Issuu on Google+

Jaarverslag 2010


NIEUWSBRIEF | APRIL 2011

MIK jaarverslag | 2010 | pagina 2


De meerwaarde van MIK

Colofon

Een jaarverslag is de gelegenheid bij uitstek om te laten zien wat je allemaal in huis hebt. Alle hoogtepunten op een rij, hier en daar nog wat extra onderstreept om te laten zien wat onze meerwaarde is.

Dit is een uitgave van MIK Kinderopvang augustus 2011 Samenstelling MIK Kinderopvang Concept & vormgeving Groenergras.com / MIK Kinderopvang Teksten MIK Kinderopvang Foto’s MIK Kinderopvang en Roosenboom fotografie

Het thema van 2010 is meerwaarde. Meerwaarde of meer waard? Het is een subtiel verschil, maar in het geval van MIK zijn ze allebei van toepassing. Meer waard word je door betere kwaliteit te leveren, door je te onderscheiden met je dienstverlening, door een rol te vervullen waardoor ouders én kinderen je bijna onmisbaar vinden, door je expertise te laten spreken als je samenwerkt met anderen, door realistisch, creatief en ambitieus te werk te gaan. En vastberaden.

MIK Kinderopvang Wilhelminasingel 91-93 6221 BH Maastricht Postbus 3149, 6202 NC Maastricht Tel 043-351 71 71

Dat alles bij elkaar opgeteld, plus de onschatbare ervaring van vele, vele jaren MIK, dát geeft meerwaarde. Op alle fronten overigens, dat kunt u lezen in de acht verhalen van heel diverse MIK-mensen die terugkijken op 2010.

Fax 043-351 71 70

Graag tot in 2011. En bij voorkeur nog vele jaren daarna.

E-mail info@mik-online.nl

Hartelijke groeten namens alle MIK-collega’s,

Internet www.mik-kinderopvang.nl

Els Landerloo

Inhoud

6&7

8&9

De meerwaarde van MIK’s pedagogische visie

‘Meerwaarde in ’n kinderleven’

12&13

14 - 15

16&17

18 & 19

20

21

22 & 23

24&25

4&5

De meerwaarde van kinderopvang voor de samenleving

De meerwaarde van een volledig geïntegreerd automatiseringssysteem

Ondernemingsraad

26 Raad van Commissarissen

De meerwaarde van een degelijk kwaliteitsbeleid

Organogram MIK-organisatie

De meerwaarde van en voor de medewerkers

De meerwaarde van brede kindcentra

10&11 Resultaat

De personele organisatie

De meerwaarde van een breed aanbod van activiteiten

27

Centrale Oudercommissie

pagina 3 | 2010 | MIK jaarverslag


MIK jaarverslag | 2010 | pagina 4


De meerwaarde van kinderopvang voor de samenleving

Én over geloven in je eigen kracht In 2005 werd de Wet Kinderopvang ingevoerd, even werd er zelfs gepleit voor gratis kinderopvang. En in 2010 staan alle argumenten die destijds ten grondslag lagen aan toen gemaakte keuzes, opnieuw ter discussie. Is kinderopvang dan niet langer belangrijk als maatschappelijke voorziening, zowel economisch als sociaal? “Het is een heel bijzondere tijd nu.”

Teleurgesteld, maar tegelijkertijd misschien wel meer dan ooit overtuigd van de kracht van haar organisatie is Els Landerloo, directeur van MIK. Wat we in al die jaren hebben opgebouwd, de kwaliteit van de mensen die MIK hebben gemaakt tot wat het nu is… daar gelooft ze in. “We zijn gewoon een hartstikke goede organisatie met een enorme expertise, met doorzettingsvermogen, met kwaliteit. Onze dienstverlening is maatschappelijk zeer relevant en zelfs noodzakelijk.” De samenleving levert in nu de overheid weer fors wil bezuinigen op het budget voor kinderopvang. Dat baart Els Landerloo zorgen: het raakt veel mensen. Als beide ouders werken, is de toegankelijkheid van professionele en betaalbare kinderopvang noodzakelijk. Blijven ouders in staat om de dienstverlening van MIK af te nemen? Of gaan we straks weer terug naar af, waar met veel passen en meten informele oplossingen bedacht worden? Elke dag een andere oplossing, afhankelijk zijn van ouders, schoonouders en buurvrouwen? Onrust, rommelig, kun je daar altijd op rekenen? En dan heeft ze het nog niet over de kwaliteit gehad.

“Als maatschappelijke organisatie verlenen we kinderen en ouders op de eerste plaats service.”

Het kan verkeren. Na jaren van alleen maar groei, moet je opeens serieus rekening houden met krimp. Toch zou MIK zichzelf niet zijn als ze nu bij de

“Als maatschappelijke organisatie verlenen we kinderen en ouders op de eerste plaats service. Dát blijft centraal staan.”

pakken neer gingen zitten. MIK blijft een sprankelend en innovatief bedrijf. Dat innovatieve karakter komt heel goed van pas nu er efficiënter dan ooit moet worden gewerkt. Voortdurend worden de bedrijfsprocessen geanalyseerd, hoe houden we de kwaliteit optimaal en tegelijkertijd de kosten zo laag mogelijk?

Hoe blijven we gezond? Niet of-of, maar en-en. Dát is de uitdaging. En dat allemaal naast de steeds intensiever wordende samenwerking met het onderwijs en peuterspeelzalen en andere relevante partijen. De opmars van het kindcentrum van de toekomst: ook dáár gelooft Els Landerloo in.

pagina 5 | 2010 | MIK jaarverslag


MIK jaarverslag | 2010 | pagina 6


De meerwaarde van MIK’s pedagogische visie

Én over pedagogiek in beweging Laat er geen misverstand over bestaan. Het is geen kwestie van één keer een pedagogische visie neerleggen en dan ben je klaar. Pedagogiek moet in beweging zijn, in beweging blijven. Pedagoge Marie-José Ploemen: “Je levert een bijdrage aan het leven van kinderen in de wereld van morgen en dat vraagt juist van opvoeders om kinderen bekend te maken met én vertrouwen te geven in die wereld.” Ze voegt hier meteen aan toe dat beweging niet altijd verandering hoeft te betekenen. Sterker nog: MIK gaat vooral voor verdieping. “Nieuw, nieuw, nieuw, mag dan tegenwoordig de trend zijn, voor ons geldt dat we ook vasthouden aan wat goed is.” En wil je kwaliteit leveren, dan hoort daar structureel opleiden, scholen en ontwikkelen bij. Marie-José zit in de regiegroep van het samenwerkingsverband van opleiders; bij MIK is ze hoofd van de beroepspraktijkopleiding. Als geen ander kan ze daarom ook de verbinding maken tussen de pedagogische kwaliteit die MIK van haar medewerkers vraagt en wat dat betekent voor stagiaires en instromende pedagogische medewerkers. Ze is blij dat het management de ontwikkeling van de pedagogische kwaliteit als speerpunt blijft houden: “Het gaat om behoorlijke investeringen, maar het is belangrijk om het pedagogisch handelen continu te verbeteren en nieuwe ontwikkelingen te blijven volgen. Je wilt immers voor kinderen en hun ouders echt een goede partner in opvoeding zijn.” Meerwaarde. Je ziet het in de rijke leeromgeving van alle locaties. Taal is in de brede zin van het woord dé insteek omdat alle denkprocessen zich in taal voltrekken.

