__MAIN_TEXT__

Page 1

NOTA BENE

JFAS nummer 43 winter 2015 jaargang 23

Politiek

TTIP Massahysterie of wolf in schaapskleren? •

De politiek in met een rechtenstudie Juristen in de kamer •

Cryptovaluta De basics van de Bitcoin •


Neem het recht in eigen hand.

Download de Dirkzwager KennisBoek App. Je kan niet alles zelf weten, dat snappen we bij Dirkzwager. De KennisBoek App is hĂŠt antwoord op al je juridische vragen. Met de mogelijkheid om deze af te stemmen op jouw persoonlijke informatiewens. Daarnaast biedt KennisBoek ruimte voor interactie. Zo kun je reageren op artikelen, deelnemen aan groepsdiscussies en content eenvoudig delen via social media. En dat allemaal in een fraaie App, waar je snel en makkelijk doorheen bladert. Interesse in de App? Kijk snel op www.kennisboek.nl


REDACTIONEEL

I

n deze editie van de Nota Bene gaat het – zoals u op de cover heeft kunnen lezen – over Politiek. Wederom een breed thema waarmee de redactie vrijelijk aan de slag kon gaan. De onderwerpen die worden aangehaald zijn hierdoor minder voor de hand liggend. U verwacht misschien een stuk over de vermenging van politiek en rechtspraak tijdens de afgelopen maanden. Echter, op het moment van schrijven is Halbe Zijlstra als lek binnen de commissie stiekem nog niet ontmaskerd. Daarom zal er in deze editie verder geen woord worden vuilgemaakt aan de ‘House of Cards’ van de lage landen. Ook wordt er verder niet gesproken over Bram Moskowicz en de juridische stappen die hij heeft genomen tegen de staat. Het lijkt een lastige opgave de spotlights te vinden voor de voormalig strafpleiter. Natuurlijk zijn wij bij de Nota Bene de minste niet en mag menneer Moskowicz, wanneer hij toch nog geïnteresseerd is om de rechtenstudent warm te maken voor zijn politieke partij, terugkomen op ons eerdere aanbod via media@jfas.com. Waar wij ook niet over hebben geschreven zijn de gebeurtenissen in Parijs en alle terreur die daarmee samenhangt. Ik geloof ook dat die walgelijke daad voldoende aandacht heeft gehad. Toch voelt het verkeerd het niet genoemd te hebben. Belangrijker dan de afwezige onderwerpen (al mag hun afwezigheid niet worden onderschat) zijn de onderwerpen die wel aan bod komen. Zo zal er aandacht worden besteed aan het beruchte TTIP akkoord, wordt de rechtenstudent aangespoord een stapje harder te doen en maken wij kennis met blockchain-technologie. Ook lijkt deze editie de editie van de interviews Kamerleden en inspirerende studenten vertellen over hun verleden, heden en toekomst. Als laatste wil ik u nog wijzen op de herkomst van de Cover. Dit is een kunstwerk van Ai Weiwei welke ik prachtig vind. Net als ieder modern kunstwerk is ook dit werk multi-interpretabel, maar ik zie hier de kracht van het individu en het collectief duidelijk terugkomen net zoals in de politiek het geval zou moeten zijn. Lars Groeneveld Hoofdredacteur Nota Bene 2015-2016

3


Colofon

De Nota Bene is een uitgave van de Juridische Faculteit der Amsterdamsche Studenten, verbonden aan de Universiteit van Amsterdam. De Nota Bene verschijnt vier maal per jaar.

Volg de Nota Bene ook via Facebook en Instagram

Hoofdredactie Lars Groeneveld

Like onze pagina ‘Studievereniging JFAS’

Eindredactie Marjolijn Feenstra Hannah van Kolfschooten Redactie Louisa Bergsma Sebastian de Bruijn Lars Groeneveld Saar Hoek Anna Ida Humig Hannah van Kolfschooten Bastiaan Loopstra René Lieshout Thomas Verstege Fedde Westera

Volg ons op @studieverenigingjfas

Overige bijdrage Michael Hallatu Adverteerders Dirkzwager advocaten & notarissen Sponsorexploitatie Sebastian de Bruijn Vormgeving Willem Don, willemdon.nl Drukkerij Studiemags Fotografie Joris Vroegop JFAS Bestuur Sebastian de Bruijn Marcus Wester Jeffrey Timman Marianne Meijer Maxime van Leeuwen Maya Boot Lars Groeneveld

voorzitter@jfas.com vvz@jfas.com penningmeester@jfas.com secretaris@jfas.com intern@jfas.com extern@jfas.com media@jfas.com

Juridische Faculteit der Amsterdamsche Studenten Oudemanhuispoort 4 Kamer A2.04 1012 CN Amsterdam Tel: 020-5253441 E-mail: voorzitter@jfas.com Internet: www.jfas.com De gepubliceerde artikelen in de Nota Bene vertegenwoordigen niet noodzakelijkerwijs de mening van de voltallige redactie. Reacties op artikelen worden met belangstelling tegemoet gezien op media@jfas.com. Wil je schrijven voor de Nota Bene? Mail dan naar media@ jfas.com.


INHOUD

JFAS 6 De redactie laat weer van zich horen 8 Redactievergadering te café De Zwart

24

Cryptovaluta – De basics van de bitcoin

9 Verslag Berlijnreis OPINIE 11 Wispelturige opinies in het vluchtelingendebat 14 De Laatste Rus: een recensie van Gedichten in Proza door Ivan Toergenjev 16 Gezocht: een kritische blik

VERDIEPING 21 Het begin van vrede, of van oorlog? 24 Cryptovaluta – De basics van de bitcoin

26

TTIP: Massahysterie of wolf in schaapskleren?

26 TTIP: Massahysterie of wolf in schaapskleren?

CARRIÈRE 30 Politiek onder de zon – Interviews met internationale studenten 33 De politiek in met je rechtenstudie? 36 Focus – Deel academische kennis met de buitenwereld 39 Gedicht ‘Winter’

33

De politiek in met je rechtenstudie?

5


‘Ik ben helemaal niet grappig’

‘Wat hebben Barack Obama en onze eigen Jan-Peter Balkenende gemeen? Niet veel, inderdaad, behalve dat zij beiden jurist zijn. Voor deze editie heb ik op het Binnenhof onderzoek gedaan naar de juridische achtergrond van de leden van onze StatenGeneraal. Wat blijkt? Als je de politiek in wilt kun je maar beter Rechten gaan studeren!‘

Fedde ‘Door reizen jezelf écht leren kennen? Ik betwijfel het. Genoeg reden om het te onderzoeken.’

Anna

worden wakker met een wijsje in hun hoofd, ik word liever wakker met het gebrom van het espressoapparaat dat naast mijn bed staat.’

René

Saar ‘Sommige mensen

Michael

NB

6

‘Boeken zijn als een bijl die het ijs van ons bewustzijn splijt.’ — Kafka

nummer 41

|

jaargang 23


‘Mijn raadsgenoot en ik stonden op het perron van het Waterlooplein op de metro te wachten. Ik vertelde haar dat Frank Underwood mij geïnspireerd had om de studentenraad in te gaan. Toen ze dacht dat ik niet keek deed ze snel een stapje achteruit.’

1. Parlo un po’Italiano 2. In Milaan denken ze dat patat uit Amsterdam komt. 3. Pizza gaat nooit vervelen 4. Cocktails gaan wel vervelen. (Lang leve bier)

Bastiaan

Louisa Mijn tijd in Milaan zit er bijna op. Wat ik heb geleerd van deze geweldige en unieke ervaring in het buitenland?

7

‘He thought that on the ship he could come to some terms with his sorrow, not knowing, yet, that there are no terms to be made with sorrow. It can be cured by death and it can be blunted or anaesthetized by various things. Time is supposed to cure it, too. But if it is cured by anything less than death, the chances are that it was not true sorrow.’ — Hemingway

Job

Hannah

REDACTIE

‘Ik brenner’


Café De Zwart

Spuiplein

NB

8

E

en redactievergadering dient ontspannen te zijn en ongebruikelijke ideeën moeten vrijelijk ingebracht kunnen worden. Wat biedt hiervoor een beter toneel dan een Amsterdams café. Daar de Poort zich midden in het door toeristen vergeven centrum van de stad bevindt, is het moeilijk iets te vinden waar je niet lastig wordt gevallen door de zoveelste, luidruchtige, zonnebril in de regen dragende, Kut-Italiaan. Gelukkig is er een kroeg die hier immuun voor lijkt te zijn: Café de Zwart aan het Spui. Ik kan mij geen moment heugen waarop ik deze zaak verlaten heb zonder dat mijn week een goed gesprek rijker was. De linkse lullen uit betere tijden kijken hier met argusogen naar de overkant, waar de rechtse lullen nog steeds hun hoofdkwartier terugvinden. Het is hier dan ook niet gemakkelijk de stamgast en kroegbaas gunstig gezind te zijn. Dit vereist een investering die een gebronsde flapmuts muppet niet maken kan. Na eenmaal, week in week uit mijn zuur geleende geld en semi-intellectueel gezever achter te hebben gelaten, lijk ik geaccepteerd. Althans ons groepje jongeren werd niet weggekeken en toen ik na afloop van de vergadering vervuld met ideeën de zaak zonder afrekenen verliet, kreeg ik dit pas te horen bij het betalen van mijn eerstvolgende biertje.

nummer 41

|

jaargang 23


JFAS

Berlijnreis 2015 Tekst: Job Jebbink

Het leukste, maar tegelijk ook het spannendste van het begin van je studie, is dat je helemaal opnieuw moet beginnen. Wat betreft de stad, maar ook wat betreft de vrienden. Tijdens de intreeweek is de Berlijnreis, met dank aan mijn begeleiders Lars en Arsen, al regelmatig ten sprake gekomen. Het zou de manier zijn op nieuwe mensen te leren kennen. Aangezien ik net in Amsterdam woonde en dus nog niet veel contacten had, leek ook mij dit de manier om een ‘groepje’ op te bouwen. Je wordt immers nergens zo close, dan tijdens een weekend waar iedereen op elkaars lip zit. Dit laatste werd tijdens de Berlijnreis duidelijk, het was een goede combinatie tussen cultuur maar ook hele gezellige feesten ’s nachts.

Het lange weekend begon donderdagavond. We moesten verzamelen bij het Amstelstation waar we ’s nachts per bus werden vervoerd naar Berlijn. Gedurende de busreis leerde je al aardig wat mensen kennen. We stopten regelmatig, wat erg prettig was, zodat de busreis voor mijn gevoel niet al te lang duurde. Ik moest met mijn onhandigheid helaas een biertje laten vallen in een tankstation. Maar gelukkig deed de tankmevrouw er niet al te moeilijk over.

