Issuu on Google+

Jaargang 25 - April 2009

ZAADDONOREN GEZOCHT | FLORIAN WOLFF DROOMT EIGEN PAND NAVIGATORS | SMARTLAPPENFESTIVAL

Studenten op jacht


Gluren bij..

‘Hallo bodes, mogen we eruit?’ Topdrukte op het lustrumbureau aan de Oude Boteringestraat. Een week voor de officiële opening van het lustrum van de RUG moeten er nog veel dingen geregeld worden. ‘Ik werk eigenlijk parttime, maar zo vlak voor de opening is het wel fulltime.’ Tekst: Elske Woudstra Fotografie: Nol Klis De RUG bestaat 395 jaar en de lustrumviering is groots aangepakt. Verschillende activiteiten gerelateerd aan het thema ‘Arts meet science’ moeten voor elk wat wils bieden. Journalistiekstudente Anne-Maaike Stapel (25) houdt zich al sinds september bezig met het uit­voerende gedeelte van het openingsspektakel. ‘Het is natuur­lijk de opening van het hele lustrum, dus dat is hartstikke spannend’, zegt Stapel. Na een bestuursjaar wilde ze ook dit studiejaar graag iets naast haar studie doen. ‘Ik dacht, als ik volgend jaar alleen ga studeren, val ik in een zwart gat.’ Vandaar dat ze solliciteerde naar een plek bij het lustrumbureau. ‘Dat zwarte gat is inderdaad wel uitgebleven, ik heb het hartstikke druk’, lacht ze. De lustrumcommissie, bestaande uit verschillende hoog­leraren, heeft het raamwerk voor de viering gemaakt. Het bureau zorgt voor de verdere invulling en de uitvoering van de plannen. Bij de organisatie van het ope­ningsspektakel komt heel wat kijken. De voorstelling Desert Highway van Club Guy & Roni is een combinatie van dans, muziek en multimedia. Ook is er een uitvoering van de Carmina Burana door studentenkoren en -orkesten

Colofon

om te vragen hoe de kleedkamers ingedeeld moeten wor­den, te controleren hoeveel mensen er eigenlijk in de aula passen waar de openingstoespraak wordt gehouden en om extra kaarten te regelen voor een gezelschap uit Tallinn. Waarbij er door de drukte wel eens wat mis gaat. ‘Wat dom hè, dat ik net de verkeerde Eva belde’, zegt Stapel tegen één van haar collega’s. Tussendoor komt Rector Magnificus Frans Zwarts even binnenlopen om te informeren naar zijn toespraak. ‘Het moet in het Engels hè, donderdag?’ Vooral de uitnodigingen, aanmeldingen en kaart­ ver­koop zorgen op het laatste moment nog voor een hoop werk. Het aanmeldingssysteem werkt niet hele­ maal vlekkeloos, wat nogal wat vragen oproept bij de genodigden. Terwijl ze met één oog haar mobiel checkt zegt Stapel: ‘Soms ben ik er de hele dag mee bezig en dan denk ik: waarom doen die mensen niet gewoon wat ik zeg?’ Ook de proefdruk van het programmaboekje

‘Dat zwarte gat is wel uitgebleven’

Anne-Maaike Stapel zet zich in voor het RUG-lustrum.

Bragi, Gica en Mira. ‘Met heel veel verschillende mensen werk je dan samen, zoals het dansgezelschap, het studen­­ ten­koor, de studentenorkesten, technici en de Ooster­ poort’, vertelt Stapel. ‘Het is wel een uidaging geweest om dat allemaal een beetje gecoördineerd te krijgen’. Er moet veel geregeld worden en Stapel maakt dan ook lange dagen. ‘Nu bestaat mijn dag uit draaiboek maken, rondfietsen om kaartjes op te halen en bellen naar mensen om de laatste dingen vast te stellen, dus we doen van alles door elkaar’. Die telefoontje zijn bijvoorbeeld

De Groninger Studentenkrant is een onafhankelijk blad gemaakt door en voor studenten van HBO- en WO-instellingen in Groningen. Het verschijnt tien maal per jaar in een oplage van circa zesduizend exemplaren die gratis worden verspreid op de RUG, de Hanzehogeschool en andere locaties in Groningen.

Jan Luursema (www.janluursema.nl) Ewoud Rooks (www.erooks.nl) Hanne van der Velde (www.hannev.nl)

Stichtingsbestuur

Vormgeving

Voorzitter en acquisitie: Wanda van der Zee (0614278523), Penningmeester: Daniël Smeding. bestuur@studentenkrant.org

Hoofdredactie

Jesper Verhoef (06-42362986) en Herwin Thole (0650817155) hoofdredactie@studentenkrant.org

Redactie

Persis Bekkering, Nicole van den Berg, Aemilia Brok, Laura van Dam, Lise Evers, Roza Freriks, Mariet van Hasselt, Joost Knaap, Carolien Lindeman, Rosanne Schepers, Sarah Venema, Elske Woudstra, Wanda van der Zee

Fotografie Nol Klis

Door Peter Valkema

2 Groninger Studentenkrant

stemde Stapel eerder op de dag niet tevreden. Na een hoop knip- en plakwerk is het de drukker eindelijk duidelijk hoe het wel moet. Op het volle lustrumbureau lopen de mensen in en uit. Er werken zeven mensen, waaronder vier studenten. ‘We maken lange dagen, maar het is heel gezellig, dus is het niet zo erg. Dan zitten we gewoon met z’n allen hier en denken we: vanavond zijn we niet zo laat weg, ik kan gewoon thuis eten vandaag. En dan is het weer ’s avonds om tien uur: hallo bodes, mogen we eruit?’, vertelt Stapel. ‘We zijn een heel leuk team en gaan van het weekend nog naar Schier, even uitwaaien, even chillen. Maar ik weet niet of dat wel lukt, want ik vind het wel heel erg spannend, de opening volgende week.’ De voorstelling is gelukkig al uitverkocht. ‘Dat is inderdaad wel je grootste nachtmerrie’, zegt Stapel, ‘dat je allemaal leuke dingen organiseert en dat er dan niemand komt.’

