Page 1


De nieuwste a m b u l a n c e s va n v i s s e r l e e u wa r D e n

V ISSER

L E E U W A R D E N

Edisonstraat 16 - 8912 AW Leeuwarden Tel. +31(0)58-213 45 55 - Fax +31(0)58-215 01 57 mail@visser-carrosserie.nl - www.visser-carrosserie.nl

2 Vakblad V&VN Ambulancezorg, nummer 1, maar t 2010


8: Haastige spoed, niet altijd goed

Colofon

Vakblad V&VN Ambulancezorg

In de ambulancezorg is tijd een belangrijk begrip. Als er acuut wat gebeurt, wil iedereen dat er zo snel mogelijk hulp komt. Snelheid kan worden uitgedrukt in tijd. In dit artikel een waarschuwing niet eenzijdig naar getallen te kijken, maar liever de inspanningen te richten op winst aan kwaliteit.

Jaargang 7, Nummer 1, maart 2010 Hoofdredacteur a.i. Gerard Pijnenburg

18: Ervaringen met mechanische thoraxcompressie

Redactieteam Gerard Pijnenburg Thijs Gras Piet Hoving Vaste medewerkers Vakgroepen V&VN Ambulancezorg Afd. communicatie V&VN Uitgever & redactieadres V&VN Ambulancezorg Churchill-laan 11 3527 GV Utrecht tel 030 - 291 9050 fax 030 - 291 9059

Een verslag van de ervaringen met de AutoPulse zoals die tot dusver in de regio Zuid-Holland Zuid zijn opgedaan. Daarnaast loopt op mondiale schaal de zogenaamde CIRC-trial (Circulation Improving Resuscitation Care) mechanische thoraxcompressies waar de RAV Gelderland Zuid haar bijdrage aan levert.

38: De casus: de trekhaak

info@venvn.nl

Er kwam een verzoek voor assistentie voor een oudere man die met zijn been vast zat aan een trekhaak. Hoewel ik als arts toch al een tijdje meevlieg kon ik me er niet direct wat bij voorstellen maar ervaring heeft geleerd dat dit niet erg is. Ik neem altijd dezelfde tas mee, wat de melding ook is en ik start altijd bij de A. En dan komt de rest vanzelf.

De uitgever van vakblad V&VN Ambulancezorg heeft geen enkel bezwaar tegen overname van artikelen, in welke vorm dan ook. Bij overname vragen wij u wel als bron vakblad V&VN Ambulancezorg te vermelden en de uitgever een presentieexemplaar toe te zenden. Vakblad V&VN Ambulancezorg is het officieel orgaan van V&VN Ambulancezorg en is inbegrepen in het lidmaatschap. Onder naam opgenomen artikelen geven niet noodzakelijkerwijs de mening van de redactie, uitgever of bestuur van V&VN ambulancezorg weer. Voor de opgenomen pro­duct­informatie aanvaarden redactie noch uitgever enigerlei aansprakelijkheid.

Abonnementsprijs: (Ere) Leden Nederland en België

gratis 30 euro

Europa/overig

30 euro

ISSN: 1573 - 5885 Adreswijzigingen: ledenservice@venvn.nl Richtlijnen aanleveren kopij : www.ambulancezorg.venvn.nl (homepage rubriek: Vakblad)

Verder in dit nummer 4 Kort nieuws 6 V&VN Ambulancezorg Bestuur en Bureau 7 10.000 kinderen bezocht met ambulanceproject 12 Een gewichtige casus 14 Wethouder wil ambulancezorg meer betrekken bij preventiebeleid 16 Ambulancepost Geleen 500 meter verhuisd 17 Weg met de ambulance? 22 Vernieuwde website VCHV 24 Ambulancemotoren voor Drenthe en Friesland 25 Praktijk versus protocollen 26 Spoedsymposium een succes 28 Casereport: reanimatie intoxicatie Monnikskap 30 Lifepak 12 voor Alpe d’HuZes

3 Vakblad V&VN Ambulancezorg, nummer 1, maar t 2010

31 Axira leden en Doczero samen in ontwikkeling E-learning ambulancezorg 32 AmbuCare en Bronts Ambulance Service bundelen de krachten 34 Nieuwe opleiding ambulancechauffeur met mbo-diploma 35 Proef in regio Fryslân en Drenthe toont aan: modern glijzeil biedt ook binnen ambulancezorg veel mogelijkheden 36 HDS Brandweertechniek en De Vries Ambulances samen verder 37 Physio Control weer volop in de markt 41 Ambulance uit Fryslân gaat levens redden in Tanzania 41 Gezamenlijk pand brandweer en ambulance 42 Ambulances in miniatuur 44 Kort nieuws 46 La Vuelta: een Spaanse droom

Vakblad V&VN Ambulancezorg, nummer 1, maar t 2010 3


Ambulancechauffeur ernstig gewond Bij een ongeval met een ambulance van Ambulancezorg Fryslân is de chauffeur ernstig gewond geraakt. Het ongeval gebeurde op woensdagavond 30 december 2009. De ambulancebemanning was vanuit Leeuwarden onderweg naar een spoedgeval in het buitengebied. Op de N31 (Hendrik Algraweg) ter hoogte van het onder Leeuwarden liggende Goutum ontstond een aanrijding waarbij de ambulance en drie vrachtwagens betrokken waren. De eerste daarvan kwam op zijn zijkant in de berm terecht, de tweede schoof geschaard de berm in en de derde kwam frontaal in botsing met de ambulance. De chauffeur van de gekantelde vrachtwagen raakte bekneld en kon na anderhalf uur door de brandweer bevrijd worden. Hij liep enkele fracturen op. De ambulanceverpleegkundige raakte slechts lichtgewond en kon na controle in het ziekenhuis weer naar huis. De ernstig gewonde ambulancechauffeur ligt begin maart nog in het ziekenhuis. Het gaat langzaam beter met hem maar hij moet opnieuw operaties ondergaan. Wie hem een hart onder de riem wil steken kan een kaart sturen aan: Ambulancezorg Fryslân, t.a.v. Collega ambulance 02-114, Oostergoweg 14, 8932 PG Leeuwarden. (Foto Anton Kappers)

Direct in het nieuwe jaar leverde Visser Leeuwarden twee Rapid Responders af aan de RAV Limburg Noord. Het betreft hier de eerste Rapid Responders op basis van een Toyota RAV-4 met grijs kenteken. De voertuigen zijn uitgerust met een multifunctionele kast in het achtercompartiment en een uitschuifbare slede waardoor zware medische materialen ergonomisch uitneembaar zijn.

Nieuwe directeur Ambulance Oost Piet Huizinga, directeur Regionale Ambulancevoorziening IJsselland, is per 1 maart in deeltijd tevens directeur/ bestuurder van Ambulance Oost. Hij vervangt directeur Jan Pierik, die naar VZA vertrok (zie blz. 45). Er is volgens de organisaties nadrukkelijk geen sprake van een fusie tussen IJsselland en Ambulance Oost. Beide organisaties maken, samen met UMCG Ambulancezorg en de RAV Limburg Noord, onderdeel uit van de coöperatie Axira, waarvan ook de ambulancezorg in Drenthe en Limburg onderdeel uitmaken.

Officiële opening post Noordwijk Op 21 januari opende wethouder Vroom van Noordwijk de nieuwe vestiging van de Regionale Ambulancedienst (RAD) Hollands Midden. Deze officiële opening was bedoeld om deze nieuwe vestiging op de kaart te zetten. Het landelijke spreidingsplan kent voor de regio Hollands Midden zeven standplaatsen. De RAD Hollands Midden heeft een nieuw concept ontwikkeld waarbij zij in staat is om met negen standplaatsen te werken in plaats van zeven. Waardoor men nog sneller ter plaatse kan zijn. De RAD post in Noordwijk ligt centraal ten opzichte van vier grote gemeenten: Katwijk, Teylingen, Noordwijk en Noordwijkerhout, waarmee 20% van de inwoners van Hollands Midden worden bereikt. In de regel staat er één ambulance maar er is een stroomaansluiting voor een tweede ambulance. De nieuwe post ligt aan de Van Berckelweg 34A (op het terrein van Beuk Touringcars), pal aan de provinciale weg N206. Hiermee vervalt de uitrukfunctie van de locatie aan De Krom in Katwijk, die 4 kilometer zuidelijker aan de N206 ligt. De post in de Ruigenhoek in Noordwijkerhout ligt daardoor nu ruim 9 kilometer boven de post Noordwijk aan de N206; deze post zal over enige tijd een stukje verderop naar Hillegom schuiven. (Foto Arie van Dijk) 4 Vakblad V&VN Ambulancezorg, nummer 1, maar t 2010

Bas Walthaus, hoofd ambulancedienst van RAV Hulpverlening Gelderland Midden (links),krijgt een Lifepak 15 monitor/defibrillator uit handen van Joris Oolders van Medtronic PhysioControl. Sinds oktober 2009 beschikt de dienst over vier exemplaren van deze nieuwe monitor/defibrillator. Twee van de Lifepak 15’s worden ingezet op motoren van Gelderland Midden die worden ingezet bij spoedeisende meldingen.


Eerste kinderboek GHOR Op 13 januari is door het hoofd van de afdeling Logistiek van de Landelijke Faciliteit Rampenbestrijding (LFR), Kees de Jong, namens de directeur LFR, op een winters Ameland het ‘eerste’ kinderboek GHOR uitgereikt aan Tineke Kooiker, lid van het ambulanceteam van de geneeskundige groep Ameland, dat valt onder de GHOR Fryslân. Het kinderboek GHOR is ontwikkeld naar een idee van Tineke naar aanleiding van een wisseling in de uitrusting van de Geneeskundige Combinatie. Bij die wisseling werd het PRIL-lint vervangen door een nieuw kindertriagelint waarop geen protocol was opgenomen voor de medicatie van kinderen. Dit bracht Tineke op het idee een boekje te maken met daarin de medicatie voor kinderen, gebaseerd op de uitrusting van de Geneeskundige Combinatie. Dit idee is opgepakt door een aantal personen dat nauw betrokken is bij de Geneeskundige Combinatie, onder leiding van de GHOR Fryslân. Het heeft geleid tot een handzaam boekwerk dat goed leesbaar is, ook bij slechte (weers)omstandigheden, en dat gebruikt kan worden door alle hulpverleners die onder rampenomstandigheden hulp moeten verlenen aan kinderen. De inhoud is in overeenstemming met het Landelijk Protocol Ambulancezorg 7.1. en sluit aan bij het slachtofferregistratiesysteem van de Geneeskundige Combinatie. De medicatie in de uitrusting is in overeenstemming gebracht met het LPA 7.1. en het kinderboek GHOR is ondergebracht in iedere ALS-koffer van de Geneeskundige Combinatie.

Onder: Eind 2009 leverde Visser Leeuwarden twee MB Sprinter Delfis ambulances aan VZA Amsterdam. De ambulances rijden bij de posten Zaandam en Purmerend.

Nieuwjaarsbrand Iedere dag rukken de hulpdiensten uit voor gebeurtenissen die – ongeacht hun omvang – een grote impact hebben op degenen die het overkomt – en soms ook op de hulpverleners zelf. Hoe het verder met een slachtoffer gaat, is vaak niet bekend. Het volgende alarm zit er al weer aan te komen. Toch is het niet alleen van nut te weten hoe het verdere verloop is, het is voor hulpverleners en de omgeving van een slachtoffer ook leerzaam te weten hoe hij of zij alles beleefd heeft en nog steeds beleeft. Het boek ‘Nieuwe handen’ levert dat. Auteur Gerie Smit studeerde Redactie en mediaproductie, werkte als redacteur bij het Noordhollands Dagblad en is nu redacteur op de nieuwsredactie van RTV Noord-Holland. In 2001 overleefde zij met zware brandwonden de nieuwjaarsbrand in Volendam. Die gebeurtenis, de tijd in het ziekenhuis en het herstel daarna worden door haar beschreven. Het levert een persoonlijk verslag op over haar ervaringen met onder andere de ambulancezorg en het ziekenhuis, het verwerken van een ramp en het standhouden als individu. Het boek kost 17,95 euro en is verkrijgbaar in de boekhandel of via www.truthanddare.nl

Ambulance op zijn kant

Een ambulance wordt weer op zijn wielen gezet nadat deze bij een aanrijding op de zijkant belandde. Dit gebeurde op vrijdag 7 januari rond 16.00 uur. De ambulance reed op de kruising Burgemeester Elsenlaan met de Sir Winston Chuchilllaan in Rijswijk met zwaailicht en sirene door het rode licht. De chauffeur kwam daarbij in botsing met de 19-jarige Haagse bestuurder die van rechts door groen reed. Niemand raakte bij het ongeval gewond. Foto Peter Hofman (www.112fotografie.nl) Vakblad V&VN Ambulancezorg, nummer 1, maar t 2010 5


Mededelingen van

Bestuur en Bureau Voorwoord bestuur V&VN Ambulancezorg

Het is nog hartje winter maar als je dit leest staat de lente al weer voor de deur. Een nieuw begin voor de beroepsvereniging in een sector die in beweging is, letterlijk en figuurlijk. Ambulanceprofessionals zetten dagelijks hun beste zorgen in tijdens het vervoeren van onze cliënten, patiënten en zorgvragers. MKA professionals verdelen zo goed mogelijk de schaarse middelen en voelen zich verantwoordelijk voor de beste zorg op de juiste plek en op het juiste tijdstip. De ontwikkelingen in de sector volgen zich ook snel op. Eind vorig jaar was er de aanbestedingsprocedure voor de ambulancevergunningen. De minister heeft nu in overleg met de sector een andere vorm gekozen. Regionale ambulancevoorzieningen die voldoen aan het zogenaamde ‘Programma van eisen’ krijgen de vergunning, waardoor concurrentie van derden in deze regio’s is uitgesloten. De minister neemt het definitieve besluit na het sluiten van aanvullende afspraken met de huidige vergunninghouders over efficiencykorting en benchmarking. Benchmarking is een manier voor organisaties om van elkaar te leren, verantwoording af te leggen en toezicht te vergemakkelijken. De uitkomst van een benchmark is een soort maatgetal dat iets over de prestatie zegt.

Dagelijks bestuur

Voorzitter Albert van Eldik Secretaris Ina Bolt Penningmeester Vacant (tijdelijk door V&VN) Communicatie en PR Gerard Pijnenburg en bewust, met de juiste kennis en (sociale) vaardigheden hun werk doen. Het is een gegeven dat zorg zich moeilijk laat meten in cijfers. Ook verandert de Zorg wat betreft organisatie, arbeidsmarkt, vergrijzing en medisch-technische ontwikkelingen waarbij de zorgvragen ook in rap tempo veranderen en complexer worden. Dit zijn voor de nabije toekomst grote uitdagingen. Als beroepsvereniging V&VN Ambulancezorg willen we door inbreng te organiseren vanuit onze zorgprofessionals een bijdrage leveren aan verantwoorde zorg voor nu en in de toekomst.

Wat doen we in 2010

In samenwerking met diverse partners in de sector en Ruimte voor samenwerking daarbuiten werken we mee aan het project patiëntenveiV&VN Ambulancezorg is positief over het voornemen ligheid in de ambulancesector. En aan een project van van de minister. Dit geeft binnenkort ruimte aan ambu- het LEVV (landelijk expertise centrum verpleging en lanceorganisaties en professionals om samen te werken. verzorging) waarin wordt gewerkt aan protocolontwikHiermee kunnen efficiencyvoordelen worden behaald. keling in de acute zorg. Een belangrijk punt voor de ambulancesector is dat we Het belangrijkste dossier voor V&VN Ambulancezorg met elkaar aan de slag moeten. Informatie met elkaar is de transitie van het Register Beroepsbeoefenaren in delen, professionals die van elkaar leren en samenwerde Ambulancezorg naar het Kwaliteitsregister V&V. king op bestuurlijk en operationeel niveau is daarbij es- Hiertoe is een projectteam van start gegaan. In het volsentieel. Een sterke, onafhankelijke beroepsvereniging gende nummer doen we daarvan verslag en we zullen je als V&VN Ambulancezorg is daarbij onontbeerlijk. informeren via onze website en de nieuwsbrieven. Als Als beroepsvereniging zien we bij alle veranderingen er bestuur vinden wij het van groot belang dat professioop toe dat de kwaliteit van zorg die we dagelijks leveren nals zelf hun verantwoordelijkheid nemen in het aantoniet enkel in cijfers wordt uitgedrukt of in protocoltoenen en bijhouden van hun vakbekwaamheid. Hier is een passing maar in professionaliteit. We staan als beroeps- systeem voor nodig gezien de bijzonder bevoegdheden vereniging voor professionals die goed gemotiveerd die in de Wet BIG zijn vastgelegd. Neem als je vragen hebt over dit register gerust contact op met het Kwaliteitsregister V&V. De regionaal opleidingscoördinator Ere wie ere toekomt: Onze ereleden in jouw RAV kan er ook meer over vertellen. A.M. Alblas (Aad), A.H.A. Bax (Jos), A.F.J. van Bekhoven (Ad), We kunnen je ook nog melden dat V&VN AmbulanC.Ph. van Buuren (Carel), R. Draaisma (Ruud), J.M.H. ten Have (Jan), cezorg samen met V&VN participeert in de werkgroep W.H. Hilberts (Willem), P.G. Hoving (Piet), G. de Rover (Gerrit), Patiëntveiligheid, in gezamenlijkheid met AZN en andere branchepartijen. Joh. Schraa (Hans), J.T. Sijbrand (Jan), J.H.G. Tamboer (Jan), K. Unk (Karel), P. Wieringa (Piet)

In dankbare herinnering: C.G. Hendriks (Cor), H.A. Leerkes (Bertus) 6 Vakblad V&VN Ambulancezorg, nummer 1, maar t 2010

Vakbeurs en symposium

Op 28, 29 en 30 oktober vinden de vakbeurs en het symposium plaats. Met op diverse dagen afwisselende


programma’s. De donderdag staat in het teken van workshops van en door collega-professionals over verschillende onderwerpen. Deze dag is ook de algemene ledenvergadering van de beroepsvereniging. De vrijdag wordt ingevuld door het grote symposium. Thema is ‘Staan voor Zekerheid’. De organisatie is in de vertrouwde handen van de VCHV. Hopelijk kunnen we op deze dag het kwaliteitsregister met het deskundigheidsgebied formeel in werking stellen.

Tot slot

De afgelopen periode is veel energie gestoken in de bestuurlijke borging van alle programma’s waar we een bijdrage aan leveren. Daarnaast is er veel aandacht besteed aan de financiële positie van V&VN Ambulancezorg in relatie tot de brancheorganisatie AZN, de stichting Gildetaken, V&VN en belangrijke stakeholders zoals het Kwaliteitsregister V&V. Hierover binnenkort meer via de gebruikelijke kanalen zoals nieuwsbrief, website en de vakgroepen die nu voorzichtig van start gaan. Meld je gerust aan als je zo’n bijeenkomst een keer wilt bijwonen. Albert van Eldik Voorzitter V&VN Ambulancezorg

Chris de Vogel stopt met bestuurswerk Nadat zij zich tien jaar onafgebroken heeft ingezet als bestuurder van V&VN Ambulancezorg (voorheen BVA) stopt penningmeester Chris de Vogel met haar bestuurswerk voor de afdeling. V&VN Ambulancezorg vindt het jammer dat zij afscheid moet nemen van een collega die zoveel ervaring heeft, maar respecteert haar keuze. De laatste tien jaar heeft Chris zich ingezet voor de beroepsvereniging in de sector Ambulancezorg. Zij deed dit met hart voor de professional en voor de ontwikkeling en borging van de inhoud. Chris heeft ook in belangrijke mate bijgedragen aan het fusietraject dat de Beroeps Vereniging Ambulancezorg bracht tot V&VN Ambulancezorg. V&VN Ambulancezorg bedankt Chris heel hartelijk voor haar inzet en zal, samen met haar, haar bestuursperiode op gepaste wijze afsluiten.

10.000 kinderen bezocht met ambulanceproject

de regio Hollands Midden in het bijzonder. De kinderen kregen volop de gelegenheid om vragen te stellen en konden een kijkje nemen in de echte ambulance. De scholenambulance was de afgeplezier inzet voor het scholenproject. lopen tijd duidelijk herkenbaar in In het bijzijn van wethouder Marion Suijker sloot de Regionale Ambulancedienst Hollands In oktober 2008 gaf Ambulancezorg de regio. Met opvallende stickers en Nederland het startschot voor een teksten reed de scholenambulance Midden op 12 februari haar scholenproject af. landelijke publiekscampagne. Een van school naar school. Meer dan 10.000 leerlingen van de groepen voorlichtingspakket voor de groepen Na de nuttige rol die de ambulance 5 en 6 werden de afgelopen 2 jaar bezocht. 5 en 6 van de basisscholen maakte voor de scholen heeft gehad, zal de hier onderdeel van uit. wagen binnenkort worden geschonOpenbare basisschool de Kas uit In de regio Hollands Midden is ken aan een charitatieve instelling en Gouda had de eer als laatste school aan de landelijke campagne extra worden ingezet voor ambulancezorg het project feestelijk af te sluiten. De lokale invulling gegeven, door het in Ghana. kinderen reageerden weer enthousi- beschikbaar stellen van een medeOp de foto’s: Les door Annelies van ast op de komst van de voorlichter werker met een volledig ingerichte der Post en sluitingshandeling van van de ambulancedienst, Annelies ambulance. Op de scholen is uitleg het scholenproject door wethouder van der Post. Annelies is inmiddels gegeven over misbruik van 112, de Marion Suijker. de vijfde medewerker die zich met ambulancezorg in Nederland en over Foto’s: A. van Dijk

Vakblad V&VN Ambulancezorg, nummer 1, maar t 2010 7


Haastige spoed, niet altijd goed (MKA) tegenwoordig instructies geeft aan melders, helpt dit gevoel van machteloosheid bestrijden en voorkomt dat men zich fixeert op ‘wachten’. Theoretisch moet de hulp er binnen een kwartier zijn. Hoe zat dat ook alweer? Met de invoering van de Wet ambulancevervoer in 1971 was de provinciale overheid verantwoordelijk voor de spreiding van ambulances binnen de MKA regio’s (toen nog Centrale Post Ambulancevervoer, afgekort CPA). Vaak wordt gedacht dat het befaamde kwartier in die wet genoemd is. Dat klopt niet. Wel is er een indirecte wettelijke basis: volgens artikel 19 van het Eisenbesluit, een Algemene Maatregel van Bestuur die werd afgekondigd op 6 juli 1976, was ‘de vervoerder gehouden de auto en het begeleidend personeel Wachten duurt lang, helemaal als in zodanige staat van paraatheid te je denkt hard hulp nodig te hebben. hebben dat zij – uitgezonderd omDat gebeurt vaak bij ongevallen of standigheden waarin zulks niet van acute ziektebeelden. Het gekke is de inspanningen van de vervoerder dat, vóór een melding gedaan wordt, afhangt – binnen vijftien minuten tijd makkelijk verstrijkt maar dat na ontvangst van de opdracht tot het als iemand eenmaal om hulp gebeld aangevraagde vervoer ter plaatse heeft, de seconden alsmaar trager lij- kunnen zijn.’ De klok ging dus lopen ken te tikken. “Waar blijven ze nou? op het moment dat de ploeg gealarIk weet niet wat ik moet doen!” meerd werd. Voor de Provincie werd Dat de Meldkamer Ambulancezorg dit kwartier de rekennorm voor het

In de ambulancezorg is tijd een belangrijk begrip. Als er acuut wat gebeurt, wil iedereen dat er zo snel mogelijk hulp komt. Snelheid kan worden uitgedrukt in tijd. Het is niet vreemd dat het analyseren van tijden al sinds de komst van professionele ambulancehulp, een belangrijke plaats inneemt. De laatste jaren is er toenemend aandacht voor het presenteren van de prestaties van de ambulancezorgsector (1) en een belangrijk onderdeel daarvan zijn de prestaties op het gebied van tijd. Toch zijn tijd en kwaliteit twee verschillende begrippen die niet altijd een eenduidige relatie hebben. Iets snel doen is iets anders dan iets goed doen. Dat geldt ook voor de ambulancezorg. In dit artikel een waarschuwing niet eenzijdig naar getallen te kijken, maar liever de inspanningen te richten op winst aan kwaliteit.

