__MAIN_TEXT__
feature-image

Page 1

MIDDEN-DELFLAND: EEN LANDSCHAP EEN LANDSCHAP VAN STAND VAN STAND Een pleidooi voor de status ’groen beschermd landschap’ Een pleidooi voor de status ’groen beschermd landschap’


MIDDEN-DELFLAND: EEN LANDSCHAP VAN STAND Een pleidooi voor de status ’groen beschermd landschap’


MIDDEN–DELFLAND — CITTASLOW —


INTRO Midden-Delfland onderscheidt zich in benadering van landschap, tijd en leven. Een pleidooi voor de status ‘groen beschermd landschap’ in de nieuwe Natuurwet

T

e midden van de steden Rotterdam, Den Haag en Delft ligt de groene oase Midden-Delfland. Onze gemeente onderscheidt zich niet alleen met het open landschap, maar ook met een andere levensstijl. Waar de stedelijke wereld voortdurend wil groeien, vinden wij het in Midden-Delfland fantastisch om ‘klein’ te blijven. Hierbij hebben we nog steeds veel aandacht voor ontwikkeling, maar dan vooral voor duurzame ontwikkeling met kwaliteit van leven. Om dit zo te kunnen houden willen wij voor Midden-Delfland graag een heldere wettelijke status. Dit pleidooi voor ‘beschermd groen landschap’ in de nieuwe Natuurwet vindt u op de laatste pagina’s van deze publicatie.

“Wij zijn goed in groen” — Arnoud Rodenburg


J

e zou denken dat de burgemeesters van Rotterdam en Den Haag andere zaken aan hun hoofd hebben, maar als hen

wordt gevraagd naar hun visie op Midden-Delfland nemen ze de tijd voor een enthousiast verhaal.

“Ik denk dat het heel belangrijk is zuinig op Midden-Delfland te zijn. Als we dat allemaal niet doen, dan zul je zien, over een kwart eeuw is het weg. Ik denk dat we dat niet moeten willen. In deze grote versteende omgeving hebben we Midden-Delfland hard nodig.” — ABOUTALEB

“Midden in dit verstedelijkte gebied ligt de mooie gemeente Midden-Delfland. Dit gebied is heel belangrijk als long voor de stad Rotterdam en de stad Den Haag. Aangezien we meer binnenstedelijk gaan bouwen heb je rond de steden meer groen nodig. Dat groen dat er is moeten we dus behouden.” — VAN AARTSEN


DE KEUZE VOOR SLOW LEVEN Het is geen toeval dat wij in Midden-Delfland de eerste Cittaslow in Nederland zijn. Juist hier ervaar je dat de tijd bewust beleefd wordt. Dat tempo koesteren we, zonder dat het betekent dat we stil staan, integendeel zelfs.

C

ittaslow Midden-Delfland kiest voor een andere benadering dan gebruikelijk is in Nederland. Waar normaal gesproken elke gemeente streeft naar groei, werken wij vooral aan kwaliteit. We verzetten ons tegen het oprukkende beton en ‘de terreur van groei’. We kiezen voor de lokale economie en lokale producten. Bewoners nemen tijd voor elkaar. Hier wordt genoten van het veenweidelandschap, de koeien en de vogels. We waren dan ook een trotse gastheer van de internationale Cittaslow-conferentie van 2014. Burgemeester Rodenburg voelt zich thuis in het gedachtengoed van Cittaslow. Hij onderstreept de andere kijk op het tempo van leven: “Hier staat de tijd niet stil, maar we staan wel stil bij de tijd.” Er is dus zeker ruimte voor ontwikkeling, MiddenDelfland is en wordt geen openluchtmuseum. Maar het is wel een ándere ontwikkeling, gericht op kwaliteit in plaats van kwantiteit. Eigenaren van streekgebonden bedrijven ontvangen bezoekers van de gemeente graag als gast en in verschillende eetgelegen­ heden kunnen heerlijke streekproducten worden geproefd, zoals druiven, melk, kaas en honing. De vele routes nodigen fietsers, wandelaars en skaters uit om het uitgestrekte veenweidegebied met de authentieke dorpen te verkennen. Als Cittaslow gaan we bewust om met het milieu, respecteren het landschap en besteden aandacht aan een goede toegankelijkheid voor de fietsende en wandelende recreant.


