Issuu on Google+

Groen en Dynamisch Structuurvisie | Gemeente Beuningen Vastgesteld (inclusief wijzingen nav amendement 8 mei 2012, IN12.02851)


Documentatiepagina Project: Groen en Dynamisch - Structuurvisie Gemeente Beuningen Opdrachtgever: gemeente Beuningen Contactpersoon gemeente Beuningen: Carlijn Crooijmans Projectteam: Bastiaan Kok (DHV), Gerbert Smulders (LOS), Jeanine Beekman (LOS) Projectnummer: AD1364 (DHV), 2.0209.006 (LOS) Status: Vastgestelde structuurvisie (inclusief wijzingen nav amendement 8 mei 2012, IN12.02851)

3

08 mei 2012 DHV B.V. Postbus 927 7400 AX Deventer Verlengde Kazernestraat 7 7417 ZA te Deventer.

LOS stadomland B.V. Postbus 142 5201 AC ‘s Hertogenbosch Veemarktkade 8 5222 AE te ‘s Hertogenbosch.

Tel: 0570 - 639300 deventer@dhv.nl www.dhv.com

Tel: 073 - 7113770 info@losstadomland.nl www.losstadomland.nl

DHV B.V. Niets uit dit bestek/drukwerk mag worden verveelvoudigd en/of openbaar gemaakt d.m.v. drukwerk, fotokopie, microfilm of op welke andere wijze ook, zonder voorafgaande schriftelijke toestemming van DHV B.V., noch mag het zonder een dergelijke toestemming worden gebruikt voor enig ander werk dan waarvoor het is vervaardigd. Het kwaliteitssysteem van DHV B.V. is gercertificeerd volgens ISO 9001.


Voorwoord De Structuurvisie Gemeente Beuningen beschrijft de hoofdlijnen van de gewenste ruimtelijke ontwikkeling voor de komende tien tot twintig jaar en biedt een kader voor toekomstige initiatieven. In de visie staan het behoud van de bestaande kwaliteit en vitaliteit van de kernen, het zuinig omgaan met het buitengebied en de verbondenheid met de regio centraal. De vaststelling van de structuurvisie markeert het einde van een interessant interactief proces. ‘Groen en dynamisch’ dat is het motto van deze structuurvisie. ‘Groen’ vanwege de ligging van de gemeente in een divers buitengebied, zoals de Waal en haar uiterwaarden, het oeverwallengebied, de open komgronden en de waterplassen. ‘Dynamisch’ omdat Beuningen een ontwikkelgemeente is. Een gemeente die niet stil staat, maar juist vooruit denkt en initiatief neemt. Ondanks lastige economische tijden en een stabiliserende bevolkingsomvang zijn wij er in geslaagd een passende en realistische ruimtelijke visie tot stand te brengen voor een groen en dynamisch Beuningen. Namens het college van burgemeester en wethouders, Piet de Klein wethouder

5


Inhoudsopgave 1 Inleiding 9 1.1 Aanleiding en doel Structuurvisie gemeente Beuningen 9 1.2 Functie en status structuurvisie 10 1.3 Totstandkoming: een visie maak je samen! 11 1.4 Leeswijzer structuurvisie 11 2 Kernambities voor de ruimtelijke ontwikkeling Groen & dynamisch Ambitie I Beuningen: groene flank van de stadsregio Ambitie II Beuningen woongemeente: gedoseerde groei, oog voor kwaliteit Ambitie III Versterken en verbinden van landschappen Ambitie IV Ruimte voor water en recreatie Ambitie V Toekomstgerichte basisvoorzieningen in elke kern Ambitie VI Doorstroming ĂŠn oversteekbaarheid Van Heemstraweg

13 13 13 13 17 17 17 19

3 Opgaven voor de toekomst 3.1 Opgaven wonen 3.2 Opgaven economie 3.3 Opgaven voorzieningen en leefbaarheid 3.4 Opgaven infrastructuur en verkeer 3.5 Opgaven landschap, natuur en water 3.6 Opgaven recreatie 3.7 Opgaven milieu en duurzaamheid 3.8 Integrale opgaven

21 21 21 22 23 24 24 24 25

4 Beleid per thema 29 4.1 Wonen 29 4.2 Economie 30 4.3 Accommodaties, voorzieningen en leefbaarheid 31 4.4 Infrastructuur, verkeer 33 4.5 Landschap, natuur en water 35 4.6 Recreatie 36 4.7 Milieu en duurzaamheid 37 5 Gebiedsuitwerkingen 5.1 Kern Beuningen 5.2 Kern Weurt 5.3 Kern Ewijk 5.4 Kern Winssen 5.5 Oeverwalgebied en uiterwaarden 5.6 Het Beuningse Veld

39 39 45 53 61 67 69

6 Uitvoeringsparagraaf 73 6.1 Locatieontwikkelingen 73 6.2 Nieuwe initiatieven 73 6.3 Voorzieningen 73 6.4 FinanciĂŤle aspecten 80 Bijlage 83 Bijlage I: Ruimtelijke en functionele analyse 83 Bijlage II: Bestaande beleidsstukken gemeente Beuningen 99

7


Basiskaart gemeente Beuningen


1 Inleiding 1.1 Aanleiding en doel Structuurvisie gemeente Beuningen In de gemeente Beuningen zijn de afgelopen jaren verschillende visies opgesteld waarin voorstellen zijn gedaan voor de toekomstige (ruimtelijke) ontwikkeling van de gemeente. In 2009 is de Strategische visie gemeente Beuningen 2030 ‘Eigenzinnig maatwerk aan de Waal’ opgesteld. Hierin zijn zes strategische thema’s als hoofdlijnen van beleid en een aantal concrete onderwerpen voor een korte en lange termijnagenda voor Beuningen benoemd. Daarnaast zijn voor de kernen Ewijk en Winssen structuurvisies vastgesteld en zijn voor een aantal deelgebieden plannen gemaakt, zoals voor het oeverwallengebied, de Beuningse Plas en de Beuningse uiterwaarden. Tot slot zijn er ook sectorale beleidsplannen opgesteld met voorstellen voor de ruimtelijke ontwikkeling van Beuningen. Er is echter ook een aantal deelgebieden waarvoor nog geen ruimtelijk plan is gemaakt, zoals voor de kern Beuningen en een deel van het buitengebied. Voor een aantal sectorale thema’s is ten tijde van het opstellen van deze structuurvisie nieuw beleid vastgesteld, zoals voor wonen, accommodaties en verkeer. Het nieuwe sectorale beleid levert bouwstenen voor de structuurvisie. Voor de kern Weurt is in 2008 een concept structuurvisie opgesteld, die echter niet is vastgesteld. De structuurvisie Weurt vraagt anno 2011 om een herijking.

De voorliggende Gemeentebrede Structuurvisie Beuningen geeft nader richting en invulling aan de koers die de gemeente Beuningen heeft ingezet met de Strategische visie. Tegelijkertijd integreert de Gemeentebrede Structuurvisie nadrukkelijk de opgaven en onderbouwingen uit de Gemeente Beuningen in vogelvlucht In zijn huidige vorm is de gemeente Beuningen nog tamelijk jong: in 1980 werden de plaatsen Beuningen, Weurt, Ewijk en Winssen samengevoegd tot een gemeente die zich uitstrekt langs de zuidelijke oever van de Waal. Op dit moment telt de gemeente ruim 25.000 inwoners. De kernen hebben in de afgelopen 30 jaar een forse groei, ruimtelijk en qua inwonertal, doorgemaakt. Elk dorp heeft een eigen sociale structuur en karakter en samen met het rijke verenigingsleven staat Beuningen garant voor een goed woonklimaat. Het sociale en culturele leven van Nijmegen met zijn rijke verleden ligt voor de inwoners van Beuningen binnen handbereik. Verder biedt Beuningen een aangename landelijke woonomgeving met eeuwenoude boerderijen, molens en een kasteel. Kenmerkend voor de dorpen is ook de natuurlijke omgeving van de Waal met zijn uiterwaarden en slingerende dijken. Dit weidse en grotendeels nog ongerepte gebied trekt fietsers en wandelaars uit de hele regio.

reeds opgestelde structuurvisies en sectorale plannen én doet het nieuwe voorstellen voor de gebieden en de thema’s waar nog geen actueel ruimtelijk kader voor is.

9


De structuurvisie heeft tot doel om de gewenste ruimtelijke ontwikkeling van de gemeente Beuningen in hoofdlijnen vast te leggen en de programmatische keuzes te onderbouwen. De structuurvisie biedt ook een duidelijk toetsingskader voor toekomstige ruimtelijke ontwikkelingen in de gemeente. De visie is gericht op de komende 10 jaar, maar geeft ook op een aantal punten een doorkijk naar 2030.

te beleid wordt in de structuurvisie in één samenhangend en integraal kader beschreven en op kaart gezet. Voor de gemeente Beuningen zijn, zoals beschreven, verschillende relevante beleidsstukken vastgesteld. Deze vastgestelde beleidsstukken worden als uitgangspunt en bouwsteen voor deze structuurvisie beschouwd. Dit betekent dat deze inhoudelijk niet opnieuw ter discussie worden gesteld (in bijlage II is een overzicht opgenomen van de onderliggende beleidsstukken).

1.2 Functie en status structuurvisie

Kader voor uitvoering In de Wro is opgenomen dat de structuurvisie ook in gaat op de wijze waarop de gemeenteraad zich voorstelt dat ontwikkelingen, beschreven in de structuurvisie, worden verwezenlijkt. Voor de uitvoering van projecten, initiatieven en beleidsvoornemens heeft de gemeente verschillende instrumenten ter beschikking, zowel op juridisch, financieel als organisatorisch vlak. • De structuurvisie geeft richting aan de inzet van gemeentelijke juridische bevoegdheden. De structuurvisie wordt bijvoorbeeld vertaald naar juridisch bindende bestemmingsplannen. De structuurvisie vormt ook een basis voor het vestigen van voorkeursrecht op grond van de Wet voorkeursrecht gemeenten (Wvg). • Op basis van de nieuwe Wro, waar de nieuwe grondexploitatiewet (GREX) een onderdeel van is, heeft de gemeente nieuw financieel instrumentarium met mogelijkheden voor het kunnen verhalen van kosten op een ontwikkelende partij. Enerzijds kan de gemeente met ontwikkelende partijen privaatrechtelijk tot overeenstemming komen waar het gaat om het verhalen van kosten. Anderzijds zijn de mogelijkheden voor het publiekrechtelijke spoor nu wettelijk geregeld. Voor het maken van afspraken met particuliere eigenaren over een financiële bijdrage aan ruimtelijke ontwikkelingen met een tekort, is het vereist dat deze ontwikkelingen in de structuurvisie benoemd staan. Vandaar ook dat in deze structuurvisie een projectenkaart en

Kader voor ruimtelijke ontwikkeling In de Wet ruimtelijke ordening (Wro) is een belangrijke plaats ingeruimd voor de (ruimtelijke) structuurvisie. De structuurvisie is een ontwikkelingsvisie met een richtinggevend en programmatisch karakter. Het bevat integrale keuzen voor de hoofdlijnen van het gemeentelijk ruimtelijk beleid voor de komende jaren en wordt ingezet als onderdeel van een ruimtelijke onderbouwing voor bestemmingsplannen, omgevingsvergunningen en voorbereidingsbesluiten. Alle gemeenten dienen voor het gehele grondgebied te beschikken over (één of meerdere) structuurvisies. De structuurvisie geeft aan waar en onder welke condities ontwikkelingen mogelijk zijn. Het is daarmee ook een kompas bij het stimuleren van nieuwe ontwikkelingen en is de basis voor overleg en samenwerking met andere partijen. Voor burgers is de structuurvisie niet rechtstreeks bindend (zoals bij een bestemmingsplan). Kader voor integratie van beleid Naast de verankering van een visie op en kader voor de toekomstige ruimtelijke ontwikkeling van de gemeente Beuningen, heeft de structuurvisie een functie als integratiekader voor al het vigerend (ruimtelijk relevante) beleid. Het bestaande gemeentelijke sectorale- en gebiedsgerich-

een financiële strategie zijn opgenomen. • De structuurvisie geeft houvast bij de organisatie van de uitvoering. Daarbij gaat het onder meer om de prioritering en planning van projecten, de inspanningen die de gemeente voor haar rekening neemt en de samenwerking met en bijdrage van andere overheden, marktpartijen en maatschappelijke organisaties in de uitvoering. In de uitvoeringsparagraaf van deze structuurvisie wordt de uitvoerbaarheid van de visie en voorgenomen ontwikkelingen verder beschreven. Structuurvisie als dynamisch instrument De structuurvisie is geen statisch strategisch beleidsdocument. De structuurvisie moet adequaat inspelen op het dynamisch proces van ruimtelijke ontwikkeling in de gemeente. Visie en uitvoeringsprogramma worden regelmatig herijkt. Dat kan bijvoorbeeld per raadsperiode, maar ook eerder op basis van nieuw sectoraal of gebiedsgericht beleid. Bovendien zijn er externe factoren denkbaar die aanleiding kunnen geven tot aanpassing van de structuurvisie, bijvoorbeeld ontwikkelingen in de regio of nieuw provinciaal beleid. Een optie is om in deelstructuurvisies ontwikkelingen nader uit te werken of te herijken. Zo blijft de structuurvisie actueel. Gemeente Beuningen in de regio Gemeente Beuningen is onderdeel van de stadsregio Arnhem-Nijmegen en ruimtelijk en bestuurlijk is er veel onderlinge samenhang en samenwerking. Met deze structuurvisie wordt de positie bepaald en de functie beschreven van de gemeente Beuningen binnen de stadsregio. Onze gemeente heeft de regio veel te bieden, andersom is de regio belangrijk voor de ontwikkeling van Beuningen.


Status bestaande visies Voor een aantal deelgebieden zijn recent al structuur- of gebiedsvisies vastgesteld. Het betreft: • Structuurvisie Winssen; • Structuurvisie Ewijk; • ‘De oeverwal als landgoed’, gebiedsvisie Waaloeverwal. De inhoud uit deze visies is geïntegreerd in deze gemeentebrede structuurvisie. De belangrijkste hoofdlijnen en ruimtelijke ontwikkelingen uit de structuurvisies voor de deelgebieden zijn 1-op-1 vertaald in deze structuurvisie. De gemeentebrede structuurvisie is leidend voor de gewenste ruimtelijke ontwikkeling in de gemeente. De structuurvisies voor de deelgebieden blijven daarnaast gewoon van kracht; hier zijn de nadere uitwerkingen van de hoofdlijnen terug te vinden. Voor de kern Weurt is in 2008 een concept structuurvisie opgesteld, welke echter nooit is vastgesteld door de gemeenteraad. Dit concept is komen te vervallen. Met voorliggende structuurvisie worden de, op onderdelen aangepaste en geactualiseerde, voorstellen voor de ruimtelijke ontwikkeling van Weurt alsnog vastgelegd.

1.3 Totstandkoming: een visie maak je samen! Voorliggende structuurvisie is tot stand gekomen op basis van een interactief proces. Er is gesproken met inwoners, ondernemers en ander belanghebbenden in de gemeente. In het kader van de Strategische visie, die als vertrekpunt voor de structuurvisie geldt, hebben dorpschouwen, ‘identiteitsessies’, interviews met agrariërs en jongeren en themagesprekken plaatsgevonden. De al vastgelegde structuurvisies voor de kernen Ewijk en Winssen zijn opgesteld in nauwe samenspraak met de ingestelde klankbordgroepen.

Voor de kern Beuningen was eerder nog geen structuurvisie vastgesteld. Voor de kern Weurt was wel een structuurvisie opgesteld die echter nooit vastgesteld is. Voor beide kernen is daarom in het kader van deze structuurvisie een klankbordgroep ingesteld. De klankbordgroepen hebben de gemeente geadviseerd bij de totstandkoming van de uiteindelijke visie voor deze kernen. In oktober is tijdens een ‘dorpenmarkt’ de concept structuurvisie met de klankbordgroepen van alle vier de kernen nogmaals besproken. Ook raadsleden en bewoners waren bij deze dorpenmarkt aanwezig. Ook binnen de gemeentelijke organisatie is samengewerkt aan de structuurvisie. Alle relevante disciplines hebben inbreng gehad in deze visie; zowel voor wat betreft de input vanuit bestaand beleid als in de debatten over nieuwe ambities en opgaven. Het voltallige college maakt deel uit van de gemeentelijke stuurgroep voor de structuurvisie en heeft zo ook haar ambities en sturing optimaal ingebracht. Het ontwerp Gemeentebrede Structuurvisie Beuningen heeft ter inzage gelegen van 5 januari tot 15 februari 2011. Een ieder kon haar zienswijzen indienen bij de gemeenteraad. Tevens is het ontwerp toegezonden aan vooroverleginstanties, zoals omliggende gemeenten, provincie, stadsregio Arnhem-Nijmegen en een aantal maatschappelijke organisaties. Er zijn vier zienswijzen ingediend. De reacties en de wijzigingen zijn verwoord in de ‘Nota zienswijzen en wijzigingen ontwerp-Structuurvisie’ (27 maart 2012). In de raadsvergadering van 8 mei 2012 is de Gemeentebrede Structuurvisie Beuningen vastgesteld.

1.4 Leeswijzer structuurvisie In de navolgende hoofdstukken van de structuurvisie gaan we in op: Hoofdstuk 2: Ambities voor Beuningen; Hoofdstuk 3: Opgaven voor de komende jaren; Hoofdstuk 4: Visie per thema; Hoofdstuk 5: Visie per kern of gebied; Hoofdstuk 6: Uitvoering. Hoofdstuk 2 geeft in essentie weer welke richting wij met onze gemeente Beuningen willen volgen. Hoofdstuk 3 geeft weer welke concrete opgaven we daarbij zien. In hoofdstukken 4 en 5 geven wij onze visie op het invullen van deze opgaven en ambities. In hoofdstuk 4 beschrijven we onze visie per thema, bijvoorbeeld hoe gaan we om met onze voorzieningen of met recreatie. In hoofdstuk 5 beschrijven we onze visie vanuit een specifiek deelgebied binnen Beuningen, bijvoorbeeld voor de kern Weurt of voor het uiterwaardengebied. Natuurlijk is er op onderdelen sprake van overlap in de thema- en de gebiedsbeschrijvingen. In de structuurvisie wordt daarom soms een vergelijkbare inhoud vanuit twee perspectieven beschreven. We hebben hier bewust voor gekozen om zo de visie ook snel en doelgericht te kunnen raadplegen.

11


Strategische visie gemeente Beuningen 2030 In 2009 is de Strategische visie gemeente Beuningen 2030 ‘Eigenzinnig maatwerk aan de Waal’ opgesteld. In dit kaderstellende, sturende document staan strategische hoofdkeuzes die betrekking hebben op de periode tot 2030. Een aantal van de hoofdkeuzes heeft ruimtelijke relevantie en legt daarmee ook de basis voor keuzes in deze structuurvisie. De strategische visie benoemt zes strategische thema’s als hoofdlijnen van beleid: 1. De kernen centraal, werken aan vitale gemeenschappen. Onze kernen zijn vitaal en moeten dat blijven. Met kernspecifiek beleid voor Weurt, Beuningen, Ewijk en Winssen wordt rechtgedaan aan verschillen in karakter en ruimtelijke structuur. 2. Servicegerichte, ondersteunende en kaderstellende overheid. De gemeente wordt steeds meer het centrale loket voor alle overheidstaken. Mensen willen een actieve, toegankelijke overheid en zeggenschap over hun omgeving hebben. De gemeente moet proactief zijn en duidelijk aangeven wat de grenzen van het speelveld zijn. De gewenste rol van de overheid verschilt per locatie. Belangrijk is de continuïteit op kerntaken, samenwerken met gemeenten en andere partijen en het stimuleren van burgerinitiatieven. 3. In de gemeente Beuningen is het duurzaam wonen en leven. Beuningen beschikt over een gevarieerde woningvoorraad die bij de brede doelgroep aansluit, Vergrijzing en ontgroening vragen om slimme toekomstbestendige investeringen in voorzieningen, door flexibele oplossingen en clustering van activiteiten. De gemeente wil duurzaamheid vooral op het gebied van wonen invulling geven. Wij willen meer doen dan wettelijk nodig is.

4. Zuinig op het buitengebied. Het gebruik van het buitengebied zal gaan veranderen. Dit mag niet ten koste gaan van het karakter. In het oeverwallengebied staat landschappelijke kwaliteit centraal en wordt recreatief medegebruik de norm. In het kommengebied wordt ingezet op landbouw. In het algemeen gaat het in het buitengebied om behoedzame organische groei met oog voor historie. 5. Economische ontwikkeling passend binnen landschappelijke karakter. Beuningen blijft primair een woongemeente. Op termijn zijn wel aanpassingen op de aanwezige bedrijventerreinen nodig. De beroepsbevolking neemt af en de scheiding tussen wonen/vrije tijd en werken wordt kleiner. Land- en tuinbouw blijven belangrijk en worden naast een toename van natuurbeheer, toerisme en recreatie binnen het landschappelijk karakter geaccommodeerd. 6. Wij zijn sterk verbonden met de regio, wij bieden goede leef- en recreatieruimte. Gemeente Beuningen koestert haar mooie leef- en recreatieomgeving en is economisch naar buiten gericht. De verbinding met de omgeving (vooral stadregio Arnhem-Nijmegen) is belangrijk voor de bereikbaarheid van voorzieningen en economische gebieden in de omgeving en ook voor het ontsluiten van recreatie en toerisme in eigen gemeente. De nieuwe stadsbrug naar Nijmegen, Koers West en intensief openbaar vervoer verbeteren deze verbinding. In de strategische visie is ook een korte (2010-2014) en een lange termijnagenda (2030) opgenomen. Het is een dynamische lijst met onderwerpen die continue aandacht of actie vragen. De onderwerpen met ruimtelijke relevantie komen in deze Gemeentebrede Structuurvisie aan de orde.


2 Kernambities voor de ruimtelijke ontwikkeling Groen & dynamisch Wij willen een groene en dynamische gemeente zijn. In essentie is ons ruimtelijk beleid er op gericht om ruimte te geven aan dynamiek, waarbij we de groene kwaliteiten van het gebied respecteren en deze waar dat kan versterken. Dynamiek gaat onder meer over onze woningbouw, de realisatie van nieuwe zandwinplassen, recreatieve impulsen, het herontwikkelen van locaties en voorzieningen en veranderende verkeersstromen. De groene kwaliteiten die we willen behouden en accentueren zijn de natuurlijke uiterwaarden, het karakteristieke oeverwal-landschap, de groene ‘ademruimten’ tussen de kernen en de weidsheid van het Beuningse Veld. ‘Groen en dynamisch’ staat voor een gemeente die inspeelt op (veranderende) woon- en leefwensen én tegelijkertijd werkt aan een aantrekkelijke groene woon- en leefomgeving. In deze gemeentebrede Structuurvisie Beuningen werken wij het motto ‘Groen en dynamisch’ verder uit via zes kernambities. Deze kernambities geven in een notendop weer wat wij op ruimtelijk vlak in onze gemeente de komende 10 jaar willen bereiken. De kernambities fungeren als leidraad bij het maken van keuzes en als fundamentele onderbouwing van de voorstellen in deze structuurvisie. De kernambities passen binnen de zes hoofdlijnen uit de Strategische visie.

Ambitie I Beuningen: groene flank van de stadsregio Gemeente Beuningen heeft een sterke verbondenheid met de stadsregio. Bewoners uit Beuningen werken en winkelen in Nijmegen, maken gebruik van voorzieningen in de regio zoals onderwijs, zorg en cultuur, recreëren in het Rijk van Nijmegen en maken gebruik van het regionaal openbaar vervoer en de fietsverbindingen. Andersom heeft Beuningen de regio ook veel te bieden. Beuningen onderscheidt zich regionaal doordat het hier rustig, landelijk, groen/water en dorps wonen en leven is, terwijl de voordelen en voorzieningen van een grote stad op steenworp afstand liggen. Dit is een unieke eigen kwaliteit. Dergelijke woonkwaliteiten, op de flank van de stadsregio, vormen een verrijking van de meer grootstedelijke woonmilieus in het centrum van de stadsregio. De omgeving van Beuningen is een belangrijke recreatieruimte voor mensen uit Nijmegen. Wij zijn zuinig op ons groen en het landschap en daarom is de kwaliteit van wonen en leven in Beuningen hoog. Wij zetten in op deze kwaliteit door het groen in en om onze kernen te versterken en landschappen meer toegankelijk te maken en met elkaar te verbinden. Uniek in Beuningen is de nabije ligging van een combinatie van landschappen, zoals de Waal en haar uiterwaarden, het kleinschalige oeverwallandschap, de open komgronden en de waterplassen. Deze combinatie maakt Beuningen tot een plek die

zich duidelijk onderscheidt binnen de regio. Beuningen wil zich verder ontwikkelen om dé zuidwestelijke groene flank van de stadsregio te zijn.

Ambitie II Beuningen woongemeente: gedoseerde groei, oog voor kwaliteit Beuningen wil zich, binnen de regio, onderscheiden als woongemeente in een sterke groene setting. Ons streven is tweeledig. Enerzijds gaan we voor een gedoseerde groei van het aantal woningen, waarbij we gedifferentieerd bouwen voor de juiste doelgroepen (senioren, starters, kleine huishoudens). We bieden een gevarieerd aanbod aan woonmilieus: landelijk, dorps en centrum-dorps wonen. Elke kern heeft een eigen karakter en de sociale structuur binnen de kern is een groot goed. Hiermee voegen we echt iets toe aan het regionale woningaanbod (vooral grootstedelijke milieus) en anticiperen we op de vraag uit de markt naar deze woonmilieus. We bouwen woningen om invulling te geven aan onze eigen woningbehoefte. Deze behoefte komt voort uit een actuele toename van het aantal huishoudens. Anderzijds zetten we in op de versterking van de kwaliteit van de bestaande bebouwing en omgeving. Binnen de grote plancapaciteit die Beuningen nu heeft, maken we keuzes op basis van kwaliteit en geld. Sommige ontwikkelingen schuiven we in tijd naar achteren.

13


Stadsregio Arnhem Nijmegen Beleidskaart Regionaal Plan 2005 - 2015 In aanvulling op het Streekplan Gelderland 2005

Goedkeuring onthouden aan - beleidsregel 9.2 van het Regionaal Plan 2005-2020; - de zoekzone regionaal bedrijventerrein opgenomen op de beleidskaart Regionaal Plan 2005-2015 ten behoeve van beleidsregel 9.2 (zie rode omlijning) Overigens goedgekeurd op grond van artikel 36e van de Wet op de Ruimtelijke Ordening bij besluit van 27 februari 2007, zaaknr. 2006-019350 Gedeputeerde Staten van Gelderland

Vastgesteld door de KAN-raad op 26 oktober 2006 de secretaris

de voorzitter

drs C.F. van Eert

drs J.J. Modder

Waardevol landschap Handhaven van het open karakter Zoekzones landschapsversterking Grondgebonden landbouw en veehouderij Kernnet recreatief routenetwerk (indicatief) Regiorail KAN Stations Regiorail: Centrale stations Netwerkstations Regiostations Regionaal Opstap Punt Lightrailverbinding Nijmegen - Kleve Regionale Ruit Verbreding weginfrastructuur Tracereservering doortrekking A15 Contour woningbouw Zoekrichting voor uitbreiding woningbouw Zoekgebied regionaal bedrijventerrein voor transport en logistiek (goedkeuring onthouden) Zoekgebied regionale bedrijventerreinen Zoekgebied lokale bedrijventerreinen Zoekgebied 10 ha lokaal bedrijventerrein Bestaand bedrijventerrein Zoekgebied PDV A325 zone

0 km

Regionaal Plan 2005-2010

5 km


Ambitie stadsregio Arnhem-Nijmegen De ambitie van de stadsregio is beschreven in het “Regionaal Plan 2005-2020”: Behouden en versterken van een krachtige, herkenbare identiteit van de stadsregio door het versterken van de kwaliteit van de bestaande ruimte. De stadsregio werkt aan een aantrekkelijke, bereikbare en internationaal concurrerende regio. Het doel is bewoners, bedrijven en bezoekers duurzaam aan de regio te binden door het bieden van een aantrekkelijk woonen werkklimaat. De regio heeft veel in huis; niet alleen een grote variatie in landschappen, maar ook afwisseling in stedelijk en landelijk gebied. Ieder gebied (buurten, steden of landelijk gebied) heeft zijn eigen karakter, de afwisseling hiervan is de kracht van de Stadsregio Arnhem Nijmegen. Dit eigen karakter willen we dan ook beschermen en verstevigen. Omdat dit bijdraagt aan de kwaliteit en de aantrekkelijkheid van de regio als geheel. De Verstedelijkingsvisie ‘Van Koers naar Keuze’, vastgesteld op 30 juni 2011, is een nadere uitwerking van de uitgangspunten van het Regionaal Plan, maar ook een herijking van dit plan omdat de stadsregio moet inspelen op nieuwe ontwikkelingen en kwesties die op de regio afkomen (demografische ontwikkelingen, economische crisis, stagnerende woningmarkt, bereikbaarheidsopgave). In deze visie geeft de stadsregio een nadere uitwerking van de regionale verstedelijkingsopgave voor de periode 2010 – 2020. De visie legt de focus op de ruimtelijke en functionele samenhang tussen wonen, mobiliteit en economie. Een belangrijk aandachtspunt is de constatering dat er een overschot aan woningbouwplannen is in de subregio Zuidwest, waar gemeente Beuningen onderdeel van uit maakt. Dit heeft geleid tot een flinke aanpassing van de woningbouwprogramma’s, waarbij is afgesproken dat de gemeenten inzetten op woningbouw uitsluitend voor de eigen bevolking. Voor Beuningen is het aantal van netto 800 woningen afgesproken.

