Issuu on Google+

*+ vrijdag 16 november 2012

Uitvaartbijlage

Dit is geen bijbel...


Uitvaartverzekering Uitvaartverzorging Crematorium

UITVAARTVERZORGING IN DE OOST- ACHTERHOEK De vele voordelen voor u: * Gegarandeerd het laagste tarief, waar u ook verzekerd bent! * Speciale zorg & aandacht voor kinderen. * Optimale begeleiding voor een echt persoonlijk afscheid. * Gratis voorbespreking en nazorg. * Voor elk budget de passende uitvaart! * Crematorium in Aalten, uitvaartcentra in Winterswijk en Oost-Gelre. * Zonder winstoogmerk met oog voor u! * Gratis voorlichting tijdens open dagen, thema-avonden en herdenkingsbijeenkomsten.

Persoonlijk, betrokken en dichtbij

Dan weet u waar u aan toe bent

UITVAARTVERZEKERING IN GELDERLAND

GUV Vrije Keuze Polis De vele voordelen voor u: * Zonder winstoogmerk dus lage tarieven! * Gratis de kinderen meeverzekerd. * Optimale keuzevrijheid voor een echt persoonlijk afscheid. * Geen pakket van diensten maar volledige bestedingsvrijheid.

www.guv.nl Bel GUV, GUV helpt: 0900 - 700 7000 (lokaal tarief) Zie ook:

Schoenmaker blijf bij je leest ! Een begrafenis ondernemer zorgt voor de begrafenisof cremaƟe,

Bloemenhandel Ten Pas zorgt voor de bloemen. Bij ons kunt u een afspraak maken en nemen wij de Ɵjd om u alles uit te leggen, wat er mogelijk is of wat er allemaal kan en mag. Hiervoor is onze winkel s’middags gesloten zodat u alles rusƟg kunt bekijken en uit kunt zoeken. Of bekijk onze vernieuwde website

Tel. 0543-512509 Email. info@bloemenhandeltenpas.nl www.bloemenhandeltenpas.nl of www.uitvaartbloemist-winterswijk.nl


vrijdag 16 november 2012 De Gelderlander

extra | 3

VOORWOORD

Magritte op z’n Ghanees door Dorine Steenbergen

C

eci n’est pas une pipe schreef Magritte op zijn schilderij van een pijp. Waarna hele volksstammen zich het hoofd braken wat voor diepzinnigs en artistieks de befaamde, surrealistische Belgische beeldend kunstenaar (1898-1967) hier toch in vredesnaam mee bedoelde. De waarheid is hoogst prozaïsch: een schilderij kan immers nooit een pijp zijn, vandaar dat ‘Dit is geen pijp’. Hetzelfde gaat op voor de Holy Bible die zo uitbundig de voorpagina van deze bijlage siert: uiteraard is dit geen bijbel, maar wél een olijke doodskist. Zelden zo’n vrolijke voorplaat kunnen kiezen voor nota bene de jaarlijkse uitvaartbijlage. Een fleurige doodskist in de vorm van een bijbel. Kom er eens om, niet in Nederland in elk geval. Wel in het Afrikaanse Ghana waar overledenen aldus vaak hoogst spectaculair on-

der de grond gaan: in zogeheten fantasy coffins in de vorm van een levensechte Mercedes, een colafles, een banaan, een haai of een buitenboordmotor. Want ook in uitvaartland is ’s lands wijs, ’s lands eer. Maar ook Nederland kent inmiddels vele afwijkende uitvaartrituelen. Met trommels, dans, expressief rouwbeklag, uitgebreid eten en drinken en een glas suikerwater tegen een flauwte. Met dank aan de multiculturele samenleving. Ook de uitvaart van autochtone Nederlanders wordt steeds persoonlijker. Met een motorescorte of in een handkar naar de laatste rustplaats; begraven worden onder een boom, slechts gehuld in een fraaie doek. Het is inmiddels heel gewoon.

De beroemde Pipe van Magritte.

Reageren? Mail naar specials@gelderlander.nl

foto GPD

MULTICULTURELE UITVAARTZORG

Natte theedoek voor flauwvallers Trommelaars en dans. Uitgebreid eten en drinken. Rituelen rond rouw en afscheid verschillen per cultuur. Rouwkaarten zijn schaars. „Alles gaat via de tamtam.”

