Page 1

Uitgave van de Stichting Vrienden van Bronbeek

Maart/April 2015

Van Indië naar ­Indonesië: Expositie van dit jaar Jan de Kleyn ­onderscheiden


AANGESTIPT •Z  ondag 6 september is een datum om alvast in uw agenda te noteren. Het ligt in de bedoeling om dan onze Vrienden- en Familiedag op Bronbeek te houden. • Bij dit bulletin is de nieuwe donateurskaart gevoegd voor de vrienden/donateurs die daar recht op hebben. • Tip: bezoek regelmatig onze website ‘www.vriendenvanbronbeek.nl’. Deze wordt doorlopend geactualiseerd. • Op pagina 15 van het vorige nummer is een verkeerde naam vermeld. In het onderschrift bij de foto staat Liesbeth Stolk. Dit moet zijn: Liesbeth Dolk. Onze excuses. • 27 februari jl. is bij het anker van Bronbeek de Slag in de Javazee herdacht. ­Johan Kramer was present voor de fotografie en maakte deze opname van de stijlvolle, jaarlijkse gebeurtenis.

Bij de voorpagina Bronbeeks jongste luchtfoto, enige tijd geleden gemaakt met een dronetoestel, en – recenter vereeuwigd – voorzitter Jan de Kleyn van de Stichting Vrienden van Bronbeek die benoemd is tot Officier in de Orde van Oranje-Nassau. Zie de rubriek: Van het bestuur.


INHOUD 2015 MAART/APRIL

Van het bestuur Voorzitter onderscheiden Werkgroep Contactpersoon museum

4 4 4

Voor uw agenda Verschijnt 3x per jaar - no. 111 Informatieblad van de ‘Stichting Vrienden van Bronbeek’. Redactieleden: mevr. G.G. Besselink-Boermann dhr. A.P. Bakker mr. H.J.A. Grootveld, eindredacteur Doelstelling van de Stichting: Het wekken van belangstelling voor, alsmede het levend houden en zo mogelijk versterken van de historisch bepaalde verbondenheid tussen Nederland en landen overzee, in het bijzonder Indonesië, door voortzetting, aanpassing en uitbouwing van de tradities van het Koninklijk Tehuis voor Oud-Militairen en Museum ‘BRONBEEK’. Donatie: Natuurlijke personen minimaal € 12,50 per jaar. Eenmalige bijdrage voor het leven minimaal € 125,-. Rechtspersonen minimaal € 50,- per jaar. IBAN rekeningnummer: NL89 INGB 0000 0009 40 van de ‘Stichting Vrienden van Bronbeek’

Activiteiten op Bronbeek

4

In en om Bronbeek In memoriam Nieuwe bewoners Van Indië tot Indonesië 1945/1950 Tips van Geertje Besselink Bronbeek in de Tweede Wereldoorlog Kampboeken digitaliseren Workshop

6 6 6 8 10 17 18

Kris…Kras Wederopbouw Banda Aceh Bezoek Soesterberg

19 21

Museumcollectie Overzicht aanwinsten Schenkingen aan bibliotheek

21 22

Donateursbon

Adres Stichting: Velperweg 147, 6824 MB Arnhem. website: www.vriendenvanbronbeek.nl Vriendenadministratie SVVB Rauwland 68 7491 KL Delden Tel. 074 - 376 30 50 E-mailadres: SVVB@kpnmail.nl ISSN: 1386 - 0372

KTOMM BRONBEEK Tel: 026-376 35 55 3


Van het bestuur VOORZITTER ONDERSCHEIDEN Bij zijn afscheid als kanselier van de Nederlandse ridderorden is onze voorzitter Jan de Kleyn koninklijk onderscheiden. Hij is benoemd tot Officier in de Orde van Oranje-Nassau. Minister Plasterk reikte hem de versierselen uit tijdens een drukbezochte receptie in sociëteit De Witte in Den Haag. Namens de Stichting Vrienden van Bronbeek zijn de talrijke felicitaties onderstreept met een passende bloemenhulde.

WERKGROEP Tijdens zijn laatstgehouden vergadering heeft het bestuur een werkgroep ingesteld voor een onderzoek naar mogelijke verdere vernieuwing van de jaarlijkse donateursdag. Versterking van het programma als een Vrienden- en Familiedag is een wens die breed leeft binnen de eigen gelederen. Leden van de werkgroep vanuit het bestuur zijn: Ralph Kneefel en Eric Hoefsloot. Op dit moment wordt ervan uitgegaan, dat wij het evenement op zondag 6 september 2015 kunnen beleven.

CONTACTPERSOON MUSEUM Het bestuur heeft vice-voorzitter René van de Beek aangewezen als contactpersoon voor Museum Bronbeek. Hij volgt in deze functie Karen Portier op, die vorig jaar na dertig jaar afscheid heeft genomen als bestuurslid.

Voor uw agenda ACTIVITEITEN OP BRONBEEK Het gehele jaar 2015

EXPOSITIE ‘Oorlog! Van Indië tot Indonesië 1945/1950’ Een overzicht van de periode, waarin op gewelddadige wijze een eind kwam aan de Nederlandse koloniale overheersing van Nederlands-Indië.

4


14 april 2015

18 & 19 april 2015 19 april 2015

19 april 2015

22 april 2015

3 mei 2015

8 juli & 5 augustus 2015

Medio augustus

LEZING ‘Bronbeek in de Tweede Wereldoorlog’ door Niek Ravensbergen. 14.00-15.00 uur. Toegang met museumentreebewijs. Reserveren: nb.ravensbergen@mindef.nl

OPEN DAGEN Nationaal Museumweekend Activiteitenprogramma.10.00-17.00 uur. Toegang gratis.

THEATERVOORSTELLING ‘Kruit!’ Sumatrazaal Kumpulan. Toegang gratis, reserveren niet mogelijk. Kijk voor nadere informatie vanaf 1 april op www. bronbeek.nl onder ‘Activiteiten Bronbeek’.

LEZING ‘Oorlogsplekken in Nederlands-Indië/ Indonesië 1942-1949’ door Hans van den Akker. 14.00 – 16.00 uur. Toegang: € 14,50 (incl. museumentree). I.s.m. Volksuniversiteit Arnhem. Inschrijven: www.volksuniversiteit.nl/arnhem of (026) 4422363.

WORKSHOP Genealogisch onderzoek naar KNILmilitairen door Ingrid Koolhoven. 13.30-15.30 uur. Toegang met museumentreebewijs. Inschrijven: nb.ravensbergen@mindef.nl

LANDELIJKE CAMPAGNE Niet weggooien! Hebt u voorwerpen, foto’s en brieven uit de Tweede Wereldoorlog in Nederlands-Indië? Gooi ze niet weg, maar schenk ze aan het museum (www.actienietweggooien.nl). 10.0017.00 uur.

LEZING ‘Landgoed Bronbeek: koninklijk geschenk voor veteranen’ door Niek Ravensbergen. 14.00-16.30 uur. Toegang met museumentreebewijs. Reserveren: nb.ravensbergen@mindef.nl

EXPOSITIE t/m december 2015. ‘Oorlog in beeld’. Foto’s uit oorlogen in heden en verleden: gewapende strijd, sociale desintegratie, voedselschaarste en vluchtelingen, maar ook vreugde en hoop. Met foto’s van het IPPHOS (Indonesian Press Photo Service), Charles Ernest van der Heijden (oorlogscorrespondent in Nederlands-Indië 1946-1948) en Marielle van Uitert (oorlogsfotograaf in o.a. Afghanistan, Irak, Syrië en Gaza). Nadere informatie onder ‘Activiteiten Bronbeek’ op www.bronbeek.nl 5


Dinsdag t/m zondag

JEUGDACTIVITEITEN Landgoedspeurtocht In je eigen tempo zwerf je over het landgoed Bronbeek en onderzoek je onbekende plekken en dingen. Leeftijd: 8 t/m 12 jaar. Haal een gratis routekaart bij de receptie tussen 10.00 en 17.00 uur.

