Page 1


1r Een Pelgerimsche Reijse nae de H Stadt JerĂźsalem, Die gedaen heeft den E Jacob dircksen bockenbergh vander gou in holland Die alt Voornaemste soo op den wegh Als oock int H Lande, Claerlijck beschreven Ende fijguijerlijck in desen afghebeeldt soo het tegens woordich staet ende te sijen is Nach een pelgrimsche rise die gedaen heeft den E heer Jeronimus Scheijdt van erffort int jaer 1615 van Jerusalem naede Jordan ende voorts nae Sodoma ende gomora en vederom door egijpten nae Jerusalem

Een pelgrimage naar de heilige stad Jeruzalem die de eerwaarde Jacob Dircksen Bockenbergh van Gouda in Holland gemaakt heeft. Die al het voornaamste zowel onderweg als ook in het heilige land duidelijk beschreven en aanschouwelijk hierin heeft afgebeeld, zoals het er tegenwoordig staat en te zien is. Eveneens een pelgrimage die de eerwaarde heer Jeronimus Scheidt van Erfort gemaakt heeft in het jaar 1615 van Jeruzalem naar de Jordaan en verder naar Sodom en Gomorra en terug door Egypte naar Jeruzalem.


1v Approbatie Dit tegenswoordige boock geintituleert een pelgrimse Reijse soo is dat ick het gevisiteert hebbe ende betuigen gants niet dat het Catelicke geloove ijets roert ofte tegen ijs Maer goet vinde gedruck te vorden actijm Den 9 september anno 1619 egbartus Spitholdus Licentiaet Conunck ende pleuaen tot Antwerpen Ouer geschreven den 13 augustus anno 1654 Door Cornelis Egbertsz onck

Goedkeuring Dit huidige boek, getiteld een pelgrimage, is zoals ik het onderzocht heb en verklaard in het geheel niet dat het Katholieke geloof iets raakt of er tegen is, maar dat het goed vindt dat het wordt gedrukt. Waarvan akte, de 9e september in het jaar 1619, door Egbertus Spitholdus licentiaat, kanunnik en pastoor te Antwerpen. Overgeschreven de 13e augustus in het jaar 1651 door Cornelis Egberts Onck.


2r Dit Clijn tonnel Offer ick op aen alle Godtrrchtighe ende devote herten die haer Cruijs ootmoedelick op Nemen ende Wandelde de Wegen die onse Salichmacker Jusu Christi ons voor gewan deldt heeft op dat wij hijer namaels moghen Worden Kinderen des eeuwige Leeven Het is Waerachticht beminde Leeser als datter twee gebroeders, ghenaemt de bockenberghen gebooren ter gouden in hollant, desen sijn van jongh op seer iuerich geweest, omte besoecken het H1 Lant van beloften als oock de H stat Jerusalem ende Soo voors al de H pla sen die de Heeren Jesus Christus onsen Salichmacker Lichamelicke gewandelt Ende groote mieraculen, gedaen heeft Ende de blijnde doen sijen de melaese gereinigh Ende veel groote wonderteeckenen mer, alsoo de H Schrift hijer vol af is van gelicken het volck vermant, geleert ende bekert tot boeten en penetensie, ende ten Laesten Smacken den bitteren, doot aende stanme Des Cruise, niet om sijn sonden ofte Mijts daets, dan alleenlijcke vijt Liende Om te verlossen het Menselicke geslacht die in haer sonden Doot ende versmoort Waren Niet dat wij dese beswaerelicke reij

1

[H] in de marge

Dit klein toneel draag ik op aan alle godvruchtige en devote harten die hun kruis nederig aanvaarden en de wegen bewandelen die onze zaligmaker Jezus Christus ons voorgegaan is, opdat wij in het hiernamaals kinderen van het eeuwige leven mogen worden. Het is waar, beminde lezer, dat er twee gebroeders, genaamd de Bockenberghen, geboren zijn te Gouda in Holland. Zij waren van jongs af zeer vurig geweest om het beloofde land en ook de stad Jeruzalem te bezoeken en dan verder al de heilige plaatsen die de heer Jezus Christus, onze zaligmaker in levenden lijve bewandeld heeft en waar hij grote wonderen verricht heeft. Hij heeft de blinde ziende gemaakt, de lepralijder gereinigd en veel grote wonderen meer. Zoals de heilige schrift hiervan vol staat met overeenkomstige zaken, het volk vermaant, onderwijst en aanzet tot boetedoening en berouw om ten slotte de bittere dood te ondervinden aan het kruishout, niet om zijn zonden of misdaden, dan uitsluitend uit liefde om het menselijk geslacht te verlossen, dat in zijn zonden dood en verstikt was. Niet dat wij deze moeilijke reis


2v Se Aengenomen hebben met een Licht veerdicheijt noch oock om eenichtidelick goet daer Met te gewinnen, alsoo hedendaghs, Godtbetert Veel doen, die meer nae Jerusalem, of Nae Roomen, reisen om haer geuin, dan om haer Deuotie, doch aen dusdanige en Moeten wij ons Nijet Eijgeren noch nae sijen, ende moeten altijt in ons goetvoornemen, voors gaen, ende Wandelen de Wegen der gerechtigheijt, die ons den Heeren Christus voorghewandelt heef Ende, dat voor, soo veel as mogelick, sal zijn Sal te doen ende Soo wie het aerdich Jerusalem, devotelick besocht, sal hebben, desen Sullen hier Naemaels het hemelsche Jerusalem inder Eewicheit besijtten Amen een gebet twelck men behoort te spreecken als men een Reij sen neemt Mijn emanuwel Mijn Godt ghij die zijt het Leeuen, ende, den Wech der Waerheijt die de Kinderen van Israel uijt egiptelant door de Roode Zee, geleijt, ende gebracht hebt, om te mogen Comen, ijn het belofte Lant Door de wonderlicke ende onbecende weegen ende Des nachts, uerlicht hebt met eenen vierighen Pile, Ende des dachs met de Klaerheijt Der Sonnen, van gheliken des hijlighe wijsen uijt orentien geleijdt ende gheweiset hebt door de Leijdtsterren tot betlehem Juda ende wederom ijn haer Lant Sonder enigh

lichtvaardig hebben aangevangen en ook niet om aardse goederen daarmee te verwerven, zoals heden ten dage, God betere het, velen doen die eerder naar Jeruzalem of naar Rome reizen vanwege hun gewin dan vanwege hun devotie. Doch, aan dezulken moeten wij ons noch ergeren noch hen er op aankijken en wij moeten altijd in ons goede voornemen verder gaan en de weg van de gerechtigheid bewandelen waarop Christus de heer ons is voorgegaan. Dat voor zo ver als dat mogelijk is te zijn en te doen en dus zal wie het aardse Jeruzalem met devotie bezocht zal hebben in het hiernamaals het hemelse Jeruzalem in de eeuwigheid bezitten. Amen. Een gebed dat men behoort uit te spreken als men een reis onderneemt. Mijn Immanuel, mijn God, gij die sijt het leven en de weg van de waarheid, die de kinderen van Israel uit het land van Egypte door de Rode Zee hebt geleid en gebracht om in het beloofde land te mogen komen, door wonderlijke en onbekende wegen, ’s nachts verlicht hebt met een pijl van vuur en overdag met de glans van de zon, gelijk gij ook de heilige wijzen uit het oosten geleid en gewezen hebt met de loods ster tot aan Bethlehem Juda en terug in hun land zonder enig


3r Perickel Soo Bijdde ick u O hemelsche Vader Seer ootmoedelick Dat ghij Ghij Mijn Leijtsman Blijft wesen op desen Mijnen voornoemde Reijse, om die te volbrengen ijn vwen H Naem, dat mijn wijl vergunnen, de goeden ende almachtighen godt die daer Leeft ende regeeren van nu, aen tot, inder Euwicheijt Amen het beginsel van desen minen Reisen nae het beloofde Landt ende de heilige stadt Jerusalem Ende dat van de eenen stadt in de ander, mitsgaders de milen van die Vander goude ben ick gereist op gorinchem 5 Mijlen twelck is van gorinchem op den Bosch 4 ,, van den bosch op weert 3 ,, van weert op Ruremunden 3 ,, van Ruremunde op Coellen 10 ,, van Coelen op bon 5 ,, van bon op andernacht 3 ,, van andernacht op Coeuelens 3 ,, van Coeuelens op bobbert 3 ,, van bobbert tot sangeweer 2 ,, van Sangeweer tot ouervesel 1 ,, van ouervesel tot bacharach 1 ,, van bacharach tot bingen 4 ,, van bingen tot werstadt 3 ,, van werstadt tot worms 4 ,,

Gevaar. Zo bid ik u, o hemelse vader, zeer nederig, dat gij mijn leidsman blijft zijn op deze voornoemde reis van mij, om die te volbrengen in uw heilige naam dat mij wil gunnen, de goede en almachtige God die daar leeft en regeert van nu tot in de eeuwigheid. Amen. De aanvang (of: het eerste gedeelte) van deze reis van mij naar het beloofde land en de heilige stad Jeruzalem van de ene stad naar de andere tezamen met de mijlen. Van Gouda ben ik naar Gorinchem gereisd hetwelk is 5 mijl. Van Gorinchem tot Den Bosch 4 mijl Van Den Bosch tot Weert 3 mijl Van Weert tot Roermond 3 mijl Van Roermond tot Keulen 10 mijl Van Keulen tot Bonn 5 mijl Van Bonn tot Andernach 3 mijl Van Andernach tot Koblenz 3 mijl Van Koblenz tot Boppard 3 mijl Van Boppard tot Sankt Goar 2 mijl Van Sankt Goar tot Oberwesel 1 mijl Van Oberwesel tot Bacharach 1 mijl Van Bacharach tot Bingen 4 mijl Van Bingen tot Wรถrstadt 3 mijl Van Wรถrstadt tot Worms 4 mijl


