Broekpolder2040 - Een voorbeeld voor regionale gebiedstransities in Nederland
EEN VOORBEELD VOOR
REGIONALE
GEBIEDSTRANSITIES IN NEDERLAND
Gemeente
Provincie
Grote maatschappelijke opgaven landen niet in Den Haag.
Ze landen in gebieden waar mensen wonen, werken en ondernemen.
Iedereen wil transitie. Tot het concreet wordt.
Tot het gaat over ruimte. Over water. Over infrastructuur.
Over wie er mag bouwen — en wie niet.
Grote woorden, ambities en plannen zijn er genoeg. Maar échte verandering begint in gebieden waar belangen samenkomen en soms schuren.
De Broekpolder is zo’n plek.
Hier wachten ondernemers niet af. Hier nemen zij het initiatief.
Overheden sluiten aan en bewegen mee.
Dit bidbook is geen wenslijst. Het is een praktijkvoorbeeld van hoe het wél kan.
Van droom naar gidsproject
De Broekpolder ligt in het hart van Westlandse glastuinbouwgebied, tussen Honselersdijk, Naaldwijk en de Veilingroute. Het gebied omvat circa 600 hectare, waarvan 425 hectare glastuinbouw en 40 hectare natuur- en recreatiegebied. Broekpolder is het thuis van meer dan 300 gezinnen en er zijn ruim 100 glastuinbouwbedrijven gevestigd in het gebied. De polder kent een rijke geschiedenis van glastuinbouwontwikkeling, en staat nu voor de urgente opgaven van deze tijd: de verdeling van schaarse ruimte voor wonen, ondernemen en natuur.
Om de Broekpolder duurzaam, klimaatadaptief en toekomstbestendig te maken, vraagt dit om het vinden van een nieuwe balans tussen economie en leefomgeving.
In 2020 namen ondernemers en bewoners zelf het initiatief om richting te geven aan de toekomstbestendigheid van ‘hun’ gebied. Zij verenigden zich in de ‘Coöperatie Broekpolder 2040’. Samen met de gemeente Westland, de Provincie Zuid-Holland en het Hoogheemraadschap van Delfland werden daarna twee convenanten gesloten. Met het tekenen van de convenanten werd een nieuwe manier van samenwerken neergezet: niet top-down,
maar een regionale governance-structuur van onderop: het start met eigenaarschap bij de mensen die wonen en werken in het gebied.
Hun gezamenlijke droom, vormt het vertrekpunt voor dit bidbook.
De gezamenlijke droom kreeg vorm in het Ontwikkelperspectief Broekpolder 2040: het toekomstplan waarin bewoners en ondernemersrichting geven aan de ontwikkeling van hun polder. In dit perspectief wordt ‘Onze droom’ verder uitgewerkt als antwoord op de centrale vraag: hoe kan de Broekpolder duurzaam en toekomstbestendig omgaan met de complexe economische, ruimtelijke en maatschappelijke vraagstukken van deze tijd?
Dit vertaalt zich in zeven concrete thematische, samenhangende opgaven, die we in dit bidbook in beeld brengen:
Ruimte voor een toekomstbestendige glastuinbouw – modernisering van 400 hectare teeltareaal met circulaire reststromen, geothermie en hightech productieketens.
Duurzame energie – transitie van gas naar duurzame warmte en het realiseren van geothermiebronnen als fundament voor een duurzaam warmtenet.
Duurzaam waterbeheer – verbetering van waterkwaliteit, tegengaan van wateroverlast en zoetwatertekorten, en ruimte voor dijkversterkingen.
Behoud van natuur & biodiversiteit –het realiseren en versterken van ecologische verbindingen en landschapsherstel. Volop ruimte voor flora en fauna.
Ruimte voor wonen en woningbouw –behoud van 320 woningen, waarvan 30 mogelijk voor herplaatsing in aanmerking komen, realiseren van een klimaatadaptieve inrichting met meer ruimte voor groenblauw.
Mobiliteit en infrastructuur – verbeterde ontsluiting, verkeersveiligheid, ruimte voor duurzame logistiek en fietsroutes.
Gezondheid en welzijn – volop ruimte creëren van een prettige leefomgeving met ruimte voor ontspanningen en recreatie, zoals aantrekkelijke fietsroutes en wandelommetjes.
Met de uitwerking van deze thema’s schetst Broekpolder 2040 een plan, dat rechtstreeks raakt aan actuele complexe ruimtelijke en maatschappelijke vraagstukken waar Nederland voor staat. Daarmee is deze aanpak ook een concreet voorbeeld voor andere regio’s en hun transitieopgaven in Nederland.
Broekpolder 2040 en nationale opgaven:
• Duurzame glastuinbouw – duurzame voedselproductie– ruimte voor ondernemen, verduurzaming van de glastuinbouwsector, innovatie en circulaire ketens.
• Energie – geothermie, warmtenetten en duurzame energie-infrastructuur.
• Klimaatadaptatie- waterkwaliteit, zoetwaterzekerheid en wateroverlastopgave.
• Wonen – woningbouw, leefbare buurten en herverkaveling.
• Mobiliteit – duurzame logistiek, verbeterde ontsluiting en veilige fiets- en wandelroutes.
• Gezondheid & groene leefomgeving – ruimte voor natuur, recreatie en biodiversiteit.
De essentie van Broekpolder 2040
• Van onderop – initiatief en eigenaarschap start bij bewoners en ondernemers van het gebied zelf (new governance)
• Integraal – zeven opgaven verbonden in één toekomstbeeld voor een duurzame nieuwe balans
• Oplossingsgericht - biedt concreet plan voor actuele complexe ruimtelijke en maatschappelijke vraagstukken van vandaag
• Overdraagbaar – de in kaart gebrachte processen en de aanpak zijn bruikbaar voor andere regio’s in Nederland
Met dit bidbook nodigen we het Rijk uit om ook aan te sluiten bij een aanpak die lokaal ontsproten is, nationaal relevant én overdraagbaar naar andere regio’s.
Actief samen werken aan Broekpolder 2040. Eigenaarschap, samenwerking en uitvoering in het gebied zelf.
Met de ambitie en plannen van Broekpolder 2040 ligt er een kans om nationale beleidsdoelen tastbaar te maken in een regio waar bewoners en ondernemers zelf het voortouw nemen.
Wij nodigen het Rijk uit om de ambities en plannen van Broekpolder 2040 te omarmen en samen verder te brengen als voorbeeldproject voor regionale gebiedstransities.
Wij vragen in dit bidbook het Rijk om: Ook aan te sluiten als partner in de gebiedscoalitie in navolging van Gemeente Westland, het Hoogheemraadschap van Delfland en de Provincie Zuid-Holland, en toe te treden in dit new-governance-model waarin gebiedscoöperaties en overheden de handen ineenslaan.
Te ondersteunen in de uitwerking en realisatie, en de geschetste investeringslijnen van de gebiedstransitie (van papieren werkelijkheid naar daadwerkelijke praktijk) samen met bewoners, ondernemers, Gemeente Westland, het Hoogheemraadschap van Delfland en de Provincie Zuid-Holland.
Setting the scene Context en kaders
Het overzicht hieronder laat zien wie de spelers in het veld zijn, wat hun rol en/of portefeuille is en binnen welke (nationale) beleidskaders de aanpak zich positioneert.
Convenantspartners & Governance
Coöperatie Broekpolder 2040
Initiatiefnemer en penvoerder van het ontwikkelperspectief; bundelt bewoners en ondernemers en neemt eigenaarschap voor plannen gericht op herstructurering, verduurzaming en leefbaarheid.
Gemeente Westland
Convenantpartner; verantwoordelijk voor de uitwerking van het Gebiedsgericht Omgevingsprogramma (GGOP) en neemt het voortouw in de verbinding met het Rijk en de totstandkoming van het bidbook.
Provincie Zuid-Holland
Convenantpartner; ondersteunt via bodem en infrastructuur, energietransitie, mobiliteit en economische ontwikkeling. Positioneert de Broekpolder als proeftuin voor new governance en verbindt provinciale beleidsdoelen met de gebiedsaanpak.
Hoogheemraadschap van Delfland
Convenantpartner; borgt duurzaam waterbeheer, waterveiligheid, klimaatadaptatie en zoetwaterzekerheid. Brengt kennis in over waterkwaliteit, biodiversiteit en innovatieve oplossingen.
Governance Broekpolder 2040
1. Initiatief & eigenaarschap
• Coöperatie Broekpolder 2040 – eigenaar van het proces, initieert plannen.
2. Convenantspartners
• Gemeente Westland – formele ruimtelijke regie (GGOP, vergunningen), procesregie en lead in de verbinding met het Rijk (bidbook).
• Provincie Zuid-Holland – beleidskaders en ondersteuning rond economie, infrastructuur, energie en leefomgeving; positioneert Broekpolder als proeftuin voor new governance.
