Ima04 binder lr

Page 1

www.imaintain.info

04 15 TWAALFDE JAARGANG – LOSSE VERKOOPPRIJS € 17,00

Maint

Het mag

MA Voorpla

azine va n de

NL

NVDO

Op zoek naar het goud | Flin tenance k bespa | De werel ren door d kleine Design for gen een r maken langer lev Main| Innova en | Veiligh ties geven eid in de brugchemie: we appe n!

at.indd

25

17-04-1

5 09:21

ODFJELL WIL KOPLOPER WORDEN DOOR OPEN BEDRIJFSCULTUUR

H Whats Next.indd 26

22-04-15 07:55


VED BY O R

PR

NA

LS

AP P

Havep moe.t. TEL MAAR OP! je hebben. OFESS

IO

Patrick Senior engineer

Bescherming Duurzaam Draagcomfort Visitekaartje voor bedrijf Voor ons is er geen twijfel mogelijk als het om werkkleding gaat. Wij werken er elke dag in, dus wij weten waar we het

Frank

Service monteur

over hebben. Als je alle kwaliteiten van HaVeP bij elkaar optelt en je kijkt ook naar prijs, service en levering, kom je tot maar één conclusie: HaVeP moet je hebben.

MEER WERKKLEDING OPLOSSINGEN ? KIJK OP WWW.HAVEP.COM/MAINTENANCE

T NL +31 (0)13 531 32 56 BE +32 (0)14 30 07 37 E verkoop@havep.com

H Whats Next.indd 26

22-04-15 07:56


INHOUD 3

10 ‘Water is het gewoon voor mij’ De kwaliteit van water is door nieuwe diagnostische technologie steeds nauwkeuriger te meten. Maintenance Manager of the Year Hans Peters is daar heel blij mee. Wel vindt hij dat de technologie zo moet worden ingezet dat het geen extra druk op de onderhoudsorganisatie legt.

18 Odfjell wil van achterblijver naar koploper Tankopslagbedrijf Odfjell Terminals Rotterdam (OTR) wil van het slechte imago af en het beste jongetje van de klas worden. Volgens managing director Theo Olijve komt het vertrouwen in het bedrijf langzaam terug. Odfjell is er nog niet, maar er zijn al flinke stappen gemaakt.

5 COMMENTAAR 6 ACTUEEL 14 BUSINESS CASES OP IMAINTAIN 2015 22 WHAT’S NEXT 29 MEER CONTROLE DOOR OFFSITE BOUWEN FABRIEKEN 66 VOLGEND NUMMER

Maint

NL

Het magazine van de NVDO

31

Een uitgebreide terugblik op iMaintain, het jaarcongres van de NVDO en het iMaintain platform. Met columns van de Maintenance Manager of the Year-winnaar en genomineerden. Asset owners Erik Bijlsma en Giel Jurgens bezochten elkaar op het werk en deelden hun ervaringen. Op de Chemelot site wordt het ‘Design for Maintenance’-principe toegepast bij de bouw van de Next Generation Sulfa.

Maintenance for Energy 34 Goud, een prachtig edelmetaal 38 Column Hans Peters 41 De wereld kleiner maken 42 Flink besparen door Design for Maintenance 44 Column Roger Ham 47 Fotospread 48 Innovaties geven bruggen een langer leven 50 53 Column Ivo van der Gaag Veiligheid in de chemie: we appen! 54 De Stelling 63

4

iMaintain 15

B Inhoud.indd 3

21-04-15 15:14


KENNIS MOET JE OOK ONDERHOUDEN. • Hoeveel onderhoud is juist genoeg? • Kunnen we met de onderhoudsfunctie geld verdienen? • Hoeveel kan onderhoud bijdragen aan het bedrijfsresultaat? • Wat is Excellent Onderhoud en hoe geef ik dit vorm? WAARDECREATIE DOOR GOED ONDERHOUD Een onderhoudsopleiding bij Hogeschool Utrecht helpt u in uw eigen bedrijf de antwoorden te vinden op deze vragen. In de afgelopen jaren zijn vele mooie resultaten en forse besparingen bereikt bij de deelnemende bedrijven. Door de brede scope op zowel Materiaalkunde, Engineering, Inspectie als Onderhoud bieden onze opleidingen op het gebied van Onderhoud precies die (integrale) kennis die nodig is om verder te kunnen kijken dan het eigen vakgebied, en daardoor aantoonbaar betere resultaten te boeken. • Post-MBO Onderhoudstechniek (OTK) • Post-HBO Onderhoudstechnologie (OT) • Post-HBO Onderhoud en Management (OM) • Master of Engineering in Maintenance & Asset Management

Start 30 september 2015 Start 1 oktober 2015 Start 1 oktober 2015 Start februari/september

Alle genoemde opleidingen kunnen naar wens in-company (op maat) verzorgd worden. Informeer naar de mogelijkheden. Meer weten? Bel 088 481 88 88, mail naar info@cvnt.nl of kijk op www.cvnt.nl.

ER VALT NOG GENOEG TE LEREN

Advertenties IMA4.indd 4 Scheldekringen 2015-04 FC_A4.indd 1

21-04-15 07-04-15 15:40 11:58


COMMENTAAR 5

What’s NEXT Het is hoogseizoen in evenementenland. Op 19 maart hadden we iMaintain, het jaarcongres van dit platform in samenwerking met de NVDO, daarna was de Maintenance beurs in Vlaanderen, de Hannover Messe en op het moment dat we deze editie naar de drukker sturen, staat Ahoy klem van de beurs Maintenance NEXT. Ik was er net om onze eigen bescheiden stand op te tuigen, ik heb grote verwachtingen. Als u wilt, kunt u bijna elke week en in ieder geval elke maand hard aan uw netwerk en innovatiespieren werken. Allemaal noviteiten, nieuwe ideeën en nieuwe technieken. Maar wat gaat het worden? Al die nieuwigheid is goed voor de sector en biedt kansen op sterke verbetering of efficiencyverhoging. Maar krijgt u het de vloer op? Ik schreef pas een quote van iemand op die kraakhelder aangaf ‘het gaat niet om de innovatie, het gaat om de implementatie’. Ik ben een voorstander van vernieuwen en verbeteren. Misschien heb ik ook wel een licht vertekend beeld van de maintenancewereld omdat wij met het magazine graag over succesverhalen en ontwikkelingen schrijven. Maar hoeveel procent van de aangedragen innovaties slaagt? Krijgt u als stakeholder een nieuwe methode of een nieuw product langs uw inkoper, opdrachtgever of hoofd productie? Hoe gaan uw collega’s om met (weer) een nieuw idee? Wat is daar uw methode voor? Volgens mij is het vliegwiel van innovatie goed om steeds weer nieuwe prikkels te geven om de producten en processen aan te passen. Maar ik geloof ook dat als de bestaande systemen een keer volledig goed worden benut, dat ook daar al veel waarde mee wordt gecreëerd. Innovaties die een paar jaar geleden het bedrijf zijn binnengedragen, worden vaak ook maar voor een deel toegepast. Misschien is het goed om uw geld op een paar nieuwe paarden te zetten, maar om deze paarden wel heel goed te verzorgen.

Mark Oosterveer @M_Oosterveer mark@industrielinqs.nl

HOOFDREDACTIE

Mark Oosterveer 020 3122 793 mark.oosterveer@industrielinqs.nl NUMMER 04 - 2015

Wim Raaijen 020 3122 081 wim.raaijen@industrielinqs.nl

UITGAVE VAN

EINDREDACTIE

Industrielinqs pers en platform Veembroederhof 7 1019 HD Amsterdam

Miriam Rook 020 3122 796 miriam.rook@industrielinqs.nl Liesbeth Schipper 020 31 22 083 liesbeth.schipper@industrielinqs.nl

MEDEWERKERS PARTNER

Nederlandse Vereniging voor Doelmatig Onderhoud (NVDO) Postbus 138, 3990 DC Houten

David van Baarle, Erik te Roller, Renske van den Berg, Ingrid Rompa, Pieter Pulleman, Francis Voermans, Dagmar Aarts

LAY-OUT

De Opmaakredactie

COVER Ahoy Rotterdam NV Ahoy-weg 10 3084 BA Rotterdam Postbus 5106 3008 AC Rotterdam Organisator van

UITGEVER

Wim Raaijen 020 3122 081 wim.raaijen@industrielinqs.nl

Siemens

ADVERTENTIEVERKOOP Jetvertising BV Kim de Bruin T: 070 399 00 00 F: 070 390 24 88 kim@jetvertising.nl

TRAFFIC

Breg Schoen 020 3122 088

DRUKKERIJ

PreVision Graphic Solutions

ABONNEMENTEN (EXCL. BTW)

Nederland/België € 95,– Introductie NL/B 25% € 71,– Overig buitenland € 119,– Losse verkoopprijs € 17,– Studenten € 39,– Proefabonnement 3 mnd € 27,50

OPZEGGEN

Dit magazine hanteert de opzegregels uit het verbintenissenrecht. Wij gaan er van uit dat u het blad ontvangt uit hoofde van uw beroep. Hierdoor wordt uw abonnement steeds stilzwijgend met een jaar verlengd. Proef- en kennismakingsabonnementen worden niet automatisch verlengd en stoppen na het aantal aangegeven nummers. Opzeggen kan via www.aboland.nl, per post of per telefoon. De opzegtermijn is 8 weken voor het einde van uw abonnementsperiode. Als opzegdatum geldt de datum waarop uw opzegging door Abonnementenland is ontvangen. Indien u hierom verzoekt, ontvangt u een bevestiging van uw opzegging met daarin de definitieve einddatum van uw abonnement. Adreswijzigingen kunt u doorgeven via www.aboland.nl, per post of per telefoon.

Overige vragen kunt u stellen op www.aboland.nl of neem telefonisch contact met Abonnementenland op.

ABONNEMENTENLAND

Postbus 20 1910 AA Uitgeest Tel. 0900-ABOLAND of 0900-226 52 63 € 0,10 per minuut Fax 0251-31 04 05 Site: www.bladenbox.nl voor abonneren of www.aboland.nl voor adreswijzigingen en opzeggingen. Abonnementenland is ook bereikbaar via Twitter. Stuur uw tweet naar: @Aboland_klanten. Prijswijzigingen voorbehouden. ISSN: 2211-6826 © Industrielinqs pers en platform BV Niets uit deze uitgave mag worden gereproduceerd zonder toestemming van de uitgever.

4

iMaintain 15

C Commentaar.indd 5

21-04-15 15:15


6 ACTUEEL

MEEST GELEZEN ONLINE 1. Mijlpaal voor herbouw Shell Moerdijk De herbouw van de MSPO-2-installatie op Shell Moerdijk heeft een mijlpaal bereikt. Een van de twee reactoren die vorig jaar juni bij een explosie sneuvelde, is weer terug. Lees verder op pagina 7

2. Gasopslag Bergermeer klaar voor gebruik Gasopslag Bergermeer van Taqa is op 1 april volledig in gebruik genomen. Met een werkvolume van 4,1 miljard kubieke meter is het Europa’s grootste vrij toegankelijke gasopslag. Lees verder op pagina 7

3. Delfzijlse Chemcom gebruikt subidie voor bouw nieuwe fabriek Chemiebedrijf Chemcom Industries uit Delfzijl dat onlangs een subsidie heeft ontvangen uit de Regionale Investeringsregeling Groningen (RIG) gaat daarmee een installatie bouwen voor het drogen van meststoffen die vervolgen door het Zwitserse Hauert kunnen worden verwerkt tot plantenvoeding. Lees verder op pagina 7

4. Ammoniakfabrieken OCI Nitrogen tien jaar ongevalsvrij Vijf grote turnarounds met vervangings- en debottlenecking projecten, regulier onderhoud en tientallen tussenstops zijn in de afgelopen tien jaar uitgevoerd bij de ammoniakfabrieken van OCI Nitrogen. In al die jaren zijn er geen ongevallen voorgekomen. Lees verder op deze pagina

5. ‘Smart Industry brengt mkb honderdduizenden nieuwe banen’ Smart Industry gaat honderdduizenden nieuwe banen in het mkb opleveren. Dat is een van de conclusies van de schrijvers Ineke Dezentjé Hamming-Bluemink en econoom Willem Vermeend in hun webboek ‘Smart Industry, Eat or be (B)eaten’. Lees verder op pagina 9

4 15 iMaintain

D Actueel.indd 6

Ammoniakfabrieken OCI Nitrogen tien jaar ongevalsvrij Vijf grote turnarounds met vervangings- en debottlenecking projecten, regulier onderhoud en tientallen tussenstops zijn in de afgelopen tien jaar uitgevoerd bij de ammoniakfabrieken van OCI Nitrogen. En toch zijn er in al die jaren geen ongevallen voorgekomen. Al in januari werd de mijlpaal tien jaar lang ongevalsvrij zonder verzuim bereikt. Tijdens al dat grote en kleine onderhoud zijn er heel wat sleuteluren gemaakt, waar het risico op een ongeval met verzuim op de loer ligt. Het behaalde resultaat is dan ook niet vanzelfsprekend. Volgens OCI Nitrogen vormen veiligheidsstudies de basis voor een veilig proces. Regels, procedures en werkprocessen geven houvast en structuur en zijn door de jaren heen geïmplementeerd en geoptimaliseerd. Het zijn echter vooral de medewerkers die consequent de veiligheid voorop stellen en de regels en procedures in acht nemen. ‘Wij zijn dan ook trots op de vasthoudendheid, betrokkenheid en het vakmanschap van onze mensen die dit resultaat hebben behaald’, vertelt plantmanager Patric de Konink.

Realisatie Maintenance Valuepark neemt concrete vormen aan De realisatie van het Maintenance Valuepark (MVP) in Terneuzen neemt concrete vormen aan. De provincie Zeeland zegde eerder al 2,2 miljoen euro toe voor de aanleg van openbare infrastructuur. Deze afspraak is nu formeel vastgelegd in een overeenkomst met Value Park Terneuzen, de ontwikkelaar van het bedrijventerrein. Het plan is dat de aanleg van het bedrijventerrein voor onderhoudsbedrijven nog dit jaar start. In de overeenkomst staat onder welke voorwaarden de provincie het geld beschikbaar stelt. Valuepark wordt opdrachtgever voor de aanleg van wegen, fietspaden en voetpaden met bijbehorende voorzieningen als verlichting en groen. Ook de aansluiting op omliggende wegen is onderdeel van de overeenkomst. De procesindustrie is een belangrijke motor van de Zeeuwse economie en een grote werkgever. Onderhoud is van groot belang voor de prestaties en de levensduur van installaties en fabrieken. Een clustering van alle kennis op dit gebied is dan ook een grote stap in het verder versterken van het (industriële) vestigingsklimaat in Zeeland volgens de provincie. Het Maintenance Valuepark wordt gerealiseerd in Terneuzen nabij de Westerscheldetunnel. De aanleg van het park start in 2015. Als het MVP klaar is, komen er ongeveer twaalfhonderd mensen te werken. Industrie, onderhoudsbedrijven, kennisinstellingen en faciliterende dienstverleners gaan er intensieve samenwerken. Ook wordt er een leer- en werkomgeving ingericht, waar jongeren kennis maken met technische beroepen en innovatieve onderhoudstechnieken.

NAM breidt meetnetwerk Groningenveld uit Om het Groningen-gasveld nog beter in de gaten te houden, werd in 2014 gestart met een forse uitbreiding van het meetnetwerk in de provincie Groningen. Dit levert inmiddels een grote hoeveelheid waardevolle gegevens op. Vanwege de waarde van de gegevens en de grote belangstelling van bewoners is besloten het netwerk aan gebouwsensoren en het aantal meetpunten van het KNMI nog verder uit te breiden. Door voortdurend te meten krijgt de NAM een steeds beter beeld van de relatie tussen gaswinning en aardbevingen. Toch bestaan er ook nog veel onzekerheden. Om deze onzekerheden te verminderen en de risico’s goed in kaart te kunnen brengen, houdt de NAM het Groningen-gasveld intensief in de gaten met een grootschalig onderzoeksprogramma. Met dit programma wil het gas- en oliebedrijf meer zicht krijgen op ondergrondse trillingen en de bovengrondse gevolgen. In dit kader start de NAM in 2014 met het uitbreiden van het meetnetwerk boven het Groningen-gasveld. Het meetnetwerk boven het Groningen-gasveld wordt steeds dichter, ‘fijnmaziger’. Hierdoor kunnen zelfs de kleinste trillingen worden vastgelegd en geanalyseerd. Onafhankelijke externe wetenschappers en onderzoeksinstituten verfijnen met deze grote hoeveelheid waardevolle gegevens hun analyses van het aardbevingsrisico en verkleinen bestaande onzekerheden. De eerste uitkomsten van deze studies worden in de loop van 2015 gepubliceerd.

Abonnees lezen meer op www.imaintain.info

21-04-15 15:16


ACTUEEL 7

Delfzijlse Chemcom gebruikt subsidie voor bouw nieuwe fabriek

BEDRIJVENNIEUWS

Chemiebedrijf Chemcom Industries uit Delfzijl dat onlangs een subsidie heeft ontvangen uit de Regionale Investeringsregeling Groningen (RIG) gaat daarmee een installatie bouwen voor het drogen van meststoffen die vervolgen door het Zwitserse Hauert kunnen worden verwerkt tot plantenvoeding. De subsidie bedraagt 840.000 euro. ChemCom Industries is gespecialiseerd in het omzetten van methanol naar formaldehyde. Een deel van die formaldehyde wordt verkocht, maar het overgrote deel wordt samen met ureum en melamine verwerkt tot allerlei lijmsoorten. Deze worden onder meer gebruikt bij de verlijming van hout in bijvoorbeeld spaanplaat, MDF, meubels en houtconstructies. Tot 2012 was het bedrijf in handen van het Noorse Dynea. In dat jaar nam het management van het bedrijf de aandelen van Dynea over en ging men op het Chemiepark Delfzijl zelfstandig verder. Sindsdien proberen de ongeveer veertig medewerkers constant nieuwe markten aan te boren met innovaties in zowel de bedrijfsvoering als het productieproces. Daarvoor wordt veel samengewerkt met andere bedrijven. Een resultaat van de samenwerking met het Zwitserse Haert is de bouw van de nieuwe installatie. In die installatie wordt kunstmeststoffen gedroogd met de grote hoeveelheid stoom die bij het productieproces van lijm vrijkomt. Deze kunnen vervolgens vervolgens door Hauert worden verwerkt tot hoogwaardige plantenvoeding. De RIG werd in het leven geroepen op aanraden van de Commissie Willems, die onderzoek heeft gedaan naar manieren om de chemiesector in het Eemsdeltagebied te stimuleren. Zowel de provincie Groningen als het Rijk stortten twintig miljoen euro in het fonds, dat niet alleen bedoeld is voor de chemiesector, maar ook voor andere innovatieve ondernemingen; zolang ze maar gevestigd zijn in de Eemsdeltaregio of op de Zernike Campus in Groningen.

BedrijvenBrainport en onderwijs gaan meer samenwerken Het hoger onderwijs en high tech bedrijven op de Brainport Industries campus gaan intensiever samenwerken. Op initiatief van onderwijsinstelling Fontys hebben TU/e, Summa College en verschillende bedrijven daarvoor een akkoord getekend. Het akkoord moet ervoor zorgen dat er meer wordt samengewerkt op het gebied van robotica, 3D-printing, sensortechnologie en high tech systems.

Shell schrapt 250 banen Shell schrapt nog minstens 250 banen in 2015 bij zijn Britse activiteiten in de Noordzee. Dat maakte het bedrijf eind maart bekend. In augustus vorig jaar kondigde Shell ook al een reductie van 250 arbeidsplaatsen aan. De maatregelen worden genomen vanwege de gedaalde olieprijs. Shell moet kosten besparen, efficiënter werken en de concurrentiepositie van haar activiteiten verbeteren.

Mijlpaal voor herbouw Shell Moerdijk

Gasopslag Bergermeer klaar voor gebruik Gasopslag Bergermeer van Taqa is op 1 april volledig in gebruik genomen. Met een werkvolume van 4,1 miljard kubieke meter is het Europa’s grootste vrij toegankelijke gasopslag. De werkzaamheden in de Bergermeer gaan nog wel enkele maanden door. Met een grote onderhoudsinstallatie worden de oude boorgaten afgesloten en onder het maaiveld afgewerkt. Om de overlast van deze werkzaamheden voor de omgeving net als eerder tijdens het boren van de nieuwe putten tot een minimum te beperken, zal het geluidsscherm tijdens deze werkzaamheden blijven staan. De verwachting is dat alle bouwactiviteiten halverwege 2015 klaar zijn.

Luchtalarm gaat verdwijnen

FOTO: SHELL

De herbouw van de MSPO-2-installatie op Shell Moerdijk heeft een mijlpaal bereikt. Een van de twee reactoren die vorig jaar juni bij een explosie sneuvelde, is weer terug. Met speciaal wegtransport is vrijdagavond de 22 meter hoge en ruim 33 ton wegende reactor aangekomen bij Shell Moerdijk. Op zaterdag is de reactor op zijn plek gehesen. De MSPO-2-installatie, die basischemicaliën voor kunststoffen produceert, wordt herbouwd op basis van het oorspronkelijke ontwerp en bevat een aantal noodzakelijke verbeterpunten die naar voren zijn gekomen uit intern onderzoek. Uit dat onderzoek blijkt dat een onverwachte reactie tussen ethylbenzeen en de katalysator bepalend is geweest voor de explosie. Door geen gebruik meer te maken van ethylbenzeen tijdens activatie van de katalysator is herhaling van een zelfde soort incident uitgesloten. Shell Moerdijk verwacht de fabriek tussen december 2015 en maart 2016 weer in bedrijf te kunnen nemen.

Het luchtalarm dat elke eerste maandag van de maand wordt getest, gaat waarschijnlijk verdwijnen. Het ministerie ziet een nieuw onderhoudscontract niet zitten. De kosten voor het beheer en onderhoud van de palen is bijna vier miljoen euro per jaar. Het onderhoudscontract loopt in 2017 af. Volgens het ministerie zijn er nu modernere communicatiemiddelen dan een sirene om mensen te waarschuwen, zoals sociale media en NL-alert.

Zeeland Refinery neemt hydrokraker twee weken uit bedrijf Zeeland Refinery neemt vandaag de hydrocracker voor twee weken uit bedrijf om katalysatormateriaal te vervangen. Dit moet eens in de anderhalf jaar gebeuren omdat het materiaal dan uitgewerkt is. Daarnaast worden ook onderhoudswerkzaamheden uitgevoerd aan onder andere compressoren, leidingwerk en warmtewisselaars. Ook zullen enkele installaties worden gereinigd en te geïnspecteerd. De hydrocracker wordt vanaf 23 april weer opgestart.

4

iMaintain 15

D Actueel.indd 7

21-04-15 15:16


NDT G6 Welders Bolt Tensioning Industrial Rope Techniques

Special Lifting

Samen kunnen we met de Service Master Plus en de Serviceman Plus uw systemen monitoren.

Painting Rescue Teams Paint Inspection

De Serviceman Plus is robuust, draagbaar en gemakkelijk in gebruik. U heeft de mogelijkheid om druk, flow en temperatuur in een oog opslag snel uit te lezen. De Serviceman Plus is ideaal voor gebruik bij mobiele en industriĂŤle systemen.

Heat Treatment

De Service Master Plus is een draagbaar multifunctioneel meetinstrument dat wordt gebruikt bij hydraulische toepassingen voor het meten van druk, temperatuur, flow en stroom / spanning. Men kan hiermee gegevens meten, volgen, analyseren en opslaan. Dit is zeer geschikt voor service/onderhoud werkzaamheden. Zowel de Serviceman Plus als de Service Master Plus kunt u uitlezen op uw computer.

Rope Access? SKY-ACCESS!

follow us:

T. +31 (0)88 - 12 33 600 WWW.SKY-ACCESS.COM

www.parker.nl

0030Imaintain05122014.indd 1

Advertenties IMA4.indd 8

21-11-14 14:03

21-04-15 15:40


ACTUEEL 9

‘Smart Industry brengt mkb honderdduizenden nieuwe banen’ Smart Industry gaat honderdduizenden nieuwe banen in het mkb opleveren. Dat is een van de conclusies van de schrijvers Ineke Dezentjé Hamming-Bluemink (voorzitter FME en voorzitter Team Smart Industry) en econoom Willem Vermeend (internetondernemer) in hun webboek ‘Smart Industry, Eat or be (B)eaten’. Zij willen met dit boek ondernemers inspireren om aan de slag te gaan met Smart Industry. De verdere opmars van digitalisering en nieuwe technologie zal de komende tien jaar de economische ontwikkeling en werkgelegenheid in Nederland bepalen. De combinatie van het internet met nieuwe technologie zoals 3D-printen, het 'internet of things', big data en robottechnologie leidt tot een nieuwe innovatieve industrie: Smart Industry. De opvatting dat door de inzet van robots werkgelegenheid verloren gaat, wordt door de auteurs tegengesproken. Vermeend en Dezentjé leggen aan de hand van praktijkvoorbeelden uit dat investeringen in robots in ons land per saldo juist extra banen opleveren, mede doordat werk dat in het verleden naar lagelonenlanden is verplaatst door robottechnologie weer renderend in ons land kan plaatsvinden. Het boek is een zogenoemd smart websiteboek. Het is voor iedereen gratis toegankelijk op www.smartindustry.info.

Werkzaamheden Oost- en Westsluis Heijmans start half april met werkzaamheden aan de Oost- en Westsluis in Terneuzen. De werkzaamheden aan de Oostsluis bestaan uit het wisselen van de deuren aan de binnen- en buitenzijde van de kolk met reservedeuren. De deuren uit de kolk worden geconserveerd en daarna opgeslagen als reserveset. Ook de cilinders zullen worden gedemonteerd voor revisie. Tijdens de werkzaamheden aan de Oostsluis worden tegelijkertijd werkzaamheden aan de Westsluis uitgevoerd. Begin juni wordt de tweede roldeur drooggezet om de looprails te vervangen. De wielen van de onderrolwagens zullen hierbij ook worden vervangen. Ook worden er nieuwe drijframen geplaatst. Verder vinden nog verschillende kleine werkzaamheden plaats op het sluizenterrein, zoals het verwijderen van rails en het vervangen van bestrating. De werkzaamheden duren tot half oktober.

Retrofit kranen besparen energie Oude kranen die bij scheepswerven in de betonindustrie en in de bulk- en handlingsector worden gebruikt, kunnen worden omgebouwd zodat ze langer mee kunnen en minder energie verbruiken. Schneider Electric en EPMC Europe hebben hun krachten gebundeld voor retrofit kranen. In Nederland worden nog steeds veel kranen ingezet die in de jaren zestig en zeventig zijn geproduceerd. Het is volgens Schneider Electric bij deze kranen niet alleen lastig om aan vervangende onderdelen te komen, ze zijn ook storingsgevoeliger en verbruiken teveel energie. Met modernisering kunnen deze kranen wel twintig tot zestig procent aan energiebesparing realiseren. De twee partijen bouwen de kranen om, leveren service, onderhoud en doen inspecties. Bij de kraanombouwprojecten plaatst EPMC Europe tijdelijk energiemeters op de kranen, zowel voor de ombouw en na de retrofit. Het doel hiervan is om de energiebesparing van de retrofit meetbaar te maken. Hiermee voorkomen bedrijven mogelijke boetes voor het teveel belasten van het milieu.

BEDRIJVENNIEUWS Herstelwerk aan kademuur Utrecht ligt voorlopig stil Eind maart zouden de herstelwerkzaamheden aan de ingestorte historische kademuur in Utrecht van start gaan. Maar het herstelwerk is al voor de start stilgelegd, omdat de aannemer in financieel zwaar weer is geraakt. De kademuur aan de Bemuurde Weerd stortte in het najaar van 2013 in en is sindsdien afgeschermd met hekken. Het is op dit moment onduidelijk of de aannemer, Van Halteren Infra Projecten BV, de klus nog zal kunnen uitvoeren.

StandardAero neemt DutchAero Services over DutchAero Services is verkocht aan het Amerikaanse StandardAero. Het Logistiek Centrum Woensdrecht (LCW) werkt met DutchAero Services (DAS) samen in een publiek private samenwerking (PPS) constructie voor het onderhoud van de F-16 motor en in de toekomst naar verwachting ook de motor van de F-35. StandardAero heeft een vestiging in Tilburg, waar onderhoud-, reparatie- en revisiewerkzaamheden worden uitgevoerd aan de motoren van civiele vliegtuigen.

