Page 1

28 BUITENLAND

DE STANDAARD

ZATERDAG 4, ZONDAG 5 JANUARI 2014

ROEMENEN OP DE VLUCHT

JONGELUI,

GRIJP JE KANS IN HET BUITENLAND Over de arbeidsmigratie vanuit Roemenië wordt bij ons nogal paniekerig gedaan, maar de gevolgen voor het arme land zelf zijn zoveel ingrijpender. Eén op de zeven Roemenen werkt intussen al in het buitenland. Een braindrain zonder voorgaande. Straks blijven alleen bejaarden en kinderen achter.

FLORIS CAVYN

Voor sommige Roemenen is een ‘vlucht’ naar het buitenland de enige manier om te overleven, voor anderen een aangename bij­ verdienste. Maar de gevolgen voor Roemenië zelf zijn niet te onder­ schatten. Het land lijdt nog altijd onder corruptie, en de enigen die zich enigszins durven roeren zijn de hoogopgeleide jongeren die het land verlaten. De Roemeense rege­ ring is ze liever kwijt dan rijk. Zwart werk aan de kust

Carlotta is 28 jaar. Ze werkt als se­ cretaresse en boekhoudster bij een transport­ en toerismebedrijf in Targu Mures in Transsylvanië. Sa­ men met haar vriend Dani woont ze in de buitenwijken van het 140.000 inwoners tellende stadje. Hun uit beton opgetrokken appar­ tementsblok ligt te midden van vervallen industrie. Roest in alle kleuren overwoekert de gele kra­ nen, in de magazijnen gaapt de leegte. Een handvol kinderen speelt in de verlaten straten. ‘De voorbije negen jaar heb ik elke zomer een maand aan de Belgi­ sche kust gewerkt in een hotel’, vertelt Carlotta.’ Met het daar ver­ diende spaargeld, en wat hulp van mijn ouders, heb ik mijn studio kunnen kopen.’ In België verdient Carlotta gemakkelijk 1.200 euro per maand, in Roemenië is dat am­ per 500 euro netto. En dat bedrag

ligt dan nog boven het landelijke gemiddelde van 350 euro. Hoe ze in België terecht­ kwam? ‘Toen ik nog een tiener was, leerde ik een groepje Belgen kennen die elk jaar naar Roeme­ nië kwamen om er ontwikkelings­ werk te doen in de arme kwartie­ ren. Een van hen nodigde me uit om te komen werken in België.’ Het eerste jaar ging Carlotta aan de slag als babysit, vanaf het twee­ de jaar werkte ze in een hotel aan de kust. Dat verdient veel beter. Ze maakt er bedden op, helpt in het restaurant en bedient klanten. Dat het om zwartwerk gaat, hin­ dert haar niet. ‘Ik heb nog nooit een controle meegemaakt. Dat ri­ sico bestaat altijd, maar ze hebben nu eenmaal mensen nodig die de job kennen. Jobstudenten laten het te vaak afweten. Intussen werk ik al zes jaar in dat hotel en heb ik een hechte band opgebouwd met de eigenaars.’ De studio van Carlotta is behoor­ lijk krap voor twee. De woonka­ mer is tegelijk ook de slaapkamer, de zetel het bed. Een uitgeklapt ta­ feltje wordt bijgezet, samen met enkele stoelen. Haar vriend Dani schenkt een cognac uit, als aperi­ tief. Dani is onzeker over zijn Engels, en heeft geen ervaring met wer­ ken in het buitenland. Hij is trots op zijn Roemeense afkomst en op zijn baan als meubelmaker. Toch

vergezelde hij Carlotta afgelopen zomer naar België en leerde er haar kennissen kennen. Maar in België wonen en werken zou hij nooit willen. Zijn hart ligt in Targu Mures, in Roemenië. Angie, een vriendin van Carlotta, is intussen mee aangeschoven. Ook zij reisde tot voor kort elk jaar naar België om er een maand te werken in de horeca. Maar in te­ genstelling tot Carlotta was ze of­ ficieel ingeschreven. Na zes jaar

‘In dit land zijn er bar weinig perspectieven voor pas afgestudeerden. Je studeert gemiddeld zes jaar en vangt daarna misschien een loon van 500 euro netto per maand. In het buitenland krijg je gemakkelijk het dubbele’

was het plots gedaan. ‘Mijn baas schreef me in als student. Dat was voor hem financieel voordelig, maar nu ik afgestudeerd ben, wil hij me niet meer. Ergens begrijp ik dat wel. Ik wil het mijn werkgever ook niet moeilijk maken. We heb­ ben altijd een goed contact gehad.’ Angie (28) werkte alleen voor het geld, zegt ze. ‘Bedden opmaken en de afwas doen is niet echt mijn droomjob. Ik ben afgestudeerd als psychologe en geef intussen les. Maar mijn loon is te laag om goed te leven. 300 euro netto per maand is amper voldoende om de huur en de rekeningen te betalen.’ Na verloop van tijd wil Angie wel wonen en werken in België, maar dan liefst in haar eigen branche. ‘Het probleem is dat Belgen de Roemenen niet hoog inschatten. Ze krijgen vaak een negatief beeld in de media en het is moeilijk die vooroordelen weg te nemen.’ Jong en kansloos

‘De Roemenen die hun geluk in het buitenland zoeken, zijn vaak hoogopgeleide jongeren’, zegt Pe­ tru Dandea, vicepresident van de nationale vakbondsfederatie Car­ tel Alfa, in zijn kantoor in Boeka­ rest. ‘Dat heeft vooral te maken met de situatie op de arbeids­ markt. Het minimumloon in Roe­ menië bedraagt 157,50 euro netto per maand. Een derde van de werknemers met zo’n laag loon

zijn jonger dan dertig. Bovendien is bijna een kwart van de Roe­ meense jongeren werkloos. Be­ drijven zijn vooral op zoek naar mensen met werkervaring.’ Bovendien zoeken veel laatste­ jaarsstudenten een masteroplei­ ding in West­Europa of de Ver­ enigde Staten, zegt Dandea. ‘Ter­ wijl ze die opleiding volgen, solli­ citeren ze ter plekke voor stages of voor werk. Dat is vaak een betere oplossing dan in eigen land te blij­ ven.’ Dandea betreurt de massale uit­ wijking van Roemeense jongeren. ‘De opleidingen aan onze univer­ siteiten zijn voor het grootste deel gratis. De Roemeense overheid in­ vesteert veel geld in de toekomst van ons land en moet dan vaststel­ len dat al die hoogopgeleiden geen uur in Roemenië werken. Toege­ geven, de overheid neemt ook te weinig initiatieven om jongeren hier te houden.’ ‘In dit land zijn er bar weinig per­ spectieven voor pas afgestudeer­ den’, zegt Tudor, een twintiger die studeert aan de universiteit van Cluj­Napoca. ‘Je studeert gemid­ deld zes jaar en vangt daarna mis­ schien een loon van 500 euro netto per maand. In het buitenland krijg je gemakkelijk het dubbele.’ Van­ daar het succes van projecten als American Experience en Aiesec, initiatieven die het voor studen­ ten makkelijker maken buiten­

De Standaard 5 januari 2014 p.28  
Advertisement