‘Van groei naar stabilisatie’ Een stevige groei van het aantal nieuwe woningen en het aantal inwoners, zoals in de afgelopen 30 jaar het geval is geweest, is anno 2011 niet meer aan de orde. De opgave om de woningvoorraad uit te breiden is door demografische- en economische ontwikkelingen aanzienlijk kleiner dan de voorbije jaren. Het huidige inwoneraantal van ruim 25.000 inwoners zal de komende tien jaar ongeveer stabiel blijven of licht afnemen. Wel verandert de samenstelling van de bevolking; er zullen meer ouderen en minder jongeren in Beuningen wonen. Het aantal huishoudens neemt nog wel licht toe, als gevolg van een daling van de woningbezetting. Ook de ingezette bezuinigingen en de crisis op de woningmarkt vragen om de omslag van beleid van groei en bouwen naar een beleid waar vraaggericht bouwen en temporisering van de woningbouwproductie centraal staan. Tot slot leiden ook de nieuwe afspraken met de stadsregio over de regionale verdeling van nieuwbouw er toe dat in Beuningen de komende jaren een gedoseerde groei van het aantal woningen zal plaatsvinden.

15


We vinden het belangrijk dat er de komende jaren in iedere kern gebouwd wordt en dat daarbij sprake is van organische groei, passend bij de ontwikkeling van de kern. Geen grootschalige uitbreidingen, maar kleinschalige impulsen, passend bij de bestaande sfeer en identiteit. Daar waar mogelijk geven we de voorkeur aan inbreidingslocaties boven uitbreidingslocaties. In regionaal verband (zie ook “Ambitie stadsregio Arnhem-Nijmegen”) is een bovengrens voor het aantal te bouwen woningen bepaald en heeft de gemeente een keuze gemaakt voor te realiseren projecten (zie paragraaf 4.1). Alleen bij ontwikkelingen die anders lopen dan verwacht (vertraging) of bij bijzonder goede initiatieven zal een andere afweging gemaakt kunnen worden. We verwachten dat de komende tien jaar nog netto 880 woningen (exclusief sloop) nodig zijn om de huishoudensgroei op te vangen. Behoud en versterking van de kwaliteit van de bestaande voorraad wordt de komende jaren steeds belangrijker. In Beuningen wordt de herstructurering van Olden Tempel en Oranjekwartier afgerond waardoor het weer goed wonen en leven is in deze wijken. Op dit moment dient zich nog geen nieuwe herstructureringsopgave aan. Wel zijn de jaren ’70 en ’80 wijken een aandachtspunt. Het zijn aantrekkelijke wijken en vanwege hun opzet in trek bij gezinnen met kinderen. Maar ook hier zal de tand des tijds op middellange termijn gevolgen hebben. Na circa 40 jaar is vernieuwing mogelijk gewenst. Geen grootschalige ingrepen zoals in Olden Tempel, maar vooral maatwerk waarbij oog zal moeten zijn voor de veranderende bevolkingssamenstelling en voorzieningen, de kwaliteit van de woningen en de openbare ruimte en mogelijkheden van woningaanpassing en energiebesparing.

Ambitie III Versterken en verbinden van landschappen De combinatie van kwaliteit, variëteit en nabijheid van verschillende typen landschappen vormt een unieke waarde van de gemeente Beuningen. De Waal, de uiterwaarden en de dijken, de fruitteelt en de kleinschalige landschappen rond de oeverwal, het open kommengebied van het Beuningse Veld als onderdeel van het Land van Maas en Waal, de zandwinplassen en de groene ‘ademruimten’ tussen de dorpen; het levert boeiende landschappelijke contrasten op en ze liggen allemaal op korte afstand van elkaar. Deze landschappelijke setting maakt Beuningen aantrekkelijk om in te wonen, te leven én te recreëren, voor zowel de mensen uit Beuningen als voor mensen van buiten de gemeente. Onze ambitie voor de toekomst is om de unieke eigenschappen van de verschillende landschapstypen én de onderlinge verbindingen te behouden en verder te versterken. Een sterk landschappelijk raamwerk en een recreatief ‘rondje Beuningen’, waarin de diverse landschappen voor wandelaars en fietsers goed ontsloten zijn, moet het resultaat zijn. De ambitie van het rondje Beuningen gaat verder dan alleen de verbinding van landschappen. Het rondje is een integraal thema dat Beuningen bindt en de herkenbaarheid van Beuningen in de regio versterkt. Het rondje verbindt in fysieke zin gebieden en functies aan elkaar, waarmee ze meerwaarde krijgen. Het rondje verbindt tevens diverse thema’s zoals toerisme en recreatie, plattelandsvernieuwing, verkeer en veiligheid en blauwe en groene waarden. Om het rondje Beuningen daadwerkelijk te realiseren is onze ambitie diverse ontbrekende schakels te realiseren.

Ambitie IV Ruimte voor water en recreatie Beuningen heeft écht iets met water. De ligging aan de Waal en ook het Maas-Waalkanaal is kenmerkend. Maar ook de Weteringen in het Beuningse Veld, de waterrijke omgeving van de wijken De Heuve en Rietlanden en de zandwinplassen bij De Groene Heuvels en Ewijk maken Beuningen tot een typisch waterrijk gebied. Met de beoogde ontwikkeling van de zandwinlocaties Beuningse Plas en de H1-locatie bij Winssen en de nieuwe watergang (Voorwende) in het Waaloevergebied accentueren wij dat beeld nog meer. Ons streven is om de wateren, naast de visuele- en belevingswaarde die ze van zichzelf hebben, een functionele recreatieve waarde te geven.

Ambitie V Toekomstgerichte basisvoorzieningen in elke kern Een belangrijke kernambitie is om onze kernen leefbaar en sociaal te houden. Een goed voorzieningenniveau draagt hier in sterke mate aan bij. Wij zetten ons daarom in voor behoud van een basisbestand aan voorzieningen in elke kern. Het gaat om voorzieningen voor onderwijs, welzijn en zorg, sport (voetbal- en tennis, binnensport), cultuur en de dagelijkse boodschappen. De voorzieningen in de kern Beuningen hebben naast een kernverzorgende ook een kernoverstijgende functie. Deze voorzieningen, waar de hele gemeente gebruik van maakt zoals winkels, het zwembad, de sporthal, de hockey- en korfbalaccommodatie, willen we verder versterken. Waar mogelijk proberen we voorzieningen fysiek te clusteren door het creëren van centrale, goed bereikbare plekken in een kern. De ingebruikname van de multifunctionele accommodatie (MFA) in Ewijk en de nieuwbouw in Winssen van De Wegwijzer aan het pleintje aan de Molenstraat tegenover het dorpshuis en sporthal in het Paulusgebouw

17


zijn hier al goede voorbeelden van. In deze structuurvisie verkennen we de mogelijkheden van clustering van voorzieningen in Beuningen en Weurt. Op het gebied van zorg en onderwijs anticiperen we op de bevolkingsontwikkeling van ontgroening (minder kinderen, jongeren) en vergrijzing (meer ouderen). We zetten in op de ontwikkeling van woonservicegebieden binnen de dorpen. Daarbij is een goede opbouw van wijken en kernen nodig met aanpasbare levensloopbestendige woningen die liggen om een centraal zorgsteunpunt met een goed aanbod aan welzijnsvoorzieningen en –diensten. Daarnaast willen we de (toenemende) leegstand van klaslokalen als gevolg van teruglopende leerlingenaantallen terugdringen, eventueel door het herhuisvesten van scholen. In de kern Beuningen zetten we in op het terugbrengen van het aantal schoollocaties. Prioriteit heeft de nieuwbouw en verbreding van Basisschool de Ruyter in Weurt.

Omdat de Van Heemstraweg ook de kernen binnen de gemeente onderling verbindt, ontsluit en op een aantal plekken de kernen doorkruist, vinden we naast een goede doorstroming, een veilige, aantrekkelijke en oversteekbare weg van groot belang. Voor de kern Weurt vormt de Van Heemstraweg een aanzienlijke doorsnijding van het dorp. Bovendien is door de hoogteligging van de weg (oplopend richting de brug over de sluis Maas- Waalkanaal) er ook sprake van een visuele barrière. Op termijn is een verlaging en alternatieve inpassing van de Van Heemstraweg op deze plek een optie. Op dit moment zijn er onvoldoende financiële middelen om dit te realiseren. Ook ter hoogte van locatie Asdonck vormt de Van Heemstraweg een barrière. Te meer als er straks naast de bioscoop, die momenteel wordt gebouwd, mogelijk nieuwe woningen hier een plek krijgen. 19

Ambitie VI Doorstroming én oversteekbaarheid Van Heemstraweg In onze regio wordt de komende jaren flink ‘aan de weg gewerkt’. De aanleg van een tweede stadsbrug bij Nijmegen, de verbreding van de A50, de doortrekking van de N322 en de doortrekking van de A15 naar de A12 verbeteren de ontsluiting en bereikbaarheid van de regio en ook van de gemeente Beuningen. In het huidige en het toekomstige wegen- en verkeersnetwerk blijft de Van Heemstraweg (samen met de Schoenaker) de belangrijkste ontsluitingsweg van, naar en binnen de gemeente Beuningen. Vanuit de functie van de Van Heemstraweg als gebiedsontsluiting is het behoud van de doorstroming van verkeer belangrijk.


Bevolkingsprognose gemeente Beuningen tot 20401 Het aantal inwoners in de Stadsregio zal de komende 10 à 20 jaar nog groeien, maar zijn er ook delen in de regio waar geen sprake meer is van groei. De bevolkingsomvang van Beuningen zal de komende 10 jaar ongeveer stabiel blijven of licht afnemen tot het niveau van het jaar 2000. Wel zal de samenstelling van de bevolking over 10 jaar wezenlijk anders zijn dan 10 jaar geleden. Beuningen gaat vergrijzen; in 2030 is ruim een kwart van de bevolking ouder dan 65 jaar; er zijn dan meer ouderen en minder jongeren. Daarnaast zal tot 2030 het aantal kinderen en jongeren gaan afnemen.

Onderstaande prognosecijfers laten zien dat het aantal mensen in de gemeente Beuningen in de leeftijdscategorie 0 – 14 jaar en ook 15 – 24 jaar richting 2040 afneemt. Ook in de categorieën 40 – 54 jaar en 55 – 64 jaar wordt een afname voorzien. De categorieën 65 – 74 en 75+ laten een relatief sterke toename zien. De totale bevolking in de gemeente neemt tot 2040 licht af.

Jaar

0-14 jr.

15-24 jr.

25-39 jr.

40-54 jr.

55-64 jr.

65-74 jr.

75+

Totaal

2010

4.660

3.018

4.044

6.792

3.388

1.974

1.363

25.239

2020

3.649

2.888

3.899

5.236

4.320

2.991

1.946

24.929

2030

3.624

2.150

4.324

4.273

3.715

3.728

2.961

24.775

2040

3.648

2.133

4.020

4.784

2.863

3.289

3.989

24.726

Het aantal huishoudens neemt, als gevolg van de gezinsverdunning nog wel toe in Beuningen. Volgens de prognoses groeit het aantal huishoudens de komende tien jaar met ongeveer 800 (exclusief sloop). Er blijft dus wel behoefte aan uitbreiding, maar op kleinere schaal dan de laatste decennia. De natuurlijke aanwas in Beuningen is tot 2019 nog positief. Vanaf 2020 wordt een negatieve natuurlijke aanwas verwacht (meer sterfgevallen dan geboorten). Jaar

Aantal huishoudens

2010

10.126

2015

10.552

2020

10.906

2030

11.419

2040

11.589

1. Uit; Bevolkingsprognose Provincie Gelderland 2010

Jaar

Natuurlijke aanwas aantal personen

2010 – 2014

170

2015 – 2019

56

2020 – 2024

-5

2025 – 2029

-86 -246

2030 – 2034 2035 – 2039

-436


3 Opgaven voor de toekomst In dit hoofdstuk brengen we in beeld wat de ruimtelijke opgaven voor de komende jaren zijn. De opgaven worden eerst beschreven vanuit de belangrijkste thema’s. Ook onderscheiden we een aantal integrale opgaven. In het hoofdstuk 4 wordt vervolgens per thema beschreven hoe we deze opgaven invullen.

3.1 Opgaven wonen Woningvoorraad De opgaven voor wonen zijn vastgelegd in de ‘Woonvisie Beuningen’. Beuningen is echt een woongemeente. Er is een uiteenlopend aanbod aan woonmilieus, van landelijks dorps naar centrum-dorps, waarmee ook een aanvulling wordt geleverd op de meer grootstedelijke milieus in de regio. Naast een aantal grotere uitbreidingen waaraan anno 2011 gewerkt wordt (Beuningse Plas, uitbreiding Ewijk; Keizershoeve), liggen er ook op andere plekken harde en zachte plannen voor woningbouw. In het licht van de demografische- en economische ontwikkelingen is de opgave om de woningvoorraad uit te breiden echter aanzienlijk kleiner geworden dan de voorbije jaren. De focus van de opgave voor de toekomst ligt daarmee minder op grootschalige uitbreiding en meer op versterking van kwaliteit en identiteit van onze woongebieden. Als gevolg van vergrijzing en ontgroening neemt de vraag naar seniorenwoningen, goedkope koopwoningen en woonzorgvormen toe. Het aantal één- en- tweepersoonshuishoudens boven de 65 jaar zal de komende twintig jaar

verdubbelen. In ons kwalitatief aanbod moeten we dus rekening houden met: senioren en zorgvragers, starters, lage en middeninkomens en bijzondere doelgroepen. Een integrale opgave is om tot vitale kernen en wijken te komen. Hierbij gaat het om een goede mix van wonen, woonomgeving, welzijn en zorg. Het aanbod moet zodanig zijn dat iedereen (jong en oud) die in de eigen wijk of kern wil (blijven) wonen een passend huis kan vinden. Nieuwe woningen moeten zo veel mogelijk klaar voor de toekomst zijn. Ze moeten energiezuinig en flexibel gebouwd worden. Prioritering beoogde woningbouwlocaties De oorspronkelijke taakstelling voor gemeente Beuningen (vastgelegd in het Regionaal Plan) betrof de bouw van circa 2000 woningen tot 2020. In het licht van de afnemende bevolkingsgroei, de veranderende economie, een dreigend eenzijdig aanbod en overaanbod van woningen voor gezinnen en een sterke regionale concurrentie, hebben wij deze taakstelling opnieuw vastgesteld. In deze nieuwe taakstelling zetten we in op woningbouw uitsluitend voor de eigen bevolking. Door de bouw van circa 800 woningen tot 2020 kunnen we de huishoudenstoename in onze gemeente opvangen. Deze herijking is in regionaal verband afgestemd en ook vertaald in de regionale Verstedelijkingsvisie ‘Van Koers naar Keuze’. Als gevolg van deze herijking hebben wij de beoogde woningbouwlocaties opnieuw tegen het licht gehouden en heeft er een prioritering plaatsgevonden.

3.2 Opgaven economie Bedrijventerreinen Voor het grootste deel van onze bedrijventerreinen zien wij geen omvangrijke opgaven. De functie en inrichting van de terreinen blijven gehandhaafd, uiteraard hebben we aandacht voor het behoud van de kwaliteit van deze terreinen en daarmee de werkgelegenheid. Wij zien wel een specifieke opgave voor de noordelijke zone van bedrijventerrein De Sluis, daar waar de kwalitatieve en fysieke overgang naar het woongebied van Weurt beter kan worden vormgegeven. Daarnaast ligt er een opgave om het bedrijf Swanenberg van de huidige locatie naar elders buiten de gemeente te verplaatsen. Dit in verband met het Waalweelde-project (ruimte voor de rivier en ruimtelijke kwaliteit) in de Beuningse uiterwaard. In het Regionaal Plan 2005-2020 heeft de stadsregio ruimte opgenomen voor de uitbreiding van regionale bedrijventerreinen die ontwikkeld dienen te worden op basis van de principes van zorgvuldig ruimtegebruik. Er worden drie concentratiegebieden aangewezen, waaronder de A73-zone. Ten noorden van het bestaande bedrijventerrein Bijsterhuizen is door de stadsregio een ‘zoekgebied regionaal bedrijventerrein’ gelegd. De stadsregio neemt het voortouw om te komen tot bovenlokale gebiedsvisies, samen met de grondgebiedgemeenten. In de regionale verstedelijkingsvisie wordt rond de A73 een ruimere ontwikkelingszone bedrijventerrein aangehouden. De uitwerking van de A73-zone wordt opgenomen in de bestuurlijke

21


overeenkomsten welke eind 2011 verwacht worden. Wij zien de uitbreiding van Bijsterhuizen in noordelijke richting niet als een opgave voor deze gemeentelijke structuurvisie. Mocht deze ontwikkeling binnen de planhorizon van deze structuurvisie aan de orde komen dan zien wij in ieder geval een stevige opgave om deze ontwikkeling richting Beuningse Veld landschappelijk goed in te passen. Agrarische sector Wij zijn ervan overtuigd dat de agrarische sector in onze gemeente toekomstperspectief heeft. Het Beuningse Veld blijft primair behouden en bedoeld voor de agrarische functie. Het begeleiden van de verdere schaalvergroting is de opgave voor de toekomst. Een andere opgave is om hier invulling te geven aan recreatieve ambities die het agrarisch functioneren niet belemmeren, maar mogelijk zelfs kunnen versterken. Een specifieke vraag is hoe we willen omgaan met glastuinbouw in de gemeente. Vanuit de stadsregio en de provincie wordt voor de duurzame ontwikkeling van de glastuinbouw nadrukkelijk ingezet op concentratie in de glastuinbouwgebieden bij Huissen/ Bemmel en de Bommelerwaard. Detailhandel Rekening houdend met de concurrentie van Nijmegen op korte afstand en overig aanbod in de regio, vervult het centrum van Beuningen vooral een verzorgingsfunctie voor de eigen gemeente. De opgave is om de winkels te behouden en het gebied verder te versterken als kernverzorgend centrum. Het afronden van de ingezette en deels gerealiseerde centrumversterking is een opgave voor de toekomst. De functie van bedrijventerrein Park De Heuve als centrale plek voor perifere detailhandel willen wij behouden. Het draagvlak in de kernen Weurt en Winssen is van een beperkte omvang en het toekomstperspectief voor de detailhandel is onzeker. Ook in het qua inwonertal grotere

Ewijk staat de detailhandel onder druk. De uitdaging voor de kernen is om een perspectiefrijk aanbod voor de dagelijkse en frequent benodigde niet-dagelijkse artikelen in stand te houden. Hiervoor zullen mogelijk enkele structuur- of kwaliteitversterkende maatregelen gewenst zijn. Behoud economische vitaliteit De bevordering van het ondernemerschap en het behoud van de economische vitaliteit van de kernen zien wij ook als een (sociaal-)economische opgave. Hiertoe zullen we onder meer voldoende mogelijkheden voor aan huis gebonden bedrijf en beroep moeten bieden. Dit kan een stimulans of voorwaarde zijn voor nieuw ondernemerschap.

3.3 Opgaven voorzieningen en leefbaarheid Zorg De komende jaren ligt er een opgave om aan een groeiende behoefte te voldoen op het terrein van wonen met zorg- en welzijnsvoorzieningen. In alle kernen is behoefte aan alle typen wonen met zorg. Dit betekent een behoefte aan verpleeghuis- en verzorgingshuiszorg in vormen met zowel bovenwijkse functie als kleinschalige vormen op wijkniveau. Van de grote intramurale instellingen wordt Overmars in Winssen herontwikkeld naar een kleinschaliger woonzorg-concept. Dit geldt ook voor een deel van Waelwick in Ewijk. Alde Steeg in Beuningen breidt daarentegen uit, met zowel verpleeg- als verzorgingsplaatsen. De totale capaciteit is in de toekomst naar verwachting niet voldoende om in de groeiende behoefte te voorzien. Er liggen wel kansen om meer kleinschalige woonzorgvormen in de wijken, waar ook meer vraag naar is en komt, te realiseren. Het streven is per kern een woonzorgcomplex en een woonservicegebied te hebben. Een woonzorgcomplex is een cluster van zelfstandige zorgwoningen waar zorg thuis geleverd kan worden. Een complex kan voorzien zijn van multifunctionele ruimten

voor dagbesteding en recreatie. Welzijn en dienstverlening behoren tot het servicepakket van het complex. Een woonservicegebied is een deel van een wijk of kern waarin optimale condities voor wonen met zorg en welzijn voor ouderen, gehandicapten en andere zorgbehoevenden zijn geschapen. Het gaat om een goede mix aan woonvormen, welzijnsdiensten en een veilige en toegankelijke woonomgeving. Sport De ruimtelijke opgave voor sport spitst zich toe op een beperkt aantal accommodaties. Elke kern heeft een voetbal- en tennisaccommodatie en een zaal voor binnensport. Het grootste deel van deze accommodaties kan, mede op basis van goed onderhoud, de komende 10 jaar prima vooruit. Voor de sportvoorzieningen in de kern Beuningen ligt er wel een opgave. De overdekte sportvoorzieningen (zwembad, sporthal, gymzaal Lèghe Polder) zijn gedateerd, bieden geen optimale balans tussen vraag en aanbod en vragen om groot onderhoud of renovatie. Onderwijs Met de nieuwbouw van de school De Wegwijzer kan het onderwijs in Winssen de komende 40 jaren op maat worden bediend. In Ewijk zijn in ’t Hart (MFA) alle onderwijsen welzijnsvoorzieningen ondergebracht. De instroom van leerlingen zal wel sterk achter blijven bij de ramingen die zijn aangehouden voor de bouw van ’t Hart. De school krijgt hierdoor te maken met een lokalenoverschot. In Weurt ligt wel een duidelijke opgave. Basisschool de Ruyter voldoet qua indeling, exploitatie en energieverbruik niet meer aan de eisen van deze tijd en kan slechts tegen hoge kosten geschikt worden gemaakt voor modern onderwijs. Renovatie biedt geen oplossing om tegemoet te kunnen komen aan de huidige functionele eisen en de noodzakelijke bouwfysische kwaliteiten. Nieuwbouw is nodig. De opgave is te onderzoeken of nieuwbouw moge-


lijk gekoppeld kan worden aan de bestaande sporthal en de wens om dorpshuis de Kloosterhof te vernieuwen. Zo wordt één multifunctionele accommodatie gerealiseerd. In de kern Beuningen leidt de terugloop van het aantal leerlingen tot de opgave om het aantal scholen terug te brengen. In paragraaf 4.3 geven wij voor Beuningen mogelijke ontwikkelingen weer. Sociaal-maatschappelijk Voor Ewijk en Winssen geldt dat de komende 10 jaar ’t Hart en het Paulusgebouw onderdak kunnen bieden aan dorpshuisvoorzieningen. Voor het Paulusgebouw ligt er wel een uitdaging om de exploitatie overeind te houden. De Lèghe Poder in Beuningen is gedateerd en renovatie en aanpassing is noodzakelijk, omdat het gebruikscomfort ontbreekt en er leegstand in de gymzaal ontstaat. Daarnaast kent het gebouw een hoog energiegebruik en de brandveiligheid en Arbo-eisen verdienen aandacht. Dorpshuis de Kloosterhof in Weurt is ook gedateerd en kampt met toenemende exploitatielasten. Op termijn kan aan renovatie van het dorpshuisgedeelte niet worden ontkomen. De vraag is of de huidige omvang van de voorziening in de toekomst gehandhaafd kan blijven.

3.4 Opgaven infrastructuur en verkeer Van Heemstraweg De opgave is om een robuuste verkeersstructuur te creëren en de verkeersveiligheid verder te verbeteren. Bijzondere aandacht gaat uit naar de Van Heemstraweg. Deze weg heeft zowel een functie voor doorgaand als voor lokaal verkeer tussen de kernen. Daar komt bij dat de Van Heemstraweg op een aantal plekken de kernen fysiek doorkruist. Vooral in Weurt vormt de weg een barrière tussen het noordelijk en zuidelijk deel van het dorp. De opgave is om de oversteekbaarheid van de Van Heemstraweg 2. Meerjarenprogramma Infrastructuur, Ruimte en Transport

te verbeteren, waarbij tegelijkertijd de functie als belangrijke gebiedsontsluitingsweg gehandhaafd blijft. Het verbeteren van de oversteekbaarheid van de weg moet ook bijdragen aan de toegankelijkheid van het oeverwal- en uiterwaardengebied vanuit de dorpen. Meer specifiek is de opgave om de Van Heemstraweg ter hoogte van Weurt af te waarderen zodat de weg hier veel minder een barrière vormt. De Van Heemstraweg heeft niet alleen een verkeersfunctie. De weg vormt, mede door de karakteristieke laanbeplanting, ook een zeer karakteristiek element voor de gemeente. Wijzigingen in het profiel van de weg vereisen om die reden een zorgvuldige afweging. Ontsluiting deelgebieden Wij zien ook een opgave in het verbeteren van de ontsluiting van de nieuwbouwlocatie tussen Ewijk en Beuningen, van de wijk de Rietlanden en van bedrijventerrein Schoenaker. De aansluitingen vanuit deze deelgebieden op de Van Heemstraweg en/of de Schoenaker zijn nu en met het oog op de toekomst onvoldoende robuust. Zuidelijke structuurweg In het verkeerscirculatieplan (VCP) van 2003 is geconstateerd dat er structureel te veel verkeer op enkele wegen in de kern van Beuningen is, waardoor er problemen zijn met de doorstroming en de leefbaarheid. Met het huidige onderliggende wegennet kan dit probleem niet opgelost worden en bovendien groeit het verkeer onder andere door nieuwbouw (Beuningse Plas). In het kader van het VCP is de opgave reeds benoemd om een structurele oplossing voor dit knelpunt te zoeken. Door de raad is in het kader van het VCP de voorkeur gegeven om de functie van de Wilhelminalaan als centrale as te versterken met een nieuwe zuidelijke verbinding.

Sluipverkeer Beuningse Veld In de Elsenpas in het Beuningse Veld vinden veel verkeersbewegingen plaats van zowel auto’s als fietsers. Het betreft een verbinding van Beuningen met de Nijmeegse wijk Lindenholt. Met de komst van de Zuidelijke Structuurweg moet ervoor gewaakt worden dat het nog makkelijker wordt om met de auto vanuit Lindenholt via de Elsenpas de A73 op te rijden. In dat geval is het voorstel de Elsenpas af te sluiten. In dat verband lijkt ook de Ficarystraat een onveilige verbinding die in de toekomst onze aandacht vraagt. Knooppunt Neerbosch, A73 Het knooppunt Neerbosch heeft periodiek te maken met doorstromingsproblemen. Zeker als over drie jaar de capaciteit op de A50 is uitgebreid en Nijmegen de stadsbrug realiseert, wordt meer gebruik gemaakt van knooppunt Neerbosch. Rijkswaterstaat heeft een studie uitgevoerd naar de haalbaarheid betreffende het uitbreiden van de capaciteit, met name voor verkeer vanuit knooppunt Ewijk richting Venlo/Duitsland. Zonder maatregelen ontstaat bij het knooppunt in de reguliere spitsen een ‘groot’ doorstromingsknelpunt na opening van de verbrede A50 tussen Ewijk en Grijsoord. Uit de studie blijkt dat voor relatief geringe kosten een spitsstrook van de toerit Beuningen tot en met de afrit Wijchen gerealiseerd kan worden, waarmee het knelpunt tot 2020 kan worden opgelost. Vanaf 2020 ontstaan weer nieuwe doorstromingsknelpunten op het hele traject tussen de knooppunten Ewijk en Rijkevoort. De MIRT2 -verkenning (door Rijkswaterstaat) heeft mede tot doel te komen tot een toekomstvaste oplossing voor de capaciteitsproblemen op de A73. Voor gemeente Beuningen is het zaak de problematiek bij de betrokken partijen op de agenda te houden.

23


Fiets en openbaar vervoer De gemeente Beuningen ligt op fietsafstand van het centrum, station en werkgebieden in Nijmegen. Om deze afstand (nog) aantrekkelijker te maken voor fietsers (en daarmee het autoverkeer te beperken) zien wij een opgave om de fietsverbindingen met Nijmegen sterk te verbeteren. Ook willen we een goede fietsverbinding met Wijchen realiseren. Een derde opgave is om het padennetwerk (recreatieve wandel- en fietspaden) te af te ronden zodat een ‘rondje Beuningen’ gefietst kan worden. Onderdeel van het verbeteren van het openbaar vervoer binnen de Stadsregio is het realiseren van een Hoogwaardig Openbaar Vervoer (HOV)-verbinding tussen Nijmegen, Beuningen en Druten. Hoe deze verbinding verloopt wordt nog bepaald in overleg met de betrokken partijen. Een mogelijkheid is om de route te laten lopen via de Van Heemstraweg, Schoenaker, A73 en N322 naar Druten. Een mogelijke opgave voor de lange termijn is de aanleg van transferia langs hoofdontsluitingen. Verkeer met bestemming Nijmegen kan hier eerder van de snelweg af om vervolgens door middel van een snelbus in Nijmegen te komen. Ook kan bij een recreatieve ontwikkeling van de H1-locatie en een nieuwe afrit van de N322 een transferium rond die plek mogelijk meerwaarde bieden. Naast positieve effecten op de bereikbaarheid kan een transferium een bijdrage leveren aan het verminderen van negatieve milieueffecten van langskomend verkeer.

3.5 Opgaven landschap, natuur en water Landschap De opgave voor landschap is er één van behoud en versterking. We willen inzetten op behoud van de natuurlijke uitstraling en dynamiek van de rivier in de uiterwaarden én op behoud van het open kommenlandschap. Vooral in

het oeverwalgebied en in een aantal overgangsgebieden van bebouwing naar open gebied liggen kansen voor versterking van het landschap. Hier liggen ook kansen voor het verbinden van de verschillende landschapstypen. In het oeverwalgebied willen we het groen-blauwe raamwerk (landschaps- en waterstructuur) versterken en toegankelijker maken. Ook voor het gebied tussen Beuningen en Weurt zien we kansen om het typische kleinschalige landschap te versterken en meer te kunnen beleven. Ook ligt hier de uitdaging om de inrichtingen van de Beuningse Plas, het ARN-terrein en de overgangen naar het oeverwalgebied en het Beuningse Veld op elkaar af te stemmen. Het verzachten van de huidige harde overgang van stedelijk gebied, in het bijzonder de bedrijventerreinen Bijsterhuizen en Schoenaker, naar het Beuningse Veld is ook een opgave. Voor de H1-locatie is een geleidelijke overgang van de zandwinplas naar het omliggend landschap gewenst. Natuur Naast de natuuropgave in het Natura 2000-gebied de Waaluiterwaarden, liggen er geen grote natuuropgaven in de gemeente Beuningen. De voorstellen die voor behoud of versterking van landschappelijke waarden worden gedaan (bijvoorbeeld behoud openheid of aanleg van groen) kunnen wel bijdragen aan behoud en versterking van flora en fauna in algemene zin. Een specifieke opgave is de aanleg van bos op de Krukse Wal (geluidduinen) als compensatiemaatregel voor de verbreding van de A50. Water De zandwinplassen hebben veel waarde en potentieel voor de beleving en het recreatieve medegebruik van water. Het doel is om deze waarde bij de bestaande plassen waar mogelijk beter te benutten en bij de nog aan te leggen plassen in de ruimtelijke inrichting dit potentieel nadruk-

kelijk mee te nemen. Vanuit het oogpunt van waterveiligheid is de gebiedsopgave van de Beuningse uiterwaard van belang. Naast waterdoelen maakt hier overigens ook de invulling van landschappelijke en natuurdoelen onderdeel uit van de gebiedsopgave. Voor de kernen Weurt en Ewijk ligt er een opgave om in extra ruimte voor waterberging te voorzien.