3v Van worms tot spier Van spier tot op de Reijn Van op de reijn tot briesel in swaben Van briesel tot bretten Van bretten centelingen Van centelingen tot molbron Van molbron tot litsnigen Van Lijtsnigen tot feijnge Van fijnge tot sneuerddngel Van sneuerdijngel tot constadt Van Constadt tot esselingen Van Esselingen tot gippinghen Van Gijppelinghen tot vlms Van Vlms tot echgem Van echgen tot mommingen Van Momminghen tot Cempen Van cempen tot nestelbalck Van Nestelbalck tot fils Van fijls tot atterwangen tot leermus Van Leermus vernaertberch Van vernaertberch tot naesereth van Naesereth tot inspronck

6 1 2 1 1 1 1 2 2 3 1 1 3 3 3 4 2 2 2 1 1 1

,, ,, ,, ,, ,, ,, ,, ,, ,, ,, ,, ,, ,, ,, ,, ,, ,, ,, ,, ,, ,, ,,

Van Van Van Van Van Van Van Van Van Van Van Van Van Van Van Van Van Van Van Van Van Van

Worms tot Spiers Spiers tot op de Rijn op de Rijn tot Bruchsal in Zwaben Bruchsal tot Bretten Bretten tot Knittlingen Knittlingen tot Maulbron Maulbron tot Illingen Illingen tot Fijnge Fijnge tot Schwieberdingen Sveverdingel tot Bad Canstatt Bad Canstatt tot Esslingen Esslingen tot Göppingen Göppingen tot Ulm Ulm tot Echeim Echeim tot Memmingen Memmingen tot Kempten Kempten tot Nesselwang Nesselwang tot Vils Vils tot Heiterwang tot Lermoos Lermoos tot Vernaertberch Vernaertberch tot Nassereith Nassereith tot Innsbrück

6 1 2 1 1 1 1 2 2 3 1 1 3 3 3 4 2 2 2 1 1 1

mijl mijl mijl mijl mijl mijl mijl mijl mijl mijl mijl mijl mijl mijl mijl mijl mijl mijl mijl mijl mijl mijl


4r van inpronck tot Matre 8 ,, van Matera tot stiersien 3 ,, van stiersien tot brixcin 4 ,, Van brixcijn tot boeten 4 ,, Van boeten op trenten 6 ,, Van trenten op lonwije10 itaeliaens mijl Van Lonwije op grim 18 ,, Van grim op basten 21 ,, Van basten op Castelfrance 10 ,, van Castelfranco tot mesters 10 ,, Van Mesters tot venitianen 7 en halt u De Leeser Sal zijn, dat Vijer Italiaense mijlen is een duis Duiste mijle de twee een hollantsche mijle is Wij soo gecoomen tot venetije Den 16 junij anno 1565 inde Morgenstont ende hebben Godt gelooft van Onse wel ouer Comste

Van Van Van Van Van Van Van Van Van Van Van

Innsbrück tot Matrei am Brenner 8 Matrei am Brenner tot Sterzing 3 Sterzing tot Brixen 4 Brixen tot Bozen 4 Bozen tot Trento 6 Trento tot Levico 10 Italiaanse Levico tot Grigno 18 Grigno tot Bassano del Grappa 21 Bassano tot Castelfranco Veneto 10 Castelfranco Veneto tot Mestre 10 Mestre tot Venetië 7,5

mijl mijl mijl mijl mijl mijl mijl mijl mijl mijl mijl

De lezer zal zien dat vier Italiaanse een Duitse mijl is en twee Duitse mijl een Hollandse. Aldus zijn wij in de ochtend van 16 juni 1565 in Venetië aangekomen en hebben God geloofd voor onze goede overkomst


4v Een Corte beschrivinghe van de Coopstadt Venetie Venetie is Een Reijcke ende machtige Coopstadt ende is ghefondeert inde zee Ende ghesticht int iaer Jesu Cristi 1421 groot sijnde int ronde acht italia ensche Mijle ende leijt vijf mijlen van het Vastelant rontsom, dese stadt Leggen veel eijlandekens die Meestal Bevoont worden van gestelijcke per soone Soo, mans en vrouven uijt gesonde het eijlant Muraen ghenaemt daer wonen al de genen die het Costelick Cristael Glaes blasen oft macken, ….2. stadt zijn oock groote menichten van wateren, ende, brugen doende groote Coophandel ouer de gansche Werrelt inde tijdeen van oorloge kan desen stadt opbrengen, in twee dagen tijdts Ses hondert toegherusten galeijen, soo van volck ende Oorloogs ghereetschap daertoe Dienen oock hebben wij gesijen het groot aerisnael ofte Rusthuijs daer veel Duijsende mans ende vrouwen werckende Zijn, die anders niet en doen door het gansche iaer dan macken gereetschap van oorlooge, soo te water als te lant dienende desen stadt kan op brengen in twee dagen tids met haren banijeren van oorlooghs volck, twee hondert

2

[xxx] onleesbaar

Een korte beschrijving van de handelsstad Venetië. Venetië is een rijke en machtige handelsstad met fundamenten in zee en is gesticht in het jaar des Heren 1421. Zij heeft een omtrek van acht Italiaanse mijl en ligt vijf mijl van het vasteland. Rondom deze stad liggen veel eilandjes, die vaak bewoond worden door geestelijken, zowel mannen als vrouwen, met uitzondering van het eiland dat Murano heet: daar wonen al diegenen die het kostbare kristalglas blazen of maken. In deze stad zijn ook een zeer groot aantal wateren en bruggen en zij drijft heel veel handel in de ganse wereld. In tijd van oorlog kan deze stad in twee dagen tijd met zeshonderd galeien voor de dag komen, geheel uitgerust zowel met bemanning als oorlogstuig erbij. Ook hebben wij het grote arsenaal of rusthuis gezien, waar vele duizenden mannen en vrouwen werken, die het ganse jaar lang niets anders doen dan oorlogstuig maken, geschikt voor zowel te land als te water. Deze stad kan in twee dagen tijd met hun vaandels en soldaten voor de dag komen met tweehonderd


5r Duisent Weerbare mannen, met de uijtrustinghe van dien in Venetia is noch te sien het Groot Caneel, twelck Lanck is duijsen driehondert passen ofte voeten stappen, ende is breet veertich passen van gelijcken kostelijcke verfijent van beijde seijden met Schoonen pelijsen ofte huijse alle uijtenderhantghemackt ende men, Can van daer te voet niet kommen dan alleen ouer een Costelicke bruggen desen Leijt bij Realto, dese ghelijken en vintmen in gants Cristnrick nijet Ende is gema cke van wijtte arduijn steen, ende desen brugge en heeft maer een boogh ende is Soo breet als de breete van het Caneel op desen booghe, staen twalef seer schoonen huijsen uijtterhant, opgebout met blaue arduijn steen op het mijdden van desen bruggen staet een Weliscus ofte piramide ende booge ieeft drie pasagien met trappen. Cierelick gemaeckt, ende aen wedersijden versien met pelaren onder desen bruggen roeijt een Grote oorlooghs galijie met haer vollen Riemen, door sonder Enech belet, ende noch zijn in dese verschreuen stadt seer veel Costelicke edifitien ofte gestechten het welcke mijn te Lanck vallen, souden alles te verhalen ende wijl mijn vervoegen om te beschriuen de seer deuote ende Costelicke prosesse, diemen allee jaers hout op Heijlige Sackeramensdagh ende dat in soo goede order als volcht ende hebben alsoo naer en soo klaer beschreven alst mijn mogelick is geweest

duizend weerbare mannen met de passende uitrusting. In VenetiĂŤ is ook te zien het grote kanaal dat duizend driehonderd passen of schreden lang is en veertig gelijke passen breed. Met pracht en praal verfijnd aan beide zijden met mooie paleizen of huizen, alle met de hand gemaakt en men kan daar slechts te voet komen over een kostbare brug, die ligt bij Rialto en men vindt zijns gelijke niet in het ganse Christenrijk. Hij is gemaakt van witte arduinsteen en deze brug heeft maar een boog die even breed is als het kanaal. Op deze boog staan twaalf zeer mooie huizen, met de hand opgetrokken uit blauwe arduinsteen; op het midden van deze brug staat een obelisk of piramide en de boog heeft drie passages met trappen. Sierlijk gemaakt en aan weerskanten voorzien van pilaren; onder deze brug door roeit een grote oorlogsgalei vol in de riemen zonder enige hinder. Bovendien zijn in deze voornoemde stad zeer veel kostbare bouwwerken of gebouwen die het mij te lang zou vallen om erover te vertellen, omdat ik mij hierbij verbind om de zeer devote en kostbare processie te beschrijven die men elk jaar op de heilige Sacramentsdag houdt en wel in zeer goede orde. Zoals hier volgt heb ik het zo nauwkeurig en duidelijk beschreven als het mij mogelijk is geweest.