De verschillende tijdsblokken van het ambulancezorgproces. (Bron: Uniform Begrippenkader Ambulancezorg, augustus 2009, Ambulancezorg Nederland.) Vormgeving: Vormix Maarssen 8 Vakblad V&VN Ambulancezorg, nummer 1, maar t 2010

bepalen van spreiding en paraatheid. Duurde het langer, dan werd het een ‘overschrijding’ genoemd. Veel aandacht, zowel binnen het gemeentelijk bestuur, de politiek als de media, ging uit naar deze overschrijdingen. Met de ontwikkeling om de patiënt centraal te stellen, vonden de ambulancesector en het ministerie van Volksgezondheid het eigenlijk juister om de klok te starten als de melder contact had met de MKA. Aldus werd deze tijd, genoemd het meldkamerdelay (= ‘vertraging’), opgeteld bij het ambulancedelay en samen vormden ze het ambulancezorgdelay. Dit werd vastgelegd in de nota’s Verantwoorde Ambulancezorg (2) en Met Zorg Verbonden (3). Inmiddels was het Eisenbesluit vervangen door de Kwaliteitswet zorginstellingen en werd het aan de sector zelf overgelaten de kwaliteitseisen te stellen. Uiteraard was dit niet vrijblijvend en werden de afspraken binnen de sector gesanctioneerd en gecontroleerd door de Inspectie voor de Gezondheidszorg. Omdat vervoerders (toen nog veelal organisatorisch niet verbonden met de CPA) soms geconfronteerd werden met overschrijdingen, terwijl zij vonden dat ze snel genoeg waren, besloot


men ook voor het meldkamerdelay een norm te stellen: 2 minuten. Met een veronderstelde uitruktijd van 1 minuut, kwam zo een rijtijd van 12 minuten tot stand. Dat werd het nieuwe getal waarmee de benodigde paraatheid in modellen kon worden doorgerekend. Uitgangspunt daarbij was dat 97% van de bevolking binnen 15 minuten bereikt zou kunnen worden. Let op: we spreken hier nog steeds over planningsnormen! Steeds meer schoof het kwartier op in de richting van een zorgnorm. Geregeld kwamen er vragen waar die 15 minuten dan toch op gebaseerd waren. Medisch inhoudelijk waren er geen argumenten: voor de ene patiënt is het te lang - hersenen kunnen maar een paar minuten zonder zuurstof -, voor de ander maakt het de zaak medisch gezien niet erger of de ambulance pas na een kwartier of nog langer aankomt. In enkele landen dook een tijd van 8 minuten op als optimaal. Ook de Raad voor de Volksgezondheid adviseerde deze tijd aan te houden (4). Maar er waren conflicterende meningen: de één vond het nog te lang, de ander vreesde voor praktische consequenties als grote kostenverhoging en ervaringsverdunning. Een recent onderzoek naar de relatie tussen responstijd en gezondheidswinst, maakt duidelijk dat tijd niet altijd een bepalende factor is bij medische spoedgevallen (5,6). Veel verwarring is er ook over de 97% mensen die binnen een kwartier bereikt moeten kunnen worden. Deze planningsnorm heeft in de praktijk maar beperkte waarde, omdat het niet wil zeggen dat 97% ook bereikt wordt. Onderzoek van het RIVM heeft aangetoond dat bij slechts 20% van de overschrijdingen, de standplaats een rol speelde (7). In de meeste gevallen waren het andere factoren, zoals gelijktijdigheid, files, weersinvloeden, moeilijk te vinden adres, lang meldkamerdelay etc. Daarnaast is het belangrijk niet alleen naar percentages te kijken, maar ook naar absolute aantallen. In een gebied met 100 ritten betekent een overschrijding van 20% dat de ambulance er bij 20 mensen langer dan 15 minuten over deed. In een gebied met 1000 ritten en 10% overschrijding, komt dit neer op 100 mensen. Hetzelfde

Gebied 1 Gebied 2

1 14,3 7,3

2 13,2 6,3

3 17,3 8,1

4 14,9 15,6

5 12,9 9,3

6 13,6 3,9

7 11 15,1

Gem. 13,89 9,37

N > 15 1 2

% > 15 14,29 28,57

Aanrijdtijd per bulancezorgverleners die met een rit per gebied in motor, een (personen)auto of een minuten. fiets uitrukken. Zij kunnen niet vervoeren, wel stabiliseren. Ooit zijn ze om verschillende redenen in het leven geroepen. Onder andere voor het afdekken van tijdelijke of structurele witte vlekken waar te weinig gebeurt om een ambulance te stationeren, maar waar je de menVariatie sen toch een hoog niveau van hulp We moeten ons er van bewust worwil bieden. Inmiddels worden ze den dat er veel meer factoren zijn door veel meldkamers als een soort die de uitkomst van berekeningen vooruitgeschoven post gebruikt beïnvloeden. Is het wel terecht dat die wordt afgestuurd op meldingen we meldingen van iemand met een waar men geen vervoer verwacht. hartstilstand en een fietser die zijn pols breekt - waar in beide gevallen Uit eigen ervaring heb ik diverse een ambulance onder een A1 naartoe casussen waarin vervolgens de amgestuurd wordt - op één hoop gooien bulance lang op zich liet wachten, en dan gaan middelen? Wat zegt dit zelfs bij instabiele vitale functies. over onze prestatie? Hoe berekenen Een voorbeeld: een ambulanceverpleegkundige staat bij een motorwe de getallen eigenlijk? Realisecrossevenement en een rijder valt ren we ons wat de invloed kan zijn met zijn gezicht keihard op de baan. van regiogebonden afspraken en regels? Weten we hoe geografische, De man is meteen bewusteloos. De verpleegkundige vraagt de MKA meteorologische en demografische om een ambulance voor iemand met factoren inwerken op de cijfers? Er hersenletsel. Tot zijn verbazing (en is grote variatie. die van het aanwezige publiek) komt Fixatie op getallen vertroebelt je kijk op de praktijk van alle dag. Het een Rapid Responder die dan pas de ambulance bestelt. Eerst na 36 miis zo verleidelijk omdat getallen concreet zijn en objectief ogen. Hoe nuten arriveert deze, maar omdat de Rapid Responder ter plaatse geklokt dit kan leiden tot ongewenste effecten is te zien in Canada en Groot heeft, komt dit onwenselijke delay Brittannië. Daar worden Spoedeinergens terug in de statistieken. sende Hulp afdelingen (SEH) afgeNog een voorbeeld: midden in een rekend op hoe lang ze erover doen bos, een aardig eindje rijden, doet om mensen vanaf binnenkomst naar zich een valpartij met fietsers voor. een afdeling of naar huis te sturen. Het lijkt niet ernstig, de MKA stuurt Gevolg is dat men ambulances met een Rapid Responder onder een A2, die na krap een half uur ter plaatse patiënten buiten laat wachten tot is. Hij oordeelt dat één van de fietde zaken dusdanig op orde zijn dat sers toch naar het ziekenhuis moet. de ‘target’ gehaald kan worden. Ook de ambulance komt onder een Soms staan ambulances uren voor A2 en doet er bijna een half uur de SEH alvorens ze iemand kwijt kunnen, met alle gevolgen van dien over. Medisch inhoudelijk misschien te billijken, maar maatschappelijk voor de paraatheid, om nog maar te zwijgen over de onwenselijkheid ook? En wat te denken van de vervoor de patiënt. Natuurlijk laat men spilde paraatheid? Een ambulance iemand met instabiele vitale functies had de gewonde meteen mee kunnen nemen, of zou, als vervoer niet wel sneller binnen, maar Canadees ambulancepersoneel was jaloers op nodig was, meteen weer inzetbaar geweest zijn. onze overdrachttijden op een SEH. Blijkt geen vervoer nodig, dan kun Rapid Responders je zeggen dat er efficiencywinst is: In Nederland gaan we in sommige één persoon levert ter plaatse zorg. situaties ook die kant op met de Maar is wel vervoer nodig, dan is Rapid Responders. Dit zijn amsprake van efficiencyverlies: twee

geldt voor gemiddelden en gewogen gemiddelden. Zie de afgebeelde rekensom (met dank aan Gerard Berenschot van RAV IJsselland) waarin twee gebieden worden vergeleken. Gebied 2 heeft een kortere gemiddelde aanrijdtijd, maar een hoger percentage overschrijding.

Vakblad V&VN Ambulancezorg, nummer 1, maar t 2010 9


eenheden en drie mensen zijn bezig met een patiënt die voordien genoeg zou hebben aan één eenheid van twee personen. Nog belangrijker is dat de patiënt langer op de ambulance moet wachten en het dus langer duurt eer hij definitieve zorg krijgt. Veel onderzoeken naar gezondheidswinst voor patiënten laten zien dat voor ernstig gewonden het snel bereiken van de plek waar ze definitief kunnen worden geholpen en dat is het (juiste) ziekenhuis - een belangrijke factor is in overleven en de kwaliteit van leven. Gek genoeg lijkt het of we teruggaan naar de 20e eeuw, toen in veel plaatsen lange tijd de huisarts eerst ging kijken en dan pas besliste of vervoer nodig was. Grote vertragingen waren het gevolg. Ook andere ervaringen met een dergelijke opzet lieten zien dat zo’n systeem niet altijd handig was. In de jaren zestig van de vorige eeuw stelde men bij de GGD Zaandam een verpleger aan die met een scooter ter plaatse ging om hulp te verlenen. Het plaatselijke taxibedrijf leverde de ambulance met chauffeur. Men vond dat erg onpraktisch: zelden waren ze gelijk zodat de één vrijwel altijd op de ander moest wachten. Men achtte het toen veel handiger beide eigenschappen te combineren en de GGD kocht een ambulance en stelde chauffeurs aan. Rapid Responders hebben natuurlijk wel evidente voordelen: ze zijn goed bruikbaar bij evenementen en op voor ambulances moeilijk toegankelijke complexen zoals luchthavens en winkelcentra. En ook als vooruitgeschoven post indien ze er sneller

De Rapid Responder is een extra voorziening met andere mogelijkheden, die goed gebruikt moet worden: in aanvulling op de reguliere ambulancezorg en niet in plaats van. (Foto Guus Pauka)

kunnen zijn dan de ambulance, die dan wel onderweg moet zijn. Het is een extra voorziening met andere mogelijkheden, die goed gebruikt moet worden: in aanvulling op de reguliere ambulancezorg en niet in plaats van.

centralisten overgaan tot het adviseren en doorsturen naar andere zorgverleners lijkt meer op te hebben met kwaliteit van zorg. Het beleid moet er op gericht zijn dat centralisten zich hiertoe kunnen ontwikkelen en dat zij zich daarbij gesteund voelen door de richtlijnen.’ (8) In Zo snel mogelijk! het Concept Programma van Eisen Wie heeft niet het standaardgrapje voor de nieuwe Wet ambulancezorg gemaakt: ‘we hebben een spoedje, is de norm voor uitvragen door de maar doe maar rustig aan, het is MKA opgetrokken naar 3 minuten hier om de hoek, dus daar zijn we in plaats van 2. Maar dan nog is drie wel binnen een kwartier’? Het geeft of twee soms net zo goed of net zo aan dat met alle aandacht voor het slecht. Tijd is slecht te gebruiken als eindmoment, de aandacht voor het prestatie-indicator. Bij de ene melbegin vergeten lijkt. Drie woorden ding is al na 10 seconden duidelijk zijn cruciaal: ‘zo snel mogelijk’. We dat er een ambulance heen moet, bij kunnen bij een spoedmelding niet een andere is het soms beter even eerst nog eens uitgebreid koffie drin- wat meer tijd te nemen en een juiste ken, ook al arriveren we dan binnen urgentie te geven of misschien heleeen kwartier. Dat is on­ethisch. De maal geen ambulance te sturen. Nu hulp begint pas naderbij te komen merk je dat centralisten die onder op het moment dat de wielen in druk van korte uitvraagtijden staan, beweging zijn. Hoe eerder dit is, geneigd zijn te snel ambulancezorg hoe beter, misschien niet altijd om op te starten, met als gevolg onnomedische redenen, dan toch om dige ritten, onnodige risico’s door psychologische of maatschappelijke het met spoed rijden, onnodig bezet redenen en ook die zijn heel legizijn van ambulances. tiem. Het arriveren van hulp brengt En als je dan stuurt, kun je soms met rust in de situatie, de patiënt voelt een half minuutje langer zoeken, een zich gekoesterd, verkeersveiligheid ambulance vinden die er minuten en doorstroming zijn gebaat bij een korter over doet, bijvoorbeeld omdat snelle oplossing. De maatschappij deze leeg onderweg is voor besteld moet ervan uitgaan dat wij zo snel vervoer of net in een ziekenhuis en mogelijk proberen te werken, maar in overleg wel inzetbaar zou kunnen we moeten ook zorgvuldig werken. zijn. Soms kan dit zelfs een auto Tijd en zorgvuldigheid staan soms zijn die net bij een patiënt binnen is op gespannen voet met elkaar. (deze auto zou door een computer Verpleegkundige Trudie van Duijn nooit geadviseerd worden). Dat is heeft onlangs een studie gedaan kwaliteitswinst, maar verlengt wel naar het effect van het stellen van je meldkamerdelay. Word je op dit een 2-minutennorm voor het uitlaatste afgerekend, dan zou de neivragen op de MKA. Haar conclusie ging kunnen bestaan steeds wagens luidde: ‘Tijdigheid blijkt duidelijk vanaf de post te sturen, die je als negatieve effecten te hebben op de meldkamer snel gealarmeerd hebt, kwaliteit. Terwijl deze tijdigheid het maar die er door hun opstarttijd en aspect van kwaliteit lijkt te zijn dat soms grotere afstand tot het incident de boventoon voert in de huidige langer over doen. triageprocessen, wordt meerderGelukkig lijkt minister Klink inmidmalen gemeld dat juiste inzet van dels ook overtuigd van het belang ambulances belangrijker is. (...) De van kwaliteit van zorg, al is het nog prestatie-indicator van twee minuwel zaak om de ervaringen uit andeten op het triagewerk genereert een re sectoren van de gezondheidszorg grote druk en neiging om altijd te om te zetten naar de ambulancezorg. willen voldoen aan de twee minuten In zijn onlangs uitgekomen uitgewaarbij andere aspecten van kwalibreide beleidsbrief over de zorg in teit genegeerd worden. Snel triëren, het algemeen blijkt dat hij wil invessnelle zorginzet. De juiste of niet, teren in kwaliteit en niet in kwanmaar wel binnen de twee minuten. titeit (9). Een belangrijk aspect is Het streven naar de juiste zorg voor goede selectie: wie welke zorg wande juiste patiënt waardoor sommige neer nodig heeft. Goede telefonische

10 Vakblad V&VN Ambulancezorg, nummer 1, maar t 2010


triage, gericht op inhoud en snelheid (maar niet op gemiddelde tijd) is belangrijk. Hoogwaardige ambulancezorg, uitgeoefend door professionals die protocollen op juiste wijze kunnen aanpassen aan hun patiënt, zorgt ervoor dat er een tweede filter is en dat alleen die mensen naar een SEH gebracht (of gestuurd) worden die daar thuis horen. Ik denk niet dat het verstandig is zoveel mogelijk ritten te gaan rijden, iets waartoe het huidige systeem wel een beetje uitnodigt. Dat wordt in elk geval beter beloond dan goed triëren en doorverwijzen of zelfzorgadviezen geven. Toch levert dit laatste meer kwalitatieve winst op met gunstiger financiële effecten. De vraag is: hoe verdisconteer je dat?

Timing

Het gaat in de ambulancezorg vooral om timing: de juiste hulp, op de juiste plaats, op het juiste moment. Dat is kwaliteit. Niet alleen ‘zo snel als mogelijk’, maar ook ‘zo snel als nodig.’ (10) Die begrippen laten zich moeilijk in getallen vatten omdat de variatie groot is. Het vergt van beleidsmakers, ziektekostenverzekeraars en anderen die op wat grotere afstand van de ambulancepraktijk staan, dat zij op een hoger abstractieniveau met het begrip tijd omgaan. Tijden zijn zeker bruikbaar, bijvoorbeeld voor planning, het meten van effecten van beleidsaanpassingen of het onderling uitwisselen van gegevens. Van de ambulancezorgverleners mag men verwachten dat zij niet lichtzinnig met tijd omgaan. Tot op zekere hoogte mogen zij hier ook op worden afgerekend. Bij spoed is er altijd tijdsdruk. Hoe dit aspect goed in beeld te brengen is, is iets voor de toekomst. Elkaar de loef afsteken met ‘goede’ gemiddelden is in elk geval niet de juiste weg. Op deze wijze zijn regio’s moeilijk te vergelijken omdat er vele factoren zijn die de getallen beïnvloeden. En als aan de presentatie van de getallen belangen gekoppeld worden, dan is creatief ermee omgaan (de een zegt positief beïnvloeden, een ander zou het manipulatie kunnen noemen) erg verleidelijk. Het is aan de ambulancezorgverleners op de meldkamer en op straat om in te spelen op de dagdagelijkse actualiteit die zich slechts binnen

grenzen laat voorspellen. Daarbij moet de kwaliteit van zorg aan de individuele patiënt in diens actuele situatie voorop staan. Fixatie op getallen werkt afwijking van deze gulden regel in de hand en doet geen recht aan het belang van de patiënt. Dit artikel werd geschreven door drs. Thijs Gras, historicus, ambulanceverpleegkundige en verpleegkundig centralist.

1) Ambulancezorg Nederland, Ambulances in-zicht 2008. Zwolle 2009. De serie is gestart in 2006. 2) Van de nota Verantwoorde Ambulancezorg (2003) is in augustus 2009 versie 3.0 vastgesteld. http://www.ambulancezorg.nl/NL/beleid/zorgveiligheid/PDF/ verantwoorde_ambulancezorg.pdf. 3) Ministeries van VWS en BZK, Met zorg verbonden. Naar een nieuwe structuur voor ambulancezorg, traumazorg, en geneeskundige hulpverlening bij ongevallen en rampen. Rijswijk / Den Haag, 1997. 4) Raad voor de Volksgezondheid rapporten Acute Zorg (2003) en Schaal en Zorg (2008). 5) Malschaert, R., Belt, T.H. van de, Giesen, P., Ambulance A1 spoedritten: wat is de relatie tussen responstijd en gezondheidswinst? Nijmegen, 2008. (http://www.minvws.nl/kamerstukken/ cz/2008/onderzoeksrapport-ambulancea1-spoedritten-wat-is-de-relatie-tussenresponstijden-en-gezondheidswinst.asp)

6) Onderzoeksrapport levert geen weten- Cartoon: schappelijke onderbouwing. In: Alert nr. Paul Kusters. 1 (januari 2009) 10, 11. 7) Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu (RIVM), Ambulances binnen bereik (2002). 8) Duijn, T. van, Advies: verleng triagetijd spoedzorgmelding naar drie minuten. In: Vakblad V&VN Ambulancezorg, 5e jrg. nr. 4 (december 2008) 30-35. De hele scriptie met als titel ‘Hoe korter, hoe beter?’ is te downloaden op de volgende site: http://www.acutezorg. nl/acutezorg/bericht/20090417_scriptieprijs_nvzd_aan_masterstudent_over_ prestatie_indicator_ambu 9) Link voor de brief en andere stukken van Klink zijn van 19 en 20 januari 2010: http://www.minvws.nl/kamerstukken/cz/2010/waardering-voor-beterezorg-iv.asp 10) Gras, Th., Ambulancezorg moet beter, niet sneller. In: Medisch Contact 64e jrg. nr 50 (10 december 2009) p 2098-2100.

Reageren op dit of een ander artikel? Stuur uw reactie aan: info@beroepsverenigingambulancezorg.nl

Vakblad V&VN Ambulancezorg, nummer 1, maar t 2010 11


Een gewichtige casus Soms kom je als ambulancezorgverleners in een situatie terecht waarin de protocollen geen klip en klare oplossing bieden en je afhankelijk bent van je vindingrijkheid en creativiteit om toch de zorg te verlenen die iemand nodig heeft. Deze casus beschrijft hoe personeel van de RAV Zuid-Limburg bij een extreem zwaar persoon (ca. 350 kg) die in een flat lag en naar het ziekenhuis moest, te werk is gegaan.

flatwoning gelegen aan het einde van de galerij. Bij het binnentreden van de woning valt meteen de onaangename geur en het snurken van de patiënt op. We treffen een man van 54 jaar, op een kamer van ongeveer tien vierkante meter met een deur naar een klein balkon. Hij ligt op zijn linkerzij met zijn rug tegen de muur en zijn buik hangt bijna op de grond voor het bed.

Om 04.15 uur in een weekend krijgt een ambulance van een van de posten van de RAV Zuid-Limburg de volgende A1-melding: Moeder treft zoon met snurkende ademhaling, zoon is niet wekbaar. Er is sprake van fors overgewicht. De melding is via de Huisartsenpost (HAP) doorgespeeld naar de MKA. Tijdens het aanrijden overleggen we met de MKA. Het betreft iemand die meer dan 300 kilo weegt. We besluiten een tweede ambulance op te starten in verband met de te verwachten praktische problemen, maar nog even te wachten met de brandweer inroepen tot we de situatie ter plaatse hebben beoordeeld. Bij aankomst patiënt bevinden we ons op de negende etage van een

Primary survey: A: snurkt, hoofd is moeilijk benaderbaar en wordt iets naar achter bewogen. B: oppervlakkige snelle ademhaling (>30), saturatie is 82%. Hij krijgt een non-rebreathing masker met 15 liter O2/min waarna saturatie stijgt tot 91%. Auscultatie levert geen bijzonderheden op. C: regulair sinusritme met normofrequentie (75). Tensie is gezien de omvang van de bovenarm niet meetbaar. D: EMV: 1 – 1 – 1. Glucose 11,6. Pupillen: pearrl (gelijk en rond, reagerend op licht). Secondary survey: A: onbekend. M: geen. P: twee jaar geleden ongeval met scooter gehad zonder letsel. Sindsdien lag mijnheer in bed op zijn linker zijde. Heeft nooit meer gelopen. L: onbekend. E: aangetroffen door moeder die gealarmeerd werd door zijn snurkende ademhaling. De moeder vertelt verder nog dat haar zoon nooit bezocht werd door een huisarts en dit ook niet wilde. In de SITRAP vragen we de MKA om de HAP te sturen, enerzijds voor de praktische kant van het vervoer en anderzijds omdat er in onze ogen medisch gezien weinig mogelijkhe-

12 Vakblad V&VN Ambulancezorg, nummer 1, maar t 2010

den zijn, zelfs in het ziekenhuis. In afwachting van de besluitvorming van de huisarts wordt er nog geen brandweer gealarmeerd. De bemanning van de tweede ambulance is inmiddels gearriveerd. Zij nemen de reserve-O2 flessen uit beide ambulances mee naar boven. Een intraveneuze toegang wordt met moeite gelegd. Gezien de onaangename prikkeling van onze reukorganen lossen we elkaar om de paar minuten bij de patiënt af.

