__MAIN_TEXT__

Page 1

NOTA BENE

GELIJKHEID • Ongelijkheid en de overheid: pseudosociaal resultaatsbeleid • Liberté, Égalité et Fraternité • De vrijheid van godsdienst: het recht op ongelijke behandeling

nummer 33 juni 2013 jaargang 20


D

e koele kleuren van de oceaan, de oranjegloed van de ondergaande zon, de sterrennacht; ZuidAfrika is een land van kleur. Het is een land met een afwisselende natuur, vriendelijke mensen en prachtige safari’s. Het voorgenoemde heb ik, tijdens de masterreis, allemaal mogen aanschouwen. Het was een onvergetelijke reis en ik ben ervan overtuigd dat de overige 24 studenten deze mening delen. Toch viel er een lichte schemering over deze prachtige kleuren: de apartheid. De ongelijkheid tussen de blanke en zwarte bevolking is al een tijd geleden in Zuid-Afrika ontstaan; om precies te zijn in het jaar 1652 gedurende het VOC-tijdperk. Voordat deze periode aanbrak, woonden er in Zuid-Afrika alleen maar zwarte mensen, maar dat veranderde toen men ontdekkingsreizen ging maken. De werelddelen Australië en Amerika werden ontdekt, maar ook het zuidelijkste puntje van Zuid-Afrika: Kaap de Goede Hoop. Deze plek werd belangrijk voor handelsschepen. Jan Riebeeck stichtte in het land de eerste Nederlandse nederzetting. Vanaf dat moment woonden er ook blanke mensen in Zuid-Afrika. In 1961 werd het land zelfstandig, want de Zuid-Afrikanen wilden niet bij Groot-Brittannië horen. De zwarten waren boos omdat hen niets werd gevraagd, maar alleen aan de blanken. Het Afrikaans Nationaal Congres kwam op voor de belangen van de zwarten en vocht tegen de apartheidspolitiek. De partij werd echter verboden door de regering, maar bleef doorvechten. Nelson Mandela werd daarom in 1962 gevangen genomen. Na 27 jaar gevangenschap werd Mandela vrijgelaten. In 1994 werd, onder het bewind van bovengenoemd persoon, de apartheid afgeschaft.

‘Door deze plek bezocht te hebben besefte ik me dat 19 jaar helemaal niet zo lang geleden is’

Ook tijdens de masterreis heb ik Robbeneiland, de plek waar Nelson Mandela gevangen werd gehouden, bezocht. Door deze plek bezocht te hebben besefte ik me dat 19 jaar helemaal niet zo lang geleden is. Ondanks dat het vrij recentelijk is afgeschaft, merkte ik wel dat de ongelijkheid nog steeds in Zuid-Afrika heerst. Vandaag de dag is er helaas nog sprake van apartheid in de wereld. Omdat discriminatie nog steeds een grote rol speelt in de huidige samenleving, gaat deze vierde en tevens laatste editie van dit studiejaar over gelijkheid. Jaimy Lankman Commissaris Media 2012-2013

3


6 9

ACTUALITEIT

3

Hoofdredactioneel Gelijkheid

6

JFAS-HELD ‘12-’13 en Colofon

7

Een kopie van je tentamen ophalen 50 eurocent voor een kopie; mag dat wel?

43

Commissieleden 2013-2014 gezocht

OPINIE

9

‘Ze’ leefden nog lang en gelukkig

14

NEE tegen vrouwenonderdrukking, JA tegen de Sharia

17

Ongelijkheid als basis voor de Europese crisis Liberté, Égalité et Fraternité

21

14 21 4

Work hard, play hard - Het Caribische avontuur Column door Stefanie Driever en Judith Wiarda


RUBRIEKEN

12

Meer verdienen en minder betalen bij de kapper Een zo gelijkwaardig mogelijke positie van man en vrouw

41

42

Fotopagina Eindfeest

Fotopagina Eindborrel

REISVERSLAGEN

19

Bachelorreis naar Edinburgh

23

Masterreis naar Kaapstad & Stellenbosch

VERDIEPING

28

“Laten we een mediator bellen!� Mediation onder de loep genomen

31

Nederland, een belastingparadijs?

34

Ongelijkheid en de overheid Een analyse over hoe actief het overheidsbeleid zich verhoudt tot het ideaal dat alle burgers gelijk zijn

37

39

19 23 31

Is de Egyptische vrouw gelijk aan de Egyptische man? Zijn de Egyptische vrouwen op grond van de nieuwe constitutie gelijk aan mannen? De vrijheid van godsdienst: het recht op ongelijke behandeling

37 5


Colofon De Nota Bene is een uitgave van de Juridische Faculteit der Amsterdamsche Studenten, verbonden aan de Universiteit van Amsterdam en verschijnt vier maal per jaar. Hoofdredactie Jaimy Lankman Eindredactie Eline Botter Redactie Laura Aalders Salima Guettache Madeline Kniest Rogier van der Wolk

Sascha van Gerrevink Richte van Ginneken Vincent de Haan Tarek Hiemstra Daniëlle Sinnige Nammy Vellinga

Overige bijdrage Mailano Ahmadzai Stefanie Driever Judith Wiarda Adverteerders De Brauw Blackstone Westbroek Linklaters LLP Loyens & Loeff Sponsorexploitatie Annika van Beek Vormgeving Willem Don, willemdon.nl

JFAS-HELD ‘12-’13 De redactie deelt met trots mede dat Vincent de Haan, vanwege de volgende heldenfeiten, JFAS-held van het jaar is geworden: • Zijn geschreven artikelen • Zijn beroepsschrift met betrekking

tot 50 eurocent voor een kopie bij het

secretariaat Privaatrecht

• En niet te vergeten zijn inzet voor de

Nota Bene Gefeliciteerd Vincent!

6

Drukkerij Grafi plan Nederland B.V. te Grootebroek JFAS Bestuur Annika van Beek – Voorzitter Kerim van Oosten – Vice-voorzitter Jacqueline de Vries – Penningmeester Kimo Smits – Secretaris Sascha van Gerrevink – Commissaris intern Ivanka van Hassel – Commissaris extern Jaimy Lankman – Commissaris media

voorzitter@jfas.com vvz@jfas.com penningmeester@jfas.com secretaris@jfas.com intern@jfas.com extern@jfas.com media@jfas.com

Juridische Faculteit der Amsterdamsche Studenten Oudemanhuispoort 4 Kamer A2.04 1012 CN Amsterdam Tel: 020-5253441 Email: voorzitter@jfas.com Internet: www.jfas.com Met dank aan Alle bestuursleden en sponsoren die deze Nota Bene hebben gemaakt. De gepubliceerde artikelen in de Nota Bene vertegenwoordigen niet noodzakelijkerwijs de mening van de voltallige redactie. Reacties op artikelen worden met belangstelling tegemoet gezien op media@jfas.com. Wil je schrijven voor de Nota Bene? Mail dan naar media@jfas.com. Heb je de Nota Bene niet ontvangen of zijn je adresgegevens gewijzigd? Mail dan naar secretaris@jfas.com.


Een kopie van je tentamen ophalen Door Vincent de Haan

M

enig rechtenstudent is er bekend mee: het tentamen is afgelegd, de uitslag is bekend, en het cijfer valt toch wat tegen. Dan ga je het tentamen ophalen om te kijken of er misschien iets mis is gegaan bij de beoordeling. Het tentamen moet worden opgehaald bij het secretariaat van de betreffende vakgroep en als dat het secretariaat Privaatrecht A betreft, dan dient er 50 eurocent betaald te worden. Maar mag dat eigenlijk wel? Op de gang bij het secretariaat wordt altijd veel geklaagd over dit gebruik, niet in de laatste plaats omdat de op zichzelf niet erg hoge bijdrage contant voldaan moet worden en er slechts beperkt wisselgeld is. Wie dus net een briefje van 50 euro uit de muur getrokken heeft, heeft een probleem. Hoewel ik mij ook jaren had neergelegd bij deze gang van zaken, besloot ik, toen mijn master ten einde liep, mij hier toch eens tegen te verzetten. Overigens was ik daarbij wel enigszins verbaasd dat van al die duizenden rechtenstudenten die mij voorgegaan waren, voor zover ik weet, nooit eerder iemand dit had geprobeerd. Voor het vak Civiel bewijsrecht had ik een 8 gehaald, dus eigenlijk dacht ik dat het met de beoordeling wel goed zou zitten. Dat was een mooie kans om eens te proberen kosteloos een kopie te verkrijgen – als het niet zou lukken, zou dat niet zo erg zijn. Dus op een koude dag in januari toog ik naar het secretariaat Privaatrecht A, vroeg een kopie van mijn tentamen, maar zei voor de kopie gemaakt werd: “En ik wil er niet voor betalen.” Met enige nukkigheid werd mij verteld dat een kopie dan niet beschikbaar was, en dat ik maar “naar de studentenraad” moest. “Maar mevrouw, de studentenraad gaat hier niet over.” “Dan ga je maar naar de examencommissie.” De procesgang Het was mij meteen duidelijk dat ik er in goed overleg niet uit zou komen, dus ik moest een juridische ingang vinden om bij een onafhankelijk orgaan hierover mijn beklag te kunnen doen. Ik herinnerde mij dat het e-mailtje van SiS waarin de uitslag aan mij bekend gemaakt was, een besluit was in de zin van art. 1:3 Awb. Tegen dat besluit kan administratief beroep worden ingesteld bij het College van beroep voor de examens (Cobex). Een besluit moet deugdelijk gemotiveerd worden, en het besluit mij een 8 te geven voor het tentamen Civiel bewijsrecht kan uitsluitend gemotiveerd worden door overlegging van de door mij gegeven antwoorden, dus ik meende dat de inzage van het

tentamen als onderdeel van dit besluit gezien moest worden, en dat ik daar dus in administratief beroep over kon klagen. Aldus geschiedde. Op een verloren zondagavond schreef ik een beroepsschrift van vier kantjes, dat ik de volgende week per aangetekende post naar het Cobex stuurde. Mijn argumenten: strijd met de Wet op het hoger onderwijs en wetenschappelijk onderzoek, strijd met het gelijkheidsbeginsel, strijd met de Wet openbaarheid van bestuur en strijd met doelmatigheidsoverwegingen. (Een geïnteresseerde wil ik het beroepsschrift, waarin deze gronden uitvoerig worden onderbouwd, met plezier toesturen.) Bovendien merkte ik op dat, nu het e-mailtje van SiS niet een correcte rechtsmiddelenvoorlichting bevatte, ook sprake was van een ‘niet-integere bestuurscultuur’.

‘50 cent voor een kopie: strijd met Wet op het HO, strijd met het gelijkheidsbeginsel, strijd met WOB en strijd met doelmatigheidsoverwegingen’ Zoals gebruikelijk is bij een procedure voor het Cobex, worden partijen – de examencommissie en ik – eerst uitgenodigd samen tot een schikking te komen. In dit geval was dat een mailtje van het Bureau Examencommissie waarin mij duidelijk werd gemaakt dat de examencommissie zich niet bevoegd achtte, nu het aan de afdelingsvoorzitter, Arthur Salomons, was om dit te regelen. Van hem kreeg ik ook een e-mail: met het bepaalde in de Onderwijs- en Examenregeling was de kopieerheffi ng niet in strijd, volgens hem. Omdat een schikking niet bereikt werd, heeft het Cobex mij en de voorzitter van de examencommissie gehoord. Dit leidde

7


nog tot een grote lach van de voorzitter van het Cobex, Jaap Zwemmer, toen ik opmerkte dat de irritatie niet zozeer gelegen was in de hoogte van de bijdrage, maar in de onhandigheid van het gebrek aan wisselgeld. Zes weken later viel dan eindelijk de uitspraak op de deurmat: drie pagina’s waarin het verloop van het geding en de standpunten van partijen beschreven werden, en waarin uiteindelijk mijn beroep gegrond verklaard werd en het bestreden besluit vernietigd. Nu wordt de examencommissie opgedragen een nieuw besluit te nemen. Hoe nu verder? Deze uitspraak heeft een aantal belangrijke gevolgen. Ten eerste zal de examencommissie een nieuw besluit moeten nemen ten aanzien van mijn tentamen Civiel bewijsrecht, en de openbaarmaking van de door mij gegeven antwoorden. De uitspraak heeft echter ook precedentwerking: elke student kan nu gratis elk tentamen ophalen. De argumenten die het Cobex gebruikt heeft, zijn immers niet verbonden aan mijn situatie. Als de faculteit het beleid dus niet wijzigt, kan elke student een kopie van mijn beroepsschrift insturen, en daarmee de faculteit zodanig veel werk bezorgen dat men wel tot wijziging zal overgaan.

‘Als de faculteit het beleid niet wijzigt, kan elke student een kopie van mijn beroepsschrift insturen, en daarmee de faculteit zodanig veel werk bezorgen dat men wel tot wijziging zal overgaan.’ 8

‘De opbrengsten van de kopieerkostenvergoeding kwamen ten goede aan de Stichting Vluchteling-Studenten UAF. Is deze stichting belanghebbende?’ Ook voor sommige vluchtelingen in Nederland heeft deze uitspraak gevolgen. De opbrengsten van de kopieerkostenvergoeding kwamen immers ten goede aan de Stichting Vluchteling-Studenten UAF. Deze bron van inkomsten zal nu hoogstwaarschijnlijk verloren gaan. Een leuke tentamenvraag voor het vak bestuursrecht: is deze stichting belanghebbende? Het antwoord: nee, want het belang is niet rechtstreeks, maar afgeleid. Het wordt immers beheerst door de privaatrechtelijke relatie tussen het secretariaat en de stichting. Tenslotte moet worden opgemerkt dat nog hoger beroep kan worden ingesteld bij het College van beroep voor het hoger onderwijs. Dat dit gebeurt, acht ik echter niet erg waarschijnlijk.


