Issuu on Google+

Mannengroep House of Hope Tarwewijk


Bij House of Hope komen verschillende mannen samen om steun te vinden, anderen te ontmoeten en gewaardeerd te worden om wie ze zijn. Ze komen uit verre oorden of zijn geboren op een steenworp afstand van de ontmoetingsplek in de Bas Jungeriusstraat. House of Hope is soms voor hen de enige plek waar echt geluisterd wordt en mogelijk problemen rondom financiĂŤn, huisvesting, verblijfsvergunningen, etc. een oplossing krijgen. Op deze wijze krijgen verschillende mannen hulp en ondersteuning die ze elders niet krijgen, maar zijn ze ook betrokken bij House of Hope. Vrijwel iedereen doet er vrijwillig iets voor terug. Helpen met het organiseren van activiteiten, boodschappen doen, spullen ophalen, enz. Vanuit veelal moeilijke situaties weten de mannen inmiddels feilloos aan te geven waar het om draait: liefde, respect en zorg voor elkaar. Met dit magazine onderzochten zij wat er in een samenleving nodig is en wat er in de buurt is om mensen met elkaar in contact te laten komen, elkaar te kunnen helpen. Dit heeft uiteenlopende artikelen opgeleverd: van een verslag van een bezoek aan Molen de Zandweg tot een beschrijving van de ideale wereld. Met gepaste trots presenteren we de resultaten van dit magazine, dat door de inzet van velen, maar vooral door de mannen- en vrouwengroep van House of Hope, tot stand is gekomen. We hopen dat alle deelnemers van de workshop journalistiek het leuk en leerzaam hebben gevonden. Stichting Hoedje van Papier gaat uit van kennis, talenten, creativiteit en verantwoordelijkheidsgevoel van deelnemers en probeert deze eigenschappen samen met hen verder te ontwikkelen. Op deze manier proberen we een steentje bij te dragen aan de ontwikkeling van verschillende deelnemers en te werken aan hun zelfbeeld en zelfvertrouwen. Met medewerking van enthousiaste en goede workshopleiders is het gelukt dit project tot een succes te maken en hebben we de mogelijkheden gekregen met de deelnemers reportages te maken van interessante plekken in en buiten de wijk en interviews te houden met belangrijke mensen uit de buurt en de stad. Kortom, er is voor veel deelnemers een nieuwe wereld opengegaan. We wensen je heel veel leesplezier! Het team van Hoedje van Papier

2

Colofon Redactie: Abdullah Batuta, Achmed, Ali, Armando, Barry, Charles, Dirk, Hans, Henk, Iwan, Olivio Sanchez, Peter, Ronald, Salim Eindredactie: Maurice Ondersteuning House of Hope: Achmed Ondersteuning Hoedje van Papier: Amy en Hanneke Vormgeving: Marcel van den Assem (Kadanz)


Interview met Hieke Pars

de carnissetuin Op 2 oktober heeft de mannengroep van House of Hope de Carnissetuin bezocht om een interview af te nemen met Hieke Pars. Welke functie heeft u binnen de Carnissetuin? Binnen de tuin fungeer ik 2 dagen per week als gastvrouw. Ik bereid dan het werk voor dat er in de tuin moet gebeuren. Naast mijn werk in de tuin ben ik kunstenaar. Hoe is het idee voor de Carnissetuin ontstaan? Door het stoppen van de subsidie voor volkstuintjes voor schoolkinderen kwam de grond braak te liggen. Stichting Creatief Beheer is de grond toen in gebruik gaan nemen. Net als op andere plekken in Rotterdam maakt Creatief Beheer contact met buurtbewoners en overige vrijwilligers en betrekt hen bij de ontwikkeling en onderhoud van de tuin. Wat verbouwen jullie in de Carnissetuin? In de Carnissetuin worden veel verschillende groenten verbouwd. Zo hebben wij paprika’s, maïs, tomaten, stokbonen, rode kool, witte kool, aubergines, uien, ijsbergsla, Spaanse peper en aardappelen. Maar we telen ook bloemen. Verbouwen jullie de groenten op een biologische wijze? Ja, alles is 100% biologisch. We gebruiken dan ook geen bestrijdingsmiddelen. Wat gebeurt er met de producten, die jullie in de Carnissetuin verbouwen? Veel van de groenten die wij verbouwen, ruilen wij door mensen een tegenprestatie te vragen. Vaak komt dit neer op het verrichten van vrijwillige werkzaamheden in de tuin. Zo zijn er mensen die mee helpen met het onderhoud van de tuin, helpen met het verbouwen van groenten of helpen met koken. Ook geven wij groenten weg voor het goede doel.

