Ima03 binder lr

Page 1

www.imaintain.info

03 15 TWAALFDE JAARGANG – LOSSE VERKOOPPRIJS € 17,00

iMaintain Nr. 03 - 2015

Maint

Het mag

MA Voorpla

azine va n de

NL

NVDO

Drones ver beteren inspectie informati van assets emanage | Real tim ment via komt van e de cloud binnenu | Grootste it | Veilig IT-bedrei trainen da ging nkzij goe d onderho ud

at.indd

43

25-03-1

5 11:58

ZICHZELF REPARERENDE PRODUCTIELIJNEN LEIDEN TOT MINDER STILSTAND

Advertenties 0.indd 1

25-03-15 13:48 13:55


BEZOEK RIWAL OP STAND 5.204

Going for top performance Riwal is sinds 1968 gespecialiseerd in veilig en efficiënt

gerichte oplossingen te bieden voor veilig en efficiënt werken

werken op hoogte en is in de afgelopen decennia uitgegroeid

op hoogte. Dat leidt tot innovatie van onze producten en

tot kennispartner en totaalleverancier.

diensten. Zo zetten we de standaard in ons vakgebied steeds hoger.

Voor uiteenlopende soorten onderhoud, die efficiënt en veilig op hoogte moeten worden uitgevoerd, heeft Riwal de meest

Naast het verhuren en verkopen van hoogwerkers, verreikers

geschikte hoogwerker te huur en te koop.

en heftrucks, kunt u ook bij ons terecht voor eersteklas onderdelen en technische diensten voor machines. Riwal

Riwal hecht veel waarde aan samenwerking en persoonlijk

heeft eigen (indoor) opleidingscentra met opleidingen voor

contact. U staat centraal en we doen er alles aan om u

het werken met hoogwerkers, verreikers en heftrucks.

HOOGWERKERS • VERREIKERS huren • kopen • onderhouden • onderdelen • opleidingen Telefoon: 078 - 618 18 88

Website: www.riwal.com

E-mail: info@riwal.com

Above all. Riwal RIWAL-maintenance-next-beursad2015.indd 1

Advertenties 0.indd 2

19-02-15 16:15

25-03-15 13:55


INHOUD 3

10 Kunstmatige intelligentie maakt productielijnen zelfhelend In het Mantis-project onderzoekt hoogleraar Lambert Schomaker hoe robots kunnen worden ingezet om productielijnen zelfhelend te maken. ‘In plaats van een perfecte productieomgeving te creëren moet je systemen leren omgaan met imperfecties.’

16 Programmeertijd robots moet naar nul Flexible manufacturing is het antwoord van de Nederlandse maakindustrie op de toenemende concurrentie van lagelonenlanden. Binnen het Fieldlab-initiatief kijkt een consortium van bedrijven naar manieren om in kleine series flexibel en volledig geautomatiseerd te laten produceren met behulp van robots.

5 COMMENTAAR 6 ACTUEEL 14 VAN MACHINEBOUWER NAAR DIENSTVERLENER 21 WHAT’S NEXT 29 NEXT NOVITEITEN 30 WHO’S NEXT 35 MODEL BEPERKT AANTAL KOSTBARE SERVICEBEZOEKEN 38 ZONDER VRIENDEN KANSLOOS BIJ ONDERHOUD F-35 82 VOLGEND NUMMER

Maint

NL

Het magazine van de NVDO

43

Bij onderhoudswerkzaamheden komt steeds meer IT kijken en steeds meer procesautomatiseringssystemen zijn met de buitenwereld verbonden. Handig, maar het levert ook risico’s op. Het kabinet wil meer ruimte geven voor het gebruik van drones. Verruiming van de regelgeving voor onbemande luchtvaartuigen moet economische en maatschappelijke kansen bieden voor bedrijven en overheden.

In stand houden tot nieuwe investeringen rond zijn Hans Peters (Dunea) Maintenance Manager of the Year 2015 Grootste IT-bedreiging komt van binnenuit Drones versnellen en verbeteren inspectie van assets Energie besparen met hulp van onderhoud Business case belangrijk voor slagen innovaties Real time informatiemanagement via de cloud Veilig trainen dankzij goed onderhoud

46 51 52 56 59 60 64 68

03

iMaintain 15

B Inhoud.indd 3

25-03-15 13:09


Kent u de status van uw Asset Data Management? Download de ADM QUICKSCAN app in de App Store en doe de gratis quickscan voor uw organisatie.

Committed to performance

DIMEN0086_ADV_APP.indd 1 Advertenties I.indd 4

23-01-15 16:49 25-03-15 12:59


COMMENTAAR 5

Doe maar even moeilijk Voor een nieuw initiatief dat we binnenkort op Deltavisie2015 uitrollen, heb ik de laatste tijd wat meer contact met SHEQ managers. Dat zijn mensen die op verschillende projecten kijken of het werk veilig wordt en kan worden uitgevoerd. Veelal mannen die naar veel meer kijken dan of iemand zijn stalen neuzen en oordoppen wel goed gebruikt. Eerlijk gezegd, in de eerste gesprekken dacht ik wel af en toe dat op elke slak zout werd gelegd. Daar ben ik nu wel aan voorbij. Het is blijkbaar nodig om op elke onveilige situatie te wijzen en er op te schakelen. Veilig werken staat nu eenmaal niet bij iedereen boven aan het lijstje, helemaal als er haast is. Dat zie ik ook ’s morgens als ik mijn dochter naar school breng. Het is heel wat anders maar toch hetzelfde. In een rustige woonwijk verandert de straat van 8:15u tot 8:30u in een drukte van jewelste, waar iedereen zijn of haar kind naar een van de drie scholen brengt en waar kinderen zelf aan komen lopen en fietsen. In een soort kiss&ride opstelling parkeren de ouders met beslagen ramen de auto ‘even’ dubbel om zoon of dochter uit te laden. Ouders met kinderen fietsen ‘even’ tegen de richting in om naar het fietsenrek te komen en op vrijdagochtend komt ook de vuilniswagen langs om ‘even’ de containers te legen. Het lijkt af en toe of mensen niet geïnteresseerd zijn in de impact van hun handelen op de omgeving. Alles gaat tegelijk en het gaat ook nog altijd goed. Toch maakt het dat ik mijn grote meid van negen nog moeilijk alleen laat oversteken of fietsen naar school. Doe ik nou te moeilijk of ga ik tegenwoordig met de verkeerde mensen om? Zij vindt vaak van wel, ik meestal van niet. Ik hoop dat er een beetje van blijft plakken en dat ze toch een LMRA doet, zonder dat ze het doorheeft. Je bent tenslotte zelf verantwoordelijk voor je eigen veiligheid.

Mark Oosterveer @M_Oosterveer mark@industrielinqs.nl

HOOFDREDACTIE

Mark Oosterveer 020 3122 793 mark.oosterveer@industrielinqs.nl NUMMER 03 - 2015

Wim Raaijen 020 3122 081 wim.raaijen@industrielinqs.nl

UITGAVE VAN

EINDREDACTIE

Industrielinqs pers en platform Veembroederhof 7 1019 HD Amsterdam

Miriam Rook 020 3122 796 miriam.rook@industrielinqs.nl Liesbeth Schipper 020 31 22 083 liesbeth.schipper@industrielinqs.nl

MEDEWERKERS PARTNER

Nederlandse Vereniging voor Doelmatig Onderhoud (NVDO) Postbus 138, 3990 DC Houten

David van Baarle, Erik te Roller, Renske van den Berg, Ingrid Rompa, Pieter Pulleman, Francis Voermans, Dagmar Aarts

LAY-OUT

De Opmaakredactie

COVER Ahoy Rotterdam NV Ahoy-weg 10 3084 BA Rotterdam Postbus 5106 3008 AC Rotterdam Organisator van

UITGEVER

Wim Raaijen 020 3122 081 wim.raaijen@industrielinqs.nl

Siemens

ADVERTENTIEVERKOOP Jetvertising BV Kim de Bruin T: 070 399 00 00 F: 070 390 24 88 kim@jetvertising.nl

TRAFFIC

Breg Schoen 020 3122 088

DRUKKERIJ

PreVision Graphic Solutions

ABONNEMENTEN (EXCL. BTW)

Nederland/België € 95,– Introductie NL/B 25% € 71,– Overig buitenland € 119,– Losse verkoopprijs € 17,– Studenten € 39,– Proefabonnement 3 mnd € 27,50

OPZEGGEN

Dit magazine hanteert de opzegregels uit het verbintenissenrecht. Wij gaan er van uit dat u het blad ontvangt uit hoofde van uw beroep. Hierdoor wordt uw abonnement steeds stilzwijgend met een jaar verlengd. Proef- en kennismakingsabonnementen worden niet automatisch verlengd en stoppen na het aantal aangegeven nummers. Opzeggen kan via www.aboland.nl, per post of per telefoon. De opzegtermijn is 8 weken voor het einde van uw abonnementsperiode. Als opzegdatum geldt de datum waarop uw opzegging door Abonnementenland is ontvangen. Indien u hierom verzoekt, ontvangt u een bevestiging van uw opzegging met daarin de definitieve einddatum van uw abonnement. Adreswijzigingen kunt u doorgeven via www.aboland.nl, per post of per telefoon.

Overige vragen kunt u stellen op www.aboland.nl of neem telefonisch contact met Abonnementenland op.

ABONNEMENTENLAND

Postbus 20 1910 AA Uitgeest Tel. 0900-ABOLAND of 0900-226 52 63 € 0,10 per minuut Fax 0251-31 04 05 Site: www.bladenbox.nl voor abonneren of www.aboland.nl voor adreswijzigingen en opzeggingen. Abonnementenland is ook bereikbaar via Twitter. Stuur uw tweet naar: @Aboland_klanten. Prijswijzigingen voorbehouden. ISSN: 2211-6826 © Industrielinqs pers en platform BV Niets uit deze uitgave mag worden gereproduceerd zonder toestemming van de uitgever.

02

iMaintain 15

C Commentaar.indd 5

25-03-15 13:10


6 ACTUEEL

MEEST GELEZEN ONLINE 1. Exxon neemt in Rotterdam energiezuinige paraxyleenfabriek in gebruik ExxonMobil Chemical Holland heeft in Rotterdam een nieuwe paraxyleenfabriek in gebruik genomen die de milieuprestaties en energie-efficiëntie van de fabriek nog verder verbetert. Lees verder op pagina 7

2. Groot onderhoud aan kraker Dow in Terneuzen Dow is op donderdag 5 maart begonnen met groot onderhoud aan kraker 3 (LHC 3) in Terneuzen. De installatie zal ongeveer zes weken stil liggen. Lees verder op pagina 9

3. Emerson investeert ruim 25 miljoen euro in technologiecentrum Emerson is begonnen met de bouw van een nieuw technologiecentrum in het Zweedse Gothenburg. Het bedrijf wil zo aan de toenemende vraag naar producten, trainingen en ondersteunende diensten voldoen. Lees verder op deze pagina

4. Scholieren bedenken oplossingen voor arbeidsongevallen Het team ‘2B Safe’ heeft de WestVlaamse editie van de Creativiteitsmarathon gewonnen. Ze bedachten de ‘Safetybuddy’, waardoor er geen ongevallen op de werkvloer meer zouden moeten gebeuren. Lees verder op pagina 7

5. 150 miljoen euro voor onderzoek en productontwikkeling Het kabinet gaat de komende jaren extra investeren in innovatie, onderzoek en productontwikkeling. Lees verder op pagina 9

03 15 iMaintain

D Actueel.indd 6

Drie miljoen euro voor slimmer rioolbeheer Nieuwe technieken moeten leiden tot een flinke kostenbesparing voor het beheer van riolen en persleidingen. Een nieuw onderzoeksprogramma heeft drie miljoen euro gekregen om het Nederlandse rioleringsnetwerk beter in kaart brengen. Het programma, TISCA, is een initiatief van Technologiestichting STW, Stichting RIONED, Stichting Toegepast Onderzoek Waterbeheer (STOWA) en het Kennisprogramma Urban Drainage. Het renoveren of vervangen van riolen en persleidingen kost jaarlijks ongeveer anderhalf miljard euro. Die kosten gaan mogelijk flink omlaag als rioolbeheerders nauwkeuriger kunnen vaststellen wanneer een afvalwaterleiding onderhoud nodig heeft. Nu worden de leidingen vaak nog vervangen of gerenoveerd op basis van leeftijd en een globale inspectie met camera’s. Daardoor vindt het onderhoud niet altijd op tijd, of juist te vroeg plaats. Met nieuwe technieken krijgen de beheerders een beter inzicht in de optimale gebruiksduur van het riool en kunnen dan tegen lagere kosten gerichter onderhoud uitvoeren. Het onderzoeksprogramma richt zich onder meer op het ontwikkelen van nieuwe meetinstrumenten, zoals high-end optica, laserscanners en akoestische meetapparatuur. Daarnaast moeten computermodellen worden verbeterd die de gebruiksduur van riolen inzichtelijk maken.

Emerson investeert ruim 25 miljoen euro in technologiecentrum Emerson is begonnen met de bouw van een ruim 25 miljoen euro kostend technologiecentrum in het Zweedse Gothenburg. Het bedrijf wil zo aan de toenemende vraag naar producten, trainingen en ondersteunende diensten voldoen. ‘Vanuit dit nieuwe complex kunnen we onze gebruikers van tankbeheer-producten, waaronder terminal-exploitanten en de procesindustrie, niet alleen sneller leveren maar ook een groter palet aan diensten en ondersteuning bieden’, zegt Rasmus Johansson, algemeen directeur van de Rosemount Tank Radar-divisie van Emerson. Het nieuwe complex bestaat uit twee gebouwen met een totaaloppervlak van 17.000 vierkante meter en biedt plaats aan kantoorruimtes, conferentie- en trainingsfaciliteiten en een grote productielocatie. Daarnaast heeft het gebouw ook nog inspectie- en testruimtes voor klanten. Het nieuwe complex ten oosten van Gothenburg vervangt de bestaande Emerson-productielocatie in Gamlestadsvägen. Vanaf de opening in januari 2016 zullen er ongeveer 420 mensen gaan werken.

Kabinet wil regels voor drones aanpassen Het kabinet wil meer ruimte geven voor het gebruik van drones. Verruiming van de regelgeving voor onbemande luchtvaartuigen moet economische en maatschappelijke kansen bieden voor bedrijven en overheden. Daarbij wordt telkens een goede balans gezocht met de maatschappelijke belangen van veiligheid, luchtvaart en privacy. De verruiming van mogelijkheden geldt voor het beroepsmatig gebruik van drones. Zo wil het kabinet dat politie en brandweer vanaf 1 juli ruimere bevoegdheden krijgen om drones in te zetten voor hulpverlening, opsporing en handhaving van de openbare orde. Het kabinet ziet verder mogelijkheden om vaker drones in te zetten voor bijvoorbeeld de inspectie van infrastructuur, het bewaken en beveiligen van objecten en terreinen, klimatologisch onderzoek, de land- en tuinbouw en de media. Het kabinet wil de komende tijd de behoeftes en mogelijkheden van het gebruik van drones in deze domeinen onderzoeken. Verder wil het kabinet in overleg met ontwikkelaars en fabrikanten van drones de behoefte aan testlocaties inventariseren. Voor de zomer komt het kabinet met een brief waarin deze verkenningen worden uitgewerkt.

Abonnees lezen meer op www.imaintain.info

25-03-15 13:10


ACTUEEL 7

Chemie gaat verscherpt toezien op veiligheid toeleveranciers Chemiebedrijven gaan verscherpt toezien op de veiligheidsprestaties van hun toeleveranciers. Ze gaan daarbij gebruikmaken van adviezen van het platform Veiligheid Voorop. Het plan van aanpak van het platform geeft handreikingen voor de manier waarop bedrijven hun opdrachtnemers kunnen beoordelen op veiligheidsprestaties, veiligheidscultuur en de mate waarin wettelijke normen naleven. Dat kan gebeuren voordat een opdracht verstrekt wordt of tijdens de uitvoering ervan. Bij twijfel over een juiste veiligheidscultuur kan van de opdrachtnemer een plan ter verbetering van veiligheidscultuur en -prestaties worden gevraagd. De aanpak is erop gericht dat bedrijven elkaar sterker maken, onder meer door deuren voor elkaar open te stellen en door introductie van een ‘buddyschap’, waarbij grotere opdrachtgevers een aantal opdrachtnemers voorzien van hulp, begeleiding en advies. Veiligheid Voorop is een platform van ondernemingen in Nederland die met gevaarlijke stoffen werken (BRZO-bedrijven). Het platform is in 2011 op initiatief van werkgeversorganisatie VNO-NCW en enkele branches in de (petro)chemie, in het leven geroepen om de veiligheid bij BRZO-bedrijven in de chemieketen te verbeteren.

Exxon neemt in Rotterdam energiezuinige paraxyleenfabriek in gebruik ExxonMobil Chemical Holland heeft in Rotterdam een nieuwe paraxyleenfabriek in gebruik genomen die de milieuprestaties en energie-efficiëntie van de fabriek nog verder verbetert. De installatie maakt gebruik van een innovatieve, gepatenteerde technologie die werd ontwikkeld door ExxonMobil en in Rotterdam voor het eerst wordt toegepast. De nieuwe installatie zal het jaarlijkse energiegebruik van de fabriek in belangrijke mate verminderen, volgens Exxon vergelijkbaar met het energieverbruik van 30.000 Nederlandse huishoudens. Hierdoor zal ook de jaarlijkse CO2-uitstoot aanzienlijk afnemen, vergelijkbaar met ongeveer 23.000 auto’s minder op de Nederlandse wegen. De aromatenfabriek in Rotterdam is de eerste productielocatie waar de gepatenteerde liquid phase isomerization technologie wordt toegepast. Hierbij wordt in het verwerkingsproces een stap overgeslagen waardoor de energie-efficiëntie verbetert. ExxonMobil verwacht dat de succesvolle opstart van de installatie in Rotterdam zal leiden tot nieuwe licentiekansen over de hele wereld. De investering volgt op een aantal eerdere investeringen door ExxonMobil in Rotterdam, waaronder in 2006 de installatie voor de productie van laagzwavelige diesel, de capaciteitsuitbreiding in 2009 van de aromatenfabriek en de integratie met de waterstoffabriek van Air Products in 2010.

Scholieren bedenken oplossingen voor arbeidsongevallen Het team ‘2B Safe’ heeft de West-Vlaamse editie van de Creativiteitsmarathon gewonnen. Ze bedachten de ‘Safetybuddy’, waardoor er geen ongevallen op de werkvloer meer zouden gebeuren. De Creativiteitsmarathon is een initiatief van Essenscia Vlaanderen, de federatie van de chemische industrie, kunststoffen en life sciences, in samenwerking met de Vlaamse Jonge Ondernemingen (Vlajo), om het ondernemerschap en de creativiteit bij jongeren te stimuleren. In opdracht van onderneming Bayer MaterialScience uit Tiel moesten middelbare scholieren een oplossing bedenken voor het vraagstuk: Hoe zorg je ervoor dat er een jaar lang geen ongevallen gebeuren op de werkvloer? Tweeëntachtig leerlingen verdeeld over veertien teams bedachten creatieve oplossingen. Team ‘2B Safe won met de ‘Safetybuddy’. Daarbij staat elke maand een andere werknemer in voor de veiligheid van zijn collega’s. Een premiestelstel, spaarkaart en inspraak voor de werknemers moet er bijkomend voor zorgen dat er in alle bedrijfsprocessen extra aandacht is voor het veiligheidsaspect. Dit alles onder het motto: ‘Ik werk veilig, of ik werk niet.’ ‘Ik was verbaasd over de creatieve voorstellen van de jongeren’, zegt Gertjan Venema, CEO van Bayer. ‘Veiligheid is ontzettend belangrijk in onze industrie. We hebben daarover al vaak gebrainstormd, maar vandaag heb ik hier betere oplossingen gehoord. Meer nog, ik denk er sterk aan om de ideeën van ‘2B Safe’ effectief toe te passen in ons bedrijf.’

BEDRIJVENNIEUWS Groot achterstallig onderhoud in tunnels Noord-Holland Het onderhoud aan de Velser-, Wijker-, Zeeburger-, en Schipholtunnel, laat ernstig te wensen over. Dat blijkt uit recent onderzoek van EenVandaag en RTV Noord-Holland. Volgens een groot aantal deskundigen komt dat omdat onderhoud niet de prioriteit heeft en dat kan desastreuze gevolgen hebben.

Meer geld voor onderhoud wegen De provincies verwachten in 2015 in totaal 1,4 miljard euro uit te geven aan onderhoud en aanleg van wegen. De uitgaven voor wegen lopen per provincie sterk uiteen. Koploper is Gelderland. Deze provincie denkt bijna 600 miljoen euro te investeren in wegen. Noord-Brabant spendeert daarna het meest met 184,5 miljoen euro. De uitgaven aan wegen zijn sterk afhankelijk van de maatregelen die provincies nemen om de verkeersveiligheid te verbeteren, maar ook van het soort weg, de soort ondergrond en het aantal kilometers weg per provincie.

Raffinagestaking VS breidt zich uit De staking in de Amerikaanse raffinagesector breidt zich uit. Vakbond United Steelworkers heeft werknemers van nog eens vier raffinaderijen gevraagd het werk neer te leggen. Onderhandelaar Shell, mede namens de andere oliebedrijven, is teleurgesteld in de stappen die de vakbond momenteel zet. De bond begon op 1 februari aan de inmiddels grootste staking in de sector sinds de jaren tachtig. De werknemers eisen betere veiligheidsomstandigheden en hogere salarissen. Oliebedrijven hebben al laten weten dat er geen mogelijkheid is om de lonen te verhogen omdat de olieprijzen sinds juni gedaald zijn, zodat de winsten zijn verdampt. Zolang de gesprekken met Shell niks opleveren dreigt de vakbond nog meer raffinaderijen stil te leggen.

03

iMaintain 15

D Actueel.indd 7

25-03-15 13:10


SUNDSVALL BRIDGE REALISATION: 2011 - 2015 COATING SYSTEM DESCRIPTION: HEMPADUR PRO ZINC 1738G HEMPADUR MASTIC 4588F HEMPADUR MASTIC 4588W HEMPATHANE 55610

BESCHERM UW INVESTERINGEN ANTICORROSIEVE EN OPSCHUIMENDE COATINGS VOOR • Infrastuctuur • Bruggen • Olie & Gas • Chemische installaties • Windmolens Hempel brengt professionele consulting, technische ondersteuning en efficiënte coating oplossingen toegespitst op uw behoeften.

www.hempel.nl

www.hi-force.com

Advertenties I.indd 8

25-03-15 12:59


ACTUEEL 9

E-Move en Universiteit van Bremen winnen Additive Design Challenge Team e-move en de Universiteit van Bremen hebben begin maart de Additive World Design for Additive Manufacturing Challenge 2015 gewonnen. De jury vond dat zij het beste invulling hebben gegeven aan de opdracht om een bestaand product te herontwerpen voor additive manufacturing. Team e-Move heeft de ophanging van een elektrische motorfiets geoptimaliseerd voor gewicht. Ze hebben het aantal componenten van zestien teruggebracht naar één en de bedrijfszekerheid verhoogd door integratie van bijvoorbeeld de remleiding in de ophanging. Het team ‘Cooling with Heat’ van de Universiteit van Bremen toonde de omvang van ontwerpmogelijkheden door een op de natuur geïnspireerde boomstructuur te ontwikkelen die het mogelijk maakt om de warmte van een computerprocessor om te zetten in elektriciteit om de ventilator aan te drijven om dezelfde processor te koelen. De complexiteit van kleine kanalen in de warmtewisselaar zijn alleen met 3D-printing te maken en laten goed zien wat deze nieuwe technologie kan bieden volgens de jury. Daarnaast heeft het bedrijf nog drie Additive World Awards uitgereikt. Bram de Zwart nam namens 3D Hubs de ‘Pioneer Award’ in ontvangst voor de indrukwekkende ontwikkeling van hun wereldwijde netwerk van 3D-printers. Greg Morris van GE Aviation kreeg de Award voor de beste industriële toepassing van 3D-printen voor hun brandstofinjector voor de nieuwste vliegtuigmotor. De ‘Industrial Achievement Award’ ging naar Brent Stucker voor zijn grote en waardevolle bijdrage aan standaardisatie van de 3D-metaalprinten voor industrieel gebruik.

150 miljoen voor onderzoek en productontwikkeling Het kabinet gaat de komende jaren extra investeren in innovatie, onderzoek en productontwikkeling. Het kabinet stelt tot eind 2016 zes miljoen euro beschikbaar voor mkb-bedrijven voor productontwikkeling via zogenaamde Innovatie Prestatiecontracten. Daarnaast reserveert het kabinet de komende tien jaar in totaal vijftig miljoen euro extra investeringskapitaal voor innovatieonderzoek. Met de aanvulling van vijftig miljoen euro in komende tien jaar, komt er vanuit het Toekomstfonds in totaal 150 miljoen euro aan investeringskapitaal beschikbaar voor onderzoeksprojecten. Het geld wordt benut voor investeringen in onderzoeksfaciliteiten en om onderzoekers intensiever samen te laten werken met bedrijven. In 2015 gaat het kabinet een eerste deel van tachtig miljoen euro vanuit het Toekomstfonds investeren. Dit wordt ingezet voor verschillende doelen. Het wordt onder andere benut voor nieuwe proeffabrieken voor de digitalisering van de industrie, oftewel Smart Industry. In deze zogenaamde Fieldlabs ontwikkelen onderzoekers en bedrijven met betere benutting van ICT nieuwe producten en diensten, waardoor Nederland haar concurrentiepositie kan verstevigen. Daarnaast is er geld beschikbaar voor samenwerking tussen universiteiten, bedrijven en organisaties op het gebied van oplossingen voor maatschappelijke vraagstukken. Hoeveel budget er per project wordt uitgetrokken, is afhankelijk van de voorstellen en zal op een later moment bekend worden gemaakt.

BEDRIJVENNIEUWS Groot onderhoud aan kraker Dow in Terneuzen Dow is op 5 maart begonnen met groot onderhoud aan kraker 3 (LHC 3). De installatie wordt zes weken stilgelegd. De voorbereidingen voor het groot onderhoud zijn al in 2011 gestart. Bij de onder-houdsoperatie zijn veel andere bedrijven betrokken. In totaal komen er zo’n duizend externe medewerkers helpen met het onderhoud. Om de kraker veilig stil te leggen en na circa zes weken weer op te starten, is het gebruik van de fakkelinstallatie nodig.

Ton Huibers, MMY 2013, gaat voor de Alpe d’Huzes Op 3 en 4 juni zal het Top Team Huibers de Alpe d’ Huez beklimmen om geld in te zamelen voor KWF. De teamopdracht bestaat uit het zoveel mogelijk namen van mensen mee te nemen in de vorm van hun naam op de kleding van het team. Ken jij iemand die hier gebruik van wil maken neem dan contact op via: topteamhuibers@gmail.com. Voor een bijdrage, die het jou waard is, zal het team zich maximaal inzetten.

Allard van Hoeken wint Prins Friso Ingenieursprijs Allard van Hoeken, Head of New Energy bij Bluewater Energy Services, is op 18 maart gekozen tot Ingenieur van het Jaar. Hij ontving de prijs op de UT in het bijzijn van Prinses Beatrix en Prinses Mabel. Het Koninklijk Instituut Van Ingenieurs (KIVI) kent de prijs jaarlijks toe. ‘Van Hoeken kan anderen inspireren om de omslag te maken van traditionele naar duurzame energie’, aldus juryvoorzitter Micaela dos Ramos. Van Hoeken is sinds 2009 verantwoordelijk voor de technologische ontwikkeling van BlueTEC, de drijvende getijdenenergieopwekker van Bluewater.

uw mailbox? Al het nineuvoworsoninze nieuwsbrief op

iMaintain.info!

Meld u aa

03

iMaintain 15

D Actueel.indd 9

25-03-15 13:11


10 INTERVIEW

Kunstmatige intelligentie maakt productielijnen zelfhelend In het Mantis-project onderzoekt hoogleraar Lambert Schomaker hoe robots kunnen worden ingezet om productielijnen zelfhelend te maken. ‘In plaats van een perfecte productieomgeving te creëren moet je systemen leren omgaan met imperfecties’, is zijn overtuiging. Onderhoud zal dan ook altijd nodig zijn, maar dat kan een robot ook heel goed uitvoeren.

“ 03 15 iMaintain

I Interview.indd 10

David van Baarle

Onderhoud is ook in de productieomgeving al lang geen noodzakelijk kwaad meer. Bedrijven zien steeds meer de waarde van goed onderhoud en het voorkomen van stilstand van hun machines. Om het gedrag van assets te voorspellen, wordt steeds meer data verzameld via slimme sensoren om die data daarna te kunnen gebruiken in een reliability centered maintenance-strategie. ‘Alles in het productieproces is er op gericht om steeds minder fouten te maken’, zegt Lambert Schomaker. De hoogleraar en wetenschappelijk directeur van Alice, Artificial Intelligence and Cognitive Engineering, is gespecialiseerd in kunstmatige intelligentie. ‘Men probeert een zo perfect mogelijke wereld te creëren die volledig voorspelbaar en manipuleerbaar is. Het enige probleem is dat de echte wereld dat niet is.’ Hij vervolgt: ‘Anders dan de wereld van de computer, waarin alles werkt volgens de wetmatigheden van enen en nullen, waar of niet waar, goed of fout et cetera, kunnen de omstandigheden in onze wereld net iets anders zijn, waardoor een machine zich toch nét anders gedraagt dan we verwachtten. Wij mensen kunnen

Het is de kunst om uit de data bruikbare informatie te filteren over de conditie van de assets.

daar goed mee omgaan. We horen een geluid dat we niet vertrouwen en smeren een ketting extra of we blazen een beetje stof weg als we zien dat een lens vervuild is. Een machine kan dat niet, althans, nog niet. Mijn onderzoek moet het straks mogelijk maken dat machines, net als het menselijk lichaam, zichzelf kunnen herstellen of bijvoorbeeld de hulp van een robot kunnen inroepen om het nodige onderhoud te plegen.’ Rijksuniversiteit Groningen bracht niet lang geleden het nieuws naar buiten dat Schomaker een bedrag van 540 duizend euro krijgt voor zijn onderzoek in het zogenaamde Mantis-project. Het onderzoek is onderdeel van een Europees programma waarin 47 partners uit wetenschap en industrie zijn vertegenwoordigd. Hoewel de participerende bedrijfstakken erg verschillend zijn, was er een hele lijst met herkenbare voorbeelden van wat er zoal fout kan gaan langs een productielijn. Samen met een aantal participerende bedrijven gaat Schomaker in een aantal deelstappen kijken of het mogelijk is productielijnen zelfhelend te maken.

Kunstmatige intelligentie De hoogleraar is gespecialiseerd in kunstmatige intelligentie en dan met name in patroonintelligentie en machineleren. ‘Onze onderzoeksgroep kijkt onder meer of het mogelijk is om het werk dat mensen doen door machines te laten uitvoeren’, zegt hij. ‘De zorgsector kan bijvoorbeeld worden geholpen met robots die een deel van de zware zorgtaken kunnen uitvoeren. Maar ook op het gebied van services worden robots steeds vaker ingezet. Zo is er inmiddels een variant op de bekende voetbalcompetitie tussen robots waar robots worden ingezet in de huiselijke omgeving: de Robocup@Home. Hier zie je robots die huishoudelijke taken kunnen uitvoeren, zelfstandig navigeren, interacteren met mensen en die objecten kunnen

Abonnees lezen meer op www.imaintain.info

25-03-15 13:15


FOTO: TECHUNITED (TU/E)

INTERVIEW 11

Deze robot is operatieassistent voor oogchirurgen

herkennen en oppakken. Je krijgt hierbij pas op de dag van de competitie te horen wat nu precies de opdracht is.’ In de industrie worden robots al langer ingezet, maar die zijn tot nog toe strikt voorgeprogrammeerd. Ze kunnen een repeterende taak uitvoeren en kunnen dit sneller, accurater en doeltreffender dan mensen. Dit soort systemen kan de taken echter alleen maar uitvoeren als de producten waar zo’n robot aan werkt heel homogeen zijn. ‘Als een product ook maar enigszins afwijkt van de norm, raakt zo’n systeem van slag. De volgende stap is dan ook om zelflerende systemen te maken die met die veranderende omstandigheden kunnen omgaan. Zo doen wij experimenten met een robot die een spraakgestuurde opdracht kan uitvoeren om een flesje op te pakken. In het experiment halen we het flesje onverwacht van zijn plek en zetten het ergens anders neer. Een traditioneel systeem zou al snel een foutmelding geven omdat de doelprestatie niet kan worden gehaald vanwege een afwijkende condi-

tie. Deze robot kan echter het flesje met camera en Kinect-sensor via zijn vorm en kleur herkennen, kent zijn eigen positie in de ruimte en heeft de intelligentie om op de nieuwe situatie te reageren.’