‘Een absolute must voor de nieuwe rechtenstudenten van volgend jaar.’ We kwamen ’s ochtends vroeg aan. Nadat we de spullen hadden gedropt in het hostel, hadden we de rest van de ochtend vrije tijd. Aangezien we tijdens de reis niet echt een fatsoenlijke nacht hadden gehad, was de drang naar koffie erg groot. Ik ben met een groep op zoek gegaan naar een koffietentje op Alexanderplatz. Vervolgens verzamelden we bij het Holocaust monument. Een plek die ik vroeger zag als een klim- en klauterplek bij uitstek, daar ben ik nu (hopelijk) iets begripvoller mee omgegaan. Nadat we in groepen waren opgedeeld, hebben we een bezoek gebracht aan het Holocaustmuseum. Een mooi museum, maar de busreis begon toch wel zijn tol langzaam te eisen. Deze tol kwam tot een hoogtepunt bij het bezoek aan de Bundesrat. Onze gids deed tevergeefs een poging om ons de Bundesrat van binnen en van buiten te laten zien. Na alle hoogtepunten gehad te hebben, gaf zij het op. Ze was echter op de weg naar buiten de weg kwijt, waardoor het voor haar nog iets langer duurde dan ze gehoopt had. Desondanks een prachtig gebouw en zeker de moeite waard om te bezoeken. De avond begon bij een mini-oktoberfest op Alexanderplatz. Hier vloeide het bier al rijkelijk en varieerde de gespreksstof van vechtpartijen in de Bijlmer tot aan eilanden in Friesland. De avond werd voortgezet in Weekend. Een prachtige techno-club met dakterras met een fe-

9


nomenaal uitzicht over heel Berlijn. Alleen vanwege dit uitzicht is deze club al de moeite waard.

NB

10

Zaterdagochtend ging de wekker alweer vroeg, omdat we op tijd moesten zijn voor een fietstour door Berlijn. Onder leiding van de ontzettend enthousiaste gids Michael zijn we voor mijn gevoel heel Berlijn door gefietst. Deze fietstocht was achteraf een goeie activiteit om je lichte kater aan de kant te zetten. Michael gaf een korte humoristische uitleg met verhalen over plekken als de Berlijnse muur en de Reichstag. Normaal heb ik het niet zo op gidsen, maar tijdens de fietstocht heb ik toch aardig veel lol gehad. De rest van de dag hadden we weer vrije tijd. Deze middag zijn we op zoek gegaan naar souvenirs en hebben we gerelaxt en gepoold zodat we uitgerust konden beginnen aan de avond. Het avondeten was in tegenstelling tot de pizza en pasta van de vrijdagavond een minder groot succes. Vooral het vegetarische hoofdgerecht, was om op een aardige manier te zeggen erg ‘apart’. Het ontzettende gezellige en geslaagde eindfeest was in Matrix. Een grote en gezellig drukke club met in iedere zaal een andere stijl muziek. Met een klein groepje heb ik de avond afgesloten in Tresor, een technobunker met een enorm duistere sfeer. Dit was een leuke ervaring, maar niet helemaal mijn ding. Ik ben dan ook ondanks de keiharde muziek op een of andere manier staand in slaap gevallen. Dit kan soms erg handig zijn, maar soms ook niet. De volgende ochtend hebben wij ons enorm verslapen en de rest van de bus enigszins opgehouden, mijn excuses daarvoor! De terugreis bestond vooral uit films kijken en slapen. Ik heb een fantastisch weekend gehad en het is inderdaad de manier om vrienden te maken en nieuwe mensen te leren kennen. Een absolute must voor de nieuwe rechtenstudenten van volgend jaar. Het maakt de maandelijkse JFAS borrels nog leuker. Daarom zeg ik ook, tot de volgende borrel!

nummer 41

|

jaargang 23


OPINIE

Wispelturig

Hoe kan de publieke opinie over Merkels besluit zo zijn omgeslagen? Tekst: Bastiaan Loopstra

Deze Nota Bene komt uit in de winter; een seizoen dat veel mensen een lichte depressie in jaagt, de zogenaamde ‘winterdepressie’. Blijkbaar is zonlicht en warmte belangrijk voor een goed humeur. Schijnbare randzaken kunnen een groot effect hebben op menselijke emoties.

I

ets vergelijkbaars voltrekt zich mijns inziens in veel politieke debatten. Toen Angela Merkel, de welbekende Bondskanselier van Duitsland, begin september van dit jaar aangaf dat alle Syrische vluchtelingen welkom waren in Duitsland, werd haar een heldenstatus toegedicht. Duitsers en Amerikanen, de media en de burger, ook onze eigen hoogleraar Refugee Law Marjoleine Zieck – ze spraken allen openlijk hun bewondering uit voor Merkel’s eenvoudige, Obama-achtige statement “Wir schaffen das!”. Tegelijkertijd

werd de Hongaarse president Victor Orbán verafschuwd om zijn ‘onmenselijke’ besluit om een hek om de buitengrens van Hongarije te bouwen om vluchtelingen buiten het land te houden. U bent dit wellicht allemaal vergeten, omdat de zaken nu omgedraaid zijn. Orbán wordt namelijk bewonderd om zijn rationele, koele benadering van het probleem, die bovendien op tijd kwam – het bouwen van een hek om de buitengrens wordt nu schoorvoetend door buurland Slovenië

11


NB

12

gekopieerd – terwijl Merkels partij CDU in de peilingen daalt en zij door heel Europa als naïeve, irrationele politicus wordt gezien. Welnu, als u die voormalige stemming inderdaad vergeten was, dan is dat precies het punt dat ik wil maken. Hoe kan de publieke opinie over Merkels besluit zo zijn omgeslagen? Een besluit, welteverstaan, om mensen uit een uitzichtloze situatie te redden. Het beeld van de aangespoelde kleuter Aylan moest Europa toen nog bereiken, maar we hadden wel al de troosteloze situatie in Boedapest gezien. Mensen die al maanden onderweg waren, in barre, levensbedreigende omstandigheden, met kleine kinderen op de arm, gedwongen om te bivakkeren op treinstations waar nauwelijks voorzieningen waren (je kon het letterlijk “ruiken”, aldus de NOS-verslaggever, dat de mensen hier al een tijd niet gedoucht hadden). Dat was het moment waarop Merkel zei: ‘luister eens, wij zijn Europa, wij staan voor bepaalde waarden, en wanneer ik, als leider van een welvarend land, zo’n situatie zie, dan grijp ik in. Wir schaffen das!’ ‘Eindelijk!’, dacht men toen massaal. ‘Idioot!’, denkt men nu. Vanwaar die omslag? Gaat hier onze wispelturigheid weer met ons aan de haal? Toegegeven, de zaken zijn niet zo van een leien dakje gegaan als het optimisme van Merkel suggereerde. Duitsland werd het beloofde land voor vele asielzoekers (niet alleen Syriërs), en na een aantal nagenoeg vlekkeloze dagen waarin massa’s mensen aankwamen op

‘Kan het helpen van asielzoekers niet gewoon een goed besluit zijn, zelfs wanneer het op de lange termijn niet haalbaar blijkt?’

nummer 41

|

jaargang 23


OPINIE

het treinstation in München, werd het ook Duitsland te veel. Merkel voerde grenscontroles in. Ondertussen zijn 400.000 asielzoekers Duitsland binnengekomen, waarbij er op wordt gerekend dat dat er dit jaar ongeveer 1 miljoen zullen worden. Onlangs, op 11 november, gaf Merkel aan zich weer aan de Dublinregels te gaan houden, die dicteren dat een asielzoeker moet worden teruggestuurd naar het Dublinland (zijnde de EU min Kroatië plus Noorwegen, IJsland en Zwitserland) waar hij als eerste de Dublinzone is binnengekomen. Een ‘noodgedwongen’ maatregel, zo horen wij van de media, want Duitsland kan het allemaal niet meer aan. Een ‘overschatting’ van Merkel. Toch zou ik willen beargumenteren dat Merkel niks fout heeft gedaan. Op een moment dat het hard nodig was, heeft ze humaniteit getoond en een grote groep asielzoekers hoop gegeven in een uitzichtloze situatie. Duitsland staat ondertussen nog steeds overeind. De spanningen in het asieldebat lopen er weliswaar hoog op, maar dat gebeurt hier in Nederland net zo goed en wij hebben zeker geen publiek appèl aan alle Syriërs gemaakt. Het feit dat Duitsland nu de grenzen moet sluiten om orde op zaken te stellen, maakt voor mij niet dat Merkels besluit in retrospectief dom is geweest. Er is toch niks fout gegaan? Sterker nog: 400.000 man zijn haar onwaarschijnlijk dankbaar. Evenzo is het hek van Orbán nog steeds even onmenselijk.

Het moge heel Hongarije beschermen tegen het twijfelachtige gevaar van een ‘asielzoekerstsunami’, maar het maakt dat hele mensenmassa’s, die bij lange na niet allemaal in Hongarije willen blijven, nu in de regen en de modder van noord-Servië moeten bivakkeren, met hun kroost. En binnenkort komt daar ook nog sneeuw bij. “The winter is approaching,” zo waarschuwde Commissie-President van de EU Jean-Claude Juncker al op 9 september in zijn ‘State of the Union’. Voor de asielzoekers betekent dat geen stamppot of schaatsen, maar wel kou en narigheid. Vanwaar dus die toon van de publieke opinie jegens Merkel? Kan het helpen van asielzoekers niet gewoon een goed besluit zijn, zelfs wanneer het op de lange termijn niet haalbaar blijkt? Moet een politicus dan altijd een perfecte oplossing paraat hebben om een goede politicus te zijn, en is er nooit ruimte om terug te komen op een besluit? Het is de rol van de media om politici scherp te houden, maar ook zij zijn maar mensen. En dus wispelturig. Dat afstraffen van politici die hun beleid moeten bijstellen is een nare gewoonte, die in geen geval bijdraagt aan de oplossing van het vluchtelingenprobleem. Dat is namelijk juist gebaat bij politici die hun nek durven uit te steken. Merkels besluit was dapper, en blijft dapper.

13


De Laatste Rus

een recensie van Gedichten in Proza door Ivan Toergenjev Tekst: Lars Groeneveld

Om te beginnen wil ik de lezer een belofte doen. Dit stuk zal het laatste stuk zijn waarin ik een werk uit de Russische bibliotheek bespreek. Dit betekent echter niet dat ik mij ga wagen aan de wereldliteratuur. De mensen die mij kennen hoef ik dit niet uit te leggen, maar aangezien de hoop toch groot is dat niet alleen mijn moeder dit leest, zal ik deze keus nader toelichten.

NB

14

V

oornaamste reden voor het feit dat ik mij grootdeels beperk tot de Russische bibliotheek is een walgelijk soort ijdelheid. Een positie innemen in het spel van de wereldliteratuur dat kunnen namelijk alleen goed gelukte burgerheertjes. Het volgende kunt u na dit gezegd te hebben dus ook opvatten als verontschuldigingen aan mijzelf, laat mij een poging wagen. Wat de boeken die ik graag lees gemeen hebben is het beschrijven van een verlammende levenshouding. Alle waarden worden ter discussie gesteld of verworpen. De hoofdpersonen zijn nihilisten van de Russische soort. Verlamd door waardeloosheid en gebrek aan richting komen zij niet tot grootste avonturen en zijn zij die dat wel komen de bespottelijke eigendwazen. Eigenlijk komt de hoofdpersoon tot niets en is de rest van de wereld voor hem ongrijpbaar verloren in (bij gebrek aan een Nederlandse term) ‘the rat race’.