• Hoogheemraadschap Delfland – borgt waterveiligheid, waterkwaliteit en -kwantiteit, zoetwatervoorziening en klimaatadaptatie; brengt innovatieve kennis in (zoals waterhergebruik, biodiversiteit).
3. Samenwerkingsafspraken
• Vastgelegd in twee convenanten (2020, verlengd in 2023 t/m 2026).
Principe: bottom-up met overheidsondersteuning (new governance), juridisch niet bindend, maar richtinggevend en gedragen.
Beleidskaders en beleidscyclus
De Broekpolder 2040 staat niet op zichzelf. De gebiedsopgaven zijn onlosmakelijk verbonden met de kaders van de Omgevingswet en de strategische beleidsagenda’s van Rijk, provincie en EU.
De Omgevingswet kent geen formele procedure voor een ruimtelijke gebiedsvisie. Daarom wordt in de Broekpolder gekozen voor het instrument van
een Gebiedsgericht Omgevingsprogramma (GGOP): een samenhangend programma waarin ambities, maatregelen en maatschappelijke waarden van het gebied worden samengebracht. Het GGOP gaat nadrukkelijk verder dan economische functies en maakt ook de ruimtelijke en maatschappelijke betekenis van het gebied zichtbaar. Bovendien sluit het aan op de beleidscyclus van de Omgevingswet, waarbij de gemeenteraad kaders stelt in de omgevingsvisie, het college het programma vaststelt, en de raad via het omgevingsplan borgt dat maatregelen daadwerkelijk doorwerken.
Relevante beleidskaders Nationaal
• Nota Ruimte (2025) – eerste ruimtelijke vertaling van nationale opgaven tot 2050 (en doorkijk naar 2100). Richtinggevend voor keuzes rond landbouw, natuur, wonen, economie en energie.
• Omgevingswet (2024) – stimuleert integrale gebiedsaanpakken met initiatief vanuit het gebied.
• Klimaatplan (2025–2035) – koers naar klimaatneutraliteit in 2050, met nadruk op de keuzes voor 2030–2035.
Internationaal / EU
• Kaderrichtlijn Water (KRW, 2000) –verplichting tot schoon en ecologisch gezond oppervlakte- en grondwater in 2027.
• The European Green Deal: Dit overkoepelende beleid wil de uitstoot van broeikasgassen in 2030 met ten minste 50% verminderen en
in 2050 klimaatneutraliteit bereiken. Landbouw en voedselproductie spelen hierin een belangrijke rol.
• Het Gemeenschappelijk Landbouwbeleid (GLB): Het GLB stimuleert milieuvriendelijke landbouwpraktijken om de uitstoot te verlagen en het milieu te beschermen.
• Sustainable Development Goals (VN, 2015) –17 mondiale doelen, waarvan circa 70% direct raakt aan de ambities van Broekpolder 2040.
• CBS Monitor Brede Welvaart & SDG’s (jaarlijks) –meet kwaliteit van leven, leefomgeving en brede welvaart.
Adviesorganen
• Planbureau voor de Leefomgeving.
• Het College van Rijksadviseurs (CRa).
• Raad voor Volksgezondheid en Samenleving (RVS).
• Sociaal Economische Raad (SER).
Opgaven van de gebiedstransitie
1. Energietransitie – van fossiele energie naar duurzame warmte en geothermie; doel: klimaatneutraal in 2040.
2. Water – extra waterberging en vasthoudmaatregelen voor klimaatadaptatie en zoetwaterzekerheid. Ruimte voor dijkversterking en verbetering van waterkwaliteit.
4. Glastuinbouw – 50% van de kassen is vóór 2000 gebouwd; modernisering en verduurzaming is wenselijk.
5. Leefomgeving – vergroting groenblauwe dooradering voor gezondheid, biodiversiteit en recreatie.
6. Wonen – balans tussen wonen en werken; behoud van 320 woningen met ruimte voor herplaatsing.
7. Economie – behoud van de internationale concurrentiepositie als glastuinbouwcluster.
OVER DIT BIDBOOK
De Broekpolder heeft zich georganiseerd, de basis is gelegd. Nu is het tijd voor de volgende stap, van papier naar werkelijkheid. Ons einddoel: het realiseren van een toekomstgericht gebied waar ondernemen en wonen samen kunnen gaan. Een gebied dat volledig functioneert op duurzame energie, waar de waterkwaliteit op orde is, met ruimte voor biodiversiteit en prettig recreëren. Met dit bidbook, waarin per thema de plannen en uitdagingen zijn uitgewerkt, nodigen wij het Rijk uit om aan te sluiten als partner. Samen maken we van dit lokale initiatief een nationaal voorbeeldproject voor gebiedstransities.
1. Kracht van onderop
Van lokaal initiatief naar voorbeeldproject- De koers en aanpak voor een toekomstbestendige Broekpolder. Broekpolder 2040 begon bij de mensen die er wonen en werken. Bewoners en ondernemers namen zelf het initiatief om de toekomst van hun gebied vorm te geven, vanuit de overtuiging dat verandering alleen slaagt wanneer zij die dagelijks met het gebied verbonden zijn, vanaf het begin mee kunnen bouwen. Aldus: bottom-up.
Die lokale stap werd het begin van een bredere maatschappelijke coalitie: gemeente Westland, het Hoogheemraadschap van Delfland en de provincie Zuid-Holland sloten aan bij het proces. Niet als opdrachtgever, maar als partner. In 2020 werd het eerste convenant Broekpolder 2040 ondertekend, waarmee de gezamenlijke ambitie officieel werd vastgelegd: een duurzame, leefbare en economisch sterke Broekpolder, waarin ruimte is voor innovatie, natuur, wonen en werken.
Drie basisprincipes vormen het fundament:
1. De Broekpolder is en blijft een glastuinbouwgebied.
2 Er is ruimte voor toekomstbestendige glastuinbouwondernemingen.
3. De Broekpoldernaren kunnen prettig blijven wonen in de Broekpolder.
Vijf pijlers dragen deze aanpak:
• Gedeeld eigenaarschap – van idee tot uitvoering hebben alle partijen een rol en verantwoordelijkheid.
• Integrale samenwerking – zeven opgaven verbonden in één toekomstbeeld voor een duurzame balans.
• Van onderop – initiatief en eigenaarschap beginnen bij bewoners en ondernemers (new governance).
• Oplossingsgericht, blik vooruit – concrete plannen voor complexe ruimtelijke en maatschappelijke vraagstukken.
• Overdraagbaar – de aanpak en methodiek zijn toepasbaar in andere regio’s in Nederland.
Het verhaal van de Broekpolder laat ons zien dat duurzame gebiedsontwikkeling begint bij mensen. Het laat zien dat een lokaal gedragen visie kan uitgroeien tot een voorbeeldproject dat navolging verdient.
Proces
Aangezien het niet mogelijk is om met alle Broekpoldernaren tegelijkertijd aan het ontwikkelperspectief te schrijven, zijn er gedurende het traject verschillende werkgroepen gevormd. In eerste instantie per thema en later als één integrale werkgroep. De resultaten van de informatiebijeenkomsten in zijn ‘poldercafés’ door geïnteresseerde Broekpoldernaren kritisch bekeken. Door deze insteek zijn ruim 240 Broekpoldernaren bij het proces betrokken (ondernemers en bewoners). Hoewel het proces niet altijd gemakkelijk was, bleek het wel heel waardevol. De mogelijkheid om invloed uit te oefenen en de kans om de polder zelf vorm te geven, werkte motiverend en inspirerend.
Kortom
Bewoners en ondernemers van de Broekpolder startten in 2020 een coöperatie die uitgroeide tot een samenwerking met drie overheden. De aanpak biedt perspectief voor de lange termijn en gaat uit van integrale samenwerking. De pijlers bieden potentie voor overdracht voor andere gebiedstransities in Nederland.
De uitdaging
• Commitment van zoveel mogelijk bedrijven en bewoners.
• Uitvoering: stappen maken van papier naar werkelijkheid.
• Draagvlak behouden en groeien, ook met maatschappelijke partijen.
• De opschaalbaarheid naar andere gebieden vraagt natuurlijk rekening houden met specifieke gebiedskenmerken en tempo.
2. De motor: ruimte voor duurzame glastuinbouw
De glastuinbouw is het kloppend hart van de Broekpolder. Met 400 hectare teeltareaal en ruim 100 bedrijven vormt de sector de economische motor van het gebied én een cruciale schakel in voedselvoorziening, sierteelt en kenniseconomie. Tegelijkertijd staat de Broekpolder aan de vooravond van een noodzakelijke transformatie naar duurzame en toekomstbestendige productie. De helft van de kassen dateert van vóór 2000 en vraagt de komende vijftien jaar om substantiële investeringen in modernisering. Daarbij komen stijgende energiekosten, personeelstekorten, de impact van klimaatverandering en toenemende ruimtedruk. Alleen door een grondige transitie kunnen deze uitdagingen worden omgezet in kansen en perspectief voor een duurzame toekomst. Daarbij is niet alleen nieuw glas nodig, maar ook passende financieringsconstructies die ondernemers in staat stellen deze stap daadwerkelijk te zetten.