‘Ze’ leefden nog lang en gelukkig… Door Laura Aalders

I

s het vandaag de dag nog wel zo verstandig om te trouwen? Als klein meisje word je er al mee grootgebracht. Sneeuwwitje, Doornroosje, Assepoester, allemaal zielige vrouwtjes die uiteindelijk de ware prins ontmoeten en gaan trouwen. In de tijd dat vrouwen nog geen eigen inkomen hadden was dit natuurlijk de manier om aan een lekker parfum of aan een mooie pannenset te komen, maar nu hebben we die prins toch helemaal niet meer nodig? Toch schrik ik ervan hoeveel vrouwen er partneralimentatie ontvangen van hun man en dan ook nog eens absurde bedragen. Begrijp me niet verkeerd, ik heb niks tegen kinderalimentatie. Maar ik vind het wel scheef, dat wanneer een getrouwd stel kinderen heeft, de partneralimentatie twaalf jaar duurt. Wanneer een stel geen kinderen heeft, heeft de partner alleen recht op twaalf jaar alimentatie indien het huwelijk langer dan vijf jaar heeft geduurd. Bij een kinderloos huwelijk dat korter dan vijf jaar duurde, heeft de partner recht op alimentatie voor zolang het huwelijk duurde.1 Indien je huwelijk zo goed als op is, maar je hebt wel kinderen, kun je dus het beste die vijf jaar uitzitten en daarna je slag slaan. Volgens onderzoek van het CBS uit 2009, bedraagt kinderalimentatie in ruim een kwart van de gevallen zo’n 500 euro per maand. Indien er drie kinderen of meer deel uitmaken van het vroegere gezin, wordt er in 50% van de gevallen meer dan 500 euro toegewezen. Verder is het, wat betreft partneralimentatie, zo dat deze in ruim een kwart van de gevallen 1200 euro of meer bedraagt.2 Daarbij komt dat alimentatie van de vrouw aan een man bijna niet voorkomt, slechts in 1% van de gevallen. Leven we soms nog in het stenen tijdperk? Het is een feit dat er genoeg hoogopgeleide vrouwen zijn die niet tot nauwelijks hebben gewerkt tijdens hun huwelijk. Als de fi guurlijke koek dan uiteindelijk op is, houden ze hun handje op voor de letterlijke koekjes in de supermarkt. Naar mijn mening neemt men bij voorbaat al een ‘fi nancieel risico’ als men in het

huwelijksbootje stapt. Zouden de VVD, PvdA en D66 dit met mij eens zijn? Zij kwamen met een wetsvoorstel om de duur van partneralimentatie van twaalf naar vijf jaren te verlagen. 3 Het systeem van partneralimentatie zit zo in elkaar dat de rechter kijkt naar het welstandsniveau van (in veel gevallen) de vrouw tijdens het huwelijk. Dit niveau zou zij moeten kunnen handhaven, ook na een scheiding. Ik ben het met de politieke partijen eens dat dit totaal geen prikkels oplevert om middels eigen inkomen of opleiding op een gegeven moment in eigen onderhoud te voorzien. In de initiatiefnota staat dat partijen het wel eens zijn met de alimentatieplicht van de man, gezien de relatieve achterstandspositie van de vrouw. Ik ben het hier niet mee eens. Vrouwen anno 2013 zijn zich heus bewust geweest van fi nanciële of carrière gerichte keuzes in hun leven. De partijen vinden wel dat de ‘economische onzelfstandige startpositie’ van de vrouw na een scheiding niet mag betekenen dat zij in deze afhankelijke positie blijft zitten.

‘Als de fi guurlijke koek dan uiteindelijk op is, houden ze hun handje op voor de letterlijke koekjes in de supermarkt’ 9


Natuurlijk zijn er altijd verhalen over stellen, waarbij de vrouw jarenlang voor de kindjes en het huis heeft gezorgd, zodat haar man carrière kon maken. De partijen zijn coulant en houden er rekening mee dat een huwelijk langer dan vijftien jaar kan duren en de zorgverdeling op deze manier is gegaan. De partneralimentatie hoeft dan geen vijf jaar te bedragen, maar de helft van de duur van het huwelijk met een maximum van tien jaar. Verder wordt er gepleit om partners zelf, gezamenlijk hun partneralimentatie te laten berekenen via een internettool die nog nader gepresenteerd dient te worden.

‘De heer Berlusconi dient maandelijks drie miljoen euro te betalen aan zijn ex-vrouw Veronica Lario’

10

Het gekke is, dat indien men op huwelijkse voorwaarden is getrouwd of een geregistreerd partnerschap is gegaan, men van begin af aan al had mogen afwijken van de wettelijke verplichting tot partneralimentatie. Er is namelijk sprake van contractsvrijheid. Dan nog willen partijen inbrengen om de alimentatie geleidelijk te laten afl open, zodat vrouwen geprikkeld worden om in eigen behoefte te gaan voorzien en er geen abrupte andere situatie intreedt. Hoe de partneralimentatie precies berekend wordt is niet geheel duidelijk; men kijkt naar de behoefte van de vrouw en de draagkracht van de man. Op alimentatiewijzer.nl kun je aan de hand van je eigen netto inkomen, dat van je man en de behoefte per kind uitrekenen hoeveel jouw eigen partneralimentatie moet zijn. Ik vind het nogal vreemd, dat bij deze berekening ook de behoefte van het kind wordt meegerekend. Voor de grap heb ik mijn eigen inkomen op 0 euro (netto) gezet, dat van mijn denkbeeldige man op 4000 euro (netto) en de behoefte van ons kind op 500 euro. Volgens de berekening heb ik dan zelf recht op 2220 euro. Op zich niet verkeerd!4 Deze berekening is volgens de website gebaseerd op de Tremanormen 2013, dit zijn richtlijnen uitgebracht door de NVvR (Nederlandse Vereniging voor de Rechtspraak). Voor de rechtenstudent die van rekenen houdt, hierbij het schema volgens de NVvR5:


De kern van de draagkrachtberekening schematisch weergegeven: inkomsten netto besteedbaar inkomen volgens netto of bruto methode €... af: lasten bijstandsnorm €… andere relevante lasten €… draagkrachtloos inkomen €… draagkrachtruimte €… draagkracht = bepaald percentage (draagkrachtpercentage) van de draagkrachtruimte. Gaat het erom wat de betrokkene aan alimentatie kan betalen? Dan krijgt het schema als vervolg:

Noten 1 Rijksoverheid (z.d.) Partneralimentatie, http://www. rijksoverheid.nl/onderwerpen/scheiden/partneralimentatie 2 Echtscheiding aanvragen (z.d.) Echtscheiding en alimentatie – de cijfers, http://www.echtscheiding-aanvragen.com/ echtscheiding-alimentatie-cijfers 3 Steur, van der, Recourt en Berndsen. Initiatiefnota partneralimentatie, http://www.pvda.nl/data/sitemanagement/ media/PvdA_Recourt_Partneralimentatie.pdf 4 Alimentatiewijzer (z.d.). www.alimentatiewijzer.nl 5 Nederlandse Vereniging voor Rechtspraak (z.d.). NVvRrapport Alimentatienormen , http://www.nvvr.org/view. php?Pagina_Id=26 6 Volkskrant.nl (24 april 2013). Berlusconi moet 3 miljoen per maand aan alimentatie betalen, http://www.volkskrant. nl/vk/nl/2668/Buitenland/article/detail/3431259/2013/04/24/ Berlusconi-moet-3-miljoen-per-maand-aan-alimentatiebetalen.dhtml

maximale alimentatie = draagkracht + eventueel fi scaal voordeel Het kan nog erger dan mijn 2220 euro. De heer Berlusconi dient maandelijks drie miljoen euro te betalen aan zijn ex-vrouw Veronica Lario. Zij had in 2009 een scheiding aangevraagd, vanwege de affaire van haar man met een minderjarig meisje. Het gerechtshof in Milaan heeft woensdag bepaald dat het eens is met de eerdere uitspraak van de rechtbank. Het hoger beroep van de Italiaan heeft dus niet mogen baten. Gelukkig is hij nu alweer verloofd met de 28-jarige Francesca Pascale, die een halve eeuw jonger is dan hijzelf.6 Al met al is het systeem rondom alimentatie erg onduidelijk en ik hoop dat er snel een meer transparant systeem komt. Een systeem waarbij de rechter minder nodig is, vrouwen geprikkeld worden tot fi nanciële zelfontplooiing en partners er op een menselijke manier samen uit kunnen komen.

11


Meer verdienen en minder betalen bij de kapper Door Tarek Hiemstra

H

et gelijkheidsbeginsel wordt door veel mensen gezien als het belangrijkste grondrecht en staat daarom niet voor niets verwoord in artikel 1 van onze Grondwet. Uit dit artikel volgt onder meer dat het niet toegestaan is om te discrimineren op grond van geslacht. De maatschappij als geheel en de overheid streven naar een zo gelijkwaardig mogelijke positie van man en vrouw en vergeleken met andere landen wereldwijd doen we het absoluut niet slecht. Dit blijkt uit de jaarlijkse Global Gender Gap Index, dat jaarlijks wordt uitgebracht door het World Economic Forum in Genève. We doen het zelfs een stuk beter dan de Verenigde Staten.1 In Nederland willen we dat mannen en vrouwen altijd gelijke rechten hebben en die gelijkheid tussen man en vrouw wordt zo belangrijk geacht dat dit grondrecht regelmatig boven andere grondrechten en vrijheden lijkt te staan. Dit werd nog eens benadrukt door de Hoge Raad in het SGP arrest.2 Daarin oordeelde de Hoge Raad dat Nederland in strijd handelt met het VN-Vrouwenverdrag door toe te staan dat bij de SGP vrouwen niet verkiesbaar mogen zijn. Of je blij moet zijn dat je een man dan wel een vrouw bent, laat ik hier in het midden en ik verwijs u graag door naar een van de vele lijstjes die op het internet te vinden zijn3 (let op: satire). In dit artikel wil ik vooral ingaan op de twee belangrijke fi nanciële voordelen die de man vaak geniet ten opzichte van de vrouw:

12

meer verdienen en minder betalen bij de kapper. Het fi nanciële voordeel dat vrouwen tijdens het uitgaan hebben bespreek ik ook. Zijn deze voordelen altijd onrechtvaardig, of is het juist wenselijk dat er soms onderscheid gemaakt wordt? Financiële voordelen voor mannen Mannen verdienen meer dan vrouwen en volgens recente gegevens van het CBS verdienen vrouwen maar liefst 15% minder dan mannen.4 Het CBS komt tot deze conclusie door te kijken naar factoren zoals opleiding, leeftijd en ervaring en vervolgens een correctie toe te passen. Dit is uiteraard een voordeel voor de man, maar zeker niet wenselijk aangezien dit niet strookt met het gelijkheidsbeginsel. Een ander voordeel is dat vrijwel elke kapper in Nederland aparte tarieven heeft voor mannen en vrouwen. Logisch zou je denken, een vrouw knippen kost nou eenmaal veel meer tijd en inspanning. Maar in Denemarken mogen kappers niet langer andere tarieven rekenen voor vrouwen. De Deense Raad van Gelijke Behandeling vindt het ‘discriminatie’ dat vrouwen meer moeten betalen voor een knipbeurt.5 Financiële voordelen voor vrouwen Vrouwen hebben in elk geval ook een belangrijk fi nancieel voordeel ten opzichte van mannen, namelijk dat vrouwen over


het algemeen een betere behandeling krijgen tijdens het uitgaan. Ze hebben vaak gratis toegang tot clubs en ze krijgen vaak gratis consumpties. Het is ook heel begrijpelijk, want het is in het belang van de eigenaar dat er zo veel mogelijk vrouwen naar de uitgaansgelegenheid komen en daar vervolgens ook blijven. Naar mijn weten is er nog geen regelgeving die dit verbiedt, maar de Commissie Gelijke Behandeling oordeelde in 2011 voor het eerst dat een café onderscheid maakte op grond van geslacht; enkele vrouwen kregen tussen tien en twaalf uur ‘s avonds gratis consumptiebonnen.6

‘Vrouwen zijn anders dan mannen en verschillen zullen altijd blijven bestaan’

Financiële voordelen in strijd met gelijkheidsbeginsel? In beginsel zijn voordelen die slechts voor een bepaald geslacht gelden, zeker de fi nanciële voordelen, in strijd met het gelijkheidsbeginsel. Gratis drankjes voor vrouwen staat op gespannen voet met het gelijkheidsbeginsel, maar dit ‘probleem’ speelt al heel lang en veel mannen beschouwen dit als normaal en acceptabel. Maar ik ben van mening dat in het geval van gelijktrekken van kapperstarieven, de emancipatie volledig doorslaat en dat het juist wenselijk is dat in dit soort gevallen onderscheid gemaakt wordt. Vrouwen zijn anders dan mannen en verschillen zullen dus altijd blijven bestaan. Gelukkig maar! Noten 1 ‘The Global Gender Gap Index 2006 – 2012’, World Economic Forum, 24-10-2012, http://www3.weforum.org/ docs/GGGR12/MainChapter_GGGR12.pdf 2 HR 9-4-2010, NJ 2010, 388(SGP) 3 http://www.lachmee.nl/Teksten/tekst%20voordelen%20 man%20zijn.htm 4 Dagblad NRC, 06 - 03-2013, ht tp://w w w.nrc.nl/ carriere/2013/03/06/cbs-vrouwen-verdienen-15-procentminder-dan-mannen/ 5 ‘RTL Nieuws Editie NL’, 23-01-2013, http://www.rtl.nl/ components/actueel/editienl/nieuws/2013/w04/gelijkheidbij-de-kapper.xml 6 ‘Rechtennieuws.nl’, 30-06-2011, http://rechtennieuws. nl/33625/cgb-over-gratis-drankjes-voor-vrouwencaf%26eacute%3B-discrimineert-met-ladies-night.html

13


NEE tegen vrouwenonderdrukking, JA tegen de Sharia Door Mailano Ahmadzai

D

Vrouwenrechten Het feit dat de Koran en de Sharia worden geïnterpreteerd, zoals we dat vandaag de dag kennen, wil niet zeggen dat overal ter wereld waar er een islamitische wetgeving is de vrouwen daadwerkelijk ondergeschikt zijn. Er moet een duidelijk verschil worden gemaakt tussen de manier van interpreteren en de praktijk. Hierna ga ik een tiental voorbeelden geven van rechten die vrouwen in islamitische landen, ondanks extremistische interpretaties, gewoon hebben. De Koran De onaantastbare interpretatie van de Koran heeft er altijd al voor In een werkelijk islamitische samenleving hebben vrouwen de gezorgd dat vrouwen met een achterstand moeten beginnen; er volgende islamitische rechten: is sprake van een fundamentele rechtsongelijkheid. De Koran • Het recht en de plicht tot het volgen van educatie. zegt in Soera 2:223: “Jullie vrouwen zijn (als) akkers voor jullie, 1 • Het recht op onafhankelijke bezit. komt dan tot jullie akkers zoals jullie wensen.” • Het recht om te werken en geld te verdienen als ze dit Dit geeft aan dat mannen een handelingsvrijheid hebben nodig hebben of willen. wanneer het aankomt op het bedrijven van de liefde met hun • Gelijke betaling als mannen voor hetzelfde werk. vrouw. Handelingsvrijheid houdt hier in dat het niet uitmaakt • Het recht om volledig te participeren in het openbare hoe, als er maar geploegd wordt. leven en hun meningen gehoord te hebben door de Ongelijkheid wordt verder duidelijk in soera 2:282: ‘’And let machthebbers. two men from among you bear witness to all such documents • Het recht dat haar man haar voorziet van al haar [contracts of loans without interest]. But if two men be not benodigdheden en meer. available, there should be one man and two women to bear • Het recht om over de huwelijksvoorwaarden van haar witness so that if one of the women forgets (anything), the keuze te onderhandelen. other may remind her.” 1 Hier wordt gesuggereerd dat vrouwen • Het recht op een scheiding, zelfs op de grond dat ze zwakzinniger zijn in vergelijking met mannen. haar man simpelweg niet uit kan staan. • Het recht om al haar eigen geld te houden (ze is voor het onderhoud van geen enkel familielid verantwoordelijk). • Het recht om seksueel bevredigd te worden door haar man.2 e Sharia, een wetgeving waar manne n er op vooruit gaan, maar waar vrouwen er helaas op achteruit gaan. De mannen hebben een rijk aan rechten, terwijl het vrouwelijk geslacht arm achterblijft. De vrouwen kunnen de toekomst van de islamitische wereld veranderen, maar zij worden tegengehouden. De vraag rijst dan ook: zet de Sharia de vrouw consequent op achterstand, en zo ja waaruit blijkt dat?

