__MAIN_TEXT__

Page 1

NOTA BENE Marianne Thieme

“Houd vast aan je idealen” Thierry Baudet

“Vluchtelingen? Niet mijn probleem”

JFAS nummer 47 winter 2017 jaargang 25


Colofon

De Nota Bene is een uitgave van de Juridische Faculteit der Amsterdamsche Studenten, verbonden aan de Universiteit van Amsterdam. De Nota Bene verschijnt viermaal per jaar.

Volg de Nota Bene ook via Facebook en Instagram

Hoofdredactie Louisa Bergsma Eindredactie Marjolijn Feenstra Stéphanie de Jong Sebastian de Bruijn Redactie Anna Ida Hudig Audrey Hendrix Bastiaan Loopstra Bryan Verheul Caspar Klos Daniël de Bruijn Hannah van Kolfschooten Louisa Bergsma Nicky Willemsen Rogier Plokker Saar Hoek Sebastian de Bruijn Gastredacteur Isabelle Raven Karin van den Akker Fotografie Marilu van der Dong Bastiaan Loopstra Cover Marilu van der Dong (foto) Karel van Vliet (fotobewerking) Vormgeving Willem Don, willemdon.nl Drukkerij Printhuus JFAS Bestuur Mirte Visser voorzitter@jfas.com Ajay Heidsma vvz@jfas.com Duco de Vries penningmeester@jfas.com Isabelle Raven secretaris@jfas.com Stéphanie de Jong intern@jfas.com Iga Mamczarz extern@jfas.com Louisa Bergsma media@jfas.com Juridische Faculteit der Amsterdamsche Studenten Oudemanhuispoort 4 Kamer A2.04 1012 CN Amsterdam Tel: 020-5253441 E-mail: voorzitter@jfas.com Internet: www.jfas.com De gepubliceerde artikelen in de Nota Bene vertegenwoordigen niet noodzakelijkerwijs de mening van de voltallige redactie. Reacties op artikelen worden met belangstelling tegemoet gezien op media@jfas.com. Wil je schrijven voor de Nota Bene? Mail dan naar media@ jfas.com.

Like onze pagina ‘Studievereniging JFAS’

Volg ons op @studieverenigingjfas


REDACTIONEEL

Stemmen Krijgen wij onze eigen blondharige schreeuwlelijk? En als we die niet willen, wie willen we dan eigenlijk wel? Dat zijn vragen waar we het de komende tijd iets vaker over moeten gaan hebben. Want alhoewel de gebeurtenissen in het land van de BigMac allemaal erg interessant zijn, zouden we bijna vergeten dat we zelf ook bijna het rode potlood ter hand moeten nemen. Misschien wordt het daarom tijd om de focus van het gesprek op de vaderlandse politiek te leggen. 15 Maart gaat het gebeuren. Krijgen wij onze eigen witgekuifde populist? Ik hoop heel erg van niet, maar de laatste tijd lijkt alles mogelijk. Wat ik wel hoop is dat wij, jongeren, massaal gaan stemmen. Zoals Marianne Thieme later in dit nummer zegt: ‘Jongeren moeten zich meer bezig gaan houden met politiek met de grote P.’ Daar heeft ze gelijk in denk ik. We kunnen Den Haag niet negeren en tegelijkertijd ontevreden zijn over hoe het er daar aan toegaat. We kunnen niet roepen dat 50plus een belachelijke partij is en ondertussen toelaten dat het percentage 50plussers dat gaat stemmen hoger is dan dat van onze generatie. Laten we daarom allemaal gaan stemmen. Laten we het wat minder hebben over die vent aan de andere kant van de oceaan met zijn nieuwe witte huis en laten we het wat meer hebben over wie na maart ons eigen torentje in Den Haag mag betrekken. In deze editie van Nota Bene vind je alvast een aantal interessante artikelen die dit gesprek op gang kunnen brengen. Louisa Bergsma Hoofdredacteur Nota Bene 2016 – 2017

3


JFAS-AGENDA VOORJAAR 2017

Elk jaar organiseert de JFAS veel verschillende activiteiten voor haar leden. Van een bezoek aan de rechtbank of een advocatenkantoor tot een maandelijkse borrel en af en toe een reisje. Hieronder een overzicht van de activiteiten die tot nu toe gepland staan. Na publicatie van deze Nota Bene kan deze agenda nog aangevuld danwel aangepast worden. Wil je op de hoogte blijven van alle evenementen en activiteiten van de JFAS? Houd dan onze website (www.jfas.com) en Facebookpagina in de gaten.

9 februari

1 – 5 maart

We gaan op bezoek bij Van Benthem & Keulen in Utrecht. De dag begint met een presentatie over het kantoor en ontwikkelingen in de advocatuur, gevolgd door een LinkedInen netwerktraining. De middag wordt afgesloten met een borrel. Geef je snel op via www.jfas.com.

lencia. Deze studentenstad zal ons in alles voorzien: een rijke cultuur, voldoende inhoudelijke mogelijkheden, een strand en leuke ontspanningsgelegenheden.

Kantoorbezoek Van Benthem Bachelorreis Het is bijna tijd voor de jaarlijkse Bachelorreis! Dit jaar mo& Keulen gen we jullie meenemen naar de prachtige Spaanse stad Va-

9 februari

Carnavalsborrel

Het is weer tijd voor de jaarlijkse carnavalsborrel! Dus trek je beste pak aan en neem je Brabantse gezelligheid mee. Het best geklede duo wordt de hele avond voorzien van shotjes! De borrel vindt natuurlijk weer plaats in onze stamkroeg De Heeren van Aemstel op het Thorbeckeplein.

16 februari

9 maart

E-assessment training

De JFAS & Bona Fide organiseren een asessmenttraining in samenwerking met Careerstarter. Om perfect voorbereid je sollicitatieprocedure in te gaan mag je deze cursus niet missen! In een paar uurtjes worden jou de kneepjes bijgebracht waardoor jouw assessment een eitje wordt.

9 maart

Kantoorbezoek KienhuisHoving Maartborrel De maandelijkse borrel van de JFAS vindt elke tweede & Grolsch bierbrouwerij donderdag van de maand plaats in de Heeren van Aemstel We gaan op bezoek bij KienhuisHoving in Enschede. De dag zal bestaan uit een rondleiding door het kantoor, gevolgd door een lunch met kantoorgenoten. Afsluitend gaan we naar de enige echte Grolsch Bierbrouwerij voor een bierproeverij! Geef je snel op via www.jfas.com.

22 februari

Lezing Rode Kruis

Welke internationale regels gelden er tijdens een gewapend conflict? Wat is de rol van het Rode Kruis in conflictsituaties? En hoe worden de burgers en hulpverleners beschermd? Wil jij meer weten over het humanitair oorlogsrecht? Kom dan op woensdag 22 februari naar de eerste JFAS-lezing van het jaar! Meld je aan via extern@jfas.com

23 februari

Kantoorbezoek CMS

We bezoeken het kantoor van CMS in Amsterdam. Tijdens het bezoek zullen de deelnemers eerst een kantoorpresentatie krijgen, daarna wordt er een inhoudelijk casus behandeld. De dag wordt afgesloten met een gezamenlijke lunch waar kantoorgenoten en student-stagiaires zullen aansluiten zodat nader kennisgemaakt kan worden met het kantoor. Geef je snel op via www.jfas.com.

op het Thorbeckeplein. Er staat een rekening open voor leden en er is muziek, wat wil een student nog meer? Kom gezellig langs!

27 maart – 31 maart

Tentamenweek

Succes met alle tentamens! De stof nog even snel doornemen? Koop een samenvatting van AthenaSummary op de JFASkamer (A2.04)!

3 – 13 april

Masterreis

De Masterreis gaat dit jaar naar Canada! We zullen zowel Toronto als Montreal bezoeken. De reis zal gevuld worden met vele interessante juridische activiteiten, maar we zullen ook zeker wat van de prachtige natuur bewonderen. Ben jij bezig met je master en wil je deze reis niet missen? Geef je dan snel op! Stuur je cv en motivatie voor 20 februari naar intern@jfas.com. We hopen jullie allemaal te mogen verwelkomen bij een of meerdere van onze activiteiten. Je kan ook altijd even langskomen in de JFAS-kamer met vragen, opmerkingen of gewoon voor de gezelligheid. Openingstijden: Maandag t/m donderdag 10:00 – 17:00 en Vrijdag 10:00 – 13:00.


INHOUD

6 Verkiezingen 8 ‘Houd vast aan je idealen’ - interview Marianne Thieme  

8

‘Houd vast aan je idealen’

13 De Klimaatwet: voer voor discussie   15 ‘Vluchtelingen? Niet ons probleem!’ - interview Thierry Baudet (FvD)   20 Bekende gezichten van de Poort: Fietscoach Errol 22 Een semester in Berlijn   24 Ondernemen naast je studie: Tassenmerk Solitude is bliss   27 #FeesMustFall Studentenprotesten in Zuid-Afrika: free education and decolonization

15

‘Vluchtelingen? Niet ons probleem!’

30 Veranderlust - Duterte: populisme in de Filippijnen   31 ‘Rechters zitten niet in een ivoren toren, dat is PVV-praat’ - interview kantonrechter Frank van der Hoek   34 Kantoorbezoek: JBL&G   36 Update FSR

24

Ondernemen naast je studie

37 Boekrecensie: Judas - een wolf in schaapskleren ontmaskerd   38 4-FMP - De opkomst en ondergang van een designerdrug

5


Verkiezingen

nb

sa ar

Ik ben helemaal voor gelijkheid, maar kunnen we sommige mensen niet stiekem een paars potlood geven? Vooral degenen die dat niet eens door zouden hebben...

Het politieke landschap polariseert en het debat draait steeds meer om de vorm dan om de inhoud. Ik hoop dat Nederland met de komende verkiezingen het tij kan keren door te laten zien waar politiek echt om draait: nuances, visie en open debat. Met z’n allen kunnen we laten zien dat publieke besluitvorming te b r ya n redden is. Het bestuur van een land, het maken van keuzes, dat ene sluwe spelletje, listig en slinks. Tactiek ten top. Weloverwogen, behendig of slim berekenend met veel beloftes die zullen moeten wijken voor het maken van au b r e y compromissen, akkoorden en overeenkomsten. Politiek.

a

a

Volgens Wikipedia is de verzuiling de verdeling van een samenleving in groepen op levensbeschouwelijke of sociaal-economische basis, waarbij de groepen in bepaalde mate van elkaar zijn afgeschermd. Boze blanke mannen, treitervloggers, grachtengordelelites, babyboomers, rendementsdenkers, racisten en de n na id rest, hoe actueel is dit fenomeen? #Verkiezingen2017 #Nederland De verkiezingen in 2017 kunnen een jaar van verandering zijn: Waar gaat Nederland op stemmen? Er is hier geen stemplicht zoals in België, maar jongeren kunnen het verschil maken. Liberaal of conservatief, laat je horen ro g i e r en stem!

b

Kiezen is heel eenvoudig. Je vinkt een hokje aan en je hebt je plicht gedaan. Plicht? Ja, daar lijkt stemmen wel op. Als je niet stemt, verspeel je de vier jaar daarna het recht om te klagen over de overheid, toch? Dus stemmen is een as plicht. Een burgerplicht. Je moet stemmen of zwijgen. tiaa

n

6

“De Nederlandse Trump, oftewel de heer Wilders met zijn PVV, zou wel eens de grootste partij kunnen worden. Als dat daadwerkelijk gebeurt, bied ik u opnieuw wijn en wodka aan. Zoals duidelijk mag zijn, zal ik die weddenschap nicky niet willen winnen en u kunt mij daarbij desgewenst bij helpen.” – Arnon Grunberg.


REDACTIE

Het stembiljet wordt dit jaar misschien twee keer zo groot zodat er ruimte is voor 44 partijen in plaats van 21. Ik vind het normaal al moeilijk om te kiezen tussen de 15 verschillende broodjes bij de Laatste Kruimel.

lo

uisa Dit wordt de eerste keer dat ik mag stemmen voor de Tweede Kamerverkiezingen: ten tijde van de laatste was ik nog nét geen 18 en zeer jaloers op klasgenoten die dat wel waren. Om de andere minderjarigen te troosten h a n n a h werden er op school ook verkiezingen georganiseerd. De Piratenpartij kwam als grote winnaar uit de bus: het legaliseren van illegaal downloaden is kennelijk erg belangrijk voor middelbare scholieren. Ik denk dat het heel spannend gaat worden op 15 maart. Traditionele partijen staan op verlies en er zijn veel nieuwe partijen als Voor Nederland en d a n i e l Forum voor Democratie bijgekomen die zetels gaan pakken. Het wordt hoe dan ook een verrassende uitslag.’

n

s

Na het Brexit-referendum en de Amerikaanse presidentiële verkiezingen wordt in heel de eb a s t i a wereld met spanning gekeken naar de verkiezingen die dit voorjaar in Duitsland, Frankrijk en Nederland plaatshebben. Zal ook in deze landen een populist aan de macht komen? Hoewel Geert Wilders de Nederlandse peilingen leidt, lijkt de kans dat hij een regering kan gaan vormen minimaal. Laten we ons er in ieder geval niet te druk over maken. In de woorden van onze fietscoach (zie het interview verderop in deze editie): Je moet openstaan voor dingen, lekker vrij zijn. Soms heeft de geest dat nodig. ‘Decisions are made by those who show up’: ga stemmen!

ca

s pa r

7


Tekst: Bryan Verheul

nb

8

De aankomende verkiezingen zullen er meer kleine partijen meedoen dan ooit. Een inmiddels zeer gevestigde ‘kleine partij’ is de Partij voor de Dieren. Na tien jaar en inmiddels een vaste plek in de Tweede Kamer mag en kan de partij van Marianne Thieme als een serieuze kandidaat worden gezien. Toch zijn de ambities van de Partij voor de Dieren niet veranderd. ‘We zijn een partij met een aanjaagfunctie, die pleit voor échte koerswijziging in plaats van kleurloze compromissen.’

U bent meester in de rechten. Wat waren ooit uw beweegredenen om rechten te gaan studeren? Ik denk dat, net als voor veel andere rechtenstudenten geldt, het voor mij in eerste instantie een brede studie was waar ik nog alle kanten mee op kon. Daarnaast was ik oprecht geïnteresseerd in hoe we de samenleving georganiseerd hebben. Mijn interesse was al van begin af aan gericht op bestuursrecht. Met name omdat ik van kinds af aan al een sterk rechtvaardigheidsgevoel had, wilde ik weten in hoeverre het rechtvaardige in het recht gestold was. Ik werd al heel snel geconfronteerd met het feit dat het erg tegenvalt hoeveel ethiek gestold is in het recht. Ik wilde graag in Rotterdam studeren omdat daar ook vakken als sociologie, economie, boekhouden en meer andere sociaalwetenschappelijke vakken in het curriculum waren inbegrepen. In politiek raakte ik pas veel later echt geïnteresseerd. Ik ben ook nooit lid geweest van een politieke partij.

Als u de essentie van uw partij en de plek die de partij in de wereld inneemt zou moeten samenvatten in enkele zinnen, hoe zou u dat dan doen? We zijn een getuigenispartij, die meer bewustwording wil creëren en misstanden aan de kaak wil stellen. We zijn ‘de haas in de marathon’ met een aanjaagfunctie. We willen de zachte waarden vertegenwoordigen: die waarden in het leven die er echt toe doen. Moet de politiek zich uitsluitend bezighouden met economische groei? En moet de politiek de verhouding van consument en producent verengen, door burgers uitsluitend te zien als spelers van het economische spel? Of moet de politiek zich richten op de vraag hoe we de samenleving zo in kunnen richten dat we een aangenaam leven krijgen en gewoon mensen kunnen zijn. Zowel in ons persoonlijke leven, in de zorgfunctie die we tegenover elkaar hebben en in de gedaante van werkgever en werknemer. De waarden die er werkelijk toe doen, dat is waar onze partij voor staat.

Eens in de zoveel tijd duikt er een (oud-)bestuurder op in de media die pleit voor een groter aantal juristen in de politiek of meer Kamerleden met een academische juridische achtergrond. In hoeverre bent u het eens met de stelling dat er meer juristen kamerlid zouden moeten zijn, los van uw eigen juridische achtergrond? Ik denk dat de relevantie daarvan een beetje overschat wordt. Wat we echt nodig hebben in de politiek zijn mensen met een visie en idealen. We moeten voorkomen dat politici verworden tot managers en juristen, waarbij we vooral in de uitvoering gaan zitten en het zitten op de punten en de komma’s. We hebben veel uitdagingen in de wereld die vragen om grote veranderingen, waar moedige mensen voor nodig zijn die bereid zijn de bakens te verzetten. Vervolgens hebben we juristen nodig die dat regelen. Ik denk echter niet dat we perse juristen nodig hebben in de ‘eerste fase van de politiek’. Het is uitstekend om mensen in de politieke te hebben die een bepaalde manier van analytisch denken hebben aangeleerd, maar deze manier van denken vinden we ook terug bij andere disciplines. Je hebt domme academici en slimme academici; wat iemand een goede politicus maakt is een combinatie van verschillende eigenschappen.