‘Lees één gedicht per week, desnoods per maand.’ Bent u ook al enthousiast? Wat fijn, want ditmaal is Toergenjev aan de beurt – oervader van het nihilisme – niet met zijn werk ‘Vaders en kinderen’, wat vanwege één of andere duistere reden de titel Vaders en Zonen heeft gekregen. (Och, wat een verwarring zo bij de aanvang van het inhoudelijke middenstuk).

Nee, ik wil het hebben over een heel dun, klein boekje van Toergenjev genaamd gedichten in proza. Als je deze kleine schat in al je lompezakheid niet over het hoofd ziet (zoals mij overkwam) dan mag je deze niet laten liggen. Ik heb al voor u nagevraagd, de boekenmannetjes hebben hem niet. Mocht u hem toch op de kop weten te tikken, bergt u dan maar. Het werk wat hier instaat is alles verslindend goed. Ik heb dit boekje cadeau gedaan aan een vriend met de zelfde fascinatie voor de Russische ziel en deze gaf een goed advies, welke ik met u wil delen. Lees één gedicht per week, desnoods per maand. Niet als ware een soort adventskalender, smachtend naar het volgende lekkers; nee, dit moet bezinken. Ik durf dit werk dan ook niet –zoals het vorige – als verplichte literatuur op te geven binnen de efficiëntie machinerie van het 8-8-4 systeem. Aangezien het enige moeite vergt het exemplaar te bemachtigen zal ik mijn favoriete stuk met u delen en dan hoop ik dat het een leven lang mag bezinken. De bokaal Ik lach…. En ben verbaasd over mijzelf. Mijn smart is niet geveinsd, het leven valt mij zwaar, en bitter en vol droefenis zijn mijn gevoelens. En toch poog ik hun glans en schoonheid te verleenen, zoek ik naar beelden en gelijkenissen, rond ik mijn zinnen af, en aan de klank der woorden en hun harmonie heb ik mijn vreugd. Gelijk de beeldhouwer, gelijk wie werkt in goud, zoo modelleer ook ik met zorg, en ciseleer, en breng, waar ik maar kan, versiering aan op mijn bokaal, waarin ‘k mijzelf tenslotte het vergif dan overreik.

Volgende editie Carice van Houten en Halina Reijn met hun bestseller Antiglamour.

nummer 41

|

jaargang 23


GEZOCHT:

een kritische blik

NB

16 Tekst: Hannah van Kolfschooten en Saar Hoek

Het is nu een jaar geleden dat de eerste studenten de barricaden opgingen, strijdend voor een democratischere organisatie van de Universiteit van Amsterdam (hierna: ‘UvA’). De grootste aanleiding was de aangekondigde bezuiniging op de Faculteit der Geesteswetenschappen, waar grote aantallen studenten de dupe van zouden worden, maar waar zij niet of nauwelijks bij betrokken werden. Dit werd alom als kwalijk ervaren: de universiteit is immers geen bedrijf, en gaat om onderwijs en onderzoek, zaken die studenten en medewerkers in de kern raken.

nummer 41

|

jaargang 23


OPINIE

17

N

a deze eerste roep om democratie ontstonden er verschillende actiegroepen, werden er marsen georganiseerd, gebouwen bezet en discussiebijeenkomsten georganiseerd. Er werd bekendgemaakt dat ook de rechtenfaculteit de broekriem moet aanhalen en de komende jaren maar liefst vijf miljoen moet bezuinigen.1 Alhoewel dit grote gevolgen gaat hebben voor onze faculteit, bleef de rechtenstudent akelig stil in deze discussie. Rechtenstudenten, waarom protesteren jullie niet? Transparantie en democratie Transparantie was het grote toverwoord van de bezettingen. Als het bestuur en de medezeggenschap transparanter zouden zijn naar de studenten en medewerkers toe, zou iedereen beter betrokken worden en daadwerkelijk mee kunnen beslissen over onze universiteit. Alles zou democratischer worden. Maar wil de rechtenstudent wel betrokken worden? Een mooi voorbeeld is de benoemingsprocedure van de nieuwe decaan. Voor de medezeggenschap is dit een historisch moment van inspraak: voor het eerst worden studenten en

‘Rechtenstudenten, waarom protesteren jullie niet?’ medewerkers betrokken bij de benoeming van de nieuwe decaan van de rechtenfaculteit. Er zitten leden van zowel de Studentenraad als de Ondernemingsraad in de advies- en sollicitatiecommissie. Voorheen stelde het College van Bestuur een decaan aan, en moest de gemeenschap hier maar mee leven. Handelend naar de grote roep om meer transparantie en democratie, is geprobeerd de facultaire gemeenschap hier bij te betrekken door middel van focusgroepen over de profielschets en een facultaire bijeenkomst. De opkomst?


NB

18

‘Het boeit me niet wie de nieuwe decaan wordt, ik ben hier volgend jaar toch weg.’

Een handjevol vrienden en vriendinnen die meevoelden met de organisatoren. De grootste reden om niet te komen? “Het boeit me niet wie de nieuwe decaan wordt, ik ben hier volgend jaar toch weg.” Of: “dit zijn slechts randzaken, ik wil gewoon studeren.” Misschien is de rechtenstudent lui. Heeft hij geen zin om zich bezig te houden met ingewikkelde zaken als de Onderwijs- en Examenregeling (OER). Het stemmen in mei op studentenpartijen in ruil voor een roze koek of een glaasje sinaasappelsap ontdoet hen van deze plicht, vindt de student. Als er immers mensen zijn die zich hiermee bezig willen houden, is het prima. En misschien kan je over de benoeming van een decaan en abstracte zaken als profielschetsen misschien nog zeggen dat dat de student niet direct aangaat, en hij daarbij misschien niet eens betrokken wíl worden.

nummer 41

|

jaargang 23


OPINIE

Consumentenbond De decaan noemde de studentenraad laatst grappend een consumentenbond. Studenten komen bij ons om te klagen over het product dat ze afgenomen hebben. Niet goed, geld terug. Als je je cijfer van een vijf naar een zes kan ophogen, en op die manier de felbegeerde studiepunten binnen kan slepen, komen de studenten massaal naar nabesprekingen van tentamens. Ook is er een keer een student geweest die een petitie is gestart over het meenemen van de arrestenbundel bij Straf(proces)recht. Goed, de student handelt dus uit eigen belang, en dat is misschien niet eens zo erg. Maar is goed onderwijs niet ook in het eigen belang? Kleine werkgroepen met aandacht voor iedereen? Nee, zo zegt menig rechtenstudent. Als ik mijn diploma straks maar op zak heb kan ik aan de slag als advocaat of rechter, en daarom doe ik deze studie. Cultuurverandering Het is een feit dat rechtenstudenten niet geïnteresseerd zijn in de inrichting van het onderwijs. Maar wil de UvA juristen afleveren die niet kritisch zijn? Die alles zomaar voor waar aan nemen, niet twijfelen aan wat zij in hun werkgroepen voorgeschoteld krijgen? Leiden we dan geen juristen op die conservatief zijn, de wet als waarheid zien, en niet meer om zich heen kijken? Ik vind deze instelling gevaarlijk. Juristen moeten ook kritisch leren nadenken over de functie van het recht in onze samenleving. Als zij dit niet doen, wie dan wel? Ik denk dat de universiteit bij uitstek de plek is om deze kritische houding aan te leren, beginnende met een kritische blik naar het geboden onderwijs. Misschien kunnen we de rechtenstudent zijn ongeïnteresseerde houding niet kwalijk nemen. Misschien heerst er op de faculteit gewoon geen kritische cultuur. Het onderwijs wordt elk jaar schoolser: studenten moeten verplicht opdrachten uploaden op Blackboard voorafgaand aan de werkgroepen, schrijven hun scriptie aan de hand van onderwerpen en er wordt veel meer onderwezen in hoe het recht ís dan hoe het zou moeten zijn. Misschien moeten we eerst deze cultuur veranderen: de student door middel van het onderwijs dwingen meer om zich heen te kijken, betrokken te zijn bij de maatschappij. Hopelijk volgt de kritische blik naar het onderwijs en de organisatie daarvan dan vanzelf.

‘De decaan noemde de studentenraad laatst grappend een consumentenbond. Studenten komen bij ons om te klagen over het product dat ze afgenomen hebben.’

19


Samenleving Wellicht is het niet eerlijk om te constateren dat deze desinteresse of gemakzucht alleen bij de rechtenstudent hoort. Misschien is het eerder de student in het algemeen, en niet alleen qua studentenpolitiek maar ook op nationaal niveau. Als we kijken naar de cijfers van de Tweede Kamerverkiezingen van 2010 stemde 41% van de stemgerechtigden tot 25 jaar niet, de rest van de leeftijdscategorieën scoorde allemaal van 18% tot 26% met uitzondering van de groep 75 jaar en ouder, waarvan 36% niet stemde.2 Dat wij jongeren aanzienlijk minder stemmen dan hoogbejaarden, is toch wel een beetje gênant te noemen. Zeker omdat wij als studenten ons over het algemeen juist prijzen op onze betrokkenheid. Wij hebben een grote mond die we graag gebruiken om over alles onze mening te laten horen, juist ook over politiek. Maar blijkbaar staan we hier niet voldoende achter om er ook naar te handelen. Overigens is dit niet blijvend, slechts 10% van de hoogopgeleiden stemde deze zelfde verkiezingen niet. Misschien komt het doordat juist onze generatie zo’n individualistisch karakter heeft. Er wordt veel waarde aan gehecht dat we onze plek in de samenleving opeisen met genuanceerde meningen en duidelijke normen en waarden. Een aanwezige persoonlijkheid in de grote kudde van intellectuelen, je onderscheiden. Wellicht is de druk zo groot dat men zich verplicht voelt om te pochen met zijn of haar kennis en unieke wereldbeeld. Maar als het puntje bij paaltje komt is dat niet waar we écht mee bezig zijn. Het gaat meer om imago dan om inhoud. Misschien heeft het gewoon te maken met volwassen worden. Het is een turbulente tijd en het overgrote deel van ons heeft geen idee waarmee ze nu eigenlijk bezig zijn, laat staan wat er met het land moet gebeuren. Bovendien krijgen we minder met politiek te maken dan de generatie boven ons. We hebben vaak nog geen vaste baan en krijgen kwijtschelding voor de meeste belastingen. Zelfs zij die wel stemmen hebben tijdens de verkiezingen een tunnelvisie op wat hen aangaat en stemmen op de partij die het meest doet voor studiefinanciering en niet bezuinigt op onderwijs. Maar hoe veranderen we dat? Is het de jongere die van zichzelf ongeïnteresseerd is tenzij iets hem in de kern raakt? Of is het de omgeving en de cultuur die dat zo doen lijken? Nature of nurture? Wellicht optimistisch en naïef, maar ik denk dat er wat aan gedaan kan worden. Als we harder proberen een stimulerende omgeving te scheppen voor de verse volwassene,

eentje die haar inspireert en tot actie zet, wellicht kunnen we dan een platgeslagen ‘als ik mijn diploma maar haal’ vervangen met een oprecht betrokken persoon. De universiteit lijkt me een goede plek om te beginnen. Ik kan niet spreken voor alle studies, maar een actievere invalshoek op het studeren lijkt me zeer welkom. Meer projecten, meer begane inzet in plaats van alleen droge theorie en vragen bespreken tijdens de werkgroepen. Want wie wil er nu niet een passie voor zijn studie en toekomstig vak vinden? Wie wil er nu niet een leuke studententijd buiten en op de faculteit? Wat nu precies de reden en de oplossing is voor de lamlendigheid van jonge ziel, is hiermee niet gezegd en valt ook moeilijk te constateren. Maar misschien is onze bewustwording van de aanwezigheid van het probleem een stap in de goede richting.