‘De mannen hebben een rijk aan rechten, terwijl het vrouwelijk geslacht arm achterblijft’

14

Conclusie Heden ten dage heerst er een beeld dat er veel verschil is tussen vrouwen in de islam en de vrouwen in het westen. De media dragen hier ook een steentje aan bij. In feite is er geen sprake van achterstellen van het vrouwelijk geslacht in de islam. Misinterpretaties en het plaatsen van teksten in een verkeerde context zijn de oorzaken van deze beeldvormingen. Als je de islam bekijkt vanuit een westers oogpunt kom je tot een heel andere conclusie dan wanneer je het met een Islamitisch


perspectief analyseert. Wil je de bedoelingen van de Sharia in verhouding tot de vrouwenrechten in de islam begrijpen dan moet je dat met een ander oogpunt doen. Alleen dan kan de Sharia goed tot zijn recht komen. De essentie van de islam is dat mannen en vrouwen met een doel en boodschap op de wereld zijn gezet; iedereen heeft bepaalde kwaliteiten. Het is lastig om het vrouwelijk geslacht met het mannelijk geslacht te laten concurreren wanneer het bijvoorbeeld aankomt op zwangerschap en moederschap. Mannen en vrouwen hebben andere kwaliteiten en tekortkomingen, maar dat houdt niet in dat er geen gelijkwaardigheid is tussen beiden in de islam. Er kan met andere woorden gezegd worden dat in de islam de vrouw een op zichzelf staand fenomeen is en niet per defi nitie vergeleken moet worden met het mannelijk geslacht. Zij hebben kwaliteiten en rechten die de mannen niet hebben en vice versa. Als we naar het westen kijken zien we dat de meeste hoge posities worden bekleed door voornamelijk mannen. Een duidelijk voorbeeld hiervan in Nederland is de politieke partij SGP. Dit gebeurt vaak met voorbedachten rade en is niet per se incidenteel. Hiermee wil ik aangeven dat ook hier ogenschijnlijk wordt gekeken naar de kwaliteiten die mannen hebben ten opzichte van vrouwen en omgekeerd. De islam leert niet alleen dat de vrouw een belangrijke verantwoordelijkheid en positie heeft in de samenleving, maar heeft ook het systeem op zijn plaats om de veiligheid, het succes, het geluk en de veiligheid van de vrouw in die samenleving te bewerkstelligen

‘Het feit dat de Koran en de Sharia worden geïnterpreteerd, zoals we dat vandaag de dag kennen, wil niet zeggen dat overal ter wereld waar er een islamitische wetgeving is de vrouwen daadwerkelijk ondergeschikt zijn’

Noten 1 Arlandson, James M. Top ten rules in the Quran that oppress and insult women, http://www.answering-islam.org/Authors/ Arlandson/women_top_ten.htm 2 http://www.islamic.org.uk/dutch/womright.html 3 Vreeken, R. (2010). Baas in eigen boerka. Van Koran tot girlpower, Amsterdam: Meulenhoff

15


Ongelijkheid als basis voor de Europese crisis Door Rogier van der Wolk

V

olgens de fi losofi sche stroming van het Stoïcisme was een ieder gelijk. Niet op voet van geslacht of afkomst, maar op grond van de ratio – een eigenschap die elk mens bezit. Tijdens de gruwelheden van de Middeleeuwen raakte dit idee in verval, en was ongelijkheid de norm. Toch herleefde het gelijkheidsstreven weer tijdens de Verlichting die volgde. Dat bracht ons tot de Franse Revolutie waar aan de hand van de leuze´ Liberté, Égalité e Fraternité´ (vert.: Vrijheid, Gelijkheid en Broederschap), met uitzondering van de wraaklustige guillotine, hoogtij werd gevierd. Maar zijn wij daarna niet doorgeslagen? Gelijkheid wordt in het Westen vaak nog gezien als een element van de ideale samenleving. Het thema wordt gebruikt – of misbruikt – om grotere vraagstukken zoals vrijheid en rechtvaardigheid vorm te geven. Zo gelden in beginsel dezelfde rechten en plichten, en eventueel strafmaat, voor ieder individu. Maar soms kan de blindheid, veroorzaakt door het naïeve verlangen naar deze illusie, ook averechts werken. Zo kan het gebeuren dat, in de hoop de seksebalans in onze mannencultuur te herstellen, er gelijk of minder competente dames op functies belanden waar dat niet noodzakelijk (lees: geheel logisch) is. Maar ook worden grote verschillen (bewust) over het hoofd gezien, omdat ongelijkheid inmiddels een taboe is.

‘Ik vrees dat de nadruk op gelijkheid een serieus gevaar begint te vormen’ Ik vrees dan ook dat de nadruk op gelijkheid een serieus gevaar begint te vormen. Mijn bezorgdheid strekt ondertussen tot ver buiten de landsgrenzen. Ik heb het over de Europese Unie. Een supranationaal orgaan dat ten doel heeft een interstatelijke gemeenschap te vormen waar welvaart centraal staat, mede door

17


‘De ‘rijke’ fi nanciële instanties uit het noorden hebben die getinte gladjanussen al die tijd in stand gehouden met leningen’ de invoering van een muntunie. Er is de afgelopen decennia grootschalig uitgebreid, maar is er wel rekening gehouden met verschillen, zeg: ongelijkheid, die normaliter juist voor zoveel rijke verscheidenheid zorgt? Zo is er in ieder geval wel degelijk een groot verschil tussen het noorden en zuiden, alleen al economisch. Germaanse landen als Nederland en Duitsland, exportlanden van weleer, waar voornamelijk veel geld wordt verdiend door het verkopen aan het buitenland. De mediterrane landen zijn het spiegelbeeld daarvan met telkens weer een importoverschot. Vroeger gecorrigeerd door devaluering van de eigen munt om aantrekkelijker te worden op de internationale markt en zo de schade te beperken. Echter, nu met de Euro hebben zij dat niet meer in de hand en krimpt de eigen economie daar razendsnel. Vanzelfsprekend heeft dit ook nadelige gevolgen voor ons, hier in de koudere landen, waardoor wij allen in een neerwaartse spiraal zijn beland. Populisten als Geert schreeuwen om het afscheiden van landen als Griekenland, maar wat hij niet begrijpt is dat wij onszelf dan alleen maar meer in de vinger snijden. De ‘rijke’ fi nanciële instanties uit het noorden hebben die getinte gladjanussen namelijk al die tijd in stand gehouden met leningen, waardoor ‘onze’ banken nu allemaal een eigen vermogen hebben dat voor een groot deel gevuld is met vorderingen. Met de faillietverklaring van een dergelijk land zouden gigantische gaten ontstaan waar de kredietverstrekkers aan ten onder zouden gaan wat nog meer malaise tot gevolg heeft. Maar zoals u begrijpt heeft de chaos niet alleen met het principe van de handelsbalans te maken, en is dit slechts een gevolg van een dieper verschil. Er is immers een wezenlijk fundamenteel verschil te herkennen tussen de noorder- en zuiderlingen. Waar enerzijds Nederland probeert het braafste jongetje van de klas te zijn, Duitsland hard werkt voor zijn zaak en Frankrijk ernaar

18

streeft de beste van het continent te zijn, houdt men zich anderzijds in landen als Italië en Spanje bezig met respectievelijk bunga bunga feesten en het overeind houden van voetbalclubs met gigantische schulden. Waar wij in het noordwesten structuur hoog in het vaandel hebben, wordt in de landen waar de crisis nu het grootst is bij de waan van de dag geregeerd en voluit geklaagd over strenger toezicht. Mijn grote vraag is dan ook: willen wij samen in een unie zitten met deze ongelijke staten? Zijn zij niet de inmiddels onze eigen bekende beruchte PSV-kabel geworden die ons van de top houden? Mijn utopische beeld voor het Europa waar ik woon is een unie met gelijkgestemden. Landen uit Noord- Europa waar hard wordt gewerkt, kritisch wordt gekeken en rationeel wordt uitgevoerd. Uiteraard, moge duidelijk zijn, het delen van welvaart is nobel, maar laten wij dat bereiken door middel van het sluiten van handelsverdragen met die betreffende landen, en niet door met ze in hetzelfde schuitje te gaan zitten!


Bachelorreis Edinburgh Door Sascha van Gerrevink

H

‘Ik ben geen overtuigd gelover in geesten en al dat meer, maar de sfeer in de gewelven was op z’n minst gezegd unheimlich’

Whiskyproeverij

et is alweer zo’n twee maanden geleden dat de JFAS met 35 studenten vroeg in de ochtend op Schiphol verzamelde om het vliegtuig naar Edinburgh te pakken. Na een korte vlucht stonden we op Schotse bodem en werden we opgehaald door een buschauffeur van het type getatoeëerdein de pub wonende-hooligan. Hij zat vol met verhalen, maar door zijn zware accent hebben we er weinig van begrepen. De middag begon gelijk spannend met een Ghost & Torture Tour door de ondergrondse gewelven van de South Bridge. Deze ruimten waren oorspronkelijk de opslagkamers van de kooplieden die hun winkels erboven hadden, maar de ruimten kwamen al snel leeg te staan toen bleek dat ze te vochtig waren en daardoor koopwaar verloren ging. Na jaren van vergetelheid werden de ruimten weer in gebruik genomen door de armste laag van de bevolking, op het moment dat dakloos zijn strafbaar werd gesteld. De ondergrondse gewelven werden een broedplaats van criminaliteit en prostitutie, een plek waar zelfs de politie zich liever niet begaf. Verhaal is dat er nog verschillende entiteiten ronddwalen, iets wat wij aan den lijve gingen ondervinden. Ik ben geen overtuigd gelover in geesten en al dat meer, maar de sfeer in de gewelven was op z’n minst gezegd unheimlich. Een gevoel dat me de rest van ons verblijf een beetje is blijven achtervolgen. Ineens waren er overal rare geluiden te horen en het blijvende onverklaarbare gevoel dat je niet alleen was... Om de spanning weer van ons af te schudden doken we aan het eind van de middag met de studenten van de lokale JFAS de kroeg in en sloten we de avond af met een driegangendiner waar sommige waaghalzen zich een Schotse delicatesse lieten voorschotelen; haggis. De meningen waren daarover zeer verdeeld. De donderdag stond in het teken van inhoudelijke activiteiten. Als eerste stond een bezoek aan de Law Society of Scotland op het programma; de beroepsvereniging voor solicitors. In Schotland wordt onderscheid gemaakt tussen solicitors en advocates, iets wat bij ons simpelweg een advocaat is. Solicitors zijn meer de adviseurs waar de advocates in de rechtbank staan. Nadat Katy van de Law Society ons meer inzicht had gegeven in het beroep van solicitor, brachten we een bezoek aan de University of Edinburgh waar ons door een tweetal professoren meer werd bijgebracht over het Common Law systeem. De dag was niet compleet zonder ook een bezoek te brengen aan de beroepsvereniging van de advocates, the Faculty of Advocates.

19


De avond stond in teken van feesten; we begonnen in Teviot, een studentenkroeg die je het beste kan omschrijven als een kasteel met tien studentenkroegen erin. Op aanraden van de lokale studenten gingen we vervolgens naar Silk waar je tot ieders verbazing voor bier, wijn, shotjes en mixjes maar één pond betaalde! Dikke pret dus. De volgende ochtend gingen we cultuur snuiven en wandelden we naar Edinburgh Castle om te genieten van een dosis geschiedenis en een prachtig uitzicht over de stad. De middag was vrij te besteden en werd door velen met beide handen aangepakt om de winkels op Princes Street leeg te kopen en een broodnodig dutje te doen. Aan het einde van de middag verzamelden we weer aan de voet van het kasteel voor een heuse whiskyproeverij. Om middernacht was een van ons jarig en dat konden we natuurlijk niet zonder een feestje voorbij laten gaan, dus op naar de volgende club! Het begon, door de weinig aantal uurtjes slaap, bij iedereen langzamerhand zijn tol te eisen. Dus toen we Arthur’s Seat – vulkanische berg aan de rand van de stad – gingen beklimmen zetten we laag in en streefden er niet naar de top te bereiken. De frisse lucht en het stralende zonnetje deed een deel van onze groep echter zo goed dat we gelijk doorstoomden naar de top waar we werden beloond met een prachtig uitzicht over heel Edinburgh. Na de afdaling zijn we met een goede omweg (taxirit van 40 minuten terwijl het kleine tien minuutjes wandelen was) bij het restaurant aangekomen, waar we zeer uitgebreid hebben geluncht. Rozig van de after dinner dip deden we nog snel een dutje voor we ons klaarmaakten voor de laatste avond stappen. And we went out with a bang!

