Page 1

[]

‘Het verleden moet men als springplank gebruiken, niet als sofa.’ Harold Macmillan - Brits politicus en premier (1894-1986)


[]

[]

Inhoud

Voorwoord ................................................................................. 3 Drie eeuwen verfgeschiedenis: stamboom ........... 4 H. Vettewinkel & Zonen ................................................... 6 Pieter Schoen & Zoon ...................................................... 12 Varossieau & Cie ................................................................... 18 Wed. Boonstoppel & Zonen ......................................... 24 Sigma Coatings .................................................................... 30 Colofon ....................................................................................... 32

De geschiedenis van ons bedrijf is drie eeuwen geleden begonnen. Het is in oorsprong het verhaal van vier familiebedrijven en dus een verhaal over mensen: wat hun karakters zijn, wat hen drijft, welke keuzes ze maakten en in welke markten ze actief zijn geweest. De mensen uit de familiebedrijven van Schoen, Vettewinkel, Varossieau en Boonstoppel hebben ieder op hun eigen manier decennialang aan ons bedrijf gebouwd. Ze hebben markten geĂŤxploreerd, ontwikkeld. Traditie en innovatie gingen hand in hand. Het is niet voor niets dat tot op de dag van vandaag de mens altijd centraal heeft gestaan bij de Sigma-organisatie. In de omgang met elkaar, in het zakendoen en in de samenwerking met klanten en leveranciers. De hele keten doet er toe. Kijk naar de waarden die ons leiden. Dan spreek ik over: toewijding, respect voor eigenwaarde, respect voor maatschappelijke belangen en voor de rechten en bijdragen van werknemers. En uiteraard verantwoordelijkheid richting aandeelhouders en stakeholders. Waar je ook kijkt, de relatie staat centraal in ons denken en doen. We hebben er in dit boek voor gekozen te laten zien hoe levend dat verleden is. Soms zichtbaar. Vaak verborgen. Maar altijd toegankelijk omdat het er nog steeds is. En kan worden beleefd dankzij een overtuigend verhaal. Wat ons natuurlijk ook bezighoudt, is de nieuwe mijlpaal in de geschiedenis van ons bedrijf: de overname door PPG Industries. Dat heeft ons ertoe gebracht terug te blikken op ons rijke verleden. Om er inspiratie uit te putten en om met frisse energie en vertrouwen vooruit te kijken naar de toekomst van onze organisatie en de bouwbranche. Met de fusie sluiten we ook een periode af. SigmaKalon bestaat niet meer en begin 2008 heeft Jaap Vos, managing director van de Business Unit Decorative Coatings Northern Europe afscheid genomen. Hij is drie decennialang boegbeeld geweest voor een organisatie die nu in transitie is. Jaap Vos was ook cultuurdrager en vanuit beide perspectieven dragen we dit boek aan hem op. Omdat wat hij belichaamd heeft en uitdroeg zo goed past bij wat wij in essentie zijn: een echt mensenbedrijf. Oscar Weber Algemeen Directeur, PPG Architectural Coatings EMEA, Region Northern Europe

Inhoud Voorwoord


[]

[]

Pieter Schoen:

Varossieau & Cie

opgericht 1722

opgericht 1795

H. Vettewinkel & Zonen

Boonstoppel & C0 opgericht 1890

opgericht 1809

1970 Fusie Varossieau en Vettewinkel:

Overname 1969 door Petrofina, Schoen blijft de bedrijfsnaam

International Coatings Materials (ICM)

Firma M. Savry & Zoon (Haarlem)

1971 Overname ICM door Petrofina: de naam blijft

Vettewinkel richt zusterbedrijf Nederlandsche Eerste Muurverf Industrie (NEMI) op

International Coatings Materials 1972 Petrofina integreert de drie bedrijven: Sigma Coatings 1999

Drie

Total neemt Petrofina over: Sigma Coatings wordt SigmaKalon 2003 Bain Capital neemt SigmaKalon over, naam blijft gelijk 2008

Greep uit de overnames door Vettewinkel:

PPG Industries neemt SigmaKalon over, de bedrijfsnaam bevat PPG

1939

1915

Wed. Boonstoppel & Zonen

1954

1967

Chemitex 1970

Fusie met Varossieau

1995

Overname Boonstoppel door Circle Group: de naam wordt

Kalon Netherlands

1999 De naam Boonstoppel Verf wordt in ere hersteld

eeuwen verfgeschiedenis


[]

[]

Kern van Vettewinkel: bouwverven


[]

[] 1809-1970

H. VET TEWINKEL & ZONEN Kunst, cultuur en verf

Hendrik Vettewinkel, zoon van de oprichter Dirk, was kunstschilder en leidde daarnaast de verfhandel. Na bijna tweehonderd jaar wordt er nog steeds door een Vettewinkel kunst bedreven: Randi Vettewinkel (1952) in Hoorn.

D RandiVettewinkel

Randi Vettewinkel voor het pand van Vettewinkel in Amsterdam. In haar linkerhand heeft zij een blik met vernis.