Binnen een etmaal 䢇 Steeds meer moslims willen in Ne-

derland worden begraven. Voor moslims en joden is eeuwige grafrust belangrijk. 䢇 Veel begraafplaatsen hebben een aparte islamitische afdeling, met graven die niet geruimd worden. 䢇 Bij moslims en joden schrijft het geloof voor dat de begrafenis bij voorkeur binnen 24 uur plaatsvindt. 䢇 Dat botst met de Nederlandse regelgeving, die voorschrijft dat er 36 uur tussen het overlijden en de uitvaart zit. 䢇 Wordt er toch binnen een etmaal begraven, dan is toestemming nodig van een officier van justitie.

door Yvonne Jansen

T

oen de vader van Indra Saktoe overleed, ging tijdens het afscheid weinig zoals haar familie het voor zich had gezien. „We voelden ons een nummer.” Toen drong tot de van oorsprong hindoestaans-Surinaamse Saktoe door: „Een huwelijk kun je overdoen, een huis koop en verkoop je. Een uitvaart kan maar één keer goed. Dat besef droeg er beslist toe bij dat ik zelf uitvaartverzorger werd.” Inmiddels is Saktoe dat al twintig jaar. Samen met collega Arnie Somer – moslim – vormt ze bij uitvaartonderneming Monuta de tandem ‘Multi Culturele Uitvaartzorg’. De twee werken door het hele land en ondersteunen lokale collega’s met advies en workshops. In Den Haag en Rotterdam heeft Monuta speciale voorzieningen voor vuur- en offerdiensten. Hindoestanen en hindoes geloven dat cremeren de snelste manier is om de terugkeer van het lichaam naar de bron te laten plaatsvinden. Voor de familie is het belangrijk het lichaam van de overledene te zien branden. „Gelukkig mogen familieleden er in Nederlandse crematoria bij zijn als het lichaam aan de vlammen wordt overgegeven”, zegt Saktoe. „Het gebruik stamt uit India, waar de zoon, man of ander familielid de baar van brandhout ontsteekt. Hier raken de nabestaanden met een

Crematieritueel aan de Ganges in India. kaarsvlammetje het lichaam even aan, meestal het gezicht. Dat is een teken van respect en tevens afsluiting, en voor de overledene een voorbereiding op het vuur. Het is belangrijk dat een crematie goed verloopt, want hindoes geloven dat er anders nóg vijf mensen zullen sterven.” De vorm van ‘de’ Nederlandse uitvaart is in het afgelopen decennium sterk veranderd, in die zin dat er sprake is van meer verscheidenheid en persoonlijke inbreng. Maar toch: Saktoe mist er vaak de uiting van emotie. Stilte, strakke gezichten, weggemoffelde tranen en na afloop de opluchting en een soort familiereünie.

COLOFON Redactionele leiding: Dorine Steenbergen Vormgeving: Jenny Heurkens Aan dit nummer werkten mee: Geurt Franzen, Yvonne Jansen, Walter Post, Piet Venhuizen, Flip Versteegh, Hans Walraven, Eva Wassenburg Foto cover: Raymond Rutting (ANP)

foto Harish Tyagi/EPA

„Daarmee is niet gezegd dat autochtone Nederlanders minder verdriet voelen. Het komt gewoon veel minder naar buiten”, zegt Saktoe. „Bij een multicultureel afscheid gaat het er anders aan toe. Dan zorg ik er altijd voor, zeker als er een jong persoon is overleden, dat er suikerwater en natte theedoeken bij de hand zijn, voor de flauwvallers. Ik vind die heftige emoties niet naar, maar mooi. Mensen troosten elkaar. Al ben ik, na vijf uur rouwbeklag te hebben gehoord, soms wel blij als ik weer in de auto terug naar huis zit.” Saktoe somt een lange lijst afwijkende rituelen en gebruiken op: „Boeddhisten en hindoes zeggen

dg.nl/bijlagen Op deze site kunt u deze special vinden als pdf. Alle vorige specials treft u ook aan op onze site.

gebeden op of reciteren mantra’s. Antillianen dragen corsages, die met de dierbare mee het graf in gaan. Bij Chinezen gaat er nepgeld in rook op en worden er minstens 3.000 wierookstokjes verbrand. Een Surinaamse uitvaart wordt vaak begeleid door een brassband en bij een Ghanees afscheid horen trommelaars.” Uitvaarten met muziek en dans worden volgens Saktoe vaak aan het eind van de dag gepland. „Dat is om er voor te zorgen dat het niet te indringend is voor andere rouwende families. Het gaat er soms luidruchtig aan toe en mensen komen met grote aantallen.” Bij de meeste Nederlandse minder-

Deze Extra is een redactionele bijlage van:

heidsgroepen hoort bij een afscheid een rouwbezoek en rouwbeklag, soms méér dan eens en niet in de vorm van een snel beleefdheidsbezoekje. Uitgebreid eten en drinken maakt vaak ook deel uit van het ritueel. „Wat je verder in de meeste culturen en religies ziet, is dat de nabestaanden heel veel zélf willen doen. Als uitvaartverzorger ben je daar bij, maar op de achtergrond. Een multiculturele uitvaart kost veel tijd. Alleen al een bewassing duurt twee uur.” Haar eigen achtergrond kwam Indra Saktoe goed van pas. „Mijn kleurtje is meestal een goede binnenkomer”, is haar ervaring. „Mensen voelen zich dan op hun gemak.” Volgens haar geldt voor de meeste multiculturele uitvaarten dat er geen rouwkaarten worden verstuurd. „Het gaat via de tamtam. Iedereen belt elkaar en in grote steden luisteren mensen naar de lokale omroep. Daar worden om 12 en 18 uur de overlijdensberichten voorgelezen.”