‘De avond stond in teken van feesten; we begonnen in Teviot, een studentenkroeg die je het beste kan omschrijven als een kasteel met tien studentenkroegen erin’

De Vulkanische berg: Arthur’s Seat

20


Work hard, play hard Door Stefanie Driever en Judith Wiarda

I

eerste week een introductie van Saba door met de Afdeling Burgerzaken het hele eiland rond te rijden en bij iedereen een stembiljet af te geven. Op de verkiezingsdag zelf waren we beiden aangesteld tot lid van het stembureau en hebben we maar liefst 228 van de 802 kiezers mogen ontvangen. Deze lage opkomst was enigszins te verwachten, aangezien veel Sabanen kritiek hadden geuit op de gang van zaken naar aanloop van de verkiezingen. De eilandbewoners hadden geen idee op wie ze konden stemmen, wat de standpunten van de partijen waren en bovenal voelden ze zich totaal niet verbonden met de Nederlandse politiek (ter vergelijking: alle debatten tussen Obama en Romney werden op de voet gevolgd). Bij de landelijke evaluatie hebben we deze gang van zaken aangekaart en we zijn dan ook benieuwd hoe de verkiezingen in het vervolg zullen verlopen en of de betrokkenheid met de Nederlandse politiek zal toenemen. Twee jaar na de transitie vond er nogmaals een belangrijke verandering plaats. Op 10 oktober 2012 werd het recht op abortus, euthanasie en het huwelijk tussen twee Vlak na onze aankomst op Saba vonden de Tweede personen van gelijk geslacht op de BES-eilanden ingevoerd. Kamerverkiezingen plaats en als zijnde Openbaar Lichaam van Vooral de laatstgenoemde verandering zorgde voor veel Nederland mochten de Sabanen stemmen in de BES-Kieskring vragen en om goed hierop te kunnen anticiperen werden (Bonaire, Sint Eustatius en Saba). Straatnamen noch huisnummers wij aangesteld als ‘contactpersoon homohuwelijk’. bestaan hier, dus het was effi ciënter om de stembiljetten bij We deden onderzoek naar de wettelijke veranderingen en wat dit eenieder langs te brengen. Op deze manier kregen wij in onze in de praktijk met zich meebracht. Tevens hebben we hotels en nmiddels waren we de trotse bewoners van een huis in Lower Hell’s Gate; niet het meest spannende dorp van het eiland maar wel de perfecte plek om na een dag werken met een fl esje wijn het dak op te klimmen en van de zonsondergang te genieten. Gedurende de eerste weken kwam er veel nieuwe informatie op ons af en werden we wegwijs gemaakt in de wet- en regelgeving en de verhoudingen tussen de Nederlandse overheid en de lokale overheid. Voor de Sabaanse overheid is er in de organisatie veel veranderd de afgelopen jaren. Dit heeft allemaal te maken met de grote ‘D-Day’ tien-tien-tien, zoals de transitie hier wordt genoemd. Een van de meest ingrijpende veranderingen is de invoering van het dualisme geweest. Sinds de transitie bestaat de plaatselijke overheid uit een Eilandsraad, vergelijkbaar met de Nederlandse Gemeenteraad, en een Bestuurscollege, vergelijkbaar met het College van Burgemeester & Wethouders. De Gezaghebber maakt deel uit van beide organen, waardoor wij ons bezighielden met wetgevende - en uitvoerende taken.

21


luxe resorts, die wilden weten of ze Saba nóg aantrekkelijker als huwelijksreisbestemming konden aanbieden, voorgelicht over de wijziging. De voorpagina van The Daily Herald (de krant van de Cariben) was op 18 december 2012 gevuld met een foto van de eerste huwelijksvoltrekking van een mannelijk stel uit Curaçao, die elkaar eeuwige trouw op The Unspoiled Queen beloofde. Na enkele maanden kregen wij een telefoontje van onze stagebegeleider, toen werkzaam op Sint Eustatius, met de vraag of wij een paar dagen die kant op wilden komen om te notuleren voor een Adviescommissie. Deze commissie zou oordelen over bezwaren die waren geuit na de reorganisatie die had plaatsgevonden bij het Openbaar Lichaam Sint Eustatius. Daar hoefden we natuurlijk niet lang over na te denken en we gingen de uitdaging aan. Dertig ambtenaren hadden een klacht ingediend in verband met hun ontevredenheid over de nieuwe plaatsing, werkzaamheden, salaris of toekomstperspectief. Onze taak was om alles vast te leggen, maar tevens om input te geven bij de beoordeling van de bezwaren. Met de door ons inmiddels opgedane kennis van het ambtenarenrecht, geldend in Caribisch Nederland, hebben we de Adviescommissie versterkt.

gesteld, maar bovenal waren de reacties positief en hopelijk zal deze verordening binnenkort worden aangenomen. Dit was niet het laatste werk binnen de dierenriem, ook heerste er een probleem wat betreft varkens op Saba. Ergens verscholen, in een van de woonwijken, stond een ‘pig farm’ die behoorlijk veel stank en ongedierte over het eiland verspreidde. De details zullen we jullie besparen, maar het kwam erop neer dat deze installatie inclusief beesten weg moest. Makkelijker gezegd dan gedaan, want Varkentjes wassen Toen wij hoorden dat Saba gebruikt is in de originele King Kong- naast de buurtbewoners, moesten ook de dierenbescherming, de fi lm, hadden we hoge verwachtingen van exotische dieren die politie en het ministerie hierover gehoord worden. Zo gingen wij in mantelpak en op hoge hakken de modder in om de situatie mogelijkerwijs op het eiland aanwezig zouden zijn. De werkelijkheid bleek tegen te vallen. De rots wordt gevuld met eens goed te bekijken en probeerden we als bemiddelaar op te hordes kippen en geiten en bij een ruige junglewandeling kom je treden tussen de belanghebbenden. Spareribs voor het hele eiland hier en daar een slang tegen, maar heel veel groter en spannender klonk als een goede oplossing, maar helaas werden we met de dan de leguanen gaat het op Saba toch niet worden. Echter, we procedures van het bestuursrecht geconfronteerd. Tot op de dag hebben ons heel wat maanden beziggehouden met het beleid van vandaag is het laatste woord er nog niet over gezegd, dus en de wetgeving betreffende huisdieren en vee. Al maanden we zijn erg benieuwd wanneer het dossier pigfarm dan eindelijk heerste er onrust omtrent de zogenaamde ‘gevaarlijke honden’. gesloten kan worden. Er hadden accidenten plaatsgevonden en dit zorgde ervoor dat de Eilandsraad wat vaart achter de verscherping van de wetgeving Echte eilandbewoners wilde zetten. We vergeleken wetgeving van verschillende Na zowel de kerstdagen als de jaarwisseling in de Cariben gevierd eilanden en stelden aan de hand daarvan de ´Hondenverordening te hebben, voelden we ons meer Sabaan dan ooit te voren. Als Saba´ op die we vervolgens mochten presenteren en verdedigen het kwik beneden de 20 °C kwam kregen we al kippenvel en als in de Eilandsraadvergadering. Er werden enige kritische vragen we op een ander eiland een drukke stad betraden, kregen we het benauwd van de drukte. Het weidse uitzicht over de oceaan is iets waar we verslaafd aan zijn geraakt en naarmate de thuiskomst naderde, konden we ons nog maar moeilijk voorstellen dat we zo weer in het Amsterdamse leventje zouden stappen. Ook al heten we geen Johnson of Hassell, zoals de achternaam van het merendeel van de eilandbewoners luidt, we werden toch als échte Sabanen beschouwd en we mochten in onze laatste week zelfs Minister Plasterk begeleiden bij zijn bezoek aan Saba. Óf we terug willen, ja dat zeker. Hoe en wanneer weten we nog niet, maar een beetje Cariben zal altijd in ons bloed blijven.

22


Masterreis Zuid-Afrika Door Sascha van Gerrevink

N

a maanden van voorbereiding begon ook deze JFAS reis weer vertrouwd bij het rood-wit geblokte gevaarte op Schiphol. Nadat iedereen op de aanwezigheidslijst was afgevinkt en was voorzien van een I love JFAS sticker voor op de koffer kon de grote reis dan echt beginnen. We begonnen gelijk in stijl door met een A380 (grootste passagiersvliegtuig ter wereld) naar Dubai te vliegen. Emirates had ons heel strategisch achterin het vliegtuig geplaatst zodat niemand last zou hebben van onze gezelligheid, die zoals het de JFAS betaamt, met redelijk wat alcohol gepaard ging. Na een overstap van vier uur en een nog langere vlucht kwamen we op vrijdagmiddag dan eindelijk aan in Kaapstad. We werden warm verwelkomd door een stralende zon en door de Afrikaans sprekende taxichauffeur die we verbazingwekkend goed konden verstaan. Na een voor sommigen wat onrustiger taxiritje dan voor anderen (Kimo’s koffer is maar liefst twee keer uit het busje op de snelweg gevallen) konden we bij het hostel bijkomen van de vlucht aan het zwembad met een biertje in de hand genietend van de muziek van DJ Artjom; puur genieten. We waren het er dan ook snel over eens dat het bezoek aan de cocktailbar die voor de middag gepland stond werd overgeslagen en we zo lang als mogelijk van dit moment gingen genieten. 27 april is een nationale feestdag in Zuid-Afrika; de dag waarop de eerste democratische verkiezingen werden gehouden. Zaterdag was dus een mooie dag om een bezoek te brengen aan Robbeneiland. Na een onstuimig boottochtje werden we eerst met een bus over het eiland rondgeleid. Waar velen van ons verbaasd over waren is dat er nog steeds mensen wonen op Robbeneiland. Persoonlijk zou ik de voorkeur geven aan een woonplaats met een minder beladen sfeer. Wat bij

mij vooral is blijven hangen, is dat alles nog zo nieuw is. De apartheid is dan ook pas relatief kort geleden afgeschaft maar omdat ik het nooit bewust heb meegemaakt (ik ben geboren in het jaar dat de apartheid werd afgeschaft) is het altijd een ver van mijn bed show gebleven. De man die ons vervolgens door het cellencomplex heeft meegenomen had zelf een aantal jaar op Robbeneiland vastgezeten nadat hij was opgepakt voor deelname aan de Soweto rellen in 1974. Iemand die uit eigen ervaring kan vertellen hoe het is om jarenlang op een dun matje te slapen, amper te eten te krijgen en overdag zware arbeid in de mijnen te moeten verrichten, brengt de geschiedenis ineens heel dichtbij. Om de dag toch nog luchtig af te sluiten hebben we ons voor tien euro vol gegeten bij een all-you-can-eat sushitent om ons vervolgens te verplaatsen naar Tiger Tiger waar we onder het genot van champagne het volgende levensjaar van Kimo hebben ingeluid. De zondag stond in het teken van alle bijzonderheden die Kaapstad te bieden heeft. Met als hoogtepunt – letterlijk en fi guurlijk – de Tafelberg. Een groot deel was zo sportief om de berg te voet te beklimmen. Door de jaren heen heb ik al redelijk wat bergen beklommen en ben ik steeds tot de conclusie gekomen dat ik liever lui dan moe ben dus de kabelbaan was de aangewezen weg voor mij (en met mij een paar anderen). Boven gekomen bleek dit een juiste keuze te zijn. Een select groepje sportievelingen had al dampend van het zweet de top bereikt en was onderweg meerdere medeklimmers verloren. Door menigeen was de tocht dan ook onderschat (is de weg niet geasfalteerd dan?!). Toen iedereen uiteindelijk boven was hebben we kort maar krachtig genoten van het uitzicht (temperature:

23


cold, visibility: zero) voor we gezamenlijk de kabelbaan naar beneden namen. Daar aangekomen ontpopte Brenda zich tot een heuse tour guide en heeft zij ons meegenomen naar de mooiste plekjes van Kaapstad. Onderweg namen we een korte pauze om te genieten van ons allereerste Springbokkie van de reis. Een Springbokkie is hét nationale shotje van Zuid-Afrika en bestaat uit een deel Amarula en een deel Crème de Menthe. Hij heeft zijn naam te danken aan het feit dat het uit dezelfde kleuren bestaat als de kleuren van het nationale rugby team, de Springboks. Op maandag stond dan de eerste inhoudelijke activiteit op het programma. Voorafgaand aan de reis hadden we al een bezoek gebracht aan de Amsterdamse vestiging van Norton Rose; vandaag aan de Kaapse vestiging. Verschillende sprekers hebben getracht ons uit te leggen hoe het leven als advocaat er in ZuidAfrika uit ziet en wat er eigenlijk allemaal aan voorafgaat voor je zover bent. Conclusie is dat het een stuk makkelijker is om in Zuid-Afrika aan de slag te gaan dan in Nederland, een hoog gemiddelde is goed genoeg voor een baan. Nevenactiviteiten, buitenlandervaring en relevante werkervaring spelen eigenlijk geen rol. Na de lunch is een deel van de groep vertrokken naar het zuidelijkste puntje van Afrika: Kaap de Goede Hoop. Zelf had ik een ander plan: samen met Simone ben ik naar de haven gegaan waar we vanaf daar in de helikopter zijn gestapt om te genieten van een vlucht boven Kaapstad. Echt een van de geweldigste ervaringen ooit! Teruggekomen bij het hostel moesten er nog de laatste boodschappen worden gedaan voor de grote braai tijdens Koninginnenacht. Oranje kledingstukken en rood-wit-blauwe prullen werden uit de tassen getrokken en toen Joost zich over de braai ontfermde en Lotte over de Vodka-Caramel was er geen houden meer aan. Van de rest van de avond kan ik me alleen nog maar fl arden herinneren: Artjom die in het zwembad viel, Joost die 19 werd, Stefanie die op traditionele wijze met de locals danste, Alex die in de taxi in slaap viel en dan kan ik mijn eigen gesteldheid natuurlijk ook niet achterwege laten; ik eindigde ergens onder een tafel waar ik vakkundig Lottes veters aan elkaar knoopte. De volgende ochtend waren velen al vroeg uit de veren om te gaan cage diven met haaien, anderen bleven langer in bed om hun roes uit te slapen. Eind van de middag waren we allemaal weer fris en fruitig en klaar voor ons bezoek aan de University of Cape Town. De reis er naartoe was nog een heel avontuur. De taxi waar het eerste deel van de groep in zat begon namelijk na nog geen twee meter goed te roken en vatte (nadat iedereen als de wiedeweerga was uitgestapt) vlam. Op z’n Afrikaans stapte de taxichauffeur uit, pakte zijn boeltje en verdween de hoek om, om nooit terug te komen. De taxi stond ondertussen vredig uit te branden.

