Issuu on Google+

FREE Issue 6, augustus 2013 Jaargang 10

Glamcult Independent Style Paper

“School’s out for summer.”


Issue 6 Update

Visual Essays

Cult 4 Talent 6

We don’t need... 28 Made to fly... 34

Platform

Update

Paul Barbera

Interviews

8

Ashish 12 Charli XCX 18 Daughn Gibson 22 The Knife 24 The Child of Lov 26

Film 43 Albums 45 Plus

Stuff 46

Colofon Uitgever Hoofdredacteur Rogier Vlaming rogier@glamcult.com Chef- en Eindredactie Joline Platje joline@glamcult.com Redactie Mode Antoinette Degens antoinette@glamcult.com Redactie Film Maricke Nieuwdorp maricke@glamcult.com Redactie Leendert Sonnevelt leendert@glamcultstudio.com Stage Daniëlle van Dongen stage@glamcult.com

Creative Director Rogier Vlaming Art Director Marline Bakker marline@glamcultstudio.com Grafisch Ontwerp Glamcult Studio: Beau Bertens Suzie Wempe Sales Sarah Johanna Eskens sarah@glamcult.com Aan deze editie werkten mee: Alexandra Onderwater, Anna Nita, Danielle Hielckert, Dorothy Vrielink, Fay Breeman, Georgette Koning, Gregory Mensinga, Niels Wiese, Pauline van der Zeeuw, Sander van Dalsum, Vanessa Groenewegen

Fotografen David Sessions, Dirk Kikstra, Duy Vo, Elza Jo, Etienne Tordoir, Nick Helderman, Paul Barbera, Peter Stigter, Ron Stam, Valentina Vos, Wendelien Daan

Distributie JAM

Cover Fotografie: Carmen Kemmink —House of Orange Styling: Antoinette Degens Haar: Michael Jones voor Davines —House of Orange Make-up: Anita Jolles voor Bobbi Brown —Eric Elenbaas Assistent fotografie: Lukas Kwiatek Assistent styling: Daniëlle van Dongen Model: Marijn—De Boekers Trui: Acne

Opgave en vragen over abonnementen Abonnementenland Postbus 20, 1910 AA Uitgeest Tel. 0900  -   A BOLAND of 0900  -   2 26 52 63 (€ 0,10 per minuut) Fax 0251 31 04 05 www.bladenbox.nl voor abonneren of www.aboland.nl voor adreswijzigingen en opzeggingen.

School’s out for summer—Alice Cooper Uitgever Glamcult Studio B.V. Postbus 14535, 1001 LA Amsterdam T 020 419 41 32, F 020 419 66 54 info@glamcult.com www.glamcult.com

Pers en Communicatie Cream PR

Abonnementsprijs bedraagt € 37 per jaar (10 nummers). Abonnementen binnen Europa € 59,50, buiten Europa € 79,50 per jaar. Een abonnement kan bij iedere editie in­g aan; het wordt afgesloten voor minimaal een jaar en wordt stilzwij­ gend verlengd tot wederopzegging.

Opzeggingen dienen schriftelijk uiterlijk 6 weken voor het aflopen van de abonnementsperiode in bezit van Abonnementenland te zijn. Adreswijzigingen uiterlijk drie weken vooraf schriftelijk doorgeven aan Abonnementenland. Prijswijzigingen voorbehouden. © Copyright: Niets uit deze uitgave mag worden overgenomen en/of vermenigvuldigd zonder de schriftelijke toestemming van de uitgever en de andere auteursrechthebbenden. De uitgever is niet verantwoordelijk voor schade opgelopen door onjuiste verwerking in het blad. Glamcult, ISSN 1874  -   1 932


SHOP ONLINE HUGOBOSS.COM

HUGO BOSS BENELUX B.V. Phone +31 20 6556000


Cult

1

3

Trojan and Mark at Taboo, 1986, Foto: Derek Ridgers

S/S 13 collectie Spring Break, Foto: Lucas Dawson

2

S/S 13 collectie New Kid on the Block, Foto: Jana Gerberding

Club to Catwalk

Emma Mulholland

Daphne Rosenthal, still uit Him and Her, 2008

4

5

Moon Duo, Foto: Aylin Gungor

Franziska Michael

FACELESS

1

Het was toeval dat de spring/summer 2013 collectie van Emma Mulholland de titel Spring Break droeg, toen tegelijkertijd Spring Breakers in de bios kwam. De jonge modeontwerper uit Australië had wel een ander beeld van de voorjaarsvakantie voor ogen dan de filmmaker; Aussie teens gaan op vakantie om te snowboarden of te surfen, niet om wild te feesten met veel drank en pistolen. Mulholland debuteerde met deze collectie op de catwalk van Fashion Week Australia, maar de aandacht had ze al sinds haar afstudeershow in 2011. Haar ontwerpen hebben street en beach cred, en vooral de zomercollectie past goed bij wat zand en zweet—denk: palmboomprints, neonkleurige patronen op shirts en shorts geïnspireerd door nineties sportswear, en sjieke jetset bikinitopjes. Perspex accessoires, glinsterende pailletten en fluo-haarverf maken de sexy, maar coole look compleet. www.emmamulholland.com

Micro Festival

2

Yet another new kid on the block! Na het afstuderen van nieuwkomer Franziska Michael aan de Esmod Berlin International University of Art for Fashion, stampte de jonge modeontwerper in 2009 haar eigen label uit de grond. Een jaar later showde zij haar afstudeercollectie Quint(z)essenz tijdens Walk of Fashion in Berlijn. De collectie— geïnspireerd op de geometrische sculpturen van de Belgische kunstenaar Arne Quinze—bestond uit groteske vormen met gedrapeerde organische vormen. Architectuur, natuur en kunst zijn in al haar ontwerpen duidelijk terug te vinden. Michaels spring/summer 2013 collectie New Kid on the Block is rauw, humoristisch (check het beugelbekkie) en een tikkeltje sexy. De collectie geeft een verfrissende kijk op ton sur ton door bijvoorbeeld zowel in een shortje als in het bomberjack daarboven lila te verwerken. Samen met haar grafische benadering van natuurlijke prints en de vakkundige snit kunnen we maar één ding zeggen: “Welcome to the neighbourhood, Franzi!”

3

Het Victoria and Albert Museum in Londen blijft maar knallen met coole expo’s en komt deze zomer met een tentoonstelling die volledig in het teken staat van mode in de Britse hoofdstad tijdens de jaren 80. De tentoonstelling Club to Catwalk London Fashion in the 1980s schetst de opkomst van de theatrale Britse mode en geeft je een kijkje in de wereld van extravagante, jonge ontwerpers ten tijde van de opkomende Londense club scene. De creatieve relatie tussen kledingontwerpen uit de eighties en club wear is een exemplarisch voorbeeld van hoe maatschappelijke ontwikkelingen het huidige modebeeld compleet op zijn kop kunnen zetten. Uitgesproken stijlen als New Romantic en High Camp passeren de revue, en outfits gedragen door Adam Ant en Leigh Bowery hebben ieder hun plekje gekregen. Met meer dan 85 looks van onder andere John Galliano, Betty Jackson, Katharine Hamnett en Wendy Dagworthy gaat het V&A deze zomer zelfs op zonnige dagen met gemak de concurrentie aan met het nabijgelegen Hyde Park.

www.franziskamichael.com t/m 16 feb 2014, Victoria and Albert Museum, Londen www.vam.ac.uk

4

4

Na 9/11 werd het voor veel mensen steeds belangrijker dat gezichten niet verborgen werden. Dit sociale en politieke gevolg van de aanslag vormde de inspiratie voor Bogomir Doringer en Brigitte Felderer voor de tentoonstelling FACELESS, waarin werken van mensen uit de kunst- en modewereld zijn opgenomen, die als gemeenschappelijke factor hebben dat de aanwezige gezichten onherkenbaar gemaakt zijn. Een maatschappijkritische expositie die de rol van het gezicht onderzoekt in een cultuur die doordrongen is van media. De werken lopen uiteen van foto’s van Ute Klein waarin twee cuddling lovers tijdelijk samensmelten tot één sculptuur, Frank Schallmaiers collages van foto’s gevonden op datingsites, tot polaroids van prostituees uit het project In & Out van de Nederlandse fotograaf Philippe Vogelenzang en stylist Majid Karrouch. Ook zijn er maskers te zien van onder andere Gareth Pugh en de creaties van Katsuya Kamo voor Comme des Garçons. t/m 1 sep, freiraum quartier21 INTERNATIONAL, Wenen www.facelessexhibition.com www.quartier21.at

5

Een nog onontdekte parel in de zee der Belgische festivals is Micro Festival. In de groene omgeving van het Belgische Luik kun je in het weekend van 2 en 3 augustus op een intieme manier genieten van de meest uiteenlopende muziekstijlen. Voor de 4 e editie werden twaalf artiesten uitgenodigd, ariërend in genre van indiepop tot experimentele techno. Begin de vrijdag met de dromerige stem van singer-songwriter Scarlett O’Hanna, draai een standje warmer op de psychedelische rock van Moon Duo en ga vervolgens zaterdag los op Generationals en The ­S uicide of Western Culture. In tegenstelling tot veel andere festivals heeft Micro Festival maar één podium, like in the good old days. Het is voor de organisatoren van het festival het belangrijkste dat mensen op een stressloze manier nieuwe muziek kunnen ontdekken. Dat scheelt weer een hoop doorstrepen en schema’s maken— tijd die we beter kunnen gebruiken om bier te halen. 2 en 3 aug, Luik www.microfestival.be


Cult

6

8

S/S 13 collectie Hit T’North, Foto: Leonn Ward

Golden Beast, 2012, ter beschikking gesteld door Martin Browne Contemporary en Gould Galleries

Rangleklods, Foto: Fanny Bostinius

7

Stuck! Festival

9

Victoria Sowerby

Troy Emery

Zonder titel, 2011

Five Boys, omstreeks 1954, ter beschikking gesteld door The Andy Warhol Foundation for the Visual Arts, Inc. c/o Daniel Blau en Pictoright

10

Jasper Clarke

6

Mocht je deze zomer in de buurt van Salzburg verkeren, vergeet dan niet om een bezoekje aan het plaatselijke Rockhouse te brengen. Op 2 en 3 augustus vindt daar Stuck! Festival plaats, een kleinschalig evenement met zowel een ‘kleine’ als een ‘grote’ line-up. Klein betekent in dit geval de aanwezigheid van avant-gardistische acts uit de Oostenrijkse popwereld, groot staat voor optredens van internationale namen zoals MØ, Swim Deep, Cid Rim, Autre Ne Veut en Totally Enormous Extinct Dinosaurs. Zelfs Austra, die in juni haar tweede album Olympia uitbracht, siert de affiche. Austra in Austria dus. Een vergezochte woordspeling? Jazeker! Een festival waar wij graag bij willen zijn? Nog veel zekerder. 2 en 3 aug, Rockhouse, Salzburg www.rockhouse.at

Andy Warhol

7

“Waar zijn pompons goed voor? Hebben ze een doel? Vanaf nu wel.” Dit zijn de woorden van de Australische kunstenaar Troy Emery (1981) die de gekleurde bolletjes (zo geliefd op de basisschool) gebruikt voor dierlijke sculpturen. Emery, die in 2010 zijn Master of Fine Art aan de Sydney College of the Arts behaalde, is altijd geïnteresseerd geweest in de spanning tussen dieren als levende wezens en als decoratiemiddel. Huisdieren zijn niet alleen (vaak) mooi en lief, maar maken een huiskamer ook meer af. Waarschijnlijk met deze gedachte in het achterhoofd maakt hij met behulp van kleur­ rijke bolletjes, franjes en pailletten diervriendelijke ‘opgezette’ dieren. De weelderige vachten vormen Emery’s interpretatie van echte dierenhuiden en het fetisjisme dat hier omheen hangt; als het aan hem ligt geven zijn fantasie­ beesten het goede voorbeeld aan de bontindustrie. En wie kan het daar nou niet mee eens zijn? www.troyemery.net

8

Lighten up blokes, lijkt Victoria Sowerby met haar afstudeercollectie te zeggen. De collectie Hit T’North werd vernoemd naar een nummer van de Engelse band The Fall, die sociale observaties kenbaar maakt in de songteksten. Net als de muzikanten heeft de jonge modeontwerper heel wat geobserveerd. Als kind groeide Sowerby op in Noordoost-Engeland. Ze zat geregeld op de tribune bij voetbalwedstrijden en raakte daar gefascineerd door hooligans in hun felgekleurde, fluwelen ­t rainingspakken, die op ironische wijze contrasteren met de overload aan testosteron van deze machomannen. De heldere kleuren van de supportertenues, de jeugdcultuur uit de jaren 90 en de remake van de hooliganfilm The Firm (niet de advocatenkantoorfilm) vormden de inspiratie voor Sowerby’s af­s tudeercollectie. Met geinige details weet ze een verrassende draai te geven aan sportpakken. De silhouetten van de ontwerpen—minimalistisch en sportief—zijn een perfecte drager voor haar ongewone materiaalkeuzes; kunstgras, chiffon en versleten velours.