Museumspeurtocht

Zondagen

Weet jij hoeveel kanonnen er in het museum staan? En weet je waarom uniformen er zo indrukwekkend uitzien? Er is een speurtocht voor 6 t/m 9 jaar en een voor 10 t/m 12 jaar. Haal er een gratis af bij de receptie tussen 10.00 en 17.00 uur.

OPENBARE REPETITIES Gamelan In verband met herinrichting van de Indische Zaal zijn er tijdelijk geen openbare repetities door de groep Kusumo Budoyo. Informeer naar de actuele stand van zaken via (026) 3763578.

Wijzigingen voorbehouden. Voor nadere gegevens en de laatste stand van zaken: kijk op www.bronbeek.nl onder ‘Activiteiten Bronbeek’.

In en om Bronbeek IN MEMORIAM

Op 19 januari jl. is de heer L. van Deenen overleden, sergeant b.d. van de Koninklijke Landmacht. Hij was 92 jaar. Op 30 januari jl. overleed de heer P.F. van den Bosch. Hij bereikte de leeftijd van 84 jaar.

NIEUWE BEWONERS De heer J.W.A. van Haarlem is op 29 november 2014 in Bronbeek komen wonen. Hij diende bij de Koninklijke Marine. De heer W.F.G.L Kerrebijn heeft op 1 december 2014 zijn intrek genomen in Bronbeek. Hij heeft bij de Koninklijke Landmacht gediend. Wij wensen hen een fijne toe op het landgoed. 6

Tentoonstelling t/m 3 januari 2016 ‘OORLOG! VAN INDIË TOT INDONESIË 1945/1950’ In Museum Bronbeek is ingericht de tentoonstelling ‘Oorlog! Van Indië tot Indonesië 1945/1950’. Dit is de periode, waarin definitief een einde kwam aan het Nederlandse koloniale bewind.


In augustus 1945 riepen de Indonesische leiders de onafhankelijke Republik Indo-

nesia uit. Nederland erkende deze niet en raakte – direct na het einde van de Tweede Wereldoorlog in Zuidoost Azië – verwikkeld in een gewelddadig conflict. In 1950 was de strijd om de onafhankelijkheid van Indonesië beslecht en werd het Koninklijk Nederlands-Indisch Leger (KNIL) ontbonden. De tentoonstelling ‘Oorlog!’ zet zeventig jaar na dato de dekolonisatieperiode vanaf 1945 in een historisch en internationaal perspectief en wil het complexe verhaal en de positie van het KNIL daarin verduidelijken. De expositie is met name samengesteld rond objecten uit de collectie van Museum Bronbeek en bruiklenen uit het Rijksmuseum. Daarbij geeft een chronologische weergave van feiten de bezoeker overzicht en brengen persoonlijke verhalen de gebeurtenissen van toen dichterbij. Er zijn bijzondere objecten te aanschouwen. In een van de vitrines ligt bijvoorbeeld de vlag die de laatste dag van Nederlandse-Indië heeft gemarkeerd. Op 27 december 1949 wapperde deze boven het paleis van de gouverneur-generaal in Batavia. Mevrouw H.G. de Natris-Megem verrijkte er de collectie van Bronbeek mee. Ook zijn er brokstukken te zien van het Van Heutsz-monument dat in Batavia en later enkele jaren in Jakarta heeft gestaan en vervolgens in 1953 is gesloopt. Ze zijn naar Engeland getransporteerd en hebben bij de familie Hoogland in de tuin de tand des tijds overleefd. In de tentoonstelling zijn ze gepresenteerd als ‘struikelstenen van het verleden’. De periode 1945-1950 in Indië/Indonesië was er een van aanhoudend geweld tussen partijen die intern verdeeld waren en met de internationale opinie te maken kregen.

Struikelstenen van het verleden.

De expositie belicht de idealen van beide kanten. Ze vertelt wie er aan de touwtjes trokken en maakt duidelijk hoe de strijdkrachten waren georganiseerd. De tentoonstelling laat ook zien hoe een generatie Nederlandse oorlogsvrijwilligers en dienstplichtige militairen, die meende orde en rust in Indië te brengen en bedreigde burgers te beschermen, in een ‘vechtmissie’ terechtkwam om de politieke en bestuurlijke verhoudingen van voor WO II te herstellen. Een conflict dat ook de kenmerken van een burgeroorlog had, waarin Indische KNIL- en Republikeinse militairen soms hun eigen familieleden bevochten. Nederlandse politici onderkenden de kracht van de nationalistische beweging niet en waren verdeeld over de toekomst van het oude Nederlands-Indië.

Krant Voor bezoekers is er een gratis informatieve tentoonstellingskrant. Deze voorziet behalve in historische achtergronden ook in praktische hulp. Zo vindt degene die specifieke details zoekt over zijn eigen familie (zoals: in welk regiment zat mijn (groot) vader, waar was dat gelegerd, welke taken had het?) in deze krant adressen, waar hij antwoorden kan verwachten. Gedurende 7


het jaar 2015 wordt het onderwerp dekolonisatie verder uitgediept in een activitei-

tenprogramma, zowel op de locatie Bronbeek als bij partners elders. De nieuwe tentoonstelling is geopend op 19 februari jongstleden, de traditionele Verjaardag van Bronbeek. Commandant kolonel Michiel Dulfer kon een groot gezelschap geïnteresseerde gasten verwelkomen bij de officiële start. Historicus Ad van Liempt gaf in een toelichtende beschouwing uiting aan zijn waardering voor deze bijzondere activiteit van Bronbeek, vooral om twee redenen. Allereerst hebben ‘gewone jongens aan beide kanten’ de plaats gekregen waar zij recht op hebben en zijn zij niet verdwenen in de schaduw van commandanten en hoge officieren. En tegelijkertijd is de naam van de tentoonstelling onverbloemd verbonden met: oorlog. ‘Het hoge woord is eruit’, zo zei Van Liempt. Hij herinnerde eraan dat journalisten die de Eerste en Tweede Politionele Actie destijds zo noemden, door de minister van Buitenlandse Zaken van Nederland ronduit werden ‘uitgekafferd’. Dat waren dus andere tijden dan de onze. Voor Bronbeek was 19 februari, zoals altijd, een dag waarvan in vele opzichten werk

Groepsfoto 2015 van de bewoners van Bronbeek.

8

werd gemaakt. Het is immers de geboortedag van koning Willem III, de stichter van

Bronbeek. ’s Morgens gingen bewoners op de foto en hield de commandant in de hal van het hoofdgebouw een toespraak, waarna overledenen stijlvol werden herdacht. Bij het borstbeeld van Willem III werd een bloemstuk gelegd.

Jubileum Het officiële deel van de verjaardag eindigde met de eervolle vermelding van een jubileum: Nathalie Bosman, een goede bekende uit de eigen kring van het personeel, beleeft in 2015 een kroonjaar. Ze viert haar zilveren jubileum in dienst van Bronbeek. Bewoners, collega’s en aanwezige vrijwilligers brachten haar een warm applaus.