*+

Wilt u adverteren in een van onze specials neem dan contact op: in de regio Nijmegen: advertenties.nijmegen@gelderlander.nl, 024-3650646, in de regio Arnhem/Doetinchem: advertenties.doetinchem@gelderlander.nl , 0314-372123


De Gelderlander vrijdag 16 november 2012

4 | extra

In een vis naar het hiernamaals In een colafles, een vis, een banaan, mobiele telefoon of in een buitenboordmotor naar het hiernamaals? Het kan allemaal in Zuid-Ghana, waar zulke grafkisten doodnormaal zijn. door Hans Walraven

L

angs Teshie Road in Accra, hoofdstad van Ghana, maken de timmerwerkplaatsen nu eens geen bedden, stoelen of tafels zoals elders. Hier zijn ze gespecialiseerd in een ander, opmerkelijk product. Op bestelling maken de timmerlui zogenaamde fantasy coffins, houten grafkisten in werkelijk elke gewenste vorm en beschildering. Onder een afdakje opzij van de werkplaatsen staan wat voorbeelden te wachten tot ze worden opgehaald: een houten Mercedes mét ster op de motorkap, een Boeing van Ghana Air van slechts twee meter lang, een reuzentonijn, een colafles zo groot als een flinke vent en de Holy Bible op boekenkast-

Foto’s vanaf boven met de klok mee: Haai

foto Joe Castro/EPA

Krab, Paa Joe, Ghana. Bruikleencollectie Rijksdienst Cultureel Erfgoed, Rijswijk, Amsterdam. foto Afrika Museum

Zeearend, Paa Joe, Ghana. Collectie Afrika Museum, Berg en Dal foto Afrika Museum

Yamaha, Paa Joe, Ghana. Bruikleencollectie Rijksdienst Cultureel Erfgoed, Rijswijk, Amsterdam. foto Afrika Museum Houtsnijwerkers aan het werk. foto Kim Ludbrook/EPA

formaat. Soms kloppen de verhoudingen niet, want de kist moet uiteindelijk wél plaats bieden aan een lichaam en ook in het graf passen. Maar meestal zien de resultaten er verbluffend realistisch uit. Welke voorwerp, dier of vrucht model staat voor de kist, hangt helemaal af van het leven of de aspiraties van de overledene. Want, zo geloven ze in Zuid-Ghana, in het hiernamaals gaat het aardse bestaan eigenlijk gewoon door. De cacaoboer is dus ook daar cacaoboer en de geslaagde zakenman blijft een belangrijk man. De naar dat leven gebeeldhouwde grafkist is er om dat te verbeelden. Voor de vrouw die op de markt groente en fruit verkocht, hebben de nabestaanden een banaan gekozen, zo vertelt men in de werkplaats. Een visser krijgt een vis, en voor een vrouw die nog graag een keertje had willen vliegen is dat vliegtuigje bedoeld. En aardse rijkdom wordt vaak ‘vertaald’ naar een luxe Mercedes-Benz. Want als je afscheid neemt van een geliefde, dan moet dat in stijl en met status gebeuren. Deze Afrikaanse begrafenistraditie lijkt misschien eeuwenoud, maar is van vrij recente datum. Rond 1945 begon de

timmerman Ataa Oko dergelijke ‘hoogstpersoonlijke’ grafkisten te maken voor de overledenen in zijn directe omgeving. Het inspireerde anderen en al snel verhuisden de werkplaatsjes naar de nabijgelegen grote stad om meer klandizie te kunnen trekken. In Accra waren het vooral houtbewerker Kane Kwei en zijn voormalige assistent Paa Joe die met nieuwe en vernuftige ontwerpen de versierde doodskist een grote populariteit bezorg-

Blijkt de kuil te klein, dan worden uitstekende delen van de kist afgebroken. den. Ofschoon de Ghanezen de fantasy coffin geen kunst maar een gebruiksvoorwerp vinden, kijkt men er in de officiële kunstwereld toch anders tegenaan – vooral de nog steeds actieve Paa Joe wordt tegenwoordig hoog geprezen. In de vorige eeuw stelde het Centre Pompidou in Parijs al enkele van de kisten ten toon. Daarna hebben ook andere kunstinstellingen van over de hele wereld de

