Issuu on Google+

OneWorld 7 / september 2013

NUMMER 7 SEPTEMBER 2013

Win UNIEKE pERU-TAS handelsmissie naar rwanda

Diaspora boys maken het groene bruiloft

Recycle je trouwjurk globaliseringsProf ian goldin

‘Migratie beste wapen tegen armoede’

onDerDeLen shoPPen Meetingpoint Achterhoek

AUtO SpECIAL


klaar voor de volgende stap

1 0 & 1E1R O K TO B

PRAK TISCHE

WORK

NTJE!

OEN TI R G N E E T E M SHOPS

SCHRIJF JE NU GRATIS IN OP CAREEREVENT.NL in samenwerking met:

onderdeel van:

VOOR HBO EN WO STUDENT, STARTER & (YOUNG) PROFESSIONAL JAARBEURS UTRECHT workshops door:

Kijk voor het volledige programma op Careerevent.nl


oneworld INHOUD

Beeld sTudio de LeiJer

REDACTIONEEL

Sannes bruiloft

T

hans arIËns

bouwPaKKet of hi tech statussymbool Wat wordt de auto van de toekomst?

12

actie De it-bag van nu komt uit Peru 24

zoetstof met nasmaaK

Suikerklontje vertelt politiek verhaal

28

NUMMER SEPTEMBER

OneWorld/september

rouwen is slecht voor het milieu. Dat ontdekte redacteur Sanne Terlingen bij de voorbereidingen van haar bruiloft. Een gemiddelde trouwdag is goed voor 9 à 10 ton aan broeikasgassen, evenveel CO2 als een gezin in een heel jaar uitstoot. Ze besloot haar bruiloft toch door te laten gaan, maar ’m wel zo milieuvriendelijk mogelijk uit te voeren. Dus liet ze de armband van haar oma omsmelten tot trouwring en schafte ze een vintage trouwjurk van Laura Dols aan. Want een jurk maar één keer dragen, is zonde. De grootste CO2 -uitstoter is echter het vervoer, ook bij Sannes verder tamelijk schone bruiloft. Ikzelf zou wel met de trein naar de trouwlocatie willen komen. Maar helaas moet ik de feestband (met de twee zonen Ariëns in de line-up) naar de Amsterdamse Pijp vervoeren, in een niet zo schone Skoda stationwagen. Het wachten is nog steeds op de auto die alles in zich verenigt: schoon, ruim, betaalbaar en met een flinke actieradius. Die is er nog niet, betoogt wetenschapsjournalist Michael Persson in onze auto-special, en zal er ook niet snel komen. Voor stadsritjes gebruiken we straks elektrische auto’s, voor werkritjes ‘hybrides’. En voor de vakantie huren we gewoon een zuinige diesel. Sannes zoektocht naar een duurzame bruiloft is haar laatste bijdrage aan OneWorld. Behalve aan een nieuw leven als getrouwde vrouw begint ze ook aan een nieuwe baan. Houd haar in de gaten op www.incontxt.nl, want de VARA heeft er een heel goede onderzoeksjournaliste bij.

WIN UNIEKE PERU-TAS HANDELSMISSIE NAAR RWANDA

Diaspora boys maken het GROENE BRUILOFT

Recycle je trouwjurk GLOBALISERINGSPROF IAN GOLDIN

‘Migratie beste wapen tegen armoede’

ONDERDELEN SHOPPEN

AUTO SPECIAL

Meetingpoint Achterhoek

Positivo ian goldin

‘Migratie is de olie van de maatschappij’

cover Ghanese autohandelaar Kennedy zoekt naar autoonderdelen in de Achterhoek.

36

Coverfoto Teun Vonk

ONEWORLD 3


GENRE

XXXX XXXXXX

BETROKKEN INSpIREREND wERELDS ONDERNEmEND BE pART OF IT! NEEm EEN GRATIS ABONNEmENT ontvang je oneWorld magazine nog niet thuis? Ga dan naar www.oneworld.nl/magazine en meld je aan. abonnementen in nederland zijn gratis. Woon je in het buitenland, dan betaal je â‚Ź 30,- (europa) of â‚Ź 40,- (buiten europa) per 10 nummers. voLG oneWorLD ooK vIa: twitter: www.twitter.com/oneworldnl www.twitter.com/owvacatures: de grootste vacaturebank met jobs voor een betere wereld facebook: www.facebook.com/oneworldnl

NUMMER  JUNI OneWorld/juni

WIN DRIEDAAGS UITJE JAIME DE BOURBON PARME

Prins(h)eerlijk mobieltje

OWNR–

STUDENTEN EN ASIELZOEKERS SAMEN

DOWNLOAD

OWNR–

DOWNLOAD

OWNR–

DOWNLOAD

Eindhovense verbroedering COMMERCIE OF PRINCIPES

Worstelende wereldwinkels

GEVAARLIJKEMODE betalen de prijs, wij niet Bengalen

OWNR–

DOWNLOAD

DOW

OWNR–

DOWNLOAD

oneWorld lezen op je tablet of mobiel? Download de app: oneworld.nl/apps NUMMER SEPTEMBER

NUMMER JUNI OneWorld/september

NUMMER 3 APRIL 2013

NUMMER JULI / AUGUSTUS  

augustus

NUMMER MEI

OneWorld/juli-

 OneWorld/juni

2013

OneWorld/mei

OneWorld 3 / april

Win TwEEpERSOONS HANGmAT

WIN DRIEDAAGS UITJE

WIN UNIEKE PERU-TAS

HANDELSMISSIE NAAR RWANDA

Volgens lilianne

plouMen

Minister met twee petten tristraM stuart

geniet Van kliekjes

Eten uit de vuilnisbak de herkoMst Van

onze Modepo

DE GULLE HAND VAN DE EMIR VAN

QATAR

Hulp is een vorm van jihad CHIKA UNIGWE

p

Indonesische Barbie

Patatten eten als inburgering DE LAATSTE ROEPINGEN

Tijd van de missionaris is voorbij

N PARME

Prins(h)eerlijk mobieltje JAIME DE BOURBO

hulp en handel

STUDENTEN EN

ASIELZOEKERS

SAMEN

Eindhovense verbroedering COMMERCIE OF

PRINCIPES

Worstelende wereldwinkels

XXX SHOCK-K UNSTENA

RES TINKEBELL.

Naakt voor het goede doel

Diaspora boys maken het GROENE BRUILOFT

Recycle je trouwjurk

XXX ECOSTRA NDEN

Verantwoord bruinbakken XXXLANGE REIS DE

VAN DE PARTYDR

Coke-sporen

GLOBALISERINGSPROF IAN GOLDIN

‘Migratie beste wapen tegen armoede’ UG

ONDERDELEN SHOPPEN WIN KAARTEN FILMFESTIVAL

PArADiJs BeLAstingFA DEJHEI Meetingpoint Achterhoek ORI BRICEERJE ASM TV  AARLprijsIJG,KE GEV LD DKENT Po De wij niet ingoede doelen omzeilener de fiscus Bengalen betalen de GEEN Ook

EIGENUTOPIE In ArgentiniĂŤ gebeurt het

AUTO SPECIAL

GRENZEN

Couchsurfend de wer eld rond

ACTie

4 ONEWORLD


oneworld COLOFON

INHOUD

OneWorld is een gratis uitgave van NCDO. NCDO staat voor Nationale Commissie voor Internationale Samenwerking en Duurzame Ontwikkeling. NCDO betrekt mensen in Nederland bij internationale samenwerking. www.ncdo.nl Meningen en standpunten die te lezen zijn in dit blad, worden niet noodzakelijkerwijs door NCDO onderschreven. OneWorld werkt samen met lokaalmondiaal en Vice Versa in het Wereldmediahuis. www.wereldmediahuis.nl OneWorld verschijnt tien keer per jaar. Het volgende nummer verschijnt op 1 oktober. Hoofdredacteur Hans Ariëns Adjunct-hoofdredacteur Lonneke van Genugten Redactie Annemiek Huijerman, Ellen de Lange, Sanne Terlingen, Martijn van Tol Redactiecoördinator Trisha Goossens Stage Ineke de Kort, Antje Tilstra, Soufia Zahri Aan dit nummer werkten mee Lula Ahrens, Karin Anema, Abdelkader Benali, Stijntje Blankendaal, Peter Boer, Tijs van den Boomen, Kees Broere, Bert van Dijk, Jan-Dirk van der Burg, Stijn Cornelissen, Ton Dietz, David Fisher, Elles van Gelder, Sanne Groot Koerkamp, Nirmal John, Ed Kashi, Ineke Key, Carl de Keyzer, Marcus Koppen, Studio de Leijer, Peter van Lieshout, Anaïs López, Michel Maas, Daisy Mohr, Loethe Olthuis, Michael Persson, Marcel van Roosmalen, Ruerd Ruben, Annemieke Ruggenberg, Monique Samuel, Mark Schalekamp, Vamba Sherif, Babah Tarawally, Tomasz Tomaszewski, Marieke van der Velden, Teun Vonk, Marjolein van de Water, Marianne Wilschut, Patrick van IJzendoorn, Francesco Zizola Marketing & sales Gaby Hafkenscheid (marketing), Helga Poot (advertentieverkoop), hpoot@ncdo.nl Basisontwerp Bruno Heemskerk Vormgeving Bouwe van der Molen, Barbara Pilipp Beeldredactie Anja Koelstra Media-concept Suzanne Weusten Lithografie MediaTraffic Press, Amsterdam Druk Habo DaCosta, Vianen

Peruaanse babyvoeding

‘Superfood’ quinoa verovert de wereld

40

Redactieraad Amma Asante, Pieter Broertjes (voorzitter), Tineke Ceelen, Anna Chojnacka, René Grotenhuis, Kitty van der Heijden, Aad van den Heuvel, Arie de Ruijter, Mette te Velde Abonnementen OneWorld is gratis voor abonnees in Nederland. Abonneren, opzeggen, wijzigingen doorgeven of vragen stellen kan via www.oneworld.nl/magazine Abonnees in het buitenland betalen vanaf januari 2012 € 30,- in Europa, en € 40,- buiten Europa per tien nummers. Voor aanmelden: www.oneworld.nl/magazine/abonnement-het-buitenland Voor abonnees in het buitenland geldt: voor het beëindigen van een abonnement geldt een opzegtermijn van een maand vóór afloop van de abonnementsperiode. Zonder wederopzegging worden abonnementen na de eerste abonnementsperiode omgezet in een abonnement voor onbepaalde tijd. Inning van het abonnementsgeld blijft gelijk aan de periode waarvoor het abonnement is aangegaan. Na omzetting van het abonnement naar onbepaalde tijd geldt een opzegtermijn van 3 maanden vanaf de dag dat de opzegging ons heeft bereikt. Oxfam Novib Wereld- en Totaalabonnees kunnen zich richten tot: Oxfam Novib, Mauritskade 9, 2514 HD Den Haag. Tel. 070 342 17 77 Wij nemen uw gegevens op in een gegevensbestand. Deze gegevens worden gebruikt voor de uitvoering van met u gesloten overeenkomsten, zoals de abonnementenadministratie. Daarnaast kunnen de gegevens door OneWorld, of zorgvuldig geselecteerde derden, worden gebruikt om u te informeren over relevante informatie en/of speciale aanbiedingen van producten en diensten. Mocht u hier bezwaar tegen hebben dan kunt u ons hiervan per post (NCDO, afd. marketing OneWorld, Postbus 94020, 1090 GA Amsterdam) op de hoogte stellen.

de inspecteur Vindt niet alle hulp relevant 47 Marcel & Jan-Dirk Ontmoeten groenkapjes op de Pieperfuif 48

‘Kom terug naar huis’

Rwandese en Burundese migranten op handelsmissie

42

OneWorld magazine is gedrukt op PEFC gecertificeerd papier. PEFC-certificaatnummer ch11/0646 De redactie van OneWorld heeft datgene gedaan wat redelijkerwijs van haar kan worden gevergd om de rechten van de auteursrechthebbende op de beelden te regelen volgens de wettelijke bepalingen. Degenen die menen rechten te kunnen doen gelden, kunnen zich binnen twee maanden na verschijnen wenden tot de redactie van OneWorld.

Klimaatneutraal trouwen

Redacteur Sanne Terlingen probeert de uitstoot van haar bruiloft te beperken

RUBRIEKEN Entree 6 De toestand in de wereld 10 Aan de slag 26 Rondje wereld 34 Open keuken 54 Op de kop getikt 55 Media & cultuur 56 Mijn oplossing 58 COLUMNS Kees Broere 8 Abdelkader Benali 25 Mark Schalekamp 27 Babah Tarawally 39 Loethe Olthuis 46

50

ONEWORLD 5


ENTREE BERICHTEN VAN HIER EN DAAR

Blikje hiv Angola Met hiv besmette frisdrank of flauwvalsessies, bijgelovige Angolezen kijken nergens van op.

Beeld Lula Ahrens

M

assale paniek maakte zich afgelopen lente van Angola meester. Een seropositieve werknemer van frisdrankproducent Refriango zou zijn bloed in de drank hebben laten stromen. Iets later verscheen het bericht dat op meerdere scholen honderden leerlingen om mysterieuze redenen waren flauw gevallen. De oppositie eiste opheldering. Het is niet voor het eerst dat in Angola een bizar nieuwtje het land op stelten zet. In 2011 was er ook al sprake van ‘massaal flauwvallen’ en in 2008 was hoofdstad Luanda in rep en roer omdat een slager mensenvlees zou hebben

verkocht. Sindsdien eten veel mensen alleen nog vlees van een dier dat voor hun ogen is geslacht. “Berichten als deze zijn vaak uitvloeisels van politieke intriges”, vertelt een Angolese journalist die liever anoniem wil blijven. Maar wat er precies aan de

‘Waarom zou je iemand nog martelen voor informatie? Je kan ’m ook even googelen’ Cabaretier Micha Wertheim op de ledendag van Amnesty International 2013.

hand is, wordt niet opgehelderd. “Bewijs wordt nooit gevonden. Tel daar gebrekkige kennis, bijgelovigheid en een sterk wantrouwen jegens de autoriteiten bij op, en je begrijpt waarom Angola zo’n geruchtenparadijs is.” Lula Ahrens

40% van het Afrikaanse privékapitaal staat op buitenlandse bankrekeningen

oneworld.nl

Postdetective in Kabul

Adres: ‘Het huis op de heuvel achter het ministerie van Landbouw’. Postbode Mohammad Rahim uit Kabul vraagt tijdens het bezorgen van de post iedereen om aanwijzingen. “Als er een telefoonnummer op de envelop staat, bel ik op en vraag ik waar de ontvanger woont.” Ditmaal roept uiteindelijk een winkelier van achter zijn toonbank in welke straat Rahim moet zijn. Er is weer een brief bezorgd in Kabul. Lees verder op oneworld.nl/postdetective 6 ONEWORLD

Bron: World Bank 2012


Uit de drup Marokko Druppelirrigatie wint terrein. Nu nog de traditionele boeren overtuigen.

Beeld karin anema

“K

ijk: geen modderlaarzen!” De jonge Marokkaanse boer Youssef (18) is blij met de druppelirrigatie in het tuinbouwbedrijfje van zijn vader in de buurt van Fez. Hij wijst op het nep-Rolexhorloge om zijn pols: “We hoeven alleen nog maar op de tijd te letten.” Lang werd druppelirrigatie, waarbij het water via slangen met gaatjes erin precies bij de plant terechtkomt, in Marokko vooral toegepast bij grote boerenbedrijven. Nu leren ook kleine boeren het systeem kennen. De praktische toepassing blijkt anders uit te pakken dan de theorie voorspelt, ondervonden Nederlandse wateronder-

zoekers. Sommige boeren gebruiken tot vier keer zoveel water als nodig is; jonge boeren die openstaan voor het systeem zitten nogal eens onder de plak van hun vader: “Als mijn zoon klaar is met irrigeren, zet ik de kraan nog een keer open”, zegt een vader. “Die paar druppeltjes

happy apps

Bericht uit Syrië

Run, Zaytoun, run! Een Palestijns-Syrische jongen vlucht van Syrië naar de Palestijnse gebieden – in een videogame.

M Beeld Zaytoun, the Little Refugee

kunnen nooit genoeg zijn.” Ook Youssef moest zijn vader overtuigen. Die dacht dat druppelirrigatie iets was voor rijke boeren. Youssef: “Nu verbouwen we uien op voorheen onbenutte hellingen. En met schone schoenen kunnen we zo door naar het theehuis!” Karin Anema

ensenmassa’s op straat, vallende bommen en kapotgeschoten huizen. In Zaytoun, the Little Refugee loop je door een geanimeerde versie van een verwoeste stad in het door oorlog geteisterde Syrië. Je bent Zaytoun, een Palestijns-Syrische jongen. Na een aanval blijf je alleen achter. Je moet kiezen: waar vlucht je naartoe? Wie kun je vertrouwen? Syrische en Palestijnse activisten maakten deze game om het dagelijks leven van vluchtelingen inzichtelijk te maken. Meer op: oneworld.nl/zaytoun

Heb je het goed voor met de wereld? Zoek het dicht bij huis. Peerby Boor of bbq nodig? Stel je vraag op de peerby-app en hij gaat op zoek bij de buren. Voor iPhone. Voor Android, Blackberry en Windows: peerby.nl Nudge the World In zes stappen naar een duurzamer leven. Om dagelijks mee te experimenteren. Voor iPhone Toogethr-app Een digitale liftcentrale: rijd met iemand mee, verkoop een zitplaats in je auto en ontmoet nieuwe mensen onderweg. Voor iPhone

ONEWORLD 7


ENTREE

Taalkaart

small solution

Het Chinees is de meest gesproken taal ter wereld, direct gevolgd door Engels. Kannada, Marathi en Telugu zijn Indiase talen met alledrie tussen de 60 en 70 miljoen sprekers. Wu wordt door 80 miljoen mensen gesproken in Oost-China, en 22 miljoen Filippino’s spreken Tagalog. De aantallen zijn schattingen.

Bron: World Languages, By Conversational Proficient Speakers, Wikipedia

Column

Vrolijk voorwaarts

A

frika droomt zich af. In de oude wereld van Europa mag somberheid troef zijn, hier is de blik vrolijk voorwaarts gericht. Bij de leiders althans. Zoals, een tijdje geleden, bij William Ruto, vice-president van Kenia. Je kunt bij Ruto denken aan een man die wegens oorlogsmisdaden, begaan na de verkiezingen van 2007, voor het Internationaal Strafhof moet verschijnen. Ruto zelf ziet zich als de man die aanjager is van Kenia’s economische ontwikkeling, en over een jaartje of tien zelf president wil worden. Een van de magische termen van Ruto, die hij uitte tijdens een interview op de Keniaanse tv dat ook elders op het continent werd uitgezonden, luidt double digit growth. Geef toe, dat klinkt een stuk beter dan ‘nog eens zes miljard bezuinigen’. De dubbele cijfers beginnen bij het getal 10, waarmee

8 ONEWORLD

meestal wordt bedoeld: een economische groei van 10 procent. Nu nog even niet. Straks hopelijk wel. Vision 2030 heet het ontwikkelingsprogramma van Kenia voor de periode 2008 tot 2030. In dat eindjaar wil Kenia een middeninkomensland zijn. Andere Afrikaanse landen leggen de lat nog hoger en hopen dat doel al in 2025 of 2020 te bereiken. De ambities spatten ervan af. Dat groei niet per se gelijk staat aan ontwikkeling, weten we inmiddels. Dat groei in Afrika ook afhankelijk is van de economische ontwikkelingen in China en elders ter wereld, is eveneens bekend. Afwachten dus. Maar ondertussen ook: genieten van het optimisme. Journalist Kees Broere woont en werkt sinds 1998 in Nairobi, Kenia.

Les op afstand “You can’t catch me. I’m a gingerbread man!”, roepen Indiase schoolkinderen in koor tijdens de Engelse les. Die krijgen ze van een Britse ‘granny’, die vanuit haar huis aan de andere kant van de wereld via Skype de kinderen haar moedertaal leert. De vrouw maakt deel uit van Granny Cloud, een experiment van Sugata Mitra dat in India en Zuid-Afrika wordt uitgevoerd. Bij Granny Cloud moedigen ook opa’s en andere enthousiaste vrijwilligers schoolkinderen in deze landen aan via het beeldscherm Engels te leren. Mitra, professor educatietechnologie aan NewCastle University, werd beroemd met het project Hole in the Wall, waarbij hij in een sloppenwijk in New Delhi een computer met internetverbinding en een verscholen camera in een gat in een muur liet plaatsen. De videobeelden tonen dat de kinderen in staat zijn elkaar te onderwijzen en zelf vaardigheden op te doen, zonder hulp van docenten. Mitra ontving de TED 2013prijs voor zijn werk. Zijn wens: een School of Cloud, een leerlaboratorium voor kinderen in India, opzetten. Soufia Zahri


Beeld: eLhAM AsghAri

goed bezig

Verboden wetlook iran Zwemster op het droge wegens ‘on-islamitisch’ zwempak.