Vervoer noodzakelijk

De huisarts besluit dat de patiënt naar het ziekenhuis moet, ondanks de praktische problematiek die dit met zich mee zal brengen. De diagnose is nog niet duidelijk, maar lijkt neurologisch. We denken aan een CVA, maar een metabole acidose is ook mogelijk. Na dit besluit vragen we de MKA om de OVD-G, de brandweer (tankautospuit en autoladder) en vanuit Duitsland een ‘Notarzt’ (vergelijkbaar met onze MMT-arts) te alarmeren. Het MMT is buiten dienst, vandaar de Notarzt. Het verzoek aan de OVD-G is om voldoende zuurstof mee te brengen. Rond 06.00 uur zijn al deze hulptroepen ter plaatse. De Notarzt besluit om voorlopig niet te intuberen omdat het hoofd moeilijk benaderbaar is en omdat de situatie van de patiënt ongewijzigd is. De brandweer maakt in eerste instantie ruimte aan het hoofdeinde door kasten te verplaatsen. In overleg met de brandweer en de woningstichting wordt besloten om de patiënt niet over het balkon grenzend aan de slaapkamer te verplaatsen: de constructie is niet berekend op het gewicht van patiënt en manschappen. Dit betekent dat hij door een deur van ca. 80 cm breed moet, dan over een gang met een 90 graden bocht richting de voordeur (90 cm), om zo op de galerij te komen. En dan is het de vraag op welke manier we de patiënt kunnen vervoeren. Het gelukkige feit doet zich voor dat we over een MICUvoertuig beschikken dat op dat moment weliswaar nog niet in dienst is, maar voor deze situatie wel gebruikt kan worden. De chauffeur van dit voertuig haalt op de SEH van het Atrium Medisch Centrum te Heerlen een geschikt bed. De patiënt naar


het MICU-voertuig krijgen is nu de grootste uitdaging. Er worden meerdere opties bekeken. Zo wordt geprobeerd om met spanbanden twee draagzeilen aan elkaar te maken en ook de paardenbroek van de brandweer wordt van stal gehaald. Beide opties blijken te smal.

manschappen van de brandweer met adembescherming kunnen de ruimte nog betreden. Vervolgens wordt op ‘drie’ aan de touwen getrokken om de patiënt te verslepen. Bij de deuropeningen maakt het lichaam Barbapapa-achtige bewegingen. Met vereende krachten wordt hij de container in getrokken en beneden Bouwkraan, zeecontainer en aangekomen op het ziekenhuisbed alpinisten gesleept. Hierbij blijft de man steeds De OVD-B en OVD-G hebben op zijn linker zijde liggen en boveninmiddels een bouwkraan en een dien wonderbaarlijk haemodynazeecontainer van 120 x 200 cm bemisch stabiel. Om exact steld. Ook wordt van de brandweer 10.00 uur vertrekt het MICU-voerAken de Spezielle Rettungsgruppe tuig met de patiënt naar het AMC te (SRG) ingeschakeld. Zij beschikt Heerlen, alwaar hij binnen een week over hoogteredders die onontbeerlijk kwam te overlijden. zijn om de container aan de galerij te zekeren. De politie is inmiddels Tot slot bezig met het vrijmaken van de par- De OVD-G heeft na afloop van alkeerplaats zodat er voldoende ruimte les contact gezocht met de huisarts is voor alle bij deze operatie in te zetten voertuigen. Ondertussen doet zich een volgend probleem voor: de Notarzt kan niet langer blijven. Hierop besluit de OVD-G onze MMA te informeren. Hij is van huis uit anesthesist en heeft ervaring op een traumahelikopter. De patiënt ligt op zijn linker zij en de vraag is wat er gebeurt als de massa verplaatst wordt. Dit is de belangrijkste reden om medisch gezien back-up te hebben. De MMA is snel ter plaatse, dit in tegenstelling tot de container die uit MiddenLimburg moet komen. De toestand van de patiënt blijft steeds stabiel. Zijn moeder en zijn broer zitten in een andere kamer en worden regelmatig geïnformeerd over de gang van zaken. De SRG heeft voor het verslepen van de patiënt de oplossing: een soort groot springzeil. Hieraan worden touwen bevestigd om de treklast te verdelen over meerdere manschappen. Inmiddels verwijdert de brandweer met behulp van de autoladder de balustrade op de galerij zodat de container hieraan, hangend aan de bouwkraan, bevestigd kan worden. Hierbij hangen de hoogteredders van de SRG als alpinisten langs de flat om zo alles te zekeren. Nadat alles buiten in gereedheid is gebracht wordt de patiënt op het springzeil geholpen. Een hele kolonie aan ongedierte komt door de verplaatsing aan het licht. De stank is nu niet meer te harden en alleen

van de familie om onder de aandacht te brengen dat ook de broer van de patiënt de 200 kg al ver had overschreden. Uiteindelijk werd dit een operatie waaraan ongeveer 30 hulpverleners van verschillende disciplines hebben deelgenomen. Samen hebben we deze gewichtige casus door goede (Euregionale) samenwerking met veel creativiteit tot een goed einde gebracht.

Dit artikel werd geschreven door Theo Heuts, ambulanceverpleegkundige RAV Zuid-Limburg. Foto’s: Brandweer Zuid-Limburg. Geplaatst met toestemming van de familie van de patiënt.

Vakblad V&VN Ambulancezorg, nummer 1, maar t 2010 13


Wethouder wil ambulancezorg meer betrekken bij preventiebeleid Na 24 uur te hebben meegedraaid op de ambulance van de post Borger en acht keer een inzet te hebben gehad, trekt hij drie belangrijke conclusies: 1) Het ambulancepersoneel in zijn regio heeft een ongekende professionaliteit, maar kent ook grote menselijke warmte; 2) er is sprake van een enorme reactiesnelheid wanneer de pieper gaat en, 3) er wordt door de gemeente te weinig gebruik gemaakt van alle kennis en ervaring op het gebied van gezondheidszorg die binnen de ambulancezorg aanwezig is. Ook in de preventieve sfeer. Dat Wethouder Frits Alberts van Borger-Odoorn: 24 uur op de ambulance. “We moeten veel meer gebruik maken van de kennis en kunde van ambulancepersoneel. Juist in de preventieve sfeer.”

Eigen ervaring komt in plaats van powerpoint en toespraak Wie kent ze niet, de ‘werkbezoeken’ van bestuurders aan hulpverleningsdiensten, kamerleden, ministers die in de zomerperiode een paar uur of dagje meelopen. Een paar gesprekjes met ‘de mensen in het veld’ en veel tekst en uitleg van directies en beleidsmakers over de noden die hen treffen en de wensen die ze hebben. Powerpoints met cijfers, en toespraak door de directeur. Ze hebben nut, absoluut. ‘Mijn blikveld is verruimd’, ‘de problematiek is goed op mijn netvlies geland’, ‘ik ben onder de indruk’ zijn enkele van de uitlatingen die journalisten na afloop geheid kunnen optekenen. Maar wie maakt nu eens echt tijd voor ‘the inside story’, verruilt de eigen slaapkamer voor een bed op een ambulancepost, merkt hoe snel je moet schakelen als de pieper gaat, holt van inzet naar inzet. Draait 24 uur echt mee van acht tot acht, ontruimt daarvoor zijn agenda? Wethouder Frits Alberts van de Drentse gemeente Borger-Odoorn (uitgestrekt platteland met een dikke 26.000 inwoners en veel specifieke gezondheidsproblemen) wilde het meemaken. Voor zichzelf, maar ook om zorgelijke geluiden en prangende vragen vanuit de gemeenteraad adequaat zelf te kunnen beantwoorden, zonder dat er een ambtenaar aan te pas komt. Antwoorden die hij alleen in de praktijk kon vinden. Daarom verwisselde de wethouder het overhemd voor het ambulancepak. Een onderdompeling in de wereld die ‘ambulancezorg’ heet. Op een dag met een pak sneeuw en gladde wegen. Hij heeft er een schrift over volgeschreven en een paar nieuwe ideeën bij ontwikkeld. Een idee misschien voor andere betrokken gemeentelijke portefeuillehouders. Maar dan wel na maart – want dan zijn de verkiezingen voor de nieuwe gemeenteraden.

moet veranderen. Wethouder Frits Alberts (CDA) van de gemeente Borger-Odoorn ontruimde met een korte onderbreking 24 uur zijn agenda om in een groen pak gestoken ‘hautnah’ het werk van de ambulancebemanningen van UMCG Ambulancezorg op het platteland mee te maken. Hij was te gast bij ambulanceverpleegkundige Henk Kleve en ambulancechauffeur Wilfried Kiers op de post Borger. En hij vond het een ervaring met veel leerzame momenten. Zijn etmaal ambulancezorg blijft niet bij ‘bedankt voor alles en tot ziens’. Hij rapporteert aan de gemeenteraad – waar kritische vragen zijn gesteld over de ambulancezorg op het platteland van Borger-Odoorn – , maar hij heeft ook concrete plannen om de ambulancezorg veel nadrukkelijker te gaan betrekken bij gezondheidsprojecten in de gemeente. Heel concreet bijvoorbeeld in de voorlichtende sfeer over leefstijl en gezondheidsrisico’s. “Dit zijn de echte praktijkmensen; deskundig, bevlogen,bereid om kennis en ervaringen te delen. Binnenkort beginnen we als gemeente samen met onder andere de huisartsen in het gebied rond Valthermond met een project gericht op overgewicht en leefstijl – er is daar bijvoorbeeld heel veel leefstijl gerelateerde diabetes en extreem veel overgewicht – waar ik de ambulancezorg graag bij wil betrekken.”

Ervaringen genoteerd

Tussen de bedrijven door noteert de wethouder allerlei ervaringen in

14 Vakblad V&VN Ambulancezorg, nummer 1, maar t 2010

een schrift. Bladzijde na bladzijde. Over de grote snelheid waarmee gereageerd wordt op de pieper, het gevoel om met zwaailicht en sirene over de autoweg te rijden en door de binnenlanden te glibberen, de aanpak van de verschillende meldingen waarbij hij aanwezig is. De gesprekken en visies van de medewerkers op de ambulancezorg in een gebied als Borger-Odoorn. “Nee het heeft niets met de naderende verkiezingen te maken. In september hadden we het er al over gehad, maar het lukte gewoon niet eerder om zo’n lange periode vrij te maken.” Hij heeft een interview met het blad Binnenlands Bestuur, staat het Dagblad van het Noorden te woord, doet – in ambulancepak – ook nog even in de plaatselijke sporthal de afsluiting van een project waar hij al lang geleden zijn aanwezigheid had toegezegd. Het levert een aardige foto op van een wethouder hangend in een tuigje aan een klimmuur en voor de wethouder de gelegenheid om aan de aanwezigen even iets te vertellen over waar hij die dag en de bijbehorende nacht mee bezig is. Frits Alberts heeft een ervaring toegevoegd aan zijn leven, hij had er graag wat uurtjes minder slaap voor over, want ook ’s nachts ging het werk gewoon door. Maar met acht inzetten en vijf uur het hoofd op het kussen was het toch relatief rustig, zo verzekerden de professionals hem bij zijn vertrek. Dit artikel werd geschreven door Roel Barkhof, communicatieadviseur UMCG Ambulancezorg.


10.

Europäische Leitmesse für Rettung und Mobilität

10 th European Leading Fair of Rescue and Mobility

Mit

ild Fortb

ungsevent

gen ops Fortbildun e h ic tl s + Worksh n ngsdie isch-Rettu + Medizin

Messe Fulda Galerie

05. Mai bis 07. Mai 2010

Fair Fulda Gallery www

.rettmobil.org

05th May to 07th May 2010 Vakblad V&VN Ambulancezorg, nummer 1, maar t 2010 15 © Durm Verlag 2009


Ambulancepost Geleen 500 meter verhuisd

uit Geleen werd gevraagd of hij daar aan mee wilde werken. Aangezien Pieter en Armand goed bevriend waren heeft hij daar toch wel even over na moeten denken. “Hoe kan ik nu vorm geven aan iets wat er niet had mogen zijn”, was daarbij een van zijn bedenkingen. Uiteindelijk de stijl van het nieuwe ziekenhuis. is hij toch op het verzoek ingeArchitectenbureau Bonnema kreeg de opdracht voor het ontwerp en zij gaan en heeft hij met zijn werk een schitterend monument gemaakt ter schiepen een mooi en functioneel gebouw. Het was bouwbedrijf BAM nagedachtenis aan Pieter Claessen dat in amper een half jaar tijd de te- in het bijzonder en agressie tegen kening in een concreet gebouw om- hulpverleners in het algemeen. Het kunstwerk bestaat uit een witmarzette. Kenmerkend voor de nieuwe meren beeld wat een hoofd, handen post is het open karakter. Er is veel gebruik gemaakt van glas waardoor en een poort verbeeldt. Als collega’s van de standplaats Geleen een melveel licht binnenvalt wat het open ding vanaf de post krijgen gaan ze karakter extra tot zijn recht doet komen. Het gebouw bestaat uit twee figuurlijk door ‘de poort’ naar de buitenwereld die mogelijk niet eens verdiepingen waarbij de onderste Een jaar geleden opende de RAV Zuidop die hulp zit te wachten of die verdieping gebruikt is voor de voerLimburg de nieuwe ambulancepost in tuigen en daarbij behorende ruimtes het verlenen van die hulp wel eens Geleen. Het plan was destijds te wachten heel gevaarlijk zou kunnen maken. en op de bovenste verdieping bemet de officiële ingebruikname tot de nieuwe vinden zich kleed-, kantoor-, zit- en Terugkomend van de rit wordt de vergunningverlening achter de rug was. Nu het multifunctionele ruimten. Inmiddels aandacht gevestigd op het hoofd. Het gezicht kijkt naar een plaquette er naar uit ziet dat dat nog enige tijd op zich zal is er al een jaar verstreken sinds de op de wand. Hierop is onder andere collega’s van de RAV Zuid-Limburg laten wachten, willen we de nieuwe post graag dit gebouw in gebruik namen en we een drietal lieveheersbeestjes te zien introduceren. die langzaam maar zeker hun kleur kunnen gerust stellen dat iedereen en daarmee hun betekenis verliezen. zich er inmiddels thuis voelt. Ook op de plaquette te zien zijn de Hoewel de verhuizing in vogelwoorden: ik help, wij helpen, hij Monument vlucht een afstand van ongeveer Een bijzondere plaats in het gebouw hielp, held. slechts 500 meter betreft was deze In juli 2009 werd het beeld door de wordt ingenomen door een monuechter wel degelijk noodzakelijk. ment ter nagedachtenis aan voorma- vrouw en de kinderen van Pieter Door een aantal grote infrastructuonthuld. Iedereen die het monument lig teamleider Pieter Claessen. Hij rele veranderingen waaronder het een keer wil komen bekijken is van verkeersluw worden van één van de werd in april 2005 het slachtoffer van zinloos geweld en kwam daarbij harte welkom in Geleen. hoofdaanrijroutes, het verplaatsen om het leven. Zijn collega’s gaven van de aansluitingen van een beJoop Deriks, al vrij snel aan behoefte te hebben langrijke Provinciale weg (N276) locatiemanager Geleen. aan een tastbare herinnering aan en het aanleggen van een nieuwe Pieter. Kunstenaar Armand Matthijs gemeentelijke randweg was de uitruklocatie aan de Geleenbeeklaan niet langer meer de ideale uitgangspositie. Berekeningen gaven aan dat een nieuwe locatie ideaal gesproken aan de nieuwe Randweg gesitueerd moest worden. Daarop werd contact gezocht met het Maasland ziekenhuis in Sittard. Dat was bezig met nieuwbouw aan de Westelijke Randweg en de vraag was of we daar als RAV bij aan konden sluiten. Dat bleek mogelijk en zo werd het adres van de nieuwe locatie Demystraat 15 in Geleen en wel op het terrein van het nieuwe Orbis Medisch Centrum.

Bouwstijl

Wat bouwstijl betreft werd ook aangesloten op de door Orbis gehanteer16 Vakblad V&VN Ambulancezorg, nummer 1, maar t 2010


Weg met de ambulance? Freelance schrijver en fotograaf Diana van Oort verblijft al enkele jaren een aantal maanden per jaar in Azië. Behalve taallessen Engels geven, gaat zij ook op pad om de plaatselijke cultuur en gewoonten in tekst en beeld vast te leggen. Een bezoekje aan een ziekenhuis in Vietnam dat ook ambulances heeft. In Vietnam heb je openbare en privé ziekenhuizen. Ik ga op bezoek bij Tuyén, een 40 jarige verpleegkundige die sinds 1990 in het Tữ Dữ ziekenhuis in Saigon werkt. Een openbaar ziekenhuis speciaal voor zwangere vrouwen. Ze hebben zo’n 200 geboortes per dag. 10-15 kinderen sterven, meestal degenen die prematuur zijn geboren.

Er werken in totaal 1800 mensen, artsen en verpleegkundigen. Als alles goed gaat, dan blijven moeder en kind 3-5 dagen in het ziekenhuis. Na een keizersnede 7 dagen. En ... 45% van de kinderen komt ter wereld via een keizersnede. Waarom dat aantal zo hoog is? Ik heb het nagevraagd en een deel daarvan kan verklaard worden uit het feit dat ze alle

Dé kans om meer van de gezondheidszorg te zien

Werken in de zorg op een manier die bij je past Wil je meer halen uit je werk en jezelf? Een nieuwe uitdaging aangaan, in een andere omgeving werken of een opleiding volgen? Bij Confesso snappen we dat. Daarom bieden wij flexibiliteit en mogelijkheden voor mensen die een vaste baan zoeken én voor oproepkrachten. Spreekt dit je aan? Meld je dan aan op: www.confesso.nl/vacatures of via werkenbij@confesso.nl. We kijken uit naar je reactie!

We zoeken op korte termijn: • verpleegkundig centralisten • ambulancechauffeurs • ambulanceverpleegkundigen

moeilijke gevallen uit andere ziekenhuizen in de regio krijgen. Een deel kan verklaard worden dat ze hier al heel snel overgaan tot een keizersnede als het kind niet helemaal goed ligt. Weer een ander deel kan wellicht verklaard worden uit het feit dat veel vrouwen bang zijn en liever zelf een keizersnede willen. Maar goed, het blijft een hoog percentage. Medewerkers van dit ziekenhuis geven ook trainingen aan artsen en verpleegkundigen uit kleinere ziekenhuizen in de regio. Een keer per maand is er een training in Saigon en daarnaast gaat een team van 1 obstetricus, 1-2 vroedvrouwen en 1 voedingsdeskundige een aantal keren per jaar (2-3) de regio in om ter plekke een training te geven. Als het andere ziekenhuis dichtbij is, dan zijn ze 2 dagen weg, anders zo’n 5 dagen. Wat ik verder hoorde is dat ziekenhuizen liever patiënten schijnen te krijgen zonder verzekering dan met, want die moeten cash betalen. Verzekeringen (van de overheid) hebben de reputatie dat ze niet al te snel betalen. In dit ziekenhuis hebben ze zo’n 6-10 ambulances, maar echt vaak worden die volgens mij niet gebruikt. Ik zag toen ik er was een aantal vrouwen per taxi aankomen, maar niet per ambulance. Iedereen moet voor de ambulance betalen, behalve als je familie hebt die in het ziekenhuis werkt. Daarnaast zijn er veel files, dus als je niet al te zwaar gewond bent, kun je beter snel een taxi pakken naar het ziekenhuis dan wachten op de ambulance. Als een ambulance uitrukt, dan is dat meestal met 1 chauffeur en 1 verpleegkundige. Als iemand erg belangrijk is, dan gaan er 2 verpleegkundigen mee. Wat ik daarnaast hoorde is dat als iemand is overleden in een ziekenhuis, dan moet de overledene naar huis vervoerd worden met de ambulance. Iemand die leeft kan zelf kiezen voor de taxi of de ambulance. Het punt is dat vervoer met de ambulance erg duur is! Een familielid van bekenden was overleden in Vung Tau en moest terug naar Saigon. Dat kostte 7* miljoen dong, terwijl het met de taxi 2-3 miljoen geweest was. Kun je het niet betalen dan komt iemand op de begraafplaats van het ziekenhuis terecht en dat wil niemand natuurlijk.

Confesso b.v., Robijnstraat 64-72, 1812 RB Alkmaar, T 072 750 18 10

*2 miljoen dong is ongeveer 95 euro. Vakblad V&VN Ambulancezorg, nummer 1, maar t 2010 17


Ervaringen met mechanische thoraxcompressie in Zuid-Holland Zuid In dit artikel een verslag van de ervaringen met de AutoPulse zoals die tot dusver in de regio Zuid-Holland Zuid zijn opgedaan. Daarnaast loopt op mondiale schaal de zogenoemde CIRC-trial ( Circulation Improving Resuscitation Care, zie www.circtrial.com) naar gebruik en effect van mechanische thoraxcompressies tijdens reanimaties waar de RAV Gelderland Zuid haar bijdrage aan levert. ter beschikking. Deze werden in eerste instantie verdeeld over zes ambulances van de drie standplaatsen die de plattelandsgemeenten bedienen. Intern onderzoek wees uit dat ook binnen stedelijk gebied de aanrijdMet de Autopulse, een apparaat voor tijd van de tweede ambulance, vooral tijdens de avond-, nacht- en weekmechanische thoraxcompressies, enduren, hoger lag dan verwacht. Al was door de ambulancedienst van de RAV Zuid-Holland Zuid voor het na een maand kochten we nog twee AutoPulsen zodat deze beter over de eerst medio 2006 kennis gemaakt. regio verspreid waren. Toen werden twee ambulances bij wijze van proef hiermee uitgerust. De voorbereidingsfase Daarna lag de zaak anderhalf jaar Aan de start ging een voorbereistil, omdat de Nederlandse Reanimatie Raad (NRR) vond dat er eerst dingsperiode van anderhalf jaar wetenschappelijk onderzoek naar het effect van deze apparaten moest worden gedaan. In Zuid Holland Zuid waren we echter overtuigd van het nut, zeker gezien de lange aanrijdtijden van de tweede ambulance binnen de plattelandsgebieden, zodat we besloten tot een nieuwe proef. Het startsein hiervoor werd op 1 juli 2008 gegeven. Het project was nu groter van opzet dan in 2006. De volgende vijf onderzoeksaspecten werden geformuleerd: • Gebruik en effect van de AutoPulse. • Invloed op de werkplek. • Transport vanuit een huiselijke situatie. • Transport en veiligheid in de ambulance. • Effect tijdens reanimaties. De firma Zoll Medical stelde voor maximaal een jaar zes AutoPulsen 18 Vakblad V&VN Ambulancezorg, nummer 1, maar t 2010

vooraf. Eerst werd een projectplan opgesteld waarin de onderzoeksdoelen werden geformuleerd. Ook werd gekeken hoe de AutoPulse het beste binnen de vigerende protocollen (LPA-7) kon worden geïntegreerd. Een van de cardiologen van het Albert Schweitzer Ziekenhuis Dordrecht en Omstreken, fungeerde als projectdeskundige. Voorts was op elke standplaats een medewerker als aanspreekpunt te benaderen voor de voortgang en het vroeg signaleren van eventuele problemen. Een van de hoofddoelen van dit project was te bezien of door het ge-


bruik van mechanische thoraxmassage een goede BLS kon worden verkregen. Het is algemeen bekend dat het effect van manuele hartmassage na twee minuten afneemt. Metingen in ons eigen skillslab bevestigden dit beeld. Het huidig reanimatiebeleid van 30 om 2 in een frequentie van 100 compressies per minuut vraagt een goede lichamelijke conditie van de uitvoerder(s). Voorts is gekeken naar de aanrijdtijden. Daaruit bleek dat in de plattelandsgebieden de tweede ambulance gemiddeld tussen de 14 en 20 minuten arriveerde, tegen 8 tot 12 minuten in de stad. Daar het taak van de eerste ambulance is om een goede BLS op te starten en te continueren, en soms pas na de komst van de tweede ambulance kan worden begonnen aan ALS, was hier winst te boeken. Belangrijk was het om gestructureerd te werk te gaan. Hiertoe werd een ‘aanvalsplan’ ontworpen, bestaande uit een vaste taakverdeling tussen ambulanceverpleegkundige en -chauffeur in het meenemen en opstellen van de materialen en het positie innemen aan beide zijden van de patiënt. Uiteraard moet de ruimte dit wel toelaten en moet ook verantwoorde improvisatie mogelijk zijn. Dit aanvalsplan vormde de leidraad tijdens de regionale voorbereidingstrainingen. Om goed met de AutoPulse te leren omgaan, vonden regionaal zogenaamde ‘Pit Crew Trainingen’ plaats. Alle medewerkers werden gedurende twee uur per persoon getraind in het gebruik van de AutoPulse en het oplossen van eventuele storingen. De training werd halverwege het proefjaar herhaald en is momenteel geïntegreerd binnen de jaarlijkse regionale nascholing. Zoll Medical participeerde in een aantal trainingbijeenkomsten, waarin met ons kennis en ervaring vanuit de VS en Europa werden gedeeld. Tevens is de projectcardioloog bij twee trainingbijeenkomsten aanwezig geweest om vragen te beantwoorden. Vaak vroeg men of alle reanimaties waarbij de AutoPulse werd ingezet, naar het ziekenhuis vervoerd moesten worden. Besloten werd zowel voor het opstarten en beëindigen van de behandeling, als het transport naar een ziekenhuis, het LPA 7 te volgen.

