Page 1

Jaargang 8, nummer 9, 2008

Multidisciplinair vakblad voor hulpverleners

Beurs Ambulancezorg

Gele kolom drie dagen bij elkaar Decontaminatieruimte Erasmus MC

Chemisch besmette patiÍnt op eerste hulp Verslag en foto’s van vijf oefeningen

Najaar: Oefenseizoen!


Colofon 8e jaargang nr 9, november 2008 Incident verschijnt tien keer per jaar, rond de 24e van de maand De juni/juli en augustus/septembernummers zijn gecombineerd.

Voorwoord

Oefenen

Vakblad Incident is een uitgave van Sdu Uitgevers

Redactieadres Sdu Uitgevers, Locatie Prinsenhof Kamer P24.038 Telefoon +31 (0)70 378 99 11 info@vakbladincident.nl www.vakbladincident.nl

Redactie Marcel Debets (hoofdredacteur) redactie@vakbladincident.nl Gerard Pijnenburg (webredacteur) webredactie@incidentonline.nl

Uitgever Sdu Uitgevers: R.W. Roos Postbus 20025 2500 EA Den Haag e-mail: r.roos@sdu.nl

Bladmanagement en marketing bladmanagement@vakbladincident.nl

Advertentie-exploitatie Bureau van Vliet B.V. Postbus 20 2040 AA Zandvoort Tel. 023-5714745 Fax. 023-5717680 zandvoort@bureauvanvliet.com

Account managers Mariëlle Groot Ruud F. van Viersen

We oefenen veel in Nederland, veel en vaak. Dat is goed, natuurlijk. Procedures en afspraken worden getoetst aan de praktijk. Logistiek en hulpverlening daadwerkelijk beoefend. En we leren er met zijn allen ontzettend veel van. Traditioneel lijkt het najaar het oefenseizoen bij uitstek te worden. Vanaf midden september tot eind november volgt de ene na de andere oefening, de een nog multidisciplinairder dan de andere. We hebben in dit nummer niet minder dan zes verslagen van oefeningen en daarmee hebben we ze nog bij lange na niet allemaal ‘gecoverd’. En dan was er deze maand ook nog de landelijke oefenweek in het kader van watersnoodrampen ‘Waterproef’. Het verslag daarvan kunt u uitgebreid lezen in de volgende Incident. Mag ik als relatieve buitenstaander wat kanttekeningen plaatsen bij al dat oefengeweld? Ik zie met enige regelmaat hordes brandweerauto’s en ambulances voorbij komen en arriveren op de plaats van de oefening. Lotusslachtoffers schreeuwen en kreunen, vuur brandt – al dan niet in een ton of andere beheersbare container – en rook kringelt omhoog, uit vuur of rookmachine. Levensecht. Maar ik vraag me toch af wat het met de deelnemers aan de oefening doet dat men WEET dat het maar een oefening is. Stroomt de adrenaline net zo hard door het lijf als wanneer het om echte mensenlevens gaat? Houdt men zich niet teveel aan regels en procedures, die helemaal niet meer zo belangrijk lijken wanneer het om het ‘echie’ gaat? Er zijn oefeningen – lees de verhalen ook in deze Incident – die soms plotseling lijken te verlammen, omdat de ene eenheid op de andere wacht of officiële regels teveel nageleefd worden, omdat men nu eenmaal weet dat er juist op de naleving daarvan gelet wordt.

JB&A raster grafisch ontwerp, Delft

Ik weet het niet hoor, zomaar wat gedachten. Oefenen is en blijft een must en hoe je ze nog realistischer kunt maken zonder, zeg, een olietank daadwerkelijk in brand te steken, lijkt me ook vrijwel onmogelijk.

Druk

Marcel Debets, hoofdredacteur

Opmaak

JB&A drukkerij van driel, Rotterdam

Aan dit nummer werkten mee Rob Jastrzebski, Freek de Knegt, Ko van Leeuwen, Gerard Pijnenburg, Tina Reinders, Tamara Schiedon

Abonnement Uw abonnement wordt automatisch verlengd aan het einde van jaar. Wilt u uw abonnement opzeggen, dan moet u dat schriftelijk doen, minimaal twee maanden voor het einde van het jaar, naar: Sdu klantenservice Postbus 20014 2500 EA Den Haag Telefoon (070) 378 98 80 Fax (070) 378 97 83 e-mail: sdu@sdu.nl www.sdu.nl

INCIDENT

9-2008

3


Brandweerzorg op maat ! Artesis Consulting: Organisatieadvies, projectmanagement (pro-actie, preparatie, preventie), crisismanagement, interim management, detachering brandweerpersoneel midden- en hoger kader

Artesis Academy: CoPi en ROT oefeningen, training OVD en bevelvoerders, lezingen, presentaties en workshops, persoonlijkheidstrainingen

Artesis Virtual Training: Virtueel trainen a.d.h.v Leidraad Oefenen, bouwen specifieke scenario’s, beoordelingssysteem o.a. met behulp van competentiemeting

Artesis Firefighting: Opzetten en/of begeleiden (bedrijfs)brandweer, uitvoeren repressieve brandweertaken

Artesis Plantijnweg 22, postbus 371 4101 XC Culemborg

T +31 (0)345 687000 F +31 (0)345 687001

E info@artesis.nl W www.artesis.nl

Voor uw veiligheid:

SPIROGUIDE het bewakingssysteem

SPIROGUIDE controleert met een speciale Start-Up-Check alle vitale toestelfunkties. Automatisch, snel, betrouwbaar en overzichtelijk. Ook tijdens de inzet.

> Adembescherming boven water > Adembescherming onder water

w w w. i n t e r s p i r o . n l

G E M C O M O B I L E S Y S T E M S B . V. Science Park Eindhoven 5053, P.O. Box 1713, 5602 BS Eindhoven t:040-2643700/f:040-2643690, e-mail:gms@gemco.nl


Inhoud 6 Redden en blussen achter gesloten deuren Rob Jastrzebski Sinds de geruchtmakende cellenbrand op Schiphol is het brandveiligheidsbeleid voor justitiële inrichtingen flink aangescherpt en heeft het oefenen voor calamiteiten in cellengebouwen op veel plaatsen nieuwe impulsen gekregen. De Justitiële Jeugdinrichting De Hunnerberg in Nijmegen organiseert in totaal zo’n 60 calamiteitenoefeningen per jaar. Op 9 oktober werd tijdens een samenwerkingsoefening met Brandweer Nijmegen en de GHOR voor het eerst het volledige complex ontruimd. Een leerzame oefening, die een opmaat vormt voor een nog complexere oefening die voor 2009 op de agenda staat.

11 Multidisciplinaire oefening Moerasdraak Ko van Leeuwen De jaarlijkse oefening van de reddingsbrigades in Nederland is altijd een heel spektakel. Deze keer was de Bossche Reddingsbrigade in Den Bosch de gastheer, ter gelegenheid van het 100-jarig bestaan. Ko van Leeuwen doet verslag.

8 Oefening Thomassentunnel Rotterdam Europoort 13 ‘Publieke hulpverlening’ Column JSTRZBSK!

14 Industriële Brandbestrijdingspool Rotterdam 17 Voorbereiding landelijke oefenweek Waterproef 20 Katwijk: Ground Zero voor IVIC 2009 29 Kort Nieuws

18 Geslaagde vakbeurs voor de gele kolom Gerard Pijnenburg De Vakbeurs Ambulancezorg 2008 in Apeldoorn was weer een geslaagde beurs waarbij het symposium zeer goed bezocht werd. Op de beursvloer zelf werd het niet overmatig druk maar dat was voor de bezoeker juist een voordeel: geen voortschuifelende rijen waardoor bij elke stand volop gelegenheid was om zich goed te laten informeren. Tijdens de drie beursdagen hebben een paar duizend mensen uit het ambulancevak de beurs bezocht.

22 Geautomatiseerde berging Freek de Knegt Wanneer een incidentmelding binnenkomt bij een bergingsbedrijf, dan wordt dit tegenwoordig geregistreerd in een automatisch systeem. De software die door de meeste bergingsbedrijven wordt gebruikt, bestaat nog niet eens zo heel lang. Het verhaal achter ‘Takel en Berging’.

24 Alarm! Chemisch besmette patiënt op de eerste hulp! Rob Jastrzebski Sinds begin november is het Rotterdamse Erasmus Medisch Centrum het eerste ziekenhuis in Nederland met een volwaardige eigen decontaminatieruimte. Doel van de investering: voorkomen dat slachtoffers met een chemische, biologische, radiologische of nucleaire besmetting bij opname ook ziekenhuispersoneel besmetten. Op 4 november werd de interne ontsmettingsorganisatie van het Erasmus MC aan een praktijkoefening onderworpen.

*AARGANG NUMMER 

-ULTIDISCIPLINAIRVAKBLADVOORHULPVERLENERS

26 Geen water en poeder, maar schuim en gas Tina Reinders In onze serie over bedrijfsbrandweer is Tina Reinders deze keer op bezoek bij Greif, een Amsterdams bedrijf voor verpakkingsmaterialen. Door de speciale materialen die in het bedrijf verwerkt worden, werkt de brandweer niet met water en poeder, maar met schuim en edelgassen.

"EURS!MBULANCEZORG

'ELEKOLOMDRIEDAGENBIJELKAAR $ECONTAMINATIERUIMTE%RASMUS-#

#HEMISCHBESMETTEPATIpNTOPEERSTEHULP 6ERSLAGENFOTO´SVANVIJFOEFENINGEN

.AJAAR/EFENSEIZOEN

De Industriële Brandbestrijdingspool Rotterdam: alles heeft enorme dimensies. Hier de slangen die worden afgerold van een van de gigantische haspels. Foto: Rob Jastrzebski.

SDU UITGEVERS

INCIDENT

9-2008

5


Sinds de geruchtmakende cellenbrand op Schiphol is het brandveiligheidsbeleid voor justitiële inrichtingen flink aangescherpt en heeft het oefenen voor calamiteiten in cellengebouwen op veel plaatsen nieuwe impulsen gekregen. De Justitiële Jeugdinrichting De Hunnerberg in Nijmegen organiseert in totaal zo’n 60 calamiteitenoefeningen per jaar. Op 9 oktober werd tijdens een samenwerkingsoefening met Brandweer Nijmegen en de GHOR voor het eerst het volledige complex ontruimd. Een leerzame oefening, die een opmaat vormt voor een nog complexere oefening die voor 2009 op de agenda staat.

Jeugdinrichting De Hunnerberg oefent totale ontruiming

Redden en blussen achter gesloten deuren DOOR ROB JASTRZEBSKI

H

et klassieke dilemma rond brandveiligheid in celgebouwen: hermetisch gesloten complexen waar bouwkundig en technisch alles in het werk is gesteld om de ‘bewoners’ binnen te houden, terwijl ze er bij brand juist zo snel mogelijk uit moeten. En de arriverende brandweereenheden vinden zware hekwerken, gesloten deuren en slagvast glas tussen hen en de brandhaard. Dé sleutel tot succesvolle redding en hulpverlening is dan ook een tot in de puntjes voorbereide en getrainde samenwerking tussen de bedrijfshulpverlening en beveiliging van justitiële inrichtingen en de hulpdiensten van buiten. Procedures en protocollen moeten perfect op elkaar aansluiten om te bereiken dat deuren die open moeten open gaan en deuren die gesloten moeten blijven dicht blijven. HULPDIENSTEN TER PLAATSE BIJ DE HUNNERBERG.

Insluiten als standaardmaatregel Bij de oefening op 9 oktober werd een explosie met brand in een leslokaal in het souterrain van de Hunnerberg gesimuleerd. Rookmachines, vlamsimulatoren en knetterkasten veranderden het lokaal en de aangrenzende gang in een ‘hel’ van vuur en rook. Aan de als eerste optredende bedrijfshulpverleners de taak om poolshoogte te

EÉN GEWONDE IS ER ‘SLECHT’ AAN TOE. HULDE AAN DE LOTUS!

6

INCIDENT

9-2008

nemen en de juiste beslissingen te nemen voor het in gang zetten van de juiste maatregelen. Eerste klassieke fout: de te grote gedrevenheid van een van de BHV’ers bij het betreden van de brandende ruimte. Zij wordt door de aanwezige oefencoördinator direct tot ‘slachtoffer’ bevorderd en moet wachten op redding door de brandweer. Terwijl die arriveert, zijn de interne processen van beveiliging en bedrijfshulpverlening al opgestart. De standaardmaatregel bij brandalarm is dat alle jongeren (in een jeugdinrichting wordt niet over ‘gedetineerden’ gesproken) worden teruggebracht naar hun afdeling en daar worden ingesloten, zolang die afdeling tenminste niet direct door vuur of rook wordt bedreigd. Insluiten bij een brand in het complex lijkt vreemd, maar dat is het volgens Theo Schriks, coördinator bedrijfshulpverlening van De Hunnerberg, niet. “Overzicht is belangrijk. Het personeel moet weten waar alle jongeren zich bevinden. Zo houden ze overzicht. De preventieve voorzieningen en de indeling van het gebouw zijn zodanig dat een brand minimaal dertig minuten beheersbaar blijft in één compartiment. Dat geeft het personeel de gelegenheid om indien nodig afdeling voor afdeling het gebouw te ontruimen.” Dat gebeurde in het verloop van de oefening ook. Beginnend bij de afdelingen het dichtst bij de brandhaard werden alle 80 ingesloten jongeren in groepen naar buiten

SDU UITGEVERS


BHV’ERS EN BEVEILIGERS TREDEN OP ALS GIDS VOOR DE BRANDWEER.

geleid. In alle rust, zonder stress. Daar werden zij onder toezicht van medewerkers en beveiligers opgevangen op diverse opvanglocaties binnen de hekken van het terrein. Bij de brandhaard zelf was van rust geen sprake. Zes deels zwaargewonde slachtoffers (gespeeld door LOTUS-medewerkers) moesten door brandweerploegen onder adembescherming uit zeer benarde omstandigheden worden gered. Het brandweeroptreden ondervond aanvankelijk toch enige vertraging, omdat een toegangshek tot de expeditiesluis niet zo snel kon worden geopend als verwacht. Daarvoor werd echter een pragmatische oplossing gevonden. De brandweervoertuigen bleven buiten en brandweerlieden vonden via een andere route toegang tot het complex, waarna de hogedrukslangen tussen de tralies door werden gevoerd. Na circa drie kwartier waren alle slachtoffers gered en overgedragen aan het (beperkte) GHOR-proces buiten het gebouw en was de vuurhaard onder controle. In het complex liep de interne BHV-oefening van het ontruimen van de kantoor- en celafdelingen nog enige tijd door.

