Page 1

Bouwen aan een groene stad

Plan

03 | 2017 with English captions and summary Building a green city

Amsterdam

De groene erfenis van de derde Gouden Eeuw

Biodiversiteit en klimaatbestendigheid

Groene bouwstenen voor stadsbiotopen


infographics Oppervlakte en soorten groen in Amsterdam. Circa 10% van het grondoppervlak van de stad is groen. Van het totale areaal groen (26,5 miljoen m2) bestaat 62% uit gras. Opvallend is dat minder dan 1% uit kruidachtige beplanting bestaat. / Different types of green vegetation in Amsterdam. Around 10% of the city’s surface area is made up of green space. 62% of green acreage consists of grass. Strikingly, less than 1% consists of herb vegetation. Bron: 1Amsterdam Heel & Schoon 2017

gras 62 % grass 62%

Centrum / Centre Nieuw-West / New West Oost / East West / West Noord / North Zuid / South Zuidoost / Southeast % van totale areaal groen / % of total green acreage

kaart

Stedelijke groenstructuur van Amsterdam. De kaart toont het huidige groenaanbod in Amsterdam, met uitzondering van bomen, groene daken en buurtgroen. / Amsterdam’s urban green structure. The map shows the current supply of green space in Amsterdam, excluding trees, green roofs and neighbourhood green space. Kaart: Bart de Vries stadspark / city park volkstuinpark/schoolwerktuin / allotment park/ school work garden sportpark / sports park

beplanting houtachtig 30% wooden vegetation 30%

ruigte en oevers 7% wild vegetation and water banks 7%

beplanting kruidachtig 1% herb vegetation 1%


begraafplaats / cemetery ruigtegebied/struinnatuur / wild vegetation/walk and wander area corridor / corridor ecologische structuur / ecological structure stadsrandpolder / city fringe polder overig stadsgroen / other urban green spaces agrarisch groen / farmland curiosa / other

Auteurs van dit nummer Wouter van der Veur Geertje Wijten

1 Het Marie Heinekenplein, een geliefd plein in de drukke Amsterdamse buurt de Pijp, is in 2016 heringericht met veel gras en een waterpartij. / The Marie Heinekenplein is a popular square in the busy Pijp district.The square was transformed in 2016 into a greener urban space with grass areas and water fountains. Foto: Geertje Wijten

De tuin van de Amsterdammer

Colofon Plan Amsterdam is een uitgave van Gemeente Amsterdam. Het vakblad informeert over ruimtelijke thema’s, projecten en ontwikkelingen in de stad en de metropoolregio. Het verschijnt vijf keer per jaar, waarvan twee keer in het Engels. (Eind)redactie en coördinatie Stella Marcé, Alice Driesen Vormgeving Beukers Scholma, Haarlem Hoofdbeeld cover ZuidPlus Foto’s en beelden binnenwerk zie bijschrift Kaarten Gemeente Amsterdam, tenzij anders vermeld in bijschrift Vertaling Frank van Lieshout Lithografie en druk OBT-Opmeer, Den Haag

Deze uitgave is met de grootst mogelijke zorg samengesteld. Er kunnen echter geen rechten aan worden ontleend. Mocht ons iets zijn ontgaan bij de vermelding van afbeeldingen of heeft u andere vragen, neem dan contact op met de redactie via planamsterdam@ amsterdam.nl of 020 2551550. Een gratis abonnement is aan te vragen via planamsterdam@amsterdam.nl. Jaargang 23, nr 3, november 2017 Ook te downloaden vanaf www.amsterdam.nl/planamsterdam

1

Amsterdammers zoeken steeds vaker het groen in de buurt op om er te ontspannen, natuur te snuiven, te sporten en spelen of elkaar te ontmoeten. Als het weer het toelaat zie je zelfs steeds vaker mensen buiten aan het werk, met een laptop op schoot, op een bankje in het park of op de stoep tussen de planten. Groen heeft aantrekkingskracht. Het heeft – naast vele andere voordelen – een rustgevend effect, en is alleen daarom al van grote waarde in een stad die steeds drukker wordt. Geen wonder dat groeiende steden wereldwijd allerlei eigentijdse, creatieve oplossingen bedenken om meer groen toe te voegen. Sommige steden, zoals Wenen, hanteren kwantitatieve normen voor het aantal vierkante meters groen en de afstand tot groenvoorzieningen. Zouden zulke normen ook kunnen werken voor Amsterdam? En is er eigenlijk wel genoeg ruimte voor meer groen in de verdichtende stad? In het eerste artikel van deze Plan Amsterdam kunt u lezen over de Amsterdamse groenstrategie. Dan wordt duidelijk dat we ons vooral op de kwaliteit van het bestaande groen moeten richten. Door de kwaliteit te verbeteren kunnen straks meer Amsterdammers en bezoekers van het groen genieten.

03 | 2017

We moeten dus heel zuinig zijn op het groen dat we hebben. Voor bewoners en ondernemers begint dat in de eigen buurt. ‘Klein groen’, bijvoorbeeld langs de gevel of in een postzegelparkje, wordt vaak op hun eigen initiatief aangelegd. In het tweede artikel kunt u lezen welke positieve effecten het heeft op de leefbaarheid in de buurt en welke verschijningsvormen het kan hebben. We hebben ook ons licht opgestoken bij experts op het gebied van klimaatbestendigheid en biodiversiteit. Docent-onderzoeker Lisette Klok deed twee zomers lang onderzoek naar hitte in de stad en de verkoelende werking van – onder andere – beplanting. Ze deelt enkele opmerkelijke conclusies met ons. En landschapsarchitect Maike van Stiphout bekijkt de stad als een berglandschap. Vanuit dat perspectief maakt ze ontwerpen die meer biodiversiteit toelaten in een stedelijke omgeving. Er valt heel wat te vertellen over groen, veel meer dan u in deze Plan Amsterdam aantreft. Wilt u bijvoorbeeld het Grote Groenonderzoek of de Agenda Groen 20152018 raadplegen, kijk dan op www.amsterdam.nl/groen. De redactie

03


1 Sinds de eerste Gouden Eeuw heeft Amsterdam een traditie om systematisch bomen te planten langs alle belangrijke wegen en grachten. / Since Amsterdam’s first Golden Age the city has nurtured its tradition to plant trees along all major roads and canals. Foto: Alphons Nieuwenhuis

2 Ontwikkeling groei, bomen en inwoners in Amsterdam (relatief, 1931 = 100). In tachtig jaar is het aantal bomen en het oppervlakte aan stedelijk groen per inwoner sterk toegenomen. / Relative development of green space, trees and residents in Amsterdam (1931 = 100). In eighty years the number of trees and green spaces has risen significantly compared to the population. Grafiek: Bart de Vries

inwoners / residents stedelijk groen / urban green spaces straatbomen / street trees De daling tussen 1981 en 1991 is te verklaren doordat er vanaf 1989 een andere systematiek is gebruikt bij het berekenen van het grondgebruik. / The dip between 1981 and 1991 can be explained by the use of a different method to calculate land use from 1989 onwards

De groene erfenis van de derde Gouden Eeuw door Wouter van der Veur w.van.der.veur@amsterdam.nl

Amsterdam groeit in een razend tempo. Op allerlei plekken wordt al vol vertrouwen gesproken over de derde Gouden Eeuw. Maar een Gouden Eeuw wordt het pas als we erin slagen de groei te benutten om een betere stad te worden voor de bewoners. Groen speelt hierin een cruciale rol. Hebben we genoeg parken en groengebieden voor de meer dan één miljoen inwoners die Amsterdam in 2034 telt? Is de stad straks groen genoeg om aantrekkelijk, gezond en klimaatbestendig te zijn?

Het belang en de waarde van groen in de stad staat al lang niet meer ter discussie. In allerlei internationale publicaties worden de ‘multiple benefits’ van groen aangetoond. Parken, landschappen, straatbomen, groene daken, muren, schoolpleinen en speelplekken kunnen op veel manieren bijdragen aan een prettige en leefbare stad. En tot op zekere hoogte geldt dit ook voor water. We weten dat groen kan uitnodigen tot ontmoeting, tot sporten en bewegen. We weten ook dat het een belangrijke bijdrage levert aan het regenbestendig maken van de stad en de biodiversiteit ten goede komt. De afgelopen decennia wordt bovendien steeds vaker gewezen op de positieve effecten van groen op de gezondheid van stedelingen. Zo heeft groen een dempende werking op de temperatuur. Zeker in stenige buurten met weinig groen kunnen hogere temperaturen in de zomer leiden tot concentratieproblemen, lagere arbeidsproductiviteit, ziekte­ toename en -onder oudere inwoners - extra sterfte. Maar het belangrijkste gezondheidseffect van groen is

04

Plan Amsterdam

stressreductie. In een verdichtende stad, waar het onvermijdelijk drukker wordt, is groen onontbeerlijk.