5v de groote Processie die men alle jaers hout op H Sacramensdach tot Venetie Ten Eersen des Morgens omtrent ses uren Soo comt den hertogh van Venesen met allen Sijn Senatoren, edelen ende voors allee de Seigneurie van Venetien met grooter manif fecentie uijt des hertoogs palijs, haren ganck Nemende nae de gulde kercke genaemt S. Macus staende dicht bij des hertoghs hoof ofte palijs daer in Comende gaen terston Naer het hooghe toor daer het ghestoelte ende andere sijtplaesen op het kostelijcke toegrust Ende behangen zijn, met Seer Constijlicke toegerustelicke3 tappiten, gulde lackenen ende Neffens den hertoogh sitten de treffelicke personagen van der stadt allee wesende op het Costelijckste gekleet, int, midden van den hoghen thoor, staen allee bancken in seer goeden orden, ende met fluweel behangen, daer op soo sijtten alle de senatoren, ende voors allee ande re heeren des hertochs, den patriarck, van ven etija, die sijngt de hooge misse bij hem hebbende veel bisschoppen, prilaten amten ende ande ghestelicke persoonen, die heman het hoogh outaer dienen met groter eerbiedinghe, onder Andere sijet men daer een groten carbonckel steen, die men seijt, soo kostelijcke te zijn dat de waerde van dien, niet te waerderen enijs de hoogh misse nu met groter herrelickheijt gecelebreert zijnde soo gaet de prosessie indeser voegen met seer goede ordre als hijer nae volght ten

3

[toegerustelicke] doorgestreept

De grote processie die men elk jaar op de heilige Sacramentsdag te Venetië houdt. Eerst komt ’s morgens om zes uur de hertog van Venetië met al zijn senatoren, edelen en voorts de hele seigneurie van Venetië met grote pracht uit het paleis van de hertog. Zij gaan naar de gouden kerk die San Marco heet en dicht bij het hof oftewel het paleis van de hertog staat. Binnen gekomen gaan zij terstond naar het hoge koor waar de stoelen en andere zitplaatsen kostbaar uitgerust en bekleed zijn met zeer kostbare tapijten en lakenstoffen met gouddraad. Naast de hertog zitten de hoge heren van de stad, die alle op hun kostbaarst gekleed zijn. In het midden van het hoge koor staan alle banken in zeer goede orde en met fluweel bekleed. Daarop zitten alle senatoren en voorts alle andere heren van de hertog. De patriarch van Venetië zingt de hoogmis en bij hem zijn veel bisschoppen, prelaten, beambten en andere geestelijke personen die hem op het hoog altaar dienen met grote eerbied. Onder andere ziet men daar een grote karbonkel, een edelsteen, waarvan men zegt dat hij zo kostbaar is, dat de waarde ervan niet te schatten is. Als nu de hoogmis met grote luister opgedragen is dan gaat de processie zich voegen in zeer goede orde zoals hierna volgt


6r De Groote processie ten Eersten Alle het Volck dat indese voor sijede kercke is soo ijs het thoor als daer buijten blijuende Alse vanden stiel op harenplasen sijtten sonder eenighe op loop, ofte enich gherucht te macken tertijt toe, dat die prossie in Goede ordere komt ter Vesterduren in ende soo voors passerende door de kerck tot voor het hooge Autaer ende daer komende vallen ghelicker hant op haer knien met grooter deuotie voor het H Sacharament, weder om op staende Weder haren Ganck ter kercke vijt Met grote ordere Ghelijck Sij daer in Gecomen zijn Nae de plaes van S Marcus welcke plaes Ront om beset is met toersen ende kostelijcke Caerse van fijn Maechde was, alle Brandende De processie ijs gegaen ijn deser manieren ten eersten, soo isser Gheweest een grote menichte van volcks gekleet ijn wijtte Saije, tot der aerde toe op haren rocken stonden Grote roode Cruijsen het welcke Waren Allee de gille broeders van venetia ende elck van desen Gilde, waren verscheide niet van haren habiten, maer het onderschijt Was van verschide kluren van de kaersen die Si in haer handen al brandende droeghen Naede gilde broeders quamen een grooten menichte van kinderen, ghekleet op de maenieren van engelen hebbende in haer handen enige mistiereren van gelicken hebbende een menichten van Roosen

De grote processie Als eerste al het volk dat in deze voornoemde kerk is, zowel binnen als buiten het koor, blijven de mensen stil per beroep op hun plaats zitten zonder enig rumoer of gerucht te maken tot de tijd dat de processie in goede orde komt bij de west deuren en zo voorts gaan zij door de kerk tot voor het hoge altaar om daar allemaal tegelijk te knielen met een grote devotie voor het heilig sacrament. Daarna staan zij op en hernemen zeer ordelijk hun loop de kerk uit, zoals zij binnengekomen zijn, naar het San Marco plein dat rondom voorzien is van toortsen en kostbare kaarsen van fijne ongerepte was, die alle branden. Is de processie uitgegaan op deze wijze ten eerste, dan is er een grote menigte mensen, gekleed in witte kamwol tot op de grond. Op hun rokken staan grote rode kruizen, zij allen zijn gildebroeders van VenetiĂŤ en elk van deze gilden verschillen niet in hun habijt, maar het onderscheid zit in de verschillend gekleurde kaarsen die zij al brandend in hun handen dragen. Na de gildebroeders komt een grote menigte kinderen, gekleed op de wijze van engelen en zij hebben in hun handen enige identieke schalen met een grote hoeveelheid rozen


6v Van Venetien Bladen in vaten die sij stroiden onder het volck enighe droegen oock sijllerde Kandelaers met brandende kaersen, daerbij Wesende Cierelick ende Costelick toe gemackt Ende hebbende bij haer een Costelicke Maeniere oock volgende haer veel sangers scharmaije trompetters harpen luijten ende fluiten alle ackorderende makende Een alsulcken Meledie als men hooren Nae desen volghende noch twee gulde broeders wesende seer costelick ghecleet hebbende in haren handen graue brandende kaer sen van wit machde wassche de derde gilde broeders droeghen in haren handen graue brandende kaersen van fijn machden vas die vierde gilde broeders droegen in haer handen gheclurde brandende caersen van fijn machde was de 5 ende lesten gilde broeders droegen in haren handen swarten Caersen van Maechden wassche ende Allee de Vschreuen gilden gingen elck omt Costelick ende Cierelickste toe ghemackt mennen datse sterck intgetal waren ontrent twintich duijsent persoonen, want haer Vool gende duijerenden meer dan 3 uren Lanck Achter desen Verschreuen gilden voldegen seer veel jongelingen mede toe gemackt op het Costelickste waer onder veel persoo nasie waeren, die uijt beldende ghehoorsaen heijt van abraham deur het ghebodt Godts bereijt heeft sijnen eenigen soonen Isack op te offeren ende vooraen gaende dragende Seuen bondel houts op sijnen schouderen desen Isack vas was een schoon jongelinck enden Neffens hem worden ghelidt eenen bocken nae desen volchden een treffelicken persoon van aen sien, dien presenterden de persoonen van Abraham hebbende een blodt Swaert in sijn hant alslanden Sijnen ooghen ten hemel op heffende

Van VenetiĂŤ blaadjes, die zij strooien onder het volk. Sommigen dragen ook zilveren kandelaars met brandende kaarsen en zijn daarbij bevallig en kostbaar uitgedost en hebben een voorname wijze van doen. Zij worden gevolgd door veel zangers, schalmeispelers, trompettisten, harpisten, luitisten en fluitisten die op elkaar afgestemd een melodie ten gehore brengen. Hierna volgen nog de tweede gildebroeders, die zeer kostbaar gekleed zijn en zij hebben in hun handen plechtig brandende kaarsen van witte ongerepte was, de derde gildebroeders dragen in hun handen plechtig brandende kaarsen van fijne ongerepte was, de vierde gildebroeders dragen in hun handen gekleurde brandende kaarsen van fijne ongerepte was en de vijfde en laatste gildebroeders dragen in hun handen zwarte kaarsen van ongerepte was en alle voornoemde gilden gaan elk om het kostbaarst en sierlijkst uitgedost. Het leidt ertoe dat zij sterk in aantal zijn, omtrent twintig duizend personen, want hen volgen duurt meer dan drie uur lang. Na deze voornoemde gilden volgen zeer veel jongelingen ook op hun kostbaarst uitgedost, waaronder veel personen zijn die de gehoorzaamheid van Abraham verbeelden, die bereid was naar het gebod van God zijn enige zoon Izaak op te offeren. Zij gaan voorop en dragen zeven bundels hout op hun schouders en deze Izaak is een mooie jongeling en naast hem loopt een bok mee. Daarna volgt een respectabel persoon van aanzien die de persoon van Abraham voorstelt die met een ontbloot zwaard in zijn hand zijn ogen ten hemel slaat


7r De Groote Processie Nae hem volghte den Priester Melchcsisedech dragend broodt ende Wijn het welcke hij Abraham Presenteren Als wesende een fijguere van het heijlijch Sacrament Hijer nae volghde Josua met Caleph draghen de op haren schouderen enen stock, daer aenhanghende wijndruiven tot een tecken van vruchtbaerheijdt, des Glans van beloften hijer naer volghdende Moses hebbende eend Claeringhe in sijnen hant daer nae quamdie Justieseja wesende Eene seer schoonen Macht seer Costelicke Ghecleedt hebbende in haer Rechter hant een Swaert ende inde Slincker hant een belantse uijt beeldende de recht vaerdicheijt van Justiecieia om voor te staen den Rechtwaerdighen, Sonder enich aensijen van persoon, nae de ijustitia, volchden den broeders Gelick zijnde religiusen den derden order van S franssuscus haer habijten graue Mantels totter aerden toe, wesende blods hoofs een eijder droch op haer Schouderen Een wijtte Cappruin ende elck oock een Caerse in haer hant ende voor haer Gingen jongskens hebbende kandelaers Ende Cruisen seer Costelicken gesiert ende twaeren in het getal ontrent Dertich, Voorts Volcht de reste indesen Manieren Eerstelicke twe Canters hebbende Seer Costelicke thoor Cappen, daer nae de dijaconnen ende Subdiakennen ende daer daer nae de Priesters op de manieren of sij De Misse hadden wijllen Gaen Sijnghen bij haer hebben Seer

De grote processie Na hem volgt de priester Melchizedeck, die brood en wijn draagt, die hij Abraham aanbiedt als een zinnebeeld van het heilig sacrament. Hierna volgen Jozua en Caleph, die op hun schouders een stok dragen waaraan druiven hangen als teken van vruchtbaarheid, de glans van de belofte. Hierna volgt Mozes met een vonnis in zijn hand. Daarna komt Justitia, die een zeer schone maagd is en zeer kostbaar gekleed. Zij heeft in haar rechterhand een zwaard en in de linkerhand een weegschaal, die de rechtvaardigheid verbeeldt van Justitia bij het toepassen van het recht, zonder aanzien des persoons. Na Justitia volgen de broeders die monniken zijn van de derde orde van St. Franciscus met hun habijt, een grijze mantel tot op de grond en blootshoofds; iedereen draagt op de schouder een witte kaproen en iedereen heeft ook een kaars in de hand. Voor hen uit gaan jongens die kandelaars en kruizen hebben, die kostbaar versierd zijn en zij zijn met omtrent dertig in getal. Dan volgt de rest op deze manier: ten eerste twee voorzangers die zeer kostbare koorkappen hebben en daarna de diakenen en subdiakenen en daarna de priesters op een manier of zij de mis hadden willen gaan zingen en zij hebben bij zich een zeer