Naast de modernisering van de bedrijfsvoering is de energietransitie een cruciale uitdaging. Het huidige gebruik van fossiele brandstoffen is niet toekomstbestendig De Broekpolder moet overschakelen op duurzame warmtebronnen, met geothermie als pijler, aangevuld met andere bronnen.
Nieuwe warmtenetten moeten daarbij de hele polder bedienen en de sector in staat stellen klimaatneutraal te worden in 2040.
Ook de arbeidsmarkt vormt een uitdaging. Structurele personeelstekorten in een krappe arbeidsmarkt drukken steeds zwaarder op de bedrijfsvoering. Het vraagt om innovatieve oplossingen rond scholing, arbeidsmigratie, technologie en robotisering.
De klimaatopgave raakt direct aan de leefbaarheid en toekomstbestendigheid van het gebied. Er is extra waterberging nodig om extreme neerslag en langere droge periodes op te vangen.
Tenslotte speelt de ruimtelijke herstructurering.
De verkaveling is historisch versnipperd, terwijl de ruimtedruk in de regio toeneemt. Alleen door efficiënter te verkavelen, met behoud van netto glastuinbouwareaal, kan er voldoende ruimte blijven om alle genoemde transities – modernisering, energie, water en arbeid – daadwerkelijk te realiseren.
Samen vormen deze opgaven geen losse dossiers, maar één samenhangende uitdaging: de Broekpolder moet de omslag maken naar een moderne, duurzame en veerkrachtige glastuinbouwpolder die ook in 2040 nog het kloppend hart van de regio is.
Innovatie en internationale uitstraling
De glastuinbouw in Westland, dus ook in de Broekpolder, behoort tot de wereldtop. Bedrijven in het gebied benutten restwarmte en CO₂, ontwikkelen circulaire productiestromen en vernieuwen voortdurend hun teeltmethoden- en technieken. Het resultaat is een sector die niet alleen lokaal verankerd is, maar wereldwijd wordt gezien als voorbeeld van technologische vernieuwing en verduurzaming. Internationale bezoekers en delegaties komen regelmatig naar de Broekpolder om met eigen ogen te zien hoe innovatie, ondernemerschap en duurzaamheid hier samenkomen. Daarmee vervult de Broekpolder een rol als etalage voor Nederland: een plek waar zichtbaar wordt hoe kennis en technologie bijdragen aan de transities in voedsel, energie en circulaire productie.
Om dit internationale koploperschap te behouden en de transitie te kunnen realiseren, is het essentieel dat de Broekpolder de ruimte krijgt én behoudt om zich verder te ontwikkelen als toekomstbestendig, duurzaam glastuinbouwgebied. Zonder deze ruimte verliest de polder niet alleen aan productiecapaciteit, maar ook aan bijdrage aan de positie als kennisexporteur en innovator in de sector.
Ruimte voor duurzame glastuinbouw –balans tussen groei en maatschappelijk draagvlak De glastuinbouw vormt niet alleen de economische motor van de Broekpolder, maar staat ook steeds vaker in het maatschappelijk debat. Thema’s als energiegebruik, waterkwaliteit, arbeidsmigratie en ruimtedruk vragen om een zorgvuldige balans tussen ondernemen en verantwoordelijkheid nemen voor de leefomgeving. De license to produce — het vertrouwen dat de sector duurzaam en zorgvuldig werkt — speelt daarbij een belangrijke rol.
In de Broekpolder wordt hier actief op ingespeeld. Ondernemers investeren in geothermie, energiebesparing, emissieloze teelt, circulaire watersystemen, modernere kassen en robotisering. Ook wordt gewerkt aan goede huisvesting voor internationale medewerkers en aan de koppeling tussen werken, leren en innovatie.
Voor verdere verduurzaming is ruimte nodig. Veel van de noodzakelijke stappen — van efficiëntere kavels en nieuwe warmtenetten tot waterberging en veiligere infrastructuur — vragen om een andere inrichting van het gebied. Door wonen en ondernemen zorgvuldig te herschikken en zogenaamde uitplaatslocaties te creëren, wordt deze ruimte beschikbaar gemaakt.
De gebiedsontwikkeling sluit daarmee aan op nationale en regionale beleidskaders zoals Water en Bodem Sturend, de Kaderrichtlijn Water, het Klimaatplan en de Nota Ruimte. Zo werkt de Broekpolder aan een toekomstbestendig glastuinbouwgebied dat economisch sterk is, duurzaam produceert en goed is ingebed in zijn omgeving.
Kortom
De glastuinbouwsector in de Broekpolder is zowel economische motor als kennisexporteur, maar staat tegelijk voor grote transities. bestaande kassen vragen modernisering, aardgas maakt plaats voor duurzame warmte, personeelstekorten drukken op de sector, extra waterberging is nodig voor klimaatadaptatie, en herverkaveling moet zorgen voor efficiënter ruimtegebruik mét behoud van glastuinbouwareaal. Tegelijk is de Broekpolder een belangrijke speler in het behoud van de mondiale innovatiepositie van de Nederlandse glastuinbouw.
Relevante SDG’s
Feiten en context | Westland en Greenport West-Holland.
De Broekpolder maakt onderdeel uit van de gemeente Westland en daarmee van Greenport West-Holland. Binnen deze Greenport zijn circa 10.000 bedrijven actief en werken ongeveer 75.000 mensen in en rond het glastuinbouwcluster. Westland behoort tot de belangrijkste glastuinbouwclusters van Nederland, met een sterke concentratie van productie, kennis en ketenactiviteiten. Deze samenhang maakt de sector tot een belangrijke economische en innovatieve motor voor de regio Zuid-Holland, met betekenis voor de sierteelt, voedselproductie, werkgelegenheid, kennisontwikkeling en export.
SDG 2 – Geen honger: Innovatieve glastuinbouw levert een bijdrage aan voedselzekerheid.
SDG 8 – Waardig werk en economische groei: Hoogwaardige werkgelegenheid en nieuwe vormen van ondernemerschap.
SDG 9 – Industrie, innovatie en infrastructuur: Koploperschap in technologische vernieuwing en circulaire ketens.
SDG 11 – Duurzame steden en gemeenschappen: Samenhang tussen productie, leefbaarheid en ruimtelijke kwaliteit.
SDG 17 – Partnerschappen om doelstellingen te bereiken: Nauw samenspel tussen ondernemers, bewoners, kennisinstellingen en overheid.
De uitdaging
• Modernisering – circa 50% van de kassen is ouder dan 2000; vernieuwing en passende financiering is wenselijk.
• Energietransitie – overstap van aardgas naar geothermie en andere duurzame bronnen; aanleg van warmtenetten voor klimaatneutraal 2040.
• Arbeidsmarkt – structurele tekorten vragen om innovatieve oplossingen in scholing en technologie (robotisering).
• Klimaatadaptatie – behoefte aan extra waterberging voor extreme weersomstandigheden.
• Herstructurering – versnipperde verkaveling en ruimtedruk maken efficiëntere inrichting nodig, mét behoud van netto glastuinbouwareaal.
3. Transitie I: van aardgas naar fossielvrij
Energie: motor van de transitie
De glastuinbouw is van oudsher een energieintensieve sector. De overstap naar duurzame energie een belangrijke sleutel tot een toekomstbestendige Broekpolder. De basis is gelegd: drie geothermiebronnen zijn al operationeel en leveren warmte aan een substantieel deel van de glasopstanden. Ondernemers zijn daarin medeeigenaar en afnemer, waardoor de transitie breed gedragen wordt. Een vierde geothermieproject is in voorbereiding. De ambitie is duidelijk: in 2040 een fossielvrije Broekpolder, in lijn met het Klimaatakkoord voor een klimaatneutrale glastuinbouw.
De energietransitie vraagt forse inspanningen. Geothermie is een belangrijke eerste stap in de verduurzaming van de energievraag. Een toekomstbestendig glastuinbouwcluster heeft om in de energievraag te kunnen voorzien vooralsnog een aardgasaansluiting nodig, een elektra-aansluiting, een warmte aansluiting en een CO₂-voorziening. Ook zijn kassen nodig om te kunnen telen met lagere temperaturen. Isoleren (schermen) en ontvochtigen van kassen leidt tot energie efficiëntie. Geothermie kent hoge aanloopkosten en lange doorlooptijden, terwijl distributienetten, piekvoorzieningen en
seizoensopslag en modernisering van kassen nog moeten worden uitgebouwd. De huidige infrastructuur is ontoereikend om de volledige warmtevraag duurzaam te dekken. Tegelijkertijd moet de omschakeling rendabel blijven voor ondernemers in een concurrerende internationale markt.
