Issuu on Google+

Beeldactiviteit 1

Abstracte kunst in Paint

2 Lesdoelen

ü Kennismaken met de kunstwerken van een bepaalde kunstenaar. ü Een kunstwerk maken in de aard van die bepaalde kunstenaar met behulp van het programma Paint. ü Functies in het programma Paint gebruiken: pen, vormen, verfpot, kleuren, kwasten. ü Het eigen kunstwerk opslaan.

Leerplandoelen Beeld Leerlijn beschouwen 3 Kinderen praten over het werk van anderen. (OD 6.4, ET 1.1, ET 6.2, ET 6.5) 4 Kinderen kunnen een beeldelement in een werk aangeven. (OD 1.1, OD 1.3, ET 1.3)

Leerlijn omgaan met middelen 2.3 Kinderen experimenteren met beeldelementen. Ze onderzoeken de mogelijkheden van kleur, vorm, volume, structuur, ritme, textuur, contrast, compositie, beweging … (OD 1.3, ET 1.5) 3.1 Kinderen kunnen middelen functioneel gebruiken. (OD 1.4, OD 6.3, ET 1.5, ET 6.4) 3.2 Kinderen kunnen de materialen en hulpmiddelen met voldoende inzicht en vaardigheden gebruiken om vorm te geven aan de eigen belevingswereld. (OD 1.5, ET 1.6, ET 6.4)

ICT-competenties & ICT-eindtermen ICT-competenties OVSG Co1 Co3 Co9

Integratieniveaus OVSG IN 1 IN 3

ICT-eindtermen 1 5 2&6

Voortaak ü Selecteer een abstract kunstenaar die in zijn kunstwerken hoofdzakelijk lijnen en geometrische vormen gebruikt. Voorbeelden van dergelijke kunstenaars zijn: Piet Mondriaan, Wassily Kandinsky, Auguste Herbin, Jackson Pollock … ü Ga op zoek naar enkele kunstwerken van deze kunstenaar voor de kunstbeschouwing.

Mondriaan

Kandinsky

Herbin

Pollock


Beeldactiviteit 2

2

Abstracte kunst in Paint

1. Kunstbeschouwing Bespreek de kunstwerken van de abstracte kunstenaar. Heb hierbij aandacht voor het kleurgebruik, de gebruikte vormen en de gebruikte compositie. Richtgevende vragen zijn: ü Welke kleuren worden voornamelijk gebruikt? ü Welke vormen vind je terug in de schilderijen? ü Hoe staan deze vormen verspreid op het blad? Beschrijf de compositie.

2. Demonstratie: functies in Paint verkennen Je vertelt de leerlingen dat jullie een gelijkaardig kunstwerk zullen maken met behulp van het programma Paint. Het zal net zijn alsof het kunstwerk van die kunstenaar zelf is. Eerst verken je samen met de leerlingen de werkbalk van Paint. Toon hoe je de verschillende functies gebruikt. Hieronder staat een overzicht van mogelijke functies. Je hoeft ze zeker niet allemaal te behandelen. Pen: functie om vrije lijnen te tekenen. Kwasten: functie om de soort vrije lijn te veranderen. Mogelijkheden zijn potlood, spuit, verfborstel, wasco, stift … Verfpot: functie om een vorm op te vullen. Gom: functie om fouten te corrigeren.

Lijn: functie om een rechte lijn te tekenen. Contour: functie om de soort rechte lijn te veranderen. Gelijkaardig aan de kwasten.

Andere vormen: functie om een vorm te kiezen en te tekenen. Opvulling: functie om de vorm meteen op te vullen. De verfpot is niet meer nodig.


Beeldactiviteit 3

2

Abstracte kunst in Paint

Kleuren: Kleur 1: Als je het potlood, de verfpot, de lijnen of de vormen gebruikt, moet je eerst kiezen in welke kleur je de figuur wil tekenen. Dit doe je door met de linkermuisknop op het kleur te klikken. Kleur 2: Als je de gom gebruikt, is het belangrijk om dezelfde achtergrondkleur te gebruiken van de plaats waarop je gomt. De achtergrondkleur pas je aan door met de rechtermuisknop op de gewenste kleur te klikken.

3. Opdrachtformulering & Beeldend bezig zijn Maak een kunstwerk in de stijl van de kunstenaar. Gebruik daarvoor dezelfde kleuren en vormen. Gebruik het programma Paint en probeer alle verschillende knoppen zelf uit!

4. Opslaan Met behulp van de knoppen ‘Bestand > Opslaan als > JPEG-Afbeelding’ wordt het kunstwerk opgeslagen in de map van de leerling. Het is belangrijk dat je hier even stilstaat bij de mappenstructuur die gehanteerd wordt op de computer. Maak klassikaal een nieuwe map, geef die map een nieuwe naam …

5. Kunstwerken verzamelen Keuze 1: kunstwerken afdrukken Afdrukken vanuit Paint is mogelijk, maar niet aan te raden. De afbeelding wordt steeds in 1 hoek van het blad afgedrukt. Alternatief: ü Selecteer de afbeelding (Ctrl + A of ‘selecteren’) ü Rechterklik en ‘kopiëren’ ü Open Microsoft Word ü Rechterklik en ‘plakken’ ü Centreer de afbeelding in Microsoft Word (maak eventueel de bladzijde liggend) ü ‘Bestand > Afdrukken’

Keuze 2: kunstwerken naar 1 map kopiëren en projecteren Breng de handeling ‘kopiëren en plakken’ aan. ü Gemeenschappelijke server aanwezig: kopieer en plak in de klasmap. ü Gemeenschappelijke server afwezig: geef een USB-stick door.


Beeldactiviteit 4

2

Abstracte kunst in Paint

6. Evaluatie Beeld Evaluatie door de leerlingen. Bespreek klassikaal onderstaande vragen: ü Werd aandacht besteed aan de kleuren? ü Werd aandacht besteed aan de vormen? ü Welk kunstwerk zou echt van de kunstenaar gemaakt kunnen zijn? Hoe komt dat?

ICT Evaluatie door de leerkracht. Bekijk en observeer het werk van de leerling. Stuur bij indien nodig. Co3: Gebruikte de leerling voornamelijk één functie of een aantal verschillende functies van het programma Paint? Co4: Zijn de leerlingen in staat om hun eigen werk te bespreken tijdens de evaluatie? Co9: Hoe verloopt het opslaan en/of kopiëren van bestanden? Welke leerlingen hebben nood aan extra hulp?


Beeld 2