Issuu on Google+

K o m pa a n e n D e Bo cht

164

Koplopers in de zorg


Gehandicaptenzorg

GGZ

Jeugdzorg

Maatschappelijke Ondersteuning

Ouderenzorg

Ziekenhuizen en klinieken

Ondersteunende organisaties

De zorg voor onze jeugd en de hulpverlening aan vrouwen heeft grote maatschappelijke betekenis en kent vele stakeholders. Het verlenen van doelmatige zorg in een dermate complexe omgeving is een voortdurende zoektocht. In Brabant hebben Stichting Kompaan en De Bocht elkaar gevonden en als een organisatie ontwikkelt Kompaan en De Bocht een moderne visie en bijbehorende organisatie met sterke maatschappelijke integratie en hoge kwalitatieve zorg.

Moderne maatschappelijke Gezinshulpverlening Kompaan en De Bocht is ontstaan uit een fusie in 2009 van Stichting Kompaan, een organisatie voor jeugdhulpverlening en De Bocht, een organisaties gericht op vrouwenhulpverlening. Beide zorginstellingen zijn geworteld in het ‘rijke Roomse leven’ in Brabant waar charitas en betrokkenheid eeuwenlang een leidend motief was. Het ontstaan van jeugdzorg en vrouwenhulpverlening

De oorsprong van de zorg voor de jeugd gaat terug tot de zeventiende eeuw. Vanaf 1900 werd hierbij de invloed van kerkelijke orden steeds belangrijker en was jeugdzorg vooral gebaseerd op charitas en paternalisme, die gecombineerd werden en voortvloeiden uit een grote maatschappelijke betrokkenheid met deze doelgroep. In de zestiger en zeventiger jaren volgde de verdergaande emancipatie van jeugd en vrouw. Deze decennia kenmerkten zich ook door een toenemende overheidsfinanciering en de overgang van charitas naar professionele hulpverlening. Stichting Kompaan kent vele rechtsvoorgangers. De eerste daarvan was kinderhuis Maria Goretti, gesticht in 1900 door de zusters Karmelietessen. In de loop van de vorige eeuw volgden andere tehuizen waaronder medisch kinderdagverblijf en medisch kindertehuis. In

1996 ontstond Kompaan als fusie tussen deze tehuizen en de Stichting Jeugd- en Jongerenwerk Tilburg. De hulpverlening aan vrouwen is na 1945 ontstaan als hulp vanuit de kerk voor ‘gevallen vrouwen’: ongetrouwde vrouwen die na de bevrijding zwanger bleken te zijn en in opvanghuis De Bocht buiten het zicht van de maatschappij in alle rust konden bevallen. In de jaren zestig verschoof het accent naar moeders met kinderen, die al dan niet beschermd dienden te worden tegen geweld en mishandeling. De Bocht is sinds de jaren negentig een organisatie voor Vrouwenopvang in het kader van de Welzijnswet (huidige Wmo). Door de ervaring met huiselijk geweld, tienerzwangerschap, eergerelateerd geweld en andere vormen van geweld tegen vrouwen en kinderen heeft de gespecialiseerde zorgorganisatie een signalerende en adviserende functie voor onder meer de politiek en partners binnen de hulpverlening zoals gemeenten, onderwijs en politie. Middels wetenschappelijk onderzoek levert De Bocht een voorname bijdrage aan de professionalisering in de vrouwenopvang.

“Van de burger wordt steeds meer verwacht dat hij zijn eigen verantwoordelijkheid neemt; dat wordt ook van organisaties verwacht. Je moet je bestaan waarmaken.” Lian Smits

Vermaatschappelijking

Zowel jeugdzorg als vrouwenhulpverlening werden de afgelopen decennia gekenmerkt Koplopers in de zorg

165


K o m pa a n e n D e Bo cht

door een steeds verdere vermaatschappelijking. Zo gaan uithuisplaatsingen indien mogelijk over in hulp aan het gezin in de thuissituatie. Ook de visie van waaruit zorg wordt gegeven, is veranderd van overnemen naar ondersteunen, versterken en inzetten op sociale groei. De laatste jaren neemt de vraag naar de effectiviteit van de ondersteuning en interventies een steeds centralere plaats in. Van organisaties op het terrein van jeugd en vrouwenhulpverlening wordt verwacht dat ze maatwerk kunnen leveren en weten welke effecten men van hun interventies kan verwachten. Deze meer bedrijfsmatige invalshoek maakt dat Lian Smits in haar organisatie de afgelopen jaren de bekende methodieken als de Balanced Score Card, het werken met normen en indicatoren en de jaarlijkse managementbrief heeft geïntroduceerd: “Van de burger wordt steeds meer verwacht dat hij zijn eigen verantwoordelijkheid neemt; dat wordt ook van organisaties verwacht. Je moet je bestaan waarmaken.” Daarnaast is de ondersteuning van de cliënt niet langer vrijblijvend en wordt er een wederkerigheid in de relatie verondersteld, waarbij in voorkomende gevallen dwang en drang kunnen en mogen worden uitgeoefend. Cliënten moeten hun eigen verantwoordelijkheid nemen en thema’s als school afmaken en werk vinden zodat je voor jezelf kunt zorgen, staan hoog op de agenda. De groep die hier niet toe in staat is kan rekenen op ondersteuning en bescherming. Het zijn symptomen van een veranderende maatschappij waar Kompaan en De Bocht middenin staat. Er is in de woorden van Lian Smits sprake van een tweede paradigmaverandering na die van de jaren zestig: er wordt in toenemende mate nadruk gelegd op weerbaarheid en eigen verantwoordelijkheid. Huiselijk geweld als change agent