24


‘Niemand van ons had verwacht dat we juist daar met open armen werden ontvangen. Deuren gingen voor ons open, kinderen kwamen op ons afgerend voor een high fi ve of knuffel’

Township Gugulethu

Met wat vertraging waren we dan eindelijk aangekomen bij de University of Cape Town waar we werden ontvangen door Jonathan van de Law Students Council en Ibrahim van de Black Law Students Council. Zij hadden twee professoren Staatsrecht bereid gevonden vanuit hun expertise te vertellen over de ZuidAfrikaanse Grondwet. De ene professor woonde al zijn hele leven in Zuid Afrika en vertelde over de Grondwet tijdens de apartheid. De tweede professor was van Britste afkomst en was pas net voor de afschaffi ng van de apartheid naar Kaapstad verhuisd en vertelde meer over de overgangsperiode en de nieuwe grondwet. Na deze inleiding werd ons de gelegenheid gegeven om al onze vragen met betrekking tot apartheid en de nasleep ervan te stellen aan de studenten van de UCT. Ik overdrijf niet als ik zeg dat het super interessant was en dat alle studenten erg hun best deden om elkaars achtergronden en moeilijkheden te begrijpen. Het was dan ook al pikkedonker buiten toen we de universiteit verlieten om Koninginnedag te vieren in de enige Nederlandse bar die Kaapstad rijk is: Tommy’s Sports Bar. André Hazes en Guus Meeuwis schalden uit de speakers, broodjes kroket waren te koop, iedereen was in het oranje en sprak Nederlands. Woensdag trokken we door naar Stellenbosch, maar niet voordat we een bezoek brachten aan Gugulethu, een van de townships van Kaapstad. Niemand van ons had verwacht dat we juist daar met open armen werden ontvangen. Deuren gingen voor ons open, kinderen kwamen op ons afgerend voor een high fi ve of knuffel. We eindigden in Mzoli’s, waar we onder het genot van bier en braai, net als de locals, een dansje waagden. De bus die

25


ons terug naar Kaapstad bracht kwam voor iedereen een paar uur te vroeg, maar we moesten door naar Stellenbosch. Ook al is Stellenbosch maar een klein uurtje rijden van Kaapstad, het is een compleet andere wereld. Waar Kaapstad vol is met mensen van verschillende afkomsten die allemaal een andere taal spreken, is Stellenbosch een witte nederzetting waar iedereen Afrikaans spreekt. Zo ook de University of Stellenbosch, waar een groot deel van de lessen in het Afrikaans wordt gegeven en dus slechts toegankelijk is voor Zuid-Afrikanen die van huis uit Zulu of Xhosa spreken. Op de universiteit kregen we eerst algemene informatie over de instelling zelf en informatie over uitwisselingsmogelijkheden, wat voor velen zeker interessant was. Het zal me niets verbazen als we volgend jaar met de hele masterreisclub een semester in Stellenbosch studeren. Daarna kregen we een lezing over Afrikaans recht gevolgd door een rondleiding over campus en afsluitend een lunch met de lokale studenten die op het punt stonden om op uitwisseling te gaan. Zo weet ik alvast dat als ik volgend jaar in Gent studeer, ik daar een Zuid-Afrikaanse lotgenoot heb. Je kan niet naar Stellenbosch gaan zonder een wijnproeverij te doen, en als je er toch bent waarom niet gewoon twee. Nog lichtelijk brakjes van de avond ervoor bezochten we vrijdag aan het begin van de middag wijnboerderij Remhoogte. Prachtig gelegen in de bergen rondom Stellenbosch met een roedel schattige hondjes, zebra’s en wilde beesten in de achtertuin. Voor mij was het nog iets te vroeg dag om vol overgave van de heerlijke wijn te genieten, maar gelukkig was daar Alex die het geen probleem vond om voor twee te proeven. De proeverij bij Remhoogte werd opgevolgd door een wijnproeverij bij wijnbar Brampton in de hoofdstraat van Stellenbosch waar het allemaal al wat soepeler naar binnen ging. Dit kwam mede dankzij de kaasjes, Biltong en olijven die erbij geserveerd werden. ’s Avonds waren we zo uitgeteld dat we pizza’s bij het hostel hebben laten bezorgen en dutjes hebben gedaan zodat we weer opgeladen waren om het nachtleven onveilig te maken.

26

Zaterdagochtend was het weer inpakken geblazen want dit keer werden we opgehaald om naar Inverdoorn Game Reserve te gaan; een safaripark een kleine 200 kilometer bij Stellenbosch vandaan. Het was verreweg de mooiste locatie waar we tot dan toe hadden verbleven – ik denk zelfs de mooiste locatie waar de JFAS ooit tijdens een reis is verbleven. Tweepersoons chalets met grote donzige bedden en eigen badkamers, guesthouses met meer bedden dan gasten, neushoorns in de achtertuin en een sterrenhemel waar je in verdrinkt. Jachtluipaarden, olifanten, zebra’s, neushoorns, springbokken, struisvogels, leeuwen, giraffen, nijlpaarden; alles heeft binnen een paar meter rondom de jeeps gescharreld. Jammer genoeg konden we niet genoeg geld bij elkaar sprokkelen om een extra nachtje te blijven, dus zondagochtend was het weer inpakken geblazen voor de terugreis naar Kaapstad. Ons laatste dagje stond vooral in het teken van de laatste souvenirtjes kopen, de laatste dubbele Vodka-Redbulls achteroverslaan, de laatste zonnestraaltjes pakken en genieten van de laatste momenten die we samen nog hadden. Over de terugreis kan ik vrij weinig zeggen behalve dat de Afrikaanse slaappillen hun werk goed hebben gedaan. Wat ik wel kan zeggen is dat ik bij terugkomst goed moest afkicken van het constant een grote groep mensen om me heen te hebben, het lekkere weer, de leuke woorden uit het Afrikaans, de mooie omgeving, de mensen, het lekkere braaien, de geschiedenis en het uitgaan. Het zal niet lang duren voor ik het vliegtuig pak en weer terugga naar Zuid-Afrika, ik heb er nog lang nie genoeg van nie. Ta ta!


VERDIEPING

‘Uit onderzoek van Het Financieele Dagblad in 2011 blijkt dat van de 100 grootste ondernemingen ter wereld om fi scale redenen er 80 gebruik maken van Nederlandse rechtspersonen’ p. 31

‘De overheid zou er verstandig aan doen te stoppen met dit soort pseudo-sociaal resultaatsbeleid. Ze zou gelijkheid slechts in kans na moeten streven’ p. 34

‘Als de seksclub als klooster zou worden aangemerkt, en de danseressen als zusters, was met weinig fantasie ook in te zien dat een voorstelling als kerkdienst had moeten worden aangemerkt’ p. 39

27


“Laten we een mediator bellen!” bijvoorbeeld de kostenverdeling en de geheimhouding. Als de partijen het over de basis eens zijn, wordt een zogeheten e hierbovenstaande zin zal je iemand niet snel horen mediationovereenkomst ondertekend. Deze waarborgt dus onder zeggen. Mediation mag dan wel in opmars zijn, nog andere de vertrouwelijkheid tussen partijen en de mediator. De steeds is deze vorm van ADR niet erg populair in mediator dient deze overeenkomst dus ook te ondertekenen. Nederland. Maar hoe komt dat dan? Ik zal deze vraag proberen Mochten de partijen aan het einde van alle onderhandelingen te beantwoorden door eerst uit te leggen wat mediation precies tot een oplossing komen, dan worden de gemaakte afspraken inhoudt, waarna ik inga op de voor- en nadelen van mediation vastgelegd in een vaststellingsovereenkomst. Deze wordt slechts ten opzichte van rechtspraak, om daarna door te gaan op de ondertekend door de partijen zelf, en dus niet door de mediator! mate van populariteit. Nadelen mediation Juist omdat mediation vrij snel en goedkoop kan plaatsvinden, Wat is mediation? Mediation is zoals gezegd een vorm van ADR. ADR staat voor is er ook minder plaats voor de waarborgen die rechtspraak juist Alternative Dispute Resolution1, in het Nederlands wordt dat wel volop heeft. Natuurlijk kent mediation wel waarborgen, grofweg vertaald met ‘alternatieve geschilbeslechtingsmethodes’. maar bij de manier waarop de rechter het geschil toetst aan Het draait bij mediation niet om juridische termen en verscheidene regels en beginselen, vallen deze waarborgen in termijnen. Een term die dan ook beter bij mediation past is het niet. probleemoplossing: het draait om belangen, en de bereidheid Omdat mediation in zekere zin erg afhangt van wat partijen om tot een oplossing te komen waar alle partijen iets mee willen en hoe zij zich tijdens de sessies gedragen, is het ook kunnen. Daarbij is het vaak nodig dat alle partijen bepaalde lastig te bepalen of een mediation zal slagen of niet. Natuurlijk, concessies doen. De mediator begeleidt de partijen hierin; er zijn kenmerken die een goede of slechte afl oop waarschijnlijk met zijn hulp komen partijen (hopelijk) tot een oplossing waar maken, maar zeker weten doe je zoiets nooit. Anders gezegd: de vrijwilligheid die mediation kent, is naast zijn kracht ook zijn iedereen tevreden mee is. zwakte. Zonder bereidheid van partijen bereik je als mediator niets. Mediation kent relatief weinig regels en voorgeschreven procedures. Verder is mediation niet openbaar. Dat zorgt ervoor dat mediation vrijwel niet bijdraagt aan rechtsvorming en rechtsontwikkeling. Bij iedere nieuwe mediation moet zogezegd het wiel opnieuw worden uitgevonden.2 Door Daniëlle Sinnige

D

‘ADR wordt door advocaten wel eens aangeduid als Alarming Drop in Revenues’

Voordelen mediation Een eerste voordeel van mediation is het gemak waarmee het probleem opgelost zou kunnen worden in vergelijking met traditionele rechtspraak. Mediation kost vaak veel minder tijd, Een mediationsessie begint met het uitleggen van de basis: vooral wanneer een partij in hoger beroep of zelfs in cassatie wat houdt mediation in? Daarnaast is mediation vertrouwelijk; gaat. Voor een gerechtelijke procedure is een jaar geen wat tijdens de sessies gebeurt, blijft binnenskamers (of er moet uitzondering, terwijl mediation al klaar kan zijn binnen een al een ernstig delict worden gepleegd tijdens een sessie; dan aantal weken of maanden. Mede daardoor kost mediation ook kan de mediator moeilijk stil blijven zitten natuurlijk). Overige minder geld dan een gerechtelijke procedure. De kosten van een zaken die tijdens deze beginfase worden besproken zijn advocaat, griffi erechten en dergelijke hoeven bij mediation niet

28


te worden betaald (echter, de mogelijkheid van mediation met advocaten is aanwezig). Wat mediation ook een goed alternatief voor een gerechtelijke procedure maakt, is dat het confl ict bij een geslaagde mediation vrijwel altijd helemaal uit de wereld wordt geholpen, terwijl bij de gerechtelijke procedure de uitkomst van het geschil slechts een fractie vormt van de ruzie die tussen partijen speelt. Dit is te verklaren door het feit dat het bij mediation draait om de onderliggende belangen van partijen die bij het probleem spelen. Vaak is daar wel enige overlap in te vinden. Belangen die vaak terugkomen zijn: het besparen van kosten, het probleem zo snel mogelijk oplossen en de relatie goed houden. In een gerechtelijke procedure wordt het confl ict in een juridische context gegoten, dat soms nog maar weinig gelijkenis vertoont met de ruzie an sich. Dit laatstgenoemde belang is nou net nog een voordeel van mediation; omdat mediation het probleem vrijwel altijd helemaal oplost, blijft de relatie tussen partijen in stand. Vergelijk dit maar eens met de relatie van partijen na een rechtszaak. Vaak wint de ene partij, en verliest de ander: een zogenaamde ‘win-lose’ situatie. Mediation zorgt juist voor win-win! Net vertelde ik dat mediation niet openbaar is, zodat derden niet te weten kunnen komen wat er tijdens een mediationsessie is besproken. Dit kan soms juist een voordeel zijn. Vooral in het bedrijfsleven is imago van groot belang. In het openbaar met modder gooien kan een dergelijk imago wellicht schaden. Door het spelende confl ict aan de hand van mediation uit de wereld te helpen blijft imagoschade bespaard. Een ander belangrijk voordeel van mediation is dat de mediator gelijkwaardig is aan partijen. Door deze gelijkwaardigheid, wordt er niks aan partijen van bovenaf opgelegd waardoor de tevredenheid met het eindresultaat wordt bevorderd.