U was een tijdje geleden bij het programma PAUW ter gelegenheid van het tienjarig bestaan van de partij. Jacques Monasch was ook in de uitzending en maakte een verwijt dat vaak gemaakt wordt over de partij en tevens als een soort smet op de partij lijkt te berusten. Hij zei namelijk dat de Partij voor de Dieren een one-issue partij is. Ik wil u graag de kans geven om de partij te verdedigen op dit punt. De one-issue zit juist bij de andere partijen. Alle andere traditionele politieke partijen zetten de mensen centraal, met een eigen deelbelang. Je hebt een partij voor de rijken, een partij voor de armen, een partij voor de katholieken, voor de ouderen, noem het allemaal maar op. Het zijn uiteindelijk partijen die de deelbelangen van de mens centraal stellen, vooral op de korte termijn. Ze hebben geen langetermijnvisie die inclusief is en álle belangen van mensen en dieren vertegenwoordigen. De Partij voor de Dieren is juist een large-issue partij, die niet alleen het kortetermijnbelang van mensen centraal stelt, maar oog heeft voor alles met waarde. Mensen én dieren staan centraal. Dat onze naam zodoende aanleiding geeft tot discussie, en emoties als ‘belachelijk’ en ‘soortverraad’ bij mensen oproept, is precies wat we willen bereiken. We willen dat mensen zich


‘Houd vast aan je idealen’ interview Marianne Thieme (PvdD)


ongemakkelijk voelen bij het feit dat er zo’n partij is, omdat dat zorgt voor een discussie over onze positie in de wereld. Waarom stelt de mens zichzelf centraal? Waarom zouden de kortetermijnbelangen van mensen altijd boven alles moeten prefereren? Door deze manier van denken hebben we een ongelofelijke blinde vlek gekregen voor onze leefomgeving. In feite maken we daarmee onze eigen leefomgeving onleefbaar; we zagen voortdurend aan de tak waar we met z’n allen opzitten. Die discussie die ontstaat door onze naam, is vooral provocerend bedoeld. Het zorgt voor een nieuw perspectief; het is een soort geuzennaam.

nb

10

Ik kan me heel goed voorstellen dat er mensen zijn die vinden dat onze naam de lading van al onze standpunten niet dekt, want als je kijkt naar ons verkiezingsprogramma zie je dat we standpunten hebben over de studiefinanciering, ontwikkelingssamenwerking, zorg, defensie, noem het allemaal maar op. Maar wat ik dus als zei: onze naam heeft een boodschap. Daarnaast is het zo dat geen enkele partijnaam de lading denkt van waar de partij voor staat. Neem de Partij voor de Arbeid bijvoorbeeld, dat gaat toch ook niet alleen over arbeid? Of neem D’66: wie heeft er nu wat met het getal 66? Het heeft denk ik allemaal te maken met het ongemak dat mensen voorbij hun eigen belangen moeten denken als ze worden geconfronteerd met onze partijnaam. Zolang dat nog het geval is, is onze partij nodig. Ik snap dat het voor sommige mensen een drempel opwerpt om op onze partij te stemmen, maar die smalle voordeur is er wel bewust. Als mensen eenmaal zijn overtuigd van onze standpunten, gaat hun overtuiging voor de partij niet meer weg. Mensen krijgen definitief een andere kijk op hoe de wereld in elkaar zit. Dat was precies wat we willen. Ik heb de partijprogramma’s van voorgaande jaren ook een beetje doorgenomen, maar wat mij opvalt is dat er een algemene tendens zichtbaar is waarbij andere onderwerpen dan dierenwelzijn een grotere plaats in hebben ingenomen. Is daarmee de focus van de partij veranderd? Het klopt inderdaad dat andere onderwerpen dan dierenwelzijn en klimaatverandering een grotere plaats in zijn gaan nemen in onze verkiezingsprogramma’s in de loop van de jaren. We hebben niets afgedaan aan onze voorstellen voor het verbeteren van het welzijn van dieren en het strijden voor een beter klimaat, maar hebben daarnaast wel andere standpunten verder uitgewerkt. Wat je ziet is dat onze nieuwe campagne voor de komende verkiezingen vooral gericht is op het bereiken van mensen die inmiddels weten waar onze partij voor staat, maar ook graag willen weten waar de partij staat als het gaat om de zorgen die mensen zelf hebben. Mensen willen een antwoord op complexe vraagstukken als voedseltekorten, immigratiestromen, problemen in de zorg, toenemende mondialisering en tal van andere problemen die maken dat de wereld in nood verkeerd. Daarom hebben wij ons programma Plan B genoemd. We merken dat mensen snakken naar een alternatief. Wij willen als partij dat alternatief bieden.

Zijn daarmee de ambities van de partij in de loop van de jaren ook veranderd? Ik kan me voorstellen dat de partij ooit is begonnen als een echte aanjaagpartij (dus veel meer one-issue dan nu), maar nu graag wil doorgroeien naar een grotere partij. Het is meer dat, vanwege ook de crises van de afgelopen jaren die vragen om antwoord, wij de kans krijgen als partij om onze manier van denken ook op hele andere onderwerpen uit te rollen. Neem bijvoorbeeld de vluchtelingencrisis: vanwege klimaatverandering krijg je te maken met misoogsten, droogtes en grondstoffenconflicten. Hierdoor raken mensen op drift en gaan ze vluchten. Als we willen voorkomen dat mensen samenlevingen ontwrichten door uit hun eigen gebied te trekken, moeten we veel breder naar de oorzaken kijken. Het is niet alleen godsdienstradicalisatie dat ervoor zorgt dat er nu conflicten zijn. Het heeft vooral ook te maken met verdelingsvraagstukken over de verdeling van water, voedsel en grondstoffen. Eigenlijk komt het erop neer, dat wij vanuit ons groene hart, ook grote wereldproblemen op een andere manier bekijken dan traditionele partijen. U heeft vaker aangegeven dat u moeite heeft met de term ‘constructieve oppositie’. Normaal gesproken worden daar de partijen mee aangeduid die het kabinet middels een compromis helpen aan een meerderheid in de Eerste Kamer. Zou u misschien uit kunnen leggen waarom u zo’n moeite heeft met die term? Mag ik eerst even een compliment maken? Jullie zijn ‘nog maar studenten’ en het komt bijna niet voor dat journalisten zulke vragen stellen. Journalisten hebben het vaak over ‘de poppetjes in het spel’, over ruzies binnen partijen en partij interne aangelegenheden. Ze vragen nooit hoe het wél zou moeten. Ik vind dat de journalistiek van tegenwoordig is verworden tot de ‘lakei van de macht’, in plaats van de uitdager van de macht. Om antwoord te geven op de vraag: compromissen sluiten lijkt een doel op zich geworden, terwijl dat juist een uitkomst zou moeten zijn voor gedeelde idealen. Oppositie voeren betekent juist dat je de macht controleert. Als je niet meedoet aan de ‘constructieve oppositie’ wordt je verweten dat je de samenleving polariseert; dat je niet in het landsbelang handelt. Die manier van ‘besturen’ zorgt voor een kleurloze samenleving zonder visie, waar feitelijk geen keuzes worden gemaakt, terwijl bepaalde keuzes wel cruciaal zijn voor het landsbelang. Je kunt het vergelijken met een boot: we zijn zo druk bezig met het kortetermijnbelang dat we alleen onderling van plek wisselen in de boot. Zo kleurloos is het politieke systeem geworden. Eigenlijk zouden we het daar niet over moeten hebben. We moeten het hebben over de vraag waar de boot heen moet, échte koerswijzigingen. Dan zal het probleem van populistische partijen zich vanzelf oplossen, want door echte koerswijzigingen krijgen mensen weer het idee dat ze gehoord worden. Dat is ook een reden waarom jongeren zo weinig met politiek met een grote P hebben. Jonge mensen houden zich vooral bezig met lifestyle, eigen groene bedrijven oprichten, eigen uitgeverijen beginnen, noem het allemaal maar op. Ik zie heel veel politiek bij jongeren, maar dat is politiek met


‘Dat onze naam aanleiding geeft tot discussie, en emoties als ‘belachelijk’ en ‘soortverraad’ bij mensen oproept, is precies wat we willen bereiken. een kleine p. De idealistische manier van het bedrijven van politiek. Jongeren voelen zich niet gehoord door de politiek, het gaat niet meer over de grote lijnen en echte verandering. In het programma van de Partij voor de Dieren zijn veel voorstellen opgenomen die het welzijn van dieren beogen te verbeteren. Deze maatregelen zijn gericht tot mensen, hoe mensen met dieren om zouden moeten gaan. In uw partijprogramma is echter ook opgenomen dat dierenrechten in de grondwet zouden moeten komen. Ontstaat hierdoor niet een situatie waarbij dieren rechtspersonen worden en subjectieve rechten en plichten hebben? En is dit te handhaven? We kennen al rechten voor bepaalde groepen waar je geen plichten aan kunt opleggen: handelingsonbekwamen of kinderen bijvoorbeeld. We hebben dus eigenlijk al groepen mensen die een aparte soort rechtspersonen zijn. Zo kun je dat met dieren ook zien. We pleiten er niet voor om dieren mensenrechten te geven, want dieren zijn geen mensen. We willen dieren vrijheden geven die in feite omgekeerde mensenplichten zijn. Door verschillende vooraanstaand denkers is hier al invulling aan geprobeerd te geven en ik denk persoonlijk dat het belangrijk is dat we daar met z’n allen meer over nadenken. Zo kunnen we gezamenlijk afbakenen welke dieren rechten hebben en welke diersoorten misschien andere rechten moeten hebben. Je zou daarin ook verschillen kunnen maken met gehouden dieren en dieren in het wild. Zoals je hebt gelezen probeert onze partij het gebruikt van dieren voor ons voedsel, kleding en vermaak terug te dringen. De regel voor ons is: geen dieren gebruiken als er redelijke alternatieven zijn. Dat zijn belangrijke vragen waar juristen zich ook mee bezig zouden kunnen houden. Wanneer zijn alternatieven redelijk? Als we er met z’n allen meer over na gaan denken, kunnen we de rechten van dieren samen vormgeven. Uw partij heeft in 2014 gestemd voor een initiatiefwetsvoorstel dat inwerking is getreden onder de naam Wet raadgevend referendum. Het is populair om burgers meer invloed te geven op het bestuur. Vindt u niet dat de drang naar democratie de een beetje doorslaat en dat daarmee de parlementaire democratie onder druk staat? Het is inderdaad populair om burgers meer invloed te geven. Ik denk dat dit te maken heeft met het democratisch tekort in ons stelsel. In Zwitserland kennen ze een model waarbij de parlementaire democratie en de directe volksraadpleging

hand in hand gaan. Mij valt op dat mensen gewend zijn om mee te denken over vraagstukken die hen wordt voorgelegd via referenda. Er is veel meer burgerparticipatie, in tegensteling tot de Nederlandse situatie. Wetende dat de macht van het parlement steeds afbrokkelt door lobby vanuit bedrijven, maar ook vanuit Europa, raken mensen het vertrouwen kwijt in de volksvertegenwoordiging. Het is daarom gerechtvaardigd om referenda te organiseren, zodat mensen meer bij politiek betrokken worden en mee gaan denken over belangrijke maatschappelijke kwesties. Politiek gaat dan weer leven.

11


nb

12

Persoonlijk denk ik dat burgers zich wel uit zouden kunnen spreken over de vraag welke doelen we als samenleving willen stellen, maar de uitvoering daarvan lijkt me juist niet iets wat aan burgers voorgelegd zou moeten worden. Neem nu het Oekraïne referendum: mensen oordeelden hier eigenlijk over de uitvoering van een doel. Het associatieverdrag is een ingewikkeld verdrag waar verschillende gespecialiseerde vakgebieden aan ten grondslag liggen, zowel juridische als economische en politieke. Zijn burgers wel in staat daarover te oordelen? Toen ik nog student was, was ik in de veronderstelling dat burgers niet over complexe onderwerpen konden oordelen. Dat is in de loop van de tijd absoluut veranderd. Ik vind het bijna elitair om te zeggen dat burgers niet over complexe vraagstukken zouden kunnen oordelen. Het gaat juist om de manier waarop mensen bij een referendum betrokken worden. Om even jouw voorbeeld aan te halen: tijdens het Oekraïne referendum heeft de regering er alles aan gedaan om mensen onwetend te houden over de kwestie in de hoop dat de kiesdrempel niet gehaald zou worden. Op het moment dat burgers niet juist ingelicht worden, dan is het niet juist om mensen daarover te laten oordelen. Dat is dus iets dat anders zou moeten. In 2012 werd uw initiatiefwetsvoorstel tot een verbod op onverdoofd ritueel slachten verworpen in de Eerste Kamer. Toen kwam binnen uw partij een discussie over de rol van de Eerste Kamer. Ik kan nu nergens een standpunt in uw programma vinden over de rol van de Eerste Kamer, maar hoe kijkt u daar tegenaan? Oh echt? Het is niet bewust geweest dat wij dit nu niet in ons verkiezingsprogramma hebben benoemd. Het klopt inderdaad dat er enige tijd discussie is geweest over wat de rol is van de Eerste Kamer. Vaak krijg ik een beetje de indruk dat de Eerste Kamer het werk overdoet van de Tweede Kamer, wat uiteraard niet de bedoeling is, al was het alleen al vanwege de geringere democratische legitimatie. Op dit moment staat het niet in het verkiezingsprogramma, omdat het geen speerpunt is van de partij, dat betekent niet dat we niet vinden dat er discussie over gevoerd moet blijven worden. Helemaal nu de Eerste Kamer een hele belangrijke factor is geworden de afgelopen kabinetsperiode door de leden die het kabinet in deze Kamer tekortkomt, is het goed om de rol van deze kamer ter discussie te blijven stellen. In uw partijprogramma is opgenomen om een constitutioneel hof in te stellen, bestaande uit rechters die wetten toetsen aan de Grondwet. Wat is hier de gedachte achter en betekent dit een einde aan het toetsingsverbod zoals omschreven in artikel 120 Grondwet? Ja, dat zou feitelijk een einde zijn van het toetsingsverbod. Wij als partij denken dat het in een steeds verdere internationaliserende wereld belangrijk is om de wetgevende macht extra middelen te geven. Doordat de internationale

rechtsorde steeds meer verder de macht van de nationale parlementen inperkt, is het belangrijk dat internationale wetten getoetst kunnen worden door een onafhankelijke rechter aan de grondwet. We willen de rechtelijke macht Er ligt nu nog steeds een voorstel van Femke Halsema over het schrappen van het grondwettelijke toetsingsverbod zoals omschreven in 120 Grondwet. Daarin wordt echter onderscheid gemaakt tussen klassieke en sociale grondrechten. Alleen de klassieke grondrechten zouden volgens dat voorstel onderworpen moeten kunnen worden aan rechtelijke toetsing. Hoe kijkt u daar tegenaan? Je hoeft het niet allemaal gelijk te doen. Je kunt inderdaad eerst de klassieke grondrechten doen. Het hoeft wat ons betreft niet snel te gebeuren, maar het moet wel gebeuren. Wij zullen het voorstel van Halsema ook van harte steunen, als eerste stap naar een volledige afschaffing van het toetsingsverbod. Zou u de lezers van ons blad nog iets mee willen geven? Ja, absoluut! Wat ik in mijn studententijd merkte is dat studenten de natuurlijke drang hebben om het naadje van de kous te weten te komen. Een nieuwsgierige mind. Als het gaat om politiek of over de inrichting van de maatschappij krijgen studenten vaak de neiging om klassiek te denken. Alsof ze als het ware zelfstandig willen zijn. Ze durven niet meer te dromen zoals eerder denk ik meer was. Ik zou graag zien dat studenten die aard weer oppakken. Toen het Maagdenhuis werd bezet dacht ik: JA, dit is wat studenten moeten doen! Ik zou graag zien dat studenten weer de macht uit durven te dagen; een schop durven te geven tegen de gevestigde orde; lak hebben aan het establishment. Wees idealistisch, accepteer niet zomaar de status quo. Je moet altijd in je achterhoofd houden dat de inrichting van ons huidige politieke en economische systeem geen voldongen feit is: alles is in die zin een product van menselijk handelen en denken. Het is geen natuurverschijnsel, maar we hebben het met z’n allen zelf bedacht, dus het kan anders. Studenten zouden de voorhoeder moeten zijn van de vraag ‘hoe kan het ook anders?’, niet alleen maar kijken wat goed bij hun curriculum vitae past. Tuurlijk, ik begrijp dat het belangrijk is om aan je cv te werken en om te kijken hoe je je toekomst kunt garanderen, maar alsjeblieft: durf vrij te denken. Houd vast aan je idealen.


OPINIE

De Klimaatwet: voer voor discussie Tekst: Caspar Klos

Het debacle van de Amerikaanse verkiezingen is in veel opzichten het perfecte slechte voorbeeld. Inhoudsloos geruzie won het van de genuanceerde discussie. Walgelijke beledigingen, en ontzetting daarover, klonken luider dan menig beleidsplan. En hét probleem van deze eeuw, klimaatverandering, speelde niet meer dan een minuscuul bijrolletje.

