders zien in de Arabische wereld en in de Arabische literatuur een andere rol van de vrouw. Misschien een oorzaak dat de vrouw gaat overheersen in de literatuur. Ze wordt de hoofdpersoon en eist verfijnde liefde. De held moet alles doen wat zij wil en de grootste gevaren doorstaan. Fragmenten uit het Evangelie worden in de kerk uitgebeeld. Aanvankelijk in het Latijn later in het Frans, ook de plaats wijzigt zich. Het toneel verplaatst zich naar het plein voor de kerk. Het Middeleeuws theater is te verdelen

2


in :A] geestelijk toneel met zijn mysteriën en mirakelspelen. B] wereldlijk toneel met zijn sotternieën, moraliteiten en kluchten. Lyriek bereikt een hoogtepunt in de De oorsprong van deze poëzie is te 14e en 15e eeuw Charles d’Orléans vinden bij de aristocratie. te Blois vormt middelpunt van het Rondzwervende zangers trekken letterkundig leven van die tijd. Aan van kasteel naar kasteel om zijn hof verblijft François Villon [een iedereen te vermaken. Deze zwerver en bandiet] . hij schrijft “La troubadours zingen liederen over de Ballade des Pendus”. liefde. Naast de lyrische poëzie ontstaat Hier strijdt de arme , maar slimme e vanaf de 13 eeuw een burgerlijke Reinaart met succes tegen de wolf, literatuur met satirisch of komisch de beer of de leeuw, die wel sterk, karakter. Zoals bijvoorbeeld in de maar dom zijn. De verhalen “Roman de Renard” symboliseren de strijd van de opkomende burgerij tegen de adel en de geestelijkheid.

Aan het einde van de Middeleeuwen wordt de boekdrukkunst uitgevonden [ rond 1455 door Johannes Gutenberg] hetgeen een grotere verspreiding van de literatuur mogelijk maakt. Hieronder treffen jullie een couplet aan uit “le Lais” [1456] van François Villon met daaronder de verdere bewerking en vertaling van Ernst van Altena. Direct daarna kunnen jullie lezen dat deze “stoffige”oude poëzie niet zo “stoffig” is , daar “le Lais” kennelijk Lennaert Nijgh heeft geïnspireerd om “het Testament”voor Boudewijn de Groot te schrijven. 1] Répondez à la question suivante svp: Qui est Vegece dont François Villon parle dans son vers?........................................................ ……………………………………………………………………………………………………………. 2] Donnez une bonne raison pour laquelle Lennaert Nijgh s’est inspiré de ce vers de Villon……………………………………………………………………………………….. ……………………………………………………………………………………………………………………

3


4


5


B] La Renaissance Er komt een meer burgerlijke cultuur. De Kerk verliest geleidelijk haar greep op het totale leven van de mens. De Hervorming speelt hierin een belangrijke rol. Het Humanisme ontstaat. Er ontstaat een kritische en wetenschappelijke geest en de mens wordt zich meer bewust van zichzelf. De schrijvers uit deze periode bestuderen intensief de Griekse en Romeinse auteurs uit de Klassieke Oudheid. In de literatuur waarin de wereld en de mens centraal staan, wordt schoonheid een doel op zich. De stijl is zeer geordend. Rabelais met “Pantagruel”en “Garantua” Montaigne schrijft “Essais” [filosofisch werk] La Pléiade wordt opgericht.

De 2 belangrijkste vertegenwoordigers van de Pléiade zijn Du Bellay en Ronsard

Schrijft fantasierijk over reuzen. Het zijn verhalen met een levensbeschouwelijke inslag met de nadruk op de liefde voor het leven. Hierin toont hij zich als een sceptisch moralist Dit zijn 7 dichters die in de Franse literatuur, de “klassieke” theorieën introduceren, met name in de poëzie. De Pléiade publiceert een manifest, Défense et Illustration de la langue Française. Dit houdt ten 1e de verdediging [ Défense] van de moedertaal tegen het Latijn als poëtische taal in . Ten 2e gaat het om de verrijking [Illustration] van de taal door de vorming van nieuwe woorden, van de stijl, door het gebruik van “klassieke” dichtvormen: sonnet, ode en epos. De laatstgenoemde bezingt in zijn “Odes” de voorbijgaande schoonheid.

Hieronder treffen jullie een gedicht aan van Ronsard “quand je suis vingt ou trente mois…..” Les charmants spectacles du Vendômais natal versent parfois dans l’âme du poète une mélancolie qui ne doit rien aux modèles antiques. Deux siècles et demi avant Lamertine, il éprouve devant la nature immuable la tristesse de l’homme qui passe et des ans qui s’écoulent. Mais Ronsard ne pouvait pas rester sur cette note pessimiste: dans le trait final, d’une galanterie un peu précieuse, reparaît l’épuricien, tout à la vie et à l’amour. 6


3] Étudiez la progression du thème mélancolique dans les 5 premières strophes. Montrez que le poète a su varier les comparaisons qui l’ expriment………………………………………………………………………………………….. ……………………………………………………………………………………………………………… 4] L’art: A] Relevez les images les plus pittoresques………………………. …………………………………………………………………………………………….. B] Par quels procédés le poète a-t-il suggéré la mélancolie du temps qui s’enfuit?........................................................... RONSARD : QUAND JE SUIS VINGT OU TRENTE MOIS

