Essay Shared Space

Page 1

Shared Space Wat is het? Geert Ankersmit (Gemeente Zandvoort), 8 augustus 2014

 

Shared Space, wat is het?

1


Aanleiding en doel Binnen de Gemeente Zandvoort wordt heel verschillend gedacht over Shared Space en de toepassing daarvan. Vrijwel iedereen (bewoner, raadslid, wethouder en ambtenaar) heeft net even een ander idee over Shared Space. Het is duidelijk dat Zandvoort hierin niet de enige is. In de afgelopen jaren zijn regelmatig artikelen in de krant gepubliceerd met titels als: "Weg met de verkeersbordenjungle" of "Rotterdam sloopt overbodig bord uit straatbeeld". (Metro, 2012a, b) Regelmatig komt het voor dat dit soort acties onder de noemer Shared Space gedaan worden. Er wordt dan gezegd: “in het kader van Shared Space halen wij de bebording weg”. (Broer, 2011a, b; Muskee, 2012) Dit is een leuk argument om onnodige bebording weg te halen, maar dekt het idee van Shared Space niet helemaal. In Zandvoort bestaat onverschilligheid over deze nieuwe manier van denken. Vaak vindt men dan ook dat Shared Space in Zandvoort niet toegepast moet worden. Ook wordt gedacht dat het inrichten van de openbare ruimte volgens de principes van Shared Space onveilige situaties creëert. Er leeft een idee dat Shared Space conflicteert met een ander verkeerskundige visie: Duurzaam Veilig. Ook dit zorgt voor weerstand bij het toepassen van Shared Space in Zandvoort. Het uitleggen wat Shared Space is lijkt nodig, zodat wij allemaal eenzelfde idee hebben over wat het is. Wat een ieder er van vindt kan altijd nog verschillen. Dit essay heeft tot doel op een voor iedereen (bewoner, raadslid, wethouder en ambtenaar) begrijpelijke manier inzicht te geven in wat Shared Space is en hoe het zich verhoudt tot Duurzaam Veilig. De kennis in dit essay is gebaseerd op eerdere publicaties. In de tekst staat de bronvermeldingen tussen haakjes beschreven. Aan het eind van dit document kunt u een lijst van gebruikte literatuur vinden. Hierin staan ook interessante publicaties over dit onderwerp om verder te lezen. De afbeeldingen hebben als doel de inhoud van de tekst te verduidelijken.

Shared Space, wat is het?

2


Duurzaam Veilig en Shared Space: waar komt het vandaan? In Nederland worden twee verkeerskundige visies gebruikt bij het ontwerp van wegen: Duurzaam Veilig en Shared Space. Beide visies hebben hun eigen uitgangspunten die op een aantal onderdelen van elkaar verschillen, maar beide één basis hebben: het veiliger maken van het verkeer. Duurzaam veilig Duurzaam Veilig is een visie die is ontstaan uit een evaluatie van het verkeerskundig beleid dat tot de jaren '80 werd gevoerd. Daaruit bleek dat de doelstellingen van dat beleid (bijvoorbeeld met betrekking tot verkeersveiligheid en uniformiteit) niet gehaald konden worden. In de jaren '90 van de vorige eeuw is men begonnen aan het ontwikkelen van een nieuw beleid: Duurzaam veilig. (CROW, 1012a) Duurzaam veilig stelt de functionaliteit als fundament voor de inrichting van wegen met vier basisprincipes: homogeniteit, herkenbaarheid, vergevingsgezindheid en statusonderkenning. (CROW 2012c) Om de wegen functioneel in te kunnen richten zijn ze in drie wegcategorieën onderverdeeld: Stroomwegen, Gebiedsontsluitingswegen en Erftoegangswegen. Deze wegcategorieën komen zowel binnen als buiten de bebouwde kom voor.