9

In het voorjaar van 2013 lanceerden Diesel en Edun een speciale capsule collectie, op verantwoorde wijze geproduceerd én gefotografeerd in Afrika. Jasper Clarke, de fotograaf die laatstgenoemde taak op zich nam, werd in 1978 geboren in Edinburgh, waar hij later aan de Napier University afstudeerde. Clarke schoot niet voor niets de samenwerking tussen Edun en Diesel; zijn werk laat zich het beste omschrijven als warm en subtropisch. Dit neemt niet weg dat juist de überBritse Paul Smith en R. Newbold hem inschakelden voor hun campagnes. Clarkes vrije—en wellicht meest intrigerende—werk betreft willekeurige onderwerpen: van een zatte Sébastien Tellier in de badkuip tot mistige landweggetjes en stuntende skaters. Toch laat Clarke altijd en overal zijn handtekening achter. Zelfs een racefietser op een verlaten basketbalveld weet hij te vangen in een prachtige waas van tropische regen.

10

Daar lagen ze dan... 300 onbekende tekeningen van Andy Warhol, weg­ gemoffeld in het archief van The Andy Warhol Foundation for the Visual Arts. Raar, maar waar. De werken van ‘de prins van de popart’ uit de jaren 50 werden in 1990 opgeborgen als ‘archiefmateriaal’, pas twintig jaar later ontdekte galeriehouder Daniel Blau ze. De tentoonstelling Andy Warhol. Onbekende vroege tekeningen stelt 50 van deze ‘nieuwe’ werken tentoon. En introduceert bovendien een totaal onbekende Warhol; in de fifties riepen blikken Campbell’s geen andere associaties op dan tomatensoep. De kunstenaar was toen nog mode-illustrator en advertentieontwerper en voor veel van zijn tekeningen­­— die met pen zijn gemaakt en vooral kinderen en jonge mensen laten zien—liet hij zich inspireren door foto’s en illustraties uit tijdschriften. Andere hebben een raakvlak met het werk van expressionistische kunstenaars uit het begin van de 20 e eeuw, zoals Egon Schiele, George Grosz en Otto Dix.

www.jasperclarke.co.uk t/m 1 sep, Teylers Museum in Haarlem www.teylersmuseum.nl

www.victoria-sowerby.com

5

Gc Update


Talent De zomervakanties zijn begonnen! Ook nu leverde het einde van het academiejaar weer veel jong modetalent op. Glamcult bezocht de aftsudeershows en geeft je een overzicht van de hoogtepunten.

Jezabelle Cormio

op lang haar en aan hun voeten soms geitenwollen sokken. Gezapig was de collectie echter allerminst door de wijde tops—sweaters, truien, jasjes—en smalle broeken van glanzende ­m etallic cirkelprints en technostoffen. Een amusant eclectisch en eigentijds zootje. Van de 22 bachelorstudenten en acht masters toonde Joris Suk zijn mannencollectie als laatste. Wilde schetsen liepen voorbij met nieuwe vormen, zoals een mannenslip met een sleepje. Een roze jeansjasje met lappen stof aan de mouwen, pantysokjes, en een roze pluis op anushoogte. Maar om de hals een fluffy molensteenkraag van bont (!) met bijpassende manchetten. Is dit om te lachen, om te huilen? Even consistent in deze ‘rommelige’ stijl was de collectie van Pieter Eliëns met een ontplofte ‘jurk’ van roze lappen.

Pierre Renaux

Het was snakken naar adem tijdens de show van ArtEZ, en niet eens om de verzengende hitte op de locatie, maar om de hoeveelheid aan ideeën. Hysterisch is het nieuwe minimalisme! Er was sprake van veel onorthodoxe mannenmode en aandacht voor materiaal­o nderzoek. Arnhem toonde meer dan ooit radicale collecties, waarbij soms rijkelijk werd gestrooid met kristallen, maar ook bont. Stof om over na te denken. In de collectie van Henriette Tilanus domineerden dessins: stippen geprint op ruiten, ruiten als vlekken, en horizontale en verticale strepen. Het was een kakelbont geheel dat wonderlijk genoeg een eenheid vormde. De stadsnomaden van Roos van Woudenberg raasden op een nerveus muziekritme voorbij. Ze droegen bijna allemaal hoge, bolle hoeden van vilt

Artesis Hogeschool Antwerpen

De afstudeershow van de Artesis Hogeschool Antwerpen opende met een edgy commerciële collectie van Pierre Renaux: smalle broeken en tops met random uitsneden. Zijn ijzingwekkend hoge 3D-geprinte schoenen als pistolen trekken de meeste aandacht. Vermakelijk was de mannen­ collectie van Jezabelle Cormio, met een scala aan ‘foute’ mannen. Zo was er een paars fluwelen pak en een kitscherige peignoir dat Mick Jagger in de sixties prima zou hebben gestaan, maar nu ook gretig aftrek zou vinden. Met zijn zeer esthetische collectie stuurde Wim Bruynooghe een open sollicitatie naar Dior. Hij maakte eenvoudige kledingvormen, zoals een van het lichaam afstaande jurk als een wigwam, gemaakt van stukken transparant stijf plastic die aan elkaar ­gezet waren met een breed stiksel van wollig Anne van den Boogaard

Jazz Kuipers

6

Minju Kim

Allerlei stijlen kwamen voorbij ­t ijdens de AMFI-afstudeershow: sportief, gothic, kleurrijk en romantisch. Jazz Kuipers toonde zonder twijfel de meest angstaanjagende afstudeercollectie van alle academies. Boomlange mannen met glanzende maskers in zwarte overalls met brede schouders, leren handschoenen en zware laarzen. Helaas niets dat er nog niet was. Er was een ­g elijkenis met de cliché rock chickafstudeercollectie met korsetten en wilde rokken van Jan Boelo drie jaar geleden. Hét bewijs dat ook voor ­Kuipers’ kleren een markt zal zijn, zij het een niche. Alsof de modellen van Merel van Glasbeek net mee hadden gedaan met de Miss Wet T-shirt contest, al waren de aan het lichaam klevende tops en rokken stukken minder ordi. Van Glasbeeks looks deden meer denken aan vochtige Griekse draperieën. Ze showde een overtuigende collectie, hoewel ietsje minder hangende stof beter was geweest. De collectie had iets ingetogener moeten zijn, dan was ’ie perfect. AMFI sloot af met een erg uitbundige collectie. Anne van den Boogaard mixte sportief met girly ruches en volants met hier een daar een randje frivool raffia. Aan een witte outfit, hing een sleep van zo te zien een trouwjurk. En waarom niet? Amusante, eclectische mode—het schijnt dé stijl te zijn waarmee studenten tegenwoordig nog denken te boeien. Saai is in ieder geval anders!

Wim Bruynooghe

Amsterdam Fashion Institute

Merel van Glasbeek

Door Georgette Koning Fotografie: Peter Stigter / Ron Stam / Etienne Tordoir

Henriette Tilanus

Roos van Woudenberg

ArtEZ hogeschool voor de kunsten

mohair. Zijn uitvergrote strikken refereerden aan couture. Bij de tweede opkomst werden alle modellen ontdaan van hun plastic omhulsel, waardoor er borst­o ntkennende, platte bustiers over­b leven. Heel renaissance, maar ook modern! Het spektakel in Antwerpen werd afgesloten door de inmiddels bekende Minju Kim. Haar kleurrijke afstudeer­ collectie was een energiek vervolg— met korte, klokkende rokjes, capes en brede bolle tops—op de dolkomische collectie waarmee zij dit voorjaar de H&M Design Award 2013 won. Sterk waren de bewerkelijke reliëfstoffen, die ze verwerkte in hoedjes, jurkjes, jassen en tops. Kims collectie past naadloos in het Antwerpse idioom van gaan voor het maximale. Helaas verliest de collectie daardoor wel aan lichtheid en elegantie.


Talent

Hogeschool voor de Kunsten Utrecht

accessoires zoals handtassen en hoeden, omdat die de laatste jaren meer aandacht krijgen dan kleding. De coutureachtige kunstobjecten waren gemaakt van papier, stof die ze intensief heeft bewerkt, en franjes. Anila Mistry toont een mannencollectie, waarvoor ze zich liet inspireren door Candy Darling, een van de kleurrijke figuren uit de scene van Andy Warhol. Haar kinky ontwerpen van plastic, neopreen, latex maar ook wol lieten ons nadenken over wat mannelijk en wat vrouwelijk is. Zou die transparante jas ook niet een jurk kunnen zijn?

7

Klassiek en experimenteel luidde het devies. De collectie van Dewi Bekker bevatte zowel draagbare mannenmode, zoals een rechte jas met klassiek pied-de-poule-dessin, als een aantal opzichtige showstukken. Fantasie, humor, maar ook een flinke dosis nuchterheid typeerde de kleurrijke collectie. Monumentaal waren de jas en sweater van soepel, dun kurkmateriaal. Medusa, Athena, Hera—Loekie Mulder liet zich voor haar sfeervolle collectie door deze tot de verbeelding sprekende heerseressen uit de mythologie inspirereren. Ze wilde niet hun slechte, maar juist hun positieve en krachtige kant accentueren. De iconische symboliek vertaalde ze naar levendige, illustratieve prints, die een combinatie waren van digitaal en met de hand aangebrachte tekeningen. Mulders’ ontwerpen oogden luxe vanwege de rijke stoffen. Een opvallende, maar ook draagbare collectie. Voordat Giuliano Bolivar begon met zijn collectie luisterde hij veel naar traditionele Latijns-Amerikaanse volksliederen van stammen die hun kleding zelf maakten. Het resultaat is een folkloreachtige collectie met kleurrijke zelfgeweven stoffen. Hij moest denken aan een naïeve country girl en de stadse vrouwen uit de films van Pedro Almodóvar. Bolivars collectie bestond uit fantasievolle stukken, waarvan de vorm benadrukt werd door ruimtelijke metalen frames. Speelse babydolls, paars-wit geweven minirokjes, en een serie gelaste ‘handtassen’ als eye­ catchers.

Gerrit Rietveld Academie

Niki Milioni

Merel van Oosten showde een geva­ rieerde boy meets girl-collectie met musthaves als bomberjacks, parka’s en lange rokken, maar ook bloesjes en een gebreide spencer. Ingehouden kleuren als kaki en donkerblauw werden afgewisseld met accentkleuren zoals geelgroen en oranje. Opvallend is het ‘hangende’ silhouet, waarbij het accent dus niet op de taille maar op de heup ligt. Vormen uit de jaren 20, met Chanel als modepionier die vrouwen- met mannenmode mixte, en synthetische stofjes en felle kleuren en de jaren-80popcultuur. Maartje van Hooij baseerde haar indrukwekkende ontwerpen op

Anila Mistry

Merel van Oosten

Maartje van Hooij

Willem de Kooning Academie

Dewi Bekker

lagen organza gemaakt. Om alle aandacht op de bovenkanten te vestigen waren de meeste onderkanten zwart. Daniek van Doorn introduceerde een nieuwe subcultuur: een mix van New Yorkse gettostijl en Arabische elementen als hoofddoekjes en kaftans. Het was een bont geheel met kleurrijke vlagachtige prints en lagen vloeiend vallende stoffen die flink wapperden tijdens het lopen zodat alles energiek overkwam. De collectie van Charlotte Kiekebos ademde streetwear. Door het toevoegen van opbollende manchetten en korte tonvormige rokjes kreeg de collectie een speelse couture vibe. ‘Capuchons’ bedekten bij alle modellen het hele hoofd, waardoor deze op fantasiedieren leken. Of iets heel anders. Het totaal was een geslaagde mix van draagbaarheid en vrolijke gekkigheid.

Loekie Mulder

Daniek van Doorn

Marieke van Geffen

In Utrecht werd al na een paar collecties duidelijk dat het niveau hoger lag dan vorig jaar, uitgesprokener en met afwisselende collecties. De show opende meteen al sterk met een collectie van Petra Schuddeboom: overwegend witte jurken met sluike silhouetten refereerden duidelijk aan de jaren 20. Schuddeboom maakte de gladde cloche hoedjes, typerend voor die tijd, van transparante kunststof, als elegante helmpjes. Jasjes met sterk golvende zomen zorgden voor dynamiek in de collectie, net als sommige oplichtende jurkdelen. Ook Marieke van Geffen pakte technologisch uit met een serie transparante, opgeblazen jassen. “Makkelijk scoren, zo’n idee”, zou je kunnen zeggen, maar ze had het mooi en knap uitgewerkt. Het ‘lassen’ van al die luchtdichte naden moet een hels karwei zijn geweest. Haar doorkijkjassen waren niet alleen van plastic maar soms ook van

Giuliano Bolivar

Charlotte Kiekebos

Petra Schuddeboom

Koninklijke Academie van Beeldende Kunsten Den Haag

De afstudeercollecties van de Gerrit Rietveld Academie waren helaas veel minder abstract dan lange tijd gewoon was. En bijna waren er maar vijf in plaats van zes afstudeercollecties te zien; Niki Milioni wilde niet enkel mooie kleding maken. Ze ging naar Griekenland en ontmoette daar gevluchte ­A fghaanse kinderen voor wie ze iets wilde betekenen. Tien van hen gaf ze een outfit met een ingenieus ‘groei­ systeem’ dat het mogelijk maakt de lengte en breedte eenvoudig te verstellen. Hierdoor kan de kleding lange tijd met de kinderen meegroeien. ­A chter de collectie zit een prachtig idee, maar ergens is het jammer dat het wederom om draagbare kleding draait. Volgend jaar hopelijk weer iets conceptueler!

Gc Update


Martyn F. Overweels illustraties—soms heftig, vaak grappig, en altijd met de hand gemaakt—verschijnen met regelmaat in De Volkskrant en De Standaard. Zijn tekentafel staat in Amsterdam-West, al ziet hij zichzelf zo in Toscane werken. Dagelijkse kost is een Warsteiner-biertje, waarvan er zes in zijn koelkastje passen. Dan is ’ie ook gelijk vol.