TIPS VOOR HET VIRTUELE EN GEDRUKTE WOORD In het verlengde van de nieuwe tentoonstelling ‘Oorlog!’ Van Indië tot Indonesië 1945-1950 vermelden we graag een aantal url’s/homepages over deze periode, waar nu nog steeds over wordt geschreven. Denk aan Rawagede, maar eveneens aan een interview met historicus Abdul Wahid in de Volkskrant: ‘Van de onafhankelijkheidsstrijd kennen de Indonesiërs alleen de eigen heldendaden’. Wahid wil ook de wandaden van Indonesië onderzoeken. Zie http://javapost.nl/2015/02/02/ de-wandaden-van-de-indonesiers-moeten-ook-onderzocht-worden/ Of tik in Google: ‘Historicus Abdul Wahid’. Verder is er een documentaire van Twan Spierts die Joty ter Kulve interviewde in Indonesië. Zij groeide op in het huis, waar in 1946 het historische akkoord van Linggadjati gesloten werd. Yoti maakte in Indonesië de Tweede Wereldoorlog mee,


Bloemen voor Nathalie Bosman: 25 jaar in dienst.

werd opgesloten in verschillende kampen en vertrok na de oorlog naar Nederland (kijk op: http://www.terugnaarlinggajati.nl). Ook de volgende film is bijzonder: ‘Indonesië Merdeka – historische filmbeelden’, een epos over de strijd die voorafging aan het uitroepen van de Republiek Indonesië in 1949. De onafhankelijkheidstrijd is gereconstrueerd met uniek materiaal en aan de hand van herinneringen, lotgevallen en anekdotes, zie: http://www.npo.nl/indonesia-merdeka-deel-1/21-07-2010/WO_VPRO_043507 Door naar Google te gaan en in te tikken ‘NPO Indonesia Merdeka - deel 1’ komt u er ook. Kent u de homepage ‘Historie Nederlandse Krijgsmacht’? Werkelijk alles is te vinden over het KNIL, de politionele acties en persoonlijke fotoverhalen over oorlogsvrijwilligers zoals Gerard van der Lee (zie: http:// veteranennaardermeer.nl/index.php/militaire-zaken/203-onderdelen-nederlandse-leger/overdragen/ politionele-acties-1945-1950). Of tik in Google ‘Veteranen Naardermeer Politionele acties’. Verder zijn er Indische kamparchieven (http://www.indischekamparchieven.nl/). De informatie op deze website is in hoofdzaak ontleend aan de tweedelige Geïllustreerde atlas van de Japanse kampen in Nederlands-Indië 1942-1945 van J. van Dulm, W.J. Krijgsveld, H.J. Legemaate, H.A.M. Liesker en

G. Weijers. Daarnaast is dankbaar gebruik gemaakt van de Geïllustreerde atlas van de Bersiapkampen in Nederlands-Indië 19451947 (2009) van H. Beekhuis, H.Th. Bussemaker, A.A. Lutter en P.M. de Haas en van de websites van H. Beekhuis. Daaruit zijn de resultaten geput van jarenlang onderzoek door ex-geïnterneerden, waaraan vele andere ex-geïnterneerden hebben bijgedragen. Nog eentje. De Eerste Divisie ‘7 December’ werd in 1946 naar de Oost gezonden om in Indië de ‘rust, orde en veiligheid’ te herstellen. Nederland was van plan om Indië langs geleidelijke weg een grotere zelfstandigheid te geven, echter het uitroepen van de onafhankelijke Republiek Indonesia twee dagen na de Japanse capitulatie versnelde de gebeurtenissen. Url: http://www.7decemberdivisie.nl/.

Boeken Er zijn veel boeken over de Politionele Acties en Bersiap geschreven. Hierna volgt een aantal dat recent of bijna recent is uitgebracht. Ilse Akkermans – Bestemming Soerabaja. ‘Het is april 1945, het zuiden van Nederland is bevrijd. De zeventienjarige Harry Akkermans meldt zich aan als oorlogsvrijwilliger om te strijden tegen de bezetters. 9


In de Verenigde Staten wordt hij opgeleid tot marinier, met het idee ‘te vechten van-

uit het vuur van rechtvaardigheid’. Maar wanneer Duitsland en Japan capituleren, komt Harry in een andere oorlog terecht; hij wordt met zijn eenheid naar Nederlands-Indië gestuurd en belandt in een koloniale strijd’. Peter van Dongen – Rampokan. Dit is een beeldroman, geschreven en getekend door de Nederlandse tekenaar Peter van Dongen. Het boek omvat twee delen: ‘Rampokan Java’ uit 1998 en ‘Rampokan Celebes’ uit 2004. Nederlands-Indië, 1946. Als Indonesische nationalisten de republiek uitroepen, vertrekken troepenschepen met vrijwilligers en dienstplichtigen vanuit Nederland naar het oosten om de orde te herstellen. Johan Knevel en Erik Verhagen, twee van die Nederlandse vrijwilligers, keren terug naar het land waar ze opgroeiden. Johan wordt gedreven door zijn verlangen naar het verloren paradijs. Erik kiest juist partij voor de communisten en de nationalisten. Onder andere omstandigheden waren ze misschien vrienden geworden. Als Erik overlijdt, neemt Johan zijn plaats bij de rebellen in – tegen wil en dank. Gerard van der Lee- Onze Jan in Indië. De Indiëveteraan Gerard van der Lee (1927) werd in november 1944 bij een razzia in Rotterdam gevangen genomen door de Duitse bezetter en werkte daarna als dwangarbeider in Duitsland. Na te zijn ondergedoken in Keulen, waar hij het laatste grote bombardement op deze stad meemaakte, werd hij bevrijd door de Amerikanen en keerde hij in juni 1945 terug naar Nederland. In 1947 trad hij in militaire dienst bij het Regiment Huzaren van Boreel en in 1948 vertrok hij met de Waterman naar Neder10

lands-Oost-Indië, waar hij tot de repatriëring in juli 1950 als militair actief was.

Dr. H.Th. Bussemaker - ‘De Indische kwestie’. Na de Tweede Wereldoorlog ging in Nederlands-Indië de strijd door, nu voor onafhankelijkheid. Daarna volgde, na jarenlange ontberingen in zogeheten Jappenkampen en de Bersiap, voor de Indische Nederlanders een strijd voor erkenning van hun leed en voor compensatie van het materiële verlies dat zij hadden geleden. De Nederlandse overheid was met beide zeer terughoudend. Ook van zijn hand Bersiap!, opstand in het paradijs. Opstand in het paradijs is chronologisch opgebouwd en behandelt de verschillende fasen van de Bersiap, waarbij wordt ingegaan op de rol van de Japanners en Britten. Aan de hand van uitgebreid bronnenmateriaal trekt de auteur niet al te vleiende conclusies over de effectiviteit van het Britse optreden en worden ook Nederlandse beleidsmakers niet gespaard. Ook geeft de auteur een korte beschrijving van vrijwel alles.

Onze website Kijk voor deze boeken op de Vrienden-van-Bronbeeksite onder: http://www. vriendenvanbronbeek.nl/10%20SVVBboeken.htm. Of gebruik Google – tik in: ‘Vrienden van Bronbeek Boeken’. Hopelijk heb ik u nieuwsgierig kunnen maken. Geertje Besselink

BRONBEEK IN DE TWEEDE WERELDOORLOG Bezoekers van lezingen over Bronbeek vragen geregeld: wat is er eigenlijk op Bronbeek gebeurd in de


Tweede Wereldoorlog? Niek Ravensbergen heeft zich in die geschiedenis verdiept. Hij presenteert

op 14 april – op de kop af 70 jaar na de bevrijding van Bronbeek – het oorlogsverhaal van Bronbeek in woord en beeld (zie voor reservering de rubriek ‘Voor uw agenda). Het Bronbeekbulletin publiceert alvast deze samenvatting. Zijn verzamelde kennis is gebaseerd op herinneringen van enkele ooggetuigen en op literatuur. Helaas is archiefmateriaal uit deze periode om onduidelijke redenen vernietigd. Mogelijk zal nader onderzoek meer informatie opleveren. De genoemde ooggetuigen zijn P.F. Speklé, die in 1939 als tuinknecht op Bronbeek kwam te werken, en J.D. Thie, die in 1941 werd aangesteld als huismeester. De eerste deelde zijn herinneringen met Ravensbergen, de tweede deed zijn verhaal in de Arnhemse Courant van 18 april 1946.