Noten 1  http://www.folia.nl/actueel/77276/rechtenfaculteit-moetvijf-miljoen-bezuinigen 2  Stemgedrag stemgerechtigden Tweede Kamerverkiezingen 9-6-2010, CBS


VERDIEPING

Het begin van vrede, of van oorlog? Tekst: Fedde Westera

Komt er dan eindelijk vrede tussen de landen Taiwan en China? Dat is een vraag die vele zich wellicht hebben afgevraagd na de ontmoeting tussen leiders Ma Yingjeou (Taiwan) en Xi Jinping (China) op zaterdag 7 november. Het is de eerste ontmoeting tussen de leiders van beide landen sinds het einde van de Chinese burgeroorlog, in 1949.1 In dit stuk staan we stil bij de historie achter deze belangrijke ontmoeting, maar vooral ook de mogelijke gevaren die zich in de komende jaren kunnen voordoen.

D

e handen werden ruim een minuut lang geschud. Wat voor de meeste mensen een zeer ongemakkelijke situatie lijkt, was in de ogen van vele historici een historische gebeurtenis. Om deze historische gebeurtenis beter te begrijpen zullen we terug moeten blikken naar het einde van de Chinese burgeroorlog, in 1949. Tijdens de Chinese burgeroorlog vocht het leger van de nationalisten tegen het leger van de communisten. De nationalisten, geleid door de partij KMT, verloren de strijd van de communisten en werden verdreven naar Taiwan. Vrede werd er echter nooit gesloten, waardoor China sindsdien in tweeën is gespleten. Het in Taiwan gevestigde deel van China noemt zich de ‘Republiek China’ en het op het vaste land gevestigde deel, de communisten, hebben de naam ‘Volksrepubliek China’. Deze benamingen zijn aanleiding tot veel verwarring, maar geven de relatie tussen Taiwan en China goed weer. Na de Chinese burgeroorlog bleven de nationalisten immers het gezag van geheel China opeisen. Hetzelfde deden de communisten over Taiwan. Men erkende niet dat er twee verschillende landen waren, maar beide leiders zagen zichzelf als de ware leider van China.2 Inmiddels streeft Taiwan naar onafhankelijkheid, terwijl het vasteland van China nog steeds uit is op hereniging. Dit kwam goed tot uiting nadat er in China de anti-afscheidingswet werd

21


aangenomen op 14 maart 2005.3 Deze wet gaf China de mogelijkheid om de volgens China ‘afvallige provincie’ op een niet vreedzame manier met het vaste land te herenigen. Na de inwerktreding van de anti-afscheidingswet werd er fel gereageerd door Taiwan. Sindsdien zijn de anti-Chinese gevoelens alleen maar versterkt.4 Het werd president Ma Ying-jeou dan ook niet met dank afgenomen dat hij in gesprek ging met Xi Jinping. Duizenden Taiwanezen gingen rellend de straten op toen duidelijk werd dat er een ontmoeting tussen de twee leiders zou plaatsvinden. De bevolking van Taiwan was namelijk bang dat er tijdens de ontmoeting afspraken zouden worden gemaakt ten nadelen van de onafhankelijkheid van Taiwan. President Ma Ying-jeou staat er immers om bekend het contact met het vasteland te willen verbeteren.

NB

22

‘Het leek een zeer ontspannen sfeer, als je de beelden van China moest geloven. Schijn bedriegt.’

Dat de bevolking van Taiwan het met dit beleid niet eens is blijkt niet alleen uit de rellen die plaatsvonden vlak voor de ontmoeting. In januari van volgend jaar vinden er weer presidentiele verkiezingen plaats in Taiwan en de partij van de huidig president Ma Ying-jeou staat er op dit moment niet goed voor. De KMT moet opboksen tegen de Democratische Progressieve Partij (DPP). De DPP staat er om bekend de communicatie met het vasteland uit te willen sluiten, en zich volledig op de onafhankelijkheid van Taiwan te willen richten.5 Het is dan ook niet gek dat Xi Jinping juist nu een gesprek aan wil gaan met de huidige president van Taiwan. Het zou wellicht de laatste kans zijn om Taiwan op een vreedzame manier in te lijven bij China. De twee leiders begonnen de ontmoeting met het schudden van de handen. Het leek een zeer ontspannen sfeer, als je de beelden van China moest geloven. Twee leiders die glimlachend ruim een minuut lang de handen schudden, en een gesprek waar het conflict tussen beide landen niet werd benoemd. Schijn bedriegt. Op het moment staan er immers maar liefst 1600 raketten vanuit China gericht op Taiwan.6 Zeker met het oog op de verkiezingen in januari kan dit tot benauwde situaties leiden. Eerder, in 1996, zijn er vlak voor de verkiezingen in Taiwan raketten getest vanuit China.7 Deze raketten kwamen zeer dichtbij Taiwan. Taiwan zag het als een waarschuwing van China, dat tot op heden streeft naar hereniging met het eiland. Daarnaast werd tijdens het gesprek door Ma betoogd dat beide landen elkaars manier van leven en waarden moesten respecteren. Deze woorden werden echter door de Chinese staatstelevisie niet uitgezonden. Dat vooraf al is bepaald wat er wel en niet mag worden uitgezonden, benadrukt de gespannen sfeer bij de ontmoeting tussen beide leiders.8

nummer 41

|

jaargang 23


VERDIEPING

23

Voor het KMT was het gesprek gezien de komende verkiezingen zeker niet gunstig. De bevolking streeft enkel naar meer onafhankelijkheid. Het is dan ook maar de vraag wat de bedoeling was van de huidige president van Taiwan omtrent de ontmoeting. Het was al zeker dat zijn ambtsperiode erop zat. Mogelijk was het een poging om de banden te versterken, voordat de Democratische Progressieve Partij (DPP) de macht in handen heeft. De kans dat de DPP, mocht zij de verkiezingen winnen, de gesprekken met president Xi Jinping voortzet, wordt erg klein geschat.9 Voor Taiwan kan dit grote gevolgen hebben. Het communistische China lijkt met het bestaan van de antiafscheidingswet geen problemen te hebben om de ‘afvallige provincie’ met harde hand terug te winnen. Mocht het zo ver komen, dan staat Taiwan hoogstwaarschijnlijk kansloos tegenover het veel grotere China. Het doet mij, gezien de verhoudingen van beide landen, denken aan de oneerlijke strijd tussen David en Goliath. Gezien het lage percentage aan christenen in Taiwan zal dit verhaal echter niet veel hoop bieden.

Noten 1 O. Garschagen, ‘Chinese handdruk van een minuut’, NRC 2015 2 M. Vlaskamp, ‘China en Taiwan praten weer met elkaar voor het eerst sinds burgeroorlog van 1949’, Volkskrant 2015 3 Brief van minister van binnenlandse zaken van 30 maart 2005, vergaderjaar 2004–2005, 21 501-02, nr. 612 4 Redactie buitenland, ‘Woede van Taiwan heeft China kennelijk verrast’, Trouw 2005 5 O. Garschagen, ‘Vrouwen bepalen toekomst Taiwan’, NRC 2015 6 Redactie buitenland, ‘China moet nog bewijzen dat het Taiwan respecteert’, NRC 2015 7 Redactie buitenland, ‘China: raketten voor Taiwan waarschuwing’, NRC 1996 8 M. Vlaskamp, ‘China en Taiwan praten weer met elkaar voor het eerst sinds burgeroorlog van 1949’, Volkskrant 2015 9 O. Garschagen, ‘Vrouwen bepalen toekomst Taiwan’, NRC 2015


Cryptovaluta Tekst: Michael Hallatu

NB

24

De kans is groot dat je wel eens hebt gehoord van Bitcoins. Toch weet lang niet iedereen hoe de vork in de figuurlijke cryptovalutasteel zit. In dit artikel wordt ingegaan op de basics van cryptovaluta, met een focus op de Bitcoin.

C

ryptovaluta dankt haar naam aan het feit dat het cryptografie gebruikt ter beveiliging. Vanwege de cryptografische versleuteling zijn cryptovaluta moeilijk om na te maken. Omdat cryptovaluta momenteel niet door onder overheidstoezicht staande instellingen worden uitgegeven, is er geen sprake van inmenging door overheden. Bij cryptovaluta is tevens sprake van een hoge mate van anonimiteit, waardoor volgens sommige schrijvers een verhoogd risico bestaat dat middels cryptovaluta witwassen en belastingontwijking wordt vergemakkelijkt. Ondanks de genoemde risico’s is de insteek van cryptovaluta niet het faciliteren van malafide transacties, maar het vergemakkelijken van transacties en het verlagen van transactiekosten tussen partijen. Normaal gesproken fungeert een bank bij een transactie als tussenpartij, maar bij cryptovaluta wordt de transactie direct uitgevoerd tussen partijen. Bitcoins is de eerste en populairste cryptovaluta. Bitcoins zijn in 2009 geintroduceerd door Satoshi Nakamoto, waarvan de ware identiteit onbekend is. 12 Naast Bitcoins bestaan er legio andere cryptovaluta met uiteenlopende waarden. Op moment van schrijven is de waarde van een Bitcoin $319,33.3 De waarde van de op een na meest populaire cryptovaluta, Litecoin is momenteel $3,10. Er zijn momenteel bijna 15 miljoen Bitcoins in omloop,4 hetgeen betekent dat de totale waarde van deze cryptovaluta $ 4,752,152,954,- bedraagt. De waarde van Bitcoins kan als zeer volatiel worden beschouwd: grote waardefluctuaties binnen 24 uur zijn niet ongebruikelijk, waardoor de handel in cryptovaluta zeker niet voor eenieder is weggelegd. Doordat de waarde van cryptovaluta