Kunstenaar Paul Knight is een oude vriend van Barbera uit Melbourne, die inmiddels in de Londense Balfron Tower huist—een brutalistische, betonnen toren die net als het rauwe werk van de fotograaf meedogenloos voor zijn omgeving is.

Studio van Bompas & Parr

gevuld met nieuw werk. Modeontwerpers, meubelmakers en kunstenaars van wie niet het werk zelf, maar de plek waar de magie plaatsvindt, centraal staat. “Ik vraag vooraf altijd of ze vooral niets willen opruimen.” Het zijn juist de willekeurige elementen die een studio karakter geven, en iets loslaten over de mensen achter het werk. Alle foto’s zijn geschoten bij natuurlijk licht, wat het ‘dicht op de huid’-gevoel nog eens versterkt. De persoonlijke interviews erbij onthullen de dagelijkse gang van zaken. Zo is het vrijdag gerookte makreeldag bij de verder niet-vleesetende ontwerpers van Studio Makkink & Bey, sluit kunstenaar Ted Noten zich op met Captain Beefheart knallend uit de luidsprekers, gaat illustrator Julie Verhoeven in het midden van haar atelier op de grond liggen als ze het even niet meer weet, wordt er bij KesselsKramer fervent gepingpongd, en heeft Gert Jonkers, hoofdredacteur van Fantastic Man, een yogamatje in zijn k­ antoor liggen. Of hij hem vaak gebruikt, is nochtans onbekend.

Een 1:1 model van een dinosaurushoofd aan de muur, kasten vol oplichtende gelatine en standaard een cocktailtrolley die om 19.00 uur ’s avonds binnen wordt gereden, welkom in de wondere wereld van Bompas & Parr. Vanuit hun Londense studio creëren de twee bizarre gastronomische installaties. Denk: een drie meter hoge cake voor Lanvin, waar modellen uit kunnen springen. Op de werkplek huist ook een schildpad, Gin, hoogstwaarschijnlijk vernoemd naar hun inadembare gin-tonics.

www.wheretheycreate.com www.paulbarbera.com

8

Studio van Paul Knight

installatie van Roxy Paine.” Zijn er in de studio spullen waarvan niemand snapt wat het zijn? “Onze amorfe SLA (3D-print) modellen worden nogal eens aangezien voor botten of lichaamsdelen.”

Studio van Item Idem

Door Alexandra Onderwater Fotografie: Paul Barbera Paul Barbera woont dan wel officieel in New York, de helft van het jaar leeft hij uit een koffer. Voor de fotograaf, geboren en getogen in Melbourne en tot 2011 woonachtig in Amsterdam, is de wereld zijn achtertuin. Waar hij neerstrijkt, houdt hij kantoor —vaak het huis van een artistieke vriend, dat hij intuïtief ook op beeld vastlegt. Hoewel Barbera voor gerenommeerde woonmagazines de meest prachtig gestylde interieurs schoot, zijn het juist de ‘normale’, niet voor de foto perfect gearrangeerde interieurs waar hij zich het meest mee identificeert. “Ik vond het bizar. Ik schoot de prachtigste objecten, maar kon die zelf totaal niet veroorloven.” Het was Jebila Okongwu die hem achter zijn impromptu als kantoor opgezette bureau wees op het unieke document dat hij in handen had: schijnbaar arbitraire foto’s van creatieve werkplekken, waarbij een pennenbak of plant even veelzeggend is als de poster aan de muur of het uitzicht vanuit de werkkamer. “Zijn we niet allemaal een voyeur?”, vroeg hij zich af. Een paar glazen wijn verder en Where They Create was geboren, een boek dat de lezer een kijkje achter de schermen biedt bij 32 gerenommeerde en minder bekende creatievelingen, en een gelijknamige website die continu wordt aan-

Ontwerpstudio Cmmnwlth in Brooklyn (New York) werkt voor “cultureel bewuste opdrachtgevers”, zoals Issey Miyake, Warp Records en het MoMA. Echtpaar David Boira en Zoe Coombes zwaaien de scepter in de studio (200m 2) die ze omschrijven als “een

Studio van Martyn F. Overweel

Hoe zou het zijn om te werken bij Opening Ceremony? Wat is de ­favoriete plek in het kantoor van de hoofdredacteur van Wallpaper*? Fotograaf Paul Barbera keek binnen bij tientallen creatieve studio’s, en legde deze werkruimtes vast op beeld voor het boek Where They Create. “Ik zie mezelf als antropoloog. Ik leg kleine puzzelstukjes vast. Ik heb een vrijbrief om rond te neuzen op plekken waar ik anders niet binnenkom. In feite appelleert dit project aan de voyeur in ieder van ons.”

Studio van Cmmnwlth

Paul Barbera

Vanuit thuisbasis New York geeft Cyril Duval a.k.a Item Idem een geheel eigen draai aan de wereld om hem heen, en verder weg. Een “creator of concepts” met minder of meer tastbare resultaten. Hij werkte voor luxe merken zoals Colette, Commes des Garçons, Bless en 3.1 Phillip Lim, en deed het interieur voor Bernhard Willhelms winkel in Tokio. Zelf is hij ook een walking brand, getuige zijn markante, met logo’s en plastic props gevulde studio, die tevens zijn huis is. “1000 procent mijn creatieve wereld.”

Gc Platform


FESTIVAL DE CANNES

official selection

SOUTHERN. SUPERSTITIOUS. SUSPENSEFUL. SUBLIME.

++++PHILADELPHIA INQUIRER A MASTERPIECE!

++++LE MONDE

MATTHEW

TYE

SAM

McCONAUGHEY SHERIDAN SHEPARD

REESE

AND WITHERSPOON

SOMEWHERE ALONG THE MISSISSIPPI

WRITTEN AND DIRECTED BY

JEFF NICHOLS [Take Shelter]

15 AUGUSTUS IN D E BIOSCOOP FACEBOOK.COM/IMAGINEFILMNL


Interviews

Modeontwerper Ashish houdt van Madonna’s vroege werk en pistache-ijs.

The Knife: “We zijn onderdeel van een politiek, gul en liefdevol proces.”

Charli XCX bezocht haar eerste illegale raves nood­ gedwongen met haar ouders.

The Child of Lov voelde zich lange tijd ongemakkelijk bij de gedachte dat mensen zijn muziek zouden horen.

Daughn Gibson: “Ik hoorde mezelf zingen en vond het stiekem best goed klinken.”


Door Leendert Sonnevelt Fotografie: David Sessions

Styling: Tom Eerebout Haar: Ben Talbott Make-up: Thom Walker voor Chanel Model: Anna窶年ext London Alle kleding: Ashish spring/summer 2013


Nerd alert! Als het aan Ashish Gupta ligt, beleven we dit seizoen de comeback van de haarwokkel. Net zo gewaagd als deze herintroductie is de kritische noot die aan zijn spring/summer collectie ten grondslag ligt. “I’m serious”, meldt een trui met grote, glimmende letters. “Dit is hoe ik een plechtige collectie maak”, vertelt de optimistische ontwerper aan Glamcult. “Luchtig, met een knipoog naar een ernstig modepubliek. Neem fashion niet zo serieus!” 13

Gc Interview


Ashish Een introductie van Ashish, die al meer dan een decennium in de internationale modewereld meedraait, is wellicht overbodig. Het zou echter zonde zijn om zijn eigen inleiding, even willekeurig als fascinerend, achterwege te laten. “Ik verzamel vintage borstbeelden”, vertelt de ontwerper, “en ik houd van Madonna’s vroege werk. Pistache-ijs vind ik heerlijk, en slechte manieren vind ik verschrikkelijk!” Ashish groeide op in India, “het mekka van de traditionele kleermakerij en handgemaakt borduurwerk.” Na zijn afstuderen aan Central Saint Martins besloot hij om in Parijs zijn droom na te jagen. Onderweg verloor hij echter zijn koffer, en met zijn portfolio verdween ook de kans op een carrière

in Parijs. “Ik geloof stellig in het lot”, stelt Ashish nu. “Ik geloof dat alles een bedoeling heeft. Ik verdien mijn brood met het werk waar ik van houd. Ook in Londen maakt dat me heel gelukkig.” Toch reist Ashish voor iedere fashion week nog naar Parijs, een van zijn favoriete plekken. New Delhi, zijn stad van afkomst, wordt ook regelmatig met een bezoekje vereerd. “Het beste van verschillende werelden!”, aldus de ontwerper. “There is one thing you should know before we start: Ashish Gupta likes sequins.” Zo begint Jo-Ann Furniss, modejournalist voor onder andere Style.com, haar verslag van de Ashishpresentatie op London Fashion Week. “Als je niet van pailletten houdt”, vervolgt

ze, “stop dan maar met lezen.” Geheel onterecht, want het is juist Ashish die pailletten van traditionele associaties weet te ontdoen, en ze in een geheel nieuw discours plaatst. Sinds de eerste collectie van zijn eigen label in 2005 kenmerkt Ashish’ werk zich door gedetailleerd handwerk, veel­v uldig gebruik van kleur en een flinke dosis humor. En, waar Furniss helemaal gelijk in heeft, een ontelbare hoeveelheid blinkende pailletten. Tegenstrijdige ideeën, en het combineren daarvan, houden Ashish al zijn hele carrière bezig. Het geeft zijn werk een bijna punkachtige kwaliteit, zij het altijd met de overdaad en glamour van Studio 54. “Het naast elkaar

14

plaatsen van verschillende elementen zorgt voor herkenning”, vertelt hij. “En tegelijkertijd is het oncomfortabel voor het oog.” Ashish’ spring/summer 2013 collectie beoogt een samenvoeging van twee totaal verschillende school girls. Vermenigvuldig de nerd met de atleet, en je krijgt de zogenaamde mathlete. Hoe deze muze eruit ziet? Meisjesachtig en ongemakkelijk—op haar hoofd prijkt altijd een enorme knot mét wokkel—maar ook sterk en sportief. Niet voor niets vielen celebs als Lily Allen en Madonna meerdere malen voor creaties van Ashish. Zelf heeft de ontwerper weinig last van sterallures. “Mijn leven bestaat voor 80 procent uit joggingbroeken, slechte


Ashish

15

Gc Interview


Ashish

televisie, koken en het openbaar vervoer”, lacht hij. “Dan houd je maar 20 procent glamour over!” Opvallend is het palet waar Ashish zijn S/S 13 collectie in doopte. Zwart, wit, blauw en grijs voeren de boventoon. “De kleuren zijn dit seizoen terughoudender”, bevestigt hij. “Dat heeft te maken met de tekst waarmee ik de show liet openen. I’m serious— een binnenpretje, en een knipoog naar een ernstig publiek. Neem mode niet zo serieus!” Deze komische inslag, karakteriserend voor zowel de ontwerper als zijn werk, staat los van Ashish’ ontwerpproces, een lang en intensief traject dat hij meer dan serieus neemt. “Ik geloof dat pailletten een unieke

kwaliteit hebben”, vertelt hij enthousiast. “Toen ik ermee begon te werken, moest ik mezelf opnieuw leren ontwerpen. Werken met pailletten is totaal anders dan ‘gewone’ ontwerpmethoden. Het is bijna een couturetechniek, maar dan wel voor prêt-à-porter.” Jurken, tops, accessoires en zelfs sokken—gestoken in prettige Reebok Classics—tonen Ashish’ grote liefde voor pailletten. “De manier waarop ze spiegelen en veranderen wanneer het licht erop schijnt, vind ik prachtig”, vertelt hij enthousiast. “Ze geven kleur een totaal nieuwe dimensie. Ze geven gewicht aan de stof en maken de drager lichter. Ja, ze zijn heel flatteus voor het lichaam!” In de context van een Ashish-

collectie zijn pailletten alles­b ehalve achterhaald. “Je kan er juist hele moderne effecten mee bewerkstelligen”, meent hij. “In deze collectie liet ik pailletten de ruis van televisie uitbeelden. Zie dat white noise-effect maar eens met traditionele stoffen te vinden, het is simpelweg onmogelijk.” Een moderne draai geven aan materiaal dat doorgaans met kitsch en cocktailjurken wordt geassocieerd, juist dat vindt Ashish een boeiende uitdaging. “Ik haal het uit de verkeerde context, creëer kleureffecten en combineer pailletten met ongebruikelijke elementen. Dat maakt ze net zo modern als denim of jersey.” Over de toekomst blijft Ashish geheimzinnig. In het verleden werkte hij

17

meerdere malen samen met Topshop, onder andere voor een collectie die volledig in het teken stond van de Olympische Spelen van 2012. Ook maakte de ontwerper een eigen Creeper voor Underground. “Op dit moment staat er een collab met een groot merk op de planning”, vertelt Ashish. “Meer mag ik helaas niet zeggen. Het is in ieder geval een merk waar ik altijd al mee heb willen samenwerken.” Met een dikke knipoog sluit hij af. “Ik ga ook een tattoo en een piercing laten zetten, maar ik vertel niet waar!” www.ashish.co.uk

Gc Interview


Top Icecream, broek, zonnebril en ringen van Charli XCX zelf

Door Fay Breeman Fotografie: Elza Jo—House of Orange

Styling: Bonne Reijn—Manja Otten Haar en make-up: Mascha Meyer voor Clinique en Morrocanoil—House of Orange Assistent Styling: Malachi Manukure

Charli XCX

18


Al in 2011 bevatten vele eindejaarslijstjes nummers van Charli XCX. Sindsdien was het lang wachten op haar debuutalbum True Romance, dat in april van dit jaar eindelijk uitkwam. Glamcult sprak de Britse Charlotte Aitchison over haar nieuwe album, het bezoeken van raves met je ouders, hoe Twitter het fan-zijn heeft veranderd en Lena Dunham. 19