Lessen Na afloop van de oefening werd een eerste snelle evaluatie gehouden met alle deelnemers. Voornaamste conclusie: alle 80 aanwezige jongeren waren ruim binnen de geldende norm in veiligheid buiten het gebouw. De samenwerking tussen de bedrijfshulpverlening van De Hunnerberg en de brandweer werd als effectief ervaren. Wat wel beter kon was de overdracht van gewonden door de bedrijfshulpverlening aan de brandweer en GHOR. Informatie over de situatie waarin de slachtoffers hebben verkeerd, is voor de geneeskundige hulpverlening van belang bij het opstarten van het behandelproces. Twee belangrijke lessen voor de interne organisatie van De Hunnerberg zijn het alarmeren en informeren van het personeel en sleutelfunctionarissen in het crisismanagementproces èn de portofoonverbindingen van beveiliging en bedrijfshulpverlening. Het alarmeren en informeren van de interne crisismanagementorganisatie verliep volgens de voorzitter van het crisisteam ‘traag’. En over de portofoonverbindingen zegt coördinator bedrijfshulpverlening Theo Schriks: “Die verliepen soms problematisch. Het is duidelijk gebleken dat de dekking niet overal in het complex goed is. Ook blijkt dat we voor een zo grootschalige ontruimingsoperatie te weinig verbindingsmiddelen in huis hebben. Deze knelpunten zijn technisch op te lossen en daarover moeten we in overleg met de directie.” De interne bedrijfshulpverleningsorganisatie van JJI De Hunnerberg, staat aan de vooravond van veranderingen. Coördinator BHV, Theo Schriks verwijst naar het nieuwe Handboek BHV, geschreven op basis van de landelijke Leidraad bedrijfshulpverlening in cellengebouwen van de

SDU UITGEVERS

DE JONGEREN WORDEN IN VEILIGHEID GEBRACHT EN IN EEN AFGESCHERMDE BUITENRUIMTE OPGEVANGEN.

Dienst Justitiële Inrichtingen. “Wij hebben qua personeel eigenlijk een topzware BHV-organisatie”, aldus Theo Schriks. “We hebben nu 190 opgeleide BHV’ers binnen onze geledingen. Dat willen we terugbrengen naar een kleinere kernbezetting, zodat we de routine beter kunnen onderhouden. Een aandachtspunt is dan wel hoe we ook in de nachtelijke uren, met een kleinere personele bezetting, snel en verantwoord kunnen optreden bij calamiteiten.” Schriks kondigt voor 2009 een nog grotere oefening aan in De Hunnerberg; groter in de zin van te beoefenen processen. ‘Deze oefening was voor ons al fors. We hebben nooit eerder het hele complex ontruimd. Nu eindigden de oefendoelen echter bij het buiten opvangen van de jongeren na

Paul van Ooijen, adviseur oefenen en opleiden van Brandweer Nijmegen, kijkt met een goed gevoel terug op de samenwerkingsoefening met De Hunnerberg. Hij ziet het bevorderen van de bekendheid met het object en met de interne organisatie van de inrichting als belangrijkste pluspunten van de oefening. “Het werkt prettiger en vlotter als je elkaar al eens gesproken en gezien hebt. Dat merken we omdat we minstens één keer per jaar samen oefenen met de Hunnerberg. Ook met een andere justitieinrichting in Nijmegen, de Pompestichting, houden we minstens één keer per jaar een gezamenlijke oefening. Een belangrijke en terugkerende les was te ervaren hoe lastig het is dat je voor bijna alle deuren in het complex een sleutel nodig hebt. Dat geeft vooral knelpunten op plaatsen waar de bedrijfshulpverleners niet mee naar binnen kunnen vanwege de rook. Misschien is het wel handig als de BHV’ers ook met ademlucht kunnen optreden, zodat zij ook in met rook gevulde ruimten als gids kunnen fungeren.” Volgens Van Ooijen was bij alle deelnemers aan de oefening sprake van een groot enthousiasme en een grote bereidheid om te leren van de ervaringen. “Ik ben al een aantal jaren betrokken bij deze oefeningen en ik merk dat het wederzijds steeds beter begint te lopen.”

de ontruiming. In het voorjaar van 2009 willen we ook een deel van het registratie- en afvoerproces beoefenen voor situaties waarin het complex als gevolg van een calamiteit helemaal niet meer bruikbaar is. De jongeren zullen dan met bussen van de Dienst Justitiële Inrichtingen naar een andere locatie worden overgebracht. Voor dit soort calamiteiten zijn alle justitiële inrichten in Nederland verplicht een deel reservecapaciteit vrij te houden. Die opvang op andere locaties gaan we niet daadwerkelijk in de praktijk brengen, want zoiets is niet te oefenen. Wel het registratieen afvoerproces tot áán het busvervoer. Dat is een unicum, want zo vergaand is bij justitie tot op heden nog niet eerder geoefend.’

INCIDENT

9-2008

7


Doorgaans is het scenario van rampenoefeningen met een gevaarlijke stoffen-component redelijk voorspelbaar. In veel gevallen betreft het een lekkage van een tankwagen met chloor-achtige producten of is in het geval van een terrorisme-oefening antrax in het spel. De hulpverleners die op 12 september in de Thomassentunnel in RotterdamEuropoort aan de bak moesten, werden echter met een bijzonder scenario geconfronteerd.

Oefening Thomassentunnel Rotterdam Europoort

Alarm

gekke koeien in de tunnel!

DOOR ROB JASTRZEBSKI

D

e oefenleiding had een vrachtwagen met beendermeel laten scharen aan de kop van een kettingbotsing in de tunnel en dit beendermeel stond onder verdenking van een besmetting met ‘Gekke Koeienziekte’ (BSE), die bij mensen de ziekte van Creutzfeld Jacob kan veroorzaken. Reden genoeg om de ‘gepoederde’ slachtoffers door de NBC-onsmettingsstraat te halen. De regio Rotterdam-Rijnmond kent nogal wat verkeerstunnels, waarvoor in het kader van hulpverlening en rampenbestrijding specifieke ‘tunnelprocedures’ zijn ontwikkeld. Die moeten wel geregeld worden beoefend en in het licht van die wettelijke verplichting werd op vrijdagavond 12 september een grootschalig incident in de Thomassentunnel in scène gezet. Aanvankelijk was het de bedoeling om de oefening te houden in de Heinenoordtunnel, samen met de regio Zuid-HollandZuid, maar met het oog op de voorbereidingen van de nationale rampenbestrijdingsoefening ‘Waterproef’ zag Zuid-Holland-Zuid daarvan af. Rotterdam-Rijnmond vond een multidisciplinaire tunneloefening echter

IN DE VEILIGE BUIS WORDEN DE SLACHTOFFERS ONTKLEED, IN AFWACHTING VAN ONTSMETTING.

8

INCIDENT

9-2008

toch noodzakelijk en richtte zich daarom op de Thomassentunnel onder het Calandkanaal. Omdat ook het NBC-peloton van Rotterdam-Rijnmond, één van de vijf landelijke ontsmettingssteunpunten voor nucleaire, biologische en chemische calamiteiten, toe was aan een periodieke praktijkoefening, werd een scenario in elkaar gezet waarmee zowel de tunnelprocedure als de grootschalige ontsmetting kon worden beoefend.

Wit poeder Om het scenario met circa tien autowrakken, een bus met passagiers en een geschaarde vrachtwagen op te bouwen, werd de tunnelbuis van Europoort richting Rotterdam om half negen ’s avonds afgesloten voor het verkeer. Om tien uur werd het startsein voor de oefening gegeven, waarna de eerste eenheden van de regiopolitie, het KLPD, brandweer en ambulancedienst conform de geldende tunnelprocedure uitrukten. Dat wil zeggen: aanrijden via de veilige buis, die daarom óók voor alle verkeer werd afgesloten. Het autoverkeer kon vanaf dat moment alleen nog via de Calandbrug doorgang vinden. De eerste verkenning in de ongevalsbuis door een brandweerploeg met ademlucht leverde het beeld van een flinke chaos op. Een flinke kettingbotsing met circa 15 beknelde slachtoffers in autowrakken, een bus vol gewonden, een geschaarde vrachtwagen en een massa onbekend wit poeder op het wegdek en de autowrakken. De vrachtbrief verschafte duidelijkheid over de sinistere lading: vaten beendermeel afkomstig van geslachte runderen die mogelijk met BSE waren besmet. Snel werden enkele gemakkelijk bereikbare slachtoffers gered en in de veilige tunnelbuis gebracht, waar ze van hun kleding werden ontdaan en provisorisch werden ontsmet door de bemanning van een tankautospuit. Omdat de verkenning duidelijk maakte dat sprake was van een complex incident met een NBC-component, werd vervolgens fors opgeschaald. Vier tankautospuiten, een hulpverleningsunit, een geneeskundige combinatie en

SDU UITGEVERS


het NBC-ontsmettingspeloton van Goeree-Overflakkee, kwamen in actie. Ook werd buiten de tunnel een Commando Plaats Incident (CoPI) ingericht.

Trage start De oefening kenmerkte zich door een trage opstartfase. Het duurde vrij lang voordat de melding bij de verkeerscentrale van Rijkswaterstaat resulteerde in een daadwerkelijke alarmering van de hulpdiensten. Vervolgens viel na de relatief vlotte eerste verkenning in de tunnel ook de hulpverlening geruime tijd stil. Oefenleider Wim de Rooij van de Veiligheidsregio Rotterdam-Rijnmond denkt dat dit mede komt door het NBC-scenario dat in de oefening was verweven. “Al bij meerdere oefeningen is gebleken dat scenario’s met gevaarlijke stoffen of bijzondere risico’s voor hulpverleners verlammend kunnen werken op het oefenverloop. Bij de nationale crisisoefening Bonfire in Amsterdam in 2005 zorgde de aanwezigheid van niet-ontplofte explosieven voor veel vertraging en ook bij oefening Voyager in Rotterdam in oktober vorig jaar ging de rem op de hulpverlening, toen bleek dat veel slachtoffers met een giftige stof waren besmet.” De Rooij is ervan overtuigd dat het oefenverloop niet tekenend is voor de te verwachten respons bij een daadwerkelijk NBC-incident. In een echte situatie zullen hulpverleners in zijn ogen een veel sterkere drive hebben om te handelen en slachtoffers te redden in de beperkte tijd waarbinnen zij kunnen overleven. Hij denkt dat de vertragingen die bij veel oefeningen optreden voortkomen uit de wil om alles perfect volgens de procedures te doen, omdat tal van waarnemers over de schouders van de hulpverleners meekijken. “Niemand wil dan steken laten vallen en dus is de zorgvuldigheid extra groot. Maar dat gaat wel ten koste van de inzettijd”, aldus Wim de Rooij, die zegt het verloop van de oefening met alle betrokken partijen grondig te zullen gaan evalueren. De vertraging werkte overigens niet door in alle onderdelen van de hulpverleningsketen rond de Thomassentunnel. De Rooij zegt met grote bewondering te hebben gadegeslagen hoe snel de NBC-ontsmettingsstraat buiten de tunnel werd opgebouwd. Hoewel die voorziening organisatorisch en logistiek behoorlijk bewerkelijk is, kon de ontsmettingsstraat, mede dankzij het uitgekiende concept van opblaasbare tenten, snel operationeel worden gemaakt. Een klein deel van de ‘besmette’ slachtoffers doorliep de gehele ontsmettingsprocedure, bestaande uit een ‘voorwas- en hoofdwasprogramma’ en het uitreiken van een kledingpakket. Omdat de figuranten en LOTUSslachtoffers in de tunnel al lang hadden gewacht, koos de oefenleiding ervoor om niet de hele groep te ontsmetten en het sein ‘einde oefening’ te geven.

ook van chemicaliënpakken gebruik worden gemaakt, die op alle tankautospuiten aanwezig zijn. Een redding bij een NBC-incident moet snel worden uitgevoerd, want besmette slachtoffers hebben betere kansen om te overleven als ze snel worden ontsmet en aan de geneeskundige keten worden overgedragen voor behandeling.” Ook de benadering van tunnelincidenten verdient volgens Bras en De Rooij meer aandacht. Het aanrijden en opstellen van de hulpdiensten is altijd lastig. Wat is de beste en meest veilige aanrijroute? Is opstellen in de veilige tunnelbuis de beste optie? Of juist aanrijden via de ongevalsbuis, met de stroomrichting van de tunnelventilatie mee? Bij de oefening in de Thomassentunnel constateerde Wim de Rooij dat ook met het omrijden van de hulpdiensten om het incident via de veilige tunnelbuis te benaderen de nodige tijd verloren ging. “Ook dat is een thema dat we meenemen met de evaluatie. Misschien moet de tunnelprocedure op onderdelen wel worden herzien om een snellere respons te waarborgen. De oefening heeft in ieder geval de nodige leerpunten aan het licht gebracht, maar dat is dan ook het nut van oefenen.”

MANNEN IN GELE PAKKEN...

LEKKER DOUCHEN IN EEN NBC-ONTSMETTINGSTENT.

Benadering incidenten

Vervolg

Ook Raymond Bras van de Gezamenlijke Brandweer, lid van de oefenstaf, signaleert de vertragende factor als gevolg van de risico’s van een biologische besmeting als leermoment van de oefening. “Op zich is iedere brandweereenheid voldoende toegerust om bij een chemisch of biologisch incident verantwoord een eerste inzet te doen”, aldus Raymond Bras. “Wachten op gaspakteams of een ontsmettingseenheid is lang niet altijd noodzakelijk. Bluskleding en ademlucht bieden brandweerlieden voldoende bescherming om veilig een redding uit te voeren. Eventueel kan

Inmiddels is de volgende tunneloefening reeds in voorbereiding. In het voorjaar van 2009 wil de regio Rotterdam-Rijnmond, samen met Zuid-Holland-Zuid en Rijkswaterstaat, alsnog de al eerder geplande oefening in de Heinenoordtunnel houden. Of ook dit een grootschalige oefening met veel LOTUS-slachtoffers en figuranten zal worden, kan Wim de Rooij nog niet zeggen. “Ook een kleinschaliger opzet kan meerwaarde hebben, omdat je dan heel gericht op bepaalde deelprocessen kan focussen. Daar zijn niet altijd massa’s oefenslachtoffers voor nodig.”

SDU UITGEVERS

INCIDENT

9-2008

9


Rescue equipment

In onze 4000-serie komen tal van innovaties samen:

4000-SERIE . e i t a v o n n i n a v t h c a r k e D

t $03&™��OTMBOH  TZTUFFN tJ#PMU FFOQMBUUF  DFOUSBBMCPVUDPOTUSVDUJF t -&%WFSMJDIUJOHJO  draaggreep t 4QFFE7BMWFPQBMMF  SBNNFOFOTQSFJEFST  WPPSTOFMMFSPQFOFO 0QCBTJTWBOEF OJFVXTUFUFDIOPMPHJFÑO POUXJLLFMU)PMNBUSP SFEHFSFFETDIBQQFO EJFCFUFSQSFTUFSFOFO XBBSNFFVTOFMMFS  WFJMJHFSFOHFNBLLFMJKLFS kunt werken.

www.holmatro.com

CORETM Technologie

i-Bolt Technologie

LED verlichting in draaggreep

Holmatro Rescue Equipment BV - Postbus 33 - 4940 AA Raamsdonksveer - T 0162-589200 - E info@holmatro.com

E8EEfad_8[dWĂŒYZf[`YEgbbadf

7W`g`[W]TWVd[\X [`VWTdS`ViWWdeWUfad

GVcYffc haWdfg[YW`T^geba_bW` W`TdS`ViWWd_SfWd[S^W`

GVc\``a  8EEfad_8[dWĂŒYZf[`YEgbbadf4H E 6[`fW^iWY*+ %#+*>47gdabaadfDaffWdVS_ FW^WXaa`,"#*#&')"#" 8Sj ,"#*#&')"#+ 7_S[^ ,[`Xa2eXeTh `^ ;`fWd`Wf,iii eXeTh `^

bT_Ăƒe_SfWd[S^W` W`YWdWWVeUZSbbW`

DVcgZTVd fdS`ebadf_a`fSYW[`ebWUf[W a`VWdZagVdWbSdSf[WW`fdS[`[`Y


De jaarlijkse oefening van de reddingsbrigades in Nederland is altijd een heel spektakel. Deze keer was de Bossche Reddingsbrigade in Den Bosch de gastheer, ter gelegenheid van het 100-jarig bestaan. Ko van Leeuwen doet verslag.