3 p 131+132 een stukje

7


C] Het Classicisme [17e eeuw] In Frankrijk regeert de Zonnekoning. Lodewijk de XIV is een absoluut vorst. [ l’état c’est moi]. De Kerk herstelt haar greep op het geestelijk leven in de samenleving, waarin de burgerij steeds machtiger wordt. De literaire kenmerken van de Renaissance worden in deze periode nog verder vervolmaakt. De Académie Française waakt over de naleving hiervan. Dit is een instituut van 40 schrijvers, dat de “klassieke” theorie propageert en aan de hand daarvan de literatuur beoordeelt. [ het is nu nog steeds een grote eer voor een schrijver om bij dit genootschap te horen.] Je hebt behalve het Classicisme nog 2 andere bewegingen in de samenleving en in de literatuur nl: La Préciosité en le Rationalisme Bij de Préciosité onderscheidt men zich door verfijnde zeden en een speciaal taalgebruik. Enkele voorbeelden zijn: 1] la belle mouvante = la main 2] le paradis des oreilles = les oreilles 3] l’ameublement de la bouche = les dents 4] la commodité de la conversation = la chaise Bij het rationalisme gaat men uit van de rede [ verstand, logica ] [Descartes – je pense, donc je suis- ]. Met de rede kan je alles aantonen en uitleggen. Deze filosofie zal ten volle tot ontplooiing komen in de 18 e eeuw tijdens de Verlichting. filosoof Theoloog en filosoof

Schrijver

Schrijfster, proza

Descartes: “Discours de la Méthode”

Filosofie gebaseerd op de rede en het logisch denken Pascal: “les Pensées” Een verzameling overwegingen m.b.t. het geloof en het bestaan . La Rochefoucault: “le refus des louanges “Maximes”. est un désir d’être loué deux fois”. Hij is een pessimist en een scepticus. Madame de la Fayette: Ze stelt het probleem ‘la Princesse de Clèves” van een mariage de raison aan de orde. Om het bezit van een familie veilig te stellen, wordt in die tijd vaak een verstandshuwelijk gesloten. Zij ageert 8


Schrijver, theater

Molière:o.a.”les Précieuses ridicules”

Schrijver, theater

Corneille: “Le Cid”

Schrijver, theater

Racine: “Phèdre”

Poëzie

Boileau

poëzie

La Fontaine: “Les Fables”

hiertegen. Schrijft klassieke comedies. Zedencomedies, karaktercomedies, kluchten. Hij heeft klassieke tragedies geschreven, waarin de held zijn hartstochten overwint. In de Cid is de keuze tussen eer en liefde moeilijk, maar de eer speelt de doorslaggevende rol. Hier is de held het slachtoffer van zijn driften, die een tirannieke macht uitoefenen. De hartstocht drijft in “Phèdre” het slachtoffer tot allerlei misdaden en zelfs tot de dood Hij is de theoreticus van de classicistische stroming In zijn fabels beschrijft hij de samenleving van zijn tijd. Dit zijn kleine komedies waarin dieren de mensen symboliseren.

9


In de 17e eeuw is het toneel verreweg het belangrijkste literaire genre. Voor het theater volgt men nauwkeurig de klassieke regels: A] een toneelstuk moet 5 bedrijven hebben. B] er moet zijn: - eenheid van handeling, één intrige, één held - eenheid van tijd, binnen 24 uur - eenheid van plaats, één plaats van handeling C] de personen in het stuk moeten adellijke personen zijn, om het goede voorbeeld te geven. D] men moet welgemanierdheid in acht nemen, d.w.z. geen vulgaire woorden, geen duels op het toneel. E] de intrige moet bij voorkeur gekozen worden uit de klassieke mythologie of geschiedenis.

Hieronder vinden jullie een gedicht van La Fontaine [1621-1695] “ le renard et la cicogne” [1668] Reeds in de Oudheid gebruikten schrijvers de fabel om indirect kritiek te leveren op bestaande maatschappelijke situaties. La Fontaine neemt dit procédé over, maar verruimt tevens de fabel tot een op zichzelf staande kleine komedie. 5] Traduisez [ eventuellement à l’aide de l’internet] le poème en Néerlandais…………………………………………………………………………………… …………………………………………………………………………………………………….. 6] Quelle est la morale de cette fable?................................. ……………………………………………………………………………………………………….. 7] Choisissez en deux une autre fable du petit volume que j’ai en classe récite- la et raconte ce qu’il dépeint dans cette fable en classe.

10


LA FONTAINE : LE RENARD ET LA CIGOGNE

11


D] De eeuw der Filosofen [18e eeuw] De wetenschap gaat op alle fronten vooruit. Nieuwe ideeën verspreiden zich geleidelijk in de samenleving, zoals verdraagzaamheid, kritiek, vertrouwen in de rede [vooral gezond verstand] en vertrouwen in de goedheid van de mens. De absolute macht van de koning wordt langzaam minder. In 1789 breekt de Franse Revolutie uit. In de literatuur gebeurt hetzelfde. Schrijvers leveren kritiek en staan verdraagzaamheid voor op het gebied van godsdienst en politiek. Ze verdedigen een godsdienst gebaseerd op de rede: het deïsme. Om al deze nieuwe ideeën te verspreiden moet men een eenvoudige, heldere stijl gebruiken. Er is weinig poëzie in deze periode. filosoof

Montesquieu: “Lettres Persanes”

filosoof

Voltaire:o.a.”Candide”

filosoof

Rousseau:o.a “La nouvelle Héloïse” en “Émile”

Bekritiseert Franse instellingen en gewoonten Hij heeft zijn leven lang kritiek op politieke en maatschappelijke instellingen ten voordele van zijn ideaal van vrijheid en verdraagzaamheid. Zijn invloed in deze eeuw is enorm.[deïst] Ook hij is deïst en verwerpt de traditionele geloofsleer. De mens is van nature goed maar de maatschappij bederft hem.[ L’ homme est bon et heureux par nature; c’est la civilisation qui a ruiné son bonheur primitif.] La nouvelle Héloïse is het verhaal, dat een ongelukkige liefde beschrijft en het eenvoudige leven predikt[ retour à la nature] Emile is een opvoedkundig werk en pleit voor vrije opvoeding.Rousseau is 12


Filosoof + schrijver

Diderot: “Encyclopédie”

Pre-Romantiek schrijver Schrijver, proza

Rousseau

Schrijver, proza

Bernadin de St-Pierre: “Paul et Virginie” Prévost: “Manon Lescaut”

