Page 1


Colofon Groninger Studentenkrant St. Walburgstraat 22C 9712 HX GRONINGEN http://www.studentenkrant.org ISSN 09270237 De Groninger Studentenkrant is een onafhankelijk blad gemaakt door en voor studenten van HBO- en WO-instellingen in Groningen. Het verschijnt tien maal per jaar in een oplage van 7000 exemplaren die gratis worden verspreid op de RuG, de Hanzehogeschool en andere locaties in Groningen.

Stichtingsbestuur Voorzitter: Nico van Benthem (0647230571), acquisitie en pr: Renée van Groenestein (06-46710401) en Femke de Haan (06-48371857), penningmeester: Björn Oortman (06-41371063) bestuur@studentenkrant.org

Hoofdredactie Harold Duitscher (06-26456183) en Moniek Steenbergen (06-43434048) hoofdredactie@studentenkrant.org

Inhoud

Studentenkrant Maart 2006 PAGINA 3

Gesprek Gesprek met Abdelkader Benali Op zijn negentiende schreef hij zijn eerste boek. Vervolgens studeerde hij weinig succesvol geschiedenis in Leiden. Nu is hij een gevierd schrijver. Eveline Bijlsma en Merijn Scholten gingen in gesprek met de eigenzinnigeschrijver van Marokkaanse afkomst. ‘Na het bedrijven van de liefde kon ik goed werken’.

Nieuws

PAGINA 5

Werken bij het Juridisch Spreekuur Als student leef je in een simpele wereld waar problemen met wet en ambtenarij ver van je bed staan. Toch bestaat er een grote boze buitenwereld van juridische ellende. Harold Duitscher maakte een reportage over de studenten die bij het Juridisch Spreekuur mensen te hulp schieten.

PAGINA 6/7

Uitgespreid SK Toilettentest Als je drinkt moet je naar de wc. En drinken doe je vooral in de kroeg. Dan rijst de vraag: hoe ga je naar de wc? Sta je tot de enkels in de meuk van een paar honderd voorgangers of is er een keurig stukje zeep en een schone handdoek voorhanden. De SK ging op onderzoek uit in het Groningse nachtleven en tekende de fraaie - en zeker ook ranzige resultaten op.

Cultuur

PAGINA 9

Midnight Express Groningen is een prima stad voor de jazz-liefhebber. Maar jazz is meer dan in het zwart gehulde intellectuelen die al pijprokend in de kroeg naar een band luisteren. Het Midnight Express Festival laat zien dat er een ruimte is voor hippe jazz die niet saai is. Laura van Eerten maakte een reportage over het festival.

Eindredactie Jan Luursema, Sebastiaan Pouyet

Redactie

Fotostrip

Eveline Bijlsma, Deirdre Das, Margriet van Dijken, Ricus Dullaert, Laura van Eerten, Frieda Hamster, Peter Keizer, Zosia Kooi, Christiaan Kooistra, Bart Jan Teunisse, Rutger Uittenbogaard, Sjef Weller, Dafne Wiegers, Hans van der Woude

Fotografie Jan Luursema, Sebastiaan Pouyet en Sjef Weller

Vormgeving Sjef Weller

Medewerkers David ten Cate, Jasper de Weerd

Drukwerk Drukkerij 1984

Coverfoto Sebastiaan Pouyet

Webmaster Peter Keizer

www.studentenkrant.org

Door Sebastiaan Pouyet 2 Groninger Studentenkrant

Entree


Schrijver Abdelkader Benali over zijn studententijd

‘Je doet contacten en hier en daar een geslachtsziekte op’

Door Eveline Bijlsma en Merijn Scholten Foto: Sebastiaan Pouyet

‘Een totaal irrelevante periode’, zo typeert schrijver Abdelkader Benali (1975) zijn studententijd. Benali, bekend van de romans Bruiloft aan zee, De Langverwachte en Laat het morgen mooi weer zijn, stopte na drie jaar met zijn studie geschiedenis aan de universiteit van Leiden om zich aan het schrijverschap te wijden. In gesprek met de Studentenkrant vertelt hij over deze periode. ‘De meesten zien studeren als een hele leuke vorm van vrijetijdsbesteding.’ Benali, die naast romans ook korte verhalen, toneelwerk, poëzie en columns schrijft, werd geboren in het Marokkaanse Ighazzazen en verhuisde op zijn vierde naar Rotterdam. Op de middelbare school kwam hij erachter dat hij moeite had zich te voegen naar het systeem, zoals ook later op de universiteit zou blijken. ‘Ik was heel slecht als scholier. Ik kon goed luisteren en goed onthouden, maar had moeite met de manier van werken. Ik las veel en deed ook veel, maar veel te uitgebreid. Ik heb eerst mavo gedaan, daarna havo en uiteindelijk vwo.’ ‘Een op een kon ik het goed vinden met mijn leraren. Hadden we gesprekken over de actualiteit. Op mijn zestiende nam ik een abonnement op de Volkskrant en daarvoor las ik de kranten die de buren hadden weggegooid. Ik denk dat ze me intelligent, maar wel een beetje gestoord vonden.’ Toen de hormonen opkwamen werd de schrijver lichtelijk onhandelbaar. ‘Docenten stuurden me de klas uit omdat ik voor mijn beurt praatte en populair wilde doen door mensen aan het lachen te maken.’ Op zijn negentiende schreef Benali Bruiloft aan zee, vlak voor hij naar Leiden ging. Lange tijd wist geen van zijn studiegenoten dat hij schrijver was. ‘Ik wilde niet dat mijn medestudenten wisten dat ik een enge ziekte had: boeken schrijven. Ik vond het ook niet belangrijk. Maar op een gegeven moment sijpelde het door bij de mensen en kreeg ik er vragen over. Ik vond dat het niets met het universum van studeren te maken had.’ Met Bruiloft aan zee ging het prima, maar met Benali’s studie wat minder. ‘Eigenlijk wilde ik professor worden, hoogleraar in de moderne geschiedenis. College geven, studenten opleiden en enthousiasmeren, ze kennis doorgeven. Maar ook op de universiteit paste ik niet in het systeem. Ik was enthousiast en deed veel, maar op de verkeerde manier. Moest ik een papertje schrijven over de kruistochten, ging ik 700 pagina’s doorploegen in de bibliotheek. Ik had er ook twee boekjes over kunnen lezen.’ ‘Op een gegeven moment raakte ik met zichzelf in de clinch. Moest ik mijn studie afmaken of gewoon gaan schrijven? Ik kon niet kiezen. Het Salomons-oordeel kwam van een hoogleraar van me. Ik vertelde hem over mijn dilemma en hij antwoordde meteen: ‘jij moet gaan schrijven’. Door die directheid geloofde ik het. Ik stopte na drie jaar met geschiedenis en heb na die dag nooit meer nagedacht over studeren. Ik kon mijn enthousiasme in mijn schrijven stoppen, wat ik veel bevredigender vond.’ Benali bleef in Leiden wonen en schreef daar zijn tweede boek De Langverwachte, waarvoor hij de Libris Literatuurprijs ontving. Het studentenleven zelf beviel Benali prima. ‘Ik vond het leuk om student te zijn, vooral in de lente. Worden de dagen langer en zijn er weer terrasjes en zon. Ik wilde niet lid worden bij een studentenvereniging. Ik heb wel een keer in een puberale bui twintig bierglazen meegenomen van de sociëteit van Minerva. Maar ik had geen zin in een ontgroening en allerlei verplichtingen.’ ‘Ik zat vaak in het café met een clubje mensen met wie ik veel omging. We praatten over literatuur, films, voetbal en vrouwen. Ik was een vrouwenversierder in die tijd, absoluut. Ik dacht nergens anders aan! Het stond mijn schrijven niet in de weg, nee. Na het bedrijven van de liefde kon ik heel goed werken, dat opent heel wat poriën. Zei ik tegen het meisje in kwestie: ‘Dankjewel, je hebt de literatuur weer een stapje verder geholpen.’’ Over Leiden is Benali niet erg te spreken. ‘Leiden is doodsaai, stoffig en conservatief. Ik vind er geen ruk aan. Ik heb het er leuk gehad, maar het is een ingekakt dorp. Groningen vind ik veel leuker. Een beetje een Italiaanse stadstaat, met dat vierkante plein en die kerk. Het heeft meer lichtheid dan Leiden. Ik treed er vaak op. Laatst nog, toen interviewde burgemeester Wallage me in de bibliotheek. Er waren vijf mensen op komen dagen.’ Het gesprek