‘Op ludieke wijze kwam ik met de familie in aanraking’

e broers van haar grootvader hebben destijds de verffabriek overgenomen. Die fabriek heeft overigens in haar leven geen rol gespeeld. Randi: ‘Als er al een binding is met een van de oprichters, is het mijn kunstenaarschap. Pas later, toen ik al kunstschilder was, ben ik in aanraking met de ‘verf-Vettewinkels’ gekomen. Op een cursus in Overveen kwam ik een vrouw tegen die de dochter van de verftak Vettewinkel bleek te zijn. Toen zijn we over het verleden gaan praten.’ ‘Begin 2007 werd ik op ludieke wijze weer met de familiebanden geconfronteerd. Hoorn bestond 650 jaar en een aantal kunstenaars kreeg de opdracht een eenhoorn te beschilderen. De eenhoorn staat afgebeeld in het wapen van Hoorn. De verf die ons ter beschikking werd gesteld was van Sigma Coatings. Lekkere verf overigens om mee te werken. 36 Eenhoorns werden geveild en de opbrengst ging naar een goed doel. Mijn eenhoorn is gekocht door de Stichting Hoorn 650 jaar en is geschonken aan het Westfries Museum. Daar staat hij heel mooi buiten.’ ‘Mijn specialiteit is portretschilderkunst. In 2006 schilderde ik in opdracht van zijn kleindochter voor het letterkundig museum in Den Haag een portret van de schrijver Frans Mijnssen (1872-1954). Het toeval wil dat hij en mijn grootvader van vaders kant, nazaat van de Vettewinkel van de verffabriek, elkaar kenden. De historie is dus wel via verschillende kanten mijn leven binnen gekomen.’ <<<

Kleurwaaier

Over de oprichters Dirk Vettewinkel, Meester Schilder Dirk Vettewinkel (1787-1841) was van beroep scheepstimmerman en later huis- en scheepsschilder. In die laatste hoedanigheid was hij als Meester Schilder ingeschreven bij het St. Lucas Gilde in Amsterdam. Het begin van zijn ‘fabriek’ was de productie van verven voor eigen gebruik. Het koken van lijnolie tot standolie en blanke lakken waren processen die hij erg goed beheerste. Doordat deze producten van goede kwaliteit waren, vonden collegaschilders het overbodig om zelf verf te maken. Zij kochten het van Dirk, die betere kwaliteit kon leveren dan zijzelf.

Toestemming van de gemeente voor plaatsen van een gasmotor in 1882

Dirk werd, naast schilder, ook handelaar. Het duurde echter nog een eeuw voordat van verffabricage in het groot sprake was.

Hendrik Vettewinkel, Kunstschilder Hoewel Hendrik (1809 -1878) door zijn vader was opgeleid als huis- en scheepsschilder, verwierf hij meer bekendheid als kunstschilder. Hij schilderde voornamelijk haven-, strand- en zeegezichten. ‘In het bedrijf zijns vaders opge-

leid en hetzelve als nog ter genoemde stede uitoefenende, belet dit hem niet zich in zijne tusschenuren naarstiglijk op de kunst toe te leggen, daarin alleen te rade gaande met zijn gevoel en de natuur.’ (uit: De levens en werken der Hollandsche en Vlaamsche Kunstschilders, Beeldhouwers, Graveurs en Bouwmeesters). Werk van Hendrik Vettewinkel is te zien in het Teylers Museum (Haarlem), het Gemeentearchief en Scheepsvaartmuseum (Amsterdam).

Reclame voor jachtenlak

Verharder voor zinkchromaat


[10]

[11] 1809-1970

H. VET TEWINKEL & ZONEN Kunst, cultuur en verf

Japanlakken Naar men zegt (helemaal ze-

Prins Hendrikkade: PHkade

Reclame

ker is het niet) heeft Vettewin-

De Prins Hendrikkade, kortweg PHkade, was lange tijd het hart

Vettewinkel had al vroeg een

kel in 1853 de standolie uit-

van H. Vettewinkel & Zonen. Het eerste pand, nummer 81, werd

neus voor originele reclame-

gevonden. Standolie is sterk

in 1867 door Hendrik Vettewinkel Dirkzn. gekocht en besloeg

campagnes. Al in de jaren veer-

ingedikte en gekookte lijnolie

een koopmanswinkelhuis, bovenhuis, pakkelder en erf. Later

tig van de vorige eeuw kwam

die gebruikt werd om olie-

werd het bedrijf uitgebreid met de panden op nummer 79, 80,

het bedrijf kort na de Tweede

verf mee te maken. Standolie

82 en het achtererf van nr. 83. Zoals bij vele schildersbedrijven,

Wereldoorlog met ludieke en

droogt heel langzaam, maar

brak ook bij Vettewinkel regelmatig brand uit. Voor het eerst in

prikkelende reclames onder het

laat wel een mooie glans op

1899, een tweede brand in 1948 en een derde in 1965. De laat-

motto: ‘wie een goed produkt

het schilderwerk achter.

ste keer dat er brand was op de PHkade was in 1973, maar toen

Met behulp van standolie

was het hoofdkantoor al verhuisd naar Uithoorn. Anno 2008

ontstonden eerst de witte Ja-

staat op de PHkade van Vettewinkel nieuwbouw. Aan de ach-

eerst is ’t hele werk gelukt.’ Met

panlakken. De fabricage van

terzijde, Oude Zijdsekolk, is nog de oude gevel van toen te zien

behulp van de slogan ‘Verf van

deze Japanlakken maakte

(zie het portret van Randi Vettwinkel). <<<

Vettewinkel’ werden de ver-

PHkade

een einde aan het zelf verf maken door de schilder. Het standoliebindmiddel

werd

later vervangen door alkydhars bindmiddel. Door deze

maakt is nog niet klaar. Bekendheid geve hij aan zijn waar. Dan

schillende producten onder de

‘Toen de brand uitbrak, werkte ik er nog geen week’ Interview oud medewerker Peter de Jong

veranderingen werd verfpro-

aandacht van de klanten gebracht. Naast het werk van ontwerper Gerard Wernars werd het publiek in de jaren vijftig aangesproken op achterstallig

ductie een echte industrie.