Schrijver, proza

Chateaubriand: “René”

Schrijver, komedie, theater

Marivaux: “le Jeu de l’amour et du Hasard”

Schrijver, komedie, theater

Beaumarchais: “le Mariage de Figaro”

poëzie

Jean- Baptiste Rousseau Jacques Delille Ecouchard-Lebrun André Chénier

poëzie Poëzie poëzie

de inspirator voor de Romantici door zijn liefde voor de natuur, zijn verheerlijking van het “ik”, zijn religieuze beleving en zijn melancholie. [PreRomanticus] Hij heeft voor de “gewone man” veel vernieuwingen en begrippen op begrijpelijke wijze beschreven en geïllustreerd. [Vandaar eeuw van de Verlichting]

Een idyllische liefde in een exotisch land Schildert de hartstochten van een fatale liefde. Beschrijft in dit boek zijn gevoel voor de natuur,religieuze inspiratie en melancholie Liefdeskomedies met humor Schrijft intrigekomedies met korte scènes vol verrassingselementen. Zijn humor m.b.t. de adel vaak bitter spottend. [ La noblesse s’est donné la peine de naître et rien plus]

13


Hieronder een epigram van J-B Rousseau [1671-1741] Jean – Baptiste Rousseau avait commencé une brillante carrière poétique lorsqu’il fut frappé de bannissement pour des vers diffamatoires qu’il se défendait d’ailleurs d’avoir composés.[1712] Il connut alors la tristesse et l’amertume de l’exil; revenu un moment à Paris [1738], il ne tarda pas à quitter de nouveau la France, et il est mort à Bruxelles en 1741. Une pénible destinée qui contraste avec sa gloire littéraire, car on l’a considéré comme le plus grand poète de son temps. Aigri et désabusé, J-B Rousseau exprime dans des épigrammes très réussies ses rancoeurs et ses déceptions. 8] Dans cette épigramme J-B Rousseau exhale ses amères désillusions, lesquelles?................................................................................... …………………………………………………………………………………………………………………. 9] Qu’est-ce que c’est qu’une épigramme?....................................... ………………………………………………………………………………………………………………….

JEAN - BAPTISTE ROUSSEAU : ÉPIGRAMME

14


E] Romantiek, Realisme, Naturalisme, Symbolisme [19e eeuw] De 19e eeuw wordt gekenmerkt door vele politieke machtswisselingen. Na het Empire van Napoleon volgt een tijdperk van materialistische en burgerlijke cultuur. Vanaf 1850 volgt een periode van economische groei, waarin de kleine burgerij [bediendes, ambtenaren] belangrijk wordt. Er ontstaat een opkomende industrie. Na de Frans- Duitse oorlog [18701871] en de Commune [1872] begint de Derde Republiek [1871-1944]. De vele politieke omwentelingen hebben hun uitwerking op de literatuur niet gemist. Allerlei stromingen volgen zich op. De Romantiek [1800-1850] Deze ontstaat vooral onder invloed van Duitsland en Engeland. Het is een reactie tegen de overheersing van de Rede in de 18e eeuw en tegen het Classicisme en verheerlijkt daarentegen het gevoel en de verbeelding. De bron van de Romantiek is het mal du siècle, een gevoel van diepe melancholie doordat men ontevreden is met de tijd en de samenleving. Men “lijdt aan de tijd”. Het sleutelwoord is révolte [opstandigheid, verzet]. De grote verschillen met de vorige eeuw zijn voornamelijk: ROMANTIEK Gevoel Terug naar de natuur Godsdienstig Innerlijke beleving Vlucht in het verleden Vlucht in de toekomst Vlucht in het mysterie Vlucht in de wanordelijke natuur Vlucht in het exotisme

CLASSICISME Rede, verstand Geloof in de vooruitgang Atheïstisch Afstandelijke beschouwing Eigentijds

ROMANTIEK Proza,Theater,poëzie schrijver

Victor Hugo:”Les Misérables”[proza] “Ruy Blas”[ theater] “Odes et Ballades”[poëzie]

hoe Jean Valjean een diefstal pleegde en ervoor moest blijven boeten. Geen 3 eenheden meer, geen noodzakelijk rijm, geen

15


Schrijfster, proza Schrijver, proza Schrijver, proza

George Sand: “la Mare au Diable” Dumas père: “le Comte de Monte-Cristo en “les Trois Mousquetaires” Jules Verne: “le Tour de Monde en 80 jours”

poëzie

Lamartine: Méditations poétiques"

Poëzie

Musset: “Les Nuits”

verschil in tragedie of komedie. Hij is voor de poëzie de vader van de “romantische school”

Plattelandsleven is ideaal [liefdesromans] Historische romans Toen nog een science fictionachtige thematiek Hij is de dichter van de liefde, die de vrouw idealiseert en de dichter van de melancholie van de natuur. Geïnspireerd door een diep liefdesverdriet

Nu dan het gedicht van Victor Hugo [1802-1885] “Demain, des l’aube” [ september 1847] 10] Pourquoi est-ce que ce poème fait partie du Romantisme?............ ………………………………………………………………………………………………………………….. 11] IL a dédié ce poème à sa fille. De quel mot dans ce texte sait-on qu’ elle est vraiment morte?................................................................ …………………………………………………………………………………………………………………..

16


VICTOR HUGO

17


LES AUTEURS DE TRANSITION Er komt geleidelijk verzet tegen de Romantiek. De auteurs zijn nog geen Realisten maar hun werken hebben al wel realistische elementen. Het zijn romantische realisten. Schrijver, proza

Honoré de Balzac:”la Comédie Humaine”

Schrijver, proza

Stendhal: “le Rouge et le Noir”

Schrijver, proza

Mérimée: “Mateo Falcone”

Deze bestaat uit een groot aantal romans, deze geven een fantastisch beeld van die tijd. In zijn werk vernietigt de hartstocht de mens, hoewel dit ook kan leiden tot zijn volle ontplooiing. Hij behoort tot de romantische school [vanwege fantasie+hartstochten + realist in de precieze beschrijving van zijn personen]. Hij munt uit in de psychologische beschrijving van de liefde + analyseren van de zeden. Combineert zijn novelles met een romantische inhoud met een sobere realistische stijl.