WEIDS EN GROEN LAND TUSSEN DE STEDEN In de vroege ochtend beleef je het open landschap van Midden-Delfland op z’n best. De combinatie van dauw op het gras, de traag wiekende zwanen erboven en de diepe stilte in het gebied zijn adembenemend. In contrast met de stedelijke horizon weet je: op de openheid van deze plek moeten we zuinig zijn.

I

n Midden-Delfland kun je nog ver van je af kijken. Deze weids­ heid danken we vooral aan het agrarisch gebruik. De melkveehou­ derijen benutten de weilanden voor het vee. Ondanks de stedelijke druk neemt het landbouwareaal niet af. Om het gebied economisch gezond te houden en het landschap in stand te houden is continuering van de landbouw noodzakelijk. Dan blijft het boerenland en verandert het niet langzaam in recreatief park. Het open gebied is aantrekkelijk voor weidevogels. Grutto’s en kieviten vinden er nog hun plek in de speciaal ingerichte natuur­ gebieden en op de landbouwpercelen. Voor de natuur zijn ook de natte gebieden van de Vlietlanden belangrijk. Dat je ver van je af kunt kijken is een essentiële kwaliteit die Midden-Delfland toevoegt aan de Zuidvleugel. Aan de horizon zie je de steden. Voor de bezoeker vanuit die steden die rust en groen zoeken is dat wellicht een geruststellend gezicht, voor liefhebbers van open land­ schappen met hoge wolken­ luchten is het vooral een bedreigend beeld.


KWALITEITEN

HET ZIJN DE BEWONERS DIE HET DOEN Het groene, weidse landschap van Midden-Delfland is een fraai vertrekpunt, maar het zijn vooral de inwoners die de uitstraling van het gebied bepalen. Fietsend door Midden-Delfland zie je dat het hier goed zit met de inzet van agrariërs, dorpsbewoners en bestuurders. Op talloze plekken is de aandacht voor kwaliteit van landschap en leven rechtstreeks te ervaren.

M

et z’n allen zorgen we dat onze ge­ meente bijzonder is en blijft. Op landgoed Op Hodenpijl zien we een nieuwe ‘oude hooiberg’ verrijzen. In dit geval niet meer om hooi op te slaan, maar als informatiecen­ trum dat beeldverhalen over het gebied presen­ teert aan bezoekers. Vrijwilligers werken aan het herstel van voetpaden over het boerenland. Boeren ontvangen schoolklassen op hun erf en geven uitleg over voedselproductie en over natuur op en rond het boerenbedrijf. Koffiehuis De Hooiberg nodigt ons uit voor een boerenlunch. In het veld zien we vrijwilligers boeren helpen bij het beschermen van weidevogels door nestbeschermers te plaat­ sen. Tussen Schipluiden en Maasland passeren we Kaasboerderij Van Winden; een winkel met een

groot aanbod van boerenkazen en streekproducten. De stichting Midden-Delfland is Mensenwerk biedt tochten met een trekschuit aan. Al deze inzet van de bewoners zorgt voor een sterk landschap. Op de splitsing met afslagen naar verloedering of kwaliteitsontwikkeling, hebben we voor de laatste gekozen. De afslag naar verloeder­ ing is geen optie want dan is ook de waardering verdwenen, en vervolgens de noodzaak om te beschermen. Daarna is nog maar een kleine stap om extra bebouwing toe te laten - waarna het open landschap volloopt. In Midden Delfland weten we dat ondernemers en bewoners cruciaal zijn voor bruisende dorpen en buurtschappen en een groen landschap.


Midden-Delfland is sterk door het landschap. Het landschap is sterk door Midden-Delfland.


