Issuu on Google+

bulletin

n u m m e r

3 + 4

2 0 1 0

dordrechts museum

n o g

n o o i t

z 贸

v e e l ,

z 贸

m o o i

e n

z 贸

s p a n n e n d


E e n b ij z o n d e r m o m e n t . . .

colofon

T ij d e n s d e o f f i c i ë l e

reda c tie: Sander Paarlberg

opening van het

fotogra fie: Marco de Nood, Richard Boonstra, Huib Kooyker, Rob van der Pas e.a. v ormgev ing: Jantijn van den Heuvel, Made

Dordrechts Museum 4 w e z ij n o p e n !

10 welkome aanwinsten

verschenen boek over het nieuwe museum aan speciale gast Halbe Zijlstra, staatssecretaris van Onderwijs, Cultuur

de collectie het gebouw

en Wetenschap. Zijlstra neemt even de tijd om het boek in

druk : Drukkerij Romein Etten-Leur

te kijken. Burgemeester Arno Brok kijkt belangstellend met hem mee. Het boek bevat prachtige foto’s van de

opla ge: 1500

collectie van het museum en geeft ook een impressie van het verbouwde pand aan de Museumstraat in Dordrecht.

uitga v e: Dordrechts Museum © 2010 is s n: 1384-332x

Directeur Peter Schoon overhandigt het zojuist

Dordrechts museum

13 in de cuypzaal

18 culinair genieten

Dordrechts Museum Postbus 1170, 3300 bd  Dordrecht

Dordrechts Museum – de collectie, het gebouw – is te koop voor € 29,50 in de museumwinkel. Het boek is ook verkrijgbaar in het Engels.

bezoek a dres : Museumstraat 40 internet: www.dordrechtsmuseum.nl Telefoon (078) 7708 708 Fax (078) 6141 766

20 verzamelaars

2 4 DE m u s e u m w i n k e l

2 6 n i e u w e t a p ij t e n

28 agenda

oms la g [deta il]: jan hendrik weissenbruch Te Noorden bij Nieuwkoop, 1901 doek, 33 x 41 cm bruikleen rc e 1951 (ver­ zameling Van Bilderbeek)

Deze uitgave wordt mogelijk gemaakt door een substantiële bijdrage van de Vereniging Dordrechts Museum.

Al meer dan 1000 leden! Vereniging & Dordrechts Museum: historisch verbonden  Lid worden of meer informatie: www.verenigingdordrechtsmuseum.nl

m u s e u m s t r a at 4 0 , d o r d r e c h t ( 0 78 ) 7 7 0 8 7 0 8

dordrechts museum

o p e n D i t / m v r v a n 1 1 . 0 0 t o t 1 7. 0 0 u u r | z a & z o v a n 1 3 . 0 0 t o t 1 8 . 0 0 u u r

dordrechts museum | bulletin 3-4 2010

3


S o m m i g e n h e b b e n e e n p r a c h t i g pa n d , a n d e r e n e e n b e fa a m d e c o l l e ct i e W ij h e b b e n h e t a l l e b e i ! Er waren veel mooie woorden in de Augustijnenkerk in Dordrecht op 27 november jl. Maar het waren vooral de woorden van Arno Brok, burgemeester van Dordrecht, die een daverend applaus opleverden. De burgemeester was vol lof over het nieuwe Dordrechts Museum en maakte alle aanwezigen onmiskenbaar duidelijk dat hij enorm trots is op ‘ons’ museum. “Wij hebben in Dordrecht niet alleen een geweldig nieuw pand, maar kunnen er ook een rijke collectie tonen.”

wakker gekust Halbe Zijlstra, staatssecretaris van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap, sprak vooral zijn waardering uit voor de vernieuwende aanpak van het museum. Met de verrassende manier van presenteren, de campagne ‘Wie kust mij wakker?’ en de multimediale tour ‘Mijn Dordrechts Museum’ spreekt het museum op een onorthodoxe manier een breed publiek aan, stelde de staatssecretaris. “Daarom is er geen sprake van een traditioneel museum maar van een museumbeleving,” aldus Zijlstra. Na de felicitaties van de staatssecretaris werd de aandacht van de aanwezigen getrokken door een bijzondere verschijning. Een vrouw die zo uit een schilderij leek te zijn weggelopen. “Wie kust mij wakker?” vroeg zij de verbaasde aanwezigen. Haar monoloog hield iedereen geboeid, tot er een glimlach op haar gezicht verscheen en zij de staatssecretaris voorzichtig vroeg of hij haar wakker wilde kussen. Dit tot grote hilariteit van de aanwezigen. Met de kus was het museum officieel geopend en dat werd door een aantal dansers in de zaal uitbundig gevierd. V e r b o n d e n h e i d m e t d e s t a d Peter Schoon nodigde de gasten uit om via een rode loper van de Augustijnenkerk naar het Dordrechts Museum te lopen. Langs de feestelijk versierde route stonden ‘levende beelden’ en in het museum werd iedereen ontvangen met hapjes, drankjes en muziek uit de Gouden Eeuw. De gasten genoten zichtbaar van het nieuwe museum, waar architectonisch een mooie balans is gevonden tussen oud en nieuw. Architect Dirk Jan Postel heeft in zijn ontwerp

m a r ij e neggers

4

Zo’n 700 genodigden waren in de ochtend naar het centrum van Dordrecht gekomen voor de officiële opening van het Dordrechts Museum. Na een welkomstwoord door wethouder Ferdinand van den Oever keek Peter Schoon, directeur van het Dordrechts Museum, terug op de afgelopen jaren. Het was een bijzondere periode voor het museum, maar vooral ook voor de stad. “Dordrecht heeft zijn museum lang moeten missen. Hopelijk is iedereen het er straks over eens dat dit het waard was. Het nieuwe museum is mooier dan ooit. Ik ben blij dat we de stad vandaag zijn museum kunnen teruggeven.” dordrechts museum | bulletin 3-4 2010