REALISME Dit vindt plaats tussen 1850-1870. Men vindt, dat de werkelijkheid niet ontvlucht moet worden en probeert te beschrijven d.m.v. neutrale waarneming. In de poëzie vindt men dit idee terug in de objectieve vorminhoud. In de proza ontstaat de psychologische roman, die via nauwkeurige observatie + gedetailleerde beschrijving het karakter van de personages tracht uit te leggen. Schrijver, proza

Gustave Flaubert: “Madame Bovary”

Precieze analyse hoofdpersoon [ vrouw=ontrouw uit

18


poëzie

Gautier:”l’art pour l’art”

poëzie

Leconte de Lisle

verveling=zelfmoord]. De kunst heeft uitsluitend een doel in zichzelf zonder factoren van buitenaf. Men moet objectieve, geen lyrische verzen schrijven, de schoonheid van de vorm ontwikkelen. De dichters die zich deze theorie eigen maken noemt men de Parnassiens.

NATURALISME 1870-1890. Het gaat uit van het Realisme, maar gaat nog een stap verder. Het wil de werkelijkheid wetenschappelijk verklaren en gaat hierbij uit van het determinisme. Het lot van de mens wordt bepaald [déteminé] door de omstandigheden buiten zijn wil om: erfelijkheid, milieu en opvoeding. De Naturalisten willen zo exact mogelijk het werkelijke leven vastleggen maar dit is gekleurd door hun sombere visie op de maatschappij. De mens is onvrij, hij wordt bepaald door externe factoren, erfelijkheid, milieu en opvoeding, maar ook door interne krachten die sterker zijn dan hijzelf, zoals driften. Volgens de Naturalist zal de mens er nooit in slagen uit zijn eigen kringetje te ontsnappen, of met noodlottige afloop. De Naturalist heeft oog voor sociale wantoestanden, kiest de zijde van de armen en onderdrukten en bekritiseert de rijken en machtigen. De poëzie is in deze stroming te verwaarlozen. Schrijver, proza

Emile Zola:”les Rougon-Macquart”, met als bekendste roman:”Thérèse Raquin”

Schrijver, proza

Guy de Maupassant:”Une Vie

Schrijver, proza

Alphonse Daudet:

Laat de ontluistering van rijk en arm zien, zoals het trieste bestaan van mijnwerkers en hoeren, machtsmisbruik door vertegenwoordigers van geestelijkheid en bougeoisie. “je kan nooit ongestraft je eigen wereldje verlaten, doe je dat toch, volgt altijd ongeluk. Is noch realist, noch

19


“Tartarin de Tarascon” naturalist. Vanaf 1870 ontwikkelt zich in de schilderkunst het IMPRESSIONISME. [ De Impressionisten keren zich tegen het Realisme en gaan buiten schilderen. Door de sfeer en het licht dringen ze dieper door tot het wezen der dingen en zijn de relaties tussen de Impressionisten en de Symbolisten – die in de literatuur hetzelfde nastreven – erg vriendschappelijk. Bekendste peintres fous de lumière zijn Monet, Renoir, Pissaro, Manet, Degas, Cézanne, Gauguin,Van Gogh, etc. de eigenlijke ïmpression is van Claude Monet, die in 1874 in de catalogus van de tentoonstelling -van hem en zijn vrienden – liet opnemen:’impressie. Zonsopgang.’ De schilderkunst gaf alleen nog een indruk, vertelde geen anekdotes meer, vertolkte geen gedachte meer, was vaag en brutaal. Een welwillend kunstcriticus had het over de ‘impressionisten’ vandaar Impressionisten. SYMBOLISME 1890-1910. Het symbolisme is een reactie op het verstandelijke, wetenschappelijke van het Realisme en het Naturalisme. Het is vooral een stroming van de poëzie. Ze geven geen beschrijving, maar roepen een beeld op. Ze trachten de emotie van het onderbewustzijn te suggereren in de vorm van een droom of een symbool. Ze creëren een meer muzikale, vrije, harmonische versvorm. Het mysterieuze inspireert hen. Het Symbolisme beschouwt de wereld van het zintuiglijk waarneembare slechts als uiterlijke schijn, als symbool voor de echte werkelijkheid die achter de dingen verborgen zit. Het Symbolisme introduceert in de poëzie het “vrije vers”. poëzie

Charles Baudelaire: “les Fleurs de Mal”

poëzie

Paul Verlaine ”Chansons pour elle”

poëzie

Arthur Rimbaud: “le dormeur de Val”

Schoonheid, liefde, ideaal, erotiek, lelijkheid en kwaad in al hun schoonheid. Romantisch zwerver zoekend naar schoonheid. Zijn poëzie is muzikaal en vaak de uiting van een droefgeestige erotiek. Hij probeert het onbekende en mysterieuze te ontdekken en met zijn poëzie een nieuwe wereld te creëren. [ lange tijd vriend →Verlaine]

20


Hier volgt het gedicht van Paul Verlaine [1844-1896] “ uit: Chansons pour elle” [ 1891] 12] Est-ce que vous aimez ce poème ou est-ce que vous le détestez? Expliquez votre réponse!............................................................ ………………………………………………………………………………………………………………