N

a negen uur zwemmen in het koude water van de Kaspische Zee bereikt Elham Asghari (32) de kust. Met twintig kilometer heeft ze het record van achttien kilometer binnen The Women’s Islamic Games gebroken. Voor haar recordpoging had de zwemster een speciaal islamitisch, wijdvallend zwempak laten ontwerpen. Er was bovendien een hoofddoek in verwerkt. Maar haar euforie is van korte duur. De Iraanse zwemfederatie heeft besloten Asghari’s record niet te erkennen vanwege haar zwempak, dat ‘on-islamitisch’ is.

65

De zwemster was onthutst: “Ik was van top tot teen bedekt. Alleen bij het verlaten van het water bleef het materiaal aan mijn lichaam plakken.” Daardoor werden volgens de zwemfederatie haar lichaamsvormen té zichtbaar, waarop de zwemster werd gediskwalificeerd. Misschien komt er voor vrouwen als Asghari binnenkort hulp van de nieuwe president Rohwani, die onlangs beloofde de positie van de Iraanse vrouw te willen verbeteren. “Het gedrag van de moraliteitspolitie maakt dat mensen opstandig worden”, aldus de president. soufIa ZahrI

miljoen mensen wereldwijd trekken jaarlijks naar een stad. Dat is bijna gelijk aan 4 maal de Nederlandse bevolking.

Bron: Cities and tHe rise of tHe ConsuMing Class, MCkinsey gloBal institute

ellen schepens (25), student medische hulpverlening wil de medische basiskennis in Kenia vergroten. In 2012 stichtte ze Medical3T: Training, Treatment en Transport. Wat doet Medical3T? “Als stichting ondersteunen wij, drie studenten medische hulpverlening, Medical3T in Kenia, een bedrijf dat EHBO-cursussen aan jongeren geeft. De lokale trainers verdienen daarmee geld, zodat ze eten kunnen kopen en hun kinderen naar school kunnen sturen.” hoe kwamen jullie aan geld? “Aan vrienden, familie en medestudenten verkocht ik 375 doosjes met pleisters voor 2 euro per stuk. Elke Kruidvat in Utrecht hebben we daarvoor leeggehaald! En vorig jaar won ik de Albert Schweitzerprijs, een aanmoedigingsprijs van 5000 euro voor beginnende ontwikkelingsprojecten in Afrikaanse landen.” Wat gebeurt er verder? “Met het eerste geld kon Medical3T in mei 2012 de eerste cursus geven. Op dit moment ben ik in Kenia om te bekijken hoe het er in het echt uitziet.” anTje TILsTra

ONEWORLD 9


DE toestand in de wereld commentaar

Sri Lanka

Cambodja

Het leger doet alles

Bloggers aan de macht

Infrastructuur Het leger bouwt Sri Lanka op, ten koste van een civiele staat, voorspelt Peter van Lieshout.

Internet De elite in Zuidoost-Azië verliest haar invloed, merkt Michel Maas.

S

inds 2011 heeft Sri Lanka een nieuw ministerie, het Ministry of Defence and Urban Development. Een opmerkelijke combinatie. Na dertig jaar burgeroorlog had het land een groot staand leger. Tegelijkertijd had het een sterk verwaarloosde infrastructuur. Toen in 2009 de strijd met de Tamil Tijgers was beëindigd, klonk een sterke roep om het land snel op te bouwen. Private ondernemers beschikten echter niet over de middelen, mankracht en ervaring om aan die vraag te voldoen. Tegelijkertijd was het lastig – en voor sommigen ook politiek onwenselijk – om het leger in te krimpen. Zo werd een nieuwe oplossing geboren: het leger werd grootschalig ingezet bij infrastructurele werken. Goed getrainde mensen en een efficiënte organisatie konden op die manier snel worden benut voor lastige logistieke operaties. Het resultaat mag er zijn: het land kende de laatste drie jaar een economische groei van meer dan 20 procent, en de infrastructuur verbetert zienderogen. Er is ook een keerzijde. Terwijl het leger zijn imago als nation builder versterkt, is er tegelijkertijd sprake van een steeds verder uitdijende rol van het leger. Naast het bouwen van wegen beheert het leger winkels, resorts en zelfs de internationale cricketstadions, verkoopt het groente en fruit onder de marktprijs, en biedt het toeristen de mogelijkheid om op marineschepen tochten te maken om walvissen te zien. Het is een interessante vraag wat op lange termijn het netto-effect hiervan zal zijn. Stabiliteit en opbouw gaan gepaard met een verdere vervlechting van het leger in de samenleving. Hoe langer dit voortduurt, hoe lastiger het zal zijn om terug te keren naar een civiele staat.

Psycholoog en filosoof Peter van Lieshout is lid van de WRR. Hij leidde het onderzoek naar de toekomst van ontwikkelingssamenwerking, dat resulteerde in het rapport Minder pretentie, meer ambitie. 10 ONEWORLD

C

ambodja heeft gestemd. Premier Hun Sen heeft de verkiezing zoals verwacht gewonnen, maar tegelijk ook verloren. De oppositie haalde geen meerderheid, maar verwierf toch flink wat extra zetels. Hun Sen regeert verder, hoewel hij dat niet meer kan doen met de vanzelfsprekendheid waarmee hij de afgelopen 28 jaar heeft geregeerd. En hij is niet alleen. Zuidoost-Azië heeft een traditie van ondemocratische democratieën, zoals die van Hun Sen. Indonesië had Suharto, Maleisië had Mahathir Mohammad en Lee Kwan Yew heerste in Singapore. Allemaal lieten ze zich om de vijf jaar herverkiezen met 90 procent van de stemmen. Net als Hun Sen controleerden zij de media, justitie, het leger, de kiescommissie en natuurlijk het parlement, en regelden ze dat ze werden herkozen. Zo was het. Maar de wereld is ineens veranderd, en de verkiezingen in Cambodja laten dat opnieuw zien. Behalve twee verliezers hebben die ook een winnaar opgeleverd: de nieuwe media. Internet gooit alle verkiezingen in Zuidoost-Azië ondersteboven. In Maleisië heeft de oppositie dank zij het web al twee keer een gevoelige winst geboekt. Ook in Singapore kwam de oppositie plotseling akelig dicht bij de helft van de stemmen. En nu Cambodja, waar Hun Sen zijn driekwart (!) meerderheid verloor en moest erkennen dat 45 procent voor de oppositie koos. De oude garde zit er nog, maar zij voelt de hete adem van bloggers en burgerjournalisten in haar nek. Het enige wat zij kan doen om de nieuwe verslaggevers tot zwijgen te brengen, is proberen het volk tevreden te stellen. Want alleen als er wat verandert, zal het volk niet meer om ‘verandering’ roepen. Wie weet hoever deze gedwongen democratisering nog zal gaan.

Michel Maas is correspondent voor de NOS en de Volkskrant. Zijn standplaats is Jakarta in Indonesië.


egypte

Afrika

Arabische angst

In de wacht

Legercoup Staatshoofden zijn bang na het vertrek van president Morsi, ziet Monique Samuel.

Werkloos Niet alleen de jeugd in Afrika loopt tegen de grenzen van het kapitalisme aan, voorziet Ton Dietz.

D

e president van Tunesië wist niet hoe snel hij zichzelf moest geruststellen. Het ultimatum van 48 uur dat het Egyptische leger aan de Moslimbroeder-president Morsi had gesteld, was nog maar net van kracht, of Marzouki gaf al een verklaring waarin hij stelde dat van dergelijke spanningen in Tunesië totaal geen sprake is. Ook de onder druk staande Turkse premier Erdogan liet in duidelijke taal van zich horen: zijn goede vriend Morsi is de enige legitieme regeringsleider van Egypte. Over het brute geweld van islamitische milities en pro-Morsi aanhang tegen Egyptische burgers geen woord. Terwijl er in westerse media druk wordt gediscussieerd over legercoups en het al dan niet democratische karakter van Morsi, hebben slechts weinigen door wat de Tunesische president en de Turkse premier wél beseffen: dat de ontwikkelingen in Egypte van historische betekenis zijn en dat die een dikke streep kunnen zetten door de aspiraties van de politieke islamisten, die steeds meer de overhand kregen en openlijk aankoersten op een radicale verandering van de sociaal-politieke kaart van het Midden-Oosten. Niemand had gerekend op de weerstand van het volk. Niemand had verwacht dat zelfs de meest vrome en conservatieve moslims de straat op zouden gaan uit weerzin tegen deze zogenaamde islamitische droom, waarin zij weinig van hun geloofsopvattingen weerspiegeld zagen. De strijd om de toekomst van Egypte en daarmee ook wellicht die van de rest van de regio is zwaar, gewelddadig en de uitkomst verre van zeker. Het land van de Nijl maakt een van de moeilijkste periodes in zijn geschiedenis door waarbij leger, islamisten en buitenlandse partijen hun eigen spel spelen ten koste van alles en iedereen. Ik kan het angstzweet van de regeringsleiders bijna ruiken. En niet alleen van hen. De Egyptische straten zijn nat van zweet, tranen en bloed.

Monique Samuel is politicoloog, afgestudeerd in International Relations and Diplomacy aan de Universiteit Leiden, en auteur. Voor haar boek Mozaïek van de revolutie ontving ze de Dick Scherpenzeel Aanmoedigingsprijs. Ze heeft een Egyptische achtergrond.

E

lke twee jaar vieren Europese Afrika-onderzoekers hun vakgebied. Afgelopen juni gebeurde dat in Lissabon. Professor Alcinda Honwana, afkomstig uit Mozambique, was de ster van de conferentie. Voor een gehoor van honderden Afrikanisten uit de hele wereld vertelde zij over haar onderzoek naar de Afrikaanse generatie die zij youth in waithood noemt. Dit zijn de jongeren in NoordAfrika met een redelijke opleiding en kennis van de wereld, die geen werk vinden en nauwelijks kunnen rondkomen. Ze kunnen geen basis leggen voor een gezin, ze kunnen geen huis betrekken. En ze zijn boos. Het is moeilijk een Nederlandse vertaling te verzinnen voor Honwana’s term: jeugd in de wacht? Honwana maakt duidelijk dat het hedendaagse wereldkapitalisme veel barrières opwerpt voor álle jongeren die volwassen levens willen leiden, want economieën zitten op slot en elites zijn aan het graaien. Honwana heeft een speciale band met Nederland. Ze bezette hier de Prins Claus-leerstoel en heeft haar ideeën vorig jaar onder meer kunnen bespreken op een conferentie op Paleis Noordeinde. Behalve een innovatieve onderzoekster is Honwana ook een briljant spreekster. En ze sluit aan bij de vele woordkunstenaars uit Afrika. Zo gebruikt ze de woorden van de Sierra Leonese artiest Steady Bongo in haar werk: ‘I feel sorry for the youthman today. The system is bad for the youthman today […] The youthman want to buy but no money. The youthman want to work. If no work, how do you expect him to eat?’ We gaan nog veel horen van de Afrikaanse jeugd in de wacht. En van Alcinda Honwana.

Ton Dietz is hoogleraar Ontwikkeling in Afrika aan de Universiteit Leiden en directeur van het Afrika Studiecentrum in Leiden. Hij was een van de initiatiefnemers van de Worldconnectors, een denktank voor mondiale vraagstukken. ONEWORLD 11


Vrijheid op wielen Auto’s

Oky is handelaar in auto-onderdelen

Elektriciteit, waterstof of misschien toch frituurvet? Waar de auto straks op rijdt, is nog geen uitgemaakte zaak, wel dat het allemaal zuiniger en schoner moet. En dat we ’m niet meer bezitten, maar delen of lenen. Zelfs de westerse jeugd taalt niet meer naar onze voormalige Heilige Koe. Maar in de rest van de wereld heeft de auto nog niets van zijn aantrekkingskracht verloren. Zo was was OneWorld in Ghana bij de geboorte van de Turtle 1, een Afrikaans prototype, met onderdelen uit de hele wereld. En in het MiddenOosten snakken vrouwen naar de auto – symbool van vrijheid en, vrezen de mannen, van losbandigheid. Ook bij ons valt in dezen nog wat te winnen. De Nederlandse man durft de macht over het stuur maar niet te verliezen. 12 ONEWORLD

Beeld Teun Vonk

THEMA


THEMA

auto’s

Toekomst

De auto de deur uit De nieuwste auto’s van de toekomst rijden zonder CO2 -uitstoot. Maar of ze nou waterstof, elektriciteit of biobrandstof gebruiken, ze hebben allemaal wat. Het beste toekomstscenario? Lenen, delen of huren. Tekst Michael Persson

E

en paar jaar geleden hebben we onze auto de deur uit gedaan. Het ging vanzelf. Na een ritje van drie uur reden we in het invallende duister over een weggetje door de bossen naar het plaatsje La Roche in de Ardennen. Het was net gaan sneeuwen. Er was een bocht, we remden, we slipten, we draaiden om onze as, we botsten tegen een stenen vangrail, en vlogen achteruit door de lucht. We kwamen weer op de wielen terecht en rolden achteruit naar beneden, de helling af. We kwamen tegen een boom tot stilstand. De radio deed het nog, Franz Ferdinand stond op. Take me out. Sindsdien hebben we geen auto meer. Ik kon geen nieuwe auto vinden die mooi en veilig en groot en zuinig en schoon en goedkoop was. Ik had ook wel sluimerende principes over auto’s (slecht!) en die kwamen nu mooi van pas. Ik dacht: ik wacht. Ik wacht gewoon op de auto van de toekomst. De timing was goed, want het is een komen en gaan van auto’s van de toekomst. Van onbemande robotauto’s tot zwaan-kleef-aan-concepten, van waterstof tot elektrisch. Er gebeurt veel, er gaat nog veel meer gebeuren. Hoe ziet die auto van de toekomst eruit? Vroeger moest de auto van de toekomst altijd de lucht in. Al in 1917 ontwierp Glenn Curtiss een

Stroom op stoom? 1 miljoen elektrische auto’s moeten er in 2015 in de VS rondrijden van Obama. Geen hybrides, maar ‘plug-in’ elektrische auto’s, zoals de Chevrolet Volt en de Nissan Leaf.  In 2012 werden er bijna 53.000 verkocht, drie keer zoveel als in 2011. Dit cijfer is in augustus 2013 al bereikt.  Nederland en Duitsland De Duitse bondskanselier Angela Merkel wil ook 1 miljoen elektrische auto’s, voor 2020. In 2012 zijn slechts 3000 elektrische auto’s verkocht op een totale markt van 3 miljoen. In Nederland, waar crica 500.000 auto’s per jaar worden verkocht, reden eind mei 2013 bijna 10.000 elektrische auto’s rond. Bron: The Electric Drive Transportation Association, 2013

auto met vleugels en een propeller. Op een paar hobbelsprongetjes na heeft het ding nooit gereden of gevlogen, maar het was het begin van een trend die een hele eeuw zou duren. De auto van de toekomst zou vliegen. Het had te maken met de mythische belofte van de auto: dat je pas in zo’n doosje op wielen echt vrij kon zijn. Waarom zou die vrijheid beperkt blijven tot twee dimensies? Helaas bleek de derde dimensie lastiger dan gedacht. Er zijn nogal wat uitvinders gecrasht in hun vehikels – het kon gebeuren dat de vleugel midden in de lucht van de auto af viel, na iets te lichtzinnig laswerk. Ook bleek het lastig manoeuvreren; stoppen is er niet bij. Alleen in films bleef de droom hardnekkig; daar rijden de taxi’s nog steeds door de lucht.

knight rider

In een volgende golf auto’s van de toekomst ging het om comfort. De auto zou gaan meedenken, meepraten, meebeslissen: het Knight Rider-idee (Amerikaanse tv-serie uit de jaren ’80 – red.). Daarvan is al meer verwezenlijkt dan we toen durfden te denken. Met de TomTom kan de auto precies vertellen waar hij naartoe moet; de parkeerhulp maakt piepend duidelijk hoeveel ruimte je nog hebt. In 2007 zat ik eens in een experimentele terreinwagen die zelf achteruit ONEWORLD 13


THEMA

Auto’s

De Volkswagen XL1. Topsnelheid: 160 kilometer per uur

Glenn Curtiss’ vliegende auto (zonder vleugels en propeller)

De Ecco-auto/camper ontworpen door Nau 14 ONEWORLD

kon inparkeren; inmiddels zijn er auto’s op de markt die dat standaard voor je doen. De volledig geautomatiseerde auto is technisch niet eens zo heel ondenkbaar meer: tijdens een voor robots bedachte wedstrijd van het Amerikaanse defensielab Darpa wisten tientallen auto’s 150 kilometer door een nagebouwde stad met ander verkeer te rijden. Maar in een echte stad zullen we ze nog niet zien: daarvoor zijn menselijke medeweggebruikers te onberekenbaar. In de nieuwste auto’s van de toekomst gaat het niet meer in de eerste plaats om vrijheid of comfort, althans, niet van de gebruiker. In de nieuwste auto’s van de toekomst gaat het om de uitstoot. Geen CO2 , en dus geen broeikaseffect; bovendien geen stikstofoxiden, geen fijnstof, en dus geen smog in de steden. Het gaat om het comfort van de rest van de wereld. Dat is een revolutie in het denken over auto’s. En zoals dat gaat met revoluties, zijn er verschillende stromingen. Grote vraag is: wie gaat er winnen? In de eerste jaren na de eeuwwisseling was waterstof de vaandeldrager. In Brussel werden conferenties alias lobbykermissen georganiseerd over ‘de waterstofeconomie’, een woord met een belofte van een nieuwe tijd. Keynote speaker was meestal Jeremy Bentham. Hij werkte bij Shell, dat in 1999 een afdeling Shell Hydrogen had opgezet, waar Bentham een van de grote voorgangers in de waterstofhoogmis werd. Volgens Bentham zouden we vóór 2020 massaal in waterstof­auto’s rijden. Waterstof heeft een overduidelijk voordeel boven fossiele brandstoffen: de auto’s produceren slechts water. Maar in de propaganda voor waterstof werd die boodschap zo allesoverheersend, dat er veel misverstanden werden geboren. Veel mensen kregen het idee dat waterstof echt een primaire brandstof was die gewoon ergens gevonden werd en schone energie leverde. Dat waterstof eerst gemaakt moest worden, kwam lang niet altijd duidelijk over. Waterstof wordt nu vooral uit aardgas gemaakt, en zo zag Shell ook de nabije toekomst. Op die manier blijft waterstof een fossiele oorsprong houden. Vervolgens wordt waterstof in een brandstofcel in de auto in elektriciteit omgezet. Maar brandstofcellen zijn dure dingen die nog niet uitontwikkeld zijn. In de boodschappen van mensen als Bentham werd de benodigde technologische ontwikkeling zwaar onderschat.


THEMA

auto’s Zo stond ik in 2008 naar een waterstofbus te kijken die in Den Haag stond te pronken voor tientallen ambtenaren. ‘The Future. Here. Now’ stond erop. Maar de demonstratierit ging niet door. “Problemen met een batterij”, zei een technicus tegen de ambtenaren die zich in de bus hadden verzameld om zich van het waterstofwonder te vergewissen. “Maar dat maakt niet uit. Sluit uw ogen en doe alsof u rijdt – dat voelt hetzelfde als een echte rit.” Er werd, zoals in elke revolutie, te veel beloofd. Shell sloot enkele jaren geleden zijn Hydrogen-afdeling.

Afstandsangst

Tegelijkertijd blijft er een vasthoudende onderstroom: Hyundai kondigde een paar maanden geleden de eerste productie-waterstofauto aan, de ix35, die in 2015 moet rijden. ‘Na een aantal false dawns voor waterstofauto’s heeft die nu een echte, heldere en realistische toekomst’, schrijft de Europese waterstoflobbyclub. Ook Shell zei dit voorjaar dat het zijn waterstof­ inspanningen nieuw leven gaat inblazen. Er is altijd een toekomst. Maar waterstof die daadwerkelijk schoon is, zal met windmolens of zonnepanelen moeten worden gemaakt. Elektriciteit wordt waterstof, waarna de waterstof in de brandstofcel weer elektriciteit wordt. Dan is de vraag: waarom die omzettingen? Daarbij gaat telkens energie verloren. Bovendien kost het veel energie om waterstof samen te persen dan wel vloeibaar te maken, zodat het in de brandstoftank van een auto past. Waarom gebruiken we dan niet gewoon de elektriciteit zelf? Zo begon in het kielzog van de waterstofauto de elektrische auto aan een opmars. Even schoon voor klimaat en de lucht, maar efficiënter. De nieuwe toekomst was elektrisch. Zelf vond ik me een jaar geleden voor het eerst terug in een elektrische auto. Een Opel Ampera van een verhuurbedrijf. Het moet gezegd: elektrisch rijden is niet alleen prettig voor de rest van de wereld. Zo geruisloos wordt autorijden een soort meditatie. Helaas begon al na een half uurtje de generator te pruttelen die zijn energie uit benzine haalt: de stroom was op, de auto stapte over op fossiel. Dat geldt voor de meeste hybrides zoals de Ampera, die nu het voortouw nemen in de elektrische omwenteling: ze schakelen al na een kilometer of vijftig over

revolutionaire tweezitter De zuinigste productieauto ooit: de nieuwe revolutionaire tweezitter ‘XL1’ van Volkswagen, althans volgens de fabrikant. De XL1 is een plug-in hybride met een kleine 0,8 liter dieselmotor en elektromotor. De auto is gemaakt van aluminium en carbon, weegt 795 kilogram en heeft een brandstofverbruik van 1 op 100 en een topsnelheid van 160 kilometer per uur. Bron: DE VOLKSKRANT

80% Ondanks het feit dat weinig Nederlanders ooit zelf in een elektrische auto hebben gereden, typeert bijna 80 procent hem als ‘beter voor het milieu’ en ruim de helft als ‘stil’.

op benzine. En dan rijd je weer ouderwets vuil. Op die manier hopen de fabrikanten de range anxiety te overwinnen, de afstandsangst die volledig elektrische auto’s aankleeft. Kom ik wel thuis? Met een Nissan Leaf haalt een doorsnee rijder hooguit 150 kilometer, en dat is voor veel mensen niet genoeg; tussendoor opladen kost te veel tijd. De nieuwe Tesla S komt zeker twee keer zo ver, maar die kost dan ook zeker drie keer zo veel. En een caravan moet je er niet achter hangen.