(advertentie)

Herwin Thole

Medewerkers Peter Valkema

Drukwerk

Grafische Industrie de Marne

Coverfoto

Ewoud Rooks

Webmaster vacature

Groninger Studentenkrant St. Walburgstraat 22C 9712 HX Groningen www.studentenkrant.org ISSN 09270237

Er zijn te weinig zaaddonoren in Nederland: zie pagina 5.

Gluren bij.. & Cartoon


‘Ik moet nog niet in Pinkpop gaan geloven’ Gronings talent Florian Wolff over toekomstmuziek De in Groningen geboren en getogen singer-songwriter Florian Wolff is hard op weg naam te maken in de Nederlandse muziekscene. Het pad naar succes behelst meer dan alleen mooie liedjes zingen. ‘Ik word er moe van om de telefoon op te pakken en te zeggen: jij moet mij hebben.’ Tekst: Lise Evers en Rosanne Schepers Fotografie: Ewoud Rooks Het gaat hard met singer-songwriter Florian Wolff (23). Zo hard dat hij sinds kort een eigen manager heeft. Wolff: ‘Iemand die net was afgestudeerd in muziekmanagement aan de Hogeschool voor Kunsten in Utrecht hoorde mijn muziek en meldde zich aan.’ Aangezien de muzikant alles zelf doet is het fijn dat hij nu wat werk uit handen kan geven. Naast het creatieve gedeelte van het singer-songwriterbestaan steekt Wolff veel tijd in de meer praktische zaken. Hij regelt de promotie, marketing, verspreiding en verkoop al­le­maal zelf. ‘Voorlopig gaat het nog, maar ik ben wel aan het praten met een label. Er is overigens nog niet getekend.’

Belang van authenticiteit

In januari 2009 riep 3FM Wolff uit tot Serious Talent. Wolff: ‘Ik geloof dat het via Eric Corton is gegaan. Corton zit bij het programma 3voor12 en een luisteraar had mijn plaatje aan­ ge­vraagd.’ Tijdens Noorderslag werd de artiest benaderd door 3FM. Nu hij Serious Talent is kan hij rekenen op air

‘Authenticiteit wordt weer belangrijk’ play en mag af en toe gast zijn in radiouitzendingen. ‘Dat is erg handig, want dat kun je weer gebruiken in je benadering naar festivals. Dan weten zij: die moeten we hebben.’ Want op de festivals gaat het de komende tijd aankomen. Elke dag gaan er twintig mails de deur uit om deze zomer verze­kerd te zijn van een aantal plaatsen op festivalpodia. Tijdens het bevrijdingsfestival staat de zanger in ieder geval al op het hoofdpodium in het Groningse stadspark. ‘Dit jaar moet ik nog niet in Pinkpop gaan geloven, maar Lowlands zou heel fijn zijn. Ik heb hoop op een drukke zomer.’ De bescheiden zanger is niet dol op de zelfpromotie die bij het vak komt kijken. ‘Ik ben niet zo van: kijk mij. Ik vind het gewoon fantastisch om muziek te maken en om mensen

Florian Wolff hoopt dat hij deze zomer op grote poppodia staat.

daar blij mee te maken. Het gaat me echt om het delen van de boodschap, hoe hippie dat ook klinkt. Dus ik word er af en toe wel een beetje moe van om dan weer de telefoon op te pakken en te zeggen: jij moet mij hebben.’ Toch weet Wolff dat jezelf op de kaart zetten erbij hoort en hij ziet er ook de positieve kant van in. ‘De mensen uit ‘de wereld’ zoals de pop­podia-programmeurs stellen het wel altijd zeer op prijs als ze direct contact hebben met de artiest in plaats van met de manager van. Authenticiteit wordt weer belangrijk.’

Gerecycled papier en bamboe

Onlangs won Sabrina Starke, finalist van De Grote Prijs van Nederland in 2006, de Edison voor beste nieuwkomer. Wolff hoopt te kunnen leren van de ontwikkeling die Starke heeft doorgemaakt de afgelopen jaren. ‘Als je kijkt naar Starke, dan kijk je wel naar hoe ze van de Grote Prijs naar de Edison is gekomen. Wat hangt er omheen qua management, wat heeft ze daarvoor gedaan en waar heeft ze gespeeld, zijn allemaal dingen waar je mee bezig bent.’ In het land van de jonge singer-songwriters is de con­cur­ rentie moordend. Wolff: ‘Ik vind het opvallend dat het beeld in Nederland van de singer-songwriter nog altijd de zielige, eenzame gekwetste jongen of meisje op het podium is. Ik onder­scheid me ten eerste al door licht en vrolijk te zijn.’ De muzikant denkt er over na hoe hij zich kan profileren maar is toch vooral op zichzelf gefocust. Wat de zanger ook bijzonder maakt is zijn groene en duurzame onderneming. Zijn cd-hoes is van honderd procent gerecycled papier ge­ maakt is en de merchandise T-shirtjes van bamboe. ‘Zo zet ik mezelf in de markt met dingen die ik toch al in huis had.’ De muzikale stijl van Wolff wordt vaak vergeleken met die van Jack Johnson. Wolff vindt dit niet vervelend, en ziet het juist als compliment. ‘Het zit hem erin dat je met heel weinig ingrediënten een goed liedje in elkaar kan zetten. Ik vat het altijd samen als Feelgood-singer-songwriterpop.’ Zijn muzieksmaak is breed. Naast de zoete deuntjes van zijn eigen hand waardeert hij andere muziekstijlen evengoed. Zo zou de veelzijdige zanger ook best eens willen samenwerken met een lijpe dj of, als hij even dromen mag, met G. Love & Special Sauce, die wat meer de funk kant op gaan. De liedjes op zijn debuut-cd Catching up, Standing still gaan vooral over liefde. ‘Daar gaat het leven nu eenmaal over. Mijn lied­jes gaan over liefde, mensen, verlangen, maar alles op een posi­ tieve toon. Het maken van deze cd was ook echt een bewust­ wordingsproces.’