AFBEELDING 1: DE FUNCTIONELE WEGCATEGORISERING BINNEN DE BEBOUWDE KOM IN ERFTOEGANGSWEGEN (30 KM/H), GEBIEDSONTSLUITINGSWEGEN (50 KM/H) EN STROOMWEGEN (70 KM/H) ZOALS DIT BIJ DUURZAAM VEILIG WORDT TOEGEPAST. (CROW2012A, WWW.INFORMATIEBORD.NL)

Shared Space In de jaren '90 van de vorige eeuw begon Hans Monderman (destijds verkeerskundige in Gemeente Smallingerland) met de ontwikkeling van zijn visie op verkeer: Shared Space. In 2001 resulteerde dit in de reconstructie van het Laweiplein in Drachten van een plein met verkeerslichten naar een verblijfsruimte. (Euser 2006) Shared Space zet de belangen en verantwoordelijkheid van alle gebruikers centraal in het ontwerp. De visie wil de ruimtelijke kwaliteit vergroten. Dit heeft effect op het gedrag van de gebruikers. Daarnaast streeft de Shared Space visie naar economische versterking en culturele ontwikkeling van het omliggende gebied. (CROW 2012c)

Shared Space, wat is het?

3


Een vergelijking van Duurzaam veilig en Shared Space Recentelijk is een publicatie van het CROW uitgekomen (CROW, 2012c) waarin een vergelijking wordt gemaakt tussen Duurzaam Veilig en Shared Space. Dit lijkt een logische stap, omdat vaak gezegd wordt dat Duurzaam Veilig en Shared Space elkaars uitersten zijn. De publicatie zet de eigenschappen van beide benaderingen tegenover elkaar en beschrijft wat verschillen en overeenkomsten zijn. Er worden vijf lessen getrokken uit de vergelijking: 1. De uitvoering bepaalt in sterke mate de beeldvorming. Duurzaam Veilig en Shared Space hebben ieder een verschillende vorm van uitvoering; 2. Voordat een ontwerper bezig gaat met het ontwikkelen van een visie en daarna een uitwerking van een plek, wegvak of kruispunt, moet zijn nagedacht over de functionele en ruimtelijke structuur; 3. De weg en zijn omgeving zullen zo moeten zijn ingericht dat deze ‘vertellen’ hoe de mensen zich hier moeten gedragen; 4. Als er voor een integrale visie en uitwerking wordt gekozen, zullen verkeerskundigen, civieltechnici, landschapsarchitecten en stedenbouwkundigen moeten samenwerken; 5. Fundamenteel onderzoek naar Shared Space is nodig. Beide visies onderscheiden de openbare ruimte in verblijfs- en verkeersruimtes. Een verblijfsruimte is een plek met diverse functies, waarbij verblijven het hoofddoel is. Een verkeersruimte is een plek waar men zich van de ene naar de andere verblijfsruimte verplaatst. (CROW 2012c) Het fundament De basis voor beide visies is vrijwel gelijk met betrekking tot verblijfsruimtes, al ligt de focus wel verschillend. Shared Space richt zich meer op de ruimtelijke kwaliteit en verantwoordelijkheid van de weggebruiker, terwijl Duurzaam veilig zich richt op de functionele inrichting van de weg en de daarbij horende regels. (CROW 2012c)

AFBEELDING 2: DUURZAAM VEILIG - DE GEBRUIKERS WORDEN GEWEZEN OP WAT ZE MOETEN DOEN (LINKS). SHARED SPACE - DE GEBRUIKERS HEBBEN ZELF DE VERANTWOORDELIJKHEID IN DE GEDEELDE RUIMTE. (RECHTS) (CROW 2012B)

Shared Space, wat is het?