In de zes VVE-locaties werken we met ‘Speelplezier’, maar MIK wil overal een rijk taalaanbod aanbieden. Steeds weer samen lezen en vertellen over alle dingen die kinderen bezig houden. Lang leve de pedagogisch medewerkers die daar een echt feestje van weten te maken. In 2010 werkte Marie-José met een werkgroep aan de pedagogische inrichtingsvisie van MIK. Binnen nu en pakweg vijf jaar moet voor ouders de pedagogische MIK kwaliteit herkenbaar zijn in de inrichting van de locaties. Meer rust - minder prikkeling - is eigenlijk het meest in het oog springende kenmerk van de inrichting nieuwe stijl. Vaste speelhoeken met gevarieerde speelmaterialen: werken aan ontwikkeling. Vaste plekken voor activiteiten, kleuren in natuurtinten,

één documentatiewand in plaats van overal wat ophangen… dat soort dingen. Het is natuurlijk wel een verandering: ‘de gezelligheid gaat weg’, werd er geroepen, en ‘eenheidsworst.’ “Als medewerkers door het veranderingsproces gaan, ervaren ze zelf de meerwaarde van meer rust en een gestructureerde werkwijze. Bovendien: Kinderen geven zelf kleur aan de ruimte!” In de inrichtingsvisie zijn alleen de grote lijnen aangegeven. “Er werken overal andere mensen met andere ideeën. Dat maakt dat ene kinderdagverblijf of die ene BSO nu juist zo speciaal. Die eigenheid moeten we vooral behouden. Dus natuurlijk is er inspraak en zeggenschap. Ook dat geeft immers meerwaarde.” We blijven samen in beweging: met kinderen, met ouders, met elkaar!

“We blijven samen in beweging: met kinderen, met ouders, met elkaar!” pagina 7 | 2010 | MIK jaarverslag


“Bijzondere locaties, persoonlijke benadering, de mensen, maar ook de dingen die MIK kanvanwege haar omvang.�

MIK jaarverslag | 2010 | pagina 8


‘Meerwaarde in ’n kinderleven’

Én over hoe je zo’n lijfspreuk tot leven laat komen

Het antwoord van Mieke Pirson, Manager Marketing & Sales bij MIK Kinderopvang, op de vraag ‘wat was voor jou bijzonder in 2010?’ is kort maar krachtig. Eén: de nieuwe ambitieverklaring. En twee: het strategisch beleid. Drie: het eigenwijs ontwikkelarrangement.

Jarenlang ging MIK door het leven als ‘Maatwerk in Kinderopvang’, af te korten tot MIK. “Maar dat klopt niet meer,” Mieke Pirson legt uit dat MIK weliswaar verschillende diensten en pakketten levert, maar dat van maatwerk in de opvang geen sprake is. Bovendien, ook het woord kinderopvang dekt de lading niet: “We doen zoveel meer. Op alle leeftijden zijn we echt ontwikkelgericht bezig; plezier en spelend leren staan voorop. Niks ‘je moet naar de BSO of kinderdagverblijf’, maar veel meer ‘joepie, ik mag’. Daarom: meerwaarde in ’n kinderleven.” Beetje bij beetje kreeg (en krijgt) de nieuwe lijfspreuk inhoud. Veel valt op z’n plek. De meerwaarde van MIK: voorbeelden te over. Bijzondere locaties, persoonlijke benadering, de mensen, maar ook de dingen die MIK kan doen vanwege haar omvang. De BSO-revue, het kamp in de meivakantie, het uitgebreide activiteitenprogramma, de experimenten met de maaltijdservice, de pilot – samen met Stichting jong Leren – van een BSO voor meer- en hoogbegaafde kinderen -, eigen pedagogen die een vraagbaak zijn voor pedagogische medewerkers, maar ook voor ouders. Marktonderzoek en analyses waarmee MIK ook gemeenten, schoolbesturen en peuterspeelzaalorganisa-

ties van dienst is. Tal van samenwerkingsinitiatieven. Meerwaarde dus. Dat brengt ons vervolgens op het tweede onderwerp van gesprek: het nieuwe strategisch beleid 2011-2015 met als ambitieuze titel ‘Blijvend onderscheidend’. Onderbouwd met gegevens uit eigen marktonderzoek en (externe) analyses. Groepsdiscussies met ouders en oudere BSO-kinderen leverden een schat aan informatie op. Diverse onderwerpen kwamen aan bod: half uurtje eerder open of half uur later dicht? Is tieneropvang een logisch vervolg op de BSO? Is er een verschil tussen een peuterspeelzaal en een kinderdagverblijf? Een all-in tarief of een basistarief en bijbetalen voor extra’s? Ook de ervaringen van samenwerkingspartners werden geïnventariseerd: hoe tevreden zijn schoolbesturen en peuterspeelzaalorganisaties met de samenwerking met MIK? “Dik tevreden zo bleek. We kregen een acht!” Al die onderzoeken en analyses kwamen samen in een uitgebreid strategisch beleid voor de jaren 2011-2015, getiteld ‘Blijvend onderscheidend’. Over ambities gesproken. Meerwaarde. Helemaal ingeburgerd dus. Als laatste komt de film: ‘Eigenwijs ontwikkelarrangement’ ter sprake.

MIK heeft haar visiedocument ‘Eigenwijs ontwikkelarrangement’ vertaald in beeld. Hierin wordt in beeld gebracht hoe MIK de toekomst van dagarrangementen, geïntegreerde ontwikkeling in een doorgaande leerlijn van 0-13 jaar en van 7:00-19:00 uur voor zich ziet, als start voor een dialoog met schoolbesturen, peuterspeelzaalorganisaties en gemeenten. Deze film is overal getoond (ook op een minicongres van brancheorganisatie KINDwijzer) en in tal van vergaderingen, overleggen en bijeenkomsten inleiding geweest bij inhoudelijke discussies rondom dit thema. Wij hebben hierin onze meerwaarde als verantwoordelijke en ondernemende partij laten zien, in een thema dat op dit moment zeer relevant en actueel is. Wij spreken niet van dagarrangement (dat insinueert ‘de dag vol krijgen’, ‘dagbesteding’) maar van ontwikkelarrangement: het gaat er immers om dat kinderen zich integraal ontwikkelen, waarbij er sprake is van onderlinge afstemming, zoals bijvoorbeeld gedeelde pedagogische visie, samenwerken rondom thema’s etcetera. Wij noemen dat ‘Eigenwijs’ omdat er op elke plek (integrale kindcentra) ruimte moet zijn voor maatwerk, een invulling op ‘eigen wijze’, in de lokale situatie en met het specifieke team (‘couleur locale’).