Seizoensgebonden onderhoud aan windmolens vanuit Oostende Het hefschip Thor ligt sinds half april in de haven van Oostende en wordt de komende drie maanden ingezet voor onderhoudswerkzaamheden aan windmolenparken. Sinds een paar weken zijn seizoensgebonden onderhoudswerkzaamheden aan de windmolenparken C-Power, Northwind en Belwind bezig. Vanaf half februari tot nu telde Haven Oostende 247 uitvarende kleine onderhoudsschepen. Het operationeel houden van deze parken biedt werk aan tweehonderd mensen.Thor is een hefschip van zeventig meter lang en heeft een capaciteit van vijfhonderd ton.

uw mailbox? Al het nineuvoworsoninze nieuwsbrief op

iMaintain.info!

Meld u aa

4

iMaintain 15

D Actueel.indd 9

21-04-15 15:16


10 INTERVIEW

‘Water is het gewoon voor mij’

Hans Peters, Maintenance Manager of the Year 2015

4 15 iMaintain

I Interview.indd 10

Abonnees lezen meer op www.imaintain.info

21-04-15 15:39


INTERVIEW 11

De kwaliteit van water is door nieuwe diagnostische technologie steeds beter en nauwkeuriger te meten. De nieuwe Maintenance Manager of the Year Hans Peters van waterbedrijf Dunea is daar heel blij mee. Wel vindt hij dat de nieuwe technologie zo moet worden ingezet dat het geen extra druk op de onderhoudsorganisatie legt, maar die eerder juist versterkt. ‘We moeten er echt uithalen wat er in zit.’

Wim Raaijen

Bescheiden, misschien wel introvert. Zo zou je Hans Peters op het eerste oog willen karakteriseren. Ook tijdens de verkiezing van de Maintenance Manager of the Year, eind maart tijdens het iMaintaincongres, stond hij ’s avonds wat schuchter op het podium. Zelfs toen bekend werd dat hij de uitverkorene was. Het is wel duidelijk: het liefst staat hij buiten de spotlampen. Toch accepteerde hij het ongemak van al die aandacht, want spijt van zijn deelname heeft de Maintenance Manager of the Year 2015 allerminst. Ja, hij moest van tevoren wel even overtuigd worden, maar hij vond het proces uiteindelijk heel motiverend en de juryleden toonden zich echt geïnteresseerd. Peters: ‘Het heeft onze afdeling veel gebracht. Zo zijn we bijvoorbeeld zichtbaarder geworden voor het hoofdkantoor. En de afdeling communicatie kon eindelijk wat met onze onderhoudsactiviteiten. Dunea heeft ook veel de publiciteit met de verkiezing gezocht en gevonden.’ Als je één op één met hem spreekt en als het dan ook nog over water gaat, dan verdwijnt zijn schuchterheid als sneeuw voor de zon. Dan vertelt hij gepassioneerd en zonder enige gêne over de volle breedte van de drinkwatervoorziening, en het liefst zelfs nog breder. ‘Water is het gewoon voor mij’, bekent hij direct. Alles

FOTO’S: WIM RAAIJEN

in de carrière van de van oorsprong Brabander, heeft dan ook te maken met water. Toen hij aan het begin van zijn loopbaan op de vaart zat, later in de offshore en nu als maintenance manager bij drinkwater Dunea. Zijn standplaats is nu in de duinen, een paar honderd meter verwijderd van de zee. ‘Om hier goed te kunnen werken moet je bevlogen zijn. We hebben met grote maatschappelijke verantwoordelijkheden te maken. Daar merk je in ons gebied, het westelijke gedeelte van Zuid-Holland, misschien nog wel meer van dan elders. Wanneer er bijvoorbeeld een politieke top is, wordt alles uitvoerig gecheckt.’

Flora en fauna Dunea heeft overigens niet alleen de verantwoordelijkheid over de drinkwatervoorziening tussen het noorden van Rotterdam tot en met de Bollenstreek, ook valt het beheer van de duingebieden waar de zuivering plaats heeft onder het bedrijf. Peters vindt die brede focus een groot voordeel. ‘Doordat we vanuit verschillende disciplines de verantwoordelijkheid hebben voor zowel het drinkwater als de natuur, kunnen we met meer factoren tegelijk rekening houden. Respect voor de natuur is heel belangrijk voor een drinkwaterbedrijf in de duinen. Als afdeling doen we bijvoorbeeld geen groot onderhoud aan de installaties in het broedsei-

We moeten er alles aan doen om te voorkomen dat mensen zonder drinkwater komen te zitten. Maar het moet allemaal natuurlijk wel betaalbaar blijven.’ 4

iMaintain 15

I Interview.indd 11

21-04-15 15:39


12 INTERVIEW

Gezamenlijke verantwoordelijkheid zorgt er voor dat we goed ingespeeld blijven op de veranderende technische processen.’

zoen. Dat loopt van april tot augustus. Grote onderhoudsklussen plannen we dus in het najaar en de winter.’ Door de balans tussen natuur, recreatie en waterwinning goed te bewaren is de flora en fauna in het duingebied de afgelopen tijd zelfs ten positieve veranderd. Verschillende plantensoorten en zelfs dieren doen het beter dan voorheen.

Realtime In zijn functie staat alles in dienst van de kwaliteit van het drinkwater. De infrastructuur en de technische installaties moeten in goede staat worden gehouden. Dat om de kwaliteit van het drinkwater te borgen tegen acceptabele kosten. ‘Veel systemen zijn dubbel uitgevoerd. We moeten er alles aan doen om te voorkomen dat mensen zonder drinkwater komen te zitten. Maar het moet allemaal natuurlijk wel betaalbaar blijven. We zijn continu op bezoek naar de balans.’ Daarbij komt dat de lat steeds hoger wordt gelegd. Hoewel het drinkwater in Nederland op beduidend meer criteria wordt gecheckt dan bronwater, zal de

controle op de veiligheid van het water alleen maar strenger en gedetailleerder worden. Nieuwe technologie op het gebied van bijvoorbeeld sensoren maakt het mogelijk om steeds nauwkeuriger te meten en sneller analyses te doen. Peters: ‘Als we nu een monster nemen moeten we nog drie dagen op de uitslag wachten. Straks moet dat realtime kunnen. Ik verwacht dat we binnen vijf tot tien jaar met name aan het begin en aan het einde van onze processen online en realtime de kwaliteit van het water kunnen meten.’

Rivierwater Mede als gevolg van de technische mogelijkheden leggen waterbedrijven zelf ook de lat steeds hoger. Peters: ‘De watersector ontwikkelt momenteel een hygiënecode, die ons op het niveau van de levensmiddelenindustrie moet brengen. Het wordt bijvoorbeeld steeds gemakkelijker om lage concentraties hormonen, medicijnen of andere vervuiling te meten. En daar moeten we naar handelen.’ Zo moet de kwaliteit van het water dat wordt onttrokken uit de Maas bij Brakel

nog beter worden geanalyseerd voordat het de processen in gaat. Ruim tachtig procent van het uiteindelijke drinkwater haalt Dunea uit deze rivier. Het rivierwater wordt na enkele voorbehandelingen in Bergambacht, twee maanden lang in de duinen gezuiverd voordat het na nog enkele behandelingen in het drinkwaternet terecht komt. Maaswater is kwalitatief beter dan water uit andere rivieren. Traditioneel staat er minder industrie aan de Maas en dat de rivier vooral regenwater bevat, heeft ook invloed. Peters: ‘In 2014 hebben we toch enkele weken moeten uitwijken naar ons eerste alternatief, water uit de Lek. In de Afgedamde Maas waren verhoogde concentraties van een schimmelbestrijdingsmiddel geconstateerd, geloosd door de glastuinbouw. Hierop zijn passende maatregelen getroffen. Ook vindt er intensief overleg plaats met de gemeenten in de Bommelerwaard met name om herhaling in de toekomst te voorkomen.’

Besmetting Het wordt met innovatieve technologie steeds gemakkelijker om vervuiling te constateren en de herkomst daarvan te bepalen. Toch zijn er nog forse stappen te maken om op het controleniveau van bijvoorbeeld de levensmiddelenindustrie te komen. Vooral de respons kan sneller.

4 15 iMaintain

I Interview.indd 12

21-04-15 15:39


INTERVIEW 13

En het zal ook steeds beter mogelijk zijn om tijdens de processen eventuele vervuilingen te detecteren. ‘Als het water bijvoorbeeld vervuild raakt wanneer het zich in de duinen bevindt, dan willen we weten waar de vervuiling vandaan komt. Wordt die bijvoorbeeld veroorzaakt door de uitwerpselen van dieren in de duinen? Evengoed kan een besmetting uit de organisatie zelf komen. Nu al moeten we mensen naar huis sturen als ze bijvoorbeeld een virus hebben opgelopen. Straks kunnen we zulke zaken direct meten en minder aan het toeval overlaten. Meten is weten.’

Toenemende druk Hoewel Peters enthousiast is over de voortgang van de technologie en de nieuwe mogelijkheden, plaatst hij ook zijn kanttekeningen. Zo komen zijn medewerkers steeds verder van de processen zelf af te staan. ‘Ze kunnen thuis inmiddels op een laptop het hele waterzuiveringsproces volgen. We hoeven niet continu aanwezig te zijn. Dat is natuurlijk geweldig, maar we verliezen ook wel een beetje het contact met de installaties.’

I Interview.indd 13

In het verleden konden technici horen of bijvoorbeeld ruiken als er iets met installaties aan de hand was. Dat komt volgens Peters steeds minder voor. ‘Het is daarom belangrijk dat mensen van verschillende disciplines veel met elkaar optrekken. Gezamenlijke verantwoordelijkheid zorgt er voor dat we goed ingespeeld blijven op de veranderende technische processen.’ Echt zorgen maakt Peters zich over de toenemende druk die momenteel ontstaat op de technische organisatie. ‘De afgelopen jaren hebben we het steeds efficiënter willen doen. Budgetten voor onderhoud werden teruggeschroefd. We moeten het ook met minder mensen doen. Doordat waterbedrijven met betere technologie de lat steeds hoger kunnen en willen leggen, zal de druk op de organisatie alleen maar verder toenemen. Het is goed om je te verbeteren, maar je moet het wel kunnen behappen.’

GPS Een deel van de oplossing ligt misschien wel in de juiste inzet van die moderne technologie zelf. ‘Door beter en gerichter te meten, kunnen we ook beter reageren.

Het is goed om je te verbeteren, maar je moet het wel kunnen behappen.’

We moeten betere monitoring juist inzetten om effectiever te anticiperen.’ Dat geldt ook voor de monitoring van de technische onderdelen. ‘Door pompen en motoren beter te monitoren kunnen we ook adequaat en op het juiste moment ingrijpen.’ Ook bij de interpretatie van de meetwaarden liggen uitdagingen. De gegevens die uit de metingen voort komen moeten snel en goed door de geautomatiseerde systemen worden geanalyseerd en gepresenteerd. ‘De informatie moet door de technici gemakkelijk zijn te interpreteren, om er snel en effectief actie op te kunnen ondernemen.’ Het zou technische mensen bij waterbedrijven ook helpen als er eindelijk betere standaards komen voor geografische informatie. ‘Tot voor kort was er grote diversiviteit bij alle belanghebbenden en gebruikers in de toepassing van geografische informatiesystemen (GIS). De brandweer, Basisregistratie Gebouwen, het Kadaster, ze hielden allemaal hun eigen methoden aan. Nu vindt serieuze toenadering plaats en worden standaards gestimuleerd. Als dat meer op elkaar is afgestemd, zijn GISsystemen en GPS veel effectiever in te zetten. We hoeven dan minder bewerkelijke tekeningen bij te houden en kunnen wijzigingen in de infrastructuren direct digitaal beschikbaar stellen.’ ■

4

iMaintain 15

21-04-15 15:39


14 IMAINTAIN 2015

Business case Tebodin: FMECAHAZOPLOPARCMRAM De verzameling letters in de titel verwijst naar asset management studies en functional safety studies die vaak gescheiden worden uitgevoerd. Als deze studies worden gecombineerd, geeft dat een effectievere studie. Dat vertelden medewerkers van Tebodin tijdens een business case op iMaintain 2015.

Dagmar Aarts

Tebodin heeft veel disciplines. Het bedrijf kijkt zowel vanuit safetycomponenten als vanuit asset management naar installaties. Volgens Jac de Boer (senior consultant asset management & maintenance) is er maar weinig interactie tussen die twee verschillende disciplines, terwijl ze elkaar toch voor een deel overlappen. ‘Onze stelling is dat een studie effectiever wordt als je safety studies integreert met asset management.’ Hij legt uit: ‘We kunnen vanuit safety met een maintenancebril gaan kijken en andersom. Uiteraard kun je een efficiencyslag halen doordat je niet dezelfde stappen iedere keer herhaalt, maar de kennis en informatie gebruikt voor vervolgstudies. In een HAZOP- en RCM-studie zit bijvoor-

beeld overlap. Denk daarbij aan informatie en kennis die mensen delen.’

Optimaliseren Tebodin wordt vaak ingehuurd om een aparte HAZOP of FMECA te doen. Steeds vaker doen ze die studies tegelijk om zo een optimalisatieslag te maken. De Boer: ‘De kennis die we met een HAZOP opdoen verwerken we meteen in een FMECA. Ook de input vanuit een SIL LOPA-studie voeren we meteen in de FMECA in en dat komt ook meteen in je onderhoudsprogramma. Door met asset owners in gesprek te gaan, kunnen er denk ik steeds meer studies worden gecombineerd.’ Brendan Kleer (reliability consultant) geeft

Van procesdata naar procesverbetering Tijdens de business case ‘Van procesdata naar procesverbetering’ vertelde Cofely hoe digitalisering van processen invloed kan hebben op voorspelbaar onderhoud. Een belangrijk onderdeel hierbij is de introductie van analysetool Davis. In een gemiddelde operatorroom ligt een schat aan informatie over de processen van een fabriek. Die informatie uit het DCSsysteem (Distributive Control Systems) zou ook kunnen worden gebruikt om de werking en de conditie van de assets te monitoren. De uitdaging daarbij is om uit de data de juiste informatie te halen om iets te kunnen zeggen over de prestaties van de assets. Cofely ging die uitdaging aan. Om zinnige informatie uit de gigantische hoeveelheden data te halen, moesten analytische programma’s gekoppeld kunnen worden aan de kennis van de operators en de onderhoudsexperts. Samen met Hogeschool Rotterdam heeft Cofely onderzocht of eenvoudige procesdata zoals temperatuur, druk of doorstroming konden worden gebruikt om voorspellingen te doen over de conditie en het falen van een asset. Theoretisch bleek dat te kunnen. Maar om echt zeker te zijn, namen ze bij Emerald Kalama de proef op de som. Emerald Kalama had een pompinstallatie die bij tijd en wijle problemen gaf. Tijdens de eerste stap van de proef werd bepaald welke procesparameters iets zouden kunnen zeggen over de conditie en werking van de pomp. De onderzoekers

4 15 iMaintain

J Busicase.indd 14

kwamen uit op een zestal parameters die de juiste informatie gaven. Toen deze waren bepaald, kon er worden nagedacht over het model dat de samenhang tussen de verschillende parameters beschrijft. Om afwijkingen te kunnen vinden, moet je het model eerst inleren met data over een periode dat de pomp goed draaide. Toen dat model er was, kon de data worden vergeleken met de metingen tijdens een slechtere periode. Het is daarmee uiteindelijk gelukt om de eerstvolgende faaloorzaak te voorspellen. Het bleek dat de gegevens die uit de procesdata waren gedestilleerd precies overeenkwamen met de daadwerkelijk gemelde problemen met de pomp. Uiteindelijk geeft het model inzicht in de conditie van assets met een voorspelling van faalmoment en faaloorzaak. En door een live-koppeling met het DCS-systeem vindt de monitoring continu plaats. In het geval van de pomp was de oorzaak van zijn onvoorspelbare gedrag met name dat hij structureel met een te laag debiet draaide. De beste oplossing was dan ook de pomp te vervangen voor een kleiner model. Inmiddels is Cofely bezig het Data Vision systeem ‘Davis’ toe te passen bij meerdere klanten. Lees meer over de proef bij Emerald Kalama in iMaintain 02 van dit jaar.

Abonnees lezen meer op www.imaintain.info

21-04-15 15:41


FOTO: GIJS HOEKSTRA

IMAINTAIN 2015 15

een voorbeeld van een bedrijf waar de studies zijn gecombineerd. ‘Bij Janssen pharmaceutica in Geel zijn we gestart om vanuit de Seveso-richtlijn de ongeveer vijftig reactoren opnieuw te bekijken. We onderzoeken wat er aan safety mist en zorgen dat de safetymiddelen werken door goed onderhoud.’

‘Het scheelt best wel veel tijd als je met elkaar optrekt en informatie deelt.’

Studies Kleer: ‘Ik faciliteer de studies om te kijken welk onderhoud we moeten doen, zowel op de safeguarding die vanuit Sevesorichtlijn komt als alle wijzigingen aan installaties of nieuwe installaties. Voor alle projecten die daar lopen hebben we

Begrippenlijst HAZOP: Een Hazard and Operability Study is een veelvuldig gebruikte methode voor het beoordelen van potentiële risico’s en gevaren bij industriële installaties. LOPA: De Layer Of Protection Analysis wordt gebruikt om risicoanalyses te doen. SIL: Safety Integrity Level is een methode om vast te stellen of aanwezige functionele veiligheden voldoende veiligheid en risicoreductie garanderen. RCM: Reliability Centred Maintenance is een methode om structureel van ieder onderdeel van de installatie vast te leggen wat de prestatievereisten zijn om daar vervolgens het vereiste onderhoud te baseren. FMECA: Failure Mode Effect & Criticality Analysis is een stappenplan voor de risicoanalyse en -beoordeling van bedrijfsmiddelen. Een FMECA wordt vaak toegepast als onderdeel van RCM, maar kan ook binnen andere onderhoudsmethodieken worden gebruikt.

een procedure geschreven over waar een onderhoudsstudie moet gebeuren. Er was al een procedure dat er een veiligheidsstudie moet gebeuren. Alle nieuwe componenten moeten in het CMMS (Computerized maintenance management system, red.) komen te staan voor de in dienst

stelling van de installatie.’ Tegelijkertijd zijn Kleers collega’s van de afdeling veiligheid bezig met HAZOP-studies. ‘We noemen het HAZOP, maar eigenlijk gebeurt er meer in’, zegt Kleer. Er wordt zowel een HAZOP-, als een LOPA-studie en een SIL-assessment in één studie gedaan.’

4

iMaintain 15

J Busicase.indd 15

21-04-15 15:42


Uw water, onze zorg!

BIZZ56'' De nieuwe standaard in webvertising Presenteer uw bedrijf, innovatie of project volgens de nieuwe standaard in webvertising: BIZZ56”. Vertel uw verhaal in uw eigen creatieve film van 56 seconden en de boodschap komt aan! Het doordachte stramien van BIZZ56” zorgt ervoor dat u en de filmers zich kunnen concentreren Al ruim 30 jaar is Lubron dé specialist in waterbehandeling. op het communicatieve en creatieveontwikkelen deel van Met hedendaagse technieken wij voor iedere specifieke toepassing een optimale oplossing. uw boodschap. Bovenal zorgt BIZZ56” voor een snelle,werkwijze complete en dietussen apparatuur, Onze is eigentijdse een goed boodschap samenspel additieven Daarmee de aandachten vanservice. uw doelgroep tot het zijn eindewij uniek, want wij: ontwikkelen en maken zelf apparatuur op maat voor vasthoudt. BIZZ56”-video’s zijn multi-inzetbaar: uw toepassing; op uw website, zelf via smartphones en tablets op optimale formuleren de additieven voor en een conditionering; social media. hebben zelf ons eigen serviceteam dat uw installatie 24 uur per dag en in heel Nederland in optima forma kan houden. Dat geeft zekerheid.

Apparatuur

Verrijk uwheeft teksten,deadvertenties en commerciële Lubron kennis en de middelen om voor u vrijblijvend systeemscans te voeren voor bestaande boodschappen met een BIZZ56”uitvideo en ofintegreer nieuwe te realiseren systemen. tekst, beeld en online voor een Daarmee krijgt u een goed beeld of het systeem (nog) voldoet aan de huidige crossmediale boodschap. regelgeving en de laatste stand der techniek. Uw eerste stap: www.lubron.eu.

Meer weten?

Klant

Additieven

Service Als

dit icoon bij een afbeelding staat, bekijk dan het bijbehorende filmpje door met uw smartphone of tablet de foto te scannen met de iLinqs app. U vindt de gratis iLinqs app in de appstore voor andriod en apple.

BIZZ56”is een product van Movielinqs video & virals. iLinqs is een app van Industrielinqs pers enB.V. platform Lubron Waterbehandeling Mechelaarstraat 38 4903 RE Oosterhout Tel 0162 426931 Fax 0162 459192 www.lubron.eu

Neem contact op met Gijs Hoekstra (06 42 24 53 85) of movielinqs@industrielinqs.nl

_A5_liggend_bizz56.indd 43

22-10-14 09:25

iMaintain.info

geeft nog meer waarde voor uw geld Meer nieuws dan ooit • • • • • • • •

Actuele berichtgeving over de gehele onderhoudssector Alle productinnovaties overzichtelijk bij elkaar Volledig evenementenoverzicht Online catalogi met producten en diensten Multimediale bedrijfspresentaties Tweewekelijkse Nieuwsbrief Live twitter updates LinkedIn interacted

iMaintain-abonnees krijgen meer • De nieuwste iMaintain staat een week voor verschijnen online • Abonnees krijgen toegang tot alle eerder verschenen artikelen • Volg de status van nieuwe projecten en uitbreidingen in de projectendatabase • Ga naar www.imaintain.info en kies abonneren

Ga direct naar imaintain.info en blijf iedereen voor 56-59_MO_NVDO_ Roosterinterventie.indd 58 Advertenties IMA4.indd 16 _adv_www_iMaintain-A5.indd 43

26-11-14 10:44 21-04-15 20-10-14 15:40 14:33


IMAINTAIN 2015 17

VDM Dashboard geeft waarde weer van onderhoudsinterventies Sitech Services speelt al in de hogere regionen van de onderhoudsdienstverlening, maar het bedrijf heeft behoorlijke ambities en wil zijn dienstverlening nog meer verbeteren. Het technisch servicebedrijf levert zijn diensten onder meer aan DSM, OCI Nitrogen en Lanxess die allen zijn gevestigd op het Chemelot terrein in Geleen. Een volgende stap in die professionaliseringsslag is de introductie van het VDM Dashboard, dat de Value Driven Maintenance-methodiek ondersteunt die maintenance-expert Mainnovation ontwikkelde. Sitech wilde per se geen management dashboard waar de directie eens in de maand een overzicht kon krijgen van de behaalde prestaties, maar een dashboard voor de gehele organisatie zodat men op ieder niveau kon bijsturen als KPI’s onder de maat bleven. Rob de Heus van Sitech: ‘In het verleden waren we veel tijd kwijt met verzamelen van data en ontstonden veel discussies over de oorzaak van falende assets. Nu hebben we één dashboard voor iedereen waar alle objecttypes worden getoond en waar je ook direct een overzicht krijgt van de derving per asset. Daarmee zie je direct de waarde van correctieve, maar ook van de preventieve onderhoudsinterventies. Je kunt bijvoorbeeld een doorsnede opvragen van de pompen en op die manier kom je er heel snel achter welke pompen onder de maat presteren. Op die manier hebben we vorig jaar een bad actor kunnen traceren die een significant effect had op de totale prestatie van de fabriek. Uiteindelijk hebben we ook de achterliggende oorzaak voor die slechte prestaties kunnen herleiden en inmiddels presteert de fabriek weer goed.’ Sitech zet hoog in op condition based maintenance. Volgens reliability engineer Roel Verkerk is die keuze ook eenvoudig te verantwoorden naar het management omdat CBM behoorlijke kostenreducties kan opleveren. ‘In 2012 hebben we een analyse uitgevoerd bij onze opdrachtgevers en we zagen dat de machines en installaties waarvan de conditie het intensiefst werd gemonitord ook het beste presteerden. Bovendien kwamen we tot de conclusie dat het preventieve onderhoud dat dankzij de conditiemonitoring kan worden uitgevoerd 25 tot

Uit die studies komen maatregelen om de veiligheid te garanderen van de reactor van een opslagtank en equipment die ze daar hebben. Dat is vervolgens input voor een RCM-studie. Kleer: ‘Maar die is best wel uitgekleed, want het gaat alleen over veiligheidsequipment. Doordat we met elkaars input werken, kunnen we een aantal stappen geïntegreerd doen. Als input heb je namelijk exact dezelfde data nodig. Misschien heb je alleen nog een extra document nodig. We delen die informatie met elkaar en we doen gezamenlijk een kick-off. We gaan ook naar de plant toe om te kijken waar we over praten. We spreken dezelfde mensen op een enkeling na.’

vijftig procent goedkoper is dan correctief onderhoud. Een realistische schatting is dan ook dat investeringen in CBM op kritische onderdelen tot een kostenreductie van twaalf tot 25 procent kan leiden.’ CBM stopt overigens niet bij het meten van trillingen, temperaturen of bijvoorbeeld de smeeroliekwaliteit. ‘Uiteindelijk gaat het om de interpretatie van de metingen en het achterhalen van de oorzaak van een afwijking. Als een pomp teveel trilt als gevolg van onbalans, kun je dat interpreteren als een smeerprobleem en daar actie op ondernemen. Toch zal je vaak dieper moeten graven en je afvragen waarom je een smeerprobleem had of waarom er onbalans in de pomp zit. Uiteindelijk hebben we met een thermografische camera precies kunnen zien waar de frictie zat en dat de oorzaak daarvan een verkeerde uitlijning was. We hebben er niet alleen melding van gemaakt en actie uitgevoerd, maar ook geadviseerd om in het vervolg toch zo’n pomp uit te lijnen met een laser. En zo doen we constant inspectierondes, nu nog met lijsten, maar straks ook met tablets, en blijven zo grip houden op de conditie van de meest kritische assets.’

Verschillen Omdat veiligheidsmensen en asset managementmensen dezelfde informatie gebruiken en dezelfde mensen moeten spreken, werd bedacht om maar één sessie te houden voor beide groepen. Maar dat blijkt bijna onmogelijk, omdat de bril van de veiligheidsconsultant toch anders is dan de asset management bril. Daarom moest er wel een aparte HAZOP-sessie en een aparte RCM-sessie zijn. Een verschil is bijvoorbeeld dat in safetystudies ook het menselijk falen wordt meegenomen, dus het handelen van operators en onderhoudsmensen. In RCM-studies wordt dat weer niet meegenomen. De conclusie van Tebodin is dat het ‘best

‘Een studie wordt effectiever als je safety studies integreert met asset management.’

wel veel tijd scheelt’ als je met elkaar optrekt en informatie deelt. De tijdswinst wordt geschat op vijftien procent. Daarnaast krijg je doordat je met elkaars input werkt duidelijke referenties naar elkaars documenten. Doordat veiligheid en onderhoud andere uitganspunten en prioriteiten hebben, kun je elkaar ook weer controleren.

4

iMaintain 15

J Busicase.indd 17

21-04-15 15:42


18 IMAINTAIN 2015

Odfjell wil van achterblijver naar koploper Tankopslagbedrijf Odfjell Terminals Rotterdam (OTR) wil van het slechte imago af en het beste jongetje van de klas worden. Volgens managing director Theo Olijve komt het vertrouwen in het bedrijf langzaam terug. Odfjell is er nog niet, maar er zijn flinke stappen gemaakt. De operationele integriteit van de terminal is goed en nu gaat de aandacht uit naar het verder verbeteren van de bedrijfscultuur.

Dagmar Aarts

Toen Odfjell in 2012 in zwaar weer kwam, werkte Theo Olijve bij LyondellBasell. In totaal werkte hij daar 21 jaar, daarvoor was hij in dienst van Exxon Chemical. Het vertrouwen in Odfjell was ernstig geschaad. Olijve was klant bij het tankopslagbedrijf en merkte hoe moeilijk het was om zaken te doen met ze. Hij maakte zich zorgen over de chemische industrie in de Rijnmond, omdat die is gebouwd op onderlinge integratie. Er zijn veel pijpleidingen die bedrijven verbinden en onderlinge samenwerking is essentieel. Als een belangrijke schakel in de keten niet functioneert, levert dat een groot probleem op en veel schade voor andere bedrijven. Hij wilde helpen. Olijve besloot, toen hij gevraagd werd om

managing director te worden van het in diskrediet geraakte OTR, om de baan te accepteren om de terminal om te vormen tot een koploper in de sector. ‘Ik zocht een nieuwe uitdaging. Je moet jezelf scherp houden en gebruik kunnen maken van je kennis en kunde. Ik vind het bijzonder leuk om heel veel contacten te hebben met externe partijen en overheidsinstanties en dat heb je hier.’ Hij was niet de enige die deze uitdaging zag zitten. Een aantal medewerkers van LyondellBasell en andere chemiebedrijven zegden hun goede baan op en verhuisden met hem mee naar een bedrijf dat er op dat moment financieel moeilijk voor stond en grote problemen had. Waarom? ‘Voor de uitdaging’, zegt Olijve.