Gc Interview


Ach, droomden we er in onze tienerjaren niet allemaal van? Dat onze uitzonder­ lijke muzikale/sportieve/uiterlijke/etc. talenten door iemand zouden worden opgemerkt en dat we uit het niets ontdekt zouden worden, met waardering en— laten we wel wezen—enige roem tot gevolg. Wetend dat dat eigenlijk alleen gebeurt in boeken, in films en op tv. Het begin van de muzikale carrière van Charlotte Aitchison bewijst dat het sommigen toch daadwerkelijk overkomt. De Britse was veertien toen ze ontdekt werd. Geïnspireerd door de superpop van de Spice Girls en Britney Spears, maar nog meer door het Franse electrolabel Ed Banger Records, nam ze op haar slaapkamer liedjes op. Die zette ze on­ line en vervolgens werd ze benaderd om ze te spelen op illegale raves in Londen, waar ze gewapend met een cd of iPod met backing tracks heen ging. Onder begeleiding van haar ouders, ze was immers veertien. “Het was raar en leuk, maar niet echt cool”, aldus ­A itchison, die sindsdien als Charli XCX door het muzikale leven gaat. Haar echte doorbraak kwam in 2011 met de singles Stay Away en Nuclear Seasons, beide geproduceerd door Ariel Rechtshaid, die verder onder meer samenwerkte met Haim en Justin Bieber. Alom gewaardeerd door critici, schopten de nummers het tot vele eindejaarslijstjes, waaronder die van Pitchfork en

Glamcult. Sindsdien was het lang wachten op Aitchisons eerste plaat, die True Romance zou gaan heten en in april van dit jaar eindelijk verscheen. In de tussentijd zat Aitchison echter niet stil. Ze publiceerde een aantal mixtapes, tourde met Coldplay, Santigold en Marina and the Diamonds, en had ook nog even een knaller van een hit samen met de Zweed­ se dames van Icona Pop, I Love It. Deze demo schreef ze op haar hotelkamer toen ze in Zweden was om samen te werken met producer Patrik Berger voor haar eigen nummers. Ze vertelt: “Ik nam het nummer mee naar de studio en hij zei: ‘Dit is fantastisch, I love it!’ Maar ik wilde het eigenlijk niet gebruiken; het paste niet bij het geluid van mijn album. Toen ik weer thuis was, hoorde ik dat Icona Pop het nummer wilde gebruiken. Ze hebben er helemaal hun eigen ding van gemaakt. We hebben er grappig genoeg nooit samen in één ruimte aan gewerkt. We hebben het ook pas voor het eerst samen gespeeld in Texas tijdens SXSW 2013. Dat was te gek! Iedereen ging helemaal uit z’n dak.” I Love It was behoorlijk prominent aanwezig in een cruciale scène van een aflevering van Girls, de hitserie van Lena Dunham. Om te zeggen dat Aitchison daar enthousiast over is, is een understatement. “Ik vind haar echt fantastisch! Ze is een soort fenomeen geworden. Ik ben een enorme fan. Ik wist wel dat I Love

Top 1440, legging en schoenen Nike, pet New Era, armband van stylist

Top Nike, legging American Apparel en zonnebril Zipper

Charli XCX

20


Top en rok Nike, zonnebril van stylist

Charli XCX

It in Girls zou zitten, maar ik dacht dat het ergens op de achtergrond zou spelen, in een café of zo. Maar het nummer had echt een hele grote rol! Het was echt bizar om Lena mee te zien zingen. Ik was helemaal uitzinnig! Mijn vriend en ouders snapten niet echt wat the big deal was. Maar ik vierde echt een feestje in mijn hoofd, zo geweldig vond ik het!” Aitchison is niet alleen dol op Girls en Lena Dunham, maar profileert zich in bredere zin als fan. Met haar fervente gebruik van Tumblr (waar haar muziek ook de genrenaam Tumblrwave aan dankt) laat Aitchison met bewegende gifjes zien wat haar inspireert. Haar plaatjes bevinden zich allemaal op een spectrum tussen superschattig en magisch donker, en het dominante tijdperk van referentie is zonder twijfel de jaren 90. Beelden van Sabrina, the Teenage Witch en Tupac Shakur prijken tegen een My Little Pony-achtergrond. Daarnaast zijn er ook veel foto’s van Aitchison zelf te zien, al dan niet voorzien van ­ digitaal glittereffect, waarop ze met haar kleding ook verwijst naar de popcultuur van de nineties en filmkarakters uit bijvoorbeeld The Craft, Clueless en The Addams Family. Toen Glamcult haar sprak in Amsterdam, leek Aitchison zelf een moderne interpretatie van Liv Tyler in Empire Records. Door al deze verwijzingen en met haar eigen groeiende

faam is de jonge zangeres zowel fan als idool, al probeert ze verheerlijking en verering te vermijden. “Ik vind ‘fan’ geen vervelend woord. Het houdt voor mij in dat je respect hebt voor andermans werk, en ervan geniet. Ik houd mezelf niet voor de gek, artiesten hebben fans nodig om een album te kunnen verkopen. Wat ik alleen niet begrijp zijn obsessies. Ik las een artikel over Justin Bieberfans die hun armen voor hem bekrassen. Dat is echt gestoord. Ik bedoel, dat hadden The Beatles niet eens. Hoewel, die hadden ook geen Twitter. Als zij vroeger kwamen optreden in je stad, was het: ‘The Beatles komen! We kunnen nu een dag lang obsessief doen! En dan gaan we weer verder met onze levens.’ Terwijl het nu is: ‘Justin Bieber is op mijn telefoon. Elke dag. En ik kan elke dag de hele tijd aan hem denken.’ Daar word ik echt eng van. Ik denk overigens niet dat ik zulke fans heb!” Eigenlijk had Aitchison in den beginne helemaal niet stilgestaan bij de roem die komt kijken bij het maken van muziek. Ze wilde vooral een album ­m aken. En dat is er gekomen. Weliswaar later dan gepland. Iedere keer moest het op het laatste moment toch een beetje beter, waardoor de release van True Romance in het totaal bijna een jaar werd uitgesteld. Zoals de titel (eveneens een verwijzing naar een ­j aren-90-film) al doet vermoeden, is het

een plaat over de liefde. “Het gaat over mijn vroegere relaties en mijn visie op romantiek”, vertelt ze. “Als je het over liefde hebt, dan heb je het over fantastische momenten, maar ook over momenten van echte depressie. Een beetje schizofreen misschien, maar ik denk ook dat je van verliefdheid een beetje gek wordt.” Dus laat het album de bipolariteit van de liefde zien— zowel de roze bril, als de uitgelopen zwarte mascara onder je ogen. Dit uit zich in het donkere (maar poppy) geluid en in de songteksten. “Bij het schrijven laat ik me inspireren door mooie fotografie en mijn lievelingsfilms. Die zijn stuk voor stuk passievol en emotioneel. En ook vrouwelijk. Daardoor is het album ook meisjesachtig geworden, op twee manieren. Sommige liedjes gaan over girl power, meisjes die hun eigen bonen kunnen doppen. Maar ook over precies het tegenovergestelde: het hunkeren naar liefde, en wanhopig en eenzaam zijn.” Die tegenstelling is tekenend voor True Romance, dat een album vol moody powerpop is geworden, maar wel met een bubblegumroze hart. www.charlixcxmusic.com

21

Gc Interview


Door Danielle Hielckert Fotografie: Nick Helderman


Daughn Gibson Zijn stem is warm en rauw tegelijk, waardoor vergelijkingen met grote namen als Nick Cave en Johnny Cash snel gemaakt zijn. Daughn Gibson weet zelf niet zo goed wat hij daarvan moet vinden. “Ik wilde eigenlijk nooit beroemd worden. En bovendien, ik ben veel gestoorder dan zij!”

Daughn Gibson nam zijn eerste album All Hell in 2012 op zonder zelf ooit solo te hebben opgetreden. Hij dacht sowieso niet dat iemand het ooit zou horen. Het liep anders en deze lente tourde hij door Europa. Zijn nieuwe album Me Moan kwam op 9 juli uit. “Tijdens de opnames van All Hell was ik er maar voor de helft bij, omdat ik ook niet de intentie had ermee te gaan optreden. Tijdens de productie van Me Moan bleek ik juist een enorme control freak. Ik wist precies wat ik wilde. Het moest luider en sweatier zijn. Ik was veel meer betrokken bij het hele proces. Juist omdat ik bij mijn eerste album dacht dat er verder toch niets van zou komen, wilde ik nu alles beleven.” Daughn groeide als Josh Martin op in een gezin waar veel naar Van Morrison en Joni Mitchell werd geluisterd. Of zoals hij het zelf noemt: hippiemuziek. “Door het huis verspreid stonden gitaren, maar die waren er meer voor de sier. Alleen als iemand dronken was, werd er weleens op gespeeld”, lacht hij. Zelf speelt hij geen gitaar, voor hem bestaan alleen de drums. “Toen ik 10 was, kreeg ik een drumstel van mijn neef. Ik weet eigenlijk niet wat mijn ouders ervan vonden; het moet echt verschrikkelijk hebben geklonken!” Met zingen was Daughn toen nog niet bezig, hij probeerde voornamelijk te ontdekken hoe hij Guns N’ Roses moest

meedrummen. Later, als hij in bandjes zit, zingt hij wel mee tijdens de opnamen, maar nooit live. Eigenlijk per toeval komt hij erachter dat het hem wel ligt. “Ik zat toen in een band die vocals nodig had. Ik weet niet wat het precies was, maar opeens klopte het. Ik hoorde mezelf en vond het stiekem best goed klinken. Daarna ben ik niet meer gestopt met zingen.” Uit angst om arrogant te klinken, haast hij zich toe te voegen. “Ik zat altijd in punkbands. En zingen terwijl je drums speelt, gaat echt niet. Je kunt jezelf dan niet eens horen.” Daughn nam pianolessen met de bedoeling om makkelijker nummers te componeren, maar stopte daar al snel mee omdat dat toch niet zo goed ging. “Ik heb geen idee hoe ik mijn nummers componeer, maar zonder piano in ieder geval! Ik doe er ook een stuk langer over dan de meeste mensen, denk ik.” Zijn laptop is hierbij van grote hulp. “Ik heb veel melodieën in mijn hoofd, maar ik weet niet zo goed hoe ik ze eruit moet krijgen. Ik kan geen noten lezen, en ik heb daar ook helemaal geen gevoel voor! Muziekprogramma’s helpen me wel, en als ik geluk heb, vind ik iemand die me begrijpt en het nummer voor me opneemt.” Het is niet verrassend dat het nooit Daughns droom was om beroemd te worden—om een bekende zanger te zijn. “Mijn dromen verschillen van jaar tot jaar.

Ooit wilde ik artikelen schrijven voor The Economist en toen ik kind was, wilde ik tekenfilms maken.” Misschien wil hij volgend jaar dan ook wel helemaal geen zanger meer zijn. “Ik weet het niet, het hangt ervan af. Zolang het leuk blijft, denk ik van wel. Maar anders ga ik boodschappenkarretjes bij een supermarkt verzamelen”, lacht hij. Daughn vindt dat je je in het leven flexibel moet opstellen en het moet nemen zoals het komt. Hij vindt zichzelf niet bijzonder. Zijn grootste hobby is eten. En daarnaast leest hij graag en kijkt veel televisie. Het lijkt een man met weinig eisen, maar mocht hij toch ooit op de televisie belanden dan weet hij het wel. “Dan wil ik een rol spelen, die niets met mezelf te maken heeft. A hooker. Or a priest. Or a priest turned hooker!” Dat Daughn een grote fantasie heeft blijkt ook uit de nummers die hij schrijft. Het zijn kleine verhalen op zich. “Ik luister graag naar wat mensen te zeggen hebben. Mijn nummers vormen een verzameling van verhalen die mij verteld zijn. Wel allemaal in slechte tijden.” De artiest vindt het echter moeilijk om zijn muziek te omschrijven. Hij vertelt dat hij elke keer dichtklapt als hem dit gevraagd wordt. “Volgens mij klinkt alles wat ik daarop zeg dom. Andere mensen mogen dat van mij bepalen.” Daughn wordt onder anderen verge­ leken met muzikanten als Johnny Cash,

23

Nick Cave en Nicolas Jaar. “Ik mag graag denken dat ik gewoon mijn eigen ding doe, maar ik vind het niet erg om met hen in een rijtje te staan. Een vergelijking maken is natuurlijk makkelijk. En trouwens, ik ben veel gestoorder dan zij”, lacht hij. Hij vervolgt: “Het hangt ervan af waar je verder van houdt. Als je van horrorfilms houdt, die je bang maken of waar je juist om moet lachen, dan is mijn muziek wellicht iets voor je. Ik houd zelf van het absurde, hoe vreemder hoe beter. Dat hoor je denk ik wel terug in mijn muziek. Not that I wanna creep people out.” Want uiteindelijk blijft Daughn maar een gewone jongen. Wat overigens niet betekent dat hij niet mag dromen. “Ik ben net gestopt met roken en neem daar pillen voor. Elke nacht heb ik de meest bizarre dromen. Vaak nachtmerries. Veel sneeuw en zombies. Of bedoelde je dat niet?”, lacht hij. www.daughngibson.com

Gc Interview


24

Door Leendert Sonnevelt


The Knife Jarenlang werden Olof Dreijer en Karin Dreijer Andersson, zo goed en kwaad mogelijk, omhuld door een bijna legendarische anonimiteit. Met de recente release van Shaking The Habitual gingen de maskers af. Toch bepaalt de combinatie van experiment en identiteit meer dan ooit de koers van The Knife. Glamcult sprak het duo over hun huidige tour, die wat weg heeft van een veldtocht. Gelijkheid is het motto, verandering het doel. Op de dansvloer dreunt de campagneleus: “Can this DNA turn into something else?”