PAUL VERLAINE

21


F ] Dadaïsme, Surrealisme, Existentialisme, Le Théâtre Absurde, nieuwe tendensen [ 20e eeuw] De literatuur van 1900-1945: tussen droom en daad. De 1e Wereldoorlog [1914-1918], de in 1929 begonnen economische wereldcrisis en de 2e Wereldoorlog [ 1939-1945] beheersen het maatschappelijk leven in deze periode. In de literatuur speelt dit ook door, de auteurs verwoorden vaak in negatieve zin hun ideeën over het bestaan. De roman vóór 1914 schrijver, proza

Alain – Fournier:”le Grand Meaulnes”

Schrijver, proza

Marcel Proust: “A la recherche du temps perdu”

Schrijver, proza

André Gide: “la Symphonie pastorale”

Symbolistische roman door de sfeer van droom en mysterie Graaft met perfecte precisie zijn verleden op , waarin hij zijn onbewuste “ik” laat herleven Gide is een antireligieuze moralist

De roman van 1919-1939 De roman-fleuve is een zeer uitgebreide roman. Vaak bestaande uit verschillende delen die talrijke personen van opeenvolgende generaties beschrijven. Schrijver, proza Schrijver, proza, theater

Roger Martin du Gard:”les Thibault” Jules Romains: “les hommes de bonne volonté” + “Knock”

Vertelt het wel en wee over een burgerfamilie Ontwikkelt hierin zijn unanimisme. Dit is een levensopvatting waarin alle mensen solidair zijn door een sterk overheersend gemeenschapsgevoel.

22


De Schrijver, proza Schrijver, proza

psychologische Raymond Radiguet: “le Diable au corps” François Mauriac: “Thérèse Desqueroux”

Schrijver, proza

Julien Green: “Moïra”

Schrijver, proza [+detectives]

Georges Simenon: “le Chat”

het Schrijver, proza

Woord en de André Malraux: “la Condition humaine”

Schrijver, proza, sprookje

Antoine de SaintExupéry: “Vol de Nuit” + “le Petit Prince”

Schrijver, theater

Jean Giraudoux: “Electre”

roman Een ontroerende liefdesroman. Het conflict tussen geloof en hartstocht gezien vanuit een katholiek standpunt. Angst tengevolge van de strijd tussen hartstocht en geloof. Hierin geeft hij een indringend beeld van een groeiende vijandschap in het huwelijk van een bejaard echtpaar. daad Verwerkt hierin een episode uit de Chinese revolutie waarin hij zelf actief is geweest. In 1e boek toont hij de eenzaamheid die de verantwoordelijkheid soms met zich meedraagt. In het 2e boek staat de rijke kinderwereld t.o.v. de oppervlakkigheid en het egoïsme van de volwassenen. Maakt tegenstelling zichtbaar tussen man en vrouw, tussen vrijheid en noodlot, maar ook de drang naar trouw en zuiverheid.

23


DADAÏSME 1916-1925. Het Dadaïsme ontstaat tijdens de 1e Wereldoorlog als reactie tegen diens verschrikkingen. Deze beweging wil de bestaande kunst omverwerpen. In een chaotische wereld doet de “nette” kunst schijnheilig aan. Protest, verwarring is hun enige doel, bijv. het voorlezen van 2 gedichten tegelijkertijd. Hun voorman is Tristan Tzara. Hier dan een bekend dadaïstisch gedicht van Tristan Tzara [1896-1963] “pour faire un poème dadaïste uit: Sept manifestes Dada” [ 1918] 13] Qu’est-ce que Tzara propose de faire dans son poème? Pourquoi?...... …………………………………………………………………………………………………………………………

TRISTAN TZARA

24


SURREALISME 1925-1940. Het Surrealisme is voornamelijk een poëtische stroming. De poëzie moet het resultaat zijn van blinde, automatische inspiratie, die aan de controle van het verstand ontsnapt. Het is de positieve voortzetting van de negatieve Dada- beweging. Mede onder invloed van Freud tracht men achter de smalle werkelijkheid die zintuiglijk waarneembaar is, het veel grotere onderbewustzijn te ontdekken. Om die ervaringswereld te bereiken moet men technieken gebruiken als delirium, droominhouden, hysterie en andere afwijkingen die buiten het gewone verstand vallen. Door die agressieve, scheppende kracht bereikt men de sur- réalité, de fusie van droom en werkelijkheid. [ Vergelijk surrealistische schilders als Tanguy, Dali, Mirò.] poëzie

Guillaume Apollinaire: “Calligrammes”

poëzie

André Breton: “Nadja”

Poëzie

Paul Eluard: “la rose publique”

poëzie

Jacques Prévert: “Paroles”

= de vader van het Surrealisme. Hij vernieuwt de poëzie door het weglaten van leestekens, het gebruik van beeldspraak louter gebaseerd op de toevallige verbinding van verwante voorstellingen. Bijv. gedicht over een fontein in de vorm van een fontein!! Warme en lyrische poëzie. Hij is de theoreticus van de beweging. Hierin verwerkt hij zijn eigen ervaring in een verbeeldingswereld. Hij is de meest poëtische van de groep. Zij poëzie van de liefde wordt geleidelijk meer sociaal bewogen. Maakt een periode deel uit van deze stroming. Maar later ontwikkelt hij zich tot de grote dichter van de liefde, uitgedrukt in zeer eenvoudige verzen.

25


Poëzie

Robert Desnos: “Domaine Public”

Bijv. een arbeider die geen zin heeft in zijn werk. [verrassend]. Hij ontmaskert wat zich verzet tegen geluk, vreugde en vrijheid. Met Eluard is hij de meest gelezen dichter! Heeft zich beziggehouden met droomduidingen en is in het communistische verzet gegaan in de 2e WO.