De eerste bezettingsjaren Het commando over Bronbeek in de oorlogsjaren heeft luitenant-generaal (titulair) b.d. Cornelis Adrianus Rijnders (Nijmegen 1879 - Arnhem 1951). Hij is Ridder MW04 (1906) en begiftigd met een eresabel (KB 1911) wegens moedig en beleidvol gedrag als officier en als civiel bestuurder in de kolonie in de periode 1905-1910. Na een ernstige ziekte in 1929 wordt hij in 1931eervol ontslagen zowel als commandant van Atjeh & Onderhorigheden alsook uit het Indische leger. Benoemd tot commandant van Bronbeek op 1 mei 1932 blijft hij die functie bekleden tot 31 mei 1946. Zijn optreden heeft het lot van Bronbeek in de oorlog in sterke mate bepaald. Over de eerste oorlogsjaren is niet heel veel bekend. Er heerst betrekkelijke rust. De Duitsers gedragen zich correct en bemoeien zich niet met Bronbeek. Niets wordt geroofd, ook geen brons. De kanonnen blijven in het museum. Enkel de filmpro-

jector wordt gevorderd, voor de Duitsers aan het oostfront. Duitse soldaten brengen de bewoners de militaire groet - die zij niet beantwoorden - en de militaire uniformen van de Bronbekers worden gedoogd. Dit laatste in weerwil van het verbod van de bevelhebber van de Wehrmacht op het dragen van uniformen na 15 juli 1940. Om elk misverstand te voorkomen vraagt Rijnders of Bronbeek in de uitzonderingsbepalingen van dit bevel kan worden opgenomen, en daartegen maken de Duitsers geen bezwaar. Een eerste schaduw valt over Bronbeek als Hartog Bollegraaf, die op Bronbeek de functie van schrijver vervult, wegens zijn Joodse afkomst op non-actief wordt gesteld. In zijn plaats wordt sergeant-majoor b.d. C. Kamstra aangesteld. Deze gebeurtenis is geen uitzondering, want op 21 november 1940 worden alle Joodse burgerambtenaren in overheidsdienst uit hun functie ontheven; het is een van de anti-Joodse maatregelen van de bezetter. Uiteindelijk wordt Hartog Bollegraaf gedeporteerd. In de zomer 1943 is hij, met vrouw en dochter, in het vernietigingskamp Sobibor omgekomen. In de loop van de bezettingstijd wordt de voedselvoorziening moeizamer. De Bron-

De schade van granaatvuur aan de Wilhelminaboom is altijd zichtbaar gebleven.

11


bekers zijn in die tijd nog gewoon om op het landgoed zelf een deel van hun voedsel

te produceren. Zo verbouwen ze gewassen en houden ze vee. Dit alles wordt steeds belangrijker. In 1942 worden de kippenhokken naast de keuken afgebroken en de vrijkomende grond met het gazon ernaast wordt omgeploegd om zo meer aardappelen en bonen te kunnen verbouwen. Ook de kippenweide aan de Velperwegzijde wordt omgeploegd om grond vrij te maken voor de bonenteelt. Het kleinvee wordt geleidelijk aan opgegeten, maar koeien en paard blijven gespaard. Opmerkelijk is dat het museumbezoek in de oorlogsjaren doorgaat. Na een terugval in 1940 stijgt het. In 1943 verdubbelt het bezoekersaantal bijna ten opzichte van 1939: er komen dan bijna 15.000 bezoekers. Traditioneel is de zijdenrupsenteelt de grote publiekstrekker in de zomermaanden. In de winter van 1944-‘45 valt het bezoek nagenoeg stil.

September 1944 De betrekkelijk rustige tijd eindigt in het najaar van 1944. Na de geallieerde invasie van West-Europa op 6 juni vechten de geallieerden zich eerst moeizaam een weg naar Parijs, om daarna veel sneller noordwaarts door te stoten richting Nederlands grens. Op maandag 4 september wordt Antwerpen bevrijd. Bijna twee weken daarna begint de Operatie Market Garden. De Bronbekers leggen de driekleuren alvast klaar. Zij bekijken hoonlachend de vlucht van Duitsgezinden over de Velperweg in oostelijke richting. In de lucht boven Arnhem en Bronbeek zien ze veel vliegtuigen. Maar terwijl de gevechten in het centrum van de stad woeden, gebeurt er op Bronbeek deze dagen aanvankelijk weinig. 12

Luitenant-generaal (titulair) b.d. Cornelis Adrianus Rijnders.

Omdat Arnhem en de zone langs de Rijn bij de Slag om Arnhem frontgebied zijn geworden, nemen de Duitsers maatregelen met het oog op een toekomstige nieuwe aanval. Op 23 september bevelen ze de evacuatie van alle burgers in Arnhem. Circa 95.000 mensen verlaten de stad op maandag 25 en dinsdag 26 september. Velen strijken neer in de directe omgeving: het Openluchtmuseum, Velp, Schaarsbergen, Rozendaal en Rheden, in de hoop en verwachting dat het maar kort zal duren. Rijnders besluit het evacuatiebevel te negeren en af te wachten. De Bronbekers zien daardoor hun bepakte stadsgenoten voorbijtrekken over de Velperweg. Rond tachtig van hen vragen en krijgen onderdak op Bronbeek. Kort daarna wordt de hele TBC-afdeling van het Gemeenteziekenhuis met het verplegend personeel en hun gezinnen op Bronbeek ondergebracht. Het rustige tehuis wordt een volle bijenkorf.


Op een middag aan het eind van september worden alle bewoners ruw opgeschrikt.

Een Engelse bommenwerper in nood vliegt laag over en lost vier bommen op het gazon voor de commandantswoning. Daar en in het hoofdgebouw springen ruiten en storten plafonds in; de grote deur in het hoofdgebouw wordt ingedrukt. Rondvliegende glasscherven veroorzaken lichte verwondingen, maar doden vallen er niet. Direct begint ieder die zich ertoe in staat voelt, puin te ruimen. Dokter en verpleging van het hospitaal helpen de gewonden. De plotselinge gebeurtenis blijkt gelukkig een incident, zodat er de dagen daarna tijd is om alle gaten te dichten met planken, karton en vloerzeil. Het leven op Bronbeek wordt er zo niet prettiger op, maar men neemt het voor lief, want men wil alles liever dan evacueren.