Benali heeft een duidelijke visie op het student-zijn. ‘De meesten zien studeren toch als een hele leuke vorm van vrijetijdsbesteding gedurende een paar jaar. Volgens de laatste mode gekleed gaan, veel contacten, vaardigheden en hier en daar een geslachtsziekte opdoen. Hartstikke leuk toch? Maar je moet ook je geest ontwikkelen. Je mag het jezelf niet te makkelijk maken.’ En dat gebeurt volgens de schrijver al snel in Nederland: ‘Je krijgt een kans en als je het verpest krijg je er nog een. Ik maakte het mezelf juist te moeilijk, en heb daardoor vaak mijn neus gestoten. Ik ging niet volgens het gebaande pad, ik was een Don Quichote.’ ‘Mijn eigen ontwikkeling heb ik altijd nummer een gemaakt tijdens mijn studententijd. Lezen, dingen ontdekken, je verdiepen, jezelf dingen leren. Leren uitvinden. Dat heb ik niet meegekregen uit vanuit thuis. Daar was helemaal niets, geen cultuur. Mijn vader leest mijn boeken niet eens. Nog geen telefoonboek. Maar hij kan naar de verfilming van mijn boek Bruiloft aan zee kijken.’ Lijkt het leven van een schrijver niet heel erg op dat van een student? ‘Ik ben in die zin eeuwige student, dat ik altijd lees en bezig ben dingen uit te zoeken. Maar nachten doorhalen kan niet meer, daarvoor moet ik teveel doen overdag. Ik ben gedisciplineerd en dat moet ook wel.’ Benali heeft het druk, maar dat vindt hij ook wel prettig. ‘Ik gooi mijn dagen vol, want met een lege agenda functioneer ik niet goed. Dan weet ik niet wat ik met mijn

tijd aanmoet, dan klap ik dicht. Ik sta om acht of negen uur op. Dan lees ik de krant, ontbijt, lees mijn emails. Daarna lees ik wat of schrijf ik wat. Er is altijd wel wat te doen. Ik schrijf nog wel eens een column voor een tijdschriftje of geef een lezing. Soms moet ik echt de klok stilzetten en rust nemen en uitslapen.’ Schrijven doet Benali al heel erg lang, maar veel van wat hij maakte is niet gepubliceerd. Vooral niet uit zijn vroegere jaren. ‘Ik vond het niet goed genoeg. Van die gedachte heb ik lang last gehad. Ik had het idee dat als ik maar langer doorschreef ik een punt zou bereiken waarop het wel goed genoeg zou zijn.’ ‘Nu ben ik op een punt waarop mijn eigen goedkeuring voldoende is. Ik heb het gevoel dat ik iets heel bijzonders maak. Tegenwoordig gaan mensen voor makkelijk, die laten zich in de maling nemen door soapliteratuur en dat is mijn probleem niet. Ik heb natuurlijk wel het geluk dat de buitenwereld het leuk vindt wat ik maak. Dat doet een mens goed. Maar de recensies van mijn boeken zijn niet onverdeeld positief. Zowel mijn theaterwerk als romans zijn volledig afgekraakt. Natuurlijk heb ik daar last van. Dat is af en toe frustrerend, een wrang gevoel. Maar het hoort erbij. Het is niet altijd kerstmis.’ Eind februari publiceerde Abdelkader Benali een boek samen met Michael Zeeman. In april dit jaar komt zijn vierde roman uit: Veldman en ik. Groninger Studentenkrant 3


Wat te doen met het nieuwe zorgstelsel?

‘Uiteindelijk zal het toch niet zoveel verschil maken’

Door Rutger Uittenbogaard en Hans van der Woude Foto: Jan Luursema

Op 16 december heeft iedereen van zijn of haar verzekeraar een aanbod gekregen waarin iedereen het basispakket heeft, plus de aanvullende verzekeringen die het meest lijken op de verzekering die de desbetreffende persoon in 2005 had. Iedereen die wilde overstappen van zorgverzekeraar moest dat vóór 1 maart doen. Tot die tijd kon je accepteren, of weigeren, wat jouw huidige zorgverzekeraar je aanbood. Tenminste, dit betreft alleen de aanvullende verzekering, de basisverzekering is bij elke verzekeraar gelijk. Vanaf 1 mei moet iedereen daadwerkelijk verzekerd zijn. Maar wat zit er nu in het basispakket en waarvoor moet je je aanvullend verzekeren? Het ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport (VWS) heeft het volgende bepaald: Geneeskundige zorg, waaronder zorg door huisartsen, ziekenhuizen, medisch specialisten en verloskundigen. Ziekenhuisverblijf, tandheelkundige zorg (tot 18 jaar, vanaf 18 jaar alleen specialistische tandheelkunde en het kunstgebit), geneesmiddelen, kraamzorg. Ook het ziekenvervoer (ambulance en zittend vervoer) en de paramedische zorg (beperkt fysiotherapie/oefentherapie, logopedie, ergotherapie, dieetadvisering) vallen in het basispakket. Ten slotte worden ook hulpmiddelen opgenomen in het basispakket, maar wat dat precies inhoudt wordt nergens duidelijk gemaakt. Tenzij de voor de niet-klinische haemodialyse en de chronische intermitterende beademing benodigde apparatuur die onder hulpmiddelen vallen je erg logisch in de oren klinken. Eén ding is zeker, de basispolis wordt, ondanks de zorgtoeslag, duurder dan de ziekenfondsverzekering in 2005. Dus waar kun je het beste terecht om verzekeringen te vergelijken? Er is een aantal websites waar je uit kan zoeken wat voor jou de beste zorgverzekering zou kunnen zijn. De websites van Independer, de 4 Groninger Studentenkrant