Zero defects ‘Bedrijven zijn veel tijd kwijt met het perfectioneren van machines’, zegt Schomaker. ‘Ze proberen de prestaties van hun machinepark te verhogen door te streven naar zero defects. Op zich is dit een heel zinnige strategie. Gedurende het proces kom men er echter vaak achter dat wat in de ene hoek wordt geoptimaliseerd, aan de andere kant tot fouten kan leiden. Men staart zich blind op de prestaties van de individuele componenten, terwijl de meeste problemen ontstaan doordat het globale systeem niet goed gemodelleerd is. Langs de gemiddelde productielijn is het dan ook een feest van drama, met allemaal kleine, rottige problemen. Als reactie daarop duikt men nog meer in audits, standaarden of vaste protocollen en monitoring. Ik zou eigenlijk tegen die mensen willen zeggen:

‘shit happens’. De werkelijkheid is nu eenmaal weerbarstiger dan modellen kunnen voorspellen en net als in het echte leven zal je met tegenslagen moeten leren omgaan en er op moeten anticiperen.’ Ook degradatiemodellen zijn volgens hem te onvoorspelbaar om daar een betrouwbare preventieve onderhoudsstrategie op los te laten. ‘Fabrikanten zoals SKF geven bij levering van hun kogellagers een indicatie van de verwachte levensduur van zo’n lager. Ze kunnen met testen laten zien dat bij gelijke belasting er een bepaalde spreiding is in de faalkans. Dat klinkt mooi, maar bedrijven weten dan eigenlijk nog steeds niet of hun lager nu aan het begin van de normaalverdeling zit en elk moment kan falen of dat hij nog wel even meekan. Het wordt nog ingewikkelder als de belasting ook nog eens varieert. In zo’n geval heb je meer aan een sensor in de lager die de conditie realtime meet, met daaraan gekoppeld een systeem dat de operator kan vertellen welke actie hij moet ondernemen bij welke metingen.’

03

iMaintain 15

I Interview.indd 11

25-03-15 13:15


KENNIS MOET JE OOK ONDERHOUDEN.

EXTRA START

• Hoeveel onderhoud is juist genoeg? • Kunnen we met de onderhoudsfunctie geld verdienen? • Hoeveel kan onderhoud bijdragen aan het bedrijfsresultaat? • Wat is Excellent Onderhoud en hoe geef ik dit vorm?

ONDERHOUDS TECHNOLOGIE14 APRIL 201 IN HOOGEVEE 5 N INFORMEER!

WAARDECREATIE DOOR GOED ONDERHOUD Een onderhoudsopleiding bij Hogeschool Utrecht helpt u in uw eigen bedrijf de antwoorden te vinden op deze vragen. In de afgelopen jaren zijn vele mooie resultaten en forse besparingen bereikt bij de deelnemende bedrijven. Door de brede scope op zowel Materiaalkunde, Engineering, Inspectie als Onderhoud bieden onze opleidingen op het gebied van Onderhoud precies die (integrale) kennis die nodig is om verder te kunnen kijken dan het eigen vakgebied, en daardoor aantoonbaar betere resultaten te boeken. • Post-MBO Onderhoudstechniek (OTK) • Post-HBO Onderhoudstechnologie (OT) • Post-HBO Onderhoud en Management (OM) • Master of Engineering in Integrated Service Engineering

Start 30 september 2015 Start 1 oktober 2015 Start 1 oktober 2015 Start februari/september

Alle genoemde opleidingen kunnen naar wens in-company (op maat) verzorgd worden. Informeer naar de mogelijkheden. Meer weten? Bel 088 481 88 88, mail naar info@cvnt.nl of kijk op www.cvnt.nl.

ER VALT NOG GENOEG TE LEREN

Advertenties I.indd2015-01 12 Europoortkringen FC_A4.indd 1

25-03-15 05-01-15 13:00 11:24


INTERVIEW 13

Eigenlijk zou je een systeem juist moeten laten falen, het daarvan laten leren en het zelf laten uitvinden wat wel werkt.

In de toekomstige fabriek die Schomaker op het oog heeft, worden dan ook meer sensoren ingezet dan nu gebruikelijk is. ‘Maar aan alleen sensoren heb je nog niet veel’, zegt hij erbij. ‘Als een monteur door een fabriek loopt, gebruikt hij zijn ogen en oren en merkt dat er iets niet klopt. Als hij een ketting hoort piepen, zal hij hem even smeren of als hij een vreemde geur ruikt zal hij kijken of er iets staat te lekken. Wat dat betreft is een mens een heel geavanceerd systeem.’ Een sensor heeft geen situationeel bewustzijn zoals een mens dat heeft. Het is de kunst om uit de data die de sensoren genereren bruikbare informatie te filteren die wat kan zeggen over de conditie van de assets. ‘Je komt dan al snel bij big data-analyse, maar het is voor kunstmatige intelligentiesystemen nog lastig om relaties te leggen tussen een veranderde parameter en een falende machine. Die kennis moet dan ook nog steeds van de mensen komen die met de machines werken. Het mooie is dat we die mensen uitrusten met een tabletcomputer om een storing te omschrijven en de eventuele oplossing in te voeren, zodat de computer daar weer van kan leren. De kennis van de vloer komt daarmee samen met de data van de sensoren in een kunstmatig intelligent systeem dat op den duur

patronen zou moeten leren herkennen en uiteindelijk ook zelf kan reageren op eventuele procesverstorende gebeurtenissen. Dat betekent wel dat je de ‘feedback loop’ moet sluiten en actuatoren zult moeten ontwikkelen die zelf kunnen ingrijpen of ervoor zorgen dat de operators de opdracht krijgen een bepaalde handeling uit te voeren. In dat laatste geval zit je in het gebied van de neo-cybernetica, waarbij mens en machine intensief samenwerken.’

Interventies ‘Eigenlijk zou je een systeem wat robuuster moeten uitvoeren’, vervolgt Schomaker. ‘In een proces zitten intrinsiek allerlei varianten van aansturing en gedrag. Een machine zou zelf de variaties in de instellingen moeten kunnen bepalen om zich aan de omstandigheden aan te passen. Helaas is dat voor velen op dit moment nog een stapje te ver. Een operator wil nog altijd graag zelf ’s morgens aan de knopjes draaien om het gevoel te krijgen dat hij de boel onder controle heeft. Eigenlijk zou je een systeem juist moeten laten falen, het daarvan laten leren en zelf laten uitvinden wat wel werkt; met welke parameters de beste resultaten worden gehaald.’ De paradox van een beleid dat uitsluitend

gericht is op zero defect is dat het globale systeem juist overspecifiek en broos kan worden. De kosten van een fout worden dan steeds hoger. ‘Bij een lange productielijn zijn er nu eenmaal veel ‘single’ points of failure. Het alternatief is om op tijd correctieve actie te ondernemen om escalatie te voorkomen. Vaak zijn dat zeer basale zaken als een machine een duwtje geven, even een stofje wegblazen of een knop indrukken. Dat zijn lastige interventies, omdat ze eigenlijk alleen door mensen kunnen worden uitgevoerd en bovendien niet keihard in het proces kunnen worden ingebakken. Maar in sommige gevallen zou je machines wel zo kunnen aanpassen dat ze met behulp van een sensor en actuator zelf zo’n interventie kunnen uitvoeren. Met perslucht kun je ook een vuiltje wegblazen en een trilbak kan hetzelfde effect hebben als een duwtje. Je moet natuurlijk wel oppassen dat je geen unieke oplossingen gaat bedenken voor zeldzame situaties. Het is de kunst om families van problemen te bundelen om daar standaardoplossingen voor te ontwikkelen.’

Zelfhelend Een stapje verder in de toekomst wil Schomaker daadwerkelijk robots inzetten voor preventief of correctief onderhoud. ‘Je kunt semi-gefixeerde robots met flexibele armen inzetten om vaste handelingen uit te voeren die normaal gesproken door operations of maintenance zou worden uitgevoerd. De heilige graal is voor mijn vakgebied echter om productielijnen te voorzien van markers en navigatiemiddelen om een robot autonoom service aan het machinepark te laten uitvoeren. Zo’n robot werkt dan in een gecontroleerde omgeving, kent de productielijn en kent de posities waar hij zijn werk moet uitvoeren. Voor wie bang is dat daarmee al het werk verdwijnt: de mens verdwijnt niet uit beeld, maar traint de robot.’ En als we het dan toch over de toekomst hebben: ‘Het ultieme doel is om een natuurlijk zelfhelend systeem te ontwikkelen dat autonoom denkt en werkt’, besluit de hoogleraar. ‘Net als het menselijk lichaam is het uitgerust met systemen om zichzelf te repareren, virussen te bestrijden of alternatieve functies aan te spreken, zo zou ook een productieomgeving moeten kunnen ingrijpen bij verstoringen of zelfs proactief verstoringen moeten kunnen voorkomen.’ ■

03

iMaintain 15

I Interview.indd 13

25-03-15 13:16


14 MATERIAL HANDLING

Van machinebouwer naar dienstverlener Producten en diensten staan steeds minder op zichzelf. Om klanten nog meer toegevoegde waarde te bieden en concurrentie het hoofd te bieden, is Vanderlande geëvolueerd van machinebouwer naar dienstverlener. Het bedrijf richt zich steeds meer op after-sales dienstverlening. De bouwer van material-handlingsystemen denkt nu mee met klanten en probeert hun hele bedrijfsproces te verbeteren. Dagmar Aarts

03 15 iMaintain

J Materials Handling.indd 14

De familie Van der Lande startte met de revisie en daarna productie van machines voor de textielindustrie. Later volgde de productie van hijswerktuigen, kranen en transportbanden voor bulkmaterialen en olievaten. Vanderlande is de afgelopen decennia veranderd, vertelt Marco Vijfvinkel, manager process & control services van het bedrijf. ‘Vroeger maakten wij machines. Op een gegeven moment gingen wij die machines integreren tot turn-key oplossingen.’ Zo ontstaat er een material-handlingsysteem, een ander woord voor intern transportsysteem. Deze systemen zijn bijvoorbeeld te vinden op luchthavens, waar ze koffers controleren op explosieven en vervolgens sorteren voor de juiste vlucht. Ook pakketdiensten zoals UPS en TNT maken er gebruik van en daarnaast levert Vanderlande systemen voor distributiecentra van bijvoorbeeld supermarkten

of een online-winkel als Zalando. ‘De transportsystemen zijn opgebouwd uit allerlei verschillende machines’, vertelt Vijfvinkel. ‘Dat kunnen lopende banden, liften, sorteermachines en automatische kranen, die pallets in een rek zetten, zijn. Die apparaten ontwikkelen en produceren we voor een groot deel zelf, maar kopen we ook in. De besturingssoftware, tot aan Warehouse Management Software, maken wij zelf.’

Service In het laatste decennium is de nadruk in het bedrijf steeds meer op after-sales services gelegd. Vanderlande levert een breed scala aan services, variërend van een spare parts webshop tot onderhoudsteams op locatie. Het bedrijf heeft een helpdesk die 24 uur per dag is bemand, op afstand ondersteuning kan bieden of direct iemand kan sturen als er een reparatie nodig is. Vijfvinkel: ‘Service is nog niet zo oud bij Vanderlande. Dat is pas tien jaar terug echt gaan leven. Daarvoor lag er niet veel nadruk op. Het bedrijf is van oorsprong een projectorganisatie waarin iedereen projectgedreven naar een einddoel toewerkt. Service is gebaseerd op een langdurige samenwerking met de klant waarbij continu verbeteren staat centraal. Dat DNA is pas geleidelijk in ons bedrijf gekomen. Projecten en service zijn twee verschillende takken van sport die steeds dichter bij elkaar komen. We zien dat klanten steeds vaker vragen naar het gecombineerd aanbieden van een material-handlingsysteem, besturingssoftware en service.’ Dat er steeds meer vraag is naar die combinatie, komt doordat klanten kijken naar de total cost of ownership (TCO) bij de aanschaf van een systeem. Vijfvinkel: ‘Je kan als bedrijf de investeringskosten van een systeem zo laag mogelijk houden, maar als dat betekent dat de jaarlijks

Abonnees lezen meer op www.imaintain.info

25-03-15 13:20


FOTO’S: VANDERLANDE

MATERIAL HANDLING 15

terugkerende kosten voor onderhoud en operatie hoger worden, dan ben je uiteindelijk duurder uit. Je moet als koper naar het totaalplaatje kijken. Klanten vragen steeds vaker om de aanschaf en het onderhoud samen aan te bieden. Daarmee zie je eigenlijk een transitie. Service wordt steeds eerder in een verkooptraject bekeken. Wellicht gaat de servicecomponent in de toekomst een leidende rol hebben om aan een project te mogen beginnen. Dat is wel een interessante ontwikkeling die gaande is.’

Onderhoudsteams Vanderlande heeft op verschillende klantlocaties wereldwijd onderhoudsteams rondlopen. Deze teams variëren van enkele mensen tot complete organisaties van tientallen service engineers en ondersteunende functies. Zo’n organisatie kan bestaan uit meer dan vijftig man die in shifts 24 uur per dag werken. De leden van het team voeren reparaties uit en lopen inspectierondes om te voorkomen dat er iets kapot gaat. Als ze zien dat er een defect dreigt te ontstaan, kunnen ze voorkomen dat de klant hinder ondervindt. Inmiddels zijn er al meer dan honderd ‘site-based service teams’ van het bedrijf

actief bij klanten in onder andere Europa, de Verenigde Staten, China, Brazilië en Zuid-Afrika. Dat zijn meer dan dertienhonderd mensen wereldwijd. Vijfvinkel: ‘Waar het nu steeds meer heen gaat, zijn de performance based contracten. Daarin garanderen wij bijvoorbeeld dat het systeem beschikbaar is voor een bepaald percentage van de tijd. Het beloningsmodel is daarop afgestemd.’

die standaard diensten levert, dan zijn er heel veel partijen die dat ook kunnen. Er is veel concurrentie en prijsdruk op traditionele services zoals onderhoud. Wij proberen ons te onderscheiden door extra waarde aan de klant te bieden. We denken echt met de klant na over hoe we zijn logistieke processen kunnen verbeteren. Daaruit kunnen systeemverbeteringen voortkomen of aanpassingen in hoe de klant het systeem gebruikt.’

Klanten

‘We zien dat klanten steeds vaker vragen naar het gecombineerd aanbieden van een material-handlingsysteem, besturingssoftware en service.’

Daarnaast denken de onderhoudsteams op locatie steeds meer na over procesverbeteringen. Vijfvinkel: ‘Daarmee pogen we steeds meer een partner te worden van de klant in plaats van leverancier. Als je gewoon maar een leverancier bent

Zo denken leden van een onderhoudsteam in een distributiecentrum van een supermarkt onder meer mee hoe de vrachtwagens met spullen voor de winkels op tijd kunnen vertrekken. Het kan ook zijn dat ze voor een klant kijken naar de doorlooptijd van een logistiek proces of het aantal fouten dat het systeem en de operators maken. Dat draagt volgens Vijfvinkel allemaal bij aan het continu verbeteren van het bedrijfsproces. ‘We denken mee in de business van de klant en kijken wat daar de meeste waarde toevoegt, in plaats van dat we binnen de kaders van het material handling systeem kijken en daar suboptimalisaties doen.’ ■

03

iMaintain 15

J Materials Handling.indd 15

25-03-15 13:20


16 FLEXIBLE MANUFACTURING

Programmeertijd robots moet naar nul Flexible manufacturing is het antwoord van de Nederlandse maakindustrie op de toenemende concurrentie van lagelonenlanden. Binnen het Fieldlab-initiatief kijkt een consortium van bedrijven en kennisinstellingen naar manieren om in kleine series flexibel en volledig geautomatiseerd te laten produceren met behulp van robots. En dat zonder programmeertijd.

David van Baarle

Om de mondiale concurrentie voor te blijven, moet de maakindustrie drastisch het roer omgooien. De Europese industrie kan niet concurreren met de goedkope arbeid in China of de lage energiekosten in de Verenigde Staten. Wat de industrie wel kan, is slimmer en sneller werken, met minder voorraadkosten, minder omstelkosten en minder verliezen van energie of grondstoffen. Duitsland speelde twee jaar geleden op deze trend in door het ‘Industrie 4.0’-programma in te stellen. Nederland volgde een jaar later met Smart Industry. Egbert Jan Sol, CTO bij TNO Industry en columnist van PT Industrieel Management, is actief betrokken bij het Smart Industryinitiatief. ‘De Duitse industrie overhandigde twee jaar geleden aan Angela Merkel de plannen voor Industrie 4.0 tijdens de Hannover Messe. Toen al ontstond het idee van een Nederlandse variant en een jaar later was Smart Industry geboren. Er waren wel duidelijke verschillen tussen de twee plannen: de Duitse plannen zijn voornamelijk ICT-gedreven, terwijl Neder-

Toeleveranciers worden producent Er is al enige tijd een ontkoppeling gaande van bezit en gebruik van kapitaalgoederen. Neem printerfabrikant Océ waarbij klanten geen printer kopen, maar de functie printen. Verschuuren: ‘Die ontwikkeling betekent wel dat de cash flow-positie van fabrikanten terugloopt omdat ze hun geld over een aantal jaren verspreid verdienen. Als gevolg daarvan zie je nu al de daadwerkelijke productie verschuiven naar de toeleveranciers. Autofabrikant BMW laat partijen als VDL haar auto’s bouwen. Die partijen zijn daarmee geen toeleverancier meer, maar producent. Zo ontstaat de situatie dat een oorspronkelijke toeleverancier met nauwelijks een cashpositie wel moet investeren in nieuwe ICT, andere productiemiddelen en uitbreiding van zijn organisatie. Deze ontwikkeling zorgt ervoor dat de business-keten verandert. Partijen kunnen het niet meer alleen doen en zullen met meerdere spelers moeten samenwerken binnen de waardeketen. Bovendien zullen bedrijven er alles aan moeten doen om verliezen te voorkomen door bijvoorbeeld zero defect-productie en doorlooptijden van weken terug te brengen naar dagen of zelfs uren.’

03 15 iMaintain

O Flexible manufacturing2.indd 16

land de behoefte van de maakindustrie als uitgangspunt neemt. Bovendien benaderen de Duitsers het probleem topdown, terwijl Nederland bottom up kijkt naar de behoefte van de industrie en daarbij naar oplossingen zoekt bij de universiteiten, hogescholen en kennisinstituten.’

Flexible Manufacturing Nadat het plan voor Smart Industry aan het kabinet was aangeboden, zei Rutte dat hij niet meteen geld beschikbaar had. Kamp vond het idee echter zo interessant dat hij wel wilde dat de industrie er verder mee aan de slag ging en FME-voorzitter Ineke Dezentjé nam het voortouw. ‘Het eerste voorstel was om vijf zogenaamde Fieldlabs op te richten in vijf regio’s’, vervolgt Sol, ‘maar we kregen uiteindelijk 55 voorstellen binnen. Uit dat aantal is een selectie gemaakt van tien Fieldlabprogramma’s die de meeste kans bieden om technische doorbraken te forceren. De programma’s zijn bij de regio’s terechtgekomen omdat die eenvoudiger aanspraak kunnen maken op regionale en Europese fondsen.’ Een van de Fieldlabs concentreert zich op Flexible Manufacturing. Het heeft als doel bedrijven in kleine series flexibel en volledig geautomatiseerd te laten produceren met behulp van robots en dat zonder programmeringstijd. Het idee is om in kleine batches of zelfs per stuk te produceren, wat weer aansluit op de trend van individueel op maat gemaakte producten. Sol: ‘Het programmeren van de robots is tot nog toe de bottleneck om productieprocessen snel te kunnen laten schakelen: het kost eenvoudig gezegd teveel tijd en geld.’ Ondanks het feit dat Nederland bijna geen eigen robotindustrie heeft, is er wel een groot aantal bedrijven dat robots gebruikt in zijn productieproces, gaat Sol verder. ‘Neem bijvoorbeeld de glastuinbouw, waar al veel processen zijn geautomatiseerd. Ook de maakindustrie

Abonnees lezen meer op www.imaintain.info

25-03-15 13:38


FLEXIBLE MANUFACTURING 17

maakt gebruik van freesrobots, die in een run processen uitvoeren die vroeger vijf stappen vergden. Daarbij zit er wel veel kennis over robotica bij de Nederlandse universiteiten. Er is wel degelijk een grote markt voor robots: kijk maar naar het succes van het Nederlandse bedrijf Lely dat melkrobots produceert en wereldwijd verkoopt.’

Volledig automatisch Een van de partijen die bij het Fieldlab Flexibel Manufacturing is aangesloten is De Cromvoirtse. Janwillem Verschuuren is één van de directeuren van het gespecialiseerde staal service center. ‘We leveren staal, roestvast staal en aluminium op maat en zijn met name gespecialiseerd in kleine aantallen. Dus vanaf seriegrootte één. Onze klantenkring varieert van een kleine zelfstandige tot een grote machinebouwer en alles wat ertussen zit.

De meeste orders gaan tegenwoordig via ons portal. Online dus: 24 uur per dag, zeven dagen per week. Vanaf daar gaat een order bijna automatisch de productie in. We hebben een volledig gerobotiseerd systeem dat de staal-, aluminium en RVS-platen uit het magazijn pakt, ze positioneert en vervolgens op maat snijdt.

‘Omdat we echter zeer kleine producties hebben, meestal één stuk, kunnen we geen robot inzetten.’ Klanten zetten hun tekeningen via het webportaal in het systeem en de robots doen vervolgens automatisch het werk. De

robots kunnen nauwkeuriger snijden, met minder snijverlies en ook veel sneller werken dan een mens ooit zal kunnen doen. Vandaar ook dat onze klanten ons vaak weten te vinden als ze snel een staalproduct nodig hebben. Maar hoewel het snijden volledig automatisch verloopt, wordt het kanten nog handmatig gedaan. Daar willen we binnen het Flexible Manufacturing-project een antwoord op vinden. Omdat we echter zeer kleine producties hebben, meestal één stuk, kunnen we geen robot inzetten. Dan zou je hem namelijk constant moeten programmeren. Een mens kan die omschakeling veel sneller maken, maar die heeft weer de beperking dat hij de stalen platen van vaak vier bij twee meter groot niet eenvoudig kan hanteren. Nu gebruiken we daar kranen en heftrucks voor, maar dat kost tot nog toe teveel tijd.’

03

iMaintain 15

O Flexible manufacturing2.indd 17

25-03-15 13:38


ADVERTENTIE INDEX Abonnees ............................................................................................ 70 AIB Vincotte Nederland ....................................................................... 28 Allied Reliability Group EMEA ............................................................... 24 Applus RTD .......................................................................................... 36 BIMmedia ............................................................................................ 66 Brand Energy & Infrastructure Services ................................................ 22 Deltavisie 2015 ................................................................................... 62 Dimensys Nederland .............................................................................. 4 Duport Lubricare .................................................................................. 18 Eco Ketelservice Verhuur ...................................................................... 54 Endress + Hauser ................................................................................ 26 Hansen Industrial Transmissions........................................................... 28 Hempel ................................................................................................. 8 Hi-Force Nederland ............................................................................... 8 Hoffmann Quality Tools .................................................................. 32, 83 Hogeschool Utrecht Centrum voor Natuur & Techniek ........................... 12 iMaintain Platform ......................................................................... 40, 41 Insituform Rioolrenovatietechnieken ............................................... 32, 54 Leemberg............................................................................................. 34 Mourik Services ................................................................................... 20 Peinemann........................................................................................... 34 Pruftechnik .......................................................................................... 50 Riwal ..................................................................................................... 2 Sky Access........................................................................................... 26 SPM Instrument ............................................................................ 18, 36 ST-Cleaning Special Tank Cleaning ...................................................... 48 Traduco ................................................................................................ 84 UE Systems Europe b.v. ....................................................................... 50 Ultimo Software Solutions .................................................................... 44

®

www.panolin.nl • Biologisch • afbreekbare • synthetische • hydrauliek-olie • Zeer lange • levensduur • 10.000 draaiuren • zonder olie • te verversen

Hydrauliekolie met een natuurlijk karakter Duport Lubricare - Archimedesstraat 9 7701 SG Dedemsvaart - 0523-619892 info@panolin.nl

Advertenties I.indd 18

25-03-15 13:00


FLEXIBLE MANUFACTURING 19

Blijven innoveren De oplossing zit volgens Verschuuren in de samenwerking tussen mens en robot. ‘Dat is tot nog toe lastig, omdat er nog een grote kooi om een robot staat voor de veiligheid. We zitten nog in de beginfase van het project en kijken met open blik om ons heen. We denken in oplossingsrichtingen zoals virtual reality.

‘Een van de nieuwe ontwikkelingen op dat gebied zijn zelflerende robots, wat in onze tak best handig zou zijn.’ Net als tegenwoordig een chirurg op afstand kan opereren, zou het ook moge-

lijk moeten zijn om een robotarm virtueel te bedienen alsof je er naast staat. Maar je zou bijvoorbeeld ook kunnen denken aan het gebruik van een exoskelet dat de medewerker ondersteunt bij zijn zware werk.’ Het staalcenter wil zich in de beginfase echter niet al teveel blind staren op één oplossing. ‘We onderzoeken eerst wat er al op dit gebied mogelijk is en kijken of er partijen zijn met wie we kunnen samenwerken om verder te komen. Zo zit Philips Drachten ook in het consortium en die heeft ongeveer dezelfde uitdagingen als wij. Ook zij zijn teruggegaan naar batches van honderd stuks of minder, terwijl ze daarvóór veel grotere series draaiden. En we hebben inmiddels ook gesproken met vertegenwoordigers van de TU Eindhoven, die gespecialiseerd zijn in robotica en bijvoorbeeld al heel ver zijn met robots voor de zorg. Een van de nieuwe ontwik-

kelingen op dat gebied zijn zelflerende robots, wat in onze tak van sport best handig zou zijn. Overigens laten we het project ook mee lopen in het Interreg V-programma: een samenwerkingsverband in de grensregio tussen Zuid-Nederland en Vlaanderen.’ Aan opdrachten heeft het bedrijf geen gebrek. ‘We bedienen een brede afzetmarkt waar met name de machinebouw en OEM-er de verkorting van de doorlooptijd weten te waarderen, maar de concurrentie ligt op de loer. En dus moeten we blijven innoveren. Dat zo’n ontwikkeling tijd kost, weten we inmiddels. Het kostte ons vijf jaar voordat we het robotsysteem voor plaathandeling voor het snijden hadden ontwikkeld. Maar onze droom om straks vanaf een website een tekening te maken en die volledig geautomatiseerd om te zetten in een product komt steeds dichterbij.’ ■

03

iMaintain 15

O Flexible manufacturing2.indd 19

25-03-15 13:39


IN COMPLIANCE Is meer dan voldoen aan wet- en regelgeving

www.mourik.com

Uw installaties moeten maximaal beschikbaar zijn en voldoen aan alle gestelde eisen. Zowel de technische als de milieu- en veiligheidseisen. Daar zijn wij sterk in. Wij kennen uw installaties door en door. Ook alle regelgeving en lokale voorschriften. Efficiテォnt onderhoud is voor ons vanzelfsprekend, innoveren zit in ons DNA. We hebben alles in huis om u maximaal te ontzorgen. Vandaag テゥn morgen in compliance. Met Mourik. 010-296 54 00.

Bezoek ons op:

Ahoy Rotterdam, 21-23 april Hal 4, stand 4.300

T 010-296 54 00 E industrie@mourik.com @MourikHolding

INFRASTRUCTUUR - INDUSTRIEBOUW - UTILITEITSBOUW - INDUSTRIテ記E REINIGING - CATALYST HANDLING MILIEUTECHNIEK - ASBESTSANERING - ENGINEERING - MECHANICAL - CONSTRUCTIE W, E & I INSTALLATIES - BETONREPARATIE - CONSERVERINGEN - TOTAL TANK CARE

Mourik_UptimeAdv_FCmag_BEURS_185x267mm.indd 1

Advertenties I.indd 20

23-03-15 12:40

25-03-15 13:01


WHAT’S NEXT 21

Het Internationale Energie Agentschap (IEA) voorspelt voor 2050 een verdubbeling van de energievraag en verwacht dat zo’n dertig procent van deze vraag zal worden geleverd door duurzame bronnen. De Rijksoverheid zou zelfs graag zien dat in 2050 alle energie duurzaam is. Windenergie zal hoe dan ook hier een belangrijke rol in gaan spelen en met name de offshore-windparken worden groter en groter.

Veranderende energiemarkt vraagt om nieuwe kijk op onderhoud en inspectie Het aanleggen van offshore-windparken geeft de mogelijkheid om grote turbines te plaatsen, die met de huidige stand van de techniek steeds meer energie op zullen leveren. De parken zullen in verband met hun grootte echter ook steeds verder op zee geplaatst worden, hetgeen leidt tot hogere kosten voor de bouw van het park en een nog niet goed in te schatten kostenpost voor het onderhoud. Hoe multifunctioneler de onderhoudsmensen zijn, hoe efficiënter (lees: goedkoper) er gewerkt kan worden, volgens Martin Langevoord van Rope Access Group BV.

Industriële touwtechnieken

FOTO: ROPE ACCESS GROUP BV

Industriële touwtechnieken kunnen uitkomst bieden om werkplekken snel en veilig bereikbaar te maken. Een bedrijf als Rope Access merkt dan ook dat zij hun werkveld uitgebreid zien worden van onderhouds- en inspectiediensten op land in de energiesector, naar offshore-windparken. Volgens de Arbowet

dienen werkplekken op een deugdelijke manier bereikbaar gemaakt te worden. Collectieve beschermingsmiddelen gaan voor persoonlijke beschermingsmiddelen, maar wanneer daarmee nog steeds de werkplekken niet kunnen worden bereikt, komen methodes met persoonlijke beschermingsmiddelen in beeld. Het staat buiten kijf dat er op zee bijna altijd sprake is van ‘slecht bereikbare werkplekken’ en dat het spectrum van toegangsmethoden kleiner is dan voor werkzaamheden op land. In het dilemma van ‘weather windows’ en de tijd die er effectief gewerkt kan worden als het weer het toelaat, biedt ‘rope access’ uitkomst. Mensen die een plek veilig bereikbaar kunnen maken en daar vervolgens laswerk, montage- of inspectiewerk kunnen uitvoeren, zorgen voor een kostenbesparing en een tijdwinst. En dat tijd geld is, wisten we al in de onderhoudswereld. Win-win dus voor windenergie.

Abonnees lezen meer op www.imaintain.info

H WhatsNext.indd 21

03

iMaintain 15

25-03-15 13:13


BRAND

ONZE MEDEWERKERS MAKEN HET VERSCHIL SAFETY FIRST I PRODUCTIVITY I BEST PEOPLE

Bij BRAND staan productiviteit en projectmanagement centraal. Samen met de klant bereiden we projecten uitstekend voor. En kijken wij continu hoe onze access- en isolatiewerkzaamheden nog efficiënter kunnen worden uitgevoerd. BRAND heeft diverse succesvolle programma’s en methoden die de productiviteit verder bevorderen. Het ontzorgen van de klant is mijn grootste passie: het opleveren van complexe projecten, op tijd én binnen budget. En uiteraard tot volle tevredenheid van de opdrachtgever!

