Page 1

Uitgave van de Stichting Vrienden van Bronbeek Maart April 2018

Bruisend Bronbeek

BronbeekFestival 13 mei


AANGESTIPT •B  ij dit nummer 120 van het Bronbeekbulletin is uw nieuwe Vriendenkaart 2018 gevoegd. Het bestuur hoopt dat u er veelvuldig gebruik van kunt maken. • Onze Vriendendag 2018 is vastgesteld: zondag 2 september. S.v.p. alvast noteren. • Blijf voortdurend op de hoogte via raadpleging van onze website: www.vriendenvanbronbeek.nl. Het 31ste lustrum van Bronbeek is begonnen, het BronbeekFestival is 13 mei. • Doorlopend verzoek: donateurs die hun e-mailadres nog niet hebben doorgegeven aan de ledenadministratie, wordt vriendelijk verzocht dit alsnog te doen. E-mailadres: svvb1983@gmail.com. • Voor 26 april aanstaande staat voor Bronbeek een commando-overdracht op het programma. Kolonel Michiel Dulfer zwaait af, luitenant-kolonel Karel van Dreumel is zijn opvolger. • Herdenking slag in de Javazee Net als vorig jaar was de Koninklijke Marine weer goed vertegenwoordigd bij de herdenking van de Slag in de Javazee, op woensdag 28 februari in Bronbeek. ­Kapitein Ton Broers zei tijdens zijn inleiding in de Poorterszaal, dat op deze wijze een mooie traditie is ontstaan, waarvan hij hoopte dat deze in de toekomst kan worden voortgezet. Jan Maarten Doorman, kleinzoon van Karel Doorman, sprak bij deze plechtigheid persoonlijke woorden. Daarna volgde de kranslegging voor het hoofdgebouw bij het anker.

Bij de voorpagina Weinigen aan de Velperweg te Arnhem kan het nog zijn ontgaan: Bronbeek bestaat 155 jaar en er nadert weer een leuk festival voor alle leeftijden (zie pagina 13)


INHOUD 2018 MAART/APRIL

Van het bestuur Over Job Drijber Mededelingen van de secretaris

4 4

Agenda Activiteiten op Bronbeek

4

In en om Bronbeek Verschijnt 3x per jaar - no. 120 Informatieblad van de ‘Stichting Vrienden van Bronbeek’. Eindredacteur: mr. H.J.A. Grootveld Druk: HPC Drukkerij, Arnhem Doelstelling van de Stichting: Het wekken van belangstelling voor, alsmede het levend houden en zo mogelijk versterken van de historisch bepaalde verbondenheid tussen Nederland en landen overzee, in het bijzonder Indonesië, door voortzetting, aanpassing en uitbouwing van de tradities van het Koninklijk Tehuis voor Oud-Militairen en Museum ‘BRONBEEK’. Donatie: Natuurlijke personen minimaal € 17,50 per jaar. Rechtspersonen minimaal € 50,- per jaar. IBAN rekeningnummer: NL89 INGB 0000 0009 40 van de ‘Stichting Vrienden van Bronbeek’.

In Memoriam 6 Nieuwe bewoner 6 Vernieuwing en groei 6 Beatrix, beschermvrouwe 9 Ontmoeting met veteranen 9 Een goed jager 11 ‘Jungle fighters’ 12 BronbeekFestival 2018 13 Atjeh-lezing 14 Zeldzaam werk voor kenniscentrum 14 Zomerrondleiding 12 juli 15 Bezoek inspecteur 15 Fiets in het Indische leger 16 Defensiekrant ontdekt Hans van den Akker 19

Museumcollectie Schenkingen en aanwinsten

22

Donateursbon

23

Adres Stichting: Velperweg 147, 6824 MB Arnhem. website: www.vriendenvanbronbeek.nl Vriendenadministratie SVVB Velperweg 147 6824 MB Arnhem Tel. 06 40 40 46 98 E-mailadres: svvb1983@gmail.com ISSN: 1386 - 0372

KTOMM BRONBEEK Tel: 026-376 35 55 3


Van het bestuur Ingezonden brief

OVER JOB DRIJBER Weer met veel plezier het Bronbeekbulletin 119 gelezen. Ik wil u echter wijzen op een kleine onjuistheid in de berichtgeving. In het stuk over het jubileum op pag.13 meldt u dat Job Drijber, toenmalig burgemeester van Arnhem, zich enorm heeft ingezet voor het behoud van Bronbeek. Dat is ook volledig juist, wij zijn daar ook als familie enorm trots op. Wat niet juist is, is dat Job Drijber een neef is van Sipco Adriaan Drijber, de vierde commandant van Bronbeek. Job is een ver familielid. De overgrootvader van Job en de vader van Sipco Adriaan waren broers. Duco Drijber (achterkleinzoon van Sipco Adriaan)

MEDEDELINGEN VAN DE SECRETARIS Met ingang van 2018 is de jaarlijkse bijdrage verhoogd naar minimaal € 17,50 per persoon per jaar. Graag uw aandacht voor het volgende: a. Niet het juiste bedrag van minimaal € 17,50 per persoon, maar het oude bedrag ad € 15,00 per persoon is overgemaakt. b. Het komt voor dat twee vrienden op één huisadres niet het juiste bedrag ad minimaal € 35,00 overmaken, maar € 17,50. Een ander punt van aandacht is dat we nog niet alle betalingen voor het jaar 2018 hebben ontvangen. Wij verzoeken u vriendelijk uw bijdrage vóór 15 april 2018 over te maken.

Agenda

ACTIVITEITENAGENDA MUSEUM BRONBEEK 2018 Tot en met 1 juli | EXPOSITIE Verlangen. Vrijheid. Kameraadschap. Een ontmoeting met veteranen. De ervaringen van veteranen, i.h.b. de huidige bewoners van Bronbeek, en hoe ze op hun missies terugkijken.

22 april | LEZING Van Achin-via Atjeh naar Aceh Spreker: Robert-Jan Nix 14.00 – 16.00 uur Toegang: € 15,00 (incl. museum-entree) I.s.m. Volksuniversiteit Arnhem Inschrijven via www.volksuniversiteitarnhem.nl 4


13 MEI | DOE-EN-BELEEF-DAG BronbeekFestival Activiteiten voor alle leeftijden op het landgoed en in het museum 10.00-17.00 uur. Toegang landgoed gratis, deelname alle activiteiten volgens museum-entreetarief

12 juli | DIALEZING & RONDLEIDING Landgoed Bronbeek, 155 jaar koninklijk geschenk voor veteranen 200 jaar geschiedenis van het landgoed Bronbeek in woord en beeld. Spreker: Niek Ravensbergen 14.00-16.30 uur. Toegang met museum-entreebewijs Reserveren: nb.ravensbergen@mindef.nl

10 september | OPEN DAG Open Monumentendag 10.00-17.00 uur Diverse activiteiten. Toegang vrij.