pagina 9 | 2010 | MIK jaarverslag


Bedrijfsresultaat Het strategisch beleid is in 2010 aangepast. De reden daarvan is dat de rijksuitgaven op het budget kinderopvang in de periode 2011 tot 2015 gaan verminderen. Vooruitlopend daarop had het demissionaire kabinet in 2010 al maatregelen genomen om te korten op de kinderopvangtoeslag die met ingang van januari 2011 van toepassing zal zijn. Om haar onderscheidend vermogen in een krimpende markt nog beter tot uitdrukking te brengen heeft MIK haar ambitieverklaring en haar strategie geactualiseerd. Besloten werd de betekenis van de letters MIK te veranderen van Maatwerk in Kinderopvang in Meerwaarde in ’n Kinderleven. Het logo werd aangepast. Strategie De strategische speerpunten van MIK zijn: 1. Het vormgeven van strategische en inhoudelijke samenwerking met kernpartners (onderwijs- en peuterspeelzaalorganisaties) in ons werkgebied. 2. De organisatie kwantitatief en kwalitatief in evenwicht houden in een krimpende markt. 3. Het zichtbaar maken van onze maatschappelijke waarde aan de samenleving door kwalitatief goede en gewenste dienstverlening te leveren aan kinderen en hun ouders. 4. Het versterken van een klant- en marktgerichte benadering, zowel in- als extern. 5. Het doorontwikkelen van sterk leiderschap, waardoor onze medewerkers gestimuleerd worden hun kwaliteiten optimaal te benutten en met passie hun vak uit te oefenen: Missie Wij verrijken het leven van kinderen; we stimuleren de integrale ontwikkeling van het kind op weg naar zelfstandigheid. Met ouders delen wij in goede samenspraak zorgtaken en opvoeding. Als maatschappelijk onderneming

MIK jaarverslag | 2010 | pagina 10

zorgen we voor een gezond evenwicht tussen kosten en opbrengsten om de continuïteit van onze dienstverlening te waarborgen. Daarbij willen wij landelijk toonaangevend en regionaal marktleider zijn.

afsluiten van een intentieovereenkomst met de Stichting jong Leren. Ook in Sittard-Geleen werd structureel overleg gevoerd met de stichtingen Prooses en Focus (vanaf 2011 Kindante), op zowel bestuurlijk als operationeel niveau. Op het locale niveau is er in toenemende

Visie Dit willen wij bereiken door: - Kinderen vakkundig te begeleiden in hun ontwikkeling en plezier toe te voegen aan hun leven; - Voor ouders een partner in opvoeding te zijn; - Met andere (kind)partners samen diensten en concepten te ontwikkelen waarbij het kind centraal staat; - Ruimte te bieden aan medewerkers om zich te ontplooien en het beste uit zichzelf te halen.

mate afstemming en overleg tussen de teams van de kinderopvang en de school. Het inrichten van BSO’s binnen de scholen en het leveren van diensten in het kader van tussenschoolse opvang en/of het bieden van buitenschoolse activiteiten aan de scholen is binnen ons werkgebied aan de orde. Ook met de scholen, waar wij een minder exclusieve samenwerkingsrelatie mee onderhouden. Ook met de peuterspeelzaalorganisaties in ons werkgebied werden op bestuurlijk en operationeel vlak de samenwerkingsmogelijkheden intensief verkend.

Marktontwikkelingen In 2010 werd voor het eerst duidelijk zichtbaar dat de markt voor kinderopvang in ons werkgebied de verzadiging nadert; in de begroting voor 2010 werd de lat wat betreft de verwachte omzet, letterlijk te hoog gelegd. Hoewel het resultaat van 2010 goed was, wordt dit vooral veroorzaakt door zorgvuldige kostenbeheersing. Het overleg dat MIK voert met de schoolbesturen binnen haar werkgebied om de samenwerking te intensiveren is in 2010 voortgezet en heeft binnen de gemeente Maastricht geleid tot het

Ontwikkelingen in 2010 • De kwaliteit van de ondersteunende afdelingen in het CB aan de locaties werd verder verbeterd door het procesmanagement te intensiveren. De SLA’s werden geïntegreerd in de strategische acties. De interne leveranciersbeoordelingen laten een positieve curve zien. • De medewerkers van MIK waarderen hun tevredenheid over hun werk en werksituatie in 2010 met het cijfer 7,15 op een schaal van 1 tot 10.


•  Medio 2010 is de implementatie van KidsVision gestart. Het doel is met dit integrale pakket processen effectiever en efficiënter uit te voeren; relevante interne en externe regelgeving door te voeren; juiste, tijdige en volledige gegevens aan te leveren, waardoor tijdige (bij)sturing op basis van betrouwbare relevante informatie mogelijk is. Voor een juiste uitvoering is een projectorganisatie ingericht. • MIK maakte in 2010 haar risico’s inzichtelijk. De risicoanalyse zal vanaf nu jaarlijks worden geactualiseerd. De beheersmaatregelen zijn opgenomen in het strategisch actieplan. • De Gemeente Maastricht besloot in het najaar om met ingang van 1 januari 2011 de subsidiering van Crèche Plus te beëindigen. De afbouw van deze groep is in 2010 voorbereid, aangezien MIK geen gehoor vond voor het ingediende bezwaar. • Als gevolg van de wijziging van de kwaliteitscriteria die voor gastouderopvang golden zijn alle niet gekwalificeerde gastouders in 2010 opgeleid en gecertificeerd. • Het MD traject gericht op de versterking van het leiderschap dat door alle leidinggevenden van MIK werd doorlopen werd in 2010 afgerond. • Om te anticiperen op een mogelijke krimp van de organisatie in 2011 werd in 2010 het besluit genomen, om geen vaste dienstverbanden meer aan te gaan met medewerkers en maximaal gebruik te maken van de flexibiliteit die de wet biedt. Deze maatregel gaf deining in de organisatie en legt druk op de bewaking van de kwaliteit. Het bieden van continuïteit kan een punt van aandacht zijn daar waar het evenwicht tussen medewerkers met een vast en een tijdelijk dienstverband uit evenwicht is of kan raken. MIK blijft investeren in het verbeteren van de pedagogische kwaliteit en in innovatie.

• Om het debiteurenrisico te beperken werd (in goed overleg met de COC) besloten de facturatie met ingang van januari 2011 met een maand te vervroegen. Dat betekende dat ouders in de maand december twee facturen ontvingen. Dat moment viel ongelukkigerwijs ook samen met de korting op de kinderopvangtoeslag. Deze maatregel leverde begrijpelijk een groter aantal klachten op dan gebruikelijk.

