Arabische sprookjes - Rodaan Al Galidi & Geertje Aalders (ill)

Page 1

I

n dit boek staan de twintig mooiste sprookjes uit het Midden-Oosten.

Ze gaan niet over Hans en Grietje, maar over Murat en Zahra. Over kamelen, sjeiks en dorre woestijnen. Heel anders dan de sprookjes van hier dus, maar toch zul je er veel in herkennen. Want het mooiste aan sprookjes is dat ze niet geloven in grenzen, landen of talen. Sprookjes zijn van en voor iedereen. Ze zijn de beste reizigers, vindt meesterverteller Rodaan Al Galidi, want net als succesvolle migranten veranderen ze een beetje op elke plek waar ze terechtkomen. Reis je mee? W W W. G O T T M E R . N L

9

789025 767181

Rodaan Al Galidi & Geertje Aalders



HAARLEM

arabische sprookjes_DEF2_zwart.indd 3

01-08-17 17:46


De sprookjesverzamelaar Lieve ogen die dit boek lezen, lieve warme handen die het vasthebben. Sprookjes zijn de beste reizigers en de succesvolste migranten die ooit op onze prachtige planeet hebben bestaan. Als je een jonge kaas van Nederland naar Irak brengt, zullen de mensen daar zeggen: ‘Dat is jonge Hollandse kaas.’ Als ik Nederlandse klompen meeneem naar Suriname, zullen ze daar zeggen: ‘Hé, Hollandse klompen!’ Maar een sprookje dat van Nederland naar Irak reist, of naar Suriname, verandert. Het wordt een Irakees of Surinaams sprookje, want sprookjes geloven niet in grenzen of landen of talen of identiteit of cultuur. Sprookjes zijn van iedereen en voor iedereen. Daarom zul je in deze bundel sprookjes tegenkomen die een lange reis hebben afgelegd. Sommige waren oorspronkelijk Russisch, maar toen ik ze in Irak hoorde waren ze Irakees geworden en was Ivan veranderd in Murat. Andere sprookjes komen misschien wel uit Duitsland, of Afrika, of Turkije, zonder dat ik ooit heb geweten dat ze niet uit Irak kwamen.

arabische sprookjes_DEF2_zwart.indd 4

01-08-17 17:46


Als een soort sprookjesverzamelaar ben ik op zoek gegaan naar de mooiste sprookjes uit mijn kindertijd, uit de literatuur, uit de geschiedenis, en ik heb geprobeerd ze in mijn eigen stijl te herschrijven. Het zijn dus niet mijn eigen verhalen, maar de verhalen van iedereen. Ik wens je veel leesplezier en ik hoop dat je mijn sprookjes de kans geeft om sprookjes van hier te worden. Voel je vrij om namen te veranderen, of andere bloemen, golven, ramen of deuren te kiezen. Want zoals ik zei: sprookjes zijn de beste migranten en de mooiste reizigers. Laat ze de jouwe zijn. Rodaan Al Galidi

arabische sprookjes_DEF2_zwart.indd 5

01-08-17 17:46


1

Jordion - 9 2

De patrijs en de schildpadden - 15 3

De ontevreden man - 23 4

De strenge sjeik - 29 5

De drie prinsen van Serendiep - 35 6

De leeuw en de stier - 43 7

De vader, de zoon en de ezel - 49 8

De arme houthakker - 55 9

De verloren ketting - 61 10

De mooie stad - 69

arabische sprookjes_DEF2_zwart.indd 6

01-08-17 17:46


11

Sindibad - 77 12

Soep - 85 13

Murat en zijn beste vriend - 91 14

De mier en de kakkerlak - 97 15

De arrogante haan - 103 16

De man met dorst - 109 17

De dood - 113 18

Magische kruiken - 117 19

De leeuw, de wolf en de vos - 123 20

De wijze en de schorpioen - 127

arabische sprookjes_DEF2_zwart.indd 7

01-08-17 17:46


arabische sprookjes_DEF2_zwart.indd 8

01-08-17 17:46


– 1 –

Jordion

arabische sprookjes_DEF2_zwart.indd 9

01-08-17 17:46


arabische sprookjes_DEF2_zwart.indd 10

01-08-17 17:46


O

oit was er een machtige man die het hele koninkrijk bezat. Zijn naam was Niron. Hij had soldaten, geld, gebouwen, gevangenissen en nog een hele-

