Page 1

België - Belgique P.B. Antwerpen X BC 5895 Erkenningsnummer

HIER ONS BLOED WANNEER ONS RECHT

P 309548 Driemaandelijks tijdschrift van de vzw IJzerwak e - nr. 37 - Januari februari maart 2012 - A fgiftek antoor A nt werpen X

Taalgrens wordt ook Europese grens Ik besloot mijn toespraak vorig jaar op de 10de IJzerwake als volgt: “Door de huidige Eurocrisis is het niet denkbeeldig dat de Eurozone in twee delen uiteenvalt: een sterke Noord-Europese zone en een zwakke Zuid-Europese zone. Vlaanderen moet bijgevolg klaar staan om resoluut bij de sterke Noord-Europese economieën te kunnen aansluiten. En vooral daarom moeten we ons eerst bevrijden van het Griekenland aan de Maas” Vandaag stellen we vast dat de jongste “rating” van de kredietwaardigheid van de Europese landen een duidelijke scheidingslijn door Europa trekt. Noord-Europa heeft nog steeds een stevige financiële basis, terwijl de zuidelijke landen - Frankrijk inbegrepen – financieel naar adem snakken. De kloof tussen noord en zuid wordt stilaan onoverbrugbaar groot met een mogelijke instorting van de euro als gevolg. Waarschijnlijk zal de euro zelf niet verdwijnen, maar beperkt blijven tot enkele landen van het noorden. Zelfs de voorzitter van de Europese Commissie liet in november van vorig jaar al uitschijnen dat een breuk in de eurozone niet meer valt uit te sluiten. Wat betekent dat voor Vlaanderen? CD&V, Open VLD en SP.a, die namens een minderheid van Vlamingen een nefaste Belgische regering tot stand hebben gebracht, hebben met een mogelijke opdeling geen rekening gehouden en nog minder met de gevolgen hiervan voor Vlaanderen. Geregeerd door een Italiaanse Waal dreigt Vlaanderen meegesleurd te worden in de afgrond van de verliezers. De Europese monetair-culturele scheidingslijn loopt immers dwars door het kunstmatige België en loopt samen met de communautaire grens. Vlaanderen is perfect bekwaam om binnen de zone van monetair sterke landen te functioneren, maar Wallonië niet.

Ver.uitg.: Wim de Wit, Oudeheerweg - Ruiter 114, 2950 Waasmunster

SECRETARIAAT

Als de eurozone wordt gesplitst staat België bijgevolg voor het blok met de keuze van de muntzone, waardoor België voor een existentiële crisis wordt geplaatst. Het mislukken van de euro confronteert België met zichzelf: de toekomst van dit land staat samen me die van Europa op het spel! Meer dan ooit moet Vlaanderen dus zijn lot in eigen handen nemen om te kunnen aansluiten bij de sterke Noord-Europese economieën, om zo zijn toekomst veilig te kunnen stellen.

Lieve van Onckelen Van Schoonbekestraat 20/2 2018 Antwerpen secretariaat@ijzerwake.org Tel./fax: 03 238 27 49 Meer informatie over de IJzerwake is te vinden op www.ijzerwake.org

Laten we hopen dat de politici die optreden namens de Vlaamse minderheid van de Di Rupo-regering dat begrijpen en er naar handelen.

Bent u nog geen lid van IJzerwake vzw? Betaal dan nu (min. € 5) en u bent lid voor heel 2012. Rekening 733-0112827-46 Iban: BE33 7330 1128 2746 Bic: KREDBEBB

Maar ook op dat vlak ben ik weinig hoopvol! Wim De Wit V oorzi t t er I J zerwa k e

Postbode: onbestelbare nummers graag terug naar Secretariaat IJzerwake Van Schoonbekestraat 20/2, 2018 Antwerpen