Echte vrijheid

Is er een alternatief? Gewone fossiele auto’s worden ook steeds zuiniger; deze vakantie reed ik 1 op 20 naar Zuid-Frankrijk, in een best wel grote stationwagen. Dat is beter dan wat ik met de Ampera haalde, tijdens een ritje naar Limburg: als die zijn generator aanzet, rijdt hij 1 op 12. De vijftig elektrische kilometers zijn dan niet genoeg om zo’n hybride zuinig te maken. Fossiele auto’s kun je ook op biobrandstoffen laten rijden. Maar de klimaatwinst daarvan is twijfelachtig: voor veel biobrandstoffen wordt direct of indirect oerwoud gekapt, wat de CO2winst grotendeels teniet doet. Echt schoon wordt het pas met biobrandstoffen uit afval – maar er is nog niet genoeg afgewerkt frituurvet om het Nederlandse wagenpark op te laten rijden. Bovendien blijven er uitlaatgassen uit de uitlaatpijp komen, wat het voordeel beperkt. Zo hebben ze allemaal wat. Wat altijd opvalt, als je over de verschillende opties schrijft, is dat er steevast reactie komt, van waterstofadepten, elektriciteitaanhangers, biobrandstofbelievers. Felle reacties. De strijd om de auto van de toekomst is een schoolstrijd, zoals elke revolutie een schoolstrijd is. Het zou best kunnen dat zij allemaal uiteindelijk een beetje gelijk krijgen. Dat we voor stadsritjes elektrische auto’s zullen gebruiken, en voor werkritjes hybrides. Dat bussen straks op waterstof rijden en vrachtwagens op biobrandstoffen. Dat we voor de vakantie toch nog een zuinige diesel zullen pakken. Daar heb je zelf geen auto meer voor nodig. Die leen je, die huur je, die deel je, afhankelijk van wat je nodig hebt. De auto van de toekomst is geen auto. Dat is de echte vrijheid, dat is het echte comfort. Er zullen nog veel meer auto’s de deur uit worden gedaan. ONEWORLD 15


THEMA

Auto’s

Man/vrouw

Macht over het stuur Vrouwen zijn niets waard als chauffeur (vinden mannen). Maar ja, hier mogen ze tenminste autorijden. Kom daar eens om in Saudi-Arabië. Daarom een oproep van publiciste Sanne Groot Koerkamp aan de Nederlandse vrouw om het stuur niet zomaar uit handen te geven.

E

én hand houdt mijn vriend voor zijn ogen, de andere houdt hij vast aan het handvat boven zijn hoofd. Een fiets zoeft voor ons langs. Ik had hem gezien, niks aan de hand. Toch roept hij: “Kijk! Uit!”Ik schrik me kapot. Plaats: Amsterdam, ergens in onze relatief rustige binnenstad. Rustiger in ieder geval dan het centrum van Teheran, dat ik ooit per halfbrakke Citroen C15 doorkruiste. En dat van Istanbul. Of van Casablanca. Rustiger dan de Place de la Concorde, die ik losjes met één hand aan het stuur rondde. Of de haarspeldbochten in Armenië met uitzicht op honderden meters diepe ravijnen. Veiliger dan in Georgië, waar ik hoorde dat autospiegels voor mietjes zijn. Kijk vóór je, that’s all. Maar goed, nu klinkt het naast me: “Die fietser had wel dóód kunnen zijn. Had je die wel gezien?”

‘Mannen rijden beter! Wat iedereen al wist, is nu officieel vastgesteld’

16 ONEWORLD

‘Zie je wel: een vrouw!’

Veel mannen vinden dat vrouwen überhaupt niets waard zijn achter het stuur. Dat blijkt bij het inhalen op de snelweg van een auto die net iets minder hard rijdt, net iets sneller afremt. Zelfingenomen: “Zie je wel, ik dacht het al. Het is een vrouw!” (Als het een man betreft, hoor je niks.) Voor veel media is die mobiele rolverdeling – hij: zelfverzekerd, zij: benauwd – een uitgemaakte zaak. De Telegraaf, het geweten van autorijdend Nederland, meldde afgelopen voorjaar nog triomfantelijk: ‘Mannen rijden beter! Wat iedereen al wist, is nu officieel vastgesteld in een onderzoek onder examinatoren waarbij 857.000 vrouwen fouten hadden gemaakt, tegenover 646.000 mannen.’ Of dat andere onderzoek, drie maanden later, van de Nationale Auto8Daagse: ‘Vrouwen vinden zélf dat mannen beter kunnen rijden.’

‘Testosteron in het verkeer, dat is pas gevaarlijk!’

Ritje in de bolide van haar man: een kleine tien zweepslagen


Azza Al Shmasani stapt uit haar auto na een rit door Riyad, Saudi-Arabië. Het land heeft geen officieel verbod op vrouwen achter het stuur. Maar omdat alleen in SaudiArabië uitgegeven rijbewijzen geldig zijn en alleen mannen daarvoor in aanmerking komen, kunnen vrouwen in de praktijk niet autorijden.

schadevrij

Vrouwen rijden natuurlijk ook weleens zónder man – en zo goed dat verzekeraars een voorliefde hebben voor vrouwen; die rijden meer jaren schadevrij en dat scheelt. Zelfs zoveel dat verzekeraar Onna Onna een gat in de markt ontwaarde en een voordelige vrouwenverzekering aanbiedt. Maar zodra er bij het autoportier een man naast een vrouw opduikt, is het pleit doorgaans beslecht. Niet alleen in Nederland, ook in andere landen zien mannen weinig in vrouwen achter het stuur. Saudi-Arabië is daarin het meest consequent. Als enige land ter wereld is het vrouwen daar verboden te rijden. (Ik onderdruk de gedachte hoeveel mannen stiekem weleens fantaseren over zo’n verbod in Nederland.) Hoewel niet officieel in de Saudische wet opgenomen, verbieden de islamitische regels een vrouw om zelf te rijden. En die regels voeren de boventoon. Af en toe demonstreren de vrouwen tegen het absurde verbod. Manal Al-Sharif, een alleenstaande moeder met een goede baan bij een oliemaatschappij, was het permanente zoeken naar een chauffeur beu. Ze startte in 2011 de online campagne Women2Drive. De aftrap was een filmpje van haarzelf achter het stuur in Saudi-Arabië waarin ze andere vrouwen opriep hetzelfde te doen. Slecht plan, vond de religieuze politie – want die heb je daar en die is er minstens zo belangrijk als de normale agenten.

Vreemdgaan

Manal moest ruim een week de cel in. Een paar dames die haar voorbeeld volgden, kregen ook een tik op de vingers. En dat dien je in dat land vooral letterlijk te nemen: een van hen onderging bijna tien zweepslagen, de straf voor een ritje in de bolide van haar man. Gelukkig stak koning Abdullah, die langzaam probeert een beetje meer rechten voor vrouwen te kweken, daar een stokje voor. Al accepteerde hij vervolgens

Beeld REUTERS/Fahad Shadeed

zwartrijdster

wel weer een onderzoek van academicus Kamal Subhi. Die beweert glashard dat vrouwen die autorijden, makkelijker seks kunnen hebben voor het huwelijk. Of vreemdgaan – verboden vruchten worden makkelijker bereikbaar. Toch? Saudi-Arabië spant dan wel de kroon, in Iran zijn vrouwen met honger naar het stuur niet veel beter af. Ze mogen er wel rijden, maar niet zomaar in een taxi stappen. Er zijn dus speciale taxi’s ‘voor en door vrouwen’. In Dubai heb je die dienst overigens ook. In Noord-Afghanistan worden de regels voor vrouwen met een rijbewijs met de dag strenger. Eigenlijk kun je het er gewoon maar beter laten, dat zelf rijden. Voor je eigen veiligheid.

controle

Vraag in ons land of waar dan ook een vrouw naar de eerste associatie met autorijden, en ze zal hetzelfde zeggen als een man: vrijheid. Zijn mannen wellicht beducht voor al te veel vrijheid van the opposite sex? ‘Mannen willen gewoon zelf de controle houden’, reageren mijn Facebook-vrienden op die stelling. En: ‘Testosteron in het verkeer, dat is pas gevaarlijk!’ Dus waar zijn jullie zo bang voor, mannen? Wij kunnen het, jullie veilig van A naar B brengen. En de kinderen, en de spullen in de kofferbak. En onszelf. En dames, weet dit: het stigma blijft bestaan zolang het de ruimte krijgt. Filosoof en vrijdenker Voltaire wist al: ‘Men is vrij op het moment dat men dat wenst.’ Behalve in Saudi-Arabië dan.

ONEWORLD 17


THEmA

auto’s

sleutelen

TurTle 1: werelDauTo Het chassis is van Toyota, de versnellingsbak van Mercedes en de vering komt uit een lokale fabriek. In de grootste autowerkplaats van Afrika zetten kunstenaar Melle Smets en onderzoeker Joost van Onna met de Turtle 1 een ‘Afrikaanse’ auto in elkaar. Het werd een uitputtingsslag daar in Ghana. TEKST TIjs van Den BooMen FOTO’S Teun vonK

V

ier wielen, een motor en een cabine, veel meer is een auto eigenlijk niet. Hij is handig om mensen en spullen te vervoeren. Tenminste, als je een fijn vertakt wegennet tot je beschikking hebt, want anders staat alles stil. Ezels zijn eigenlijk veel praktischer, die brengen je op de meest onmogelijke plekken. In Afrika zijn ze bovendien sneller, want als je rekening houdt met de tijd die je moet werken om een auto te kunnen kopen en te onderhouden, rijd je hier volgens een wereldomspannend onderzoek effectief slechts 2,2 kilometer per uur. Maar dat soort rationele argumenten doet nauwelijks ter zake als het om auto’s gaat. Een auto is magic, hij is het symbool van succes, moderniteit en onafhankelijkheid: je bepaalt zelf waar je gaat en staat. In het Westen begint de betovering van de auto af te nemen – steeds meer jongeren nemen niet meer de moeite een rijbewijs te halen – maar in ontwikkelingslanden straalt de ster van het statussymbool als nooit tevoren. In Afrika is er geen plek die dat duidelijker maakt dan Suame Magazine, een uitgestrekte samenklontering van autowerkplaatsen aan de noordkant van Kumasi, de tweede stad van Ghana. Alles ademt hier auto’s: de lucht is vergeven van de roetwolken uit dieselmotoren, van de rook uit primitieve ovens waarin oude motor-

18 ONEWORLD

20% zoveel zal de autoverkoop van nieuwe auto’s  in afrika stijgen de komende twee jaar. in 2015 zullen er twee miljoen nieuwe auto’s per jaar worden verkocht. Met name in noord- en Zuid-afrika. Bron: general Motors afriCa, 2013

blokken worden omgesmolten, van de geur van snijbranders die zich door metaal vreten en van oude banden die worden verbrand om de stalen kern eruit te halen. Volgens een rapport van de Wereldbank zou Suame Magazine weleens ‘het grootste productiecluster van Afrika’ kunnen zijn: hier werken honderdduizend mensen aan auto’s en alles wat daarmee te maken heeft. Andere bronnen houden het op tweehonderdduizend mensen, verdeeld over twaalfduizend bedrijven. In ieder geval is de chaos hier op het eerste gezicht overweldigend, alsof een reusachtige blokkendoos is leeg gekieperd in een te kleine zandbak. Zelfs de wegen zijn deels in gebruik als werkplaats, opslagterrein en handelsplek.

ONEWORLD


Trainen met tandwielen

Medio vorig jaar belanden kunstenaar Melle Smets en onderzoeker Joost van Onna hier voor het eerst en ze raken gefascineerd door de energie en de complexiteit van de wijk. Hoe komen die busjes met Koreaanse opschriften hier, en de Mercedessen met reclames van Duitse aannemers? Hoe krijgen mensen met slechts een hamer en een paar schroevendraaiers complete vrachtwagens aan de praat? Wie trainen er in de openluchtgyms met halters in de vorm van tandwielen? En vooral: wat gaat er onder de oppervlakte van de wijk schuil en onttrekt zich dus aan het oog? Er is redelijk wat onderzoek gedaan naar Suame Magazine, onder andere door de Wereldbank, het Danish International Development Agency (Danida) en Wageningen Universiteit. Maar dat zijn verhalen van buitenaf, koel en wetenschappelijk. Smets en Van Onna willen dieper doordringen in de wijk en ze besluiten dat daarvoor maar één manier is: ter plekke zelf een auto bouwen. Een auto, afgestemd op de behoeftes van de Afrikaanse markt en op de mogelijkheden en beperkingen van de Ghanese mecaniciens. Een schier onmogelijke opgave, aangezien beiden bij wijze van spreken nog nooit onder de motorkap van een auto hebben gekeken, maar juist daardoor het ultieme recept voor intensieve samenwerking. De eerste testcase is het vinden van lokale partners en die slaagt met glans. Hadden ze een nieuwe hydraulische pomp willen ontwikkelen, of een pers voor maïskoeken – producten die in Suame Magazine ook worden gemaakt – dan waren ze zonder een grote buidel met geld kansloos geweest. Een auto daarentegen is een universele droom die vooral mannen in vuur en vlam kan zetten en dus vinden ze binnen een week twee sterke partners: de technische universiteit van Kumasi stelt een compleet ingerichte werkplaats en studenten ter beschikking en Smido, de koepel van de beroepsassociaties in Suame Magazine, zorgt voor de benodigde vaklieden en voor een projectleider in de persoon van Doctor Waco. Zijn aanspreektitel dankt hij aan zijn onafscheidelijke witte jas en zijn leerschool bij Mercedes in Duitsland.

Aiia handelt in onderdelen voor DAF-trucks

ONEWORLD 19


nieuwe sPecialismen

Janet werkt voor een autohandelaar in kabels

meXico reQuiem voor een Kever

C

omfortabel reizen was het niet in de volkswagen-kevertaxi. de vering stak door de zitting en een penetrante benzinelucht uit de lawaaierige motor ontnam passagiers de adem. toch vinden inwoners van Mexico-stad het eeuwig zonde dat de karakteristieke groene taxi uit het straatbeeld is verdwenen. in de jaren ‘50 werd de kever razendsnel populair als alternatief voor benzine slurpende amerikanen. volkswagen opende zelfs een fabriek in Mexico waar in 1967 de eerste ‘vocho’ van de band rolde. eLekTrisChe TAxi’s terwijl eind jaren ’70 de productie in europa ophield, maakte de volkswagenfabriek in Mexico ze nog volop. in 2006 reden er bijna zestigduizend kevertaxi’s rond. in 2003, na 1,6 miljoen exemplaren te hebben geproduceerd, sloot ook de Mexicaanse

20 ONEWORLD

vocho-fabriek zijn deuren. Milieuwetgeving schrijft voor dat taxi’s maximaal tien jaar oud mogen zijn, dus werden de laatste kevers eind vorig jaar verruild voor minder vervuilende, deels elektrische taxi’s. ZieL VerLoren Zo verving de 64-jarige taxichauffeur guillermo de la Cruz zijn ‘lekker wendbare’ vocho ‘met pijn in het hart’ voor een Chevrolet. een logisch besluit gezien de smog die de hoofdstad teistert. Maar met het verdwijnen van de lange rijen groene kevertaxi’s heeft Mexico-stad een stukje van zijn ziel verloren. MarjoLeIn van De WaTer

Begin dit jaar arriveren Mister Melles, zoals Melle Smets in Ghana al snel wordt genoemd, en Joost van Onna in Suame Magazine om de auto te bouwen. Zes weken hebben ze ervoor uitgetrokken, het wordt een uitputtingsslag van drie maanden. Een schat aan kennis levert het project op; zo blijk je in Suame Magazine niet alleen auto’s, pompen en persen te kunnen laten maken, maar ook molenstenen voor de illegale gouddelving en automatische pistolen met een magazijn voor zes kogels. Geheel nieuwe specialismen leren ze kennen, zoals de sjouwers die met gewichten trainen om in vorm te blijven, de susu-meisjes die eens per week geld ophalen bij de werkplaatsen om dat voor de eigenaar op de bank te zetten, en mobiele sparkers, die op verzoek van handelaren een motorblok starten zodat de klant kan luisteren of het wel goed loopt. Ze stuiten op de dubbele rechtsstructuur in Suame Magazine, waar zowel de koning van Ashanti (voormalig koninkrijk in West-Afrika, red.) als de staat zeggenschap hebben over de grond, en ook lokale chiefs een dikke vinger in de pap hebben. En o ja, ze bouwen een auto, die Turtle 1 wordt gedoopt: slow but steady. Het is een merkloze auto, of beter gezegd, een auto van een heleboel merken. Zo is het chassis van een Toyota Land Cruiser 2, komt de dieselmotor van SsangYong, zit er een handgeschakelde versnellingsbak van Mercedes in, zijn de assen afkomstig van een Nissan Patrol en komen de springveren uit een lokale fabriek. Voor elk onderdeel wordt het merk gekozen dat de beste variant oplevert, tot wanhoop van Doctor Waco die alles aan elkaar moet zien te breien.

dagenlange discussies

Doctor Waco is een rechtschapen man, de Bijbel is zijn leidraad en die neemt hij net zo letterlijk als de technische handboeken van Mercedes. Recht is recht en krom is krom. Steekpenningen aannemen is hem een gruwel, net als spooknota’s opstellen voor zijn klanten. Dat hij daardoor opdrachtgevers verliest, neemt hij voor lief. Zijn eerlijkheid gebiedt hem ook toe te geven dat de bestuursleden van Smido, die de bouw van de auto vanaf een bankje volgen en becommentarieren, het proces alleen maar frustreren: “Ze spuien ideeën zonder erover na te denken,


THEmA

auto’s

de zegen van de Koning

Onverwoestbaar moest de auto worden, of in ieder geval gemakkelijk te repareren met onderdelen die ter plaatse beschikbaar zijn. Dat laatste lukt beter dan het eerste, want ondanks alle inspanningen en testritten blijft de Turtle 1 tot het einde een delicate machine; eigenlijk kan alleen Doctor Waco hem op de weg houden. Hij is het dan ook die hem de driehonderd kilometer naar de haven van Tema rijdt om hem in een container te zetten, richting Nederland. Want dat was de deal: Mister Melles zou de auto krijgen en Smido de technische kennis die voortvloeit uit het ontwerp en de bouw van de auto. Het is een ideeënauto, benadrukt Mister Melles, geen prototype dat rijp is om in productie te worden genomen. Dat zou ook lastig gaan, want ondanks alle aandringen heeft niemand bij Smido de moeite genomen om het ontwerp vast te leggen, netzomin als de onderdelen die zijn gebruikt en hoe die met elkaar zijn verbonden. Is het project daarmee mislukt? Zelfs als de ontwikkeling van de auto hier zou stoppen, heeft Suame Magazine vooruitgang geboekt. Alleen het idee bleek al zo aansprekend, dat de koning van Ashanti persoonlijk naar Suame Magazine kwam om de auto zijn zegen te geven. Nooit eerder kreeg de autowijk

‘Een belofte is in Ghana ook een vorm van werkelijkheid’

zo’n hoog bezoek, de menigte die uitliep om de koning te zien was uitzinnig. En de koning maakte van de gelegenheid gebruik om Smido en een rivaliserende associatie van mecaniciens onder druk te zetten om hun conflict bij te leggen. En dat alles vanwege een auto. De auto wordt op 26 september gepresenteerd in Paradiso in Amsterdam, met een talkshow onder leiding van Marcia Luyten (zie achterpagina voor kortingsactie). Die dag verschijnt bij uitgeverij Fosfor de longread Turtle 1: De auto uit Afrika (journalistiek verhaal van 10.000 tot 15.000 woorden), geschreven door Tijs van den Boomen, met financiële steun van het Fonds Bijzondere Journalistieke Projecten. Op 22 september is de radio-documentaire (VPRO Radio 1, 21.00-22.00 uur).