boel meer. Alles in het land was van hem. Ver van het paleis, ergens in de woestijn, woonde een man die niets had. Zijn naam was Jordion. Jordion was de enige in het land die niet bang was voor Niron. Op een dag riep Niron zijn dapperste soldaat, Nadi, bij zich. ‘Luister, Nadi, iedereen in het land gehoorzaamt mij. Iedereen bewondert mij en iedereen is bang voor mij. Behalve Jordion. Ga naar de woestijn en dood hem.’ Nadi knielde voor Niron, nam zijn paard en zijn zwaard en ging op weg naar de woestijn waar Jordion woonde. Maar onderweg had Nadi alle tijd om na te denken. Ik wil Jordion eigenlijk helemaal niet doden, dacht hij. Hij heeft niets verkeerds gedaan, niet tegen mij en niet tegen Niron. Hij doet niemand kwaad. Hij woont in de woestijn, bezit niets en verlangt nergens naar. Maar wat kan ik doen? Ik ben een soldaat. Ik moet luisteren naar de koning en zijn bevel uitvoeren.

11 arabische sprookjes_DEF2_zwart.indd 11

01-08-17 17:46


De hele reis zei zijn hart tegen hem: ‘Doe het niet, je hoeft niet te luisteren als Niron iets van je vraagt wat niet goed is.’ En de hele reis zei zijn hoofd: ‘Je kunt niet anders. Je moet wel gehoorzamen, anders wordt Niron woedend op jou en dat overleef je niet.’ Dagenlang reisde Nadi door de woestijn, tot hij een dunne man zag, die gekleed in een witte doek naast een klein dadelpalmpje zat. Gevonden! dacht Nadi. Maar wat ziet hij er lief uit! Hij draagt oude kleren en hij heeft niet eens slippers aan zijn voeten. Hij leeft hier rustig, met weinig te eten en te drinken, en hij doet niemand kwaad. Maar ik moet hem doden, ik heb geen keus. Ik zal het snel doen, zonder dat hij in de gaten heeft wat ik van plan ben, dan doet het hem minder pijn. Nadi verstopte zijn zwaard onder zijn kleren en liep op Jordion af. Hij glimlachte vriendelijk naar hem. ‘Mijn beste Jordion, hoe gaat het?’ Jordion keek in de ogen van Nadi, zag diens onzekere blik, en wist meteen dat hij niet zei wat hij dacht.

12 arabische sprookjes_DEF2_zwart.indd 12

01-08-17 17:46


‘Nadi, jij bent een soldaat. Je doet niet wat jij wilt, maar wat anderen van je willen. Ik weet dat jij niet die hele afstand hebt afgelegd om mij te begroeten. Nee, je bent gestuurd door Niron. Ben je gekomen om mij te doden? Doe het dan maar snel. Ik ben niet bang voor de dood, want ik heb nooit iets fout gedaan.’ ‘Aha, je weet dus waarom ik gekomen ben,’ antwoordde Nadi en hij trok zijn zwaard. ‘Dat maakt het makkelijker. Maar voor ik je dood, mag je nog bidden.’ ‘Waarvoor zal ik bidden?’ vroeg Jordion. ‘Bid voor mij. Bid voor de dieren. Bid voor de vogels. Bid voor wat je maar mooi vindt.’ ‘Maar Nadi,’ zei Jordion, ‘als ik bid voor wat ik mooi vind, ben ik wel een tijdje bezig. Uren, dagen, weken, maanden, jaren, misschien wel eeuwenlang.’