plek­­ken opgetreden. ‘Ik speelde laatst nog in een kluis, in een oud-bankgebouw.’ En ook het dak van een pand in de Herestraat werd door de zanger als podium ingewijd tijdens het schieten van een videoclip. ‘Ik sta eigenlijk wel vaker op gekke plekken, het is ook zo makkelijk om met je gitaar gewoon maar ergens te gaan staan.’ Eén van zijn favoriete optredens deed Wolff onlangs nog, tijdens Stukafest. Glun­ derend vertelt de twintiger over de intimiteit van zijn huis­ kamer­concert: ‘Je hebt zoveel interactie!’ Mocht een muziekcarrière onverhoopt toch niet van de grond komen, gaat Wolff niet bij de pakken neer zitten. ‘Als ik niet als muzikant slaag, dan wil ik betrokken zijn bij de organisatie van festivals.’ Op dit moment is de artiest naast zijn muzikale carrière ook bezig met Entertain & Sustain, een samenwerkingsproject met school- en bandgenoot Jan Petersen en TU-student Antonno Versteeg, waarin allerlei con­cepten en projecten worden ontwikkeld op het gebied van duurzaamheid. Zo creëerden ze de Tower of Power, een speel­tuin waarin bezoekers zelf energie op kunnen wekken voor praktische doeleinden zoals het opladen van de mobiele telefoon. Net als in zijn merchandise is Wolff ook tijdens zijn op­ tre­dens bezig met duurzaamheid. Tijdens een van zijn nummers van zijn optreden in de finale van popprijs De Grote Prijs van Nederland werd de zanger slechts verlicht door een zwakke spot, aangedreven door fietsend medebandlid Tjidde Hofstra. Na de vorige single The Best Girl staat de volgende alweer paraat. Stowaway gaat over een wederzijdse liefde die ertoe leidt dat mensen uiteindelijk uit elkaar gaan, doordat beide kanten niet kunnen vatten dat ze zo gek zijn op elkaar. De single kan binnenkort gratis gedownload worden via de web­site van de artiest. (advertentie)

Bankkluizen en huiskamerconcerten

Wolff blijkt een breedgeoriënteerde alleskunner want naast zijn solocarrière lopen er nog meer projecten. Zo is hij een van de mannen van electroact Rolodex en met het funkrock trio The Elizabeth Knowhow heeft hij net een nieuwe EP op­ge­nomen. Wolff is niet bang dat andere activiteiten zijn solo­carrière in de weg komen te staan. ‘Als ik alleen m’n lie­ve singer-songwriterliedjes zou kunnen spelen zou ik alleen maar dingen opkroppen die er juist bij The Elizabeth Knowhow heel goed uit kunnen.’ Door de jaren heen heeft Wolff al op een aantal bizarre

Het gesprek

Groninger Studentenkrant 3


Gedeelde smart is halve smart Oprechte weemoed en uitgelaten vro­lijk­heid wisselden elkaar in rap tempo af tijdens de dertiende editie van het Smartlappenfesti­ val. Flamboyant geklede artiesten brachten vol overtuiging muziek met een traan. Een impressie. Tekst: Nicole van den Berg Fotografie: Jan Luursema De feestavond in het Prinsentheater begint veelbelovend: op het podium staat een ouderwetse schemerlamp en op de piano prijkt een kitscherig boeket. We hebben vanavond met echte weemoed te maken, dat is duidelijk. In de zaal bevindt zich – laten we eerlijk zijn – een overwegend grijs publiek. Zit­tend op klapstoelen wachten zij op een avondje lachen, huilen en gegarandeerde rugpijn. Voor het lachen zijn we voornamelijk aangewezen op pre­ sen­tator Jan Bommerson. Hij maakt een enthousiaste entree náást de spotlight, maar laat zich hierdoor niet uit het veld slaan. De hele avond praat hij op humoristische wijze de acts aan elkaar en doet hij rake uitspraken: ‘Maak vooral foto’s met flits, daar worden ze hard van!’ Later: ‘Talent telt niet, enthousiasme wel!’ En aan enthousiasme geen gebrek. Er valt immers niet alleen een Publieksprijs in de wacht te slepen; er wordt ook ge­scout voor de Dag van het Levenslied, 10 mei te Nijmegen.

‘Zij keek naar mij op als een stervend paard’ De leden van de eerste act, de Fruitella’s, zijn gehuld in roze ge­­waden en strooien bij binnenkomst rijkelijk met – jawel – fruitella’s. Meteen barst het Smartlappenfestijn werkelijk los. Hartverscheurende teksten als ‘Mammie, waar ben je?!’ en ‘Zij keek naar mij op als een stervend paard’ passeren de re­vue, en ook de verloren zoons zijn niet van de lucht. Dit

Lachen en huilen op het Smartlappenfestival in het Prinsentheater.

alles overigens wel met een dikke knipoog. Voorzichtig begint het publiek in de loop van de avond wat heen en weer te deinen, een enkeling zwaait met een zak­­doek. Gedeelde smart is blijkbaar echt halve smart. Voor sommigen is er vanavond zelfs helemáál geen smart: Achter­­in de zaal staat een man met een biertje – laten we hem voor het gemak Biertjesman noemen – die erin slaagt na elk nummer door de zaal te bulderen: ‘Mooi ja! Mooi!’ Iets verderop pinkt een oude man tijdens een bijzonder emo­ tioneel lied daadwerkelijk een traantje weg. Dit festival doet zijn slogan – kom lachen én huilen – overduidelijk eer aan. Zowel klassiekers als zelfgeschreven liedjes komen tijdens deze avond voorbij. Met name het Daip River Kwartet weet het publiek te bekoren. Misschien komt het door de gouden jas van de zanger, misschien door zijn meeslepende Groningse

teksten – het uitzinnige applaus dat na dit optreden losbarst, verraadt al enigszins dat deze act hoogstwaarschijnlijk de Publieksprijs in de wacht zal slepen. Drie uur en enkele indrukwekkende outfits later is het tijd voor het invullen van het stembiljet. Dit karwei wordt aan­zienlijk bemoeilijkt doordat de namen van de acts voor de simpele smartlapleek niet meer uit elkaar te houden zijn. Maar dat maakt niet uit: het grootste gedeelte van het pu­ bliek bestaat uit kenners. Uiteindelijk komt het Daip River Kwartet als winnaar van de Publieksprijs uit de bus. Nog­ maals kunnen we genieten van hun liederen, en nog één keer buldert Biertjesman door de zaal. Op de vraag wat hij nu eigenlijk van de avond vond, antwoordt hij met een vol­ mondig: ‘Mooi ja!’.

