Issuu on Google+

4

personeelsblad van Hoogheemraadschap Hollands Noorderkwartier

X

2013

Vismigratie

als de vissen gaan ‘lopen’

Topsector Water

ater erkers

‘Bring in the Dutch’

Esmée Vingerhoed

“Samen grip krijgen op moeilijke vraagstukken”


Het verhaal van een projectmedewerker

4 -2013

FOTOGRAFIE: HHNK

Graag samen met agrariërs

inhoud

Stel dat ze omvallen Verhalen vertellen wie wij zijn. Ook bij HHNK vertellen we elkaar dagelijks verhalen over ons werk, hoe we dat doen en wat ons bezighoudt. Een projectmedewerker hecht aan het behouden van technische kennis binnen het schap. Hij zegt het als volgt:

Ik heb heel veel ingehuurde collega’s. Dat zijn de meest intelligente mensen, geweldig, maar ze zijn er voor beperkte duur. En ik ben van mening dat kennis van dijken niet voor even is. Het is iets wat we nog 400 à 500 jaar willen gebruiken, denk ik. Heel veel kennis kan je heel goed inhuren, maar uiteindelijk zal je die kennis binnen je organisatie moeten borgen. Als schap moet je heel goed nut en noodzaak in de smiezen

hebben. Dat mijn baas onvoldoende technische kennis heeft, hangt daar allemaal mee samen. Contact met je werkvloer hebben, wat speelt er, waar knelt het, tuurlijk is dat heel lastig als je vanuit hogerop beperkingen krijgt opgelegd van: nou meneer x, ga maar effe drie man korter zitten, want je budget wordt aangetrokken. Dat we het samen met bureaus doen is goed, maar stel dat die adviesbureaus omvallen door de malaise en de

kennis ligt dáár. Ik denk dat voor het waterschap geldt: wij zijn betrouwbaar, wij zijn een van de oudste overheidsorganisatie in Nederland, wij weten waar we het over hebben, wij hebben die kennis. Ik vind het mooi als je dat als waterschap kunt uitdragen. En dat is nu niet het geval. Nu al niet meer. Want die hele intelligente mensen werken hier niet. Ze worden wel bijna fulltime ingehuurd, maar als het niet wordt overgedragen, valt er een gat. Maar dat is een ontwikkeling. We zíen het nu beter: hé, als zo iemand weer weggaat, moeten we wel zorgen dat de kennis gestroomlijnd overvloeit naar een ander.

9

Marcel Poel gaat ervoor

Kortom: kort HHNK nieuws Opschieten: Peggy Davids moet weg!

5

We vergaderen ons suf

6

Waterprogramma: werk van behoudende pioniers

9

Ondertussen in… ons landelijk gebied

12 Dossier vismigratie: het gaat slecht met de palingstand

10 Winter in het schap: IJs van het 11 De drijfveer van Marcel Poel FOTOGRAFIE: DIRK JONGEJANS

Toen we vorige week in de krant stonden met onze begroting werd ik gemaild door een aantal oud-collega’s van de gemeente. Waarom ik de belastingopbrengsten omhoog deed met zes procent in deze moeilijke tijden. Vanuit hun perspectief en dat van vele anderen vind ik dit een logische vraag. Overal wordt bezuinigd. Dan roept het vragen op als je de Noord-Hollanders meer wilt laten betalen.

Trotse schoonmakers

zuiverste water

WaterWERKERS 4 - 2013

11

15

4

Specialistisch we rk vraagt specialistische kennis

Zuiniger aan

13 Column: Tijdschrijven 14 Topsector Water geeft een slinger aan de economie

15 Grondleggers van de RWZI 16 Droge Voeten: kort veiligheidsnieuws

COLOFON Waterwerkers is het personeelsblad van Hoogheemraadschap Hollands Noorderkwartier. Het blad verschijnt vier keer per jaar en wordt verzonden aan alle (gepensioneerde) medewerkers en bestuurders. Redactieraad Rob van Cronenberg, Linda Dekker-Drenth, Flip Huijser, Maarten van Heugten, Wijnand Visser. Hoofdredactie Shane Kleyhorst. Externe redactie en eindredactie De Schrijverij/Vitamedia. Redactie Geert-Arjen Balder, Gerrie Cramer, Carla Timmer, Tania Ullah, Femke Veerman. Traffic Marian Schaatsbergen. Fotografie Harry Schuitemaker, Ed Lonnee. Vormgeving en PREPRESS Dinq media b.v.. Druk OBT Den Haag Redactieadres Bestuurs- en directiezaken, Postbus 250, 1700 AG Heerhugowaard. waterwerkers@hhnk.nl