Naast eigen personeel, moesten natuurlijk ook de ketenpartners geïnformeerd worden. De regionale huisartsen en ziekenhuizen binnen ons verzorgingsgebied en daaraan grenzend (Rijnmond en Utrecht), kregen van de MMA een brief en er waren extra informatiebijeenkomsten verzorgd door de projectcardioloog. Ook werden de NNR en de Inspectie voor de Gezondheidszorg schriftelijk op de hoogte gesteld. Voor onderzoek naar eventuele negatieve effecten van mechanische thoraxcompressie, had de projectcardioloog overleg met de patholoog anatoom binnen het Albert Schweitzer ziekenhuis. Diverse studies hebben aangetoond dat de AutoPulse veilig is in gebruik, maar op basis van een geruchtenstroom die op gang is gekomen na publicatie van de Halstrom studie (1), vonden wij het ook zinvol om naar mogelijk nadelige effecten van de AutoPulse te kijken. Intern werden voor de volledige registratie van reanimaties enkele aanpassingen in het automatiseringsprogramma gemaakt. Ook werden registratiecriteria omschreven. Gedurende het proefjaar is intern een kleine werkgroep geformeerd waarin de MMA , een management vertegenwoordiger en twee ambulanceverpleegkundigen parti-

cipeerden. Deze werkgroep moest het management adviseren, om na beëindiging van de proefperiode wel of niet door te gaan met mechanische thoraxcompressie.

Foto ter illustratie. Bij werkelijk gebruik dient het bovenlichaam ontkleed te zijn.

Uitvoeringsfase

Tijdens het proefjaar werden, vooral in het begin, enkele technische storingen geregistreerd. Zo zijn een aantal bevestigingclips van banden afgesprongen. Dit probleem werd met Zoll Medical besproken en con-

De RAV Zuid-Holland Zuid bedient een uitgestrekte regio van 19 gemeenten met in totaal 500.000 inwoners. In de kern is het gebied verstedelijkt, aan de buitenranden is er sprake van plattelandsgebieden.

De RAV heeft vergunning voor zeventien spoedambulances, een Rapid Responder voertuig en twee ambulances voor besteld vervoer. Jaarlijks worden ongeveer 30.000 ritten met 110 medewerkers uitgevoerd.

Figuur 1. Overzichtskaartje regio Zuid-Holland Zuid met de standplaatsen: Dordrecht, Klaaswaal (Cromstrijen), Papendrecht, Meerkerk (Giessenlanden) en Zwijndrecht. Alle vijf de 24-uur parate ambulances zijn voorzien van een AutoPulse. Vakblad V&VN Ambulancezorg, nummer 1, maar t 2010 19


clusie was dat het correct plaatsen van de band cruciaal is. Dankzij extra klittenband op de banden, leidde dit niet tot problemen tijdens de reanimaties. Tevens hebben zich een aantal batterijstoringen voorgedaan. Deze problemen werden snel geanalyseerd en opgelost. De ingebouwde veiligheid van de band, die soms stopte bij verschuiven en het meten van een andere compressiewaarde dan de aanvangswaarde, is voornamelijk in de beginfase enige malen als een onbegrepen storing gerapporteerd. Tijdens de tweede scholingsfase kreeg het op de juiste manier aanleggen van de banden en het continueren van de BLS bij mechanische problemen extra aandacht.

Resultaten

Wat in de beginperiode ondanks de regionale trainingen voor alle bemanningen spannend was, liet gaande het project een aantal positieve aspecten zien. Door de acht met en zes zonder Autopulse uitgeruste ambulances, zijn in de periode van één jaar tal van reanimatiegegevens verzameld. Deze leverden interessante regionale vergelijkingen op. Wij zijn ons ervan bewust dat het aantal reanimaties te gering is om wetenschappelijk verantwoorde conclusies te kunnen trekken, maar dit project geeft wel inzage in factoren die bepalend kunnen zijn voor het succes van een reanimatie. Met deze gegevens laten de gestelde onderzoeksvragen zich als volgt beantwoorden: Gebruik en effect Autopulse De aanleg van de AutoPulse direct na aankomst bij een reanimatiebehoeftige patiënt verliep goed. Het verwijderen van alle bovenkleding leverde geen problemen op en gaf geen negatieve reacties bij familieleden of omstanders. Het omleggen van de banden en activeren in de 30:2 modus verliep eveneens goed. Het geluid tijdens het samentrekken van de band om de thorax werd niet als storend ervaren. Hierbij kan rustig met elkaar overlegd worden. Door de gelijkmatige hartmassage werden normale CO2 waarden en bloeddrukken geregistreerd. Dit zorgde voor enthousiasme bij de medewerkers, want dat was tijdens langdurige reanimaties waarin

manuele hartmassage werd toegepast zelden of nooit waargenomen. Voorts werd een hoger percentage ROSC gevonden. Dit staat voor Return Of Spontaneous Circulation, in Nederland vaak omschreven met de termen ‘ritme’ en ‘output’. Werkplekeffecten Gaande het proefjaar nam de ervaring bij de bemanningen toe en ontstond er ‘rust’ op de werkplek. Na het aanleggen en activeren van de AutoPulse is een goede BLS gegarandeerd, zodat al snel naar het toe te passen protocol volgens LPA 7 kan worden overgegaan. Tevens groeide de acceptatie bij de medewerkers zodat men het niet erg meer vindt om ‘gepakt en gezakt’ op pad te gaan. Dankzij de AutoPulse, hoefde niet meer om de twee minuten gewisseld te worden waardoor het team zich volledig kon richten op het reanimatiebeleid. Transport vanuit huis Het fixeren op de wervelplank vraagt enig improvisatievermogen, maar is goed te doen. De AutoPulse wordt in positie gehouden met strips of met de ‘spin’ op de wervelplank, waarbij de thorax vrij moet zijn van fixatiebanden. Op deze wijze werden enkele patiënten met persisterend ventrikelfibrilleren over een trap vervoerd, waarbij de AutoPulse masseerde. Transport en veiligheid Een aspect wat nauwelijks in de literatuur is terug te vinden, betreft de veiligheid van ambulancepersoneel tijdens transport van een reanimatiebehoeftige patiënt. Het mag dan wel zelden voorkomen, eigenlijk kan achterin een rijdende ambulance niet of nauwelijks effectief gemasseerd worden. Voorts komt de veiligheid van de ambulancezorgverlener in het geding omdat hij deze handeling losstaand moet uitvoeren. Hij staat bloot aan plotselinge verandering van krachten, zelfs bij lage snelheden. Dante et al. (2) hebben hier recent een interessant onderzoek over gepubliceerd. Voornaamste conclusie is wel dat de hulpverlener 63% van de transporttijd risico loopt in onbalans te worden gebracht en dat handmatig masseren in een rijdende ambulance

20 Vakblad V&VN Ambulancezorg, nummer 1, maar t 2010

niet effectief is. Onze ervaring is dat AutoPulse hiervoor een goede oplossing biedt omdat hiermee enerzijds effectieve compressies gewaarborgd blijven terwijl anderzijds de ambulancezorgverleners niet los of in moeilijke houdingen hoeven te gaan staan. Uit twee retrospectieve studies van Lundy et al. (617 patiënten) (3) en Stephenson et al. (1199 patiënten) (4) is gebleken dat één derde van de patiënten na initieel herstel van ritme en output tijdens transport wederom een circulatiestilstand krijgt.

Figuur 2. Re-arrest percentage Lundy’s studie.

Figuur 3. Re-arrest percentage Stephenson’s studie. Voorts toont Lundy (5) in een andere studie aan dat de kans op ROSC tijdens transport voor AutoPulse 14,3% is en voor manueel 6,7%. Dit betrof een retrospectieve analyse van 509 patiënten, waarbij 50% met de AutoPulse en 50% manueel gereanimeerd werden. Bij het transport van een aantal patiënten binnen Zuid-Holland Zuid, met onder andere persisterend ventrikelfibrilleren (VF) en extreem lage tensies, maar ook onderkoeling na submersie, werd de inzet van de AutoPulse door het personeel als veilig en prettig ervaren. Zij zaten er in de veiligheidsgordel naast en hadden alle gelegenheid zich te buigen over goede observatie en interventies als het geven van medicatie.


Resultaten AutoPulse tijdens reanimaties Tijdens de proefperiode, die liep van juli 2008 tot en met juli 2009, werden in totaal 216 reanimaties geregistreerd. Hierbij was het ritme van 112 patiënten (52%) schokbaar (VF/ventrikeltachycardie - VT), van 104 (48%) niet schokbaar (Polsloze Elektrische Activiteit - PEA/asystolie). Beide groepen waren gelijkelijk verdeeld over de AutoPulse en de manuele groep. Zes maal ontstond VF in aanwezigheid van de ambulancebemanning bij patiënten met ST-Elevatie Myocard Infarct (STEMI). Het percentage reanimatie door omstanders over deze periode ligt op 69% (n=148). In 68 gevallen (31%) was er niemand begonnen met reanimeren voor aankomst van de ambulance. Vanuit Zoll Medical en de MMA was binnen de trainingen aangegeven dat er geen AutoPulse wordt ingezet binnen de groep van reanimatiebehoeftige traumapatiënten vanwege mogelijke complicaties / toename van letsels. Het is in de proefperiode duidelijk geworden dat een significant hoger aantal patiënten, 43 van de 84, in de AutoPulse groep herstel van de circulatie kreeg ten opzichte van de 33 van de 132 patiënten in de manuele groep. (Zie figuren 5, 6 en 7.) Hoewel het aantal patiënten beperkt is en het niet het doel geweest is wetenschappelijk bewijs te vinden, zijn wij ervan overtuigd dat de AutoPulse zijn toegevoegde waarde heeft aangetoond. Van de 43 patiënten met ROSC, zijn er 10 voor primaire Percutane coronaire interventie (PCI) aangeboden aan interventiecentra (in ons geval liggen die buiten de eigen regio). Natuurlijk moet nog gekeken worden naar de overleving en kwaliteit van leven bij ontslag uit het ziekenhuis; dat kon in dit beperkte onderzoek niet worden meegenomen. Naar verwachting zal de CIRC-trial hierop antwoorden geven.

Mechanisch letsel

Het is bekend dat reanimeren een agressieve behandeling is voor de patiënt. Daar het de enige beschikbare optie is om een leven te redden worden complicaties over het algemeen geaccepteerd. Wij hebben

aangenomen dat de complicaties in het gebruik van AutoPulse niet hoger zouden zijn vergeleken met de manuele hartmassage. Zoals reeds vermeld was er contact gelegd met de patholoog anatoom van het Albert Schweitzer Ziekenhuis die wilde meewerken aan het opsporen van onverwachte of ernstige complicaties, zoals fracturen, hematothorax of lever- en miltrupturen. Bij zes overleden reanimatiepatiënten in de AutoPulse groep is obductie gedaan. Bij geen van deze patiënten werden letsels geconstateerd die specifiek aan de AutoPulse konden worden toegeschreven. Wel werd in zeven gevallen door ambulanceverpleegkundigen gerapporteerd, dat tijdens de reanimatiepogingen door het samentrekken van de banden huiddefecten (schaafwonden) in de okselstreek ontstonden. Onze bevindingen worden gesteund door een publicatie van Paradis NA et al. (6) waaruit bleek dat de AutoPulse niet meer schade veroorzaakt in vergelijking met manuele hartmassage. Hiervoor werden tussen april 2007 en juni 2009 alle AutoPulse-inzetten bij 35 ambulancediensten binnen de staat California geëvalueerd. Totaal zijn 1024 patiënten geïncludeerd. Bij slechts 6 patiënten (0,8%) zijn complicaties waargenomen die mogelijk gerelateerd waren aan het gebruik van AutoPulse (zoals ribsternumfracturen). Het complexe hierbij is dat alle patiënten ook manueel zijn gemasseerd. In Nederland is het AMC te Amsterdam bezig met een onderzoek naar de nadelige gevolgen van het gebruik van mechanische hartmassage. Het is ons niet bekend wanneer hiervan resultaten beschikbaar zullen zijn.

Figuur 4. Overzicht reanimaties in de regio van juli 2008- juli 2009. Tussen juli 2008 en juli 2009 werden totaal 216 reanimaties geregistreerd. Bij 84 werd de AutoPulse ingezet, in 112 gevallen was het initiële ritme schokbaar.

Figuur 5. Overzicht alle reanimaties en ROSC.

Figuur 6. AutoPulse groep, percentage ritme met output bij aankomst ziekenhuis.

Specifieke reanimaties

Er zijn vier patiënten met een geconstateerde elektromechanische dissociatie (EMD) / PEA met de AutoPulse behandeld en naar ziekenhuizen vervoerd. Het betrof hier drenkelingen met onderkoelingsverschijnselen. Hierbij is een geval beschreven waarin de reanimatiepogingen in het ziekenhuis nog anderhalf uur zijn doorgezet met behulp van de AutoPulse, voordat werd besloten de behandeling te staken. Tijdens deze inzet werden meetbare

Figuur 7. Manuele groep, percentage ritme met output bij aankomst ziekenhuis

Vakblad V&VN Ambulancezorg, nummer 1, maar t 2010 21


bloeddrukken en saturatiewaarden verkregen zonder dat er sprake was van ritme met output. Tevens werden drie reanimaties beschreven waarin het startritme een asystolie was. Na BLS door omstanders, werden schokbare ritmes verkregen en twee patiënten konden met ROSC en ademhaling in een ziekenhuis worden aangeboden. Dit was met manuele hartmassage nog nooit vertoond.

Conclusies

Aan de hand van de ervaringen uit tijdens deze proefperiode zijn de volgende conclusies getrokken: • Gebruik en toepassing van de AutoPulse vraagt voorbereiding en regelmatige training van ambulancepersoneel. • Het snel aanbrengen van de AutoPulse tijdens een reanimatie geeft garanties voor een goede BLS, ook tijdens tillen of vervoer over trappen en onderweg naar het ziekenhuis. • De toepassing van de AutoPulse tijdens non-traumatische reanimaties brengt rust op de werkplek. Belangrijk is dan wel een vooraf afgesproken taakverdeling (aanvalsplan) te hebben. • Het gebruik draagt bij aan de veiligheid van het ambulancepersoneel tijdens het transport naar het ziekenhuis. • De toepassing, vooral in thuissituaties, vraagt soms improvisatievermogen van de ambulancebemanning. De stichting symposium en vakbeurs ambulancehulpverlening VCHV heeft haar website op fraaie wijze vernieuwd. Op de website staat informatie over de activiteiten van de stichting VCHV die sinds 1973 actief is met het organiseren van symposia en vakbeurzen op het terrein van de ambulancezorg.

• Het kost enige lichamelijke kracht om de AutoPulse bij de patiënt ter plaatse te krijgen. • Bij problemen tijdens het gebruik moet de ambulancebemanning alert blijven op de uitvoering van een goede BLS. • De overleving van een circulatiestilstand valt en staat nog steeds bij vroegtijdige herkenning, alarmering en het geven van BLS door omstanders (Chain of Survival). • Een korte aanrijdtijd van minimaal de eerste ambulance is een essentiële schakel in dezelfde Chain of Survival. • Deskundig gebruik van de AutoPulse is veilig voor de patiënt. • Het gebruik van de AutoPulse levert een duidelijke bijdrage aan het ontstaan van ROSC bij reanimatiepatiënten en biedt hierdoor ook de mogelijkheid voor een primaire PCI behandeling. Het advies van de projectgroep aan het management was dan ook om door te gaan met mechanische thoraxcompressies. Momenteel zijn tien ambulances uitgerust met apparatuur voor mechanische hartmassage; dit jaar wordt het resterende aantal ambulances hiervan voorzien. Dit artikel werd geschreven door Nico Rijntjes, ambulanceverpleegkundige, RAV Zuid-Holland Zuid.

Referenties (1)Hallstrom, A. et al., ‘Manual chest compression vs use of an automated chest compression device during resuscitation following out-ofhospital cardiac arrest’. In: JAMA (295) 200622, p. 2620-2628. (2)Dante, S.A. et al., ‘Description of the acceleration forces affecting balance of prehospital providers while delivering CPR’. In: Circulation, 2009;120:S1456. (3)Lundy, D. et al., ‘Rate of occurrence and predictors of re-arrest for out-of-hospital cardiac arrest patients’. In: Circulation, 2009;120:S1446 = 1448. (4)Stephenson, A.M. et al., ‘Incidence of re-arrest after return of spontaneous circulation in out-of-hospital arrest’. In: Circulation 2009;120:S1448. (5)Lundy, D. et al., ‘Mechanical chest compressions improve short term outcome in patients requiring cpr during transport’. In: Circulation, 2009;120:S1470-S1471. (6)Paradis, N.A. et al., ‘The California AutoPulse Quality Assurance Registry’. In: Circulation, 2009;120:S1457.

Overige literatuur Krep, H. et al., ‘Out-of-Hospital cardiopulmonary resuscitation with the AutoPulse system: a prospective observational study with a new load-distributing band chest compression device. In: Resuscitation (73) 2007-1, p. 86-95. Ong, M.E.H. et al., ‘Use of an automated, load distributing band chest compression device for out-of- hospital cardiac arrest resuscitation’. In: JAMA (295) 2006-22, p. 2629-2637. Timerman, S. et al., ‘Improved hemodynamic performance with a novel chest compression device during treatment of-in hospital cardiac arrest’. In: Resuscitation, (61) 2004, p. 273280.

Vernieuwde website VCHV Naast de inleidingen en een fotoimpressie van symposium en vakbeurs in 2008, is een fotocollage opgenomen van de periode vanaf 1980. Ook zijn de programma’s van de vorige symposia te vinden. Voorts is er onder andere aandacht voor de uitreikingen van de ambulanceonderscheiding, voor de publicaties van de VCHV en voor het ambulancemuseum. Uiteraard kan men via de website op de hoogte blijven van de ontwikkelingen ten aanzien van het symposium en de vakbeurs 2010 en de daarmee gepaard gaande activiteiten.

22 Vakblad V&VN Ambulancezorg, nummer 1, maar t 2010

Op vrijdag 29 oktober is het 19e symposium ambulancezorg met als thema ‘staan voor zekerheid’. De vakbeurs wordt gehouden van donderdag 28 tot en met zaterdag 30 oktober.

Ambulanceonderscheiding

Op 29 oktober wordt ook de ambulanceonderscheiding uitgereikt. Kandidaten kunnen schriftelijk worden aangemeld bij: secretariaat VCHV, Huub van den Brulestraat 39, 3065 PG Rotterdam.


Bij uw veiligheid past geen compromis…

Dat zou ook voor CPR moeten gelden! Veiligheid Reanimatie moet zowel effectief als veilig zijn. Echter, hoe vaak draagt u een veiligheidsgordel tijdens manuele hartmassage in een ambulance? Dankzij de AutoPulse® kan de ambulance verpleegkundige wel de veiligheidsgordel dragen terwijl de AutoPulse® zorgt voor effectieve ononderbroken “intelligente” hartmassage. Compressie kracht en diepte wordt immers voor iedere patiënt automatisch aangepast.

Een extra paar handen Tevens zorgt de AutoPulse® er voor dat de ambulance verpleegkundige andere essentiële taken kan uitvoeren, zoals het toedienen van medicatie en beademen. .Minimale

Onderbrekingen

De AutoPulse® is het enige apparaat dat niet hoeft te worden uitgezet tijdens transport. Eenmaal aangezet, blijft de AutoPulse® actief tot de reanimatie is afgelopen. Door integratie met de ZOLL E-series® wordt de “no flow” tijd nog verder gereduceerd. AutoPulse® compressies hoeven slechts kort te worden onderbroken voor het analyseren van het ritme.

Voor meer informatie: www.zoll.nl | info@zoll.nl | 0481-366410 Vakblad V&VN Ambulancezorg, nummer 1, maar t 2010 23


Uitgangspunt is dat de motor permanent mobiel is en zich beweegt over de Noord-Zuidas door Drenthe (parallel aan de A28) en de Oost-Westas (de autoweg Emmen – Drachten). Collega dienst Ambulancezorg Fryslân treft de laatste voorbereidingen om dit voorjaar eveneens een motor in te zetten ter ondersteuning van de parate voertuigen en de soloambulance in Zuidwest Fryslân en de regio Leeuwarden. Met name in het zomerseizoen, met drukke tweebaanswegen en veel per auto moeilijk bereikbare plaatsen met toeristen, worden gunstige effecten verwacht op de aanrijdtijden voor medische zorg. Het opleidings- en trainingstraject is uniek te noemen, UMCG Ambulancezorg heeft een samenwerkingsverband met de Regiopolitie Drenthe op het gebied van opleiden en trainen. Grote voordelen hierbij zijn de regionale bekendheid, opleiding in je eigen verzorgingsgebied, de extra mogelijkheden zoals het trainen met ontheffingen. Wanneer opleidingen dicht bij huis gegeven worden is het makkelijker om direct op wensen of veranderingen in te spelen, zoals Boven: Noorde- UMCG Ambulancezorg heeft in Drenthe sinds kort een motor in- ook tijdens deze opleiding bleek. lijke motorbeurs. gezet voor de medische hulpverlening. De ambulanceverpleeg- Ook de applicatiedagen zijn in een kundige die met de motor onderweg is, dient ter ondersteuning traject vastgelegd en komen frequent terug. De docent is in zijn dagelijkse van de parate ALS-voertuigen en is een aanvulling op het al werk ook docent motoropleidingen bestaande systeem van solo-ambulances in Emmen, Assen en bij de regiopolitie en heeft uitstekend werk geleverd. Zuidwest Drenthe.

Ambulancemotoren voor Drenthe en Friesland

Het motorteam met (vlnr) Iska Tan, Sander Nijhuis, Amel Vroege en Martijn Rozeboom. 24 Vakblad V&VN Ambulancezorg, nummer 1, maar t 2010


Er is lang nagedacht over het traject en de wijze van invoering. Het veiligheidsaspect was steeds weer het sleutelwoord in de discussie en al met al heeft het voortraject wel 4 tot 5 jaar geduurd. Risicoanalyses, overleg met de ondernemingsraad, gedegen inventarisaties van het werk wat de motorambulance kan en gaat doen, het zoeken naar het juiste materiaal - ook wat motoren betreft - maakten dit lange traject. De medewerking en hulp die we van collega-ambulancediensten kregen was echt geweldig te noemen, met name de AMON van Haaglanden en de GGD Kennemerland Locatie Haarlem hebben ons met zeer veel adviezen geholpen.