(advertenties)

4 Groninger Studentenkrant

Cultuur


Met spoed gezocht: zaaddonoren De spermabanken in Nederland kampen met een enorme terugval van het aantal zaaddonoren. Het UMCG is een actie gestart om meer donoren te werven. ‘Bedenk wel wat je voor een ander kunt betekenen.’ Tekst: Joost Knaap Van ‘Donor gezocht’, ‘Betrouwbare donor gezocht’, ‘Zaadjes gezocht’ tot het meer directe ‘Ik zoek een leuke vent die een zwemmertje wil afstaan’: de website stilverlangen.com staat vol met oproepen van wanhopige wensouders. Er is in Neder­land namelijk een groot tekort aan zaaddonoren. De Nederlandse spermabanken hebben het moeilijk. Sinds een wetswijziging in 2004,die ervoor zorgde dat zaaddonoren niet langer anoniem kunnen blijven, loopt het aantal donoren terug. Kinderen van wensouders hebben het recht hun biolo­ gi­sche vader op te zoeken zodra zij zestien zijn. Dat schrikt veel mannen af. Joost Wessels, persvoorlichter van het UMCG: ‘Het aantal donoren is met eenderde teruggelopen in Groningen. Er waren vroeger 34 spermabanken, nu zijn er nog maar tien over.’ Via een campagne met het motto ‘Doe het voor een ander’ worden mannen door advertenties in re­gio­nale dagbladen en via de huisarts geïnformeerd over het donorschap. ‘We proberen mensen te laten zien wat ze kun­nen betekenen voor kinderloze stellen.’ De actie loopt nog maar een paar weken, maar Wessels spreekt al van een klein succes. ‘Er hebben zich veertien poten­

‘Ik zoek een leuke vent die een zwemmertje wil afstaan.’ tiële donoren aangemeld. Dat houdt duidelijk rechtstreeks verband met de campagne. Ook wordt er veel meer naar het secretariaat gebeld voor algemene informatie.’ Het is volgens Wessels een misverstand dat donoren plich­ten zouden hebben ten opzichte van kinderen die met behulp van hun sperma worden geboren. ‘Er is geen onder­ houdsverplichting, geen enkele financiële verplichting’, zegt Wessels met klem. Paul Vlaardingerbroek, hoog­leraar

‘Mensen gaan door een rouwproces als blijkt dat ze geen kinderen kunnen krijgen.’

familie- en jeugdrecht aan de Universiteit van Tilburg, on­ der­schrijft dit. Hij stelt dat de angst van donoren vooral ligt in het feit dat hun donorkinderen opeens op de stoep van de do­nor kunnen staan, maar dat ze juridisch niets te vrezen heb­ben. ‘De wet is er heel duidelijk in. Geen relatie met de moe­der betekent geen verplichting. Die angst is iets wat tussen de oren zit.’ Een woordvoerster van Freya, de patiënten­ver­eni­ging voor mensen met vruchtbaarheidsproblematiek is blij met de actie van het UMCG. ‘We zouden graag zien dat er meer donoren komen. Uiteraard juichen we iedere actie toe die daartoe wordt ondernomen.’ Volgens Freya is het heel belangrijk dat er zich meer donoren aanmelden. ‘De kinderwens is voor een grote groep mensen een heel groot verlangen. Ze gaan door een rouwproces als blijkt dat ze geen kinderen kunnen krijgen; ze moeten afscheid nemen van hun leven. Donoren kunnen door zoiets simpels al helpen.’ Freya is vooral bang dat door het tekort aan donoren men­ sen hun heil gaan zoeken bij websites als stilverlangen.com.

Dit brengt risico’s met zich mee. ‘Als mensen via een website een donor vinden is dat op zich niet zo erg, als ze maar via het ziekenhuis tot bevruchting overgaan. Dat gebeurt echter niet in alle gevallen. Bij zelf-inseminatie weet je niet of het sperma wel veilig is.’ Hoewel het UMCG zich niet specifiek richt op studenten, maar op alle mannen van 21 tot 42 jaar, vormen de studenten natuurlijk in potentie een grote doelgroep. Wat vinden studenten er zelf van? Zouden ze zich aanmelden door de actie? Student psychologie Steven de Rooij: ‘Ik zou het wel eerst met mijn vriendin moeten overleggen, maar ik ben wel bereid om zaaddonor te worden.’ Er moet volgens hem wel actief campagne worden gevoerd. ‘Op een advertentie in de krant zou ik niet reageren.’ Christiaan Westerhof, eveneens student psychologie is het niet met hem eens: ‘Het gaat tegen mijn persoonlijke overtuiging in, je verliest het recht om te bepalen met wie je een kind krijgt. Ik zou het nooit doen.’

Eigen pand Navigators na jaren van groei Sinds vorige maand wordt er druk ge­klust aan de Hereweg. Een voormalig Chinees restaurant wordt omgetoverd tot het eerste eigen pand van de Navigators Studentenvereniging Groningen (NSG), de grootste christelijke studentenvereniging van de stad. Tekst: Laura van Dam Fotografie: Nol Klis ‘Het is iets wat natuurlijk al jaren onder de leden speelde. We zijn er gezamenlijk lang mee bezig geweest’, vertelt Mark Jan Ploegstra, Assessor Externus van NSG, over de zoektocht naar een eigen pand voor de vereniging. Het leden­aantal van de christelijke vereniging is in de vijftien jaar van haar bestaan flink gegroeid. ‘We zijn nu de vierde groot­ste studentenvereniging van Groningen, en met 420 leden werd het ook wel noodzaak om een eigen plek in de stad te vinden.’ Voordat het zover was probeerde NSG met wervingsacties wat extra geld binnen te halen. Zo ook twee jaar geleden toen er een sinaasappelactie werd georganiseerd. ‘Dat was echt leuk ja, twee maanden lang heel Nederland door om ze te ver­kopen. Het was een groot succes’, lacht Jelle Bouwkamp, voorzitter van Überhaupt, de kluscommissie van NSG. Hij en de zes andere Überhaupt-leden zijn inmiddels klaar met het grote sloopwerk. ‘Het kostte vooral veel tijd om alle Chi­ nese aankleding uit het pand te slopen. Buiten hangen ook nog wat Chinese versiersels, maar die mogen we pas weg­

Achtergrond

Na vijftien jaar hebben de Navigators eindelijk een eigen pand.