4


Het ontwerpproces In een aantal publicaties wordt benadrukt dat Duurzaam Veilig geen aandacht besteed aan het ontwerpproces, wat een belangrijk onderdeel van Shared Space is. (Berg, 2011; CROW, 2012c; Haan, 2012) Shared Space gaat uit van een participatieproces. Hierdoor worden gebruikers (burgers en ondernemers) betrokken bij het ontwerp van de openbare ruimte in hun directe omgeving. Dit betekent dat problemen die gebruikers ondervinden niet worden overgedragen aan de overheid. Gebruikers worden juist geholpen bij het in beeld brengen van de problemen die zij ondervinden, het verkennen van alternatieven en het realiseren van een oplossingsvoorstel. (Haan, 2012) In welke mate de gebruiker betrokken wordt bij het ontwerpproces is afhankelijk van de situatie (tijd, geld en impact), de belangstelling voor het ontwerp en de behoefte. (CROW, 2012c) De mate van betrokkenheid van de gebruiker hangt af van welke trede van de participatieladder gebruikt wordt. Het ontwerp De inrichtingsvorm van Shared Space heeft meer en andere doelen. De nadruk ligt meer op de kwaliteit van de openbare ruimte. Waar Duurzaam Veilig zoveel mogelijk reguleert met verkeerstekens (bebording en belijning) en iedere weggebruiker een eigen plek in de openbare ruimte geven, laat Shared Space dit los. Bij Shared Space is geen uniforme uitwerking van de openbare ruimte. (CROW, 2012c) Iedere plek heeft een eigen ‘Genius Loci’: een eigen geschiedenis, een andere ondergrond en andere gebruikers. Iedere situatie is dus verschillend, waardoor een ontwerp ook verschillend kan zijn. De rolverdeling Bij Shared Space komt de verantwoordelijkheid voor het ontwerp te liggen bij de gebruiker; de gemeentebestuurder besluit over de te stellen doelen voor het ontwerp; en deskundigen brengen hun kennis in bij het ontwerp. Hierbij gaat het om een meer integrale samenwerking bij het totstandkomen van het ontwerp, waarbij geen vakgebied boven een ander gaat. (CROW 2012c) Bij Duurzaam veilig is het vaak zo dat de deskundigen de doelen stellen en het ontwerp maken. Bewoners worden geĂŻnformeerd zodra het ontwerp klaar is en het door het bestuur is vastgesteld. Verkeerskunde en civiele techniek zijn vaak leidend bij het maken van keuzes.

Shared Space, wat is het?

5


Dus, wat is Shared Space? Shared Space kan onderverdeeld worden in een ontwerpproces en een inrichtingsvorm. Bij beide wordt de verantwoordelijkheid gedeeld met de gebruiker van de openbare ruimte. In het ontwerpproces uit zicht dit in een participatieproces. De inrichtingsvorm heeft een informeel karakter, waarbij oogcontact tussen gebruikers wordt gestimuleerd en verkeerstekens zoveel mogelijk worden gemeden. Participatie vindt bij Shared Space vooral plaats op de hogere treden van de participatieladder: adviseren, coproduceren en (mee) beslissen. De mate van participatie is afhankelijk van de situatie (tijd/geld/impact), belangstelling en behoefte. (CROW 2012b, c)

AFBEELDING 3: DE PARTICIPATIELADDER. (CROW 2012B)

Het ontwerpproces zou 'Shared Space proces' genoemd kunnen worden, maar omdat het een vorm van participatie is, kan het beter niet apart benoemd worden. Het woord 'participatieproces' is duidelijk genoeg voor iedereen. De inrichtingsvorm (Shared Space inrichting) heeft een informeel karakter. Het ontwerp is zo gemaakt dat verkeerstekens niet nodig zijn. Het kan ook zijn dat het gemeentebestuur bewust kiest om verkeerstekens weg te laten. Door het weg laten van verkeerstekens worden gebruikers uitgedaagd hun sociale gedrag te veranderen en meer aandacht voor elkaar te hebben in het verkeer. Dit is belangrijk voor verkeersveiligheid. Bij de inrichtingsvorm ligt de focus vooral op een goede ruimtelijke kwaliteit. Door het verbeteren van de ruimtelijke kwaliteit wordt geprobeerd economische versterking en culturele ontwikkeling te realiseren.

Shared Space, wat is het?

