Issuu on Google+

FREE Issue 2, maart 2012 Jaargang 9

Glamcult Independent Style Paper

“I’m an instant star. Just add water and stir.”


www.chanel.com

La ligne de CHANEL - Nederland Tel 0900 519 2005 (0,15/min., incl.BTW)


Issue 2 Update

Cult Spring/Summer 2012 Platform

Sofie Claes

Interviews

Ohne Titel Angela Bulloch Anne Bosman Simone Rocha Grimes First Aid Kit When Saints Go Machine Nicolas Provost

12 18 28 30 36 40 42 48 52

Visual Essays

Duy Quoc Vo Zeb Daemen Barrie Hullegie

58 66 72

Reportage

Paris Haute Couture

80

Update

Film Albums Stuff

Plus

83 85 86

54 56 Colofon

Uitgever Hoofdredacteur Rogier Vlaming rogier@glamcult.com

Grafisch Ontwerp Glamcult Studio: Isabelle Vaverka Suzie Wempe

Chef- en Eindredactie Joline Platje joline@glamcult.com

Sales Sarah Johanna Eskens sarah@glamcult.com

Redactie Mode Steffie Henderson steffie@glamcult.com

Aan deze editie werkten mee: Anna Nita, Carlijn Potma, Dorothy Vrielink, Eveline Schram, Hanka van der Voet, Ianthe De Boeck, Katelijne Blom, Lisa den Oudendammer, Lisa Whittle, Matthijs van Burg, Marij Elisabeth Rynja, Natasja Admiraal, Niels Wiese, Sharda Fähmel, Sophie Bargmann, Vanessa Groenewegen

Redactie Film Maricke Nieuwdorp maricke@glamcult.com Creative Director Rogier Vlaming Art Director Marline Bakker marline@glamcultstudio.com

Fotografen Barrie Hullegie, Bob Goedewaagen, Duy Quoc Vo, Edel Verzijl, Ed Jansen, Jasper Abels, Job Jonathan Schlingemann, Marc Deurloo, Pim Top, Sabrina Bongiovanni, Shamila, Taufiq Hosen, Valentina Vos, Zeb Daemen

Cover Fotografie: Duy Quoc Vo —  H ouse of Orange Styling: Venus Waterman  —  E ric Elenbaas Haar: Siko van Berkel voor Sebastian —  H ouse of Orange Make-up: Kathinka Gernant voor Chanel —  H ouse of Orange Assistent fotografie: Lotte van Raalte Assistent styling: Nijnke van Willigenburg Assistent haar: Elize van Noordwijk Assistent make-up: Alexandra Borcila Model: Sophie Vlaming  —   W ilma Wakker Jasje: Chanel Jumpsuit: Adidas x Stella McCartney

Distributie JAM

I’m an instant star. Just add water and stir.   —   D avid Bowie

Abonnementsprijs bedraagt € 37 per jaar (10 nummers). Abonnementen binnen Europa € 59,50, buiten Europa € 79,50 per jaar. Een abonnement kan bij iedere editie in­g aan; het wordt afgesloten voor minimaal een jaar en wordt stilzwij­ gend verlengd tot wederopzegging.

Uitgever Glamcult Studio B.V. Postbus 14535, 1001 LA Amsterdam T 020 419 41 32, F 020 419 66 54 info@glamcult.com www.glamcult.com

Pers en Communicatie Cream PR Opgave en vragen over abonnementen Abonnementenland Postbus 20, 1910 AA Uitgeest Tel. 0900  -   A BOLAND of 0900  -   2 26 52 63 (€ 0,10 per minuut) Fax 0251 31 04 05 www.bladenbox.nl voor abonneren of www.aboland.nl voor adreswijzigingen en opzeggingen.

Opzeggingen dienen schriftelijk uiterlijk 6 weken voor het aflopen van de abonnementsperiode in bezit van Abonnementenland te zijn. Adreswijzigingen uiterlijk drie weken vooraf schriftelijk doorgeven aan Abonnementenland. Prijswijzigingen voorbehouden. © Copyright: Niets uit deze uitgave mag worden overgenomen en/of vermenigvuldigd zonder de schriftelijke toestemming van de uitgever en de andere auteursrechthebbenden. De uitgever is niet verantwoordelijk voor schade opgelopen door onjuiste verwerking in het blad. Glamcult, ISSN 1874  -   1 932


shop online hugoboss.com

HUGO

HUGO BOSS BENELUX B.V. Phone +31 20 6556000


Cult

1

2

Foto: Peter Cox, Mouvement Perpetuel, 2011

Foto uit de serie Gros Marnier, Dorade 3, 2011

Foto: Philippe Garcia, uit het boek Christian Louboutin, Rizzoli New York

3

Philippe Jarrigeon 4

Christian Louboutin

Esther Tielemans

Foto ter beschikking gesteld door Wright, Open Unfolded Space, geëmailleerd koper

Foto: Paula Maso, Collectie raison d’être S/S 12

5

Neliana Fuenmayor 1

De Franse Philippe Jarrigeon omschrijft zichzelf als photographer, publisher and more. In de richting fotografie studeerde hij in 2006 af aan de ECAL in Zwitserland, waar hij nu inmiddels lesgeeft. Philippe heeft in opdracht van modemerken en modeontwerpers als Baccarat, Dries Van Noten, Maison Martin Margiela, Nike en Swatch gewerkt. Zijn fotografie is abstract, surrealistisch en vooral ontzettend divers; zijn werk valt niet eenduidig te omschrij­ ven. Philippe maakt gebruik van oneindig veel verschillende materialen en voorwerpen, allerlei soorten kleuren en modellen, en combineert naar harten­l ust. Het resultaat levert bijvoorbeeld auto’s met slingers, een brommer in een varkensstal, ringdragende asperges, sinaasappelen als dobbelstenen en een tepel als bull’s eye op. En dit is nog niet eens zijn meest aparte werk. Wat al zijn foto’s zo bijzonder maakt, is Philippes vermogen stillevens tot leven te laten komen en reeds bewegende beelden te laten verstillen. www.philippejarrigeon.com

Ron Gilad 2

Esther Tielemans probeert met haar abstracte decormatige objecten de grens tussen werkelijkheid en fictie, tussen kunst en realiteit te onderzoeken. Haar vertrekpunt is de schilderkunst, maar haar werk heeft zich in de loop der tijd steeds meer ontwikkeld tot ruimtelijke kunstwerken die een relatie aangaan met hun omgeving en toeschouwers. De aandacht van haar werk ligt  —   n aast de traditie van de schilderkunst  —   o p onze artificiële omgeving en het gecultiveerde landschap. Het geconstrueerde aspect van haar werk benadrukt Esther met behulp van het gebruik van felle kleuren en glimmende materialen als epoxyhars. In de weerspiegeling die deze bovenlaag veroorzaakt, ziet de toeschouwer zichzelf en zijn omgeving, waardoor deze een onderdeel van het werk worden. De schilderkunst kent een rijke geschiedenis van landschapschilderingen en Esther geeft daar met haar moderne interpretatie een nieuwe dimensie aan. Haar werk is momenteel samen met dat van tijdgenoten te zien in het Dordrechts ­M useum tijdens de expositie What’s up! De jongste schilderkunst in Nederland.

3

Elegante hoogtes en rode zolen, Christian Louboutin was de man die stiletto’s weer populair maakte in de jaren ’90. Het Design Museum in Londen geeft een uitgebreid overzicht van Christian Louboutins werk van de afgelopen twintig jaar. Of het nu om killer heels gaat of om sneakers bezaaid met juwelen, sinds de lancering van zijn label is de ontwerper altijd trouw gebleven aan zijn oorspronkelijke doel: “To make shoes that are like jewels.” De expositie geeft naast het tonen van Louboutins creatieve ontwerpen ook inzicht in zijn persoonlijke inspiratiebronnen: landschapsarchitectuur, film, kunst en vooral veel Parijs’ cabaret. Sinds zijn twaalfde is de Franse ont­ werper gefascineerd door de kleding die de danseressen in de clubs droegen en liep hij regelmatig weg van school om deze te bezoeken. Verder is in de tentoonstelling ge­ detailleerd te zien hoe Louboutins productieproces in elkaar zit, vanaf de eerste tekeningen en prototypes tot aan de productie in de fabriek. 1 mei t/m 8 jul, Design Museum London www.designmuseum.org www.christianlouboutin.com

t/m 22 apr, Dordrechts Museum www.dordrechtsmuseum.nl www.esthertielemans.com

4

Modeontwerper Neliana Fuenmayor wil een gevoel van nostalgie vangen in haar werk; een gevoel van heimwee naar eenvoudige, maar tegelijkertijd doordachte dingen in het leven. Neliana’s meest recente collectie, raison d’être, is een dynamisch geheel van verschillende materialen waarbij de transparate lagen en pastelkleuren zorgen voor een verfrissend en vrouwelijk geheel. Deze collectie is geïnspireerd op simpele elementen uit de natuur die Neliana heeft geprobeerd te plaatsen in een andere context. Opvallend is de futuristische sfeer die ontstaat door de glans van de items. De Zuid-Amerikaanse modeontwerper werd geboren in het Venezolaanse gedeelte van de Andes, maar verhuisde in 2006 naar Londen om daar haar diploma in de richting Fashion Design Technology, Womenswear te behalen aan het London College of Fashion. Na het opdoen van ervaring bij Stella ­M cCartney, Adidas en Pringle of ­S cotland kreeg Neliana een eervolle vermelding bij de The new Designer Fashion Grand Prix tijdens Japan Fashion Week. En werd ze gese­l ecteerd door Vogue UK als een van de Best Graduates of the Year.

5

Van salontafel tot asbak, van hanglamp tot fruitschaal; de ontwerpen van Ron Gilad zijn prikkelende en ruim­ te­l ijke vormuitingen. De drieënhalve maand dat de New Yorkse kunstenaar op zoek naar een atelier was en steeds van ruimte naar ruimte moest verplaat­ sen, vormde de fundering voor het vorm­­ onderzoek Spaces etc./An Exercise in Utility. Gilad raakte gefascineerd door objecten die ruimtes in het dage­l ijks leven vullen. Het resultaat is een serie geometrische surrealistische ontwerpen. Zijn werk bestaat vaak uit een huwelijk tussen twee contrasterende materialen, wat de spanning in de hybride gebruiksvoorwerpen verhoogt. Gilad ziet zichzelf op de “vette lijn tussen het abstracte en het functionele”, en brengt met Spaces etc./An Exercise in Utility deze bijzondere ontwerp­ filosofie tot uiting. www.spacesetc.com

www.nelianafuenmayor.com

12

Gc Update


Cult

8

Louis Vuitton spring/summer 2012 ready-to-wear, foto: Ludwig Bonnet

6

Collectie Outbound, 2012

7

Pageant Louis Vuitton —Marc   Jacobs

9

Commons & Sense Man, maart 2011

West Hollywood, januari 2012

10

Il Fourn, 9-kleurige zeefdruk, 2011

Nicholas Alan Cope

Damien Blottière

Sonnenzimmer 6

Het menswear label Pageant is in 2010 opgericht door modeontwerpers Amanda Cumming en Kate Reynolds. Beiden studeerden in 2006 cum laude af aan het Royal Melbourne Institute of Technology. Vervolgens besloten zij hun horizon te verbreden en vertrokken ze naar Londen, waar zij zich bezighielden met styling en kostuumontwerp. Hier werkten zij samen met ontwerpers als Christopher Kane en Christopher Shannon. Na twee jaar besloten zij terug te keren naar hun home town Melbourne, waar zij momenteel lesgeven aan vierdejaars studenten aan het RMIT en druk bezig zijn met hun eigen label Pageant. De collecties bestaan uit blauw-, grijsen pastelkleurige casual sportswear voor mannen, waarbij de combinatie van bijzondere stoffen en texturen zorgt voor een ietwat futuristische look. Outbound, de spring/summer 2012 collectie is een eerbetoon aan travel, exploration and the great outdoors. www.wearepageant.com

7

8

De Amerikaanse fotograaf Nicholas Alan Cope studeerde in 2004 af aan het Art Center College of Design in Los Angeles. Hierna heeft hij zich bezig gehouden met zowel commerciële als persoonlijke projecten. Zijn eerste per­s oonlijke werk bestond uit twee zwart-wit fotoseries, genaamd ­A rchitecture I en II, die gericht waren op de essentiële kenmerken van de abstracte architectuur in LA. Zijn tweede project ging hiermee hand in hand en bestond uit een fotoserie van het landschap van de stad. De laatste paar jaar hield Nicholas zich voor­ namelijk bezig met stillevens. En hoewel deze series totaal verschillend zijn van zijn eerdere werk, probeert hij ook hierin zijn onderwerpen op een zo direct mogelijke manier weer te geven. Nicholas is van plan binnenkort een boek uit te brengen met nieuw werk dat aansluit bij de Architectureseries. Op dit moment heeft hij een 30-tal beelden die nog door niemand zijn gezien. Glamcult geeft hier alvast een sneak peek.

De tentoonstelling Louis Vuitton  —   M arc Jacobs in Les Arts Décoratifs, in Parijs, ver­ telt het verhaal van twee ontwerpers en hun bijdrage aan één label en aan de modewereld. Louis Vuitton richt in 1854 zijn bedrijf voor luxueuze koffers op. In 1997 wordt Marc Jacobs benoemd tot artistiek directeur. Zijn taak: het introduceren van de eerste ready-towear collectie. Zijn aan­s telling was niet zo voor de hand liggend, want enkele jaren daarvoor had Jacobs met zijn grunge collectie een ander modehuis een grote finan­c iële strop bezorgd. Dat het ultra­c hique Louis Vuitton hem daarna binnenhaalde, was een zakelijk gewaagde én zeer slimme keus. De tentoonstelling laat zien hoe de ontwikkelingen binnen de mode-industrie het label hebben beïnvloed. Aan het einde van de 19 e eeuw stond vakmanschap nog centraal, maar door de globalisering in de 20 e eeuw worden een sterke artistieke leiding en marketing van steeds groter belang voor de positionering van het merk.

www.cope1.com

9 mrt t/m 16 sep, Les Arts Décoratifs www.lesartsdecoratifs.fr www.louisvuitton.com

9

Sonnenzimmer is de ontwerp- en printstudio van Nick Butcher en Nadine Nakanishi, gevestigd in Chicago. Elke poster of print wordt door henzelf ontworpen en met de hand gezeefdrukt. In hun visie is het onderscheid tussen beeldende kunst en grafisch ontwerp niet groot. Al wordt elk ontwerp in hoofdlijnen gestuurd door functionaliteit, in het uiteindelijke resultaat komen toegepaste en beeldende kunst samen. Sonnenzimmer werkt voornamelijk in opdracht en laat een humanistische benadering van commercieel ontwerpen zien. De kleine studio, de aandacht voor de individuele kenmer­ ken van een klant en het vermogen open te staan voor inspiratie uit de eigen directe omgeving, maken dat elk beeld ontwikkeld wordt in een zeer persoonlijke cultuur. Il Fuorn van de Berg Bild-serie werd gemaakt op aanvraag, en ontstond vlak na een ­zomervakantie van Nick en Nadine in Zwitserland. www.sonnenzimmer.com

10

Het werk van Damien Blottière valt het beste te omschrijven als collages die zijn opgebouwd uit modefoto’s. De Fransman studeerde mode aan L’Ecole Duperré in Parijs. Tijdens zijn ­s tu­d ie­t ijd was hij al voortdurend bezig met fotograferen en het verknippen van het resultaat. Het was Cathy ­E dwards  —   voormalig moderedacteur van ­D azed & Confused  —   d ie potentie in zijn werk zag. Momenteel richt hij zich naast zijn shoots voor magazines, voornamelijk op campagnes voor modemerken als Hermès en Carven. Zijn werk geeft zijn interesse in het menselijk lichaam weer. “Ik probeer afbeeldingen te combineren, gemaakt op verschillende tijdstippen en vanuit verschillende invalshoeken”, vertelt Damien. “Op één afbeelding toon ik mijn model bijvoorbeeld aangekleed, terwijl ze zich aan het aankleden is en naakt. Allemaal tegelijker­t ijd. Waarschijnlijk ben ik te inhalig en onbevredig­ baar, en heb ik deze verschillende ­o nderdelen en momenten nodig om duidelijk te maken wat ik met mijn werk probeer te zeggen.” Deze ‘slechte’ ­e igenschappen zorgen in ieder geval wel voor prachtig werk. www.damienblottiere.tumblr.com

14

Gc Update


Cult

Foto: Melissa Squires, Ara 103

Door Katelijne Blom

Foto: Melissa Squires, Ara 105

11

Foto: Nathan Garcia, Tessellation series

Matthew Shlian

11

De combinatie wetenschap en kunst lijkt op het eerste gezicht misschien wat vreemd, maar wie naar het werk van kunstenaar Matthew Shlian kijkt, merkt dat de twee prima te combineren zijn; hij gebruikt zowel in zijn studio als in het laboratorium dezelfde technieken. Waar de werkwijze van de Amerikaanse paper engineer aan de ene kant resulteert in bijzondere sculpturen en tekeningen, levert het gebruik van diezelfde technieken aan de andere kant een bijdrage aan de ontwikkeling van de wetenschap, bijvoorbeeld op het gebied van zonneenergie. Matthews fascinatie voor het werken met papier begon tijdens zijn studie aan de Alfred University in New York. Vanaf het moment dat een van zijn docenten hem een pop-up

boek gaf, was hij verkocht. Gebiologeerd door de geometrie en de manier waarop het boek in elkaar zat, begon Matthew steeds vaker met het kwetsbare materiaal te werken. Nadat hij in 2006 zijn master behaalde kon Matthew zich officieel een paper engineer noemen. Net als de eeuwenoude ori­g ami­­­ technieken vergt iedere papiervouwkunst veel precisie, die ook in de ­w etenschap van pas komt. Zo helpt Matthew aan de hand van verschillende vouwtechnieken momen­t eel ­w etenschappelijke teams met het inzichtelijk maken van de bewerkelijkheid van oppervlaktes op micro- en nanoniveau. Waardevolle kennis die een bijdrage kan leveren aan de voortgang van hun projecten. Met een

van die teams werkt Matthew samen aan het verbeteren van de capaciteit van zonnecellen, een project dat uiteindelijk zal kunnen leiden tot een ­e ffectievere vorm van zonne­e nergie. Hoewel een zonnecel op het eerste gezicht plat lijkt, bestaat deze eigenlijk uit allemaal kleine piramides. Deze piramideconstructie zorgt ervoor dat de cellen zoveel mogelijk zonlicht kunnen opvangen, want hoe groter het oppervlak hoe meer licht ze kunnen op­ nemen. Om de capaciteit van zonnecellen nog groter te maken werkt het team aan de hand van Matthews vouwtechnieken aan een nieuwe celconstructie. Een constructie die er ­h opelijk voor zal zorgen dat de oppervlakte van een zonnecel nog meer zal worden vergroot.