halen met een vergunning’, vertelt Bouwkamp. Via de gemeente kreeg de vereniging begin dit jaar het pand aan de Hereweg als optie aangeboden. ‘De afgelopen tijd stond het pand leeg en daarna heeft er twee keer de Happietaria plaatsgevonden’, zegt Ploegstra. ‘Dat is een

‘We hopen voor de KEI-week klaar tezijn’ tijdelijk restaurant, georganiseerd door de vijf christelijke stu­dentenverenigingen in Groningen om geld voor diverse goede doelen in te zamelen.’ Al lopend door het nog kale en met puin en bouw­

materiaal bezaaide pand wijst hij aan hoe de sociëteit er uit moet ko­ men te zien. ‘Hier waar de koelcellen stonden komt de be­stuurskamer met daarnaast de biblio­ theek.’ Midden in het pand zal een podium komen, en aan een kant van de ruimte wordt een lange bar gebouwd. ‘Die elektrische schuifdeuren bij de ingang gaan we nog vervangen door een mooie houten deur. Dat past wat meer bij een vereniging.’ Niet alleen het nieu­ we pand, ook het aan­ komende lustrumfeest zijn voor NSG reden tot feest. ‘Aankomende mei wordt ons derde lustrum­jaar gehouden’, vertelt Ploegstra. Of het pand dan al helemaal af zal zijn is de vraag. ‘We hopen in ieder geval voor de KEI-week klaar te zijn zodat we geïnteresseerden en nieuwe leden hier kunnen ontvangen.’ Ook daarna moet het pand dienen als een gastvrije plek voor leden en niet-leden. Bouwkamp: ‘Overdag moet het een plek worden waar mensen gewoon binnen kunnen lopen voor wat gezelligheid en een kopje koffie bijvoorbeeld. Dan maakt het niet uit of je wel of geen Navigatorslid bent.’ NSG heeft voor het pand een huurcontract van vijf jaar af­ gesloten. ‘De zoektocht naar een echt eigen pand gaat door’, vertelt Ploegstra. Ondertussen zal de vereniging geld blijven sparen. ‘We zijn straks niet meer genoodzaakt om bij kroegen of het pand van Unitas bijeen te komen. Dat we nu voor deze periode onze eigen sociëteit hebben is fantastisch.’

Groninger Studentenkrant 5


Zwemkampioenschap met roze randje Op zaterdag 21 maart vond het jaarlijkse Nederlandse Studenten­ kam­pioen­schappen (NSK) zwem­ men plaats in Kardinge. Vanuit heel Nederland kwamen de ‘Pieter van den Hoogebanden’ in spé om hun per­soonlijke record te verbreken en met de kampioenstitel naar huis te gaan. Tekst en fotografie: Aemilia Brok In de zwemcompetitie die het hele jaar duurt gaat het tussen de verschillende verenigingen zoals Spons uit Amsterdam en de Golfbrekers uit Groningen. Maar bij het NSK gaat het om individuele tijden. Dit zorgt er voor dat het kampioenschap een zeer uiteenlopend niveau van zwemmers kent. Zwemmers die pas in hun studententijd zijn begonnen, maar ook jongens en meisjes die al vanaf hun derde in het bad liggen en wel vijf keer per week trainen. Het valt op dat iedereen die moet zwemmen het ook serieus neemt. Het NSK kent niet echte topzwemmers, want deze zwemmen toch vooral bij de grote en professionele burgerverenigingen. Wel kan men zich plaatsten met de tijden van het NSK voor de Nederlandse Kampioenschappen, waar wel de grotere namen aan mee doen. In het bad bij Kardinge is het hartstikke druk. Overal zijn studenten met blote lijven, strakke zwembroekjes, slippers en natte haren. De tribunes zitten helemaal vol en er hangen grote spandoeken van alle zwemverenigingen over de reling. Het geheel ademt een gezellige en sportieve sfeer. ‘Iedereen wordt aangemoedigd’, zegt Mark Oude Bennink die het NSK organiseert. Oude Bennink vertelt dat het NSK niet alleen om het zwemmen gaat maar dat er ook een hoop gezelligheid bij

250 deelnemers streden om de titels tijdens de Nederlandse Studentenkampioenschappen zwemmen.

komt kijken. ‘De mensen uit Maastricht zijn een dag eerder gekomen en blijven logeren bij mensen uit Groningen. Dit brengt een hele leuke sfeer met zich mee en een groep mensen waar bijna iedereen elkaar wel kent.’ Het NSK heeft vandaag 250 deelnemers. Dit grote aantal inschrijvingen is ook te danken aan het feest dat na afloop van het kampioenschap in Shadrak plaatsvindt. Oude

Het thema verklaart de té roze T-shirts Bennink: ‘Als we het feest niet hadden gehad waren er zo honderd mensen minder gekomen.’ Na het zwemmen wordt er gezamenlijk gegeten en na het optutten barst het feest, met als thema ‘Gay Parade’, los. Dit verklaart ook gelijk de

té roze, strakke T-shirts van de NSK-commissie. De NSK-commissie is een half jaar bezig geweest met het organiseren van dit evenement. Het wordt mogelijk gemaakt door het startgeld dat de zwemmers moeten betalen en een deel wordt gesubsidieerd. Oude Bennink en zijn commissie, die ook af en toe afstanden zwemmen, hebben het de hele dag druk. ‘Alles loopt prima nu, de programmaboekjes zijn ook weer extra geprint’, zegt mede-commissiegenoot Linda Everlo tegen Oude Bennink. De deelnemers hebben hier zelf waarschijnlijk niets van gemerkt want die zijn veel te druk bezig met zwemmen en aanmoedigen. Wat vooral opvalt tijdens dit NSK, is de combinatie van sport en plezier. De professionaliteit waarmee het evenement is geregeld heeft duidelijk invloed op de zwemmers. Ze zijn er bijna vakkundig mee bezig, om zich vervolgens na het zwemmen lekker uit te leven op het feest in Shadrak.

De Groninger Studentenkrant is op zoek naar nieuwe redacteuren. Ben jij nieuwsgierig, heb je een oog voor nieuws en vind je schrijven leuk? Kom dan bij de leukste krant van Groningen! Stuur je sollicitatie naar hoofdredactie@studentenkrant.org. Als je nog vragen hebt, kan je ook naar dit adres mailen.