Het regelen van een interview met Olof Dreijer en Karin Dreijer Andersson is, zacht uitgedrukt, niet eenvoudig. Niet zozeer vanwege hun verworven cultstatus, maar vooral door de diepgewortelde overtuigingen die het tweetal dagelijks in praktijk probeert te brengen. Shaking The Habitual, de naam van hun 4 e studioalbum, geldt ook voor de manier waarop een interview plaats moet vinden. Zo zijn er een aantal opmerkelijke regels van toepassing. Tijdens de stop in ­A msterdam wordt een afwezige Karin—“Ze is even aan het winkelen!”— ver­vangen door vier dansers, die samen met Olof vertellen hoe het er anno 2013 met de band voorstaat. Broer Dreijer, spelend met de restjes van zijn turquoise nagellak, zegt lange tijd niets. Zijn vriendelijke, maar teruggetrokken houding en de aanwezigheid van dansers Zoë, Marcus, Stina en Halla dienen als onderdeel van een serieus rollenspel waarin functies continu worden onderzocht en verwisseld. Zelfs journalisten die The Knife ontmoeten, verdeeld in een evenredige verhouding tussen man en vrouw, worden zo onderdeel van een groot(s) experiment. Waarom? “Try to change the way that change itself can change!”, aldus Zoë. Zoals de titel al duidelijk maakt, is de Shaking The Habitual Tour—waar The Knife deze zomer grote zalen en festivals mee bezoekt—gestoeld op het album met dezelfde naam. “De tour onderstreept de belangen van het album”, vertelt Halla. “Ideologieën die daaraan ten grondslag liggen, proberen we tijdens de show te realiseren.” Een jaar lang is The Knife, functionerend als collectief van muzikanten, technici en choreo­ grafen, bezig geweest met de voorbereidingen. Niet Karin en Olof, maar de hele groep bepaalde hoe de show eruit kwam

te zien. “We stelden elkaar constant de vraag hoe je muziek met deze lading in een concertsetting ten gehore brengt.” Het antwoord werd een verwarrende show, waarin instrumenten geen muziek produceren en zangers niet ­z ingen. Conventionele concertprincipes gooide The Knife radicaal overboord. “Over alle aspecten hebben we lang en uitgebreid gediscussieerd”, vertelt Olof. “De instrumenten zijn een denkbeeldige symbolisering van geluiden, en hoe het lichaam die geluiden teweeg zou brengen.” Stina maakt zijn beschrijving concreet. “Stel je voor dat je een klein, schattig geluid hoort. Gebruik je dan je hele lichaam of slechts een paar vingers? Op die manier werden alle instrumenten bedacht en gemaakt.” Hiërarchie, gender en macht, vormen de centrale thematiek van Shaking The Habitual en staan op impliciete wijze ook centraal in de show. “Er bestaat geen enkele situatie zonder machtsstructuren”, stelt Olof beslist. En daar wil The Knife mee confronteren. “De technische crews die wij op tour tegenkomen, worden altijd gedomineerd door mannen.” Zoë vult hem aan: “Zelfs in het publiek zien we machtsverhoudingen. Zo is er een be­ zoeker die naar iedere show komt. Dat hij zich zoveel kaartjes kan veroor­l oven, spreekt van hiërarchie.” Tegen­w icht biedt The Knife door volop te experimenteren. “Naast het feit dat ons hele technische team uit vrouwen bestaat, treden we op als collectief”, vertelt Stina. “Iedereen staat op het podium, ook de roadies!” De Zweden beseffen dat goede intenties niet altijd verwezenlijkt kunnen worden. “We proberen een ideologie in de praktijk te brengen”, stelt Halla. “Maar we kunnen slechts gebruik maken van de mogelijkheden die we krijgen. Het ­b elangrijkste is een bewustzijn van je

eigen vooroordelen en kortzichtigheid. Daar moet je constant hard voor werken!” Het transformeren van DNA op de dansvloer—niet iedereen kan deze goedbedoelde poging waarderen. Op internet blijven de reacties na tientallen shows nog steeds binnenstromen. “Fuck off!”, schrijft een verontwaardigde Amsterdamse fan. “I was sucking cock before you were even born and being queer before the word existed. If I didn’t like your performance it was not because of my age, sexual orientation or gender. I didn’t like it because it was lame, shallow, lazy and basically a fraud.” Marcus rea­ geert: “Negatief commentaar is vooral afkomstig van fans die een conventioneel concert met elektronische muziek verwachten. Ze hebben bepaalde verwachtingen en hopen dat die worden ingelost.” Lachend: “Helaas, dat krijgen ze niet!” Het idealisme van de groep zit diep. “We zijn fucking ambitieus!”, stelt Stina. “Mensen willen een scheiding van muziek en politiek, maar in werkelijkheid bestaat die niet. Luisteren naar een bepaald genre is op zichzelf al een politieke daad.” Dat het publiek menigmaal verward naar huis gaat, verbaast geen van allen. “Dat is juist wat we proberen te bereiken!”, aldus Stina. “De constante transformatie en het wisselen van rollen betekent dat je niet meer in hokjes kunt denken. Wanneer je deze drang los weet te laten, word je beloond met vrijheid. Het publiek kan zelfs gaan experimenteren met hun eigen rol.” De release van Shaking The ­H abitual ging gepaard met een comic van kunstenares Liv Strömquist, End ­E xtreme Wealth genaamd. Fictieve experts vertellen in dit verhaal over hun strijd tegen het kapitalisme en ongelijkheid tussen de seksen. Zo is er dokter Plinky Plonk, die aantoont hoe sociaal

25

geconstrueerde genderrollen bijdragen aan een ongelijke verdeling van kapitaal. “I don’t need this!” roept een theater vol mannen naar een scherm waarop een ­g limmend voertuig wordt geprojecteerd. “A small candle of hope”, wordt het werk van dokter Plonk genoemd. “Voor mij is onze show zo’n teken van hoop”, aldus Stina. “Maar het publiek bepaalt wat een optreden werkelijk betekent.” Het idealisme van The Knife doet—hoe cliché het ook moge klinken— afvragen hoe de ideale wereld er volgens de groep uit zou zien. “Dat wil ik niet weten!”, stelt Zoë helder. “We willen graag ontdekken wat verandering is, en hoe verandering transformeert, zonder te weten waar het toe leidt. Dat valt alleen maar te ontdekken in de context van deze show.” Behalve een groots en complex werk is Shaking The Habitual dus ook de basis van een ontdekkingstocht. “We zijn onderdeel van een politiek, gul en liefdevol proces”, concludeert Stina. “Voor mij is het zeker een lichtje in het donker.” “Een fakkel”, verbetert Halla haar. “Nee, wacht!”, komt Olof rustig tussenbeide. “Shaking The Habitual is een vreugdevuur.” www.theknife.net

Gc Interview


Door Daniëlle van Dongen Fotografie: Valentina Vos

The Child of Lov Hij had al een NME Award op zak, terwijl The Child of Lov nog voor iedereen een raadsel was. Naast deze anonieme intrede in de muziekwereld maakte vooral zijn soulvolle stemgeluid ons nogal nieuwsgierig. In een gesprek over zijn jeugd, perfectionisme en sterke aantrekkingskracht tot The South leerden we eindelijk zijn naam kennen: Cole Williams.

Wie is die gast met die innemende raspy, soulvolle stem? Het beluisteren van zijn zelfgetitelde debuutalbum The Child Of Lov deed ons vermoeden dat hij een nauwe familieband met Anthony Hamilton onderhield. Een bevestiging van dit vermoeden was echter nergens te verkrijgen. Niemand wist zijn naam en op foto’s was zijn gezicht—indien zichtbaar —vakkundig onherkenbaar gemaakt. Het mysterie rondom de artiest groeide, en zo ook onze nieuwsgierigheid. Begin dit jaar verscheen hij dan eindelijk in het openbaar. Het winnen van de NME Philip Hall Radar Award, deed hem ­b esluiten naar de uitreiking ervan te gaan. “Ik kon me niet blijven verstoppen natuurlijk, dus ik dacht: ‘Fuck it, dan is dit het. Ik ga all out.’” Kwaadsprekende tongen hadden het over een pr-stunt, maar zijn reden om anoniem te blijven, legden deze al snel het zwijgen op. “Ik voelde me er simpelweg niet prettig bij om meteen op de voorgrond te treden. Veel artiesten presenteren zichzelf tegen­ woordig als een totaalpakket. Zonder blikken of blozen leggen ze alles op ­tafel. De grenzen zijn weg, terwijl juist daar zoveel betekenis in kan zitten.” Gehuld in een rood maatpak en lange jas over de schouder, besteeg Williams het podium om de prijs voor opkomend talent in ontvangst te nemen. Wat bleek, de 25-jarige artiest bracht zijn jeugd niet grotendeels tokkelend op zijn gitaar door on the front porch van een Amerikaans huis. Nee, Williams is

een jongeman van Hollandse bodem, Alkmaar om precies te zijn. De ambitie om in het openbaar te treden met zijn muziek, had hij nooit. “Ik groeide op in een flat, samen met mijn moeder en broertje. Zelfs zij wisten niet dat ik bezig was met muziek, ik deed dit altijd op mijn kamer als er niemand thuis was. Ik voelde me er ongemakkelijk bij om het aan hen, laat staan anderen, te laten horen. Misschien omdat ik niet uit een muzikaal gezin kom. Er stond wel een piano bij ons thuis, maar die maakte eigenlijk meer deel uit van het meubilair.” Als 13-jarige speelde Williams wel gitaar, maar later begon hij stiekem steeds vaker piano te spelen. “In mijn jeugd luisterde ik veel naar hiphop en neosoul. Door het alsmaar herhalen van dezelfde break ontstaat dat slepende gevoel dat deze genres hebben. Hierdoor smelt je als het ware samen met de muziek. Ik maakte mijn beats natuurlijk gewoon met Fruityloops. Maar eigenlijk gebruik ik dat programma nog steeds”, zegt hij lachend. Op de vraag wat zijn favoriete geluid is, moet hij even diep nadenken. “De diddley bow, het eensnarige in­ strument waar Bo Diddley naar is vernoemd geeft een prachtige sound. Maar ook het album Voodoo van D’Angelo heeft mij geïnspireerd.” Onder lichte dwang—hij moet er één kiezen—is Voodoo toch echt favoriet. “Ik kan die plaat nog steeds luisteren. Er gebeurt van alles, en er zijn zo veel harmonieën

dat ik steeds weer iets nieuws hoor. Deze muziek zorgt ervoor dat ik alles even vergeet, en was bovendien de reden dat ik zelf muziek ben gaan maken.” De vele verwijzingen naar The South doen je afvragen wat het is dat hem zo aantrekt tot deze plek. De videoclips voor Heal en Give Me zijn zelfs in het Amerikaanse Georgia opgenomen. “Daar komt zo veel muziek vandaan”, legt Williams uit. “Het is natuurlijk de thuisbasis van Ray Charles. En het dorpje Macon bijvoorbeeld, het is ridiculous welke artiesten daar allemaal zijn opgegroeid: Otis Redding, Little Richard en James Brown. Er lijkt wel iets in de grond te zitten daar, iets pijnlijks. De kracht die in alle zwarte muziek zit. Dat is waarom ik mij zo aangetrokken voel tot deze plek.” Zijn rauwe stem en gezichtsmimiek tonen een jongeman met een ‘oude’ ziel. “Ik ben opgegroeid zonder mijn vader. Ik kende hem wel, maar hij heeft in mijn opvoeding niets betekend. Zoiets is moeilijk, dat is echt verdriet. Uiteindelijk heeft iedereen te maken met pijnlijke dingen, maar ik zie dat veel mensen die maar al te graag vergeten. Voor mij zit in die momenten juist authenticiteit en waarheid. Het delen van die ervaringen, is voor mij essentieel om een echt persoon te blijven.” Het nummer Owl dat hij samen met hiphopartiest DOOM maakte, begint met een gitaarintro dat zich gaandeweg samenvoegt met een trage beat. Door die tegenstrijdige ritmes ontstaat

26

het slepende gevoel dat Williams zelf ervaart bij het luisteren naar hiphop. De muziek is er voor Williams altijd eerst. “Bij het maken van een nieuw nummer begin ik altijd met de drums. Daarna volgen toetsen of pak ik mijn gitaar erbij, whatever works. Pas als dit gedeelte helemaal klopt, begin ik met zingen.” Een perfectionist is Williams zeker; hij streeft ernaar een ultieme samenhang tussen muziek, tekst, zang en beeld te creëren. Ook over zijn naam kan geen verwarring ontstaan. Het Lov-gedeelte is geen verbastering van het woord Love, maar staat voor het Light-OxygenVoltage-proces, dat ervoor zorgt dat planten naar de zon toe groeien. Deze woorden keren tot in de kleinste details terug, zoals op het schoolbord in de ­v ideoclip van Heal. “Eigenlijk zijn al mijn nummers een selectie van een groter geheel. Uiteindelijk moeten dit drie albums worden: Light, Oxygen en Voltage. Elk heeft acht tracks en drie intermezzo’s. Deze trilogie vormt uiteindelijk het échte werk.” www.thechildoflov.com

Gc Interview


Visual Essays

We don’t need no thought control. Fotografie: Wendelien Daan

Made to fly, jump, kick, flip and stunt. Fotografie: Dirk Kikstra


Jasje en schoenen Dior Homme, overhemd Avelon, broek HUGO


We don’t need no thought control.