doodskisten aangekocht, zoals het Afrika Museum in Berg en Dal. Tevens verschenen er boeken over het fenomeen, zoals Going into darkness van Thierry Secretan. Met zo’n prachtig bewerkte en beschilderde kist is een timmerman zo’n drie maanden bezig. En dat is maar goed ook: de nabestaanden moeten eerst flink sparen om de rekening – gemiddeld een Ghanees jaarloon – te kunnen betalen. Intussen wordt het lichaam in een vriescel bewaard. Als de kist klaar is en betaald en in het huis van de overledene staat, wordt de dode erin gelegd en nemen de familieleden luidruchtig afscheid. Na een paar dagen van rouw gaat de coffin dicht en tillen de dorpelingen de houten vis, fles of auto hoog boven hun hoofd en dragen hem richting kerkhof. Altijd gaat dat gepaard met veel geduw, geschreeuw en gehuil. Niemand verlaat dit ondermaanse stilletjes. Wat dan gebeurt is in het licht van al die kosten en moeite moeilijk te begrijpen. Mocht de gegraven kuil net te klein zijn, dan worden er zonder pardon wat uitstekende delen van de kist afgebroken. En eenmaal onder de grond is het kunstwerkje binnen een paar maanden helemaal vergaan.


De Gelderlander vrijdag 16 november 2012

4 | extra

In een vis naar het hiernamaals In een colafles, een vis, een banaan, mobiele telefoon of in een buitenboordmotor naar het hiernamaals? Het kan allemaal in Zuid-Ghana, waar zulke grafkisten doodnormaal zijn. door Hans Walraven

L

angs Teshie Road in Accra, hoofdstad van Ghana, maken de timmerwerkplaatsen nu eens geen bedden, stoelen of tafels zoals elders. Hier zijn ze gespecialiseerd in een ander, opmerkelijk product. Op bestelling maken de timmerlui zogenaamde fantasy coffins, houten grafkisten in werkelijk elke gewenste vorm en beschildering. Onder een afdakje opzij van de werkplaatsen staan wat voorbeelden te wachten tot ze worden opgehaald: een houten Mercedes mét ster op de motorkap, een Boeing van Ghana Air van slechts twee meter lang, een reuzentonijn, een colafles zo groot als een flinke vent en de Holy Bible op boekenkast-

Foto’s vanaf boven met de klok mee: Haai

foto Joe Castro/EPA

Krab, Paa Joe, Ghana. Bruikleencollectie Rijksdienst Cultureel Erfgoed, Rijswijk, Amsterdam. foto Afrika Museum

Zeearend, Paa Joe, Ghana. Collectie Afrika Museum, Berg en Dal foto Afrika Museum

Yamaha, Paa Joe, Ghana. Bruikleencollectie Rijksdienst Cultureel Erfgoed, Rijswijk, Amsterdam. foto Afrika Museum Houtsnijwerkers aan het werk. foto Kim Ludbrook/EPA

formaat. Soms kloppen de verhoudingen niet, want de kist moet uiteindelijk wél plaats bieden aan een lichaam en ook in het graf passen. Maar meestal zien de resultaten er verbluffend realistisch uit. Welke voorwerp, dier of vrucht model staat voor de kist, hangt helemaal af van het leven of de aspiraties van de overledene. Want, zo geloven ze in Zuid-Ghana, in het hiernamaals gaat het aardse bestaan eigenlijk gewoon door. De cacaoboer is dus ook daar cacaoboer en de geslaagde zakenman blijft een belangrijk man. De naar dat leven gebeeldhouwde grafkist is er om dat te verbeelden. Voor de vrouw die op de markt groente en fruit verkocht, hebben de nabestaanden een banaan gekozen, zo vertelt men in de werkplaats. Een visser krijgt een vis, en voor een vrouw die nog graag een keertje had willen vliegen is dat vliegtuigje bedoeld. En aardse rijkdom wordt vaak ‘vertaald’ naar een luxe Mercedes-Benz. Want als je afscheid neemt van een geliefde, dan moet dat in stijl en met status gebeuren. Deze Afrikaanse begrafenistraditie lijkt misschien eeuwenoud, maar is van vrij recente datum. Rond 1945 begon de

timmerman Ataa Oko dergelijke ‘hoogstpersoonlijke’ grafkisten te maken voor de overledenen in zijn directe omgeving. Het inspireerde anderen en al snel verhuisden de werkplaatsjes naar de nabijgelegen grote stad om meer klandizie te kunnen trekken. In Accra waren het vooral houtbewerker Kane Kwei en zijn voormalige assistent Paa Joe die met nieuwe en vernuftige ontwerpen de versierde doodskist een grote populariteit bezorg-