De motoren zijn de nieuwste uitvoering van BMW en zijn uitgevoerd met extra veiligheidsopties zoals hyperpro-vering. Daarnaast zijn de motoren uiteraard voorzien van de nieuwe OGS voorzieningen. De motoren zijn geleverd door BMW dealer Motorplaza Groningen waar ook de service zal plaatsvinden. Mobilofonie en CityGis zijn grotendeels opgebouwd door de firma Huismans en deels door de technische dienst van UMCG Ambulancezorg. Wel was opmerkelijk de tijd die ligt tussen het definitieve go en de daadwerkelijke eerste inzet van de motor­ambulance, dit was bijna een jaar. Toch was dit ook wel goed want het geeft je meer de kans om

Praktijk versus protocollen ziek, maar heeft geen bijzondere afwijkingen in de vitale functies. Het ziekenhuis ligt op ongeveer 20 minuten rijden. In het kader van de psychiatrische behandeling, wordt de patient opnieuw ingesteld op medicatie, maar dan wel met bijzonder hoge doses omdat hij er tot nog toe onvoldoende op reageerde. Daarin ligt mogelijk de oorzaak van de hoge koorts, maar die kan ook komen door infiltraten in zijn bil als gevolg van herhaalde injecties bij episodes van onrust en Zowel ‘Patiëntveiligheid’ als ‘Veilig agressie. Hij heeft daar veel pijn. De werken’ zijn onderwerpen die hoog verwijzend psychiater kan verder op de agenda staan in ons dagelijkse een neuroleptisch maligne syndroom niet uitsluiten. Dit is een zeldzaam werk als ambulancezorgprofessioernstige en soms fatale reactie op nals. Door middel van protocollen en richtlijnen, trainingen en bewust- antipsychotische medicatie. Daarom wil hij de patiënt klinisch laten bewording hopen we risico’s te beperken en incidenten te voorkomen. oordelen door zowel een neuroloog Echter, theorie en praktijk lopen niet als een internist. De patiënt bevindt zich in de isoaltijd parallel. leerafdeling en heeft een 5 perWelke insteek zouden jullie kiezen soonsbenadering in verband met in deze casus? onvoorspelbaar agressief gedrag bij schizofrenie en duidelijke psychose. De situatie: Daarbij ligt hij bij benadering in Een psychiatrische patiënt in bezit buikligging met gebruik van twee van een RM, moet wegens hoge sluitlakens. Recent heeft hij een mekoorts (>39,5C ) gepresenteerd worden op een SEH. De man is wel dewerker bijzonder agressief fysiek

De dagelijkse werkelijkheid is soms veel lastiger te combineren met aanwezige kennis en ervaring en hetgeen is vastgelegd middels protocollen. In dit soort situaties komt het dus op echt vakmanschap aan. Hierbij wordt jullie zo’n lastige casus voorgelegd waarop we graag reacties zien. Natuurlijk is het ook mogelijk om je eigen casus en ervaringen in te brengen die eventueel verwerkt kunnen worden in een volgende aflevering.

af te wegen en goede beslissingen te nemen. De primeur voor het publiek was tijdens de Noordelijke motorbeurs eind januari in Groningen, waar men op veel belangstelling mocht rekenen. Al met al een zeer leuk en mooi project. Voor inlichtingen en of informatie kunt u contact opnemen met de projectleider van het motorproject, tevens auteur van dit artikel, Jacques Besseling, telefoon 0592-312000.

bejegend (slaan, schoppen). Er kunnen maximaal twee begeleiders vanuit het psychiatrisch ziekenhuis mee. Patiënt heeft een lengte van 195 cm en een normaal postuur. Hij is bij benadering rustig en lijkt coöperatief. Hij kreeg geen sedatie meer voorafgaand aan het vervoer omdat hij dat al in depotvorm had gekregen – wat niet het gewenste effect gaf.

Reageren?

We zijn benieuwd naar wat jullie insteek zou zijn in deze casus. Wat weegt voor jullie zwaarder: eigen veiligheid of patiëntveiligheid? Hoe ga je de zorg organiseren zodat patiënt gezien kan worden in het ziekenhuis? Welke hulpmiddelen zet je in? Hoe weeg je de drie principes die volgens protocol 19.1 , LPA7 in acht moeten worden genomen, te weten: subsidariteit (de minst ingrijpende), proportionaliteit (verhouding maatregel tot het doel) en doelmatigheid (is de meest geschikte maatregel genomen?)?

Reacties kunnen jullie sturen naar: info@beroepsverenigingambulancezorg.nl Deze zullen in een volgend nummer worden verwerkt.

Vakblad V&VN Ambulancezorg, nummer 1, maar t 2010 25


Spoedsymposium een succes Het eerste regionale symposium voor ambulance- en SEH-personeel in Amsterdam, is succesvol verlopen. Op 19 november 2009 stroomde De Meervaart vol met zo’n 150 deelnemers. Thema was ‘Zorg en Veiligheid’ met als ondertitel ‘van straat naar ziekenhuis’. Het Amsterdams spoedsymposium is een initiatief van de Amsterdamse SEH-afdelingen en de RAVAA (Regionale Ambulance Voorziening Agglomeratie Amsterdam). De SIGRA (Samenwerkende Instellingen Gezondheidszorg Regio Amsterdam) verleent organisatorische ondersteuning. Burgemeester Cohen opende de dag en benadrukte dat in Amsterdam veiligheid van ambulancepersoneel voor hem heel zwaar weegt en ook dat er bij politie en zorginstellingen meer aandacht moet komen voor kindermishandeling en huiselijk geweld.

Casus

Daarna werd aan de hand van lichtbeelden een casus gepresenteerd door een ambulanceteam en een SEH-verpleegkundige. Als voorbeeld diende een waar gebeurd verhaal. Het betrof een wat vage melding van een gevallen brommerrijder. Bij aankomst bleek een 15-jarige dronken jongen een neurotrauma te hebben en moest er haast gemaakt worden. Tevens werden omstanders en een vriend opdringerig waardoor geweld dreigde. De politie trachtte op haar manier informatie te vergaren die op gespannen voet stond met het beroepsgeheim

Naast symposiumvoorzitter Peter Bocxe (hoofd SEH OLVG), zit het team dat de casus presenteerde: SEH-verpleegkundige Sjaak van Muiswinkel (VUMC), ambulanceverpleegkundige Mirjam Verbove en ambulancechauffeur Martijn Forrer (beiden VZA ambulancedienst). De casus werd in uniform aan de hand van lichtbeelden gepresenteerd. Links ambulanceverpleegkundige Mirjam Verbove, daarachter ambulancechauffeur Martijn Forrer (beiden VZA ambulancedienst). Foto’s: Henk Rougoor.

digen. De ene presenteerde de goede resultaten van een speciale begeleidingscommissie voor kindermishanvan de ambulanceploeg. Al met al deling, de ander verhaalde over hun genoeg ingrediënten om op gezette aanpak van huiselijk geweld, vooral momenten de casus te onderbreken voor de fase na behandeling op de en sprekers de gelegenheid te bieden SEH. bepaalde aspecten te verdiepen. Voor het preklinisch traject was Workshops dit een juriste die sprak over het In het middagdeel werd door een beroepsgeheim en dat men daar als aantal deskundigen een zestal workmedisch hulpverlener bepaald niet shops gegeven. De meeste hadden lichtvaardig mee om moet gaan. Te- een relatie met het thema: wat is vens hield een ambulanceverpleegde impact van kindermishandeling kundige een pleidooi voor duidelijk op hulpverleners? Welke effecten onderscheid tussen ambulance en kan kindermishandeling later hebpolitie en uitstraling van neutraliteit, ben? Hoe signaleer je op de SEH om de veiligheid van het ambulanhuiselijk geweld en hoe maak je ceteam te vergroten. het bespreekbaar? Hoeveel geweld Met de jongen op de shockroom van roep je als hulpverlener op? Iets het ziekenhuis, kwamen weer andere daarbuiten vielen een presentatie kanten van de casus naar voren. Zijn over de bachelor-opleiding medische moeder arriveerde en vertelde over hulpverlening en een exposé over de een instabiele thuissituatie. Voorts dringende medische hulpverlening werden op zijn lichaam oude letsels bij onze zuiderburen. gevonden die duidden op stelselma- Met een kennisquiz ‘petje op, petje tige mishandeling. Een forensisch af’ werd getoetst of de deelnemers arts liet aan de hand van soms ingoed hadden opgelet bij de verhalen drukwekkende plaatjes zien waar je van de sprekers. Winnaar werd een allemaal op moet letten bij kindercentralist van de MKA die zich twee mishandeling. Vervolgens was het dagen mag laten verwennen in een de beurt aan twee SEH-verpleegkun- kuuroord. De zaal in De Meervaart was goed gevuld. Het publiek luistert aandachtig naar ambulanceverpleegkundige Thijs Gras die hier vertelt hoe belangrijk neutraliteit is voor veiligheid. Foto: Henk Rougoor.

26 Vakblad V&VN Ambulancezorg, nummer 1, maar t 2010


Internationale Vakbeurs Incidentmanagement Crisisbeheersing & Rampenbestrijding

E

6e

D

IT I E

Nieuwe Locatie

Evenementenhal Gorinchem

(nu volgens unieke full-service formule) dinsdag 22 juni t/m donderdag 24 juni 2010 Drie dagen lang hét middelpunt van de multidisciplinaire hulpverlening in de Benelux.

Bezoekers Medewerkers van o.a. de Brandweer, Ambulance, Het Nederlandse Rode Kruis, EHBO, Rijkswaterstaat, Defensie, Politie en overige hulpverleningsorganisaties zijn allen van harte welkom tijdens één van de beursdagen om zich compleet op de hoogte te stellen van alle ontwikkelingen binnen hun vakgebied. Meer informatie over toegang vindt u op onze website www.ivic.nl.

Exposanten Bent u toeleverancier aan de hulpverlening grijpt u dan uw kans om uw producten en diensten te presenteren aan deze doelgroep. IVIC 2010 biedt u een uitstekend kwalitatief netwerkplatform voor het leggen van nieuwe contacten of het verdiepen van bestaande relaties. Indien u geïnteresseerd bent in een bezoek of deelname aan deze full-service vakbeurs, neemt u dan contact op met de beursorganisatie via telefoonnummer 0184 – 750 812 of stuur een e-mail naar info@ivic.nl

Beursperiode Dinsdag 22 juni 2010 van 10.00 tot 17.00 uur Woensdag 23 juni 2010 van 10.00 tot 22.00 uur (speciale vrijwilligersavond) Donderdag 24 juni 2010 van 10.00 tot 17.00 uur

Meer info op WWW.IVIC.NL

Vakblad V&VN Ambulancezorg, nummer 1, maar t 2010 27


Casereport: reanimatie intoxicatie Monnikskap C: radialis pols zeer snelle frequentie, equaal, matig gevuld, bloeddruk 100/60 mmHg. D: unresponsive in de AVPU, Glasgow Coma Scale was E1 M3 V1, pupillen reageerden goed op licht en Bij aankomst treffen wij de huisarts waren normaal van grootte. aan bij een ouder echtpaar. De doch- E: naar aanleiding van het braken ter is ook aanwezig. Deze is gebeld zei de dochter dat ze een salade met door haar moeder nadat zij en haar kruiden uit de tuin hebben gegeten. man niet lekker zijn geworden. De Dit doen ze al jaren. In het uitvragen dochter heeft hierop de huisarts innaar de AMPLE zei de dochter dat geschakeld. Mevrouw zit onrustig hij diabeet type 2 was met als enige in een stoel en zegt dat ze zich niet medicatie metformine en omeprazol. lekker voelt, ook heeft ze gebraakt. De snel gemeten glucose was Meneer zit niet aanspreekbaar in 8,3 mmol. een stoel en braakt continu. Deze Onze eerste actie moet het veiligmeneer heeft onze prioriteit. De stellen van de ademweg zijn in huisarts vertelt dat hij nog niet preverband met het braken. Er wordt cies weet wat er aan de hand is, het uitgezogen, mayo ingebracht en een betreft een 81-jarige man met een non-rebreathingmasker met snelle pols en is niet aanspreekbaar. 15 liter zuurstof aangeboden. Ook krijgt hij de bloeddruk niet Vervolgens maken we een 12-afgemeten. leidingen ECG en constateren een breed complex tachycardie met een Een check van de vitale functies frequentie van 200 slagen/minuut. levert het volgende op: De huisarts vroeg of hij nog iets A: vrij, maar potentieel bedreigd kon doen, zo niet, dan wilde hij zich door braaksel. verexcuseren want er zat nog een B: bij ontblote thorax, symmetrische spoedje op hem te wachten. Ik liet ademhalingsexcursies, geen verde huisarts gaan, wat achteraf niet zo snelde ademhaling, bij auscultatie handig was, want ik had hem goed beiderzijds rhonchiën, saturatie niet kunnen gebruiken. meetbaar. De echtgenote wordt nu steeds

In de vroege avond kregen wij de volgende melding: huisarts ter plaatse bij een patiënt thuis, een onwelwording, patiënt niet aanspreekbaar en bloeddruk niet meetbaar.

De ritmestrook van de vrouwelijke patiënt vertoont een monomorfe breed complextachycardie met een frequentie van 180 slagen per minuut. 28 Vakblad V&VN Ambulancezorg, nummer 1, maar t 2010

onrustiger en zegt dat ze misselijk wordt. Aangezien mevrouw nog goed aanspreekbaar is met een snelle, maar sterke pols, ligt onze prioriteit toch bij haar echtgenoot. Wij hadden voor haar al een tweede ambulanceteam gevraagd omdat zij toch ook even moest worden nagekeken, maar gezien de snellere achteruitgang hebben wij deze via de meldkamer met spoed laten doorrijden. Ondertussen was er nog steeds geen duidelijkheid over wat er in de salade zou hebben gezeten. Terug naar meneer. Wij besluiten om te gaan cardioverteren met 150 joule. Na twee cardioversies is hij iets aanspreekbaar maar de hartfrequentie blijft rond de 180 slagen per minuut. Wij proberen te achterhalen wat er in de salade zit, maar hij kan niets verstaanbaars zeggen. Inmiddels moet mevrouw acuut plassen en probeert te gaan lopen. De dochter ondersteunt haar maar ze zakt door haar benen. We zetten haar snel terug in haar stoel. Ze blijft goed aanspreekbaar en een snelle, sterke pols houden maar was hondsberoerd. Op dat moment krijgt haar echtge-


noot ventrikelfibrilleren(VF). Hij wordt geïntubeerd en gereanimeerd volgens protocol VF/ polsloze VT. Na het derde blok converteert het VF naar een georganiseerd ritme met output aan de carotis. Een check van de ABCD laat het volgende zien: A: vrij middels een endotracheale tube. B: geïntubeerd, zeer minimale eigen ademhaling en wordt dus verder ondersteund door ballonbeademing. EtCO2 4,7 kPa, saturatie niet meetbaar (koude vingers). C: hartfrequentie van 80 slagen/ minuut, bloeddruk 117/97mmHg. Helaas heeft de monitor geen ritmestrook vastgelegd na conversie. D: unresponsive in de AVPU. Pupillen iets vergroot en matig reactief op licht. Op dat moment arriveren de collega’s van de tweede ambulance en na een korte overdracht bekommeren zij zich over de echtgenote van meneer. Wij gaan op transport naar het ziekenhuis met als werkdiagnose: reanimatie op basis van een toxisch kruid. Bij het naar buiten lopen zie ik in mijn ooghoek nog even snel het ritme van mevrouw op de monitor wat lijkt op een supraventriculaire tachycardie. In de ambulance is meneer aan het vechten tegen de tube. Ik besluit hem te detuberen op basis van een goede eigen ademhaling en EtCO2 van 5,1 kPa, een goede bloeddruk en een Glasgow Coma Scale van E3, M6,V Tube. Eindelijk kan ik hem vragen wat hij gegeten heeft. Het praten gaat nog erg moeizaam maar ik maak eruit op dat er zevenblad in de salade zat, iets wat hij al jaren in de salade doet. Op de Spoedeisende hulp (SEH) krijgt hij wederom VF en het SEHpersoneel neemt de reanimatie over. Op dat moment komen onze collega’s met de echtgenote aan op de SEH. Mevrouw zit zwaar ademend en onrustig op de brancard maar is nog aanspreekbaar. Korte tijd later is ook zij op de SEH gereanimeerd. Beiden zijn vervolgens langdurig en meerdere malen gereanimeerd op basis van verschil-

Monnikskap of duivelskruid (Aconitum) De gehele plant, in het bijzonder de wortels en de zaden, bevat alkaloïden (sterk werkende stikstofhoudende plantenbestanddelen) die aconitines genoemd worden. Het alkaloïdengehalte is zowel afhankelijk van het deel van de plant als van de geografische locatie van de plant en varieert van 0,2-3,0%. Er wordt vermeld dat de alkaloïden na inname snel worden opgenomen uit het maagdarmstelsel en daarnaast bij langdurig contact via de huid geabsorbeerd kunnen worden. De werking en toxiciteit van Aconitum worden vooral toegeschreven aan aconitine. Aconitine beïnvloedt de doorlaatbaarheid van de celmembraan voor natrium- en kaliumionen en remt op deze manier de repolarisatie van de cellen. Het heeft hierdoor een breed effect op hart-, neuraal, en spierweefsel, resulterend in parasympatische activatie van (hart)spiercellen en zenuwcellen. In Nederland zijn verschillende homeopathische preparaten die Aconitum bevatten geregistreerd (>35, najaar 2007). Deze middelen worden gebruikt tegen koorts, zenuwpijn, nervositeit, griep en verkoudheid en voor het verhogen van de weerstand. Er zijn in Nederland geen reguliere geneesmiddelen geregistreerd die Aconitum of aconitine bevatten. Verschillende bronnen vermelden dat vergiftigingen met Aconitum voor kunnen komen bij therapeutische doseringen. Over de acute orale toxiciteit van aconitine zijn beperkte gegevens beschikbaar in de openbare literatuur. Bij de mens kunnen ernstige vergiftigingsverschijnselen optreden bij een inname vanaf 0,2 gram Aconitum. De kans op vergiftiging door Aconitum is moeilijk te voorspellen door de variatie in het alkaloïdengehalte in de plant. In de literatuur worden verschillende gevallen beschreven van vergiftiging met Aconitum door gebruik van kruidenpreparaten, in een aantal gevallen met dodelijke afloop. Symptomen bij vergiftiging bestaan uit onder meer een brandend en tintelend gevoel in de mond, vingers en tenen, verstoorde gevoelswaarneming, zweten en koudegevoel. Dit wordt gevolgd door een status van opwinding, braken, diarree, verlamming van de tong, gezichtsspieren en andere skeletspieren, vertraagde en onregelmatige ademhaling, hypotensie, verstoorde geleiding in het hart, een vertraagd hartritme en hartritmestoornissen. Sterfte kan optreden als gevolg van een hartstilstand of door verlamming van het ademhalingscentrum. (1) In een review door Tai et al werden 17 patiënten bekeken waarvan er 15 ventriculaire ritmestoornissen ontwikkelden, 2 zijn er overleden. (2) Linn et al beschreven 17 patiënten met een aconitine intoxicatie. 14 daarvan ontwikkelden cardio-

vasculaire complicaties waarvan 4 patiënten ventriculaire tachycardieën. Zij werden allen succesvol behandeld en hadden geen restverschijnselen. Er wordt hier ook gesteld dat door de toenemende interesse in homeopathie, kruidenintoxicaties zullen toenemen in de westerse landen. (3) Er bestaat geen antidotum. De behandeling van aconitine intoxicatie is ondersteunend. Inotropica is geïndiceerd bij persisterende hypotensie. Atropine voor de behandeling van een bradycardie. Ventriculaire aritmieën worden behandeld met cardioversie en antiarrhytmica als amiodarone (Cordarone) en flecainide (Tambocor) als eerste middelen van keus. Ook magnesium en lidocaïne worden beschreven. Er zijn nog te weinig studies bij mensen gedaan om de beste behandeling vast te stellen bij een aconitine-intoxicatie. (4,5) Langdurige cardiopulmonale ondersteuning en resuscitatie lijkt belangrijk om de tijd te overbruggen totdat de aconitine is uitgewerkt. Geen onderliggend cardiaal lijden kan de restloze genezing zowel cardiaal als neurologisch verklaren, zo ook in deze casus. Bronnen: 1. Bovenkamp, M van de, Jeurissen SMF, Pelgram SMGJ, Spijkerboer HN, Riel AJHP van, Kaste D van, Baars AJ, Pronk MeJ, “Evaluation of the health risk associated with so-called banned herbs’. RIVM rapport 320011002, 2009. 2. Tai YT, Butt PP, Young K, Lau CP, ‘Cardiotoxicity after accidental herb-induced aconite poisoning’. In: Lancet 1992 Nov 21; 340(8830):1254-6. 3. Lin CC, Chan TYK, Deng SF,’Clinical features and management of herb-induced aconite poisonin’. In: Ann. Emerg. Med. 2004; 43: 574-579. 4. Chan TY, ‘Aconite poisoning’. In: Clin. Toxicol (Phila) 2009 April; 47(4):279-85. 5. Chan TY, Tomlinson B, Tse LK, Chan JC, Chan WW, Chritchley JA, ‘Aconite poisoning due to Chinese herbal medicines: a review’.In: Vet. Hum. Toxicol 1994 Oct; 36(5): 542-5.

Naast de blauwe Monnikskap (Aconitum napellus) zijn er ook andere kleuren, zoals blauw-wit, wit, rose en zachtgeel.

Vakblad V&VN Ambulancezorg, nummer 1, maar t 2010 29


Het ECG van de mannelijke patiënt vertoont een regulaire monomorfe breed complex tachycardie met een frequentie van 185 slagen per minuut. De ORScomplexen hebben een rechter as van +150 graden. Er is sprake van een rechter bundeltak morfologie. De R/S ratio in afleiding V6 is kleiner dan in 1 (rS-complex). Het ECG past het beste bij een ventriculaire tachycardie.

lende ritmes (VF, VT, torsades des pointes) met uiteindelijke conversie naar sinusritme. De salade en de plant zijn door de familie thuis opgehaald en uiteindelijk geïdentificeerd als het kruid blauwe monnikskap (Aconitum napellus, zie achtergrondinformatie).

Er waren geen spectaculaire afwijkende bloeduitslagen en na twee dagen intensive care zijn ze overgeplaatst naar de verpleegafdeling waarna ze korte tijd later zijn ontslagen zonder restverschijnselen. De bedoeling was zevenblad in de salade te verwerken, maar op een of

andere manier is er monnikskap in gekomen. Dit artikel werd geschreven door Maurice Scheres, ambulanceverpleegkundige RAV Zuid Limburg. Email: maurice.scheres@ggdzl.nl

Lifepak 12 voor Alpe d’HuZes Er werd mij gevraagd of er voor genoeg sponsoring vanuit de spoedeisende zorg komt? Het antwoord is dat het eigenlijk nooit genoeg is maar als ik naar de leveranciers kijk die bij ons leveren is er behoorlijk animo om een bijdrage aan het goede doel te leveren. Zo was er de reactie van bijvoorbeeld Medtronics die voor de duur

Voor de week in Frankrijk is er ook de vraag of een ambulanceverpleegkundige zich beschikbaar zou kunnen stellen? Interesse? Mail naar theo.netten@gmail.com Voor donaties kunt u gaan naar: deelnemers. opgevenisgeenoptie.nl/acties/ theonetten/individueel/ of theonetten.wordpress.com

van het evenement 2 AED’s en 2 Lifepaks 12 ter beschikking stelt. Acertys, leverancier in hulpmiddelen, Marelko, bekend van de zwaailichten en sirenes, en Profistep, die velen van ons aangekleed heeft, hebben een financiële bijdrage geleverd. Wat me ook verrast heeft is dat het Traumacentrum Limburg en de afdeling MICU-transporten een donatie gedaan hebben. Ook mijn collega’s wil ik even noemen want die doen heel enthousiast mee om Shell zegeltjes te sparen(in 4 maanden al ruim 120 euro) voor de actie. Dus op de vraag of er respons vanuit de zorg is kan ik deze positief beantwoorden. Op het moment dat ik dit schrijf staat er al meer dan 2 miljoen euro op de teller. Landelijk gezien gaat het prima en we gaan dus niet rustig

30 Vakblad V&VN Ambulancezorg, nummer 1, maar t 2010

aandoen maar met nog meer enthousiasme er tegenaan. De fysieke voorbereidingen worden nu ook opgevoerd ook al omdat het me gelukt is om in te schrijven voor de Amstel Gold dit jaar. 250 km door het heuvelland zie ik toch als een aardige voorbereiding. Af en toe hoor ik ook dat net als vorig jaar er meerdere ambulancehulpverleners mee doen. Dat is een goede zaak want zo laten we zien dat de zorg verder gaat dan alleen maar mensen van A naar B te vervoeren. Wat dat betreft zijn mijn collega’s van RAV Zuid-Limburg toch wel actief. Zo loopt een collega mee met de Ropa-run en gaat in maart een team van 6 collega’s 24 uur spinnen voor het Ronald McDonald Kindervallei in Valkenburg. Theo Netten


Axira leden en Doczero samen in ontwikkeling E-learning ambulancezorg

De leden van de coöperatie Axira, vernieuwing in ambulancezorg, en het bedrijf Doczero trekken samen op in de ontwikkeling van E-learning programma’s voor ambulanceverpleegkundigen en ambulancechauffeurs en meldkamercentralisten. Woensdag 9 december tekenden de partijen hiervoor een overeenkomst. Jan Pierik, voorzitter van de coöperatie Axira en directeur van Ambulance Oost (r) en directeur Hans Jonkers van Doczero na het zetten van hun handtekening onder de samenwerkingsovereenkomst.