Oefening met onder andere Reddingsbrigade

Multidisciplinaire Moerasdraak DOOR KO VAN LEEUWEN

M

Om 05:15 stond Noordwijk als eerste klaar op de afgesproken positie. Niet lang daarna stond een mistig landweggetje vol met een bonte stoet van auto’s, waarvan veel in de officiële oranje kleur of anders in ieder geval met een oranje vlet op de trailer. Dat de navigatie-apparatuur ze bij de verkeerde ingang had neergezet, werd snel rechtgezet door Mark Röpke van RN. Binnen tien minuten reed de lange stoet naar een brede trailerhelling op het terrein van de Genie. Na een materiaalcontrole waren met een half uur de eerste eenheden onderweg naar hun aangegeven positie en was rampenoefening Moerasdraak van start.

gebroken been aan huis is gekluisterd. Omdat het water op dat moment nog niet hoog is moet het gezin via een ladder van de kade naar de vletten. Dat is tenminste wel de bedoeling. Inspelend op de situatie ter plaatse besluit de reddingsgroep echter om gebruik te maken van een trap op 150 meter afstand. Voorzichtig wordt de kuipbrancard met daarin het slachtoffer van de steile trap naar beneden getild. Aan de eis van het gezin om niet gescheiden te worden, kan voldaan worden doordat de reddingsgroep bestaat uit 5 vletten. Onderweg naar het gewondennest kan het gezin zien dat een andere reddingsgroep bezig is bij een ongeval met brand bij de Citadel. Hierbij worden ook twee personen gereanimeerd. Andere oefeningen bestaan uit het redden van mensen die vastzitten tussen de palen van een kade, het redden van zeeverkenners die hun vlet vol met water hebben na een aanvaring en het aanmeren van een ponton van de Genie, dat is losgeslagen. Een meer psychologische oefening is aan het riviertje de Dommel, waar een groep mensen, waarvan een in een rolstoel, wel weg willen maar wel met medeneming van heel veel spullen. Een handpontje durven ze niet zelfstandig te gebruiken en ze leggen, mede door de grote hoeveelheid spullen, grote druk op de reddingsgroep die keuzes moet maken en tegelijkertijd de slachtoffers tot rust moet manen.

Deeloefeningen

Aanvaring/scheepsbrand

In verband met het opkomende water moet aan de Brede Haven een gezin van 6 personen worden geëvacueerd. Dit gezin krijgt prioriteit omdat een van de bewoners met een

Om kwart voor elf worden alle oefeningen plotseling stil gelegd in verband met een aanvaring tussen een vrachtschip en een rondvaartboot. Dit is het begin van

etalen stemmen klinken over het water, aangevuld met een monotoon gebrom. In de ochtendnevel wordt langzaam een aantal oranje vletten zichtbaar. Op het moment dat de zon opkomt zijn een kleine 30 vletten van Reddingsbrigade Nederland (RN) al anderhalf uur op het water. Voor veel bemanningsleden is het een vroegertje. Vanuit het hele land hebben ze zich om 06:00 uur verzameld bij de Genie aan het Engelsche Gat aan de rand van Den Bosch. Hier vond op 25 oktober de jaarlijkse oefening van Reddingsbrigade Nederland (RN) plaats. De Bossche Reddingsbrigade (BRB) was organisator en gastheer ter gelegenheid van hun 100-jarig bestaan hetgeen hen de oudste reddingsbrigade van Nederland maakt.

SDU UITGEVERS

INCIDENT

9-2008

>

11


Aan de oefening lagen twee gedegen draaiboeken ten grondslag waarbij niets aan het toeval werd overgelaten. een multidisciplinaire oefening waarbij de tankautospuiten van Den Bosch en Rosmalen alsmede de GHOR worden betrokken. Op de Ertveldplas is de rondvaartboot ‘Zoete Lieve Gerritje’ met z’n steven in de zijkant van het vrachtschip ‘Makke Beer III’ gevaren. Op de Beer is brand uitgebroken terwijl de Gerritje zo’n 50 personen aan boord heeft. Hiervan zijn er enkele ernstig gewond en vijf personen zijn in het water terecht gekomen. Terwijl de de GHOR begint met het opzetten van een gewondennest moet de eerst aangekomen reddingsgroep de brandweer ophalen en naar de Beer brengen. Heikel punt in deze oefening was dat de reddingsgroepen niet mochten beginnen met het ontruimen van de rondvaartboot zolang de brandweer niet het sein veilig gaf. Vervolgens werd er voorrang gegeven aan de zwaargewonden en ontstond er een file van vletten omdat bij de aanlandingsplaats maar ruimte was voor één vlet. Dit leidde uiteraard tot ongeduld en frustratie bij de slachtoffers bovenop de rondvaartboot. De brigadeleden die naast de rondvaartboot lagen kregen zo af en toe de volle laag en werden geconfronteerd met mensen die op eigen gezag in de vletten wilden stappen. In een poging om wat rust te creëren is tot twee keer toe een brigadelid op een tafel geklommen om de slachtoffers toe te spreken. Gezien de tijdsduur vielen de slachtoffers soms uit hun rol en begonnen pepernoten uit te delen aan de brigadeleden om daarna weer hun rol op te pakken. Aan de andere kant speelden enkele Lotusslachtoffers hun rol formidabel

12

INCIDENT

9-2008

waarbij zelfs een chaotisch weerzien op de aanlandingsplaats niet ontbrak. Niet helemaal voorzien was dat bij gebrek aan wind de rook van de rookgenerator en de benzinedampen van de buitenboordmotoren boven de rondvaartboot bleven hangen maar dat leidde verder niet tot problemen.

Degelijke voorbereiding Aan de oefening lagen twee gedegen draaiboeken ten grondslag waarbij niets aan het toeval werd overgelaten. Risico-inventarisatie en bevoegdheden waren duidelijk beschreven. Per onderdeel was duidelijk aangegeven waar de eventuele gevaren waren. Op een aantal punten moest het slachtoffer vervangen worden door een dummy, onder andere bij het tillen van de kuipbrancard op de steile kadetrap. Ook wordt de oefening waarbij brand is ontstaan door de locatieleider gestopt op het moment dat de reddingsgroep heeft aangegeven hoe ze de situatie gaan oplossen. Hierna wordt dit onderdeel afgewerkt als instructie. Voor alle mensen op het water inclusief figuranten en cameramensen was het dragen van een zwemvest verplicht. Waar nodig werden deze door de BRB verstrekt. Ook de waterwacht werkt perfect. Een vlet dat meldt een kapotte buitenboordmotor te hebben heeft binnen 5 minuten een snelle boot langszij die de motor overneemt. Terwijl de groep doorgaat met de vlet op sleeptouw gaat de snelle boot de motor wisselen. Binnen 25 minuten is deze terug en wordt op de Zuid Willemsvaart in een paar minuten tijd de vervangende buitenboordmotor aan de vlet gehangen.

SDU UITGEVERS


Safety Equipment bv

JSTRZBSK!

leverancier van diensten en materialen voor BEDRIJFSHULPVERLENING * * * * * * * * * * * * * * * * * * * * * * * * * * * * * * * * * * * * * * * * * * * * * * * * * * * * * * * * * * * * * * * * *

AED alarm nooduitgang alarmbel anglia evacuatiedoek armbandherkenning bedrijfsnoodplan bedrijfsnoodplankoffer blusdekens brancards brandblustoestellen brandmeldcentrale brandslanghaspel brandwondenkompres break a light cursus BHV cursus brandbest. cursus EHBO deurcontroller eerste hulppaneel eerste hulptas m/cap evacuatiestoel handstaaflantaarns helmen heuptas BHV instructieplaten isolatiedekens keybox kiss of life koolmonoxyde meld. mag charger megafoon metaaldetector micro mask mini-pictogrammen nalichtende borden noodsleutelkastje noodverlichting omikron ontruimingsplattegronden oogspoelhulppost oogspoeldouche ontruimingssticker opbergkast BHV opslagkast chem.stoffen personenzoeksysteem pictogrammen portofoons powerflare rook/vluchtmaskers rookmelders safety firestop signalisatie sirenes sleutelbeveiliging smokeXcape stroboscoopflitser veiligheidsbrillen veiligheidsmes veiligheidsvesten verbandtrommels vluchtladders vluchtweganalyse vluchtwegmarkering vluchtwegplattegronden "wat te doen bij brand"

Vraag brochure: Safety Equipment bv Bosrand 29 3121 XA Schiedam tel.010-4705354 / fax 010-4490137 E-mail: info@safetyequipment.nl Internet: www.safetyequipment.nl

Publieke hulpverlening V

ers van de pers: het digitale alarmeringssysteem P2000 krijgt er een nieuwe gebruikersgroep bij: journalisten! Eind oktober zijn de Nederlandse Vereniging van Journalisten en de Raad van Hoofdcommissarissen overeengekomen dat het systeem landelijk gebruikt zal gaan worden om de pers te informeren over nieuwswaardige incidenten. Hoera, triomf! U begrijpt het al, ik ben ook journalist en ik kan het niet laten de collectieve blijdschap van mijn beroepsgroep passend onder woorden te brengen. Uit eigen ervaring en uit discussie met collega’s kan ik u zeggen dat het thema persalarmering sinds de invoering van C2000 een ‘heet hangijzer’ is. Even terug in de tijd, naar het héérlijke scannertijdperk. Aanrijding met letsel gemeld op de Plorkejandrubbeldijkerstraat! Enkele minuten later zijn de eerste meeluisterende journalisten èn ramptoeristen al ter plaatse, soms eerder dan politie en ambulance. Want als er iets te beleven is, dan willen we er allemaal als eerste bij zijn! Logisch toch? Niets menselijks is ons vreemd. En rampen en incidenten zijn toch zeker ‘publieke evenementen’? Waar zouden de hulpverleners zijn zonder journalisten om hun heldendaden te verslaan en zonder hordes enthousiaste toeschouwers die hen aanmoedigen bij hun zware werk? Daar werd in sommige kringen anders over gedacht. Met name de politie waren al die lastige ramptoeristen die in de weg lopen een doorn in het oog. En journalisten? Ach, die zijn een noodzakelijk kwaad, al worden nog maar al te vaak pogingen gedaan om ook die uit de frontlinie te weren, omdat ze toch alleen maar de fouten van de hulpverleners in beeld brengen en kritiek leveren op politieoptreden. Met groot genoegen kondigde het ministerie van BZK jaren geleden bij de invoering van C2000 dan ook aan dat dit digitale en beveiligde radionet, dat niet kon worden afgeluisterd, een einde zou maken aan de plaag van meeluisterende ramptoeristen. Er zou weer rust zijn op de incidentlocaties, hulpverleners zouden ongestoord hun werk kunnen doen en inbrekers en andere criminelen zouden niet meer voortijdig worden gewaarschuwd voor naderende politie-eenheden. En in stilte zullen veel leidinggevenden in het politie- en hulpverleningsdomein ook wel gemeend hebben dat zij na de invoering van C2000 zelf konden bepalen of en op welk moment de pers in kennis gesteld zou worden.

SDU UITGEVERS incident-safety equipment.indd 1

Maar hoe anders kan het lopen. Want voor de brandweeralarmering kon geen gebruik worden gemaakt van C2000 en dus koos men voor een open pagingsysteem, waarvan inmiddels ook tal van ambulancediensten, politiespecialisten en andere hulpverleningsdiensten gebruik maken. Een ware internetrevolutie van P2000-websites met live-alarmeringen, de vrije verkoop van pagers en de open verspreiding van nuttige alarmeringscodes, heeft ervoor gezorgd dat er nu aan het hulpverleningsfront méér ramptoeristen staan dan er tijdens het scannertijdperk ooit geweest zijn. Veel journalisten maken inmiddels ook gebruik van eigen P2000-pagers. Noodgedwongen, omdat regionale regelingen voor persalarmering bij incidenten maar al te vaak falen. Meldingen worden te laat of soms helemaal niet doorgegeven. Als men niet meer vrij kan meeluisteren, heeft de overheid immers de sleutel tot het wel of niet openbaar maken van een misdrijf of incident in eigen hand, nietwaar? Maar hoe zit het dan met de openbare controle op het overheidsoptreden? De rol van de pers bij incidenten? Met een eigen pager kunnen namelijk wel brandweeralarmeringen, inzet van traumahelikopters en dergelijke worden ontvangen, maar veel meldingen in het politiedomein worden nog altijd aan het zicht onttrokken. De politie maakt immers operationeel niet of nauwelijks gebruik van P2000. De professionele pers was dus afhankelijk van soms zeer gebrekkig functionerende voorlichtingsregelingen, waardoor veel nieuwswaardige feiten niet of te laat bekend werden om nog gepubliceerd te kunnen worden. De ‘vrijheid van nieuwsgaring’ was in het geding! Dat wordt nu gelukkig rechtgetrokken. In Rotterdam-Rijnmond is het afgelopen jaar een experiment uitgevoerd, waarbij ook incidentmeldingen van de politie rechtstreeks op P2000 werden uitgezonden, om zo journalisten te informeren op hetzelfde moment dat ook de eenheden werden aangestuurd. Net zo snel als in het scannertijdperk in feite, maar dan in tekst in plaats van via spraakberichten. Een systeem dat tot volle tevredenheid van journalisten èn de korpsleiding werkt, zonder vertragende tussenschakels. Het is dit systeem dat men in 2009 landelijk gaat invoeren, al zal nog moeten worden bezien of alle regio’s dat ook daadwerkelijk en zonder beperkingen gaan doen. Zo ja, dan is de vrijheid van nieuwsgaring in het digitale radiotijdperk eindelijk verzekerd en worden incidenten net als vanouds weer ‘publieke’ gebeurtenissen. Zoals het hoort in een open democratie...

INCIDENT 17-01-2007 13:47:36

9-2008

13


Het kost de nodige opbouwtijd, maar dan heb je ook wat. De Industriële Brandbestrijdingspool (IBP) van de Gezamenlijke Brandweer in het Rotterdamse haven- en industriegebied, is een systeem van grote getallen. Twee blusunits à 37.5000 liter per minuut, twee blusboten, een verdeelstuk in zeecontainerformaat en acht superdikke slangleidingen van anderhalve kilometer lengte, staan garant voor het blussen van de grootst denkbare tankbrand in het Europoort-Botlekgebied. Op 8 oktober werd het volledige IBP-systeem geoefend, inclusief alarmering en transport van het materiaal. Effectieve blustijd: circa één uur. Geschatte totale opbouw- en opruimtijd: een hele dag.

Industriële Brandbestrijdingspool Rotterdam

Eén dag werk voor één uur blussen DOOR ROB JASTRZEBSKI

H

et IBP-systeem voor industriële brandbestrijding is in september 2006 in bedrijf gesteld en wordt sindsdien jaarlijks geoefend. Als dit blusmateriaal daadwerkelijk moet worden ingezet, is er wel iets aan de hand in het Rijnmondgebied. Het opbouwen van het blussysteem is een enorme logistieke operatie, vanwege de grote dimensies van de bluspompen, de slangen en het ondersteunend materiaal. Om het bij een echte inzet allemaal binnen de afgesproken normtijden in werking te krijgen, moet er dan ook fors worden geoefend om routine te krijgen.

Arbeidsintensief en precies

NAUWKEURIGE INZETPLANNING.