“ZIE JE DIE SLOOT HIER...” Leven in Midden-Delfland is leven met water. Het water is overal om ons heen en heeft het gebied ook gevormd. De aanwezigheid van water heeft gezorgd voor de veenvorming. Alle sloten, vaarten en kanalen die zijn gegraven om het water af te voeren, zijn gezichtsbepalend voor het gebied. Bezoekers en bewoners genieten er met grote teugen van.

B

oer Van den Berg wordt telkens weer enthousiast als hij er over begint te vertellen. Met glimmende ogen neemt hij ons mee het land in: “Hier, zie je deze sloot? Als je goed kijkt, zie je er wat bochten in zit­ ten. Nou, die bochten zijn nog terug te vinden op kaarten uit 1611. Dit sloten­ patroon ligt er al sinds de 13e eeuw, toen zijn ze hier al begonnen met landont­ ginning.” En inderdaad, als je om je heen kijkt ontwaar je je de ongeschonden middeleeuwse verkaveling, de kreekruggen van toen het getij hier nog vrij spel had, de veendijken die het boezemwater insluiten, de molens en gemalen. Iets verderop wijst Van den Berg op het pad langs het boezemwater: “Kijk, een jaagpad. Hier liepen de paarden om de trekschuiten door de vaart te trekken. Het leuke is dat ze ook nu soms nog worden gebruikt om te laten zien hoe dat in z’n werk ging.” Nog steeds wordt het water benut voor verplaatsing, zij het vooral recreatief. Een groot aantal motorboten toert over de vaarten en vlieten. Langs de kant vinden we de vissers en de ‘waterkanttoeris­ ten’. Er is immers altijd wat te zien, naast de boten ook de vogels, de bermbloe­ men en het kabbelende water.


M

isschien wel het mooiste moment van onze fietstocht door Midden Delfland, is als we rechts afslaan naar de Groeneveldse Molen uit 1720 aan de Woudseweg. Drie koeien liggen midden op het pad, onverstoorbaar kauwend neemt de grootste madam ons op. De verleiding is groot in onze handen te klappen, vort, sshht, hup te roepen‌ boerentaal zoals we ons herinneren uit boekjes die ons werden voorgelezen. We doen het niet. We leggen onze fietsen plat, maken een foto van onszelf met koe en gaan zitten in het zachte gras in de berm. Het lijkt wel of we de warmte van de herkauwende lijven kunnen voelen. Dan stilte. Zacht gesnuif uit koeienneuzen. Gesnater van een eend. In de verte een ballon in een witblauwe lucht. Daarachter het Weena of is het de stad Den Haag? – zonet fietsten we er nog langs.


BELEVING

6 MILJOEN BEZOEKEN TOONT AAN: MIDDEN-DELFLAND IS BIJZONDER! Te midden van de omliggende steden is Midden-Delfland een rustige plek om op adem te komen. Hier kunnen bezoekers zich laven aan het groen, water en natuur. Het is de groene binnentuin van de inwoners van Rotterdam, Den Haag en Delft. En die willen we graag goed onderhouden.

E

r is veel te doen voor recreanten. Bezoekers kunnen hier wandelen, fietsen, zeilen, skeeleren, kanoën of vanaf een terras van het mooie land­ schap genieten. Daarnaast hebben we een schat aan cultuurhistorie en archeologie. Op een zondagmiddag met mooi weer kun je goed zien dat Midden-Delfland een belangrijke recreatiefunctie heeft: je komt veel fietsers en wandelaars tegen en op het water wordt enthousiast gevaren. Becijferd is dat er jaarlijks 6 miljoen bezoeken aan ons gebied zijn. Dat zijn er veel. We willen dat alle bezoekers makkelijk hun weg vinden en dat er voor iedereen veel te genieten valt.