vaak wordt uitgedrukt in geld bestaat er echter een vertekend beeld. Cryptovaluta hoeven namelijk niet slechts een waarde in geld te vertegenwoordigen, maar kunnen ook worden geprogrammeerd om een niet-geldelijke waarde te vertegenwoordigen. Bij een niet-geldelijke waarde kan bijvoorbeeld worden gedacht aan zogenaamde ´smart contracts´.5 Hoe werkt het? Om transacties met bitcoins te verrichten heb je een ‘bitcoin wallet’ nodig. De wallet installeer je bijvoorbeeld op je mobiele telefoon of computer. Transacties worden geregistreerd via de ‘block chain’. De block chain is een openbare boekhouding waarop alle transacties in Bitcoins wereldwijd permanent worden geregistreerd. Een transactie is opgebouwd uit verschillende componenten. Zo heeft iedere bitcoin wallet een unieke en geheime sleutel – ook wel ‘seed´ - om transacties mee te ondertekenen. Door de ondertekening van een transactie is er wiskundig bewijs voor de herkomst van de bitcoins. Ook voorkomt de seed dat de transactie wordt aangepast nadat deze is aangemeld. Na het aanmelden van de transactie moet deze worden bevestigd. Het bevestigen van de transactie gebeurt in de daaropvolgende tien minuten door een proces dat ‘mining’ heet. Mining geschiedt door personen of organisaties die over speciale apparatuur beschikken om de block chain te kunnen verifiëren. Deze ‘miners’ krijgen een vergoeding voor het verifiëren van de block chain. De vergoeding is afhankelijk van het aantal Bitcoins in omloop: hoe meer Bitcoins in omloop, des te lager de vergoeding voor het minen. De snelheid

nummer 41

|

jaargang 23


VERDIEPING

en energieconsumptie van de apparatuur is daarom van essentieel belang voor de winstgevendheid van het minen. Doordat er thans een groot aantal Bitcoins circuleert, is de vergoeding gering in vergelijking met het aantal Bitcoins dat een aantal jaren terug in omloop was. Als particulier is het bijna niet meer mogelijk om winstgevend te minen vanwege de relatief lage opbrengsten en hoge kosten voor energie en apparatuur. Vanwege het laatstgenoemde zijn op het moment voornamelijk institutionele miners actief in landen waar de energieprijzen laag zijn. Er is echter een maximum aantal Bitcoins, namelijk 21 miljoen Bitcoins. Het crashen van een computer kan een groot probleem opleveren. Als er geen back-up kopie van de wallet bestaat, is de eigenaar van de wallet alle Bitcoins in de betreffende wallet kwijt. Cryptovaluta en de maatschappij De Wet op het financieel toezicht (hierna: ‘Wft’) is – anders dan je misschien zou verwachten – niet van toepassing op transacties in Bitcoins. De reden hiertoe is dat Bitcoins volgens minister Dijsselbloem niet kunnen worden aangemerkt als elektronisch geld in de zin van de Wft. Hij is echter wel van mening dat belasting dient te worden betaald over behaald voordeel in Bitcoins.6 Het handhavingsapparaat heeft verschillende ervaringen met Bitcoins. Zo heeft de politie blijkens haar jaarverslag van 2014 een XTC-bende opgerold waarbij Bitcoins in beslag zijn genomen. De politie en het Openbaar Ministerie (hierna: ‘OM’) bleken nog niet klaar voor dergelijke operaties.7 Ook heeft het OM via het anonieme Tor-netwerk met Bitcoins een pistoolmitrailleur aangeschaft om te testen of dat eenvoudig zou kunnen. Vanwege de risico’s op het faciliteren van criminele activiteiten heeft de CDA een verbod op Bitcoins bepleit. In zijn reactie op de gestelde vragen heeft voormalig minister Opstelten gezegd niets te zien in een verbod op Bitcoins. Het feit dat Bitcoins gebruikt kunnen worden voor het online kopen van illegale goederen als wapens en verdovende middelen schuift hij terzijde met het argument dat dergelijke goederen ook met reguliere betaalmiddelen kunnen worden aangeschaft.8

Onlangs, na de terroristische aanslagen in Parijs, hebben de Europese ministers van Binnenlandse Zaken en Justitie beraadslaagd over mogelijkheden om het financieren van terrorisme tegen te gaan. Tijdens dat overleg is gesproken over het verstevigen van controle op niet-bancaire betaalmethoden.9 De vraag is echter hoe men de transacties überhaupt verwacht te gaan controleren, de block chain is immers een decentrale boekhouding waar geen overheden, banken of andere derden betrokken zijn bij een transactie. Noten 1 Cryptovaluta wordt ook wel cryptogeld virtueel geld of cryptocurrency genoemd. 2 De white paper van Satoshi Nakamoto kan worden benaderd via https://bitcoin. org/bitcoin.pdf 3 www.coinmarketcap.com 25 november 2015 4 14780225 Bitcoins om precies te zijn. 5 Smart contracts kunnen bijvoorbeeld herkennen of aan bepaalde contractuele voorwaarden is voldaan. Wanneer aan de voorwaarden is voldaan, dan zorgt het smart contract voor naleving van het contract. 6 Antwoord van de Minister van Financiën op vragen van het lid Nijboer (PvdA) aan de minister van Financiën over de opkomst van de Bitcoin als digitale betaaleenheid (ingezonden 10 april 2013) 7 Voor verdere toelichting zie Jaarverslag politie 2014 8 Vragen van de leden Oskam en Van Hijum (beiden CDA) aan de Ministers van Veiligheid en Justitie en van Financien over de berichten dat online met aanschaf van bitcoins een semi-automatisch wapen is aangeschaft en een tiener zichzelf gedood heeft met een omgebouwd pistool (ingezonden 23 januari 2014). Antwoord van minister Opstelten (Veiligheid en Justitie) mede namens de minister van Financiën (ontvangen 5 maart 2014) 9 h t t p: // w w w. r e u t e r s .c o m /a r t i cle/2015/11/19/us-france-shoooting-euterrorism-funding-idUSKCN0T81BW201 51119#MZhKXm8llflxXIrJ.97

25


NB

26

TTIP: Massahysterie of wolf in schaapskleren? Tekst: Thomas Verstege en Anna Ida Hudig

Aristoteles maakte al een onderscheid tussen natuurlijke rechtvaardigheid en wettelijke rechtvaardigheid. Deze soorten rechtvaardigheid zouden overeen moeten komen, maar dat dit niet altijd het geval is komt bijvoorbeeld tot uiting in de (internationale) politiek. Schending van wetten en verdragen vormt inbreuk op wettelijke rechtvaardigheid, hoewel deze wetten en verdragen niet altijd in lijn zijn met natuurlijke rechtvaardigheid; de vorm van rechtvaardigheid die je gevoel je inbrengt. Houd dit tijdens het lezen in je hoofd.

M

isschien heb je Arjen Lubach je erover laten vertellen, of heb je het ergens anders voorbij horen komen: de Transatlantic Trade and Investment Partnership, oftewel: TTIP. TTIP is een voorgesteld vrijhandelsverdrag tussen Europa en de Verenigde Staten en heeft de ambitie economische groei te stimuleren. Het gaat echter niet om ‘zomaar’ een vrijhandelsverdrag waar er al zoveel van zijn, want TTIP focust niet alleen op het verlagen van importheffingen, maar beoogt ook allerlei regelgeving in beide continenten gelijk te trekken. Het zoveel mogelijk gelijktrekken van Europese en Amerikaanse standaarden gebeurt door regulatory cooperation, ofwel ‘regelgevende samenwerking’. Regelgevende samenwerking houdt onder andere in dat verschillen tussen standaarden geminimaliseerd moeten blijven, en dat de VS direct geïnformeerd moeten worden over Europese plannen om standaarden in de toekomst te verhogen. Het gelijktrekken van standaarden maakt het aantrekke-

lijker voor bedrijven om in het buitenland te investeren en stimuleert aldus import en export. Geschillen worden beslecht bij het Investor-State Dispute Settlement, ISDS. Bij dit arbitragetribunaal kunnen investeerders een schadevergoeding eisen van een verdragsstaat, wanneer deze het verdrag geschonden heeft. ISDS is niet nieuw, er zijn al honderden zaken beslecht bij dit tribunaal De onderhandelingen over TTIP hebben inmiddels een zeer sterk gepolariseerd debat in het leven geroepen. Voorstanders hopen op nieuwe banen, groei van het BNP en een boost in de economie. Tegenstanders vrezen voor degradatie van Europese (milieu)standaarden, oneerlijke geschillenbeslechting en verlies van de nationale integriteit. Opvattingen blijken met name afhankelijk van het perspectief dat wordt ingenomen. Daarom zetten wij de voor- en nadelen van TTIP uiteen aan de hand van een ethisch perspectief en een juridisch/economisch perspectief.

‘Regelgevende samenwerking houdt onder andere in dat verschillen tussen standaarden geminimaliseerd moeten blijven’

nummer 41

|

jaargang 23


VERDIEPING

Is het wellicht mogelijk on nuance aan te brengen in het debat, en kunnen we het juridische en het rechtvaardige verenigen? Economisch/ juridisch perspectief Er zijn verschillende manieren waarop je naar TTIP kan kijken. Een logisch en veelgebruikt perspectief is het economisch en juridische. Vanuit dit perspectief lijken er vooral voordelen aan TTIP te zitten. WHO De noodzaak van TTIP komt grotendeels voort uit het falen van de besluitvorming van de Wereld Handels Organisatie (WHO). Die organisatie is in het leven geroepen om het soort verdragen zoals TTIP af te sluiten, maar dan wereldwijd. De WHO is succesvol geweest in het elimineren van importheffingen en andere financiële restricties op internationale handel. Met de eliminatie van tariff-barriers op de handel ontstond er een nieuwe belemmering op wereldwijde handel: de non-tariff-barriers on trade (NTB’s). Dit is een verzamelnaam voor allerlei standaarden en eisen die een land aan producten stelt voordat ze op hun markt verkocht mogen worden. In sommige gevallen zijn dit hele terechte veiligheidseisen; in andere gevallen maken landen hier misbruik van om hun binnenlandse productie te beschermen. De WHO kon geen overeenkomst bereiken over de eliminatie van dit soort barrières op een wereldwijd niveau, dus proberen de VS en de EU dat nu met een bilateraal verdrag te doen. Financiële voordelen Het feit dat allerlei Europese producten aangepast moeten worden voordat ze op de Amerikaanse markt verkocht kunnen worden brengt veel kosten met zich mee. Als een aantal van die standaarden gelijk wordt getrokken kan dit financiële voordelen opleveren.1 Bovendien is het idee dat als Europa en de VS dezelfde standaarden hanteren dat andere landen zich ook sneller aan dat niveau zullen gaan houden om hun producten op de grote afzetmarkt kwijt te kunnen. Dit zou tot een verwachte