Ook het algemeen bestuur stond stil bij deze vragen. Kan het opleidingsgeld niet worden teruggebracht? Waarom betalen we zoveel voor personeel? Uiteindelijk besloot het bestuur dat er extra moest worden bezuinigd bovenop de begroting. Waarom dan toch die zes procent? De afgelopen jaren zijn onze kosten toegenomen door extra bijdragen aan het Rijk en de verhoging van de cao. Ook de btw-verhoging van 19 naar 21 procent heeft een negatief effect. Alles bij elkaar is dat een kostenstijging van ongeveer 20 miljoen. Deze proberen we grotendeels op te vangen door te bezuinigen. Toch hebben we meer geld nodig door extra uitdagingen zoals het hoogwaterbeschermingprogramma en verbetering van de boezemkades. Daarnaast gaan ook in Noord-Holland bedrijven failliet en komen mensen in betalingsproblemen. Daar moeten we rekening mee houden. Kortom: meer kosten, onzekere inkomsten en grotere uitdagingen maken dat het algemeen bestuur akkoord ging met die zes procent. Daarnaast heeft het gevraagd om over twee maanden al te beginnen met de bezuinigingen voor 2015. We zijn dus nog niet klaar met zuiniger aan doen. Ton Hugens WaterWERKERS 4 - 2013


kortom...

Wat vind jij ervan?

KORT HHNK NIEUWS

Meedraaidag

Buitenroosters aangepast Ons hoofdkantoor hield zich goed tijdens de storm van 28 oktober. “De zonnepanelen op het dak bleven keurig staan”, meldt beheerder gebouwen en installaties Meindert de Vries. “Wel hadden we een probleempje met de buitenroosters. Dit jaar is een extra afdekking aangebracht tegen geluidsoverlast bij stevige wind. Met deze hevige storm bleek dat hierdoor de kracht die de wind uitoefent zó is toegenomen dat enkele roosters wel vijf centimeter werden opgetild. Dat gaf geen acuut gevaar, maar we gaan wel met spoed aandrukmechanismes aanbrengen.”

We vergaderen ons suf Boekje over historie Helderse Zeewering In de uitgave van de ‘Vrienden van de Hondsbossche’ van dit jaar staat de Helderse Zeewering centraal. Herman Lambooij schreef een boeiend en rijk geïllustreerd boekje over de geschiedenis van de dijk. Hij ontdekte onder meer dat er in 1947 een plan klaar lag om de bedreigde Helderse Zeewering een stuk landinwaarts te leggen. Diverse medewerkers van HHNK werkten aan het boekje mee. De uitgave De Helderse Zeewering sinds 1795 kun je bestellen bij Anke Rodenhuis, prijs € 15,-.

Opschieten: mama moet weg!

FOTOGRAFIE: ED LONÉE

Yeremiah (10) weet precies wat zijn moeder doet op haar werk: zij kijkt op de computer hoe het met het water is en of er geen overstromingen komen. Peggy Davids, projectassistente bij het Ingenieursbureau, vertelt er thuis soms wel eens over. Maar niet zo veel. Yeremiah is al twee keer mee geweest naar het grote kantoor, een paar kilometer vanaf Purmerend Weidevenne, waar hij woont. “Wel mooi hoor, dat gebouw. Alles eigenlijk. Ik heb mama’s kamer gezien, en een paar mensen met wie ze werkt. Dat was wel grappig. Zelf wil ik later liever voetballer worden, of in het leger. Daar heb ik coole films over gezien.” Heeft zijn mama ook verteld wat ze moet doen als er wél een overstroming aankomt? “Ja”, weet Yeremiah. “Dan moeten er zandzakken op de dijk. En als dat niet helpt, dan wordt het een zwempartijtje. Maar dan eentje die niet zo leuk is.” WaterWERKERS 4 - 2013

Ambtenaren staan bekend om hun vele overleggen. In het kader van de transparantie vergaderen we vaak eindeloos om maar geen mening te hoeven missen. Horizontaal overleg, verticaal overleg, satehprikkeroverleg, clusteroverleg, smeltkroesoverleg, peilberaad, afdelingsoverleg, portefeuillehouderoverleg, greenteamoverleg, weekwijding, doetankoverleg, ecologenoverleg… Vergaderen in het landschap waar het ‘polderen’ is uitgevonden: schieten we daarbij (intern) niet een beetje door?. TEKST: HANS ROODZAND

Niet langer dan 1 uur

George Zoutberg (Technisch Adviseur) Ik stel voor om niet langer dan 1 uur te vergaderen; indien langer, dan met pauze van 5 tot 10 minuten. Colleges duren ook niet langer dan 1 uur en dan is er ook een pauze van 15 minuten. En nooit verzuimen zonder afbericht te geven; superirritant vind ik dat, gewoon maar wegblijven! Ik mis in de opsomming nog BOT-overleg: Benen Op Tafel-overleg.

Eerst nadenken over beoogde resultaat Nela Ansano (Teamleider Bedrijfsbureau)

Mee eens! Maar dit komt omdat we niet altijd eerst goed nadenken over het beoogde resultaat voordat we gaan vergaderen. Afstemmen kan ook op andere manieren. En de lijst is niet compleet. Nog een paar overleggen: MT-vergadering, teamleidersoverleg, BOT-overleg, werkconferentie (WC), taakveldoverleg, projectoverleg… enzovoort!