Verzekeringssite en ZekerZorg geven een overzicht van alle verzekeraars. Verder kun je ook op de website van de Consumentenbond terecht, maar dan moet je eerst wel even lid worden van de Consumentenbond voor 29 euro per jaar. Op de site van de Consumentenbond is overigens wel een rekenvoorbeeld te raadplegen, maar deze gaat alleen uit van een nietwerkende 19 jarige student. Niet bepaald representatief te noemen dus. De eerder genoemde websites Independer, Verzekeringssite en ZekerZorg bieden behalve de mogelijkheid om te vergelijken ook korting aan voor bepaalde zorgverzekeraars. In het geval van Zekerzorg moet je eerst wel deelnemer worden voor 2 euro 50 per jaar. Een collectieve korting kun je als je als RUG- student krijgen als je een verzekering afsluit bij Geové Menzis. De RUG heeft een contract met Geové Menzis afgesloten waarbij je als student een korting kan krijgen van 9 procent op je basisverzekering en 10 procent op je aanvullende verzekering. Wat moet je nou kiezen? De keuze van je verzekering blijft toch behoorlijk persoonsgebonden. Het is vooral verstandig om online goed uit te zoeken wat nou precies het beste bij jou past. De kortingen die de genoemde websites aanbieden lijken mooi, maar vallen toch behoorlijk tegen. Zo krijg je via ZekerZorg 17 euro 50 korting op je basisverzekering per jaar bij Menzis, waar nog een deelnemerschap voor de stichting ZekerZorg van 2 euro 50 per jaar vanaf gaat. Dit komt neer op een korting van 1 euro 25 per maand. Als je dezelfde basisverzekering van Menzis via de RUG afsluit krijg je een korting van 9 procent per maand. Dit komt neer op een korting van ongeveer 7 euro 90 per maand. Daarom is het het financieel het aantrekkelijkst om via je bijbaan, via je ouders, of via de universiteit een collectieve verzekering af te sluiten. Dit levert vaak een behoorlijke korting op. Je hebt dan alleen geen echte keuze in het aanbod. Dat is het nadeel wat hieraan kleeft. Ricus, student geschiedenis, is niet overgestapt. ‘Het interesseert me eigenlijk niet, en ik heb geen zin om er veel tijd in moeite in te steken, uiteindelijk zal het toch niet zoveel verschil maken.’ Bart, student europees en internationaal recht, is wel overgestapt. ‘Via de collectieve verzekering van mijn vader konden alle gezinsleden worden meeverzekerd, dat scheelt toch al gauw een tientje per maand. En deze verzekering, Zilveren Kruis, heeft een betere dekking dan Menzis, waar ik eerst zat.’ Andere verzekeringsmaatschappijen probeerden door middel van stunts studenten te trekken. Zo kreeg je 100 gratis condooms als je overstapte naar de CZ Studentenpolis. Bij CZ ben je dus automatisch tegen geslachtziektes verzekerd.

Opening woningen aan Damsterdiep aanstaande De woonkubussen voor studenten aan het Damsterdiep kunnen over een aantal maanden alsnog betrokken worden volgens woningstichting Nijestee. Uit onderzoek blijkt dat de locatie waar de studio’s gebouwd worden wel veilig bewoonbaar is. Eind 2005 trok de rechter de bouwvergunning voor de woningen aan het Damsterdiep ingetrokken. De gemeente Groningen heeft nadat de bouwstop werd opgelegd opdracht gegeven om onderzoek te doen naar de veiligheidsrisico's die de EMC silo met zich mee brengt. Dit onderzoeksrapport is nu klaar. De conclusie is dat het veilig is om op deze locatie te wonen, aldus Nijestee. De EMC silo was van mening dat de bewoners gevaar zouden lopen mocht zich een explosie in een van de silo’s voordoen. Nijestee gaat met het rapport in de hand, zo snel mogelijk om een opheffing van de bouwstop vragen bij de rechter. Als de bouwstop opgeheven wordt, moeten er nog een aantal afrondende werkzaamheden worden uitgevoerd op de locatie zelf. De inschatting van Nijestee is dat dit alles een aantal weken in beslag zal nemen. Vervolgens kunnen de studio's naar alle waarschijnlijkheid verhuurd worden. (HD)

Henk Kok nog niet gestenigd Sportverslaggever Henk Kok is nog niet gestenigd. Vorige editie van de Studentenkrant had hij aangegeven gestenigd te mogen worden mocht Marianne Timmer goud winnen op de duizend meter. Dit gebeurde, maar tot nog toe hebben geen projectielen Kok getroffen. Wel hadden vier mensen per mail aan Kok doorgegeven deel te willen nemen aan een eventuele steniging. (HD)

Nieuws & Achtergrond


Juridisch Spreekuur: hulp aan onderkant van samenleving

‘We zijn geen maatschappelijk werkers’

In een kamertje van een speeltuingebouwtje in Paddepoel wachten twee studentes op bezoekers van het Juridisch Spreekuur. Ze helpen gratis vooral kansarmen en sociaal zwakkeren met tal van problemen. De Studentenkrant maakte een reportage over hun werk. ‘Als je studeert heb je niet door dat mensen zoveel problemen hebben’. In een verlaten kantoortje in een speeltuingebouwtje maken Eva Bakx en Laura Schuurs zich op voor hun spreekuur. Mappen met folders en wetboeken worden tevoorschijn gehaald. Maar anders dan voorgaande weken blijft het dit spreekuur rustig. Er komt slechts één bezoeker. Een vrouw informeert naar de gang van zaken omtrent uitkeringen als haar zoon bij haar moeder inwoont. Schuurs hoort haar verhaal aan, terwijl Bakx driftig noteert. Er wordt naar haar geval gekeken, maar een ingewikkeld verhaal lijkt het niet te worden. Het juridisch spreekuur werd in 1985 opgericht door studenten. Drie middagen in de week houden de zestien medewerker, allemaal student rechten, van het juridisch spreekuur een open uur, twee keer in Groningen en een uur in Hoogkerk. Ze geven advies, vullen formulieren in en bellen met instanties. Het is non-profit werk, bedoeld om zowel studenten ervaring op te laten doen als om mensen te helpen. ‘We houden het spreekuur expres in Paddepoel, de Oranjebuurt en Hoogkerk. Daar zitten veel mensen die problemen hebben op juridisch gebied en die moeilijker zelf de weg naar instanties vinden’, vertelt Jurjen Nieboer, ook werkend bij het spreekuur.

Apart’ja

‘Vaak zijn mensen al blij als ze hun verhaal aan je kunnen vertellen, maar daar zijn we niet echt voor. We zijn geen maatschappelijk werkers’, zegt

Schuurs, ‘We kijken toch voornamelijk naar het juridische plaatje.’ Bakx: ‘Mensen die hier komen hebben vaak niet de kennis om hun problemen te overzien en komen dan met een dikke stapel problemen bij ons terecht.’ Die problemen variëren van echtscheidingen tot consumentenzaken tot het opstellen van modelbrieven. Vaak hebben de rechtenstudenten niet een direct antwoord klaar en moet er een en ander in de wetboeken worden nageplozen. Als ze er echt niet uitkomen wordt er contact opgenomen met een hoogleraar. Het Juridisch Spreekuur is met opzet laagdrempelig gemaakt: iedereen kan eigenlijk voor alles binnen lopen. Promotie voor het spreekuur doen de deelnemers zelf, door te flyeren of briefjes op te hangen. Maar het laagdrempelige gehalte van het spreekuur zorgt ook voor een grote hoeveelheid zaken waar de medewerkers niet veel mee kunnen. Schuurs: ‘Er is al vijf keer een man bij ons geweest die wil weten of hij ook een uitkering in het buitenland kan ontvangen. En vijf keer hebben we hem al verteld dat dat niet mogelijk is. Bij een loket zou zo’n man simpelweg geen afspraak krijgen.’ ‘Mensen vertellen vaak ook niet alles’, zegt Nieboer, ‘dus daarom bellen we ook naar de andere partij wat er aan de hand is. Wat opvalt is dat veel mensen enorm tegen de gemeente opkijken, met het idee dat ze daar toch allemaal niks kunnen klaarspelen. Maar dat is onzin. Er is juist ontzettend veel mogelijk tegen de gemeente.’ Schuurs haakt daar op in: ‘Vaak is het voor mensen gewoon te moeilijk, moet je er

iets van af weten. Maar de bezoekers van het spreekuur denken eigenlijk vooral dat ze niet au serieux genomen worden door instanties’. Succes boeken de studenten geregeld. Zo hoefde een man geen 800 euro dwangbetalingen aan de belasting te betalen. Wat hen alle drie opvalt is hoezeer de wereld van de student af staat van die van de mensen die ze op het uur te spreken krijgen. ‘Het zijn problemen en zaken waar ik als student nooit mee te maken krijg. Het is een enorme eye-opener om te zien wat er in die boze buitenwereld allemaal gebeurt. Als je studeert heb je nooit zo door wat voor problemen daar allemaal spelen’, zegt Schuurs.