21 t/m 28 oktober | ACTIVITEITENPROGRAMMA Week van de koloniale geschiedenis Thema: ’Opstand’

Dinsdag t/m zondag | JEUGDACTIVITEITEN Landgoedspeurtocht In je eigen tempo zwerf je over het landgoed Bronbeek en ontdek je onbekende plekjes. Leeftijd: 8 t/m 12 jaar. Gratis routekaart bij de receptie 10.00 tot 17.00 uur. Museumspeurtocht Weet jij hoeveel kanonnen er in het museum staan? En weet je waarom uniformen er zo indrukwekkend uitzien? Er zijn speurtochten voor 6-9 jaar en voor 10-12 jaar. Haal hem gratis bij de receptie tussen 10.00 en 17.00 uur.

Zondagen | OPENBARE REPETITIE Gamelan Tweemaal per maand bespeelt de groep Kusumo Budoyo de gamelan. U kunt deze openbare repetities in de Indische Zaal bijwonen op zondagen in de maanden september tot en met juni. Informeer altijd vooraf naar de actuele datum en het tijdstip via (026) 376 35 55. Wijzigingen voorbehouden. Nadere informatie en de laatste stand van zaken: www.bronbeek.nl onder ‘Activiteiten Bronbeek’.

5


In en om Bronbeek IN MEMORIAM Tijdens de Verjaardag van Bronbeek zijn traditiegetrouw de overledenen van het afgelopen jaar in stilte herdacht, alsmede de kameraden die het leven lieten in de strijd. Commandant Michel Dulfer noemde in zijn toespraak de medebewoners die Bronbeek het afgelopen jaar ontvielen. Dit zijn: de heer Hendrikus Timmerman, de heer Johannes van Seggelen, de heer Lambertus Wilhelmus Nicolaas Pot, de heer Gerrit Visser, de heer Pieter Zandee, de heer Johannes Aarts, de heer Frits Godfried Drijsen, de heer Cornelis van der Meijden, de heer Johannes van de Water, de heer Pieter Jacobus Veldhuizen, de heer Godfried Creusen.

NIEUWE BEWONER Met ingang van 24 februari is de heer F.E. Banda in Bronbeek komen wonen. Hij was werkzaam bij de Koninklijke Marine. Zijn laatst beklede rang was adjudant. Wij wensen hem een prettig verblijf toe op het landgoed. Toespraak commandant bij begin 31ste lustrum

BRONBEEK STREEFT NAAR VERNIEUWING EN GROEI

In zijn toespraken in het begin van dit jaar heeft de commandant van Bronbeek, kolonel Michiel Dulfer onderstreept wat de koers naar de toekomst is. Hij deed dit tijdens de traditionele nieuwjaarsbijeenkomst op 24 januari en de Verjaardag van Bronbeek op 19 februari, waar vele relaties 6

en genodigden naar zijn woorden kwamen luisteren. ‘De belangstelling om deel uit te maken van de Bronbeek-gemeenschap blijft onverminderd hoog’, zo verklaarde hij. Nog steeds huisvest het koninklijk tehuis twee veteranen van het KNIL. Verder hebben zich de eerste veteranen aangediend uit missies van de Nederlandse krijgsmacht op de Balkan en in Cambodja. Hij schetste in dit opzicht een kleurrijk palet: veteranen van Nederlands-Indië tot en met Libanon. Bronbeek heeft de toekomst verkend en voorgesteld de aanname-criteria voor de toelating te heroverwegen, om te komen tot een verruiming van de categorieën militairen die als bewoner in aanmerking komen, zoals dienstplichtigen en kortverband-vrijwilligers. Ook herinnerde kolonel Dulfer eraan, dat wijlen generaal Ted Meines (‘Vader van de Veteranen’) een warm pleitbezorger was voor openstelling van Bronbeek voor oud-officieren. Museum Bronbeek kiest voor vernieuwing en groei. Vorig jaar zijn er 44.000 bezoekers geteld. ‘IJkpunt voor de nabije toekomst is 60.000. Dit aantal wil het bereiken als de huidige vaste tentoonstelling Het Verhaal van Indië is vernieuwd. Voor dat doel is de komende drie jaar een investering van 2,2 miljoen euro gereserveerd. Er is een planvan-aanpak voor gemaakt, dat in 2020 definitieve resultaten moet opleveren. Het ligt in de bedoeling, dat Museum Bronbeek een nauwere samenwerking zal aangaan met de Stichting Defensie Musea. ‘De mate waarin deze coöperatie gestalte moet krijgen, wordt dit jaar uitgewerkt. Naar


Hij voegde toe: ‘Daarvan getuigen ook de verzoeken tot asverstrooiing van een over-

Kraanvogels op landgoed Bronbeek, kunst van Jean Dumoulin.

het zich laat aanzien, zal Museum Bronbeek zich verder ontwikkelen tot koloniaal museum en naast een blik op het (koloniale) oosten ook het (koloniale westen) in het vizier nemen. Passie Naast tentoonstellingen hebben lezingen, excursies en evenementen als het BronbeekFestival en de Pasar Bronbeek een plaats op het programma. In dit opzicht deelde de commandant een compliment uit aan de museumgroep, die al zijn voorbereidende werk met passie, creativiteit en grote inzet ter hand heeft genomen. Naast zorgcentrum en museum blijft Bronbeek een natuurlijke en historische locatie om een eigen plekje te hebben voor overlevenden en nabestaanden om te ge- en herdenken wat bij de strijd in Zuidoost-Azië is gebeurd, ‘om stil te staan bij dat leed’. De commandant Dulfer merkte op, dat dit in een blijvende behoefte voorziet, getuige de vele herdenkingen bij de monumenten, de toename van monumenten op verzoek van verschillende stichtingen en ook: de bloemen bij monumenten door het hele jaar heen, zonder dat er een officiële herdenking of reünie is geweest.

leden veteraan en de veelvuldige bijeenkomsten met nabestaanden om de waardering en erkentelijkheid voor de inzet en opoffering van hun familielid in de vorm van de nooit ontvangen onderscheiding alsnog in ontvangst te mogen nemen’. Dulfer stelde vast, dat Bronbeek al 155 jaar een belangrijke plaats in de Nederlandse samenleving inneemt. ‘Die positie staat niet ter discussie’, aldus de kolonel. Bronbeek is zijn lustrumviering energiek begonnen. Er is een herdenkingsmunt in omloop gebracht en binnen en buiten zijn bijzondere activiteiten zichtbaar. Aan de gevel van het wachthuisje bij de ingang van het landgoed aan de Velperweg staat Bronbeeks respectabele leeftijd, een cijfer als blikvanger om de nieuwsgierigheid van passanten te prikkelen. Ook twee andere buitenobjecten vallen in het oog, onderde-

Herdenkingsmunt 155-jarig bestaan.