Blijkt de kuil te klein, dan worden uitstekende delen van de kist afgebroken. den. Ofschoon de Ghanezen de fantasy coffin geen kunst maar een gebruiksvoorwerp vinden, kijkt men er in de officiële kunstwereld toch anders tegenaan – vooral de nog steeds actieve Paa Joe wordt tegenwoordig hoog geprezen. In de vorige eeuw stelde het Centre Pompidou in Parijs al enkele van de kisten ten toon. Daarna hebben ook andere kunstinstellingen van over de hele wereld de

doodskisten aangekocht, zoals het Afrika Museum in Berg en Dal. Tevens verschenen er boeken over het fenomeen, zoals Going into darkness van Thierry Secretan. Met zo’n prachtig bewerkte en beschilderde kist is een timmerman zo’n drie maanden bezig. En dat is maar goed ook: de nabestaanden moeten eerst flink sparen om de rekening – gemiddeld een Ghanees jaarloon – te kunnen betalen. Intussen wordt het lichaam in een vriescel bewaard. Als de kist klaar is en betaald en in het huis van de overledene staat, wordt de dode erin gelegd en nemen de familieleden luidruchtig afscheid. Na een paar dagen van rouw gaat de coffin dicht en tillen de dorpelingen de houten vis, fles of auto hoog boven hun hoofd en dragen hem richting kerkhof. Altijd gaat dat gepaard met veel geduw, geschreeuw en gehuil. Niemand verlaat dit ondermaanse stilletjes. Wat dan gebeurt is in het licht van al die kosten en moeite moeilijk te begrijpen. Mocht de gegraven kuil net te klein zijn, dan worden er zonder pardon wat uitstekende delen van de kist afgebroken. En eenmaal onder de grond is het kunstwerkje binnen een paar maanden helemaal vergaan.


De Gelderlander vrijdag 16 november 2012

6 | extra

De eerste luchtvaartdode ARNHEM – De tribune stond klaar,

een omnibus met paarden zou zorgen voor de aanvoer van het publiek en er was zelfs een champagnebar. Maar de vliegweek op de heide bij Arnhem van 28 tot en met 31 augustus 1910 met luchtvaarpionier Clément van Maasdijk (1885-1910) ging niet door. Bij een proefrondje op 27 augustus stortte hij neer en kwam om. Zo had de Haagse aviateur onbedoeld een primeur: hij was het eerste Nederlandse luchtvaartslachtoffer. Eigenlijk had hij tijdens een vliegfeest in Heerenveen op 30 juli 1910 de eerste Nederlander willen zijn die boven vaderlandse bodem vloog. Maar Jan Hilgers was hem een dag eerder boven de heide bij Ede voor, al kon hij dan geen boch-

ten maken, zoals Van Maasdijk. De eerste vlucht boven Nederland werd trouwens al een jaar eerder gemaakt, op 27 juni 1909 door de Fransman Charles graaf de Lambert boven Etten-Leur. De dood van de nog maar 25-jarige vliegheld Van Maasdijk sloeg in als een bom. Zijn uitvaart op de Arnhemse begraafplaats Moscowa op dinsdag 30 augustus 1910 was dan ook een massaal bezochte gebeurtenis. Een jaar later werd zijn graf verplaatst naar een ruimere plek en kwam er ook een borstbeeld op van de hand van de Wageningse beeldhouwer Auguste Falise. Sinds dat een keer is gestolen, staat het bij de kerk van Schaarsbergen. Van Maasdijk zelf rust nog altijd op Moscowa.

Aan elke zerk zit Ooit was het de normaalste zaak ter wereld: op een vrije dag trok men met wat te eten en te drinken in gezinsverband naar de begraafplaats en verpoosde daar een wijle. Terwijl de kinderen verstoppertje speelden tussen de zerken, wiedden vader en moeder opa’s graf. Na gedane zaken was het goed uitblazen op het gras. Want wat is mooier dan een bezoek aan onze dierbare doden? En wie op zoek is naar een boeiend verhaal, heeft keus te over...

Hier ligt nummer 175564 VIERLINGSBEEK – ‘Auschwitzoverle-

vende nr. 175564.’ Zo staat er te lezen op de grafsteen van Louis de Wijze (1922-2009). En dat dit graf ook Louis’ ouders herdenkt die Auschwitz níet overleefden. En álle andere familieleden die omkwamen in de Shoah. Het was op 23 juli 2009 voor het eerst sinds 1941 dat een begrafenisstoet de heuvel aan de rand van Vierlingsbeek beklom. Louis de Wijze, op 87-jarige leeftijd in Berg en Dal overleden, werd begraven op de plek die hij jaren eerder al had uitgekozen. De oud-directeur van de vleesfabriek van Homburg in Cuijk, die na zijn pensionering het boegbeeld zou worden van de herinnering aan de jodenvervolging, kreeg een rustplaats naast dat

van zijn grootvader Samuel. De Wijze was de enige van zijn familie die het vernietigingskamp overleefde. Hij was de bedenker van de 102.000 steentjes die in Kamp Westerbork herinneren aan de evenzovele joden die zijn weggevoerd. Op elk steentje staat een davidsster, geen naam. „De joodse slachtoffers kwamen ook naamloos om. Elke steen is een mens geweest”, zei De Wijze. Hij maakte zich sterk voor het behoud van monumenten, gedenkstenen voor de slachtoffers van de holocaust. Maar al die tijd, sinds het moment dat hij in het vernietigingskamp belandde, droeg hij dat hoogstpersoonlijke monument met zich mee: nummer 175564, in zijn huid gebrand.