Groene steden Er zijn wereldwijd legio voorbeelden te vinden van succesvolle, groeiende steden die flink hebben geïnvesteerd in het ‘vergroenen’ van hun dicht­ bebouwde buurten en stadscentra. Stadsbesturen doen dit omdat het hun stad aantrekkelijker, gezonder en leefbaarder maakt en zij daardoor kunnen concurreren met andere steden die werknemers, inwoners en bedrijven aan hun stad willen binden. Investeren in het groen in de stad staat gelijk aan het investeren in de economie en in een duurzame toekomst. Ook in Amsterdam is de afgelopen jaren aanzienlijk meer geïnvesteerd in de groene infrastructuur dan in periodes daarvoor (zie Agenda Groen 2015-2018). Amsterdam onderscheidt zich van veel andere wereldsteden door zijn leefbaarheid en menselijke maat.


1

700

600

500

400

300

200

100

0 1931 1941 1951 1961 1971 1981 1991 2001 2011 2015 2030 2040

De rijkdom aan parken, bomen en cultuurhistorisch waardevolle landschappen speelt daarin een essentiële rol. Grafiek 2 toont de relatieve groei van Amsterdams groene infrastructuur sinds 1931 in vergelijking met de bevolkingsgroei. De planningstraditie rond de groene infrastructuur ontstond al eerder. Sinds de 16e eeuw is elke periode van groei van de stad gepaard gegaan met geplande groeninvesteringen en heeft elke groeiperiode zijn eigen ‘groene erfenis’ nagelaten. Systematische aanplant van bomen langs de grachtengordel De eerste Gouden Eeuw (1588 tot circa 1700) kennen we vooral van de grachtengordel. Het ontwerp toont het streven naar een optimaal woonmilieu in de vorm van gesloten bouwblokken met diepe keurtuinen die onbebouwd moesten blijven. De waarde van groen komt in de grachtengordel vooral tot uitdrukking door de grootschalige aanplant van bomen voor ‘soete lucht, cieraet en plaisantie’. Amsterdam was de eerste >

2

03 | 2017

05


3 Er zijn legio voorbeelden te vinden van steden die op innovatieve wijze groen hebben toegevoegd aan hun dichtbebouwde centra. Deze snelweg dwars door het centrum van Seoul is getransformeerd naar een drukbezocht lineair park, het CheonggyecheonRiver-Park. / There are numerous examples of cities which have added green space to their dense urban centres using innovative methods. This motorway which used to cut right across the centre of Seoul has been transformed into the popular linear Cheonggyecheon River Park. Foto: Emily Orpin, Flickr

3

4 Op negen meter hoogte, bovenop een winkelboulevard (voorheen een spoorwegemplacement), ligt Dakpark Vierhavenstrip in Rotterdam. Het is een kilometer lang en vijfentachtig meter breed. / The Dakpark Vierhavenstrip is a park on top of a shopping boulevard (formerly a railway yard) in Rotterdam, 9 metres high, 85 metres wide and 1 kilometre long. Ontwerp Buro Sant en Co, foto: Stijn Brakkee

4


5 Het Park Connector Network in Singapore verbindt parken en andere groengebieden tot een aangesloten netwerk van 360 kilometer wandelen fietspaden. / The Park Connector Network in Singapore connects the city’s parks and green areas into a continuous 360 kilometre long network of hiking and cycling routes. Foto: Steel Wool, Flickr

6 Het Millennium Park in Chicago, tien hectare groot, is aangelegd op een voormalig rangeer­ terrein. / Chicago’s Millennium Park measures 24.5 acres and has been built on land previously occupied by rail yards. Foto: calamity sal, Flickr

5

6

03 | 2017

07


‘Het belangrijkste gezondheidseffect van groen is stressreductie.’

stad ter wereld die op zo’n schaal systematisch bomen aanplantte langs de belangrijkste grachten en wegen. De eerste Gouden Eeuw markeert daarmee de start van een Amsterdamse traditie als bomenstad. In Amsterdam staan naar schatting een miljoen bomen, ongeveer één boom per inwoner. Ter vergelijking: Parijs telt één boom op vijf inwoners.

ners binnen vijftien minuten fietsen kunnen genieten van het omringende landschap. Deze groene scheggen, die diep de stad in dringen, staan met de huidige verdichtingsopgave nog altijd overeind. Door de groei van de bevolking worden ze zelfs steeds belangrijker voor de stad.

Focus op kwaliteit Aanleg van stadsparken Tussen 1870 en 1930 beleefde Amsterdam een tweede Gouden Eeuw. Het spanningsveld tussen de snelle bevolkingsgroei en de volksgezondheid speelde in die tijd een grote rol bij de aanleg van groenvoorzieningen. Wandelparken werden een noodzakelijk onderdeel van de nieuwe uitbreidingswijken. Na het Vondelpark (1865) en het Sarphatipark (1885) volgden de aanleg van het Westerpark (1890) en Oosterpark (1891). Aanvankelijk waren ze bedoeld voor de welgestelden, maar in de loop van de tijd ontwikkelden deze stadsparken zich tot de gemeenschappelijke tuinen van álle Amsterdammers. Groenblauwe structuren Hoewel de periode van het Algemeen Uitbreidingsplan (AUP, vastgesteld in 1935) niet de geschiedenisboeken in is gegaan als een Gouden Eeuw, groeide de stad tot 1960 wel met meer dan negentigduizend inwoners. Voor het eerst in de geschiedenis van de stedenbouw werden groene en blauwe open ruimtes op grote schaal ingezet als middel om structuur te geven aan de stad. Men was er goed van doordrongen dat het bouwen van zoveel woningen alleen mogelijk was door gelijktijdig aan een stedelijke groenstructuur te werken. Er werden nieuwe stadsparken aangelegd, waaronder het Sloterpark, Beatrixpark, Flevopark, Rembrandtpark, Erasmuspark, Martin Luther Kingpark, Vliegenbos en het Volewijkspark (later onderdeel van het Noorderpark). Én het Amsterdamse Bos, met een omvang van maar liefst duizend hectare. De stad heeft nog een groene erfenis te danken aan het AUP. Sinds het AUP is de stad planmatig ontwikkeld volgens het zogenaamde ‘vingermodel’. Stadsuitbreidingen werden als vingers aan een hand in het omringende groene landschap geprojecteerd. Tussen deze bebouwde ‘lobben’ bleven de groene landschappen gespaard van bebouwing, zodat ook binnenstadbewo-

We staan als stad opnieuw voor de enorme uitdaging om in korte tijd voldoende woningen te bouwen om aan de grote vraag naar woonruimte te voldoen. En ook nu kunnen we deze groei opvatten als een kans voor het groen. Er is wel een groot verschil met de hiervoor beschreven periodes. De stad groeit nu weliswaar harder dan ooit, maar we bouwen alleen binnen de bestaande bebouwingsgrenzen. Waardevolle groengebieden rondom de stad blijven daardoor gespaard. Tot 2025 worden er in bestaand stedelijk gebied vijftigduizend woningen toegevoegd, waardoor het inwonertal naar schatting met achttien procent stijgt. Als we tot 2025 het aantal vierkante meters groen in de stad gelijk willen laten groeien met het aantal inwoners, dan zou er 560 hectare groen bij moeten komen, in oppervlakte vergelijkbaar met twaalf Vondelparken! En dan hebben we het nog niet eens over de miljoenen extra bezoekers die ook gebruik willen maken van de parken in de stad. Binnen de huidige stadsgrenzen is er simpelweg geen ruimte voor twaalf extra Vondelparken. De groen­ opgave is dus vooral kwalitatief van aard. Dit betekent dat bestaande groengebieden in en rondom de stad aantrekkelijker, collectiever bruikbaar en ‘beleefbaar’ gemaakt moeten worden; geschikt voor ontmoeting, sporten en bewegen, educatie, natuurbeleving, bio­ diversiteit en klimaatbestendigheid. Het betekent natuurlijk niet dat er geen ruimte gevonden kan worden voor nieuw groen. De uitdagende voorbeelden op pagina 6 en 7 laten zien dat het ook in een verdichtende stad mogelijk is om substantieel vierkante meters groen toe te voegen. Ook aan Amsterdam kunnen we op creatieve wijze een aantal ‘Vondelparken van de 21e eeuw’ toevoegen. Wat te denken van lineaire parken langs de oevers van het IJ of de Amstel? En welke kansen liggen er voor nieuwe openbare parken op de daken van bestaande of nieuwe gebouwen? >

08

Plan Amsterdam


7 Om gelijke tred te houden met de groei van de bevolking zou er tot 2025 560 hectare groen aan de stad moeten worden toegevoegd. Deze impressie toont aan dat daar binnen de huidige stadsgrenzen geen ruimte voor is. / To keep pace with the population growth, the city would need to add 1380 acres of green space by 2025, comparable to 12 Vondelparks. There is not enough space within the current boundaries to achieve this. Impressie: Bart de Vries

buurten in Amsterdam waar t/m 2025 flink verdicht wordt (meer dan 1.000 woningen per km2 netto toegevoegd) / neighbourhoods which will be significantly densified by 2025 (more than 1,000 homes added per square kilometre) bestaande stadsparken / existing city parks grootte vergelijkbaar met één Vondelpark / size comparable to one Vondelpark