Loop eens langs

Hans Roodzand (Adviseur Integraal Waterbeheer en Ecologie) Het kan efficiënter. Mijn advies: loop eens wat vaker bij een collega langs. Daarnaast hoef je bij de vele overleggen niet de hele tijd aanwezig te zijn - soms kun je worden uitgenodigd voor maar één agendapunt. En clusteroverleggen kunnen flink korter door regelmatig clusternieuws te delen via een online ‘link’.

WaterWERKERS 4 - 2013

FOTOGRAFIE: HARRY SCHUITEMAKER

Woensdag 30 oktober jl. namen zo’n 130 HHNK’ers een kijkje bij een collega uit ‘een andere tak van sport’. Irma Bruijns, ambtelijk secretaris van de OR, kreeg via toezichthouder Wichard Bergen meer inzicht in een dijkverzwaringsproject. “Op kantoor heb je geen idee wat er allemaal bij komt kijken en hoeveel kennis je ervoor nodig hebt”, aldus Irma. Op zijn beurt woonde Wichard een OR-vergadering bij. “Iedereen is erg betrokken en geeft pittig tegengas”, ervoer hij. “Misschien dat ik mezelf toch maar eens verkiesbaar ga stellen!”


Ons Waterprogramma is baanbrekend voor Nederland

Pionier in waterschapsland “We zijn van nature behoudend. Daar zijn waterschappen immers voor: het waarborgen van veiligheid”, aldus Deltaprogrammeur Henk Schobben. “Maar veranderingen in klimaat en maatschappij vragen ook om een pioniersgeest. Die hebben we in huis, blijkt uit het Waterprogramma 2016-2021.” Het kan ook niet anders meer, stellen collega’s Jan Wijn, Esmée Vingerhoed en Henk Hummel. “De gebruiker is aan zet.”

Henk Hummel

“Je kunt niet met oogkleppen op blijven zitten”

“Als eerste waterschap in Nederland heeft HHNK zijn toekomstplannen vormgegeven met alle betrokken partijen in het gebied”, vertelt Jan Wijn, projectleider van het Waterprogramma 2016-2021. “Ons huidige beleidsplan beslaat zes jaar en zet organisatiebreed richtlijnen uit,

maar het Waterprogramma gaat een stap verder. Het beschrijft kansen en problemen in het waterbeheer die we in de nabije toekomst tegenkomen en hoe we deze concreet gaan aanpakken. Het bepaalt dus voor een groot deel ons werk voor de komende jaren.” Onderwerpen zijn volgens Jan zaken als

het zoetwatervraagstuk, de toenemende wateroverlast, waterveiligheid, et cetera. “Het heet een programma”, benadrukt hij, “omdat het veel concreter is dan een beleidsplan en we het samen met partners opstellen. Het gaat ook om het bepalen van de oplossingen en de uitvoering.”

Meepraten is meedoen Het Waterprogramma komt tot stand met belanghebbenden zoals de provincie Noord-Holland, natuurorganisaties, landbouwverenigingen, gemeentes, Rijkswaterstaat en PWN en vloeit automatisch voort uit de vorige jaar vastgestelde Deltavisie, vertelt Jan. “We organiseren Watertafels: bijeenkomsten voor alle partijen om te bespreken welke belangen er spelen. Maar: meepraten is ook meedoen. Het vrijblijvende is er af. Daar hebben we twee jaar aan gewerkt. Nu leggen we alles vast in concrete afspraken.” Een boeiend traject vindt hij het. “Het is geen invullen van wensenlijsten, zodat wij het regelen. Men kan niet achterover leunen; iedereen is betrokken bij de oplossingen. Dat moet ook, want de belangen lopen soms sterk uiteen en we moeten samen beslissen wie wat gaat doen. Dat levert spannende situaties op, zoals bij het zoetwatervraagstuk.”

FOTOGRAFIE: ED LONNEE

Esmée Vingerhoed

“Het gaat om het afwegen van maatschappelijke en economische belangen” WaterWERKERS 4 - 2013

31 maart 2014 - Opleveren 1e concept Waterprogramma 2016 -2021 en het maatregelenpakket KRW

20 maart 2014

Jan Wijn

“Meepraten is meedoen. Het vrijblijvende is er af”

Flinke dilemma’s “Dat is een flink dilemma inderdaad”, aldus Esmée Vingerhoed, beleidsontwikkelaar afdeling Watersystemen. “Het zoetwaterpeil in stand houden is nodig om de dijken stabiel te houden maar het is vooral van belang voor de bollentelers. Bij droogte welt het zoute water namelijk omhoog. De telers kunnen dat niet gebruiken voor beregening. De landbouworganisaties willen daarom koste wat het kost zoet water aanvoeren.” Daar zijn inderdaad kosten aan verbonden, stelt Esmée. “Door klimaatveranderingen gaan de zoetwatertekorten sterker spelen de komende jaren. Er moet geïnvesteerd worden. Maar dijken blijven ook overeind met zout water en natuurbeheerders kunnen zelfs baat hebben bij meer zout water in een gebied. Moet de belastingbetaler dan meebetalen aan de bollenteler? Want dat gebeurt als je daar grootschalige maatregelen zou treffen. En wat kan de gebruiker zelf doen? Daar zijn we nog niet uit.”