Welke functies kent de Carnissetuin? Eigenlijk heeft de tuin een functie om mensen samen te brengen. Inmiddels hebben we een team van vrijwilligers met allerlei verschillende culturele achtergronden. Met elkaar zorgen wij er voor dat er groenten verbouwd worden. Vaak komen deze groenten terecht bij mensen die ze het hardst nodig hebben. Daarnaast is de Carnissetuin een echte ontmoetingsplaats voor buurtbewoners. Ook betrekken wij kinderen van verschillende scholen en buurtbewoners om hen te leren hoe je groenten kunt verbouwen en hoe verschillende groenten groeien. De Carnissetuin heeft dus ook een educatieve functie. We hebben nu van een verwaarloosd stuk grond een prachtig project gemaakt. Op welke manier brengen jullie de tuin onder de aandacht? Voor het promoten van de Carnissetuin gebruiken wij een website (www.creatiefbeheer.nl), hebben wij een eigen facebookpagina, maar gebruiken wij ook folders en vooral ook mond tot mondreclame. Dat laatste gaat vooral via onze vrijwilligers. Ook zoeken wij samenwerking met andere organisaties, zoals scholen waardoor steeds meer mensen de Carnissetuin gaan kennen. Op YouTube is ook een item van de deelgemeente te vinden waar de Carnissetuin in voorkomt. Hoe kun je vrijwilliger worden in de tuin? Wanneer mensen mee willen werken, kunnen zij zich aanmelden via de website, maar je kunt natuurlijk ook gewoon even langskomen op de Carnissesingel 208. De mannen van House of Hope was met name bijgebleven dat er verschillende manieren zijn om het land te bewerken. Zo komt het water uit de omringende sloten. Dat wordt overgepompt naar waterbekkens om het land mee te kunnen besproeien. Dat het niet altijd makkelijk is om biologische te verbouwen, bleek uit een aantal groenten dat ziektes hadden opgelopen. De stokbonen worden inmiddels behandeld door een tuinder uit Naaldwijk.

3


Molen de Zandweg


De mannengroep van House of Hope legde een bezoek af aan Molen de Zandweg om vrijwillig molenaar Leen Sprong de oren van het hoofd te vragen. De wieken van de molen, gebouwd in 1723, ontvingen ons al draaiend met open armen. In het verleden had een molen een belangrijke functie voor de gemeenschap. Voordat we überhaupt waren gestart met de officiële rondleiding en het interview, dromden de mannen zich al om de molenaar samen en begonnen met vragen stellen. Eerst maar even een bakkie koffie! Leen Sprong is als vrijwillig molenaar aan de Zandwegmolen verbonden en maalt in zijn vrije tijd samen met zijn zoon vooral spelt en tarwe. De Zandwegmolen is een van de acht actieve molens die Rotterdam nog heeft. Vijf van deze molens zijn in het bezit van de gemeente Rotterdam. Ook de Zandwegmolen is sinds 1959 gemeentelijk eigendom. De molen was in verval geraakt en kon met de opbrengst van verzekeringsgelden, na het in 1954 afbranden van de molen op het Oostplein, gerestaureerd worden. Sinds 1974 heeft Leen Sprong zijn intrek genomen in de molen en het aangrenzende molenaarshuis. Hij startte met het malen van veevoer en is vervolgens tot op de dag van vandaag meel gaan malen. Dit meel verkoopt hij vanuit de molen en op de markt in Vreewijk. Op de vraag waarom deze molen eigenlijk ooit gebouwd is, antwoordt Leen Sprong dat deze molen vooral het leven van de mensen destijds makkelijker maakte. Met een molen hoefden de mensen niet meer met de hand meel te malen. Dit meel was nodig om brood te kunnen bakken. Het handmatig malen gebeurt nog steeds, vertelt één van de mannen, maar dan in Afrika. Veel mensen in Afrika malen nog zelf met een soort grote vijzels.

Vervolgens komen we aan op de stelling, de galerij van de molen. Bij het betreden van de stelling deinst één van de mannen verschrikt naar achteren wanneer hij door een ander gewaarschuwd wordt voor de draaiende wieken. Loos alarm, want de wieken draaien aan de andere kant. De rest moet erg lachen om deze geslaagde grap. Vanaf de stelling hebben we een mooi uitzicht op de omgeving en zien onder meer het molenaarshuis en een middelbare school waar iemand nog les heeft gehad. Hier komen we ook veel meer over de werking van de molen te weten. Met een groot houten wiel kan de bovenkant van de molen gedraaid worden, zodat de wieken altijd op de wind komen te staan. Om het werk te verlichten, gebeurt dit tegenwoordig met een elektrische lier, een machientje met een stalen kabel, dat aan het grote rad trekt en daarmee de bovenkant draait. Hier vinden we ook de vang, een ijzeren band dat om een houten wiel kan worden getrokken om de wieken te stoppen. Dus “ja, de wieken kunnen stoppen”. Er loopt een touw naar de nok toe om de vang aan te kunnen trekken. Hierdoor kan het wiel niet meer draaien en komen de wieken tot stilstand. De wieken blijken overigens ruim 22 meter lang te zijn en zijn bedekt met het zelfde soort zeil dat men vroeger bij zeilschepen gebruikte. Om de zeilen te bevestigen moet de molenaar in de wieken klimmen. Dit lijkt gevaarlijk, maar Leen Sprong verzekert ons dat het klimmen in de wieken veiliger is dan het staan op een keukentrap. Weer binnen in de molen, komen we in het deel waar het echte werk, het malen plaatsvindt. Het malen gebeurt met koppelstenen. Twee ronde molenstenen waarin groeven zijn aangebracht liggen op elkaar. De onderste steen ligt stil, de bovenste draait. In de bovenste steen zit een houten paal, die met tandwielen en andere houten palen uiteindelijk in verbinding staat met de wieken en de wind. Wanneer de wieken door de wind in beweging komen, brengt dat de bovenste...

