Page 47

31. Alzo zijn ongehoorzaam

ook dezen nu geweest, Namelijk

teweegbrengen; niemand namelijk dan Hij zelf, naar Zijn oneindelijke wijsheid.

nadat Christus gekomen en u gepredikt is.

35. Of wie heeft Hem eerst gegeven,

opdat ook zij door uw barmhartigheid zouden Namelijk die u

Of, tevoren gegeven; dat is, eerst iets goeds gehad of gedaan tot Gods eer, waardoor God aan hem zou verplicht zijn. en het zal hem

geschied is, dat is, door de krachtige roeping en het geloof, hetwelk God u, heidenen, uit enkel barmhartigheid en genade gegeven heeft. barmhartigheid verkrijgen. Namelijk aanmerkende de barmhartigheid, die den heidenen geschied is, en hun geloof, door dezelfde genade zouden opgewekt worden, om hun voorbeeld te volgen, en alzo mede derzelver barmhartigheid Gods deelachtig te worden.

32. Want God heeft hen allen onder de ongehoorzaamheid Namelijk zo Joden als heidenen. besloten, Of, gelijk als tezamen gebonden. opdat Hij hun allen zou barmhartig zijn. Dat is, opdat allen, zo Joden als heidenen, zalig gemaakt zouden worden alleen uit Gods barmhartigheid en genade, en niet uit hunne verdiensten. Zodat het woord allen niet verstaan wordt van een ieder mens in het bijzonder, want dat geschiedt niet; maar van allen, die uit de Joden of heidenen zalig worden; namelijk dat niemand hunner zalig wordt dan uit barmhartigheid. Zie Joh. 12:32; Gal. 3:22. 33. O diepte des rijkdoms, Dat is, zeer overvloedige verborgenheid der geestelijke wijsheid. beide der wijsheid en der

kennis Gods,

Niet die God in ons werkt, maar die in God zelf is, door welke Hij alles wijselijk overlegt en bestuurt. hoe

ondoorzoekelijk zijn Zijn oordelen, Dat is, Zijne wijze die Hij houdt in het beschikken en besturen van der mensen verkiezing en verwerping. en

onnaspeurlijk Zijn wegen!

Dat is, Zijne redenen, waarom Hij dus of zo doet.

34. Want wie heeft den zin des Heeren gekend? Of, mening, gedachten, voornemen, raad. Of wie is Zijn raadsman geweest? Namelijk die Hem raad zou gegeven hebben, hoe en aan wien Hij de zaligheid tot Zijn meeste eer zou

wedervergolden worden?

Namelijk naar verdienste; te weten, zo er iemand is, die Gode eerst gegeven heeft. Waarmede hij wil tonen dat alzo God niemand schuldig is ene vergelding te geven, dat dan de zaligheid niet uit verdienste, maar uit genade van Hem gegeven wordt; Ps. 16:2. 36. Want uit Hem, Namelijk als de eerste oorzaak, die alles naar Zijn wijzen raad schikt en ordineert. en door Hem, Namelijk als die alles, wat den mens ter zaligheid nodig is, werkt en hetgeen naar Zijn wijzen raad geordineerd is, krachtig uitvoert. en tot

Hem

Namelijk als tot het uiterste einde, tot wiens eer alles moet strekken en gebracht worden; Spreuk. 16:4. zijn alle dingen. Namelijk die niet alleen de schepping, onderhouding en regering aller schepselen, maar voornamelijk die de zaligmaking der mensen aangaan, waarvan hier inzonderheid gehandeld wordt. Hem zij de

heerlijkheid in der eeuwigheid. Amen. Van dit woord, zie Matth. 6:13. Romeinen 12

1. Ik bid u dan, broeders, Of, ik vermaan. door de ontfermingen Gods, Dat is, dewijl dan God ons zo veelvoudige barmhartigheid in Christus heeft betoond, gelijk in het voorgaande geleerd is, hetwelk het woord dan aanwijst. dat gij uw

lichamen

Dat is, uzelven, geheel een Hebreeuwse manier van spreken, waardoor een deel voor het geheel genomen wordt; gelijk hetzelve uitgelegd wordt 1 Thess. 5:23. stelt Dat is, offert op; gelijk de offeranden voor den Heere werden aangeboden en voor Hem daargesteld en alzo Hem toegeĂŤigend. tot een levende, Dat is, niet lichamelijk door slachting gedood, maar geestelijk door doding der begeerlijkheden geslacht zijnde, om Gode te leven; Rom. 6:11; 2 Cor. 5:15; Col.

Romeinen  
Read more
Read more
Similar to
Popular now
Just for you