- Grote bijeenkomst met alle bij het proces betrokken partijen en groeperingen.

26 november 2013 tot 31 maart 2014 - Samenbrengen en uitwerken bouwstenen met bouwteams tot een 1e concept Waterprogramma. Tevens beschrijven lopende programma’s en het beheer.

25 november 2013 - Knikpunt in het proces. Bepalen welke bouwstenen met stakeholders worden uitgewerkt.

1 september 2013 tot 25 november 2013 - Uitzetten en ophalen vraagstukken in de vorm van bouwstenen en signalen.

7 oktober en 21 november 2013 - Organisatie van 15 Watertafels

WaterWERKERS 4 - 2013


Geen achterkamertjes meer “Het gaat om het afwegen van maatschappelijke en economische belangen; om samen grip te krijgen op moeilijke vraagstukken”, aldus Esmée. “De klimaatveranderingen en de economische crisis dwingen iedereen om effectiever samen te werken; uitwisseling is belangrijk om met elkaar keuzes te kunnen maken.” De manier waarop het Waterprogramma tot stand komt, is daarom een goede stap vooruit, vindt ze. “Niet langer in achterkamertjes programma’s opstellen; alle betrokkenen zijn medeverantwoordelijk. De gebruiker is zelf aan zet.” Volgens Henk Schobben zijn we daarmee aan het pionieren in waterschapsland. “Bovendien zijn we het eerste waterschap dat bijdraagt aan het landelijke Deltaprogramma met een eigen regionale Deltavisie en het uitwerkt

in een concreet Waterprogramma,” vertelt hij. “Het landelijke Deltaprogramma laat zien wat er qua klimaatveranderingen de komende 50 tot 100 jaar gaat gebeuren. Onze eigen regionale visie, die we samen met het gebied hebben opgesteld, geeft aan wat het betekent voor ons, en hoe wij daarop gaan reageren. Het Waterprogramma is vervolgens weer bedoeld om de middellange termijn in te vullen en vast te stellen wat we samen met alle partijen concreet gaan aanpakken. En daarmee lopen we in waterschapsland voorop.”

We verbreden onze blik en zien beter wat er leeft.” Het heeft consequenties voor de zienswijzen en beslissingen van HHNK, stelt hij. “Vanuit de commerciële bouwwereld wil men op dijklichamen en vooroevers bouwen. Dat was vroeger ondenkbaar; nu komt het serieus op tafel.” Gezamenlijk zoeken naar mogelijkheden is essentieel, stelt ook hij. “Want we staan voor grote opgaven, zo’n zoetwatervraagstuk bijvoorbeeld. In de Noordkop ontstaan grote tekorten tijdens zo’n extreem droge zomer als deze. Dat wordt in de toekomst nog veel erger. In Zeeland speelde een succesvolle proef waarbij men zout water uit de grond wegzoog en zoet water toevoegde. Dan krijg je een zoetwaterbel in je land waarmee je droge periodes door kunt komen. Dat is het onderzoeken waard: samen kijken welke inspanningen nodig zijn en wat die gaan kosten. Dat werkt. Bovendien levert het begrip op voor elkaar en meer draagvlak voor ons eigen werk; dat is misschien wel de grootste winst.”

Ons landelijk gebied

Samen werken aan een betere waterkwaliteit In 2016 verandert het Europese subsidiestelsel voor de landbouw. Nieuw is dat een deel van de subsidie via agrariërs ook kan worden besteed aan watermaatregelen. Wij willen deze subsidie gaan inzetten en hiervoor zijn wij een samenwerking aangegaan met Agrarische Natuurvereniging Water Land en Dijken (ANV-WLD). TEKST: GEERT-ARJEN BALDER

Zoetwaterbellen Ook Henk Hummel, teamleider Peilbeheer, ziet de noodzaak van de nieuwe manier van werken. “De maatschappij verandert, iedereen wil inspraak: je kunt niet met oogkleppen op blijven zitten.

Henk Schobben

Esmée Vingerhoed

“We lopen voorop in Waterschapsland”

“Alle betrokkenen zijn medeverantwoordelijk”

WaterWERKERS 4 - 2013

FOTOGRAFIE: HARRY SCHUITEMAKER

ONDERTUSSEN IN...

Henk Bouman is vanuit de Kaderrichtlijn Water nauw betrokken bij de waterkwaliteit. Henk: “HHNK staat aan de lat om de waterkwaliteit te verbeteren en werkt al met ANV-WLD samen. Daarom hebben wij besloten met hen te onderzoeken hoe we samen met agrariërs kunnen werken aan schoon water.” HHNK heeft ANV-WLD gevraagd een plan te schrijven om onder andere de ecologie te verbeteren en de belasting van het slootwater door meststoffen van de landbouw terug te brengen. “Vooruitlopend op de nieuwe subsidieregels willen we alvast tot 2016 gaan proefdraaien in een pilot”, kondigt Henk aan. “We hopen dat ook andere partijen die gebiedswensen hebben bij de pilot aanhaken”.

