Page 10

lunchen met...

Harry Potter eet mee Salsa, reizen en (gebaren)taal, daarvan gaat het hart van Marloes Oomen sneller kloppen. En van het lezen van Harry Potter. tekst en foto’s Mina Etemad Marloes Oomen (23) Onderzoeksmaster taalwetenschap Bungehuis, donderdag 18 september, 12.15-13.00 uur

E

r komt een joekel van een broodje uit de papieren zak. ‘Ik ben even naar Broodje Bert op het Singel gegaan,’ vertelt Oomen in de kantine van het Bungehuis. ‘Maar ik was vergeten dat ze zulke grote broodjes hebben.’ De helft van de inhoud van het broodje gezond blijft in het bakje liggen als ze het naar haar mond brengt. Uit haar tas steekt een Harry Potter-boek. Haast trots lachend haalt ze het tevoorschijn. Aan de kaft te zien is deze Harry vaak gelezen. ‘Ja, ik herlees de serie bijna elk jaar. Ik ben ermee opgegroeid. Bij het vierde of vijfde boek stapte ik over naar het Engels.’ Ook The Prisoner of Azkaban leest ze nu in het Engels, al blijkt dat de reeks

10

FoliaMagazine

vooral zijn indruk op haar heeft achterlaten tijdens haar jeugd; haar favoriete personage noemt ze bij zijn Nederlandse naam Perkamentus. De tas van Marloes is door haar moeder

‘Helaas ken ik geen doven om gebarentaal mee te oefenen’ gemaakt. ‘Zij heeft een atelier geopend met haar vriend. Ze maken ook schilderijen en allerlei andere dingen. Wat ik ook van haar heb gekregen, is Christoffel.’ Uit haar portemonnee

haalt ze een klein zilveren beeldje tevoorschijn. ‘Hij beschermt je tijdens het reizen. Hem heb ik altijd bij me. Net zoals dit briefgeld.’ Ze legt allerlei buitenlands papiergeld op tafel. ‘Het komt uit landen waar ik ben geweest, zoals Ecuador en Servië. Ik vind het leuk om het af en toe vast te pakken. Het zijn net stempels in je paspoort.’ Het moge duidelijk zijn dat Marloes van reizen houdt. ‘Mijn reis naar Zuid-Amerika is me het meest bijgebleven. Daar ben ik na mijn bachelor vier maanden geweest. Vooral Colombia was fantastisch: de mensen waren heel vriendelijk, de natuur was prachtig en het dansen was al helemaal leuk. Dat mis ik wel in Nederland; als ik hier naar een salsaclub ga, is de sfeer toch heel anders. Daar leeft het veel meer. Ik kan inmiddels wel een beetje salsadansen, dat heb ik daar wel moeten doen; zeker als buitenlands meisje met blond haar word je constant gevraagd of je wil dansen. Dan was ik wel zes uur achter elkaar op de dansvloer te vinden.’

Folia magazine 4 jaargang 2014 2015  

* Joris van Wouden - Hij wil de universiteit ‘omgooien’, want dat is een bureaucratisch bolwerk vol managers. Wat drijft Spinhuisbezetter Jo...

Advertisement