13 arabische sprookjes_DEF2_zwart.indd 13

01-08-17 17:46


‘Nou en?’ zei Nadi. ‘Ik ben een man van mijn woord. Ik heb gezegd dat je mocht bidden en ik zal wachten tot je klaar bent.’ Jordion knielde neer en begon te bidden. Hij bad voor alles wat hij mooi vond. Voor de bomen die vruchten geven zonder iets te nemen, voor de bronnen die water geven, voor rivieren die een bedding geven aan het water, voor vogels die de lucht vullen met gezang en mooie kleuren, voor bloemen die de wereld hun geur geven, voor de lucht die overal is en voor iedereen, voor het licht, voor de sterren, voor de bergen en de zee… Hij bad een uur, een dag, een week, een maand, een jaar… Hij bad eeuwen en eeuwen. En door de liefde waarmee Jordion bad, groeide de dadelpalm en begon vruchten te geven. Uit de pitten van de dadels groeiden nieuwe palmen en er ontstond een bos. Vogels maakten nesten in de bomen en legden eieren. Bronnen gaven water waar vossen en reeën van dronken en er ontstond een nieuwe wereld. En Nadi? Die stond naast hem te wachten. Zijn kleren vergingen, zijn huid verschrompelde en zijn zwaard verroestte, maar hij hield zijn woord en wachtte.

14 arabische sprookjes_DEF2_zwart.indd 14

01-08-17 17:46


– 2 –

De patrijs en de schildpadden

arabische sprookjes_DEF2_zwart.indd 15

01-08-17 17:46


16 arabische sprookjes_DEF2_zwart.indd 16

01-08-17 17:47


E

r was ooit eens een eiland waar alleen schildpadden woonden. Ze leefden er gelukkig, al jarenlang, want het eiland stond vol fruitbomen en eetbare gewassen.

De schildpadden zochten de hele dag naar eten en kwamen tegen de avond weer samen op de plek waar ze woonden. Maar op een dag gebeurde er iets bijzonders: uit het niets landde er een patrijs op hun eiland. Wat een wonder! Wat een wonderbaarlijke schoonheid, dachten de schildpadden. Zoiets moois hadden ze nog nooit gezien. De patrijs was boven de grote oceaan door hitte en vermoeidheid overvallen en was neergedaald op het stipje groen in de diepte beneden hem. Het bleek het eiland van de schildpadden te zijn. De schildpadden waren dankbaar voor dat prachtige bezoek en ze verwelkomden de patrijs liefdevol en vriendelijk. Hij voelde zich thuis bij hen en zo kwam het dat hij bleef. Ze raakten op elkaar gesteld, de patrijs en de schildpadden. Overdag vloog de patrijs weg om eten te zoeken en ’s avonds kwam hij terug om te slapen.

17 arabische sprookjes_DEF2_zwart.indd 17

01-08-17 17:47


Na een tijdje begonnen de schildpadden de patrijs overdag te missen. Ze zagen hem alleen ’s nachts en zeiden tegen elkaar: ‘Och, hoe kunnen wij leven zonder zijn aanblik. Hij is het mooiste wat we hebben op ons eiland, en zodra hij weg is, missen we zijn schoonheid. Ons eiland is mooi, maar hij maakt het mooier. Wat zouden we dolgraag willen dat hij voor altijd bij ons bleef… Dat hij niet alleen hier was als het donker is… Wat zouden we kunnen doen om hem hier te houden… Wat als hij een keer gaat en we zien hem nooit meer terug…’ ‘Zusters,’ zei een van de schildpadden, die dacht dat ze slimmer was dan de rest, ‘we moeten hem gewoon vragen om te blijven. Blijven is een teken van liefde en je thuis voelen. Ik kan het regelen.’ ‘Als je dat voor elkaar krijgt, zijn we je eeuwig dankbaar! Er is niets mooiers dan voor altijd samen te zijn met degene van wie je houdt.’ Die avond kwam de patrijs nietsvermoedend terug. De schildpadden dromden om hem heen en verwelkomden hem. De ene die dacht dat ze slimmer was dan de andere, stapte naar voren.