7


len van samenwerking met de Stichting Veteranenkunst, eveneens jubilerend (10

jaar): een vlucht kraanvogels en een container met 1984 als jaartal van ‘Big brother is watching you’. Het eerste is een creatie van Jean Dumoulin, grootvader van Tom, bekend als topwielrenner. Hij laat harde realiteit zien: met missies gaan dikwijls meer mensen op weg dan terugkomen. En ‘container 1984’ geeft een beeld van wat onvrijheid in een totalitaire staat is, waarvoor in dat jaar de Britse schrijver George Orwell waarschuwde. Via veteranenkunst is dit beeld voor iedereen op scherp gesteld. In het hoofdgebouw van Bronbeek is meer bijzondere veteranenkunst te aanschouwen, tot en met 1 juli. Deze expositie is creatief samengebracht met informatie over wat Bronbeekbewoners hebben meegemaakt. De Stichting Veteranenkunst heeft op deze wijze een prominente plaats ingenomen bij de lustrumviering van Bronbeek. Leuk en plechtig Het was mede daarom bij de onthulling, op 24 januari jl. door Ridder Militaire Willems-Orde majoor Marco Kroon, een leuk en tegelijkertijd plechtig moment om Inga

Arnhems burgemeester Ahmed Marcouch temidden van vrijwilligers.

8

Marco Kroon opent Bronbeeks jubileum-tentoonstelling.

Severs van de Stichting Veteranenkunst te onderscheiden met de erepenning van Bronbeek, in 2006 ingesteld voor kolonel Bolderman en nu voor de 14e keer uitgereikt. Commandant Dulfer verwoordde de reden voor deze huldiging, namelijk: ‘haar niet aflatende inzet, toewijding en betrokkenheid bij de veteranengemeenschap, inclusief de veteranen van het Koninklijk Tehuis voor Oud-Militairen en Museum Bronbeek.’ Onder de belangstellenden bij de opening van Bronbeeks jubileumjaar was ook Ahmed Marcouch, Arnhems kersverse burgemeester. Hij zette een traditie voort, want ook zijn voorgangers waren talloze keren geïnteresseerde bezoekers. Marcouch maakte er bovendien een vrolijke ontmoeting van en ging amicaal met vrijwilligers op de foto, die hem uiteraard vertelden wat de betekenis van Bronbeek is. De volgende artikelen werpen meer licht op de jubileum-tentoonstelling en de daarmee verbonden recente gebeurtenissen in Bronbeek.


EERBETOON AAN BESCHERMVROUWE Beatrix. In de hal prijkt voortaan haar beeltenis op een plaquette, even charmant als kritisch kijkend in de richting van de deur van de hoofdingang. Alsof zij iedere bezoeker een attent welkom toelacht. Het is enerzijds een groet die bij de viering van het 155-jarig bestaan hoort, voor nu en de toekomst. En anderzijds mag er eerbetoon in worden gezien voor de oudste levende Oranjetelg, die onlangs 80 jaar werd. Bronbeek draagt haar een warm hart toe. Dit blijkt telkens als er een aanleiding voor is. Deze bewondering is nu ook stralend tot uitdrukking voor iedere bezoeker die het hoofdgebouw binnenkomt. De onthulling van de plaquette geschiedde op de Verjaardag van Bronbeek, 19 februari, ook de geboortedag van koning Willem III die Bronbeek in 1859 aan de Staat der Nederlanden schonk als zorgcentrum voor oud-militairen. Commandant kolonel M.C. Dulfer verzorgde de officiële omlijsting. De plaquette is gemaakt door de heer Jan-Willem Baron van Oldeneel tot Oldenzeel. In 1859 schonk Koning Willem III landgoed Bronbeek aan de Staat der Nederlanden. Na een grootschalige verbouwing opende het Koloniaal Militair Invalidenhuis op 19 februari 1863 haar deuren. Elk jaar op 19 februari wordt dit herdacht. Altijd wordt een groepsfoto gemaakt van de bewoners voor

Plaquette onthuld met de beeltenis van prins Beatrix.

het beeld van koning Willem III. Voorwaarde bij de schenking was wel dat het onroerend goed nooit een andere bestemming zou krijgen, anders dan een koloniaal invalidenhuis. Dit is in de loop der tijd geëvolueerd tot zorgcentrum voor veteranen. In zijn jubileumjaar 2018 heeft Bronbeek het gehele jaar veel te bieden. Er zijn volop aansporingen waarneembaar om er een extra kijkje te gaan nemen. Let bijvoorbeeld op de informatie die te lezen is op www.bronbeek.nl.

VERLANGEN. VRIJHEID. KAMERAADSCHAP. EEN ONTMOETING MET VETERANEN Veteranen staan centraal in de tentoonstelling ‘Verlangen. Vrijheid. Kameraadschap. Een ontmoeting met veteranen’, die tot en met 1 juli in Museum Bronbeek te zien is voor bezoekers. Aan de hand van de universele thema’s verlangen, vrijheid en kameraadschap geeft de expositie een indruk van de ervaringen van veteranen en hoe ze daarop terugkijken. In het bijzonder is er aandacht voor de tegenwoordige bewoners van het Koninklijk Tehuis voor Oud-Militairen Bronbeek en hoe zij het wonen op Bronbeek beleven. De expositie kwam tot stand in een nauwe samenwerking van Museum Bronbeek met het Veteraneninstituut en de Stichting Veteranenkunst. Zij willen zo bij een breed publiek empathie en waardering voor veteranen bevorderen. In de tentoonstelling worden onder meer 15 veteranen geportretteerd in foto’s, interview-fragmenten en levensbeschrijvingen. Verder omvat zij circa 35 schilderijen en ruimtelijk werk, gemaakt door veteranen; twee installaties staan buiten op het landgoed. 9


Aanleiding Voor de expositie zijn meerdere aanleidin-

gen. Het tehuis Bronbeek viert in 2018 dat het 155 jaar het ‘Home of the Veterans’ is. De Stichting Veteranenkunst beleefde onlangs haar tweede lustrum. En tenslotte worden in deze expositie voor het eerst de resultaten van het Veteranen Interview Project Bronbeek van het Veteraneninstituut aan het publiek gepresenteerd. Veteranenkunst De Stichting Veteranenkunst werd opgericht door Iety Zonneveld, echtgenote van een Bosnië-veteraan, en exposeert sinds 2007 kunstwerken die gemaakt zijn door Nederlandse veteranen. Door kunst te maken kan een veteraan zijn herinneringen aan en zijn ervaringen tijdens oorlogen en VN-missies vaak gemakkelijker verwerken. Stichting Veteranenkunst biedt de veteraan-kunstenaar een platform en zet deze kunst in als middel om erkenning en waardering voor veteranen te genereren en een brug te slaan tussen de maatschappij en de verschillende generaties veteranen, ook onderling. Zij doet dat door deze kunstwerken op verschillende locaties te exposeren en zo een breed publiek kennis te laten maken met deze kunst en de onderliggende verhalen. De veteranen blijken dankzij hun kunst het gesprek aan te kunnen gaan met een groter publiek en aldus de erkenning en waardering ook zelf te kunnen ervaren. Veteraneninstituut Het Veteraneninstituut is uitvoerder van een belangrijk deel van het Nederlandse veteranenbeleid. Het biedt toegang tot zorg voor en dienstverlening aan Nederlandse veteranen en hun gezinsleden. Daarnaast 10