8 De impressie van een nieuw ingerichte Nieuwezijds Voorburgwal laat zien dat het ook in een dichtbebouwd centrum mogelijk is om groen toe te voegen. / This artist’s impression of a new design for the Nieuwezijds Voorburgwal shows how one can add green space in a dense, built-up city centre. Impressie: Valentine Lepoivre

7 8

03 | 2017

09


door Ed Buijs, Paul van Hoek en Marja van Nieuwkoop

Metropolitaan landschap: een gordel van smaragd Met de verdichting van de stad neemt de openbare ruimte per inwoner af. De connectie met de omringende landschappen van de stad zal daarom nog belangrijker worden voor Amsterdam. Maar deze connectie, de scheggenstructuur, zal door de verdichting ook te maken krijgen met toe­nemende drukte. De groeiende bevolking van Amsterdam zal een steeds groter recreatief beroep doen op het landschap; een toename van 35% tot 2040 is berekend voor de metropoolregio. Ook het spreidingsbeleid van toeristen draagt hieraan bij. Meer mensen betekent bovendien meer vervoersbewegingen en een grotere behoefte aan goede verbindingen. Functies die door de verdichting niet meer in stad passen, zoals muziek- en sportevenementen, krijgen eveneens een plek buiten de stad. En als gevolg van de Amsterdamse sportnorm zoekt georganiseerde sport honderden hectaren extra ruimte. Bovendien legt de steeds grootschaliger landbouw meer druk op de recreatieve en ecologische kwaliteiten van het landschap. Nog onduidelijk is wat de impact van de energie­

transitie, circulaire economie, klimaatadaptatie en de vraag naar hoogwaardig wonen op de scheggen en het omringende landschap zal zijn. Groene edelstenen Om de stad aantrekkelijk te houden voor de eigen bevolking en voor bedrijven en toeristen, is een breed aanbod van hoogwaardig groen nodig. Het ontmoetingsgroen zal vooral in de stad liggen. Om ruimte, rust, stilte, landelijkheid en de Nederlandse cultuurhistorie te ervaren, maar ook om te herstellen van emotionele of psychische stress of onder de indruk te raken van weer, wind en natuur, hebben we gebieden buiten de stad nodig. Hoe stedelijker de stad is, hoe groener en toegankelijker het omringende landschap moet zijn. Rondom Amsterdam liggen al ‘groene edelstenen’ zoals de natuurgebieden in Waterland en in de Amstelscheg. Daarnaast is er een aantal potentiële edelstenen zoals het Markermeer-IJmeer. Samen kunnen ze een gordel van smaragd gaan vormen, die in combinatie met het stedelijk groen bijdraagt aan een top-leefkwaliteit.

Veel variatie en een robuuste structuur Amsterdam wil een stad zijn waar iedereen zich thuis voelt en kansen krijgt om zich te ontplooien. De groene openbare ruimte in de stad is bij uitstek de plek waar mensen komen en elkaar ontmoeten. Dat komt door de grote diversiteit aan activiteiten die er mogelijk zijn, zoals spelen, sporten, muziek maken, eten en drinken, werken, zonnen of gewoon ontspannen en van de natuur genieten. Met een divers groenaanbod kunnen we het beste tegemoetkomen aan de wensen en behoeften van alle leeftijdsgroepen, culturen en leefstijlen. Het is belangrijk het diverse groenaanbod te beheren op een manier die aansluit bij de wensen en behoeften. Een druk gebruikt Vondelpark verdient intensief beheer. Andere plekken kunnen juist minder intensief beheerd worden, meer gericht op bio­ diversiteit. De kwaliteit die we nastreven is dus divers. De focus op kwaliteit betekent ook dat we heel zuinig omgaan met het groen dat we hebben. In de Structuurvisie 2040 is een ‘Hoofdgroenstructuur’ aangewezen,

10

Plan Amsterdam

Uitdagingen Hoewel Amsterdam dus een uitstekende uitgangspositie heeft, zijn er grote uitdagingen voor het landschap. Zo is er aandacht nodig voor : 1 De verdere ontwikkeling van divers en betekenisvol groen buiten de stad, aanvullend op het groen in de stad; 2 Een verantwoordelijke omgang met de onomkeerbare veranderingen in het landschap zoals verstedelijking, bodemdaling en ecologische achteruitgang; 3 Een veel betere toegankelijkheid van het landschap; 4 Een toekomstbestendig landschap  dat ook op lange termijn vitaal is. Om dit te bereiken is regionaal samenwerken een must. Grote delen van de scheggen, recreatie­ gebieden, natuurgebieden en het boerenland liggen tenslotte buiten de gemeentegrens van Amsterdam.

bestaande uit de minimale hoeveelheid groen die Amsterdam wil bieden. De groei van de stad biedt een mooie kans om ontbrekende schakels aan de Hoofdgroenstructuur toe te voegen, zodat er een aaneen­ gesloten groenblauw netwerk ontstaat, een robuuste basis voor stedelijke ontwikkelingen, voor meer bio­ diversiteit en voor allerlei vormen van actieve recreatie. In het Meerjarenplan Fiets 2017-2022 wordt het Groennet geïntroduceerd: comfortabele routes door een aantrekkelijke omgeving, zoveel mogelijk ontvlochten van het autoverkeer. Het ligt voor de hand om de opgaven op het gebied van infrastructuur en groen aan elkaar te koppelen en deze routes te ‘vergroenen’ met bomen, bloemen en planten. Een logische consequentie van deze twee opgaven is dat er op álle schaalniveaus geïnvesteerd wordt in de kwaliteit van de groene openbare ruimte. Zowel in het groen in de buurt, de stadsparken, de landschappen rondom de stad, als in de verbindingen tussen de groengebieden. Bijvoorbeeld in het Rembrandtpark. >


9 Inspiratiekaart van een mogelijke Hoofdgroenstructuur 2.0, een aaneengesloten netwerk van groen-blauwe structuren. / Inspirational map displaying a potential future Main Green Structure, comprising a continuous network of green and blue spaces. Impressie: Bart de Vries

10 Impressie van het Hamerkwartier park in Amsterdam Noord, met zicht over het IJ, kijkend richting Centraal Station. / Artist’s impression of the Hamer­kwartier park in Amsterdam Noord, with a view across the IJ towards Central Station. Impressie: Liza van Alphen, Jerryt Krombeen

9 10

03 | 2017

11


11a/b

Er zijn al mooie voorbeelden van het ‘nieuwe’ tuinieren in de stad, zoals in deze buurttuin op het Afrikanerplein in de Transvaalbuurt (a) en de Egolibuurt in Zuidoost (b). / Two great examples of new initiatives in urban gardening, at a neighbourhood garden on Afrikanerplein in the Transvaalbuurt district (a) and in the Egoli district (Southeast) (b). Foto’s: Suzanne Blanchard (a) en Maarten Brante (b)

11a

12 Het vernieuwde Artisplein is openbaar en aantrekkelijk gemaakt voor een breed publiek, onder andere door de horeca, musea en studio’s aan de randen van het park. / The renewed, publicly accessible square just outside Artis Zoo has been turned into a lively and attractive place to visit by adding catering, museums and studios at the park’s fringes. Foto: Edwin van Eis

13 In het project Knowledge Mile Park werken buurtbewoners, studenten, bedrijven, hotels, musea en maatschappelijke en gemeentelijke instellingen samen om het gebied tussen de IJtunnel en het Amstelstation te vergroenen. / The Knowledge Mile Park is a project which has local residents, students, businesses, hotels, museums and community and city council organisations all working together to green the area between IJtunnel and Amstel railway station. Impressie: Jan Willem Nes

11b

Steeds meer Amsterdammers hebben dit stadspark ontdekt, bovendien verwachten we veel nieuwe gebruikers door de bouw van duizenden woningen in de directe omgeving. Openbaar en toegankelijk groen De focus op kwaliteit betekent ook dat we ervoor moeten zorgen dat zoveel mogelijk Amsterdammers kunnen genieten van het aanwezige groen in en rondom de stad. Daarom wil de stad semi-openbare groengebieden zoals sportparken, volkstuinparken en begraafplaatsen meer openbaar en toegankelijk maken. Op het grondgebied van Amsterdam liggen ongeveer achtduizend volkstuinen, verspreid over circa veertig volkstuinparken met een totale omvang van vijfhonderd hectare. Dat is vergelijkbaar met tien Vondelparken. Volkstuinen in de stad waren oorspronkelijk opgezet om voedsel te verbouwen. De meeste zijn inmiddels veranderd in verblijfsrecreatieparken, waarbij tuinieren meer een bijzaak is geworden. Voor sociale binding, biodiversiteit en het klimaatbestendig maken van de stad hebben ze echter grote waarde. De uitdaging is om deze waarde te behouden en tegelijk een nieuwe invulling te geven aan de oorspronkelijke gedachte van het tuinieren. Dit vraagt om een nieuwe verschijningsvorm waarin de ervaren ‘eigen’ stukjes grond een collectiever karakter krijgen. Anders werken aan een groene stad En tot slot betekent de nieuwe realiteit dat de gemeente een andere werkwijze en financieringsstrategie moet