Innovatie in de praktijk
De Broekpolder is ook proeftuin voor innovatieve oplossingen. Hier staat de eerste ‘daglichtkas’ van Nederland, die optimaal gebruikmaakt van natuurlijk licht en daardoor aanzienlijk energie bespaart. Ook werken ondernemers met ‘Het Nieuwe Telen’, een teeltmethode waarbij kasklimaat en energiegebruik met sensoren en datasturing worden geoptimaliseerd. Daarnaast is in 2023 een energiemonitoringstool ontwikkeld, waarmee ondernemers via dashboards realtime inzicht krijgen in hun energieverbruik en besparingspotentieel. Belangrijk daarbij is dat data in coöperatief eigendom blijven, wat vertrouwen en deelname vergroot. Het Energiekompas beschrijft deze aanpak als overdraagbare methodiek: niet alleen technisch, maar ook organisatorisch en financieel, zodat andere gebieden hiervan kunnen leren.
Breder belang
De energietransitie in de Broekpolder stopt niet bij de kassen. Ook bewoners willen kunnen profiteren van de duurzame warmte die in de polder beschikbaar komt: een koppeling met de woonomgeving. Nu al voorziet geothermie in de warmtevraag van woningen in Westland. Dit aandeel dient sterk te worden vergroot. Verder biedt de verbinding met de Rotterdamse haven mogelijkheden om restwarmte en CO₂ te benutten, en worden elektrificatie en warmteopslag verkend. Zo kan Broekpolder een praktijkvoorbeeld zijn voor de verduurzaming van productieve landschappen, met betekenis voor de nationale energietransitie.
De uitdaging
• Geothermie – drie bronnen in bedrijf, vierde in ontwikkeling; hoge aanloopkosten en lange doorlooptijden.
• Infrastructuur – huidige elektranetten en opslagcapaciteit (elektra en warmte) onvoldoende; forse investeringen nodig.
• Modernisering – toepassing van daglichtkas en Het Nieuwe Telen; verdere opschaling vereist.
• Bewoners – vraag om mee te delen in de duurzame warmte. Aansluiting tussen woningen en glastuinbouw komt echter nog niet ‘zomaar’ van de grond.
Kortom
De energietransitie in de Broekpolder is ingezet, met geothermie als ruggengraat en innovatieve oplossingen zoals daglichtkas en energiemonitoring als versnellers. Maar de uitdaging is nog steeds heel groot: hoge kosten, lange doorlooptijden en een infrastructuur die nog moet worden versterkt. Juist omdat ook bewoners willen meedoen en er koppelingen zijn met nationale systemen zoals de Rotterdamse haven, kan de Broekpolder uitgroeien tot gidsproject voor de verduurzaming van productieve landschappen.
• Breder systeem – koppeling met havenrestwarmte en CO₂, elektrificatie en seizoensopslag ‘seasonal storage’ in ontwikkeling.
Relevante SDG’s
SDG 7 – Duurzame energie: betaalbare en fossielvrije energievoorziening.
SDG 9 – Industrie, innovatie en infrastructuur: innovatie en versterking van energie-infrastructuur.
SDG 12 – Verantwoorde consumptie en productie: energie-efficiënte en duurzame glastuinbouw.
SDG 13 – Klimaatactie: ruimte voor extreme neerslag.
SDG 17 – Partnerschappen: van betaalbare duurzame energie tot partnerschappen.
4. Transitie II: duurzaam waterbeheer
Water als fundament
Water speelt een belangrijke rol in de Broekpolder. Ook dit gebied heeft te maken met de gevolgen van een veranderend klimaat met meer piekbuien en langere periodes van droogte. Bodemdaling en verzilting zijn aanwezige risico’s, maar de grootste uitdagingen vormen wateroverlast, zoetwaterbeschikbaarheid en waterkwaliteit.
Van opgave naar aanpak
De Broekpolder kent aldus een drievoudige wateropgave om mee aan de slag te gaan:
1. Piekbuien opvangen – tot 2050 moet de polder 16 mm extra neerslag kunnen verwerken; dit vraagt om extra waterberging.
2. Zoetwater zekerstellen – droge zomers maken gietwater schaars, terwijl de landelijke verdringingsreeks de glastuinbouw lager plaatst dan natuur, drinkwater en veiligheid.
3. Waterkwaliteit verbeteren – in 2027 moet het oppervlaktewater chemisch schoon en ecologisch gezond zijn volgens de norm van de Kaderrichtlijn Water (KRW). Ondanks voortgang worden nog steeds overschrijdingen van de norm gemeten.
Daarbovenop spelen bodemdaling en waterveiligheid: keringen zakken mee met de bodem. Alleen ophogen maakt ze instabiel; daarom moet in de inrichting ruimte worden gereserveerd voor toekomstige verbreding en verzwaring.
Van opgave naar aanpak Naast de wateropgaven wordt ook gewerkt aan groenblauwe dooradering: extra oppervlaktewater in combinatie met natuurvriendelijke oevers, ruimte voor biodiversiteit en recreatieve fiets- en wandelroutes. Zo wordt een technische ‘noodzaak’ gekoppeld aan meer leefkwaliteit voor mens en natuur.
Voor de glastuinbouw is ook gietwaterbeschikbaarheid van belang. Bedrijven zetten in op ‘zelfredzaamheid’ met grotere bassins en silo’s voor hemelwateropvang. Innovaties zoals Rainlevelr maken het systeem slimmer door opslagcapaciteit optimaal te benutten. Ook circulaire oplossingen, zoals hergebruik van restwaterstromen en ondergrondse opslag, worden onderzocht.
Wat betreft de waterkwaliteit moet de sector versneld emissies verminderen. Directe lozingen zijn vrijwel verdwenen, maar lekkages en diffuse verontreiniging blijven een risico. De watercoach helpt ondernemers waterstromen en lekken in kaart te brengen. Modernisering van tuinbouwbedrijven biedt een grote kans om kassen lekdicht te maken en draagt zo direct bij aan het halen van de KRW-doelen.
• Zoetwaterzekerheid: beschikbaarheid en kwaliteit borgen als basis voor leefbaarheid en economie.
• Biodiversiteit en waterkwaliteit: versterken via natuurvriendelijke oevers en integratie met ruimtelijke inrichting en het tegengaan van emissies vanuit de glastuinbouw.
• Samenwerking: met Gemeente Westland, Provincie Zuid-Holland, bewoners en ondernemers als randvoorwaarde voor draagvlak en uitvoering.
Relevante SDG’s
SDG 6 – Schoon water en sanitair: Kaderrichtlijn Water doelen 2027.
SDG 11 – Duurzame steden en gemeenschappen: Klimaatbestendige inrichting.
SDG 13 – Klimaatactie: ruimte voor extreme neerslag
SDG 15 – Leven op het land: Groenblauwe dooradering 5-10% gebied.
Kortom
De Broekpolder staat voor een complexe wateropgave: te veel water bij piekbuien, te weinig zoetwater in droge perioden en de doelstelling van de Kaderrichtlijn Water. Daarbovenop spelen bodemdaling, verzilting en waterveiligheid. De oplossing ligt in het realiseren van meervoudige waarde: waterberging die ook natuur en recreatie oplevert, buffers die piekbuien én droogte opvangen, en modernisering die schoon water dichterbij brengt. Water is zo het fundament van de gebiedstransitie in de Broekpolder.
• Innovatie en duurzaamheid: inzetten op circulaire waterstromen, emissiebeperking en koppelingen tussen water en energie.
SDG 17 – Partnerschappen: Samenwerking met Hoogheemraadschap Delfland.
Inbedding in koers Hoogheemraadschap van Delfland]
De ambities in de Broekpolder sluiten nauw aan bij de prioriteiten die Hoogheemraadschap van Delfland heeft benoemd in zijn strategische koers:
• Klimaatadaptatie: omgaan met extremere buien, droogte en bodemdaling.
Water en Bodem Sturend
De nationale koers is dat water en bodem sturend zijn bij ruimtelijke keuzes. Dit betekent dat de inrichting van gebieden wordt afgestemd op de natuurlijke randvoorwaarden van het watersysteem en de bodem. Uitgangspunten:
• Rekening houden met extremen (piekbuien, droogte, verzilting).
• Geen afwenteling op toekomstige generaties of andere gebieden.
• Integraal omgaan met wateroverlast, droogte en bodemdaling.
• Minder bodemafdekking en meer ruimte voor infiltratie en waterberging.
• Multifunctioneel en slim ruimtegebruik.
De uitdaging
• Piekbuien opvangen – extra berging nodig en innovaties zoals Rainlevelr.
• Zoetwaterzekerheid – buffers, circulaire oplossingen en innovaties zoals ondergrondse infiltratie.
• Waterkwaliteit – chemisch schoon en ecologisch gezond in 2027 (KRW).
• Bodemdaling + keringen – ruimte reserveren voor toekomstige versterking.
• Verzilting – groeiend risico dat vraagt om innovatieve oplossingen.