india iedereen een nano

r

atan tata droomde ervan tijdens ‘saaie boardmeetings’ van zijn staalimperium tata steel (waarde 75 miljard euro): een goedkope auto die voor de hele indiase middenklasse betaalbaar is. dat zou een revolutie zijn, want maar één op elke honderd indiërs bezit een auto. in 2009 rolde de eerste tata nano van de band. op alles werd bezuinigd: de achterbak is alleen van binnenuit bereikbaar, er is één ruitenwisser en geen stuurbekrachtiging. Prijs: 1500 euro (het gemiddelde jaarinkomen in india is 2500 euro). BoodsChAPPenAuTooTJe de nano bleek geen hit: de middenklasse wilde liever niet gezien worden in deze wel érg goedkope wagen. de aanschafprijs steeg door dure grondstoffen tot 2100 euro. vier jaar na de introductie rijden er zo’n 250 duizend nano’s rond, ongeveer de jaarlijkse productiecapaciteit. Juist huishoudens die al een auto hebben, blijken de nano erbij te nemen als handig boodschappenautootje. reclamevrouw neha Chopra kocht haar felgele nano vooral om naar de buurtmarkt te gaan: “Parkeren en keren met de nano is makkelijk.” de gepensioneerde kunjukunju uit het Zuid-indiase stadje Mavelikara werd verliefd op de nano. twee jaar geleden kon hij hem kopen. Hij glimt

van trots naast zijn eerste auto (zie foto), maar ziet ook een nadeel. “ik moet bij de pomp de motorklep omhoog doen om de benzinetank te bereiken.” de nano mag dan (nog) geen revolutie op de indiase weg hebben ontketend, de piepkleine bolide wordt wel gezien als de motor van een trend: frugal (simpel en zuinig) engineering. dat levert een stroom aan zeer goedkope producten uit india op, zoals tablets van 19 euro (aakash), waterzuiveraars (swach, 11 euro) en ijskasten (Chotukool, 54 euro). ratan tata en tata Motors hebben de droom nog niet opgegeven, en willen zelfs de europese automarkt veroveren met de tata Pixel, een variant van de nano die voldoet aan strengere milieu- en veiligheidseisen.

nIrMaL john

Beeld: nirMAL John

je moet niet denken dat ze ooit iets opzoeken op internet.” Maar hij is genoeg Afrikaan om die kritiek uitsluitend tegen Mister Melles te uiten, bij zijn landgenoten zou hij zich daarmee onmogelijk maken. En dus duren de discussies over de beste oplossing voor een technisch probleem soms dagenlang, zodat iedereen toch vooral zijn zegje kan doen en niemand gezichtsverlies hoeft te lijden. Ook in andere opzichten loopt Mister Melles soms met zijn kop tegen de Afrikaanse muur. Bijvoorbeeld als hij, met nog maar twee dagen te gaan voordat de auto aan de koning moet worden gepresenteerd, verlangt dat Doctor Waco een reservelasser inschakelt omdat de twee vaste lassers vaak niet komen opdagen. “Onnodig”, oordeelt Doctor Waco. “Ze hebben beloofd dat ze er beide dagen zullen zijn.” De tegenwerping dat ze dat steeds beloven, helpt niet. Het feit dat ze er de volgende dag niet zijn, brengt Doctor Waco evenmin van zijn stuk: een belofte is hier ook een vorm van werkelijkheid.

ONEWORLD 21


THEMA

Auto’s

Business

Schroot wordt handel Wat hier als schroot naar de smelterij gaat, is in Afrika geld waard. Van aandrijfas tot zijspiegel: Afrikaanse handelaren kopen overal ter wereld auto-onderdelen op. Kennedy uit Ghana doet goede zaken met Jan Verhaegh uit Winterswijk. Tekst Tijs van den Boomen

U

it zijn binnenzak haalt Kennedy een verkreukelde luchtfoto van een autosloperij tevoorschijn. Hij wijst op een stacaravan tussen hopen oud ijzer en rijen vrachtwagens: “Kijk, hier logeer ik als ik bij Jan in Winterswijk ben. En weet je wat het mooiste is? De vader van Jan komt me elke avond eten brengen. Stel je voor, een ouder iemand die mij bedient.” Dat Ghanese autohandelaren de hele wereld afreizen op zoek naar geschikte onderdelen, is niets nieuws. Dat ze daarbij ook Nederland aandoen is niet meer dan logisch. Maar dat aan een stoffige weg in Suame Magazine, het grootste conglomeraat van autowerkplaatsen van Afrika, ineens een foto van Winterswijk wordt opgediept, maakt de globalisering wel heel aanschouwelijk. Kennedy is de neef van de chief van Suame. Hij zit inmiddels tien jaar in de autohandel. Eerst reisde hij de autosloperijen rond Birmingham en Liverpool af tot hij een container vol onderdelen had die naar Ghana verscheept kon worden. Later verlegde hij zijn werkterrein naar ZuidKorea. Totdat hij drie jaar geleden in Suame Magazine werd aangesproken door Jan Verhaegh, een jonge Nederlandse autosloper uit Winterswijk. Of hij zaken wilde doen. Eind juli was Kennedy voor de vierde keer in Nederland, en zoals altijd stond Jan met zijn

22 ONEWORLD

‘We zaagden auto’s in stukken en lasten ze weer aan elkaar’

1,8 m In 10 jaar tijd is de import van auto-onderdelen in Ghana vervijfvoudigd van een waarde van $370.000 in 2001 naar $1.795.000 in 2011 Bron: wto

zilvergrijze Mercedes op Schiphol klaar om hem af te halen. “Als iemand vijfduizend kilometer reist om jou te bezoeken, dan haal je hem toch even op, dat zit bij ons woonwagenbewoners in de cultuur”, zegt Verhaegh.

Bijenkorf

Op weg naar Winterswijk vertelt Jan Verhaegh hoe het internationale avontuur voor hem in 1995 begon. “Via asielzoekers uit het naburige opvangcentrum kwam een Ghanese handelaar hier spullen kopen, en toen de tweede langskwam, zei ik tegen mijn vader: ‘Er zijn vast nog meer bijen, we gaan kijken waar de korf is’.” Inmiddels heeft Verhaegh zo’n twintig handelaren uit Suame Magazine die bij hem kopen, een stuk of tien uit Nigeria, maar ook losse inkopers uit Saudi-Arabië, Egypte en Maleisië. En allemaal blijven ze slapen en eten ze mee. Jan Verhaegh wil alleen niet dat er meer dan één gast tegelijk is: “Dan ziet de ene iets van zijn gading en dan wil de andere dat ook net hebben.” Als de auto het terrein van de sloperij op draait, begint Kennedy zijn rondgang over de ruim een hectare grote sloperij. Bedachtzaam loopt hij in zijn smetteloos lichte kleren tussen de stapels motorblokken en de geparkeerde auto’s, hij kijkt, hij kijkt. Verhaegh, van een afstandje: “Ik heb respect voor wat zij met hun


handen kunnen. Hier worden onderdelen alleen nog vervangen, daar repareren ze nog echt.” En zijn handel vaart er wel bij, want hier zouden de meeste van zijn onderdelen als schroot naar de smelterij gaan.

Auto in stukken

Terwijl Verhaegh alweer klaar staat om Europa in te trekken voor verse aanvoer – van losse onderdelen tot complete graafmachines – heeft Kennedy alle tijd om genoeg spullen bij elkaar te zoeken om een container van bijna zeventig kubieke meter te kunnen vullen. Een week of twee, drie kost hem dat meestal. Dan laat Verhaegh een rederij de container brengen, die zijn medewerkers volstouwen onder toeziend oog van Kennedy. De container gaat verzegeld naar de haven van Antwerpen of Amsterdam. Dan nog een week of drie, vier voor het transport, dus zo rond half oktober zal Kennedy in de haven van Tema op de kade staan om de container uit Nederland door de douane te loodsen. Overal zit handel in, van zijspiegels tot complete elektrische bedradingen en van rupsbanden tot tankdoppen, maar complete auto’s worden in Ghana nauwelijks meer geïmporteerd, tenminste niet als ze ouder zijn dan tien jaar. Sinds 2002 gelden er namelijk extra hoge heffingen voor oude auto’s. “Aanvankelijk omzeilden we die door auto’s in twee of drie stukken te zagen en die na de invoer weer aan elkaar te lassen”, grijnst Kennedy, “maar daar trappen ze niet meer in.” Ook de truc om auto’s te importeren in buurland Togo en ze vervolgens illegaal over de grens te rijden werkt niet meer: via de chassisnummers volgt de politie het spoor terug naar degene die de auto heeft geïmporteerd. Als handelaar kun je de douane tegenwoordig maar beter niet onderschatten, vertelt ook K.G., voluit Kwame Gyimah. Tweemaal per jaar vliegt hij vanuit Ghana naar Japan en daar heeft hij maximaal drie maanden – zo lang geldt zijn visum – om auto’s op te kopen, die uit elkaar te sleutelen en de onder-

Kennedy, hier in overall, zoekt onderdelen bij elkaar

delen die hij kan gebruiken in een container te laden. Maar dat alles is een peulenschil in vergelijking met de invoer zelf. Volgens K.G. vindt de douane altijd wel iets wat niet op je lijst staat. Of ze laten je dagen of weken wachten en al die tijd moet je je spullen bewaken. “Zonder steekpenningen kom je er niet langs.” Kennedy en K.G. kopen niet alleen voor zichzelf in, ze hebben bestellijsten van bevriende handelaren op zak. Eenmaal terug in Suame Magazine verkopen ze een deel van de lading direct door aan kleinere handelaren, die de onderdelen steeds dieper de autowijk in brengen.

Geen cent van de bank

Ike is zo’n kleine handelaar, hij is gespecialiseerd in aandrijfassen. Voor zijn kleine houten shop zit hij saxofoon te spelen. Muziek is, na het geloof, het belangrijkste in zijn leven. Hij zingt in een gospelkoor, speelt op begrafenissen en by the grace of the Lord zal hij ooit een cd opnemen. Om zijn vrouw en kind te onderhouden, en straks ook de tweeling van wie zijn vrouw zwanger is, handelt hij in auto-onderdelen. Hij werkt met een stuk of vijf afafx, tussenpersonen die klanten aanbrengen in ruil voor commissie. Vaste vergoedingen zijn er niet. Volgens Ike bepaal je dat from the heart, wat neerkomt op een paar procent van de verkoopprijs. De zaken gaan goed, glimlacht hij, dankzij the Lord heeft hij succes. Groter dan drie bij anderhalve meter is zijn hutje, vol met opgestapelde onderdelen, niet. Een aandrijfas doet omgerekend 25 euro: een tientje is voor hem, de rest is inkoop. Op de schappen liggen minstens vierhonderd assen opgetast, dat betekent dat hij meer dan vijfduizend euro heeft geïnvesteerd. En daar is geen cent van de bank bij: “Ik heb mijn voorraad onderdeel voor onderdeel bij elkaar gekocht, door de winst steeds terug te stoppen in m’n bedrijf.” In elk schakeltje van de mondiale handel in auto-onderdelen – ook Ike bewijst het – zit een goede boterham. ONEWORLD 23

Beeld Teun Vonk

Beeld Tijs van den Boomen

Jan Verhaegh: “In Ghana repareren ze nog echt!”


EXCLUSIEF VOOR abonnees OneWorld geeft vier Pure Peru-tassen weg van Pure Katja, t.w.v. € 149,95 per stuk! Gemaakt in Peru, voor vrouwen, door vrouwen. De Nederlandse vrouwen Inge en Katja maken het ontwerp van de schoudertassen, waarna een groep Peruaanse vrouwen ze met de hand in elkaar zet. De tas bestaat uit verschillende lapjes stof, versierd met linten, en is voorzien van leren hengsels en een treklint om de tas dicht te trekken. Elk exemplaar is uniek, en het aantal tassen is beperkt. Met de verkoop van deze tassen steunt Pure Katja de vrouwen die de tassen maken (zij ontvangen gegarandeerd een eerlijk salaris), én van elke verkochte tas gaat 10 procent van de winst naar Stichting Proniños. Deze organisatie zet zich in voor scholing van Peruaanse kinderen en zorgt voor de aanschaf van lesmateriaal, het trainen van leraren en het betalen van hun salaris. DE PURE PERU-TAS: n handgemaakt met duurzame materialen n afsluitbaar met een treklint n gemaakt in beperkte oplage (genummerd) n 40 x 40 x 11 cm Meer producten zien van Pure Katja? Ga naar www.pure-katja.nl Meer lezen over de scholingsprojecten in Peru? Kijk op www.stichtingproninos.nl Wil je kans maken op een van deze exclusieve tassen? Ga vóór 30 september naar www.oneworld.nl/magazine/actie en vul je gegevens in. De winnaars krijgen 2 oktober bericht. Lezers van OneWorld krijgen 10% korting op alle producten van Pure Katja. Geef hiervoor eerst een like op de Facebookpagina van Pure Katja. De korting is geldig tot 30 september 2013.

ACTIE

24 ONEWORLD


abdelKader

Beeld PeTer Boer

COLUmN

Ik ben een Andalusiër

G Liefde verenigt, haat ook

esteggel in Fez over ‘van wie’ Andalusië nou is. In de Noord-Marokkaanse stad is hierover een symposium georganiseerd. Andalusië en de Berbercultuur is de titel waaronder het hooggeleerde gezelschap samenkomt. Omdat ik schrijver ben, van Berberse komaf, en houd van culturen mixen mag ik aanschuiven. Andalusië, hoor ik u denken, daar verdreven de Spanjaarden eind vijftiende eeuw toch de Moren? Het Andalusië van de religieuze verdraagzaamheid, van die tegenwoordig zo ver te zoeken onderlinge tolerantie van religies? Zeker, maar eerst kwamen de Arabieren, onder wie Berbers, er begin achtste eeuw orde op zaken stellen. Ze bleven er bijna acht eeuwen, in welke periode Córdoba uitgroeide tot de tweede grootste stad van Europa. Dat is het Andalusië dat ik bedoel: een hybride van islamitische, Berberse, Marokkaanse, joodse, christelijke en romaanse invloeden. Van wie is dat Andalusië? De Marokkanen van vandaag menen dat de cultuur van dit ZuidSpaanse gebied hen nog steeds toebehoort. Voor Amerikanen, Spanjaarden, Duitsers, Nederlanders en een Algerijn is het Andalusië van toen een way of life, ongeacht hoe die tolerante houding destijds is ontstaan. Maar in Fez wil men erkenning voor de Moorse bijdrage aan deze universele cultuur. Ik loop naar buiten. Daar wachten de obers totdat het gezelschap naar buiten komt voor een verfrissing. Ze zitten in de schaduw, waar het bijna 40 graden is, sommigen op hun hurken. Enkelen van hen hebben vandaag voor het eerst een jasje aan. Ik loop terug de zaal in, de airco staat aan. Ik wil naar Granada. Naar Córdoba. Of naar de oude stad van Fez wandelen, waar stegen en mensen me naar Andalusië brengen.

Andalusië is opnieuw actueel: Marokkaanse migranten zijn derderangsburgers in Spanje, waar ze de olijven persen en de sinaasappelen plukken. Omgekeerd zoeken steeds meer Spanjaarden, op de vlucht voor de economische crisis, hun heil in steden als Tanger en Tetouan, diezelfde steden waar de morisco’s (Spaans voor Moren ) naartoe trokken, vluchtend voor de katholieke knoet van Isabella en Ferdinand van Aragon en Castilië. Deze twee christelijke jihadisten vonden elkaar in hun godsdienstwaanzin. Liefde verenigt, maar haat ook. Vijfhonderd jaar later hebben Marokko en Spanje meer dan ooit met elkaar te maken. Bij ontwikkelingen in de Westelijke Sahara is Spanje als voormalige kolonisator nauw betrokken. Spanje heerst over twee kroonkolonies op Marokkaans grondgebied. De hasj-smokkel naar Europa gaat grotendeels via het Spaanse achterland. In Tanger is Spaans nog altijd de voertaal, en Spanje helpt Marokko bij het bestrijden van de illegale migratie naar Europa. Hier in Fez voel ik dat geografie sterker is dan geschiedenis. Over geschiedenis kun je oneindig discussiëren, en het nuanceren. Je kunt ’m verdraaien, ontkennen, herschrijven. Geografie veroordeelt mensen tot elkaar. Een zee-engte scheidt Marokko en Spanje van elkaar; genoeg afstand om elkaar niet te verstikken, te weinig afstand om elkaar te negeren. Buiten maken de obers het terras klaar. Binnen schuiven we steeds meer naar elkaar toe, in het besef dat Andalusië als mix van culturen ons tot voorbeeld moet dienen. We zijn die Andalusiërs iets verschuldigd. Wij zijn allemaal Andalusiërs.

Abdelkader Benali is auteur, tv-presentator en marathonloper. ONEWORLD 25


aan de slag VERANTwOORD wERKEN EN ONDERNEmEN

‘Je moet snel kunnen beslissen’ Jennifer MacCann werkt sinds eind juni voor Oxfam Novib in Jeruzalem als humanitair crisismanager voor de bezette Palestijnse gebieden en Israël. je bent australische. hoe ben je bij de nederlandse oxfam novib in jeruzalem terecht gekomen? “Ik zocht op internet naar banen in internationaal crisismanagement en vond deze vacature. Ik wilde graag bij Oxfam werken, omdat ze mensen helpen en daarbij waardigheid en respect hoog in het vaandel hebben staan. Jeruzalem fascineert me vanwege het hardnekkige conflict in dit gebied en de geschiedenis van de stad.” Wat doe je? “Ik bereid bewoners en organisaties voor op noodsituaties.

30

aanbiedingen voor biologisch vlees en 1454 voor kiloknallervlees stonden er in de eerste helft van 2013 in de reclamefolders van de acht grootste supermarkten in Nederland Bron: Wakker dier

26 ONEWORLD

We plannen evacuatieroutes, zorgen voor opslag van water en voedsel, of regelen slaapplaatsen. Ook brengen we bewoners en organisaties met elkaar in contact zodat ze goed voorbereid zijn op een oorlog of aardbeving, en de gevolgen minder ernstig zijn. Je moet voor dit werk flexibel zijn en snel kunnen beslissen, benaderbaar zijn, en je vooral ook kunnen inleven in andere denkwijzen.” Waar werkte je hiervoor? “In Mauritanië, waar ik op het platteland zwangere vrouwen, gehandicapten, families met

jonge kinderen en boeren hielp hun leven weer op te bouwen na de droogte van 2012, die veel oogsten en kuddes heeft verwoest.” hoe houd je deze baan vol? “Door op tijd te ontspannen. Ik sport en hou van koken. Ik kan niet wachten tot ik weet hoe ze die heerlijke humus hier maken! En ik heb het geluk dat mijn man, die ook in dit vak werkt, met me mee is gekomen.” IneKe De KorT Op oneworld.nl vind je elke dag nieuwe vacatures voor verantwoorde banen.

vraag + antwoord

Wil jij jouw vraag laten beantwoorden door een expert? Laat het ons weten: oneworldredactie@ncdo.nl “ik ben eigenaar van een franchisewinkel. Mijn franchisegever doet nog weinig aan MVo. hoewel ik beperkt ben in mijn mogelijkheden, zoals waar ik inkoop, wil ik toch graag duurzamer werken. Welke maatregelen kan ik nemen die weinig invloed hebben op de formule van mijn winkel?” k. de hoek (51), Vlissingen Willem Lageweg, directeur MVo nederland: “Ook al zijn franchisenemers vaak beperkter in de MVO-maatregelen die zij kunnen treffen, er zijn altijd

processen die je kunt verbeteren. Denk aan personeelsbeleid (opleiding, diversiteit), duurzaam vervoer of huisvesting, en bedrijfsvoering (verlichting, afvalscheiding, ICT, bedrijfslunch). Vertel klanten ook over de duurzaamheidsaspecten van het assortiment, dat geeft hen misschien net een zetje in de goede richting. Kaart duurzaamheid ook aan bij je franchisegever en laat weten dat klanten erom vragen. Hopelijk zal deze het assortiment dan ook willen verduurzamen. Kijk voor meer MVO-tips op www.mvonederland.nl/tips.”


bedriJvendoKter

Doe maar duur(zaam) Steeds meer bedrijven kiezen een duurzame koers. OneWorlds bedrijvendokter Mark Schalekamp licht ze door. Deze maand: luxe koffie van Nespresso.

De check-up Nespresso vierde deze zomer het tienjarig jubileum van het eigen duurzaamheidsprogramma AAA Sustainable Quality™, en kondigde groots de samenwerking aan met Fairtrade International om duizenden kleine koffieboeren te steunen, te beginnen in Colombia.