Links Trui Maison Martin Margiela, overhemd en schoenen Dior Homme, broek Avelon, trui om heupen gewikkeld HUGO, sokken Pierre Cardin

Rechts Jasje Dior Homme, overhemd Avelon


Links Jasje Kris van Assche, overhemd onder jasje Filippa K, pantalon MTWTFSS Weekday Collection, jas om middel Alexander Wang

Rechts Jas Mugler, overhemd Givenchy, netshirt en coltrui Barbara Langendijk, shorts Xiomara van der Zon, schoenen Dior Homme, sokken Pierre Cardin

Fotografie: Wendelien Daan—Unit Styling: Majid Karrouch—Manja Otten Haar en make-up: Chiao-Li Hsu voor Clinique—House of Orange Model: Tino—Ulla Models Assistent fotografie: Alexeye Silichev


Top MATTIJS, broekje American Apparel, sneakers New Balance via Seventyfive, pet Victor Osborne

Made to fly, jump, kick, flip and stunt.


Jas Vivienne Westwood Red Label, T-Shirt American Apparel, rok The Blonds, zonnebril Prism


Gilet The Blonds


Trui Mauro Grifoni, rok The Blonds


Links Jas vintage, rok Vivienne Westwood Red Label, T-Shirt Acne, laarzen Chanel Rechts Gilet American Apparel, broek Skingraft, laarzen Chanel


Fotografie: Dirk Kikstra—Stickystuff Styling: Renske van der Ploeg—House of Orange Haar: Seiji—The Wall Group NYC Make-up: Cyndle—The Wall Group NYC Model: Akuol—Muse NYC Assistent styling: Keren Zolar


The city is our canvas Palladium brengt je altijd naar onbekend terrein. Wereldwijd betreden ze de plaatsen waar andere voorbij­ gangers langslopen. Ze verkenden de straten van Detroit met Johnny Knoxville, bezochten London Battersea met Eliza Doolittle en gingen op pad met Pharrell Williams in Tokio. Deze lente werkt Palladium samen met vier jonge kunstenaars uit Utrecht, Arnhem, Groningen en Antwerpen, die hun eigen werk projecteren op onverwachte plekken in de stad. Naast deze nieuwe urban exploration maakten zij ieder een ontwerp voor Palladium boots. The city is their canvas... Deze maand leer je de laatste twee deelnemers kennen in Glamcult. De filmpjes van hun explorations kun je bekijken op de websites van Palladium, Men at Work en Glamcult. www.palladiumboots.com www.facebook.com/PalladiumBoots

Vincent Vrints (25) is geboren en getogen in Antwerpen, waar hij aan de Sint Lucas afstudeerde, maar verhuisde enkele maanden geleden naar Rotterdam. Als ontwerper begeeft Vincent zich bij Studio Dumbar op het snijvlak van illustratie, vrije kunst en grafische vormgeving. “De integratie van on­ bekende culturen fascineert me”, vertelt hij. “Ik houd van de nieuwe informatie die ze meebrengen, hun vreemde kleurgebruik en de betekenis van hun vormen en symbolen.”  Je werk getuigt van verschillende stijlen en begeeft zich tussen meerdere disciplines. Is dat een bewuste keuze? Nee, zo zie ik het niet! De stijl waarin ik werk is afhankelijk van het project, dat geldt ook voor het medium waarmee ik werk. Wel interesseren verschillende disciplines me. Wanneer de grens tussen grafisch ontwerp, vrije kunst en illustratie vervaagt, wordt het juist interessant. Ik probeer mijn werk

dan ook zo weinig mogelijk te definiëren of in een bepaalde richting te duwen. Je studeerde af met een expo­ sitie over de stad Antwerpen. Hoe kwam je bij dit onderwerp terecht? Mijn masterproject ging niet zozeer over de stad Antwerpen zelf, maar over integratie—een onderwerp dat voor iedere stad zou kunnen dienen. Ik woon toevallig in Antwerpen, en loop graag rond in een multiculturele buurt. Ik ben gefascineerd door ‘de ander’ in onze cultuur, en wilde mensen graag aansporen om een beter inzicht te verkrijgen in voor ons vreemde, nieuwe identiteiten.

omstandigheden naar Antwerpen moesten verhuizen. Integratie is een belangrijk aspect van onze samenleving, het is ook iets dat me persoonlijk raakt. Ik ging op zoek naar de grafische elementen van specifieke culturen en gebruikte die, samen met de zin ‘Welkom in Antwerpen’ in verschillende talen, om posters te maken. Die plaatste ik vervolgens in het straatbeeld. Ik koos bewust voor een omgeving waar veel migranten wonen. Elementen uit andere culturen bracht ik samen met elementen uit die van mijzelf. Ik weet niet of het daadwerkelijk resultaat heeft gehad, maar ik hoop dat het in ieder geval heeft doen nadenken over hoe wij omgaan met integratie.

‘minder aangename’ buurt. Ook zou ik de vele ontwerpen van Renaat Braem, zoals de Oudaan, de blokken op het Kiel en de Arenawijk laten zien. Hij was een architect die me enorm aanspreekt, vooral in zijn manier van denken. Hij wilde meerdere mensen onder één dak samenbrengen en zorgde voor een gezamenlijke tuin. Hierdoor leefde men gezamenlijker en was er voor iedereen een grote buitenruimte—het omgekeerde van hoe de gewone Vlaming graag leeft! Daarna zou ik gasten meenemen naar Hole Of The Fox, een nieuwe galerie in Antwerpen, naar Caffènation voor een kop koffie en naar Scheld’apen voor een feestje.

Met Welcome to Antwerp probeerde je een gastvrij onthaal voor nieuwkomers te creëren. Heb je dit daadwerkelijk weten te bereiken? Welcome to Antwerp was een verwelkoming voor mensen die door

Zijn er plekken of gebouwen in Antwerpen waar je gasten graag mee naartoe neemt? De Seefhoek is een buurt waar ik zelf graag doorheen fiets. Hier zou ik mensen mee naartoe nemen, omdat het vaak wordt afgeschilderd als een

Hoe ziet de creatieve scene in Antwerpen er momenteel uit? In Antwerpen ligt de nadruk op vrije kunst en illustratie. Veel jonge artiesten doen mee aan exposities of brengen een eigen zine uit, een cultuur waar ik in het verleden met plezier

40

Afstudeerproject Welcome to Antwerp

Firmament

Afstudeerproject Welcome to Antwerp

Fotografie: Duy Vo

Vincent Vrints

deel van uitmaakte. Toch leek het me interessanter om te verhuizen naar Nederland, waar de nadruk meer op grafisch ontwerp ligt. Toegepaste kunst lijkt in België minder gewaardeerd dan vrije kunst. Loop je hier vaak tegenaan? Volgens mij heeft dit te maken met de culturele achtergrond van België, waar vrije kunstenaars het grote voorbeeld zijn. In Nederland ligt het accent veel meer op toegepaste kunst. Ik heb niet het gevoel dat ik hier ooit last van heb gehad, maar het is wel de reden dat ik tijdelijk naar Nederland ben verhuisd.  www.vincentvrints.com


Eixample

The city is our canvas

Je creëert regelmatig scènes die te maken hebben met de publieke ruimte. Hoe komen deze verhalen tot stand? Ik breng veel tijd door in de stad en alles wat ik om me heen zie dient als inspiratie voor nieuw werk. Dat herken je vooral in de grote hoeveelheid architectuur die ik in tekeningen verwerk. Daarnaast komt een belangrijk gedeelte voort uit mijn fotografie, waarvan de voorstellingen zich met name op straat afspelen. Wat ik daar meemaak, deel ik door middel van tekeningen met mijn publiek. Beschouw je Groningen als thuisbasis? Ik ben vanwege praktische redenen naar deze stad verhuisd, er zal dus nooit een chauvinistisch gevoel ontstaan dat me aan Groningen hecht. Natuurlijk voelt het als thuiskomen wanneer je terugkeert naar de zekerheid van je warme huiskamer met je eigen spulletjes. Toch voelt het op de lange termijn niet als mijn vaste ver­ blijfplaats, meer als een tussenstation naar iets dat groter is. In 2011 heb ik Nederland een half jaar ingeruild voor Barcelona. Ik merkte dat deze ervaring meer invloed op me had dan het gevoel van heimwee. De kleine dingetjes die ik miste aan Groningen werden met gemak overspoeld door nieuwe belevenissen. Terugkeren naar

Groningen voelde ook niet direct als thuiskomen; de rollen tussen de twee steden waren omgekeerd. Als er zich opnieuw een kans voordoet om in een andere stad een avontuur aan te gaan, dan is er niets dat me in de weg staat om deze aan te grijpen. Het enige dat me aan een verblijfplaats kan binden zijn vriendschappen, maar ik geloof dat die, ongeacht de afstand, goed te onderhouden zijn. Je won een internationale ontwerpmarathon met Eixample, een patroon dat zich eindeloos herhaalt. Kun je hier meer over vertellen? Eixample heb ik ontwikkeld tijdens mijn verblijf in Barcelona. Het is voor mij een iconisch beeld dat me herinnert aan die tijd. Wie ooit boven de stad heeft gevlogen zal direct de buurt Dreta de l’Eixample herkennen. Deze uitbreiding van het oude centrum bestaat uit een enorme, symmetrische lappendeken van huizenblokken met daartussen een complex netwerk van wegen. Planmatige en strakke architectuur is iets waar ik normaal gesproken een afkeer van heb, maar wanneer je door de straten van Barcelona loopt, blijft hier weinig van over. Iedere gevel is rijk gede­ coreerd en heeft zijn eigen uitstraling. Verlaten gebouwen lijken je in het bijzonder te fascineren. Hoe is deze voorliefde ontstaan? Mijn interesse voor leegstaande gebouwen, verlaten gebieden en beelden die iets onwerkelijks hebben, is er altijd al geweest. Ze worden met het verstrijken van de tijd overgenomen door natuurlijke elementen en bieden een rust die je niet van een industrieel terrein verwacht; ze hebben vaak een lange geschiedenis van productiviteit. Ze vormen herinneringen aan stedelijke omgevingen en bieden een broedplaats voor het ontstaan van een nieuwe, verstedelijkte natuur. Misschien is dat wel wat me het meeste aantrekt.

Leer je door te skateboarden de stad op een andere (of betere) manier kennen? Ik geloof dat skateboarders de openbare ruimte op een bijzondere manier ervaren. Wij hebben voor onszelf een manier van kijken ontwikkeld waarin meer ruimte is voor creativiteit. Elementen uit de stad kunnen een totaal nieuwe invulling krijgen dan hetgeen waar ze door de maker voor zijn bedoeld. Zo zijn we constant op zoek naar plekken met nieuwe mogelijk­ heden. Nieuwsgierigheid brengt je naar onverwachte plaatsen, waar je zonder ander specifiek doel niet zou komen. Navigeren doe ik eerder aan de hand van beelden en plaatsen dan straatnamen of plattegronden. Wander, je afstudeerproject, is gegoten in de vorm van een graphic novel. Een ronddolende man neemt de ‘lezer’ mee naar verschillende plekken en sferen, zonder ooit tot een eindbestemming te komen. Wat is het verhaal hierachter? Wander is eigenlijk een korte reis vanuit de natuur naar de stad en weer terug. De basis vormt mijn eigen gevoel, dat zich ontwikkelt naarmate ik langer op een bepaalde plaats verblijf. Ik ben er nog niet achter of mijn hart nu echt in de bruisende stad of in de vrije natuur ligt; in beide groeit na een tijdje onrust en het verlangen naar een nieuwe omgeving. In Wander zet ik twee totaal verschillende werelden tegen elkaar af, en ga ik op zoek naar het punt waar ze samenkomen. Het eindbeeld van dit boek vormt een directe link naar het begin en staat zo symbool voor mijn eigen drang naar het ontdekken van nieuwe plekken. www.tymogrijpma.com

41

Goat

Op jonge leeftijd was Tymo Grijpma (23) al bezig met tekenen. De freelance illustrator, die de wereld dikwijls vanaf zijn skateboard bekijkt, groeide op in een klein Noord-Nederlands dorp. Om illustratieve vormgeving te studeren, verhuisde hij na de middelbare school naar Groningen. “Mijn wortels op het platteland hebben nog steeds invloed op de manier waarop ik de indrukken van een stad beleef”, aldus Tymo. “Ik denk dat ik mijn huidige omgeving meer waardeer dan iemand die hier is opgegroeid.”