Peter de Jong kwam in 1965 bij Vettewinkel & Zonen werken. ‘Ik werkte er nog geen

onderhoud in de persoon van

Zo specialistisch dat het voor

week en toen werd ik 5 november ’s nachts gebeld dat er brand was op de Prins Hendrikkade. Een paar uur later stond ik in oliepak en laarzen de kelders uit te baggeren. Alle bussen verf waren van het bluswater drijfnat geworden. Het was het begin van vijf jaar werken bij Vettewinkel.’ ‘De eerste fusie met Varossieau kwam voor alle medewerkers als een donderslag bij heldere hemel. Ik vond het ook niet leuk. Je bent toch bang dat je je baan kwijt raakt bij een dergelijke reorganisatie. Er werkten toen zo’n driehonderd mensen bij Vettewinkel, die zijn uiteindelijk allemaal meegegaan, eerst naar ICM, later naar Sigma Coatings. Bij ICM bleef iedereen op zijn eigen plek werken. Na het ontstaan van Sigma Coatings werd er veel meer gemixt.’ <<<

de stripfiguur markies De Lama-

de schilder onmogelijk was hier tegenop te concurreren. <<<

Markies De Lamarotte

rotte (laat maar rotten!) <<<

Reclame voor lakken


[12]

[13]

Punt

op de horizon van Schoen: scheepsverven


[14]

[15] 1722-1972

PIETER SCHOEN & ZOON Grijs of kleurrijk verleden?

Koos Feuth

‘Je kreeg alle kans om je te ontwikkelen’

Koos Feuth op de Westzanerdijk in Zaandam, de plek waar ooit een fabriek van Schoen stond. Hij houdt een potje met een verfbestanddeel uit 1941 vast.

Tweeëneenhalve eeuw lang was Pieter Schoen & Zoon een echt familiebedrijf. Had je eenmaal een baan bij Pieter Schoen, dan bleef je daar toch wel je hele leven werken.

K

oos Feuth begon in 1951 als vijftienjarige jongen bij Pieter Schoen & Zoon op de administratie. Koos: ‘Het was een echt familiebedrijf. Hoewel de directie van Schoen meestal wel afstand hield en wij daar niet zoveel contact mee hadden, werden alle medewerkers wel op hun achtergrond gescreend. Zo was het hoofd personeelszaken voorzitter van een plaatselijke voetbalclub en daardoor speelden veel medewerkers bij die club. Onder de naam PSZ (Pieter Schoen & Zoon) deden we ook aan bedrijfsvoetbal. Niet onverdienstelijk, want de leiding wilde wel KNVB competitie spelen. Dat werd door de gemeente afgekeurd omdat we een commerciële instelling waren en daardoor geen veld tot onze beschikking kregen. Toen is de naam inhoudelijk veranderd naar Prettige Spelers Zegevieren en tot op de dag van vandaag speelt PSZ op zaterdag vierde klasse KNVB.’ ‘Pieter Schoen was de eerste fabrikant die een spaarsysteem voor haar klanten had. Het spaarboekje waarin de zegels geplakt werden, stond op naam van een kind of de echtgenote. Jaren na de overname door Petrofina kwamen die spaarboekjes nog boven tafel. Ze zijn allemaal uitgekeerd.’ ‘Hoewel ik bij de boekhouding ben begonnen, lag mijn hart daar niet. Ik wilde “de boer op”, contact met de klanten. In 1962 werd ik vertegenwoordiger. De kansen die je kreeg maakten en hielden het werk leuk. Je had steeds een andere functie en Pieter Schoen honoreerde goed. Terugkijkend kan ik zeggen dat de grootste overeenkomst tussen Pieter Schoen en het latere Sigma Coatings was, dat je bij beide bedrijven alle gelegenheid kreeg om je te ontplooien.’ <<<

Doos met kleurstalen

Over de oprichters Pieter Schoen & Zoon

Jan Pieterz. Schoen kocht in 1722 ‘een

stukje lant, gelegen tot Westzaan op en over de Gauw’ voor de som van f 70,50. Hierop werd de molen ‘De Gekroonde Schoen’ gebouwd. In 1725 krijgt de molen toestemming (zie kader ‘Molens’) om te malen. Hiermee is de firma Pieter Schoen & Zoon één van die bedrijven die in het begin van de achttiende eeuw begon met het commercieel exploiteren van aardpigmenten.

Een verfmolen uit de tijd van Pieter Schoen

Pieter Schoen verhandelde droge verfstoffen die uit alle delen van de wereld werden geïmporteerd. Hij maalde de producten tot gebruiksklare pigmenten, waarmee schilders zelf hun verf maakten. Ruim een eeuw later zou pas kant-en-klare verf worden geproduceerd. Maar toen was het tijdperk verfmolens al voorbij en had de moto-

De Lelie, verffabriek van Pieter Schoen

rische industrie zijn intrede gedaan.

Koos Feuth nam na vijftig dienstjaren in 2001 als verkoopleider (Mr. Sigma) afscheid van Sigma Coatings.

Reclame voor binnenverf

Offerte uit 1919


[16]

[17] 1722-1972

PIETER SCHOEN & ZOON Kleurwaaier

Grijs of kleurrijk verleden?