Michel Kotterman Manager Industrial Services Brand Energy & Infrastructure Services

Bekijk hier de ervaring van Michel

ACCESS SOLUTIONS I INSULATION SERVICES

25089

Brand Energy & Infrastructure Services T +31 (0)10 445 54 44 E nl@beis.com W www.beis.com

25089/3 BRAND adv Michel Kotterman - Productivity - iMaintain.indd 1 Advertenties I.indd 22

23-03-15 13:12 25-03-15 13:01


WHAT’S NEXT 23

Flinterdunne laagjes kristal afpellen om die vervolgens te gebruiken voor zonnecellen met een hoog rendement. Voor het ontwikkelen van deze epitaxiaal lift-offtechniek kreeg Peter Mulder de Professor Jan Troosterprijs. ‘Uitmuntend wetenschappelijk onderzoek en uitdagend academisch onderwijs staat of valt met de input van mensen met creatieve ideeën en grote technische vaardigheden. Deze inbreng moet gewaardeerd en beloond worden’, aldus de jury van de Troosterprijs. Deze prijs wordt jaarlijks uitgereikt aan een technicus of informaticus die zich op dit gebied heeft onderscheiden. Dit jaar reikte de Faculteit der Natuurwetenschappen, Wiskunde en Informatica van de Radboud Universiteit de prijs voor de 33ste keer uit. De prijs is ingesteld ter nagedachtenis aan Jan Trooster, een hoogleraar met een grote reputatie op het gebied van de ontwikkeling van onderzoeksapparatuur. Peter Mulder, die sinds 1998 als technicus bij Applied Materials Science werkt, heeft de Epitaxiaal lift-Off-techniek (ELO) bedacht en doorontwikkeld tot een bijna industrieel toepasbare technologie. Mede dankzij dit resultaat is het spinoff-bedrijf tf2-devices opgericht. Met een groep

FOTO: DICK VAN AALST

KRISTALLEN PELLEN VOOR ZONNECELLEN

regionale bedrijven wordt nu de stap naar de industriële toepassing gezet, gesubsidieerd door de Efro. De dunne kristalfilms die Peter Mulder met zijn ELO-techniek weet te maken zijn van uitzonderlijk hoge kwaliteit, getuige twee zonnecellen met een officieel erkend wereldrecordrendement.

Ook buiten de Radboud Universiteit maken onderzoekers gebruik van Mulders films, bijvoorbeeld bij Amolf en de Universiteit van Tokio. Hij weet steeds de dunnefilmstructuren te maken die precies de juiste eigenschappen hebben voor de verschillende onderzoeksdoeleinden.

WETENSCHAPPER SPEELT SAMEN MET SCHIMMELS PIANOSTUK

De biocomputer speelt piano door middel van kleine elektromagneten, die een paar centimeter boven de metalen pianosnaren hangen.

Een wetenschapper heeft eind februari samen met schimmels een pianostuk gespeeld op een kunstfestival in Plymouth in Zuid-Engeland. De schimmels vormen het belangrijkste onderdeel van een biocomputer die geluidssignalen ontvangt en terugstuurt. Het resultaat is een muzikale samenwerking tussen de schimmels en hoogleraar Eduardo Reck Miranda van de universiteit van Plymouth. Hij laat hiermee zien dat schimmels kunnen helpen bij techniek. Volgens de hoogleraar hebben dit soort technologieën toekomst. Terwijl Miranda piano speelt, luisteren de schimmels mee en spelen het vervolgens na. De biocomputer functioneert als een geheugenschijf. De machine speelt piano door middel van kleine elektromagneten, die een paar centimeter boven de metalen pianosnaren hangen. Door de trillingen die de elektromagneten uitzenden, klinken er lichte tonen.

03

iMaintain 15

H WhatsNext.indd 23

25-03-15 13:14


Advertenties I.indd 24

25-03-15 13:02


WHAT’S NEXT 25

TU/E EN CHINESE UNIVERSITEIT STARTEN R&D-CENTER VOOR ‘RESPONSIVE MATERIALS’ Zelfreinigende zonnepanelen, ramen als airconditioning en een tabletscherm dat je kunt voelen. Deze toepassingen kun je verwachten uit de samenwerking tussen de Technische Universiteit Eindhoven (TU/e) en de South China Normal University (SCNU). Onderzoeksgroepen van deze universiteiten slaan de handen ineen voor het nieuwe Laboratory for Device Integrated Responsive Materials (DIRM) dat op 12 maart officieel is geopend in Guanghzou, China. Het DIRM-lab heeft als doel om Eindhovens wetenschappelijk onderzoek op het gebied van functionele polymere materia-

len, zogenaamde ‘responsive materials’, een stap verder te brengen dan alleen een publicatie in een wetenschappelijk tijdschrift of een patent. Het gaat om materialen die van functie veranderen onder invloed van bijvoorbeeld licht of temperatuur. Het DIRM-lab gaat met deze materialen toepassingen ontwikkelen. Dick Broer, hoogleraar aan de TU/e en wetenschappelijk directeur van het nieuwe instituut: ‘Het is makkelijker om investeerders en bedrijven te overtuigen met een werkend prototype dan alleen een idee dat op papier lijkt te werken. We werken toe naar een product dat in de winkels ligt.’

COTTONWOOD INVESTEERT 1,6 MILJOEN IN TWENTSE ROBOTVOGEL

SUBSIDIE VOOR SUPERGELEIDERS IN WINDMOLENS De leerstoel Energy, Material and Systems van de Univrsiteit Twente heeft 2,1 miljoen euo subsidie gekregen vanuit het Europese Horizon 2020 programma. De universiteit gaat supergeleidende generatoren ontwikkelen voor een nieuwe generatie windmolens. De technologie moet windmolens lichter en goedkoper maken. Het plan is om in 2018 de eerste supergeleidende gnerator in een bestaande 3,6 megawatt Deense windturbine te bouwen. Het systeem wordt vervolgens een jaar lang getest in Denemarken.

Cottonwood Euro Technology Fund, een Amerikaans investeringsfonds, investeert 1,6 miljoen euro in Clear Flight Solutions. Dit is een robotica en drone spin-off van de Universiteit Twente. Met deze investering wil Clear Flight Solutions, bekend van hun robotvogels, uitgroeien tot wereldwijd marktleider op gebied van vogelregulering. De schade die vogels toebrengen op vliegvelden wereldwijd wordt in de miljarden geschat en bestaat niet alleen uit materiële schade. De overlast door vogels leidt soms ook tot dodelijke ongelukken. Daarnaast zorgen vogels wereldwijd voor miljarden aan schade in de agrarische sector, bij afvalverwerkingsbedrijven, havens en in de olie- en gasindustrie. Bekend probleem is daarbij dat vogels slim zijn en gewend raken aan bestaande oplossingen voor vogelregulering; ze vliegen er gewoon omheen. Clear Flight Solutions ontwikkelt robotvogels, ‘robirds’, die de vlucht van een slechtvalk levensecht nabootsen. Het vlieggedrag van de ‘robird’ is zo realistisch, dat vogels geloven dat hun natuurlijke vijand in het gebied aanwezig is. Deze aanpak speelt in op de angst van de vogels, waardoor gewenning geen probleem meer is. Nico Nijenhuis, CEO van het bedrijf: ‘We hebben een erg succesvolle test afgerond bij een Twents afvalverwerkingsbedrijf, een van de meest uitdagende omgevingen voor ons. Daarnaast hebben we nog aantal van dit soort testen gepland staan en zijn we in gesprek met potentiële klanten in elk marktgebied, inclusief een van de grootste Europese vliegvelden. Deze investering van Cottonwood zorgt ervoor dat we deze testen uit kunnen voeren, en via hun wereldwijde netwerk met de koplopers in de industrie zorgen we ervoor dat ons bedrijf naar het volgende niveau gaat.’

03

iMaintain 15

H WhatsNext.indd 25

25-03-15 13:14


MC2015-008

NDT G6 Welders Bolt Tensioning Industrial Rope Techniques

Special Lifting

Uw instrumenten tot in perfectie gestemd Kalibratie door Endress+Hauser = kwaliteitsborging • Als instrumentatieproducent hebben we de meeste kennis van het instrument en de applicatie waarin het wordt toegepast, zodat na kalibratie zeker is dat uw bedrijfsvoering optimaal is. Mocht het noodzakelijk zijn, dan zijn we tevens in staat om direct na de kalibratie te repareren en/of te justeren.

Painting Rescue Teams Paint Inspection

Heat Treatment

• Indien u instrumenten van andere merken gebruikt worden deze tevens door Endress+Hauser gekalibreerd. U heeft daarmee maar één aanspreekpunt nodig voor on-site of laboratoriumkalibratie volgens uw geplande onderhoudsschema. • Alle kalibratieresultaten en bijbehorende instrument-informatie wordt consistent digitaal in een W@M Portalen op papier beschikbaar gesteld zodat u bent voorbereid op eventuele kwaliteitsaudits. www.nl.endress.com/calibration

Rope Access? SKY-ACCESS! T. +31 (0)88 - 12 33 600 WWW.SKY-ACCESS.COM

Endress+Hauser BV Postbus 5102 1410 AC Naarden Tel. +31 35 695 86 11 info@nl.endress.com www.nl.endress.com

Advertenties I.indd 26

25-03-15 13:02


WHAT’S NEXT 27

NIEUWE MANIER OM ZELDZAME AARDEN TERUG TE WINNEN UIT LAMP Chemici van de KU Leuven hebben een nieuwe methode ontwikkeld om uit ingezamelde tl- en spaarlampen de metalen europium en yttrium te recyclen. Ze gebruikten een ionische vloeistof die heel wat voordelen heeft ten opzichte van de klassieke oplosmiddelen. De vloeistof lost enkel de metalen op en is zelf herbruikbaar. De metalen zijn meteen te gebruiken in nieuwe lampen. Voor heel wat moderne elektronica en schone technologieën wordt gebruik gemaakt van zeldzame aarden, een groep metalen. Deze zijn moeilijk te ontginnen en te zuiveren. Omdat de meeste mijnen zich in China bevinden, is de bevoorrading onderhevig aan geopolitieke spanningen. Er bestaat wereldwijd dan ook interesse om zeldzame aarden te recyclen uit afvalstromen in plaats van ze te ontginnen. Twee van die zeldzame aarden, europium en yttrium, worden gebruikt in rode lampfosfor. Dat is een vaste stof die ultraviolet licht omzet naar rood licht. Ze wordt bijvoorbeeld gebruikt in kleurenschermen voor tv-apparaten en in de buizen van fluorescentielampen. Professor Koen Binnemans. ‘Afgedankte tl- en spaarlampen worden al verplicht ingezameld, maar tot nu toe was de recycling er vooral op gericht om het giftige kwik uit het afval te halen. Omdat het recyclen van europium en yttrium met de klassieke solventen technisch complex was, werd het poeder dat de twee zeldzame aarden bevat meestal niet hergebruikt.’ Voor dat laatste probleem vonden de Leuvense chemici een oplossing. Binnemans: ‘In plaats van een zuur gebruiken wij een ionische vloeistof als solvent: dat is een organisch oplosmiddel dat volledig bestaat uit ionen of elektrisch geladen deeltjes. Het verdampt niet, is niet brandbaar en het werkt heel selectief: we kunnen het zo maken dat het enkel de rode lampfosfor oplost. Het europium en yttrium dat ermee gerecupereerd wordt, kan onmiddellijk opnieuw worden gebruikt.’

PASTA VERBINDT HALFGELEIDERMATERIALEN Onderzoekers van de University of Chicago is het gelukt om halfgeleidermatrialen aan elkaar te solderen en toch nog goede prestaties te laten leveren. Halfgeleiders worden gebruikt in de meeste elektronica. De legeringen die de wetenschappers hebben ontwikkeld, kunnen worden gebruikt om stukken halfgeleidermateriaal met elkaar te verbinden. Wetenschappers en technici zoeken al lang naar goede manieren voor het verbinden van halfgeleideroppervlakken, die erg gevoelig zijn voor verontreinigingen en defecten in de structuur De onderzoekers ontwikkelden legeringen van cadmium, lood en wolfraam die als een vloeistof of pasta kunnen worden aangebracht om twee stukken halfgeleider te verbinden, door ze te verhitten tot enkele honderden graden Celsius. Daarna vormen ze een naadloze verbinding. De verwachting is dat deze nieuwe toepassing het 3D-printen van halfgeleiders mogelijk kan maken.

TEST MET KRUISING TUSSEN VLIEGTUIG EN ZEPPELIN Het Britse Hybrid Air Vehicles is begonnen met het testen van de motoren van de honderd meter lange Airlander 10. Het grootste luchtvaartuig dat ooit is gebouwd is kruising tussen een zeppelin en een vliegtuig. De Airlander 10 weegt in totaal 38 ton en heeft vier V8 dieselmotoren die samen 1.028 kilowatt vermogen leveren. Het luchtschip is gemaakt van kevlar, mylar en koolstofvezel en aan de onderkant zitten pneumatische luchtzakken waardoor ze zowel op het land als op het water kan landen. Het schip moet vijf dagen non-stop kunnen vliegen met een lading van tien ton.

03

iMaintain 15

H WhatsNext.indd 27

25-03-15 13:14


YOUR REPUTATION IS MINE.

CAN YOUR REPUTATION BECOME OUR RESPONSIBILITY?

Vinçotte Nederland levert als onafhankelijke inspectie- en keuringsinstelling diensten aan op het gebied van veiligheid, kwaliteit en het milieu. Onze expertise omvat onder meer de controle van de integriteit van constructies, installaties, machines, apparaten en gebouwen en diensten rond arbeidsomstandigheden. Bij Vinçotte Nederland werken meer dan 100 technische deskundigen. Naast de hoofdvestiging te Breda hebben we ook kantoren te Rotterdam, Terneuzen en Akersloot en een aantal logistieke steunpunten in het hele land. Vinçotte Nederland maakt deel uit van de internationale groep Vinçotte, die met zijn meer dan 2500 medewerkers een kenniscentrum vormt en wereldwijd in 17 landen vestigingen heeft.

Safety, quality and environment

Kunnen wij met onze expertise ook van úw reputatie onze verantwoordelijkheid maken? Neem een kijkje op onze website: WWW.VINCOTTE.NL Bezoek onze stand op MAINTENANCE NEXT - stand 2107!

HANSEN INDUSTRIAL GEARBOX SERVICES

Reliable excellence in industrial gearbox solutions Hansen Industrial Gearbox Services staat garant voor: • onderhoud op maat en flexibel servicen van al uw aandrijvingen (incl. planetaire en high-speed aandrijvingen alsook oudere generaties en niet langer verkrijgbare tandwielkasten) • eigen in-huis productie van onderdelen • onderhoudscontracten op maat • een eigen engineering- en on-site-team • all-in-one kits (wisselstukken in totaalpakket) NIEUW ! Tot onze klanten behoren o.a. energiebedrijven, mijnsites, chemische & petrochemische fabrieken, papierfabrieken, waterzuiveringsinstallaties enz.

Alle merken tandwielkasten & +90 jaar ervaring !

blauw: 100-70-0-0 grijs: 0-0-0-50

blauw: DIC 641p grijs: DIC 651p

Hansen Industrial Transmissions NV

V I S I T U S www.hansenindustrialgearboxes.com/services HALL 5 STAND 5402

Advertenties I.indd 28

services@hansenindustrialgearboxes.com

Leveringsadres Services Terelststraat 208 B-2650 Edegem, Antwerpen

100-60-0-0 35-29-28-0

blauw: 92,2-71,8-0-0 grijs: 44,3-34,1-32,2-0

Quality label: ISO 9001 Safety label: VCA (Benelux) Services hotline 24/7: +32 3 450 1234

25-03-15 13:02


NEXT NOVITEITEN 29

Van 21 tot en met 23 april zorgen ruim driehonderd exposanten voor nieuwe ideeĂŤn, nieuwe diensten en nieuwe contacten op Maintenance NEXT 2015. Als sneak preview presenteert iMaintain een kleine selectie uit het aanbod.

NEXT Noviteiten Fein Elektrisch Handgereedschap toont een nieuwe handgevoerde bandschuurmachine. Daarmee kunt u eenvoudig vanuit de hand plaatbewerken, laskanten slijpen etc. Daarnaast heeft het bedrijf een nieuwe lijn haakse slijpers met ergogrip. Hierdoor kan veel langer achtereen worden gewerkt terwijl de gebruiker minder wordt belast. Ook is er een nieuwe lijn zeer compacte rechte slijpers met vast en instelbare toerentallen. Stand 4.102 Geveke Energy Services introduceert Compressed Air Energy Monitoring System (CAEMS). CAEMS is een totaalaanpak voor het inzichtelijk maken van het energieverbruik in persluchtinstallaties en de daaruit voortvloeiende besparingspotenties. Het complete systeem is inclusief benodigde meetinstrumenten, cloud based analyse en een rapportageapplicatie. Stand 4.202 iTanks presenteert de Extractor, een lastoorts met lasdampafzuiging. Deze lastoorts is ontwikkeld door Translas in samenwerking met Onderzoeksinstituut TNO en stichting iTanks. Andere lopende innovatieprojecten bij iTanks zijn een crowdfunding platform voor de industrie, een App-store met industriĂŤle applicaties voor smartphones, tablets en andere mobile devices en een inspectie/ wet- en regelgeving database. Stand 6.200

UE Systems Europe heeft een nieuw instrument gelanceerd dat gebruikers in staat stelt hun smeringsprogramma of -procedures beter te beheren en zo de uitval van lagers te verminderen. De Ultraprobe 401 Digital Grease Caddy Pro kan metingen verrichten, data opslaan en trenden hoeveel smeermiddel gebruikt is. Stand 3.204 UVS Industry Solutions presenteert nieuwe software voor onderhoudsorganisaties en technische dienstverleners. OpenICM is een compleet, eenvoudig te gebruiken en betaalbaar pakket, ontwikkeld samen met onderhoudsorganisaties. OpenICM ondersteunt het gestructureerd beheren van al uw assets, onderhoudsplanning, storingsmanagement en organisatorische taken zoals documentenbeheer, personeel-/leverancierregistraties en facturatie. Stand 6.403 Walraven B.V. introduceert onder de naam BIS UltraProtect 1000 een buisbevestigingssysteem dat geschikt is voor binnenen buitentoepassingen. Het nieuwe systeem is uniek in omvang, samenstelling en corrosiebestendigheid en vormt daarmee de duurzame oplossing voor het bevestigen of ondersteunen van werktuigbouwkundige installaties, solarsystemen en vele andere soorten installaties. Stand 6.400

Glynwed BV presenteert een nieuwe materiaalsoort, een minerale casting. Dit materiaal heeft naast een brede corrosiebestendigheid ook zeer goede slijtvaste eigenschappen. Daarnaast bouwt het bedrijf momenteel aan een eigen state-of-the-art testfaciliteit ten behoeve van performancemetingen aan centrifugaalpompen in haar servicecentrum in Willemstad. Stand 2.206 Topfinish heeft de Ultron ultrasoontechniek nieuw in het programma. De werking is gebaseerd op het met hoge frequentie trillen van een reinigingsvloeistof. Dit cavitatieproces zorgt voor het losmaken van vuil en vet. Hierdoor worden ook moeilijk bereikbare plaatsen van onderdelen gereinigd. Stand 2.209

Abonnees lezen meer op www.imaintain.info

L Next noviteiten.indd 29

03

iMaintain 15

25-03-15 13:21


30 MAINTENANCE NEXT

Maintenance NEXT besteedt op 21 april aandacht aan de arbeidsmarkt van vandaag en morgen. Cees Jan Asselbergs van Deltalinqs vertelt tijdens deze beurs over de regionale aanpak van het structureel tekort aan technici. Marie-Claire van Doremalen, Regiosecretaris Koninklijke Metaalunie, district Zuid-Holland, vertelt over de behaalde successen van het initiatief voor de afstemming van arbeidsmarkt, opleidingsaanbod en opleidingsinvulling voor Metaal, Electro- en Installatietechniek. Harry van der Voorn gaat namens de mbo-raad onder meer in op de vraag ‘Wat is de technische mbo-er van de toekomst?’ Ingrid Rompa

Who’s NEXT ‘Wij streven ernaar mensen op te leiden tot werknemers met een bovengemiddelde belangstelling voor hun vak en de omgeving waar ze zich in bewegen’, vertelt Harry van der Voorn, Kwartiermaker Albeda/Zadkine Techniek & Technologie. ‘Uiteraard is er volop aandacht voor de ontwikkeling van hun eigen competenties. De mbo-er van de toekomst is technisch breed inzetbaar, flexibel en moet goed kunnen samenwerken met andere disciplines. Hij moet bovendien beschikken over een goede en ondernemende werkhouding.’ ‘Wij volgen de ontwikkelingen in het bedrijfsleven en proberen samen de opleidingen te verbeteren’, vervolgt hij. ‘Dit doen we in gestructureerde overlegvormen. Voor de maintenance- en procesopleidingen bestaat hiervoor het Maintenance- en Procescollege. Daarnaast is de wereld volop in ontwikkeling. Onderdelen die in een machine vervangen moeten worden, worden bijvoorbeeld steeds vaker op een 3D-printer geprint. Die ontwikkelingen volgen wij dus ook en willen we zeker meegeven aan de technische mbo-er van de toekomst.’

Leren van de student Een ander punt is de instroom van jongeren en de tekorten op de technische arbeidsmarkt. ‘We benaderen jongeren steeds vaker volgens het Bètamentality-model. Dus niet alleen de zogenaamde ras-techneuten, die van jongs af aan sleutelen aan allerlei apparaten. Dit model gaat uit van een aantal typen technische jongeren. Je ziet op die manier dat je veel meer mensen voor techniek kunt interesseren. Wanneer je vervolgens kijkt naar de technische mbo-er van de toekomst, wordt dit plaatje niet alleen ingevuld door de klassieke techneuten, maar ook door een hele grote groep jonge mensen die kiezen voor techniek op basis van andere drijfveren, zoals carrièrekansen, vanuit mensgerichtheid of communicatie.’ De tweede vraag waarop de kwartiermaker antwoord geeft tijdens de beurs is: ‘Hoe speelt het ROC in op de arbeidsmarkt en de veranderende industrie?’ Van der Voorn: ‘De student staat bij

03 15 iMaintain

Q Arbeidsmarkt.indd 30

ons altijd centraal. We leveren maatwerk in het kader van excellentieprogramma’s en bieden echt uitdagend onderwijs.’ Albeda/ Zadkine Techniek en Technologie heeft het afgelopen jaar een nieuwe onderwijsvisie samengesteld, die beter aansluit bij de eisen van de technische mbo-er van de toekomst, licht Van der Voorn toe. ‘Samenwerking met het bedrijfsleven vinden wij daarbij enorm belangrijk. Daarnaast willen we een leerling bij voorkeur laten leren in een echte of bijna echte beroepspraktijk. Om dit te realiseren hebben wij ervoor gekozen in regio Rijnmond kernlocaties voor techniek neer te zetten, die de sfeer en herkenbaarheid ademen van de branche waarin de studenten worden opgeleid. Zo is de opleiding Procestechniek naar de RDM Campus verhuisd om de samenwerking met de opleiding Maintenance te versterken. Deze opleidingen beschikken daar nu over een levensechte praktijkhal. Daarnaast proberen wij onze studenten al in het eerste opleidingsjaar kennis te laten maken met opdrachten en stages uit het bedrijfsleven. Natuurlijk zorgen wij ervoor dat er wel een goed evenwicht blijft tussen de theorie en de praktijk.’

‘De mbo-er van de toekomst is technisch breed inzetbaar, flexibel en kan goed samenwerken.’ Een ander element uit de onderwijsvisie is dat de nadruk ligt op het leren van de student. ‘Dit geven wij onder meer vorm door het creëren van doorlopende leerlijnen tussen vmbo, mbo en hbo. Zo is er bijvoorbeeld voor Maintenance een Assiocate Degreetraject ontwikkeld, dat de aansluiting tussen mbo en hbo enorm verbeterd.’

Behoefte aan technische mensen Deltalinqs is druk in de weer op het gebied van opleidingen. ‘Eén van de hoofddoelen is het inzamelen van geld voor een

Abonnees lezen meer op www.imaintain.info

25-03-15 13:39


MAINTENANCE NEXT 31

RDM-trainingsplant in het Rotterdams havengebied’, vertelt Cees Jan Asselbergs. ‘We hebben hier een enorme behoefte aan technische mensen. Het tekort begint al bij de instroom in de beroepsopleidingen die uiteindelijk leiden tot mensen die we nodig hebben.’ Het bedrijf is onder meer bezig met promotieactiviteiten. ‘Dit doen we samen met het onderwijs, vooral met het Scheepvaart en Transport College en Albeda/Zadkine.’ Deze samenwerking van de procesindustrie en de scholen loopt al vijftien jaar. ‘Het heet het Maintenance- en Procescollege’, legt Asselbergs uit. ‘Het initiatief kwam destijds bij ons vandaan. We wilden de contacten die al liepen wat meer structureren. Bedrijven hebben de keuze om ieder voor zich een eigen promotiecampagne te starten, maar je kunt je voorstellen dat dit niet erg efficiënt is. Daarom zijn we dat gezamenlijk gaan doen. Ik denk dan aan afspraken over deelname aan Open Dagen. We hebben daar werkgroepen voor opgericht en commissies die dat voorbereiden.’ Het commitment vanuit het bedrijfsleven richting jongeren begint volgens Asselbergs niet wanneer ze hun diploma hebben behaald. ‘Nee, dat begint wanneer ze de keuze hebben in onze richting te worden opgeleid. Daarom zetten we diverse bedrijfsmentoren in op die opleidingen. Wanneer leerlingen of studenten vragen hebben, kunnen zij die beantwoorden. Er is dus sprake van interactie. En dat is belangrijk. Daarnaast hebben we diverse stageplaatsen tijdens een opleiding. En als ze geslaagd zijn, hebben we vijfhonderd carrière-startgaranties in de sector procesindustrie. Dat is overigens niet alleen bij grote opdrachtgevers zoals Shell en Esso, maar ook bij de (onderhouds)contractors, de energiecentrales en de chemische industrie.’

Werkbezoeken Vorig jaar waren er in totaal tweehonderd gediplomeerden. ‘Dus er is nog steeds een groot tekort, vooral aan de onderhoudskant. Je ziet dat het best lastig is jongeren te interesseren voor techniek. Vooral in het havengebied heb je een enorme concentratie van dit soort activiteiten. Bovendien zijn er veel meer technische werelden dan de procesindustrie. Daarnaast heeft Rotterdam verhoudingsgewijs een relatief laag opgeleide beroepsbevolking. En voor de opleiding waar wij over praten, moet je minimaal mboniveau 3 of 4 halen. Door de grootstedelijke problematiek staan wij voor een grote uitdaging en moeten we extra inspanningen doen.’

‘We hopen dat bedrijven wat meer vertrouwen krijgen in het regionaal technisch onderwijs.’ Het imago speelt ook een rol, meent Asselbergs. ‘We proberen met promotie jongeren te laten zien dat het werk uitstekend en modern is. Uiteraard is er een verschil tussen een kantoorbaan of operationeel werk, maar ook in de techniek wordt steeds meer met computers gewerkt. Er moet natuurlijk ook gesleuteld worden, maar het is heel anders dan vroeger. En dat oude beeld is vaak nog aanwezig. We geven voorlichting via het Educatief Informatie Centrum en nodigen jongeren uit een werkbezoek te brengen aan de haven om te kunnen zien wat deze wereld nu precies inhoudt. We ontvangen ruim twintigduizend jongeren per jaar,

03

iMaintain 15

Q Arbeidsmarkt.indd 31

25-03-15 13:39


advertorial

De Hoffmann Group prominent aanwezig op Maintenance NEXT! Als Europa's toonaangevende systeempartner voor kwaliteitsgereedschap en werkplaatsbenodigdheden verenigt de Hoffmann Group zowel handelskwaliteit alsmede producent- en servicekwaliteit. Gerenommeerde concerns als Stork, Siemens, BASF, Robert Bosch, Wärtsilä, en Alstom maken al gebruik van het Hoffmann-concept, waarin proces(kosten)-optimalisering, magazijnbeheer en e-commerce centraal staan. De onderneming met meer dan 2.500 medewerkers is actief in 53 landen. Daarnaast is Hoffmann een betrouwbare leverancier voor het midden- en kleinbedrijf. Eind 2014 bereikte de Hoffmann Group een historische mijlpaal: een wereldwijde omzet van meer dan een miljard euro. De Hoffmann Group biedt, inclusief het eigen premium-merk GARANT, 62.000 kwaliteitsgereedschappen en werkplaatsbenodigdheden van de wereldwijd toonaangevende producenten. Met haar uitgebreide klantenservice en een TÜVgecertificeerde leveringskwaliteit van 99 procent garandeert de gereedschapsexpert, de klant een efficiënte en duur-

zame samenwerking. Hierbij horen ook moderne oplossingen als vendor machines, e-commerce en 5S/Lean.

FOR ALL CONTAINERS AND REQUIREMENTS. Individually equipped containers as mobile workplaces.

Van 21 tot en met 23 april 2015 wordt in Ahoy Rotterdam de tweejaarlijkse Maintenance NEXT beurs gehouden. Voor het eerst zal ook de Hoffmann Group hier prominent aanwezig zijn (standnummer 2.404). De bezoeker kan niet alleen kennis maken met het grote assortiment gereedschap en werkplaatsbenodigdheden van het Hoffmann premium-merk GARANT, maar ook met producten van Hoffmannpartners. Daarnaast is er gelegenheid om een door de Hoffmann Group ontwikkeld uniek concept te bekijken, namelijk een volledig uitgeruste mobiele werkplaats, samen te stellen uit diverse modules. Deze Toolcontainers zijn de ideale oplossing op het gebied van maintenance in alle omstandigheden. Een eerste kennismaking van het publiek met de Hoffmann Group kan al bij in de foyer van Ahoy, waar de Hoffmann Group een bijzondere verrassing in petto heeft.

advertorial

Insituform bouwt mee aan innovatie, een van de hoofdthema’s van Maintenance NEXT 2015 Heeft u een beeld van de huidige staat uw bluswatersysteem? Wat zijn de gevolgen indien uw bluswatersysteem niet goed functioneert? En wanneer komt u hier achter? Insituform renoveert al meer dan veertig jaar ondergrondse leidingen van binnenuit door middel van ‘relining’. Door innovatieve ontwikkelingen is dezelfde methode nu ook inzetbaar voor drukleidingen en sluit daarmee perfect aan op de grote vraag naar vernieuwing van bluswaterleidingen. Deze nieuwe kous, de InsituMain®, is toepasbaar voor de renovatie van persleidingen met een diameter tot 1.000 mm en

maximale werkdruk van meer dan twintig bar. Het resultaat is een naadloze, constructieve, drukbestendige en waterdichte leiding, waarmee de functie van uw leiding is hersteld of zelfs verbeterd. In enkele dagen vervangt u een deel van uw systeem waar traditioneel wellicht meerdere weken voor nodig zouden zijn.

Wij informeren u graag tijdens een bezoek aan onze stand 3.304

AdvertorialHoffmann.indd Insituform.indd 90 Advertorial 92 Advertenties I.indd 32

24-03-15 18:54 18:55 24-03-15 25-03-15 13:03


MAINTENANCE NEXT 33

en zijn al twintig jaar lang actief. Op zich loopt dat best goed. De grootste groep zijn jongeren vanuit havo, vwo en vmbo. Dat is de belangrijkste groep, omdat veel van hen op het punt staan om te kiezen voor een beroepsopleiding.’

Het bedrijfsleven klaagt al lange tijd over de kwaliteit van technisch onderwijs, begint Marie-Claire van Doremalen haar verhaal. ‘Daarom heeft het kabinet ruimte gemaakt om ondernemers mee te laten praten over onderwijs in de regio.’ Reden voor Metaalunie om aan te sluiten bij een lopend project van de elektro-installatiewereld, UnetoVNI, met hun opleidings- en ontwikkelingsfonds voor het Technisch InstallatieBedrijf (OTIB). ‘Zij hadden al zes jaar lang een zeer succesvol Masterplan gedraaid. Met het Masterplan MEI 2014-2018 pakken we samen nog een aantal andere opleidingen aan.’ Die aanpak houdt onder meer in dat we vanuit de brancheorganisaties en de fondsen Otib en OOM met de besturen en een beperkt aantal ondernemers aan tafel zitten, legt Van Doremalen uit. ‘We zetten zo wat lijnen uit en we maken afspraken. Vervolgens gaan de praktijkopleiders van bedrijven regionaal aan tafel zitten met de docenten van ROC’s. Daar wordt samen bekeken wat de opleiding nu precies moet inhouden. Dus wat moet een leerling aan het einde van zijn opleiding kunnen en kennen? Heel concreet. Op dat moment ontstaat er een synergie; een wisselwerking. Bedrijven laten bijvoorbeeld zien wat de school wel en niet hoeft te doen. Bepaalde zaken wil het bedrijfsleven best overnemen. Of ze willen gastlessen geven op scholen.’ Het project wordt gedaan in meerdere regio’s, maar in ZuidHolland zijn de ambities het hoogst. ‘Wat hierbij bijzonder is, is dat niet per ROC afspraken worden gemaakt, maar dat we afspraken maken met alle ROC’s. Dat is heel prettig voor de bedrijven, vooral wanneer ze te maken krijgen met leerlingen van verschillende vestigingen. Voorheen hadden ze te maken met verschillende begeleidingsdocumenten, boeken, formulieren et cetera. Dat is nu aan het veranderen. Bovendien kunnen ze aan het einde van de opleiding allemaal hetzelfde. Er worden minimale afspraken gemaakt. Elke ROC is vrij om de leerling meer te leren, maar als ze van school komen moeten ze minimaal een aantal zaken kunnen en kennen.’