Financiële resultaten Resultaatvergelijking

2010

2009

Omzet

29.282.403

27.575.302

Salariskosten

19.756.512

18.620.981

Afschrijvingen

1.165.115

947.420

Overige bedrijfskosten

6.344.286

6.680.337

Rente resultaat

76.164

90.330

Totaal kosten

27.342.076

26.339.068

Totaal resultaat voor belasting

1.940.327

1.236.234

Omzet / Bezetting De omzet 2010 is met EUR 29,2 miljoen ruim 6% hoger dan in 2009. 2,5% wordt gerealiseerd door de tariefstijging, het overige deel door de stijging van de kindbezetting. Indien naar de afzonderlijke producten wordt gekeken, dan kan worden geconstateerd dat er een groei (5%) in de bezetting van de Buitenschoolse Opvang was en een zeer beperkte groei (1%) in de bezetting van de dagopvang, waarbij moet worden aangetekend dat in de regio Maastricht in de tweede helft van het jaar een daling in de bezetting dagopvang is ingezet. Het aantal koppelingen gastouderopvang is met bijna 25% gedaald. Deze forse daling is het gevolg van de wijzigingen in de wetgeving gastouderopvang.

Bezette kindplaatsen / koppelingen 750

2009 2010

700 650 600 550 500 450 400

KDV Regio

KDV Maastricht

BSO Regio

BSO Maastricht Gastouderopvang

pagina 11 | 2010 | MIK jaarverslag


MIK jaarverslag | 2010 | pagina 12


De meerwaarde van een volledig geïntegreerd automatiseringssysteem

Én over andere tijden Zeg ‘2010’ en Veronique Maessen roept meteen: Kidsvision! Dat is de naam van het nieuwe, volledig geïntegreerde automatiseringssysteem dat sinds kort operationeel is. Het stond al langere tijd op het verlanglijstje van de Manager Bedrijfsvoering van MIK. Financiën, kindplanning en personeelsplanning, het waren allemaal aparte systemen. Tot nu toe. “Natuurlijk was het wennen, er moet nieuwe routine opgebouwd worden en dat kost tijd. Daarnaast – en dat is het kenmerk van een geïntegreerd systeem – zul je soms informatie moeten invoeren waar jij zelf geen direct voordeel van hebt. Maar anderen, verderop in het proces, weer wel. Het onderdeel kindplanning is de basis van het administratieve proces bij MIK: is er plek, hoe regelen we het enzovoorts. Kindplanning en Financiën werden tegelijkertijd gelanceerd. Een logische combinatie, want zoals Veronique het uitdrukt: “Als het goed is, leidt kindplanning tot facturering.” De oplevering liep perfect op schema en vrijwel geheel naar wens. Al gebiedt de eerlijkheid te zeggen dat de facturering van de gastouderopvang niet helemaal vlekkeloos verlopen is. “Maar dat komt goed.” Nu al is duidelijk dat het veel gemakkelijker is om data – lees: managementinfo – uit de systemen te halen. “In een dynamische branche als kinderopvang, ontstaat er opeens een nieuwe vraag: wat als? Er is nu al veel meer sturingsinformatie beschikbaar. En dan moet de implementatie met de personeelsplanning nog komen.” De urenregistratie gebeurt nu nog gedeeltelijk handmatig, een tijdrovende klus met veel kans op fouten en hoe snel je de uren ook ‘inklopt’ je loopt altijd achter de feiten aan.

“Achteroverleunen? Niks voor ons, niks voor MIK.”

Ook in 2011 staat Kidsvision nog regelmatig op de agenda’s. Want naast het afronden van het deel personeelsplanning, zijn ze bij MIK aan het onderzoeken welke portals aan het pakket gekoppeld kunnen worden. Bijvoorbeeld: aanvragen en wijzigingen door de ouders via internet. Sneller en efficiënter: de twee toverwoorden die vrijwel elke organisatie als muziek in de oren klinken.

bruggetje naar het tweede onderwerp van gesprek. We kunnen er niet om heen: doordat de overheid het beleid zo radicaal omgooit, breken er voor MIK andere tijden aan. “Als organisatie moet je je daar zo goed mogelijk op voorbereiden, ook al heb je werkelijk geen idee welke kant het uitgaat. Achteroverleunen en wachten wat er komen gaat? Niks voor ons, niks voor MIK.”

“Klaar ben je eigenlijk nooit,” zo maakt Veronique Maessen een mooi

pagina 13 | 2010 | MIK jaarverslag


“Hoog tijd voor procesmanagement: zo werkt het niet, maar hoe dan wel?�

MIK jaarverslag | 2010 | pagina 14


De meerwaarde van een degelijk kwaliteitsbeleid

Én over kort en krachtig communiceren Op het prikbord van haar werkkamer hangen drie kaartjes met de volgende teksten: ‘Gissen = missen’, ‘Gokken = dokken’ en ‘Meten = weten’. Het typeert de afdeling Kwaliteit en Beleid en Annelies Snijders als manager daarvan. Kwaliteit is immers geen half werk leveren. Het is een continu proces: het kan immers altijd anders, altijd beter. Vaak begin je met de grote lijnen, maar uiteindelijk gaat het om de details.

Procesmanagement blijkt een praktisch en goed werkzaam instrument. En wat goed is, daar ga je mee verder. Complexe processen die niet lekker lopen, daar zetten we graag onze tanden in. Dat kost tijd, dat kost energie, maar het levert altijd iets op. Door zo’n proces tot op de draad uit te rafelen worden bottlenecks snel duidelijk. Annelies noemt het voorbeeld van ‘de klussen’: met 75 locaties is er altijd wel ergens wat te repareren. Maar als niet helder is wie de opdrachtgever is, wie de klus controleert, wie communiceert met de werkmensen - kortom: wie waarvoor verantwoordelijk is - dan wordt het al snel een rommeltje. Hoog tijd voor procesmanagement: zo werkt het niet, maar hoe dan wel? De uiteindelijke oplossing lijkt simpel, maar er is heel wat tijd, energie en overleg in gaan zitten. En uiteindelijk zelfs een kleine reorganisatie.

‘Kwaliteit en Beleid’ is onder andere verantwoordelijk voor het bijhouden en intern doorcommuniceren van allerlei regelingen, wetten en werkwijzen. Tientallen protocollen worden doorlopend aangepast of aangevuld en gaan via de “zeef” van deze afdeling naar de medewerkers. Vanaf 2010 worden wijzigingen in protocollen (nog) meer gebundeld en op vaste momenten doorgegeven. De training effectief schrijven werpt z’n vruchten af: korte teksten, direct, overzichtelijk, duidelijk. En aantrekkelijker om te lezen. “We maken de vertaalslag naar de uiteindelijke gebruikers. Wat hebben zij nodig? Hoe kunnen wij er voor zorgen dat het leesbaar en behapbaar blijft? Dát is de toegevoegde waarde van onze afdeling.”

Elke drie maanden gaat er een korte, digitale nieuwsbrief naar de locaties, KwaliTIJD genaamd. De thema’s uit de Kwaliteitsklapper – de ‘bijbel’ voor Kwaliteit en Beleid – komen allemaal aan de orde: (brand)veiligheid, gezondheid, kwaliteit, pedagogiek en welbevinden. Bij zo’n nieuwsbrief kun je natuurlijk alle protocollen als bijlage meesturen, maar het kan ook anders. Bijvoorbeeld met een lijstje met do’s & don’ts of een poster met een top tien, of – mooi voorbeeld bij het thema brand – een speeltip: een ontruimingsoefening naspelen met Lego! Klachtafhandeling 2010 Bij de SKK (Stichting Klachtencommissie Kinderopvang) zijn geen klachten over de dienstverlening van MIK Kinderopvang in behandeling genomen.