De coöperatie Axira is een samenwerkingsverband van Ambulance Oost, RAV IJsselland, UMCG Ambulancezorg en de RAV Limburg Noord. Ook Ambulancezorg Fryslân haakt aan bij het E-learningproject. Het is hiermee het grootste project in deze soort binnen de Nederlandse ambulancezorg. Door de samenwerking krijgen zo’n 900 ambulanceverpleegkundigen en chauffeurs binnenkort de beschikking over op maat gesneden opleidings- en trainingsprogramma’s specifiek gericht op de voorbehouden handelingen. De programma’s kunnen ze volgen op de eigen werkplek, op iedere plek waar een internetaansluiting en een computer aanwezig zijn en op ieder door hen gewenst moment. Het gaat in eerste instantie om de modules Advanced Life Support (ALS), Pediatric Advanced Life Support (PALS) en Trauma. De drie modulen zijn een aanvulling op de e-training voor de vaardigheden die nodig zijn bij handelen bij de ernstig belemmerde luchtweg, een spanningspneumothorax en een intraossale toegangsweg. De modules worden gebruikt ter voorbereiding op instructeursgebonden vaardigheids- en simulatietraining De techniek en ondersteuning voor deze nieuwe trainingsprogramma’s wordt geleverd door Doczero, de

medische inhoud is ontwikkeld door de opleiders binnen de coöperatie Axira. Doczero is gespecialiseerd in de techniek en vormgeving van e-learning. De ondertekening van de overeenkomst is de start van wat moet leiden tot een compleet virtueel traject van Opleiden, Trainen en Oefenen voor de medewerkers van de bij Axira aangesloten organisaties.

De e-learning programma’s zijn in eerste instantie bestemd voor de leden van de coöperatie Axira, maar kunnen ook door andere organisaties voor ambulancezorg worden aangekocht.

E-learningproject eindigt bij top van Nederland De jury van de nationale E-learningaward is lovend over het Axira e-learningproject. Uit negentien ingezonden projecten afkomstig uit de meest uiteenlopen sectoren van het bedrijfsleven belandde het project van Axira / Ambulance Oost bij de drie genomineerden voor de prestigieuze landelijke onderscheiding. De beslissing viel op 2 februari in de High Tech Campus Eindhoven. De inzending greep net naast de publieksprijs, omdat de ook genomineerde kapperssector de ambulancezorgverleners net een haar voor bleef in het aantal publieksstemmen. Slechts kort was onder de aanwezige opleiders van Ambulance Oost Axira sprake van een lichte teleurstelling, want het rapport van de vakjury was lovend. Het project is een nauwe samenwerking tussen de leden van Axira en Doczero, ontwikkelaar van elearningsystemen en e-learning programma’s. Initiatiefnemer en trekker binnen Axira is Ambulance Oost. Daarom mocht opleidingsfunctionaris Albert van Eldik de waardering en de bijbehorende geschenken in ontvangst nemen tijdens de prijsuitreiking.

Een greep uit de visie van de jury: Een training die goed is afgestemd op de doelgroep en een rijke leeromgeving bevat met theorie ondersteund met animaties en instructiefilms, kennistoetsen en micro-simulatie. Daarbij past E-learning goed in het werkritme van het ambulancepersoneel waar wachttijden nu benut kunnen worden voor training van kennis, zodat de instructeursgebonden vaardigheids- en simulatietrainingen efficiënter gebruikt kunnen worden. Het volledige juryrapport is te vinden op www.axira.nl

Vakblad V&VN Ambulancezorg, nummer 1, maar t 2010 31


AmbuCare en Bronts Ambulance Service bundelen de krachten Ambulanceverpleegkundige Willem Grool is sinds september 2009 een van de directeuren ambulancezorg bij AmbuCare BV, dat in 2000 door ambulanceverpleegkundige Jan Swagemakers als uitzendbureau werd opgericht. Andere activiteiten op acute zorg gebied volgden. Ambulanceverpleegkundige Theo Bronts startte in 2005 Bronts Ambulance Service dat onder andere buitenlandvervoer doet. Ook worden RAV’s ondersteund bij evenementen en bij besteld vervoer. In 2009 vonden beide partijen elkaar en werken nu aan een verdere positionering van hun zorgproducten. Door Piet Hoving

Wie het hoofdkantoor van AmbuCare aan de statige Stationsstraat in Bergen op Zoom ziet kan zich nauwelijks voorstellen dat dit zo’n 10 jaar geleden als eenmansbedrijf van start is gegaan. Letterlijk zelfs, want oprichter Jan Swagemakers zond aan het begin alleen zichzelf uit. Een zzp-er dus zoals die er tegenwoordig in diverse zorgsectoren zijn. Gewerkt werd dan ook van huis uit.

Groei

Als snel bleek er vooral vanuit de ambulancesector veel vraag en groeide het aantal uitzendkrachten. Kantoor aan huis voldeed niet meer en dus werd de stap gemaakt naar een kantoorpand. Hier is voldoende ruimte voor de intercedenten, waarvan er dagelijks gemiddeld vier de zeven werkplekken bezetten. Daarnaast zijn er ruimtes voor de receptie, het bedrijfsbureau, het management en de afdelingen P&O, logistiek en financiën. Want met de groei van het werk nam ook het bedrijf qua omvang toe. Zodat er nu dagelijks rond de twintig personen in Bergen op Zoom hun werkplek hebben. Ook groeide het aantal activiteiten. Onder de vlag van Ambu-Medical BV werd op beperkte schaal aan besteld vervoer gedaan: hier bestond het uitzendproduct dan uit een bemanning met ambulance. Ook werd buitenlandvervoer gedaan.

Belangrijker zijn de zogenoemde industriële projecten. Hierbij wordt bijvoorbeeld voor grote bouwprojecten een medische post geleverd, inclusief verpleegkundige en bedrijfsambulance. Een actueel voorbeeld zijn de beide energiecentrales die Siemens gedurende twee jaar in het Europoortgebied bouwt. Hier wordt gezorgd voor en een ‘medic’ voor de medische post, compleet met 4x4 ambulance. De nadruk bij alle activiteiten blijft daarbij liggen bij gespecialiseerd personeel: ambulance, SEH, CCU, IC, Medium Care. Daarnaast een aantal algemeen verpleegkundigen op niveau 4 en 5. Een van de nieuwste activiteiten is opleiding. Hiertoe is Trainingen in de Acute Zorg (TidAZ) BV opgericht, waarvoor momenteel al wordt aangebouwd om – naast opleidingen op locatie – cursussen in eigen huis te kunnen geven. Directeur is ambulanceverpleegkundige Marc Landa, met een loopbaan binnen MMT en als docent en lid examencommissie Ambulancezorg Nederland zeker geen onbekende. Een van de doelen van TidAZ is het opleiden van ambulancezorgverleners, zowel voor de eigen organisatie als voor anderen. “Niet uit de markt halen, maar juist aan de sector teruggeven”, licht Willem Grool toe. Iets wat hem als voormalig locatiemanager van de ambulancedienst van de GGD Den Haag zeer aanspreekt.

32 Vakblad V&VN Ambulancezorg, nummer 1, maar t 2010

B.A.S.

Ook directeur Theo Bronts heeft zijn wortels in de ambulancezorg. Van ambulanceverpleegkundige stapte hij over naar een uitzendbureau als sectormanager ambulancezorg. Vervolgens trok toch weer de ambulancedienst en werd hij teamleider bij de RAV Gelderland Zuid. In beide laatste functies werd hij geconfronteerd met de diverse rooster- en planningsproblematiek die zo hun negatieve invloeden op de paraatheid voor het spoedvervoer hebben. Maar anderszins ook hun gevolgen hebben voor de patiënt die op een ‘besteld vervoertje’ wacht. Dat bracht Theo Bronts op het idee voor het leveren van een ambulanceproduct dat hier soelaas zou moeten bieden: apart besteld vervoer. Als idee en zelfs qua praktijk op zich niets nieuws omdat diverse regio’s dit om uiteenlopende redenen al binnen hun organisatie hadden geïmplementeerd. De meeste deden dit ‘low profile’ omdat de al uit 1979 stammende Wet ambulancevervoer hier niet echt rekening mee had gehouden. Net zo min als met motorambulances en andere Rapid Responders of met de samenwerking met First Responders van de brandweer. Het wachten was op de nieuwe Wet ambulancezorg. Na een bescheiden start in 2005 werd in 2006 door Bronts Ambulance Service (geschreven als B.A.S.,


maar uitgesproken als BAS) een vergunning met vier aanhangsels verkregen voor het verrichten van buitenlandvervoer (‘repatriëring’). Hiervoor waren de alarmcentrales die namens de verzekeraars optreden, zoals Eurocross, de opdrachtgevers. Naast het vervoer per ambulance of per hulpambulance of ziekentaxi ontwikkelde zich ook de medische escort, waarbij een verpleegkundige per lijnvlucht voor repatriëring zorgt. Het buitenlandwerk betreft zowel patiënten als soms hun familieleden. Op dit moment ligt het aantal inzetten hierbij op ongeveer 500 op jaarbasis. Een tweede grote activiteit betreft de inzet bij evenementen. Denk hierbij aan voetbalwedstrijden, maar ook aan de Nijmeegse Vierdaagse en de daarmee gepaard gaande Zomerfeesten waar honderdduizenden op af komen. Hiervoor werd zowel geput vanuit de eigen medewerkers als vanuit collega’s van ambulancediensten. Ook aan de GHOR wordt ondersteuning verleend, met name bij oefeningen. En dan is er uiteraard nog het bestelde vervoer, dat zich naar verwachting zal kunnen ontwikkelen. Hierbij gaat het niet alleen om het niveau hulpambulance, maar bijvoorbeeld ook om bewaakt terugvervoer na een percutane coronaire interventie (PCI). Het besteld vervoer kan voor een RAV ad hoc worden geleverd of op projectbasis, waarbij een ambulance met bemanning de hele dag in een regio beschikbaar is. In november 2007 behaalde B.A.S. hiervoor al het HKZ-certificaat, evenals voor de repatriëring.

razend tempo steeds verder ontwikkelt. Zowel AmbuCare als B.A.S. konden dit vanuit hun dagelijkse contacten met de sector ondervinden. Bij gezamenlijke opdrachtgevers kwam men elkaar tegen en dit leidde tot een overname per 1 juli 2009 van B.A.S. door de houdstermaatschappij van AmbuCare. De vervoersactiviteiten van Ambu-Medical werden samengevoegd met die van B.A.S., waarvoor een nieuwe BV werd opgericht.: Bronts Ambulance Service BV. Theo Bronts: “Als klein bedrijf zou ik het richting toekomst zeker niet meer allemaal kunnen bolwerken. Een partner met een bestaande grote organisatie en een forsere achterban aan medewerkers zoals AmbuCare lag daarbij voor de hand.” Er zijn nu voor B.A.S. 16 vaste medewerkers en 130 ambulancewerkers vanuit AmbuCare, waarvan de meesten sowieso al fulltime vanuit AmbuCare binnen ambulancediensten werken. Het totale AmbuCare bestand bestaat tevens uit ruim 1000 flexwerkers. Repatriëring gebeurt door een kleine groep, evenals de industriële projecten. “Voor AmbuCare was het interessant om meer knowhow over dit soort vervoer in huis te halen”, aldus Willem Grool. Voor beide organisaties geldt dat men nu maximum elkaars netwerk kan benutten bij het werven van nieuwe afnemers. TidAZ wordt nu ingezet bij het intern opleiden van verpleegkundigen (minimaal niveau 4) en chauffeurs voor besteld vervoer. Als basis is er een 16 uren durend programma met onder andere communicatie, levens-

B.A.S. BV beschikt over 10 ambulances zoals op MB E-klasse en MB Vito. Er zijn daarnaast 3 auto’s op een taxivergunning. Alle van Volkswagen: een Passat Variant, een Sharan en een T5. De Sharan en T5 kunnen beide zowel met alleen stoelen als met ook een brancard worden ingezet. Naast het hoofdkantoor in Bergen op Zoom zijn er drie locaties waar ambulances gestald staan. In Rilland en Schiedam zijn garages en in Velp (NB) is er een garage met kantoor en verblijfsruimte.

reddend handelen en het gebruik van de AED. Aanvullend is er voor de verpleegkundigen een cursus basale ECG-kennis die deels via e-learning wordt gevolgd en aansluitend wordt onderhouden. De chauffeurs gaan een dag naar Lelystad voor een rijtraining. Het vervolg bestaat uit een TidAZ rijinstructeur die een dagdeel meerijdt. Wat betreft de repatriëring door de lucht wordt door TidAZ gewerkt aan een cursus luchtvaartgeneeskunde.

Foto linksboven: Willem Grool (links) en Theo Bronts: “Volledig pakket bieden.”

Volledig pakket

Grool en Bronts willen in de nieuwe bedrijfsstructuur een zo volledig mogelijk pakket aan RAV’s kunnen leveren. Willem Grool: “Of het nu gaat om een uitzendkracht of een compleet bemande ambulance, een ervaren medewerker als OvD-G of Rapid Responder of een specifieke opleidingsvraag.” Theo Bronts vult aan: “Daarbij willen wij ook graag meedenken met een RAV, bijvoorbeeld over de mogelijkheden van differentiëring voor een regio. Waarbij wij ook een proef kunnen draaien met een van onze besteld vervoer auto’s. Kortom: Wij proberen gewoon voor alle sores van ambulancediensten een oplossing te bieden.”

Samen verder

Er staat van alles te gebeuren in de ambulancesector, die zich in een

Links: Deel van het wagenpark met (vlnr) twee ambulances en twee (lig)taxi’s. Rechts: Hoofdkantoor Bergen op Zoom. Vakblad V&VN Ambulancezorg, nummer 1, maar t 2010 33


van voertuigbeheersing, voertuigtechniek en bijkomende modules aanbieden is maatwerk voor de cursisten. In Limburg zit er bijvoorbeeld een deel fysieke belasting in, in het Noorden niet. De module omgaan met agressie is in Venlo uitgebreider dan in Drenthe, omdat ze daar al een basis hebben.” Okko Vos is ambulancechauffeur in Hoogeveen en als opleider nauw betrokken bij de nieuwe opzet. “We kunnen als ambulancediensten veel in eigen huis doen, dan heb je het echt over het ambulancedeel van de opleiding, maar er zijn zaken die anderen gewoon beter kunnen. De opleiding ‘Het Nieuwe Rijden’, het Crijbewijs voor wie dat nog niet heeft, een training omgaan met agressie. Inderdaad, dat hoort er ook bij. Maar veiligheid op en rond de werkplek doen we bijvoorbeeld weer zelf. Dat is specifiek ambulance. Het totale traject omvat verschillende blokken die in de twee jaar die de opleiding duurt, voorbij komen. Dan heb je aan het eind een MBO-diploma wat niet alleen in het vak waarde heeft, Nieuwe Rijden. We hebben met maar ook een eventuele doorstroom elkaar goed rondgekeken wat er op naar andere MBO-functies of andere de markt was aan onderdelen die opleidingen mogelijk maakt. Ik zie wij zouden kunnen inpassen in de het absoluut als een aanwinst voor nieuwe vakopleiding. Daar heeft de medewerkers.” ook het Noorderpoortcollege een rol Binnen RAV Limburg Noord en bij gespeeld, want je moet wel een UMCG Ambulancezorg komen zo’n bepaald niveau hebben om van een 150 medewerkers in aanmerking vakopleiding te kunnen spreken”, voor het volgen van het nieuwe opvertelt Peter Reilman van Verkeers- leidingstraject. “Landelijk kan dat school Oosterpoort in Groningen die uitgroeien tot zo’n 2000”, zegt Peter samen met de ambulancediensten Reilman van verkeersschool Oostereen deel van de nieuwe opleiding poort, die een verdere uitrol van het ontwikkelde. “Wat wij op het gebied nu ontwikkelde model voorziet.

Nieuwe opleiding ambulancechauffeur met MBO-diploma Ambulancechauffeur is een vak op MBO-niveau, maar een vakopleiding met een erkend MBO-diploma aan het eind bestond niet. Natuurlijk, je hebt de verplichte SOSA, maar een echt vakdiploma was er niet. Een unieke samenwerking tussen VTL, de opleidingstak van Transport en Logistiek Nederland, verkeersscholen, een Regionaal Opleidingscentrum (MBO-school) en de afdelingen Opleidingen van de RAV Limburg Noord en UMCG Ambulancezorg brengt daar nu verandering is. De eerste cursisten zijn aan de slag en kunnen binnen twee jaar een vakdiploma in ontvangst nemen. De onderwijskundige kwaliteit van de opleiding wordt bewaakt door het Noorderpoortcollege in Groningen. Foto boven: Ambulances worden technisch steeds complexer, daarom is steeds meer technische kennis vereist.

“We zien dat de eisen die aan ambulancechauffeurs worden gesteld, steeds hoger worden. Al wanneer ze binnenkomen. Bijvoorbeeld een Crijbewijs wordt nu al gevraagd omdat de voertuigen groter en zwaarder worden. Het was ooit B + EHBO. Ambulances worden technisch ook steeds complexer. Daar moet je ook de nodige kaas van gegeten hebben. Maar wat te denken van de rijstijl, Als chauffeur ben je gespecialiseerd onderdeel van een team. Ook dat komt verkeersinzicht, zuinig rijden – het uitgebreid aan de orde

34 Vakblad V&VN Ambulancezorg, nummer 1, maar t 2010


Om te mogen opleiden voor een erkend diploma is een erkende onderwijsinstelling nodig. In het project van Limburg Noord en UMCG Ambulancezorg is dat het Noorderpoortcollege in Groningen.

Flexibele indeling mogelijk

Sue Titulaer, personeelsfunctionaris van de RAV Limburg Noord over de nieuwe opleiding: “Bij ons manifesteerde zich nadrukkelijk de noodzaak om opleidingen voor het C-rijbewijs te laten verzorgen. We moeten meer chauffeurs hebben die op de zwaardere auto’s kunnen rijden. Daar komt bij dat ook wij mensen breder willen opleiden in het vak en kwamen ook zo via de goede contacten in het Noorden samen bij het traject voor een MBO-diploma. Het opleiden voor een diploma mo-

tiveert jouw eigen mensen en op de langere duur vergroot je daarmee ook wat employability heet, de inzetbaarheid op de arbeidsmarkt. Het fijne van wat we nu samen hebben ontwikkeld, is dat je niet alleen een echte vakopleiding hebt, maar dat je die in de tijd en op maat kunt samenstellen. Je kunt schuiven met modules. Bij ons ligt de nadruk nu bijvoorbeeld op het C-rijbewijs. Dat

willen we midden van dit jaar hebben afgerond. Daarna pakken we de andere modules op.” Meer informatie over de opleidingen is te verkrijgen bij Sue Titulaer RAV Limburg Noord in Venlo (tel. 077 3201340) of Krista Woldring, UMCG Ambulancezorg in Tynaarlo (tel. 0592 312000).

Proef in regio’s Fryslân en Drenthe toont aan:

Modern glijzeil biedt ook binnen ambulancezorg veel mogelijkheden Het glijzeil is binnen zorginstellingen al tientallen jaren een veel gebruikt hulpmiddel bij het verplaatsen van patiënten. De mogelijkheden reiken echter veel verder dan alleen het gebruik binnen de muren van een instelling. Dat ontdekten de ergocoaches van Ambulancezorg Fryslân, UMCG Ambulancezorg en Kijlstra Ambulancezorg. Het gebruik van het handige hulpmiddel kan het werk van ambulancebemanningen, ook op locatie, aanzienlijk verlichten. Anderhalf jaar lang hebben de ergocoaches van de drie organisaties proeven gedaan en praktijktesten uitgevoerd met de Maxi-XL van Arjo. Het glijzeil werd ingezet zowel bij de transfer van patiënten van bed naar brancard in het besteld vervoer als ook tijdens tal van situaties waarbij sprake was van spoedvervoer. Ergocoach Nienke Hosper van Ambulancezorg Fryslân: “Standaard glijzeilen uit instellingen kennen de nodige beperkingen voor het praktisch gebruik binnen de ambulancezorg. De Maxi XL waarmee wij onze proeven hebben gedaan heeft het voordeel dat het uit twee delen bestaat en is gemaakt van su-

pergladde stof. Hierdoor is het veel makkelijker aan te brengen in allerlei situaties. Niet alleen bij patiënten die in bed liggen.” Tijdens de proefperiode is gebleken dat het gebruik van het speciale glijzeil minder fysieke belasting met

zich meebrengt dan de gewone manier van ‘overpakken’. “Het is ook voor de patiënt veel prettiger, hebben we teruggehoord. Juist bij bijvoorbeeld reumapatiënten en mensen met metastasen in de rug. Tillen is nu in feite schuiven geworden.” Het glijzeil is inmiddels ook ingezet binnen het spoedvervoer, zoals bij rapid extrications,maar ook in andere situaties. “Ook hier bereiken we voordeel doordat we onder heel moeilijke hoeken kunnen werken en toch steun kunnen bieden. We kunnen patiënten zo gewoon gemakkelijker uit auto’s halen. Het speciale glijzeil is inmiddels te vinden in alle ambulances van de drie organisaties in Fryslân en Drenthe. Meer informatie over dit project is verkrijgbaar via Nienke Hospers, ergocoach Ambulancezorg Fryslân, telefoon 0515 – 430064.