Wat gebeurde er bij Odfjell? Odfjell raakt in 2012 in opspraak, omdat het bedrijf onder meer een groot incident had verzwegen waarbij tweehonderd ton brandgevaarlijk butaangas was ontsnapt uit een tank. Daarna staat het bedrijf onder verscherpt toezicht van DCMR, de Inspectie SZW en de Veiligheidsregio Rijnmond. Tegen Odfjell loopt ook een strafrechtelijk onderzoek. Bedrijven zijn verplicht incidenten onmiddellijk te melden bij de betrokken autoriteiten in het gebied. In maart 2012 schreef milieudienst DCMR een kritisch rapport over de tankterminal van Odfjell in het Botlekgebied. De pers pikte de berichtgeving op, deed er nog een schepje bovenop en maakte het publiek zo bang dat de Rotterdamse politiek zich ermee ging bemoeien. Die liet zich overtuigen van de goede intenties van de leiding van het bedrijf en liet weten te vertrouwen op de maatregelen die al waren ingezet om de veiligheidsrisico’s te beperken. Toch was daarmee de kous niet af. Het bedrijf ligt op een petrischaal en ieder nieuw incident wordt aangegrepen om opnieuw de vinger beschuldigend richting het chemiecluster in de Botlek in het algemeen en Odfjell in het bijzonder te wijzen. Ook de landelijke politiek kreeg lucht van de zaak en er werden zelfs Kamervragen gesteld. Een artikel in het Algemeen Dagblad, waarin de hele Rotterdamse industrie er van langs kreeg, speelde daar een rol

4 15 iMaintain

K Odfjell.indd 18

in. Niet alleen het beleid van Odfjell, en het veiligheidsniveau van de industrie als geheel werden aan de kaak gesteld, maar vooral ook de controlerende instanties kregen het verwijt steken te laten vallen. Ondertussen ligt Odfjell nog steeds onder het vergrootglas bij de DCMR. Eind juli 2012 verplichten DCMR en de Veiligheidsregio Rotterdam-Rijnmond Odfjell ertoe om vijf tanks leeg te pompen. De tanks moeten leeg blijven totdat er met een test is aangetoond dat de koel- en blusvoorzieningen in orde zijn. Niet veel later wordt het hele bedrijf stilgelegd. Het is vooral de Provincie Zuid-Holland die aandringt op volledige sluiting. Odfjell gaat als eerste alle brandblusvoorzieningen testen voordat het bedrijf weer operationeel wordt. De Onderzoeksraad voor Veiligheid (OVV) start een onderzoek naar het Rotterdamse Odfjell. De OVV gaat kijken naar de rol die alle partijen hebben gespeeld, de vergunningverlening, inspecties en handhaving. Nog steeds is Odfjell niet van onderzoeken en inspecties af. Dit jaar heeft de Nationale Ombudsman een onderzoek ingesteld om te onderzoeken of het Openbaar Ministerie en de politie op een goede manier zijn omgegaan met de klachten van een man die misstanden bij Odfjell aan het licht bracht. Op dit moment draait nog maar zestig procent van de terminal.

Abonnees lezen meer op www.imaintain.info

21-04-15 15:42


FOTO’S: ODFJELL SE EN GIJS HOEKSTRA

IMAINTAIN 2015 19

Mis Als OTR in 2012 door het moederbedrijf wordt stilgelegd, vraagt Olijve zich af hoe dat kan. Het Noorse moederbedrijf Odfjell SE heeft een geweldige reputatie en het tankopslagbedrijf in Rotterdam heeft alles wat je kan wensen. OTR heeft een opslagcapaciteit van 1,6 miljoen kuub, kan mengen, kan van bulk kleine vrachten maken en andersom en heeft als een van de weinige terminals een destillatieeenheid op het terrein staan. Daarnaast is er logistiek ook van alles mogelijk. Olijve: ‘Hoe kan het dat je alles hebt en dan zo in het nieuws komt?’

‘Zorg voor een open cultuur en voor een luisterend oor.’ Om die vraag te beantwoorden, moeten we even een stap terug in de tijd nemen. In 2000 neemt Odfjell de tankopslagterminal in de Botlek over van Paktank. Het is bekend dat de terminal onderhoud nodig heeft en echt moet worden aangepakt. De terminal staat bekend om zijn flexibiliteit. Als er nog

geen leiding lag, werd die wel gemaakt. Olijve: ‘Daarmee maak je de terminal flexibeler, maar ook complexer. Er is alleen maar bijgebouwd, waardoor het voor het personeel bijzonder moeilijk is om alles op orde te houden en producten goed te behandelen. Ook zijn er veel vergunningswijzigingen geweest, waardoor het onduidelijk is waar Odfjell aan moet voldoen.’

Doofpot De organisatie is vanuit het verleden erg commercieel aangestuurd. De terminal moest goed draaien. Dat lukte en de inkomsten waren uitstekend. De reactieve bedrijfscultuur heeft meegespeeld bij de neergang van Odfjell. Problemen werden opgelost als ze zich voordeden, maar zijn onvoldoende opgepakt om er van te leren. ‘Van 2000 tot de stillegging in juni 2012 is er van alles gebeurd. Kleine incidenten en grote incidenten’, zegt Olijve. ‘Er zijn wel klachten geweest vanuit het personeel. Die zeiden dat ze op deze manier niet wilden werken, maar daar is te weinig naar geluisterd. Dan moet je je afvragen hoe open de cultuur binnen het bedrijf is. Op een geven moment leert het personeel met de problemen leven en

worden incidenten normaal. Dat is een valkuil. Er ontstaat een doofpotcultuur als werknemers hun probleem niet meer kwijt kunnen.’

Maatregelen Odfjell moet het vertrouwen van andere bedrijven en van de overheid weer terugwinnen. En dat is moeilijk als je zo negatief in het nieuws bent geweest. Olijve neemt na zijn komst daarom drastische maatregelen. Er wordt een compleet nieuw managementteam geïnstalleerd. Hij formeert een team dat zich continu op verbeteringen en operational excellence kan richten. De beste mensen uit de organisatie worden anderhalf jaar vrij gemaakt om het managementsysteem van onderaan op te bouwen. Er komt een grote reorganisatie en een nieuwe CAO. Hij beslist ook om alle nieuwbouwprojecten tijdelijk te stoppen. Olijve: ‘Dat heeft bijzonder veel pijn gedaan voor het bedrijf, want daarmee zet je de boel stil. Ik vond dat de enige optie. Daarnaast moest ik ook voor transparantie zorgen. Daarom heb ik ingesteld dat we alles aan de overheid melden. Al liep er maar ergens een druppel uit een slang. Als je dat niet doet, zet je de overheid meteen

4

iMaintain 15

K Odfjell.indd 19

21-04-15 15:42


20 IMAINTAIN 2015

op achterstand als er vragen worden gesteld of een klokkenluider op staat.’ Daarnaast is veel tijd besteed aan het duidelijk maken van de verantwoordelijkheden en het creëren van eigenaarsschap. Als niemand eigenaar is, neemt niemand verantwoordelijkheid is het idee van Olijve. Ook is aandacht geschonken aan een optimale samenwerking tussen afdelingen. ‘Je hebt een probleem als je onderhoudsafdeling niet goed samenwerkt met je operatie- en inspectieafdeling.’

ISO-certificering Massa’s inspecteurs kwamen de afgelopen jaren over de vloer bij Odfjell in de Botlek. Er werd wel gezegd dat OTR het best gecontroleerde en meest veilige bedrijf was in de regio. Die inspecties kosten gigantisch veel tijd, maar zijn volgens Olijve wel hard nodig om te groeien. Op een gegeven moment neemt hij een radicaal besluit. Hij stopt tijdelijk met het ISOcertificaat. ‘Mijn perceptie was dat wij in

2013 nog niet goed genoeg waren voor het ISO-certificaat. We zijn wel doorgegaan alsof we dat certificaat hadden. We hebben een jaar lang de tijd genomen om met een nieuw managementsysteem alles op te zetten. Op deze manier geef je niet alleen aan dat je zo’n certificaat wilt hebben, maar ook dat je er naar wilt leven.’

niet gedaan. Odfjell is een familiebedrijf en de trots is enorm. Ze hebben ervoor gekozen om door te gaan. Odfjell is voor 51 procent eigenaar van de terminal, de andere eigenaar is de private investeerder Lindsay Goldberg. Beide partijen kiezen ervoor om op te bouwen. Voor mij is dat de reden om met een nieuw team te laten zien dat dat kan.’

‘Op een gegeven moment moet je

Toekomst

de kans krijgen om weer door te gaan.’ Een belangrijke reden om de baan bij Odfjell aan te nemen was voor Olijve dat de aandeelhouders door wilden gaan en wilden blijven investeren in de toekomst. ‘Het makkelijkste dat ze hadden kunnen doen, was om niet meer mee te betalen en het bedrijf te stoppen. Dat hebben ze

Odfjell is op de goede weg. Klanten komen terug, het bedrijf kreeg complimenten van de Rotterdamse gemeenteraad en de ISO-certificaten zijn sinds december ook weer binnen. Maar Odfjell is er nog niet helemaal volgens Olijve. Zo draait het bedrijf nu nog maar op zestig procent. ‘Dat is een bewuste keuze. We hadden al veel meer in bedrijf kunnen stellen, maar dat gaat ten koste van kwaliteit. Dat willen we niet.’ Ook de trots moet terugkomen in het bedrijf. ‘Dit was een bedrijf waar je trots

4 15 iMaintain

K Odfjell.indd 20

21-04-15 15:42


IMAINTAIN 2015 21

Vragen tijdens iMaintain 2015 Theo Olijve sprak 19 maart op iMaintain 2015, het jaarcongres van het iMaintain platform en de NVDO, over Odfjell. Hij kreeg een paar kritische vragen. Zo was een toehoorder benieuwd naar DCMR: ‘Odfjell kan hele goede stappen zetten, maar hoe zit dat met de toezichthouder? Mij viel op dat DCMR wegliep van de situatie en alles probeerde goed te praten. Ziet u verandering bij de toezichthouder?’Olijve: ‘Ik denk dat DCMR en andere toezichthouders echt veranderd zijn. Zij hebben beseft dat dit nooit meer mag plaatsvinden. Ik zie dat ze hebben geïnvesteerd in kennis en in kunde en dat ze veel meer aandacht hebben voor cultuur binnen een bedrijf. Wij beseffen dat een goedkeuring nodig is. Als Odfjell worden we niet op ons woord geloofd. Je hebt een onafhankelijk iemand nodig die zijn handtekening kan zetten. De verschillende toezichthouders zitten niet altijd op één lijn en daar moet echt aandacht voor komen. Ik denk dat DCMR op de goede weg is.’ Een andere bezoeker van het congres weet dat er door de huidige ontwikkelingen op de oliemarkt meer vraag is naar opslag. Hij vraagt zich af of dat druk oplevert om de veertig procent van de terminal die nog niet in gebruik is, versneld in gebruik te nemen. Olijve: ‘Absoluut. Sinds juni 2012 zitten we diep in de rode cijfers. Je kan je voorstellen dat de aandeelhouders dat allemaal bij moeten leggen. Nu is er vraag naar capaciteit, maar je moet keuzes maken. Wij worden gesteund

om niet de druk te krijgen om toch maar door te gaan. Maar natuurlijk zullen ze ons uitdagen of het beter, sneller en tegen lagere kosten kan. Maar het is geen doel om volgend jaar alles draaiend te hebben.’ Daarna is iemand benieuwd of Olijve denkt dat het bedrijf de kop van jut was of dat het om een unieke situatie ging. Olijve: ‘Ik denk dat wij wel uniek zijn geweest. Het is uiteindelijk ook allemaal versneld door media-attentie. Dat zorgt voor veel druk zodat er geen weg meer terug is en vervolgens word je de kop van jut. Je kunt het bijna niet meer goed doen. Wij melden elk incident en de overheid wil voorlopig nog niet dat wij daarmee stoppen. Maar op een gegeven moment moet je de kans krijgen om weer door te gaan.’ De laatste vraag uit de zaal is: ‘Hoe is het gelukt om de cultuuromslag te realiseren?’ Olijve: ‘Ik kan niet beweren dat op dit moment de cultuuromslag is gerealiseerd. Daar gaat jaren over heen. Ik heb zaadjes geplant met nieuwe mensen, een nieuwe visie en nieuwe systemen. Ik zie al wel dat er op de werkvloer andere discussies spelen dan eerst.’

op was om te komen werken. Het werk ging van vader op zoon. Ik heb nog nooit zoveel veertigjarige dienstverbanden gevierd als hier. Die trots is gebroken, maar komt terug. Die moeten we weer opbouwen door successen te boeken en die ook te belonen.’

Lessen Olijve wil dat de les van Odfjell een les is voor de hele industrie. ‘Dit mag nooit meer gebeuren. Toen wij in het nieuws kwamen, heeft de industrie al naar zichzelf gekeken. Ik hoorde van de aannemers dat ze nog nooit zoveel opdrachten hebben gehad om soortgelijke problemen bij anderen op te lossen. Een belangrijke les die ik mee wil geven, is dat leiderschap essentieel is. Als een managementteam niet in staat is om corrigerende besluiten te nemen of als je geen verantwoordelijkheid neemt, zal je dat later misschien bij het OM moeten uitleggen. Als het directieteam de ambitie niet goed neerlegt, zal je als bedrijf nooit de top bereiken. Laat ook zien dat het je interesseert wat op de werkvloer gebeurt en weet wat er leeft. Zorg voor een open communicatiecultuur en voor een luisterend oor.’ ■

4

iMaintain 15

K Odfjell.indd 21

21-04-15 15:42


22 WHAT’S NEXT

Eindhovense voetbalrobots winnen Portugal Open standig voetballende robots wonnen met 6-1 van het Portugese CAMBADA. Eerder in het toernooi verloren de Eind-

FOTO: TUE

Het voetbalrobotteam van de TU Eindhoven heeft de Portugal Open gewonnen, voor de derde keer op rij. De geheel zelf-

hovenaren nog van CAMBADA, vooral door technische mankementen bij het TU/e-team. In de finale waren die echter verholpen. ‘Deze winst geeft natuurlijk goede moed vooruitkijkend naar het WK in juli’, vertelde teamcaptain Lotte de Koning na de finale. ‘Maar we kunnen niet stil gaan zitten. We hebben veel kunnen testen, maar streven naar een nog strategischer spel, met meer dynamiek en passes.’ Het doel van RoboCup is het versnellen van de ontwikkeling van robottechnologie ten behoeve van onze samenleving. RoboCup heeft daarvoor een doel geformuleerd: in 2050 moet een team van voetbalrobots de menselijke wereldkampioen voetbal kunnen verslaan. De robots op RoboCup zijn allemaal autonoom: ze handelen zonder menselijke sturing. Doordat de deelnemende onderzoekers na de toernooien hun nieuwe kennis met elkaar delen, gaat de technologie snel vooruit.

Philips gaat de straten van Los Angeles verlichten met een systeem dat mobiele en cloud-based technologieën gebruikt. Alle data en software staat op internet. Volgens Philips bespaart dit systeem energie, is er minder onderhoud nodig en is de kwaliteit van de verlichting beter, waardoor staten veiliger worden. Met het systeem van Philips, CityTouch genaamd, kunnen LED-lampen in Los Angeles op afstand worden bestuurd. Ook lampen van andere producenten kunnen op het systeem worden aangesloten. En dat is voor het eerst. CityTouch wordt al in 31 landen gebruikt, maar Los Angeles is de eerste in de wereld waar elke lamp afzonderlijk kan worden bediend.

4 15 iMaintain

H Whats Next.indd 22

CREDIT: PHILIPS

PHILIPS VERLICHT STRATEN LOS ANGELES

Abonnees lezen meer op www.imaintain.info

21-04-15 15:30


WHAT’S NEXT 23

Utrechtse onderzoekers hebben ontdekt dat een katalysator die goedkope, ruwe aardolie omzet in benzine, sterft als een rottende appel. De vergiftiging van de katalysator, door metaalatomen uit de olie, breidt zich vanaf de schil uit naar de kern. Op een bepaald moment kan de olie de nog wel actieve kern echter niet meer bereiken. Deze ontdekking hebben scheikundigen van de Universiteit Utrecht in samenwerking met onderzoekers van Stanford Synchrotron Radiation Lightsource en Albemarle Corporation gedaan, door voor het eerst het sterfproces van een katalysatordeeltje driedimensionaal tot op de nanometer schaal in beeld te brengen. Hoewel al langer bekend is dat een katalysator tijdens gebruik zijn activiteit verliest (‘dood’ gaat), was nog onbekend hoe dit proces precies verloopt. ‘Inzicht in het deactiveringsproces van deze katalysator is belangrijk, omdat we

09FOTC_CREDIT

KATALYSATOR STERFT ALS ROTTENDE APPEL

de komende tientallen jaren steeds meer afhankelijk worden van dit type aardolie’, licht Bert Weckhuysen, hoogleraar Anorganische Chemie en Katalyse van de Universiteit Utrecht toe. ‘Verrassend genoeg zien we nu dat de katalysator al volledig

dood is, terwijl de kern van het katalysatordeeltje nog niet vergiftigd is door de metaalionen die in goedkope ruwe aardolie aanwezig zijn. Dat betekent dat we een deel van de katalysator niet optimaal benutten.’

ONDERZOEK NAAR BRUG VAN OUDE OORLOGSSCHEPEN De Amerikaanse politicus Jesse Young wil een brug maken van oude oorlogsschepen. De brug moet moet Bremerton en Port Orchard in Washington verbinden. Hij ziet het als een toeristische attractie. Er is al 90.000 dollar beschikbaar gesteld om te onderzoeken of de

schepen een brug kunnen vormen. Young denkt dat er twee of drie schepen nodig zijn. Vooralsnog heeft de US Navy niet positief gereageerd. De twee schepen die Young op het oog heeft, hebben al een andere bestemming gekregen.

BATTERIJ UIT ELEKTRISCHE AUTO KRIJGT TWEEDE LEVEN OP FORTEILAND PAMPUS Op Forteiland Pampus wordt sinds 31 maart een accu uit een elektrische auto gebruikt om energie in op te slaan. Door de batterij zal het energieverbruik op het eiland afnemen, omdat het efficiënter wordt gebruikt. Pampus zet daarmee de eerste stap op weg naar een zelfvoorzienend en duurzaam bestaan en bedrijfsvoering. Pampus is afgesloten van alle openbare nutsvoorzieningen en daarom aangewezen op het gebruik van aggregaten. Doordat energie uit de aggregaten op het eiland op de batterij uit de elektrische auto worden opgeslagen, hoeven de aggregaten niet elke keer aan te slaan. Daardoor wordt er minder energie gebruikt en is het energiegebruik constanter. De batterij wordt door een onderzoeksteam voorzien van allerlei slimme apparatuur en de komende maanden gemonitord. Het onderzoek moet uitwijzen hoe goed en lang deze hergebruikte batterij als opslag van energie kan fungeren. In de toekomst kan hergebruik van batterijen huishoudens en bedrijven in Nederland een betaalbare vorm van opslag bieden. De komende jaren komen duizenden van deze batterijen beschikbaar. Dit project moet uitwijzen of deze batterijen op grote schaal een tweede leven kunnen krijgen.

Het project en onderzoek wordt gerealiseerd door netwerkbedrijf Alliander, ARN, Stichting Forteiland Pampus, DNV GL, De Hogeschool Arnhem en Nijmegen, Technische Universiteit Eindhoven en Amsterdam Smart City.

4

iMaintain 15

H Whats Next.indd 23

21-04-15 15:30


24 WHAT’S NEXT

Onderzoekers van de Amerikaanse universiteit Stanford hebben een accu ontworpen die in één minuut kan worden opgeladen. Voor de batterij is aluminium in plaats van lithium gebruikt. De batterij kan in de toekomst worden gebruikt in smartphones, elektrische auto’s en andere elektronica. Volgens de onderzoekers, die hun resultaten in wetenschappelijk tijdschrift Nature publiceerden, heeft hun accu een lage levensduur. Hij kan 7500 keer worden opgeladen zonder capaciteit te verliezen. Bij huidige batterijen in bijvoorbeeld een smartphone is dat nu maar duizend keer. De wetenschappers willen nog wel het voltage van de batterij verhogen. Nu is dat twee volt. Dat is iets meer dan een AA-batterij.

FOTO: ENECO

ACCU LAADT IN ÉÉN MINUUT OP

COMPUTERSERVER VERWARMT HUIS Je huis verwarmen met een computerserver. Sinds kort doen vijf gezinnen dat. Computerservers die rekenen, produceren veel warmte. Nu staan al die servers vaak bij elkaar in een datacentrum. Door de servers niet bij elkaar te zetten, maar te verdelen over woningen, kunnen de bewoners gratis hun huis verwarmen. De eRadiotor is een initiatief van Eneco en de vijf gezinnen doen mee aan een proef. Het bedrijf wil duurzame innovatieve diensten introduceren waarmee Eneco zich tot energiepartner van de klant ontwikkelt. Uit de proef moet blijken wat de ervaringen van klanten en eventuele verbeterpunten zijn van de eRadiator. Het is voor het eerst dat de design radiator met ingebouwde server bij gewone huishoudens wordt geplaatst. De servers gaan in opdracht van verschillende bedrijven en kennisinstituten, zoals het Leids Universiteit Medisch Centrum (LUMC) complexe berekeningen uitvoeren voor onderzoek naar bijvoorbeeld nieuwe medicijnen.

ELEKTRICITEITSNET GETEST MET PIZZAOVENS Hoeveel belasting kan een elektriciteitsnet eigenlijk aan? Die vraag stond centraal in een test in Lochem begin april, waaraan onderzoekers van de Universiteit Twente meewerkten. Twintig bewoners kregen de opdracht een pizza te bakken in hun elektrische oven, terwijl een elektrische auto voor de deur stond te laden. Na een uur raakte het netwerk overbelast en viel de stroom uit op een deel van het netwerk. De test moest de situatie in 2025 nabootsen, als het aantal elektrische auto’s fors is toegenomen en ook de energievraag van huishoudens meer pieken zal vertonen. Het was voor het eerst in Nederland dat de stroomvoorziening op deze manier werd getest. De onderzoekers kregen door de test een goede indruk van de effecten op een elektriciteitsnet die de toekomstige energievraag met zich meebrengt. En daarmee ook wat dat van intelligente energienetten vraagt om in de toekomst stroomuitval te voorkomen. In Lochem is er een omvangrijk en bijzonder living lab ontstaan, waar de onderzoekers van de Universiteit Twente, die

4 15 iMaintain

H Whats Next.indd 24

hun onderzoek uitvoeren binnen het onderzoeksinstituut CTIT, een prima testomgeving hebben voor toepassingen voor het slimme energienet van de toekomst. Bijzonder is de samenwerking met een grote groep bewoners, verenigd in Lochem Energie. Dat maakt dat de invloed van gebruikers goed bestudeerd kan worden. Het capaciteitsvraagstuk wordt steeds belangrijker in de toekomst, bijvoorbeeld door de opkomst van elektrische auto’s: de Rijksoverheid streeft naar 1 miljoen elektrische auto’s in 2025. Ook wordt de levering van elektriciteit complexer door nieuwe (kleine) bronnen van energieopwekking en verschillende methoden van energieopslag. De test in Lochem toont aan dat er een serieus probleem ontstaat als een deel van de wijkbewoners ’s avonds met een lege accu terugkomt en de auto wil opladen en dan ook nog wil koken op het inductiefornuis. In de toekomst moet op lokaal niveau een betere match tussen vraag en aanbod worden gefaciliteerd.

Abonnees lezen meer op www.imaintain.info

21-04-15 15:30


WHAT’S NEXT 25

STERKE ELEKTROMOTOR VOOR VLIEGTUIGEN ONTWIKKELD

FOTO: SIEMENS

Het wordt mogelijk om passagiersvliegtuigen tot honderd personen met hybride elektrische aandrijvingen te laten vliegen. Dat denken onderzoekers van Siemens tenminste. Zij hebben een nieuw type elektromotor ontwikkeld die met een gewicht van vijftig kilo een continuvermogen van circa 260 kilowatt levert. Dat is vijf keer zoveel als vergelijkbare aandrijfsystemen. De motor is speciaal ontworpen voor vliegtuigen. Nu kunnen vliegtuigen tot twee ton vliegen met elektrische aandrijving. Om de nieuwe motor te maken, zijn alle onderdelen van eerdere motoren onderzocht en geoptimaliseerd. De motor presteert al bij een rotatiesnelheid van 2500 toeren per minuut, waardoor hij propellers direct kan aandrijven zonder dat een transmissie nodig is. 'Deze innovatie maakt de weg vrij naar de serie-hybride elektrische vliegtuigen met vier of meer zitplaatsen,' aldus Frank Anton, hoofd eAircraft bij Siemens Corporate Technology, de centrale onderzoeksafdeling van de onderneming. Nog voor het einde van 2015 zijn testvluchten met de motor gepland. In een

volgende fase gaan de Siemens-onderzoekers het vermogen verder opschroeven. ‘We zijn ervan overtuigd dat het gebruik van hybride elektrische aandrijvingen voor regionale lijnvliegtuigen met vijftig tot hon-

derd passagiers een reële mogelijkheid is voor de middellange termijn’, aldus Frank Anton hoofd eAircraft bij Siemens Corporate Technology, de centrale onderzoeksafdeling van de onderneming.

FOTO: HEIJMANS

DUIKROBOT INSPECTEERT SLUIZEN Heijmans heeft een duikrobot gebruikt bij de inspectie van de kolkwand van de sluis in Belfeld (gemeente Venlo). Het is voor het eerst dat een robot wordt ingezet voor een onderwaterinspectie in een sluis. Normaal gesproken worden deze inspecties door menselijke duikers gedaan. Zij waren bij de proef in Belfeld ook aanwezig om de resultaten te kunnen vergelijken. Zowel de duikrobot als de duikers hebben camerabeelden gemaakt. De beelden van de duikrobot zijn vergelijkbaar of zelfs beter dan die van de duikers, doordat er minder slib opdwarrelt. De duikrobot kan ook een lange periode stabiel filmen. De robot is daarnaast sneller en goedkoper in te zetten, doordat de inzet minder voorbereidingstijd kost. Ook kan hij in de avond en nacht inspecties uitvoeren. De robot is volgens Heijmans ideaal voor het inspecteren van bijvoorbeeld sluiskolkwanden, vloeren, schanskorven, rolwagens, deuren en deurkassen, maar ook voor de inspectie van peilkelders en andere waterhoudende ruimtes, zoals

rioleringen en omloopriolen, waar een duiker niet in kan of waar de veiligheidsrisico’s te hoog zijn. Een voordeel van het gebruik van een duikrobot is verder dat deze minimale hinder oplevert. Zo hoeft de sluis tijdens het gebruik niet helemaal te worden veiliggesteld. Er is slechts een korte onderbreking van het scheepvaartverkeer nodig. Wordt er met duikers gewerkt, dan moet de sluis vanwege veiligheidsregels geheel uit bedrijf worden genomen. Een dergelijke inspectie kost dan minstens een halve dag. Nu kan het binnen een uur. Het inzetten van menselijke duikers heeft echter ook een aantal voordelen. Zo kan de duikrobot alleen ‘kijken’. Een duiker kan ook even voelen aan een onder water aangetroffen object en kan daarnaast extra werkzaamheden uitvoeren naast het inspectiewerk zoals het verwijderen van objecten en het repareren van defecten. Voorafgaand aan een reparatie of het gericht zoeken naar een storing, kan de duikrobot wel worden ingezet voor een oriënterende inspectie.

4

iMaintain 15

H Whats Next.indd 25

21-04-15 15:30


Het iMaintain platform brengt experts, gebruikers en leveranciers van producten en diensten bijeen om bij te dragen aan transparante informatievoorziening rond onderhoud en assetmanagement. Het platform belicht op een journalistieke en onafhankelijke manier innovaties, behandelt actuele onderwerpen en inspireert. Via het vakblad iMaintain, met de website www.imaintain.info, met vier rondetafelmeetings per jaar, diverse bijeenkomsten en met een jaarcongres bereikt het iMaintain platform haar doelgroep.