In 2010 heeft ook MIK Regio het felbegeerde HKZ-kwaliteitskeurmerk in de wacht gesleept en daarmee is MIK Kinderopvang geheel gecertificeerd.

pagina 15 | 2010 | MIK jaarverslag


MIK jaarverslag | 2010 | pagina 16


De meerwaarde van en voor de medewerkers

Én over personeelsbeleid, verzuim en opleidingen Om maar meteen met de deur in huis te vallen: Nicole Smeets, Manager Personeelszaken, heeft in september 2010 samen met het MT een moeilijke beslissing moeten nemen. Geen nieuwe vaste contracten meer bij MIK. Dat heeft alles te maken met het nieuwe regeringsbeleid en de vooralsnog onduidelijke gevolgen daarvan. Geen gemakkelijke beslissing. Nicole draait er niet omheen: de beslissing heeft ook heel wat beroering teweeggebracht binnen MIK. “Maar toch sta ik er volledig achter. Kiezen voor flexibiliteit betekent ook kiezen voor continuïteit.”

Ida Schippers vertelt over het vernieuwde verzuimbeleid. ‘Ziek vieren’ zoals men in Limburg placht te zeggen, is nu echt verleden tijd. MIK heeft nu een eigen bedrijfsarts in huis, de leidinggevenden zijn getraind om mensen die zich ziek melden of die ziek dreigen te worden, goed te begeleiden. Een digitaal verzuimdossier helpt hen, maar het belangrijkste is dat je persoonlijk contact houdt, dat je een vraagbaak en een luisterend oor bent. Dat je al in een vroeg stadium signalen oppikt: ‘Hoe gaat het met je?’ Mede als gevolg hiervan daalde het ziekteverzuim in 2010 van 5,7% naar 5%. Veroniek Gevers vertelt vervolgens over de opleidingen binnen MIK. Een hele lijst. VIB staat bovenaan: Video Interactie Begeleiding. Een paar jaar geleden mee gestart en nu al onmisbaar. Een waardevol instrument, zeer goed bruikbaar bij het Pedagogisch Ontwikkel Traject.

Op nummer twee: 32 pedagogisch medewerkers zijn gestart met de opleiding ‘vakvolwassen pedagogisch medewerker ’. Twee jaar volgen zij elke twee weken een dag les. Hun deskundigheid zal enorm kunnen verbeteren en als het goed is, kunnen daar hele teams van mee profiteren. Nummer drie: in 2010 was het scholingsbudget relatief groot. Anders dan vorige jaren, zijn de trainingen per team niet altijd vooraf ingepland, maar was er tijdens het kalenderjaar nog ruimte voor scholing ‘op aanvraag’.

Het eigen initiatief wordt hiermee gestimuleerd en je traint datgene waar echt behoefte aan is. Veel vraag was er naar trainingen voor het beter omgaan met kinderen die meer aandacht vragen. Veroniek werkt het lijstje verder af: ergocoaches opgeleid, BHV, maatwerk in management en communicatietrainingen afgerond, trainen met beoordelingssystemen, scholing VVE… “En dat is nog lang niet alles wat we doen…”

“Kiezen voor flexibiliteit betekent ook kiezen voor continuïteit.” pagina 17 | 2010 | MIK jaarverslag


De personele organisatie Aantal personeelsleden Het aantal personeelsleden in dienst van Holding MIK B.V. is op 31-12-2010 80 medewerkers. Ten opzichte van het aantal medewerkers in dienst op 3112-2009 is er sprake van een groei van bijna 8%, iets minder dan die van 2009 (9%). Het aantal fte’s (full time equivalent) op 31-12-2010 is 56 ten opzichte van 54 in 2009. Het aantal personeelsleden in dienst van MIK Kinderopvang is in 2010 met 2 medewerkers gestegen ten opzichte van 2009 naar 548 (excl. vervangers en stagiaires). Er zijn 199 vervangend pedagogisch medewerkers in het vervangersbureau per 31-12- 2010 en dit aantal is daarmee licht gestegen ten opzichte van 2009 met zo’n 1,5%. Het totaal aantal medewerkers in dienst (incl. vervangers en exclusief stagiaires) is per 31-122010 747 ten opzichte van 742 in 2009. Het aantal fte’s (full time equivalent) per 31-12-2010 bedraagt 369. Het aantal personeelsleden in dienst van MIK Expertise is op 31-12-2010 20 en daarmee met 1 medewerker gestegen ten opzichte van 2009. Het aantal fte’s is 1,28 en is daarmee licht gestegen ten opzichte van 2009 (1,13). Uit het aantal fte’s is af te leiden dat de meeste dienstverbanden slechts zeer klein zijn wat inherent is aan het product Tussenschoolse Opvang van MIK Expertise B.V. 18 van de 19 medewerkers hebben de functie van medewerker TSO.

Onderverdeling aantal mannen / vrouwen Er zijn op 31-12-2010 15 mannen werkzaam binnen Holding MIK B.V. ten

MIK jaarverslag | 2010 | pagina 18

opzichte van 12 in 2009. Dit betekent dat nu 19 % van de medewerkers in de Holding man zijn ten opzichte van 16% in 2009, wederom een lichte stijging van het aantal mannelijke medewerkers. Van het aantal personeelsleden in dienst van MIK Kinderopvang B.V. zijn er in 2010 4% man (22 mannen) een lichte stijging ten opzichte van het gemiddeld % van 2009. Van het aantal personeelsleden bij MIK Expertise is er 5% man (1 man). Ook op 31-12-2009 was er 1 man in dienst.

Onderverdeling naar parttime % Het overzicht in de onderverdeling fulltime / parttime 2010 in dienst van Holding MIK B.V. ten opzicht van 2009 geeft aan dat procentueel gezien de onderverdeling van de contracten naar de categorieën een lichte verschuiving heeft plaatsgevonden naar de kleinere contracten dit in tegenstelling tot de beweging zoals wij dat in 2009, 2008 en 2007 hebben gezien. Contracten met een omvang tussen de 0 tot 16 uur is toegenomen met 35,2 % contracten met een omvang tussen de 16 tot 24 uur is toegenomen met 9,8%, contracten met een omvang tussen de 24 tot 32 uur is gelijk gebleven en contracten met een omvang van 32 uur of meer is afgenomen met 10,58 % ten opzichte van 2009. De categorie met een omvang van 32 uur en meer is net als in 2009 de grootste categorie (ruim 36% van de contracten), gevolg door de categorieën 24 tot 32 uur en 16-24 uur (beiden bijna 34 %). Het overzicht in de onderverdeling fulltime / parttime 2010 in dienst van MIK Kinderopvang B.V. ten opzichte van 2009 laat zien dat de categorie met

een omvang 0 tot 16 uur procentueel het hardst is gestegen ten opzichte van 2009. De contracten met een omvang van 16 tot 24 uur en 24-32 uur, zijn nagenoeg gelijk gebleven. De contracten van 32 uur of meer zijn gestegen ten opzichte van 2009. De meeste contracten zitten in de categorie 24 tot 32 uur namelijk 54,7 % van het totaal aantal contracten, gevolgd door de categorie 16 tot 24 uur (27,56%). Op één medewerker na hebben alle medewerkers binnen MIK Expertise B.V. een contract in de categorie van 0 tot 16 uur. Dit ligt in de lijn met het klein aantal fte’s.