Laveren tussen hemel en aarde

Tekst: Hans van der Woude Foto: Moniek Steenbergen

‘Hij zit aan het eind van de tweede laag. Hij is nog steeds op reis. Hij moet alle zeilen bij zetten, maar over twee jaar zal hij in het begin van de derde laag zitten.’ Deze uitspraak deed Omke Bos, paranormaal ziener, over iemand tijdens een paranormale avond op 18 februari.

Nieuws & Achtergrond

Door Harold Duitscher Foto: Jan Luursema

De paranormale wereld is er een die toch vaak veel vragen oproept. Iedereen kent natuurlijk Jomanda of Char en meestal denk je dan toch bij jezelf: hier klopt iets niet. Er zijn ook minder bekende paranormaal begaafden zoals de al eerder genoemde Omke Bos. Hij doet al twintig jaar wat met zijn paranormale gaven. ‘Mensen met een paranormale gave worden al gauw van oplichterij beticht en ons vak wordt vaak niet serieus genomen, terwijl we juist heel erg serieus bezig zijn,’ zegt Bos. Volgens hem is ieder mens tot zijn zevende levensjaar paranormaal begaafd, maar daarna is het een maar heel klein percentage dat paranormaal begaafd blijft. Op de paranormale avond in het Jannes van der Wal denksportcentrum, vernoemd naar een beroemde dammer, houdt Bos een paranormale sessie. De avond wordt voornamelijk bezocht door mensen van middelbare leeftijd en het grootste deel van de bezoekers is lid van Harmonia, de spirituele vereniging die de avond organiseert. Er is de mogelijkheid om boeken en andere zaken over paranormaliteit te kopen en om een voorwerp of een foto in te leveren. Aan de hand van de voorwerpen en foto’s kan Bos dingen zeggen over gebeurtenissen in iemands leven of over karaktereigenschappen van de betreffende persoon. Hij kan

zowel dingen zeggen over levende als overleden mensen. Van overleden mensen krijgt hij ook ongevraagd boodschappen door. Zo krijgt iemand op de voorste rij een boodschap van een overleden familielid. Die geeft door aan Bos dat ze altijd veel plezier hebben gehad samen en de overledene doet de groeten aan zijn nog levende familielid. Ook vraagt Bos op een gegeven moment of iemand links achterin de zaal een vrouw van 47 luisterend naar de naam Irene kent met een kind van 3. In de zaal is geen reactie. Niemand die haar kent. Bos wil niet over elke foto iets zeggen. Zo weigert hij mededelingen te doen over een foto van de echtgenoot van iemand. Hij krijgt een ‘rood licht’ door. Dat wil zeggen dat de persoon op de foto het er niet mee eens is dat zijn vrouw de foto heeft meegenomen. De vrouw bevestigt dit. Met foto’s waar meerdere personen op staan heeft hij ook moeite, omdat volgens hem de eigenschappen van personen dan niet te scheiden zijn. Sommige mensen kunnen zich vrij goed vinden in de beschrijvingen die Bos geeft en raken ook behoorlijk geëmotioneerd. Dan denk je toch wel even: misschien is er toch meer tussen hemel en aarde. Bij andere mensen daarentegen blijven de beschrijvingen vrij vaag en kloppen ze niet altijd. Dan slaat de twijfel toch weer toe. In de zaal zijn er een aantal mensen die lacherig doen en na afloop is er onder bezoekers nog steeds scepsis omtrent paranormaliteit waar te nemen. Niet geheel overtuigd keren we dan ook terug naar de normale wereld. De paranormale wereld blijft er toch één waar je voor open moet staan en in moet geloven. En of overledenen inderdaad boodschappen kunnen doorgeven aan een paranormaal begaafd iemand zullen we helaas pas zeker weten als we zelf aan gene zijde verkeren.

Groninger Studentenkrant 5


Groninger Van Wees verslaafd aan skeleton

‘De grote truc is om je hoofd leeg te maken’

Door Christiaan Kooistra

Knettergek moet je zijn om met ruim 125 kilometer per uur, waarbij je hoofd zo’n 13 centimeter boven de grond bungelt, een ijsbaan af te roetsjen met een sleetje. De Groninger Peter van Wees (32) is zo gek, maar hij kan het verklaren. ‘De adrenaline giert door je lichaam heen. Het is de ultieme adrenalinekick!’ Voor de duidelijkheid, het gaat hier om skeleton. Een sport waarbij de atleet op de buik zo hard mogelijk met een slee over het ijs naar beneden probeert te gaan. Dat brengt de nodige gevaren met zich mee, maar Van Wees heeft daar geen oog voor. ‘Zodra je bezig bent met wat er fout kan gaan, dan gaat het juist fout. De grote truc is om je hoofd leeg te maken. Je moet de natuurlijke lijn van de baan volgen. Dat betekent dat je zo weinig mogelijk moet sturen.’ Verstand op nul en blik op oneindig. Dat idee. Toch zijn ongelukken niet uitgesloten. Wat heet. Eén van de laatste bochten van de olympische baan voor het skeletonnen kreeg de veelzeggende bijnaam: décapiteur (de onthoofder.) Zo werd een Braziliaan halfblind en een Duitser verbrijzelde zijn benen tijdens trainingen op de bloedstollende afdaling. En dus werden er de nodige aanpassingen gemaakt. Van Wees: (Advertenties)