Portret Bronbeekbewoner Eduard Jacob (foto Veteranen­ instituut/William Moore).

speelt het Veteraneninstituut een belangrijke rol in het uitdragen en stimuleren van maatschappelijke erkenning en waardering voor veteranen. Ook verwerft en verspreidt het kennis over onderwerpen die voor veteranen van belang zijn en bevordert het wetenschappelijk onderzoek hiernaar. Interviewproject Bronbeek De interview-fragmenten in de expositie zijn afkomstig uit de Interviewcollectie Nederlandse Veteranen. Het Veteraneninstituut beheert daarin een verzameling interviews met ruim 600 veteranen, die vertellen over hun inzet in oorlog en vredesmissies; de database omvat tevens hun gegevens over hun militaire opleiding, uitzending, rang,


functie en legering. De collectie geeft inzicht in de beleving, sociale verhoudingen

1942 te maken met de Japanse imperiale krijgsmacht. Na overgave begon de bezetter

Websites partners: - Museum Bronbeek: www.bronbeek.nl - I nterviewcollectie Veteraneninstituut: www.veteraneninstituut.nl/diensten/­ interviewcollectie -S  tichting Veteranen Kunst: www.veteranenkunst.nl

Sukabumi Bol Kerrebijn was de zoon van een Nederlandse militair. Samen met zijn zussen en broertje groeide hij op in een protestants gesticht in Sukabumi (West-Java). Bols moeder werkte in verschillende sanatoria. Voor de revalidatie van haar patiënten richtten deze ziekenhuizen enkele buitenverblijven in, waaronder in Buitenzorg. Als werknemer betrok zijn moeder een buitenverblijf. Zo vermeed ze de mogelijke internering door de in het gesticht intrekkende Japanners. Bol had op dat moment alleen zijn lagere school afgerond. Toen de onderwijslocaties moesten sluiten frustreerde hem dat dan ook behoorlijk. Toch heeft dit achteraf gezien zijn overlevingskansen vergroot. Het stedelijke geweld nam namelijk behoorlijk toe door toedoen van de Japanse bezetter en later in de Bersiap-periode door pemoedastrijders.

en dagelijkse praktijk van een militair voor, tijdens en na een militaire missie of operatie. De persoonlijke mondelinge verhalen geven vaak een ander beeld van de ervaringen van militairen tijdens hun uitzending dan wat op papier of film is vastgelegd. Het Veteraneninstituut werkt continu aan uitbreiding van deze collectie historische bronnen. In een structurele samenwerking met Bronbeek betrekt het Veteraneninstituut ook de veteranen van tehuis Bronbeek in dit onderzoek. De resultaten van dit Veteranen Interview Project Bronbeek worden in deze expositie voor het eerst gepresenteerd, onder meer dankzij medewerking van Bol Kerrewijn en Joop van Rijswijk: zie hun bijdragen hierna.

Herinneringen van een goed jager’

‘VOOR IEDER ZWIJN OF IEDERE HOND KREEG IK EEN LITER RIJST, DAAR GING HET MIJ OM’ In samenwerking met het Koninklijk tehuis voor Oud-Militairen en Museum Bronbeek, startte het Veteraneninstituut onlangs het Veteranen Interviewproject Bronbeek (VIP Bronbeek). Bol Kerrebijn, een van de inwoners van Bronbeek, vertelt over de tijd tussen begin 1942 en eind 1945 op Java. Geboren en getogen op het eiland Java kreeg Kerrebijn eind februari, begin maart

met het interneren van Europese en Indo-Europese bewoners.

Jagen Eenmaal ingetrokken in het verblijf in Buitenzorg legde Bol zich toe op jagen. De uitgestrekte vlaktes van West-Java maakten van hem een formidabel jager en zijn jachtroutes brachten hem langs vele lokale gemeenschappen, waar hij zijn naam vestigde. Vaak vroegen deze gemeenschappen om Bol’s hulp bij het verjagen van wild dat op de plantages afkwam en de gewassen aantastte. De goede naam die hij hiermee opbouwde, zorgde ervoor dat hij en zijn familie met rust gelaten werden tijdens de oorlog. 11


naar Bandoeng wat men vrouwen aandeed. Hij slikte zijn trots, nam afscheid van zijn moeder en zussen en verliet Buitenzorg met zijn broertje aan zijn ene hand en zijn speer in de andere. Bol Kerrewijn: met de Japanners had ik niks te maken.’

Kerrebijn: ‘Voor ieder zwijn of iedere hond kreeg ik een liter rijst, daar ging het mij om. Met de Japanners had ik niets te maken, behalve als ik naar de stad ging.’ Onzekere periode Op 15 augustus 1945 gaven de Japanse troepen op Java zich over en begon een onzekere periode. Tussen september 1945 en maart 1946 volgden meerdere bloedbaden in Bandoeng, waarbij pro-republikeinse pemoeda’s zich begonnen te organiseren in hun geweldsplegingen tegen de sociaal-maatschappelijke erfenis van de koloniale periode. In november 1945 breidde de Bersiap van Bandoeng zich uit naar Buitenzorg en Bogor. Lendebroek en speer Bol kwam terug van een lange jachttocht. In zijn lendebroek en met zijn speer in zijn hand liep hij via de brede weg terug naar Buitenzorg. In de verte kon hij in de berm van de weg een groep mensen onderscheiden, bewapend met sabels en speren. Hij had gehoord over de rampokkers, hield de groep staande en vroeg wat er gaande was. Een bekend gezicht liep op hem af en fluisterde gebiedenderwijs: Bol, snel naar huis! Overstuur kwam Bol thuis en dreigde van iedereen een doelwit te maken, die zijn kop over de schutting van hun verblijf zou durven steken. Zijn moeder zei resoluut, “denk aan je zussen”. Bol zag op zijn expedities 12

Gelezen in een krantje van de Amerikanen

‘’ZE NOEMDEN ONS DE ‘300% JUNGLE FIGHTERS’’ Een van de andere veteranen in de expositie is Bronbeekbewoner Joop van Rijswijk, geboren in Harderwijk (1928). Zijn vader was beroepsmilitair en zat tijdens de mobilisatie bij een grensbataljon. Hij ging als dienstplichtig soldaat naar Nederlands-Indië. Toen hij terug was, gaf hij zich op als vrijwilliger voor Korea. Daarna werd hij beroepsmilitair en gaf hij jarenlang les in Ede. Vooral de uitzending naar Korea in 1951, maakte grote indruk op hem. Het detachement waar Van Rijswijk deel van uitmaakte, werd door de Amerikanen gebruikt om allerlei gaten op te vullen en moest soms drie keer per dag een andere locatie innemen. “We werden als een gek ingezet”, zegt Van Rijswijk enigszins verontwaardigd. “We waren een soort brandweer. Op den duur voelden we ons misbruikt. Maar het moreel was goed. In een krantje van de Amerikanen werden we beschreven als de ‘300% jungle fighters’. Daar krijg je toch een morele optater van. We hadden ook een goed bataljon. Een heel goed bataljon!