16

Volgens Matthew kunnen zijn vouwsels niet alleen bijdragen aan geavanceerdere zonnecellen. De technieken die gebruikt worden door paper engineers, kunnen ook op andere wetenschappelijke ge­b ieden van pas komen. Hij noemt als voorbeeld de medische wereld, waarin een vouwtechniek wordt gebruikt die verstopte of vernauwde aderen weer ontstopt of verwijd. Ondanks zijn uitstap naar de wetenschappelijke wereld is de 31-jarige Matthew zijn creatieve achtergrond niet vergeten. Door het geven van college aan studenten van de universiteit van Michigan probeert hij zijn liefde voor het creatieve proces over te brengen. Hard werken, een voorliefde voor studiowerk en vindingrijkheid

zijn de drie belangrijkste punten die hij zijn studenten probeert bij te brengen. Naast zijn werk buiten de deur, brengt Matthew ook veel tijd door in zijn studio in Michigan, waar hij zich laat inspireren door onder meer Daniel ­L ibeskind, Norike Ambe, Brian Eno en islamitische architectuur en werkt aan zijn eigen projecten. Door opdrachten voor Apple en P&G en zijn samen­ werking met Ghostly International  —   e en gerenommeerd internationaal platform voor arties­­ten, musici en ontwerpers —  n eemt Matthews bekendheid gestaag toe. Een ont­w ikkeling die goed aansluit bij zijn ambities: go big and then go home. www.mattshlian.com

Gc Update


TRIESTE, ITALY 13-14 JULY 2012 ITS is an international contest in the fields of fashion, accessories, jewelry and photography, which gives young designers the chance to show their talent on an international stage, to meet the most eminent and interesting people in the field, and to win prizes for a total amount of 100,000 euros. ITS is free and open to any designer. ITS Supports talent.

0THNL!@PQ\U3PHVò0;: ;,5

INTERNATIONAL TALENT SUPPORT IS

DEADLINE TO ENROL 23 MARCH 2012 www.itsweb.org info schools-contestants@itsweb.org


Kenzo

Misschien dat je begin jaren ’90 met graffitiplaatjes op je T-shirt of housebroek de blits op het schoolplein maakte, maar in 2012 wordt het pas echt serieus knallen  —   m et prints waar je grootouders over mee kunnen ­p raten. Humoristische, nostalgische en lieflijke printjes roepen een gevoel van escapisme en losbandigheid op, en contrasteren met de geometrische, futuristische vormen van onder meer Lanvin, Ann Demeulemeester en Rick Owens. Marni toont voor hun H&M-­ collectie Afrikaanse batik prints, net als de mannencollectie van Burberry ­P rorsum. Pastelkleurige bloemetjes sieren de mannenmode van Henrik Vibskov, Kenzo en de golfbroeken van Prada. De vrouwenmode fleurt al twee seizoenen de zomer met bloemenprints op, dus dat is niks nieuws. Blikvangers voor komende lente en zomer zijn wel de cyber flower prints van Givenchy Homme, Vera Wang, Prabal Gurung en de Van Gogh zonnebloemen van Rodarte. Dolce & Gabbana vereert de Italiaanse keuken met afbeeldingen van groenten. En tot slot zijn bij Marc by Marc Jacobs, Carolina Herrera en Jill Stuart vogelsoorten gespot. Foute prints voor beide seksen, maar wel hele vrolijke.

Prabal Gurung

Rodarte

Faux Pas Du Print(emps)

Givenchy

Door Marij Elisabeth Rynja

Spring / Summer 2012 De lente staat op het punt te beginnen en Glamcult covert speciaal voor deze voorjaarseditie de belangrijkste trends die ons het komende seizoen te wachten staan. Seksegebonden modetrends vervagen. De grote voorjaarstrends voor spring / summer 2012 zijn niet voor hem óf voor haar, maar gaan voor beiden op. Natuurlijk hoeft niet alles gedeeld te worden en daarom lichten we ook enkele aparte ­ontwikkelingen toe.

18


Rick Owens  —   foto: Marcio Madeira

Derek Lam

in broekpakken en flapperjurkjes. ­D erek Lam presenteert wit transparante bloezen met art deco kraag en mannelijke zachtgele pantalons. Ook Marc Jacobs toont zich meester in de jaren 20-stijl met plastic drop waist fringe jurken tot kniehoogte en twinsets. Bij de mannenmode draait het vooral om ­r itme en het lijnenspel van de Bauhausstijl, waarbij het kleurenpalet beperkt blijft tot zwart en wit. Rasters, streepjes en vlakken creëren een architectonische look, die goed past bij de stijl van ­G areth Pugh, Rick Owens en Alexander McQueen van dit voorjaar.

Een van de duidelijkste trends voor dit seizoen, voor zowel de vrouwenals de mannenmode zijn de jaren ’20 van de vorige eeuw. Jazz, charleston, ­f lapper girls, art deco en Bauhaus ­vormen een dankbare inspiratiebron voor silhouet, stijl, sfeer en afwerking. Gucci ontstond in de jaren ’20 en ­v ierde haar 90 e verjaardag met zware art deco avondkleding gemaakt van goud, zwarte en witte stras en beweeglijke franje in ritmische stroken. Spijkers en Spijkers blijft trouw aan de twenties in hun voorjaarscollectie voor 2012, die bestaat uit geometrische Bauhaus vormen en kleuren als zwart, champagne en zacht groen, verwerkt

Sport is een dankbare referentie voor de mode voor hem en haar door het informele en veelzijdige karakter. Thom Browne refereert speels naar de scherm­ sport met zijn eerste collectie voor Moncler Gamme Bleu van stevig katoen en kevlar, asymmetrische sluitingen met drukknopen, doorgestikte bodywarmers en korte broeken. Dit alles natuurlijk in kraakhelder wit met hier en daar een variatie door middel van een sportieve tricolor streep. Prada’s parodie op de golfsport pakt ook goed uit. De lichtgrijs geblokte slanke broeken, double breasted jassen en fijn gebreide pullovers ogen jong en luchtig. Calvin Klein presenteert wijde joggingbroeken van nylonzijde in zacht grijs en mintgroen, onder eenvoudige T-shirts of dubbellaagse oversized hemden. De comedian of

Alexander Wang

f­ ashion Vivienne Westwood verwijst naar de Olympische Spelen in zijn to­ taliteit. Haar collectie oogt als sportieve Savile Row tailoring met een knipoog naar de Spelen in het Griekse Athene. Opvallend zijn haar wijdvallende shorts en spijkerbroeken met rechtsdra­ gende gulp en dandy mannenballe­ rina’s met dubbele gesp over de wreef. Bij de dames is de sport ook goed vertegenwoordigd: brede neopreen baseball jacks bij Balenciaga, sweaters van fijn neopreen bij Marc ­J acobs, zwart geperforeerd gaas bij Alexander Wang en sportieve A-lijn jassen en j­ urken met dubbele ritsen in grasgroene kleur bij Akris. Marc Jacobs

Calvin Klein

Moncler Gamme Bleu

Olympics

Narciso Rodriguez

The Jazz Age

Alexander McQueen

Spring / Summer 2012

19

Gc Update


“Fashion is a dream, and in this moment we need dreams”, zei Pier Paolo Piccioli van Valentino over zijn supervrouwelijke voorjaarscollectie. Piccioli droomt van meisjesachtige crochet jurkjes, die het decolleté aan het oog onttrekken, en de ­ nschuld terugbrengen in de jeugdige vrouw. Ook o Miuccia Prada ziet vrouwen het liefst in dromerig, mierzoet kant dat doet denken aan Kitsch Kitchen­kleedjes of oma’s gehaakte beddensprei. In

Valentino

Alberta Ferretti

Prada

Prada

1950s Summer Tops

IJzersterke vrouwen typeren de 21 e eeuw, wat met name tijdens New York Fashion Week werd ­b eaamd door een krachtig modebeeld. Truitjes en jurken van fijne breisels worden voorzien van een laag metaalfolie, zoals bij Reed Krakoff en Christopher Kane. Theyskens Theory presenteert een stoere glimmende groene metallic broek met olieachtige coating. Maar het is het Italiaanse modehuis Paco Rabanne dat zich meester toont in het verwerken van deze zogenaamde Iron ­Lady-trend. De collectie toont een eigentijdse, ­g la­m our versie van de film Barbarella uit 1968, met scherpe schouders, vrouwelijke rondingen en hightech textiel. De typische Rabanne maliën­ kolderachtige jurkjes ontbraken niet, noch een leger van gepantserde cocktailjurken van gerimpeld aluminium met waaiers zo groot als satellietschotels. Hoewel men blijft denken dat de toekomst vraagt om sciencefiction mode, zou het interessanter zijn als we dit thema zouden verruilen voor een realistischer modebeeld voor de sterke vrouwen op deze aarde.

Gehaakte Kleedjes

Reed Krakoff

Paco Rabanne

Iron Lady

Spring / Summer 2012

h­ ardroze en babyblauw mixt Prada verfijnd haak­ werk in een look met grof kanten tassen met houten hengsels als accessoires. Moschino Cheap & Chic, Jil Sander en Alberta Ferretti ogen meer DIY met kleurrijk haakwerk. Iets minder ­sophisticated en dromerig, maar wel eigen­­w ijzer en draagbaarder.

20

Molto, molto Italiano is het vrouwelijke silhouet bij de collecties van Dolce & Gabbana, Prada en Proenza Schouler. Denk: een zomers Rome in de fifties, waar Vespa’s en Cadillacs het straatbeeld sierden en filmster Sophia Loren het stijlicoon voor de dames was. De taille gaat omhoog tot boven de navel met daarop een bustiertop die zicht geeft op een bloot stukje middenrif. Ook kuise korsetbadpakken met peplum skirt op de heupen (o.a. Marc by Marc Jacobs, Rodarte en Vera Wang) vragen om pin-up poses aan de rand van het zwembad. Het accent ligt duidelijk op supervrouwelijke rondingen en sierlijk bloot. Komend seizoen zien we veel katoenen cropped, bra- en bandeautops, kokerrokken en hotpants in pastelgeel, roze en blauw met madeliefjes of afbeeldingen van automobiles. Ciao Bella!


Dries Van Noten

Raf Simons

Short Shorty

Costume National

Oliejekkers

Spring / Summer 2012

van origine bedoeld was voor de visserij, verschijnt in vorm- en kleurvariaties in de shows van Dries Van Noten, Gucci, Junya Watanabe en Raf Simons, die de jas het meest gestript en vereenvoudigd ­p resenteert. Inspelend op de trend om te ontstressen met een lange wandeling in de natuur, zorgt de oliejekker ervoor dat je eropuit wil gaan, en beschermt je daarbij tegen guur weer.

Maison Martin Margiela Issey Miyake

In de jaren ’70 tenniste Björn Borg zijn roem bij ­e l­kaar in strakke witte shorts waar op miraculeuze wijze ook nog zijn tennisballen in pasten. Deze ­zomer mogen mannenbenen ook buiten de sport gezien worden, en dan het liefst in strak gesneden tailored shorts. In de lijn van voorgaande jaren zien we bij onder meer Costume National en Hermès prachtige benen in steeds kortere bermuda shorts. Het taboe op een onbedekte huid  —   e n in het bijzonder de benen  —   s peelt al honderd jaar in de mannen­ mode. Rond 1900 trachtte de Men Dress Reform Party mannenkleding luchtiger te maken, wat r­ esulteerde in korte broeken, boordloze shirts, wijde kleding, blote armen en zelfs een rok voor een gezonder prostaat. Het luchten van de ledematen had echter geen schijn van kans door de toenmalige etiquette. Elders dan op het strand of in de sport bleef zichtbare huid voor de man not done. De mode van 2012 heft dit verbod op en laat zien hoe elegant een shorts met blote benen kan zijn.

Aquarius Blues

Hermès

Dit seizoen wordt stormachtig, zo luidt de weersvoorspelling van diverse ontwerpers. Afgelopen jaar kende de wereld veel natuurrampen en ook de zomer van 2011 was nat. Water houdt de ­m annenmode in haar greep, gezien watersport een duidelijk thema is voor komend modeseizoen. Vooral de gele oliejekker springt eruit, met gesealde naden en oversized capuchon. De jas die

21

Kobalt en ultraviolet zijn twee blauwtinten die dit jaar een duidelijke rol innemen. Zo tonen Maison Martin Margiela, Kenzo, Issey Miyake en Quoc Thang diverse pakken, zomerjassen, schoenen en transparante breisels in deze spirituele kleur. Voor het breken van een lans voor uitgesproken kleuren in de hedendaagse mannenmode nam Raf Simons afgelopen jaar het voortouw met zijn mannen(en vrouwen)collecties voor Jil Sander. Als reactie op het colour blocking van toen, worden kleurstatements nu voornamelijk ton-sur-ton toegepast. Een gehele look in één kleur dus (bijvoorbeeld in pastelgroen zoals te zien was bij Walter Van ­B eirendonck, Calvin Klein en Mugler). Blauw is ­n atuurlijk een vertrouwde en universele mannenkleur, maar door de keuze voor kobalt en ultra­ violet oogt deze weer verassend eigentijds en biedt diversiteit.

Gc Update


Goud-zilver collier Maison ­M artin Margiela

Spring / Summer 2012 Givenchy


Spring / Summer 2012 Peter Pilotto


Ring en ­e nveloppe clutch Gareth Pugh

Spring / Summer 2012 Alexander Wang


Schoenen Pauline van Dongen, zilveren armband David&Martin

Spring / Summer 2012 Diesel Black Gold


Spring / Summer 2012 Dries Van Noten


Fotografie: Shamila — Eric Elenbaas Styling: Habib Yahyaoui Haar en make-up: Maaike Beijer voor M.A.C. — Angelique Hoorn Model: Julia — Fresh Model Management Assistenten fotografie: Hüsne Afsar en Romi Severein Assistent styling: Ilanka Verhoeven Met dank aan: Carmacoma, Van Ravenstein, Margreeth Olsthoorn en Wendela van Dijk

Perspex armband Gijs Bakker, metallic clutch Maison Martin Margiela

Spring / Summer 2012 Hussein Chalayan


Door Ianthe De Boeck Fotografie: Taufiq Hosen

Sofie Claes Twee jaar nadat Sofie Claes afstudeerde aan het Amsterdam Fashion Institute werd haar eigen modelabel genaamd Wolf. een feit. Sofie is niet het type dat veel stilzit en daarom wist ze in korte tijd haar dromen in werkelijkheid te veranderen. Glamcult ging op bezoek in Sofie’s atelier in Antwerpen, waar zij druk bezig is met haar autumn/winter 2012 collectie.