8 Groninger Studentenkrant

‘De baan van Turijn is te laat gebouwd. Voor sporters is het ontzettend belangrijk om ervaring op te doen met zo’n baan door veel runs te maken. Dat kon dus niet, vandaar dat er de nodige ongelukjes zijn gebeurd, maar tijdens de Spelen is het gelukkig allemaal goed gegaan.’ Van Wees was erbij toen de skeletonners naar beneden flitsten tijdens de Olympische Spelen in Turijn. Niet als skeletonner, maar als begeleider van de Libanees Patrick Antaki. ‘Ik heb zijn slee van Zürich naar Sestrière gebracht. Vervolgens ben ik gebleven als een soort van cameraman.’ Voor de deelnemers uit Nieuw-Zeeland, Libanon, Letland en Zuid-Korea legde hij namelijk de oefensessies met de videocamera vast. Hoewel hij niet bij de openingsceremonie is geweest en in een hotel sliep in plaats van het olympisch dorp, heeft hij op deze manier toch de Spelen meegemaakt. Maar het is slechts een pleister op de wonde van de Groningse atleet die dit jaar alles op alles had gezet om zélf mee te mogen doen. ‘Ik heb mijn huis aan een paar studenten verhuurd en ben naar Amerika vertrokken. Daar kreeg ik onderdak bij de Amerikaanse bondscoach. Om de touwtjes aan elkaar te knopen kluste ik wat bij, maar de trainingen daar waren perfect.’ En dat wierp zijn vruchten af, toen Van Wees met een krakkemikkig Mercedes-busje langs de wereldbekerwedstrijden tufte. Hij verbeterde zich bijna iedere race, maar het was niet genoeg om te voldoen aan de zware eisen van het NOC*NSF. Daarmee is Van Wees een illusie armer, maar een ervaring rijker. ‘Soms draait het niet om de eindbestemming, maar om de reis ernaartoe. In Amerika werd ik overweldigd door de massale steun die ik kreeg. Ook de erkenning van andere vakbroeders die zich verbaasden over mijn vooruitgang was mooi, maar vooral de vriendschap met andere skeletonners heeft ervoor gezorgd dat het dit waard is geweest.’ Van Wees herinnert zich zijn eerste keer van de skeletonbaan nog

als de dag van gisteren. ‘Oktober 1998. Ik heb toen twee runs gedaan. Ik ben me werkelijk waar, helemaal bont en blauw gestuiterd, maar het was wel overweldigend. Je hebt nul komma nul overzicht en alles raast aan je voorbij. De kick echter toen ik de finishlijn passeerde was ongelofelijk groot. Het werkte meteen verslavend. Ik wilde nog een keer naar beneden, om het beter te doen.’ Door de bezieling en de passie voor zijn sport durft Van Wees inmiddels ook alweer vooruit te kijken naar Vancouver 2010. ‘Nee, in de eerste plaats niet voor mezelf. We gaan nu een talentontwikkelingsprogramma opzetten om Nederlandse meiden en jongens te werven voor het skeleton. In principe kan iedereen daaraan meedoen, zeker als je op zoek bent naar snelheid en de ultieme kick van skeleton wil ervaren. Dat kunnen inderdaad ook studenten van bijvoorbeeld de Knickerbockers zijn. Er is geen enkele reden te bedenken waarom Nederland over vier jaar geen medaille kan winnen. Dat zou ook weer eens wat anders zijn dan altijd dat schaatsen.’ Ambitie om een olympische medaille te winnen in Vancouver? Zie: www.skeletonsport.com

Sport


USVA pakt uit met workshops en optredens

Groningen heeft een drukke jazzscène. Cafés als de Spieghel, Buckshot en de Smederij hebben de programmering voornamelijk gebaseerd op jazz. Maar komen er ook studenten op af? Volgens de organisatie van Midnight Express 2006 te weinig. Cultureel studentencentrum Usva heeft samen met Stichting Jazz in Groningen (SJiG) en verschillende jazzpodia in de stad de koppen bij elkaar gestoken om daar verandering in te brengen. Van 18 maart t/m 18 april raast het Midnight Expressfestival door de stad. Midnight Express begon in 2004 onder de naam ‘Round Midnight, naar de gelijknamige jazzfilm. Het festival werd in het leven geroepen door een aantal vrijwilligers van de Usva die vonden dat er te weinig studenten in aanraking komen met jazz. Daarnaast werd er sowieso te weinig muziek opgenomen in de programmering van het Usva-theater. Het festival zou een goede aanvulling zijn op de jazzcursus en de jamsessie die er al waren in het studentencentrum. ‘Round Midnight bestond uit drie concertavonden met een dubbelprogrammering. Tot twee keer toe leidde dit tot een uitverkochte zaal. Er bleek dus wel degelijk belangstelling voor jazz onder studenten. Het jaar daarop werd wegens succes het festival grootser aangepakt door een samenwerkingsverband (genaamd Jazz in Groningen; JiG) aan te gaan met Stichting Jazz in Groningen (SJiG), Buckshot, Grand Theatre, de Oosterpoort en het Conservatorium: de Midnight Express festivalmaand was geboren. In drie opeenvolgende weken werd er een aantrekkelijke jazzprogrammering neergezet op de samenwerkende podia. De Usva verzorgde één dubbelconcertavond per week om de mond-op-mond-reclame onder de studenten te bevorderen. Dit bleek te werken en met het concert van Hans Dulfer werd het hoogtepunt bereikt van Midnight Express 2005. De opening op 18 maart in de Usva wordt groots aangepakt. De programmering van de kick-off party is samen met SJiG neergezet. Door het hele gebouw zijn naast optredens van opkomende en bekende jazztalenten, zoals Ben van Gelder en Jesse van Ruller, ook exposities en workshops te bezoeken. Er is een workshop jazz-luisteren en de expositie van jazzschilderijen wordt geopend door een stemkun-

stenares die vocaal reageert op de schilderijen. Daarnaast is er een doorlopende voorstelling van films en concertregistraties. Het aandeel van de Usva-organisatie zit in de bijzondere bands Changa en The Funktransplant. Changa bestaat uit studenten van het Groningse Conservatorium en combineert drum ’n bass met jazz. The Funktransplant uit Heerlen is een funky feestband die de opening swingend af mag sluiten. Volgens de organisatie moeten Pete Philly & Perquisite de absolute topper worden. De twee hiphopmannen stonden voor een overvolle zaal op Eurosonic en wonnen de Zilveren Harp. Op 30 maart staan ze in Groningen op Midnight Express. Jongens als Pete Philly & Perquisite laten zien dat jazz ook uitstekend samen kan gaan met andere muziekstijlen. Op hun nieuwste album ‘Mindstate’ leveren de jazzmuzikanten Jesse van Ruller en Benjamin Herman, die overigens beide op het festival te zien zijn, een bijdrage. Voordat de snel bekendheid verwervende hiphopformatie het theater van de Usva aandoet, wordt er een film vertoond over het leven van Ray Charles, bekend van onder andere ‘Hit the road Jack’. Zoals veel jazzmuzikanten was ook Ray verslaafd aan drugs en drank en beleefde hij buiten zijn gezin veel avontuurtjes. De film wordt ingeleid door een lezing over verslaving. Vervolgens is er op 23 maart een concert van saxofonist Benjamin Herman, beter bekend als frontman van New Cool Collective. Hij heeft onlangs de belangrijkste jazzprijs van Nederland gewonnen. De laatste concertavond in het Usva-theater is gereserveerd voor twee veelbelovende Groningse bands. Eén daarvan is Groninger Popprijswinnaar The Prefunktery Sniff die al goed bezig is zijn naam te vestigen in Groningen. Als overkoepelende aankleding van het geheel organiseert Studium Generale in het kader van het festival een gratis lezingenserie over de ontwikkeling in jazz. Dit jaar heeft een nieuwe lichting van vijf vrijwilligers vanuit de Usva de organisatie overgenomen. De commissie bestaat niet alleen uit doorgewinterde jazzkenners, integendeel. Voorzitter en lid van het dagelijks Usva-bestuur Ger Pannekoek zegt het levende bewijs te zijn dat Midnight Express zijn doelstellingen waarmaakt: ‘Vorig jaar trok de band Illicit mijn aandacht en sindsdien is mijn muziekvoorraad aangegroeid met een behoorlijke hoeveelheid jazz en door jazz beïnvloede muziek’ Conservatoriumstudent en gitarist Syberen van Munster heeft de taak van programmeur en staat zelf ook een keer op het festival in de Puddingfabriek. Tot nu toe is de commissie erg tevreden over het verloop van de organisatie.’We hebben een goede programmering neergezet en we hopen op drie uitverkochte concertavonden’, aldus de voorzitter. Midnight Express in de Usva begint met de opening op 18 maart en eindigt op 6 april. Kijk voor de meer informatie op www.usva.nl of www.jazzingroningen.nl.