zelfbestuur

nooit meer oorlog

godsvrede


Nieuws van het secretariaat De winnaar is bekend Eind 2011 werd een wedstrijd uitgeschreven voor de affiche van de 11de IJzerwake. Uit de ontwerpen die binnenkwamen, en waarvoor we de inzenders willen danken, werd er een gekozen. De uitgewerkte affiche vindt u in dit nummer. De winnaar was Jeroen Bolckmans uit Vosselaar die we hier van harte willen gelukwensen. Als prijs zal hij een ballonvaart mogen maken, geschonken door het Vlaams & Neutraal Ziekenfonds. Dit initiatief wordt volgend jaar zeker hernomen. Aanbevelingscomité Twee leden van het Aanbevelingscomité zijn sinds het vorige nummer van dit tijdschrift overleden: Walter Kunnen (19212011) en Dries de Schepper (1925-2012). De redactie betuigt hierbij zijn medeleven met de nabestaanden. Op de komende IJzerwake zullen we hen passend herdenken. Ondertussen zijn ereburgemeester Willy de Waele van Lennik en bas-bariton Pieter Vis toegetreden tot het Aanbevelingscomité, waarvoor dank. We hebben uw steun nodig Om de IJzerwake verder uit te bouwen hebben we uw hulp zeker nodig want zonder middelen is geen degelijk uitgewerkte IJzerwake mogelijk. U kan ons steunen door opnieuw een lidof steunbijdrage over te maken. Lid bent u nog steeds na storting van 5 euro. We hopen dat velen hun bijdrage snel zullen storten. U kan echter ook iets meer doen, namelijk lid worden van de ‘Vrienden van de IJzerwake’ door maandelijks een bedrag over te maken, hoe klein ook. U hoeft dan uiteraard geen lidgeld meer te betalen. Betalingen worden verwacht op het Europese bankrekeningnummer BE33 7330 1128 2746 (bic: kredbebb) met vermelding ‘Vrienden van de IJzerwake’. Meer uitleg over lid- en steungeldbetalingen vindt u op bijgevoegde brief (keerzijde adreswikkel).

Adressen welkom Wie belangstellenden kent voor IJzerwake en/of deze nieuwsbrief mag steeds hun gegevens (naam, adres, telefoon en eventueel e-postadres) doorgeven aan het secretariaat. We sturen hen dan graag een proefnummer van deze nieuwsbrief. Want nieuwe leden of sympathisanten zijn altijd welkom want meer leden, meer inkomsten en dus meer mogelijkheden. Ook adressen van nieuwe medewerkers zijn nog altijd meer dan welkom. Informatie gevraagd Voor een project in het kader van de herdenking van de ‘Groote Oorlog’ zijn we op zoek naar informatie over nog aanwezige Heldenhuldezerkjes op gemeentelijke begraafplaatsen. Als u weet heeft van dergelijke zerkjes gelieve ons dan zoveel mogelijk gegevens daarover te bezorgen aub: gemeente, adres van begraafplaats, naam van overledene met geboorte- en sterftejaar en eventuele andere interessante gegevens. Het gaat zowel om oorspronkelijke als om later gemaakte zerkjes. Alvast bedankt. Nieuw: verslagboek 2011 Het verslagboek van de tiende IJzerwake is verschenen. Het bevat op 48 pagina’s onder meer het programma en de teksten van de toespraken én heel veel kleurenfoto’s. Bovendien krijgt u er een foto-CD bij met honderden foto’s als herinneringen aan de tiende IJzerwake. Na storting van 9 euro krijgt u het verslagboek thuisbezorgd.

KE 20OE11K IJZERWAVE RSLAGB

2011, 11u. Zondag 21 augustus Gebroeders van Raemdonck Bij het monument

Steenstrate (Zuidschote -

Ieper)

ORG WWW.IJZERWAKE. 03 238 27 49 2018 Antwerpen - tel./fax: Van Schoonbekestraat 20/2, 2746 - BIC: KREDBEBB - IBAN: BE33 7330 1128

info@ijzerwake.org - 733-0112827-46

V.u.: Wim De Wit, Oudeheerweg-Ruiter

114, 9250 Waasmunster

Colofon Identificatienummer vzw: 5667/2003 Maatschappelijke zetel: Van Schoonbekestraat 20/2 2018 Antwerpen Secretariaat: Lieve van Onckelen Van Schoonbekestraat 20/2, 2018 Antwerpen Tel. + fax: 03 238 27 49 secretariaat@ijzerwake.org Ledenadministratie + adreswijzigingen: adressen@ijzerwake.org Regie + Persverantwoordelijke: regie@ijzerwake.org 0475 814 804 (Gino Smits) Financies: financies@ijzerwake.org (Francis Vervisch)