Laboratorium

Kantoor

Expansie

Machines en uitbreiding

Verfrecept

Van oudsher haalde Pieter Schoen grond-

Eind negentiende eeuw werd het beeld van de industrie door de tech-

Tot in het laatst van de

stoffen en droge verven uit diverse landen.

nische ontwikkelingen ingrijpend veranderd. De windmolen, die hoog-

negentiende eeuw ble-

Rond 1890 begon de fabriek ook produc-

stens 15 pk kon leveren, werd in het laatste kwart van de negentiende

ven de schilders in de

ten uit te voeren. Men deed zaken met Ne-

eeuw vervangen door stoommachines en gasmotoren. Deze konden de

stille wintermaanden zelf

derlands Oost- en West-Indië, Roemenië,

verbeterde maalapparatuur aandrijven, waardoor de maling (verkleining)

hun verven maken vol-

Egypte en Portugal. In 1933 werd een verf-

van de pigmenten sterk verbeterde. In dezelfde eeuw ontwikkelde Pieter

gens geheime recepten

fabriek in Batavia op Java opgericht.

Schoen strijkklare, dekkende, laaggepigmenteerde verven, die - zonder

die van vader op zoon

Na de Tweede Wereldoorlog werden

vernissen - een glanzende laag gaven. Toen bouwde hij ook zijn eerste

gingen. Tot de vaste

grondstoffen steeds duurder en import-

fabriek ‘De Lelie’.

componenten

bepalingen strenger. Bovendien was het

Elektriciteit werd de krachtbron. Het verfimperium produceerde toen

den pigmenten (zoals

noodzakelijk scheepswerven en varende

chemisch samengestelde pigmenten (chromaatgeel,

schepen, waar dan ook ter wereld, snel

Berlijns blauw, chromaatgroen en litholrood), kalkver-

van verf te kunnen voorzien. Men besloot

ven, celluloselakken en synthetische lakken. Omdat de

daarom in allerlei Europese landen, en later

natte-verffabriek in De Lelie te klein begon te worden

verfhout, krijt, pijpaarde, geeloker, marmer, kurkuma, houtskoolpoeder, pannenrood en blauwsteen),

ook over de hele wereld, verffabrieken te

besloot men in 1929, ook in Zaandam, een geheel

lijnolie en terpentijn. De

starten. Dit leidde ertoe dat Pieter Schoen

nieuwe natte-verffabriek te bouwen die lange tijd tot

verfmolens leverden uit-

na 1950 een wereldwijd netwerk van doch-

de modernste verffabriek van Europa behoorde. In

sluitend de kleurstoffen.

terondernemingen, joint-ventures, licentie-

1942 was het bedrijf uitgegroeid van drie werknemers

De wrijfsteen was een

in 1898 tot 260 begin 1940. Bij de overname in 1969

onmisbaar attribuut in ie-

partners en agenten kreeg. <<< Personeelsblad uit 1962

Molens

door Petrofina telde de onderneming ca. 600 werknemers. <<<

Om een molen te mogen bouwen en gebruiken, had de molenaar een windbrief nodig. Een windbrief is een vergunning tot het bouwen van een molen en omschrijft tegelijkertijd de rechten en plichten van de stichter en zijn eventuele opvolger(s). In de windbrief is ook de waarborg opgenomen dat op te korte afstand van het bedrijf geen andere windmolens gebouwd mogen worden. De windbrief is dus een bescherming op de windkracht. In het geval van de molens in de Zaanstreek werden de windbrieven uitgereikt door de Staten van Holland en West-Friesland. De zoon van Pieter Jacobsz. kreeg op 29 januari 1722 een vergunning voor zijn ‘De Gekroonde Schoen’. Deze molen heeft 157 jaar dienst gedaan voor de firma. Op 20 februari 1880 werd hij geheel door brand verwoest. De tweede molen, de Admiraal ging na 74 jaar op 23 oktober 1878 al door brand verloren. <<<

behoor-

dere schilderswerkplaats, later gevolgd door de potmolen. <<<


[18]

[19]

Het

belangrijkste segment van Varossieau: DHZ-markt


[20]

[21] 1795-1970

Kleurkaart

VAROSSIEAU & CIE Gevoel voor kunst

Louk Varossieau

‘Ik deel de liefde voor kunst met mijn voorouders’

Louk Varossieau in Alphen aan den Rijn, op de plek waar ooit de fabriek van Varossieau stond. Hij toont een kleurwaaier voor radiatorverf.

Lodewijk Varossieau, de grondlegger van de fabriek aan de Prins Hendrikstraat in Alphen aan den Rijn, was kunstschilder. Artisticiteit kenmerkt tot op de dag van vandaag de familie: kunst is ook de passie van Louk Varossieau (1943).

L

ouk Varossieau is sinds 2007 mededirecteur van reclamebureau KV&CO (Koning, Varossieau & Co/Communication) te Breda, zijn huidige woon- en werkplaats. Als tekstdichter werd hij in Nederland bekend met toonaangevende commercials en liedjes zoals ‘Het Brabantse land’. Kortom, communicatief met, hoe kan het anders als Varossieau, een grote liefde voor kunst. ‘Onze familie is afstammeling van Jean Varossieau, een hugenoot die zich halverwege de achttiende eeuw in Nederland vestigde. Onze tak heet naar één van zijn kinderen Lodewijk Willem, een naamtraditie die in ere is gehouden van mijn overgrootvader tot en met mijn kleinzoon.’ ‘Wat mij nog meer bindt met mijn voorouders? Mijn liefde voor kunst. Kunst is mijn passie. Ik verzamel hedendaagse kunst en schrijf als hobby kunstboeken. Momenteel ben ik bezig met een serie over avantgarde kunst van kunstenaars die op Bali wonen en werken. Hot Art Bali is een van de delen, er volgen nog Hot Art India en Hot Art China.’ ‘Een derde overeenkomst met de oude vernisstokerij is dat het een van de eerste fabrieken was die aan marketing ging doen en de grenzen verlegde naar het buitenland. Als reclameman zit marketing me natuurlijk in het bloed. Overigens, als ik geen reclameman was geweest, was ik ongetwijfeld architect of binnenhuisarchitect geworden. Gevoel voor vorm en kleur is ons kennelijk met de paplepel ingegoten. Niet alleen mij, maar de verschillende generaties voor en na mij ook. Zo heeft mijn jongste zoon Olivier een galerie Studio Apart en Apart Media in Amsterdam.’<<<