’Zonder bereidheid van partijen bereik je als mediator niets’

Populariteit Zo te zien heeft mediation vele voordelen en zou dan ook voor een grote groep mensen (en bedrijven) interessant kunnen zijn. De praktijk laat echter een ander beeld zien; ieder jaar spelen er ongeveer 1,8 miljoen gerechtelijke procedures3, tegenover ongeveer 47.000 mediations 4. Een kanttekening die hierbij gemaakt moet worden is dat vele kwesties alleen door een rechter beslecht kunnen worden. Denk hierbij aan het bewerkstelligen van een echtscheiding of een rechtmatigheidsverklaring. Dat neemt het feit echter niet weg dat er per jaar maar relatief weinig gebruik wordt gemaakt van mediation. Hoe is dit te verklaren? Naast het feit dat mediation behalve veel voordelen ook nadelen heeft, zijn er redenen aan te wijzen waarom het voorstellen en accepteren van mediation als confl ictoplossingsmethode niet snel zal voorkomen. Ten eerste dien je je in te beelden in welke situatie iemand mediation voor zal stellen. In de meeste gevallen heb je ruzie met de ander, praat je totaal niet met elkaar en als je dat al doet is dat op een niet al te vriendelijke wijze. Het vertrouwen dat je in de ander op een zeker moment had, is op dit moment vervlogen. Mocht de ander op zo’n moment mediation voorstellen, is er een kans dat je zijn verzoek niet accepteert, nu je de ander als een ‘vijand’ ziet. Daarnaast is mediation onder advocaten niet erg populair; mediation is niet erg juridisch. Verder kan mediation in veel

29


gevallen snel tot een oplossing leiden, zodat deze vorm van confl ictoplossing in zekere zin de cliënten van de advocaten weghoudt. In de advocatenwereld wordt ADR wel eens aangeduid als Alarming Drop in Revenues. Meer hoef ik dan niet te zeggen. Ook zijn bedrijven niet altijd overtuigd van de professionaliteit van mediation. Toen mediation nog in de kinderschoenen stond, was de kwaliteit niet altijd zo hoog als zou moeten. Er was nog geen Nederlands Mediation Instituut (NMI) of Vereniging van Familierecht Advocaten en Scheidingsmediators (vFAS). De laatste jaren wordt de kwaliteit van mediation steeds beter gewaarborgd. Niet alleen door het bestaan van onder andere het NMI en de vFAS, maar ook door wetgeving. Op dit moment is er een wetsvoorstel aanhangig die verscheidene aspecten van mediation wettelijk vast zal leggen. Als laatste heeft mediation gewoonweg weinig naamsbekendheid. Ikzelf doe een minor Mediation op de UU, en negen van de tien keer weten mensen die horen dat ik die minor doe niet wat mediation inhoudt. Sommigen hebben er zelfs nog nooit van gehoord. Wat doen we eraan? Een voor de hand liggende oplossing zou zijn: meer naamsbekendheid creëren. Wanneer meer mensen de voordelen van mediation te horen krijgen, zullen er waarschijnlijk ook meer mensen gebruik van maken. Echter, advocaten staan zoals gezegd vaak niet te springen om mediation te overwegen. Vaak doen ze dat alleen als de rechter mediation voorstelt aan de procespartijen. Daar komt nog eens bij dat rechters vaak niet goed herkennen wanneer een zaak geschikt is voor mediation. Dat is de reden waarom mediation sporadisch door de rechter aan partijen wordt voorgesteld. Het zou dan ook te overwegen zijn rechters meer te informeren over de voorwaarden waaraan een zaak kan voldoen, om mediation als doorverwijzing te overwegen. Al met al kan ik wel zeggen dat mediation wordt ondergewaardeerd. Het oplossen van dit probleem ligt vooral in het bestrijden van vooroordelen en het creëren van meer naamsbekendheid. Kwesties die wellicht met het verloop van tijd opgehelderd zullen worden.

30

Nu hoor ik sommigen van jullie denken: Mediation was toch vrijwillig? Dat is ook zo. De rechter kan echter bepalen dat procespartijen mediation dienen te overwegen. Als je dat als partij meteen afwijst, geef je geen blijk van je oplossingsgezindheid. Alhoewel de rechter mediation enigszins dwingend oplegt, wat strijdt met het basisprincipe van mediation, schijnt het dat het slagingspercentage gemiddeld slechts vijf à tien procent lager ligt dan bij geheel vrijwillige mediation.

*

Noten 1 Alex Brenninkmeijer, Dick Bonenkamp, Karen van Oyen en Hugo Prein (red.), Handboek Mediation, Den Haag: SDU Uitgevers 2013, p. 25. 2 Voor meer informatie over de nadelen van mediation: C. Asser, ‘Op zoek naar alternatieven’ in C. Asser, Mr. C. Asser’s handleiding tot de beoefening van het Nederlands burgerlijk recht: een vervolg, Volume 0, Deventer: Kluwer 2005, pp. 123-141. 3 Jaarverslag Raad voor de Rechtspraak 2011, p. 40. 4 R.J.M. Vogels en P.Th. van der Zeijden, De stand van mediation in Nederland, Zoetermeer 2010, p. 13.


Nederland, een belastingparadijs? Door Madeline Kniest

I

n steeds meer landen is er ophef over grote internationale ondernemingen die door handig gebruik te maken van belastingconstructies in verschillende landen hun belastingafdracht verminderen. Eind 2012 laait de discussie over de Nederlandse brievenbusfi rma’s weer verder op als blijkt dat Starbucks in het Verenigd Koninkrijk de winstbelasting over de Britse activiteiten niet afdraagt in Groot-Brittannië, maar in Nederland. Simpelweg omdat de onderneming in Nederland minder belasting hoeft te betalen. De winst wordt laag gehouden doordat Engelse Starbucks vestigingen royalty’s moeten betalen aan een in Amsterdam gevestigde financiële holding van Starbucks. Die betaalt op haar beurt weer royalty’s aan de Amerikaanse moedermaatschappij. Starbucks is slechts een voorbeeld van deze veelvoorkomende legale constructie. Ook ondernemingen als Ikea, Google, Apple en Amazon hebben in Nederland houdstermaatschappijen gevestigd. Internationale muziekformaties als U2 en The Rolling Stones zijn op papier ook Nederlandse ondernemingen en met hen honderden anderen.1 Uit onderzoek van Het Financieele Dagblad in 2011 blijkt dat van de 100 grootste ondernemingen ter wereld om fiscale redenen er 80 gebruik maken van Nederlandse rechtspersonen.

Maar waarom kiezen deze ondernemingen voor Nederland? Allereerst heeft Nederland een uitgebreid netwerk van belastingverdragen, er is bijna geen ander land ter wereld dat zoveel verdragen heeft als Nederland. Door belastingverdragen die Nederland heeft gesloten kan gebruik worden gemaakt van lage bronbelastingen. In een belastingverdrag leggen landen onderling vast welk land over welke inkomensbestanddelen mag heffen. Doel is het voorkomen van dubbele belastingen. Ook worden er afspraken gemaakt over welke bronbelasting wordt geheven bij grensoverschrijdende kapitaalstromen. Daarnaast heeft Nederland de deelnemingsvrijstelling die bijzonder aantrekkelijk is voor buitenlandse ondernemingen. Door de deelnemingsvrijstelling kan de winst op buitenlandse dochters van een onderneming alleen worden belast in het land waar de winst is behaald, dan hoeft de winst die naar de in Nederland gevestigde moeder vloeit hier niet nog eens te worden belast. Veel andere, grotere landen doen juist het omgekeerde; zij leggen hun binnenlandse belastingdruk op aan buitenlandse opererende ondernemingen. Zo ontstaan mismatches in fi scale systemen waar sommige multinationale ondernemingen van profi teren. Tot slot is Nederland voordelig omdat Nederland

‘Uit onderzoek van Het Financieele Dagblad in 2011 blijkt dat van de 100 grootste ondernemingen ter wereld om fi scale redenen er 80 gebruik maken van Nederlandse rechtspersonen’ 31


geen, dan wel een hele lage, belasting heft op uitgaande betalingen van dividend, rente en royalty’s. Verdragsbepalingen kunnen de belasting nog verder verlagen. In andere landen zie je dat er wel over deze fi nanciële stromen belasting wordt geheven. Dit maakt Nederland een aantrekkelijk land waardoor buitenlandse ondernemingen graag hun dividend-, rente-, en royaltystromen door Nederland laten lopen. Deze voordelen worden natuurlijk gegeven in de hoop dat buitenlandse ondernemingen zich daadwerkelijk in Nederland vestigen. Hier ligt tevens het pijnpunt; tot een daadwerkelijke vestiging komt het meestal niet. Wat wel gebeurt is dat buitenlandse ondernemingen ‘brievenbusmaatschappijen’

‘GroenLinks heeft Nederland uitgeroepen tot een belastingparadijs. Deze voorgenoemde terminologie lij ken de SP en PvdA over te nemen’

in Nederland vestigen. Volgens De Nederlandsche Bank telt Nederland ruim 23.000 brievenbusfirma’s. 2 Een brievenbusvennootschap is een vennootschap die slechts formeel op een adres in Nederland is gevestigd maar daar geen feitelijke aanwezigheid heeft en daarmee als fi nanciële (tussen) holding voor grote internationale ondernemingen fungeert. Via constructies kan op deze manier alsnog gebruik worden gemaakt van het uitgebreide verdragennetwerk, de deelnemingsvrijstelling en voordelen van uitgaande betalingen van dividend, rente en royalty’s. Deze voordelen stimuleren de vestiging van brievenbusvennootschappen in ons land. GroenLinks heeft Nederland uitgeroepen tot een belastingparadijs. Deze voorgenoemde terminologie lijken de SP en PvdA over te nemen.3 In het fi scale jargon wordt onder belastingparadijs verstaan een land met geen of uitzonderlijk lage belastingtarieven, weinig substance 4 en gebrekkige informatie-uitwisseling. Uiteraard zijn de meningen hierover verdeeld. Uit het rapport SOMO5 vloeit voort dat Nederland een belastingparadijs is, omdat de Nederlandse wet- en regelgeving belastingontwijking mogelijk maakt waardoor overheden minder geld beschikbaar hebben voor publieke basisvoorzieningen. Tevens blijkt uit het rapport dat belastingontwijking tot oneerlijke concurrentie leidt omdat multinationals vaak meer mogelijkheden hebben om belasting te ontwijken of te ontduiken dan kleinere en binnenlandse concurrenten. Tot slot is er geopperd dat het Nederlandse stelsel verstorend werkt omdat het vaak als tussenschakel wordt gebruikt om bronheffi ngen in andere landen te ontlopen, en ook om de grondslag voor de vennootschapsbelasting elders uit te hollen.6 Waar iedereen zich in kan vinden lijkt mij is dat de discussie, zoals die nu gevoerd wordt over brievenbusmaatschappijen, schadelijk is voor het Nederlandse vestigingsklimaat wat tot gevolg kan hebben dat multinationals niet meer voor Nederland kiezen. Eind maart opperde PvdA-leider Diederik Samsom in het televisieprogramma College Tour dat hij het liefst van de brievenbusfi rma’s af wil: “Ik vind het een slecht idee dat Nederland een belastingparadijs is; dat we te weinig belasting heffen op bedrijven die hier niets doen, maar alleen

32


‘Ik vind het een slecht idee dat Nederland een belastingparadijs is; dat we te weinig belasting heffen op bedrijven die hier niets doen, maar alleen maar hun geld doorsluizen’ maar hun geld doorsluizen. Ik wil daar iets aan veranderen. Stap voor stap gaan we deze misstand aanpakken.” Deze uitspraak zorgde voor de nodige ophef. Tegenstanders voeren aan dat Nederland in fi scaal opzicht een aantrekkelijk land is voor ondernemingen maar zeker geen belastingparadijs is. De Nederlandse belastingtarieven zitten op een gemiddeld EU niveau. Het Nederlandse vennootschapsbelastingtarief is met 25% niet paradijselijk laag. Het gemiddelde tarief van 45% van de inkomstenbelasting is dat evenmin. Daarnaast heeft Nederland geen bankgeheim en is het transparant naar andere belastingdiensten. Het is ook geheel naar de wensen van de Organisatie voor Economische Samenwerking en Ontwikkeling (OESO) dat er veel bilaterale belastingverdragen zijn gesloten ter voorkoming van dubbele belasting. Bovendien is er helemaal geen sprake is van belastingontwijking doordat multinationals dividenden van buitenlandse dochters ontvangen die al vennootschapsbelasting hebben betaald over de winst. Het gaat Nederland louter om het beperken van dubbele belasting. De winst is ten minste een keer belast waardoor het argument dat onbelaste winst via Nederland stroomt niet opgaat. Ook mag niet uit het oog verloren worden dat de brievenbusvennootschappen voor werkgelegenheid voor ruim 2000 personen zorgen.7 Duidelijk moge zijn dat Nederland een volstrekt legaal systeem hanteert. Zou deze legale dienst niet meer mogen worden geleverd dan kan de klok erop gelijk worden gezet dat de opvolgers in de rij staan. Doordat het probleem van de internationale mismatches en het verschuiven van grondslag naar laagbelastende jurisdicties geen specifiek Nederlands onderwerp is, kan Nederland dat probleem niet alleen

oplossen. De ‘oplossing’ lijkt op internationaal niveau te liggen. Als Nederland zelfstandig een einde zou maken aan de brievenbusvennootschappen komt de concurrentiepositie van zowel Nederland als de hier gevestigde multinationals in het geding.8 Noten 1 J. Dobber ‘Oeso: stop belastingontwijking multinationals’, Financieel Dagblad 12 februari 2013. 2 G. De Groot & S. Eikelenboom ‘Pak belastingconcurrentie internationaal aan’, Financieel Dagblad 4 mei 2013. 3 K. Broekhuizen, G. De Groot & T. Mulder ‘Fiscalisten staan voorlopig nog in de publicitaire tegenwind’, Financieel Dagblad 9 april 2013. 4 Een term om aan te duiden dat een vennootschap alleen enige fi scale betekenis kan hebben als daar ook een bepaalde mate van functionele betrokkenheid bij komt kijken in het land van vestiging. 5 M. van Dijk, F. Weyzig & R. Murphy ‘The Netherlands: A Tax Haven?’ November 2006. 6 H. Mees ‘Nederland belastingparadijs’, Financieel Dagblad 2 mei 2013. 7 J. Bonjer ‘PwC-topman Robert Swaak: ‘Nederland is geen belastingparadijs’, Financieel Dagblad 29 maart 2013. 8 Kamerstukken II 2012/13, 25 087, nr. 34.

33


Ongelijkheid en de overheid Door Richte van Ginneken

D

e Atheense historicus en generaal Thucydides schreef in zijn historische relaas over de Peloponesische oorlog over de beroemde ´grafrede´ van Pericles. Pericles zei daar: “Volgens de wet heeft iedereen dezelfde rechten als het gaat om onderlinge geschillen. En als we moeten bepalen wie het meest geschikt is om een openbaar ambt te vervullen, dan geven we niet de voorkeur aan iemand, omdat hij tot een bepaalde klasse behoort, maar kijken we vooral naar persoonlijke kwaliteit.”1 Dit is, voor zover we kunnen bepalen, de eerste keer in de geschiedenis dat er gesproken is over de relatie tussen gelijkheid en de staat (in dit geval gelijkheid voor de wet). Gelijkheid voor de wet is echter niet de enige vorm van gelijkheid waar moderne staten tegenwoordig mee te maken hebben. We hebben niet slechts een reactieve overheid die mensen alleen gelijk behandelt wanneer ze in aanraking komen met het recht. We hebben een overheid die actief probeert de samenleving te vormen middels prikkels en dwang. Omdat het gevaar van ongelijke behandeling in actief beleid altijd op de loer ligt, is het belangrijk om eens goed te analyseren hoe actief overheidsbeleid zich verhoudt tot het ideaal dat alle burgers gelijk zijn.

