Page 1

VK 25-03-10 katern 1 pagina 08

INTERNETONDERNEMERS KENIAANSE CHEETA’S BEDENKEN NIEUWE OPLOSSINGEN VOOR OUDE PROBLEMEN . ...................................................................................................................................................................................................................................................

‘Trek Afrika uit de goot met internet’ Het oude beeld van Afrika kan in de prullenbak. Langzaam, arm en lui dankzij de goede doelen? Jonge Afrikaanse wizzkids doen er alles aan om die clichés te weerleggen. Maak kennis met de cheeta’s van Kenia. Door Stefanie Vermeulen

‘S

tel een vraag.’ Dat is de opdracht die de bezoeker van de mobiele-telefoonversie van de Keniase netwerksite Whive op zijn beginscherm ziet. Oprichter John Samson Karanja wilde meer dan alleen een ontmoetingsplaats creëren voor Afrikanen. ‘We zijn hongerig naar informatie. Op Whive (lees: we hyve) wil ik de bezoeker aanmoedigen vragen te stellen en antwoorden te delen.’ Karanja, die met zijn Whive de eerste winnaar was van het innovatiefonds van Nokia (Nokia Open Screen Fund), zal als webhost de bezoeker in verschillende lokale talen van onafhankelijke informatie voorzien over uiteenlopende zaken als gezondheidskwesties, veeprijzen, of waar en hoe je een nieuwe onderneming kunt inschrijven. ‘Veel mensen op het platteland weten nu niet dat als je een doek opvouwt en als waterfilter gebruikt, de kans op cholera aanzienlijk afneemt,’ zegt Karanja. ‘Met mijn mobiele applicatie weten ze dat straks wel.’ Karanja is een echte cheeta. In 2007 al sprak de Ghanese econoom George Ayittey van de opkomende jonge Afrikaanse cheetageneratie, die nieuwe oplossingen vindt voor oude problemen. In tegenstelling tot de oudere nijlpaardengeneratie, die nog steeds moppert op het kolonialisme en imperialisme, nemen de cheeta’s het heft in eigen handen. Ze zijn aangesloten op het web, sluiten zich aan bij onlinenetwerken en sporen anderen aan ook mee te doen. Ze bedenken innova-

Een meisje dat een opleiding 'nieuwe media' volgt aan het werk in de sloppenwijk Kibera in Nairobi

tieve en creatieve applicaties, waarmee ze hun wereld net zo hard laten draaien als die in het Westen. Met het internet hebben ze eindelijk de sleutel gevonden om Afrika uit de goot te trekken. Of, zoals Tonee Ndungu het zegt: ‘We teerden altijd op een sprankje hoop. Eindelijk, eindelijk kunnen we er nu bij en hem pakken.’ Ook Ndungu is een echte cheeta. Samen met de Nederlander Bart Lacroix, onder andere van de 1%CLUB (een website waarop ontwikkelingsprojecten worden gekoppeld aan sponsors en kennis – red.), richtte hij in Nairobi het iLab op. Hier kan de nieuwe, energieke generatie advies krijgen om haar ideeën of plannen om te zet-

ten in een concreet bedrijf. Ideeën zijn er namelijk volop, alleen weten veel Kenianen niet waar ze moeten beginnen. Het zelfstandig ondernemerschap is hun bepaald

‘Ik ben nog iedere dag dankbaar voor internet. Het voelt zo onwaarschijnlijk goed’ . ..................................... niet met de paplepel ingegoten. ‘De ondernemersgeest moet aangewakkerd worden’, zegt Ndungu. ‘De gemiddelde Keniaan is opgevoed met de gedachte: ga

naar school, stamp alles in je hoofd, haal je examens en vind een baan. Het onderwijs vertelt ons niet dat zelfstandig ondernemerschap een belangrijk alternatief is, terwijl de banen bepaald niet voor het oprapen liggen.’ Niet helemaal toevallig zit iLab van Ndunga en Lacroix op dezelfde verdieping als het begin maart geopende iHub. Ook hier kan de nieuwe generatie terecht met plannen en ideeën. Maar waar het iLab zich bezighoudt met ondernemersadviezen voor starters met uiteenlopende interesses – van agrarisch tot detailhandel, of alternatieve energie – richt de iHub zich op de technische innovatievelingen van Nairobi.

Foto Jaap van 't Kruis

Er is plek voor zo’n zeventig man. Die kunnen een stoel of zitkussen pakken, hun laptop openslaan en beginnen. Maar je kunt ook voor een periode van drie tot zes maanden een vaste werkplek aan de broedtafel huren, zodat je idee meer concreet kan worden. ‘We verwachten dat je na die periode een basis hebt gelegd voor een bedrijfje’, zegt oprichter Erik Hersman, die zichzelf op zijn blog de Witte Afrikaan noemt, omdat hij in Kenia is opgegroeid. ‘Als dat het geval is, kun je naar de buren, naar het iLab, waar ze je verder zullen helpen met ondernemingondersteunende zaken. ’ Ook dat is nieuw in Kenia. ‘Kenianen zijn kapitalisten,’ zegt Karanja

van Whive. ‘We willen snel geld verdienen. Ik was ook zo. Als je mij drie jaar geleden had gesproken, had je me vooral over omzet en winst horen praten. Maar ik heb ontdekt dat samenwerken en elkaar inspireren belangrijker én leuker werk is. Je kunt tegenwoordig geen winst meer maken zonder sociale gedachte. We hebben elkaar nodig.’ Het is juist die sociale gedachte die de cheeta’s van Kenia verenigt tot een krachtige, homogene groep. Hun innovaties zijn gericht op het bestrijden van de armoede. Zo is er MapKibera, dat de grootste sloppenwijk van Afrika online in kaart brengt, of Shujaaz, een gratis stripboek dat via de mobiele telefoonaanbieder Safaricom wordt verspreid en waarin de lezer wordt aangespoord oplossingen te sms’en voor onder andere rassenhaat. Misschien wel het meest succesvolle initiatief tot nu toe is Nairobits, dat jongeren tussen de 17 en 24 jaar uit Kibera leert websites te ontwerpen en ontwikkelen. Webdesigners – en ontwikkelaars zijn zeer gewild in Kenia en sinds de oprichting, in 2000, heeft Nairobits al honderden jongeren vanuit de sloppenwijk via de cursus aan een betaalde baan geholpen. ‘Zonder het internet hadden we nog vastgezeten in dat donkere hol’, zegt cheeta-directeur van Nairobits Mark Kamau, die zelf in Kibera opgroeide. ‘We hadden geen uitzicht op iets wat maar in de buurt kwam van een carrière. Alleen al een school afmaken is in Kibera een uitdaging. Je weet nooit of er de volgende dag geld is om je uniform weer te mogen aantrekken.’ Het internet heeft de afstand tussen de sloppenbewoners en de maatpakken en Mercedessen uit het centrum van Nairobi volledig weggenomen. ‘Ik, noch de honderden Nairobits-cursisten mogen dan een universiteitsgraad hebben, we leveren wel kwalitatief goede websites af. Dat is precies wat het bedrijfsleven zoekt,’ zegt Kamau. ‘Internet is er voor iedereen. Ik ben er iedere dag dankbaar voor. Het voelt onwaarschijnlijk goed!’

Volkskrant - Cheeta generatie  

Cheetas in Nairobi, Kenia Stefanie Vermeulen

Read more
Read more
Similar to
Popular now
Just for you