dordrechts museum | bulletin 3-4 2010

5


doorzichten gecreëerd over de volle lengte en breedte van het gebouw. Dit geeft de bezoeker oriëntatie, maar maakt het op enkele punten ook mogelijk om naar buiten te kijken; het benadrukt de verbondenheid met de stad. In de nieuwbouw is het volume met de zalen los gehouden en opgetild: het gebouw lijkt te zweven op een sokkel, waarin het auditorium is ondergebracht. Onder deze zwevende doos loopt een nieuwe voetgangersroute die de Vest verbindt met de Museumstraat en het gebied daarachter. Door het loshouden van de nieuwbouw en het bestaande deel blijven de gevels aan de voormalige binnenplaats zichtbaar. E e n e i g e n g e z i c h t Interieurarchitecten Merkx+Girod hebben binnen veel aandacht besteed aan een duide­ lijke routing door het gebouw. Doorgangen werden verplaatst en in de zalen aan de tuin­ zijde is een enfilade gemaakt, waardoor een prachtige doorkijk is ontstaan. Daarnaast is advies gegeven voor plafonds, lichtgebruik en vloeren. Interieur-architect Evelyne Merkx

6

dordrechts museum | bulletin 3-4 2010

dordrechts museum | bulletin 3-4 2010

7


onderdeel, een duidelijk handschrift in de vormgeving en hoogwaardige publieks­voor­z ieningen. Dit resulteerde onder andere in het aanbrengen van verschillende wand­ afwerkingen in de museumzalen. Daarbij is heel bewust gebruik gemaakt van kleur, geïnspireerd op ouderwetse wittinten (loodwit, zinkwit, krijtwit), textuur en mate­r iaal (wandbespanning, champagne­f olie, glacis, sjabloneerwerk). Ook zijn er speciale meubels ontworpen waarin de prenten zijn onder­ gebracht. Deze ‘juwelendoosjes’ hebben een eigen identiteit gekregen die gerelateerd is aan de ruimte waarin ze zijn opgesteld en de voorwerpen die zij herbergen. Bezoekers aarzelen soms even voordat zij een lade opentrekken, maar zijn vervolgens allemaal zeer verrast over de inhoud van de laden. heeft met oog voor detail iedere zaal een eigen gezicht gegeven. Uitgangspunten bij het ontwerp waren respect voor het monument, alle aandacht voor de kunst, duidelijk herkenbare positionering van ondersteunende multimediatechnieken, verschillende sferen per zaal en per collectie-

8

De bedrijfs vrienden van het Dordrechts Museum hadden voorafgaand aan de openingsdag een sfeervol feest in het museum. Inwoners van de Drechtsteden gingen in de openingsweek dagelijks op zoek naar de ‘Wie kust mij wakker-kussentjes’ die op verschillende plaatsen werden neergelegd en waren te vinden met een dagelijkse tip op de voorpagina van het regionale dagblad. Overal hingen affiches waarop portretten uit de collectie van het Dordrechts Museum met gesloten ogen en getuite lippen voorbijgangers uitnodigden om hen wakker te kussen. Een campagne met een knipoog, die nog eens accentueerde dat het Dordrechts Museum geen traditioneel museum meer is. Het is daadwerkelijk de ontmoetingsplek geworden die het museum tijdens de sluiting steeds voor ogen stond. Wie al de kans heeft gekregen om het Dordrechts Museum te bezoeken zal dat alleen maar kunnen beamen.

Ontmoetingsplek Met de opening werd een week vol festivi­ teiten afgesloten. Medewerkers, vrijwilligers, omwonenden, raadsleden en leden van de Vereniging Dordrechts Museum werden allen in staat gesteld om het museum te bezoeken.

dordrechts museum | bulletin 3-4 2010

dordrechts museum | bulletin 3-4 2010

9


Welkome a anwinsten

in het nieuwe Dordrechts Museum Naast vertrouwde schilderijen zijn in het vernieuwde Dordrechts Museum heel wat recente aanwinsten te bewonderen. Werken uit verschillende perioden, die de collectie perfect aanvullen en voor bijzondere accenten in de opstelling zorgen.

Liesbeth van N o o r t w ij k

1. Eugène Boudin Gezicht op de Voorstraatshaven te Dordrecht, 1884 paneel, 36 x 25,5 cm aankoop 2008 2. Pieter Oyens De schilderijen­ liefhebber, 1878 paneel, 40,5 x 30,5 cm aankoop 2010 3. Willem Bastiaan Tholen Zomers boeren­ landschap doek, 75 x 99,5 cm aankoop 2010

Het afgelopen jaar passeerden in dit bulletin al diverse aanwinsten de revue. Het zeld­zame trompe-l’oeil Stilleven met boeken van Hendrick van Heemskerck bijvoorbeeld. Belangrijke 17de-eeuwse aanwinsten zijn ook de schilderijen van Aelbert, Jacob en Benjamin Cuyp die elders in dit nummer aan bod komen (pag. 12-15). Maar er werden ook werken uit de 19de, 20ste en 21ste eeuw toegevoegd. Oyens De eerste zaal in de nieuwe vaste opstelling heeft de titel ‘Vanaf de straat gezien. De stad als inspiratiebron’. Hier wordt werk getoond van 19de-eeuwse kunstenaars die het straatbeeld – dynamisch of juist verstild – en het moderne stadsleven weergaven. Naast het nieuwe Gezicht op de Voorstraatshaven (afb. 1) van Eugène Boudin (aangekocht in 2008) is hier een aanwinst te zien van de schilder Pieter Oyens, De schilderijenliefhebber (afb. 2). Een schilderij dat een typisch aspect van het 19deeeuwse leven op stand – tentoonstellingsbezoek – mooi in beeld brengt. En dat natuurlijk