gaan hanteren. De afgelopen decennia zijn we steeds projectmatiger gaan werken en meer gaan sturen op kavelniveau. Dit heeft als voordeel dat projecten kleiner zijn en makkelijker te realiseren. De keerzijde is dat we minder integraal naar opgaven kijken en dat noodzakelijke groeninvesteringen die ‘buiten de grenzen van het project’ vallen moeilijk van de grond komen. We kunnen in dat opzicht lering trekken uit onze eigen geschiedenis. In het AUP werd gelijktijdig ontworpen aan nieuwe stadsbuurten én aan een stedelijke groenstructuur. Om een leefbare stad te maken is het essentieel dat we ook in het groen een schaalsprong maken en samen met bewoners en ondernemers gaan investeren in een stedelijke groenstructuur die de afzonderlijke buurten overstijgt. Dit vraagt om een ambitieuze stedelijke visie op het groen, waarin veel ruimte is voor initiatieven uit de stad. Want Amsterdammers weten zelf heel goed wat ze willen. De samenwerking in het gebied tussen de IJtunnel en het Amstelstation kan als inspiratie dienen. Allerlei partijen werken samen om dit gebied te vergroenen en er het hoogste en langste park van Amsterdam van te maken: het Knowledge Mile Park. Hoe kijken we over vijftig jaar terug op deze periode? Zijn we er dan in geslaagd om de groei en verdichting zo vorm te geven dat de stad er prettiger en leefbaarder van is geworden? Wat wordt de groene erfenis van de derde Gouden Eeuw van Amsterdam? Een schot voor de boeg: stadsbiotopen en metropolitane parken. >

12

Plan Amsterdam


12

13

03 | 2017

13


14 Schematische voorstelling van een stadsbiotoop: groene buurten met maximale waarde voor mens, plant én dier. / Schematic representation of a city biotope, a green neighbourhood providing optimal value for people, plants and animals alike. Bron: Plan for a green Zuidas Illustratie: Kim Kool

15 Landschaftspark Duisberg is een sprekend voor-

beeld van een metropolitaan park. Het is opgebouwd rondom de ruïne van een hoogovencomplex. / The Landschaftspark in Duisburg, Germany, is an exemplary metropolitan park. It is built on the grounds of a disused steel works. Foto: Wouter van der Veur

16 Het Amsterdamse Bos is een vroeg voorbeeld van een metropolitaan park. Hier wordt ruimte geboden aan culturele, sportieve en recreatieve functies met regionale aantrekkingskracht. / The Amsterdam Forest is an early example of a metropolitan park, providing amenities for culture, sports and recreation for the whole region. Foto: Ed Blaas

14

Alle buurten in Amsterdam worden groene stadsbiotopen De sterke toename van het aantal inwoners binnen de grenzen van de stad betekent dat er meer focus komt op kwalitatief hoogwaardig groen dichtbij. Ook vanuit leefbaarheid, klimaatbestendigheid en biodiversiteit is er alle reden om meer ‘nature-based solutions’ toe te passen op nieuwe en bestaande buurten in de stad. Landschapsarchitect Ton Muller bedacht hiervoor de term ‘stadsbiotopen’. Dat zijn groene buurten met maximale waarde voor mens, plant én dier. De kansen in nieuwe en bestaande buurten zijn legio, zoals blijkt uit het volgende artikel in deze Plan Amsterdam. Amsterdam beschikt naar schatting over twaalf vierkante kilometer plat dak. Als we erin slagen om daarvan vier procent groen in te richten en openbaar te maken voor iedereen, voegen we een Vondelpark toe aan de stad! We zijn al goed op weg: de ambitie in de Agenda Groen 2015-2018 om vijftigduizend vierkante meter groen dak aan de stad toe te voegen wordt ruimschoots gehaald. In de nieuwe buurten die de komende jaren gebouwd worden, hebben we nu de kans om het goed te doen. Er worden daarom groene spelregels en normen opgesteld om projectleiders, ontwerpers, ontwikkelaars en architecten te helpen bij het optimaal vergroenen van de buurten en gebouwen van de toekomst.

Metropolitane parken Met het groeiend aantal inwoners, werkers en bezoekers zal het drukker worden in de openbare ruimte. Amsterdam staat voor de moeilijke opgave om deze druk te spreiden. De groengebieden ín de stad kunnen niet meer in alle behoeften aan buiten­

14

Plan Amsterdam

recreatie voorzien. Amsterdammers zullen vaker hun weg vinden naar de landschappen rondom de stad, waar nog volop ruimte is om een evenement te bezoeken, te tuinieren, sporten, barbecueën, of gewoon van de rust en natuur te genieten. Vooral de landschappen die het dichtst bij de stad liggen, de ‘koppen van de scheggen’, bieden een uitgelezen kans om een nieuw type park aan het groenpalet van Amsterdam toe te voegen: het metropolitane park. Een metropolitaan park is groter dan een stadspark en kenmerkt zich door een combinatie van landschappelijke en stedelijke functies. Waar de groene buffers rondom Amsterdam ooit waren bedacht als tegenhanger van oprukkende verstedelijking, is het metropolitane park echt onderdeel van de stad. Het park zal een breed publiek moeten aanspreken, zowel uit Amsterdam als de regio. En het programma moet divers zijn, maar altijd passen bij de identiteit en de schaal van het landschap. Het Landschaftspark Duisburg-Nord in het Ruhrgebied is een sprekend voorbeeld van een metropolitaan park, dat is opgebouwd rondom de ruïne van een in 1985 stilgelegd hoogovencomplex. In de oeverlanden van de Nieuwe Meer, Waterland, Amstelland en Diemerscheg, Spaarnwoude en het Twiske liggen kansen om samen met de buurgemeenten, provincie, recreatieschappen, grondeigenaren, waterschappen en belanghebbenden te ontwerpen aan eigentijdse metropolitane parken. Dat zou de kwaliteit en het economisch draagvlak van deze groengebieden flink vergroten. Geen eenvoudige opgave, maar het zou wel een waardige erfenis zijn van de derde Gouden Eeuw!


17 In het ‘Plan voor een groene Zuidas’ staan maatregelen om heel Zuidas optimaal te vergroenen door gevarieerd groen toe te voegen aan de openbare ruimte. / The ‘Plan for a Green Zuidas’ outlines measures to realise optimal greening across the whole district, adding green space to the public space. Foto: Ton Muller

door Ton Muller

Plan voor een groene Zuidas De ambitie voor het meest hoogstedelijke deel van Amsterdam, Zuidas, is er een levendig woon- en werkgebied van te maken met een hoge kwaliteit van leven, waarbij groen een essentiële rol speelt. Met de aanleg van de ondertunneling van de ringweg A10 ontstaat een rijk groen landschap waarin de infra­ structuur is opgenomen, een groene wereld op de daken van de snelweg en het Station Amsterdam Zuid in het hart van Zuidas. Meer dan een kleur De ambitie reikt nog verder: In heel Zuidas optimaal vergroenen door gevarieerd groen toe te voegen aan de openbare ruimte. In het ‘Plan voor een groene Zuidas’ betekent groen meer dan alleen maar bomen. Het gaat om allerlei typen groen, zoals heesters, kruidachtige beplanting, klimplanten, bollen en bomen, én verschillende ruimtelijke vormen (denk aan groene pleinen, pocketparkjes, daken, binnentuinen en mobiel groen). Investeren in groen hoort bij een groeiende stad Door de verdichting neemt de behoefte aan bruikbaar en betekenisvol groen toe. Groen kan

15

03 | 2017

betekenis krijgen door het duidelijke functies en waarden (gebruiks-, belevings- en toekomstwaarde) te geven, die maatschappelijk van belang zijn. Zuidas, waar de openbare ruimte en het groen schaars zijn, wordt met chirurgische precisie ingericht. Uitganspunt van het plan is een integrale inrichting van de (groene) openbare ruimte. Alle thema’s die voor de hoogstedelijke Zuidas belangrijk zijn, komen in deze groene openbare ruimte samen: gebruik, water- en stadsklimaat en biodiversiteit. Het plan vormt een raamwerk voor de inrichting van de groene openbare ruimte, met ambities en concrete maatregelen. Het is de schakel tussen centrale stedelijke groenvisies zoals de Agenda Groen en concrete maaiveldontwerpen. Het doet uitspraken over alle soorten groen in het gebied: metropolitaan landschap, stadsgroen, buurtgroen, kavelgroen en de verbindende groen-blauwe netwerken. Beeldbepalend Naast de inrichting besteedt het plan ook aandacht aan het proces om te komen tot een groene Zuidas: de uitvoering, de toekomst en het beheer. Hiervoor zijn verschillende maatregelen opgenomen,

zoals de inzet van een groenadviseur, een ecoloog en een groentoezichthouder, samenwerking met netbeheerders, communicatie met de omgeving, groen opnemen in de bouwenvelop en rekening houden met de financiering van het beheer. Dankzij deze maatregelen kan de ambitie om Zuidas een kwalitatieve groenimpuls te geven, waar­ gemaakt worden. Het ‘Plan voor een groene Zuidas’ maakt van groen een beeldbepalende factor in dit hoogstedelijke woon- en werkgebied.