‘We werden als een gek ingezet’, vertelt Joop van Rijswijk.


Ik had nog nooit zoiets meegemaakt. Dat was geweldig om mee te maken. De ont-

beringen braken ons niet. Daar moet je ook boven staan, want anders ben je het haasje. Na een gevecht duurt het een paar dagen voor je weer 300% bent, maar 100% waren we altijd.” Na het overlijden van zijn vrouw bleef hij nog een tijdje alleen wonen, waarna hij koos voor een verblijf op Bronbeek. Dat Van Rijswijk behoorde tot het eerste lichting militairen die in 1950 naar Korea ging, levert hem extra respect op van de andere Bronbeekbewoners. Omdat hij beroepsmilitair is geweest, heeft hij geen problemen met het militaire karakter van Bronbeek. Dat hij soms in uniform moet lopen, hoort erbij. Bron: Veteraneninstituut

BRONBEEKFESTIVAL 2018: ATTRACTIES VOOR IEDEREEN Op zondag 13 mei 2018 kunnen bezoekers tijdens het BronbeekFestival spelen met de elementen: aarde, vuur, water en lucht. Er is volop keus uit veel activiteiten in de buitenlucht op het landgoed, in legertenten, en binnen in het museum. Het BronbeekFestival is geschikt voor alle leeftijden. Het is een open dag voor jong en oud, van 10.00 uur s’morgens tot 17.00 uur in de namiddag. De organisatie heeft de uitdagingen met jeugdig enthousiasme op een rij gezet. ‘Test je kracht en uithoudingsvermogen op de grond in de hindernisbaan of hoog aan de klimwand. Grijp je kans en rijd ook een keer mee op een legervoertuig. Of wil je liever op een paard over het landgoed rijden? Onderwijl hoor je live muziek van de militaire fanfare. In de fotostudio vind je uniformen, wapens, Indische kleding, legertassen en veld-

Een open dag op het landgoed Bronbeek boordevol binnen- en buitenactiviteiten rond het thema ‘De vier elementen’.

flessen, waarmee je op de foto kunt. In een workshop kun je je eigen vlag maken voor de (fantasie-) landen Luchtije, Waterland, Aardonia en Vuurrijk. Of je ontdekt hoe je zelf een vlot kunt maken, waarmee je vervolgens op de Bron-beek kunt varen. Je kunt ook leren hoe je een Indische vlieger maakt en deze daarna meteen uittesten.’ Aarde ‘Heb je meer met aarde, versier dan een bloempot en plant er een stek uit de Bronbeekkas in. Durf je blootvoets en geblinddoekt te gaan over het blotevoetenpad, bezaaid met verschillende materialen? Via een foto-spoor kun je misschien de plek ontdekken waar een schat verborgen is. Met de Dromensmid smeed, smelt, rijg, vouw en kneed je dromen tot een sieraad. Of je maakt een sneeuwbol vol glitters. In de workshop ‘De verzonken stad’ schilder je met inkt, waterverf of wasco hoe Bronbeek er uit zou zien als het onder water zou liggen. Of je maakt een Wajangpop. Binnen in het museum is kunst door bewoners van Bronbeek en andere veteranen te zien. En natuurlijk zijn er Indische hapjes en drankjes te koop.’ 13


VAN ACHIN-VIA ATJEH NAAR ACEH Op zondagmiddag 22 april 2018 om 14.00 uur zal Robert Jan Nix in zijn lezing in Museum Bronbeek ingaan op de Atjeh-oorlog en de invloed ervan op het hedendaagse Atjeh. De Atjeh-oorlog (1873-1942) vormt een van de zwartste bladzijden uit de Nederlandse geschiedenis. De strijd tussen nietsontziende koloniale soldaten en fanatiek islamitische Atjehers kostte aan zo’n 100.000 mensen het leven, onder wie duizenden Atjehse vrouwen en kinderen. Luitenant-kolonel b.d. R.J. Nix is in Atjeh geboren als zoon van een officier van het Korps Marechaussee en diende zelf als beroepsofficier bij de cavalerie. Hij geeft in

Nederlandse begraafplaats Banda, 2015 (foto Nicole Segers).

deze lezing een beeld van de Atjeh-oorlog en vertelt over de invloed en afloop van die oorlog op de huidige Acehse samenleving. De lezing wordt georganiseerd door Museum Bronbeek i.s.m. de Volksuniversiteit Arnhem. De toegangsprijs (incl. museum-entree) bedraagt € 15. Inschrijving is noodzakelijk via www.volksuniversiteitarnhem.nl (CUL 604).

ZELDZAAM WERK MET PRACHTIGE ILLUSTRATIES Onlangs heeft het Kenniscentrum van Museum Bronbeek een bijzondere nieuwe 14

aankoop gedaan: het driedelige La Histoire de la conquête des isles Moluques par

les Espagnols, par les Portugais, & par les Hollandois, uit 1706. Dit werk is geschreven door de Spaanse historicus Bartolomé Argensola (1562-1631) en vertelt over de eerste veroveringstochten van de Molukken door de Spanjaarden, Portugezen en de Nederlanders begin 17e eeuw. In 1706 is dit werk vanuit het Spaans in het Frans vertaald. Deze zeldzame en schitterend geïllustreerde uitgave van de vroege historie van de Nederlandse aanwezigheid in Indonesië is nu voor iedereen in te zien. Het kenniscentrum is geopend van dinsdag tot vrijdag, van 10.00 uur tot 17.00 uur.