3.6 Opgaven recreatie Het landschap in Beuningen is een belangrijke peiler van de recreatieve aantrekkelijkheid van onze gemeente. Behoud, versterken en verbinden van het landschap is daarmee een opgave die ook vanuit recreatie belangrijk en gewenst is. Bij verbinden gaat het vanuit recreatie ook om het versterken van het recreatieve wandel- en fietsnetwerk. Onze ambitie is om inwoners van Beuningen én recreanten van buitenaf een aantrekkelijk en bereikbaar ‘rondje Beuningen’ te laten maken. De opgave is enerzijds om de toegankelijkheid vanuit de vier kernen ‘naar buiten’ toe te verbeteren. Anderzijds willen we de fietsroutes, die de kernen en de landschappen met elkaar verbinden en de recreatieve ‘knooppunten’ ontsluiten (Groene Heuvels, Beuningse Plas, H1-locatie), verder versterken. De recreatieve ‘knooppunten’ moeten zich op kwaliteit onderscheiden, waarbij het water en het recreatief medegebruik de voornaamste dragers zijn.

3.7 Opgaven milieu en duurzaamheid De opgave in gemeente Beuningen ligt in het scheppen van een goede milieu- en sociaaleconomische omgeving, die duurzaam in stand kan worden gehouden. Deze structuurvisie doet daar diverse voorstellen toe, we richten ons hier op klimaat & energie. Voor de specifieke op-


gave die er ligt om de energieconsumptie in Beuningen te verduurzamen zijn er meerdere opties denkbaar. We moeten een afweging maken welke opties (zonne-, water- of windenergie, of energie uit biomassa) geschikt zijn voor Beuningen, voldoende bijdragen aan de doelstellingen en ruimtelijk inpasbaar zijn. Het streven is 20% CO²-reductie en 20% duurzame energie in 2020 (ten opzichte van 2005). In ieder geval zetten we bij nieuwbouw nadrukkelijk in op energiezuinig bouwen en bekijken we de mogelijkheden van verbetering van de energieprestatie in de bestaande woningvoorraad. De gevolgen van de klimaatverandering uiten zich in ieder geval in een verhoogde kans op hogere waterstanden in de Waal. Met het project Waalweelde, onder meer in de Beuningse uiterwaard, wordt geanticipeerd op hogere waterstanden en dit draagt daardoor bij aan een veilige leefomgeving op lange termijn. De ontwikkeling van en inzet op schoner vervoer (zoals E-bikes, oplaadpunten) en alternatieve modaliteiten (HOV, fiets) draagt bij aan het verbeteren van de directe leefomgeving en energieprestaties. Daarnaast zetten we in op gebiedsgericht milieubeleid voor bodem, externe veiligheid, geluid, lucht, met specifieke opgaven. Zo willen we voorkomen dat nieuwe functies met veiligheidsrisico nabij woon- en verblijfgebieden komen, willen we dat in 2015 alle bodemverontreinigingen beheerst of verwijderd zijn en streven er naar een geluidswal aan te leggen bij de A50/A73.

3.8 Integrale opgaven In de voorgaande paragrafen zijn per thema diverse opgaven beschreven. Een aantal van deze opgaven komt ruimtelijk samen in specifieke gebieden in Beuningen. Voor gebieden waar dit het geval is spreken we van integrale ruimtelijke opgaven.

De belangrijkste gebieden waar een integrale opgave ligt zijn: • Het gebied tussen Beuningen en Weurt. Het gaat hier over het zorgen voor samenhang tussen de ontwikkeling van de Beuningse plas en het ARN-terrein, de ‘ommetjes’ vanuit de kernen, de verbinding tussen het oeverwalgebied en het Beuningse Veld en de versterking van het kleinschalige landschap; • Het oeverwalgebied. In dit gebied is de uitdaging om de opgaven vanuit landschap, landgoederen, water en recreatie onderling te verbinden; • De locatie Asdonck. Op deze plek ligt een specifieke opgave om de hier beoogde woningbouw te ontwikkelen in samenhang met de kwaliteit of potentie die deze locatie heeft als entree voor de kern Beuningen. Ook de ligging van de Asdonck aan de drukke Van Heemstraweg, welke nu min of meer een barrière vormt, vormt onderdeel van de gebiedsopgave. De gedachte is om hier een ‘vitale wijk’ te ontwikkelen, met toevoeging van woon-zorgvormen en de bouw voor specifieke doelgroepen (starters, senioren). Tot slot ligt er binnen de ontwikkeling van locatie Asdonck de mogelijkheid om hier een gemeentebrede accommodatie te vestigen; • Het dorpshart voor Weurt. Een integrale opgave ligt in de duurzame instandhouding van de voorzieningen in het dorp Weurt. Het gaat daarbij onder meer om de school, het dorpshuis, de sportvoorzieningen en de detailhandel. De mogelijkheden om voorzieningen te clusteren, synergie te bewerkstelligen en de kwaliteit van voorzieningen en omgeving te versterken zijn onderdeel van deze opgave. Ook is er een wens naar woonlocaties in Weurt; • De locatie Hutgraaf. Hier ligt een integrale herontwikkelingsopgave. Het zwembad verdwijnt hier mogelijk

en er liggen kansen om de Hutgraaf met woningbouw her in te vullen. Net als bij locatie Asdonck wordt ingezet op de herontwikkeling naar een ‘vitale wijk’. De ligging van de tennisbanen en de wens om een goede overgang naar het open gebied te krijgen, is eveneens onderdeel van de integrale opgave. Ook op Hutgraaf is er de mogelijkheid om een gemeentebrede accommodatie te vestigen; • Met de nieuwe ontwikkeling wordt ook de rol en functie van de wegen Lindentraat, Houtduiflaan en Burg. Gerardtslaan betrokken; • Doorontwikkeling kommengebied. Hier is ruimte voor de landbouw, recreatief medegebruik en wordt ingezet op een groene afscherming bedrijventerrein.

25


Structuurvisiekaart


27


Indicatief woningbouwprogramma; nieuwbouwlocaties en prognose plancapaciteit Tot 2020 Beuningen Waterdorp 58

Ewijk Den Elt 35

Asdonck 80 Oranjekwartier 102 Hutgraaf 60

Den Elt (2) 6 Centrum Ewijk 25 Keizershoeve I 76

Olden Tempel 92

Keizershoeve II 182

Oude Reekstraat (g) 10

Keizershoeve III 38

Winssen Fruithof 72

Weurt Roozenburg 40

Verspreid NNL 20 Bunswaard 20 Diversen 52

Na 2020 Beuningen

Ewijk

Winssen

Oude Reekstraat (p) 6

Centrum Ewijk 95

Kennedysing-Z PM

Hutgraaf 120

De Woerd ca. 280

In totaal bouwen we op basis van bovenstaande prognose tot 2020 netto 882 woningen (bruto 1.011, maar er worden 129 woningen gesloopt). Na 2020 is er nog een zachte plancapaciteit tussen 1000-1500 woningen. De keuzes en prioritering van de woningbouwlocaties zijn gebaseerd op een combinatie van: het bereiken van een zo optimaal mogelijk financieel resultaat; politieke wensen en het zo veel mogelijk respecteren van reeds gemaakte afspraken met derden. Het woningbouwprogramma is een dynamisch stuk, wat jaarlijks geĂŤvalueerd en waar nodig bijgesteld wordt.

Weurt

Verspreid NNL 70 Diversen 7


4 Beleid per thema In dit hoofdstuk wordt per thema beschreven hoe we de opgaven voor Beuningen, zoals beschreven in hoofdstuk 3, gaan invullen. Ook onderscheiden we een aantal nadrukkelijk integrale opgave. De ruimtelijke keuzes die hier worden beschreven zijn ook op de structuurvisiekaart weergegeven.

in een groene setting is een kernkwaliteit van Beuningen. Daar waar mogelijk geven wij de voorkeur aan inbreidingslocaties boven uitbreidingslocaties, maar woonmilieu en doelgroep bepalen mede de keuze. In de gemeente worden geen woningen buitendijks gebouwd, met uitzondering van de Bunswaard. Uitbreiding van woonboten is niet toegestaan.

4.1 Wonen

Nieuwbouw Wij willen dat de inwoners van Beuningen binnen de gemeente een woning kunnen vinden. Er moeten dus voldoende woningen zijn, van de juiste kwaliteit en prijs. Wij verwachten de komende tien jaar ongeveer 800 woningen te moeten bouwen om onze eigen huishoudensgroei op te kunnen vangen. Jaarlijks bouwen we dus gemiddeld 80 woningen (netto). We bouwen in iedere kern, maar niet jaarlijks. Het accent ligt op Beuningen en Ewijk. We willen de ontwikkeling van grote locaties temporiseren en ontwikkelen in kleine hoeveelheden. We hebben een indicatief woningbouwprogramma dat uitgangspunt is voor de nieuwbouw. Dit programma is dynamisch, zodat we het bijstellen als er nieuwe kansen, ontwikkelingen of tegenvallers zich voordien. In het programma leggen we het accent op die groepen die binnen onze verantwoordelijkheid vallen, namelijk senioren, zorgvragers, starters, lage inkomens en bijzondere doelgroepen. Daarnaast zit er in het programma nog voldoende ruimte (55-65%) waarbinnen ontwikkelaars de vrijheid hebben om plannen te ontwikkelen die aansluiten op andere woonvragen. Binnen het programma is ook ruimte voor de woningcorporatie voor het maken van de gewenste kwaliteitsslag van haar

Het woonbeleid hebben wij vastgelegd in de ‘Woonvisie Beuningen’. Deze woonvisie is leidend voor het volkshuisvestingsbeleid. De ruimtelijke opgave uit de woonvisie heeft in deze structuurvisie haar weerslag gekregen. De gemeente Beuningen wil de komende jaren met een actief woonbeleid haar kwaliteiten als woongemeente versterken. Wij werken aan aantrekkelijke woonmilieus en vitale kernen en wijken en zetten in op wonen voor verschillende doelgroepen. We bieden een gevarieerd woningaanbod, zodat iedereen (oud en jong) die in Beuningen in de eigen wijk of kern wil (blijven) wonen een passend huis kan vinden, zowel economisch als qua leefstijl en levensfase. Het toevoegen van nieuwe woningen is aanvullend op de bestaande voorraad en afgestemd op de demografische ontwikkeling van het dorp of de wijk. We vinden het belangrijk dat er de komende jaren in iedere kern gebouwd wordt en dat daarbij sprake is van organische groei, passend bij de ontwikkeling van de kern. Geen grootschalige uitbreidingen, maar kleinschaliger impulsen, passend bij de bestaande sfeer en identiteit. De ligging van de kernen

huurwoningenvoorraad. We gaan uit van de bouw van 3035% sociale huurwoningen. Doelgroepen De gemeente Beuningen heeft inwoners met een grote variëteit aan leeftijden, inkomens en woon- en leefstijlen, van jongeren tot gepensioneerden, van gezinnen tot alleenstaanden, van mensen met een uitkering tot hoge inkomens. Voor al deze inwoners willen we voldoende woningen bieden en vooral ook de juiste woningen. De meeste mensen zijn in staat om zelf voor hun huisvesting te zorgen. Maar er zijn ook groepen die daarin minder goed slagen door hun financiële, sociale of medische achtergrond of gewoon door schaarste in het aanbod. Daarom leggen we het accent speciaal op die inwoners van Beuningen die minder keuzevrijheid hebben. • Senioren: Deze groep is divers van aard en het doel is dan ook het zelfstandig woonaanbod te vergroten. We volgen hiervoor een tweesporenbeleid. We richten ons op het opplussen van de bestaande woningen (zodat ze bruikbaar en veilig zijn voor oudere mensen of mensen met een lichte handicap) als op het toevoegen van geschikte woningen, zoals nultreden(geschikt voor rollator- en rolstoelgebruik) en flexibele woningen. • Zorgvragers: Een deel van het nieuwbouwprogramma voor senioren (35%) bestaat uit woonzorgwoningen. Naast een geschikte woning met zorgaanbod is ook de wijk eromheen van belang. We stimuleren dat in iedere kern een kleinschalige woon/zorgcombinatie of

29


groepswonen voor intensieve zorg komt, waarbij partijen samenwerken in het zorgaanbod. Het gemeentelijk kader Wonen Welzijn Zorg (2009) is hiervoor het uitgangspunt. • Starters: We vinden het belangrijk dat starters meer kansen hebben op een betaalbare woning. We beseffen dat het lastig is om betaalbare nieuwbouwwoningen te realiseren. Al dalen de koopprijzen momenteel wel, de financiering blijft lastig voor starters. We willen daarom vooral de kansen op een woning in de bestaande voorraad voor hen vergroten, zowel in de huur als in de koop (door o.m. een andere toewijzing van huurwoningen, omzetten van grote panden ). • Koopstarters: Deze groep is vooral aangewezen op de bestaande koopvoorraad (mits daar voldoende beweging in komt) en beperkt op nieuwe woningen. Het doel is om kwalitatief goede woningen aan te bieden in de vorm van MGE3-constructies, bijzondere bouwconcepten en in sommige gevallen CPO4 en de verkoop van huurwoningen. • Doelgroep van beleid en middeninkomens: De omvang van doelgroep blijft ongeveer gelijk maar verandert van samenstelling: er komen meer ouderen en zorgvragers met een laag inkomen. We willen de samenstelling van de huurwoningvoorraad niet vergroten maar veranderen om hier op in te spelen. We starten met uitbreiding van de huurwoningvoorraad om doorstroming op gang te krijgen; in een later stadium zetten we in op het afstoten van huurwoningen. Daarnaast bekijken we de mogelijkheden om de middeninkomens van geschikte (huur)woningen te voorzien. Overige uitgangspunten bij het woonprogramma zijn: • We willen waar mogelijk op locaties die wij zelf

ontwikkelen kavels uitgeven voor (collectief) particulier opdrachtgeverschap. Met name in Ewijk (Keizershoeve III) zal een flink deel van het programma uitgegeven worden als particuliere kavel. • In de kleine kernen zijn regelmatig initiatieven om enkele woningen te bouwen op particuliere grond. We werken aan die initiatieven alleen mee als het de bouw van één woning betreft, met maximum van vijf initiatieven per jaar. Hiervoor geldt een apart toetsingskader. • Voor nieuw te bouwen woningen geldt dat ze duurzaam en flexibel gebouwd worden. We doen meer dan wettelijk nodig is om duurzame en energiezuinige nieuwbouw te realiseren. • Per locatie kan de differentiatie afwijken van dit indicatieve woningbouwprogramma. De optelsom van alle locaties zal dit programma moeten benaderen. Via het monitoren van de markt kan bijstelling nodig blijken. Bestaande voorraad We versterken de ruimtelijke kwaliteit in de bestaande wijken. In Beuningen wordt de herstructurering van de wijken Olden Tempel en Oranjekwartier afgerond. Op dit moment dienen zich geen nieuwe herstructureringsopgaven aan. In de jaren ’70 en ’80 leveren we maatwerk, waarbij we oog hebben voor een passend kwalitatief aanbod van woningen en voorzieningen, kwaliteit van de openbare ruimte en mogelijkheden voor woningaanpassing. Door regelmatig de wijken te monitoren kunnen beheerproblemen veelal makkelijk worden opgelost. We willen meer sturing geven aan het concept van de woonservicegebieden en vitale wijken (zie ook thema zorg). Met de woningcorporatie maken we afspraken over een goede mix tussen het opplussen en aanpassen van bestaande

woningen en nieuwbouw. In de aanpak van de bestaande voorraad kunnen we de grootste winst voor energiebesparing halen. We haken aan op stimuleringsregelingen op provinciaal en landelijk niveau. Met de woningcorporatie maken we afspraken over het verbeteren van de energieprestatie in de huurvoorraad.

4.2 Economie Bedrijventerreinen De bedrijventerreinen Schoenaker, De Sluis, Aalsterveld en Klaphekstraat blijven behouden. Wij hebben continue aandacht voor behoud van de kwaliteit van deze terreinen. Voor De Sluis willen we de overgang naar het aangrenzende woongebied verbeteren. Herstructurering van deze zone is gewenst om de kwaliteit van en leefbaarheid in het gebied te verbeteren. We doen dit door het gebied stapsgewijs te ontwikkelen naar een groene woonwerkzone, waarbij een geleidelijke overgang van bedrijvigheid naar wonen het doel is. Het overige (zuidelijk) deel van De Sluis blijft zijn primaire functie als bedrijventerrein behouden. Voor het gehele terrein stellen we een planologische zonering op die gericht is op de vestiging van bedrijvigheid met lage milieubelasting in of aan de rand van de overgangszone. Het buizenbedrijf Swanenberg wordt verplaatst uit de Beuningse uiterwaard naar een locatie elders, buiten de gemeente. De verplaatsing vormt een onderdeel van de integrale gebiedsontwikkelingsproject Waalweelde. Randvoorwaarde is dat er (co)financiering voor deze verplaatsing gevonden wordt.

3. MGE = Maatschappelijk Gebonden Eigendom 4. CPO = Collectief Particulier Opdrachtgeverschap


De bestaande bedrijventerreinen bieden voor de nabije toekomst voldoende ruimte om in de ruimtebehoefte van bedrijven in gemeente Beuningen te voorzien. In deze structuurvisie worden dan ook geen uitbreidingen van of nieuwe bedrijventerreinen voorzien. Vanuit de stadregio ligt er wel een claim op een gebied aan de A73, deels op Beunings grondgebied, met het oog op een eventuele uitbreiding van bedrijventerrein Bijsterhuizen5. Mocht deze uitbreiding er op termijn komen, stelt Beuningen een goede landschappelijke inpassing richting Beuningse Veld als randvoorwaarde. Dit kan door het bestaande Personnenbos te vergroten, zodat deze als groene afzoming fungeert. Ook voor het al in gebruik genomen deel van Bijsterhuizen streven we naar realisatie van een landschappelijke afzoming, door de aanleg van groen langs de randen. Agrarische sector Het open kommengebied is en blijft het domein van de agrarische sector. Het gebied blijft grotendeels gevrijwaard van stedelijke ontwikkelingen en de sector heeft ruimte om te ondernemen. Schaalvergroting is mogelijk onder voorwaarden welke in het bestemmingsplan buitengebied zijn geregeld. Dat geldt ook voor verbrede landbouwactiviteiten (zoals nevenactiviteiten op het gebied van recreatie en zorg). Detailhandel De bestaande winkelfuncties in de kernen en de perifere detailhandel op Park De Heuve, willen wij zo veel mogelijk handhaven. We dragen hier aan bij door gerichte kwaliteitsversterkende maatregelen op een aantal plekken te treffen. Voor Weurt wordt ingezet op verbetering van de inrichting en uitstraling van Laan 1945. In Ewijk wordt de herken-

baarheid van het centrum vergroot door de Klef zichtbaar te maken vanaf de Julianastraat. Er is ruimte om de huidige supermarkt te vergroten. Ook willen we de verspreid liggende winkels zoveel als mogelijk naar de Klef trekken om op deze manier optimaal van elkaars aanwezigheid te kunnen profiteren. Voor deze extra winkels wordt ruimte gecreëerd. In Beuningen willen we het centrum verder versterken door de zichtbaarheid en kwaliteit van een aantal entrees te verbeteren. Als de locatie van De Lèghe Polder vrijkomt ontstaat een kans het centrum aan deze zijde opnieuw vorm te geven en af te ronden. Ook in het gebied tussen Thorbeckeplein en Wilhelminalaan liggen kansen voor kwaliteitsverbetering. De hier aanwezige (situering van) bebouwing ontneemt deels het beeld vanaf de Wilhelminalaan op het centrum en doet wat rommelig aan. Vanaf de Wilhelminalaan kan de herkenbaarheid van het centrum verbeterd worden. In de visies voor de kernen (hoofdstuk 5) gaan we hier nader op in. Ondernemerschap De bevordering van het ondernemerschap draagt bij aan de economische vitaliteit van Beuningen. Door de mogelijkheden voor aan-huis-gebonden-beroep te verruimen kunnen we het ondernemerschap stimuleren. Hiervoor is een specifieke regeling opgesteld. Maximaal 45% van het bruto-vloeroppervlak van de woning en de bijbehorende bouwwerken, tot ten hoogste 45 m², mag worden gebruikt voor een niet-publieksgerichte aan huis verbonden beroeps- of bedrijfsactiviteit. Middels een te verlenen omgevingsvergunning kunnen onder voorwaarden ook publieksgerichte beroepen of bedrijven aan huis worden toegestaan door bevoegd gezag.

4.3 Accommodaties, voorzieningen en leefbaarheid Zorg Om aan de toenemende behoefte aan verschillende typen van zorg- en woonzorgvormen te voldoen moeten we samen met onze partners een forse inspanning leveren. Ons streven is om voor elke kern in Beuningen een woonzorgcomplex en een woonservicegebied (zie ook 3.3.) te kunnen (blijven) aanbieden. In de kern Beuningen wordt het zorgcentrum Alde Steeg vernieuwd en uitgebreid met groepswoningen, een zorghotel en zorgappartementen, waar mensen met behoefte aan verschillende vormen van zorg, verpleging en behandeling permanent of tijdelijk kunnen wonen. Daarnaast wordt nagedacht over de realisatie van een woonservicegebied op locatie De Hutgraaf. In Ewijk worden zowel het complex Waelwick als het voormalige schoolgebouw de Duivendonck herontwikkeld tot een woon(zorg)complex c.q. -servicegebied. In Winssen staat de huidige woon- en zorgfunctie van complex De Overmars onder druk. De locatie waarop de Overmars is gevestigd, geeft mogelijkheden om de woon-/zorgfunctie opnieuw gestalte te geven in een nieuw, aan deze tijd aangepast concept. In Weurt zetten we in op een verdere clustering van de bestaande wozoco-voorzieningen rond de Kloostertuin. Sport In het beleid voor sportvoorzieningen richten wij ons op het afstemmen van vraag en aanbod en het optimaal exploiteren en in stand houden van de voorzieningen. De meeste sportvoorzieningen in de gemeente kunnen, met goed onderhoud, de komende 10 jaar vooruit. Vastgesteld kan worden dat het zwembad de Plons en sporthal de

5. In het Regionaal Plan en de verstedelijkingsvisie van de stadsregio zijn zoekzones voor drie regionale bedrijventerreinen (A12, A15 en A73) opgenomen. In de A73-zone wordt rekening gehouden met een regionale ruimtevraag van 63 hectare tot 2015. Hierbij is rekening gehouden met de SER ladder.

31


Tinnegieter qua indeling en gebruiksmogelijkheden gedateerd zijn. In de gedachtevorming over de toekomst van beide accommodaties wordt thans bezien of deze voorzieningen op de huidige plek herontwikkeld kunnen worden of dat samenvoeging van deze voorzieningen, eventueel aangevuld met een dorpshuisfunctie, tot één cluster op één locatie haalbaar is. Dit dient nader onderzocht te worden. Onderwijs In Weurt krijgt de Basisschool de Ruyter een nieuw gebouw. De school is hard aan vervanging toe. Aangezien de school alleen tegen hoge kosten geschikt te maken is voor modern onderwijs, is renovatie geen optie. Twee opties worden voor de school verkend, te weten: inpassing op de locatie van de Kloosterhof of herbouw op de huidige locatie van de school (zie verder ‘Kern Weurt’ 5.2). In de kern Beuningen wordt het aantal scholen tot 2020 teruggebracht van 7 naar 6, na 2020 mogelijk naar 5. De keuze wélke scholen gesaneerd worden, wordt niet in deze structuurvisie bepaald. Sociaal-maatschappelijk Voor de dorpshuizen in Beuningen en Weurt zal binnen de planperiode van deze structuurvisie beleid moeten worden bepaald, aan de hand waarvan besluiten moeten worden genomen over de toekomst van beide gebouwen. Omdat beide gebouwen qua indeling en inrichting gedateerd zijn, zal in de komende jaren bezien moeten worden of, zoals in het geval van de Lèghe Polder, een combinatie met de voorzieningencluster haalbaar is. Voor het dorpshuis de Kloosterhof geldt ook voor de middellange termijn de huidige locatie in Weurt (zie verder ‘Kern Weurt’, 5.2).

4.4 Infrastructuur, verkeer Van Heemstraweg De Van Heemstraweg heeft een belangrijke functie als ontsluitingsweg voor zowel doorgaand verkeer als voor verkeer tussen de kernen binnen Beuningen. Daar staat tegenover dat de Van Heemstraweg op een aantal plekken een letterlijke of voelbare barrière vormt tussen gebieden en functies noord- en zuidwaarts van de weg. Op een aantal plekken willen we de oversteekbaarheid van de Van Heemstraweg daarom verbeteren, zodanig dat de functie als gebiedsontsluitingsweg gehandhaafd blijft. Zo nemen we maatregelen op een aantal kruispunten in Winssen en streven we ook voor de kern Weurt naar de verbetering van de oversteekbaarheid en daarmee de verbinding tussen het noorden en zuiden van het dorp. In Beuningen streven we ter hoogte van de locatie Asdonck naar een vermindering van de barrièrewerking van de Van Heemstraweg. Ter hoogte van de Blatenplak wordt een nieuwe verkeersoplossing in het kader van de ontsluiting van Keizershoeve I voorgesteld. Met een rotonde kan ook hier de oversteekbaarheid worden verbeterd. Zuidelijke Structuurweg Wij kiezen er voor de functie van de Wilheminalaan als centrale as te versterken met een nieuwe zuidelijke verbinding. Door middel van het realiseren van een zuidelijke structuurweg wordt een nieuwe ontsluiting gerealiseerd tussen de Wilhelminalaan en de Schoenaker zuidelijk van de A73. De toename van verkeer op de Wilhelminalaan als gevolg hiervan weegt op tegen de afname van de verkeersdruk op andere wegen in de wijken. De wegen in de wijken worden ontlast waardoor de leefbaarheid en de verkeersveiligheid wordt verbeterd. De intensiteit van de Wilhelminalaan wordt verhoogd maar dit vormt geen probleem voor de verkeersveiligheid en omdat de Wilhelminalaan is ingericht conform de principes van een

gebiedsontsluitingsweg. Het is derhalve geschikt voor de veilige verwerking van het aanbod aan gemotoriseerd verkeer en langzaam verkeer. Ook wordt met de zuidelijke structuurweg de afrit A73 ontlast, waar nu congestie optreedt. Ook biedt de aanleg voordelen voor de fietsroute Beuningen - Wijchen. De nieuwe ontsluitingsweg komt naast de bestaande Elsenpas te liggen, voor een deel aan de noordzijde en voor een deel aan de zuidzijde. Daarvoor wordt de Elsenpas op één plaats doorsneden. Het bestemmingsplan voor de zuidelijke structuurweg is overigens anno 2011 onherroepelijk geworden. Ontsluiting bedrijventerrein Schoenaker Verder willen wij de ontsluiting van bedrijventerrein Schoenaker verbeteren door de capaciteit van de bestaande rotonde te vergroten. Hiermee anticiperen wij op een eventuele vestiging van een transferium op deze plek op de lange termijn. 33

Snelfietsroutes Nijmegen - Beuningen In het kader van het landelijke Fiets Filevrij project zijn ontwerpen opgesteld om Ewijk, Beuningen en Nijmegen te verbinden door middel van zogenaamde snelfietsroutes. Er komen twee tracés. Het tracé van de eerste snelfietsroute volgt de Koningstraat, Burgemeester van Suchtelenstraat en de Pieckelaan. Op de Burgemeester van Suchtelenstraat is de realisatie van een tweerichtingen-fietspad in voorbereiding en op de Leigraaf wordt eveneens de fietsstructuur verbeterd als onderdeel van deze snelfietsroute. De tweede snelfietsroute gaat over de bestaande fietsvoorzieningen langs de Van Heemstraweg. Fietsverbinding Beuningen - Wijchen Recent is in het verlengde van de Wilhelminalaan een fietsroute gerealiseerd tussen Beuningen en Wijchen. Hierbij is de Wilhelminalaan ingericht als fietsstraat. Als gevolg


Utilitair fietsnetwerk

Recreatief fietsnetwerk


van de aanleg van de Zuidelijke Structuurweg, wordt de Wilhelminalaan buiten de bebouwde kom veel rustiger hetgeen de verkeersveiligheid voor het langzaam verkeer bevordert. In de structuurvisie wordt voorgesteld om de fietsverbinding naar Wijchen en Hernen/Bergharen via de fietsroute Steeg, Elsenpas en Ficarystraat verder te verbeteren. Hoogwaardig Openbaar Vervoerlijn Onderdeel van het verbeteren van het openbaar vervoer binnen de Stadsregio is het realiseren van een HOVverbinding tussen Nijmegen, Beuningen en Druten. Hoe deze verbinding verloopt wordt nog bepaald in overleg met de betrokken partijen. Een mogelijkheid is om de route te laten lopen via de Van Heemstraweg, Schoenaker, A73 en N322 naar Druten. Deze HOV-verbinding kenmerkt zich door: hoge frequentie, weinig stops, veel comfort, (deels) exclusieve infrastructuur. Transferia Wij denken dat transferia langs grote wegen, waar autoreizigers kunnen overstappen op openbaar vervoer of wandelend/fietsend hun weg vervolgen, zeker nuttig kunnen zijn. Wij schatten echter in dat op korte termijn de noodzaak c.q. behoefte hiertoe nog onvoldoende aanwezig is om nu initiatief te nemen om transferia in Beuningen aan te leggen. Als deze initiatieven uit de markt komen wil de gemeente wel meewerken, bijvoorbeeld door het bieden van planologische ruimte. Kansrijke locaties voor dergelijke initiatieven staan indicatief op de kaart aangeduid: bij de afslag Schoenaker/A73 en nabij een mogelijk toekomstige aansluiting van de N322 bij Winssen in relatie tot de te ontwikkelen recreatieplas H1.