17

16

15


‘Ik bekijk een stad als een berglandschap’ Tekst: Stella Marcé Foto: Alphons Nieuwenhuis

Maike van Stiphout Directeur DS Landschapsarchitecten en hoofd landschaps­ architectuur Academie van Bouwkunst, Amsterdam

“Hoe krijgen we meer biodiversiteit in een verdichtende stad? Hoe ontwikkelen en bouwen we ‘natuurinclusief’, dat wil zeggen met méér natuur dan er oorspronkelijk was? Door de toenemende verstedelijking is dit nu een actueel vraagstuk, en de tijd is er rijp voor sinds de crisis achter ons ligt. Vroeger werkte ik veel aan buitenwijken en landschappelijke woningbouwprojecten. De kennis die ik zo heb opgedaan, bijvoorbeeld over de flora- en faunawet, heb ik meegenomen de stad in. Ik haal ook veel inspiratie uit het buitenland. Op nextcity.nl verzamel ik samen met een architect kennis en voorbeelden van natuurinclusief bouwen wereldwijd. Nieuwe leefomgeving De tijd dat de natuur exclusief het vakgebied van ecologen was, ligt achter ons. Ontwerpers, architecten en bouwers moeten zich ervan bewust zijn dat ze invloed hebben op alles wat leeft in een omgeving. Stel, we kappen een boom. Daarmee veranderen we de habitat van mensen én van dieren. Zetten we er vervolgens een nieuw gebouw neer, dan hebben we de kans om méér natuur toe te voegen dan er was. Voor de zogenaamde gebouwbewonende soorten, zoals vleermuizen, mussen en gierzwaluwen, kunnen we zo een nieuwe leefomgeving creëren. Wij – ontwerpers, stedenbouwkundigen, (landschaps)architecten, bouwers – moeten die verantwoordelijkheid nemen, want wij zetten iets neer dat honderd jaar meegaat! Stad als berglandschap Net zoals wij graag een supermarkt om de hoek hebben, nestelen dieren zich graag in de buurt van voedsel. De ruimte is dan ook net zo belangrijk als de gebouwen. Ik bekijk een stad als een berglandschap. Neem bijvoorbeeld Sloterdijk, dat is een bebouwd gebied dat precies tussen het Westerpark en de Brettenzone in ligt. Samen met architecten heb ik een plan gemaakt om deze gebieden met elkaar te verbinden. We hebben gekeken welke dieren we willen aantrekken. Er blijken nachtegalen te zijn daar. Die vogel is iconisch en heel geliefd. Ik heb de Vogelbescherming gevraagd wat nachtegalen nodig hebben om te overleven. Met die informatie heb ik een programma van eisen opgesteld, met daarin de favoriete nestgelegenheid, de struikendichtheid, voedselgelegenheid, hoogteligging en dergelijke. Nieuwe ontwerpen voor Sloterdijk worden nu hopelijk allemaal afgestemd op de behoeften van de nachtegaal en alle andere soorten die we in dat gebied graag meer leefruimte willen geven.

16

Plan Amsterdam


1 Ontwerp voor een gebouwencomplex in Sloterdijk. Dankzij maatregelen in de gebouwmorfologie, architectuur, beplanting en het beheer kan het een biotoop voor veel soorten dieren worden. Het ontwerp kwam tot stand in samenwerking met Heijmans vastgoed, NL architects, Donna van Milligen Bielke, Chris Collaris, Space Encounters, DS landschaps­ architecten en Dakdokters. / Design for a building complex at Sloterdijk. Targeted measures in relation to the buildings’ morphology, architecture, green space and management have made the complex

a suitable habitat for a wide variety of animal species. The design was created in partnership with Heijmans Vastgoed, NL Architects. Donna van Milligen Bielke, Chris Collaris, Space Encounters, DS Landscape Architects and Dakdokters. Impressie: DS landschapsarchitecten

Het grotere geheel Als het over duurzaamheid gaat, hebben mensen het vaak over technische innovaties. Zonnepanelen, een begroeid dak… Voor mij gaat het om het grotere geheel: hoe willen we met elkaar – dus ook met dieren en planten - samenleven? In de bouwsector levert dat weleens opgetrokken wenkbrauwen op. Toch merk ik dat het de laatste jaren weer meer over de natuur gaat, en dat vooral stedelingen meer contact zoeken met de natuur. Ze krijgen in de gaten dat de natuur op allerlei gebieden – inspiratie, ontspanning, gezondheid, maar ook financieel – waarde toevoegt. Om door te kunnen leven op deze aarde, moeten we echt meer gaan nadenken over biodiversiteit en natuurinclusief bouwen.”

1

cultuur in gelaagdheid

rots in de Bretten

Bretten kleed

leven in de stad

03 | 2017

17


1 Stadstuin Beethoven is door de grote diversiteit aan vaste planten en bomen een mooie verblijfsplek voor werknemers en bewoners. Organische fiets- en wandelroutes versterken de recreatieve belevingswaarde. / Offering a large variety of plants and trees, the Beethoven city garden is a lovely place to visit for local residents and people working in the area. Natural cycling and hiking routes reinforce the recreational experience. Foto: Kees Winkelman

2 Een vertrouwd straatbeeld in het centrum van Amsterdam: een bewoner heeft een weelderige tuin aangelegd in de openbare ruimte. / A familiar sight in the centre of Amsterdam: local people creating lush pavement gardens. Foto: Edwin van Eis

Groene bouwstenen voor stadsbiotopen door Geertje Wijten g.wijten@amsterdam.nl

Fiets je vanuit een drukke route in het centrum een zijstraat in, dan kom je op bijzondere groene plekken, zelfs in de smalste straten. Het zijn oases van rust, mede aangelegd door Amsterdammers die zich inzetten om hun eigen buurt te vergroenen. In combinatie met meer aandacht voor groen en natuur in het ontwerp van de openbare ruimte is zo een stads­natuur ontstaan die kan dienen als inspiratie voor de inrichting van nieuwe (hoog)stedelijke gebieden. Groen is niet iets statisch dat je als object kunt benaderen. Het is onderhevig aan seizoensinvloeden, het leeft en het maakt vaak emoties los. Het heeft sociale, economische en fysieke waarde en de rol ervan kan per plek verschillend zijn. In dit artikel staat het groen in de buurt centraal. Dit groen, ook wel stadsnatuur, buurtgroen of straatgroen genoemd, is klein van omvang en draagt bij aan een prettig leefklimaat voor Amsterdammers die er vlakbij wonen. We hebben het dus niet over stads­ parken of scheggen, maar over het groen dat zo kenmerkend is voor Amsterdam en dat groeit aan gevels, op pleinen, langs straten en op daken.

Baten van klein groen in de buurt Dit kleinschalige groen in de buurt is vaak een voorwaarde om met plezier in de stad te verblijven. Het heeft verschillende positieve effecten: 1 Sociaal: Groen op zichzelf voegt weinig toe op sociaal gebied. Het gaat erom hoe het groen gebruikt wordt en hoe het past in de stedelijke structuur. Een woonklimaat dat mensen als prettig ervaren kan nog beter worden door de toevoeging van groen. Initiatieven om een buurt te vergroenen kunnen leiden tot meer gesprekken op straat, meer

18

Plan Amsterdam

sociale controle en gevoel van eigenaarschap van de openbare ruimte. 2 Biodiversiteit: Stedelijk groen dat is ontworpen voor de mens biedt vaak voedsel, bescherming en nestelmogelijkheden voor dieren. Steeds vaker wordt groen bewust ecologisch ontworpen en beheerd. Zo wordt de leefwereld van dieren in de stad beter. Ecologisch groen oogt natuurlijk en spontaan en is rijk aan inheemse planten en dieren. Inheemse planten hebben voor de biodiversiteit veel waarde, omdat dieren deze soorten herkennen als voedselbron. 3 Recreatief en esthetisch: Amsterdammers zijn meer buitenshuis dan voorheen en ontplooien er een grotere variatie aan activiteiten. Uit het Grote Groenonderzoek van de gemeente Amsterdam (2013) blijkt ook een toename van het gebruik van buurtgroen. We genieten ervan met onze buren op de stoep, met een laptop op schoot of spelend op een plein. Dit groen is vooral van belang voor de minder mobiele mensen in de stad zoals de vele gezinnen, ouderen en mensen met een laag opleidingsniveau. Zij zijn vaak van dit groen in de openbare ruimte afhankelijk voor hun groene recreatie. >


1

2

03 | 2017

19


3 De Spiegeltuin in Slotervaart is een tijdelijke, culturele en educatieve groenzone in de openbare ruimte. De initiatiefnemer heeft de tuin met buurtgenoten gecreëerd. / The Spiegeltuin (Mirror Garden) in the Slotervaart area is a temporary cultural and educational green zone, initiated and created by local people. Foto: Geertje Wijten

4 In Amsterdam worden steeds meer groene daken aangelegd die water kunnen bergen en insectvriendelijk zijn beplant, zoals op dit kantoor­ gebouw in Zuidas. / More and more of Amsterdam’s roofs are turned into garden areas which can absorb rain water and are insect friendly, like this roof on top of an office building in the Zuidas district. Foto: Alphons Nieuwenhuis

3

20

Plan Amsterdam

5 Groene, klimaatbestendige plekken dagen kinderen uit om te bewegen, leren en spelen. Daarom investeert Amsterdam in de herinrichting van openbaar toegankelijke schoolpleinen, zoals dat van De Ster in Zuidoost. / Green, climate proof places encourage children to play, learn and explore. This is why Amsterdam is investing in the redesign of publicly accessible schoolyards, such as at De Ster in city district of Zuidoost. Foto: Edwin van Eis


‘Groen leeft en maakt vaak emoties los.’