In beleidstermen: we willen verder werken aan een betere relatie met de stad. Zo is het ook beschreven in de ruimtelijke visie voor de Hof van Delfland: “Het gebied maakt deel uit van de metropoolregio Rot­ terdam – Den Haag dat de concurrentie aangaat met andere stedelijke regio’s in West-Europa. De afgelopen jaren neemt de concurrentiekracht af. De kwaliteit van de groenblauwe openbare ruimte voldoet niet aan de internationale standaard.” Het zal niet aan Midden-Delfland liggen. Het is duidelijk dat het voor het vestigings­ klimaat van groot belang is als ons gebied open blijft en als de bereikbaarheid en toegankelijkheid versterkt worden, als de stad en het land meer vervlochten wordt.”


T

egen de verdrukking in is Midden-Delfland open gebleven. Hoe kan dat? Zonder wetenschappelijke studie wijzen we voor het

antwoord op deze vraag naar twee wettelijke afspraken op rijksniveau. Zo is het evident dat de rijksbufferzones, waar onder Midden-Delfland, een goede uitwerking hebben gehad. En als tweede: van de ‘reconstructiewet Midden-Delfland’ wordt erkend dat die er voor heeft gezorgd dat dit gebied grotendeels nog een groen karakter heeft. Het is voor ons een bevestiging dat een wettelijke status dringend gewenst is.


NU NOG GEEN “BESCHERMD GROEN LANDSCHAP”

PLEIDOOI

Op dit moment heeft ons gebied geen speciale status in de nieuwe Natuurwet. Wij zijn van mening dat dit wel nodig is omdat het voortdurend onder druk staat in de stedelijke agglomeratie Rotterdam-Delft-Den Haag. Om het gebied ook in de toekomst open en aantrekkelijk te houden is het noodzakelijk dat er wettelijke bescherming op komt.

H

et rijk zorgt niet meer voor bescherming. De Reconstructiewet is verval­ len, evenals de status Rijksbufferzone. En Midden-Delfland is ook geen Nationaal Landschap. Ook al lijkt de kust nu veilig en zijn er geen concrete bedreigingen aan de horizon, toch moeten we in de toekomst rekening houden met nieuwe versteningswensen. Dan denken we vooral aan nieuwe bebouwing waarmee aan de randen wordt geknabbeld en nieuwe infrastructuur waarmee het gebied wordt doorsneden. Het is evident dat een bijzondere status niet betekent dat alle bedreigingen kunnen worden afgehouden. Het zorgt er wel voor dat er nog eens extra wordt nagedacht of die snelweg of spoorlijn nu juist dwars door het gebied moet. Zoals burgemeester Aboutaleb van Rotterdam het zegt: “Wat mij betreft moet Midden-Delfland een status krijgen van een metropolitaan park. Als we niks doen, is het over een kwart eeuw weg. Dat moeten we voorkomen.” Bovendien geeft een bijzondere status de bewoners extra zelfbewustzijn: we wonen en werken in een bijzonder gebied en we gaan zorgen dat het zo blijft. Daarom pleiten wij, mede na­ mens vergelijkbare gebieden, voor een extra status in de nieuwe Natuurwet.

2015 wordt het jaar van de ruimte, ook hierin wordt accent gelegd op de kwaliteit van ons Nederlandse landschap


EEN SPECIALE STATUS In de Nota van Wijziging van de nieuwe Natuurwet wordt een speciale status ’bijzonder provinciaal natuurgebied’ in het leven geroepen. Dat is te beperkt want het biedt geen ruimte voor gebieden met bijzondere landschappelijke en cultuurhistorische waarden. Wij pleiten ervoor ook de status ‘beschermd groen landschap’ op te nemen in de wet. Ons gebied is daar een aansprekend voorbeeld van.