4.5 Landschap, natuur en water Landschap We kiezen voor behoud én versterking van ons landschap. De natuurlijke uitstraling en dynamiek van de rivier en de

uiterwaarden laten we zo veel mogelijk in tact. We behouden ook de openheid van het kommenlandschap. Dat betekent dat we stedelijke ontwikkelingen als woningbouw, bedrijventerrein of windenergie in het Beuningse Veld weren. De kwaliteit en aantrekkelijkheid van het Beuningse Veld kan meer beleefd worden als we de ‘stedelijke randen’, de A73 en bedrijventerrein Schoenaker aan de zuidzijde en Bijsterhuizen aan de noordzijde, landschappelijk afschermen. Het vergroten van het Personnenbos, met zijn historische en landschappelijke waarde, geeft aan de (zuid-)oostzijde van Beuningse Veld een groene afhechting. In het Waaloeverwalgebied zetten we vooral in op de versterking van landschapskwaliteiten én de beleving daarvan. Met de aanleg van bos, recreatieve paden, een doorlopende watergang (voorwende) en de ontwikkeling van een beperkt aantal landgoederen ontstaat een aantrekkelijk en toegankelijk landschap. In het gebied tussen Beuningen en Weurt willen we de typische kleinschalige landschapstructuur behouden en de groene overgang van het oeverwalgebied naar het Beuningse Veld versterken. Onderdeel hiervan is een goede inpassing van het ARN-terrein en de Beuningse plas. Onderdeel van de uitbreidingen in Ewijk is een zogenaamde ‘groene mantel’ aan zuid- en oostzijde, die ter bescherming of afscherming van invloeden uit de omgeving dient. Tevens heeft de mantel een functie voor de waterberging en als uitloop/recreatie gebied. Voor een duurzame instandhouding van het landschap, wordt er momenteel gewerkt aan een gebiedsuitvoeringsplan (GUP). Dit is een eerste stap naar de invoering van GroenBlauwe Diensten. Het idee is dat particuliere grondeigenaren met aanwezige of potentiële landschapselementen in ruil voor hun groene en blauwe diensten een vergoeding kunnen krijgen. Archeologie Op basis van de Wet op de Archeologische Monumentenzorg zijn gemeenten aangewezen als primair verantwoordelijk voor de (planologische) bescherming van het

archeologisch erfgoed. Uitgangspunt van de Wet is - conform de uitgangspunten van het Verdrag van Valletta - dat archeologisch erfgoed zoveel mogelijk in de bodem bewaard moet blijven. Indien dit niet mogelijk is, moet de informatie uit het bodemarchief worden gedocumenteerd door middel van archeologisch onderzoek. Gemeente Beuningen heeft een archeologische waarden- en verwachtingenkaart en een archeologische beleidsadvieskaart. De beleidskaart is een hulpmiddel bij het uit te voeren beleid. In de Beleidsnota Archeologie is beschreven op welke wijze bij ruimtelijke ontwikkelingen rekening dient te worden gehouden met archeologie. De beide kaarten zijn opgenomen in hoofdstuk 7. Natuur In de gebiedsontwikkeling van de Beuningse uiterwaarde geven we invulling aan de natuurdoelstellingen vanuit Natura 2000. Bij landschapsontwikkelingen worden waar mogelijk inrichting- en beheersvormen gekozen die bijdragen aan ecologisch herstel of ontwikkeling van flora en fauna. Dit is geen doel op zich. In de ontwikkeling van de Krukse wal (geluidduinen ten zuiden en westen van Ewijk) wordt, ter compensatie van de verbreding A50, nieuw bos aangelegd. Water Het gemeentelijk waterplan beschrijft de waterdoelen en stelt ook randvoorwaarden aan ontwikkelingen en ingrepen. Er wordt onder meer ingezet op afkoppeling van verhard oppervlak, verbeteren van de oppervlaktewaterkwaliteit in het buitengebied en in de kernen en het zichtbaar en beleefbaar maken van water. Het Waterbeheerplan 2010-2015 van het Waterschap Rivierenland stelt ook doelen, onder meer gericht op het op orde krijgen van de primaire waterkeringen, het vergroten van het bergend vermogen van het watersysteem in zowel landelijk als stedelijk gebied en het verbeteren van de waterkwaliteit. In deze structuurvisie wordt met een aantal ruimtelijke ontwikkelingen mede invulling gegeven aan bovengenoemde waterdoelen. De aanleg van de nevengeul in de

35


Beuningse uiterwaard draagt bij aan de hoogwaterveiligheid. In het oeverwalgebied willen wij de voormalige loop van de voorwende (het dijktracé uit de 12e en 13e eeuw) terugbrengen in het landschap door deze structuur weer zichtbaar te maken in het landschap. In Weurt (bij het ARN-terrein) en in Ewijk (ten zuiden van de MFA) zijn locaties opgenomen ten behoeve van waterberging. Deze moeten in 2015 gerealiseerd worden.

4.6 Recreatie Recreatief landschap Een belangrijke kwaliteit waarmee we onze recreatieve ambities verder kunnen verwezenlijken is de aantrekkelijkheid en toegankelijkheid van het Beuningse landschap. De voorstellen die we in deze structuurvisie doen om ons landschap te behouden en te versterken, dragen daarom direct bij aan deze ambities. We werken zowel aan de kwaliteit van de verschillende landschapstypen (het rivierenlandschap, het Waaloeverwalgebied, de openheid van het Beuningse Veld) als aan de onderlinge landschappelijke verbindingen (o.a. door de groene invulling van het tussengebied Weurt – Beuningen en de ‘groene mantel’ rond Ewijk). ‘Rondje Beuningen’ Het verbinden van de landschappen doen we ook door een compleet langzaamverkeersnetwerk aan te leggen. Een netwerk van wandel- en fietspaden waarmee de inwoner van Beuningen of de recreant een ‘rondje Beuningen’ kan maken. Het is een combinatie van lokale ‘ommetjes’ rond de kernen en een aantal langere fietspaden die gebieden en plekken met elkaar verbinden. Concreet stellen we de volgende verbindingen voor, waarmee het ‘rondje’ compleet kan worden gemaakt: • Wandelpad door de Beuningse uiterwaard; • Wandelpaden in Waaloeverwalgebied (o.a. Kwelpad en


pad langs Voorwende); • Diverse ‘ommetjes’ in het tussengebied Beuningen – Weurt; • Diverse ‘ommetjes’ in de ‘groene mantel’ rond de uitbreidingen in Ewijk; • Fietspad langs de Oude Wetering (in Beuningse Veld); • Fietspad langs de Nieuwe Wetering (in Beuningse Veld) (aantakken op route Nijmegen – Appeltern); • Vrijliggend fietspad Ewijk – Winssen (is inmiddels gerealiseerd); • Voor fietser aantrekkelijk maken van de verbinding Jonkerstraat – Broekstraat – Elsenpas; om de verbinding tussen Beuningse Plas en Beuningse Veld te versterken; • Veerpontverbinding Beuningen – Slijk Ewijck (is inmiddels gereed); • Op het moment dat de H1-locatie tot ontwikkeling is gekomen, zetten we in op een goede fietsverbinding vanaf de H1 noord- en zuidwaarts. Recreatieve knooppunten De recreatieve structuur wordt, naast het landschap en het recreatief padennetwerk, gecomplementeerd door een aantal recreatieve ‘knooppunten’. We hebben het dan over De Groene Heuvels en in de toekomst de Beuningse Plas en de H1-locatie. Groene Heuvels Voor De Groene Heuvels willen we ruimte bieden om hier een kwalitatieve impuls te kunnen geven. Voorwaarden voor ontwikkeling hier zijn dat ingrepen of nieuwe functies gerelateerd zijn aan het recreatief medegebruik van het water en geen afbreuk doen aan het groene rustige karakter van de plek en de omgeving. Een eventuele toename van de verkeersintensiteit mag niet leiden tot knelpunten in de verkeersafwikkeling.

Beuningse Plas Na de winning van zand zal de Beuningse Plas een recreatieve functie gaan vervullen met een kleinschalig karakter bedoeld voor inwoners uit Beuningen. Natuurontwikkeling krijgt vorm langs de oost en zuidoevers van de plas. De toegang naar de waterplas wordt via verschillende verbindingen mogelijk gemaakt. Voor de recreatieve functie komt er aan de westoever - en voor een deel aan de noordoever op het westelijke eiland - een zandstrand. Aan de zuidoever komt mogelijk de vestiging van een watersportvereniging. Omdat er op het zuidelijk deel van de randzone een manege is gerealiseerd zal ook een ruiterpad rondom de waterplas worden aangelegd. Maar ook voor de recreant te voet wordt het mogelijk om rond de plas te lopen. Op de route wordt bovendien een aantal rustpunten gecreëerd. De doorgaande fietsverbinding met Nijmegen zal mogelijk zijn via de Pieckelaan of via de zuidkant van de Jonkerstraat. Aangezien de zuidrand naar de Rijksweg A-73 zal worden afgeschermd door een grondwal, wordt de geluidsoverlast daarmee beperkt. De Beuningse Plas wordt verder aangetakt op de ‘ommetjes’ in het tussengebied Beuningen – Weurt. Ook een extensief recreatief hergebruik van het ARN-terrein zien wij als een goede aanvulling.

4.7 Milieu en duurzaamheid Onze ambitie duurzame energieopwekking geven we invulling door de focus te leggen op toepassingen van zonne-energie. Wij zetten niet in op windenergie, omdat de plaatsing van windmolens in het Beuningse Veld of langs de A73/Maas en Waal weg een grote impact op het landschap heeft. Ook opties als energie halen uit verbranding van biomassa of koude-warmte opslag is onderzocht maar niet haalbaar geacht. Voor toepassing van zonne-energie zien wij verschillende opties; zoals opvang van zonneenergie integreren in de geluidswallen (A73/A50), aanleg van solar-fields in open gebieden of daken van agrarische gebouwen inzetten voor aanleg van zonnepanelen. Ook streven we naar de aanleg van klimaatbos. Mogelijke locaties hiervoor zijn de zone langs de A50, in het project geluidduinen, bij de uitbreiding van het Personnenbos en in de landgoedontwikkeling in het Waaloeverwalgebied. 37

H1-locatie Na afronding van de zandwinplas ten zuiden van Winssen, de H1-locatie, willen wij ook deze plas een recreatieve functie geven. Recreatieve initiatieven Wij willen particuliere recreatieve initiatieven stimuleren. Vooral in het oeverwalgebied en in het Beuningse Veld zien wij op beperkte schaal kansen voor kleinschalige nieuwe initiatieven zoals een mini-camping, bed-enbreakfast, theehuis, museum, kunst of een bezoekerscentrum. In aanvulling daarop willen we langs de dijk op een beperkt aantal plekken ruimte bieden voor horeca.

Klimaatbos De term `klimaatbos` wordt gebruikt voor aangeplante bossen die er voor bedoeld zijn kooldioxide op te slaan. Door die omzetting neemt de hoeveelheid CO² in de atmosfeer en daarmee in theorie het wereldwijde broeikaseffect af. In Nederland worden er op verschillende plaatsen klimaatbossen aangelegd.


Structuurvisiekaart - uitsnede Beuningen


5 Gebiedsuitwerkingen 5.1 Kern Beuningen Hoofdopgaven In de kern Beuningen is de laatste jaren al veel geinvesteerd. Daardoor kent de kern Beuningen op structuurniveau momenteel een beperkt aantal opgaven. De hoofdopgaven voor Beuningen zijn: 1. Aandacht voor cultuurhistorie. De kern Beuningen is in de laatste drie decennia erg hard gegroeid. Dat heeft Beuningen bijzondere woonwijken gegeven met ieder een eigen identiteit, maar de consequentie is ook dat er geen sterke zichtbare herinnering bestaat aan de kern Beuningen. Het is de ambitie om de nog aanwezige structuren en elementen in het dorp beter zichtbaar te maken. 2. Versterken van de relatie met het omliggende landschap. De ambitie is de relatie tussen het dorp en het ommeland te versterken. 3. Gebiedsopgave Asdonck. Op deze plek ligt een specifieke opgave om de hier beoogde woningbouw te ontwikkelen in samenhang met de kwaliteit of potentie die deze locatie heeft als entree voor de kern Beuningen. Ook de ligging van de Asdonck aan de drukke Van Heemstraweg, welke nu min of meer een barrière vormt, vormt onderdeel van de gebiedsopgave. Locatie Asdonck wordt als vitale wijk ontwikkeld. Ook ligt er een mogelijkheid om hier een gemeentebrede accommodatie te vestigen. 4. Herontwikkeling Hutgraaf, de vitale wijk. De locatie van de Hutgraaf kan herontwikkeld worden ten be-

hoeve van woningbouw. De gemeente Beuningen wil met deze herontwikkeling de omliggende woonomgeving een positieve impuls geven. Hier wordt de vitale wijk ontwikkeld. Ook hier ligt er een mogelijkheid om een gemeentebrede accommodatie te vestigen. 5. Afronding van het centrum. Het centrum is het afgelopen decennium stevig vernieuwd. Het is de ambitie om een laatste verbeterslag te geven aan het centrum. Deze kans bestaat door herontwikkeling van het gemeenschapshuis ‘de Lèghe Polder’ en door kwaliteitsversterking van het gebied Wilhelminalaan - Thorbeckeplein. 6. Evenemententerrein Beuningen.

39

Keuzes Aandacht voor cultuurhistorie De gemeente Beuningen wil de cultuurhistorische waarden die “onder” de structuur van het dorp liggen meer zichtbaar maken. In het verleden zijn veel structuren reeds verdwenen. Daar waar de geschiedenis nog zichtbaar is wil de gemeente de waarden en elementen bewaren. Recent zijn het kwaliteitshandboek openbare ruimte en een groenstructuurplan opgesteld. Beide documenten sturen op verbetering van de buitenruimte . Versterken van de relatie met het omliggende landschap Op verschillende plekken wil de gemeente de bereikbaarheid van het omliggende landschap verbeteren. Zo wordt er aan de noordzijde ingezet op een betere oversteekbaarheid van de van Heemstraweg en bestaat de ambitie om

Historische reeks kern Beuningen en omgeving


het landschap ten noorden van de kern toegankelijker te maken. Hiervoor is de visie “Oeverwal als landgoed” ontwikkeld. De essentie van deze visie is geïntegreerd in de structuurvisie via hoofdstuk 5.5. Aan de zuidzijde grenst de A73 aan de kern Beuningen. Het zou een meerwaarde zijn als de A73 op meer plaatsen oversteekbaar is, waarmee het Beuningse Veld en Personnenbos beter bereikbaar worden. Op dit moment is dat niet realistisch. Wel zal de gemeente zich sterk maken voor een betere oversteekbaarheid op het moment dat een reconstructie van de A73 en/of de zogenaamde “Duitse bocht” (knooppunt Neerbosch) aan de orde komt. Tussen Beuningen en Weurt ligt een landschap dat de beide kernen van elkaar scheidt. De gemeente Beuningen wil de kwaliteit en functionaliteit van dit landschap versterken. Dit wordt verder uitgewerkt bij de gebiedsgerichte uitwerking van de kern Weurt (zie paragraaf 5.2). Daarbij behoort natuurlijk ook aandacht voor een goede bereikbaarheid van het landschap. Ruimtelijke kwaliteitsversterking Asdonck Eind 2010 is op locatie Asdonck reeds gestart met de bouw van een bioscoop in dit gebied. Nu bestaat het voornemen op de Asdonck woningbouw te realiseren. De locatie Asdonck heeft door de ligging (dichtbij het centrum, aan de Van Heemstraweg) en de kwaliteit van de omgeving (een open, groen gebied rond de kerk) de potentie om een beeldbepalende plek voor de kern Beuningen te zijn. Ook liggen er kansen om hier de entree naar het centrum vorm te geven of te markeren. Om deze poort naar het centrum goed vorm te geven, zal naast de woningbouwontwikkeling, ook de openbare ruimte tussen de Asdonck en het centrum een impuls moeten krijgen. De locatie de Asdonck sluit redelijk aan op het centrumgebied. Zowel via Wilhelminalaan, de Dorpssingel en Schoolstraat zijn de locatie Asdonck en centrum goed

met elkaar verbonden. Door een aantrekkelijker inrichting – met meer verblijfskwaliteit – kan deze ruimte als een echte schakel gaan werken tussen centrum en de Asdonck. In die ontwikkeling is het ook gewenst dat de oostelijke pleinwand (aan de Klaproosstraat) wordt verbeterd. In deze wand zitten nu enkele functies (detailhandel en zakelijke dienstverlening) die beter een plek kunnen krijgen in het centrum. Binnen deze gebiedsontwikkeling kan mogelijk ook de vestiging van een gemeentebrede accommodatie worden geïntegreerd. Herontwikkeling Hutgraaf (vitale wijk) Specifiek voor de Hutgraaf zien we een kans om met de herontwikkeling naar een woongebied en eventuele gemeentebrede accommodatie, ook de omliggende woonwijk een positieve impuls te geven waarmee hier een vitale wijk kan ontstaan.

Onder een vitale wijk verstaan we een gemeenschap, waar allerlei mensen samenwerken, samen wonen en hun vrije tijd doorbrengen. Er is sprake van een evenwichtige bevolkingsopbouw, differentiatie aan woonvormen en woningtypen, er is sprake van ontmoeting en er zijn voorzieningen die dat mogelijk maken. Het is er veilig en er is oog voor elkaar. Het is een omgeving waar wonen, woonomgeving, welzijn en zorg is afgestemd op de bewoners van de wijk/kern.

6. Visie stedenbouwkundige ontwikkeling locatie Hutgraaf, gemeente Beuningen, 2008

Voor de ontwikkeling van de Hutgraaf zijn stedenbouwkundige uitgangspunten vastgelegd in een notitie6. De gemeente streeft naar een kwaliteit op de Hutgraaf die recht doet aan de locatie en de context. De volgende uitgangspunten gelden voor de gebiedsontwikkeling: • De Hutgraaf vertoont in ruimtelijke opzet, bebouwingsbeeld, architectonische uitwerking en inrichting van de openbare ruimte een duidelijke samenhang; • Het beeld van de Hutgraaf reageert in lijn en structuur op de aangrenzende woonbuurten waarbij maat en schaal in harmonie zijn met de omgeving; • Waar mogelijk openhouden van doorzichten van en naar het buitengebied en het laten binnendringen van het landschap; • De oorspronkelijke kenmerken van de oude landwegen zo veel mogelijk versterken waarbij de lintbebouwing langs de Lindenstraat duidelijk verschilt t.o.v. overige bebouwing op de Hutgraaf, waarbij er wel een samenhang is; • Bebouwing langs de oude linten is geïnspireerd op de traditionele bebouwing met zadeldaken; • Duurzaamheid als uitgangspunt voor zowel de gebouwde voorziening als het openbaar gebied. Afronding van het centrum Bij een eventuele herontwikkeling of verplaatsing van het dorpshuis ontstaat een kans het centrum aan deze zijde opnieuw vorm te geven en af te ronden. De locatie kan ruimte bieden aan de versterking van de detailhandelstructuur. Ook kan er ruimte worden geboden om extra woningen toe te voegen aan het centrum. In een nadere uitwerking moet in beeld gebracht worden met welk programma het centrum het meest versterkt wordt. In ruimtelijk opzicht ontstaat er een kans het introverte en stenige karakter van dit gebied te doorbreken.

41


Het centrum is de afgelopen jaren stevig aangepakt. Als zich de kans voordoet zien we voor de toekomst nog de wens de locatie tussen Thorbeckeplein en Wilhelminalaan te verbeteren. Vanaf de Wilhelminalaan zou de herkenbaarheid van het centrum verbeterd kunnen worden.

Het is de wens dat aan het beeld vanuit het Beuningse Veld naar de dorpsrand groener zal worden. Door zorgvuldige plaatsing van enkele bosjes kan het beeld verzacht worden, echter zodanig dat de openheid van het Beuningse Veld niet verloren gaat.

Beeld vanaf de snelweg De kern Beuningen en Ewijk liggen aan de A73. Aan de A73 bestaan verschillende beelden van de kern(-en). Ter hoogte van de nieuwe wijk de Beuningse plas zijn recent geluidswalwoningen gerealiseerd en is een tamelijk groen beeld ontstaan, even verderop presenteert het bedrijventerrein zich naar de A73 en er wordt hard gewerkt aan de ontwikkeling van het zogenaamde “geluidduinenlandschap� ter hoogte van Ewijk. Alleen de entree van Beuningen kan positiever. Met name de kleine kassen die zichtbaar zijn vanaf de A73 verstoren het beeld. Dit beeld vraagt om verbetering.

Clusteren scholen, clusteren zorgvoorzieningen In de komende planperiode zal een herschikking van de basisscholen in Beuningen plaatsvinden. Concreet is de gedachte in Beuningen-noordwest van 7 naar 6 scholen te gaan, in de periode tot 2020. Na 2020 is de capaciteit van 5 scholen voor geheel Beuningen voldoende. Nieuwbouw is niet aan de orde. Naast de clustering van scholen kent Beuningen 2 clusters waar verschillende zorgvoorzieningen aanwezig zijn, te weten aan het Tujapark en Aalsterveld. De structuurvisie biedt de ruimte dat deze clusters in de toekomst verder versterkt kunnen worden.

Fietsen in Beuningen In Beuningen bestaat al een fijnmazig fietsnetwerk. Op enkele punten zijn verbeteringen gewenst. De belangrijkste verbetering ligt op de snelfietsroute langs de van Heemstraweg en snelfietsroute van Ewijk naar Nijmegen door de kern Beuningen.

43


Structuurvisiekaart - uitsnede Weurt


5.2 Kern Weurt Hoofdopgaven De hoofdopgaven voor Weurt: 1. Verbinden van Weurt. Weurt wordt doorsneden door de van Heemstraweg. Deze weg vormt een barrière in het dorp die de inwoners van Weurt graag zien verdwijnen. De gemeente Beuningen wil zich sterk maken de barrière zoveel als mogelijk te verzachten zodat de beide zijden van Weurt beter met elkaar verbonden zijn. Op de lange termijn blijft het de ambitie om de van Heemstraweg af te waarderen of zelfs weg te halen in Weurt. 2. Op zoek naar een hart. Het dorp Weurt kent geen duidelijk dorpshart. De bevolking van Weurt zou graag zien dat er een dorpsplein zou zijn waar voorzieningen meer geconcentreerd liggen en waar ontmoetingen kunnen plaatsvinden. Gezien de beperkte ruimtelijke en financiële speelruimte kiezen wij voor een realistische insteek waarin de opgave niet is één hart te creëren maar voorzieningen vooral te verbeteren en beter met elkaar te verbinden. 3. Versterken van synergie van voorzieningen. Weurt beschikt over een redelijk voorzieningenniveau. Het is naar de toekomst toe een opgave deze voorzieningen te behouden en te versterken. De centrale opgave is meer synergie te bereiken. 4. Accupunctuur, verbeteren van de openbare ruimte. De openbare ruimte in Weurt en de structuur van verschillende woongebieden is tamelijk schraal. De structuurvisie reikt ideeën aan hoe de belevingswaarde en functionaliteit van de ruimte in de toekomst verbeterd kan worden.

Intermezzo. Worsteling voor Weurt. Al in 2006 is gestart met het nadenken over verbeteringen in het Weurt. Het toenmalige gemeentebestuur van Beuningen had aan een klankbordgroep vanuit het dorp gevraagd na te denken over de gewenste toekomstrichting. Deze groep heeft in 2008 een ambitieuze visie gepresenteerd. In deze visie was de belangrijkste ingreep dat de van Heemstraweg werd opgeheven, het verkeer in de toekomst om het dorp heen zou rijden of zich diffuus een weg zou moeten zoeken door de kern. Doordat deze barrière fysiek zou verdwijnen én voorgesteld werd het sportveld te verplaatsen, ontstond ruimte om een compleet nieuw dorpshart te maken waardoor de beide delen van Weurt met elkaar verbonden konden worden. Een bijzonder inspirerend idee! Dit idee is echter – tot grote teleurstelling van de klankbordgroep – niet door de gemeenteraad vastgesteld. Eind 2010 heeft het nieuwe gemeentebestuur besloten dat de van Heemstraweg niet kan worden opgeheven omdat deze van belang is voor de bereikbaarheid van de gemeente. Ook een rondweg werd niet wenselijk en haalbaar beschouwd. Vanwege de inmiddels stevig teruggelopen woningbouwmogelijkheden in de gemeente Beuningen is vervolgens een volgende pilaar onder ontwikkelingen vervallen; waar begin van deze eeuw woningbouw nog een oplossing was voor veel problemen en herstructurering eenvoudig te realiseren was, moeten we anno 2011 realistisch zijn over de woningbouwmogelijkheden vanwege de stilgevallen vraag. Eind 2010 is de klankbordgroep opnieuw gestart met als doel – gegeven de beperkingen – een nieuw perspectief te schetsen voor Weurt. Dit nieuwe perspectief heeft zijn weerslag gevonden in de structuurvisie. De klankbordgroep is er in geslaagd om voor de kortere termijn een aangepaste visie voor Weurt op te stellen, zonder dat ze haar lange termijn ambitie volledig heeft moeten verlaten. In deze structuurvisie wordt een nieuwe visie voor Weurt geschetst. Alles wat overeind is gebleven uit de oude conceptvisie is 1:1 overgenomen.

45


Origineel beeld

Visualisatie


Keuzes Verbinden van Weurt De ambitie is de relatie tussen de beide delen van Weurt weer te herstellen door de van Heemstraweg voor een deel te verlagen. Door de van Heemstraweg te verlagen wordt de zichtrelatie Kerkstraat – Postkantoorstraat weer hersteld. Om de fysieke relatie te verbeteren is het idee om de kruising aan te passen tot een grote rotonde met een middenruimte waar men zich even vrijwaart van het autoverkeer. De omgeving van de rotonde wordt zo groen mogelijk ingericht. Daarmee wordt het groene beeld dat ontstaat komende uit de richting Nijmegen doorgezet. Naast deze ingreep is de wens dat de van Heemstraweg op meerdere plaatsen goed oversteekbaar wordt. Bijvoorbeeld kan de route Broekmanstraat – Schoolplein hersteld worden. Ook kan de route Pastoor Jonckerstraat – Broekmanstraat hersteld worden. Het is tevens wenselijk dat het wegprofiel van de Van Heemstraweg heringericht wordt zodat het hard rijden onaantrekkelijk is. Het verleggen van de komgrens wat verder westelijk zou daarbij een verbetering zijn; zo voelen automobilisten eerder dat ze het dorp in rijden. Deze structuurideeën vragen natuurlijk nog een ontwerpverfijning. Ze illustreren wel duidelijk de ambitie om Weurt te verbinden. Op zoek naar een hart Deze visie kiest er voor om – in samenhang met de te versterken synergie tussen de voorzieningen – Laan 1945 te gaan verbeteren als een “voorzieningenas” in het dorp. Deze as verbindt de sportvelden met het dorpshuis de Kloosterhof. De ambitie is aan Laan 1945 een pleintje te realiseren waar ruimte is voor activiteiten en het prettig verblijven is. Dit pleintje zou kunnen ontstaan door de supermarkt te herontwikkelen en iets naar achteren te plaatsen. Bij deze herontwikkeling kunnen boven de supermarkt enkele woningen worden gerealiseerd. In de verdere uitwerking van

Intermezzo. Van Heemstraweg lange termijn. Het eindbeeld voor Weurt op de lange termijn is nog steeds - zoals de eerder genoemde klankbordgroep steeds bepleit heeft - dat de van Heemstraweg in Weurt zijn zware verkeersfunctie als doorgaande route zal verliezen. Deze ambitie is anno 2011 of in de looptijd van deze structuurvisie niet te realiseren. Als de van Heemstraweg ooit zou verdwijnen, ontstaat er tussen de beide delen van Weurt ruimte die nader ingevuld kan worden en de beide delen van Weurt kan verbinden.

dit idee moet ook het huidige parkeerpleintje betrokken worden. Laan 1945 kan veel interessanter worden ingericht met voldoende ruimte voor voetgangers en fietsers. In de uitwerking van dit idee kunnen de bestaande plantsoentjes bij deze weg worden betrokken zodat er wat meer ruimte ontstaat om een echt pleintje te realiseren. Overwogen kan worden het parkeren beter te organiseren. De gemeente wil meer planologische mogelijkheden bieden zodat er ook meer activiteiten een plek kunnen krij-

Structuurvisiekaart - uitsnede Weurt

gen aan het pleintje en Laan 1945. Het is een meerwaarde als er een cafeetje of restaurant zou worden gerealiseerd en als de voorzieningen die nu gevestigd zijn aan de zuidzijde van de Postkantoorstraat zouden worden verplaatst naar Laan 1945. De gemeente zal daar ruime planologische mogelijkheden voor bieden, bijvoorbeeld met flexibele bestemmingen in het bestemmingsplan. Versterken van de synergie tussen voorzieningen Binnen Weurt bestaan diverse gebouwen voor maatschappelijke functies die verouderd zijn en op korte of wat langere termijn om vernieuwing vragen. De Basisschool de Ruyter staat daarbij bovenaan de prioriteitenlijst. Ook het gemeenschapshuis de Kloosterhof is oud en voldoet niet meer aan de eisen van deze tijd. De Kloosterhof staat echter nog niet op korte termijn op de planning om te worden vernieuwd. Weurt beschikt daarnaast over een uitstekende sportzaal die voor de schaal van de kern groot is. Als er op dit moment een nieuwe binnensportaccommodatie gebouwd zou moeten worden zou deze op grond van de actuele normen niet zo groot zijn als de huidige sporthal. Met andere woorden Weurt heeft een nu geweldige sportzaal die ze graag willen behouden op de huidige locatie. Het is alom bekend dat verschillende maatschappelijke functies beter tot hun recht komen als er een goede af-

47


dorpse bestrating

1-richtingsverkeer

suggestiestrook langsparkeren aan één zijde door andere richting klinkerpatroon

1,5m.