4

5

21


6 Rainproof is een initiatief om de stad samen met bewoners, bedrijven, kennisinstellingen en overheid bestand te maken tegen hoosbuien. De infographic geeft maatregelen weer om overlast van regen te voorkomen. / The Rainproof initiative aims to work with residents, businesses, knowledge institutes and government authorities to make the city resilient against heavy showers. The infographic shows how we can deal with frequent downpours. Bron: Amsterdam Rainproof

Het regent vaker en harder. Kan jouw buurt dat aan? / It’s raining more often and more heavily. Can your local neighbourhood cope? 1 groen/waterdak / green/blue roof 2 geveltuintje / pavement garden 3 open waterlopen / open gutter 4 stedelijke infiltratiestroken / urban infiltration strips 5 water infiltratieveld / infiltration field 6 groen tussen de tramrails / grass between the tram rails

7 waterpasserende verharding / water permeable paving 8 verkeersdrempel / speed bump 9 grasbetonstenen / grass concrete blocks 10 waterplein / water square 11 infiltratiekratten / infiltration crates 12 regenwatervijver / rain water pond 13 rainproof nutsvoorzieningen / rainproof utilities 14 regenpijp afkoppelen / detached downpipe

6

7

22

Plan Amsterdam


7 Bajes Kwartier heeft de ambitie een buurt te worden waar je groen, gezond, geïnspireerd en gelukkig woont, werkt en recreëert. Een buurt met een sterk groen karakter, die kan gaan functioneren als stadsbiotoop. / The Bajes Kwartier area has the ambition to build a neighbourhood where people can live, work and relax in a green, healthy and inspiring environment, which will function as an urban habitat. Impressie: OMA, LoLA en Fabric in opdracht van AM

4 Klimaatbestendig: Door klimaatverandering hebben we te maken met extremere weers­ omstandigheden zoals hevigere regenval en meer hitte. En dat in een omgeving die in toenemende mate versteend is, en daardoor kwetsbaar. Groen draagt eraan bij dat woningen, straten en pleinen aangenaam blijven onder deze omstandigheden. Het vergroot de mogelijkheid om regenwater vast te houden en vermindert de temperatuurstijging op hete dagen. 5 Educatief/ontwikkeling: Vooral voor jonge kinderen is het belangrijk dat ze met de natuur in aanraking komen. Vergroening van de woonomgeving, de school en de opvang kan hierbij helpen. Het geeft het kind de mogelijkheid om te ervaren hoe dicht het van oorsprong bij de natuur staat en te leren over natuurverschijnselen. Bovendien daagt groen uit tot lichamelijke activiteit, stimuleert het de creativiteit en verruimt het de geest. 6 Gezondheid: Groen heeft positieve effecten op zowel de mentale als de lichamelijke gezondheid. Daarom is buurtgroen in de woonomgeving en bij zorginstellingen, scholen en ziekenhuizen zo van belang. Vooral mensen met een lage sociaal­ economische status hebben voor hun gezondheid baat bij groen in de buurt. Zij hebben relatief minder mogelijkheden om te ontspannen, sporten, of eropuit te gaan.

Stadsbiotopen zijn maximaal groen Het idee van de stadsbiotopen is dat deze buurten prettig zijn voor mens, plant en dier, en tóch hoog­ stedelijk. Een goed ontwerp is gebaseerd op een slim samenspel tussen gebouwen en de openbare ruimte. Deze worden allebei natuurlijker ingericht, waarbij alle baten van groen worden benut en gekoppeld worden aan de kansen voor bijvoorbeeld vogels en vleermuizen. Als zij een buurt aantrekkelijk vinden is dat een graadmeter voor het verblijfsgenot van de mens.

vergroenen zelf hun woning, kantoor, straat of plein. In de nieuwe buurten hebben we nu de kans om het direct goed aan te pakken. De aanzet hiervoor is al zichtbaar op de Zuidas, maar ook bij Sloterdijk en het Bajes Kwartier. Bestaande groene buurten met een lagere woondichtheid, zoals in Noord, Zuidoost en Nieuw-West, krijgen ook te maken met verdichting. Om ze gelijktijdig tot stadsbiotoop te kunnen ontwikkelen, zal het groen er aantrekkelijker, gevarieerder en bruikbaarder moeten worden. Uit recent onderzoek in Nieuw-West (Droog 2017) blijkt namelijk dat bewoners de groenvoorzieningen in hun buurt als saai en anoniem beschouwen. Groene initiatieven van bewoners en ondernemers kunnen hier zorgen voor meer levendigheid en de openbare ruimte een persoonlijker karakter geven.

Creatieve oplossingen nodig De toenemende verdichting en de trend om steeds meer in de openbare ruimte te verblijven hebben als gevolg dat er meer groene oplossingen nodig zijn om buurten aantrekkelijk te houden of te maken. In een aantal Amsterdamse buurten zijn al kleine stads­ biotopen met inspirerende groene plekken ontstaan. Dit levert vele voordelen op voor de leefomgeving. Niet in alle bestaande buurten is het groen even waardevol. Daar kan met creativiteit en innovatie nog veel waarde worden gecreëerd. Op dit moment worden spelregels en normen voor de inrichting van nieuwe buurten ontwikkeld, een mooie kans om in die buurten zoveel mogelijk kleinschalig groen op te nemen. Dat vraagt wel om goed samenspel van gemeente en ontwikkelaars en de bewoners en ondernemers die initiatieven ontplooien. Inspirerende voorbeelden zijn er genoeg te vinden in de stad. De bouwstenen voor het hoogstedelijk groen liggen er al, mede ontwikkeld door Amsterdammers die zich al jaren inzetten om hun eigen buurt te vergroenen.

In bestaande buurten zien we deze stadsbiotopen soms al ontstaan, vaak als samenspel tussen gemeente, bewoners en bedrijven. De gemeente richt in, beheert en faciliteert initiatieven; bewoners en ondernemers

03 | 2017

23


8 Overzicht van de verschillende bouwstenen voor een groene infrastructuur in buurten en de waarde (baten) ervan. / The building blocks for a green neighbourhood infrastructure and their benefits.

door Geertje Wijten

Groene bouwstenen De stad heeft behoefte aan multifunctioneel groen dat verschillende positieve effecten combineert. De afgelopen jaren is al veel van dat waardevolle groen op straten, pleinen en daken toegevoegd. Hieronder schetsen we de variaties, te beschouwen als de groene bouwstenen van de stad. In combinatie met voor­ beelden kunnen deze groene bouwstenen ons inspireren bij het vergroenen van bestaande en nieuwe buurten.

voordelen

sociaal biodiversiteit recreatief en interventie esthetisch

postzegelpark, buurtpark groene speelplek, natuurspeeltuin groen schoolplein bomen

klimaat- educatief en bestendig ontwikkeling

gezondheid

• • • • • • • • • • • • • • • • • • •

• • • • • • groene speelstraat • • • • • • geveltuin, boomtuin • • • • semi-openbare of privétuin • • • • • groen dak • • • • • groene muur • • • • groenstrook

8

24

Plan Amsterdam


9 Het Ten Kateplein in West is in nauwe samen­ werking met de buurt vergroend. Steeds meer pleinen worden zo opnieuw ingericht met aandacht voor verblijfsmogelijkheden voor verschillende doel­ groepen. / The Ten Kateplein is a residential square in the Oud-West district which has been greened in close collaboration with the local community. Many residential squares in the city are being redeveloped in this way, providing a place for a wide variety of different groups of people. Foto: Luc Sour

10 In Amsterdam Noord is een deel van een

parkeerterrein ingericht als groene speelplek, met onder andere een voetbalveldje, kabelbaan, glijbaan, waterhappertje, natuurlijke speeltoestellen en valondergronden. / Part of a parking lot in Amsterdam Noord has been redeveloped as a green play area. The area has a small football field, a cableway, slides, a drinking fountain and play equipment made of natural materials with safety surfaces. Foto: Edwin van Eis

11 Hoeveel groene infrastructuur is er op dit moment in buurten in Amsterdam? / How much green infrastructure do Amsterdam’s neighbourhoods currently have?