Partnernieuws BASF Nederland wil weekendschool uitbreiden In Arnhem ondersteunt BASF Nederland een weekendschool voor kinderen uit achterstandswijken. Om ze meer kansen te geven. Het is de bedoeling dat dit jaar het initiatief wordt uitgebreid naar andere plaatsen in Nederland waar BASF ook vestigingen heeft. Met de ondersteuning van weekendscholen wil BASF haar maatschappelijke betrokkenheid tonen. Tegelijkertijd zou het volgens het concern ook mooi zijn als kinderen door de leerzame uitstapjes geĂŻnspireerd worden om later chemie te gaan studeren. De kinderen geven zichzelf op voor de lessen.

Partners:

Mainnovation wint Bemas Innovation Award Mainnovation heeft de Bemas Innovation Award gewonnen voor de VDM field solution app. De prijs is tijdens de beurs Maintenance 2015 uitgereikt. VDM laat bedrijven toe om de onderhoudsorganisatie te transformeren van kostenpost naar een entiteit met economisch toegevoegde waarde. De jury vond de app van Mainnovation de sterkste innovatie door de combinatie van grote gebruiksvriendelijkheid in een systeemonafhankelijke toepassing.

Technisch Centrum Den Haag in juli operationeel De contouren van het Technisch Centrum in Den Haag worden zichtbaar nu de staalconstructie van het gebouw er staat. De bouw van het Technisch Centrum in Den Haag verloopt volgens planning. Zoals het nu lijkt, is het Technisch Centrum in juli operationeel. In de maanden april en mei wordt het spoor aangesloten en worden werkzaamheden uitgevoerd zoals de gevelbeplating, dakdekking en opbouw van het kantoor. Eind mei wordt het gebouw bouwkundig afgerond. En in juni worden de technische installaties in het gebouw aangesloten. Bij de bouw van de Technische Centra wordt voldaan aan de vier sterren van Breeam. De nieuwe Technische Centra krijgen onder andere zonnepanelen op het dak, ledverlichting bij het spoor, waterbesparende kranen en toiletten en hergebruik van water en afvalscheiding in zeven stromen.

Leden: asset management

Wilt u meer weten over lidmaatschap of partnering van het iMaintain platform, kijk dan op www.imaintain.info of neem contact op met Anouk Bouwmeester: Anouk@industrielinqs.nl – 020 3122 797

platform en quotes.indd 26

21-04-15 15:57


‘Expertquotes’ ‘Nu hebben we één dashboard voor iedereen waar alle objecttypes worden getoond en waar je ook direct een overzicht krijgt van de derving per asset. Daarmee zie je direct de waarde van correctieve, maar ook van de preventieve onderhoudsinterventies. Je kunt bijvoorbeeld een doorsnede opvragen van de pompen en op die manier kom je er heel snel achter welke pompen onder de maat presteren.’ Rob de Heus, Sitech Services, legt tijdens een business case bij iMaintain 2015 uit waarom zijn bedrijf werkt met het door Mainnovation ontwikkelde VDM Dashboard. ‘Onze stelling is dat een studie effectiever wordt als je safety studies integreert met asset management. We kunnen vanuit safety met een maintenancebril gaan kijken en andersom. Uiteraard kun je een efficiencyslag halen doordat je niet dezelfde stappen iedere keer herhaalt, maar de kennis en informatie gebruikt voor vervolgstudies.’ Jac de Boer, Tebodin, beschrijft hoe zijn bedrijf vanuit zowel safetycomponenten als asset managent naar installaties kijkt.

‘Als we nu een monster nemen moeten we nog drie dagen op de uitslag wachten. Straks moet dat real time kunnen. Ik verwacht dat we binnen vijf tot tien jaar met name aan het begin en aan het einde van onze processen direct en real time de kwaliteit van het water kunnen meten. De watersector ontwikkelt momenteel een hygiënecode, die ons op het niveau van de levensmiddelenindustrie moet brengen. Het wordt bijvoorbeeld steeds beter om lage concentraties hormonen, medicijnen of andere vervuiling te meten. En daar willen we naar handelen.’ Hans Peters, Drinkwaterbedrijf Dunea, ziet dat nieuwe technologie in zijn bedrijf helpt om steeds sneller en nauwkeuriger te meten. ‘Het zou slim zijn een servicemonteur, die toch aan de slag moet bij een klant, meteen ook andere componenten in een machine aan te laten pakken. Het systeem ligt dan immers al stil, en de monteur is er toch.’ Geert-Jan van Houtum over het Proactive Service Logistics (ProSeLo)-project, waarin een model voor proactief onderhoud wordt ontwikkeld.

Het expertpanel van het iMaintain platform bestaat uit:

platform en quotes.indd 27

Henk Akkermans Hoogleraar dynamiek van toeleveringsnetwerken, Universiteit Tilburg Wetenschappelijk directeur DI-WCM

Rob de Heus Champion World Class Maintenance, Sitech Services

Henk van der Meer Teamleider Events, BP raffinaderij Rotterdam

Jac de Boer Senior Consultant Asset Management & Maintenance Tebodin

Geert-Jan van Houtum Professor Reliability, Quality en Maintenance, TU Eindhoven

Hans Peters Teammanager, Drinkwaterbedrijf Dunea Maintenance Manager of the Year 2015

Leo van Dongen Professor Maintenance Engineering, Universiteit Twente Directeur Fleet Services, NedTrain

Ton Huibers Maintenance Manager, Vlisco Maintenance Manager of the Year 2013

Ruud Schenk Algemeen Directeur, Cofely West Industrie BV

Michel Grijpink Learning & Development consultant, Hogeschool Utrecht

Nico van Kessel Principal Consultant Asset Management, Tata Steel

Roelf Venhuizen Voorzitter Profion, Bestuurlid Veiligheid Voorop, Voormalig CEO NAM

Mark Haarman Managing Director, Mainnovation

Cor van de Linde Directeur innovatieplatform iTanks Maintenance Manager of the Year 2012

Johan Wolt Maintenance Manager, AkzoNobel lndustrial Chemicals MCA Delfzijl Maintenance Manager of the Year 2014

21-04-15 15:57


DATUM: 4 JUNI 2015 | LOCATIE: TCC/RDM CAMPUS ROTTERDAM

THEMA:

ZERO PROGRAMMA 10.30 Business Cases 12.00 Ontvangst en lunch 13.00 Welkom door dagvoorzitters Cees Jan Asselbergs (Deltalinqs) en Wim Raaijen (Petrochem) 13.05 Keynote, Marieke Schöningh, vice-president DSM Sinochem 13.30 Plant Manager of the Year 2015 - de columns van de finalisten: Frank de Leng (Botlek Tank Terminal), Eugène Kuijpers (BASF Maastricht) en Ronald Hoenen (DSM Dyneema) 14.00 Pauze 14.20 Masterclasses ZERO Footprint, ZERO Accidents, Process Enlightenmentz, VOMI Safety Award 15.10 Pauze 15.40 Masters of Excellence, Frans Scheeren, OCI Nitrogen, en Roy Janssen, Stork 16.10 Safety Buddy 16.40 Debat met Blogs van onder anderen Henk Leegwater over ZERO Accidents en ZERO Emissions 17.15 Borrel 18.30 Diner met bekendmaking PMY 2015 en VOMI Safety Award 2015

ZERO “Nul” is in de industrie op heel veel vlakken het meest gewenste getal: zero accidents, zero emissions, zero impact. Als we de stip op de horizon zouden kunnen naderen, dan is die in veel gevallen geen stip, maar een nul. Tijdens Deltavisie gaan we onderzoeken hoe we die 0 op de horizon kunnen bereiken.

w w w. d e l t av i s i e 2 015 . n l DE VOLGENDE BEDRIJVEN ZIJN PARTNER VAN HET PETROCHEM PLATFORM:

Adv Deltavisie.indd 36 28

16-04-15 21-04-15 16:58 15:13


MASTERS OF INDUSTRY 29

Meer controle door offsite bouwen fabrieken Door fabrieken modulair en offsite te bouwen zijn de omstandigheden beter in de hand te houden, waardoor verrassingen minder kans krijgen. Uitgaven zijn beter te voorspellen en te controleren en de aanpak kan voordelen hebben op het gebied van veiligheid en planning. Dat was de belangrijkste conclusie van de eerste Masters of Industry in het XperienceDock van iTanks in Rotterdam.

FOTO: BROEZE NIJVERDAL

Wim Raaijen, Liesbeth Schipper

In 2014 zijn twee projecten in het nieuws gekomen waarbij de fabrieksinstallaties elders werden geprefabriceerd, in modules werden getransporteerd om uiteindelijk op de beoogde sites in elkaar te worden geschroefd. Zowel de nieuwe polyolenfabriek van Huntsman als de pyrolysefabriek van BTG-BTL zijn op tijd opgeleverd en er was nauwelijks tot geen sprake van overschrijding van de kosten. De constructie van de pyrolysefabriek verliep zelfs ‘uitgesproken saai’, stelt Gerhard Muggen van BTG-BTL. ‘Er waren geen verrassingen.’ De pyrolysefabriek die twintig miljoen liter groene pyrolyseolie per jaar kan produceren op basis van afvalhout, werd gebouwd op het terrein van Zeton in Enschede. Het bedrijf bouwde de installatie daar in zijn geheel op, inclusief pompen en bedrading. Muggen: ‘Voordat hij werd ontmanteld in twintig modules, werd alles gecontroleerd zodat we wisten dat de installatie werkte. De modules werden getransporteerd naar Hengelo en daar in acht dagen weer opgebouwd. Acht dagen! Het was heel voorspelbaar, er ging niets mis.’

Tijdrovend traject Ook bij de polyolenfabriek van Huntsman, die in Noord-Brabant werd gebouwd en in vier modules naar Rotterdam werd getransporteerd, was het projectverloop voorspelbaar. Al tijdens de basic engineering kwam het team van Tebodin tot de conclusie dat modulair bouwen een oplossing was voor een probleem met de planning. Boerstra: ‘De nieuwe installatie moest worden gebouwd in een ‘hazardous area’, naast een bestaande plant. De verwachting was dat de aanvraag van vergunningen een tijdrovend traject zou worden, meer dan een jaar.’ De modulaire aanpak tackelde dit probleem. Nu konden de modules worden gebouwd, tegelijkertijd met de civiele werkzaamheden onsite. ‘We hadden op de site geen heet werk kunnen doen, of daar heel veel maatregelen voor moeten nemen. Door modulair te bouwen konden we het project daarom ook veiliger uitvoeren, want het aantal constructieactiviteiten op de site werd enorm beperkt.’

Geen concessies De voordelen voor de veiligheid en planning door modulair en offsite te bouwen ruimschoots wegen ruimschoots op tegen de nadelen. ‘De meerkosten kun je wegstrepen tegen de efficiëntere manier van bouwen. Het kost dus niet heel veel meer, en tegelijkertijd zijn de risico’s wel veel lager’, aldus Boerstra. Zou hij andere bedrijven adviseren modulair en offsite te gaan bouwen? ‘Ja, zeker. Maar bij een green field dicht bij de bewoonde wereld zal conventioneel bouwen waarschijnlijk economischer blijven. Met offsite bouwen beperk je risico’s, maar het transport blijft natuurlijk ook heel spannend.’ Muggen sluit zich daarbij aan: ‘Modulair bouwen is geen oplossing voor alles, maar ons heeft het veel voordelen geleverd: minder risico, meer controle over het project en over de kwaliteit.’ ■

4

iMaintain 15

M Modulair bouwen.indd 29

21-04-15 15:44


30 PRODUCTEN

Producttrends op www.imaintain.info

1

Inspectie-instrument voor smeermiddelen

UE Systems heeft een instrument gelanceerd dat gebruikers in staat stelt hun smeringsprogramma of -procedures beter te beheren en zo de uitval van lagers te verminderen. De Ultraprobe® 401 Digital Grease Caddy Pro (UP401) heeft de mogelijkheid metingen te verrichten, data op te slaan en te trenden hoeveel smeermiddel gebruikt is, om zo het onderhoud van apparatuur te optimaliseren. Het instrument kan eenvoudig bevestigd worden aan de meeste smeerpistolen en is gemakkelijk te draaien om hem te bedienen vanuit verschillende hoeken. Standaard is de UP401 voorzien van een ingebouwde LED-lamp, draaivoet, geluidsisolerende koptelefoon, magneetsensor met dockingstation en een riemhouder voor optimaal draaggemak. Meer informatie bij: www.uesystems.eu

2

Warmtebeeldcamera

De Elektro Lijn THT45 is een lichte en compacte thermografische camera. De camera is geschikt voor inspectie van elektrotechnische, mechanische, HVAC- en PV-installaties. Het toestel biedt een thermische resolutie van 80 x 80 pixels, een meetbereik van -20 tot +350 °C en een beeldfrequentie van 50 Hz. De THT45 legt zowel warmtebeelden als ‘normale’ beelden vast en biedt de mogelijkheid om deze over elkaar heen weer te geven (PIP-Fusion). De THT45 biedt veel gebruiksgemak door een 2,8 inch kleurenscherm met menugestuurde bediening, een voorgeprogrammeerde tabel met emissiefactoren van veelgebruikte materialen, een oplaadbare Li-Ion accu, een ingebouwde laserpointer en hulpverlichting. Het toestel wordt geleverd met THTLink software voor analyse en professionele rapportage. Meer informatie bij: www.EURO-INDEX.nl

3

Op maat gemaakte industriële computers

HPS Industrial levert speciaal ontworpen industriële computers van Janz Tec AG, een Duitse fabrikant van elektronische componenten en industriële computers. HPS biedt passende systemen die beschikken over de specificaties die nodig zijn in de sector waarin de organisatie opereert. Om dit mogelijk te maken, modificeert HPS de systemen op technisch vlak waar nodig. Wanneer de klant specifieke wensen heeft als het gaat om bijvoorbeeld het formaat, de functies of het aantal I/O-poorten, dan ontwerpt en bouwt HPS - in samenwerking met Janz Tec AG - een custom designed en built PC die volledig aansluit bij deze specifieke wensen. Janz Tec AG biedt tevens allerlei ondersteuning voor de Codesys-omgeving. Meer informatie bij: www.hpsindustrial.nl

4 15 iMaintain

G Producten.indd 30

4

Handbediende klauwplaat

5

Web-app hydraulische modules

6

KVM-extenders

SCHUNK heeft de flexibele handbediende klauwplaat ROTA-S flex ontwikkeld. Het combineert de klauwplaat van de ROTA-S plus serie met verlengde geleidingsbanen en verandert deze in een flexibel inzetbare grote klauwplaat. Voor het opnieuw bewerken van kleine onderdelen kunnen de verlengde geleidingsbanen eenvoudig gedemonteerd worden, waardoor de toegankelijkheid van de werkstukken aanzienlijk verbeterd in vergelijking met de spanning van conventionele grote klauwplaten. Een speciaal smeersysteem zorgt bij beide varianten voor permanent grote spankrachten. Meer informatie bij: www.schunk.nl

R+L Hydraulics GmbH heeft een Web-app voor de configuratie en calculatie van hydraulische modules ontwikkeld. Met de ‘Fluidware App’ kan de aanleg van een module, die bestaat uit pomponderstel, askoppeling en toebehoren, online worden berekend. De web-app kan zowel als desktoptoepassing, in de webbrowser, maar ook op een tablet worden gebruikt. Het nieuwe aspect van de app is de configurator, waarmee de gebruiker het ontwerp van een module individueel kan configureren. De web-app maakt automatisch de tekening van de geselecteerde configuratie in realtime, zodat een onmiddellijke controle ook visueel mogelijk is. Verder biedt de projectbrowser een overzicht van alle documenten per documenttype. De gebruiker heeft zo een goed overzicht over ontwerpen, aanbiedingen, bestellingen en over de CAD-bestanden die bij de configuratie horen, of hij nu onderweg is op de werkplek. Meer informatie bij: www.rl-hydraulics.com

In de industrie, scheepvaart, traffic management en meldkamers worden 2K en 4K resolutie beeldschermen steeds belangrijker. De voordelen van high resolution monitoren worden steeds meer erkend. Dankzij de hoge beeldkwaliteit wordt cruciale informatie nog gedetailleerder weergegeven en kunnen professionals hun werk beter uitvoeren. Koning & Hartman introduceert KVM-extenders die geschikt zijn om deze schermen te ondersteunen. De DL-Vision en DP-Vision KVMextenders zijn geschikt voor resoluties van 2560x1600 of 2048x2048 per videokanaal. DL-Vision extenders zijn er in Single, Dual en Quad video DVI-DL en Displayport uitvoering. De high-end extenders zijn uitgevoerd met een dual power supply en twee netwerkpoorten voor remote monitoring en predictive maintenance. Meer informatie bij: www.koningenhartman.com

Kijk voor meer productinnovaties op www.imaintain.info

21-04-15 15:17


Maint

NL

Het magazine van de NVDO

Op zoek naar het goud | Flink besparen door Design for Maintenance | De wereld kleiner maken | Innovaties geven bruggen een langer leven | Veiligheid in de chemie: we appen!

MA Voorplaat.indd 31

21-04-15 15:44


SMIT

De beste banen voor bèta’s

BETABANEN.nl is de vacaturesite voor hoogopgeleide technici en andere bèta’s. Op BETABANEN.nl vind je banen in techniek, (bio)chemie en procestechnologie en de maritieme sector. Van researchers tot commercieel medewerkers, van chemici tot bètadocenten, van labmedewerkers tot ingenieurs, en van starter tot leidinggevende functies. Op de grote jobboards raak je vaak de weg kwijt in een oerwoud van aanbod. Bij BETABANEN.nl vind je alleen actuele vacatures die binnen jouw domein vallen, een snel en helder zoekfilter en de op maat e-mailservice. Maak voor meer gemak een zoekprofiel aan en ontvang wekelijks een vacaturemail met de banen die aan jouw persoonlijke zoekprofiel voldoen. Ga naar www.betabanen.nl/accountaanmaken.


Van de voorzitter

Omgevingswet, niet zomaar een ‘wetje’ Er mag heel veel in ons land, maar er zijn ook regels. Dat geldt niet alleen in onze werkomgeving, dat geldt in elke omgeving. Want, mag je zomaar zonder vergunning een mantelwoning in je tuin plaatsen voor je hulpbehoevende ouders? Kan een ondernemer een verlaten industrieterrein omtoveren tot een bruisende trekpleister, zonder verstrikt te raken in een ingewikkeld web van regels? Over het algemeen staat een wettekst niet op de harde schijf in onze hoofden. We weten globaal wat wel en wat niet mag, maar de wettekst die daarbij hoort, die kennen we doorgaans niet. Eén van de grootste wetgevingsoperaties sinds de Grondwet, is de zogenaamde Omgevingswet. Die maakt de wet- en regelgeving in Nederland eenvoudiger. Meer vrijheid om zelf initiatief te nemen, maar ook de zekerheid van een gezonde leefomgeving. Industrieterrein Binckhorst in Den Haag is een mooi voorbeeld van werken in de geest van de Omgevingswet. In plaats van een grootschalige herontwikkeling gaat de gemeente voor dit omvangrijke gebied met veel kantoren en bedrijven, uit van een aanpak waarin de initiatieven uit de markt komen en door de gemeente worden ondersteund. Onze minister Schultz van Haegen vindt het belangrijk dat de Omgevingswet aanspoort tot anders denken. Kijken naar de mogelijkheden en kansen in plaats van naar de onmogelijkheden. En dat ondersteun ik als uw voorzitter van harte, want gemeenten, burgers en bedrijven lopen tegen diverse knelpunten aan in het huidige omgevingsrecht. Dit zijn bijvoorbeeld trage, dure en onvoorspelbare procedures bij gebiedsontwikkeling. Deze problemen moeten worden opgelost. Het kabinet erkent dus dat er problemen

zijn en wil deze knelpunten in rijksregelgeving oplossen met de nieuwe Omgevingswet. In de nieuwe wet wordt een groot aantal wetten uit het omgevingsrecht samengevoegd, waaronder de Wet ruimtelijke ordening (Wro), de Wet milieubeheer, de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht (Wabo), de Crisis- en herstelwet (Chw) en de Waterwet. Ook het Bouwbesluit en delen van de erfgoedwetgeving gaan in de wet op of worden daarmee gelijk getrokken. Het gaat om een zeer grote wetgevingsoperatie, echt niet zomaar een ‘wetje’. Volgens de ambitieuze planning van het kabinet moet deze in 2018 voltooid zijn en zal de wet in werking moeten treden. Wanneer het zover is, houdt de NVDO u natuurlijk geïnformeerd. Tot zover ben ik verheugd met de komst van de nieuwe Omgevingswet, al was het alleen maar omdat in de bouwsector regels vandaag vaker een last zijn dan een lust en regionale, c.q. lokale afwegingsruimte, meer zeggenschap krijgt door de decentrale afwegingsruimte. Ten slotte roep ik graag de overheden op niet te wachten tot 2018, maar nu al naar buiten te treden als één portal. Want een nieuw ‘wetje’ moet dat natuurlijk niet voorschrijven, burgers en het bedrijfsleven zijn erbij gebaat nu al te merken dat er minder regels zijn, dat het minder tijd en geld kost en de onnodige bureaucratie vermindert. De toekomst van ruimtelijke ordening moet niet worden opgehouden door blauwdrukken, onnodige overlegstructuren of anderszins.

‘Burgers en het bedrijfsleven zijn erbij gebaat nu al te merken dat er minder regels zijn, dat het minder tijd en geld kost.’

Bas P. Kimpel Voorzitter

MaintNL 4 - 2015 33

MB Voorzitter.indd 33

21-04-15 15:45


Maintenance for Energy

Maintenance for Energy In september 2013 sloten meer dan veertig organisaties het Energieakkoord voor duurzame groei af. In dit akkoord zijn ambitieuze, maar haalbare doelen opgenomen voor onder andere inzet van hernieuwbare energie, besparing op het energieverbruik per jaar en een drastische vermindering van het energieverbruik in 2020 ten opzichte van vandaag. Voor veel van deze doelstellingen kan beheer en onderhoud een verschil betekenen. Om de professionele onderhoudsindustrie te inspireren om na te denken over energiebesparing, organiseerden de NVDO, DI-WCM en Profion gezamenlijk de bijeenkomst ‘Maintenance for Energy’. Mark Oosterveer ‘Eerst samenwerken, dan samengaan’. Zo beschreef NVDO-voorzitter Bas Kimpel een aantal maanden terug de weg naar de toekomst van de drie verenigingen. Dit evenement, georganiseerd door het consortium ‘Energie verenigd’, is de eerste gezamenlijk opgezette bijeenkomst van de drie partijen. De partners hebben de gezamenlijke ambitie om met de totale achterban van de verenigingen bij te dragen aan de voorgeschreven energiebesparing. Die achterban is met circa 300.000 onderhoudsprofessio-

nals en een omzet van ongeveer 35 miljard euro per jaar, groot genoeg om een verschil te maken. In lijn met de doelen van de dag werkt de NVDO in 2015 aan het Onderhoudskompas om inzicht te geven hoe beheer en onderhoud twee procent kan bijdragen aan energiebesparing.

Tractie-energie Tijdens de bijeenkomst bij Joulz in Utrecht werd het aanwezige publiek met vijf uiteenlopende lezingen geïnformeerd en geïnspi-

reerd over verduurzaming en energiebesparing. Ilse de Vos- van Eekeren is manager duurzaam ondernemen bij NedTrain BV. In haar presentatie noemde zij de vijf P’s waar het duurzame beleid van NedTrain mee beschreven kan worden. Verduurzaming is bij NedTrain de som van Prioriteit, Product, Proces, Plaats en niet in de laatste plaats Personeel. Aan prioriteit voor de duurzame doelen wordt bij NedTrain gewerkt door duidelijke doelen te formuleren en deze op alle lagen het bedrijf belangrijk te maken. Voor facilitaire energie moet bijvoorbeeld de energie efficiency jaarlijks met drie procent verbeteren en na 2017 zelfs met vijf procent per jaar. De grootste winst is absoluut en procentueel te halen bij tractie-energie. Het energieverbruik per reizigerskilometer moet in 2020 gehalveerd zijn ten opzichte van 2005. Eén van de targets die daar aan bijdragen, is de toename van de bezettingsgraad in de komende vijf jaar. Jaarlijks moet bovendien de energie-efficiency van de tractie-energie toenemen. De duurzame doelen worden op productniveau nagestreefd door de vloot regelmatig de reviseren en moderniseren. Daarbij

ENERGIEAKKOORD Partijen leggen in het Energieakkoord de basis voor een breed gedragen, robuust en toekomstbestendig energie- en klimaatbeleid. Het akkoord biedt een langetermijnperspectief met afspraken voor de korte en middellange termijn, creëert vertrouwen en reduceert daarmee investeringsonzekerheid bij burgers en bedrijven. Partijen zetten zich in dit verband in om de volgende doelen te realiseren: • Een besparing van het finale energieverbruik met gemiddeld anderhalf procent per jaar. • Honderd petajoule aan energiebesparing in het finale energieverbruik van Nederland per 2020.

34 MaintNL

MV Energie.indd 34

•E en toename van het aandeel van hernieuwbare energieopwekking van ruim vier procent naar veertien procent in 2020. • Een verdere stijging van dit aandeel naar zestien procent in 2023. Ten minste vijftienduizend voltijdsbanen, voor een • belangrijk deel in de eerstkomende jaren te creëren. Het akkoord is gericht op versterking van de economische structuur en zal de komende jaren miljarden aan investeringen losmaken in alle sectoren van onze samenleving.

4 - 2015

21-04-15 15:55


FOTO’S: NVDO

is een sterke verbetering in het energieverbruik en de duurzaamheid leidend. Met lichtere materialen, andere afwerking en andere technieken wordt bespaard op gewicht en gebruik. Voor sommige series is gesteld dat 95 procent van de materialen moet kunnen worden hergebruikt.

EnergieZuinig Opstellen De inzet van de producten in het Proces maakt ook het verschil. De Vos noemde EZO, EnergieZuinig Opstellen, als sprekend voorbeeld. Op sommige tijden staan rangeerterreinen vol met treinen die wachten op schoonmaak of klein onderhoud. Voorheen stond bij alle treinen de verlichting aan en was de kachel ‘s winters op temperatuur. Tegenwoordig gaat het licht alleen aan als het nodig is en blijft de kachel uit.

Binnen het logistieke proces van NedTrain wordt onder de P van Plaats gewerkt aan een serie Technische Centra (TC’s). Op vijf plaatsen in het land zijn met deze duurzaam gebouwde technische werkplaatsen complexe herstellingen dichter bij de treindienst uit te voeren. Een rijtuig met problemen hoeft niet eerst honderden kilometers naar een centrale werkplaats te worden verplaatst voor er aan kan worden gewerkt. Al het werk dat bijdraagt aan de duurzame doelen, wordt gedaan door Personeel. Voor de bewustwording wordt het personeel op veel manieren betrokken bij de processen. Van warme truiendag tot ideeënbus, er wordt regelmatig gewerkt aan het betrekken van de werknemers bij de realisatie van de duurzame doelen.

Verbeterslag

Een frisse kijk op de zaak levert inzicht in de energiestromen die in de loop van de jaren zijn ontstaan door andere inzet van installaties. Op de technische installaties is een knop gemaakt om de trein in één keer energiezuinig in te schakelen. Deze op het oog eenvoudige gedragsverandering heeft in 2014 gezorgd voor een besparing van ruim 43.000 MWh, dat overeen komt met ruim 4,3 miljoen euro en het energieverbruik van ruim twaalfduizend huishoudens.

Rob van Bergen van het Platform Duurzame Huisvesting bracht een heel ander perspectief voor de bijeenkomst. In de gebouwde omgeving is de verduurzamingsslag soms lastig te maken omdat er een zogeheten ‘split incentive’ is. De partij die investeert in verduurzamende maatregelen is vaak niet de partij die er profijt van heeft. En dat draagt niet bij aan de snelheid van verduurzaming. Het platform heeft daarom een aantal modellen opgezet die via de website te vinden zijn. Met een greenlease menukaart is een reeks maatregelen op te stellen met daarbij zowel voordelen voor eigenaar als verhuurder. Als de tool online is ingevuld, is de menukaart eenvoudig op te slaan en voor eigen toepassing te gebruiken. Ook voor prestatiecontracten is een laagdrempelige tool gemaakt.