Hoofdredacteur: hoofdredacteur@ijzerwake.org Redactie tijdschrift: redactie@ijzerwake.org Aanmelding e-postrondzendlijst: internet@ijzerwake.org Technische coördinatie manifestatie: logistiek@ijzerwake.org 0475 295 765 (Luc Vermeulen) Verantwoordelijke bussennetwerk: bussen@ijzerwake.org 015 33 72 33 (Ward Steffens) Aanmelding (nieuwe) medewerkers: secretariaat@ijzerwake.org tel./fax: 03 238 27 49 (Lieve van Onckelen)

Algemene Vergadering: Wilfried Aers (beheerder) – Christian Bauwens – Mia BransDujardin (beheerder) – Ledy Broeckx – Frans Crols – Gilbert de Corte – Wim de Wit (voorzitter) – Peter Fransoo – Luk Lemmens – Toon Pauli – Hugo Pieters – Egwin Six – Nancy Six – Gino Smits – Ward Steffens – prof. Matthias Storme – Stef Storme – Rien Vandenberghe – Jurgen van Hauwermeiren – Lieve van Onckelen (secretaris-beheerder) – Peter van Windekens – Johan Vanslambrouck (beheerder) – Luc Vermeulen (beheerder) – Hans Verreyt – Erik Verstraete – Francis Vervisch (financieel beheerder) – Walter Winkeler


Omver en erover! De val in 2012 of moeten wij wachten tot 2014? In het kielwater van de Vlaamse Beweging warrelen woorden en zinnen die volbloed politieke programma’s zijn. De klassiekers “Nooit meer Oorlog”,“Hier Ons Bloed Wanneer Ons Recht” staan niet alleen. “Omver en erover” is een van de beknopte Vlaamse handvesten voor actie. De zin is gesmeed in het vuur en besprenkeld met het bloed van de Grote Oorlog. Vandaag blijft hij actueel en passend. Paraat prijkt hij op de affiche vande IJzerwake 2012. Op de laatste zondag van augustus 2012 worden er tegelijkertijd in Steenstrate en in Diksmuide koppen geteld en woorden gewikt. Voor de elfde maal is de IJzerwake met de slogan “Omver en Erover” een repetitie voor een Vlaamse Stomme van Portici, een onafhankelijkheidsmoment dat onvermijdelijker en onvermijdelijker wordt. Moeten wij wachten tot de verkiezingen van 2014 om een meerderheid te acteren van radicale Vlaamse partijen, met geradicaliseerde vleugeltjes erbij van Vlaamse establishmentpartijen? Of leiden de gemeenteraadsverkiezingen van oktober, met het debacle van de klassieke prietpraatpartijen, in de eerste plaats van CD&V, tot een terminale regimecrisis? Houdt de regering-Di Rupo stand na de strijd om de gemeentelijke macht? Zijn er dan 1000 dagen nodig om iets te vormen wat een spookregering is met als hoofdopdracht de boedelscheiding uit te voeren? Het begint er op te lijken. De voortekenen van de storm zijn vinnig. Senator Rik Torfs van CD&V had het in zijn geruchtmakend interview in De Standaard van eind februari niet over Vlaamse

eisen en de taak van zijn partij om die te realiseren. Wie de adem van zijn woorden voelde, weet dat zijn analyse van het zakkige gedrag van zijn partijgenoten opgaat voor alle terreinen waar CD&V-gekozenen opereren. Ondanks de sussende woorden van partijbonzen kunnen de gedachten van Torfs op veel instemming rekenen bij de militanten. Het stinkt in onze christendemocratie en de stoute woorden dat Vlaanderen niet instort zonder CD&V worden historisch. Een vergelijking. Het Nederlandse CDA lijdt evenzeer aan het euvel van vlottende partij. Er zijn niet enkel vlottende kiezers, en dat steeds meer in de Lage Landen, maar ook vlottende partijen: partijen die zover afwijken van hun beginselen, idealen, vastigheid dat zij uitsluitend vergaarbak zijn van bestuurders, van apparatsjiks zonder kraak noch smaak. CD&V is op weg met haar zwakke politieke toppersoneel en nog zwakkere programmapunten naar een verschrompeling tot de ChristenUnie bij onze noorderbuur, een randverschijnsel. Zullen Open VLD en SP.A beter varen? Heeft Groen buiten een natuurlijke alliantie met een stadselite, die per definitie klein is, toekomst? Vraagtekens alom. Tegen deze achtergrond staat de weide in Steenstrate binnenkort opnieuw vol met radicalen, met vlaggen, met bloemen, met priesters, met militanten, met volksmensen, met middenstanders, met republikeinen. Er zal stof zijn voor vlammende gedachten en verwachtingen. Omver en Erover en zorg dat je d’r bij bent. Frans Crols