Het graf van Van Maasdijk op Moscowa in Arnhem. Het borstbeeld van de vliegenier staat bij de kerk van Schaarsbergen. foto Marina Popova

Dora wacht geduldig op zaligheid OLBURGEN – Kleiner kan haast niet,

het idyllische begraafplaatsje in Olburgen, tussen Dieren en Doesburg. Luttele tientallen graven, in een ommuurde rechthoek. Een ervan valt meteen op. Altijd liggen er bloemen rond het statige witte kruis, waarop een zwartwitfoto van een vrouw prijkt. Hier ligt – al 136 jaar – Dorothea Visser. Dora, zoals zij algemeen bekend staat, wordt in roomse kring aanbeden en vereerd. Sterker, haar graf is uitgegroeid tot een bedevaartsoord. En Dora wacht hier geduldig op nóg hoger eerbetoon: haar zaligverklaring. Al dertig jaar ijvert de Stichting Vrienden van

Dora Visser voor die zelden verleende katholieke status van de in Gendringen geboren (1819) en in Olburgen overleden (1876) vrome vrouw. Dora bezat helende krachten en die gebruikte zij, zo wil de overlevering, om mensen van ziekten, kwalen en ongemak te genezen. Aan Dora worden ook stigmata toegeschreven: wondtekens zoals die van Jezus na de kruisiging. Niet alleen bij leven verrichtte Dora Visser wonderen. Sinds haar graf middelpunt werd van diepe verering, is haar helend vermogen onverminderd manifest. Talloos zijn de getuigenissen van gelovige bedevaartgangers die kreupel of

mank bij het Olburgse graf kwamen en al biddend hun lichamelijk gebrek aflegden. De weg naar zaligverklaring is een lange. Maar het in 2005 ingezette proces is al een heel eind op snee, nu een van de beschreven wonderen van Dora door een kerkelijke rechtbank is erkend. Een Hengelose man op krukken kon na een bezoek aan Dora’s graf weer lopen. Het is, komen katholieke prelaten van tijd tot tijd in Olburgen vertellen, goed om door te gaan met het proces van zaligverklaring. Uiteindelijk, beloven zij, zal de zaligheid van Dora Visser alle gelovigen verheffen. Dora zelf wacht geduldig.

Het graf van Dora Visser op de begraafplaats in Olburgen is sinds jaar en dag een bedevaartsoord. foto Theo Kock

De cyberspace is steeds vaker door Eva Wassenburg

H Het condoleanceregister voor Tim Ribberink, die zelfmoord pleegde omdat hij werd gepest, is al door vele honderden bezocht.

et begon als een online condoleanceregister. Inmiddels heeft Henk er een warme gedenkplaats voor zijn vorig jaar overleden partner van gemaakt. Foto’s, een levensverhaal en de herinneringen van vrienden en familie maken het een plek waar Henk graag even naartoe gaat. Met een muisklik is hij er al. „Er staan voor mij nieuwe dingen in, verhalen en herinneringen van anderen over mijn partner die ik nog niet kende, of foto’s die ik nog nooit had gezien. Zonder deze pagina waren die waarschijnlijk nooit naar boven gekomen. Ik ben

heel blij met deze gedenkplaats.” Henk kreeg de vraag van de begrafenisondernemer: of hij een online condoleanceregister wilde openen op Requiem.nl. Met een inlogcode in de rouwbrief kregen familie en vrienden toegang tot de website. Er staan nu ongeveer dertig bijdragen op. „Het is een postuum eerbetoon aan mijn overleden partner, maar het helpt mij ook bij het verwerken van het verlies”, heeft Henk gemerkt. „Een crematiedienst is heel snel voorbij, maar zo’n website is iets dat je zo vaak kunt bekijken als je wilt.” Elke bijdrage aan het digitale altaar voor Henks partner is welkom, maar hij wil niet dat vrienden, kennissen en familie het als

een verplichting voelen. „Sommigen schrijven niet graag. Die laten hun medeleven op een andere manier blijken en dat is prima. Ik kom ook verrassingen tegen, mensen van wie je het niet verwacht, schrijven prachtige verhalen.” Er zijn meer herdenkings- en condoleancesites op internet. Een van de eerste en inmiddels een van de grootste is condoleanceregister.nl, ontstaan na de dood van Pim Fortuyn in 2002. De moord op de politicus wekte zoveel verontwaardiging en verdriet dat er behoefte was aan een plek waar mensen hun hart konden luchten. Tien jaar later staan op deze site 15.000 condoleanceregisters online. Er is een nationaal register


vrijdag 16 november 2012 De Gelderlander

extra | 7

een verhaal vast... Het familiegraf van ‘The Great Rinaldo’, gelegen op de achttiende-eeuwse begraafplaats Ter Navolging in Tiel. foto DG