6 Groninger Studentenkrant

Sport


v

Recensies BOEK

CD

FILM

Hafid Bouazza - Spotvogel Door Lise Evers

Fever Ray - Fever Ray Door Nicole van den Berg

Donkey Punch Door Persis Bekkering

Bij het lezen van Spotvogel is het alsof je je in een delirium bevindt. Bouazza schrijft prachtig poëtisch, maar zijn stramme zinnen doen ge­kunsteld aan. In het dunne boek­­je vertelt de depressieve h­oo­fd­­­persoon Hafid over zijn ver­blijf in Marokko, waar hij op aandringen van zijn moeder naartoe is gekomen. Door familie en vrien­den van familie wordt hij liefdevol opgevangen. Hij krijgt veel en lekker te eten en laaft zich aan de mooie Marokaanse natuur. Pas op bladzijde 78 begint Hafid met het verhaal dat hij eigenlijk wilde vertellen. Dan stopt ook meteen het oeverloze en begint het boek meer structuur te krijgen. Het verhaal gaat over de onstuimige liefde tussen Noral en Marfisa die hen onmogelijk wordt gemaakt door Marfisa’s vader. Bouazza schrijft zinnelijk en het boek is doordrenkt met neologismes: ‘Marfisa was een zoete morsel van een begunstigd mensdom, bijzonder geschikt om te kussen en zoele zonde mee te bedrijven.’ Het verhaal dat Hafid vertelt eindigt met Marfisa’s dood en kort daarna eindigt ook het boek al even abrupt. ‘Nu kan ik eindelijk voor het eerst voor mijzelf koken. Nu heb ik iets omhanden.’ Hafid lijkt er tijdens het verblijf in Marokko weer bovenop te zijn gekomen. Naar eigen zeggen was de aan alcoholverslaafde Bouazza tijdens het schrijven van dit boekje com­ pleet nuchter. Als lezer daarentegen voel je je hoofd vaak tollen als in een dronken bui. De mooie woorden spoelen als een vloedgolf over je heen, maar het gebrek aan structuur biedt de lezer weinig mogelijkheden tot het vinden van enige houvast.

Fever Ray is het solo­ project van Karin Dreijer Andersson, bekend van het Zweedse electroduo The Knife en het bejubelde album Silent Shout. Dreijer lijkt haar plots verworven bekendheid meteen weer van zich af te willen schudden door nu alleen en onder een andere naam een album uit te brengen. Een onwaarschijnlijke keuze die de nodige verwarring op zal leveren – en dat is waarschijnlijk ook precies de bedoeling. Dreijer maakt elektronische muziek met een psyche­ de­lisch tintje. Kenmerkend is haar veelvuldige ge­ bruik van een stemvervormer, waardoor haar zang vaak behoorlijk onmenselijk klinkt. Zo ook op de eer­ ste single If I Had A Heart: een ietwat onbehaaglijk nummer dat tegelijkertijd op een vreemde manier toch ook heel mooi is. Gedurende het hele album blijft die onbehaaglijkheid op de achtergrond een rol spelen, maar niet op een vervelende manier – juist de kille, bijna enge sfeer maakt de muziek zo interessant. Fever Ray gaat volgens Dreijer zelf voor een groot deel over het onderbewustzijn. De muziek schetst kaders, geeft hier en daar wat kleur, maar vertelt nooit een duidelijk verhaal. Hierdoor is het zeker geen makkelijk album. Het duurt lang voordat de nummers blijven hangen, en door het aanhoudende, trage tempo lijkt het wellicht alsof de nummers maar wat voortkabbelen. Tegelijkertijd is dit juist de kracht van de cd. Bij elke luisterbeurt is er iets nieuws te ontdekken, of valt een nummer plots toch op z’n plaats. Het kost wat moeite, maar uiteindelijk is dit een album om heerlijk bij weg te dromen.

DVD

BOEK

Onlangs in de kroeg hoor­ de ik iemand het woord ‘wegtrekkertje’ abu­sie­­ve­­lijk ge­brui­ken. Hij de­finieerde het woord als de ge­dachte tij­dens een voorstelling: ‘afgrijselijk! Ik wil hier weg’. Fou­tief of niet, een weg­trekkertje had ik in de bioscoop bij Donkey Punch. Als recensent word je helaas geacht de hele film uit te zitten. Dat verhinderde me niet ongeveer eenderde van de speelduur mijn blik van walging af te wenden. Want voor zóveel misplaatst, goedkoop geweld wil ik mijn netvlies behoeden. Het eerste halfuur waarschuwt je al overduidelijk. Drie Engelse meisjes uit Leeds gaan op vakantie naar Mallorca, hoppen van kroeg naar kroeg en ontmoeten drie Britse jongens met een groot jacht. De voortekenen van naderend onheil zijn zó opvallend dat je de plot bijna kan voorspellen, was die niet zo over the top ge­weest. Zonder te protesteren laten de dames zich meevoeren naar het jacht, alwaar iedereen zich drogeert en seks met elkaar wil. Dan volgt een veel te lange, alles exposerende seks­ scène waar de Donkey Punch in praktijk wordt ge­ bracht – een standje dat te walgelijk voor woorden is. Dit leidt tot de dood van één van de meisjes. De rest van de film laat zien hoe ze elkaar, één voor één, afmaken. De eerstvolgende moord is nog te verteren: de jongeren beginnen elkaar steeds meer te wantrouwen, te bedriegen, te beklemmen. Psychologisch interessant om te zien hoe de meest lievige meisjes, onder druk van de gebeurtenissen en ziekmakende angst, zich ont­ wikkelen tot harteloze monsters. Maar de moorden daarna zijn overbodig en volstrekt ongeloofwaardig. Dat was ook te merken aan het publiek in de bioscoop, dat steeds meliger werd. Hoeveel geweld kun je in honderd minuten proppen? Hoe je ook denkt over bloed in films, of je nu wilt dat het scherm ervan druipt of niet: in Donkey Punch dient het geen enkel doel. Het plot zou veel sterker zijn als er een ander slot werd bedacht dan dat er één personage over bleef. De schrijvers probeerden het verhaal nog te redden door er wat ‘subtiliteiten’ in aan te brengen. Zo is het openingsshot bijna gelijk aan het laatste beeld. Geniaal hoor, het cirkeltje is rond. Daarna snijdt de hoofdpersoon zich zó bloederig en onmiskenbaar bij het scheren van haar oksels, dat je direct weet dat deze scène als een ‘vernuftige’ voorafspiegeling is bedoeld. Derge­lijke goed­kope trucjes zitten er nog meer in. Het acteerwerk is ook geen Oscar waard. Er zit geen enkele grote acteur in. Dat hoeft ook niet, als je maar zorgt dat je ander talent vindt. Helaas speelt niemand in de film ook maar één moment voortreffelijk. Dat geeft je het gevoel naar een B-film te kijken. Goed, het ‘tragische’ verhaal voldoet op een aantal pun­ten aan Aristoteles’ drama-opvattingen. Eenheid van tijd en plaats was allereerst aanwezig. Ook wekte de hoofdpersoon gevoelens van medelijden en vrees op, wat een goede protagonist behoort te doen. Deze randvoorwaarden hebben de film helaas niet weten te redden. Ga deze film niet kijken.