De functie van de molen is inmiddels wel veranderd. Ook al wordt er nog meel gemalen, het is nu geen noodzaak meer. In de eerste plaats vinden mensen het gewoon erg leuk om te zien hoe een molen werkt en genieten zij ervan als de wieken draaien. Bij veel mensen in de buurt roept dit ook nog leuke herinneringen op. Ook onder de mannen zijn er nog levendige herinneringen. In het landschap was de molen écht een markeringspunt, “zo wist je altijd waar je was”. Ook doet de molen het erg goed bij stellen die gaan trouwen, zij laten hier maar al te graag hun trouwfoto’s maken. Met de vraag of de molen ook kan stoppen, werd het tijd om de molen verder te verkennen en te bekijken hoe deze nu eigenlijk werkt. Hiervoor moesten we 6 smalle, steile, houten trappen op. De eerste verdieping deed vroeger dienst als voorraadruimte en is inmiddels een werkplaats geworden. Voor ons is het een soort museum met molenstenen, houten tandwielen en een zogenoemde Wanmolen, een houten bak waarin het kaf van het koren wordt gescheiden, eigenlijk een soort afvalscheiding waarbij alleen dat over blijft wat je nodig hebt. In Afrika doen ze dit nog vaak door grote schalen te gebruiken. De inhoud gooi je omhoog, wat nodig is valt terug in de schaal, het afval waait weg.

5


... molensteen in beweging. Op een schuin aflopende graanbak strooit de molenaar de tarwe en een plank die in de breedte heen en weer gaat verdeelt de tarwe over de molensteen. Met het malen slijten de molenstenen. Deze hebben dan ook regelmatig onderhoud nodig. Geen makkelijke klus! Met een hamer een beitel kerft de molenaar de groeven weer in de molensteen. Per molensteen kost dit een hele dag. De bovenas van de molen staat in directe verbinding met de wieken. Vaak is deze van ijzer, maar in de Zandwegmolen is deze nog van hout. Gezien de dikte van deze houten as moet de boom die in 1723 is gebruikt ergens tussen de jaren 900 en 1000 geplant zijn. Delen van de molen hebben dus nog een veel oudere oorsprong dan 1723. Nadat iedereen heelhuids de smalle trappetjes is afgedaald, willen we ook nog graag weten hoe Leen molenaar is geworden. Dit weet Leen nog heel goed. Op 5 mei 1970, 25 jaar na de bevrijding van Nederland, draaiden voor het eerst de molens weer. De draaiende wieken hadden zó veel aantrekkingskracht op de 12-jarige Leen dat hij is gaan kijken bij een molen. Leen ging hier vervolgens allerlei klusje doen en kreeg zo steeds meer kennis van molens. Na een opleiding als timmerman werd hij vervolgens molenmaker en deed veel onderhoud en restauratie aan molens. Ook is Leen nog 12 jaar molenaar geweest op de Vrijheid, een molen in Schiedam. Aan de muur zijn daar nog foto’s van te zien, net als allerlei diploma’s en certificaten, die Leen heeft gehaald. Het molenaar zijn, is nu puur hobby. Leen werkt als taxichauffeur en is in zijn vrije tijd met de molen aan de Zandweg bezig. Wekelijks maalt hij ongeveer 150 kilo, hetgeen neerkomt, afhankelijk van de wind, op 4 uur draaien.