Warmte van de buurman Coca-Cola nederland gaat testen of de warmte die vrijkomt bij de glasproductie van de naastgelegen verpakkingsproducent ardagh in Dongen water kan verwarmen voor Coca-Cola. als het genoeg warm water oplevert, heeft de Coca-Cola-vestiging geen gas meer nodig voor dit proces, en worden de stoomketels in het gebouw overbodig. het streven is om 15 miljoen kWh per jaar te besparen. Dat is evenveel als het stroomverbruik van 4000 huishoudens. Bron: duurZaaMgeProduCeerd.nl

Wat vindt de patiënt? Diane Duperret, PR manager van Nespresso: “We verbinden ons stevig en langdurig aan duurzaamheid en het creëren van waarde voor koffieboeren. Dit laten we al tien jaar duidelijk zien met ons AAA-programma.” De diagnose Nespresso heeft een mooi gezichtje. Mark schalekamp is schrijver van De Parvenu. In een vorig leven was hij duurzaam ondernemer en advocaat.

Beeld MArCus koPPen

trend

De klachten Met het AAA Sustainable Quality Program™ helpt de Zwitserse koffieproducent boeren, vooral in Zuid-Amerika, met het verbouwen van koffie van betere kwaliteit en het duurzaam produceren ervan. Het heeft oog voor hun sociale omstandigheden, en geeft bijvoorbeeld een premie als de marktprijs te laag is. Tegelijk, en bovenal, is Nespresso een marketinggedreven bedrijf. Hun reclameboodschappen zijn niet te missen en hun gezicht is Hollywoods knapste – en vast duurste: dat van George Clooney. Een mooie buitenkant heeft ook hun duurzaamheidsprogramma, met een ronkende naam en flashy website. Duurzaamheid is wat veel klanten verwachten tegenwoordig en de boeren zullen er vast van profiteren, maar als hun lot Nespresso echt aan het hart gaat, kan het bedrijf makkelijk veel meer doen. Dan zou het niet voor een schijntje de bonen kopen op de volledig ingestorte koffiemarkt en deze groen naar Europa en de VS verschepen, maar meer toegevoegde waarde toestaan in de producerende landen, bijvoorbeeld door de koffie ter plekke te branden of te verpakken. Maar dat is vast te veel gevraagd. Wanneer de eerste fairtrade koffie van Nespresso op de markt komt, is niet bekend.

ONEWORLD 27


Fotoreportage

Het zoet en het zuur Het is verslavend, ongezond, mensen worden ervoor uitgebuit en er zit een machtige ­industrie achter. Opium? Olie? Nee, suiker. Suiker wordt werkelijk overal aan toegevoegd: aan vlees, sigaretten, opwarmmaaltijden. Jaarlijks werken Nederlanders gemiddeld 35 kilo ervan naar binnen. Honderd jaar geleden was dat nog 5 kilo. De internationale suikerhandel was in de negentiende eeuw al zo veelomvattend dat het bestuderen van één suikerklontje een ­volwaardige les in ­politieke economie was, aldus de Franse ­politicoloog Augustin Cochin (1823-1872). Tweederde van de wereldsuikerproductie komt uit zuidelijke ontwikkelingslanden, de meeste suiker wordt ­geconsumeerd in het Noorden. De sluiting in 2008 van de Suikerunie, een industrieel complex net buiten het centrum van ­Groningen, inspireerde Noorderlicht (internationaal podium voor fotografen) om in beeld te brengen hoezeer de productie en handel in suiker het lot van mensen over de hele wereld met elkaar verbindt. The Sweet and Sour Story of Sugar is te zien op Noorderlicht fotofestival, 1 september tot 13 oktober, Groningen. www.noorderlicht.com

28 ONEWORLD


ONEWORLD 29


30 ONEWORLD


ONEWORLD 31


PAGINA 28-29 Suikerspinverkoper in het Babilonia Circus in Ribeirão Preto, tussen Belo Horizonte en São Paulo, Brazilië

PAGINA 31 boven Snoepverkoop op Ancol Beach, een populair strand ten noorden van Jakarta © Carl De Keyzer, Indonesië

© Ed Kashi/VII, Brazilië

PAGINA 30 boven Discussie in het veld tijdens de suikerbietoogst bij de boerderij van de broers Rodenburg te Dronten, Flevoland

PAGINA 31 onder Pasar Kue Subuh, letterlijk vertaald: ‘dauwtaartmarkt’, in Jakarta is gespecialiseerd in de verkoop van taarten en zoetigheden © Carl De ­Keyzer, Indonesië 

© Francesco Zizola/NOOR, Nederland

© Ed Kashi/VII, Nederland

PAGINA 33 onder Personeel maakt de vloer schoon van de suikerfabriek bij Hoogkerk (Groningen) © Tomasz Tomaszewski, Nederland

PAGINA 30 onder Een suikeropslag in ­Asembagoes bij de stad Situbondo, Oost-Java

PAGINA 32 Een arbeider pleegt onderhoud aan de installaties van de suikerfabriek bij Hoogkerk (Groningen)

© Carl De Keyzer, Indonesië

© Tomasz Tomaszewski, Nederland

32 ONEWORLD

PAGINA 33 boven Tot 2012 werden de ‘Haagse’ hopjes gemaakt in Nederland, onder andere in de Leaf kauwgomfabriek in Sneek. Na 218 jaar gebeurt dat nu in Italië


ONEWORLD 33


RONDJE WERELD ERGENS ANDERS DOEN ZE HET ZO

Als ik later groot ben Wat ga je doen na de middelbare school? Er zijn zoveel opleidingen. Deze drie jongeren gaan het maken met tekenen, bakken en rekenen.

Lindiwe Modau combineert werk en opleiding, en doet alles om uit de township te ontsnappen

Zuid-Afrika

‘Mijn kracht ligt in cijfers’ Lindiwe Modau (21), Johannesburg, studeerde bedrijfsadministratie aan CIDA, een school voor getalenteerde arme Zuid-Afrikanen. Ze werkt al als financieel adviseur. “Eigenlijk is het een wonder dat ik ben gaan studeren. Op mijn twaalfde werd ik wees. Sinds die tijd woon ik op mezelf in de township Alexandra. Ik ben vooral gemotiveerd om naar school te gaan omdat ik om me heen het leven zie dat ik niet wil: meisjes die jong zwanger raken, geen werk hebben, in elkaar geslagen worden door hun vriendjes. Tijdens de middelbare school had ik amper geld voor eten of een schooluniform. Maar ik was wel de beste van de klas. In mijn eindexamenjaar ben 34 ONEWORLD

ik samen met een docent gaan kijken waar mijn kracht lag. Dat was in wiskunde, ik hou van cijfers. Ik heb drie jaar bedrijfsadministratie gestudeerd. Dat ging goed. Ik worstelde soms alleen met de specifieke termen in het Engels omdat ik thuis Sesotho spreek. En het blijft lastig dat ik geen ouders heb die je kunnen vertellen dat je op de goede weg bent. Wel heb ik het geluk gehad dat ik op belangrijke momenten andere volwassenen had die me hielpen. Voor mijn studie liep ik drie maanden stage en daarna kon ik daar blijven als financieel adviseur. Mensen bellen me over pensioenen en verzekeringen. Voor en na mijn werkdag studeer ik. Soms tot na middernacht. Het is zwaar, maar ik weet dat ik deze ervaring nodig heb om een echt goede baan te vinden. ’s Avonds reis ik van mijn luxe kantoor terug naar de township, twee verschillende werelden. Mijn doel is om zo snel mogelijk uit die tweede wereld weg te komen.” Elles van Gelder

China

‘Ik word de beste koekjeschef’ Liu Chun Long (19), Shanghai, studeert aan de Shanghai YiFu Vocational & Polytechnic School, en kan straks aan de slag in hotels of horeca. “Het gaat bij koekjes niet alleen om de smaak. Hoe ze eruitzien is minstens zo belangrijk. Daarom besteed ik veel aandacht aan het ontwerp en de versiering. Zo maak ik ze soms in de vorm van een hoofd. Of een slang, 2013 is het jaar van de Slang. Als jongetje maakte ik al koekjes. Ik houd van de zoete smaak. Na mijn middelbare school wilde ik nóg betere koekjes leren maken, dus volg ik een opleiding tot koekjeschef aan de Shanghai YiFu Vocational & Polytechnic School. Naast dat je dan zelf bakt, ben je


ook verantwoordelijk voor een team van sous-chefs. Behalve praktische vaardigheden krijgen we ook andere vakken, zoals Engels en wiskunde. De hoeveelheid huiswerk valt mee. De opleiding duurt twee jaar en daarna heb je nog een jaar werkstage. Die ben ik op dit moment aan het doen bij het Portman Ritz Carlton Hotel, een groot vijfsterrenhotel in het centrum van Shanghai. Daar werk ik samen met collega’s in het westerse restaurant. We maken koekjes, maar ook taarten, cheesecake bijvoorbeeld. Mijn leraar is mijn grote voorbeeld. Hij spoort me aan om de allerbeste koekjeschef te worden. In China is de arbeidsmarkt voor jonge afgestudeerden van de universiteit op dit moment erg moeilijk, maar in mijn branche is gelukkig genoeg werk. In de Chinese horeca is weinig vraag naar mensen als ik, maar er worden nog steeds veel nieuwe westerse hotels en restaurants geopend. En die hebben allemaal een koekjeschef nodig.” Bert van Dijk

Brazilië

‘In de Amazone werken trekt me’ Iuri Vellenich (20), São Paulo, ging toevallig civiele techniek studeren en werd enthousiast. “Eerlijk gezegd ben ik de opleiding civiele techniek ingerold. Ik kon halverwege het jaar instappen. Eerder was ik gestopt met een opleiding elektrotechniek. Bij civiele techniek leer je alles over bouwmaterialen, hydraulische en elektrische installaties, zoals aircosystemen, die horen bij de bouw. Ik bleek het hartstikke leuk te vinden en raakte onder de indruk van het niveau, en besloot de opleiding af te maken. Het duurt maar drie jaar en de school, opgezet door de deelstaat São Paulo, is gratis. Ik zit nu in het tweede jaar. We hebben vijf dagen per week, zes uur per dag les, vooral in groepsverband.

Na zijn opleiding civiele techniek wil Iuri Vellenich graag een studie architectuur doen

In mijn jaar zitten zo’n vijftig jongens en twintig meisjes. Ik studeer gemiddeld één uur per dag thuis, maar zou eigenlijk meer moeten doen. Stages zijn niet verplicht, maar tellen wel mee voor je puntentotaal. Een docente gaf mij de ontwerpen van haar bouwprojecten, zodat ik daarop kon oefenen met Autocad, een tekenprogramma waarmee je in 3D kunt ontwerpen. Dat heeft me geïnspireerd. Ik loop nu stage bij een architectenbureau, waar ik projecten uitteken. Na mijn opleiding wil ik graag naar Barcelona voor een studie architectuur. De Braziliaanse regering heeft daar een uitwisselingsprogramma voor opgezet: ‘Wetenschap zonder grenzen’. Daarna zou ik in het Amazonegebied willen werken, op een plek waar alles nog gebouwd moet worden.” Stijntje Blankendaal

Door de lekkerste en mooiste koekjes te leren maken, vergroot Liu Chun Long zijn kans op werk ONEWORLD 35


interview

ian goldin

‘We hebben nieuw­komers hard nodig’ Tekst Patrick van IJzendoorn Foto’s David fisher

36 ONEWORLD

En nóg steviger gaat Europa op slot. Vanuit Oxford ziet Ian Goldin hoofdschuddend toe hoe politici elkaar aftroeven met immigratie beperkende maatregelen. “Kijk een beetje nuchter naar migratiestromen”, adviseert de econoom en globaliseringsgoeroe. “Immigratie is het beste wapen tegen armoede.”


interview

ian goldin

W

ie in het Verenigd Koninkrijk nog iets positiefs wil horen over immigratie moet naar Oxford. Niet zo vreemd, want de universiteitsstad is altijd tegendraads geweest. Mensen fietsen er, intellectuelen worden serieus genomen en de multiculturele droom is er nog altijd aanwezig. Dat laatste geldt in ieder geval voor Ian Goldin (55), directeur van de James Martin 21st Century School, een jong Oxford-college waar ideeën voor een betere toekomst worden ontwikkeld. Volgens de Zuid-Afrikaanse professor speelt vrij personenverkeer daarbij een cruciale rol. “Als het verleden íets bewezen heeft, dan is het dat migratie de olie van een maatschappij is. Kijk naar de grote internetbedrijven als Google, Yahoo en Facebook. Die zijn opgericht door immigranten en immigrantenkinderen. Sergej Brin, Jerry Yang, Mark Zuckerberg. De namen zeggen het al. Ook in de wetenschap zijn ideeën van mensen uit emigratielanden belangrijk. Kijk naar het relatief grote aantal Nobelprijswinnaars dat daar vandaan komt. Zonder nieuwkomers valt de dynamiek weg.” Dat laatste is de kerngedachte in zijn boek Exceptional People: How Migration Shaped Our World and Will Define Our Future, dat twee jaar geleden verscheen. Goldin schreef daarin onder meer dat wanneer rijke landen 3 procent meer migranten uit arme landen zouden toelaten, de wereld een stuk rijker zou zijn. Het openstellen van de grenzen zou voor hogere groei van de wereldeconomie zorgen. Een schatting is dat de welvaart dan met 356 miljard euro per jaar zou toenemen, dat is vijfhonderd keer zoveel als het bedrag dat rijke landen jaarlijks uitgeven aan ontwikkelingshulp. Migratie is, stelt Goldin, het beste wapen tegen armoede in de wereld. “Er is veel scepsis in het Westen, maar de baten van migratie vallen uiteindelijk hoger uit dan de lasten. Immigranten zijn gunstig voor de schatkist.” Goldin is aanhanger van het verlichte vooruitgangsdenken en de nuttigheidsfilosofie, een richting die streeft naar zo groot mogelijk geluk voor een zo groot mogelijk aantal mensen.

‘Ik ben geëmigreerd vanwege de apartheid’ Globetrotter Goldin

Na een jarenlang verblijf in Londen keerde de in Pretoria geboren Ian Goldin (55) in de jaren ’90 terug naar zijn geboorteland ZuidAfrika om adviseur van Nelson Mandela te worden. De econoom was betrokken bij de, vergeefse, pogingen om de Olympische Spelen naar zijn vaderland te halen. Daarna werkte Goldin enkele jaren als vice-president van de Wereldbank. Gastdocent Zeven jaar geleden werd hij de eerste directeur van de James Martin 21st Century School in Oxford, een instituut dat zich bezighoudt met de mondiale vraagstukken van deze eeuw, over volksgezondheid, klimaat, technologie, ethiek en migratie. Tussendoor reist hij als gastdocent de wereld over, van Rio naar Managua, van Singapore naar Amsterdam. Ook adviseert hij regeringen, vooral in opkomende landen.

Migratie lijkt ook een onderwerp te zijn dat u emotioneel raakt. “Dat klopt. Mijn moeder vluchtte aan het begin van de oorlog vanuit Oostenrijk, via Engeland, naar Zuid-Afrika. Veel van haar familieleden zijn vermoord door de nazi’s. Mijn vader stamt af van immigranten die eind negentiende eeuw de pogroms in Letland en Litouwen waren ontvlucht. En zelf heb ik mijn vaderland de rug toegekeerd vanwege het apartheidsregime.” U reist veel om lezingen te geven. Merkt u dat landen baat hebben bij migranten? Of hangt dat af van het land? “Elk land heeft te maken met immigratie, zelfs het relatief gesloten China. Het is fascinerend om te zien hoeveel WestAfrikanen sinds de jaren ’90 als handelaren werken in een stad als Guangzhou. Het is zowel goed voor China als voor de landen van herkomst. Wat ik ook interessant vind, is het Australische beleid om immigranten die hun studie hebben voltooid een werkvisum te geven. Leerzaam is ook de immigratiepolitiek van Canada, waar de overheid visa voor bepaalde delen van het land uitdeelt. Door immigranten te spreiden hoopt men de integratie te bevorderen. Over het algemeen verschaffen immigranten werk en zijn ze zowel hardwerkend als zelfstandig. Liever dan op de overheid doen ze een beroep op elkaar.” Een stuk minder te spreken is Goldin over de immigratiebeperkende maatregelen van veel Europese regeringen, waaronder de Britse. Het Verenigd Koninkrijk hanteert momenteel een quotumsysteem, en beperkt huwelijksmigratie. Ook wil het land een borgsom van 3000 pond invoeren voor migranten uit Azië en Afrika om een einde te maken aan de massa-immigratie. Goldin: “Groot-Brittannië schiet zich in de eigen voet, want die laatste maatregel zorgt ervoor dat nogal wat talentvolle immigranten voor andere landen kiezen om zich te vestigen. We merken het hier in Oxford, waar we steeds meer moeite hebben om mensen van buiten de EU binnen te halen. Punt is bovendien dat migratie iets wederkerigs is. Stel je maar eens voor dat India zijn deuren zou sluiten voor Britse ondernemers en arbeiders.” ONEWORLD 37


interview

ian goldin

verstand om te denken dat ik voorstander ben van een opengrenzenbeleid. Zo naïef ben ik ook weer niet. Dat gezegd hebbende: sommige landen zullen immigranten op den duur nodig hebben om de vergrijzing tegen te gaan, en om hen voor ons te laten zorgen als we in een rolstoel zitten”, aldus Goldin, zelf vader van twee kinderen. “Aanpassingsproblemen? Tweedegeneratieproblematiek? Die zijn van alle tijden en bij de ene groep immigranten gaat aanpassen sneller dan bij de andere.”

Kennismigratie is het eenvoudige deel van Goldins verhaal. Er zijn maar weinig mensen die tegen de komst van chemici, cellisten en computertechneuten zijn. Het grote probleem is massaimmigratie en de sociale problemen die daar soms mee gepaard gaan, zoals de onlusten in de Parijse voorsteden, de rellen in Londen twee jaar geleden en de problemen met Marokkaanse jongeren in Nederland. Rechtse partijen floreren, daarnaast heeft in het Verenigd Koninkrijk de progressieve opinieleider David Goodhart met The British Dream: Successes and Failures of Postwar Immigration een kritisch boek over de multiculturele samenleving geschreven; in Nederland schreef publicist Paul Scheffer in 2000 daarover in zijn essay Het multiculturele drama. Als de bevolking vraagt om iets te ondernemen tegen massa-immigratie, dan kunnen politici dat toch niet negeren? Zo werkt democratie. “Procentueel gezien is het aantal immigranten hier lager dan in de negentiende eeuw, toen half Ierland naar Engeland kwam. Indertijd bedroeg de immigratie 20 procent, terwijl dat percentage nu rond de 11 procent ligt. En wanneer het met de economie slecht gaat, trekken mensen weg: meer Polen verlaten nu Engeland dan dat er binnenkomen. En heb jij een influx van Spaanse werklozen gezien? Het is trouwens een mis­ 38 ONEWORLD

‘Niemand is tegen de komst van chemici en cellisten’

Wat vindt u van de houding van politici ten opzichte van migranten? Is er sprake van een overreactie? “Onze politici zijn veel te defensief en waaien te veel mee met de populistische wind. Juist van iemand als Labour-leider Ed Miliband, zelf zoon van Pools-Joodse vluchtelingen, had ik verwacht dat hij zich sterk zou maken voor immigratie, bijvoorbeeld door zijn eigen afkomst te benadrukken. Het is de taak van de overheid om immigratie in goede banen te leiden, en er dus voor te zorgen dat er geen getto’s ontstaan, dat elke nieuwkomer de taal leert en dat iedereen gelijk wordt behandeld, ook op de werkvloer. Nu doen immigranten vaak het werk waar de autochtone arbeiders hun neus voor ophalen. Ik was dan ook blij dat de burgemeester van Londen (de conservatief Boris Johnson – red.) heeft voorgesteld illegalen een verblijfsvergunning te geven. Een nuchter plan dat een einde maakt aan uitbuiting en nog belastinggeld oplevert ook.” De roep om immigratiebeperking past in een brede trend en heeft niet alleen te maken met slechte economische omstandigheden en angst voor moslimterrorisme. Wat ook lijkt mee te spelen is een nostalgisch verlangen naar hechte gemeenschappen en een conservatieve herwaardering van de eigen cultuur. De opkomst van boerenmarkten is daar een voorbeeld van. Meer mensen willen weer plaatselijk voedsel eten en weten waar het schapenvlees vandaan komt. En niet te vergeten de toenemende impopulariteit van de Europese Unie. Localisme en nationalisme bloeien.


babah COLUmN

Homodiscipel

T

niet alleen immigratie maar ook het hogere ideaal van globalisering lijkt uit de gratie te zijn, of lijkt dat zo? “Ik herken de ontwikkeling, en die is volkomen fout. Dat iemand liever vlees van een plaatselijk schaap eet, is een persoonlijke keuze. Maar het is de vraag of dat beter is voor de wereld. Zoiets zou je moeten uitrekenen, waarbij het me niet zou verbazen als het uiteindelijk beter blijkt te zijn om schapen uit Nieuw-Zeeland te eten. Neem het gemeenschappelijke landbouwbeleid van de Europese Unie. Het past bij de plattelandsfantasie van de Fransen, maar de prijs is hoog voor de consument én voor de kleine boeren, zowel die in Frankrijk als in Afrika. De Fransen vreesden ook voor een invasie van de Amerikaanse cultuur, maar de globalisering heeft er juist voor gezorgd dat een Frans merk als Louis Vuitton veel sterker en bekender is geworden.”