7v Van venetien Groote schadt van Costelicke ernamenten Ende kerck Ghevaet ende met desen gingen een Groot ghetal van Moncken ende waeren oock seer Costelick toeghemackt Met ornementen ende kerckgheuaet als de Voorgaende hier naer volchden de S benedickti Order ende waeren int ghetal van vijer en vift persoonen nae desen volchden onsen lieue Vrouwen broeders wesende in het ghetal van vijer en vijftich persoonen voor haer gingen veel jonghen broederkens Seer Costelick toe gherust met goudt ende Siluer dragende in haeren handen lamppetten ende beckens Daer laegen roosen blaeden die Sij wederom in de Cercken kommende stroiden hiernae volghden den augustinendie alle de voorgaende passerden in Costelickheijdt Soo in haren Cappen als andere Cieraet gebordurt met fijn Goudt ende perrelen, bi haer hebben veel jongeskens die oock kostelick toe Gerest waeren Soo van fijn Goudt Als Sijluer Desen hadden vaten daer sij Roosen water in hadden onder allee desen Wasser eene, die droech een seer Costeli Caerse daer was in het midden Gemackt een Springende fantinken Ende dese waeren sterck in het getael Drieen Sestich persoonen hier nae volchden de minnebroeders die van gelicke toegemae Ende desen waeren in Groter menichten Ende quamen den augustinen seer nae bij in allee Costelijckheijt ende desen hadden bij haer twintich jonghe broederkens van ghelicken Costelicke toegemackt met gestelicken ornomenten allee desen droogen cruijsen met

Van VenetiĂŤ grote schat van kostbare ornamenten en liturgische gewaden en met hen gaan een groot aantal monniken die ook zeer kostbaar waren toegerust met ornamenten en liturgische gewaden, net als zij die voorgingen. Hierna volgt de orde van St. Benedictus en die zijn met vier en vijftig personen in getal. Hierna volgen de broeders van Onze Lieve Vrouwe, vier en vijftig personen in getal en voor hen uit gaan veel jonge broeders, zeer kostbaar uitgerust met goud en zilver en zij dragen in hun handen lampetten en bekkens, waarin rozenblaadjes liggen die zij rondstrooien bij het terugkomen in de kerk. Hierna volgen de Augustijnen die al het voorgaande achter zich laten in kostbaarheid, zowel in hun kappen als andere sieraden, geborduurd met gouddraad en parels. Zij hebben jongens bij zich die ook kostbaar uitgerust zijn met goud en zilver. Zij hebben vaten met daarin rozenwater. Onder al deze is er een die een zeer kostbare kaars draagt. In het midden is een springende fontein. Zij zijn met drie en zestig personen sterk in getal. Hierna volgen de minderbroeders die gelijk gekleed zijn en zij zijn met een grote menigte, doen nauwelijks onder voor de Augustijnen in kostbaarheden en zij hebben bij zich twintig jonge broeders die ook kostbaar gekleed zijn en uitgerust met geestelijke ornamenten en zij allen dragen kruizen


8r De Groote Processie met Candelaeren met brandende kaersen in haren handen onder haer Waerendender acht die droeghen den berch Alveren op de welcken den Heilighe vaders S Franciscus ontfijnck de littekens der vijf wonden van onsen Salichmakers Jesu Christi daer de Heere Cristis geopenbaerden inde ghedaente van een Ceraphi n met Ses vlogelen hangende aen het hout des Cruise ende daer nae een proper tabbernackel zijnde bedeckt daer melchisedeck voor hem hadden broot ende wijn ende int midden stont eenen kelcke oock soo Worden bij desen ghedragen een nest met jongen pelicanen daer bovenvliegende de ouden piliaen Sijnen borste schuerden daer het bloet uijt vloijde ende besprende de jongen daer met tot een memorie ons Salichmackers Jesu Christi noch wert van haer Ghedraghen Een lammeken ende dat Duijden mede op Christus alsnu desen voor bij waeren Soo quamen noch een Ander Soort van minnebroeders die Genoemt werden abservanten Sonder Cruisen ofte vanen wesende veerticht int Getal hebbende Costelicke Cappen van fijn fluveel ende damast Dragen mede Costelicke ornonnenten Ende gingen seer deuotich hier op ublden De Collegiaten van S Marcus met Onuitsprekelicke Costelickheijt van Reliquien onder deesen wert bij haer om

De grote processie met kandelaars met brandende kaarsen in hun handen. Onder hen zijn er acht die de berg La Verna dragen waarop de heilige vader St. Franciscus de littekens van de vijf wonden heeft ontvangen van onze zaligmaker Jezus Christus, waarbij de Here Christus zich openbaarde in de gedaante van een serafijn met zes vleugels die aan het kruishout hangt. Daarna een gepast tabernakel dat gedekt is, waar Melchizedek brood en wijn voor zich heeft en in het midden staat een kelk. Ook wordt hierbij een nest met jonge pelikanen gedragen waarboven de oude pelikanen vliegen, hun borst open gescheurd, waaruit het bloed vloeit dat de jongen besprenkelt, wat ons doet denken aan onze zaligmaker Jezus Christus. Bovendien wordt door hen een lammetje gedragen, wat ook duidt op Christus. Als nu deze voorbijgetrokken zijn, dan komt nog een ander soort minderbroeders, die observanten worden genoemd zonder kruis of vaan. Zij zijn met veertig in getal en hebben kostbare kappen van fijn fluweel en damast, dragen ook kostbare ornamenten en geven hier zeer devoot hun eerbetoon. Hierop volgen de collegiaten met onzegbare kostbaarheid van relikwieĂŤn en onder deze wordt bij hen


8v Van Venetija Gedragen het schoonstelick van het hilich Cruijs beslooten in een Cruijs van fijn Goudt hier naer volchden den Wereltlicke staten een ider nae Sijn qualitit ofte macht, elck ghecleet Sijnden met Schoon root Schaerlaken als anders Sijns ende elck dragende in haren handen Ende brandende kaerse swaer ende Groot van ghewicht en dit wert in sulcke goede ordere volbracht dat het qualick moghelick is alles te beschriven bij desen volchden noch Ses abten met een Seekeren ghetael van Bijsschoppen sijnde seer Costelicke gecleet hier naer wert ghedraghen het hoogweerdich H Sacrament ende wert ghedragen van 4 priesteren onder een Costelicke hemelt hebbende eenen noncinus van den paus Ende op den slinckerhandt gaet ghemenelick den Ambassaduers des Coninck van hspanien Daer naer volgen alde ambassedurs van ghans Cristen Rijck bij haer hebben de twalef ouderlingen dit in alles gheschiet met grooten magnificentie ende nu volcht voors allee de Seijgneurie van venetia allee dese Sijn ghekleedt met gulde lackenen tabaretten boven de tabbaers met gulden lackenen Mantels blinckende van fijn goudt de reste naer volgende waeren ghecleet met fluwelen de damast oock Soo waeren enigen ghekleet met Schoon roodt Schaerlaken Senatuers gingen de pelgrijms die nae het H lant ende stadt van Jurusalem wijllem reijsen Elck hebben in haer hant een brande kaers

Van Venetië het schoonste van het heilig kruis, opgesloten in een kruis van fijn goud, meegedragen. Hierna volgen de wereldlijke standen, eenieder naar zijn hoedanigheid of macht, elk gekleed in fraai rood scharlaken of iets dergelijks en elk draagt in de hand een kaars die zwaar is en groot van gewicht en dit wordt in zo’n goede orde volbracht dat het nauwelijks mogelijk is alles te beschrijven. Hierbij volgen nog zes abten met een zeker getal van bisschoppen, die zeer kostbaar gekleed zijn. Hierna wordt het Hoogwaardig Heilig Sacrament gedragen en het wordt gedragen door 4 priesters onder een kostbare hemel, er is een nuntius van de Paus en aan de linkerkant loopt gewoonlijk de ambassadeur van de koning van Spanje. Daarna volgen al de ambassadeurs van gans het Christenrijk, die de twaalf ouderlingen bij zich hebben en dit alles geschiedt met grote pracht en praal. En dan volgt voorts de hele seigneurie van Venetië die alle gekleed zijn in goudkleurige stoffen boven de tabbaard, met goudkleurige mantels die blinken van het fijne goud, de rest die volgt zijn gekleed in fluweel, damast en ook zijn enigen gekleed in fraai rood scharlaken. Senatoren, en pelgrims die naar het heilige land en de stad Jeruzalem willen reizen, hebben elk in hun hand een brandende kaars


9r De grote Processie van venetia te Lesten Soo Volghde nu Alle de ghementen Sonder enighe ordere Wesende een Grote menichte int ghetal elck hadden in sijn hant eene brandende was Caers als nu desen herrelicke processie voleijndt was soo versaemde sij wederom in de Gulden kercke van s Marcus om het H Sacrament wederom aldaer te brengen ende dat met Groter deuotie dit nu allee geindicht Sijnde soo nemt de hertogh sijnen ganck met allee Sijn eedeldom ende raet nae Sijn palijs het welcke dicht bij den gulden kercke staet Ende allee de pelgrims volgen de hertog met een Seer groote menichten ende in des hertogen paleijs Sijnde soo Gaet allee het volck elck nae zijn qualetijt staen in Goeden ordere neffens den anderen in eenen Grooten sael daer de speel luijden ende musijck sijngers vander stadt een seer Groote melodie macken ten Lesten Soo komt de hertoogh ende Geeft den pelgrims de handt ende Wijnckt haer een gheluckighe voor Spoedige Reisen nae het H Landt ende stadt Jurusalem ende voors Gaet elck sijns wechs

De grote processie van VenetiĂŤ Als laatste volgen nu de overige mensen die niet tot een orde behoren: een grote menigte in getal en iedereen heeft in zijn hand een brandende waskaars. Als nu deze heerlijke processie ten einde is dan verzamelen zij zich weer in de gouden kerk van St. Marcus om daar het heilig sacrament terug te brengen met zeer grote devotie. Als alles achter de rug is herneemt de hertog zijn loop, met al zijn edelen en zijn raad, naar zijn paleis dat dicht bij de gouden kerk staat. Alle pelgrims volgen de hertog in een zeer grote menigte en in het paleis van de hertog gaat het volk, elk naar zijn hoedanigheid heel ordelijk naast elkaar staan in een grote zaal. Daar brengen de muzikanten en zangers van de stad een zeer grootse melodie voort. Op het laatst komt de hertog, geeft de pelgrims een hand en wenst hen een gelukkige en voorspoedige reis naar het heilige land en de stad Jeruzalem. Daarna gaat elk zijns weegs.