Vakblad V&VN Ambulancezorg, nummer 1, maar t 2010 35


Vries en zwaait nu samen met algemeen directeur André Knol, die van HDS stamt, de scepter van het nieuwe bedrijf. De volgende stap lag voor de hand. De mede-eigenaar van MAN Truck & Bus is namelijk Pon, het bekende automobielbedrijf dat onder andere Volkswagen en Audi importeert. Volkswagens die onder andere aan de ambulancezorg, de brandweer, de GHOR en de politie worden geleverd. Het samenvoegen van de activiteiten van HDS en De Vries onder Pon leidt tot een veiligheidsregiobrede benadering. Daarbij is het doel kant-en-klare producten uit één hand te kunnen leveren. Martijn de Lange: “Eigenlijk een turn key concept. Men hoeft niet meer apart zaken te doen met

HDS Brandweertechniek en De Vries Ambulances samen verder noemde speciale voertuigen team van MAN verhuisde daarbij van Vianen naar Hoogeveen zodat iedereen die betrokken is bij de bouw van een speciaal voertuig op MAN nu op één locatie zit.

verschillende bedrijven. Dat hebben wij al gedaan.” En daarbij wordt in eerste instantie gebruik gemaakt van het groeiende aantal zogenoemde Onder één holding zaten ze al, en zelfs onder VAS-bedrijven onder Pon. VAS staat voor ‘value added services’, bedrijéén dak: HDS Brandweertechniek en De ven die een meerwaarde bieden voor Vries Ambulances. Sinds 1 januari zijn beide Aanbestedingen de het te leveren product. Voorbeelbedrijven samengevoegd in één BV: Dutch De laatste jaren kreeg men steeds den zijn bedrijven die de inbouw Rescue Vehicles. Maar achter de schermen is meer te maken met aanbestedingen van kasten en apparatuur verrichten. er sinds de uitbreiding van het nieuwe pand in van grotere aantallen voertuigen. In dit verband is Honac overgeno“Daarbij moest je als leverancier de men dat onder andere zwaailichten Hoogeveen in 2005 meer gebeurd. gezamenlijke cijfers van de bedrijen sirenes importeert en van gewone HDS was de voortzetting van een ven laten zien. Reden waarom bij in- auto’s politieauto’s maakt. Door opeenvolgend aantal bedrijven dat schrijvingsprocedures Dutch Rescue “Een compleet marktgericht conPiet Hoving in Hoogeveen al vele tientallen jaren Holding als partij optrad. Daarnaast cept qua bouw, levering en service. onder andere brandweervoertuigen was de veiligheidsregio in ontwikke- En indien gewenst ook wat betreft bouwde. De Vries Ambulances ling en kregen we al snel te maken financiering. Je zet eigenlijk een kwam voort uit de autobedrijven en met de eerste aanbesteding waarbij nieuw merk in de markt: een voerambulancedienst van De Vries in zowel auto’s voor de brandweer als tuig van Dutch Rescue Vehicles. Dat Assen waar men in de jaren zeventig de GHOR werden gekocht”, vertelt sluit aan bij de ontwikkelingen in de startte met de import van Americommercieel directeur Martijn de veiligheidsregio’s, waar inkoop en kaanse ambulances op Chevrolet Lange. Hij is afkomstig van De beheer steeds meer centraal geregeld Van. In 2008 werd Dutch Rescue Holding Foto boven: Blik BV overgenomen door MAN Truck & Bus. Daaraan voorafgaand was in de er al een jarenlange samenwerking fabriek. Rechts: De beide doordat de MAN chassis die verdirecteuren: An- kocht werden in de brandweermarkt dré Knol (links) door HDS werden opgebouwd. De overname was dan eigenlijk ook een en Martijn de logisch gevolg daar van. Het zogeLange. 36 Vakblad V&VN Ambulancezorg, nummer 1, maar t 2010


gaan worden. Voor degene die een inkooptraject moet begeleiden willen wij het zo eenvoudig mogelijk maken. Er is echter geen gedwongen winkelnering. Als wij een lichtbalk sneller of goedkoper bij een andere leverancier kunnen krijgen, zullen wij dat zeker doen. Dat geldt uiteraard ook als de opdrachtgever een ander merk auto wil of specifieke eis heeft waarin ons eigen leveringsprogramma niet voorziet”, legt De Lange uit. De afhandeling van grotere wagenparken gebeurt daarbij door Pon Fleetsales, waardoor de financiële borging rechtstreeks onder de moedermaatschappij valt.

Ambulances

In totaal werken een kleine 100 medewerkers aan en rondom de 120 tot

160 voertuigen die jaarlijks vanuit Hoogeveen de weg op komen. Ontwerp en procesbewaking zijn geautomatiseerd. Daarentegen komt aan de productie zelf nog veel handwerk te pas. Martijn de Lange omschrijft de medewerkers die aan de 25 tot 35 ambulances per jaar bouwen als generalisten. “Een ambulance is een project en wordt door 2 of 3 mensen gebouwd. Echte professionals die zowel houtbewerking, elektronica als voertuigtechniek in de vingers hebben.” De keuze aan ambulances bestaat onder andere uit de VW T5 van het Finse Profile die een compleet fiberglas – en dus lichtgewicht – interieur heeft. Voorts ambulances van de Duitse bouwer Binz, waarbij de MB Sprinter het populairst is. Deze kan ook met container geleverd

worden. Ook andere voertuigen van Binz, zoals VW T5 en verbindingcommandowagens zijn leverbaar. En uiteraard de ambulance waar het indertijd allemaal mee begon: de Chevrolet Van. Deze is qua uiterlijk al enige tijd niet meer veranderd – de GMT 610 is er sinds 2004 maar lijkt nog erg op zijn voorganger GMT 600 uit 1997 – maar onderhuids gebeurt er des te meer, licht Martijn de Lange toe. “ Zo gaat het motorvermogen nog steeds omhoog en de 6 liter V8 levert nu 327 pk. Dat de Chevrolet nog steeds in trek is, schrijft De Lange ook toe aan de gunstige kilometerprijs van de op gas rijdende Amerikaan. “Dus naast de MB Sprinter blijven we ook de Chevrolet in het programma houden. Beide zijn prima auto’s voor het ambulancewerk.”

Physio-Control weer volop in de markt Physio-Control, een dochteronderneming van Medtronic, heeft medio februari de onbeperkte wereldwijde leveringen van al haar externe defibrillatoren hervat. In afwachting van een verbeterd kwaliteitssysteem was enige tijd een beperkt aantal producten leverbaar. In mei 2008 heeft Physio-Control een zogenaamd ‘Consent Decree’ getekend met de FDA, vanwege een door dit agentschap aan de orde gesteld verbetertraject om het bedrijfskwaliteitssysteem aan te pakken. In het kader van deze overeenkomst, was het Physio-Control toegestaan een beperkt aantal producten naar gezondheidszorg instellingen te leveren, totdat de kwaliteitssystemen volledig zouden zijn goedgekeurd door FDA. Dat is dus sinds nu het geval.

CE-markering

“Wij hebben aanzienlijke krachten en middelen ingezet, om een nieuwe bedrijfsstandaard voor onze kwaliteitssystemen te bouwen en wij zijn blij met de FDA goedkeuring”, zei Brian Webster, directeur van PhysioControl. “De investeringen in onze kwaliteitssystemen, maar ook in onze ontwerp- en fabricage procédés, zorgen er voor dat onze producten en diensten blijven voldoen aan de verwachtingen van onze klanten en die van de regelgevende overheden. De kwaliteit van de producten van Physio-Control is nu hoger dan ooit in onze 55-jarige geschiedenis. De investeringen in ons kwaliteitssysteem hebben ook geleid tot nog meer ge-

het vervangen zijn, zoals de RAV Zuidoost Brabant, welke in één keer overstapte van de Lifepak 12 naar de Lifepak 15. Maar ook nieuwe klanten, zoals de Nederlandse politie die inmiddels bijna volledig is uitgerust met Lifepak 1000 AEDstroomlijnde innovatie- en product- apparatuur. Graag bedank ik deze ontwikkelingsmogelijkheden, aldus klanten en wij zullen ons maximaal Webster. Tijdens de afgelopen twee inspannen om dit vertrouwen blijvend waar te maken. In de praktijk jaar heeft Physio-Control namelijk ondervonden onze meeste ambuFDA 510(K) goedkeuring en CElance- en ziekenhuisklanten weinig markering voor de Lifepak 15 en Lifepak 20e defibrillator/monitor en hinder van dit FDA proces, op wat extra administratie na. Wel hebben voor het Lifenet System V4.1 ontvangen. Lifenet System is het meest onze AED klanten erg lang op hun apparatuur moeten wachten en somrecente platform voor het vastleggen en verzenden van onder andere mige klanten konden de wachttijd STEMI patiëntgegevens. Het bedrijf niet overbruggen en hebben noodgeheeft ook het nieuwe batterijgevoede dwongen voor andere alternatieven LUCAS2 thorax compressiesysteem moeten kiezen. Vanaf nu echter, zijn al onze AED’s weer volop leverbaar ingevoerd, een draagbaar apparaat en inmiddels verwachten wij dat in dat geautomatiseerde thoraxcompressies uitvoert ter verbetering van maart onze volledige achterstand in leveringen is weggewerkt. In de circulatie bij een hartstilstand. dit AED marktsegment zullen we echter zeer actief aan een comeback Benelux werken, zodat deze specifieke eindWat betekent dit alles nu voor de gebruikers vanaf nu weer gewoon klant in Nederland? Dré Quirijns, Lifepak AED’s kunnen verwachten, Business Manager Benelux: “Allereerst moet worden opgemerkt dat die naadloos aansluiten bij de door wij over de hele wereld, maar zeker de meeste ambulancediensten en alle politiekorpsen gebruikte Lifepak apook in de Benelux een zeer loyale paratuur. Daarmee zullen wij nu en groep eindgebruikers bedienen, in de toekomst weer een volledige zoals wij de laatste periode hebbijdrage leveren aan het vergroten ben gemerkt. Voorbeelden hiervan van overlevingskansen in de reanizijn ambulancediensten die inmidmatieketen.” dels hun Lifepak apparaten aan Vakblad V&VN Ambulancezorg, nummer 1, maar t 2010 37


De Casus

tijdens de landing. Hoewel ook hier de sneeuw weleens bedriegelijk kan blijken te zijn! Ik ben voorzichtig naar de ongevalplaats gelopen om maar niet uit te glijden want het was glad. Eenmaal ter plaatse bleek het te gaan om een man van rond de tachtig jaar die zijn auto aan het uitladen was, toen hij werd klemgereden door een andere auto. was. Landen in de sneeuw kan een Hij lag nu op de grond bedekt door uitdaging zijn. Door de wind van dekens. De brandweer had al een de ‘downwash’ van de rotorbladen soort van partytent opgezet tegen worden lichte dingen de lucht in eventueel sneeuw en regen. Het geblazen. In het algemeen zijn we rechter been zat verankerd aan de daar al heel alert op omdat zo een trekhaak. De bal van de trekhaak voorwerp in de rotorbladen kan zat geheel in het been, net boven de vliegen met alle gevolgen van dien. knie en het been zat stevig vast. De Bij sneeuw bestaat het gevaar dat er auto die hem had aangereden was zoveel sneeuw opwaait dat er een weggehaald zodat er genoeg ruimte ‘white out’ ontstaat: door de sneeuw was om bij het slachtoffer te komen. verdwijnt het zicht en mogelijk ook In het andere been zat een wond en de oriëntatie in de ruimte. Natuurlijk daar was reeds een verband om gegebeurt dit makkelijker bij losse daan. De brandweer had ondertussen sneeuw dan bij natte sneeuw. een plan gemaakt hoe ze de trekhaak Niet al te ver van het ongeval was eraf konden krijgen. Volgens hen een grasveld, groot genoeg om als zou het 5 minuten duren. Uit het feit landingsplek te dienen. Ook leek dat het nog niet gebeurd was kun je het mogelijk om de plek te verlaten: opmaken dat het geen standaard klus geen slootjes, geen hoge gesloten was. Persoonlijk had ik dit ook nog hekken. Wel lag er sneeuw, maar nooit eerder gezien. gelukkig gaf dat geen probleem Zoals ik al schreef heb ik de patiënt

De trekhaak Het had flink gesneeuwd en Nederland zag mooi wit. Tijdens een sneeuwbui moet de heli binnen staan omdat er anders een laag sneeuw op de rotorbladen kan gaan zitten en dat is een slechte combinatie met vliegen. In dit geval sneeuwde het niet en stond de heli buiten want dat scheelt tijd in het opstarten.

Foto’s: Dave Hendriks

Er kwam een verzoek voor assistentie voor een oudere man die met zijn been vast zat aan een trekhaak. Hoewel ik als arts toch al een tijdje meevlieg kon ik me er niet direct wat bij voorstellen maar ervaring heeft geleerd dat dit niet erg is. Ik neem altijd dezelfde tas mee, wat de melding ook is en ik start altijd bij de A. En dan komt de rest vanzelf. De locatie was goed te herkennen omdat de ambulance al aanwezig

38 Vakblad V&VN Ambulancezorg, nummer 1, maar t 2010


eerst ABCD in kaart gebracht. De conclusie was dat de A en de B prima waren: de patiënt sprak, saturatie 100%, beiderzijds normaal ademgeruis. Patiënt had ondertussen een non-rebreathing-mask met 15 liter zuurstof/minuut. C: hij had een wat hoge bloeddruk (195/100) met een rustige pols (70/minuut). Op de monitor had hij een sinusritme met hier en daar een extrasystole. Bij D scoorde hij alert met een maximale EMV. Verder dreigde bij E hypothermie. Ondanks dat er het nodige was gedaan aan hypothermiebestrijding met dekens, lag deze oude patiënt toch al 20 minuten op de grond in de vrieskou. (1) Toen dat gebeurd was heb ik geprobeerd het ongeval te reconstrueren en wat ik vermoedde bleek juist. Onze patiënt stond rechtop toen de bal van de trekhaak zich in zijn been boorde. Hij verloor daardoor zijn evenwicht en is toen gevallen. Hierdoor is zijn been om de trekhaak heen gedraaid en daardoor kwam de trekhaak vast te zitten. Een lastige vraag is of de patiënt hierbij wervelletsel opgelopen kan hebben. Een ouder iemand kan zich meestal minder goed opvangen dan een jonger iemand. Verder zijn zijn botten kalkarmer en breken ze makkelijker. Er was echter geen sprake van een hoofdwond of pijn in de nek of rug. Wervelletsel leek dus niet waarschijnlijk. De vraag was wat nu wijsheid was. Er waren twee opties; de eerste optie was om de brandweer de trekhaak los te laten maken. De tweede optie was om de patiënt terug in staande positie te brengen. Hierdoor zou er minder trekkracht op de spieren komen te staan en zou het waarschijnlijk mogelijk zijn om de trekhaak eruit te halen. Vanwege de dreigende hypothermie was snelheid van belang. Hoewel de brandweer de eerste optie op 5 minuten had geschat, was van geen van beide opties precies bekend hoe lang het zou duren. Gevoelsmatig leek de tweede optie de snelste. Nadat de voor- en nadelen tegen elkaar waren afgewogen is besloten om de patiënt met optie twee te bevrijden. (2) Wel werden er eerst de nodige maatregelen genomen. Zo werd de kofferbak vrij gemaakt door de hoedenplank eruit te halen

zodat een brandweerman de patiënt vanuit de kofferbak kon ondersteunen. Verder werd er een drukverband klaar gelegd. Ondertussen werd al nagedacht waar de patiënt naar toe zou moeten worden vervoerd. De ambulancebemanning informeerde of de patiënt per heli vervoerd kon worden vanwege de afstand tot het ziekenhuis en de gladheid op de wegen. Kort contact met de piloot leerde dat dit qua belading en qua brandstofvoorraad geen probleem zou zijn. De volgende vraag is welk ziekenhuis geschikt zou zijn voor deze patiënt. De volledige omvang van de schade was nog niet bekend: de patiënt zat nog verankerd waardoor goed onderzoek van het been erg lastig was. Het feit dat een behoorlijk groot en stomp voorwerp in het been was gedrongen betekent dat het met behoorlijk wat kracht moet zijn gegaan. Dat zou betekenen dat er ook het nodige weke delen letsel zou kunnen zijn. Mogelijk dat daar ook plastisch-chirurgische reconstructie voor nodig is met bijvoorbeeld een getransplanteerde lap. Verder is het een oude patiënt en een hogere leeftijd is in het algemeen niet bevorderlijk voor de wondgenezing. Al met al redenen genoeg om niet naar een klein perifeer ziekenhuis te gaan. Omdat de patiënt vanwege de toestand op de wegen per heli vervoerd zou gaan worden is een groter ziekenhuis in Rotterdam gekozen zodat

Tijdens een hulpverlening waarbij een van de Lifeline helikopters betrokken is, wordt vooral in verband met de eenduidige communicatie, aanpak, en behandelplan, in het algemeen de LPArichtlijnen voor de hulpverlening gevolgd. Bij de komst van de heli kunnen en moeten soms de zaken buitenprotocollair verlopen. Er wordt immers gebruik gemaakt van middelen en technieken die protocollair niet beschreven staan. Tijdens de hulpverlening is er in het algemeen niet veel tijd voor uitgebreide inhoudelijke communicatie over de beweegredenen, denktrant, het hoe, wat, wanneer en waarom van het besluit, al dan niet buiten protocollair. Het heli- MMT team maakt afwegingen die de LPA soms lijken te doorkruisen. Deze artikelreeks gaat in op een aantal van deze veelal onuitgesproken overwegingen in de samenwerking van het heliteam met het ambulanceteam. De casuïstiek is aangepast om herkenning te voorkomen. Opmerkingen en vragen zijn erg welkom op heliteam@planet.nl we meteen weer centraler in onze eigen regio zouden zijn. De patiënt kreeg midazolam getitreerd en daarna wat ketamine. Hij is toen onder de schouders gevat en rechtop gedraaid. Nog voor dat hij goed en wel rechtop was, kon het been al worden bevrijd. In het achterbeen zat nu een holte ter grootte van een tennisbal Toen het been los was is de patiënt

Vakblad V&VN Ambulancezorg, nummer 1, maar t 2010 39


op een plank gelegd puur en alleen om hem makkelijker te kunnen vervoeren want spine management leek niet noodzakelijk. Zo kon ook het been goed ondersteund worden. Het been werd verbonden en gespalkt. (3) De patiënt is per ambulance naar de heli gebracht. Het landingsveldje bleek toegankelijk voor de ambulance zodat die dicht in de buurt geparkeerd kon worden. De kracht die we hadden uitgespaard met tillen van de patiënt door hem in de ambulance te leggen bleken we later hard nodig te hebben om de vastgelopen ambulance uit het grasveld te duwen. De patiënt werd in de heli gelegd, van zuurstof voorzien en aangesloten op de monitor. Omdat de patiënt wat doof was, was het lastig met hem communiceren. Het was daarom ook twijfelachtig of hij nu precies begreep wat hem allemaal overkwam. Zo ben je nog boodschappen aan het doen en zo lig je, voorzien van sedatie en pijnbestrijding, in een helikopter. Dat hij er wel iets van mee kreeg bleek uit het feit dat hij direct informeerde of hij dan ook naar Katendrecht kon als hij toch naar Rotterdam ging. (Katendrecht is beroemd om zijn prostitutie). In het ziekenhuis bleken er geen breuken te zijn. Wel was de vena saphena magna kapot. Diezelfde ader wordt ook verwijderd bij spataderen dus die kun je missen. Voorts was er het nodige weke delen letsel en is de patiënt meerdere keren geopereerd door de plastisch chirurg om al het dode weefsel uit de wond te verwijderen. Er is niet alleen een debridement gedaan, maar ook een huidtransplantatie voor de bedekking. Verder was er bij beide benen sprake van een deglovement. Hij heeft twee weken in het ziekenhuis gelegen todat de wond ver genoeg genezen was om naar huis te gaan. Dit kwam mede door een wondinfectie. Deze casus laat zien dat het reconstrueren van het ongeval het antwoord op kan leveren voor de bevrijdingstechniek. Hierbij moet worden opgemerkt dat dit alleen mogelijk was omdat er geen verdenking was op wervelletsel. Indien die verdenking er wel was geweest hadden wij moeten kiezen voor de methode van de brandweer.

Verder hebben oude patiënten zoals beschreven extra aandachtspunten. Zo zijn onder andere hun botten minder sterk, is hun balans minder goed en kunnen zij zich minder goed opvangen tijdens een val, is de wondgenezing minder goed, zijn ze gevoeliger voor hypothermie en raken ze makkelijker gedesoriënteerd. Ook moet eerder aan onderliggend lijden gedacht worden.

Ad 3.Drukverband.

Uit ervaring weet ik dat er nog wel eens de neiging is om een bloedende wond alleen netjes steriel af te dekken, zeker als andere zaken meer aandacht lijken te vragen. Maar langdurig een beetje bloedverlies is uiteindelijk een hoop bloed. Hij zou dan ook niet de eerste patiënt zijn die dankzij dit sijpelend bloedverlies in shock raakt, terwijl de meeste bloedingen zijn te stelpen met lokaal druk uitoefenen op de wond. Ad 1.Hypothermie en In dit geval bleek de wond uit een dodelijke trias groot gat te bestaan, zo groot als een Van hypothermie is vastgesteld dat tennisbal. Om het bloeden goed te het de mortaliteit als onafhankestelpen is het gat eerst opgevuld met lijke factor verhoogt. Deze patiënt een prop steriele gazen. Hierdoor lag op de grond, kon zich niet door wordt het mogelijk om druk op het beweging warm houden, terwijl wondoppervlak in de holte over te het ook nog eens vroor. Een van de brengen. problemen van hypothermie (kernIn het ziekenhuis bleek dat de metemperatuur onder de 35 graden) is dat de stolling van het bloed ernstig thode effectief was omdat er geen gestoord raakt. Het is een reversibel bloed door het verband heen was probleem; bij opwarmen herstelt het gekomen. probleem zich. Hypothermie, slechte Als het niet was gelukt om de bloeding tot stilstand te brengen stolling en verzuring (acidose) was plan B in werking gesteld: het vormen een combinatie die door verbloeding makkelijk kan ontstaan aanleggen van een tourniquet. Een na een ernstig ongeval. Door de lage goed drukverband is superieur aan een tourniquet maar de bloeding tot temperatuur stolt de patiënt niet stilstand brengen is belangrijker dan meer en begint diffuus te bloeden. de nadelen van de tourniquet. Door de bloeding verliest hij zijn stollingsfactoren waardoor de bloeDeze casus werd geschreven door ding alleen maar toeneemt. De patiënt raakt verder in shock en wordt I.C. Huig, anesthesioloog en H-MMT arts Lifeliner 2, Erasmus steeds zuurder en kouder. Kortom MC te Rotterdam een negatieve spiraal die lastig om te keren is en makkelijk eindigt met P.J. Dirven, kolonel vliegerarts en anesthesioloog , H-MMT arts Lifeoverlijden van de patiënt. Vandaar dat het zo belangrijk is om afkoeling liner 2, Erasmus MC te Rotterdam en bloedverlies agressief aan te pakken. En dat begint al op straat.

Ad 2.Voor- en nadelen van de beide opties.

Een nadeel van de eerste optie leek dat de trekhaak waarschijnlijk toch wat zou gaan bewegen als er geknipt zou worden aan de auto, mogelijk met de nodige kracht en dan ook mogelijk met secundair letsel. De inschatting was dat het 5 minuten zou duren maar omdat het geen routine is, schuilt hier het gevaar dat het langer duurt dan gedacht. Beide opties zouden extra pijnstilling noodzakelijk maken. Een nadeel van de tweede optie was dat het lastig zou zijn om de patiënt terug rechtop te draaien als hij al te gesedeerd zou zijn.

40 Vakblad V&VN Ambulancezorg, nummer 1, maar t 2010


Ambulance uit Fryslân gaat levens redden in Tanzania Het Sumvé Hospital in Tanzania krijgt op korte termijn de beschikking over een eigen ambulance, geschonken door UMCG Ambulancezorg en Ambulancezorg Fryslân. Het voertuig heeft jaren dienst gedaan in de regio Fryslân. Half januari zijn de sleutels overhandigd aan Albert Vink, die namens zijn

Dirk Vink bouwt gebouwen, legt waterputten aan en heeft er voor gezorgd dat het ziekenhuis van Sumvé continu elektriciteit en water heeft. Tineke de Groot werkt in het ziekenhuis bij de Fysio en reist rond om kinderen met een handicap aan te melden bij het Liliane Fonds.

bulance is de verwachting dat er 200 levens op jaarbasis gered kunnen worden. Dat zijn mensen die nu op weg naar het ziekenhuis komen te overlijden. Toen de toezegging werd doorgegeven dat Sumvé Hospital een eigen ambulance krijgt, sprongen de artsen en verpleegkundigen een gat in de lucht. Een lang gekoesterde wens gaat in vervulling. Als alles goed gaat duurt de reis naar Sumvé zo’n 40 dagen.