Van Bergen is als directeur van ISSO, het kennisinstituut voor de installatiesector, betrokken bij het Platform. Veel van de beschikbare kennis wordt bij ISSO gedeeld via publicatiereeksen, waaronder de ISSO 100-107 over duurzaam beheer en onderhoud van klimaatinstallaties in gebouwen. Deze publicatie draagt op drie vlakken bij aan duurzaam beheer en onderhoud: techniek, beheer en perceptie. Voor veel gebouwen geldt dat de klimaatinstallaties met een laag rendement draaien. Om daar verandering in te brengen, biedt ISSO 100-107 een aantal handvatten. Werkt de installatie nog steeds zoals dat ooit is gespecificeerd? Zijn de omgevingsfactoren voor gebruik en onderhoud nog steeds hetzelfde als toen de installatie is opgeleverd en kloppen de verwachtingen van de gebruikers op het gebied van comfort, warmte of koeling wel met waar de installatie voor is neergezet? Met een zogeheten retro-commissioning wordt een installatie opgenomen en getoetst aan de specificaties. Afwijkingen worden verwerkt in een verbetervoorstel en vervolgens in een verbeterslag aangepakt. Nadat de verbeteringen zijn doorgevoerd, moet worden bewaakt dat de installaties blijven voldoen aan de gewenste specificaties en gebruik. Op dat moment wordt duurzaam beheer en onderhoud van de installaties belangrijk. Dat is geen proces van vandaag op morgen. Bovendien is het van belang dat het in samenwerking tussen alle betrokken partijen gebeurt.

Frisse kijk Aaldrik Haijer van Water& Energy Solutions toonde de aanwezigen de waarde van MaintNL 4 - 2015 35

MV Energie.indd 35

21-04-15 15:55


Een abonnement op PT Industrieel Management Nu met 50% korting!

PT Industrieel Management Magazine over engineering, manufacturing en supply chain management PT Industrieel Management richt zich op het management in de technologische industrie. Engineering, manufacturing en supply chain management vormen de pijlers van deze uitgave. Lees over de methoden en technieken om processen efficiÍnter en effectiever te maken. Verhoog systematisch de productiviteit van uw organisatie. Leer van de best cases in de markt. Hoe doen uw collega’s in de brede maakindustrie het? Hoe hebben zij hun supply chain ingericht? Hoe pakken ze de innovatie van producten en processen op? Waar halen ze hun briljante ontwikkelaars vandaan? En gaan ze voor open innovatie op geloven ze juist helemaal niet in dat model? Dit en nog veel meer leest u in PT Industrieel Management.

Neem nu een abonnement en profiteer van 50% korting. Ga naar www.bimmedia.nl/ptim!

Advertenties IMA4.indd 36

21-04-15 15:41


anders kijken naar een proces. Met zijn bedrijf helpt hij zijn klanten in de industrie om energiebesparende maatregelen te realiseren, die een reductie van de footprint van ruim twintig procent hebben en binnen twee jaar zijn terugverdiend. Haijer gaf aan dat ruim vijftig procent van het energieverbruik op rekening van de industrie is en dat het zijn ambitie is om dat met de helft terug te brengen. Door op een andere manier naar energiestromen te kijken binnen processen en ongemakkelijke vragen te stellen, zijn enorme besparingen mogelijk. Haijer beschreef aan de hand van een geanonimiseerd voorbeeld dat door te kijken naar de manier waarop utilities ingrijpen op het proces, er snel verbetering te halen is. In de installatie die hij als voorbeeld gebruikte, zaten een aantal chillers, buffers, coolers en een WKKinstallatie. Met behulp van de flux-technologie zijn de energiestromen voor verwarmen, koelen en warmteverlies in beeld gebracht. Door het proces anders in te richten heeft hij met een terugverdientijd van minder dan twee jaar, een jaarlijkse besparing van ruim vijf miljoen euro gerealiseerd. En omdat sommige delen van de installatie anders worden ingezet, wordt bovendien sterk op onderhoudskosten bespaard. Het is snel verteld, maar het proces heeft een langere doorlooptijd nodig voor het in kaart brengen van de energiestromen, het zoeken naar alternatieven en het implementeren. Een frisse kijk op de zaak levert inzicht in de energiestromen die in de loop van de jaren zijn ontstaan door andere inzet van installaties. Maar het zorgt ook voor een groot besparingspotentieel.

Kwestie van volhouden Jan Kastje van Natuur en Milieufederatie Zuid-Holland zoekt samen met bedrijven naar mogelijke besparingen. Hij merkt op dat dit vaak niet over techniek gaat, maar vooral hoe je met mensen in gesprek komt. Kastje gaat met bedrijven op zoek naar het laaghangend fruit en probeert daarbij de campagne ‘Energiebesparing = corebusiness’ als vaste waarde bij de bedrijven in te brengen. Daarvoor is het animo niet overal even groot. De weerstand die Kastje tegenkomt, heeft een aantal oorzaken. Het scheelt volgens hem bijvoorbeeld of je met een familiebedrijf te maken hebt of niet, of dat er

een Nederlandse of buitenlandse eigenaar is. Nederlandse- en familiebedrijven zijn vaker genegen tot het zoeken van verbeterpunten dan andere partijen. Toch houdt de Natuur en Milieufederatie Zuid-Holland voet bij stuk. Met een reeks praktische voorbeelden laat de beweging graag zien wat er te behalen is met simpele maatregelen. Met een project voor het isoleren van flenzen en afsluiters is op Europese schaal een besparing van tweehonderd PJ te behalen met een terugverdientijd van minder dan een jaar. Frequentieregelaars van luchtkoelers of pompen heeft een besparingspotentieel van zestig miljoen KWh, dat zijn vijftienduizend huishoudens. De inzet op energiebesparende maatregelen is een kwestie van volhouden. Kastje haalde een uitspraak aan van Jos Steens van Vopak Botlek. Steens vertelde Kastje ooit: ‘Innovatie is niet het probleem, het probleem is de implementatie van veranderingen.’ Toch blijft Kastje hoopvol. Met de achterban van de drie verenigingen moet een hoop mogelijk zijn. Hij sloot af met ‘als u dat wilt, wordt energiebesparing nog wel eens gewoon’.

Nieuwe inzichten Besparing op energie zorgt voor een andere inzet van elektriciteitsnetten. En dat is de uitdaging waar Theo de Bruin van Stedin in zijn functie als Capex Realisatie Manager voor staat. Als de komende jaren het gebruik van de elektriciteits- en gasnetten drastisch verandert, heeft dat gevolgen voor de kosten en investeringen in het net. Een net waarvan men nu gewend is dat het

altijd werkt. Een net met een vervangingswaarde van 8500 miljoen euro (Stedin) en een gemiddelde leeftijd van 22 jaar. Afhankelijk van het gekozen scenario zullen de komende decennia steeds meer gebruikers zelfstandig energie opwekken en dus van het net gaan, of juist decentraal opwekken en via het net distribueren. Omdat investeringen in het net in zo’n veertig jaar worden afgeschreven, leveren deze scenario’s een behoorlijk vraagstuk op voor de netbeheerders. Waar moet je investeren en waar niet? Zijn collega Dirk Ockeloen maakte een technische uitstap naar de invloed van power quality op verbruik en beheer. Steeds meer apparaten belasten het elektriciteitsnet niet lineair en zorgen daarmee mogelijk voor sterke vervuiling. Die netvervuiling kan zorgen voor extra slijtage, oververhitting, hogere rekeningen en energieverspilling. Het bewaken van de kwaliteit van de netspanning wordt volgens Ockeloen de komende jaren steeds belangrijker. Zowel voor de eigenaren van installaties als voor de leveranciers van energie. Nieuwe inzichten en inspiratie voor energiebesparing maken een enorme besparing mogelijk. Beheer en onderhoud kunnen daar ook een duidelijk verschil in maken, al was het maar door tijdens stops ruimte te maken voor verbeteringen. De achterban van NVDO, DI-WCM en Profion is goed voor zo’n vier procent van de beroepsbevolking. Het moet hen toch lukken om energiebesparing normaal te maken. ■ Meer informatie over het consortium: www.energieverenigd.nl MaintNL 4 - 2015 37

MV Energie.indd 37

21-04-15 15:55


iMaintain 2015

Goud, een prachtig edelmetaal! Tijdens iMaintain 2015, het jaarcongres van de Nederlandse Vereniging voor Doelmatig Onderhoud (NVDO) en het iMaintain platform, werd Hans Peters, team manager bij Drinkwaterbedrijf Dunea, uitgeroepen tot Maintenance Manager of the Year 2015. Deze verkiezing is een initiatief van iMaintain en de NVDO. Juryvoorzitter Ton Klinkenberg (Bakker Repair BV) gaf in zijn speech aan waarom Hans Peters tot boegbeeld van de Nederlandse onderhoudssector is verkozen. Net als zilver is puur goud een zacht materiaal en wordt het meestal gelegeerd met andere metalen om het sterker te maken, voordat het wordt vervaardigd in bijvoorbeeld sieraden. Als we spreken over de zuiverheid van een gouden legering, praten we over karaat. Het woord ‘karaat’ dateert uit de klassieke tijd toen de oude Grieken kleine zaden gebruikten om gewichten te meten. Karaat, zoals gebruikt voor de zuiverheid van goud, is niet een regel voor gewicht, maar vertegenwoordigt het aandeel van puur goud in een gouden legering. En dat is precies waar het om gaat. Drie zachte edelmetalen, die versterkt worden door hun teams om hun gouden prestaties nog sterker te maken en zo het hoogste karaatgehalte wisten te behalen in NVDO’s prestigieuze strijd naar de titel van Maintenance Manager of the Year. Goud wil ik namens de Nederlandse Vereniging voor Doelmatig Onderhoud, de NVDO, ook uitreiken aan mijn mede-juryleden. Het is niet zomaar een wedstrijd. Er wordt behoorlijk wat gevraagd van de kandidaten, maar ook van de vakjury. Dossiers beoordelen, audits uitvoeren, juryberaden en uiteraard de uiteindelijke beslissing nemen op basis van objectieve rankingmodellen. Een beslissing die leidt tot het feit dat één van de genomineerden het komende jaar het boegbeeld voor ons vak is. Ik vind dat een behoorlijke verantwoordelijkheid.

Graag bedank ik mijn medejuryleden: Huib Oostdijk, HHC/DRS Inspecties, Johan Wolt, titelhouder en werkzaam bij AkzoNobel, Jos Boode, voorheen werkzaam bij Shell, Tim Zaal, bestuurder bij NVDO Kring Noord-Holland en werkzaam bij HZ Consultancy. Dank aan Ellen den Broeder voor de begeleiding van de totale wedstrijd. Genomineerden zijn representatief voor de Nederlandse onderhoudsmarkt, die een omvang heeft van tussen de 30 en 35 miljard euro. De totale sector biedt werkgelegenheid aan zo’n 300.000 onderhoudsprofessionals. Als je binnen zulke enorme getallen tot

38 MaintNL

de drie laatste finalisten behoort voor de titel Maintenance Manager van het Jaar 2015, is dat een hele prestatie! Mag ik u voorstellen, de drie genomineerde Maintenance Managers van dit jaar: Roger Ham, Maintenance Manager bij Kerry Ingredients & Flavours, Hans Peters, Team Manager bij Drinkwaterbedrijf Dunea en Ivo van der Gaag, Maintenance Manager Nederland bij ETT. Bij genomineerde Roger Ham, ligt het goud op de werkvloer. Zoveel werd wel duidelijk toen de vakjury de verkiezingsaudit bij hem uitvoerde. Roger legt verantwoordelijkheden op de werkvloer en daagt zijn medewerkers uit om met voorstellen ter verbetering van de processen te komen. Als het gaat om veilig werken, is het natuurlijk evident dat zijn onderhoudsorganisatie dit significante thema hoog in het vaandel heeft en integraal onderdeel heeft gemaakt van het bedrijfsvoeringsproces. Productie en Onderhoudsafdelingen werken hierin nauw met elkaar samen. Roger heeft daar een belangrijke bijdrage aan geleverd. MEC-analyse op basis van 4M’s (Man, Machine, Management, Methode) zijn Rogers analysemiddelen wanneer hij samen met de sitemanagers constant op zoek is naar verbeterpunten. Als maintenance-verantwoordelijke heeft Roger een belangrijke rol in het management team ten aanzien van ICT en Asset Management en zijn oordeel wordt ook zeker meegenomen. Internationaal bekleedt Roger een belangrijke voorbeeldfunctie voor Kerry op het vlak van onderhoud. Genomineerde Hans Peters is Goud waard als het gaat om samenwerken. Dat doet hij bijvoorbeeld in de keten met collega-drinkwaterbedrijven, maar hij spant zich ook in als het gaat om het vormgeven van samenwerking met opleidingsinstituten. Buiten het feit dat Hans zelf definitieve besluiten neemt, doet zijn mening er bijzonder toe binnen Dunea. Hij vertoont vriendelijk en motiverend leiderschap en levert een belangrijk aandeel in nieuwe technologie, middelen en inspectietechnieken. Een steeds belangrijker aspect vormt hygiënisch werken en steeds hoger wordende productiekwaliteiteisen. Daar draagt Hans met zijn team in hoge mate aan bij. Productie en Onderhoudsafdelingen binnen Dunea werken nauw met elkaar samen, mede dankzij de inspanningen van Hans. De afstand tussen mens en machine is namelijk toegenomen en daarom is de samenwerking tussen disciplines essentieel. Genomineerde Peters zet verbeterteams op en laat ook andere disciplines zelf presteren. Asset management in combinatie met mensen en veiligheid heeft de aandacht. Hoe kunnen installaties zo lang mogelijk beschikbaar gehouden worden zonder interventie van mensen en middelen. Remote monitoring is geïntroduceerd waardoor de werkdruk drastisch is terug gebracht. Renovaties zijn doorgevoerd

4 - 2015

MS Aanbiedingsspeech.indd 38

21-04-15 15:53


FOTO: GIJS HOEKSTRA

Juryvoorzitter Ton Klinkenberg reikt de beker uit aan Hans Peters, Maintenance Manager of the Year 2015.

om Remote Services mogelijk te maken. Hans is bescheiden, doet gewoon zijn werk en straalt een hoge mate van werkplezier uit. Derde finalist in deze Verkiezing van Maintenance Manager van het Jaar is Ivo van der Gaag. Ivo verdient het goud als het gaat om het operationeel maken van visie en beleid bij ETT. Ivo zoekt de samenwerking met de tactische afdeling asset management waarin bijvoorbeeld engineering is ondergebracht. Ivo is duidelijk een motiverend manager en zorgt voor een goed verbeterklimaat en ondersteunt zijn mensen bij het uitwerken van business cases en dergelijke. Hij zorgt er niet alleen voor dat onderhoud van het equipement aantoonbaar in overeenstemming is met de geldende wet- en regelgeving, hij werkt als het op uitvoering aankomt nauw samen met de interne klant (operations & customer service) en uiteraard de veiligheidsafdeling.

Hans Peters vertoont vriendelijk en motiverend leiderschap en levert een belangrijk aandeel in nieuwe technologie, middelen en inspectietechnieken.

zoals gezegd, veelvuldig gebruikt in legeringen, omdat het element over uitstekende elektrische eigenschappen beschikt en zeer corrosiebestendig is. Sinds de twintigste eeuw is goud praktisch onmisbaar in de industrie. Denk aan sommige voedselproducten waar eetbaar goud wordt gebruikt of aan het feit dat goud wordt gebruikt in elektrische circuits en schakelingen, vanwege de goede geleiding. En het zachte metaal roest niet, omdat het niet kan samensmelten met zuurstof. Als zuiver metaal is goud dus onbruikbaar. Dat geldt ook voor onze drie vakkanjers van vanavond. Ook zij komen tot glans wanneer ze samenwerken met hun team, met hun leidinggevenden en de wereld om hun heen. Naar wie gaat het Goud dit jaar, wie wordt de opvolger van Johan Wolt? Is dat de man die zelfs na twintig jaar nog weet wat er in een hoekje achter de deur in Katwijk staat? Die koos voor de afdeling Onderhoud toen de afdeling Asset Management werd ingericht? Is de gouden titel dit jaar bestemd voor Hans Peters, die over het natuurlijke vermogen beschikt om zijn geweldig loyale team boven zichzelf uit te laten stijgen? Of is de Europese voorbeeldfunctie binnen Kerry van Roger Ham goud waard? Misschien is het feit dat Roger ‘rust heeft gebracht in onderhoud’ wel doorslaggevend voor het toekennen van de prestigieuze titel. Of gaat Ivo van der Gaag er met het goud vandoor? Misschien wel vanwege het feit dat hij interne afhankelijkheid erkent en daarbij een grote mate van respect toont. Of juist omdat deze mensen-mens enorm gedreven is?

Hij streeft met zijn afdeling naar continue verbetering van de onderhoudsprocessen, systemen, middelen en werknemers. Preventief onderhoud is vastgelegd en wordt uitgevoerd op basis van kritikaliteit (veiligheid, operatie, klanten en kosten). Hoewel Ivo niet de verantwoordelijkheid draagt, is het onderhoudsinformatiesysteem actueel en ‘as built’ bruikbaar voor alle kritische equipement.

De jury is unaniem tot het oordeel gekomen dat de titel Maintenance Manager of the Year 2015 wordt toegekend aan de man die zijn werk doet op het hoogste niveau en van zichzelf vindt dat hij daar een bescheiden aandeel in heeft en daarbij niet alleen zijn equipment heel houdt, maar óók zijn mensen. De man die weet waar hij het over heeft en waarnaar alle lagen in de organisatie luisteren. De man die verbetervoorstellen bedenkt, indient en realiseert.

Als zuiver metaal is goud vrijwel onbruikbaar voor industriële toepassingen, doordat het erg zacht is. In plaats daarvan wordt het,

Maintenance Manager van het Jaar 2015 is: Hans Peters, Drinkwaterbedrijf Dunea! ■ MaintNL 4 - 2015 39

MS Aanbiedingsspeech.indd 39

21-04-15 15:54


Conditiebewaking Veiligheid Maintenance Expertise - Techniek Netwerk en?

n! a a e j Meld vdo.nl www.n ap atsch

> lidma

Deel kennis en ervaring >> word lid! Ervaar netwerken in groter verband

De Nederlandse Vereniging voor Doelmatig Onderhoud

houdsprofessionals biedt de NVDO een ongeëvenaard

(NVDO) is de toonaangevende branchevereniging op het

netwerk van branchegenoten. De NVDO kent diverse bran-

gebied van onderhoud. Het overdragen van kennis en het

che- en aspectgerichte secties en regionale kringen. De

realiseren en in stand houden van het grootste onder-

vereniging draagt bij aan (wetenschappelijk) on-

houdsnetwerk van Europa, ziet de NVDO als belangrijke

derzoek en brengt trends, ontwikkelingen en visies

doelstelling. Met een groeiend aantal leden van onder-

binnen de branche in kaart.

Lidmaatschap van de NVDO biedt vele voordelen • • • • • • • • • •

Professioneel netwerk op het gebied van onderhoud Kringbijeenkomsten en seminars over specifieke thema’s Cursussen over onderhoudsmanagement Studiedagen met actuele thema’s Secties en werkgroepen gericht op specifieke onderhoudsaspecten Vacaturebank Lidmaatschap van de NVDO Group op LinkedIn (wetenschappelijke) Onderzoeken NVDO Corrosie Helpdesk Jongerenboard

• • • •

NVDO Onderhoudskompas Platform Materiaalkunde (wetenschappelijke) publicaties, waaronder Visiedocumenten Kortingen op ons cursusaanbod van de NVDO Maintenance Academy • Korting op NVDO-studiedagen • (gratis) abonnement op de vakbladen iMaintain/MaintNL en MaintWorld Asset Management, Duurzaamheid en Veiligheid zijn belangrijke thema’s waaraan de NVDO regelmatig en in breder verband aandacht besteedt!

Ga naar www.nvdo.nl en meld je aan... NVDO - Lange Schaft 7G - 3991 AP Houten | Postbus 138 - 3990 DC Houten Telefoon 030 - 634 60 40 | Fax 030 - 634 60 41 | E-mail info@nvdo.nl | www.nvdo.nl

MG Wervingsadvertentie.indd 40

21-04-15 15:47


iMaintain 2015

Schoon water is goud waard! Waar zou u voor kiezen: puur goud of zuiver drinkwater? Je staat er zelden bij stil en toch is het dagelijks onbeperkt voorhanden. Hoe komt dat nu toch tot stand? We bedenken, bouwen en onderhouden. Het lijkt zo simpel: rivierwater de duinen in, even wachten ....en oppompen weer. In de loop der jaren blijkt het echter een enorm complex en boeiend samenspel/schaakspel te zijn tussen ongelooflijk veel partijen en aspecten. Van ‘wettelijk moeten leveren’ tot ‘het wordt vanzelf vier uur’. Van ‘bacterie’ tot ‘zuurgraad’. Van ‘certificering’ tot ‘maatschappelijk verantwoord ondernemen’.. Lang maakte ik mee dat de ene partij de ander de tent (het duin) uit vocht. Dan lijkt het besef in te dalen dat samenwerken elkaars belang veel beter dient. Een mooi voorbeeld zijn de kant van de waterwinning en de kant van natuurbeheer, die nu elkaar juist versterken met goede afspraken wat betreft het broedseizoen, de duingedragscode et cetera. Tegenwoordig heten wij dan ook Dunea, Duin & Water. Hoe staan wij daar nu in met ons onderhoud? We zijn letterlijk een redelijk uniek kleintje in deze wereld, maar wel met een groot en divers werkgebied. Wat we aankunnen doen we nog steeds zelf. Verregaande automatisering en bijna griezelig nauwkeurige kwaliteitsmetingen maken dat iedereen ziet waar we aan knutselen en hoe! Voorheen wisten we niet altijd wat we onze klanten toedienden en dat ze soms moesten kauwen als ze drinkwater gebruikten. Nu is vrijwel ieder beestje uit de biologie of stofje uit de chemie bekend en in water lost nou eenmaal bijna alles op! Met het uitvoeren van onderhoud moeten we (her)besmetting voorkomen. Ik heb me altijd als een vis in het water gevoeld bij onderhoud (en productie), maar vooral tussen de mensen met het juiste vonkje, die met plezier de klussen aanpakken. Het product drinkwater is bekend, maar de veelzijdige wereld die erachter zit veel minder. De ontwikkelingen volgen in het beroep heb ik altijd enorm boeiend gevonden. Het in de praktijk brengen van methoden of strategieën die je leert of tegenkomt, is op zijn zachtst gezegd een scala aan uitdagingen naast alle zaken die normale aandacht behoeven. Er zijn zoveel redenen waarom het niet of soms maar een beetje lukt. Reorganisaties, bezuinigingen, nieuwe normen, drukte en hectiek, goede mensen die doorstromen. En toch: op weg naar die verbeteringen de kar te trekken, initiatieven nemen, de prachtige natuur en techniek, en bovenal de medewerkers; al die facetten maken het verschil. Wij gaan elke dag voor niets minder dan goud. Ik dank de organisatie en u voor uw belangstelling voor mijn wondere wereld van het maken van drinkwater.

FOTO: NVDO

Op zoek naar het goud

Hans Peters Teammanager Werktuigbouw en Infra bij Drinkwaterbedrijf Dunea en winnaar Maintenance Manager of the Year 2015.

‘Het product drinkwater is bekend, maar de veelzijdige wereld die erachter zit veel minder.’

MaintNL 4 - 2015 41

MN Column Peters.indd 41

21-04-15 15:50


iMaintain 2015

De wereld kleiner maken Asset owner Erik Bijlsma van de Noord/Zuidlijn en asset owner Giel Jurgens van Havenbedrijf Rotterdam bezochten elkaar op het werk. Ze deelden kennis en ervaring en gingen op zoek naar de overeenkomsten en verschillen tussen de twee bedrijven. Dagmar Aarts

Het eerste verschil waar de mannen achter komen, is dat ze anders met contracten om gaan. Bij de Noord/Zuidlijn wordt veel met DBM-contracten gewerkt vertelt Bijlsma. ‘Als gemeente Amsterdam zijn wij de beheerder en geven de contracten uit. Wij vullen de asset owner en asset managersrol in. Maar het asset management knippen we wel in tweeën. Strategisch en tactisch doen wij, operationeel en dagelijks onderhoud leggen we bij het GVB neer.’ Bij Havenbedrijf Rotterdam is het afhankelijk van de asset-soort of het aan de markt wordt over gelaten of dat het in eigen beheer wordt gehouden. Jurgens: ‘Het ene

asset leent zich beter voor uitbesteden dan een ander. Dat baseren wij op basis van ongewenste topgebeurtenissen per assetsoort en ook op gezond verstand en een stukje risicoafweging.’

Innovatie De gemeente Amsterdam is met de DBMcontracten met name op zoek naar de innovatieve kracht van de markt, maar ook naar mogelijkheden om de kosten voor het volledige onderhoud te verminderen. In Rotterdam doen ze meer in eigen beheer en daar moeten ze dus op andere manieren aan innovatie komen. Volgens Jurgens

is daar op dit moment een duidelijk beleid in. ‘We hebben Smartport opgericht waarin wij met de gemeente Rotterdam, Erasmus Universiteit, TU Delft en Deltalinqs werken aan kennisontwikkeling en innovatie. De samenwerking met de markt, met ingenieursbureaus, zit vooral in onze nieuwbouwprojecten.’

Regie Een groot verschil blijkt als Bijlsma aan Jurgens vraagt hoe ze bij het Havenbedrijf de regie houden met al die verschillende schepen, terminals en huurders. Jurgens: ‘De haven wordt voor het grootste deel bepaald door onze klanten, wij faciliteren. Contractueel staat vast dat wij altijd bij een kademuur moeten kunnen komen als wij dat nodig vinden. In de praktijk gebruiken we dat recht niet. Wij stemmen altijd af met de klant. We kijken bij hun in de planning of er een mogelijkheid is om aan onze eigen assets te sleutelen.’

‘ De haven wordt voor het grootste deel bepaald door klanten.’ ‘Dat is anders dan wij hier in Amsterdam doen’, zegt Bijlsma. ‘Wij zijn als eigenaar en beheerder de besluitvormende partij. Wij stemmen wel af met onze stakeholders, maar uiteindelijk nemen wij de beslissing. Komende zomer gaan we de aansluiting van de Noord/Zuidlijn voorbereiden op Zuid. Dan moeten we toch een groot gedeelte van het metronetwerk afsluiten.’

Projecten bewaken In Rotterdam en in Amsterdam wordt nagedacht hoe informatie en data het beste kunnen worden opgeslagen. En hoe er

42 MaintNL

MM Goud.indd 42

4 - 2015

21-04-15 15:50


Giel Jurgens (l) en Erik Bijlsma (r) bezochten elkaar op de werkvloer.

inzicht verkregen kan worden in de benodigde informatie om projecten uit te zetten, het onderhoud te beheren en prestaties te monitoren. Beiden zijn er mee bezig, maar wel op een andere manier. Jurgens: ‘Onderhoudsmanagement doen we al tachtig jaar dus daar hebben we een systeem voor ingericht en voor projecten hebben we dat ook. Maar we moeten nog wel een stap maken om de twee werelden van project en onderhoud bij elkaar te brengen. Dan kan je de aan- en bijsturing van levensduurverlengingsonderhoud of de bouw van een nieuwe asset makkelijker doen.’

FILM Het gesprek tussen Erik Bijlsma van de Noord/Zuidlijn en Giel Jurgens van Havenbedrijf Rotterdam is opgenomen voor iMaintain 2015, het jaarcongres van de NVDO en het iMaintain platform. Tijdens het congres is een videoverslag van hun gesprek getoond. De film is in een lange en korte versie op internet te zien via www.imaintain.info/congres.

Bij de Noord/Zuidlijn wil Bijlsma naar een modern en duurzaam onderhoudsbeheersysteem waar standaarddata zoals configuratiemanagement in onder worden gebracht. ‘Tegelijkertijd willen we een applicatie toevoegen waar we de beleidsbenodigde data en informatie in opslaan. Je ziet vaak dat door de hoeveelheid data het lastig is om de juiste informatie te vinden om tot besluiten te komen. Daarnaast kunnen verschillende applicaties waar data in is opgeslagen nu niet goed met elkaar communiceren. In de nieuwe applicatie hebben we standaard beheer, projectomgeving, prestatie, optimalisatie en onderhoud bij elkaar staan. Zo kan bijvoorbeeld het GVB, onze regievoerder en coördinator, dagelijks zien op welk niveau er wordt geacteerd en of er wel of niet wordt voldaan aan eisen. En we kunnen er informatie uithalen voor toekomstige projecten.’