D

e komende tijd krijgt Nederland de kans om het beter te doen. De reeds gepubliceerde verkiezingsprogramma’s geven in ieder geval genoeg aanleiding tot inhoudelijke discussie over het klimaatprobleem. Uit een analyse van de klimaatplannen van de grotere politieke partijen, op 29 november gepubliceerd door de Volkskrant, blijkt dat de meningen uiteenlopen over zowel de grootte van het probleem als de beste manier van aanpak. Progressieve partijen GroenLinks en de PvdA onderscheiden zich met hun plan voor een Klimaatwet. Hiermee zouden nieuwe reductiedoelstellingen en de toekomstige overlegstructuur wettelijk worden vastgelegd, in tegenstelling tot de vrijblijvende en ondoorzichtige producten van de aflopende kabinetsperiode: het Energieakkoord en de Energieagenda. Voor- en nadelen van dit plan bieden voer voor het inhoudelijke debat over klimaatverandering dat, hopelijk, in de komende verkiezingsperiode losbarst. Hieronder mijn duit in dat zakje. Het wetsvoorstel Het voorstel tot de Klimaatwet werd afgelopen september door Diederik Samson en Jesse Klaver aan de Tweede Kamer gestuurd. De hoop is dat het nog voor de komende verkiezingsronde behandeld wordt, hoewel ook de initiatiefnemers zelf toegeven toe dat het erom zal spannen of dat lukt. Tegenstanders voorspellen dat het voorstel eerder een belangrijk onderwerp wordt bij de volgende kabinetsformatie. Hoe dan ook zal het wetsvoorstel een rol spelen in de aanloop naar de verkiezing van maart.

In het voorstel zijn ten eerste ambitieuze reductiedoelstellingen opgenomen. De in het Verdrag van Parijs vastgelegde doelstelling van maximaal 2 graden opwarming komt niet overeen met de door de betrokken partijen voorgestelde plannen om die doelstelling te halen. Het Duitse onderzoeksbureau Climate Analytics berekende dat, wanneer al deze plannen worden uitgevoerd, op een opwarming van 2.7 graden moet worden gerekend. Het is deze discrepantie die, zo blijkt uit de Memorie van Toelichting, maakt dat GroenLinks en PvdA het nodig vinden om hogere doelen te stellen dan die op dit moment binnen de EU zijn afgesproken. In plaats van de Europese doelstelling van 40% minder CO2 uitstoot in 2030 ten opzichte van 1990, moet de doelstelling minus 55% worden. Het einddoel wordt minus 95% in 2050 en een complete hernieuwbare energievoorziening in datzelfde jaar Om die doelen te bereiken beschrijft het wetsvoorstel bovendien een organisatorische structuur. Elke vijf jaar stelt het kabinet een klimaatplan op waarin plannen voor uitststootreductie, energiebesparing en hernieuwbare energie staan. Ter uitvoering van die plannen wordt er elk jaar een klimaatbegroting aan de Tweede Kamer voorgelegd waaruit blijkt hoeveel er mag worden uitgestoten en hoe de betrokken ministeries dat gaan bereiken. Bij de uitvoering van de Klimaatwet krijgt de minister-president een coördinerende rol. Berekenbaar Naast de realistische reductiedoelstellingen, wordt als groot voordeel van de Klimaatwet gezien dat het voor langere termijn het klimaatbeleid vastlegt. Vooralsnog bestaat

13


‘De Klimaatwet zou onze bestuurders dwingen om jaarlijks te verantwoorden hoe ze de doelstellingen gaan halen’

nb

14

er, buiten de Europese context, geen vast wettelijk kader waarbinnen klimaatdoelstellingen worden geformuleerd. Dit heeft geresulteerd in veel verschillende en vaak veranderende doelstellingen. Het Energieakkoord van 2013 betekende het bijstellen van doelstellingen uit de vorige kabinetsperiode. Die doelstellingen staan nu al op losse schroeven door de Urgenda-zaak, waarin de rechter een ambitieuzer klimaatbeleid van de overheid eiste en waartegen de Staat in hoger beroep ging. Keep-on-Track, een onderzoeksproject naar het energiebeleid van de Europese lidstaten, ziet deze wisselvalligheid als een voorname barrière voor Nederland om hun Europese energiedoelen te halen. De Klimaatwet zou onze bestuurders dwingen om jaarlijks tegenover de volksvertegenwoordiging te verantwoorden hoe ze de, voor langere termijn vastgelegde, doelstellingen gaan halen. Volgens econoom en parlementskandidaat voor GroenLinks Bart Snels biedt dit “zekerheid aan burgers en bedrijven die willen investeren in energiebesparing of duurzame energie.” Welvaart in brede zin Een voorname tegenstander van de Klimaatwet is de VVD. De conservatieve partij liet, bij monde van fractievoorzitter Halbe Zijlstra, weten dat het vreest voor Nederlands concurrentiepositie en voor een verslechtering van dat andere klimaat: het vestigingsklimaat voor buitenlandse bedrijven. Door strengere milieuregels zullen bedrijven naar andere landen vertrekken en neemt de kans af dat buitenlandse bedrijven zich in de toekomst in Nederlands zullen vestigen, zo klinkt zijn logica. Het is een begrijpelijke en veelvoorkomende kwaal van politici dat zij niet graag veel verder dan de eerstvolgende verkiezingen kijken. Hoe groter de tijdschaal van een plan, hoe kleiner de kans om er politiek gewin uit te slaan. Multinationals, waarvoor Halbe Zijlstra hier in de bres springt, plannen daarentegen graag ver vooruit. Wanneer we dan aannemen dat, zoals veel commentatoren dat deden, het Verdrag van Parijs een duidelijk signaal was aan bedrijven en investeerders dat de globale economie in de komende 35 jaar een grootscheepse transitie gaat maken naar duurzaamheid, is het goed denkbaar dat een vooruitkijkend en verantwoordelijk bedrijf juist de voordelen ziet van een land waar de plannen voor die transitie vaststaan en inzichtelijk zijn.

Op de lange termijn zal een snelle transitie naar duurzaamheid de Nederlandse economie alleen maar gezonder maken. Uit een recent rapport van de Nederlandse Bank, ‘Tijd voor Transitie,’ blijkt dat onze economie in zorgelijke mate afhankelijk is van fossiele industrieën - meer dan in andere Europese landen. Wanneer we de eerdergenoemde implicaties van het internationale klimaatverdrag serieus nemen, zouden rigoureuze plannen als de Klimaatwet geen weerstand moeten oproepen. Bovendien geldt ook hier het devies van Brits econoom Nicholas Stern, die in 2006 liet zien dat hoe eerder je maatregelen ter bestrijding van klimaatverandering neemt, hoe minder die maatregelen zullen kosten. Onder meer het IPPC onderschrijft dit principe. Het voorstel tot een Klimaatwet lijkt daarom, naast dat het in lijn is met de grootte en urgentie van het klimaatprobleem, economisch verstandig te zijn. De reductiedoelstellingen reflecteren de huidige stand van de wetenschap en het wettelijk vaststellen van die doelstelling maakt het Nederlands klimaatbeleid voorspelbaar. Het biedt een stabiel fundament waarop de ecologisch- en economisch noodzakelijke transitie gebouwd kan worden. Stemmen Hoe iemand stemt wordt door veel meer factoren bepaald dan alleen het klimaat, maar naar mijn mening verdient een probleem van deze aard en grootte extra aandacht bij de afweging die ieder van ons in maart moet maken. De toekomst van onze planeet, en daarmee onze eigen toekomst, vraagt van ons dat we ons naar de stembus begeven en vooraf hebben nagedacht over hoe wij denken dat klimaatverandering moet worden bestrijd. Hoe de verschillende partijen over de Klimaatwet denken, kan daarbij van pas komen. Kort samengevat: D66 heeft uitdrukkelijk zijn steun uitgesproken, de SP en de ChristenUnie staan er volgens het NRC positief tegenover en voormalig regeringspartners VVD, CDA en PVV zijn tegen.


Interview Thierry Baudet (FvD)

“Vluchtelingen? Niet ons probleem!” Tekst: Bastiaan Loopstra en Daniël de Bruijn

Tussen al het geTrump en geBrexit kende Nederland in 2016 zijn eigen schokkende volksstemming: het Oekraïnereferendum. Een raadgevende stemming over het al dan niet aangaan van een associatieverdrag met Oekraïne, geïnitieerd door het volk zelf. Een van de initiatiefnemers was Thierry Baudet met zijn platform Forum voor Democratie. Afgelopen september kondigde diezelfde Baudet aan met zijn Forum, nu een politieke partij, deel te zullen nemen aan de verkiezingen in maart. Wij interviewden hem over zijn plannen voor het bindend referendum, het gekozen burgemeesterschap en een hek om Nederland.

15


O nb

16

p dezelfde dag dat dit interview werd afgenomen, verscheen Baudet ook bij Room for Discussion, een interviewplatform van de Faculteit Economie en Bedrijfskunde van de UvA. (Dit interview is online volledig terug te zien, zie: www.roomfordiscussion.com.) Naast op politieke onderwerpen, ging het interview in op Baudets omgang met vrouwen en enkele van zijn opvallende uitspraken. Voor het Nota Bene-interview werd een andere insteek gekozen: zijn de punten die Forum voor Democratie aandraagt wel juridisch haalbaar? Het op 31 december gepubliceerde partijprogramma van FvD was toen nog niet bekend. Baudet is een vaardig spreker, en soms is het waarschijnlijk toch meer een verkiezingspraatje geworden dan iets anders. Dat is aan u, de lezer. Hoe wil je het mogelijk maken dat burgemeesters voortaan gekozen kunnen worden? Art. 131 van de Grondwet bepaalt namelijk dat zij bij Koninklijk besluit benoemd worden, en laat de mogelijkheid om ze direct te verkiezen niet open. Ik denk dat er een onderscheid moet worden gemaakt tussen dingen die inderdaad een grondswetswijziging vereisen om helemaal passend in een grondwettelijke procedure te kunnen worden ingevoegd, en wat we gewoon de facto kunnen doen. Je zou een soort raadgevende burgemeestersverkiezing kunnen organiseren die strikt formeel niet bindend is, maar de mening van de bevolking zal zeer zwaar wegen. Ik denk dat we zo buitenconstitutioneel een aantal oplossingen ad interim kunnen doorvoeren, en dan zal dat op een gegeven moment stollen en in de Grondwet worden verankerd. Zo gaat het bijvoorbeeld nu ook met art. 100 Gw – dat het een exclusieve kroonbevoegdheid is om militairen naar het buitenland te sturen. De facto moet de Tweede Kamer daar eigenlijk altijd iets over zeggen. In de praktijk is dat gewoon iets dat ook bij de Tweede Kamer ligt. Bent u dan niet bang dat de raad van zo een referendum toch in de wind wordt geslagen? Nee, ik ben daar niet zo bang voor, omdat ik denk dat de regering dat maar een paar keer kan doen. Dan verliezen ze zo veel legitimiteit dat het in de praktijk niet vaak zal gebeuren. Ik denk dat het noodzakelijk is – juist ook voor het voortbestaan van de democratie – dat de politici en bestuurders beter gaan luisteren naar de bevolking. Momenteel is de benoemingsprocedure voor burgemeesters ingekleed in allerlei lokale adviesraden, maar dat ‘meepraten’ is vooral procedureel, dat leidt niet tot andere uitkomsten. Ik wil dat de burgemeesters afhankelijk worden van de lokale bevolking. Nu zijn die burgemeesters zetbazen van Den Haag, en de mensen in Den Haag zijn weer onderhorig aan Brussel, en zo is er eigenlijk op geen enkele manier iets te doen tegen een besluit dat van bovenaf over ons neerdaalt. Dát moet veranderen, en dat kan alleen maar door van onderaf zeggenschap te organiseren. Dan zullen we veel minder slechte dingen zien, zoals de laatste tijd met de plaatsing van de AZC’s.

Stel dat er wel gekozen burgemeesters zijn, maar de massamigratie, zoals jij dat noemt, nog niet direct gestopt kan worden. Dan heb je een probleem, want dan moeten we een aantal duizend mensen ergens herbergen in een gemeente die dat misschien allemaal niet wil. Nou, dan heeft dus de premier een probleem. Snap je? Dan heeft het hele land een probleem. Dan moet de premier dus iets gaan doen. Vanuit de decentraliteit, vanuit de lokaliteit, komt er dan ineens een krachtige stem tegen de regering die zegt: “Nee, wij willen dit helemaal niet!” Dan heeft Rutte een probleem. En hij kan het dan van de nationale politiek naar de Brusselse politiek brengen. Dan zegt het hele land: “Nee!” En dan? Gaan die vluchtelingen dan terug naar Syrië? Ja, weet ik veel. Naar waar ze vandaan komen, of ze gaan naar andere landen. Dat is toch niet ons probleem? Dat is inderdaad een heel ander punt, wiens probleem het is. Maar gewoon puur juridisch doen we nu mee aan vluchtelingenverdragen en andere Europese Verdragen. Jij wil niet alleen immigratie stoppen, maar ook het vrije verkeer van personen. Als je dat wilt, dan moet je uit de Europese Unie. Ja, dat wil ik ook. En dat is absoluut de consequentie van mijn beleid. Hoe eerder we uit de EU zijn, hoe beter. Waarom wil je dan zo graag het vrije verkeer van personen stoppen? Omdat ik denk dat het belangrijk is dat we weer controle hebben over wie het land binnenkomt. Dan wordt het weer ieder land in Europa voor zich. Nou, ieder land in de wereld. Maar ik ben helemaal niet tegen immigratie. Alleen moeten we wel goed in de gaten houden wie we hier naartoe halen. Wat er nu gaande is, dat is wat Martin Bosma de ‘democratische draaischijf’ noemt.1 Er komen ongeveer 100.000 tot 150.000 totaal kansloze, laagopgeleide mensen uit radicaal andere culturen dan de onze hiernaartoe elk jaar, en er gaan ongeveer 100.000 tot 150.000 hoogopgeleide, totaal Westerse mensen hier weg in wie we al heel veel hebben geïnvesteerd, in de vorm van onderwijs enzovoorts. Dus het demografische netto-resultaat is niet zozeer min of meer nul, zoals ze in NRC Handelsblad en andere linkse propagandabladen zeggen. Die twee moet je juist bij elkaar optellen!

1 Martin Bosma zit namens de PVV in de Tweede Kamer. Hij is sinds 2004 werkzaam voor de groep-Wilders en de PVV die daaruit is voorgekomen. In september 2010 verscheen zijn boek De schijn-elite van de valse munters, waarin hij onder andere het begrip ‘Democratische Draaischijf’ introduceerde.


Het is niet waar dat iedereen naar Nederland kan komen. Op jouw site staat een poll die zegt dat er geen economische vluchtelingen meer toegelaten moeten worden. Dat is al beleid. Die worden al teruggestuurd. Nee, die worden niet teruggestuurd. Een enkele keer wordt iemand teruggestuurd, ja. Maar normaal gesproken wordt gewoon de procedure beëindigd en dan komen ze in de illegaliteit terecht, en daarna komt er een generaal pardon. In de praktijk komt bijna iedereen hier gewoon binnen. En dat moet stoppen. Illegaliteit moet strafbaar worden.

Ik denk dat dat niet mogelijk is. Fysiek niet. Kijk naar Hongarije. Daar hebben ze in een maand tijd een hek van 300 kilometer gebouwd. Dat is even lang als onze grens met Duitsland. Als zij het in een maand kunnen, kunnen wij het in 21 dagen. Daar ben ik van overtuigd. Je zet daar camera’s neer, en warmte-sensoren, klaar, geen probleem, no problem at all.

Het gaat om het land waaruit ze vluchten, zogezegd. Als jij vlucht uit bijvoorbeeld Syrië op dit moment, dan ben je waarschijnlijk gevlucht voor de oorlog, en dan heb je dus een recht om hier te zijn. En dan maakt het niet uit of je kansarm bent, laagopgeleid, al die dingen die je noemt. Ik vind niet dat je dan het recht hebt om hier te zijn.

Maar dan nog: treinen komen binnen. Dan moet je iedere keer paspoorten checken, bij alle forenzen van Duitsland naar Nederland. Je kunt niet uitsluiten dat er mensen doorheen glippen, maar dat gaat om verwaarloosbare aantallen.

Dat staat gewoon in verdragen. Ik vind dat je die verdragen anders moet uitleggen. Als je kijkt naar het VN Vluchtelingenverdrag, dan zijn daar gewoon bepalingen in opgenomen waarin ruimte is om op basis van nationale veiligheid en andere nationale overwegingen mensen niet toe te laten. Dus wij kunnen gewoon zeggen: ja, sorry jongens, de komende 20 jaar nemen we gewoon niemand op want we hebben ons steentje nu wel bijgedragen aan de mensheid. Dat is geen enkel probleem. Je stelt voor om een asielbeleid in te voeren naar Australisch model. Wat vind je van een project als Frontex, het grensbewakingproject van de EU? Het is de bedoeling dat ze net zoals in Australië een kustwacht op de Middellandse Zee zetten en dat ze die mensen op zee al tegenhouden. Maar als we daar uitstappen, uit die Europese projecten, dan staan ze niet meer in zee, in bootjes, of in Italië, maar hier aan de Nederlandse grens. Hoe zie je dat? Dan komen ze gewoon niet binnen, klaar. Dan kunnen ze staan aan de grens wat ze willen. En hoe wil je mensen uitzetten die hier toch binnenkomen? We hoeven ze toch niet binnen te laten? Je kunt de grens toch niet hermetisch afsluiten? Waarom niet?