9v Den Reliquien oft heijlichdom dat binnen venetiens te Sijen Ende te Besoeken is ende in wat kercke ende Plasen Inden Gulden ende Wonderbae hert tooghlicke kercke vande glorieusen euangelist S Marcus daer is het selue licham van dien heilighe euangelist Rustende onder den hoogen autaer, te weten in het midden van den hoogen autaer, het welcke waerachticht voor het selue licham ghehouden wort ende het Selfde licham is uijt alcxandrien aldaer Gebracht inde vermaerde coopstadt Venetien van enige, machtighe, Coopluijden Inde Coppellen die teghen ouer deser uoornoem de kercke staet nae het noorden toe is Rustende het lichaem van den groreiussen Martelaer Sijnte Isedorins wesende geb racht uijt het eijlant van Scu in venetie ende allee iaers gaet men daer op den seluen dach met een processie om in de pateriaerchalen kercke dat is S pieter van Castello sijn Rustende in een tombe van marmersteen, de lichamen vandesen Gloore iusen martelaren Sergius ende bachus inde kercke vande heijlijghe proffeet daeniel is rustende het licham van den martelaers S Jan den welcke is hertogh gheweest van alcxandren ende ende wort ghetoent in enen Autaer staende zuijtwaers in de selue kerck in de kercke van S Jan ghenaemt in bragele rust het licham uan S Jan alemoesienier patriaerck van Alcxander het welck vervoert is uijt alexandrien in venetien ende daer wert vertoont in enen autaer staende nae het Zuijden buijten den hooge thoor in de kercke van S antoijus Rust het lichaem van S saba abdt ghebracht uijt de stadt genaemt aecre

De relikwieën of ‘t heiligdom dat in Venetië te zien en te bezoeken is, in welke kerken en op welke plaatsen. In de gouden en wonderbare hertogelijke kerk van de glorieuze evangelist St. Marcus rust het lichaam zelf van de heilige evangelist onder het hoogaltaar, in het midden van het hoge altaar en het wordt waarlijk voor het lichaam zelf gehouden. Datzelfde lichaam is uit Alexandrië daarheen gebracht in de vermaarde koopstad Venetië door enige machtige kooplieden. In de kapel die tegenover deze voornoemde kerk naar het noorden toe staat, rust het lichaam van de glorieuze martelaar St. Isedorus, dat daar vanuit het eiland Scu in Venetië is gebracht en elk jaar gaat men daar op dezelfde dag met een processie rond. In de patriarchale kerk, dat is de St. Pieter van Castello, rusten in een tombe van marmer, de lichamen van de glorieuze martelaren Sergius en Bachus. In de kerk van de heilige profeet Daniël rust het lichaam van de martelaar St. Jan, die hertog van Alexandrië is geweest en het wordt getoond in een altaar in de zuidzijde van diezelfde kerk. In de kerk van St. Jan, genaamd de Bragole, rust het lichaam van St. Jan, aalmoezenier, patriarch van Alexandrië, dat vanuit Alexandrië naar Venetië is vervoerd en daar wordt getoond in een altaar dat naar het zuiden staat, buiten het hoge koor. In de kerk van St. Anthonius rust het lichaam van St. Saba, abt, gebracht uit de stad genaamd Acre


10r De reliquien De welcke eertijs was in Cerien ende nu te niet ghedaen ofte verderstruveert is ende t seluen Licham wort vertoont op enen autaer staende nae den oosten buijte den toor inde Cercke van de heilige drieuildichheit daer in rusten het licham vande Eerwaerdigen Monck S Augusius twelck leijdt in een Capellen buijten de thoor Moortwaers in de Cercken van Sachrias Rust het Lichaem van S Sachrias de vaeder van S Jan batista Ende van Gregories Nasanzenus patriarck van Corstantenopelen Gebracht uijt Cor stantenopelen in venetie nach het licham van S dirck Corfessoor het twelck uijt het eijlant van Sonne ghebrocht is item indeselfde kerck rust het licham van S pancratius Martelaer in een tommbe van marmer steen aen de eenen sijden van de hooge autaer daer beneffens oock het licham vanS sabina, marteleresse oock in eenen mermeren tombe aende andere sijden van den autaer itom oock het Licham van S tomas hermijt ghebracht uijt Romanieren ten laesten oock het licham van S Lazarus Martelaer aen den een zijden in het spreeckhuijs daer de religieusen inde Cercken van S laurens Sijn Ruitende Licham van S Ligorius ende S barbaras mar telaeres nde oock van S Paulus bisschop ende martelaer Ghebracht uijt Corstantenopelen inde Cercke van Cebasteijan bij S Laurens Rust het licham van eenen Eerw pasttoor van den onthoofden S Jan den welcken gheheeten wort beatus Johann es om dat hij noch niet gecanniseerte was

De relikwiën die vroeger in Syrië lag en vernietigd of verwoest is en het lichaam zelf wordt getoond op een altaar dat naar het oosten staat buiten het koor. In de kerk van de heilige drievuldigheid rust het lichaam van de eerwaardige monnik St. Augustinus in een kapel buiten het koor naar het noorden. In de kerk van Zacharius rust het lichaam van St. Zacharius, de vader van Johannes de Doper en het lichaam van Gregorius Nasanzenus, patriarch van Constantinopel, van daaruit naar Venetië gebracht en ook het lichaam van St. Dirk Confessoor, dat uit het eiland van Sonne is gehaald, idem rust in dezelfde kerk het lichaam van St. Pancratius de martelaar, in een tombe van marmer aan de ene kant van het hoge altaar en aan de andere kant rust bovendien het lichaam van St. Sabina, martelares, ook in een marmeren tombe, idem rust hier ook het lichaam van St. Thomas, de kluizenaar, gebracht vanuit Roemenië en als laatste ook het lichaam van St. Lazarus, de martelaar, aan de ene zijde van het spreekhuis van de religieuzen. In de kerk van St. Laurens rusten de lichamen van St. Ligorius en van St. Barbara, martelares, en ook van St. Paulus, bisschop en martelaar, overgebracht uit Constantinopel. In de kerk van Sebastiaan bij St. Laurens rust het lichaam van ene eerwaarde pastoor van de onthoofde St. Jan die de gezegende Johannes genoemd wordt, omdat hij nog niet gecanoniseerd was


10v De Relijquien inde kercke van S Marina leijdt het licham van de seluie eerw machden buijtenden toor Ghebracht zijnde nijt Grieckenlant inde kercke van S Saluatoor het welcke is te seggen onsen Salichmacker leijt het licham van S dirck martelaer ghebracht uijt constant nopelen in de kercke van S paterniaen rusten de lichamen van S gordiaen ende epimacus onlans door reveliese verlideijt op den hooghe Autaer van desen selue kercken in de kercke van S ijuliaen martelaer rust het licham van S floriaen martelaer aen den eersten Autaer inde toor ouer ghebrocht uijt Griecken lant noch in de selfde kercke buijten de poorte vande thoor Rust het licham van S paulus den eersten ermijt Sonder het hooft inden kercke van S cantiaen Buijten den thoor rust het licham van S Maniximus bijsscop ende martelaer in de kercke van de cruijsheren rust het licham van de maget ende martelerssen S barbara buijten de thoor in de cappellen in de kercke S Jerimias rust het licham van den eerwaerdighen S magnus den welcken fondatur is gheweest van den eersten kercke Binne venietie ende is geweest bisschop ende Confessener van altino in de kercken van S luijceia is rusten den het eerw lich aem van van S lucia magit ende martele rsse in den inganck vande kercke in een Cappelle haer toe ghewijdt ende is ghebrocht vijt Ciracusen in Constantenopelen ende van daer gebroecht in venietie inde kercke van S gervasius ende protasiues gemenelick Genoemt S tovasius rust het licham van S Grisogenus martelaer in de hoogen Autaer vanden selue kercke ghebracht

De relikwieĂŤn In de kerk van St. Marina ligt het lichaam zelf van de eerwaardige maagd buiten het koor, dat uit Griekenland is overgebracht. In de kerk van St. Salvator, dat wil zeggen onze zaligmaker, ligt het lichaam van St. Dirck martelaar, uit Constantinopel overgebracht. In de kerk van St. Paterniaan rusten de lichamen van St. Gordiaan en Epimachus, onlangs bij een revisie verlegd naar het hoge altaar van deze zelfde kerk. In de kerk van St. Juliaan martelaar, rust het lichaam van St. Floriaan martelaar. Aan het eerste altaar in het koor, overgebracht uit Griekenland. In dezelfde kerk buiten de ingang van het koor rust het lichaam van St. Paulus, de eerste kluizenaar zonder hoofd. In de kerk van St. Cantaan, buiten het koor, rust het lichaam van St. Maximus bisschop en martelaar. In de kerk van de Kruisheren rust het lichaam van de maagd en martelares St. Barbara buiten het koor in de kapel. In de kerk van St. Jeremias rust het lichaam van de eerwaardige St. Magnus die de grondlegger is van de eerste kerk in VenetiĂŤ en die bisschop en biechtvader is geweest van Altino. In de kerk van St. Lucia rust het eerwaarde lichaam van St. Lucia maagd en martelares, in de ingang van de kerk in een kapel aan haar gewijd; zij is gebracht uit Syracuse naar Constantinopel en van daar gebracht in VenetiĂŤ. In de kerk van St. Servatius en Protasius gewoonlijk genaamd St. Tovasius rust het lichaam van St. Grisogenus martelaar, in het hoge altaar van dezelfde kerk gebracht