27

economische groei van 0,5% leiden. Dit klinkt misschien niet als veel, maar zou betekenen dat iedere Europese burger er €545 per jaar op vooruit gaat.2 Europese veiligheidsstandaarden Dus de afsluiting van TTIP komt voort uit een terechte noodzaak om de vrije handel tussen de twee regio’s met de hoogste GDP ter wereld te bevorderen. Zodoende kan het significante economische voordelen opleveren. Maar gaat dat niet ten koste van Europese veiligheidstandaarden? Dat is een heel begrijpelijke – en in sommige gevallen terechte – zorg van veel mensen. Veel van de argumenten dat TTIP ten koste van bepaalde standaarden zou gaan, zijn gebaseerd op ‘potentiele’ overeenkomsten. Op het moment zijn er nog geen definitieve afspraken gemaakt over TTIP en toekomstige afspraken kunnen bestaande regelgeving in de EU niet aan de kant zetten. Daarvoor zou de regelgeving officieel gewijzigd moeten worden. Bovendien heeft de EU al tientallen vergelijkbare handelsverdragen met andere landen waar nog nooit iemand tegen heeft geprotesteerd of iets van lijkt te hebben gemerkt.3 Dus hoewel er misschien potentie is voor bepaalde negatieve effecten is het

erg voorbarig om dan heel TTIP maar in de prullenbak te gooien. In plaats daarvan is het zaak om te kijken op welke gebieden er onnodige bureaucratische regels geëlimineerd kunnen worden en op welke gebieden we geen concessies willen doen. Zodoende is het zeker goed dat de onderhandelingen over TTIP zoveel aandacht krijgen, maar het debat wordt direct gepolariseerd tussen twee extremen: of alles maar aannemen of heel TTIP in de prullenbak. Hierdoor vergeten we soms dat er ook een middenweg bestaat. ISDS Voor veel mensen is ISDS, de manier van geschillenbeslechting onder TTIP het grootste struikelblok, omdat die bedrijven het recht zou geven om staten aan te klagen. Dit is inderdaad waar, maar zoals met meerdere elementen van TTIP is dit niet een nieuw fenomeen.4De meeste investeringsverdragen hebben een vergelijkbaar geschillenbeslechtingsmechanisme. Bovendien kunnen staten alleen verantwoordelijk gehouden worden voor de regels waar ze zich zelf aan hebben verbonden. Het is niet heel gek dat bedrijven daar dan op moeten kunnen vertrouwen. Toch zal de volgende sectie uitwijzen dat er minpuntjes aan ISDS zitten.


NB

28

Ethisch perspectief Op dit moment is de situatie zo, dat het vooral de tegenstanders van TTIP zijn die met ethische argumenten aan komen draven. TTIP zou zorgen voor verlaging van Europese milieustandaarden, er zal te veel macht worden toegekend aan het bedrijfsleven en bovendien zou de wijze van geschillenbeslechting oneerlijk zijn. Milieustandaarden Regulerende samenwerking, en het daarmee gepaard gaande zoveel mogelijk gelijktrekken van standaarden uit de continenten, is goed voor de handel, maar kan een risico vormen voor het milieu. Milieustandaarden van de EU en de VS kunnen namelijk enorm uiteen lopen, en het zijn met name de Europese milieustandaarden die hoger liggen. In Europa rust er, in tegenstelling tot de VS, inmiddels een verbod op het gebruik van bepaalde pesticiden en biociden, op de productie van met hormonen behandeld vlees en het is veel moeilijker een vergunning te verkrijgen voor het boren naar schaliegas.5 Dit is mede te danken aan het (niet-bindende) voorzorgsbeginsel, dat inhoudt dat landen op tijd moeten reageren wanneer er gevaar dreigt voor de mense-

lijke gezondheid of het milieu, ondanks eventuele onzekerheid over de mogelijke gevolgen van het gevaar. Het voorzorgsbeginsel is inmiddels enigszins verweven in de Europese industrie en in het voedsel- en energiebeleid. In de VS lijken ze echter nog nooit gehoord te hebben van het voorzorgsbeginsel.6 TTIP leidt dus tot degradatie van milieustandaarden. Daar tegenover staat een boost in de Europese economie van ‘slechts’ 0,5% groei van het BNP.7 Bovendien zijn de tariff barriers tussen de VS en Europa al erg laag, onder de 3%.8 Het is de vraag of milieu- en gezondheidsstandaarden te allen tijde zouden moeten wijken voor handelsbelangen, zeker wanneer het de economie zo weinig oplevert. ISDS Het eerder genoemde arbitragetribunaal ISDS, biedt hoofdzakelijk bescherming aan investeerders. De procedure gaat buiten de nationale rechter om en in praktijk ontbreekt het aan transparantie en openbaarheid. Daarnaast is het niet mogelijk om in beroep te gaan tegen een beslissing van het ISDS.9 ISDS blijkt met name een goede uitkomst voor buitenlandse investeerders die hun plannen niet door zien gaan

vanwege een wetswijziging, die in strijd is met het desbetreffende handelsverdrag. Dit klinkt niet zo gek, totdat blijkt dat deze wetswijzigingen gaan over het verhogen van – jawel – standaarden met betrekking tot de algemene gezondheid, milieubescherming en mensenrechten. De claims van investeerders, of de dreiging ervan, beperkt de nationale beleidsvrijheid aanzienlijk.10 11 Dat deze kritiek niet ongegrond is, blijkt uit een recent voorgestelde wijziging in het verdrag waarin wordt geopperd investeerdersgeschillen te behandelen in rechtbanken die worden ingericht naar voorbeeld van nationale rechtbanken. De zittingen zijn dan openbaar en er bestaat ook een beroepsmogelijkheid.12 Een dergelijke wijze van geschillenbeslechting zou wellicht een geschikt alternatief kunnen vormen. Conclusie Twee perspectieven, uiteenlopende opvattingen. Is het mogelijk het juridisch-economische en rechtvaardige te verenigen? Wellicht. Niet betwist door de ethici worden de economische voordelen die TTIP wellicht zal opleveren. De ethici lijken ook wel door een deur te kunnen met het door de Europese Commissie voorgestelde geschillenbeslechtingsmechanisme dat overeenkomsten toont met nationale rechtbanken. Hoewel dit kort door de bocht klinkt, valt op dit gebied mogelijkerwijs tot overeenstemming te komen. De milieustandaarden echter blijven een omstreden aspect van TTIP. De vraag die we ons kunnen stellen is of milieustandaarden altijd moeten wijken voor handelsbelangen? Is de economie een doel op zichzelf, of slechts een middel om een betere wereld te creëren? De uitkomst van het TTIP-debat zal wellicht een antwoord bieden op deze vraag in het licht van de huidige samenleving.

nummer 41

|

jaargang 23


VERDIEPING

Referenties: 1. Bronckers, M. (2015). Is InvestorState Dispute Settlement (ISDS) Superior to Litigation Before Domestic Courts? Journal of Experimental Bonaty 18(3), 655-677. 2. Burger, A. & Matthet, A. (maart 2015). Environmental protection under TTIP. Dessau-Roßlau: Federal Environment Agency. 3. Capaldo, J. (2014). The TransAtlantic Trade and Investment Partnership: European Disintegration, Unemployment and Instability. Medford: Global Development and Environment Institute. 4. Europa Nu (2015). Trans-Atlantisch Vrijhandels- en Investeringsverdrag (TTIP). 5. http://www.europa-nu.nl/id/vjf5k35389v3/handelsverdragen_eu 6. ht t p: // w w w.t he guardian.com / membership/2015/feb/18/guardianlive-what-is-ttip-and-how-does-it-affect-us 7. http://ec.europa.eu/trade/policy/ countries-and-regions/countries/united-states/ 8. Initial EU Position Paper on “Trade, Cross-cutting disciplines and Institutional provisions”, 16 July 2013, p. 3. 9. Martuzzi, M. & Tickner, J.A. (2004). The precautionary principle: protecting public health, the environment and the future of our children. Kopenhagen: World Health Organization. 10. Newcombe, Andrew Paul; Paradell, Lluís (2009). Law and practice of investment treaties : standards of treatment. Austin [Tex.]: Wolters Kluwer Law & Business. 11. trade.ec.europa.eu/doclib/press/index.cfm?id=943 12. UNCTAD (2014). Recent Developments in Investor-State Dispute Settlement. United Nations Conference on Trade and Development.

Noten 1 “In general terms (although this may not be applicable in all cases), the ultimate goal would be a a more integrated transatlantic market where goods produced and services originating in one party in accordance with its regulatory requirements could be marketed in the other without adaptations or requirements”, Initial EU Position Paper on “Trade, Cross-cutting disciplines and Institutional provisions”, 16 July 2013, p. 3.more integrated transatlantic market where goods produced and services originating in one party in accordance with its regulatory requirements could be marketed in the other without adaptations or requirements”, Initial EU Position Paper on “Trade, Cross-cutting disciplines and Institutional provisions”, 16 July 2013, p. 3. 2 http://www.theguardian.com/membership/2015/feb/18/guardian-livewhat-is-ttip-and-how-does-it-affect-us 3 http://www.europa-nu.nl/id/vjf5k35389v3/handelsverdragen_eu 4 De EU heft zo’n 1400 ISDS verdragen met andere landen. http://ec.europa. eu/trade/policy/in-focus/ttip/about-ttip/ questions-and-answers/index_en.htm 5 Burger, A. & Matthet, A. (maart 2015). Environmental protection under TTIP. Dessau-Roßlau: Federal Environment Agency. 6 Martuzzi, M. & Tickner, J.A. (2004). The precautionary principle: protecting public health, the environment and the future of our children. Kopenhagen: World Health Organization. 7 Capaldo, J. (2014). The Trans-Atlantic Trade and Investment Partnership: European Disintegration, Unemployment and Instability. Medford: Global Development and Environment Institute. 8 http://ec.europa.eu/trade/policy/ countries-and-regions/countries/united-states/ 9 Europa Nu (2015). Trans-Atlantisch Vrijhandels- en Investeringsverdrag (TTIP). 10 Newcombe, Andrew Paul; Paradell,

Lluís (2009). Law and practice of investment treaties : standards of treatment. Austin [Tex.]: Wolters Kluwer Law & Business. 11 Bronckers, M. (2015). Is InvestorState Dispute Settlement (ISDS) Superior to Litigation Before Domestic Courts? Journal of Experimental Bonaty 18(3), 655-677 12 UNCTAD (2014). Recent Developments in Investor-State Dispute Settlement. United Nations Conference on Trade and Development.