heel goed op zijn plaats is in een schilderijenmuseum, dat bezoekers vooral wil uitnodigen tot kijken. Niet voor niets stond dit schilderij afgebeeld op de kaart die alle Dordtenaren in november in de brievenbus kregen als uit­ nodiging om het nieuwe museum gratis te komen bezoeken. De schilderijen­l iefhebber is een aanvulling op de werken die het museum al in bezit had van David Oyens, Pieters tweelingbroer. Ze hadden in Brussel samen een atelier. tholen Een zaal verder, waar het landschap centraal staat, hangt het recent aangekochte Zomers boerenlandschap van Willem Bastiaan Tholen (afb. 3). Een schilderij met de frisheid van een olieverfschets, alsof het niet in het atelier maar buiten werd geschilderd. Tholen zocht in de jaren 1880-1885 zijn inspiratie in het veen-

10

dordrechts museum | bulletin 3-4 2010

dordrechts museum | bulletin 3-4 2010

11


N i e u w e e n o u d e p r o n ks t u k k e n in de Cuypzaal

Aelbert Cuyp heeft een prominente plek in het nieuwe Dordrechts Museum gekregen. Hij is immers de beroemdste schilder van de stad. Een van de grote bovenzalen vertelt het bijzondere verhaal van de 17de-eeuwse kunstenaarsfamilie Cuyp in Dordrecht. Van Aelberts opleiding bij zijn vader Jacob Cuyp. En van Benjamin Cuyp, de halfbroer van Jacob. Niet eerder kon hun werk zo mooi samen getoond worden. In bruikleen verkregen schilderijen en tekeningen versterken het verhaal en recente aankopen van zowel Aelbert, Jacob als Benjamin Cuyp vormen prachtige aanvullingen.

5. Robert Zandvliet Te Noorden bij Nieuwkoop, 2010 tempera op doek, 270 x 333 cm aankoop 2010 4. Jan Hendrik Weissenbruch Te Noorden bij Nieuwkoop, 1901 doek 33 x 41 cm bruikleen rce 1951 (verzameling Van Bilderbeek) 6. Jan Andriesse Caryatide, 1994/1999 acryl op doek, 150 x 190,5 cm schenking 2010

12

gebied tussen Kampen en Giethoorn. Geregeld ging hij met zijn bootje het water op, op zoek naar mooie plekjes. Zijn monumentale Gezicht in Giethoorn was jarenlang een van de top­s tukken in de collectie van het Dordrechts Museum, maar tijdens een tentoonstelling in het Armando Museum, enkele jaren geleden, ging het bij een fatale brand verloren. Een groot verlies, dat de nieuwe Tholen in de collectie een extra bijzondere betekenis geeft. zandvliet Een ander 19de-eeuws landschap, Te Noorden bij Nieuwkoop van Jan Hendrik Weissenbruch (afb. 4), is niet nieuw in de collectie maar wel

de aanleiding voor een nieuwe aanwinst. Robert Zandvliet koos dit werk uit de museumcollectie als uitgangspunt voor een eigen schilderij (afb. 5). Hij maakt vaker vertalingen van bestaande werken. Te Noorden bij Nieuwkoop, een schilderij dat hem al jaren fascineert, paste in dit schilderkunstige onderzoek. Al kijkend, voortdurend ‘in gesprek’ met het 19de-eeuwse schilderij, ontstond zijn versie van Te Noorden bij Nieuwkoop. Een vrije vertaling, waarin Zandvliet een eigen ordening vond voor Weissenbruchs ‘strenge’ vorm en zinderende zomerse zonlicht. De twee schilderijen worden samen in één zaal getoond. Misschien een wat ontregelende ervaring voor de bezoeker, die plotseling wordt uitgedaagd op een andere manier naar kunstwerken te kijken, los van de vertrouwde historische context. Maar dat is ook precies de bedoeling. andriesse De meest recente aanwinst – verworven vlak voor de heropening – is Jan Andriesses Caryatide (afb. 5). Het abstracte spel van licht en water is het centrale thema van Andriesse. Vanaf zijn woonboot op de Amstel observeert hij het telkens veranderende licht en de reflecties daarvan op het golvende water. Zijn waarnemingen plaatst hij in een wiskundig raamwerk. In de collectie van het museum waren al werken van Andriesse, maar geen schilderij als Caryatide. Dat een particuliere verzamelaar juist dit werk wilde schenken ter gelegenheid van de her­ opening, was voor het museum dan ook een bijzonder en buitengewoon welkom geschenk. Een geschenk dat laat zien hoe belangrijk verzamelaars voor het museum zijn, ook nu nog. dordrechts museum | bulletin 3-4 2010

Sander Paarlberg

S a m e n w e r k i n g Met steun van de Vereniging Rembrandt en de Stichting Vrienden van de Dordtse Musea kon een groot portret van een 9-jarige jongen en zijn 7-jarige zusje worden aan­g ekocht (afb. 1). De onbekende kinderen zijn als herder en herderin in een landschap weergegeven. Bijzonder is dat Jacob en Aelbert Cuyp het schilderij in samenwerking hebben gemaakt, vermoedelijk na 1650. De oude Cuyp schilderde waarschijnlijk de dieren en kinderen, terwijl Aelbert de voor- en achter­g rond van het landschap verbeeldde. Kinderportretten waarin het buitenleven verheerlijkt werd, waren een specialiteit van

