Page 6

Marten met zijn studio’s meer en meer bij het verzet betrokken. Steeds meer illegale drukkerijen werden opgerold door de Duitsers. En op een gegeven moment werd Marten door twee verzetslieden gevraagd of hij een uit de klauwen van de Duitsers geredde drukpers in een ruimte vlak bij de studio’s wilde plaatsen met een bordje ‘Toonder Hulpstudio 2’ erop. Het lawaai van de persen zou het illegaal drukken van verzetskrantjes met het zo interessante verloop van de oorlog nu alle radio’s waren gevorderd, direct verraden. Maar als iedereen zou denken dat daar de camera’s klapperden voor de tekenfilm, zou niemand er raar van opkijken. En zo geschiedde, de drukpersruimte was zelfs gelokaliseerd aan de drukke Spuistraat in hartje Amsterdam. Op de Spuistraat 28 om precies te zijn, in een woonhuis met een souterrain, waar de gehele tijd Duitse overvalwagens en vrachtvervoer langs raasden. Zo druk was het ook op een middag in januari 1944, toen een zware pers werd uitgeladen uit een vrachtauto. De pers was zo zwaar dat het niet lukte hem naar binnen te dragen. Dat was in de evenwijdig lopende Oude Nieuwstraat, meer een steeg dan een straat. De gewone persjes waren gemakkelijk via de Spuistraat naar binnen gegaan. Een Duitse legerauto in de Oude Nieuwstraat moest in een inmiddels ontstane file lang wachten, want de wagen met vele manschappen kon er niet door. Toen de

6

doodzenuwachtige illegale drukkers steeds niet verder kwamen, maakte medewerker Jo Pellicaan zich los uit de groep en sprak de Duitse soldaten aan. Hij vertelde dat het voor een tekenfilm was, en dat vond de Duitse aanvoerder mooi; ja, hij wilde wel even helpen. Met al die manschappen was het karwei binnen enkele minuten geklaard. Dit sterke verhaal over de pers aan de Spuistraat 28 vrolijkte de zeer zwak geworden en teruggetrokken vrouw van Marten Toonder, Phiny Dick op. Ze was namelijk vlak voor haar bevalling op 1 januari 1944 flauwgevallen in de armen van Marten die haar ’s avonds in een totaal verduisterde gitzwarte nacht, naar het Prinsengrachtziekenhuis had gebracht. Dat was toen levensgevaarlijk omdat het streng verboden was je in Sperrtijd buitenshuis te begeven. Er werd namelijk geschoten op alles wat bewoog. Ze konden toen geen hand voor de ogen zien en ook dat was levensgevaarlijk omdat er op de Amsterdamse grachten niet alleen stoepen waren die plotseling omhoog liepen, maar ook plotselinge afstapjes naar beneden. Marten was doodsbang dat hij, met zijn kostbare lading, in zo’n gat zou vallen… Voor de argeloze voorbijganger is de raamdecoratie leuk, maar men moest eens weten wat er zich in de oorlog voor spanningen hebben afgespeeld achter deze gevel! Bastiaan Koijck

Profile for heerbommelenMTVC

Clubblad nr. 76  

Clubblad nr. 76

Clubblad nr. 76  

Clubblad nr. 76

Advertisement

Recommendations could not be loaded

Recommendations could not be loaded

Recommendations could not be loaded

Recommendations could not be loaded