De literatuur van 1945- heden: tussen daad en illusie Na de 2e Wereldoorlog volgt een tijdperk van grote politieke spanningen: de Koude oorlog, koloniale oorlogen in Indochina en Noord-Afrika. In 1968 vindt in Parijs de Mei- opstand plaats van studenten en arbeiders. Vanaf 1973 wordt de samenleving gekenmerkt door een toenemende crises en toenemende werkeloosheid. EXISTENTIALISME 1945-1960. De gruwelen van de oorlog heeft de mensheid verbijsterd. In deze wereld is geen plaats meer voor God, zo’n wereld is absurd! Vanuit dit besef ontstaat het Existentialisme. Deze filosofische stroming gaat uit van de gedachte dat de mens niet van te voren in z’n wezen bepaald is [vergelijk het Naturalisme en Rousseau], maar zichzelf ‘maakt’ door telkens verantwoordelijkheid te dragen voor zijn eigen keuzes. L’existence précède l’essence. Deze theorie wordt door de auteurs toegepast om de maatschappij te veranderen. Daarom moet de schrijver geëngageerde literatuur schrijven, d.w.z. literatuur waarin de auteur stelling neemt m.b.t. maatschappelijke problemen. Schrijver + filosoof, proza + theater

Jean-Paul Sartre:o.a. “les Mains sales” + “l’être et le néant”

Schrijfster + filosofe,

Simone de Beauvoir:

Legt aanvankelijk de absurditeit van het bestaan uit in ‘la Nausée’. Maar later verdedigt hij de revolutie als middel om de samenleving in socialistische zin te verbeteren zoals in ‘les Mains sales’. Getuigt in haar

26


proza

o.a.“Une Mort très douce”

Schrijver, proza + theater

Albert Camus:o.a. “l’Étranger + la Peste”

gevarieerde oeuvre van sterk existentialistische invloeden. Levensgezellin van J-P Sartre. Gaat in l’Étranger eveneens uit van het absurde. In ‘la Peste’ vindt hij een middel om aan de wanhoop te ontsnappen: de mens kan zijn vrijheid kiezen in daadwerkelijke solidariteit en liefde.

LE NOUVEAU ROMAN 1955-1970. De “nouveau romancier”weigert in een chaotische wereld, de traditionele vormen van de literatuur nog langer te volgen. Om een nieuwe werkelijkheid te bereiken moet ook de structuur van het verhaal veranderd worden. Vandaar een verteltrant zonder logica, zonder psychologische karakterontwikkeling maar een overvloed van neutrale beschrijvingen van voorwerpen en details en een onderzoek naar de taal. Voor hen is de ervaring van het beschrijven belangrijker dan de beschrijving van de ervaring. In de 60er jaren ontstaat een groep auteurs rond het tijdschrift ‘Tel Quel”. Deze auteurs gaan nog verder dan de “nouveaux romanciers” in hun reactie tegen de traditionele literatuur. Zij vervangen het begrip literatuur door de term ‘tekst’ die alle grenzen tussen proza, poëzie, wetensschap en filosofie opheft. Voorlopers:

Schrijver, proza

De volgende auteurs hebben de stroming voorbereid.

literatuur wordt ter discussie gesteld naast waarheden over mens en wereld Louis-Ferdinand Roept hier in rauwe Céline:”Voyage au bout cynische bewoordingen de la nuit” het bestaan in al zijn absurditeit op.

Schrijver, proza, poëzie

Raymond Queneau:”Exercices de style”

Schrijfster, proza

Marguerite Duras:”Moderato

Toont 99 varianten van hetzelfde verhaaltje, hiermee toont hij de macht en de betrekkelijkheid van de stijl aan. Hierin schildert ze de jacht op het absolute 27


Schrijver, proza, poëzie

Cantabile” Boris Vian:”l’Automne à Pekin”

Vertegenwoordigers: Door hun ingewikkelde probleemstelling Schrijver, proza Alain Robbe Grillet:”Dans le labyrinthe” Schrijfster, proza Schrijfster, proza

Michel Butor:���Degrés” Nathalie Sarraute:”Tropismes”

geluk. Creëert in zijn romans een bizarre wereld; geregeerd door een tot het absurde doorgevoerde logica. Onder het mom van zwarte humor symboliseren ze het verval, het egoïsme en de vervreemding in een wereld waar voor liefde geen plaats meer is. Zijn de ‘nouveaux romanciers’ erg moeilijk leesbaar Hij schetst louter via dreigende beelden de dwaaltocht van een soldaat in een vijandelijke stad. toegankelijk toegankelijk

Hier dan een talig stuk poëzie of een poëtisch stuk taal of hoe je het ook noemen wilt van Raymond Queneau [1903-1976] “un conté à votre façon” Queneau neemt de taal zelf als onderwerp van zijn schrijven. Spelend met de taal als een kind met zijn speelgoed, waarbij een enorme fantasie een verbindende schakel vormt, onderzocht hij de taal als expressiemiddel. 14] Est-ce qu’un tel texte vous ennuie ou vous plait? Pourquoi?............... ……………………………………………………………………………………………………………………….. 15] À quoi est-ce que ce “poème”ressemble?........................................ ………………………………………………………………………………………………………………………… 16] Le deuxième est un vrai poème de Queneau.[ de si tu t’imagines 1952]. Expliquez le contenu de ce poème. …………………………………………… ………………………………………………………………………………………………………………….

28


29


RAYMOND QUENEAU

30


DE TRADITIONELE ROMAN 1945- ……… . Deze roman blijft voor het lezend publiek de fijnst lezende vorm van literatuur. De kenmerken zijn: A] goede leesbaarheid [ de roman bevat een logisch verhaal] B] geloofwaardigheid [ de lezer kan zich identificeren met de hoofdpersoon] c] waarschijnlijkheid [ de roman weerspiegelt de werkelijkheid vrij nauwkeurig] De romans vóór de 2e Wereldoorlog getuigen van een sociale stabiliteit of van de zekerheid dat de maatschappij zou kunnen veranderen. Na de waanzin van de oorlog weigeren de schrijvers een optimistisch beeld van de werkelijkheid te geven. Ze geloven niet langer in de stabiliteit en de harmonie van de ons omringende wereld. In de romans zijn de volgende genres te onderscheiden: De naturalistische roman: Schrijver, proza Schrijfster, proza De fantastische roman: Schrijver, proza

de auteurs scheppen een beeld van de moderne samenleving waarin Hervé Bazin:”la Tête contre les murs” Muriel Cerf:”les Rois et les Voleurs” de schrijvers onderzoeken het terrein Henri Bosco:”le mas Théotime

