Issuu on Google+

002_BTV1QU_20110114_DNWHP_00

2

12-01-2011

N° 1

11:14

Pagina 2

Regio Brussel - Limburg

14 januari 2011

Hoezo consensus? De Nieuwe Werker (DNW): 7 maanden zijn verlopen sinds de laatste federale verkiezingen en blijkbaar is er nog geen nieuwe regering in zicht! Zowat iedereen is het grondig beu, nietwaar? Philippe VAN MUYLDER: Dat is waar, maar let wel, al die mensen die snel een nieuwe regering gevormd willen zien, koesteren niet dezelfde opvatting over het beleid dat die regering moet voeren. Recente verklaringen uit werkgevershoek laten daarover geen twijfel bestaan. Eric MESTDAGH bijvoorbeeld, een van de belangrijke werkgevers in de grootdistributiesector, vindt het grootste probleem: ”Zolang er geen regering is, kunnen geen drastische maatregelen genomen worden om het overheidstekort in te dijken.” Het is voor iedereen duidelijk dat hij zo weer eens oproept tot een beleid dat op drie soorten ‘oplossingen’ gestoeld is: de werkingskosten van de staat verminderen; de sociale uitkeringen verlagen; en tenslotte fiscale ‘steunmaatregelen’ doorvoeren. Maar deze keer gaat hij nog verder: toen de krant Le Soir hem naar zijn “dromen voor 2011” vroeg, had hij het over de snelle goedkeuring van een wet die werklozen zou verplichten elke maand drie dagen arbeid van collectief nut te verrichten, waarbij hij terzijde de Belgische werknemers hekelt die “liever gaan stempelen” dan nog handenarbeid uit te voeren. Deze vooringenomen kritiek is onaanvaardbaar. Als kers op de taart zou hij de teugels van ons land graag in handen leggen van “een crisismanager uit de privésector”. Hij denkt aan niemand minder dan Carlos BRITO, de

leider van het grootste bierbedrijf ter wereld, AB Inbev. De ABVV-militanten hebben begin 2010 al kennis gemaakt met zijn inderdaad ‘drastische’ methoden … DNW: Wat te denken van de laatste nota van Koninklijk Bemiddelaar Johan VANDE LANOTTE? PVM: Sinds het begin van de institutionele crisis heeft het Bureau van ABVV-Brussel elk voorstel dat op tafel werd gelegd getoetst aan twee soorten aandachtspunten . Eerst toetsen we elk voorstel, samen met onze Waalse en Vlaamse kameraden, aan de rechtmatige verwachtingen van de werknemers. Daarna gaan wij, Brusselaars, na welke gevolgen het kan hebben voor de toekomst van ons Gewest. DNW: En wat hebben de laatste voorstellen over dit punt, de toekomst van Brussel, te bieden? PVM: Het is bekend dat de meeste onafhankelijke deskundigen vinden dat het Brussels Gewest onvoldoende gefinancierd is: rekening houdend met de rijkdom die Brussel ten bate van het hele land produceert; ook gezien de bijzondere lasten die het draagt (zoals bijv. het organiseren van Europese topbijeenkomsten); of nog omdat de helft van de banen in Brussel ingenomen worden door werknemers die in de beide andere Gewesten wonen en die dus met de huidige wettelijke regeling niets bijdragen tot de financiering van het gewest waar ze werken. Daarom eist ABVV-Brussel sinds april 2010 al

500 miljoen euro per jaar méér voor Brussel. DNW: Wat is het voorstel van Johan Vande Lanotte voor een betere financiering van Brussel? PVM: Het eerste voorstel Vande Lanotte omvatte het invoeren van drie mechanismen: •een financiële compensatie voor het zeer grote aantal pendelaars in Brussel; •een financiële compensatie voor de talrijke internationale ambtenaren die er leven en niet aan de Belgische belastingen onderworpen zijn; •en het toekennen van een extra dotatie voor de bijzondere verplichtingen van het Gewest; Dit alles ten laste van de federale overheid. In zijn tweede voorstel, bracht de Koninklijk Bemiddelaar een correctie aan voor Brussel: hij bepaalt dat ons Gewest van de federale overheid een dotatie krijgt die 15% van de gemiddelde gewestbelasting van de pendelaars compenseert en daarnaast nog een bedrag dat gekoppeld is aan de aanwezigheid van ambtenaren van de internationale instellingen. Voor 2012 zou het gaan om iets meer dan 370 miljoen euro. Twee opmerkingen in verband hiermee: Vooreerst: hoe langer de herfinanciering uitblijft, hoe moeilijker de begroting van het Gewest en hoe pijnlijker uiteraard de sociaaleconomische weerslag. Tweede opmerking: het voorstel Vande Lanotte gaat de goede richting uit: het is het tastbaar bewijs dat bepaalde politici in het noorden van het land gaan beseffen dat ons

Gewest onvoldoende gefinancierd is. We moeten er blijven op hameren dat wat we verwachten niets te maken heeft met ‘een gebaar van solidariteit’ (?) ten aanzien van Brussel. Het gaat om een rechtmatige terugkeer naar een rechtvaardiger financieringssysteem.

(Dit gesprek werd opgetekend op 10 januari 2011.)


14-01-2011