Onlangs werd Sofie Claes samen met drie andere opkomende Belgische designers door het Flanders Fashion Institute geselecteerd om haar werk tijdens London Fashion Week te showen in de gezamenlijke Belgische showroom. Getalenteerd als ze is, was het in eerste instantie voor Sofie toch niet meteen duidelijk dat ze ooit op dit punt zou komen. “Toen ik afstudeerde als modeontwerper was het door de crisis niet makkelijk om een baan te vinden. Voor het goede doel startte ik met drie andere modeontwerpers een label in India. In die paar maan­d en deed ik veel ervaring op. En boven­d ien besefte ik me des te meer dat ik mijn ­e igen label wilde. Het is altijd mijn wildste droom geweest om Wolf. op te starten”, legt Sofie uit. Eenmaal terug uit India zette ze alles op alles om haar wens in ver­ vulling te doen gaan. Twee jaar nadat de Bel­g ische in Amsterdam afstudeerde, ­b egon ze haar eigen modelabel. ­S ofie heeft een heldere visie en weet goed wat ze met dit label wil. “De naam Wolf. staat voor minimalisme, geo­ metrie en kwaliteit en een ietwat andro­ gyne stijl. ‘Wolf’ is een kort en krachtig woord, waarmee ik refereer naar de vrouw voor wie ik ontwerp: een vrouw met een creatieve achtergrond en een mysterieus kantje.” Ook op andere vlakken, weet Sofie goed wat ze wil. Zo staat ze erop dat alles in België wordt gemaakt  —   van creatie tot productie. “Ik maak alle prototypes helemaal zelf in mijn atelier en de productie laat ik over aan kleinere Belgische

28

productiehuizen. Zo gaat de kennis van oeroude confectiebedrijven niet verloren. Ik denk dat wij in België nog steeds goede kwaliteit kunnen leveren, en het zou zonde zijn als dat verloren zou gaan door elders te produceren. Daarnaast kan ik makkelijk langs de fabriek om mijn collecties te controleren, en blijf ik in nauw contact staan met het productieproces”, zegt ze. In haar atelier dat gevestigd is in een ruimte van Studiostart  —   e en ­i ni­t iatief van de stad Antwerpen dat jonge kunstenaars helpt aan goed­ kope werkruimtes  — , praat Sofie over haar grootste inspiratiebron: Kazimir Malevich. “De ­i nspiratie voor mijn ­vori­g e collectie kwam voort uit zijn schil­d erijen. Malevich is de grondlegger van het suprema­t is­m e, een minder ­b ekende kunstbeweging uit de jaren ’20. Binnen deze ­s troming is het de kunst om het juiste evenwicht te vinden tussen geometrische vormen, figuren en ­l ijnen. In de tijd van de romantische schilderkunst was het suprematisme zeer vooruitstrevend. In mijn vorige col­ lectie was het witte kruis van Malevich mijn belangrijkste inspiratie. Dat beeld heb ik ook letterlijk verwerkt in een ­T-shirt”, vertelt Sofie vol enthousiasme. Niet alleen voor Sofie’s vorige collectie was het Malevich’ kunst die haar inspireerde, ook nu nog verwijst ze vaak naar zijn avant-gardistische schilderijen. “Omdat deze stroming me enorm inspireert, borduur ik nog steeds voort op het suprematisme in de reeks die ik nu aan het ontwerpen ben. Mijn uitgangspunt voor deze

­ ollectie is een schilderij met driehoec ken van ­Kazimir Malevich. Hier heb ik nog een hedendaags inspiratiebeeld bij gezocht in 3D, dat heel goed tot ­u iting komt in mijn eerste juwelencollectie. Dit is een collectie van grote zilveren ringen in driehoeken en rechthoeken”, zegt Sofie. Ze wijst naar een zwarte kasjmieren trui die aan de muur hangt: “Ook in deze trui zie je het verhaal van het suprematisme, en heb ik de balans gezocht tussen geometrische lijnen en vormen. Het vergde wel wat puzzel­ werk om deze driehoeken in elkaar te steken en te versmelten tot een trui, maar uiteindelijk is het een interessant spel van lijnen en driehoeken geworden.” Naast het suprematisme zorgt sinds kort ook de natuur voor creatieve input. “Voor de fotoshoot van de vorige collectie zijn we afgezakt naar de ­ rdennen. In deze foto’s ontdekte ik dat A de belijning van de rotsen op de achter­ grond erg overeenkwam met een ­p atroon van driehoeken. Er was een mooie interactie tussen de lijnen en dit kwam duidelijk overeen met mijn mood­ board. Ik liet dit beeld daarom afdruk­ ken op een zijden stof, die net is teruggekomen uit de fabriek uit Genk.” En met deze uitspraak bewijst Sofie eens en te meer hoe belangrijk haar geboorteland voor haar is. Belgischer kan het toch haast niet, als zelfs de Russische kunstenaar Malevich als grote inspi­ rator in de toekomst wellicht verruild wordt voor de Ardennen? www.wolfbysofieclaes.com

Gc Platform


Interviews

30 6 3 e h c s i f a : h c r o ll u B g la e g t n A n a He v l e t p ie n s n a k k n r e e w n e ij M d “ t r lijn e i s l e t m r i e t n T é é t in i e u Ohn e vrouw .” n e d r o w d g le k e g r it u ste rote stad 40 de g A n n e B os m a “Ik houd va n: n een kinderlijk ge v o van grootsh el eid.” 8 4 e g i r 42 e a g h n c i r o n R p a s ­­ e v n e De geres van Simo t de mod t n a d g r i z u a u t a o r h h e t v s e e o l e m a m d e k i l i r k j e z i r l G u e e w m w t t u n o e r e h v , m i e r s e l s e i e i p fr g x a r e f en n e p 2 5 r e o nt w F i rst A i d K i t is wijs en volwassen De o 5 4 orden w e g fron pen 56 Sain tman v hartig t s o v o e r P a t s icola b l i j k s Go n W N n e z e i k t ee Mac hen e t t r e g i e w n gr hin n e m l i f e ver n a e s s u p t p te l l e i g e t s n u k e d n r beelde


Door Hanka van der Voet Fotografie: Sabrina Bongiovanni — Solar Photography Styling: Marleen de Jong — NCL Representation Haar en make-up: Kathinka Gernant voor Chanel — House of Orange Model: Nina — Girls Girls Girls And A Boy Assistent fotografie: Matthew Miziolek Alle kleding, schoenen en accessoires: Ohne Titel spring/summer 2012

Ohne Titel

30


e n h

O

l e Tit

Sinds hun ontmoeting aan de Parsons New School for Design in New York in 1999 droomden Flora Gill en Alexa Adams ervan op een dag hun eigen modelabel op te zetten. Vijf jaar geleden was het eindelijk zover en startte het duo Ohne Titel, een label voor de moderne vrouw die moet overleven in de stadsjungle. “We houden er niet van om vrouwen in een keurslijf te duwen.� 31

Gc Interview


Ohne Titel

32


Ohne Titel

Half februari, twee weken nadat dit ­i nterview plaatsvond, presenteerden Flora Gill en Alexa Adams hun nieuwste Ohne Titel-collectie tijdens New York Fashion Week. Hun autumn/winter 2012 collectie is geïnspireerd op het werk van de textielkunstenaar Sheila Hicks en bevat sculpturale breisels die strak om het lijf zitten (een handelsmerk van het duo), geplisseerde rokken, jacquard jurken (die je bij vlagen aan de body conscious ontwerpen van Azzedine Alaïa doen denken), en leren T-shirts. Hoeden­m aker Albertus Swanepoel creëerde voor de collectie een serie zwarte gestroomlijnde hoedjes. Waar sommige ontwerpers proberen met elke collectie zichzelf opnieuw uit te vinden, richten Gill en Adams zich vooral op het perfectioneren van het beeld dat ze in 2008 bij hun eerste collectie lieten zien. Gill: “Het startpunt van ons ontwerpproces is altijd het onderzoeken en herinterpreteren van traditionele handwerktechnieken. We experimenteren met macramé, weven, vlechten, borduren en haken. We beginnen zelden

met het maken van schetsen op papier.” Hierbij gebruikt het duo ongebruikelijke materialen, om bijzondere texturen te creëren. Het waren de breisels van Gill die de aandacht trokken van mede­ student Adams tijdens het eerste jaar van hun modeopleiding aan Parsons. Adams: “Flora maakte gebreide jurken en sweaters die ze als het ware om het lichaam heen boetseerde. Ze waren fantastisch.” Adams’ taak binnen het proces is ervoor te zorgen dat Gill niet ontspoort in het aanbrengen van volume en silhouet in het ontwerp. Nadat Gill en Adams samen hadden gewerkt aan diverse projecten op Parsons, scheidden hun wegen na het afstuderen. Gill ontwierp onder andere voor Vivienne Tam en Adams werd hoofd van de ontwerpafdeling voor vrouwen bij Helmut Lang in de periode dat hij zijn collecties in Parijs presenteerde. De twee kwamen elkaar weer tegen bij de New Yorkse dependance van de ontwerpafdeling van Karl Lagerfeld. Beiden wilden hun eigen label starten, en lieten elkaar schetsen zien van hun werk. Na

feedback over en weer besloten de twee dat samen een label beginnen het beste idee was. Gill: “Het leek ons een natuurlijk partnerschap. We zijn compleet verschillend en vullen elkaar goed aan. Ik weet meer van kleuren en texturen, en Alexa van volume en silhouet. En beiden houden we van experimenteren.” Het duo Ohne Titel  —   D uits voor ‘zonder titel’ —  w as het ook snel eens over het type vrouw waarvoor het ontwerpt. Gill: “De vrouw die onze kleren draagt heeft een sterke persoonlijkheid. Met Ohne Titel streven we ernaar deze persoonlijkheid te accentueren en het beste van de vrouw te laten zien. We houden er niet van om vrouwen in een keurslijf te duwen.” Wie de collecties van Ohne Titel naast elkaar legt, begrijpt wat de twee bedoelen. Hun ontwerpen zijn verfijnd maar stoer, en passen op organische wijze om het vrouwelijke ­l ichaam, met hier en daar een sterk detail. Door het vele breiwerk dat het duo in de ontwerpen gebruikt, is de kleding comfortabel en kun je er gemakkelijk in bewegen. Het levert een modern sil-

33

houet op, bijna Amazoneachtig, voor stoere vrouwen in een ­u rbane jungle. Dit wordt nog eens bena­d rukt door het feit dat in elke collectie een interpretatie van het mannenpak te vinden is. Gill: “Het mannenpak is een symbool voor macht. Op z’n best geeft het het lichaam vorm en drukt het zelfvertrouwen uit. Dat maakt het een aantrekkelijk kleding­ stuk. Ik draag zelf ook graag pakken.” Door details aan te passen vervrouwelijkt Ohne Titel het van origine mannelijke kledingstuk. Voor hun spring/summer 2010 collectie bijvoorbeeld, gebruikte het duo zachte materialen, waardoor het pak als een vloeiende lijn viel om het vrouwen­l ichaam. De sluiting van het jasje bevatte geen knopen, maar werd vanuit de hals om het lichaam heen ­g ewikkeld, waarbij een stukje buik ontbloot werd. Het is een techniek die vaker ­g ebruikt wordt door Ohne Titel: een blote onderbuik, schouder, oksel of rug. Maar nooit allemaal tegelijk, daar zijn de ontwerpen van het duo te subtiel voor. De Franse filosoof Roland Barthes

Gc Interview


Ohne Titel

schreef ooit in Le plaisir du texte (1973): “Daar waar het kledingstuk gaapt, daar wordt het lichaam erotisch.” Het ‘ver­kavelen’ van het vrouwenlichaam is ­a ltijd al kenmerkend geweest voor vrouw­e nmode. Eeuwenlang verschoof de aandacht steeds naar andere plek­ ken van het lichaam  — van rug, naar ­e nkels, borsten of buik  —   e n telkens ont­ stonden zo weer nieuwe erotische zones. Dit opdelen van het lichaam vindt bij Ohne Titel ook plaats, door subtiel een stukje blote huid te laten zien. Maar ook door colour blocking (minimalistisch weliswaar), en het gebruik van geometrische patronen en verschillende texturen in hun breisels. Door blokken en lijnen over het lichaam te trekken, vestigt het duo de aandacht op verschillende delen van het vrouwelijk lichaam. Het resultaat is een subtiele erotiek waar het juist draait om wat je níet ziet. Een andere eigenschap van Ohne Titel is het graag voorbij de grenzen van de modewereld kijken. Met enige regelmaat gaat het label samenwerkin-

gen aan met de kunstwereld. Hun eerste collectie presenteerde Ohne Titel in een galerie in Chelsea. In één ruimte werden de ontwerpen gefilmd en op een grote muur geprojecteerd door een videokunstenaar, terwijl een andere ruimte was omgebouwd tot showroom, zodat pers en publiek de kleding van Ohne Titel van dichtbij kon bewonderen. In het najaar van 2010 nam het ­l abel deel aan Move!, een project van MoMA PS1. Co-curator van het evenement, Cecilia Dean (hoofdredacteur van het modeblad Visionaire), is een groot fan van Ohne Titel, en vroeg het duo om een art/fashion mash-up te creëren. Met kunstenaar Tauba Auerbach maakten ze het stuk Pause/Applause waarin twaalf danseressen in een blauw-witte jersey catsuit van Ohne Titel een performance uitvoerden in een ruimte met blauwe en witte vlakken. Het resultaat was een organische, golvende dans die bij vlagen doet denken aan de videoclip Slow van Kylie Minogue. Voor hun spring/summer 2011 c­ ollectie werkte het duo weer samen met

Tauba Auerbach. De kunstenaar, die in haar werk de ambiguïteit tussen oppervlakte en object onderzoekt, creëerde voor Ohne Titel een serie robuuste maar zeer gestroomlijnde sieraden. Voor ­d eze kleine sculpturen gebruikte ­Auerbach perspex en neonkleurig touw om geometrische kettingen, armbanden en ringen te maken. In de toekomst hopen Adams en Gill vaker samen te werken met Auerbach, die ze ook als hun muze zien. Gill: “Tauba benadert haar kunst alsof het een probleem is dat opgelost moet worden. Daarbij experimenteert ze met nieuwe materialen en technieken. Zo werken Alexa en ik ook.” Hun meest recente project buiten de catwalk was het creëren van een kostuum voor Antony Hegarty  —   zanger van Antony & the Johnsons  —   voor zijn optreden afgelopen januari in de Radio City Music Hall in New York. Eerder was deze eer Givenchy-ontwerper Riccardo Tisci al ten deel gevallen. Ontwerpen voor de eigenzinnige zanger die regelmatig ook zelf zijn kostuums ontwerpt en in elkaar zet, bleek een uitdaging.

34

Adams: “Hij is erg eigenwijs en weet precies wat hij wil.” Ohne Titel maakte een wit zijden gewaad voor Antony, die eerder al tijdens optredens kleding uit de reguliere damescollectie van het duo droeg. Naast al deze extra projecten lanceerde Ohne Titel dit jaar hun eerste schoenencollectie en hoopt het duo in de nabije toekomst ook een parfum- en accessoirelijn te kunnen ontwikkelen. Adams: “Het is een spannende tijd voor modeontwerpers. De recessie houdt i­ edereen bezig, zeker in New York. Maar het dwingt je om goed over projecten als deze na te denken. En dat doen we dan ook. We nemen kleine stappen. Alles op z’n tijd.” www.ohnetitel.com


Ohne Titel

35

Gc Interview


Foto: Bob Goedewaagen, Gang of Four (Blue, Yellow, Brown, Red, Mixed en 16), 2004

Door Sophie Bargmann Fotografie: Bob Goedewaagen / Ed Jansen

Angela Bulloch

36


Ang ela Bulloch

“Abstract maar concreet, fysiek maar denk­ beeldig, licht maar complex, dramatisch maar alledaags”, zo omschrijft Angela Bulloch haar werk. Short Big Drama is de titel van haar expo­sitie die nu te zien is in Witte de With in Rotterdam. “De titel beschrijft waar mijn werk om gaat: contrasten. Short staat voor het ­­sub­tiele en abstracte in mijn werk, en big staat voor de complexiteit in de concepten die ­erachter zitten”, aldus Bulloch. Het is deze ­tegenstrijdigheid die de wezen­lijke ­schoon­heid van Bullochs creaties onthult. 37

Gc Interview


Angela Bulloch op Bullochs werk is duidelijk terug te zien in de expositie Short Big Drama die momenteel tentoongesteld wordt in Rotterdam. Haar eerste serie genaamd Pixel Boxes bestaat uit licht- en geluidsinstallaties die gecodeerd zijn met ­d ata uit specifieke muziekcomposities en ­v ideofragmenten. Hoewel deze bronnen en de werking van de installaties onzichtbaar blijven, zou de toeschouwer bewust of onbewust een vooraf vastgelegde code kunnen aanvoelen. “Mijn doel is om met de perceptie van de toeschouwer te spelen. De installaties zijn niet interactief op een manier dat een bezoeker ze kan besturen, maar toch krijg je het gevoel invloed te ­h ebben op de manier waarop kleuren veranderen”, vertelt Bulloch. Met het gevoel van controle over de installaties probeert Bulloch ons ontvankelijk te maken voor ongrijpbare processen. De grootste pixel-installatie genaamd Gang of Four doet denken aan

een grote puzzel van kleurvlakken. De serie bestaat uit vijf groepen van vier boxen vernoemd naar de gelijknamige Britse punkrockband Gang of Four. “Het getal vier verwijst naar de vier soorten beats die altijd te onderscheiden zijn in punkmuziek. Daarom is ­g ekozen voor vier kleurvlakken per box die op het ritme van de muziek van Gang of Four ve­randeren. Als je voor een box staat, is het mogelijk om zestien verschillende kleuren op hetzelfde ­m oment te identificeren. De meeste mensen weten niet dat dit mogelijk is”, legt Bulloch uit. Op deze manier probeert de kunstenaar eveneens met de perceptie van de toeschouwer te spelen. “Ik vind het ­b elangrijk dat mensen nadenken over mijn werk”. Een andere interessante pixel-­ installatie bestaat uit zestien boxen ­ver­s preid over de vloer. De installatie is een verwijzing naar de film Ran, de ­J apanse bewerking van Shakespears

King Lear van Akiro Kurosawa. Deze ­regisseur van epische samoeraifilms staat bekend om zijn symbolische kleurgebruik. “Mijn samenstelling van kleuren is gebaseerd op de machtsstrijd in deze film. De lichtinstallaties zijn in conflict met elkaar en representatief voor de drama’s uit de film”, stelt Bulloch. Duidelijk is dat dramatiek een belang­ rijk concept is in Bullochs kunst. Haar ­i nterdisciplinaire benadering, waarbij ze verwijzingen naar film en muziek verenigt met haar installaties, noemt ze een ­a ctieve conversatie tussen kunstvormen. “Hoe de ene kunstvorm met de andere in een conflict raakt, maakt het drama in mijn werk”, stelt de kunstenaar. Een ander technisch project van Bulloch is Drawing Machines. Deze teken­ machines zijn interactieve kunstwerken, die in gang gezet of gewijzigd kunnen worden door bezoekers. “De eerste machine heb ik in 1990 gemaakt. Ik wilde een kunstwerk maken dat geproduceerd

Foto: Bob Goedewaagen, Fundamental Discord: 16, 2005

Het oeuvre van Angela Bulloch kan wor­d en onderscheiden in drie soorten werk: pixel-installaties, interactieve teken­m achines en monumentale muurschilderingen. Deze verscheidenheid aan werk wordt ook wel ‘multidisci­ plinair’ genoemd, maar Bulloch vindt ­d eze term veel te vlak. “Mijn werk ­b estaat uit zeer complexe systemen die niet in één term uitgelegd kunnen worden.” Tijdens haar studie aan de Goldsmiths universiteit in Londen wist Bulloch al snel dat ze zich niet met slechts één medium wilde bezighouden. “Op de kunstacademie maakte ik naast schilderijen ook elektronische systemen en muziek. Mijn grootste ­i nspiratiebron is elektronische muziek, maar ook de manier hoe dingen zich ontwikkelen in het leven, vind ik interessant. Hiermee bedoel ik hoe iets werkt en hoe dat verandert en verschuift in tijd”, legt Bulloch uit. Dat muziek een grote invloed heeft