‘Je kleedt je als een slappeling’

Beeld MArCus koPPen

Dus localisme en globalisme kunnen samengaan? “Het is niet ‘of of’ maar ‘en en’. Mensen kunnen per persoon verschillende identiteiten hebben; je kunt tegelijkertijd Amsterdammer, Nederlander, Europeaan en wereldburger zijn. De-globaliseren kan natuurlijk altijd. Het is in de afgelopen eeuw een paar keer geprobeerd, met wereldoorlogen tot gevolg. De drang om de wereld in te trekken, is even natuurlijk als de drang naar plaatselijke culturen. Nederland beleefde zijn Gouden Eeuw toen de VOC eropuit trok en zo ging het destijds ook bij de Britten met hun wereldrijk. Het is de uitdaging om globalisering in goede banen te leiden. Hetzelfde geldt voor het beheersen van migratiestromen. Het hangt er van af hoever je terug wil gaan in de tijd. Maar uiteindelijk zijn we allemaal immigranten, of afstammelingen van hen.”

ijdens de euforie rond de verkiezing van de eerste zwarte president van Amerika waren de verwachtingen van Afrika en veel zwarte Amerikanen ongekend hoog. Ook die van mijn Keniaanse vriend Oginga, die zelfs hoopte dat Obama hem in het Witte Huis zou uitnodigen. Hij kent de oma van de president en komt uit dezelfde streek als Obama’s voorvaderen. Hij is net als de vader van Obama een trots lid van de Luo-stam. Ik noemde Oginga een dagdromer die niet wil worden gewekt. Onlangs kwam ik Oginga in de trein tegen. Met mijn strakke gele broek zag ik eruit als een geek, zo’n sullige nerd met een V-halstrui en een grote bril. Hij bekeek mij met minachting en siste: “Je kleedt je als een slappeling.” Ik negeerde zijn opmerking en sprak opzettelijk over ‘the great Obama’. Deze keer was hij hier niet van gecharmeerd. Hij was inmiddels wakkergeschud uit zijn gedommel: “Het heeft vier jaar geduurd om tot de conclusie te komen dat Obama de slechtste Amerikaanse president ooit is”, gooide hij me voor de voeten. “Mijn leven is niets verbeterd. En ik wacht nog steeds op een uitnodiging om naar het Witte Huis te komen!” Dit is niet wat hem het meeste stoort aan Obama. Oginga vindt de Amerikaanse president een homoprofeet. “Is hij gek geworden? Obama reist in Afrika rond om homoseksualiteit te promoten. En sinds wanneer is het strafbaar stellen van homoseksualiteit in Afrika een schending van de mensenrechten?” Ik koos de kant van Obama: “Ieder mens valt onder de mensenrechten, ook minderheden. Obama had het over democratie als middel om ook de minderheid te beschermen. Hoe je het wendt of keert, Obama is net als wij een zoon van Afrika en heeft recht van spreken.” Oginga stond abrupt op en beende naar de stiltecoupé. Die dag verloor ik een vriend. Sindsdien ben ik voor hem niet meer dan een discipel van de homoprofeet. Babah Tarawally is journalist, verhalenverteller. Hij schreef het boek De god met de blauwe ogen. ONEWORLD 39


THE mAKING OF

Quinoa

RIJK ARMENVOEDSEL Waar en onder welke omstandigheden worden onze spullen gemaakt? deze keer: quinoa, het ‘heilige’ graan uit Peru. TEKST EN BEELD anneMIeKe ruGGenBerG

eeUWenOUD geWAs uinoa (je zegt ‘kienwa’) is een pseudograan verwant aan spinazie dat groeit op vierduizend meter hoogte in het andes-gebergte. de zaadjes zitten bomvol gezonde voedingstoffen. naast eiwitten en vezels bevat quinoa ijzer, calcium, antioxidanten, en is het glutenvrij. Quinoa is pas sinds een aantal jaren populair in de vs, Japan, Canada en europa, in Zuid-amerika wordt het sinds mensenheugenis gegeten. op vijfduizend jaar oude rotstekeningen in Peru is te zien hoe quinoa wordt geofferd aan de goden, reden waarom het ook wel het heilige graan wordt genoemd. sinds vijftien jaar telen boeren in het Midden-Westen van de vs en in Canada ook quinoa. in nederland wordt in noord-Brabant geëxperimenteerd met het verbouwen van het gewas, dat als superfood wordt beschouwd.

Q

40 ONEWORLD

HAnDgepLUKt & ZOngeDrOOgD oor te voelen of de plantenknoppen droog zijn, weten de boeren of de tijd rijp is. Het oogsten gebeurt met de hand. eerst worden de planten afgesneden en dan twee dagen te drogen gelegd in de zon. vervolgens pellen de boeren de quinoakorrels uit de knopjes. de gepelde korrels worden opgekocht door tussenpersonen en naar een productiebedrijf gebracht. daar wordt de quinoa gewassen en gesorteerd zodat alleen de ronde en goede korrels overblijven. de quinoaprijzen variëren en daarmee het inkomen van de boeren. een Peruaanse boer krijgt tussen de 4 en 9 soles, (1 tot 2 euro) voor een kilo quinoa. in nederland kost die hoeveelheid meer dan 7 euro. van één hectare grond haalt een boer ongeveer 2000 kilo quinoa. er wordt twee keer per jaar geoogst.

d

VOOrnAMeLijK eXpOrt ijfers van de vn-voedsel- en landbouworganisatie fao tonen aan dat de wereldwijde productie van quinoa de laatste vijf jaar is verdrievoudigd. Peru produceert volgens de Wereldbank het meest: 44 miljoen kilo per jaar, gevolgd door Boliva (37,5 miljoen), ecuador en argentinië. van de Zuidamerikaanse quinoa wordt 90 procent geëxporteerd. door de grote vraag is de prijs in Peru en Bolivia verdrievoudigd, en zijn dankzij de populariteit van quinoa de inkomens van boeren in de andes verdubbeld volgens de Whole grains Council. gevolg is wel dat quinoa schaars wordt in eigen land, waardoor vooral de bevolking in steden het voedsel niet meer kan betalen en kiest voor goedkopere, soms minder gezonde alternatieven als graan en rijst van mindere kwaliteit.

C


-4°C is de laagste temperatuur waarbij quinoa nog groeit, 38°C de hoogste

Drie kleuren:

afhankelijk van het ras zijn de quinoakorrels wit, zwart of rood

#4 QUINOA

NASA zette in de 2013

is het Jaar van de Quinoa. De VN hoopt daarmee de economie van Peru, Bolivia en Ecuador te stimuleren

6000 JAAR

jaren ’90 quinoa op het menu voor astronauten; de vezels geven lang een verzadigd gevoel

geleden werd in Zuid-Amerika al quinoa verbouwd

BiOLOgisCH BOeren

eKO AAn tAFeL uinoa kan rijst, pasta of aardappels vervangen, maar is ook geschikt als ontbijt, bijvoorbeeld met yoghurt en fruit. gepofte quinoa kun je eten in plaats van muesli en er zijn quinoarepen als tussendoortje. Quinoapoeder is te gebruiken in de soep, maar ook als pannenkoeken- of bakmeel. in nederland is quinoa te koop in biologische en enkele reguliere supermarkten (de witte variant). alle in nederland verkochte quinoa heeft een eko-keurmerk. Het poeder en de repen zijn te bestellen via de website van natureCrops of te vinden bij de tuinen, sligro en Jumbo.

Q

aurea luj (38) is een van de circa zevenhonderd quinoaboeren uit ayacucho, waar 70 procent van de Peruaanse quinoa vandaan komt. een jaar geleden teelde ze nog aardappelen, net als de meeste boeren in de buurt. een ingenieur van het ministerie van landbouw haalde haar over om quinoa te gaan verbouwen. Zaad van het ministerie luj: “Ze vertelde hoe populair het is in andere landen en dat ik er meer mee kon verdienen dan met aardappels. ik krijg quinoazaad van het ministerie en iedere maand wordt vogelpoep gebracht voor de bemesting.” op aandringen van het ministerie verbouwt luj biologisch. “als aardappelboer gebruikte ik kunstmest, nu niet meer; in het buitenland willen mensen dat het biologisch is.” hoger inkomen “ik verdien nu twee keer zoveel”, vertelt luj, die jaarlijks zo’n 6000 kilo biologische quinoa verbouwt. Ze krijgt daar een afgesproken prijs voor: 1 kilo levert haar ongeveer 7 soles op, bijna 2 euro. voor een kilo aardappels kreeg ze de helft. “dankzij het extra geld kunnen mijn kinderen naar school.”

ONEWORLD 41


Ministerie van Buitenlandse Zaken, Kigali. Links Radj Bhondoe, directeur van Seva Network Foundation

Anita Ntakarutimana uit Leiden wil ondernemers aan elkaar koppelen

handelsreizigers

rwanda & Burundi

Koffietentje of exportfirma Geen hulp, maar handel. Dat is het motto van minister Ploumen. Met een pot van 750 miljoen euro steunt ze mkb’ers die willen investeren in ontwikkelingslanden. Een groep migranten uit Rwanda en Burundi verkende alvast de kust in hun vaderland. OneWorld reisde met ze mee. Tekst en Beeld lonneke van genugten

42 ONEWORLD

“V

isitekaartjes in de tas? Iedereen zijn badge opgeklikt? Colbertje mee?” Reisleider Radj Bhondoe, directeur van Seva Network Foundation en initiatiefnemer van deze reis, loopt door het gangpad van de bus die de tienkoppige delegatie een week lang zal vervoeren door Rwanda en buurland Burundi. De eerste stop is bij het ministerie van Buitenlandse Zaken in Kigali, voor een ontmoeting met de Rwanda Development Board. “Migranten zijn wereldwijde ambassadeurs voor ons land, want Rwanda heeft nog steeds een imagoprobleem”, zegt Vivian Kayitesi, hoofd van de afdeling die investeringen bevordert. Bij de naam Rwanda denken veel mensen nog


Elie Kabagema, eigenaar van de Africa Product Shop in Den Haag

steeds aan de genocide, volgend jaar april twintig jaar geleden. “Het is hier veilig en stabiel”, benadrukt Kayitesi. En vooral: “Rwanda is booming.” In 2012 groeide de economie met 7,7 procent (‘Vijf keer beter dan Canada’ en Rwanda wil in 2020 een middeninkomensland zijn. Buitenlandse investering­en zijn daarom meer dan welkom. Rwanda staat bekend om zijn gunstige ondernemers-klimaat. “Binnen zes uur kun je via internet je bedrijf registreren.”

Zeventig voetbalvelden Een koffietentje of ijssalon openen mag, maar liever denkt Rwanda groot, zo blijkt die middag tijdens een excursie naar de Special Economic Zone, een gloednieuw industrieterrein van zeventig voetbalvelden groot. Er is dag en nacht elektriciteit en water én er gelden aantrekkelijke belastingtarieven. Goud-rode lampionnetjes wiegen in de wind bij de ingang van Everytime Beijing Paper Corporation Ltd, producent van wc-papier en zakdoekjes. Even verderop bedienen Rwandese bouwvakkers een cementmolen, onder aanvoering van een Chinese opzichter van China Building Ltd. “Er is nog grond te koop”, vertelt de voorlichter die wijst op de lantaarnpalen in de kleuren van de Rwandese vlag. “Voor 45 dollar per vierkante meter, met een minimumafname van 5000 vierkante meter.” Dan ben je dus al meer dan twee ton kwijt voordat je ook maar één steen gelegd hebt, leert een snelle rekensom. Dat gaat boven het budget van de meegereisde ondernemers. Bundel je

Chantal Umuraza Faure van de Chamber of Industries in Rwanda: ‘Fairtrade wellnessproducten doen het goed in Europa’

Ik ben een doorzetter Anita Ntakarutimana, Leiden “Het was heel fijn om mijn moeder te zien. Ze heeft me echt verwend. In Nederland zorg ik voor mijn zoon en dochter, nu werd er weer voor mij gezorgd. Ik heb wat monsters van koffiebonen meegenomen uit Burundi. Hopelijk kan ik daarmee een Nederlandse koffiebrander interesseren. Met mijn bedrijf Africa Gate wil ik een intermediair zijn

tussen Nederlandse en Afrikaanse ondernemers. De juiste mensen met elkaar in contact brengen. Ik heb marketing en commerciële economie gestudeerd. Nu breng ik mijn theoretische kennis in praktijk. Het is lastig om voet aan de grond te krijgen, heb ik gemerkt, maar ik ben een doorzetter. Het zou fijn zijn als iemand met veel ervaring mij zou willen coachen.”

Goede deal Elie Kabagema, Den Haag “Zo’n officieel groepsbezoek opent deuren die anders gesloten blijven. Ik importeer Afrikaanse producten, van thee tot cosmetica, die je niet in de Nederlandse supermarkt kunt krijgen. Daar is veel vraag naar. Ik heb veel contacten gelegd en een

goede deal gesloten. Een cassavemeelproducent stuurt een container met kilopakken die ik voor een introductieprijs van 4 euro in Nederland in de markt kan zetten, via mijn eigen Africa Product Shop en via andere winkeliers. Het mooie is: ik hoef pas te betalen na de verkoop.” ONEWORLD 43


net als de nederlandse boer XXXX XXXXXX GENRe

Eric Rufyiritana, Almere “De eerste keer dat ik terug was, schrok ik van elk hard geluid. Ik dacht dat het geweerschoten waren. Ik droomde dat ik vast zat op het vliegveld. In Nederland was ik veilig, maar voelde ik me verloren. Via de kerk leerde ik mensen kennen Zij hielpen mij Nederlands te leren en een studie bedrijfskundige informatica te volgen. Nu ben ik gesetteld. Mijn vrouw en ik hebben ons eigen accountantsbedrijf. We hebben een fijn huis en ons derde kind is op komst. Mijn familie heeft in Burundi een

stuk land van 20 hectare. Mijn plan is om daar moderne landbouwmethoden te introduceren, zodat de dorpsbewoners de grond optimaal kunnen benutten zoals de boeren in Nederland. Hotels in Bujumbura hebben al interesse getoond in boontjes en aardappels. Die halen ze nu uit Kenia en Rwanda. Ik heb wat monsters aarde en water meegenomen naar Nederland. Landbouw-expert Albert Veerman gaat die analyseren. Ik wil graag in contact komen met meer deskundigen die mee willen doen om mijn businessplan te realiseren.”

Veel animo Radj Bhondoe, Den Haag “Seva Network Foundation stimuleert migranten om via business bij te dragen aan ontwikkeling. Uit dit reisgezelschap zullen waarschijnlijk enkele bedrijven voortkomen die wij kunnen steunen met technische assistentie en leningen. Zoals het er nu naar uitziet, worden migranten geen specifieke doelgroep voor het Dutch Good

Growth Fund, het fonds van 750 miljoen euro dat MKB moet stimuleren in ontwikkelings­ landen. Een gemiste kans. Moderne ontwikkelingshulp kan niet voorbijgaan aan de belangrijke bijdrage van migranten aan armoedebestrijding. Stel je een wereldeconomie voor zonder migranten. Financiële centra zoals Dubai, Singapore en New York zouden niet eens bestaan.”

Brief aan de koningin Stéphanie Mbanzendore, Rotterdam “Ik was hoogzwanger toen ik naar Nederland vluchtte. De stewardessen dachten dat ik gewoon heel dik was, anders had ik het vliegtuig niet in gemogen. Mijn twee oudere kinderen en mijn man zag ik pas weer na twee en drie jaar. Toen ik een verblijfsvergunning kreeg, heb ik gevraagd of ik in Rotterdam mocht wonen. Want ik kende de haven alleen uit mijn schoolboeken. Met mijn organisatie Burundian Women for Peace and Development zet ik mij in voor het gebied waar mijn wortels liggen. We hebben er een centrum gebouwd met een computerlokaal, bibliotheek en vergaderzaal. We kregen altijd subsidie,

44 ONEWORLD

die loopt terug. We willen onze eigen broek kunnen ophouden. Dorpsbewoners vragen steeds vaker om kleine leningen om bedrijfjes te beginnen. Ze willen zeep maken, kleding naaien of meubels timmeren. Micro­ krediet vinden, dat was mijn missie op deze reis. Dat is helaas niet gelukt en dat doet mij pijn. Ik heb koningin Máxima, ook een migrante, een brief gestuurd en haar uitgenodigd om in Burundi te komen kijken. Binnen een week kreeg ik een aardige brief terug. Ze had geen tijd, maar de Nederlandse ambassade in Burundi wil mijn initiatief steunen met trainingen. Dat is mooi. Maar eerst moet ik startkapitaal vinden. Waar? Dat is mijn grote uitdaging.”

Stéphanie Mbanzendore is op zoek naar startkapitaal voor microkrediet

‘Binnen zes uur kun je via internet je bedrijf registreren’ krachten én je geld, is dan ook het advies de volgende dag op het ministerie van Landbouw. In een land waar nog steeds 90 procent van de mensen leeft van veeteelt of akkerbouw, liggen daar volop kansen, zegt minister Agnes Kalibata. “Bonen, aardappelen, avocado’s en bloemen zijn zeer geschikt voor de export. Het liefst in Rwanda verwerkt tot bijvoorbeeld chips of guacamole, want dat levert meer op.” Na drie dagen is de sfeer in de bus gematigd optimistisch. De bus passeert een luxe appartementencomplex in aanbouw, gefinancierd door een Chinese investeerder. The sky is the limit in Rwanda, is de conclusie, maar de rode loper wordt pas voor je uitgelegd als je een grote zak geld meeneemt. In Burundi, waar het met een economische groei van 4 procent (2012) wat minder snel gaat, zullen we met open armen ontvangen worden, voorspelt een van de deelnemers.

Alles is mogelijk In Bujumbura, de hoofdstad van Burundi, maakt de bus een eerste stop bij API, het agentschap dat investeringen bevordert. “Dit land is under construction. Alles is mogelijk”,


Eric Rufyiritana doet spontaan mee aan een traditionele welkomstdans in Burundi

‘Alle ideeën zijn welkom’ vertelt directeur Antoine Kabura. Burundi is nog steeds voor 50 procent afhankelijk van buitenlandse hulp. Door de mondiale crisis, én gebrekkig regeringsbeleid, gaat de wederopbouw na het officiële vredesakkoord van 2006 minder snel dan gepland. In januari dit jaar verwoestte een felle brand de overdekte markt, en daarmee het economische hart van de hoofdstad. “Maar het wegennet verbetert gestaag en ook internet werkt steeds sneller. We zijn gestegen van plaats 172 naar 159 – van de 185 landen – in de Doing Business ranglijst van de Wereldbank”, vertelt Kabura niet zonder trots. Zijn powerpointpresentatie wordt twee keer onderbroken doordat de stroom uitvalt. “Zoals u merkt, kan de elektriciteitsvoorziening nog wel verbeterd worden. U bent welkom om te investeren in waterkrachtcentrales en zonne-energie.” Ook toerisme is een groeimarkt, en koffie. “Alle ideeën zijn welkom. Arbeid is goedkoop, een maandloon is nog geen 50 dollar. In Gabon betaal je het dubbele.”

Halfzachte aanpak In Burundi kun je binnen 24 uur je eigen bedrijf registreren. Weliswaar niet via internet, maar loketten van alle instanties

Annonciata Mukamugema importeert Afrikaanse groente naar Nederland

(Belastingdienst, Kamer van Koophandel, een bank) zijn bij elkaar gevoegd in één kantoor. Jongemannen in smetteloos witte, strak gestreken overhemden lopen rond met multomappen. Boven op hun hoofd een spiegelende zonnebril, gouden horloge om de pols. Met een zelfverzekerde nonchalance overhandigen ze hun visitekaartje. Ze heten Adonis, Solitaire of Honoré en begroeten de delegatie in het Nederlands. Deze diaspora boys, dertigers en veertigers die tijdens de oorlogsjaren in Enschede of Rotterdam hebben gestudeerd, bekleden nu goede functies bij de overheid of runnen een eigen onderneming. “In Nederland was ik leraar Frans, maar ik had heimwee. En ik was ook nog eens single”, vertelt Eugène, in overhemd met traditionele print. “Nu run ik mijn eigen uitzendbureau, ben ik getrouwd en ben ik vader geworden.” Kom terug naar huis, luidt hun oproep. Definitief terugkeren zien de Nederlandse Burundezen echter niet zitten. Ze hebben een vaste baan, een fijn huis en de kinderen gaan in Nederland naar school. Het is ook niet nodig, denkt migrant Eric (zie kader, pagina 44). “Het gaat erom dat je met de juiste mensen samenwerkt, die jouw kennis aanvullen.” Later die dag rijdt de bus ons door het centrum van Bujumbura naar een afspraak bij een bank. Eric telt het aantal half-afgebouwde panden en leegstaande winkels en cafés. “Souvenirs van een aanpak zonder doordacht plan”, zucht hij. “Ik ga er helemaal voor. Het gaat me lukken, ik voel het.” ONEWORLD 45


loethe

Beeld MArCus koPPen

COLUmN

Eten in het wilde weg

D Mag ik dan wel mijn Smegfornuis meenemen?