Uitladder

Geen stoffige jazz op Midnight Express

Door Laura van Eerten Foto: Jan Luursema

Maart Donderdag 2-003: Turks Fruit The Musical, Stadsschouwburg, 20:15 - 22:45 Vrijdag 3-003: Speciaal Bier Proeverij, café de Toeter, 17:00 Zaterdag 5-003: Braziliaans Carnaval, Huize Maas, 20:00-03:00 Donderdag 9-003: Hiphop in Simplon, met element 5 en VSOP, 21.30 Vrijdag 10-003: Een Macbeth, Universiteitstheater,20:00 Zaterdag 11-003: Club Pepper, Huize Maas, 23:00 Zondag 12-003: Wandelexcursie Westerbroekstermadepolder, parkeerplaats Energieweg Kropswolde, 14:00 Maandag 13-003: Jamsessie o.l.v. Leonieke Vermeer, Usva, 21:30 Woensdag 15-003: Ballet ‘till we loose it’, Grand Theatre, 20:30 Vrijdag 17-003: Arthur Japin vertelt over door hem geschreven boekenweekgeschenk, Boekhandel Godert Walter, 19:30 Vrijdag 17-003 t/m zondag 19-003: Beurs Crea Wereld, Martiniplaza Zaterdag 18-003: 100% Isis, Simplon, 0:00 - 06:00 Zondag 19-003: Henkus, café Marleen, 22:30 Woensdag 22-003: Cabaret ‘ Bij mij zijt ge veilig’ Wim Helsen, De Oosterpoort, 20:15 Donderdag 23-003: Flauwecult Festival 2006, Simplon, 20:00 Vrijdag 24-003: Concert Zebra, Vera, 21:30-23:30 Zaterdag 25-003: Technootjes, Simplon, 0:00 – 7:00 Woensdag 29-003: Comedy Night, Simplon, 20:00 - 0:00 Donderdag 30-003: Cabaret ‘200%’ Arie & Silvester, Martiniplaza, 20:15 Vrijdag 31-003: Zebra Party, The Palace, 23:00

(Advertentie)

Cultuur

Groninger Studentenkrant 9


Opinie

Als een olifant in de porseleinkast Lange tenen, gevoelige snaren, getrapte pikken. Het probleem van het publiek of van de journalist? Een olifant in de porseleinkast, de hakker met de botte bijl, degene die tegen het hoofd stoot. Omschrijving van de media of de hallucinatie van de waarnemer? De pers versus het volk. Een winnaar of allemaal verliezers?

gesprek gaat. Sommige dingen moeten nou eenmaal eerst in de media gezegd worden, voordat er pas echt over gesproken wordt. Letters maken woorden, woorden maken zinnen, zinnen maken een gesprek. Het is dus belangrijk om niet bang te zijn voor ideeën van anderen. Jouw waarheid is niet perse ook mijn waarheid. Maar dat maakt geen van beiden minder belangrijk. Niet iedereen zal de Islam eerbiedigen, net zo goed als dat niet iedereen de

‘Letters maken woorden, woorden maken zinnen, zinnen maken een gesprek’

Opinie

Zosia Kooi

Iedereen lijkt het er al jaren over eens te zijn dat de vrijheid van meningsuiting een belangrijk grondrecht is in de Westerse samenleving. Vooral voor de journalistiek is het ondenkbaar zonder dit recht te functioneren. Censuur geeft de Staat macht over de burger en is dus ongewild. Maar is censuur door de burger dan wel mogelijk? Grenzen stellen aan de journalistiek is misschien wel het ergste wat je jezelf aan kan doen. Ook al lijkt het op het eerste gezicht alsof je jezelf redt van persoonlijke belediging en kwetsing, toch doe je niets anders dan jezelf uitsluiten van gedegen meningsvorming. Je eigen mening is misschien wel het dierbaarste wat je kan hebben. Niemand verplicht je het eens te zijn met de ander. Verschillen zullen er altijd wezen. Maar de journalist geeft je een kijkje in andermans belevingswereld. Hiervan kunnen wij alleen maar wijzer worden, onze visies verbreden en elkaar leren begrijpen. Taboes worden doorbroken als men met elkaar in

Westerse cultuur tolereert. Maar we kunnen wel respecteren dat niet iedereen dezelfde mening heeft.

politicus als Rob Oudkerk anders tegen prostitutie aan kijken dan een bedrogen huisvrouw. Je kunt als journalist niet de keuze maken wiens belang voor gaat op de ander. Het enige belang dat telt is die van de maatschappij. En om die te dienen is het belangrijk dat alles gezegd kan worden. Zelfs als dat voor het individu aanstootgevend is. Maar het is natuurlijk niet de bedoeling dat de journalist onnodig voor zijn eigen plezier mensen probeert te kwetsen of te beledigen. Dat zou misbruik zijn van zijn machtspositie in deze samenleving. Ook hij zal altijd met een kritische houding naar zichzelf moeten blijven kijken. Of het doel nu is om te informeren of te overtuigen, een journalist zal de beste wijze moeten kiezen om dit te bereiken. Maar het is niet aan het publiek om te bepalen of hij daarin geslaagd is, want ook dat is weer afhankelijk van de mening van het individu. Het is dus in ieders belang dat de pers zich niet laat begrenzen door de grenzen van anderen. Wat voor de één de grens is, is voor de ander slechts het begin. En geen vrijheid van informatie betekent automatisch ook geen vrijheid om een eigen mening te vormen. We zullen dus onze huid moet dikken, onze tenen moet korten en ons minder gevoelig op moeten stellen. Want alleen dan kunnen wij allemaal winnaar zijn. Maar misschien kan de olifant dan af en toe toch een porseleinen kopje ontwijken.

Het is onmogelijk om iedereen altijd tevreden te houden. Een journalist moet dan ook geen rekening willen houden met Piet, Jan of Klaas. Dat is niet alleen onverstandig, maar ook praktisch onmogelijk. Want het is zeer waarschijnlijk dat Jan, Piet en Klaas het al niet met elkaar eens zullen zijn. Zo zal bijvoorbeeld een

Dé partij voor Groningse studenten?