Jacob Cuyp. Het levendige portret van Michiel Pompe van Slingelandt is een van de mooiste voorbeelden (afb. 2). Jacob was bovendien vaak vindingrijk op het gebied van het bijwerk. Op de nieuwe aanwinst houdt het jongetje bijvoorbeeld de bok bij een hoorn vast. Dat verwijst mogelijk naar opvoeding, want het symboliseert het beteugelen van ondeugd of zelfs wellust, iets wat voor jonge kinderen al van belang werd geacht. Al vroeg in zijn carrière had Jacob het uit Utrecht afkomstige pastorale genre, de herders­i dylle, in Dordrecht geïntroduceerd. Jacobs portretten van kinderen met schapen werden

1. Jacob Gerritsz. & Aelbert Cuyp Twee kinderen met vee in een landschap met een herder bij een ruïne doek, 121,7 x 192,5 cm aankoop met steun van Vereniging Rembrandt en Stichting Vrienden van de Dordtse Musea 2009

dordrechts museum | bulletin 3-4 2010

13


2. Jacob Gerritsz. Cuyp Portret van Michiel Pompe van Slingelandt, 1649 paneel, 106,2 x 77,2 cm bruikleen rce 1954 3. Jacob Gerritsz. Cuyp Portret van een echtpaar met kind in een landschap bij Rhenen, 1641 doek, 108 x 148 cm Buenos Aires, Museo Nacional de Arte Decorativo

steeds populairder. Toch is de idyllische sfeer hier vooral de verdienste van Aelbert. Zijn late heldere landschapstijl sluit mooi aan bij het pastorale thema. De kinderen lijken te genieten van een ideaal, zonnig ArcadiĂŤ. Verschillende pentimenti, ofwel zichtbaar geworden veranderingen, tonen aan dat het schilderij tijdens het voltooien deels overschil-

derd is. De compositie van Jacob werd gewijzigd. Een grote koe achter het meisje werd weggehaald en vervangen door bomen en lucht, zodat het landschap meer nadruk kreeg. Dat lijkt toch vooral de inbreng van Aelbert te zijn geweest. Ongetwijfeld kreeg Jacob Cuyp de opdracht voor het vervaardigen van het grote stuk. Hij riep de hulp van zijn zoon in, maar signeerde het schilderij alleen. Al eerder, in 1641, werkten vader en zoon op vergelijkbare wijze samen aan portretten van 17de-eeuwse Dordtenaren in een landschap. Die schilderijen bevinden zich nu in Jeruzalem en Buenos Aires (afb. 3). T e g e n h a n g e r s Nieuw in de collectie zijn ook twee pendanten van Aelbert Cuyp met een visverkoper en een meid (afb. 4 en 5). De Vereniging Dordrechts Museum schonk de tegenhangers eerder dit

4-5. Aelbert Cuyp Vrouw met schaal oliebollen Man met een bak vis paneel 40 x 34 cm (elk) schenking Vereniging Dordrechts Museum 2010

14

dordrechts museum | bulletin 3-4 2010


bieden. Vis werd met de Vasten geassocieerd, maar oliebollen waarschijnlijk juist met overdaad en veel eten. Mogelijk gaat het om een impotente visser (zoals in veel prenten werd uitgebeeld) die met geld aandacht van de vruchtbare jonge vrouw probeert te krijgen, maar dat gaat wellicht wat ver. In ieder geval tonen de schilderijen mooi aan hoezeer Aelbert naar het werk van zijn vader keek. Ze vormen een mooi bewijs van de veelzijdigheid van de schilder. En dat is precies wat zo uniek is aan de Cuypcollectie in het Dordrechts Museum: naast de landschappen van Aelbert zijn er ook onverwachte schilderijen van zijn hand, zoals het portret van de eend Sijctghen en nu deze fraaie pendanten. En waar anders wordt het werk van Aelbert zo mooi gecombineerd met dat van Jacob en Benjamin Cuyp?

6. Jacob Gerritsz. Cuyp De vismarkt, 1627 doek, 110,4 x 122,2 cm aankoop 1937

16

jaar ter gelegenheid van de naderende opening. Ook deze aanwinsten tonen aan hoe verwant het werk van vader en zoon Cuyp is. Voor Aelbert Cuyp zijn de genrestukken niet karakteristiek. De eenvoudige alledaagse figuren lijken ver af te staan van zijn geïdealiseerde landschappen waarin de Dordtse elite zichzelf kon herkennen in ruiters te paard die in een warm avondlicht even uitrusten na de jacht. Eerder doen de panelen denken aan Jacobs pendant­p aren met volkse types. De nieuwe pendanten lijken ook alles te maken te hebben met de bekende Vismarkt van Jacob Cuyp, die veel eerder tot stand kwam (afb. 6). Ook daar zien we een visverkoper die geld in zijn hand heeft en een veel jongere dienstmeid die ons aankijkt. Bij Aelbert heeft de dienstmeid een kom met een soort oliebollen voor zich. Haar rechterhand houdt zij open – net zoals de welgestelde dame met de huik bij Jacob Cuyp – alsof ze het geld in ontvangst wil nemen. Naar de betekenis van de pendanten blijft het gissen. Zouden het toonbeelden zijn van noeste arbeid? Dergelijke stukken hadden niet zelden een erotische ondertoon. Vaak ging het om ongelijke liefde: een oude rijke man die het hart van een jonge vrouw weet te winnen niet omdat hij aantrekkelijk is, maar vanwege zijn geld. Wellicht dat de betekenis te vinden is in de specifieke waar die beide figuren aan-