Leeftijdsopbouw De gemiddelde leeftijd van de medewerkers in dienst van Holding MIK B.V. is per 31-12-2010 42 jaar. Deze gemiddelde leeftijd is 1 jaar gestegen ten opzichte van die van 2009.

Jonger dan 20 jaar 20-24 25-29 30-34 35-39 40-44 45-49 50-54 Ouder dan 54 jaar

2010 1 4 1 13 13 15 15 8 10

Totaal aantal

80


De gemiddelde leeftijd van de medewerkers in dienst van MIK Kinderopvang B.V. is per 31-12-2010 35 jaar en is daarmee 1 jaar ouder dan de gemiddelde leeftijd in 2009. 2010 Jonger dan 20 jaar 3 20-25 142 25-29 146 30-35 118 35-40 90 40-45 74 45-50 75 50-54 55 Ouder dan 54 jaar 44 Totaal aantal

747 (inclusief vervangers en exclusief stagiaires)

De gemiddelde leeftijd van de medewerkers in dienst van MIK Expertise B.V. is per 31-12-2010 43 jaar en is daarmee gelijk gebleven aan 2009. 2010 Jonger dan 20 jaar 0 20-25 2 25-29 2 30-35 1 35-40 3 40-45 3 45-50 3 50-54 0 Ouder dan 54 jaar 6 Totaal aantal

Dit betekent een uitstroompercentage van 11,25%.

MIK Expertise B.V. en 4 medewerkers in dienst getreden.

Het totaal aantal medewerkers in dienst van MIK Kinderopvang B.V. (incl. vervangers en excl. stagiaires) is per 31-122010 ten opzichte van 31-12-2009 met 0,27 % gestegen naar 747 medewerkers. Er zijn gedurende 2010 39 medewerkers uit dienst gegaan (uitstroom% van 5,22 %) en 19 medewerkers in dienst gekomen. Daarnaast zijn er 141 vervangend pedagogisch medewerkers uit dienst gegaan (uitstroom% van bijna 19%) en 168 vervangend pedagogisch medewerkers in dienst getreden. 19 vervangend pedagogisch medewerkers zijn er gedurende 2009 doorgestroomd naar een vaste baan binnen MIK Kinderopvang (doorstroom% van 2,5%).

Vervangersbureau

Het aantal medewerkers in dienst van MIK Expertise B.V. is in 2010 met 1 persoon licht gestegen ten opzichte van 2009. Er zijn gedurende 2010 3 medewerkers uit dienst getreden (uitstroom% van 15 %) bij

Het vervangersbureau coรถrdineert de inzet van Vervangend Pedagogisch Medewerkers over de verschillende locaties van MIK. De groei van MIK in de afgelopen jaren is gestagneerd. Deze stagnatie is te zien aan het aantal Vervangend Pedagogisch Medewerkers in de pool. Zoals eerder genoemd is er slecht een lichte stijging waar te nemen. Daarnaast is aan het gemiddeld aantal ingezette vervangingsuren per week te zien dat stagnatie heeft plaatsgevonden. In 2009 werd gemiddeld per week 2981,14 uur vervanging ingezet tegenover 2976,58 uur in 2010. Dit is een lichte afname van 0,15%. In 2010 is de inzet van uitzendkrachten teruggebracht van 1,92% in 2009 naar 0,18% in 2010.

0

Totale in-, door- en uitstroom Het aantal medewerkers in dienst van Holding MIK B.V. is per 31-12-2010 met een kleine 8% gestegen naar 80 medewerkers ten opzichte van 31-12-2009. Er zijn gedurende 2010 9 medewerkers uit dienst gegaan en 15 medewerkers in dienst getreden.

pagina 19 | 2010 | MIK jaarverslag


Ondernemingsraad Het jaar 2010 is voor de OR een enerverend jaar geweest waarin we veel onderwerpen hebben behandeld. Na een periode waarin we aan elkaar en aan een andere werkwijze binnen de OR hebben moeten wennen is dit het jaar geweest waarin we als OR goed op een lijn zijn gekomen met een goed team als resultaat..

Van hieruit hadden we o.a. de volgende punten hoog op ons lijstje staan: • hoe communiceren en bereiken we de achterban; • op zoek gaan naar een constructieve samenwerking met de bestuurder. Het communiceren met de achterban hebben we gegoten in de “InfORmatie” en het jaarverslag. De “InfORmatie” is een informatiebulletin dat enkele malen per jaar uitgegeven wordt om de achterban op de hoogte te brengen wat er gebeurd binnen MIK en wat daar de rol van de OR in is geweest. Het zoeken naar een constructieve manier van samenwerken met de bestuurder is een constant belangrijk aandachtspunt geweest. Het werken in commissies waar we in 2009 mee zijn gestart is positief geëvalueerd en draagt hiertoe bij. Stukken worden aan een commissie toegewezen en zij bereiden dit voor en koppelen terug naar de hele OR. Zo krijg je binnen de OR diverse mensen die op een bepaald vlak expertise hebben en vergroten. Op deze wijze is het mogelijk meer op inhoud in te gaan dan op detail. In de loop van 2010 hebben twee leden bedankt en zijn er tussentijdse verkiezingen georganiseerd. Twee zetels waren beschikbaar en er hebben zich twee personen aangemeld. Deze personen zijn automatisch gekozen.

MIK jaarverslag | 2010 | pagina 20

De onderwerpen die in het jaar 2010 aan de orde zijn geweest zijn:

Instemming:

Advies:

Spaarverlof MTO 2010 Dienstenaanbod 2011 Beoordelingssysteem Scholingsplan EJU 2011 Arts in Bedrijf RIE

KidsVision GOB Begroting WGA

Informatief:

Initiatief:

Bezuinigingen Kinderopvang Tijdelijke contracten Bedrijfssportregeling Jaarrekening 2009 Inwerk- en introductieprocedure strategisch beleid 2011-2015 Taakurenregeling Verzuimprotocol Visie op arbeidsverzuim

Reiskosten Enquête personeelsvereniging Enquête pauzeregeling

Overig: OR Verkiezingen

Namens de OR Pascalle Linssen (Voorzitter OR)


Organogram MIK-organisatie

Stiching KIM

Bestuur Stiching KIM

Holding MIK B.V.

Raad van Commissarissen

MIK Kinderopvang B.V.

MIK Expertise B.V.

