Page 35

35

SABINE JOOSTEN/HH

‘Hier kun je niet in abstracties praten, zoals in Den Haag. Je zit met je neus op de problemen’

andere jonge vrouwen heb ik al veel meegemaakt, mij kan niet zo veel gebeuren. Ik ben onafhankelijk geworden in de loop der jaren. Ik denk dat het heel belangrijk is dat jonge vrouwen zien dat er vrouwen zijn die bij tegenwind rechtop blijven staan. Kijk, the proof of the pudding is in the eating: ik moet gewoon laten zien dat ik een goede burgemeester ben, in de loop der tijd. Vrouw-zijn speelt daarin geen rol. Maar dat neemt niet weg dat als ik de kans krijg om als burgemeester in het geweer te komen voor jonge vrouwen, te kunnen helpen in hun emancipatie, ik dat niet zal laten.’ In uw biografie Pluche schrijft u dat u aan het begin van uw carrière leerde om anders te speechen, met een stevige houding en toon. Is het in de politiek nodig om je eigenschappen aan te meten die we met mannelijkheid associëren, om succesvol te zijn? ‘Ja, en dat is heel onplezierig. Als je toonhoogte stijgt als vrouw, boet je in aan gezag, terwijl als een man zich opwindt, zijn stem daalt en zijn gezag toeneemt. Laatst nog, toen ik een inhoudelijke discussie in de raad had gevoerd, stond er in de krant: ‘bitste Halsema’. Dat is een kwalificatie die nooit over een mannelijke burgemeester wordt gegeven. Zeker in het begin lette ik op mijn stemhoogte.’ U bent nu twee maanden aan de slag. U was als fractieleider heel uitgesproken, hield van discussie en interrumpeerde vaak in de Kamer. Is het moeilijk voor u om nu boven de partijen te staan? ‘Nee, ik vind dat juist ontzettend fijn aan deze positie. Dat ik uit de politiek stapte, had ermee te maken dat ik schoon genoeg had van het verkondigen van meningen. Ik kon mezelf niet meer horen. Nu kan ik de positie die ik heb verworven, de bekendheid en toch ook enig gezag gebruiken om mensen iets nieuws te leren of iets mee te geven. Dat vergt creativiteit. De problemen op de Wallen bijvoorbeeld, zijn heel complex; die los je niet in een namiddag op. Je kunt wel vinden dat het er te druk is, dat

er monocultuur is en dat daarmee het andere culturele deel van Amsterdam onder de voet wordt gelopen, maar je sluit de stad niet voor toeristen. En dat je af en toe dronken mag worden en feest kan vieren, is ook een heel belangrijke vrijheid. De partijen bij elkaar brengen vergt iets van mijn oude activiteiten, zoals het vormen van meningen, maar ook nieuwe: dat ik zorg dat er kennis wordt verzameld en dat daaruit oplossingen voortkomen.’ Dat kunt u dan ook nog eens doen met een linkse raad. ‘Ja, maar eigenlijk maakt me dat niet zo veel uit. Ik weet niet wat de verkiezingen over vier jaar uitwijzen, en dan hoop ik nog wel burgemeester te zijn, ongeacht de kleur van de raad. Weet je, een van de dingen die ik heel plezierig vind aan lokale politiek, is dat er pragmatisch wordt geopereerd. Ik weet wel dat ze hier in de raad doen alsof de verschillen enorm zijn, maar gemeten naar de landelijke politiek heb ik het gevoel dat men het over veel dingen eens is. Dat komt omdat je met je neus op de problemen zit. Je kunt hier niet in abstracties praten, zoals in Den Haag. Dijkhoff kan roepen dat er een strafmaat komt voor moeilijke wijken, maar ik ga ervan uit dat ook Annabel Nanninga en de lokale VVD zullen zeggen; dat is volkomen onzin als je weet hoe een wijk in Amsterdam eruitziet. Als ik zeg dat ik het belangrijk vind dat de mensen buiten de Ring er weer bij gaan horen, ben ik ervan overtuigd dat die opvatting van links tot rechts in de raad gedeeld wordt. Dat dat eigenlijk niet politiek ís. Dat vind ik echt heel leuk. De polarisatie hier is minder groot: wat overheerst, is het verlangen oplossingen te verzinnen in plaats van het verlangen om je groot te maken ten koste van elkaar. Als ik kijk naar het debat in de Tweede Kamer van de afgelopen weken, het geschreeuw en de ruwheid…’ Hoofdschuddend: ‘Aan de Amsterdamse raad kunnen ze in Den Haag een voorbeeld nemen.’

>

Profile for amsterdam&partners

Uitkrant november 2018  

Uitkrant november 2018  

Advertisement