5. Transitie III: circulaire economie
Sluiten van kringlopen in de Broekpolder
Na hoofdstuk 4 “Transitie II: Duurzaam Waterbeheer”, als verbindend onderdeel vóór infrastructuur en wonen. Het sluit aan op energie en water, en versterkt het verhaal over efficiënt ruimtegebruik en de toekomstbestendige glastuinbouw.
Circulaire Economie – sluiten van kringlopen in de Broekpolder
In de Broekpolder vormen de principes van kringloopsluiting en efficiënt gebruik van energie, water en grondstoffen een rode draad door de transitieopgaven heen.
Van reststroom tot grondstof Ondernemers in de polder werken samen aan systemen waarin warmte, CO₂, water en voedingsstoffen niet verloren gaan, maar opnieuw worden benut. Restwarmte uit kassen wordt via het warmtenet hergebruikt; CO₂ wordt afgevangen en geleverd aan andere teelten; hemelwater wordt opgeslagen en gebruikt als gietwater; en reststromen uit teeltprocessen worden verwerkt tot nieuwe producten of hergebruikt in de keten.
Energie, water en grondstoffen in balans
De geothermiebronnen in de polder vormen samen met zonne-energie, warmtenetten en opslag een belangrijke ruggengraat van een circulair energiesysteem. Tegelijkertijd wordt gewerkt aan een emissieloze teelt en aan het duurzaam sluiten van de waterkringloop: opvang, opslag en hergebruik. De aanpak draagt bij aan de ambitie van de gehele glastuinbouwsector in Nederland om in 2040 geheel klimaatneutraal te zijn.
Slimme teelt en moderne technologie
Met de introductie van het ‘Nieuwe Telen’, robotisering en digitalisering wordt de teelt steeds preciezer, waardoor minder energie en middelen nodig zijn. Data over verbruik, reststromen en opbrengsten worden gedeeld binnen de coöperatie. Daarmee ontstaat een transparant en lerend systeem waarin ondernemers gezamenlijk sturen op efficiëntie en duurzaamheid.
Ruimte en modernisering
Modernisering van de glastuinbouwbedrijven maakt de omslag naar circulaire productie mogelijk. Door herverkaveling ontstaat ruimte voor nieuwe energieen watersystemen, duurzame logistiek en efficiënte kavels. Zo krijgt circulariteit ook ruimtelijk vorm: de Broekpolder wordt een compact, toekomstgericht productielandschap waarin functies elkaar versterken.
Kortom
Door energie, water en grondstoffen te koppelen en slim te gebruiken, groeit de polder uit tot een voorbeeld van een circulair functionerend gebied.
Relevante SDG’s
SDG 6 – Schoon water en sanitair: Kaderrichtlijn Water doelen 2027.
SDG 7 – Duurzame energie: drie operationele geothermiebronnen, restwarmte- en CO₂-hergebruik, koppeling met regionale warmtenetten.
SDG 9 – Industrie, innovatie en infrastructuur: circulaire energie-, water- en grondstofsystemen in een modern glastuinbouwcluster.
SDG 12 – Verantwoorde consumptie en productie: reststromen worden hergebruikt, kringlopen in de glastuinbouw sluiten zich.
SDG 13 – Klimaatactie: ruimte voor extreme neerslag.
SDG 17 – Partnerschappen: van betaalbare duurzame energie tot partnerschappen.
6. Transitie IV: slimme verbindingen
Infrastructuur voor morgen
De Broekpolder wordt ontsloten door een fijnmazig netwerk van historisch gegroeide tuinderslanen. Deze structuur, ooit passend bij kleinschalige bedrijven, is nu niet meer voldoende passend voor de moderne glastuinbouw. Vrachtverkeer groeit door hogere productie en de trend naar versere, frequentere leveringen. Tegelijk gebruiken fietsers en voetgangers dezelfde smalle routes. Op kruispunten waar tuinderslanen en fietspaden samenkomen, ontstaan onveilige situaties. En met slechts één OV-verbinding via de Middelbroekweg neemt de druk op het systeem toe, terwijl het aantal transportbewegingen blijft groeien.
De infrastructuuropgave
De Broekpolder staat op dit thema voor een dubbele uitdaging: efficiënte logistiek voor een internationale topsector, én een veilige, leefbare en toegankelijke omgeving voor bewoners en werknemers. Dat vraagt om modernisering van de wegenstructuur, scheiding van verkeersstromen en ruimte voor langzaam verkeer.
Een nieuwe hoofdstructuur
Het nieuwe uitgangspunt schetst een nieuwe hoofdstructuur voor de polder. Niet de breedte van de weg, maar juist de functie bepaalt de toekomst. Hoofdwegen worden zo ingericht dat vracht en langzaam verkeer gescheiden zijn, en dat de verbinding met A4, A20 en de veiling sterker wordt.
Méér dan asfalt
De voorgestelde infrastructuuraanpak gaat ook verder dan wegen. Onder de grond wordt ruimte vrijgemaakt voor leidingen voor geothermie, buffers voor klimaatadaptatie en glasvezel voor digitalisering. Herverkaveling die nodig is voor betere infrastructuur creëert tegelijk kansen voor energie en natuur. Zo wordt infrastructuur multifunctioneel ruimtegebruik in de praktijk.
Veilige routes
In de plannen is infrastructuur meer dan logistiek alleen. Voor werknemers zijn veilige fietsroutes cruciaal; bestaande fietsstraten blijven behouden en worden aangevuld met nieuwe verbindingen.
Voor bewoners blijven er wandelommetjes langs het groenblauw, ook wanneer reconstructies plaatsvinden. Zo kunnen bewoners veilig en aantrekkelijk gebruikmaken van het landschap.
Slimme logistiek
Broekpolder zet zich ook in voor een slim logistiek netwerk om vervoer van producten en verkeersdruk in effectieve balans te houden, bijvoorbeeld door bundeling van goederenstromen, gezamenlijke distributie en de inzet digitale systemen die routes optimaliseren.
Relevante SDG’s
SDG 9 – Industrie, innovatie en infrastructuur: Moderne logistieke systemen voor 345 hectare glastuinbouw.
SDG 11 – Duurzame steden en gemeenschappen: Veilige mobiliteit voor bewoners en werknemers.
SDG 13 – Klimaatactie: Emissiereductie door bundeling transport en fietsinfrastructuur.
SDG 15 – Leven op het land: Wandelpaden versterken beleving kassenlandschap.
SDG 17 – Partnerschappen: Coöperatie verbindt 100+ ondernemers met overheden.
Kortom
De Broekpolder kent een infrastructuur die niet meer voldoende past bij de toekomstbestendige glastuinbouw. Vrachtwagens, fietsers en autoverkeer delen smalle routes, wat tot onveilige situaties leidt. Het plan is dat verkeersstromen worden gescheiden, het gebied beter wordt aangesloten op A4 en A20, en infrastructuur multifunctioneel ruimtegebruik mogelijk maakt. Multifunctioneel betekent: wegen worden niet alleen gebruikt voor logistiek, maar combineren ook leidingen voor geothermie, buffers voor water en kabels voor digitalisering.
De Uitdaging
• Historische tuinderslanen zijn te smal en onveilig voor het groeiende vrachtverkeer.
• Vrachtwagens, fietsers en voetgangers delen dezelfde routes → gevaarlijke kruisingen en soms te smal voor tweerichtingsverkeer.
• Slechts één OV-verbinding; bereikbaarheid en doorstroming staan onder druk.
• Noodzaak om verkeersstromen te scheiden
• Infrastructuur moet multifunctioneel en ‘smart’ worden ingezet: logistiek combineren met energie, water en digitalisering.
7. Thuis in de polder
De Broekpolder kent een unieke historische verweving van wonen en werken. Ongeveer 320 woningen liggen verspreid tussen ruim 100 glastuinbouwbedrijven.
Waar dit vroeger vanzelfsprekend was – gezinnen die bij hun tuinbouwbedrijf woonden – vormt het nu soms een belemmering voor modernisering. Veel woningen zijn ‘losgekoppeld’ van de bedrijven en milieuregels beperken het optimaal benutten van de beschikbare ruimte. Tegelijkertijd willen bewoners met plezier in de polder blijven wonen, maar wel met reëel perspectief op passende nieuwe woonlocaties. Zonder langdurig beschikbare uitplaatskavels (nieuwe locaties waar woningen kunnen worden gebouwd ter vervanging van bestaande woningen in de polder) dreigt stilstand.
De kern van de opgave: randvoorwaarden scheppen voor modernisering van- en ruimte voor de glastuinbouw, zonder dat plezierig wonen verloren gaat.
Perspectief voor wonen en werken
De oplossing ligt in het opnieuw ordenen van wonen en ondernemen. Woningen die modernisering belemmeren, kunnen worden verplaatst naar plekken waar beide functies elkaar niet hinderen. Zo ontstaat ruimte.
De meeste bewoners kiezen voor vrij wonen met tuin, rust en privacy, terwijl een kleiner deel juist belangstelling heeft voor seniorenwoningen of compacte concepten dichtbij voorzieningen. Daarbij is nadrukkelijk ruimte voor nieuwe woonconcepten die inspelen op veranderende leefstijlen en generaties.