14

INCIDENT

9-2008

Op 8 oktober werd op een tankpark van Shell aan de Rijndwarsweg een brand in een olie-opslagtank gesimuleerd, waarbij het IBP-systeem integraal werd beoefend. Doel van de oefening was vast te stellen of het mogelijk is om het hele systeem binnen vier uur na alarmering in werking te hebben. Circa een uur na de alarmering rolde een indrukwekkende hoeveelheid materieel en personeel gefaseerd het

SDU UITGEVERS


AANKOMST VAN DE BLUSUNITS.

Shell-terrein op. Twee haakarmvoertuigen met de twee kolossale blusunits, een haakarmvoertuig met dubbele slangenhaspel en acht achtduims slangleidingen, een haakarmvoertuig met de manifold-unit, een magazijnunit, twee trailers met elk 20.000 liter schuimvormend middel en vier tankautospuiten met personeel voor logistieke ondersteuning bij de operatie. Het opbouwen van het IBP-systeem is niet alleen een arbeidsintensieve maar ook nauwkeurige klus. Van tevoren moet heel precies worden gepland in welke volgorde het materieel moet worden aangevoerd en welke componenten op welke locaties moeten worden geplaatst. Door de omvangrijke afmetingen is het materieel na plaatsing niet zo eenvoudig te manoeuvreren als een tankautospuit of een paar straatwaterkanonnen. Ook de lengte van de af te leggen slangleidingen moet exact worden opgemeten, om na te gaan of men bij het uitrijden van het 8 slangen brede parcours met de slangenhaspelunit goed uitkomt. Meerdere slangenhaspelunits bevatten voldoende slangleiding voor een

SLANGETJE KOPPELEN.

‘inzetdiepte’ van één tot anderhalve kilometer vanaf de waterwinplaats. Tijdens deze oefening werd een lengte van slechts 440 meter overbrugd vanaf de waterleverende blusboten tot aan de blusunits. En dat was al een hele klus voor de tientallen brandweerlieden die die dag ondersteuning boden bij het logistieke proces.

Oefendoel gehaald Het inzetten van de IBP is niet uitsluitend een brandweeraangelegenheid. Zonder ondersteuning van de Rotterdam Port Authority zouden de blusunits niet kunnen functioneren. De inzet van twee incidentbestrijdingsvaartuigen van de Rotterdam Port Authority is noodzakelijk om de vereiste hoeveelheid bluswater voor de superwaterkanonnen te kunnen leveren. Voor het op een veilige manier aan wal brengen van de acht slangleidingen van 200 mm wordt gebruik gemaakt van een ponton, dat tussen de vaartuigen en de wal wordt gelegd. Ook dit ponton werd tijdens de oefening ingezet.

>

DE SLANGLEIDINGEN WORDEN OVER EEN LENGTE VAN 440 METER UITGEREDEN.

SDU UITGEVERS

INCIDENT

9-2008

15


EEN VAN DE BLUSUNITS WORDT IN STELLING GEBRACHT.

NA DRIE UUR HARD WERKEN GEVEN DE BLUSUNITS WATER.

Rond het middaguur werd duidelijk dat de oefendoelstelling was gehaald. Het IBP-systeem was volledig opgebouwd, de slangen stonden onder druk en de motoren van de blusunits waren opgestart. Dit alles binnen vier uur na alarmering. Na een korte lunchpauze werd in de middag daadwerkelijk ‘geblust’ met de twee IBP-blusmonitoren. De kanonnen werden niet echt op een opslagtank gericht, maar op de havenarm die aan het Shell-Terrein grenst. Bij het richten van de waterstralen op installaties op het terrein zelf, zou het risico groot zijn dat taluds en dijken rond de tankputten compleet zouden wegspoelen en zou enorme wateroverlast ontstaan. Een oefening rechtvaardigde dergelijke nevenschade niet. Na een klein uur in bedrijf te zijn geweest, werd de druk weer van het systeem gehaald en konden de blusunits, slangen en alle ondersteunende materialen weer worden opgeruimd. Opnieuw een klus van enkele uren, waarmee duidelijk wordt dat voor een uurtje blussen al gauw een dag werk moet worden verzet. Bij een echte tankbrand loont al die inzet echter wel degelijk. De IBP is het enige brandbestrijdingssysteem waarmee een grote tankbrand in de Rotterdamse haven in een uur tijd effectief kan worden geblust. De enige andere optie is het gecontroleerd uit laten branden van de tank en dat kan, zo is uit diverse tankbrandincidenten elders in de wereld gebleken, dagen duren. In die periode is sprake van een enorme belasting van het milieu en de volksgezondheid door de grote uitstoot van roet en andere verbrandingsproducten, terwijl ook de economische schade groter is, omdat de bedrijfsprocessen in de haven door een grote brand kunnen worden verlamd. Vanwege de complexiteit van de inzet en de lange opbouwtijd, zal de IBP niet bij iedere industriële brand worden gealarmeerd. Het is uitsluitend bedoeld voor situaties waarvoor het reguliere materieel van de Gezamenlijke Brandweer en de regio Rotterdam-Rijnmond niet toereikend zijn.

16

INCIDENT

9-2008

TWEE BLUSBOTEN VOOR DE WATERWINNING.

Eerste praktijkinzet voor IBP De oefening van de Industriële Brandbestrijdingspool op 8 oktober kreeg drie weken later een opmerkelijk vervolg. Op vrijdag 31 oktober is het systeem voor het eerst daadwerkelijk ingezet. Bij de VOPAKtankterminal deed zich een incident voor met een nafta-opslagtank, waarvan het drijvende dak door nog onbekende oorzaak in de vloeistof is gezonken. Om ontbranding van de vrijkomende dampen te voorkomen, rukte de Gezamenlijke Brandweer met groot materieel uit. Aanvankelijk werd met het reguliere materieel binnen korte tijd een schuimdeken in de tank aangebracht. Om voorbereid te zijn op eventuele escalatie van het incident, besloot de Gezamenlijke Brandweer om de IBP preventief op te starten. Beide blusunits en de zes trailers van schuimvormend middel werden rond de getroffen tank opgesteld. Omdat het systeem volledig onder druk is gebracht, kan bij een eventuele spontane ontbranding binnen vijf minuten een effectieve blussing in gang worden gezet. Het leegpompen van de naftatank is een moeilijke en tijdrovende klus, waarbij voortdurend brandweerpersoneel aanwezig is. Totdat de operatie is afgerond zal het IBP-materieel rond de tank opgesteld blijven.

VOOR DERGELIJKE TANKPARKEN IS DE IBP BEDOELD.

SDU UITGEVERS


Begin november was de grote landelijke oefenweek onder de naam ‘Waterproef’. Daaraan vooraf waren er op diverse locaties al voorbereidingen aan de gang. Zo ook in de regio Zuid-Holland Zuid. Tamara Schiedon verhaalt van het ‘waterproef’ maken van de GHOR aldaar.

Voorbereidingen op landelijke oefenweek

GHOR ZHZ is Waterproef!! DOOR TAMARA SCHIEDON

I

n voorbereiding op de landelijke ‘overstroming’ oefenweek in november is ook het bureau GHOR Zuid-Holland Zuid in rep en roer. Voorbereiden op ongevallen en rampen is hetgeen waar de medewerkers dagelijks mee bezig zijn. Het is voor de medewerkers het primaire proces. Ketenpartners worden voorbereid en het bureau GHOR ondersteunt de ketenpartners bij hun voorbereiding. Daar is niets vreemds aan … Maar de landelijke oefenweek die draait om de bestrijding van de negatieve gevolgen van overstromingen, brengt toch wel wat hectiek met zich mee. Iedereen is in de ban van deze oefenweek en vooral om 4 november. Want dan oefent de regio Zuid-Holland Zuid zowel bestuurlijk als operationeel. Een van de onderdelen binnen de operationele oefening is de evacuatie van een verpleeghuis. Over de voorbereiding op deze evacuatie heeft u in de vorige uitgave van Incident uitvoerig kunnen lezen.

Extranet van de GHOR beheert alle gegevens De GHOR Zuid-Holland Zuid heeft zich jaren geleden al voorbereid op een situatie als die van een evacuatie van een verpleeghuis. In 2004 is een procedure geschreven die de continuïteit van zorg van alle regionale zorginstellingen waarborgt in geval van een ontruiming of bij de tijdelijke opvang van bewoners elders. Deze procedure, de procedure Ontruiming en Onderlinge Bijstand Zorg, is onlangs door de medewerkers van de productgroep Operationele Voorbereiding

procedure van Verpleeghuis Lingesteyn. Wij hebben de ontruimingsprocedure nagelopen en alle processen praktisch getoetst. Daarna volgden wat aanbevelingen om de procedure kwalitatief te verbeteren. Dit doen wij als productgroep OPV natuurlijk niet alleen. Samen met de productgroep Opleiden, Trainen en Oefenen (OTO) binnen het bureau GHOR ZHZ hebben wij deze case bekeken. OTO heeft daaropvolgend Lingesteyn ondersteund bij de table-top oefening van 18 september.”

(OPV) binnen het bureau GHOR ZHZ opnieuw bekeken. Gerard Steenveld, Staffunctionaris OPV, vertelt dat alle zorginstellingen en thuiszorgorganisaties schriftelijk zijn benaderd. “Wij hebben de instellingen gevraagd de gegevens die wij in ons systeem hebben staan, te checken op juistheid. Naast correcte NAW gegevens, zijn wij graag op de hoogte van specifieke details met betrekking tot de opvangcapaciteit en omvang van de instelling, noodvoorzieningen zoals het hebben van een noodstroomaggregaat, warmtevoorziening en drinkwatervoorraad. Al deze gegevens staan op het extranet van onze website. Op ieder uur van de dag is het mogelijk de gegevens in te zien, te wijzigen en rapporten uit te draaien. Ook door de instelling zelf”, geeft Gerard aan. “Ten tijde van een incident, bijvoorbeeld bij een evacuatie, kan het ActieCentrum GHOR met behulp van de opgeslagen gegevens een instelling ondersteunen naar het zoeken van een gepaste oplossing voor haar bewoners.”

Productgroepen werken nauw samen Gerard: “Naast het checken van deze procedure, hebben wij onze medewerking ook verleend bij het testen van de ontruimings-

SDU UITGEVERS

Naast ondersteuning levert het bureau GHOR ZHZ ook capaciteit aan de voorbereiding op oefening Waterproef ZuidHolland Zuid. Zo wordt Angela Loeffen, Staffunctionaris OTO, ingezet bij de werkgroep Multidisciplinair Opleiden en Oefenen binnen de Veiligheidsregio Zuid-Holland Zuid. Angela: “Alle deelnemende organisaties (brandweer, GHOR, GMC, waterschappen, politie, Defensie en gemeenten) leveren zowel inhoudelijk deskundigen en oefenleiders, als deelnemers, en daarmee is dit een gezamenlijk traject. De deelnemende organisaties zijn verantwoordelijk om de gezamenlijke vastgestelde oefendoelen uit te zetten binnen de eigen disciplines.”

Nieuw ActieCentrum GHOR “Kwaliteit staat bij het bureau GHOR ZHZ altijd voorop. Wij willen de ketenpartners in de Witte Kolom graag van een hoog kwalitatief niveau ondersteunen. Ons kwaliteitssysteem vraagt daar ook om. Het verbeteren van de inrichting van het ActieCentrum stond in dit kader al een tijdje op ons ‘To-Do’ lijstje”, moet Gerard bekennen. “Met de voorbereiding op oefening Waterproef Zuid-Holland Zuid is daar een beetje vaart achter gezet. Dan beschikken wij over een nieuw ActieCentrum compleet uitgerust met een smartboard en twee LCD schermen. Alles conform de laatste technologische ontwikkelingen. Je kunt wel zeggen dat wij als GHOR ZHZ helemaal klaar zijn voor de oefening!” In de volgende Incident leest u een uitgebreid verslag van diverse oefeningen in het kader van Waterproef.

INCIDENT

9-2008

17


De Vakbeurs Ambulancezorg 2008 in Apeldoorn was weer een geslaagde beurs waarbij het symposium zeer goed bezocht werd. Op de beursvloer zelf werd het niet overmatig druk maar dat was voor de bezoeker juist een voordeel: geen voortschuifelende rijen waardoor bij elke stand volop gelegenheid was om zich goed te laten informeren. Tijdens de drie beursdagen hebben een paar duizend mensen uit het ambulancevak de beurs bezocht.

Vakbeurs en symposium Ambulancezorg 2008

Geslaagde vakbeurs voor de gele kolom DOOR GERARD PIJNENBURG

FRED TEEVEN OPENT HET SYMPOSIUM EN REIKT DE AMBULANCEONDERSCHEIDING UIT.

O

p vrijdag 31 oktober vond tijdens de Ambulancebeurs 2008 in Apeldoorn het 16e Symposium Ambulancezorg plaats. Het symposium, georganiseerd door de Stichting VCHV en de beroepsvereniging V&VN Ambulancezorg, was met ruim driehonderd deelnemers druk bezocht. De nadruk van het symposium lag deze keer op de veiligheid in de ambulancezorg. Het ging om de vraag wat onze Nederlandse Ambulancezorg kan leren van het omgaan met veiligheid in de ambulancezorg van België, Engeland en Canada. Daarnaast was het de vraag hoe bij de politie en in de luchtvaart met veiligheid wordt omgegaan en wat de psychotraumahulpverlening met betrekking tot de veiligheid van ambulancemedewerkers kan betekenen.

DE VRIENDELIJK INGERICHTE AMBULANCE VAN STICHTING TWENTSEWENS.

Symposium Het symposium werd geopend door Fred Teeven, lid van de Tweede Kamer voor de VVD. In zijn openingsrede gaf Teeven aan dat er de laatste jaren duidelijk iets veranderd is in de werkomstandigheden van de ambulancehulpverleners. “Niet zozeer de moeilijke omstandigheden waaronder men moeten werken, dat was vijftien of vijfentwintig jaar geleden ook zo en vijfentwintig jaar geleden ook. Vooral de agressie tegen hulpverleners is de laatste jaren groter geworden. Dat realiseert de politiek zich heel goed en die wil zich dan ook inzetten om dat terug te dringen. Dat zijn beslist geen loze woorden, de politiek wil de hulpverlening daarin steunen. Moet dat door camera’s op de voertuigen? Ik vind van niet, maar daarover verschil ik van mening met de minister van Binnenlandse Zaken. Maar er moet een veilige werkomgeving zijn op straat en dat kan onder andere door een nog nauwere samenwerking tussen de politie en de ambulancehulpverlening. Er moet ook gewerkt worden aan begrip onder de bevolking voor dit probleem. Maar waak voor een overkill aan publiciteit, daarmee kun je mensen ook op bepaalde ideeën brengen.” Teeven reikte de tweejaarlijkse Ambulanceonderscheiding uit aan Hans de Jong, directeur van het Witte Kruis Holding. Teeven: “Een man die vindt dat hij als werkgever in de ambulancezorg ook ondernemer is en teamwork moet leveren. Hij is niet alleen iemand die zijn onderneming van de grond af aan heeft opgebouwd, maar ook mede sturing heeft gegeven aan de ambulancesector wat betreft kwaliteit en professionalisering”

Zaterdag gezinsdag Vakcollega’s uit de ambulancehulpverlening kwamen met partners, kinderen en familieleden naar de ambulancevakbeurs. Sommige standhouders speelden daar op in door leuke hebbedingetjes aan de kinderen uit te delen.