Rinaldo had ’n duivenact TIEL – Doden werden rond en in

Het graf van Louis de Wijze op de joodse begraafplaats in Vierlingsbeek. Sinds het begin van de Tweede Wereldoorlog was op deze begraafplaats niemand meer begraven. foto Ed van Alem

kerken begraven, tot eind 18e eeuw het besef postvatte dat hiermee in de steeds voller wordende steden de hygiëne in het geding kwam. In Scheveningen werd in 1779 de eerste Nederlandse ‘buitenbegraafplaats’ geopend, in Tiel in 1786 de tweede, aan de Lingedijk. Belastingontvanger Johan Diederik van Leeuwen was initiatiefnemer van Ter Navolging, zoals de begraafplaats werd genoemd. Van Leeuwen rustte er zelf ook, zijn graf is inmiddels overgenomen. Ter Navolging is de afgelopen jaren gerestaureerd en ligt er, na een kommervol bestaan sinds de vorige eeuw, knap bij. Dankzij een grote groep vrijwilligers uit Tiel. Thans mag je op dit rijksmonu-

ment niet meer worden begraven als je er niet al een familiegraf hebt. De laatste begrafenis was in 1997, toen Rini Boudewijn er op tachtigjarige leeftijd werd bijgezet. Dit voorjaar gevolgd door zijn vrouw Sofia die naast hem werd begraven in het familiegraf. Boudewijn was een bekende Tielse bontwerker en kleermaker. Hij trad in zijn vrije tijd op in circussen en bij evenementen en vervulde ook vaak de rol van spreekstalmeester wanneer op de Tielse Waalkade een circus stond. Rinus had een beroemde duivenact, de gedresseerde dieren huisden achter zijn winkeltje aan de Weerstraat. Zijn artiestennaam was The Great Rinaldo, want zo hoort dat bij artiesten, vond hij.

Wijn en ’n verse krant bij ‘Opa Snor’ NIJMEGEN – Laatst gehoord op de

Onbekende bezoekers van het graf van Henk Kuyt hebben de gewoonte overgenomen om hier een krant achter te laten. foto Do Visser/DG

nazit van een uitvaart in Nijmegen: „De begraafplaats aan de Daalseweg, dáár moet je gaan liggen, joh! Állemaal leuke mensen.” Nu telt elke begraafplaats natuurlijk leuke, interessante mensen, al dan niet bekend, maar inderdaad laat de bewuste dodenakker in Nijmegen-Oost een fraaie dwarsdoorsnee zien van de geschiedenis van de stad. Hier hebben niet alleen enkele honderden slachtoffers van het zogeheten vergissingsbombardement van 22 februari 1944 hun laatste rustplaats, ook prominente Nijmeegse families als Dreesmann, Terwindt, Bahlmann en Dobbel-

mann vind je er terug. En van recenter datum is het graf van Louis Sévèke, de vermoorde Nijmeegse activist. Al bij zijn leven was de begraafplaats favoriet bij Henk Kuyt (1941-2004), tot 2000 hoofdredacteur van De Gelderlander. Hij ondersteunde de stichting In Paradisum die zich beijverde voor het behoud ervan. En toen hij zich moest voorbereiden op zijn laatste afscheid, koos hij ervoor om hier te worden begraven. „Ik heb een plaatsje gezocht met wat zon en wat schaduw”, vertelt zijn weduwe Lindy Jense. „Het heeft een poos geduurd voordat

het graf eruit zag zoals we dat wilden, in de geest van Henk. Liefst met altijd een glas rode wijn, al vriest dat ’s winters helaas stuk. En een verse krant natuurlijk. Ook het bankje van Opa Snor, zoals zijn kleinkinderen hem noemden, hoort er helemaal bij.” Zelf komt Lindy er afwisselend, samen met Tijmen (8), de zoon van haar en Henk die elf dagen na zijn vaders overlijden werd geboren. „Maar ook als ik een poos niet ben geweest, blijkt er altijd weer een verse krant te staan. Kennelijk hebben anderen die gewoonte overgenomen. Dat vind ik erg bijzonder.”