Zo krijgt in dit plan ieder zijn plek: ondernemers die hun bedrijf willen moderniseren én bewoners die prettig kunnen wonen in Broekpolder.
De herplaatsing van woningen gebeurt stap voor stap, middels gesprekken op basis van vrijwilligheid, en afspraken binnen deelgebieden bepalen hoe de ruimte wordt ingericht. Ondernemers die willen uitbreiden kunnen initiatief nemen, maar ook bewoners die willen verhuizen kunnen dit doen.
Kortom
De Broekpolder kan alleen toekomstbestendig worden als wonen en werken opnieuw in balans worden gebracht. Door woningen zorgvuldig te verplaatsen naar uitplaatskavels (nieuwe locaties voor vervangende woningbouw) ontstaat ruimte voor moderne glastuinbouw én voor aantrekkelijke woonlocaties. Daarbij is er plek voor verschillende woonconcepten – van vrij wonen tot nieuwe vormen die passen bij uiteenlopende woonwensen. Zo blijft de polder een plek waar ondernemers kunnen groeien en bewoners met plezier kunnen leven.
Relevante SDG’s
SDG 3 – Gezondheid en welzijn: veilige en gezonde woonomgeving, versterkt door groen en recreatie.
SDG 4 – Kwaliteitsonderwijs: koppeling van wonenleren-werken via World Horti Center en Flora Campus.
SDG 11 – Duurzame steden en gemeenschappen: integrale gebiedsaanpak waarin wonen, werken en groen in samenhang ontwikkeld worden.
SDG 13 – Klimaatactie: klimaatadaptieve woonmilieus door groen-blauwe inpassing.
SDG 17 – Partnerschap: samenwerking tussen bewoners, ondernemers en overheden.
De Uitdaging
• Historisch gegroeide verweving van 320 woningen en ruim 100 glastuinbouwbedrijven.
• Milieuregels beperken benutting van de beschikbare ruimte en belemmeren modernisering en innovatie.
• Opgave: door herverkaveling ruimte te creëren voor glastuinbouwontwikkeling én duurzaam woonperspectief. Daarbij speelt het structurele waardeverschil tussen agrarische en particuliere woningen een belangrijke rol: agrarische woningen kennen, ondanks vergelijkbare omvang, een lagere marktwaarde, wat de financierbaarheid van vervolgstappen belemmert.
8. De leefomgeving: groen en gezond
De Broekpolder kent nu al circa 40 hectare recreatieve zones in de directe nabijheid die verbonden zijn met waterstructuren en groene linten. Bewoners en bezoekers maken er dagelijks gebruik van voor wandelen, fietsen, roeien, paardrijden, scouting, vissen en picknicken. Deze voorzieningen laten zien dat de Broekpolder meer is dan een hoogproductief glastuinbouwgebied: het is ook een plek om plezierig te leven, ontspannen en ontmoeten.
In de herinrichting van de Broekpolder wordt allereerst ‘groen-blauw’ structureel onderdeel van de ruimtelijke logica. Uitgangspunt in de ambitie is dat 10% van het gebied groen-blauw dooraderd wordt.
Ook zal er worden gewerkt aan een recreatief netwerk waarin bestaande zones – zoals recreatieplas de Wollebrand, de Lange Wateringkade– worden verbonden met nieuwe groen-blauwe structuren. Zo ontstaat één geheel van wandel- en fietsroutes dat bewoners en bezoekers uitnodigt om de polder actief te beleven.
Langs de primaire watergangen komen natuurvriendelijke oevers en ecologische verbindingen die niet alleen de biodiversiteit herstellen, maar ook bijdragen aan een betere chemische en ecologische waterkwaliteit.
Rondom bedrijven en woonclusters worden groene buffers gerealiseerd die zorgen voor een zachte overgang naar het landschap, waardoor functies elkaar minder belemmeren en de leefomgeving aantrekkelijker wordt.
Dorpsommetjes en veilige fietsroutes maken het bovendien mogelijk om dicht bij huis te bewegen, elkaar te ontmoeten en de voordelen van een groene leefomgeving in het dagelijks leven te ervaren.
Tot slot wordt de beoogde aanleg van extra waterberging nadrukkelijk verbonden met deze groenblauwe structuren: extra oppervlaktewater langs de hoofdwatergangen gaat samen met natuurvriendelijke oevers en recreatieve routes. Daarmee levert de water-opgave niet alleen veiligheid en klimaatadaptatie op, maar ook meer natuur, biodiversiteit en een hogere kwaliteit van de leefomgeving.
SER over een gezonde leefomgeving]In breder perspectief
De Sociaal-Economische Raad (SER) benadrukt in het advies Gezond opgroeien, wonen en werken dat een groene en gezonde leefomgeving direct bijdraagt aan vitaliteit, welzijn en economische kracht. Meer groen, water en ruimte voor beweging verminderen maatschappelijke kosten en vergroten de kwaliteit van samenleven. De Broekpolder vertaalt dit in de praktijk door gezondheid, recreatie en biodiversiteit een nadrukkelijk een plaats te geven in de plannen van de gebiedstransitie.
(Bron: SER, 2023/2024)
Relevante SDG’s
SDG 3 – Gezondheid en welzijn: een groene leefomgeving bevordert vitaliteit en welzijn.
SDG 11 – Duurzame steden en gemeenschappen: vergroening en routes versterken leefbaarheid.
SDG 13 – Klimaatactie: groen-blauw als maatregel voor klimaatadaptatie.
SDG 15 – Leven op het land: herstel en versterking biodiversiteit.
SDG 17 – Partnerschap: gezamenlijke uitvoering door bewoners, ondernemers en overheden.
Kortom
De Broekpolder wil zich ontwikkelen tot een gebied waar gezondheid, recreatie en biodiversiteit structureel onderdeel zijn van de ruimtelijke keuzes. Met 40 hectare recreatieve zones in de directe nabijheid en 10% groen-blauwe dooradering in de plannen voor 2040, wordt het landschap ingericht voor bewegen, ontspannen, ontmoeten én versterken van natuur. Zo ontstaat een polder die niet alleen productief is, maar ook bijdraagt aan een gezonde en aantrekkelijke leefomgeving.
De Uitdaging
De Broekpolder staat voor de opgave om ruimte te maken voor natuur en ontspanning in een gebied waar ruimte schaars is. De uitdaging is ze niet als aanvulling te zien, maar als dragend onderdeel van de gebiedstransitie.
Dat vraagt om keuzes die groen-blauw structureel meewegen naast glastuinbouw en economie, en om samenwerking tussen ondernemers, bewoners en overheden om deze balans daadwerkelijk te realiseren.
9. De waardeontwikkeling van de Broekpolder
Twee routes naar de toekomst
De economische waarde van de Broekpolder is de afgelopen periode nauwkeurig doorgerekend door financieel consultants. Daarbij is niet alleen de huidige situatie in kaart gebracht, maar ook de waardeontwikkeling richting 2040. Hierbij zijn twee routes naast elkaar gelegd:
• Route zonder gezamenlijke aanpak – de Broekpolder ontwikkelt zich op de huidige manier, op basis van individuele ontwikkelingen.
• Route Broekpolder 2040 – een gezamenlijke, integrale ontwikkelrichting waarin herverkaveling, verduurzaming en nieuwe investeringen leiden tot een toekomstbestendig glastuinbouwgebied, met meer ruimte voor water, groen, energie en prettig wonen en leven.
Boekwaarde als meetinstrument
Om de waardeontwikkeling inzichtelijk te maken is gekozen voor een berekening van de balanswaarde van het gebied. Dit laat zien wat de Broekpolder vandaag vertegenwoordigt en hoe de waarde zich ontwikkelt onder beide routes.
De vergelijking maakt duidelijk dat investeren in herstructurering, verduurzaming en infrastructuur een stevige economische meerwaarde zou kunnen creëren: Kiezen voor de gezamenlijke koers betekent een waardestijging van 40 procent van het gebied in 2040, tegenover een waardedaling van 5 procent bij een voortzetting van de huidige ontwikkeling. De integrale aanpak levert daarmee een geprognotiseerde meerwaarde op van ruim € 400 miljoen ten opzichte van ‘business as usual’.
Wat dit (nog) niet laat zien
Belangrijk is dat deze doorrekening uitsluitend een prognose op basis van de eerste cijfers van het onderzoek naar de balanswaarde van het gebied zichtbaar maakt. Zij doet nog geen concrete uitspraken over:
• wie de benodigde investeringen doet;
• hoe de geldstromen lopen;
• welke publieke en private middelen worden ingezet;
• de realiteit van de praktijk.
Disclaimer
Wat dit bidbook bewust (nog) niet doet: dit document presenteert de waardeontwikkeling van de Broekpolder, maar doet geen uitspraken over wie exact investeert, hoe de geldstromen lopen of welke publieke en private instrumenten worden ingezet.