38


Foto: Ed Jansen, Constructostrato Drawing Machine Red, 2011

Angela Bulloch

werd in de gehele lengte van een expo­ sitie. Dus niet zoals vooraf gemaakt werk gewoonlijk wordt tentoongesteld”, stelt Bulloch. In Witte de With staan drie tekenmachines die rechtstreeks op de muur schilderen. De toeschouwer kan de tekenmachines in werking zetten door middel van geluid of aanraking. “Het idee is dat de machine en de ­toeschouwer de kunst maken, in plaats van dat ik het doe”, legt Bulloch uit. Hier stelt de kunstenaar de vraag of the ­ rtist genius wel bestaat als de bezoeker a het werk produceert. De eerste tekenmachine is rood en reageert op ­b ezoekers die op de bijbehorende bank gaan zitten. De verflijnen op de muur veranderen van vorm als de bank wordt aangeraakt. De tweede tekenmachine is geel en reageert op geluid. Die machine is verbonden aan een muziek­s tuk van componist George van Dam, maar reageert ook op andere geluiden in de omgeving. De derde,

blauwe tekenmachine reageert ook op een muziekstuk, dat de Japans-Amerikaanse componist Ken Ueno speciaal voor dit werk heeft gemaakt. De trillingen van het geluid beïnvloeden de manier waarop de lijnen op de muur getekend worden. Opgegroeid in de bossen van Canada besloot Bulloch in haar tienerjaren naar Londen te vertrekken om te studeren. “Mijn ouders zijn medici en stonden in eerste instantie niet achter mijn keuze om naar de kunstacademie te gaan. Deze mening hebben ze nu wel bijgesteld”, lacht Bulloch. De keuze voor Londen was voor de Canadese geen moeilijke. “Ik wilde altijd al liever in een grote stad dan in de bergen ­w onen. Londen heeft me van jongs af aan gefascineerd”. Bulloch leerde het principe van een eigen wil op de ­u niversiteit. “Van docenten moest ik me soms op één medium richten, maar ik heb hier nooit aan toegegeven. Dat

past niet bij mijn manier van denken en werken”, vertelt ze. Sinds tien jaar woont Bulloch in Berlijn. “Ik werkte aan wat projecten in Berlijn en kwam erachter dat de Berlijnse cultuur en bevolking mij erg trokken. Ik vond een huis met een aangebouwde studio ernaast en kon deze luxe niet aan me voorbij laten gaan. In Londen kan je zo’n ruimte niet makkelijk vinden, laat staan betalen. Ik probeer Londen nog wel zo vaak mogelijk te bezoeken”, vertelt Bulloch. Op dit moment is Angela Bulloch een boek aan het schrijven over de ­tentoonstelling Short Big Drama. Ze heeft veel interviews gedaan met de artiesten met wie ze heeft samengewerkt. “Deze ben ik momenteel aan het uitwerken, en ik ben ook teksten van andere schrijvers aan het lezen, die ik in het boek wil ­verwerken”, vertelt ze. Hiernaast zijn er grote shows in het vooruitzicht. Bulloch zal dit jaar onder andere in Zurich, New York en China exposeren. En alsof dit

39

nog niet genoeg is, vertelt de kunstenaar tenslotte dat ze van plan is een platenlabel te starten. “Dat is een droom die uitkomt. Ik ben een label aan het opzetten met alle muziek die ik gebruikt heb voor mijn werk, met de verschillende muzikanten waar ik mee heb samengewerkt. De elektronische composities die ik ­h eb gebruikt, zijn zeker de moeite waard om uit te brengen. Die muziek moet niet alleen in de context van mijn werk ­b estaan, maar toegankelijk gemaakt worden voor het grote publiek”, stelt Bulloch. Met een boek en een platenlabel in het vooruitzicht valt alles op zijn plek voor deze alleskunner. “Alle kansen die je in het leven krijgt, moet je met beide handen aangrijpen!” www.angelabulloch.com

Gc Interview


Door Rogier Vlaming & Katelijne Blom Fotografie: Jasper Abels

Styling: Amber Myhre Bosch Haar en make-up: Nikki de Vries — Angelique Hoorn Model: Joris — 77 Models Alle kleding: Anne Bosman

ne n a An m s Bo

40


Anne Bosman Modeontwerper Anne Bosman liet zich tijdens het creëren van zijn afstudeercollectie inspireren door wereldleiders, theeservies en kinderfantasieën. Deze speelse mannencollectie werd ge­ selecteerd als de Nederlandse inzending voor de verkiezing van de H&M Design Award 2012 die plaatsvond in Stockholm. Glamcult sprak hem over zijn collectie en ambities.

“Een groot colbert van mijn vader, ­m ijn hand op mijn borst en ik was ­N apoleon.” Door de grote leiders die de wereldgeschiedenis kent en het kinder­l ijke gevoel van grootsheid dat zij bij hem opriepen, liet Anne Bosman zich inspireren voor zijn afstudeer­c ol­ lectie. Zijn kleurrijke collectie werd door een vakjury geselecteerd als de Nederlandse inzending voor de H&M Design Award 2012. Samen met vijf ­a n­d ere jonge Europese modetalenten dong Anne tijdens Stockholm ­F ashion Week mee naar de eerste prijs. Hoewel de hoofdprijs helaas aan zijn neusvoor­­­ bij ging  —   d eze ging naar de Deense ­S tine Riis  —   s leepte Anne wel de People’s Prize in de wacht. Een prijs die de pu­ blieks­l ieveling onder andere een stage bij de populaire London based designer Christopher Kane opleverde.  De 23-jarige Anne was van kinds af aan al bezig met tekenen, ontwerpen en creëren, maar de ambitie om mode­ ontwerper te worden had hij niet ­m eteen. Als je Anne op de basisschool had ­g evraagd wat hij later zou willen worden, was het architect. Na het be­ zoeken van de open dag van de kunst­ academie viel zijn keuze toch op de studie Fashion Design aan de ArtEZ ­H oge­s chool voor de Kunsten. “Wat me aansprak aan mode was ten eerste dat er veel getekend werd. Je maakt dingen en er zit een technische kant aan vast; je leert echt een vak. Ik zie mode

eigenlijk ook als een soort van verleng­ stuk van architectuur, maar dan op het menselijk lichaam en zonder dat je daarvoor heftige wiskunde of natuurkunde hoeft te doen.” Annes voorliefde voor archi­ tectuur en het spelen met vormen komt duidelijk in zijn afstudeercollectie terug. ­U itdagende verhoudingen en vormen kenmerken het geheel. De gedachte achter de collectie vond zijn oorsprong in de grandeur die vroegere keizers en alleenheersers uitstraalden door hun pompeuze en bijna vrouwelijke manier van kleden. Gefascineerd door deze stijl ging Anne bij zichzelf na wanneer hij zich voor het laatst zo groots had gevoeld met behulp van kleding en kwam tot de conclusie dat dit in zijn jeugd was. ­Verkleed als Napoleon of Julius Caesar in de kleding van zijn vader of in oude lappen, waande Anne zich net zo groot als deze leiders. “Het gevoel van groots­h eid dat ik als jongetje had, wilde ik oproepen bij de volwassen man”, aldus Anne. Tijdens de verdere uitwerking van dit idee stuitte Anne op een portret­reeks van Japanse keizers gekleed in ­k imono’s. Doordat deze reeks hem deed denken aan zijn vroegere verkleedspel, besloot hij dit als definitief uitgangspunt voor zijn afstudeer­ collectie te nemen. Voor de vorm van de collectie liet Anne zich inspireren door de oneven­ redige verhoudingen die kinderkleding

vaak heeft, zoals de enorme rugzakken die jonge leerlingen naar school dragen. Door deze verhoudingen nog eens extra op te blazen, begon de ­collectie zijn eerste vormen te krijgen. Naast het kin­d er­­l ijke aspect zijn ook de Japanse ­i n­v loeden terug te vinden in Annes ­u iteindelijke collectie. Niet alleen de kimono­a chtige jassen maar ook de pastelkleurige prints die Anne heeft gebruikt zijn te herleiden naar de Japanse portretreeks. “Kimonoprints van de vroegere keizers werden gebaseerd op flora en fauna. Maar de natuur die ik op weg naar school tegenkwam, bestond voornamelijk uit betonnen gebouwen en flats.” Hierdoor geïnspireerd, besloot Anne de ritmes van ramen en deuren in de hedendaagse landschapsomgeving om te zetten naar grafische prints, om deze vervolgens te verwerken in zijn eindcollectie. Voor kleurinspiratie dook Anne de tweedehands markt op. “Anderhalf jaar geleden zag ik maanden­ lang heel veel pastelkleurig servies van Peter Regout. Deze kleuren zijn zo in mijn hoofd blijven hangen dat ik bij deze collectie besloot ze eruit te gooien, te pas en te onpas.” Het experimenteren met mode en kleuren resulteerde niet alleen in een mooie afstudeercollectie maar past ook goed bij Annes algemene mode­ filosofie: “Er zijn meer vormen dan alleen jassen, pakken en broeken. Er is zo veel meer mogelijk met het mannelijk lichaam.

41

Bij vrouwen is het geaccepteerd om te experimenteren  —   w ant dat is mode  — maar bij experimentele mannenmode gillen de meeste mensen het al snel uit van paniek. Er is op dit gebied nog veel te bereiken.” Na het horen van zijn modevisie is het niet verwonderlijk dat Anne aan onder andere Viktor & Rolf een voorbeeld neemt. Ook zij staan bekend om hun liefde voor conceptuele collecties. In de voetsporen van deze ontwerpers treden, ziet Anne wel zitten. ­O ndanks deze grote droom is zijn voorlopige bescheiden ambitie om nog zoveel mogelijk bij te kunnen ­l eren. En wat de verdere toekomst betreft, vindt Anne het voornamelijk belangrijk dat zijn werk een snaar raakt. “Het maakt me niet uit of mensen het nou mooi of juist lelijk vinden. Maar als mijn werk niets met iemand doet, heb ik de plank pas echt volledig misgeslagen.” Dit zal Anne hoogst­w aarschijnlijk niet over­komen, want met een stageplek bij Christopher Kane in het vooruitzicht ­z ullen we nog veel van hem gaan horen. www.annebosman.com

Gc Interview


Door Natasja Admiraal Fotografie: Edel Verzijl — Unit C.M.A.

Styling: Marleen de Jong — NCL Representation Haar: Ilona de Leeuw voor Kevin Murphey — Angelique Hoorn Make-up: Yokaw voor Laura Mercier — Angelique Hoorn Model: Josephine — Micha Models Alle kleding: Simone Rocha spring/summer 2012

Simone Rocha

42


e n o m i S Parasol Chriskabel via Droog

Rocha

Met een bekende modeontwerper als vader valt de appel niet ver van de boom in het geval van Simone Rocha. Haar sterke handschrift — fris, vrouwelijk en fragiel — maakt dat de jonge ontwerper al na drie seizoenen in de smaak valt bij de internationale modepers. Maar het succes komt haar niet zomaar aanwaaien. “Mode is een moeilijk vak. Je moet vreselijk hard werken en een dikke huid hebben.” 43

Gc Interview


Simone Rocha

Grote kamers gevuld met rollen stof, dat is hoe ze voor het eerst met mode in aanraking kwam. De 25-jarige Simone Rocha groeide op in de Ierse hoofdstad Dublin met haar ouders en haar broer. Ze komt uit een creatief gezin, haar vader John Rocha is modeontwerper. En zo vader, zo dochter bleek. Hoewel, helemaal vanzelfsprekend was het niet dat ze in zijn voetsporen zou treden. “Ik kwam al vroeg in aanraking met kunst, fotografie en mode. Vanaf mijn elfde hielp ik mijn vader mee in zijn studio en als kind bezocht ik mijn eerste modeshows. Dat ik iets creatiefs wilde doen was al snel duidelijk, maar pas toen ik klaar was met school richtte ik me op mode. Mijn ouders hadden liever gewild dat ik voor beeldende kunst koos.”

Desondanks blijft kunst een bron van inspiratie voor Rocha. Ze is ge­fasci­ neerd door de vervreemdende tekeningen van Egon Schiele maar ook door het werk van Francis Bacon en Lucian Freud. Voor spring/summer 2012, haar derde collectie sinds ze haar master ­b ehaalde aan het prestigieuze Central Saint Martins, haalde ze net als het voorgaande seizoen inspiratie uit het werk en de woorden van kunstenaar Louise Bourgeois. Het resultaat is een collectie vol contrasten: mat en glanzend, ondoor­ zichtig en transparant, egale stoffen en kantstructuren, mannelijke en vrouwelijke elementen, en antieke en moderne. “Ik voel me aangetrokken tot tegenstel­ lingen. Aan de ene kant heb ik een voorliefde voor klassieke, traditionele ­s toffen, maar deze mix ik graag met

iets compleet synthetisch om een nieuw beeld te creëren. Het is een voort­ durende zoektocht naar evenwicht in ieder kledingstuk.” De gestructureerde silhouetten zijn uitgevoerd in een palet van crème, zwart en nude met accenten in hardgroen en koraalrood. Naast delicate stoffen zoals kant en vintage Franse broderie, gebruikt Rocha artificiële materialen zoals plastic en rubber. Door het laagjes­ effect ontstaat er een zekere lichtheid; delen van de huid worden op onverwachtse plekken zichtbaar. Ook tule speelt tot nu toe in vrijwel iedere collectie een rol, waarbij het telkens op een andere manier behandeld wordt, en in combinatie met dichtere stoffen een speelse uitstraling krijgt. Simone Rocha besteedt evenveel

44

aandacht aan accessoires als aan de kleding zelf. De collectie wordt op een volwassen manier afgemaakt met flinter­d unne plastic shoppers, rubberen handtassen en brogues met perspex hakken in verschillende kleuren. Dit in­n o­ vatieve schoeisel, dat van opzij gezien de indruk wekt dat de drager ervan op haar tenen staat, is inmiddels onderdeel geworden van haar signatuur. “Ik houd van de klassieke, mannelijke brogue. Door die te verheffen tot een hoge hak krijgt de schoen een fris karakter.” Met een kort, verstild filmpje van een halve minuut gemaakt door de ­I erse fotograaf Niall O’Brien wordt de collectie op de website van de ont­ werper geïntroduceerd. “Het is een inleiding die de romantische mood van het verhaal weergeeft. Ik zie het eerder


Simone Rocha

als een klein kunstwerkje dan als een modefilm. Er worden plotseling zoveel collecties online gepresenteerd met dit soort filmpjes, dat we er een beetje mee worden overspoeld.” Simone Rocha toonde haar S/S 12 collectie daarom ook op de klassieke manier tijdens London Fashion Week, met een solo-show die plaatsvond in een romantisch pand aan Portland Place. Een setting met donker hout, zachtroze en groen gestreept bloemetjesbehang en kroonluchters aan het plafond. De mode­ show was deels een familieaangelegen­ heid: de muziek werd ge­componeerd door haar broer Max, en haar trotse ouders zaten front row. Toch geeft die steun geen garantie voor succes, zonder haar talent was ze nooit zover ­g ekomen. “Natuurlijk heeft het feit dat

mijn vader modeontwerper is bijgedragen aan mijn vliegende start, ik heb al op jonge leeftijd veel van hem geleerd. Tegelijker­t ijd legt het ook een druk op me. Mensen hebben toch een bepaalde verwachting. Het is heus niet zo dat het me allemaal komt aanwaaien. Al tijdens mijn studie realiseerde ik me wat een moeilijke wereld de mode-­ industrie is. Het is heel belangrijk om trouw te blijven aan je eigen identiteit en ongelooflijk hard te werken. Je moet discipline en een dikke huid hebben. Mijn grote voorbeelden zijn Comme des Garçons, Balenciaga en mijn vader, John Rocha. Oh, en ik heb veel bewondering voor de uitvinder van de paperclip. Had ik die maar ontworpen!” Volledig onverwacht droeg afgelopen najaar niemand minder dan

Lady Gaga een witte kanten top en een rok uit Rocha’s laatste collectie tijdens een uitstapje in Londen. “Het was een on­­ gelooflijke ervaring om haar in mijn ontwerp te zien, vooral toen ze enige tijd later in de mintgroene jurk op de cover van ELLE UK stond. Alle ogen zijn tegenwoordig op Gaga en haar kleding­keuze gericht. Maar het maakt me ook heel gelukkig als onbekende mensen mijn kle­ ding dragen. Ik vind het interessant om te zien dat mijn stukken dan ­o nderdeel worden van hun persoonlijke stijl. Sommige items zijn natuurlijk conceptueler dan andere. Over het algemeen vind ik dat mensen deze moeten kunnen dragen zonder dat het vervreemdend aanvoelt.” Een samenwerking met Topshop maakte Simone Rocha’s werk bereikbaar voor een groot publiek. Afgelopen

45

september werd haar capsule collectie —  b estaande uit twee shirts, twee jassen, een blazer en twee broeken in effen kleurenpalet  —   g elanceerd. “Het was een mooie kans om kleding te ont­ werpen waar iedereen zich mee kan identificeren. Ik ben tevreden over het resultaat, het zijn jeugdige klassiekers geworden die door de tailored signatuur, de minimalistische belijningen en de contrasterende mouwen toch duidelijk gerelateerd zijn aan mijn hoofdlijn.” Daarnaast kan Rocha zich gelukkig prijzen met een paar indrukwekkende verkooppunten, waaronder Colette in Parijs, RA in Antwerpen en I.T. in Hong Kong. In deze conceptuele modewinkels hangt haar werk tussen dat van andere jonge labels en gevestigde namen. Om haar collecties te realiseren

Gc Interview


Simone Rocha

heeft Simone Rocha hulp van een team bestaande uit twee assistenten, twee stagiaires, een patroontekenaar en haar moeder niet te vergeten, die meehelpt met de productie. Wanneer we vragen naar haar werkwijze komt er een enigszins warrig antwoord. Waar het op neerkomt: de collecties ontstaan door een combinatie van onderzoek, ontwik­ kelen, zwoegen, ontwerpen, fabriceren, zwoegen en ­o ntwikkelen. En dat in willekeurige volg­o rde. Haar studio in Londen is gesitueerd in een oude fabriek. Midden­i n de volledig witgeschilderde ruimte staat een grote tekentafel, het bureau aan de zijkant is omgeven door een berg van boeken en fotokopieën, en de ­m u­ren zijn voorzien van collages be­s taande uit inspiratiebeelden, stof­ stalen en ander studiemateriaal.