29


Politiek onder de zon NB

30

Interviews met internationale studenten Tekst: Louisa Bergsma

Voor de vorige editie van de Nota Bene interviewde ik drie buitenlandse studenten over hun studie. Die gesprekken waren zo gezellig en interessant dat ik besloot voor deze editie weer drie studenten uit verschillende delen van de wereld te interviewen. Het thema van deze editie is politiek, dus besloot ik verrassend genoeg om de studenten dit keer te bestoken met politiek gerelateerde vragen. Charlotte Lindgren Leeftijd: Nationaliteit: Zweeds Universiteit: Uppsala University Charlotte vertelt over Zweden, een land dat bekend staat om zijn tolerantie, gastvrijheid en gulheid. Door de grote stroom aan vluchtelingen dreigt dit echter te veranderen. Charlotte studeert rechten aan de universiteit van Uppsala. Ze is niet actief bij een politieke partij, maar gaat wel altijd stemmen en bespreekt graag politiek met vrienden. Onder haar Zweedse studievrienden zijn er veel aangesloten bij een politieke partij en betrokken bij wat er gaande is in het land. Volgens Charlotte is op dit moment het grootste probleem in de Zweedse politiek de vluchtelingenproblematiek. De straten van elke grote Zweedse stad liggen helemaal vol met bedelaars. Dit zijn voornamelijk gevluchte zigeuners uit RoemeniĂŤ. Zij vertrekken massaal

naar Zweden, omdat ze in hun eigen land ernstig gediscrimineerd worden. Ze hopen in Zweden geld te verdienen met bedelen, omdat dit het enige Europese land is waar bedelen op straat is toegestaan. De Roma zijn niet van plan in Zweden te blijven, zodra ze genoeg geld hebben willen de meesten weer terug. Zweden is een vrijgevig land, veel mensen proberen de vluchtelingen te helpen. In het begin gaven mensen ook veel geld aan de zigeuners op straat, maar dit wordt langzamerhand minder omdat men merkt dat dit niet zal helpen. Charlotte vertelde me dat haar vader wandelend van huis naar een afspraak, soms wel 20 euro kwijt is omdat hij elke bedelaar onderweg iets geeft. Mensen geven de vluchtelingen ook baantjes en nemen ze soms zelfs in huis. Het helpen op kleine schaal blijkt echter niet veel op te leveren op de lange termijn. Mensen geven minder geld aan bedelaars op straat en willen dat de regering naar een oplossing gaat zoeken. Het is moeilijk om de zigeuners te helpen aangezien zij legaal in het land verblijven. Daarbij wordt de druk op het land steeds groter vanwege de nieuwe stroom aan Syrische vluchtelingen. De nieuwe partij de Zweedse Democraten (SverigeDemokraterna) pleit als enige voor het verbieden van bedelen. Dit is een vrij nieuwe partij die in

nummer 41

|

jaargang 23


CARRIÈRE

korte tijd explosief gegroeid is omdat zij vooral inzet op veiligheid en immigratie. Anderen zijn van mening dat je deze hulpbehoevende mensen niet ook nog eens moet bestraffen, maar juist moet helpen. Zij wijzen naar de Europese Unie, die zou meer aandacht moeten geven aan de problemen rond de discriminatie van zigeuners in Roemenië.

Het liefst zouden Zweden iedereen toelaten in hun land zegt Charlotte. Er zou genoeg plaats zijn als niet iedereen naar de steden zou trekken. Maar langzamerhand begint de vluchtelingenproblematiek het tolerante karakter van het land op de proef te stellen, eigenlijk net als bij ons in Nederland.

Asif Ali Leeftijd : 21 Nationaliteit: Amerikaans Universiteit: Texas A&M University Asif betreurt het geweld tussen verschillende bevolkingsgroepen in Amerika. Hij pleit voor tolerantie, omdat immigranten en verschillende culturen de bouwstenen zijn van de Verenigde Staten. Asif studeert marketing in Texas aan de Texas A&M University. Zijn vader komt uit Myanmar en zijn moeder uit Pakistan, maar hij woont zelf al zijn hele leven in Texas. Asif is geïnteresseerd in politiek, maar niet erg betrokken. Hij wil het liefst zo neutraal mogelijk blijven omdat politiek in zijn optiek een delicate kwestie is waar je niet zomaar wat over moet roepen. Dit laat hij liever over aan mensen voor wie politiek een passie is. In Amerika zijn ‘student councils’ erg belangrijk. Er worden elk jaar verkiezingen gehouden, net als voor onze studentenraad. Amerikanen zijn hier echter nog iets serieuzer mee, heb ik het idee. Er zijn drie organen: de uitvoerende, de legislatieve en de rechterlijke macht. Wanneer je ergens een probleem mee hebt, kan je dit altijd onder de aandacht brengen van een van deze organen. Binnen het bestuur van de universiteit heeft de studentenraad een belangrijke stem. Ik vraag aan Asif wat hij van het wapenbeleid in Amerika vindt. Ik had echt verwacht dat hij hier tegen zou zijn, maar volgens Asif is het een recht om een wapen te bezitten en moet dit niet afgepakt worden. Hij vindt dat men de mogelijkheid moet hebben om zijn geliefden te kunnen beschermen als dit nodig is. Dit recht mag niet afgepakt worden. Ik probeer met hem te bespreken of het geweld waartegen men zich wil beschermen misschien juist voortkomt uit het feit dat iedereen een wapen kan kopen. Hij blijft echter benadrukken dat het een recht is en dat het juist mooi is dat mensen zo graag hun geliefden willen beschermen. Hij vindt echter wel

31


NB

32

dat dit recht beperkt zou moeten worden. Mensen zouden naar zijn mening pas een wapen moeten kunnen kopen nadat onder andere hun mentale gezondheid goedgekeurd is. Een belangrijke kwestie in Amerika vindt Asif de onophoudelijke discriminatie en het geweld tussen verschillende bevolkingsgroepen. Hier zou hij graag verbetering in zien. Zelf zegt hij nooit discriminatie te hebben ervaren met betrekking tot zijn afkomst of geloof. Asif is moslim, maar wel op zijn eigen manier. Thuis bidt hij drie keer per dag, maar in Italië lukt dit niet altijd. Volgens hem is dit echter niet erg, hij vindt dat geloof iets is wat puur voor jezelf is en dat niemand je kan vertellen hoe je dit moet belijden. Iram Leeftijd: 27 Nationaliteit: Sudanees Universiteit: Khartoem Iram vertelt over Sudan en het corrupte regime van dit land. Ze vindt het belangrijk om haar verhaal te laten horen zodat mensen zich realiseren wat er aan de hand is. Zodra ze er klaar voor is wil ze terug naar Sudan om te helpen de situatie daar te verbeteren. Iram is mijn kamergenootje hier in Milaan. Ze komt uit Sudan en heeft daar aan de universiteit van Khartoem ‘Information technology’ gestudeerd. Ze volgt nu een master in ‘IT management and innovation’ aan de Universiteit van Jönksjoping in Zweden. Via deze opleiding zit ze nu voor een half jaar in Milaan. Iram is niet actief betrokken bij politiek, maar hier wel in geïnteresseerd en ze volgt het nieuws uit Sudan op de voet, ook nu ze al twee jaar niet meer in Sudan woont. De politieke situatie is erg onrustig in Sudan, dat is al haar hele leven zo. Het land is een republiek. In 1989 kwam de Revolutionaire Commandoraad voor de Nationale redding onder leiding van generaal Omar-al-Ba-

shir aan de macht. Sindsdien is er geen nieuwe partij of president meer aan de macht geweest. Er worden wel verkiezingen gehouden, maar deze worden gemanipuleerd. Iram en haar familie en vrienden gaan dan ook niet meer stemmen, op deze manier proberen mensen de verkiezingen te boycotten. In Khartoem valt het mee, Iram heeft zelf nooit in een oorlogssituatie geleefd. Maar de verschillen zijn enorm binnen het land. In Darfur, een stad in het westen van Sudan, zijn al minimaal 300.000 mensen omgekomen in de burgeroorlog sinds 2003. Deze stad is erg onderontwikkeld, er is vrijwel geen infrastructuur of gezondheidszorg. De bevolking van Sudan weet dat er conflicten zijn in Darfur, maar zij horen hier vrijwel niets over omdat de media in handen is van het corrupte regime. In het nieuws zal dus geen slecht woord over de regering vallen. De universiteit van Khartoem staat erom bekend een politiek actieve plek te zijn. Het waren de studenten van de universiteit van Khartoem die in 1964 begonnen met protesten waar een revolutie uit voortkwam. In de gangen van de universiteit zijn veel zogenaamde ‘speechcorners’. Dit zijn kleine groepjes studenten die rondom een student

staan die een kleine speech geeft over politiek, op deze manier wordt politiek besproken. Er zijn veel studenten aangesloten bij partijen die tegen de overheid zijn, dit is echter gevaarlijk en moet voorzichtig gebeuren. In 2013 werd er een student doodgeschoten door de politie tijdens een demonstratie tegen het regime. Dit is niet het enige incident waar protesterende studenten om het leven zijn gekomen door overheidsingrijpen. Na het incident is de universiteit van Khartoem voor een jaar gesloten geweest. Vroeger was deze universiteit erg goed aangeschreven vertelt Iram. Sinds het nieuwe regime is dit echter achteruitgegaan. Dit komt doordat de universiteit onder directe controle staat van de president. Het Sudanese volk geeft niet op volgens Iram. Al sinds de jaren ’60 zijn er verschillende revoluties geweest. Dit liep echter niet goed af, maar ooit zal dit wel veranderen verwacht ze. Ze wil wel graag weer terug naar Sudan, maar voor die tijd wil ze eerst haar studie afmaken en zorgen dat ze een goede baan krijgt. Ze wil pas terugkeren als ze in een positie is waarin ze daadwerkelijk kan helpen in Sudan.

nummer 41

|

jaargang 23


CARRIÈRE

De politiek in met je rechtenstudie? Tekst: René van Lieshout

Bij veel rechtenstudenten slaat de twijfel toe in de laatste fase van hun studie: stel dat je geen advocaat wil worden, wat moet je dan? Wat is er nog meer te doen? Ben ik geschikt voor ander werk? Een bezoekje aan het Binnenhof doet dan echter de hoop weer rijzen: je kunt altijd nog een poging wagen in de landelijke politiek.

U

it een kleine rondvraag blijkt dat zo’n drie op de tien Nederlandse parlementariërs een juridische achtergrond heeft. Dat varieert van behaalde deelcertificaten aan de Open Universiteit tot aan het hoogleraarschap van enkele leden van de Eerste en Tweede Kamer. Vooral de Eerste Kamer zit vol met juristen: 40% van de zittende leden heeft een juridische opleiding gevolgd. Opvallend is dat de VVD en het CDA hofleveranciers zijn voor beide vertegenwoordigende organen. Van de christendemocratische parlementariërs heeft bijvoorbeeld bijna de helft rechten gestudeerd of een andere juridische opleiding gedaan. Na wat onderzoek komen er ook andere leuke dingen naar boven: zo blijkt niemand minder dan Raymond de Roon (PVV) voorafgaand aan zijn politieke carrière advocaat-generaal te zijn geweest bij het Gerechtshof in Amsterdam en blijkt Leiden onder politici veruit de meest populaire stad voor een rechtenstudie, gevolgd door Utrecht en Groningen.