Het IJzerwake verkoopsmateriaal kan je vinden op onze webstek www.ijzerwake.be

Provinciale contacten Provincie Antwerpen: Lieve van Onckelen, Van Schoonbekestraat 20/2, 2018 Antwerpen, 03 238 27 49, antwerpen@ijzerwake.org Provincie Limburg: Walter Winkeler, Heilig Hartplein 25/5, 3500 Hasselt, 011 72 03 30, limburg@ijzerwake.org Provincie Oost-Vlaanderen: Peter Fransoo, Galgenberg 2, 9000 Gent, 09 225 48 27, oost-vlaanderen@ijzerwake.org Provincie Vlaams Brabant: Eddy Longeval, A. Quintusstraat 22, 1600 Sint-Pieters-Leeuw, 0494 173 919, vlaams-brabant@ijzerwake.org Provincie West-Vlaanderen: Francis Vervisch, Zandbeekstraat 21, 8554 Sint-Denijs (Zwevegem), 056 45 50 33, west-vlaanderen@ijzerwake.org

De elfde IJzerwake zal doorgaan op zondag 26 augustus 2012


V.u.: Wim De Wit, Oudeheerweg-Ruiter 114, 9250 Waasmunster

Van Schoonbekestraat 20/2, 2018 Antwerpen - tel.: 03 238 27 49 info@ijzerwake.org - IBAN: BE33 7330 1128 2746 - BIC: KREDBEBB

WWW.IJZERWAKE.ORG

Steenstrate (Zuidschote - Ieper)

Bij het monument Gebroeders van Raemdonck

Zondag 26 augustus 2012, 11u.


Wie heeft schrik van nationalisme? De overgang in één studentengeneratie in Leuven van katholiek naar rood was bijna rimpelloos. Emeritus professor geschiedenis Louis Vos weet er alles van. Hij bestudeerde veertig jaar de Vlaamse katholieke studerende jeugd. Louis Vos is dé wetenschappelijke specialist van de Vlaamse studentenbeweging, het katholieke Vlaanderen, het nationalisme hier en elders. Het nieuwe boek “Idealisme en Engagement, De Roeping van de Katholieke Studerende Jeugd in Vlaanderen (1929-1990)”, uitgeverij Acco, bekroont zijn academische loopbaan: “Voor veel jonge katholieken aan de universiteit van Leuven was rond mei ‘68 de linkse oriëntering dé ontdekking van hun generatie. Hun jonge marxisme bleef lang gespaard van ideologische versnippering, omdat hun houding meer werd geïnspireerd door een utopie dan door een uitgewerkte denktrant. Dat vooral katholieke studenten in deze ontwikkeling de voorhoede vormden, bleef niet beperkt tot Vlaanderen, maar was ook zo in andere landen. Dat kan je terugvoeren tot de religieuze structuur van hun voelen en denken, dus een grotere bewogenheid voor het lot van de medemens en de samenleving die terugging op een diepgewortelde religieuze houding en ethische impuls. De voorhoede ruilde in Leuven, daar meer dan in de traditioneel linkse universiteiten als Gent en Brussel, het ene geloof voor het andere.” Louis Vos is reeds veertig jaar gebeten om alles te weten over AKVS, KVHV, Chiro, KAJ, KSA, DSV: “In Leuven is honderd jaar katholieke Vlaamse studerende jeugd op tien jaar verwasemd. De strijd voor Leuven Vlaams en mei ’68 hebben de gezagsgetrouwe, trouw katholieke student veranderd. Aanvankelijk was de voorhoede links, kosmopolitisch, libertijns, antigezag, maar die storm ging liggen voor een kabbelend, op zichzelf georiënteerd studentendom. De roeping van de katholieke studerende jeugd is sedert mei ‘68 eerst ideologisch verschoven naar links, en vervolgens verdwenen in Vlaanderen. De sociale positie van de universiteitsstudent is ten gronde gewijzigd, zoals ook de opdracht en de functie van de universiteit en de academici. Zo kwam er een onvermijdelijk einde aan een levende traditie van maatschappelijke betrokkenheid die studenten en