Pleinen en veldjes Postzegelparken of buurtparkjes Deze kleine parkjes zijn aantrekkelijke plekken die zo zijn ingericht dat ze uitnodigen tot ontmoeting en activiteit. Postzegelparken worden steeds vaker aangelegd op initiatief van bewoners en door hen (mede) beheerd. Dit gebeurt onder andere door ‘Park om de hoek’, een initiatief van De Gezonde Stad. Groene speelplekken en natuurspeeltuinen Plekken waar kinderen de natuur kunnen ontdekken, hutten bouwen, ravotten en tot rust komen. De variatie in Amsterdam is groot: van speeltuin ingericht met natuurlijke materialen tot mininatuurgebied. Groene schoolpleinen Een schoolplein als speel- en leerlandschap, een soort buitenlokaal met dieren, planten en bomen. Zo’n plein heeft niet alleen waarde voor de kinderen en docenten van de school, maar ook voor de buurt. Zeker nu steeds meer schoolpleinen (semi-) openbaar worden.

totaal bomen in de stad laan- en straatbomen wadi’s of watervertragende groenstroken buurtparken en postzegelparken natuurspeeltuinen groene schoolpleinen moestuinen gevel- en boomtuinen groene daken

9

> 1 miljoen ± 300.000 ±9 ± 150 > 15 ± 24 ± 130 ± 22.000 ± 220.000

10

11

03 | 2017

25


12 Met een watervertragende groenstrook of wadi kan een straat afgekoppeld worden van de riolering. Het regenwater wordt afgevoerd naar de wadi waar het kan infiltreren of vertraagd wordt afgevoerd. / Using infiltration strips and swales means whole streets can be disconnected from the main sewer system. The rainwater will be drained into the swale where it can infiltrate or drain away slowly. Foto: Merlijn Michon

13 Groene speelstraten, zoals de Da Costastraat, zijn autovrije en fietsvrije straten die als groene verblijfsplekken zijn ingericht voor (en samen met) de buurt. / Green play streets such as this one at Da Costastraat are car-free and bicycle-free green spaces which have been developed for (and by) the neighbourhood. Foto: Geertje Wijten

Straten Bomen De naar schatting een miljoen bomen in Amsterdam hebben baten voor het klimaat, voor de dieren en voor de Amsterdammers die er dagelijks van genieten. Een gezonde volgroeide boom heeft het grootste effect op het klimaat doordat deze veel schaduw genereert en een groot blad­ oppervlak heeft voor verdamping en verkoeling. Voor gezonde bomen zijn geschikte groeiplaatsen noodzakelijk. Groene stroken In veel straten en langs water is nog ruimte voor groenstroken. In plaats van het traditionele plantsoen met struiken kiezen we steeds vaker voor een ecologisch inrichting, een selectie van vaste planten of een watervertragende groenstrook. Ook zijn veel bestaande plantsoenen op initiatief van Amsterdammers al omgevormd tot buurt-, kruiden- of natuurtuin.

12

Groene speelstraten De afgelopen tien jaar is een aantal bestaande straten binnen de ringweg A10 afgesloten voor verkeer en ingericht als groene straat met ontmoetings- en speelruimte. Ook in nieuwe gebieden zoals de Zuidas en de Laan van Spartaan zijn dit soort ‘leefstraten’ gecreëerd.

13

26

Plan Amsterdam


14 Impressie van een Bellamybuurt vol groene daken. Rooftop Revolution helpt bewoners, organisaties en bedrijven met vergroening en bemiddelt als een eigenaar van een dak daar minder baat bij heeft. / This is what the Bellamy neighbourhood area could look like from above. Rooftop Revolution helps residents, organisations and businesses to green their roofs and mediates if this does not benefit the owners of the roof. Impressie: Rooftop Revolution

15 Amsterdammers kunnen een deel van hun woonomgeving (mede) verfraaien en onderhouden. Bijvoorbeeld een geveltuin, plantsoen, groene muur of moestuin. / Amsterdammers can help make their own neighbourhoods more beautiful and attractive by creating and tending a sidewalk garden, a community garden, a green wall or a vegetable garden. Foto: Edwin van Eis

16 Met het nieuwe paviljoen Circl aan de Zuidas wil ABN Amro Bank kennis over circulariteit delen. Het gebouw is duurzaam en circulair gebouwd en heeft openbaar toegankelijke daktuinen en een groene muur. / At the new Circl Pavillion in the Zuidas district, ABN Amro Bank share their expertise in circularity. The building is sustainable and circular and has publicly accessible roof gardens and a green wall. Foto: Geertje Wijten

Gebouwen Geveltuinen en boomtuinen Vooral binnen de ringweg A10, waar veel mensen geen balkon of tuintje hebben, is de behoefte aan een geveltuin of boomtuin groot. In bijna iedere straat zijn ze te vinden als kleurrijke toevoeging aan de leefomgeving. Het tuinieren op de stoep leidt tot veel variatie, van ruige permacultuur tot aangeharkte perkjes met viooltjes. Semi-openbare en private tuinen Op verschillende plekken in de stad worden voorheen private tuinen overdag opengesteld. De stad kent ook veel privétuinen in binnenterreinen. Deze zijn niet altijd even groen of worden om allerlei redenen slecht onderhouden. Groene binnentuinen zijn van groot belang voor de stad, zeker in gebieden met hoge dichtheid waar de mogelijkheid voor vergroening van straten beperkt is. Groene daken Het daklandschap in Amsterdam wordt langzaam ontgonnen en is steeds meer in gebruik voor duurzame toepassingen. Naast sedumdaken, natuurdaken, waterdaken en zonnedaken zien we veel dakterrassen, daktuinen en zelfs moestuinen op daken verschijnen. Daken die zichtbaar of toegankelijk zijn voegen veel extra’s toe voor buurtbewoners.

14

Groene muren In Amsterdam zien we veel gevels begroeid met klimplanten die vanuit de grond – al dan niet langs een constructie - omhoog groeien. Het effect is meestal heel kleurrijk en aantrekkelijk voor wilde bijen, vlinders en vogels. Ook zijn er steeds meer levende muren of verticale tuinen, opgebouwd uit een systeem waarbij de planten niet in de volle grond staan. Deze zijn duurder in aanleg en onderhoud dan de gevels met klimplanten.

15

03 | 2017

16

27


‘Ons onderzoek laat zien dat bomen van grote waarde zijn voor de stad’

Tekst: Stella Marcé Foto: Alphons Nieuwenhuis

Lisette Klok Docent-onderzoeker Klimaatbestendige stad bij lectoraat Water in en om de Stad, Hogeschool van Amsterdam

“Extra sterfte wordt vaak genoemd als gevolg van extreme hitte in steden. Hitte heeft niet alleen gevolgen voor onze gezondheid, maar heeft ook effecten op de leefbaarheid binnen en buiten, de buitenruimte, het water en de transporten elektriciteitsnetwerken. Gemeenten willen er dus mee aan de slag. Maar ze weten nog niet precies welke maatregelen ze het beste kunnen nemen en wat hun ambitie moet zijn. Wanneer kun je zeggen dat een stad hittebestendig is? Als elke inwoner binnen vijf minuten wandelen in een groene omgeving kan zijn? Daar zijn nog geen richtlijnen voor. De Hogeschool van Amsterdam heeft samen met vijf gemeenten, een waterschap en een andere hogeschool onderzoek gedaan naar hitte. Dankzij dit onderzoek weten we nu beter wat er tegen hitte te doen is. En nu kunnen we ook de discussie over de richtlijnen beter voeren. Metingen In de zomers van 2015 en 2016 hebben we met twee mobiele weerstations op verschillende locaties in Amsterdam gemeten hoe warm het er was. Bijvoorbeeld aan het IJ, in het Vondelpark en op de Dam. We waren geïnteresseerd in de verkoelende effecten van groen en water in vergelijking met een verharde omgeving. Daarnaast hebben we metingen op schaduwlocaties afgezet tegen die op plekken in de volle zon. Naast de temperatuur is de gevoelstemperatuur gemeten. Want luchtvochtigheid, windsnelheid en zonnestraling spelen ook een rol. Tot slot hebben we de ‘thermische beleving’ onderzocht: hoe fris, warm, aangenaam of onaangenaam vonden mensen het op die plekken? Verkoelende schaduw Een van de conclusies van ons onderzoek is dat schaduw heel belangrijk is om hitte te dempen. Het verkoelende effect van schaduw bleek veel groter dan dat van water. Als je de stad wilt vergroenen, zijn bomen dus de beste keuze, want die leveren schaduw. Grasvelden hebben minder effect. Ze geven geen schaduw en het verdampende effect van een grasveld gaat verloren als het verdort door de hitte. Een boom verdort minder snel. Ons onderzoek laat dus zien dat bomen van grote waarde zijn voor de stad, en dat je ze niet zomaar moet weghalen. Maar je kunt natuurlijk niet overal bomen planten. Schaduw van gebouwen werkt ook prima. In combinatie met groene gevels zorg je er meteen voor dat de gevel minder opwarmt.