(Advertentie)

Joost van Keulen Lenneke van Mameren

Studenten in Groningen drukken een grote stempel op de stad. Wie in de binnenstad om zich heen kijkt, kan dat niet ontkennen. Overal zie je ze: de Vindicaters (pseudo-nnonchalant), de alto’s (‘ik heb een mening en dat zul je zien aan mijn outfit’) en de nerds (geen toelichting nodig). Allemaal studenten, allemaal verschillende belangen en verschillende meningen over belangrijke zaken. Wie denkt dat er één partij is die al deze meningen en belangen kan vertegenwoordigen, zit ernaast. De VVD is de enige partij die dit onderkent. Student en Stad is een buitengewoon sympathiek initiatief geweest. Sinds 1994 geeft de one-issue partij de studentenpopulatie in de stad een stem in de gemeenteraad ‘om de kloof tussen studenten en stadjers te verkleinen’. Hartstikke goed natuurlijk en misschien was het indertijd bittere noodzaak. Dat is het nu niet meer. Student en Stad is inmiddels niet meer dan een vierjaarlijks goedlopende propagandamachine. De partij die de arrogantie heeft om zich te profileren als partij voor álle studenten, beweert de bedenker te zijn van het ‘Akkoord van Groningen’, een samenwerkingsovereenkomst tussen gemeente en onderwijsinstellingen. Aantoonbare onzin. Nog zo één: S&S zou ervoor hebben gezorgd dat de ‘discriminerende 9%-norm’, de norm die aangaf hoeveel studentenhuizen er in een wijk mochten zijn, werd afgeschaft. Yeah, right. Als het aan lijst 9 had gelegen, was die norm er nog geweest. Door het kortzichtige hameren op het eenzijdig afschaffen van deze norm, zonder enige vorm van compensatie voor de stadjers, joegen de studenten de overige partijen tegen zich in het harnas. Door de bemiddelende rol van VVD-raadslid Mark Boumans, die heeft gepleit voor flankerend beleid bij het loslaten van de norm, gingen de overige partijen akkoord. Dat heet politiek. Nog één ding: laat u niets wijsmaken. Voor studentenhuizen gelden geen andere overlastnormen dan voor ‘gewone’ huizen. U wordt niet gediscrimineerd. Al zal Student en Stad natuurlijk anders beweren. De VVD staat pal voor studenten. Pak het verkiezingsprogramma erbij: meer en betere huisvesting voor studenten, een betere OV-verbinding met Zernike, meer ruimte en geld voor student-ondernemers, een intensievere samenwerking tussen RuG/Hanze en de gemeente, sport. Pak de kandidatenlijst erbij: vier twintigers bij de eerste tien, drie voltijd- en één deeltijdstudent. De VVD heeft de ideeën én het politieke gevoel deze ideeën te verwezenlijken. De VVD heeft niet de illusie er voor iedere student te zijn. De VVD is er voor de student die wat wil. Of dat nu een mooie avond in de kroeg is, een eigen bedrijfje, een mooiere kamer met een lagere huur of steun in een conflict met de huisbaas. Herkent u zich hierin? Stem VVD. De partij die wél beloften kan waarmaken. Joost van Keulen (nr. 6 op de VVD-lijst) Lenneke van Mameren (nr. 3 op de VVD-lijst)

10 Groninger Studentenkrant

Opinie/Achtergrond


Recensies CD

Film

DVD

Game

In samenwerking met videotheek Sleaze

Door Sjef Weller

Door Peter Keizer Bløf – Umoja Harold Duitscher Het werd tijd voor wat anders, moeten de mannen van Bløf hebben bedacht. Kennelijk was het maken van verantwoorde liedjes niet langer genoeg voor de Zeeuwse band. Wat doe je dan? Na eerder succesvol te hebben samengewerkt met Counting Crows (en mogelijkerwijs de meest wanstaltige regel uit de Nederlandse muziek verzonnen te hebben met: ‘Mijn schoenen zijn gejat, maar ik hoef nog niet naar buiten want er is nog wel wat’) gaat Bløf met Umoja op de internationale toer. Bløf met Japanse trommelaars, Bløf met een fado-zangeres, et cetera. Alle clichés uit het wereldmuziekgenre worden in gelikte nummers opge-voerd. Heb je Bløf nog niet met Argentijnse bandoneon gehoord? Of met Ierse violen of met… Inderdaad, Bløf sleept zich op Umoja van de ene naar de andere oefening in een genre dat in de jaren tachtig met Paul Simons Graceland een hoogtepunt bereikte. Het lijkt ook of de nummers van Bløf er minder toe doen dan het etnische sausje dat over de nummers gegoten wordt. Het blijft Bløf; en de teksten komen niet verder dan tenenkrommende rijmelarij. Zanger Pascal Jakobsen lijkt het zijn eer te na te vinden een tekst uit zijn mond te krijgen die wel ergens op slaat. Bløf lijdt bovendien aan het syndroom van Nickelback; elk nummer dat ze schrijven had net zo goed op een andere cd van hen kunnen staan. Zelfs de Indiase klanken en Afrikaanse ritmes veranderen daar niets aan. Bløf moet eens naar De Dijk luisteren om te horen hoe je wél zinnige teksten met Nederpop combineert. * (1/5) Jetsetready - Endless endeavors Laura van Eerten Jetsetready is boos. En emo. Nederland wil namelijk niet naar hen luisteren. Hun debuut Endless Endeavors is uitgebracht door een Duits label. Volgens de verkoper in de cd-winkel ‘een bewijs dat Nederland geen aandacht schenkt aan goede bands van eigen bodem’. De onvrede van het Groningse Jetsetready wordt geuit op hun eerste cd. Termen als Screamo en Scremo passeren al snel de revue. Zelf geeft de band aan een mix te maken van indie en rockende hardcore. De nummers beginnen over het algemeen met een lieflijk gitaarriffje waarna de zanger zijn klaagzang inzet. Hier en daar laat hij een steekje vallen en heeft ‘ie duidelijk moeite om de toon zuiver te houden. Ergens vaag op de achtergrond zet iemand een keel op. De nummers werken op een bepaald punt naar een climax toe waarbij de zang omslaat in overstuur geschreeuw. Het klinkt erg geforceerd. Als luisteraar geloof je niet dat de band reden heeft overal tegenaan te schoppen. Het klinkt gewoonweg niet overtuigend. De gitaren blijven ook veel te clean onder het hysterische geschreeuw. Een vette distortion zou al wat meer overtuiging opleveren. De teksten gaan voornamelijk over liefde en relatieproblemen. Niets om ‘With Lungs Untied’ en ‘Bruised’ over te krijsen. In het nummer Patterns for Jonah zit een vreemd soort jingle gitaarstukje die niet zou misstaan in een willekeurig reclameblok. Hij blijft wel hangen, dat moeten we deze emomannen meegeven. Het ontbreekt echter aan originaliteit. Bands als The Spirits That Guide Us waren ze voor. Als je de zang weg denkt is de muziek nog best leuk. De jongens moeten gewoon niet zo hard proberen emo te zijn. Anders blijft het bij deze ‘eindeloze pogingen’. * (1/5) Recensies

Edison Moniek Steenbergen

In een stad, waar alles en iedereen corrupt lijkt te zijn, is het moeilijk vertoeven voor een eerlijke journalist. Je maakt er op zijn zachtst gezegd geen vrienden mee wanneer je die corruptie aan het licht wil brengen. Sterker nog: het kan het einde van je leven wel eens betekenen. ‘You’d better lock your doors.’ De jonge journalist Josh Pollack (Justin Timberlake) schrijft als rechtbankverslaggever voor een lokale krant in de stad Edison. Hij droomt van een baan bij The Times, maar daar staan ze niet om hem te springen. Wanneer hij op een zaak van politiefraude stuit en hierover een artikel wil schrijven, wordt hij ontslagen door zijn baas Moses Ashford (Morgan Freeman), die vindt dat hij z’n huiswerk niet goed doet. Pollack, die vastbesloten is het artikel af te maken, laat het er niet bij zitten en gaat op onderzoek uit. Op deze manier komt hij steeds meer te weten over corrupte bezigheden binnen de elite politie-eenheid F.R.A.T., waarvan de leden vooral uit zijn op het zich toeëigenen van drugsgeld en coke. Bovendien blijken meer instanties binnen Edison corrupt. Pollack ondervindt veel tegenwerking van F.R.A.T. en beseft, nadat hij en zijn vriendin flink in elkaar worden getrimd, dat zijn leven wel eens vroeg kan eindigen. F.R.A.T.-lid Raphael Deed (LL Cool J), het lieverdje van het stel, neemt het op voor Pollack en helpt hem, met alle gevolgen van dien.