Compacter Op het laatst weten Bijlsma en Jurgens nog een grote overeenkomst te ontdekken. De Noord/Zuidlijn en de Maasvlakte 2, de uitbreiding van de Rotterdamse haven, zijn allebei megaprojecten die aansluiten op bestaande infrastructuur. Er wordt uitgebreid, maar de wereld wordt compacter gemaakt.

‘ In Amsterdam zijn wij als eigenaar en beheerder de besluitvormende partij.’

Bijlsma: ‘Met de Noord/Zuidlijn creëren wij ontwikkelmogelijkheden in Noord die zonder de nieuwbouw lastig zouden zijn.’ Jurgens: ‘Wij hebben veel aandacht moeten besteden om Maasvlakte 2 goed aan te laten sluiten op de bestaande infrastructuur. Met viaducten, interne banen, container exchange routes enzovoort. Het moest allemaal één logistiek verhaal worden. In ons asset management houden we daar ook rekening mee. Bij ons staat één asset niet op zich. We hebben een keten van assets waar de logistiek van onze klanten overheen gaat. We hebben een hele diepe waterbak waar een schip doorheen komt naar de kademuur. Vervolgens moeten de goederen uit het schip vervoert kunnen worden via het spoor, de weg of een binnenvaartaansluiting. Het kan niet zo zijn dat een van die schakels in die keten beter of slechter wordt onderhouden dan de ander.’ ■ MaintNL 4 - 2015 43

MM Goud.indd 43

21-04-15 15:50


iMaintain 2015

Flink besparen door Design for Maintenance De bouw van een nieuwe fabriek vraagt een behoorlijke investering. De onderhoudskosten gedurende de levensduur van de fabriek, meestal veertig jaar, zijn vaak even hoog als de investering. Door er bij de bouw van de fabriek rekening mee te houden dat het onderhoud zo goedkoop mogelijk kan worden uitgevoerd, kunnen veel kosten worden bespaard. Dit ‘Design for Maintenance’-principe wordt toegepast bij de bouw van de Next Generation Sulfa op de Chemelot site. David van Baarle Op de chemische industriesite Chemelot staan fabrieken van verschillende bedrijven. De ammoniumsulfaatfabriek van een van de site users, DSM, is in de jaren vijftig en zestig gebouwd. Uit een zogenaamde life time extension-studie bleek dat de fabriek aan het einde van zijn leven was. Het bedrijf besloot dan ook om een nieuwe ammoniumsulfaatfabriek te bou-

wen op de site: de Next Generation Sulfa (NGS). Partner Sitech Services bracht daarbij onderhoudskennis en ervaring van de oude ammoniumsulfaatplant in om in de engineeringsfases al rekening te houden met het toekomstig onderhoud, kortgezegd Design for Maintenance. Het belang van Design for Maintenance is groot. Uitgaande van de jaarlijkse onder-

houdskosten, die 2,5 procent van de investering bedragen, zijn de totale onderhoudskosten gedurende de levenscyclus van een fabriek van veertig jaar oud net zo groot als de investering die nodig is om een nieuwe fabriek te bouwen. Eric Timmermans is Reliability Engineer bij Sitech bij onder andere de oude ammoniumsulfaatfabriek. Zijn expertise werd ingezet om de nieuwe fabriek op een dusdanige wijze te ontwerpen, dat deze aan vooraf gedefinieerde onderhouds- en reliabilityeisen voldoet. ‘De oude fabriek was echt aan het einde van haar levensduur’, zegt Timmermans. ‘Ammoniumsulfaat, opgelost in water, is behoorlijk corrosief voor betonen staalconstructies. We hebben een life time extension-studie uitgevoerd om te onderzoeken of de bestaande fabriek langer in bedrijf kon worden gehouden. Hieruit bleek dat de ondergrondse civiele constructie behoorlijk was aangetast door het ammoniumsulfaatzout. Er zat nog maar één ding op: de oude fabriek afbreken en een nieuwe bouwen. Een dergelijk beslissing neem je niet snel, want de nieuwe fabriek vergt een investering van ongeveer honderdvijftig miljoen euro.’

Asset life cycle De basis voor de onderhoudsstrategie van Sitech is het Asset Life Cycle-model. ‘Het model is eigenlijk een combinatie van een strategisch asset management plan voor de gehele levenscyclus van een fabriek met daarin een constante verbetercirkel. Uitgangspunt voor de bouw van de NGS is het ‘Business Need Memorandum’. In dit document wordt de behoefte vanuit de markt vertaald naar karakteristieken voor de nieuw te bouwen fabriek, zoals het type eindproducten, de capaciteit, flexibiliteit en kwaliteitseisen. Daar hebben we de reliability- en maintenancevereisten aan toegevoegd. Op basis van deze vereisten wordt de mainte-

44 MaintNL

ML Design.indd 44

4 - 2015

21-04-15 15:49


FOTO’S: SITECH SERVICES

nancestrategie voor de nieuwe fabriek opgezet. De vereisten leiden in de engineeringsfasen tot ontwerpkeuzes ten aanzien van betrouwbaarheid en het onderhoud van de fabriek. Voorbeelden zijn de keuze van het juiste type afdichtingen, trillingsmetingen op pompen, waar nodig redundante apparaat-opstellingen en selectie van de juiste materialen, zowel van de apparaten als de civiele constructie van het gebouw.’ Aan praktijkvoorbeelden heeft Timmermans geen gebrek. ‘Neem het meten van trillingen op motoren’, zegt hij. ‘We hebben op basis van een total cost of ownership-benadering voorgesteld om op de meest kritische pompen en motoren online trillingsmetingen te implementeren. De investering was gelijk aan de jaarlijkse kostenreductie op dervings- en maintenancekosten. Zo'n investering is binnen een jaar terugverdiend

‘ Gedurende de verschillende engineeringsfasen zijn met een multidisciplinair team designreviews uitgevoerd.’

gebruikt om ontwerpkeuzes, zoals redundante pompopstellingen, te onderbouwen. Andersom gebeurde overigens ook. In het ontwerp zat een vluchtroute die we nodig dachten te hebben, mocht een transportlijn voor zout uitvallen. Tijdens de simulatie bleek dit helemaal niet nodig. Je voorkomt zo dus ook onnodige investeringen.’

en levert daarnaast ook nog secundaire voordelen op. Denk aan stabiliteit in de bedrijfsvoering en rust in de onderhoudsorganisatie, omdat aankomend apparatuurfalen planmatig kan worden opgepakt. Ook hebben we gebruik gemaakt van reliability block diagrams. Dit zijn modelweergaven van de apparatuur in de fabriek met de onderliggende relaties zoals bijvoorbeeld parallel geschakeld, redundant uitgevoerd of twee uit drie. We hebben dit instrument

Multidisciplinair De Next Generation Sulfa is ontworpen in 3D. Timmermans: ‘Gedurende de verschillende engineeringsfasen zijn met een multidisciplinair team designreviews uitgevoerd. Dit team bestaat uit monteurs, operators, werkvoorbereiders, reliability engineers en mensen uit de SHE- en logistieke afdelingen. Uit deze designreviews zijn honderden opmerkingen naar voren gekomen. Op ons verzoek zijn er bijvoorbeeld hijsluiken en MaintNL 4 - 2015 45

ML Design.indd 45

21-04-15 15:49


iMaintain 2015

hijsbalken aan het ontwerp toegevoegd, zodat het mogelijk werd om machines bij storingen en revisies tijdens turnarounds uit te bouwen. Daarnaast hebben we in de vroege ontwerpfases met onze hijsfirma een hijsplan voor turnarounds uitgewerkt.

‘ Elke euro aandacht in de engineeringsfase, geeft 25 euro besparing op de onderhoudskosten in de operationele fase tijdens de levensduur van de fabriek.’ Ook hebben we samen met de onderhoudsfirma voor de transportbanden onderzocht of we de tientallen transportbanden in de fabriek goed kunnen onderhouden. En hebben we op strategische locaties hijsbalken kunnen implementeren om ons werk straks een stuk eenvoudiger en sneller te maken. Uiteraard hebben we ook de ervaring die we hebben opgebouwd met het onderhouden van de oude fabriek meegenomen in de specificaties van de assets. Zo hebben we in het verleden veel te maken gehad

46 MaintNL

ML Design.indd 46

met lekkages van afdichtingen en hebben we voor de nieuwe pompen een afdichtingsspecificatie opgezet waarbij, afhankelijk van het medium, een bepaald type afdichting wordt toegepast. Hetzelfde geldt voor de materiaalspecificaties. Waar nodig kiezen we voor RVS en de vloeren moeten voorzien zijn van een beschermingslaag om het beton te beschermen tegen ammoniumsulfaat. Door de fabriek op deze manier te ontwerpen, zijn de onderhoudskosten in de operationele fase laag en is de betrouwbaarheid hoog, gecombineerd met weinig le kkages. Uit eerder uitgevoerd onderzoek blijkt dat elke euro extra aandacht in de engineeringsfase, leidt tot 25 euro besparing op de onderhoudskosten in de operationele fase tijdens de gehele levensduur van de fabriek. Door Design for Maintenance toe te passen zijn de besparingen op onderhoudskosten tijdens de levensduur van de NGS vijf miljoen euro. Voor de reductie van derving kan eenzelfde getal worden aangehouden. Bovendien kunnen we de kosten voor reserveonderdelen laag houden door het toepassen van standaardisatie in het ontwerp. Ook binnen de technische beschikbaarheid maken we een flinke sprong vooruit met de NGS, waardoor de onderhoudskosten per ton dalen.’

Operationele fase ‘De fabriek wordt dit jaar in bedrijf genomen’, besluit Timmermans. ‘Dit betekent dat we in de tweede fase terecht zijn gekomen. In de engineeringsfase waren onze inspanningen vooral gericht op Design for Maintenance, terwijl we nu de operationele fase aan het inrichten zijn. Dit betekent dat we de preventieve plannen maken, de reserveonderdelen op voorraad leggen, de opleidingen starten voor de operators en monteurs en de onderhoudsroutines en takenlijsten vastleggen. De kennis en ervaringen die we hebben opgedaan met de NGS hebben we vastgelegd in een handboek Design for Maintenance. Daarin staan naast de gebruikte methodieken ook de best practices opgenomen. Dit handboek passen we al toe bij een ander nieuwbouwproject.’ Hij vervolgt: ‘Dat Design for Maintenance resultaat oplevert, blijkt wel uit de benchmark die we hebben uitgevoerd. Daarin scoort Sitech Services met 77 procent maintainability, honderd procent reliability en 92 procent supportability als een van de besten in de benchmark. Onze klant DSM wil ons dan ook graag betrekken bij andere nieuwbouwprojecten op de site.’ ■

4 - 2015

21-04-15 15:49


iMaintain 2015

We gaan voor GOUD! In 2002 ben ik begonnen met mijn team in de Jupiler League van het onderhoud. Ik wilde geen Jupiler League spelen, ik wilde Champions League spelen. Door mijn mensen te gaan trainen, vertrouwen te geven en een onderhoudssysteem te implementeren, kwamen we in de Eredivisie en Europa League. Bij een Champions League team wordt aan alle voorwaarden voldaan om een topprestatie te leveren: de spelers zijn goed getraind, de slimste coach, goede trainingsfaciliteiten en een bestuur met een duidelijke visie voor een langere termijn. Op den duur is dan winst in de Champions League finale mogelijk. Bij een team dat in de Europa League speelt, ontbreken altijd één of meerdere randvoorwaarden om de top te halen. Dat is een keuze, maar verwacht dan ook niet dat je ooit de Champions League finale haalt. Mijn vrouw zat drie jaar geleden op een avond naar een programma op tv te kijken en dat heette: ‘Cash op zolder’. In dit programma halen deelnemers hun zolder leeg en verkopen bij opbod hun niet gebruikte spulletjes. Ik raakte geboeid, niet omdat ik aan mijn zolder dacht, maar aan mijn magazijn. Hoeveel spares lagen daar ongebruikt opgeslagen die waarschijnlijk ook nooit gebruikt zouden worden. Dit voorval werd de start van het project ‘kennis van spares’. Als Technische Dienst wil je waarde toevoegen aan de bedrijfsvoering en niet als kostenpost gezien worden. Magazijnvoorraad is een goed voorbeeld waar geld vast ligt in goederen en niet gebruikt kan worden voor andere doeleinden, bijvoorbeeld overnames. Tijdens het project ‘kennis van spares’ werd samen met de afdeling productie en de Technische Dienst de kritikaliteit van alle installaties beoordeeld. Toen dit bekend was, kon in SAP gelabeld worden of een reserveonderdeel een insurance spare part was (kans op stilstand en is slecht verkrijgbaar), een critical spare part( kans op stilstand, maar goed verkrijgbaar), non-critical spare part (geen kans op stilstand en goed verkrijgbaar) of supply item (geen stilstand en goed verkrijgbaar) was. Niet veel later werd vanuit het centrale management per decreet een kostenreductie opgelegd om tien procent van de spare part kosten te verlagen. Doordat we al een onderbouwde analyse hadden gemaakt van onze spare part voorraad, konden we aantonen dat we al op een meest efficiënte, minimale voorraad zaten en dat deze kostenreductie alleen maar geld zou kosten. Kapitaalvernietiging! Om als Technische Dienst succesvol te kunnen zijn moet de maintenance manager tegenwoordig de taal spreken van onderhoud met de spelers, in dit geval de productie en de Technische Dienst, en de financiële taal met de financial controler en het management, de clubleiding. Hij moet tevens zorgen dat de trainingsfaciliteiten, waaronder het onderhoudsbeheerssysteem, up-to-date zijn. De maintenance manager moet als intermediar optreden tussen de verschillende organisatielagen en een vertaalslag maken, zodat iedereen weet wat van hem of haar wordt verwacht. Als aan al deze voorwaarden wordt voldaan kunnen we als bedrijf, maar ook als beroepgroep, voor GOUD gaan en de Champions League winnen.

Roger Ham Maintenance manager bij Kerry Ingredients & Flavours en genomineerde Maintenance Manager of the Year 2015

‘Als Technische Dienst wil je waarde toevoegen aan de bedrijfsvoering en niet als kostenpost gezien worden.’

MaintNL 4 - 2015 47

ME Column Ham.indd 47

21-04-15 15:46


iMaintain 2015

iMaintain 2015, het jaarcon het iMaintain platform, wa

48 MaintNL

MO fotospread.indd 48

4 - 2015Â

21-04-15 15:51


FOTO’S: NVDO EN

GIJS HOEKSTRA

aarcongres van de NVDO en m, was een overweldigend succes

MaintNL 4 - 2015 49

MO fotospread.indd 49

21-04-15 15:52


Levensduurverlenging

Innovaties geven bruggen een langer leven Veel bruggen en viaducten in Europa raken op leeftijd. De meesten zijn gebouwd in de jaren zestig en zeventig en het einde van hun levensduur raakt in zicht. Dat betekent dat de komende decennia flink geïnvesteerd zal moeten worden in renovaties en vervangingen. Meer kennis over de veroudering zou de kosten fors kunnen beperken. Francis Voermans

Nederland telt zo’n veertigduizend bruggen en viaducten. Het onderhoud daarvan is een grote kostenpost voor gemeenten, provincies en Rijkswaterstaat. Bovendien brengt het veel verkeershinder met zich mee. Wegens geldgebrek is er nogal wat achterstallig onderhoud. Dat was al zo in 2009, toen de toenmalige ministeries van VROM en Verkeer en Waterstaat dit onder de aandacht brachten. Volgens Bouwend Nederland is er tot dusver weinig verbeterd. De ondernemersvereniging stelt dat zelfs de helft van de bruggen en viaducten in Nederland matig tot slecht onderhouden is, op basis van een enquête die het hield onder gemeenten. Hoewel dat niet direct

een risico is voor de veiligheid, moet er wel regelmatig een brug worden afgesloten voor zwaar verkeer in afwachting van renovatie.

Onderzoek De kosten en overlast zullen naar verwachting alleen maar toenemen in de komende decennia. Een groot deel van de constructies nadert het einde van zijn levensduur en dat betekent dat er steeds meer geld nodig zal zijn voor ingrijpende renovaties of zelfs vervanging. ‘Er zou aanzienlijk bespaard kunnen worden op de kosten, als we meer kennis hadden van de verouderingsprocessen in de constructies’, vertelt Jeroen

Kruithof van TNO Structural Reliability. ‘Maatregelen zijn nu vooral gebaseerd op inspecties. Wanneer geconstateerd wordt dat er iets mis is, worden reparaties uitgevoerd of eventueel een vervanging gepland. De vraag is of dat de meest economische oplossing is. Als we meer inzicht zouden hebben in de verouderingsprocessen, zouden er gerichter maatregelen kunnen worden genomen.’ Voor dat inzicht is onderzoek nodig. Veel onderzoek, dat volgens TNO het beste in Europees verband aangepakt kan worden. Het kennisinstituut heeft daarom het initiatief genomen voor een workshop eind vorig jaar, waar experts uit zeven landen aan deelnamen. ‘De problematiek heerst in heel Europa. De deelnemers aan de workshop bleken dezelfde ideeën te delen en gaan er graag mee aan de slag. Het is een grote opgave. Als we samenwerken met andere Europese partijen, kunnen we sneller resultaten krijgen’, aldus Kruithof.

Betere modellen Tijdens de workshop is gekeken waar de belangrijkste kennishiaten liggen en welk

METAALMOEHEID Bruggen en viaducten worden ontworpen met het oog op een bepaalde levensduur. De werkelijke levensduur hangt echter af van vele dynamische factoren, zoals de belasting, de weersomstandigheden en de blootstelling aan zout. Met name de belasting is bij veel bruggen zwaarder dan voorzien in het ontwerp, doordat er steeds meer en zwaardere vrachtwagens zijn gekomen. De toegenomen belasting heeft voor problemen gezorgd bij een aantal stalen bruggen in Nederland. Eind jaren negentig kwamen scheuren aan het licht in de slechts zeven jaar oude tweede Van Brienenoordbrug. Ook andere bruggen bleken last te hebben van metaalmoeheid. De Moerdijkbrug kreeg direct een grondige renovatie in

50 MaintNL

MR TNO.indd 50

1998 en 1999, maar dat hielp weinig. De scheuren kwamen snel terug, zodat Rijkswaterstaat op zoek moest naar een andere oplossing. Uit verschillende opties werd gekozen voor het aanbrengen van een laag Hoge Sterkte Beton op het stalen dek. Het aanbrengen van dat beton bleek echter niet eenvoudig. Heel wat kinderziektes en tegenslagen moesten worden overwonnen, voordat Rijkswaterstaat en de aannemers een goede methode hadden ontwikkeld. Na een inventarisatie in 2007 besloot Rijkswaterstaat veertien bruggen te versterken met Hoge Sterkte Beton, een grootschalig project dat nu ongeveer halverwege is. Na de renovatie zouden de bruggen weer dertig jaar mee moeten kunnen.

4 - 2015

21-04-15 15:52


onderzoek of ontwikkelingen het meeste resultaat zouden opleveren. Die punten zijn vastgelegd in een gezamenlijke innovatieagenda, die eind maart is gepubliceerd. ‘Iedereen wil in de kern hetzelfde, namelijk de ontwikkeling van betere methodes om de kosten en baten van maatregelen te bepalen. In de workshop is die vraag verder afgepeld. We hebben bekeken welke kennis ontbreekt om tot goede kosten-baten analyses te komen, apart voor betonnen en stalen bruggen.’ Wat betreft betonnen constructies gaat het dan bijvoorbeeld om de ontwikkeling van toepasbare tools die technische maatregelen vertalen in life-cycle kosten. Zo’n tool zou een waardevolle ondersteuning zijn voor beheerders bij het nemen van beslissingen. De uitvoerders van onderhoud aan betonnen constructies hebben vooral behoefte aan betere en meer praktische richtlijnen. In de richtlijnen zou bijvoorbeeld nauwkeuriger staan wat en hoe gemonitord moet worden en hoe de vergaarde informatie vertaald moet worden naar kwantitatieve parameters, zoals de belasting en weerstand. Een derde, meer fundamentele vraag is gericht op de rekenmodellen. Deze zouden

gebaseerd moeten zijn op de echte faal­ mechanismen. Om dat te realiseren is er nog onvoldoende kennis over het gedrag van een kunstwerk als systeem en de relatie met de totale betrouwbaarheid. Betere modellen zouden ervoor zorgen dat verborgen veiligheden boven water komen en de veiligheidsmarges kunnen worden gereduceerd.

‘ Als we samenwerken met andere Europese partijen, kunnen we sneller resultaten krijgen.’ Innovatieagenda De monitoring en het onderhoudswerk aan stalen constructies is heel anders dan voor beton, maar ook hier heeft een goede beslissingsondersteunende tool de prioriteit. Zo’n tool is het nauwkeurigst als de conditie van de constructie zo precies mogelijk bekend is. Dat vraagt om nieuwe technieken, bijvoorbeeld voor het monitoren van de krachten op de constructie of sensoren die vermoeiingsverschijnselen

detecteren. Daarnaast is er voor stalen kunstwerken nog veel winst te halen in de ontwikkeling van nieuwe versterkings- en renovatietechnieken en het vinden van nieuwe lasmethodes voor oud staal of ‘koude’ reparatietechnieken. Meer kennis geeft beheerders de mogelijkheid om hun constructies efficiënter te onderhouden. In sommige gevallen zouden ze bepaalde maatregelen achterwege kunnen laten, als blijkt dat ze de totale levensduur niet beïnvloeden. In andere gevallen zal eerder ingrijpen voorkomen dat later veel kostbaardere maatregelen nodig zijn. Helemaal veel winst is er te halen als het vervangen van een constructie uitgesteld kan worden. Het betekent dat de grenzen van de constructie verder opgezocht worden, maar gevaarlijk is dat volgens Kruithof niet. ‘Hoe minder je weet, hoe groter de risico’s zijn. Als je veel van een constructie begrijpt, kun je de marges op een veilige manier kleiner maken.’ Nu de innovatieagenda er ligt, wil TNO verder gaan in de internationale samenwerking. ‘We proberen het rapport zo breed mogelijk uit te dragen in Europees verband. Ook kijken we of we partijen bereid vinden om gezamenlijk verder te gaan. Nu we een MaintNL 4 - 2015 51

MR TNO.indd 51

21-04-15 15:53


De uitvoerders van onderhoud aan betonnen constructies hebben vooral behoefte aan betere en meer praktische richtlijnen.

concrete agenda hebben, kunnen we de energie focussen.’ Kruithof hoopt dat het rapport bijdraagt aan meer aandacht voor het thema in de EU, waar het nu niet op de agenda staat. Zo is er binnen Horizon 2020 geen specifiek budget voor onderzoek naar civiele kunstwerken, al zou dit wel in een ander programma kunnen aansluiten. Eén rapport brengt daar nog geen verandering in, erkent Kruithof. ‘Dat is een kwestie van lange adem.’

Ageing Centre Het thema leeft wel onder het bedrijfsleven in Nederland. Dat merkt Ton van Beek, die sinds december vorig jaar leiding geeft aan het Ageing Centre van de TU Delft. Uit allerlei hoeken is er belangstelling voor het centrum. Dat blijkt uit de board, die is samengesteld uit mensen van Rijkswaterstaat, Tennet, energiebedrijven, wegbeheerders en zelfs verzekeraars. En er komen vragen

52 MaintNL

MR TNO.indd 52

uit bijvoorbeeld de scheepvaart en de procesindustrie. ‘Veroudering van materialen treedt overal op en de onderliggende processen zijn generiek. Onze insteek is dat de verschillende sectoren van elkaar kunnen leren’, vertelt Van Beek. Het Ageing Centre is twee jaar geleden opgericht. Tot dusver is vooral gewerkt aan het inventariseren van de onderzoeksbehoefte. Van Beek heeft de zaken sinds december in een hogere versnelling gezet om de volgende fase in te gaan. Hij is bezig met het opbouwen van een netwerk en het opstellen van een onderzoeksprogramma. Het Ageing Centre wil onderzoek gaan uitvoeren, met de betrokkenheid van zes disciplines: chemie, fysica, biologie, ontwerp, mechanica en wiskunde. ‘Vroeger was het ontwerpen van bruggen vooral het werk van een civiel ingenieur. Nu er meer aandacht komt voor de levensduur van de constructies, wordt het aandeel van andere discipli-

nes groter. Het berekenen van de maximale krachten op een brug door vrachtverkeer, is bijvoorbeeld een vraag voor mechanica. Het bepalen van de kans daarop is statistiek, terwijl de veranderingen in het materiaal chemisch zijn’, vertelt Van Beek. Door de verschillende disciplines te combineren wil het Ageing Centre verouderingsverschijnselen op verschillende niveaus in kaart brengen: wat gebeurt er diep in het materiaal, wat in een balk, en wat in de hele brug. Die fundamentele kennis over de veroudering, kan een ingenieur helpen constructies te ontwerpen met een langere levensduur. Maar ook voor bestaande constructies is het nuttig. ‘Een pijp is bijvoorbeeld ontworpen voor een bepaalde levensduur. Na tien jaar kun je kijken hoe hij er aan toe is. Veroudert hij volgens plan of zijn er andere processen aan de gang? Op basis daarvan kun je de restlevensduur inschatten. Dit helpt om het onderhoud efficiënter in te plannen. Mogelijk is de wapening ergens aan het roesten, maar als je weet dat dit geen invloed heeft op de levensduur, hoef je geen nieuwe laag aan te brengen.’ Het onderzoek binnen het Ageing Centre zal zich richten op concrete doelen, bijvoorbeeld een reductie in kosten van tien procent, of een bepaalde CO2-reductie. Zelfs kleine stappen vooruit kunnen veel geld opleveren. Van Beek: ‘Een brug is doorgaans ontworpen op een levensduur van vijftig jaar. Als infrastructuur zoals bruggen en viaducten in Nederland een jaar langer meegaat, dus twee procent langer, scheelt dat zevenhonderd miljoen in de kosten van onderhoud en vervanging. En dat zijn alleen nog maar de directe kosten. De verkeersoverlast kost ook geld: voor elke euro aan onderhoud is er een euro aan hinderkosten.’ ■

4 - 2015

21-04-15 15:53


iMaintain 2015

Toen ik laatst bij een voetbalwedstrijd van mijn elfjarige zoon stond te kijken, werd mij als fanatieke vader en supporter duidelijk dat jongeren vaardigheden snel oppakken en zich daardoor als mens razendsnel ontwikkelen. Mijn zoon zei namelijk dat het leuker zou zijn als ik mijn mond zou houden en hem zijn gang moest laten gaan. Tsja,…. een confronterend moment. In de huidige samenleving gaat de kennis- en kundeontwikkeling van jonge mensen steeds sneller, mede door de opkomst van tablets, apps en gadgets waarbij twee- tot driejarigen hun opa’s en oma’s van vijftig jaar uitleggen hoe computerspelletjes moeten worden gedownload en gespeeld. Als je dan kijkt naar de doorstroom van jonge mensen binnen de techniek en onderhoud zie je dat dit juist traag verloopt. Regelmatig lees ik in artikelen dat op sleutelposities binnen andere niet technische disciplines in het bedrijfsleven management trainees en high potentials ingezet worden. Om ervaring op te doen en voor opvolging te zorgen. Hoeveel management trainees en high potentials doorlopen dergelijke trajecten binnen de techniek? Het wordt tijd dat de CEO van de toekomst start op de afdeling techniek en daar de diversiteit van het bedrijf leert en het belang van onderhoud gaat begrijpen. En gezien het belang van onderhoud wordt het ook tijd voor de CMO, de Chief Maintenance Officer. De onderhoudsmarkt in Nederland biedt werkgelegenheid aan 260.000 tot 300.000 onderhoudsprofessionals. Gezamenlijk geeft de industrie tussen de 30 en 35 miljard euro uit aan onderhoud. Dit is vijf keer de omzet van Philips. Het is qua omvang voor de Nederlandse economie een enorm belangrijke markt. In die enorm belangrijke markt ligt de gemiddelde leeftijd van een maintenance manager tussen de 45-55 jaar. Dus nieuwe toetreders op de technische arbeidsmarkt, die gemiddeld 25 jaar zijn, moeten een traject van twintig tot dertig jaar doorlopen voordat ze op sleutelposities binnen de techniek terecht komen. Dat is echt te lang! Ik roep op jonge veelbelovende mensen eerder door te laten stromen en hen het vertrouwen en de ondersteuning te geven die ze verdienen. Laten we onderhoud bij de jeugd op de kaart zetten en laten zien dat dit een prachtig vak is met enorm veel toekomst. Terugkomend op het thema zeg ik dus: ‘het goud zit in jonge mensen’. Vertrouwen geven en steun verlenen in een omgeving waar fouten maken gezien wordt als een leerpunt zijn hierbij randvoorwaarden. Laten we voorkomen dat jonge veelbelovende mensen oud worden zonder dat we hun competenties optimaal hebben benut.