Ambitieniveau moet omhoog Waar momenteel ook veel aandacht aan wordt besteed is de beoordeling op rapporten. ‘Het is nu zo dat een leerling te horen krijgt of een vak voldoende of onvoldoende is. Maar bedrijven willen ‘ouderwets’ een cijfer, zodat ze weten naar welke cursus ze de leerling moeten sturen als ze in dienst worden genomen. Op die manier kunnen ze iemand veel beter

FOTO: ROC RIVOR

Kwaliteit technisch onderwijs

selecteren. Het gaat veel meer om de motivatie van een jonge medewerker. Wij gaan nu kijken of we dat op bestuurlijk niveau kunnen uitonderhandelen. Daar moeten we nog voor lobbyen in Den Haag. We hopen dat jongeren over twee jaar weer gewoon cijfers krijgen op hun rapport in plaats van ‘voldoende’ of ‘onvoldoende’.’

‘We nodigen jongeren uit een werkbezoek te brengen aan de haven om te zien wat deze wereld nu precies inhoudt.’ Begin dit jaar zijn elf regioprofielen gemaakt. ‘In totaal maken we er 33’, licht Van Doremalen toe. ‘Na zo’n regioprofiel vragen we aan elke ROC het ook nog te klankborden in hun netwerk aan tien andere bedrijven, zodat we zeker weten dat het goed is gegaan. En of ze zich er in kunnen herkennen. Op die manier wordt het netwerk steeds groter en weten we zeker dat we op de goede weg zitten.’ Er wordt ook gekeken of het initiatief landelijk kan worden uitgerold. ‘We zijn nog steeds op zoek naar bedrijven die willen meepraten en willen aansluiten. We hopen dat ze op deze manier wat meer vertrouwen krijgen in het regionaal technisch onderwijs. We willen alle jongeren optrekken tot niveau drie van de ROC. En als het even kan moeten ze – bij voorkeur in werktijd van de baas – doorleren naar hbo-niveau. Het ambitieniveau van de ROC’s moet omhoog, want wij hebben echt veel meer hoog opgeleide jonge technici nodig. Het gaat er om dat je een mooie toekomst kunt hebben als je maar wilt investeren. En wat hierbij van groot belang is, is dat scholen de wil hebben het samen met het bedrijfsleven te gaan doen. Want pas dan kom je echt een stap verder.’

03

iMaintain 15

Q Arbeidsmarkt.indd 33

25-03-15 13:40


Advertenties II.indd 34

25-03-15 13:05


CONDITION BASED MAINTENANCE 35

Model beperkt aantal kostbare servicebezoeken Bedrijven als ASML, DAF, Marel Stork, Thales en Vanderlande maken kapitaalgoederen met een lange levensduur, waarbij de onderhoudskosten gedurende de life cycle hoog kunnen uitvallen. Zij leveren hun producten vaak met een servicecontract en willen daarom graag efficiënter omgaan met onderhoudswerkzaamheden. Promovendus Qiushi Zhu aan de TU Eindhoven ontwikkelde daarvoor een model voor proactief onderhoud. Liesbeth Schipper

Als een machine of een onderdeel van een machine niet functioneert, is dat bijzonder vervelend omdat er niet of op een lager niveau kan worden geproduceerd. En mocht de machine toch nog op een lager pitje draaien, dan moet hij alsnog worden stilgezet om het probleem te verhelpen. Die stilstand kost geld, en bij sommige machines heel erg veel geld. ‘Vooral in de hightech industrie gaat het vaak om erg grote bedragen’, weet Geert-Jan van Houtum, professor Maintenance, Reliability and Quality aan de TU Eindhoven. ‘De kosten voor onderhoud en ongeplande stilstand zijn gedurende de levensduur van zo’n geavanceerde machine vaak hoger dan het bedrag waarvoor deze oorspronkelijk werd aangeschaft.’ Om te voorkomen dat ongepland onderhoud nodig is, worden componenten ook wel voortijdig vervangen op basis van

Voorspellen van failures Als bedrijven dankzij sensoren en microprocessoren hun systeemonderdelen beter kunnen monitoren, zijn ze ook beter in staat onderdelen te vervangen vlak voordat ze falen. Het is voor bedrijven technisch gezien vrij gemakkelijk om in te loggen op machines. Bovendien verzamelen control units al heel veel data. Dat laatste doen ze echter alleen tijdelijk. Van Houtum: ‘Je moet die data dus op een centrale plek zien te verzamelen en opslaan. Maar welke data ga je voor langere tijd verzamelen? En welke waarde kun je daaruit halen?’ Per component, of, beter, per failure mode, willen bedrijven het liefst een goed fysisch model hebben voor de toestand, zoals in het voorbeeld voor de ketting van een kippenslachtlijn. Vanaf afstand zijn vervolgens de parameters te meten, die terugkomen in dat fysische model. Echter, het maken van zo’n fysisch model kan lastig of onmogelijk zijn. ‘Omdat het om nieuwe technologie gaat die in bijvoorbeeld de machines van ASML zit, is er veel kennis van de componenten nodig om een fysisch model te maken’, vertelt Van Houtum. ‘Ook geldt dat het voor mechanische componenten gemakkelijker is om zo’n fysisch model te maken, dan voor elektronische componenten. Voor die laatste geldt toch vaak: ze doen het, of ze doen het niet. Er is verder niet zoveel aan te zien.’ Als een fysisch model niet of lastig te ontwikkelen is, kan het nuttig zijn om naar een statistisch model te kijken. Van Houtum: ‘Daarvoor heb je wel veel data nodig, met veel events – failures – voor dezelfde component en failure mode, en daaruit proberen we dan patronen te herkennen.’

Abonnees lezen meer op www.imaintain.info

N Promotie.indd 35

hun leeftijd of levensduur. Nadeel daarvan is dat deze onderdelen worden afgeschreven, terwijl ze best nog een poosje mee hadden kunnen draaien. Eigenlijk is dat zonde. Beter zou zijn ze te vervangen op basis van hun conditie, maar daarvoor moet dan wel de slijtage worden gemeten. Proactief onderhoud dus, op basis van data.

Hightech kapitaalgoederen Inmiddels is die ontwikkeling niet nieuw meer, maar vijf jaar geleden had bijna niemand het nog over big data, stelt Van Houtum. ‘Alleen een bedrijf als ASML verzamelde al data, en er was een aantal bedrijven die met interesse naar deze ontwikkeling keek.’ Ze verzamelden zich binnen het project ProSeLo; Proactive Service Logistics for Advanced Capital Goods. Het ging naast ASML om ondernemingen als Vanderlande, Marel Stork, Thales en DAF Trucks. Stuk voor stuk bedrijven die kostbare, hightech kapitaalgoederen produceren en daar ook vaak een servicecontract bij leveren. Van Houtum: ‘Juist bij deze specifieke assets wordt het interessant om condition based maintenance toe te passen, vanwege de hoge kosten bij failures, anders loont het niet.’ Onderdeel van het ProSeLo-project was het ontwikkelen van een model voor proactief onderhoud. Wat daarbij een belangrijke rol speelde, was dat niet alleen stilstand veel kosten met zich meebrengt, maar ook het onderhoud zelf. Het kan voor de producenten van hightech machines erg duur zijn en veel tijd kosten als een servicemonteur met de benodigde gereedschappen naar een klant moet worden gestuurd vanwege een failure. Of om bijvoorbeeld een vrachtwagen naar een garage te brengen. Van Houtum: ‘Dit zijn vaste kosten en het zou dus slim zijn om een servicemonteur, die toch aan de slag moet bij een klant, meteen ook andere

03

iMaintain 15

25-03-15 13:34


Unieke technologie voor trillingSen lAgerconditie metingen

Met uitzonderlijke analytische kracht en veelzijdigheid voorziet Leonova u van een unieke combinatie van geavanceerde technologie en efficiëntie gecombineerd in één instrument. Leonova Diamond IS en Leonova Emerald IS zijn de eerste draagbare instrumenten voor gebruik in een EX-omgeving. Ze beschikken over de SPM HD technologie voor lagerconditiebewaking in het toerentalbereik van 1 tot 20000 rpm. Daarnaast is Leonova Diamond het eerste Ex instrument met 3 parallelle trillingsmeetkanalen.

Stand: 3.103

leonovabyspm.com spminstrument.nl

Helder inzicht in uw installaties op de Maintenance NEXT! Applus RTD levert innovatieve, betrouwbare en kwalitatief hoogwaardige technologieën en diensten voor Niet-destructief onderzoek, inspecties en certificatie.

Asset Integrity

Op de Maintenance NEXT beurs tonen wij onze nieuwste innovaties die u een helder inzicht in de integriteit van uw installaties geven. Bekijk bijvoorbeeld onze nieuwste methode voor permanente conditiemonitoring.

Niet-destructief onderzoek

Inspectie

Certificatie (NoBo & AAKI)

Training en Opleiding

Stralingsbescherming

Bezoek onze Truck op de Maintenance NEXT, stand 2.107! T + 31 10 716 60 00 E info.netherlands@applusrtd.com

www.ApplusRTD.nl

Advertenties II.indd 36

25-03-15 13:05


FOTO: ASML

CONDITION BASED MAINTENANCE 37

componenten in de machine aan te laten pakken. Het systeem ligt dan immers al stil, en de monteur is er toch. Dan blijft het aantal kostbare servicebezoeken beperkt.’ Het zou dus handig zijn als een monteur voordat hij vanwege een bepaalde component of onderhoudsbeurt naar een klant gaat, kan zien dat een tweede component er ook al slecht aan toe is. Dan kan dat tweede onderdeel tegelijkertijd worden vervangen. En het zou helemaal handig zijn als een monteur dat één of twee weken van tevoren al kan zien. ‘Hij is dan voorbereid op die extra werkzaamheden. De extra reserveonderdelen en benodigde gereedschappen liggen dan al klaar op het moment dat hij naar de klant moet.’

Het model is nog niet toegepast, maar wel ontwikkeld in samenwerking met de bij het project betrokken bedrijven. ‘Op dit moment staan we voor een nieuwe uitdaging’, vertelt Van Houtum. ‘Voor het toepassen van condition based maintenance bij een machine heb je voor een flink aantal componenten modellen nodig die de toestand van die componenten beschrijven. Die modellen zijn één-component modellen en vormen de bouwblokken voor de maintenance policy voor een machine als geheel.’

Ten opzichte van een puur failure-based concept kan het

Samenspel

model potentieel tachtig procent

In februari promoveerde onderzoeker Qiushi Zhu aan de TU Eindhoven op een model waarmee het onderhoud aan een multi-component systeem – bijvoorbeeld een hightech machine zoals ASML ze maakt – kan worden geoptimaliseerd. Hij maakte daarbij gebruik van wiskundige modellen, waaronder één-component modellen waarmee condition based maintenance kan worden uitgevoerd. En hij combineerde die met modellen voor agebased maintenance. Van Houtum: ‘Dankzij die combinatie kon hij het samenspel tussen meerdere componenten optimaliseren.’

besparen op de kosten voor onderhoud. Hij neemt als voorbeeld de kippenslachtlijnen van Marel Stork. ‘Een kritisch onderdeel daarbij is de ketting waaraan de haken hangen. Het blijkt dat de afstand tussen de haken een goede indicator is voor de toestand van de ketting. Als de afstand te groot is, ontstaat er te veel speling en dan daalt de kwaliteit van het productieproces. Een andere afstudeerder van

de TU/e heeft een eenvoudig meetsysteem bedacht om op afstand te kunnen bijhouden wanneer de afstand tussen de haken te groot is. Metingen in een pilot lieten zien dat die afstand over de tijd heen een bijna lineaire lijn volgt. Daarmee weet je dan dat je het fysische faalproces kunt modelleren volgens een lineaire lijn, en dat vormt de basis voor de te volgen maintenance policy voor die ketting.’ Het is de bedoeling dat er meer van die één-component modellen worden ontwikkeld. ‘Dit zijn de bouwstenen die we nodig hebben in het multi-component systeem. We hebben nu nog maar een paar van die bouwstenen beschikbaar en willen er de komende tijd veel meer van ontwikkelen.’ Het plan is daarom om het ProSeLo-project voort te zetten. ‘We willen toe naar een concreter, werkend concept bij één van de betrokken bedrijven. Die hebben zo’n model voor proactief onderhoud echt nodig’, stelt Van Houtum. ‘Zij willen hun producten op de markt aanbieden met een vergaand servicecontract. Dan is condition based maintenance echt geen luxe, maar juist een vereiste. Ten opzichte van een puur failure-based concept kan het model potentieel tachtig procent besparen op de kosten voor onderhoud. Puur voor age-based onderhoud ligt het besparingspotentieel op veertig procent.’ ■

03

iMaintain 15

N Promotie.indd 37

25-03-15 13:34


38 VLIEGTUIGONDERHOUD

Zonder vrienden kansloos bij onderhoud F-35 Dat Nederland het onderhoud van de JSF mag verzorgen, biedt enorm veel kansen voor onze industrie. Maar makkelijk is het niet voor bedrijven om zomaar even mee te doen in de aerospace. Zonder vrienden die al binnen zijn, ben je kansloos. Wat voor kansen ontstaan er door het binnenhalen van het F-35-onderhoud en op welke manier kunnen bedrijven ze verzilveren? Tijdens het seminar ‘Kansen Nederlandse industrie bij instandhouding F-35’ van WCM werd daarover gepraat. Dagmar Aarts

Na een discussie van vijftien jaar is een meerderheid van de Tweede Kamer eind februari akkoord gegaan met de aanschaf van de JSF, ook wel de F-35 genoemd. Vanaf 2019 worden de F-16’s door dit militaire toestel vervangen. Nederland koopt eerst acht straaljagers en breidt dat later uit tot 37. In december werd al bekend dat Nederland van het F-35 Joint Program Office in de Verenigde Staten het onderhoud aan de motoren van de F-35 mag uitvoeren. Ook Noorwegen en Turkije mogen de Joint Strike Fighters onderhouden. Henk Akkermans, voorzitter Begeleidingscommissie onderzoek spin-offs en spill overs F-35, vindt het zonde dat in Nederlandse media 95 procent van de aandacht uit is gegaan naar de systeemontwikkelingsfase en niet naar wat daarna komt. ‘Er werd maar zuurtjes gereageerd toen bekend werd dat wij het motorenonderhoud mogen gaan doen. Mensen vroegen zich af of we het geld voor de F-35 niet beter ergens anders aan hadden kunnen besteden. Maar je moet bedenken dat er straks vierhonderd tot vijfhonderd van deze toestellen in Europa vliegen en dat onderhoud wordt hier gedaan. De Noren zijn twee keer zo duur als wij zijn en over Turkije ga ik het niet eens hebben. Een heel significant brok van het F-35-onderhoud mag Nederland doen. Dat is een hoop geld en werkgelegenheid.’

Miljarden Michiel van der Maat van de NIFARP, een belangenvereniging voor Nederlandse bedrijven die meedoen aan de ontwikkeling, productie en instandhouding van de F-35, noemt het F-35-programma nu al een succes. ‘Er is al meer dan een miljard euro omgezet. Maar daarmee zijn we er nog niet. De onderhoudscontracten zijn heel belangrijk, wij denken dat we dan nog eens vijftien tot twintig miljard euro om kunnen zetten.’ Secretaris generaal Economische Zaken Maarten Kamps denkt ook dat er op onderhoud zestien à twintig miljard euro tot 2065 is te verdienen en dat het tweeduizend banen oplevert.

‘Zoek een vriend die al binnen is.’ Die ene beslissing om Nederland het onderhoud te laten doen, betekent volgens Akkermans veel meer. Want waar zet je de spare parts neer? ‘Geografisch en qua infrastructuur zijn wij goed, dus die onderdelen zet je dichtbij. Dat geeft weer kansen voor componentenonderhoud.’ Het bedrijfsleven heeft sowieso veel kansen, want in de sustainment-fase ligt nog niets vast. De contracten die zijn afgesloten, duren niet langer dan drie jaar. Maar Akkermans waarschuwt bedrijven ook, want je komt niet zomaar even binnen in aerospace. ‘Onderzoek of jij iets hebt dat bruikbaar is in aerospace en zoek een vriend die al binnen is.’

Concurrentie Oud-minister en voorzitter Regiegroep F-35 Maxime Verhagen sluit zich daarbij aan. ‘Bedrijven moeten samenwerken, want anders lukt het zeker niet. Je moet in de picture komen bij de Amerikanen, want op alle onderdelen van de F-35 wordt geconcurreerd. Ik probeer er voor

03 15 iMaintain

M F35.indd 38

Abonnees lezen meer op www.imaintain.info

25-03-15 13:21


FOTO’S: MINISTERIE VAN DEFENSIE

VLIEGTUIGONDERHOUD 39

te zorgen dat Nederlandse bedrijven in aanmerking komen voor een opdracht.’ Dat is al gelukt in de ontwikkelingsfase en in de productie van de toestellen, zo maakt Fokker de deuren en verzorgt het ook de bekabeling van de JSF. Maar wie mee wil doen, moet een lange adem hebben. Sommige contracten worden pas jaren later vertaald in een toepassing. Verhagen: ‘Door onze deelname aan de ontwikkeling en productie van de JSF hebben we veel kennis en een voorsprong op andere landen. We moeten onze contacten in de VS gebruiken om te weten waar ze behoefte aan hebben. Alle kennis en ervaring die we door onze deelname opdoen, zal een vliegwiel zijn voor andere sectoren. Kennis en ervaring in de hightech sector, logistiek en maintenanceconcepten kunnen worden versterkt. Het gaat niet vanzelf. De inzet van bedrijven en ook van de overheid is essentieel om de kansen die er zijn op te pakken.’ Daar is Bert Pauli, gedeputeerde Economische Zaken en Bestuur, provincie NoordBrabant, het mee eens. ‘Dit verhaal houdt niet op bij de grenzen van Brabant. Heel Noord-Europa kan van het onderhoud dat Nederland mag doen profiteren. Dat motorenonderhoud gaat zeker lukken, maar in sectoren rondom het onderhoud moet dynamiek ontstaan.’ Daarvoor moeten volgens Pauli landelijke overheid,

regionale overheid, opleidingen en industrie samen optrekken.

Spin-off Jan Pelle van de Brabantse Ontwikkelings Maatschappij (BOM) denkt dat er om de kansen te verzilveren over sectoren heen gekeken moet worden. Het doel van de BOM is om bedrijven te verleiden tot samenwerken en creativiteit. ‘Als wij willen, kunnen wij in Nederland met betrekking tot de instandhouding van de F-35 de schoorsteen laten roken. We zullen moeten kiezen voor een verbindende en creatieve economie. Andere opties zijn er namelijk niet. We moeten faciliteiten realiseren, maar bovenal een systematische methodische valorisatie ontwikkelen. Deze strategie moet we op relevante domeinen inzetten. Denk aan composiet, robotica, predictive maintenance en logistiek. Dat leidt tot meer spin-off, meer spill overs en groeiende bedrijven.’ Edward Voncken, CEO van KMWE, ziet die spin-offs ontstaan in zijn bedrijf. KMWE is al meer dan dertig jaar actief in de aerospace en in de hightech machinebouw. Het bedrijf levert Fokker-onderdelen voor de JSF en is zelf ook actief met het toestel bezig. ‘Wij weten wat de crosslinks tussen die twee gebieden zijn. Ik denk dat er heel veel mogelijkheden liggen als we hightech en maakindustrie gaan combineren.’

Vocken geeft een aantal voorbeelden van spin-offs van het onderhoud van de F-35. ‘Wij hebben net de Trefecta e-bike gelanceerd. Dat is een nieuw product dat volledig is ontwikkeld met aerospace knowhow. We zijn ook bezig met 3D-printen. Die techniek kan tegelijkertijd worden gebruikt voor producten van ASML en voor de JSF. Daarnaast zijn er nu steeds meer materialen, zoals bijvoorbeeld composiet, die om een hele specifieke bewerking vragen. Er zijn spin-offs die onderzoeken hoe dat gedaan kan worden.’

Opleiding Dat Nederland het onderhoud van de F-35 mag doen, kan er volgens Voncken ook voor zorgen dat meer jongeren voor een technische opleiding gaan kiezen. ‘Vliegtuigen zijn altijd interessant voor technici en de F-35 kan als een magneet werken om jongeren voor techniek te laten kiezen.’ Daarbij zegt hij wel dat bedrijven zich altijd open moeten stellen voor stagiairs en niet alleen maar studenten moeten toelaten als ze handen te kort hebben. Voor bedrijven liggen er dus heel veel kansen om iets te doen met de komst van de F-35, maar het komt ondernemers niet zomaar aanwaaien. Er moet hard worden gewerkt en kleine bedrijven moeten op zoek naar een vriend die al binnen is in de aerospace.■

03

iMaintain 15

M F35.indd 39

25-03-15 13:21


Het iMaintain Platform brengt experts, gebruikers en leveranciers van producten en diensten bijeen om bij te dragen aan transparante informatievoorziening rond onderhoud en assetmanagement. Het platform belicht op een journalistieke en onafhankelijke manier

De partnerstructuur van het iMaintain Platform bestaat uit complementaire marktpartijen. De samenstelling waarborgt de objectiviteit van het platform en zorgt voor een verregaande integratie in de doelgroep.

De volgende bedrijven zijn partner van het iMaintain Platform:

Het expertpanel van het iMaintain Platform bestaat uit:

Henk Akkermans Hoogleraar dynamiek van toeleveringsnetwerken, Universiteit Tilburg Wetenschappelijk directeur DI-WCM

Jac de Boer Senior Consultant Asset Management & Maintenance Tebodin

Leo van Dongen Professor Maintenance Engineering, Universiteit Twente Directeur Fleet Services, NedTrain

Michel Grijpink Learning & Development consultant, Hogeschool Utrecht

Mark Haarman Managing Director, Mainnovation

Rob de Heus Champion World Class Maintenance, Sitech Services

Wilt u meer weten over lidmaatschap of partnering van het iMaintain Platform, kijk dan op www.imaintain.info

IMA3 Platform Nieuw.indd 40

25-03-15 13:19


innovaties, behandelt actuele onderwerpen en inspireert. Via het vakblad iMaintain, met de website www.imaintain.info, met vier rondetafelmeetings per jaar, diverse bijeenkomsten en met een jaarcongres bereikt het iMaintain Platform haar doelgroep.

Geert-Jan van Houtum Professor Reliability, Quality en Maintenance, TU Eindhoven

Leden van het iMaintain Platform:

asset management

Ton Huibers Maintenance Manager, Vlisco Maintenance Manager of the Year 2013

Nico van Kessel Principal Consultant Asset Management, Tata Steel

Cor van de Linde Directeur innovatieplatform iTanks Maintenance Manager of the Year 2012

Henk van der Meer Teamleider Events, BP raffinaderij Rotterdam

Roelf Venhuizen Voorzitter Profion, Bestuurlid Veiligheid Voorop, Voormalig CEO NAM

Johan Wolt Maintenance Manager, AkzoNobel lndustrial Chemicals MCA Delfzijl Maintenance Manager of the Year 2014

of neem contact op met Anouk Bouwmeester: Anouk@industrielinqs.nl – 020 3122 797

IMA3 Platform Nieuw.indd 41

25-03-15 13:19


42 PRODUCTEN

Producttrends op www.imaintain.info

1

Loop powered aanwijsinstrument

2

Waterdichte werkbroek

3

Lichtsterktemeter

Het RIA15 aanwijsinstrument van Endress+Hauser kan de analoge 4-20 mA meetwaarde of tot 4 HART-waarden en status van één transmitter of actuator weergeven. Dit instrument is nu beschikbaar met een robuuste corrosie kunststof behuizing, voorzien van een GL scheepvaartkeur en tevens verkrijgbaar als intrinsiek veilige Ex versie. De RIA15 is SIL-interferentie vrij en mag daarom in veiligheidsloops worden opgenomen. De RIA15 kan actief de meetwaarden of status van de sensoren/ actoren ophalen en is geschikt voor point-to-point-aansluiting. Meer informatie bij: www.nl.endress.com/ria15

Björnkläder introduceert een werkbroek met toolpockets. De Carpenter Nordic werkbroek is EPIC behandeld, waardoor de broek niet alleen waterafstotend, maar ook winddicht, sneldrogend en ademend is. Bovendien biedt de broek UV-protectie en is deze duurzaam geproduceerd. De broek is voorzien van vele praktische opbergmogelijkheden en reflecties voor een goede zichtbaarheid. Meer informatie bij: www.wiltec.nl

De Sonel LXP-1 meet de lichtsterkte zowel in Lux als in Foot candles (Fc). De meter voldoet aan de CIE fotopisch spectrale respons en is volledig cosinus gecorrigeerd ten behoeve van de hoeklichtinval. De sensor is voorzien van een fotodiode met spectraal responsfilter. De meter heeft een snelle responstijd en een datalogging functie voor 16.000 meetwaarden. Handmatig kunt u 99 metingen opslaan. Het scherm is makkelijk af te lezen, mede dankzij de achtergrondverlichting. Meer informatie bij: www.have-digitap.nl

4

Slagboormachine

AEG Powertools introduceert een nieuwe serie slagboormachines. Deze machine weegt slechts 2,9 kg. Het anti-vibratie systeem (AVS) zorgt voor aanzienlijk minder trillingen. Dit in combinatie met de zijhandgreep zorgt voor meer controle, precisie en veiligheid. De boormachine SB2E 1100 RV is een krachtige machine met een 1.100 Watt, twee-toerige motor. Snelheden kunnen worden afgestemd op 0-1.000 of 0-3.200 omwentelingen per minuut voor stationair boren of licht roeren. Met een koppel van 60Nm kan de vakman boren in beton, steen en staal tot diameters van respectievelijk 22, 24 en 13mm. Met de metalen boordiepte aanslag wordt exact de juiste boordiepte ingesteld. De machine wordt standaard geleverd met vier meter snoer en transportkoffer. Meer informatie bij: www.wiltec.nl

03 15 iMaintain

G Producten.indd 42

5

Data-acquisitiesysteem

6

Valbescherming

Yokogawa heeft het SMARTDAC+ GM data-acquisitiesysteem geïntroduceerd waarmee de operationele efficiency wordt verbeterd. Het nieuwe modulaire ontwerp maakt gebruik van gekoppelde modulebases. Om een module te vervangen, hoeft de gebruiker alleen de module uit de modulebasis te trekken en een nieuwe te plaatsen. Wanneer het systeem gedurende langere tijd wordt gebruikt als modulesets, dan kunnen de modulebases onderling worden bevestigd met schroeven. Vanaf een handheld kan het systeem draadloos worden gemonitord en bediend. Daarnaast kunnen de instellingen worden aangepast met uitzondering van de systeem-setupgegevens; hiervoor is een PC met Ethernet- of USB-verbinding nodig. Een Android-tablet kan worden gebruikt om de data-acquisitie te starten of te stoppen, instellingen aan te passen, of de geregistreerde proceswaarden te monitoren. Het systeem wordt ingezet door R&D-instituten die actief zijn met de ontwikkeling en productie van auto’s, halfgeleiders en alternatieve energiebronnen. Daarnaast leent het systeem zich voor productieomgevingen in de ijzer- en staal-, petrochemische, chemische, papier-, voedingsmiddelen-, farmaceutische, water- en afvalwater-, elektronica- en andere industrieën. Typerende toepassingen zijn het verzamelen en vastleggen van data, zoals temperatuur, spanning, stroom, flowrate en druk voor evaluatietests en kwaliteitscontrole, het monitoren van apparatuur in procesomgevingen en milieumonitoring. Meer informatie bij: www.yokogawa.com/nl

Bij de nieuwe serie H-Design harnassen van Miller harnassen zitten de banden als aparte band om ieder been. Hierdoor heeft de drager meer bewegingsvrijheid. De harnassen zijn gemakkelijk aan te trekken en in te stellen voor optimale veiligheid. De harnassen zijn speciaal ontwikkeld voor de bouw en algemene industriesectoren. De banden zijn gemaakt in high-visibility kleuren voor extra zichtbaarheid tijdens het werk. Daarnaast is het harnas gemaakt van water-, vet-, olie- en vuilafstotend materiaal. Het harnas is beschikbaar in 12 verschillende versies; 1-punts en 2-punts harnas, met D-ring of dubbele verankeringslus, met manuele of automatische gespen en Duraflex (rekbare) banden en normale niet-rekbare banden. Elk harnas is bovendien voorzien van een valindicator op zowel de voor- als achterzijde. Meer informatie bij: www.wiltec.nl

Kijk voor meer productinnovaties op www.imaintain.info

25-03-15 13:12


Maint

NL

Het magazine van de NVDO

Drones verbeteren inspectie van assets | Real time informatiemanagement via de cloud | Grootste IT-bedreiging komt van binnenuit | Veilig trainen dankzij goed onderhoud

MA Voorplaat.indd 43

25-03-15 13:22


Integraal beschikbaarheid en veiligheid verbeteren

“De inzet van Ultimo maakt het mogelijk om de beschikbaarheid van assets te verbeteren en de kosten van onderhoud beheersbaar te houden. Door ook werkvergunningen integraal vanuit de software te genereren, voldoen we eenvoudiger aan wet- en regelgeving (BRZO).”

Maintenance

Next Stand

5.203 Robert Ytsma, ICT & Asset Manager, Kisuma Chemicals

Maintenance Management

Kisuma Chemicals in Veendam profiteert net als vele andere organisaties van de gebruiksvriendelijke en modulaire mogelijkheden van Ultimo Maintenance Management. Ook op het gebied van Health, Safety & Environment verschaft de software passende oplossingen. En dat in één systeem. Bekijk hoe Ultimo wordt toegepast bij Kisuma Chemicals: www.ultimo.com/kisuma

Infra_adv_10022015_210x297_01.indd 1 Advertenties II.indd 44

10-02-15 14:42 25-03-15 13:05


Van de voorzitter

De kansen van technologische vooruitgang Dankzij de digitalisering kan steeds meer onderhoud op afstand plaatsvinden. Een windmolenpark op zee of een oliepijpleiding hoeft niet langer fysiek door een monteur te worden geïnspecteerd. Daarvoor bestaan intelligente systemen die via het internet hun gegevens doorzenden. En het gaat steeds verder. Er zijn bijvoorbeeld al systemen die de corrosie van een stalen pijp meten, zodat de technicus aan de hand van die gegevens kan bepalen wanneer die vervangen moet worden. En aan de hand van temperatuurmetingen kunnen storingen niet alleen worden bepaald, maar ook worden voorkomen. Dit maakt de onderhoudstechnicus beslist niet overbodig. We zien een verschuiving in de werkzaamheden, in de expertise die nodig is, maar niet in het aantal mensen. Je hebt een ander soort technici nodig, maar nog steeds een onderhoudsorganisatie. Je kunt het vergelijken met de evolutie in de automobielindustrie: auto’s worden bijna geheel door robots gebouwd, maar er zijn nog steeds mensen nodig om de robots te programmeren en te monitoren. Nederland is de vestigingsplaats van een aantal gerenommeerde bedrijven in de procesindustrie, waardoor je zou verwachten dat die procesindustrie ook voorloper is in deze revolutie, maar dat is juist de vastgoedsector. Vastgoedeigenaren en –beheerders zijn door de crisis gedwongen geweest hun kosten te doen dalen. Dat hebben ze bijvoorbeeld bereikt door hun gebouwen te isoleren en hun energievoorziening te vergroenen, maar ook door in andere opzichten te verduurzamen. Hoe langer je met installaties kunt doen, hoe minder snel ze kapot gaan of storingen veroorzaken, hoe meer ze opleveren. Eigenlijk blijken gebouwen bij uitstek geschikt voor onderhoud op afstand.