Over de oprichters Lodewijk Varossieau, kunstschilder Lodewijk Varossieau (1765 – 1844) was kunstschilder. Zoals elke kunstschilder uit die tijd, maakte hij zijn verf zelf. Ook de vernis waarmee hij zijn schilderijen beschermde, stookte hij zelf met lijnolie en harsen. Achter zijn huis in de Julianastraat in Alphen aan den Rijn, stond langs de Rijn de vernisstokerij. Omdat hij meer maakte

Familiewapen

dan hij nodig had, verkocht hij zijn overproductie aan rijtuig- en huisschilders. Het begin van de verfhandel. Als kunstschilder werd hij kennelijk gewaardeerd, want zijn naam is opgenomen in het boekwerk ‘Geschiedenis van de Beeldende Kunsten in de Nederlanden -Hollandsche en Belgische School- van de vroegste tijden tot op onze tijd’ door Christiaan Kramm (1864):

Varossieau (Louis) een kunstliefhebber, die te Aarlanderveen over Alphen aan den Rijn woont, van wien ik een klein schilderijtje heb gezien, met koeitjes en schapen, dat, in waarheid, malsch en uitvoerig, in de stijl van Jan Kobell, was geschilderd. Naar het genoemde werk te oordelen is het te bejammeren dat hij weinig schildert.

Factuur uit de vorige eeuw


[22]

[23] 1795-1970

VAROSSIEAU & CIE Gevoel voor kunst

Histor

Reclame

Van Wersch koos voor

Willem van Rijn zag in zijn tijd al het nut in van reclame en schreef in een brief aan zijn adjunct di-

In 1946 trokken Willem van Rijns dochters Albert van Wersch aan als nieuwe di-

de nieuwe synthetische

recteur: ´Een gebrek is bij ons dat wij geen afdeeling of centrale hebben op kantoor voor uitbreiding en

recteur. Varossieau was toen een middelgroot bedrijf met goede, klassieke, pro-

productgroep een merk-

reclame der zaak.´ Ook Van Wersch zag in dat naast uitstekende technische producteigenschappen

stevig uit. Er werd hoge kwaliteit verf gepro-

ducten en dertien man in dienst, maar hopeloos ouderwets: ‘Ik trof een bedrijf

naam waarin de historie

ook de presentatie van een product belangrijk was. Hij liet grafisch ontwerper Dick Elffers een geheel

duceerd die door Willem ook in het buiten-

aan waar de klok vijftig jaar geleden was blijven stilstaan.’ Echter: ‘Ik ben vol lof over de toewijding en nauwkeurigheid waarmede ieder lid van deze gemeenschap zijn taak vervult. Mocht ik, bij het invoeren van moderne werkmethoden, deze zelfde toewijding en nauwkeurigheid ondervinden, dan ben ik overtuigd dat, ieder in zijn taak, wij gezamenlijk zullen slagen het bedrijf een vooraanstaande plaats in de Nederlandsche Verfindustrie te verzekeren.’ <<<

voortleefde: Histor. Maar

nieuwe vormgeving ontwerpen rond het thema kleur. In etiketten, briefpapier, een kleurenwaaier,

het verleden moest ook

het boek Kleur en de nieuwbouw van het kantoor aan de Emmalaan in Alphen aan den Rijn kwam

als voorbij beschouwd

de nieuwe stijl tot uiting. In 1957 ontving Varossieau van de Koninklijke Academie voor Beeldende

worden, vandaar de ge-

Kunsten in Den Haag de ´Picturaprijs´ als erkenning ´voor de stimulerende manier´ waarop industri-

dachte ‘Historia exit’: De

ële vormgeving een kleur gekregen had. <<<

Expansie

De periode Van Wersch

Onder leiding van Willem Marinus van Rijn (directeur van 1906-1937) breidde de fabriek

land aan de man werd gebracht, onder meer in Duitsland, Oostenrijk, Denemarken, België, Spanje en Engeland. In Parijs, Wenen, Keulen en Bazel kwamen zelfs kleinere fabrieken. De Advertentie

verkoop in het buitenland was voor Willem belangrijker dan in Holland. Hij noemde Hol-

Etiketten voor blikken met kamerlakverf, japanlak en standverf

land ‘een volwassen dwerg’ in vergelijking tot alleen al Duitsland. Voor de Eerste Wereldoorlog bepaalde de export maar liefst driekwart van de omzet!

geschiedenis is voorbij oftewel het oude heeft afgedaan.

