Page 1

PSTS

49

Ruth Mampuys

FUNCTIE Onderzoeker milieurisico's genetische modificatie OPLEIDING master Philosophy of Science, Technology and Society

Naam Ruth Mampuys Leeftijd 28 Opleiding master Philosophy of Science, Technology and Society (PSTS) specialisatie philosophy of technology afstudeerjaar 2006 Functie Onderzoeker Milieurisico's genetische modificatie Werkgever Commissie Genetische Modificatie (COGEM)

Na haar opleiding Medische Biochemie begon Ruth Mampuys vol enthousiasme aan de masteropleiding Philosophy of Science, Technology and Society. ‘Hoewel ik laboratoriumwerk erg interessant vind, wilde ik me niet verder specialiseren op technisch microniveau. Ik wilde juist meer uitzoomen en werken op het raakvlak van mens en technologie.’ Ze zocht en vond de opleiding Philosophy of Science, Technology and Society, voor haar ‘een schot in de roos’. Ruth heeft nu een veelzijdige baan bij de Commissie Genetische Modificatie (COGEM).

>>


50

Wat doet de COGEM? ‘Als je in Nederland wilt werken met genetisch gemodificeerde organismen (ggo’s) is het verplicht om een vergunning aan te vragen bij het ministerie van VROM. Gentechnologie is een maatschappelijk omstreden techniek, daarom geldt er complexe regelgeving om de veiligheid voor mens en milieu te waarborgen. De COGEM, een onafhankelijke expertcommissie, adviseert het ministerie van VROM over mogelijke risico’s van productie en handelingen met ggo’s voor mens en milieu. Wij bekijken de mogelijke nadelige of onbeheersbare gevolgen daarvan en hoe deze kunnen worden ingeperkt. Ons werkveld omvat eigenlijk alle gebieden in de biotechnologie. Van landbouw zoals genetisch gemodificeerde planten, medische toepassingen zoals vaccins en gentherapie tot laboratoria waarin onderzoek wordt uitgevoerd en commer­ ciële introductie. Daarnaast informeert de COGEM betrokken ministers over ethischmaatschappelijke aspecten verbonden aan genetische modificatie.’ Wat zijn de mogelijke risico’s als genetisch gemodificeerde organismen in het milieu komen? ‘Stel: er wordt in een laboratorium gewerkt met een genetisch gemodificeerd virus, dan is er geen sprake van verspreiding in het milieu. Dit heet ingeperkt gebruik. Wij kijken dan welke maatregelen de aanvrager neemt of moet nemen om te voorkomen dat het ggo in het milieu, dus buiten het lab, terecht komt. Er kan ook worden gewerkt met ggo’s waarbij deze wel direct in het milieu worden geïntroduceerd. Bijvoorbeeld bij veldproeven met genetisch gemodificeerde gewassen zoals maïs of koolzaad. Een gewas zou bijvoor-

beeld onkruideigenschappen kunnen krijgen waardoor het heel snel kan groeien en het ecosysteem onherstelbaar kan aantasten. Om dit soort gevolgen te voorkomen kijken wij onder andere naar de eigenschappen van ingebouwde genen.’ Wat is jouw rol binnen de COGEM? ‘Het aanvraagdossier voor de vergunning komt via Bureau GGO, het uitvoerende orgaan van het ministerie van VROM, bij de COGEM terecht. Ik bekijk dan het vaak grote dossier: wat wil de aanvrager precies doen? Hoe gaat hij dat doen en welke gegevens zijn aangeleverd om te onderbouwen dat deze werkwijze veilig is? Op basis van deze gegevens en gesprekken met onze experts brengen wij een advies uit aan het ministerie van VROM. Dit advies wordt meegenomen bij de beoordeling voor een vergunning. In de praktijk worden onze adviezen bijna altijd overgenomen.’ Leuke job? ‘Het is een heel leuke en afwisselende functie. Naast technische adviesvragen en het schrijven van adviesrapporten ben ik betrokken bij de subcommissie ethiek en maatschappelijke aspecten. Deze subcommissie informeert de overheid over nieuwe ontwikkelingen op het gebied van gentechnologie en de maatschappelijke aspecten daarvan. Momenteel zijn we bijvoorbeeld op verzoek van de minister bezig met een signalering over duurzaamheidsaspecten van genetisch gemodificeerde gewassen. Dit vind ik boeiende vraagstukken, omdat het gaat over techniek en de gevolgen daarvan voor de maatschappij. Ik zit dus met mijn neus bovenop dit soort wetenschap, maar kijk hier vanuit een breder perspectief naar.’