6


7


8


Veel Rotterdammers zijn niet in de havenstad geboren of zelfs niet in Nederland. Ook de wieg van Iwan, stond niet in Rotterdam. Iwan is geboren in Paramaribo. De mannen van House of Hope interviewden hem over zijn levensloop. Zijn eerste levensjaren bracht Iwan door in de Anniestraat, waar hij met zijn moeder woonde. Vanaf zijn vijfde vertrok hij naar zijn opa en oma in Coronie in het Noordwesten van Suriname. Iwan vertelt dat hij daar een prima kindertijd doormaakte. Naast school was het vooral lekker buitenspelen om vervolgens tussen half 6 en zes uur naar huis te gaan, als de schemering inzette. Op zijn 19e keerde Iwan, na het behalen van de MULO (huidige HAVO) terug naar Paramaribo om bij de firma Tjong Akiet te gaan werken. Dit is het grootste bedrijf voor opslag en verkoop van medicijnen in Suriname. Boven in het pand werden de medicijnen opgeslagen, beneden was een verkooppunt. De lucht in het magazijn was verschrikkelijk, tot brakens toe. Iwans zusje en zijn zwager woonden al in Nederland en kwamen af en toe langs Suriname. Door hen werd hij uitgenodigd een maand in Nederland langs te komen. Het was koud toen hij in Nederland was en de bomen waren kaal. Waren ze dood? Zijn zus en zwager vroegen hem herhaaldelijk om in Nederland te blijven. Er is hier zo veel werk te doen. Aanvankelijk wilde Iwan niet, maar na de 3e week in Nederland besloot hij te blijven. Wel jammer van die brommer die hij net in Suriname gekocht had en waar hij slechts één keer op gereden had. Het bleek destijds inderdaad heel gemakkelijk om in Nederland te blijven en aan werk te komen. Iwan startte bij een bouwbedrijf en werkt sinds 1977 bij McDonalds. Eerst als verkoper, medewerker in de keuken en achter de kassa. De laatste 25 jaar verricht Iwan lichte onderhoudswerkzaamheden en reparaties aan apparatuur. Toen hij net in Nederland was, moest hij iedere week stempelen, maar na 4 maanden kreeg hij een paspoort. Eigenlijk had Iwan niet zo veel aanpassingsproblemen. Na het weggaan van de Nederlanders uit Suriname ging het in Suriname toch minder goed. In Nederland had hij familie, sprak de taal en was eigenlijk al gewend om met verschillende culturen om te gaan. Het samenleven van Javanen, Hindoestanen, Chinezen, Nederlanders en Creolen leverde eigenlijk nooit problemen op. Denken doet Iwan inmiddels al lang in het Nederlands. Alleen als hij écht boos wordt, grijpt hij terug naar het Takki Takki. Momenteel is Iwan plannen aan het maken om terug te keren naar Suriname. Wanneer hij klaar is met werken, wil hij weer in Suriname gaan wonen en zijn neef helpen bij zijn veehouderij. Eigenlijk heeft Iwan zich altijd wel thuis gevoeld in Nederland, maar zijn echt thuis ligt toch in Suriname. Hiermee keert hij terug naar waar zijn navelstreng begraven ligt. Wanneer hij opnieuw de keus zou mogen maken om naar Nederland te gaan of in Suriname te blijven, zou hij toch voor het laatste kiezen. Hij heeft het goed gehad, maar ook in Suriname kende men vooruitgang. Door te blijven denkt hij dat hij toch nog meer kansen had gehad om bijvoorbeeld een eigen bedrijf op te zetten.

9


De ideale samenleving

de biologische gemeenschap Eigenlijk zijn al de mannen bij House of Hope terecht gekomen omdat zij op een of andere manier problemen ervoeren waarmee ze nergens terecht konden. Problemen met instanties, huisvesting, vergunningen, enz. Ook al kunnen niet alle problemen opgelost worden, mensen vinden bij House of Hope wel een echt luisterend oor en onvoorwaardelijke hulp. Naast huiselijkheid en vriendelijkheid vinden mensen hier nieuwe contacten en krijgen zij het gevoel van nut te kunnen zijn. Het zorgen voor elkaar vormt eigenlijk de basis om goed met elkaar samen te kunnen leven. Binnen House of Hope gebeurt dit, buiten op straat al een stuk minder. Niet dat het niet gebeurt, maar het zou net ietsje meer kunnen. Maar hoe ziet de ideale wereld er dan uit? Liefde, respect, eerlijkheid worden als belangrijke waarden genoemd. Haat, discriminatie en oorlog horen er in ieder geval niet thuis. De beschrijving van een ideale wereld werd eigenlijk een reis terug in de tijd. Al het overbodige werd overboord gegooid, het meest essentiële bleef over. Wat rest: de biologische gemeenschap. De mannen stellen zich dit voor als een eiland ter grootte van Texel. Het is verleidelijk om dit eiland in een tropisch klimaat te situeren. Toch gaat dat niet gebeuren. Het hebben van seizoenen kent namelijk voordelen. Je hebt dan momenten dat je gewassen kunt verbouwen en momenten dat het land braak ligt. Dit geeft niet alleen de grond rust, maar ook de mensen. Zodoende zijn er momenten van hard werken en momenten van rust. “Waar mensen met de grond zijn, is sprake van verbondenheid”. De ideale maximumtemperatuur ligt tussen de 24 en 26 graden met een lage luchtvochtigheid. Het eiland kent voldoende gras- en akkerland voor veeteelt en landbouw en is voldoende vruchtbaar om de meest essentiële dingen te verbouwen. Op het eiland vinden we in ieder geval tarwe, aardappels, kruiden, groenten, bloemen, zout en kokosnoten. Ook zijn er schapen, koeien, kippen en bijen op het eiland aanwezig. Uit het omringende zoute water kan vis gevangen worden. Zodoende zijn er ook eieren, melk, honing en vlees aanwezig. Door bewerking kan er kaas gemaakt worden, thee, koffie en dranken.