de plek voor het nieuwe rouwen voor bekende Nederlanders en een persoonlijk register voor andere overledenen. Het aantal unieke bezoekers groeit volgens website-eigenaar Peter van der Pol nog steeds: van 3,5 miljoen in 2010 naar vijf miljoen in 2011. Van der Pol is uitgever in de uitvaartbranche en sinds een paar jaar mede-eigenaar van de gratis website. Iedereen kan er een condoleanceregister voor een overledene openen, en elk register en alle berichten zijn openbaar. „Dat is voor een groot deel de kracht van onze website. Een andere groep mensen heeft liever een afgesloten plek. Dat kan binnenkort ook als we onze site gaan vernieuwen.” Hoe verklaart hij het succes? „Als

iemand overlijdt, heeft iedereen behoefte om op een of andere manier uiting te geven aan zijn gevoelens. Wij zijn een platform waar ook mensen die niet direct toegang hebben tot de nabestaanden hun medeleven kunnen tonen. Ook als ze wat verder van de overledene afstaan waardoor een kaart ongepast zou kunnen zijn.” Een mooi effect is dat nabestaanden door een dergelijk register reacties krijgen uit onverwachte hoek, stelt Van der Pol vast. „Mensen die van horen zeggen weten dat iemand is overleden die ze vaag of van vroeger kennen, kunnen ineens heel gemakkelijk contact leggen omdat de site zo goed te vinden is.”

Ook voor de student Tim Ribberink, die onlangs zelfmoord pleegde omdat hij werd gepest, is een condoleanceregister op de website. Vijfhonderd mensen hebben inmiddels een reactie achtergelaten;

‘Een crematie is zo voorbij maar zo’n website kun je zo vaak bekijken als je wilt’ de meesten hebben Tim nooit gekend maar willen hun boosheid, verontwaardiging en medeleven uiten. Zo schrijft Melanie: ‘Wat een vreselijk scenario is dit, een jongen

berooft zich van het leven omdat andere mensen hem het leven zuur maakten!! Dit moet stoppen, dit moet niet kunnen!!!’ Publieke rouw wordt steeds persoonlijker beleefd en mensen hebben meer mogelijkheden om die persoonlijke emoties te delen en publiek te maken. Omgekeerd wordt privérouw om een overleden naaste steeds publieker gedeeld. Door de cyberspace is rouwen een proces geworden waar vrienden en familie met gedichten, muziek, verhalen en foto’s aan bijdragen. Van der Pol: „Condoleren en herinneren zal door internet nog persoonlijker worden dan het nu is. Het zal sterk gaan concurreren

met die voorgedrukte kaartjes die je opstuurt om iemand te condoleren. Zo zorgt het hele netwerk rond de nabestaanden gezamenlijk voor een persoonlijk monument. Dat is mooi en waardevol.” Het is inmiddels bijna een jaar geleden dat Henk zijn partner verloor. Hij pakt het boekwerk dat is gemaakt van de herdenkingspagina’s op internet er nog vaak bij in deze moeilijke periode. Op het gedenkkaartje dat hij deze week rondstuurt laat Henk weten dat de site voor zijn partner nu ook diens complete levensverhaal bevat. Opgetekend dankzij alle bijdragen van familie en vrienden. De naam Henk is gefingeerd.


Bloemwerk voor uw dierbare

Iris uitvaartzorg... met hart voor uw uitvaart

Spoorstraat 53 7101 GS Winterswijk 0543 550093 dag en nacht bereikbaar www.iris-uitvaartzorg.nl info@iris-uitvaartzorg.nl

Uitvaartverzorgster: Mercedes Goud

Zondag 25 november is het

Winter-Lichtjesdag in Winterswijk De besloten kinderherdenking voor ouders, broertjes, zusjes en familie. Zondag 9 december om 19.00 uur is het

Wereldlichtjesdag de wereldwijde kinderherdenking. U bent welkom op de Algemene Begraafplaats in Winterswijk. Kijk op www.kinderuitvaarten.nl bij de agenda voor meer informatie

Wanneer een kind sterft...

staat de wereld even stil

Tel. 0543 55 00 93 www.kinderuitvaarten.nl Dag en nacht bereikbaar

Een dierbare verliezen is een emotionele gebeurtenis, waarbij het geven van bloemen helpt die gevoelens te verwoorden. Denk aan rode rozen voor liefde, fresia’s “daar was ze zo dol op”, of bonte bloemen voor een kleurrijk persoon. Op een rustige plek in onze winkel kunt u het voorbeeldenboek inzien. U bespreekt dan samen met de bloembinder uw wensen. Het gaat dan over de vorm, kleur, welke bloemen en een lint of kaart met uw persoonlijke tekst daarop. We streven ernaar dat de bloembinder met wie u gesproken heeft, ook het bloemwerk maakt. Hij of zij is immers betrokken geweest bij het bepalen wat belangrijk is voor diegene die afscheid nemen. Bloemisterij Schepers is de schakel tussen uw wensen en de uitvoering van het rouwbloemwerk. Wij hopen dat de persoonlijke aanpak, kwaliteit en ruime mogelijkheden voor u de redenen zijn om uw rouwbloemwerk bij Bloemisterij Schepers te bestellen.

Bloemisterij Schepers is gevestigd aan de Slenterweg 5 in Zevenaar. Telefoon 0316-523223 www.bloemisterijschepers.nl


Uitvaartbijlage