MIK Franchise B.V.

pagina 21 | 2010 | MIK jaarverslag


“Maatwerk, couleur locale, al dan niet de klik tussen personen. Vooral dat laatste blijkt een bepalende factor.�

MIK jaarverslag | 2010 | pagina 22


De meerwaarde van brede kindcentra

Én over eigenbelang versus gezamenlijke belangen Wat onmiddellijk opvalt, is de naam: brede kindcentra. Wat is er met de benaming brede school gebeurd? Hadewych Peters, Manager Opvang, heeft daar een heel logische verklaring voor: “Samen zetten we iets nieuws neer: de basisschool, de peuterspeelzaal, MIK en vaak nog meerdere partners. Dus waarom zou het eindresultaat een brede school zijn? We noemen het toch ook niet brede kinderopvang?”

Brede kindcentra dus: integrale kindcentra, waar samen met ketenpartners een voorziening wordt gerealiseerd voor kinderen van nul tot dertien jaar, van ’s morgens tot ’s avonds. Waar het kind centraal staat. Waar je zoveel mogelijk de invulling op elkaar afstemt. Elk jaar worden het er meer, de opmars van brede kindcentra is niet meer te stoppen. Elk nieuw traject is weer anders. Dat vooral maakt het zo interessant. Hadewych: “Er zijn zoveel verschillen tussen samen in een bedrijfsverzamelgebouw zitten en inhoudelijk met elkaar echt stappen zetten. Zeker in het begin zie je dat men de meerwaarde van samenwerking nog niet heeft ontdekt. Op het moment dat jij uitsluitend aan je organisatiebelang denkt, dan ga je eigenlijk al de mist in. Je moet de belangen van je partners niet uit het oog verliezen. Samen ben je iets nieuws aan het opbouwen, en daar hoort geven en nemen bij.”

Zoals gezegd: elk traject is weer anders. Maatwerk, couleur locale, al dan niet de klik tussen personen. Vooral dat laatste blijkt een bepalende factor. Er vindt veel overleg plaats, veel vooroverleg ook. Op strategisch, tactisch en uitvoerend niveau. Elke keer is het ook weer spannend. Elkaar leren kennen, afspraken maken. Twee stappen vooruit, eentje terug. Je deelt ruimtes samen: speelruimtes, opbergruimtes, buitenspeelplekken. Marieke Gilissen is als Locatiemanager verantwoordelijk voor onder andere twee brede kindcentra, waar ruimtes met elkaar gedeeld worden door bijvoorbeeld MIK en de peuterspeelzaal. “En ja, dan zit er wel eens een autootje in de Legobak. Daar kun je natuurlijk een punt van maken, maar het is zo’n klein detail in het grotere geheel. Want goed samenwerken kan natuurlijk tot veel meer leiden: een doorlopende leerlijn aanbieden, een gezamenlijk kindvolgsysteem, misschien een eensluidend pestbeleid?”

Vaak ligt de regierol bij deze processen bij de scholen. Inhoudelijk en organisatorisch blijkt MIK vaak kartrekker. De dynamiek, de uitdaging, het denken buiten vaste kaders, vernieuwen: het is een rol die prima bij MIK past. Maar in de ideale wereld pleiten Hadewych en Marieke voor een externe objectieve projectleider, daar hebben ze goede ervaringen mee. Iemand van de gemeente, een adviseur. Iemand die slechts één doel heeft en dat is het zo succesvol mogelijk realiseren van dat brede kindcentrum. Zo iemand is onpartijdig. Legt de vinger op de zere plek, altijd vanuit de gedachte: daar wilden we toch naar toe? Iemand die goed kan inspireren, die de juiste vragen stelt. Die van alle partijen af weet, streng durft te zijn en lastig. “Een mooie rol,” vinden ze bij MIK.

pagina 23 | 2010 | MIK jaarverslag


MIK jaarverslag | 2010 | pagina 24


De meerwaarde van een breed aanbod van activiteiten

Én over nieuwe initiatieven Ginny Isbouts vindt dat ze de leukste baan bij MIK heeft. Haar werk is veelzijdig en afwisselend, ze werkt met heel veel mensen samen, zowel binnen als buiten MIK. In alle geledingen doet ze wel contacten op: van welzijnsorganisaties tot schoolbesturen, van gemeenten tot activiteitenaanbieders. En dat bij een organisatie die altijd openstaat voor nieuwe initiatieven. Bij MIK kan ze al haar ideeën kwijt.

In 2008 kreeg ze de opdracht het naschoolse activiteitenaanbod binnen de BSO op de kaart te zetten. Halverwege 2010 rondde ze de klus af. Alle inspanning van die twee jaar zijn samengevat in een klapper met wel 150 mogelijke activiteiten. Voor elk wat wils: creatief, sportief, van bouwen tot lezen, van wetenschap tot koken. Project afgerond, werk klaar? Dat blijkt een misvatting: “Het aanbod en de vraag is natuurlijk continu in ontwikkeling. En vergeet het voortschrijdend inzicht niet: de ene aanbieder is de andere niet, sommige activiteiten zijn een doorslaand succes, andere vallen tegen. Dan moet je ook durven te schrappen. Kwaliteit staat voor ons boven aan.” Op haar visitekaartje staat nog ‘projectleider BSO’. Maar haar officiële functie is nu: productspecialist doelgroep vier tot dertien jaar. Samen met collega Nathalie (nul tot vier jaar) valt ze onder de afdeling Marketing service. Ze begeleidt de MIK-brede activiteiten zoals de BSO Revue in de Sittardse Stadschouwburg of de Maastrichtse Bonbonnière. En het BSO-kamp in de meivakantie: meer dan honderd kinderen gaan drie dagen samen op kamp.

“Bij MIK is altijd ruimte voor nieuwe dingen.” Is ook steeds op zoek naar mogelijkheden om de samenwerking met het onderwijs te intensiveren. Met de Stichting jong Leren in Maastricht bijvoorbeeld gaat het hard. Stap voor stap, maar toch hard. Na een werkgroep, na een voorstel aan de besturen, na het uitproberen op vier locaties, is Ginny nu lid van de regiegroep die gaat onderzoeken welke vorm die samenwerking moet gaan krijgen. Met de stichting Kindante in Sittard-Geleen bijvoorbeeld wordt ook samengewerkt, verkend, overlegd. Maar weer op een andere manier. Alle samenwerkingstrajecten zijn slechts het begin van iets nieuws: natuurlijk zijn andere geïnteresseerde organisaties welkom om mee te praten.