Dat is een volgende stap, samen met partners. Dit bidbook is een voorbeeld en een uitnodiging tot partnerschap – geen uitgewerkt investeringsplan (in de investeringslijnen schetsen we dat wel verderop).
Kortom
Twee routes vergeleken:
Route 1 – business as usual: waardedaling van circa 5%.
Route 2 – Broekpolder 2040: waardestijging van circa 40% .
De Uitdaging
De berekeningen laten zien dat een gezamenlijke koers richting 2040 substantiële meerwaarde prognosticeert. De uitdaging is om deze papieren waarde daadwerkelijk te realiseren. Dat vraagt om gezamenlijke keuzes, duidelijke afspraken over rollen en middelen, en de bereidheid van publieke en private partijen om samen te investeren in één integrale koers.
Broekpolder 2040. Een voorbeeld
in Nederland.
10. Meer dan euro’sbrede welvaart in de regio
Traditioneel wordt de waarde van een gebied berekend in financiële termen: grond, opstallen, opbrengsten. Dat geeft een helder beeld, maar vertelt niet het hele verhaal. Gebiedstransities gaan ook over aspecten die zich lastig in euro’s laten uitdrukken.
De balanswaardeberekening van de Broekpolder laat zien dat de gezamenlijke koers financieel rendeert. Maar de waarde van een gebied gaat verder dan cijfers. In de ambitie van Broekpolder gaat dit om het hele plaatje: om de maatschappelijke baten die inwoners en ondernemers dagelijks ervaren -het hebben van een prettige leefomgeving, prettig recreëren, ontspannen met veel groen om je heen, evenals sociale samenhang.
De Broekpolder sluit hiermee aan bij het thema brede welvaart. Hier komen economische waarde en maatschappelijke baten samen: een gebied dat niet alleen rendeert in euro’s, maar ook bijdraagt aan welzijn. Dit vraagt om een gebiedstransitie die economische, ecologische en sociaal-maatschappelijke
belangen met elkaar verbindt: een samenhangende, toekomstbestendige aanpak van economie en maatschappij.
De ambitie van Broekpolder 2040 maakt dit concreet tastbaar op vier punten:
• Economie – versterking en verduurzaming van het glastuinbouwcluster en ruimte voor innovatie.
• Welzijn – een gezonde leefomgeving met meer groen, water en volop ruimte voor recreatie.
• Ecologie – klimaatadaptatie, robuuste natuur, gezonde biodiversiteit die de regio veerkrachtig maakt.
• Samenleving – samenwerking binnen de coöperatie tussen ondernemers en bewoners, en met lokale partners zorgt voor draagvlak en verbinding.
Kortom
De waarde van de Broekpolder gaat verder dan euro’s. Brede welvaart is niet in cijfers te vangen, maar wordt in de ambitie van de Broekpolder tastbaar gemaakt door in de transitie expliciet aandacht te hebben voor prettig wonen, recreatie, meer groenblauw en samenzijn.
Relevante SDG’s
SDG 3 – Goede gezondheid en welzijn: Een gezonde leefomgeving met ruimte voor beweging, ontspanning en recreatie.
SDG 8 – Waardig werk en economische groei: Een toekomstbestendig glastuinbouwcluster dat innovatief en concurrerend blijft.
SDG 11 – Duurzame steden en gemeenschappen: Een gebied waar wonen, werken en recreatie in balans zijn.
SDG 13 – Klimaatactie: Maatregelen die de Broekpolder bestand maken tegen droogte, hitte en wateroverlast.
SDG 15 – Leven op het land: Versterking van biodiversiteit en groenblauwe structuren.
SDG 17 – Partnerschap om doelstellingen te bereiken: De coöperatieve en integrale samenwerking die het fundament vormt van dit project.
11. Samen verder –van papier naar werkelijkheid
Van initiatief naar partnerschap
De Broekpolder 2040 laat zien hoe een gebiedstransitie gedragen kan worden door de regio zelf: bottom-up georganiseerd, stevig ingebed in de gemeenschap en verbonden met nationale opgaven. Op slechts 600 hectare komen grote thema’s samen: energie, water, wonen, natuur, infrastructuur en gezondheid. Hier zijn geen papieren beloftes gedaan, maar afspraken gemaakt, structuren ingericht en stappen gezet. Het initiatief komt van ‘hier’, en is inmiddels stevig verankerd in een breed regionaal partnerschap.
De centrale vraag is dan ook: hoe bouwen we voort op deze regionale energie en structuur, en maken we gezamenlijk de stap naar een bredere uitvoerings- en investeringsstrategie waarin ook het Rijk betrokken is?
Een stevig fundament: wat er al ligt
De afgelopen jaren is in de Broekpolder gebouwd aan een krachtige basis. Dit is geen vrijblijvend traject, maar een goed georganiseerde en gedeelde beweging:
• Organisatie & governance: een actieve coöperatie met leden (bewoners en ondernemers), twee convenanten (2020 en 2023–2026) met gemeente Westland, Provincie Zuid-Holland en Hoogheemraadschap van Delfland, en een structureel overlegmodel met bestuurlijk overleg, ambtelijk kernteam en regelmatige afstemming met het coöperatiebestuur.
• Inhoud & instrumentarium: het Ontwikkelperspectief als integrale koers; overdraagbare werkwijze voor gebiedssturing; onderbouwde businesscase; concrete aanpakken voor energie, water, wonen, infrastructuur en biodiversiteit.
• Aanpak van onderop: de Broekpolder wordt niet aangestuurd van boven, maar gedragen vanuit de streek. De energie zit hier. De structuur is er. De coalitie staat.
De route tot nu toe: drie fasen in ontwikkeling
De beweging in de Broekpolder heeft zich stapsgewijs opgebouwd, in drie fasen die samen richting geven aan het vervolg.
Fase 1 – Lokale coalitie en fundament
Doel: Eigenaarschap organiseren en lokale kracht bundelen.
• Oprichting van de coöperatie Broekpolder 2040.
• Convenant gesloten met gemeente, waterschap en provincie.
• Ontwikkelperspectief opgesteld.
• Balanswaardeberekening opgesteld.
• Aandacht voor maatschappelijke baten.
Fase 2 – (huidige fase)
Doel: Samen met de regionale partners (coöperatie, gemeente, provincie, waterschap) de koers verder concretiseren, prioriteren en onderbouwen. Uitwerking van investeringslijnen
• Kernboodschap: de Broekpolder is klaar voor de volgende fase – niet om over te nemen, maar om samen mee te bouwen.
• Opwerking van Omgevingsplan naar Gebiedsgericht Ontwikkelprogramma.
Fase 3 – Gezamenlijke verkenning van investeringen en uitvoering (vooruitblik)
Doel: Uitbreiden huidige samenwerkingsverband: samenwerking met het Rijk een gezamenlijke uitvoeringsstrategie opstellen, gericht op realisatie.
Verkenning van mogelijkheden voor een praktijklab of (beleidsmatige) experimenteerruimte
• Opzetten van een uitvoeringsorganisatie.
• Hierin worden de afzonderlijke investeringslijnen samen verder uitgewerkt.
• Gezamenlijke investeringsagenda als fundament voor langdurige samenwerking.
Zeven investeringslijnen: organiserend principe voor gezamenlijke uitvoering
In de ambitie voor de duurzame transitie van de Broekpolder komen complexe nationale (en urgente) opgaven op lokaal samen. De energietransitie, verduurzaming van de glastuinbouw, woningbouw, klimaatadaptatie, de groenblauwe opgave, mobiliteit en welzijn.
Ook al komen de opgaven integraal samen in één gebied, zijn ze beleidsmatig verdeeld over verschillende departementen . Daarom hebben we gekozen voor het definiëren van een heldere, integrale structuur van zeven investeringslijnen, waarin regionale actie en nationale doelen elkaar raken. Elke investeringslijn:
> correspondeert thematisch met de nationale opgaven (zoals klimaat, woningbouw, natuurherstel, energie) en raakt daarmee de kern van meerdere departementale beleidsdoelen;
> heeft concrete uitvoeringsvoorstellen per thema;
> geeft ook ruimte bundeling van beleidsinstrumenten en middelen mogelijk, via koppeling aan lopende uitvoeringsprogramma’s, gebiedsgerichte aanpakken en interdepartementale agenda’s;
> biedt een concreet handelingsperspectief voor gezamenlijke uitvoering, omdat inzichtelijk is wie wat kan gaan doen of bijdragen;
> Deze structuur maakt het mogelijk om in de volgende fase (fase 3) gericht samen te werken aan deelprogramma’s of uitvoeringsorganisaties per investeringslijn, onder regie van de meest betrokken partijen – rijks én regionaal. De lijnen vormen belangrijke bouwstenen voor een bredere uitvoeringsalliantie, met ruimte voor maatwerk per thema én voor samenhang over de volle breedte van de gebiedstransitie.