GROTE GEZINNEN

De gemeenschap start met de 11 mannen van House of Hope en 11 vrouwen. Gemiddeld heeft ieder koppel 4 kinderen. Naar de huidige maatstaven zijn dat relatief grote gezinnen. Het hebben van meerdere kinderen

10

heeft een functie. De jeugdigheid houdt de ouders scherp, maar bij meerdere kinderen kunnen ze ook voor elkaar zorgen en opkomen. Op deze manier komt er een goede balans. De huizen waar de gezinnen in wonen bouwen de mannen van hout. Deze woningen worden op palen gebouwd, hetgeen met name in de zomer voordelen heeft. Wanneer de zon ondergaat, blijft de warmte namelijk niet hangen en heb je ook geen warmte vanuit de grond. De woningen zijn met 5 kamers ruim. De overige voorzieningen, zoals keuken en wasruimte bouwen ze tegen de woningen aan en maken dus geen onderdeel uit van de leefruimte. Ondanks uiteenlopende meningen zijn er geen elektronische apparaten aanwezig. Aangezien hiervoor slechts een kleine meerderheid was, kan er in de toekomst nog zonne- en windenergie worden geïntroduceerd, waarmee elektriciteit kan worden opgewekt.

geen geld, maar ruilhandel

Naast de woningen zijn er verder een buurt/gemeenschapshuis, een school, marktplaats en werkplaatsen aanwezig. Op het eiland is geen sprake van geld. Er is een ruilsysteem van goederen en diensten, zo wordt er bijvoorbeeld voedsel geruild tegen transport of arbeid. Iedereen draagt naar vermogen bij. Oudere mensen kunnen bijvoorbeeld geen zwaar fysiek werk verrichten, maar bijvoorbeeld wel op kinderen passen. Om alles goed te laten verlopen is er een bestuurlijke macht. Over nieuwe plannen vindt stemming plaats. Iedereen vanaf 16 jaar heeft hierbij stemplicht. Met betrekking tot vervoer spelen paarden, ezels en karren een belangrijke rol. Vanuit de ‘moderne’ wereld zien we wel de fiets terug. Ook is het van belang dat er boten zijn. Voor gemotoriseerd vervoer is geen plaats. De medische zorg kent vooral bestrijding van ziektes op natuurlijke wijze door sjamanen of medicijnmannen. Kleine medisch ingrepen, zoals de behandeling van breuken kunnen de eilandbewoners zelf oplossen. Voor uitgebreidere medische zorg wijkt men eventueel uit naar het vaste land. Uitgebreide behandelingen en het kunstmatig in leven houden van bewoners past hierbinnen niet. Kortom, de mannen grijpen terug op een vrij eenvoudige gemeenschap, zonder overvloed en met aandacht voor elkaar. Dit lijkt een utopie, maar er zijn mensen die in een wellicht iets minder primitieve vorm hier voor kiezen, zoals in diverse eco-dorpen in Argentinië.


De mannen van House of Hope hebben zelf de volgende kwaliteiten om in te brengen: Iwan; heeft verstand van voedsel bereiden en kan bijvoorbeeld voor grotere groepen koken tijdens festiviteiten.

Hans; heeft levenservaring en is goed in ondersteuning bieden aan kinderen.

Ali; kan mensen geestelijk ondersteunen en is het geweten van het eiland (kan nadenken over goed en kwaad).

Achmed; heeft bemiddelende kwaliteiten en wil als molenaar aan de slag.

Ronald; heeft ervaring met landbouw en maken van drank.

Peter; is logistiek ingesteld en kan transport over het eiland van goederen verzorgen.

Olivio Sanchez; kun je voor een boodschap sturen en kan sieraden maken.

Abdullah Batuta; heeft kennis van het verbouwen van groenten en het houden van koeien en vissen.

Dirk; heeft veel levenservaring en kennis op het gebied van veiligheid. Hij is in staat toekomstgericht te denken over de ontwikkeling van de gemeenschap.


Stichting Wijkcentrum Hart voor Carnisse

Mirjam: “Ik kwam al veel in het wijkcentrum omdat mijn kinderen hier kwamen voor buitenschoolse activiteiten. Ik vond dat het wijkcentrum open moest blijven als een plek waar mensen kunnen binnenlopen en waar de deur altijd open staat. Daarom zet ik mijn vrije uren in als vrijwilliger.”

’Iedereen warm ontvangen’

Waarom is het leuk om dit te doen? Mirjam: “Het is echt onze passie. Het wijkcentrum is het kloppend hart van de wijk. In de herfstvakantie lopen hier bijvoorbeeld 140 kinderen rond. Dat is mooi.”

Vlakbij House of Hope, aan de andere kant van de Pleinweg, ligt Stichting Wijkcentrum Hart voor Carnisse aan de Texelsestraat. Vroeger bekend als de Arend en Zeemeeuw. Het buurthuis dreigde te verdwijnen, maar een groep vrijwilligers zette de schouders eronder. Ze houden de ontmoetingsplek voor de buurt nu samen open én zorgen ervoor dat het een plek is waar de buurt graag komt. We interviewen Mirjam Murre en Marlies Gerritsma.