Najaar 1944 Rijnders krijgt in oktober van een aantal Duitsers mondeling een bevel om Bronbeek te evacueren, maar hij weigert en geeft als reden op dat het onmogelijk is: een dertigtal 80-plussers loopt met een of twee stokken en in het hospitaal liggen 25 zieken, onder wie blinden en verlamden. Daarop volgen plagerijen: de Duitsers laten de correctheid varen, groeten niet meer, betalen hun museumentree niet, sterker nog, zij dringen in tehuisvertrekken binnen ‘om opmetingen te doen’. Na beklag van Rijnders bij het Departement van Koloniën in Zutphen laten zij het tehuis met rust. Later verneemt men dat op papier de gemeentegrens van Arnhem in de richting van de stad is verlegd, waardoor Bronbeek tijdelijk in Velp ligt en er dus geen plicht tot evacuatie meer bestaat. Maar de op Bronbeek verblijvende geëvacueerde Arnhemmers

moeten na enige maanden het landgoed op last van de NSB-burgemeester Hollaar alsnog verlaten. Als maatregel tegen de verwachte nieuwe geallieerde aanval zetten de Duitsers in het najaar van 1944 de Overbetuwe onder water. Ze sluiten alle toegangen tot Arnhem af met slagbomen en bouwen overal bunkers en versperringen. Op de Velperweg komt een versperring ter hoogte van de hoofdingang van Bronbeek. Later verplaatsen zij die wat verder in de richting van Velp. Men kan het landgoed dan alleen nog verlaten via een opstapje over het hek langs de Velperweg ter hoogte van het standbeeld van Willem II. In april 1945 word de versperring zelfs nog verder opgeschoven tot bij het viaduct van de in aanbouw zijnde snelweg. Velp kunnen de bewoners dan alleen bereiken via een illegale ‘geheime’ doorgang aan de oostzijde van het landgoed, over het zandlichaam van de snelweg en de Berg en Heideweg; de dominee en de leveranciers zijn eveneens op deze route aangewezen. De Duitsers leggen ook een loopgraaf aan op de hoge zijde van het landgoed en zijn ingekwartierd in de Witte School aan de Bronbeeklaan, een paar honderd meter van Bronbeek.

Winter 1944-‘45 In de winter komt alles nog nadrukkelijker in het teken van het voedsel- en brandstoftekort te staan. In het bos worden bomen – met handzaag en bijl – gerooid voor de stook met hout. Suikerbieten zijn nu nog bijna het enige voedsel. Het dagrantsoen is 120 gram brood (ongeveer drie boterhammen) en 300 gram suikerbieten of aardappelen (ongeveer drie aardappelen). De bewoners worden door voedseltekort zwakker en velen moeten daardoor hun werk13


zaamheden staken. De sterfte neemt toe. Het aantal bewoners verdubbelt bijna van 1 januari 1940 tot 1 januari 1945 van 85 naar 163. Daarna daalt het van 1 ­januari tot 5 mei 1945 van 163 naar 138 (= 25 bewoners = 15 %). Er is een clandestiene radio op Bronbeek, waarop de huismeester het laatste oorlogsnieuws beluistert. Hij geeft dat steeds door aan de staf, maar heel heimelijk, want er zijn NSB’ers in huis: een verpleger met zijn echtgenote en drie bewoners. Zij verklikken alles wat op Bronbeek ten nadele van de vijand gezegd wordt aan de NSB-kringleider. Dit leidde al eens tot een waarschuwing van de Ortskommandant, dus voorzichtigheid is geboden.

visie vertrekt naar Westervoort, waarbij tanks van de Canadese pantserdivisie zich aansluiten. Als het plan slaagt, worden de Duitsers in West-Nederland geïsoleerd en kunnen de geallieerden met een omtrekkende beweging via Noord-Nederland naar Berlijn opmarcheren. Voor de derde keer krijgt Rijnders een ontruimingsbevel, en wel omdat Bronbeek naar geallieerde zenders zou luisteren, mensen onderdak zou geven die geëvacueerd hadden moeten zijn en omdat de meeste bewoners pro-Engels zouden zijn. Opnieuw legt Rijnders het bevel naast zich neer. De gevechten die de volgende dag uitbreken, voorkomen een gedwongen uitzetting.

Voorjaar 1945

Opmaat tot de bevrijding

In maart 1945 zien de Bronbekers bombardementsvliegtuigen van de geallieerden richting Duitsland overvliegen. Gevechtsvliegers met mitrailleurs bestoken de plekken waar Duitsers zitten. Ze horen kanongebulder steeds dichterbij komen. V-1’ s vliegen over. Op 28 maart valt zo’n V-1 op de Oranjestraat in Velp, 1500 meter verwijderd van Bronbeek. Maar de Bronbeekgemeenschap ontspringt nog steeds de dans. De geallieerden hernemen hun opmars naar Duitsland. Eind maart steken ze de Rijn over bij het Duitse Rees. Daarna trekken de troepen van 1ste Canadese Legerkorps via Emmerich, Achterhoek en Liemers richting IJssel. Hun plan is om de IJssel bij Doesburg over te steken en gelijktijdig de Rijn bij Heveadorp. Omdat de oversteek bij Heveadorp te moeilijk uitvoerbaar en te gevaarlijk blijkt, besluit men in plaats daarvan over te steken bij Westervoort, en wel op donderdag 12 april. De Britse 49th ‘Polar Bear’ infanteriedi-

Donderdag 12 april breken de zwaarste dagen uit de oorlogsgeschiedenis van Bronbeek aan. Die nacht begint namelijk de bestorming van Arnhem vanuit de Liemers met een luchtaanval op de in het Fort Westervoort verschanste Duitsers, 3 kilometer van Bronbeek, en begint ook een artillerieaanval om de oversteek over de IJssel te dekken. Arnhem en Velp worden bestookt met raketten en met nevelgranaten die rookgordijnen moeten creëren. In de nacht van 12 op 13 april volgt de amfibische rivierovertocht. De vaste IJsselbrug was namelijk door de Duitsers opgeblazen. Daarna dringen de bevrijders vanaf de IJssel onder hevige straatgevechten moeizaam door in het gebarricadeerde en van boobytraps voorziene oostelijk stadsdeel. Pas vrijdagavond laat bereiken zij de Saksen Weimarkazerne, 2 kilometer noordwestelijk van Bronbeek. Wat beleven de Bronbekers hiervan? Aan het begin van de donderdagavond begint

14


een hevig granaatvuur. De gebouwen dreunen. Het regent granaatscherven.

Inslaande granaten vernielen huizen in de buurt en bomen op het landgoed. Het hoofdgebouw wordt veelvuldig beschadigd, maar houdt stand. Projectielen vliegen aan de voorzijde naar binnen. De bewoners pakken ze met een blik weer op en gooien ze uit het raam. Sommige bewoners halen buiten niet-ontplofte granaten weg, ondanks het hevige vuur. De lucht kleurt rood door de brandende huizen in de wijk. Het vuren duurt de hele nacht. Van slapen komt niets: men moet waken voor voltreffers. Overdag op vrijdag de 13de gaan de gevechten door. Een granaat ontploft bij de boerderij en vernielt de westelijke muur van de koeienstal, waarna onder leiding van bewoner Jacob van Dijk de koeien en het paard met gevaar voor eigen leven in betrekkelijke veiligheid worden gebracht. Vrijdagmiddag wordt het hospitaal getroffen; muren en plafonds raken zo beschadigd, dat ontruiming noodzakelijk wordt. Wie kan lopen, wordt in de vuurpauzes zo snel mogelijk achter het hoofdgebouw gebracht. Daar is het veiliger. Zieken die niet kunnen lopen, worden in hun bed in de gang van het hospitaal gezet en vervolgens met bed en al naar buiten gedragen. Dat alles gebeurt in de korte vuurpauzes. Als het vuren wordt hervat, werpt men zich op de grond, om daarna zo snel mogelijk weer verder te gaan. ’s Nachts gaat de geallieerde aanval door. Door moedig en snel bluswerk van de bewoners breekt op Bronbeek geen brand uit. Volgens Thie is het aan dit optreden te danken dat Bronbeek niet in vlammen is opgegaan. Ook de nacht van vrijdag op zaterdag gaat de aanval onverminderd door.