Hoewel ze ooit oud hoopt te wor­ den op het Ierse platteland, heeft Simone Rocha voorlopig geen plannen om terug te keren naar Dublin. “Ik vind het heerlijk om in Londen te wonen en over een ­ igen studio in deze stad te beschikken. e Hier hoop ik nog jaren te blijven om mijn kleding te ontwerpen, maken, showen en internationaal te verkopen. Londen is inspirerend door de grote verscheiden­ heid aan mensen en niet onbelangrijk: er is veel support voor jonge ontwerpers. Creativiteit wordt realiteit in Londen.” www.simonerocha.com

46


Simone Rocha

47

Gc Interview


Door Carlijn Potma Fotografie: Valentina Vos — Witman Kleipool

Styling: Bonne Reijn Haar en make-up: Maaike Beijer — Angelique Hoorn

Grimes

48

Links Jurk Winde Rienstra

Rechts Jurk Nieuw Jurk, ketting Eize van der Veen


Grim

es

Industrial, R&B, synth-pop en goth met een vleugje orgel — de muziek van one-woman band Grimes laat zich lastig benoemen. Het artistieke brein achter dit veelzijdige ­experiment, Claire Boucher, is al even eigenaardig. Glamcult sprak de Canadese muzikant over haar inspiratie, kunst en ambities, in het inspirerende Lloyd Hotel. 49

Gc Interview


Grimes

Op het eerste gezicht lijkt de 23-jarige Boucher een lieflijk popmeisje: klein van stuk, grote ogen, korte pony en kinderlijk postuur. Maar zodra ze haar mouwen opstroopt, haar haar losgooit en begint te vertellen, blijkt niets minder waar. ‘Doe maar gewoon, dan doe je al gek genoeg’ is een uitdrukking waar ze zich niets van aantrekt. Haar lokken zijn groen, haar linkerarm en -hand bedekt met zelfgezette tattoo’s en haar scheermesje heeft ze de af­ gelopen twee jaar met geen vinger aangeraakt. In de kunstscene van Montréal is Boucher al lang geen onbekende meer, maar ook buiten de grenzen van haar geboorteland maakt de artiest inmiddels naam en faam. Haar eerste internationale release Visions komt bijna uit, en met haar excentrieke synth-pop zal Grimes ongetwijfeld meer en meer zieltjes winnen. En dat terwijl ze een paar jaar terug nog nooit een noot had gezongen en geen keyboard had aangeraakt. “Ik ben altijd super geïnteresseerd geweest in muziek, maar heb het eigenlijk nooit

echt zélf gemaakt. Daar begon ik pas rond mijn 21ste mee. Grimes is een heel recent project”, vertelt Boucher. “En goed keyboardspelen kan ik overigens nog steeds niet hoor!”, voegt ze er lachend aan toe. De Canadese groeide op in ­Van­couver, waar haar creatieve ont­ wik­­keling al vroeg op gang kwam. School was echter geen favoriete tijds­ besteding. “Ik heb tien jaar aan ballet gedaan en bezocht tijdens high school ook vaak concerten. Alles liever dan naar school gaan. Ik was echt terrible en had altijd ruzie met docenten. In die tijd luisterde ik vooral naar gothic en i­ n­d ustrial, zoals Nine Inch Nails. En ik was geobsedeerd door Marilyn Manson. ­E igenlijk is het best vreemd dat ik nu een soort popmuziek maak! Al houd ik ­s tiekem ook van Mariah Carey en Enya.” Geen touw aan vast te knopen, lijkt het. En deze constatering blijkt niet geheel uit de lucht te komen vallen, zo­d ra Boucher haar verhaal hervat. “Toen ik klaar was met school ben ik neuro­ wetenschappen gaan studeren, aan de

McGill University. De ­b iologie van de hersenen vind ik super interessant, al ben ik er na drie jaar mee gestopt.” Het was meteen het einde van haar educa­ tieve carrière. ­“Al mijn aandacht gaat nu naar muziek.” In de tussentijd verhuisde Boucher naar Montréal, waar ze terecht kwam in de bloeiende kunst- en muziekscene van de stad. Lab Synthèse, een artistiek broeinest in een oude textielfabriek, ver­anderde in Grimes’ thuisbasis. “Ik werd actief in de underground cultuur van Mon­t réal, waar ik voor het eerst in ­con­tact kwam met meer dancegeoriënteerde muziek. Iedereen om mij heen was met kunst en muziek bezig; het ­l even is er heel goedkoop, de huur is laag en je kan overal subsidies voor aanvragen. Het was en is daarom heel eenvoudig om je geheel aan kunst te wijden. Ik denk dat ik daarom ook zó snel, zó ver ben gekomen.” Zoals ze de creatieve scene van Montréal in rolde  —  g eleidelijk en bijna per toeval  —   , ging het ook met zingen. “Iemand had vrouwelijke vocals nodig, en vroeg mij

50

om eens een liedje in te zetten. Dat was minder moeilijk dan ik dacht! Ik ging steeds vaker de achtergrondzang voor vrienden doen, en leerde op die manier een beetje zingen.” Hoewel Boucher in eerste instantie geen professionele muziekcarrière op het oog had, lag een platencontract al op de loer: “Mijn manager was een van de mensen achter Lab Synthèse, waar ik altijd uithing. Hij kwam met het idee een label te beginnen, Arbutus Records, en tekende zo’n beetje alle bands en artiesten die daar regelmatig speelden. Het was eigenlijk meer een sociaal en casual iets. Volgens mij had hij niet verwacht dat ik écht iets zou gaan uitvoeren.” Met het platencontract eenmaal op zak, was een artiestennaam de volgende stap. “De reden ach­ ter ‘Grimes’ is eigenlijk heel silly. ­I k had vroeger altijd een paar neppe Myspace-­ pagina’s, voor zelfbedachte bands bijvoorbeeld. Toen ze van Arbutus vroe­ gen hoe ik mijn project wilde noemen, keek ik de pagina’s allemaal nog eens door, en zag dat degene die ‘Grimes’


Grimes

heette, de meeste hits had. Dat werd dus mijn naam. Eigenlijk heeft ‘Grimes’ ook een andere betekenis, maar die is zo stupid dat niemand hem mag weten!” Daarna ging het snel. In krap twee jaar tijd bracht ze drie platen uit: Geidi Primes (2010), Halfaxa (2010) en Darkbloom (2011), die alle verschillen qua stijl en invloeden. Van R&B tot ga­ rage, zolang het maar ‘Grimes’ is. Het creatieve ­p roces heeft ze zelf in handen. “Het begint bijna altijd met de beats en drums. Ik probeer die zo goed mogelijk te krijgen, om vervolgens een catchy baslijn te creëren. Daarna komen de vocals, en dan de rest. Als ik nummers schrijf, probeer ik het zo abstract mogelijk te houden, zodat mensen niet direct door hebben waar het over gaat. Het draait uiteindelijk meer om het algehele gevoel en ontstaansproces van een nummer, de tekst is secundair. De nummers moeten wel enigszins iets voor me betekenen, maar ik wil niet super emo overkomen!” Plaat nummer vier, Visions, werd eerder door Boucher omschreven als post-internet. Een duiding waarmee ze vooral de huidige generatie en mu­z iek­­ cultuur probeert te vangen. “Mensen van mijn leeftijd en jonger zijn opgegroeid met internet. Gedurende de ­j aren dat wij als persoon gevormd ­w erden, zijn we daardoor blootgesteld aan een enorme variëteit aan muziek. Het consumeren van muziek is minder strikt en sneller geworden, en alle ­g enres zijn door elkaar gaan lopen. Het is deels een verklaring voor de dingen waar ik me nu mee bezig houd.” De ­t itel van het album weet deze gedachten mooi te verwoorden; Visions is een bundeling van Grimes’ denkbeelden, haar ‘persoonlijke symfonie’. Ook de ­i nspiratie voor de plaat was sterk visueel van aard: anime, sci-fi films en middeleeuwse kunst worden door Boucher op­­ gevoerd als belangrijke bronnen. Maar ook op muzikaal vlak ont­b reekt het niet aan invloeden. Klassieke vocalen, ­h iphop en zelfs Aphex Twin passeren de revue. Grimes blijkt te bestaan uit meer dan alleen beats en vocalen; er zit ook een visuele kant aan het project. B­ oucher heeft zich naast muzikant ­t evens ontpopt als kunstenaar en ­o ntwerpt onder meer haar eigen albumhoezen. Haar ­i llustraties en schilderijen zijn

Top en rok Mary Katrantzou, sjaal Isabel Marant

voorzien van een gothic tintje, met veel schedels, een zwart-wit palet en on­ heil­s pellende schepsels. “Het visuele ­a spect speelt een hele belangrijke rol, en is een onder­d eel van Grimes dat ik misschien wel het leukst vind. Vooral film vind ik nu inte­r essant. Tweedimensionale kunst heeft haar grenzen, veel innovatie is niet meer mogelijk. Maar op het gebied van muziek en video valt nog zo veel te ­o ntdekken, de techno­ logie blijft zich ontwikkelen. In de toekomst wil ik graag de richting van ­v ideo art op, maar wel in combinatie met muziek. Voor mij heeft muziek ­n amelijk ook een sterk visueel aspect; een video kan je als artiest maken of breken.” Al die plannen gaan gepaard met een grote vraag naar specialistische kennis, een punt waar Boucher graag de hulp van anderen bij inschakelt. Om vervolgens zelf aan de slag te gaan. “Samenwerken met anderen is de beste manier van leren. Zo heb ik het zingen en keyboardspelen opgepakt, en nu ook het monteren van video’s. Maar ik ben absoluut nog geen expert. Door Grimes kom ik in contact met ­p rofessionals op allerlei gebieden, waar­d oor ik constant nieuwe dingen oppik. Bijvoorbeeld hoe ik mijn eigen make-up moet doen!” Ook de tour met Lykke Li leverde nieuwe ervaringen op. “Dat was echt insane! De grootste show die ik daarvoor had gegeven was voor 4 honderd man, nu stonden er ineens 4 duizend! Ik heb veel van haar geleerd op het gebied van performance, want op dat terrein had ik nog maar weinig ervaring. Het gaf me als artiest zeker dat opstapje to the next level.” In de toekomst ziet Grimes zich nog graag eens samenwerken met ­M ariah Carey, al zou een goede rapper ook in aanmerking komen. Inspiratie en ideeën genoeg. Haar vijfde plaat is zelfs al in de maak. “Het wordt poppy en catchy, maar wel weer anders dan mijn vorige albums. Het experimenteren is al in volle gang.” Grimes treedt 18 mei op in Paradiso ­t ijdens London Calling. www.grimesmusic.com

51

Gc Interview


52

Door Anna Nita Fotografie: Marc Deurloo

F Ai irs d t Ki t


First Aid Kit De verhalendoos van de Zweedse folk prinsesjes blijkt nog lang niet leeg te zijn. Sterker nog, First Aid Kit maakt met tweede album The Lion’s Roar en een rugzak vol nieuwe levenservaring een flinke stap voorwaarts. Glunderende blikken van de zusjes in de kleedkamer van Paradiso, op de vooravond van hun uitverkochte show. “De tour die we deden na het uitbrengen van The Big Black & The Blue, heeft ons leven totaal veranderd. We zijn een stuk ­zelfverzekerder geworden”, aldus Johanna en Klara. Voor me zitten twee prachtige zangeressen met ellenlang sluik hippiehaar genaamd Johanna en Klara Söderberg. Er is nogal wat gebeurd sinds de wereld in 2008 in de ban raakte van de toen nog 14- en 17-jarige zusjes, die hun versie van Fleet Foxes’ Tiger Mountain Peasant Song op YouTube plaatsten. Het folkduo kreeg ineens enorme aandacht in Zweden en later in de rest van de wereld. Johanna: “We hadden nooit gedacht dat we de hele wereld over zouden reizen. We zijn opgegroeid in een heel rustige veilige omgeving dicht bij het bos. We besloten te stoppen met school en er volledig voor te gaan. In die zin heeft die cover ons leven ver­ anderd.” De zussen tekenden eerst bij het Zweedse Rabid Records  —   h et label van The Knife  —   d ie hun EP Drunken Trees uitbracht. Later dat jaar tekenden ze bij het Londense label Wichita Records, die de band internationaal onder de aandacht bracht. Klara: “Het was niet echt een lastige keuze om die carrière­ stap te maken. Het was kiezen tussen touren of studeren. Als ik trouwens een studie was gaan doen, was het toch een muziekopleiding geworden. Maar dat is eigenlijk gewoon muziek maken, alleen dan niet voor het echie.” Na het uitbrengen van hun eerste album The Big Black & The Blue begint voor de twee hun touravontuur. Ze beklimmen podia in Europa, Amerika en Australië, spelen in het voorprogramma van Lykke Li en belanden in de studio met Jack White. Ze worden zelfs gevraagd voor Patti Smith te spelen en weten haar tot tranen toe te roeren. Johanna: “Touren is heel inspirerend, je maakt inderdaad bizarre dingen mee. Het heeft ons ontzettend veel zelfvertrouwen gegeven en we zijn ook veel betere zange­ ressen geworden.” Van mensen over­ tuigen word je sterk, beamen de twee. Klara: “De tour met Lykke Li was een uitdaging. Het was cool om te zien hoe gek mensen van haar zijn. Onze muziek is heel anders, er stonden vaak veel hiphoppers in de zaal. Meestal wisten we ze toch voor ons te winnen en kochten ze nader­h and zelfs ons album. Dat voelde behoorlijk bevredigend.” In hun geboortestad Enskede, een voorstad van Stockholm, beginnen Johanna en Klara op zeer jonge leeftijd met het verwezenlijken van hun droom: zingen voor publiek. Johanna: “Performen

voelt heel natuurlijk, we hebben het nooit eng gevonden. We traden toen we vijf en acht jaar waren al op voor vrienden, familie en de buren. We nodigden ieder­ een uit te komen kijken naar onze zangkunsten.” Het kan haast niet anders dan goed geklonken hebben. Inmiddels hebben de zussen met hun tweede album The Lion’s Roar en de nodige media-aandacht de uitnodigingen niet meer nodig. En wanneer je denkt dat deze schattige meisjes zich verschuilen achter hun haar op het podium, dan heb je het mis; er wordt gegrapt, met de ogen dicht genoten en zelfs gehead­ bangd. Klara: “We proberen gewoon altijd plezier te hebben.” Johanna vult aan: “Onze muziek is gemaakt voor live performance. Zelfs als de techniek het zou begeven, blijven de nummers overeind door onze vocale harmonieën.” Klara: “Dat zou eigenlijk best cool zijn als de elektriciteit uit zou vallen. Gewoon wij en het publiek.” De zusjes vullen elkaar moeiteloos aan, je zou bijna zeggen dat ze met de jaren tot één persoon zijn gefuseerd. Klara: “Dat klinkt raar, maar het is wel een beetje zo. We zijn altijd samen en discussiëren de hele dag over alles. Behalve over muziek, op dat vlak zitten we totaal op één lijn. Ik zou nooit ineens zeggen: ‘Hey, laten we eens techno maken.’” Toch blijft er een interessant verschil te ontdekken tussen de twee zusjes, iets dat het plaatje intrigerend maakt. Klara is met haar donkere pony tot net boven haar ogen het stoere type en komt wat nonchalanter over. De blonde Johanna  —   d e oudste van het stel  —   o ogt serieuzer en blijkt meer het filosofische type te zijn. Over hun manier van leven, hebben de twee nogal wat nagedacht en geschreven. Klara: “We groeien zo anders op dan onze leeftijdsgenoten. We zijn een beetje rare wezens geworden. Terwijl al onze vrienden studeren, reizen wij rond en maken we muziek in clubs. Om te ontspannen gaan we dan ook liever naar een museum dan een club. Wij kunnen ons eigenlijk niet meer volledig verplaatsen in hen, en zij niet in ons.” Familie en vriendjes moeten ze vaak na een aantal maanden uitzwaaien om hun liedjes de wijde wereld in te brengen. Johanna: “Daardoor voelen we ons vaak wel geïsoleerd. We geven alles op om dit te kunnen

doen. Ik denk dat veel van onze nummers daarover gaan. Het houdt ons nogal bezig dat we alles hebben, maar dat het nog steeds voelt alsof er iets mist. Dat is jammer genoeg mens eigen; mensen zijn altijd een beetje ontevreden. Aan de andere kant is het ook een reden om door te gaan. Het blijft een interessant fenomeen.” De sleutel tot het schrijven van een goed folknummer ligt volgens de twee in een goede tekst. Het schrijven van bitterzoete hartverscheurende teksten die in Nashville geschreven lijken te zijn, gaat het duo steeds beter af. Johanna: “Hoe ouder we worden hoe persoonlijker onze nummers worden. We weten steeds beter wat we willen. Maar we schrijven niet alleen vanuit ons eigen perspectief. We zijn geen mensen van middelbare leeftijd die terug kunnen kijken op een lange historie aan gebeurtenissen. Toch kunnen we ons maar al te goed voorstellen hoe be­p aalde ervaringen moeten voelen. Eenzaamheid bijvoorbeeld of het niet kunnen delen van je emoties en je verstoppen voor jezelf, dat lijkt mij het ergste wat er is. We zijn verhalen­­­ver­tellers en stappen soms net als een schrijver in een bepaald karakter. Hoewel soms slechts één regel tot een nummer kan leiden.” Klara: “Van dat soort songs, hebben we er miljoenen van op onze laptop, iPod en telefoon staan. Sommige worden later uitgewerkt, sommige blijven daar voor eeuwig zwerven.” De Zweedse zusjes worden dan wel besproken over de hele wereld, ze laten zich niet snel gek maken. Johanna: “Druk van buitenaf ruïneert je muziek, we proberen er niet aan te denken. Je moet voor jezelf muziek maken, dingen die je zelf mooi vindt. We lezen de recensies wel, maar we laten ons er echt niet door beïnvloeden.” Naar wie het duo dan weer wel luistert, is Mike Mogis van Bright Eyes. Klara: “Bright Eyes bracht ons bij folk. Op mijn twaalfde hoorde ik voor het eerst het nummer First Day Of My Life. Het was een eye en ear opener. De gitaar en zang is zo puur en eerlijk, totaal niet cheesy zoals de popmuziek waarnaar we daarvoor luisterden. Elk woord is gemeend. Dat was het moment dat ik besloot om zelf een gitaar te kopen en een nummer te schrijven.” Bizar genoeg besloot Mogis The Lion’s Roar te produceren, iets wat de twee