‘Ik vind het een erfmisdaad tegen ons, om zoveel mensen binnen te laten’

Een muur? Ja, of een hek. Wat is het probleem?

Eén van de dingen die steeds terugkomen op jouw website is het partijkartel. Je maakt nogal een aanname, dat er heel veel samengewerkt zou worden, dat de media daar ook aan meedoen. En jij hebt het daar vooral over, andere partijen niet. Dus waar komt dat idee van het partijkartel eigenlijk vandaan? Het partijkartel is een consequentie van een structuurprobleem van de representatieve democratie. Het heeft mij lang gekost voordat ik dat helemaal begreep. Ik heb mijn scriptie geschreven over het functioneren van politieke partijen, en de conclusie die ik daar al in trok en die ik sindsdien verder ben gaan uitwerken is dat ons grondwettelijk systeem van machtsbelang is gebouwd vanuit het idee dat er verschillende krachten moeten zijn die elkaar in balans houden. De trias politica. Ja, of hoeveel het er ook maar zijn – het zijn er volgens mij meer dan drie. In ieder geval, een verdeling van die macht, bijvoorbeeld tussen regering en Staten-Generaal. En politieke partijen hebben die scheiding overwoekerd doordat zij zich in al die gremia van het staatsbedrijf begeven. Het is de partijtop die bepaalt. En dan krijg je dat een klein aantal spelers de macht gaat verdelen, want die weten dat ze samen moeten regeren. Stel je voor: ze zitten te monopoly’en en hebben een heleboel straten en stations in bezit. En die gaan ze onderling uitruilen: “Mag ik van jou dit, dan mag jij van mij dat.” De partijen zijn de spelers; de straten zijn de zorgverzekeraars, de NPO, de Energieraad, Bouwend Nederland, hogescholenoverleg, baantjes in Brussel, internationale baantjes, burgemeestersposten – dat zijn de kaarten waarmee zij spelen. En in de politiek worden opinieafspraken gemaakt. De belangrijke issues – de hete kooltjes – die worden niet uit het vuur gehaald, die laten ze liggen. Want hun belang is zelfbehoud, en niet landsbehoud. Dus de aanval op de natiestaat is voor een deel ideologisch te verklaren, uit een pathologische afkeer van onszelf, maar is ook te verklaren door gewoon het korte termijn-eigenbelang van de zittende machten. Waarom zouden zij nou een groot probleem gaan maken in Brussel en op andere plekken

17


vanwege de massa-immigratie? Hun belang is: vier jaar, acht jaar de boel uitzingen en dan spring je weer door. Jij gelooft niet dat gekozen parlementariërs daar zitten voor het landsbelang? Ja, dat klopt.

nb

18

Er bestaan al wetten die bepalen dat politici een paar jaar na hun aftreden niet kunnen gaan werken in sectoren die in hun portefeuille zaten. Daarvan willen we er veel meer. We willen dat je 10 jaar lang geen publieke functie meer kunt vervullen, we willen een moratorium op alle benoemingen ook. Open sollicitatie voor allerlei functies. Je hebt veel kritiek op publieke instellingen en de manier waarop macht verdeeld is, maar je denkt ook dat iedereen met elkaar samenwerkt op hoog niveau. Terwijl politieke partijen juist heel veel met elkaar debatteren in de Tweede Kamer. Die zijn het juist vaak met elkaar oneens, daarom zijn het ook verschillende partijen. Ja, maar niet over de belangrijkste onderwerpen, daar zijn ze het niet over oneens. Zoals de aanval op de natiestaat. Je kijkt heel cynisch naar hoe onze democratie functioneert. Je gelooft niet dat een partij competente mensen neerzet voor het landsbelang. Jouw oplossing is om direct bindende referenda uit te zetten. Dat zou de enige manier zijn om dit partijkartel te doorbreken. Waarom is dat zo? Omdat initiërende referenda – daar gaat het namelijk om, dat mensen zelf onderwerpen op de agenda kunnen zetten – het enige democratische middel is dat buiten het systeem valt. Er moet een tegenmacht worden gecreëerd. Je kunt niet verwachten dat die politici tegen hun eigen rationele eigenbelang in gaan handelen. Toch verrichten die politici best goed werk. In december publiceerde het CPB een rapport dat aangeeft dat na vier jaar een kabinet VVD-PvdA de begroting weer in evenwicht is, de werkloosheid daalt, de economie aantrekt. Dat heeft toch zeker iets te maken met het kabinetsbeleid. Het Financieel Dagblad heeft laatst ook een heel groot onderzoek gedaan. Daaruit blijkt dat er structurele schade is toegebracht aan het Nederlandse MKB door de premier doordat er midden in de crisis bezuinigd is. En dat deden ze om hun vriendjes in Brussel en de Eurogroep tevreden te houden. Die bedrijven zijn allemaal failliet gegaan, die komen niet meer terug door wat Rutte heeft gedaan. Daarnaast is er een kunstmatige economische groei gecreëerd door massaimmigratie. Massa-immigratie leidt zoals bekend op korte termijn tot economische groei, want er moeten allemaal matrassen worden gekocht en allemaal televisietoestellen, en allemaal bungalowparken die eerst leeg stonden staan weer vol. Dus je krijgt een soort korte termijn multiplier-effect dat op de lange termijn cultureel vernietigend uitpakt. Dat de overheidsbegroting neutraal is, dat zegt natuurlijk helemaal

niks. Het begrotingstekort van de Sahara is ook nul, maar daar is ook geen enkele economische activiteit. Netto is de economie gekrompen, maar dat ze nu minder uitgeven dan ze binnenkregen, dat zegt toch helemaal niks. Maar de werkloosheid is gedaald en de economie is gegroeid. Nee, dat is niet waar. Het aantal mensen dat geregistreerd staat als werkloos is gedaald. Dat zijn mensen met nulurencontracten en ZZP’ers, mensen die in verkapte werkloosheid verkeren. Het aantal mensen in de ziektewet is enorm gestegen. Dit is stoeien met data. Het gaat niet goed met de Nederlandse economie. Toch zegt het CPB van wel. En ze zeggen dat de werkloosheid nog verder gaat dalen in 2017. Kun je wat meer vertellen over oikofobie – de haat voor de eigen cultuur – waar je het vaak over hebt? Waar komt dat vandaan? In de jaren na de Tweede Wereldoorlog heeft het Marxistische gedachtegoed zich gesplitst in twee stromingen: het politieke Marxisme en het cultuurmarxisme. Het politieke Marxisme was aanwezig in de wereld van het IJzeren Gordijn, en het culturele Marxisme heeft zich vertakt in West-Europa en de Westerse Wereld. Het cultuurmarxisme heeft de generatie die nu al 50 jaar aan de macht is beslissend beïnvloed. Het heeft een filosofie van zelfhaat opgedrongen aan mensen. Ik denk dat dat kon tappen uit een vaatje dat er al was, namelijk het schuldgevoel van de post-christelijke mens. Dat is iets algemeners, dat ons allemaal betreft. Wij gaan niet meer naar de kerk en kunnen dus geen verlossing meer krijgen voor onze culpositeit. Daarom woekert het mea culpa zeggen voort in ons. Dat zorgt voor een soort voortdurende vatbaarheid voor beschuldigingen. De cultuurmarxisten, die haten zichzelf. Dat betekent dus echt: ik heb een hekel aan Nederland. Aan de hele Westerse cultuur. En dat moet verslagen worden. Hoe kan dat dan, want die mensen vertegenwoordigen die cultuur. Bijvoorbeeld premier Rutte – ik neem aan dat hij volgens jou ook aan oikofobie lijdt – hij behoort toch tot die elite. Ik vind hem niet een heel belangrijk figuur, Mark Rutte, meer een human resource manager. Wel eentje die van Nederland houdt. Waarom heeft hij dan de grenzen wagenwijd opengezet? Je koppelt zelfhaat heel erg aan migratie: het binnenlaten van andere mensen. Ja, ik vind het namelijk een erfmisdaad. Dat is iets wat je ons niet mag aandoen. Echt een misdaad tegen ons, om zoveel mensen binnen te laten. Mensen asiel geven is een erfmisdaad? Mensen asiel geven … er worden in ieder geval heel veel mensen hier naartoe gehaald. Wat dan ook de reden is.


Geloof je in een multiculturele samenleving waarin verschillende culturen elkaar leren kennen, en begrijpen, en waarden delen? Ja, daar geloof ik in.

eindeloos overheidsgeld kan uitgeven? Die minachting voor het volk is heel begrijpelijk vanuit een soort aristocratische traditie. Sinds Plato bestaat het idee dat mensen best wel dom zijn. Maar dat idee klopt niet. Elites zijn dom.

Dan moet je toch juist asiel bieden aan mensen? Het gaat allemaal om aantallen – want we hebben een bepaalde absorptiegrens. En om de aard van de culturen die we hierheen halen. Niet elke cultuur mengt even goed. Culturen kunnen ook botsen.

Elites zijn wel beter opgeleid. Dat is een zeer goed argument tegen elites. Ze hebben zich, zoals Schopenhauer zegt, ‘dom geleerd’. Door de linkse indoctrinatie die ze jarenlang over zich heen hebben gekregen op universiteiten.

Waarom heb jij zo veel vertrouwen in referenda? Dan zegt het volk: de inkomensbelasting moet omlaag, en de onderwijsuitgaven omhoog. Dat is dan allebei bindend, terwijl het wellicht niet te financieren is doordat het beide geld kost. Het idee nu is dat de regering beslissingen neemt die niet allemaal leuk zijn, maar dat het wel als geheel kan en financieel mogelijk is. Ben je niet bang dat het volk allerlei dingen wil die niet kunnen of gewoon niet haalbaar zijn? Nee, die angst heb ik niet. Het blijkt ook niet uit landen waar dit volksinitiatief bestaat. Daar blijkt helemaal niet uit dat mensen allemaal onmogelijke dingen willen. Mensen zijn heel goed in staat om hun hypotheek te betalen, om hun kinderen op te voeden, om hun bedrijf te runnen, waarom zouden ze dan niet in staat zijn om te snappen dat je niet

Dus zonder opleiding kun je beter beslissen wat er met de staat moet gebeuren? Ik ben heel erg voor opleidingen. Alleen, wat er gebeurt op de universiteiten – zeker bij de humaniora waar ik de rechtenstudie ook onder reken, dus mensenwetenschappen – is ideologische training. Het is kadertraining van de PvdA en aanverwante kartelpartijen. Dat betekent dat je mensen die daar vandaan komen enorm veel bij moet leren als je ze tegenkomt. En Forum is daar mee bezig. We hebben een opleidingsinstituut. Mensen vallen de schellen van de ogen als ze leren over hoe de wereld echt in elkaar zit. Maar dat leer je niet op de universiteit. Het heeft mij ook heel lang gekost voordat ik dingen ging zien zoals ze echt waren.

Thierry Baudet was 14 december ‘16 te gast bij Room for Discussion Onder protest van sommige studenten.

19


Bekende gezichten van de Poort

Errol, fietscoach

nb

20

Tekst: Nicky Willemsen

Errol (58) is fietscoach op diverse locaties van de Universiteit en Hogeschool van Amsterdam, maar de Oudemanhuispoort is een van zijn favoriete locaties. Hij heeft veel verschillende banen gehad, van metaalbewerker tot parkeerwachter en nu fietscoach. Twee jaar geleden verruilde hij de auto’s voor de fietsen.

J

e ontkomt niet aan een vriendelijke groet van de enthousiaste Errol wanneer je voorbij hem loopt. Je zou hem dan ook kunnen omschrijven als een echt mensenmens: altijd goedlachs en in voor een gesprek. Ook is hij een echte werker met werkervaring op verschillende gebieden. Volgens Errol kun je tijdens je werkende leven nooit voor één werkgever blijven werken. Fietscoach zijn is voor Errol meer dan alleen zorgen dat de fietsen goed geparkeerd worden. “Ik geef ook veel informatie aan mensen, bijvoorbeeld als ze mij de weg vragen. Ik ben aardig vertrouwd hier in de omgeving. De Oudemanhuispoort is een mooie locatie, ik sta hier geregeld.” Voor fietsende studenten is de fietscoach een van de eerste personen die ze tegenkomen wanneer ze bij de Poort aankomen. Errol ziet dan ook vaak dezelfde studenten voorbijkomen. “Soms zijn ze gehaast en moeten ze snel naar college. Wanneer ik ze groet, groeten sommigen niet terug, maar dat vind ik niet erg. Mensen moeten dat natuurlijk zelf weten. Als je snel naar de les moet en mij niet groet, dan kan ik je dat niet kwalijk nemen. De studie is

natuurlijk pittig.” Andere studenten maken weer een praatje met de fietscoach, dat kan hij zeker waarderen. “Ze vragen dan hoe het met mij gaat, dat is leuk.” Errol is een echte levensgenieter en je kunt al snel met hem in een filosofisch gesprek over het leven belanden. “Het leven is kort, je moet ervan genieten. Mensen kunnen zich zo druk maken om dingen. In Nederland is het leefritme snel. Snel geld maken, snel verdienen.” Voor genieten moet je soms even een stapje terugnemen en tijd vrijmaken, vindt Errol: “Je moet lekker genieten, de muziek keihard aanzetten. Soms heeft de geest dat nodig. Je moet openstaan voor dingen, lekker vrij zijn.” Graag geniet Errol samen met zijn vriendin, familie of met vrienden. “Ik ga graag met allerlei verschillende mensen om van verschillende groepen, de multiculturele samenleving is iets moois.” Voor Errol is het dan ook belangrijk om het gezellig te hebben met elkaar. De fietscoach zal ons in ieder geval altijd met een glimlach blijven begroeten. “Ik blijf gewoon mijn ding doen.” Tegen de studenten wil hij nog graag zeggen: “Ik wens jullie allemaal veel succes met de studie. All the best!”

‘Fietscoach zijn is voor Errol meer dan alleen zorgen dat de fietsen goed geparkeerd worden.’


Berlijn Tekst: Sebastian de Bruijn

nb

22

In september 2016 vertrok Sebastian de Bruijn naar Berlijn, om daar in het kader van een Erasmusuitwisseling een semester te studeren. In dit artikel deelt hij zijn belevenissen in de hoofdstad van Duitsland.

N

a een hectisch maar uitermate gezellig jaar in het bestuur van de Juridische Faculteit der Amsterdamsche Studenten, leek het mij in de zomer van 2016 tijd voor iets anders. Van vrienden, kennissen en vage bekenden hoorde ik lovende verhalen over hun studietijd in het buitenland, waar zij de meest wilde avonturen beleefd hadden. Bovendien, zo benadrukte de Universiteit van Amsterdam keer op keer, zou het louter positieve effecten hebben op mijn studie en loopbaan. Na het horen van al deze overtuigende argumenten, kon ik mij al bijna niet níét meer aanmelden voor een Erasmusuitwisseling. De keuze voor een stad was minder snel gemaakt. Een semester in de zon in Spanje sprak me zeer aan, net als een safari-studie in het Zuid-Afrikaanse Stellenbosch. Uiteindelijk nam ik de beslissing met in het achterhoofd de gedachte dat ik in de stad van mijn keuze niet alleen een half jaar zou gaan studeren, maar ook wonen. De keuze viel toen snel op Berlijn, volgens velen de hoofdstad van Europa en misschien wel van de wereld. In ieder geval is het een bruisende wereldstad, waar je je geen seconde verveelt. Van mijn beslissing heb ik nog geen seconde spijt gehad.