2,5m.

3 m.

ruimte creëren voor parkeerstrook (met grasstenen) en bomen

1,5m.

versmallen tot 1-richtingsverkeer

klinkers in één kleurtint voor een meer dorpse sfeer

woningdifferentiatie samenvoegen van woningen

1m. 1,5m. 2,5m.

5m.

1m. 1,5m.

ruimte creëren voor parkeerstrook (met grasstenen) en bomen

ruimte voor parkeerkoffers ruimte creëren voor parkeerkoffers minder auto’s in het zicht op straat

mogelijk ruimte voor bomen bij gebruik parkeerkoffers

Accupunctuur: bouwstenen voor het verbeteren van de woonomgeving

strook van voo benutten om fiel te verbred

strook van voortuinen benutten om straatprofiel te verbreden

differentiatie

pandverbeteringen

pandverbeteringen toestaan

smal bandje om stoep autovrij te houden

strook voortuinen betrekken

1 , 5m

1,75m . . 2m .

5m


n betrekken

reëren voor trook (met en) en bomen

strook voortuinen betrekken-2 strook van voortuinen benutten om straatprofiel te verbreden

1 , 5m

1,75m . . 2m .

5m.

1,75m . 2m. 1,5m.

ruimte creëren voor parkeerstroken (met grasstenen) en bomen

stemming en samenhang tussen deze functies bestaat. Zowel voor de gebruikers als voor beheer en exploitatie biedt meer samenhang voordelen. Concepten die hier het bewijs van zijn en die steeds meer ontwikkeld worden, zijn het ‘Kulturhus’ en de ‘brede school’. Het is onze ambitie om deze synergie te bereiken en daarvoor gaan we onderzoekenof het haalbaar is om de Basisschool de Ruyter te herbouwen in samenhang met een nieuwe voorziening van de Kloosterhof bij de bestaande sportzaal. Een eerste programmastudie toont aan dat deze integrale herontwikkeling hier ruimtelijk-planologisch mogelijk is. Bij de planuitwerking verdient de aansluiting op de woonomgeving bijzondere aandacht. Naast een ruimtelijk-planologisch toets zal eveneens een financiële afweging plaatsvinden. Deze afweging zal mede bepalend worden voor de haalbaarheid van een integrale herontwikkeling. De vrijkomende locatie van Basisschool de Ruyter zou dan door middel van nieuwe woningen een positieve impuls kunnen geven aan de woonomgeving. Accupunctuur, verbeteren van de openbare ruimte Met name het zuidelijk deel van Weurt vraagt in de toekomst om verbetering. Deze structuurvisie geeft slechts bouwstenen voor het verbeteren van deze omgeving.

keerkoffers

Deze verbeteringsmogelijkheden liggen op verschillende vlakken. 1. Verbetering van de openbare ruimte. De buitenruimte is momenteel schraal van inrichting en is ook wat beperkt om de vele geparkeerde auto’s een plek te geven. Door een herinrichting van het profiel kan het beter worden. Een mogelijkheid daarbij is sommige straten in te richten voor eenrichtingsverkeer zodat er minder ruimte nodig is voor rijdend verkeer en meer ruimte voor wandelaars, fietsers en groen. 2. Verruimen van de openbare ruimte. Een tweede mogelijkheid is dat de openbare ruimte meer lucht krijgt doordat bewoners een stuk van hun tuin ‘inleveren’. 3. Verruimen door herstructurering. Een derde mogelijkheid om meer lucht te krijgen in dit deel van Weurt is door selectieve sloop. Op enkele strategische plekken zou mogelijk een parkeererfje gemaakt kunnen worden, wat ontspanning in de openbare ruimte geeft. 4. Benutten van binnenterreinen. Op enkele binnenterreinen lijkt ruimte te bestaan. De waarde van het gebruik van deze ruimte zou geëvalueerd moeten

Massastudie locatie Kloosterhof - BO2

49


worden. Er bestaat de indruk dat deze ruimten beter en intensiever benut kunnen worden waardoor elders meer ruimte kan ontstaan. 5. Pandverbetering. Door ruimte te bieden aan bewoners om hun panden te kunnen verbeteren ontstaat er meer dynamiek in het zuidelijk deel van Weurt. Door ruimere planologische mogelijkheden (bijvoorbeeld in bestemmingsplannen) te bieden en het welstandstoe-

zicht te verruimen zal er meer geïnvesteerd worden en krijgt deze woonomgeving een impuls. De geschetste beelden zijn slechts illustraties. Kwaliteitsverbetering oude linten Het is de ambitie om de herkenbaarheid van de oudere linten te versterken. Zoals eerder beschreven kunnen de linten die de van Heemstraweg kruisen (Pastoor van de

Verbeteren van de openbare ruimte: meer lucht in de straten - ruimte voor parkeerkoffers

Markstraat, Jonkerstraat, Postkantoorstraat, Kerkstraat) weer aangesloten worden op de van Heemstraweg. Het is tevens de ambitie deze routes fraaier en in aansluiting op de historische karakteristiek her in te richten. De gemeente Beuningen geeft in haar recente “Handboek Kwaliteit Openbare Ruimte (HKOR)” meer sturing aan. De karakteristieke lintbebouwing met z’n afwisselende functies, perceelgroottes, bebouwingsmassa’s en bouw-


stijlen dienen als leidraad voor nieuwe ontwikkelingen binnen deze linten en onderstrepen daarmee de hoofdstructuur van de kern. Versterking en herkenbaarheid van deze ruimtelijke structuur worden nagestreefd. Ook de profielen zullen zodanig moeten worden ingericht dat deze recht doen aan de betekenis als hoofdstructuur en het landelijke karakter van de kern. De overgang naar het landschap van deze linten gebeurt geleidelijk, de bebouwing neemt in dichtheid af en hier en daar wordt het landschap zichtbaar. Op beperkte schaal zal op specifieke plekken nog bebouwing kunnen worden toegevoegd. De afwisseling in open, groene plekken en bebouwing met zicht op het achterliggende landschap blijft uitgangspunt. Kwaliteitsverbetering bedrijventerrein, bedrijvigheid Gestreefd wordt naar verbetering van de overgang tussen het woongebied aan de zuidzijde van de kern en het bedrijventerrein grenzend aan dit woongebied. Herstructurering van deze zone is gewenst, waarbij ingezet kan worden op een groene woonwerk-zone die zo een vanzelfsprekende en geleidelijke overgang vormt van bedrijvigheid naar wonen. Het gebied aan de zuidzijde van Weurt blijft zijn functie als bedrijventerrein behouden. Daarbij is een zonering, waarbij de lichtere bedrijvigheid met name aan de zijde van de woongebieden wordt geprojecteerd, gewenst. Bedrijvigheid binnen de woonbuurten is niet gewenst, een kantoor aan huis is wel mogelijk. Op Laan 1945 kunnen we ons juist wel voorstellen dat er kleinschalige activiteiten worden ontwikkeld, mits ze passen in de woonomgeving. Gedacht kan worden aan kleinschalige en lichte bedrijven die geen hinder veroorzaken voor de aangrenzende woongebieden. Deze activiteiten ondersteunen het dynamische karakter van deze laan. Langs de Westkanaaldijk is – in de flanken van het sportpark – ruimte om bedrijvigheid, al dan niet in combi-

natie met wonen, te ontwikkelen. Het gaat daarbij om lichtere bedrijvigheid en/of kantoren. De ontsluiting, voor het werkgedeelte, zal altijd vanaf de Westkanaaldijk plaatsvinden. De Westkanaaldijk eindigt aan de noordzijde in de uiterwaarden. Hier wordt niet voorzien in het toevoegen van andere functies om de rust voor het aangrenzende natuurgebied van de uiterwaarden niet verder te belasten. Een mogelijk aan te leggen parkeerterrein zou wel gebruikt kunnen worden voor eventuele wandelaars van de uiterwaarden. Woningbouw Binnen Weurt bestaan er in de toekomst enkele mogelijkheden om woningen te realiseren. Inmiddels is in 2011 het plan Roozenburg vastgesteld. Hier zullen 43 woningen worden gerealiseerd. Als de Basisschool de Ruyter verplaatst wordt, zal de vrijkomende locatie met woningbouw kunnen worden ingevuld. De opgave is daarbij een woningtype en buitenruimte toe te voegen die een kwaliteitsimpuls aan de wijk geven. Wenselijk zijn woningen voor senioren. Ook boven de supermarkt worden kansen gezien woningen te realiseren. Dit is natuurlijk alleen zinvol wanneer de supermarkt herontwikkeld wordt in combinatie met het gewenste dorpspleintje. Het omliggende landschap Weurt ligt in het rivierengebied. De daarbij behorende te onderscheiden landschapstypen omringen de kern. Het onderscheid in die verschillende landschapstypen vormt het uitgangspunt voor de toekomstige ontwikkelingen in de groene en recreatieve zone tussen Weurt en Beuningen. De grens tussen de oeverwal en de komgebieden is aan de westzijde van Weurt nog helder aanwezig. Het verloop van watergangen, kavelrichtingen en een nog aanwezige steilrand markeren de rand tussen beiden. Het versterken

en benutten van het contrast tussen de grootschalige, robuuste structuren van het komgebied en de kleinschalige, mozaïekachtige structuur van de oeverwal vormt het uitgangspunt bij nieuwe ontwikkelingen. Nieuwe initiatieven dienen bij te dragen aan de landschapsontwikkeling van deze zone. De hoofdlijn voor het landschap is conserveren en toegankelijk maken. Voor de oeverwal stuurt het beleid “oeverwal als landgoed”, waarin ook nieuwe landgoederen worden voorzien. Voor het deel oeverwal ten zuiden van de van Heemstraweg wordt ingezet op conserveren en toegankelijk maken. Hier worden geen nieuwe rode ontwikkelingen voorzien. Wel zijn er mogelijkheden voor transformatie van bestaande erven. Daarbij is echter geen verdere verstening of intensivering gewenst. Het verkleinen van de schaal van het landschap kan goed door het ontwikkelen van boomgaardjes. Ook in het kommenlandschap is de strategie conserveren en toegankelijk maken. Het is gewenst het terrein van de ARN te verbinden met het landschap en toegankelijk te maken. Dit gebied kan voor extensieve recreatie benut worden. Meer zuidelijk van het ARN-terrein wordt de Beuningse plas gemaakt. Hier zijn meer activiteiten gewenst, bijvoorbeeld in de vorm van een dagstrandje met eenvoudige ondersteunende voorzieningen. De zone tussen de Waaldijk en de noordelijke rand van de kern blijft z’n groene agrarische karakter behouden. Bij mogelijke functieverandering in deze zone is de aanwezige karakteristiek het uitgangspunt. De uiterwaarden hebben een hoofdfunctie voor de natuur en daar zijn ontwikkelingen in de toekomst opgericht. Intensieve recreatieve ontwikkelingen worden in dit gebied niet voorgestaan. In de kern Weurt ligt het oppervlaktewater met name ondergronds in lange duikers. Op het moment dat zich kansen voordoen, wordt gestreefd naar het opnieuw beleefbaar maken van dit oppervlaktewater.

51


Structuurvisiekaart - uitsnede Ewijk


5.3 Kern Ewijk Voor de kern Ewijk bestaat een structuurplan7 voor de uitbreiding van de dorpskern en een structuurvisie voor het centrum8. Beide plannen zijn door de gemeenteraad vastgesteld en blijven van kracht. De hoofdlijn van deze plannen is in de gemeentelijke structuurvisie geintegreerd. Hoofdopgaven De hoofdopgaven van Ewijk: 1. Centrumontwikkeling. De hoofdlijn van de structuurvisie centrum Ewijk is het centrum zowel ruimtelijk als functioneel te versterken. Dit is één van de grootste opgaven voor Ewijk in de nabije toekomst waarmee de leefbaarheid van deze kern wordt ondersteund. 2. Relatie met het landschap en historie. Bij de ontwikkeling van het dorp Ewijk zijn de landschappelijke waarden en de cultuurhistorie steeds een drager van de ontwikkelingen. Ewijk ligt ingeklemd tussen de van Heemstraweg, Schoenaker en de omliggende Rijkswegen. Ewijk heeft rondom de kern voldoende uitloopmogelijkheden. In de nabije toekomst zal de kern Ewijk echter verder groeien. Daarbij is het ontwikkelen van goede relaties met het landschap van groot belang. 3. Ontwikkeling woningbouw. De gemeente Beuningen is enige jaren geleden gestart met de ontwikkeling van een aanzienlijk aantal woningen rond de kern Ewijk. Daarmee werd beoogd het voorzieningenniveau van Ewijk te ondersteunen en een onderscheidend nieuw woonmilieu te realiseren. Vanwege de temporisering (faseren en doseren) die heeft plaats gevonden, staat de woningbouw in Ewijk onder druk. De gemeente Beuningen wil zich sterk maken de voorgenomen plannen te realiseren.

De Keuzes Centrumontwikkeling Ontwikkeling van het centrum De gemeente Beuningen wil zich sterk maken om het centrum van Ewijk te verbeteren. Het ontwikkelen van het centrum van Ewijk is er op gericht een beter herkenbaar, vitaler en compacter dorpshart te realiseren. In dat centrum moet ook ruimte zijn voor wonen en zorg.

We stellen ons voor dat het gebouw op de begane grond letterlijk en figuurlijk geopend wordt; er wordt voorgesteld om een doorgang in het gebouw te maken waardoor men vanaf de voorzijde zo de binnentuin kan bereiken.

Een herkenbaar, vitaal en compact Hart We kiezen er voor het centrum van Ewijk duidelijker herkenbaar, vitaler en compacter te maken. De herkenbaarheid van het centrum wordt vergroot doordat het zichtbaar wordt “opgehangen“ aan de Julianastraat. Zo wordt de Klef directer zichtbaar vanaf de Julianastraat. Een goede supermarkt is een essentiële motor van een vitaal centrum, deze kan dan ook uitbreiden. Verder is het beleid erop gericht dat verspreid liggende winkels zoveel als mogelijk naar de Klef verplaatsen om op deze manier optimaal van elkaars aanwezigheid te kunnen profiteren. Voor extra winkels wordt ruimte gecreëerd.

Een heldere structuur Het centrum en omgeving heeft nu al een heldere structuur die gevormd wordt door de Julianastraat en de van Heemstraweg –als historische dragers van het oude Ewijk– die belangrijke lijnen vormen. Deze beide lijnen zullen in de toekomst een sterker en aantrekkelijker beeld krijgen. Aan deze oude lijnen ligt het historische Ewijk met monumenten en een beleefbaar landschap dat tot in de kern loopt. Verder bestaat de structuur van het centrum uit een raster van straten en informele doorsteekjes die samen een zekere bouwblokmaat definiëren. Een bijzondere lijn in dat raster is een achterpad dat parallel loopt aan de oostzijde van de Julianastraat. Dat pad is te (her)ontwikkelen als een belangrijke informele route. Samen met de informele doorsteekjes die reeds bestaan tussen de Julianastraat en het achterliggende gebied vormen de paden de aders van het centrumgebied.

Een hart met 2 kamers Het nieuwe dorpshart bestaat uit 2 met elkaar samenwerkende kamers. Één kamer is de gemoderniseerde Klef waar de winkels geconcentreerd worden. Een centrum is echter niet alleen maar een ruimte om boodschappen te doen, er moet ook volop ruimte zijn voor ontmoeting. Een aantrekkelijke verblijfsruimte is de tweede kamer van Ewijk die samen de Klef één hart vormt. De tweede kamer wordt vormgegeven rondom het voormalige schoolgebouw de Duivendonck. Rondom de voormalige school ontstaat een parkachtige ruimte en ruimte voor nieuwe (zorg)woningen. Het bestaande voorplein van de school wordt de publieke voortuin van het gebouw.

Verbeteren beeldkwaliteit, Julianastraat Het centrum van Ewijk vraagt om versterking van de beeldkwaliteit. Het gaat om een aantrekkelijker inrichting van de openbare ruimte en sterker beeld van de bebouwing. De sfeer moet vooral dorps en eenvoudig zijn. Met name het beeld van de Julianastraat willen we verbeteren. Aan de Julianastraat liggen diverse historische panden die de geschiedenis van het dorp laten zien. We willen dat alle bebouwing aan deze straat van een hoge kwaliteit is. De Klef wordt aan de Julianastraat gekoppeld door de Julianastraat ter plaatse van de Klef als het ware “te openen”. Het bijeenbrengen van deze functies is voor het voortbestaan van winkels van belang. Aan de Julianastraat

7. Structuurplan Ewijk, LOS, 2008 8. Structuurvisie centrum Ewijk, LOS, 2009

53


Spelregels - Structuurvisie centrum Ewijk

verbeterde inrichting Julianastraat

het achterpad

markant gebouw/ deel van een gebouw

mogelijke oversteek van Heemstraweg

behouden bestaande korrel van de Julianastraat

verbeterde entree van Ewijk incl. markant gebouw

mogelijkheid voor nieuw bouwblok

Plankaart - Structuurvisie centrum Ewijk


is zeker wel plaats voor publieksaantrekkende functies, echter de winkelfuncties moeten zoveel als mogelijk een plek krijgen op de Klef. De Julianastraat moet beter en aantrekkelijker ingericht worden. Een hoogwaardiger inrichting van de straat met meer ruimte voor bomen is de wens. Verbeteren beeldkwaliteit, de entree van Ewijk De Julianastraat moet beginnen bij de rotonde. Vandaar dat de inrichting van de openbare ruimte één geheel moet zijn. De entree wordt met een nieuw gebouw gemarkeerd. Voor het nieuwe gebouw kan –op een eigentijdse wijze – gerefereerd worden aan het oude gemeentehuis dat hier ooit stond. Het nieuwe gebouw moet het gemis dat in Ewijk wordt gevoeld vanwege het verdwijnen van het oude gemeentehuis goed maken. Er komt een representatief gebouw dat past bij de maat van de van Heemstraweg en de entree naar het centrum benadrukt.

bijgevoegde visualisaties geven een impressie hoe de bestaande bebouwing een volstrekt nieuw een wervende uitstraling kan krijgen. De juiste keuze vraagt nog wel om uitwerking, de visualisaties laten alleen de kansen zien. Ook de pleinvloer van de Klef moet verbeterd worden. Voorstel is een ruime comfortabele stoep langs de gevels te leggen. Deze stoep ligt los van de ruimte voor de auto, er moet wel goed geparkeerd kunnen worden. 3. de ruimte moet beter begrensd worden waarmee de Klef intiemer en gezelliger wordt. Op het huidige plein wordt een gebouw geplaatst dat op de begane grond ruimte zal bieden aan centrumfuncties, daarboven wordt gewoond. Met dit gebouw wordt het plein intiemer en ontstaat een betere overgang naar de

Relatie met het landschap aandacht voor cultuurhistorie Voor de gehele ontwikkeling van Ewijk geldt dat respect voor het onderliggende landschap, verbinding met het omringende landschap en aandacht voor cultuurhistorie als belangrijke keuze. Deze keuze werkt in allerlei voorstellen door. Zo worden, zoals hiervoor beschreven, bij de versterking van het centrum cultuurhistorische waarden als sturend gezien. Dit uit zich onder andere in de aandacht voor de Julianastraat, behoud van de voormalige school, maar ook de aandacht voor het achterpad. Ook voor de uitbreiding van de kern Ewijk is het onderliggende landschap een bron van inspiratie. Hieronder worden enkele elementen eruit gelicht.

Verbeteren beeldkwaliteit, de Klef e.o. Een belangrijke keuze voor het centrum is dat de winkelfunctie van Ewijk versterkt moet worden. Gezien de bestaande structuur ligt de meest haalbare oplossing daarvoor op de Klef. Daarvoor moet de Klef zichtbaar worden vanaf de Julianastraat. De Klef moet als het ware “in het licht treden”. Door middel van 3 belangrijke ingrepen willen we dat bereiken. 1. de entree naar de Klef wordt ruimer en aantrekkelijker de uitstraling van de “kop” van de Klef wordt verbeterd. De bestaande zijgevel van de supermarkt zal veranderen van expeditieruimte naar een transparante winkelwand met een brede stoep voor voetgangers. Op de hoek van de Klef en de Julianastraat krijgt het bouwblok een uitnodigend accent. 2. de inrichting van het plein en de kwaliteit van de wanden worden verbeterd. De bebouwing van de Klef kan op eenvoudige wijze in het “licht treden”. De

woonomgeving. Het gebouw moet zichtbaar zijn vanaf de Julianastraat om zo zichtbaar te maken waar het winkelhart van Ewijk ligt.

55

• De uitbreiding wordt gedragen door de oude linten van Ewijk waar vooral het behoud van het karakter voorop staat. Voor de linten is slechts een beperkte verdichting mogelijk (zie verder) • In de uitbreiding vormt (zichtbare en onzichtbare) archeologie een belangrijk thema. Dit komt onder ander tot uitdrukking in Keizershoeve 1 waarin een groot park wordt gerealiseerd waarin archeologie “zichtbaar” wordt gemaakt. • Rondom de nieuwe uitleggebieden van Ewijk wordt aan de zuidzijde het geluidwallenlandschap “de Krukse Wal” gerealiseerd. Dit landschap schermt Ewijk af van de snelweg en biedt tevens ruimte voor ontspanning. Aan de zijde van de A50 wordt eveneens ruimte gecreëerd voor het realiseren van afschermende voorzieningen. Nieuwe relaties naar de overzijde van de snelwegen worden niet voorzien. Visualisatie de Klef- Structuurvisie centrum Ewijk


1

2

• De gemeente Beuningen zet verder in op een betere oversteekbaarheid van de van Heemstraweg en werkt aan een veilige oversteek van de Schoenaker ter hoogte van de Koningstraat. • In de nieuwe uitleggebieden zal het onderliggende landschapspatroon gebruikt worden als inspiratie voor de vormgeving van de woongebieden. De afronding van Ewijk Deze gemeentelijke structuurvisie neemt de hoofdkeuzes uit het bestaande structuurplan voor Ewijk over.

3

4

5

Hoofdkeuzes - Structuurplan Ewijk

1. Het landschap wordt gebruikt als onderlegger. Landschapskenmerken, zowel in het veld herkenbare elementen als historische verwijzingen, archeologie en bodemtechnische bijzonderheden, vormen het vertrekpunt het ontwerp van het gebied. De ondergrond biedt aanleidingen voor variatie in identiteit en karakter. 2. Linten vormen de dragers van Ewijk. Historische linten dragen zowel de bestaande kern als de nieuwe ontwikkelingen. Om de nieuwe wijken te dragen worden nieuwe linten ontwikkeld. Om het karakter en kwaliteit van de historische linten te behouden en te versterken worden deze linten zoveel mogelijk ontzien van (auto) verkeersdruk. Voor de linten die liggen in het hart van het dorp (in het groene hart) wordt gekozen voor een beheerstrategie. Hier wordt niet nieuw gebouwd. Alleen vervangende nieuwbouw is hier mogelijk. Voor de historische linten buiten het Groene Hart is enige verdichting mogelijk. Tussen de bebouwingsclusters moet voldoende open ruimte en doorzicht aanwezig zijn. 3. Het Groene Hart en historie vormen het hart van de kern. Het Groene Hart is een belangrijke drager van de identiteit. Dit Groene Hart strekt zich uit tot over enkele linten heen. Het Groene Hart zal functioneren als een tweede centrum van activiteiten, vooral maat-


schappelijk gericht, naast het bestaande winkelcentrum. Door nieuwe uitbreidingen rondom het Groene Hart, op enige afstand van het Groene Hart, krijgt het hart een centrale positie in Ewijk. Het Groene Hart met de linten die hier samenkomen is een belangrijke identiteitsdrager van de dorpse sfeer en geeft uitstraling van Ewijk. Het is Groene Hart wordt op plekken toegankelijk en verbindt verschillende delen van het dorp. Nu en op termijn kan het Groene Hart plaats geven aan allerlei dorpsfuncties die zich goed laten inpassen in dit landschap 4. Ewijk wordt door groen omarmd. Om de positie van Ewijk ten opzichte van Beuningen en de omgeving te benadrukken én de kern af te schermen van snelwegen en bedrijventerreinen wordt Ewijk omarmd door groen. Deze groene mantel heeft tevens een functie voor de waterberging en als uitloop/recreatie gebied. De mantel kent in hoofdlijn 3 beelden: • Aan de westzijde zorgt de Krukse Wal voor beschutting van de A50 en richting het zuiden de A73. De Krukse Wal is een glooiend heuvellandschap. Geluid wordt hier geweerd van de woonomgeving. De Krukse Wal krijgt een landschappelijk uiterlijk, zowel in vorm als beplanting. Paden lopen vanuit de woonomgeving naar de Krukse Wal. Bewoners kunnen de woonomgeving vanaf de wal beleven. • Een breed plas-drasgebied vormt de buffer tussen woongebied Hoge en Lage Woerd en het bedrijventerrein Schoenaker. Dit plas-drasgebied zorgt voor wateropvang. Tevens vormt het een uitloopgebied vanuit de woonomgeving. • Langs de Schoenaker ligt een groenzone waarbinnen ook diverse functies liggen. Aan de Ewijkse zijde zal een route langs de mantel lopen. Langs deze mantel liggen tevens o.a. de sportvoorzieningen en een crematorium

5. Woningbouw rondom de bestaande kern. Er wordt gekozen voor een onderscheid tussen de afronding van de dorpskern van Ewijk en de nieuwe dorpse woongebieden. De nieuwe dorpse woongebieden liggen in een schil rondom het dorp, iets los van de kern. De locaties Keizershoeve 3 (Klaphekstraat), Toornsehof en een deel van Keizershoeve 1 maken onderdeel uit van de dorpskern. Voor deze 3 locaties samen (afronding dorpskern) wordt uitgegaan van de realisatie van samen ca. 320 à 370 woningen: • Keizerhoeve 1 (westelijk deel, deel dat bij het dorp hoort); • Keizershoeve 3 (Klaphekstraat); • Toornse Hof. Te midden van een waardevol dorpslandschap worden 3 nieuwe dorpse woongebieden gerealiseerd. Ieder gebied heeft een eigen karakter en sfeer. • Keizershoeve 1 wat inmiddels in ontwikkeling is (oostelijk deel ); • Keizerhoeve 2; • De Woerden. Voor de sturing op de ontwikkeling van de verschillende woonvlekken wordt verwezen naar het structuurplan Ewijk. Aanhaking hoofdontsluiting Het nieuwe woongebied wordt ontsloten vanuit het noorden via de bestaande kern van Ewijk en vanuit het oosten middels 2 aansluitingen op de Schoenaker. De huidige aansluiting van de Koningstraat op de Schoenaker wordt een aansluiting voor langzaam verkeer. Met 3 externe aansluitingen zal het verkeer zich evenwichtig verdelen over de woongebieden van Ewijk. Ook om het dorpse karakter te benadrukken wordt niet gekozen voor een interne verkeerslus. Het verkeer vindt op natuurlijke wijze zijn weg. In de nieuwe woongebieden worden nieuwe dorpslinten

ontwikkeld die de woongebieden dragen en de interne hoofdverkeersstructuur vormen. Indicatieve verkeersrelatie Om de nieuwe woongebieden onderling en met de bestaande woongebieden te verbinden worden enkele dwarsrelaties gelegd. De nieuwe dorpslinten zijn aangelegd als drager van de verschillende deelgebieden en worden op enkele plekken op elkaar aangesloten. De locaties waar de nieuwe linten op elkaar aansluiten zijn indicatief op de structuurplankaart weergegeven. Fietsstructuur De Koningstraat zal niet meer voor autoverkeer aansluiten op de Schoenaker. Deze route krijgt primair een functie voor het langzaam verkeer en verbindt Ewijk met Beuningen. Verder wordt voor langzaam verkeer een fijnmazig netwerk aangelegd. Water Water is een interessant ruimtelijk middel om een bijzondere woonomgeving te maken. Het structuurplan ambieert water zichtbaar te maken en identiteit te laten geven aan de woonomgeving. In het nieuwe woongebied zal een waterpartij komen die de Woerden scheidt. De bestaande Plas van Melssen ligt op een geringe afstand van de woonomgeving. Uitdaging voor de beide waterpartijen is de oevers op plekken toegankelijk te maken waarmee recreatief interessante plekken ontstaan. Bij de plas in de Woerden kunnen woningen ook af en toe aan het water liggen waarmee een bijzondere woonomgeving ontstaat. In de huidige situatie liggen enkele A-watergangen in het plangebied die cruciaal zijn voor de waterhuishouding. Naast het belang voor de waterhuishouding zijn de A-watergangen waardevol om langzaamverkeersroutes langs te leggen en het landschap en de wijk beleefbaar te maken.

57


LEGENDA plangrens groene mantel dorpslandschap groene hart dorpslandschap water A-watergang afronding dorpskern (bebouwing) woongebied historisch lint in groene hart historisch lint woongebied - bestaand aanhaking hoofdontsluiting indicatieve verkeersrelatie verkeersrelatie fiets geledingszone -1 geledingszone -2 geledingszone -3 groen en water landmark verdichtingsmogelijkheid sportvelden

Plankaart - Structuurplan Ewijk


Overige keuzes De van Heemstraweg Ook de beleving van Ewijk vanaf de van Heemstraweg wordt verbeterd. Als referentie geldt de situatie die op veel plaatsen aan de van Heemstraweg voorkomt; grotere voorname panden, voormalige boerderijen en bijgebouwen op een ruim perceel dat steeds uitziet over het landschap. Daarnaast bestaat de ambitie de oversteekbaarheid van de weg te verbeteren om het achterliggende landschap beter bereikbaar te maken. Dat kan in ieder geval op de aansluiting bij de rotonde en de te verbeteren aansluiting op de Blatenplak. Daarnaast moet onderzocht worden of daartussen nog enkele voetgangersoversteken gemaakt kunnen worden, in het verlengde van enkele routes in de dorpskom.

ruimte binnen de bestaande wegen en nieuwe paden als nieuwe bouwblokken te ontwikkelen. Er wordt doorgeborduurd op de losse dorpse verkaveling zoals deze in Ewijk voorkomt. Voor de invulling van deze bouwblokken gelden enkele eenvoudige spelregels. Ook direct achter de kerk worden enkele woningen toegevoegd. Deze zijn gericht op de omliggende wegen. We hanteren dezelfde spelregels. Een deel van het bestaande parkje dat achter de kerk ligt wordt gehandhaafd. Aan de Sint Janspas worden kansen gezien voor verbetering van de bestaande seniorenwoningen die aan de achterzijde liggen (tegen het zwembad aan). Ook hier gelden min of meer dezelfde spelregels. Bij dit bouwblok moet aandacht worden gegeven aan de kwaliteit van de binnenruimte. Momenteel is het een parkeervlakte. De ruimte kan ontwikkeld worden als een binnentuin.