De ‘vrije’roman:

rond de jaren 50 reageert een groep auteurs, de Hussards, tegen de

Schrijver, proza

Roger Nimier:”le Hussard bleu” Françoise Sagan:o.a. “Bonjour Tristesse”

Schrijfster, proza

De historische roman: Schrijver, proza

geeft een psychologische of sociologische Vercors:”le Silence de

hun helden zich weigeren aan te passen

van de verbeelding en de fantasie Verbeeldt hierin de geheimzinnige krachten der natuur. geëngageerde literatuur van de existentialisten. Ze hebben louter plezier in het schrijven.[ veel vrijheidszin+erotiek] Veel vrijheden met name in de erotiek. Ze typeert hier het schrijnende gemis aan echte liefde tegen een decor van luxe en verveling. analyse in een vaak recent historisch decor. Speelt tijdens de

31


Schrijver, proza Schrijver, proza

la mer” Romain Gary:”Éducation européenne” Patrick Modiano:”la Place de l’Étoile + Memory Lane”

In de 60er jaren

verschenen roman,

Schrijfster, proza

Christiane Rochefort:”les Petits Enfants du siècle”

De autobiografische roman: Schrijver, proza

is een roman waarin de auteur [een deel Henri Charrière:”Papillon” blijft het meest beoefende genre Jean Carrière:”l’Épervier de Malheux” Emile Ajar[= Romain Gary]:”la vie devant soi” Pascal Lainé:”la Dentellière”

De psychologische roman: Schrijver, proza Schrijver, proza Schrijver, proza

bezetting Spreekt over het verzet. Melancholie, de raadsels van de herinnering en het verleden spleen een belangrijke rol. weerspiegelt onze consumptiemaatschappij. Schildert het leven van een opgroeiend meisje uit een voorstad van Parijs. van ] zijn leven beschrijft. Vertelt over avonturen in een strafkolonie.

Hier staat koppige onverzettelijkheid centraal.

Schetst hierin een tot mislukken gedoemde relatie tussen kapster en student.

HET TRADITIONELE THEATER 1945……….. . De kenmerken zijn dezelfde als die bij de traditionele roman. Men onderscheidt in de 1e plaats het boulevardtheater dat met banale middelen succes tracht te oogsten. Daarnaast het existentialistisch theater . Vertegenwoordigers zijn: Schrijver, theater

Sartre:”Huis Clos”

Schrijver, theater Schrijver, theater [+proza]

Camus:”les Justes” Henri de Montherlant:’le cardinal d’Espagne

De hel, dat zijn de anderen. Zijn werk is een speurtocht naar het wezen van de mens, verborgen achter 32


Schrijver, theater

Jean Anouilh:’le Bal des voleurs”.

maskers en waanideeën. Zijn personages zijn onder te verdelen in 2 categorieën: de corrupten en de zuiveren.

LE NOUVEAU THÉẬTRE 1950-1963. Het Nouveau théâtre – le théâtre de l’absurde – wordt gekenmerkt door: A] de breuk met het principe van identificatie met de personages. B] wezenlijke vraagstelling m.b.t. de mens, de tijd, het leven, de dood weergegeven in een vaak allegorische voorstelling. C]terugkeer naar de oorsprong van het theater: improvisatie, mime, clownesk spel, ten koste van de waarde van de tekst. D] kluchtige elementen, zowel tragisch als komisch en het gebruik van clichés en gemeenplaatsen om taal als expressiemiddel en als communicatiemiddel ter discussie te stellen. Schrijver, theater

Eugène Ionesco:”le Rhinocéros”

Schrijver, theater

Samuel Beckett:”En attendant Godot”

Schrijver, theater

Arthur Adamov:”le professeur Tarenne”

Schrijver, theater

Jean Genet:”les Bonnes”

Behandelt het thema van de macht van de algemene opinie en het gelijk van de meerderheid t.o.v. de minderheid. Zijn theater symboliseert het verval, de aftakeling van mens en wereld,aangegeven door het wegvallen van décor, personages, handeling en zelfs taal De personages spreken slechts om de tijd van een absurd bestaan te vullen. Verbeeldt de volledige ontluistering van de mens. Draait hierin de waarden en normen volkomen om door het

33


Volgens de principes van het Nouveau Théâtre werkt ook

kwaad te bezingen. het “Théâtre de Soleil” en spel de band met dat d.m.v. acrobatiek, het publiek probeert pantomime,marionetten te vernieuwen. [bijv. Mephisto.]