6


Waar kun je het toepassen? Het toepassen van de inrichtingsvorm moet wel mogelijk zijn. Er zijn wegcategorieĂŤn die zich beter voor een Shared Space inrichting lenen dan andere. Erftoegangswegen lenen zich het best voor een Shared Space inrichting. Die worden binnen de verkeerskunde al gezien als onderdeel van het verblijfsgebied. Het maakt immers niet uit of je in een woonstraat op straat loopt. Door de lage maximum toegestane snelheid (30 km/ h) kan sneller verkeer makkelijk anticiperen op onverwachte gebeurtenissen. Een informele inrichting en de daarbij horende verhoogde oplettendheid draagt vaak bij aan snelheidsreductie. (CROW 2012c) Stroomwegen zijn niet geschikt voor Shared Space. De snelheid ligt te hoog en de directe omgeving is niet multifunctioneel genoeg. Deze wegcategorie komt niet in Zandvoort voor. Over Gebiedsontsluitingswegen wordt in de literatuur niet veel geschreven. Zij hebben een stroom en een uitwissel functie. Wegvakken (tussen twee kruisingen) richten zich op stromen, Kruisingsvlakken richten zich op uitwisselen. (Zie afbeelding 4, CROW 2012a) Hieruit zou je kunnen concluderen dat een Shared Space inrichting op kruisingsvlakken mogelijk zou moeten zijn. Toch zijn op sommige wegvakken in Zandvoort de functies zo gemengd, bijvoorbeeld op de Burgemeester Engelbertstraat, dat een Shared Space inrichting mogelijk zou kunnen werken. (Zandvoort 2013c)

Wegcategorie Erftoegangsweg

Wegvak

Kruisingsvlak Uitwisselen

Uitwisselen

Gebiedsontsluitingsweg

Stromen

Uitwisselen

Stroomweg

Stromen

Stromen

AFBEELDING 4: FUNCTIONEEL GEBRUIK PER WEGCATEGORIE (CROW 2012A)

De pleinen in het centrum zouden zeer geschikt kunnen zijn voor een Shared Space inrichting. Hier komen veel belangen en functies bij elkaar. Over het algemeen moet bij een Shared Space inrichting wel goed rekening worden gehouden met mindervaliden. Tijdens het proces van het maken van een inrichting met een hoge ruimtelijke kwaliteit kan het makkelijk gebeuren dat toegankelijkheid over het hoofd wordt gezien. Over de toegankelijkheid van de openbare ruimte is begin 2014 een rapport aan het College overhandigd. Ouderen zijn fysiek kwetsbaarder. Ze weten dit en gedragen zich daarom voorzichtiger. Jongeren hebben moeite zich te verplaatsen in de positie van anderen. Dit vraagt om meer uniformiteit bij complexe situaties. (CROW 2012c) Dit betekent dat op plekken waar veel gebeurt het verstandiger is een aantal basiselementen te gebruiken die herkenbaar zijn, zodat iedereen weet dat daar bijvoorbeeld een oversteek zit. Minder complexe situaties laten meer flexibiliteit toe. Shared Space, wat is het?