11r Van venetien Uijt Zara in Venitien – inde kercke van S Niclaes van de bedelaers is rusten de het licham van S nicetus martelaer in eenen autaer buijten de toor – inde kercke van S raephael rust het licham van S micheta inden seluen Autaer het welcke gheb racht is uijt nicodemien in venetien inde kerkcke van S kasijlius rust het licham van S con stantijn Confesseuer het welcke vervoert is uijt ancona in venetie ende leijt inde een tombe buijte den thoor inde kercke van Apollinarus buijten den thoor leijt het licham vanden heijlige propheet Jonas in enen Autaer inde kercke van S sijmon de meddesijn rusten de ghebeente van S sijmon vervoert uijt Constan tenopelen ende leggen in een toumbe van marmoir steen achter den hoogen autaer noch inde selue kercke ijs rustende in een toumbe is rustende het licham van S hermolaus priester ende Martelaers ghebrocht uijt nicodemien in uenetien inde kercke van S nickaes van lio leijdt het licham van S niclaes de groote ardtschbisscop vam mirra noch het eerw licham van S nicklaes sijnen oom den bisschop de welcke hem S nickaes priester ordenerde ende hem daer nae abdt heet ghemackt van een Clooster denoemt den bergh van sijon item het lichaem van S dirck aertsche pisscop allee de selue lichamen sijn onder den hoogen Autaer Rustende ende zijn ghebracht uijt mirra in de stadt van venetie ghelijck als blijckt inde historie van de vernoeringhen inde kercke van S lena van het orden vanden berch van Oli veten is Rustende de Coninghe S helena de moeder van Constantijn de keijser in eenen Sekeren Autaer inde kercke an S Jores de meerdere rust het licham van S steuen eerste martelaer de welck onlangs gheuonden is ende leijt in de autaer van Sijnen Capellen Noch inde selve kercke vint men het licham van S paulus martelaer ende hertogh van

Van Venetië vanuit Zara naar Venetië. In de kerk van St. Nicolaas van de bedelaars rust het lichaam van St. Nicetus martelaar in een altaar buiten het koor. In de kerk van St. Raphael rust het lichaam van St. Micheta, dat gebracht is uit Nicomedia naar Venetië, in hetzelfde altaar. In de kerk van St. Kasijlius rust het lichaam van St. Constantijn biechtvader, dat vervoerd is uit Ancona naar Venetië en in een tombe ligt buiten het koor. In de kerk van Apollinarus, buiten het koor, ligt het lichaam van de heilige profeet Jonas in een altaar. In de kerk van St. Sijmon de geneesheer, rust het gebeente van St. Sijmon, vervoerd uit Constantinopel en het ligt in een tombe van marmer achter het hoge altaar. Ook in dezelfde kerk rust in een tombe het lichaam van St. Hermolaus priester en martelaar gebracht uit Nicomedia naar Venetië. In de kerk van St. Niclaes van Lio ligt het lichaam van St. Niclaes de grote aartsbisschop van Myra en het eerwaardige lichaam van St. Niclaes, zijn oom de bisschop die hem, St. Niclaes, tot priester wijdde en hem daarna abt heeft gemaakt van een klooster, genaamd de berg van Sion. Idem het lichaam van St. Dirck aartsbisschop. Al deze lichamen rusten onder het hoge altaar en ze zijn gebracht uit Myra naar de stad Venetië, zoals blijkt uit de geschiedenis van de vervoeringen. In de kerk van St. Lena van de orde van de berg Oliveten rust de koningin St. Helena, de moeder van keizer Constantijn in een zeker altaar. In de kerk van St. Joris de meerdere rust het lichaam van St. Steven eerste martelaar die onlangs gevonden is en ligt in het altaar van zijn kapel. Ook in dezelfde kerk vindt men het lichaam van St. Paulus martelaar en hertog van


11v De Relquien Constantenopelen in eenen autaer enden Nock de gheebeenten van den martellaer S cosmas ende domitianas in eenen autaer ende oock het Licham van S cornius den confessent in enen Autaer Allee allee welcke lichamen zij uijt Constantenopelen ghebracht in venetien in het Clooster van S seruulus rust het licham van S leo bisschop ghebracht van modon in Venetien ende leijt buijten de thoor inde kercke van S clemens paus leijdt het licham van S anianus pateriarch van alexandrien ende een desiepel van S marcus den euangelijst gebracht uijt alexandrien in venetien. Inde kercken van S cecundus martelaer daer is Sijn eijgen licham rustende ende is gebrach vijt aste in venetien inde kercke S maria van Muran is rustende het licham van S donatus Bijsschop ende Confesseur buijten den thoor inde selfde kercke inde hoogen autaer leijt het licham van S Geraert Martelaer ende Ende bijsscop van marouija wesende een vene tiaen van Gheboorten ende is van het hun van Sagree den welcken ghemarteleseert is in hangarien ende van daer is hij Gebracht ijn Venetien inde kercke S Albaen van buraens Rustende het licham vanden selven S albaen Bijsscop ende martelaer ende leijdt in het Minde van twee heijlighen lichamen te weeten van S orfus Martelaer ende S domeneten Eermijdt ende Confesoor twelcke licham Ghebracht zijn vijt armeneten in venetie Inde kercke van S Maria van torcella lidt het Licham van S elidorus Bijsscop an Altino end Confesoor wesende ghebracht uijt altino in venetie Inde kattolijcke kercke van Torello Rust het Licham van den heilige maget ende Martelueresse fassa ghebracht van Aquileia in venetien Inde kercke van S Antonijus van torces is Rustende het licham van S Catrina

De relikwieën Constantinopel in een altaar en ook het gebeente van de martelaar St. Cosmas en Domitianas in een altaar en ook het lichaam van St. Cornius de biechteling in een altaar. Al deze lichamen zijn uit Constantinopel naar Venetië gebracht. In het klooster van St. Servulus rust het lichaam van St. Leo bisschop, van Modon naar Venetië gebracht en het ligt buiten het koor. In de kerk van St. Clemens paus ligt het lichaam van St. Anianus patriarch van Alexandrië en een discipel van St. Marcus de evangelist, uit Alexandrië naar Venetië gebracht. In de kerk van St. Secundus martelaar rust zijn eigen lichaam dat uit Aste naar Venetië is gebracht. In de kerk van St. Maria van Muran rust het lichaam van St. Donatus bisschop en biechteling, buiten het koor. In dezelfde kerk , in het hoge altaar, ligt het lichaam van St. Geraert martelaar en bisschop van Moravië die Venetiaan van geboorte is en van het huis van Sagree, die gemarteld is in Hongarije en die van daar uit naar Venetië is gebracht. In de kerk van St. Albaen van Burano rust het lichaam van dezelfde St. Albaen bisschop en martelaar en hij ligt in het midden tussen twee heiligenlichamen, te weten St. Orfus martelaar en St. Domeneten kluizenaar en biechtvader, wiens lichaam van Armeneten naar Venetië is gebracht. In de kerk van Maria van Torcello ligt het lichaam van St. Elidorus bisschop van Altino en biechtvader, dat van Altino naar Venetië gebracht is. In de katholieke kerk van Torcello rust het lichaam van de heilige maagd en martelares Fosca, dat van Aquileia naar Venetië is gebracht. In de kerk van St. Antonius van Torcello rust het lichaam van St. Catrina


12r Van venetien Maget Ende Martelaeresse Ghebracht vijt Arimino inde kercke van grado Rustende licham van S hermacona Paterriarck van aquileia ende fortenatus Sijnen archidiakens gebrach uijt Aquilea in venetien inde kercke vant heilich Cruijs tot indeca Rust het Licham van athanasije pateriarck van alexander inde kerck van S rochus ijde Minderbroeders s het selve licham Rustende hier eijndege de reliquien ofte heijlige ichamen de bijnnen venetien Rustende De kercke Cloosters soo mans als vrounen Conventen Abdeijn priorien gast huijsen Schoole ofte gulde ende vordts de bijsschrijuenge van al het volck dat beuonden is int jaer anno 1570 binne Venetien

Van Venetië maagd en martelares, dat uit Arimino gebracht is. In de kerk van Grado rust het lichaam van St. Hermacona patriarch van Aquileia en het lichaam van Fortenatus zijn aartsdiaken, die van Aquileia naar Venetië zijn gebracht. In de kerk van het Heilig Kruis op Giudecca rust het lichaam van Athenasius patriarch van Alexandrië. In de kerk van St. Rochus bij de Minderbroeders rust het lichaam van hemzelf. Hier eindigen de relikwieën of heiligenlichamen die binnen Venetië rusten. De kerken, kloosters zowel van mannen als van vrouwen, conventen, abdijen, priorijen, ziekenhuizen, scholen of gilden en voorts de beschrijving van al het volk dat zich in het jaar 1570 in Venetië bevond.