En wat voor gebouwen is ontwikkeld kan weer dienen voor andere sectoren. Verduurzaming en digitalisering bieden de onderhoudssector dus extra kansen, ook omdat installaties kapitaalintensiever worden. Een gebouw of fabriek zal in de toekomst steeds vaker zijn eigen energie opwekken en waarschijnlijk ook zijn eigen afvalwater en lucht zuiveren. Dat vereist het plaatsen en het onderhouden van allerhande apparaten door specialisten. Daarnaast maakt de robotisering het voor steeds meer industrieën onnodig de productie nog langer naar het Verre Oosten te verplaatsen. De installaties zijn op elk continent even kostbaar en de geringere loonverschillen maken die stap niet meer rendabel. We zien dus dat steeds meer productie wordt teruggehaald naar Nederland en met die productie ook het bijbehorende beheer en onderhoud. De technologische vooruitgang doet het onderhoud steeds meer evolueren in de richting van asset management, een optimaal beheer van de bedrijfsactiva. Daarbij is het nodig dat het onderhoud wordt afgestemd op het operationele en het financiële beleid en dus dat wij onderhoudstechnici breder bij het beheer worden betrokken en geïnformeerd. Vanuit deze basisgedachte zullen we meer aandacht moeten geven aan aspecten die de veiligheid, levensduur en exploitatiekosten van gebouwen en installaties beïnvloeden (asset management). Onderhoud tot asset management op zien te waarderen is een bijkomende uitdaging voor de komende jaren.

‘Verduurzaming en digitalisering bieden de onderhoudssector extra kansen.’

Bas P. Kimpel Voorzitter MaintNL 3 - 2015 45

MB Voorzitter.indd 45

25-03-15 13:23


Instandhouding

In stand houden tot nieuwe investeringen rond zijn Papierproducent Sappi Maastricht doet binnenkort forse investeringen in de ombouw van papiermachine PM6. Tot die tijd moet maintenance manager Rob Jongen samen met zijn ploeg proberen de vijftig jaar oude machine zo efficiënt en veilig mogelijk te blijven onderhouden.

David van Baarle

Als er één industrietak onder druk staat, dan is het wel de papierindustrie. Met de toenemende digitalisering is het papier vele malen de dood verklaard, maar als een feniks weet de papierindustrie steeds weer uit de as te herrijzen en zichzelf opnieuw uit te vinden, zo ook Sappi, een van de grootste papierproducenten ter wereld. De fabriek van het bedrijf in Maastricht kent een lange historie, die honderdvijftig jaar geleden begon met de Koninklijke Papierfabriek (KNP). Rob Jongen is nog niet zo heel lang

maintenance manager bij de Limburgse papierfabriek, maar valt wel direct met zijn neus in de boter. Het bedrijf heeft namelijk aangekondigd investeringen te doen in de fabriek om een transitie te maken van papier voor magazines naar papier voor de verpakkingsindustrie.

Investeringen ‘De fabriek in Maastricht is gespecialiseerd in houtvrij gecoat papier’, zegt Jongen. ‘Dat papier wordt onder andere gebruikt als

PROFIEL Naam: Rob Jongen Bedrijf: Sappi Europe Functie: Maintenance manager Opleiding: Hogeschool Zuyd, Engineering Physics Achtergrond: Project en maintenance manager bij GDF Suez en E.ON

46 MaintNL

cover voor glossy magazines. De machines die we daarvoor gebruiken zijn voor een deel gebouwd in de jaren zestig en zeventig. En daarmee is direct de grootste uitdaging van de onderhoudsafdeling benoemd. Want het in stand houden van een machine van die leeftijd is namelijk best lastig.’

‘We proberen een gedeelte van het spare-kapitaal af te bouwen door kritisch te kijken naar wat echt direct nodig is.’ Het goede nieuws is dat het bedrijf de eerste investeringen gaat doen om de transitie te maken van papier voor de grafische industrie naar specialties voor de verpakkingsindustrie. De testen zijn in volle gang en de eerste producties zijn uitgeleverd. ‘De toekomst is dus veelbelovend. In de tussentijd hebben we de opdracht om de geïnstalleerde asset base zo goed mogelijk in conditie te houden.’

Transitie Het hart van de papierproductie van Sappi is de papiermachine PM6 die met een lengte van honderdtwintig meter behoorlijk imposant is. Daarna volgt nog de CM6machine die de laatste lagen coating op het papier aanbrengt en ongeveer half zo lang is als de PM6. Vervolgens is er nog een twintigtal machines die het papier, dat op rol wordt geproduceerd, in de voor drukkers gangbare formaten snijden, de zogenaamde ‘sheet finishing’. Overigens voorziet de fabriek ook in zijn eigen stoom via een warmtekrachtinstallatie die half Maastricht van warmte voorziet. ‘Wat wij in Maastricht produceren, zijn producten die over de hele wereld gaan’, zegt

3 - 2015

MK Maintenance Manager.indd 46

25-03-15 13:27


FOTO’S: SAPPI

Jongen. ‘We werken dan ook 24 uur per dag en zeven dagen per week om die producten op tijd af te krijgen. Maar, zoals gezegd, gaan we wel over op een nieuw procedé. In deze transitiefase moeten we keuzes maken. Daarbij zijn de productierisico’s leidend. We hebben een kriticaliteitsanalyse gedaan van de assets en weten dus wat de

economische, strategische en veiligheidsrisico’s zijn als assets daadwerkelijk stil komen te staan. Waar de risico’s de grenzen dreigen te overschrijden, worden de nodige vervangingsinvesteringen gedaan. Daarbij houden we dus wel in het achterhoofd dat we assets of onderdelen hiervan mogelijk volgend jaar toch gaan vervangen.

Inmiddels hebben we ook al een virtuele oefening uitgevoerd om te zien wat het nieuwe product dat wij gaan produceren voor impact heeft op de bestaande assets. We zullen sowieso de FMECA’s opnieuw moeten uitvoeren met de nieuwe parameters, maar totdat het zover is, is het nu vooral een kwestie van bijsturen.’ MaintNL 3 - 2015 47

MK Maintenance Manager.indd 47

25-03-15 13:27


Industrial Services

Bezoek ons

Austria

-

Netherlands

-

Germany

ST-Cleaning BV

www.st-cleaning.com office@st-cleaning.com

Advertenties II.indd 48

‘t Woud 59 3232 LN Brielle

25-03-15 13:06


Samenwerking De eigen onderhoudsploeg van 51 man voert het grootste deel van het onderhoudswerk uit, inclusief de stopgebonden activiteiten. ‘Voor specialistisch werk, zoals bijvoorbeeld het onderhoud aan kwaliteitmeetsystemen, huren we zo nu en dan externen in. Daarnaast lopen er nog wel contracten voor storingsdiensten waarvan we gebruik kunnen maken bij eventuele calamiteiten. Ik ben ervan overtuigd dat je in een markt als de onze niet alles kunt uitbesteden. Om technologisch voor te blijven en de uptime te verhogen, moet je kennis hebben van je machines en intensief samenwerken met operations. Sappi heeft in het verleden het onderhoud aan een deel van het machinepark volledig geoutsourcet, maar is daar nu op teruggekomen.’ Volgens Jongen is er een zeer goede samenwerking tussen de onderhoudsafdeling en productie. ‘We acteren op gelijk niveau en hebben dagelijks overleg. Het gaat om samenwerken om op deze wijze een maximaal rendement uit de assets te halen. Natuurlijk zijn ook wij gebonden aan een vast onderhoudsbudget, maar als er grote modificaties nodig zijn die een hogere investering vragen, dan wordt daar een CAPEX voor aangevraagd. Uiteindelijk sturen we allemaal op het zoveel mogelijk beperken van de stilstanden. We werken ook in hetzelfde SAP-systeem en overleggen welk onderhoud echt direct moet worden uitgevoerd en wat eventueel nog even zou kunnen wachten. We bewaren dat

‘Uiteindelijk sturen we allemaal op het zoveel mogelijk beperken van de stilstanden.’

uitgestelde werk voor de onderhoudsstops die we eens in de drie weken inplannen. Daarbij staat de fabriek een keer in de drie weken zo’n drie à vier uur stil en eens in de zes weken voor langere tijd, wat meestal neerkomt op zo’n acht uur. We kunnen voorlopig nog niet zonder die stops.’

Predictief Ook de onderhoudsafdeling gaat geleidelijk aan naar een nieuwe organisatiestructuur. ‘Op dit moment zit de verhouding correctief versus preventief onderhoudswerk nog op een percentage van zeventig en dertig procent. Sinds mijn aantreden in oktober 2014 zijn we echter begonnen met het zetten van stappen naar een reliability centered maintenance-strategie. De eerste stap daarin is het aanstellen van reliability engineers die root cause analyses uitvoeren en repeterende storingen analyseren. Dit alles moet resulteren in oplossingen die de efficiency vergroten en stilstandtijden reduceren. Een volgende stap zal zijn om meer voorspellend onderhoud uit te voeren, bijvoorbeeld door meer en beter trillingsanalyses uit te voeren, maar ook door de proces-

parameters te analyseren. We moeten nog beter weten welke procesparameters invloed hebben op de degradatie van de assets, om de betrouwbaarheid te vergroten. Om dat te bereiken, zullen ook de uitvoerende medewerkers nieuwe vaardigheden moeten aanleren. We hebben een club professionals die zeer goed is in firefighting, maar inzicht in het vooraf voorkomen van breakdowns is een gebied van aandacht. We willen die kennis, maar ook de procesdata zoveel mogelijk borgen in SAP. Inmiddels is al een traject gestart om de kennis van medewerkers over bepaalde installaties met terugwerkende kracht vast te leggen. Er zijn medewerkers vrijgesteld om de datastructuur te verbeteren en processen te borgen in SAP.’ Jongen vervolgt: ‘Ook het warehouse ofwel het magazijn is onlangs onderhanden genomen. We delen het magazijn met onze vestiging in Lanaken en we hebben gezamenlijk gezien dat er efficiencyverbeteringen mogelijk zijn. Uiteindelijk moet het mogelijk zijn om met een druk op de knop een onderdeel te bestellen, maar dan moet je achterliggende structuur wel kloppen. En dus zijn we nauwgezet door de voorraden heen gegaan en hebben gekeken wat we op de plank hadden liggen. Dan kom je er al snel achter hoeveel waarde er passief aanwezig is. We proberen daarnaast een gedeelte van het spare-kapitaal af te bouwen. Dat kan met name door kritisch te kijken naar wat je echt direct nodig hebt en wat je ook zou kunnen bestellen.’ ■ MaintNL 3 - 2015 49

MK Maintenance Manager.indd 49

25-03-15 13:27


BESCHERM UW LAGERS! Ontdek de Ultraprobe® 401 Digitale Grease Caddy Pro Luister naar een lager en monitor tegelijkertijd de dB waarden op het display tijdens het smeren, om oversmeren te voorkomen. Bouw met de opgeslagen data een trend op en krijg inzicht in de oorzaken van lager problemen. •

Verbeter de onderhoudsefficiëntie

Verleng de levensduur van assets

Bespaar op manuren

Verlaag operationele kosten

Meer informatie: www.uesystems.nl/up401

Windmolen 22, 7609 NN Almelo • Tel. +31 548 659 011 • info@uesystems.eu • www.uesystems.nl

PRUFTECHNIK houdt uw machines in topconditie Predictieve maintenance technologie en on-site dienstverlening

Laseroptische uitlijning: vertrouw op de wereldmarktleider

Conditiebewaking en trillingsanalyse: online en offline machinediagnose

Advertenties II.indd 50

On-site systemen voor statisch en dynamisch balanceren van rotoren

Lokale dienstverlening, software support, service en kalibratiecontrole

ISO conforme opleidingen en VCA gecertifi ceerde assistentie on-site

PRUFTECHNIK AG Brain Park II Lichtenauerlaan 102-120 NL-3062 ME Rotterdam PROVEN QUALITY

Made in Germany Global Presence Qualified Support Quality Service

Tel: +31 10 204 59 37 Fax: +31 10 204 55 55 info@pruftechnik.nl www.pruftechnik.be

A member of the PRUFTECHNIK group

25-03-15 13:06


Maintenance Manager of the Year 2015

Hans Peters (Dunea) Maintenance Manager of the Year 2015 Dunea produceert en levert aan circa 1,3 miljoen klanten lekker en betrouwbaar drinkwater in het westelijk deel van Zuid-Holland. Zij ontvangt jaarlijks 1 miljoen recreanten in de duinen tussen Monster en Katwijk en beheert deze prachtige natuur en beschermt de drinkwaterwinning, al 140 jaar. Schoon drinkwater, rust en ruimte in de Randstad vormen de basis voor een goed leven. Dunea is altijd op zoek naar (nieuwe) oplossingen en mogelijkheden voor drinkwater en natuur.

Dat daar een onderhoudsorganisatie voor nodig is, is evident en daar zorgt de kersverse Maintenance Manager van het Jaar 2015, Hans Peters, uitstekend voor. Hans is in staat om op een aimabele en professionele manier buiten de directe maintenancescope op te treden. Dat doet hij bijvoorbeeld in de keten met collega drinkwaterbedrijven, maar Hans spant zich ook in als het gaat om het vormgeven van samenwerking met opleidingsinstituten. Buiten het feit dat hij zelf definitieve besluiten neemt, doet zijn mening er bijzonder toe binnen Dunea. Hij vertoont vriendelijk en motiverend leiderschap en levert een belangrijk aandeel in nieuwe technologie, middelen en inspectietechnieken. Een steeds belangrijker aspect vormt hygiënisch werken en steeds hoger wordende productie-kwaliteitseisen. Daar draagt Hans met zijn team in hoge mate aan bij. Productie en onderhoudsafdelingen binnen Dunea werken nauw met elkaar samen, mede dankzij de inspanningen van de op 19 maart benoemde titelhouder. De afstand tussen mens en machine is namelijk toegenomen en daarom is de samenwerking

tussen verschillende disciplines essentieel. Peters zet verbeterteams op en laat ook andere disciplines zelf presteren. Asset management in combinatie met mensen en veiligheid heeft de aandacht. Hoe kunnen installaties zo lang mogelijk beschikbaar gehouden worden zonder interventie van mensen en middelen. Remote monitoring is geïntroduceerd waardoor de werkdruk drastisch is teruggebracht. Renovaties zijn doorgevoerd om Remote Services mogelijk te maken. Hans is bescheiden, doet gewoon zijn werk en straalt daarbij een hoge mate van werkplezier uit. Van alle kandidaten wist Peters de titel te behalen en is hij daarmee het komende jaar het Boegbeeld van de Nederlandse Onderhoudssector, die een omvang heeft van tussen de 30 en 35 miljard euro, maar liefst vier procent van het Bruto Binnenlands Product en waar zo’n 300.000 onderhoudsprofessionals werkzaam zijn. De Verkiezing van de Maintenance Manager van het Jaar is een initiatief van de Nederlandse Vereniging voor Doelmatig Onderhoud (NVDO) en iMaintain. ■ MaintNL 3 - 2015 51

MV MMY.indd 51

25-03-15 13:33


Cybermaintenance

Grootste IT-bedreiging komt van binnenuit Bij onderhoudswerkzaamheden komt steeds meer IT kijken en ook steeds meer procesautomatiseringssystemen zijn met de buitenwereld verbonden. Handig, maar het levert ook risico’s op. De systemen worden kwetsbaarder voor cyberaanvallen. Wie zijn bedrijf niet goed beschermt, kan worden platgelegd door een virus of een fabriek kan worden overgenomen door een hacker. Dagmar Aarts

Volgens hoogleraar Cyber Security Jan van den Berg (TU Delft) hangt het erg van het bedrijf af of er serieus met cybersecurity wordt omgegaan. ‘Bewustzijn zie je voornamelijk ontstaan bij bedrijven die sterk afhankelijk zijn van IT, zoals bijvoorbeeld de gasproductiebedrijven. Zij hebben echt gezorgd dat hun vitale aansturingsonderdelen losgekoppeld zijn van de IT. Bij de kleinere bedrijven of de bedrijven die wat minder IT-intensief zijn,

gaat dat proces langzamer.’ Er is niet een standaard waarmee de industrie zich kan beschermen. Volgens de hoogleraar is het belangrijk om als bedrijf in kaart te brengen waar je afhankelijk bent van IT. Van den Berg: ‘Er zijn bepaalde businessprocessen die cruciaal zijn. Als bij de zorgverzekeringen in december hun IT eruit ligt, kunnen ze de overstappers van de ene naar de andere verzekeraar niet registreren. Dan

hebben ze een probleem. De beschikbaarheid van de IT in december is kritiek. Dat is een simpel voorbeeld, maar iedereen snapt dat.’

Focus Volgens Van den Berg moet de verantwoordelijkheid voor cybersecurity richting de board gaan. ‘Ik denk dat het belangrijk is dat de board rechtstreeks contact heeft met de cybersecurity-afdeling. Als een bedrijf heel IT-intensief is, dan moet er misschien zelfs iemand in de board zitten die er verantwoordelijk voor is. Daarnaast moet iedereen in de organisatie cyberbewust zijn.’ Daar gaat het nogal eens mis volgens de hoogleraar, want de focus ligt meestal niet op cybersecurity. ‘Een bedrijf wil iets draaiende krijgen en denkt daarna pas ‘O ja, het moet ook nog cyber secure zijn’. Een voorbeeld daarvan zijn de autonoom rijdende auto’s. Er wordt een beeld geschetst dat je met je armen over elkaar kan gaan zitten of zelfs kan gaan slapen als je op de snelweg rijdt. Hoe naïef kan je zijn? Technisch kan het misschien allemaal, maar de security wordt überhaupt niet benoemd als een bedreigend iets. Dat snap ik niet.’

Als een hacker in het systeem weet te komen kan hij informatie stelen of de controle over een fabriek overnemen.

Vroeger waren er alleen standalone machines in de industrie, die hadden geen connectiviteit met de buitenwereld.

52 MaintNL

MT Cyber.indd 52

Als de industrie zich niet goed beveiligd tegen cybercrime kunnen virussen in het systeem komen. Applicaties kunnen dan bijvoorbeeld niet meer goed functioneren of een hele fabriek kan zelfs worden stilgelegd. Als een hacker in het systeem weet

3 - 2015

25-03-15 13:32


FOTO: SHELL

Een controlroom van Shell.

te komen kan hij informatie stelen of de controle over een fabriek overnemen. Een levensgevaarlijke situatie.

zijn dat alles gekoppeld wordt en dat je daar dan nog niet gereed voor bent.’

Samen

‘De focus van een bedrijf ligt meestal niet op cybersecurity.’

Bedrijven schakelen Cofely in om hun machines te beschermen tegen virussen en hackers. ‘Vroeger waren er alleen standalone machines in de industrie, die hadden geen connectiviteit met de buitenwereld’, zegt Wilmar van Steenis van Cofely. ‘Dat is niet meer zo natuurlijk, want alles wordt met elkaar gekoppeld tegenwoordig. Een jaar of tien geleden kwam dat al een beetje in gang en toen hebben we onze eigen visie aangepast. We wilden het voor

Nog niet elk bedrijf is volgens Van Steenis goed beveiligd. ‘Er zijn bedrijven waar we binnen komen en waar je meteen dingen ziet die je met een simpele maatregel kan verhelpen. Zo zijn wij bij bedrijven langs geweest waar alle control-applicaties direct

vanaf het internet bereikbaar waren. Met een scanner is zoiets op te sporen, voor een hacker is het gemakkelijk om dan schade aan te richten.’ Cofely doet er alles aan om zulk soort situaties te voorkomen. Voor klanten die zelf geen IT-afdeling hebben, doen ze alles op het gebied van cybersecurity. Met bedrijven die wel een eigen IT-afdeling hebben, overleggen ze hoe hun systeem beter kan en komen ze samen tot een oplossing.

Controlsystemen Dat cybersecurity gevoelig ligt, blijkt uit het feit dat een groot Nederlands bedrijf in de chemische industrie wel mee wil werMaintNL 3 - 2015 53

MT Cyber.indd 53

25-03-15 13:32


Insituform® biedt u het comfort van full service Bij de renovatie van leidingsystemen eist u uiteraard gegarandeerde kwaliteit en zekerheid. Daarbij is een snelle uitvoering met minimale overlast van belang. Bovendien wilt u binnen budget blijven en de zorg met een gerust hart kunnen overlaten aan de expert. Daarom werken vele grote organisaties in o.a. de petro-/chemische en voedingsindustrie met Insituform®. Evenals bijna iedere gemeente in Nederland. Marktleider Insituform® realiseert met

innovatieve

No-Dig

technologieën

zoals

CIPP®

naadloze renovatie en bescherming van o.a. riool-, afval-, en drinkwater leidingsystemen. Vanuit meer dan 40 jaar ervaring en vakmanschap leveren wij u een perfect resultaat. Ieder project, hoe omvangrijk of complex ook, maken we voor u eenvoudig. Met onze maatwerk oplossingen, full service en persoonlijke aandacht. Wij doen het graag voor u. www.insituform.nl

Insituform®. Souplesse in leidingrenovatie

Verhuur stoom- en heetwaterketels

Eco Ketelservice Verhuur bv

www.eco-steamandheating.com +31 (0)13 583 94 40 | info@eco-steamandheating.com

Advertenties II.indd 54

25-03-15 13:07


ken aan dit artikel, maar niet met naam genoemd wil worden. De PCD IT Security Engineer van het bedrijf zorgt ervoor dat er op de site optimaal bewustzijn rond cybersecurity is en dat de systemen veilig gebruikt kunnen worden. ‘We hebben op onze site proces-controlsystemen. Dat zijn de systemen waar operators mee werken en de fabrieken mee bedienen. Onze proces-controlsystemen moeten voldoen aan de security-standaard die is opgelegd door het bedrijf. De controlsystemen draaien onder Windows Operating Systemen, die up-to-date moeten zijn en vooral blijven. Dit is niet zo simpel, omdat er ook specifieke vendor software op draait die daarnaast eigen eisen heeft.’ Dat is dan ook een van de redenen dat proces-controlsystemen altijd achterlopen op het thuisgebruik. ‘Windows 8 zal je bijvoorbeeld maar weinig op een site zien’, zegt de engineer. ‘Wij willen ook niet helemaal voorop lopen, want dan ben je kwetsbaar. Wij gaan voor safe.’

Bedreiging van binnenuit Het besturingssysteem wordt daarom regelmatig geüpdatet, de machines hebben antivirussoftware en op de netwerken zit-

ten firewalls. De IT-specialist acht de kans heel klein dat een hacker binnenkomt en de fabriek platlegt. ‘Dan zou hij eerst via internet onze office datacentrumkant in moeten gaan en dan door allerlei firewalls heen breken om in ons systeem te komen.’

‘IT-beveiliging is een katen-muis-spel.’ De grootste bedreiging komt van binnenuit. Op de verschillende plants komen veel mensen over de vloer: onderhoudsmensen, operators, leveranciers, engineers en nog veel meer. Het is lastig om ervoor te zorgen dat iedereen IT-veilig werkt.

USB-stick ‘We hebben engineers op de site die onderhoud plegen aan het systeem omdat er software moet worden aangepast of processtukken vervangen moeten worden. Die bedreiging is groot, want zij werken op de systemen. Die mensen zijn intern door mij voorbereid. Met name de omgang met USBsticks is belangrijk. Eigenlijk mogen die niet

worden gebruikt, want ze kunnen virussen van buitenaf meenemen. Maar de praktijk leert dat je ze toch vaak nodig hebt. Voor onze site heb ik een speciale USBstick gemaakt waar precies op staat wat je moet doen. Je moet de USB-stick altijd eerst scannen op virussen in een systeem, pas daarna mag je hem gebruiken. Het kan fout gaan als iemand de procedures niet volgt, doordat hij bijvoorbeeld denkt: Ik heb een paar dagen geleden al gecheckt, dat hoef ik nu niet weer te doen. Daardoor is de bedreiging van binnenuit groter dan van buiten.’

Wakker geschud Volgens de drie experts is nooit alles te beveiligen. Van den Berg: ‘Er zijn een paar grote cybergebeurtenissen geweest die ons hebben wakker geschud. Het is gebleken dat als iemand een gerichte aanval doet, bijna alle systemen wel plat te krijgen zijn. In principe is elk systeem kraakbaar, maar dat is geen nieuws. In de fysieke wereld is ook niet alles waterdicht getimmerd. Maar daar leven we mee.’ Volgens Van Steenis is beveiliging altijd een kat-en-muis-spel. ‘Als het ene gat in de beveiliging is gedicht, gaat de hacker zoeken naar een andere ingang.’ ■ MaintNL 3 - 2015 55

MT Cyber.indd 55

25-03-15 13:32


Drone-inspecties

Drones versnellen en verbeteren inspectie van assets Het kabinet wil meer ruimte geven voor het gebruik van drones. Verruiming van de regelgeving voor onbemande luchtvaartuigen moet economische en maatschappelijke kansen bieden voor bedrijven en overheden. Gouda Vuurvast Services inspecteerde onlangs de binnenkant van een verbrandingsoven en bewees daarmee dat de vliegtuigjes ook in een besloten ruimte kunnen worden ingezet. David van Baarle Drones, of beter gezegd unmanned aircraft systems (UAS), worden steeds vaker in de onderhoudswereld ingezet. Want waar inspecties op hoogte moeten worden gedaan, zou een drone het gevaarlijke en arbeidsintensieve werk kunnen overnemen. Zo experimenteerde TenneT twee jaar geleden al met de inspectie van haar hoogspanningsmasten via een zogenaamde ‘multicopter’. De UAS met zes rotors was uitgerust met meerdere camera’s, zowel daglicht als infrarood, die haarscherpe beelden maakten van de masten. De

inspecteurs van het bedrijf konden aan de hand van die foto’s hun onderhoudsstrategie bepalen. Of wat te denken van de inspectie van flares (installaties waarmee gas afgefakkeld wordt, red.) in de chemische industrie. De top van zo’n flare is normaal gesproken alleen te inspecteren als er een stellage tegenaan wordt gebouwd. Het is niet alleen sneller en goedkoper, maar ook veiliger om de inspectie via een drone uit te voeren. Langzaamaan lijken de regels rondom drones dan ook soepeler te worden.

Verbrandingsoven Inmiddels kijken meerdere onderhoudspartijen naar de mogelijkheden van het gebruik van een UAS bij hun dagelijkse werk. Een van die partijen is Gouda Vuurvast Services. Arie van Vliet is directeur bij het bedrijf dat vuurvaste bekledingen installeert en onderhoudt voor met name verbrandingsovens van afvalbedrijven. ‘De wanden van zo’n oven degraderen onder invloed van de hitte van bulderende vlammen, maar ook door de mechanische belasting van het vuil dat in de ovens wordt verbrand. En dan zorgen de stoffen die vrijkomen bij de verbranding ook nog eens voor chemische aantasting. De meeste afvalverbrandingsinstallaties worden dan ook eens in het jaar of hooguit eens in de twee jaar stilgelegd voor inspectie en onderhoud. Om de conditie van de wand te kunnen beoordelen moet deze eerst schoon zijn. Je kunt je voorstellen dat het slak (afvalresten, red.) zich soms zeer dik op de wand hecht.

DE OPKOMST VAN DRONES Parijs schrok even op toen er drones boven de hoofdstad werden gezien. Niemand wist wie de kleine, onbemande vliegtuigjes bestuurde en waarom vlogen ze boven strategische doelen? Uiteindelijk werden de ‘bestuurders’ gevonden. Journalisten van de Arabische zender Al Jazeera werden betrapt toen ze een drone lieten opstijgen. Of ze ook verantwoordelijk waren voor eerdere waarnemingen, blijft echter onduidelijk. Het is verboden om zonder toestemming boven Parijs drones te laten vliegen. Ook in Nederland is het tot nog toe niet toegestaan om over aaneengesloten bebouwing en mensenmenigten te vliegen, zo staat in de Regeling modelvliegen. Ook het vliegen boven spoorlijnen, kunstwerken, industrie- en havengebieden en verharde wegen is verboden. Zakelijk mag er eigenlijk helemaal niet worden gevlogen en bedrijven die dat wel willen doen, moeten een speciale ontheffing aanvragen bij de Inspectie Leefomgeving en Transport.

56 MaintNL

MR Drone.indd 56

Onlangs heeft het kabinet echter naar buiten gebracht dat ze meer ruimte wil geven voor het gebruik van drones. Verruiming van de regelgeving voor onbemande luchtvaartuigen moet economische en maatschappelijke kansen bieden voor bedrijven en overheden. De verruiming van mogelijkheden geldt voor het beroepsmatig gebruik van drones. Zo wil het kabinet dat politie en brandweer ruimere bevoegdheden krijgen om drones in te zetten voor hulpverlening, opsporing en handhaving van de openbare orde. Zij krijgen daarbij toestemming om te vliegen boven gebouwen en mensenmenigten. Ook mogen politie en brandweer straks drones inzetten na zonsondergang. Het kabinet ziet verder mogelijkheden om vaker drones in te zetten voor bijvoorbeeld de inspectie van infrastructuur, het bewaken en beveiligen van objecten en terreinen, klimatologisch onderzoek, de land- en tuinbouw en de media.

3 - 2015

25-03-15 13:31


RMT-solutions voorstelde om proeven met een drone uit te voeren, had ik daar ook wel oren naar. Bedrijven als de onze moeten constant innoveren om de concurrentie voor te blijven en als partijen met goede ideeën komen, willen we dan ook graag meewerken om de technologie te testen.’

Proef Marien van den Hoek van RMT-solutions. ‘De resultaten die je krijgt met een laserscan zijn ook te halen via een nieuwe techniek die ‘photogrammic analysis’ wordt genoemd. Idee achter de techniek is dat je heel veel 2D-beelden van een object of de omgeving maakt waarna de computer deze beelden samenvoegt tot een 3D-beeld. Om dat goed te doen, heb je een aantal referentiepunten nodig om de x,y en z-as te bepalen, zodat de computer daarna ook informatie heeft over de relatieve positie van de beelden. Een voordeel van deze techniek is dat het minder gevoelig is voor trillingen. Boven-

FOTO: KRIS GOUBERT

Gespecialiseerde partijen maken de wand eerst schoon en gebruiken daarvoor water onder zeer hoge druk of soms zelfs explosieven om die eraf te krijgen. Vroeger gingen we daarna zo’n oven, die gemiddeld zo’n zes meter lang, vijf meter breed en dertig meter hoog is, in met een fototoestel en een meetapparaat om de conditie te bepalen. Een aantal jaren geleden kwam ik in gesprek met Spie Nederland, een bedrijf dat 3D-laserscans maakte van industriële installaties, en dat bracht me op het idee om die techniek in te zetten voor onze inspecties van verbrandingsovens. We hoefden alleen nog maar een scanner in de oven te plaatsen en konden alle beoordelingen vanaf de computer uitvoeren. Met die technologie maakten we echt sprongen in de tijd die nodig was voor inspectie en omdat er nauwelijks meer mensen de oven in hoefden, was het ook nog een stuk veiliger. Inmiddels zijn we zeer tevreden over de mogelijkheden van 3D-scannen en toen

dien is er geen zware laserscanner voor nodig, maar voldoet een eenvoudige fotocamera. Een laserscanner moet op een steiger worden gezet om zijn werk te kunnen doen op hoogte en het kost vaak al een dag om zo’n steiger op te bouwen. Dat kost materieel, mankracht en tijd. De fotocamera kunnen we onder een UAS hangen waardoor steigerbouw overbodig wordt.

Het is niet alleen sneller en goedkoper, maar ook veiliger om inspecties via een drone uit te voeren. Nu kunnen we binnen een uur dezelfde scan kan maken als waar een laserscanner een dag over doet. De crux zit hem in de software die we gebruiken om de foto’s samen te voegen tot één 3D-beeld. Een computer is een halve dag aan het stampen om het beeld te renderen, maar dan heb je echt een zeer gedetailleerd beeld van een object.’ Van Vliet: ‘We waren geïnteresseerd in de techniek, maar wilden vooral zeker weten dat het überhaupt mogelijk was om een drone in een afgesloten ruimte te laten vliegen. Je praat niet over een vliegtuigje uit de speelgoedwinkel, maar over een UAS van meer dan tienduizend euro, dus je wilt wel zeker weten dat hij niet tegen de wanden opvliegt of neerstort. We vonden een van onze klanten, het Afval Energiebedrijf Amsterdam, bereid om proeven in een van hun ovens uit te voeren. Een van onze zorgen was dat het toestel ontvangstproblemen zou krijgen. De buitenwand van de oven is namelijk van staal en daarmee vliegt de drone dus in een kooi van Faraday. Gelukkig bleek dit geen enkel probleem te zijn en is het gelukt om de drone zijn werk te laten uitvoeren en een MaintNL 3 - 2015 57

MR Drone.indd 57

25-03-15 13:31


FOTO’S: VISTAWORKS

Drone-inspecties

Een voorbeeld van de scans die gemaakt zijn in de oven.

scan te laten maken. Deze test was vooral bedoeld als ‘proof of principle’ en we blijven dan ook voorlopig nog wel doorgaan met 3D-laserscannen, maar wie weet kunnen we in de toekomst wel andere technieken inzetten als aanvulling daarop.’