‘Deze studie was voor mij een schot in de roos: Ik zit met mijn neus bovenop de wetenschap, maar bekijk het vanuit een breder perspectief.’


51

Wat vond je van de opleiding? ‘De opleiding is mij heel goed bevallen. Ik had les in een groep van ongeveer twaalf mensen dus je leert elkaar snel kennen. Iedereen had weer een andere technische achtergrond. Mijn medestudenten vond ik leuke mensen die graag over dingen nadenken, kritisch luisteren en kritische vragen stellen. Ik kon de lesstof direct toepassen op een casus die paste bij mijn technische achtergrond. Biotechnologie en genetische modificatie trok mij tijdens de opleiding al ontzettend aan. Dat probeerde ik terug te laten komen in opdrachten.’

verwachtingen en beloften. Ik heb een evaluatie uitgevoerd van deze beoordelingspraktijk. Daarvoor heb ik een aantal casussen bekeken van de aanvraag destijds tot het uiteindelijke resultaat van de dierproeven.’

Waar heb je hiervoor gewerkt? ‘Hiervoor heb ik bij het Rathenau Instituut gewerkt, ook een semi-overheidsinstituut. Zij kijken naar de impact van technologie op de samenleving. Ik heb een inventarisatie gedaan van de wetenschapsbudgetten tussen 1975 en 2003. Het doel van mijn inventarisatie was te achterhalen welke Hoe heeft de opleiding je voorbereid op invloed de overheid heeft op de richting waarin de wetenschap zich ontwikkelt, je werk? bijvoorbeeld door stimuleringsprogramma’s ‘Vooral in het kritisch lezen en schrijven. en specifieke onderzoekssubsidies. Over vragen als ‘wat is wetenschap nu Het was interessant om te zien hoe het eigenlijk?’ en ‘wat is waar?’ word je aan hele wetenschapsstelsel in elkaar zit.’ het denken gezet in de opleiding. Ik heb geleerd om iets niet zomaar aan te nemen ook al is het onderzocht. Bij het geven van Waar ben je het meest trots op? ‘Ik ga wel eens naar een Kamerdebat of technische adviezen is dat belangrijk. algemeen overleg over biotechnologie. Ook moet ik heel genuanceerd kunnen Het is dan erg leuk om te horen dat een verwoorden en dus kritisch zijn in hoe ik iets opschrijf. Bij mijn sollicitatie voor deze rapport van de COGEM wordt aangehaald.’ functie was het zeker een meerwaarde dat ik, naast technische kennis, ook vanuit een Heb je tips voor aankomend studenten Philosophy of Science, Technology and ethisch maatschappelijke bril naar Society? vraagstukken kan kijken.’ ‘Het is belangrijk om voor jezelf te onderzoeken waar je de studie voor wilt Waar ben je afgestudeerd? gebruiken. Je leert om breder te kijken naar ‘Ik ben afgestudeerd bij de Commissie Biotechnologie bij Dieren, een adviescom- je eigen technische vakgebied. Bedenk voor jezelf wat je hiermee wilt doen en buit het missie van het ministerie van Landbouw. uit: ga een stage doen, onderzoek hoe je Zij maken een ethische afweging per het kunt combineren, maak gebruik van de vergunningaanvraag voor de toepassing van genetische modificatie bij dierproeven: netwerken die er zijn, Kortom: onderzoek en ontdek waar je mogelijkheden liggen.’ n weegt het belang van het onderzoek op tegen het dierenleed? In feite maken zij een inschatting van twee zaken die beide in de toekomst liggen en gebaseerd zijn op Foto: Ivar Pel

PSTS - artikel carriereboek  

Arbeidsmarkt: Philosophy of Science, Technology and Society