IJzerwakepoëzie (37) “Het Vlaanderen van nu, het politiek bedrijf daar, de kunst, de literatuur. Dat alles zegt mij nog weinig. De ontluistering van zoveel dat mij dierbaar was viert hoogtij. Ik voel geen behoefte om nog terug te keren.” Aldus de banneling Wies Moens in 1971. Op 5 februari jl. was het 30 jaar geleden dat Wies Moens, onze voornaamste moderne, Dietse dichter in het (Nederlands-) Limburgse Geleen overleed. Bitter en weemoedig klonken die woorden uit de mond van de 73-jarige Wies Moens toen wij hem eind 1971, tijdens een gesprek in zijn woning te Neerbeek (Ned. Limburg) polsten over zijn heimwee naar Vlaanderen, zijn geliefd Scheldeland bij Dendermonde en de praal der Brabantse heuvelen rond Asse. Wies was in die jaren nog helder van geest, een welbespraakt en humoristisch verteller. Maar die bij uitstek volkse voorman en

scholieren in het katholieke Vlaanderen meer dan een eeuw kenmerkte. Vele studenten trekken nu naar de universiteit met hun lief en spelen daar huishoudentje, zonder zich als groep in te zetten voor de gemeenschap. Al is er nog wel individueel engagement.” Het identitaire, het nieuwe nationalisme in Europa is in opmars, ziet Louis Vos: “De laatste federale parlementsverkiezingen in België hebben al duidelijk gemaakt dat de Vlaamse reflex sterker aanwezig is dan ooit. Elders in Europa zien wij vergelijkbare ontwikkelingen. Dat duidt op een trend. Het herontdekken door velen van het identitaire, van de natie, is geen modeverschijnsel want is een reactie op de globalisering. De mensen vinden de globalisering allemaal goed en wel, maar vrezen hun eigenheid te verliezen in die mondiale egalisering en verplatting. Jarenlang hoorde ik, ook van collega’s historici: “Waarom bestudeer je het nationalisme, dat is zo achterhaald, zo gedateerd en zo fout”. Nationalisme en rechts werden, en worden, ten onrechte ook steeds op één hoop gegooid. Ik stel een nieuwe belangstelling vast voor het beter begrijpen van het nationalisme. Ook in de geschiedenis zijn er modes. Vandaag zijn er nauwelijks nog studenten die de arbeidersbeweging willen bestuderen, maar de mastercursus die ik om de twee jaar gaf over Nationalisme in België zat vol tot de achterste rij. Mijn eigen onderzoek naar de theoretische kant van het nationalisme heeft mij al sinds jaren tot de conclusie gebracht dat nationalisme niet noodzakelijk een bedreiging is van de democratie, zoals het stereotiepe beeld het wil dat door linkse mensen en het mediatiek-culturele establishment van vandaag wordt voorgehouden. Integendeel, ik meen dat een nationale identiteit nodig is om een democratie op te bouwen. Er zijn gewoon geen voorbeelden van democratische staten die niet wortelen in nationale grond. Een democratie kan maar bestaan als ze steunt op een levende gemeenschap van burgers die een gemeenschappelijke historische, maatschappelijke en politieke verbeelding delen en samen plannen ontwikkelen voor de toekomst.” Frans Crols

“Ik wijs uw aanpassing af!” Dertig jaar geleden overleed Wies Moens dichter moest met lede ogen de aftakeling, de verwording aanschouwen die in de jaren 1960 om hem heen begon te grijpen. De beginselen, de waarden die hij zo vurig had verdedigd kwamen op de helling te staan: onwrikbaar Godsgeloof, katholieke gemeenschapsgeest, volksverbondenheid, zedelijke gaafheid, nationale fierheid, dienend kunstenaarschap. Met zijn bekende weerbaarheid en beginselvastheid liet de zeventigjarige opnieuw een waarschuwende stem horen: als één der eersten! Aanleiding was zijn optreden in 1967 tegen bepaalde docenten aan de volksuniversiteit te Geleen waarvan hij sinds 1955 een ijverig en plichtsbewust directeur was geweest. Hij opperde bezwaren tegen het inhoudsloos modernisme dat zij huldigden. Achter zijn rug besloot het bestuur de volksuniversiteit ongewijzigd voort te zetten. Moens nam dan ook prompt ontslag.