53

nog maar nauwelijks hebben kunnen bevatten. De zusjes reisden naar Omaha (Nebraska) om daar samen met Mogis de studio in te duiken. Johanna tegen Klara: “Als ik je dat had verteld toen je twaalf was!” Dan vervolgt ze op een wat serieuzere toon: “Dat enthousiasme moet je natuurlijk even vergeten als je in de studio bent. Je kunt niet de hele tijd starstruck zijn. Ik kan nu ook niet meer luisteren naar Bright Eyes zoals ik dat vroeger deed. Er is een totaal andere verhouding ontstaan.” The Lion’s Roar, een verwijzing naar het luider en duidelijker kunnen uiten van hun emoties, heeft volgens het duo meer karakter, diepte en durf. Daarnaast bracht Mogis een groep muzikanten mee die de arrangementen achter de harmonieën een stuk interessanter hebben gemaakt. Johanna: “Op ons eerste album hebben we alles zelf gedaan en veel computersamples gebruikt. Nu klinkt alles zoveel echter. Mike zat soms de hele dag te improviseren op de meest uiteenlopende instrumenten, dan kwamen we na een dag terug en speelde hij ineens een prachtige melodie op een mandoline die perfect bij het nummer paste. Hij begrijpt onze muziek volledig.” Klara: “Het was daarnaast heel inspirerend om samen te werken met al die muzikanten uit Omaha. Terwijl ze al zo lang muziek maken, zijn ze nog steeds enorm gepassioneerd.” Over het nummer waarop de twee het meest trots zijn, is snel overeenstemming. Klara: “We houden van alle nummers maar het was heel speciaal om King of the World op te nemen. Coner Oberst (Bright Eyes) schreef het nummer met ons en zingt mee op de plaat. Ik denk niet dat hij weet hoe grote fans we van hem zijn. Het schrij­ven van een nummer met onze idool, is het grootste compliment dat we ooit had­d en kunnen krijgen.” ­O n­d anks alle haast onwerkelijke gebeurtenissen heeft het duo nog steeds toe­komst­d romen. Johanna: “We willen heel graag een keer samen zingen met Robin ­Pecknold (Fleet Foxes) en Jim James (My Morning Jacket) omdat hun stemmen zo ontzettend mooi zijn.” Waarschijnlijk gaan we het nog meemaken ook, want deze meiden begrij­ pen de essentie van muziek en dat zal ook deze folkmannen niet ontgaan zijn. www.thisisfirstaidkit.com

Gc Interview


Door Joline Platje Fotografie: Pim Top

Whe n Sain ts

G o Mac hine

54


When Saints Go Machine Na een fantastisch optreden in een klein zaaltje te hebben ­ge­geven, hebben drie van de vier bandleden honger en gaan wat eten. ­Nikolaj Manuel Vonsild, de zanger van het Deense When Saints Go Machine grapt dat hij nooit eet en liever met ons praat. Na drie ­sigaretten belanden we in een gezellig drukke kleed­ kamer (de danseres van Niki & The Dove doet hier ook haar yoga-­ oefeningen), waar hij Glamcult vertelt over de zaken die hem nauw aan het hart liggen.

When Saints Go Machine bestaat uit vier jongens uit Kopenhagen, die het geinig vonden om hun band te vernoemen naar Louis Armstrongs plaat When The Saints Go Marching In. Toen de band drie of vier nummers had, bedachten de boys in hun oefenruimte dat het tijd werd voor een bandnaam. Ze zagen de hoes van de jazztrompettist liggen, speelde wat met de woorden en klaar waren ze. Er wordt op geen enkele ­w ijze aan deze klassieker gerefereerd, laat staan dat er een spirituele of ­reli­g ieuze betekenis achter de titel zit. Nikolaj vertelt dat veel mensen christelijke verwijzingen in hun muziek denken te herkennen, maar zelf moet hij daar een beetje om lachen. “Onze bandnaam roept natuurlijk een behoorlijk sterk beeld op. Stel je voor dat je daar een tekening van zou maken. Niet dat ik weet hoe ik dat dan verder zou moeten uitbeelden hoor. Ik teken al mijn hele ­l even hetzelfde.” Nikolaj pakt een pen en een stuk papier en tekent een wirwar van strepen en krullen, waarin iedere vorm van orde ontbreekt en niets te herkennen valt. Het blijkt een voorteken voor het verloop van het gesprek. Nikolaj vertelt graag en veel, maar springt daarbij van de hak op de tak en lijkt het af en toe moeilijk te vinden om zijn gevoelens goed onder woorden te brengen. “Soms krijg je een gevoel van iets, maar je weet niet precies wat het is. Wij maken bijvoorbeeld zowel elektronische als organische ­m uziek”, begint Nikolaj. De vriendelijke en lichtelijk warrige Deen begrijpt dat zijn muziek niet zo makkelijk te om­ schrijven valt of in een hokje past. When Saints Go Machine overstijgt muziekgenres, zoals maar weinig bands dat kunnen. Nikolajs stem klinkt warm, maar duister met een vibrato zoals Antony Hegarty, hoewel een stuk minder melodramatisch. Hun muziek lijkt samenzweerderig en esoterisch, maar is door het gebruik van de juiste synths en beats veel te catchy om maniakaal of zweverig

te zijn. Nikolaj weet zich ervan af te ­m aken door hun sound te omschrijven als ‘popmuziek’. Hoewel hij het leuk vindt dat de meeste mensen zijn muziek niet per se zo zien, zegt hij: “Popmuziek is ook speciaal. Als je een groot publiek weet te bereiken en veel mensen iets kunt laten voelen, dan is het populair.” Nikolaj en zijn muzikale maatjes komen allemaal uit dezelfde buurt en kennen elkaar van kinds af aan. “We ontmoetten elkaar via onze ouders die elkaar weer kenden van school. En van feesten in de sixties hoogstwaarschijnlijk. Zij waren net een project met z’n drieën begonnen, toen ze mij vroegen om te komen zingen. Ik had daarvoor ook al een hele hoop dingen gedaan met v­ erschillende producers, maar dit voelde voor het eerst als iets dat serieuzer zou kunnen zijn.” Alle bandleden hebben een grote muzikale inbreng, maar Nikolaj schrijft de liedjes. Dit doet hij al van jongs af aan, hoewel er een opvallende ­verschuiving in zijn schrijfkunsten valt te ontdekken. “Toen ik jong was, luisterde ik heel veel naar rap. Op een gegeven moment kwam ik een gast tegen die August heette en die vroeg me of ik een rapper was. Ik loog gewoon en zei: ‘Ja!’. En daarna dacht ik: ‘Fuck! Ik ben helemaal geen rapper!’. Maar ik moest wel naar huis om diezelfde dag nog een aantal teksten te schrijven. Ik werd het alleen op een gegeven moment zat dat ik er eigenlijk niets bij voelde. Dat soort nummers zijn net sprookjes, als je jong bent is het leuk, maar op een ge­ geven moment kon ik zinnen als ‘fuck the police’ of ‘coming straight out of Compton’ niet meer geloofwaardig overbrengen. Ik bedoel: hoe ghetto ben ik?!”, lacht Nikolaj. Maar dat Nikolaj muziek wilde blijven maken, was duidelijk. “Het ­b este aan muziek maken is het feit dat je dingen kunt kanaliseren. Zodra je de muziek die je speelt ook voelt, kun je de spoken die je achtervolgen loslaten. Ik weet ook niet zo goed waarom er

zoveel in mij zit dat het blijft lukken om liedjes te schrijven. Ik zal wel een hoop issues hebben”, zegt hij een beetje ­o ngemakkelijk. Hij aarzelt, maar praat toch verder: “Op een podium lijkt het alsof je bezig bent met een ritueel en dat iedereen om je heen in trance raakt. In Denemarken beginnen we nu steeds bekender te worden. Ik heb het gevoel dat ik daardoor de kans krijg om ­d ingen met veel mensen te delen. Alsof ik met heel veel mensen kan praten. Want als je live speelt en naar het publiek kijkt, dan krijg je zoveel verschillende reacties op je muziek. De één kan aan het dansen zijn, terwijl de ander een soort ‘momentje’ heeft met z’n ogen dicht. Dat is heel fijn, omdat je zelf ook vaak gemengde gevoelens hebt.” Konkylie  —   o p z’n Deens zo mooi uitgesproken als ‘kon-kuuh-lie-je’  — ­b etekent zeeschelp en is het eerste ­a lbum dat buiten Denemarken werd ­u itgebracht. Het viertal trok voor ­d e productie van de plaat naar het ­vakantiehuisje van Nikolajs moeder in Seeland, in het Noorden van Dene­ marken. “Voor mij is het een hele bijzondere plek, omdat ik er veel dierbare herin­n eringen heb. Het ligt in een bos, drie kilometer van het strand vandaan. We zijn er een keertje twee weken ­ eweest, maar dat was eerlijk gezegd g wel te lang. Het sneeuwde en alle l­ eidingen waren bevroren. We moesten iedere dag eerst een half uur die ­l eidingen ontdooien met een gasbrandertje, eer we water konden gebruiken!”. Alle inspanningen leverden een fabelachtige plaat op, die je weet te raken zonder dat je je vinger erop kunt leggen waar dat hem in zit. Nikolajs lievelingsliedje van het album is zonder twijfel Add Ends. “Ik vind alle andere nummers ook heel mooi, maar deze is het belangrijkste voor mij. Het kostte me een lange tijd om te schrijven.” Weer aarzelt hij even om verder te praten. “Dit is eigenlijk niet iets waar ik vaak over praat, omdat ik

55

liever niet heb dat dit interview over de dood gaat. Ik wil altijd graag dat mensen onbevooroordeeld naar mijn muziek luisteren, dat ze hun eigen ­b e­­t ekenis aan een liedje geven. Maar ik begon dit nummer te schrijven toen mijn vader ziek werd. Toen hij overleed, moest ik het helemaal herschrijven, ­o mdat het verhaal niet meer klopte. Ik heb er anderhalf jaar over gedaan om het af te maken, en heb het wel dertig keer herschreven. Dit nummer moest gewoon perfect zijn, ook voor mij. Eigenlijk alle nummers hebben te ­m a­k en met het verliezen van iemand, of met iets anders naars of genânts. Ik sprak onderling af met de rest van de band dat er alleen maar nummers op dit album zouden komen, waar we ­a llevier een sterk gevoel bij hadden.” Dat speciale gevoel wisten die vier Deense jongens in dat zomerhuisje heel goed over te brengen. Hoewel When Saints Go ­M achine niet melancholisch klinkt, roept de muziek wel allerlei gevoelens op, waarvan je niet precies weet hoe je ze moet ­o mschrijven. Misschien wel het beste als een rommelige tekening die bestaat uit krullen en­­ ­r echte lijnen. whensaintsgomachine.blogspot.com

Gc Interview


Door Maricke Nieuwdorp Fotografie: Pim Top

Nicolas Provost The Invader, een drama over een illegaal in Brussel, is het verrassend toegankelijke speelfilmdebuut van Nicolas Provost. De filmmaker, die vooral bekend is vanwege zijn experimentele shorts, speelt ook nu weer met ons collectieve filmgeheugen. Een kleine introductie in de wereld van storytelling, beeldtaal en feit versus fictie.

De artistieke wortels van beeldend kunstenaar annex experimenteel filmmaker Nicolas Provost (1969, Ronse), ­l iggen in zijn jeugd. Antonioni, Fellini, nouvelle vague; de Belg kreeg het voorgeschoteld via de Franse kanalen waar zijn ouders steevast op afstem­ den. Destijds, zo vertelt Provost in een ­Rotterdams hotel tijdens het International Film Festival Rotterdam (IFFR), werden daar nog kwalitatief goede films ­v ertoond. “Ik heb de volledige film­ geschiedenis aan mij voorbij zien gaan als kind. Ook al begreep ik niet alles, het had een enorme visuele impact op mij.” Dat blijkt inderdaad uit zijn grote oeuvre, waarin hij steevast speelt met ons collectieve filmgeheugen, beeld­ taal en de relatie tussen feit en fictie. Een mooi voorbeeld daarvan is zijn Plot Point-­t rilogie, waarin hij alledaagse opnames van de straten van New York en Las Vegas verwerkt tot fictie. Dat geschiedt in de montagekamer, waar Provost slim sound design en scenariovondsten inzet. Op deze manier bouwt hij spanning op en speelt met de verwachtingen van zijn kijker. Zo figureer­ den ­d e heren Dennis Hopper en Jack Nicholson in Las Vegas, geheel onbewust, in het tweede deel uit zijn trilogie, Stardust (2010). Het derde deel, Tokio, is inmiddels in de maak. “Ik vind dit nog steeds mijn interessantste werk”, zegt Provost erover. Ook andere beelden veranderen van boodschap door toedoen van ­ de kunstenaar. Zo worden commercieel

bedoelde opnames na Provosts be­h an­ de­l ing romantische droomscènes in Moving Stories (2010). “Met hele kleine storytelling-technieken kun je mensen ontroeren, laten dromen”, legt hij uit. Dat lukte hem ook met Gravity (2008), waarin hij hoogtepunten uit de filmgeschiedenis  —   k lassieke kusscènes  — ­s amensmelt tot een omhelzing die zijn weerga niet kent. In Long Live the New Flesh (2010) neemt hij ons mee op een korte reis door de geschiedenis van horrorfilms, door footage van allerlei creepers met elkaar te verbinden. “Het zijn opnames uit verschillende horrorfilms, die zo mooi gemaakt zijn, en zo plastisch, dat het de horror overstijgt.” Na zijn in film gedrenkte jeugd koos Provost voor een opleiding aan de Koninklijke Academie voor Schone ­Kunsten in Gent, waar hij als een van de weinigen experimenteerde met video. “Het was nog voor de digitale revolutie in de jaren ’90 en er waren weinig faci­ liteiten. Toen al werkte ik met bestaande opnames, om te zien hoever je kan gaan met bewegend beeld.” Via een uitwisselingsprogramma kwam de video ­a rtist in Noorwegen terecht, waar hij bijna tien jaar werkzaam was als illustrator, grafisch ontwerper en art director. Tot zijn terugkeer naar België in 2003. Hij had toen al een begin gemaakt aan zijn ­i nmiddels vele experimentele, korte films en installaties, die hem brachten op film­ festivals als Berlijn, Venetië en Toronto. Even zo goed belandde zijn werk in het beeldende kunstcircuit, waarin hij solo-

exposities had in het Seattle Art Museum, de Londonse gallerie Haunch of Venison en zijn vaste stek de Tim Van Laere ­G allery in Antwerpen. Zijn bezoek aan Rotterdam markeert maarliefst de negende keer dat Provost te gast is bij het IFFR, dit keer met zijn eerste speelfilm. The Invader is een krachtig drama dat uitloopt op een thriller, over een illegaal die zijn plek en de liefde in een vijandige wereld probeert te vinden. Dat het een ‘klein, maar commercieel verhaal’ werd, was een bewuste keuze. Provost: “Ik wilde geen artistieke film maken die onmiddellijk gecategoriseerd zou worden als kunstfilm.” Waarmee Provost doelt op het waarschijnlijk marginale publiek dat daar vaak op afkomt. Toch zullen Provost-kenners wel degelijk zijn hand herkennen in de productie. “Net als bij mijn Plot Point-films gebruik ik een verborgen camera, waarbij ik probeer fictie te maken op straat, met mensen die uit de realiteit komen. Ik gaf mijn acteur opdrachten tegen wie hij moest spreken en wat hij moest zeggen.” Het levert een mooie kruisbestuiving op tussen feit en fictie en het ziet er zo levensecht en spontaan uit dat het de kijker onbewust extra betrokken maakt bij het personage. Filmindustrie en beeldende kunst, het zijn twee verschillende werelden waar Provost soepel tussen meandert. Hoewel hij de commerciële inslag van de filmwereld in zekere zin toch hekelt. “Cinema is een van de kunstvormen die vandaag bijna is weggeschoven.” ­D at