Woongebieden omgeving Waelwick De omgeving van het huidige verzorgingshuis Waelwick zal herontwikkeld worden. Daarbij kiezen we ervoor de

Ewijk Noord Tussen de Waalbandijk en de van Heemstraweg ligt nog een oud stukje Ewijk. Het bijzondere slot Dodendaal met

Bestaande situatie Van Heemstraweg

Visualisatie Van Heemstraweg

de landgoedachtige omgeving dient natuurlijk in deze kwaliteit behouden te blijven. Verder westelijk ligt een gebied dat rommelig is door kassenontwikkeling. De gemeente Beuningen geeft met de visie “Oeverwal als landgoed� richting aan de gewenste kwaliteitsversterking in dit gebied. Bestaande woongebieden Een groot deel van de kern Ewijk bestaat uit bestaande woongebieden. Hier liggen voor de nabije toekomst geen grote structuurvragen. Wel moet hier voortdurende aandacht bestaan voor het behoud van de ruimtelijke kwaliteit en de leefbaarheid

59


Structuurvisiekaart - uitsnede Winssen


5.4 Kern Winssen Ook voor de kern Winssen is een afzonderlijke structuurvisie opgesteld9. De hoofdlijnen van deze structuurvisie zijn in de gemeentelijke structuurvisie geintegreerd. Hoofdopgaven De hoofdopgaven van Winssen: 1. Organisch doorontwikkelen. Winssen onderscheidt zich van de omliggende kernen van de gemeente Beuningen doordat het landschap sterk verweven is met de totale kern. Vanuit bijna elke hoek van de kern kan dit worden beleefd door het zicht op boomgaarden, weilanden, bos of de dijk. Binnen dit kleinschalige patroon liggen ontwikkelingsmogelijkheden voor de organische groei van het dorp waarbij de opgave is de bestaande karakteristiek te behouden. 2. Behouden van voorzieningen rondom het Groene dorpshart. Voor Winssen is de opgave de maatschappelijke en commerciële functies duurzaam te behouden. Daarbij is het groene dorpshart een belangrijke verbindende kwaliteit. Keuzes Organische ontwikkelingen in de kernranden Voor de kernranden geldt een algemene ontwikkelingsrichting. Onder de volgende kopjes deze algemene richting verder gespecificeerd naar deelgebieden. Uitgangspunt voor het gehele gebied van Winssen is het behouden van de huidige structuren en het open karakter. Daarbij wordt ingezet op versterking van de lintstructuren, onder andere door het toevoegen van laanbeplanting. Verder moeten de karakteristieke zichtlijnen vanaf de linten naar het landschap worden gewaarborgd. Dat houdt in dat er op een aantal plekken niet gebouwd mag worden. De meest cruciale, markante zichtlijnen moeten open blijven. 9. Structuurvisie Winssen, SAB, 2010

In Winssen is in het verleden op verschillende plaatsen een vorm van ‘geclusterde bebouwing’ ontstaan. Op de plankaart zijn deze clusters aangegeven: aan de Haneman, bij de Biezenwaarden en aan de Deijnschestraat. Aan de linten is nieuwe geclusterde bebouwing mogelijk, mits deze in overeenstemming is met de overige uitgangspunten van de structuurvisie, zoals ‘kleinschalig’, ‘passend binnen het dorpse en landschappelijke karakter’ en ‘met behoud van zichtlijnen’. Initiatieven moeten aan deze criteria worden getoetst. Er is bewust voor gekozen om geen specifieke locaties aan te wijzen voor nieuwe geclusterde bebouwing. Dergelijke initiatieven worden beschouwd als spontane ontwikkelingen behorend bij organische groei. In het landelijke gebied rondom Winssen moet de ontwikkeling van een landgoed of buitenplaats mogelijk zijn. In de structuurvisie is ook hiervoor niet op voorhand een specifieke locatie aangewezen. Deelgebied oostzijde van de kern (Tussen de Ing. van Stuivenbergweg, Notaris Stephanus Roesstraat en de Van Heemstraweg). In de toekomstige ontwikkelingen zou gewaarborgd moeten worden dat het open gebied behouden blijft. Door aan de randen van dit gebied juist extra te verdichten, kan de openheid worden versterkt. Die verdichting mag alleen bestaan uit groene landschappelijke elementen, zoals solitaire bomen of boomgroepen. Naar de Hoge Waard toe, is er weinig bebouwing langs de Ing. van Stuivenbergweg. Hier kan geleidelijk worden uitgebreid, met respect voor het bestaande landelijke karakter. Deelgebied noordzijde van de kern (De zone tussen de dijk, ten noorden van de oostelijke en westelijke uitlopers van de linten en ten noorden van de kern, naar de dijk). De inzet is om de variatie in het landschap te behouden

en daarmee ook de agrariërs in dit gebied. Er moet spaarzaam met bebouwing worden omgegaan. Er zijn al wat kleinschalige bebouwingsconcentraties. Deze zijn mooi ingebed in het landschap. Voorlopig zou het bij deze bebouwing moeten blijven om het landschappelijke karakter van dit gebied te behouden. Deelgebied zuidzijde van de kern (Tussen de Kennedysingel en de Van Heemstraweg, tussen de Geerstraat en de Leegstraat). Het gebied biedt wel mogelijkheden voor uitbreiding, maar uitsluitend langs een nieuw aan te brengen verbinding tussen de Geerstraat en de Leegstraat, in het midden van het gebied. Vanaf dat nieuwe lint zijn noord-zuidzichtlijnen mogelijk. Bij de bebouwing van het lint moet worden uitgegaan van het karakter van de andere dorpse linten: afwisselend, ruimte tussen de huizen met dorpse en groene elementen en een passende inrichting van de straat. Er wordt uitgegaan van een organische bouw: geleidelijk en kleinschalig. Op langere termijn kan er, als een natuurlijke verbinding met het dorp, een extra lint worden gerealiseerd tussen het nieuwe lint en de Kennedysingel. Op de plankaart is als een dwarslintje aan het nieuwe lint de zogenaamde Abdijhof ingetekend, een project van enkele woningen met specifieke stijlkenmerken. Deelgebied tussen van Heemstraweg en Koningsstraat (Zuidelijk van de Van Heemstraweg, tussen de Van Heemstraweg en Koningstraat en tussen de verlengde linten van de Geerstraat en de Plakstraat). In de structuurvisie wordt een geleidelijke uitbreiding langs deze linten niet uitgesloten, maar pas voorzien na 2020. Het gebied gaat grenzen aan de zandplas onder de Koningstraat. De sportvelden zijn in deze landschappelijke omgeving geïntegreerd. In dit gebied is nog beperkt ruimte voor (uitbreiding van) agrarische bedrijven. De

61


kwaliteit van het gebied wordt versterkt door variatie in het gebruik van het land: zowel weiland en akkers alsook enkele boomgaarden. Het open karakter van dit gebied moet hierbij behouden blijven. Aan de noordrand van de zandwinplas is ruimte voor het ontwikkelen van kleinschalige recreatieve ontwikkelingen. Grote planmatige ontwikkelingen zijn niet wenselijk, omdat ook hier het behoud van het kleinschalige landschappelijke karakter als uitgangspunt geldt. Behouden van het Groene Hart en voorzieningen Uniek in Winssen, en onderscheidend ten opzichte van de andere kernen op de oeverwal, is een ruim opgezet en open, onbebouwd, dorpshart. Rondom dat Groene dorpshart liggen verschillende belangrijke gebouwen bijeen waardoor Winssen een echt dorpshart heeft. Recent

is een fraaie nieuwe school gebouwd. De open ruimte met zichtlijnen moet behouden blijven. Het is mogelijk deze ruimte anders in te richten met behoud van het groene en onbebouwde karakter. Deze ruimte moet zijn openbare functie behouden. De randen van de groene ruimtes kunnen versterkt worden door aanvullende beplanting, waardoor het groene karakter van Winssen nog krachtiger wordt.

Behouden van maatschappelijke functies Winssen kent een bloeiend verenigingsleven. Bijna elke Winssenaar is lid van verschillende verenigingen. Een dergelijke betrokkenheid is uniek en binnen Winssen is men daar trots op. De bestaande faciliteiten voor de verenigingen (buurthonken, Paulus, sportlocaties) en de jeugd (Pandahara) moeten daarom behouden blijven. Dit heeft geen gevolgen voor de ruimtelijke structuur.

De verschillende functies rondom het groene hart blijven behouden: het plein als ontmoetingsplek en voor het organiseren van evenementen, de kerk, de begraafplaats, de huisartsenpost. Met de nieuwe school is dit hart versterkt. In de structuurvisie is aangegeven dat dit gebied de mogelijkheid geeft om verschillende functies en voorzieningen te mengen.

De huidige woon-/zorgfunctie van de Overmars staat onder druk. Er is blijvende behoefte aan een voorziening voor ouderen in Winssen die niet meer zelfstandig kunnen wonen en zorg nodig hebben. De locatie waarop de Overmars is gevestigd, geeft mogelijkheden om de woon-/zorgfunctie opnieuw gestalte te geven in een nieuw, aan deze tijd aangepast concept. Dit zou een op-


lossing moeten bieden voor ouderen die, vanwege hun gezondheid, niet meer zelfstandig thuis kunnen blijven wonen. Er is behoefte aan een voorziening die een woon-/ zorgcombinatie biedt voor mensen die nog redelijk zelfstandig zijn, maar die structureel zorg nodig hebben (een verzorgingshuis), en voor mensen die vanwege gezondheidsproblemen zijn aangewezen op hoogwaardige en intensieve zorg (een verpleeghuis). Winssen kan op dit gebied een belangrijke functie vervullen. Daarnaast is er behoefte aan appartementen voor mensen die in beperkte mate gebruik willen maken van bepaalde zorgfaciliteiten (een aanleunwoningachtige constructie). Voor de gemeente betekent dit dat zij, waar mogelijk, initiatieven moet stimuleren om binnen Winssen invulling te geven aan deze woon-/zorgbehoefte in Winssen en de regio. Het gebouw van de Overmars valt op door zijn relatief grote schaal en is slecht afgestemd op zijn omgeving. Ook is er niet voorzien in beplanting rondom het gebouw. Voor de uitstraling van Winssen is het belangrijk dat het gebouw en de ruimte eromheen beter aansluiten op de omgeving.

kern toe is er geen ruimte meer voor uitbreiding van de bebouwing aan de linten. Naar de Van Heemstraweg toe zijn er wel mogelijkheden om nog aan het lint uit te breiden, evenals aan de uitloper van de Ing. van Stuivenbergweg. Uitgangspunt voor de structuurvisie is een geleidelijke organische groei. De mogelijkheden voor uitbreiding binnen de stedenbouwkundige hoofdstructuur bestaan uit het opvullen van open ruimtes tussen bestaande bebouwing in de uitlopers van de dorpse linten en langs de landelijke linten, de openheid en de zichtlijnen vanaf de linten. Na 2020 behoort een uitbreiding over de Van Heemstraweg tot de mogelijkheden. Deze (delen van) bestaande linten worden aangeduid met groene linten. De groene linten hebben een eigen karakter, dit houdt in: ruime kavels met bijpassende bebouwing en veel groen. Kwaliteitsverbetering jonge woongebieden Vanaf de jaren 50-60 is Winssen uitgebreid met enkele

Onbebouwd gebied binnen de kom In het gebied Kennedysingel Zuid speelde de vraag of een noord-zuid lint of een oost-west georiĂŤnteerd bebouwin63

Behouden van detailhandel De huidige supermarkt aan de rand van het groene hart van het dorp heeft een belangrijke functie voor Winssen en omgeving. Recent is de directe omgeving verbeterd. De structuurvisie zet in op het behouden van deze functie. Overige keuzes Bestaande Linten en nieuwe Groene linten. De linten vormen het cement van de kern. De sfeer en structuur moet behouden blijven, waarbij de dorps- en groene elementen versterkt moeten worden. Het groene karakter van de Molenstraat, de hoofdader, wordt, waar mogelijk, versterkt door een dubbele bomenrij, de andere linten worden voorzien van een enkele bomenrij. Naar de

planmatig opgezette wijken met een eigen karakter. In de buurt tussen de Jan van Harenstraat en de Alex Willemsstraat wordt het beeld door steen en asfalt bepaald. Hier zou een kwaliteitsslag kunnen worden gemaakt, met name door het aanbrengen van groene elementen. Een deel van het gebied bestaat uit huurwoningen van de woningstichting. Gelet op de ruimtelijke indeling en de leeftijd van de woningen, liggen hier kansen voor herontwikkeling. In de Bongerd is het beeld wat meer gevarieerd, maar ook hier kan met groene elementen het dorpse en landschappelijke karakter worden versterkt. De gemeente heeft inmiddels besloten over de uitvoering van een nieuwe uitbreidingsbuurt: Bongerd-Zuid. Het is wenselijk om in het ontwerp van de wijk groene en dorpse elementen aan te brengen.

Principeschets Groene Linten, SAB, Structuurvisie Winssen


gslint moet worden nagestreefd. Bij de vaststelling van de structuurvisie Winssen is voor een oost-west georiënteerd lint gekozen. Reden hiervoor is ten eerste dat de klankbordgroep een zwaarwegend advies mocht uitbrengen en de een oostwest lint heeft verkozen. Ten tweede ligt de oost-west verbinding nog binnen de bebouwingscontouren en ten derde maakt het knooppunt van het oost-west georiënteerde bebouwingslint naar onze mening bebouwing in een landgoedsfeer mogelijk, waarmee ook recht wordt gedaan aan de visie Nieuw Netwerk Landgoederen. Bij de ontwikkeling van het nieuwe lint moeten wel de kernmerken van de bestaande dorpslinten als uitgangspunten worden aangehouden. Dat houdt in: afwisseling in de bouw, ruimte tussen en achter de huizen voor groene doorkijkjes en laanbeplanting. Een extra lint voor de bebouwing van het nieuwe lint met het dorp behoort tot de mogelijkheden. Nieuwe woningbouw in Winssen Voor een evenwichtige samenstelling van de bevolking van Winssen, is het nodig dat er een woningvoorraad is met woningen die op de verschillende groepen zijn afgestemd. Dit houdt in dat er een uitbreiding moet komen van goedkope huurwoningen voor starters. De kwaliteit van nieuwe woningen is een extra aandachtpunt in Winssen. Behouden en versterken van de dorpse groene structuur staat voorop, wat inhoudt dat de bouw een vriendelijke uitstraling moet hebben, te bereiken door de stijl van het ontwerp. Duurzaamheid, positie plaatsing op de kavels en de ruimte rondom de woning is daarbij van belang. Het voorzien in gebiedseigen beplanting spreekt bijna voor zichzelf. Werken in Winssen De bedrijvigheid en de kleinschalige opzet daarvan in en om de kern moeten behouden blijven. Uitbreiding van de

bedrijven is niet wenselijk. Een kleine uitbreiding van het werken kan zich voordoen als gevolg van recreatieve ontwikkelingen bij de zandplas. Het bedrijf tussen de Ing. van Stuivenbergweg en de dijk is negatief van invloed op de leefbaarheid in het dorp. Het heeft de voorkeur om de bedrijvigheid op deze plek bij beëindiging van het bedrijf af te waarderen en de mogelijkheden voor functieverandering op dat moment open te houden. Woningbouw behoort daarbij tot de mogelijkheden. Langs de linten aan de rand van de kom van het dorp bevinden zich enkele grote niet-agrarische bedrijven. De inpassing in het groene karakter van de kern nog verbeteren. Kleinschalige recreatieve ontwikkelingen De sportvelden voldoen aan de behoefte. Het is nodig dat er een veilige oversteekplaats komt voor fietsers aan de Van Heemstraweg ter hoogte van de sportvelden. Deze is voorzien in de structuurvisie. Het landschap rondom Winssen nodigt fietsers en wandelaars uit om ervan te genieten. Deze vorm van recreëren en benutten van de landschappelijke waarden van Winssen en omgeving past bij het uitgangspunt kleinschalig en vormt geen bedreiging voor het rustige leefklimaat in het dorp. De uitstraling van Winssen als landschappelijke parel in het rivierengebied wordt versterkt door het vergroten van de aantrekkingskracht op dit soort recreanten. Daarom zijn de volgende aanvullingen op de bestaande mogelijkheden gewenst: • uitbreiding van het routenetwerk voor fietsers; • meer wandelpaden en ommetjes; • de toegankelijkheid vanuit het dorp naar de uiterwaarden vergroten; • een ‘rustieke’ stopplaats op de dijk, bijvoorbeeld in de vorm van een theehuis.

Verbeteringen in de infrastructuur In de toekomst zijn enkele aanpassingen – geen nieuwe infrastructuur – gewenst. De structuur blijft behouden, maar er zijn enkele kwaliteitsslagen te maken om de wegen aan te passen op het gebruik en ook om het dorpse karakter van Winssen te versterken. Dat begint met de Van Heemstraweg. In de toekomst is het de bedoeling dat de overgang van de dorpse kern naar het landelijk gebied ten zuiden van de Van Heemstraweg meer geleidelijk is. De Van Heemstraweg wordt veiliger door deze te ontlasten van doorgaand verkeer. Hiervoor is het noodzakelijk om te zorgen voor een betere ontsluiting naar de zuidelijker gelegen Maas en Waalweg. Daarnaast kan door een aanpassing in de inrichting van de weg worden bevorderd dat automobilisten zich houden aan de maximum snelheid van 50 km. Bovendien moeten ter verbetering van de veiligheid alle kruisingen met de Van Heemstraweg overzichtelijker worden gemaakt. Het verbeteren van de verkeerssituatie bij de Notaris Stephanus Roesstraat en de Plakstraat is al jaren een punt van aandacht. Vanwege de sportvelden aan de zuidzijde van de Van Heemstraweg wordt deze hier overgestoken door jeugdige fietsers en hun ouders. Deze kruising is onoverzichtelijk en daardoor onveilig. De structuurvisie gaat uit van een veilige oversteekmogelijkheid. Omdat de Notaris Stephanus Roesstraat, de Leegstraat en de Geerstraat de verbindingen naar de unieke dorpskern zijn, zou de oversteek gemarkeerd kunnen worden bij de drie afslagen van de Van Heemstraweg naar de kern van Winssen. Er kan gedacht worden aan landschappelijke elementen (een opvallende boom) of een monumentale kunstuiting

65


5.5 Oeverwalgebied en uiterwaarden Hoofdopgaven De hoofdopgaven zijn: 1. Voor het oeverwalgebied te komen tot groen-blauwe ruimtelijke structuur waarmee dit gebied een toekomstvast en robuust ontwikkelingsperspectief wordt geboden. Het gaat om de ontwikkeling van de Waaloeverwal als een samenhangend superlandgoed, dat zich van z’n omgeving onderscheidt door: eenduidigheid in de toepassing van landschapselementen, bebouwing en infrastructuur en het beheer daarvan. Daarnaast dient de recreatieve toegankelijkheid en aantrekkelijkheid van het gebied te verbeteren door het toevoegen van een langzaamverkeersnetwerk, ingebed in een aantrekkelijke landschappelijke setting. Tot slot is de opgave een realistische strategie te ontwerpen voor dit landschappelijke raamwerk, waar particuliere initiatieven worden beoordeeld op de bijdrage die zij kunnen leveren aan de (zelf-)realisatie van deze landschappelijke ambitie. 2. Voor de uiterwaarden te komen tot een integrale gebiedsontwikkeling (binnen het project Waalweelde) waarbij onder meer invulling wordt gegeven aan; • verbetering van de ruimtelijke kwaliteit van het uiterwaardlandschap; • ruimte voor waterstandsdaling; • behoud en verdere ontwikkeling van karakteristieke riviernatuur; • behoud, versterken van de leesbaarheid van het landschap en behoud van cultuurhistorische elementen; • mogelijk hoogwaardig wonen in de natuur; • sanering van de ruimte voor industrie; • versterken van de recreatieve waarden en ontsluiting. Keuzen Oeverwalgebied De gemeente Beuningen wil het unieke en waardevolle

Waaloevergebied duurzaam ontwikkelen en behouden voor de toekomst. Er wordt ingezet op het tegengaan van de verrommeling van het landschap en er wordt geanticipeerd op de groeiende behoefte aan (stedelijk) recreatief uitloopgebied en landelijk wonen. In de gebiedsvisie ‘De oeverwal als Landgoed’ (H+N+S, 2008) zijn verschillende

maatregelen voorgesteld om het groen-blauwe raamwerk in het Waaloevergebied te versterken, zoals de aanleg van wandelpaden en bos. Met de ontwikkeling van nieuwe erven met landgoedkarakter en herontwikkeling van bestaande erven, beiden met kwalitatief hoogstaande architectuur, wordt deze visie haalbaar geacht. De vastgestelde

67

Groen-blauw raamwerk en land- en kwelgoederen, H+N+S

Groen-blauw raamwerk en lintgoederen, H+N+S


gebiedsvisie heeft een indicatief karakter. De gewenste ontwikkeling wordt verder uitgewerkt in een uitvoeringsplan. Dragende elementen uit de visie zijn: • Kwelpad: een recreatief voetpad dat deels over de historische kwelkade/-dam loopt; • Voorwendezone: ontwikkeling van een dragende structuurlijn (voetpad en watergang) over de voormalige loop van de historische dijk (de Voorwende); • Land-, lint- en kwelgoederen met bijbehorende toegangslanen en bos. Daarnaast wordt voorgesteld om op diverse andere locaties paden en bos aan te leggen en wordt onder andere de wegbeplanting opgewaardeerd.

de uiterwaarden een aantal herinrichtingsvoorstellen gedaan. Deze structuurvisie neemt de hoofdlijnen van de visie over. Graven van een nevengeul Nevengeulen of hoogwatergeulen hebben een positief effect op zowel de afvoercapaciteit van een uiterwaard als op de natuur- en recreatiewaarden. Er zijn twee mogelijke ontwerpen voor een nevengeul: permanent meestromend en eenzijdig aangetakt. Voor de Beuningse uiterwaarden is een tussenvariant uitgewerkt, waarbij de hoogwatergeul gemiddeld circa 110 dagen per jaar meestroomt met de hoofdgeul. Door een kleine drempel in de instroomopening onttrekt de geul geen water aan de vaargeul in

De opgestelde realisatiestrategie voor de gebiedsvisie (DHV, 2010) vormt de eerste stap van het uitvoeringsplan. Hierin is aangegeven dat de ontwikkeling van 7 land-, 18 lint- en 4 kwelgoederen, waarop naar huidig inzicht 146 wooneenheden worden ontwikkeld, essentieel is voor de financiële haalbaarheid van de gebiedsvisie. De vorm van de voorwendezone is van grote invloed op de kosten van de realisatie van de visie. In voorliggende structuurvisie wordt uitgegaan van de voorkeursvariant uit de realisatiestrategie, waarbij de voorwende een wandelpad met enkele ‘waterparels’ is. De gemeente kiest voor realisatie van de gebiedsvisie volgens het ‘mengkraanmodel’. Dit betekent onder andere dat de gemeente zich actief inzet om de essentiële onderdelen uit het groenblauwe raamwerk uit de visie te (laten) realiseren (paden, voorwende, bos) en dat de ontwikkeling van land- en kwelgoederen wordt overgelaten aan de markt (gemeente faciliteert). Uiterwaarden In de Visie herinrichting ten behoeve van ruimtelijke kwaliteit en hoogwaterveiligheid ‘Weelde in de Beuningse uiterwaarden’ (vastgesteld december 2008) worden voor

Beeld Nevengeul, H+N+S

droge perioden. De voorgestelde geul loopt van de waterplas in de Bunswaard via de Staartjeswaard (door zo min mogelijk ooibos), door de Moespotse waard naar de Sluiswaard. Hier mondt de geul weer uit in de rivier. Een nevengeul moet landschappelijk ingepast worden en zo goed mogelijk aansluiten op de oude geulpatronen in de ondergrond. De geul in de Beuningse waarden zal ongeveer 1,5 km lang zijn en maximaal tot 150 meter breed worden. In die maximale situatie zal de waterspiegel circa 125 m breed zijn bij gemiddeld waterpeil. De oevers zijn flauw (talud 1:7), zodat er slikkige en zandige strandjes ontstaan voor pionierplanten en watervogels. De geul zal niet diep zijn, ongeveer 2 tot 3 meter onder het gemiddelde rivierpeil. Dit betekent dat het grootste deel van het


jaar de waterdiepte 2-3 meter bedraagt, waardoor licht tot op de bodem van de geul kan doordringen. Dit bevordert de vestiging van waterplanten. Er zal zich klinkhout gaan vestigen, om de vestigingsmogelijkheden voor planten en dieren te vergroten. Een groot deel van het sediment dat de rivier aanvoert, zal in de plas in de Bunswaard neerzakken. Het water in de nevengeul zal hierdoor relatief helder zijn, zelfs bij een hoge rivier afvoer. Gezien het relatief kleine effect van het graven van de nevengeul op de waterstandsdaling, kan de geul in het detailontwerp kleiner uitgevoerd worden dan de hierboven geformuleerde maxima. Hiermee kan de geul ecologisch geoptimaliseerd worden. Herinrichten en ruimtelijk inpassen hoogwatervrijterrein Staartjeswaard De buizenopslag en -verwerking van Swanenberg Buizen bv domineert een belangrijk deel van de Beuningse uiterwaarden. Het bedrijf maakt gebruik van de kaders van het geldende bestemmingsplan, maar het gemeentebestuur en de provincie zijn al enige jaren in overleg met de eigenaar om het bedrijf uit het gebied te plaatsen. Dit met het oog op de rivierkundige situatie in de Beuningse uiterwaarden en de gewenste ruimtelijke kwaliteit van het gebied. Het huidige hoogwatervrije terrein beslaat circa 9 hectare en vormt bij hoog water een obstakel in de afvoer van de rivier. Met het oog op de vereiste waterstandsdaling is afgraven of verkleinen van het terrein een zeer effectieve maatregel. De restanten van de steenfabriek en de nog restaureerbare bedrijfswoningen blijven zoveel mogelijk behouden. Het terrein kan voor extensieve recreatie toegankelijk worden gemaakt. Mogelijk is extensieve bebouwing een optie voor herbestemming. Dit verruimt het aanbod van landschappelijk gelegen woningen en levert enige inkomsten op.

De toegangswegen naar de voormalige steenfabrieksterreinen aanpakken De toegangswegen naar de oude steenfabriekscomplexen vormen een obstakel in de afvoer van de Waal tijdens hoogwater. Het verwijderen van deze kades levert dan ook een bijdrage aan het verlagen van de rivierwaterstanden tijdens hoogwater. Tegelijkertijd dient het gebied wel bereikbaar te blijven én moet worden voorkomen dat aanpassingen van de wegenstructuur niet tot ongewenste verstorende effecten leiden. Er zijn verschillende denkbare opties, waaronder bijvoorbeeld de aanleg van een brug. In een nadere verkenning zal een definitieve keuze moeten worden gemaakt. Recreatieve stimulans De aanleg van een nevengeul en het landschappelijk inpassen van de steenfabrieksterreinen vergroten de aanwezigheid van de ‘genius of the place’, de kenmerkende eigenheid van het Beuningse uiterwaardenlandschap. Om dit optimaal te beleven, moet het gebied ook voor recreanten goed bereikbaar zijn. Zodoende komen er naast struin- en wandelroutes ook nieuwe fietsroutes. Het gebied kan voor recreanten nog aantrekkelijker gemaakt worden door de bestaande ‘beeldenroute’ te versterken. De kop van de Weurtse plaat bij de uitwijkhaven leent zich hier bijvoorbeeld zeer goed voor. Door de binnendijkse ontwikkelingen (wandel- en fietspaden in het oeverwalgebied) goed aan te laten sluiten op de (struin)routes in de uiterwaarden nemen de recreatieve mogelijkheden verder toe. Uiteindelijk kunnen deze ontwikkelingen een aanzet vormen voor de realisatie van één lang, doorlopend Waalpad, dat een keten van uiterwaarden en binnendijks gelegen landgoederen/ rivierdorpen aan beide waaloevers met elkaar verbindt. Langs de dijk wil de gemeente onder voorwaarden ruimte bieden voor nieuwe horeca of andere recreatieve initiatieven (zoals kleinschalige musea of een bezoekerscentrum).

5.6 Het Beuningse Veld Hoofdopgaven De hoofdopgaven voor het Beuningse Veld: 1. Ruimte voor een duurzame landbouw. De agrarische sector vormt de primaire functie in het Beuningse Veld. Om de sector richting de toekomst duurzaam in stand te houden moeten er voldoende mogelijkheden zijn bedrijven qua schaalgrootte en verbreding te laten ontwikkelen.