De nationaal en sociaal bezielde dichter was een aristocraat van de geest en verdediger der voornaamheid. Met zijn kenschetsende, scherpe stem veroordeelde de realist Wies Moens de aanpassing aan ontaarding en verval, o.m. in het gedicht “Scheiding der werelden”, kort na het ontslag in Geleen ontstaan(1967): “Ik wijs uw aanpassing af, die nooit anders is dan aanpassing benedenwaarts: een omlaagdrukken van het Eeuwige naar ’t vergankelijke, van het Gave naar ’t ontwrichte, van het Grote naar de middelmaat. Enzovoort.” Zijn hele leven was Wies Moens een échte vernieuwer geweest in de zin van verheffing en veredeling op alle gebied. Zoals in zijn politiek ideaal, de hereniging der gescheiden Nederlanden in een “Dietse volksstaat”, van de Somme in Zuid-Vlaanderen tot de Dollard in Friesland, streefde hij naar volkomenheid bij het bouwen van een nieuwe mens, een aristocratische, diep-gelovige mens. Zijn Dietse mens was de voortzetting van Rodenbachs “Knape, die telt een hele man”. Om deze herinnering aan onze voornaamste, Heel-Nederlandse dichter en vernieuwer van de moderne dichtkunst vat ik aan met één van zijn mooiste, zij het bekendste, én vroegste gedichten, dat wellicht nergens meer wordt aangeleerd. Het laat zien hoe sterk en groots de geest van de “nieuwe tijd” van broederliefde opvlamde in de vroege bundels van Moens, dit uit “De Boodschap” (1920): “De oude gewaden zijn afgelegd. De frisse vaandels staan strak in den morgen. Aartsengelen klaroenen den nieuwen dag. Wie het mes van zijn haat sleep op zijn handpalm, inkeren zal hij bij den vijand en reiken zijn mond hem ten zoen! Wie ging naar verdrukten en droeg vertedering in ’t hart, hij wakkert hen op tot den Opstand die het teken van de Gezalfden zichtbaar maakt aan het voorhoofd der kinderen uit de verborgernheid! Strak staan de vaandels in den morgen. Aartsengelen roeren de trom. De jonge karavanen zetten aan. Met gedichten zoals dit, gebald en sterk beeldend, naast o.a. bekende titels als “Laat mij mijn ziel dragen in het gedrang” en “Als over mijn hoofd de zware eskadronnen gaan…” maakte Moens furore bij veel jongeren en bij oudere poëzieliefhebbers in het begin van de jaren 1920. Mét Paul van Ostaijen, Marnix Gijsen en Karel van den Oever was hij een voornaam vertegenwoordiger van de generatie der expressionisten, waarin hij de humanitaire stroming vertegenwoordigde. Het Vlaanderen van de 20ste eeuw heeft slechts weinig leiders, volksopvoeders, kunstenaars van het formaat van Wies Moens gekend. Zijn voornaamste geestesgenoot als christelijk en dienend-volksverbonden kunstenaar was Ernest van der Hallen (1898-1948). Beiden deelden die opvallende afkeer van verburgerlijking en middelmatigheid met Guardini en Léon Bloy!