Samen vormen deze lijnen een operationeel startpunt voor een gezamenlijke uitvoeringsstrategie, waarin regio en Rijk per thema kunnen instappen, bijdragen en opschalen.
Tabel op de volgende pagina biedt een overzicht van de zeven investeringslijnen, inclusief doelstelling, verwachte baten, potentiële rijksbetrokkenheid – en ruimte om de benodigde investering later samen in te vullen.
Matrix investeringslijnen Broekpolder 2040
Investeringslijn Doel
1. Toekomstbestendige glastuinbouw / economie
Moderniseren van teeltareaal met circulaire reststromen, geothermie en hightech productieketens
2. Duurzame energie Transitie naar duurzame warmte en geothermie
Beoogde Baten
Verduurzaming van het teeltareaal; modernisering van kassen; behoud/versterking van concurrentiepositie en innovatiekracht; werkgelegenheid; minder milieubelasting; bijdrage aan circulaire ketens.
CO₂-reductie; transitie van aardgas naar duurzame warmte; geothermie (bronnen) als fundament voor warmtenet; versterking energie-infrastructuur (warmte/elektra/opslag); bijdrage aan klimaatneutrale glastuinbouw in 2040.
Uitvoering en partnerschap (indicatief)
Samenwerking gericht op modernisering en innovatie in de keten, met gezamenlijke inzet op circulariteit, technologie en ruimte om te kunnen opschalen.
Samenwerking gericht op het gezamenlijk realiseren van de energieopgave als onderdeel van de gebiedsontwikkeling.
5. Wonen en woningbouw Behoud / herplaatsing woningen, groenblauwe inrichting
Extra waterberging; tegengaan wateroverlast en zoetwatertekorten; verbetering waterkwaliteit; ruimte voor dijkversterking/waterveiligheid; bijdragen aan KRW-doel (chemisch schoon en ecologisch gezond oppervlaktewater in 2027); koppeling met groenblauwe inrichting.
Realiseren/versterken van ecologische verbindingen; landschapsherstel; ruimte voor flora en fauna; natuurvriendelijke oevers; versterking groen-blauwe structuren in de gebiedsinrichting.
Reëel woonperspectief voor bewoners via uitplaatskavels en aantrekkelijke woonlocaties; herplaatsing stap voor stap via gesprekken en afspraken in deelgebieden; wonen en ondernemen opnieuw in balans zodat modernisering en optimale ruimtebenutting mogelijk wordt.
Samenwerking gericht op het integraal afstemmen van maatregelen en keuzes die de wateropgave dragen, waarbij samenhang, fasering en ruimtelijke inpassing centraal staan, en waarbij uitvoering en beheer in één lijn worden georganiseerd met de gebiedsontwikkeling.
Samenwerking gericht op het versterken van de groene en landschappelijke kwaliteit als volwaardig onderdeel van de gebiedsontwikkeling.
Samenwerking gericht op het opnieuw in balans brengen van functies in het gebied, waarbij woonkwaliteit en ontwikkelruimte in samenhang worden benaderd, en waarbij keuzes en afspraken stapsgewijs worden uitgewerkt binnen deelgebieden, met oog voor haalbaarheid, draagvlak en uitvoering.
7. Gezondheid en welzijn Groen, natuur, recreatie, sociale cohesie
Verbeterde ontsluiting; verkeersveiligheid; ruimte voor duurzame logistiek; veilige fiets- en wandelroutes; infrastructuur als drager voor leidingen/kabels (o.a. geothermie, water/buffers, digitalisering).
Gezonde leefomgeving; ruimte voor groen en natuur; recreatie (o.a. fietsroutes, wandelommetjes); brede welvaart (welzijn en leefkwaliteit naast economische waarde); sociale samenhang in het gebied.
Samenwerking gericht op een toekomstbestendige ontsluiting en verkeersveiligheid, met slimme koppeling aan andere netwerken en duurzame gebiedsontwikkeling.
Samenwerking gericht op een gezonde leefomgeving en brede welvaart, door groen, recreatie, ontmoeting en gebruikswaarde structureel mee te nemen in inrichting en beheer.
Noot: Per investeringslijn kan in een vervolgfase een passend uitvoeringsarrangement worden uitgewerkt (bijvoorbeeld als een project, een PPS of in de vorm van gezamenlijke verkenningen of (gebieds)pilots), met een passende coalitie van regionale en landelijke overheden, marktpartijen, sectororganisaties, kennis/onderzoeksinstellingen en maatschappelijke partijen, met een rolverdeling die per investeringslijn wordt uitgewerkt (incl. governance en bekostigings- en investeringsafspraken).
Broekpolder 2040. Een voorbeeld
in Nederland.
De kracht van híer
Het essay ‘De kracht van híer, over de centrale rol van decentraal bestuur’, van de Nederlandse School voor Openbaar Bestuur (NSOB) biedt een treffende blik op regionale transities. In het essay wordt betoogd dat grote, interbestuurlijke opgaven niet centraal kunnen worden ‘uitgerold’, maar juist beginnen op plekken waar urgentie, eigenaarschap en organisatie samenkomen. In de regio.
Het zijn díe plekken waar leren, experimenteren en samenwerken mogelijk wordt, en waar het Rijk bij kan aansluiten. Niet door ‘op te schalen’ in de klassieke zin, maar door aan te sluiten bij werkzame praktijken die al in beweging zijn, voor meer realisatiekracht.
De Broekpolder is ook zo’n regio. Een lokale bestuurlijke én maatschappelijke coalitie met koers, structuur en uitvoeringskracht. Het fundament ligt in de coöperatie Broekpolder 2040, opgericht door bewoners en ondernemers, verbonden met gemeente, provincie in convenanten. Die coöperatieve aanpak is niet alleen bestuurlijk georganiseerd, maar ook sociaal verankerd – een concreet voorbeeld van ‘kracht van híer’.
De Broekpolder 2040 staat daarmee niet op zichzelf, maar laat als best practice zien hoe gebiedstransities van onderop vorm kunnen krijgen – met visie, eigenaarschap en structuur. De regio is in beweging, de opgaven zijn helder, en de lijnen voor verdere uitvoering liggen klaar. Wat nu nodig is, is een volgende stap: samen verkennen hoe we dit fundament kunnen verbreden naar een gezamenlijke uitvoeringspraktijk met het Rijk.
Het momentum is er. De Broekpolder nodigt uit, de Broekpolder is er klaar voor. Bouw samen met ons verder.
En bouw niet alleen mee aan een voorbeeld, maar aan de echte realisatie van duurzame gebiedstransities in Nederland. Dat is de kracht van hier.
Broekpolder 2040. Een voorbeeld voor
in Nederland.
Twaalf werelddoelen in één gebied
De Sustainable Development Goals in de Broekpolder Broekpolder 2040 laat zien dat mondiale duurzaamheidsdoelen lokaal tastbaar worden.
Broekpolder 2040 draagt bij aan 12 van de 17 Sustainable Development Goals. Meer dan 70% van de mondiale doelen komt hier samen in de praktijk van een gebiedstransitie.
SDG 2 – Geen honger: 345 hectare duurzame voedsel-productie, innovatieve teeltmethoden, dagelijks verse producten voor nationale en internationale markten.
SDG 3 – Gezondheid en welzijn: gezonde leefomgeving, 40 hectare recreatiegebied, groen-blauwe structuren die uitnodigen tot bewegen en ontspanning.
SDG 4 – Kwaliteitsonderwijs: verbinding met Flora Campus Westland en World Horti Center, kennisdeling en werkleertrajecten voor jongeren.
SDG 7 – Duurzame energie: drie operationele geothermiebronnen, restwarmte- en CO₂-hergebruik, koppeling met regionale warmtenetten.
SDG 8 – Waardig werk en economische groei: innovatie en verduurzaming versterken werkgelegenheid en het internationale koploperschap van de glastuinbouw.
SDG 9 – Industrie, innovatie en infrastructuur: slimme infrastructuur, datadeling en circulaire logistiek versterken duurzaamheid en concurrentiekracht.
SDG 11 – Duurzame steden en gemeenschappen: integrale aanpak van wonen, werken en recreatie in een gezonde leefomgeving.
SDG 12 – Verantwoorde consumptie en productie: reststromen worden hergebruikt, kringlopen in de glastuinbouw sluiten zich.
SDG 13 – Klimaatactie: maatregelen tegen droogte, hitte en wateroverlast; energieneutrale glastuinbouw richting 2040.
SDG 14 – Leven in het water: verbetering van waterkwaliteit en ecologie in sloten en plassen.
SDG 15 – Leven op het land: nieuwe groen-blauwe dooradering, ecologische verbindingen en herstel van biodiversiteit.
SDG 17 – Partnerschappen vormt de motor achter alle ontwikkelingen: De coöperatie, het convenant met drie overheden en de samenwerking met kennisinstellingen laten zien dat een bottom-up proces kan uitgroeien tot een rijksbrede en internationale voorbeeldaanpak.