En dan zijn er de ‘aanvullende diensten’. Nieuwe initiatieven: onderzoeken, testen, introduceren. De voorbeelden die ze noemt, illustreren de variatie. Neem het organiseren van zwemles tijdens de BSO: “Afspraken maken met wel tien zwembaden.” Maar ook onderzoekt ze de behoefte aan de maaltijdservice: een gezonde maaltijd op de BSO. “In plaats van snel even een boterhammetje op de achterbank op weg naar de sportclub.” Ginny: “Bij MIK is altijd ruimte voor nieuwe dingen. We blijven zoeken naar nieuwe manieren om ouders te ondersteunen. Het speerpunt voor 2011 – en ook de volgende jaren – is nog meer en nog beter samenwerken met de scholen. De diepte in. Kwaliteit. Meerwaarde bieden. Leren van elkaar. En naar ouders toe blijven duidelijk maken dat we meerwaarde bieden.”

pagina 25 | 2010 | MIK jaarverslag


Raad van Commissarissen Kinderopvang is volop in ontwikkeling. Over de schouder van de bestuurder keek de Raad van Commissarissen in 2010 mee hoe processen verliepen en bracht advies uit aan de bestuurder wanneer daar behoefte aan was. De Raad van Commissarissen blikt met tevredenheid terug op de manier waarop de organisatie het maatschappelijk ondernemerschap invult en verder professionaliseert. De ambities zijn hoog. MIK heeft regionaal en landelijk een leidende positie in de kinderopvang - in - brede - zin, met name waar het gaat om strategische discussies, op dit moment vooral in de samenwerking met onderwijs. Landelijke bezuinigingsplannen nopen tot voorzichtigheid en het calculeren van risico’s. Behoud van de kwaliteit van de opvang heeft de hoogste prioriteit. De RvC is in 2010 in voltallige samenstelling acht maal bijeen geweest. Daarnaast zijn er verschillende tussentijdse kleinschalige overleggen geweest, van de voorzitter met de bestuurder en in de in 2010 ingestelde auditcommissie, waar voornamelijk de financiële resultaten werden (voor-)besproken. In juli is er een themabijeenkomst met het managementteam geweest. De RvC was betrokken bij contacten met externe stakeholders, in 2010 in het bijzonder in het bestuurlijk overleg met de wethouder in Maastricht en - op uitnodiging - bij de RvT van onderwijsorganisatie jong Leren. In 2010 heeft de RvC actief aansluiting gezocht bij Governance Code Kinderopvang en een portefeuilleverdeling vastgesteld. De belangrijkste besluiten in 2010 betroffen de goedkeuring van de jaarrekening 2009 en vaststelling begroting 2010 en 2011, de aanschaf van KidsVision 5.0, de limitering van de

MIK jaarverslag | 2010 | pagina 26

zittingstermijn van RvC-leden en het terugbrengen van het aantal leden van zes naar vijf. Daarnaast werd uitgebreid gesproken en geadviseerd over de risicoanalyse, consequenties van het rapport “Harmonisatie van kinderopvang en peuterspeelzaalwerk in Maastricht” (Buitenhek), de nota “Een eigenwijs ontwikkelarrangement”, markt- en concurrentieonderzoek, bezuinigingsscenario’s in een krimpende markt, de ambitieverklaring, het strategisch beleid 2011-2015, de management-

letter 2009 van de accountant en een aantal belangrijke aspecten van het personeelsbeleid. In 2010 bestond de RvC uit voorzitter Ria Wolleswinkel (tevens lid remuneratiecommissie), Nicole de Rouw (tot 1 november, tevens lid auditcommissie), Huib Minderhoud (lid auditcommissie), Alexander Schuit (lid auditcommissie), Jos Habets (lid remuneratiecommissie) en Nicole Simons (vicevoorzitter en portefeuillehouder kwaliteit).

“Raad van Commissarissen blikt met tevredenheid terug op de manier waarop de organisatie professionaliseert.”


Centrale Oudercommissie In 2010 is gestart met een nieuwe centrale oudercommissie als vertegenwoordiging van de ouders van het ‘oude’ MIK en MIK Regio. Deze twee organisatorische eenheden zijn formeel samengevoegd en daarmee zijn ook de ouderraden bij elkaar gekomen. Er zijn nieuwe leden bijgekomen en oudgedienden zijn gestopt. We startten in januari met 11 leden, die samen een gemengde en fijne groep vormden om een frisse nieuwe start mee te maken.

Eind 2009 is door een kleine werkgroep en het management van MIK het reglement voor de centrale oudercommissie opgesteld. Deze is bij de start van de COC aangenomen. Vervolgens hebben we in het voorjaar onze werkwijze vastgelegd in een huishoudelijk reglement en een communicatieplan opgesteld.

De afspraak is gemaakt dat zowel het verzoek van MIK als de reactie van de Centrale Oudercommissie op papier of per mail vastgelegd worden.

We hebben in 2010 de volgende adviesaanvragen behandeld: 1. Sluiting van Carnavalsdagen. Het betrof een adviesaanvraag over het sluiten van alle locaties op carnavalsmaandag en –dinsdag.

Uitkomst: We hebben een positief advies uitgebracht, met een tweetal kanttekeningen. - het verzoek om meer inzicht te krijgen in de kostenstijgingen van MIK, gezien MIK altijd rekent met de prognoses van de MO-groep én altijd exact op het maximum uurtarief van de belastingdienst uitkomt. Dit inzicht hebben wij inmiddels in 2011 gekregen. - de vraag om in klantonderzoek de behoefte aan opvang tijdens carnaval expliciet op te nemen.

Uitkomst: We zijn overeengekomen om de aanvraag niet in behandeling te nemen, maar te behandelen als onderdeel van de adviesaanvraag productaanbod. 2. Adviesaanvragen COC. Dit betrof een adviesaanvraag over de werkwijze waarop MIK en de COC kunnen werken, bij het doorvoeren van kleine wijzigingen in het beleid. Het betreft wijzigingen die nodig zijn om het beleid actueel te houden, maar die geen nieuw of gewijzigd beleid tot gevolg hebben. Uitkomst: We hebben positief geadviseerd, maar met de kanttekening dat de COC wel geïnformeerd wil worden over deze kleine wijzigingen.

3. Productaanbod. Dit betrof een adviesaanvraag over het productaanbod voor 2011.

plaats van over 6, zoals MIK gepland had. Na de communicatie aan ouders, is nadrukkelijk met MIK gesproken over de wijze waarop gecommuniceerd is. Afgesproken is dat MIK vaker belangrijke communicatie aan ouders, eerst aan de COC zal voorleggen ter advies.

4. Update pedagogisch beleid. Eind 2010 is een gewijzigd pedagogisch beleid ter advies aan de COC voorgelegd. Deze aanvraag is medio 2011 nog steeds in behandeling Tenslotte hebben wij in najaar 2010 uitgebreid met MIK gesproken over hun voornemen om vooraf factureren door te voeren, in plaats van achteraf. De COC had geen adviesrecht op dit onderwerp. Door de discussie die gevoerd is, is met MIK afgesproken dat klanten de betaling van de “extra maand” over 12 maanden mochten spreiden in

pagina 27 | 2010 | MIK jaarverslag


MIK Kinderopvang Wilhelminasingel 91-93, 6221 BH Maastricht Postbus 3149, 6202 NC Maastricht Telefoon 043-351 71 71 Fax 043-351 71 70 E-mail info@mik-online.nl Internet www.mik-kinderopvang.nl


MIK jaarverslag 2010