Sociale oorsprong Nog voor het bewustzijn van de vroegere nationale grootheid van Vlaanderen en de Nederlanden ontwaardde Wies Moens de sociale nood, de geestelijke en stoffelijke ellende van het “arm Vlaanderen” van voor de Eerste Wereldoorlog. Een diepe deernis ontwaakte in hem, als kind nog. Hier lag de oorsprong van zijn levenslange strijd voor de volksopvoeding, verheffing en bevrijding. Hij getuigt daarvan treffend in zijn episch-lyrisch levensbeeld “Het Spoor” (1944): “Eer ik uw grootheid zag, kende ik uw nood: uw armoe, Volk, ging eerder in mijn hart dan in mijn geest de rijkdom van uw roem.” Dit volk optillen boven zijn kleinheid, verworpenheid en onmondigheid werd dan Moens’ zware levensarbeid, die ten slotte niets opleverde voor hemzelf dan ballingschap, ondankbaarheid en onbegrip… en het besef “de goede strijd tot het uiterste te hebben gestreden”. Die bekommernis groeide uit tot een evangelisch bezielde liefde voor hele volk van Vlaanderen en de Nederlanden. De weg die hij vanzelfsprekend vond om die liefde te beleven, was die van het flamingantisme, later een Vlaams en Diets nationalisme, in de ruime, niet partijpolitieke zin van volksverheffing. Zo viel hij in de jaren 1920 en 1930 scherp uit tegen AKVS-studenten “omdat zij niet sociaal genoeg waren”. Gemeenschapskunst Heel dat moeizame werk van volksverheffing ligt weerspiegeld in zijn poëzie, die in zijn toon en stijl evolueerde van de “humanitair-expressionistische”, in wezen bijbelse bundels “De Boodschap”, “De Tocht”, “Opgangen” en “Landing” uit de jaren 1920, met hun overvloedige beeldspraak en zangerig ritme naar de soberder, scherpere zegging van de volkse strijdgedichten uit “Golfslag” (1935), “Het Vierkant” (1938) en “Het Spoor” (1944). Onderduiken, veroordeling en ballingschap maakten zijn laatste gedichten, van “De Verslagene” (1963) en “Ad Vesperas” (1967), soms bitter, dan weer getuigend voor een ongeschonden, dan weer gelouterd Godsgeloof, o.m. “Verrijzenistijd” en “Late Psalm” Tot in die laatste verzen is Wies Moens de katholieke gemeenschapsdichter bij uitstek gebleven, trouw ook aan zijn “Diets Geloof ”, voor wie de kunst allereerst dienst aan de gemeenschap moest zijn. De hele Wies Moens zal o.i. blijven aanspreken in zijn vroegste gedicht, het sublieme “Laat mij mijn ziel dragen in het gedrang…” uit “De Boodschap”, dat de 21-jarige student-activist op Kerstavond 1918 in de gevangenis van Dendermonde schreef. In het tweede vers staat zijn ganse arbeid van volksopvoeding geboetseerd: “Tussen geringen staan en hun ogen richten naar boven, waar blinken Uw eeuwige sterren”. Met dit en andere gedichten uit eerste bundels oefende hij sterke invloed uit op vele katholieke en andere dichters, letterkundigen, zowel in Noord-Nederland als in Vlaanderen. In het Noorden o.m. Anton van Duinkerken, Gabriël Smit, Henri Bruning en Albert Kuyle. Dezelfde gemeenschapskunst verdedigde hij als secretaris van het sterk vernieuwende Vlaamse Volkstoneel (1922-’26), als correspondent bij het Nederlandse dagblad “De Tijd”, in de tijdschriften “Pogen”, “Jong Dietschland”, “Dietbrand” en in het door de Duitsers als “zu katolisch” veroordeelde “Volk”. In tegenstelling tot verscheidene, vroegere medestanders is Wies Moens in geen enkel opzicht ooit afgeweken van zijn eens aanvaarde idealen. Integendeel, de oudere banneling wees alle ontluistering, elke toegeving af. Trouw is zijn sterkste deugd gebleken: “De Trouw moet blijke’ in onheils bange dagen. Zij moet als ’t koren lijden harde slagen. Het kaf stuift weg, men houdt het kostbaar graan!” - B r e de r ode


Gisteren telt alleen voor morgen Frans van der Linden

niseerde waar hij zelf de feestrede hield. Hij stelde dat de Vlamingen moesten nadenken over de toekomst van Vlaanderen “al is het geen tijd om recht te vragen”. Eind 1916 viel de werking stil maar een half jaar later kwam die opnieuw op gang. Frans van der Linden sprak zich over het verschil tussen aktivisten en passivisten uit in de volgende bewoordingen: “In afwachting van de vrede die de eensgezindheid zou herstellen moesten de soldaten hun oordeel over de activiteiten uitstellen en voortgaan met “allen te eren die het goed menen met hun volk.”” Op een bepaald moment manifesteerden Vlaamse soldaten te Hoogstaden en toen een generaal de soldaten uit elkaar wilde drijven lanceerde Frans de later beroemd geworden slogan “Omver en erover”. De ordehandhavers werden daadwerkelijk aan de kant geduwd. Al snel nam de Frontbeweging deze slogan over en in latere jaren werd hij door voorzitters van het Bedevaartcomité ook gebruikt om hun rede op de IJzerbedevaart af te sluiten. In januari 1918 nam Frans van der Linden deel aan een ‘vliegtocht’ in Hondschote; dat was een plaktocht om pamfletten van de Frontbeweging onder de aandacht te brengen. Hij werd kort nadien opgepakt maar een goede maand later vrijgesproken van vervolging tijdens het Proces van de 6de Legerafdeling. Hij werd wel scherp in de gaten gehouden onder andere door hem te benoemen tot korporaal van de kantine; dat zorgde er immers voor dat hij minder bewegingsvrijheid had. Dag en nacht werd hij gevolgd.