Fiësta Fatal

Tymo Grijpma


Do 18 jul

AMON TOBIN PRESENTS TWO FINGERS (DJ-SET) Do 18 jul

CHESUS

BANGERS & MASH @ CABLE

Vr 20 sep

EGBERT 6HOUR LIVE SET

“WARM” ALBUM RELEASE @ KLINCH

Do 26 sep

GOD IS AN ASTRONAUT Vr 27 sep

JOKER

JON HOPKINS DOPPLEREFFEKT / 2562

Vr 26 jul

Di 1 okt

Do 25 jul

HOAX PRESENTS LEISURE SYSTEM

CABLE

APHRODITE / DRUMSOUND & BASSLINE SMITH

-M-

MAJOR LEAGUE – SUMMER OF ’13 @ KLINCH

Wo 2 okt

Vr 26 jul

Vr 4 okt

TARAGANA PYJARAMA APPLESCAL RTFKT NIGHT @ KLINCH

65DAYSOFSTATIC RUDIMENTAL Vr 11 okt

MOZES AND THE FIRSTBORN

Do 1 aug

DARK TANTRUMS / TMSV SONIC BOOM @ CABLE

Do 8 aug

NYMFO

SHANK @ CABLE

Do 29 aug

EL-B / GOMES 2HOUR SET

Wo 30 okt

HOFFMAESTRO Za 2 nov

PALMA VIOLETS Di 5 Nov

ANDREW STOCKDALE (OF WOLFMOTHER) Ma 11 nov

DISCLOSURE (LIVE) Ma 11 nov

THE 1975

Wo 13 nov

Di 15 okt

MELKWEG CINEMA

Vr 18 okt

DJ SLOW GUERILLA SPEAKERZ

HALF MOON RUN

JAMES BLAKE – SOLD OUT

Wo 14 aug

Do 22 aug

Zo 27 okt

ALUNAGEORGE

PARQUET COURTS

PRESENTED BY SUBBACULTCHA!, KNEKELHUIS DISCO & MELKWEG

DE STAAT

Za 12 okt

TURBULENCE @ CABLE

MERCHANDISE

Za 26 okt

DAVE CLARKE / KARENN AGORIA / KENNY LARKIN BODDIKA DAVE CLARKE PRESENTS @ ADE

Za 20 jul / Vr 23 aug

TATTOO NATION Do 25 jul

THE CHEMICAL BROTHERS: DON’T THINK

Za 19 okt

MATHEW JONSON & MINILOGUE / PROSUMER LEVON VINCENT BREAKFAST CLUB @ ADE

Vr 26 jul Do 1 aug / Vr 6 sep

THE SOUND OF BELGIUM

GOMES INVITES @ CABLE

LET OP: DIT IS SLECHTS EEN SELECTIE UIT HET PROGRAMMA. HET VOLLEDIGE PROGRAMMA VIND JE OP WWW.MELKWEG.NL MELKWEG AMSTERDAM – LIJNBAANSGRACHT 234A


Film The Look of Love

Borgman

Mocht het in augustus wederom tegenvallen met dat buitenspeelweer, kun je je ook prima indoor vermaken. Vanaf 8 augustus, Safety Not Guaranteed Drie jonge journalisten op zoek naar een verhaal stuiten tot hun grote geluk op een opmerkelijke advertentie: man zoekt gezelschap om mee terug in de tijd te reizen. Is de plaatser ervan gestoord of kan hij dit werkelijk? Het trio pakt hun tassen en legt het eerste contact voor een bijzondere road trip die niet alleen over reizen gaat, maar ook over persoonlijke ontwikkeling en intermenselijke relaties. Oh ja: “Must bring your own weapons.” Komedie Vanaf 8 augustus, Le Passé IJzersterk relatiedrama van Asghar Farhadi, maker van A Separation. Een Iraanse man keert terug naar Frankrijk om zijn scheiding af te wikkelen. Eenmaal gearriveerd in het huis van zijn ex Marie (een geweldige Bérénice Bejo), wordt hij betrokken in de moeizame relatie tussen Marie en haar oudste dochter. Prachtige film met een bijzonder plot en geloofwaardige personages. Drama Vanaf 8 augustus, The Lone Ranger Johnny Depp en regisseur Gore Verbinski komen opnieuw samen na de Pirates of the Caribbean-serie en Rango. Dit keer voor een magisch westernavontuur. Reken op puike actie en de offbeat humor waar Depp een patent op lijkt te hebben. Hij hijst zich dit keer in het tenue van een wijze indiaan die zijn krachten bundelt met een klassieke good cop. Western/actie Vanaf 8 augustus, Behind the Candelabra Michael Douglas vormt in deze biografische film een opmer­ kelijk setje met Matt Damon, als respectievelijk de flamboyante entertainer Liberace en zijn veel jongere minnaar Scott Thorson—hoewel Liberace zijn leven lang volhield niet van de herenliefde te zijn. Glitter! Drama! Biografisch drama

Door Maricke Nieuwdorp

The Bling Ring

Vanaf 1 augustus Regie: Sofia Coppola Acteurs: Katie Chang, Israel Broussard, Emma Watson, e.a. Crown On The Ground van Sleigh Bells knalt snoeihard door de zaal. “Oh yes”, denk je, “kom maar op!” De nieuwste van all-time favorite Sofia Coppola begint weer lekker. Met het waargebeurde (!) verhaal in je achterhoofd, maak je je op voor 90 minuten killer tunes en zoete actie. The Bling Ring vertelt het verhaal van een groepje rich kids uit L.A., dat uit verveling de huizen van celebrities leegrooft. Wannabees die de Louboutins en Rolexen in de itbags van de sterren zelf mee naar buiten zeulen—een uitgangspunt om van te smullen natuurlijk. Zeker als je bedenkt dat deze clan van fame obsessed teenagers echt bestond. Maar het is alleen omdat je weet dat deze kneu-

terige berovingen daadwerkelijk hebben plaatsgevonden dat dit alles niet totaal ongeloofwaardig wordt; met het grootste gemak (openstaande deuren, sleutels onder voordeurmatten) komen de doorsnee tieners, met behulp van het internet, de huizen (en walk-in closets!) van beroemdheden als Rachel Bilson, Lindsay Lohan en Paris Hilton in. Het kijkje dat Coppola ons in hun optrekjes biedt, hadden we niet willen missen! Nu weten we bijvoorbeeld dat je bij Paris thuis kunt paaldansen. Voor de dochter van de hotelmagnaat was het “really emotional” om de plunderingen op beeld te bekijken. Wij waren minder onder de indruk. Misschien komt het omdat Spring Breakers net uit is, en we onze dosis ‘brave jongeren randomly lose control’ voor deze zomer al gehad hadden. Misschien komt het omdat Amerika inderdaad een grotere fasci-

natie heeft voor Bonnie en Clyde-­ verhaallijnen, zoals een van de hoofdpersonen beweert. Of misschien komt het gewoon omdat de film niet genoeg diepgang heeft, terwijl Coppola ons wel iets lijkt te willen vertellen. Er is sprake van meer dan enkel een observatie van de tijdsgeest van haar eigen omgeving. Maar wat is dan ‘de moraal van dit verhaal’? Het plot weigert zich te ontvouwen, waardoor je je gedurende de hele film blijft afvragen wanneer ’ie nou echt begint. Het is misschien wel juist door de aanwezigheid van overduidelijk coole ingrediënten (opwindend verhaal, yummie soundtrack en Gavin Rossdale als sleazy club­e igenaar), dat we ons een beetje bedrogen voelen. Typisch gevalletje van vorm boven inhoud. Desalniettemin een vermakelijke anderhalf uur Hollywood-drama. Drama

43

Vanaf 22 augustus Regie: Michael Winterbottom Acteurs: Steve Coogan, Imogen Poots, e.a.

Vanaf 29 augustus Regie: Alex van Warmerdam Acteurs: Jan Bijvoet, Hadewych Minis, e.a.

De Britse Debbie (Poots) mag dan op dure kostscholen gezeten hebben en zijn opgegroeid in een villa met een eigen pony in de tuin—haar liefhebbende vader, Paul Raymond, verdiende het fortuin om dit te bekostigen in de Londense seksindustrie in de jaren 60 en 70 van de vorige eeuw. Niet zo sjiek, wel stinkend rijk. Winterbottom (Trishna, The Killer Inside Me) volgt in dit mooi vormgegeven portret de hechte relatie tussen deze flamboyante man en zijn onzekere, opgroeiende dochter. Engelands rijkste man kon niet voor­ komen dat zijn poor little rich girl ongelukkig werd, en aan zijn overvloedige toewijding (en drank, drugs en gebrek aan talent) ten onder ging. Coogan, die in dit fijn vormgegeven historische drama de hoofdrol speelt, hebben we nog nooit kunnen betrappen op een echt zwakke rol, en ook zijn jonge tegenspeelster, met het uiterlijk van een beeldig modellenmeisje, maakt indruk. Helaas gaat Winterbottom nergens diep in op psychologische zaken, dus blijven we wat kabbelen aan de oppervlakte. Drama

Bij een villawoning belt een magere, bebaarde man aan. Of hij even een bad kan komen nemen. De oren van de heer des huizes klapperen: what the…?! Als de landloper aan blijft dringen, schopt de eigenaar hem hardhandig het terrein af. Marina, de geschrokken echtgenote, ontdekt de gewonde man later in haar tuinhuisje. Hij weigert te vertrekken en vindt dat hij recht heeft op verzorging, onderdak, eten en dat bad dus. Laat het maar aan Van Warmerdam (Abel, Ober, De laatste dagen van Emma Blank) over om zo’n absurd uitgangspunt te bedenken. Deze, voor zijn doen duistere, film vertelt over hoe een upper class gezin onder invloed raakt van een mysterieus groepje mensen met, zo lijkt het, snode plannen. Deze titel werd, heel bijzonder, voor de hoofdcompetitie van Cannes geselecteerd. Hij won niet, maar Van Warmerdam, die ook nu weer met een ijzersterke cast werkt, weet je altijd op het verkeerde been te zetten. Zijn nieuwste filmkind is weird, intrigerend en eigenwijs komisch. Drama

Hello, I Must Be Going

Shokuzai

Vanaf 11 juli Regie: Todd Louiso Acteurs: Melanie Lynskey, Christopher Abbott, e.a.

Vanaf 25 augustus Regie: Kiyoshi Kurosawa Acteurs: Masaaki Akahori, Manatsu Kimura, e.a.

Dertiger Amy verwerkt haar scheiding bij haar ouders thuis. Onder de dekens, met vette haren en een zak chips in de hand. Al maanden. Terwijl pa en ma uitzien naar een welverdiend pensioen, wordt de donkere wolk die Amy heet een steeds groter blok aan hun been. Kan ze zich niet nuttig maken door de tienerzoon van een belang­ rijke investeerder bezig te houden? Dat doet ze. Naakt. Het opmerkelijke duo sekst overal in ’t geniep en daar knapt ze zienderogen van op. De ongemakkelijke momenten tussen hen en de onwetende omgeving maken hun amourette wel tot een heel onzekere. Deze alternatieve coming-of-age-film ( jezelf ontdekken kan kennelijk ook nog na je 30 e) is an sich aangenaam. Maar ondanks het warme bad van alternatieve singer-songwritermuziek, een ‘gewaagd’ verhaal en Girls hottie Abbott op de koop toe, is dit komische drama eigenlijk best conventioneel. Het plot is, ondanks de quirky personages, prima acteurs en sympathieke opzet, namelijk best voorspelbaar. Komisch drama

Het is bijzonder te noemen dat een Japanse televisieserie, bestaande uit vijf forse delen, in de Nederlandse bioscoop wordt uitgebracht. Hoewel het zitvlees vergt (de voorstelling duurt een whopping 270 minuten), is het heerlijk om in zo’n uitgebreid verhaal te duiken. Wie heeft er níet een hele nacht doorgehaald om toch nóg maar eens een aflevering te kijken van Mad Men of True Blood. Het Japanse crimedrama begint als een schoolmeisje in de nabijheid van haar vier leeftijdsgenootjes vermoord wordt. De zaak blijft onopgelost. Asako, moeder van het dode kind, is woedend op haar vriendinnetjes, die beweren het gezicht van de dader niet te hebben gezien. Vijftien jaar later gaan deze jonge vrouwen gebukt onder hun verleden en de vloek van Asako—shokuzai betekent boetedoening. Per aflevering staat steeds één meisje centraal. Wat weet ze nog van die tragische dag en welke weerslag heeft dat op haar huidige bestaan? Op z’n Japans is Shokuzai geen klassieke whodunit, maar des­ alniettemin bijzonder verslavend. Misdaaddrama

Gc Update


Albums

AlunaGeorge

Kirin J Callinan Braids

Pure Bathing Culture

Maya Jane Coles

Body Music

Flourish // Perish

Moon Tides

Embracism

Comfort

Universal Music

Arbutus Records / Konkurrent

Memphis Industries

Siberia / Beggars Group

I/Am/Me / PIAS

Dat de combinatie van een nobele producer en een adembenemende frontvrouw succesvol kan zijn, blijkt wederom! Een jaar geleden maakten we kennis met de onweerstaanbare mix van electropop en r&b van het Londense duo AlunaGeorge. Vanaf het moment dat de twee elkaars talent via internet ontdekken, slaat de muzikale vlam in de pan. We kunnen gelijk genieten van de geslaagde singles Your Drums, You Know You Like It en ­A ttracting Flies. Een beetje liefhebber van futuristische dancepop en experimentele hiphop zal ook de samenwerking met Disclosure, die uitmondde in het dansvloervriendelijke White Noise, niet ontgaan zijn. Maar nu is er dus een heel album, Body Music genaamd— wellicht een referentie aan de door hen zelf betitelde slaapkamer­m uziek. George’ producties op dit debuut zijn geraffineerd, subtiel en smaakvol. Ze gaan een spannende en magische samenwerking aan met de zoete rijmpjes van zangeres Aluna. Hét Londense duo du moment. Door Anna Nita