De Duitse collegejaren zijn opgedeeld in winter- en zomersemesters. Ik zou mijn wintersemester in Duitsland door gaan brengen. Hoewel dit loopt van half oktober tot eind februari, vertrok ik al begin september naar Berlijn, om aan een intensieve taalcursus deel te nemen. Samen met onvergetelijke taallessen aan het Amsterdamse GoetheInstitut heeft dit ervoor gezorgd dat ik mij in het Duits inmiddels goed kan redden. Op het moment van aankomst in Berlijn echter nog niet. Gelukkig hoefde dat ook niet, want ik besloot dat eerste weekend met mijn vader — die op de een of andere manier nog nooit in Duitsland was geweest — de toerist uit te hangen. In 48 uur hebben wij geprobeerd zo veel mogelijk toeristische hoogtepunten te bezoeken. Ik heb dat niet weekend niet alles gezien, maar wel zo veel dat ik in de resterende maanden in Berlijn genoeg tijd had om precies te doen waar ik zelf zin in had. De eerdergenoemde taalcursus van een maand vormde een goede introductie voor een semester studeren in Duitsland. Studenten van over de hele wereld hadden hun weg naar Berlijn gevonden: van Australië tot Zuid-Afrika en van Frankrijk tot Japan. Met hen klikte het buitengewoon goed. We bezochten bijzondere barren als Klunkenkranich, op het dak van de tiende etage van een parkeergarage, en gingen uit in Club der Visionaere, die vrijwel helemaal buiten is en zich op vlonders in het water bevindt. Een groots Halloweenfeest in de statige voormalige DDR-premièrebioscoop maakte het feestje compleet. Met het einde van de intensieve taallessen — vijf uur per dag, vijf dagen per week — kwam het begin van het


23

daadwerkelijke semester aan de Humboldt-Universität zu Berlin in zicht. Dat vond ik een goede reden om nog snel een reisje te maken. Samen met een Deens meisje en een Taiwanese jongen reisde ik voor een midweek af naar Schotland, waar wij Edinburgh, Inverness, Isle of Skye en de Schotse Hooglanden bezochten. Een goede weerspiegeling van het internationale gezelschap aan studenten dat zich in Berlijn bevindt, en van hun enthousiasme om te reizen en nieuwe plaatsen te ontdekken. Toen het semester eenmaal van start ging, was het wennen. Studeren had ik namelijk al even niet meer gedaan. Bovendien kon ik mij de laatste keer dat een eloquente professor in vloeiend Hoogduits over verfijnde juridische nuances gepassioneerd stond te vertellen aan een twee verdiepingen tellende collegezaal, gevuld met honderden studenten, niet herinneren. Gelukkig pikte ik de draad snel op. Naast colleges over het Duitse privaatrecht volgde ik meer taallessen en een interessant vak over het Berlijnse museumlandschap, dat in Europa weinig gelijken kent. Voeg daar sportlessen bij het Hochschulsportzentrum aan toe, en er ontstaat een aardig met bezigheden gevulde week. Dat betekent overigens niet dat ik mij zonder die colleges had hoeven vervelen. Berlijn is namelijk rijk aan de prachtigste musea, gevuld met topcollecties van zowel moderne als klassieke kunst. Ook zijn er talloze restaurants en eettentjes te vinden, genoeg om iedere dag van het jaar iets anders te eten. Een absolute aanrader daarbij is Neni, gelegen op de

tiende etage van een hotel. Vanuit daar kijk je precies uit op de Berlijnse dierentuin: je ziet de dieren lopen. Als je daar genoeg van hebt kun je je nog vergapen aan de skyline of genieten van de goede Midden-Oosterse keuken. Ook leuk. Het Berlijnse nachtleven behoeft geen uitleg. Wel benader ik het met een zekere voorzichtigheid, nadat ik tijdens de Berlijnreis van de JFAS in september 2015 op brute manier geweigerd werd, zonder opgaaf van reden. Een jaar later leek mij dit desondanks weer te gebeuren, ditmaal aan de deur van de legendarische technokelder Tresor. Gelukkig was daar Dimitri, de chef van de tent, die mijn vrienden en mij persoonlijk naar binnen loodste. Inmiddels hangt mijn kledingkast vol met zwarte shirts, zwarte broeken en zwarte jassen, die ik heb gekocht in een van de vele winkels die zich specialiseren in het verkopen van zwarte shirts, zwarte broeken en zwarte jassen, en gaat mij zoiets nooit meer overkomen. Er is geen moment geweest dat ik spijt heb gehad van mijn keuze om in het buitenland, en in het bijzonder Berlijn, te studeren. Het is een onvergetelijke ervaring geworden, die op het moment van schrijven zijn einde helaas al weer nadert. Niet alleen doe je er goede vrienden in het buitenland op (hallo logeeradressen op vakantie) maar ook maak je van een vreemde stad je eigen. De onbekende straten worden jouw straten, onontdekte parels ken jij vanuit je broekzak. Aan het eind van het semester zal ik voelen alsof ik mijn thuis verlaat. Gelukkig doe ik dat voor die ene stad waar het allemaal toch nog iets beter is dan in Berlijn: Amsterdam.


nb

24


Ondernemen naast je studie

“Contractenrecht, daar had ik echt wat aan.” 25 Tekst: Louisa Bergsma

Amber van der Hulst (25) begon op de UvA met een bachelor communicatiewetenschappen en ging daarna rechtsgeleerdheid studeren. Ze komt net terug van een yoga docent cursus in India en vanaf februari gaat ze beginnen met de master internationaal publiekrecht. Naast haar studie vond Amber het altijd al leuk om ook bezig te zijn met creatieve cursussen zoals fotograferen en textiel en leer bewerken. Daarmee verdient ze nu haar geld. Haar merk Solitude is bliss groeide van een enkel Instagram account uit tot een volwaardig merk met niet alleen een online shop, maar ook verkooppunten in onder andere de Utrechtsestraat en De Negen Straatjes. Hoe ben je begonnen met Solitude is bliss? ‘Ik begon in november, twee jaar geleden in 2014. Toen was ik wel al met rechten bezig, ik zat net in mijn eerste jaar. Daarvoor heb ik communicatiewetenschappen gestudeerd. Ik deed altijd wel veel creatieve dingen ernaast, omdat ik dat een leuke combinatie vindt, een studie en iets creatiefs. Het begon heel random allemaal. Ik had voor mezelf een tas gemaakt op de leernaaimachine van mijn moeder. Mijn huisgenoten vonden die zo leuk dat ze zeiden dat ik hem moest verkopen. Nouja dat weet ik niet hoor, zei ik toen. Maar na een tijdje dacht ik ‘waarom ook niet?’, dus heb ik wat foto’s gemaakt en op Instagram gezet. Het begon met een paar volgers en toen kreeg ik wat mailtjes van mensen die iets wilde kopen, maar ik had nog helemaal geen webshop en geen vaste leveranciers. Ik had nog niets opgezet maar toch ging het al een soort van lopen.’ Hoe heb je geleerd om zo’n leren tas te maken? ‘Mijn moeder is kunstenares, ze doet textiele vormgeving. Toentertijd had ze net een leernaaimachine gekocht. Ze heeft een heel atelier met veel naaimachines en leerde me vroeger al alles. Ik maakte al vaak dingen op die gewone naaimachines, maar leer leek me echt supercool, dus ben ik daarmee begonnen.’

Je maakt ook sieraden, kwam dat daarna? ‘Ja, dat kwam een beetje tegelijk. Ik begon met de tassen, maar al heel snel wilde ik sieraden erbij doen omdat ik dat een leuke combinatie vond. Ik heb een keer een tijdje in Indonesië gezeten en daar een cursus gedaan, een zilversmidcursus. Het leek me zo leuk om dat ook in Nederland te doen, maar hier was het heel duur. In plaats daarvan ben ik elke vrijdag gaan werken bij een zilversmid, in een soort stage-achtige ruilsituatie. De helft van de dag leerde zij mij alles over hoe ik zilver moest bewerken en sieraden kon maken. Het andere deel van de dag werkte ik voor haar. Zo hoefde ik niet voor de cursus te betalen en zij mij niet voor het werk dat ik voor haar deed.’ Via Instagram is het gaan lopen, hoe snel ging het voordat het serieus werd? ‘Eerst kreeg ik allemaal mailtjes van mensen die ik kende en viavia. Maar dat was heel onhandig, want op gegeven moment heb je wel tien mailtjes heen en weer, toch weer een andere kleur enzo. Toen dacht ik, ik wil gewoon een webshop. Dan kunnen mensen gewoon aanklikken welke ze willen en hoef ik het alleen in te pakken en te versturen. Ik ben toen een beetje gaan proberen om een webshop te maken en dat lukte.’


Dus je hebt de webshop helemaal zelf gemaakt? ‘Ja, ik heb verschillende dingen geprobeerd. Je hebt formats die je kan gebruiken, ik wilde het heel strak houden, een beetje minimalistisch en bijvoorbeeld geen reclame. Ik heb ook wat fotografiecursussen gedaan dus de foto’s maak ik zelf. Dat vind ik wel fijn, als ik alles zelf kan doen. Ondertussen had ik me ingeschreven bij de KvK, want dat had ik eerst nog niet. Het heeft wel een paar maanden geduurd voor het was gelukt met die webshop hoor. Foto’s maken, beschrijvingen bedenken, het was echt heel veel werk. Daarnaast had ik natuurlijk ook nog mijn studie.’

nb

26

Is het moeilijk om dit te combineren met je studie? ‘Aan de ene kant kost het wel veel tijd, maar aan de andere kant is het een hele fijne afleiding. Gewoon even je zinnen verzetten, zodat je niet alleen maar met die wettenbundels zit. Daardoor kan je daarna ook wel weer beter studeren, dan ben je weer een beetje verfrist in je hoofd. Soms is het ook wel echt moeilijk. Als mensen iets bestellen en het snel willen hebben voor hun verjaardag en er tegelijkertijd ook nog tentamens zijn bijvoorbeeld. Dan is het echt niet chill en niet te combineren.’ Heb je andersom ook iets aan je studie? ‘Ja ik heb er wel heel veel aan. Aan communicatie had ik al veel in het begin met Instagram enzo. Maar ik merk ook dat ik veel aan rechten heb, bij het inkopen bij leveranciers komt zoveel kijken, dat zijn natuurlijk allemaal contracten. Dus toen ik contractenrecht kreeg was dat zo handig, daar had ik echt wat aan.’ Wil je dit door gaan zetten of is het iets tijdelijks? ‘Ik had er van tevoren geen plan mee, of dit mijn baan zou worden. Ik keek het gewoon een beetje aan. Maar nu gaat het eigenlijk wel heel goed. Ik heb er dit halfjaar veel aan kunnen werken, er zijn nu vier winkels in Amsterdam die Solitude is bliss verkopen. Vorige week werd ik ook nog benaderd door de Glamour, die hebben een conceptstore en krijgen nu ook mijn tassen. Het rolt wel een beetje door, dus ik ben van plan om er nu mee door te gaan en door te zetten. Ik wacht nog steeds op het moment dat ik door de stad fiets en ik iemand die ik niet ken zie met een van mijn tassen! Ik doe nu in ieder geval nog een jaar die master en daarnaast blijf ik dit doen. Ik wil denk ik niet voor altijd die tassen en sieraden ontwerpen, maar ik wil het nu nog wel een tijdje doen.’

Is het aan te raden om een onderneming te starten naast je studie? ‘Aan de ene kant is het eigenlijk veel te druk en niet handig. Maar aan de andere kant, je bent nog met je studie bezig, dus je hebt nog iets ernaast met een doel en waar je voldoening uit kan halen. Als je iets opzet kan het heel frustrerend zijn dat het nog niet lukt of werkt of het duurt bijvoorbeeld heel lang voor je een webshop hebt. Maar als je aan het studeren bent, ben je ook lekker daarmee bezig. En dan is het niet zo erg als het langzaam gaat of nog niet helemaal loopt. In dat opzicht zou ik het wel aan kunnen raden. Je focus wordt een beetje verlegd.’ Heb je veel moeten investeren? ‘Nou het is heel fijn dat mijn moeder die leernaaimachine had gekocht, en dat ik die gewoon kan gebruiken, want die dingen zijn 2000 euro ofzo. Anders was ik dit niet zomaar gestart. Ik ga niet voor 2000 euro zo’n machine kopen en dan maar kijken of ik het terug kan verdienen. Dus in dat opzicht heb ik niet veel geïnvesteerd. Voor het zilver heb ik een klein werkplekje in mijn kamer in Amsterdam, maar daarvoor heb ik wat dingetjes, zoals een tangetje, voor mijn verjaardag gekregen en verder steeds kleine beetjes geïnvesteerd. Dus dat heb ik mondjesmaat verzameld. Foto’s hoef ik niet te laten maken dus dat scheelt ook. Alleen het leer en zilver is superduur. Ik heb wel een paar keer gehad dat ik schrok van de factuur na het inkopen. Dan denk je ‘wow wat heb ik gedaan? Ik heb net een hele berg leer ingekocht voor 1500 euro!’. Dat moet dan ook wel verkocht worden. Maarja, je moet wel investeren, anders kom je er niet. De materialen zijn duur, maar dat is ook wat ik wilde. Goede materialen. Ik heb een hekel aan al die dingen die mensen maar een keer dragen. Shirtjes van H&M of tasjes van nepleer die je heel snel weer moet weggooien. Dus ik hoop mensen hiermee aware te maken en een bijdrage te leveren tegen die fastfashionbulkindustrie.’ Kan je er nu van leven? ‘Ik heb al die tijd gewoon mijn lening gehad. Die hield ik wel laag, rond de 200 euro. De rest verdien ik hiermee bij. Als ik niet meer zou studeren zou het wel te weinig zijn denk ik. Het verschilt zo erg, in december was het bijvoorbeeld een hele goede maand met kerst enzo. Maar nu in januari gaat niemand een tas kopen, niemand heeft meer geld, dan verdien ik dus bijna niks. Dat is een beetje tricky. Maar als ik nu nog een jaar ga uitbouwen terwijl ik studeer, dan hoop ik dat ik na mijn master er wel genoeg mee verdien om er gewoon normaal van te kunnen leven zonder studentachtige levensstijl.’ Bekijk Ambers producten op www.solitudeisbliss.nl


Tekst: Hannah van Kolfschooten

De Universiteit van Amsterdam was in 2015 in handen van protesterende studenten. Heel Amsterdam was in rep en roer: de legendarische 45-daagse bezetting van het Maagdenhuis was voorpaginanieuws, er werden Kamervragen gesteld, burgemeester Van der Laan onderhandelde met studenten, collegevoorzitter Louise Gunning stapte op en ook de Raad van Toezicht sneuvelde kort na haar vertrek. Toen ik halverwege 2016 de Universiteit van Amsterdam tijdelijk verruilde voor de University of Stellenbosch, Zuid-Afrika, was een groot deel van de wensen van de studenten ingewilligd en de rust weergekeerd: een nieuw College van Bestuur en Raad van Toezicht hadden zitting genomen, de strijd om de stilteruimtes was gewonnen en het referendum van de commissie Democratisering en Decentralisering zou er komen.

T

oen ik in juli de Zuid-Afrikaanse campus voor het eerst betrad, zou voor mij echter nóg een semester vol studentenprotesten volgen. Begin maart 2015, tevens de eerste week van de bezetting van het Maagdenhuis, waren in Zuid-Afrika de nationale protesten begonnen met de #RhodesMustFall-beweging op de University of Cape Town. Dit had geleid tot de oprichting van Open Stellenbosch op mijn universiteit, en eind 2015 van een landelijke #FeesMustFall-studentenbeweging. Nu, bijna een jaar na de eerste #FeesMustFall-protesten, is de discussie weer opgelaaid en heviger dan ooit. #RhodesMustFall De eerste studentenprotesten begonnen in maart 2015 op de campus van University of Cape Town. De #RhodesMustFallbeweging eiste verwijdering van het standbeeld van Cecil Rhodes, als eerste stap naar decolonization of the university. Rhodes was een Britse diamantmagnaat in Zuidelijk-Afrika en eind negentiende eeuw premier van de Britse Kaapkolonie. Hij had een sterke kolonisatiedrang, lijfde het huidige Zambia en Zimbabwe in om er zijn “privé-kolonie” Rhodesia van te maken en introduceerde de eerste apartheidswetgeving in het Zuid-Afrikaanse parlement. Na de afschaffing van de apartheid in 1990 was zijn standbeeld blijven staan, als dank

#Fees Must Fall Studentenprotesten in Zuid-Afrika: free education and decolonization

voor zijn financiële steun aan de universiteit. Protesterende studenten zagen zijn standbeeld echter als een eerbetoon aan het Europees kolonialisme en het apartheidsregime en symbool voor het nog steeds bestaande institutioneel racisme. Deze eerste protestgolf richtte zich dan ook niet slechts op de verwijdering van het betreffende standbeeld, maar kaartte het grote probleem van sluimerend racisme op de Zuid-Afrikaanse universiteiten aan. Het standbeeld in Kaapstad werd na een stemming door de studentenraad verwijderd, maar de discussie ging vurig door. Open Stellenbosch Geïnspireerd door de studenten in het naburige Kaapstad zetten de studenten van de University of Stellenbosch in dezelfde periode een eigen protestbeweging op: Open Stellenbosch. Ook zij eisen verwijdering van een apartheidssymbool: een gedenksteen opgedragen aan Hendrik Verwoerd, premier tijdens de apartheid, belangrijkste vormgever van het apartheidssysteem en oudstudent aan de universiteit. De beweging richt zich daarnaast op transformatie van de universiteit tot een instituut waar iedereen gelijk behandeld wordt: veel black en coloured studenten ervaren nog altijd discriminatie. Het belangrijkste strijdpunt is de language policy van de universiteit. De

27


lot can happen in a good way when you’re otherwise?” De andere geïnterviewden herkennen dit: “The colour of my skin in Stellenbosch is like a social burden. I mean, just walking into spaces, there’s that stop, pause and stare where people cannot believe that you would enter into this space.”