Toekomst Van Vliet ziet veel mogelijkheden voor nieuwe visualisatietechnieken zoals 3D-lasers-

cannen, maar ook ‘photogrammic analysis’ kan op den duur misschien wat toevoegen. ‘De techniek maakt het mogelijk onze klanten een betere service te bieden en we hebben daarmee een duidelijk concurrentievoordeel. Mijn ideaal zou zijn om een oven, voordat we hem schoonmaken, al een keer te scannen. Je ziet namelijk aan de ophoping van het slak al waar er waarschijnlijk problemen met de

wand zijn. Daarna maak je een scan om de schone wand te inspecteren en als het werk is uitgevoerd, zouden we zelfs een derde scan kunnen maken om de as built tekening aan onze klant te kunnen overhandigen.’

‘Je wilt wel zeker weten dat de drone niet tegen de wanden opvliegt of neerstort.’ Van den Hoek is ook nog lang niet klaar met de toepassingen van 3D-fotografische inspectie. ‘Deze techniek is bijvoorbeeld ideaal om opslagtanks te inspecteren. Ook in die omgeving kost het veel tijd en geld om steigers te bouwen voor tankwandinspectie. Enige uitdaging in zo’n tank is dat de apparatuur die in zo’n tank wordt gebruikt absoluut explosieveilig moet zijn. We zijn dan ook bezig met de ontwikkeling van een Atex-gecertificeerde UAS. Normaal gesproken moet een tank vrij zijn van medium voordat iemand zo’n tank in mag, maar een UAS heeft geen last van eventuele chemische dampen. Hij zou dus zelfs zijn inspecties kunnen uitvoeren terwijl het medium er nog in zit.’ ■

58 MaintNL

MR Drone.indd 58

3 - 2015

25-03-15 13:31


Onderhoud en energiebesparing

Energie besparen met hulp van onderhoud De maintenancesector kan bijdragen aan energiebesparing in de industrie. Op welke manier bedrijven dat kunnen doen, wordt duidelijk gemaakt op het Maintenance for Energy event, dat op 9 april wordt georganiseerd door de NVDO, DI-WCM en Profion. Dagmar Aarts Werkgevers, vakbonden en milieuorganisaties hebben een akkoord gesloten over het reduceren van het energieverbruik, gebruik van duurzame energie en werkgelegenheid. Dit akkoord staat bekend onder de naam Energieakkoord. Het heeft tot doel om de economie te versterken en tot een duurzame groei te leiden. Voor de industrie betekent dit dat de volgende doelen zijn gesteld: een besparing van het energieverbruik met gemiddeld anderhalf procent per jaar, een toename van het aandeel aan hernieuwbare energieopwekking naar zestien procent in 2023 (dat is nu vier procent) en het creëren van ten minste vijftienduizend voltijdbanen.

bedrijf bijeenkomsten over energiebesparende maatregelen in de industrie. In de afgelopen jaren heeft de RVO projecten uitgevoerd in de industrie, waarmee een schat aan kennis is opgedaan die de RVO wil delen met andere partijen binnen de industrie. De bijeenkomsten gaan over stoom, perslucht, efficiënte motoren, verlichting en koeling. Husmann: ‘Voor al deze onderwerpen geldt dat er veel mogelijkheden zijn om energie te besparen. Denk aan betere isolatie van stoomsystemen, lekdetectie in persluchtsystemen, het kijken naar het juiste of onjuiste gebruik van perslucht en het kijken naar de druk in het systeem.’

Kennis delen

Voorbeeldcases

De drie partners NVDO, DI-WCM en Profion hebben de gezamenlijke ambitie om samen met de totale achterban (ongeveer 300.000 onderhoudsprofessionals met een omzet van ongeveer 35 miljard euro per jaar) bij te dragen aan de voorgeschreven energiebesparing. Tijdens de bijeenkomst wordt onder andere geprobeerd om de vraag te beantwoorden of met behulp van maintenancebedrijven de energiebesparing van anderhalf procent verdubbeld kan worden. Karin Husmann van Plant One zal daarover een presentatie geven. Plant One is een testfaciliteit voor duurzame procestechnologie in de regio Rijnmond en vult het gat tussen laboratorium en full scale productie. Stimulering en versnelling van duurzame ontwikkelingen is een nadrukkelijk doel van de initiatiefnemers van het bedrijf. In opdracht van de Rijksdienst voor Ondernemend Nederland (RVO) organiseert het

Aaldrik Haijer, directeur van Water & Energy Solutions, licht het hele productieproces van fabrieken door en komt met nieuwe mogelijkheden om water- en energieverbruik te verlagen. Het bedrijf kijkt naar het integrale plaatje van een productieproces met als startpunt randstromen zoals water en energie. ‘Als je andere dingen wilt zien, moet je op een andere manier kijken.’ Haijer geeft de deelnemers handvatten om snel en zonder grote investeringen grote besparingen door te voeren op water- en energieverbruik. In een voorbeeldcase op basis van BASF Heerenveen laat hij zien hoe naar operations, maintenance, water en energie tegelijk kan worden gekeken. Op Chemelot zijn ze al flink bezig om energie te besparen. Rob de Heus van Sitech gaat daar tijdens het evenement meer over vertellen. Omstreeks 2005 werd de term energielandschap geïntroduceerd toen duidelijk werd dat er voor een energietransitie grote

veranderingen in de nationale energiehuishouding nodig zijn die bovendien een forse invloed op de inrichting en aankleding van de Nederlandse ruimte zouden kunnen hebben. In het nieuwe energielandschap worden vraag en aanbod lokaal meer en meer op elkaar worden afgestemd. Dit heeft consequenties voor het ontwerp en het onderhoud aan deze energienetwerken. Het juiste ontwerp en onderhoud beperken de energieverliezen tot een minimum. Theo de Bruin, Manager KVM Stedin BV en Dirk Ockeloen, Accountmanager Stedin infradiensten BV, leggen uit hoe dat kan. Rob van Bergen, directeur van ISSO geeft de deelnemers handvatten om met eenvoudige middelen en geringe investering direct energie te besparen in uw gebouwde omgeving. Dat doet hij namens het Platform Duurzame Huisvesting. ■

MAINTENANCE FOR ENERGY De Maintenance for Energy bijeenkomst vindt op donderdag 9 april plaats bij Joulz in Utrecht. Kijk voor meer informatie en het programma op: www.energieverenigd.nl

MaintNL 3 - 2015 59

MN Onderh en Energiebesp.indd 59

25-03-15 13:28


Innovaties

Business case belangrijk voor slagen innovaties Innoveren is belangrijk om de concurrentie voor te blijven. Maar op de lange weg van idee(vorming) naar daadwerkelijke implementatie liggen veel obstakels. Soms duurt het wel vijftien jaar voordat iets in de praktijk wordt ingevoerd. Maar in een jaar een nieuwe machine of werkmethode ontwikkelen, is ook mogelijk. Pieter Pulleman Theo Knijff is general manager van het Kennis en Innovatie Centrum (KI<|MVP) in Terneuzen. Het KI<|MVP richt zich op innovaties in de onderhoudssector en is de afgelopen jaren als initiator en/of facilitator betrokken geweest bij tientallen innovatieprojecten. ‘Hoe lang het duurt voordat een innovatie landt op de werkvloer? Dat varieert van heel kort tot wel vijftien jaar, afhankelijk van de soort innovatie. Neem een open-innovatietraject waarbij je met anderen aan een oplossing werkt voor een probleem. Dat kan lang duren.’

Trage implementatie Ook de sector waarin de innovatie plaatsvindt, speelt een rol, zegt Knijff. ‘Bijvoorbeeld inspectietechnieken, een heel conservatieve business. Echografie bestaat al ongeveer veertig jaar en wordt succesvol toegepast in ziekenhuizen. Toch zie je deze techniek pas sinds een jaar of tien in de industrie.’ De mogelijke oorzaken voor de trage implementatie van nieuwe technologieën zijn volgens Knijff het feit dat bestaande technieken voldoende lijken te werken, de bestaande wet- en regelgeving en het veiligheidsdenken bij asset owners. ‘Bij de wetgever is niet altijd voldoende kennis van nieuwe technologieën en daardoor is het moeilijk om wetgeving veranderd te krijgen. En voor eigenaren geldt dat elke verandering eerst getoetst moet worden op veiligheid en kosten. Vaak is de perceptie in eerste instantie ‘negatief’ en wil men niet wijzigen.’

60 MaintNL

MQ Trends.indd 60

Te weinig geld, focus of mankracht zorgen ervoor dat innovatietrajecten stranden. Succes ontstaat als je werkt vanuit een probleemstelling, zegt Knijff. ‘Een probleemeigenaar die echt een oplossing wil, die ervoor gaat en een businessmodel ziet.’ Andere onderwerpen die hij noemt, zijn: risico’s durven nemen en kunnen omgaan met tegenslagen. ‘En een korte looptijd helpt ook om de focus te behouden. Subsidies kunnen helpen, maar zijn niet zaligmakend. Als je alleen meedoet aan een innovatieproject vanwege de subsidies, dan is het tot mislukken gedoemd.’

Willen en durven delen Als het om open innovatie gaat, waarbij verschillende partijen samen iets nieuws ont-

wikkelen, komt daar nog bij dat de deelnemers moeten willen en durven delen. ‘Daarover moet je goede afspraken maken. Je moet de ander ook wat gunnen. Vice versa.’ Knijff noemt het project waarin meerdere bedrijven samenwerkten aan het ontwikkelen van een coating robot als voorbeeld. ‘Met bedrijven die verstand hebben van robotica, automatisering en verven en een afnemer waar je mag testen. Die moeten open staan voor elkaar. En als ze op de rand zitten van elkaars business, moeten ze erover willen gaan. Dan ontstaat draagvlak.’ Jos Gunsing is deeltijdlector robotica en mechatronica bij Avans Hogeschool en als ondernemer ondersteunt hij bedrijven op het gebied van technologie en innovatie. Als je hele nieuwe ideeën hebt en die wilt ontwikkelen, is het verstandig om dat niet in de bestaande productie- of klantenorganisatie te doen, geeft hij aan. ‘Je moet het een beetje terzijde zetten van de operatie. Samenwerken met marktgerelateerde mensen is ook aan te raden. Of zelfs met klanten die het nieuwe product willen testen,

3 - 2015

25-03-15 13:30


of afnemen. Een ‘launching customer’ kan belangrijk zijn voor de ontwikkeling. Denk bijvoorbeeld ook aan de financiering, die dan gemakkelijk wordt. Zeker aan een startup geeft dat vleugels.’ Knijff: ‘Je moet goed kijken welke oplossingen of technieken er al bestaan en dingen vervolgens bij elkaar brengen. Het bekende en het onbekende combineren, noemen we dat.’ Gunsing: ‘Als het gaat om het combineren van bestaande ideeën tot iets nieuws, dan is het belangrijk hoe je businesscase eruit gaat zien. Wat kan je zelf, wat ga je extern ontwikkelen? Welke stappen moet je zetten voor een innovatief product of een andere markt?’

van innoveren per ‘project’ verschilt. ‘Kun je bijvoorbeeld in kleine stapjes innoveren door ieder half jaar al een onderdeel op te leveren en dan na vijf jaar een nieuw product? Voor heel nieuwe ideeën kan het maar zo vijf jaar of langer duren. Bij dat bedrijf duurde het uiteindelijk circa vijftien jaar om van idee tot verdienen te komen.’

‘Als je alleen meedoet aan een innovatieproject vanwege de subsidies, dan is het tot mislukken gedoemd.’

Lange adem Je kunt langs meerdere ‘assen’ innoveren. Het liefst doe je dat op één of maximaal twee van die assen, zegt Gunsing. ‘Ik heb zelf gewerkt bij een bedrijf dat innoveerde op drie assen tegelijk: nieuwe markt, nieuwe maakprocessen en nieuwe producten. Dat is een groot risico, zeker voor een klein bedrijf. Je bent dan op veel fronten tegelijk bezig om problemen op te lossen. Je moet heel goed weten waarmee je bezig bent.’ Ook Gunsing is van mening dat de snelheid

Een innovatietraject kan verlopen als een treinreis in de winter; vol vertragingen en tegenslagen. En als je echt pech hebt, kom je nooit op je bestemming. Je moet de innovatiereis dus goed voorbereiden, zegt Gunsing. ‘Je moet oog hebben voor de risico’s. Werk ook altijd als eerste aan de grootste risico’s. Of dat nu een technologisch of een marktrisico is, dat maakt niet uit.’ Teveel vanuit de bestaande organisatie innoveren is ook een valkuil, zegt de bedrij-

vencoach. ‘Het gevaar bestaat dat je werkt vanuit vooronderstellingen of dat de waan van de dag telkens voorrang krijgt. Zet het innovatieproces dus wat losser van de bestaande organisatie. Onderschat ook niet wat een innovatie kost in tijd en geld. Zie het voorbeeld van het bedrijf dat ik noemde. Je moet vaak een lange adem hebben. Bij familiebedrijven lukt dat volgens mij beter dan bij beursgenoteerde bedrijven. Die kopen een eenmaal bewezen nieuwe techniek wel in. Of kopen een start-up op.’

Innoveren zorgt voor continuïteit HCI Industrial Services is actief in het industrieel reinigen. Het bedrijf is volgens commercieel afgevaardigde Stijn Vermoet constant op zoek naar nieuwe oplossingen. Meestal gaat het dan om het ontwikkelen van volautomatische reinigingsmachines. Soms gaat het ‘alleen’ om het doorontwikkelen van bestaande apparatuur, soms om geheel nieuwe machines. Hiervoor heeft het bedrijf een eigen engineeringsafdeling. De engineers worden gevoed door de projectleiders. ‘Of ze verzinnen zelf iets nieuws.’ Het zogenoemde Hommel-systeem is bijvoorbeeld een machine die volledig in eigen huis werd ontwikkeld, vertelt Vermoet. ‘De Hommel reinigt de pijpen van fornuizen MaintNL 3 - 2015 61

MQ Trends.indd 61

25-03-15 13:30


DATUM: 4 JUNI 2015 LOCATIE: TCC/RDM CAMPUS ROTTERDAM

THEMA:

ZERO

PROGRAMMA 10.30 Business cases partners 12.00 Ontvangst/lunch 13.00 Welkom door dagvoorzitters Cees Jan Asselbergs (Deltalinqs) en Wim Raaijen (Petrochem) 13.05 Keynote, Marieke Schoningh, DSM Sinochem 13.30 Plant Manager of the Year - de columns 14.00 Korte pauze 14.10 Eerste ronde Masterclasses ZERO Footprint/Process Enlightenmentz/VOMI Safety Award 14.50 Tweede ronde Masterclasses ZERO Accidents, ZERO Loss / Process Enlightenmentz 15.30 Pauze 16.00 PMY 2014 Frans Scheeren 16.20 Safety Buddy 16.40 Debat met Blogs van onder anderen Henk Leegwater over ZERO accidents, ZERO emissions en ZERO loss. 17.15 Borrel 18.30 Diner met bekendmaking PMY 2015 en VOMI Safety Award 2015

ZERO “Nul� is in de industrie op heel veel vlakken het meest gewenste getal: zero accidents, zero emissions, zero impact. Als we de stip op de horizon zouden kunnen naderen, dan is die in veel gevallen geen stip, maar een nul. Tijdens Deltavisie gaan we onderzoeken hoe we die 0 op de horizon kunnen bereiken.

w w w. d e l t av i s i e 2 015 . n l Advertenties 62 54 Adv DeltavisieII.indd 2015.indd

25-03-15 12:44 13:07 04-03-15


van cracker installaties. De eerste Hommel ontwikkelden we acht jaar geleden en we werken inmiddels aan de vierde generatie. Vaak ontwikkelen we dit soort nieuwe apparatuur in samenwerking met onze opdrachtgevers. Is er behoefte? Is er draagvlak?’

‘Als het gaat om het combineren van bestaande ideeën tot iets nieuws, dan is het belangrijk hoe je businesscase eruit gaat zien.’ Vermoet omschrijft hierbij de rol van zijn opdrachtgevers als belangrijk. ‘Dow ondersteunt bijvoorbeeld het automatiseren van hogedrukactiviteiten en motiveert ons om steeds verder te innoveren. Ze denken mee, adviseren, of spelen een rol bij het testen.’ Vermoet vindt innoveren belangrijk. Voor zijn klanten en voor het bedrijf. ‘Innoveren betekent voor ons dat we bijvoorbeeld sneller en effectiever onze dienstverlening kunnen uitvoeren en dat levert continuïteit op. Want de klanten zijn tevreden: vanwege de

betere reiniging, de verhoogde veiligheid, de verlaagde kosten en de kortere doorlooptijd. En dus mogen we blijven. Je neemt wel een risico ‘aan de voorkant’ door te investeren in iets nieuws. Hoe gaat het er straks uitzien? Dat weet je nog niet precies. Daarom is de voorfase met overleg met de opdrachtgevers zo belangrijk. We zijn dan ook selectief met het kiezen van nieuwe projecten.’ HCI ontwikkelt nieuwe machines in eerste instantie voor eigen gebruik. Maar het komt ook voor dat succesvolle nieuwe systemen – via een dealer – in de markt worden gezet.

Alert op marktontwikkelingen Om een nieuw apparaat in de praktijk direct te kunnen gebruiken is het trainen van de medewerkers belangrijk, zegt Vermoet. Van weerstand bij de medewerkers heeft HCI geen last. Vermoet: ‘Nee, zeker niet bij de jonge generatie die gewend is om te gamen. Bovendien, als je dit soort reinigingswerk niet automatiseert, vind je over enige tijd geen geschikt personeel meer. Nu blijft het interessant.’ Het bedrijf werkt sinds eind vorig jaar aan een systeem voor het automatisch reinigen van de buitenzijde van een warmtewisselaar. Dat gebeurt in samenwerking met een automatiseringsbedrijf. De bedoeling is dat er net voor de zomer een pilot plaatsvindt.

‘Inderdaad, bij Dow in samenwerking met het KI<|MVP.’ De volgende stap is wellicht een systeem voor het inwendig reinigen van warmtewisselaars. ‘Maar als dat al blijkt te bestaan, dan doen we het niet. We gaan niet voor de tweede keer hetzelfde wiel uitvinden. We zijn alert op de ontwikkelingen op de markt.’ Een actueel voorbeeld bij het KI<|MVP is een open innovatieproject waarin asset owners met tal van bedrijven en kennisinstellingen op zoek zijn naar een manier om de levensduur van coils van fornuizen van ethyleenkrakers beter te voorspellen. Knijff: ‘Eerst hebben we met de asset owners om tafel gezeten. Daar is bijvoorbeeld afgesproken om wel de inspectiedata en -methodieken te delen, maar niet de procesdata.’ De deelnemers zaten al snel op één lijn. De gezamenlijke wens is een condition based methode: veilig, snel en gebaseerd op faalmechanismen. Bestaande fornuizen van de deelnemende asset owners kunnen fungeren als proeftuin (fieldlab), of om pilots uit te voeren. ‘We zijn nu in gesprek met allerlei partijen om hierin een rol te spelen. Van zzp’ers met heel specifieke kennis tot TU Twente. Door matchmaking en de combinatie van industrie met andere disciplines ontstaan hele leuke dingen. Als je daar een businessmodel bij vindt, dan ligt er mogelijk al binnen een jaar een oplossing.’ ■ MaintNL 3 - 2015 63

MQ Trends.indd 63

25-03-15 13:30


Cloud-oplossingen

Real time informatiemanagement via de cloud We kennen allemaal Gmail, Dropbox en Office365. Voorbeelden van softwareprogramma’s die draaien in de cloud. En zo zijn er talloze voorbeelden. Maar hoe zit het met de softwarepakketten die bedrijven gebruiken? Gaan die ook de cloud in? En wat betekent dat voor de functionaliteit ervan? Pieter Pulleman Er is in beginsel geen verschil tussen een maatwerk softwarepakket en een cloudversie, zegt hoofdredacteur Robbert Hoeffnagel van het IT-vakblad CloudWorks. ‘Een cloud-pakket is geen afgeleide. De pakketten zijn veelal volledig gelijk.’ Managing director Stephen Chadwick van Dassault Systèmes beaamt dat. ‘Onze Product Life Cycle Management-software is beschikbaar ‘on premise’ en in de cloud. Het pakket is in beide gevallen hetzelfde, het is de keuze van de gebruiker welke optie het beste past.’ Datzelfde geldt ook voor de pakketten van Ultimo, zegt directeur Ewout Noordermeer. ‘Onze pakketten zijn af te stemmen op de specifieke wensen van gebruikers. Dat verandert niet door de cloud. Ook de functionaliteit van de software verandert niet. Dat geldt ook voor doorontwikkeling. Dat deed je al en blijf je doen.’

naliteiten in een programma. Dat kan doorgaans tegen lagere kosten, omdat er geen investeringen nodig zijn in high-end servers en dataopslag.’

is vaak echter niet zo, terwijl de cloud-aanbieder dat juist als kernactiviteit heeft.’ Een laatste maar zeker niet onbelangrijk voordeel: de software wordt continu bijgehouden en onderhouden. ‘Van traditionele softwarepakketten verschijnt hooguit één maal per jaar een nieuwe versie vol nieuwe functies en oplossingen voor eventuele softwarefouten en bugs. Een cloud-gebruiker werkt altijd met de meest recente versie van de software, zonder dat hij daar zelf iets voor hoeft te doen.’

Vier voordelen

Vier keuzes

Vanuit IT-oogpunt biedt de cloud-standaard vier voordelen, zegt Hoeffnagel. ‘Als je snel extra capaciteit nodig hebt, kun je snel opschalen. Tijdelijk twintig extra licenties? Geen probleem. Terwijl je bij een traditionele oplossing vaak vast zit aan een contract van minimaal een jaar. Bovendien kun je in de cloud ook gemakkelijk terugschalen.’

Ontzorgen, noemt directeur Ewout Noordemeer van Ultimo het aanbieden van software in de cloud. Het bedrijf is bekend als leverancier van modulaire softwarepakketten, onder meer voor de onderhoudssector. Grofweg zijn er vier keuzes als het gaat om het kiezen van een softwarepakket, zegt hij. ‘Installatie binnen de eigen IT-infrastructuur van de gebruiker is de klassieke vorm. In de cloud kan een klant nog steeds het gebruiksrecht afkopen. Dan verzorgen wij alleen de hosting. Hij heeft dat geen zorgen over de technische infrastructuur. Dan heb je nog Software as a Service (SAAS), waarbij de gebruiker een fee per maand betaalt. SAAS kan bij ons op twee manieren; met standaard functionaliteiten, of flexibel met klantspecifieke oplossingen.’ Het voordeel van software als dienst is dat de gebruiker geen investeringen hoeft te doen en een korte opzegtermijn heeft. ‘Een lage instap en een laag risico.’ Chadwick: ‘Dit in tegenstelling tot een ‘on premise’oplossing, waarin je investeert voor de levensduur van een business.’

Niet per se goedkoper

‘Een cloud-gebruiker werkt altijd met de meest recente versie van de software, zonder dat hij daar zelf iets voor hoeft te doen.’

Software afnemen via de cloud is niet per se goedkoper, volgens Hoeffnagel. ‘De cloud kan goedkoper uitvallen, maar duurder komt ook voor. Het gaat er om dat je van vaste naar flexibele kosten gaat en dat je snel kunt opschalen. Dat is belangrijk voor bedrijven. Er zijn er die met plezier tien procent meer betalen aan de cloud, als ze niet zelf in personeel en hardware hoeven te investeren.’ Chadwick: ‘De cloud is vooral interessant voor kleine en middelgrote bedrijven om hun mogelijkheden te vergroten en te profiteren van het brede aanbod aan functio-

Voordeel twee is dat het de gebruiker het technisch beheer kan uitbesteden. ‘Je hebt geen systeembeheerder meer nodig. Dat geeft bedrijven veel rust, want het beheer van de IT-infra hoort niet bij de kernactiviteit. In de cloud kun je dat allemaal per maand extern inhuren, dus krijg je variabele kosten.’ Het derde punt is veiligheid. Is werken vanuit de cloud wel veilig, vragen veel mensen zich af. ‘In feite is dat een vreemde houding, want het veronderstelt dat zijzelf die veiligheid wél onder controle hebben. Dat

64 MaintNL

MU Cloud.indd 64

Online samenwerken Dassault Systèmes is het op één na grootste softwarebedrijf van Europa. Het bedrijf biedt het 3DEXPERIENCE-businessplatform aan voor het managen van de hele life

3 - 2015

25-03-15 13:32


Cloud Computing

cycle van een product (Product Life Cycle Management, vanaf het eerste conceptontwerp tot en met het onderhoud). Het programma maakt het mogelijk voor (bijvoorbeeld) ontwerpers, marketeers of engineers om online samen te werken. Daarmee is het een ander product dan bijvoorbeeld de beheersoftware. De cloud-oplossing van het bedrijf maakt het mogelijk voor bedrijven om te innoveren rondom een product zonder last te hebben van allerlei interne systemen die niet op elkaar aansluiten. ‘Eenvoudig op te zetten en te gebruiken’, zegt Chadwick.

Efficiënt innovatieproces Volgens Chadwick is een groot voordeel van werken in de cloud dat het samenwerken in de supply chain een stuk eenvoudiger wordt, omdat je data snel en eenvoudig kunt delen. ‘En dat biedt veel voordelen. Aan de kostenkant door een betere efficiency in het ontwerp en innovatieproces, maar zeker ook in de uitvoering. Want sneller innoveren en de innovatie sneller naar de markt brengen, is tegenwoordig erg belangrijk. Om dat te bereiken moeten

diverse afdelingen in een bedrijf kunnen samenwerken. Van marketing en sales tot engineering, logistiek en finance. Om de dynamiek van een innovatief product te begrijpen voordat het naar de markt gaat.’ De pakketten van Ultimo zijn niet specifiek toegespitst op online samenwerken, zegt Noordermeer. ‘Dat is niet de primaire aard van onze applicatie. Die is vooral toegespitst op beheertaken in het onderhoud, zoals het opvolgen van storingen of het plannen van preventief onderhoud, alsook het managen van bijvoorbeeld werkvergunningen, incidenten, wachtoverdracht en modificaties. In de cloud betekent wel anytime, anywhere toegang. Dus ook vanaf thuis, of onderweg en eventueel voor derden, zoals contractors.’

Oplossingen voor kleinere ondernemingen De cloud zorgt ook voor een verandering aan de kant van de softwareontwikkelaars, zegt Hoeffnagel. ‘Traditionele aanbieders hebben vaak veel kennis in huis, maar zijn nog wel eens traag als er iets nieuws ontwikkeld moet worden. Die worden links

en rechts ingehaald door nieuwe aanbieders die snel de gewenste oplossingen leveren. Oplossingen voor kleine en middelgrote bedrijven met een gemiddelde vraag die niet alle functionaliteiten nodig hebben. Maar die nieuwe oplossingen kunnen zelfs voor grote bedrijven relevant zijn. Het is maar waar je de nadruk op legt: uitgebreide functionaliteit die zomaar een half jaar of langer tijd in beslag neemt om te implementeren, of een snelle aanpak die misschien niet voor de volle honderd procent ideaal is, maar wel voldoet en bovendien per direct in gebruik kan worden genomen.’ Hij noemt het programma Salesforce als voorbeeld. ‘Van oorsprong een CRM-programma. De makers hebben het mogelijk gemaakt voor anderen om een eigen module te ontwikkelen en eraan te hangen. Dus zijn er nu allerlei van die modules voor uiteenlopende functionaliteiten.’

Minder maatwerk? Of er door de cloud minder maatwerksoftware is, is de vraag, zegt Hoeffnagel. ‘Als het erom gaat of er minder maatwerkproMaintNL 3 - 2015 65

MU Cloud.indd 65

25-03-15 13:32


Snel op weg met kostenramingen

DACE Prijzenboekje met online richtprijzen voor industriële procesinstallaties Praktisch en onmisbaar bij • Raming van projecten • Kostenafweging van alternatieve uitvoeringen • Toetsing van offerteprijzen • Vergelijking eigen prijzen met marktprijzen DACE Price Booklet is nu ook te raadplegen via de website www.dacepricebooklet.com! De 30e editie van het DACE Prijzenboekje bestaat vanaf nu naast het vertrouwde boekje ook uit een website, www.dacepricebooklet.com, als waardevol hulpmiddel bij het samenstellen van uw kostenramingen voor industriële procesinstallaties. U vindt richtprijzen voor vrijwel elk onderdeel van een procesinstallatie. Specifieke kosteninformatie wordt gegeven voor procesapparatuur, pijpleidingmateriaal, elektrotechniek, instrumentatie, schilderwerk, isolatie en bouwkunde. Tevens bevat het kengetallen per m2 oppervlakte voor productie-, magazijn-, kantooren laboratoriumgebouwen en bouwdeelprijzen voor bouwkundige, installatietechnische en civieltechnische componenten. De richtprijzen reflecteren werkelijk gemaakte kosten en zijn niet slechts een afspiegeling van catalogusprijzen. DACE Prijzenboekje / Price Booklet en website wordt verzorgd door leden van de DACE Special Interest Group Cost Engineering Process Industry, kostendeskundigen die actief betrokken zijn bij investeringsprojecten en midden in de praktijk staan. Ga voor uw bestelling of een abonnement naar www.bimmedia.nl/prijzenboekje of www.dacepricebooklet.com of bel 070 304 67 77

Advertenties II.indd 66

25-03-15 13:08


Cloud-oplossingen

gramma’s worden gemaakt; ja, dat is duidelijk op zijn retour. Vroeger zei ieder bedrijf: ‘wij zijn uniek’. Tegenwoordig kijkt men of het niet beter is om de eigen werkwijze iets aan te passen, zodat een standaardapplicatie voldoet.’

‘De mogelijkheid om apparaten te laten communiceren, is bij uitstek iets dat via de cloud verloopt.’ Bedrijven die met eigen maatwerksoftware werken en in de cloud verder willen, moeten een risicoafweging maken, zegt de hoofdredacteur. ‘Kunnen ze alle belangrijke functionaliteiten in de cloud krijgen? Soms is dat te riskant. Dan is het beter het eigen pakket ‘te bevriezen’ en de aanvullende functionaliteit uit de cloud te halen en die aan hun applicatie te koppelen. Dat kan best ingewikkeld worden, dus daar moet je echt goed naar kijken.’

Ontwikkelingen De technologische ontwikkelingen blijven doorgaan. Volgens Noordermeer betekent dat in algemene zin nog meer ‘anytime en anywhere toegang in steeds mooiere vorm’.

‘Denk aan mobiel werken, met smartphone, tablet of andere mobiele devices. Die functionaliteit gaat enorm toenemen. Over pakweg vijf jaar is er geen verschil meer. Traditionele werkplekken zullen op termijn verdwijnen.’ De cloud maakt ook het ‘internet of things’ gemakkelijker, denkt Noordermeer. Maar het is volgens hem niet per se cloud-afhankelijk. ‘We hebben al jaren klanten waarbij meetapparatuur bij een bepaalde waarde een signaal online doorgeeft, zodat onderhoud just in time kan plaatsvinden. Maar de verbeterde webtechnologie en de toename in communicatiemogelijkheden maken het wel gemakkelijker. Het ‘internet of things’ is een niet te ontkennen trend. Apparaten zullen nog meer met elkaar communiceren. We zien hierdoor wel een toename in de input data.’ Chadwick: ‘Absoluut. De mogelijkheid om apparaten te laten communiceren, is bij uitstek iets dat via de cloud verloopt. Dat zal toenemen.’