Swing Vote Door Rosanne Schepers Nooit werd de waarde van een stem zo duidelijk als in de nieuwe Costner-film Swing Vote. Kevin Costner speelt Bud Johnson, een arme arbeider uit smalltown New Mexico. De luie Johnson, am­bi­tieus noch verantwoordelijk, wordt prak­ tisch opgevoed door zijn twaalf­ jarige dochter Molly. Gezegend met een beter stel hersens dan haar vader, probeert ze Bud het nut van stemmen in te laten zien. Helaas ver­kiest hij de bar boven het stemlokaal, waarop de wijze Molly zelf besluit te gaan stemmen. Ondertussen verkeren de presidentskandidaten in een nek-aan-nekrace. Swing state New Mexico is verdeeld, en laten nou net de vijf kiesmannen van deze staat cruciaal zijn voor de uitslag van de verkiezingen. Buds stem blijkt de doorslaggevende te zijn, maar is door een tech­nisch mankement niet verwerkt en moet worden over­gedaan. Wat volgt is een ware verkiezingsstrijd om de stem van één persoon, die met zijn beslissing de toe­ komst van zijn land bepaalt. In tegenstelling tot de acteerprestaties van Madeline Carroll (Molly), is Costners vertolking van de onnozele Bud matig en neigt het zo nu en dan zelfs naar persiflage. Het gebrekkige script draagt hier ook aan bij, a­an­gezien Bud na anderhalf uur nog steeds dezelfde sim­pele ziel is. Het laatste kwartier moet goedmaken wat de rest van de film laat liggen. Bud houdt een krachtig betoog tijdens het einddebat van de kandidaten. Opgelucht door de langverwachte diepgang, volgt hier toch weer een teleurstelling. Wanneer Bud gaat stemmen en de ontknoping van de verkiezingen nadert, wordt plots de af­tite­ling ingezet en blijft de kijker heel politiek correct in het ongewisse over zijn keuze. Swing Vote is totaal niet Costner-waardig en enkel geschikt voor een avond zeer hersenloos tijdverdrijf.

Recensies

Paolo Giodano - De eenzaam­ heid van denpriemgetallen Door Joost Knaap De eenzaamheid van de priem­ ge­tallen, de debuutro­man van de 26-jarige fysicus Paolo Giordano, is in Italië met veel lof ontvangen en heeft hem een enorme schare fans bezorgd. De auteur ontving in 2008 de Primo Stegra: de belangrijkste literatuurprijs in Italie. Hij was hiermee de jongste schrijver ooit die deze eer te beurt viel. De hoofdpersonen in zijn debuut, Mattia en Alice ondervonden beiden een traumatische gebeurtenis in hun jeugd, die ze voor de rest van het leven tekende. Mattia laat zijn zwakbegaafde zusje, die hij als een blok aan zijn been ervaart, alleen achter in een park. Ze wordt nooit terug gevonden. Alice krijgt een ski-ongeluk, waardoor ze de rest van haar leven mank loopt. Beide personages worstelen met de wereld, van tiener naar volwassene, en vinden elkaar daarin, ‘twee mensen die hun eigen eenzaamheid in de ander hadden herkent’. De eerste prille gevoelens van liefde in hun tiener­ jaren krijgen echter niet de mogelijkheid om zich te ontwikkelen. Het tweetal komt niet nader tot elkaar. Als ‘twee priemgetallen, alleen en verloren, vlak bij elkaar, maar niet dicht genoeg om elkaar echt te kunnen raken’. Giardano gebruikt vele krachtige metaforen, (waar­ onder natuurlijk de titel) en geeft het boek hiermee een poëtische klank. Deze dichterlijke stijl trekt de lezer het boek in en maakt het lezen tot een rijke ervaring. Het tragische verhaal van de hoofdpersonen wekt bij de lezer veel sympathie op, door de kundige uitwerking van de karakters. Tegen het einde van het boek wijst alles op een goede afloop, maar dat blijkt er voor Mattia en Alice niet in te zitten, al is het ook gedeeltelijk aan de lezer om het einde in te vullen.

Groninger Studentenkrant 7


Apart’ja

‘Schieten is net ballet’ Studenten Berend de Haan (25) en Rudolph Wortelboer (22) offeren al maanden hun zondagochtend op om kleiduiven te schieten. Door in mei tijdens hun jachtexamen achttien van de 25 oranje kleibordjes te raken halen ze hun jachtakte. ‘Het is terecht dat het examen zo zwaar is, je hebt als jager de verplichting om een beest in één keer dood te schieten.’ Tekst: Carolien Lindeman Fotografie: Ewoud Rooks Met vijf luide knallen raakt De Haan alle vijf oranje schoteltjes die de lucht in worden geschoten. Hij ontlaadt het geweer dat nog narookt, en vertelt: ‘Schieten gaat om je gemoedstoestand en continuïteit is daar belangrijk voor. Ik ga elke zondag schieten en moet daar inderdaad veel dingen voor laten.’ Met Wortelboer gaat het even iets slechter en begeleider Menno Hollander van schietvereniging Vulpes Vulpes vraagt streng: ‘Ben jij op stap geweest?’ Wortelboer ontkent, maar weet uit eerdere ervaring toe te geven: ‘Een wilde nacht heeft zeker invloed op hoe je schiet.’ Je jachtakte halen is geen goedkope grap, je bent zo achthonderd euro kwijt aan het wekelijks schieten