12v Prochi kercke ofte wijcken Die Bijnnen Venetien zijn S pieter van casset S pateriarchet S blasius S Marten S Jan in bragola S Antonus H drievildicheijdt S serverus S poules S Jan de neuwe S pilippas en jacob S bassus S julianes S maria formaso S marina S lio S bartelomeues S jan crisostemus S maria noua S Cantiaen S apostola S sophya S feix S brnabas S Ragal S niclaes S Margreta S ponsalan S tomas

S marciliaen S foscu S maria Machdelena S narsula S lunardus S jeremias S Geminiaen S Moses S Luicas S salvator S funtijn S maria zubenigo S Maritius S uijtael S sameuel S angel S benedictus S paterniaen oner het groot cannael S vido S angneel S tronasius S basilius S Jan de oonthooft is S stijn S sijmon opostel S sijmon propheet S Maertias van rille S selvester

Parochie kerken of wijken die zich in VenetiĂŤ bevinden St. Pieter van Casset St. Patriarch St. Blasius St. Maarten St. Jan in Bragola St. Antonus H. Drievuldigheid St. Serverus St. Paulus St. Jan de Nieuwe St. Philippus en St. Jacob St. Bassus St. Julianes St. Maria Formaso St. Marina St. Lio St. Bartolomeus St. Jan Crisostemus St. Maria Nova St. Cantiaan St. Apostola St. Sophia St. Felix St. Barnabas St. Rachel St. Niclaas St. Margareta St. Ponsalan St. Tomas

St. Marciliaan St. Fosca St. Maria Magdalena St. Narsulo St. Lunardus St. Jeremias St. Geminiaan St. Moses St. Lucas St. Salvator St. Funtijn St. Maria Zubenigo St. Mauritius St. Vitaal St. Samuel St. Angel St. Benedictus St. Paterniaan over het Groot Kanaal St. Vido St. Angel St. Tronasius St. Basilius St. Jan die onthoofd is St. Stijn St. Simon Apostel St. Simon Profeet St. Mathias van Rille St. Silvester


13r De Kercke van venete S S S S S S S S S

pulns ponael selvester cassan stai augustinis boldus jacob lario maria mater damini

De kerken van Venetië S S S S S S S S

Jan van rialto Jacob van rialto jores funioo van indeca mitalijs boutus van ijuiran steins van muran marten van muran

Cloesters ofte Conventen van moncken binnen venetien S S S S S S S S S S S S S

jan en paulus ficheijt dominicus S jacob van judeca scendus S maria van de liefde peter martelaer S Clement maria ten mendebroeders de H geest fransuscus inde woude S saluator rnisse S antonijns franciscus uijt den wingaert S maria van Gratien de Capucine S maria te cruijsdragers Jap S maria tot de Servi steuen S maria te hooven Cristoffel van de pes S jores de Calga maria ten carmeliten S sebasteaen Angel van de eendracht de Jesuaten

Aldien ende prochien binne veneten S Joris de medre S gregorius S nicolaes tot lio S jan van iudecca S tomas van borgogne De h drievildicheyt S andries van sertofa S meserecordus S helena S jan den euagelyst S jan van den tempel S jan de basser de vronne Clooster binnen venetien S Sachrias onse lieve vrouwe van mierah S blasias Catoldus S francustus van het Cruijs S Laurens H Graft S anna S maria de mederen S maria van celestria S daniel S maria van de machden S jofel S maria S justiesea H Cruis tot iudeca S rochies vande S maggareta S Cerulis S cosmas ende damianis S Catrina S heronimus H Licham Cristi S alouijsius

St. St. St. St. St. St. St. St. St.

Paulus Ponael Silvester Cassan Stai Augustinus Boldus Jacob Lario Maria Mater Domini

St. St. St. St. St. St. St. St.

Jan van Rialto Jacob van Rialto Joris Funio van Giudecca Mitalis Boutus van IJuiran Steins van Muran Marten van Muran

Kloosters of conventen van monniken in Venetië. St. Jan en St. Paulus Ficheijt St. Dominicus St. Jacob van Giudecca St. Secundus St. Maria van de Liefde St. Peter Martelaar St. Clement St. Maria ten Minderbroeders De Heilige Geest St. Franciscus in het woud St. Salvator St. Antonius St. Franciscus uit de Wijngaard St. Maria van Gratie St. De Capucijn St. Maria te Kruisdragers St. Jap St. Maria tot de Servieten St. Steven St. Maria te Hoven St. Cristoffel van de Pais St. Joris de Calga St. Maria ten Carmeliten St. Sebastiaan St. Angel van de Eendracht St. Jezuieten Abdijen en parochies van Venetië St. Joris de Meerdere St. Gregorius St. Nicolaas tot Lio St. Jan van Giudecca St. Tomas van Borgogne De H. Drievuldigheid St. Andries van Sertofa St. Misericordus St. Helena St. Jan de Evangelist St. Jan van den Tempel St. Jan de Basser De vrouwenkloosters in Venetië St. Zacharias Onze Lieve Vrouwe van Myra St. Blasius Catoldus St. Francistus van het Kruis St. Laurens H. Graf St. Anna St. Maria de Meerdere St. Maria van Celestria St. Daniël St. Maria van de Maagden St. Jofel St. Maria St. Justitia H. Kruis tot Giudecca St. Rochus en St. Margaretha St. Gerul St. Cosmas en Damianus St. Catrina St. Hieronymus H. Lichaam Cristi St. Aloïsius


13v De kercken van Venetien

De kerken van Venetië

S Luica S Clara van veneten

St. Lucia St. Clara van Veneten

den H geest Allee heijlighen

De H. Geest Alle heiligen

de Gasthuijsen binne veneten Het Gasthuijse van Jusu het Clin Gasthuijs van S Cristi tot S antoniens Maria het welcken staet bij S Peter ende S pau den toren van S Marcus ten de natien het huijs S vido Gods aensicht S barthelomeus van casse het H Geest ten Cruijsdragers S boldus S Marten S Jan en paulus De barmherticheijt S Raphael De Liefde S lasarus S Jan euangelist de hochscholen H Cruijs de oude la Zarije S andries de niewe Laserije

De ziekenhuizen van Venetië Het ziekenhuis van Jezus Christi tot St.Anthonius het Kleine ziekenhuis van St. Maria dat staat bij de toren van St. Marcus St. Pieter en St. Paul Ziekenhuis van St. Cristi tot St. Anthonius Te devotiën het huis Gods aangezicht St. Vido St. Bartholomeus van de Heilige Geest Te Kruisdrager St. Boldus St. Maarten St. Jan en Paulus De Barmhartigheid St. Raphael De Liefde St. Lazarus St. Jan Evangelist De Hochscholen H. Kruis De Oude Lazarije St. Andries De Nieuwe Lazarije

de Groten schoolen ofte gulden bijnnen veneten S Marcus S Jan Euangelist de Liefde S rochus de barmherticheijdt S theodorus

De grote scholen of gilden in Venetië St. Marcus St. Jan Evangelist De Liefde St. Rochus De Barmhartigheid St. Theodorus Beschrijving van al het volk dat zich in 1570 in Venetië bevond.

Beschrivinghe van Allee het Volck dat binne venetien int jaer 1570 bevonden is Mans Vrounen Kinderen van 6 jaer tot 20 Moncken Nonnen Joden

59349 67531 58412 2183 2081 1157

Mannen Vrouwen Kinderen van 6 jaar tot 20 Monniken Nonnen Joden

59349 67531 58412 2183 2081 1157


14r Comende Wederom op mijnen voorghenomen reise nae de heijlighe stadt Jerusalem Den 29 juni op Sijnt pieteres ende Paulus dagh Soo zijn wij pelgrims van Venetien af Gheuaren met een Barcke een het Groot Schip Groot zijnde van hondert lasten t welck lach op de ree omtrent een duitse mijlen in zee ende den derchtichts hebben wij Grooten noot gheleeden van storm ende Grooten omueer dat wij menden dat weij Menden dat wij al virgaen Souden hebben ende verliesende een groot Ancker die wij des anderen dachs door een boije wederom opghehalt ende Ghecregen hebben, ende ten tweede julij ontrent de klock twaelef uren op de mijddach Soo zijn wij zijl Gegaen van veneten na Sipres, op maria visitaten dach den tienden juli Ontrent ten 5 uren bij den auont Soo zijn Wij tot Santen4 Ghecomen in Griecken Lant met Goede weer Spet het welcke Een eijlant is daer Gijngen wij pelgrims op ende besagent eijlant ende de kercke daer Grieken ende Daer stont ter Seluer teijt een doode Corpes ofte licham bouen de Aerde leggende op een baer daer songe sij de Exequien int Griecx ende wijerroockten soo dat het Seer benaent was voor ons die het vijt gheuent en waren de Griecsche kercken Sijn Seer Clijn soo dat de vrouuen vanden doode sttonde ijnt uoor portael ende mackten Seer Groot misbaer ende Gehult trocken haer bij het haer ende sloegen haer met vijsten op haer hoofden ende Crabbelden haer selfs int aenghesicht oock Sloegen Sij op haren borsten soo dat het deerlijck om Sijnen was hier wonen oock mede eenighe Minnebroeders houdende onder haer de rom sche oude religie Int openbaer op het eijlant van santa haren woonplaesen zijn Gelegen op de hauen vander Zee onder het Geberchte ende boune bouen op den berch Leijt een Casteel ofte sterckte Soo groot dat het hem veeren in zee ver toont oft een Clijn Stedeken waer ende is een seer vruchtbaer eijlant van wijnen ende recht ouer de zee van Zante 4

Zakynthos, de Italiaanse naam is Zante of Zacinto

Weer terug naar mijn voorgenomen reis naar de heilige stad Jeruzalem De 29ste juni, op St. Pieter en Paulusdag zijn wij, pelgrims, van Venetië uitgevaren met een bark, een heel groot schip, dat honderd lasten groot was en dat ongeveer een Duitse mijl in zee op de rede lag. De dertigste zijn wij in grote nood geweest door storm en zwaar onweer zodat wij meenden dat wij zouden vergaan. Daarbij hebben wij een groot anker verspeeld, dat wij de volgende dag met een boei weer opgehaald en terug gekregen hebben. De tweede juli omtrent de klok van 12 uur op de middag zijn wij onder zeil gegaan van Venetië naar Cyprus. Op de dag van de openbaring van Maria, de tiende juli, ongeveer om 5 uur ’s avonds zijn wij met goed weer gekomen tot Zakynthos in Griekenland. Spet? Het is een eiland waar wij met goed weer aan land zijn gegaan en het eiland en de kerk van de Grieken hebben gezien. Daar lag op datzelfde moment een dood corpus of lichaam boven de grond op een baar. Zij zongen de lijkdienst in het Grieks en wierookten zo dat het zeer benauwd voor ons was, die het niet gewend waren. De Griekse kerken zijn zeer klein, zodat de vrouwen van de dode in het voorportaal stonden. Zij maakten zeer veel misbaar en gehuil en zij trokken zich aan het haar en zij sloegen zich met de vuisten op het hoofd en krabden zich zelfs in het gezicht en zij sloegen zich ook op hun borsten, zodat het droevig was om te zien. Hier wonen bovendien ook enige minderbroeders die de oude Roomse religie in het openbaar in stand houden op het eiland Zakynthos. Hun woonplaatsen staan aan de zeehaven onder de berg en boven op de berg staat een kasteel of sterkte, zo groot dat het van ver in zee lijkt op een kleine stad. Het is een zeer vruchtbaar eiland met wijnbouw en recht tegenover de zee van Zakynthos.