7


Hoe bed je Shared Space in in beleid? Om keuzes over het al dan niet toepassen van Shared Space duidelijk te maken is het verstandig deze keuzes in beleid vast te leggen. Zo voorkom je discussie tijdens het ontwerpproces, uitvoering of bij een wisseling van gemeenteraad en college. In deel A van de Nota Openbare Ruimte is al iets geschreven over het toepassen van Shared Space op de ring van Zandvoort. (Zandvoort 2013c, pag. 19) Waar elders in Zandvoort een Shared Space inrichting toegepast kan worden zal in deel B van de Nota Openbare Ruimte en in het Gemeentelijk Verkeers- en Vervoersplan (GVVP) 2015-2025 beschreven kunnen worden. Deze documenten staan aan de basis voor de inrichting van de openbare ruimte. Daarnaast kan onderzocht worden hoe Shared Space samen kan gaan met speeltuinen of schoolpleinen. Elders in het land krijgen schoolpleinen en de directe omgeving een Shared Space inrichting. Het idee hiervan is dat door het schoolplein over straat door te laten lopen, bestuurders zich meer bewust worden van de aanwezigheid van de school. Dit kan leiden tot veiligere verkeerssituaties en misschien zelfs tot meer ouders die hun kind op de fiets naar school brengen. Het is belangrijk om de volgende vraag te stellen: "Is het in Zandvoort nodig dat elke woonstraat een trottoir heeft?" Is het niet mogelijk om op straat te lopen? Dan kan er meer ruimte over blijven voor groen en parkeervakken. Bij het maken van een ontwerp voor een Shared Space inrichting is het belangrijk dat belanghebbenden, ambtenaren en bestuurders samen werken aan een integraal ontwerp, waarbij de belanghebbende vroeg bij het ontwerpproces betrokken wordt. Onder belanghebbenden moet worden verstaan: ondernemers én bewoners. Een verandering van het "ik"-denken naar het "wij"-denken is daarbij noodzakelijk. Anders wordt een participatieproces onmogelijk. In Zandvoort is in 2013 een nieuw participatiebeleid en participatieverordening vastgesteld. De verordening eist nu dat bij een plan van aanpak duidelijk wordt gemaakt waarom wel of niet voor participatie wordt gekozen. (Zandvoort 2013a) In het beleid is de keuze gemaakt voor de hogere vier treden in de participatieladder. (Zandvoort 2013b) Informeren wordt niet als participatie gezien. Bij infrastructurele werken zal nog een uitdaging liggen in het inbedden van één van de hogere treden van de participatieladder. Daar wordt tot nu toe uit gegaan van informeren. Dit vergt wel intensievere en langere ontwerp processen. Evaluatie van participatieprocessen is noodzakelijk. Als er iets mis gaat kan dit tijdens een evaluatie aan het licht komen en eventueel recht gezet worden. Eventuele conflicten kunnen dan ook uitgesproken worden. Dit werkt positief voor het imago van het ambtenarenapparaat en de burger. Van een evaluatie kun je ook leren voor een volgende keer. Het is daarom verstandig om tijdens de initiatief fase van een project hier tijd en middelen voor in te ramen.

Shared Space, wat is het?

8


Literatuur Atsma, P., (2014) Verkeersgedrag is maar moeilijk te veranderen, Friesch Dagblad. Berg, J. van der (2011) Duurzaam Veilig kan gecombineerd worden met Shared Space. CROWetCetera 2011, 3. Broer, K. (2011a) Leeuwarden heft fietspad op. Verkeerskunde 2011, 1. Broer, K. (2011b) Zeist haalt verkeersregeling weg. Verkeerskunde 2011, 1. CROW (2012a) ASVV 2012. CROW, Ede. CROW (2012b) Cursus Succesvolle openbare ruimte. CROW, Ede. CROW (2012c) Duurzaam veilig en shared space : een vergelijking. CROW, Ede. CROW, Royal Haskoning, Grontmij, Via verkeersadvisering, Tekstbureau Tussenhaakjes. (2012) Basiskenmerken wegontwerp : categorisering en inrichting van wegen. CROW, Ede. Dijkstra, G. (2011) Shared Space als state of mind. Verkeer in Beeld 2013, 3. Euser, P., (2006) The Laweiplein, Evaluation of the reconstruction into a square with a roundabout, NHL. Noordelijke Hogeschool Leeuwarden, Gemeente Smallingerland, Regionaal orgaan verkeersveiligheid Fryslân, Leeuwarden, p. 58. Euser, P., (2008) Het hernieuwde Vischmarktplein in Sneek, evaluatie van de herinrichting tot plein met rotonde, NHL. Noordelijke Hogeschool Leeuwarden, Gemeente Sneek, Leeuwarden, p. 38. Fraanje, W., (2012) Ruimte delen Shared Space light, je hebt er niks aan, Friesch Dagblad, Sneinspetiele ed, p. 1. Haan, P. de, Nota, S. (2012) Shared Space 2.0. Verkeerskunde 2012, 2. Hoekstra, M.H.T., (2013) Gedrag van automobilisten op kruispunten, meer duidelijkheid over voorrangssituatie op kruispunten is veiliger voor fietsers, SWOV. Stichting Wetenschappelijk Onderzoek Verkeersveiligheid SWOV, Den Haag, p. 12. Horius, J., Tutert, B. (2013) Parkeerprobleem basisschool duurzaam opgelost. Verkeer in Beeld 2013, 2. Kelegom, M. (2013) Wegontwerpen vanuit oogpositie van bestuurder. Verkeerskunde 2013, 1. Kistemaker, A., Bakker, A., Hoogstra, L. (2013) Benut burgerexpertise bij verkeersproblemen. Verkeerskunde 2013, 2. Kistemaker, S. (2013) Gebruikersgerichte oplossingen door co-creatie. Verkeer in Beeld 2013, 5. Korte, R.B.G. de, (2012) Minder verkeersborden: wat betekent dat voor aansprakelijkheid?, Nationaal Verkeerskunde Congres, Bijdrage 137 ed. Metro, (2012a) Rotterdam sloopt overbodig bord uit straatbeeld, Metronieuws.nl. Metronieuws. Metro, (2012b) Weg met de verkeersbordenjungle, Metronieuws.nl. Metronieuws. Molster, S.S.A., (2013) Voetsporen rond het station, Nationaal Verkeerskunde Congres, p. 11. Muskee, M., (2012) Minder borden en toch kunnen handhaven, VNG magazine. Vereniging Nederlandse Gemeenten, p. 4. Nota, S., Jorna, F., Zwaag, A. van der (2013) Shared planproces: asfalt met klinkerprint. Verkeerskunde 2013, 2. Oosten, T. (2012) Cursus 'Succesvolle openbare ruimte' levert kennis en ideeÍn op. CROWetCetera 2012, 2. Overpelt, G.J., (2013) Planning uitvoering infrastructuur, Gemeente Zandvoort. Gemeente Zandvoort, Zandvoort, p. 1. Poepjes, S. (2013) Friesland: Het rode plein van Dearsum. Verkeerskunde 2013, 1. Schapendonk, E., Duijn, T. van, (2013) Participatie bij verkeersplannen: wanneer doe je het goed?, Nationaal Verkeerskunde Congres, p. 7. Veen, D. van, Nota, S. (2013) Parkeren in Shared Space gebieden. Stedebouw & Architectuur, 2.