18

INCIDENT

9-2008

SDU UITGEVERS


De Stichting Twentsewens Ambulance deelde bouwplaten uit aan de kinderen die ook een kijkje konden nemen in de ambulance van de stichting die een bijzondere uitstraling heeft. De Stichting Twentsewens vervoert langdurig chronisch zieken of mensen die (pre)terminaal zijn en die een wens hebben waarbij vervoer noodzakelijk is. Dat kan van alles zijn, van een familiebezoek tot een dagje uit of nog even langs de vereniging waarvan je jarenlang lid bent geweest. De Landelijke Meldkamer Ambulance Zorg (LMAZ) deelde kleurplaten uit aan de basisschooljeugd. Op de kleurplaat wordt door middel van een grote cartoontekening uitgelegd wat de functie van de LMAZ is. Op de achterkant staat nog een drietal vragen die de kinderen moeten beantwoorden. Kinderen die de kleurplaat insturen naar de LMAZ kunnen een spannend dagje winnen met bezoek aan een meldkamer, een ambulancepost en misschien zelfs een bezoekje aan een traumaheli.

de landing in om vervolgens op het voorplein bij de beurshallen te landen. Voor deze gelegenheid was het traumateam met een extra vierde teamlid naar de beurs gekomen. Wie dat wilde kon vragen stellen aan de piloot, de twee traumaverpleegkundigen of aan de trauma-arts. Kinderen mochten om beurten even in de cockpit zitten. Om 14.00 uur vertrok het team weer met de traumaheli richting standplaats Volkel, in afwachting van een inzet door een regionale meldkamer ambulancezorg.

Geslaagd Chris de Vogel, voorzitter van de beroepsvereniging V&VN Ambulancezorg kijkt terug op een geslaagde beurs. “We kunnen terugkijken op een geslaagd symposium en leuke, gezellige en zinvolle beursdagen. Tussen alle activiteiten door is het ons ook nog gelukt om leden te werven voor de afdeling Ambulancezorg en de V&VN. Als iedereen zijn of haar toezegging waarmaakt, dan hebben we er minimaal dertig nieuwe leden bij.�

Een traumahelikopter, de Lifeliner 3 (PH-ELP) van traumaregio Oost zette om 12.10 uur onder grote belangstelling

SDU UITGEVERS

INCIDENT

9-2008

19


Nog een half jaar te gaan tot IVIC 2009, maar in Katwijk zijn de verwachtingen al hooggespannen. Het voormalige marinevliegkamp Valkenburg in de Zuid-Hollandse gemeente is in mei volgend jaar vier dagen lang ‘Ground Zero’ voor de grootste multidisciplinaire hulpverleningsvakbeurs van Nederland. Commandant Bas de Leeuw van Brandweer Katwijk blikt vooruit op de kansen en mogelijkheden die de nieuwe locatie voor IVIC biedt.

Interview brandweercommandant Katwijk

‘Ground Zero’ voor IVIC 2009 DOOR ROB JASTRZEBSKI

“H

et voormalige marinevliegkamp is een uitgelezen locatie voor een groot hulpverleningsevenement als IVIC”, vertelt Bas de Leeuw. “Op het terrein is een uitstekende infrastructuur en is veel ruimte beschikbaar voor tentoonstellingsdoeleinden en voor parkeergelegenheid. Ook zijn er grote hangars die gemakkelijk aan te passen zijn als beurshal. Grote investeringen in de brandveiligheid zijn daarbij niet nodig, want vanuit hun oorspronkelijke functie als vliegtuighangar voldeden ze al aan strenge eisen qua brand- en constructieveiligheid. Tenslotte is op veel plaatsen sprake van een vloeistofdichte bodem; een belangrijke voorwaarde voor het houden van praktijkdemonstraties met open vuur. Wat dat laatste betreft ben ik optimistisch over het demonstratieprogramma van IVIC. De laatste keer dat de beurs in Rosmalen werd georganiseerd, was het voor de organisatie en de bezoekers heel teleurstellend dat vrijwel alle demonstraties en oefeningen met open vuur moesten worden afgelast, vanwege de strenge milieu-eisen. Maar het terrein in Rosmalen lag dan ook in een waterwingebied. Hier is dat niet het geval en de vloeistofdichte bodem onder het terrein is een gunstig

BAS DE LEEUW, COMMANDANT VAN BRANDWEER KATWIJK.

20

INCIDENT

9-2008

vertrekpunt. Bovendien ligt er een ruime ‘groenbuffer’ rond het terrein en is er een behoorlijke afstand tot de woonbebouwing. Dat zijn allemaal gunstige omstandigheden, maar de gesprekken met de gemeente over de vergunningverlening moeten nog worden gevoerd, dus niets is nog concreet.”

Van vliegveld tot evenemententerrein Het militaire vliegkamp Valkenburg werd na het vertrek van de Koninklijke Marine in 2007 ‘leeg’ opgeleverd en kwam op dat moment in eigendom van de Dienst der Domeinen. Die verhuurt het terrein nu aan organisatoren van grote evenementen. Tijdelijk, want het terrein heeft een woningbouwbestemming en op termijn zullen er 2000 tot 3000 woningen verrijzen. Omdat de planologische procedures naar verwachting nog wel enkele jaren in beslag zullen nemen, kan het terrein tot die tijd perfect als tijdelijk evenemententerrein dienen. Of ook de volgende IVIC-beurs in 2011 op Valkenburg kan worden gehouden, is volgens De Leeuw nog de vraag. Brandweer Katwijk heeft op twee manieren met de aankomende beurs te maken. Enerzijds als veiligheidsadviseur voor de gemeente in het kader van de af te geven evenementenvergunning, waarbij alle aspecten van milieu, brandveiligheid op het terrein en in de hallen en verkeerscirculatie integraal worden bekeken, anderzijds als deelnemer in de organisatie. “Als brandweerkorps vinden we het natuurlijk geweldig dat Katwijk vier dagen lang de ‘hoofdstad’ van de multidisciplinaire hulpverlening is. Het zet de gemeente mooi op de kaart bij de Nederlandse en buitenlandse hulpdiensten die als deelnemers of als bezoekers op het terrein neerstrijken. Maar als korps dragen we zelf ook actief een steentje bij door onze deelname aan het demonstratieprogramma. In dat opzicht biedt de beurs ook voor ons

SDU UITGEVERS


DE BRANDWEERKAZERNE VAN KATWIJK, MET TWEE UITRUKNIVEAUS!

DOOR DEZE POORT STROMEN IN MEI VOLGEND JAAR DUIZENDEN HULPVERLENERS EN BEZOEKERS HET TERREIN OP.

korps kansen. De korpsleden zijn in ieder geval enthousiast over het naderende evenement.”

Oefenpaspoort Een nieuw element in de vakbeurs in 2009 is dat de organisatie werkt aan een programma, waarbij actieve deelname van brandweerkorpsen aan demonstraties en oefeningen meetelt in de oefenurenregistratie in het oefenpaspoort. “Het mes snijdt dan aan twee kanten”, aldus Bas de Leeuw. “Bezoekende brandweerkorpsen kunnen actief aan diverse demonstraties meedoen, waardoor de beurs voor hen veel aantrekkelijker wordt, terwijl ze tegelijk extra oefenuren kunnen registreren conform de Leidraad Oefenen. Dat scheelt weer in hun eigen oefenprogramma, dat de korpsen toch al veel oefenavonden kost. Brandweer Katwijk zal graag van die mogelijkheid gebruik maken. In overleg met de organisatie zullen we bekijken hoe we die oefenmomenten kunnen invullen.” Brandweer Katwijk is momenteel druk doende om de herziene Leidraad Oefenen in de organisatie in te vullen. De drie vrijwillige oefencoördinatoren van de posten Katwijk, Rijnsburg en Valkenburg hebben er een flinke klus aan. De Leeuw ziet het deelnemen aan de praktijkoefeningen tijdens IVIC als een leuke aanvulling op de reguliere oefencyclus.

Gebrek aan water? Het programma voor IVIC 2009 is nog volop in ontwikkeling. De ambities van de organisatie zijn hoog; de beurs moet groter en spectaculairder worden dan ooit. Aan ruimte is zoals gezegd geen gebrek en de oorspronkelijke taakstelling van het terrein laat een grote inbreng van ‘vliegende hulpdiensten’ toe. Waar het volgens De Leeuw wel een beetje kan wringen is op het gebied van open water.

SDU UITGEVERS

“In tegenstelling tot het Autotron in Rosmalen zijn hier geen uitgestrekte waterpartijen op het terrein aanwezig. Dat kan een knelpunt zijn bij het organiseren van de watergebonden hulpverleningstaken, zoals het duiken en het demonstreren van grootvermogenpompen, waterwerpers en vaartuigen. We onderzoeken nog hoe we voor bepaalde expositiedoeleinden voldoende water kunnen genereren. Misschien bieden bassins een oplossing. Een andere mogelijkheid is gebruik te maken van een zandwinplas in de omgeving, maar die grenst niet direct aan het vliegkamp. Of de afstand een onoverkomelijke hindernis is, is nog niet te zeggen. Het is allemaal nog onderwerp van studie. We hebben ook nog ruim een half jaar te gaan.” Gevraagd naar de definitieve status van het terrein voor de toekomst, zegt De Leeuw dat de woningbouwbestemming vastligt. Jammer, want het terrein zou ook bij uitstek geschikt zijn geweest als nationaal multidisciplinair oefencentrum. “Het zou mooi geweest zijn als we, naar het voorbeeld van het oefencentrum dat nu over de grens op de voormalige vliegbasis Weeze wordt gerealiseerd ook hier een nationaal oefencentrum hadden kunnen realiseren. Maar dat is inmiddels een gepasseerd station. Toch denk ik dat er in Nederland nog steeds behoefte is aan zo’n landelijk multidisciplinair oefenterrein. De mogelijkheden voor zo’n grootschalige oefenvoorziening zijn beperkt, dus moet je elke potentiële locatie onderzoeken. Maar het staat vast dat op dit terrein uitsluitend ten behoeve van IVIC zal worden geoefend en dat het terrein daarna definitief tot zijn nieuwe woningbouwbestemming zal worden ontwikkeld.”

Brandweer Katwijk in kort bestek Brandweer Katwijk, de informele ‘gastheer’ van IVIC, is in zijn huidige organisatievorm nog vrij jong. In 2006 werden de tot dat moment zelfstandige gemeenten Katwijk, Rijnsburg en Valkenburg tot één nieuwe gemeente Katwijk samengevoegd. Ook de drie brandweerkorpsen fuseerden tot één korps, met drie posten. Katwijk telt circa 62.000 inwoners en het brandweerkorps telt circa 90 leden. De uitrukdienst van de drie posten is geheel vrijwillig, maar wordt overdag bij alarm wel aangevuld met beroepsleden uit de dagdienst. In de tijd dat het marinevliegkamp nog operationeel was, hadden de omliggende brandweerkorpsen een intensieve samenwerking met de Marinebrandweer en werd er veelvuldig samen geoefend. Grote incidenten op het vliegveld hebben zich in de praktijk nooit voorgedaan.

INCIDENT

9-2008

21


Wanneer een incidentmelding binnenkomt bij een bergingsbedrijf, dan wordt dit tegenwoordig geregistreerd in een automatisch systeem. De software die door de meeste bergingsbedrijven wordt gebruikt, bestaat nog niet eens zo heel lang. Het verhaal achter ‘Takel en Berging’.

Van losse kladblaadjes tot boardcomputer DOOR FREEK DE KNEGT

N

og niet eens zo heel lang geleden kwamen er heel wat losse kladblaadjes, mobilofoongesprekken en denkwerk bij kijken als bergingsbedrijf Bergnet een melding binnenkreeg. Negen jaar geleden vond directeur Nicole Vlaar dat het tijd werd voor een stabieler softwarepakket dan het programma waar de meeste takel- en bergingsbedrijven toen nog mee werkten. Belangrijkste criteria waar een nieuw pakket aan zou moeten voldoen, waren een eenvoudige bediening en dat het mee zou kunnen gaan in de ontwikkelingen en mogelijkheden binnen de automatiseringsmarkt . Automatiseringsbedrijf Pacx pakte samen met Vlaar de handschoen op en die samenwerking leidde tot de module Takel en Berging binnen Promatie, waar inmiddels het merendeel van de takel- en bergingsbedrijven mee werkt. Alles werkt nu automatisch, dus sneller, goedkoper en met minder fouten; al is de romantiek van het ‘bakkie’ wel een beetje verdwenen. Bergnet behoort met ruim veertig medewerkers en drie vestigingen - in Amsterdam, Blaricum en Almere - tot de top vijf van bergingsbedrijven in Nederland. De hulp varieert van het takelen en transporteren van beschadigde voertuigen, het verlenen van pechhulp aan een gestrand voertuig tot het transporteren van overige voertuigen in binnen- en buitenland. Twintig gekeurde en herkenbare gele bergingsvoertuigen staan 24 uur per dag en zeven dagen per week paraat. Dagelijks krijgt Bergnet gemiddeld tachtig meldingen binnen in zijn plancentrale in Amsterdam.

Kladpapiertje Directeur Nicole Vlaar kan zich nog goed herinneren hoe opdrachten vroeger werden verwerkt: “Als er werd gebeld door een opdrachtgever, maakte de telefoniste een

22

INCIDENT

9-2008

notitie met alle belangrijke gegevens, zoals de aard van de opdracht, de locatie, merk auto, kenteken en de eigenaar. De planner zocht vervolgens een beschikbare chauffeur voor de opdracht. De planning zat volledig in zijn hoofd. De planner gaf de opdracht met de mobilofoon door aan een chauffeur, die de gegevens zelf weer op een kladpapiertje schreef. Die reed naar de stranding en als hij klaar was maakte hij een vrachtbrief, waarmee hij naar de administratie ging. Deze vrachtbrief werd handmatig in het systeem gezet en aan de hand van verschillende codes werden daar op de administratie de facturen van gemaakt – zo stond bijvoorbeeld A1 voor een berging, A6 voor transport en A8 voor pechhulp.” Het hele proces was behoorlijk omslachtig, legt Vlaar uit. Gegevens werden meerdere malen overgebracht en opgeschreven, om vervolgens ingevoerd te worden in een datasysteem. Bovendien was er nogal wat hand- en denkwerk nodig voor het maken van facturen: “Je moest al die codes goed kunnen beheersen. Je kon niet zomaar een invalkracht inhuren om facturen te maken, daarvoor was het te ingewikkeld.”

Storingen Het softwarepakket waar Bergnet (en de meeste andere bergingsbedrijven) destijds mee werkte, werkte onder het oude besturingssysteem MS-DOS. “Het systeem vertoonde regelmatig storingen . Dan moest er weer iemand komen om aanpassingen door te voeren en dat was best duur. Op een gegeven moment dacht ik: dat moet ook anders kunnen.” Een echt alternatief was er niet. “Toen ben ik op zoek gegaan naar een bedrijf om samen een oplossing mee te ontwikkelen. Ik dacht: er is een markt voor, als je dit goed oppakt. Ik ben bij Pacx uitgekomen en die zijn daar serieus

SDU UITGEVERS


“Het streven is dat op termijn de vrachtbrief verdwijnt en dat er een elektronische vrachtbrief en factuur voor in de plaats komt.” hun meldingen online versturen en zo veel tijd besparen op het telefonisch doorgeven en terugmelden van gegevens.