T o n d o Dit jaar kon ook van Benjamin Cuyp een schilderij aangekocht worden (afb. 7). Een tondo, een rond schilderij, waarop een gevecht tussen soldaten en boeren in alle hevigheid is los­ gebarsten. Batailles of ruitergevechten waren populair in de Gouden Eeuw. Benjamin Cuyp schilderde naast Bijbelse scènes en genre­ stukken ook veel van dergelijke gewelddadige voorstellingen. Het gaat daarbij nooit om bekende veldslagen, maar steeds om levendige taferelen vol afwisseling en spanning. Vooral opvallend is hier het schot dat links op de voorgrond gelost wordt. De zogenaamde ‘Bute Cuyp’, een van de beroemdste schilderijen van Aelbert Cuyp, nu in de National Gallery in Londen, kreeg grote bekendheid door de subtiele suggestie dat een eendenjager op de voorgrond ieder moment de rust in het vredige landschap met zijn schot zou verstoren. Bij Benjamin Cuyp is het al een en al commotie en lijkt de knal bijna weg te vallen tegen het geschreeuw en wapengekletter op de achtergrond. Door de grote boom is het schilderij ongetwijfeld ook een van de meest landschappelijke schilderijen van Benjamin Cuyp. Het sluit daarmee mooi aan bij het oeuvre van Aelbert Cuyp die waarschijnlijk samen met zijn oom Benjamin in de leer was bij Jacob Cuyp. Daarnaast past de tondo bij de in Dordrecht vervaardigde landschappen van Jacob van Geel, die Benjamin Cuyp zeker gezien zal hebben. Van Geel dordrechts museum | bulletin 3-4 2010

7. Benjamin Gerritsz. Cuyp Tondo met vechtende figuren onder een boom paneel, diameter 73,6 cm aankoop 2010

8-9. Jacob van Geel Boslandschap Aan de woudzoom paneel, diameter 15,8 cm (elk)

maakte vaker landschappen op ronde of ovale paneeltjes. Enkele van de mooiste voorbeelden bevinden zich in het Dordrechts Museum (afb. 8 en 9). Deze kleine pendanten waren aanvankelijk niet opgenomen in het inrichtingsplan van het nieuwe museum. Met de aankoop van de tondo van Benjamin Cuyp werd ook voor deze fraaie landschapjes een ‘omgeving’ gecreëerd waardoor ze nu in de Cuypzaal kunnen pronken. dordrechts museum | bulletin 3-4 2010

17


Culinair genieten tussen de kunst

Bezoekers van het nieuwe Dordrechts Museum betreden het museum via een pad door de tuin. Ze lopen dan langs de serre van restaurant Art&Dining. Een snelle blik naar binnen maakt duidelijk dat culinair genieten in een unieke omgeving hier voorop staat. In het restaurant hangen werken uit de collectie van het museum en buiten vormen de eeuwenoude bomen een natuurlijk schilderij.

m a r ij e neggers

18

Veel gasten besluiten meteen even het restaurant binnen te lopen en beginnen hun bezoek met een heerlijke kop koffie. Anderen trak­t eren zichzelf na afloop op iets lekkers en genieten bij Art&Dining in alle rust na van de vele indrukken. Art&Dining sluit hiermee uitstekend aan op de wens van het Dordrechts Museum om een culturele ontmoetingsplaats te zijn. Bezoekers wordt meer geboden dan een museumbezoek. Het gaat om een totaal­ beleving en dat wordt gewaardeerd door de bezoekers.

Ontdekken Het Dordrechts Museum is blij dat zo snel na de opening al de gewenste wisselwerking begint te ontstaan. Wie het voornemen had om alleen iets te eten bij Art&Dining raakt geïnspireerd door de prettige sfeer en loopt toch ook even door het museum. Maar veel vaker besluit men om later nog eens terug te komen voor een museumbezoek. Gasten noemen zowel Art&Dining als het nieuwe museum een aanwinst voor de stad. Meesterkok Ad Janssen heeft een menukaart weten samen te stellen, waarmee het restaurant zich onderscheidt van andere horecagelegenheden. Het is mogelijk

dordrechts museum | bulletin 3-4 2010

om meerdere kleine gerechten te bestellen. Deze worden op verzoek in het midden van de tafel geplaatst, zodat de tafelgenoten samen de verschil­l ende smaken kunnen ontdekken. Daarmee sluit het restaurant weer naadloos aan bij het museum dat zich met ‘Mijn Dordrechts Museum’richt op het ontdekken van een eigen smaak in de kunst­b eleving. F e e s t e n e n c o n g r e s s e n De verschillende zalen maken het Dordrechts Museum een geschikte locatie voor diverse gelegenheden. Voor feesten of besloten diners zijn het auditorium en de ‘private diningroom’ te huur. Het auditorium, kortweg ‘De Zaal’ genoemd, beschikt over moderne audiovisuele faciliteiten voor vergaderingen, presentaties en concerten. De zaal is geschikt voor groepen tot zo’n 120 personen. In combinatie met het restaurant en de serre biedt de accommodatie plaats aan gezelschappen van wel 400 gasten voor uitgebreide recepties en wandeldiners. Ook het diner voor grotere gezelschappen wordt op een unieke manier gepresenteerd. Traditionele draaiplateaus worden voorzien van een uitgebreide selectie van wat de keuken

dordrechts museum | bulletin 3-4 2010

te bieden heeft. Hiermee hebben de gasten een zeer ruime keuze uit zowel vegetarische als vlees- en visgerechten. Voor kleinere gezelschappen is ‘De Salon’ zeer geschikt. Hier kan in een intieme sfeer met groepen tot 24 personen gegeten of vergaderd worden. De gasten in deze ruimte worden omringd door de beroemde behangsels van de gebroeders Van Strij. Bezoekers kunnen altijd gebruik maken van de lounge in het museum. Op de comfortabele meubels heeft men een ruim uitzicht op de Vest. In het voorjaar van 2011 zal een schitterende wijnbar het geheel completeren en met een breed georiënteerd wijnaanbod een ver­ rijking zijn voor de stad. Zowel in de lounge als in het auditorium organiseert het Dordrechts Museum met regelmaat diverse activiteiten. Deze variëren van lezingen en workshops tot concerten en films. Ook in de avonduren, buiten de openings­ tijden van het museum, kan de bezoeker terecht bij Art&Dining. Meer informatie is te vinden op de website www.art-dining.nl. Art&Dining is dagelijks geopend tot 23.00 uur, maandag uitsluitend voor gezelschappen.