Met enige tegenslagen zoals een vertrekkend bandlid—inclusief awkward contactbreuken—had Braids een valse start bij het uitbrengen van het tweede album. Tenminste, dat zou elke hypothetische analyse voorspellen. In werkelijkheid loopt Flourish // Perish een stuk soepeler dan zijn voorganger, waarin gitaren en drumkits de composities domineerden. Het trio uit Calgary speelt nu uitsluitend met elektronische apparaten, waardoor je als luisteraar minder afgeleid wordt en nog verder onder hypnose raakt. Het snel voortstuwende Together doet met de gecomputeriseerde drums en snijdende synthesizers zelfs denken aan Radioheads overgang van organisch naar elektronisch. Daar moet bij worden gezegd dat de uptempo liedjes juist het materiaal vormen dat deze plaat interessant maakt. Bij het horen van Amends en Juniper raak je al snel elk besef van tijd kwijt. Helaas staan daar tegenover nummers als In Kind en Victoria, die slechts een gelijkenis vertonen met poppy songs in skipwaardigheid. Nu de andere zangeres nog uit de band en het wordt echt ­i nteressant. Door Sander van Dalsum

Het Amerikaanse indiepopduo Pure Bathing Culture verrees in 2011 vanuit folkrockband Vetiver. Daniel Hindman (gitaar) en Sarah Versprille (zang/ keyboard) deden daar hun muzikale ervaring op, verhuisden vervolgens naar de zonnige West Coast en creëerden daar een eigen dromerige sound. Thuis maakten de twee de basisstructuur voor de liedjes op debuut Moon Tides, om deze in de studio in snel tempo middels improvisatie te voltooien—vaak bij de eerste take al geslaagd. Ideaal, maar dit op­ nameproces wijst er misschien ook op dat het duo ietwat te snel tevreden was. De voort­kab­b elende synths en elektrische gitaren bewegen in exact dezelfde maat als de drums. Bovendien blijkt Sarah’s zweverige stem, die mede door de romantische melodieën en meerstemmigheden vaak iets wegheeft van ouderwetse musicalpartijen of classic rockballades á la Fleetwood Mac, na verloop van tijd toch wat eentonig. Waarschijnlijk raakt de beoogde doelgroep van spirituele zielen— zijzelf werden per slot van rekening ook geïnspireerd door de de maan en de getijden—iets enthousiaster. Door Dorothy Vrielink

Ontmoet Kirin J Callinan: zanger, dichter, instrumentalist en bovenal provocateur. Embracism, zijn eerste ‘echte’ plaat, laat zich het beste omschrijven als een smerige darkroom, en dan wel de heteroseksuele variant. Begeleid door bijtende gitaarakkoorden, constant wisselende ritmes en glam synthesizers bezingt de Australiër met schorre stem alles wat lichamelijk is. Nooit is helemaal duidelijk of dat nu lust, liefde of juist een bloederig gevecht betreft. “My kidney and liver drain the river, my cock counting down in the center of town”, kreunt hij in Stretch It Out. Inderdaad, ook die songtitel omschrijft de gesteldheid van het lichaam, en geen detail blijft ons bespaard. Embracism is—met opzet—een opzichtig en chaotisch statement, zowel in muzikaal als tekstueel opzicht. Het is het weerzinwekkende werk van een kunstenaar die alle vorm van moraal met een overdreven gebaar loslaat, en op die manier zijn meest persoonlijke gevoelens toont. “Hell is right here on earth”, hijgt hij in Landslide. Dat wordt door Callinan betreurd én gevierd. Door Leendert Sonnevelt

Deephouse is booming en dat is goed nieuws voor Maya Jane Coles. De half Britse, half Japanse producer werd twee jaar geleden door Mixmag bekroond als Queen of the Underground. Tegenwoordig vinden niet alleen dancespecialisten, maar ook de gemiddelde corpsbal deephouse “bést wel chill”. Opnieuw, goed nieuws voor (de portemonnee van) de dj en niets ten nadele van haar muzikaliteit. Debuutalbum Comfort is een degelijk geproduceerde, soms zelfs emotionele popplaat die makkelijk in het gehoor ligt. Coles bewijst zichzelf als muzikant en nodigt daarbij een reeks trendy namen uit. Kim Ann Foxman, Karin Park, Nadine Shah en Catherine Pockson brengen, wanneer je de ongecompliceerde songteksten even vergeet, het scherpe randje dat Coles’ lome house soms mist. Hun gastoptredens zijn ­b ovendien een slimme zet qua indie ­c redibility. Het is echter Tricky die met Wait For You een hoogtepunt bezorgt. In combinatie met de fluisterende stem en trippende beat van Coles, bevat zijn grommende spoken word meer intensiteit dan alle hippe zangeressen bij elkaar. Door Leendert Sonnevelt

Washed Out

Nadine Shah King Krule

Swim Deep

oOoOO

Love Your Dum and Mad

Without Your Love

Six Feet Beneath The Moon

Where The Heaven Are We

Paracosm

Apollo Records / Bertus

Nihjgt Feelings / NEWS Records

XL Recordings / Beggars Group

Chess Club / Sony Music

Domino Records / V2 Records

Woordgrapjes, we houden er niet zo van. Dat gezegd hebbende, van de flauwe geinmakerij in de titel is niets terug te vinden op Nadine Shah’s bij vlagen adembenemende, donkere (winter?)plaat. Denk Austra zonder de electro en wapperende armen, maar met wild pianogerammel en grove, stuwende gitaar- en drumpartijen (zet Runaway maar even op). De over­ weldigende opener Aching Bones dendert binnen en laat gelijk al je botten schudden. Daarmee is de toon gezet; gezellig gaat het niet worden. De voormalige jazz-zangeres vroeg niet voor niets Ben Hillier—bekend van onder andere Depeche Mode en The Horrors, ook al geen vrolijke dudes— als producer voor haar debuut. De elf songs—stuk voor stuk bluesy, zwaarmoedige, moderne stadsballades— geven Shah’s indrukwekkende strot, alle ruimte om te schitteren. Theatraliteit licht daarbij, vooral tegen het einde, een beetje op de loer. Maar haar fascinerende geluid—warm en ijzig, stevig en breekbaar tegelijk, een soort PJ / Dusty Springfield / Grace Jones mashup—laat ons toch verpletterd achter. Door Vanessa Groenewegen

Hoe blijf je als artiest relevant als je oorsprong zich bevindt binnen een gedateerd genre? Een kwestie waar Chris Dexter zich weinig van heeft aangetrokken. Als oOoOO—probeer die maar eens met een serieuze blik uit te spreken—maakte hij deel uit van het subgenre witch house. Deze door internet gegenereerde term definieerde op geen enkel vlak de muziek, maar werd slechts gebruikt om een groep artiesten met een occulte, duivelse esthetiek te omschrijven. oOoOO heeft weinig van het verval van subgenres geleerd, en ging vrolijk door met het produceren van ‘duistere’ liedjes. Het nieuwe materiaal klinkt flinterdun, en terwijl er niks mis is met softwareproducties, riekt deze plaat naar een collectie luie Fruity Loops-presets. Zelfs de r&b-gastvocalen kunnen het slaapverwekkende geheel niet redden. Er is te weinig veranderd sinds zijn EP uit 2010; Without Your Love is slechts een reeks nummers die waarschijnlijk nog op Dexters met pentagrammen besmeurde harde schijf stond. Door Sander van Dalsum

Archy Marshall, alias King Krule (alias Zoo Kid), is gezegend met een goede karakteristieke kop. Dat is gelukkig niet het enige; uit dat hoofd komt, nog veel belangrijker, een fantastische stem met een dik Londens accent. Zo jong als King Krule oogt (en is), zo volwassen klinkt zijn stem. Misschien wat heftig, maar lekker direct en oh-zo-prettig. Zo één die direct ruimte inneemt. Eén waarmee Archy altijd terecht kan in de psychobilly—mocht hij zijn eigen muziek ooit zat worden. Een onnodige carrièreswitch bewijst debuut Six Feet Beneath The Moon. King Krule heeft een eigen en aangename sound, met duidelijke invloeden uit de  jazz, hiphop, (post)dubstep, surf en rockabilly. Zijn bluewave—een term die hij ooit zelf verzon—is sfeervol met de juist afgewogen dosis (subtiele) melancholiek. Een nieuwkomer waarvan je weet dat de toekomst nog veel meer gaat brengen. Door Niels Wiese

Als je de cover bekijkt, denk je dat de gebroeders Hanson een verloren broer hebben teruggevonden. Maar nee, dit is het debuut van Swim Deep, vier jonge mannen uit Birmingham. “Oh, vrolijke synthpop met indierefreintjes”, hoor ik je denken. Misschien op het eerste gehoor, er zijn echter een aantal onderdelen die Swim Deep net dat extra geven. Er zijn de sterke hooks, die ervoor zorgen dat je razendsnel van de nummers gaat houden, like suga. En de meerstemmige koortjes waarmee je al who-ho-ho-end meezingt. Maar dat is niet alles, op Where The Heaven Are We worden een aantal fijne genres (lofi, indie, grunge en synthpop) zo door elkaar gemixt dat er een bijzondere sound ontstaat— vrolijk, maar stevig, en met een grungy randje. King City en afsluiter She Changes The Wheater (kon dat maar), zijn de absolute hoogtepunten van het album. Prachtnummers die je echt te grazen nemen. Door Anna Nita

Kom, we gaan even terug in de tijd. Het is juli 2011 en Washed Out brengt Within and Without uit. Aan alle kanten wordt de vernuftige mix van chillwave, synthen dreampop de hemel in geprezen. De albumhoes, die Pitchfork spot on omschrijft als “American Apparel-lite”, geeft de laatste libido-injectie aan een plaat die op zichzelf eigenlijk al genoeg schwee bevat. Terug naar 2013! Ernest Greene dartelt verder in de fantasiewereld op zijn 2 e plaat, ­P aracosm. Meer dan 50 instrumenten gebruikte hij om tot een eindresultaat te komen. Meer nadruk op grote arrangementen dus, en minder op samples. Paracosm is een klein paradijs—lichter en onschuldiger dan zijn voorganger. Afzonderlijke tracks lopen in elkaar over als een groot, psychedelisch geheel. Washed Out trekt je mee in een steeds sterker wordende waas van zingende vogels en gewichtloosheid. Vernieuwend? Not really. Dromerig, warm en een voortreffelijke soundtrack voor de zomer? Ja, ja en nog eens ja! Door Leendert Sonnevelt

45

Gc Update


Stuff Glamstuff winnen? Stuur een mailtje met je naam, adres en telefoonnummer naar glamstuff@glamcult.com. Laat ook duidelijk weten in het onderwerp welke prijs jij graag zou willen winnen! Winnaars krijgen per email bericht. The Child of Lov

The Child Of Lov 3 CD’s

Valtifest

2 x 2 festivaltickets voor Valtifest op het NDSM-werf in Amsterdam-Noord op 7 september.

Daughn Gibson

Me Moan 3 CD’s

AlunaGeorge

Body Music 3 CD’s

Washed Out

Paracosm 3 CD’s

The Bling Ring

Hello I Must Be Going

5 x 2 bioscoopkaarten voor The Bling Ring van Sofia Coppola over een door roem geobsedeerde groep jongeren.

5 x 2 bioscoopkaarten voor het komische drama Hello I Must Be Going van regisseur Todd Louiso.

Andy Warhol

Maya Jane Coles

Comfort 3 CD’s

Where They Create

2 x 2 vrijkaarten voor de expositie Andy Warhol. Onbekende vroege tekeningen in het Prentenkabinet van Teylers Museum.

3 x het boek Where They Create van fotograaf Paul Barbera. Hij neemt je mee achter de schermen van 32 creatieve studio’s en geeft door middel van rauwe beelden en bijzondere ­i nterviews (van Alexandra Onderwater) weer hoe het er dagelijks aan toegaat bij onder andere Acne, Opening Ceremony, KesselsKramer en Julie Verhoeven.

Verkoopinfo 1440 www.weekday.com

Chanel www.chanel.com

Kriss van Assche www.krisvanassche.com

Nike www.nike.com

The Blonds www.theblondsnewyork.com

Acne www.acnestudios.com

Davines www.davines.com

Maison Martin Margiela www.maisonmartinmargiela.com

Palladium www.palladiumboots.com

United Nude www.unitednude.com

Alexander Wang www.alexanderwang.com

Dior www.dior.com

MATTIJS www.mattijsvanbergen.com

Pierre Cardin www.pierrecardin.com

Victor Osborne www.victorosborne.com

American Apparel www.americanapparel.net

Filippa K www.filippa-k.com

Mauro Grifoni www.maurogrifoni.com

Prism www.prismlondon.com

Vivienne Westwood www.viviennewestwood.co.uk

Ashish www.ashish.co.uk

Givenchy www.givenchy.com

MTWTFSS WEEKDAY www.weekday.com

Seventyfive www.seventyfiveamsterdam. wordpress.com

Xiomara van der Zon

Avelon www.avelon.me

H&M www.hm.com

Mugler www.mugler.com

Barbara Langendijk www.barbaralangendijk.com

Hugo Boss www.hugoboss.com

New Balance www.newbalance.nl

Bobbi Brown www.bobbibrown.co.uk

Icecream www.bbcicecream.com

New Era www.neweracap.com

46

Zipper www.zipperstore.nl

Skingraft www.skingraftdesigns.com Swatch www.swatch.com

Gc Plus


Ja, ik wil Glamcult! Ontvang Glamcult 10 keer per jaar voor € 37,- en loop voortaan geen enkele editie mis!

Ga naar www.glamcult.com en zoek op ‘abonnement’ om je in te schrijven.

EYE at IGDJL Toby Dammit Federico Fellini

ENTREE GRATIS | DOORLOPENDE VOORSTELLING IN DE HAL VAN 17:30 UUR - SLUITINGSTIJD TROUWAMSTERDAM | WIBAUTSTRAAT 127 | AMSTERDAM



GLAMCULT // ISSUE 6 // AUGUSTUS 2013