Van één naar drie vestigingen DIRECTEUR NICOLE VLAAR VAN BERGNET.

op ingesprongen.” Het ontwikkelen van een programma voor het verwerken van meldingen heeft heel wat uren aan programmeertijd van Pacx gekost en aan input en kennis van Vlaar. “Dat was een dappere stap voor een klein automatiseringsbedrijf.” Wat de directeur graag wilde, was dat als er een melding binnenkwam, alle gegevens meteen ingevoerd zouden kunnen worden in de computer. Dat is gelukt: “Als er nu een melding binnenkomt, voert een telefonist de relevante gegevens in, een planner ziet de melding in zijn scherm en kan die meteen oppikken. Inmiddels kan Bergnet zelfs via het zogeheten track & trace-systeem zien welke chauffeur waar rijdt, en waar hij mee bezig is.” Het is dus ook vrij gemakkelijk om te bepalen welke chauffeur het beste naar een opdracht gestuurd kan worden: “De planner stuurt de opdracht door naar de chauffeur en als die accepteert, krijgt de planner een retourmelding in zijn scherm.” Tussentijds komen via het systeem ook meldingen binnen, bijvoorbeeld om te laten weten dat de chauffeur ter plaatse is of dat er een reparatie is uitgevoerd.

Tijd en energie Promatie, zoals het softwarepakket van Pacx heet, heeft zich hard ontwikkeld in de loop der jaren. “Wij zijn begonnen als eerste gebruiker. Toen meer bergingsbedrijven met het pakket gingen werken, is een evaluatiegroep opgezet met meerdere gebruikers. Pacx heeft daar heel veel tijd en energie ingestoken.” Niet zonder gevolgen, overigens: van de 170 takel- en bergingsbedrijven in Nederland werken er inmiddels 100 met het programma. Om bij te blijven met de ontwikkelingen, houdt Pacx nauw contact met de brancheverenigingen en organiseert het twee keer per jaar een gebruikersbijeenkomst. Om het hele proces vanaf het binnenkomen van de melding tot het administratief verwerken van de factuur te automatiseren, is er een koppeling tussen Promatie en het boekhoudprogramma Unit 4 Multivers van Unit 4 Agresso. “Alle gegevens worden automatisch geëxporteerd, zodat ze in de boekhouding verwerkt kunnen worden. Het streven is dat op termijn de vrachtbrief verdwijnt en dat er een elektronische vrachtbrief en factuur voor in de plaats komt.” Om het hele meldingsproces voor zowel bergers als opdrachtgevers te versnellen, heeft Pacx ook opdrachtgevers benaderd. Diverse opdrachtgevers maken al gebruik van de mogelijkheid om rechtstreeks te communiceren met het pakket van de berger. Er zijn zelfs opdrachtgevers die

SDU UITGEVERS

Wat levert deze manier van werken eigenlijk op? Werkt het sneller, bespaart Bergnet er veel geld mee? Vlaar: “Nou, het belangrijkste is eigenlijk dat we door dit systeem efficiënter werken en zo in staat zijn geweest om op een gecontroleerde manier te groeien als bedrijf. In 1999 hadden we nog maar één vestiging, in Blaricum. Daar zijn in 2002 Amsterdam en in 2004 Almere bij gekomen. Het was veel moeilijker geweest om met drie vestigingen en één plancentrale te werken in de oude situatie.” Een ander voordeel is dat het een stuk gemakkelijker is geworden om rapportages en statistieken te leveren aan de opdrachtgevers. Vlaar: “We merken dat onze opdrachtgevers continue aan het ontwikkelen zijn om hun processen efficiënter te laten verlopen en over voldoende management informatie te beschikken. Hiervoor hebben ze van ons ook informatie en statistieken nodig. Dat is nu wel gemakkelijker dan vroeger.”

Bakkie Voordelen genoeg dus, maar doen al die automatische meldingen niet een beetje afbreuk aan de goede ouwe tijd van het ‘bakkie’? “Vooral de chauffeurs hebben er in het begin erg aan moeten wennen. Omdat ze inderdaad graag met de mobilofoon werkten, maar ook omdat ze het gevoel hadden dat ze heel erg werden gecontroleerd.” Dat gevoel is in de loop der tijd wel weggegaan. “Het scheelt ook gewoon een hoop gedoe. Het risico dat een melding foutief wordt doorgebeld of begrepen is nu veel kleiner. Chauffeurs lezen de gegevens af van hun boardcomputer in de vrachtwagen.”

SCHERMAFBEELDING VAN TAKEL EN BERGING.

INCIDENT

9-2008

23


Sinds begin november is het Rotterdamse Erasmus Medisch Centrum het eerste ziekenhuis in Nederland met een volwaardige eigen decontaminatieruimte. Doel van de investering: voorkomen dat slachtoffers met een chemische, biologische, radiologische of nucleaire besmetting bij opname ook ziekenhuispersoneel besmetten. Op 4 november werd de interne ontsmettingsorganisatie van het Erasmus MC aan een praktijkoefening onderworpen.

Erasmus-MC Rotterdam leidt eigen decontaminatieteam op

Alarm! Chemisch besmette patiënt op de eerste hulp! DOOR ROB JASTRZEBSKI

H

et Erasmus MC heeft in november vorig jaar een zogeheten ‘secundaire besmetting’ van hulpverleners in de praktijk mogen ondervinden. Een schrik voor de medische staf en de directie van het ziekenhuis. Een decontaminatieruimte bij de afdeling Spoedeisende Hulp, een getraind decontaminatieteam, opleiding voor het personeel van de Spoedeisende Hulp èn een gedegen protocol moeten dergelijke gebeurtenissen vanaf nu voorkomen. Dat juist een academisch ziekenhuis in Rotterdam het eerste ziekenhuis is met een ontsmettingsvoorziening, is geen toeval. Het Rijnmondgebied heeft het grootste cluster chemische en petrochemische industrieën van Nederland, inclusief intensieve goederenstromen van gevaarlijke stoffen over de weg, het water en het spoor. Grote calamiteiten waarbij mensen met gevaarlijke stoffen worden besmet zijn in deze regio dan ook een reëel risico. Om die reden besloot de directie van het Erasmus MC op voorstel van een interne projectgroep dan ook om bij het uitwerken van een decontaminatievoorziening niet te beknibbelen en het project grondig aan te pakken. Een compleet ingerichte ontsmettingsruimte is het resultaat van het project.

figuranten braaf lang bleven wachten tot de decontaminatiestraat was opgebouwd, was geen realistische weergave. In werkelijkheid is tachtig procent van die slachtoffers zelf al vertrokken naar huis, de huisarts of het ziekenhuis, als de hulpverleners nog volop aan het opschalen zijn. Als je als ziekenhuis niet bent voorbereid op slachtoffers die op eigen gelegenheid binnenkomen, worden ziekenhuismedewerkers zelf slachtoffer.” En dat is precies wat er in november vorig jaar gebeurde. Bij het openen van een zeecontainer die was behandeld met een giftig ongediertebestrijdingsmiddel, werden enkele werknemers van een bedrijf in Hardinxveld-Giessendam ernstig ziek. Ook enkele bedrijfshulpverleners, ambulancemedewerkers, leden van het Mobiel Medisch Team en een personeelslid van de afdeling Spoedeisende Hulp van het Erasmus MC, werden na contact met de slachtoffers onwel.

Op eigen gelegenheid In sommige kringen zal het nut van een decontaminatieruimte in een ziekenhuis wellicht worden betwist. De procedures en protocollen in de rampenbestrijding schrijven immers voor dat ontsmetting bij CBRN-incidenten al òp het rampterrein wordt uitgevoerd, door specialisten van de brandweer. Een niet-ontsmette patiënt mag nooit in een ambulance belanden, laat staan op de afdeling Spoedeisende Hulp van een ziekenhuis. Zo luidt althans de theorie. Maar volgens crisiscoördinator Jeanne de Vetter van het Erasmus MC, verantwoordelijk voor de interne ontsmettingsorganisatie, is de praktijk weerbarstiger. “Ervaringen met rampen wereldwijd wijzen uit dat slechts zeven procent van de slachtoffers die in het ziekenhuis belanden per ambulance zijn vervoerd. De rest gaat op eigen gelegenheid of met hulp van derden naar de eerste hulp. Het gebeurde op nine-eleven in New York, het gebeurde bij de vuurwerkramp in Enschede en het zal ook bij chemische of biologische incidenten gebeuren. Oefening Voyager in 2007, waar heel veel besmette

24

INCIDENT

9-2008

SEH-MEDEWERKERS KRIJGEN LES IN HET OMGAAN MET BESMETTE SLACHTOFFERS.

SDU UITGEVERS


“Op dat moment beschikten we nog niet over persoonlijke beschermingsmiddelen en een protocol voor het omgaan met dergelijke gevallen”, vervolgt Jeanne de Vetter. “Om ons beter voor te bereiden hebben we na het incident direct beschermingsmiddelen voor het personeel van de afdeling Spoedeisende Hulp aangeschaft, in de vorm van wegwerpoveralls, nitril handschoenen, overschoenen, een filtermasker en veiligheidsbril. Bij twijfel geldt het devies: eerst persoonlijke bescherming aan, dan handelen. De veiligheid en gezondheid van het ziekenhuispersoneel komt op de eerste plaats.”

Protocol en opleiding De decontaminatieruimte die het ziekenhuis heeft laten bouwen, is gevestigd naast de ambulancesluis bij de afdeling Spoedeisende Hulp. Wanneer een patiënt met verschijnselen van CBRN-besmetting arriveert, wordt die in de ‘vuile zone’ van de ontsmettingsruimte ontkleed en met water en zeep ontsmet en vervolgens in de ‘schone zone’ gereedgemaakt voor opname op de afdeling Spoedeisende Hulp. Omdat er voor ziekenhuizen geen protocol bestond voor het omgaan met CBRN-besmette patiënten, heeft het Erasmus MC in samenwerking met het AMC in Amsterdam en het Elisabeth-ziekenhuis in Tilburg een ‘totaalpakket’ ontwikkeld, bestaande uit een richtlijn, een opleidings- en trainingsprogramma en een oefensystematiek. Dit pakket is als eerste in het Erasmus MC geïntroduceerd en is tevens aangeboden aan alle Nederlandse ziekenhuizen. Met het oog op de ingebruikname van de decontaminatievoorziening, heeft het Erasmus MC een eigen decontaminatieteam laten opleiden, dat gebruik maakt van een chemiepak. Medisch handelen is in deze beschermende uitrusting onmogelijk. In situaties waarin een onstabiele patiënt in levensgevaar arriveert, wordt daarom een aangepaste procedure gevolgd, waarin personeel van de afdeling Spoedeisende Hulp met beschermende kleding in de decontaminatieruimte eerst de stabilisatie uitvoert. Al het personeel van de afdeling Spoedeisende Hulp en specialisten die daar kunnen worden opgeroepen voor behandeling van binnenkomende patiënten, hebben eveneens een cursus ‘Besmette slachtoffers op de Spoedeisende Eerste Hulp’ gevolgd. Voor al het SEH-personeel is eveneens beschermende kleding aangeschaft; de eerder genoemde wegwerpoveralls, filtermaskers, overschoenen en handschoenen. Die uitrusting biedt een minder hoge beschermingsgraad dan de kleding van het decontaminatieteam, maar is in principe afdoende voor het uitvoeren van een stabilisatie van een onstabiele patiënt, mits correct volgens de opgestelde richtlijn wordt gewerkt. Overigens zal het SEH-personeel ook na ontsmetting van de patiënt nog in de eigen beschermende kleding werken als de patiënt naar de SEH wordt doorgestuurd. Zelfs na ontsmetting is er namelijk altijd nog het risico dat een patiënt ingeademde gevaarlijke stoffen uitademt. Ook daar moet het personeel rekening mee houden. De opleiding van het SEH-personeel is de afgelopen maanden uitgevoerd in samenwerking met de GHORacademie. Verpleegkundigen, artsen, anesthesiologen en andere specialisten met een SEH-taak, werden zowel theoretisch als praktisch bijgeschoold in het herkennen van de symptomen en risico’s van een CBRN-besmetting èn in het werken in beschermende kleding. Voor de meeste ziekenhuismedewerkers een bijzondere en

SDU UITGEVERS

EEN BEETJE ONWENNIG IN HET BESCHERMENDE PAK.

nieuwe ervaring, waarbij duidelijk werd dat het werken in beschermende kleding beperkingen heeft en de communicatie met de patiënt bemoeilijkt.

Maximale variant De in het project ontwikkelde landelijke richtlijn geeft minimumeisen voor voorzieningen die eigenlijk ieder ziekenhuis beschikbaar zou moeten hebben om adequaat te kunnen reageren op een ongeleide instroom van besmette patiënten. De richtlijn is echter niet meer dan een advies, aangezien er landelijk geen wettelijke regeling is die ziekenhuizen een ontsmettingsinrichting kan opleggen. Per ziekenhuis zal de directie moeten beslissen of zij willen investeren in een ontsmettingsvoorziening en bijbehorende organisatie of niet. Een investering die behoorlijk fors kan uitpakken, zoals in het Erasmus MC, waar de bouw en inrichting van de decontaminatie-unit enkele tonnen heeft gekost. “Onze Raad van Bestuur heeft met de bouw van een degelijke ontsmettingsruimte gekozen voor de maximale variant”, besluit Jeanne de vetter. “Rotterdam-Rijnmond heeft immers een hoog risicoprofiel wat betreft chemische ongevallen, dus we kunnen op ieder moment met zo’n incident of ramp worden geconfronteerd. Alle ziekenhuizen moeten echter zelf afwegen welke voorziening voor het maatgevende risico in hun werkgebied passend is. In de meeste van de ongeveer honderd ziekenhuizen volstaat wellicht een provisorische ontsmettingsvoorziening met persoonlijke beschermingsmiddelen voor het personeel. Met de vergaande organisatievorm waarvoor wij gekozen hebben, zijn we vooralsnog uniek in de Nederlandse ziekenhuiswereld.”

INCIDENT

9-2008

25


In onze serie over bedrijfsbrandweer is Tina Reinders deze keer op bezoek bij Greif, een Amsterdams bedrijf voor verpakkingsmaterialen. Door de speciale materialen die in het bedrijf verwerkt worden, werkt de brandweer niet met water en poeder, maar met schuim en edelgassen.

Bedrijfsbrandweer in de fabriek van Greif Packaging

Geen water en poeder, maar schuim en gas DOOR TINA REINDERS

G

reif in Amsterdam maakt verpakkingsmaterialen. Geen dozen of kratten, maar stoppen die worden toegepast bij vaten voor olie en chemicaliën. Het is een fabriek met zware machines, waar tijdens de productie gevaarlijke situaties kunnen ontstaan. Greif heeft dan ook een bedrijfsbrandweer om de eerste aanval uit te voeren bij kleine en beginnende branden. Rien Berger werkt op de technische dienst en is bevelvoerder van de twaalf vrijwilligers. “Wanneer er brand is en een melder gaat af, dan gaat het alarm af bij onze centrale. Een man gaat vast kijken wat er aan de hand is en twee anderen gaan onmiddellijk naar de garage om de kar te halen. Al onze vrijwilligers hebben een pieper bij zich en tegen de tijd dat de kar er is, zijn de mensen er ook.

RIEN BERGER.

Trainingskamp Wij hebben twaalf vrijwilligers binnen Greif. Geen van allen zijn vrijwilliger bij een lokale brandweer en dus hebben ze ook geen officiële brandweeropleiding. Ik noem ons ook geen brandweer. Bij een echte brandweer denk ik toch aan een grote ploeg die kan uitrukken en adembescherming heeft. Dat hebben wij niet.” “Ik heb wel een brandweeropleiding”, vertelt Berger, “omdat ik al zo’n 36 jaar meedraai in de brandweerwereld. Ik ben vrijwilliger bij de brandweer in Breukelen. Daarom vroegen

DE KAR MET ZELFGEMONTEERDE HANDPOMP.

ze mij drie jaar geleden om hier bevelvoerder te worden. Dat heb ik gedaan, maar ik heb er gelijk bij gezegd dat ik niet wil lesgeven. Nu oefenen we eens in de vijf weken met een externe instructeur en gaan we een keer per jaar op trainingskamp. Greif is een 24-uurs bedrijf en we proberen om half vijf ’s middags te oefenen zodat zowel de mensen van de dagploeg als van de avondploeg mee kunnen doen.”