Wat voor activiteiten worden er gedaan in het wijkcentrum? Mirjam: “We hebben zumba-lessen, kickboksen en naailes. We werken samen met TOS (Thuis op straat) voor kinderactiviteiten zoals de meidenclub en met Dock voor jongeren. Op vrijdag is er bingo. We hebben taallessen, computerlessen en een koffieochtend voor vrouwen op woensdagochtend. Thema’s die we bespreken zijn financiële problemen, opvoeden of we gaan aan de slag met brei- en handwerk.”

Wat is jullie functie in het wijkcentrum? Mirjam: “Ik ben voorzitter. Marlies is onze penningmeester. Samen met Heleen Oorschot, onze secretaris, vormen we het bestuur van het wijkcentrum.” Hoe lang doen jullie dit al? Marlies: “Ik ben nu 6 jaar aan het wijkcentrum verbonden. Ik ben coördinator brede school op een school in de buurt. Onze naschoolse activiteiten waren altijd al in het wijkcentrum. Toen ik hoorde dat het wijkcentrum dreigde te verdwijnen door bezuinigingen, kon ik dat niet accepteren. Daarom besteed ik nu mijn vrije tijd aan het wijkcentrum zodat we het samen open kunnen houden.”

8

Komen mensen hier graag? Mirjam: “Ja, mensen lopen hier regelmatig binnen. De deur staat ook altijd open en er is koffie. Het wijkcentrum is al 40 jaar het hart van Carnisse. We proberen iedereen warm te ontvangen en open te staan voor mensen.” Tegen welke problemen loop je aan? Mirjam: “Het kost veel tijd en we doen dit naast ons reguliere werk. Maar het geeft wel voldoening. Wat we vooral nodig hebben is tijd en vrijwilligers. Extra vrijwilligers kunnen we altijd gebruiken. Nu het wijkcentrum niet meer van een welzijnsorganisatie is, doen we alles


samen. Het runnen van het wijkcentrum, maar we knappen het bijvoorbeeld ook op. We werken samen met vrijwilligers van de GGZ (Geestelijke Gezondheidszorg) om mensen met bijvoorbeeld psychische problemen of een verslaving te helpen. We worden geholpen door mensen die een maatschappelijke stage lopen. En we zijn pas geholpen door NL Doet (www.nldoet.nl) met het opknappen van het pand. Meestal vragen we ook in onze eigen families en vriendenkring om extra hulp of via onze facebookpagina. Nog een goede tip: Stichting Present. Zij koppelen mensen die iets kunnen aan mensen die hulp nodig hebben.”

Geef eens een compliment Iedereen is wel ergens goed in. Als we samen doen waar we goed in zijn, komen we verder. Zo ontstond ook dit magazine: iedereen droeg haar steentje bij op basis van haar kwaliteiten. Hoe weet je waar je goed in bent? Vraag het eens aan een ander of organiseer met een groep een complimentenrondje.

Hoe komen jullie aan inkomsten voor het wijkcentrum? “We krijgen voor een deel subsidie. We hebben bijvoorbeeld een activiteitensubsidie, maar daarnaast verdienen we geld aan het verhuren van zalen. Onder andere aan de peuterspeelzaal, maar ook voor vergaderingen. Dat geld besteden we weer aan het wijkcentrum. Daarnaast worden we gesteund door fondsen en donateurs.” Hoe komen mensen hier naartoe? “Veel mensen komen hier op af als we een oproep in de Havenloods (huis-aan-huis krant) zetten. En veel ouders kennen het wijkcentrum omdat hun kinderen hier komen.”

Stap 1

Maak van tevoren briefjes met complimenten. Bijvoorbeeld: ‘Kan goed luisteren’, ‘Staat altijd voor mensen klaar’, ‘Slim’, ‘Altijd lachen’, ‘Kan heel netjes werken’, ‘Kan goed fotograferen’, ‘Houdt van aanpakken’, ‘Is goed met de computer’. Voeg ook blanco kaartjes toe waar je zelf een compliment op kunt schrijven.

Stap 2

Iedereen krijgt een envelop en schrijft daarop haar naam. Pak een complimentenkaartje en stop dat in de envelop van de persoon bij wie jij dit compliment vindt passen. Ga door tot je iedereen minstens 1 compliment hebt gegeven.

Stap 3

Klaar? Open allemaal tegelijk je envelop en bekijk de complimenten. Bepaal op welk compliment je het meest trots bent.

Stap 4

Geef jezelf een compliment. Waar ben jij goed in en wat vind jij een goede eigenschap van jezelf? Schrijf alles op in een complimentenrapport en bewaar dit goed. Of nog beter: hang het op naast de spiegel in je badkamer, zodat je elke ochtend wakker wordt met een compliment!

9


Samen zijn en samen komen. Hoe doe je dat? Terwijl de ene straat alles samen doet, zeggen mensen in een andere straat elkaar bijna geen gedag. We gingen op onderzoek uit en bezochten plekken waar mensen graag samen komen. Hoe doen ze dat en wat is hun geheim?