‘Gebiedsdekkend oppakken’ Sjaak Hoogendoorn, voorzitter van ANV-WLD, beaamt dit: “We zijn blij dat we deze kans krijgen. Het past goed in onze visie op de landbouw, waarbij we onder meer streven naar maximale inzet van natuur- en landschapsbeheer.” Sjaak en Henk vinden het lastig om de gestelde verbeterdoelen

te halen. “In dit gebied hebben we namelijk vaak ook nog te maken met een hoge achtergrondbelasting van meststoffen”, legt Sjaak uit: “Toch is het ons gelukt een plan te schrijven met acht maatregelen die bijdragen aan een betere waterkwaliteit. Hierbij gaat het bijvoorbeeld om erfafspoeling en het aanleggen van akkerranden en natuurvriendelijke oevers. Maar ook om zaken als het ecologische beheer van oevers en waterlopen, kringlooplandbouw en selectieve tijdelijke peilverhoging. Daarnaast zijn we bezig met kennisontwikkeling en –verspreiding. De pilot gaat overigens verder dan alleen onze leden. We richten ons bovendien op zowel veehouderij als op akkerbouw. Voor dit laatste kijken wij ook naar de andere ANV’s”. “Dit is ook iets wat HHNK voor ogen heeft”, voegt Henk toe. “We willen dit gebiedsdekkend oppakken”. Gevraagd naar het draagvlak voor dergelijke maatregelen, antwoordt Sjaak: “Dit komt niet vanzelfsprekend tot stand. Nu is echter het stadium aangebroken om agrariërs te motiveren om mee te doen. Het is tenslotte al snel 2016”. WaterWERKERS 4 - 2013


DRIJFVEER

Winter in het schap

Stille nacht in de polder Het schaatsseizoen is in aantocht. Voor Piet Konijn en zijn collega’s weer een uitdaging om als ware ijsmeesters te zorgen dat we zoveel mogelijk kunnen schaatsen. Piet is zelf ook een fervent schaatser. TEKST: CARLA TIMMER

“De eerste stille nacht bij vorst is de belangrijkste”, begint Piet. “Ik kijk twee weken vooruit. Komt er vorst aan, dan breng ik het waterpeil drie centimeter omlaag. Aan een vorstperiode gaat vaak slecht weer vooraf, met veel neerslag. Het lagere peil zorgt voor een buffer. Ik hoef dan niet te malen bij vorst.” ”September 2010 werd bij mij de ziekte van Kahler aangetroffen, een bloedkanker die de botten aantast. Chemo, bestraling, zware stamceltransplantaties, steun van gezin en familie, veel fietsen en ook het schap hebben ervoor gezorgd dat ik weer op de weg terug ben. Mijn behandeling is door onderzoek van KWF mogelijk gemaakt. Pas als je er zelf mee te maken krijgt, besef je hoe belangrijk KWF-onderzoek is. Ik wil absoluut iets terug doen en ga daarom in juni 2014, met mijn zoon en zeven familieleden, de Alpe d’HuZes fietsen voor KWF Kankerbestrijding. Daarmee kan ik mijn grote passie fietsen inzetten voor een goed doel.”

Het schap krijgt vaak onterecht de schuld van slecht ijs, merkt hij. “Valt er sneeuw op een verse ijsvloer, dan ontstaat er een broeilaag. De sneeuw vermengt zich met het ijs; het kleurt zelfs bruin door de kleur van het grondwater. Daar heeft het schap geen invloed op. Wind is ook een boosdoener; die zorgt voor windgaten en ribbels op het ijs.” Soms is malen echter onvermijdelijk. “Het hangt ervan af hoe het peil gaat stijgen. In diepere polders stijgt het peil te snel en moet je blijven malen, anders krijgt de omgeving daar last van”. Piet houdt in de winter contact met de ijsclubs. Die geven door welke tochten gepland worden in de regio.” Daar houden we rekening mee. Bij één duiker in de Eilandspolder mag de ijsclub een houten plaat slaan, dan kan ik de aangrenzende Menningweer langer bemalen. De Eilandspoldertocht kan dan sneller doorgaan. Die tocht is mijn favoriet. Ons streven bij het schap is dat mensen kunnen schaatsen op ijs van het zuiverste water!” Tochten in NH: Eilandspoldertocht, Bannetocht, Meisenpoldertocht, 5-dorpentocht, NH-tocht, Zeevangtocht en Waterlandtocht. ■ De NH-tocht is net zo zeldzaam als de Elfstedentocht. ■ Zes gemalen hebben direct invloed op de ijsvloer. ■ Gemiddeld 45 vorstdagen per jaar.