Risico’s De afsluitdoppen die Greif maakt worden gelakt, krijgen een speciale behandeling en er komen speciale ringen omheen voor de afdichting. Bij dat proces worden brandbare stoffen gebruikt. Greif heeft op het bedrijfsterrein twee risicogebieden. In de verzinkerij wordt gewerkt met zoutzuur en loog. Maar het grootste risico bij de verzinkerij zijn de transformatoren die naast de machines staan. In iedere trafo zit minimaal vierhonderd liter olie. Daardoor is er brand- en ontploffingsgevaar. Een nog groter risicogebied is de spuiterij. Daar werken de medewerkers met verdunningsmiddelen en er kunnen dampen vrijkomen. Daarom zit daar een automatische CO2 blusinstallatie in.

Gasblusmachine Als een van de weinige fabrieken in Nederland, beschikt Greif over een gasblusmachine. Deze manier van blussen is alleen toe te passen in volledig afsluitbare ruimtes. Berger: “In de kelder hebben we 23.000 liter koelolie en daarom

26

INCIDENT

9-2008

SDU UITGEVERS


FLESSEN ARGON VOOR HET BLUSSEN VAN OLIEBRAND.

zijn er ook noodmaatregelen in de kelder. We hebben daar een argon gasblusmachine. Dit is een soort sprinkler, maar dan in gasvorm. Wanneer het hoofdalarm gaat, moeten de mensen in de kelderruimte binnen 25 seconden weg zijn. De flessen bevatten 300 bar en het gas komt er met 50 bar uit. Dan wil je niet in de weg staan. Het gas zelf is niet giftig, maar verdrijft wel de zuurstof. Het grote voordeel van de gasblusinstallatie is dat het geen rommel achterlaat. In de kelder hebben we de computers en elektrische installaties staan en die worden niet aangetast door het gas. Na de brand kun je meteen weer aan het werk.

Preventie en materiaal Bij Greif bepaalt de verzekering voor een groot deel wat er aan apparatuur is. Berger: “Oorspronkelijk is Greif een familiebedrijf. Maar toen het naar de beurs ging, is het overgenomen door Finnen en later weer doorverkocht aan een Amerikaans bedrijf. Het voordeel van een Amerikaans bedrijf is dat die veel banger zijn dan Nederlandse bedrijven. Wat de verzekering aangeeft, gebeurt ook. Daardoor krijgen we binnenkort ook een elektrische bluspomp. We hebben nu een handpomp voor het eerste bluswerk en die hebben we zelf op een kar gemonteerd. Het is simpel, maar het werkt goed, juist omdat we met onze kar ook in de hallen moeten komen. We gebruiken door het hele bedrijf geen poeder, maar schuim. In poeder zit natrium dat in de computers vreet. Met schuim kun je de computers opsturen om te laten drogen. Het enige poeder dat we nog hebben, gebruiken we voor de grote oliebak.”

CO2 BLUSINSTALLATIE.

nooit achterhaald. Vreemd genoeg is de brand bovenin de hal begonnen. Het vuur kwam vervolgens op de krimpfolie terecht waardoor de hal binnen een kwartier in lichterlaaie stond. “De melder ging af en een van onze mensen ging kijken, vertelt Rien Berger. “Onze man zag het vuur bovenin de hal zitten en belde onmiddellijk de brandweer. Dat is hier ook de regel. Als je brand ziet en je ziet een collega binnen een straal van een meter liggen, dan mag je hem er natuurlijk uithalen. Maar we hebben geen perslucht en geen brandwerende pakken, dus ze moeten vooral onmiddellijk de knop indrukken. De brandweer is hier binnen drie minuten en die hebben veel betere apparatuur dan wij. Er zijn hier een hoop vetten en olie en dan breng je de mensen alleen maar in gevaar. We kunnen proberen alles nat te houden zodat brand niet over kan slaan, maar een grote brand blussen kunnen we toch niet.”

Incidenten Vorig jaar was er bij Greif een klein incident. Een lasser was vergeten de ventilator uit te zetten. Een paar spettertjes vloog tegen het filterdoek aan en toen was er een korte, maar heftige brand. Het team van Rien Berger heeft de brand door snel ingrijpen zelf kunnen blussen. Voor het lassen heeft Greif een hele procedure en onderdeel daarvan is dat er een brandwacht bij staat om op te letten. Deze keer was in de procedure iets fout gegaan en toen ging het ook gelijk mis. Drie jaar geleden was er een grote brand, waarbij de hele expeditiehal is afgebrand. Hoe de brand is ontstaan, is

SDU UITGEVERS

ENKELE VAN DE PRODUCTEN VAN GREIF.

Wanneer de brandweer bij Greif moet komen, zijn ze op bekend terrein: twee keer per jaar komt de lokale brandweer bij Greif om het terrein te verkennen en om de aanvalsplannen te controleren. De brandweer zit in de buurt, binnen een paar minuten kunnen ze op het terrein zijn. Dat is ook mede de reden dat de bedrijfsbrandweer is uitgerust voor alleen de eerste aanval bij kleine brandjes. Zodra een brand groter is, is de lokale brandweer snel ter plaatse.

INCIDENT

9-2008

27


De Landelijke Meldkamer Ambulance Zorg (LMAZ) is sinds 1 juni 2007 operationeel. De LMAZ is ondersteunend, laagdrempelig en informatief ten dienste van de reguliere meldkamers ambulancezorg in Nederland. Een professioneel team centralisten opereert vanaf een moderne werkplek in Driebergen. De LMAZ centralisten werken op detacheringbasis: centralisten werken veelal op reguliere meldkamers of zijn gedetacheerd via specialistische uitzendbureaus.

DE LMAZ ZOEKT: PROFESSIONELE PIONIERS

Voor een volledige bezetting van de tweede bedienplaats is de LMAZ op zoek naar professionals uit de acute zorg die binnen het meldkamerwerk hun horizon willen verbreden en over pioniersgeest beschikken. Zo nodig wordt u met opleiding en scholing op maat de LMAZ centralist die wij zoeken. De afstand naar Driebergen hoeft geen bezwaar te zijn: de LMAZ biedt in voorkomende situaties overnachtingsmogelijkheden in de omgeving. Nieuwsgierig? Voor meer informatie kijkt u op de website http://www.meldkamer.nl Voor de details neemt u contact op met Peter Hartog, manager, tel: 0343-536733. Mailen kan uiteraard ook: info@meldkamer.nl

MARELKO SIGNALERINGSSYSTEMEN KOM JE OVERAL TEGEN! Marelko benelux garandeert de levering van: • Kwaliteitsproducten & deskundige adviezen • Eigen technische dienst & uitstekende service • In- en opbouw en service van de apparatuur zowel op locatie als in eigen werkplaats

Leveringsprogramma: Daksets, draailampen, flitslampen, sirenes, handlampen, black boxen, veiligheidsmarkering, verkeersvideo apparatuur, ademanalyse apparatuur.

Importeur van:

Daksets uit te voeren met o.a.: - LED lampen - draailampen - luidsprekers - flitslampen - 3-lens optiek lampen - verlicht middenstuk - hoogtes van 90 mm, 117 mm, - zijlichten 130 mm en 138 mm. - werklichten - lengtes van 150 mm tot 2550 mm - richtingaanwijzers

Marelko, dat zit safe Postbus 2674, 6026 ZH Maarheeze Tel: + 31(0)495-592290, Fax: + 31(0)495-591014 info@marelkobenelux.nl www.marelkobenelux.nl


Kort Nieuws Foto-impressie Beurs Ambulancezorg Van 31 oktober tot en met 2 november was in Apeldoorn de Beurs Ambulancezorg (zie verslag op pagina 18-19). Op deze pagina een foto-impressie.

SDU UITGEVERS

INCIDENT

9-2008

29


strip Regiopolitie Groningen en vts Politie Nederland winnen toonaangevende Amerikaanse prijs Het project Attenderingsservice heeft de IACP Prijs gewonnen. Deze toonaangevende prijs wordt ieder jaar uitgereikt door de International Association of Chiefs of Police. Het project Attenderingsservice is een gezamenlijk initiatief van Regiopolitie Groningen en de vts Politie Nederland (vtsPN) en wint de prijs in de categorie “Innovation in Information Technology”. De Attenderingsservice is ook wel bekend als PDA-Alert. Deze zakcomputer voorziet de politiemedewerker op straat van actuele informatie over panden en personen. Het apparaat geeft bijvoorbeeld aan wanneer op een bepaald adres iemand woont die nog een boete open heeft staan of tegen wie een arrestatiebevel is uitgevaardigd. Ook wijst het onder meer op afspraken die op locaties zijn gemaakt. De grote kracht van het systeem is dat het de agent op straat echt helpt om informatiegestuurd te werken. Hij hoeft niet meer, zoals tot nu toe het geval is, uit diverse bronnen (dagrapporten, briefings, registers etc.) informatie te verzamelen en daaruit te selecteren wat van toepassing is.

De prijs is op 9 november uitgereikt tijdens het 115e congres van de IACP in San Diego aan Elle de Jonge (Politie Groningen) en Roy Mente (vts Politie Nederland). Zij geven op dit congres ook een presentatie over de inzet van toekomstige technologie binnen de Nederlandse politie. Elle de Jonge en Roy Mente zijn bijzonder blij met de Amerikaanse prijs. Elle de Jonge: “Dit is de eerste keer dat een Europees land deze prestigieuze prijs wint. Hiermee levert Nederland het bewijs dat we ook op wereldniveau meetellen op het gebied van innovatie.” Roy Mente: “Het winnen van deze prijs, en eerder dit jaar de Politie Innovatie Prijs, is de bevestiging dat de Attenderingsservice veel kansen biedt voor het politiewerk.” Op basis van het evaluatierapport wordt besloten of en hoe de landelijke invoering plaats zal vinden. Ook wordt in kaart gebracht welke aanpassingen aan het eerste ontwerp gedaan moeten worden om de dienst landelijk aan te kunnen bieden.

Lavans eerste met controle reflectiekleding Lavans gaat de reflectiekleding die valt onder persoonlijke beschermingsmiddelen (PBM’s) toetsen aan de wettelijke norm EN471. Daarmee zet de specialist in hygiëne en kledingbeheer na reinigen, repareren en vervangen, een vierde stap in haar bedrijfsvoering met het controleren van bedrijfskleding. Lavans is de eerste organisatie die reflectiekleding naast het reinigen ook onderwerpt aan controle op reflectie, zegt het bedrijf. Dit garandeert de zichtbaarheid en daarmee de veiligheid van de medewerkers. Het traject werd deze week afgetrapt met de uitgifte van de nieuwe kledinglijn bij afvalinzameling- en reinigingsbedrijf Saver N.V. “Tijdens het dragen en onderhoud van de reflectiekleding vervaagt de reflectie. Om de veiligheid van medewerkers te garanderen gaat Lavans als eerste organisatie de reflectieband toetsen. Op deze manier komen we tegemoet aan de steeds groter wordende vraag naar toetsing van bedrijfskleding

30

INCIDENT

9-2008

aan NEN-, EN- en ISO-normen”, legt Wout Janmaat, Verkoopleider Lavans, uit. De mate van reflectie van de kleding wordt elektronisch gemeten met een speciaal ontwikkeld apparaat. De controle maakt onderdeel uit van het functionaliteitslab dat Lavans aan het opzetten is. Hierbij wordt op verschillende vlakken getoetst in hoeverre PBM’s nog voldoen aan de wettelijke eisen. Naast reflectie, wordt ook controle uitgevoerd op statische geleiding en waterafstotendheid. “PBM’s dienen volgens de Europese richtlijn professioneel te worden onderhouden en gereinigd”, aldus Janmaat. “Niet voor niets natuurlijk. We willen onze klanten laten zien hoeveel procent van de kleding voldoet aan de normen. Met de persoonlijke beschermingsmiddelen is de veiligheid van de medewerker gemoeid en dan is het toetsen van de kwaliteit essentieel.” Bij de keuze voor haar nieuwe kledinglijn stonden voor Saver N.V. elementen als veilig-

heid, waterdichtheid, herkenbaarheid, duurzaamheid, draagcomfort en service centraal. Bovengenoemde elementen zijn van groot belang voor het afvalinzameling- en reinigingsbedrijf. “Onze mensen werken langs de weg en daarbij speelt veiligheid een belangrijke rol”, aldus Wil van Leijsen, directeur van Saver N.V. “Wij menen met Lavans een goede partner gevonden te hebben die de gemaakte afspraken nakomt en daarnaast de gewenste kwaliteit zal leveren”. De nieuwe kleding van Saver N.V. is van dinsdag 28 tot en met donderdag 30 oktober uitgereikt.

SDU UITGEVERS


Abonneer nu en profiteer van de voordelen!

Ontvang Incident tot eind 2008

GRATIS! En ontvang een exclusieve leren GSM-tas met ambulance- of brandweerlogo (t.w.v. € 29,95)

* CC-abonnement

Bedrijfsabonnement

Groepsabonnement (v.a. 10 personen)

Incident wordt in Nederland en België verspreid in controlled circulation; een engelse term voor het in besloten kring verspreiden. Dat betekent in dit geval dat Incident tegen lage verzend- en administratiekosten verkrijgbaar is voor uitsluitend particulieren werkzaam in de hulpverlening, bij hulpverlenende organisaties (waaronder ook bijvoorbeeld adviesbureaus, opleidingsinstituten), in de toeleverende industrie of aanverwante bedrijven.

Wilt u Incident ontvangen op het adres en/of op rekening van uw organisatie, kazerne, bureau of gemeente in Nederland of België? Dat kan na het afsluiten van een bedrijfsabonnement. Dit kost € 74,95 inclusief BTW per jaar en u ontvangt hiervoor een factuur. Het aanvraagformulier vindt u op www.vakbladincident.nl.

Voor hulpverleningsorganisaties uit Nederland en België is het mogelijk tegen een aantrekkelijk tarief een groepsabonnement af te sluiten. Hiervoor kunt u contact opnemen met de abonnementenadministratie. Telefoon: +31 (0)70 378 98 80.


Abonneer nu en ontvang Incident tot eind 2008 GRATIS en ontvang daarnaast een leren GSM-tas met ambulance- of brandweerlogo CC Aanvraagformulier Let op! Leest u svp onderstaande instructies aandachtig door alvorens het formulier in te vullen: Invul instructies • Vul het formulier volledig in en gebruik blokletters of schrijf duidelijk leesbaar • Persoonsgegevens met een * dient u verplicht in te vullen • Vergeet het formulier alstublieft niet te ondertekenen • Het volledig ingevulde formulier dient u te retourneren naar: Vakblad Incident, p/a Klantenservice Sdu Postbus 20014 2500 EA Den Haag Fax: +31 (0)70 378 97 83

Voorwaarden • Voor ontvangst van vakblad Incident op uw privé-adres betaalt u als individuele hulpverlener alleen de per kalenderjaar vastgestelde administratiekosten. • Voor het jaar 2009 zijn de administratiekosten vastgesteld op € 39,95 incl. portikosten voor Nederland en BTW. Bij deze actie ontvangt u Incident tot eind 2008 gratis alsmede een GSM-tas met logo, t.w.v. € 29,95. • Met het afgeven van een doorlopende machtiging geeft u ons toestemming om per kalenderjaar de vastgestelde administratiekosten van uw privé bank- of girorekening af te schrijven.