FOTO: GIJS HOEKSTRA

Optimaal benutten van potentieel

Ivo van der Gaag Maintenance manager VTTI Nederland en genomineerde Maintenance Manager of the Year 2015.

‘Ik roep op jonge veelbelovende mensen eerder door te laten stromen en hen het vertrouwen en de ondersteuning te geven die ze verdienen.’

MaintNL 4 - 2015 53

MU Gaag.indd 53

21-04-15 15:55


Veiligheid

Veiligheid in de chemie: we appen! Apps en programma’s op je smartphone, zoals WhatsApp en Facebook, bieden naast vermaak óók mogelijkheden voor de chemische industrie. Betere veiligheid, minder administratie, sneller werken: volgens ontwikkelaars liggen er gouden bergen te wachten. De praktijk blijkt niettemin weerbarstig. Inge Janse

Wil je een plantmanager in de chemie blij maken? Laat dan de termen ‘beheersbaar’, ‘voorspelbaar’ en ‘controleerbaar’ vallen. Niets mooier dan een fabriek die stabiel doet wat hij moet doen. Logisch natuurlijk, want een reactor die als een zonnetje draait, is ideaal voor de productie en veiligheid. Chemiebedrijven vinden het daarom vaak lastig om nieuwe ideeën en oplossingen een plek te geven op de site, want voor je het weet verstoor je het gekoesterde proces. Maar stilstand is achteruitgang, zeker nu de mondiale concurrentie steeds groter wordt. Gelukkig zijn er bewegingen zichtbaar, bijvoorbeeld voor de veiligheid. Steeds meer partijen richten zich namelijk op nieuwe manieren om oude problemen op te lossen. Apps, mobiele applicaties voor smartphones, nemen daarbij een steeds grotere rol in.

Zwitsers zakmes Een van de partijen die zich hiermee bezighoudt is AndSafety, dat mobiele applicaties voor HSE, kwaliteit en operaties op de werkvloer van de industrie maakt. De aanleiding hiervoor was dat teveel veiligheidssoftware bedoeld was voor HSE-specialisten, en te weinig voor de man op de werkvloer, vertelt een van de oprichters, Paul de Vries. ‘De monteur wil heus wel veilig werken, maar de eisen, administratie en papieren zijn gewoon heel erg complex. De balans tussen de moeite die hij moet doen en het resultaat klopt niet.’

54 MaintNL

MT Veilige Apps.indd 54

Hoe dat in de praktijk werkt? Een bedrijf neemt een abonnement, waarna alle medewerkers een handvol apps op hun smartphone of tablet installeren. Tezamen vormen deze een digitaal Zwitsers zakmes voor alles wat met werken in de chemie te maken heeft, zoals werkplekinspecties, registratie van bijna-incidenten, uitvoeren van audits en analyseren van risico’s. ‘Met onze apps kunnen werknemers checklijsten invullen, foto’s nemen, gegevens toevoegen, observaties classificeren en vervolgacties vastleggen’, weet De Vries. ‘Ben je aan het werk en zie je dat er een brandblusser ontbreekt of een trap niet gekeurd is? Dan kun je dat direct doorgeven. Zo integreren we HSE in het normale werk.’

‘ Een LMRA in app-vorm kan vragen stellen over specifiek werk, zoals in afgesloten ruimtes of bij hoge temperaturen.’ Alle informatie die werknemers hiermee registeren, wordt automatisch in de cloud verzameld en kan achteraf nog bewerkt en aangevuld worden op de normale desktopcomputer. Het leuke van digitaal rapporteren is volgens De Vries onder meer het gemak om conclusies te trekken. ‘In het

verleden werd pas een maand na een audit besloten welke oplossingen er nodig waren. Nu zijn de resultaten direct zichtbaar. Je ziet daardoor dat mensen gelijk actie ondernemen als er iets niet goed gaat.’

Minder administratie Volgens De Vries nemen de diensten van zijn bedrijf veel voordelen met zich mee. ‘Mensen hebben direct zicht op wat er op de werkvloer gebeurt. En als iedereen ziet wat er mis is, kunnen oplossingen sneller worden doorgevoerd.’ Daarnaast neemt de administratieve rompslomp af. ‘Het is niet meer nodig om notities over te schrijven, foto’s te downloaden, bewerken en plakken, data in Excel over te nemen, rapporten op te sturen en te checken of acties zijn ondernomen.’ En dat scheelt al snel een fte, denkt De Vries. Een ander voordeel is dat de app al het werk bundelt. ‘Vaak zijn er nu veel aparte formulieren voor HSEobservaties, audits en kwaliteitsinspecties, plus de operationele logboeken en procedure-checklijsten. Onze app integreert deze allemaal.’ Maar de grote winnaar, dat is de veiligheid. ‘Neem de Last Minute Risk Analysis. Op papier is deze niet toegepast op de specifieke werksituatie. Je ziet daarom dat monteurs deze algemene analyse onderweg van huis naar werk invullen. Een LMRA in app-vorm kan vragen stellen over specifiek werk, zoals in afgesloten ruimtes of bij hoge temperaturen.’ Bovendien zorgen meer gemak en minder administratie voor meer observaties en inspecties, terwijl de digitale registratie het makkelijker maakt om informatie om te zetten in trends.

Bottom-up Natuurlijk zijn er ook nadelen, geeft De Vries direct toe. ‘Het werken op een mobiel apparaat is niet altijd even handig. Een tablet is soms te groot om mee rond te lopen, terwijl

4 - 2015

21-04-15 15:54


een smartphone niet echt lekker werkt om op te schrijven. Wij proberen daarom zoveel mogelijk formulieren met keuzelijsten aan te bieden. Je kunt daarna op je desktop eventueel tekst aanvullen.’ Ook mobiel internet is niet overal beschikbaar, dus daarvoor heeft het bedrijf een offline-versie ingebouwd. Aan de techniek zal het volgens De Vries alvast niet liggen. Want hoewel normale smartphones niet welkom zijn in explosiegevaarlijke omgevingen, verschijnen er steeds meer Atex-gecertificeerde toestellen op die markt die bovendien steeds minder log en onhandig zijn. Het enige nadeel blijft wel dat Atex-smartphones nog relatief veel geld kosten. En dan is er nog een onverwacht probleem: de eenvoud om AndSafety in te voeren. ‘Onze apps zijn door iedereen te installeren en te gebruiken. Je kunt zelfs collega’s uitnodigen om mee te doen, waardoor de verbeteringen bottom-up plaatsvinden. Maar chemiefabrikanten zijn dat niet gewend. Die denken al gauw aan hogere prijzen, uitgebreide beslistrajecten met meer mensen en langdurige implementaties.’

Ondertussen op de plant Een grote klant van het bedrijf is Cofely, dat de veiligheidsapps gebruikt bij een grote machinefabrikant voor onderhoud, beheer en bediening van onder meer de waterstofinstallaties. Maar hoe wordt er in de chemie eigenlijk gedacht over al die nieuwe ontwikkelingen? Een belronde levert minder enthousiaste reacties op. Frans Scheeren, Director Manufacturing bij OCI Nitrogen en regerend Plant Manager of the Year, is bijvoorbeeld een stuk terughoudender dan de vele app-bouwers. ‘Het is nogal eenvoudig: op de Chemelot-site is het gebruik van mobiele telefoons in draaiende fabrieken verboden, terwijl op de plekken waar smartphones toegestaan zijn meestal ook ruimschoots voldoende vaste pc’s zijn.’ Niettemin weet Scheeren dat de ontwikkelingen met ‘veilige’ smartphones niet stilstaan. ‘Ook op de Chemelot-site experimenteren we met explosieveilige, Atexgecertificeerde tablets. Als deze worden toegestaan, dan ontstaat er vanzelf meer behoefte aan mobiele apps en zal het aanbod ook toenemen.’ Mocht dat gebeuren, dan ziet hij daar zeker de voordelen van in

voor efficiency-verhoging. ‘Denk hierbij aan het snel beschikbaar hebben van data en documenten.’

Sociale gebeuren Ook bij Cas König, Managing Director bij ESD-SIC, krijgen apps nog nul op het rekest. ‘We gebruiken die momenteel nog niet.’ Hetzelfde geluid laat Dik Schipper, tot voor kort plantmanager bij Dow Terneuzen en voormalig Plant Manager of the Year, horen. Apps gemeengoed? Verre van zelfs. ‘We gaan juist het gebruik van smartphones tegen. Ook binnen onze teams zijn werknemers er niet voor. Want als iedereen in bijvoorbeeld de controlekamer op zijn iPhone bezig is, dan valt het sociale gebeuren helemaal weg. Bovendien moeten mensen zich daar juist op het werk concentreren.’ Misschien dat Nederland achter ligt op andere landen? Daar lijkt het niet op, getuige de ervaringen van Michel Meertens, die voor DSM plantmanager is in China. ‘We hebben hier twintig locaties, maar ik ben nog nergens apps tegengekomen.’ ■

MaintNL 4 - 2015 55

MT Veilige Apps.indd 55

21-04-15 15:54


Nieuws ISO-norm voor compliancemanagement gepubliceerd De internationale richtlijn voor compliancemanagement, ISO 19600, is gepubliceerd. Deze richtlijn helpt organisaties met het borgen van de naleving van wet- en regelgeving, maar ook bij het voldoen aan allerlei andere eisen, zoals klanteneisen, interne gedragscodes en branche-afspraken. Door NEN is actief bijgedragen aan de ontwikkeling van deze richtlijn. ISO 19600 is ontwikkeld in de vorm van een richtlijn voor compliancemanagement en niet als een eisen stellende (certificeerbare) norm. Dat is een bewuste keuze waar de Nederlandse normcommissie mee heeft ingestemd. Er zijn al voldoende certificeerbare managementsysteemnormen voor specifieke onderwerpen, waarvan compliancemanagement deel uitmaakt; denk bijvoorbeeld aan ISO 14001 voor milieumanagement of OHSAS 18001 voor arbomanagement. ISO 19600 is bedoeld om organisaties te helpen hun bestaande aanpak van compliancemanagement te verdiepen en te verbreden. Het geeft richtlijnen voor het vaststellen, ontwikkelen, uitvoeren, evalueren, onderhouden en verbeteren van een effectief compliancemanagementsysteem. De richtlijn is bedoeld voor alle typen organisaties, ongeacht hun omvang.

Compliance is mensenwerk In ISO 19600 worden standaardelementen van een managementsysteem ingekleurd en aangevuld voor het onderwerp compliance. Er is veel aandacht voor rollen en verantwoordelijkheden van bestuur, directie, lijnmanagement en medewerkers van een organisatie en voor de onafhankelijkheid van de compliance-officer (of algemener: de compliancefunctie). Voorbeeldgedrag en commitment van managers is essentieel om een cultuur tot stand te brengen waarin compliance ‘normaal’ is en medewerkers op alle niveaus en in alle omstandigheden het juiste gedrag en attitude ten toon (kunnen) spreiden. Omdat compliance voor een belangrijk deel mensenwerk is, is vanuit Nederland ook nadrukkelijk gevraagd om aandacht voor zogenoemde soft controls als onderdeel van beheersmaatregelen. Sylvie Bleker-Van Eyk, Director bij

Deloitte Risk Services BV, voorzitter NEN normcommissie compliancemanagement: ‘ISO 19600 geeft handen en voeten aan de organisatie van compliance binnen organisaties. Het gaat om de inrichting van de organisatie en het beleggen van taken om zodoende zicht te hebben op het compliant gedrag van de organisatie en haar medewerkers. Het gaat niet zozeer om de poppetjes, maar om wat de organisatie moet doen en waar het rekening mee moet houden om aantoonbaar compliant te zijn. Het doel van ISO 19600 is compliance een onderdeel te maken van de dagelijkse bedrijfsvoering.’ Nederland is actief betrokken geweest bij de totstandkoming van ISO 19600. Niet zo vreemd want er is hier al jaren veel discussie over hoe bedrijven naleving van wetgeving moeten organiseren en hoe toezichthouders daar rekening mee kunnen houden. Een mondiaal geaccepteerd referentiekader voor compliance management kan daarbij nuttig zijn.

Landelijk adviesteam voor toezicht op chemiebedrijven Waterschappen en Rijkswaterstaat hebben een landelijk adviesteam voor toezicht op chemiebedrijven opgezet. Tot voor kort voerden Rijkswaterstaat en de waterschappen het toezicht op chemiebedrijven los van elkaar uit. De start van het landelijke adviesteam past in de koers die de waterschappen en Rijkswaterstaat hebben ingezet om slim samen te werken.

schappen geadviseerd. Dat specialistische werk wordt met de komst van het landelijke adviesteam officieel samengevoegd tot een landelijk BRZO-team met specialisten uit beide organisaties. Dit betekent dat specialisten uit Limburg tot aan Groningen elkaars werk kunnen uitvoeren en overnemen.

Slim samenwerken Door gebruik te maken van elkaars kennis, expertise en ervaring werken Rijkswaterstaat en de waterschappen efficiënter. Slim samenwerken gebeurt op verschillende gebieden, bijvoorbeeld op de terreinen crisisbeheersing, ICT, inkoop en aanbesteding, en vergunningverlening en handhaving.

Specialisten verenigd Nederland telt zo’n vierhonderd ‘BRZObedrijven’: bedrijven die werken met grote hoeveelheden gevaarlijke stoffen of die deze bijvoorbeeld in opslag hebben. Deze bedrijven vallen onder de werking van het Besluit Risico Zware Ongevallen (BRZO). De verschillende toezichthouders op deze bedrijven worden door Rijkswaterstaat en de water-

56 MaintNL

MJ Korte berichten.indd 56

4 - 2015

21-04-15 15:48


Nieuws NVDO-leden vallen in de prijzen! DAF Trucks wint titel IJzersterk bedrijf 2015

Mainnovation wint Bemas Innovation Award

De werkgevers- en werknemersorganisaties in de metaal hebben DAF Trucks uitgeroepen tot ‘IJzersterk bedrijf 2015’. DAF dankt deze uitverkiezing aan de prestaties die zijn behaald bij het doorlopend verbeteren van de veiligheid op de werkvloer. Bij DAF wordt geïnvesteerd in het verder vergroten van de veiligheid op de werkvloer. In de afgelopen tien jaar, daalde het aantal ‘ongevallen met verzuim’ hierdoor met maar liefst tachtig procent. De verbeteringen op het gebied van veiligheid worden continu doorgevoerd op drie niveaus: techniek (beveiliging van machines, veilig onderhoud), veiligheidssystemen (procedures, veiligheidsrondes en melden van onveilige situaties) en cultuur en gedrag. Dat laatste komt tot uiting in de langlopende, intensieve DAF-campagne ‘Ik maak het verschil’. De prijs ‘IJzersterk bedrijf 2015’ wordt vergeven door ‘5xbeter – IJzersterk voor veilig werk’, een samenwerkingsverband van de vijf cao-partijen in de metaalbewerking en metalektro: FME, Koninklijke Metaalunie, FNV Metaal, CNV Vakmensen en De Unie.

Mainnovation heeft de Bemas Innovation Award 2015 gewonnen met hun VDM Fields Solution app. Met deze app, welke gekoppeld kan worden aan alle bestaande EAM-systemen, kunnen werkorders in het veld direct op de smartphone of tablet worden verwerkt. NVDO’s zusterorganisatie reikte de award voor de vijfde keer uit. Uit de veertig inzendingen preselecteerde de jury vijftien genomineerden. Na een intern bezoek en een presentatie van de shortlist top drie kwam Mainnovation als winnaar uit de bus. De VDM Field Solution app is flexibel aan te passen en geschikt voor alle platformen en devices. Standaard zijn mobile features zoals foto’s, voice to tekst, face-time, maps en QRC-code’s geïntegreerd. Ook kan er informatie uit andere applicaties worden toegevoegd zoals bijvoorbeeld vergunningen, verlofaanvragen, kwaliteitschecklisten, etc. De gebruiker ziet snel en eenvoudig het werk dat aan hem is toegewezen en kan de bijbehorende werkorderadministratie gemakkelijk afhandelen. Het geheel zorgt uiteindelijk voor een efficiëntere werkwijze en dus kostenbesparing.

Big Data Uit onderzoek uitgevoerd door Rackspace Nederland, blijkt dat een groot deel van de Nederlandse organisaties concrete plannen heeft voor big dataprojecten in 2015. De aanleiding om met big data te starten is voornamelijk het kunnen realiseren van zakelijke groei. Bedrijven zijn daarom ook veelal bereid geld en energie te steken in dergelijke projecten. Maar hoe de projecten er exact uit gaan zien en welke technologie daarvoor gebruikt moet worden lijkt vooraf lang niet altijd duidelijk.

Studiedag 12 juni a.s. organiseert de NVDO de ‘Studiedag (Big) Data gedreven onderhoud!’ Big Data, hoe staan we ervoor? De continue introductie van nieuwe technologie, de dalende kosten voor gegevensopslag en het alsmaar krachtiger worden van computers, maken het mogelijk extreme gegevensvolumes op een betaalbare manier te verwerken. Hoe ga je als bedrijf om met deze schat aan informatie en meer specifiek; hoe verwerkt de onderhoudsorganisatie haar big data? Tijdens deze studiedag maakt u kennis met de laatste technologische mogelijkheden en trends, maar vooral ook met zaken als privacy, return on investment en de kwaliteit van data en data-analyse. Save the Date!

Analytics ‘Een van de trends is Analytics en in het bijzonder het kunnen analyseren van grote hoeveelheden data. Maar in hoeverre is dit een hype en waar staan we met de implementatie van big data-projecten? Daar wilden we inzicht in krijgen tijdens ons event Innovation Day’, zegt Bert Stam, Regional Director voor de CEMA-regio van Rackspace. ‘Uit ons onderzoek blijkt dat big data het stadium ‘hype’ inmiddels is ontstegen en dat veel organisaties hier serieus mee aan de slag zijn gegaan of dat op korte termijn van plan zijn.’

mee hebben. Bijna 65 procent van de ondervraagden geeft aan dat de inzet van big data-projecten hen zal helpen bij het realiseren van de doelstellingen van de organisatie. 62 procent is dan ook van plan om binnen nu en een jaar

actief aan de slag te zijn met een big data-project.

Privacy en security Naast de vier grote megatrends social, mobile, cloud en big data zijn er nog

Financieel gewin Dertig procent van de respondenten zegt geen of weinig moeite te hebben om de juiste stakeholders te overtuigen van de waarde van big data. Bijna dertig procent geeft aan daar wél moeite MaintNL 4 - 2015 57

MJ Korte berichten.indd 57

21-04-15 15:48


SUNDSVALL BRIDGE REALISATION: 2011 - 2015 COATING SYSTEM DESCRIPTION: HEMPADUR PRO ZINC 1738G HEMPADUR MASTIC 4588F HEMPADUR MASTIC 4588W HEMPATHANE 55610

INTERESTED IN SAVING UP TO 20% ON YOUR MAINTENANCE, REPAIR & OPERATIONS LOGISTICS COSTS? WE CAN HELP! Find out how we can use our Maintenance, Repair and Operations (MRO) logistics expertise to reduce cost and complexity in your operations, while putting the control and ability to drive further efficiencies back in your hands. To learn more download our MRO whitepaper (www.dhl.nl/mro-logistics) or contact us: supplychain.benelux@dhl.com

BESCHERM UW INVESTERINGEN ANTICORROSIEVE EN OPSCHUIMENDE COATINGS VOOR

ADVERTENTIE INDEX Abonnees ............................................................................................ 16 BetaPublishers ..................................................................................... 32 BIM Media ........................................................................................... 36 Deltavisie 2015 ................................................................................... 28

• Infrastuctuur • Bruggen • Olie & Gas • Chemische installaties

DHL Supply Chain Netherlands ............................................................ 58 Dimensys Nederland ............................................................................ 67 Havep Workwear..................................................................................... 2

• Windmolens Hempel ................................................................................................ 58 Hempel brengt professionele consulting, technische ondersteuning en efficiënte coating oplossingen toegespitst op uw behoeften.

Hogeschool Utrecht Centrum voor Natuur & Techniek ............................. 4 iMaintain platform ......................................................................... 26, 27 Lubron Waterbehandeling..................................................................... 16

www.hempel.nl

Mainnovation ........................................................................... 68, Bijlage Parker Hannifin ...................................................................................... 8 Sky Access............................................................................................. 8

Advertenties IMA4.indd 58

21-04-15 15:41


Nieuws twee andere thema’s die bij veel organisaties op de kaart staan, namelijk security en privacy. Deze onderwerpen blijken uiterst relevant te zijn wanneer er wordt nagedacht over big data-projecten. Zo geven de ondervraagden aan enige (25 procent) tot zeer grote bedenkingen (44,7 procent) te hebben over de veiligheid en beveiliging van bijeen vergaarde data. En bijna 78 procent zegt zelfs te twijfelen of de privacy van hun klanten niet in gevaar komt wanneer ze

daadwerkelijk big data-projecten starten waarbij ook klantgegevens gebruikt worden.

Hadoop De inzet van technologie bij big data is onontbeerlijk. In de afgelopen jaren is er door een groot aantal leveranciers veel geld besteed aan research & development van nieuwe hard- en software die is geoptimaliseerd voor big dataprojecten. Een van die technologieën is

Hadoop, al enkele jaren de standaard voor big data-analyses. Maar op de vraag waar men staat met de inzet van Hadoop geeft meer dan 33 procent aan niet te weten wat Hadoop is. Dit geeft aan dat de markt voor big data-projecten, ondanks alle goede voornemens, nog redelijk onvolwassen is. Dit kan tevens aangeven dat velen niet de technologie leidend laten zijn bij degelijke projecten maar juist focussen op wat men uit het project wil halen.

Buitenlandse vraag hield Nederlandse industriemotor goed draaiende De Nederlandse industrie produceerde in 2014 1,1 procent meer dan in 2013. In 2015 trekt de groei naar verwachting iets aan (+1,5 procent), waarmee de productie het hoogste niveau van voor de crisis (2007) weer bereikt. Ook in 2015 zal de export harder groeien dan de binnenlandse afzet, maar door de verwachte toename van zowel consumptie als bedrijfsinvesteringen wordt ook voor de binnenlandse verkopen van de industrie een plus verwacht. Recente vertrouwenscijfers (inkoopmanagersindex/PMI) wijzen ook in die richting.

Herstel eind 2013 heeft weerbaarheid bedrijven vergroot Vooral in de tweede helft van 2013 is de productie flink aangetrokken, mede omdat de binnenlandse vraag toenam. Dit volstond niet om het gehele jaar met een plus af te sluiten, maar was wel de opmaat naar groei in 2014. Met de groei in 2014, vooral voortkomend uit export, is ook de weerbaarheid van veel bedrijven verder verbeterd. Dit komt ook terug in de afname van het aantal faillissementen in de sector. Wel blijft de sector, met name een deel van het MKB-segment, kwetsbaar. Recent onderzoek van ING onder mkb-bedrijven wijst erop dat dertien procent van de mkbbedrijven in de industrie tot de zogeheten kopgroep behoort. Deze bedrijven scoren goed op de aspecten flexibiliteit, strategie en financiële positie. 63 procent behoort tot de ‘middenmoot’, bijna een kwart tot de achterhoede. Het industriële mkb staat er relatief overigens goed voor: in het overall mkb behoort zes procent tot de kopgroep en veertig procent tot de achterhoede.

de vrachtwagenproductie wordt wel een min verwacht.

Al veel te winnen met digitale ketenintegratie Processen binnen, maar ook tussen bedrijven lopen steeds meer in elkaar over. Het integreren van inkoop- en verkoopprocessen met klanten en leveranciers met inzet van software leidt tot forse winsten in de keten. Het gaat niet alleen om het verbeteren van marge. Vanuit concurrentie-oogpunt is het verbeteren van dienstverlening en verkorten van de time-to-market op zichzelf al een essentieel winstpunt. Het voorbeeld van machinebouwer Agrifac toont aan wat ‘smart’ kan betekenen op het gebied van ketenintegratie.

Ook voedingsindustrie presteert relatief goed

Nieuwe inkomstenbronnen, bijvoorbeeld door real-time inzicht

De dragende sector van de industriële groei in 2014 is de maakindustrie. De machinebouw (+5,4 procent) transportmiddelenindustrie (+3,6 procent) en rubber- en kunststofindustrie (+3,2 procent) produceerden aanzienlijk meer dan in 2013. Kijkend naar export dan presteert ook de metaalsector sterk. Vooral in toeleverende branches was de eerste helft van 2014 wat beter dan de tweede helft. Door het verwachte (lichte) herstel in de binnenlandse markt de komende tijd zal de productie van de metaal en rubber- en kunststofindustrie weer wat aantrekken. Over heel 2015 zal de groei naar verwachting echter bescheiden zijn. Verder herstel in de bouw kan deze sectoren een extra duwtje in de rug geven. Sterkste groei wordt verwacht in de kapitaalgoederenindustrie. De machinebouw zal het al gezonde productieniveau verder weten te verhogen, de transportmiddelenindustrie ervaart een plus door het eerste volle jaar dat Nedcar operationeel is. Vanuit

Inzet van technologie zal ook leiden tot nieuwe inkomstenbronnen. Vanuit de machinebouw is predictive maintance een belangrijke ontwikkeling. Met technologie kan veel beter worden gemeten in hoeverre machines onderhoud nodig hebben en wanneer. Op basis van deze data kunnen machinebouwers beter plannen, maar bovenal een beter product-/dienstcombinatie aanbieden. Het voorkomen van stilstaande machines is wat elk productiebedrijf wil. Voor de (machine)leverancier een belangrijke kans op onderscheidend vermogen. Smart industry kent veel dimensies en elementen. Dit kan leiden tot onduidelijkheid bij ondernemers, zeker als het gaat om het toepassen ervan in de praktijk. ‘Klein beginnen’ is raadzaam: een specifiek product of proces, gekoppeld aan afnemer of leverancier, onder de loep nemen en met een (technologie) partner zoeken naar de vlakken waar en hoe prestatie en flexibiliteit kunnen worden vergroot. MaintNL 4 - 2015 59

MJ Korte berichten.indd 59

21-04-15 15:48


Cursussen Kennis is onze kracht! Inschrijven kan eenvoudig via de Maintenance Academy op www.nvdo.nl Komende NVDO Cursussen Locatie: NVDO Verenigingsgebouw, tenzij anders vermeld 19 en 20 mei Duurzaam Spare Parts Management; Voorraadbeheersing 2.0! In Company mogelijk Deze tweedaagse cursus leert u een goed inzicht te krijgen in de technieken en methoden van duurzaam spare parts management en voorraadbeheersing 2.0.

Onderwerpen •E en visie op duurzaam spare parts management en onderhoud. • Het organiseren van duurzaam spare parts management. • De afhankelijkheden van andere bedrijfsfuncties. • Risicomanagement en materiaalcategorieën. • Voorraadstrategieën en bestelformules. • Inkopen van artikelen t.b.v. onderhoud. • Het beheren van artikelen in het magazijn. • Administratie van de voorraad- en artikelgegevens. • Voorraadbeheer en informatiesystemen. • Optimalisatie en kostenreductie. • Het meten van het effect van duurzaam spare parts management. • Stappenplan voor verbeteringen. De aangeboden theorie wordt verduidelijkt met praktijkvoorbeelden en wordt bovendien afgewisseld met oefeningen en cases, waarbij deelnemers ook hun eigen kennis en ervaring kunnen delen. Er is bovendien ruimte om problemen, waarmee de deelnemers in de eigen praktijk te maken hebben, te bespreken. Deze intensieve en interactieve cursus is bestemd voor alle functionarissen die bij het voorraadbeheer betrokken zijn: medewerkers Technische- en Onderhoudsdienst, financieel administratieve medewerkers, bedrijfscontrollers, medewerkers inkoop, medewerkers bedrijfsbureau.

21 en 22 mei Uitbesteden van Onderhoud In Company mogelijk Na het volgen van de tweedaagse cursus 'Uitbesteden van Onderhoud', is de cursist in staat om het proces van contractmanagement in te richten en te beheersen. Concreet leert de cursist wat contractmanagement inhoudt, welke typen onderhoudscontracten mogelijk zijn en

60 MaintNL

MI Cursussen.indd 60

hoe deze strategisch toegepast kunnen worden. Daarnaast leert de cursist onderhoudscontracten opstellen, borgen, bewaken en evalueren. Tot slot worden de concepten Life Cycle Costing en Total Cost of Ownership behandeld als uitgangspunten voor investeringsbeslissingen.