Marcel heeft sponsors nodig. En sponsoren kan. Bijvoorbeeld via onderstaande link van het KWF of door voor € 10,- een van zijn zelfgemaakte vogelhuisjes te kopen. Deze zijn te bestellen via zijn e-mailadres m.poel@hhnk.nl. Zijn motto: “Mooi als je meedoet. Mijn familie en ik gaan ervoor”. DOEN!!!

Wat doen wij, naast ons werk bij het hoogheemraadschap, om de wereld een beetje mooier te maken? Wat drijft ons daarbij? Deze keer: medewerker Onderhoud Marcel Poel. FOTOGRAFIE: ED LONNEE

BEELD: HARRY SCHUITEMAKER

WaterWERKERS 4 - 2013

Opgeven is geen optie! TEKST: GERRIE CRAMER

Voor informatie: http://deelnemers.opgevenisgeenoptie.nl/ acties/marcelpoel/marcel-poel WaterWERKERS 4 - 2013


column

Dossier Vismigratie

Paling over de Dijk

De waarde van paling Wij realiseren op verschillende locaties vismigratievoorzieningen ter verbetering van visstand en waterkwaliteit. De vis wordt een handje geholpen, omdat veel polders geïsoleerd zijn geraakt van de omliggende wateren; het gevolg van barrières als onze gemalen, stuwen en sluizen. TEKST: FEMKE VEERMAN

FOTOGRAFIE: ED LONNEE

“We hebben de opgave om op een aantal specifieke locaties het boezem- met het polderwater te verbinden. Zo ontstaat een groter leefgebied voor vissen en worden verbindingen naar zee hersteld”, aldus Rik Beentjes, adviseur op het gebied van vissen en vismigratie. Hij weet veel over migratiegedrag en op welke manier rekening gehouden moet worden met vissen. “Het is niet altijd eenvoudig om te bepalen of we een locatie al dan niet passeerbaar moeten maken; vooral niet bij gemalen. In een aantal polders treffen we bijvoorbeeld nog zo weinig paling aan dat je je kunt afvragen of een investering van soms enkele tonnen gerechtvaardigd is. Het is onze uitdaging om zo veel mogelijk gebruik te maken van bestaande voorzieningen met zo min mogelijk aparte oplossingen, waardoor kosten beperkt blijven. Mits visvriendelijk, blijkt een gemaal de beste manier om paling

een polder uit te krijgen: je hebt alleen nog een visinlaat nodig. Uitgangspunt blijft wel de veiligheid; die moet altijd geborgd blijven.”

zeker dat die palingen op hun reis naar de paaigronden in de Sargassozee een barrière minder hoeven te nemen. Daarmee wordt hun kans op overleven en om voor nageslacht te zorgen in ieder geval vergroot.”

Hoeveel kost het? “Dat verschilt per locatie. Bij Kadoelen zijn de uitvoeringskosten ongeveer € 300.000,-. Dit doen we met 50 procent co-financiering van Rijkswaterstaat. Andere locaties zijn tot nu toe minder kostbaar geweest. Er is geen eenheidsprijs, het gaat om maatwerk.”

Waar werken wij momenteel aan vismigratie? “In 2013 is op tien locaties vooronderzoek gedaan om inzicht te krijgen in het visaanbod en de mortaliteit van

Als de vissen gaan ‘lopen’ Op veel locaties wordt vooronderzoek gedaan om in beeld te krijgen hoeveel vis er wil passeren en hoeveel schade een gemaal veroorzaakt. “Vaak gebeurt dit bij nacht en ontij, want dan gaan de vissen ‘lopen’”, aldus Rik. “Als een gemaal meer dan tien procent schade veroorzaakt en als er op korte termijn geen oplossing is, wordt overwogen om de eerstvolgende jaren de vissen te vangen en over de dijk te zetten. Omdat het nog steeds slecht gaat met de palingstand, gebeurt dit al op een aantal locaties langs het Noordzeekanaal, in het project ‘Paling over de Dijk’.” Of dit een duurzaam project is, daarover lopen de meningen uiteen, stelt Rik. “We weten in ieder geval

Steven Westerman, projectleider Watersystemen, werkt met Dirk Sybenga, projectleider Ingenieursbureau, aan de vismigratievoorziening bij gemaal Kadoelen, Amsterdam-Noord. WaterWERKERS 4 - 2013

de gemalen. Bij gemaal Balgdijk (Van Ewijcksluis) is dit najaar een vispassage gerealiseerd. Bij gemaal Kadoelen (Amsterdam-Noord) zijn de werkzaamheden in uitvoering. Na oplevering van ‘Kadoelen’ – begin 2014 - wordt er bij gemaal De Waker een vergelijkbare vispassage gerealiseerd.”