46 ONEWORLD

e koks van Noma, het sterrenrestaurant in Kopenhagen waar je weken van tevoren moet reserveren, halen hun ingredienten – wilde kruiden, planten en wilde vis – rechtstreeks uit bos en water. Een restaurant bij Utrecht serveerde afgelopen zomer spreeuwen. Die waren afgeschoten omdat ze in de kersenboomgaarden aan het schransen sloegen. Bij de poelier is wilde gans – als borst- of stoofvlees en ook in de kroket – geen onbekende meer. En in boeken en op websites lees je welke paddenstoelen, bessen en planten je kunt eten, die je vervolgens leert klaarmaken in workshops ‘wild koken’. Uit het wild eten is érg 2013, en zelfs nogal 2014, als het zo doorgaat. We willen romantisch maar niet nieuw, terug naar de basis, naar de tijd dat alles beter was en we alleen aten wat moedertje natuur ons te bieden had. Leuk, maar afgezien van het feit dat ik dan toch minstens mijn Smegfornuis, de magnetron en de keukenmachine zou willen meenemen: in die mooie oude tijd, wanneer die ook was, waren er misschien een paar miljoen mensen op de wereld, terwijl we nu met z’n zeven miljarden op deze aarde rondbanjeren. Hoe prachtig het streven ook lijkt, zo’n aantal kun je niet voeden met louter eten uit het wild. Niet dat we het niet hebben geprobeerd; meerdere diersoorten staan inmiddels op het punt van uitsterven, en de zeeën zijn bijna leeg. Voedsel telen en kweken? Graag. Maar dan wel met verstand. Nu worden er nog dagelijks voetbalvelden bos en oerwoud platgebrand om extra landbouwgrond te creëren, en propageert voedselgoeroe Louise Fresco, om de groeiende wereldbevolking te kunnen voeden, ongegeneerd intensieve landbouw en veeteelt, met alle

uitwassen van dien. Dat is kortzichtig, want de intensieve aanpak zorgt er onder andere voor dat kleine boeren afhankelijk worden van multinationals, en dat grote organisaties niet leren hoe ze zichzelf kunnen bedruipen. Bovendien is in verschillende derdewereldlanden bewezen dat onderwijs in biologische landbouwmethoden, waar een boer nauwelijks extra investeringen voor hoeft te doen, kan zorgen voor een enorme verbetering in opbrengsten, op bestaande landbouwgrond, zonder gif en zonder kunstmest. Wat mij dwarszit is de westerse arrogantie waarmee we de uit-het-wild-etentrend omarmen. Wij Nederlanders hebben namelijk geen honger en hoeven helemaal niet van wilde bessen uit de natuur te leven. Uit welke natuur trouwens? We hebben alles volgebouwd, op een postzegel knuffelnatuur na. Bosbessen, noten en frambozen zoeken? Enig, maar als iedereen dat doet, gaan heel wat dieren honger lijden of moeten ze onze boomgaarden en graanvelden gaan plunderen. En als je onoordeelkundig paddenstoelen plukt, kun je niet alleen ziek worden, maar komen de zwammen volgend jaar niet meer terug. Zangvogels vinden we leuk en belangrijk, tot ze onze kersen gaan jatten. Dan is het: schieten maar en opeten, waarna de spreeuwen eerdaags op de lijst van bedreigde vogelsoorten staan. Moeten we ons hier wel zo druk over maken? Misschien niet. Maar het gaat mij om de mentaliteit. Laten we liever eerst even nadenken voor we gaan na-apen en in het klein fouten maken die we in het groot nauwelijks meer kunnen terugdraaien. En voor de rest: laten we genieten van onze postzegel, en hem vooral niet opsouperen.

Loethe olthuis is culinair journalist en columnist bij onder meer de Volkskrant.


De inspecteur Ruerd Ruben

Al is de leugen nog zo snel, Ruerd Ruben ­­ achter­haalt hem wel. De directeur van de ­inspectiedienst Ontwikkelingssamenwerking scheidt voor OneWorld ­maandelijks feit van fictie.

Nederlandse hulp bevordert ontwikkeling? ja, inderdaad Het lijkt een open deur: ontwikkelingshulp moet ontwikkelingsrelevant zijn, dus ten goede komen aan ontwikkeling. Toch komt de term ‘relevant’ maar liefst 23 keer voor in de beleidsnota Wat de wereld verdient van minister Ploumen, waarvan elf keer in de samenstelling ‘ontwikkelingsrelevant’. Blijkbaar moet het expliciet worden vermeld. Hulp moet bijdragen aan meer werkgelegenheid, kennisoverdracht en productiecapaciteit. Relevantie is ook het eerste evaluatiecriterium van de OESO, de club van rijke landen. Die omschrijft relevantie zo: de bijdrage aan de ‘prioriteiten van de doelgroep’ en aan het beleid van de ‘ontwikkelingspartners’, de arme landen dus.

nee Ontwikkelingsrelevantie staat lang niet altijd centraal. Evaluaties hanteren drie criteria. Allereerst de ‘noodzaak’ van het programma. Dan de beleidsmatige prioriteit voor de ontvangende landen. En ten derde de adequate opzet van het programmaontwerp. Concreet betekent

dit dat het hulpgevende land vooraf moet inschatten hoe het programma iets toevoegt aan de ontwikkelingsmogelijkheden van het ontvangende land en de kansen voor de belangrijkste doelgroepen. Zo is lang niet elke financiering van activiteiten van het bedrijfsleven relevant. De inzet van ‘onze belastingcenten’ is alleen verantwoord als de toegenomen productie, handel en werkgelegenheid zonder de hulp niet tot stand zouden zijn gekomen. En als de kosten daarvoor acceptabel zijn.

en nu komt het… De meeste ontwikkelingsprogramma’s vindt men bij aanvang relevant – anders zouden donoren er niet aan beginnen. Interessanter is de vraag of je ze achteraf ook nog relevant kunt noemen. Dat blijkt lang niet altijd het geval te zijn. De situatie waarin een programma is gestart, kan in de loop van de tijd veranderen. Bijvoorbeeld als door een betere markt ook commerciële financiering voor het programma haalbaar is geworden. Er zijn ook voorbeelden van commercieel rendabele investeringsprojecten die uiteindelijk maar beperkt

“Het bedrijfsleven kan en mag een rol spelen in ontwikkelingssamenwerking, maar dat kan alleen ontwikkelingsrelevant zijn als het ook duurzaam en verantwoord is”, Marit Maij, website PvdA 12 maart 2013, www.pvda.nl/berichten/2013/03

ten goede komen aan armere bevolkingsgroepen. Vaak schat de hulpgever de noodzaak te hoog in of is het projectontwerp te weinig toegesneden op de lokale mogelijkheden.

het oordeel Ontwikkelingsrelevantie is een begrip dat je eenduidig moet definiëren en met concrete criteria kunt toetsen. De activiteiten van het nieuwe Good Growth Fund van minister Ploumen (dat bedrijvigheid in ontwikkelingslanden moet stimuleren) hebben weliswaar een bestemming, maar de noodzaak is niet altijd duidelijk. Essentieel bij de beoordeling van aanvragen voor het fonds is wat in jargon de ‘additionaliteit’ van het ontwikkelingsprogramma heet: haalt het programma resultaten die ondernemers aanzetten tot investeringen die verder gaan dan wat ze onder normale condities willen doen? Ruerd Ruben is directeur van IOB, de inspectiedienst van het ministerie van Buitenlandse Zaken. Tevens is hij hoogleraar ontwikkelingssamenwerking aan de Radboud Universiteit Nijmegen. ONEWORLD 47


marcel & Jan-dirK wAREN ERBIJ

Feestje met schillen en chips

F Schrijver Marcel van Roosmalen en fotograaf Jan-Dirk van der Burg bezoeken bijeenkomsten van mondiale Nederlanders. Deze maand bezoeken ze de pieperfuif van Groenkapje in Zwolle.

otograaf Jan-Dirk en ik kregen een uitnodiging voor ‘een pieperfuif’ van de Zwolse actiegroep Groenkapje, een groep vrouwen in zelf ontworpen groene kleding die ‘de ecologie van mens tot mens promoot vanuit haar groene hart’. We parkeerden onze Fiat Panda op veilige afstand van de galerie waar de fuif plaatsvond en legden de laatste kilometer lopend af, hetgeen in de smaak viel bij Map Renes, kunstenares en initiatiefneemster van Groenkapje. Ze droeg dus een groene jurk en begon aan een lang verhaal over het mooie groene leven. Wist ik dat er een tuinlamp van bijenwas bestond? Dat je van slakkenpoep vloertegels kon maken? Had ik de ‘biologisch geteelde chipjes’ al geproefd? Had ik weleens een aardappel versierd met stift? Allemaal vragen die ik met ‘nee’ moest beantwoorden. Een meisje, ze was model in een commercial voor Aviko-aardappels, bood me een bak met aardappelsalade aan. Ik moest proeven.

48 ONEWORLD

Ik nam een hap. “Lekker?”, vroeg Map. Ja, lekker. Hup, nog een bak aardappelsalade. Map dook nu de diepte in over aardappels en ‘de Groenkapjes’, die we geen actiegroep, maar een bewustwordingsbrigade moesten noemen. “Vrouwen, jong en oud, met een missie. Wij stimuleren een bewuste, groene en hippe levensstijl. Op onze eigen wijze willen we familie, vrienden, stads- en landgenoten, en andere aardklootbewoners enthousiasmeren om ecobewuster te kiezen voor kwaliteit, en te genieten van alle pracht en praal van Moeder Natuur.” Omdat ze ooit, bij een vrolijke guerrilla-actie, een zak aardappels cadeau hadden gekregen, waren ze in hun groene jurken gaan nadenken over dit oerproduct van de natuur. Aardappels kon je eten, maar ook beschilderen en fotograferen. En er waren nog veel meer mogelijkheden. Kortom, de aardappel werd gezien als een ideaal communicatiemiddel om mensen in contact te brengen met een ecologisch verantwoorde levenswijze.


In de galerie liep het vooralsnog niet storm. Het waren vooral vrienden, bekenden en familieleden die op de pieperfuif waren afgekomen. Ik was de enige journalist en Jan-Dirk had concurrentie van een andere fotograaf, die een broer van een van de groenkapjes bleek te zijn. Viel de opkomst Map tegen? Nee, nee en nog eens nee. Ze lette op andere zaken. Zag ik hoe de aanwezige groenkapjes straalden? Hoe gelukkig ze waren met hun leefwijze? En dacht ik niet dat ze met die uitstraling als vanzelf andere vrouwen inspireerden om ook een groenkapje te worden? En dat de groenkapjes zich als een organisch groeiende groene vlek uiteindelijk over heel Nederland en daarna over de rest van de wereld zouden verspreiden? Ik zag het nog niet, hoewel ik het Map van harte begon te gunnen. Ik zag vooral het aandoenlijke amateurisme. De groenkapjes gingen in een kring zitten, in hun groene jurken en begonnen met het schillen van aardappels. Onderwijl bespraken ze groene en ecologische projecten in de regio Zwolle. Het

‘Ik probeer de aardappel te benaderen als individueel organisme’

duurde twintig minuten – ‘de gaartijd van een aardappel’ – en pas aan het eind hadden we – familieleden, bekenden en wij – door dat het hier de officiële opening van de pieperfuif betrof. Na de act vielen de groenkapjes elkaar in de armen. Ik bewonderde de kunstzinnig versierde aardappels, keek naar een documentaire over een biologische aardappelteler en sprak kort met een fotograaf die de aardappel ‘in al haar glorie’ had vastgelegd. “Ik heb geprobeerd de aardappel als individueel organisme te benaderen. Dus ik fotografeerde een aardappel zoals ik dacht dat een aardappel gefotografeerd wil worden.” Tussendoor at ik heel veel biologisch geteelde chips met zeezout die de moeder van Map me de hele tijd in vrolijk gekleurde kommetjes kwam brengen. De vraag of de gebruikte aardappels het leuk vonden om in stukken gesneden en gefrituurd te worden, werd door een van de groenkapjes als volgt beantwoord: “Nee, natuurlijk niet, maar ik denk dat het een stuk leuker is dan in een fabriekszak te belanden.” Waarom dat zo was liet ze in het midden. ONEWORLD 49


MY Big FAt green WeDDing 50 ONEWORLD


REpORTAGE

duurzame bruiloft

duurzaamheid dan Amerikanen? Uit onderzoek dat Susan heeft laten uitvoeren, blijkt dat Nederlanders vooral duurzaam willen trouwen als benadrukt wordt dat ecokleding en hapjes van betere kwaliteit zijn dan ‘gewone’ feestelementen. En vooral, als zij er de kosten mee kunnen drukken. Het milieu doet er minder toe. ons feest geen servies kapot, zoals op rnold vroeg me ten huweSusan zocht voor haar bruiloft alles zelf joodse trouwerijen gebruikelijk is. En lijk in Thailand, op een uit. Ze deelt haar kennis nu via haar we feesten ook niet zeven dagen en olifant. Hij ging niet op eigen site DuurzameBruiloft.nl. Er staat nachten door, iets waar sommige paren zijn knieën. Dat lukte niet, ook een CO2-quickscan op. Daarmee in Marokko of India zich schuldig aan want op het speciale, olifantvriendelijke bankje konden we kunnen stellen in vijf minuten berekenauwelijks bewegen. Maar dat maakte nen hoe vervuilend hún grote dag is. zijn aanzoek niet minder romanAls ik onze plannen invoer in de tisch. Terwijl de olifant z’n billen CO2-meter, blijkt dat Arnold en ik schuurde aan een palmboom, ook naar Hollandse maatstaven Duurzame vervoersmiddelen zijn er genoeg. Van de maakten wij grootse trouwplan‘schoon’ trouwen. We nodigen bakfiets en de benenwagen tot de tram en een elektrische Tesla-auto. Wij kiezen voor een versierde nen. We fantaseerden over een dan wel honderd gasten uit, doorfietstaxi. Let op: niet al het duurzame vervoer is kasteel in the middle of nowhere, dat we op één plek trouwen, eten ook écht duurzaam. Neem trouwkoe Neeltje lange buitentafels vol lekkere hapjes én feesten, besparen we enorm op uit Heeswijk-Dinther die volgens de eige(met terrasverwarmers als de zon niet transport. naar ‘van haar eigen flink doorloopt’. Maar niet ver genoeg: hij rijdt zou schijnen), duizenden rozen en de In totaal stoten we iets minder uit dan 6 haar met de aanhanger aanwezigheid van onze vrienden uit ton CO2, waarvan 4 ton alsnog valt in de naar de trouwGhana, Kameroen, Zweden en andere categorie ‘vervoer’. Nummer twee op locatie. delen van de wereld. ons vervuillijstje is ‘eten en drinken’, op de voet gevolgd door ‘kleding & makemaken. Een Indiase ecotrouwwebsite up’ en ‘decoratie’. Als we trouwen zoals drie JurKen adviseert in dat geval om een generator bedacht, moeten we achttien bomen Terug in Nederland hielp een milieuop biobrandstof te huren. laten planten om onze uitstoot te bewuste collega ons meteen uit de compenseren. droom. “Leuk dat je in Thailand voor een verantwoorde eco-olifantentour co2 –meter hebt gekozen. Maar een gemiddelde “Vervoer is bij vrijwel alle bruiloften de groen geKibbel bruiloft is goed voor 9 à 10 ton aan grootste CO 2-post”, vertelt Susan Hoe kan onze bruiloft ‘groener’? Ik broeikasgassen. Wist je dat?”, zei ze. Gerritsen-Overakker alias Sustainable plaats een oproepje op Facebook. Na “Dat is evenveel CO2 als een gezin in een Susan. Zij en haar man Jop stapten in wat lollige reacties (‘Niet trouwen!’, juli 2012 als eerste Nederlandse stel in ‘Die stomme neef niet uitnodigen!’, ‘In heel jaar uitstoot.” Ik wilde mijn kop in een CO2-neutraal huwelijksbootje. “Jop Adam-en-Evakostuum in plaats van in ’t zand steken en doen alsof ik niks een tienlaagse witte jurk!’) blijkt dat de gehoord had. Maar als je bij OneWorld vroeg me ten huwelijk in de VS, waar we meeste van onze gasten het leuk vinden werkt gaat dat niet, dus ging ik als een anderhalf jaar hebben gewoond. Daar om mee te denken. Bierdrinkende gek op zoek naar mogelijkheden om zijn ecochic-weddings al een begrip.” mannen blijken ineens zomaar bereid onze CO2-tjes te beperken. Uit de eerste Misschien omdat de gemiddelde bruiom veganasihapjes te snacken in plaats loft daar zes keer zo vervuilend is als in zoekresultaten bleek dat Arnold en ik, van bitterballen. Familieleden gaan Nederland, vanwege alle familie en vergeleken met andere bruidsparen, carpoolen. Een collega biedt aan om vrienden die uit verschillende staten geen enorme vervuilers zijn. In China etensresten naar het Leger des Heils te naar de trouwerij komen vliegen? Of kopen bruidjes drie jurken, ik wil er brengen. En een familievriendin wil zijn Nederlanders minder gefocust op maar één. We gooien aan het eind van

Een groene huwelijksdag vereist nóg meer geregel en uitzoekwerk dan een niet-duurzame trouwpartij. En blijkt tevens een stevige relatietest, ontdekt redacteur Sanne Terlingen. “Hó! Geen bitterballen? Een bloemetjesjurk? Mooi niet!” TEKST sanne TerLInGen BEELD MarIeKe van Der veLDen