Shared Space, wat is het?

9


Veenkamp, N.M., (2013) Zes gouden tips voor succesvolle participatieprocessen, Nationaal Verkeerskunde Congres, p. 13. Verkeersnet, (2012a) Beter rekening houden met blinden en slechtzienden bij ontwerpen Shared Space-gebieden, Verkeersnet.nl. Verkeersnet.nl. Verkeersnet, (2012b) Parkeren in Shared Space, Verkeersnet.nl. Verkeersnet.nl. Vliet, R. van, (2013) Leren van evalueren, Miniconferentie Shared Space. Noordelijke Hogeschool Leeuwarden, Leeuwarden, p. 145. Vries-Koopmans, K. de, (2012) Communicatie in het verkeer: Shared Space, Psychologie. Rijksuniversiteit Groningen, Groningen, p. 25. Westen, R. van der, Dicke-Ogenia, M., (2012) Kleinschalige gedragsmaatregelen smaken naar meer, Nationaal Verkeerskunde Congres. Zandvoort, (2004) Participatiemodel Zandvoort. Gemeente Zandvoort, Zandvoort, p. 25. Zandvoort Zwet, R. van der, (2011) Herinrichting openbare ruimte procesboek, Gemeente Zandvoort. Gemeente Zandvoort, Zandvoort, p. 29. Zandvoort, Steveninck, H. van, (2013a) Inspraak- en Participatieverordening Gemeente Zandvoort 2013, in: Griffie (Ed.). Gemeente Zandvoort, Zandvoort, p. 16. Zandvoort, Steveninck, H. van, (2013b) Participatiebeleid 2013, Kennis en kunde ophalen, in: Griffie (Ed.). Gemeente Zandvoort, Zandvoort, p. 18. Zandvoort, Versteegen, T., Pieterse, J., Ankersmit, G., Breejen, E. den, Deesker, R., Honig, P., Poel, W. van der, Prins, H. & R. Willigers. (2013c) Nota Openbare Ruimte deel A. Zandvoort: Gemeente Zandvoort.

Shared Space, wat is het?

10