De

naam

Histor was ook makkelijk in het buitenland te

Door de Eerste Wereldoorlog viel met één

Nieuwe bezems vegen schoon

gebruiken want History

klap een groot gedeelte van deze export

Toen Van Wersch bij Varossieau be-

diende (17). De hoge oude lessenaars

bijvoorbeeld

weg. De vestigingen in Parijs, Keulen en Bazel

gon, was de gemiddelde leeftijd van

met grote dikke boeken vol krulletters

Histor werd een groot

werden door gebrek aan grondstoffen en al-

het personeel zestig, de fabriekschef

werden vervangen door bureaus met

A-verfmerk in Neder-

lerlei andere zaken, opgeheven. Gedurende

was 78 en vijftig jaar in dienst, de baas

stoelen en in 1948 begon de bouw

land. <<<

het interbellum focuste de fabriek zich op

van de verfmengers was 71 en 45 jaar

van een geheel nieuwe vernisfabriek

eigen land. Pas na de Tweede Wereldoorlog

in dienst, en de baas van de inpakkers

die niet langer op stoom maar op

bloeide tijdens het `Van Wersch tijdperk´ de

was 68 jaar en 41 jaar in dienst. De

elektriciteit draaide.

export weer op: naar naar Duitsland, Luxem-

jongste medewerker was 47 jaar.

Ook het productassortiment was

burg, België en Frankrijk, maar ook naar Irak

De oude garde kreeg een pensioen

verouderd. De tijd van langzaam dro-

en Turkije. Hoogtepunt was de vestiging van

aangeboden en er kwam een nieuwe

gende, fijne witte japanlakken, stand-

een eigen fabriek in Paramaribo in Suriname

bedrijfsleider (28), een exportmana-

groen en buitenlakken was voorbij. Na

(17 september 1959). Dit bedrijf is door de ja-

ger (31), een chemicus (25) en, voor

de oorlog was Varossieau zo ver dat zij

ren heen uitgegroeid tot de marktleider (65

het eerst in het bestaan van het be-

vol- en halfsynthetische lakken kon fa-

procent) in Suriname. <<<

drijf, zelfs een vrouwelijke kantoorbe-

briceren. <<<

is immers hetzelfde als Histoire.


[24]

[25]

De

essentie van Boonstoppel: ambachtelijke lakken en verven


[26]

[27] 1890-1995

WED. BOONSTOPPEL & ZONEN Een kleurrijke familieonderneming

Ad Boonstoppel

‘Mijn hart gaat nog altijd sneller kloppen van het bedrijf’

Al vanaf de oprichting in 1890 is Boonstoppel Verf onlosmakelijk verbonden met schildersvakmanschap. Ad Boonstoppel (1942) is de zoon van Cees, die weer de zoon is van oprichter Arie. Ad vertelt over een kleurrijk familiebedrijf.

D

e Weduwe Boonstoppel en Zonen is altijd een verfproductiebedrijf geweest en een echt familiebedrijf. Ad: ‘Mij werd niet gevraagd wat ik wilde worden. Er werd verondersteld dat ook ik in het bedrijf zou gaan werken. Tot 1990 ben ik als directeur in de firma werkzaam geweest. Hoewel ik er al heel lang uit ben, gaat mijn hart nog altijd sneller kloppen van het bedrijf. Zelfs nu Boonstoppel Verf eigendom van PPG is, volg ik de ontwikkelingen nog steeds. Het is een heel andere organisatie, maar dat stukje Boonstoppel en de strategie zijn hetzelfde gebleven.’ ‘Boonstoppel heeft altijd de naam van ambachtelijkheid gehad: wij stonden bekend om onze kwalitatief heel goede producten voor een goede prijs. Die naam hebben we al van ver voor de oorlog. De hele schilderswereld kende ons, met name door onze historische kleuren, hoewel dat misschien maar een tiende van onze productie was.’

Kleurwaaier

Over de oprichters

Bastiaan en Arie Boonstoppel In 1890 besloten Bastiaan en Arie Boonstoppel (zoons van Cornelis Boonstoppel) tot de oprichting van de Firma Boonstoppel & Co. De fabriek is gelegen aan de Zuidkade, net buiten Waddinxveen. Omdat vernissen in die tijd op open vuren werden gestookt mocht de fabriek wegens brandgevaar en stankoverlast niet binnen de bebouwde kom staan. De verfproductie was rond die tijd nog kleinschalig en beperkte zich tot het met potmolens malen van pigmenten. Als door rijtuig- en huisschilders de vraag stijgt, resulteert dit in een vergroting van de productie door de Boonstoppels. Na problemen binnen de familie besloten Bastiaan en Arie met financiële steun van hun moeder verder te gaan. Het werd een

Ad Boonstoppel voor de voormalige fabriek van Boonstoppel in Waddinxveen. In zijn rechterhand houdt hij een thermometer die werd gebruikt tijdens het mengen van de verf.

‘Het grote familiegeheim was de scheiding van directies in 1915. Mijn grootvader en zijn broer zijn eruit gestapt en hebben de Weduwe Boonstoppel en Zonen opgericht. Er is nooit over gesproken waarom die scheiding heeft plaatsgevonden. Een oom in Amerika heeft mij later verteld dat de boekhouder destijds op slinkse wijze mijn overgrootmoeder de zaak afhandig had gemaakt. Mijn grootvader en zijn broer waren zo boos dat zij voor zichzelf zijn begonnen. Het fijne weet ik er nog steeds niet van, het is het best bewaarde familiegeheim.’<<<

fabriek aan de Wilhelminakade onder de naam Firma Wed. Boonstoppel & Zonen.