ZOMERRONDLEIDING MET DIAPRESENTATIE Twee eeuwen geschiedenis van het Arnhemse landgoed Bronbeek staan centraal in de diapresentatie en rondleiding ‘Landgoed Bronbeek: 155 jaar koninklijk geschenk voor veteranen’. Deze worden gehouden op 12 juli, van 14.00 tot 16.30 uur. De presentatie bestaat uit twee delen. Eerst brengt Niek Ravensbergen met historische en hedendaagse foto’s en kaarten op groot scherm de ontwikkeling en het gebruik van het landgoed in beeld. De aansluitende rondleiding over het landgoed voert langs bijzondere bomen, de bron en de beek met zijn watervalletjes, beelden en de plantenkalender. Ook de architectuur van de monumentale gebouwen en de gedenktekens voor de slachtoffers van de Japanse bezetting van Nederlands-Indië worden belicht. Koninklijk geschenk Het landgoed Bronbeek wordt al 155 jaar bewoond door oud-militairen, maar zijn geschiedenis gaat nog verder terug. De rentenier Hermen Steygerwalt begon in mei 1817 met de aanleg van een ‘buitengoed’ bij een natuurlijke bron en beek aan de Arnhemse Velperweg. Hij bouwde er rond 1820 een eenvoudig buitenhuis en noemde het terrein ‘Bronbeek’. Het huis werd in later tijd vervangen door een statige villa. Koning Willem III, die het landgoed vijf jaar bezat, liet de villa uitbreiden met twee zijvleugels. In 1859 schonk hij zijn landgoed aan de Staat der Nederlanden. Hij stelde als voorwaarde dat de staat er een tehuis zou bouwen voor militairen die gediend hadden in het Koninklijk Nederlands-Indisch Leger (KNIL). Dit ‘Koloniaal Militair Invalidenhuis Bronbeek’ werd ontworpen door de toen

beroemde architect Willem Nicolaas Rose en ging open op 19 februari 1863. De tehuisbewoners hielden sindsdien bijna een eeuw lang een gemengd agrarisch bedrijf op het landgoed in stand. Daarnaast onderhielden zij in hun tehuis een collectie militaire en volkenkundige voorwerpen uit Nederlands-Indië. Hun collectie is de basis van het huidige museum voor de Nederlandse koloniale geschiedenis. In 1960 is het terrein veranderd in een park, met behoud van de historische structuur en gebouwen. Nog steeds wonen er oud-militairen in het tehuis op het landgoed, maar nu van alle delen van de Nederlandse krijgsmacht. Reserveren Deze middag is onder meer interessant voor mensen met belangstelling voor de Nederlandse koloniale geschiedenis en voor groen erfgoed. Deelname met museum-entreebewijs (houders museumkaart, veteranen en Vrienden van Bronbeek gratis). Reserveren is gewenst: via nb.ravensbergen@ mindef.nl.

IGK SCHRIJFT OVER ZIJN BEZOEK Onlangs heeft de Inspecteur-Generaal der Krijgsmacht, en onder andere ook Inspecteur der Veteranen, luitenant-generaal Hans van Griensven een bezoek aan Bronbeek gebracht. Hij publiceerde er meteen op 13 februari op Facebook over: ‘Bronbeek. Ik kom er wel vaker, maar meestal als Inspecteur der Veteranen bij een reünie of op bezoek bij de bewoners. Vandaag op bezoek als IGK bij de vaste staf en medewerkers van het Koninklijk Tehuis voor Oud-Militairen en Museum Bronbeek (KTOMMB). Een kleine club vaste 15


DE FIETS IN HET INDISCHE LEGER

Hans van Griensven (rechts) te Bronbeek. Poseren bij een scheepsmodel.

mensen (30 waarvan 7 militair) en ca. 100 vrijwilligers die invulling geven aan de 4 hoofdtaken: ouderenzorg aan de inwonende oud-militairen; museum; gedenk- en herdenkplaats en een reüniefaciliteit in het kader van het veteranenbeleid. Unieke taken en een niet standaard bedrijfsvoering. Dit schreeuwt om maatwerk om alle behoeften op tijd en goed in te vullen. Gelukkig beseffen de meesten dat en is er actieve steun vanuit de lijn. Het is ook hartverwarmend om de vaste staf en alle vrijwilligers vol passie te horen vertellen over hun inzet in de verzorging, het museum, de toko of de ondersteuning. Kortom, veel mensen die zinvol werk doen en het goed naar de zin hebben op Bronbeek. De oorspronkelijke doelgroep (KNIL) wordt steeds kleiner, dus tijd voor een vernieuwende kijk op de toekomst. De nieuwe commandant gaat daar vanaf april zeker verder invulling aan geven. Een van de bewoners is als oud matroos niet alleen ook vrijwilliger, maar tevens volleerd modelbouwer. Hij is daar natuurlijk trots op en ik vereerd om met hem te poseren. Defensie is ook zorg voor mensen.’ 16

Museum Bronbeek heeft een bijzondere website, waar allerlei artikelen over de koloniale geschiedenis van Nederland zijn te raadplegen: www.museumbronbeekblog.nl. Een bijdrage van de hand van Marc Lohnstein, assistent-conservator, belicht de fiets in het Indische leger. We geven dit artikel met illustraties eveneens een plaats in dit bulletin, mede om onze lezers te attenderen op een bron die zij misschien niet eerder hebben ontdekt. De boodschap op de wervingsplaat uit 1912 is duidelijk: kom bij het Indische Leger, met mooie uniformen en modern materiaal – de fiets – doet u martiaal dienst onder een aller vriendelijke bevolking in een wonderschoon landschap. De fiets als wervingsmiddel, dat is nog eens iets anders als de Apache aanvalshelikopter van tegenwoordig. De reclame was op zijn minst misleidend. Het begin De fiets deed in 1903 bij het Indische Leger zijn intrede als militair vervoersmiddel. Dat jaar werd bij het 10e Bataljon Infanterie (Inf X) te Weltevreden (thans een deel van Jakarta, Indonesië) als proef een

Bepakte Fongers fiets 1917.


Wervingsposter Indisch Leger 1912. Collectie Museum Bronbeek.

17


fuseliercompagnie gereorganiseerd tot een afdeling militaire wielrijders. De fiets werd toen nog rijwiel genoemd. Deze wielrijders werden niet als bereden infanterie ingezet, maar als ordonnans. In 1908 werd nog een compagnie wielrijders geformeerd en naar Atjeh, Noord-Sumatra, uitgezonden. Na tien jaren werden wielrijders in 1913 officieel in de vredesorganisatie van het Indische leger opgenomen. Een afdeling Ordonnans-wielrijders van 102 man werd geformeerd. Daarnaast werden tijdelijk secties Wielrijders-strijders opgericht. In 1919 vonden deze permanent als afdeling Wielrijders-strijders in de vredesorganisatie (sterkte 238 man in 1922) een plaats.