en het examen. In ruil daarvoor mag je dan op officiële jachtvelden jagen en weet je hoe je professioneel met een jachtgeweer omgaat. De regels omtrent het schieten zijn streng, zo worden de twee er direct op gewezen als ze hun geweer niet goed terug hebben gezet of wanneer ze hun veiligheidsbril zijn vergeten. Toch gaat het nog vaak genoeg mis bij het jagen en een ongeluk zit in een klein hoekje. ‘Stel ik spring met een Studenten De Haan en Wortelboer hopen hun jachtakte te halen. geladen geweer over een sloot terwijl Berend voor mij loopt, dan heeft hij jagen te maken. ‘Tegenstanders zijn moeilijk over te een schot vol hagel in zijn rug’, speculeert Wortelboer. halen dat het niet per se slecht is’, stelt de Haan. Hij De Haan wijst naar een groepje oudere mannen die geeft toe dat hij zelf ook erg kritisch is, op bijvoor­beeld nonchalant met hun geweer over hun schouder over het soort drijfjachten dat in Engeland plaatsvinden. de schietbaan lopen. ‘Kijk, als je zoiets doet ben je dus Maar hij nuanceert ook: ‘Aan de firma Disney hebben gelijk gezakt voor je examen.’ we een ideaalbeeld van dieren te danken en dat Beginnen met jagen is niet iets wat je zomaar doet, maakt ons als jagers tegelijkertijd de grote boeman. maar ‘bij Vindicat is er elk jaar wel een groepje dat voor Ondertussen eten dezelfde kindertjes die naar die films zijn jachtakte gaat’, volgens Wortelboer. ‘Mijn familie kijken kistkalveren, dat is pas lullig.’ is er niet heel druk mee bezig, maar ik ging vroeger ‘Soms is jagen ook gewoon nodig, bijvoorbeeld toen weleens mee op drijfjacht.’ De Haan heeft ook in zijn er te veel konijnen waren en ze met ontstoken ogen jeugd met jagen te maken gehad: ‘Bij mij zat het er altijd mas­saal de Waddenzee inliepen’, vertelt Wortelboer. al in, mijn opa was een fervent stroper.’ ‘Wij snappen ook wel dat het niet de bedoeling is om al­ De Haan vertelt: ‘Ik wil graag echt jagen straks, maar les dood te schieten dat beweegt.’ Dan worden de bei­de ik weet nog niet goed hoe ik dat moet vormgeven, daar studenten weer bij de les geroepen met een laatste wijs­ moet je vriendjes met jachtvelden voor maken.’ De twee heid van begeleider Hollander: ‘Jongens, schieten is net studenten hebben al wel met negatieve reacties op het ballet: het moet een mooie vloeiende beweging zijn.’

Culinaire SK-pade

Fastfood in een clubjasje In de knusse, exotische Folkingestraat is een vreemde eend in de bijt verschenen: het hippe BS&P, dat staat voor Burgers, Sandwiches & Pasta’s. Fastfood in een clubjasje, lijkt het concept uit te willen stralen. Bij binnenkomst denk je een minimalistische lounge zoals je die op vliegvelden vindt te betreden. De langwerpige hal is bijna volledig wit,

op paarse lichten en kussentjes na. Glitterstenen sieren de wanden. Geen zwoele uitstraling dus, die je uitnodigt tot uren lang tafelen en nazitten. Dat heeft de eigenaar begrepen, want het restaurant sluit al om 21.00 uur. Er hangt een LCD-tv met Eurosport aan. Jammer, tijdens het eten wordt je blik automatisch naar het beeld getrokken zonder dat je echt wat ziet. Waarom heeft de eigenaar hiervoor gekozen? Is het zo rustig dat het personeel ook vermaakt wil worden? Wegdoen dat ding, is het advies. De menukaart, al even glanzend ontworpen als het interieur, toont het assortiment: hamburgers met biologisch vlees die niet in bijzondere combinaties worden geserveerd.

Daarnaast de bekende salades en pasta’s met – hopelijk – verse ingrediënten. Friet hebben ze niet, dat is natuurlijk niet hip genoeg, dus kan je gepofte aardappel of potato wedges bestellen, welke aardappels in de schil met rozemarijn blijken te zijn. We bestellen de courgettesoep als voorgerecht, die niet op de kaart staat omdat het een maandspecial is. De serveerster brengt deze in werkelijk gigantische kommen, slaschalen bijna, waarin een bodempje soep zit. De courgette is niet te bekennen, die is ondergesneeuwd door een overdosis maïzena. De croutons en half-zongedroogde tomaatjes maken dit enigzins goed. Als hoofdgerecht nemen we een hamburger, die vers lijkt te zijn. Het is wel een beetje karig, zo’n simpele burger op een bordje zonder spannende garnering of extra groente. De potato wedges zijn lekker fris en mild, maar niet helemaal gaar. Hoewel het eten je dus niet omverwerpt van extase, is er aan het uiterlijk veel zorg besteed. Het oog wil ook wat. Het bestek is fraai ontworpen, het servies bruikbaar en stijlvol. Op die vreselijke televisie na stemt alles in het interieur met elkaar overeen. Dat maakt het toch een leuke ervaring – het is geen Hollandse gezelligheid, maar metropolitaans loungen. Het eten is betaalbaar, er liggen kranten en tijdschriften voor wie geen eetdate heeft kunnen scoren en de service is snel. Je kunt hier het beste heengaan als je geen tijd hebt voor een lange avond dineren en niet al te veel geld uit wilt geven. Daarom zie je veel zakenmannen, met de krant naast zich of een laptop. Met je drie vriendinnen is het er ook goed toeven, dan kan je à la Sex & the City sla eten en Prosecco slurpen. BS&P is een aardige aanwinst voor Groningen. Bugers, Sandwiches & Pastas Folkingestraat 42, Groningen www.bsnp.nl Tekst: Persis Bekkering Fotografie: Hanne van der Velde

De Groninger Studentenkrant is op zoek naar bestuursleden voor 2009/2010. Stuur je sollicitatie naar bestuur@studentenkrant. org. Als je nog vragen hebt, kan je ook naar dit adres mailen.


SK april 2009