56

het veelal om geld en cijfers gaat, zint hem weinig. Toch zou hij zich onprettig voelen in het kunstcircuit alleen. “Ik vind het heel plezant om tussen die twee te kunnen functioneren. Om me vervolgens op tijd weer terug te trekken en me niet teveel te laten beïnvloeden door alle domme dingen die er gezegd worden.” Tevreden concludeert hij dat de grenzen tussen de twee werelden in zekere zin hybride zijn geworden. Vroeger was hij in beide velden een beetje een vreemde eend in de bijt  —   n u wordt hij in beide geroemd. Provost lijkt er voor op te pas­ sen zich te comfortabel te gaan voelen, want hij vraagt zich ernstig af hoe lang we nog gefascineerd zullen blijven door verhalen op groot scherm, ‘met een begin, een midden en een einde’. “Daar zijn we nu honderd jaar mee bezig. David Lynch (één van mijn helden) zegt dat het forever is, maar ik denk dat er binnenkort concurrentie gaat komen voor de cinema. In welke vorm weet ik nog niet, maar ik denk dat videogames en cinema gaan samensmelten, zodat je als kijker veel meer betrokken wordt met het verhaal.” Hoe zijn werelden ook zullen veranderen, Provost zal altijd kun­ nen leunen op onze collectieve ­k ennis. Die staat inmiddels in steen gehakt. The Invader draait vanaf 24 mei in de bioscoop www.nicolasprovost.com

Gc Interview


Visual Essays

He w 58 sear ho w o c h mus for p uld t div earls e be , low 66 way, e l t n e e k a g h a s n n I a c d l u r yo e wo th 72 a d a h s y a w l Ia o t d e e n e v i s repul g n i h t e m o s e b n a m u h n a h t more F oto

g o t o F

D b e :Z e i f ra

graf

ie: D

uy Q

uoc

Vo

n e m ae

Fo

lleg u H e i r r a B : e tografi

ie


Links Body H&M, koptelefoon Molami Gezicht  —   foundation Chanel Vitalumière Aqua, poeder Chanel Poudre Universelle Compacte, gloss Kevyn Aucoin Shimmer. Wenkbrauwen  — ­w enkbrauwpotlood Chanel ­C rayon Sourcils Brun Cendré 40. Ogen  —   m ascara Chanel Inimitable ­Waterproof, oogschaduw Chanel Les 4 Ombres ­Vanités 08, ­o ogschaduw Shu Uemura M Vivid ­O range 260, ­o ogschaduw Sephora Forever Silver. Lippen  —   m ake-up op waterbasis Fardel, gloss Kevyn Aucoin Shimmer

Rechts Metallic jurk Sportmax, mintgroene jurk Pinko x ­U niqueness Gezicht  —   foundation Chanel Vitalumière Aqua, poeder Chanel Poudre Universelle Compacte, blush Chanel Espiègle 65. Handen  —   e yeliner Chanel Stylo Yeux Waterproof Marine 30. Wenkbrauwen  —   w enkbrauwpotlood Chanel Crayon Sourcils Brun Cendré 40. Ogen  —   m ascara Chanel Inimitable Waterproof, oogschaduw Chanel Illusion d’Ombre Emerveillé 82. Lippen  —   o ogschaduw Shu Uemura ME Medium Purple 78, gloss Kevyn Aucoin Shimmer. Nagels  —   n agellak Chanel Blue Satin 461


He who would search for pearls,

must dive below


Jurk, top en jas H&M, schoenen Monki, tas Adidas x Stella McCartney Gezicht  —   foundation Chanel Vitalumière Aqua, poeder Chanel Poudre Universelle Compacte, blush Chanel Imprevu 59. Handen  —   e yeliner Chanel Stylo Yeux Waterproof Marine 30. Wenkbrauwen  —   w enkbrauwpotlood Chanel Crayon Sourcils Brun Cendré 40. Ogen  —   m ascara Chanel Inimitable Waterproof, oogschaduw Chanel Illusion d’Ombre Ebloui 86, ­l ipgloss Shu Uemura Celestial Garden Gloss. Lippen —  l ippenstift Chanel Rouge Coco Shine Canotier 41 en Aventure 57. Nagels  —   n agellak Chanel Blue Satin 461


Links Jurk Pinko x Uniqueness Gezicht  —   foundation Chanel Vitalumière Aqua, poeder Chanel Poudre Universelle Compacte, blush Chanel Espiègle 65. Wenkbrauwen  —   w enkbrauwpotlood Chanel Crayon Sourcils Brun Cendré 40. Ogen  —   m ascara Chanel Inimitable Waterproof, oogschaduw Chanel Illusion d’Ombre Emerveillé 82 en Ebloui 86. Lippen  —   m ake-up op waterbasis Fardel

Rechts Gezicht  —   foundation Chanel Vitalumière Aqua, poeder Chanel Poudre Universelle Compacte, blush Chanel Espiègle 65. Ogen  —   m ascara Chanel Inimitable Waterproof, oogschaduw Chanel Ombre ­E ssentielle Sand 68, oogpotlood Chanel Le Crayon Khôl Noir 61 en Clair 69. Lippen  —   l ippenstift Chanel Rouge Allure Excessive 67


Links Top en rok Azzedine Alaïa, sneakers Nike

Rechts Jurk Herve Leger, top Adidas x Stella McCartney

Gezicht  —   foundation Chanel Vitalumière Aqua, poeder Chanel Poudre Universelle Compacte, blush Chanel Imprevu 59. Wenkbrauwen  —   w enkbrauwpotlood Chanel Crayon Sourcils Brun Cendré 40. Ogen  —   m ascara Chanel Inimitable Waterproof, oogschaduw Chanel Ombre Essentielle Blazing Gold. Lippen  —   foundation Nars The Multiple Laguna. Nagels —  n agellak Chanel Blue Satin 461

Gezicht  —   foundation Chanel Vitalumière Aqua, poeder Chanel Soleil tan de Chanel. Wenkbrauwen —  w enkbrauwpoeder Chanel le Sourcil de Chanel. Ogen  —   e yeliner Chanel Écriture de Chanel Noir 10. Lippen  —   l ippenstift Shu Uemura PK 365 bright Fuchsia Pink, lipgloss Chanel Rouge Allure Laque Phoenix 78, oogpotlood Chanel le Crayon Yeux Bleu Jean 19. Nagels  —   n agellak Chanel Blue Satin 461

Fotografie: Duy Quoc Vo — House of Orange Styling: Venus Waterman — Eric Elenbaas Haar: Siko van Berkel voor Sebastian — House of Orange Make-up: Kathinka Gernant voor Chanel — House of Orange Model: Sophie Vlaming — Wilma Wakker Assistent fotografie: Lotte van Raalte Assistent styling: Nijnke van Willigenburg Assistent haar: Elize van Noordwijk Assistent make-up: Alexandra Borcila Met dank aan: Aqua-Diving Amsterdam


In a gentle way, you can shake the world


Links Colbert en pet Givenchy

Rechts Broek en sandalen Givenchy, T-shirt Dries Van Noten


Links Jasje, shirt en broek Paul Smith

Rechts Jasje Prada, zonnebril Acne


Links Shirt Dries Van Noten, broek Viktor & Rolf

Rechts Jasje en broek Dries Van Noten, T-shirt Calvin Klein, zonnebril Acne

Fotografie: Zeb Daemen Styling: Yuanyi Jeff Lee Haar: Nori Takayashi Make-up: Mayumi Oda Model: Russell Giardina — Success Models Paris Assistent styling: Olivier Pichou


Hij  —   G estreepte blazer Tommy Hilfiger Zij  —   G eblokte jas Boss Black, jurk See by Chloé


I always had a repulsive need to be 足some足thing more

than human


Hij  —   Pak Hugo, sneakers Nike, sokken Hema Zij  —   J urk Strenesse Blue, sneakers Nike, sokken Hema


Links Hij  —   O verhemd vintage Zij  —   B louse Equipment

Rechts Hij  —   B lazer Boss Black, sjaal vintage Gucci Zij  —   J asje met print Dries Van Noten, overhemd Boss Black


Hij  —   S pijkeroverhemd Diesel, shorts Boss Black Zij    —   S pijkerblouse en shorts Lee, mouwloos spijkerjasje Blue Blood

Fotografie: Barrie Hullegie Styling: Lidewij Merckx — House of Orange Haar: Taco Stuiver voor 1027 — House of Orange Make-up: Anita Jolles voor Bobbi Brown — House of Orange Modellen: Anouk — Skin Model Management, Thomas N. — 77 Models Assistent fotografie: Patrick Sijben Met dank aan: Van Ravenstein en Petit Salon


Met een off-schedule presentatie tijdens de eerste dag van de couture week, presenteerde Jan Taminiau zijn collectie Tarnished Beauty. De collectie, bedoeld om de schoonheid van de vrouw naar een hoger niveau te tillen, zit vol ogenschijnlijke contrasten: futuristische helmen en harnasachtige referenties naast zacht gekleurde jurkjes en zilveren pailletten. Tijdens de show gingen de maskers af, want volgens Taminiau komt echte schoonheid namelijk pas tot leven als mensen zich naar elkaar openstellen.

Franck Sorbier

Fotografie: Job Jonathan Schlingemann

Jan Taminiau

Paris Haute Couture Onlangs werden in Parijs de Haute Couture collecties gepresenteerd. De week werd afgetrapt door de ­pre­sen­tatie van Atelier Versace, dat een comeback maakte na sinds 2004 geen coutureshows meer ­ge­geven te hebben. Een hoog rode loper-gehalte bij Elie Saab werd afgewisseld met de futuristische ­wondere wereld van Iris van Herpen en een ode aan Amy Winehouse bij Jean Paul Gaultier. Glamcult was erbij, en maakte een backstage report.

Christophe Josse De zwarte, witte, crème- en okerkleurige bustiers uit de collectie van Franck Sorbier sluiten zo perfect aan op de lichamen van de modellen dat het bijna niet van bodypaint te onderscheiden is. De Franse couturier werkte met een combinatie van hars en fiberglas, en bewerkte sommige ontwerpen

80

v­ ervolgens met plantaardige materialen en beschilderde bloemenprints op andere met de hand. Geïnspireerd door etnische stammen uit ­Polynesië en Afrika, werkte de ontwerper verder met onder andere raffia, katoen en chiffon.


Alexandre Vauthier

Elie Saab

Iris van Herpen

Paris Haute Couture

Voor de collectie Micro, liet Iris van Herpen zich inspireren door de onzichtbare maar fascinerende wereld van de micro-­ organismen. Met een beetje fantasie doen sommige van haar sculpturale ontwerpen inderdaad denken aan gigantische uitvergrote bacteriën en amoeben die normaal gesproken alleen onder een microscoop tot leven komen. ­D e experimen-

81

tele materiaalkeuze van de ontwerper uitte zich voor deze collectie in het gebruik van perspex, koper en transparant acryl. In samenwerking met de Nederlandse kunstenaar Bart Hess ontwikkelde ze een stof die doet denken aan doorschijnende slangenhuid.

Gc Reportage


In dezelfde periode zijn ook te zien:

Charles Atlas, ‘Views on Camera’ (2005), Courtesy Vilma Gold, Londen

— Hamid El Kanbouhi ‘La Vache Qui Rit’ — Recente Aanwinsten

De Hallen Haarlem 16 maart t/m 3 juni 2012

Voor evenementen zie: www.dehallenhaarlem.nl

Vedett, Oggu


A Dangerous Method

Vanaf 15 maart Regie: David Cronenberg Met: Viggo Mortensen, Michael ­F assbender, e.a.

Film 170 Hz

Vanaf 1 maart Regie: Joost van Ginkel Met: Gaite Jansen, Michael Muller, e.a.

Waarschuwing vooraf: wie het pruilmondje van Keira Knightley slecht trekt, gaat het zwaar krijgen. Hoe mooi ze ook is, en hoezeer ze ook haar best doet een karakteristieke rol neer te zetten, steeds weer gaat haar gezicht in standje ‘knap’ staan. Iets dat welhaast aangeleerd moet zijn, aangezien ze daar in het heerlijke Bend It Like Beckham (2002) nog geen last van leek te hebben. Dokter Carl Jung (Fassbender) behandelt via de methode van zijn leermeester Sigmund Freud een psychiatrisch patiënte die weinig kans lijkt te maken op genezing. Lees: ze is knettergek. Het onmogelijke gebeurt en ze wordt geestelijk steeds gezonder. Maar omdat beide heren vallen voor deze aantrekkelijke dame, wordt het er niet gezelliger op. Een web van in­ triges drijft een wig tussen hun vriendschap. Dit oerdegelijke historisch drama had, zo lijkt het, ook door een andere regisseur gemaakt kunnen worden. Het zit allemaal goed in elkaar, maar waar is die toffe Cronenberg-stempel? Dit is de man die immers ook films maakte als The Fly (classic!) en Crash (ook!). ­H istorisch drama

Filmmaker Joost van Ginkel verraste ons toen hij schijnbaar vanuit het niets opeens een korte film had draaien op het filmfestival in Venetië. Het zeer geslaagde en zelf gefinancierde Zand (2008) zette hem direct op de kaart als filmbelofte. En ook 170 Hz, zijn speelfilmdebuut, is weer oogstrelend mooi. Twee dove tieners worden smoor­ verliefd, maar voelen zich onbegrepen door de rest van de wereld. Samen brengen ze hun dagen door in complete harmonie met elkaar. Dat verandert langzaam nadat ze besluiten zich helemaal terug te trekken in een half gezonken onderzeeër. Daar denken ze niemand nodig te hebben en niemand kan ze scheiden. Het werkt visueel fantastisch, zo’n verhaal waarin alleen met gebarentaal gesproken wordt. Bovendien heeft Van Ginkel opmerkelijke en waanzinnige locaties op­g e­ zocht die bijdragen aan de prachtige plaatjes. Ook bijzondere opnames die niet direct in het letterlijke verhaal passen, gaat Van Ginkel niet uit de weg. Toch blijft er een zekere afstand; het is niet heel gemakkelijk om van de personages te gaan houden, of een eindje met ze mee te gaan. Drama

Hemel

I Am a Woman Now

Vanaf 29 maart Regie: Sacha Polak Met: Hannah Hoekstra, Hans Dagelet, e.a. Hemel is een mooie, jonge vrouw die het bed deelt met meerdere losse schar­rels, maar relaties liever uit de weg gaat. De enige hechte band met een man, heeft ze met haar vader, een joviale veilingmeester. Ze groeide op onder zijn vleugels toen haar moeder overleed. Zijn vele minnaressen kwamen, maar gingen ook altijd weer weg. Alleen Hemel bleef. Als haar vader werkelijk verliefd wordt op een collega (Rifka Lodeizen), voelt Hemel zich in haar rol bedreigd. Heel fijn, dit speelfilmdebuut van Polak. Hoekstra zet een intrigerend personage neer dat vragen oproept en aan het denken zet. Ook niet onaardig: ze is beeldschoon om naar te kijken. De camera lijkt nauwkeurig te onderzoeken wat Hemels gezicht zegt en wat ze aan woorden tekort komt. Hoewel haar lichaam veelvuldig naakt in beeld komt, heeft de benadering iets respectvols en is eerder kunstzinnig dan sexy. Seksscènes spelen weliswaar een belangrijke rol in het geheel, maar de psychologie erachter lijkt belangrijker dan de daad an sich. Mooie, kleine film. Drama

Actrice Hannah Hoekstra over Hemel

Ruim een jaar na haar afstuderen aan de Amsterdamse­ toneelschool is de prachtige Hannah Hoekstra te zien in Hemel, het speelfilmdebuut van Sacha Polak. Het intieme drama werd geselecteerd voor het filmfestival in Berlijn. “Soms zijn er situaties waarvan ik het gevoel heb dat ­i k het in de vingers heb. Als alle acteurs op één lijn zitten en iedereen weet wat hem of haar te doen staat, dan kan het spelen soms bijna vanzelf gaan. Maar net als ieder mens, ben ik zo onzeker als ik weet niet wat.” Aan het woord is actrice Hannah Hoekstra (1987), die de hoofd- en tegelijkertijd titelrol van Hemel op zich neemt. Hemel versiert mannen alsof het een spel is, maar de enige man die er voor haar werkelijk toe doet, is haar vader. Een heftige rol. Niet alleen speelt ze een complex personage en is ze in vrijwel elke scène te zien, Hoekstra moet ook regelmatig uit de kleren. Niet altijd makkelijk. “Toen ik werd gebeld door het castingbureau dat ze misschien iets voor me hadden, moest ik eerst het script lezen voordat ik kwam auditeren. Vanwege het verhaal in zijn geheel, maar ook omdat er veel naakt in zit en de seksscènes er zo’n belangrijke rol in spelen. En ja, daar denk je als acteur

wel goed over na.” Maar Hoekstra viel al snel voor het scenario als ook voor de regisseur. “Sacha is zo’n fantastisch mens. Ze is iemand die me uit kan dagen en ik ben haar bovendien snel gaan vertrouwen.” Het resultaat heeft ze nog niet op groot doek teruggezien, maar dat gaat snel gebeuren. Iets dat ze  —   zo biecht ze op  —   h eel spannend vindt: “Als ik films terugkijk, zie ik vaak alleen de dingen die ik stom vind van mezelf, die ik beter of anders had willen doen. Ik wil nog zoveel leren; ik ben nog maar een groentje!” De eerste schreden in de filmwereld zijn haar duidelijk bevallen. Het lijkt het begin van een mooie carrière. “Ik hoop dat ik me als acteur op zowel theater- als filmgebied mag blijven ontwikkelen.”