In de periode 2000 - 2010 is de slag gemaakt naar een nieuw type organisatie. Een van de ontwikkelingen die dit heeft versneld, was 166

Koplopers in de zorg


Gehandicaptenzorg

GGZ

Jeugdzorg

Maatschappelijke Ondersteuning

Ouderenzorg

Ziekenhuizen en klinieken

Ondersteunende organisaties

“We moeten ons goed realiseren dat onze klanten niet kunnen kiezen omdat er geen ander aanbod is en het een kwetsbare groep betreft. Dit verplicht ons tot buitengewoon professionele hulpverlening.”

de veranderende opvattingen over huiselijk geweld: privégeweld werd een publieke zaak, een probleem dat een grote maatschappelijke impact heeft. Samen met de regiogemeenten is in het verlengde hiervan het Steunpunt Huiselijk Geweld opgericht. Doelmatige zorgverlening rond huiselijk geweld vereist de inzet van meerdere organisaties die zich in een netwerkachtige constructie gezamenlijk richten op de vraag ‘hoe kunnen we deze klant/dit gezin helpen’. Mede onder invloed hiervan heeft Kompaan en De Bocht zich ontwikkeld tot een veel opener en maatschappijgerichte organisatie, die zich verder heeft geprofessionaliseerd en zich richt op de werkelijke vraag van de klant. Een systemische benadering van het probleem en het gezin zijn dwingende randvoorwaarden voor het werk geworden. De reden voor de fusie tussen beide organisaties was onder andere de toenemende nadruk op het gezinsgericht werken. De structurele samenwerking biedt grote voordelen in deze complexe problematiek. De Bocht bracht als sterke punten in: het maatschappelijk gericht denken, klant- en marktgerichtheid en ondernemingszin, evenals de ervaring met geweld in de privésfeer en met de opvang van vrouw én kind. De jeugdzorg van Kompaan op haar beurt was methodisch sterk en sterk in systemisch werken en had veel ervaring met complexe opvoedings- en ontwikkelingsvraagstukken. De nieuwe organisatie combineert de

sterke punten van beide voorgangers. De aldus ontstane portfolio van Kompaan en De Bocht is breed en reikt van de zware problematiek rondom huiselijk geweld via complexe gezinsproblematiek naar specialistische jeugd- en ontwikkelingsproblematiek: • Specialistische jeugdzorg (zowel ambulant als in deeltijd, pleegzorg en 24 uurs • behandelgroepen ) • Gezinshulpverlening • Vrouwenopvang • Huiselijk geweld • Eergerelateerde problematiek • (jong) Moederschap • Jeugdprostitutie • Opvang alleenstaande minderjarige vreemdelingen • Spoedhulp aan jeugd en het gezin • Observatie en diagnostiek • Pleegzorg. Telkens wordt gekeken naar de mens in zijn of haar (gezins) context. Kompaan en De Bocht werkt aan het versterken van de kracht en weerbaarheid van de cliënt en zijn/ haar systeem met specifieke aandacht voor de kwetsbaarheid van kinderen en vrouwen. Samen met de cliënt wordt een hulpverleningsplan opgesteld met als centrale vraag wat wil de cliënt leren om een veilige toekomst op te bouwen en de opvoeding zelf aan te kunnen? De twee belangrijke uitgangspunten bij de doelen zijn:

• Wonen doe je thuis: bij voorkeur blijft een kind thuis wonen en biedt Kompaan en De Bocht hulp in het gezin. Soms is verblijf in een groep nodig voor behandeling of verblijf in een pleeggezin. • Aansluiten bij de krachten van de vrouw, het gezin en de kinderen en het versterken van de (opvoedings)vaardigheden. Naar nieuwe vormen van organiseren

Het zich ontwikkelende nieuwe paradigma heeft grote effecten op de huidige organisaties: er is sprake van een overgang van individuele organisaties naar organisaties die acteren in netwerken; van de structuur als leidend organisatieprincipe naar het proces als leidend principe. Van de organisatie naar de cliënt als leidend principe. De ambitie van de organisatie is te komen tot transorganisatorisch samengestelde teams die bestaan uit medewerkers van verschillende organisaties, zoals het schoolmaatschappelijk werk en de GGD, de GGZ, het welzijnswerk, aangevuld met de specialisten van Kompaan en De Bocht. De teams zijn niet generalistisch maar juist specialistisch, gericht op de vraag van de klant. De focus binnen de door een teamleider aangestuurde teams ligt op samenwerking. De achterliggende organisaties gaan in het verlengde hiervan fungeren als een pool van professionals, kennis en kennisontwikkeling. De eigen organisatiebelangen worden op deze wijze ondergeschikt aan de vraag van de klant Koplopers in de zorg

