Page 20

Remote sensing voor inspectie van waterkeringen

3 3.1

Faalmechanismen en indicatoren in relatie tot remote sensing Inleiding Zoals in § 2.4.4 uiteengezet is, is het uitgaan van faalmechanismen één van de mogelijke invalshoeken om te komen tot een effectieve toepassing van remotesensingtechnieken in het waterkeringbeheer. In § 3.2 wordt een opsomming en beschrijving gegeven van faalmechanismen en wordt de daartussen soms bestaande correlatie aangestipt. In § 3.3 wordt geanalyseerd wat er van faalmechanismen waarneembaar is en welke parameters van waterkeringen het betreft. De analyse is een sleutel tot de toepassing van remote sensing bij het waarnemen van de toestand van de waterkering en hij legt er vooral het geotechnische fundament voor. Een faalmechanisme is op zich geen waarneming. Het mechanisme treedt aan het licht door middel van indicatoren, die in de inspectiepraktijk weer worden vertaald naar inspectieparameters. Indicatoren en inspectieparameters worden behandeld in § 3.4, vooral door verwijzing naar literatuur. Deze analyse kan zowel aanbieders van remotesensingtechnieken als waterkeringbeheerders die deze technieken moeten selecteren inzicht geven in de voorwaarden voor een zo goed mogelijke aansluiting van aangeboden remotesensingtechnieken op de noden van het waterkeringbeheer. In § 3.5 worden conclusies getrokken.

3.2

Faalmechanismen Men maakt bij het functioneren van waterkeringen onderscheid tussen falen en bezwijken. Een waterkering faalt als hij zijn waterkerende functie niet meer vervult. Falen treedt op als de belasting de feitelijke sterkte overschrijdt. Van bezwijken is sprake als de waterkering zijn samenhang verliest en in sterke mate vervormt (zoals bij bresvorming). Als een waterkering bezwijkt, faalt hij in het algemeen (hoewel de kanaaldijk bij Stein wel bezweek, maar niet faalde), maar andersom hoeft een waterkering niet beslist te bezwijken om te falen. Een te geringe hoogte, bijvoorbeeld, kan leiden tot een onaanvaardbaar grote overloop, waarbij de waterkering niet bezwijkt maar wel faalt in zijn waterkerende functie. Op basis van een analyse van verschillende bronnen is in tabel 1 een opsomming gegeven van te onderscheiden faalmechanismen.1

1

Zie over faalmechanismen bijvoorbeeld De veiligheid van de primaire waterkeringen in Nederland. Voorschrift Toetsen op Veiligheid [8] (vtv, 2006, katern 5, § 1.2); Plan van aanpak onderzoek verbetering inspectie waterkeringen [5] (dww, bijlage C.2); het daaruit puttende rapport Inspectie van waterkeringen. Een overzicht van meettechnieken [43] (stowa/dww, 2006, § 3.2) en het rapport van het binnen het programma Verbetering Inspectie Waterkeringen uitgevoerde project Ontwikkeling gids inspectie waterkeringen. Grip op kwaliteit visuele inspectie [56] (2007, § 5.1). De uiteindelijke opsomming in tabel 1 is hoofdzakelijk van de hand van Stefan van Baars.

18

Swartvast

STOWA_VIW_2008_08a_remotesensing  

Remote sensing voor inspectie van waterkeringen L.M.Th. Swart in opdracht van

STOWA_VIW_2008_08a_remotesensing  

Remote sensing voor inspectie van waterkeringen L.M.Th. Swart in opdracht van

Advertisement