Taak Tot 1925 werd een duidelijk onderscheid gemaakt tussen een tweetal taken. Ten eerste het leveren van ordonnans die op de fiets een deel van het berichtenverkeer tussen staven moesten onderhouden (Ordonnans-wielrijders). Ten tweede het optreden als bereden infanteristen (Wielrijders-strijders). Deze laatste groep steunde de cavalerie (paarden). Zij verleende de cavalerie extra stoot- en vuurkracht. Door hun beweeglijkheid waren zij evenals de cavalerie geschikt voor verkenning, beveiliging en de achtervolging. Wielrijders en cavaleristen streden uitsluitend te voet. Wielrijders waren minder geschikt voor de inzet tegen verzetslieden. Met de fiets waren zij gebonden aan wegen en bij een hinderlaag bijzonder kwetsbaar. Zij konden wel dienen voor machtsvertoon in nog rustige streken. Fiets In het Nationaal Archief zijn enige contracten voor de aankoop van legerfietsen 18

uit de jaren dertig van de 20ste eeuw bewaard gebleven. Het ministerie van

KoloniĂŤn kocht tot 1932 fietsen bij de Groninger Rijwielenfabriek A. Fongers. In de tweede helft van de jaren dertig stapte het ministerie over op de aanschaf van door de Artillerie-Inrichtingen (A.I.) gemonteerde fietsen. Deze fietsen waren aanmerkelijk goedkoper. De Fongers normaal model fiets met twee versnellingen kostte in 1931 nog NLG 149,41 per stuk, terwijl de standaard legerfiets van de A.I. in 1938 NLG 80,00 per stuk kostte. De fietsen werden gemaakt van dikker buizenmateriaal dan de fietsen voor de civiele markt. De fietsen werden dof grijsgroen gelakt met op de balhoofdbuis van boven naar beneden een rode en blauwe band van 20 centimeter: 10 centimeter per kleur. De A.I. leverde het KNIL een deels uit B.S.A. onderdelen gemaakte fiets met een D.T. naaf (dubbel torpedonaaf) met twee versnellingen. De fiets had een voornaafrem met rechts de voorremhefboom en een terugtrapreminrichting. Verder was de fiets voorzien van een bel, pomp en een bagagedrager. De wielen voor hadden 32 en achter 40 spaken No. 14. De fietsen werden geleverd in een framehoogte van 56 en 58 centimeter. De A.I. leverde ook een aantal fietsen met een framehoogte van 60 centimeter. Organisatie De Afdeling Ordonnans-wielrijders en Compagnie Wielrijders-strijders werden in 1925 samengevoegd tot de Compagnie Wielrijders met een vredessterkte van 3/25/211. De compagnie werd na 1932/33 gereorganiseerd in een opleidingsafdeling. Bij mobilisatie werd voor ieder van de twee divisies een compagnie wielrijders geformeerd.


Een compagnie wielrijders was in 1935 georganiseerd in een commandogroep, drie secties wielrijders, een gemotoriseerde mitrailleursectie, gevechtstrein en bagagetrein. De wielrijders waren bewapend met de repeteerkarabijn M.95 kaliber 6,5 x 53,5 millimeter en de marechaussee-sabel (klewang). Een sectie wielrijders beschikte over drie lichte mitrailleurs: M.15 Madsen kaliber 6,5 x 53,5 millimeter. Dit wapen vormde de vuurkracht van de sectie. De mitrailleursectie was uitgerust met een solomotor en zes motoren met zijspan. De bewapening bestond uit twee mitrailleurs, Mitrailleur Infanterie M.23 Vickers kaliber 6,5 x 53,5 millimeter. De mitrailleurs werden ieder vervoerd op twee motoren met zijspanwagen: een mitrailleur- en een munitiezijspan. De trein (verzorgingsgroep) telde enkele 1,5-ton vrachtauto’s, een aantal motoren met zijspan en een autolet (kleine vrachtauto). In 1939 werden reeds in de vredesformatie naast de afdeling wielrijders twee compagnieën wielrijders opgenomen. Begin 1941 werd de 2de compagnie wielrijders (Wr 2) met drie eskadron cavalerie en het eskadron pantserauto’s opgeheven en gereorganiseerd in vier gemotoriseerde eskadrons cavalerie.

Legerfiets 1930.

Bronnen: • http://fongers.net/ • Algemeen Tactisch Voorschrift. Deel I (Voorschrift Velddienst) (A.T.V. I) uitgave 1935, D.v.O. VII A nr. 15, Reproductiebedrijf Top. Dienst, Batavia-Centrum 1935. • Exercitie-reglement voor de wielrijders (R.E. Wr.) uitgave 1935, DvO. II nr. 34, Reproductiebedrijf Top. Dienst, Batavia-Centrum 1935. • H.B., Leger, Encyclopedie van Nederlands-Indië, Weltevreden 2de druk 1918 II, 551. • H.B., Leger, Encyclopedie van Nederlands-Indië, Martinus Nijhoff, ‘s-Gravenhage 2de druk 1932 VI, 551-552. • Straten, N.L.W. van, Leerboek der tactiek. Het optreden in grooter verband tegen inheemsche verzetslieden. No. 583a, Koninklijke Militaire Academie Breda 1930. Museumconservator over zijn werk

INTERVIEW DEFENSIEKRANT MET HANS VAN DEN AKKER Onlangs stond in de Defensiekrant een artikel over Hans van de Akker, conservator van Museum Bronbeek, in de rubriek waarin medewerkers voor de vele collega’s bij het departement het verhaal vertellen over hun baan. Bianca Brasser schreef de tekst, Louis Meulstee deed de fotografie. Het inleidende stukje over Van den Akker vermeldt allereerst zijn studies: lerarenopleiding geschiedenis en aardrijkskunde plus master, maatschappijgeschiedenis en koloniale geschiedenis. Hij werkt sinds 2006 bij Defensie. Voordien was hij docent geschiedenis en reisleider Indonesië. De schrijfster merkt voor met name de doelgroep van de niet-ingewijde lezers op, dat Museum Bronbeek de koloniale vaderlandse geschiedenis belicht. ‘Het verhaal 19


niets over de KNIL-tijd weten, want hier werd meestal niet over gesproken”, weet

Van den Akker. Zijn kantoor is een ware verzamelplek vol schenkingen, vaak van nabestaanden van een militair. De conservator zoekt alles uit. Waar komt het vandaan? Van wie was het?