19


Verzamelaars in Dordrecht

Verzamelen is een van de kerntaken van een museum. De openingstentoonstelling in de nieuwe vleugel van het Dordrechts Museum laat zien hoe belangrijk particulieren daarbij zijn. Aan verzamelaars als Leendert Dupper, Willem van Bilderbeek en Hidde Nijland dankt het museum onder andere de sterke collectie 19de-eeuwse schilderkunst met topstukken van Breitner, Weissenbruch en Toorop. De tentoonstelling brengt dat in beeld en laat zien dat er in Dordrecht nog steeds op hoog niveau wordt verzameld.

Sander Paarlberg — Marleen Dominicusvan Soest

Meindert Hobbema Een watermolen, ca. 1665-68 paneel, 62 x 85,5 cm Rijksmuseum, Amsterdam

Toen het Dordrechts Museum in 1904 verhuisde van de Wijnstraat naar de huidige locatie, werd in een feestelijke expositie werk getoond uit de collecties van Willem Hendrik van Bilderbeek en Hidde Nijland. Nu in 2010 gebeurt dat opnieuw, maar ditmaal is de tentoonstelling aangevuld met schilderijen van Leendert Dupper en een zevental anonieme particuliere verzamelaars van nu. Legaat Dupper Leendert Dupper Wz. (1799-1870) was suiker­ raffinadeur, verzamelaar en amateurkunstenaar. Hij woonde in de Prinsenstraat in Dordrecht en was lid van het bestuur van het Dordrechts Museum. Bij zijn dood in 1870 liet hij enkele eigentijdse werken na aan het museum en het enorme geldbedrag van

100.000 gulden, bestemd voor uitbreiding van de verzameling. Om die reden wordt hij ook wel de ‘herschepper’ of ‘eigenlijke stichter’ genoemd van het in 1842 opgerichte Dordrechts Museum. Hij bezat een belangrijke verzameling 17de-eeuwse schilderijen, begonnen door zijn grootvader Jan Rombouts, die hij naliet aan de Staat (nu in het Rijksmuseum). Er wordt wel gezegd dat hij zijn collectie niet aan het museum van zijn woonplaats naliet omdat het bestuur de naam ervan niet in ‘Duppermuseum’ wilde veranderen. Of dat zo is, is niet meer te achterhalen. Waarschijnlijker is dat het Dordrechts Museum toen nog vooral werd gezien als een museum van eigentijdse kunst. De collectie Dupper bevatte bovendien maar enkele schilderijen van Dordtse meesters als Cuyp, Maes en Van Hoogstraten en gaf vooral een breed overzicht van Hollandse (landschap- en genre)schilderkunst uit de Gouden Eeuw.

in 1951 het vruchtgebruik van huis en collectie genoot. Na 1951 zou de collectie als het Rijks­ museum Van Bilderbeek-Lamaison opgenomen worden in het Dordrechts Museum. Van Bilderbeek was vanaf 1894 lid van de Vereniging Dordrechts Museum, vanaf 1906 bestuurslid. In 1915 volgde hij Hidde Nijland als voorzitter op. Drie jaar later overleed hij echter al. Van Bilderbeeks smaak was terughoudender dan die van Nijland. Toen Nijland voorstelde om Ferdinand Hart Nibbrigs pointillistische Het dal van de Rummel uit 1906 aan te kopen, liet Van Bilderbeek weten dat het niet zijn Ferdinand Hart Nibbrig Dal van de Rummel

Verzameling Van Bilderbeek De Dordtse notaris Willem Hendrik van Bilderbeek (1855-1918) had een belangrijke collectie werken uit de Haagse School en van de Amsterdamse Impressionisten. Hij was een verwoed verzamelaar en kocht schilderijen dikwijls direct van Breitner, Blommers, Mastenbroek en andere kunstenaars. Vaak ook bij de Firma van Wisselingh & Co. Zijn bezit zou hij nalaten aan de Staat der Nederlanden, terwijl zijn vrouw Johanna Lamaison van Heenvliet tot haar dood

20

dordrechts museum | bulletin 3-4 2010

george hendrik Breitner De Amsterdamse Lauriergracht in de winter, 1893 doek, 100,5 x 200 cm

dordrechts museum | bulletin 3-4 2010

21


persoonlijke voorkeur had, maar dat hij wel vond dat alle kunststromingen in het museum vertegenwoordigd moesten zijn.

Vincent van Gogh Boerin hooi omwoelend, 1885 zwart krijt, 570 x 450 mm

Jan Toorop Landschap met vaart doek, 66 x 76,2 cm schenking Hidde Nijland 1912

collectie Hidde Nijland Hidde Nijland (1856-1931) had aanvankelijk een handel in stoelriet in Dordrecht, maar nadat zijn vrouw een groot vermogen erfde ging hij zich meer en meer op zijn hobby’s toeleggen. Hij verzamelde tekeningen en schilderijen van kunstenaars uit de Haagse School, maar vooral van G.H. Breitner en Vincent van Gogh. Van Jan Toorop, met wie hij goed bevriend was, bezat hij meer dan 30 werken, opgehangen in een speciale ‘Tooropkamer’. Hij had een vooruitstrevende smaak en bezat een tot in het buitenland beroemde collectie. Zijn huis in de Prinsen­s traat werd geroemd als ‘een klein museum, waar kunstminnaars altijd welkom waren.’ Hij was één van de vroegste verzamelaars van werk van Van Gogh. Opmerkelijk is dat hij in zijn huis ook twee Hindelooper- en een 17de-eeuwse goudleerkamer had (nu respectievelijk in het Museum Hindeloopen en Huis Van Gijn). Ook was hij stichter van het ZuidAfrikaans Museum in Dordrecht, dat van 1902 tot 1921 in het gebouw van het Dordrechts Museum was ondergebracht.