nb

28 University of Stellenbosch geeft nog altijd voornamelijk les in het Afrikaans en ook officiële berichtgeving is slechts in het Afrikaans beschikbaar. Nu is dit niet alleen de taal van de blanke bezetter, maar ook een taal die veel studenten niet beheersen, waardoor ze belemmerd worden in het succesvol voltooien van hun studie. Studenten die het Afrikaans niet beheersen voelen zich minderwaardig en buitengesloten. Open Stellenbosch presenteerde naar aanleiding van deze ervaringen van studenten een Memorandum of Demands aan de rector. De belangrijkste eisen luidden: alle lessen beschikbaar stellen in het Engels, oprichting van een Centre for Diversity and Inclusivity en dekolonisatie van het curriculum, ofwel: minder oriëntatie op het Westen en meer op Afrika. Er werden gebouwen bezet en protestmarsen georganiseerd met spandoeken als “I can’t breathe” en “I am against apartheid culture @ Stellenbosch”. De beweging gaf het universitaire RW Wilcocks Building (vernoemd naar een oud-rector) een nieuwe naam: Lilian Ngoyi hall, naar de Zuid-Afrikaanse anti-apartheidsactiviste. Na maanden van vruchteloos protest zette Open Stellenbosch haar woorden kracht bij met de indrukwekkende documentaire Luister (Listen): een reeks van 33 interviews met studenten en één docent over ervaringen met racisme, discriminatie en uitsluiting op de universiteit. De documentaire begint met een pijnlijke bekentenis van een student: “It feels like it’s wrong to be black. I sometimes ask myself when I’m alone: why did God make me black when a

‘Education is the most powerful weapon which you can use to change the world’ - Mandela

De documentaire heeft zijn voornaamste doel bereikt: er is geluisterd. Duizenden studenten sloten zich aan bij de protesten, studenten van alle bevolkingsgroepen en races. De beweging identificeert zichzelf met de kreet #IAmStellenbosch: iedereen hoort thuis op Stellenbosch University – “We as students understand that we are different (…) however it is these differences that hold us together as an entity of Stellenbosch University.” Ook het universiteitsbestuur luisterde uiteindelijk. Vijf maanden na het begin van de eerste protesten en twee weken na het uitbrengen van de documentaire, reageerde de rector op de bezwaren van de protestbeweging. Na het viral gaan van de film moest hij verantwoording afleggen over de “oppressive remnants of apartheid” op zijn universiteit aan het parlement en zag zich genoodzaakt een plan van transformatie op te stellen. In dit plan was zowel een nieuwe language policy als een diversity committee opgenomen. In die zin hadden de studenten gewonnen: hun eisen waren ingewilligd. NietAfrikaanssprekende studenten konden voortaan zonder moeite studeren. Maar was het institutioneel racisme hiermee voorbij? #FeesMustFall Eind 2015 laaide er een nieuwe storm aan protesten op onder studenten van alle Zuid-Afrikaanse universiteiten. Veel universiteiten hadden aangekondigd de collegegelden te verhogen naar aanleiding van bezuinigingen op hoger onderwijs vanuit het kabinet. De collegegelden zijn in ZuidAfrika al vrij hoog: studenten betalen gemiddeld iets meer dan in Nederland, terwijl Zuid-Afrikanen aanzienlijk minder verdienen en bijna 30% van de bevolking geen werk kan vinden. Er zijn studieleningen beschikbaar, maar de rente hierop is hoog. Protesterende studenten zeiden dat hoger onderwijs met die verhogingen in feite ontoegankelijk zou worden voor een specifieke bevolkingsgroep. De protesten begonnen op de University of Witwatersrand, Johannesburg: studenten blokkeerden de weg naar de campus met stenen, bezetten universiteitsgebouwen, stichtten soms zelfs brand en belemmerden iedereen de toegang. Dit had een volledige shut down van de universiteit tot gevolg. Al snel volgden studenten van universiteiten door heel Zuid-Afrika het voorbeeld van Witwatersrand en de ene na de andere universiteit sloot de deuren. Het plan van de protesterende studenten werkte als volgt: als er nergens in het land meer college werd gegeven, zou president Jacob Zuma worden gedwongen de bezuinigingen op hoger onderwijs in te trekken en hoefden universiteiten de collegegelden niet te verhogen. De studenten kregen gelijk: na overleg tussen afgevaardigde studenten en de president werd besloten dat de bezuinigingen van de baan waren. De protesten stopten en universiteiten konden net op tijd hun deuren openen voor de laatste tentamens van het collegejaar.


Veel universiteitsbesturen besloten de tentamens uit te stellen om zo protesterende studenten wat meer tijd te geven om te studeren; ook in Stellenbosch, waar dit uitstel leidde tot ergernis onder niet-protesterende studenten, die hierdoor twee weken vakantie moesten missen. #FeesMustFall2016 Vlak na de start van het tweede semester in augustus 2016, werden er opnieuw bezuinigingen aangekondigd. De University of Stellenbosch gaf aan de collegegelden per 2017 met 8% te verhogen. Andere universiteiten kondigden gelijksoortige verhogingen aan. De oude protestbeweging kwam opnieuw samen. In Stellenbosch begon het rustig: er werden openbare mass meetings georganiseerd op het grote plein voor de bibliotheek, geleid door black en coloured studenten. Hierbij werden de bezwaren verzameld en een list of demands opgesteld om aan de rector te overhandigen. Er werden liederen gezongen in Xhosa, dezelfde liederen die in de jaren tachtig en negentig door de anti-apartheidstrijders werden gezongen, en aanwezigen werden aangesproken als comrades. Toen duidelijk werd dat rector Wim de Villiers niet in gesprek wilde met de studenten, veranderde de sfeer. De studenten probeerden, net als het jaar ervoor, een shut down van de universiteit te bewerkstelligen. Wederom blokkeerden ze ingangen van campusgebouwen en bestormden ze tentamenzalen om tentamens van studenten te verscheuren. Het universiteitsbestuur trad dit keer echter hard op: een aantal studenten werd geschorst en er werd heel veel private security ingehuurd, uitgerust met kogelvrije vesten, helmen en wapens, door de protestbeweging ‘men in black’ genoemd. Campusgebouwen konden enkel nog betreden worden met collegekaarten en de bibliotheek, favoriet onder bezetters, werd bij elke kleine dreiging hermetisch afgesloten. Af en toe ging het mis: een groep vreedzaam protesterende studenten, op de grond voor een campusgebouw, armen in elkaar gehaakt, omringd door spandoeken, werd met geweld uit elkaar gejaagd door de private security, die rubberkogels op ze afvuurde. Steeds meer protesterende studenten werden om onduidelijke redenen gearresteerd. In Stellenbosch verliepen de protesten relatief rustig: terwijl de meeste andere universiteiten in het land de deuren gesloten hadden, deed Stellenbosch University er alles aan om de colleges door te laten gaan, met de inzet van steeds meer politie en private security. Misschien komt dit ook door de steeds maar groeiende anti-beweging: #KeepStelliesOpen. Deze beweging, voornamelijk bestaande uit white studenten, riep de universiteit op hard op te treden tegen de #FeesMustFall-beweging: zij vonden dat hun recht op onderwijs belemmerd werd door de studentenprotesten. #FeesMustFall reageerde hierop met verwijzingen naar het apartheidsverleden, de nog steeds bestaande gigantische wage gap tussen de black en white bevolking en het benadrukken van white privilege. De studentenprotesten van 2016 duidden op meer verdeeldheid dan die van Open Stellenbosch een jaar eerder, waar iedereen, ongeacht race of colour, zich achter schaarde.

29

Toekomst Inmiddels heeft het universiteitsbestuur beloofd het collegegeld alleen te verhogen voor studenten wier ouders meer dan 600.000 ZAR verdienen, bovenmodaal in ZuidAfrika. Toch denk ik dat het einde van de studentenprotesten in Zuid-Afrika voorlopig nog niet in zicht is. Het probleem ligt veel ingewikkelder dan het betaalbaar houden van hoger onderwijs, of zelfs, zoals veel studenten willen, het helemaal afschaffen van collegegeld. De protesten komen voort uit de nog altijd bestaande ongelijkheid in Zuid-Afrika. De grote werkeloosheid, de erbarmelijke omstandigheden in de townships, het grote water- en elektriciteitstekort, de toenemende criminaliteit en de corrupte politie en overheid raken nog altijd voornamelijk de black en coloured bevolking. Door de economische ongelijkheid is het voor jongeren uit deze bevolkingsgroepen moeilijker om op de universiteit terecht te komen. Ze kunnen het collegegeld vaak niet betalen en komen niet altijd in aanmerking voor een beurs omdat ze lager scoren op toelatingsexamens dan hun white medestudenten, die duurder (en daardoor beter) middelbaar onderwijs hebben genoten. Dit maakt dat de universiteiten voor het merendeel white zijn, wat er ook toe leidt dat het curriculum meer gericht is op het Westen (waar veel white Zuid-Afrikanen hun wortels hebben) en minder op inheemse taal en cultuur. De woede van studenten komt voort uit het besef van deze ongelijkheid, het besef dat twintig jaar na de verkiezing van volksheld Nelson Mandela en zijn nog steeds regerende partij African National Congress (ANC) de apartheid in veel facetten van de samenleving nog steeds voelbaar is. De belofte van de ANC om onderwijs gratis te maken is slechts één van de vele beloften die niet waargemaakt zijn. Nu president Zuma erom bekend staat niet te luisteren naar de bevolking, nemen de studenten het heft in eigen hand. Als alle universiteiten in Zuid-Afrika gesloten zijn, móét hij wel actie ondernemen, zo redeneren ze. “Education is the most powerful weapon which you can use to change the world,” zei Mandela ooit.


Veranderlust

Duterte: populisme in de Filippijnen Tekst: Saar Hoek

nb

30

Over de wereld ruist een gevoel van onrust en ontevredenheid over het bestuur. Hiervan wordt door een golf politici die niet in het traditionele plaatje van een politicus passen gebruik gemaakt. Het anti-establishment sentiment leverde Trump de verkiezingen op in de Verenigde Staten, realiseerde Brexit en laat liberaal Nederland vrezen voor de victorie van Wilders in onze komende verkiezingen. Aangezien de Westerse media nu eenmaal Westers geconcentreerd zijn, blijven wij enigszins eenzijdig geïnformeerd. Maar ook in de rest van de wereld zien we soortgelijke ontwikkelingen. Een die ik heel opvallend vind, is de Filipijnse president Rodrigo Duterte.

D

uterte werd verkozen tot president in mei van dit jaar met een overweldigende meerderheid. Een verbazingwekkende 91% van de bevolking liet onlangs in een poll weten vertrouwen te hebben in de president. Waarom is dat verbazingwekkend? Omdat het – zacht uitgedrukt – nogal een excentriek persoon is. Aan de oppervlakte uit zich dit vooral in vulgair taalgebruik en schelden, wat als president al opvallend is op zich, maar des te meer wanneer het gericht is tegen andere politieke wereldleiders en zelfs de paus. Grappen over zaken als verkrachting en het belachelijk maken van buitenlandse ambassadeurs bevorderen buitenlandse relaties over het algemeen ook niet echt. Dat schijnt hem echter niets te doen. Daden – niet woorden – maken de man, maar in dit geval zijn ook de daden onheilspellend. Duterte dreigde in december nog iemand uit een helikopter te werpen en zei dat hij dat al eens eerder had gedaan. Sterker nog, hij claimt dat hij in zijn tijd als burgermeester meerdere mensen heeft vermoord, wat ertoe heeft geleid dat de VN oproept tot onderzoek. Dit alles wordt overschaduwd door de manier waarop hij zegt vrede te willen bereiken: het aanpakken van drugs. We hebben vaker gehoord over een oorlog tegen drugs, maar Duterte neemt die van hem bijzonder serieus. Hij heeft zichzelf in een speech vergeleken met Hitler in de zin dat deze miljoenen Joden doodde, en hij miljoenen drugsdealers en verslaafden graag zou afslachten. Een absurd en onacceptabel doel wat hij uitdrukt in een walgelijke vergelijking. Van Duterte kan veel gezegd worden, maar hij is helaas wel een man van zijn woord. De eerste twee maanden sinds hij president werd hebben naar schatting zo’n 2500 levens gekost. Het meest zorgelijke is niet eens het buitensporige aantal moorden, maar vooral dat dit allemaal buiten recht gebeurt. En dat niet eens alleen door de machthebbenden: Duterte heeft zijn bevolking opgezweept om vooral het heft in eigen handen te nemen.

Dit kan zwaarwegende gevolgen hebben. Als eigenrichting wordt toegestaan, wat is dan nog het nut van het rechtssysteem? Als de burgers in deze instantie buiten de wet mogen treden, dan zal dat uiteindelijk leiden tot buiten de wet treden in meerdere instanties. Een rechtsstaat in stand houden zonder veel waarde te hechten aan het daadwerkelijke recht zal ongetwijfeld eindigen in anarchie en ongeluk, als niet in een scène uit een dystopisch verhaal. Hopelijk wordt er op tijd ingegrepen door buitenstaanders of beseffen de Filipijnen zelf op tijd dat hun droom in werkelijkheid een nachtmerrie is. Voordat de schade onomkeerbaar wordt en de mensenrechten een verre herinnering. Hoe kan het dat een dergelijke extremist zo populair is? Waarom deelt een groot deel van de Filipijnen deze zorgen niet? Juist omdat ze precies wisten waar ze voor stemden. Net als op zoveel plekken op de wereld waren ze toe aan iets nieuws. Politici werden in de volksmond geassocieerd met corruptie, gierigheid en leugens. De mensen waren het beu en wilden een verandering in de status quo. De enige die dat scheen te kunnen bieden was Duterte. Hij draagt nonchalante kledij, heeft een bescheiden huis, spreekt in begrijpelijke taal en houdt zich aan zijn woord. Het probleem is dat verandering wordt verward met vooruitgang. De Filipijnen zijn momenteel vervuld van de beweging die zich voordoet in hun land, maar het wakker worden gaat een zure smaak achterlaten. En hoe lang dat wakker worden op zich gaat laten wachten, is ook nog maar de vraag. Mensen zijn naar mijn mening te verslaafd geraakt aan sensatie. Een film met extra ontploffingen is niet per se een goede film, en dat een land schudt op zijn fundamenten betekent niet dat het goed gaat. Een gebrek aan charisma en spanning in een machtspositie wordt wat mij betreft vergeven, als het alternatief onvoorspelbare moord is. Maar ach, noem me dan maar conservatief.


Kantonrechter Frank van der Hoek

“Rechters zitten niet in een ivoren toren, dat is PVV-praat” Tekst: Louisa Bergsma

Frank van der Hoek studeerde Nederlands recht en criminologie aan de VU. Rechten daar vond hij eerst geen klap aan. Met criminologie viel geen brood te verdienen. Na toch nog een doctoraal in beide studies afgerond te hebben belandde hij in de sociale advocatuur, zette later een eigen kantoor op en werd uiteindelijk gevraagd als kantonrechter in Amsterdam. Na 21 jaar nam hij in 2016 afscheid van het kanton, niet om met pensioen te gaan, maar om te werken als ZZPer in het recht. We spraken over zijn loopbaan en tegen welke problemen je aanloopt als (kanton)rechter. ‘Waar vind je maatschappelijk draagvlak, in de Telegraaf van maandagochtend of het NRC van vrijdagmiddag?

31


nb

32

Advocatuur ‘Tijdens mijn studententijd werkte ik bij het klachtenbureau politieoptreden. Dat hadden we als studenten samen met wat advocaten en docenten opgericht. Het was een zelfstandige club, maar later een beetje verbonden met de Rechtswinkel. Door mijn werk daar wist ik dat ik graag advocaat wilde worden. In die tijd had je een aantal advocaten kollektieven – met een k. We werkten bijna allemaal op toevoegingen, pro-deo. Als ik eraan terugdenk verdienden we wel heel weinig, al was het toen beter betaald dan nu. Secretaresses en advocaten verdienden evenveel en we hielden gratis spreekuren en van alles en nog wat. Bij het kollektief ben ik begonnen met strafrecht, omdat ik dat al deed vanuit criminologie. Daarnaast deed ik ook huurrecht, dat was niet echt een keus. Het huurrecht was in ’79 heel erg vernieuwd en mijn patroon was daar actief in geweest, dus daar werd ik gewoon in gegooid. Amsterdam was behoorlijk verloederd, er waren veel slechte woningen met veel particulier woningbezit, echt klassieke huisjesmelkers, en krakers. Krakers Ik heb veel krakers bijgestaan. Dat waren spannende en ruige tijden. Het was niet alleen nogal een knokpartij met verhuurders, het was ook niet altijd makkelijk binnen de kraakbeweging. Het kon best zijn dat je in een bepaald pand in een bepaalde richting heel populair was, maar dan ontmaskerd werd als antirevolutionair, dan viel je er weer helemaal buiten. Het was ingewikkeld, maar wel echt leuk omdat je veel dingen moest uitvinden. Er waren veel gaatjes die nog opgevuld moesten worden. Vanuit die kraakbeweging kwamen ook weer andere actievoerders. Ik ben een tijd lang advocaat van het Dierenbevrijdingsfront geweest. Zij schreven mijn telefoonnummer op hun hand zodat ze wisten wie te bellen als ze opgepakt werden. Daar kwam weer uit voort dat ik ook een tijd lang advocaat ben geweest van Molukse actiebewegingen. Kantonrechter Nadat ik zes jaar advocaat was geweest bij het kollektief ging ik werken bij een groot advocatenkantoor, maar daar paste ik helemaal niet. Na twee jaar heb ik mijn eigen kantoor opgericht met vijf advocaten en dat een jaar of vijf, zes gedaan. Toen werd ik gevraagd om kantonrechter te worden. Ik procedeerde toentertijd veel bij de kantonrechter in Amsterdam, omdat ik veel huurrecht deed. Ik gaf inmiddels ook les en schreef er handboeken over, dus ik wist er wel een beetje wat van. Die kantonrechters zagen dat natuurlijk ook. In die tijd was de kantonrechtbank een aparte rechtbank en de rechters waren bijna allemaal ex-advocaten. Die hadden toen nog het recht om hun eigen opvolgers te kiezen. Ze gingen op zoek naar advocaten waarvan zij dachten dat ze ook wel rechter zouden kunnen worden. Eerst werd ik gevraagd om