28

Plan Amsterdam


1 Uitkomsten van onderzoek naar het verkoelend effect van water, groen en schaduw van gebouwen en bomen (2015, 2016). Het verkoelende effect van schaduw bleek veel groter dan dat van water. / Results of research into the cooling effects of water, green space and shading by buildings and trees (2015, 2016). The cooling effect of shade turned out to be much higher than that of water. Bron: Hogeschool van Amsterdam Source: Amsterdam University of Applied Sciences

luchttemperatuur (Ta) in °C / air temperature (Ta) in °C gevoelstemperatuur (PET) in °C / Physiologic Equivalent Temperature (PET) in °C

Investeren in groen is zinvol Ik vind het opmerkelijk dat het verkoelende effect van bomen en gebouwen zoveel groter bleek te zijn dan dat van water. We willen graag meer over de rol van water in de stad te weten komen. Daarom doen we daar samen met Wageningen Universiteit onderzoek naar, in het project REAL-COOL. Een collega van mij kwam trouwens met nog een opvallende uitkomst. Zij heeft allerlei berekeningen gedaan en daaruit bleek dat de baten van groen veel groter zijn dan de kosten. Dat betekent dat een klimaatbestendige inrichting voor steden niet duurder is dan een traditionele herinrichting. Investeren in groen is dus heel zinvol!”

22 20

15

10

5

0

–5 –7 water

groen

schaduw door gebouwen

schaduw door bomen

1

03 | 2017

29


Summary

Building a green city Green legacy of the third Golden Age Amsterdam is growing at a phenomenal pace. In a densifying city with increased levels of crowding, green space has become indispensable. Will Amsterdam have enough quality green space to be an attractive, healthy and climate resilient place to live for its 1 million plus residents in 2034?

allotment gardens and cemeteries can be made more accessible to the general public. Other, alternative opportunities include ‘city biotopes,’ green neighbourhoods where people, plants and animals are all given equal weight; and metropolitan parks, which are larger than city parks and are characterised by combining rural and urban roles.

Amsterdam’s wealth of parks, trees and valuable cultural-historical landscapes are the legacy of a long planning tradition. During the city’s first Golden Age (from 1588 until roughly 1700) trees were planted in regular patterns along its main roads and canals. Between 1870 and 1930, during the second Golden Age, the city’s parks were developed. From the launch of the General Expansion Plan in 1935 until 1960, the city recorded a population growth of more than ninety thousand people. Green and blue spaces were used on a large scale to structure the city and new city parks were created. The development of a structure of wedgeshaped green areas cutting deep into the cityscape means that city centre residents are within fifteen minutes’ cycling from the surrounding landscape.

Green building blocks for city biotopes Small-scale green space contributes to a pleasant living environment, offering a range of positive effects for our mental and physical health. It encourages children to be more physically active and stimulates creativity. Many people depend on green amenities in the local public space for their ‘green’ leisure and recreation. Initiatives to green the neighbourhood can lead to more social encounter, create a tighter knit community and foster a feeling of ownership of the public space. Ecologically designed green space also houses a wealth of indigenous plant and animal species, adding to biodiversity. And it helps to create a climate resilient city, because it increases retention and reticulation of rain water and has a cooling effect during hot summer spells.

The city is growing faster than ever before, but we have agreed that we will only build within the existing city boundaries, protecting the valuable green areas surrounding the city. Amsterdam is on course to meet the ambition outlined in the 2015-2018 Green Agenda to add fifty thousand square metres of green roof space. However, if we were to match the growth in population with the corresponding acres of green in 2025, we would have to add almost 1400 acres of green spaces. There is simply not enough space for this within the existing boundaries.

The city needs multifunctional green space which provides multiple positive effects. These types of green space include pocket parks, green schoolyards, nature play parks, green strips along the water, green play streets, sidewalk gardens and green roofs and walls.

The aim, therefore, is to have a variety of quality green spaces. Which means we need to take good care of the green spaces we have and provide a varied supply of green space. We need to invest in green spaces on all levels, including residential areas, city parks, land surrounding the city and the connections between green areas. And we need to design creative solutions. Semipublic green amenities such as sport parks,

30

In a number of Amsterdam neighbourhoods, small-scale urban biotopes with inspiring green space have emerged, often as a joint effort between the council, local residents and businesses. The idea of the urban biotope is to turn local neighbourhoods into pleasant environments for people, plants and animals, while at the same time retaining the dense, metropolitan character of these districts. Currently, new rules and norms are being established for the design of new neighbourhoods. By integrating more green space in the designs of buildings and the public space, and making use of all the benefits this green space can bring, we can help wildlife such as birds and bats to thrive.

Plan Amsterdam

Existing green, low-density neighbourhoods will become more dense. To be able to develop them into urban biotopes, their green space will need to be made more attractive, varied and functional.

Biodiversity and climate proofing Landscape architect Maike van Stiphout creates designs which allow more biodiversity in the urban environment. Maike says: “To continue living our lives on this planet, we will really need to start thinking about how to promote biodiversity and nature inclusive development. If we construct a new building, we have the opportunity to add more nature than before. Together with other architects I designed a plan for the Sloterdijk area, connecting the Westerpark and the Bretten zone. I set up a programme with requirements for the protection of nightingales, including favourite nesting sites, preferred density of shrubbery, and where they find their food. Designers, architects, developers and builders need to be aware of the impact they have on every living thing in the environment. Nature is no longer the exclusive domain of ecologists.” Teacher-researcher Lisette Klok spent two summers researching the cooling effect of green space, including plants and trees, during hot spells in the city. Lisette says: “One of the outcomes of our research is that shade is very important to reduce summer heat. So if you want to green the city, trees are your best bet, because they provide shade. Grass will be less effective. Of course, it is impossible to plant trees everywhere. Shade cast by buildings also works. And if you green the walls, you will also make sure that they will not get hot very quickly. Finally, a striking fact discovered by one of my colleagues is that the benefits of green spaces are much higher than the costs. This means that a climate proof design of our cities is cheaper than a traditional re-design. Investing in green makes sense!”


Over de auteurs

Plan Amsterdam is een uitgave van Gemeente Amsterdam en is te downloaden vanaf www.amsterdam.nl/planamsterdam

Wouter van der Veur (1972) – Werkt als hoofdplanoloog bij Ruimte en Duurzaamheid gemeente Amsterdam – Studeerde sociale geografie (master) aan de Rijksuniversiteit Groningen en stedenbouw (master) aan de Technische Universiteit Delft – Is trekker van de studie ‘Kwaliteitsimpuls Groen 2025’ naar de groenstrategie van Amsterdam parallel aan de groei van de stad met 50.000 woningen tot 2025 – Was projectleider van de Agenda Groen (2015) en de Visie Openbare Ruimte (2017)

– – –

Geertje Wijten (1972) Werkt als senior planoloog bij Ruimte en Duurzaamheid gemeente Amsterdam Studeerde biologie en milieuwetenschappen aan de Universiteit Antwerpen Is trekker van de uitvoering van de Agenda Groen, lid van het kernteam Amsterdam Rainproof en het Europese project PERFECT – Houdt zich bezig met ontwikkelingen op het gebied van stedelijk groen en klimaatadaptatie die relevant zijn voor beleid

03 | 2017

31


Stadsbeeld 03/17 Een stad zonder aardgas

Luchtbehandeling

Zonnepanelen

Warmtepompen

Infraroodverwarming

Raamisolatie

Sensor toiletten

Warmteterugwinning bierkoeling

Ledlampen

Impressie: De Groene Grachten

Studentenvereniging draait gaskraan dicht Amsterdam gebruikt veel aardgas: ongeveer 90% van de warmte in bedrijven en woningen is afkomstig van deze energiebron. Aardgas is verantwoordelijk voor een belangrijk deel van de CO2-uitstoot. Daarnaast raakt het Nederlandse aardgas op en zal de import van buitenlands gas leiden tot een hogere energierekening voor Amsterdammers. Bovendien maakt het ons land en onze stad afhankelijk van andere landen. Studentenvereniging L.A.N.X. is de allereerste studentenvereniging van Nederland die de gaskraan dichtdraait en heeft de ambitie om de meest duurzame studentenvereniging van Nederland te zijn.

De Groene Grachten heeft voor deze drie monumentale panden een duurzaam plan opgesteld en uitgevoerd. Met vier warmtepompen en zonnepanelen wekken de rijksmonumenten hun eigen duurzame energie op. De restwarmte van de bierkoeling verwarmt de benedenzalen. Het toilet is voorzien van sensoren, daardoor besparen de studenten zo’n tweeduizend euro per jaar aan water. Daarnaast is ledverlichting, infraroodverwarming en raam­ isolatie toegepast en is de CV-ketel volledig verwijderd. www.amsterdam.nl/aardgasloos

Plan Amsterdam 03 2017 'Bouwen aan een groene stad'  

Plan Amsterdam is een uitgave van Gemeente Amsterdam. Het vakblad informeert over ruimtelijke thema's, projectten en ontwikkelingen.