Nijland was van 1907 tot 1915 voorzitter van de Vereniging Dordrechts Museum. Ver­v olgens vertrok hij naar Den Haag. Hij liet enkele belangrijke werken na aan het Dordrechts Museum, maar het overgrote deel van zijn verzameling werd in 1926-1927 geveild. Honderd tekeningen van Van Gogh en een groot deel van zijn schilderijen werden tentoongesteld in 1904 bij de opening van het nieuwe museumgebouw aan de Museumstraat. Slechts één tekening daarvan liet hij na aan het museum.

reinetten tegen een blauwe lucht en een zon met echte zonnestralen, dik in de verf. Maar je verzamelt geen verf, geen pigment en olie, ieder schilderij is een klein stukje van de maker, een klein stukje van zijn ziel, zijn denken, voelen en vooral zijn kijken. Wat de schilder zag wil ik ook zien. Niet het plaatje, maar wat op zijn ogen werd geprojecteerd en door hem werd

V e r z a m e l a a r s n u Net als in 1904 bestaat er ook nu nog een grote betrokkenheid van particuliere verzamelaars bij het museum. Een van de verzamelaars op de tentoonstelling omschrijft zijn passie als volgt: ‘Verzamelaar zijn van schilderijen is aan de ene kant een groot geluk, aan de andere kant een aangename last, een plicht. Kunst kan je niet bezitten, je moet het verzorgen, koesteren: de juiste temperatuur, juiste vochtigheidsgraad en een lijst die past, bekroont. Maar schilderijen kunnen vreugde verschaffen, geluk, troost in melancholieke momenten en steeds weer wijzen op schoonheid, want alleen daar gaat het over: de schoonheid die de schilders zagen en die wij, door hun schilderijen, steeds opnieuw kunnen zien: de schoonheid van een trekpaard in de kou, van een afbraakbuurt, van bomen, golven, wolken, sneeuw in Montmartre, goud-

22

dordrechts museum | bulletin 3-4 2010

omgetoverd tot een ander beeld van de wereld: schoonheid vertaald naar nieuwe schoonheid, het eeuwig mooie wat sommige kunstenaars ons kunnen geven. Kunstenaars zien nu eenmaal alles anders. Wat de schilder zag wil ik ook zien, door zijn dromen aan mijn wand.’

Jacob Maris Landschap bij Bougival particuliere collectie Jacobus van Looy Goudreinetten doek, 100,5 x 200 cm particuliere collectie

Ter gelegenheid van de tentoonstelling is de documentaire Dordrecht verzamelt gemaakt in samenwerking met Annemarie Strijbosch Producties. Deze is voor € 12,50 te koop in de museumwinkel.

dordrechts museum | bulletin 3-4 2010

23


Museumwinkel

ts rech d r Do eum ctie m u s d e c o l lbeo u w

k r ij g t d e r u i m t e

het

Naar een exclusief geschenk hoeft niemand in Dordrecht meer lang te zoeken. In het nieuwe

ge

THE

Dordre m u s e u mc h t the co llectio n the bu ilding

museum is ruimte gecreëerd voor een breed assortiment designproducten en cadeauartikelen. De museumwinkel heeft voor iedere smaak een bijzonder aandenken aan het Dordrechts Museum.

m a r ij e neggers

Met de uitbreiding van het Dordrechts Museum is bewust gekozen om een centrale plek vrij te houden voor de museumwinkel. Een museumbezoek is tegenwoordig niet meer compleet als gasten niet de mogelijkheid hebben om een klein aandenken mee naar huis te nemen. De winkel is gesitueerd naast de garderobe, tussen de centrale entree en het restaurant Art&Dining in. Bezoekers kunnen er na sluitingstijd van het museum nog een half uur terecht en ook mensen die het museum niet bezoeken kunnen vrijblijvend even de winkel in lopen.

Fabian Hofland is coördinator van de museumwinkel. Hij werkt samen met een enthousiast team vrijwilligers die de dagelijkse gang van zaken verzorgen. Hofland heeft het productaanbod in de winkel met zorg samengesteld, rekening houdend met uiteenlopende wensen van jonge en oudere bezoekers. Er zijn leuke cadeautjes voor kinderen, zoals pennen in de vorm van een veer en gekleurde tassen, maar ook mooie designproducten in het duurdere segment, zoals sieraden en vazen, ontbreken niet. Achter de kassa is een lange wand gevuld met ansichtkaarten. De afbeeldingen vormen

een mooi overzicht van de hoogtepunten in het museum. Andere blikvangers in de winkel zijn de producten waar Gezicht op Dordrecht van Jan van Goyen en De adem van de slak van Pierre Alechinsky op zijn afgebeeld. Deze artikelen worden op dit moment exclusief in het Dordrechts Museum verkocht. De serie bestaat onder meer uit notitieboekjes, schetsblokken, espressokopjes, pennen, boeken­ leggers, brillenkokers, pillendoosjes en tassen. De eerste reacties van de bezoekers zijn zeer positief. Menigeen loopt naar buiten met een zorgvuldig verpakt geschenk voor

familie of vrienden. Maar de meeste bezoekers? Die hebben zichzelf iets moois cadeau gedaan.