Bevrijd! In de loop van de zaterdagochtend 14 april houdt het kanonvuur plotseling op. Op Bronbeek horen ze dan nog een tijdje geweer- en mitrailleurvuur, totdat dit ook stil valt. Tegen 3 uur in de middag passeren Engelse infanteriepatrouilles met stenguns in de aanslag het landgoed, even later gevolgd door een grote tank. Een luid gejuich stijgt dan op in het gehavende tehuis. Iedereen haast zich naar de Velperweg om te groeten en te bedanken. De tank stopt voor het landgoed, de lachende bemanning deelt sigaretten en tabletten chocolade uit. Hoe bijzonder is dit moment: de Bronbekers zijn de eersten in Arnhem die de bevrijders ontmoeten en toejuichen, want de stad is nog geëvacueerd. Maar hoe blij men ook is, Rijnders wil de vlag nog niet hijsen, want de Engelsen vinden het nog onveilig: de Duitsers in Velp zijn nog te dichtbij. De Engelsen stoppen aan het eind van die zaterdag met hun achtervolging. Arnhem is tot aan de Schelmseweg bevrijd: 14 april is de Bevrijdingsdag van Arnhem en van Bronbeek. De Engelsen nemen hun intrek in de leegstaande woningen nabij Bronbeek. ‘s Avonds zingen ze, lachen en maken muziek, terwijl de vijand 300 meter verderop soms nog vuurt. De Bronbekers voelen zich van een zware last bevrijd. Jolig als jonge kerels zingen en dansen ze uitgelaten. Rijnders spreekt hen toe, voorafgegaan en gevolgd door het zingen van het Wilhelmus en een driewerf ‘hoera’ op Hare Majesteit de koningin. Het wordt een gezellige avond met wat Engelsen erbij, die begrijpelijk zeer gevierd zijn. Op zondag 15 april houden de geallieerden een rustdag voor reorganisatie, consolidatie en hergroepering. Het is mogelijk dat sergeant Hewitt, oorlogsfotograaf van de 15


Bewoners en bevrijders op Bronbeek, april 1945.

British Army Film- and Photography Unit, toen de foto heeft gemaakt, waarop te zien is hoe twee Bronbekers op het Algerijnse kanon poseren met twee huzaren van de Canadese Tank Divisie. Hoewel de meeste Duitsers zich al uit Velp hebben teruggetrokken, bombarderen de geallieerden voor de zekerheid in de vroege maandagochtend 16 april vanaf 4 uur met hun artillerie de Duitse stellingen in Velp. De hel breekt voor de laatste keer los. Het tehuis staat opnieuw te schudden. Maar niemand maakt zich meer zorgen. Na enige uren stormen de Engelse tanks voorbij Bronbeek. Carriers en voetvolk van de Polar Bear Divisie trekken Velp binnen. Om 10 uur bereikt Bronbeek het officiële bericht dat Velp is bevrijd. Op dat moment melden zich twee leden van het verzet. Een 16

van hen is een politieman, die als evacué op Bronbeek onderdak heeft genoten en daardoor de situatie op Bronbeek kent. Zij arresteren de NSB’ers onder het personeel en bewoners. Maandag 16 april is een warme voorjaarsdag. De commandant laat alle bewoners, die daartoe in staat zijn in groot tenue met al hun onderscheidingen aantreden voor het hoofdgebouw met zijn dichtgetimmerde ramen. Hierbij zijn oorlogsfotografen aanwezig. Zij fotograferen een Bronbeker op het dak bij de Nederlandse vlag, die nu wel uit mag. Thie zegt over deze gebeurtenis: ‘Keurig gericht stonden zij op één lijn in de houding en brachten stram den militairen groet, toen onze vlaggen voor het eerst na zoveel bange jaren van verdrukking omhoog gingen om weer als voorheen


fier in den wind te wapperen en onze herkregen vrijheid te verkondigen. Dit

was een plechtig en aandoenlijk oogenblik waarbij niet alleen de aanwezige dames, doch ook vele van onze oud-strijders hun gevoel niet meer de baas konden blijven.’

Naschrift Menigeen is natuurlijk benieuwd naar de complete fotoreportage die de oorlogsfotografen op Bronbeek op maandag 16 april 1945 gemaakt zouden hebben. Een verzoek om deze te mogen zien, is ingediend bij het Imperial War Museum. Niek Ravensbergen

Brieven over de tijd in Indië DIGITALISEREN: TOEGANKELIJKER VOOR HET PUBLIEK Met een hele club vrijwilligers zijn we op Bronbeek bezig om dagboeken, verslagen, brieven te digitaliseren. ‘t Meest uit de periode 1940-1950. Bronbeek heeft veel materiaal in de collectie, dat op dit moment nog weinig toegankelijk is voor het publiek. Er is vaak een titel, maar meer niet. De stukken zijn vaak moeilijk te lezen, waardoor je er echt voor moet gaan zitten om te weten waar het over gaat. We scannen of kopiëren de originele stukken en dan kunnen de vrijwilligers het overtypen. Het origineel blijft zo goed bewaard en de inhoud wordt toegankelijk. Soms moeten de stukken eerst op volgorde worden gelegd, zoals de brieven van OVW’er Henk Koudijs. Hij schreef aan zijn verloofde Maartje Vonk. De brieven geven een beeld van zijn tijd in Indië. Regelmatig hoor ik vrijwilligers hardop lachen bij het lezen. Ze krijgen even een kijkje in

iemands leven. De toon van iedere schrijver is anders. De een is zeer persoonlijk, de ander zakelijk. De een beseft dat hij in een belangrijke tijd leeft, dat hij iets meemaakt wat waard is om opgeschreven te worden. De ander gebruikt zijn belevenis om familie op de hoogte te houden.

Tussen hout Dat deed ook Gerrit Jan Janssen. Hij schreef een dagboek als een soort brief aan zijn familie, terwijl hij in verschillende interneringskampen zat. Hij verstopte het tussen twee stukken hout, omdat je geen dagboeken mocht bijhouden van de Japanse bezetters. Hij fantaseert hoe het met zijn familie is. ‘Lieve allemaal’, zo begint hij zijn verslagjes. Hij houdt alle verjaardagen bij. Vraagt zich af hoe het met zijn ouders in Holland gaat. Houdt moed, ook als het slechter gaat. De mensen in de kampen wisten niet wanneer de oorlog afgelopen zou zijn. Ze konden er alleen maar van dromen. Gerrit Jan Janssen schrijft veel over eten. Wat er eerst nog wel is, maar dat later steeds schaarser wordt. Hij was niet de enige, vooral in kampdagboeken wordt er veel over eten en het ontbreken ervan geschreven. 10/2 Het is vandaag 1 jaar geleden dat wij elkander het laatst gezien hebben! Ik zal bij dit feit maar niet te lang stil staan. Gelukkig is deze tijd naar mijn gevoelen snel voorbei gegaan en is het mijn dagelijks gebed dat God onze scheiding spoedig wil doen eindigen. Ik heb zoo juist een injectie gehad tegen typhus, dysentrie en tetanus. Dag lieve allemaal, tot morgen! Ook Flip Peeters die werd uitgezonden als dienstplichtig militair in 1948 is zeer persoonlijk. Hij schreef aan zijn ‘lieve Gerda’ elke dag een brief, 653 in totaal. Als het hem op een dag niet lukte te schrijven, haalde hij het later in. Gerda schreef terug, 17


gedachten willen missen. Brief 217. Kapiroetan, 1 April 1949. Allerliefste Flippie, Wat was ik blij ’n donderdag toen ik na anderhalve week post van je kreeg zeg!....... En ’n jokeme foto dat er bij was. Ik heb jou persoontje bij die andere foto gehouden waar we samen op staan. Nou daar ben je eerlijk gezegd maar ‘n ‘broekie’ op. Nu ben je zoveel manlijker wat ik wel zo leuk vind. Brief 229. 25 september 1949.