Interview met Mies Maasbach van House of Hope

‘Echt aandacht hebben voor mensen’ Hoe heet u? “Mies Maasbach” Wat doet u bij House of Hope? Ik doe hier vrijwilligerswerk. Dat houdt in dat ik intakegesprekken doe. Ik help mensen met het invullen van papieren of met telefoneren. Ik help mensen met het regelen van papieren of het maken van afspraken bij instanties. Ik help mensen bij inburgering, begeleid hen en ga regelmatig op huisbezoek.” Hoe vaak doet u dat? “Ik ben hier vier dagen per week van 9 tot 5.” Is het leuk werk? “Ja, ik vind het vooral fijn als ik iemand kan helpen, als je mensen ziet opvrolijken.” Wat is er minder leuk aan het werk? “Je moet soms snel overschakelen van het ene gesprek naar het andere. Het is dus belangrijk om alles goed bij te houden, anders kun je makkelijk iets vergeten.” Hoe beïnvloedt het werk uw dagelijks leven? “Ik doe er best veel voor. Ik kan bijvoorbeeld ook op een avond op huisbezoek gaan of op een vrije dag. Maar ik weet wel de balans te vinden tussen werk en vrije tijd.” Mensen komen graag bij House of Hope. Wat is het geheim van dit succes? “Het geheim van het succes is de persoonlijke aandacht die we aan de mensen geven. En dat doen we niet omdat het ons werk is, maar omdat we echt aandacht hebben voor mensen.”

6


Interview met Annemarie Saat van House of Hope

‘Je bent waardevol’ House of Hope wil meer leven in de wijk. Daarom kun je op hun locatie aan de Bas Jungeriusstraat terecht voor praktische hulp, een luisterend oor of gewoon gezelligheid met mensen uit te buurt. Wat is uw naam? “Mijn naam is Annemarie Saat.” Wat is belangrijk voor u in de vrouwengroep van House of Hope? “Ik ben in 2007 begonnen. Ik vind het leuk en gezellig om een luisterend oor te zijn en vrouwen bij elkaar te brengen.” Hoe ervaart u de groep? ”Heel gezellig. Het is een knuffelgroep. Bij ziekte of problemen wordt ook veel belangstelling voor elkaar getoond.” Wat vindt u leuk aan dit werk? “Het is leuk om met vrouwen met verschillende achtergronden te werken. En uiteindelijk zie je dat vrouwen in wezen allemaal gelijk zijn.” Hoe bent u bij House of Hope terecht gekomen? “Ik kwam hier als student. Ik liep stage. Daarna heb ik hier een half jaar als vrijwilliger gewerkt en nu werk ik hier vast.” Is het een betaalde baan of vrijwilligerswerk? “Ik heb hier een betaalde baan voor 4 dagen, maar daarbij doe ik ook wat uurtjes vrijwillig.” Wat is het geheim van het succes van House of Hope? “Daar moet ik eigenlijk best even over nadenken. Volgens mij is het de aandacht die we mensen geven. Persoonlijke aandacht. En de energie die we er met z’n allen in steken om er iets moois van te maken.” Wat wil je mensen meegeven? “Je mag zijn wie je bent. Je mag groeien en leren. Je bent waardevol.”

7


Stel je eens voor dat je heel even in de ideale wereld kunt zijn. Een wereld waarin we samen zijn zoals wij dat graag zouden willen. Hoe zou deze wereld eruit zien?

Will vindt het heerlijk om met haar buren koffie te drinken.

Hurija: “Ik zou graag een schone buurt willen met meer contact. Waar mensen elkaar groeten en vrolijk zijn. Ik zou graag meer vertrouwen hebben in mensen en met hen praten.” Problemen en oplossingen Ik wil meer contact met de buren, maar ik spreek nog niet goed Nederlands.

Oefen zo veel mogelijk bij mensen die je vertrouwt. Ga bijvoorbeeld koffie drinken bij de vrouwengroep van House of Hope op donderdag van 10.00-12.00 uur. Zo ontmoet je ook weer nieuwe mensen.

Mensen zijn argwanend. Ze vinden het raar als ik met ze wil praten.

Houd vol. Mensen moeten vaak wennen en vertrouwen krijgen. Dat kost tijd. Als je begint met iedere keer vriendelijk groeten en daarna een praatje maken, win je vertrouwen.

Het kost veel tijd en energie om mensen bij elkaar te brengen.

Zoek mensen die je kunnen helpen. Bijvoorbeeld bij bestaande groepen (House of Hope, wijkcentrum). Doe waar je goed in bent en wat je leuk vindt. Dan houd je het makkelijker vol. Zoek daarbij mensen die iets kunnen wat jij niet kunt, zodat je elkaar versterkt.

4

Jacqueline en Esselien komen uit Suriname. Luisa

komt uit de Dominicaanse Republiek: “Zuid-Amerikanen staan bekend om hun warmte. Iedereen kan wel wat warmte gebruiken.”