69


2. Behoud en versterking karakteristieke openheid kommenlandschap. De openheid van het Beuningse Veld wordt hoog gewaardeerd. De opgave is om deze openheid te behouden en waar mogelijk ook de beleving van het Beuningse Veld te versterken. 3. Versterken recreatieve aantrekkelijkheid en toegankelijkheid. Het open landschap, de bijzondere elementen zoals het Personnenbos, de weteringen en de Groene Heuvels maken het gebied recreatief interessant. De opgave is dit soort elementen verder te versterken en recreatieve verbindingen te leggen onderling en vanuit de kernen. Keuzes Schaalvergroting en verbrede landbouw Het Beuningse Veld is en blijft het domein van de agrarische sector. De sector krijgt de ruimte om te ondernemen. Schaalvergroting is mogelijk onder voorwaarden die in het bestemmingsplan buitengebied zijn geregeld. Datzelfde geldt voor activiteiten die onder de noemer verbrede landbouw vallen (zoals nevenactiviteiten op het gebied van recreatie en zorg). Geen sprong over de A73 In deze structuurvisie kiezen we er voor om de karakteristieke openheid van het Beuningse Veld als kwaliteit te behouden. Dat betekent dat het gebied zo veel mogelijk gevrijwaard wordt van stedelijke ontwikkelingen, zoals woningbouw of aanleg van windturbines. De A73 vormt aan de noordzijde van het Beuningse Veld de grens van de verstedelijking. De aanleg van de zuidelijke structuurweg in het Beuningse Veld wordt landschappelijk ingepast. Vanuit de stadregio ligt er een claim op het meest oostelijk deel van het Beuningse Veld aan de A73, deels op Beunings grondgebied, met het oog op een eventuele uitbreiding van bedrijventerrein Bijsterhuizen. Mocht deze uitbreiding er op termijn daadwerkelijk komen, stelt

Beuningen een goede landschappelijke inpassing richting Beuningse Veld als randvoorwaarde. Dit kan door het bestaande Personnenbos te vergroten, zodat deze als groene afzoming fungeert. Verzachten stedelijke randen Om de beleving van de landschappelijke kwaliteit en openheid van het Beuningse Veld te versterken willen we de overgangen van het Beuningse Veld naar de ‘stedelijke randen’ verzachten. De wens is om het beeld vanuit het Beuningse Veld op de A73 groener te maken. Door zorgvuldige plaatsing van enkele bosjes kan het beeld verzacht worden, zodanig dat de openheid van het Beuningse Veld niet verloren gaat. Ook voor het bedrijventerrein Bijsterhuizen streven we naar de realisatie van een landschappelijke afzoming richting het Beuningse Veld. Impuls voor Groene Heuvels Voor De Groene Heuvels willen we ruimte bieden om hier een kwalitatieve impuls te kunnen geven. Voorwaarden voor ontwikkeling hier zijn dat ingrepen of nieuwe functies gerelateerd zijn aan het recreatief medegebruik van het water en geen afbreuk doen aan het groene rustige karakter van de plek en de omgeving. Recreatieve invulling H1-locatie Na afronding van de zandwinplas ten zuiden van Winssen, de H1-locatie, willen wij deze plas een recreatieve functie geven. Wellicht dat in de toekomst hier, in combinatie met een mogelijk nieuwe afrit van de N322, een transferium meerwaarde kan hebben. Versterken recreatieve verbindingen Een goede recreatieve ontsluiting van, naar en binnen het Beuningse Veld is een belangrijke voorwaarde voor een aantrekkelijk recreatief ‘rondje Beuningen’. Deze ontsluiting willen we versterken door: fietspaden aan te leggen

langs de Oude en Nieuwe Wetering en de bestaande verbinding tussen de Beuningse Plas en het Beuningse Veld (Jonkerstraat – Broekstraat – Elsenpas) aantrekkelijk te maken. Op het moment dat de H1-locatie tot ontwikkeling is gekomen, zetten we in op een goede fietsverbinding vanaf de H1 noord- en zuidwaarts.

71


6 Uitvoeringsparagraaf Deze structuurvisie richt zich op de ontwikkeling van Beuningen in ruimtelijke zin op de lange termijn. Deze visie is vertaald in concrete projecten. Deze projecten betreffen zowel locatieontwikkelingen als openbare voorzieningen. Het zijn projecten die de gemeente zelf uitvoert en projecten waarvoor het initiatief voor de uitvoering ligt bij private partijen of een combinatie van beiden. Voor de ruimtelijke ontwikkeling van Beuningen is de inzet van de gemeente én van private partijen (bijv. grondeigenaren, ondernemers, ontwikkelende partijen en woningbouwverenigingen) beiden onmisbaar. De ontwikkeling van vastgoed en openbare ruimte en overige openbare functies binnen de gemeente zijn met elkaar verweven en versterken elkaar. Er zijn gedeelde belangen om de uitvoering van deze ruimtelijke visie tot een succes te maken. De gemeente treedt graag in overleg en werkt graag samen met de bij deze structuurvisie betrokken private partijen. In deze uitvoeringsparagraaf worden de locatieontwikkelingen en voorzieningen nodig voor de uitvoering van deze structuurvisie in kaart gebracht. Hierbij wordt een onderscheid gemaakt voor projecten op de korte termijn (vóór 2015), middellange (2015 - 2020) en de lange termijn (ná 2020). Deze uitvoeringsparagraaf kan voor wat betreft de projecten worden aangepast aan nieuwe inzichten, bijvoorbeeld aan het begin van een nieuwe raadsperiode. De uitvoeringsparagraaf beoogt duidelijkheid te geven over de rol van de gemeente bij de uitvoering

van deze visie en over wat zij van private initiatiefnemers verwacht. Tenslotte wordt ook ingegaan op de financiële aspecten van de uitvoering, met name het kostenverhaal van bovenwijkse voorzieningen en bijdragen ruimtelijke ontwikkelingen.

verhalen van kosten en (het maken van afspraken over) de herstructurering/aanleg van bijbehorende openbare ruimte.

6.1 Locatieontwikkelingen

De gemeente staat open voor nieuwe initiatieven die niet genoemd zijn in eerder genoemde tabel, mits deze passen binnen deze ruimtelijke structuurvisie en binnen overig relevant beleid (zoals de woonvisie en het accommodatiebeleid). Deze initiatieven zal de gemeente per geval beoordelen om te bezien of zij hieraan haar medewerking kan verlenen.

In Beuningen zijn ontwikkelingen mogelijk ten aanzien van woningbouw (met name uitbreidingslocaties) en een beperkt aantal ontwikkelingen op het gebied van bedrijvigheid, zandwinning en voorzieningen. De projecten zijn in tabel 1 beschreven. Tevens is in deze tabel aangegeven in welke fase het project zich nu bevindt (onderzoek, planvorming, realisatie), welke partijen betrokken zijn bij het project, wat de rol van de gemeente is en wat de beoogde planning is (uitvoering op korte, middellange of lange termijn). De rol van de gemeente in een project is actief of faciliterend. Daar waar is aangegeven dat de gemeente een actieve rol zal spelen bij de uitvoering van het project, is de gemeente veelal eigenaar van de gronden of zal zij de gronden die zij nog niet bezit in eigendom trachten te verwerven. De gemeente zal een herziening van het bestemmingsplan voorbereiden en in procedure brengen, de gronden bouwrijp maken, uitgeven en woonrijp maken. Daar waar is aangegeven dat de gemeente een faciliterende rol zal spelen bij de uitvoering van het project, zal de rol van de gemeente in principe beperkt zijn tot het verlenen van planologische medewerking, het

6.2 Nieuwe initiatieven

6.3 Voorzieningen Naast de locatieontwikkelingen zijn ook investeringen nodig in voorzieningen. Deze voorzieningen betreffen niet alleen infrastructurele voorzieningen en openbare ruimte op het gebied van landschap, natuur, water, recreatie en toerisme, maar ook fysieke maatschappelijke voorzieningen op het gebied van zorg, sport, welzijn en onderwijs. Een overzicht van alle voorzieningen is weergegeven in tabel 2. Tevens is aangegeven in welke fase het project zich bevindt, welke partijen betrokken zijn bij het project, wat de rol van de gemeente is en wat de planning is.

73


Projectenkaart


75


Tabel 1 Overzicht locatieontwikkelingen Nr.

Kern

Projectnaam

Omschrijving

Fase project

Partij(en)

Rol gemeente

Actief

Woningbouwontwikkeling Gepland v贸贸r 2015 1

Beuningen

Waterdorp

Nieuwbouw 58 woningen

Planvorming

Gemeente

2

Beuningen

Oranjekwartier

Herstructurering 84 woningen

Realisatie

Gemeente / Private partij Actief

3

Beuningen

Olden Tempel

Herstructurering 92 woningen

Realisatie

Gemeente / Private partij Actief

4

Beuningen

Oude Reekstraat

Nieuwbouw 10 woningen

Realisatie

Gemeente

Actief

5

Ewijk

Den Elt

Nieuwbouw 56 woningen

Realisatie

Gemeente

Actief

6

Ewijk

Centrum Ewijk

Nieuwbouw 50 woningen

Planvorming

Gemeente

Actief

7

Ewijk

Keizershoeve I

Nieuwbouw 80 woningen

Realisatie

Particulier

Faciliterend

8

Weurt

Roozenburg

Nieuwbouw 40 woningen

Planvorming

Particulier

Faciliterend

9

Diverse

Diverse

Nieuwbouw 29 woningen

Divers

Particulier

Faciliterend

10

Diverse

Landgoed Beuningen

Nieuwbouw 24 woningen

Planvorming

Particulier

Faciliterend

Gepland tussen 2015 - 2020 11

Beuningen

Asdonck

Nieuwbouw 120 woningen

Planvorming

Gemeente

Actief

12

Beuningen

Hutgraaf

Nieuwbouw 120 woningen

Onderzoek

Gemeente

Actief

13

Beuningen

Oude Reekstraat (2)

Nieuwbouw 6 woningen

Onderzoek

Private partij

Faciliterend

14

Ewijk

Den Elt (2)

Nieuwbouw 6 woningen

Planvorming

Private partij

Faciliterend

15

Ewijk

Centrum Ewijk (2)

Nieuwbouw 70 woningen

Planvorming

Private partij

Faciliterend

16

Ewijk

Keizershoeve II

Nieuwbouw 60 woningen

Planvorming

Particulier

Faciliterend

17

Ewijk

Keizershoeve III

Nieuwbouw 80 woningen

Planvorming

Gemeente

Actief

18

Winssen

Bongerd-zuid

Nieuwbouw 72 woningen

Realisatie

Particulier

Faciliterend

19

Diverse

Diverse

Nieuwbouw 25 woningen

Divers

Particulier

Faciliterend

20

Diverse

Bunswaard

Nieuwbouw 20 woningen

Planvorming

Particulier

Faciliterend

Gepland na 2020 21

Ewijk

Keizershoeve II (2)

Nieuwbouw 122 woningen

Onderzoek

Particulier

Faciliterend

22

Ewijk

De Woerd

Nieuwbouw ca 280 woningen

Onderzoek

Gemeente

Actief

23

Winssen

Kennedysingel-zuid

Nieuwbouw PM woningen

Onderzoek

Particulier

Faciliterend

24

Diverse

Netwerk Landgoederen (2)

Nieuwbouw 66 woningen

Onderzoek

Particulier

Faciliterend

25

Diverse

Diverse

Nieuwbouw 5 woningen

Divers

Particulier

Faciliterend


Nr.

Kern

Projectnaam

Omschrijving

Fase project

Partij(en)

Rol gemeente

Beuningse plas

Start zandwinning

Realisatie

Particulier

Faciliterend

Bedrijventerreinontwikkeling, zandwinning, overig Gepland tussen 2015 - 2020 26

Beuningen

Gepland na 2020 27

Beuningen (deels)

Bedrijventerrein Bijsterhuizen

Uitbreiding in noordelijke richting

Onderzoek

Gemeente Nijmegen

Faciliterend

28

Winssen

H1-locatie

Zandwinning

Planvorming

Particulier

Faciliterend

Nr.

Kern

Projectnaam

Omschrijving

Fase project

Partij(en)

Rol gemeente

Nieuwbouw

Realisatie

Particulier

Faciliterend

Detailhandel, accommodaties en voorzieningen Gepland v贸贸r 2015 29

Beuningen

Aldesteeg

Gepland tussen 2015 - 2020

77

30

Beuningen

Centrum Beuningen

Versterking centrum

Diverse

Particulier

Faciliterend

31

Beuningen

Vitale wijk omgeving Hutgraaf

Ontwikkeling woonservicegebied

Onderzoek

Gemeente / private partijen

Actief / Faciliterend

32

Ewijk

Duivendock, Waelwick

Herontwikkeling

Planvorming

Zorginstelling

Faciliterend

33

Winssen

De Overmars

Herontwikkeling

Onderzoek

Zorginstelling

Faciliterend


Tabel 2 Overzicht voorzieningen Nr.

Kern

Projectnaam

Omschrijving

Fase project

Partij(en)

Rol gemeente

Infrastructuur en openbare ruimte Gepland v贸贸r 2015 34

Beuningen

Zuidelijke structuurweg

Verbetering ontsluiting

Realisatie

Gemeente / Stadsregio

Actief

35

Beuningen

Snelfietspad Noord

Van Heemstraweg

Planvorming

Gemeente / Stadsregio

Actief

36

Beuningen

Snelfietspad Zuid

Koningst-vSchucht-Pieckenln

Planvorming

Gemeente / Stadsregio

Actief

37

Ewijk

Aansluiting Ooigraaf

Verbinding Ewijk op Schoenaker

Realisatie

Gemeente

Actief

38

Weurt

Herinrichting van Heemstraweg

Kleine aanpassing t.b.v. veiligheid Planvorming

Gemeente

Actief

39

Weurt

Voorzieningenas Laan 1945

Kwaliteitsimpuls en planolog. ruimte

Onderzoek

Gemeente / Particulieren Actief / Faciliterend

40

Beuningse veld

Fietspad richting Wijchen

Aanleg ontbrekende delen

Realisatie

Gemeente

Actief

Verkeersstructuur

Aanpassing i.v.m. Keizershoeve

Planvorming

Gemeente

Actief

Gepland tussen 2015 - 2020 41

Ewijk

Gepland na 2020 42

Beuningen

Rotonde Schoenaker

Vergroten capaciteit rotonde

Planvorming

Gemeente

Actief

43

Beuningen

De Schakel

Kwaliteitsimpuls rond Asdonck-kerk

Onderzoek

Gemeente

Actief

44

Ewijk

Ommetjes Ewijk

Langzaamverkeernetwerk realisatie

Onderzoek

Gemeente

Actief

45

Weurt

Van Heemstraweg herinrichting

Verlaging weg ter hoogte van Weurt

Onderzoek

Gemeente

Actief

46

Beuningen

Transferium bij Schoenaker

Evt. aanleg P + R

Onderzoek

Private partij

Faciliterend

47

Winssen

Transferium bij H1

Evt. aanleg P + R

Onderzoek

Private partij

Faciliterend

Nr.

Kern

Projectnaam

Omschrijving

Fase project

Partij(en)

Rol gemeente

Waalweelde

Nevengeul, natuur, (struin)paden Planvorming (tot na 2020)

RWS / provincie

Faciliterend

Landschapsontw. Oeverwalgebied

Aanleg voorwende, kwelpad, bos

Gemeente / particulieren Actief / Faciliterend

Landschap, natuur en water Gepland v贸贸r 2015 48

Uiterwaard

Gepland tussen 2015 - 2020 49

Oeverwal

Planvorming


50

Beuningen

Beuningse plas

Aanleg strandje, parkeren, natuur Planvorming

Private partij

Faciliterend

51

Ewijk

Boscompensatie A50

Aanleg bos geluidduinen ivm A50 Planvorming

RWS

Faciliterend

52

Beuningse veld

Groene buffer A73

Aanleg groen A73 thv Schoenaker Onderzoek

Gemeente

Actief

Gepland na 2020 53

Weurt - Beuningen

Tussengebied Weurt - Beuningen

Landschap versterken, ommetjes

Onderzoek

Gemeente

Actief

54

Beuningse veld

Uitbreiding Personnenbos

Groene afhechting Bijsterhuizen

Onderzoek

Gemeente / gem. Nijmegen

Actief

55

Diverse

Waterberging

Berging Weurt / Ewijk

Planvorming

Gemeente

Actief

Nr.

Kern

Projectnaam

Omschrijving

Fase project

Partij(en)

Rol gemeente

Kwaliteitsimpuls Groene Heuvels

Kwaliteitsimpuls

Onderzoek

RGV / Particulieren

Faciliterend

Recreatie en toerisme Gepland tussen 2015 - 2020 56

Beuningse veld

79

Gepland na 2020 57

Beuningse veld

Fietspad Oude Wetering

Aanleg fietspad

Onderzoek

Gemeente

Actief

58

Beuningse veld

Fietspad Nieuwe Wetering

Aanleg fietspad

Onderzoek

Gemeente

Actief

59

Beuningse veld

Fietsverbinding Beuningse plas/veld

Opwaarderen of nieuwe fietsroute

Onderzoek

Gemeente

Actief

60

Beuningse veld

Fietsverbinding H1 Beuningse veld

Aanleg fietspad

Onderzoek

Gemeente

Actief

61

Winssen

H1 locatie recreatief

Recr. voorzieningen, oevernatuur, Planvorming paden

Private partij

Faciliterend

Nr.

Kern

Projectnaam

Omschrijving

Fase project

Partij(en)

Rol gemeente

Nieuwbouw huidige plek of Kloosterhof

Planvorming

Gemeente / School

Actief

Accommodaties en voorzieningen Gepland v贸贸r 2015 62

Weurt

Basisschool De Ruyter


Gepland na 2020 63

Beuningen

Kwaliteitsversterking entreelocaties

Leghe Polder, Thorb.pl - Wilhem. ln

Onderzoek

Gemeente

Actief

64

Weurt

Kloosterhof

Ver- of nieuwbouw

Onderzoek

Gemeente

Actief

Nr.

Kern

Projectnaam

Omschrijving

Fase project

Partij(en)

Rol gemeente

Bedrijventerreinontwikkeling, zandwinning, overig Gepland na 2020 65

Uiterwaard

Waalweelde

Verplaatsen bedrijf Swanenberg

Planvorming

RWS / provincie

Faciliterend

66

Weurt

De Sluis

Herstructurering noord-zone:groen

Onderzoek

Gemeente / bedrijven

Actief

67

Diverse

Zonne-energie

Toepassingen

Onderzoek

Gemeente / private partijen

Actief / Faciliterend

6.4 Financiële aspecten Voor de verwezenlijking van de structuurvisie zijn financiële middelen benodigd. Een deel van de voorzieningen kan gefinancierd worden uit de gemeentelijke begroting, subsidies en reeds bestaande afspraken met private partijen. Voor de overige kosten wenst de gemeente gebruik te maken van haar instrumenten op het gebied van kostenverhaal en verevening. Kostenverhaal Als de kosten verband houden met de locatieontwikkeling door een private initiatiefnemer, dan is de gemeente bevoegd maar ook wettelijk verplicht de kosten die zij maakt te verhalen. Dit zijn onder andere voor kosten voor onderzoeken, planschade, kosten voor het opstellen van ruimtelijke plannen, kosten voor voorbereiding, toezicht en uitvoering en kosten voor de aanleg van voorzieningen. Deze voorzieningen kunnen zowel binnen als buiten de locatie gelegen zijn. Het gaat dan om voorzieningen

als riolering, infrastructuur, groenvoorzieningen, verlichting, brandkranen, straatmeubilair, speeltoestellen, ed. Een voorziening wordt bovenwijks genoemd als de voorziening niet alleen profijt oplevert voor de locatie, maar ook voor andere (locatie)ontwikkelingen. Bovenwijkse voorziening Op 18 november 2008 heeft de gemeenteraad van Beuningen de Nota Bovenwijks 2008 – 2020 vastgesteld. In deze Nota Bovenwijks zijn de investeringen voor bovenwijkse voorzieningen benoemd die voor kostenverhaal in aanmerking komen, bij zowel de particuliere grondexploitaties als de gemeentelijke grondexploitaties. Daarnaast geeft de Nota inzicht in en de onderbouwing voor de wijze waarop de investeringen gefinancierd kunnen en moeten worden. De gemeente merkt een aantal voorzieningen als opgenomen in tabel 2 aan als bovenwijkse voorziening. Het betreft de volgende voorzieningen: • Zuidelijke structuurweg (34); • Van Heemstraweg herinrichting (38);

• Landschapsontwikkeling Oeverwalgebied; aanleg voorwende en kwelpaden (49); • Beuningse Plas; recreatieve deel (50); • Fietsverbinding Beuningse Plas – Beuningse Veld (59); • Fietsverbinding H1 – Beuningse Veld (60). De gemeente zal op de private partijen die een omgevingsvergunning aanvragen voor een bouwplan een evenredige deel van de kosten van deze voorzieningen verhalen, één en ander zoals nader onderbouwd en uitgewerkt in de genoemde Nota Bovenwijks. De opname van investeringen in de Nota Bovenwijks brengt wel verplichtingen met zich mee. Indien de gemeente contracteert met een ontwikkelaar zal in veel gevallen sprake zijn van een door de gemeente te aanvaarden verplichting de betreffende bovenwijkse voorziening op enig moment aan te leggen. Dit betekent dat op dat moment ook voorzien moet zijn in gemeentelijke financiële middelen uit de algemene dienst voor dat investe-


ringsgedeelte, dat niet ten laste van het grondbedrijf kan worden gebracht, vermeerderd met het aandeel dat aan andere grondexploitaties kan worden toegerekend maar die nog niet zijn gestart. Wordt afgezien van een investering, dan kan dit leiden tot een terugbetalingsverplichting. De Nota Bovenwijks is een dynamisch document. De Nota wordt continue actueel gehouden en waar nodig herijkt. Voor de gemeentelijke investeringen die zijn opgenomen in de Nota Bovenwijks geldt dat steeds afzonderlijk een krediet bij de raad moet worden aangevraagd. Bijdragen ruimtelijke ontwikkelingen De wet geeft tevens in artikel 6.24 Wet ruimtelijke ordening (Wro) gemeenten en private initiatiefnemers van een locatieontwikkeling de mogelijkheid om een bijdrage ruimtelijke ontwikkelingen overeen te komen. Deze bijdrage kan bestemd worden voor een belangrijke, maatschappelijke functie die benoemd is in de structuurvisie. De gemeente ziet een aantal voorzieningen uit tabel 2 als belangrijke maatschappelijke functie voor de ontwikkeling van Beuningen en merkt deze aan als ruimtelijke ontwikkelingen. Afhankelijk van de aard en locatie van de te realiseren ontwikkeling zal de gemeente in overleg treden met de initiatiefnemer over een bijdrage aan een voorziening. Hieronder is overzichtelijk weergegeven tussen welke fysieke maatschappelijke voorzieningen en welke locatieontwikkelingen een ruimtelijke samenhang bestaat. Locatieontwikkelingen: Eventuele nieuwe initiatieven voor vastgoedprojecten in het centrum van Beuningen

Aan initiatiefnemers van genoemde mogelijke toekomstige locatieontwikkelingen zal de gemeente een bijdrage vragen voor de kwaliteitsverbetering van de entreelocaties bij de Lèghe Polder en die bij de Wilhelminalaan en Thorbeckeplein. Er is sprake van samenhang tussen de locatieontwikkelingen en de genoemde voorziening. Deze voorzieningen dragen bij aan de toekomstige kwaliteit van het centrum van Beuningen waardoor de aantrekkelijkheid en aantrekkingskracht van het centrum wordt verhoogd.

Locatieontwikkelingen: Alle locatieontwikkelingen

Bijdrage aan voorziening: Fietspad Oude Wetering

Aan initiatiefnemers van alle locatieontwikkelingen (de woningbouwprojecten) zal de gemeente een bijdrage vragen voor de realisatie van het fietspad Oude Wetering. Er is sprake van samenhang tussen de locatieontwikkelingen en de genoemde voorziening omdat met de aanleg van dit fietspad er een nieuwe recreatieve verbinding in het Beuningse Veld wordt gelegd, waarvan inwoners vanuit alle kernen in de gemeente kunnen profiteren. Locatie-ontwikkelingen: Alle locatieontwikkelingen (woningbouw)

Bijdrage aan voorziening: Fietspad Nieuwe Wetering

Bijdrage aan voorziening: Entreelocaties centrum Beuningen Aan initiatiefnemers van alle locatieontwikkelingen (de woningbouwprojecten) zal de gemeente een bijdrage vragen voor de realisatie van het fietspad Nieuwe Wetering. Er is sprake van samenhang tussen de locatieontwikkelingen en de genoemde voorziening omdat met de aanleg

van dit fietspad er een nieuwe recreatieve verbinding in het Beuningse Veld wordt gelegd, waarvan inwoners vanuit alle kernen in de gemeente kunnen profiteren. Locatie-ontwikkelingen: Alle locatieontwikkelingen

Bijdrage aan voorziening: Landschappelijke buffer A73

Aan initiatiefnemers van alle locatieontwikkelingen zal de gemeente een bijdrage vragen voor de realisatie van de landschappelijke buffer tussen de A73 en het Beuningse Veld. Er is sprake van samenhang tussen de locatieontwikkelingen en de genoemde voorziening, omdat door de aanleg van een groene buffer langs de A73 de (recreatieve) aantrekkelijkheid en kwaliteit van het Beuningse Veld toeneemt en daarmee de omgevingskwaliteit van de gehele gemeente. 81

Overeenkomst Als een private initiatiefnemer over wil gaan tot realisatie van een locatieontwikkeling, dan treedt de gemeente in overleg over de taakverdeling tussen partijen, een planning, de benodigde planologische procedure, de aanleg/ herstructurering van de openbare ruimte, eventuele benodigde grondoverdrachten, kostenverhaal en de bijdrage voor bovengenoemde voorzieningen die de gemeente als ruimtelijke ontwikkeling heeft aangewezen in deze structuurvisie. Deze afspraken worden vervolgens voor vaststelling van het planologisch besluit vastgelegd in een zogenaamde anterieure overeenkomst als bedoeld in artikel 6.24 van de Wet ruimtelijke ordening.


Bijlage Bijlage I: Ruimtelijke en functionele analyse I.1 Beuningen in vogelvlucht De kaart op de linker pagina toont de ligging van de gemeente Beuningen in de regio en zijn topografische aanduidingen (namen van locaties, gebieden, wegen, functies) relevant voor deze structuurvisie aangeduid. Ligging De gemeente Beuningen bestaat sinds 1980 uit vier dorpen in een groot groen buitengebied aan het water van de Waal. De gemeente ligt in de provincie Gelderland en is onderdeel van de stadsregio Arnhem-Nijmegen. Aan de oostzijde grenst Beuningen aan het Maas- Waalkanaal en aan de stad en gemeente Nijmegen, waar het van oudsher sterk op is georiënteerd. Het Beuningse grondgebied vormt min of meer een geleidelijke overgang van de stad naar het meer landelijke en veelbezongen ‘Land van Maas en Waal’. Het landelijk gebied aan de zuid- en westzijde gaat over in de buurgemeenten Wijchen en Druten. Landschappelijke opbouw Dijkdoorbraken en overstromingen hebben hun sporen nagelaten in het Beuningse landelijk gebied. De landschappelijke opbouw van Beuningen kent drie landschapszones parallel aan de Waal. 1. Het rivierenlandschap. Een ruig, contrastrijk gebied, gekenmerkt door de dynamiek van rivier, natuurlijke beelden en extensief gebruik.

2. Het oeverwallenlandschap. Een kleinschalig patchwork-landschap met onregelmatige patronen. Hier liggen de bebouwingslinten, dorpen en veel fruitboomgaarden. De oude dorpen liggen op de oeverwal, de stedelijke uitbreidingen liggen daaromheen. De kernen Ewijk en Beuningen groeien tot aan de A73. 3. Het kommenlandschap, of ‘Beuningse Veld’. Een grootschalig open rationeel landschap en tevens een agrarisch productielandschap met weides en veehouderijen. Door de ontwikkeling van een aantal ontzandingen ontstaat in delen een meer parkachtig landschap. Het gebied kenmerkt zich naast de openheid door de lange rechte weteringen en rechte wegen met strakke wegbeplantingen, zoals de Elsenpas, Ficarystraat en Koningstraat. Het Personnenbos vormt een bijzonder element in het gebied. Deze smalle strook bos van 15 hectare is in de veertiende eeuw als productiebos aangelegd. Nu is het een natuurreservaat dat bestaat uit een zeldzaam rivierkleibos met een gevarieerde vegetatie. Het Beuningse Veld kent aan de noord- en oostzijde een harde begrenzing (A73) en ook aan de zuidzijde vormt bedrijventerrein Bijsterhuizen een harde overgang naar stedelijk gebied. De A50 en de Maas- en Waalweg doorsnijden het Beuningse Veld. Hoofdinfrastructuur De oudste routes in de gemeente Beuningen lopen parallel aan de rivier. De dijk, de Koningstraat en de Van

Heemstraweg zijn daarin goed herkenbaar. Over dit patroon van parallelle lijnen ligt de nieuwe grootschalige infrastructuur A50, A73 en de Maas- en Waalweg. De lokale verkeershoofdstructuur bestaat uit de Van Heemstraweg waaraan alle dorpen zijn opgehangen en de Schoenaker, die Beuningen met de snelwegen en met Wijchen verbindt. De belangrijkste entrees van Beuningen (vanaf Nijmegen bij Weurt en vanaf de A73 bij Beuningen) liggen langs een bedrijventerrein. De 4 kernen De kernen zijn verschillend van maat en sfeer. Ze delen hun ligging aan de Van Heemstraweg en ligging tussen uiterwaard en komgronden. In de Strategische visie zijn de vier kernen als volgt getypeerd : • Winssen: “Idylle aan de dijk”. Winssen is een hecht dorp met een actieve georganiseerde gemeenschap. Het dorp heeft een kleinschalige structuur en een gevarieerde, grotendeels op fruitteelt gebaseerd economie. • Ewijk: “Klaar voor een volgende stap”. Ewijk groeit met de nieuwe woonwijken aan de oostzijde langzaam naar Beuningen toe, zowel letterlijk als wat betreft het meer stedelijk karakter. • Beuningen: “Groenstedelijk wonen” . De verschillende woongebieden van Beuningen zijn een staalkaart van na-oorlogse suburbane uitbreiding. Beuningen is snel gegroeid en zo de meest stedelijke kern geworden met een open gemeenschap met sterke netwerken.