een tijdje plaatsvervangend rechter te worden, na een jaar of twee kwam er een plek vrij en kon ik overstappen. Nu is dat veranderd. Er is nu eerst een heel selectie- en opleidingstraject. Ik ben er heel erg van overtuigd dat je de echt goede mensen daarmee niet naar binnen krijgt. Vroeger was kantonrechter een soort eindfunctie, nu is het veel meer een doorgangsfunctie. De oude garde vindt dat het veel meer ambtenarij is geworden dan het vroeger was. Kantongerechten hadden eerst hun eigen budget, beleid en onafhankelijkheid en konden echt hun eigen werkwijze bepalen. Niet zo lang geleden is het kantongerecht op zichzelf opgeheven en ondergebracht bij de rechtbank. Daar zijn kantonrechters, om goede en slechte redenen, heel erg tegen geweest. Een tijd lang hebben we onderhandeld en zijn we nog behoorlijk zelfstandig gebleven. Maar inmiddels is het eigenlijk helemaal geïntegreerd in de rechtbank. Dat was ook het moment dat ik me daar ongelukkig ging voelen en besloot om te stoppen. Hoge en lage snelheid Een kantonrechter doet zaken met hoge en lage snelheid. Bij hoge snelheid krijg je veel kleine zaken achter elkaar die je snel moet wegwerken. Je hebt bijvoorbeeld een keer in de twee weken een straf- of Mulderzitting, dan verwerk je 30 – voornamelijk kleine verkeerszaken - in twee of drie uur. Daarvoor moet je het recht een beetje kennen, maar vooral sociaal heel handig zijn. Je moet snappen waarom mensen daar staan, wat daar maatschappelijk achter zit, wat er aan wrok achter zit en hoe de verhouding is tussen de burger en overheid. Idem dito met de civiele zaken die bij ons binnenkomen, zogenaamde rolzaken. We krijgen ongeveer 300 nieuwe zaken per dag binnen, alleen al in Amsterdam. Van de 300 gedaagden komen er eigenlijk maar 30 opdagen, maar die moet je dan ook in een paar uur goed zien af te handelen. Je moet heel snel kunnen selecteren; is dit een zaak waar een echt verweer in zit en dus naar een ander traject moet? Of gaat het alleen om een erkentenis van iemand die het verschrikkelijk vindt om een huurschuld te hebben, die niet kan betalen, maar wel een nieuwe baan krijgt binnenkort. Daar moet je zowel huurder als verhuurder een beetje beschermen. Inhoudelijk is het niet zo moeilijk, maar je moet heel efficiënt werken. Het is een behoorlijk treurige categorie. De meeste mensen die daar komen hebben meestal niet één schuld, maar drie of vier. Als je armoede wil zien in Amsterdam dan kan je naar de voedselbank of naar het kanton. Daarnaast heb je langzame zaken, die zijn het leukst. Dat zijn heel ingewikkelde arbeidszaken of huurzaken die gauw een jaar tot halfjaar kunnen lopen. Zowel arbeids- als huurrecht zijn eigenlijk behoorlijk politiek. Wie wil je beschermen, de huurder of verhuurder? Het is niet zo dat de huurder of werknemer altijd de zwakke partij is. Het hangt samen met maatschappelijke posities, daar moet je een beetje gevoel voor hebben.


Een mooi voorbeeld waren de aandelen lease-zaken van 10 of 15 jaar geleden. Er werden allerlei ingewikkelde aandelenproducten aangeboden waardoor het leek alsof onbemiddelde mensen ook mee konden doen aan grote beurswinsten. Dat waren eigenlijk heel ingewikkelde producten waarin het bijna leek alsof je spaarde, sommigen dachten dat ook echt. Mensen hadden aandelen gekocht en met een lening afgedekt, maar toen ging de waarde van die effecten hard omlaag en moesten ze geld gaan bijstorten. Dat is weer een vraag naar maatschappelijk evenwicht, wie wil je beschermen. Die mensen hadden hun handtekening gezet, je mag verwachten dat mensen goed nadenken voor ze een contract van wel vijf of tien jaar afsluiten. Van de aanbieders mag je echter verlangen dat ze kopers goed informeren. In dit geval bleek dat dat in hoge mate niet was gebeurd.

‘Als je armoede wil zien dan kan je naar de voedselbank of naar het Kanton.’ Maatschappelijk draagvlak Het moeilijkst vind ik in het algemeen de vraag naar maatschappelijk draagvlak. Rechters zitten niet in een ivoren toren, dat is PVV-praat. Je wil blijven checken of er maatschappelijk draagvlak is voor je beslissing. Wetten veranderen niet vaak; de invulling gebeurt door jurisprudentie, maar dat is vaak ook een lange weg. Onderaan de piramide, als eerstelijnsrechter, kijk je wat voor draagvlak voor nieuwe jurisprudentie je hebt onder collega’s en in de maatschappij – al kan het best zijn dat hogere rechters (hof, Hoge Raad), daar later weer anders over denken. Maar is maatschappelijk draagvlak de Telegraaf van maandagochtend of het NRC van vrijdagmiddag? Het is moeilijk om je thermometer te stoppen in maatschappelijk ontwikkelingen en het wordt ook steeds ingewikkelder. Moeilijk, maar tegelijkertijd noodzakelijk. Een mooi voorbeeld is een van mijn moeilijkste zaken, die mij het meest heeft beziggehouden. In 2008 kwam de grote financiële crisis, kort daarvoor werd de ABN Amro verkocht aan drie buitenlandse banken; Royal Bank of Schotland (RBS), Fortis en Banco Santander. In de top verdienden mensen al gauw een paar ton per jaar, maar daarnaast hadden ze ook

heel belangrijke bonusregelingen en golden parachutes. Dat was in die tijd, voor de financiële crisis uitbrak, eigenlijk heel normaal. Toen de ABN overging naar de RBS werd dit nog veel erger, want in Engeland waren deze bedragen nog hoger. Maar toen donderde de hele boel in elkaar en werd ABN Amro gered door de Nederlandse staat waardoor er veel veranderde. De bank moest kleiner worden en terug naar de roots enzovoort. Er was geen plek meer voor die dure zakenbankiers. Het was de vraag of in die situatie nog aan de al afgesproken ontslagvoorwaarden voldaan moest worden. Het leek niet in overeenstemming met de redelijkheid en billijkheid om met overheidsgeld miljoenen aan deze mensen uit te keren. Aan de andere kant is ‘afspraak is afspraak’ een belangrijk beginsel. Activistische uitspraak Een van die zaken van zo’n topman die zijn baan verloor kwam bij mij. In die zaak heb ik een eigenlijk nogal activistische uitspraak gedaan waarvan ik dacht dat die in hoger beroep of bij de Hoge Raad onderuit zou kunnen gaan, maar dat vond ik niet erg. Als kantonrechter ben je daar ook voor, om je rug recht te houden. Ik heb mijn overtuigingen, die heb ik ook gecheckt bij collega’s en mensen in mijn omgeving. Als ik daar echt van overtuigd ben vind ik dat ik dat moet opschrijven, ook als dat later onderuit gaat. Ik ben voor deze zaak teruggegaan naar de logica van een ontslagvergoeding. Daarmee compenseer je een zeker inkomensverlies, maar dan moet je ook aannemen dat er inkomensverlies is en dat dat ook een tijdje zo zal blijven. Deze man was 47 en zei over zichzelf dat hij echt goed was. Dat was hij natuurlijk ook, want dat zijn echt slimme jongens daar in de top. Voor mij was het daarom niet aannemelijk genoeg dat hij zo’n groot inkomensverlies zou lijden. In plaats van acht heb ik hem toen anderhalf miljoen toegewezen. Hij ging dezelfde dag nog in hoger beroep en dat heeft hij grandioos gewonnen. Ik vond het niet erg. Niet omdat ik mezelf nou zo’n held vind, maar wel omdat ik vond dat de maatschappelijke onvrede over dit soort hoge bedragen best in mijn vonnis mocht terugkomen, al zouden veel rechters natuurlijk zeggen ‘afspraak is afspraak’. Om dat maatschappelijke draagvlak te meten lees ik onder andere veel verschillende kranten zoals de Volkskrant, Telegraaf en veel tijdschriften. Verder heb ik het erover met collega’s en mensen om mij heen. Het is natuurlijk niet te ontkennen dat je ergens je eigen inkleuring aan geeft door wie je bent en waar je vandaan komt en dat verandert ook door de tijd heen. Nu ik in een fijn huis woon met een leuke baan denk ik anders over redelijkheid en billijkheid dan toen ik 25 was en in een oude wijk werkte en woonde en veel meer geconfronteerd werd met armoe. Maar je moet als rechter goed in de spiegel kunnen kijken en steeds checken waar je staat.

33


Bezoek aan JBL&G

Tekst: Isabelle Raven Masterstudent Gezondheidsrecht

Vrijdag 4 november zijn wij op bezoek geweest bij het Juridisch Bureau Letselschade en Gezondheidsrecht (JBL&G). De juristen van dit kantoor staan slachtoffers van bijvoorbeeld een arbeidsongeval, medische fout of een verkeersongeval (gratis) bij.

nb

34

D

e dag begon om twee uur op het kantoor van JBL&G aan het IJsbaanpad in Amsterdam. Met een groot aantal studenten van de master Gezondheidsrecht en een klein groepje van andere masters betraden we het gebouw. Direct opvallend was de open en informele sfeer waarin we terechtkwamen. We werden verwelkomd door 2 enthousiaste juristen die ons middels een masterclass meer zouden gaan vertellen over het algemene aansprakelijkheidsrecht. Voor menig student was dit een welkome opfrisser van het vak ‘aansprakelijkheidsrecht’

uit jaar 1. Verfrissend om weer het oude vertrouwde Kelderluikarrest door te spreken! Nadat er tips & tricks uit de praktijk werden gedeeld en jurisprudentie werd besproken, zijn we aan de slag gegaan met een casus. De groep werd in 3 partijen gesplitst met elk zijn eigen belang. De casus betrof een interessant arbeidsongeval waarbij respectievelijk de werknemer, werkgever en de verzekeraar partij waren. De groepjes gingen aan de slag waarna er een leuke discussie over de aansprakelijkheid plaatsvond.

Toen rond 16:45 uur het inhoudelijke deel van het bezoek werd afgesloten, was het tijd voor de borrel. De juristen van JBL&G kwamen allen uit hun kantoren en mengden zich onder de studenten, drankjes en hapjes. De ultieme gelegenheid voor de student om de juristen het hemd van het lijf te vragen. Al met al waren onze studenten erg tevreden en zijn met een nieuwe dosis informatie en wijsheid weer huiswaarts gekeerd.


Tekst: Karin van den Akker, Juridisch medewerker JBL&G

Afgelopen november stond de masterclass met de JFAS Amsterdam op de planning. Juridisch Bureau Letselschade en Gezondheidsrecht (JBL&G) organiseert met enige regelmaat masterclasses om studenten een kijkje te geven achter de schermen.

Bezoek van JFAS 35

E

lsa Utrecht, de JSVU en Elsa Leiden kwamen al eerder dit jaar naar ons kantoor voor de masterclass. Voordat een masterclass plaatsvindt zijn er al meerdere contactmomenten geweest tussen JBL&G en de studievereniging om af te stemmen waar de behoefte ligt. Een masterclass wordt gegeven aan de hand van een format, waarin aanpassingen worden gedaan op basis van de meest recente jurisprudentie, behoefte van de studenten of nieuwe cases. Voor mij was het de tweede masterclass die ik gaf, dus ik wist al een beetje wat mij te wachten stond. Samen met mijn co-presentator Alexandra Wehmeijer werd van te voren de verdeling van de sheets gemaakt en om stipt 14:00 uur stond de groep studenten van de JFAS voor de deur. Ik maakte kennis met een groep enthousiaste studenten van de master Gezondheidsrecht. Zelf heb ik ook deze master aan de Erasmus Universiteit in Rotterdam gedaan, waardoor de eerste overeenkomsten al snel gevonden waren. Wij trapten af met een korte introductie van JBL&G: wie zijn wij, wat doen wij en waar staan wij voor. Vervolgens kwam de theorie van het aansprakelijkheidsrecht ter sprake. Al snel kwamen wij er achter dat de studenten al goed op de hoogte waren van de wettelijke beginselen van het aansprakelijkheidsrecht, waardoor de onrechtmatige daad geen uitgebreide uitleg behoefde. Hierna kwam de praktijk aan bod. De studenten werden voor mijn gevoel nog enthousiaster en begonnen meer vragen te stellen. Erg leuk, een groep

die zo geïnteresseerd is! De casus die volgde werd met veel overgave en fanatisme voorbereid en gepresenteerd. De casus en de voorbeelden in de presentatie geven een goed beeld van de dagelijkse praktijk bij JBL&G. De cliënt staat centraal en wij proberen het ontstane leed zoveel mogelijk te beperken. Aansprakelijkstellingen schrijven, de schade in kaart brengen en discussiëren met verzekeraars zijn allemaal dingen waar wij op een werkdag mee te maken hebben. Voor de casus werd de groep in drieën gedeeld: een belangenbehartiger van het slachtoffer, een verzekeraar van de formele en een verzekeraar van de materiële werkgever. De discussie laaide hoog op en alle partijen kwamen met zeer goede

argumenten die in de praktijk daadwerkelijk gebruikt zijn. De belangenbehartigers gingen vol overgave de strijd aan met de verzekeraars, die zich op hun beurt sterk verdedigden. Klasse! Na afloop bleek dat de meeste studenten de belangenbehartigers in het gelijk stelden (daar zijn wij blij mee!). Tijdens de afsluitende borrel werd volop nagepraat over de masterclass en kwam zelfs nog even de discussie van de casus op gang. De masterclass was door de gemotiveerde en enthousiaste studenten zeker voor herhaling vatbaar!


FSR

De afgelopen periode heeft de studentenraad zich druk ingezet voor jullie belangen. Hieronder lees je wat wij onder andere hebben gedaan in de vorige maanden en wat er momenteel speelt op de faculteit.

update

Positie opleidingscommissies De recent door de Tweede Kamer aangenomen Wet Versterking Bestuurskracht zorgt voor een aanmerkelijke versteviging van de positie van de opleidingscommissie. Mede door amendementen van de Kamer wordt de opleidingscommissie naast adviesorgaan, nu ook vgekwalificeerd als medezeggenschapsorgaan. Zij krijgt instemmingsrecht op onderdelen in het OER, waar zij nu alleen adviesrecht over hebben. Een voorbeeld is het onderdeel van de OER dat de kwaliteiten op het gebied van kennis, inzicht en vaardigheden weergeeft, die een student bij beëindiging van de opleiding moet hebben verworven (artikel 7.13 lid 2 onder c WHW). Daarmee krijgt de opleidingscommissie een belangrijke stem in de vormgeving van de opleiding. De Wet Versterking Bestuurskracht treedt in werking vanaf 1 september 2017. Elk jaar nemen in elke opleidingscommissie ook student-leden een plekje in. Heb jij de ambitie om volgend jaar deel te nemen aan de opleidingscommissie van jouw opleiding? Neem dan contact met ons op voor meer informatie.

nb

36

Referendum Diversiteit en Democratisering Naar aanleiding van de Maagdenhuisbezettingen in 2015 werd er tussen 23 november en 11 december 2016 een referendum op de UvA gehouden. Dit referendum werd gehouden naar aanleiding van een rapport van de Commissie Democratisering & Decentralisering, waaruit duidelijk werd dat er hoge nood is om het huidige bestuursmodel van de UvA onder de loep te nemen. Het referendum bestond uit een vragenlijst die ertoe dient de stemming rondom democratisering en decentralisering in de academische gemeenschap te peilen. Met het doel de student en medewerker betrekken bij het referendum, is door het bestuur en de studentenraad besloten om een debat over referenda te organiseren.