Rik Beentjes

“Dit vergroot de overlevingskans van de paling”

Tijdschrijven Ik ben op een leeftijd gekomen, dat je soms denkt aan vervlogen tijden. Zoals laatst. Ik kreeg het treurige bericht dat er een verschil zat tussen het invullen van mijn Time Connect (het elektronisch tijdschrijfsysteem) en EHRM (het elektronische verlof registratiesysteem). Probleem! En het moet opgelost nu het einde van 2013 in zicht is. Want de uren die ik teveel heb, mogen niet mee naar 2014. En tekort-uren worden alvast van mijn verlof voor 2014 in EHRM ingehouden. Dat voelt niet lekker. Dus, zoek de verschillen! Een duivels karwei. Na veel elektronisch gezoek weet ik het verschil terug te voeren naar drie uur en een beetje: een paar eenheden van zes minuten, om precies te zijn. We registreren in tienden van een uur op een werkdag van 7,2 uur. Een gekmakende nauwkeurigheid. Is EHRM een vooruitgang? Hebben we er nauwkeurigheid of vrijheid bij gekregen? Ik ervaar dat niet. Ik heb er een last bij. De aloude papieren verlofkaart kan in 2013-2014 niet meer. Maar waarom eigenlijk niet? Kan iemand mij dat uitleggen? Ik wil hem terug. Wat was hij heerlijk simpel. Verlof opnemen was met potlood wegstrepen tot 0. In één oogopslag voor iedereen duidelijk en kloppend. Fantastisch! Het zou mij heel veel elektronisch gezoek besparen. Maar ik heb geen illusie. Het zal niet gebeuren. Zucht! Harry Oudendijk WaterWERKERS 4 - 2013


Eureka!

Grondleggers Even terug naar HHNK

“We zijn tr ots op ons schone wate r.”

Topsector Water

Nooit meer zwart water

‘Bring in the Dutch’

Dat is nogal wat. Is dat een realistische doelstelling? “Het is zeker niet onmogelijk. Maar het zal niet vanzelf gaan. In deze tijd vraagt het extra lef om te kiezen voor investeringen in innovaties binnen het beschikbare budget. Die ‘schaarste’ zal ook de creativiteit verhogen. De Nederlandse overheid stelt een flinke hoeveelheid geld beschikbaar voor samenwerkingsverbanden tussen de onderzoekswereld, de overheid en ondernemers: de ‘gouden driehoek’. Daar hebben we als WaterWERKERS 4 - 2013

hoogheemraadschap al ervaring mee, dus die kans moeten we met beide handen aangrijpen.” Hoe gaan we dat doen? “De watersector richt zich op de maritieme sector, deltatechnologie en watertechnologie. Luc Kohsiek is lid van het Kernteam Watertechnologie binnen de Topsector Water. Nu is het zaak om de juiste projecten voor het voetlicht te brengen.” Tot wie moet je je dan wenden met een innovatief plan? “Hopelijk kan ik dat begin volgend jaar precies vertellen. Tot die tijd in elk geval bij Hans Bout of bij mij. Wij nemen samen deel aan het Innovatorenplatform van de Unie van Waterschappen. Het doel is innovaties binnen de water-

schappen aanjagen en aansluiting zoeken bij de Topsector Water. Het is nog een hele klus om zo’n breed en ambitieus plan een plek te geven, terwijl de waan van de dag gewoon doorgaat. Maar we moeten absoluut zo goed mogelijk gebruik maken van deze kans om onze expertise verder uit te bouwen en uit te dragen. Uiteindelijk willen we innovatie onderdeel laten worden van onze dagelijkse praktijk. In het buitenland roepen ze bij een overstroming of dijkdoorbraak: ‘Bring in the Dutch’. We zijn er gewoon goed in. Innovatie in de Topsector Water kan Nederland veel geld en banen opleveren.”

FOTOGRAFIE: BART HOMBURG

JanWillem de Boer Leeftijd: 76 jaar In dienst van 1967 tot 1994 Functie: werkvoorbereider Civiel, later projectleider Klaas Steur Leeftijd: 50 jaar In dienst vanaf 1985 Functie: Technisch adviseur Zuiveringen & Gemalen

FOTOGRAFIE: ED LONNÉE

Wat is het doel van de Topsector Water? “Uiteindelijk moet het een slinger geven aan de Nederlandse economie. Het doel is om de toegevoegde waarde van de watersector in 2020 te hebben verdubbeld.”

In schaarse tijden moet je je onderscheiden. Dat is de kerngedachte achter het benoemen van negen topsectoren door het kabinet: gebieden waarop Nederland uitblinkt. Water is ook zo’n topsector. Ons land is immers befaamd om zijn kennis van water en waterbeheer. Stephan Langeweg, hoofd van het cluster Onderzoek, vat samen wat HHNK kan betekenen voor de Topsector Water.

Voor veel projecten die nu lopen, is de basis gelegd door oud-medewerkers die kortere of langere tijd met pensioen zijn. In deze rubriek komt oud-collega JanWillem de Boer op de bouwplaats van RWZI Den Helder, die hij oorspronkelijk ontworpen heeft. TEKST: TANIA ULLAH

“Ons we rk is nuttig: je ruimt de rotzooi op voo r onze kinder en.”