De Augustijnenkerk tijdens de openingstoespraak van staatssecretaris Zijlstra

24

dordrechts museum | bulletin 3-4 2010

dordrechts museum | bulletin 3-4 2010

25


H u i s Va n G ij n

k r ij g t n i e u w e l o p e r s De eerste week van december was het zover. Op de eerste verdieping in Huis Van Gijn werden twee nieuwe ganglopers geplaatst. De effen, vrij smalle, groene loper die er vanaf het begin van de jaren zeventig van de vorige eeuw lag, is vervangen door een breed exemplaar waarin tien Turkse tapijten zijn geknoopt.

Chris de Bruyn

Op de oude interieurfoto’s van het huis van Simon van Gijn is te zien dat er kleine oosterse tapijten in de gang lagen in de periode dat hij en zijn vrouw het huis bewoonden. Het is duidelijk te zien dat verschillende exemplaren uit Turkije afkomstig waren. Ook is zichtbaar dat de randen van die kleden en kleedjes de neiging hadden om te krullen, een euvel waaraan vele tapijten of karpetten mank gaan. In aansluiting op deze oosterse kleurenpracht had Van Gijn bij de trapopgang in de bogen twee eveneens Turkse kelim-kleden opgehangen. Deze vormden de basis voor een collectie

porseleinen borden en een groep NoordAfrikaanse voorwerpen. Heel exotisch allemaal. Eigenlijk was het de enige plek in het huis met draperieën, de spreekwoordelijke 19de-eeuwse stofnesten. Bij de herinrichting in het jaar 2000 zijn de beide kelims en de daaraan hangende voorwerpen weer teruggehangen en is op de vloer de effen groene loper teruggelegd. Deze loper en haar voorganger waren een vervanging voor de losse ‘perzische’ tapijtjes die daar in 1965 nog steeds lagen. Toen werd opgemerkt dat ze sleets waren geworden en dat de omkrullende

Gang eerste verdieping, 1904

26

dordrechts museum | bulletin 3-4 2010

randen gevaar opleverden voor bezoekers die erover konden struikelen. Er werd besloten om de losse kleden uit de gang te verwijderen. De effen groene, keurige, loper maakte haar entree. De bij de trapafgang hangende kelims waren al voor de oorlog verwijderd, waarschijnlijk tijdens de transformatie van het woonhuis tot een stedelijk-historisch museum. IJzersterk was die groene loper. Maar wel enorm saai, zeker nadat de kelims weer waren teruggekeerd in het ganginterieur. Ze vielen enorm uit de toon door hun kleur. Uiteindelijk kwam ook aan de levensduur van de sterke loper een einde; een einde dat is aangegrepen om de kleur en dus de sfeer weer terug te brengen uit de tijd van de bewoning door de Van Gijns. Na anderhalf jaar zijn eindelijk de bestelde lopers afgeleverd waarin om en om twee typen Turkse tapijten zijn ingeknoopt in de oorspronkelijke niet synthetische kleuren. Opeens vormen de beide kelims aan de wand geen vreemde eenden meer in de bijt, maar voegen zij zich in het kleurengamma van de lopers evenals het roodachtige van het hout van de verschillende kasten en kabinetten die daar nu al meer dan 100 jaar staan. Zo blijft Huis Van Gijn continu bezig om alle details in het huis zo veel mogelijk terug te brengen in de oorspronkelijke staat. www.huisvangijn.nl dordrechts museum | bulletin 3-4 2010

27


Dordrechts Museum

huis van gijn

W e z ij n w e e r o p e n ! Het Dordrechts Museum is weer open. In de

Met naald en draad – 250 jaar Dordtse merk- en stoplappen

vernieuwde museumzalen worden werken

t o t vo o rjaar 20 11

van meesters als Aelbert Cuyp, Ary Scheffer,

Deze tentoonstelling toont een selectie uit

de gebroeders Van Strij, Aert Schouman,

de rijke collectie van merk- en stoplappen

Rembrandt en zijn leerlingen, schilders uit de

van Huis Van Gijn en geeft zo een overzicht

19de eeuw en stillevens permanent getoond.

van kledingreparatie, borduren en handwerk

Een speciale zaal is gewijd aan kunst van, voor

in vroeger eeuwen.

en over de stad Dordrecht. Behalve schilderijen zijn beelden, meubels, tekeningen, schetsen en andere kunst te zien. In de zalen staan ‘jewelboxen’ met prenten en tekeningen, van Rembrandt tot Aelbert Cuyp, van Witsen tot Wüst, uit de ateliernalaten­schap van Ary Scheffer en uit de Atlas Van Gijn. Via het multimediale informatiesysteem ‘Mijn Dordrechts Museum’ kan iedere bezoeker een tour volgen die op zijn wensen en voorkeuren is toegesneden.

Verzamelaars in Dordrecht

T h u i s i n d e t ij d v a n S i m o n v a n G ij n

tot m e d i o 20 1 1

p e rm ane nt

Tentoonstelling van de kunstcollecties van

Een interactieve tentoonstelling op de tweede

museumgrondleggers Willem Hendrik van

verdieping. Ontdek meer over Van Gijn en hoe

Bilderbeek (1855-1918), Hidde Nijland (1856-

Dordrecht er in zijn tijd uitzag aan de hand van

1931), Leendert Dupper (1799-1870) en zeven

multimedia, films en originele voorwerpen.

hedendaagse verzamelaars. Aan het museum nagelaten werken van onder andere Breitner, Israëls, Weissenbruch, Toorop en Van Gogh. Bruiklenen van het Rijksmuseum van onder andere Jacob van Ruisdael, Salomon van Ruysdael en Meindert Hobbema. Aankopen uit legaten van onder anderen Alma Tadema, Rochussen en Jacob Maris.

agenda


BULLETIN 3-4