Als je politieke ambities hebt lijkt het dus dat een rechtenstudie een goede basis kan vormen voor een carrière, maar voor de zekerheid laten we enkele ervaringsdeskundigen aan het woord. In het kader van deze editie van de Nota Bene spraken we Nederlandse politici over hun studie en over het nut van een juridische opleiding in de politiek. Naam: Joris Backer Partij: D66 - lid Eerste Kamer Opleiding: Burgerlijk Recht - Universiteit Leiden ‘’Met name in mijn rol als lid van de Eerste Kamer heb ik zeer veel baat bij mijn juridische opleiding en mijn werkzaamheden als advocaat en bedrijfsjurist (o.a. bij De Brauw Blackstone Westbroek, Shell en Schiphol, red.). Onze wetgevingsanalyse gaat echt in op de kwaliteit en dus is ervaring in lezen en interpreteren van wetsteksten zeer behulpzaam. Maar ook de ervaring van de praktijk: wat betekent dit in de reële economie of rechtsverhoudingen in de

samenleving? Als lid van de Commissie Justitie en Financiën (fiscaliteit, bankentoezicht, governance etc.) komt dit nog het meest aan bod.’’

Joris Backer

33


NB

34

Diederik van Dijk

Lea Bouwmeester

Norbert Klein

Naam: Diederik van Dijk Partij: SGP - lid Eerste Kamer Opleiding: Nederlands Recht - Universiteit Utrecht ‘’Ik heb zeer veel profijt van mijn juridische achtergrond. Gedegen juridische kennis is onmisbaar in dit huis. Een hoofdtaak van de Eerste Kamer is immers het toetsen van wetgeving aan de Grondwet en aan eisen van behoorlijke wetgeving. Denk aan beginselen van rechtszekerheid, rechtsgelijkheid, toegang tot de rechter of het opnemen van overgangsrecht. Ook wordt er gelet op juridische consistentie en de samenhang met andere (Europese) regelgeving of internationale verdragen. Voordeel is tevens dat je als jurist niet zo snel schrikt van grote stapels documenten. Dat is in de politiek mooi meegenomen!’’

Naam: Lea Bouwmeester Partij: PvdA - lid Tweede Kamer Opleiding: Sociaal Juridische Dienstverlening - Hogeschool van Amsterdam ‘’Deze opleiding komt zeer goed van pas omdat het een combinatie is tussen recht en maatschappij. Ik zou hem ook iedereen adviseren die de politiek in wil. In de politiek geldt niet alleen de regel, maar ook de context. Niet alleen is belangrijk of iemand iets gedaan heeft dat niet mag, maar ook hoe iemand tot zijn daad komt en hoe herhaling wordt voorkomen.’’

Naam: Norbert Klein Partij: Onafhankelijk lid Tweede Kamer Opleiding: Rechtsgeleerdheid - Radboud Universiteit Nijmegen ‘’Mijn afstudeerrichting was staats- en bestuursrecht en ik heb daar veel baat bij. Het heeft mij minder inwerktijd in het parlement gekost. Bijvoorbeeld om het Reglement van Orde te gebruiken en bij het lezen van wetsteksten. Overigens had ik al negentien jaar statenen raadslid ervaring. Maar ook nu vind ik dat ik door mijn juridische achtergrond veel baat heb bij het invullen van mijn rol als medewetgever. Zo heb ik recent twee initiatiefvoorstellen over de Kieswet ingediend en nog een over de flexibilisering van de AOW.’’

nummer 41

|

jaargang 23


CARRIÈRE

35

Mirjam Bikker

Naam: Mirjam Bikker Partij: ChristenUnie - lid Eerste Kamer Opleiding: Nederlands Recht - Universiteit Utrecht ‘’Elke week beoordeel ik nieuwe wetgeving. Het komt zowel voor het debat als voor de schriftelijke inbreng van pas om jurist te zijn, wetten te kunnen lezen en beoordelen of deze kwalitatief in orde zijn. Bij de schriftelijke voorbereiding kan dan bijvoorbeeld ook aan de regering gevraagd worden om een wetsartikel te verduidelijken of toe te lichten hoe dit past in het geheel aan regelgeving op het thema. Het eerste debat dat ik in de Eerste Kamer had, ging over de instrumenten die de burgemeester heeft om hooligans en andere raddraaiers aan te pakken. In de afgelopen jaren heeft de burgemeester veel extra mogelijkheden gekregen. Dat doet ook wat met de positie van de burgemeester in zijn gemeente en tegenover de gemeenteraad. Een wet beoordeel je daarom nooit alleen vanuit politieke overtuiging of op de wettekst, maar ook kijk je wat de andere effecten zijn. Worden de grondrechten goed gewogen? En past het instrument wel bij een burgermeester? Het is een goede zaak dat er juristen in de Kamer zijn, zo werd de vinger gelegd bij een bijzondere formulering van een wetsartikel. De Minister heeft lang moeten uitleggen wat er nu precies mee bedoeld werd, dat helpt rechters straks ook als zij moeten oordelen.”

Roald van der Linde

Joost Taverne

Naam: Roald van der Linde Partij: VVD - lid Tweede Kamer Opleiding: Rechtsgeleerdheid - Open Universiteit ‘’Rechten was voor mij een avondstudie, naast mijn werk. Ik had al studies achter de rug, aan Nyenrode en de Erasmus Universiteit, en voelde niet veel voor verplichte colleges. De keuze viel daarom op de Open Universiteit. Echt een prima manier van studeren. Ik ben afgestudeerd met een scriptie over de Staat als aandeelhouder, dus over staatsdeelnemingen. Veel corporate governance en Boek 2 BW. Als Tweede Kamerlid voor de VVD ben ik zeer gehecht aan de kwaliteit van wetgeving. Sommige Kamerleden gaan volledig op in de actualiteit: een vette kop in de krant en, hup, er wordt een debat aangevraagd of er worden schriftelijke vragen ingediend. Dat kun je zien als invulling van onze controlerende taak, maar in de praktijk is het de politiek van ditjes en datjes, en het gaat ten koste van de tijd die we aan goede wetgeving besteden. Kamerleden moeten wetsvoorstellen écht woord voor woord lezen, doorgronden en in een bredere context kunnen plaatsen. Een studie rechten helpt daarbij.’’

Naam: Joost Taverne Partij: VVD - lid Tweede Kamer Opleiding: Nederlands Recht - Universiteit Leiden ‘’Ik heb mij binnen mijn studie in het bijzonder toegelegd op het staatsrecht. Mijn afstudeerscriptie ging over de federale structuren binnen het Koninkrijk der Nederlanden. In mijn huidige werkzaamheden als Tweede Kamerlid voor de VVD heb ik dagelijks profijt van mijn studie. De juridische kennis die ik daarin heb opgedaan komt goed van pas bij mijn werkzaamheden als (mede)wetgever. Het is bovendien niet zonder reden dat ik namens de VVD onder meer het woord voer over staatsrecht en internationaal recht. Voor ik in 2010 tot Lid van de Tweede Kamer werd gekozen was ik als diplomaat gestationeerd op de Nederlandse ambassade in Washington, DC. Ook in mijn diplomatieke werk was mijn juridische kennis behulpzaam, onder meer bij het vastleggen van in onderhandelingen met de Amerikanen gemaakte afspraken. Een studie rechten is derhalve altijd handig.’’


NB

36

Tekst: Lars Groeneveld

Een interview met Minke de Haan over het nieuwe journalistieke platform De Focus; dat jouw wetenschappelijke artikelen vertaalt naar journalistieke verhalen.

H

et is vrijdag en na een onstuimige middag zit ik met Minke de Haan in een lokaal van de al dan desolate Oudemanhuispoort. We zijn deze namiddag samengekomen om een initiatief te bespreken welke naar onze gezamenlijke mening aandacht vereist. De Focus, een platform waar academische kennis via behapbare artikelen toegankelijk wordt gemaakt. Net als veel goede ideeën is dit er zo een waarvan je zou denken ‘bestaat zoiets niet allang?’. Gek

nummer 41

|

jaargang 23


CARRIÈRE

‘Wij willen af van die ivoren toren die de universiteit is.’

genoeg was dat niet het geval totdat een groep vrienden het idee hebben doorontwikkeld. Vanuit spontaniteit ontstaan en tot bloei gekomen in de handen van deze ijverige en ambitieuze studenten lijkt De Focus een concept waar je niet meer omheen kunt. Het feit dat studenten de mogelijkheid krijgen om de kennis die zij hebben opgedaan te kunnen delen met een groter publiek dan het kringetje gevormd tijdens de verjaardag van tante, betekent een verrijking voor zowel de student als lezer. De kennis op een universiteit is namelijk niet alleen maar onnodig ingewikkeld en intellectueel gezever. Het is ook kennis op het scherpst van de snede, innovatief en actueel. Als student op de universiteit hebben wij de bevoorrechte positie om met deze kennis aan de slag te gaan. We doen onderzoek, schrijven een essay en met wat geluk discussiëren we nog wat verder in de kroeg. Het onderzoek dat wij als studenten doen maakt ons zodoende niet zelden tot volwaardig expert over een bepaald onderwerp. Het inzicht van een student verdient het in zo’n geval ook om met een breder publiek te worden gedeeld.

De Focus biedt deze gelegenheid en is dus een geschenk voor beide zijden van de informatieketen. Minke, een van die ambitieuze en ijverige studenten waar ik het zojuist over had, wil graag de toegankelijkheid benadrukken. “Studenten komen met een idee en wij helpen ze met een van onze redacteuren er een artikel van te maken. Wij willen af van die ivoren toren die de universiteit is. Het is een voorrecht om te studeren en op deze manier kunnen wij dit voorrecht met iedereen delen.” Het is een sterk concept dat welhaast nu al een vanzelfsprekendheid lijkt, maar zover is het helaas nog niet! Zonder een continue input van studenten wordt het lastig om draaiende te houden. “Het liefst plaatsen we 2 à 3 artikelen per week maar dat is nog niet realistisch.” “We zijn op dit punt echt afhankelijk van de naamsbekendheid onder studenten en de tijd die wij er vrij voor kunnen maken” Je zou voor zo’n project steun van de universiteit verwachten, juist vanwege het feit dat het zo goed aansluit bij een academische attitude. Helaas lijken de universiteiten De Focus nog niet geheel te hebben omarmd. De subsidie is nauwelijks genoeg om de zaak

in gang te houden, laat staan te laten groeien tot het begrip dat zij verdient te zijn. Positieve veranderingen binnen de academische wereld lijken tegenwoordig gedoemd van onderop te moeten komen. Ik doe dan ook een oproep aan iedereen die dit leest: Denk aan De Focus als je jouw kennis wilt delen of raad het aan als je gelooft dat iets verdiend gedeeld te worden. Zo kan een waardevol initiatief kosteloos tot bloei komen.

37


Winter

Op verre reizen Verstouw ik de illusie van vertrek In stralend zonlicht ontvouwt zich, in alle richtingen het niets Wonderschoon verraad

Verwarring heeft mij tot dit gebracht Stuurloos vanaf hier Vanaf nu naakt Beloftes van een geloof o zo vluchtig

Onontkoombaar is de tijd die mij de maat zal nemen

In allerijl treuren Wachtend tot ik op moet

– Alberto Geus


Profile for JFAS

Nota Bene winter 2015: Politiek  

Nota Bene winter 2015: Politiek  

Advertisement