“Er was nog haast niks toen ik begon. Ja, er waren wel wat gemeentelijke zuiveringen, maar die waren te klein en vaak verouderd: in de Zaanse Schans was het water zwart, en het stonk”, vertelt JanWillem. Klaas kent JanWillem sinds 1985: “Ik ben begonnen als timmerman en toen zag ik JanWillem wel zitten in een hoek achter zijn bureau. Ik vroeg me altijd af wat hij nou toch deed. Nu weet ik dat als geen ander: met dit bestek zijn we anderhalf jaar bezig geweest.”

Van niets naar schoon water JanWillem: “We vormden een team vanuit vier secties. Veel moesten we nog zelf ontwikkelen: hoe krijg je water weer schoon en wat heb je daarvoor nodig? Vanuit de uitkomst van procestechnologie maakten we een voorontwerp en bestekken. Na de aanbesteding nam de sectie uitvoering het over. We waren een klein hecht team en hadden het druk, maar konden wel snel schakelen.” Dat proces is niet veel veranderd, zegt Klaas. “We hebben wel meer collega’s en bijvoorbeeld een afdeling Inkoop die ons helpt met aanbesteden. Daarin zien we een trend naar het vragen van een product aan

een aannemer in plaats van het volledig uitschrijven van een bestek.”

Stappen in veiligheid Op gebied van veiligheid is het nodige veranderd. “Omdat we gebruik maken van chemicaliën hadden we speciale oogdouches. Ik heb toen vastgehouden aan het verwarmen van deze oogdouches: ook in de winter kunnen er ongelukken gebeuren.” Klaas:”Veiligheid is nog steeds superbelangrijk: het is mooi om te zien dat er toen een basis is gelegd voor de eisen zoals we die nu kennen. Wij hebben nu een veiligheidsfilm die iedereen die een RWZI bezoekt moet zien. De aannemer die hier werkt heeft veel Hongaren in dienst; de film is er in het Nederlands, Engels en Duits maar niet in Hongaars. Dit hebben we opgelost door een tolk in te schakelen, het is voor ons belangrijk dat iedereen de veiligheidseisen kent en snapt.”

Oproep aan oud-collega’s: Wil jij ook in deze rubriek? Meld je dan aan bij Marian Schaatsbergen via m.schaatsbergen@hhnk.nl WaterWERKERS 4 - 2013


BEELD: MASTERFILE

droge voeten Hoe we het met zijn alleN veilig houden in noord-Holland en op de werkvloer

Najaarsschouw verloopt gladjes Bij het ter perse gaan van Waterwerkers was de herschouw bijna afgerond. Met ruim 10.000 overtredingen, verwerkt in 2.750 brieven, waren er aanzienlijk minder aanschrijvingen dan

vorig jaar. Ongeveer honderd burgers belden met opmerkingen of vragen: ook minder dan anders. Kennelijk weet men inmiddels goed wat er van de ingezetenen verwacht wordt.

De najaarsschouw is goed en vlot verlopen, mede dankzij vijf uitzendkrachten en een nieuwe kantoorapplicatie. Naar verwachting is de complete schouw voor de kerst afgerond.

FOTO: WILLEM VAN DER ZEL

Maatregelen werken Half oktober liepen in een nat weekend de twee waterbergingen in Aartswoud flink vol. De Kolk van Dussen werd zelfs voor 80% van zijn capaciteit gevuld, met een laag water van circa 70 centimeter. In de dagen erna stroomden de buffers weer leeg

naar het gemaal. Een paar jaar geleden stelden we vast dat we in 122 polders maatregelen moesten nemen om wateroverlast te voorkomen. Eind dit jaar is ongeveer 75% hiervan klaar. En het werkt, dat blijkt maar weer.

Het educatieve programma Droge Voeten, dat wij samen met het Zuiderzeemuseum aanbieden, is een groot succes. In 2012 liet het programma Watertoppers al 38 groepen kinderen slepen met zandzakken; in 2013 waren dat er 57. Dat betekent dat 57 x 28 kinderen dit jaar hebben geleerd dat

water niet alleen nuttig en leuk is, maar ook goed beheerd moet worden. Het spannende Evacuatie-spel, waarin kinderen geconfronteerd worden met de gevolgen van een overstroming, werd dit jaar door 44 groepen gespeeld; vorig jaar waren dit er 20.

Nieuwe uitstroom poldergemaal De uitstroomconstructie van gemaal De Waker in Zaandam is vernieuwd. Het bijna 300 jaar oude bouwwerk kon de toegenomen wateraanvoer niet meer aan en vertoonde scheurvorming, doordat er steeds meer bussen en vrachtwagens overheen reden. Na deze ingrijpende klus, die samen met WaterWERKERS 4 - 2013

de gemeente Zaandam werd uitgevoerd, voldoet de uitstroomconstructie de komende tientallen jaren weer aan de laatste veiligheidseisen. Volgend jaar wordt een van de twee elektromotoren in het gemaal vervangen door een nauwkeurigere en energiezuinigere variant.

FOTO: THOMAS GROOT

Veel meer Droge Voeten in 2013


Waterwerkers dec 2013 desktop