Onderwerpen Algemeen •W at wordt verstaan onder contractmanagement? • Proces van uitbesteden: inventariseren, specificeren, selecteren, contracteren, borgen, uitvoeren/begeleiden, bewaken en evalueren. Strategie • Type onderhoudscontracten: raamovereenkomst, prestatie, all-in, preventief en correctief. • Kennismanagement. •C ontracteigenaar, contractbeheerder, budgethouder. • Vaststellen OEM afhankelijkheid (risicoanalyse). Opstellen contracten • S tandaard Service Overeenkomst. ansprakelijkheid en overige inkoopvoorwaarden. •A • Service afspraken specificeren, zoals: werkafspraken, responsetijden, onderdelen, beschikbaarheid, validatie, conditiemetingen, et cetera. • Transparantie. Leverancierselectie • Aanbesteding. • Kostenbenchmarking. • Contractevaluatie. Controle en Grip • Contractbeheersysteem. • Borgen onderhoudscontracten; koppelen objecten, vastleggen serviceafspraken. • Drie-weg matching onderhoudscontract, order, servicebon en factuur. • Op welke wijze kan een organisatie grip en inzicht krijgen op de totale omvang van onderhoudscontracten en de samenhangende kosten?

2 en 3 juni Prestatiebestekken en Prestatiecontracten voor Gebouwenonderhoud Na het volgen van de tweedaagse cursus, is de cursist in staat strategisch en beleidsmatig de statusbepaling van vastgoed in kaart te brengen. Hij leert 'de kunst' van uitbesteden van beleid en contractvorm tot en met evaluatie.

Onderwerpen Strategie en beleid • Wat is onderhoud, gewenst of noodzakelijk? en Onder-

4 - 2015

21-04-15 15:48


4 juni ISO 55000 in één dag! In Company mogelijk

houd is vermijden en herstellen. •H eeft het bedrijfsproces invloed op uit te voeren onderhoud? Hoe wordt huisvestingbeleid afgestemd op onderhoudsscenario’s en kwaliteitsniveaus? • Resultaat onderhoud: functiebehoud, waardebehoud en zelfs toename waarde. • Welke criteria leiden tot onderhoudsactiviteiten, technische conditie? Functionaliteit? Bedrijfsrisico? Statusbepaling vastgoed (het in kaart brengen van onderhoudswerk) • Onderhoudsconcepten, Inspectiegegevens, Ervaringsgegevens. • Meerjarenplanningen. • NEN 2767 als basis voor onderhoudsplanning. • Hulpmiddelen als software ondersteuning voor onderhoudswerk, onderhoudshistorie en kengetallen. • Uitbesteden, prestatiebestek, prestatieovereenkomst. • Uitbesteden onderhoudswerk en Beleid en strategie uitbestedende organisatie. • Wat doe je wel en wat doe je niet – wat doet de toeleverancier. • Samenwerken met je toeleverancier: welke contractvormen. • Leveranciersselectie - gunning. Beheersing onderhoudskosten en Opstellen prestatiebe• stekken. • Voordelen en nadelen prestatiebestekken en Meten van contractuele bepalingen. • Nagaan of afspraken nagekomen zijn en Belonen en straffen: bonus - malus. • Valkuilen en tegenwind.

Bestemd voor De cursus Prestatiebestekken en Prestatiecontracten voor Gebouwonderhoud is bestemd voor beheerders van grote gebouwencomplexen, hoofden technische dienst, hoofden facility management (kantoren, onderwijs, ziekenhuizen) en hun financiële managers. Deze cursus is ook te gebruiken door medewerkers van toeleveranciers.

De wereldwijde normen voor Asset Management ofwel de ISO 55000-serie geeft eigenaren van kapitaalgoederen (‘asset owners’) een instrument in handen om hun ‘assets’ gedurende de hele levenscyclus op een doelmatige, duurzame en kosteneffectieve wijze te beheren, afgestemd op de behoeften van de stakeholders. De NVDO-cursus 'ISO 55000 in één dag!' geeft deelnemers waardevol inzicht in de wereldwijde normering. U maakt kennis met de inhoud en heeft aan het eind van de dag een helder en compleet inzicht in de integrale eenduidige aanpak die de norm voorschrijft. Let op: de training gaat specifiek in op de ISO 55000 serie en behandelt slechts in hoofdlijnen het vakgebied van Asset Management, met als doel de norm te verduidelijken. ISO 55000 is een internationale norm die de eisen voor het ontwikkelen, implementeren, onderhouden en verbeteren van een managementsysteem voor Asset Management specificeert. De norm specificeert welke elementen in een Asset Managementsysteem zouden moeten voorkomen en hoe deze met elkaar verbonden zijn. De invulling daarvan is aan de organisatie zelf. De norm bestaat uit drie delen: - ISO 55000 Asset Management: Overview, Principles en Terminology. - ISO 55001 Asset Management: Management systems, Requirements. - ISO 55002 Asset management: Management systems, Guidelines for the application of ISO 55001.

Onderwerpen •W at is ISO 55000 en hoe draagt het bij aan goed Asset Management? • De relatie tussen ISO 55000 en andere management systemen (bijvoorbeeld ISO 9001). •B asisvereisten van een Asset Management Systeem. •T oepassen van de norm. • Asset Management in combinatie met Verantwoord Ondernemen. • Uitgelicht: Risicoanalyse, het belang van data management en het Strategic Asset Management Plan (SAMP). Nota bene: Bij deelname aan deze eendaagse ISO 55000-cursus is uiteraard de norm inbegrepen! Deelnemers hebben na deze eendaagse training inzicht in de toepassingsmogelijkheden van de ISO 55000 en kennen de integrale eenduidige aanpak die de norm voorschrijft. MaintNL 4 - 2015 61

MI Cursussen.indd 61

21-04-15 15:48


Casus

‘Just-in-Time’-methode Binnen de ‘logistiek’ is er een hele tak van ‘lean manufacturing’-methoden ontstaan: methoden om je bedrijf of organisatie meer winst te laten maken door zo min mogelijk materialen en voorzieningen te gebruiken. ‘Just-in-time’ is daar één van. ‘Just-in-time’ houdt in dat de producten precies op tijd en in de juiste hoeveelheid geleverd worden. Deze logistieke methode wordt gebruikt wanneer er iets toe is aan vervanging of (bijna) op raakt. In bedrijven wordt de ‘Justin-time’-methode gebruikt ten behoeve van voorraadbeheersing. Door dit systeem goed toe te passen, wordt de efficiëntie, kwaliteit en betrouwbaarheid verhoogd. Het opslaan van goederen kost geld, omdat er ruimte beschikbaar moet worden gesteld, de voorraad moet worden bijgehouden en omdat er risico’s zijn aan het houden van een voorraad. JIT is er op gericht om verspillingen uit het proces te halen, door gebruik te maken van de minimale hoeveelheid onderdelen, ruimte, apparatuur, materiaal en arbeidsuren die noodzakelijk zijn.

Leveranciers Bij gebruik van de JIT-methode hebben leveranciers een grote invloed op de productie en op de kwaliteit van het proces. De leveranciers moeten worden gezien als partners in plaats van tegenstanders of concurrenten. Het succes van beide partijen hangt af van de samenwerking. Wanneer een productieproces volgens de JIT-methode wordt ontworpen, moeten zowel de leverancier als de producent een analyse maken om de kosten zo laag mogelijk te houden. Het is immers niet rendabel om de transportkosten zo hoog te laten oplopen dat het voordeliger is om wel gebruik te maken van een (grotere) voorraad. Ook moet het product op zo’n manier worden ontworpen dat zowel de leverancier als de producent er baat bij hebben. De grondstoffen moeten in een continue stroom kunnen worden geleverd door de leverancier, en het product moet ook in een gelijke hoeveelheid aan de markt kunnen worden afgedragen door de producent. Bij de JIT-methode wordt er met nauwkeurige marges gewerkt. Aangezien de leverancier snel moet kunnen reageren op de vraag van de producent, moet er in veel gevallen een veiligheidsvoorraad (safety-stock) worden geplaatst bij de leverancier. Hierbij komt er veel druk te

62 MaintNL

MQ Casus.indd 62

Maintenance Academy Op 19 en 20 mei organiseert de NVDO de cursus ‘Duurzaam Spare Parts Management; Voorraadbeheersing 2.0!’ Deze tweedaagse cursus leert u een goed inzicht te krijgen in de technieken en methoden van duurzaam spare parts management en voorraadbeheersing. Kijk voor meer informatie in de cursuskalender en op: maintenance.nvdo.nl/maintenance-academy/

staan op de leveranciers van de grondstoffen. Vaak wordt er dan ook een elektronisch systeem geïmplementeerd om de actuele benodigde voorraad en de nauwkeurige leveringen op elkaar af te stemmen.

Organisatie binnen JIT Om een JIT-methode goed te laten werken, is het belangrijk dat iedereen in de organisatie meewerkt aan het geheel. Doordat er met hele nauwkeurige marges wordt gewerkt, moet iedereen zijn plaats in het proces weten en zijn oog gericht houden op het minimaliseren van verspillingen en het behouden van kwaliteit. Wanneer een ‘Just-in-time’-organisatie is opgericht zal er veel tijd zitten in het aanpassen van het personeel en in het onderhouden van de contacten met belanghebbenden in de organisatie. Er wordt erg veel verantwoordelijkheid gedelegeerd. Verantwoordelijkheden als plannen, organiseren en toezicht houden worden aan de afdelingen toevertrouwd, en niet aan het management.

Concurrentievoordeel Het is een voordelig systeem voor grote bedrijven die hun flinke voorraden drastisch kunnen verminderen. Voor kleinere bedrijven is het niet aan te raden omdat het veel geld kost om het te implementeren. De samenwerking met de leveranciers is van groot belang. De leverancier moet betrouwbaar zijn omdat de goederen op tijd geleverd moeten worden, het bedrijf werkt namelijk niet met een voorraad. JIT kan een bedrijf een groot concurrentievoordeel opleveren, maar het gaat te pas aan veel planning en een strak schema.

4 - 2015

21-04-15 15:52


De Stelling

HANS PETERS, TEAMMANAGER, DRINKWATERBEDRIJF DUNEA

“Hoe financiert uw organisatie (technische) innovaties?” De vraag die is voorgelegd aan de NVDO-leden betreft de verschillende manieren waarop innovaties binnen organisaties georganiseerd worden. Er werden een aantal opties genoemd, waaronder ‘wij hebben geen innovaties’, ‘wij financieren (technische innovaties geheel zelfstandig’, ‘dat doen wij middels crowdfunding’, en ‘dat doen wij met behulp van subsidies’. 110 leden hebben de poll op de website ingevuld en daaruit blijkt dat het merendeel van de organisaties de innovaties zelfstandig financieren.

JELLE NIJDAM, MANAGER VLIEGTUIGAFHANDELING, SCHIPHOL Wij financieren technische innovaties zelf en met behulp van subsidies. We kijken goed wat er mogelijk is en we kijken naar de potentie van de innovatie. We zijn geen researchcentrum, maar we willen innovaties wel heel erg stimuleren. We zien onszelf als een plek waar je innovaties kunt toepassen. We kunnen begeleiden en we kunnen een promotor zijn. Dat doen we op heel veel gebieden. We willen ook een platform geven om innovaties te doen. We willen processen in gang zetten. We zijn er ook niet vies van om op kleine schaal pilots toe te passen. Dat stimuleren we zeker.

GIEL JURGENS, ASSET OWNER, PORT OF ROTTERDAM Wij financieren technische innovaties zelfstandig. Daar waar mogelijk maken we uiteraard gebruik van subsidies. Innovatie, maar ook kennisontwikkeling, is een onderwerp dat binnen het Havenbedrijf Rotterdam en de gebruikers van de haven een steeds grotere rol krijgt. Daarnaast zien we dat het niet alleen om technische innovatie gaat, maar zeker ook om sociale en procesinnovatie. Veel uitdagingen voor de toekomst kunnen we niet alleen oplossen en zullen we dus met meerdere partijen, gezamenlijk, moeten oppakken (denk aan logistieke processen in de haven). Men verwacht regelmatig van HbR (als beheerder en ontwikkelaar van de haven van Rotterdam) dat ze hier een initiërende en/of faciliterende rol inneemt. Dit is ook een reden dat het HbR samen met Deltalinqs, Gemeente Rotterdam, Erasmus universiteit en TU Delft, gezamenlijk middels SmartPort, investeert in kennisontwikkeling voor havens in het algemeen en de Rotterdamse haven in het bijzonder. SmartPort richt zich op het bedrijfsleven in- en rond het havenen industrieel complex dat door middel van wetenschappelijk onderzoek kansen voor de toekomst binnen handbereik wil brengen.

In onze sector wordt door de overkoepelende organisatie KWR na selectie in samenwerking met de leden (opdrachtgevers) bepaald waar het onderzoeksbudget en capaciteit jaarlijks op wordt ingezet. Het budget wordt door de deelnemende bedrijven geleverd. Het scala aan onderwerpen is erg groot. Maintenance is hierbij nog niet in beeld geweest .

ED BLOM, MANAGER TECHNISCH BEHEER, BAM BOUW EN TECHNIEK Technische innovaties financieren wij zelf en we gebruiken ook subsidies. Binnen projecten doen wij innovaties en dat is zelfstandig. Daarnaast zijn er innovaties die breder gaan dan projecten, daar wordt aanspraak gemaakt op een innovatiefonds. Het gaat om duurzame energie of om projecten slimmer uit te voeren. Denk daarbij bijvoorbeeld aan het verlagen van kosten.

MICHEL GRIJPINK, LEARNING & DEVELOPMENT CONSULTANT, HOGESCHOOL UTRECHT Ik ga voor het antwoord ‘geen van de bovenstaande antwoorden’. Tenminste als je onder technische innovatie niet R&D bedoelt. In dat geval worden alle door de NVDO voorgestelde methoden toegepast, maar mis ik er één. De sociale innovatie, waarbij bedrijven krachten bundelen door bijvoorbeeld gezamenlijk onderzoek. In de business case kunnen crowdfunding, subsidie et cetera allemaal een optie voor financiering zijn. Echter, rendement onder aan de streep telt. Het gaat om de ROI op vermogen.

MaintNL 4 - 2015 63

MF De Stelling.indd 63

21-04-15 15:46


Agenda Mei

Juni

12 mei 2015 Evoluon, Eindhoven www.engineersonline.nl Engineering Event: Safety

2-4 juni 2015 Jaarbeurs, Utrecht www.eabeurs.nl Electronics & Automation 2015

Op 12 mei 2015 vindt de zesde editie plaats van het Engineering Event: Safety. Het thema dit jaar is ‘Machineveiligheid: van hefbrug tot robot’. Een dag vol antwoorden op vragen rondom: CE-markering, robotveiligheid, machineveiligheid, risicoanalyse en machinerichtlijnen, en lockout/tagout/tryout.

E&A is in de Benelux het platform waar exposanten hun laatste ontwikkelingen en innovaties in de clusters testtechnologie, elektronicacomponenten, elektronicaproductie en design & engineering tonen. De complete industriële elektronica is verenigd op deze vakbeurs. Het conferentieprogramma bestaat uit zeven titels met onderwerpen die ingaan op actuele thema’s en ontwikkelingen in de branche. Thema’s die o.a. aan bod komen zijn: Tomorrow’s Electronics, Reliability, Internet of Things, Vergaren en handling van big data, en Wearable Electronics.

13 mei 2015 Meeting House, Dordrecht www.mainnovation.com Maintenance meeting De technologische veranderingen gaan in een hoog tempo. Internetsnelheden worden bijna jaarlijks verdubbeld en op dit moment heeft bijna 85 procent van alle Nederlanders een eigen smartphone of tablet. Deze ontwikkelingen hebben grote impact op de wereld van asset- en onderhoudsmanagement, nu en in de toekomst. Bij veel bedrijven ontstaan IT-vraagstukken op dit gebied. Mainnovation heeft de VDM Field Solutions App ontwikkeld om werkorders te beheren op smartphones en tablets. Deze app maakt het EAM-systeem snel en eenvoudig toegankelijk. Om u te informeren en te inspireren organiseert Mainnovation in samenwerking met 88Degrees deze meeting.

20 mei 2015 Breda www.worldclassmaintenance.com World Class Maintenance Jaarcongres Op 20 mei vindt het Jaarcongres van World Class Maintenance plaats in Breda. Save the date!

20 mei 2015 Covra, Nieuwdorp www.nvdo.nl Veilig werken: risicobeheersing Het is belangrijk dat radioactief afval op een professionele wijze wordt verzameld, verwerkt en opgeslagen. De Centrale Organisatie Voor Radioactief Afval (COVRA) heeft deze taak als enig bedrijf in Nederland. Alle bedrijven in Nederland die een vergunning op grond van de kernenergiewet hebben om met radioactieve stoffen te werken, zijn verplicht hun radioactief afval aan COVRA aan te bieden. Het vermijden van een risico is over het algemeen de beste strategie en soms is dat vrij simpel. Het risico op een instorting door een aardbeving kan vermeden worden door het bedrijf te vestigen in een gebied waar deze niet voor komen. Helaas is vermijden vaak geen optie en moet men maatregelen nemen om het risico op ongewenste gebeurtenissen zo laag mogelijk te houden. Deze middag staat veilig werken voorop!

64 MaintNL

MH Agenda.indd 64

4 juni 2015 TCC, Rotterdam www.deltavisie.nl Deltavisie 2015 Cijfers mogen nooit op zichzelf staan. Elk getal moet altijd worden gerelateerd aan een context. Een uitzondering is het getal nul. Dit getal kan vaak zonder context worden gelezen. Het is namelijk ‘niks’. Nul heeft ook bijna nooit nieuwswaarde. Nul ongelukken, nul schade, het is geen nieuws. Als je nul zetels krijgt bij verkiezingen, verdwijn je vanzelf uit het nieuws. Nul is bijna nooit interessant. Toch is “nul” in de industrie op heel veel vlakken het meest gewenste getal: zero accidents, zero emissions, zero impact.

4 juni 2015 Rotterdam www.rovc.nl Aanpakken kennistekort van uw E/I technicians De procesindustrie kampt met een tekort aan goed opgeleide technici, terwijl het extra belangrijk is dat medewerkers goed gekwalificeerd zijn. Niet alleen vanwege de veiligheid van het personeel, maar ook om het aantal storingen aan installaties te minimaliseren en sneller te verhelpen. Om dit kennistekort tegen te gaan is het belangrijk dat de opleidingspaden per medewerker inzichtelijk zijn. De vraag hoe dit het beste aangepakt kan worden staat centraal.

9 juni 2015 Brabanthallen, Den Bosch www.atexcongres.nl ATEX-Congres 2015 Dit jaarlijkse congres is bedoeld voor bedrijven die te maken hebben met explosieveiligheid. Tijdens het congres komen de volgende onderwerpen aan bod: Ontwikkelingen, risico’s en inspectie; best practices van onder andere TATA Steel en andere grote industriële opdrachtgevers; de laatste ontwikkelingen; en een variëteit van sessies op het gebied van weten regelgeving, praktijkvoorbeelden, zonering, gas/stofexplosies en mechanische ontstekingsbronnen.

4 - 2015

21-04-15 15:47


Column

Een kleurenpallet aan containers Melk drinken wij thuis uit zo’n handig literpak met plastic schroefdopje. Jus d’orange pers ik van verse sinaasappelen, maar bezoek schenken wij in uit een pak Appelsientje met vers vruchtvlees. Als ik enorme dorst heb, dan draai ik zo’n zelfde dopje open van het pak Dubbeldrank. Als die pakken leeg zijn, doe ik de schroefdopjes netjes in de door de gemeente beschikbaar gestelde plastic-verzamelzak en de verpakkingen vouw ik klein en deponeer ik in onze papiercontainer. Door de jaren heen hebben we inmiddels de plastic-verzamelzak, de bruine emmer voor chemisch afval, een container voor groenafval, een container voor restafval en een prachtige blauwe container om papier in te verzamelen. Als brave burger doe ik overal aan mee en is het scheiden van afval een tweede natuur geworden. De natuur moet je niet in de war brengen, maar ik ben nu wel in de war. Drankenkartons zijn een veel gebruikte en duurzame verpakkingsoplossing voor diverse voedingsmiddelen als zuivelproducten, sappen, water, soepen et cetera. Door een slimme combinatie van materialen beschermen zij versheid, smaak en voedingswaarde van zowel verse als lang houdbare voedingsmiddelen en dranken. Door het gebruik van grotendeels hernieuwbare grondstoffen, het lage gewicht en het geringe gebruik van fossiele brandstoffen tijdens de productie, behoren drankenkartons tot de meest duurzame verpakkingsop-

lossingen. Inmiddels wordt in Europa zo’n 42 procent van de op de markt gebrachte drankenkartons gescheiden ingezameld en gerecycled. Ook in Nederland gaan gemeenten drankenkartons gescheiden inzamelen en krijgen ze daar een vergoeding voor. Maar wat is nou mijn probleem? De drankenkartons mogen niet meer bij het oud papier, omdat het grote (GROTE!) risico’s met zich meebrengt voor de kringloop van papier en karton. Vervuild oud papier kan niet in Nederland worden verwerkt tot grondstof. In plaats daarvan moet het onder strikte condities worden geëxporteerd of worden verbrand. Een paar procent drankenkartons vervuilt meteen de hele oud papierstroom. Het gewicht van ‘lege’ drankenkartons bestaat voor vijftig procent uit inhoudsresten, die het overige ingezamelde papier en karton vervuilen. Hierdoor wordt het proces van papier maken ernstig verstoord en daarmee het hergebruik van waardevolle grondstoffen. Let wel, al het nieuwe papier en karton dat in Nederland gemaakt wordt, bestaat voor 82 procent uit oud papier! Ik wacht maar weer rustig af. Naast onze garage staat een kleurenpallet aan containers (heb ik de glasbak al genoemd), daar kan er nog wel eentje bij, speciaal voor drankenkartons. Mijn voorstel is een rode… Gevaar!

‘De drankenkartons mogen niet meer bij het oud papier, omdat het grote risico’s met zich meebrengt voor de kringloop van papier en karton.’

Ellen den Broeder-Ooijevaar Verenigings Manager

colofon MaintNL is het verenigingsmagazine van de Postbus 138 Nederlandse Vereniging voor Doelmatig Onderhoud. 3990 DC Houten De naam MaintNL is eigendom van de NVDO. t +31(0)30 634 60 40 Eindredactie: Ellen den Broeder-Ooijevaar

e info@nvdo.nl • www.nvdo.nl • www.nvdovac.nl

MaintNL 4 - 2015 65

MC Verenigingsmanager.indd 65

21-04-15 15:45


66 VOLGEND NUMMER

IN HET VOLGENDE NUMMER Masters of Excellence Plant Manager of the Year 2014 Frans Scheeren maakt zich zorgen over de borging van kennis en ervaring binnen de industrie. OCI Nitrogen wil aan samenwerkingsverbanden werken, waarbij vertrouwen en de lange termijn er voor moeten zorgen dat partners zich medeverantwoordelijk voelen voor fabrieken en een goed beoordelend vermogen opbouwen. Tijdens Deltavisie 2015 presenteert Scheeren de Masters of Excellence, dit zal ook een digitale cursus op internet worden aan de hand van artikelen en film.

Slimmer rioolbeheer Nieuwe technieken moeten leiden tot een flinke kostenbesparing voor het beheer van riolen en persleidingen. Een nieuw onderzoeksprogramma heeft drie miljoen euro gekregen om het Nederlandse rioleringsnetwerk beter in kaart brengen. Het programma, TISCA, is een initiatief van Technologiestichting STW, Stichting RIONED, Stichting Toegepast Onderzoek Waterbeheer (STOWA) en het Kennisprogramma Urban Drainage.

Terugblik Maintenance NEXT 2015 Van 21 t/m 23 april vond de beurs Maintenance NEXT plaats in Ahoy Rotterdam. Met de thema’s arbeid, innovatie en waardecreatie bouwt de beurs aan de onderhoudsindustrie van vandaag én morgen. ‘Mastering Assets’ is waar het om draait: maximaal inzicht in en controle van de installaties op alle niveaus. In deze editie een uitgebreide terugblik op het evenement.

Thema: Maintenance, opleiding en werk EN VERDER MaintNL Het beheer en onderhoud van constructies in bouw en infra kan efficiënter. RFID-chips, voorzien van sensoren en zenders, kunnen continu gegevens over de onderhoudstoestand van betonconstructies naar de beheerder sturen. Rijkswaterstaat geeft een kijkje achter de schermen van het onderhoud aan de Oosterscheldekering in Zeeland. Door de veranderende markt verschuift veel werk naar zzp’ers aan het eind van de keten. Hoe gaan gemeenten hiermee om?

Thema’s 2015 iMaintain 05-2015

Maintenance, opleiding en werk

iMaintain 06-2015

Maintenance en informatisering

iMaintain 07-2015

Maintenance en de gebouwde omgeving

iMaintain 08-2015

Maintenance en industriële reiniging

iMaintain 09-2015

Maintenance en risicomanagement

MASTERING ASSETS

iMaintain Nummer 5 verschijnt 8 mei 2015

iMaintain 10-2015 Maintenance in de infra

www.maintenancenext.nl 4 15 iMaintain

E Volgend nr.indd 66

21-04-15 15:17


Kent u de status van uw Asset Data Management? Download de ADM QUICKSCAN app in de App Store en doe de gratis quickscan voor uw organisatie.

Committed to performance

DIMEN0086_ADV_APP.indd 1 H Whats Next.indd 26

23-01-15 16:49 22-04-15 07:57


Discover the hidden treasure in Maintenance

In iedere onderhoudsorganisatie zit waarde verborgen. Ieder bedrijf heeft de potentie om verder te verbeteren, dit kan door op bepaalde kosten te bezuinigen of door slim onderhoud te plegen zodat de beschikbaarheid omhoog gaat. De vraag is alleen waar je als onderhoudsmanager deze verborgen waardes vindt en waar je moet starten. Het antwoord op deze vraag vindt u bij Mainnovation. Met Value Driven Maintenance速 en de bijbehorende tools zoals het VDM Control Panel, helpen wij u om de verborgen schat in uw organisatie te vinden. Wilt u de schat in uw onderhoudsorganisatie ontdekken? Ga naar www.mainnovation.com

CONTROLLING MAINTENANCE, CREATING VALUE.

MAINNOVATION_Adv A4_NL-iMaintain rest.indd 1 H Whats Next.indd 26

07-01-13 22-04-1516:25 07:58


rd inee m o Gen oor de ard v

ie aw

vat inno

13 mei 2015


De technologische veranderingen gaan in een hoog tempo. Internetsnelheden worden bijna jaarlijks verdubbeld en werd in 2007 pas de eerste iPhone2 geïntroduceerd, op dit moment heeft bijna 85% van alle Nederlanders een eigen smartPhone of tablet. Deze ontwikkelingen hebben grote impact op de wereld van asset- en onderhoudsmanagement, nu en in de toekomst.

Programma:

Bij veel bedrijven ontstaan IT vraagstukken op dit gebied. Bestaande mobiele oplossingen zijn vaak lastig te implementeren en niet altijd gebruiksvriendelijk. Mainnovation heeft de VDM Field Solutions App ontwikkeld om werkorders te beheren op smartPhones en tablets. Deze App maakt het EAM-systeem snel en eenvoudig toegankelijk.

16:45 – 17:25

15:30 – 16:00 16:05 – 16:45

17:25 – 18:00 18:00 – 19:00

Om u te informeren en te inspireren organiseert Mainnovation in samenwerking met 88Degrees op woensdag 13 mei a.s. een Maintenance Meeting over wat deze mobiele technologie allemaal voor u en uw vakgebied kan betekenen.

www.mainnovation.com

Ontvangst Lezing 88Degrees: ‘Maintenance Innovations 2020’. Deze lezing richt zich op toepassingen van mobiele technologie in de toekomst. Denk hierbij aan het gebruik van smart wearables, augmented reality, beacons, drones. Lezing Mainnovation: Voor- en nadelen van mobiele oplossingen van grote EAM-leveranciers versus de meer universele pakketonafhankelijke apps. Lezing NedTrain: ‘1000 iPads voor onderhoud bij Nedtrain’. De implementatie en de ervaringen. Afsluitende borrel

Geïnteresseerd? Meldt u aan via: info@mainnovation.com Meeting House Johan de Wittstraat 2 3311 KJ Dordrecht T: +31 (0)78 614 67 24