Puri: “Toen mijn kinderen jong waren, organiseerden we altijd knutselactiviteiten in de straat. Samen met mijn buurvrouw. Alle kinderen kwamen bij ons langs. Ik was tante Puri voor ze.”


Meisoon en Ghizlane ontmoetten elkaar bij House of Hope. Meisoon komt oorspronkelijk uit Irak, Ghizlaine uit Marokko. Wat doen zij samen? “Koken, winkelen, schoonmaken en we helpen elkaar met de Nederlandse taal. In het buitenland leef je meer buiten. Daardoor leg je makkelijker contact met elkaar.”

Tips om meer samen te doen Jacqueline: “We deden vroeger met de straat altijd

mee met Opzoomeren. Iedereen kwam naar buiten en werkte samen om de straat op te knappen. Alle culturen deden mee. Er was wat te snoepen voor de kinderen. Iedereen kende me als tante Jacqueline. Dat kost wel veel tijd, maar uiteindelijk vindt iedereen het leuk. En met Opzoomeren word je ondersteund door de gemeente. Iedereen kan het doen.”

Meer weten over Opzoomeren? Kijk op www.opzoomermee.nl

Plekken om samen te komen in en rond Tarwewijk House of Hope

Bas Jungeriusstraat 254b Koffieochtend vrouwengroep, op donderdag van 10.00 uur tot 12.00 uur.

Wijkcentrum Hart voor Carnisse

Texelsestraat 18 Verschillende activiteiten. Onder andere Nederlandse taalles en zumba-lessen.

Nancy Zeelenbergflat

Bevelandstraat 30 Enkele openbare activiteiten, zoals de bingo.

Extra •

Esmee en Ghenet wonen allebei al zo’n twintig jaar in Tarwewijk. Als het aan hen ligt, hebben ze meer contact met hun buren. Esmee: “Dat lukt nu niet altijd, omdat er veel verloop is. Mensen blijven niet lang op een plek wonen.”

• •

Ontmoet elkaar op één van de vele pleinen in de wijk. Laat eens een hond uit. Een goede reden om naar buiten te gaan en je ontmoet weer nieuwe mensen. Ga sporten. In wijkcentrum Hart voor Carnisse zijn sportlessen met een leuke groep mensen.

5


Één hand kan niet klappen, zo luidt het Arabische gezegde hierboven. Ofwel: door samen te werken bereik je meer dan in je eentje. Daarom is het thema van dit tweede magazine van de vrouwengroep van House of Hope Tarwewijk: Samen. De redactie van dit magazine bestaat uit vrouwen van over de hele wereld, zoals je aan de vlaggen en de talen op de cover kunt zien. Samen brengen zij de kennis van alle uithoeken van de wereld bij elkaar. Kennis, kwaliteiten en talenten, iedereen heeft ze en wanneer we ze samenvoegen, bereiken we iets moois. En als we het over ‘samen’ hebben, voegen we meteen de daad bij het woord. Want niet alleen de vrouwengroep maakte een magazine. De mannengroep ging ook met journalistiek aan de slag, waardoor beide groepen samen tot dit dubbeldikke magazine kwamen. Laat je inspireren en ontdek de kracht van ‘samen’. Namens de redactie, Ellen Mannens

Sterk worden Altijd Meedoen Elkaar Nodig hebben

Colofon Redactie: Ali, Esmee Esselien, Fatima, Ghenet, Ghizlane, Hanane, Hurija, Jacqueline, Luisa, Meisoon, Olivia, Puri, Saijai, Tina, Will Eindredactie: ellen Ondersteuning House of Hope: Annemarie en Alie Ondersteuning Hoedje van Papier: Amy en Hanneke

2


samen eten

Samenkomen gaat vaak gepaard met samen eten. En lekker eten hoeft niet moeilijk te zijn. Zie hier: een aantal lekkere recepten in een handomdraai.

500 gr bloem half zakje gist zakje bakpoeder zakje vanillesuiker snufje zout 1 ei 8 stevige bananen Meng de ingrediĂŤnten (behalve de bananen) tot een glad beslag. Haal de plakken banaan door het beslag en bak ze lichtbruin in een pan met hete olie.

4 aardappelen 500 gr kikkererwtenbloem 1 grote ui 2 theelepels tsjaad masala 1 theelepel zout Een paar takjes koriander Olie om in te bakken Snijd de aardappel in heel kleine stukjes. Meng alle ingrediĂŤnten (behalve de olie) door elkaar met een beetje water. Het resultaat moet lijken op oliebollenbeslag. Bak de koekjes in olie zoals je oliebollen bakt.

Geen tijd om uitgebreid te bakken?

Koop een standaard cake in de supermarkt. Maak glazuur door poedersuiker te mengen met een beetje water. Giet dit over de cake heen en bestooi dit met kleurrijke cakeversiering (verkrijgbaar in de supermarkt bij de bakspullen).

3


Vrouwengroep House of Hope Tarwewijk


2013 House of Hope Tarwewijk Samen