Young Adult

Vanaf 15 maart Regie: Michiel van Erp Documentairemaker Michiel van Erp voelt als geen ander aan hoe de mens in elkaar zit. Per film, en afhankelijk van zijn onderwerp, kiest hij de toon. Zo was Pretpark Nederland, over hoe wij recreëren, hilarisch. Maar toonde hij zich bij films over mensen met angstaanvallen (Angst) en bij zijn portret van fotograaf Erwin Olaf (Erwin Olaf: on Beauty and Fall) respectvol en empathisch. Zo ook bij deze portretten van vijf transseksuele vrouwen op leeftijd, die zich al decennia geleden lieten opereren door ‘wonderdokter’ Georges Burou. Hij veranderde hun leven radicaal. Van Erp spreekt de dames anno nu. Ze reflecteren op de afgelopen decennia  —   w at bijzonder is, omdat ze vrijwel de enige transseksuelen zijn die dat kunnen (met dank aan Burou). Het levert prachtige, aangrijpende verhalen op. Maar Van Erp zou Van Erp niet zijn, als hij er niet een vleugje humor in wist te smokkelen. Dit gebeurt met name door de locaties waar hij de da­ mes spreekt en door de shots die hij kiest. De flamboyante maar tegelijkertijd o zo normale dames hebben allemaal een opmerkelijk verhaal te vertellen. Documentaire

Vanaf 1 maart Regie: Jason Reitman Met: Charlize Theron, Patrick Wilson, e.a. Scenarist Diablo Cody, die met Juno, over een eigengereide tienermoeder, een Oscar won, maakt het haar nieuwe personage niet makkelijk. Mavis (Theron) is zogenaamd heel succesvol als romanschrijfster in de Mini-Apple —  d e eufemistische benaming voor Minneapolis, dat verre van The Big ­A pple is. Haar oud-klasgenoten uit de provincie denken dat dit ooit zo populaire meisje alles uit het leven haalt, maar zij zien niet haar schrijnende, ­a ndere kant. In werkelijkheid is ze slechts ghostwriter van een niet meer zo popu­ laire romanreeks voor bakvissen, ligt ze op bed reality pulp te kijken, laat

83

ze haar arme modehondje verpieteren en worstelt ze zich door eenzame kater­ dagen na armzalig verlopen dates. Nu haar eerste liefde back home zijn eerste kind verwelkomt, lijkt dat haar het uitgelezen moment om hem definitief te schaken. Inderdaad, deze dame leeft in een meisjesdroom waarin het ‘mooie, maar onbegrepen meisje’ de jongen uiteindelijk krijgt. Net zoals in de tienerfantasieën uit haar romannetjes. Wanneer ze op fuck me-pumps terugkeert naar het dorp van haar jeugd, wordt ze keihard met haar neus op de feiten gedrukt. Vooral met dank aan haar eigen, wereldvreemde gedrag. “We can beat this thing together!” ­u itroepen tegen een kersverse, dol­ gelukkige vader van het kind van een ander, markeert een van die ultieme

kromme tenen-momenten. Young Adult, refererend aan het romangenre waar Mavis in gespecialiseerd is, ­verwijst natuurlijk naar de staat waarin ze zich bevindt: deze dertiger leeft mentaal nog in haar tienertijd en komt er the hard way achter dat de rest van de wereld groot is geworden. Niet zo scherp als Juno of zo subtiel als Reitmans Up in the Air; daar ligt de mentale problematiek er te dik voor bovenop. Evengoed is Young Adult een aangename aanwinst in het filmlandschap. Bij vlagen humoristisch, ’n tikje absurd, en in en in triest tegelijk. Zwarte komedie

Gc Update


FOR MORE INFORMATION PLEASE CHECK: WWW.PARADISO.NL OR DOWNLOAD THE PARADISO IPHONE APP


Albums Gang Colours

Grimes

Perfume Genius Memoryhouse

Breton

Other People’s Problems

The Keychain Collection

Visions

The Slideshow Effect

Put Your Back N 2 It

FatCat / Konkurrent

Bronswood / Pias

4AD / Beggars Group

Sub Pop / Konkurrent

Matador / Beggars Group

Breton heeft schijt aan hokjesdenken. Niet hun probleem natuurlijk. Nee, daar mag de luisteraar mee dealen. Want wat is het dat Breton ons voorschotelt? In ieder geval een boeiende luistertrip van hier naar… Ja, waar? Deze Britse heren (uit Londen) creëren en experimenteren met beats en elektronica, en doen dat met invloeden uit hiphop, rock en electro. Openings­t rack Pacemaker is een gesamplede boxenvuller door een goed afgeluisterde orkestrale beat waar in de ’90s hiphoppers patent op hadden. In Wood and Plastic weet Breton ingenieus te rocken (denk: Foals). Governing Correctly is stevige zaterdag­a vond-op-de-dansvloerelectro-pop, waarin gelijkgezinde Tom Vek doorklinkt. En The Commission is een ongekend spannend sluitstuk waarin de definitie van minimale elektronica in 2012 wordt opgetekend. Ik heb geen problemen met Breton! Door Matthijs van Burg

Misschien wat cliché, maar bij de naam Gang Colours verwacht je toch iets in de richting van gangsta rap. En wanneer je de (lelijke!) hoes bekijkt, is de verwar­ ring waarschijnlijk alleen maar groter. Beide geven echter absoluut geen ­reden tot het niet beluisteren van dit meer dan prettige debuut. Will Ozanne —  a lias Gang Colours  —   i s de nieuwste aanwinst van Bronswood, het label van de befaamde DJ Gilles Peterson (van BBC radio1). Piano wordt op The Keychain Collection omlijst met sferische synths en sijpelende vertraagde glitchy beats bestaande uit clicks ’n cuts. Dit alles ondersteunt de stem van Ozanne op zo’n manier dat die gerust in één adem met James Blake en Jamie Woon genoemd mag worden. Fijne luisterplaat! Door Niels Wiese

De artistieke Canadese Claire Boucher —  h et brein achter de one-woman ­b and Grimes  —   m aakt hemelse mysterieuze electro die je gelijk bij de kladden grijpt. Zo ook Visions, haar eerste officiële full length album. (In de afgelopen twee jaar bracht Grimes al 3 korte ­a lbums uit!) Minimalistische arrangementen vervlochten met dromerige zoete zang (vaak zo vervormd dat haar stem één wordt met de elektronische geluiden) zorgen voor een hypno­t i­s erende en soms trippende werking. Visions is enerzijds experimenteel, maar tege­ lijkertijd heerlijk toegankelijk. Dit maakt het album een genot om naar te luisteren. Nummers als Genesis en Visiting Statue zetten stuk voor stuk een intens sfeervolle impressie neer, bijna als een expressionistisch schilderij. Grimes wordt deze zomer hopelijk die niet te missen elektronische sensatie op de betere festivals. Door Anna Nita

Memoryhouse begon als multime­d ia­ project tussen Evan Abeele en Denise Nouvion. Hij is componist, zij fotografe die ook korte films maakt. Al snel blijkt echter dat Nouvion aardig kan zingen, waarna de focus voor de twee steeds meer op muziek komt te liggen. De eerste EP van Memoryhouse wordt, hoe romantisch, in de slaapkamer van Abeele opgenomen. Na een succesvolle tour tekent het duo bij het bekende label Sub Pop en wordt het tijd voor een volledig album. The Slideshow Effect bevat dromerige, melodieuze popliedjes en doet bij vlagen denken aan een mix tussen The Clientele en Rilo Kiley. Met haar fragiele, kalme stem zingt Nouvion de teksten haast verhalend en de catchy nummers All Our Wonders en Bonfire kunnen zomaar dagen in je hoofd blijven hangen. Helaas ontbreekt het op The Slideshow Effect net aan de nodige variatie, waardoor het duo het slaapkamerniveau helaas nog niet echt weet te ontstijgen. Door Lisa den Oudendammer

Ain’t 2 Proud 2 Beg, Strictly 4 My N.I.G .G .A.Z., N 2gether now. Put Your Back N 2 It?! Erg gangsta-ghetto-street allemaal, maar niets van zulks tref je op deze tweede plaat van Perfume Genius. De prachtige pianoballades van Mike Hadreas komen eerder uit Twin Peaks. De jonge Hadreas is de kwetsbaarheid zelve; zowel muzikaal als tekstueel neemt hij je mee in zijn niet zo heel blijmoedige wereld. Songs over een gay suicide letter, familie als damaged goods, verlaten worden en last but not least, een overdosis. Oef. Maar mooi allemaal. Oef. Perfume Genius ontroert op eenzelfde manier als Antony (No Tear, Your Sister) en zit op de emotionele golflengte van Sufjan Stevens en Sigur Ros. En hoe zit dat nou met die titel? In Put Your Back N 2 It bezingt Hadreas de mannenliefde. 4 Real. Door Matthijs van Burg

Soap&Skin Peter Broderick

Narrow SOLFO / PIAS In 2009 overdonderde de piepjonge zangeres/pianist Soap&Skin ons met haar loodzware, van doodsdrift door­ drenkte Lovetune for Vacuum. “Extinguish me”, kermde ze toen. Ze is er duidelijk niet vrolijker op geworden: “Ich wollt’ noch nie lieber eine Made sein”, zingt ze in het hartverscheurernde Vater, dat ze schreef voor haar overleden pa. Het is het enige Duitstalige nummer van haar nieuwe, acht tracks tellende album Narrow. Ook trakteert ze ons op een briljante cover van Desireless’ ’80s hit Voyage Voyage. Alle italodisco is er vakkundig uitgeslagen en wat overblijft is een bijzonder kale, prachtig getimede doodsballade. Narrow mist wellicht de impact van Soap&Skins debuut, vocaal en muzikaal blijft ze sensationeel; of ze nou opvallend ingetogen klinkt (Cradlesong en Lost), of op onnavolgbare wijze uithaalt (Boat turns toward the Port) ze weet kwetsbaarheid en agressie, piano en electro­ nica steevast prachtig te combineren. Dat Duits zingen bevalt overigens goed: wir wollen mehr! Door Vanessa Groenewegen

Tanlines

Team Me

The Asteroids Galaxy Tour

http://www.itstartshear.com

Mixed Emotions

To The Treetops

Out Of Frequency

Bella Union / V2

Matador / Beggars Group

Propeller Recordings / Universal

N.E.W.S.

Alleen de albumhoes is al om van te smelten. En zodra je het album be­ luistert, weet je dat dit zestal uit Oslo inderdaad betovert. De indiepop is sprankelend en dromerig tegelijk. Wat is dat toch met Noren? Ze zijn in staat een soort sprookjesachtige magie te delen zoals alleen Scandi­­­­­na­­ viërs dat lijken te kunnen: opgewekt en ingetogen. Team Me  —   b egonnen ­ als one-man band  —   i s letterlijk uit­­g e­ groeid tot een groep met diverse muzikale inbreng die verfrissende melodieën en klanken met fijne zangpartijen com­b ineert. Vanaf het eerste nummer Riding My Bicycle beleef je meteen de magische sfeer en door fa­vorieten Weathervanes And Chemicals (gebruikt in videogame Get Home) en Show Me laten de vrolijke klanken je echt niet meer los. Door Dorothy Vrielink

Was jij drie jaar geleden ook zo in je nop­j es met Fruit  —   h et debuutalbum van de Deense band The Asteroids Galaxy Tour? De koebel, toeters en de karakter­i stieke stem van Mette Lindberg fleurden saaie dagen voor menig liefhebber op. Nummers als The Golden Age en Around The Bend vlogen als warme broodjes over de intro tunetoonbank in de media- en reclamewereld. Dat moest dus wat gaan beloven voor het volgende album. Opvolger Out Of Frequency stelt lichtelijk teleur, want the Asteroids Galaxy Tour lijkt hun groove een beetje kwijt te zijn en meer geïnteresseerd in een plekje in de mainstream hitlijsten. Een beetje verblind geraakt door dollartekens? Eerlijk is eerlijk: op de dansvloer doen nummers als Heart Attack en Ghost In My Head het goed. Maar eigenlijk klinkt alles blikkerig en te bombastisch. Hopelijk stopt de band het volgende album weer wat meer soul in hun nummers. Door Anna Nita

Het blokkeren van Pirate Bay door inter­ netproviders, de Stop Online Piracy Act en arrestatie van Megaupload-oprichters… Er is weer/nog altijd veel te doen over muziekverspreiding op het wereld wijde web. Gelukkig roeren steeds meer muzikanten zich in deze discussie. Een van de voorstanders van vrije muziekverspreiding is compo­ nist en veelschrijver Peter Broderick. Zijn nieuwe plaat is dan ook vernoemd naar de URL waar zijn album, maar ook teksten, art-work en meer te verkrij­ gen is. Voor Broderick is downloaden onontkoombaar en biedt het een kans. Wanneer je http://www.itstartshear. com luistert, wil je namelijk op zeker het album kopen of zijn concert bezoeken. http://www.itstartshear.com —  g eproduceerd door klavierkid en zielsverwant Nils Frahm  —   s taat vol folk georiënteerde composities, rijk gespeeld op piano, viool en akoestische gitaar met een niet onverdienstelijke Broderick als vocalist. Een mooi staaltje singer-songwriter meets neo-klassiek. Ga deze plaat downloaden! Door Matthijs van Burg

  Na ruim anderhalf jaar naar de remix van bombastische track Real Life te hebben geluisterd, klonk de naam Tanlines al bekend. En toch leer ik het duo Eric Emm en Jesse Cohen met dit veelzijdige debuutalbum pas echt kennen. De mannen uit Brooklyn NY wer­ den in 2009 ontdekt na een remix te hebben gemaakt voor de band Telepathe, die op internet verscheen. De platenmaatschappij tekent de twee tegenpolen en vanaf dan maken ze samen spannende elektronische pop. Soms met stoere en donkere sounds, dan weer lieflijk, zoals de aanstekelijke pop in All Of Me, in Yes Way of in Not The Same. Inderdaad, een divers album vol tegenstrijdigheden. Het ene moment opbeurend, het andere moment zwaar. Mixed Emotions, true that. Door Dorothy Vrielink

85

Gc Update


Stuff Glamstuff winnen? Stuur een mailtje met je naam, adres en telefoonnummer naar glamstuff@glamcult.com. Laat ook duidelijk weten in het onderwerp welke prijs jij graag zou willen winnen! Winnaars krijgen per email bericht. Breton

Other People’s Problems 3 CD’s

Drive

5 Special Edition DVD’s + soundtrack Een stilistische thriller van Nicolas Winding met Ryan Gosling en Carey Mulligan

First Aid Kit

The Lion’s roar 3 CD’s

Martine Kwakernaak

1 ketting Span van Martine Kwakernaak

Gang Colours

The Keychain Collection 3 CD’s

Grimes

Visions 3 CD’s

Team Me

To The Treetops 3 CD’s

5 Days Off

3 x 2 kaarten voor de openingsavond van 5 Days Off op 7 maart in Paradiso, met o.a. Escort, Nick Waterhouse, WhoMadeWho en Crazy P

Converse x Gorillaz Voor aankomend voorjaar is Converse de samenwerking aangegaan met Gorillaz. De Britse band, die bekend staat om zijn fictionele karakters, heeft zijn grafische kunsten losgelaten op het Chuck Taylor All Star-model. De Gorillaz-­ collectie bestaat uit vier verschillen­ de ontwerpen die allen geïnspireerd zijn op eerder artwork van de band. Zo is de camouflageprint afgeleid van de cover van hun debuutalbum. Hiernaast werkte de band ook mee aan ­­­­het

86

project Three Artists. One Song, waarbij Converse telkens drie artiesten ­­­­­­­met ver­s chillende achtergronden aan elkaar koppelt om een origineel nummer te ma­ken. Voor de track DoYaThing werkte de Gorillaz samen met James Murphy en André 3000 van OutKast. Glamcult verloot drie paar Converse x Gorillaz met camouflageprint inclusief de CD DoYaThing.


Ja, ik wil Glamcult! Ontvang Glamcult 10 keer per jaar voor € 37,- en loop voortaan geen enkele editie mis!

Verkoopinfo Acne www.acnestudios.com

Mary Katrantzou www.marykatrantzou.com

Adidas www.adidas.com

Molami www.molami.com

Alberta Ferretti www.albertaferretti.com

Moncler www.moncler.com

Alexander McQueen www.alexandermcqueen.com

Monki www.monki.com

Alexander Wang www.alexanderwang.com

Narciso Rodriquez www.narcisorodriguez.com

American Apparel www.americanapparel.net

Rick Owens www.rickowens.eu

Anne Bosman www.annebosman.com

Nars www.narscosmetics.eu

Azzedine Alaïa www.alaia.fr

Nieuw Jurk www.nieuwjurk.com

Molami www.molami.com

Nike www.nike.com

Blue Blood www.bluebloodbrand.com

Ohne Titel www.ohnetitel.com

Bujah www.buhjah.com

Paco Rabanne www.pacorabanne.com

Calvin Klein www.calvinkleininc.com

Paul Smith www.paulsmith.co.uk

Chanel www.chanel.com Chloé www.chloe.com Converse www.converse.com Costume National www.costumenational.com Derek Lam www.dereklam.com Diesel www.diesel.com Diesel Black Gold www.dieselblackgold.com Dries Van Noten www.driesvannoten.be Equipment www.equipmentfr.com G-Star www.g-star.com Givenchy www.givenchy.com Gucci www.gucci.com H&M www.hm.com

Peter Pilotto www.peterpilotto.com Pinko www.pinko.it Prabal Gurung www.prabalgurung.com Prada www.prada.com Proenza Schouler www.proenzaschouler.com Raf Simons www.rafsimons.com Reed Krakoff www.reedkrakoff.com Rodarte www.rodarte.net Sephora www.sephora.com Shu Uemura www.shuuemura.com Simone Rocha www.simonerocha.com Sofie Claes www.wolfbysofieclaes.com Sportmax www.sportmax.com

Hermès www.hermes.com

Stella McCartney www.stellamccartney.com

Herve Leger www.herveleger.com

Strenesse Blue www.strenesse.com

Hugo Boss www.hugoboss.com

Swatch www.swatch.com

Hussein Chalayan www.husseinchalayan.com

Tommy Hilfiger www.tommy.com

Hyun Yeu www.hyunyeu.com

Uniqueness www.uniqueness.it

Isabel Marant www.isabelmarant.tm.fr

Valentino www.valentino.com

Issey Miyake www.isseymiyake.com

Viktor&Rolf www.viktor-rolf.com

Kenzo www.kenzo.com

Winde Rienstra www.winderienstra.com

Kevyn Aucoin www.kevynaucoin.com

Ga naar www.glamcult.com en klik op subscription om je in te schrijven.

Lee www.lee.com Maison Martin Margiela www.maisonmartinmargiela.com Marc Jacobs www.marcjacobs.com Marni www.marni.com

Gc Plus



GLAMCULT // ISSUE 2 // MARCH 2012