Op de 11de IJzerwake zullen naar goede traditie ook dit jaar weer de Fronters herdacht worden. Telkens wordt daarvoor een symboolfiguur gekozen en dit jaar is dat Frans van der Linden. Hij was de bedenker van de slogan die we dit jaar als motto namen voor de IJzerwake: “Omver en erover”. Frans werd in 1894 geboren in Antwerpen en studeerde daar aan de Sint-Ignatiushogeschool en het Conservatorium. In zijn studententijd was hij lid van de studentengilde Eigen taal Eigen Zeden en later medestichter/voorzitter van De Vlaamsche Telgen. Bij de studentengilde leerde hij hoe mensen konden geïnspireerd worden en ontwikkelde hij zijn talent voor het organiseren. In een publicatie uit die periode staat te lezen hoe hij evolueerde: “ daar kwam hij tot het inzicht dat de Vlaamsche beweging, wilde ze tastbare resultaten opleveren, zich niet alleen moest wenden tot de cultureel ontwikkelden, maar vooral tot het minder ontwikkelde volk.” In 1913 trad hij toe tot de Vlaamsche Katholieke Wacht in Antwerpen. En toen brak de Eerste Wereldoorlog uit. Frans meldde zich in 1914 vrijwillig aan en kwam na zijn opleiding in Fécamp in 1915 aan het IJzerfront terecht. Reeds in maart van dat jaar stichtte hij op een vlaszolder in Lo een studiekring met als motto “Excelsior, hooger op!”. Al snel was hij de verantwoordelijke van de Frontbeweging voor het derde regiment karabiniers. Ook had hij een AKVSkring voor oud-studenten opgericht die literaire wedstrijden uitschreef en op 17 juli 1916 een Guldensporenviering orga-

Later dat jaar werd hij ziek en hij meldde zich op het ziekenrapport maar werd afgewezen. Hij stierf op 3 november 1918 in het legerhospitaal l’Océan te Sint Michiels Brugge aan de gevolgen van de Spaanse griep, een epidemie die in die tijd vele slachtoffers maakte. Acht dagen later was de ‘Groote Oorlog’ ten einde. Samen met Lode de Boninge, nog een van de IJzersymbolen, staat Frans van der Linden symbool voor volksverbondenheid. En zoals de andere acht IJzersymbolen kreeg hij een graf in de crypte van de eerste IJzertoren. Tot de overbrenging van die graven was reeds in 1929 besloten maar de daadwerkelijke ontgraving en overbrenging had nog heel wat voeten in de aarde omdat de omgeving van de IJzertoren officieel geen begraafplaats was; pas tijdens de 13de IJzerbedevaart, op 21 augustus 1932, konden de eerste IJzersymbolen in de crypte begraven worden. Die IJzertoren werd in volle repressietijd (in de nacht van 15 op 16 maart 1946) door ‘onbekenden’ gedynamitteerd zodat enkel brokstukken overbleven. Op de oude crypte werd de huidige Paxpoort opgericht en aan de hoeken daarvan staan de herstelde standbeelden van Edward en Frans Van Raemdonck, Renaat De Rudder, Joe English en Frans Van Der Linden met Lode De Boninge. Bij de restauratie van de crypte op het einde van de jaren 1990 werden de kisten met de stoffelijke resten tijdelijk in de IJzertoren ondergebracht. Op 18 augustus 2001 werden ze opnieuw bijgeplaatst in de Crypte. Het wijden van de zerkjes gebeurde op de Bedevaart van 2001. L i e v e va n O nc k e l e n

IJzerwake magazine 37  

nr . 37 - Januari februari maart 2012

IJzerwake magazine 37  

nr . 37 - Januari februari maart 2012

Advertisement