Maurits Vandesande (voorzitter FSR FdR) trapte het debat af met een korte inleiding over het onderwerp met voorbeelden als het Oekraïne-referendum en Brexit. Vervolgens opende en modereerde Stefan Wirken (oud LSVb-voorzitter) het debat met de sprekers Thierry Baudet en Jan-Herman Reestman. Als eerste werd het referendum aan de UvA besproken en daarna referenda op een nationaal niveau. Baudet en Reestman konden het met elkaar vinden op het gebied van het D&D-referendum, maar verschilden van mening omtrent het idee van initiërende referenda. Al met al was het een geslaagde avond waar aan verschillende meningen en standpunten gehoor werd gegeven. De resultaten van het referendum zullen binnenkort bekend worden gemaakt. Wij houden jullie op de hoogte. Mindfulness in law Mindfulness betekent simpelweg: volledig bewust zijn van de huidige ervaring. Waar je aandacht is, daar ben je. Mindfulness gaat over de kunst om aanwezig te zijn in het hier en nu. Aandacht schenken aan wat er is - wat je ervaart, wat je denkt, wat je voelt - zonder (meteen) te oordelen. Mindfulness kan je daardoor helpen intenser en bewuster te leven. Door vaker je aandacht te sturen, leer je afstand te nemen van de spinsels in je hoofd. Je kunt je beter concentreren, je ontspant gemakkelijker en je leert bewust keuzes te maken in plaats van automatisch te reageren. Mindfulness is in toenemende mate beschikbaar op buitenlandse universiteiten. Berkeley, Stanford en Columbia bieden er al volwaardige programma’s in aan. Ook op de Zuidas wordt het in toenemende mate omarmd. Is je inte-

resse gewekt? Wil je ook deelnemen aan een cursus mindfulness? Dat kan! De afgelopen twee jaar zijn door Maike Steen, docent Strafrecht, een aantal Mindfulness in het Recht-cursussen aangeboden. In de kern gaat het er bij deze specifieke cursus om hoe je een breder palet tot je beschikking kunt hebben als jurist en hoe mindfulness daarin een goede tool kan zijn. Zowel om om te gaan met stress, maar ook hoe het je als student en straks als professionals kan helpen om ons werk met meer aandacht en compassie te doen en wat dat kan opleveren voor het rechtsbedrijf. Komend jaar zal vanaf maart naar alle waarschijnlijkheid de cursus opnieuw worden aangeboden aan onze Faculteit! Voor meer inlichtingen kun je contact opnemen met Maike Steen via m.steen@uva.nl. Extracurriculaire vakken op diploma Vanaf december is het weer mogelijk om je extra-curriculaire vakken op je diploma te zetten. Je kan ze op het diplomasupplement vermelden. Nadat er grote ophef onder de studenten was ontstaan toen deze mogelijkheid is geschrapt, is er, na het optreden van de studentenraad, binnen de examencommissie en het bestuur snel geconcludeerd dat dit en zeer ongewenste ontwikkeling was. Gelukkig maar! De Facultaire Studentenraad der Rechtsgeleerdheid komt op voor de belangen van alle rechtenstudenten aan de Universiteit van Amsterdam. De raad is democratisch gekozen door studenten en spreekt namens hen met het bestuur van de faculteit. Op tal van onderwerpen heeft de studentenraad instemmings- en adviesrecht, dit is wettelijk vastgelegd. Ben je bezorgd over de gang van zaken op de faculteit? Heb je informatie welke van belang kan zijn voor ons werk? Kom dan gerust langs bij ons kantoor in OMHP A2.02, bel 020-525 3446 of mail fsr-fdr@uva.nl


boekrecensie

Judas Tekst: Audrey Hendrix

“Het breekt mijn hart dat ik jou moet laten opsluiten, maar geloof me dat ik samen met jou daarbinnen zit”, luidt het nawoord van het door Astrid Holleeder geschreven boek Judas. Het is de perfecte beschrijving van de paradoxale verhouding die ze met haar broer, Willem Holleeder heeft. Een verhouding die zich door de tijd heeft ontwikkeld en waarbij de oorzaak jaren terug gezocht moet worden: huiselijk geweld door een alcoholische, tirannieke vader.

H

et boek beschrijft een levensverhaal waar menig mens van schrikt. Waar we oprecht van opluchten als we denken dat het maar een boek is. Waar de shock nog groter is als we ons realiseren dat dit een biografie is. Dat dit niet slechts een boek is, maar de waarheid. Dit is Willem Holleeder. Een crimineel met een beangstigend hoog IQ, een charismatische uitstraling en een hoog knuffelgehalte. Willem Holleeder was toen hij vrijkwam in 2012 van berucht crimineel veranderd in een Bekende Nederlander. Hij werd uitgenodigd voor het praatprogramma College Tour, waar hij van leugens waarheid maakte. Hij wekte iedereens vertrouwen en medelijden door zijn charmes en zieligheden, maar hij zou dit zonder meer tegen je gebruiken wanneer hij dat nodig achtte. Dan veranderde hij ineens van je beste vriend naar je vijand. Willem, de knuffelcrimineel waar heel Nederland mee op de foto wilde, was een wolf in schaapskleren. Astrid choqueert Nederland met de bekendmaking van de door haar, in het geheim, geschreven familiekroniek. Angst, afschuw, liefde en haat lopen in elkaar over in het boek. De ruggengraat van de verhaallijn betreft meteen ook

37

een van de meest spraakmakende misdaden die in Nederland gepleegd is: de ontvoering van biermagnaat Freddy Heineken en zijn chauffeur Ab Doderer. Deze gebeurtenis legde de basis voor Willems criminele carrière en bepaalde de levens van de andere familieleden, die met dezelfde achternaam door het leven gingen. Holleeder werd een stigma en de samenleving rekende de familie van Willem af alsof ze de misdaad met hun eigen blote handen hadden gepleegd.

aangetrouwde familie, tot aan moeder Stien toe. Niemand ontkwam aan zijn despotische gedrag.

De gezusters Sonja en Astrid besloten in 2013 te doen wat niemand voor mogelijk hield: ze zouden getuigen tegen hun broer Willem. Ze legden belastende verklaringen tegen hem af. Een stap die zo groot was. Ze hadden het nooit gedurfd. Ieder ander die in het verleden jegens Holleeder heeft getuigd, heeft het on-eeuwige voor het eeuwige ingeruild. Ze hebben het gedurfd en zowel Sonja en Astrid als Willem hebben nu levenslang, alleen Willem Holleeder nu pas. Willem, in het boek aangeduid als Wim, terroriseerde zijn familie zolang Astrid het zich kan herinneren. Hij bedreigde ze, perste ze af en zoog alle energie en sprankeltjes hoop die over waren, uit hun levens. Kinderen, vrouwen,

Het is moeilijk om te getuigen tegenover Willem Holleeder. En het feit dat hij haar broer is, is hiervoor niet de reden. Astrid verklaart niet over een gebeurtenis, maar over haar leven van alledag. Een politieverhoor, zelfs geen tientallen politieverhoren, kunnen een verklaring opleveren die hun relatie, de complexiteit van zijn persoon en hun gezamenlijke werkelijkheid weergeven. Het is de kern van Judas. Op 569 pagina’s geprobeerd uit te leggen. Het is een slopende zit, maar zeker de moeite waard. Slopend omdat dit de waarheid is achter Nederlands favoriete knuffelcrimineel. Die ene, die te gast kwam bij College Tour en wekelijks een column schreef met bloederige handen.

“Een valse hond sluit je op in een hok, of laat je inslapen”. Met deze instelling, veel moed en kracht hebben de zusjes Sonja en Astrid ervoor gezorgd dat Willem vastzit. Een opluchting, die tegelijkertijd gepaard gaat met angst voor het onbekende. Want Willem was onvoorspelbaar. Onvoorspelbaar en gemeen. Koudbloedig.


4-FMP De opkomst en ondergang van een designerdrug

nb

38

Tekst: Rogier Plokker

In december 2016 werd duidelijk dat de drug 4-fluoaramfetamine (ook wel 4-FMP of 4-FA genoemd) verboden wordt. Vanaf 1 april 2017 zal de drug onder de Opiumwet worden gebracht, en worden toegevoegd aan lijst I (drugs met een onaanvaardbaar risico). De regering heeft de aanbevelingen overgenomen van de Coördinatiecommissie Assessment en Monitoring (CAM). Deze commissie kwam met een risicobeoordeling en zag verschillende gevaren voor het gebruik van 4-FMP.1 Toch lijkt de drug steeds wijdverspreider te worden. Bijna een kwart van de uitgaanders heeft de drug dit jaar gebruikt.2 Maar wat verklaart de populariteit van 4-FMP, en wat zijn de gevaren van het gebruik van de drug?

U

it de Nationale Drugmonitor 2016 bleek dat voor de meeste harddrugs geen trends vastgesteld kunnen worden onder de volwassen bevolking. Er is wel een duidelijke stijging te zien in het gebruik van 4-FMP. Het is met stip de meest populaire nieuwe psychoactieve stof (NPS).3 De term ‘Nieuwe psychoactieve stoffen’ (NPS) is een verzamelnaam voor stoffen die lijken op traditionele illegale drugs, maar nog niet onder de drugswetgeving vallen. 4 Ze worden ook wel designerdrugs genoemd. Van veel van deze stoffen is de werking nog niet bekend en uitgebreid onderzocht. Bijna een kwart van de uitgaanders (24,5%) heeft in 2016 4-fluoramfetamine gebruikt. In de zomer van 2016 belandden verschillende mensen in het ziekenhuis na het gebruik van 4-FMP. Dit leidde/had volgens het Trimbosinstituut bij twee mensen dodelijke gevolgen. Het instituut

stelt verder dat van alle drugs 4-FMP het vaakst gecombineerd wordt met andere drugs of alcohol. Alle incidenten hadden te maken met een combinatie of overdosering.5 Xtc-light In 2005 werd 4-FMP voor het eerst bekend in Nederland. Toch wordt het pas sinds 2013 vaker bij testpunten ingeleverd van het Trimbos-instituut. 4-FMP lijkt op xtc en amfetamine. Gebruikers van 4-FMP voelen zich energiek en euforisch. Na een uur is de werking het sterkst, en de drug kan daarna vier tot zes uur doorwerken.6 Een verschil met ecstasy (xtc) is dat er voor de gebruiker meer ‘controle’ lijkt te zijn. Ook lijkt de kater volgens gebruikers anders te zijn dan bij xtc. Bij het gebruik van xtc ontstaat er daarna dikwijls een somber gevoel. Dit wordt ook wel de dinsdagdip genoemd, omdat dit gevoel vaak pas optreedt na één of twee dagen. Deze dip zou bij het gebruik van 4-FMP veel minder sterk aanwezig zijn.7 Het bezit van 4-FMP is nu nog niet strafbaar. Dit zou een reden kunnen zijn van de populariteit van de drug. Een andere reden zou kunnen liggen in de dosering van xtc in Nederland. Gemiddeld is de dosering van xtc per pil in Nederland namelijk hoog. 4-FMP wordt daarom ook weleens bestempeld als ‘xtc-light’, omdat het een luchtige versie van xtc zou zijn.8Dit is volgens onderzoekers echter niet waar. Er zouden namelijk verschillende ernstige gezondheidsklachten kunnen ontstaan na het gebruik van 4-FMP.9 Acute toxiciteit De Coördinatiecommissie Assessment en Monitoring (CAM) maakte een risicobeoordeling van 4-FMP. De aanbeveling van de commissie was om de drug onder de werking van de Opiumwet te brengen en op lijst 1 te plaatsen van deze wet. De commissie beoordeelde de stof op vier domeinen: de risico’s voor de individuele gezondheid, de volksgezondheid, de openbare orde en veiligheid, en de criminele betrokkenheid. Uit het onderzoek bleek dat er geringe risico’s waren voor de openbare orde en de veiligheid en criminele betrokkenheid. Er zou echter wel een risico zijn op acute toxiciteit. Zo zijn bij gebruik van 4-FMP-effecten als lichte en ernstige hoofdpijnen, schadelijke invloed op hart en bloedvaten en het ontstaan van hersenbloedingen aangetoond.10


OPINIE

Opiumwet Verschillende nieuwe psychoactieve stoffen zoals 4-FMP vallen nu niet onder de Opiumwet of onder de Geneesmiddelenwet. De Opiumwet bepaalt welke drugs in Nederland verboden zijn. Op lijst 1 staan drugs met een onaanvaardbaar risico (harddrugs) en in lijst 2 van de Opiumwet staat de hennepplant (softdrugs). Als een drug niet in de Opiumwet staat beschreven betekent dit dat de drug niet onder dit regime valt en dus in principe gebruikt kan worden. De Geneesmiddelenwet en de Warenwet zouden andere mogelijkheden kunnen zijn om deze nieuwe psychoactieve stoffen aan te pakken. De Geneesmiddelenwet werd vroeger veel gebruikt. Het verbood namelijk de handel en het bezit van deze nieuwe psychoactieve stoffen.11 Door een uitspraak van het Europees Hof van Justitie is dit echter veranderd. Het Europees Hof van Justitie bepaalde in 2014 dat de Geneesmiddelenwet alleen van toepassing is bij stoffen die werkelijk genezen of een positief effect hebben op fysiologische functies. Voor nieuwe psychoactieve stoffen is de Geneesmiddelenwet dus sinds 2014 niet meer relevant.12 Volgens de Volkskrant geloven verschillende gebruikers niet in een verbod. Zij denken namelijk dat legalisering en betere voorlichting over de juiste dosering van de drug een beter idee is dan verbodsstelling.13 Na het nieuws van het verbod kwam er aandacht voor een actie die is opgericht tegen het verbod op 4-FMP. Initiatiefnemer Lyle Muns is van mening dat door de verbodstelling 4-FMP de zwarte markt wordt opgeduwd.14 Volgens hem gaan veel van de 4-FMPincidenten om een overdosis of verkeerd gebruik van de drug in combinatie met alcohol. De gevaren zouden volgens hem daarom liggen in de onwetendheid over de drug. De actiepagina pleit daarom voor legaliteit van de drug. Regulering en betere voorlichting zouden centraal moeten staan om de drug veiliger te maken voor iedereen. Dit standpunt lijkt niet erg vreemd te zijn. Het Trimbos-instuut en de Jellinek kliniek stelden namelijk (voor de aanbevelingen van de commissie CAM) niet te weten of een verbod op 4-FMP juist is. Het is lastig te bepalen of een incident door de drug komt, of door verkeerd gebruik ervan. Ook lijkt legalisering juist een manier om de drug in te gaten te houden. Volgens Trimbos-onderzoeker Van der Gouwe zal een verbod niet veel uitmaken voor het gebruik ervan.15 Daarbij kan de wet makkelijk omzeild worden met dit soort drugs. Er kan zo een nieuwe designerdrug op de markt verschijnen die net zo geliefd wordt als 4-FMP.

Noten 1  https://www.nrc.nl/nieuws/2016/12/07/designerdrug-4-fawordt-per-1-april-verboden-a1535470, geraadpleegd op 2912-2016 2  Nationale Drugmonitor Jaarbericht 2016, p. 13 3  Nationale Drugmonitor Jaarbericht 2016, p. 13/14 4 https://www.druglijn.be/drugs-abc/nieuwe-psychoactievestoffen-nps, geraadpleegd op 29-12-2016 5  http://www.volkskrant.nl/binnenland/regering-verbiedtpartydrug-4-fa-xtc-light~a4429581/, geraadpleegd op 29-122016 6  https://drugsinfoteam.nl/drugsinfo/research-chemicals/4fmp/, geraadpleegd op 29-12-2016 7  http://nos.nl/op3/artikel/2102770-deze-partydrug-wordtsteeds-vaker-geslikt.html, geraadpleegd op 29-12-2016 8  http://www.volkskrant.nl/binnenland/regering-verbiedtpartydrug-4-fa-xtc-light~a4429581/, geraadpleegd op 29-122016 9  http://nos.nl/artikel/2129324-onderzoekers-waarschuwenvoor-legale-drug-4-fa.html, geraadpleegd op 29-12-2016 10  https://www.rijksoverheid.nl/binaries/rijksoverheid/ d o c u m e n t e n / r a p p o r t e n / 2 0 16 / 12 / 0 7/ r a p p o r t risicobe o ordeling- 4 -fluoramfet amine - 4 -fa /rapp or trisicobeoordeling-4-fluoramfetamine-4-fa.pdf., geraadpleegd op 29-12-2016 11  https://drugsinfoteam.nl/vraag-antwoord/veelgesteldevragen/zijn-nieuwe-psychoactieve-stoffen-nps-legaal/, geraadpleegd op 29-12-2016 12  Hof van Justitie van de Europese Unie (10 juli 2014), C‑358/13 en C‑181/14, 13  http://www.volkskrant.nl/binnenland/regering-verbiedtpartydrug-4-fa-xtc-light~a4429581/, geraadpleegd op 29-122016 14  http://www.ad.nl/nieuws/jongeren-komen-in-actietegen-verbod-partydrug-4-fa~a5a3388c/, geraadpleegd op 29-12-2016 15  http://www.volkskrant.nl/binnenland/regering-verbiedtpartydrug-4-fa-xtc-light~a4429581/, geraadpleegd op 29-122016

39


Fotograaf: Marie Cécile Thijs

Z, de masterclass van Pels Rijcken

mr.

17, 18 en 19 mei 2017 Tijdens onze masterclass gaat het er vaak stevig aan toe. De zaak die je krijgt is dan ook, op z’n zachtst gezegd, een uitdaging. Samen met je team moet jij de overwinning behalen voor je cliënt. Wat zijn de feiten, waar liggen de valkuilen? Geen praatjes, maar inhoud. Geen gestotter, maar een bulletproof pleidooi. Daag jezelf uit. Meld je aan voor de masterclass mr. Z op 17, 18 en 19 mei 2017. Ga naar www.pelsrijcken.nl/jongemeesters of scan de QR-code. Tot zo. Pels Rijcken Bron van inzicht

Pels Rijcken & Droogleever Fortuijn advocaten en notarissen

Profile for JFAS

Nota Bene winter 2017: Ode aan onze Poort #2  

Verkiezingen

Nota Bene winter 2017: Ode aan onze Poort #2  

Verkiezingen

Advertisement