Edison is geschreven en geregisseerd door David J. Burke, die bekend is van een aantal misdaadseries, zoals Crime Story, Wiseguy, La Femme Nikita en Law & Order: Special Victims Unit. Justin Timberlake maakt in deze film zijn acteerdebuut. Bij het zien van zijn naam op het witte doek was het, onder het gejubel van de bakvissen in de zaal, even zuchten. Het acteren gaat hem echter best goed af. Een oscar verdient hij niet, maar z’n exvriendin Britney Spears, die in de belabberde film Crossroads speelde, kan er een puntje aan zuigen. LL Cool J doet het erg goed als stoere, doch gevoelige agent. Ook de rest van de cast, met daarin grote namen als Kevin Spacey en Morgan Freeman, is helemaal top. De rol van Dylan McDermott als vuile F.R.A.T.-rat Lazerov is nog wel het indrukwekkendst. Lazerov is erg wreed, rookt als een ketter en kickt op het plegen van moorden. Ondanks een prima cast is het verhaal, op enkele verrassingen na, in zijn geheel voorspelbaar en zeer ongeloofwaardig. Twee punten die je bij een actie-thriller uit Hollywood al gauw voor lief neemt, het lijkt helaas een beetje bij te horen. Desondanks is dat erg jammer, Burke had meer uit deze film kunnen slepen. *** (3/5)

King’s Game (Kongekabale) Het is altijd weer smullen als er een spannende film wordt uitgebracht waarin een journalist het middelpunt van het verhaal is. Wij zaten drie jaar geleden al te genieten van ‘Veronica Guerin’, het verhaal over de Ierse journaliste die werd vermoord door de drugsdealers waarover ze had geschreven. ‘King’s Game’ is misschien wat minder bloederig, maar minstens net zo spannend. Dit verhaal gaat over het duivels verbond tussen de politiek en journalistiek. Jonge hond Torp (Anders W Berthelsen) is zojuist aangesteld als politiek verslaggever. De ambitieuze journalist mag een paar dagen op proef aan het werk op het Deense parlement. Al snel wordt hem belangrijke informatie in handen gedrukt door de woordvoerder van de regerende partij. Zonder enig twijfel duikt hij op het verhaal en haalt hij de voorpagina. Maar het is een bitterzoete overwinning als hij ontdekt dat hij wordt gebruikt in een vies machtsspel rond het ministerpresidentschap. Er is iets aan de hand in het parlement en het zijn niet alleen de politici die in het complot zitten, ook de pers is er bij betrokken. Torp besluit dan ook om daar koste wat het kost een eind aan te maken. ***** (5/5) Searching for the wrong-eeyed Jesus Je stapt in een oude roestige Amerikaan met een brullende motor en krijgt een persoonlijke tour door the American South. ‘Wrong-eyed Jesus’ is een soort soundtrack met beeld. De live country en western muziek in deze pseudo-docu wordt in combinatie met mooi camerawerk gebruikt om je de ambiance van Hillbilly country te laten ervaren. Filmmaker Andrew Douglas probeert in deze film de vraag te beantwoorden waarom zoveel muziek uit het Amerikaanse Zuiden komt. In plaats van de muzikanten te interviewen, stuurt hij country artiest Jim White op pad om je voor te stellen aan de bewoners van het ruige gebied. White rijdt over vele modderige wegen om dorpjes, cafés, gevangenissen, kolenmijnen en kerken te bezoeken. Tijdens zijn tocht komt hij de meest vreemde figuren tegen die hun levensverhaal met hem delen. Beelden van getatoeëerde huisvrouwen, doorgedraaide bikers en reli-fanaten trekken aan je voorbij. Tussen de verhalen door trakteren de artiesten je op de locale muziek. ‘Wrong-eyed Jesus’ stelt constant vragen over leven, dood en religie. Hoewel de vreemde karakters zo nu en dan nog weten te boeien, is de film te langzaam en neerslachtig om je aandacht echt vast te houden. Alleen kijken dus als je zelf een Hillbilly bent. ** (2/5)

Lord of the Rings: Battle for Middle Earth 2 (pc)

Terwijl regisseur Peter Jackson zijn Lord of the Rings-trilogie er alweer lang en breed op heeft zitten - hij heeft er inmiddels zelfs een King Kong achteraan geplakt - blijft game-uitgever Electronic Arts de massa bestoken met titels die inhaken op de populariteit van de films. Het resultaat: veel middelmaat, met als schokkend voorbeeld het recente LotR: Tactics voor Sony's PSP. Battle for Middle Earth 2 is wat dat betreft de uitzondering op de regel. In dit strategiespel neem je de leiding over een van de populaties uit de legendarische saga van Tolkien. Je speelt aan de kant van de goeden (elven) of de kwaden (Saurons leger) en mag er in verscheidene missies voor zorgen dat de orcs een kopje kleiner worden gemaakt, of heel Midden-Aarde onderwerpen aan de ontzielende leiding van Sauron.

De game ademt de authentieke LotR-sfeer uit al zijn poriën en doet filmisch aan. De beelden zijn bijzonder goed verzorgd, met veel detail in eenheden en omgevingen, terwijl de muziek regelrecht uit de films komt. Maar dat gold ook al voor deel 1. Nieuwigheden in dit spel vind je dan ook meer op het vlak van de mogelijkheden: die zijn fors uitgebreid. Naast de hierboven aangehaalde single player campagne, bevat dit spel een nieuwe speelmodus voor eenzame spelers. Het doel is simpel: verover Midden-Aarde. De aanpak doet een beetje denken aan Risk: je stuurt je legers van land naar land, en mocht je een tegenstander tegen het lijf lopen, dan is het battlen geblazen. Confrontaties kun je realtime uitvechten, maar je kunt de uitkomst ervan ook laten berekenen door de computer.

Online multiplayer behoort eveneens tot de mogelijkheden. Daarbij staan niet alleen Saurons leger of de elven tot je beschikking, maar kun je ook kiezen voor de hobbits, dwergen, mensen, etcetera. Het aantal eenheden is fors uitgebreid. De bekende helden (zoals Legolas, Aragorn en Gandalf) hebben weer allen hun eigen speciale krachten op het strijdveld. Daarnaast kun je je eigen held creëren en diens special powers naar eigen inzicht aanpassen. Je kunt veel meer manschappen tegelijk aanvoeren dan in het vorige deel. De veldslagen komen daardoor een stuk meer in de buurt van het beeldvullende geweld dat we in de films mochten meemaken. Het resultaat is een juweeltje voor strategieliefhebbers. Ook oorlogszuchtige Lord of the Rings-fans hoeven de komende maanden de deur niet meer uit. **** (4/5) Groninger Studentenkrant 11


SK maart 2006  

Medewerkers Vormgeving www.studentenkrant.org Drukwerk Hoofdredactie Coverfoto Redactie Stichtingsbestuur Eindredactie Fotografie Groninger...

Advertisement