DE NA- OORLOGSE POËZIE 1945- ………. . Na de verzetspoëzie volgt een periode van parlando – poëzie. Deze als in de spreektaal geschreven poëzie heeft vertegenwoordigers in Aragon, Eluart en Prévert. Rond de jaren 50 onderscheidt men, naar de vorm, 2 tendensen. Allereerst een terugkeer naar vaste en traditionele versvormen. Belangrijke dichters uit die periode vlak na de 2e Wereldoorlog zijn Saint-John Perse, René Char, en Robert Desnos. Daarnaast bestaat natuurlijk het verlangen nieuwe poëtische wegen in te slaan. De poëzie van Georges Perros beschrijft het simpele gebeuren van alledag in “Une Vie ordinaire”. In de poëzie vermijdt men de woorden, die in de oorlog dienden als leugen en bedrog. Veel dichters zoals Eugène Guillevic in “la Ville” verwoordt, ruilen de stedelijke beschaving voor een terugkeer naar de natuur. Het zoeken naar het mysterie van het bestaan leidt bij een aantal dichters tot het zoeken naar ‘het absolute’. “Dans la chaleur vacante” van André du Bouchet en “Visage premier”van Andrée Chedid vormen een speurtocht naar het instinct, naar het wezen, ‘naar de wortels van het bestaan’. Niet in staat het absolute te bereiken, stelt Jacques Garelli in “Brèche” de poèzie zelf, haar doel en de middelen ter discussie. Hieronder dan 10 bekende gedichten van de poëzie na 1945. Allereerst Robert Desnos [1900-1945] “L’escargot” uit Cantefables et Chantefleurs en “le dernier poème” uit Domaine public [1945]. Robert Desnos schreef “le dernier poème” ter afscheid aan zijn vrouw vanuit een Duits concentratiekamp. Na zijn bevrijding in de zomer van 1945 zou hij spoedig aan tyfus overlijden. Il a joué un rôle nécessaire, inoubliable , grace à sa façon onirique [ droomachtig] d’écrire et à son génie verbal: plus activement qu’aucun d’autre il a noté ses rêves et a pratiqué, sous hypnose, l’écriture automatique. Desnos est capable aussi d’émouvoir par un lyrisme très simple et d’étonner par une virtuosité métrique. 17] Pourquoi est- ce qu’il a pris le mot escargot comme titre? Expliquez!.................................................................................. ………………………………………………………………………………………………………………… 18] Dans “le dernier poème” est-ce que Desnos parle d’une manière positive ou negative à sa femme? Expliquez!.................................. ………………………………………………………………………………………………………………..

34


ROBERT DESNOS

ROBERT DESNOS

35


Il était une figure très marquante [ mais méconnue] et il a depuis sa mort une redécouverte de son talent. Le style de Boris Vian se caractérise par une indépendance totale vis-à-vis des normes habituelles. Cependant, au- delà de ces fantaisies verbales, ce que l’on découvre vraiment l’essentiel, c’est que le ton et le rhytme de l écriture se transforment à chaque page en function de l’événement, des rencontres, des emotions et memes des rêveries dans la solitude. In zijn teksten gaat hij tekeer tegen het zinloze oorlogsgeweld. Dit gedicht werd geschreven in de tijd van de Algerijnse kwestie en was jarenlang verboden in Frankrijk. 19] Pourquoi est-ce que ce vers est différent du vers habituel en ce qui concerne les normes habituelles…………………………………………………………… ………………………………………………………………………………………………………………… 20] Contre quel évènement est-ce que ce vers se révolte?................ ………………………………………………………………………………………………………………..

36


Dan een gedicht van Boris Vian [1920-1959] “le Déserteur”

37


Ten 3e Jacques Prévert [1900-1977] “le cancre”, “le temps perdu” en “la belle saison” uit Paroles [1946] Au début Prévert a fortement subi l’empreinte du surréalisme. Il continuait néanmoins à écrire des poèmes, qu’il dispersait dans des revues ou qu’il abandonnait à des amis sans paraître y attacher d’importance. Ces poèmes sont recueillis en 1946 sous le titre “Paroles”. Ils ont connu un success fou et mis presque tous en musique par Joseph Kosma, ils ont atteint un public énorme. La poésie de Prévert, limpide [helder] et spontanée, emprunte la plupart de ses themes à la réalité quotidienne. Il écrit contre les hommes qui, par intérêt ou par fonction,entravent le libre essor [hoge vlucht, snelle bloei ] de leurs semblables vers un bonheur immediat, potentates de l’industrie ou la finance, magistrates, hommes d’ Église, hommes d’ État, généraux, professeurs…….Prévert, exhalte, au contraire les grandes joies simples que procurent, malgré les pièges d’un destin parfois cruel, le rêve et la flânerie, l’ amitié et le bonheur. 21] Qui est le cancre?.................................................................... …………………………………………………………………………………………………………………… 22] Contre qui est-ce qu’il a écrit “le temps perdu”?......................... …………………………………………………………………………………………………………………

JACQUES PRÉVERT

38


Vervolgens 2 gedichten van Paul Eluard [1895-1952] “je t’aime” uit le Phoenix [1951] en “Air Vif” uit Derniers poèmes d’amour [1952] 23] Quelle est la grande différence entre l’homme et la femme dans le vers “je t’aime ”de Paul Eluard? 24] Pourquoi est-ce que c’est bien expliquable que Paul Eluard a écrit “Air Vif” à la fin de sa vie?.............................................................. ………………………………………………………………………………………………………………….. PAUL ELUARD

39


Het laatste gedicht komt van Louis Aragon [1897-1983] “vers à danser” uit le Fou d’Elsa [1963] Louis Aragon a écrit des poèmes dadaïstes et surrealistes, mais ils ont moins de portée que ses écrits en prose. Dans “le Paysan de Paris”[1926] il fait éclater la poésie de la vie quotidienne dans la grande ville et “le Traité du style” [1928], est un oeuvre polémique d’une violence provocante. Comme Eluard et avant Eluard, Aragon a évolué vers une poésie engagée dans “Hourra l’Oural”, il célèbre les conquêtes de la révolution bolcheviste. La guerre, puis la Résistance lui fourniront une nouvelle source d’inspiration poétique: il adoptera alors le vers regulier et créera une poésie savante par ses procédés, mais populaire par son esprit et par sa forme. Aragon a retenu les leçons de Villon, de Hugo, de Rimbaud, d’Apollinaire, de Péguy; mais son souffle , son rhytme, son génie de l’image, l’imposent comme un créateur authentique. 25] Est-ce un vers d’amour ou de révolte? Pourquoi? Expliquez!........ ……………………………………………………………………………………………………………….. 26] Cherchez sur internet un poème entre 1970-20… Collez-le en bas de la page avec quelques informations sur le poète et une question pour le professeur en Français. ……………………………………………………………………………… ……………………………………………………………………………………………………………………… ARAGON

40


FIN 41


42


une proposition