In de Amerikaanse onafhankelijkheidsverklaring staat in de preambule de, destijds revolutionaire, tekst: “all men are created equal”2. Laten we niet op het ironische aspect ingaan dat voor de mensen die die tekst opstelden, de term ‘all men’ alles behalve ‘alle mensen’ besloeg (zo besloeg het zeker geen vrouwen of zwarten). Desalniettemin lijkt het een mooi ideaal nietwaar? Iedereen is gelijk. Laat me dit dan nu hier ontzenuwen, mensen zijn niet allemaal gelijk! In moderne westerse samenlevingen lijkt het een vrij hardnekkige mythe te zijn dat iedereen gelijk is. Los van individuele (discriminatoire) opvattingen van sommigen dat bepaalde mensen bij voorbaat al niet gelijk zijn, kan je ook op puur empirische gronden niet in stand houden dat iedereen gelijk is. Ga bijvoorbeeld maar eens na hoe uitzonderlijk u, de lezer, bent. Ervan uitgaande dat u deze Nota Bene niet op straat hebt gevonden maar dat hij u keurig door de JFAS is toegezonden, kunnen we ervan uitgaan dat u waarschijnlijk een academische opleiding volgt. Dat is vrij uitzonderlijk. Slechts 12% van de Nederlandse bevolking heeft een academische opleiding

34

‘We kunnen een onderscheid maken tussen twee vormen van gelijkheid. Gelijkheid van resultaat en gelijkheid van kans’ gevolgd.3 Een zeer kleine groep dus, en dat heeft een reden. Om tot die groep te behoren moet u namelijk over een bepaalde intelligentie beschikken, een zekere ijver hebben, genoeg fi nanciële middelen hebben om uw collegegeld en studieboeken te betalen enzovoorts. Dit lijkt misschien vanzelfsprekend voor u omdat u omringd bent met mensen die dit ook allemaal kunnen en doen, maar dat is het dus niet. Het gros van de Nederlanders is hier namelijk niet toe in staat. Echter, de omstandigheden die het mogelijk maken voor u om een academische opleiding te volgen zijn echter niet van uw eigen makelij. We hebben geen invloed op onze intelligentie, onze talenten of het soort milieu waar we in opgroeien. Die dingen worden bepaald door biologische factoren en omgevingsfactoren. Daarin zijn mensen dus niet gelijk. Dit geldt niet alleen voor opleidingsniveau maar voor elk gebied. Het is lastig vol te houden dat iedereen bijvoorbeeld fysiek gelijk is als u in staat bent deze tekst te lezen waar mensen die blind zijn dit niet kunnen. We kunnen hier een onderscheid maken tussen twee vormen van gelijkheid. Aan de ene kant hebben we gelijkheid van resultaat waarin mensen daadwerkelijk hetzelfde zijn, en aan de andere kant hebben we gelijkheid van kans waarin mensen slechts gelijke kansen hebben. We zien hier de klassieke tegenstelling tussen het politieke links en rechts. Over de gehele linie is men het erover eens dat mensen een gelijkheid van kans moeten hebben, maar links probeert daarnaast ook te streven naar een grotere gelijkheid van resultaat, soms ten koste van gelijkheid van kans. Waarom er dan toch het (onjuiste) idee heerst dat mensen gelijk


zijn kan op twee manieren verklaard worden: mensen realiseren zich niet dat gelijkheid van kans een onverwezenlijkt ideaal is en mensen realiseren zich wel dat gelijkheid van resultaat tevens een onverwezenlijkt ideaal is. De overheid erkent het feit dat er een grote mate van ongelijkheid is tussen burgers en probeert met tal van overheidsmaatregelen gelijkheid te bevorderen. Laten we nu eens een paar voorbeelden nemen van maatregelen waarin gelijkheid bevorderd wordt en die analyseren om vervolgens een visie neer te leggen over hoe de overheid zou moeten omgaan met gelijkheid. Om terug te grijpen op een eerder gemaakt onderscheid denk ik dat we het overheidsbeleid ten aanzien van gelijkheid kunnen onderscheiden in twee groepen: beleid dat streeft naar gelijkheid van resultaat (resultaatbeleid) en beleid dat streeft naar gelijkheid van kans (kansbeleid). Laten we eens naar voorbeelden kijken van de beide vormen van beleid. Een maatregel als minimumloon is een typisch voorbeeld van resultaatbeleid. De overheid tracht met het minimumloon een zeker basisinkomen te bewerkstelligen voor iedere werkende Nederlander. Ze zou graag zien dat iedereen over een zeker minimuminkomen beschikt en door werkgevers te verplichten een minimumloon te betalen wordt dat doel (voor een deel) verwezenlijkt. Een ander voorbeeld kan gevonden worden in huurbescherming. De overheid stelt bijvoorbeeld grenzen aan het maximumbedrag dat gevraagd kan worden aan huur, gebaseerd op een puntensysteem. Dit is resultaatbeleid omdat het wil bewerkstelligen dat niemand geconfronteerd wordt met een huurbedrag dat hoger is dan dat het volgens de overheid dient te zijn. Een voorbeeld van kansbeleid is bijvoorbeeld studiefi nanciering.

De overheid realiseert zich dat studeren kostbaar is en dat, als er geen fl exibele fi nancieringsmogelijkheden zouden zijn, er veel mensen zijn die wegens gebrek aan geld geen studie zullen volgen, ook als zij er wel slim genoeg voor zijn. Daarom biedt de overheid studiefi nanciering aan. U bent niet verplicht te studeren maar als u wilt ligt dat niet buiten uw bereik. U heeft daardoor dezelfde kans een studie te volgen als ieder ander. Als ander voorbeeld kunt u denken aan subsidies. De overheid acht het van belang om ondernemerschap in bepaalde sectoren van de markt te stimuleren. Nu kan het kostbaar en lastig zijn voor mensen die weinig geld of ervaring hebben, om iets op te starten. Om toch iedereen een gelijke kans te geven bestaat er voor iedereen die een idee heeft, en daarin ondernemend is, subsidie. Nu resultaatbeleid het onderscheidende aspect lijkt te zijn tussen politiek links en rechts en er ten aanzien van het principe van kansbeleid geen (intentioneel) confl ict lijkt te zijn, zal ik me verder focussen op de vraag of het verstandig is dat de overheid, naast kansbeleid ook resultaatbeleid formuleert. Ik zal daarom de twee voorbeelden van resultaatbeleid verder analyseren op hun effectiviteit. Allereerst minimumloon. Minimumloon tracht gelijkheid te bewerkstelligen maar doet dat het ook? Wat is het effect van minimumloon? Economen zijn het er vrijwel unaniem over eens dat minimumloon een slechte maatregel is voor de werkgelegenheid, de economie en daarmee dus ook de maatschappelijke welvaart. De maatregel dwingt werkgevers namelijk om mensen een salaris te betalen wat ze misschien niet verdienen. Stel dat de prestaties en werkervaring van meneer X simpelweg niet het niveau hebben dat het salaris van een

35


huurmarkt worden belemmerd. Stel dat u een miljoen kunt investeren in de vastgoedmarkt. Gaat u dat dan investeren in een markt die in hoge mate beheerst wordt door de overheid? Zult u er voor kiezen om u door de bureaucratie van de staat en de huurcommissie heen te worstelen of investeert u uw geld liever in een segment van de markt dat vrij is van dergelijke belemmeringen, zoals de markt voor koopwoningen? Dit leidt tot een afbreuk in kwaliteit van woningen, minder reparaties en minder onderhoud6 en zal tot gevolg hebben dat mensen die minder geld te besteden hebben zonder woning, of in een slecht onderhouden woning zullen leven. Je zou de bovenstaande resultaatsmaatregelen, en alle andere resultaatsmaatregelen die hetzelfde effect hebben, ´pseudosociaal resultaatsbeleid´ kunnen noemen. Het effect van deze maatregelen is het tegenovergestelde van wat de intenties ervan zijn. Wat echter het meest kwalijke is, is dat ze afbreuk doen aan kansbeleid. Mensen zullen namelijk minder kans hebben op een minimumloon zouden rechtvaardigen. Welke werkgever zal baan op de arbeidsmarkt wanneer ze niet onder minimumloon meneer X dan aannemen en hem meer gaan betalen dan wat mogen werken en mensen zullen minder kans hebben op een hij verdient? Niemand. Het resultaat zal zijn dat meneer X thuis woning wanneer de eigenaar niet een hogere huur mag vragen. zit en van een uitkering kan leven. Als het de werkgever was Hierdoor ‘duwt’ de overheid mensen de ongelijkheid in en toegestaan om meneer X aan te nemen voor een loon lager dan ontneemt ze hen de kans om die te ontstijgen. De bijdrage het minimumloon, wat hij ook verdient, dan zou meneer X zo die de overheid zou moeten leveren aan het elimineren van aan een baan komen. Het ironische van het minimumloon is ongelijkheid is niet door iedereen middels resultaatbeleid met dat het met name de mensen raakt die de maatregel beoogt te dwang gelijk te maken, maar door iedereen, voor zover dat kan, beschermen. Namelijk mensen uit achterstandswijken, mensen gelijke kansen te bieden om dezelfde dingen te kunnen bereiken. die geen opleiding gedaan hebben, jongeren, mensen die De overheid zou er dus verstandig aan doen door te stoppen slecht Nederlands spreken, mensen die net afgestudeerd zijn met dit soort pseudo-sociaal resultaatsbeleid. Ze zou gelijkheid enzovoorts. Allemaal mensen wiens niveau aan vaardigheden slechts in kans na moeten streven. en ervaring niet een minimumloon rechtvaardigen met als Noten gevolg dat de werkloosheid zal toenemen.4 1 Thucydides, Geschiedenis van de Peloponesische oorlog, Wat is het effect van huurbescherming? Huurbescherming zal boek II leiden tot een groter tekort aan woningen.5 Wil een maatregel 2 Amerikaanse onafhankelijkheidsverklaring als huurbescherming effect hebben, dan zal ze alleen werken als 3 Armen Hakhverdian, Catherine de Vries en Wouter de maximale huurprijs lager is dan de huurprijs die gevraagd zou van der Brug, ‘Kloof laag- en hoogopgeleiden wordt juist worden als er geen huurbescherming zou zijn. Een maximum van kleiner’, Sociale Vraagstukken, 10 februari 2011, www. €100.000 per maand zal bijvoorbeeld zinloos zijn omdat een socialevraagstukken.nl dergelijke prijs sowieso nooit gevraagd zou worden. Wat is hier 4 Mark Wilson, ‘The negative effects of minimum wage laws’, echter het effect van? Als de huur lager wordt vastgesteld dan haar Cato Institute, september 2012 ideale niveau, zal de vraag naar woonruimte noodzakelijkerwijs 5 Walter Block, ‘Rent Control’, The Concise Encyclopedia of het aanbod aan woningen overstijgen waardoor er een tekort Economics, 2008 aan woonruimte ontstaat. Wanneer huurprijzen bepaald zouden 6 ‘American Economic Review’, Mei 1992 worden op een vrije markt zullen, wanneer er een vraagoverschot is, prijzen omhoog gaan om voor het tekort aan woonruimte te compenseren. Huurbescherming blokkeert deze markwerking waardoor er een tekort op de woningmarkt ontstaat. Een ander negatief effect van huurbescherming is dat investeringen in de

‘De overheid zou er verstandig aan doen te stoppen met dit soort pseudo-sociaal resultaatsbeleid. Ze zou gelijkheid slechts in kans na moeten streven’

36


Is de Egyptische vrouw gelijk aan de Egyptische man? Door Salima Guettache

P

recies twee jaar na de beruchte Egyptische revolutie, 25 januari 2013, komen de Egyptische strijders bij elkaar op het Tahrirplein, om opnieuw te demonstreren in Cairo. De nieuwe premier Mohammed Morsi is ditmaal aan de beurt. Morsi vertoont nogal wat autoritaire trekjes meent het volk. De Egyptenaren vrezen voor verder verval van de Egyptische Staat en roepen de nieuwe regering op om af te treden.1 Daar komt nog bij dat de nieuwe Constitutie waar iedereen op heeft gewacht, nu door velen wordt veracht. Vele Egyptenaren vrezen dat mensenrechten niet goed gewaarborgd zullen worden en met name vrouwen zijn erg bang voor hun toekomstige rechten die ze zullen krijgen. Of beter gezegd, de rechten die ze volgens hen niet zullen krijgen. Zo laat het Egyptische Centrum voor Vrouwenrechten weten dat de Grondwet is samengesteld door een comité, samengesteld door mannen, die vrouwen vooral zien als seksobjecten of bedienden. Een individuele rol voor de vrouw is ver te zoeken, vrezen de Egyptische vrouwen. De vraag is dan ook: is deze vrees gegrond? Zijn de Egyptische vrouwen op grond van de nieuwe constitutie gelijk aan mannen?