Voor de catalogus Originelen van kampboeken

ongeveer om de dag. Over wat zij meemaakte in Utrecht, terwijl Flip in Indië zat. Hier ging het leven ook gewoon door. Flip droomde van de toekomst met haar, fantaseert over kinderen met haar, kijkt terug op hun ontmoeting en vertelt over zijn leven daar in Indië en alle moeilijkheden en verleidingen die hij tegenkomt. Lieveling … ook hebben we nog veel gepraat over onze vroegere werkkring, en … of we in de toekomst nog wel de moed zouden kunnen vinden weer héél gewoon te beginnen. Nou, Gerda, van ons drieën was ik de enigste, die wel héél zeker wist, dat ik ’t wèl zou kunnen … Stel je voor, hoe zou ’t leven, dat kantoorleven me kunnen tegenstaan? ’s Morgens om 8 uur op je dooie gemak naar kantoor gewandeld, rustig werken, met een hartstikke prettig vooruitzicht, want … ik neem natuurlijk brood mee, en … we ‘djalan’ (wandelen) samen even door de stad. God, zo op deze manier werken, dat is een heerlijkheid. Ik weet zeker, dat de uren zullen vliegen. Brief 160. Kapiroetan, 2-3 Febr. ’49. Ja, dat zijn fijne gedachten, over die dingen, en de dingen die nog maar fantasie en toekomst zijn, kun je uren dromen. Ik kan me voorstellen, dat er wel eens jongens zijn, die het raar vinden, dat ik zo vaak in gedachten verzonken voor me uit zit te staren, maar toch zou ik beslist nooit één van die verdomd mooie 18

Juist dit soort informatie is van onschatbare waarde, het maakt dat je je kunt inleven in de tijd. Het gaat vaak over praktische kleine dingen. Hoe sliepen ze, hoe ze aten, over vriendschap en familiebanden. In zekere zin het gewone leven. Door stukje bij beetje te digitaliseren komt deze informatie beschikbaar voor iedereen. De bedoeling is dat alles in de Bronbeekcatalogus verschijnt, op www.museumbronbeek.nl. Judith Reindersma

WORKSHOP GENEALOGISCH ONDERZOEK KNIL-MILITAIREN Museum Bronbeek houdt op woensdag 22 april 2015 van 13.30 tot 15.30 uur een workshop rond genealogisch onderzoek naar militairen die dienden in het Koninklijk Nederlands-Indisch Leger (KNIL) o.l.v. Ingrid Koolhoven, oud-medewerker Nationaal Archief. Wie genealogisch onderzoek doet naar zijn voorouders, kan te maken krijgen met KNIL-militairen. Voor specifieke informatie daarover kan men uitstekend terecht in het Nationaal Archief (N.A.) in Den Haag. Ingrid Koolhoven biedt in haar voordracht overzicht en inzicht aan mensen die voor onderzoek naar KNIL-militairen het N.A. willen raadplegen. Zelf was zij langdurig


werkzaam bij dit archief als medewerker Dienstverlening en Onderzoek. Ze vertelt

onder meer welke bronnen over de diverse categorieën KNIL-militairen in het N.A. aanwezig zijn en hoe je daarin je weg het beste kunt vinden voor een maximale opbrengst. Verder gaat zij in op vragen over welke gegevens men in het N.A. kan vinden, welke beperkingen er zijn op grond van privacywetgeving en wat men online kan vinden op de website van het N.A. (www.gahetna.nl). Na haar voordracht geeft zij haar toehoorders ruim gelegenheid om eigen vragen in te brengen. Voor deelname aan de workshop geldt het entreetarief van Museum Bronbeek. Reserveren is noodzakelijk (via nb.ravensbergen@mindef.nl).

Vrijwilligster Bep van Leeuwen sorteert brieven van Henk Koudijs.

Kris…Kras

TIEN JAAR WEDEROPBOUW BANDA ACEH Namens de gemeente Apeldoorn hebben Klaas Dekker (63) en Herman Meijer (67) de afgelopen tien jaar met talrijke instanties hier en in Indonesië bijgedragen aan de wederopbouw van Banda Aceh na de tsunami van december 2004. Hoe kijken zij terug op die periode, werkzaam in een gebied waar ons land zijn sporen heeft nagelaten. Dekker vertelde erover, Meijer maakte de volgende aantekeningen.

Peucut symboliseert nabijheid van onze gezamenlijke geschiedenis ‘Je gaat naar een tropisch land waar we geschiedenis hebben geschreven, om te helpen een totaal verwoeste stad en een ineengestort openbaar bestuur weer op de been te krijgen. Dat geeft in het begin best een dubbel gevoel. Wat we daar gin-

gen doen, moesten we in z’n context zien. Bovendien moest je dealen met de omstandigheden: de warmte, de drukte van het openbare leven, die heel andere cultuur, en dan zo’n verwoeste stad….. Met in je achterhoofd de verhalen over het KNIL, de Molukkers, van onze eigen voorouders die daar hebben gewoond en naar Nederland zijn gekomen. Maar al gauw vroeg het leven van alledag na de natuurramp met z’n tienduizenden doden onze aandacht. Toenmalig staatssecretaris Schultz van Haegen van Verkeer en Waterstaat en de rechterhand van de Indonesische minister van Binnenlandse Zaken Kuntoro waren erbij, toen Fred de Graaf en Mawardy Nurdin, de burgemeesters van Apeldoorn en Banda Aceh, in december 2005 hun handtekening zetten onder een samenwerkingsovereenkomst. 19


Beelden van Peucut in Banda Aceh.

We hebben op basis daarvan jarenlang met Banda Aceh samengewerkt. Aan het enorme afvalprobleem, aan het verbeteren van de ambtelijke organisatie, aan het contact tussen de mensen en de gemeente. Het resultaat na tien jaar is een gemeentebestuur en ambtelijke organisatie in een modern stadhuis dat als voorbeeld dient voor de rest van Indonesië. Al werkende met collega’s – voor wie het Nederlandse staatsbestel vanuit de geschiedenis tot op de dag van vandaag herkenbaar is – raak je in contact met het gezamenlijke verleden en de invloed daarvan op de loop van de historie. Peucut, ‘het Kerkhof’ in de volksmond, is daar dé uitdrukking van. De gelijknamige Nederlandse stichting van Robert Jan Nix heeft de zorg voor het beheer en onderhoud van de begraafplaats, waar de Atjeh-oorlog tot leven komt. En als je er toch werkt aan een samenwerkingsproject, is het niet zo vreemd om voor de stichting wat hand- en spandiensten te verrichten. Dat hebben we gedaan. Op Peucut heb ik bij sommige graven de nabijheid van onze gezamenlijke geschiedenis ervaren. Het sterkst bij een graf van een jongen van zeventien, achttien jaar, uit Kielwindeweer, vlak onder Hoogezand-Sappemeer in Groningen. Ik heb daar 20