A

tip #1

Fiets

ONEWORLD 51


REportage

duurzame bruiloft bereiken met het openbaar vervoer.” Ik me zelfs haar oude trouwjurk, volge­ heb geen keus: als ik vandaag nog een naaid met roosjes , cadeau doen. Bierdrinkende mannen duurzame trouwjurk wil passen, moeten “Hó!”, roept Arnold als hij alle Facewillen best vegahapjes we nú een dikke, vervuilende taxi bellen. book-reacties leest. “Geen bitterballen? snacken Een bloemetjesjurk? Mooi niet! Het is ook míjn bruiloft.” Uit onderzoek van Wit & vintage hotelketen Mercur blijkt dat 60 procent Op weg naar Laura’s trouwjurkenexpert te zijn om in te kunnen schatten van alle bruidsparen ruzie maakt tijdens dependance verklaar ik dat ik in het of een stof na drie keer wassen nog mooi de trouwvoorbereidingen. Hier begint rood wil trouwen. Of in het groen, zoals is.” Helaas is mijn trouwbudget niet bij ons ook de heibel. Arnold wil per se Tina Turner. Bij Laura blijken alle groot genoeg om een jurk te laten ontpapieren uitnodigingen versturen (“Dat jurken wit. Logisch eigenlijk, want wie werpen. Toch zijn er ook voor mij groene vindt mijn moeder leuk”). Terwijl ik net trouwde er begin vorige eeuw nou in opties, verzekert Marieke me. Via haar heb ontdekt dat er voor de productie een gekleurde jurk? Ik baal dat ik me gratis app Talking Dress kan ik checken van drie A4’tjes ruim 1 liter water nodig dat niet eerder heb gerealiseerd. Voor welke duurzame kledingwinkels er bij is. Online kaarten versturen is ook nog de foto pas ik toch maar wat witte mij in de buurt zijn. Zo kom ik terecht eens goedkoper. Maar Arnold houdt exemplaren. En ik word verliefd. Op voet bij stuk: geen kaart, geen huwelijk. een jurk waarvan ik vooraf nooit En hij gaat ook geen euro per kaartje gedacht had dat ik ’m zou willen. extra betalen voor gerecycled Inclusief kantjes, borduursels en een papier. “Vind jij nou eerst maar wijde rok. 100 procent gerecycled. eens een duurzame trouwjurk, Een collega van Laura gaat ’m Ook bij een biologisch, vegetarisch diner heb je restdan praten we verder.” precies op maat maken. En al zal ik jes. Spreek met de locatie of leverancier af dat je mijn jurk na afloop niet aantrekken kliekjes mag meenemen, en breng ze naar de daknaar een doorsnee feestje, ik kan ’m Tien lagen polyester lozenopvang of een andere plek waar gratis maaltijden worden geserveerd. Check altijd nog verkopen via Marktplaats “De gemiddelde bruid draagt haar vooraf wel of ze het willen hebben, zo of doneren aan een goed doel. Ook trouwjurk achttien uur en betaalt neemt de voedselbank geen niethartstikke duurzaam. daar 1800 euro voor”, zegt Susan van houdbare maal­tijden aan. Eind goed al goed? Arnold en ik hebben Duurzame Bruiloft. Daarna gaan die nog een lange weg te gaan. Ik mag dan tien lagen wit polyester (op oliebasis) een duurzame bruidsjurk hebben, we of katoen (10.000 liter water per kilo moeten nog op zoek naar een duurzaam stof ) de kast in. Zonde. Een duurzame bij Laura Dols in Amsterdam, waar pak, ecoschoenen, make-up, ringen van bruid kiest dus óf voor een jurk die ze ze gepimpte trouwjurken uit de jaren goed goud, vintage jurken voor de na de trouwerij ook nog aan kan, óf ’50 of eerder verkopen. Wie een trouwbruidsmeisjes, biologische cateraars, voor een exemplaar dat eerder is gedrajurk wil passen, moet een afspraak niet-vervuilend trouwvervoer, een fotogen. En dan bij voorkeur gemaakt van maken. Het wordt mijn eerste officiële graaf… En mag Bono van U2 wel linnen, bamboepulp, hennep of een jurkenpasmoment en ik ben behoorlijk gedraaid worden op ons feest? Of is dat andere milieuvriendelijke stof. Maar zenuwachtig. Daarom zijn mijn moeder onverantwoord omdat de band via waar vind je zo’n jurk? Ik roep de hulp in en OneWorld-vriendin Frederieke mee Nederland belasting ontwijkt? Help! van fair fashionexpert Marieke Eyskoot. ter ondersteuning. Maar wat als alle Een ding weet ik zeker: als Arnold en ik Zij trouwde vorig jaar in een jurk van duurzame jurken reuze suf zijn? Kies hier samen uitkomen, hebben we een peace silk, zijde waarvoor geen vlinders ik dan voor het milieu, of zoek ik verder lange, vervuilende huwelijksreis nodig sterven, aan de onderkant gedipt in naar mijn droomjurk? Bij Laura blijkt om bij te komen. natuurlijke verf. “Elsien Gringhuis, dat ik me daarover geen zorgen hoef te bekend van de Amsterdam Fashion maken: de hele muur hangt vol hippe Week, heeft ‘m ontworpen”, vertelt ze. Zijn we nog getrouwd? En hoe duurbolero’s, handtasjes en andere accessoi“En ik droeg de jurk opnieuw bij de zaam is onze bruiloft echt geworden? res. Mijn moeder heeft al twee kleurige presentatie van mijn boek Talking Je leest het begin oktober op oneworld. vestjes in haar hand als de verkoopster Dress.” Kies voor een jurk die je te gek nl/duurzaamtrouwen vraagt: “Komen jullie voor de trouwjurvindt, zodat je ’m over tien jaar nog ken? Dan moeten jullie in onze andere draagt, is dan ook Mariekes tip. “En ga Meer tips vind je op duurzamebruiloft.nl winkel zijn, achter de Gamma. Niet te voor kwaliteit. Je hoeft heus geen en talkingdress.nl

tip #2

52 ONEWORLD

restjes


REportage

duurzame bruiloft

tip #3

ringen

‘Gewoon’ 18-karaats goud geeft tonnen mijnafval en wordt soms gewonnen met kinderarbeid. Alternatief: oro verde, ‘groen’ goud met een fair mined-certificaat. Wel 15 procent duurder. Of kies voor zilver, hout of glas. Goedkoop, maar het slijt sneller. Een romantische én goedkope optie: ga voor oud goud, zoals een armband van oma, en laat dat omsmelten tot zelf ontworpen ringen.

ONEWORLD 53


oPEN keuken

beeld Ineke Key

GEHEIMEN VAN DE THUISKOK

Habichuelas rojas van Miriam Waar Havana, Cuba Wie Miriam Moreira (46), verkoopster in een gereedschapswinkel Maakt habichuelas rojas, rode 颅kidneybonen, met lomo de cerdo marinado, een Creools gerecht met gemarineerd varkensvlees, rijst, malanga (een wortelsoort), paprika, uien en veel knoflook Wie eet mee dochter Esther, opgeleid tot laborante, en zoon Ram贸n, die techniek s颅 tudeert Wat kost het Miriam verdient ongeveer 20 euro per maand. Rijst, bonen en vlees koopt ze voor kunstmatig lage prijzen, en met een bonnenboekje waar elke Cubaan recht op heeft. De samenstelling van de maaltijd hangt af van wat er op de bon te krijgen is. Zonder bonnen kost deze maaltijd 2,50 euro Altijd in huis rijst, bonen, uien Wie doet de afwas Ram贸n Kijk op www.oneworld.nl/habichuelas voor Miriams recept 54 ONEWORLD


oP de KoP getiKt HIp EN HANDIG

sTIjn CheCKT

shoPPInG

nieuw schoojaar, nieuwe spullen.

Van schoen tot bloem

Mooie map

oneWorld wijst je de weg in een woud vol keurmerken, greenwashing en ecoclaims. Deze maand: biologisch afbreekbare schoenen. Producent oaT shoes Prijs € 129,- tot € 179,- per paar oordeel Claim De sneakers van OAT Shoes zijn biologisch afbreekbaar, waarna er bloemen uit groeien. analyse Sportmerk PUMA heeft ze nu ook, maar de eerste biologisch afbreekbare sneakers komen uit Amsterdam. Sinds 2011 verkoopt OAT Shoes modellen van leer en canvas. Zijn ze afgedragen? Dan worden het bloemen. Hoe zit dat? Eerst over die bloemen: in de lip van de schoen zit bloemzaad. Als je de schoenen na trouwe dienst onder de grond stopt, groeien er bloemen uit. De ontwerpfilosofie van OAT volgt het principe afval = voedsel: als je een schoen volledig kunt maken uit plantaardige of dierlijke materialen die biologisch afbreekbaar zijn, dan kun je via compostering een kringloop maken van voedingsen grondstoffen. Maar dan moeten alle niet-afbreekbare materialen eruit, en dat zijn er bij doorsneesneakers nogal wat: plastics, lijm,

giftige verfstoffen, chemicaliën die worden gebruikt bij de productie van leer. Uiteindelijk is dat OAT gelukt met sneakers die, nadat ze zijn begraven, in enkele maanden tot enkele jaren afbreken, afhankelijk van bodem en klimaat. Is er nog meer werk te doen? Ja, zeker. Om de kringloop te sluiten moeten de schoenen sneller afbreekbaar worden, zodat ze via het reguliere GFT-afval kunnen worden omgezet in compost. Of er moet een aparte inzameling worden opgezet. Volume is dan een belangrijke voorwaarde. Wat dat betreft is het hoopvol dat andere merken ook aan de weg timmeren met een soortgelijk product.

advies OAT is innovatief met zijn bioschoenen, die – weet ik uit ervaring – bovendien mooi en comfortabel zijn. stijn Cornelissen is journalist en schrijft kritisch over maatschappelijke projecten en duurzame producten.

Een multomap voor je losse blaadjes met aantekeningen die weinig CO2 uitstoot veroorzaakt: hij is gemaakt van kringlooppapier en komt uit Europa. In diverse motieven verkrijgbaar. Multomap, € 7,74 www.bureaubewust.nl bit.ly/1cK5mhs

Pen kwijt?

Altijd pennen, potloden en stiften onder in je rugzak? Een kleine textielwerkplaats in Nepal maakt van oude rijstzakken grappige etuis. Hij is 20 x 10 cm, heeft een rits en elk exemplaar ziet er anders uit. Pen-etui, € 4,95 www.fairkopen.nl bit.ly/1cx2Ghp

Groen jasje

Design hoesje voor je telefoon van biologisch afbreekbaar wolvilt, op maat gemaakt en naar eigen ontwerp. Water- en vuilafstotend. Voor elk type smartphone. Telefoonhoesje, vanaf € 17,50 www.studiobig.nl

ONEWORLD 55


media & cultuur LEZEN

DOEN WIn WIn WIn Doe de quiz op oneworld.nl/pakistan en maak kans op een exemplaar van Pakistan aan de rand van de afgrond

uITGeLIChT

Talibanbolwerk Pakistan

G

een land dat zo veel mogelijkheden heeft om een internationaal handelsknooppunt te worden. het ligt vlak bij de Perzische Golf en zou china toegang kunnen bieden tot de arabische Zee. Zelfs rivaal india zou graag investeren in Pakistan als springplank naar centraal en west-azië. Dat schrijft journalist ahmed rashid (lahore, 1948), gespecialiseerd in het Midden-oosten en centraalazië in Pakistan aan de rand van de afgrond, het derde deel van zijn trilogie over die gebieden. ondanks miljardensteun van de Vs en andere donoren dreigt Pakistan een falende staat te worden, waar Pakistaanse Taliban en andere extremisten

een islamistisch bewind nastreven. het boek is een bundel essays, waarin rashid vele kanten van de crisis in Pakistan belicht, plus de rol van politici, leger, de Taliban, en van de Vs daarin. hij begint met de liquidatie van osama Bin laden door de Vs, hoe de Pakistaanse regering daardoor in verlegenheid kwam, en de zelfmoord- en bomaanslagen die de Pakistaanse Taliban en al Qaida daarop uitvoerden. hij ontrafelt hoe de isi (de Pakistaanse geheime dienst), en het machtige leger extremisten gebruiken om acties in india (het betwiste Kashmir) en afghanistan uit te voeren, wat uiteindelijk een binnenlandse extremistische beweging heeft

non-fICTIe

opgeleverd. ook onthuld rashid hoe de cia aanvallen met drones uitvoert en de Pakistaanse regering daar niets tegen kan doen. Gevolg: sterke anti-amerikaanse gevoelens onder de bevolking. rashid biedt indrukwekkend veel nieuwe inside-information. en hij blijft optimist: Pakistan, stelt hij, heeft meerdere verkiezingen nodig om tot meer democratie te komen. Zou Mamnoon hussain, die de omstreden president asif ali Zardari in september opvolgt, daarmee beginnen? anneMIeK huIjerMan

Pakistan aan de rand van de afgrond. De toekomst van amerika, Pakistan en afghanistan / ahmed rashid / atlas Contact / 288 pag. / € 29,95

roMan

ontdekkingsreis

De kracht van liefde

Paul Theroux reist van Kaapstad naar Angola, dwars door zijn geliefde continent. Hij kwam er voor het eerst als 22-jarige. Nu keert hij terug, ditmaal om het onbekendere Afrika te verkennen – en zichzelf. Na een adembenemende olifantensafari in Botswana bereikt hij Angola. Maar de reis eindigt eerder dan gepland.

De Afrikaanse Esther ontmoet de Finse Paul op een moment dat zij allebei in crisis verkeren. De Finse auteur Elina Hirvonen woonde in Zambia en zag de hopeloosheid van straatkinderen en hoe ontwikkelingshulp vaak faalt. Tegen die achtergrond beschrijft Hirvonen het ontstaan van een bijzondere vriendschap die verschillen overbrugt.

Laatste trein naar Zona verde / Paul Theroux / atlas Contact / € 24,95 56 ONEWORLD

naar het licht / elina hirvonen / De Geus / € 15,99

Dans nazomeren Geniet van de passie waarmee gezelschap Dansa Cuba Zuid-Amerikaanse en Afro-Cubaanse dansen brengt in Cuba Vibra. Wo 18 sep t/m za 2 nov Door het land www.wereldtheater.com

eXPo naar Mekka Verlangen naar Mekka – De reis van de pelgrim is de eerste grootschalige tentoonstelling over de hadj, die veel moslims één keer in hun leven maken. Met unieke stukken uit islamitische collecties. rijksmuseum volkenkunde Leiden Wo 4 sep 2013 t/m zo 9 mrt 2014 www.volkenkunde.nl

fesTIvaL Literatuurfeest Op de eerste editie van het literatuurfestival Read My World ontmoeten schrijvers en singersongwriters uit Egypte, Palestijnse gebieden en Nederland elkaar. vrij 13 t/m zo 15 sep Tolhuistuin, amsterdam www.readmyworld.org

CaBareT Dwaas uit het oosten Hengelo-o-o van ‘tropische Tukker’ Jeffrey Spalburg werd een zomerhit. Dit najaar brengt hij Thuus, over wel en niet ergens thuis zijn. Do 13 sep t/m vrij 20 dec Door het land www.spalburg.nl


LUISTEREN

KIJKEN

LIBanon LuIsTerT naar

foToBLoG

Mashrou’ leila – revolutiemuziek

D

e band Mashrou’ leila (‘project van een nacht’) is een hit in de arabische wereld. het gezicht van de groep is leadzanger hamed sinno (24), een dubbelganger van Freddy Mercury. afkomstig uit de underground van het liberale Beiroet maken sinno en zijn band andere muziek dan de mainstream arabische sterren die vooral hits scoren met liefdesliedjes. De band, zes mannen en een vrouw, put inspiratie uit arabische klassiekers, westerse hits, hiphop en salsa. hun controversiële teksten raken aan taboes. Zo bevatte hun eerste album al een nummer

over homoseksualiteit. Met teksten over ongelijkheid, seks voor het huwelijk en kritiek op politici geven de libanese muzikanten woorden aan de frustraties van jonge arabieren. De knappe libanese sinno, die zijn muziek een sociale revolutie noemt, is openlijk homoseksueel; moedig in deze homofobe regio. Van de fans bij concerten in Tunis, Doha, caïro en amman wordt vermoed dat zij ook betrokken zijn bij de arabische lente. reden waarom regeringen een band als deze met argusogen volgen.

instagram.com/dguttenfelder

fILM

DaIsy Mohr

www.oneworld.nl/mashrou

GehoorD

Mee met de raï-fanfare Tani (Algerijns voor ‘twee’ of ‘meer’) is de eenvoudige titel van de tweede cd van de band Fanfaraï. De formatie, met Franse, Algerijnse en Marokkaanse muzikanten, speelt raï-fanfare. De blazers zijn dus flink van de partij in swingende nummers als Zina, El Hmam en Taouas. De musici willen eer betonen aan de groten uit de Algerijnse muziekgeschiedenis. Fanfaraï speelt ronduit aanstekelijk en meeslepend, met een enkele, iets ingetogener, compositie als Chilet Laayani, met zangeres Samira Brahmia, en soms versterkt met een zigeunerorkest. Tani / fanfaraï / Xangomusic.com / € 15,50

iPhonekunst David Guttenfelder, cheffotograaf Azië voor Associated Press, geeft een inkijkje in het Noord-Koreaanse dagelijks leven.

Neighbouring Sounds gaat over de angsten en beslommeringen van mensen in Recife, Brazilië. Makelaar João, kleinkind van een rijke vastgoedeigenaar, ziet zijn leven veranderen doordat zijn kleptomanische en rijke neef in zijn auto heeft ingebroken. ’s Nachts klinkt het geluid van blaffende honden, alsof het gevaar voortdurend om de hoek loert. Ondertussen biedt een groep beveiligers hun diensten aan de bewoners aan. Meerdere verhalen spelen door elkaar, en de film roept vragen op, bijvoorbeeld over de relatie tussen João’s opa en de beveiligers. Of over mensen die ineens verschijnen. Mogelijk wilde filmmaker Kleber Mendonça Filho een claustrofobische sfeer creëren. Neigbouring Sounds is hoe dan ook een film over het verschil tussen arm en rijk, dat ook is uitgewerkt in de verhouding tussen João en zijn hulp, een donkere vrouw wier kinderen nooit een opleiding zullen kunnen volgen. Filho’s schets van het Brazilië van de favelas en de onverschilligheid van de rijken jegens armoede, maakt grote indruk. vaMBa sherIf verkrijgbaar op dvd ONEWORLD 57


MIJN OPLOSSING

tekst Marianne Wilschut

WERELDVERBETERAAR PRESENTEERT PLAN

Groene wegwerpbeker Wie Sietse Stad (32), communicatiemanager bij Biological Solutions Wil hergebruik stimuleren Idee Cup2paper, een ‘wegwerpbeker’ die zeker vijf keer kan worden hergebruikt Won de Samen Veranderen-prijs van MVO Nederland en Eneco. Ach, wat maakt het nou uit: zo’n bakkie uit de automaat. “Best veel. De gemiddelde werknemer verbruikt vijf koffiebekertjes per dag. Als je uitgaat van gemiddeld 200 kantoordagen, dan gaat het om duizend plastic bekertjes per jaar. Alleen al in Nederland zijn dat jaarlijks miljarden bekertjes.” Alle klein beetjes helpen dus toch? “Ja, en om hergebruik te stimuleren kun je op de Cup2paperbeker aankruisen hoe je je koffie of thee drinkt. Ook kun je je naam erop schrijven. Als een collega aanbiedt een rondje uit de automaat te halen, kun je jouw beker dus meegeven. Zo hopen we het gesprek bij de koffieautomaat een beetje te beïnvloeden. De veertig bedrijven die onze bekers in de automaat hebben, zeggen dat de bekers ervoor zorgen dat duurzaamheid meer gaat leven bij medewerkers en klanten.” Hoe groen is de Cup2paper-beker? “Alle CO2-uitstoot die vrijkomt bij de productie en het transport van de bekers compenseren we door een bijdrage aan klimaatfonds Haaglanden. Verder is de beker gemaakt van FSC-gecertificeerd karton met een biologische coating en kan hij tot zeven keer worden gerecycled. ”

Beeld Anaïs López

Ook als ik er een schuimige cappuccino uit heb gedronken? “Een beetje viezigheid maakt niet uit. We werken samen met afvalbedrijf SITA en zij verwerken het karton tot dozen of wc-papier. Uit onderzoek blijkt dat onze beker de minste milieu-impact heeft. Door deze beker te gebruiken, bespaar je grondstoffen.”

58 ONEWORLD

Maar wint jullie beker het ook van de mok? “Volgens TNO is een porseleinen kopje pas duurzamer als je het zes à zeven keer gebruikt zonder af te wassen.” www.cup2paper.nl


7, 8, 10 en 11 oktober 2013, Amsterdam

PARTNERSHIP BROKERS TRAINING Succesvol cross-sectorale samenwerkingsverbanden vormgeven “During the PBT we discussed new ways of thinking on leadership, emphasized the importance of observation and talked about the courage you need as a broker to challenge yourself in order to see what is needed next for the good of the partnerships.” SP Competence Manager, Shell

“The PBT gave me an amazing helicopter view of the partnership process in ­general. It made me very aware of my own role and capacities to shape a partnership with actual collaboration of the partners.” Corporate Accounts Manager, Netherlands Red Cross

Een training over de rol van de partnership broker in de verschillende fases van de Partnering Cycle. Onderwerpen zijn o.a.: Het afbakenen van het partnerschap Principes van partneren: transparantie, wederzijds voordeel en vertrouwen   Balanceren tussen belangen Het belang en risico van diversiteit Het nut van (tussentijdse) evaluatie Persoonlijke kwaliteiten en uitdagingen Informatie en aanmelden: www.ncdo.nl/partnerships NCDO is het centrum voor mondiaal burgerschap. Postbus 94020, tel +31 (0)20 568 87 89, www.ncdo.nl

Wanneer: 7, 8, 10 en 11 oktober 2013 Waar: Dek West, gebouw de Bonte Zwaan, Haparanda­dam 7, Amsterdam Voor wie: Professionals uit alle sectoren die crosssectorale partnerschappen voor duurzame ontwikkeling vormgeven en managen. Per training maximaal 24 deelnemers. De voertaal is Engels. www.ncdo.nl/partnerships


ONEwORLD LIVE!

TURTLE 1: DE AUTO UIT AFRIKA

Talkshow vanaf de achterbank van de eerste afrikaanse auto

Datum: donderdag 26 september Tijd: 20.30 uur Locatie: Paradiso, amsterdam entree: € 12,50 inclusief lidmaatschap en longread Hij staat niet in de showrooms, maar is binnenkort wel te bewonderen in Paradiso: de Turtle 1. Deze ‘eerste Afrikaanse auto’ ontstond in de Ghanese autowijk Suame Magazine als project van kunstenaar Melle Smets, onderzoeker Joost van Onna en tal van lokale monteurs. In een gevarieerd programma interviewt Marcia Luyten (VPROpresentatrice en auteur van Dag Afrika) onder andere Smets en publicist Tijs van den Boomen. Van den Boomen schreef de longread Turtle 1: De auto uit Afrika.

De longread Turtle 1: De auto uit Afrika, vertelt het hele verhaal over de auto en haar makers. Het is te lezen via een app (voor iPhone en iPad) of op een e-reader. Voor € 2,99 te koop via uitgeverij-fosfor.nl

Kaarten zijn te koop via www.ticketservice.nl of aan de kassa van Paradiso. voor meer informatie: www.oneworld.nl

€ 5,– korting als lezer van oneWorld krijg je korting op de toegangsprijs van oneWorld Live! Lever deze bon (of een kopie) in bij de kassa van Paradiso.

TURTLE 1: DE AUTO UIT AFRIKA Datum: donderdag 26 september Tijd: 20.30 uur Locatie: Paradiso, Weteringsschans 6, amsterdam Bezoekers van deze oneWorld Live! krijgen de longread Turtle 1: De auto uit Afrika gratis.

LIVE


OneWorld 7