Derde in Afrika

De Mercedes-Benz E-klasse van in Tanzania werkzame broer Dirk en zijn partner Contact via UMC Groningen Fryslân voor Tanzania is het derde ambulancevoertuig van UMCG Tineke de Groot het voertuig in ontvangst nam. Tineke en Dirk komen uit Sassenheim en zijn al langer aan het Sumvé Ambulancezorg / Ambulancezorg Fryslân dat een tocht maakt richHospital verbonden. Hun eerste ting Afrika voor een tweede leven. contact met het ziekenhuis liep via Eerder gingen al ambulances naar Marga, een revalidatie arts uit het UMC Groningen. In de eerste jaren Ghana (van Vlieland) en naar Gamhebben ze elke vakantie opgeofferd bia (de Mercedes-G van Schiermonnikoog). Een tweede E-klasse is om de eerste projecten op te zetten. Ruim twee jaar geleden hebben onlangs beschikbaar gesteld voor een nog nader te bepalen medisch beiden hun baan opgezegd en zijn project op het door een aardbeving ze voor langere tijd naar Tanzania grotendeels verwoeste Haïti. Dit vertrokken. Ze wonen nu naast het ziekenhuis en zijn dagelijks betrok- voertuig gaat in een later stadium ken bij allerlei zaken die geregeld en naar dat eiland, wanneer de situatie qua gezag en logistiek weer zo veel gebouwd moeten worden. Het ziekenhuis heeft tot nu toe geen mogelijk genormaliseerd is. Albert Vink neemt namens zijn boer Dirk en partner ambulance. Mensen komen lopend Roel Barkhof Tineke de sleutels van de ambulance in ontvangst van of worden naar het ziekenhuis gecommunicatieadviseur Harry Meijer van Ambulancezorg Fryslân (rechts). dragen. Met de komst van een am-

Gezamenlijk pand brandweer en ambulance Op vrijdag 15 januari verrichtten burgemeester Van Aartsen en wethouder Van Alphen van Den Haag de officiële opening van de gezamenlijke nieuwe locatie van Brandweer Haaglanden en de ambulancedienst van de GGD in het stadsdeel Laak. Foto’s Hans Waldeck

Voor de brandweer betreft het de vervanging van de kazerne aan de Escamplaan. Voor de ambulancedienst vervangt het de hoofdvesti-

Laak verlopen van rood beginnend bij het brandweerdeel tot geel bij het ambulancedeel. ging aan de Zichtenburglaan. Ook Het nieuwe adres is: het Regionaal Opleidingscentrum Waldorpstraat 555, Ambulancezorg Haaglanden is ver- 2521 CK Den Haag, huisd naar de nieuwe locatie. De tel. 070 752 63 40. garage van de ambulancedienst biedt Postbus en email zijn ongewijzigd. plaats aan 18 voertuigen. Er zijn gecombineerde wacht- en instructieruimtes. Voorts zijn er kantoorfuncties voor het management en de ondersteunende diensten. Op het dak bevindt zich een sportvoorziening. De kleuren van Veiligheidsbureau

Vakblad V&VN Ambulancezorg, nummer 1, maar t 2010 41


IST Busch

Ambulances in miniatuur Neo

Al voor de 61e keer werd in februari in het Duitse Neurenberg de grootste speelgoed-, spellen en modellenbeurs ter wereld gehouden. 75.000 inkopers uit 100 landen bezoeken de 160.000 vierkante meter beslaande 2700 stands van fabrikanten uit 60 landen. Te midden van al deze drukte ook een aantal nieuwe ambulancemodellen.

UMCG Ambulancezorg heeft nog een beperkt aantal modellen van haar Ambulance+ beschikbaar. Het kunststof model is op schaal 1/43 en zeer gedetailleerd uitgevoerd. Verpakt in doosje op kunststof sokkel. Prijs: 50 euro + 6,75 porto. Te bestellen via ovdg@rav.nl

Het fraaiste model dit jaar is ongetwijfeld de Cadillac van het bouwjaar 1966 met een opbouw van de Amerikaanse fabrikant S&S. Het model wordt gemaakt door het Nederlandse Neo, dat eerder de Chevrolet Van en MB Sprinter Ambulance+ produceerde. De schaal is 1/43. En wie het model ergens bekend van voor komt, heeft gelijk: er is – van Precision Miniatures – een model in de grotere 1/18 schaal. Onder de naam IST models (spreek uit: east = oost) wordt een hele collectie modellen naar voorbeelden van landen uit het voormalige Oostblok in 1/43 geproduceerd. Daarin worden ook ambulances aan-

IST Rechts: Siku gekondigd. Van twee daarvan was al een model te zien. Een daarvan is de Barkas B1000 zoals die van 1961 tot en met 1988 in de toenmalige Duitse Democratische Republiek (DDR) werd geproduceerd. Er waren diverse ambulanceuitvoeringen

42 Vakblad V&VN Ambulancezorg, nummer 1, maar t 2010

van, zowel voor ziekenvervoer als voor spoed. In dat laatste geval stonden er zwaailichten op en de tekst ‘Dringliche Medzinische Hilfe’, waarbij een arts deel uitmaakte van de bemanning. Het model is de ziekenauto met de kenmerkende rode kruis lampjes voor en achter op het dak. Het tweede model is een ambulance op een Poolse Warszawa 203 stationcar (1960). Een Nederlands model is gemaakt in opdracht van de Nederlandse importeur van Burago, en wel de actuele MB Sprinter in schaal 1/50. Niet helemaal actueel meer is Siku dat in 1/55 de huidige Binz ambulance op MB E-klasse uitbrengt terwijl nog in het voorjaar de opvolger wordt voorgesteld. In de afwijkende Britse modelspoorschaal 1/76 stelt Pocketbond een leuk model van een ambulance op Austin K8 uit de jaren vijftig voor, de zogenoemde Welfarer. De K8 werd in 1948 geïntroduceerd. In de in Europa bekendere schaal 1/87 voegt de


Burago

Pocketbond

Ben jij ambulance verpleegkundige of chauffeur met een passie voor sport? Dan zijn we op zoek naar JOU! Wij zoeken ambulance verpleegkundigen en chauffeurs met een passie voor sport die (tegen een vrijwilligersvergoeding) het team van Service Médical willen versterken. De Stichting Service Médical is een vrijwilligersorganisatie bestaande uit ambulancemedewerkers en medisch specialisten die hun passie voor sport tot uiting brengen door sporters medische hulp te bieden bij sportevenementen. Service Médical is ook een officiële Zorginstelling in de zin van de wet die voldoet aan alle, medische professioneel daaraan te stellen eisen. Verder beschikken wij over al het benodigde materiaal waaronder een compleet modern

Duitse fabrikant Busch een aantal modellen naar Amerikaans voorbeeld aan de collectie ambulances toe. Twee daarvan naar voorbeelden van het Wyoming Medical Center. Deze Ford E350 containerambulances zijn bedrukt met wildmotieven: de ene met een buffel en de andere met een hert. Een derde Ford is van ambulancedienst Medsouth uit de staat Tennessee. Wat verder terug in de tijd is het voorbeeld van een zogenoemde ‘combination’ op een Cadillac uit de jaren zestig. Een combination was een voertuig dat zowel gebruikt kon worden als lijkauto als ambulance. Onder andere een kwestie van gordijntjes dicht en tekstborden wisselen. Een heel andere ontwikkelingsfase in vergelijking met een van de eerste Duitse met arts bemande ambulances – Notarztwagen – uit de jaren zestig: de Citroën H uit Heidelberg, eveneens van Busch. Het voorbeeld had overigens een lange wielbasis.

eigen wagenpark: 4 ambulances, 4 mobilances, Polimobiel, Ambulancemotor. Maar het belangrijkste is wel een fantastisch team mensen, dat keer op keer met veel voldoening de medische begeleiding van een sportevenement tot een succes weet te maken. Voorbeelden van sportevenementen waarin wij de medische begeleiding op ons hebben genomen: Vierdaagse van Nijmegen, Essent Cup schaatsen, Eneco tour wielrennen, EK Karate, WK Triatlon, NK Veldlopen, Marathon van Eindhoven, Olympische Spelen van Beijing en Turijn in het Holland Heineken Huis. Dit jaar kom je Service Médical ook tegen bij de Vuelta. En het aantal aanvragen neemt steeds verder toe. Heb je belangstelling om bij te dragen aan de verdere groei van deze dynamische sportorganisatie? Kijk dan op op www.servicemedical.nl , daarop vind je onze Kwaliteitsstandaarden of bel met 043-3210220 en vraag naar Herman Schwiebert (verpleegkundige) of Marjo Boumans (wedstrijdsecretariaat).

Vakblad V&VN Ambulancezorg, nummer 1, maar t 2010 43


Elektrische ambulancezorg naar Kopenhagen Een belevenis was het, de reis per elektrische ambulancescooter en elektrische auto van Leeuwarden naar Kopenhagen via Den Bosch. En soms ook heel koud en nat. Eindstation: de Wereld Klimaatconferentie in de Deense hoofdstad. Een team van Ambulancezorg Fryslân en UMCG Ambulancezorg reed mee met honderd jongeren De vakbeurs IVIC verschuift van de oneven naar de even jaren. Dat betekent dat – na de 5e editie in mei 2009 – er dit jaar al op elektrische scooters en zorgde voor de medische begeleiding. weer een IVIC plaatsvindt. En wel van dinsdag 22 tot en met Met een zegen van bisschop Hurkmans uitgestrooid over de auto donderdag 24 juni, inclusief een avondopening op 23 juni. De en de E-scooters ging het in twee weken naar de klimaatconreden voor de verschuiving van het tweejaarlijkse gebeuren ferentie. Iedere dag pakweg 70 kilometer met in de tussentijd naar de even jaren is gelegen in de eerdere verschuiving van de excursies,lezingen, discussies. Thema: duurzaamheid en energie, Brandweer Vakdagen van de even jaren naar de oneven jaren. bewustwording. Ook is een nieuwe locatie gekozen: de Evenementenhal GoDat elektrisch rijden met zo’n groot gezelschap voorbereidingen vergt voor bijvoorbeeld de energievoorziening, werd onderweg een rinchem. Onder andere vanwege betere bereikbaarheid en de moderne, grote beurshal met bijbehorende faciliteiten. paar keer duidelijk. Een lege accu was het gevolg. De elektrische Meer info op www.ivic.nl auto moest onderweg door pech een keer geruild worden voor het andere exemplaar van UMCG Ambulancezorg. Hoewel het congresgebouw in Kopenhagen onbereikbaar was, kon het door de jongeren onderweg opgestelde klimaatmanifest toch worden overhandigd aan minister Cramer. De tocht en het contact met de enthousiaste jongeren waren Het organiseren van de Olympische volgens de deelnemende amspelen in Vancouver, en de gezondbulancemensen ervaringen om heidszorg in het bijzonder vergde veel niet te vergeten. Ambulancevoorbereiding. 60 ambulances en 360 zorg Fryslân heeft na afloop paramedics waren 24 uur in touw om van de tocht naar Kopenhagen assistentie te verlenen waar nodig. permanent de beschikking Diensten van 12 uur maar soms ook gekregen over een elektrische 18 uur waren geen uitzondering. scooter voor de post TerschelMedtronic Physio-Control leende 44 ling, dankzij steun van penLifepak 15 monitor/defibrillatoren sioenverzekeraar PGGM. Op en een veelvoud aan Lifepak 1000 Terschelling rijdt al een elektrische auto. AED’s uit aan de British Columbia Foto: Verpleegkundige Henk Ambulance Service ter ondersteuning Kleve en chauffeur Wilfried Kiers (rechts) met de elektrische voertuigen. van het evenement in Canada.

IVIC eerder en elders

Lifepak op Olympische spelen

Medtronic helpt Haïti

Medtronic Foundation heeft geholpen na de aardbeving in Haïti. Van de 38.000 personeelsleden hebben er honderden geholpen tijdens de dagen na de ramp. Medtronic heeft diverse middelen ter beschikking gesteld. Medtronic hoopt dat een forse financiële bijdrage, implantaten bij traumapatiënten, diverse OK benodigdheden en disposables kunnen bijdragen aan het verzachten van het leed. Ook Lifepak monitoren werden uitgeleend ter ondersteuning. Medtronic Physio-Control Benelux heeft het Belgische B-Fast team voorzien van apparatuur.

Henk Tijsman (links) en Andries Geertsma van UMCG Ambulancezorg tijdens de aflevering van twee BLS-voertuigen bij Visser Leeuwarden begin januari. Deze twee voertuigen zijn onderdeel van een serie van tien zogenaamde Zorgambulances aan de coöperatie Axira. De voertuigen zijn op tal van punten geoptimaliseerd voor comfortabel BLS vervoer. Zo zijn de voertuigen ondermeer uitgerust met een luchtgeveerde zweeftafel, meerkleurige sfeerverlichting en TV ontvangst. 44 44 Vakblad V&VN Ambulancezorg, nummer 1, maar t 2010


Meer horen

Na een aanbestedingsprocedure koos de ambulancedienst van de GGD Den Haag voor de Lifepak 15 monitor/defibrillator. Sinds februari zijn 19 van deze apparaten in gebruik. Met de Lifepak 15 worden ECG’s verzonden naar het HAGA-ziekenhuis in Den Haag en het LUMC in Leiden. Dit gebeurt via het Lifenet systeem van Medtronic Physio Control. Op de foto (vlnr) Frank van Duin van Medtronic Physio Control, MMA Thomas Eckhardt en hoofd ambulancedienst Ton van Egmond met een van de nieuwe apparaten.

Mediclass introduceert de Jabes elektronische stethoscoop. Hierbij kan gekozen worden uit drie geluidsfrequenties. Zo kan onder andere het ongeboren kind vanaf ongeveer vijf maanden beluisterd worden. Een geluiddempingsring draagt bij aan een helder geluid. De stethoscopen hebben een regelbaar geluidsniveau met een versterking tot 20 x. Het gekozen niveau wordt door de Jabes onthouden. Bij inactiviteit schakelt het apparaatje zichzelf na drie minuten uit. De Jabes werkt 100 uur op 2 AAA batterijen en waarschuwt tijdig voor vervanging. Bediening gaat met de wijsvinger en het gewicht is 170 gram. Meer info: www. mediclass.nu (shop specials).

In december 2009 ontving Visser Leeuwarden de opdracht van de RAV Gooi en Vechtstreek voor de levering van ALS ambulances op basis van een Mercedes-Benz Sprinter. In het kader van deze Europese aanbesteding zal de RAV in 2010 de eerste vier nieuwe voertuigen aan zijn voertuigbestand toevoegen. Op de foto René Ton (rechts), directeur van de RAV Gooi en Vechtstreek, en Hans Wortelboer, directeur van Visser Leeuwarden.

Jan Pierik naar VZA Visser Leeuwarden leverde op 23 december twee MB Sprinter Delfis ambulances aan de RAV Limburg Noord. De RAV kreeg eerder dat jaar reeds twee Delfis ambulances geleverd. Deze laatste twee zijn echter speciaal ingericht voor BLS vervoer en onder meer voorzien van een multimedia installatie met harddisk, een koelkastje, een wasbak met stromend water en een koffiezetinstallatie. Op de foto (vlnr) Niels Sanchez van Visser Leeuwarden en Jiri Ambroz van de RAV Limburg Noord.

Jubileum RETTmobil Voor de tiende keer op rij wordt in het Duitse Fulda het evenement RETTmobil gehouden. In die tien jaar uitgegroeid tot de grootste ambulance- en spoedeisende medische hulp beurs in Europa. Met exposanten en bezoekers uit vele landen. Naast de beurs zijn er workshops, bijscholingen en vakdiscussies. De formule blijft als vanouds: 10 euro entree inclusief parkeren voor de beurs. Workshops etc. na aanmelding en betaling van 15 euro per onderdeel. Meer informatie op www.rettmobil.org

De Algemene Vergadering van Aandeelhouders van VZA heeft drs. J.H.R. (Jan) Pierik met ingang van 1 maart benoemd tot directeur/bestuurder van VZA Groep BV. Pierik volgt Jan Veenstra op die per 1 april 2010 optreedt als adviseur van de nieuwe eigenaar van VZA, het Academisch Medisch Centrum (AMC) te Amsterdam. Jan Pierik (1958) was sinds 2000 directeur van Ambulance Oost en tevens voorzitter van de Raad van Beheer van Axira, een coöperatief samenwerkingsverband van ambulancediensten. Voorts is hij onder andere vicevoorzitter van Ambulancezorg Nederland (AZN). Naast een academische opleiding (politicologie/bestuurskunde), een leergang bestuur- en managementprocessen en de opleiding Health Care Bedrijfskunde, heeft hij ruime (bestuurlijke) ervaring opgedaan in uiteenlopende functies. Eerdere werkkringen waren onder meer het UMC Sint Radboud in Nijmegen en de Isala Klinieken te Zwolle. Ook was Pierik 10 jaar gemeenteraadslid in Nijmegen.

Van Frankrijk naar Zoll

Sinds medio 2009 is het verkoopteam van Zoll International Holding BV uitgebreid met de komst van Gerrit de Vor. Een onbekende is Gerrit zeker niet binnen de ambulancezorg Nederland. Voordat hij naar Frankrijk vertrok, waar hij samen met zijn vrouw een chambres d’hôtes runde en wandelvakanties organiseerde, was hij werkzaam als Product Specialist Monitor/Defibrillator. Gerrit zal zich, als Sales Representative EMS, specifiek inzetten voor de ambulancezorg in Nederland. Door de toenemende interesse in Zoll reanimatieproducten was uitbreiding van het verkoopteam wenselijk. Voor Gerrit de uitdaging om zijn vroegere métier weer op te pakken. Hij is bereikbaar op gdevor@zoll.nl en 06 24341313. Vakblad V&VN Ambulancezorg, nummer 1, maar t 2010 45


La Vuelta: een Spaanse droom

Onze indruk is dat ook de renners een dergelijk enthousiast welkom als uitzonderlijk beschouwen. Wij als Service Médicallers genieten er in ieder geval enorm van. Minder de behandelingen die ik tijdens de koers moet uitvoeren, maar La Vuelta 2009, een geweldig wielerevenement, tuigen verwijderen en de vijf teams eerder de startplaatsen, de mensen, zijn klaar voor de start: één motor­ het feest op zich en de enorme drive waar iedere wielerliefhebber zijn bijdrage aan ambulance, twee ambulanceteams, van iedereen om mij heen laten een zou willen leveren. Zo gauw ik wist dat Stichtwee mobilanceteams (met de welonuitwisbare indruk achter. Als amting Service Médical - waar ik als vrijwillige bekende cabriolet dokterswagens) bulanceverpleegkundigen maken we ambulanceverpleegkundige in dienst ben - de en de mobiele polikliniek aan de natuurlijk best het nodige mee in ons finish verzorgen de mobiele medireguliere werk. Maar deze kick voor etappes op Nederlands grondgebied ging besche bewaking. de geest gun ik iedere hulpverlener. schermen, schreef ik me hoopvol in. Verheugd Een gigantische toestroom van toeVlak voor de karavaan naar het buiwas ik dan ook toen ik de uitnodiging kreeg om schouwers vult die eerste ochtend tenland vertrekt en wij de renners deel uit te maken van het circus La Vuelta. Het de straten van Assen. Bij de start is en volgers met wie wij vier dagen werd een onvergetelijke ervaring. het wringen en wij wurmen ons er lang als familie hebben vertoefd, doorheen. uitzwaaien, meldt zich de rondediSteeds meer krijg ik het besef van recteur Javier Guillen via de rondede magnitude van dit evenement. Ik radio met een speciaal woord naar heb al een aantal wielerwedstrijden onze vrijwilligers: hij bedankt ons meegemaakt, waaronder ook grote, ruimhartig en zegt met zuidelijke maar zoveel publiek langs de kant is charme: “Muchas gracias y adiós.” ongelofelijk. Deze Vuelta slaat alles. En ik prevel in mezelf: ‘Ik hoop niet Van hooibalen op de akkers zijn voor lang.’ grote poppen gemaakt, toeschouwers zijn verkleed in de kleuren van Bijschrift bij de foto: Ambulancede Spaanse vlag (alsof het carnaval verpleegkundige Pieter van Gool is) en spreuken en teksten steken achterop de motorambulance van de renners een hart onder de riem. Service Médical. Op 29 augustus is er - voorafgaand aan de proloog - een toertocht over het wedstrijdparcours. De toertocht wordt door Service Médical, bij wijze van uitzondering, met vier motoren begeleid. Bij een doorsnee wielerevenement is één motorambulance genoeg, maar voor deze 10.000 deelnemers, werd gekozen voor extra mobiele zorginzet. Achterop elke motor zat een ambulanceverpleegkundige, waarvan ik er een mocht zijn. Tijdens de rit hield de toerorganisatie ons constant op de hoogte van valpartijen of blessures. Het meest noemenswaardig waren enkele valpartijen die resulteerden in gebroken sleutelbenen. Een dag later merk ik bij het ontbijt al een gezonde spanning bij de meeste vrijwilligers van Service Médical. Eigenlijk is iedereen opgetogen. Hoewel het team bestaat uit professionals met veel ervaring in grote en kleine koersen, is een evenement van dit kaliber voor ons allemaal iets nieuws. Nog even de laatste modderspatten van de voer-

46 Vakblad V&VN Ambulancezorg, nummer 1, maar t 2010

De RAV van de GGD Zuid Limburg, afdeling Ambulancezorg, zoekt per omgaande kandidaten voor de functie van

locatiemanager voor de locatie Maastricht. Voor nadere informatie omtrent de vacature kunt u terecht op www.ggdzuidlimburg.nl. Reactie termijn tot 25 maart 2010.


Defibrillator Monitor Systems

flexibel3 - wanneer het erop aan komt! De

is deelbaar in:

Monitor-Unit Patiëntbox Defibrillator/pacer-unit De veilige, draadloze verbinding stelt de componenten in staat met elkaar te communiceren alsof ze vast met elkaar verbonden zijn. Actuele informatie over de kunt u vinden op: www.corpuls.nl

Corpuls® Nederland BV Chr.Huygensweg 25a 3225 LD Hellevoetsluis Tel. +31 (0)181 - 390 963

Fax +31 (0)181 - 390 970 E-mail: info@corpuls.nl www.corpuls.nl

Lid van: Corpuls® Belgium BVBA/SPRL Fax +32 (0)2 - 757 69 07 Rue Colonel Bourg 127-129 E-mail: info@corpuls.be 1140 Brussel www.corpuls.be Vakblad V&VN Ambulancezorg, nummer 1, maar t 2010 47 Tel. +32 (0)2 - 757 69 05


I N T R O D U C I N G

Verhoog de kans op een goede afloop voor de patiënt en verbeter uw werkzaamheden. LUCAS is een apparaat dat is ontwikkeld om automatisch, ononderbroken thoraxcompressies te geven om zo de vitale zuurstofvoorziening naar het brein te verkrijgen en te behouden en om het hart te ‘primen’ voor een succesvolle shock. LUCAS is licht in gewicht en zeer eenvoudig in gebruik waardoor CPR interrupties worden geminimaliseerd. LUCAS is onvermoeibaar in het leveren van compressies volgens de standaarden van de AHA en ERC en geeft professionals ruimte om andere kritische handelingen uit te voeren. Beschikbaar in twee versies: een perslucht aangedreven en de nieuwe-batterijaangedreven versie. Voor meer informatie, kijk op de website www.checkouthefuture.com. ©2009 Physio-Control, Inc. All rights reserved.

LUCAS. CPR Evolved

48 Vakblad V&VN Ambulancezorg, nummer 1, maar t 2010

BENELUX, Medtronic Physio-Control Valkenhuizerlaan 16a, 6466 ND Kerkrade, Nederland tel: +31 (0)45 5668350 fax: +31 (0)45 5668351


Vakblad Ambulancezorg maart 2010  

vakblad ambulancezorg maart 2010

Advertisement
Read more
Read more
Similar to
Popular now
Just for you