Buitenbeits


[28]

[29] 1890-1995

WED. BOONSTOPPEL & ZONEN Een kleurrijke familieonderneming

Blanke matlak

Al vanaf de oprichting in 1890

Tweede generatie Boonstoppel

was Boonstoppel Verf onlosma-

Na de oorlog trad de tweede generatie Boonstoppel aan.

kelijk verbonden met schilders-

De zonen Cor (zoon van Bastiaan) en Cees (zoon van Arie)

vakmanschap. De ‘Weduwe’ was

namen het stokje van hun vaders over. De beide vaders

het meest bekend bij schilders

werden commissaris van de fabriek. In 1951 werd de firma

om de mooie standverven ‘met

omgezet in een N.V, met uitgifte van aandelen en obliga-

de bolle glans en het vette ka-

ties. Een periode van nieuwe investeringen en uitbreidin-

rakter’. Die verven waren ook

gen brak aan, met aanschaf van diverse verfmengappara-

zeer geliefd bij bezitters van mo-

ten, oplosmiddel- en vernispompen en mengketels.

numentale panden. Het werd

Omstreeks 1980 traden de directeuren Cees en Cor terug,

het handelsmerk van Boonstop-

maar een nieuwe generatie stond al klaar. Ad (zoon van

pel: ambachtelijke lakken in oor-

Cees) en Bas (zoon van Cor) nemen het roer over. Halver-

‘ Vrijdagmiddag werd er schoongemaakt. Mijnheer Cees kwam dan wel eens met een kroketje voor iedereen binnen en op maandag werd er gestart met machines die er spic & span uitzagen. Het heette een familiebedrijf, maar dat was het ook. Het was één grote hechte familie. Tot op de dag van vandaag wordt er nog jaarlijks een reünie georganiseerd voor en door (oud)personeelsleden.’

spronkelijke verfkleuren. Door

wege de jaren tachtig braken er minder goede tijden aan.

Ber Lichtenberg, vanaf 1966 werkzaam bij

hier ruim een eeuw trouw aan

Ad blijft tot 1990, Bas tot halverwege de jaren negentig. <<<

Boonstoppel Verf.

Historische kleuren

Kroket

Reclame Vlak na de oorlog wordt al

Wandverf. Cees (vader van

<<<

direct geadverteerd in vakbladen zoals ‘Het Schildersblad’, ‘De Schilder’, ‘St. Lucas’ en ‘Het Schildersgilde’. Ludiek waren ze ook, de Boonstoppels. In advertenties maakten ze gebruik van dialogen tussen Schilder en Schildersbaas. Een daverend succes bleek de verpakking van het doe-het-zelf product Fleur Ad) Boonstoppel bedacht

te blijven, heeft Boonstoppel

dat de muurverf verpakt

Verf een bijzondere positie ver-

moest worden in vier ver-

worven. <<<

Van Boonstoppel tot PPG

schillende soorten emmer-

Door de slechte economie, een te groot assortiment en een niet kostendekkend distributiekanaal

De emmertjes werden op

ging het halverwege de jaren tachtig niet goed met het bedrijf. Met collega-verffabrikanten werd

de doe-het-zelf markt in

gesproken over een samenwerkingsverband. Boonstoppel was interessant vanwege de represen-

1975 geïntroduceerd. In een

tatie van de restauratiemarkt en midden jaren negentig gaat Boonstoppel Verf deel uit maken van

week tijd werden er 300.000

de Circle Group, waarvan de aandeelhouder het Engelse ‘Kalon’ was. De fabriek Boonstoppel gaat

stuks verkocht.’ <<<

‘Kalon Netherlands’ heten. Als Sigma Coatings en Kalon in 1999 fuseren, komt de verfproductie in Waddinxveen onder de regie van Sigma te staan. Omdat de fabriek daar verouderd was en SigmaKalon zelf voldoende productiecapaciteit had, werd besloten dat er voor de zelfstandige “De Weduwe’ geen toekomst meer was. Dit betekende niet dat Boonstoppel Verf ook ten einde was. Het merk kreeg weer nieuw leven, onder het motto ‘ambachtelijke kwaliteit in een modern jasje’. <<<

tjes die leuk versierd waren.

Advertentie met dialoog tussen Schilder en Schildersbaas


[30]

[31]

Sigma Coatings

Het

begin van een nieuw tijdperk

1972-1999

Door na de fusie Eind jaren zestig waren er veel aanbieders op de verfmarkt. Om een plek op de markt te waarborgen ontstond een tendens tot samenwerking en consolidatie. Deze tendens vond onder meer zijn weerslag in 1969 in een samenwerkingsverband van Petrofina met Pieter Schoen in Zaandam. Oliebedrijven waren geïnteresseerd in bedrijven die hun grondstoffen verwerkten, zo ook Petrofina. Op 1 januari 1972 verschijnen de verschillende verfbedrijven van de Petrofinagroep onder één naam: Sigma Coatings. De drie verschillende familiebedrijven brachten elk een eigen marktsegment in. Grofweg kan worden gesteld dat Pieter Schoen de scheepvaart beheerste, Varrossieau voornamelijk producten voor de DHZ markt produceerde en dat de corebusiness van Vettewinkel voornamelijk bestond uit bouwverven.

Successtory De fusie is een succes geworden omdat een aantal gevestigde verffabrieken met een grote naam in één bedrijf samenkwamen. Een vierkoppige raad van bestuur zette de lijnen naar de verschillende segmenten uit. Vervolgens werden verschillende divisiedirecteuren benoemd. Zij kregen de verantwoordelijkheid hun eigen organisatie te stroomlijnen. De keuze van directie en managers, op elke functie de beste persoon, werd op de achtergrond aangestuurd door Petrofina. Om het ‘Sigma-DNA’ te bewerkstelligen en te komen tot een goede integratie werden op alle fronten mensen bij elkaar gevoegd. Zo voerde de verkoopleider van Pieter Schoen zijn functie uit binnen de voormalige Vettewinkel organisatie en de verkoopleider van Vettewinkel werd hoofd buitendienst bij wat voorheen Pieter Schoen was.