18 arabische sprookjes_DEF2_zwart.indd 18

01-08-17 17:47


‘Lieve patrijs, we hebben je zo gemist vandaag! Wat zijn we blij je weer te zien! Op dit eiland is het zonder jou niet fijn. Jij bent onze beste vriend! En beste vrienden moeten toch altijd bij elkaar zijn? Maar jij gaat weg zodra het licht wordt en komt pas laat weer terug, als wij al slapen. We zijn beste vrienden die niet bij elkaar zijn, dat is toch vreselijk!’ ‘Ik heb jullie ook gemist, maar ik ben een vogel. Ik kan niet anders dan wegvliegen op zoek naar eten, daar heb ik vleugels voor. Een vogel heeft alleen ’s nachts rust, als hij slaapt.’ ‘Maar lieve patrijs… hoe zal ik het zeggen? Ja, jij bent een vogel. Maar wat brengen je vleugels jou? Je gaat maar heen en weer en krijgt er zo weinig voor terug. Rust is juist het belangrijkste voor ieder wezen! Daarom ben je bij ons geland. Daarom zijn wij vrienden geworden, zodat jij ook de rust kunt krijgen die je verdient. Stel dat je wordt aangevallen en opgegeten? Dan zien we je nooit meer terug!’

19 arabische sprookjes_DEF2_zwart.indd 19

01-08-17 17:47


‘Maar wat kan ik daaraan doen?’ vroeg de patrijs. ‘Ik heb de oplossing: pluk de veren van je vleugels! Dan kun je niet meer wegvliegen en zul je voor altijd in ons midden zijn. Hoog vliegen hoeft dan niet meer. Je bent bij ons, je eet met ons, drinkt met ons, wordt wakker met ons en slaapt met ons. Als een van ons, zal ik maar zeggen.’ Ze hebben gelijk, dacht de patrijs. Waarom zou ik al die moeite doen om weg te gaan en te komen, als ik ook hier kan blijven, tussen mijn vrienden? Een voor een trok hij de veren uit zijn vleugels, tot de schildpad zei dat het genoeg was. De veren waar hij met zijn snavel niet bij kon, werden er door de schildpadden uitgetrokken. Vanaf die dag woonde hij tussen de schildpadden en genoot van de aardse geneugten en de rust. Maar… op een dag verscheen er een wezel. Hij zag de patrijs van tussen de takken en dacht: wat zie ik daar?! Een lekker vet en vlezig vogeltje. Zonder veren nog wel! Hij wreef in zijn ogen om er zeker van te zijn dat hij niet droomde. Daarna stormde hij op de patrijs af en greep hem beet.

20 arabische sprookjes_DEF2_zwart.indd 20

01-08-17 17:47


De patrijs krijste en schreeuwde: ‘Help! Ik word verslonden! Help, schildpadden! Help, vrienden!’ De schildpadden schrokken toen ze de wezel zagen en kropen snel in hun schilden. ‘Help me dan!’ riep de patrijs. ‘Doe iets!’ ‘Wat zouden we kunnen doen tegen een wezel? Niets!’ riepen de schildpadden terug – vol verdriet, dat wel. De patrijs begreep dat de schildpadden hem niet konden helpen. ‘Het is niet jullie schuld, lieve vrienden. Het is mijn eigen stomme schuld. Ik verdien dit lot, want ik heb ervoor gekozen naar jullie te luisteren. Ik heb zelf de veren uitgetrokken waarmee ik had kunnen opstijgen. Had ik dat niet gedaan, dan had de wezel me nooit en te nimmer te pakken kunnen krijgen. Ik verwijt jullie niets. Nogmaals: het is niet jullie schuld.’

21 arabische sprookjes_DEF2_zwart.indd 21

01-08-17 17:47


Tot zijn eigen stomme verbazing lukte het de patrijs om zich met zijn laatste krachten uit de bek van de wezel los te wurmen en weg te rennen. De wezel keek de patrijs verlangend na en voor hij voor altijd uit het zicht verdwenen was, riep hij: ‘Gelukkig trok je je veren uit in een sprookje en niet in het echt. In het echt had een kale patrijs nooit uit mijn bek kunnen ontsnappen!’ De patrijs liet als de wiedeweerga zijn veren groeien en vloog vanaf dat moment weer af en toe weg. Maar ’s avonds keerde hij meestal terug naar het eiland. En dat was genoeg voor de schildpadden. Ze stelden nooit meer voor dat hij voor hen moest veranderen.

22 arabische sprookjes_DEF2_zwart.indd 22

01-08-17 17:47