D

e provincies kunnen deze beschermde groene landschappen aan­ wijzen. Het woord ‘beschermd’ houdt niet in dat er geen ontwik­ keling meer kan plaatsvinden. Er moet ook gewerkt en gewoond kunnen worden. Bovendien: elk landschap blijft zich ontwikkelen. Het geeft wél een extra impuls om te zorgen dat elke ontwikkeling bijdraagt aan de ruimtelijke kwaliteit van dit groene landschap. Voor infrastructurele ontwikkelingen met een bovenlokaal belang is het gewenst dat er eerst een MKBA (maatschappelijke kosten-baten analyse) wordt uitgevoerd. Deze studie maakt de afweging tussen de waarde van groen in het economisch krachtenspel nog eens goed inzichtelijk. Het is reëel dat dit leidt tot een wijziging in de besluitvorming. De voorwaarde om eerste een MKBA uit te voeren, geeft de status ‘beschermd groen landschap’ een steviger wettelijke basis, zonder dat elke verandering onmogelijk wordt gemaakt.

We roepen de fracties in de Tweede Kamer op om de ​ status ‘beschermd groen landschap’ op te nemen in de nieuwe Natuurwet. Om met Olie B Bommel te spreken: ‘Zoals een land als Nederland betaamt.’


SAMEN STERK De noodzaak voor bescherming van Midden-Delfland wordt onderschreven in de wijde omgeving. We werken samen met de omliggende gemeenten, het hoogheemraadschap en de provincie om het kerngebied groen en open te houden. Dat gebeurt in verschillende samenwerkingsverbanden zoals de Hof van Delfland, Recreatieschap Midden-Delfland en het Groenfonds Midden-Delfland. Via de gedeelde waardering voor het gebied komen we tot de gezamenlijke wil om te beschermen en plannen om de kwaliteit te versterken.

E

en stevig bestuurlijk draagvlak is een absolute voorwaarde om de kwaliteit overeind te houden. De resultaten van 10 jaar Midden-Delfland zijn mede bereikt doordat er zo goed is samengewerkt met alle andere overheden. Zo heeft de Hof van Delfland, met daarin 16 overheden, zich hard ge­ maakt voor de kwaliteit van het kerngebied en de verbindingen tussen stad en land verbeterd en versterkt. De basis hiervoor zijn de Ruimtelijke Visie en het Uitvoeringsplan uit 2010. Het centrale doel hierin is dat Midden-Delfland® zich in 2025 nadrukkelijk presenteert met het ‘kwali­ tatief hoogstaande product landschap’, een schaars en uniek product in de overvolle Randstad. Vandaar de ® achter de naam Midden-Delfland. In het Landschapsontwikkelingsperspectief Midden-Delfland® 2025 heb­ ben we dit verder uitgewerkt en daarin de kwaliteit van het landschap en de relatie met de stad centraal gezet. Ook het Groenfonds Midden-Delfland is zo’n samenwerkingsverband. Met grote betrokkenheid van de gemeenten Delft en Den Haag worden maatregelen en activiteiten gefinancierd om het agrarische cultuurland​ schap in stand te houden en de relatie tussen stad en land te versterken via educatie en recreatie. In 2015 ontstaat een nieuwe vorm van bestuurlijke samenwerking om de kwaliteit van het gebied te versterken in de vorm van een Landschapstafel. Hieraan kunnen ook gebiedsorganisaties en groene ondernemers deelnemen. Deze samenwerkingsverbanden hebben een sterkere juridische basis nodig om tot een verdere ontwikkeling van het gebied te komen. Hiervoor vragen wij de medewerking van rijk en provincie: het rijk, in de figuur van de Tweede Kamer, om die status in het leven te roepen, en de provincie Zuid-Holland om dit daarna voor het gebied Midden-Delfland te concre­ tiseren.


Colofon TEKST VORMGEVING FOTOGRAFIE UITGAVE

Communicatiebureau de Lynx Communicatiebureau de Lynx Kees Moerbeek Lex Broere Buitenfotografie Henk Groenendaal Š 2014

Profile for Gemeente Midden-Delfland

Midden-Delfland: een landschap van stand  

Midden-Delfland: een landschap van stand  

Advertisement

Recommendations could not be loaded

Recommendations could not be loaded

Recommendations could not be loaded

Recommendations could not be loaded