‘Ik neem bijna alles aan’, zegt Hans van den Akker.

van Indië’ is de vaste tentoonstelling en gaat over Nederlands-Indië.’ We volgen voor ons bulletin haar verhaal, dat ook boeiend is voor veel van onze lezers. Persoonlijke bezittingen ‘Aan museumconservator Van den Akker de taak om deze, al dan niet omstreden geschiedenis, te vertellen met hulp van exposities. Hij verzamelt hiervoor persoonlijke bezittingen, veelal van overleden KNIL-militairen, dienstplichtige Indië-militairen en oorlogsvrijwilligers. ‘Beste meneer Van den Akker, op de zolder van onze overleden opa vonden wij een doos met hierin een kris, fotoboek en een KNIL-medaille. Heeft het museum hier baat bij?’ Zo’n drie keer per week ontvangt Van den Akker een mail van deze strekking. “Vaak van nabestaanden die 20

Krissen, zwart-witfoto’s en houten souvenirs uit een koloniaal verleden liggen verspreid door zijn kantoor. Het is de ‘buit’ van deze week. Schenkingen die net zijn binnengekomen. “Ik neem bijna alles aan”, zegt Van den Akker. “Vervolgens ga ik uitzoeken wat het is en van wie het was.” Hij wijst op een van de krissen. “Vaak zijn het toeristendingen, gekocht door de militair op uitzending en meegenomen naar huis. Die zijn niet interessant. Maar wat als de kris is buitgemaakt van de tegenstander? Een hoge generaal? Dan wordt het leuk.” Ondergrondse schatkamer Alle spullen worden door Van den Akker uitgeplozen, geregistreerd en dan verdwijnen ze naar ‘de schatkamer’ (het depot), verborgen onder landgoed Bronbeek. Voorzichtig opent hij de zware deur naar een van de drie ruimtes. Twaalf graden geeft de thermometer aan. Schappen vol vergeelde fotoboeken verschijnen. “Een foto blijft doorontwikkelen. Het is een kwestie van tijd voordat alles verdwijnt”, verklaart Van den Akker. De kou moet het ontwikkelproces vertragen. De ruimte naast de foto-opslag herbergt vuurwapens, daarnaast een kamer met schilderijen, krissen en wat verder nog gedoneerd is. Wekelijks is Van den Akker in dit ondergrondse depot te vinden. Want hoewel de vaste expositie in het museum


slechts eens per tien jaar verandert, houden de vele tijdelijke tentoonstellingen de conservator behoorlijk bezig.

De liefde “Ik heb de mooiste baan op de mooiste plek”, reageert de conservator tevreden als hij over het landgoed terugwandelt naar zijn kantoor. Van den Akker studeerde geschiedenis, met een bijzondere interesse in koloniale bezetting. De liefde, een vrouw met Indische roots, bracht hem als twintiger naar Indonesië. De verliefdheid ging over, maar de liefde voor het land bleef. Van den Akker werd geschiedenisdocent op een middelbare school en wisselde dit af met een functie als reisleider in ‘zijn’ Indonesië. Conservator? Ruim tien jaar geleden zag hij een vacature voor conservator in het Tropenmuseum. “Ik wist niet wat een conservator was, maar zag de woorden geschiedenis en Indonesië en dacht: leuk.” De baan kreeg hij niet, maar hij wist toen wel wat hij wilde wor-

den: conservator. En zo geschiedde. “Ik heb van mijn passie mijn werk gemaakt.” Wat wenst hij nog meer? Het is even stil. Dan volgt een oproep: “Objecten die iets te maken hebben met de onafhankelijkheidsverklaring van Indonesië op 17 augustus 1945. Foto’s, of zelfs een video. Dat zou een historische sensatie zijn.” Trots op! Nederland onderzoekt de komende jaren het geweldgebruik tijdens de dekolonisatie in Nederlands-Indië. Het Nederlands Instituut voor Militaire Historie (NIMH) heeft daarvoor ook Museum Bronbeek om hulp gevraagd. “Veel militairen hebben structureel geweld moeten gebruiken. Vaak waren zij dienstplichtig. De politiek stuurde en militairen zaten met de shit. Een trauma waar niet of nauwelijks over gesproken werd. Een zwarte bladzijde uit onze geschiedenis, maar dat betekent niet dat we hier onze mond over moeten houden”, zo reageerde Van den Akker in de Defensiekrant.

Speuren in het depot van Bronbeek.

21


Museumcollectie

Overzicht aanwinsten oktober tot en met december 2017 Schenkingen W.A. Wagter, Arnhem

Drie fotoalbums

Dhr. H. Landzaat, Bali

Documenten m.b.t. diensttijd

Quirooy

Typoscript: gedicht

Mw. R. Olijve-Geertsma, Assen

Fotoalbum, documenten, en foto’s

Dhr. W. van Ederen, Zaandam

Document en huls

Dhr. A. Groeninx van Zoelen, Wassenaar

Brief en beeldje

Aankoop Asher Rare Books&Antiquariaat Forum

Document/drukwerk, Batavia 1743

Bibliotheek Schenkingen & Aankopen, 6-9-2017/31-12 2017 24 aankopen

31 gevonden werken (gevonden bij het verwerken van de collectie uit het depot) 1 werk

Dhr. L. Neijenhuis, Doetinchem

1 werk

Mw. E. Keizer, Utrecht

3 werken

Mw. Triana Wulundari, Ministerie van Educatie Indonesië

1 werk

Dhr. W. de Mul, Nijmegen

1 werk

KIM, Den Helder

1 werk

J. Poortman

1 werk

Vereniging Oud-Scherpenzeel

1 werk

T.S. Polimé

1 werk

J. Landheer

1 werk

Mw. M. Rijlaarsdam, Scherpenzeel

1 werk

Dhr. P. de Ruiter, Utrecht

2 werken

Dhr. van Leeuwen, bewoner

1 werk

Mw. S. Bauer, Berlijn

1 werk

Mw. T. van Bergen, Arnhem

22


STICHTING VRIENDEN VAN BRONBEEK We zoeken méér vrienden Onze Stichting Vrienden van Bronbeek spant zich in voor activiteiten en versterking van haar organisatie. Zij doet ook een beroep op alle lezers. Ons verzoek: meld u aan als Vriend, als u dat nog niet bent. En zoek met ons mee naar nieuwe Vrienden, die misschien al in uw directe omgeving te vinden zijn. Voor een minimale bijdrage van 17,50 euro per jaar per persoon steunt u een bijzondere instelling. Vriend worden, is mogelijk door de bijdrage over te maken op IBAN rekeningnummer: NL89 INGB 0000 0009 40 t.n.v. de penningmeester van de Stichting Vrienden van Bronbeek te Arnhem. Geïnteresseerden kunnen ook de onderstaande bon invullen en opsturen naar de Vriendenadministratie van de Stichting Vrienden van Bronbeek: Velperweg 147, 6824 MB Arnhem. Vervolgens ontvangt u een acceptgirokaart.

Bon voor aanmelding nieuwe Vrienden Naam: Adres: Postcode en woonplaats: E-mailadres: IBAN rekeningnummer:

Vrienden van de Stichting Vrienden van Bronbeek ontvangen onder meer het Bronbeekbulletin ­en ­hebben toegang tot de Kumpulan.


Bronbeek Bulletin 120 mrt apr 2018  

Bronbeek Bulletin. Maart April 2018

Bronbeek Bulletin 120 mrt apr 2018  

Bronbeek Bulletin. Maart April 2018

Advertisement