83


Ruimtelijk beeld

Ruimtelijk beeld


• Weurt: “Dorp onder de rook van Nijmegen”. De oude dorpskern van Weurt heeft, ondanks het isolement van verkeer en industrie, de oriëntatie op het landschap van zowel de oeverwal als de komgronden behouden. Bewoners ervaren Weurt als een basis, van waaruit zij alles bij de hand hebben: ruimte, dorpsgemeenschap en de grote stad Nijmegen. Historische ontwikkeling De kernen hebben in de afgelopen 30 jaar een forse groei, fysiek en qua inwonertal, doorgemaakt. De geïllustreerde historische ontwikkeling (zie volgende pagina) maakt dat in één oogopslag duidelijk. Gemeente Beuningen telt anno 2011 ruim 25.000 inwoners.

85


1850

1900

1977

1984


1957

1966

87

1991

Heden


I.2 Wonen Beuningen is echt een woongemeente. Er is een zeer uiteenlopend aanbod van veelal grondgebonden woningen met een tuin, zowel qua type, prijsklasse, uitstraling als ligging. Deze gevarieerde voorraad sluit aan op een brede doelgroep, zowel economisch als wat betreft levensstijl en levensfase. Dorps- en landelijk wonen, wonen aan het water, wonen in een kindvriendelijke omgeving, modern wonen, levensloopbestendig wonen, het kan allemaal in Beuningen. Deze diversiteit aan woonmilieus levert ook een onderscheidende bijdrage aan de regionale woningmarkt. De gemeente Beuningen telt iets meer dan 10.000 woningen en waarvan ongeveer eenderde deel huur- en tweederde deel koopwoningen. Over het geheel genomen is de woningkwaliteit goed: redelijk ruim opgezette woonbuurten met royale woningen en buitenruimte, met een goede toekomstwaarde. De kwaliteiten sluiten vooral aan bij leefstijlen die op zoek

zijn naar een kindvriendelijke woonomgeving met goed bereikbare voorzieningen (school, winkel) en een groene, ruime en rustige woonomgeving. Ook leefstijlen die graag landelijk willen wonen, bijvoorbeeld aan de rand van een dorp komen aan hun trekken in de gemeente10. De kern Beuningen is veruit de grootste kern met de meeste inwoners en woningen. In Winssen is in verhouding met de andere kernen het aandeel koopwoningen groter en ligt de gemiddelde WOZ-waarde een stuk hoger. De belangrijkste toevoegingen aan de woningvoorraad waaraan anno 2011 gewerkt wordt, zijn de invulling van het woongebied de Beuningse Plas en de uitbreiding van Ewijk, waarvan plan Keizershoeve momenteel in ontwikkeling is. Naast deze grotere uitbreidingen liggen er ook op een aantal andere plekken harde en zachte plannen voor woningbouw, welke deels ook zijn opgenomen in de structuurvisies en masterplannen voor de kernen. Het

Beuningen

Ewijk

Weurt

Weurt

Aantal inwoners

17.578

3.424

2.457

2.037

Aantal woningen

7.110

1.348

987

788

Verdeling koop-huur

36% huur 64% koop €264.000

37% huur 63% koop €290.000

34% huur 67% koop €267.000

26% huur 74% koop €347.000

2,5

2,5

2,4

2,5

Gemiddelde WOZ-waarde Gemiddelde huishoudensgrootte

gaat om zowel ontwikkeling van nieuwe locaties als herstructurering van bestaande wijken. De omvang van bevolking van Beuningen zal de komende tien jaar ongeveer stabiel blijven of licht afnemen tot het niveau van het jaar 2000. Wel zal de samenstelling van de bevolking over tien jaar wezenlijk anders zijn dan tien jaar geleden. Beuningen gaat vergrijzen; in 2030 is ruim een kwart van de bevolking ouder dan 65 jaar; er zijn dan meer ouderen en minder jongeren. Daarnaast zal tot 2030 het aantal kinderen en jongeren gaan afnemen. De vraag naar seniorenwoningen, goedkope koopwoningen en woonzorgvormen neemt toe. Het aantal één- en- tweepersoonshuishoudens van boven de 65 jaar zal de komende twintig jaar verdubbelen. Het aantal huishoudens zal als gevolg van de gezinsverdunning nog wel toenemen in Beuningen. Volgens de prognoses groeit het aantal huishoudens de komende tien jaar met ongeveer 800. Er blijft dus wel behoefte aan uitbreiding, maar op kleinere schaal dan de laatste decennia. I.3 Economie De beroepsbevolking van de gemeente Beuningen anno 2010 wordt geschat op 12.750. De werkloosheid komt uit op 660 personen, hetgeen 5,2% van de beroepsbevolking is (ten opzichte van Gelderland 5,9% en Nederland 6,2%)11. Het totaal aantal mensen dat werkzaam is bij bedrijven in Beuningen bedraagt anno 2009 7.920 personen. Er zijn 1.560 bedrijven in Beuningen gevestigd12. Ongeveer de helft van de mensen die in Beuningen werkzaam zijn komt uit Beuningen. De detailhandel en industrie zijn belangrijke sectoren voor de werkgelegenheid van Beuningen (gevolgd door de sectoren bouwnijverheid, groothandel, zakelijke dienstverle-

10. Verdiepingsslag wonen stadsregio: leefstijlen zuidwest, aug 2010 11. Bureau Economisch Onderzoek, Provincie Gelderland, 2010 12. Provinciale Werkgelegenheidsenquête, 2009


ning en gezondheidszorg). Voor wat betreft de detailhandel vormt het centrum van Beuningen de belangrijkste banenmotor, aangevuld door Shoppingpark De Heuve. In de gemeente liggen twee bedrijventerreinen van enige omvang. Bedrijventerrein De Sluis bevindt zich ten zuiden van Weurt en is ca. 25 ha groot. In het zuiden loopt het bedrijventerrein door op Nijmeegs grondgebied. Beide terreinen trekken samen op onder de naam Trade Port Nijmegen West (TPN-west). Op het bedrijventerrein De Sluis zijn circa 60 bedrijven gevestigd met in totaal 600 arbeidsplaatsen. In de laatste jaren is door gemeenten, bedrijven, bewoners en milieugroeperingen in het Kronenburgforum samengewerkt aan een duurzame leefomgeving voor Nijmegen west en Weurt. Bedrijventerrein Schoenaker ligt aan de A73 in de kern Beuningen en is ca. 67 ha groot. Op het terrein zijn nog enkele percelen in ontwikkeling c.q. uitgeefbaar, met een omvang van circa 5 ha. Op het bedrijventerrein zijn 40 bedrijven gevestigd met in totaal 1.290 arbeidsplaatsen. Bedrijventerrein Aalsterveld (Beuningen) en Klaphekstraat (Ewijk) zijn kleinschalige terreinen van respectievelijk 5,5 en 1 ha groot met 300 en 30 arbeidsplaatsen. De gemeente Beuningen bestaat voor circa 3.000 hectare uit landbouwgebied. De open komgronden ten zuiden van de A73 en de oeverwalgebieden zijn de belangrijkste

gebieden voor respectievelijk veehouderijen en fruitteelt. Er is sprake van een goede productiestructuur. Er zijn weinig milieuproblemen door de gunstige bodemgesteldheid (niet-zuurgevoelig en weinig mineraaloverschotten ). Toekomstprognoses wijzen erop dat na 2020 de vraag naar bedrijventerreinen sterk zal afnemen, op termijn (vanaf 2025) treedt zelfs krimp op. Mede hierdoor komt de nadruk in het bedrijventerreinbeleid meer te liggen op herstructurering of kwaliteitsverbetering van (verouderde) terreinen dan op het aanleggen van nieuwe bedrijventerreinen. Bij de aanleg van nieuwe terreinen wordt een zorgvuldige regionale planning belangrijker. De bedrijventerreinen van de toekomst hebben meer ruimtelijke kwaliteit, zijn duurzamer en beter bereikbaar met het openbaar vervoer. Ten aanzien van de landbouw is ook in de gemeente Beuningen de trend van verdere schaalvergroting ingezet waarbij ook de kleinere agrarische bedrijven stoppen. I.4 Voorzieningen en leefbaarheid De gemeente Beuningen heeft over het algemeen een rijk, gevarieerd en evenwichtig aanbod aan accommodaties en voorzieningen op gebieden van onderwijs, sport, zorg en sociaal-cultureel vlak. In elke kern is er basisonderwijs, een dorpshuis, een voetbal- en tennisaccommodatie en zijn er zorgvoorzieningen aanwezig, waarmee in een

groot deel van de lokale behoefte kan worden voorzien. Een aantal voorzieningen in de kern Beuningen heeft ook een kernoverstijgende functie, zoals het zwembad, de sporthal en de hockey- en korfbalaccommodatie. Ten behoeve van behoud en versterking van de basisvoorzieningen zijn er in de laatste jaren diverse projecten uitgevoerd. De bouw van de multifunctionele accommodatie in Ewijk, aanleg van de nieuwe sportvelden langs de Schoenaker, nieuwbouw van de basisschool in Winssen en ontwikkeling van woonzorgcomplex de Kloostertuin in Weurt, zijn daar voorbeelden van. De afbeelding op de volgende pagina geeft de huidige voorzieningen weer. Tot nu toe zijn woon-zorgcomplexen maar in zeer beperkte mate ontwikkeld. Nieuwe ontwikkelingen op onder meer sociaal-maatschappelijk, economisch en demografisch vlak leiden tot een veranderende behoefte aan het aantal of de kwaliteit van bepaalde voorzieningen. Door de ontgroening van de bevolking van Beuningen is er een terugloop van het aantal basisschoolleerlingen en zijn er in de toekomst minder basisscholen nodig. Als gevolg van het toenemende aantal ouderen en veranderende sociaal-maatschappelijke opvattingen over de kwaliteit van zorg, veranderen ook de zorgvraag en de zorgoplossingen. Een belangrijke tendens is dat grootschalige zorg verandert in meer kleinschalige zorg. Er is een toenemende behoefte aan verpleeghuiscapaciteit en in mindere mate aan verzorgingshuiscapaciteit. Ook is er een toenemende behoefte aan zelfstandig wonen in woon-zorgcomplexen. Ook voor sportaccommodaties geldt dat als gevolg van ontgroening en vergrijzing en ook door ontwikkelingen op technisch gebied, er soms vernieuwingen nodig zijn. Het gebruik van gymzalen door basisscholieren gaat afnemen en het aantal ouderen dat sport neemt toe. Er worden veranderende eisen gesteld aan accommodaties qua bouwkundige staat, gebruikscomfort en energieverbruik.

89


Voorzieningen


Detailhandel De totale omvang van het detailhandelsaanbod in de gemeente Beuningen bedraagt ca. 53.000 m² wvo verspreid over 136 winkels (Distributieplanologisch onderzoek, BRO 2008). Het winkelaanbod is grotendeels geconcentreerd in de kern Beuningen. In de dagelijkse artikelsector is het centrum van Beuningen een belangrijke aankoopplaats. In totaal zijn 22 winkels aanwezig, waaronder vier supermarkten, met een totale omvang van ca. 6.000 m². Daarnaast is ca. 2.200 m² wvo detailhandel in de dagelijkse artikelensector verspreid over de kernen Ewijk, Weurt en Winssen. Deze kernen hebben alleen een supermarkt, zij het van beperkte omvang. Het aanbod in de kleinere kernen is aangevuld met enkele speciaalzaken, zoals een bakker en een slager. Het aanbod in de niet-dagelijkse artikelensector is sterk geconcentreerd in de kern Beuningen (ca. 94%). Het recreatieve winkelaanbod (o.a. mode, luxe) is in het centrum van Beuningen gelegen, terwijl het laagfrequente aanbod (o.a. wonen, doe-het-zelf) op Shoppingpark De Heuve aanwezig is. Het aanbod in branches in de niet-dagelijkse artikelensector in de kleine kernen is besperkt (ca. 2.600 m² wvo) en is verspreid gelegen. In de huidige situatie is voor zowel de dagelijkse als niet-dagelijkse artikelensector sprake van een vrijwel optimale koopkrachtbinding. Dit betekent dat de huidige consumenten in Beuningen voor een relatief groot deel georiënteerd zijn op het eigen aanbod. Omdat het aantal inwoners niet veel meer zal groeien, is er slechts in beperkte mate ruimte voor uitbreiding van het detailhandelaanbod. Behoud en versterking van de bestaande detailhandelstructuur kan vooral door kwalitatieve ingrepen in de openbare ruimte. I.5 Infrastructuur en verkeer De belangrijkste gebiedsontsluitingswegen voor de gemeente Beuningen zijn de Schoenaker en de Van Heemstraweg. Door de aanwezige A50 en de directe aan-

sluiting op de A73 en de N322 (Maas en Waalweg) is er een goede aantakking op het regionale/landelijke wegennet. De Van Heemstraweg heeft een functie ten behoeve van de lokale/regionale ontsluiting en vormt een belangrijke verbinding met Nijmegen. De Schoenaker legt de verbinding tussen A73 en Van Heemstraweg en vormt daarmee een belangrijke ontsluitingsweg voor verkeer tussen de kernen en de A73. Dezelfde verbinding is belangrijk voor verkeer van en naar Wijchen en de A326 (richting A50, o.a. Eindhoven en Den Bosch). Op meer lokale schaal zijn de Leigraaf en Wilhelminalaan gebiedsontsluitingswegen. De verkeersstructuur in de regio rond Beuningen gaat de komende jaren veranderen. Als gevolg van een toegenomen verkeersdruk op de hoofdwegen in de regio in de afgelopen 20 jaar staan er diverse ingrepen ter verruiming van de capaciteit en verbetering van de bereikbaarheid op stapel. De A50 wordt tussen knooppunt Valburg en Ewijk verbreed naar 2x4 rijstroken (2014 gereed), de N322 wordt doorgetrokken tot aan de Prins-Willem Alexanderbrug (2011 gereed), in Nijmegen komt een 2e stadsbrug met een binnenstedelijke rondweg en de A15 wordt doorgetrokken richting de A12. Deze ingrepen dragen bij aan een verbetering van de verkeersdoorstroming en bereikbaarheid voor de gehele regio en ook voor gemeente Beuningen. Tegelijkertijd moet er aandacht zijn voor de effecten van deze ingrepen voor het lokale verkeerssysteem van Beuningen. Het meeste verkeer op het gemeentelijk wegennet zal zich blijven afwikkelen via de gebiedsontsluitingswegen. Met name de Schoenaker, Van Heemstraweg en Wilhelminalaan hebben een hoge etmaalintensiteit. Deze intensiteiten zullen verder toenemen. De Stadsregio zet steeds meer in op de ontwikkeling van een hoogwaardige openbaar vervoerssysteem en fietsnetwerk in de regio. Aanleg van snelle, frequente en nabije

trein- en busverbindingen, transferia aan de randen van drukke gebieden en snelfietsroutes moeten goede alternatieven naast de auto gaan bieden. Ook voor Beuningen ligt er een opgave om dergelijke verbindingen vooral met Nijmegen, maar ook bijvoorbeeld met Wijchen, verder te versterken. I.6 Landschap, natuur en water Landschap Het buitengebied van Beuningen bestaat uit drie landschapstypen. De Waaluiterwaarden worden gekenmerkt door hun ruige, natuurlijke uitstraling. Deze uiterwaarden kennen ogenschijnlijk weinig menselijke beïnvloeding en een hoge dynamiek. De Waaloeverwallen hebben een rijkdom aan cultuurhistorische waarden. Het landschap kenmerkt zich door de kleinschalige verkaveling en de structuur van een mozaïek, bestaande uit bebouwingslinten, dorpen, weiden en boomgaarden. De groene zones tussen de dorpen versterken het kleinschalige karakter van dit landschap. De Waalkommen vormen deels een grootschalig landschap met een rationele verkaveling. Het is een rendabel landbouwgebied met een aantal grote agrarische bedrijven, veelal veeteelt. Vooral de openheid wordt als waardevol ervaren. Van noord naar zuid vindt vanaf de A73 een steeds kleinere geleding plaats door de oost-westelijke structuren van ruilverkaveling, wegen en de twee Weteringen. Van oost naar west is de ruimte grootschalig, waarin wel verspreid liggende boerenbedrijven, bosjes of andere functies voorkomen. Een specifiek element in het landschap is de winterdijk, die de scheiding vormt tussen uiterwaarden en oeverwal. Door zijn hoogte biedt deze dijk een ruim zicht over deze gebieden. Het buitengebied krijgt naast schaalvergroting van de landbouw geleidelijk aan te maken met nieuwe ontwikkelingen die leiden tot een meer integraal gebruik van het buitengebied. Dit geldt zeker voor het oeverwalgebied.

91


Natuur en Landschap


Het gaat hier om de toename van recreatieve activiteiten, de tendens van het landelijke wonen en het realiseren van landgoederen en nieuwe natuur. Een deel van deze ontwikkelingen wordt geïnitieerd door hogere overheden. Archeologie De archeologische waarden- en verwachtingenkaart geeft aan wat er op basis van historisch onderzoek en type en ontstaansgeschiedenis van de ondergrond aan archeologische resten is te verwachten op een locatie. Er worden zones onderscheiden met een hoge, middelmatige en lage kans op het aantreffen van archeologische resten. De beleidskaart is een hulpmiddel bij het uit te voeren beleid. Natuur De voornaamste natuurwaarden liggen in de Waaluiterwaarden. De uiterwaarden kenmerken zich door een afwisseling van water, hooiland, weiland, moeras en bos. De gehele Waaluiterwaarden zijn onderdeel van Natura-2000 en hebben de status van Ecologische Hoofdstructuur. De oeverwallen karakteriseren zich door hagen, singels en boomgaarden. Dit levert een biotoop op voor vogels en dassen. De komgronden bevatten relatief weinig bijzondere en beschermde natuurwaarden. De belangrijkste natuurwaarden bevatten de graslanden. Deze gebieden creëren broedgelegenheid voor weidevogels, zoals de kievit en de grutto. Door voorziene stedelijke ontwikkelingen in of om het oeverwalgebied, onder meer in de open zone bij Ewijk, de zandwinning bij Winssen en de opwaardering van de A50 en de Maas- en Waalweg worden de potenties van deze gebieden als geschikte biotoop voor onder meer de das geringer. Water Op diverse plekken in de gemeente Beuningen wordt het beeld en de beleving van de omgeving bepaald door de

aanwezigheid van water. Kenmerkend zijn de waaien, wielen en kolken. Uiteraard vormt de Waal een beeldbepalend onderdeel van Beuningen. De Waal heeft een recreatieve potentie en aantrekkingskracht en vervult landelijk een belangrijke economische functie. Het MaasWaalkanaal legt de verbinding tussen de rivieren de Waal en de Maas. De hieraan gelegen havengerelateerde bedrijvigheid vormt een belangrijke economische motor voor de regio. Ook de waterplassen, welke zijn ontstaan als gevolg van zandwinning, vormen een onderdeel van het waterrijke beeld van Beuningen. De plas bij de Groene Heuvels en de plas van Melssen bij Ewijk liggen er, het nieuwe zandwinningproject ‘H1’ bij Winssen en de zandwinning bij ‘De Beuningse plas’ complementeren straks het beeld. Overigens biedt het toegepaste concept ‘wonen aan het water’ in de grotendeels gerealiseerde woonwijk de Beuningse Plas een unieke woonomgeving. Ook andere delen van de kern Beuningen worden gekenmerkt door de veelheid en zichtbaarheid van waterlopen. Tot slot vormen de waterlopen de Oude Wetering en de Nieuwe Wetering, gelegen in het kommengebied, een belangrijk onderdeel in de afwatering van het gebied tussen Maas en Waal. Al eeuwenlang neemt het water een belangrijke positie in bij de inrichting van ons land. Als gevolg van klimaatverandering zijn er onder meer verwachtingen van een stijgende zeespiegel en een verhoogde kans op perioden van hevige regenval of droogte. Eén van de actuele opgaven is om de capaciteit van de grote rivieren te vergroten om hoge(re) waterstanden aan te kunnen. Hiertoe worden langs een groot deel van de Waal, waaronder in de gemeente Beuningen, de kribben langs de Waal verlaagd. Ook is er vanuit het samenwerkingsproject Waalweelde een plan gemaakt voor de herinrichting van een deel van de Beuningse uiterwaarden. De aanleg van een nevengeul zorgt voor extra opvang en geleiding van het Waalwater bij hoge waterstanden.

Voor wat betreft de waterberging (ten behoeve van opvang van regenwater) Is er een watersysteemanalyse (WSA) gemaakt samen met het waterschap Rivierenland. Hieruit kwam naar voren dat in Ewijk en in Weurt aanvullende waterberging moet worden aangelegd. In het WSA is rekening gehouden met de toekomstige klimaatverandering. I.7 Recreatie De voornaamste recreatieve trekker van de gemeente Beuningen is het buitengebied. Het grootste aaneengesloten recreatieve verblijfsgebied is de uiterwaarden langs de Waal. Hier kan de recreant buiten de bestaande paden het gebied betreden. De autoluwe dijk wordt veel gebruikt door fietsers en wandelaars. De dijk biedt zicht op de uitwaarden en de rivier enerzijds en het agrarisch cultuurlandschap anderzijds. Langs de dijk bevinden zich vier dijkmagazijnen, vroeger gebruikt als opslagplaats. Vaak vormen deze industriële monumenten een uitvalsbasis voor een verdere verkenning van het gebied. 93

Naast het open agrarische gebied zijn er een aantal toegankelijke bosgebieden; Het Roodslag, het Personnenbos en landgoed Doddendael. Op het landgoed Doddendael bevindt zich Slot Doddendael. Het Heuvepark biedt verschillende recreatiemogelijkheden, zoals een trapveldje, een speelweide, een hondenveld en wandelpaden. Daarnaast zijn er nog een aantal kleinere parkjes in de kernen. Een trekker is ook het recreatieterrein de Groene Heuvels. Het terrein bestaat uit een recreatieplas met aangrenzend een bungalowpark en een camping. In Beuningen ligt het zwembad De Plons. In de zomer kan men ook terecht bij de Tuimelaar in Ewijk. Er zijn twee monumentale molens, De Beatrix in Winssen en De Haag in Beuningen en er is het Torentje van Blankenburg.


Archeologische beleidskaart


95

Archeologische waarden- en verwachtingenkaart


Een aantal algemene trends in de recreatiesector zijn13: • Kwaliteit, variatie, recreatie op maat en vernieuwing zullen steeds belangrijker worden; • De recreant is kritischer en veeleisender geworden. Ook de recreatievraag is diverser geworden. De behoefte aan comfort en luxe neemt toe, maar dat geldt ook voor de behoefte aan eenvoud; • Wandelen en fietsen zijn veruit de populairste recreatieactiviteiten in de buitenruimte. Dit zal ook zo blijven. Wandelaars gaan bij voorkeur naar bos- en heidegebieden. Voor fietsen zijn bos- en heidegebieden ook het meest populair, maar scoren ook landbouwgebieden hoog; • Wereldwijd is toerisme de belangrijkste groeisector. Ook in Nederland groeit deze sector, al zijn er deelsectoren waar het minder gaat. Zo kampt een deel van de kampeer- en bungalowsector met teruglopende rendementen. Vernieuwing binnen deze deelsectoren is nodig om het tij te keren. Naast algemene trends zijn ook een aantal specifieke ontwikkelingen in en rond de gemeente Beuningen relevant. Gemeente Beuningen vervult een belangrijke functie als stedelijk uitloopgebied van Nijmegen. Met de ontwikkeling van Koers West en de nieuwe stadsbrug in Nijmegen wordt deze relatie de komende jaren sterker. Met Koers West wordt het gebied tussen de binnenstad van Nijmegen en Weurt verbeterd en wordt de aantrekkelijkheid van Beuningen als uitloper vergroot. De versterking van de landschappelijke waarden en de toegankelijkheid en beleving van het gehele uiterwaardengebied van de Waal (onderdeel van het project Waalweelde) gaat naar verwachting ook bijdragen aan een grotere aantrekkingskracht op recreanten van Beuningen en omgeving. I.8 Milieu en duurzaamheid Een deel van het woon- en leefgebied van de gemeente Beuningen ligt in de directe invloedssfeer van een druk

bereden snelweg (A50, A73) of bedrijventerrein met milieuhinderlijke bedrijven (Nijmegen-West). Voor Beuningen betekent dit dat er continue beleidsaandacht is voor wat betreft het milieu. Thema’s als geluidhinder en luchtkwaliteit staan al jaren hoog op de agenda. Concrete programma’s en maatregelen zoals ‘Westenweurt’ of de geluidswering langs de A73 dragen bij aan behoud en verbetering van de leefomgevingskwaliteit van inwoners in de gemeente. De luchtkwaliteit in Beuningen wordt in hoge mate bepaald door het achtergrondniveau afkomstig van buiten de gemeentegrens en de snelwegen. De belangrijkste stoffen zijn stikstofdioxide en fijn stof. Uit voorlopige berekeningen blijkt dat wij voldoen aan de grenswaarden voor stikstofdioxide in 2015 en voor fijn stof in 2010 (Milieubeleidsplan 2010-2014). De situatie ten aanzien van geuroverlast in het deelgebied Nijmegen-West en Weurt is als gevolg van maatregelen bij bedrijven (en door het sluiten van de nertsenfarm) de laatste jaren verbeterd. Via het Kronenburgerforum is er continue aandacht en samenwerking voor de leefomgevingskwaliteit met bewoners, bedrijven en milieugroeperingen. Voor wat betreft het aspect externe veiligheid zijn de ligging van twee LPG stations, een aantal inrichtingen en buisleidingen voor gastransport relevant (zie kaart). De gemeente voldoet op dit punt aan de wettelijke grenswaarden. Er zijn geen routes voor gevaarlijk transport. Ten tijde van het opstellen van deze structuurvisie is het ministerie E&I bezig met de Structuurvisie buisleidingen. Deze bevat een lange termijnvisie op het buisleidingtransport van gevaarlijke stoffen (gas, olie, chemicaliën en CO2), zoals de reservering van ruimte voor toekomstige buisleidingen. E&I heeft een concept-visiekaart ontwikkeld met de hoofdverbindingen die van nationaal belang zijn. Het ontwerptracé is ook op de kaart op de linker pagina weergegeven.

13. De toekomst van toerisme, recreatie en vrije tijd, Kenniscentrum recreatie, november 2008

De bodemkwaliteit in de gemeente is relatief goed. Op enkele plaatsen is een lichte verontreiniging bekend. Ook zijn er verschillende stortlocaties. Er zijn geen directe gevaren voor de volksgezondheid te verwachten. Landelijk en lokaal is er een groeiende aandacht voor en inzet op verduurzaming van de samenleving en de omgeving. Duurzaamheid is een breed begrip en gaat over milieu en de omgang met natuurlijke bronnen, maar ook over (de samenhang met) sociale- en economische vraagstukken. Bij de inzet op duurzaamheid vanuit milieu wordt bijvoorbeeld gewerkt aan het terugdringen van de CO2uitstoot, het anticiperen op klimaatveranderingen en het meer gebruik maken van zon-, water- of windenergie. Het energievraagstuk is één van de belangrijke actiethema’s. De transitie naar opwekking en gebruik van schone en duurzame energie is een proces dat steeds vaker naast het benoemen van ambities ook concrete vertalingen krijgt. De energieprestatie van gebouwen wordt steeds beter, duurzame toepassingen worden op steeds grote schaal uitgevoerd, er wordt energie uit biomassa gewonnen, er rijden meer en meer elektrische auto’s en bussen op aardgas. Kortom de verduurzaming van onze energieconsumptie is in volle gang. Ook gemeente Beuningen wordt uitgedaagd om de energiehuishouding van Beuningen verder te verduurzamen. De gemeente heeft de afgelopen jaren al diverse projecten in gang gezet of uitgevoerd waaronder: de deelname aan het regionaal klimaatprogramma, het project duurzaam inkopen, de aanschaf van gemeentelijke aardgasauto’s, het stimuleren van duurzaam bouwen en het project energiebesparing lagere huishoudens, het isoleren van bestaande woningen en het stimuleren van energiebesparing bij bedrijven.

97


Bijlage II: Bestaande beleidsstukken gemeente Beuningen Onderstaande bestaande beleidsstukken zijn als bouwsteen meegenomen voor de Gemeentebrede Structuurvisie Beuningen.

• • • • • • • • • • • • • •

Strategische visie inclusief onderliggende analyses/onderzoeken (2009) Structuurvisie Winssen (2010) (concept) Structuurvisie Weurt (2007) Structuurvisie centrum Ewijk (2010) Structuurvisie Ewijk (2008) Gebiedsvisie De oeverwal als landgoed, nieuw netwerk landgoederen (2008) Kadernota Duurzaam Beuningen en Uitvoeringsprogramma Duurzaam Beuningen (2009) Economisch beleidsplan (2009) Kadernota wonen, Welzijn, Zorg (2009) Nota Ruimtelijke Kwaliteit (2008) Nota Bovenwijks (2008) WMO Beleidsplan 2007 -2010 (2008) Landschapsontwikkelingsplan (2006/2007) Waterplan (2005)

• • • • • • • • • • • • • • • •

Beleidsnota wonen en werken in het buitengebied (2005) Nota Grondbeleid (2009) Milieubeleidsplan 2010-2014 Accommodatiebeleid (2011) Groenbeleidsplan (2011) Handboek Kwaliteit Openbare Ruimte (2011) Woonvisie (2011) Gemeentelijk Verkeers- en vervoerplan (2011) Gemeentelijke uitwerking Notitie functieverandering buitengebied Coalitieakkoord 2010-2014 Collegeprogramma 2010-2014 Definitief stedenbouwkundige visie hutgraaf Koersnota stadsregio Weelde in de Beuningse uiterwaard (2008) Bestemmingsplan Buitengebied (2011) Watersysteemanalyse (2010)

99


DHV B.V., Unit Oost Nederland

LOS stadomland B.V.

Postbus 927 7400 AX Deventer

Postbus 142 5201 AC ‘s Hertogenbosch

Verlengde Kazernestraat 7 7417 ZA te Deventer.

Veemarktkade 8 5222 AE te ‘s Hertogenbosch.

Tel: 0570 - 63 9347

Tel: 073 - 7113770

deventer@dhv.nl www.dhv.nl

info@losstadomland.nl www.losstadomland.nl

Structuurvisie | Gemeente Beuningen


Structuurvisie beuningen