Real time informatiemanagement Hoeffnagel: ‘Gegevens verzamelen we natuurlijk al decennia, maar nu komen onderhoudsgegevens in real time beschikbaar en daarmee dus ook real time analyse en actie. Dat is wel de holy grail van de IT; van reactief naar proactief. Vanuit de IT komen er steeds meer tools om dat in real time te ondersteunen. Vroeger was

ONDERHOUDSKOMPAS In de Top Tien Trends van het NVDO Onderhoudskompas vinden we op nummer 3 Analytics. Analytics verwijst naar het proces van het verzamelen, ordenen en analyseren van data om patronen en andere nuttige informatie te ontdekken. Deze technologie ontwikkelt zich in een sneltreinvaart, doordat de data steeds toegankelijker wordt en de opslag ervan steeds goedkoper wordt (door bijvoorbeeld de ‘cloud’). Bedrijven hebben vaak moeite om met deze ontwikkeling mee te groeien, waardoor het gebruik van data voor onderhoudsorganisaties nog te vaak onderbenut blijft. Dit terwijl data tegenwoordig wordt gezien als een van de meest waardevolle assets van een organisatie. Om deze waarde te benutten moeten organisaties hun data behandelen als een supply chain van analytics: 1. De supply chain start wanneer data wordt aangemaakt of geïmporteerd. 2. Deze data wordt geanalyseerd, waardoor informatie ontstaat. 3. Deze informatie kan worden gebruikt om inzicht te creëren. 4. Middels deze inzichten kunnen bedrijven betere beslissingen maken. 5. De beslissingen helpen meerwaarde voor de organisatie te realiseren. Die meerwaarde kan op verschillende vlakken gevonden worden; kosten, beschikbaarheid, kwaliteit, veiligheid en snelheid van werken.

dat voorbehouden aan grote organisaties, maar het is nu al mogelijk via de cloud.’ Chadwick: ‘Specifiek voor de maintenance zie ik bijvoorbeeld voordelen voor het real time managen van onderdelenvoorraden. Just in time inkoop van onderdelen. En real time maintenance door derden wordt gemakkelijker als de fabrikanten hun data beschikbaar stellen in de cloud. En dat is ook precies wat wij bieden via onze software. Alle toeleveranciers rondom een productinnovatie moeten namelijk zeker weten dat zij de meest recente Bill-Of-Material (BOM) en productinformatie gebruiken en daar ook 24/7 toegang toe hebben. En dat hele proces verloopt via de cloud.’

Meer cloud Noordermeer ziet de belangstelling voor cloud-oplossingen de laatste jaren toenemen. Twee jaar geleden koos ongeveer vijftien procent van hun klanten voor de cloud, nu is dat ongeveer het dubbele. Chadwick voorziet meer adoptie van de cloud. Afgestudeerden van nu zijn gewend aan een dagelijkse samenwerking in de cloud, zegt hij. ‘Jongeren van tegenwoordig zijn gewend om te werken met Google of Microsoft cloud-applicaties. Ze gebruiken software wanneer ze die nodig hebben en hebben het niet meer op hun eigen device. Zij vinden nu banen in de industrie en worden de decision makers van de toekomst.’ Noordermeer: ‘Het ‘internet of things’ en de cloud, het zijn wat mij betreft vooral definitiekwesties. De cloud is huren in plaats van kopen, waarbij je ontzorgd wordt en geen investeringen hoeft te doen. Dat is voor ons de essentie.’ Hoeffnagel: ‘De vraag moet niet zijn of je beter in de cloud of intern werkt, maar wat je nodig hebt. Wat is in jouw situatie de beste oplossing? Welke kant wil je op met je bedrijf? Ga je bijvoorbeeld meer service verlenen? En wat betekent dat voor je IT?’ Noordermeer: ‘Precies. Natuurlijk zijn er de nieuwe technologische ontwikkelingen, maar het begint met een bedrijfseconomische afweging.’ ■ MaintNL 3 - 2015 67

MU Cloud.indd 67

25-03-15 13:33


De Vloer Op

Veilig trainen dankzij goed onderhoud Op de Maasvlakte ligt het grootste trainingscentrum van Falck Nederland. Hier worden diverse veiligheidstrainingen gegeven. Op uiteenlopende oefenobjecten worden praktijksituaties zo realistisch mogelijk nagebootst. Ook het onderhoud is daardoor zeer divers. Dat blijkt wanneer wij een dagje meelopen met Marcel Stello van de Technische Dienst. Fiona van Kessel

Het trainingscentrum heeft een oppervlakte van zo’n 4,5 hectare. Wat meteen opvalt als je langs het terrein rijdt, zijn de half afgebrande gebouwen, het nagebootste ‘fabrieksterrein’, de grote schepen en de indrukwekkende helikopter die naast het hoofdkantoor staat. De schepen zijn omgebouwd tot zeer multifunctionele ruimtes. In een van de schepen kan geoefend worden met onderdelen uit een helikopter, zoals de stoelen en de gordels. De oefeningen die daar plaatsvinden zijn voornamelijk voor de beginners bedoeld en worden daarom nog niet in het water gedaan. Een verdieping daarboven bevinden zich verschillende klaslokalen. Bovenin ligt Stello’s drijvende kantoor, dat een prachtig uitzicht heeft op de zogenaamde brandplaat, een oefenvlakte voor de brandweer.

Diverse werkzaamheden Bij het trainingscentrum werken 150 werknemers. Samen met zijn tien collega's is Marcel Stello verantwoordelijk voor het onderhoud. Hij houdt zich voornamelijk bezig met het onderhoud van het maritieme gedeelte van het terrein. Op dit deel worden vooral trainingen voor de offshore gegeven. Door zijn liefde voor het water is hij ruim tien jaar geleden bij het van oorsprong Deense bedrijf terechtgekomen. ‘We zijn een maritiem- en een brandweertrainingscentrum. Binnen het maritieme deel geven wij veiligheidstrainingen aan mensen die werkzaam zijn in de offshore-, maritieme- en windin-

68 MaintNL

MD De vloer op.indd 68

dustrie. Het maritieme trok mij destijds heel erg aan. Ik speelde met bootjes en deed als hobby aan duiken. Via het duiken kwam ik in contact met iemand die hier werkte. Die vertelde mij dat ze hier ook trainingen in een zwembad geven en zodoende heb ik destijds in 2003 een open sollicitatiebrief gestuurd. Dit heeft toen goed uitgepakt: ik mocht beginnen als assistent-instructeur en voerde tevens onderhoud aan het zwembad uit. Toen ik het duiken steeds minder leuk begon te vinden, ben ik bij de Technische Dienst terecht gekomen.’ Met een team van tien man zorgt hij ervoor dat elke oefenruimte en simulator op het terrein goed worden onderhouden zodat ongelukken worden voorkomen.

‘Mijn werkzaamheden verschillen van dag tot dag.’ Stello: ‘Dit gaat van een likje verf tot uitgebreide laswerkzaamheden. Op dit moment zijn wij bezig met het nabouwen van een accommodatie in een schip. Mijn werkzaamheden verschillen van dag tot dag. Soms zijn er wat grotere klussen waar je wat langer mee bezig bent, maar het komt ook wel eens voor dat er ergens een lampje stuk gaat. Dat moet natuurlijk ook in orde worden gemaakt.’

Oefenobjecten Buiten het hoofdgebouw krijgt een groep cursisten een training bij de helikopter. Dit is een trainingssimulator om helikopterbranden mee te oefenen en mensen op te leiden die de helikopter bij aankomst en vertrek op het platform begeleiden, het voorzien van brandstof en de passagiers van en aan boord helpen. Ook wordt getraind op kleine incidenten, zoals brand in de motor, die zich voor kunnen doen. Er komt op het moment veel rook onder de motorkap vandaan inclusief toepasselijke helikoptergeluiden. Deze training is slechts een greep uit het brede scala aan scholing dat Falck in Nederland aanbiedt. Een gesimuleerd auto- en vrachtauto-ongeluk, een fabriek die in brand staat en een helikopter die te water raakt, het zijn allemaal bedrijfsscenario’s waar bij het bedrijf op kan worden geoefend. Er wordt gewerkt met herkenbare oefenobjecten. Op deze manier is het mogelijk scenario’s zo realistisch mogelijk na te bootsen. Maar al deze oefenobjecten en onderdelen hebben natuurlijk ook veel onderhoud nodig.

Bijspringen waar nodig ‘Binnen het bedrijf werken wij met het digitale onderhoudsprogramma Safety Portal Maintenance. Het programma geeft aan welke taken er moeten worden uitgevoerd. Werknemers kunnen ook in het programma aangeven dat er storingen zijn. Dit kan een grotere taak zijn, maar ook zoiets simpels als het ophangen van een plank of deze iets steviger bevestigen. Daarnaast heb ik ook mijn vaste taken bij het onderhoud van het zwembad. Ondanks dat de maritieme kant en brandkant van het terrein zo veel van elkaar verschillen, blijft het team overal inzetbaar. Iedereen heeft ook zijn eigen taken waarin die is gespecialiseerd, maar vindt het ook

3 - 2015

25-03-15 13:24


FOTO’S: FIONA VAN KESSEL

geen probleem om ergens bij te springen als dat nodig is. Falck heeft verschillende vestigingen in Nederland. Mocht er iets gebeuren bij de andere trainingslocaties in Amsterdam of Den Oever, dan kan het ook zo zijn dat ik ‘s morgens in de auto stap om daar werkzaamheden te verrichten.’

Intensief gebruik van materiaal Het grootste gedeelte van de technische medewerkers bekommert zich om de brandkant. De brandkant is het grootste gedeelte van het bedrijf. Het is volgens Stello dan ook vanzelfsprekend dat daar het meeste kapot gaat en dus ook het meeste onderhoud nodig is. Aan de maritieme kant staan drie medewerkers. Assets die hier onder andere onderhouden worden zijn de lifeboats en de davits waaraan ze vastzitten. Ook de

PROFIEL Naam: Marcel Stello Leeftijd: 41 jaar Opleiding: Elektrotechniek Bedrijf: Falck Functie: Technisch medewerker Soort werkzaamheden: Onderhoud op het maritieme gebied.

twee drijvende pontons vergen onderhoud. ‘Zonder onderhoud gaan zaken stuk, zeker hier. We steken dingen echt in brand en als je daar geen onderhoud aan pleegt, zorgt dat voor gevaarlijke situaties. Het zwembad heeft ook veel onderhoud nodig, dit is vaak zo simpel als het chloor en zwavel bijvullen en de filters checken. Maar ook de trainingsmaterialen controleren zoals de gordels in de helikoptersimulator. Die worden heel intensief gebruikt en moeten goed onderhouden worden. Sommige dingen gaan regelmatig stuk, bijvoorbeeld de reddingssloepen. Wij leren hier mensen ook varen en natuurlijk is niet iedereen daar meteen heel goed in. Het gebeurt regelmatig dat er ergens tegenaan wordt gevaren. We gebruiken dan de hijskraan om de sloep uit het water te hijsen en hem weer te repareren.’

Helikoptersimulator Vandaag moet Stello het zwembad nog inspecteren. Als we daar naartoe lopen, komen we onderweg wat cursisten met witte helmen tegen. Maar liefst tachtig procent van alle cursisten komt uit het buitenland. Velen van hen volgen de helikopter-onderwater-training. Stello: ‘Zodra je in Europees water op een platform wilt werken, ga je er of met een schip of met een helikopter heen. Wanneer je met een helikopter gaat,

ben je verplicht een veiligheidstraining te hebben gevolgd.’ Het zwembad ligt op de Triton-boot. Wanneer je hier binnenkomt zie je gelijk de doorzichtige helikoptersimulatie hangen. De simulatie is een soort helikopter zonder voor- en achterkant, met binnenin acht zitplekken. Via een kraan, die er speciaal voor is gebouwd, kan hij het zwembad dat erachter ligt in worden gehesen. In het zwembad vinden voornamelijk trainingen met de simulator plaats. Maar het is ook geschikt voor het creëren van golven, wind, regen en voor het simuleren van realistische zee-omstandigheden. Er worden trainingen gegeven om te leren overleven op zee in noodsituaties en in het verlaten van een te water geraakte helikopter. Die laatste training wordt bijna dagelijks gegeven. Er worden daarom ook elke dag door Stello controletesten in het zwembad en aan de helikopter gedaan.

Onderwatertraining De controles vinden grotendeels plaats in de kelder onder het zwembad, waar enkele machines staan en waar het chloor- en zwavelgehalte kan worden gemeten. Hier gaat hij een lijst af met zaken die hij moet controleren. Boven sleutelt hij nog aan de simulator zelf. Stello legt uit waarom het zo belangrijk is om ook hier goed MaintNL 3 - 2015 69

MD De vloer op.indd 69

25-03-15 13:24


geeft meer waarde iMaintain is het managementblad met passie voor professioneel onderhoud. iMaintain richt zich op zowel opdrachtgevers als toeleveranciers van onderhoudsdiensten en –technologie, met artikelen over nieuwe technologie, projecten, asset management, waarde­creatie, contract- en samenwerkingsvormen, veiligheid, milieu en onderhoudswetenschap. In elke editie van iMaintain is het magazine MaintNL van de NVDO opgenomen.

+

www.imaintain.info

Abonnees ontvangen tien papieren edities per jaar,

TWAALFDE JAARGANG – LOSSE VERKOOPPRIJS € 17,00

iMaintain Nr. 02 - 2015

lezen het magazine ook online en blijven iedereen Ken de risico’s. Dan is alles beheersbaar. voor door een actueel beeld van de professionele onderhoudsindustrie.

02 15

AMprover® biedt inzicht, overzicht en controle. Zo beheerst u risico’s én bespaart u kosten.

iMaintain abonnees krijgen meer

Wilt u grip op uw bedrijfsprocessen? Kosteneffectief beheer en onderhoud van uw bedrijfsmiddelen? Uw kostenstructuur verbeteren door verantwoorde risicobeheersing?

Exclusief voor abonnees biedt www.imaintain.info toegang tot alle artikelen uit iMaintain. Bovendien kunt u de status van nieuwbouwprojecten en uitbreidingen volgen in de iMaintain projectendatabase.

Dat kan met het overzichtelijke softwarepakket AMprover®.

Maint

Het magazin

AMprover® helpt u uw risico’s in beeld te brengen en te beheersen. Daarmee voldoet

e van de

NL

NVDO

u aan de wet- en regelgeving. Bovendien bent u in staat de juiste afwegingen en beslissingen te maken in al uw processen. En dat niet alleen nu, maar over de gehele levensduur van uw bedrijfsmiddelen. AMprover® is ontwikkeld door Traduco, professionals op het gebied van Asset Management. Nieuwsgierig naar onze oplossingen? Ga naar www.traduco.nl of bel 072 5726525 MA cover

Onderhoud bij de marine: omgeving’ | Risicogestuur ‘Aanpassen aan een berekenen veranderende met bestaande d infrabeheer vergt lef | Faalkansen procesdata | ‘The Future is Now’

MaintNL.indd

25

ACEC

23-02-15

13:09

AMERICAN COUNCIL OF ENGENEERING COMPANIES

100 Years of Excellence

a wider perspective, focused on you

A Omslag.indd 1

Aanbieding

Lees een jaar lang tien papieren edities van het magazine iMaintain en bezoek als abonnee ook de online omgeving www.imaintain.info met 50% korting voor

maar € 47,50.

ONDERHOUD IN DE TOEKOMST HONDERD PROCENT VOORSPELBAAR? A Omslag Losse paginas.indd 1

25-02-15 25-02-15 13:29 11:09

Digitaal abonnement en 10x print voor

€ 47,50

Abonneren?

Ga naar www.bladenbox.nl/?imaintain en bestel! Of bel 0900-2265263 en vraag naar de speciale beursaanbieding MNEXTbeurs2015 Deze actie is geldig t/m 1 mei 2015

Als abonnee van MNEXT abo adv.indd 70

blijft u iedereen voor 25-03-15 13:29


Oefenen met vloeistoffen en gassen Wanneer Stello’s taken in het zwembad zijn afgerond, lopen we richting het brandgedeelte van het centrum. Op het terrein worden hout, vloeistoffen en gassen gebruikt voor het stoken van echte vuren die vervolgens gecontroleerd worden geblust met behulp van water, schuim, poeder of CO2. Net als bij het maritieme deel, speelt onderhoud hier weer een belangrijke rol. Stello: ‘De gas en brandstof die wij gebruiken komt binnen via een leidingensysteem en dat moet ook goed onderhouden en gecontroleerd worden. Het mag niet zo zijn dat je ergens een kraan opendraait en verwacht dat er op punt a gas uitkomt, maar er vervolgens door lekkage verderop al gas uitlekt. Dat soort situaties zijn levensgevaarlijk.’ Gelukkig is zo’n situatie nog nooit voorgekomen.

‘Dit zijn intensieve trainingen, niet alleen voor de deelnemers, maar ook voor het materiaal.’ Structuur

onderhoud te doen: ‘Wekelijks worden alle bouten en moeren, de stoelen en kabels van de simulator gecontroleerd. Tijdens trainingen gaan cursisten in de helikoptersimulator onder water en moeten ze eruit ontsnappen. Dit zijn intensieve trainingen, niet alleen voor de deelnemers, maar ook voor het materiaal. De bouten moeten goed worden bijgedraaid en de veiligheidsgordels moeten worden gecontroleerd. Mensen die de helikoptertraining volgen zijn vaak al heel zenuwachtig. Wanneer er dan een veiligheidsgordel blijft hangen, zorgt dat alleen maar voor meer onnodige stress.’

Het onderhoud wordt grotendeels intern uitgevoerd, tenzij het ten behoeve van certificering van materialen of inspecties uit handen gegeven moet worden. Zo wordt de helikoptersimulator één keer per jaar door de Canadese leverancier Servival Systems gecontroleerd. Die komen daarvoor naar Nederland toe. Door de strenge eisen die met name de offshore-industrie stelt, zijn er ook een aantal certificeringen waaraan het bedrijf naast de overheidscertificering aan moet voldoen, zoals de NOGEPA- (Nederlands Olie En Gas Exploratie en Productie Associatie) en de OPITO-certificering (Offshore Petroleum Industry Training Organization).

Aanpassingen in het onderhoud verlopen vaak via Stello. Dit zijn vaak de wat kleinere processen. De grotere aanpassingen bespreekt Stello met de manager Technische Diensten. Binnen het bedrijf wordt dan de afweging gemaakt hoe hard het nodig is en wat de toegevoegde waarde van de aanpassing is. ‘Wij zijn hier als Technische Dienst niet met zijn allen om het wiel opnieuw te gaan uitvinden. Juist doordat we overal en nergens komen en met veel uiteenlopende zaken bezig zijn, is een goede structuur heel belangrijk.’

Onderhoudsstop Deze zomer heeft het bedrijf een onderhoudsstop van drie weken waarbij tachtig procent van de werkzaamheden stil wordt gelegd. Tijdens deze periode wordt het zwembad geverfd, de blusvijver geleegd en het asfalt, beton en staal gerepareerd. Het grootste gedeelte van deze werkzaamheden wordt uitbesteed, maar staat nog wel onder leiding van Falck. Het is voor het bedrijf voor het eerst dat ze de trainingen zo lang stil leggen. ■ MaintNL 3 - 2015 71

MD De vloer op.indd 71

25-03-15 13:24


Nieuws REACH kan zonder zware regeldruk De wettelijke verplichtingen voor het registreren, evalueren en toelaten van chemische stoffen, vastgelegd in REACH, kan het beste zonder te veel regeldruk worden gehandhaafd. Dat is het advies van Actal, het Adviescollege toetsing regeldruk. Nederland heeft als eerste EU-land een plan gemaakt om de regeldruk van de REACH-regels te beperken. Actal heeft over dit plan een advies uitgebracht. Het adviescollege vindt dat verplichtingen moeten worden geschrapt voor stoffen die aantoonbaar beperkt effect hebben op gezondheid en milieu. Ook is het verstandig om duidelijk te maken hoe de REACH-regels zich verhouden tot de Nederlandse Arbo-regels. Het is verder aan te bevelen om in Europa te bepleiten dat er geen onnodige verschillen zijn tussen de lidstaten ten aanzien van de grenswaarden en de strengheid van het toezicht. Maak REACH-informatie over ‘veilig werken’ eenduidig en consistent: zorg dat ondernemers ant-

woord krijgen op hun concrete vragen vanuit de praktijk. Idealiter is er straks één herkenbare REACH-‘zender’ en verwijzen zowel de overheid als de brancheorganisaties hiernaar. REACH legt de verantwoordelijk voor het veilig gebruik van stoffen bij de ondernemer. Dit gaat samen met een forse regeldruk en hoge kosten voor het bedrijfsleven, vooral voor het midden- en kleinbedrijf. Dit wordt nog verzwaard door de gelijktijdige invoering van de CLP-verordening met verplichtingen voor etikettering en verpakking voor mengsels. ‘Een mkb-ondernemer hoorde ik laatst verzuchten ‘een litertje verf gaat gepaard met een kilo papier’. Dat schetst treffend de aanzienlijke verplichtingen’, aldus Jan ten Hoopen, collegevoorzitter van Actal. Nederland heeft als eerste EU-lidstaat een plan gemaakt om de kosten van REACH te verminderen. Actal juicht dit toe. Het plan bevat veel kansrijke verbeteringen. Bijvoorbeeld: als een sector

een algemeen ‘blootstellingsscenario’ ontwikkelt, hoeven de bedrijven in die sector geen bedrijfsspecifiek blootstellingsscenario’s te maken. De overheid kan hierin een belangrijke ondersteunende rol spelen.

Betere afstemming Het kabinet kan extra stappen zetten. Bijvoorbeeld door de risicobenadering verder door te voeren na 2018, en geen verdere eisen te stellen aan stoffen met een beperkt risico voor gezondheid en milieu. Ook kunnen de – Europese en Nederlandse – wetgevingsregimes over gevaarlijke stoffen worden geharmoniseerd om inconsistenties en overlap weg te nemen. Daarnaast kan veel worden bereikt door een betere afstemming tussen EU-lidstaten op het gebied van toezicht.

Verplichtingen door REACH Producenten en importeurs van chemische stoffen moeten alle stoffen registreren die ze produceren of importeren. Deze plicht geldt alleen voor stoffen waarvan minimaal duizend kilo per jaar wordt geproduceerd of geïmporteerd. Uiterlijk in 2018 moeten alle stoffen geregistreerd staan. Bij de registratie moet de producent of importeur onder meer aangeven of de stof schadelijk is. Ook moet hij vermelden hoe een gebruiker er veilig mee om kan gaan. Deze informatie komt ook in het Veiligheidsinformatieblad. Verkopers van chemische stoffen of mengsels moeten dit Veiligheidsinformatieblad meegeven aan professionele gebruikers. De verkoper hoeft het Veiligheidsinformatieblad niet mee te geven aan niet-professionele gebruikers. Bijvoorbeeld aan iemand die zijn eigen huis schoonmaakt met een schoonmaakmiddel. Wel kan iedereen informatie over de stoffen in het product opvragen bij de leverancier.

Categorieën stoffen onder REACH Alle chemische stoffen vallen onder REACH, op een paar uitzonderingen na, zoals radioactieve stoffen en afvalstoffen. Hiervoor geldt andere wetgeving. Stoffen die zijn verwerkt in preparaten vallen ook onder REACH. Net als stoffen in voorwerpen waarvan het de bedoeling is dat ze er eruit komen. Bijvoorbeeld inkt uit een inktpatroon.

72 MaintNL

MJ Korte berichten.indd 72

3 - 2015

25-03-15 13:26


Nieuws

Machinebouwers hebben wind mee in 2015 Het nieuwe jaar is positief begonnen. Niet alleen nam de inkoopmanagersindex in januari toe ten opzichte van december, ook het producentenvertrouwen behield zijn relatief hoge niveau. Beide indicatoren geven aan dat het sentiment onder ondernemers nog steeds positief is en daarmee is een goede basis voor 2015 gelegd, stelt het Economisch Bureau van ABN Amro. ‘Ons basisscenario gaat ervan uit dat we in 2015 en in 2016 productiegroei zullen zien in alle branches van de sector industrie’, schrijft ABN Amro. ‘Het jaar 2014 was nog een overgangsjaar, waarin onzekerheid over de economische ontwikkelingen in Nederland en daarbuiten de boventoon voerde. Die onzekerheid kwam tot uiting in het sentiment over

onder meer de inkomende orders, de bezettingsgraad en de toename van het aantal uitzenduren. Daarnaast bracht het Oekraïne-Ruslandconflict ook veel onzekerheid met zich mee. Ondanks dat de geopolitieke problemen nog niet uit de wereld zijn en nog steeds een risico vormen, lijkt het huidige sentiment van industriële ondernemers erop te duiden dat het vertrouwen grotendeels terug is.’ De machine-industrie is het beste jongetje van de klas. Zowel voor 2015 als voor 2016 rekent ABN Amro daar op een groei van 7,0 procent. Geen andere industriesector kan daaraan tippen. ‘Het vertrouwen was al weer enige tijd te zien in de machine-industrie. Daar is 2014 zeker geen overgangsjaar geble-

ken, alhoewel in het laatste kwartaal de productie met 1,5 procent kromp. Dit houdt verband met de krimp in orders vanuit Duitsland in het vierde kwartaal door de Oekraïne-Rusland-crisis. Over heel 2014 is de productie echter toegenomen met 5,2 procent, terwijl in 2013 de productie slechts toenam met 0,5 procent. De toename is vooral te danken aan het feit dat deze branche vooral op het buitenland is gericht. Ook voor dit jaar gaan wij ervan uit dat de machine-industrie een sterk groeiende branche binnen de sector industrie zal zijn. Dit zal wederom gedreven zijn door de aanhoudende buitenlandse vraag. Hier zullen de VS, Duitsland en opkomend Azië een voorname rol spelen.’

NVDO en SKF werken samen als het gaat om innovatiemanagement! Waarschijnlijk bent u al volop aan het innoveren op het gebied van producten, contracten, processen of anderszins. Maar écht succesvol innoveren is zo makkelijk nog niet en wat is er nodig voor een succesvolle innovatie? Allereerst moet een innovatie natuurlijk nodig en wenselijk zijn, belangrijk is dat u dit op de goede manier afweegt. Maar welke manier is de juiste? Daarnaast is het ook het nog de kunst om een innovatie succesvol te implementeren of te laten adopteren door het hoger management. Het is belangrijk dat u weet hoe u de innovatie stapsgewijs

aanpakt en tijdens dit proces niet het doel en zijn kracht verliest. Daarom organiseert de NVDO in samenwerking met SKF een innovatieve studiedag waar u leert hoe een innovatie tot stand komt en hoe u ervoor kunt zorgen dat innovaties succesvol worden. Het is unieke samenwerking waarbij de NVDO haar leden oproept om een case in te dienen (dus geen projectvoorstel), want maar liefst twee ingediende cases worden tijdens deze dag behandeld en uitgewerkt! Meer informatie treft u op www.nvdo.nl/kalender.

MaintNL 3 - 2015 73

MJ Korte berichten.indd 73

25-03-15 13:26


Nieuws

Nieuwe CUR-Aanbeveling 117 - Inspectie en advies kunstwerken Inspecties en advisering zijn van groot belang voor beheer en onderhoud van civieltechnische constructies. Een systematische werkwijze is belangrijk, zeker als er veel constructies moeten worden onderhouden. Hiervoor is er behoefte aan een uniforme beschrijving van inspecties en advisering over meerdere materiaalsoorten en kritieke onderdelen. Dit heeft geresulteerd in de nieuwe CUR-Aanbeveling voor inspectie en advies van civieltechnische kunstwerken en de daarbij behorende specifieke handboeken. In eerste instantie is de aanbeveling voor civieltechnische (infrastructurele) constructies, maar deze nieuwe aanpak kan ook voor objecten uit het bouwkundige en utilitaire vastgoed worden gebruikt. Er is aansluiting gezocht bij andere normen en richtlijnen, zoals de NEN 2767 Conditiemeting.

Risicogestuurd beheer en onderhoud In de nieuwe CUR-Aanbeveling is een start gemaakt met recente ontwikkelingen, zoals risicogestuurd beheer en onderhoud. De Aanbeveling is in samenwerking met het NVDO InspectiePlatform en opdrachtgevers ontwikkeld. Het begrijpen, ervaren en het samen veranderen richting risicogestuurd beheer en onderhoud is een must voor alle partijen. Er wordt naar gestreefd dat opdrachtgevers en de markt elkaar kunnen helpen om op een efficiënte manier een onderbouwing te kunnen geven waarom bepaalde financiële middelen voor inspecties en onderzoeken binnen het B&O-budget noodzakelijk zijn om efficiënt en onderbouwd om te gaan met budgetten om de risico’s voor beheerders en beleidsmakers te beheersen als onderdeel van asset management.

74 MaintNL

MJ Korte berichten.indd 74

De opdrachtgevers kunnen de richtlijn aanvullen of ervan afwijken. De mensen in het veld kennen immers hun kunstwerken als beste. Maar geef die wijziging dan wel duidelijk aan, ter voorkoming van misverstanden. ‘Doe er alles aan om veilig informatie uit het veld te halen. Vaak ga je met twee man, inspecteurs die samenwerken met een constructeur. Dat zijn natuurlijk kosten. Als het veiligheidsplan dat toestaat kan ook één persoon volstaan. Geef de argumenten.’ Een integraal onderdeel van de richtlijn zijn de binnenkort te verschijnen SBRCURnet-handboeken over staal, beton en hout. Bij gebleken draagvlak zullen ook uitgaven verschijnen over andere materialen, kritieke onderdelen en disciplines van de werktuigbouw, elektrotechniek en besturingstechniek. ‘Voor overheden zal de omgang met de CUR-Aanbeveling een leerproces zijn. De aanbeveling draagt bij tot het borgen van kennis bij inspecteurs, constructeurs en opdrachtgevers. Zeker als weer onverhoopt een wegwerker wordt doodgereden, besef je hoe belangrijk veiligheid is.’

Zes doelen De aanbeveling voor de inspectie op kunstwerken richt zich op zes doelen: • Professionalisering opdrachtgever en inspectiebranche. • Kennisborging. • Een goede uitvraag waarin de CUR de bouwstenen en het minimale niveau aangeeft. • Efficiënte inzet mensen en middelen. • Gezamenlijke beoordeling door inspecteur en constructeur. • Veiligheid.

3 - 2015

25-03-15 13:26


Gebouwde omgeving

Onderhoud halveert aantal storingen in Leidschendam Sinds de gemeente Leidschendam-Voorburg vanaf 2013 het onderhoud aan de technische installaties in zo'n negentig gemeentelijke gebouwen uitbesteedt, is het aantal storingen aan installaties met vijftig procent gedaald. Fiona van Kessel Het adviesbureau DWA helpt als regiepartner het traject in goede banen te leiden. Om al het elektrotechnisch en werktuigbouwkundig onderhoud zo goed mogelijk aan te pakken, hebben zij alle installaties in kaart gebracht en deze van een dienstverleningsovereenkomst voorzien. Het Rotterdamse bedrijf Breijer werd verantwoordelijk voor het beheer en onderhoud aan de technische installaties van alle eigen en verhuurde gebouwen van de gemeente. Volgens DWA viel de keuze op het bedrijf door het duidelijke plan van aanpak. Het Rotterdamse bedrijf heeft al ruim zeventig jaar ervaring met bouw- en installatieprojecten en was al werkzaam voor meerdere gemeenten.

gene te doen waar hij goed in is, namelijk installaties onderhouden en beheren. Doordat hij meedenkt met de opdrachtgever en anticipeert op mogelijke gebreken, worden problemen in de kiem gesmoord, wat veel storingen scheelt.’ Breijer kan zich hier in vinden. Bart Heggelman, manager operations: ‘Het contract is op een bepaalde manier opgezet, waarbij de verantwoordelijkheid voor het goed uitvoeren van het onderhoud bij ons ligt. Hierdoor wil je er nog zekerder van zijn dat wat je doet ook daadwerkelijk goed is. Het is een totaalpakket van preventief, correctief en planmatig onderhoud. Hierdoor zie je problemen beter aankomen en kan je daarop anticiperen.’

Anticiperen

‘Het is een totaalpakket van preventief, correctief en planmatig onderhoud.’

Met deze aanpak hoopte de gemeente te garanderen dat de installaties volgens afspraak worden onderhouden en beheerd. Op die manier moeten de gebouwen de afgesproken condities behouden. Nu, ruim een jaar later, lijkt dat met de halvering van het aantal storingen meer dan gelukt. Het dalen van de storingen komt volgens Wiebe Rozeveld, Senior Projectmanager bij DWA, omdat onderhoudsbedrijf ook het beheer over al het elektrotechnische en werktuigbouwkundig onderhoud heeft en meedenkt over de aanpak. Rozenveld: ‘Het is geen ‘poetsen en wrijven-contract’ maar een prestatiegericht contract, dat het reduceren van het aantal storingen in de hand werkt. De onderhoudsmedewerker wordt met de dienstverleningsovereenkomst gestimuleerd om dat-

Het bedrijf heeft verschillende vergelijkbare contracten lopen bij andere gemeenten, waaronder de gemeente Rotterdam.