167


K o m pa a n e n D e Bo cht

en het proces. Lian Smits: “Het succes van de organisatie wordt bepaald door zowel de klant centraal te stellen als een bedrijfsmatige aanpak te hanteren.” De paradigmaverandering wordt versterkt door een groot aantal ontwikkelingen die zich laten omschrijven als een verschuiving van verantwoordelijkheden van de overheid en de provincie naar de (samenwerkende) gemeentes: • De jeugdzorg zal overgaan naar de gemeentes met als doel meer te gaan werken in samenhang met de lokale maatschappelijke context als onderdeel van het streven naar een ‘civil society’. • De financiering van de begeleiding zal overgaan van de AWBZ naar de WMO. • De gemeentes worden verantwoordelijk voor belangrijke beleidsthema’s als ‘werken naar vermogen’ en ‘passend onderwijs’. Dit levert een geheel ander speelveld op met andere financieringsstromen, contractspartijen en concurrenten. Lian Smits ziet een en ander met vertrouwen tegemoet: “We hebben veel verstand van jeugd, gezinnen en geweld in gezinnen en relaties. We kennen de gezinnen, de klanten en de processen.” Naar een maatschappelijk centrum

De ambitie voor de komende periode is de noodzakelijke eenheid onder de professionals te creëren die nodig is om de stap naar de toekomst te maken. De organisatie heeft in het verlengde daarvan een visie op de nieuwe

organisatie geformuleerd, die leidend zal zijn voor het proces. Geformuleerd als de ideale eindsituatie: • Binnen de organisatie bestaan verschillende deskundigheden naast elkaar, inspelend op de vragen binnen het brede spectrum van huiselijk geweld tot ontwikkelingsproblematiek. • Er bestaat geen discussie wie de beste of slimste is of wie de meeste kennis in huis heeft. • De professionals hebben elkaar leren begrijpen. • Er bestaat eenzelfde semantiek rondom projecten. • De professionals werken primair vanuit de problematiek van het gezin. • Iedereen heeft een open/innovatieve houding. • Kompaan en De Bocht is een maatschappelijk verantwoorde organisatie. Het werken met één bestuurder op de verschillende beleidsterreinen bevordert het totstandbrengen en laten landen van de noodzakelijke eenduidige visie. En daarnaast werkt de tijd mee: decentralisatie leidt tot onzekerheden en de noodzaak tot nieuwe keuzes

uitte in een bijdrage in de financiën, zou weer terug moeten komen: “Ik wil niet terug naar een situatie van financiële afhankelijkheid, maar wel naar een situatie waarin de waardering en de betrokkenheid van de maatschappij duidelijk tot uiting komt”. Dit in combinatie met het beschikbare stellen van kennis op laagdrempelige plaatsen, bijvoorbeeld, kinderwinkels waar men gemakkelijk binnenloopt voor alledaagse problemen en probleempjes op het terrein van het gezin. Op deze wijze zal een steeds verdergaande integratie van de activiteiten van Kompaan en De Bocht in de maatschappij plaatsvinden.

Het geheel moet zich ontwikkelen tot een laagdrempelig maatschappelijk Centrum voor Gezinsgezondheid, deels gefinancierd met verzekeringsgelden, deels privaat gefinancierd. Dit laatste vindt Lian Smits ook van groot belang: deze vorm van maatschappelijke betrokkenheid uit het verleden, die zich ook

“We hebben veel verstand van jeugd, gezinnen en geweld in gezinnen en relaties. We kennen de gezinnen, de klanten en de processen.”

168

Koplopers in de zorg


Gehandicaptenzorg

GGZ

Jeugdzorg

Maatschappelijke Ondersteuning

Ouderenzorg

Ziekenhuizen en klinieken

Ondersteunende organisaties

Bedrijfsmatige aanpak In de visie van Lian Smits, bestuurder van Kompaan en De Bocht, wordt van organisaties in de zorg steeds meer verwacht dat ze hun eigen verantwoordelijkheden nemen en aan kunnen geven wat de effecten van hun interventies zijn. Dit vereist in toenemende mate een bedrijfsmatige aandacht. Binnen Kompaan en De Bocht is daarom voortdurend aandacht voor behaalde resultaten in het werk. Dit geldt voor individuele medewerkers, maar ook voor de resultaten van teams en de organisatie als geheel. Ook de effectiviteit van samenwerking met externe partners wordt objectief beoordeeld. Deze bedrijfsvoering wordt ondersteund met instrumenten, zoals een overzichtelijke en betrouwbare managementrapportage, systeem voor cliĂŤntregistratie en meetinstrumenten voor onder meer klanttevredenheid, doelrealisatie en arbeidsbeleving van medewerkers. Naast de instrumentele kant van deze nieuwe wijze van werken, is hier sprake van een organisatiebrede cultuurverandering.

Koplopers in de zorg

169


Stichting Kompaan en de bocht