14v Pelgrimse Reijse Een Groot slot ofte sterckte dat den turck toecomt alsoo het selliegie lant van den turcke oock bewoont woort, den twaeleffe deser mant juli zijn wij wederom t zijl Ghecomen soo is ons beiegent een seer Groot schip stellende zijnen Cors Rech tegen ons aen hem vertonende oft een zee Roouer hadde gheweest, dit onsen pateroen Siende liet al Sij Gheschut geret mach Om tegen hem te Slan stellen de al het Weerbaer volck elck op zijn quartier Waer ouer ons een Grote vreese ange jacht wierdende hij quam stontelick op ons Sonder enighe tecken van bannieren ofte Vlagen te doen alsoo weij deden om ons kenbaer temacken van vaer ons Schip was Ende ons soo naer bij Comende dat Onse patrion hem toe mocht beroepen van vaerheijt schijp ware ende geng Eerst den derden roep antwoorden ende soo het de leste reijse was ende niet gheantwoort hedde soo souden onsen patroon daer in gebr acht hebben ende seijde ick ben oock een Venetianer ende dat hij dede dat dede hij vantros ende daer naer liet hij sijne vlachen ende vandels vliegen ende vijtuaien den twinchen chsten juli onttrent elf uren inder nacht soo Sijn wij ghekomen tot salrins in cijpers wesende de vijterse hauen van venetien soo ist datmen voorbij vaert de eerste hauen ghenaemt bassa ende de anderen Lenisson dese drie voorschreven hauens zijn Gheleegen int eilant Cipres ende des Morges metten opganck der Sonnen Soo deden onse patroon vijer Schuten met de Canons leggende in onse merssen ende deden zijnen vlaggen vliegen dat nu gedaen zijnde soo Sijn wij allee bouen opt schip Gecomen Seer verblijt wesende van onse weel ouercomste tot aldaer toe ende Loofde Godt opt Schip staende soo is een quade stinckende ende onghesonde Lucht beiegent uijt dijt voorschreuen eijlant dat wij Allee wederom onder ijnt Schip liepen

Pelgrimage een groot slot of sterkte dat aan de Turk toebehoort zodat hetzelfde land van de Turk ook bewoond wordt. De twaalfde van de maand juli hebben wij weer het zeil gehesen en al snel is een zeer groot schip ons tegemoet gekomen en heeft zijn koers op ons aan gelegd zodat het voor ons erop leek dat hij een zeerover was. Toen onze kapitein dat zag liet hij al het geschut gereed maken om tegen hem slag te leveren en al het weerbaar volk zich opstellen op zijn plaats. Terwijl ons een grote benauwde jachtige vrees beving kwam hij vermetel op ons af zonder enig teken van vanen of vlaggen te tonen. Dus dat deden wij wel om kenbaar te maken waar ons schip vandaan kwam tot hij zo dichtbij kwam dat onze kapitein hem kon toeroepen waar het schip vandaan kwam en waar het heenging. Pas op de derde roep kwam het antwoord dat het de laatste reis was en als hij niet geantwoord zou hebben dan zou onze kapitein iets in gebracht hebben en hebben gezegd: ik ben ook een Venetiaan en dat deed hij. Hij deed dat van trots. En daarna liet hij zijn vlaggen en vaandels vliegen en uitwaaien. De twintigste juli omtrent elf uur ’s nachts zijn wij tot in Salrins op Cyprus gekomen, dat is de verste haven van Venetië omdat men voorbij vaart aan de eerste haven genaamd Bassa en dan de andere, Lenisson. Deze drie voornoemde havens zijn gelegen op het eiland Cyprus en ’s morgens bij zonsopgang gaf onze kapitein vier schoten met de kanonnen bij het aanleggen aan de kade en hij liet zijn vlaggen wapperen. Toen dat gedaan was zijn wij dus allen boven aan dek gekomen omdat wij heel blij waren met de goede overtocht tot daar toe en wij loofden God. Toen wij boven op het schip stonden werden wij zo overvallen door een kwalijk stinkende en ongezonde lucht uit dit voornoemde eiland dat wij allen weer naar beneden in het schip liepen,


15r Nae jerusalem Liepen want den Schipper van onse Schip ons waerschouden eerdat wij opt Schijp Soude Gaen eerst ende voor al een Goet dicht lijft maken om wat tegens de quade lucht Ghewapent te wesen want het is een onghesont eijlant accordert met onse natuijr niet waer het ghemeenen Spreeckwoort van is het kerckhof der pelgrims wij seijlde den enentwinti chtsten rontsomme dit voorschhreven eijlandt ende hebben aldaer Gehuijrt een Clijn Schepken van Ses lasten groot ende daer met gheseijlt na Jaffa ende wederom tot Sipres voor hondert veneecsche Croonen dies beeloofde onse patroon dat hij onsen taelman wesende Soude int heijlich lant want hem de sprake wel bekent was ende noch dagelicx aldaer zinde Coopmanschp dede ende hij was een seer Oprecht ende ghetrou man sijnen naem was Monseu donutri ende was woonachtich tot famagusto in eijlandt van Cijpres den Berch olijmpus ofte Cruijs Berch Genamt den 29 julij Sijn Wij met dijt Voorschreven schepken t zeijl gegaen van Saluns nade hauen van limisson ende de wijnt was ons tegen soo dat wij met ons 15 pelgrims metten boot aent wierden geset ende huerden aldaer een vagen die de ossen voort trocken ende quamen alsoo tot Limissen aen ende verwachten aldaer ons gehurt sche pen ende namen eerst onse reise dae dese cruijs berch aldaer den volcken was leggende in onse passagie ofte wech als wij nu qnamen aen de voet van desen berch aldaer wij ons vernachten onder de blaue hemel op den aerde neder ende des anderen dach te voete op den berch gegaen ende is wel 2 uren gaens hooch ende is oock den hoogsten ende stijlsten opgaende berch int eijlant van ghantsch Cipren de welcken wij verre in zee ghesien hebben op den berch vonden vij een Closterken daer in waeren twee Geestelicke persoonen uijt griecken landt met noch een cleijn kersken daer worden ons getoont in Alderhochste vant kercksken het Cruijs vanden bekenden ofte rechtvaerdighe mordenaer die ghenaemt was dismas die met Cristus gecruijst woorden op den berch van Caluartien die desen woorden sprack aen de Cruijse heer zijt mijner gedachtich als ghij Comt in u rijcke waer

Naar Jeruzalem want de schipper van ons schip waarschuwde ons al voordat wij aan dek zouden gaan eerst en vooral het lichaam goed te bedekken om wat tegen de kwalijke lucht beschermd te zijn, want het is een ongezond eiland. Het komt niet overeen met onze natuur en het algemene spraakgebruik spreekt van het pelgrimskerkhof. Wij zeilden de een en twintigste om dit voornoemde eiland heen en hebben daar een klein schip gehuurd dat zes lasten groot was, waarmee wij naar Jaffa zijn gezeild en weer terug naar Cyprus. Voor honderd venetiaanse kronen beloofde onze kapitein dat hij onze tolk zou zijn in het heilig land, omdat hij de taal kende en nog dagelijks als hij daar was handel dreef. Hij was een zeer oprechte en betrouwbare man en zijn naam was M.Donutri en hij woonde in Famagusto op het eiland Cyprus. De berg Olympus of de Kruisberg geheten. De negen en twintigste juli zijn wij met dit voornoemde scheepke onder zeil gegaan van Salunt naar de haven van Limisson. Wij hadden tegenwind, zodat wij, onze 15 pelgrims, met de boot aan land werden gezet, waar wij een wagen huurden die door ossen getrokken werd. Zo kwamen wij in Limisson aan en wachtten er op ons gehuurde schip. Wij maakten eerst een reis naar de Kruisberg. Aldaar versprde het volk onze doorgang of weg, toen wij aan de voet van de berg kwamen. Wij overnachtten onder de blauwe hemel op de grond. De volgende dag zijn wij te voet de berg opgegaan, wat wel twee uur gaans omhoog is en het is dan ook de hoogste en steilst oprijzende berg van het hele eiland Cyprus, dat hebben wij van ver in zee gezien. Op de berg troffen wij een klein klooster aan, met daarin twee geestelijken uit Griekenland en ook een kleine kerk, waar ons het allerhoogste van het kerkje werd getoond: het kruis van de bekende of rechtvaardige moordenaar. Hij heette Dismas en werd met Christus gekruisigd op de berg Golgota en hij sprak deze woorden aan het kruis: Heer, gedenkt gij mij als gij in uw rijk komt waar

Pelgrimage Bockenbergh  

Een pelgerimsche Reijse nae de H. Stadt Ierusalem

Pelgrimage Bockenbergh  

Een pelgerimsche Reijse nae de H. Stadt Ierusalem