• Afgegeven machtigingen zijn doorlopend en worden éénmalig in januari van enig kalenderjaar geïncasseerd. • Het opzeggen van een afgegeven machtiging dient vóór 1 november van enig kalenderjaar schriftelijk aan ons te geschieden. • Na ontvangst van uw schriftelijke opzegging voor 1 november van enig kalenderjaar wordt met ingang van 1 januari van het volgende kalenderjaar de automatische incasso gestopt en vindt geen toezending van vakblad Incident meer plaats. • Verzendkosten voor België bedragen € 25,00 voor een heel jaar.

• Bij tussentijdse opzegging vindt geen restitutie plaats van betaalde administratiekosten. • Toezending van het vakblad Incident vindt alleen plaats naar het privé-adres van de ontvanger (=geadresseerde), incasso uitsluitend via de privé-rekening van de ontvanger. • BELANGRIJK: helaas kunnen wij uw aanvraag niet honoreren als: 1. de gegevens niet compleet zijn 2. de handtekening ontbreekt 3. u niet tot onze doelgroep behoort 4. u geen privé bank- of gironummer invult en wij dus geen automatische incasso kunnen uitvoeren.

JA!

Ik wil graag vanaf nu Incident ontvangen! Tot en met december 2008 ontvang ik Incident gratis. Vanaf januari 2009 betaal ik € 39,95 (incl. portikosten voor Nederland en BTW). Ik geef toestemming aan Sdu Uitgevers om tot wederopzegging d.m.v. automatische incasso de per kalenderjaar verschuldigde administratiekosten van mijn privé-rekening te mogen afschrijven. Bij deze actie ontvang ik tevens een leren GSM-tas met logo. brandweer-uitvoering ambulance-uitvoering alleen met Incident logo Kruis aan: Merk Telefoon:

Type aanduiding:

I.v.m. de handmatige productievan deze GSM- tas kan de levertijd bij afwijkende telefoontypen of minder gangbare typen/merken minimaal 3 weken bedragen, na ontvangst van uw formulier.

Persoonsgegevens Dhr. *

Mevr.*

Hoogst genoten opleiding:

Voorletters*:

Universitair

Achternaam*:

HBO

MBO

LBO

Middelbaar

Privé adres (tevens toezendadres) Straatnaam*:

Huisnummer*:

Postcode*:

Woonplaats*:

Telefoon*:

E-mail:

Specifiek 1. Waar(in) bent u (vrijwillig) werkzaam?

code

(niet invullen a.u.b.)

2. Wat is uw functie/specialisatie?

code

(niet invullen a.u.b.)

3. Wat is uw rang? (indien van toepassing)

code

(niet invullen a.u.b.)

Betaling Voor Nederland Bank

Giro

Plaats (Post-)Bank:

Voor Nederland én België

Voor België (toeslag van € 25,00 voor een heel jaar i.v.m. extra portikosten) Abonnees uit België ontvangen na aanmelding een factuur, omdat incasso op een Belgische bankrekening voor ons niet mogelijk is. Toezending van de GSM tas vindt uitsluitend en pas plaats nadat een betaling van de toegezonden factuur binnen 30 dagen door ons is ontvangen. Bij het niet binnen 30 dagen betalen (na factuurdatum) van de ontvangen factuur, vervalt het recht op deze aktie alsmede het recht op toezending van de gekozen GSM tas.

Privé rekening nummer: Naam rekeninghouder: Datum:

Handtekening:

Belangrijk: Dit controlled circulation abonnement kan uitsluitend op persoonlijke titel worden afgesloten en alleen worden betaald via een privé rekening van de abonnee. Toezending van Incident naar een organisatie, kazerne, bureau of gemeente enz. is uitsluitend mogelijk via een bedrijfsabonnement (€ 74,95 incl. BTW, na toezending van een factuur). Voor de aanvraag van een bedrijfsabonnement kunt u contact opnemen met de abonnementenadministratie, tel. +31 (0)70 378 98 80 of info@vakbladincident.nl Indien u niet in aanmerking komt voor een cc abonnement ontvangt u hiervan schriftelijk bericht en vervalt automatisch uw machtiging. Uw gegevens worden vastgelegd in de database van Incident. Te allen tijde kunt u een overzicht opvragen van uw gegevens in onze database. Uw gegevens kunnen door Incident en haar adverteerders gebruikt worden voor promotionele activiteiten. Indien u hier bezwaar tegen heeft kunt u contact met ons opnemen.

32

INCIDENT

9-2008

SDU UITGEVERS


Gecombineerde autosnelwegsurveillance grensregio De Verkeerspolitie van het Korps landelijke politiediensten (KLPD) gaat vanaf 1 januari 2009 samen met de Federale Wegpolitie surveilleren op de autosnelwegen in de grensregio. Deze nieuwe samenwerking zal de dienstverlening voor de burgers van beide landen optimaliseren. Het is een unieke kans voor beide politiediensten om ervaringen uit te wisselen. Deze samenwerking is mogelijk gemaakt door het Verdrag van Senningen (Beneluxverdrag 2004) dat de grensoverschrijdende tussenkomsten door de Benelux-politiediensten regelt. Op 5 en 6 november 2008 volgen 22 politieambtenaren van beide landen een tweedaagse opleiding in de verkeerspost van de Antwerpse Wegpolitie in Brecht. Het gaat om elf leden van de Belgische Wegpolitie en elf medewerkers van de Dienst Verkeerspolitie van het KLPD. Alle deelnemers zijn werkzaam in de grensstreek tussen Nederland en België. Doel van de opleiding is om de politiemensen vertrouwd te maken met de gebruiken, de wetgeving en de filosofie van de collega’s aan de andere kant van de grens. Vanaf 1 januari 2009 gaan de gezamenlijke surveillances van start. Het zal gaan om teams bestaande uit één Belgische en één Nederlandse politieambtenaar. Zij gaan afwisselend in de grensregio van beide landen surveilleren. De samenwerking geeft de politiemensen de mogelijkheid om elkanders manier van werken te leren kennen en daaruit zelf te leren. Voor de burger heeft de samenwerking alleen maar voordelen: Nederlandse weggebruikers kunnen in België door een eigen politieambtenaar geholpen worden en Belgen worden door een landgenoot aangespro-

ken in Nederland, de politieambtenaren zullen gezamenlijke ervaringen aanwenden om de weggebruikers zo goed mogelijk te helpen, op drukke momenten (feestdagen, vakantie-uittocht) zijn er extra gezamenlijke surveillances mogelijk. De Belgische en Nederlandse politiediensten starten deze patrouilles in het kader van het Verdrag van Senningen dat de grensoverschrijdende tussenkomsten door de Benelux-politiediensten regelt. Het Verdrag van Senningen, van kracht sinds 2005, is een uitbreiding van de historische samenwerking tussen de drie Beneluxlanden. Dankzij het verdrag zijn de bevoegdheden van een politieambtenaar in het buitenland aanzienlijk uitgebreid. Een Benelux-politieambtenaar kan in de drie landen bijvoorbeeld een persoon controleren of fouilleren maar moet daarbij wel zeer strikt een aantal voorwaarden respecteren.

Nieuw alcoholbestendig fluorvrij blusschuimconcentraat.

VanDoClean Oil cleaning products

AQUAQUICK 2000 wegdekontvetter Hosemasters (AQUAQUICK 2000+SVM) Absorptie-, afdicht- & opvangmaterialen Schuimvormende middelen Opslagmaterialen gevaarlijke stoffen Tijdelijke (opzet-) & permanente roetfilters

VanDoClean Stevenshof 21 5109 TX 's Gravenmoer (NB)

SDU UITGEVERS

Tel: 0162-370 390 Fax: 0162-370 392 info@vandoclean.nl www.vandoclean.nl

Fire Service College in Engeland lanceerde onlangs een nieuw alcoholbestendig, fluorvrij blusschuimconcentraat. Het nieuwe schuim wordt door Ajax-Chubb op de markt gebracht onder de naam Ajax Moussol FF 3/6. Met dit door Dr. Sthamer-Hamburg ontwikkelde fluorvrije alcoholbestendige blusschuimconcentraat voldoet Ajax-Chubb Brandbeveiliging aan de vraag vanuit de markt naar een milieuvriendelijk alcoholbestendig schuimconcentraat dat geen fluor-surfactanten bevat, zegt de leverancier. Het schuimconcentraat wordt op 3% bijgemengd op koolwaterstoffen en op 6% bijgemengd op polaire stoffen. Het schuimconcentraat is gecertificeerd volgens de EN 1568 deel 1, 3 en 4 en kan worden ingezet om branden van bovengenoemde stoffen te blussen of preventief af te dekken. Ajax Moussol FF 3/6 wordt ingezet als zwaar- of middelschuim. Het schuimconcentraat kan worden ingezet met alle types mobiele en stationaire schuimapparatuur, zoals monitoren, schuimstraalpijpen en over de top schuimunits. Het kan worden gemengd met vers, zout, brak en proceswater en kan tevens worden ingezet in combinatie met schuimbestendige bluspoeders.

INCIDENT

9-2008

33


Wilt u hier ook VER

uw bedrijfsgegevens

HUUR

-VERKOOP-ONDERHOUD ING (Ex)PORTOFOONS & TRUNK

www.flash-services.com

Voor tarieven en reserveringen

Ascent Safety BV

kunt u contact opnemen met:

Siliciumweg 61A 1812 SW Amersfoort

T F E I

Werken Op Hoogte Hoogteredding

De Brandweer-Winkel

www.hollemanmachine.nl Paltrokstraat 35 1508 EJ Zaandam tel. 075-6123272 fax 075-6123272

+31 (0) 334480680 +31 (0) 334480490 jeroen@ascent.nl www.hoogwerk.nl

MariĂŤlle Groot tel 023-5714745 e-mail m.groot@bureauvanvliet.com

waterkanonnen Holmatro Rescue Equipment BV Postbus 33 4940 AA Raamsdonksveer

De BrandweerWinkel Van der Takstraat 70 3071 LM Rotterdam T F E I

plaatsen?

(010) 4863201 (010) 4233056 info@brandweerwinkel.nl www.brandweerwinkel.nl

T F E I

0162 589200 0162 422482 info@holmatro.com www.holmatro.com

Voor brandwachten en beveiliging!

Tel. 0297 - 230590 www.paraatveiligheidsdiensten.nl

7PPSVX[FLFSIFJE /&/HFDFSUJšDFFSE P. v. Midd. Gelderland rood 15 6666 LS HETEREN

XXXIVNBHFOM JOGP!IVNBHFOM 

De Heze 21, NL-4824 BW BREDA T: +31(0)76 888 65 18, F: +31(0)84 745 90 79 M: +31(0)655 33 42 14 E: info@ctasafety.nl I: www.ctasafety.nl

Leverancier van o.a. afzetmateriaal, handlampen, voertuiguitrusting, signalering, onderzoeksmateriaal

Lambert & Co. Safety Flashlights / Cases

Specialistisch wassen vraagt om de aandacht van een specialist. Electrolux Laundry Systems

Tel: +31 (0)252-227070 Fax: +31 (0)252-533922 Internet: www.racabatteries.nl

T. 010-4379233 info@Lambert-co.com • www.Lambert-co.com

Eme Prevent & Rescue International Gespecialiseerd in de levering van: • ReFra Š Deurcontroller (Ambulance, BHV, Brandweer, Politie) • Aed - & Zuurstofkoffers • Aed - & Zuurstoftraining • Aed Diefstalpreventie (RVS kast met codeslot) • Instructeursopleidingen (Aed, Bhv, Ehbo...Zuurstof)

Uw (bedrijfs) veiligheid ! Onze Zorg ! Voor meer informatie kijkt u op www.eme.nl

Peelmanserf 10 5706 JZ Helmond Tel : +31 (0) 492 - 590 591 Fax : +31 (0) 84 - 7470 140 GSM : +31 (0) 6 - 5496 3793 E-mail: info@eme.nl

(026) 4790111 (026) 4790112 politietechniek@pol.nl www.pol.nl

Raca Batteries Nederland B.V. Satellietbaan 10A 2181 MH HILLEGOM Postbus 75 2180 AB HILLEGOM

Mag-Lite Peli ATEX

Wisselwerking 52 1112 XR Diemen Tel: 020-5692911 Fax: 020-5692239 www.dewas.nl

T F E I

Safety-Lux Nederland BV Rondven 4 Postbus 2674 NL-6026 ZH Maarheeze ) +31 (0)495 - 59 22 90 2 +31 (0)495 - 59 10 14 info@marelkobenelux.nl www.marelkobenelux.nl

Nijverheidswerf 37 1402 BV Bussum Signaleringsapparatuur

Importeur van o.a.

Verkeersvideoregistratie Ademanalyse-apparatuur

T F E I

(035) 6914476 (035) 6915474 info@safety-lux.nl www.safety-lux.nl

Handlampen

Adverteerders index

TBTA BV Mierloseweg 30b 5666 KA Geldrop Mapping Solutions ÂŽ

Artesis

4

Brandweertrainingen.nl

36

Gemco Mobile Systems

4

Medisol

28 2

R en B Events

35

Holmatro Rescue Equipment 10

Safety Equipment B.V.

13

Interspiro B.V.

Storm Firefighting Support 10

LMAZ/KLPD

34

Marelko Benelux

INCIDENT

9-2008

4 28

VanDoClean BV

T F E I

(040) 2801837 (040) 2801838 info@tbta.nl www.tbta.nl

VanDoClean

33

Stevenshof 21 5109 TX ’s Gravenmoer (NB)

T F E I

(0162) 370390 (0162) 370392 info@vandoclean.nl www.vandoclean.nl

SDU UITGEVERS


Internationale Vakbeurs Incidentmanagement Crisisbeheersing & Rampenbestrijding U

B IL E

J

E

D

Vliegbasis Valkenburg, Katwijk (ZH) Woensdag 13 mei t/m zaterdag 16 mei 2009 Met o.a. de volgende workshops, activiteiten en demonstraties: • Technische hulpverlening • Speciale voertuigen • Blusdemonstraties • Defensie • Technische Hilfswerke Duitsland • Werken op hoogte • Reddingshondenbrigades • Rijvaardigheidstrainingen • Explosieven Opruiming en Detectie • Workshops AED • Rvarium • Terrorismebestrijding • Leidraad Oefenen • Workshops reanimatie • Diverse speciale jubileumactiviteiten • Iedere beursdag spectaculaire slotdemonstratie

www.ivic.nl

M U

5e

IT I E


WIJ BLIJVEN DE ZAAK HELDER ZIEN...

Vooral bij brand!!!

BOEK NU BIJ ONS DE COMPLETE CURSUS WARMTEBEELDCAMERA t7&3)&-%&3&/%-&4#0&, t%"(%&&-5)&03*& t%"(%&&-13",5*+,53"*/*/( t"--&.0(&-*+,)&%&/&/0/.0(&-*+,)&%&/ 7"/8&3,&/.&58"3.5&#&&-%5&$)/*&,

Samen sterk... www.brandweertrainingen.nl Brandweertrainingen.nl Postbus 28 7220 AA Steenderen

T (0575) 438 590 F (0575) 438 599 E info@brandweertrainingen.nl

Graag informeren wij u over de oefenmogelijkheden voor uw organisatie. Wilt u meer weten? neem dan vrijblijvend contact op met ons secretariaat, telefoon: (0575) 438 590 of via e-mail: info@brandweertrainingen.nl

Incident November 2008  

Het vakblad voor hulpverlenend Nederland