Page 35

35 goed en ik had ook voorzien dat er discussie zou ontstaan – al had ik niet verwacht dat het zo groot zou worden. Zelf had ik het ook logischer gevonden als een vrouw de opdracht had gekregen, of in elk geval: een van beide. Er zijn genoeg goeie vrouwelijke schrijvers in Nederland. Het enige waar ik moeite mee had, was dat ik voor het gemak geschaard werd onder de witte, bevoorrechte mannelijke schrijvers, terwijl ik mijn hele leven een buitenstaander ben geweest, altijd onderschat werd en opgroeide in een opgegeven wijk. En nu zou ík ineens privileged zijn? Dat stak wel. Je mag kritiek hebben op het thema, maar ga mij niet tot rekenen tot de elite.’ In het essay komt naar voren hoe schaamte altijd een thema was binnen jullie gezin. Je moeder deed haar best de vuile was binnen te houden, en jij gooide het naar buiten in een grotendeels autobiografische roman. Was dat spannend? ‘Tuurlijk, ik moest iets overwinnen. Het voelde ook als taboedoorbrekend: dat je schrijft over een gewelddadige vader en een gezin dat op het mijne lijkt. Ik dacht soms: kan ik dit wel doen? Mijn vader leefde op dat moment nog, dat maakte het moeilijker. Het is fictie en uitvergroot, maar er zijn wel overeenkomsten met hem. Hij heeft het nooit kunnen lezen, want drie weken nadat de oerversie af was, is hij overleden. Als hij het had gelezen, was hij zeker heel boos geworden. Maar daar had ik maling aan. Ik was mijn hele leven al boos op hem. Laat al die ellende dan maar een verdomd goed boek opleveren, dacht ik.’ Dat verantwoordelijkheidsgevoel naar je moeder toe voelde je niet voor je vader? ‘Nee, ik dacht: jij deugt gewoon niet. Jij bent iemand die voor zichzelf geleefd heeft, je hebt geprobeerd mijn moeder klein te houden, ons altijd een onveilig gevoel gegeven. Als jij je dan exposed voelt, so be it. En daarbij: we hebben altijd de rol gespeeld van het ideale gezin, ook voor kennissen en vrienden. Twee kinderen die naar het vwo gaan, braaf, altijd verzorgd, altijd een glimlach. Maar intussen broeide, schuurde en ontplofte het af en toe. Ik was het beu om dat ideale plaatje te moeten verkondigen. Het heeft me lang een gesloten mens gemaakt, daar had ik in mijn eerste relaties wel last van. Later merkte ik dat je alleen verbinding kunt maken met anderen als je je opent.’ Ben je nieuwsgierig naar je Turkse achtergrond? ‘Voor mijn debuut ben ik daar ingedoken. Het boek speelt zich af in een Zaza-dorp in Oost-Turkije; een beetje mijn familieverhaal, maar dan in fictieve vorm. Maar mijn wereld is hier. Ik ben in de Bijlmer geworteld, dat is mijn thuis. Ik voel me geen Turk. Mijn vader zei altijd: ‘Wij zijn Zaza’s, geen Turken.’ Als je mij op straat ziet, denk je niet meteen: hé, een Nederlander. Maar ik ben het wel. Ik denk en droom in het Nederlands, ik schrijf in het Nederlands, dit is mijn land.’ Je bent opgeklommen uit een achterstandsbuurt, en dus een rolmodel. Zie je dat zelf ook zo? ‘A ls je uit Bos en Lommer of Slotervaart komt en je ziet op tv een Nederlandse schrijver met een Turkse naam de Libris winnen – dat heeft wel impact op die jongens en meisjes. Ik geef veel lezingen op scholen, alleen al om te laten zien dat niet alle schrijvers wit zijn. In mijn tijd had je geen Turks- of Marokkaans-Nederlandse schrijvers. Hermans, Reve, Mulisch: dat waren de

‘LAAT AL DIE ELLENDE DAN MAAR EEN VERDOMD GOED BOEK OPLEVEREN, DACHT IK’ iconen, en ze schreven bijna allemaal over de Tweede Wereldoorlog. Dat was niet mijn wereld. De Bijlmer bestond niet eens in de letteren.’ Wat wil je de jongeren van nu meegeven? ‘Durf te dromen en investeer in jezelf, alleen al door te lezen. Door te lezen ontwikkel je je taalvaardigheid, je spreekvaardigheid, je vocabulaire. Je komt veel verder als je de taal beheerst. Als je niet met een accent praat, geen straattaal gebruikt tijdens een sollicitatiegesprek, niet met een petje op binnenwandelt. Kleine dingen maken uit. Maar zelfs dan: je moet ook doorzetten, af en toe slikken, want je gaat afgewezen worden. Er ís discriminatie op de arbeidsmarkt. Ik heb als jurist gewerkt en was stagebegeleider bij de gemeente Amsterdam. Daar merkte ik hoe moeilijk het voor hbo-studenten met een Turkse of Marokkaanse achtergrond is om een stageplek te krijgen. Ze zeiden: ‘Meneer, we hebben honderd brieven gestuurd en u bent de eerste die reageert.’’ Je was doodongelukkig als jurist, maar hebt het toch veertien jaar volgehouden. Waarom? ‘Voor mijn gevoel ben ik altijd schrijver geweest, maar ik belandde op een gegeven moment in die ratrace van 9-tot-5. Ik ging lang voor zekerheid. Ik moest eerst een huis kopen, want mijn Amsterdamse huurwoning werd te duur. Het schrijven hield me op de been. Mijn debuut deed het goed, maar daar kon ik niet van leven. Ik moest met iets goeds komen. Uiteindelijk heb ik vier jaar en drie maanden aan Wees onzichtbaar gewerkt. Een week voordat het uitkwam, ben ik gestopt als jurist. Het werk zelf, inhoudelijk, deed ik met mijn ogen dicht, maar het was afzien. Twee jaar voordat ik echt stopte, stond ik op het punt ontslag te nemen. Ik had het helemaal gehad. Met een aantal zure collega’s, de reorganisatie, de kantoortuin. Misschien ben ik iets te lang doorgegaan, maar ik heb geen spijt. Ik heb op kantoor de werkende mens leren kennen, met al z’n zwakheden en karakters. En de kantoormentaliteit: hoe inefficiënt het is, hoe mensen elkaar treiteren, elkaar tegenwerken, slappe managers die niet willen ingrijpen.’ Klinkt als een nieuwe roman. ‘Ja, haha, ik moet er iets mee doen, het is gewoon een boek. Maar nu werk ik aan een roman over San Francisco, waar ik ooit een halfjaar gestudeerd heb. Ik ben nu vooral veel aan het researchen. Het speelt zich af in 2001, voor en na 9/11. Het gaat niet over de aanslagen, maar over die stad en de hoofdpersoon die daar komt. Wat het met hem doet, dat land, heel anders dan Nederland. Hoe zijn blik verruimd wordt.’ Een Turks-Nederlandse hoofdpersoon? ‘Dat zit er dik in, hè? Ik kan er niet te veel over vertellen, maar het decor is al geschetst. En ik heb er heel veel zin in.’ Murat Isik tourt tijdens de Boekenweek (23 t/m 31 maart) door het land met lezingen en signeersessies. Ook ligt dan Mijn moeders strijd in de boekhandels.

>

Profile for amsterdam&partners

Uitkrant maart 2019  

Uitkrant maart 2019  

Advertisement