Amsterdam

fabriek en distributiecentrum In de jaren tachtig vestigde Sigma Coatings in het Westelijk Havengebied van Amsterdam een ultramodern research center, naast een nieuwe verffabriek en distributiecentrum. Met de vestiging hiervan viel definitief het doek voor de fabrieken van Pieter Schoen in Zaandam en van Varossieau in Alphen aan den Rijn. Uniek aan de nieuwe verffabriek in Amsterdam (VFA) is de integratie van fabricage en logistiek in een volledig geautomatiseerd productieproces. Het was en is nog steeds één van de modernste verffabrieken binnen Europa.

Som van alles De naam ‘Sigma’ is overgenomen van de producten waar Pieter Schoen in de scheepvaart al patent op had. Sigma Coatings werd gekozen als overkoepelende naam. De Griekse vertaling ‘som van alles’ gaf de producten van het nieuwe bedrijf een meerwaarde. Alle verven kregen een Sigma-gezicht. In een jong bedrijf werd de kennis en ervaring samengevoegd van vele generaties verfmakers.

SSC’s Petrofina wilde het liefst vanuit één pand leveren. Uit marktonderzoek bleek echter dat schilders graag binnen hun eigen regio kopen. Er is toen gekozen om een groot deel van de bestaande verkooppunten (Vettewinkel en Schoen) om te bouwen tot Sigma Service Centers (SSC), verkooppunten met een eigen formule, gestoeld op een selfserviceconcept. Deze SSC’s waren voor de professionele markt en vereisten een marktdekkend assortiment. Dat deze formule succesvol was, bleek uit de sterk stijgende omzet. Naast het SSC concept is er ruim tien jaar geleden de stichting Vedined (Verfdistributie Nederland) opgezet, een samenwerkingsverband van fabrikant, tussenhandel (grossier) en eigen verkooppunt. Dit is een dynamische stichting geworden. Op non-paintgebied bijvoorbeeld is de inkoop gebundeld en daar is het succesvolle eigen merk ProGold uit gerold. Dit uitgebreide assortiment is alleen verkrijgbaar aan Sigma Coatings gerelateerde verkooppunten. Anno 2008 staan 16 SSC’s en 42 grossiers vestigingen door heel Nederland de professionele schilder met raad en daad bij.

36 jaar ondernemingsraad ‘In de eerste jaren was de directeur voorzitter’ De Wet op de Ondernemingsraden is van kracht sinds 1950. Het naoorlogse harmoniemodel kreeg op de werkvloer gestalte via de ondernemingsraad, waarvan de directeur voorzitter was. Rien van Viegen werkte voor de fusie in 1972 bij Varossieau. Daar deed hij zijn eerste ervaring als lid van de ondernemingsraad op. ‘Het was echt zoals de oude plaatjes van de geschiedenisboekjes. De directeur deelde sigaren uit en vertelde iets met de vingers achter de mouwgaten van zijn vestje. Daarna kreeg je misschien nog een kopje koffie, maar dat was het dan. Er werd zeker niet verwacht dat er kritische geluiden vanuit de werknemers kwamen.’ Na de fusies ontstond er een gezamenlijke ondernemingsraad waarin Van Viegen actief bleef. Pas in 1979 verdwijnt de directeur uit de ondernemingsraad en wordt de ondernemingsraad een zelfstandig orgaan binnen de organisatie. Rien van Viegen werd, eigenlijk vanzelfsprekend, voorzitter. Het zou een voorzitterschap van 24 jaar worden. ‘Terugkijken kan ik met overtuiging zeggen dat bij Sigma Coatings de ondernemingsraad altijd heel serieus genomen is en dat is een goede zaak.’

SigmaKalon en PPG In 1999 veranderde de bedrijfsnaam in SigmaKalon. Dat bleef zo tot de overname door PPG Coatings, begin 2008. De merknaam Sigma blijft wel bestaan.

Advertentie van Sigmatex

Het eerste relatiemagazine van Sigma, Sigmakontakt


[32]

colofon Uitgever PPG Coatings Nederland B.V., Uithoorn Realisatie Boomerang Publishing, Amsterdam Concept Marion de Regt, PPG Otto de Ruijter, Boomerang Publishing Redactie commissie PPG Bert Bloemendaal, Guus Duray, Bianca Maton, Hennie Muller, Brechje Vissers, Oscar Weber CoĂśrdinatie PPG Bianca Maton Projectredactie Patricia Oomen, Boomerang Publishing Art direction & vormgeving Freddy Vermeulen, Amsterdam Research en tekst Wil Koning, Amstelveen Fotografie attributen, pigmenten en schatkisten Roel Koning Styling Cindy Berg Portretten nazaten Marthein Smit

Š 2008. PPG Coatings Nederland B.V. en Boomerang Publishing hebben bij de productie van dit boek uiterste zorgvuldigheid nagestreefd. De uitgever aanvaardt geen aansprakelijkheid voor onjuistheden in dit boek. Niets in deze uitgave mag worden overgenomen en/of gereproduceerd zonder schriftelijke toestemming van de uitgever.

PPG - Drie eeuwen verfgeschiedenis  

In 2008 bedachten we het concept voor een tweedelig boek voor PPG Coatings Nederland ter gelegenheid van de overname van Sigma Coatings door...

Read more
Read more
Similar to
Popular now
Just for you