in de buurt gewerkt. Een gat van niks, toen helemaal. Stel je voor, dat dorp in the middle of nowhere moet zo’n jongen afstaan. Die gaat naar Groningen – de vraag is of hij daar voorheen ooit is geweest - reist op de een of andere manier naar Amsterdam of Rotterdam en gaat dan weken per boot naar een onbekend warm land. Hij vecht in de Atjeh-oorlog, sneuvelt binnen enkele weken en ligt hier onder een zerk. Honderdvijftig jaar later lopen wij daar langs zijn graf. Dat heeft indruk op me gemaakt. Dan komt de geschiedenis wel heel dichtbij. En plotseling realiseer ik me dat ik ook zo’n lange reis heb gemaakt. Dan krijgt het Nederlanderschap voor mij opeens ook een heel andere lading. Heel goed dat Peucut er is en dat de stichting er zorg voor draagt. De Indonesiërs die we daar ontmoetten, spraken met waardering over ‘het Kerkhof’, zeker niet gekunsteld. Mooi dat dit blijft bestaan. Onze intensieve samenwerking met de collega’s in Banda Aceh heeft ons overigens ook in aanraking gebracht met een ander element: de waarde van het improviseren. Wij zijn geneigd om met afspraken en maatregelen elk risico uit te bannen. We zijn op alles voorbereid. Maar dat afsprakensysteem is soms zo uitgebreid en ingewikkeld dat de bureaucratie


die daarmee gepaard gaat, verstikkend werkt. In Banda Aceh vertrouwt men meer

op het eigen improvisatievermogen – en op Allah. In de afgelopen jaren zijn wij steeds meer de waarde gaan beseffen van improviseren, van de eigen redzaamheid van mensen. We hebben geleerd van elkaar, en gezocht naar de gulden middenweg.’ Wie erin is geïnteresseerd, kan het rapport ‘Banda Aceh – in tien jaar van tsunami naar eigentijdse Indonesische stad’ over de samenwerking van Apeldoorn met Banda Aceh kosteloos ontvangen. Een mailbericht naar meijerijke@hotmail.com volstaat.

Nationaal Militair Museum in Soesterberg, waar onder andere een ontmoeting op het programma stond met hun oud-coördinator Jan Aversteeg (tweede van links). Deze activiteit ondersteunde de permanente educatie voor de rondleiders van Museum Bronbeek. Eensgezinde conclusie: Soesterberg is prachtig, en Bronbeek blijft een attractie met eigen specialiteiten.

WERKBEZOEK AAN SOESTERBERG Bronbeeks gidsengroep bracht kortgeleden een kennismakingsbezoek aan het nieuwe

Museumcollectie

Overzicht aanwinsten 4e kwartaal 2014 Schenking

J. Boon von Ochssée, Schagen

Aluminium kopje

H.J. van den berg, Blijham

Schilderij

Dr. ir. J.A. Hendrikx, Velp Dhr. P. Speklé, Velp W. Plink

J.W. Beek, Arnhem

Mw. O. Polak-Thein, Arnhem

Mw. J.H.B. van de Ven-Dicou, Amerongen Mw. H.Th. Keijser-Timmer, Groningen

Mw. M.L. Cremers-Koning, Maastricht R. Agricola, Arnhem P. de Haas, Obdam

Dhr. L. Joling, Winschoten

G.G.E.L. van Boon von Ochssée, Amsterdam Dhr. G. Harthoorn, Pieterburen R. Sieben, Purmerend

Mw. H. van Hasselt, Velp

Mw. J. de Ruiter (via E.J. Koster), Boskoop

Metalen bord en gewei op snijwerk Twee krissen

Vier foto’s in lijst

Drie kapmessen in leren schede Twee messen in schede Foto’s en negatieven Kampspullen

Medailles, emblemen, foto’s en documenten Documenten

Objecten uit de nalatenschap van J.P. de Haas Documenten Asbak

Fotoalbum, foto’s en documenten Foto’s en documenten Prentbriefkaarten

Pistool en patronen

21


D. Boersma, Veessen

Pistool, magazijnen, patronen en granaat

Dhr. J.van der Ving, Westervoort

Dolk, band met emblemen en medailles

S. Saija, Arnhem

Mw. M. Verhoeve, Hilversum J. de Haan, Leeuwarden

Mw. De Kok-Bouma, Hengelo Mw. M. van Dorp, Wolfheze Dhr. P. Slors

Cavaleriemuseum Amersfoort, E.J. Vinkhuyzen Mw. D.J. Wardenier-Wardenier, Wassenaar F. Poorter, Harderwijk

Mw. Ch. De Koning, Epe A. Heshusius

Mw. Sleeboom, Doorn

E. Nahumury-van der Duyn, Culemborg Mw. E. de Torbal, Dordrecht

Mw. E.L. Hoffman-Klerkx, Herveld N. Heiner, Wenum-Wiesel

J.A. van Plateringen, Utrecht

E.D. Miggelen-Brink, Huissen

Mw. H.M. Hogestijn-Vrijburg, Oegstgeest

Overdracht

Dhr. K.R. Drenthe, oud-inw. Bronbeek Politie Eenheid Noord Holland, afkomstig van J.J. Gieles

Aankoop

Antiquariaat, Haarlem

Twee krissen Dolk en kris

Uniformjas en kwartiermutsen

Typemachine in koffer, fotoalbum en documenten

Documenten, oleaatschets, landkaarten, zeekaarten, foto, medaille typoscripten Album en documenten Carte de visite

Klewang, degenstok, luchtdrukgeweer, boekenlegger met document en zilveren penning

Stadsplattegrond, landkaart en pakpapier Documenten en typoscripten

Spang (miniatuur) met medailles, emblemen, speld, bamboeplaatje en schuifpassant

Oorkondes van kanonnier H. Jonker

Documenten, foto en baretembleem Document en weekblad Documenten

Documenten en fotospeld

Fotoalbum, foto’s en documenten Fotoalbums en foto Spel: Tjongklak

Documenten

Stengun MK II

Zeven tekeningen

Schenkingen aan de bibliotheek van oktober tot en met december 2014: Dhr. C.A.M. ter Horst

Arnhem

Mw. L. Beckers

Hilversum

Dhr. W. Pohlmann Dhr. W. Hol

Dhr. H. Beekhuis

Mw. N. Overdijkink Dhr. J. Janssen

Mw. R. Eyden-van Dam Mw. Ch. de Koning Dhr. J. Th. Persijn Mw. A.J. Rijnvin

22

Huissen Dieren

Groningen Warnsveld Arnhem Zeist Epe

Duiven

Driebergen


STICHTING VRIENDEN VAN BRONBEEK We zoeken méér vrienden Onze Stichting Vrienden van Bronbeek spant zich in voor activiteiten en versterking van haar organisatie. Zij doet ook een beroep op alle lezers. Ons verzoek: meld u aan als Vriend, als u dat nog niet bent. En zoek met ons mee naar nieuwe Vrienden, die misschien al in uw directe omgeving te vinden zijn. Voor een minimale bijdrage van 12,50 euro per jaar per persoon steunt u een bijzondere instelling, voor een eenmalig bedrag van minimaal 125 euro per persoon treedt u toe als Vriend voor het leven. Vriend worden, is mogelijk door de bijdrage over te maken op IBAN rekeningnummer: NL89 INGB 0000 0009 40 t.n.v. de penningmeester van de Stichting Vrienden van Bronbeek te Arnhem. Geïnteresseerden kunnen ook de onderstaande bon invullen en opsturen naar de Vrienden- administratie van de Stichting Vrienden van Bronbeek: Rauwland 68; 7491 KL Delden. Vervolgens ontvangt u een acceptgirokaart.

Bon voor aanmelding nieuwe donateurs Naam: Adres: Postcode en woonplaats: E-mailadres: IBAN rekeningnummer:

Vrienden van de Stichting Vrienden van Bronbeek ontvangen onder meer het Bronbeekbulletin, ­genieten gratis entree tot Museum Bronbeek, en hebben toegang tot de Kumpulan.


Bronbeek Bulletin maart 2015  

Bronbeek Bulletin verschijnt 3 x per jaar. Is een uitgave van de Vrienden van Bronbeek. Kijk verder op vriendenvanbronbeek.nl