Energiebesparing Onlangs werd het contract tussen de gemeente Leidschendam-Voorburg en Breijer verlengd. Nog steeds staat onderhoud voorop, maar er wordt de komende tijd ook meer aandacht besteed aan energiebesparing. Volgens Josette Blomsma, communicatieadviseur bij de gemeente, is energiebesparing iets dat al jaren de gemeentelijke aandacht heeft. ‘In het kader

van het Klimaatplan, een van de thema’s binnen de totale duurzaamheid van onze gemeente, proberen wij zelf het goede voorbeeld te geven. Een aantal kleinere gemeentelijke gebouwen zijn door energieaanpassingen nu voorzien van een hoger energielabel.’ Het onderhoudsbedrijf denkt actief mee over hoe er binnen de gemeente het beste energie kan worden bespaard. Heggelman: ‘Energiebesparing heeft verschillende lagen. De eerste laag is het inwerken van systemen, controleren van kloktijden en het adviseren over hoe er het beste gebruik kan worden gemaakt van de aanwezige installaties. Dit zijn onderdelen die je bij wijze van spreken vandaag al kan oppakken. Een tweede laag is dat je gaat kijken naar hoe er actief energie kan worden bespaard. Bijvoorbeeld door middel van led-verlichting of het vervangen van bepaalde pompen. Een derde laag is dat je zelfs verder gaat kijken en metingen gaat uitvoeren om te zien waar er veel energie verloren gaat. Vervolgens ga je uitzoeken wat je daar het beste aan kan doen. Hier gaan wij ons komend jaar ook meer mee bezig houden.’ ■ MaintNL 3 - 2015 75

MM Gebouwen.indd 75

25-03-15 13:28


Cursussen Kennis is onze kracht! Inschrijven kan eenvoudig via de Maintenance Academy op www.nvdo.nl Komende NVDO Cursussen Locatie: NVDO Verenigingsgebouw, tenzij anders vermeld 9 en 10 april Verkenning Asset Management In Company mogelijk Een integrale kijk op het beheer van assets, van ontwerp, gebruik, onderhoud tot ontmanteling, en het zorgdragen dat beslissingen en acties steeds ‘in line of sight’ zijn met het corporate beleid en strategie zijn voorwaardelijkheden voor goed asset management. Hiervoor is het noodzakelijk om een passend en doelmatig asset management systeem op te zetten en te implementeren. Asset management wordt dan ook meer en meer gezien als een competentie met een breed en integraal perspectief. De verdieping van de strategie in concepten en in plannen resulteert in opdrachtstellingen met bijbehorende budget voor de processen: asset-creatie/verwerving, asset-gebruik, asset-onderhoud, asset-verbetering en asset-ontmanteling. De prestaties en condities van de assets en asset management moeten worden gemeten, geanalyseerd en continu verbeterd. Voor de realisatie van deze processen moet een heldere en gestructureerde organisatie worden ingericht en moet de nodige competenties bij de medewerkers aanwezig zijn. En tenslotte moet het gehele proces ondersteund worden met IT en infrastructurele middelen.

Doel Na het volgen van deze cursus: • Heeft de deelnemer kennis van asset management definities en de vereisten genoemd in PAS 55 en ISO 55000. • Is de cursist zich bewust van de toegevoegde waarde van asset management voor zijn organisatie en kent hij de verschillende asset management domeinen en hun samenhang. • Beschikt de deelnemer over ‘field proven’ frameworks, modellen en best practices die concreet in de eigen situatie kunnen worden toegepast. Opmerking: Deze cursus is geaccrediteerd door het Institute of Asset Management (IAM) en behandelt alle IAM modules (A1-A2 en B1 t.e.m. B6). De deelnemer zal na het succesvol afronden van de bijbehorende toets een certificaat ontvangen met een uniek nummer uitgereikt door het IAM.

Programma Dag 1 Algemene Introductie en Introductie in Asset Manage• ment (AM). • PAS55 introductie en kennismaking met ISO 55000. • AM Model. • AM Elementen, Richtlijnen, Risk Manage­ment, Beleid en Strategie en Concepten.

76 MaintNL

MI Cursussen.indd 76

Dag 2 • Plan en Service Providing. • Performance en Metingen. • Analyses, Organisatie, Medewerkers en Middelen. • Implementatie.

14 april Storingsanalyse, maar dan Anders! In Company mogelijk De NVDO-cursus ‘Storingsanalyse, maar dan Anders!’ biedt deelnemers een complete aanpak voor het effectief en efficiënt oplossen van storingen. In één dag wordt geleerd: • Hoe een samenloop van omstandigheden of vaag probleem kan worden verduidelijkt tot een kernachtige omschrijving van storingsmelding(en). • Hoe alle informatie over een storing nauwkeurig beschreven kan worden, zodanig dat onderscheid wordt gemaakt tussen geruchten en feiten. • Hoe op een zo efficiënt mogelijke wijze de oorzaak van de storing kan worden bepaald. • Hoe de juiste maatregelen kunnen worden gekozen. • Hoe de samenwerking en de communicatie tussen de (interne)klant en de ‘storingsoplosser’ kan worden verbeterd. Denk bijvoorbeeld aan de relatie tussen TD-Productie. Resultaat: storingen worden sneller en definitief opgelost. Door betere samenwerking ontstaat een hogere beschikbaarheid van productie-installaties met lagere onderhoudskosten tot gevolg.

Doel Deelnemers worden getraind in een stap-voor-stap-aanpak, een systematische manier van denken voor het analyseren en oplossen van storingen. De deelnemer krijgt daarbij antwoord op de volgende vragen: • Hoe meld ik storingen duidelijk en welke vragen moet ik (mezelf) stellen om ervoor te zorgen dat ik alle relevante informatie verzamel die nodig is voor het oplossen van de storing? • Op welke wijze kan ik alle gegevens met betrekking tot een storing het beste (visueel) vastleggen, zodat de feiten door iedereen eenvoudig begrepen worden? • Hoe kan ik een nog niet opgeloste storing zorgvuldig overdragen aan een collega, zodanig dat hij direct met de analyse kan beginnen? • Hoe pak ik de analyse van de storing efficiënt en effectief wijze aan, zonder voorbarige conclusies te trekken? • Hoe bepaal ik op basis van de beschikbare informatie de juiste storingsoorzaak, zonder te vervallen in een aanpak van ‘trial and error’? • Hoe bepaal ik de beste maatregelen om de storingsoorzaak weg te nemen?

3 - 2015

25-03-15 13:26


Onderwerpen Tijdens deze eendaagse cursus worden eigen ervaringen uitgewisseld. De deelnemers krijgen een beeld van hun huidige werkwijze bij het analyseren van storingen. Vervolgens wordt stap-voor-stap een systematische aanpak voor storingsanalyse getraind. Daarbij worden korte stukken theorie steeds afgewisseld met vele praktische voorbeelden en oefeningen om vaardigheid te ontwikkelen in een kritische aanpak. Deelnemers ontvangen tijdens de cursus een syllabus. Voor toepassing van de methoden in het eigen bedrijf worden tevens digitale werkbladen beschikbaar gesteld.

Start 30 april VDM (Value Driven Maintenance) Masterclass Met VDM kan de onderhoudsafdeling snel veranderen in een professionele organisatie die bijdraagt aan het totale bedrijfsresultaat. Daarnaast helpt VDM bij het inrichten van de Meest Waardevolle Onderhoudsorganisatie. Hierbij wordt gebruik gemaakt van bewezen best practices van toonaangevende bedrijven, branchespecifieke benchmarks en de mogelijkheden van geautomatiseerde EAM-systemen. Honderden bedrijven over de gehele wereld hebben de kracht van VDM ontdekt, in uiteenlopende industrieën zoals de olie- en gasindustrie, chemie, voeding en farmacie, automotive, consumentenelektronica, maritiem en openbaar vervoer, havens, wegen, luchtvaart, defensie, energie en utiliteit. Allen met indrukwekkende resultaten.

baarheid, De toekomst van Reliability Engineering, Werkstroombeheer, Effectief uitbesteden van onderhoudswerkzaamheden, Optimaliseren reservedelen logistiek en Succesvol implementeren van EAM-systeem. Maintenance Business Experience De Maintenance Business Experience is een interactieve management game voor maintenance en reliability professionals waarbij alle geleerde facetten van de VDM-methodiek toegepast kunnen worden. Tijdens de MBE strijden verschillende onderhoudsteams tegen elkaar met als doel voor het fictieve bedrijf ‘Evolve’ een onderhoudsstrategie te ontwikkelen die de meeste waarde creëert. Het team dat na vier fictieve begrotingsjaren de grootste economische waarde heeft gecreëerd, wint de Most Valuable Maintenance Award.

19 en 20 mei Duurzaam Spare Parts Management; Voorraadbeheersing 2.0 In Company mogelijk

De VDM Master Class leert u hoe u met onderhoud toegevoegde waarde kunt creëren. Daartoe zult u de VDM-methodologie leren toepassen op uw eigen situatie en de door u ontworpen Meest Waardevolle Onderhoudsorganisatie implementeren binnen uw organisatie. De VDM-methodiek bevat een kwantitatief besturingsmodel waarmee inzichtelijk wordt gemaakt hoe onderhoud een positieve bijdrage kan leveren aan de waardecreatie binnen het bedrijf.

Voorraadbeheersing in onderhoud is heel wat meer dan materiaal bestellen, ontvangen, op de juiste schappen leggen en vervolgens weer uitgeven. Het is een complex en moeilijk vak en het verschilt ook aanzienlijk van voorraadbeheersing van productiematerialen. Elke honderd euro aan voorraadwaarde kost een bedrijf jaarlijks minimaal 25 euro; kosten die in veel ondernemingen maar zelden gemanaged worden. En dan hebben we het nog niet over kosten van productiestilstanden omdat reservedelen niet tijdig beschikbaar zijn. Want die kunnen een veelvoud bedragen van de materiaalkosten. Met duurzaam spare parts management streven we naar het vermijden van onnodige voorraden op korte én lange termijn. En het tegengaan van verspillingen heeft niet alleen betrekking op direct meetbare kosten, maar ook op financiële en economische neveneffecten zoals onnodig verbruik van grondstoffen en energie, en het vernietigen van in reservedelen opgesloten toegevoegde waarde.

Onderwerpen

Doel

VDM Introductiedag Algemene trends in onderhoud en de belangrijke positie van VDM hierin; economisch toegevoegde waarde en aandeelhouderswaarde en hoe onderhoud hieraan een bijdrage kan leveren. Inzicht in het waardedrijvermodel, KPI’s, benchmarking, het competentiemodel, het VDM Control Panel en verschillende maintenance best practices. Met behulp van een aansprekende bedrijfscase zal uitgelegd worden hoe VDM de motor kan zijn voor continue innovatie.

Deze tweedaagse cursus leert u een goed inzicht te krijgen in de technieken en methoden van duurzaam spare parts management; Voorraadbeheersing 2.0!

Doel

Webinars U volgt acht VDM verdiepings-webinars. Dit zijn educatieve ‘web based seminars’ waaraan u vanaf uw werkplek kunt deelnemen. De webinars behandelen de kerncompetenties van onderhoud en nemen maximaal 1 uur in beslag. De webinars kunnen worden opgenomen en op elk gewenst tijdstip worden bekeken. De webinars staan in het teken van: Benchmark uw Maintenance Performance, Beheersing van Onderhoudskosten, Verhogen van technische beschik-

Onderwerpen • Een visie op duurzaam spare parts management en onderhoud. • Het organiseren van duurzaam spare parts management. • De afhankelijkheden van andere bedrijfsfuncties. • Risicomanagement en materiaalcategorieën. • Voorraadstrategieën en bestelformules. • Inkopen van artikelen t.b.v. onderhoud. • Het beheren van artikelen in het magazijn. • Administratie van de voorraad- en artikelgegevens. • Voorraadbeheer en informatiesystemen. • Optimalisatie en kostenreductie. • Het meten van het effect van duurzaam spare parts management. • Stappenplan voor verbeteringen. MaintNL 3 - 2015 77

MI Cursussen.indd 77

25-03-15 13:26


Conditiebewaking Veiligheid Maintenance Expertise - Techniek Netwerk en?

aan! e j d l Me .nl o d v n . www schap at

> lidma

Deel kennis en ervaring >> word lid! Ervaar netwerken in groter verband

De Nederlandse Vereniging voor Doelmatig Onderhoud

houdsprofessionals biedt de NVDO een ongeëvenaard

(NVDO) is de toonaangevende branchevereniging op het

netwerk van branchegenoten. De NVDO kent diverse bran-

gebied van onderhoud. Het overdragen van kennis en het

che- en aspectgerichte secties en regionale kringen. De

realiseren en in stand houden van het grootste onder-

vereniging draagt bij aan (wetenschappelijk) on-

houdsnetwerk van Europa, ziet de NVDO als belangrijke

derzoek en brengt trends, ontwikkelingen en visies

doelstelling. Met een groeiend aantal leden van onder-

binnen de branche in kaart.

Lidmaatschap van de NVDO biedt vele voordelen • • • • • • • • • •

Professioneel netwerk op het gebied van onderhoud Kringbijeenkomsten en seminars over specifieke thema’s Cursussen over onderhoudsmanagement Studiedagen met actuele thema’s Secties en werkgroepen gericht op specifieke onderhoudsaspecten Vacaturebank Lidmaatschap van de NVDO Group op LinkedIn (wetenschappelijke) Onderzoeken NVDO Corrosie Helpdesk Jongerenboard

• • • •

NVDO Onderhoudskompas Platform Materiaalkunde (wetenschappelijke) publicaties, waaronder Visiedocumenten Kortingen op ons cursusaanbod van de NVDO Maintenance Academy • Korting op NVDO-studiedagen • (gratis) abonnement op de vakbladen iMaintain/MaintNL en MaintWorld Asset Management, Duurzaamheid en Veiligheid zijn belangrijke thema’s waaraan de NVDO regelmatig en in breder verband aandacht besteedt!

Ga naar www.nvdo.nl en meld je aan... NVDO - Lange Schaft 7G - 3991 AP Houten | Postbus 138 - 3990 DC Houten Telefoon 030 - 634 60 40 | Fax 030 - 634 60 41 | E-mail info@nvdo.nl | www.nvdo.nl

MI Cursussen.indd 78

25-03-15 13:26


Cursussen De aangeboden theorie wordt verduidelijkt met praktijkvoorbeelden en wordt daarnaast afgewisseld met oefeningen en cases, waarbij deelnemers ook hun eigen kennis en ervaring kunnen delen. Er is natuurlijk ook ruimte om problemen, waarmee de deelnemers in de eigen praktijk te maken hebben, te bespreken.

4 juni ISO 55000 trainingsdag De Britse norm PAS 55 Asset Management is per 1 februari 2015 ingetrokken door BSI (British Standards Institute Brits normalisatie-instituut, dat lid is van de ISO). Door de komst van de internationale norm ISO 55000 begin 2014 ontstond er een dubbeling. PAS 55 geeft, uitgaande van bedrijfsdoelstellingen, helder weer wat nodig is om uw assets te managen over de gehele levenscyclus.

Ontwikkeling De eerste versie van PAS 55 is gepubliceerd in 2004. De laatste versie in 2008. De norm is ontwikkeld vanuit de industrie. Met name de water, gas en elektriciteit branches hebben actief bijgedragen aan de ontwikkeling van deze norm. Later is deze norm breder opgepakt. Ook een aantal Nederlandse organisaties hebben PAS 55 succesvol toegepast. Het grote succes van PAS 55 en de internationale aandacht voor asset management die mede door deze norm ontstond, heeft mede geleid tot de ontwikkeling van ISO 55000. De NVDO heeft vanaf het begin meegewerkt en meegeschreven aan de normenserie ISO 55000.

Verschillen tussen ISO 55000 en PAS 55 ISO 55000 en PAS 55 komen, hoewel de woorden anders zijn, grotendeels met elkaar overeen. Er zijn enkele verschillen. De belangrijkste verschillen worden hieronder opgesomd • In ISO 55000 is meer aandacht voor de stakeholders. De verwachtingen en eisen van stakeholders zijn naast de doelstellingen van de organisatie zelf het startpunt voor het asset managementsysteem • In ISO 55000 wordt een sterkere en meer expliciete relatie gelegd met financieel management • Bewustwording en betrokkenheid op alle niveaus zijn expliciet deel van ISO 55000.

Status PAS 55 PAS 55 blijft bestaan met de status “ingetrokken”. U kunt er dus gebruik van blijven maken. Certificering conform PAS 55 is met de komst van ISO 55000 minder voor de hand liggend geworden maar nog steeds mogelijk.

Trainingsdag Wilt u meer weten over de ISO 55000? Dan bent u welkom op 4 juni bij de NVDO, Houten. Tijdens deze eendaagse trainingsdag leert u onder meer: • Wat ISO 55000 is en hoe het bijdraagt aan goed asset management. • De relatie tussen ISO 55000 en andere managementsystemen (bijvoorbeeld ISO 9001). • Basisvereisten van een asset managementsysteem.

• Toepassen van de norm. • Asset management in combinatie met Verantwoord Ondernemen. • Uitgelicht: Risicoanalyse, het belang van data management en het Strategic Asset Management Plan (SAMP). Nota bene: Bij deelname aan deze eendaagse ISO 55000-cursus is uiteraard de norm deel I inbegrepen! Voor meer informatie, kosten en registratie: www.nvdo.nl

16 en 17 juni Verkenning Conditiemeting BOEI Om de asset value van gebouwen en haar installaties te borgen én te kunnen monitoren, dient bij aanvang, tijdens en na afloop van contracten de technische toestand nauwkeurig vastgesteld te worden. De Conditiemeting BOEI biedt hiertoe een objectieve integrale inspectiemethodiek voor de thema’s Brandveiligheid, Onderhoud, Energie en Inzicht in Wet- en Regelgeving. Zo wordt de exacte status bepaald en kunnen onderhoudsbudgetten optimaal ingezet worden. Door integratie van de vier thema’s wordt een inspectie effectief benut en het aantal inspectiebezoeken sterk gereduceerd.

Doel Na het volgen van de tweedaagse cursus Verkenning Conditiemeting BOEI heeft de deelnemer inzicht in de verschillende aspecten die van belang zijn bij het inzetten van BOEIinspecties. De deelnemer herkent de toegevoegde waarde van een BOEI-inspectie binnen een onderhoudscontract of bij het opzetten en beheren van een meerjarenonderhoudsplanning. De deelnemer heeft inzicht in de achtergrond van de BOEI-thema’s en in de gebruikte inspectiemethodieken binnen de verschillende vakdisciplines.

Onderwerpen • Wat is Conditiemeting BOEI? • Plaats van BOEI in de huidige onderhoudsmarkt. • Brandveiligheid; achtergrond bouwbesluit en introductie. • Onderhoud; algemene introductie NEN2767. • Energie; introductie EPBD-regelgeving en Energielabel. • Inzicht in wet- en regelgeving: wat verlangt zorgplicht en regelgeving aan vastleggen van gegevens. • Basiskennis Conditiebepaling per vakdiscipline conform BOEI; opname gebreken, verwerking en rapportage.

Bestemd voor Deze cursus is voor iedereen die bij contractmanagement, onderhoud en beheer betrokken is. Dit geldt zowel voor opdrachtgevers, opdrachtnemers, gebruikers en adviesbureaus. Bijvoorbeeld contractmanagers, facilitair managers, aanbesteders, installateurs, aannemers, alsmede werkvoorbereiders, onderhoudsinspecteurs en technisch en bouwkundig onderhoudspersoneel.

MaintNL 3 - 2015 79

MI Cursussen.indd 79

25-03-15 13:26


Agenda April 14 april 215 www.cursussen.hu.nl Hoofdstraat 5, Hoogeveen Start opleiding Onderhoudstechnologie Houdt u zich in uw werk bezig met industrieel onderhoud en wilt u zich daarin verder professionaliseren? Werkt u als technisch specialist in bijvoorbeeld de proces- of voedingsmiddelenindustrie, dan wel de energie- of transportsector en heeft u beroepsmatig te maken met industrieel onderhoud? Wilt u op de hoogte blijven van de laatste trends en innovaties? Dan is de post-bachelor-opleiding Onderhoudstechnologie van de Hogeschool Utrecht iets voor u. Tijdens deze opleiding krijgt u alle benodigde theoretische en praktische tools aangereikt en leert u in termen van waardevermeerdering - denken over de functie van onderhoud binnen uw organisatie. De opleiding biedt u de kans om in relatief korte tijd uw kennis over het brede gebied van de onderhoudstechnologie naar een hoger niveau te tillen.

21-23 april 2015 www.maintenancenext.nl Ahoy, Rotterdam Maintenance NEXT 2015 Maintenance NEXT 2015 bouwt van 21 tot en met 23 april aan de onderhoudsindustrie van vandaag én morgen met de thema’s arbeid, innovatie en waardecreatie. Om assets optimaal te benutten in een veeleisende markt is een integrale aanpak van onderhoud onmisbaar. ‘Mastering Assets’ is waar het om draait: maximaal inzicht in en controle van de installaties op alle niveaus! Vakkundige specialisten uit verschillende vakgebieden zorgen als ‘master’ voor betrouwbare en duurzame productiemiddelen. Gedurende drie dagen zal Ahoy Rotterdam volledig in het teken staan van onderhoudsoplossingen en technologische producten anno nu en ‘NEXT’. Bezoekers komen naar Maintenance NEXT om een actueel overzicht te krijgen van de mogelijkheden en specifieke informatie over onderhoudsoplossingen die aansluiten bij hun dagelijkse praktijk en toekomstige ontwikkelingen.

22 - 23 april 2015 www.materials.nl NH Conference Centre Koningshof, Veldhoven Materials 2015 Materials, vakbeurs met congres, is het trefpunt voor professionals die betrokken zijn bij de keuze, het toepassen en (na)bewerken van materialen. Er komen veel materiaaltechnieken aan bod, zoals specialistische bewerkingen, warmtebehandelingen, omvormtechnieken, oppervlaktetechnieken en verbindingstechnieken. Verder is er op de beursvloer veel aandacht voor oplossingen van allerlei ‘materiaaluitdagingen’, zoals corrosie, hechting, temperatuurbestendigheid, hergebruik, recyclebaarheid, slijtvastheid, wrijvingsweerstand, UV-bestendigheid en vervormbaarheid. Ook komen onderwerpen als analysetechnieken, schaarste en schadeonderzoek aan bod.

80 MaintNL

MH Agenda.indd 80

23 april 2015 www.certilas.nl Welding Solution Center, Certilas Expo-dag robotlease Op deze Expo-dag houden lasrobotspecialist RobWelding en Prof-Lease een presentatie over wat robotlease inhoudt, hoe het werkt en wat de voordelen zijn. Prof-Lease en RobWelding werken sinds 2014 samen bij het verleasen van robots. Tijdens de Expo-dag geven ze gezamenlijk een presentatie over RobWelding zal daarnaast dieper ingaan op robotlassen. Na de presentatie is er de mogelijkheid om de robots te bekijken en verder door te praten.

Mei 12 mei 2015 Evoluon, Eindhoven www.engineersonline.nl Engineering Event: Safety Op 12 mei 2015 vindt de zesde editie plaats van het Engineering Event: Safety. Het thema dit jaar is ‘Machineveiligheid: van hefbrug tot robot’. Een dag vol antwoorden op vragen rondom: CE-markering, robotveiligheid, machineveiligheid, risicoanalyse en machinerichtlijnen, en lockout/tagout/tryout.

Juni 2-4 juni 2015 Jaarbeurs, Utrecht www.eabeurs.nl Electronics & Automation 2015 E&A is het platform waar exposanten hun laatste ontwikkelingen en innovaties in de clusters testtechnologie, elektronicacomponenten, elektronicaproductie en design & engineering tonen. De complete industriële elektronica is verenigd op deze vakbeurs. Het conferentieprogramma bestaat uit zeven titels met onderwerpen die ingaan op actuele thema’s en ontwikkelingen in de branche. Thema’s die tijdens de seminars aan bod komen zijn: Tomorrow’s Electronics, Reliability, Internet of Things, Vergaren en handling van big data, Electronics & Productontwikkeling, Wat kan er virtueel in de elektronicaketen, en Wearable Electronics.

4 juni 2015 www.rovc.nl Rotterdam Aanpakken kennistekort van uw E/I technicians De procesindustrie kampt met een tekort aan goed opgeleide technici, terwijl het binnen deze sector extra belangrijk is dat medewerkers goed gekwalificeerd zijn. Niet alleen vanwege de veiligheid van het personeel, maar ook om het aantal storingen aan installaties te minimaliseren en sneller te verhelpen. Om dit kennistekort tegen te gaan is het belangrijk dat de opleidingspaden per medewerker inzichtelijk zijn. De vraag hoe dit het beste aangepakt kan worden staat centraal tijdens de sessie.

3 - 2015

25-03-15 13:25


Column

Digitale innovatie; is de hype voorbij? Onlangs kopte mijn krant ‘Ontwikkeling digitale innovatie in Nederland stagneert’. Ik was al bekend met technische innovaties, innovatie in contracten en sociale innovatie, maar digitale innovatie, weer wat nieuws? Digitale innovatie biedt op een aantal vlakken grote kansen. Zo kun je marketing relevanter en persoonlijker maken, producten en diensten innoveren en razendsnel op de markt brengen. Marketing automation en big data zijn twee trends die hier direct aan gerelateerd zijn. De NVDO besteedde daar al ruim aandacht aan en momenteel wordt gewerkt aan meer aandacht die we na de zomer aan bedoelde onderwerpen zullen geven. Er is een aantal pijlers waar je organisatie aan zou moeten voldoen wil het überhaupt digitaal kunnen innoveren. Digitale innovatie begint bij de kern van je bedrijf. Stel regels op en zorg voor een organisatie-brede integratie en voldoende kennis op het gebied van digitalisering. Inventariseer de aanwezigheid van kennis en de behoefte hieraan en neem digitale innovatie als onderdeel mee in je budgettering. Stimuleer idea generation en creative concepting bij zowel klanten als medewerkers. Flexibiliteit en acceleratie zijn vereisten om digitale innovatie een kans van slagen te geven. Je moet in staat zijn om snel ideeën te ontwikkelen en snel in te springen op de behoeften bij je klant. Ik geef u het voorbeeld van de KLM die enorm investeert in digitale innovatie. Zo kun je tegenwoordig bij het boeken gebruikmaken van de optie ‘ask a local’, waarbij je direct in contact wordt gebracht met een ‘local’ die

via WhatsApp alle ins- en outs geeft over jouw bestemming. Verder is er KLM Meet & Seat, een dienst waarbij je vooraf informatie kunt krijgen over diegene die naast je zit. Alles om een steengoede ervaring aan de klant te bieden. En met succes, zo is KLM al twee jaar op rij de winnaar als beste merk op social media en worden hun initiatieven steevast genoemd in allerhande blogs en artikelen. Mooie successen, maar als ik de kop van mijn krant moet geloven doet Nederland het steeds minder goed op het gebied van digitale innovatie. Overheid en bedrijfsleven zouden zich meer in moeten spannen om onze positie te behouden, blijkt uit een onderzoek van Harvard Business Review. Nederland is wel te vinden in de top tien van de landen waar digitale innovatie sterk ontwikkeld is. Maar er zit weinig groei meer in de Nederlandse markt. Ons land wordt ingehaald door landen als Nigeria en Kenia die meer digitale innovatie door hebben gemaakt. Om bij te blijven zou Nederland meer talent uit het buitenland moeten halen en zouden we meer nieuwe digitale markten aan moeten boren. Ook zouden we een voorbeeld kunnen nemen aan andere landen waar kinderen bijvoorbeeld leren programmeren op de basisschool. Dus geachte NVDO-achterban; er is helemaal geen sprake van een hype, u moet juist voorop blijven lopen!

‘Flexibiliteit en acceleratie zijn vereisten om digitale innovatie een kans van slagen te geven.’

Ellen den Broeder-Ooijevaar Verenigings Manager

colofon MaintNL is het verenigingsmagazine van de Nederlandse Vereniging voor Doelmatig Onderhoud. De naam MaintNL is eigendom van de NVDO. Eindredactie: Ellen den Broeder-Ooijevaar

Postbus 138 3990 DC Houten t +31(0)30 634 60 40

e info@nvdo.nl • www.nvdo.nl • www.nvdovac.nl

MaintNL 3 - 2015 81

MC Verenigingsmanager.indd 81

25-03-15 13:23


82 VOLGEND NUMMER

IN HET VOLGENDE NUMMER Van achterblijver naar koploper Odfjell Terminals Rotterdam werd in juli 2012 stilgelegd, toen bleek dat veel tanks niet aan de veiligheidseisen voldeden. Eind 2013 kreeg het bedrijf hiervoor een boete van drie miljoen euro. Het terrein in het Botlekgebied is de afgelopen twee jaar flink gerenoveerd en gereorganiseerd. Managing director Theo Olijve besprak op iMaintain 2015 hoe hij met zijn bedrijf er aan werkt om de transformatie van achterblijver naar koploper te maken.

Hans Peters (Dunea) winnaar Maintenance Manager of the Year 2015 Een uitgebreid interview met winnaar Hans Peters. Met deze wedstrijd beloont de NVDO in samenwerking met het iMaintain platform de manager die een duidelijke visie op onderhoud heeft omgezet in een resultaatgericht beleid. De wedstrijd werd tijdens het congres voor de elfde keer georganiseerd.

Business cases van de platform partners Tebodin organiseerde een business case met de titel FMECAHAZOPLOPARCMRAM, over een verzameling Asset Management en Functional Safety Studies die veelal gescheiden worden uitgevoerd. Sitech en Mainnovation organiseerden de case Maintenance Vision 2020, waarin ze verslag deden van het begin van de reis naar World Class Excellence. Cofely ging in de sessie Van procesdata naar procesverbetering het gesprek aan over hoe digitalisering van processen invloed kan hebben op voorspelbaar onderhoud.

Thema: iMaintain 2015 Congres Special EN VERDER MaintNL Een uitgebreide terugblik op het iMaintain 2015 congres, met columns van de drie Maintenance Manager of the Year-genomineerden die hun visie geven op het thema ‘Goud’. Eric Timmermans, Area Reliability Engineer HSO Plants, en Rob de Heus, Champion World Class Maintenance van Sitech Services, tonen het goud in 'design voor maintenance'. Erik Bijlsma, asset manager van de Noord/Zuidlijn, en Giel Jurgens, asset owner Havenbedrijf Rotterdam, bezoeken elkaar op het werk en delen kennis en ervaring. Op 27 november jl. heeft TNO met ruim dertig experts uit zeven verschillende Europese landen een gezamenlijke innovatie-agenda voor de levensduurverlenging van civiele kunstwerken opgesteld. Deze agenda is begin maart gepubliceerd.

Thema’s 2015

iMaintain 04-2015

iMaintain 05-2015

iMaintain 06-2015

iMaintain 07-2015

iMaintain 08-2015

iMaintain 09-2015

iMaintain 10-2015

iMaintain Nummer 4 verschijnt 8 mei 2015

iMaintain Congres Special Maintenance, opleiding en werk Maintenance en informatisering Maintenance en de gebouwde omgeving Maintenance en industriële reiniging Maintenance en risicomanagement Maintenance in de infra

03 15 iMaintain

E Volgend nr.indd 82

25-03-15 13:12


Voor onze klanten het belangrijkste gereedschap. ons belangrijkste gereedschap vindt u niet in onze catalogus. het ís onze catalogus: gedrukt of in onze online-shop, hier vindt u in 18 talen snel en comfortabel meer dan 55.000 kwaliteitsgereedschappen, die voor 99 % direct leverbaar zijn – en uw bedrijf voor 100 % nog beter en productiever maken. www.hoffmann-group.com

Advertenties II.indd 83

25-03-15 13:55


Ken de risico’s. Dan is alles beheersbaar.

AMprover® biedt inzicht, overzicht en controle. Zo beheerst u risico’s én bespaart u kosten. Wilt u grip op uw bedrijfsprocessen? Kosteneffectief beheer en onderhoud van uw bedrijfsmiddelen? Uw kostenstructuur verbeteren door verantwoorde risicobeheersing? Dat kan met het overzichtelijke softwarepakket AMprover®. AMprover® helpt u uw risico’s in beeld te brengen en te beheersen. Daarmee voldoet u aan de wet- en regelgeving. Bovendien bent u in staat de juiste afwegingen en beslissingen te maken in al uw processen. En dat niet alleen nu, maar over de gehele levensduur van uw bedrijfsmiddelen. AMprover® is ontwikkeld door Traduco, professionals op het gebied van Asset Management. Nieuwsgierig naar onze oplossingen? Ga naar www.traduco.nl of bel 072 5726525

ACEC

AMERICAN COUNCIL OF ENGENEERING COMPANIES

100 Years of Excellence

a wider perspective, focused on you Advertenties II.indd 84

25-03-15 13:55