‘Deze partij ziet liever geen volledig gelijkwaardige rechten aan vrouwen toegekend’ Een belangrijk aspect dat dit artikel duidelijk maakt is dat elk onderscheid op grond van geslacht verboden is. Daarnaast staat er in artikel 2 vermeld dat het beginsel van gelijkheid van mannen en vrouwen in de nationale grondwet van de lidstaat of in andere geëigende wetgeving opgenomen moet worden en dat de praktische werking van dit recht vervolgens in wetgeving moet worden neergelegd. Artikel 3 bepaalt vervolgens dat vrouwen op gelijke voet met mannen van alle mensenrechten de vruchten moeten kunnen plukken. Tenslotte benadrukt artikel 15 nog eens dat er gelijkheid met betrekking tot mannen en vrouwen voor de wet moet worden verleend. Voor de Egyptische vrouw biedt het Verdrag Inzake de Uitbanning van Alle Vormen van Discriminatie van Vrouwen een goede uitkomst voor gelijkheidsrechten, vooral nu Egypte dit verdrag ondertekend heeft. Echter, de premier Morsi heeft hier een andere mening over. Volgens hem ondermijnt dit verdrag bepaalde islamitische principes. Vrouwen moeten zich houden aan de normen en waarden die zijn ontstaan vanuit de religie en zouden volgens hem aan hen geen universele rechten moeten toekomen. Vooral het gezinsleven ligt volgens de Moslimbroederschap onder vuur. Deze partij ziet liever geen volledig gelijkwaardige rechten aan vrouwen toegekend die wel aan de man zullen worden toegekend. Met name seksuele vrijheid, het verkrijgen van anticonceptie en echtscheidingszaken zijn geen zaken waar vrouwen alleen over moeten beslissen, maar waar zij de toestemming van hun mannen voor nodig hebben, aldus de broederschap.4 Helaas voor de Egyptische

Gelijkheid voor vrouwen onder internationaal recht De gelijkheid tussen mannen en vrouwen is een groot goed in het internationaal publiekrecht. Een belangrijke bron is het Verdrag Inzake de Uitbanning van Alle Vormen van Discriminatie van Vrouwen 2. Dit Verdrag dat belangrijke regels inhoudt voor de gelijkheid van vrouwen is door Egypte geratifi ceerd3, waardoor Egypte gebonden is aan de bewoordingen die in deze internationale overeenkomst zijn neergelegd. In het eerste artikel wordt het begrip ‘discriminatie’ uitgewerkt. Het artikel luidt als volgt: “Voor de toepassing van dit Verdrag wordt onder ‘discriminatie van vrouwen’ verstaan elke vorm van onderscheid, uitsluiting of beperking op grond van geslacht, die tot gevolg of tot doel heeft de erkenning, het genot of de uitoefening door vrouwen van de rechten van de mens en de fundamentele vrijheden op politiek, economisch, sociaal of cultureel gebied, op het terrein van de burgerrechten of welk ander gebied dan ook, ongeacht hun huwelijkse staat, op de grondslag van gelijkheid van mannen vrouwen, zien we deze mening ook terugkomen in de nieuwe grondwet. en vrouwen aan te tasten of teniet te doen.”

37


De Egyptische Grondwet In de preambule van de Egyptische Grondwet blijkt al dat aan de vrouw niet een volwaardige individuele rol toekomt. Zo staat er in het derde artikel van deze preambule dat de vrouw wordt bestempeld als zus en partner van de man. Vervolgens vermeldt het eerste artikel van de Grondwet dat het Egyptische volk deel uitmaakt van de Arabische en islamitische naties. Dit wordt uitgewerkt in artikel 2, waarin vermeld staat dat de islam de religie is van de Staat en dat de principes van de islamitische Sharia de principiële bronnen zijn van wetgeving. De islam speelt een centrale rol in de Staat en in het maatschappelijke leven. Nu de overheid bij de wetgeving van de Sharia uit zal gaan, zal er veel ruimte over zijn voor discriminerende wetgeving jegens vrouwen. Interpretaties van de Sharia maken het namelijk mogelijk om een onderscheid te maken tussen de man en de vrouw. Daarnaast speelt de islam ook een grote rol in het gezinsleven. Dit blijkt uit artikel 10 van de Grondwet. In dit artikel is namelijk verwoord dat de familie de basis vormt van de maatschappij en is gefundeerd op religie, moraliteit en vaderlandsliefde. Daarnaast zal de Staat volgens dit artikel de morele waarden van de familie beschermen, zoals bij wet zal worden voorzien. Ten derde zal de Staat het mogelijk maken om de plichten van de vrouw jegens haar familie en haar werk te verzoenen. In dit artikel zien we de gelijkheidsrechten van de vrouw terugkomen. Of beter gezegd, de niet-gelijkheidsrechten. De vrouw krijgt hier, net als in het derde artikel van de preambule, niet een volwaardig individuele rol toegeschreven, maar krijgt al een bepaalde taak in het gezin toegewezen. Nu ook de islam een rol speelt in het gezinsleven en de Staat blijkens dit artikel dit gezinsleven kan beschermen, is de kans groot dat de vrouw een onderdanige rol zal krijgen in de praktijk, nu deze rol ook in de wet verwoord staat. Deze gedachte wordt nog meer versterkt doordat premier Morsi het Vrouwenverdrag liever niet geïmplementeerd ziet, omdat de gelijkheidsrechten van de vrouw die hierin genoemd worden strijdig kunnen zijn met de religieuze normen en waarden. Dit alles levert wel strijd op met het eerder genoemde Vrouwenverdrag. Er wordt namelijk onderscheid gemaakt tussen mannen en vrouwen, nu de vrouw een traditionele rol toegeworpen krijgt. Dit levert strijd op met artikel 1, aangezien dit artikel juist vermeldt dat elk onderscheid verboden is. Daarnaast levert het ook strijd op met de artikelen 2 en 15, want

38

de vrouw wordt niet voor de wet geheel op gelijke voet aan de man gesteld. Artikel 3 kan hiermee ook in het geding zijn, omdat het onderscheid tussen de man en de vrouw er ook voor kan zorgen dat de vrouw niet van alle mensenrechten kan genieten. Dit leidt tot de slotsom dat de vrees van Egyptische vrouwen gegrond is. Hoewel de Egyptische staat gebonden is aan het Vrouwenverdrag, kiest premier Morsi er voor om deze internationale verplichting te schenden en de voorkeur te geven aan het inrichten van de maatschappij op een manier dat aan de vrouw een meer traditionele rol toekomt. Helaas is de Egyptische vrouw op grond van de grondwet niet geheel gelijk aan de Egyptische man. Er zal nog veel gestreden moeten worden. Noten 1 ‘Herdenking Egyptische revolutie loopt uit op hevige rellen’, Trouw 25 januari 2013, http://www.trouw.nl/tr/nl/4496/ Buitenland/article/detail/3383015/2013/01/25/HerdenkingEgyptische-revolutie-loopt-uit-op-hevige-rellen.dhtml. 2 Verdrag Inzake de uitbanning van Alle Vormen van Discriminatie van Vrouwen, 18 december 1979, Trb. 1981, 61. 3 United Nations Treaty Collection, Chapter IV Human Rights, Convention on the Elimination of All Forms of Discrimination against Women, http://treaties.un.org/Pages/ViewDetails. aspx?src=TREATY&mtdsg_no=IV-8&chapter=4&lang=en . 4 ‘Moslimbroederschap ziet VN-vrouwenverdrag als bedreiging’, Trouw 15 maart 2013, http://www.trouw.nl/ tr/nl/4496/Buitenland/article/detail/3409911/2013/03/15/ Moslimbroederschap-ziet-VN-vrouwenverdrag-alsbedreiging.dhtml.


De vrijheid van godsdienst: het recht op ongelijke behandeling Door Vincent de Haan

I

die godsdiensten grote verschillen van mening bestaan over de manier waarop die beleden moeten worden. Tegen een orthodoxe jood die op zaterdag geen legitimatiebewijs wenst te dragen, kan de rechter dus niet zeggen: “Maar kijk dan, er zijn ook joden die wel hun legitimatiebewijs willen dragen op zondag, dus jij interpreteert je eigen godsdienst verkeerd.” Aan de andere kant kan ook niet iedereen een aan hem welgevallige maar volledig zelfverzonnen lezing geven aan zijn godsdienst. Als het in de rechtszaal tot een meningsverschil komt over de vraag of een bepaalde handeling een vorm van geloofsbelijdenis is, zal dit moeten worden uitgezocht door een deskundige. Deze zal dan niet moeten beoordelen of de onderhavige handelingen de algemene manier zijn van de belijdenis van de De functie van de godsdienstvrijheid Vooropgesteld moet worden dat de vrijheid van godsdienst specifi eke godsdienst, maar hij zal moeten onderzoeken of het zoals deze in wetten en verdragen is verankerd, niets te maken een van de algemeen aanvaarde manieren is. Het kan dus zijn heeft met het recht om te geloven. Het recht op vrijheid van dat slechts een kleine deelgemeenschap binnen de aanhangers gedachten is weliswaar nergens vastgelegd, maar wordt veelal van een bepaalde godsdienst, de betreffende handeling als verondersteld en is bovendien met de huidige stand van de geloofsbelijdenis beschouwt. techniek ook moeilijk te beperken. Het geloof in god is dus Excessen van de godsdienstvrijheid veilig, met of zonder grondrechten. Ook de mogelijkheid om anderen te vertellen over dit geloof, Zoals elk recht is ook het recht op vrijheid van godsdienst te en om bij elkaar te komen om hier samen over te praten, en om misbruiken. Als het aanhangen van een godsdienst blijkbaar heilige boeken te drukken, en deze vrij te verkopen, is geenszins leidt tot ontheffing van bepaalde wettelijke verplichtingen, in gevaar. Deze activiteiten worden namelijk beschermd door hoeft iemand aan wie de wet onwelgevallig is, alleen maar een de vrijheid van meningsuiting en de vrijheid van vereniging. godsdienst te vinden die aansluit bij zijn behoeften. Vervolgens hoeft hij alleen maar te De vraag die zich opdringt, is: wat beschermt de vrijheid van stellen dat hij aanhanger godsdienst dan eigenlijk wel? van die godsdienst is – het Dit grondrecht komt pas in actie als gelovigen iets willen wat tegendeel daarvan valt voor anderen verboden is, maar waarvan zij menen dat het moeilijk te bewijzen – en zo’n essentiële plaats inneemt in hun geloofsovertuiging, dat het hij kan zijn gang gaan. In onredelijk bezwarend zou zijn om hen aan dit verbod te houden. het verleden is dit diverse Dan moet de rechter nog wel een belangenafweging uitvoeren malen geprobeerd. om vast te stellen of het misschien gerechtvaardigd kan zijn de Een bekend geval is dat vrijheid van godsdienst te beperken, maar het resultaat hiervan van de Zusters van Sint kan dus zijn dat gelovigen iets wel mogen, wat ongelovigen niet Walburga.1 De zaak betrof mogen. n de democratische rechtsstaat spelen grondrechten een belangrijke rol, met als overkoepelend beginsel het gelijkheidsbeginsel. Als grondrechten worden vaak in een adem genoemd de klassieke grondrechten vrijheid van meningsuiting, vrijheid van vereniging en vrijheid van godsdienst. Die laatste vrijheid, de godsdienstvrijheid, is echter een vreemde eend in de bijt. Deze vrijheid staat namelijk op gespannen voet met het gelijkheidsbeginsel, zeker in deze moderne tijd waarin het niet meer voor zich spreekt dat iedereen zich wel tot enige godsdienst voelt aangetrokken. Ik zal dan ook betogen dat de vrijheid van godsdienst dient te worden afgeschaft.

De reikwijdte van de godsdienstvrijheid Om vast te stellen of een bepaalde activiteit door de godsdienstvrijheid beschermd wordt, moet worden vastgesteld wat een godsdienst is, en wat belijden is. Een probleem is echter dat er talloze godsdiensten zijn en dat er ook binnen al

een sek sclub waarin de danseressen als ‘zusters’ werden aangemerkt, en men het etablissement als een kerk van Satan voorstelde. Aldus wilde men voorkomen dat de politie de shows kon onderbreken met invallen. Destijds was immers in art. 123 Sv bepaald dat een kerkdienst niet mocht worden onderbroken ten behoeve

39


‘Het recht op vrijheid van gedachten is weliswaar nergens vastgelegd, maar wordt veelal verondersteld en is bovendien moeilijk te beperken. Het geloof in god is dus veilig, met of zonder grondrechten’ van opsporingshandelingen. Als de seksclub als klooster zou worden aangemerkt, en de danseressen als zusters, was met weinig fantasie ook in te zien dat een voorstelling als kerkdienst had moeten worden aangemerkt. Hier heeft de Hoge Raad echter een stokje voor gestoken, omdat geen enkele religieuze ervaring te bemerken was bij de danseressen of de bezoekers. Dat impliceert natuurlijk wel dat de Hoge Raad in staat is dat te beoordelen, en dat een religieuze ervaring blijkbaar naar buiten kenbaar is. Een recht op ongelijke behandeling Het gelijkheidsbeginsel stelt: gelijke gevallen moeten gelijk behandeld worden. Vervolgens wordt eindeloos gediscussieerd over welke gevallen gelijk zijn. Wat zijn de relevantiecriteria? Door de vrijheid van godsdienst te erkennen wordt geïmpliceerd dat het aanhangen van een godsdienst blijkbaar een criterium is op basis waarvan gevallen ongelijk kunnen zijn. Als twee personen hetzelfde bij wet verboden gedrag vertonen, maar één uit godsdienstige overtuiging, en één omdat hij er gewoon zin in heeft, zijn dat op dit moment ongelijke gevallen: de godsdienstige zal succesvoller zijn om de wet te ontlopen dan degene die zich slechts door zijn verlangens laat leiden. Blijkbaar hangt die ongelijke behandeling slechts samen met het subjectieve geloof in een god, waarvan geenszins relevant

40

is of die wel bestaat. Zijn de andere klassieke grondrechten er juist op gericht om de vrijheid van eenieder gelijkelijk te beschermen, de vrijheid van godsdienst is juist een recht op ongelijke behandeling. De afschaffi ng van de godsdienstvrijheid Omdat ik voor gelijke behandeling ben, pleit ik voor afschaffi ng van de vrijheid van godsdienst. Dit kan met zich meebrengen dat gelovigen – net als ongelovigen – zich in het vervolg aan alle wetten moeten houden. Als de politiek dit onwenselijk acht, kan zij beter die wet in het geheel heroverwegen, dan een uitzondering inbouwen voor een groep gelovigen. Overigens is dit waarschijnlijk een theoretische discussie, aangezien de godsdienstvrijheid onder meer is vastgelegd in het EVRM, en het niet eenvoudig zal zijn dit te wijzigen. Wijziging daarvan zal immers unaniem moeten gebeuren, en vooral in de Zuid-Europese staten heeft het geloof nog veel aanhangers. Dat neemt niet weg dat het goed kan zijn de vreemde positie van de godsdienstvrijheid in onze grondrechtencatalogus eens te heroverwegen. Noten 1 HR 21-20-1986, NJ 1987, 137.


Eindfeest

41


Eindborrel

‘Verdachten waren betrokken bij de ontwikkeling van grote vastgoedprojecten en hebben gefraudeerd door rekeningen op te hogen of door rekeningen te versturen waarvoor geen diensten geleverd zijn’

42


43


44

Profile for JFAS

Nota Bene juni 2013 - Gelijkheid  

Verenigingsblad Juridische Faculteit der Amsterdamsche Studenten

Nota Bene juni 2013 - Gelijkheid  

Verenigingsblad Juridische Faculteit der Amsterdamsche Studenten

Advertisement